Uw kenmerk Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer B&P sv S.J. Varga (035)

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Uw kenmerk Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer B&P sv S.J. Varga (035)"

Transcriptie

1 Nederlandse Publieke Omroep t.a.v. de Raad van Bestuur Postbus JJ HILVERSUM Datum Onderwerp 4 juni 2007 Goedkeuring themakanaal 101 Uw kenmerk Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer B&P sv S.J. Varga (035) Geachte Raad van Bestuur, Op 6 oktober 2006 zijn de nieuwe regels voor neventaken van de publieke omroepen in werking getreden. Op grond daarvan zal de landelijke publieke omroep jaarlijks in zijn meerjarenbegroting het pakket aan neventaken aangeven. Daarbij zal de Nederlandse Publieke Omroep (hierna: NOS) onderbouwen hoe die neventaken bijdragen aan de uitvoering van de publieke taak en tegemoet komen aan democratische, sociale en culturele behoeften van de samenleving. Deze neventaken behoeven ministeriële goedkeuring. Er is sprake van een overgangsfase, waarin tijdens het proces van uitbrengen en beoordelen van de meerjarenbegroting de nieuwe regels voor neventaken in werking zijn getreden. Op grond van het overgangsrecht bij de nieuwe regels voor neventaken geldt het volgende. Een aantal neventaken kan zonder meer worden voortgezet omdat zij al vóór de wijziging van de regelgeving door het Commissariaat voor de Media zijn goedgekeurd. Het gaat hierbij om de internetsites, de webradio- en webtvkanalen die onderdeel zijn van de internetsites, de thematische televisieprogramma s Holland Doc, Geschiedenis, 3voor12Central, 3voor12On Stage, en de thematische radioprogramma s 24Nieuws en Top2000. Neventaken die zijn aangekondigd in de meerjarenbegroting van de NOS, ter verduidelijking door de NOS aangevuld bij brieven van 8 en 22 november 2006, behoeven ministeriële goedkeuring. Het betreft de via de kabel en IPTV te verspreiden thematische televisieprogramma s OmegaTV, /Geloven, Opvoeden doe je zo, Consumenten TV, Humor TV en Uitzending Gemist. Bij besluit van 14 februari 2007 is voor deze neventaken door de Minister van OCW goedkeuring verleend. Neventaken die al vóór de inwerkingtreding van de nieuwe regels zijn gemeld bij het Commissariaat, worden nog door het Commissariaat beoordeeld, met toepassing van de nieuwe regels. Dit betreft de vijf door de NOS geprioriteerde thematische televisieprogramma s Journaal24, Politiek24, Cultura, 101, HilversumBest, alsmede Nederland-e, Sterren.nl, en Dier en Natuur. Het onderhavige besluit heeft betrekking op het jongerenkanaal 101. De overige themakanalen worden beoordeeld in separate besluiten van het Commissariaat.

2 A Het themakanaal Uit de door de NOS verstrekte informatie blijkt, voor zover hier van belang, het volgende. 101 wordt verzorgd in nauwe samenwerking met BNN en is een kanaal voor en door jongeren. Op het kanaal worden herhalingen vertoond van reeds op de reguliere programmanetten uitgezonden onderdelen. Daarnaast dient de programmering als leerschool voor talenten, zowel voor als achter de schermen. Productieteams worden samengesteld uit jonge, onervaren krachten en meer ervaren BNN-medewerkers. Het ligt in de bedoeling ook samen te werken met het radiostation voor jongeren FunX. De doelgroepen van 101 zijn de 13 tot 19-jarigen en de 20 tot 34-jarigen. Naast deze focus zal een accent worden gelegd op Nederlandse stedelijke jongeren. Op 101 worden nu geen reclameboodschappen uitgezonden. Het kanaal wordt of zal worden verspreid via de kabel, al dan niet opgenomen in digitale pakketten, via de eigen website(s) en via IPTV, voor zover deze laatste verspreiding geen onderdeel is van websites. B Relevante bepalingen Relevant is met name artikel 13c van de Mediawet (bijlage). Ter bekorting verwijzen wij voor het overige naar de Mediawet, het Mediabesluit en het Besluit van 28 september 2006 tot wijziging van het Mediabesluit in verband met nadere regels inzake het verrichten van neventaken door publieke omroepinstellingen ( Amvb neventaken ), in werking getreden op 6 oktober 2006, te vinden op de internetsite van het Commissariaat (www.cvdm.nl). C Status Het verzorgen van een themakanaal is een activiteit zoals bedoeld in artikel 13c, derde lid, van de Mediawet ( neventaak ). Hierbij is het volgende overwogen. De NOS is een instelling die zendtijd heeft verkregen in de zin van de Mediawet. In dat kader verzorgt zij een programma als bedoeld in artikel 13c, eerste lid, van de Mediawet. Artikel 13c, derde lid, van de Mediawet bepaalt dat een publieke omroep zijn taak mede kan vervullen door ook te voorzien in een andere wijze van aanbod en verspreiding van programmamateriaal. Uit de wetsgeschiedenis is op te maken dat in dat kader sprake kan zijn van het exploiteren van zogenoemde themakanalen. Gelet op de systematiek van artikel 13c van de Mediawet, dient het verzorgen van programma s naast die waarvoor zendtijd is toegewezen primair als neventaak te worden getoetst. Overigens wijst het Commissariaat er op dat voor het verzorgen van een themakanaal dat als neventaak is goedgekeurd, geen (extra) zendtijd wordt of behoeft te worden toegewezen. De onderhavige goedkeuring geldt tevens als titel voor de mogelijke verspreiding van het themakanaal door aanbieders van omroepnetwerken. B&P sv blad 2

3 D Toetsing en melding door de raad van bestuur De raad van bestuur van de NOS dient op grond van artikel 55b van de Mediawet neventaken te beoordelen op het gemeenschappelijke belang van de landelijke omroep. De raad heeft op 11 oktober 2005 en 16 mei 2006 beleidskaders vastgesteld voor tv- themakanalen en radiothemakanalen van de landelijke omroep, waarin de criteria zijn geformuleerd die worden gehanteerd bij de beoordeling van neventaken. De raad heeft op 14 februari 2006 met het beleidsplan en de begroting ten aanzien van 101 ingestemd. Bij brief van 3 augustus 2006 heeft de raad van bestuur het verzorgen van het themakanaal 101 bij het Commissariaat gemeld, conform paragraaf 4 van de Notitie neventaken publieke omroep van het Commissariaat. E Toetsing door het Commissariaat Informatieverstrekking Op grond van artikel 32d van het Mediabesluit dient de NOS in het kader van de meerjarenbegroting een beschrijving te verstrekken van de aard, het aantal en de voorziene duur van de voorgenomen neventaken. Daarbij dient de NOS een onderbouwing te verstrekken op welke wijze die neventaken mede invulling geven aan de taak van de publieke omroep op landelijk niveau en daarmee voldoen aan de democratische, sociale en culturele behoeften van de samenleving. Tevens dient de NOS aan te geven op welke wijze de bedragen die nodig zijn voor het verrichten van de betrokken neventaken worden gefinancierd. Het merendeel van de voor toetsing van de hier betrokken neventaak benodigde informatie heeft de NOS verstrekt in het Tussentijds Concessiebeleidsplan en de meerjarenbegroting Bij brieven van 8 en 22 november 2006 verstrekte de NOS aanvullende onderbouwing. Op 9 mei 2007 ontvingen wij voor dit kanaal van de NOS een begroting alsmede een toelichting op de wijze waarop de themakanalen worden gefinancierd. Naar het oordeel van het Commissariaat heeft de NOS hiermee voldaan aan de uit artikel 32d van het Mediabesluit voortvloeiende verplichtingen ten aanzien van de informatieverstrekking ten behoeve van de toetsing. Toetsingscriteria Het nieuwe toetsingskader voor neventaken dat per 6 oktober 2006 in het Mediabesluit is opgenomen, sluit aan bij de algemene taakopdracht van de publieke omroep zoals geformuleerd in artikel 13c, eerste lid, van de Mediawet. Kort gezegd heeft een publieke omroep tot taak een pluriform en kwalitatief hoogstaand aanbod van programma s voor algemene omroep te verzorgen op het gebied van informatie, cultuur, educatie en verstrooiing. Het tweede lid van artikel 13c van de Mediawet bevat specifieke eisen waaraan de programma s van een publieke omroep dienen te voldoen. Aan de per 6 oktober 2006 in het Mediabesluit opgenomen eis dat een neventaak dient te voldoen aan de democratische, sociale en culturele behoeften van de samenleving, wordt voldaan indien, op basis van door de omroep te verstrekken informatie, in redelijkheid kan B&P sv blad 3

4 worden vastgesteld dat met die neventaak mede invulling wordt gegeven aan de taak van de desbetreffende omroep zoals geformuleerd in artikel 13c, eerste lid, van de Mediawet. Daarom moeten de bestaande specifieke eisen die aan publieke programma s worden gesteld, zoals genoemd in artikel 13c, tweede lid, ook worden betrokken bij de beoordeling van neventaken. Het Commissariaat heeft 101 als neventaak van de NOS, en daarmee als onderdeel van het geheel van het programma-aanbod van de landelijke publieke omroep, getoetst aan die specifieke eisen en is van oordeel dat 101 aan de gestelde eisen voldoet. Daarbij is het volgende overwogen. Afspiegeling, gerichtheid en pluriformiteit Criteria: de programma s van de publieke omroep geven op evenwichtige wijze een beeld van de samenleving en van de onder de bevolking levende interesses en inzichten op maatschappelijk, cultureel en levensbeschouwelijk gebied; zijn gericht op zowel een breed en algemeen publiek als op bevolkings- en leeftijdsgroepen van verschillende omvang en samenstelling; dragen bij aan de ontwikkeling en verspreiding van de pluriformiteit en culturele diversiteit in Nederland. Voorafgaand aan toetsing van neventaken door het Commissariaat, dient de raad van bestuur van de NOS op grond van artikel 55b, van de Mediawet, te beoordelen of neventaken van de landelijke publieke omroep in strijd zijn met het gemeenschappelijk belang van de publieke omroep. Daarbij wordt eerder genoemd beleidskader voor tv-themakanalen gehanteerd, vastgesteld op 11 oktober 2005, en het beleidskader voor radio-themakanalen, vastgesteld op 16 mei Uitgangspunten hierbij vormen de publieke functie, de inhoudelijke kwaliteit, de schaarste aan financiële middelen, de schaarste aan mogelijkheden voor ether- en kabeldistributie en de samenhang met de reguliere zenders. De NOS baseert haar programmastrategie mede op een analyse van het totale publieke aanbod op radio, televisie en internet. De NOS heeft bij herhaling moeten vaststellen dat jongeren de publieke omroep niet voldoende weten te vinden. Het specifiek op jongeren gerichte aanbod op de reguliere netten is er in onvoldoende mate en is bovendien moeilijk vindbaar voor de doelgroepen. De komende jaren zal de NOS jongeren publieke content aanbieden via multimediale publieke jongerenmerken, zoals het themakanaal 101, op een aansprekende manier, met de mogelijkheid van directe interactie. Toegankelijkheid Criterium: de programma s van de publieke omroep zijn toegankelijk voor de gehele bevolking in het verzorgingsgebied waarvoor de programma s zijn bestemd. 101 maakt als themakanaal deel uit van het totale aanbod van de landelijke publieke omroep. Het kanaal wordt verspreid via de kabel en internet en later wellicht ook via IPTV. 101 komt daarmee beschikbaar voor grote delen van de bevolking. B&P sv blad 4

5 Dat het programma op zichzelf een geringer bereik kent dan elk van de drie televisieprogrammanetten van de landelijke publieke omroep is mede te verklaren door het feit dat themakanalen als neventaak door beheerders van omroepnetwerken niet verplicht behoeven te worden opgenomen in het wettelijk basispakket. Niet gebleken is dat door de toegepaste verspreidingwijzen voor de doelgroep onevenredige financiële of technische drempels worden opgeworpen. Het is overigens toegestaan een vergoeding te vragen voor de verspreiding van programma s die als neventaak worden verzorgd. Mogelijke opname van de themakanalen in een zogenoemd pluspakket doet derhalve niet af aan dit oordeel, zolang daarbij sprake is van een gebruikelijk en redelijk tarief. Onafhankelijkheid van commercie Criterium: de programma s van de publieke omroep zijn onafhankelijk van commerciële invloeden en, behoudens het bepaalde bij of krachtens de wet, van overheidsinvloeden. Op grond van artikel 32g, eerste lid, van het Mediabesluit zijn onder meer de bepalingen terzake van reclame, sponsoring en de voorgeschreven redactionele onafhankelijkheid van een publieke omroep (artikel 48 van de Mediawet) ook van toepassing op neventaken. Het programma 101 bevat thans geen reclameboodschappen of gesponsorde onderdelen. Toetsing aan artikel 55, eerste lid, Mediawet Aan de hand van de door de NOS verschafte informatie is er naar het oordeel van het Commissariaat geen grond om aan te nemen dat de NOS met het verzorgen van deze neventaak dienstbaar zou zijn aan het maken van winst door derden. F Besluit Op grond van bovenstaande toetsing is het Commissariaat van oordeel dat het themakanaal 101 als neventaak mede invulling geeft aan de taak van de NOS en daarmee voorziet in de democratische, sociale en culturele behoeften van de samenleving in Nederland. Het Commissariaat verleent daarom op grondslag van artikel II, tweede lid, van het Besluit van 28 september 2006 (Staatsblad ) goedkeuring, zoals bedoeld in artikel 32d, derde lid, van het Mediabesluit, aan de NOS voor de neventaak bestaande uit het verzorgen van het televisieprogramma 101, verspreid via de kabel, de eigen internetsite(s) en IPTV. G Goedkeuringsduur Het Commissariaat wijst erop dat deze goedkeuring geldt voor de duur van de aan de NOS toegewezen zendtijd voor het verzorgen van een omroepprogramma. B&P sv blad 5

6 H Register De neventaak is als Verzorgen themakanaal televisieprogramma 101 (i.s.m. BNN), onder vermelding van het resultaat van deze toetsing, opgenomen in het openbare Register neventaken en -activiteiten, te vinden op de internetsite van het Commissariaat. Een afschrift van dit besluit wordt verzonden naar het Ministerie van OCW. Hilversum, 29 mei 2007, COMMISSARIAAT VOOR DE MEDIA, mr. Inge Brakman voorzitter prof. dr. Jan van Cuilenburg commissaris Wij wijzen er op dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht de natuurlijke of de rechtspersoon wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken daartegen binnen zes weken na de dag waarop dit besluit op de voorgeschreven wijze is bekend gemaakt, een bezwaarschrift kan indienen bij het Commissariaat voor de Media, postbus 1426, 1200 BK Hilversum. Aantal bijlagen : 1 Artikel 13c van de Mediawet B&P sv blad 6

7 Bijlage Artikel 13c van de Mediawet 1. De publieke omroep heeft tot taak: a. het op landelijk, regionaal en lokaal niveau verzorgen van een pluriform en kwalitatief hoogstaand aanbod van programma s voor algemene omroep op het gebied van informatie, cultuur, educatie en verstrooiing en deze in ieder geval door middel van omroepzenders te verspreiden naar alle huishoudens in het verzorgingsgebied waarvoor de programma's zijn bestemd en voor de ontvangst waarvan geen andere kosten verschuldigd zijn dan de kosten van aankoop of gebruik van technische voorzieningen die de ontvangst mogelijk maken; b. het verrichten van alle activiteiten met betrekking tot programmaverzorging en uitzending die daartoe nodig zijn; c. het verzorgen en uitzenden van programma s, bestemd voor landen en gebieden buiten Nederland en voor Nederlanders die buiten de landsgrenzen verblijven. 2. De programma s van de publieke omroep geven op evenwichtige wijze een beeld van de samenleving en van de onder de bevolking levende interesses en inzichten op maatschappelijk, cultureel en levensbeschouwelijk gebied, en: a. zijn toegankelijk voor de gehele bevolking in het verzorgingsgebied waarvoor de programma s zijn bestemd; b. dragen bij aan de ontwikkeling en verspreiding van de pluriformiteit en culturele diversiteit in Nederland; c. zijn onafhankelijk van commerciële invloeden en, behoudens het bepaalde bij of krachtens de wet, van overheidsinvloeden; en d. zijn gericht op zowel een breed en algemeen publiek als op bevolkings- en leeftijdsgroepen van verschillende omvang en samenstelling. 3. De publieke omroep kan mede invulling geven aan zijn taak, bedoeld in het eerste lid, door tevens te voorzien in andere dan de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde wijzen van aanbod en verspreiding van programmamateriaal. B&P sv blad 7