Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland"

Transcriptie

1 Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland planperiode 2013 t/m 2017 ONTWERP ONTWERP OVER-gemeenten Afdeling Gebied- en Wijkzaken WORMER Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 13 maart 2012, revisie

2 Verantwoording Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland Subtitel : planperiode 2013 t/m 2017 Projectnummer : Referentienummer : Revisie : Datum : 13 maart 2012 Auteur(s) : ing. A.E. Swets adres : Contact : Grontmij Nederland B.V. Robijnstraat RB Alkmaar Postbus AE Alkmaar T F revisie Pagina 2 van 60

3 Inhoudsopgave 1 Inleiding Aanleiding Procedure Leeswijzer Functies GRP 2013 t/m Termen en definities Relaties rioleringszorg en samenwerking met derden Inleiding Samenwerking met derden Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier Provincie Noord-Holland Gemeenten Milieudienst Waterland Evaluatie GRP 2008 t/m Inleiding Rol GRP binnen gemeente Procedures totstandkoming GRP 2008 t/m Resultaten planperiode 2008 t/m Financiële middelen Personele middelen Doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoek Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg Inleiding Invulling zorgplichten stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater Stedelijk afvalwater Hemelwater Doel ontvlechting Wijze van ontvlechting Rol particulier Klimaatverandering Grondwater Samenvatting beleidsuitgangspunten Doelen rioleringszorg Voorwaarden voor effectief rioleringsbeheer Toetsing huidige situatie Inleiding Algemeen Aanwezige voorzieningen Toestand van de objecten Stedelijk afvalwater Nog niet-aangesloten bestaande bebouwing Functioneren van de voorzieningen Onderhoud van de voorzieningen... 38, revisie Pagina 3 van 60

4 Inhoudsopgave (vervolg) 5.4 Hemelwater Verwerking van hemelwater Overzicht van aanwezige voorzieningen Functioneren van de voorzieningen Onderhoud van de voorzieningen Grondwater Vergunningen Klachtenafhandeling en voorlichting Bestrijding diffuse bronnen De opgave Inleiding Aandachtspunten Aanleg voorzieningen voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater Aanleg bij bestaande bebouwing Aanleg bij nieuwbouw Aanleg grondwatervoorzieningen bij bestaande bebouwing en nieuwbouw Beheer van de bestaande voorzieningen Onderzoek Algemeen Stedelijk afvalwater Hemelwater Grondwater Samenvatting uit te voeren onderzoeken Maatregelen Algemeen Stedelijk afvalwater Grondwater Samenvatting uit te voeren maatregelen Organisatie en financiën Inleiding Personele middelen Financiële middelen Totale uitgaven Huidige inkomsten Kostendekking Kanttekeningen bij geschetste ontwikkeling rioolheffing Besluitvorming Referentielijst Bijlage 1: Bijlage 2: Woordenlijst Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg Bijlage 3: Evaluatie resultaten planperiode 2008 t/m 2012 Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7: Overzicht ongezuiverde lozingen Streefbeelden kwaliteit vrijvervalriolen Emissiegegevens riooloverstorten gemengd stelsel Specificatie kosten relinen en vervangen vrijvervalriolen, revisie Pagina 4 van 60

5 Inhoudsopgave (vervolg) Bijlage 8: Bijlage 9: Uitgangspunten kostendekkingsplan Personele aspecten gemeentelijke watertaken Bijlage 10: Financiële tabellen behorende bij kostendekkingsplan Bijlage 11: Reacties hoogheemraadschap en provincie op concept-grp, revisie Pagina 5 van 60

6 Inhoudsopgave (vervolg), revisie Pagina 6 van 60

7 1 Inleiding 1.1 Aanleiding De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan (hierna te noemen: GRP) op te stellen. In artikel 4.22 van de Wet milieubeheer is aangegeven dat de gemeenteraad, voor een nader vast te stellen periode, een GRP vaststelt. Het GRP is een beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken voor de vastgestelde planperiode en de langere termijn weergeeft. De gemeente stelt zelf de geldigheidsduur van het GRP vast. Voor dit GRP is een looptijd van 5 jaar aangehouden: 2013 t/m De beheerplannen van het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (hierna te noemen: HHNK) en de provincie Noord-Holland lopen door t/m Het GRP 2013 t/m 2017 is een verbreed GRP, waarin aandacht is besteed aan de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. 1.2 Procedure In artikel 4.23 van de Wet milieubeheer is aangegeven wie de gemeente bij de voorbereiding van het GRP moet betrekken. De gemeente heeft een eigen verantwoordelijkheid voor de invulling van de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. In december 2009 is de Waterwet in werking getreden, waarmee het accent wordt gelegd op samenwerking in de waterketen. De waterpartners voor OVER-gemeenten zijn het HHNK en de provincie Noord-Holland. Het ontwerp-grp is ter becommentariëring aan beide partijen voorgelegd. De reacties op het GRP zijn in bijlage 11 opgenomen. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? 1.3 Leeswijzer Het GRP 2013 t/m 2017 is opgezet conform de Leidraad Riolering en bestaat uit de volgende hoofdstukken: 1. Inleiding, met de aanleiding, de geldigheidsduur en de gevolgde procedure. 2. Relaties rioleringszorg en samenwerking met derden, met wet- en regelgeving en ontwikkelingen. 3. Evaluatie GRP 2008 t/m Met de conclusies en aanbevelingen uit de evaluatie is rekening gehouden bij het opstellen van het GRP 2013 t/m Visie op zorgplichten en doelen rioleringszorg. Hierin zijn de doelen beschreven en uitgewerkt. Hiermee geeft de gemeente aan wat zij voor de eigen lokale situatie met de zorgplichten wil bereiken. 5. Toetsing huidige situatie. De huidige situatie is getoetst aan de doelen en er is gekeken in hoeverre de gestelde doelen zijn gerealiseerd. In dit hoofdstuk is tevens een overzicht gegeven van de aanwezige voorzieningen. 6. De opgave. Hierin zijn de maatregelen weergegeven die nodig zijn om de gestelde doelen te kunnen realiseren. 7. Organisatie en financiën. Hierin is de opgave vertaald naar benodigde personele en financiële middelen. Besluitvorming (H8), revisie Pagina 7 van 60

8 Inleiding 1.4 Functies GRP 2013 t/m 2017 Het GRP 2013 t/m 2017 is opgesteld conform de module A1050 GRP: Planvorming gemeentelijke watertaken. Volgens de module heeft het GRP vier functies: 1. Het kader voor invulling van de gemeentelijke zorgplichten. Het GRP bevat de hoofdlijnen voor de gemeentelijke zorgtaken voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. In het plan geeft de gemeente aan welke beleidskeuzes zijn gemaakt, zoals voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater, de inzameling en verwerking van hemel- en grondwater en de rol van de particulier hierbij. 2. Interne afstemming zorgplichten met overige gemeentelijke beleidsvelden en taken. De gemeente is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de openbare ruimte. Dit vereist integraal beheer en onderlinge afstemming tussen sectoren, zoals wegbeheer, groenbeheer en ruimtelijke ordening. De gemeente moet een afweging maken over wat zij wel en niet wil inzamelen (bv. hemelwater) en hoe zij dat gaat doen (bv. al dan niet gemengd). De raakvlakken tussen rioleringszorg en de milieuvergunningverlening en -handhaving nemen daarmee toe. Het GRP kan worden gebruikt voor de toekenning van budgetten. De uitwerking van het GRP op projectbasis, wordt in jaarprogramma s gedaan. 3. Externe afstemming gemeentelijke zorgplichten met andere overheden. De gemeente moet haar rioleringsbeleid afstemmen met andere overheden. Op het gebied van grondwater is er een relatie met het HHNK en de provincie. Verder heeft de provincie een rol als toezichthouder op de gemeentelijke financiën en heeft zij een aanwijzingsbevoegdheid (zie artikel 4.24 Wet milieubeheer). De externe afstemming is vooral gericht op het omgaan met hemel- en grondwater. De Waterwet is van toepassing op lozingen die direct in het oppervlaktewater plaatsvinden en lozingen direct op de rioolwaterzuiveringsinstallatie (hierna te noemen: RWZI). Alle overige lozingen vallen onder de Wet milieubeheer. Een belangrijk uitgangspunt van de Waterwet is dat zoveel mogelijk activiteiten onder algemene regels vallen. Een van de uitvoeringsbesluiten die mede zal worden gebaseerd op de Waterwet, is het Besluit lozen buiten inrichtingen. In dit besluit zijn lozingen vanuit de openbare ruimte opgenomen. Na de inwerkingtreding van dit besluit (per 1 juli 2011) verandert het vergunninginstrument voor overstorten. Dit besluit voorziet in algemene regels. De verstrekte Wvo-vergunning blijft van kracht als Watervergunning, totdat het HHNK heeft ingestemd met het verbrede GRP 2013 t/m Een van de voorwaarden in het Besluit lozen buiten inrichtingen is dat de riooloverstorten als voorziening moeten zijn opgenomen in het verbreed GRP. Het in 2012 opgestelde basisrioleringsplan voor de gemeente Wormerland is als bijlage bij het GRP gevoegd. Hierin is het functioneren van de overstorten van het gemengd stelsel beschreven. De coördinaten van de overstorten van het gemengd stelsel en de hemelwateruitlaatpunten op het oppervlaktewater zijn eveneens in het BRP weergegeven. 4. Continuïteit in de invulling van de gemeentelijke zorgplichten. De voorzieningen voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater, hebben een relatief lange levensduur. De effecten van wijzigingen in de aanpak en afstemming met andere beleidsterreinen zijn vaak pas op langere termijn zichtbaar. Het GRP heeft daarbij een belangrijke functie omdat het ook de lange termijn in hoofdlijnen zichtbaar maakt. Een beeld van de ontwikkeling op langere termijn wordt verkregen door in het GRP een evaluatie van de vorige planperiode op te nemen en door toetsing aan een referentiekader (doelen). Bij het opstellen van het GRP 2013 t/m 2017 is met bovengenoemde functies rekening gehouden. 1.5 Termen en definities Het GRP 2013 t/m 2017 is een gemeentelijk beleidsplan, waar de gemeenteraad zich over moet uitspreken. Het is echter niet alleen voor de politiek geschreven maar ook voor overleg met de in de Wet milieubeheer genoemde instanties. Dit heeft tot gevolg dat in dit GRP 'vaktaal' wordt gebruikt. In bijlage 1 van dit GRP is een verklarende woordenlijst opgenomen. Voor de definitie van begrippen wordt naar deze woordenlijst verwezen., revisie Pagina 8 van 60

9 2 Relaties rioleringszorg en samenwerking met derden 2.1 Inleiding Dit GRP heeft relaties met andere plannen van de gemeente en andere overheden. Die relaties bepalen voor een deel de eisen die worden gesteld aan de invulling van de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. De gemeente is primair verantwoordelijk voor het te voeren rioleringsbeleid maar andere overheden drukken voor een niet onbelangrijk deel een stempel op het door de gemeente te voeren beleid. In 2009 is de Waterwet in werking getreden, waarmee het accent wordt gelegd op samenwerking in de waterketen. Ook de voorgenomen overheidsbezuinigingen vragen om (meer) samenwerking tussen gemeenten en de waterpartners. In de volgende paragraaf is ingegaan op de diverse samenwerkingsverbanden. Een overzicht van de actuele wet- en regelgeving op het gebied van de rioleringszorg is weergegeven in bijlage Samenwerking met derden In deze paragraaf zijn de relaties met derden en plannen van derden toegelicht. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier Het beleid van het HHNK is vastgelegd in het Waterbeheersplan Van veilige dijken tot schoon water (WBP4). Hierin is de langetermijnvisie op het gebied van de afvalwaterketen vastgelegd. De komende jaren wil het HHNK de samenwerking in de waterketen met gemeenten intensiveren. De notitie Omgaan met regenwater en riolering 2010 van het HHNK bevat uitgangspunten voor de samenwerking tussen het HHNK en de gemeenten en de invulling van de gemeentelijke zorgplichten. Daarnaast bevat de notitie informatie over het overnamepuntenbeleid, de sanering van de ongezuiverde lozingen, rioolvreemd water en discrepantieonderzoek. In samenwerking met het HHNK wordt invulling gegeven aan de verschillende afspraken, zoals hierna is beschreven. De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) Kaderrichtlijn Water In het beheergebied van het HHNK hebben de gemeenten ingestemd met het maatregelenpakket voor de KRW voor het oppervlaktewater, zoals vastgelegd in de nota Samen werken aan Schoon Water (2008). Hieruit blijkt dat de meeste fysieke maatregelen door het HHNK worden genomen. Het gaat daarbij vooral om maatregelen op het gebied van inrichting en beheer van het watersysteem. Gemeenten hoeven weinig extra maatregelen te nemen voor de KRW, bovenop hun bestaande beleid. Van alle partijen wordt verwacht dat zij hun bestaande waterkwaliteitsbeleid blijven uitvoeren. Daarnaast ondersteunen gemeenten het HHNK met eventuele ruimtelijke maatregelen bij de uitvoering en betalen ze mee aan het onderzoeksprogramma., revisie Pagina 9 van 60

10 Relaties rioleringszorg en samenwerking met derden Waterplan en Stedelijke wateropgave Voor de gemeente Wormerland is geen waterplan opgesteld. De stedelijke wateropgave bestaat uit de aanpak van wateroverlast door overstromend oppervlaktewater, de aanpak van de wateroverlast in relatie tot de rioolcapaciteit en de aanpak van de grondwateroverlast. Hierbij wordt rekening gehouden met de gevolgen van de verwachte klimaatverandering. De gemeente en het HHNK hebben hiervoor nog geen afspraken gemaakt. Gemeenteambassadeur Water Om de samenwerking tussen gemeenten onderling en gemeenten met andere overheden op het gebied van water binnen het beheergebied van het HHNK, te versterken, is een Gemeenteambassadeur Water in het leven geroepen. De rol van de ambassadeur bestaat uit: het versterken van de samenwerking door deze te faciliteren; het opkomen voor de belangen van de gemeenten in de waterwereld; het versterken van de aandacht voor water (en leefomgeving) bij de gemeenten. De samenwerking is gericht op een goede en spoedige uitvoering van het bestaande beleid en het geven van een samenhangend antwoord op nieuwe vragen vanuit klimaatontwikkeling. Monitoring gemengd rioolstelsel Wormer Sinds 2001 wordt een aantal overstorten in het rioolstelsel van Wormer gemonitord. In samenwerking met het HHNK en 9 gemeenten in Laag Holland is in 2010 een meetplan riolering opgesteld voor het monitoren van het gemengd stelsel. In 2012 is het meetsysteem operationeel. Doel van het meten is meer inzicht te krijgen in het werkelijk functioneren van de riolering en de omvang van de water op straat -situaties. Het meetplan voorziet in het monitoren van 2 gemalen en 18 overstorten. Gezamenlijke doelgerichte aanpak afvalwaterketen (UvW en VNG) De verantwoordelijkheden rond het (afval)waterbeheer zijn in de afgelopen jaren herverdeeld en verankerd in de Wet milieubeheer (2008), de Waterwet (2009) en verschillende uitvoeringsbesluiten (AMvB s). Daarbij is samenwerking het uitgangspunt. De komende jaren moet de overheid veel bezuinigen, ook gemeenten en waterschappen. Bij een ongewijzigde aanpak zullen de beheerkosten van de afvalwaterketen (riolering en afvalwaterzuivering) de komende jaren stijgen. Als gemeenten en waterschappen op beleidsen operationeel niveau intensief gaan samenwerken, is een flinke kostenbesparing te realiseren. Mede daarom hebben de VNG en UvW besloten de samenwerking tussen gemeenten en waterschappen nog verder te intensiveren en minder vrijblijvend te maken. Hiervoor hebben zij een gezamenlijke aanpak voor de afvalwaterketen uitgewerkt. Naast kostenbesparing beoogt deze aanpak de uitvoering van de beheertaken in de afvalwaterketen minder kwetsbaar te maken voor lage personeelsbezetting en de kwaliteit te verbeteren. De essentie is nu samenwerken op basis van afspraken. De samenwerking in de afvalwaterketen wordt vanaf medio 2011 verkend in regionale groepen, waarbij wordt gezocht naar mogelijkheden om de regionale samenwerking inhoudelijk vorm te geven. De OVERgemeenten nemen deel in de samenwerkingsgroep Laag Holland. De resultaten van de verkenning zijn bij het tot stand komen van het GRP 2013 t/m 2017 nog niet bekend. Voorlopig is afgesproken dat de gemeenten Beemster, Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Schermer, Waterland, Wormerland, Zaanstad en Zeevang en het HHNK samenwerken op het gebied van het monitoren van de rioolstelsels Provincie Noord-Holland Het beleid van de provincie Noord-Holland is verwoord in het Waterplan van de Provincie Noord-Holland (Beschermen, Benutten, Beleven en Beheren). Het waterplan is in 2009 vastgesteld en geeft duidelijkheid over de strategische waterdoelen tot 2040 en de acties tot Het doel voor de lange termijn (2040) is dat alle steden robuust en klimaatbestendig zijn ingericht, waardoor er geen structurele wateroverlast of -onderlast is in het stedelijk gebied voorkomt. De rol van de provincie en de gemeenten hierin, is in het provinciaal waterplan vastgelegd (zie bijlage 2)., revisie Pagina 10 van 60

11 Relaties rioleringszorg en samenwerking met derden Gemeenten De gemeenten Wormerland en Oostzaan werken vanaf 1 januari 2010 ambtelijk samen in één gezamenlijke werkorganisatie OVERgemeenten. Beide gemeenten houden een eigen college van burgemeester en wethouders en een eigen gemeenteraad. De gemeenteraden blijven verantwoordelijk voor het uitzetten van de beleidskaders. Het college blijft verantwoordelijk voor de uitvoering van het beleid binnen de door de raad gestelde kaders. Het doel van de samenwerking is het verder verbeteren van de dienstverlening. De OVER-gemeenten zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van de openbare ruimte in Wormerland en Oostzaan. Dit vereist integraal beheer en onderlinge afstemming tussen de verschillende sectoren. De afdeling Gebied- en Wijkzaken is verantwoordelijk voor de uitvoering van het rioleringsbeleid. Projecten worden zo veel mogelijk integraal opgepakt met de beleidsterreinen wegen, groen en ruimtelijke ordening Milieudienst Waterland De gemeenten Landsmeer, Oostzaan, Waterland en Wormerland voeren hun gemeentelijke milieutaken gezamenlijk uit. Hiertoe werken zij onder de naam Milieudienst Waterland. De organisatie wordt gefaciliteerd door de Milieudienst IJmond. De groeiende specialisering op milieugebied en de hogere eisen aan de handhaving van milieuwetgeving hebben de vier gemeenten ertoe aangezet samen te werken. Op grond van de Wet milieubeheer geeft de Milieudienst Waterland vergunningen af en behandelt zij meldingen. Daarnaast controleert de milieudienst op naleving van de, in de wet opgenomen, voorschriften. De milieudienst informeert bedrijven bij het terugdringen van de milieubelasting en bij het beperken van risico's voor mens en milieu., revisie Pagina 11 van 60

12 Relaties rioleringszorg en samenwerking met derden, revisie Pagina 12 van 60

13 3 Evaluatie GRP 2008 t/m Inleiding Een eerste stap in het opstellen van het GRP 2013 t/m 2017 is een terugblik op het GRP 2008 t/m Bij de evaluatie is een aantal invalshoeken onderscheiden, zoals de rol van het GRP zelf, de totstandkomingprocedure en het resultaat van het GRP. Deze invalshoeken zijn in de volgende paragrafen nader belicht. 3.2 Rol GRP binnen gemeente Het accent in het GRP 2008 t/m 2012 lag op de aanleg van riolering in het buitengebied, uitvoering van de maatregelen ter verbetering van het functioneren van de riolering en het uitvoeren van diverse onderzoeken, waar onder het opstellen van beleid voor de nieuwe zorgplichten voor hemel- en grondwater. In het GRP 2008 t/m 2012 is een duidelijk beeld gegeven wat er van de gemeente wordt verwacht op het gebied van de rioleringszorg. De uit te voeren maatregelen en de financiële consequenties daarvan, zijn helder gepresenteerd. Het GRP 2008 t/m 2012 was een onderliggend document voor de gemeenteraad om in te kunnen stemmen met rioleringskredieten. Het heeft tevens gediend als basis voor de berekende rioolheffing. Het GRP 2008 t/m 2012 is gedurende de planperiode een goede leidraad gebleken voor de dagelijkse rioleringszorg. Wat ontbrak in het GRP 2008 t/m 2012 was een onderbouwing van de te uit te voeren verbetermaatregelen aan het rioolstelsel. De onderbouwing was wel opgenomen in het basisrioleringsplan (december 2010). Door de onderbouwing ook in het GRP op te nemen, wordt sneller inzicht verkregen in de noodzaak en de achtergronden van de te nemen maatregelen. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) 3.3 Procedures totstandkoming GRP 2008 t/m 2012 Het GRP is opgesteld op basis van de in de Wet milieubeheer vastgestelde procedure. Het concept-grp is ter beoordeling toegestuurd aan het HHNK en de provincie Noord-Holland. De reacties zijn in het GRP 2008 t/m 2012 verwerkt. 3.4 Resultaten planperiode 2008 t/m 2012 In de tabel in bijlage 3 zijn de voorgenomen maatregelen en onderzoeken uit het GRP 2008 t/m 2012 beschreven en is aangegeven in hoeverre de voornemens zijn gerealiseerd. Daarnaast is aangegeven welke onderzoeken en maatregelen wel zijn uitgevoerd maar niet in het GRP 2008 t/m 2012 waren opgenomen. De in het GRP 2008 t/m 2012 aangehouden looptijd was 5 jaar. De praktische looptijd van het GRP beslaat 4 jaar (2008 t/m 2011). Mede daardoor zijn niet alle voorgenomen maatregelen en onderzoeken uitgevoerd. Daarnaast is op het gebied van het rioolbeheer sprake geweest van personele wisselingen, waardoor een aantal werkzaamheden is blijven liggen. Concreet zijn de volgende resultaten bereikt: a) In totaal zijn 365 percelen in het buitengebied aangesloten op de drukriolering. Hiermee is de sanering van de ongezuiverde lozingen in het buitengebied vrijwel voltooid. Er zijn nog, revisie Pagina 13 van 60

14 Evaluatie GRP 2008 t/m woonboten en 1 boerderij waarvan het huishoudelijk afvalwater ongezuiverd op het oppervlaktewater wordt geloosd. b) De voorgenomen vervanging en reparatie van vrijvervalriolering, gemalen en persleidingen zijn uitgevoerd behalve: de aanleg van een transportriool en de stelselaanpassing in de Zandweg. Dit is niet uitgevoerd omdat dit is gekoppeld aan de aanleg van een nieuwbouwwijk, die is vertraagd; het vergroten van de berging van het riool Noorderweg is niet uitgevoerd vanwege het niet doorgaan van de nieuwbouw nabij Neck. Door het uitvoeren van de voorgenomen maatregelen is een belangrijke stap gezet in de optimalisatie van het gemengd rioolstelsel. De historisch gegroeide situatie van de op elkaar lozende bemalingsgebieden kent een historische logica maar functioneerde niet optimaal. Daarom zijn in de afgelopen planperiode een aantal optimalisatiemaatregelen uitgevoerd om de structuur van de stelsels te verbeteren en de onderlinge beïnvloeding van de bemalingsgebieden te verminderen. Figuur 1 Aanleg persleiding Faunastraat te Wormer, in kader verbetering structuur bemalingsgebieden (2010) c) In de afgelopen planperiode is het verhard oppervlak van een aantal wegen afgekoppeld en aangesloten op een hemelwaterafvoerstelsel (hierna te noemen: HWA-stelsel). Het in het afgelopen planperiode afgekoppeld areaal verhard oppervlak bedraagt 6,9 ha (Bron: BRP Wormerland, 2012). d) Er is een inhaalslag gemaakt op het gebied van inspectie van de vrijvervalriolering, waardoor een goed beeld is ontstaan van de kwaliteit van de vrijvervalriolen in Wormerland. Alle voorgenomen inspecties (voornamelijk van riolen die ouder zijn dan 30 jaar) zijn uitgevoerd. Er heeft een beoordeling plaatsgevonden van alle inspectieresultaten. Dit is vastgelegd in het rapport Rioolbeoordeling Hierin is een overzicht opgenomen van de te vervangen of te renoveren vrijvervalriolen. Dit overzicht is leidend voor de uitvoering van het vervangings- en renovatieprogramma voor de vrijvervalriolering in de planperiode 2013 t/m 2017 e) Er is invulling gegeven aan de zorgplicht voor het grondwater. In het rapport Grondwaterbeleid gemeente Wormerland is aangegeven dat er geen sprake is van grootschalige, structurele grondwateroverlast. Bij de invulling van de grondwaterzorgplicht heeft de gemeente gekozen voor de minimum variant: alleen doen wat wettelijk verplicht is. Er is nog geen invulling gegeven aan de zorgplicht voor het hemelwater. f) In samenwerking met het HHNK en 9 gemeenten in Laag Holland is een meetplan opgesteld voor het monitoren van het gemengd rioolstelsel. De metingen worden uitgevoerd bij 2 gemalen en 18 overstorten. In 2012 is het meetsysteem operationeel., revisie Pagina 14 van 60

15 Evaluatie GRP 2008 t/m Financiële middelen De financiële middelen zijn beschikbaar gesteld op basis van het maatregelenpakket uit het GRP 2008 t/m Uit de evaluatie van de investeringsuitgaven blijkt dat de beschikbare financiële middelen niet volledig zijn benut, waardoor een saldo van circa ,- is opgebouwd (geschatte stand per 1 januari 2013). Door het uitstellen van een aantal werkzaamheden voor de vrijvervalriolen én de toepassing van moderne, veelal goedkopere, renovatietechnieken, is een deel van de financiële middelen onbenut gebleven. Als gevolg van een wetswijziging had de gemeente tot 31 december 2009 de mogelijkheid om rioolrecht te heffen. Vanaf 1 januari 2010 wordt alleen rioolheffing geheven (art. 228a Gemeentewet). Per saldo komt er geen extra heffing bij. De omzetting van rioolrecht naar rioolheffing heeft in 2009 plaatsgevonden (voor toelichting: zie bijlage 2, punt 9, Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken, onderdeel Bekostiging ). De rioolheffing wordt geheven van de gebruiker van een pand dat is aangesloten op het gemeentelijke rioolstelsel. Het voor 2012 vastgestelde tarief bedraagt 191,15 per gebruiker, per jaar. Dit tarief geldt tot een waterverbruik van 500 m³ per jaar. Bij een hoger waterverbruik wordt het tarief vermeerderd met 191,15 per 500 m³. 3.6 Personele middelen Voor de rioleringszorg in de gemeente zijn in ,60 fte beschikbaar: 0,60 fte voor de binnendienst en 1,0 fte voor de buitendienst. De voorbereiding, uitvoering en begeleiding van rioleringsprojecten wordt grotendeels uitbesteed aan derden. Ook werkzaamheden die te specialistisch van aard zijn en waarvan de omvang van het specialistische werk te klein is om dergelijke kennis effectief binnen de gemeente zelf op te bouwen en te onderhouden, worden uitbesteed aan derden. De gemeente Wormerland is een regiegemeente, waarbij de uitvoering van gemeentelijke activiteiten zo veel mogelijk aan derden wordt overgelaten. De gemeente voert daarbij wel de regie met de daarbij behorende verantwoordelijkheden. De personele wisselingen en de moeizame invulling van een aantal vacatures in de afgelopen jaren en de daardoor ontstane onderbezetting, heeft in de afgelopen planperiode soms geleid tot vertraging in de voorbereiding van werkzaamheden. 3.7 Doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoek In artikel 213a van de Gemeentewet is vastgesteld dat het college periodiek onderzoek doet naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door hen gevoerde bestuur. De gemeente Wormerland heeft daartoe in 2008 geparticipeerd in de Benchmark Rioleringszorg. In figuur 2 is het gemeenteprofiel van de gemeente Wormerland weergeven als resultaat van deze Benchmark Rioleringszorg. Figuur 2 Profiel gemeente uit Benchmark Rioleringszorg (2008) Uit het gemeenteprofiel blijkt dat de gemeente Wormerland, qua uitvoering van haar rioleringszorg, op sommige punten hoger en op sommige punten lager scoort dan het gemiddelde. De gebieden waar de gemeente Wormerland duidelijk minder dan gemiddeld scoort zijn meldingen en databasebeheer. De scores op de aandachtsgebieden inzicht in toestand en functioneren en benodigde milieu-inspanning zijn beter dan gemiddeld. In de benchmark is het presteren in de rioleringszorg geanalyseerd op zes aandachtsgebieden. In tabel A zijn de resultaten per aandachtgebied kort weergegeven., revisie Pagina 15 van 60

16 Evaluatie GRP 2008 t/m 2012 Tabel A Resultaat Benchmark Rioleringszorg 2008 nr. aandachtsgebied resultaat en punten van aandacht 1 inzicht in toestand en functioneren van de riolering Het inzicht in het hydraulisch functioneren is optimaal. Van het gehele stelsel is een herberekening uitgevoerd die jonger is dan 5 jaar. In de gemeente Wormerland vindt bij de helft van de gemengde overstorten monitoring plaats. Dit is meer dan gemiddeld. 2 milieu-inspanning De gemeente voldoet nog niet aan de basisinspanning. Er moet naar verwachting een geringe investering worden gedaan om aan de gestelde milieudoelstellingen te voldoen. De gemeente heeft haar focus in de afgelopen jaren vooral gelegd op het aansluiten van het buitengebied. 3 uitgaven De gemeente geeft per inwoner minder uit aan de rioleringszorg dan gemiddeld. De kapitaallasten zijn laag. De gemeente betaalt weinig direct uit de lopende rekening. De beheerlasten zijn gemiddeld. De reinigingskosten per km aanwezige riolering zijn lager dan gemiddeld. 4 organisatievermogen Op planrealisatie scoort de gemeente minder goed. 30% van de geplande maatregelen en 35% van de geplande vervanging van rioleringsonderdelen zijn uitgevoerd. Van de geplande onderzoeken is 85% uitgevoerd. Het activiteitenniveau van de gemeente is lager dan gemiddeld. Het bestede aantal mensjaren arbeid in de jaren 2006 en 2007 is relatief laag. Dit is veroorzaakt door een tekort aan personeel. De gemeente scoort goed op planefficiëntie. De gemeente realiseert vrijwel alle projecten die zij uitvoert binnen de beschikbare tijd en budget. 5 gegevensbeheer De score voor databasebeheer in de gemeente Wormerland is laag. Het databeheer van de gemeente is niet volledig en actueel. De verwerking van revisiegegevens loopt achter en van veel leidingen is het jaar van aanleg niet bekend. 6 meldingen en klachten Het aantal meldingen en klachten per inwoners is hoog. Wormerland heeft een meldingensysteem waarmee het aantal klachten worden geregistreerd. De reactietijd van de gemeente Wormerland is gemiddeld. De oplossingstijd is 2 dagen en dat is korter dan het gemiddelde. Op basis van de resultaten van de benchmark uit 2008, zijn de volgende aanbevelingen gedaan: a) optimalisatie van het meetprogramma voor de overstorten, in samenwerking met het HHNK; b) maatregelen uitvoeren opdat de gemeente voldoet aan de basisinspanning; c) kritisch kijken naar de personele bezetting. Wellicht is uitbreiding van de capaciteit noodzakelijk; d) snellere verwerking van de revisiegegevens, waarbij moet worden overwogen (gezien de krappe bezetting) dit werk uit te besteden. Naar aanleiding van de aanbevelingen uit de benchmark zijn de volgende acties ondernomen: ad. a In samenwerking met het HHNK en 9 gemeenten in Laag Holland is in 2010 een meetplan riolering opgesteld voor het monitoren van het gemengd stelsel. In 2012 is het meetsysteem operationeel. ad. b De basisinspanning wordt bereikt door het afkoppelen van verhard oppervlak van het gemengd stelsel. Parallel aan het opstellen van het GRP 2013 t/m 2017, is het basisrioleringsplan opgesteld. Uit de herberekening blijkt dat aan de basisinspanning voor de gemengde stelsels wordt voldaan. ad. c De voorbereiding, uitvoering en begeleiding van rioleringsprojecten wordt grotendeels uitbesteed aan derden. Ook werkzaamheden die te specialistisch van aard zijn en werkzaamheden waarvan de omvang van het specialistische werk te klein is om dergelijke kennis effectief binnen de gemeente zelf op te bouwen en te onderhouden, worden uitbesteed aan derden. ad. d De gegevens worden periodiek bijgewerkt. In het kader van het op te stellen basisrioleringsplan is het rioolbeheerbestand in 2011 door derden bijgewerkt, met revisies, afwaterend verhard oppervlak e.a., revisie Pagina 16 van 60

17 Evaluatie GRP 2008 t/m 2012 De gemeente Wormerland heeft in 2010 meegedaan aan het landelijk benchmarkonderzoek over de rioleringszorg. Het onderzoek is een landelijke prestatievergelijking, waarmee gemeenten inzicht geven en krijgen in kenmerken en prestaties van de rioleringszorg. Onderwerpen waarop de vergelijking heeft plaatsgevonden, zijn: stelselkenmerken en organisatie, kwaliteit en technisch functioneren en financiën. In de benchmark 2010 is de gemeente als volgt getypeerd: Wormerland is een kleine, matig stedelijke gemeente in West-Nederland, voornamelijk gelegen op zeer slechte grond (kleiveen). Er ligt relatief veel gescheiden en een gangbare hoeveelheid mechanische riolering. De rioolheffing 2010 per meerpersoonshuishouden is gemiddeld. Er is de afgelopen jaren meer dan gemiddeld geïnvesteerd in vervanging en verbetering van het stelsel en de beheerkosten zijn hoger dan gemiddeld. De conclusies uit het benchmarkonderzoek 2010 zijn: a) er wordt relatief veel gereinigd en geïnspecteerd; b) het aantal meldingen en klachten is hoog ten opzichte van vergelijkbare gemeenten; c) er wordt relatief veel riolering vervangen en relatief veel stelsels worden omgebouwd; d) de komende jaren moet een groot aantal riolen worden vervangen of gerenoveerd; e) de beheerkosten zijn hoog in vergelijking met het landelijk gemiddelde, evenals de totale kosten voor de rioleringszorg., revisie Pagina 17 van 60

18 Evaluatie GRP 2008 t/m 2012., revisie Pagina 18 van 60

19 4 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg 4.1 Inleiding Het verbreed GRP 2013 t/m 2017 beschrijft de wijze waarop de gemeente invulling geeft aan haar wettelijke zorgplicht voor gemeentelijke watertaken. Om dit eenduidig vast te leggen, is de systematiek van doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden toegepast. Met de doelen en functionele eisen wordt de gewenste situatie beschreven en vastgelegd over de toestand en het functioneren van bestaande en nieuwe voorzieningen voor de gemeentelijke watertaken. Door het formuleren van maatstaven en de daarbij behorende meetmethoden, wordt de zorg voor de gemeentelijke watertaken geconcretiseerd en toetsbaar gemaakt. Alvorens de doelen en de functionele eisen worden beschreven, is eerst aangegeven op welke wijze de gemeente Wormerland de komende planperiode invulling geeft aan de zorgplichten voor de gemeentelijke watertaken. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? 4.2 Invulling zorgplichten stedelijk afvalwater, hemelen grondwater In deze paragraaf is ingegaan op de invulling van de zorgplichten. De concrete acties die hieruit volgen, zijn uitgewerkt in hoofdstuk 6 van dit GRP (De opgave). De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Stedelijk afvalwater De gemeente mag zelf kiezen met welke voorzieningen ze haar zorgplicht invult, zowel voor de bebouwde kom als voor het buitengebied. In plaats van een openbaar vuilwaterriool, zijn andere systemen toegestaan, mits een zelfde graad van milieubescherming wordt bereikt. In Wormerland is het gehele buitengebied aangesloten op de riolering. Er zijn geen percelen waarvoor ontheffing van de zorgplicht is verleend. Er zijn geen IBA s in het buitengebied geplaatst. Er zijn nog 12 percelen in het buitengebied die het afvalwater ongezuiverd lozen op het oppervlaktewater (11 woonboten en 1 boerderij). In de planperiode 2013 t/m 2017 wordt onderzocht op welke wijze de ongezuiverde lozingen op een doelmatige wijze kunnen worden gesaneerd. De gemeente voldoet aan de basisinspanning voor het gemengd rioolstelsel. De gemeente heeft de ambitie de emissie van het gemengd stelsel verder terug te dringen door het afkoppelen van verhard oppervlak. Doel van het verder reduceren van de emissie is de verbetering van de kwaliteit van het oppervlaktewater. Door het afkoppelen van verhard oppervlak wordt tevens de hoeveelheid hemelwater die naar de RWZI wordt afgevoerd, verminderd. De hiertoe te nemen maatregelen zijn beschreven in hoofdstuk 6 van dit GRP en worden in de planperiode 2013 t/m 2017 uitgevoerd. Besluitvorming (H8) Beleidsvoornemens zorgplicht stedelijk afvalwater In het buitengebied worden alle percelen aangesloten op de riolering, tenzij een IBA is geoorloofd met het oog op doelmatigheid., revisie Pagina 19 van 60

20 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg Binnen de bebouwde kom wordt bij nieuwbouw altijd riolering aangelegd. De emissie van het gemengd stelsel wordt verder gereduceerd door het afkoppelen van verhard oppervlak van het gemengd stelsel Hemelwater De zorgplicht voor het hemelwater heeft het karakter van een inspanningsverplichting en houdt in dat de gemeente zorg moet dragen voor een doelmatige inzameling en verwerking van het hemelwater, voor zover van degene die zich daarvan ontdoet, redelijkerwijs niet kan worden gevergd het afvloeiende hemelwater op of in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen. De particulier krijgt in de wet nadrukkelijk een eigen verantwoordelijkheid. Naast de zorg voor het afvloeiende hemelwater van particuliere terreinen heeft de zorgplicht ook betrekking op het hemelwater dat van openbaar terrein afstroomt. De hemelwaterzorgplicht omvat het door de gemeente aanbieden van een voorziening waarin het hemelwater geloosd kan worden. Welke voorziening dit is, maakt voor de zorgplicht niet uit, hoewel er beleidsmatig een voorkeur bestaat voor gescheiden rioleren. Die voorkeur is ook in de wet vastgelegd in de vorm van een voorkeursvolgorde. Het is overigens geen (wettelijke) verplichting om afvalwaterstromen te scheiden. Een groot deel van het rioolstelsel van Wormerland bestaat uit een gemengd stelsel. Daarnaast zijn er ook gescheiden stelsels aanwezig. Voor het gemengd stelsel moeten voor het opstellen van het GRP 2013 t/m 2017, in relatie tot de zorgplicht voor het hemelwater, drie vragen worden beantwoord: 1. in hoeverre streeft de gemeente ontvlechting van afvalwater en schoon hemelwater na en welk doel wil men daarmee bereiken? 2. op welke manier wordt de ontvlechting uitgevoerd, bijvoorbeeld boven- of ondergrondse afvoer naar het oppervlaktewater? 3. welke rol krijgt de particulier hierbij? Op deze drie vragen is in de volgende subparagrafen verder ingegaan, Doel ontvlechting Het is wenselijk het hemel- en grondwater zo weinig mogelijk te vermengen met afvalwater. In de wet wordt dit aangeduid met de term ontvlechting. Het scheiden van hemel- en afvalwater is geen doel op zich maar een bewuste keuze. In Wormerland is er voor gekozen de basisinspanning voor het gemengd stelsel, te realiseren door het afkoppelen van verhard oppervlak. Het afkoppelen (ontvlechten) lift in beginsel mee met reguliere rioolvervanging of herinrichting van de openbare ruimte. In de gemeente Wormerland is al sprake van een gedeeltelijke ontvlechting van stedelijk afvalwater en hemelwater, door toepassing van gescheiden rioolstelsels bij nieuwbouw en het afkoppelen van verhard oppervlak in bestaand stedelijk gebied. Het afkoppelen dient verschillende doelen: 1. Het leidt tot een verbetering van de kwaliteit van het oppervlaktewater, doordat het aantal overstortingen en ook de overstortingshoeveelheden afnemen. 2. Het draagt bij aan een duurzamer rioleringssysteem, doordat er minder hemelwater naar de RWZI wordt afgevoerd. 3. Het hydraulisch ontlasten van het gemengd stelsel en de gevolgen van de klimaatsverandering op te kunnen vangen. Het rioolstelsel moet minimaal een afvoercapaciteit hebben om een theoretische bui te kunnen verwerken die eenmaal per twee jaar valt. Het huidige rioolstelsel voldoet hier nog niet op alle locaties aan Wijze van ontvlechting Volgens de huidige praktijk worden alleen wegen afgekoppeld. Bij afkoppelen wordt een HWAstelsel aangelegd in de weg aangelegd. Waar mogelijk wordt dakoppervlak afgekoppeld, vaak in samenwerking met de woningbouwvereniging. Er wordt geen HWA-leiding tot aan de gevel van de woningen aangelegd. Wel wordt de gemengde huisaansluitleiding vervangen, op kosten van de gemeente. Aanvullende waterberging in de openbare ruimte is beperkt mogelijk: op straat (tussen de banden) en in de bodem. Bij renovatieprojecten worden per project de mogelijkheden onderzocht de openbare ruimte zodanig aan te passen dat berging op straat en oppervlakkige, revisie Pagina 20 van 60

21 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg afstroming via het wegdek en de berm naar het oppervlaktewater kan plaatsvinden, zonder dat daarbij hinder ontstaat. Figuur 3 Water bergen in openbaar gebied Infiltratie in de bodem is slechts beperkt mogelijk, gezien de geringe ontwateringsdiepte in het stedelijk gebied. In principe mag het afvloeiende hemelwater van daken en wegen zonder restricties in het oppervlaktewater worden geloosd. De effecten van afkoppelen worden in overleg met het HHNK kwalitatief ingeschat en op projectniveau besproken Rol particulier De gemeente krijgt meer mogelijkheden om de perceelseigenaar op zijn verantwoordelijkheid aan te spreken. Per verordening kan de gemeente regels en een termijn stellen aan de aanbieding van hemelwater door perceelseigenaren. De gemeente moet beoordelen of redelijkerwijs van de perceelseigenaar gevraagd kan worden het afvloeiend hemelwater zelf in de bodem of het oppervlaktewater te brengen. De wetgeving gaat er vanuit dat hemelwater in de meeste gevallen schoon genoeg is om zonder behandeling in het milieu terug te brengen. Van de particulier wordt verwacht dat hij zijn stedelijk afvalwater loost op de gemeentelijke riolering, tenzij er door de gemeente ontheffing van de zorgplicht is verkregen van de provincie. Van burgers en bedrijven wordt op grond van het Lozingenbesluit afvalwater huishoudens en het Activiteitenbesluit verder verwacht dat zij zodanig lozen dat er geen schade aan riolering, milieu en/of zuiveringinstallaties ontstaat. Artikel 4 Besluit lozing afvalwater huishoudens 1. Onverminderd het bij of krachtens hoofdstuk 3 bepaalde wordt vanuit een particulier huishouden uitsluitend geloosd, indien door de samenstelling, eigenschappen of hoeveelheid van de lozing de nadelige gevolgen voor de kwaliteit van de bodem en het oppervlaktewater zoveel mogelijk worden beperkt en de doelmatige werking van de voorzieningen voor het beheer van afvalwater niet wordt belemmerd. De gemeente heeft er voor gekozen om particulieren in bestaand stedelijk gebied, die lozen op een vrijvervalstelsel, niet te verplichten het hemelwater op het eigen terrein te verwerken. De huidige lozingssituatie wordt gehandhaafd. De redenen voor het niet verplicht stellen van het verwerken van het hemelwater op het eigen terrein, zijn: verwerking van hemelwater op eigen perceel is vaak zeer beperkt of niet mogelijk; de risico s voor het milieu worden beperkt, in verband met het gebruik van onkruidbestrijdings- en schoonmaakmiddelen door particulieren;, revisie Pagina 21 van 60

22 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg het gescheiden aanbieden van afvalwater en hemelwater brengt vaak hoge kosten voor de perceeleigenaar met zich mee, waardoor de maatschappelijke kosten en baten niet in redelijke verhouding tot elkaar staan; de handhavende taak van de gemeente blijft hierdoor beperkt. Bij nieuwbouw en renovatie wordt, waar mogelijk, van de particulier geëist het hemelwater wel op eigen terrein te verwerken, in het geval het perceel direct grenst aan oppervlaktewater. Dit kan in de bouwverordening worden vastgelegd Klimaatverandering Het is de ambitie van de gemeente om in te spelen op de klimaatverandering. De gemeente doet al het nodige om te anticiperen op de klimaatverandering, door de aanleg van extra HWA-riolen en het afkoppelen van verhard oppervlak van het gemengd rioolstelsel. Hierdoor wordt het bestaande rioolstelsel minder zwaar belast en ontstaat er meer ruimte voor het opvangen van de voorspelde toename van de neerslagintensiteit. Door het structureel reinigen van riolen, kolken en wegen, zorgt de gemeente er voor dat de afstroming naar de riolen en in de riolen gewaarborgd wordt. Verstoppingen worden daarmee zo veel mogelijk voorkomen. Aanpak van verstoppingen is een effectieve maatregel voor het voorkomen en verminderen van wateroverlast. Bij het in 2012 opgestelde basisrioleringsplan is bij de beoordeling van de hydraulische situatie van het rioolstelsel rekening gehouden met klimaatverandering door het stelsel door te rekenen met bui 08 uit de Leidraad Riolering. Beleidsvoornemens zorgplicht hemelwater In de planperiode wordt de huidige werkwijze voor het afkoppelen van verhard oppervlak voortgezet. Het afkoppelen wordt gecombineerd met de vervanging van de vrijvervalriolering en de herinrichting van de openbare ruimte. In bestaand stedelijk gebied wordt de particulier niet verplicht het hemelwater op het eigen terrein te verwerken. Bij nieuwbouw en renovatie wordt, waar mogelijk, van de particulier geëist het hemelwater op eigen terrein te verwerken, in het geval het perceel direct grenst aan oppervlaktewater. Er wordt geen lozingsverordening voor grond- en hemelwater door de gemeente opgesteld. In bestaande situaties worden de aanwezige rioleringssystemen gehandhaafd en uitgebreid met een HWA-stelsel, daar waar wordt afgekoppeld. Bij nieuwbouw wordt een gescheiden rioolstelsel aangelegd. Door klimaatverandering neemt de kans op wateroverlast in het stedelijk gebied toe. Om te anticiperen op de klimaatverandering, worden HWA-riolen aangelegd en verhard oppervlak afgekoppeld. Bij renovatieprojecten worden de mogelijkheden onderzocht de openbare ruimte zodanig aan te passen dat berging op straat kan plaatsvinden Grondwater Grondwater speelt een belangrijke rol binnen de gemeentelijke openbare ruimte. In de nieuwe wetgeving is een deel van de zorg voor het grondwater bij de gemeente neergelegd. De zorgplicht voor het grondwater heeft het karakter van een inspanningsverplichting. In 2009 is het grondwaterbeleid voor de gemeente Wormerland opgesteld. De visie van de gemeente is gericht op het professioneel vervullen van de loketfunctie en het handhaven van een grondwaterstand in het stedelijk gebied, die geen structurele overlast veroorzaakt bij de bewoners en bedrijven. Op basis metingen en klachten en meldingen van bewoners is geconcludeerd dat er geen sprake is van grootschalige, structurele grondwateroverlast in het stedelijk gebied van Wormerland. Evenmin is er sprake van grondwateronderlast. Bij de invulling van de grondwaterzorgplicht heeft de gemeente daarom gekozen voor de minimum variant: alleen doen wat wettelijk verplicht is. Concreet houdt dit het volgende in:, revisie Pagina 22 van 60

23 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg a) Het grondwaterloket wordt geïntegreerd in het reeds aanwezige gemeentelijk servicepunt. b) Het grondwaterloket wordt gepromoot via de gemeentelijke website. Er worden geen andere communicatiemiddelen ingezet. c) Onderzoek na melding van een klacht, vindt alleen telefonisch plaats. Er vinden geen huisbezoeken plaats. d) Er worden alleen dan maatregelen getroffen voor het opheffen van grondwateroverlast in de openbare ruimte, als daar aanleiding voor is. De gemeente beschouwt het nemen van maatregelen als doelmatig, als deze zo veel mogelijk worden gecombineerd met rioolvervangingswerkzaamheden of herinrichting van de openbare ruimte. e) Op eigen terrein heeft de burger zelf de verantwoordelijkheid het grondwaterprobleem op te lossen en te voorkomen. Bouwtechnische maatregelen en aanleg van drainage op particulier terrein worden niet door de gemeente gefinancierd. Als verwerking op eigen perceel niet mogelijk is, zal de gemeente aan particulieren de mogelijkheid bieden zich te ontdoen van grondwater door dit bijvoorbeeld aan te laten sluiten op het aanwezige of nieuw aan te leggen gemeentelijk drainagesysteem of op de (hemelwater-)riolering. f) Bij het bouw- en woonrijp van toekomstige stedelijke ontwikkelingen hanteert de gemeente een ontwateringsdiepte van 0,70 m beneden het straatpeil (zie figuur 4). Dit wordt bij voorkeur gerealiseerd door ophoging van het te bebouwen terrein. Figuur 4 Toetsingscriteria voor grondwaterstanden Om inzicht te krijgen in het verloop van de grondwaterstanden in het stedelijk gebied, is in 2011 een grondwatermeetnet, met 22 peilbuizen in gebruik genomen. Bij nieuwbouw wordt rekening gehouden met het heersende grondwaterregime door de nieuwbouw op de meest gunstige plek in het watersysteem te positioneren en hydrologisch neutraal te ontwikkelen. Hiermee wordt invulling gegeven aan het niet afwentelen -principe (WB21) en worden de negatieve hydrologische gevolgen van toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen zo veel mogelijk geneutraliseerd. De ontwikkeling mag geen hydrologische knelpunten creëren voor de te handhaven en de vastgelegde toekomstige landgebruikfuncties in het plangebied en het beïnvloedingsgebied. De gemeente hanteert bij de ontwikkeling van nieuwe (stedelijke) gebieden een ontwateringsdiepte van 0,70 m beneden het straatpeil. Voor de borging van een goede ontwatering van te ontwikkelen gebieden, wordt een watertoets uitgevoerd, waarin is aangegeven: de benodigde oppervlakte open water, hoe met hemelwater wordt omgegaan en op welke wijze voldoende ontwatering wordt gerealiseerd., revisie Pagina 23 van 60

24 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg Beleidsvoornemens zorgplicht grondwater De gemeente Wormerland wil in haar gebied een grondwaterstand hebben, die geen structurele overlast veroorzaakt bij de bewoners en bedrijven. Voor het vaststellen van structurele grondwateroverlast maakt de gemeente geen gebruik van ontwateringscriteria. Het vaststellen van structurele grondwateroverlast gebeurt op basis van het aantal en type meldingen en klachten over wateroverlast. De gemeente beschouwt het nemen van maatregelen als doelmatig, als deze zo veel mogelijk worden gecombineerd met rioolvervangingswerkzaamheden of herinrichting van de openbare ruimte. Voor toekomstige stedelijke ontwikkelingen hanteert de gemeente een ontwateringsdiepte van 0,70 m beneden het straatpeil. 4.3 Samenvatting beleidsuitgangspunten Voor de concrete invulling van de zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater, zijn de in tabel B weergegeven beleidsuitgangspunten gehanteerd. Tabel B Beleidsuitgangspunten voor invulling zorgplichten thema onderdeel uitgangspunt beleid planperiode 2010 t/m 2015 zorgplicht buitengebied In het buitengebied worden alle percelen aangesloten op riolering, afvalwater tenzij een IBA is geoorloofd met het oog op doelmatigheid. zorgplicht hemelwater binnen de bebouwde kom afkoppelen verhard oppervlak verordening rol particulier gemeentelijke voorzieningen voor inzameling hemelwater Binnen de bebouwde kom wordt bij nieuwbouw altijd riolering aangelegd. In de planperiode wordt verhard oppervlak afgekoppeld van het gemengd stelsel. Het afkoppelen wordt gecombineerd met de vervanging van de vrijvervalriolering en herinrichting van de openbare ruimte. Er wordt geen lozingsverordening door de gemeente opgesteld. In bestaand stedelijk gebied wordt de particulier niet verplicht het hemelwater op het eigen terrein te verwerken. Bij nieuwbouw en renovatie wordt, waar mogelijk, van de particulier geëist het hemelwater op eigen terrein te verwerken, in het geval het perceel direct grenst aan oppervlaktewater. In bestaande situaties worden de aanwezige rioleringssystemen gehandhaafd en uitgebreid met een hemelwaterafvoerstelsel, daar waar wordt afgekoppeld. Bij nieuwbouw wordt een gescheiden rioolstelsel aangelegd. Door klimaatverandering neemt de kans op wateroverlast in het stedelijk gebied toe. Om te anticiperen op de klimaatverandering, worden de volgende maatregelen getroffen: de aanleg van hemelwaterafvoerriolen en het afkoppelen van verhard oppervlak, waardoor het bestaande stelsel minder zwaar wordt belast en er meer ruimte ontstaat voor het opvangen van de voorspelde toename van de neerslagintensiteit; het structureel reinigen van riolen, kolken en wegen, waardoor de afstroming naar en in de riolen wordt gewaarborgd; bij renovatieprojecten worden de mogelijkheden onderzocht voor berging van hemelwater in de openbare ruimte., revisie Pagina 24 van 60

25 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg thema onderdeel uitgangspunt beleid planperiode 2010 t/m 2015 zorgplicht grondwaterloket Het grondwaterloket wordt geïntegreerd in het reeds aanwezige grondwater gemeentelijk servicepunt. structurele grondwateroverlast Voor het vaststellen van structurele grondwateroverlast maakt de gemeente geen gebruik van ontwateringscriteria maar wordt deze gebaseerd op het aantal en type meldingen en klachten. maatregelen opheffen grondwateroverlast nieuwbouw Het nemen van maatregelen bij bestaande bebouwing wordt als doelmatig beschouwd, als deze zo veel mogelijk worden gecombineerd met rioolvervangingswerkzaamheden of herinrichting van de openbare ruimte. Bij toekomstige stedelijke ontwikkelingen hanteert de gemeente een ontwateringsdiepte van 0,70 m beneden het straatpeil. 4.4 Doelen rioleringszorg Het doel van de rioleringszorg is meerledig: 1. de volksgezondheid te beschermen: de aanleg en het beheer van riolering zorgt ervoor dat verontreinigd afvalwater uit de directe leefomgeving wordt verwijderd; 2. de kwaliteit van de leefomgeving op peil te houden: de riolering zorgt voor de ontwatering van de bebouwde omgeving, door naast het afvalwater van huishoudens en bedrijven ook het overtollige hemelwater van daken, pleinen, wegen e.d. en overtollig grondwater in te zamelen en af te voeren; 3. de bodem, het grond- en oppervlaktewater te beschermen: door de aanleg van riolering of individuele afvalwaterbehandelingsystemen wordt de directe ongezuiverde lozing van afvalwater in bodem of oppervlaktewater voorkomen. De wetgever heeft de gemeentelijke taken nader omschreven in de Wet Milieubeheer (art ) en in de Waterwet (artt. 3.5 en 3.6). Vanuit deze nieuwe wettelijke formuleringen, zijn de volgende doelen voor de gemeentelijke watertaken geformuleerd: 1. zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater; 2. zorgen voor transport van stedelijk afvalwater; 3. zorgen voor inzameling van hemelwater (voor zover niet door particulier); 4. zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater; 5. zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. De doelen geven de gewenste situatie weer voor het beheer van de bestaande en de aanleg van nieuwe voorzieningen. Uit de doelen voor de komende planperiode zijn eisen afgeleid, die aan het functioneren van de riolering als systeem of aan de toestand van de objecten (riolen, putten, rioolgemalen) worden gesteld. Om de doelen te halen, moet de riolering aan die functionele eisen voldoen. Maatstaven zijn vastgesteld om te bepalen of aan de functionele eisen wordt voldaan. In tabel C zijn de doelen, functionele eisen en maatstaven voor de gemeente Wormerland weergegeven. De komende planperiode moeten de functionele eisen en maatstaven worden getoetst op basis van de uitkomsten van de onderzoeken die worden uitgevoerd om het beleid voor de zorgplichten voor het hemel- en grondwater te formuleren (zie hoofdstuk 6)., revisie Pagina 25 van 60

26 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg Tabel C Doelen, functionele eisen en maatstaven gemeentelijke watertaken doel functionele eis maatstaf 1. Zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater. a. Alle percelen binnen het gemeentelijk grondgebied waar afvalwater vrijkomt, moeten zijn voorzien van een aansluiting op de riolering, uitgezonderd bij specifieke situaties waar lokale behandeling doelmatiger is. b. De huisaansluitleidingen moeten in goede staat verkeren. c. Er mogen geen ongewenste lozingen op de riolering plaatsvinden. d. Riolen en andere objecten dienen in hoge mate waterdicht te zijn, zodat de hoeveelheden uittredend rioolwater en intredend a. Alle percelen binnen of buiten de bebouwde kom zijn aangesloten op de riolering, tenzij lokale behandeling van het afvalwater een zelfde graad van milieubescherming biedt. b. Geen klachten over het functioneren van de huisaansluitleidingen. c. Geen overtredingen van de lozingsvoorwaarden bij of krachtens de Wet Milieubeheer. Foutieve aansluitingen mogen niet leiden tot een significante afname van de kwaliteit van het oppervlaktewater. d. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. grondwater beperkt blijven. 2. Zorgen voor a. De afvoercapaciteit moet voldoende zijn om bij a. Optimaal stelselontwerp volgens Leidraad transport van stedelijk afvalwater. droog weer het aanbod van afvalwater te verwerken. b. De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het aanbod van stedelijk afvalwater bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd in bepaalde buitengewone omstandigheden. c. De vuiluitworp door overstortingen uit gemengde rioolstelsels op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. d. Het afvalwater dient zonder overmatige aanrotting de rioolwaterzuiveringsinstallatie te bereiken. e. De afstroming dient gewaarborgd te zijn. Riolering. b. Gemiddeld mag maximaal eenmaal per twee jaar water op straat optreden (theoretisch). Water op straat mag niet leiden tot wateroverlast: het onderlopen van woningen en gebouwen. Water op straat mag geen blokkade zijn voor doorgaande verkeersroutes. c. De vuiluitworp mag de waterkwaliteitsdoelstelling niet in gevaar brengen. De vuiluitworp moet voldoen aan de eenduidige basisinspanning van het CIW en eventuele aanvullende eisen vanuit het waterkwaliteitsspoor. d. De ledigingstijd van het stelsel en de randvoorzieningen bedraagt maximaal 10 uur. De verloren berging bedraagt maximaal 10%. e. De inslagpeilen van rioolgemalen moeten onder de binnenonderkant van het laagst inkomend riool liggen. Persleidingen moeten in of zo dicht mogelijk bij ontvangende gemalen uitmonden. Alle putten zijn voorzien van een stroomprofiel. f. De objecten moeten in goede staat verkeren. f. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. Voor overige objecten naar eigen inzicht en volgens specificaties van leveranciers g. De vervuilingstoestand van de riolering moet acceptabel zijn. h. De bedrijfszekerheid van rioolgemalen en andere objecten dient gewaarborgd te zijn. g. Ingrijpmaatstaven voor afstroming (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. h. Grote hoofdgemalen moeten van een automatische storingsmelding worden voorzien. Storingen moeten binnen 6 uur na signalering worden verholpen, afhankelijk van de prioriteit van het gemaal. De pompen in hoofdgemalen dienen elkaars reserve te zijn., revisie Pagina 26 van 60

27 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg doel functionele eis maatstaf i. De riolering dient zodanig te worden ont- en belucht te zijn dat overlast door stank wordt i. Geen klachten over overlast door stank vanuit de gemeentelijke riolering. voorkomen. j. Overlast tijdens werkzaamheden aan de riolering dient beperkt te zijn. j. Goede afstemming van rioolwerken op werkzaamheden andere diensten en nutsbedrijven. Bereikbaarheid percelen handhaven. 3. Zorgen voor a. Alle percelen binnen het gemeentelijke a. Alle percelen zijn voorzien in een aansluiting inzameling van hemelwater (voor zover niet door de particulier). 4. Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater. 5. Zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. grondgebied zijn voorzien van een aansluiting op de riolering, voor zover de particulier niet redelijkerwijs in de verwerking van hemelwater kan voorzien. b. De objecten moeten in goede staat verkeren. c. De instroming in riolen via de kolken dient ongehinderd plaats te vinden. d. Geen afvoer van drainagewater via gemengd stelsel of droogweerafvoerriool. a. De vuiluitworp door regenwaterlozingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. b. De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het aanbod van hemelwater bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd in bepaalde buitengewone omstandigheden. c. De objecten moeten in goede staat verkeren. d. Overlast tijdens werkzaamheden aan de riolering dient beperkt te zijn. a. Adequate afvoer van overtollig grondwater, bij te hoge grondwaterstanden. op de riolering, tenzij men zich niet van hemelwater wil ontdoen maar voor de lokale waterhuishouding of andere doeleinden wil gebruiken óf wanneer directe lozing geoorloofd is. Nieuwe bebouwing mag niet worden aangesloten op het gemengd rioolstelsel. Als bij nieuwbouw het perceel grenst aan oppervlaktewater, dan voorziet de particulier, in overleg met de waterbeheerder, in de afvoer van hemelwater van daken, rechtstreeks op het oppervlaktewater b. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. c. Plasvorming bij kolken dient beperkt te zijn en mag niet leiden tot wateroverlast. d. Drains zijn niet op het gemengde stelsel of op droogweerafvoerriool aangesloten. a. Verontreinigingen door uitwerpselen, bouwmaterialen, straatmeubilair, bestrijdingsmiddelen, strooibeleid en straatvegen moeten geminimaliseerd worden. De vuiluitworp mag de doelstelling voor de kwaliteit van het oppervlaktewater niet in gevaar brengen. b. Gemiddeld mag maximaal eenmaal per twee jaar water op straat optreden (theoretisch). Water op straat mag niet leiden tot wateroverlast: het onderlopen van woningen en gebouwen. Water op straat mag geen blokkade zijn voor doorgaande verkeersroutes. c. Waterdichtheid en stabiliteit moeten voldoen aan de kwaliteitsdoelstellingen. d. Goede afstemming van rioolwerken op werkzaamheden andere diensten en nutsbedrijven. Bereikbaarheid percelen handhaven. a. Maatregelen worden opgesteld naar aanleiding van klachten en meldingen. b. Bij nieuwbouw wordt een ontwateringsdiepte van 0,70 m beneden het straatpeil gehanteerd., revisie Pagina 27 van 60

28 Beleidsuitgangspunten en doelen rioleringszorg 4.5 Voorwaarden voor effectief rioleringsbeheer De rioolbeheerder moet een aantal voorwaarden scheppen om een doelmatige inzameling en transport te kunnen realiseren. Wanneer niet aan die voorwaarden wordt voldaan, is een effectieve besturing niet mogelijk en kan de doelmatigheid van de inzameling en het transport niet worden gewaarborgd. Hier ligt ook de relatie met de eis uit de Wet milieubeheer (artikel 4.22) dat bekend moet zijn wat er aan rioleringsvoorzieningen aanwezig is en in welke staat deze verkeren. De voorwaarden zijn op een vergelijkbare manier als de doelen toetsbaar te maken door ze nader te specificeren in concrete maatstaven. Tabel D Voorwaarden voor effectief rioleringsbeheer voorwaarde maatstaf 1. Het rioleringsbeheer dient zo goed mogelijk te worden afgestemd op andere gemeentelijke taken. a. In het GRP moet de relatie met overige gemeentelijke taken inzichtelijk worden gemaakt; b. In operationele programma s samenhang aangeven. 2. De gebruikers van de riolering dienen bekend te zijn en ongewenste lozingen dienen te worden voorkomen. a. Naleving en actueel houden vergunningen; b. Eenmaal per jaar bestand controleren; c. Geen illegale en foutieve aansluitingen; d. Actueel bestand aansluitingen op de riolering. 3. Inzicht in kosten op langere termijn. a. Alle kosten van de rioleringszorg minimaal één keer in beeld. 4. Er dient inzicht te bestaan in de toestand van het functioneren van de riolering, en hemel- en grondwatervoorzieningen. a. Directe toegankelijkheid en beschikbaarheid gegevens (van riolering en grondwatervoorzieningen). Digitaal uitwisselbaar t.b.v. WION; b. Jaarlijkse, visuele inspectie van de riolering; c. Herberekening bij significante wijzigingen in rioolstelsel; d. Verwerking van revisie- en meetgegevens binnen drie maanden. 5. Er dient zo veel mogelijk gebruik te worden gemaakt van duurzame en milieuvriendelijke materialen. a. Maken van duurzaamheidsafweging bij het toepassen van bouwmaterialen en straatmeubilair; b. De gemeente wil bij bouwprojecten alleen werken met architecten en projectontwikkelaars die op een milieuvriendelijke wijze willen bouwen. 6. Er dient een klantgerichte benadering te worden nagestreefd. a. Behandeling van klachten en een reactie naar de klager binnen één werkdag. b. Voldoende voorlichting en informatie naar belanghebbenden., revisie Pagina 28 van 60

29 5 Toetsing huidige situatie 5.1 Inleiding In dit hoofdstuk vindt de toetsing van de huidige situatie plaats. Deze toetsing is het uitgangspunt voor het bepalen van de benodigde maatregelen (hoofdstuk 6). De huidige situatie is bepaald op basis van: het GRP 2008 t/m 2012 en de op grond daarvan uitgevoerde onderzoeken; beschikbare informatie over het functioneren van de riolering; de in het rioolbeheersysteem opgenomen gegevens van riolen, putten en inspecties. Per paragraaf zijn de bijbehorende doelen en/of functionele eisen genoemd. In dit hoofdstuk is onderscheid gemaakt in de drie zorgplichten: stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. 5.2 Algemeen Aanwezige voorzieningen Voor de inzameling en verwerking van stedelijk afvalwater en hemelwater binnen de gemeente Wormerland, is 71 km vrijvervalriolering aangelegd. In de gemeente Wormerland is voor het eerst in 1939 riolering aangelegd in de kern van Wormer nabij de Dorpsstraat. Deze riolering is in de jaren zeventig vervangen. Het oorspronkelijke stelsel is van het gemengde type, evenals de daaropvolgende uitbreidingen van het rioolstelsel in het centrum van de kernen Wormer, Jisp, Neck en Oostknollendam. Na 1980 is een aantal nieuwbouwwijken gebouwd, die zijn voorzien van een gescheiden rioolstelsel. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) Figuur 5 Wormerland en de kernen, revisie Pagina 29 van 60

30 Toetsing huidige situatie In een aantal uitbreidingswijken is in het verleden een verbeterd gescheiden stelsel aangelegd. Deze zijn in 2006 omgebouwd naar gescheiden stelsels. In de afgelopen jaren zijn vrijwel alle percelen in het buitengebied voorzien van drukriolering. Er zijn 12 percelen in het buitengebied die het huishoudelijk afvalwater ongezuiverd lozen op het oppervlaktewater (11 woonboten en1 boerderij). Een overzicht van deze percelen is opgenomen in bijlage 4. Het afvalwater wordt via drie hoofdrioolgemalen van het HHNK afgevoerd (Wormer, Oost- Knollendam en Neck). Daarnaast prikken twee gemalen in op een persleiding van het HHNK. Het afvalwater van de kernen Wormer, Jisp en Oostknollendam wordt afgevoerd naar de RWZI van Beverwijk). Het afvalwater van de kernen Neck en Wijdewormer wordt afgevoerd naar de RWZI Beemster. De gemalen Oost-Knollendam, Neck en Wormer, zijn de bestaande overnamepunten en zijn in eigendom en beheer van het HHNK. Volgens de aansluitvergunning (beschikking 2008) mogen de genoemde gemalen en persleidingen van het HHNK in de gemeente Wormerland, de in tabel E weergegeven debieten niet overschrijden. Door het afkoppelen en de verwachte afname van het aantal inwoners, neemt de normcapaciteit van de gemalen af (zie ook tabel 5.2 van het Basisrioleringsplan Wormerland). Dit is eveneens in tabel E weergegeven. Tabel E Maximaal toelaatbare afvoeren gemalen HHNK en berekende afvoer volgens BRP 2012 nr gemaal maximale afvoer volgens aansluitvergunning HHNK (m³/uur) berekende normafvoer volgens BRP 2012 (m³/uur) Oost-Knollendam inprikker De Poel inprikker woningen Veerdijk <1 <1 <1 <1 4 Wormer Neck Neck drukriolering, met afvoer naar gemeente Purmerend Het vrijvervalstelsel in de kernen Wormer, Jisp, Neck en Oostknollendam is opgebouwd uit 22 verschillende bemalingsgebieden. In totaal is er 71 km vrijvervalriolering bij de gemeente in beheer: 33 km gemengd, 37 km gescheiden rioolstelsel en 1 km Infiltratie-Transportriool (drainage). Verder is er ruim 65 km drukriolering in het buitengebied aanwezig (zie figuren 6 en 8). lengte (m) gemengd HWA-riool DWA-riool IT-riool persleiding drukriool vrijverval buitengebied Figuur 6 Lengte voorkomende stelsels in gemeente Wormerland (uit beheerbestand juli 2011), revisie Pagina 30 van 60

31 Toetsing huidige situatie Figuur 7 Overzicht afvalwatersysteem Wormerland (boven: westelijk deel, onder: oostelijk deel) In figuur 8 op de volgende pagina, zijn de voorkomende typen rioolstelsels weergegeven, alsmede alle voorkomende hydraulische constructies., revisie Pagina 31 van 60

32 , revisie Pagina 32 van 60

33 De hoofdriolering is in beheer bij de gemeente. De gemeente is tevens verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de drukrioleringssystemen, inclusief de bijbehorende pompen. Uitzondering hierop vormen de drukrioolsystemen van de woonboten omdat deze pompen onderdeel vormen van de binnenriolering. Bij deze systemen beheert de gemeente de aansluitleidingen vanaf de walkant en de centrale persleidingen. De gemeente heeft 418 drukrioleringspompen (minigemalen) in beheer. De gemengde stelsels van de gemeente Wormerland hebben bij elkaar 20 overstorten op het oppervlaktewater. In totaal is er 43,9 ha verhard oppervlak op het gemengd stelsel aangesloten lengte (m) jaar van aanleg Figuur 9 Jaar van aanleg vrijvervalriolering De gemeente beschikt over een digitaal rioolbeheersysteem, waarin de gegevens van de riolering zijn vastgelegd. De revisie- en inspectiegegevens van de vrijvervalriolen zijn in 2011 in het systeem verwerkt. De gegevens zijn digitaal uitwisselbaar t.b.v. de WION. De gegevens worden door een extern bureau bijgewerkt met de laatste revisies en inspectiegegevens. Het systeem is een goed toegankelijke informatiebron. Aan de maatstaf voor de beschikbaarheid van de gegevens is voldaan Toestand van de objecten Bijbehorende doelen: inzameling en transport van stedelijk afvalwater (doelen 1 en 2). Vrijvervalriolering Het doel van inspectie is inzicht verkrijgen in de kwaliteit van de vrijvervalriolen. Alle inspectiegegevens zijn opgeslagen in het rioolbeheersysteem. In totaal is 25,1 km vrijvervalriool geïnspecteerd (peildatum: juli 2011). Dit is bijna 36% van het totale vrijvervalstelsel. Tabel F Overzicht geïnspecteerde vrijvervalriolen type stelsel totale lengte stelsel (km) geïnspecteerd per juli 2011 (km) aandeel geïnspecteerd (%) gemengd 33,3 20,6 62 DWA-riool 20,1 4,5 22 HWA-riool 17,2 - - totaal 70,6 25,1 36 stelsel stedelijk afvalwater (gemengd + DWA-riool) 53,4 25,1 47, revisie Pagina 33 van 60

34 Toetsing huidige situatie In figuur 10 is een overzicht opgenomen van te geïnspecteerde en nog te inspecteren vrijvervalriolen in de periode 2009 t/m De gemeente laat jaarlijks circa 10% van de gemeentelijke riolering reinigen en inspecteren. Inspectie vindt alleen plaats van het gemengd rioolstelsel en het droogweerafvoerriool. De strengen zijn geïnspecteerd middels tv-inspectie, waarbij met een videocamera door de riolen wordt gereden en de toestand digitaal wordt vastgelegd. De waarnemingen van de inspectie zijn geclassificeerd volgens de Europese Norm NEN 3399 (2004). Dit houdt in dat gekeken wordt naar 28 verschillende toestandsaspecten, die in hoofdgroepen waterdichtheid, stabiliteit en afstroming zijn ondergebracht. De waarnemingen worden in vijf klassen verdeeld. Met de voor de situatie in de gemeente Wormerland vastgestelde maatstaven, is op basis van de visuele inspectie vastgesteld of de aangetroffen toestand afwijkt van de vereiste toestand, en zo ja, in welke mate. In bijlage 5 zijn de streefbeelden voor de kwaliteit van de vrijvervalriolen weergegeven. Een samenvatting van de beoordeling van de toestand van de riolen naar aanleiding van de inspectieresultaten is hieronder weergegeven: Waterdichtheid De waterdichtheid van de geïnspecteerde leidingen is matig tot deels zeer slecht. In veel leidingen is infiltratie geconstateerd; een aantal leidingen vertoont instromende of inspuitende infiltratie. In de Dorpstraat gaat de lekkage gepaard met de vorming van afzetting. Middels visuele weginspectie moet worden bekeken of infiltratie ook leidt tot zandinspoeling en daarmee gepaard gaande verzakking van de weg. Op een aantal plaatsen (bv. in tuinen) ligt de riolering in het veen en leidt lekkage niet tot zandinspoeling. Stabiliteit De stabiliteit van de geïnspecteerde leidingen is redelijk tot slecht. De buizen van de meeste beoordeelde leidingen vertonen matige tot plaatselijk ernstige aantasting. Dit wordt vaak veroorzaakt door injectie van zuurstofloos afvalwater in betonnen buizen. Afstroming In een aantal leidingen moeten vastzittende en loszittende obstakels, doorgestoken inlaten en wortelingroei worden verwijderd om het functioneren van de riolering te kunnen waarborgen. De uitgevoerde inspecties zijn in detail beoordeeld. Hierbij zijn, daar waar nodig, per straat en per streng de maatregelen bepaald om de waargenomen toestandsaspecten te repareren. Tevens is het tijdspad aangegeven waarbinnen de maatregelen moeten worden uitgevoerd en zijn de kosten van de maatregelen geraamd. Op basis van de beoordelingen is een reparatieplan opgesteld en uitgevoerd (zie paragraaf ). Hierdoor wordt de technische staat van de objecten gewaarborgd. Veel van de schadebeelden kunnen worden gerepareerd zonder het riool middels opgraven te vervangen. In plaats van vervanging worden verschillende renovatietechnieken ingezet. Deze zijn in de meeste gevallen goedkoper dan vervanging en geven minder overlast voor de omwonenden. Na de aanleg van nieuwe riolering, vindt een opleveringsinspectie plaats. In de meeste gevallen worden bij oplevering geen waarschuwings- en/of ingrijpmaatstaven geconstateerd. Als deze wel worden geconstateerd, is dit aanleiding tot het herstellen hiervan. Gemalen, persleidingen en drukrioolunits Het functioneren en de onderhoudstoestand van de gemalen, de persleidingen en de drukrioolunits, wordt vastgelegd in het beheerbestand en storingslijsten. Geconstateerde gebreken worden direct verholpen of opgenomen in het programma voor vervanging. Er is geen calamiteitenplan voor gemalen en persleidingen opgesteld. In de praktijk blijken de gemalen in het algemeen goed te functioneren. De afgelopen jaren zijn veel pompen vervangen en de hoofdgemalen zijn met dubbele pompen uitgevoerd. Conclusies: aan de functionele eis dat inzicht moet bestaan in de toestand van de riolen is voldaan. Er bestaat voldoende inzicht in de toestand van het rioolstelsel. De riolering voldoet niet overal aan de gestelde kwaliteitsdoelstellingen., revisie Pagina 34 van 60

35 Figuur 10 Overzicht te reinigen en inspecteren vrijvervalriolen in periode 2010 t/m 2015, revisie Pagina 35 van 60

36 5.3 Stedelijk afvalwater Nog niet-aangesloten bestaande bebouwing Bijbehorend doel: inzameling van stedelijk afvalwater (doel 1). Binnen de bebouwde kom zijn alle percelen aangesloten op de riolering. In het buitengebied zijn 12 percelen aanwezig waarvan het huishoudelijk afvalwater ongezuiverd op het oppervlaktewater wordt geloosd (11 woonboten en 1 boerderij). De overige percelen in het buitengebied zijn aangesloten op drukriolering. Conclusie: de gemeente voldoet niet aan de maatstaf voor inzameling van afvalwater (1a) Functioneren van de voorzieningen Bijbehorend doel: zorgen voor transport van stedelijk afvalwater (doel 2). Milieutechnisch functioneren gemengd stelsel In 2012 is het basisrioleringsplan voor Wormerland opgesteld. In dit plan is het theoretisch functioneren in de huidige en toekomstige situatie (na doorvoeren van stelselwijzigingen) van het gemengd rioolstelsel beschreven. Dit geldt zowel voor het hydraulisch als ook voor het milieutechnisch functioneren van het gemengd stelsel. Uit de emissieberekeningen blijkt dat wordt voldaan aan de basisinspanning voor het gemengd stelsel. De theoretisch berekende vuilemissie is 30% lager dan die van het referentiestelsel. Hydraulisch functioneren gemengd stelsel Uit de berekeningen die zijn uitgevoerd voor het basisrioleringsplan blijkt dat het hydraulisch functioneren van het gemengd stelsel niet voldoet aan de maatstaf. Het stelsel is op een aantal locaties gevoelig voor water op straat. Deze zijn in het basisrioleringsplan beschreven. De resultaten van de berekeningen worden niet gestaafd door waarnemingen of meldingen uit de praktijk. In de praktijk is, als gevolg van hevige neerslag, geen water op straat geconstateerd of gemeld. Uit hydraulische berekeningen voor de toekomstige situatie, waarbij verhard oppervlak wordt afgekoppeld (Kokerstraat, Arisstraat, Molstraat en Vlakstraat) neemt de theoretisch berekende hoeveelheid en duur van water op straat; belangrijk af. Door uitvoering van deze afkoppelmaatregelen wordt de vuilemissie verder gereduceerd. Aansluitvergunning en afvalwaterakkoord In 2008 is een aansluitvergunning verleend aan de gemeente, voor het lozen van het afvalwater op de RWZI Beverwijk en de RWZI Beemster. In 2010 heeft het HHNK een standaardinhoud van diverse modules van het toekomstige afvalwaterakkoord uitgewerkt om afspraken tussen gemeenten en het HHNK zo goed mogelijk vorm te kunnen geven. De module 'Aansluiting op zuiveringstechnische werken' is er bij gekomen. Uiteindelijk moet deze module de aansluitvergunning vervangen. Deze standaardmodule zal dan per gemeente, overeenkomstig de gebiedspecifieke situatie, worden aangepast. Hierover worden afspraken gemaakt met het HHNK. Monitoring gemengd stelsel Het basisrioleringsplan geeft inzicht in het theoretisch functioneren van het gemengd rioolstelsel. Inzicht in het werkelijk functioneren van het gemengd stelsel wordt verkregen door het uitvoeren van metingen aan de randen van het stelsel. Sinds 2001 worden zeven overstorten in het rioolstelsel van Wormer gemonitord. Op twee locaties in Wormer wordt de neerslag geregistreerd (zie figuur 11). Hierbij worden de overstortniveaus en -frequenties gemeten. De meest recente resultaten zijn opgenomen in het rapport Monitoring rioolstelsel Wormer, meetjaar Het doel van het uitvoeren van het meetprogramma is het vaststellen van het functioneren van het gemengde rioolstelsel, met name bemalingsgebied 10 in de kern van Wormer, in relatie tot de neerslag en het onderzoeken van het effect op het oppervlaktewater. Van de zeven bemeten overstorten liggen er zes in bemalingsgebied 10; het grootste bemalingsgebied binnen de gemeente, met een afwaterend verhard oppervlak van circa 34 ha., revisie Pagina 36 van 60

37 Toetsing huidige situatie De resultaten van de metingen worden jaarlijks gerapporteerd en ter informatie aan het HHNK doorgestuurd. Uit de rapportages blijkt dat er sprake is van twee probleem -overstorten, te weten: 1241 (Roerdompstraat) en 2247 (Kokerstraat). Beide overstorten liggen aan de oostzijde van Wormer. De klachten over deze overstorten dateren uit de periode 2001 t/m In de jaren daarna zijn er geen klachten over de overstorten meer binnen gekomen. Figuur 11 Meetlocaties overstorten en regenmeters (meetplan 2001) In 2010 is een nieuw meetplan voor de riolering opgesteld, in samenwerking met het HHNK en 9 gemeenten in Laag Holland. Het meetsysteem is in 2012 operationeel. Doel van het meetplan is meer inzicht verkrijgen in het werkelijk functioneren van de riolering en de omvang van de water op straat -situaties. Het meetplan voorziet in het monitoren van 2 gemalen en 18 overstorten. Het meetplan uit 2010 voorziet in extra meetpunten en is goedkoper in uitvoering en exploitatie. Rioolgemalen en drukrioolunits Een groot aantal rioolgemalen en drukrioolunits is voorzien van telemetrie. Het streven is om in de toekomst alle gemalen en drukrioolunits van telemetrie te voorzien. In de praktijk wordt alleen dan telemetrie aangebracht als de mechanisch / elektrische delen van een gemaal of drukrioolunit worden vervangen. De telemetrie wordt alleen gebruikt voor controle op het functioneren en het oplossen van storingen van de gemalen. De gemeente stelt geen rapportages op om inzicht te krijgen in het functioneren van de gemalen. Daardoor is niet bekend of er sprake is van foutieve aansluitingen op het drukrioolstelsel in het buitengebied (verhard oppervlak aangesloten op de drukriolering). Het functioneren en de onderhoudstoestand van de gemalen en de drukrioolunits, wordt vastgelegd in rapportages. Onderhoud en inspectie van de gemalen wordt uitgevoerd door derden. Op basis van de uitgevoerde inspecties wordt een plan opgesteld voor de uitvoering van kleine reparaties en het doorvoeren van aanpassingen., revisie Pagina 37 van 60

38 Toetsing huidige situatie In het kader van het door het HHNK gevoerde beleid, zoals uiteengezet in de beleidsnotitie Overnamepunt Afvalwater (Taakovereenkomst), vindt een herverdeling plaats van taken in de afvalwaterketen tussen de gemeente en het HHNK. In het kader hiervan zijn in het verleden drie hoofdrioolgemalen van de gemeente in eigendom overgedragen aan het HHNK, te weten Oost- Knollendam, Neck en Wormer. De gegevens van de bij het HHNK in beheer zijnde hoofdrioolgemalen kunnen niet via de hoofdpost door de gemeente worden ingezien. Foutieve aansluitingen op drukriolering Niet bekend is of in het buitengebied verhard oppervlak op de drukriolering is aangesloten. Er is geen aanleiding om dit te veronderstellen. De gemeente gaat hier evenwel in de komende planperiode van het GRP (2013 t/m 2017) nader onderzoek naar doen. Conclusies: het gemengd stelsel voldoet aan de basisinspanning. Uit de theoretische berekeningen blijkt dat het gemengd stelsel, wat betreft het hydraulisch functioneren, niet overal voldoet aan de gestelde eisen. IN de praktijk is er geen sprake van wateroverlast of water op straat. Door metingen in en aan het gemengd rioolstelsel te verrichten, wordt inzicht verkregen in het werkelijk functioneren van het rioolstelsel Onderhoud van de voorzieningen Bijbehorend doel: zorgen voor transport van het stedelijk afvalwater (doel 2). Reiniging en inspectie van de voorzieningen voor het stedelijk afvalwater worden door derden uitgevoerd. Reiniging van vrijvervalriolering van het stedelijk-afvalwaterstelsel vindt plaats in combinatie met rioolinspectie en vindt gemiddeld eenmaal per 10 jaar plaats. Daarnaast wordt ook additioneel gereinigd, in geval van storingen en klachten. Het streven is de frequentie van de rioolinspectie te verhogen naar eenmaal per 5 jaar. Voorafgaand aan het reinigen en inspecteren van de vrijvervalriolen, wordt een hoogtemeting uitgevoerd, waarbij de putdekselhoogte, de binnenonderkant van de buis en de diameter van de buis worden opgemeten. Vervolgens worden de meetresultaten verwerkt in het rioolbeheerbestand. Kolken worden eenmaal per jaar gereinigd. De wegen worden gemiddeld 10x per jaar geveegd. Door het structureel reinigen van riolen, kolken en wegen, zorgt de gemeente er voor dat de afstroming naar de riolen en in de riolen wordt gewaarborgd. De hoofdgemalen en drukrioolunits worden eenmaal per jaar gereinigd en eenmaal per jaar geïnspecteerd, door derden. Hiervoor wordt jaarlijks een onderhoudscontract afgesloten. Het oplossen van storingen wordt eveneens door derden uitgevoerd. Persleidingen worden niet onderhouden. Conclusie: de afstroming van de vrijvervalriolen en de afvoer van rioolgemalen en drukrioolunits wordt gewaarborgd en waar nodig verbeterd. 5.4 Hemelwater Verwerking van hemelwater Inzameling en verwerking van hemelwater vindt plaats via het HWA-stelsel. Op een aantal locaties wordt hemelwater bovengronds afgevoerd en via de berm geloosd op oppervlaktewater Overzicht van aanwezige voorzieningen Voorwaarden voor effectief beheer: overzicht van de in beheer zijnde voorzieningen. In totaal is er 17,2 km vrijvervalriolering voor de inzameling en de verwerking van hemelwater aangelegd. HWA-stelsels zijn en worden aangelegd bij nieuwbouwprojecten. Afgekoppeld verhard oppervlak in bestaand bebouwd gebied wordt eveneens aangesloten op een HWA-riool. De gegevens van de HWA-stelsels zijn opgeslagen in het rioolbeheersysteem. Revisiegegevens van recent aangelegde of vervangen vrijvervalleidingen worden hierin verwerkt., revisie Pagina 38 van 60

39 Toetsing huidige situatie Functioneren van de voorzieningen Bijbehorend doel: zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater (doel 4). Het hydraulisch functioneren van de HWA-stelsel is theoretisch getoetst aan de maatstaven. Uit de berekeningen blijkt dat het hydraulisch functioneren van het HWA-stelsel niet voldoet aan de maatstaf. Het stelsel is op een aantal locaties gevoelig voor water op straat. Deze zijn in het basisrioleringsplan beschreven. In de praktijk wordt, als gevolg van hevige neerslag, echter geen water op straat waargenomen. Er zijn ook geen meldingen van wateroverlast bij de gemeente binnen gekomen. Het is onbekend of er sprake is van foutieve aansluitingen van vuilwater op het HWA-stelsel. Bij het afkoppelen van verhard oppervlak van het gemengd stelsel, worden alleen de wegen afgekoppeld. Hierdoor wordt het ontstaan van foutieve aansluitingen zo veel mogelijk tegengegaan. Conclusie: aan de functionele eis dat er inzicht moet zijn in het functioneren van de hemelwaterafvoerstelsels, wordt voldaan Onderhoud van de voorzieningen Bijbehorend doel: zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater (doel 4). HWA-riolen worden niet planmatig geïnspecteerd. Maatgevend is de toestand van het droogweerafvoerriool dat er naast ligt. Als deze aan vervanging toe is, wordt gelijktijdig het HWA-riool vervangen. HWA-riolen worden gemiddeld eenmaal per 10 jaar gereinigd en additioneel bij storing. Kolken worden eenmaal per jaar gereinigd. De wegen worden gemiddeld 10x per jaar geveegd. Door het structureel reinigen van riolen, kolken en wegen, zorgt de gemeente er voor dat de afstroming naar de HWA-riolen en in de riolen wordt gewaarborgd. Conclusie: de afstroming van de HWA-riolen wordt gewaarborgd en waar nodig verbeterd. 5.5 Grondwater Bijbehorend doel: zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert (doel 5). Voorwaarden voor effectief beheer: overzicht van de in beheer zijnde voorzieningen. Er wordt van grondwateroverlast gesproken als er hinder of schade in de woning, erf of tuin optreedt, als gevolg van een te hoge grondwaterstand. Binnen de gemeente Wormerland worden klachten sinds september 1996 centraal geregistreerd, beheerd en bewaard. In totaal zijn er in 13 jaar tijd circa 50 klachten met betrekking tot grondwater bij de gemeente binnengekomen. Een aantal grondwaterproblemen is inmiddels opgelost door de aanleg van Drainage-Transportriolen. De meldingen van wateroverlast zijn verspreid over de gemeente en incidenteel van aard. De meldingen komen uit alle kernen en in de meeste gevallen treedt er overlast op na hevige regenval. In het stedelijk gebied is een grondwatermeetnet aanwezig, van 22 peilbuizen, waarvan er 13 in Wormer zijn geplaatst. Bij bouwwerkzaamheden worden tijdelijk peilbuizen geplaatst om de grondwaterstand te monitoren. Op basis hiervan wordt enig inzicht verkregen in het verloop van de grondwaterstanden in het stedelijk gebied Op basis van de gemeten grondwaterstanden en het aantal meldingen en klachten, is geconcludeerd dat er in het stedelijk gebied van Wormerland geen structurele grondwateroverlast voorkomt. Er zijn geen locaties of perioden aan te wijzen waarin met regelmaat overlast optreedt. De gemeente wil zich in de komende planperiode, voor de invulling van de grondwaterzorgplicht, alleen bepreken tot hetgeen wettelijk verplicht is (zie paragraaf 4.2.3). In het stedelijk gebied van de gemeente Wormerland worden nauwelijks drainagemiddelen toegepast. In een deel van de Wollegrasstraat en de Florastraat is een Drainage-Transportriool aangelegd., revisie Pagina 39 van 60

40 Toetsing huidige situatie Figuur 11 Locaties peilbuizen meetnet gemeente Wormerland Conclusies: binnen het stedelijk gebied is er geen sprake van structurele grondwateroverlast. De gemeente heeft nauwelijks drainagemiddelen in beheer. Er is inzicht in het verloop van de grondwaterstanden in het stedelijk gebied. 5.6 Vergunningen Bijbehorend doel: zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater (doel 1). Voorwaarden voor effectief rioleringsbeheer: de gebruikers van de riolering dienen bekend te zijn en ongewenste lozingen dienen te worden voorkomen (voorwaarde 2). Het voorkómen van nadelige gevolgen, die bedrijven of instellingen kunnen veroorzaken aan de gemeentelijke riolering, is een gemeentelijke taak. In de gemeente zijn inrichtingen aanwezig waarop toezicht moet worden uitgeoefend in het kader van de Wet milieubeheer. De controlerende taak heeft de gemeente uitbesteed aan de Milieudienst Waterland. Met het van kracht worden van de Waterwet vervalt de Wvo. De Wvo-vergunning voor het overstorten op oppervlaktewater vanuit het gemengd stelsel en het lozen van hemelwater via uitlaten, is na de inwerkingtreding van de Waterwet automatisch overgegaan in de watervergunning. Vanaf dat moment zijn ook de indirecte lozingen, waarvoor het HHNK voorheen bevoegd gezag was, onder het Wm-bevoegd gezag komen te vallen. Voor de gemeente Wormerland betekent dit dat er 3 bedrijven zijn overgedragen en onder het bevoegd gezag van de gemeente vallen. Het handhaven van deze lozingen is door de gemeente gemandateerd aan de Milieudienst Waterland. Het HHNK blijft het bevoegd gezag voor de directe lozingen op oppervlaktewater. Per 1 januari 2008 is het Activiteitenbesluit in werking getreden. De regels voor lozingen vanuit inrichtingen zijn zoveel mogelijk ondergebracht in het Activiteitenbesluit. Dat wil zeggen dat een groot deel van de voorkomende lozingen met de algemene regels uit het Activiteitenbesluit wordt geregeld, uitgezonderd de IPPC-inrichtingen (grote milieuvervuilende bedrijven). De gemeente beschikt zelf over een Wvo-vergunning, voor het overstorten op oppervlaktewater vanuit het gemengd stelsel en het lozen van hemelwater via uitlaten, en een aansluitvergunning voor het lozen van afvalwater op de RWZI Beverwijk en de RWZI Beemster. Deze vergunningen zijn in 2008 door het HHNK verleend., revisie Pagina 40 van 60

41 Toetsing huidige situatie In de Wvo-vergunning is aangegeven dat uiterlijk 31 december 2010 aan de basisinspanning moet worden voldaan, overeenkomstig het rapport Actualiseren Basisrioleringsplan Wormerland (2008). De gemeente heeft hier inmiddels aan voldaan. Conclusie: er is enig inzicht in de lozingen van de bedrijven binnen de gemeente. Voor zover nodig beschikken alle bedrijven, als ook de gemeente, over de noodzakelijke vergunningen. 5.7 Klachtenafhandeling en voorlichting Voorwaarde voor effectief rioleringsbeheer: er dient een klantgerichte benadering te worden nagestreefd (voorwaarde 6). De gemeente heeft een registratiesysteem waarin meldingen en klachten op gebied van riolering en grondwater worden geregistreerd. Het aantal klachten is relatief hoog. In het klachtensysteem van de gemeente kan geen onderscheid worden gemaakt naar het soort klacht. Er is sprake van veel onterechte klachten, aangaande verstoppingen die niet door de gemeente maar door de perceeleigenaren zelf moeten worden opgelost. De gemiddelde reactietijd bedraagt één werkdag. Klachten worden gemiddeld binnen twee werkdagen opgelost Bij rioolwerkzaamheden, die overlast voor de burger kunnen veroorzaken, worden de betrokkenen vooraf geïnformeerd door middel van een mededeling op de gemeentelijke website, een huis-aan-huisbrief voor direct aanwonenden en een persbericht in de locale bladen. Bij reiniging van riolering worden de bewoners schriftelijk ingelicht over de werkzaamheden. Conclusie: voor klachtenafhandeling en voorlichting wordt voldaan aan de maatstaf. 5.8 Bestrijding diffuse bronnen Bijbehorende doelen: zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater (doel 4). Diffuse verontreiniging uit het stedelijk gebied kan een belemmering vormen om de gewenste oppervlaktewaterkwaliteit te halen. Belangrijke bronnen zijn het gebruik van chemische onkruidbestrijdingsmiddelen in openbaar groen en op verhardingen en het gebruik van uitlogende bouwmaterialen in de bouw en het straatmeubilair. De gemeente tracht de verontreiniging door diffuse bronnen zo veel mogelijk te beperken door: De aanpak van zwerfafval en het regelmatig vegen van straten. Duurzaam bouwen. De gemeente mag geen aanvullende bouwtechnische eisen stellen ten opzichte van het Bouwbesluit. Alles wat verder gaat dan het Bouwbesluit berust op vrijwilligheid. Er zijn echter wel mogelijkheden om de duurzaam bouwen doelstellingen door middel van afspraken met de ontwikkelaars niet vrijblijvend te laten zijn. De gemeente wil daarom bij bouwprojecten alleen werken met architecten en projectontwikkelaars die op een milieuvriendelijke wijze willen bouwen. Toepassing van uitlogende materialen die de bodem en/of het oppervlaktewater kunnen verontreinigen, wordt hiermee zo veel mogelijk voorkomen. Aansturen op naleven opruimplicht hondenpoep. Voorkomen van foutieve aansluitingen door toepassing van verschillende kleuren van de buizen, controle van de bouwaanvragen en intensiever toezicht bij de aanleg van riolering. Conclusie: aan de functionele eis dat de vuiluitworp door regenwaterlozingen op oppervlaktewater beperkt dient te zijn, wordt invulling gegeven door verontreiniging door diffuse bronnen zo veel mogelijk te beperken., revisie Pagina 41 van 60

42 Toetsing huidige situatie, revisie Pagina 42 van 60

43 6 De opgave 6.1 Inleiding De opgave geeft de hoofdlijnen weer van een aanpak die leidt tot het bereiken van de gestelde doelen. Het is een combinatie van onderzoek (inspectie, studie) en maatregelen (onderhoud, verbetering en vervanging), geplaatst in de tijd. In de volgende paragrafen komt achtereenvolgens aan de orde: aanleg van riolering bij bestaande bebouwing buiten de bebouwde kom en bij nieuwbouw (paragraaf 6.2); het beheer van de bestaande voorzieningen bestaande uit onderzoek en maatregelen (paragraaf 6.3). Alle in dit hoofdstuk genoemde geldbedragen zijn op prijspeil 2012, inclusief bijkomende kosten en exclusief btw. 6.2 Aandachtspunten Uit de toetsing van de huidige situatie (hoofdstuk 5) aan de gewenste situatie (hoofdstuk 4) komt een aantal aandachtspunten naar voren. De belangrijkste speerpunten voor de planperiode 2013 t/m 2017 zijn: 1. Samenwerking in afvalwaterketen Samenwerking in de afvalwaterketen staat volop in de belangstelling. Volgens het Bestuursakkoord Water moeten gemeenten en waterschappen invulling geven aan de regionale samenwerking. De komende jaren zal er ook binnen OVER-gemeenten bezuinigd worden op de uitgaven voor het rioleringsbeheer. Ook de personele bezetting is naar verwachting ontoereikend voor een adequate uitvoering van de zorgplichten. De bezuinigingen en de mogelijke onderbezetting maken de noodzaak voor samenwerking alleen maar groter. In 2012 zal de samenwerking tussen de beoogde samenwerkingspartners vorm moeten worden gegeven. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) De verwachting, op basis van landelijke en regionale cijfers, is dat de personele capaciteit in de komende jaren onvoldoende is voor de uitvoering van de rioleringszorg in Wormerland. Dit heeft consequenties voor het beheer en de planvorming: de vragen die op de gemeente afkomen worden steeds breder (uitbreiding takenpakket); vragen of problemen zijn vaak te specialistisch van aard om kennis effectief binnen de gemeente op te bouwen; in het kader van de bezuinigingsopgave zal meer tijd en energie aan voorbereiding en begeleiding van projecten moeten worden besteed. Om knelpunten in het beheer te voorkomen, is samenwerking met derden noodzakelijk. 2. Afkoppelen verhard oppervlak De gemeente Wormerland voldoet aan de basisinspanning voor de gemengde stelsels. De gemeente heeft er voor gekozen de huidige werkwijze voor het afkoppelen van verhard oppervlak door te zetten: bij vervanging van het gemengd stelsel, wordt het verhard oppervlak van de rijbaan aangesloten op een aan te leggen HWA-riool. De doelmatigheid van het afkoppelen van het verhard oppervlak wordt per project onderzocht., revisie Pagina 43 van 60

44 De opgave 3. Sanering ongezuiverde lozingen buitengebied Er zijn 12 percelen in het buitengebied die het huishoudelijk afvalwater ongezuiverd lozen op het oppervlaktewater (11 woonboten en 1 boerderij). De gemeente wil deze in de planperiode 2013 t/m 2017 aansluiten op de riolering. 4. Invulling zorgplicht hemel- en grondwater Voor de invulling van de zorgplicht voor het hemel- en grondwater verandert er in praktische zin niet veel. De huidige praktijk wordt voortgezet. 5. Gericht uitvoeren inspecties en reiniging De inspectie wordt in de komende planperiode voortgezet voor met name de oudere riolen (ouder dan 30 jaar) om een beeld te krijgen in de mate van degeneratie van het stelsel. De inspectiefrequentie, voor vooral de oude riolen, wordt verhoogd van eenmaal per 10 jaar naar eenmaal per 5 jaar. 6. Meten en monitoren In 2012 is het nieuwe meetsysteem voor de riolering operationeel. 7. Functioneren rioolstelsel en effect op bovengrondse infrastructuur tijdens extreme neerslag Het basisrioleringsplan van de gemeente Wormerland is in 2012 opgesteld. Er is voldoende inzicht in het functioneren van de rioolstelsels. De afgelopen jaren is er meer aandacht voor het functioneren van het rioolstelsel en het effect op de bovengrondse infrastructuur tijdens extreme neerslagomstandigheden. Inzicht in mogelijke wateroverlast bij extreme neerslagomstandigheden is nog niet aanwezig. Hiernaar moet de komende jaren nader onderzoek worden uitgevoerd. 6.3 Aanleg voorzieningen voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater Bijbehorende doelen: alle doelen (1 t/m 5) Aanleg bij bestaande bebouwing Vrijwel alle percelen in het buitengebied van de gemeente Wormerland zijn aangesloten op de riolering. Er zijn geen percelen waarvoor ontheffing van de zorgplicht is verleend en er zijn geen IBA s in het buitengebied geplaatst. Er zijn 12 percelen in het buitengebied die het huishoudelijk afvalwater ongezuiverd lozen op het oppervlaktewater (11 woonboten en 1 boerderij). In de planperiode 2013 t/m 2017 wordt onderzocht op welke wijze de ongezuiverde lozingen op een doelmatige wijze kunnen worden gesaneerd. In beginsel worden alle percelen aangesloten op de riolering. Als dit niet doelmatig is, biedt de gemeente een IBA-klasse II aan, als gelijkwaardig alternatief. Bij de beoordeling van de doelmatigheid van de aanleg van riolering, wordt een omslagbedrag gehanteerd van ,-. In dit GRP is een bedrag gereserveerd van ,- voor de aanleg van riolering Aanleg bij nieuwbouw In de komende jaren worden er in de gemeente Wormerland circa 500 woningen gebouwd. De geplande toekomstige ontwikkelingen zijn weergegeven in tabel G. Tabel G Prognose ruimtelijke uitbreidingen gemeente Wormerland nr. plangebied netto toename aantal woningen in periode 1 Poort van Wormer t/m WSV t/m Dorpscentrum t/m 2017 totaal 498 De voorgenomen ruimtelijke ontwikkelingen zijn voorgelegd aan het HHNK. Hiermee kan rekening worden gehouden bij de prognose van de hoeveelheid afvalwater dat aan de RWZI s Beverwijk en Beemster wordt aangeboden., revisie Pagina 44 van 60

45 De opgave Voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater wordt bij in- en uitbreidingen altijd riolering aangelegd. Bij de aanleg van riolering bij nieuwbouw wordt bewust nagegaan hoe er met hemelwater wordt omgegaan. In uitbreidingsgebieden voor woningbouw worden gescheiden of verbeterd gescheiden rioolstelsels aangelegd. Daarbij wordt sterk gelet op het voorkomen van risico s van vervuiling van het afstromende hemelwater. Randvoorwaarde voor de lozing van hemelwater is dat het geloosde hemelwater kwantitatief door het ontvangend oppervlaktewatersysteem kan worden verwerkt en lozing van hemelwater niet leidt tot knelpunten in de waterkwaliteit. Uitgangspunt is dat afstromend hemelwater schoon genoeg is om zonder zuivering in het milieu te worden teruggebracht. Als er geen knelpunten in het ontvangend oppervlaktewater of in de bodem worden verwacht, kan het hemelwater worden geloosd zonder toepassing van een zuiverende voorziening. Als later blijkt dat er toch knelpunten optreden, wordt in overleg met het HHNK gezocht naar een oplossing. De effecten van een bepaalde ingreep worden in overleg met het HHNK kwalitatief ingeschat en op projectniveau besproken. Bij de voorbereiding van rioleringsplannen voor nieuwbouwgebieden wordt het HHNK betrokken en wordt de watertoets doorlopen. Percelen in inbreidingsgebieden worden, vooral bij geringe omvang, aangesloten op het bestaande stelsel. De kosten voor het ontwerp, het besteksgereedmaken en de aanleg van de riolering voor nieuwbouw worden niet verrekend via de rioolheffing maar via de grondexploitatie. De lengte te beheren riolering zal toenemen. De gegevens van nieuw aan te leggen riolering worden in het rioleringsbeheersysteem opgenomen Aanleg grondwatervoorzieningen bij bestaande bebouwing en nieuwbouw Bestaande bebouwing In het stedelijk gebied wordt op een aantal locaties grondwateroverlast ervaren. Het nemen van maatregelen voor het opheffen van de grondwateroverlast wordt zo veel mogelijk gecombineerd met de vervanging van de vrijvervalriolering. Grondwateroverlast door te hoge grondwaterstanden wordt tegengegaan door het aanleggen van horizontale drainage. Op particulier terrein is de eigenaar zelf verantwoordelijk voor de aanleg van drainage of andere grondwaterverlagende maatregelen. De gekozen methode kan invloed hebben op de grondwaterstand van aangrenzende percelen. Daarom is overleg met de gemeente nodig. Hierbij kan de gemeente adviseren en beoordelen of de gekozen methode gewenst is en hoe de perceeleigenaar het overtollige grondwater het beste kan afvoeren. Voor de aanleg van drainage bij bestaande bebouwing is in het GRP geen bedrag gereserveerd. Nieuwbouw Bij nieuwbouw wordt cunetdrainage aangelegd. Deze wordt echter niet onderhouden. De gemeente hanteert bij de ontwikkeling van nieuwe stedelijke gebieden een ontwateringsdiepte van 0,70 m beneden het straatpeil. Daarnaast wordt bekeken of aanvullende drainage in de openbare ruimte nodig is om te voldoen aan de criteria voor ontwatering. De aangelegde drainage wordt vastgelegd op revisietekeningen. Laaggelegen, te ontwikkelen woningbouwgebieden worden opgehoogd, opdat een goede ontwatering kan worden gegarandeerd en, indien doelmatig, wordt er drainage aangelegd. De kosten voor de aanleg van de drainage worden verrekend via de grondexploitatie. Het beheer en onderhoud worden verrekend via de rioolheffing. De gegevens van de aangelegde drainage worden in het beheersysteem opgenomen., revisie Pagina 45 van 60

46 De opgave 6.4 Beheer van de bestaande voorzieningen In het beheer van de bestaande voorzieningen wordt onderscheid gemaakt in het uitvoeren van onderzoek en het uitvoeren van maatregelen (zowel object- als systeemgericht) Onderzoek Beheer vraagt een actieve rol van de beheerder. Om te bepalen welke activiteiten waar moeten worden uitgevoerd, moet informatie worden verzameld over het functioneren van de riolering en de toestand van de objecten (onderzoek). Dit GRP is gebaseerd op gedetailleerde informatie, opgenomen in het rioolbeheersysteem. Op enkele onderdelen is echter nader onderzoek noodzakelijk. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in jaarlijks en incidenteel onderzoek. In deze paragraaf zijn de in dit GRP opgenomen onderzoeken nader toegelicht Algemeen 1. Bijhouden rioolbeheerbestand (voor riolering en grondwater) De gegevens van riolering en drainage worden continu geactualiseerd, zodat actuele systeem- en objectinformatie beschikbaar is. Gegevens zijn voor het beheer van groot belang, evenals de directe toegankelijkheid ervan. De reguliere, terugkerende werkzaamheden zijn: het periodiek bijwerken van de revisiegegevens (vervanging van riolering en drainage); toevoegen van nieuw aangelegde riolering en drainage (nieuwbouw); invoeren van inspectie- en reinigingsgegevens. De in het beheersysteem opgenomen gegevens zijn digitaal uitwisselbaar in verband met de verplichte aanlevering van de leidinggegevens, in het kader van de WION. Bovengenoemde werkzaamheden worden in eigen beheer uitgevoerd. In de exploitatieuitgaven zijn kosten opgenomen voor het actueel houden van het beheerbestand. 2. Opstellen operationeel jaarplan Aan het doelmatig organiseren van de zorgplicht voor de riolering wordt invulling gegeven door, na vaststelling van dit GRP, jaarlijks een operationeel programma op te stellen. Hierin wordt het in het GRP omschreven beleid vertaald in een operationeel rioleringsprogramma, waarin aanleg, onderzoek en maatregelen voor het komende jaar worden opgenomen. Het rioleringsbeheer wordt daarbij zo goed mogelijk afgestemd op andere gemeentelijke taken. Belangrijk aandachtspunt hierin is de beoordeling van inspectieresultaten van de vrijvervalriolering en de vertaling daarvan in een renovatie- en vervangingsplanning. Het opstellen van een operationeel jaarplan wordt in eigen beheer uitgevoerd. 3. Opstellen calamiteitenplan riolering In de planperiode wordt een calamiteitenplan opgesteld. In dit plan worden de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van gemeente, het HHNK en derden, bij calamiteiten met de riolering vastgelegd. Het calamiteitenplan wordt opgesteld door derden. De kosten voor het opstellen van het calamiteitenplan zijn geraamd op 7.500,-. 4. Opstellen afvalwaterakkoord In samenwerking met het HHNK wordt een afvalwaterakkoord opgesteld. Dit akkoord is de leidraad voor de verdere samenwerking en werkt door in beleidsontwikkeling, vergunningverlening en beheer. In dit akkoord staan onder meer afspraken over het afkoppelen van verhard oppervlak en het beheer en onderhoud van riolen, gemalen en persleidingen. 5. Onderhoud meetnet riolering In samenwerking met het HHNK en de 9 gemeenten in Laag Holland is in 2010 een meetplan riolering opgesteld voor het monitoren van het gemengd stelsel. In 2012 is het meetsysteem operationeel. Voor de dekking van de jaarlijkse kosten voor het beheer en onderhoud van het meetnet is een bedrag van ,- per jaar gereserveerd. Daarnaast is voor evaluatie en analyse van meetgegevens een bedrag van 5.000,- per jaar gereserveerd., revisie Pagina 46 van 60

47 De opgave 6. Opstellen verbreed GRP In 2017 wordt een nieuw GRP opgesteld. Hierin wordt aangegeven hoe de gemeente invulling geeft aan de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. Tevens wordt in 2017 een nieuw basisrioleringsplan opgesteld. De kosten voor het opstellen van het verbreed GRP en het BRP zijn geraamd op ,-. 7. Onderzoekskosten Kaderrichtlijn Water In het beheergebied van het HHNK hebben de gemeenten ingestemd met het maatregelenpakket voor de Kaderrichtlijn Water (KRW) voor het oppervlaktewater, zoals vastgelegd in de nota Samen werken aan Schoon Water (2008). Hierin is afgesproken dat gemeenten meebetalen aan het onderzoeksprogramma; met een bijdrage van 5.500,- per jaar, tot Gemeenteambassadeur Water Voor de inzet van de gemeenteambassadeur Water wordt jaarlijks 2.000,- bijgedragen Stedelijk afvalwater 9. Inspectie vrijvervalriolen Vrijwel alle strengen van het gemengd stelsel en de droogweerafvoerriolen ouder dan 30 jaar, zijn in de afgelopen 5 jaar geïnspecteerd. De inspectie wordt in de komende planperiode voortgezet, voor met name de oudere riolen (ouder dan 30 jaar), om een beeld te krijgen in de mate van de degeneratie van het stelsel. Om beter beeld te krijgen van de degeneratie van de oude riolen, wordt de inspectiefrequentie, voor vooral de oude riolen, verhoogd van eenmaal per 10 jaar naar eenmaal per 5 jaar. In de planperiode wordt een aangepast inspectieplan opgesteld. Daarnaast worden inspecties uitgevoerd bij de voorbereiding van renovatieprojecten, calamiteiten en oplevering van aangelegde riolering. Voorafgaand aan de inspectie wordt het riool gereinigd. Na het inspecteren van de riolering worden de resultaten beoordeeld om eventuele maatregelen te kunnen vaststellen. Tijdens de inspectie van de vrijvervalriolen worden de b.o.b.-maten en putdekselhoogten ingemeten. De gegevens worden in het rioolbeheerbestand verwerkt. Op deze manier wordt inzicht verkregen in de mate van verzakking van het rioolstelsel. Voor het inspecteren van de vrijvervalriolen is een jaarlijks bedrag gereserveerd in de exploitatie-uitgaven. 10. Beoordeling inspectiegegevens Alle inspectiegegevens worden opgeslagen in het rioolbeheersysteem. De uitgevoerde inspecties worden in detail beoordeeld, waarbij de maatregelen worden vastgesteld om de waargenomen toestandsaspecten te repareren, een planning wordt opgesteld en de kosten van de maatregelen worden geraamd. Op basis van de beoordelingen wordt een reparatieplan opgesteld en uitgevoerd. Hierdoor wordt de technische staat van de objecten gewaarborgd Hemelwater 11. Inspectie vrijvervalriolen HWA-riolen worden niet planmatig geïnspecteerd. Alleen die strengen worden geïnspecteerd die uit oogpunt van operationeel beheer of op basis van klachten nader moeten worden onderzocht. Voorafgaand aan de inspectie wordt het riool gereinigd. Na het inspecteren van de riolering worden de resultaten beoordeeld om eventuele maatregelen te kunnen vaststellen. 12. Opsporen foutieve aansluitingen Er is nog geen aanleiding te veronderstellen dat er sprake is van foutieve aansluitingen van vuilwater op het HWA-stelsel. In de planperiode wordt evenwel onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van foutieve aansluitingen. Voor het uitvoeren van dit onderzoek is een eenmalig bedrag gereserveerd van 5.000,-., revisie Pagina 47 van 60

48 De opgave Grondwater 13. Acties zorgplicht grondwater De uit te voeren acties betreffen: a. Oplossen en voorkomen van grondwateroverlast en -onderlast. Voorkomen grondwateroverlast en -onderlast bij werken zoals bemalingen en rioolvervanging. Bij rioolvervanging nagaan of drainage moet worden meegelegd. Als gevolg van het verdwijnen van de drainerende functie van het riool, kan de grondwaterstand stijgen. b. Communicatie en omgang met klachten. Tijdige afhandeling meldingen. Binnen de gestelde termijn van een jaar dienen de meldingen te worden behandeld. Hiertoe wordt, indien nodig, een huisbezoek verricht en een advies gegeven over de aanpak. Verbeteren van inhoudelijke afhandeling meldingen. Bij meldingen of klachten van wateroverlast wordt volgens de opgestelde richtlijnen per situatie bekeken of het om structurele grondwateroverlast gaat Samenvatting uit te voeren onderzoeken In tabel H zijn alle onderzoeksactiviteiten voor de planperiode 2013 t/m 2017 samengevat (zie tabel 6.1 Onderzoeksuitgaven in bijlage 10). Voor zover de kosten voor deze onderzoeken niet zijn opgenomen in de exploitatie-uitgaven, zijn deze vermeld in tabel H. Tabel H Samenvatting uit te voeren onderzoeken (periode 2013 t/m 2017) nr onderzoek uitgaven ( ) totaal 2013 t/m bijhouden rioolbeheersysteem opstellen operationeel jaarplan opstellen calamiteitenplan riolering opstellen afvalwaterakkoord meetnet riolering a onderhoud meetnet b analyse meetgegevens opstellen verbreed GRP en BRP onderzoekskosten KRW gemeenteambassadeur Water inspectie vrijvervalriolen beoordeling inspectiegegevens onderzoek foutieve aansluitingen TOTAAL Betreft bedragen die niet in de exploitatie-uitgaven zijn opgenomen., revisie Pagina 48 van 60

49 De opgave Maatregelen Onder maatregelen wordt verstaan: onderhoud, reparatie, renovatie, vervanging en verbetering. In bijlage 1 zijn de verschillende begrippen nader verklaard. De volgende maatregelen worden uitgevoerd Algemeen 1. Reparatie, renovatie en vervanging vrijvervalriolen Door reparatie, renovatie en vervanging wordt de technische staat van de objecten in de vrijvervalstelsels gewaarborgd. Om te voldoen aan de maatstaven (waarborgen stabiliteit, waterdichtheid en afstroming), is het nodig de riolering op tijd te repareren, te renoveren of te vervangen. In het rapport Rioolbeoordeling 2010 is een planning opgesteld van de uit te voeren reparaties, te relinen vrijvervalriolen en de te vervangen vrijvervalriolen. Deze planning is opgesteld op basis van inspecties van de vrijvervalriolen en de beoordeling van de inspectiegegevens. Naast een planning van de uit te voeren werkzaamheden is tevens een raming gemaakt van de reparatie- en vervangingskosten voor de vrijvervalriolering. Hierbij is rekening gehouden met de kosten voor het opbreken en aanbrengen van de wegverharding ter plaatse van de sleuf, met verkeersmaatregelen, het toegankelijk houden van de bebouwing en kolk- en huisaansluitleidingen (tot de erfgrens). De geraamde kosten voor reparatie, het relinen en het vervangen van de vrijvervalriolen zijn als volgt geraamd: uitvoeren relining (2013) : ,-; vervanging vrijvervalriolen (2014 t/m 2020) : ,-. Dit komt neer op een investering van circa ,- per jaar. De genoemde bedragen zijn gespecificeerd in bijlage 7 en zijn exclusief btw. In figuur 12 is de planning van de vervanging van de vrijvervalriolering weergegeven (bron: Rioolbeoordeling 2010 ) vervangingsinvestering (in, excl. btw) Sternstraat Gele Lisstraat Gruttostraat Knollendammerstraat Figuur 12 Geplande vervanging vrijvervalriolen in de jaren 2014 t/m 2020 Aanlegstraat Arisstraat Beschuittorenstraat Faunastraat Haanstraat Herderstraat Hollandiastraat Kameelstraat Kokerstraat Kuyperstraat Molstraat Oranjestraat, Prins van Snijderstraat Spatterstraat Spijtstraat Torenplein Wandelaarstraat Zwarte Leeuwstraat Zonnedauwstraat, revisie Pagina 49 van 60

50 De opgave Voor vervanging en reparatie van de vrijvervalriolering ná 2020 is uitgegaan van een gelijkmatige verdeling van de benodigde investering voor vervanging en reparatie. De gemiddelde investering hiervoor bedraagt 488,- per m riool. Uitgaande van een levensduur van de vrijvervalriolen van 60 jaar, moet gemiddeld, op jaarbasis, circa ,- worden geïnvesteerd. De planning voor de planperiode wordt afgestemd op andere activiteiten in de openbare ruimte. De werkelijke uitvoeringsplanning zal in de toekomst dan ook op basis van nieuwe ontwikkelingen, nadere afstemmingen en de resultaten van inspecties, kunnen wijzigen. De levensduur van de vrijvervalriolen kan sterk uiteenlopen. Het tijdstip waarop de vrijvervalriolen moeten worden gerenoveerd of vervangen, wordt niet alleen door de technische levensduur bepaald. Vervanging van andere infrastructuur (wegen, leidingen) of verbeteringsmaatregelen kunnen soms aanleiding zijn het riool voortijdig te vervangen. Bij het vertalen van de strategische planning naar operationele jaarprogramma s, worden ook de onderhoudstoestand van de boven- en ondergrondse infrastructuur, evenals de overige noodzakelijke ingrepen, meegenomen. De werkzaamheden aan boven- en ondergrondse infrastructuur worden op elkaar afgestemd. Vervangingswerkzaamheden worden zo veel mogelijk geïntegreerd, zo mogelijk in een wijkgerichte aanpak Stedelijk afvalwater 2. Verbeteringsmaatregelen vrijvervalstelsel Er is nog één verbeteringsmaatregel uit het GRP 2008 t/m 2012, die nog moet worden uitgevoerd (zie tabel J). Tabel J Door te voeren verbeteringsmaatregelen maatregel aanleg transportriool Zandweg / Knollendammerstraat investering GRP 2008 t/m 2012 ( ) (prijspeil 2008) investering ( ) (prijspeil 2012) uitvoering Voor omrekening investering naar prijspeil 2012, is gerekend met 3,0% inflatie per jaar 3. Onderhoud vrijvervalriolering, gemalen en drukrioolunits Reiniging van vrijvervalriolering vindt plaats in combinatie met rioolinspectie. Daarnaast wordt ook additioneel gereinigd bij calamiteiten. De hoofdgemalen en drukrioolunits worden jaarlijks gereinigd en geïnspecteerd. Het oplossen van storingen wordt door derden uitgevoerd. In de exploitatie-uitgaven zijn de kosten opgenomen voor het onderhoud van vrijvervalriolering, gemalen en drukrioolunits. 4. Reparatie, renovatie en vervanging gemalen, persleidingen en drukrioolunits Jaarlijks worden door derden inspecties uitgevoerd naar de toestand van de mechanisch / elektrische installatie van de rioolgemalen. Gebreken worden direct verholpen en benodigde aanpassingen uitgevoerd. Voor de vervanging van rioolgemalen, drukrioolunits en persleidingen, in dit GRP, uitgegaan van standaard afschrijvingstermijnen, gebaseerd op ervaringscijfers van de gemeente en landelijke trends. Voor de mechanische en elektrische componenten van een rioolgemaal en drukrioolunit is gemiddeld 15 jaar aangehouden; voor het bouwkundige deel 45 jaar. Een persleiding wordt gemiddeld na 45 jaar vervangen. In de planperiode is, op basis van de standaardlevensduren, vervanging voorzien van: de mechanisch / elektrische onderdelen van 15 hoofdrioolgemalen; 224 pompen van de minigemalen (zie bijlage 10, tabellen 5.1 en 5.3). Een groot aantal rioolgemalen en drukrioolunits is voorzien van telemetrie. Het streven is om in de toekomst alle gemalen en drukrioolunits van telemetrie te voorzien. Telemetrie wordt aangebracht als de mechanisch / elektrische delen van een gemaal of drukrioolunit worden vervangen., revisie Pagina 50 van 60

51 De opgave Voor de vervanging van gemalen en drukrioolunits is in de planperiode van het GRP een bedrag gereserveerd van 1,2 miljoen. Hierbij is tevens rekening gehouden met de kosten voor het aanbrengen van telemetrie van de gemalen en drukrioolunits Grondwater 5. Aanleg en beheer van drainage Aanleg van drainage vindt plaats in combinatie met rioolvervangingswerkzaamheden of herinrichting van de openbare ruimte. Als gevolg van het verdwijnen van de drainerende functie van het te vervangen riool, kan de grondwaterstand stijgen. Bij rioolvervanging moet daarom worden nagegaan of drainage moet worden meegelegd. Daarnaast moet bij gebieden met grondwateroverlast worden onderzocht of het leggen van horizontale drainage een afdoende maatregel is voor het oplossen van de grondwateroverlast. In het GRP is een bedrag gereserveerd voor de aanleg van drainage van ,- per jaar. De drains moeten op gezette tijden worden onderhouden, c.q. doorgespoten. De onderhoudsfrequentie is onder meer afhankelijk van de hoeveelheid ijzer in het grondwater. Omdat de gemeente thans nauwelijks drainage in beheer heeft, is in dit GRP nog geen bedrag gereserveerd voor het onderhoud van de drainage Samenvatting uit te voeren maatregelen In tabel K zijn alle uit te voeren maatregelen voor de planperiode 2013 t/m 2017 samengevat. Tabel K Samenvatting uit te voeren maatregelen (periode 2013 t/m 2017) nr maatregel investering ( ) totaal 2013 t/m aanleg riolering in buitengebied reparatie, renovatie en vervanging vrijvervalriolen a relining vrijvervalriolen b vervanging vrijvervalriolen verbeteringsmaatregelen vrijvervalstelsel (transportriool Zandweg / Knollendammerstraat) 4 onderhoud vrijvervalriolen, gemalen en drukrioolunits 5 reparatie, renovatie en vervanging gemalen en drukrioolunits a vervangen mechanisch / elektrische onderdelen van 15 gemalen b vervangen pompen minigemalen aanleg drainage TOTAAL Betreft bedragen die niet in de exploitatie-uitgaven zijn opgenomen., revisie Pagina 51 van 60

52 De opgave, revisie Pagina 52 van 60

53 7 Organisatie en financiën 7.1 Inleiding In dit hoofdstuk zijn de personele en financiële middelen gekwantificeerd. Deze middelen zijn nodig om de in dit plan gestelde doelen, met de in hoofdstuk 6 beschreven strategie, te kunnen realiseren. Alle in dit hoofdstuk genoemde geldbedragen zijn op prijspeil 1 januari 2012, inclusief bijkomende kosten en exclusief btw. 7.2 Personele middelen In deze paragraaf is aandacht besteed aan de werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden om de gestelde doelen voor de rioleringszorg te kunnen halen. Aan de hand van vijf deeltaken is de benodigde formatie globaal bepaald. Uitgangspunt daarbij is de module Personele aspecten van gemeentelijke watertaken van de Leidraad Riolering. Deze deeltaken zijn: planvorming, onderzoek, onderhoud, maatregelen en facilitair. Voor het bepalen van de benodigde formatie voor de uitvoering van deze taken, wordt verwezen naar bijlage 9. Hieruit blijkt dat voor de uitvoering van de in het GRP beschreven strategie 1,62 fte nodig is. Voor de rioleringszorg in de gemeente is momenteel 0,6 fte beschikbaar. Uit de raming van de benodigde formatie blijkt dat met de huidige personele bezetting gedeeltelijk kan worden volstaan. Het tekort aan capaciteit wordt zo veel mogelijk gecompenseerd door uitbesteding en verdergaande samenwerking in de afvalwaterketen, met omliggende gemeenten en het HHNK. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? 7.3 Financiële middelen Op korte termijn (planperiode 2013 t/m 2017) enerzijds en op de lange termijn (beschouwde periode van 60 jaar) anderzijds, worden activiteiten uitgevoerd in het kader van aanleg en beheer van riolering en grondwatervoorzieningen. Deze activiteiten worden volgens de beschreven aanpak uitgevoerd om de gestelde doelen te kunnen halen. In deze paragraaf zijn de benodigde financiële middelen samengevat en is aangegeven hoe in de dekking van de kosten kan worden voorzien. De uitgangspunten die zijn gehanteerd bij het opstellen van het kostendekkingsplan zijn weergegeven in bijlage 8. De bijbehorende financiële gegevens zijn weergegeven in de tabellen in bijlage 10. Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) Totale uitgaven Het totaal van de uitgaven dat met de aanleg (exclusief nieuwbouw) en het beheer van de riolering over een periode van 60 jaar is gemoeid, is samengevat in de figuren 13 en 14 en in tabel L. De periode van 60 jaar is gehanteerd omdat dan alle te verwachten uitgaven in beeld zijn gebracht. Het door de rioolheffing te dekken bedrag, over een periode van 60 jaar, is 116 miljoen. Dit is gemiddeld 1,9 miljoen per jaar., revisie Pagina 53 van 60

54 Organisatie en financiën Tabel L Overzicht totale uitgaven (* 1.000,-) Totaaloverzicht uitgaven, exclusief BTW, Totaal investeringen annuitair afgeschreven Planperiode Jaarlijkse uitgaven Investeringen kosten van Kapitaal TOTAAL excl. BTW Onderzoek Exploitatie Vervanging / Grondwater investeringen lasten verbetering maatregelen verleden jaar Overige milieumaatregelen EURO totaal planperiode Totaal uitgaven en investeringen ( * 1.000,-) renovatie / vervanging vrijvervalriolen aanleg grondwatermaatregelen exploitatie vervanging gemalen onderzoek Figuur 13 Jaarlijkse investeringen en uitgaven (prijspeil januari 2012) kosten ( * 1.000,-) onderzoek exploitatie kapitaallasten nieuwe investeringen kapitaallasten oude investeringen Figuur 14 Jaarlijkse kosten (prijspeil januari 2012), revisie Pagina 54 van 60

55 Organisatie en financiën Huidige inkomsten De huidige inkomsten zijn als volgt opgebouwd: a. Rioolheffing per 1 januari 2012 Tarieven voor het recht hebben om afvalwater af te voeren via het riool wordt berekend per volle eenheid van 500 m³ afvalwater: 191,15 per eenheid van 0 t/m 500 m³. Het aantal heffingseenheden bedraagt st. De jaarlijkse inkomsten uit de rioolheffing voor 2012 bedraagt ,-. b. Bestemmingsreserve riolering De geschatte stand van de reserve per 1 januari 2013, bedraagt , Kostendekking In deze paragraaf komt de kostendekking op de lange termijn aan de orde. Er is uitgegaan van de kosten voor de periode 2013 t/m 2072, zoals die in de vorige paragraaf zijn weergegeven. Voor de dekking van de kosten van aanleg en beheer van riolering komen verschillende bronnen in aanmerking. De aanleg van riolering in nieuwe bestemmingsplannen wordt bekostigd uit de exploitatieopzet van die plannen en zijn verdisconteerd in de verkoopprijs. De kosten van beheer van riolering en van aanleg van riolering en grondwatervoorzieningen bij bestaande panden worden gedekt uit de rioolheffing. In het kostendekkingsplan is uitgegaan van één heffing voor de totale kosten van de zorgplichten. Om over de gehele beschouwde periode van 2013 t/m 2072 kostendekkend te zijn, zou het benodigde, gemiddelde tarief per 1 januari 2013 moeten stijgen tot 302,30. Dit is aanzienlijk hoger dan het voor 2012 vastgestelde tarief van 191,15. Directe invoering van een op deze manier berekende rioolheffing, is maatschappelijk niet aanvaardbaar. Daarom is uitgegaan van een geleidelijke stijging van het tarief: van het huidige niveau naar een op langere termijn kostendekkend niveau. Hiervoor is een scenario doorgerekend, waarbij is uitgegaan van een stijging van het tarief van 2,0% per jaar, gedurende de planperiode. In tabel M zijn de berekende tarieven weergegeven. In figuur 15 is de ontwikkeling van het tarief op de langere termijn weergegeven. Tabel M Ontwikkeling rioolheffing bij stijging van 2,0% per jaar gedurende periode 2013 t/m 2017 jaar tarief stijging tarief ( / eenheid) ( ) (%) , ,97 3,82 2, ,87 3,90 2, ,85 3,98 2, ,91 4,06 2, ,05 4,14 2,00 Het volgende wordt opgemerkt: De berekende tarieven moeten jaarlijks met de optredende inflatie worden geïndexeerd. Per begrotingsjaar wordt bekeken met welk percentage de rioolheffing zal stijgen of dalen, boven de inflatie. Bij de vaststelling van de begroting wordt dit definitief bepaald. Dit is mede afhankelijk van de financiële en economische ontwikkelingen., revisie Pagina 55 van 60

56 Organisatie en financiën bestemmingsreserve (* 1.000,-) tarief ( per eenheid) saldo bestemmingsreserve te dekken kosten per eenheid mutatie bestemmingsreserve tarief per eenheid Figuur 15 Ontwikkeling tarief en bestemmingsreserve riolering bij stijging tarief met 2,0% gedurende de planperiode, exclusief inflatiecorrectie 7.5 Kanttekeningen bij geschetste ontwikkeling rioolheffing Voor het opstellen van het kostendekkingsplan is een zo nauwkeurig mogelijke inschatting gemaakt van alle te nemen maatregelen en de daarbij behorende investeringen. Om in het GRP alle te verwachten uitgaven in beeld te brengen en daardoor langetermijnverrassingen zo veel mogelijk uit te sluiten, is een planningshorizon van het GRP en het kostendekkingsplan aangehouden van 60 jaar. Voor een dergelijk lange periode kunnen niet alle gebeurtenissen exact worden ingeschat. Daarom wordt benadrukt dat het GRP in principe wordt vastgesteld voor de planperiode (2013 t/m 2017), maar dat dit gebeurt in het licht van de lange termijn. Naast de in dit GRP genoemde maatregelen, zijn in de nabije toekomst mogelijk extra maatregelen te verwachten, waarvan de financiële consequenties op dit moment niet kunnen worden ingeschat. De marges en onzekerheden in de financiële aspecten zijn vaak groot. Rente en inflatie kunnen in grote mate fluctueren. Het kostendekkingsplan wordt daarom gemiddeld om de vijf jaar bijgesteld. Bovengenoemde onzekerheden maken het niet mogelijk een exacte beschrijving van de kostenontwikkeling en de ontwikkeling van de rioolheffing in de komende jaren te maken. De geschetste ontwikkeling van de rioolheffing moet daarom als indicatief worden beschouwd., revisie Pagina 56 van 60

57 8 Besluitvorming Dit plan is het derde GRP van de gemeente Wormerland. De gemeente voldoet met dit plan aan de planverplichting (Wet milieubeheer artikel 4.22). Met de strategie zoals die in dit GRP is verwoord, worden de doelen voor de rioleringzorg bereikt. Hierdoor wordt in de gemeente Wormerland, op het gebied van de riolerings- en grondwaterzorg, een goed woon-, leef- en werkklimaat gehandhaafd. Burgemeester en wethouders van de gemeente Wormerland verzoeken de gemeenteraad het GRP Wormerland 2013 t/m 2017 vast te stellen door: in te stemmen met de in dit GRP geformuleerde doelen (zie paragraaf 4.4); in te stemmen met het voorgenomen onderzoek 2013 t/m 2017, welke nodig is om een doelmatige rioleringszorg te realiseren (zie paragraaf 6.4.1); in te stemmen met de voorgenomen maatregelen 2013 t/m 2017 (zie paragrafen en 6.4.2); in te stemmen met de voorgestelde wijze van kostendekking 2013 t/m 2017 (zie paragraaf 7.4). Het concept-grp is voorafgaand aan de vaststelling door de gemeenteraad, ter beoordeling toegezonden aan het HHNK en de provincie Noord-Holland. Na vaststelling wordt in één of meer dag- of weekbladen die in de gemeente worden verspreid én middels een publicatie op de gemeentelijke website, bekend gemaakt hoe burgers kennis kunnen nemen van de inhoud van dit GRP. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8), revisie Pagina 57 van 60

58 Besluitvorming, revisie Pagina 58 van 60

59 Referentielijst 1. Actualiseren basisrioleringsplan Wormerland. DHV B.V., december Basisrioleringsplan gemeente Wormerland. Grontmij, december Benchmark Rioleringszorg, Gemeenterapport 2010 Wormerland. In opdracht van Stichting Rioned, Benchmark Rioleringszorg, Individueel rapport gemeente Wormerland. In opdracht van Stichting Rioned, mei Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland 2008 t/m DHV B.V., maart Grondwaterbeleid gemeente Wormerland. Tauw, november Grondwatermeetnet gemeente Wormerland. Tauw, juli Leidraad Riolering; Stichting RIONED en ministerie van VROM, modules a. GRP: Planvorming gemeentelijke watertaken (A1050), 2007; b. Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden (A1100), 2007; c. Kostenkengetallen rioleringszorg (D1100), 2007; d. Personele aspecten van gemeentelijke watertaken (D2000), Meetplan riolering gemeente Wormerland. Witteveen+Bos, september Monitoring rioolstelsel Wormer, meetjaar Tauw, april Monitoring rioolstelsel Wormer, meetjaar Tauw, februari Rioolbeoordeling Kragten, november 2010., revisie Pagina 59 van 60

60 Referentielijst, revisie Pagina 60 van 60

61 Bijlage 1 Woordenlijst

62 Bijlage 1: Woordenlijst AFKORTINGEN AMvB AWZI BRP BBB BBV BLBI DWA GRP HWA HHNK IBA IBOR KRW NEN NPR RWA RWZI VNHG WION Wm Wvo Algemene Maatregel van Bestuur afvalwaterzuiveringsinrichting basisrioleringsplan bergbezinkbassin bergbezinkvoorziening Besluit lozen buiten inrichtingen droogweerafvoer gemeentelijk rioleringsplan hemelwaterafvoerriool Hoogheemraadschap Hollands NoorderKwartier installatie voor individuele behandeling van afvalwater Integraal Beheer Openbare Ruimte KaderRichtlijn Water Nederlandse norm Nederlandse praktijkrichtlijn regenwaterafvoerriool rioolwaterzuiveringsinrichting Vereniging NoordHollandse Gemeenten Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten Wet milieubeheer Wet verontreiniging oppervlaktewateren TERMEN EN DEFINITIES De woorden en verklaringen in deze lijst zijn (voor een groot deel) afkomstig uit: Beter Bouw- en Woonrijp Maken, GD112-7 Publicatie Ontwatering in stedelijk gebied, definitief 2 d.d. 20 april 2007; NEN 3300 Buitenriolering - Termen en definities. aangroei aansluitvergunning aantasting afkoppelen afvoerend oppervlak afwatering afzetting ander afvalwater basisinspanning verzameling van organismen die zich op de buiswand hebben vastgehecht of in slierten aan de buiswand hangen vergunning op grond van de aansluitverordening en de Wvo die wordt afgegeven door het waterschap voor de aansluiting op de rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZI) een wijziging van de structuur van de buiswand als gevolg van (bio)chemische of mechanische processen Afkoppelen is het niet langer afvoeren van hemelwater via de riolering naar de RWZI maar op omgevingsverantwoorde wijze brengen van hemelwater in bodem of oppervlaktewater. Omgevingsverantwoord wil zeggen zonder overlast of nadelige gevolgen voor bewoners, gebruikers, waterpeilbeheer, ecologie en water- en bodemmilieu het niet meer inzamelen en naar de RWZI transporteren van hemelwater. het naar de riolering afwaterende oppervlak de afvoer van water via een stelsel van open waterlopen naar een lozingspunt van het afwateringsgebied aankoeking van slib, vet en kalk op de buiswand; tevens afzetting van bodemmateriaal anders dan zand ter plaatse van een buisverbinding of scheur Datgene wat niet onder een van de volgende begrippen is te vatten: huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater, bedrijfsafvalwater of stedelijk afvalwater. Een voorbeeld van ander afvalwater is zwembadwater bij een particulier huishouden dat geloosd moet worden. Te lozen zwembadwater van een professioneel zwembad is bedrijfsafvalwater. term die de waterkwaliteitsbeheerders gebruiken voor het aanduiden van de inspanningen die elke gemeente moet uitvoeren of uitgevoerd hebben om de vuiluitworp uit de riolering tot een bepaald niveau te reduceren

63 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 1) basisrioleringsplan bedrijfsafvalwater bemalingsgebied beoordelen bergbezinkkelder berging bergingsverlies bouwtechnische maatregelen bouwrijpmaken classificatie doorlatendheid drainage drooglegging voor een Wvo- of aansluitvergunningaanvraag opgesteld document (tekening + toelichting en berekeningen) met de huidige situatie van de riolering en de uit te voeren verbeteringsmaatregelen afvalwater dat vrijkomt bij door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid, dat geen huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater of grondwater is een rioleringsgebied waaruit het afvalwater door een gemaal wordt verwijderd het toetsen van een parameter aan de bijbehorende maatstaf en het geven van een oordeel over de uitkomsten van de toetsing reservoir voor de tijdelijke opslag van afvalwater waarin tevens slibafzetting plaatsvindt met een voorziening om het slib te kunnen verwijderen en waaruit overstortingen kunnen plaatsvinden de inhoud van de riolering uitgedrukt in m 3 of mm de vermindering van berging door permanente vulling in de riolering als gevolg van verzakkingen maatregelen in de woning (in de kruipruimte of kelder, of in de woonruimte), met als doel vochtoverlast te beperken een terrein zodanig inrichten dat aanleg van infrastructuur, woningen, recreatievoorzieningen en dergelijke mogelijk wordt de indeling van toestandsaspecten in klassen het vermogen van de grond om water en/of lucht door te laten een systeem van doorlatende, geperforeerde kunststof pijpen in de bodem, waarin opvang en afvoer van overtollig grondwater plaatsvindt, waardoor de grondwaterstand beheerst kan worden afstand tussen het oppervlaktewaterpeil en het maaiveld droogweerafvoer (dwa) drukriolering DWA-rioolstelsel emissiespoor externe overstort foutieve aansluiting freatisch grondwater gemengd rioolstelsel de hoeveelheid afvalwater die per tijdseenheid in een droogweersituatie via het rioolstelsel wordt afgevoerd riolering waarbij het transport plaatsvindt via pompen en persleidingen zie vuilwaterrioolstelsel onderdeel van het tweesporenbeleid van waterkwaliteitsbeheerders gericht op het tot een bepaald niveau terugbrengen van de emissies (vuiluitworp) uit een rioolstelsel, ongeacht de werkelijke waterkwaliteit rioolput voorzien van een overstortdrempel die loost buiten het in beschouwing genomen rioolstelsel, meestal op oppervlaktewater Het aansluiten van een vuilwaterriool op een regenwaterriool of omgekeerd. Het grondwater in de bovenste bodemlaag, dat (indirect) in contact staat met de atmosfeer. De freatische grondwaterstand is een andere term voor grondwaterspiegel. stelsel waarbij afvalwater inclusief ingezamelde neerslag door één leidingstelsel wordt getransporteerd

64 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 2) gescheiden rioolstelsel geohydrologie grondwater grondwateronderlast grondwateroverlast huishoudelijk afvalwater hydraulisch hydraulische berekening hydrologisch neutraal ontwikkelen infiltratie ingrijpmaatstaf inhangend voegmateriaal inhangende rubberring inrichting inspectie kruipruimte kwel lekkage lozing maaiveld maatstaf niet-inrichting obstakels rioolstelsel, waarbij afvalwater exclusief neerslag door een leidingstelsel wordt getransporteerd en neerslag door een afzonderlijk leidingstelsel rechtstreeks naar oppervlaktewater wordt afgevoerd leer van de grondwaterstroming en de dynamiek in samenhang met de structuur en de opbouw van de ondergrond water beneden het grondoppervlak, meestal beperkt tot het water beneden de grondwaterspiegel problemen die zich voordoen als gevolg van lage grondwaterstanden, bijvoorbeeld aantasting van houten funderingen als gevolg van droogstand wateroverlast door hoge grondwaterstanden, bijvoorbeeld plasvorming op binnenterreinen of vocht in kruipruimtes afvalwater dat overwegend afkomstig is van menselijke stofwisseling en huishoudelijke werkzaamheden waarbij van de leer van de praktische toepassing van waterbeweging gebruik wordt gemaakt het door rekenen bepalen van het hydraulisch functioneren van een rioolstelsel Deze term geeft invulling aan het niet afwentelen -principe, zoals door de commissie waterbeheer 21e eeuw (WB21) is gegeven, en heeft vooral betrekking op het zo veel mogelijk (binnen de ontwikkeling) neutraliseren van de negatieve hydrologische gevolgen van toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen in ruimte en tijd. De ontwikkeling mag geen hydrologische achteruitgang aan de randen van het plangebied ten opzichte van de referentiesituatie tot gevolg hebben. intreding van water in de bodem grenstoestand waarbij ingrijpen in de actuele toestand noodzakelijk is en waarbij maatregelen moeten worden opgesteld voegmateriaal (kit, bitumineuze profielstrip) dat uit de voeg in het doorstroomprofiel is gezakt of gedrukt een niet gescheurde rubberring die zichtbaar is of een gescheurde rubberring waarvan een gedeelte in het doorstroomprofiel hangt elke door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid die binnen een zekere begrenzing pleegt te worden verricht het waarnemen, herkennen en beschrijven van de toestand ruimte onder de begane-grondvloer in gebruik voor het bereiken van leidingen voor inspectie, onderhoud of reparatie, en voor ventilatie van de vloer en eventuele houten constructiedelen onder de woning het uittreden van grondwater het in- of uittreden van water via voegen, scheuren, langs inlaten of door de buiswand Lozingen zijn te verdelen in directe en indirecte lozingen op oppervlaktewater. Lozingen op de riolering zijn per definitie indirecte lozingen. Bij directe lozingen wordt het afvalwater direct in het milieu, oppervlaktewater of bodem gebracht. Indirecte lozingen vinden plaats in een rioolstelsel waarmee het afvalwater wordt ingezameld. grondoppervlak, bovenzijde van de bodem grenswaarde (getalsmatig) op basis waarvan geconcludeerd wordt of aan een functionele eis wordt voldaan Alles wat geen inrichting is. Naast huishoudens gaat het vooral om activiteiten die vanwege het niet-begrensde of tijdelijke karakter niet als inrichting worden beschouwd (bv. gevelreiniging, evenementen, op locatie wassen van auto s). voorwerpen in het riool die geen functie in rioleringstechnische zin hebben en geen deel uitmaken van een normale afvalwaterstroom

65 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 3) onderhoud onderzoek ontwatering ontwateringsdiepte herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij de toestand van objecten ongewijzigd gehandhaafd wordt het verzamelen, ordenen, analyseren en verwerken van gegevens, zodanig dat informatie kan worden afgeleid over de toestand en het functioneren van de buitenriolering afvoer van water uit percelen over en door de grond en eventueel door drains, kleine sloten en greppels naar een stelsel van grote waterlopen met als functie afwatering afstand tussen de hoogste grondwaterstand tussen twee ontwateringsmiddelen (sloot, drain) en het maaiveld onverhard oppervlak opbolling openbaar hemelwaterstelsel openbaar ontwateringsstelsel openbaar vuilwaterriool oppervlaktewater overstorting overstortput peilbuis pompovercapaciteit (poc) randvoorziening regenwaterriool regenwaterrioolstelsel oppervlak in stedelijk gebied waar neerslagwater kan infiltreren (plantsoenen, tuinen, bermen) maximale hoogteverschil tussen de grondwaterspiegel en de waterstand in de drainagebuizen en/of watergangen voorziening voor de inzameling en verdere verwerking van afvloeiend hemelwater, niet zijnde een openbaar vuilwaterriool, in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast voorziening voor de inzameling en verdere verwerking van grondwater, niet zijnde een openbaar vuilwaterriool, in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast voorziening voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater, in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast water dat stroomt over of verblijft op het aardoppervlak de lozing van afvalwater via een overstortdrempel naar oppervlaktewater rioolput voorzien van een overstortdrempel algemene term voor een buis of soortgelijke constructie met een kleine diameter waarin een grondwaterstand c.q. stijghoogte kan worden gemeten Het deel van de pompcapaciteit dat beschikbaar is voor de regenwaterafvoer. Het andere deel van de capaciteit is beschikbaar voor de afvalwaterafvoer tijdens droog weer. vloeistofdichte voorziening als onderdeel van het rioolstelsel die als doel heeft de lozing van vuil uit het rioolstelsel op oppervlaktewater te verminderen riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van neerslag rioolstelsel alleen bestemd voor de inzameling en het transport van neerslag

66 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 4) relinen Eer renovatietechniek waarbij een met kunststof hars geïmpregneerde kous in de bestaande rioolleiding wordt geblazen of uitgerold. De buizen worden hierbij van binnenuit bekleed. Ook wel kousmethode genoemd. renovatie reparatie herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij een ingrijpende toestandswijziging wordt doorgevoerd; evenaren technische staat van nieuw aangelegd herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij een beperkte toestandswijziging wordt doorgevoerd riolering riool rioolput rioolwaterzuiveringsinrichting RWA-riool RWA-rioolstelsel scheuren stedelijk afvalwater stijghoogte streng verbeterd gescheiden rioolstelsel verbeteren verhard oppervlak vervangen visuele inspectie het samenstel van riolen, rioolputten en bijbehorende voorzieningen voor de inzameling en het transport van afvalwater samenstel van buizen tussen twee putten bestemd voor de inzameling en/of het transport van afvalwater constructie toegang gevend tot het rioolstelsel (te herkennen aan gietijzeren deksels in de weg) het totaal van de grond, gebouwen en apparatuur voor de zuivering van afvalwater zie regenwaterriool zie regenwaterrioolstelsel het geheel van scheuren, barsten en breuken huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater Hoogte boven een referentievlak tot waar het water in een peilbuis stijgt. Deze stijghoogte is afhankelijk van de druk van het grondwater ter plaatse van de opening onderin de peilbuis. rioolbuizen tussen twee inspectieputten Gescheiden rioolstelsel met voorzieningen waardoor de neerslag slechts bij wat grotere regenbuien naar oppervlaktewater wordt afgevoerd. Het meest vervuilde deel van de neerslag wordt 'geborgen' in de riolering en naar de zuivering afgevoerd. het aanpassen van het oorspronkelijke functioneren oppervlak in stedelijk gebied waar neerslagwater niet kan infiltreren, maar oppervlakkig afstroomt (huizen, straten, en dergelijke) herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij het bestaande object wordt verwijderd en een nieuw gelijkwaardig object wordt teruggeplaatst het op directe wijze dan wel op indirecte wijze via optische hulpmiddelen inspecteren van de toestand

67 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 5) vrijvervalriool vuilemissie vuiluitworp vuilwaterriool vuilwaterrioolstelsel waarschuwingsmaatstaf wadi riool waardoor afvalwater door de zwaartekracht wordt getransporteerd zie vuiluitworp Het totaal aan stoffen (niet zijnde water) geloosd uit een rioolstelsel op het oppervlaktewater via overstorten. Hierbij kan gedacht worden aan biologisch afbreekbare stoffen die bij afbraak in het water zuurstof verbruiken (BZV), aan stikstof en fosfaten en aan zware metalen. riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater, niet zijnde neerslag rioolstelsel voor de inzameling en het transport van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater, niet zijnde neerslag grenstoestand waarbij de actuele toestand discutabel is en nader onderzoek nodig is systeem voor hemelwater afvoer door drainage en infiltratie waterkwaliteitsdoelstelling doelstelling voor de kwaliteit van een oppervlaktewater nodig om dat water een bepaalde functie te kunnen laten vervullen water op straat waterketen wateroverlast wegzijging wortelingroei zandinloop zand- en vuilophoping zetting het optreden van waterstanden boven maaiveldniveau De waterstroom vanaf het drinkwaterbedrijf, via de gebruikers en het rioolstelsel naar de RWZI (drinkwatervoorziening - riolering - afvalwaterzuivering). het optreden van waterstanden boven maaiveldniveau waarbij hinder of schade wordt ondervonden neerwaartse stroming van grondwater de wortels van bomen of planten, die door voegen, scheuren of via gebouw of kolkaansluitingen het riool zijn ingegroeid het intreden van zand via buisverbindingen of scheuren opgehoopt materiaal met een losse structuur bodemdaling als gevolg van inklinking, krimp, door de bouw van kunstwerken, het ophogen van de grond of het aanbrengen van andere materialen

68 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 6)

69 Bijlage 2 Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg

70 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg In deze bijlage zijn de belangrijkste ontwikkelingen geschetst op het gebied van wet- en regelgeving en rioleringszorg. 1. Volksgezondheid en Water in de stad Riolering is belangrijk voor de volksgezondheid. Het zorgt ervoor dat vuil water en overtollig water uit de stedelijke leefomgeving wordt afgevoerd. De hoeveelheid en plaats van overstorten is daarbij belangrijk. Bij afkoppelen moet goed worden gekeken welke oppervlakken kunnen worden afgekoppeld en of die al dan niet verontreinigd zijn. Bij afkoppelen verdwijnt het water veelal uiteindelijk uit het zicht in de bodem of het verdwijnt zichtbaar in het oppervlaktewater. Hierbij moet rekening worden gehouden met volksgezondheidsaspecten. 2. Kwaliteit leefomgeving Kwaliteit van de leefomgeving en integraal beheer van de openbare ruimte hebben een sterke relatie. Ook in de openbare ruimte staat riolering niet op zichzelf. Maatregelen aan de riolering moeten worden afgestemd op andere maatregelen aan de openbare ruimte om overlast voor burgers en bedrijven te minimaliseren en een efficiënte besteding van middelen te garanderen. Ook het voorkomen van wateroverlast en het zorgen voor schoon oppervlaktewater verhogen de kwaliteit van de leefomgeving. Bij het verwerken en afvoeren van de heviger wordende neerslag, gaat de openbare ruimte een eigen rol spelen. Niet alles kan meer ondergronds worden afgevoerd. 3. Rijksvisie op de waterketen en de omgang met regenwater en grondwater De afgelopen jaren is duidelijk geworden dat het waterbeleid de nodige aandacht vraagt. Riolering speelt in het waterbeleid, zeker op lokaal niveau, een belangrijke rol. De aandacht voor hoe met de regenwatercomponent moet worden omgegaan zal de komende jaren de nodige inspanning vergen. Afkoppelen van schone oppervlakken zodat relatief schoon regenwater niet meer naar de rioolwaterzuiveringsinrichting wordt getransporteerd is een aanpak die past in deze ontwikkelingen. Het ministerie van VROM heeft in 2004 een beleidsbrief regenwater en riolering uitgebracht die aangeeft hoe de regenwaterproblematiek bij gemeenten het best kan worden aangepakt. Er worden vier pijlers van het regenwaterbeleid benoemd: 1. aanpak bij de bron: het voorkomen van verontreiniging van regenwater; 2. regenwater vasthouden en bergen; 3. regenwater gescheiden van afvalwater afvoeren; 4. integrale afweging op lokaal niveau. De gemeente is de regisseur om dit regenwaterbeleid op lokaal niveau vorm te geven. De trits vasthouden-bergen-afvoeren is daarbij leidraad (zie figuur 2.1). Maatwerk is onontbeerlijk. De watertoets is een belangrijk instrument om bij ruimtelijke plannen vroegtijdig samen te werken met de waterbeheerder die nieuwbouwplannen hierop beoordeeld. Figuur 2.1 Vasthouden-bergen-afvoeren 4. Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) De Kaderrichtlijn Water (KRW) is erop gericht de kwaliteit van watersystemen te verbeteren. Verder is het de bedoeling het duurzaam gebruik van water te bevorderen en de verontreiniging van grondwater aanzienlijk te verminderen De KRW stelt voor alle wateren een hoge ecologische en kwaliteitsdoelstelling. Vooral voor wateren met verhoogde natuurdoelstellingen zijn grote inspanningen nodig.

71 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg (Vervolg 1) Om de samenwerking tussen gemeenten onderling en gemeenten met andere overheden op het gebied van water binnen het beheergebied van het HHNK, te versterken, wordt een gemeenteambassadeur Water in het leven geroepen. De rol van de ambassadeur bestaat uit: het versterken van de samenwerking door deze te faciliteren; het opkomen voor de belangen van de gemeenten in de waterwereld; het versterken van aandacht voor water (en leefomgeving) bij de gemeenten, onder andere door agendering ervan. De samenwerking richt zich op een goede en spoedige uitvoering van het bestaande beleid (KRW, WB21 en watertoets) en het geven van een samenhangend antwoord op nieuwe vragen vanuit klimaatontwikkeling en het Deltaprogramma. 5. Waterwet Acht bestaande wetten (o.a. Wet op de Waterhuishouding, Wet verontreiniging oppervlaktewateren en de Grondwaterwet) voor het waterbeheer in Nederland zijn eind 2009 vervangen door één Waterwet. De Waterwet regelt het watersysteembeheer (oppervlaktewater en grondwater in stroomgebieden). De wet regelt verantwoordelijkheden en taken tussen de verschillende betrokken overheden. Gemeente en waterschap moeten afspraken maken over taken en bevoegdheden met betrekking tot de afvalwaterketen. Door de Waterwet zijn waterschappen, gemeenten en provincies beter in staat wateroverlast, waterschaarste en watervervuiling tegen te gaan. In de Waterwet zijn voor de gemeente twee zorgplichten opgenomen: een hemelwaterzorgplicht en een grondwaterzorgplicht. Een belangrijk uitgangspunt van de Waterwet is dat zoveel mogelijk activiteiten onder algemene regels vallen. Een van de uitvoeringsbesluiten die mede zal worden gebaseerd op de Waterwet, is het Besluit lozen buiten inrichtingen. In dit besluit zijn lozingen vanuit de openbare ruimte opgenomen. Na de inwerkingtreding van dit besluit (per 1 juli 2011) is het vergunninginstrument voor overstorten veranderd. Het Besluit lozen buiten inrichtingen voorziet in algemene regels. De verstrekte Wvo-vergunning blijft van kracht als Watervergunning, totdat het HHNK heeft ingestemd met het GRP 2013 t/m Een van de voorwaarden in het Besluit lozen buiten inrichtingen is dat de riooloverstorten als voorziening moeten zijn opgenomen in het verbreed GRP. In de bijlage van het GRP zijn daarom de ligging en het functioneren (emissiegegevens) van de overstorten van het gemengd stelsel weergegeven. Tevens zijn de coördinaten van de overstorten van het gemengd stelsel en de hemelwateruitlaatpunten op het oppervlaktewater in een tabel gepresenteerd. 6. Wet Milieubeheer De gemeente heeft de zorgplicht voor stedelijk afvalwater op basis van de Wet milieubeheer. Lozingen op de riolering worden ook op basis van de Wet milieubeheer geregeld. De gemeente is bevoegd gezag voor de lozingen op de riolering. Lozingen op de riolering zijn alleen toegestaan als daarmee de doelmatige werking van de riolering en de zuiveringstechnische werken niet nadelig wordt beïnvloed en de lozing geen nadelige gevolgen heeft voor de kwaliteit van het oppervlaktewater. Bij Wet milieubeheer-controles bij bedrijven moet ook de rioleringscomponent worden meegenomen. Een aantal relevante artikelen uit de Wet milieubeheer is hieronder weergegeven. Artikel 4.22 De gemeente is wettelijk verplicht een GRP op te stellen (Wet milieubeheer art. 4.22). In dit artikel is aangegeven dat de gemeenteraad telkens voor een nader vast te stellen periode, een GRP vaststelt. Artikel 4.22 Wet milieubeheer 1. De gemeenteraad stelt telkens voor een daarbij vast te stellen periode een gemeentelijk rioleringsplan vast. 2. Het plan bevat ten minste: a. een overzicht van de in de gemeente aanwezige voorzieningen voor het transport van stedelijk afvalwater als bedoeld in artikel 10.33, alsmede de inzameling en verdere verwerking van afvloeiend hemelwater als bedoeld in artikel 9a van de Wet op de waterhuishouding, en maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, als bedoeld in artikel 9b van laatstgenoemde wet, en een aanduiding van het tijdstip waarop die voorzieningen naar verwachting aan vervanging toe zijn; b. een overzicht van de in de door het plan bestreken periode aan te leggen of te vervangen voorzieningen als bedoeld onder a; c. een overzicht van de wijze waarop de voorzieningen, bedoeld onder a en b, worden of zullen worden beheerd;

72 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg (Vervolg 2) d. de gevolgen voor het milieu van de aanwezige voorzieningen als bedoeld onder a en van de in het plan aangekondigde activiteiten; e. een overzicht van de financiële gevolgen van de in het plan aangekondigde activiteiten. 3. Indien in de gemeente een gemeentelijk milieubeleidsplan geldt, houdt de gemeenteraad met dat plan rekening bij de vaststelling van een gemeentelijk rioleringsplan. Artikel 4.23 Dit artikel geeft aan wie de gemeente bij de voorbereiding van het plan moet betrekken. Artikel 4.23 Wet milieubeheer 1. Het gemeentelijk rioleringsplan wordt voorbereid door burgemeester en wethouders. Zij betrekken bij de voorbereiding van het plan in elk geval: a. gedeputeerde staten; b. de beheerders van de zuiveringstechnische werken waarnaar het ingezamelde afvalwater wordt getransporteerd; c. de beheerders van het oppervlaktewater waarop het ingezamelde water wordt geloosd. 2. Zodra het plan is vastgesteld, doen burgemeester en wethouders hiervan mededeling door toezending aan de in het eerste lid, onder a tot en met c genoemde organen, en Onze Minister. 3. Burgemeester en wethouders maken de vaststelling bekend in één of meer dag- of nieuwsbladen die in de gemeente verspreid worden. Hierbij geven zij aan op welke wijze kennis kan worden verkregen van de inhoud van het plan. Artikel 4.24 De gemeente moet haar rioleringsbeleid afstemmen met andere overheden. Op het gebied van grondwater is er een relatie met het waterschap en de provincie. Verder heeft de provincie een rol als toezichthouder op de gemeentelijke financiën en heeft zij een aanwijzingsbevoegdheid. Artikel 4.24 Wet milieubeheer 1. Gedeputeerde staten kunnen, nadat burgemeester en wethouders in de gelegenheid zijn gesteld hun zienswijze naar voren te brengen, aan de gemeenteraad aanwijzingen geven omtrent de inhoud van het gemeentelijk rioleringsplan. Bij een aanwijzing wordt een termijn gesteld, binnen welke het plan in overeenstemming met de aanwijzing moet zijn gebracht. 2. Bij het geven van een aanwijzing houden gedeputeerde staten rekening met het geldende provinciale waterhuishoudingsplan. 7. Besluit lozingen afvalwater huishoudens, Activiteitenbesluit en Besluit lozingen buiten inrichting (wet) Met het opgaan van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren in de Waterwet, is de Wvovergunning komen te vervallen. Hiervoor in de plaats zijn algemene regels opgesteld met betrekking tot lozingen. Deze regels zijn opgenomen in AMvB s, de lozingenbesluiten. Er wordt onderscheid gemaakt tussen lozingen vanuit huishoudens, vanuit bedrijven en lozingen buiten inrichtingen, zoals gedefinieerd in de Wet milieubeheer. In speciale gevallen kunnen maatwerkvoorschriften worden opgelegd. Met het Activiteitenbesluit zijn zowel de lozingen vanuit milieuvergunningplichtige bedrijven onder algemene regels gebracht, als een groot aantal Wvo-vergunningplichtige lozingen vervangen door algemene regels, waarin regels staan voor de lozingen vanuit bedrijven. In het Besluit lozingen buiten inrichtingen komen algemene regels te staan voor het lozen via bijvoorbeeld overstorten. Dit besluit is 1 juli 2011 in werking getreden. In de gemeente zijn inrichtingen aanwezig waarop toezicht moet worden uitgeoefend in het kader van de Wet milieubeheer. Met het van kracht worden van de Waterwet vervalt de Wvo. De Wvo-vergunning voor het overstorten op oppervlaktewater vanuit het gemengd stelsel en het lozen van hemelwater via uitlaten, is door de inwerkingtreding van de Waterwet automatisch overgegaan in de watervergunning. Vanaf dat moment zijn ook de indirecte lozingen, waarvoor het HHNK bevoegd gezag was, onder het Wm-bevoegd gezag komen te vallen. Voor de OVER-gemeenten betekent dit dat er een aantal bedrijven is overgedragen en onder het bevoegd gezag van de gemeente vallen.

73 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg (Vervolg 3) 8. Nationaal Waterplan Ik leef met water (richtlijn) Het Nationaal Waterplan (NWP) is het rijksplan voor het waterbeleid, vastgesteld in december Het NWP beschrijft de maatregelen die in de periode 2010 t/m 2015 genomen moeten worden om Nederland ook voor toekomstige generaties veilig en leefbaar te houden en de kansen die water biedt, te benutten. Het NWP is de opvolger van de Vierde Nota Waterhuishouding uit 1998 en vervangt alle voorgaande nota's waterhuishouding. Op basis van de Wet ruimtelijke ordening heeft het NWP voor de ruimtelijke aspecten de status van structuurvisie. Naast veiligheid is ook de samenwerking tussen de waterpartijen een belangrijk aandachtspunt. Solidariteit, flexibiliteit en duurzaamheid zijn hierbij leidende basiswaarden. Een gebiedsgerichte aanpak wordt de standaard voor het uitwerken van maatregelen. Dit betekent niet alleen vanuit het watersysteem bepalen wat nodig is, maar vooral met alle betrokken partijen een ontwikkelingsgerichte aanpak hanteren en kansen benutten. 9. Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken (2008) Op 1 januari 2008 is de Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken in werking getreden. Op grond hiervan moet de gemeente in het GRP expliciet aandacht besteden aan de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Deze wet is in 2009 opgegaan in de nieuwe Waterwet. Zorgplicht stedelijk afvalwater De gemeente draagt zorg voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen. De gemeente kan zelf kiezen hoe ze haar zorgplicht invult, zowel voor de bebouwde kom als voor het buitengebied. In plaats van een openbaar vuilwaterriool zijn andere systemen toegestaan, mits een zelfde graad van milieubescherming wordt bereikt. Zorgplicht hemelwater De hemelwaterzorgplicht omvat het door de gemeente aanbieden van een voorziening waarin het hemelwater geloosd kan worden. Welke voorziening dit is, maakt voor de zorgplicht niet uit, hoewel er beleidsmatig een voorkeur bestaat voor gescheiden rioleren. Het is wenselijk het hemel- en grondwater zo weinig mogelijk te vermengen met afvalwater. In de wet wordt dit aangeduid met te term ontvlechting. De gemeente moet in het verbreed GRP aangeven in hoeverre zij een ontvlechting van stedelijk afvalwater en hemelwater nastreeft en welke rol zij hierbij de particulier geeft. Op particulier terrein is primair de eigenaar verantwoordelijk voor de afvoer en verwerking van hemelwater, bij voorkeur naar oppervlaktewater of in de bodem. Wanneer de particulier redelijkerwijs hiervoor niet kan zorg dragen, is de gemeente verplicht een voorziening aan te bieden voor de afvoer van hemelwater van particuliere percelen. De gemeente heeft beleidsvrijheid in de keuze van de aard en omvang van de voorziening.

Samenvatting Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland. planperiode 2013 t/m 2017

Samenvatting Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland. planperiode 2013 t/m 2017 Samenvatting Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland planperiode 2013 t/m 2017 13 maart 2012 1.1 Inleiding De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan (hierna te noemen: GRP) op te

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Oostzaan

Gemeentelijk Rioleringsplan Oostzaan Gemeentelijk Rioleringsplan Oostzaan planperiode 2013 t/m 2017 ONTWERP OVER-gemeenten Afdeling Gebied- en Wijkzaken WORMER Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 20 juni 2012, revisie Verantwoording Titel :

Nadere informatie

^ T^ 2 5UOV2008 \Q5 S. 1. Inleiding

^ T^ 2 5UOV2008 \Q5 S. 1. Inleiding E E R H U CB O W A A Raadsvergadering: Besluit: Voorstelnummfif R D 2 5UOV2008 ^ T^ \Q5 S Agendanr. Voorstelnr. Onderwerp Aan de Raad, 2008-105 Formulering beleid voor zorgplichten hemel- en grondwater,

Nadere informatie

Raadsvoorstel. drs A.J. Ditewig 18 februari 2010. 05 januari 2010. De raad wordt voorgesteld te besluiten:

Raadsvoorstel. drs A.J. Ditewig 18 februari 2010. 05 januari 2010. De raad wordt voorgesteld te besluiten: Portefeuillehouder Datum raadsvergadering drs A.J. Ditewig 18 februari 2010 Datum voorstel 05 januari 2010 Agendapunt Onderwerp Gemeentelijke watertaken De raad wordt voorgesteld te besluiten: het bijgaande

Nadere informatie

Basisopleiding Riolering Module 1

Basisopleiding Riolering Module 1 Basisopleiding Riolering Module 1 Cursusboek Nieuwegein, 2013 w w w. w a t e r o p l e i d i n g e n. n l Stichting Wateropleidingen, augustus 2013 Groningenhaven 7 3433 PE Nieuwegein Versie 1.1 Niets

Nadere informatie

Tubbergen o. gemeente. Aan de gemeenteraad. Vergadering: 8 september 2014. Nummer: Tubbergen, 28 augustus 2014

Tubbergen o. gemeente. Aan de gemeenteraad. Vergadering: 8 september 2014. Nummer: Tubbergen, 28 augustus 2014 gemeente Tubbergen o Aan de gemeenteraad Vergadering: 8 september 2014 Nummer: 9A Tubbergen, 28 augustus 2014 Onderwerp: Vaststellen verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater. Samenvatting

Nadere informatie

Bouwlokalen INFRA. Het riool in Veghel. Veghel in cijfers en beeld (1) Veghel in cijfers en beeld (2) Veghel in cijfers en beeld (3)

Bouwlokalen INFRA. Het riool in Veghel. Veghel in cijfers en beeld (1) Veghel in cijfers en beeld (2) Veghel in cijfers en beeld (3) Bouwlokalen INFRA Innovatie onder het maaiveld / renovatie van rioolstelsels Het riool in Veghel Jos Bongers Beleidsmedewerker water- en riolering Gemeente Veghel 21 juni 2006 Veghel in cijfers en beeld

Nadere informatie

Raadsvergadering : 20 juni 2011 Agendanr. 13

Raadsvergadering : 20 juni 2011 Agendanr. 13 Raadsvergadering : 20 juni 2011 Agendanr. 13 Voorstelnr. : R 6837 Onderwerp : Gemeentelijk Rioleringsplan 2010-2015 Stadskanaal, 1 juni 2011 Beslispunten 1. Het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2010-2015

Nadere informatie

Samenhang en samenvatting vgrp+, Waterplan, BRP

Samenhang en samenvatting vgrp+, Waterplan, BRP Samenhang en samenvatting vgrp+, Waterplan, BRP Uden gastvrij voor water Kenmerk: 11-10044-JV 14 september 2011 Ingenieursbureau Moons 1 Inhoudsopgave 1 SAMENHANG... 3 2 SAMENVATTING... 4 2.1 KOERSWIJZIGINGEN...

Nadere informatie

Raadsstuk. Haarlem. Onderwerp Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan

Raadsstuk. Haarlem. Onderwerp Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan Haarlem Raadsstuk Onderwerp Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2018-2023 Nummer 2017/361078 Portefeuillehouder Sikkema, C.Y. Programma/beleidsveld 5.1 Openbare ruimte en mobiliteit Afdeling GOB/BBOR

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Koggenland

Gemeentelijk Rioleringsplan Koggenland Gemeentelijk Rioleringsplan Koggenland met planperiode 2014 t/m 2018 Definitief Gemeente Koggenland Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 12 december 2013 Verantwoording Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan

Nadere informatie

Gemeentelijk Riolerings Plan. Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018

Gemeentelijk Riolerings Plan. Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018 Gemeentelijk Riolerings Plan Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018 Doel en inhoud Doel Inzicht verschaffen in de diverse elementen die hebben geleid tot het GRP 2014 t/m 2018 Inhoud

Nadere informatie

ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS. Datum B&W-vergadering : 10-11-2009 Openbaar Onderwerp : Grondwaterbeleid

ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS. Datum B&W-vergadering : 10-11-2009 Openbaar Onderwerp : Grondwaterbeleid ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS Datum B&W-vergadering : 10-11-2009 Openbaar Onderwerp : Grondwaterbeleid Portefeuillehouder(s) : F.J.W. Saelman, Afdelingshoofd/hoofd OW: F. Hottinga Paraaf : Paraaf:

Nadere informatie

TOETSING VERBREED GRP

TOETSING VERBREED GRP Dit document beschrijft de toetsing van het verbreed GRP op hoofdlijnen. De toetsing is op volledigheid en niet op inhoud. Het is een hulpmiddel bij het maken van afspraken over het proces van het opstellen

Nadere informatie

VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD

VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD Onderwerp: Gemeentelijk rioleringsplan Registratienummer: 00538296 Op voorstel B&W d.d.: 31 maart 2015 Datum vergadering: 26 mei 2015 Portefeuillehouder: Helm Verhees Rol gemeenteraad:

Nadere informatie

GRP 2014-2018 Gemeente Tynaarlo. Naar een nieuw gemeentelijk rioleringsplan.

GRP 2014-2018 Gemeente Tynaarlo. Naar een nieuw gemeentelijk rioleringsplan. GRP 2014-2018 Gemeente Tynaarlo Naar een nieuw gemeentelijk rioleringsplan. Landelijk beleid en ontwikkelingen Gemeentelijke zorgplicht watertaken: Zorgen voor een doelmatige inzameling en een doelmatig

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD. Nr. 6603. Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen

GEMEENTEBLAD. Nr. 6603. Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Schagen. Nr. 6603 23 januari 2015 Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen 0 Samenvatting 0.1 Inleiding De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan

Nadere informatie

Raadsvoorstel Reg. nr : 1010217 Ag nr. : Datum : 18-05-10

Raadsvoorstel Reg. nr : 1010217 Ag nr. : Datum : 18-05-10 Ag nr. : Onderwerp Verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater Status besluitvormend Voorstel 1. Vast te stellen de Verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater; 2. De kosten van het

Nadere informatie

F. Buijserd burgemeester

F. Buijserd burgemeester Gemeente Nieuwkoop College van Burgemeester en Wethouders raadsvoorstel portefeuillehouder opgesteld door Registratienummer collegebesluit 14.22243 G. Elkhuizen Beheer Openbare Ruimte / Kees Hoogervorst

Nadere informatie

12 Hemelwateruitlaat of riooloverstort

12 Hemelwateruitlaat of riooloverstort 12 Hemelwateruitlaat of riooloverstort 12.1 Inleiding Gemeenten hebben de taak om hemelwater en afvalwater in te zamelen. Het hemelwater wordt steeds vaker opgevangen in een separaat hemelwaterriool. Vanuit

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 1 Inleiding 4. Gemeentelijk rioleringsplan Den Helder 2013-2017

Inhoudsopgave. 1 Inleiding 4. Gemeentelijk rioleringsplan Den Helder 2013-2017 Gemeente Den Helder Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Den Helder, september 2012 Inhoudsopgave 1 Inleiding 4 1.1 Wettelijk kader 4 1.2 Planhorizon 4 1.3 Belangrijkste relevant beleidskader voor de

Nadere informatie

* * RAADSVOORSTEL. Raadsvergadering van Stuk/nummer Agendapunt 2 februari 2010 KNDK/2009/

* * RAADSVOORSTEL. Raadsvergadering van Stuk/nummer Agendapunt 2 februari 2010 KNDK/2009/ *0010100120094142* RAADSVOORSTEL Raadsvergadering van Stuk/nummer Agendapunt 2 februari 2010 KNDK/2009/4142 9.3 Datum: 15-12-2009 Verzonden: 21 januari 2010 Aan de gemeenteraad. Onderwerp: Vaststelling

Nadere informatie

Watertoets De Cuyp, Enkhuizen

Watertoets De Cuyp, Enkhuizen Watertoets De Cuyp, Enkhuizen Definitief Bouwfonds Ontwikkeling Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 6 april 2009 Verantwoording Titel : Watertoets De Cuyp, Enkhuizen Subtitel : Projectnummer : 275039 Referentienummer

Nadere informatie

Voorstel aan : Gemeenteraad van 14 december 2009 Door tussenkomst

Voorstel aan : Gemeenteraad van 14 december 2009 Door tussenkomst Voorstel aan : Gemeenteraad van 14 december 2009 Door tussenkomst van Nummer : : Raadscommissie van 2 december 2009 Onderwerp : Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2010-2014 Bijlage(n) : 1. Gemeentelijk

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen

Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen Planperiode 2015 t/m 2017 ONTWERP Gemeente Schagen Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 20 maart 2013 Verantwoording Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen Subtitel

Nadere informatie

Omgang met hemelwater binnen de perceelgrens

Omgang met hemelwater binnen de perceelgrens Omgang met hemelwater binnen de perceelgrens Ir. Emil Hartman Senior adviseur duurzaam stedelijk waterbeheer Ede, 10 april 2014 Inhoud presentatie Wat en hoe van afkoppelen Wat zegt de wet over hemelwater

Nadere informatie

Raadsstuk. Onderwerp: Het verbrede gemeentelijke rioleringsplan (VGRP)

Raadsstuk. Onderwerp: Het verbrede gemeentelijke rioleringsplan (VGRP) Haarlem Raadsstuk Onderwerp: Het verbrede gemeentelijke rioleringsplan (VGRP) 2014-2017 1. Inleiding Een Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (VGRP) beschrijft het beleid voor de drie gemeentelijke zorgplichten

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009-2012

Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009-2012 Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009-2012 voor de gemeente Bussum Concept Gemeente Bussum Afdeling Ruimtelijke Inrichting en Beheer Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 14 april 2009 Verantwoording

Nadere informatie

Gemeentelijk RioleringsPlan. 2009 t/m 2013

Gemeentelijk RioleringsPlan. 2009 t/m 2013 Gemeentelijk RioleringsPlan 2009 t/m 2013 Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009 t/m 2013 voor de gemeente Heemskerk Concept ONTWERP Pagina 1 van 40 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 5 1.1 Aanleiding...

Nadere informatie

RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012

RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012 RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012 Archimedesweg 1 CORSA nummer: 14.48265 postadres: versie: Definitief postbus 156 auteur: Irene van der Stap 2300 AD Leiden oplage: Digitaal telefoon (071) 3 063

Nadere informatie

Afvalwaterbeleidsplan BMWE/NZV

Afvalwaterbeleidsplan BMWE/NZV Afvalwaterbeleidsplan BMWE/NZV Afvalwaterteam BMWE/NZV, 27 november 2013 Inhoud Aanleiding Ketenbenadering Maatregelen Kosten en Baten Specificatie Bedum Organisatie Aanleiding BMWE samenwerking Vier nieuwe

Nadere informatie

Gemeente Doetinchem. Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2010-2015. Witteveen+Bos. van Twickelostraat 2. postbus 233.

Gemeente Doetinchem. Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2010-2015. Witteveen+Bos. van Twickelostraat 2. postbus 233. Gemeente Doetinchem Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2010-2015 van Twickelostraat 2 postbus 233 7400 AE Deventer telefoon 0570 69 79 11 telefax 0570 69 73 44 INHOUDSOPGAVE blz. SAMENVATTING 1 1.

Nadere informatie

Impressie(informatieavond(rioolvervanging(Straatweg( Datum:(8(september(2015( Opstelling(verslag:(Tineke(van(Oosten(en(Sieb(de(Jong((cgOH)(

Impressie(informatieavond(rioolvervanging(Straatweg( Datum:(8(september(2015( Opstelling(verslag:(Tineke(van(Oosten(en(Sieb(de(Jong((cgOH)( Impressie(informatieavond(rioolvervanging(Straatweg( Datum:(8(september(2015( Opstelling(verslag:(Tineke(van(Oosten(en(Sieb(de(Jong((cgOH)( Indeling(van(de(avond:(van(19.00(uur(tot(21.00(uur(konden(bewoners(van(de(Straatweg(informatie(

Nadere informatie

Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel

Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel Voor: Opgesteld door: Versie 1 (14-06-2012) Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel Dit document bevat 11 bladzijden. Ons kenmerk: 19312RA-MW-LED

Nadere informatie

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hulst

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hulst Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hulst Planperiode 2010 tot en met 2015 Gemeente Hulst Postbus 49 4560 AA Hulst Grontmij Nederland B.V. Middelburg, 30 september 2009 Verantwoording Titel : Verbreed

Nadere informatie

Feiten over de riolering

Feiten over de riolering Feiten over de riolering Prestaties Middelen en mensen Samenhangen Schaalverschillen Doeltreffendheid en doelmatigheid Stichting RIONED, februari 21 T.b.v. het feitenonderzoek in het kader van doelmatig

Nadere informatie

Gemeentelijk rioleringsplan Leusden

Gemeentelijk rioleringsplan Leusden Gemeentelijk rioleringsplan Leusden Planperiode 2009-2013 Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Ontwerp Gemeente Leusden postbus 150 3830 AD LEUSDEN Grontmij Nederland B.V. Houten, 2 december

Nadere informatie

Gemeente Bergen Noord-Holland. Gemeentelijke Rioleringsplan 2011-2015. Samenvatting. Bergingskelder onder het Pompplein, Egmond aan Zee (2011)

Gemeente Bergen Noord-Holland. Gemeentelijke Rioleringsplan 2011-2015. Samenvatting. Bergingskelder onder het Pompplein, Egmond aan Zee (2011) Gemeente Bergen Noord-Holland Gemeentelijke Rioleringsplan 2011-2015 Bergingskelder onder het Pompplein, Egmond aan Zee (2011) Samenvatting Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Gemeente Bergen (NH) 1\11

Nadere informatie

Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk bij Duurstede

Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk bij Duurstede Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk bij Duurstede Definitief gemeente Wijk bij Duurstede Grontmij Nederland bv Houten, 28 juli 2009 Verantwoording Titel : Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk

Nadere informatie

Het waterbeleid van de provincie Limburg is beschreven in het Provinciaal Waterplan Limburg, dd. 20 november 2009.

Het waterbeleid van de provincie Limburg is beschreven in het Provinciaal Waterplan Limburg, dd. 20 november 2009. Memo Ter attentie van Project management Den Dekker B.V. Datum 03 januari 2013 Distributie Projectnummer 111850-01 Onderwerp Parkeerterrein Jumbo Heythuysen Geachte heer Bosman, 1 WATERBELEID Het streven

Nadere informatie

Vragen en antwoorden Aanpak Agniesebuurt

Vragen en antwoorden Aanpak Agniesebuurt Vragen en antwoorden Aanpak Agniesebuurt Waarom aan de slag in de Agniesebuurt? Oude stadswijken zoals de Agniesebuurt, die dichtbebouwd zijn met veel verharding en weinig open water en groen, zijn kwetsbaar

Nadere informatie

Grontmij Nederland B.V. Assen, 17 mei 2011. Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Planperiode 2010-2015. Definitief

Grontmij Nederland B.V. Assen, 17 mei 2011. Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Planperiode 2010-2015. Definitief Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010-2015 Definitief Grontmij Nederland B.V. Assen, 17 mei 2011 Pagina 1 van 51 Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan Emmen Subtitel : Stedelijk

Nadere informatie

Bijlage 3. Doelen functionele eisen en maatstaven

Bijlage 3. Doelen functionele eisen en maatstaven Bijlage 3. Doelen functionele eisen en maatstaven Tabel 3-1 Doelen, functionele eisen en maatstaven voor de rioleringszorg (stedelijk afvalwater en regenwater) Doelen Functionele Eisen Maatstaven 1. Inzameling

Nadere informatie

Notitie. Visiedocument GRP/BRP Brummen. 1 Inleiding - 15.004012 -

Notitie. Visiedocument GRP/BRP Brummen. 1 Inleiding - 15.004012 - Notitie Contactpersoon Gwendolijn Vugs Datum 1 mei 2015 Kenmerk N001-1229319GBV-avd-V02-NL Visiedocument GRP/BRP Brummen 1 Inleiding Het huidig Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) van de gemeente Brummen

Nadere informatie

B&W Vergadering. Gemeenteraad B&W Vergadering 6 juni 2017

B&W Vergadering. Gemeenteraad B&W Vergadering 6 juni 2017 2.1.7 Waterketenplan Limburgse Peelen 2017-2021 en Gemeentelijk Rioleringsplan Roermond 2017-2021 1 Dossier 1792 voorblad.pdf B&W Vergadering Dossiernummer 1792 Vertrouwelijk Nee Vergaderdatum 6 juni 2017

Nadere informatie

Water in Eindhoven. Studiedag Lokaal waterbeleid water in balans. 28 september Water in Eindhoven - Studiedag Lokaal waterbeleid, Antwerpen

Water in Eindhoven. Studiedag Lokaal waterbeleid water in balans. 28 september Water in Eindhoven - Studiedag Lokaal waterbeleid, Antwerpen Water in Eindhoven Studiedag Lokaal waterbeleid water in balans 28 september 2010 Aanleiding voor de stedelijke wateropgaven Maatregelen Effecten van maatregelen Omgaan met nieuwe extremen 1835 1921 2004

Nadere informatie

Conserverend Drijber, 8 nieuwe woningen

Conserverend Drijber, 8 nieuwe woningen WATERTOETSDOCUMENT Conserverend Drijber, 8 nieuwe woningen Doel en inhoud van het document Het watertoetsdocument is opgesteld op basis van het door u op 20 mei 2010 ingediende digitale formulier. Op 6

Nadere informatie

De Veranderende Zorgplicht

De Veranderende Zorgplicht De Veranderende Zorgplicht Ede 23 april 2015 Frans Debets Debets b.v. i.s.m. Een korte versie van een cursus op 14 juni 1- De Veranderende Waterwetwetgeving 1. Achtergronden en betekenis van de veranderingen

Nadere informatie

Managementsamenvatting. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Bladel

Managementsamenvatting. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Bladel Managementsamenvatting Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Bladel 2010-2014 Inhoud 1 Over afvalwater 1 2 Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Bladel 4 3 Doelstellingen verbreed gemeentelijk Rioleringsplan

Nadere informatie

verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Ontwerp GRP

verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Ontwerp GRP verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Ontwerp GRP gemeente Vlissingen 01-04-2013 eindconcept rapport Colofon: Titel : Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Ontwerp GRP Status : Gegevens

Nadere informatie

Verklarende factoren Lelystad Regiogemiddelde* Gemiddeld voor Nederland

Verklarende factoren Lelystad Regiogemiddelde* Gemiddeld voor Nederland Gemeenterapport Lelystad 2013 De Benchmark rioleringszorg is de landelijke prestatievergelijking waarmee gemeenten inzicht geven en krijgen in de kenmerken en prestaties van hun riolering(szorg). De cijfers

Nadere informatie

Afkoppelen van bestaande bebouwing

Afkoppelen van bestaande bebouwing Afkoppelen van bestaande bebouwing Nico Rottiers Stad Aalst Afkoppelen van bestaande bebouwing Inhoud Vlaanderen en Nederland: zelfde redenen, toch anders Regelgeving Wat werkt (minder)? Wat kunnen we

Nadere informatie

17 mei 2011. Thema avond Gemeentelijk Rioolplan

17 mei 2011. Thema avond Gemeentelijk Rioolplan FLO/2011/8572 17 mei 2011 Thema avond Gemeentelijk Rioolplan Doel van het rioolstelsel: Volksgezondheid en milieu; Afvoer vuil water naar waterzuivering; Afvoer schoon regenwater. Wettelijke regels en

Nadere informatie

Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Stichtse Vecht

Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Stichtse Vecht Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Stichtse Vecht Planperiode 2012-2016 Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Definitief Grontmij Nederland B.V. De Bilt, 2 augustus 2012 Verantwoording Titel

Nadere informatie

Praktijk voorbeelden samenwerking. Aad Oomens procesmanager

Praktijk voorbeelden samenwerking. Aad Oomens procesmanager Praktijk voorbeelden samenwerking Aad Oomens procesmanager Drie vragen Waarom samenwerken? (noodzaak) Op welke punten samenwerken Hoe samenwerken?!? Waarom samenwerken? Benchmark Rioleringszorg 2010 Rijnland

Nadere informatie

datum 27-2-2016 dossiercode 20160227-4-12526 Geachte heer / mevrouw R.G. Zuidema,

datum 27-2-2016 dossiercode 20160227-4-12526 Geachte heer / mevrouw R.G. Zuidema, datum 27-2-2016 dossiercode 20160227-4-12526 Geachte heer / mevrouw R.G. Zuidema, U heeft een watertoets uitgevoerd op de website http://www.dewatertoets.nl//. Op basis van deze toets volgt u de korte

Nadere informatie

Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg XE Steenwijk Steenwijk, 19 mei 2009 Nummer voorstel: 2009/58

Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg XE Steenwijk Steenwijk, 19 mei 2009 Nummer voorstel: 2009/58 Voorstel aan de raad Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg 1 8331 XE Steenwijk Steenwijk, 19 mei 2009 Nummer voorstel: 2009/58 Voor raadsvergadering d.d.: 02-06-2009 Agendapunt: Onderwerp:

Nadere informatie

Programma van de avond: vgrp 2015-2019 Inwonersbijeenkomst. Positie vgrp5 gemeentebeleid. Even voorstellen. Relaties met beleid / plannen

Programma van de avond: vgrp 2015-2019 Inwonersbijeenkomst. Positie vgrp5 gemeentebeleid. Even voorstellen. Relaties met beleid / plannen vgrp 2015-2019 Inwonersbijeenkomst 8 Januari 2015 19:45 20:00 20:05 20:15 22:00 Programma van de avond: Welkom en voorstelronde Toelichting doel bijeenkomst Wat is een vgrp? Gesprek met de inwoners adv

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Leidschendam-Voorburg

Gemeentelijk Rioleringsplan Leidschendam-Voorburg Gemeentelijk Rioleringsplan Leidschendam-Voorburg Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2009-2014 Definitief Gemeente Leidschendam-Voorburg Postbus 905 2270 AX VOORBURG Grontmij Nederland

Nadere informatie

Bijlage 1: Toelichting achtergronden en gebruik modelverordening voor de afvoer van hemelwater en grondwater

Bijlage 1: Toelichting achtergronden en gebruik modelverordening voor de afvoer van hemelwater en grondwater Bijlage 1: Toelichting achtergronden en gebruik modelverordening voor de afvoer van hemelwater en grondwater Met de inwerkingtreding van de Wet Gemeentelijke Watertaken per 1 januari 2008 is o.a. de Wet

Nadere informatie

Betreft Voorstel gedifferentieerde rioolheffing op basis van WOZ-waarde en type object

Betreft Voorstel gedifferentieerde rioolheffing op basis van WOZ-waarde en type object Notitie Referentienummer Datum Kenmerk 21 augustus 2012 314119 Betreft Voorstel gedifferentieerde rioolheffing op basis van WOZ-waarde en type object 1 Inleiding Eind 2011 is de rioolheffing opnieuw berekend

Nadere informatie

150 Doel en status Leidraad riolering Gaat over hoe u de Leidraad riolering kunt gebruiken en over de status van de informatie.

150 Doel en status Leidraad riolering Gaat over hoe u de Leidraad riolering kunt gebruiken en over de status van de informatie. 200 Inhoudsopgave 100 Voorwoord Voorwoord van de voorzitter van Stichting RIONED en de minister van VROM. 200 Inhoudsopgave Geeft een overzicht en omschrijving van de modules. 150 Doel en status Leidraad

Nadere informatie

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Sluis

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Sluis Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Sluis planperiode 2014 t/m 2018 Concept Gemeente Sluis Grontmij Nederland B.V. Middelburg, 16 mei 2013 Verantwoording Titel : Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Sluis

Nadere informatie

Notitie. 1. Beleidskader Water

Notitie. 1. Beleidskader Water Notitie Ingenieursbureau Bezoekadres: Galvanistraat 15 Postadres: Postbus 6633 3002 AP Rotterdam Website: www.gw.rotterdam.nl Van: ir. A.H. Markus Kamer: 06.40 Europoint III Telefoon: (010) 4893361 Fax:

Nadere informatie

Water- en Rioleringsplan

Water- en Rioleringsplan Water- en Rioleringsplan 2017-2021 Inleiding Hemelwater Oppervlaktewater overstort Afvalwater Grondwater Drinkwater Beleidskader Wet Milieubeheer afname- en zorgplicht voor afvalwater verplichting WRP

Nadere informatie

dat het met name in het buitengebied, wijken met een apart vuilwaterriool en op bedrijventerreinen wenselijk is om dit verbod te laten gelden;

dat het met name in het buitengebied, wijken met een apart vuilwaterriool en op bedrijventerreinen wenselijk is om dit verbod te laten gelden; CONCEPT Besluit gebiedsaanwijzing afvoer hemelwater (artikel 4:44 APV) Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn; Overwegende dat artikel 4:44, eerste lid jo artikel 4:43 van de Algemene

Nadere informatie

Rioleringsbeheerplan Terschelling

Rioleringsbeheerplan Terschelling Rioleringsbeheerplan Terschelling 2016-2020 augustus 2016 Team Techniek en Uitvoering 1 2 Inhoudsopgave 1 Samenvatting...4 2 Inleiding...5 2.1 Doelen...5 2.2 Afvalwater...5 2.3 Hemelwater...5 2.4 Grondwater...6

Nadere informatie

Raadsvoorstel. Aan de gemeenteraad. Onderwerp: Gemeentelijk Rioleringsplan

Raadsvoorstel. Aan de gemeenteraad. Onderwerp: Gemeentelijk Rioleringsplan Raadsvoorstel jaar stuknr. categorie agendanr. Stuknr. Raad B. en W. 2017 RA17.0069 A 5 17/575 Onderwerp: Gemeentelijk Rioleringsplan 2018 2023 Portefeuillehouder: R. van der Weide Team: Inrichting Openbare

Nadere informatie

BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin.

BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin. Bijlage 1 Afkortingen en begrippen Afkortingen AWZI Zie RWZI BBB (v)brp CZV DWA DOB GRP HWA / RWA IBA KRW MOR NBW (-Actueel) OAS RIONED BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin.

Nadere informatie

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan De Bilt 2010-2014

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan De Bilt 2010-2014 Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan De Bilt 2010-2014 Gemeente De Bilt januari 2010 Definitief Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan De Bilt 2010-2014 Gemeente De Bilt januari 2010 Definitief INHOUD

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL Agendanummer 9.2

RAADSVOORSTEL Agendanummer 9.2 RAADSVOORSTEL Agendanummer 9.2 Raadsvergadering van 25 februari 2010 Onderwerp: Uitbreiding personele capaciteiten in verband met verwezenlijking van de activiteiten en taken in het kader van de rioleringszorg

Nadere informatie

Bijlage 1. Lijst met afkortingen en begrippen

Bijlage 1. Lijst met afkortingen en begrippen Bijlage 1. Lijst met afkortingen en begrippen VERKLARENDE WOORDENLIJST Afkortingen AMvB... Algemene Maatregel van Bestuur BARIM... Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer BBB... Bergbezinkbassin

Nadere informatie

Aan u wordt voorgesteld bijgevoegd verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2011-2015 vast te stellen.

Aan u wordt voorgesteld bijgevoegd verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2011-2015 vast te stellen. Raadsvoorstel: Nummer: 2010-633 Onderwerp: Vaststellen verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2011-2015(vGRP2011-2015) Datum: 6 april 2011 Portefeuillehouder: A.J. Rijsdijk/ T. van der Torren Raadsbijeenkomst:

Nadere informatie

SONENBREUGEL GEMEENTE

SONENBREUGEL GEMEENTE GEMEENTE SONENBREUGEL De raad der gemeente van de gemeente Son en Breugel. Overwegende, dat de Wet milieubeheer de bevoegdheid biedt bij verordening regels te stellen over het brengen van afvloeiend hemelwater

Nadere informatie

Aan Commissie Watersystemen - kwaliteit en kwantiteit SANERING LOZINGEN GERIOLEERDE PERCELEN (AANSLUITSTRATEGIE)

Aan Commissie Watersystemen - kwaliteit en kwantiteit SANERING LOZINGEN GERIOLEERDE PERCELEN (AANSLUITSTRATEGIE) agendapunt 05.03 936419 Aan Commissie Watersystemen - kwaliteit en kwantiteit SANERING LOZINGEN GERIOLEERDE PERCELEN (AANSLUITSTRATEGIE) Voorstel Commissie Watersystemen - kwaliteit en kwantiteit 12-4-2011

Nadere informatie

Wateradvies voor ruimtelijke plannen met een klein waterbelang (korte procedure)

Wateradvies voor ruimtelijke plannen met een klein waterbelang (korte procedure) Notitie Contactpersoon Paul Lammers Datum 10 maart 2016 Kenmerk N002-1233768PTL-evp-V01-NL Watertoets Paleis t Loo Inleiding Eén van de milieuthema s die in het bestemmingsplan voor Paleis t Loo en het

Nadere informatie

Managementsamenvatting. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Valkenswaard

Managementsamenvatting. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Valkenswaard Managementsamenvatting Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Valkenswaard 2013-2017 mei 2012 Inhoudsopgave 1. Waarom een verbreed GRP? 5 2. Wat zijn de kaders van het vgrp? 7 3. Wat willen we bereiken?

Nadere informatie

Berekening hwa-riool Oranjebuurt te Riel

Berekening hwa-riool Oranjebuurt te Riel Berekening hwa-riool Oranjebuurt te Riel Gemeente Goirle projectnr. 219713 revisie 3.0 12 juli 2010 Opdrachtgever Gemeente Goirle Afdeling Realisatie en beheer Postbus 17 5050 AA Goirle datum vrijgave

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016

Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016 Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016 27 juli 2010 Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016 Doelmatige invulling van de rioleringszorg Inhoud Verantwoording en colofon...

Nadere informatie

Benchmarking Rioleringszorg Individueel rapport: Gemeente Groningen

Benchmarking Rioleringszorg Individueel rapport: Gemeente Groningen Benchmarking Rioleringszorg Individueel rapport: Stichting Rioned Leiden/Nijmegen/Amsterdam, oktober 2005 2 Inhoudsopgave 1 Inleiding 9 1.1 Achtergrond 9 1.2 Deelnemers 9 1.3 Gemeenten en riolering 10

Nadere informatie

Memo. Plaats en datum Referentienummer Kenmerk Houten, 20 juli 2011 PN

Memo. Plaats en datum Referentienummer Kenmerk Houten, 20 juli 2011 PN Memo Plaats en datum Referentienummer Kenmerk Houten, 20 juli 2011 PN 307938 Aan Macéka Vastgoed t.a.v. De heer M.M. Boerse Amsterdamsestraatweg 41 Postbus 560 3740 AN Baarn Kopie aan Van Ir. J.W. Bronkhorst

Nadere informatie

rio+ SAMENVATTING GEMEENTELIJK RIOLERINGSPLAN ZEDERIK R O

rio+ SAMENVATTING GEMEENTELIJK RIOLERINGSPLAN ZEDERIK R O rio+ SAMENVATTING GEMEENTELIJK RIOLERINGSPLAN ZEDERIK 2016 2020 Auteur Datum J. Stok 08-09-2015 R O SAMENVATTING 1. INLEIDING Voor u ligt het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) van de gemeente Zederik voor

Nadere informatie

Handreiking stedelijke wateropgave VNG-UvW. Ledenbrief van de VNG behorend bij de presentatie van Evert van der Meide op de RIONED-dag 2006, sessie 3

Handreiking stedelijke wateropgave VNG-UvW. Ledenbrief van de VNG behorend bij de presentatie van Evert van der Meide op de RIONED-dag 2006, sessie 3 Handreiking stedelijke wateropgave VNG-UvW Ledenbrief van de VNG behorend bij de presentatie van Evert van der Meide op de RIONED-dag 2006, sessie 3 Brief aan de leden T.a.v. het college frontoffice tel.

Nadere informatie

BELEIDSREGEL ONTHEFFING GEMEENTELIJKE ZORGPLICHT STEDELIJK AFVALWATER FLEVOLAND Gedeputeerde Staten van Flevoland,

BELEIDSREGEL ONTHEFFING GEMEENTELIJKE ZORGPLICHT STEDELIJK AFVALWATER FLEVOLAND Gedeputeerde Staten van Flevoland, ^ PROVINCIE FLEVOLAND Provinciaal Blad 2011/09 Nummer 1120019 Beleidsregel ontheffing gemeentelijke zorgplicht stedelijk afvalwater 2011 Gedeputeerde Staten van Flevoland maken overeenkomstig artikel 136

Nadere informatie

Toelichting Watertoets

Toelichting Watertoets Toelichting Watertoets Zorgboerderij Schoolstraat te Dongen projectnr. 203471 revisie 00 21 januari 2010 Opdrachtgever Vieya T.a.v. de heer J.W. Revet Postbus 134 5100 AC Dongen datum vrijgave beschrijving

Nadere informatie

Onderwerp Afvalwaterplan Limburgse Peelen en Gemeentelijk Rioleringsplan Peel en Maas

Onderwerp Afvalwaterplan Limburgse Peelen en Gemeentelijk Rioleringsplan Peel en Maas Raadsvoorstel Raadsvergadering :26 juni 2012 Voorstel : 2012-063 Agendapunt : Zaaknummer : 1894/2011/7601 Documentnummer : 1894/2012/80753 Datum : Onderwerp Afvalwaterplan Limburgse Peelen

Nadere informatie

Raadsvoorstel Krediet voor de voorbereiding en uitvoering van diverse maatregelen uit het Gemeentelijk Rioleringsplan

Raadsvoorstel Krediet voor de voorbereiding en uitvoering van diverse maatregelen uit het Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Haarlemmermeer Raadsvoorstel20071171301 Portefeuillehouder J.J. Nobel Steiler M. van Munster Collegevergadering 25 september 2007 Raadsvergadering 25 oktober 2007 1. Samenvatting Wat willen we

Nadere informatie

MPGAD

MPGAD Bezoekadres De Blom boogerd 1, 4003 BX Tiel Postadres Postbus 599, 4000 AN Tiel T (0344) 64 90 90 F (0344) 64 90 99 E info@wsrl.n1 I www.waterschaprivierenland.n1 Bank IBAN NL93 NWAB 0636 7572 69 BIC NWABNL2G

Nadere informatie

RAADSINFORMATIEBRIEF

RAADSINFORMATIEBRIEF RAADSINFORMATIEBRIEF Onderwerp: Benchmark riolering Peelgemeenten Registratienummer: 00521098 Datum: 25 april 2014 Portefeuillehouder: N.G.J. Lemlijn Steller: H. Moerkerk Nummer: RIB-NL-1415 Met deze raadsinformatiebrief

Nadere informatie

Raadsvoorstel. Datum raadsavond Wordt later ingevuld Programma Duurzaamheid en Mobiliteit Onderwerp Grondwaterbeleidsplan 2012 t/m 2014

Raadsvoorstel. Datum raadsavond Wordt later ingevuld Programma Duurzaamheid en Mobiliteit Onderwerp Grondwaterbeleidsplan 2012 t/m 2014 Raadsvoorstel Datum raadsavond Wordt later ingevuld Programma Duurzaamheid en Mobiliteit Onderwerp Grondwaterbeleidsplan 2012 t/m 2014 Samenvatting Dit voorstel geeft aan waarom de intrede van een grondwaterbeleidsplan

Nadere informatie

Gemeente Nijkerk - Verordening afvoer regenwater en grondwater

Gemeente Nijkerk - Verordening afvoer regenwater en grondwater GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Nijkerk. Nr. 87172 30 juni 2016 Gemeente Nijkerk - Verordening afvoer regenwater en grondwater Raadsbesluit nummer 2016-011 De raad van de gemeente Nijkerk;

Nadere informatie

Portefeuillehouder: P. Broeksma Behandelend ambtenaar J. Koomans van den Dries, 0595 447784 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. Koomans van den Dries)

Portefeuillehouder: P. Broeksma Behandelend ambtenaar J. Koomans van den Dries, 0595 447784 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. Koomans van den Dries) Vergadering: 20 november 2012 Agendanummer: 11 Status: Opiniërend Portefeuillehouder: P. Broeksma Behandelend ambtenaar J. Koomans van den Dries, 0595 447784 E mail: gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. Koomans

Nadere informatie

Gemeentelijk rioleringsplan Zoetermeer

Gemeentelijk rioleringsplan Zoetermeer Gemeentelijk rioleringsplan Zoetermeer Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2011-2015 Ontwerp Gemeente Zoetermeer Grontmij Nederland B.V. Houten, 30 mei 2011 Verantwoording Titel

Nadere informatie

Registratienummer: RVO Portefeuillehouder: O.R. Wagner

Registratienummer: RVO Portefeuillehouder: O.R. Wagner Raadsvoorstel Registratienummer: RVO17.0065 Portefeuillehouder: O.R. Wagner Van afdeling: Stadsbeheer Bijlagen: Behandelend ambtenaar: Telefoonnummer: E-mail adres: ing. A.J.J. Post (0223) 67 8919 a.post@denhelder.nl

Nadere informatie

Stedelijke wateropgave. (van traditionele rioolvervanging

Stedelijke wateropgave. (van traditionele rioolvervanging Stedelijke wateropgave (van traditionele rioolvervanging i naar duurzame leefomgeving) Landelijke bijeenkomst waterambassadeurs 21-09-2010 Inhoud: Wettelijk kader en doelen Stand van zaken invulling sted.

Nadere informatie

Water in Tiel. 1 Naast regionale wateren die in beheer zijn bij de waterschappen, zijn er rijkswateren (de hoofdwateren

Water in Tiel. 1 Naast regionale wateren die in beheer zijn bij de waterschappen, zijn er rijkswateren (de hoofdwateren Water in Tiel Waterbeleid Tiel en Waterschap Rivierenland Water en Nederland zijn onafscheidelijk. Eigenlijk geldt hetzelfde voor water en Tiel, met de ligging langs de Waal, het Amsterdam Rijnkanaal en

Nadere informatie

Olst-Wijhe, 14 oktober 2010. doc. nr.: 1029-8-RU-WA. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Olst- Wijhe 2011-2015

Olst-Wijhe, 14 oktober 2010. doc. nr.: 1029-8-RU-WA. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Olst- Wijhe 2011-2015 Olst-Wijhe, 14 oktober 2010. doc. nr.: 1029-8-RU-WA Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Olst- Wijhe 2011-2015 Verantwoording Titel : Verbreed GRP Olst-Wijhe 2011-2015 Subtitel : Ontwerp Projectnummer

Nadere informatie

Hoofdstuk 6: Financiën en Organisatie: wat kost het?

Hoofdstuk 6: Financiën en Organisatie: wat kost het? Hoofdstuk 6: Financiën en Organisatie: wat kost het? 6.1 Het bekostigen van onze rioleringsopgave In de voorgaande hoofdstukken is beschreven wat we gedaan hebben en wat we in de nieuwe planperiode willen

Nadere informatie

VGRP Gemeente Boxmeer. 12 november 2015

VGRP Gemeente Boxmeer. 12 november 2015 VGRP 2015-2019 Gemeente Boxmeer 12 november 2015 VGRP 2015-2019 Gemeente Boxmeer Even voorstellen BAS BIERENS Projectleider, Stedelijk Water BRAM VAN MOL Specialist, Stedelijk Water Agenda 1. Waarom een

Nadere informatie