IK EIS RESPECT! ERKENNING. Bart Voorsluis

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "IK EIS RESPECT! ERKENNING. Bart Voorsluis"

Transcriptie

1 VAN DE REDACTIE Geweld in de cultuur houdt ons allen bezig. Waar komt het vandaan, wat eraan te doen, hoe ermee om te gaan? In het voorjaar van 2004 organiseerden het Blaise Pascal Instituut en VU-podium een groot project over alternatieven voor een strafrechtelijke benadering van geweldsmisdrijven. Enkele lezingen van dit project zijn hier opgenomen. Redactielid Bart Voorsluis gaat in op een begrip waarop je in de huidige discussies over geweld steeds stuit, respect. Erkenning heeft veel te maken met ons zelfbeeld. Trouw aan jezelf is hierin hoogste waarde geworden. Maar concentratie op het zelf betekent geen totale onafhankelijkheid. Hoe staat het met de verhouding tussen identiteit en erkenning? Veiligheid is een buzzword geworden in onze samenleving. Maar dat woord klinkt in een maatschappij waarvan de leden een ongekende mate van vrijheid claimen. Wat zijn de middelen van de overheid om veiligheid te waarborgen, zonder die vrijheid aan te tasten? Deze vraag stelt Hans Boutellier, directeur van het Hilda Verwey-Jonker instituut en bijzonder hoogleraar criminologie aan de Vrije Universiteit. Er is een verband tussen onze huidige assertieve levensstijl en de groei van jeugdcriminaliteit, zegt Gabriël van den Brink, verbonden aan het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn. De cultus van de individuele zelfstandigheid heeft een aantal jongeren de regels voor het sociale verkeer en de gevolgen voor anderen uit het oog doen verliezen. Wat hieraan te doen? Buurtgenoten leggen sancties op aan daders. Zo wordt gerichtheid op de dader gecombineerd met burgerbelang. Burgers brengen een morele dimensie in, die vaak ontbreekt in de afhandeling door justitie, zo betoogt Bas van Stokkom, verbonden aan het Centrum voor Ethiek aan de Radboud Universiteit Nijmegen. In het Verenigd Koninkrijk zijn de ervaringen overwegend positief. Wat zijn de kansen in ons land? Over de jeugddelinquentie van nu zijn weinig gegevens, stelt Peter van der Laan, verbonden aan het Nederlands Centrum Criminaliteit en Rechtshandhaving. Maar over trends is wel iets zinnigs te zeggen en dat geldt ook voor de ontwikkelingen in preventie- en reactiewijzen. Opvallend is de verharding van de toon in het debat over jeugdcriminaliteit. Wordt het geen tijd voor een fundamenteler discussie? Het belang van de religie voor de interpretatie van geweld wordt geheel onderschat, is de opvatting van grand old man René Girard (1923), in een interview door Thomas Regnier. Mensen zijn mimetische wezens, ze imiteren elkaar in rivaliteit. In de bijbel en in de literatuur worden de maatschappelijke achtergronden van dat proces en de betekenis van verzoening en offer veel diepgaander behandeld dan in de culturele antropologie. Geweld is niet verdwenen uit onze maatschappij, maar heeft andere vormen aangenomen. Het Blaise Pascal Instituut heeft op 18 november zijn lustrumfeest gevierd, tijdens die dag werd een aantal nieuwe producten gepresenteerd: een special van de nieuwe In de Marge, die u gratis bij dit nummer ontvangt. Daarnaast een bundel met esssays over het goede leven (voor 5 euro verkrijgbaar bij het secretariaat) en tenslotte een muziek cd van de Cantique de Pascal, een koorwerk dat speciaal voor het BPI is gecomponeerd. Eveneens voor 5 euro verkrijbaat bij het BPI (excl. verzendkosten). Zie ook de website 1

2 IK EIS RESPECT! Bart Voorsluis Aan een recent artikel in de NRC ontleen ik de volgende twee scènes. Bilal gaat zitten in de tram en kijkt in de ogen van de vrouw tegenover hem. Ze is een jaar of vijftig, hij achttien. De vrouw ziet Bilal en drukt haar tas tegen haar lichaam, en hij voelt zich vies. Hij maakt het vaak mee, zegt hij, dat hij in Nederland geen respect krijgt. De tweede scène. Khalid L. sloeg in oktober 2002 in Venlo René Steegmans dood en klaagde tegenover de rechtbank dat Steegmans geen respect tegenover hem had getoond. Die had hem gevraagd wat meer respect voor ouderen te hebben toen Khalid rakelings langs een oude vrouw reed. Respect is van belang in deze maatschappij. Maar uit de voorbeelden blijkt dat wat respect is, lang niet altijd duidelijk is. Respect heeft hier verschillende betekenissen. De meest verwarrende uiting in dat verband is afkomstig van een rapper: Ik eis respect. Kun je respect eisen? ERKENNING Ik kom aan het einde van dit artikel terug op deze kwestie. Maar eerst een begrip dat misschien helderder maakt waarom het hier gaat: erkenning. Er bestaat een diepgevoelde behoefte in de moderne Westerse samenleving aan erkenning. Individueel, van personen onderling maar ook sociaal en politiek: van groepen en culturen, minderheidsgroeperingen en groeperingen in achterstandsposities. Het belang van erkenning op zichzelf wordt algemeen onderkend. Maar dat belang wordt enorm versterkt door iets wat voor de moderne maatschappij kenmerkend is: de nauwe band die bestaat tussen erkenning en identiteit (in de eenvoudige zin van: wat maakt iemand tot wie hij is?) Anders gezegd: het ontbreken van erkenning dan wel zelfs negatieve erkenning, kan iemand een beperkend of vernederend beeld opdrukken. Dat gegeven is al erg genoeg, want zo n bejegening kan iemand ernstig hinderen in het maatschappelijk functioneren. Wat een negatief beeld echter zo geladen maakt, is dat het kan worden overgenomen en eigen gemaakt. Langs deze weg wordt zelfverachting het krachtigste instrument voor onderdrukking. Voorbeelden te over. Vrouwen die zich in een patriarchale samenleving zelfverachting eigen maken, zodat ook als de omstandigheden veranderen, die zelfverachting toch nog een levensgrote barrière vormt. Koloniale volkeren van wie de identiteit als onderworpenen bepaald is geweest door de kolonisatoren en die deze na de onafhankelijkheid met zich blijven meedragen. Uiteraard getuigt negatieve erkenning van gebrek aan respect, maar het gaat veel verder: het brengt ernstig letsel toe en zorgt voor een verlammende zelfhaat. Omgekeerd is dan gepaste erkenning ook niet alleen een teken van wellevendheid, maar gaat veel verder: het is een levensbehoefte. Erkenning echter is niet alleen een kostbaar, maar ook een bedreigd goed. Ze maakt ons afhankelijk van anderen en daardoor kwetsbaar. En dat dit bij uitstek geldt voor allochtone jongeren, accentueert alleen maar het belang ervan voor alle leden van onze samenleving. Er is dus reden genoeg om de band tussen erkenning en identiteit nader te onder- 2

3 zoeken. Dat wil ik doen aan de hand van een beschouwing van een filosoof. Het gaat hier niet om psychologie. Uiteraard hebben de hier gehanteerde begrippen een psychologische dimensie. Maar bovenal hebben we te maken met wat we grondbegrippen of grondwaarden van onze cultuur kunnen noemen. Die verdienen een nadere beschouwing. Hoe is het gesteld met de band tussen identiteit en erkenning? Charles Taylor, een Canadese denker, hij is nu 72, is met het probleem van onze identiteit al heel lang bezig en vooral met de bronnen van ons besef van identiteit. Waarom zijn discussies over erkenning en identiteit voor ons zo belangrijk geworden? En welke beelden, opvattingen en idealen zijn in de loop van de tijd met ons begrip identiteit verbonden geraakt? EER Voor een mogelijk antwoord is het nodig om een stapje terug te doen uit de actuele situatie van allochtonen en rappers en ook onszelf wat van een afstand te bezien. Een dergelijke discussie is namelijk zeker niet van alle tijden, maar heeft wel een voorgeschiedenis. Dat identiteit en erkenning zulke hot items zijn geworden, hangt samen met twee belangrijke veranderingen in de Europese cultuur. De eerste is het ineenstorten van een hiërarchische standenmaatschappij. De tweede is het ontstaan van een nieuw besef van het zelf, of ook: een nieuwe manier om over onszelf na te denken, onszelf te zien. Over beide wil ik het nu hebben. Om met het eerste te beginnen, Frankrijk in de 18 e eeuw als voorbeeld: daar gold een duidelijk principe waarop de maatschappij was gestoeld. Dat principe kan worden omschreven als eer. Eer heeft niet iedereen. Als iedereen wordt geëerd, wordt niemand geëerd. Eer was in dit type samenleving verbonden met sociale ongelijkheid. Het begrip eer heeft eeuwenlang stand gehouden in een feodale maatschappij, onder een absolutistisch koningschap. Maar historische omwentelingen vaagden de eer weg en vervingen haar door een heel ander begrip: dat van waardigheid. Iedereen heeft deel aan waardigheid. En zoals eer verbonden is met een maatschappij van ongelijkheid, is waardigheid gekoppeld aan een egalitaire samenleving. Waardigheid is een begrip uit de democratie. Het is een van de grondslagen van de moderne democratische opvattingen. In de Franse revolutie was iedereen burger, in de Russische iedereen kameraad. Die revoluties richtten zich tegen hiërarchische samenlevingen, wilden een principiële gelijkheid tussen mensen en kozen een helder vocabularium daarvoor. Dat is het eerste, het belang van gelijke erkenning, waardigheid voor iedereen. IDENTITEIT Maar er is een tweede, misschien nog wel belangrijker reden waarom erkenning van zoveel gewicht is geworden voor ons. Ook daarvoor moeten we terug in de geschiedenis, maar dan meer iets als een tour d horizon. Het gaat er om hoe we onszelf zijn gaan zien. Wat preciezer gezegd, over de termen waarmee we onszelf zijn gaan beschouwen en begrijpen. Nog iets meer gepreciseerd: welke historische achtergronden heeft de notie zelf, aan welke bronnen heeft ze zich gelaafd? Het gaat dus om onze identiteit. Identiteit is op zichzelf niet nieuw. De vraag: wie ben ik? is van alle tijden. Maar de moderne tijd geeft er een heel specifiek antwoord op, dat we voorlopig als volgt omschrijven: de kern van mijn identiteit is de eerlijkheid tegenover mezelf. Bij alle onzekerheid over wie ik ben, moet ik hier aan vasthouden. Zo heeft 3

4 Charles Taylor ons zelfbeeld geanalyseerd. Zijn betoog wordt hier op hoofdpunten gevolgd. Opvallend is dat het meeste van zijn toch theoretische analyse ons verrassend bekend voorkomt. We spreken en denken over onszelf op een manier die ons zo vertrouwd is dat we het niet eens meer opmerken. Ik neem aan dat het verband tussen erkenning en identiteit voor vrijwel iedereen volstrekt vanzelfsprekend is. Maar die zogenaamde bekendheid, of zelfs overbekendheid, kan ook verwarring zaaien. Kenmerkend voor identiteit (daarmee bedoelen we de manier waarop mensen zichzelf zien en over zichzelf praten) in de moderne tijd is het strikt individuele karakter ervan: het is mijn identiteit en niet die van een ander. Bovendien is het, ondanks alle invloeden, mijn eigen project en alleen ik ben verantwoordelijk. Mijn identiteit is om zo te zeggen voor een groot deel mijn eigen prestatie. Om die redenen is iets van het grootste belang: trouw tegenover mezelf. We noemen dat authenticiteit en degene die het eerst het belang daarvan heeft aangegeven was de Franse filosoof J-J. Rousseau. Hij was ervan overtuigd dat trouw tegenover jezelf de topwaarde is in een mensenleven, belangrijker dan welk gebod dan ook, zelfs dan God. Aan de stem die in je spreekt moet je oneindig veel meer aandacht besteden dan aan al het andere. In een van zijn autobiografische geschriften, Mijmeringen van een Eenzame Wandelaar, heeft Rousseau dit pregnant onder woorden gebracht. Het gaat om een sentiment de l existence, een gevoel dat je bestaat. Deze opvatting verleent aan het begrip authenticiteit een enorm gewicht, luisteren naar die stem en hem niet verhinderen, wordt een levensopdracht en een moreel ideaal: contact met jezelf hebben en dat contact niet verliezen. Oriëntatie op de bron van de moraal, de natuur, is belangrijk. Nog belangrijker is de waarde die wordt gehecht aan het intieme contact met zichzelf waartoe ieder in staat is. HET NIEUWE ZELF Deze manier van denken over jezelf als zelfontdekking, is historisch gesproken nieuw. En het is de basis geweest voor latere ontwikkelingen en verrijkingen van het zelf Dat zelf verandert ook in de loop van de tijd. Dat komt vooral omdat in de tijd na Rousseau het zelf van de mens wordt ontdekt als een innerlijk landschap dat geëxploreerd en verkend kan worden. Dat gebeurt niet in de eerste plaats in de filosofie, als wel in de kunst, met name in romans en gedichten als peilingen van de diepten van de menselijke geest. De verrijking van dat zelf is gebeurd doordat twee denkbeelden ermee werden verweven. Daardoor is juist de morele betekenis van authenticiteit sterker naar voren gekomen. De eerste is dat elk mens een oorspronkelijke wijze van menszijn heeft. Niet het gegeven dat we tot dezelfde soort behoren bepaalt wat we zijn als mens, maar het verschil tussen mensen onderling. Elk individu is uniek en het is duidelijk dat die opvatting het belang van trouw aan jezelf enorm vergroot. Deze gedachte van het vieren van het verschil is in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw prominent naar voren gekomen. De Nederlandse socioloog Gabriël van den Brink keert zich in een recente publicatie tegen dit verschildenken. Oorspronkelijk aanhanger van Michel Foucault, overtuigd verdediger van dat denken, is hij nu tot andere gedachten gekomen: onze maatschappij heeft behoefte aan samenbindende kracht, niet aan het bevorderen van verschillen. Het bovenstaande dwingender gezegd: alleen als ik mezelf trouw ben, heeft menszijn voor mij echt betekenis. Die betekenis gaat verloren wanneer ik mezelf uitlever 4

5 aan iets of iemand anders. (Die gedachte echoot door in Kants opvatting van verlichting als bevrijding van een onmondigheid die je aan jezelf te wijten hebt ). Maar dat niet alleen. Ontrouw tegenover jezelf betekent falen in je bestemming. Die uniekheid van de mens wordt, met name in de Romantiek, de periode aan het begin van de 19 e eeuw, verbonden met de overtuiging dat de mens in wezen creatief is. Originaliteit verbonden met creativiteit. En daar ligt ook de overgang met de tweede verrijking van het begrip authenticiteit. EXPRESSIE Het tweede is dat ik mijzelf ontdek in wat ik schep. Ik breng iets van mezelf tot uitdrukking en door me uit te drukken leer ik mezelf kennen. Dat gebeurt onder andere door te spreken, in de taal. Het voorbeeld is het kunstwerk (deze gedachten vonden vooral een weg in de intellectuele en artistieke wereld). Maar daartoe is het niet beperkt, er zijn ook andere middelen. Er wordt dus een interessante verbinding gelegd tussen originaliteit, creativiteit en expressie. Ik wist niet dat ik het in mij had, om met heer Olivier te spreken. Tot verrassing van mezelf ben ik tot iets in staat, zij het niet steeds in positieve zin. Maar als ik alleen verantwoordelijk ben voor wat ik van mezelf maak, dan betekent trouw tegenover mezelf ook trouw tegenover mijn eigen expressie. Wat ik niet van mezelf wist, hoort wel bij mij. Zo leer ik mezelf kennen en mijn originaliteit kan ik alleen ontdekken en onder woorden brengen. Zo komen zelfverwerkelijking, zelfontplooiing en zelfkennis heel dicht bij elkaar te liggen. Want op die manier wordt tegelijk ook duidelijk wie ik zelf eigenlijk ben. Authenticiteit en zelfverwerkelijking zijn idealen. Ze zijn verbonden met wat ik van belang vind in het leven. IDENTITEIT EN ERKENNING Hiermee wordt iets heel wezenlijks gezegd over de moderne identiteit. Dat gebeurt aan het begin van de 19 e eeuw en er is weinig fantasie voor nodig om hierin onze eigen situatie te herkennen. Maar ik hoop dat u het hebt herkend. Onze hele samenleving is ermee doortrokken, van TV shows als Oprah Winfrey tot onderwijsnota s van OCW. Ik zei het al, zo vanzelfsprekend dat we het niet eens meer opmerken. We spraken over waardigheid in verband met een modern type samenleving dat niet-hiërarchisch was. Maar ook het ideaal van authenticiteit heeft verband met deze samenleving. Voorheen werd identiteit bepaald door iemands maatschappelijke positie. In een democratische samenleving verdwijnt dat niet, iemands maatschappelijke positie blijft van groot belang. Maar er gebeurt wel iets anders. De maatschappelijke identiteit komt in principe met het ideaal van authenticiteit en zelfverwerkelijking op gespannen voet te staan. In die zin: wat ik ben, kan niet worden afgeleid uit mijn maatschappelijke positie, maar moet van binnenuit door mezelf worden ontwikkeld. Er komt dus een spanning tussen mijn opdracht om authentiek te zijn en de maatschappij. Bij een aantal denkers wordt die spanning tot een absolute tegenstelling. Zij nemen afscheid van de gevestigde moraal en creëren een nieuwe, zoals bijvoorbeeld Nietzsche. DIALOGISCHE GESTELDHEID Ik wil nu even recapituleren. Waar ging het ons om? We begonnen met ons af te vragen waarom erkenning zo belangrijk is voor identiteit. Je tast iemand in zijn wezen aan als je hem of haar erkenning onthoudt of negatieve erkenning geeft. Daarna hebben we ons beziggehouden met de uitwerking 5

6 van het verband tussen erkenning en identiteit, aan de hand van begrippen als waardigheid, authenticiteit, zelfverwerkelijking. Maar om het belang van die band tussen erkenning en identiteit beter te doorgronden, moet zeker nog op het volgende worden ingegaan, waarbij tevens een misverstand kan worden vermeden. Dat misverstand zou kunnen ontstaan door de nadruk op individu, originaliteit, trouw aan jezelf. Daardoor kan de suggestie worden gewekt dat identiteit uitsluitend en alleen mijn eigen prestatie is. Niet alleen mijn eigen opdracht, maar ook mijn eigen werk. En er zijn inderdaad mensen die daarvan overtuigd zijn: je ontwikkelt je het beste door je op jezelf te concentreren en je leert jezelf het beste in eenzaamheid kennen. Algemeen gesproken is dat een heel verkeerde interpretatie van de moderne identiteit omdat het gegeven, dat het menselijk bestaan in wisselwerking staat met zijn omgeving wordt miskend. Menselijk leven is dialogisch van aard: ik word mens doordat ik talen aanleer. Natuurlijk in de eerste plaats mijn moedertaal. Maar talen is veel breder: de taal van de kunst, van gebaren, van liefde. Ik word mezelf door kennis te nemen, in te gaan op expressies van anderen. In de loop van hun leven maken mensen zich talen eigen waarin ze zich uitdrukken en zichzelf leren kennen via die uitdrukking. De wording van de menselijke geest is geen monoloog maar een dialoog. Daarin spelen anderen een grote rol, vooral wat de Amerikaanse filosoof George Herbert Mead significante anderen heeft genoemd, ouders, school, leeftijdgenoten. Maar het zou een misverstand zijn te denken dat met de volwassenheid de invloed van anderen zou ophouden. Natuurlijk wordt van ons verwacht dat we een eigen kijk en houding tegenover de dingen ontwikkelen. Maar dat houdt niet in dat identiteit geheel zelfstandig tot stand komt. Het opvallende is dat wij onze identiteit steeds definiëren in overeenstemming met wat anderen in ons zien. Steeds weer opnieuw, en zo blijft de bijdrage van die significante anderen steeds werkzaam. Voor veel mensen is dat lastig en voor sommigen ondraaglijk. De tendens van deze tijd is om zelfstandigheid geheel en al te identificeren met onafhankelijkheid. Authenticiteit is dan de strijd tegen afhankelijkheid. Maar dat miskent dat we juist voor die authenticiteit relaties nodig hebben en erop aangewezen zijn. Anders gezegd, je doet jezelf fundamenteel tekort en schept een schijnidentiteit als je de opvatting huldigt dat trouw aan jezelf zijn betekent: zoveel mogelijk banden verbreken en scheidingen aanbrengen. Authenticiteit betekent zelfstandige verwerking en dat is iets anders dan absolute onafhankelijkheid. Identiteit wil ook zeggen: wie we zijn, waar we vandaan komen. Sommige dingen zijn voor mij alleen toegankelijk door de relatie met de persoon van wie ik houd. Dan wordt die persoon onderdeel van mijn identiteit. Identiteit wordt dus ontwikkeld door een dialoog met anderen. Daaraan doet het strikt eigen karakter van zelfontplooiing niets af, evenmin als de gedachte dat elk mens uniek is of dat ik alleen verantwoordelijk ben voor mijn identiteit. Dat dialogische karakter van het menselijk bestaan verklaart ook het waarom waarmee we zijn begonnen: waarom identiteit en erkenning zo nauw samenhangen. Want mijn identiteit hangt af van relaties met anderen. Dat is geen constatering: zo is het nu eenmaal, het is onze condition humaine en daarmee moeten we zien te leven. Nee, relaties zijn wezenlijk voor wie ik zelf ben. Kortom, identiteit is dialogisch van aard en daarin speelt erkenning een centrale rol. 6

7 KWETSBARE IDENTITEIT Maar daar zit tegelijk ook het probleem. Persoonlijke identiteit kan niet als vanzelfsprekend op erkenning rekenen. Erkenning moet worden verworven of verkregen en dat kan misgaan. Iedereen heeft behoefte aan erkenning en dat geldt niet alleen in onze samenleving. Niet de noodzaak van erkenning is nieuw. Nieuw is dat er omstandigheden zijn waaronder die erkenning kan mislukken. Erkenning is problematisch geworden en dat hangt zeer nauw samen met haar band met identiteit. Een identiteit die van binnenuit is opgebouwd, een innerlijk afgeleide identiteit, kan zich niet op voorhand verheugen in erkenning. Ze moet die verwerven en dat kan misgaan. Het moderne zelf is een gecompliceerde combinatie van aanvaarding en verwerping van invloeden van buitenaf en is daardoor kwetsbaar voor het onthouden van erkenning. Relaties worden gezien als sleutels voor de ontdekking en bevestiging van onszelf. Als dat misloopt, dan raken we zelf in crisis, omdat ons zelfbeeld afhankelijk is van relaties. EN RESPECT? Wat zegt dit alles nu over respect? Dient het ter verklaring van dit moeilijke begrip? Van belang lijkt me in elk geval dat erkenning verleend of gegeven wordt dan wel onthouden. Dat wil zeggen dat het wel gevraagd kan worden, maar niet geëist. Op grond waarvan kan men erkenning eisen? In de voorbelden uit het NRC-artikel is dan ook niet zozeer sprake van respect, maar eerder van ontzag. Erkenning en respect veronderstellen een gelijkheidsrelatie van afhankelijkheid en onafhankelijkheid. Ontzag houdt een ongelijkheidsrelatie in. Dat wordt nog bevestigd doordat deze nieuwe vorm van respect, zoals ze wordt genoemd, wordt afgedwongen. Als je mij dist, dan ga ik jou slaan : Jij respecteert mij niet? Dan zal ik je dwingen me te respecteren. Dit is niet zozeer een nieuwe vorm van respect als wel een echo van de maatschappij van eer die we al enige eeuwen achter ons hebben gelaten. Het interessante is voorts dat hier vooral het disrespect een rol speelt. Het schijnt vele malen duidelijker te zijn om uit te maken wat het ontbreken of onthouden van respect is dan wat respect eigenlijk is. Een indicatie waarom dat zo is, wordt gegeven in het artikel. Een Marokkaanse onderzoekster reageert op Paul Schnabel. Schnabel kan zich de reactie van de vrouw die haar tas tegen zich aanklemt wel voorstellen, gezien de overmatige hoeveelheid Marokkaanse jongeren in Nederlandse gevangenissen. Zij zegt: Schnabel begrijpt niets van de leefwereld van die jongeren. Zij wel, en ze wijst erop dat veel Marokkaanse pubers geen enkele vorm van respect hebben ontvangen. Dat zou betekenen dat ze respect alleen als disrespect hebben ervaren en er ook alleen zo over kunnen spreken. Het zou dus niet alleen een taalkwestie zijn, maar ook een ervaringskwestie. Maar hoe begrijpelijk dit alles als reactie ook is, het maakt de eis om respect te geven er niet acceptabeler op en de achterliggende gedachtegang evenmin. Het probleem is juist dat erkenning en respect, hoe strikt noodzakelijk ook, wel gehoopt en verwacht maar niet geëist kunnen worden. We zijn afhankelijk van wat anderen ons toekennen en zij weer van ons. De sterkte van de behoefte weegt als het ware op tegen het risico van mislukking. Literatuur Charles Taylor et al. Multiculturalism,2nd. rev. ed., Princeton N.J.: Princeton University Press

8 VITALITEIT OF VEILIGHEID Hans Boutellier Dat veiligheid in onze huidige samenleving zo een centraal thema is geworden, is geen vanzelfsprekende zaak. In een van de eerste rapporten (1975) van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) werd de verwachting uitgesproken dat de criminaliteit zou afnemen, met uitzondering van de drugsproblematiek en de burgerlijke ongehoorzaamheid. Deze optimistische visie vinden we ook terug in een veel ouder boek, de utopische roman van Edward Bellamy In het jaar De hoofdpersoon wordt na een hypnotische slaap van 113 jaar wakker in een nieuwe wereld, en wordt daarin rondgeleid door de medicus Leete. Hij valt vanzelfsprekend van de ene verbazing is de andere. Deze harmonieuze wereld kent geen schaarste, geen arbeidsonrust, geen sociale verschillen en geen criminaliteit. Enige tijd later miste ik in de stad de oude gevangenis. Dat was voor mijn tijd, zei dr. Leete, toen ik hem erover aansprak, maar ik herinner me wel ervan gehoord te hebben. Wij hebben geen gevangenissen tegenwoordig. Alle gevallen van atavisme worden in de ziekenhuizen behandeld. Het denkbeeld om zulke ongelukkigen te bestraffen werd reeds vijftig jaar geleden vaarwel gezegd. Bedoelt gij, dat misdaad tegenwoordig wordt beschouwd als een voorvaderlijke eigenaardigheid? Ik vraag u verschoning, zei dr. Leete met een glimlach, maar nu het mij zo vraagt, moet ik u zeggen, dat dit de volle waarheid is... bijna alle vormen van misdaad, die bij u bekend waren, hebben tegenwoordig geen reden van bestaan meer. (Nederlandse vertaling, 1937, p. 109) Hoewel deze voorspelling er volledig naast zit, heeft de hoop die er aan ten grondslag ligt nog lange tijd voortgeduurd. Nog tot begin jaren tachtig hoopten vooraanstaande criminologen als Bianchi en Hulsman dat het strafrecht kon worden teruggedrongen ten gunste van een civiele afhandeling van conflicten tussen burgers. In de prognose van de WRR klonk deze hoop nog nadrukkelijk door: het verdwijnen van het criminaliteitsprobleem als gevolg van een zich doorzettende harmonisering van de sociaaleconomische verhoudingen. Wat is er in bijna dertig jaar gebeurd, dat deze hoop zo drastisch deed vervliegen? HET BUZZWORD VEILIGHEID Het thema veiligheid is een buzzword geworden; het gonst in de media, in het café en in de huiskamers en in de politiek! Het is van belang drie perspectieven te onderscheiden. Veiligheid is om drie - met elkaar samenhangende - redenen het centrale thema van onze samenleving geworden. 2 In de eerste plaats is dat vanwege het criminaliteitsprobleem. Deze vaststelling heeft het karakter van een platitude, maar toch is er onder intellectuelen een grote neiging om de groei van criminaliteit te onderschatten. Op basis van eenvoudige registratiecijfers van de politie kan echter worden gesproken van een vertienvoudiging van de ciminaliteit sinds In 1960 waren er aangiften, in ,3 miljoen (overigens zijn dat er inmid- 8

9 dels 1,4 miljoen). Op basis van bevolkingsenquêtes is bekend dat het totale aantal delicten ook die niet werden aangegeven tussen burgers onderling geschat moet worden op 5 miljoen delicten. Indien hier alle slachtofferloze delicten worden bijgeteld (fraude, winkeldiefstal, opiumdelicten) komen we op een schatting van circa tien miljoen misdrijven per jaar. Ondanks de discussie over de precieze cijfers lijkt een ding duidelijk: Nederland heeft een probleem. Daarbij zij nog aangetekend dat op sommige plaatsen en voor sommige groepen de kans om slachtoffer te worden van een delict groter is dan elders. Bovendien lijkt de ernst van de criminaliteit toe te nemen, met name het geweldsprobleem groeit. Er is met andere woorden reden voor onbehagen onder burgers. En dat verwijst naar de tweede reden voor de centrale rol van het veiligheidsprobleem. Veiligheid is een politiek issue van formaat. Daarbij spelen vanzelfsprekend electorale overwegingen een rol, maar de politieke betekenis steekt in feite veel dieper. Veiligheid dient te worden beschouwd als een van de pijlers van de natiestaat. De staatsvorming in de negentiende eeuw werd voor een belangrijk deel gemotiveerd door veiligheid, zowel intern als extern. De staat ontleent zijn geweldsmonopolie aan een fictieve sociale ruil: onderschikking aan de wet tegen bescherming door het recht. Op het moment dat de bevolking twijfelt aan de bescherming die zij geniet van de overheid, stelt zij in feite de betrouwbaarheid van de staat ter discussie. Van een dergelijke politieke crisis lijkt sinds 2002 sprake te zijn. De derde reden dat veiligheid een buzzword werd, is van culturele aard. Het past bij onze cultuur, en meer in het bijzonder bij de moraal van deze tijd. Criminaliteit is eerst en vooral de doorbreking van een norm, en daarmee een normatieve aangelegenheid. De ontwikkeling van het veiligheidsprobleem verwijst naar mijn idee zonder meer naar de ontwikkeling van de publieke moraal. In een recent rapport van de WRR is deze relatie onderkend en werd gepleit voor een stringentere rechtshandhaving en meer aandacht voor de overdracht van gedragsnormen. 3 Het lijkt erop dat de WRR in enigszins sussende bewoordingen het waarden en normen-thema van de politieke agenda heeft willen voeren. 4 De WRR constateert dat er geen sprake is van erosie van waarden en normen, maar dat het schort aan de wijze waarop we ons, met name jongeren zich gedragen. Daarbij laat zij naar mijn mening een belangrijke constatering liggen. Er is wellicht geen reden om te spreken van een afname van waarden en normen, maar wel van de doorbreking van de coherentie van waardenstelsels, de daarbij behorende normen, de daaruit voortvloeiende gedragsvoorschriften en de instituties die deze drie-eenheid ondersteunden. De secularisering, in het bijzonder de individualisering, doorbrak deze coherentie. Waarden is iets voor filosofen, normen het monopolie van het recht, de instituties zijn steeds meer gerationaliseerd en gedrag is een individuele aangelegenheid geworden. In het uiteenvallen van deze coherentie ging nog een andere samenhang verloren: de vanzelfsprekende relatie tussen goed en kwaad. Het goede leven werd een individuele zaak, mensen gingen zelf uitmaken hoe zij hun leven vorm konden geven. Een ieder kon zijn eigen God kiezen, of zelfs denken zelf God te zijn. Gemeenschappelijkheid kan nog slechts gevonden worden in datgene wat mensen afwijzen: vernedering, discriminatie, wreedheid, slachtofferschap. Moraliteit in een postmoderne cultuur zonder coherente levensbeschouwin- 9

10 gen en ideologieën komt in het teken te staan van het slachtoffer. Het verklaart de enorme aandacht voor criminaliteit en het belang dat we hechten aan een veilige samenleving. Veiligheid is een soort religie geworden. EIGEN EMOTIE EERST Het onbehagen rond onveiligheid gaat dus veel dieper dan angst voor criminaliteit. Die angst is reëel, voorzover de kans om slachtoffer te worden is toegenomen. Maar er is veel meer aan de hand. Veiligheid raakt direct aan het vertrouwen in de staat en dus van de politiek. Zeker in de samenhang met het integratievraagstuk - zoals tot uiting komt in zowel straatcriminaliteit als in radicalisme - is veiligheid een politiek explosieve zaak. Maar het onbehagen rond veiligheid wijst vooral ook op een crisis in de hedendaagse cultuur, waarin een permanente roep om veiligheid, bescherming en genoegdoening gehoord kan worden. Behalve in termen van veiligheid is de hedendaagse cultuur echter nog op een andere wijze te typeren. De individualisering leidt ook tot onzekerheid in de sociale verhoudingen. De morele fragmentering leidt ook tot psychische onbestemdheid. Tegenover de roep om veiligheid staat met andere woorden een geheel ander cultureel motief. Er is sprake van een ongekende vrijheid, een zekere grenzeloosheid, van een opvallend soort uitbundigheid in de vormgeving van de eigen levensprojecten. We kunnen dit motief negatief benoemen, bijvoorbeeld in termen van consumentisme, hedonisme, egoïsme, narcisme. Je zou kunnen zeggen een cultuur waarin de eigen emotie heerst. Met een wat positiever begrip zouden we kunnen spreken van vitalisme, om aan te geven dat individuele motieven en drijfveren een prominente plaats hebben in onze cultuur. Dit vitalisme werpt een ander licht op de roep om veiligheid. Deze gaat gepaard aan een vrijwel onbeteugelde levensstijl. Het gaat hierbij in feite om twee kanten van dezelfde medaille. Het onbehagen in de cultuur, dat Freud in 1930 in een gelijknamig essay zo schitterend analyseerde is in wezen gekanteld. Ons onbehagen komt niet langer voort uit de disciplinering van onze driften door de cultuur. Eerder het tegendeel lijkt het geval te zijn. We ervaren een dusdanig grote vrijheid bij de vormgeving van ons leven dat het beangstigend wordt. Het is niet de disciplinering, maar het gebrek daaraan wat ons onbehagen doet groeien. En gaat het daarbij niet om onszelf, dan toch wel om de spreekwoordelijke buurman, die het wel erg bont lijkt te maken. Er is met andere woorden sprake van culturele spagaat: de westerse burger wenst zowel maximale vrijheid als maximale veiligheid. Hij wil niet dat hem teveel in de weg wordt gelegd, maar eist wel bescherming tegen de uitwassen van de vrijheid. We geven bijvoorbeeld een enorme ruimte aan kinderen, maar zijn tegelijkertijd overbeschermend. Op dancefeesten wordt xtc geslikt, maar deze moet dan wel gecontroleerd worden op al te heftige lichamelijke reacties. Er wordt gespeculeerd op de beurs, maar eisen bescherming van de rechter als de verliezen te groot zijn. We willen met andere woorden uitbundig leven onder bescherming van de politie. Daarin schuilt het wezen van de veiligheidsutopie. De burger wil alle ruimte, maar de samenleving moet aan banden. Het volk schreeuwt vooral om de disciplinering van de ander. 10

11 HET STRAFRECHTELIJK TEKORT Het tegenstrijdige verlangen naar zowel vrijheid als veiligheid legt een enorme druk op de overheid. Enerzijds genereert een vitalistische cultuur een grote mate van criminaliteit, overlast, antisociaal gedrag en onfatsoen. Anderzijds ontstaat binnen zo een cultuur een roep om bescherming en veiligheid. Van beide zijden doet dit de vraag naar strafrechtelijk ingrijpen toenemen. In dat verband kan worden gesproken van een strafrechtelijke paradox: een groeiende vraag naar een krimpend aanbod. Want in 1960 was er nog sprake van een strafrechtelijke dekking van bijna vijftig procent. Van de door de politie geregistreerde delicten werd bijna de helft opgelost en afgestraft. Thans bedraagt dit dekkingspercentage nog geen vijftien. En op het totale volume van de criminaliteit (geschat op basis van slachtofferenquêtes) gaat het slechts om enkele procenten. Tegen deze achtergrond zijn twee strategieën denkbaar, die beide herkenbaar zijn in het maatschappelijke debat. In de eerste plaats wordt gestreefd naar de versterking van het strafrechtelijk systeem. In de tweede plaats kan worden getracht om het criminaliteitsvolume in normatieve zin terug te dringen. Beide strategieën zijn actueel, maar alleen van de eerste wordt echt werk gemaakt. De beleidsnota Naar een veiliger samenleving (het enige product van Balkenende I) bevat een rijstebrijberg van maatregelen, convenanten en prestatieafspraken zonder enige beschouwing, analyse of prioritering. Harder, vaker en effectiever straffen is het motto van deze nota. Naar mijn mening is versterking van het strafrechtelijke systeem alleen zinvol indien daaraan maatregelen worden verbonden om het totale volume van de criminaliteit terug te dringen. We zouden het eerste in beperkte mate moeten doen teneinde het tweede beter te realiseren. Het strafrecht is in zekere zin het laatste, gedeelde normatieve bolwerk. De strafrechtelijke inzet zou gericht moeten zijn op de versterking van het zelfregulerende en correctieve vermogen van de samenleving. Het is mogelijk om het strafrechtelijk systeem te benutten om het corrigerend vermogen van de samenleving te vergroten. Voor de geloofwaardigheid van deze ondergrens is enige soliditeit van het systeem wel noodzakelijk. Maar het strafrecht is niet de enige normatieve institutie. Rond het strafrecht bewegen zich talloze organisaties en instanties die zijn gericht op risicoreductie; deze lopen uiteen van de jeugdzorg tot het bankwezen. Daaromheen staan talloze maatschappelijke organisaties: scholen, zwembaden, welzijnswerk, bedrijfsleven en media die een rol spelen in de morele vormgeving van de Nederlandse samenleving. Het is van belang dat deze instituties zich ook nadrukkelijk herdefiniëren als normatieve instituties. In praktische zin gaat het daarbij om correctie van onaangenaam gedrag, om tegengaan van wreedheid en vernedering. Daarbij zijn nieuwe vormen van burgerschap aangewezen in termen van empathie, respect en verantwoordelijkheid. Als we al kunnen geloven in een soort van gemeenschap, dan zullen we haar vanuit de verdediging moeten opbouwen. TOT BESLUIT Het strafrechtelijk tekort is zo beschouwd een wenselijk tekort. Veiligheid is eerst en vooral een probleem van de samenleving. Als het antwoord op de roep om veiligheid beperkt blijft tot een uitbouw van het strafrechtelijk systeem, dan begeven we ons op een gevaarlijke weg. Hans Achterhuis wijst 11

12 er in zijn boek De erfenis van de utopie (1998) op dat een utopie het gevaar in zich draagt van een totalitaire machtsdroom. Het najagen van illusies kan onwenselijke vormen aannemen. We dienen ons echter te realiseren dat achter de roep om veiligheid meer schuilgaat, het is ook een vraag naar meer zekerheid en kleinschaligheid, naar een kleine moraliteit van betrokkenheid die niet langs de repressieve lijn kan worden bevorderd. Het strafrecht heeft een functie in de bewaking van de uiterste morele grenzen van de samenleving. Daarbinnen hebben ook andere instanties een normatieve functie. Maar uiteindelijk gaat het vanzelfsprekend om de burgers en de vitaliteit van hun sociale verbanden. Burgers hebben baat bij institutionele ondersteuning. Deze zou moeten aanzetten tot activering en participatie, tot bezinning en bemoediging. Zo bezien schuilt in het begrip utopie ook een sprankje hoop. In de roep om veiligheid schuilt wellicht ook de kiem van nieuwe vormen van vrijheidsbeleving, van actuele vormen van gemeenschapsvorming. De naïviteit van Bellamy hebben we achter ons gelaten, maar de realiteit van het huidige veiligheidsprobleem kan ook impulsen geven tot nieuw sociaal elan. Aantekeningen 1. De oorspronkelijke titel luidt: Looking backward , en werd gepubliceerd in Dat geldt overigens voor de meeste westerse landen - zij het in wat verschillende tempo s. 3. Vandaar dat het rapport Waarden, normen en de last van gedrag (2003) is genoemd. 4. Zie voor een nadere argumentatie: Hans Boutellier, De geprivatiseerde moraal, Pluche, zomer 2004, nr. 7, pp

13 PLEIDOOI VOOR EEN NIEUW BESCHAVINGSOFFENSIEF Gabriël van den Brink Het onderzoek naar jeugdcriminaliteit en agressief gedrag van jongeren heeft de laatste jaren het karakter aangenomen van een ware kennisindustrie. We worden overspoeld door tientallen onderzoeksrapporten, behandelplannen, literatuurstudies, trendanalyses, tv-programma s, expertmeetings, proefprojecten, wetenschappelijke symposia en beleidsnota s. Dat is enerzijds een geruststellend iets. Het wijst er immers op dat de verontrusting bij vele burgers over zaken als zinloos geweld toch vrij snel wordt omgezet in onderzoek en beleidsvorming. Maar anderzijds werkt het de nodige verwarring in de hand omdat de diagnoses verre van eenduidig zijn en de voorstellen tot praktisch handelen nogal uiteenlopen. PSYCHOLOGISCHE BENADERING Niettemin tekent zich in deze baaierd van analyse en debat de laatste tijd een zekere consensus af. Veel onderzoekers zijn ervan overtuigd geraakt dat men de zaak het beste kan benaderen vanuit een ontwikkelingspsychologisch perspectief. Daarvoor zijn goede redenen. De populaire opvatting dat gewelddadig of crimineel gedrag vooral met sociale omstandigheden samenhangt, wordt door het empirisch onderzoek weerlegd. Factoren als een lage sociaal-economische status, gescheiden ouders of wonen in een achterstandswijk oefenen wel invloed uit, maar dat effect is niet erg sterk en bovendien vaak indirect. Factoren op het gebied van de persoonlijkheid, de vroege opvoeding en de eigen voorkeuren van jongeren zijn uiteindelijk belangrijker. Daarom zijn geweldsdelicten op latere leeftijd het beste te voorspellen door te kijken naar vormen van ernstig agressief gedrag die zich reeds op jonge leeftijd aandienen. Aldus verplaatst het wetenschappelijke debat zich geleidelijk van de maatschappelijke omstandigheden waarin het tot agressie komt, naar de individuele problematiek waarbij psychologische en biologische factoren een voorname rol spelen. Op zichzelf kan men deze ontwikkeling toejuichen. Zij heeft niet alleen afgerekend met een te globale sociologische benadering maar ook nieuwe inzichten met zich meegebracht. We weten thans dat het bij jeugdcriminaliteit niet om onverbiddelijke oorzaken maar om kwade kansen gaat. Het komt met name op een accumulatie van risicofactoren aan. Voorbeelden van dergelijke factoren zijn een neiging tot impulsief gedrag en concentratiestoornissen. In het gezinsleven pakt een kille of inconsequente opvoeding vaak ongunstig uit. Op school gaat het om veelvuldig spijbelen en een geringe mate van betrokkenheid. In de vrije tijd om een frequent gebruik van drugs of alcohol. En in het stadsleven zorgt een delinquente vriendenkring voor risico s. Men kan niet zeggen dat één van deze kenmerken onvermijdelijk tot een criminele carrière leidt, maar wanneer ze bij elkaar komen neemt de kans daarop aanzienlijk toe. Vandaar dat het erg zinvol is deze risi- 13

14 co s te beperken en meteen in te grijpen als de eerste tekenen van een criminele ontwikkeling zich aandienen. Therapeutische interventies komen - zoals Rolf Loeber met nadruk heeft gesteld - nooit te vroeg en nooit te laat. Het gaat immers om een individuele ontwikkeling en daar is altijd wel iets aan te doen. Maar deze ontwikkelingspsychologische zienswijze heeft ook drie cruciale beperkingen. Ten eerste brengt ze een concentratie op ernstige en gewelddadige jeugddelinquenten met zich mee. De moeilijkheid is evenwel dat men geen absoluut onderscheid kan aanbrengen tussen de kleine groep van harde-kern jongeren en gewone jongeren die zich schuldig maken aan relatief onschuldige maar frequent voorkomende vormen van agressief gedrag. Sterker: ik denk dat er een geleidelijke overgang bestaat van jongeren die zich nooit aan asociaal gedrag bezondigen, via jongeren die open staan voor kickgedrag maar niet worden opgepakt, naar jongeren die een echt delict plegen en uiteindelijk de kleine groep die voor de meest ernstige problemen zorgen. Het is waar dat een onevenredig groot deel van alle delicten door deze laatste groep gepleegd wordt, maar daaruit volgt niet dat de meer alledaagse vormen van agressief gedrag onbelangrijk zouden zijn. In mijn boek Geweld als uitdaging 1 concentreer ik me in elk geval op een brede tussengroep, dat wil zeggen jongeren waarvan het agressieve en asociale gedrag de afgelopen decennia toegenomen is zonder dat ze als echte criminele of pathologische gevallen te beschouwen zijn. Mijn tweede bezwaar tegen een sterk psychologische analyse is dat ze veel nadruk op de dader legt en niet op de concrete situatie waarin het tot agressie komt. Toch speelt die situatie een voorname rol. Op bepaalde jongeren is weinig aan te merken zolang ze op school zitten of bij Albert Heijn vakken aan het vullen zijn. Maar diezelfde jongeren kunnen zich enorm misdragen wanneer ze met een stel vrienden naar de disco gaan. Dat moet niet op grond van psychologische maar van sociologische factoren verklaard worden. Mijn derde bezwaar is dat we vanuit de psychologie niet kunnen verklaren waarom het jeugdgeweld de laatste jaren zo sterk toegenomen is. Dat vereist nu eenmaal een historisch onderzoek naar de manier waarop de samenleving zich ontwikkeld heeft en de gevolgen die dat heeft voor jeugdigen. Vandaar mijn pleidooi om een verschijnsel als zinloos geweld niet alleen vanuit ontwikkelingspsychologisch maar ook vanuit een historisch en sociologisch perspectief te benaderen. HISTORISCH PERSPECTIEF Laten we om te beginnen vaststellen dat het niveau van gewelddadigheid onder jongeren de afgelopen dertig jaar ontegenzeggelijk gestegen is. Welke indicator men ook neemt, op elk punt zien we een verontrustende ontwikkeling. Zo steeg het aantal verdachten dat wegens een levensdelict door de politie werd gehoord tussen 1970 en 1995 met een factor 10. Het aantal jongeren dat werd gehoord wegens mishandeling groeide in deze periode bijna met een factor 5. Vandalisme ging met meer dan een factor 3 omhoog en alleen seksuele misdrijven liggen ongeveer op hetzelfde niveau. Weliswaar stegen deze delicten eveneens onder volwassenen maar de groei onder minderjarigen was sterker. Met andere woorden: wie op de cijfers van het CBS afgaat kan slechts de conclusie trekken dat geweldpleging onder jongeren de afgelopen decennia sterk toegenomen is. 14

15 Het is dan ook niet vreemd dat veel burgers verontrust raken. Toch moet men op zijn hoede zijn. De politiecijfers - want daar gaan de CBS-gegevens op terug - geven niet zonder meer de werkelijke ontwikkelingen weer. Een meer actieve opsporing, betere registratie en automatisering kunnen evengoed een toename van het aantal verdachten tot gevolg hebben. Er wordt onder criminologen dan ook al geruime tijd gediscussieerd over de vraag hoe de zojuist genoemde toename van geweldscijfers te duiden is. Ik constateer dat zich twee ontwikkelingen hebben voorgedaan. Enerzijds geeft het aantal agressieve gedragingen van 1970 tot op heden een geleidelijke groei te zien. Anderzijds nam - wellicht als gevolg van die groei maar waarschijnlijk ook door heel andere oorzaken - de verontrusting brede vormen aan. Dit heeft zijn effect op het beleid van politie en justitie niet gemist met als gevolg dat we - vooral sinds het begin van de jaren negentig - óók een stijging van de registratie zien. Overigens kan men daaruit niet afleiden dat het wel meevalt met de jeugd. Het feit dat jongeren vaker tot agressie overgaan in combinatie met het feit dat veel burgers gevoeliger geworden zijn, maakt dat we per saldo een veel groter probleem hebben dan dertig jaar terug. De verklaring voor deze dubbele ontwikkeling moet volgens mij gezocht worden in de expansie van een assertieve levensstijl. Zoals bekend deden zich in Nederland - en alle andere westerse landen - vanaf de jaren zestig ingrijpende veranderingen voor. Over de gehele linie eisten burgers meer bewegingsvrijheid voor zich op. Ze legden zich niet langer bij het gezag van de autoriteiten neer, bevrijdden zich van opgelegde rolpatronen en normen, wilden zelf bepalen op welke manier zij hun leven zouden inrichten, kwamen meer nadrukkelijk voor hun persoonlijke belangen op, brachten hun eigen mening luid en duidelijk tot uitdrukking en legden in het onderlinge verkeer grote nadruk op respect en zelfstandigheid. Met andere woorden: zij gingen zich meer dan ooit gedragen als autonome burgers die zich niet al te veel aantrekken van anderen. Deze nieuwe levensstijl kwam het eerst in de upper middleclass tot ontwikkeling, maar inmiddels is zij doorgedrongen tot alle lagen van de bevolking. Bijgevolg legt iedereen een groot gevoel van eigenwaarde aan de dag. Wij willen onder alle omstandigheden als persoon gerespecteerd worden en voelen ons al gauw gekrenkt als iemand dat niet doet. GROTERE GEVOELIGHEID Welnu, deze levensstijl heeft twee ogenschijnlijk tegenstrijdige gevolgen. Het eerste is dat onze gevoeligheden en verwachtingen geleidelijk omhoog gingen. Bepaalde opmerkingen of gedragingen die vroeger tamelijk gewoon waren, vinden wij niet acceptabel meer. Een duidelijk voorbeeld is datgene wat men tegenwoordig ongewenste intimiteiten noemt. Ongewilde seksuele toenadering ervaren wij als een aantasting van onze lichamelijke integriteit. Een ander voorbeeld is het onvrijwillig meeroken. In de jaren zestig waren heel wat mannen aan de sigaret en voor een beetje verse lucht moest je naar buiten toe. Inmiddels zijn de verhoudingen volledig omgekeerd en moeten rokers zich in een hoekje terugtrekken om zich daar aan hun kwalijke gewoonte te bezondigen. Zo zijn de verwachtingen met betrekking tot sociaal gedrag op vele terreinen geleidelijk omhoog gegaan. Dat geldt tevens voor de eisen die bijvoorbeeld aan werknemers gesteld worden. Wie nu in aanmerking wil komen voor een betaalde baan moet aan 15

16 vele normatieve en sociale criteria beantwoorden. Een en ander heeft ook gevolgen voor de wijze waarop men tegen jongeren aankijkt. Gedragingen die dertig jaar geleden nog heel normaal waren, ervaart men nu als hinderlijk of agressief. Ze leiden eerder tot ergernis of tot gevoelens van onveiligheid. Met andere woorden: de normatieve druk neemt toe en zal - wanneer ze door politie en justitie wordt omgezet in actiever optreden - vroeg of laat een toename van het aantal verdachten tot gevolg hebben. In die zin houden de zojuist genoemde cijfers rechtstreeks verband met de assertieve levensstijl. ASSERTIVITEIT Maar het is uiteraard niet alleen een kwestie van grotere gevoeligheid bij burgers of slachtoffers. Door een meer ontwikkeld gevoel van eigenwaarde neemt ook de neiging tot agressie toe. Agressiviteit en assertiviteit liggen per slot van rekening heel dicht bij elkaar. Psychologen hebben aangetoond dat mensen die geweld plegen zich veelal superieur voelen aan anderen. Ze jagen in de eerste plaats hun eigen belangen of verlangens na en laten zich door anderen niets in de weg leggen. Opmerkingen van anderen of hun daadwerkelijk verzet roept dan ook een onevenredig grote woede op. Hoe pregnanter het gevoel van eigenwaarde is, des te eerder spat de zeepbel uit elkaar. Vandaar dat jongeren met een groot maar kwetsbaar ego bij de minste aanleiding tot agressie overgaan. Dit vormt een voorname achtergrond van het verschijnsel dat we sinds een aantal jaren als zinloos geweld aanduiden. Daarbij gaat het om een even plotselinge als buitensporige vorm van geweldpleging tegen willekeurige medeburgers. In de media wordt dit gedrag vaak met het uitgaansleven in verband gebracht, maar het doet zich zeker zo vaak onder automobilisten, op stations en in de openbare ruimte voor. Dat zijn bij uitstek gelegenheden waar het gedrag, de blik of alleen al de aanwezigheid van anderen als hinderlijk ervaren wordt. Het zijn tevens gelegenheden waar de eigen bewegingsvrijheid het sterkst ontwikkeld is. Ook op die manier zet onze assertieve levensstijl aan tot meer agressieve gedragingen. Het is daarom geen toeval dat samenlevingen waarin het individu veel sterker aan een sociale code onderworpen is ook een lager niveau van agressiviteit kennen. Ik beweer vanzelfsprekend niet dat een assertieve levensstijl altijd en onvermijdelijk uitmondt in geweldpleging. Gelukkig brengen de meeste burgers voldoende zelfbeheersing op en jagen ze op een beschaafde wijze hun verlangens na. Maar tegelijkertijd wordt het degenen die minder zelfbeheersing aan de dag leggen wel erg gemakkelijk gemaakt. Dat geldt a fortiori voor jongeren die op grond van aanleg of persoonlijke ontwikkeling aan meerdere risicofactoren onderhevig zijn. Zij worden dankzij het sterk assertieve maatschappelijk klimaat op geen enkele manier gestimuleerd om zichzelf te beperken of rekening te houden met anderen. Bijgevolg hoeft er maar weinig te gebeuren of hun gedrag loopt uit de hand. En dat geldt evenzeer voor een aanzienlijke groep van jongeren die - zonder dat ze nu meteen echt pathologisch gedrag ontwikkelen - toch heel wat moeite hebben met de hoge eisen die de sociale omgeving aan hen stelt. SOCIALE CONTROLE Dat brengt ons bij de tweede analyse die ik aan het ontwikkelingspsychologisch perspectief zou willen toevoegen. Het kan best 16

17 zijn dat bepaalde jongeren tot agressief gedrag neigen, maar de vraag of ze daadwerkelijk geweld plegen hangt ook van de sociale situatie af. Er zijn verschillende domeinen in het bestaan van jongeren te onderscheiden, die nog niet systematisch zijn onderzocht: het bedrijfsleven, het onderwijs, het gezinsleven, de openbare ruimte, het uitgaansleven en de besteding van de vrije tijd. Deze domeinen vertonen een rangorde waarbij het bedrijfsleven en de school relatief veel zelfbeheersing aan jongeren opleggen terwijl de openbare ruimte en het uitgaansleven dat in geringe mate doen. Ik gebruik bewust de term opleggen omdat zelfbeheersing niet alleen een kwestie van persoonlijke eigenschappen maar ook van concrete omstandigheden is. Bij dit laatste zijn vooral de mate van toezicht of sociale controle van belang, dat wil zeggen de pressie die anderen op jongeren uitoefenen. Daarnaast spelen de feitelijke normen een rol, dat wil zeggen de vraag welk gedrag in die omgeving door de meeste jongeren normaal gevonden wordt. Mijn stelling is de volgende: situaties die gekenmerkt worden door veel sociale controle en hoge normen zullen jongeren er minder snel toe brengen zich over te geven aan agressief gedrag dan situaties waar de sociale controle en normatieve druk bescheiden zijn. Laat ik deze stelling illustreren met twee voorbeelden: het uitgaansleven en het onderwijs. Op school zijn de meeste leerlingen met naam en toenaam bij hun leraren bekend. Daardoor is een zeker toezicht mogelijk. Bovendien bestaan er veelal duidelijke regels en verwachtingen, niet alleen waar het om strikte onderwijsprestaties gaat maar ook wat betreft de sociale omgang met leerlingen en leerkrachten. Vanzelfsprekend gebeurt er wel eens wat, maar dat kan gegeven de sociale situatie snel gesignaleerd en gecorrigeerd worden. Aldus oefent de school een zekere druk uit op de leerlingen en komen deze laatste voor een keus te staan: zich te voegen naar de eisen die de omgeving aan hen stelt of zich niet te voegen en een andere omgeving opzoeken. Het zal u niet verbazen dat agressief gedrag vooral met de tweede optie samenhangt. Dat zijn dan ook de notoire spijbelaars. Terwijl 20 procent van de nietdelinquente jongeren wel eens gespijbeld heeft, is dat aandeel tweemaal zo hoog bij jongeren die geweld plegen en driemaal zo hoog bij de groep die men aanduidt als harde-kern-jongeren. Met andere woorden: hoe ernstiger het delictgedrag, des te vaker ontvluchten jongeren het onderwijs. In plaats daarvan zoeken ze met hun vrienden een andere omgeving op. De tijd die ze gemiddeld in deze vriendenkring doorbrengen, neemt toe naarmate het om ernstiger delicten gaat. Ook neemt de druk vanuit hun vriendenkring in deze richting toe. Van de niet-delinquente jongeren wordt 13 procent wel eens onder druk gezet om iets te doen wat niet mag, maar bij de geweldplegers is dat 34 procent en bij harde-kernjongeren 43 procent. Een en ander illustreert dat de sociale situatie er zeer toe doet. Het is van beslissende betekenis in welke omgeving een jongere veel tijd doorbrengt en in welke richting zijn of haar gedrag beïnvloed wordt. Door het samengaan van sociale controle en duidelijke regels of verwachtingen komen in het onderwijs slechts zelden ernstige vormen van agressie voor. Voor het uitgaansleven geldt het tegendeel. Daar staat het toezicht op een lager peil en bovendien heersen er heel andere normen. Daar gaat het juist om de kick van heftige ervaringen en laten jongeren zich vaker gaan. Het gebruik van een grote hoeveelheid alcohol al dan niet in combinatie met 17

18 andere middelen versterkt dat. Met als resultaat dat men veel minder zelfbeheersing dan door de week opbrengt en de zaken regelmatig uit de hand lopen. In die zin kan men zeggen dat agressief gedrag in een domein als het uitgaansleven juist bevorderd wordt. Uit onderzoek blijkt keer op keer dat er een samenhang bestaat tussen de hoeveelheid alcohol of het aantal keren dat men uitgaat enerzijds en de mate waarin men te maken krijgt met geweldpleging anderzijds. Ter illustratie daarvan kom ik nog eenmaal terug op het zojuist gemaakte onderscheid tussen niet-delinquente jongeren, geweldplegers en harde-kern-jongeren. Van de eerste groep was 30 procent tijdens het uitgaan getuige van een mishandeling terwijl 82 procent van de laatste groep zoiets meemaakte. Overigens is dat mede afhankelijk van het type uitgaanscentrum dat men bezoekt. Harde-kern jongeren gaan bij voorkeur naar gelegenheden waar men heftige ervaringen opdoet zoals discotheek en houseparty. Niet-delinquente jongeren gaan vaker naar gelegenheden die een zekere beheersing vergen zoals een restaurant of cultureel evenement. EXPLICITERING Per domein blijken er dus grote verschillen te bestaan. Maar, zoals gezegd, de effecten van de sociale omgeving worden nog niet systematisch onderzocht. De nadruk ligt zozeer op de meest ernstige gedragingen en op het ontwikkelingspsychologisch perspectief dat de meer alledaagse vormen van agressie en de sociale omstandigheden die die bevorderen, nauwelijks in kaart gebracht worden. Toch is er juist op dit gebied het nodige te doen, zowel voor ouders en leerkrachten als voor beleidsmakers en professionals. Ik pleit voor een nieuw beschavingsoffensief - analoog aan het beschavingsoffensief dat in de tweede helft van de negentiende eeuw gestalte kreeg. Drie elementen ervan wil ik noemen. Om te beginnen pleit ik ervoor dat de regels van het sociale verkeer meer nadrukkelijk onder de aandacht van jongeren gebracht worden. Als gevolg van de assertieve levensstijl zijn de normen en verwachtingen met betrekking tot sociaal gedrag weliswaar omhoog gegaan maar de moeilijkheid is dat ze meestal impliciet blijven. Daardoor kan gemakkelijk het idee ontstaan dat Nederland een onbeperkte vrijheid kent. Dat is ook de indruk die het sociale leven op toeristen of buitenlanders maakt. Maar wie langere tijd in Nederland verblijft zal merken dat het idee van vrijheid-blijheid op schijn berust. In werkelijkheid zijn er tal van codes aan het werk die de onderlinge omgang regelen maar die nooit uitdrukkelijk geformuleerd worden. Dat maakt het voor buitenstaanders en jongeren niet gemakkelijk zich die regels toe te eigenen. Het lijkt mij zowel doelmatiger als eerlijker om duidelijk te maken waar het op staat. Behalve het expliciteren van de spelregels is het noodzakelijk die regels meer consequent te handhaven. Wat dat betreft zijn de uitkomsten van een enquête die ik gehouden heb tamelijk ontnuchterend. Aan deze enquête werd deelgenomen door meer dan 500 professionals die dagelijks met jongeren van doen hebben. Daaruit bleek dat er wel regels met betrekking tot sociaal gedrag bestaan en dat men van die regels op de hoogte is. Maar tevens bleek dat er onvoldoende sancties op het overtreden van die regels zijn met als gevolg dat ze niet worden nageleefd. Deze professionals namen afstand van de Nederlandse gedoogcultuur. Voor alle duidelijkheid: de enquête werd gehouden vóór Enschede en Volendam. Maar de boodschap was duidelijk. Namelijk: regels zijn er niet 18

19 voor niets en het is een publiek belang ervoor te zorgen dat ze voldoende worden nageleefd. Dat is het eerste element van een modern beschavingsoffensief. COLLECTIEVE OPDRACHT Het tweede element is dat we collectief méér investeren in jongeren die moeite met beschaafd gedrag hebben. Ik heb me in het voorgaande afgezet tegen een louter psychologische benadering, maar ik besef wel degelijk dat voor bepaalde jongeren extra hulp nodig is. Juist de kinderen die een moeilijk temperament hebben, of die in ongunstige pedagogische omstandigheden opgroeien, of die moeilijkheden op school hebben, of die in een achterstandswijk hun vrije tijd doorbrengen, of die weinig kans maken op de arbeidsmarkt - juist die jongeren zullen eerder in de gevarenzone terechtkomen. Vaak neigen ze al op jonge leeftijd tot asociale en agressieve gedragingen, met als gevolg dat ze op school of in de buurt moeilijkheden veroorzaken. Daardoor keren leeftijdsgenoten en volwassenen zich van hen af en stijgt de kans om terecht te komen in een foute vriendenkring. Eenmaal in die kring beland gaat het vaak van kwaad tot erger. Zo treedt een neerwaartse spiraal in werking die met kleine onhebbelijkheden in de vroege jeugd begint en eindigt in de gevangenis. Tijdens dit proces wordt ergens het stadium bereikt dat er niets meer bij te sturen is en men slechts repressief kan optreden. Het zou veel beter zijn als de problemen in een veel vroeger stadium gesignaleerd en zo snel mogelijk gecorrigeerd worden. Die taak komt in de eerste plaats op ouders neer, maar we weten dat deze soms een deel van het probleem vormen - al was het maar omdat signaleren en corrigeren bepaald hun sterkste kant niet is. Daarom denk ik dat de bemoeienis van leerkrachten, politiefunctionarissen, therapeuten en andere professionals met de opvoeding zal moeten toenemen. Juist in het geval van jongeren die aan vele risicofactoren onderhevig zijn, moeten we de opvoeding niet als een louter individuele maar als een collectieve opdracht zien. Dat zal nog heel wat tijd, geld, deskundigheid en aandacht vergen. GRENZEN AAN ZELFSTANDIGHEID Een derde element van het door mijn geschetste beschavingsoffensief ligt op filosofisch vlak. Het gaat om de manier waarop wij over onszelf nadenken en de plaats die we aan het moderne burgerschap toekennen. Ik zou met name het streven naar individuele zelfstandigheid van een vraagteken willen voorzien. Dat streven is op zichzelf een goede zaak, maar in twee opzichten acht ik een relativering onvermijdelijk. Ten eerste kunnen wij alleen zelfstandig zijn omdat we door en door met anderen verbonden zijn. Ik vergelijk het wel eens met een computer waarvan de mogelijkheden nagenoeg oneindig zijn. Je kunt ermee doen en laten wat je wilt van spelletjes tot en, van beleggen tot surfen op het internet. Wat dat betreft is de bewegingsvrijheid van de gebruiker eindeloos. Maar dat vooronderstelt wel dat een aantal zaken goed geregeld zijn. Bijvoorbeeld dat er voldoende stroom geleverd wordt, dat de apparatuur naar behoren werkt en dat de software compatibel is. Iedereen weet hoe kwetsbaar de gebruiker is wanneer er storing op één van die niveaus optreedt. Dat geldt in de moderne samenleving evengoed op sociaal gebied. Zolang alles zonder storingen verloopt kunnen wij onszelf wijsmaken dat we baas in eigen leven zijn. Maar het is erg naïef om te geloven dat dit de hele waarheid is. In die zin 19

20 vind ik de hedendaagse cultus van individuele zelfstandigheid misplaatst. Daar komt nog iets anders bij, namelijk dat dit streven ook schaduwzijden heeft. Zelfontplooiing, eigenwaarde, assertiviteit, zelfstandigheid, bewegingsvrijheid, kortom de hele cultuur van je-bent-jong-en-je-wilwat, het is allemaal even prachtig hoor, maar wat vindt de omgeving daar nu van? Hoe zien we de nadelen van onze assertiviteit voor anderen? Hoe denken wij na over een balans tussen rechten en verplichtingen? Gelukkig wordt de relevantie van dit soort vragen door vele burgers onderkend. Maar de kwestie is dat ze in het openbare debat zelden uitdrukkelijk gesteld worden. Wat dat betreft ligt de erfenis van de jaren zestig nog steeds niet achter ons. We zijn nog altijd bang voor bevoogding of ongepaste bemoeienis. Ik pretendeer niet dat ik precies weet hoe het zit, laat staan dat ik zou weten hoe we alles moeten oplossen. Maar ik heb wel een aantal elementen willen aanreiken die in het collectieve gesprek over agressieve jongeren aan de orde zijn. Literatuur Gabriël van den Brink, Geweld als uitdaging: de betekenis van agressief gedrag bij jongeren. Utrecht 2001 (3 e dr. 2003). 20

Voorwoord 9. Inleiding 11

Voorwoord 9. Inleiding 11 inhoud Voorwoord 9 Inleiding 11 deel 1 theorie en geschiedenis 15 1. Een omstreden begrip 1.1 Inleiding 17 1.2 Het probleem van de definitie 18 1.3 Kenmerken van de representatieve democratie 20 1.4 Dilemma

Nadere informatie

Van mij. Een gezicht is geen muur. Jan Bransen, Universiteit Utrecht

Van mij. Een gezicht is geen muur. Jan Bransen, Universiteit Utrecht [Gepubliceerd in Erik Heijerman & Paul Wouters (red.) Praktische Filosofie. Utrecht: TELEAC/NOT, 1997, pp. 117-119.] Van mij Een gezicht is geen muur Jan Bransen, Universiteit Utrecht Wij hechten veel

Nadere informatie

Eindexamen maatschappijleer

Eindexamen maatschappijleer Opgave 3 Criminaliteit in Nederland tekst 1 2 30 3 40 4 In Nederland worden per jaar zo n vijf en een half miljoen misdrijven gepleegd. Ruim anderhalf miljoen daarvan komt ter kennis van de politie. Uiteindelijk

Nadere informatie

N. Buitelaar, psychiater en V. Yildirim, psycholoog. Beiden werkzaam bij Altrecht Centrum ADHD Volwassenen.

N. Buitelaar, psychiater en V. Yildirim, psycholoog. Beiden werkzaam bij Altrecht Centrum ADHD Volwassenen. ADHD Wachtkamerspecial Onderbehandeling van ADHD bij allochtonen: kinderen en volwassenen N. Buitelaar, psychiater en V. Yildirim, psycholoog. Beiden werkzaam bij Altrecht Centrum ADHD Volwassenen. Inleiding

Nadere informatie

5 Samenvatting en conclusies

5 Samenvatting en conclusies 5 Samenvatting en conclusies In 2008 werden in Nederland bijna 5,2 miljoen mensen het slachtoffer van criminaliteit (cbs 2008). De meeste van deze slachtoffers kregen te maken met diefstal of vernieling,

Nadere informatie

Opgave 1 Jeugdwerkloosheid in Europa

Opgave 1 Jeugdwerkloosheid in Europa Opgave 1 Jeugdwerkloosheid in Europa 1 maximumscore 4 Het verrichten van flexibele arbeid kan een voorbeeld zijn van positieverwerving als de eigen keuze van de jongeren uitgaat naar flexibele arbeid in

Nadere informatie

In de eeuwigheid van het leven waarin ik ben is alles volmaakt, heel en compleet en toch verandert het leven voortdurend. Er is geen begin en geen

In de eeuwigheid van het leven waarin ik ben is alles volmaakt, heel en compleet en toch verandert het leven voortdurend. Er is geen begin en geen 14 In de eeuwigheid van het leven waarin ik ben is alles volmaakt, heel en compleet en toch verandert het leven voortdurend. Er is geen begin en geen einde, alleen een voortdurende kringloop van materie

Nadere informatie

Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities

Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities De Twaalf Tradities zijn voor de groep wat de stappen zijn voor het individu. De tradities helpen om het programma van herstel levend en succesvol

Nadere informatie

Relaties. HDYO heeft meer informatie beschikbaar over de Ziekte van Huntington voor jongeren, ouders en professionals op onze website: www.hdyo.

Relaties. HDYO heeft meer informatie beschikbaar over de Ziekte van Huntington voor jongeren, ouders en professionals op onze website: www.hdyo. Relaties HDYO heeft meer informatie beschikbaar over de Ziekte van Huntington voor jongeren, ouders en professionals op onze website: www.hdyo.org Relaties kunnen een belangrijke rol spelen bij het omgaan

Nadere informatie

maatschappijwetenschappen vwo 2015-II

maatschappijwetenschappen vwo 2015-II Opgave 2 Rondhangen Bij deze opgave horen de teksten 2 en 3 en tabel 1. Inleiding De Kamer ontvangt elk jaar een rapportage van de minister van Justitie over de voortgang van de aanpak van problematische

Nadere informatie

Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen

Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen FACTSHEET Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen In deze factsheet worden trends en ontwikkelingen ten aanzien van de jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in de provincie Groningen behandeld.

Nadere informatie

Is een klas een veilige omgeving?

Is een klas een veilige omgeving? Is een klas een veilige omgeving? De klas als een vreemde sociale structuur Binnen de discussie dat een school een sociaal veilige omgeving en klimaat voor leerlingen moet bieden, zouden we eerst de vraag

Nadere informatie

Tot een geloofsgesprek komen. I Ontmoeten

Tot een geloofsgesprek komen. I Ontmoeten Tot een geloofsgesprek komen I Ontmoeten Het geloofsgesprek vindt plaats in een ontmoeting. Allerlei soorten ontmoetingen. Soms kort en eenmalig, soms met mensen met wie je meer omgaat. Bij de ontmoeting

Nadere informatie

Scholen herdenken vermoorde leraar

Scholen herdenken vermoorde leraar ANALYSE MAATSCHAPPELIJK VRAAGSTUK: ZINLOOS GEWELD tekst 26 NOS-nieuws van 16 januari 2004: Scholen herdenken vermoorde leraar Scholen in het hele land hebben om 11.00 uur één minuut stilte in acht genomen

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord 7. Nawoord 171 Over de auteur 175 Literatuur 177 Register 179

Inhoud. Voorwoord 7. Nawoord 171 Over de auteur 175 Literatuur 177 Register 179 Inhoud Voorwoord 7 1 Hoe word je seksverslaafd? 13 2 Wie is gevoelig voor seksverslaving? 29 3 Het ontstaan van de verslaving 53 4 Seksverslaving, wissels en vat 73 5 Seksverslaving en de relatie 97 6

Nadere informatie

Pedagogisch contact. Verbondenheid door aanraken. De lichamelijkheid van pedagogisch contact. Simone Mark

Pedagogisch contact. Verbondenheid door aanraken. De lichamelijkheid van pedagogisch contact. Simone Mark Pedagogisch contact Verbondenheid door aanraken Simone Mark Mag je een kleuter nog op schoot nemen? Hoe haal je vechtende kinderen uit elkaar? Mag je een verdrietige puber een troostende arm bieden? De

Nadere informatie

Thije Adams KUNST. Wordt een mens daar beter van? vangennep amsterdam

Thije Adams KUNST. Wordt een mens daar beter van? vangennep amsterdam Thije Adams KUNST Wordt een mens daar beter van? vangennep amsterdam Inhoud Vooraf 5 I. Inleiding 7 II. Wat doen wij met kunst? 9 III. Wat doet kunst met ons? 42 IV. Plato en Rousseau 59 V. Onzekerheid

Nadere informatie

Eindexamen filosofie vwo 2011 - I

Eindexamen filosofie vwo 2011 - I Opgave 2 Religieus recht 7 maximumscore 2 een beargumenteerd standpunt over de vraag of religieuze wetgeving en rechtspraak voor bepaalde bevolkingsgroepen tot cultuurrelativisme leidt 1 een uitleg van

Nadere informatie

Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill.

Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill. Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill. secondant #2 april 2009 7 Geweldsdelicten tussen - Daling van geweld komt niet uit de verf Crimi-trends

Nadere informatie

5. Overtuigingen. Gelijk of geluk? Carola van Bemmelen Food & Lifestylecoaching. Jouw leven op dit moment weerspiegelt exact jouw overtuigingen

5. Overtuigingen. Gelijk of geluk? Carola van Bemmelen Food & Lifestylecoaching. Jouw leven op dit moment weerspiegelt exact jouw overtuigingen 5. Overtuigingen Jouw leven op dit moment weerspiegelt exact jouw overtuigingen Een overtuiging is een gedachte die je hebt aangenomen als waarheid doordat ie herhaaldelijk is bevestigd. Het is niet meer

Nadere informatie

De terugkeer naar het ware zelf! Leven en werken vanuit innerlijke kracht en verantwoordelijkheid!

De terugkeer naar het ware zelf! Leven en werken vanuit innerlijke kracht en verantwoordelijkheid! De terugkeer naar het ware zelf! Leven en werken vanuit innerlijke kracht en verantwoordelijkheid! Door: Nathalie van Spall De onzichtbare werkelijkheid wacht om door onze geest binnengelaten te worden.

Nadere informatie

Delinquent gedrag bij jongeren met een licht verstandelijke beperking

Delinquent gedrag bij jongeren met een licht verstandelijke beperking DC 72 Delinquent gedrag bij jongeren met een licht verstandelijke beperking Dit thema is een bewerking van het krantenartikel uit NRC Handelsblad Vroeger een debiel, nu een delinquent. In dit artikel zegt

Nadere informatie

Criminele meisjes: Specifieke zorg en aandacht of niet?

Criminele meisjes: Specifieke zorg en aandacht of niet? Stijging criminaliteit meisjes Criminele meisjes: Specifieke zorg en aandacht of niet? Anne-Marie Slotboom Vrije Universiteit Amsterdam 1 BRISBANE 2010 - Steeds meer jonge meisjes tussen tien en veertien

Nadere informatie

Eindexamen filosofie vwo 2011 - I

Eindexamen filosofie vwo 2011 - I Beoordelingsmodel Opgave 1 Het bestaan van God en het voortbestaan van religie 1 maximumscore 3 een uitleg hoe het volgens Anselmus mogelijk is dat Pauw en Witteman het bestaan van God ontkennen: het zijn

Nadere informatie

Onderlegger Licht Diagnostisch Instrument tbv bepaling van het gezinsprofiel. 1. Psychische en/of psychiatrische problemen van de ouder(s)

Onderlegger Licht Diagnostisch Instrument tbv bepaling van het gezinsprofiel. 1. Psychische en/of psychiatrische problemen van de ouder(s) A. Ouderfactoren: gegeven het feit dat de interventies van de gezinscoach en de nazorgwerker gericht zijn op gedragsverandering van de gezinsleden, is het zinvol om de factoren te herkennen die (mede)

Nadere informatie

ToReachIt. Acceptance is the beginning of change!!!

ToReachIt. Acceptance is the beginning of change!!! ToReachIt Acceptance is the beginning of change!!! Acceptance is the beginning of change! Inhoudsopgave Voorwoord 1. Inleiding 1.1. Wat ontbreekt er in Nederland aan begeleiding voor onze doelgroep volgens

Nadere informatie

Annette Koops: Een dialoog in de klas

Annette Koops: Een dialoog in de klas Annette Koops: Een dialoog in de klas Als ondersteuning bij het houden van een dialoog vindt u hier een compilatie aan van Spreken is zilver, luisteren is goud : een handleiding voor het houden van een

Nadere informatie

Pedagogisch Beleidsplan CKO De Herberg

Pedagogisch Beleidsplan CKO De Herberg Pedagogisch Beleidsplan CKO De Herberg Hoofdstuk 1: Missie, visie en doelstellingen Voorwoord Onze Missie en Identiteit Onze Visie Pedagogische hoofddoelstellingen Een goed pedagogisch klimaat Hoofdstuk

Nadere informatie

Spirituele zorg Wat kun je ermee? Carlo Leget

Spirituele zorg Wat kun je ermee? Carlo Leget Spirituele zorg Wat kun je ermee? Carlo Leget Palliatieve zorg Palliatieve zorg is een benadering die de kwaliteit van het leven verbetert van patiënten en hun naasten die te maken hebben met een levensbedreigende

Nadere informatie

Opdracht behorende bij de Atlas of European Values

Opdracht behorende bij de Atlas of European Values Leertekst: materialisme en postmaterialisme, modernisme en postmodernisme Geert Hofstede laat zien hoe culturen dus op die 5 dimensies van elkaar verschillen en/of overeenkomen. Er zijn natuurlijk ook

Nadere informatie

Wat je zaait is wat je oogst

Wat je zaait is wat je oogst opvoeden & persoonlijke ontwikkeling Wat je zaait is wat je oogst In de vorige Spiegelbeeld stond een artikel over een nieuwe, integrale visie op kinderen, opvoeden en persoonlijke ontwikkeling. U hebt

Nadere informatie

Bart van Haaster 2013

Bart van Haaster 2013 Bart van Haaster 2013 1. Als voorwaarde voor verantwoordelijkheid 2. Als zelfverwerkelijking 3. Als bewuste aansturing 1. Vrije wil als voorwaarde voor verantwoordelijkheid Een handeling uit vrije wil

Nadere informatie

WIJ zijn hier gekomen niet alleen om jullie en alle anderen hier te

WIJ zijn hier gekomen niet alleen om jullie en alle anderen hier te SAMENVATTING VAN DE REDEVOERINGEN GEHOUDEN VOOR DE JEUGD IN SURINAME EN DE NEDERLANDSE ANTILLEN Willemstad, 19 oktober 1955, Oranjestad, 22 oktober 1955. Paramaribo, 5 november t 955 WIJ zijn hier gekomen

Nadere informatie

Inhoud: Wat is trauma Cultuur aspecten Psychologische Fysieke aspecten Geestelijke aspecten Grenzen aangeven

Inhoud: Wat is trauma Cultuur aspecten Psychologische Fysieke aspecten Geestelijke aspecten Grenzen aangeven Inhoud: Wat is trauma Cultuur aspecten Psychologische Fysieke aspecten Geestelijke aspecten Grenzen aangeven Wat is een trauma? Trauma kan cultuurafhankelijk zijn Cultuur bepaalt reactie Cultuur aspecten:

Nadere informatie

UNIVERSELE VERKLARING VAN DE WARE NATUUR VAN DE MENS

UNIVERSELE VERKLARING VAN DE WARE NATUUR VAN DE MENS UNIVERSELE VERKLARING VAN DE WARE NATUUR VAN DE MENS PREAMBULE Overwegende dat de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens uit 1948 in feite een verklaring is van Verlichting, van het hoogste dat

Nadere informatie

Training Omgaan met Agressie en Geweld

Training Omgaan met Agressie en Geweld Training Omgaan met Agressie en Geweld 2011 Inleiding In veel beroepen worden werknemers geconfronteerd met grensoverschrijdend gedrag, waaronder agressie. Agressie wordt door medewerkers over het algemeen

Nadere informatie

Uit een inleiding en gesprek te Gouda 14 mei 2008 -

Uit een inleiding en gesprek te Gouda 14 mei 2008 - Jaargang 9 nr. 10 ( 3 juni 2008) Non-dualiteit van de ervaring Uit een inleiding en gesprek te Gouda 14 mei 2008 - Ja, we hebben het hier steeds over het herkennen van non-dualiteit. Het is duidelijk:

Nadere informatie

De Inner Child meditatie

De Inner Child meditatie De Inner Child meditatie copyright Indra T. Preiss volgens Indra Torsten Preiss copyright Indra T. Preiss Het innerlijke kind Veel mensen zitten met onvervulde verlangens die hun oorsprong hebben in hun

Nadere informatie

Dit seminar zal ons, de vandaag hier aanwezige sectoren, leiden in het exploreren van de inmiddels wereldwijd bekende Eigen Kracht.

Dit seminar zal ons, de vandaag hier aanwezige sectoren, leiden in het exploreren van de inmiddels wereldwijd bekende Eigen Kracht. Speech ter gelegenheid van Seminar Eigen Kracht / Forsa Propio 3 september 2015 Integrale aanpak vanuit een heldere visie Dit seminar gaat over Eigen Kracht. Welke associaties roept Eigen Kracht eigenlijk

Nadere informatie

De paradox van de burger als uitgangspunt

De paradox van de burger als uitgangspunt GEMEENTE WINTERSWIJK De paradox van de burger als uitgangspunt De dialoog als methodiek Rhea M. Vincent 1-11-2013 In het nieuwe zorgstelsel staat de vraag van de burger centraal. De professional en de

Nadere informatie

Nederlands (nieuwe stijl) en Nederlands, leesvaardigheid (oude stijl)

Nederlands (nieuwe stijl) en Nederlands, leesvaardigheid (oude stijl) Nederlands (nieuwe stijl) en Nederlands, leesvaardigheid (oude stijl) Examen VWO Vragenboekje Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Maandag 19 mei 9.00 12.00 uur 20 03 Voor dit examen zijn

Nadere informatie

LEZING. Beslissen vanuit je hart. Ellen van Son 23 mei 2014

LEZING. Beslissen vanuit je hart. Ellen van Son 23 mei 2014 LEZING Beslissen vanuit je hart Ellen van Son 23 mei 2014 Even voorstellen Nu werk ik als zingevingscounselor Opleiding Zingeving & Spiritualiteit Logotherapie (Viktor Frankl Centrum) Ooit wiskunde gestudeerd

Nadere informatie

NASLEEP VAN EEN RUZIE OF EEN BETREURENSWAARDIG

NASLEEP VAN EEN RUZIE OF EEN BETREURENSWAARDIG NASLEEP VAN EEN RUZIE OF EEN BETREURENSWAARDIG INCIDENT Toelichting Deze brochure is een vertaling van de handleiding van Gottman (www.gottman.com) voor het verwerken van ruzies uit het verleden en betreurenswaardige

Nadere informatie

Het dubbelgebod en de zin van ons bestaan (22 februari 2009)

Het dubbelgebod en de zin van ons bestaan (22 februari 2009) 1 Het dubbelgebod en de zin van ons bestaan (22 februari 2009) De achtergrond van de vraag naar het belangrijkste gebod De vraag waar wij vanochtend mee te maken hebben is de vraag naar het grote of anders

Nadere informatie

STRIJD OM JE IDENTITEIT

STRIJD OM JE IDENTITEIT STRIJD OM JE IDENTITEIT BIJBELSTUDIE VGSU BLOK 4 2010-2011 INHOUD Inleiding... 5 Avond 1... 6 Avond 2... 8 Avond 3... 10 Avond 4... 11 3 4 INLEIDING We zijn snel geneigd om onze identiteit te halen uit

Nadere informatie

Families onder druk. Huiselijk geweld binnen Marokkaanse en Turkse gezinnen. Drs. Ibrahim Yerden. Probleemstelling

Families onder druk. Huiselijk geweld binnen Marokkaanse en Turkse gezinnen. Drs. Ibrahim Yerden. Probleemstelling Families onder druk Huiselijk geweld binnen Marokkaanse en Turkse gezinnen Drs. Ibrahim Yerden Probleemstelling Hoe gaan Marokkaanse en Turkse gezinsleden, zowel slachtoffers als plegers om met huiselijk

Nadere informatie

Numeri 21 : 9. dia 1. Num21v09 1

Numeri 21 : 9. dia 1. Num21v09 1 Numeri 21 : 9 het wordt een beetje eentonig: Israël moppert God straft het af maar er is ook een nieuw element verrassend positief de Israëlieten komen zelf tot inkeer zij vragen Mozes om voor hen te bidden

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores

Vraag Antwoord Scores Opgave 2 Waanzin 6 maximumscore 2 een weergave van de overeenkomst tussen Descartes benadering van emoties en de beschreven opvatting over melancholie in de Oudheid: een fysiologische benadering 1 een

Nadere informatie

ONOPGEEFBAAR VERBONDEN

ONOPGEEFBAAR VERBONDEN Simon Schoon ONOPGEEFBAAR VERBONDEN Op weg naar vernieuwing in de verhouding tussen de kerk en het volk Israël Aan de pioniers uit de begintijd en aan de huidige bewoners van Nes Ammim in Israël inhoud

Nadere informatie

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL KINDEREN LEKKER IN HUN VEL 1. Welkom wij zijn Karin Hallegraeff en Noelle van Delden van Praktijk IKKE Karin stelt zich voor en er komt een foto van Karin in beeld. Noelle stelt zich voor en er komt een

Nadere informatie

Voel je vrij en liefdevol 7 oefeningen

Voel je vrij en liefdevol 7 oefeningen Voel je vrij en liefdevol 7 oefeningen Soms voel je je gevangen door het leven. Vastgezet door de drukte, en beklemd in je eigen hoofd. Je voelt je niet vrij en je voelt geen liefde. Met deze tips breng

Nadere informatie

Klachten als gevolg van ongewenst gedrag

Klachten als gevolg van ongewenst gedrag Klachten als gevolg van ongewenst gedrag 1. Inleiding In deze nota zal ongewenst gedrag op het gebied van seksuele intimidatie, agressie en geweld, pesten en discriminatie aangeduid worden als ongewenst

Nadere informatie

SIPP persoonlijkheidsvragenlijst

SIPP persoonlijkheidsvragenlijst SIPP persoonlijkheidsvragenlijst Deze vragenlijst bestaat uit een aantal stellingen. Deze stellingen hebben betrekking op de laatste 3 maanden. Door per stelling aan te geven in hoeverre u het hier bent,

Nadere informatie

Een Visioen van Liefde

Een Visioen van Liefde Een Visioen van Liefde Orthen, april 2012 WIE ZIJN WIJ? De oorsprong van de gemeenschap San Salvator ligt in de rooms-katholieke traditie, en voelt zich van daaruit verbonden met de Bijbel, geïnspireerd

Nadere informatie

Suïcidepreventie. Marian de Groot Directeur handicap + studie Mede namens 113-Online

Suïcidepreventie. Marian de Groot Directeur handicap + studie Mede namens 113-Online Suïcidepreventie Marian de Groot Directeur handicap + studie Mede namens 113-Online Missie en visie @113 Taboe op praten over zelfmoord doorbreken Drempels bij zoeken en vinden van hulp verlagen Landelijk

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Voorwoord 7 Inleiding 11

Inhoudsopgave. Voorwoord 7 Inleiding 11 Inhoudsopgave Voorwoord 7 Inleiding 11 1 Gevoel en verstand in de liefde 15 2 De partnerkeuze 21 3 Mythes over de liefde 29 4 De liefde ontraadseld 35 5 Verbetering begint bij jezelf 43 6 De vaardigheden

Nadere informatie

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid Veiligheid kernthema: De criminaliteitscijfers en de slachtoffercijfers laten over het algemeen een positief beeld zien voor Utrecht in. Ook de aangiftebereidheid van Utrechters is relatief hoog (29%).

Nadere informatie

Alleen als uw kind zich veilig voelt, kan het worden wie het is

Alleen als uw kind zich veilig voelt, kan het worden wie het is Beste ouders en verzorgers. Voor de vakantie zijn we begonnen met een aanpak om het op en rond onze school voor kinderen nog veiliger te maken. Nu, na de vakantie, pakken we de draad met veel élan weer

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 24 515 Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting Nr. 186 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan

Nadere informatie

Luisteren naar de Heilige Geest

Luisteren naar de Heilige Geest Luisteren naar de Heilige Geest Johannes 14:16-17 En Ik zal de Vader bidden en Hij zal u een andere Trooster geven om tot in eeuwigheid bij u te zijn, de Geest der waarheid, die de wereld niet kan ontvangen,

Nadere informatie

Partner ondersteuning 1

Partner ondersteuning 1 Partnerondersteuning 1 Je partner heeft borstkanker, wat nu? Informatie voor je partner Kanker heb je niet alleen. Ook jij als partner wordt mee betrokken in de strijd. Het bericht is voor jou net zo n

Nadere informatie

Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 4

Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 4 Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 4 Deel 1, Hoofdstuk 3 Dat de Natuur de oorzaak is. Rikus Koops 15 juni 2012 Versie 1.0 In de vorige toelichting heb ik de organisatie van de Natuur

Nadere informatie

Gelukkig scheiden is een keuze!

Gelukkig scheiden is een keuze! Echtscheidingsexpert notaris Palko Benedek over kansen voor iedereen die in een echtscheiding zit: Gelukkig scheiden is een keuze! Wanneer je in een scheiding terecht komt, is communiceren vaak heel erg

Nadere informatie

Rijksuniversiteit Groningen

Rijksuniversiteit Groningen De adolescentiefase: over puberen, hersenontwikkeling, studiekeuze, risicogedrag en de relatie met ouders. Dr. Saskia Kunnen i.s.m. Dr. Anna Lichtwarck-Aschoff Afdeling Ontwikkelingspsychologie Rijksuniversiteit

Nadere informatie

Iedereen sterk. Zo stimuleer je innovatief gedrag en eigenaarschap van medewerkers

Iedereen sterk. Zo stimuleer je innovatief gedrag en eigenaarschap van medewerkers Iedereen sterk Zo stimuleer je innovatief gedrag en eigenaarschap van medewerkers JANUARI 2016 Veranderen moet veranderen Verandering is in veel gevallen een top-down proces. Bestuur en management signaleren

Nadere informatie

Kwaliteit van leven Een hulpmiddel bij de voorbereiding van een zorgplan

Kwaliteit van leven Een hulpmiddel bij de voorbereiding van een zorgplan Kwaliteit van leven Een hulpmiddel bij de voorbereiding van een zorgplan De zorg en begeleiding van mensen met een verstandelijke beperking moet erop gericht zijn dat de persoon een optimale kwaliteit

Nadere informatie

Wat is Keuzeloos Gewaarzijn ofwel Meditatie?

Wat is Keuzeloos Gewaarzijn ofwel Meditatie? Wat is Keuzeloos Gewaarzijn ofwel Meditatie? door Nathan Wennegers Trefwoord: zelfkennis / meditatie 2015 Non2.nl Zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever mag niets uit deze uitgave

Nadere informatie

FEED BACK COMMENTAAR GEVEN EN ONTVANGEN MARIETA KOOPMANS

FEED BACK COMMENTAAR GEVEN EN ONTVANGEN MARIETA KOOPMANS FEED BACK COMMENTAAR GEVEN EN ONTVANGEN MARIETA KOOPMANS INHOUD Inleiding 7 1 Zelfonderzoek feedback geven en ontvangen 9 Checklist feedback geven en ontvangen 11 2 Communicatie en feedback 15 Waarnemen,

Nadere informatie

Kernkwaliteiten zoals ontwikkeld en beschreven door D. Ofman. 1. Inleiding. 2. Kernkwaliteiten. 3. Kernkwaliteit en valkuil. 4.

Kernkwaliteiten zoals ontwikkeld en beschreven door D. Ofman. 1. Inleiding. 2. Kernkwaliteiten. 3. Kernkwaliteit en valkuil. 4. Kernkwaliteiten zoals ontwikkeld en beschreven door D. Ofman 1. Inleiding 2. Kernkwaliteiten 3. Kernkwaliteit en valkuil 4. Omgekeerde proces 5. Kernkwaliteit en de uitdaging 6. Kernkwaliteit en allergie

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 28 684 Naar een veiliger samenleving Nr. 229 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE EN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKS- RELATIES

Nadere informatie

Honderd Vragen over Verslaving door Nathan Wennegers

Honderd Vragen over Verslaving door Nathan Wennegers Honderd Vragen over Verslaving door Nathan Wennegers 1) Waarom ik? Antwoord: Precies, het gaat juist over je ik, niet waar? Want wil een normaal intelligent mens verslaafd zijn? 2) Hoe bedoel je precies?

Nadere informatie

E-CURSUS 1: WELKE WAARDEN ZIJN VAN WEZENLIJK BELANG VOOR JOU?

E-CURSUS 1: WELKE WAARDEN ZIJN VAN WEZENLIJK BELANG VOOR JOU? E-CURSUS 1: WELKE WAARDEN ZIJN VAN WEZENLIJK BELANG VOOR JOU? Thuis en op school heb je allerlei waarden meegekregen. Sommigen passen bij je, anderen misschien helemaal niet. Iedereen heeft waarden. Ken

Nadere informatie

Pakket maatregelen tegen agressie

Pakket maatregelen tegen agressie Opgave 1 Agressie in het openbaar vervoer tekst 1 Pakket maatregelen tegen agressie 5 10 15 20 25 30 De directie van NS Reizigers, de vakbonden en de ondernemingsraad bereikten vorige week overeenstemming

Nadere informatie

Jong en oud door dezelfde trend gegrepen. Siegwart Lindenberg en René Veenstra

Jong en oud door dezelfde trend gegrepen. Siegwart Lindenberg en René Veenstra Jong en oud door dezelfde trend gegrepen Siegwart Lindenberg en René Veenstra Jongeren jagen steeds meer materiële genoegens na zonder dat ouders ingrijpen. Om de lieve vrede in huis te bewaren, zwichten

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Over Dingerdis Customer Care. Inleiding. 1. Situaties die weerstand oproepen. 2. Zes veel voorkomende vormen van weerstand

Inhoudsopgave. Over Dingerdis Customer Care. Inleiding. 1. Situaties die weerstand oproepen. 2. Zes veel voorkomende vormen van weerstand Ronald Dingerdis Inhoudsopgave Over Dingerdis Customer Care Inleiding 1. Situaties die weerstand oproepen 2. Zes veel voorkomende vormen van weerstand 3. Omgaan met weerstand van anderen 4. Omgaan met

Nadere informatie

Weten waar we goed in zijn 1

Weten waar we goed in zijn 1 Inburgering als voortdurend proces voor allen Lezing ter gelegenheid van de Conferentie Burgerschapsvorming. Islamitisch Onderwijs Ingeburgerd. Jaarbeursgebouw Utrecht Zaterdag 4 juni 2005. A.M.L. van

Nadere informatie

Examen VWO. Nederlands. tijdvak 1 woensdag 16 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen VWO. Nederlands. tijdvak 1 woensdag 16 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VWO 2007 tijdvak 1 woensdag 16 mei 9.00-12.00 uur Nederlands Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 20 vragen en een samenvattingsopdracht. Voor dit examen zijn maximaal 50 punten

Nadere informatie

Criminaliteit en rechtshandhaving 2013. Ontwikkelingen en samenhangen Samenvatting

Criminaliteit en rechtshandhaving 2013. Ontwikkelingen en samenhangen Samenvatting Criminaliteit en rechtshandhaving Ontwikkelingen en samenhangen Samenvatting In de jaarlijkse publicatie Criminaliteit en rechtshandhaving bundelen het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), het Wetenschappelijk

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING Zedendelicten vormen een groot maatschappelijk probleem met ernstige gevolgen voor zowel het slachtoffer als voor de dader. Hoewel de meeste zedendelicten worden gepleegd door

Nadere informatie

Bereid de jongeren voor, rust ze toe en laat ze los voor bediening in hun gemeente, hun maatschappij en in de wereld in zijn geheel.

Bereid de jongeren voor, rust ze toe en laat ze los voor bediening in hun gemeente, hun maatschappij en in de wereld in zijn geheel. Tiener- en jeugdwerk 1 Timotheüs 4:12 Niemand schatte u gering om uw jeugdige leeftijd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen in woord, in wandel, in liefde, in geloof en in reinheid. Jeugd, jongeren,

Nadere informatie

Eindexamen maatschappijleer vwo 2008-I

Eindexamen maatschappijleer vwo 2008-I Opgave 1 Tbs ter discussie 1 maximumscore 2 beveiliging van de samenleving Voorbeeld van juiste toelichting bij beveiliging van de samenleving: In de tekst staat dat er steeds minder mensen uitstromen

Nadere informatie

Het lichaam reageert eerst

Het lichaam reageert eerst Het lichaam reageert eerst 1. De reden dat ik dit heb gemodelleerd Er zijn in NLP technieken voor moeizame interacties en relaties, bijvoorbeeld het uitzuiveren van waarnemingsposities. Ik had de behoefte

Nadere informatie

glijden. Ik zie ze zachtjes wegstromen, oplossen en verdwijnen, om nooit meer terug te keren.

glijden. Ik zie ze zachtjes wegstromen, oplossen en verdwijnen, om nooit meer terug te keren. INLEIDING Welkom in de affirmatiewereld. Je hebt ervoor gekozen om gebruik te gaan maken van het gereedschap dat in dit boek beschreven wordt en je hebt daarmee de bewuste beslissing genomen om je leven

Nadere informatie

Colofon. www.stichtinggezondheid.nl. Dit e book is een uitgave van Stichting Gezondheid. Teksten: Stichting Gezondheid

Colofon. www.stichtinggezondheid.nl. Dit e book is een uitgave van Stichting Gezondheid. Teksten: Stichting Gezondheid Colofon Dit e book is een uitgave van Stichting Gezondheid Teksten: Stichting Gezondheid Vormgeving: Michael Box (Internet Marketing Nederland) Correspondentie: Stichting Gezondheid (Stefan Rooyackers)

Nadere informatie

doen gedragsregels van PSW

doen gedragsregels van PSW doen laten gedragsregels van PSW Inhoud1. Inleiding 2. De Taak 3. Gedragsregels 4. Werken met dit boekje 1 1. Inleiding Algemeen Werken bij PSW Stichting Pedagogisch Sociaal Werk Midden-Limburg betekent

Nadere informatie

Tel: 06 239 475 38 esther@ikhouvanmij.eu www.ikhouvanmij.eu

Tel: 06 239 475 38 esther@ikhouvanmij.eu www.ikhouvanmij.eu Tel: 06 239 475 38 esther@ikhouvanmij.eu www.ikhouvanmij.eu Met dit Ebook wil ik je graag inzichten geven in hoe je van jezelf kunt (leren) houden. Dit bereik je (wellicht helaas) niet door even een knop

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 7. Deel 1

Inhoud. Inleiding 7. Deel 1 Inhoud Inleiding 7 Deel 1 1 Niet-functionerende ouders 15 2 Het ongewenste kind 21 3 Dominante ouders 27 4 Parentificatie 35 5 Symbiotische ouders 41 6 Emotionele mishandeling 49 7 Lichamelijke mishandeling

Nadere informatie

Over een relatie met een (ex-)zorgvrager. Aanvulling bij Omgaan met aspecten van seksualiteit tijdens de beroepsuitoefening

Over een relatie met een (ex-)zorgvrager. Aanvulling bij Omgaan met aspecten van seksualiteit tijdens de beroepsuitoefening Over een relatie met een (ex-)zorgvrager Aanvulling bij Omgaan met aspecten van seksualiteit tijdens de beroepsuitoefening 1 Inleiding In 2011 heeft de V&VN Commissie Ethiek de notitie Omgaan met aspecten

Nadere informatie

Wat is realiteit? (interactie: vraagstelling wie er niet gelooft en wie wel)

Wat is realiteit? (interactie: vraagstelling wie er niet gelooft en wie wel) Wat is realiteit? De realiteit is de wereld waarin we verblijven met alles wat er is. Deze realiteit is perfect. Iedere mogelijkheid die we als mens hebben wordt door de realiteit bepaald. Is het er, dan

Nadere informatie

Zeven hulpbronnen van vertrouwen. Door: Carlos Estarippa

Zeven hulpbronnen van vertrouwen. Door: Carlos Estarippa Zeven hulpbronnen van vertrouwen Door: Carlos Estarippa Geïnspireerd door het boek van Bertie Hendriks Dagboek van de Ziel. De zeven levensfasen (Hendriks, 2013) wil ik in onderstaand artikel beschrijven

Nadere informatie

Hoe Zeker Ben Ik Van Mijn Relatie

Hoe Zeker Ben Ik Van Mijn Relatie Hoe Zeker Ben Ik Van Mijn Relatie Weet jij in welke opzichten jij en je partner een prima relatie hebben en in welke opzichten je nog wat kunt verbeteren? Na het doen van de test en het lezen van de resultaten,

Nadere informatie

Veiligheid en bescherming bij geweld in relaties

Veiligheid en bescherming bij geweld in relaties Veiligheid en bescherming bij geweld in relaties Arosa biedt veiligheid en bescherming bij geweld in relaties. Vrouwen, mannen en hun kinderen kunnen bij Arosa terecht voor opvang en begeleiding. Arosa

Nadere informatie

Persoonlijke groei en ontwikkeling. Jaargroep Persoonlijk Leiderschap. veranderen is mensenwerk

Persoonlijke groei en ontwikkeling. Jaargroep Persoonlijk Leiderschap. veranderen is mensenwerk Jaargroep Persoonlijk Leiderschap Leer werken vanuit je authenticiteit. Ontwikkel jezelf door inzicht in jouw persoonlijkheid, talenten en mogelijkheden. Human Connection en Elenchis bieden met de Jaargroep

Nadere informatie

Wat zegt Paulus in Romeinen 7:7-12?

Wat zegt Paulus in Romeinen 7:7-12? Wat zegt Paulus in Romeinen 7:7-12? Romeinen 7:7. Paulus stelt weer een vraag, die het voorafgaande mogelijk oproept bij mensen. Hij zei immers, dat de wet (vroeger) zondige hartstochten in ons opriep

Nadere informatie

Samenvatting, conclusies en discussie

Samenvatting, conclusies en discussie Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit

Nadere informatie

TBS uit de gratie. K.P.M.A. Muis L. van der Geest

TBS uit de gratie. K.P.M.A. Muis L. van der Geest K.P.M.A. Muis L. van der Geest Samenvatting en conclusies in hoofdpunten In 2008 en 2009 is er sprake van een opvallende daling van het aantal tbs-opleggingen met bevel tot verpleging. Het is onwaarschijnlijk

Nadere informatie

Onze Vader. Amen. www.bisdomdenbosch.nl

Onze Vader. Amen. www.bisdomdenbosch.nl Onze Vader Onze Vader Onze Vader, die in de hemel zijt, Uw Naam worde geheiligd, Uw Rijk kome, Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel, Geef ons heden ons dagelijks brood, en vergeef ons onze schuld,

Nadere informatie