Kinderen en partnergeweld: wat nu? Methodisch kader

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Kinderen en partnergeweld: wat nu? Methodisch kader"

Transcriptie

1 Kinderen en partnergeweld: wat nu? Methodisch kader

2 COLOFON Methodische kaders van het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk willen de praktijkwerkers handvaten aanreiken om kwaliteitsvol met de cliënt aan het werk te gaan binnen het algemeen welzijnswerk. De auteurs baseren zich op feedback vanuit de hulpverlening, maar ook op literatuurstudie en internationale uitwisseling. Auteur: Hilde Genetello m.m.v. Ann Castrel, Inge Van Cauwenberghe, Alexia Desmuyttere, Hilde De Roo, Ilse Delafontaine, Wim Van Campenhout, Liesbet Geeurickx, Jaklien Eyckerman, Sofie Duyck, Jan Van Heuven (eindredactie), Vicky Maes (illustraties). Eerste druk Opmaak: Steunpunt Algemeen Welzijnswerk Volgnummer: MK 2009/02 Depotnummer: D/2009/11.734/ Steunpunt Algemeen Welzijnswerk Gehele of gedeeltelijke overneming of reproductie van de inhoud van de uitgave, op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteursrechthebbende is verboden.

3 Inhoudstafel DEEL 1 - Algemene visie rond kinderen als getuige van geweld 1. Partnergeweld en kindermishandeling 1 2. Effecten van geweld bij kinderen en jongeren Posities van kinderen in ruzies Posities van kinderen in intrafamiliaal geweld Gevolgen van partnergeweld op kinderen Basiscompetenties voor het werken met kinderen en jongeren Voor het onthaal en de begeleiding van kinderen en jongeren die slachtoffer zijn van partnergeweld, moeten de volgende voorwaarden in acht genomen worden: Bij groepsbegeleiding moeten bijkomend volgende voorwaarden voldaan zijn: Uitgangspunten bij het werken met kinderen en jongeren Veiligheid komt eerst Specifieke aandacht voor de kinderen Ieder zijn verantwoordelijkheid Het kind/de jongere die aanwezig is bij een gesprek met de ouder(s), moet actief bij het gesprek betrokken worden Cliëntinformatie & beroepsgeheim Risicotaxatie en procedure bij gevaar De CARE-NL is een hulpmiddel voor de risicotaxatie rond kindermishandeling Procedure bij gevaar voor aantasting van de integriteit...13 DEEL 2 - Onthaal van en methodieken voor het begeleiden binnen een CAW van kinderen/jongeren als getuige van partnergeweld 1. Aanmelding en onthaal Wanneer een ouder het kind of de jongere aanmeldt Indien het kind of de jongere door een derde wordt aangemeld Indien het kind of de jongere zichzelf aanmeldt Indien de hulpverlener het kind of de jongere betrekt vanuit de begeleiding van de ouder(s) Begeleiden van jonge kinderen(-6 jaar) Ontwikkelingspsychologie van het jonge kind Algemene richtlijnen voor het werken met jonge kinderen Algemene richtlijnen voor het werken met spelmateriaal Doorgeven van informatie aan de ouders Specifieke methodieken voor het werken met jonge kinderen rond partnergeweld Begeleiden van lagere schoolkinderen (6-12j) Ontwikkelingspsychologie van het lagere schoolkind Algemene richtlijnen voor het werken met lagere schoolkinderen Algemene richtlijnen in werken met spelmateriaal...16

4 3.4 Doorgeven van informatie aan de ouders Specifieke methodieken voor het werken met jonge kinderen rond partnergeweld Werken met adolescenten (12+) Ontwikkelingspsychologie van de adolescent Algemene richtlijnen voor het werken met adolescenten Doorgeven van informatie aan de ouders Specifieke methodieken rond partnergeweld...38 DEEL 3 - Begeleiden van kinderen/jongeren vanuit de begeleiding van ouder(s) 1. Vanuit de begeleiding van een slachtoffer Bespreekbaar maken van de effecten op de kinderen Veiligheidsplanning uitwerken met aandacht voor de kinderen Hulpbronnen opzoeken en aanspreken De pleger aanspreken op zijn/haar verantwoordelijkheid Mediatiebegeleiding: via het slachtoffer de effecten van het geweld op de kinderen verminderen Wanneer de kinderen/jongeren betrekken bij de begeleiding? Vanuit de begeleiding van een pleger Bespreekbaar maken van de effecten op de kinderen De pleger uitnodigen tot en begeleiden bij het verantwoordelijkheid nemen voor het geweld en de effecten op de kinderen Veiligheidsplanning uitwerken met aandacht voor de kinderen Hulpbronnen opzoeken en aanspreken Mediatiebegeleiding: via de pleger de effecten van het geweld op de kinderen verminderen Wanneer de kinderen/jongeren betrekken bij de begeleiding? Vanuit de begeleiding van een koppel Bespreekbaar maken van de effecten op de kinderen De pleger uitnodigen tot en begeleiden bij het verantwoordelijkheid nemen voor het geweld en de effecten op de kinderen Veiligheidsplanning uitwerken met aandacht voor de kinderen Hulpbronnen opzoeken en aanspreken Mediatiebegeleiding: via de pleger de effecten van het geweld op de kinderen verminderen Wanneer de kinderen/jongeren betrekken bij de begeleiding? Concrete methodieken om te werken met ouders Groepsbegeleiding voor ouders Randvoorwaarden en methodische aspecten De inhoud van een groepsbegeleiding van ouders hangt af van de doelbepaling en groepssamenstelling Als de oudergroep gekoppeld is aan een kindergroep is het mogelijk met ouder en kind samen te werken...16

5 Inhoudstafel00 Bijlagen 1. Spiegel knutselen/zelfportret Kikkerouders en kikkerjonkies Gevoelensblad Hoe voelt Liesje zich? Toongevoelens en verstopgevoelens Veilig boos zijn? Schuld Uitleg over geweld in relaties Stappen in het onder controle krijgen van kwaadheid Tips: i.v.m voor jezelf zorgen Test je ruziestijl EHBO kaart What s up What s down Signaallijst Veiligheidskaart Gevoelens bij kinderen Praten met je kind over het geweld Ouders zorgen voor kinderen - Kinderen zorgen voor ouders Algemene tips in omgaan met probleemgedrag bij kinderen Ideeën om kinderen/jongeren te helpen bij het aanpakken van hun woede Tijd voor mijn kind. Makkelijker gezegd dan gedaan Alleen slapen Groepsbegeleiding Wat heeft mijn kind meegemaakt van het geweld? Child Abuse Risk Evaluation Nederland (CARE- NL) Literatuurlijst...65

6

7 Inleiding De problematiek van partnergeweld krijgt binnen de CAW s bijzondere aandacht. Elk CAW ontwikkelde een eigen beleidsplan vertrekkend vanuit een outreachende, aanklampende en systeemgerichte aanpak. De algemene visie rond deze aanpak werd uitgewerkt door Kris De Groof in haar dossier Intrafamiliaal Geweld. Vanuit de werking met slachtoffers en plegers, ontstond de vraag om binnen het CAW een aanbod te creëren voor kinderen en jongeren die betrokken waren bij partnergeweld. Deze methodiekenmap geeft antwoord op een aantal vragen: Welk effect heeft partnergeweld op kinderen? Op welke manier besteden we aandacht aan de kinderen binnen de begeleiding van het slachtoffer, de pleger of het koppel? Wanneer is het wenselijk en/of noodzakelijk het kind zelf uit te nodigen? Wat zijn de aandachtspunten bij een gesprek met een kind of jongere? Welke methodieken kunnen we gebruiken om het geweld bespreekbaar te maken? Hoe moet groepsbegeleiding van kinderen rond partnergeweld vorm gegeven worden? De visies in deze map, kwamen tot stand in een stuurgroep, bestaande uit de verantwoordelijken en medewerkers voor het thema familiaal geweld. Voor de uitwerking van de concrete methodieken werd beroep gedaan op een methodiekenwerkgroep. Deze bestond uit CAW-medewerkers die werken rond familiaal geweld, of specifiek met kinderen en jongeren. Ik wil dan ook degene die deze map mogelijk gemaakt hebben, oprecht bedanken: Ann Castrel, Inge Van Cauwenberghe, Alexia Desmuyttere, Hilde De Roo, Ilse Delafontaine, Wim Van Campenhout, Liesbet Geeurickx, Jaklien Eyckerman en Sofie Duyck. Hilde Genetello Deze map wil medewerkers laten kennismaken met bestaand materiaal. We hebben dan ook telkens verwezen naar de originele bron van methodisch materiaal. Laat deze map een vertrekpunt en inspiratiebron zijn. Wij nodigen u uit om verder op zoek te gaan en ook de geciteerde bronnen aan te schaffen, vermits er altijd meer materiaal instaat dan de beknopte selectie hier weergegeven. Helen Blow namens Steunpunt Algemeen Welzijnswerk 1

8

9 ALGEMENE VISIE ROND KINDEREN ALS GETUIGE VAN GEWELD

10

11 1. Partnergeweld en kindermishandeling Bij een analyse van kindermishandeling, bijvoorbeeld door CARE-NL (bijlage 25), wordt partnergeweld aangeduid als risicofactor. Eén vorm van intrafamiliaal geweld, zoals partnergeweld, oudermishandeling of kindermishandeling, verhoogt de kans op de andere vormen van geweld. Vanuit dit gegeven, pleiten we voor een integrale en systeemgerichte aanpak van partnergeweld en een verhoogde alertheid voor signalen van kindermishandeling bij elke medewerker die betrokken is bij familiaal geweld. (zie ook: De Groof. K & De Gendt. T, Kans op slaan: Een integrale kijk op geweld in gezinnen, 2007, Lannoo Campus) 1

12 2

13 2. Effecten van geweld bij kinderen en jongeren 2.1. Posities van kinderen in ruzies Ruzie in huis raakt kinderen, maar hoe ze erop reageren, hangt sterk af van kind tot kind. Sommige kinderen trekken zich terug en proberen niets te doen om de situatie niet te verergeren. Soms komen kinderen zelf tussen: kinderen proberen te helpen door te sussen, af te leiden, zorg te dragen,. Lowie, 4 jaar, kruipt tijdens de ruzie wisselend bij beide ouders op de schoot, geeft zoentjes,brengt speelgoedjes aan, zingt liedjes uit de klas,. kinderen trekken het conflict naar zich toe door vervelend gedrag, onhandigheid, Bram, 5 jaar, wordt door de ouders omschreven als een kind dat op zijn vervelendst is op de moeilijkste momenten en zorgt ervoor dat zij ruzie met elkaar krijgen. Bij nader observeren blijkt dat Bram reageert op een gespannen sfeer met druk en koppig gedrag. ze proberen af te leiden door hulpbehoevend te zijn, aandacht te vragen, Lindsey, 9 jaar, begint bij ruzie tussen de ouders steeds te klagen over buikpijn. kinderen gaan in coalitie met het slachtoffer Frauke, 5 jaar, begint in een ruzie te roepen tegen haar papa: jij mag geen lelijke woorden zeggen tegen mama, mama heeft niets stout gedaan. anderen gaan in coalitie met de pleger Ouders betrekken hun kinderen soms bij de ruzie: kinderen worden gevraagd te helpen Casper, 6 jaar, zegt aan zijn moeder: stop nu maar met bellen naar oma of ik zeg het aan papa, dat kost veel te veel geld. Zoë, 8 jaar, wordt bij mama in bed genomen wanneer papa laat is en waarschijnlijk dronken zal thuiskomen. Ludo, 16 jaar, wordt gevraagd niet mee op kamp te gaan omdat zijn moeder niet de hele week alleen durft te zijn met haar man. kinderen worden in een coalitie getrokken door het slachtoffer Simon, 5 jaar, mag van zijn mama het vaderdagcadeau niet geven omdat papa stout geweest is. anderen worden in een coalitie getrokken door de pleger Aan tafel maakt Karel verschillende kleinerende opmerkingen over zijn vrouw. Hij betrekt zijn 3 kinderen bij het opnoemen van dingen hoe je kan zien dat mama geen De Waele is, zoals zij viertjes. 3

14 2.2. Posities van kinderen in intrafamiliaal geweld Kinderen zijn ooggetuige van het geweld: zij staan erop te kijken, horen de verwijten, het schreeuwen, het huilen, ze zien het slaan, schoppen, aan het haar trekken, Zoals bij alle getuigen van een traumatische gebeurtenis worden deze klanken en beelden diep in het geheugen van het kind gegrift. Kira, 4 jaar, vertelt aan de juf op school papa heeft mama gesmijt en de neus van mama was allemaal bloed en haar kleed was ook allemaal bloed. Kinderen kunnen elders in huis zijn op het moment dat geweld zich voordoet, of weggestuurd worden door één van de ouders. Zij kunnen het geweld dan niet zien, maar zijn wel oorgetuige. Ze horen de ruzie, het geschreeuw, gehuil, en maken zich een voorstelling van wat aan het gebeuren is. Een beeld dat vaak even traumatisch is als de werkelijkheid. Vooral de stiltes kunnen heel beangstigend zijn, omdat die momenten het meest gevreesd worden. Pedro, 10 jaar, vertelt in de begeleiding op het CAW: papa zei dat ik naar mijn kamer moest maar k ben op de trap blijven staan, en papa riep hard en ik hoorde een bonk en dan niets en dan weende mama. Ik was zo blij dat ze weende want dan wist ik dat ze niet flauwgevallen of dood was. Getuige zijn van de gevolgen (fysiek, materieel, ) van het geweld, kan kinderen ook diep raken. Beseffen dat de blauwe plekken van mama door papa komen, weten dat de deur die kapot is, door papa kapot gestampt werd, is traumatiserend voor het kind. Mia vertelt in het vluchthuis dat haar zoontje, 4 jaar, toen ze spullen ging halen thuis, minutenlang bleef kijken naar de kapotte salontafel. Hij bestudeerde de tafel van alle kanten als om zich een beeld te vormen van wat er mee gebeurd was. Hij stelde geen vragen, maakte geen opmerkingen, hij keek enkel. Kinderen kunnen in het geweldsincident actief tussen komen: zij proberen af te schermen, tegen te houden, weg te duwen, Hierbij kan het kind zelf slachtoffer worden van geweld, met alle fysieke en psychische gevolgen vandien. Sander, 6 jaar, hangt wenend aan papa s arm, hem smekend te stoppen met slaan. Woedend slaat de vader hem van zich af. Kinderen kunnen bij het geweldsincident betrokken worden door de ouders. Een ouder kan het kind als bescherming gebruiken of als middel om de ander te kwetsen. Op dat moment is de ouder blind voor het effect op het kind. Cindy vertelt dat toen Wim woedend op haar afkwam, zij de baby op haar arm nam in de hoop dat dit hem zou tegenhouden. Wim sloeg toch, de baby viel en raakte gewond. Xavier was onder invloed van speed helemaal opgefokt thuisgekomen. Toen zijn vrouw niet wou vrijen, hing hij hun baby van 6 maanden oud uit het raam en dreigde haar naar beneden te laten vallen Gevolgen van partnergeweld op kinderen Kinderen en adolescenten die getuige zijn geweest van partnergeweld, vertonen emotionele - en gedragsproblemen die qua aard en ernst vergelijkbaar zijn met die van kinderen en adolescenten die zelf slachtoffer van mishandeling zijn geweest. 4

15 Effecten van geweld02 Algemene opvoedingscontext In gezinnen met partnergeweld, is er een verhoogde kans op een algemeen problematische opvoedingscontext, gekenmerkt door: Verwarrende of ontbrekende grenzen tussen de generaties Chaotische of rigide leefstijl Sterke en gesloten grenzen naar de buitenwereld Slechte communicatie tussen de ouders Onvoldoende aandacht voor emotionele behoeften van het kind Kind draagt veel gezinsverantwoordelijkheid Afwezige, zieke of passieve moeder/vader Controlerende, extreem bezorgde of alcoholische vader/moeder Dit kan leiden tot: Problemen met inlevingsvermogen en empathie Problemen met algemene oplossingsvaardigheden Laag zelfbeeld Onveilige hechting Gevolgen van het geweld Onderzoek wijst op de nadelige gevolgen van partnergeweld op de totale ontwikkeling van de baby: langdurige stress heeft een remmende werking op de rijping van de hersenen en veroorzaakt zo ontwikkelingsachterstand. Bij observatie van baby s in gezinnen met partnergeweld valt de passiviteit op: het kind is lusteloos, heeft vaak een gespannen lichaamshouding en vertoont afwijzend gedrag tegenover contact en intimiteit. Andere baby s huilen extreem vaak, hebben slaapproblemen en eten moeilijk. Het getraumatiseerd zijn, uit zich in een angst voor harde geluiden en stemmen. Ook bij peuters en kleuters die geweld meemaken, zien we een negatieve invloed op de ontwikkeling. Vooral de taalontwikkeling en het zindelijkheidsproces vertragen. Bij observatie vallen somatische klachten (hoofdpijn, buikpijn, ), onrust, agressief gedrag en driftbuien op. Het kind gaat minder spelen of speelt met minder plezier en minder interesse. Het trauma veroorzaakt angst om alleen te zijn, hevige reacties bij harde geluiden, plotse bewegingen, ed. De eerste tekenen van hechtingsproblemen komen tot uiting: het kind is minder geïnteresseerd in contact, trekt zich terug of wordt net overdreven aanhankelijk, vooral naar vreemden. Vanaf de lagereschoolleeftijd zien we een duidelijk onderscheid tussen kinderen en jongeren die internaliseren (naar binnen richten) en kinderen en jongeren die externaliseren (naar buiten afreageren). Internaliserende kinderen/jongeren (meestal meisjes) vertonen tekenen van depressie, negatief zelfbeeld, angst, verdriet, verlegenheid, faalangst, Externaliserende kinderen/jongeren (vooral jongens) vertonen agressief gedrag, pesten, vernielzucht en verzet tegen autoriteit. Door hun teruggetrokkenheid of hun agressie raken deze kinderen zowel met leeftijdsgenoten als met volwassenen sociaal in de problemen. Symptomen bij kinderen zijn niet eenduidig: alle signalen die ik hierboven heb aangehaald, kunnen zich ook voordoen bij baby s, peuters, kleuters en kinderen die geen getuige van partnergeweld waren, maar een andere problematiek hebben. Interpretatie en toetsing van de signalen zijn noodzakelijk (zie verder). 5

16 Beïnvloedende factoren De ernst van de gevolgen van kindermishandeling en het getuige zijn van partnergeweld zijn afhankelijk van: de leeftijd van het kind de ernst van de feiten de duur van de feiten de betekenis die deze feiten voor het kind krijgen, bijv. de verantwoordelijkheid op zich nemen de plicht tot geheimhouding de weerbaarheid van het kind de af- of aanwezigheid van beschermende factoren: -- de aanwezigheid van goed zorgende volwassenen (oma, nonkel, buurvrouw, ) -- een goede school -- deelnemen aan goedgeorganiseerde, veilige jeugdactiviteiten -- waardering ervaren voor je kunnen door verscheidene personen -- goed contact met leeftijdsgenoten -- goede intelligentie -- hulp krijgen en steun ervaren vanuit de dichte omgeving -- herstel van de veiligheid in het gezin -- 6

17 3. Basiscompetenties voor het werken met kinderen en jongeren 3.1. Voor het onthaal en de begeleiding van kinderen en jongeren die slachtoffer zijn van partnergeweld, moeten de volgende voorwaarden in acht genomen worden: Basiscompetenties De hulpverlener heeft basiskennis over de ontwikkelingspsychologie van het kind/ de jongere in het algemeen. De hulpverlener heeft basiskennis over gespreksvoering met kinderen / jongeren. De hulpverlener heeft voldoende vaardigheden in gespreksvoering met kinderen / jongeren. De hulpverlener heeft basiskennis over de gevolgen van partnergeweld op kinderen / jongeren. De hulpverlener kan meervoudig partijdig werken. Randvoorwaarden Het CAW beschikt over een kindvriendelijke ruimte. Het CAW stelt kindvriendelijk materiaal (speelgoed, knutselmateriaal, ed.) ter beschikking zijn: Bij groepsbegeleiding moeten bijkomend volgende voorwaarden voldaan Basiscompetenties De hulpverlener heeft voldoende kennis rond het functioneren van groepen. De hulpverlener heeft voldoende vaardigheden in het begeleiden van het groepsproces. Methodisch De groepsbegeleiding is goed voorbereid qua doelbepaling, groepssamenstelling, programma, De intakeprocedure is goed uitgewerkt. Randvoorwaarden De infrastructuur is kindvriendelijk en voorzien op een groepsgebeuren (ruimte voor pauzes, ruimte voor bewegingsmomenten, ). Het aantal groepsbegeleiders is groot genoeg om de groep goed te begeleiden en indien nodig een kind individueel op te vangen. 7

18 8

19 4. Uitgangspunten bij het werken met kinderen en jongeren 4.1. Veiligheid komt eerst Geweld heeft zo n negatieve gevolgen voor alle betrokkenen en in het bijzonder voor kinderen, dat het creëren van veiligheid de grootste prioriteit is Specifieke aandacht voor de kinderen Voor de hulpverlener die met één van de ouders, of met beide, werkt, is het een belangrijke opdracht om het kind als betrokkene bij het geweld in beeld te brengen Ieder zijn verantwoordelijkheid De hulpverlening moet de verantwoordelijken, aansporen tot en helpen bij, het creëren van een veilige omgeving. Zo kunnen de gevolgen van het geweld voor de kinderen hersteld worden en kunnen ze een gepaste zorg en opvoeding krijgen Het kind/de jongere die aanwezig is bij een gesprek met de ouder(s), moet actief bij het gesprek betrokken worden Een kind dat aanwezig is bij een gesprek over partnergeweld, ondervindt hier vaak negatieve gevolgen van, bijv. angstgevoelens, bezorgdheid, loyaliteitsconflicten, Daarom is het belangrijk dat de hulpverlener op de mogelijke effecten wijst en dat hier rekening mee gehouden wordt. Indien mogelijk wordt het gesprek met de ouder(s) gevoerd zonder de kinderen: Bij gesprekken op dienst kan binnen het onthaal een kindvriendelijke plaats en - opvang voorzien worden. Bij intakeprocedures kan een specifieke kinderintake gelijktijdig met de ouderintake gedaan worden. Bij een huisbezoek wordt verzocht dat de kinderen in een andere kamer gaan spelen of TV kijken. Indien het kind of de jongere toch aanwezig is bij het gesprek: Wordt het kind actief betrokken bij het gesprek: kinderen die spelen of TV kijken binnen oorbereik zullen het gesprek gaan volgen. Ze worden er dan best bij betrokken. Wordt het gesprek aangepast aan het ontwikkelingsniveau van het kind: de taal waarin, maar vooral wat bevraagd en gezegd wordt, houdt rekening met het begripsvermogen en de emotionele draagkracht van het kind / de jongere. Wordt het gesprek gevoerd met aandacht voor de loyaliteitsgevoelens van het kind naar beide ouders. 9

20 10

21 5. Cliëntinformatie & beroepsgeheim Een uitgebreid advies rond de toepassing van het decreet rechtspositie van de minderjarige vind je in het Sectoraal Advies, opgemaakt door Kris Stas van het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk. Voor de begeleiding van kinderen en jongeren als getuige van partnergeweld gelden de volgende uitgangspunten. Minderjarigen hebben het recht om in vertrouwen dingen te vertellen aan hun hulpverlener, die het beroepsgeheim kan inroepen bij hun begeleiding, ook ten aanzien van de ouders. De hulpverlener kan de ouder enkel informatie geven over de minderjarige a) voor zover de minderjarige niet over voldoende onderscheidingsvermogen beschikt; b) met het oog op het nemen van opvoedingsbeslissingen; c) in het belang van de minderjarige; d) in noodgevallen. Het kind en de jongere worden steeds op de hoogte gebracht van welke informatie aan wie wordt doorgegeven. Wat betekent dit nu in praktijk? Als het kind of de jongere jouw geheimhouding vraagt en doorgeven van informatie is niet strikt noodzakelijk voor zijn/haar veiligheid of de opvoeding, dien je deze geheimhouding te garanderen. Je kan wel de communicatie tussen de betrokken partijen maximaal stimuleren. Met uitdrukkelijke toestemming van het kind mag je bepaalde informatie aan de ouder(s) doorgeven: die kan van groot belang zijn bij de coaching van de ouder(s) om de gevolgen van het geweld op het kind te verhelpen. Het is van groot belang dat op een duidelijke en voor het kind begrijpelijke manier gecommuniceerd wordt welke informatie je doorgeeft aan de ouder(s). Dit wordt in deel 2 concreet uitgewerkt. Wanneer je overweegt om het beroepsgeheim toch te doorbreken, sta dan stil bij volgende overwegingen. Is de hulpverlening gestart op vraag van de minderjarige of op vraag van de ouders? Wat is de mate van betrokkenheid van de ouders in de concrete hulpverleningssituatie? Wat is het doel of motief van de ouders? Is de vraag relevant en precies welke informatie is nodig in functie van het nemen van opvoedingsbeslissingen? Is het doorgeven van deze gegevens noodzakelijk om een goede hulpverlening te bieden? Hoe reageert de minderjarige op de vraag om info? Hierbij vertrek je van het uitgangspunt dat het ouderlijk gezag in het belang van de minderjarige dient uitgeoefend te worden, en uitdunt, dwz naarmate minderjarigen ouder worden kunnen ze meer en meer zelf beslissen en boet het ouderlijk gezag aan belang in. 11

22 12

23 6. Risicotaxatie en procedure bij gevaar 6.1. De CARE-NL is een hulpmiddel voor de risicotaxatie rond kindermishandeling Hierin wordt een onderscheid gemaakt tussen ouderfactoren, ouderkindfactoren, kindfactoren, gezinsfactoren en risicofactoren voor seksueel misbruik. We kunnen dit gebruiken om de verschillende factoren die een invloed hebben, geordend te bekijken. Ouderfactoren zijn: In het verleden gepleegde mishandeling van een kind door de ouder(s) De ouder is zelf slachtoffer van kindermishandeling Ernstige psychische stoornis Suïcidale of moorddadige gedachten Problemen met het gebruik van middelen Persoonlijkheidsstoornis gekenmerkt door boosheid, impulsiviteit of instabiliteit Sterke minimalisering of ontkenning van kindermishandeling Negatieve houding ten opzicht van interventies Ouderkindfactoren: Problemen met kennis over opvoeding van kinderen, opvoedingsvaardigheden en/of attitudes Negatieve opvattingen ten aanzien van het kind Problemen in de ouder/kind interactie Kindfactoren: Kenmerken bij het kind die de kwetsbaarheid verhogen Gezinsfactoren: Stressoren binnen het gezin in het afgelopen jaar Sociaal-economische stressoren in het afgelopen jaar Ontoereikende sociale steun in het afgelopen jaar Relationeel geweld Culturele invloeden Risicofactoren betreffende seksueel misbruik Recidiverisico op seksueel gewelddadig gedrag Daarnaast pleiten we ervoor om bij een intakegesprek en verdere begeleiding rond partnergeweld, steeds de positie van de kinderen te bevragen. Zijn ze mee slachtoffer van het geweld, in welke mate, en wat is de houding en het gedrag van de ouder tegenover de kinderen? Belangrijk is om dit op een respectvolle manier te doen en altijd de hulpvraag van de ouder(s) te vrijwaren. U kan voor risicotaxatie en advies rond een concreet dossier, steeds beroep doen op de expertise van het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling Procedure bij gevaar voor aantasting van de integriteit Elk CAW heeft een procedure bij gevaar voor aantasting van de integriteit, voor die situaties waar een hulpverlener zich ernstig zorgen maakt om de fysieke en psychische veiligheid van de cliënt. Wat kinderen als getuige van partnergeweld betreft, stelt zich de vraag: wetende dat de gevolgen voor het kind dat getuige is van partnergeweld even ernstig zijn als die van kindermishandeling, dient deze procedure dan opgestart te worden voor elke situatie waarin hulpverlening afgebroken wordt en het (gevaar voor) partnergeweld blijft bestaan? 13

24 14 We pleiten er sterk voor aanklampend te werken in de hulpverlening rond partnergeweld en ouders te wijzen op hun verantwoordelijkheid rond het creëren van veiligheid voor de kinderen. Indien nodig schakel je andere hulpverleningsinstanties (bijv. Kind en Gezin, huisarts, CLB, ) in om de veiligheid in het gezin bespreekbaar te maken en het welzijn van de kinderen te bevorderen. Het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling schakel je in voor advies of concrete interventie als je eigen interventiemogelijkheden uitgeput zijn. Bij acute en ernstige gevaarsituaties doe je beroep op politionele of juridische middelen.

25

26

27 ONTHAAL VAN EN METHODIEKEN VOOR HET BEGELEIDEN BINNEN EEN CAW VAN KINDEREN/JONGEREN ALS GETUIGE VAN PARTNERGEWELD

28

29 1. Aanmelding en onthaal Het is van belang dat het kind goed geïnformeerd is over wie je bent, wat je hulp inhoudt en wat de spelregels zijn van jullie samenwerking. Het is belangrijk dat de situering van jouw hulp op een duidelijke en begrijpelijke manier gebeurt. Hoe je dit concreet kan doen, rekening houdend met het ontwikkelingsniveau van het kind, vind je in dit deel 2, de hoofdstukken 2, 3 en 4. Zo heeft het kind een basis om de hulp te aanvaarden of te weigeren Wanneer een ouder het kind of de jongere aanmeldt Eén van de ouders of beide ouders samen kunnen het kind of de jongere aanmelden: om het kind te helpen bij het verwerken van de traumatische gebeurtenissen in het gezin om het probleemgedrag van het kind/jongere te verhelpen Indien één ouder het kind aanmeldt, wordt gevraagd of de andere ouder op de hoogte is. Als dit niet het geval is, moeten we rekening houden met volgende aspecten: juridisch gezien hebben beide ouders recht op informatie en inspraak omtrent hun kind het decreet op de rechtspositie van minderjarigen stelt dat het kind of de jongere ook zonder toestemming van één van de (of beide) ouders, recht heeft op hulp. een kind of jongere in een gezinssituatie waar geweld zich voordoet, worstelt al sterk met een loyaliteitsconflict. Wij moeten vermijden dat onze hulp dit nog versterkt. Wij stellen de volgende beslissingsboom voor. 1. De aanmeldende ouder wordt gevraagd de andere ouder op de hoogte te brengen. 2. De aanmeldende ouder wordt uitgelegd waarom het zo belangrijk is dat de andere ouder op de hoogte gebracht wordt. Doel is het vermijden van juridische conflicten en het verkleinen van de kans op een loyaliteitsconflict bij het kind. 3. Indien de aanmeldende ouder zelf de andere ouder niet kan contacteren (bijv. omwille van veiligheidsredenen), wordt deze op de hoogte gebracht door de hulpverlener. 4. Indien de niet-aanmeldende ouder hulpverlening voor zijn/haar kind weigert, wordt hij/zij uitgenodigd voor een individueel gesprek. Tijdens dit gesprek wordt aanklampend geprobeerd toch toestemming te krijgen voor hulp aan het kind. 5. Bij blijvende weigering wordt bekeken met deze ouder of hij/zij een andere vorm van hulpverlening voor het kind wel kan toestaan. 6. Er wordt door het team bekeken wat het meest in het belang is van het kind: de hulpverlening voorlopig niet laten doorgaan of toch doorgaan met extra aandacht voor het loyaliteitsconflict die dit bij het kind kan veroorzaken. 7. Bij twijfel bij het team wordt het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling om advies gevraagd Indien het kind of de jongere door een derde wordt aangemeld Bij een aanmelding door derden wordt aan deze persoon of dienst gevraagd de toestemming van een ouder of beide ouders te bekomen. Enkel als het kind zelf de vraag tot hulp stelt aan een derde, en deze die doorgeeft, kan een eerste gesprek buiten weten van de ouder(s) doorgaan Indien het kind of de jongere zichzelf aanmeldt 1

30 Volgens het decreet op de rechtspositie minderjarigen heeft een kind het recht zelf hulp te vragen en heeft het kind hierbij recht op beroepsgeheim van de hulpverlener. Een eerste gesprek kan zo doorgaan zonder dat één van de ouders dit weet. Wel is het van belang om in de verdere begeleiding te werken naar de toestemming om de ouders in te lichten en zo permissie te krijgen voor de hulpverlening. Indien het kind of de jongere dit blijft weigeren, dien je als hulpverlener, in teamverband, af te wegen of de hulpverlening dan eerder constructief of destructief is voor de minderjarige. Bij twijfel kan het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling om advies gevraagd worden Indien de hulpverlener het kind of de jongere betrekt vanuit de begeleiding van de ouder(s) In de begeleiding van een slachtoffer, pleger of koppel wordt uiteraard aandacht besteed aan het effect dat het geweld had op de kinderen. Indien blijkt dat dit aangewezen is (zie later), wordt gevraagd het kind te mogen betrekken bij de hulpverlening. Ook hier streven we naar toestemming van de beide ouders en wordt, indien nodig, aanklampend gewerkt om deze toestemming te krijgen (zie punt 1.1). 2

31 2. Begeleiden van jonge kinderen (-6 jaar) 2.1. Ontwikkelingspsychologie van het jonge kind Tot de leeftijd van 5 jaar leert het kind beetje bij beetje zelfstandig functioneren: het leert lopen, eten, spreken, zindelijk worden. Het kind is op deze leeftijd nog zeer afhankelijk van de verzorgende volwassenen. Het kind leert op jonge leeftijd taal te gebruiken en legt contacten met volwassenen en leeftijdsgenoten. Van 4 tot 6 jaar staat het uitbreiden van de fysieke en sociale omgeving en het vervolmaken van de taal centraal. Kinderen beginnen een wederzijdse intimiteit op te bouwen met andere kinderen: zij bouwen contact op vanuit het principe jij kent en begrijpt me. Ze gaan hun eigen gezin en familie analyseren (hoe zitten de banden in elkaar? ) en vergelijken (hoe is mijn gezin in vergelijking met andere gezinnen? ). Kinderen zijn op deze leeftijd zeer motorisch gericht: dingen samen doen, samen bewegen, samen spelen, creëert een sociaal contact. De taal van kinderen gaat op deze leeftijd met sprongen vooruit. Belangrijk te onthouden is dat: zij soms woorden gebruiken die zij niet of niet juist begrijpen zij niet steeds juist formuleren wat er in hen omgaat zij soms een vraag niet juist kunnen formuleren bij moeite met formuleren zij soms de onduidelijke vraag of antwoord gaan herhalen omdat zij doorhebben dat jij hen verkeerd begrijpt. Samen zoeken wat zij echt bedoelen is dan belangrijk. zij nemen uitdrukkingen vaak letterlijk en hebben nog moeite met abstracte begrippen. oriëntatie in tijd is moeilijk: wanneer-vragen zijn dan ook heel moeilijk te beantwoorden. Kinderen ontwikkelen op deze leeftijd empathie en leren zich verplaatsen in anderen. Dit is echter een vaardigheid die zich nog verder ontwikkelt en die ze nog niet volledig beheersen. Het geweten van kinderen is op deze leeftijd nog extern gestuurd: gedrag dat beloond wordt, wordt versterkt gedrag dat bestraft wordt, vermindert. Dit blijft wel afhankelijk van controle en toezicht. De consequentie hiervan is dat het kind nog geen schaamte kent. (bron: Luister je wel naar mij? Martine F. Delfos, 2005, SWP) 2.2. Algemene richtlijnen voor het werken met jonge kinderen Zorg dat het kind goed weet wat de bedoeling is van je gesprek. Stel jezelf voor en leg duidelijk uit waarover jullie het zullen hebben. Vertel dat het kind mag of zelfs moet zeggen dat het over iets niet wil praten of iets niet wil doen. Vraag zeker dat het kind jou feedback geeft en zegt wat het leuk en niet leuk vind. Stel het kind zo veel mogelijk op zijn gemak. Metacommunicatie helpt hierbij, bijv. het is een beetje raar hé, praten met iemand die je nog niet kent? Het is belangrijk een gesprek met kinderen open te houden: kinderen vinden het moeilijk zich tot één onderwerp te beperken en enkel daarover jouw vragen te beantwoorden. Het gevaar bestaat dat ze weinig te zeggen hebben en gaan afhaken. Het kind de mogelijkheid bieden om actief mee te bepalen over wat gepraat wordt, toelaten dat het onderwerp van het gesprek of de manier waarop het gesprek gehouden wordt, veranderd, maakt dat het kind betrokken blijft en relevanter communiceert. Inlevingsvermogen en empathie zijn belangrijk in elk gesprek. Let er bij kinderen extra op dat je er niet 3

32 automatisch van uitgaat dat je begrijpt en aanvoelt wat het kind bedoelt. Blijf je eigen invulling als hypothesen zien en aarzel niet om deze te toetsen met de betrokkene. Geef het kind de tijd en de ruimte om uit te leggen wat het denkt, voelt, Als het kind het zelf niet kan verwoorden, help het dan door jouw hypothese te benoemen. Niet als vaststaand gegeven, maar als mogelijkheid. Misschien is het zo, wat denk jij? Geef het kind de kans jou hierin niet te volgen. Laat het kind zichzelf ook non-verbaal uitdrukken: let op de lichaamstaal van het kind, maar laat het zich ook uitdrukken met behulp van tekeningen, speelgoed, voorwerpen. Plaats je letterlijk op dezelfde hoogte als het kind: hurk of zit ook op een klein stoeltje zodat je niet boven het kind uittorent. Alterneer in het wel en niet maken van oogcontact: het is een vorm van onderling contact maar constant oogcontact geeft het kind vaak een ongemakkelijk, onbehaaglijk gevoel. Spelen en praten is voor kinderen gemakkelijker dan praten alleen. Kinderen willen bezig zijn en stilzitten maakt hen vaak zenuwachtig of ongedurig. Knutselen, spelen, bewegen zijn prima te combineren met een gesprek. Meedoen met het spel of de knutselactiviteit bevordert de betrokkenheid met het kind en maakt samen praten makkellijker... Wanneer je een gesprek had, dat emotioneel zwaar was voor het kind, zorg dan dat het kind tot zichzelf kan komen door het de mogelijkheid te geven stoom af te laten in een spel, beweging, (bron: Luister je wel naar mij? Martine F. Delfos, 2005, SWP) 2.3. Algemene richtlijnen voor het werken met spelmateriaal Spel- en creatief materiaal vormen vaak een middel tot communicatie. In spel en fantasie kunnen kinderen immers gevoelens en gedachten uiten die ze niet kunnen of durven onder woorden brengen. Laat het kind de kans om zelf (mee) te bepalen met wat en hoe het speelt. Grens af waar nodig (bijv. zichzelf pijn doen, anderen pijn doen of materiaal stuk maken) maar laat binnen die grenzen het kind de vrijheid het spel of de activiteit te bepalen. Speel mee, volg het kind in het spel, doe je suggesties voor het spelverloop als gelijke, niet als meerdere. Blijf in het spel en leg niet plots de link met de concrete situatie van het kind. Bespreek dit na het spel als aparte activiteit. Leg uit dat je het graag wil hebben over zijn/haar gevoelens en gedachten en vraag of hij/zij bereid is dat met jou te bespreken. Gebruik bijv. een invuloefening, tekening, ed Doorgeven van informatie aan de ouders Het kind weet wat doorgegeven wordt en op welke manier. De kind ouder communicatie wordt gestimuleerd: het kind wordt aangespoord om zelf in communicatie te treden met de ouders, daartoe kunnen hulpmiddelen aangeboden worden of kan de hulpverlener het kind ondersteunen/ helpen bij de communicatie. Hoofddoel is dat de ouders die informatie krijgen die zij nodig hebben om opvoedingsbeslissingen en handelingen te kunnen stellen in het belang van het kind. Als het kind geheimhouding vraagt, heeft het recht op deze geheimhouding. Je kan wel uitleggen waarom het belangrijk is dat de ouder over die informatie beschikt en je kan ernaar streven toch toestemming te krijgen. Het huiswerkblaadje: met het huiswerkblaadje geeft het kind (in de positie van leerkracht) jou huiswerk. De opdracht is informatie door te geven aan de ouder(s), of net te bekomen. Je introduceert het huiswerkblaadje als 4

33 Begeleiden van jonge kinderen02 een manier om jullie communicatie te verduidelijken en bij te houden wat het kind van jou verwacht. Doordat het kind huiswerk geeft, heeft het de controle over het wat, hoe en wanneer van de informatieoverdracht en geeft het misschien sneller toestemming zaken met de ouders te bespreken.. Als je in het gesprek een element of vraag tegenkomt, die je zinvol vindt om met de ouders te bespreken, kan je suggereren dat dit een huiswerkopdracht zou kunnen zijn, maar het kind bepaalt zelf of jij die opdracht krijgt en op welke manier. Bijv. Louise, 6 jaar, gaf aan dat zij het was die ervoor zorgde dat haar ouders gingen scheiden omdat zij na een ruzie vroeg gaan jullie nu scheiden? en dat ze zo haar ouders op het idee bracht. De hulpverlener bevroeg: ben jij zeker dat het door jou komt of moet ik het huiswerk maken dat eens aan mama en/of papa te vragen? Louise gaf aan: ik wil dat je het aan mama vraagt of het door mijn idee kwam en ik ga dan de volgende keer zeggen of je het ook aan papa moet vragen. Bij jonge kinderen kan het goed zijn de huiswerkopdracht niet alleen met woorden maar ook met kleine tekeningen of pictogrammen te illustreren. De brievenbus: doel is om het kind te helpen bij het doorgeven van informatie of vragen aan de ouders. Knutsel samen een brievenbus en spreek met de ouders af dat deze gebruikt zal worden voor vragen en boodschappen van het kind aan hen. Maak met de ouders de afspraak dat deze post vertrouwelijk is (dus niet getoond mag worden aan anderen of in rechtzaken gebruikt mag worden) en ernstig genomen dient te worden. In de begeleiding van het kind kan gekeken worden hoe je best een vraag of boodschap verwoordt. Met de ouder(s) kan dan gekeken worden, hoe het best gereageerd wordt op de boodschap of de vraag van het kind Specifieke methodieken voor het werken met jonge kinderen rond partnergeweld Kennismaking: Jezelf en de gesprekscontext voorstellen Leg uit wie je bent ik ben H., mijn werk is kindjes en grote mensen helpen die het moeilijk hebben, die meer verdrietig, boos of bang zijn Leg uit hoe je bij hem/haar terecht kwam ik help jouw papa en mama om minder en zachter ruzie te leren maken en ik hoorde dat jij de ruzie gezien en gehoord hebt Leg uit wat de bedoeling is van je gesprek met hem/haar ik weet dat jij de ruzie waarbij papa mama pijn deed, gezien hebt en ik wil graag met jou kijken hoe het nu met jou gaat Leg uit hoe de ouders hier tegenover staan (zie ook deel 1) mama en papa vinden het goed dat wij hier samen over praten. Als je maar de toestemming van één ouder hebt, bespreek dit dan met het kind en bekijk of het bang is om zonder toestemming van de andere ouder het gesprek te voeren. Indien dit zo is, zorg dan dat je eerst de toestemming krijgt. Om te bevragen hoe het kind staat tegenover een gesprek zonder dat één ouder het weet, ga je in coalitie met het kind. Vraag hem/haar hoe dit zou zijn voor die ouder. 5

34 jouw mama woont hier nu met jou en vindt het goed dat wij hier samen over praten, maar ik heb nog niet aan jouw papa kunnen vragen of hij het ook goed vindt. Ik vind dat een beetje moeilijk omdat ik dan niet weet of papa het braaf vindt of stout vindt dat wij samen praten, wat denk jij? Wat zouden we kunnen doen? Leg de spelregels van het gesprek uit ik ga met jou zingen, tekenen, spelletjes spelen en praten. Jij mag zelf mee kiezen wat we gaan doen. Als je iets niet leuk vindt, of iets niet wil zeggen, vertel het dan. Alles wat jij zegt, mag ik alleen doorgeven aan mama en papa als jij mij dat vraagt. Als jij zegt dat ik iets geheim moet houden, ga ik dat zeker doen, alleen niet als het iets heel gevaarlijk is bijv. als jij zegt dat je morgen een geweer meeneemt naar school om op de meester te schieten, dan mag ik dat niet geheim houden omdat het zo gevaarlijk is. Paspoort: Methodiek voor: Kennismaking Verzamelen van basisinformatie over het kind en zijn leefwereld Opbouwen vertrouwensband Materiaal: Papier Stiften of potloden Voorgedrukte bladeren (bestaan in verschillende versies of kunnen zelf gemaakt worden in bijlage vindt u een voorbeeld) Werkwijze: Afhankelijk van de leeftijd van het kind selecteer of maak je die bladeren die aansluiten bij zijn/haar leefwereld Samen vul je de bladeren in Laat het kind spontaan vertellen Mogelijke inhoud van de bladeren: Identiteitsgegevens: naam, voornaam, adres, leeftijd - Gezinsleden - School: klas, juf/meester, lievelingsvak minst leuke vak - Vrienden/vriendinnen - Hobby s - Sport - Lievelingsdingen: eten, dier, kleur, programma op tv, liedje, Spiegel knutselen Methodiek voor: Kennismaking Opbouwen van een vertrouwensband Materiaal: Hard papier Zilverpapier Gewoon papier Potloden en stiften Eventueel stickers Werkwijze: Vertel het kind dat je samen een spiegel gaat maken en een zelfportret Kleef zilverpapier op een hard papier Maak een kader met wit hard papier en kleef dit over het zilverpapier zodat u een spiegel met kader krijgt Laat het kind zichzelf tekenen 6

35 Begeleiden van jonge kinderen02 Plak het zelfportret op het zilverpapier Versier samen met het kind de kader met tekeningen en/of dingen die iets over het kind vertellen bijv. voetbal, ijsje, hond, Dit zijn mijn wangetjes Methodiek voor: Kennismaking Opbouwen van een vertrouwensband Materiaal: CD met liedje of zelf zingen Blaadje met tekeningen en bewegingen (zie bijlage) Papier Potlood en stiften Werkwijze: Vertel het kind dat je samen een liedje wil zingen om mekaar beter te leren kennen Toon de tekeningen die de bewegingen tonen Zing het lied voor of laat de CD horen Zing een paar keer samen en doe samen de bewegingen Bevraag aspecten uit het leven van het kind en maak een blaadje waarop je deze dingen tekent: huisdier, knuffel, zus of broer, lievelingseten, Zing het liedje met de dingen uit het leven van het kind, terwijl je ze aanduidt op de tekeningen, bedenk samen bewegingen die je erbij kan doen. Bespreekbaar maken van de ruzie en het geweld Gedicht ruzie Methodiek voor: Bespreken: wat is ruzie? Bespreken: zien van ruzies van ouders Materiaal: gedicht: ruzie, Uit: Mijn eerste Van Dale, voorleeswoordenboek, 2005, Van Dale Werkwijze: Vertel het kind dat je een gedichtje gaat voorlezen over ruzie en dan over ruzie wil praten Voorlezen van het gedichtje Samen bekijken van de prent Stellen dat het niet leuk is om mensen te zien ruzie maken Vertellen dat jij al weet dat mama en papa soms ruzie hebben Kind vrij laten vertellen over de ruzies Erkenning geven voor hoe het kind zich voelt Bijsturen als het kind schuld op zich neemt, zonodig met terugkoppeling naar de ouders (zie punt 2.4.) van dit hoofdstuk 7

36 Gedicht Vechten Methodiek voor: Bespreken: wat is ruzie? wat is vechten? Bespreken: zien van ruzies van ouders Materiaal: Gedicht: vechten, Uit: Mijn eerste Van Dale, voorleeswoordenboek, 2005, uitgeverij Van Dale Werkwijze: Vertel dat je een gedichtje over vechten gaat voorlezen en dat je dan over vechten wil praten Voorlezen van het gedichtje Samen bekijken van de prent Stellen dat het niet leuk is om mensen te zien ruzie maken Vertellen dat jij al weet dat mama en papa soms ruzie hebben Kind vrij laten vertellen over de ruzies Erkenning geven voor hoe het kind zich voelt Bijsturen als het kind schuld op zich neemt, zonodig met terugkoppeling naar de ouders (zie punt 2.4.) van dit hoofdstuk Boek: Natuurlijk hou ik wel van je! Methodiek voor: Bespreken: wat is ruzie? Bespreken: graag zien versus ruzie hebben Bespreken: oplossing zoeken voor de ruzie Bespreken: kaderen wat begeleiding van de ouders is Materiaal: Boek: Natuurlijk hou ik wel van jou!, Dagmar Geisler, Uitgeverij C.de Vries-Brouwers, 2008 Werkwijze: Vertel dat je een boekje wil tonen en voorlezen over ruzie Lees het boekje voor Laat het kind als het spontaan vertelt, de link leggen met zijn/haar situatie maar doe dit zelf niet. Blijf in het verhaal. Bespreek dat Lisa en Fred elkaar graag zien maar toch soms ruzie krijgen Bespreek dat ze een plan bedenken om de ruzie op te lossen Bevraag of het o.k. is om over de ruzie tussen mama en papa te praten Waar maken zij ruzie om? Hebben zij al een oplossing bedacht voor hun ruzie? Als de ouders in begeleiding zijn, leg uit dat ze zo samen een oplossing zoeken voor hun ruzie. Stuur bij als het kind schuld op zich neemt of recht op kwaadheid koppelt aan recht op geweld. Bekijk indien nodig terugkoppeling naar de ouders (zie punt 2.4.) Verhaal: Boos als een draak Methodiek voor: bespreekbaar maken van ruzie en geweld Materiaal: Verhaal: Boos als een draak, H.Genetello, Garant, 2007 (zie bijlage) Werkwijze: Vertel dat je een verhaal zal voorlezen over boos zijn en pijn doen Lees het verhaal voor 8

37 Begeleiden van jonge kinderen02 Laat het kind als het spontaan vertelt, de link leggen met zijn/haar situatie maar doe dit zelf niet. Blijf in het verhaal. Bespreek dat de koning soms lief is en soms een draak Bespreek dat de prins(es) wel heel bang en verdrietig wordt van wat de draak doet Bespreek dat de koning moet leren boos te worden zonder een draak te worden Bevraag of het o.k. is om over de ruzie tussen mama en papa te praten Wordt iemand bij hem/haar thuis soms ook drakenboos? Hoe gaat dat dan? Wordt hij/zij daar ook bang en verdrietig van? Hoe gaat het nu verder bij hem/haar thuis? Link naar begeleiding ouder(s)? Bekijk indien nodig terugkoppeling naar de ouders (zie punt 2.4.) Mijn oren hebben gehoord, mijn ogen hebben gezien Methodiek voor: Reconstructie van de ruzie en het geweld Getuige zijn van geweld bespreken Materiaal: Groot papier Potloden / stiften Werkwijze: Vertel dat je graag wil praten over hoe het kind de ruzie en het geweld meemaakte Vraag of hij/zij op het groot papier gaat liggen Vraag of je rond hem/haar mag tekenen Teken de omtrek van het kind Teken samen met het kind de ogen, oren, mond, neus, handen, voeten Bevraag: als het zo n ruzie was: -- wat hebben je oren gehoord? -- wat hebben je ogen gezien? -- wat hebben je benen gedaan? -- wat hebben je handen gedaan? -- enz. Trek een pijl van bij de oren, ogen, handen, en teken of schrijf (of laat het kind dit doen) wat het hoorde, zag, Geef erkenning voor het moeilijk zijn om ruzie te horen, zien, Als het kind vragen heeft of dingen die hij/zij daarover naar de ouders wil terugkoppelen, bereid dit voor (zie punt 2.4. van dit hoofdstuk) Het verhaal met playmobil of duplo Methodiek voor: Reconstructie van de ruzie en het geweld Getuige zijn van geweld bespreken Materiaal: Playmobilfiguurtjes of duplofiguren Basismeubelen (breng geen detailvoorwerpen zoals vazen, borden, in omdat kinderen zich daarin verliezen) als je er een weergave van wil om later te gebruiken of om terug te koppelen naar de ouders: Digitaal fototoestel Computer 9

38 Werkwijze: Vertel het kind dat je het wil hebben over de ruzie thuis Geef aan dat het soms gemakkelijker is om te kunnen volgen als met figuurtjes getoond wordt, wat er gebeurde Laat het kind de betrokken personen (ook zichzelf) in figuurtjes zoeken en een algemene indeling van de ruimte(s) waar de ruzie zich afspeelde. Bekijk stap voor stap wat er gebeurde Stel vragen naar hoe het voor het kind was (wat zag je, wat deed jij dan, ) Ondersteun het kind: erken dat het moeilijk was toen maar ook dat erover praten moeilijk is. Als het kind de gebeurtenis sterk herbeleeft, help het afstand te nemen door te herinneren aan het hier en nu ( wij kijken nu naar hoe het dan was, eventjes iets anders gaan doen, ) Stuur schuldgevoel en verkeerde denkpatronen (bv. het was de schuld van mama, zij moest hem niet boos maken) bij waar mogelijk. Als het kind vragen heeft of dingen die hij/zij daar rond naar de ouders wil terugkoppelen, bereid dit voor (zie punt 2.4. van dit hoofdstuk) Als u een weergave wil voor later: trek van elke stap in de gebeurtenis een foto of laat het kind dit doen (helpt het kind ook om het gebeurde van op afstand te bekijken). Maak met de foto s een stripverhaal of powerpointpresentatie. Kikkerouders en kikkerjonkies Methodiek voor: Bespreekbaar maken van beleving van het kind rond de ruzie en het geweld Uit: De moeder-kindcursus, een preventieve cursus voor jonge kinderen tot zes jaar die getuige zijn (geweest) van huiselijk geweld en hun moeders, Parnassia, 2004 Materiaal: 2 grote kikkerhandpoppen, 1 kleine kikkerhandpop (in bijlage vindt u hoe deze te maken) Werkwijze: Vertel het kind dat je met de kikkerpoppen wil spelen over ruzie. Vertel dat jij de kikkerouders zal spelen die ruzie maken met elkaar en dat hij/zij het kikkerjong mag spelen. Vertel dat het kinderjong mag vertellen aan de kikkermama en papa wat hij/zij voelt en denkt als zij ruzie maken. Blijf in het spel, leg zelf niet de link met de eigen situatie van het kind. Vraag achteraf aan het kind hoe het was om dat te doen. Werken rond gevoelens Als je met jonge kinderen werkt rond gevoelens is het heel belangrijk dat je bekijkt welke gevoelens het kind kan onderscheiden en hoe het deze gevoelens benoemt of verwoordt. Jonge kinderen vertrekken meestal vanuit hun eigen gedrag en gaan hun gevoel daaruit afleiden bijv. ik ween dus ik ben verdrietig, ik stamp dus ik ben boos. Dit maakt dat vooral de differentiatie tussen kwaadheid en verdriet niet steeds duidelijk is. Een kind dat weent van kwaadheid zal dit vaak verdriet noemen. Gedicht blij Methodiek voor: Bekijken of kind het begrip blij kent en kan benoemen Bekijken waar het kind blij van wordt Materiaal: Gedicht: blij, Uit: Mijn eerste Van Dale, voorleeswoordenboek, 2005, Uitgeverij Van Dale (zie bijlage) 10

39 Begeleiden van jonge kinderen02 Werkwijze: Voorlezen van het gedichtje Samen bekijken van de prent Bespreken van de eigen blijdschap: wat maakt jou blij? Gedicht bang Methodiek voor: Bekijken of kind het begrip bang kent en kan benoemen Bekijken waar het kind bang van is Materiaal: Gedicht: bang, Uit: Mijn eerste Van Dale, Voorleeswoordenboek, 2005, Uitgeverij Van Dale Werkwijze: Voorlezen van het gedichtje Samen bekijken van de prent Bespreken van de eigen angst: waar ben jij soms bang van? Gedicht: verdrietig Methodiek voor : Bekijken of kind het begrip verdriet kent en kan benoemen Bekijken waar het kind verdrietig van wordt Materiaal: Gedicht: huilen, Uit: Mijn eerste Van Dale, voorleeswoordenboek, 2005, uitgeverij Van Dale Werkwijze: Voorlezen van het gedichtje Samen bekijken van de prent Bespreken van eigen verdriet: waar moet jij van huilen? Gedicht: boos Methodiek voor: Bekijken of kind het begrip boos kent en kan benoemen Bekijken waar het kind boos van wordt Materiaal: Gedicht: boos, Uit: Mijn eerste Van Dale, voorleeswoordenboek, 2005, uitgeverij Van Dale Werkwijze: Voorlezen van het gedichtje Samen bekijken van de prent Bespreken van eigen boosheid: waar wordt jij boos van? Prenten rond gevoelens Methodiek voor: bekijken welke gevoelens het kind kan onderscheiden en benoemen bekijken wat het kind blij, bang, boos of verdrietig maakt Materiaal: prenten rond gevoelens uit Een doos vol gevoelens (CEGO, 2005) prenten rond gevoelens uit Een pak van mijn hart! (CEGO, 2005) prenten rond gevoelens uit tijdschriften / op het internet Werkwijze: Vertel dat jullie samen naar kindjes gaan kijken en gaat bespreken hoe ze zich voelen 11

40 Vertel dat jullie daarna over de gevoelens van hem/haar zullen spreken Toon de prenten: laat het kind benoemen hoe het kind op de prent zich voelt Vraag wat hem/ haar blij, boos, verdrietig of bang maakt Vraag zelf nog niet naar de ruzies of het geweld Gevoelens uitbeelden Methodiek voor: Bekijken welke gevoelens het kind kan onderscheiden en benoemen Bekijken wat het kind blij, bang, boos of verdrietig maakt Materiaal: Eventueel digitaal fototoestel Werkwijze: Vertel het kind dat je over gevoelens wil praten Vraag het kind een gevoel uit te beelden: toon eens hoe jij blij / boos / verdrietig / bang bent: dit kan met mimiek maar ook met bewegingen Neem een foto en laat het kind die bekijken Print af en schrijf of teken samen met het kind bij elke foto waar hij/zij blij/bang/boos/verdrietig van wordt Weerkalender Methodiek voor: Het benoemen van het huidig gevoel Het benoemen van een gevoel bij een bepaalde situatie Materiaal: Papier / potlood of stiften Werkwijze: Vertel het kind dat je graag wil knutselen over gevoelens Vertel dat gevoelens soms lijken op het weer: soms schijnt de zon, soms regent het, Bevraag welk weer volgens het kind past bij blijheid / verdriet / kwaadheid/ angst (ga niet automatisch uit van jouw verwachting dat zon = blij, regen = verdriet, ed.) Laat het kind op het blad de verschillende weertypes / gevoelens tekenen Bevraag hoe het kind zich nu voelt In gesprekken over de ruzies, het geweld, afscheid nemen, ed. kan je teruggrijpen naar deze kalender om het gevoel te helpen beschrijven. (bron: Kinderen helpen bij een schokkende gebeurtenis, Slachtofferhulp, Lannoo, 2003) Gevoelensthermometer Methodiek voor: het benoemen van het huidig gevoel het benoemen van een gevoel bij een bepaalde situatie Materiaal: Gevoelensthermometer uit Pak van mijn hart! Socialistische Mutualiteit ism VUB Kleurpotloden/ stiften Werkwijze: Toon de gevoelensthermometer Leg uit dat het meet van slecht gevoel tot blij gevoel Laat het kind de verschillende vakjes kleuren Vraag het kind welk gevoel het nu heeft Gevoelensblad 12

41 Begeleiden van jonge kinderen02 Methodiek voor: Het benoemen van het huidig gevoel Materiaal: Hoe voel je je vandaag? uit: Horizon 3a: Werkboek voor kinderen over ruzie en geweld in het gezin (Bijlage 3) Werkwijze: Toon het blad Laat het kind de verschillende vakjes kleuren Vraag het kind welk gevoel het nu heeft Lied: de koningin is blij / de koning is boos Methodiek voor: Bespreken van blijheid en wat iemand blij maakt Bespreken van boosheid en wat iemand boos maakt Bespreken wat het kind blij / boos maakt Materiaal: Lied / gedicht: de koningin is blij / de koning is boos uit: Het grote liedjesboek, M.Busser, R. Schröder en J. van Vugt, Van Holkema, 1998 Werkwijze: Vertel dat je over blij of boos wil praten Lees voor of zing voor Maak een blij-blad met tekeningen van alles wat de koningin blij maakt Maak samen met het kind zijn/haar eigen blij-blad met alles wat hem/haar blij maakt Maak een boos-blad met tekeningen van alles wat de koning boos maakt Maak samen met het kind zijn/haar eigen boos-blad met alles wat hem/haar boos maakt Lichaam vol gevoelens Methodiek voor: Bespreken van het eigen gevoel Materiaal: Groot blad papier Stiften / potloden Werkwijze: Vertel het kind dat je eens samen wil kijken hoe blij, bang, boos en verdrietig bij hem/haar is Vraag of hij/zij op het groot papier gaat liggen Vraag of je rond hem/haar mag tekenen Teken de omtrek van het kind Vraag nu het kind te tekenen en uit te leggen waar en hoe boos voelt, bang, blij en verdrietig (bron: Kinderen helpen bij een schokkende gebeurtenis, Slachtofferhulp, Lannoo, 2003) 13

42 Werken rond zelfbeeld, hanteringsgedrag en veiligheid Kinderen tot 6 jaar zijn in hun veiligheid, zelfbeeld en hanteringsgedrag nog heel afhankelijk van hun verzorgers. Daarom is het belangrijk de problemen op deze gebieden, via of met behulp van de ouders te verhelpen. Methodieken hiertoe vindt u terug in deel 3. Groepsbegeleiding In een cursus groepsbegeleiding voor ouder en kind ligt de nadruk bij voorkeur op het herstellen van de leefomgeving van het kind en het herstel van de vertrouwensband ouder/kind. Een ouder-kind cursus van een CAW, gericht op jonge kinderen, kan uitgewerkt worden volgens de principes en thema s beschreven in deel 2, hoofdstuk 2, met volgende extra aandachtspunten: een groepswerking met kleine kinderen dient stil te staan bij het vaak grote verschil in ontwikkelings- en taalniveau bij kinderen van deze leeftijd de activiteiten die je voorziet met kinderen, of met ouder en kind, dienen sterk non-verbaal en bewegingsgericht te zijn met de kindergroep kan gewerkt worden rond de thema s en met de methodieken zoals hierboven beschreven, maar het hoofddoel van de cursus moet zijn om de ouder te ondersteunen in zijn/haar aanpak van het kind en in het bijzonder bij het opbouwen van positieve relatiemomenten ouder-kind (samen spelen, zingen, knutselen, ed.) 14

43 3. Begeleiden van lagereschoolkinderen (6-12j) 3.1. Ontwikkelingspsychologie van het lagereschoolkind Rond de leeftijd van 7 jaar verandert het denken van het kind fundamenteel. Het begripsvermogen ontwikkelt zich sterk, het geheugen neemt toe, lezen en schrijven wordt aangeleerd. Het geheugen van het kind is voornamelijk gericht op de grote lijnen van een gebeurtenis, details komen pas bij doorvragen naar boven. Bij die details zijn kinderen meer beïnvloedbaar door suggestieve vragen, dan bij de hoofdlijnen. Het geweten wordt nog steeds gestuurd door beloning en straf, maar er ontstaat een innerlijk besef van goed en kwaad. Met de ontwikkeling van dit besef ontstaat ook een schaamtegevoel. Vanaf 8 jaar wordt het heel belangrijk om zichzelf te vergelijken met anderen. Even goed zijn als anderen is heel belangrijk, net als erbij horen. Faalangst en minderwaardigheidsgevoelens vinden hier hun oorsprong. Deze faalangst maakt ook dat kinderen wenselijk gaan antwoorden tegenover volwassenen: zij vertellen wat ze denken dat jij wil horen en gaan bijv. details verzinnen als jij erom vraagt. Contacten met leeftijdsgenoten zijn heel belangrijk: de vriendschappen zijn nog heel wisselend en ruzies komen frequent voor, maar het belang van samenspelen en samenzijn is groot. Grapjes uithalen en mopjes vertellen, worden vanaf de leeftijd van 8 jaar een geliefde bezigheid. Vanaf 10 jaar ontstaat de sociale identiteit: het beeld dat het kind zich vormt over wie hij/zij is in relatie tot anderen, hoe anderen hem/haar zien, welk belang hij/zij heeft voor anderen. Vriendschappen worden nu heel belangrijk: vriendschappen maken, houden, verdedigen wordt een kernbezigheid. Jongens en meisjes gaan meer en meer om met hun eigen sekse en vormen aparte groepen. Wie op wie is en aanmaken en afmaken van relaties wordt een belangrijk aspect in het leven maar wordt voornamelijk met de eigen vrienden/vriendinnen besproken en geregeld. Er ontstaat op deze leeftijd een spanningsveld tussen het zich confirmeren aan de groep en een eigen identiteit opbouwen. Erbij horen is noodzakelijk, iemand zijn (en geen na-aper zijn) ook. Verzamelingen aanleggen is een geliefde bezigheid: dit is een vorm van identiteitsopbouw (ik ben iemand die verzamelt) en anderzijds een sociaal gebeuren (ruilen, cadeau doen, helpen, ) Op vlak van het geweten gaat het kind het goede nastreven en hierbij meer en meer een persoonlijke invulling van dit goede maken. (bron: Luister je wel naar mij? Martine Delfos, SWP, 2005) 3.2. Algemene richtlijnen voor het werken met lagereschoolkinderen Bij kinderen tot 8 jaar is uitleg over het gesprekskader nog noodzakelijk, alsook voldoende metacommunicatie om de spelregels en verwachtingen van het gesprek te verduidelijken. Vanaf 8 jaar begrijpen kinderen beter wat een hulpverleningsgesprek inhoudt en moet enkel het doel van het gesprek verduidelijkt worden. Tot de leeftijd van 10 jaar en bij sommige kinderen nog langer is afwisseling en dus het samengaan van praten en spelen/knutselen/bewegen noodzakelijk. De verbale stukken kunnen maximaal 15 tot 20 minuten volgehouden worden. Naast spel kunnen invuloefeningen, zinnen afmaken, verhaaltjes, ed. goed gebruikt worden om het vertellen te vergemakkelijken. De binding met het kind wordt beter als je het spel, knutselen, activiteiten laat aansluiten bij de interesses van het kind. Het kan daarbij handig zijn je te oriënteren in de leefwereld van kinderen (tv-programma s, favoriete spelletjes en activiteiten van het moment, rages en modes). 15

44 Concreet en duidelijk taalgebruik is nodig: vermijd moeilijke woorden en abstracties. Let op de non-verbale signalen. Het kind gaat vaak op een niet-verbale manier laten blijken dat het je niet begrijpt. Om het gesprek zoveel mogelijk door het kind te laten bepalen, zijn open vragen noodzakelijk. Ze kunnen eventueel afgewisseld worden met gesloten vragen (bijv. om een detail te bevragen, iets na te kijken, ) maar teveel gesloten vragen creëren een onevenwichtige verhouding met het kind. Vermijd suggestieve vragen. Kinderen willen voldoen aan jouw wensen en dus gaan ze antwoorden wat ze denken dat je wil horen. Als je voelt dat het kind sociaal wenselijke antwoorden geeft, zeg hem/haar dan expliciet dat dit niet nodig is en dat zijn/haar echte mening telt voor jou. De jongste kinderen (6 tot 8 jaar) hebben het nog moeilijk een tijdsverloop te geven. Dit kan opgevangen worden door een ruimtelijke verhaalstructuur voor te stellen (bijv. ik was dan in de keuken en toen in de living.). Vanaf de leeftijd van 8 jaar kan een verhaal zowel ruimtelijk als temporeel nagevraagd worden, maar blijf alert voor individuele verschillen. Kinderen blijven gedurende het gesprek gemotiveerd om mee te werken als de activiteiten hen aanspreken, maar ook bekrachtiging helpt. Hun medewerking en inzet prijzen gedurende het gesprek en bij het afsluiten ervan, zal zeker gewaardeerd worden Algemene richtlijnen in werken met spelmateriaal Spel- en creatief materiaal vormen vaak een middel tot communicatie. In spel en fantasie kunnen kinderen immers gevoelens en gedachten uiten die ze niet kunnen of durven onder woorden brengen. Laat het kind de kans om zelf (mee) te bepalen met wat en hoe het speelt. Grens af waar nodig (bijv. zichzelf pijn doen, anderen pijn doen of materiaal stuk maken) maar laat binnen die grenzen het kind de vrijheid het spel of de activiteit te bepalen. Speel mee, volg het kind in het spel, doe je suggesties voor het spelverloop als gelijke, niet als meerdere. Blijf in het spel en leg niet plots de link met de concrete situatie van het kind. Bespreek dit na het spel als aparte activiteit. Leg uit dat je het graag wil hebben over zijn/haar gevoelens en gedachten en vraag of hij/zij bereid is dat met jou te bespreken. Gebruik bijv. een invuloefening, tekening, ed Doorgeven van informatie aan de ouders Algemene principes aangaande het doorgeven van informatie aan de ouders zijn: het kind weet wat doorgegeven wordt en op welke manier de kind ouder communicatie wordt gestimuleerd: het kind wordt aangespoord om zelf in communicatie te treden met de ouders, daartoe kunnen hulpmiddelen aangeboden worden of kan de hulpverlener het kind ondersteunen/ helpen bij de communicatie hoofddoel is dat de ouders die informatie krijgen die zij nodig hebben om opvoedingsbeslissingen en handelingen te kunnen stellen in het belang van het kind als het kind geheimhouding vraagt, heeft het recht op deze geheimhouding. Je kan wel uitleggen waarom het belangrijk is dat de ouder over die informatie beschikt en je kan ernaar streven toch toestemming te krijgen. Methodieken voor het doorgeven van informatie: 16

45 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Het huiswerkblaadje: met het huiswerkblaadje geeft het kind (in de positie van leerkracht) jou huiswerk. De opdracht is informatie door te geven aan de ouder(s), of net te bekomen. Je introduceert het huiswerkblaadje als een manier om jullie communicatie te verduidelijken en bij te houden wat het kind van jou verwacht. Doordat het kind huiswerk geeft, heeft het de controle over het wat, hoe en wanneer van de informatieoverdracht en geeft het misschien sneller toestemming zaken met de ouders te bespreken.. Als je in het gesprek een element of vraag tegenkomt, die je zinvol vindt om met de ouders te bespreken, kan je suggereren dat dit een huiswerkopdracht zou kunnen zijn, maar het kind bepaalt zelf of jij die opdracht krijgt en op welke manier. Louise, 6 jaar, gaf aan dat zij het was die ervoor zorgde dat haar ouders gingen scheiden omdat zij na een ruzie vroeg gaan jullie nu scheiden? en dat ze zo haar ouders op het idee bracht. De hulpverlener bevroeg: ben jij zeker dat het door jou komt of moet ik het huiswerk maken en dat eens aan mama en/of papa vragen? Louise gaf aan: ik wil dat je het aan mama vraagt of het door mijn idee kwam en dan ga ik de volgende keer zeggen of je het ook aan papa moet vragen Bij jonge kinderen kan het goed zijn de opdracht niet alleen met woorden maar ook met kleine tekeningen of pictogrammen te illustreren. De brievenbus: doel is om het kind te helpen bij het doorgeven van informatie of vragen aan de ouders. Knutsel samen een brievenbus en spreek met de ouders af dat deze gebruikt zal worden voor vragen en boodschappen van het kind aan hen. Maak met de ouders de afspraak dat deze post vertrouwelijk is (dus niet getoond mag worden aan anderen of in rechtzaken gebruikt mag worden) en ernstig genomen dient te worden. In de begeleiding van het kind kan gekeken worden hoe je best een vraag of boodschap verwoordt. Met de ouder(s) kan dan gekeken worden, hoe het best gereageerd wordt op de boodschap of de vraag van het kind Specifieke methodieken voor het werken met jonge kinderen rond partnergeweld Kennismaking Uzelf en de gesprekscontext voorstellen Leg uit wie u bent ik ben H., mijn werk is kindjes en grote mensen helpen die het moeilijk hebben, die meer verdrietig, boos of bang zijn Leg uit hoe u bij hem/haar terecht kwam ik help jouw papa en mama om minder en zachter ruzie te leren maken en ik hoorde dat jij de ruzie gezien en gehoord heb Leg uit wat de bedoeling is van je gesprek met hem/haar ik weet dat jij de ruzie waarbij papa mama pijn deed, gezien hebt en ik wil graag met jou kijken hoe het nu met jou gaat Leg uit hoe de ouders hier tegenover staan (zie ook deel 1) mama en papa vinden het goed dat wij hier samen over praten. Als je maar de toestemming van één ouder hebt, bespreek dit dan met het kind en bekijk of het bang is om zonder toestemming van de andere ouder het gesprek te voeren. Indien dit zo is, zorg dan dat je eerst de toestemming krijgt. 17

46 Om te bevragen hoe het kind staat tegenover een gesprek zonder dat één ouder het weet, ga je in coalitie met het kind. Vraag hem/haar hoe dit zou zijn voor die ouder. jouw mama woont hier nu met jou en vindt het goed dat wij hier samen over praten, maar ik heb nog niet aan jouw papa kunnen vragen of hij het ook goed vindt. Ik vind dat een beetje moeilijk omdat ik dan niet weet of papa het braaf vindt of stout vindt dat wij samen praten. Wat denk jij? Wat zouden we kunnen doen? Leg de spelregels van het gesprek uit Ik ga met jou zingen, tekenen, spelletjes spelen en praten. Jij mag zelf mee kiezen wat we gaan doen. Als je iets niet leuk vindt, of iets niet wil zeggen, vertel het dan. Alles wat jij zegt, mag ik alleen doorgeven aan mama en papa als jij mij dat vraagt. Als jij zegt dat ik iets geheim moet houden, ga ik dat zeker doen, alleen niet als het iets heel gevaarlijk is. bijv. als jij zegt dat je morgen een geweer meeneemt naar school om op de meester te schieten, dan mag ik dat niet geheim houden omdat het zo gevaarlijk is. Paspoort: Methodiek voor: Kennismaking Verzamelen van basisinformatie over het kind en zijn leefwereld Opbouwen vertrouwensband Materiaal: Papier Stiften of potloden Voorgedrukte bladeren (bestaan in verschillende versies of kunnen zelf gemaakt worden in bijlage vind je een voorbeeld) Werkwijze: Afhankelijk van de leeftijd van het kind selecteer of maak je die bladeren die aansluiten bij zijn/haar leefwereld Samen vul je de bladeren in Laat het kind spontaan vertellen Mogelijke inhoud van de bladeren: Identiteitsgegevens: naam, voornaam, adres, leeftijd Gezinsleden School, klas, juf/meester, lievelingsvak, minst leuke vak Vrienden / vriendinnen Hobby s Sport Lievelingsdingen: eten, dier, kleur, programma op tv, liedje, Spiegel knutselen Methodiek voor: Kennismaking Opbouwen van een vertrouwensband 18

47 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Materiaal: Hard papier Zilverpapier Gewoon papier Potloden en stiften Eventueel stickers Werkwijze: Vertel het kind dat je samen een spiegel gaat maken en een zelfportret Kleef zilverpapier op een hard papier Maak een kader met wit hard papier en kleef dit over het zilverpapier zodat u een spiegel met kader krijgt Laat het kind zichzelf tekenen Plak het zelfportret op het zilverpapier Versier samen met het kind de kader met tekeningen en/of dingen die iets over het kind vertellen bijv. voetbal, ijsje, hond, Bespreekbaar maken van ruzie en geweld Verhaal: Problemen Methodiek voor Bespreekbaar maken van geweld Bespreekbaar maken van naar een opvangcentrum gaan Materiaal: Verhaal: Problemen uit Let op de kleintjes, Transact, 1999 De steden kan u tijdens het voorlezen vervangen door Vlaamse steden Werkwijze: Vertel dat je een verhaal gaat voorlezen over een meisje Kim die aan haar vriend Hassan vertelt over problemen en ruzie thuis Vertel dat het geen leuk verhaal is en hem/haar kan doen denken aan die ruzies bij hem/haar thuis Vertel dat je erna over dit verhaal en de ruzies bij hem/haar wil praten Lees het verhaal voor Laat het kind vertellen wat het denkt en voelt over het verhaal Ga om het verhaal van het kind te maken over naar een andere methodiek zoals hieronder beschreven Verhaal: Geheim Methodiek voor bespreekbaar maken van geweld bespreekbaar maken van geheimhouden versus vertellen Materiaal: Verhaal: Geheim uit Let op de kleintjes, Transact, 1999 Werkwijze: Vertel dat je een verhaal gaat voorlezen over een jongen Hassan die aan zijn vriendin Kim iets wil vertellen over problemen thuis Vertel dat het geen leuk verhaal is en hem/haar kan doen denken aan die ruzies bij hem/haar thuis Vertel dat je erna over dit verhaal en de ruzies bij hem/haar wil praten Lees het verhaal voor Laat het kind vertellen wat het denkt en voelt over het verhaal Ga om het verhaal van het kind te maken over naar een andere methodiek zoals hieronder beschreven 19

48 Verhaal: Boos als een draak Methodiek voor: bespreekbaar maken van ruzie en geweld Materiaal: Verhaal: Boos als een draak, H.Genetello, Garant, 2007 Werkwijze: Vertel dat je een verhaal zal voorlezen over boos zijn en pijn doen Lees het verhaal voor Laat het kind als het spontaan vertelt, de link leggen met zijn/haar situatie maar doe dit zelf niet. Blijf in het verhaal. Bespreek dat de koning soms lief is en soms een draak Bespreek dat de prins(es) wel heel bang en verdrietig wordt van wat de draak doet Bespreek dat de koning moet leren boos te worden zonder een draak te worden Bevraag of het ok is om over de ruzie tussen mama en papa te praten. Wordt iemand bij hem/haar thuis soms ook drakenboos? Hoe gaat dat dan? Wordt hij/zij daar ook bang en verdrietig van? Hoe gaat het nu verder bij hem/haar thuis: link naar begeleiding ouder(s) Bekijk, indien nodig, terugkoppeling naar de ouders Boek: de blauwe stoel, de ruziestoel van Imme Dros Methodiek voor: Bespreekbaar maken van ruzie Bespreekbaar maken van hanteringsgedrag bij ruzie nl. zich terugtrekken Inleiding op veiligheidsplan Materiaal: Boek: De blauwe stoel, de ruziestoel Imme Dros, 1998, Querido (niet meer nieuw te verkrijgen, in bibliotheek te verkrijgen, inkijkexemplaar op Werkwijze: Vertel dat je een verhaal zal voorlezen over een meisje dat bij ruzie in haar blauwe stoel kruipt Lees het ganse verhaal voor of de hierbij geselecteerde pagina s Blijf in het verhaal: benoem dat het niet leuk is voor het meisje dat er ruzie is, dat ze dan in haar stoel speelt om het niet te moeten horen en zien Laat het kind de kans vrij te vertellen maar stel zelf geen vragen over hoe hij/zij omgaat met de ruzies thuis, als het kind spontaan de link legt, kan je het natuurlijk vrij verder bespreken Kamil, de groene kameleon Methodiek voor: Bespreekbaar stellen van ruzies Bespreekbaar stellen van geweld Bespreekbaar stellen van scheiding Materiaal: Boek: Kamil, de groene kameleon, Daniëlle Steggink, SWP, 2003 (in herdruk, in bibliotheken te verkrijgen) Werkwijze: Vertel dat je het wil hebben over problemen thuis en over ruzies Vertel dat je een verhaal gaat voorlezen over Kamil, een kameleon 20

49 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Lees en toon het verhaal Laat het kind spontaan vertellen als het dat wil Bevraag of het ok is om over zijn/haar thuissituatie te praten. Je kan dit verhaal als leidraad gebruiken voor verschillende sessies rond het geweld. Bekijk één stukje van het verhaal opnieuw en kijk hoe dit voor het kind is, gebruik hiervoor tekeningen, invulblaadjes, knutselwerkjes. Mogelijke thema s vertrekkend van dit verhaal zijn: gelukkige tijd voor de ruzies leuke dingen aan mama / papa wat je ervan leert de ruzies het geweld geheimhouding de laatste ruzie en het begin van de scheiding verschillend zijn van mama-wereld en papa-wereld en wat van je verwacht wordt zorg kind en de grenzen daaraan (grote-mensen-probleem) schuldgevoelens boosheid, verdriet, angst onderscheid recht op kwaadheid recht op geweld jezelf zijn in een echtscheidingssituatie Mogelijke verwerkingsmethodieken zijn: Mijn gekleurde wereld: Voor: bekijken van gezinssamenstelling Materiaal: papier, verf, stiften Werkwijze: vertel nog eens het verhaal tot voor de ruzies, zeg dat je graag samen zou willen kijken hoe zijn/haar wereld is of was (voor de scheiding), teken samen (op een ander blad) de gezinsleden, bekijk met het kind welke kleur die hebben, bekijk dat het kind een mengeling is van zijn ouders. Laat het kind een blad schilderen in zijn/ haar kleur, knip de verschillende gezinsleden uit en kleef ze op het geschilderd blad. Mijn ogen hebben gezien, mijn oren hebben gehoord Zie ook verder in dit deel Werkwijze: vertel het stuk verhaal over de ruzies, vertel dat je ook wil bekijken wat hij/zij zag of hoorde. Ga over op de methodiek (zie verder). Geheim-ei Methodiek voor: bespreken van geheimhouding en schaamte Werkwijze: lees het stukje over geheimhouding nog eens voor. Leg de link met de methodiek geheim-ei (zie deel Hanteringsgedrag p.33). Mamawereld papawereld Methodiek voor: bespreken van scheiding verschillende regels verwachtingen en verwarring die dit geeft Werkwijze: kijk samen met het kind terug naar het blad van mijn gekleurde wereld geef aan: nu is het anders, papa is in zijn. wereld, mama in haar. wereld laat het kind een blad schilderen in de kleur van de moeder en een blad schilderen in de kleur van de vader, laat het zichzelf tekenen in zijn kleur(en) en knip het ik-figuurtje uit leg het ik-figuurtje op het blad van de moeder en bekijk hoe is het daar teken of schrijf op doe hetzelfde met het blad van de vader Geef erkenning voor het moeilijk en verwarrend zijn Bereid feedback naar de ouders voor indien wenselijk en gewenst 21

50 Wijze raad van de grote, groene kameleon: ook voor jou? Methodiek voor: verminderen schuldgevoel bij het kind, omgaan met boosheid en verdriet, onderscheid kwaadheid geweld, veiligheid, jezelf zijn Werkwijze: Lees de bladeren van het gesprek van Kamil met de grote, groene kameleon nog eens voor. Bekijk het blaadje Wijze raad (zie bijlage). Overloop met het kind en kijk wat hij/zij hiermee wil doen. Vul in. Bereid feedback naar de ouders als dit nodig is en het kind er voor open staat Methodieken rond veiligheid (zie verder) Methodieken rond gevoelens (zie verder) Methodieken rond hanteringsgedrag (zie verder) Mijn verhaal tekenen Methodiek voor: bespreken van het geweld bespreken van getuige zijn van geweld Materiaal papier potloden / stiften Werkwijze Vertel het kind dat je het wil hebben over de ruzies thuis Vertel dat je het ook wil hebben over het geweld Geef erkenning voor het feit dat erover denken en praten moeilijk kan zijn Bekijk met het kind over welke ruzie het wil praten Leg uit dat je samen met hem/haar tekeningen wil maken van wat er gebeurde Laat het kind tekenen en vertellen Help waar nodig met het tekenen, stel verduidelijkende vragen, geef erkenning voor het moeilijk zijn van dit meemaken Stuur schuldgevoel en verkeerde denkpatronen (bv. het was de schuld van mama, zij moest hem niet boos maken) bij waar mogelijk Als het kind vragen heeft of dingen die hij/zij daarrond naar de ouders wil terugkoppelen, bereid dit voor (zie punt 3.4. p. 16) Het verhaal met playmobil of duplo Methodiek voor: Reconstructie van de ruzie en het geweld Getuige zijn van geweld bespreken Materiaal: Playmobilfiguurtjes of duplofiguren Basismeubelen (breng geen detailvoorwerpen zoals vazen, borden, in omdat kinderen zich daarin verliezen) als u er een weergave van wil om later te gebruiken of terug te koppelen naar de ouders: Digitaal fototoestel Computer Werkwijze: Vertel het kind dat je het wil hebben over de ruzie thuis Geef aan dat het soms gemakkelijker is om te kunnen volgen als met figuurtjes getoond wordt, wat er gebeurde Laat het kind de betrokken personen (ook zichzelf) in figuurtjes zoeken en een algemene indeling van de ruimte(s) waar de ruzie zich afspeelde. 22

51 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Bekijk stap voor stap wat er gebeurde. Stel vragen naar hoe het voor het kind was (wat zag je, wat deed jij dan, ) Ondersteun het kind: erken dat het moeilijk was toen maar ook dat erover praten moeilijk is Als het kind de gebeurtenis sterk herbeleeft, help het afstand te nemen door te herinneren aan het hier en nu ( wij kijken nu naar hoe het dan was, eventjes iets anders gaan doen, ) Stuur schuldgevoel en verkeerde denkpatronen (bv. het was de schuld van mama, zij moest hem niet boos maken) bij waar mogelijk Als het kind vragen heeft of dingen die hij/zij daarrond naar de ouders wil terugkoppelen, bereid dit voor (zie punt 3.4. van dit hoofdstuk) Als je een weergave wil voor later: trek van elke stap in de gebeurtenis een foto of laat het kind dit doen (helpt het kind ook om het gebeurde van op afstand te bekijken). Maak met de foto s een stripverhaal of powerpointpresentatie. Mijn oren hebben gehoord, mijn ogen hebben gezien Methodiek voor: Reconstructie van de ruzie en het geweld Getuige zijn van geweld bespreken Materiaal: Groot papier Potloden / stiften Werkwijze: Vertel dat je graag wil praten over hoe het kind de ruzie en het geweld meemaakte Vraag of hij/zij op het groot papier gaat liggen Vraag of je rond hem/haar mag tekenen Teken de omtrek van het kind Teken samen met het kind de ogen, oren, mond, neus, handen, voeten Bevraag: als het zo n ruzie was: Wat hebben je oren gehoord? Wat hebben je ogen gezien? Wat hebben je benen gedaan? Wat hebben je handen gedaan? enz. Trek een pijl van bij de oren, ogen, handen, en teken of schrijf (of laat het kind dit doen) wat het hoorde, zag, Geef erkenning voor het moeilijk zijn om ruzie te horen, zien,. Als het kind vragen heeft of dingen die hij/zij daarrond naar de ouders wil terugkoppelen, bereid dit voor (zie punt 3.4. van dit hoofdstuk). Drakenkant / koningskant Methodiek voor: Bespreken van de 2 kanten van de pleger Bespreken van ambivalentie tegenover de pleger Materiaal: Als u het verhaal boos als een draak al gebruikt hebt: blad drakenkant / koningskant (zie bijlage) Als u het verhaal boos als een draak niet gebruikt hebt: blad mijn. Boos / blij (zie bijlage) Werkwijze: Vertel dat mensen als ze boos zijn soms helemaal anders zijn dan als ze blij of gewoon zijn 23

52 Vertel dat je eens wil bekijken hoe zijn/haar. is als hij/zij blij is en hoe is als hij/zij boos is Geef erkenning voor het feit dat het moeilijk is te weten wat je moet denken en voelen tegenover iemand als die zo verschillend kan zijn. Dronken Methodiek voor: Bespreekbaar maken van invloed van alcohol op de ouder Bespreekbaar maken van angst n.a.v. dronkenschap Materiaal: Verhaal: Dronken, uit: Mijn tweede Van Dale, voorleeswoordenboek Werkwijze: Vertel dat je wil praten over alcohol drinken en dronken zijn Lees het verhaal voor Vertel dat mensen zich soms helemaal anders gedragen als ze dronken zijn Bespreek dat de piraat boos wordt door het bier, ook als niemand iets verkeerd doet Bespreek dat de piraat wil vechten door het bier, ook als niemand iets verkeerd doet Geef aan dat het niet leuk moet zijn voor de andere mensen in het café, dat die waarschijnlijk bang worden van de piraat en misschien ook boos omdat hij boos is, terwijl dat zij niets deden Vraag of het kind wil praten over hoe het is als zijn.. gedronken heeft Vergelijk met het gedrag van de piraat Vraag hoe het kind zich voelt als de ouder dronken is Geef erkenning voor de gevoelens van het kind Werken rond veiligheid We willen hier nog eens benadrukken dat de veiligheid van de thuissituatie de verantwoordelijkheid is van de ouders, en dat de begeleiding bij partnergeweld in de eerste plaats gericht is op het responsabiliseren en activeren van beide ouders op dit vlak. Het werken met kinderen rond veiligheid kan dan ook naar onze mening - enkel een aanvulling zijn op het veiligheidsplan van de ouders. Verhaal: bescherming Methodiek voor: Introductie van het begrip beschermen en veiligheid Link maken met het veiligheidsplan van de ouder(s) Materiaal: Verhaal: beschermen uit Mijn tweede Van Dale, voorleeswoordenboek Papier Potloden of stiften Werkwijze: Vertel dat je het wil hebben over bescherming Vertel dat je eerst een verhaaltje gaat vertellen om uit te leggen wat bescherming is Lees het verhaaltje voor Laat het kind vertellen wat het denkt dat bescherming betekend Leg, indien nodig, zelf uit: beschermen is zorgen dat je veilig bent Teken met het kind verschillende vormen van gevaar en bescherming: Gevaar om te vallen ---- helm opdoen als je fietst, gevaar voor botsen ---- een gordel aandoen 24

53 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Leg uit dat ruzie en geweld meemaken ook een vorm van gevaar is want je wordt er bang en verdrietig door. Leg de link naar de methodiek: veiligheidsplan Veiligheidsplan van de ouder(s) Methode voor: Bekijken waar het kind zich veilig/onveilig voelt Uitleg over het veiligheidsplan van de ouder(s) Uitleg over wat dit veiligheidsplan inhoudt voor het kind Materiaal: Veiligheidsplan ouder(s) Papier Potloden / stiften Werkwijze: Leg het kind uit dat je het wil hebben over zijn/haar veiligheid thuis Teken met het kind een landkaart van zijn leven: school, jeugdbeweging, sportclub, winkel, huis van grootouders en/of andere familie, eigen huis met de verschillende kamers Teken verkeerslichten bij elke plek Bevraag of het kind zich veilig voelt op die plek: kleur samen het licht groen als het veilig is, oranje als het een beetje onveilig is, rood als het kind zich daar heel onveilig voelt Leg uit dat het mama s en papa s werk is om het voor hem/haar veilig te maken maar dat zij dat door hun problemen tot nu toe niet konden Leg aan het kind uit wat de plannen van de ouder(s) zijn om de veiligheid hoger te maken Indien mogelijk laat de ouder dit zelf uitleggen Bevraag wat het kind hiervan vindt Neem vragen en opmerkingen mee naar de ouder(s): bereid dit voor met het kind. Mijn veilige plek Methode voor: Bespreken van naar de eigen veilige plek gaan, als onderdeel van het veiligheidsplan voorzien door de ouders Materiaal: Verhaal: de blauwe stoel, de ruziestoel van Imme Dros (zie hoger: bespreekbaar maken van geweld) Papier / potloden / stiften Werkwijze: Vertel dat je een verhaal zal voorlezen over een meisje dat bij ruzie in haar blauwe stoel kruipt Lees het ganse verhaal voor of de hierbij geselecteerde pagina s Vertel dat naar een veilige plek gaan soms nodig is om beschermd te zijn Vertel wat de ouder(s) beslist hebben rond de veilige plek: wanneer? hoe? waar? kan het kind zich veilig stellen Laat het kind de veilige plek tekenen Bekijk wat het kind nodig heeft om zich daar veilig te voelen Bereid met het kind terugkoppeling naar de ouder(s) nodig Bewaak zeer sterk dat de ouder(s) verantwoordelijkheid nemen en het kind geen verantwoordelijkheid krijgt die het niet aankan Verhaal: De hulp / Wie kan ik wanneer bellen? Methode voor: Bespreken van hulp inroepen als onderdeel van het veiligheidsplan voorzien door de ouders Bespreken van gedachten en gevoelens n.a.v. hulp ingeroepen hebben in het verleden 25

54 Materiaal: Verhaal: De hulp uit: Mijn tweede Van Dale, voorleeswoordenboek Kaartje: Wie kan ik wanneer bellen? Werkwijze: Vertel dat je een verhaaltje wil voorlezen over hulp halen Lees het verhaaltje voor Laat het kind vrij vertellen rond het verhaal Vertel dat hulp vragen voor het indiaantje heel spannend was maar ook wel gemakkelijk omdat iedereen blij was dat hij hulp gezocht had. Vertel dat hulp vragen als er thuis ruzie is soms moeilijker is: wanneer moet je de politie bellen, zal mama of papa dan niet boos zijn, wanneer moet je oma bellen en wanneer niet? Vraag het kind of je mag terugkoppelen naar de ouders: wat gaan zij doen in hun veiligheidsplan rond inroepen van veiligheidsdiensten en/of derden? Onder welke omstandigheden wordt aan het kind gevraagd hulp in te roepen. Probeer dit, indien mogelijk, met beide ouders te bespreken. Schrijf de gemaakte afspraken samen met het kind op het briefje wie kan ik wanneer bellen? Als het kind schuldgevoelens aangeeft over het gebeld hebben van de politie: Bespreek dat in het verhaal helpen duidelijk is: papa is gered uit het water en iedereen is blij en de jongen weet dat hij flink geweest is. Bespreek dat soms helpen heel ingewikkeld is zoals in de situatie van de politie bellen: bekijk samen met het kind: Wat is hetzelfde als bij het jonge meisje? Gebeld om te redden / te helpen Veilig gemaakt Is iemand blij dat hij/zij gebeld heeft? Vind iemand het flink? Wat is verschillend? Niet iedereen is blij, is iemand boos? Hoe komt het dat die boos is? Wou jij dat? Hoe voelt dat nu voor jou? Geef erkenning voor de goede bedoelingen, het flink zijn van te helpen, het moeilijk zijn dat dan iemand boos is, het spijtig zijn dat die dat zo ziet (zonder die ouder als persoon af te breken). Bekijk met het kind of je dit met de ouder(s) mag bespreken, mag proberen deze uit te leggen waarom het kind belde, wat het bedoelde en niet bedoelde en zo de kwaadheid op te lossen. Omschrijf wat je gaat doen bv. via een huiswerkopdracht (zie algemeen stuk over betrekken van ouders in de begeleiding van het kind). Werken rond gevoelens Gevoelens uitbeelden Methodiek voor: Bekijken welke gevoelens het kind kan onderscheiden en benoemen Bekijken wat het kind blij, bang, boos of verdrietig maakt Materiaal: Eventueel digitaal fototoestel Werkwijze: Vertel het kind dat je over gevoelens wil praten Vraag het kind een gevoel uit te beelden: toon eens hoe jij blij / boos / bent Verdrietig / bang bent: dit kan met mimiek maar ook met bewegingen Neem een foto en laat het kind die bekijken 26

55 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Print af en schrijf of teken samen met het kind bij elke foto waar hij/zij blij/bang/boos/verdrietig van wordt Weerkalender Methodiek voor: Het benoemen van het huidig gevoel Het benoemen van een gevoel bij een bepaalde situatie Materiaal: Papier / potlood of stiften Werkwijze: Vertel het kind dat je graag wil knutselen over gevoelens Vertel dat gevoelens soms lijken op het weer: soms schijnt de zon, soms regent het, Bevraag welk weer volgens het kind past bij blijheid / verdriet / kwaadheid/ angst (ga niet automatisch uit van jouw verwachting dat zon = blij, regen = verdriet, ed.) Laat het kind op het blad de verschillende weertypes / gevoelens tekenen Bevraag hoe het kind zich nu voelt In gesprekken over de ruzies, het geweld, afscheid nemen, ed. kan je teruggrijpen naar deze kalender om het gevoel te helpen beschrijven. (bron: Kinderen helpen bij een schokkende gebeurtenis, Slachtofferhulp, Lannoo, 2003) Gevoelensthermometer Methodiek voor: Het benoemen van het huidig gevoel Het benoemen van een gevoel bij een bepaalde situatie Materiaal: Gevoelensthermometer uit Pak van mijn hart! Socialistische Mutualiteit ism VUB Kleurpotloden/ stiften Werkwijze: Toon de gevoelensthermometer Leg uit dat het meet van slecht gevoel tot blij gevoel Laat het kind de verschillende vakjes kleuren Vraag het kind welk gevoel het nu heeft Gevoelensblad Methodiek voor: Het benoemen van het huidig gevoel Materiaal: Hoe voel je je vandaag? uit: Horizon 3a: Werkboek voor kinderen over ruzie en geweld in het gezin Werkwijze: Toon het blad Laat het kind de verschillende vakjes kleuren Vraag het kind welk gevoel het nu heeft Hoe voelt Liesje zich vandaag? Methodiek voor: Bekijken welke gevoelens het kind kent (tevreden, boos, trots, teleurgesteld, verwonderd, jaloers, nieuwsgierig, verdrietig, verlegen, verveling, kregelig, lief, bang, opgelucht en gelukkig) Bekijken van de eigen gevoelens Bruikbaar voor jonge kinderen (1e 2e leerjaar) 27

56 Materiaal: Hoe voelt Felix zich vandaag? Gebaseerd p^ Liesje in bijlage 4. een variant Liesje vind je in bijlage Papier en stiften Werkwijze: Vertel dat je over gevoelens wil praten Toon en vertel het boek (of de bladeren) Bekijk hoe Liesje zich voelt Vraag of het kind over dit gevoel iets over zichzelf wil vertellen Op de samenvattingsblaadjes worden de vragen naar de beleving van het kind gesteld met ruimte om in te vullen U kan ook een soortgelijk boekje maken over het kind zelf nl. hoe voelt. zich vandaag? met tekeningen en tekst over het eigen gevoel van het kind. Wat je voelt Methodiek voor: Bekijken wat een gevoel is Bekijken welke gevoelens het kind kent Bekijken van de eigen gevoelens Bruikbaar voor jonge kinderen (1e 2e leerjaar) Materiaal: Boek: wat je voelt? Aliki, Uitgeverij C.de Vries-Brouwers, 1987 (in veel bibliotheken te verkrijgen) Werkwijze: Vertel dat je over gevoelens wil praten Toon en vertel het boek (of de bladeren) Vraag of het kind over dit gevoel iets over zichzelf wil vertellen Je kan het blad hoe voel je je? gebruiken om te kijken hoe het kind zich nu voelt of bij een bepaalde situatie. (Bijlage 3) Mijn binnenste buiten Methodiek voor: Het bekijken van hoe het kind in het algemeen omgaat met gevoelens Het bekijken van het gevoel van het kind bij een bepaalde situatie Materiaal: Groot papier Stiften / potloden Werkwijze: Vertel het kind dat je over gevoelens wil werken Zeg dat je eerst graag zijn/haar buitenkant wil tekenen Vraag dat het kind op het papier gaat liggen en teken haar/zijn vorm over (bevraag of dit ok is voor het kind) Vertel dat we allemaal een buitenkant en een binnenkant hebben en dat gevoelens vaak vanbinnen zitten en soms ook van buiten te zien zijn Vraag het kind waar het boos, verdrietig, blij, bang, voelt Laat het kind het gevoel tekenen Als u het over ruzie of geweld hebt, kan je met het kind tekenen hoe het zich dan voelde. (bron: kinderen helpen bij een schokkende gebeurtenis, Slachtofferhulp, Lannoo, 2003) 28

57 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Mijn gevoelensblad over ruzie en geweld Methodiek voor: Bespreken van de gevoelens over ruzie en geweld Materiaal: Blad: mijn gevoelens over ruzie en geweld, uit: Horizon 3A: werkboek voor kinderen over ruzie en geweld in het gezin Werkwijze: Leg uit dat je wil praten over wat het kind voelde en voelt over de ruzies en het geweld Overloop de vragen op het blad, bespreek, vul zelf in of laat het kind invullen Toongevoelens en verstopgevoelens Methodiek voor: Bekijken hoe het kind met gevoelens omgaat Bekijken hoe het kind gevoelens communiceert Bekijken hoe het kind gevoelens niet communiceert Materiaal: Gevoelskaartjes (zie bijlage 5, p. 11) open venster / gesloten haar (zie bijlage 5, p. 11) Werkwijze: Leg uit dat je het wil hebben over hoe het kind gevoelens toont of niet toont Leg uit dat gevoel van binnen zit en dat je dat soms ook naar buiten toont maar soms ook niet Toon het blaadje met open / gesloten haar: leg uit: als je toont wat je voelt, is het haar open en kan iedereen zien wat je voelt bv. Ik krijg een cadeautje en ik lach. Als je niet toont wat je voelt, is het haar dicht en kan de ander je echt gevoel niet zien bv. ik krijg een cadeau dat ik niet leuk vind maar ik verstop mijn teleurstelling en toon een lach Bekijk a.d.h.v. neutrale situaties hoe het kind blijheid, verdriet, kwaadheid, angst, jaloezie, (zie gevoelenskaartjes) toont Bekijk de gevoelens rond de ruzies, het geweld, gezinsleden, Bereid indien gewenst terugkoppeling naar de ouder(s) voor Gedicht: Ik droom + verdrietpotje Methodiek voor: Bespreekbaar maken van verdriet Materiaal: Gedicht: Ik droom uit: jij bent de liefste, Hans en Monique Hagen, 2000, Querido Doosje of potje of klei om potje te maken Papier en schaar Potloden / stiften Werkwijze: Lees het gedicht een paar maal voor Als het kind al kan lezen laat het meelezen of voorlezen Bespreek wat hij/zij allemaal van droomt, graag zou hebben Bespreek dat verdriet niet leuk is om te hebben Maak of versier het verdrietpotje Schrijf of teken op briefjes wat verdrietig maakt en steek dat in het potje Bekijk met het kind of er mogelijkheden zijn om dingen uit het potje te krijgen, op te lossen Als een ouder of ouders mee moeten helpen om het verdriet op te lossen, bespreek met het kind hoe dit aan de ouder(s) verteld en gevraagd kan worden. 29

58 Gedicht: Angst Methodiek voor: Bespreekbaar maken van angst Bespreekbaar maken van positie van de moeder (als slachtoffer) in het geweld Materiaal: Gedicht: Angst, uit: Ik geef je een zoen, Montse Gisbert, Hillen/De Eenhoorn Papier en stiften Werkwijze: Voor bespreken van angst Vertel dat je wil praten over bang zijn Lees het gedichtje voor Vertel dat het kindje in het gedicht bang voelt in zijn borst, zijn buik en zijn benen Vraag waar hij/zij bang voelt Teken een kindje en laat het kind tekenen waar hij/zij bang voelt Voor bespreken van positie van de moeder Vertel dat het kindje in het gedicht niet weet waarom mama het gebeuren laat Vraag of hij/zij dat ook soms denkt Laat het kind vertellen Bereid, indien nodig, terugkoppeling naar de moeder voor zodat deze een antwoord kan geven op de vragen van het kind. Gedicht: Verdriet Methodiek voor: Bespreken van verdriet Bespreken van troost Bespreken van netwerk: wie troost? Materiaal: Gedicht: verdriet, uit: Ik geef je een zoen, Montse Gisbert, Hillen/De Eenhoorn Papier, stiften Duplopoppen, playmobils Werkwijze: Vertel dat je het wil hebben over verdriet Lees het gedicht voor Bekijk waar het kind in het gedicht verdrietig van wordt Bespreek dat de opa het kindje troost Vraag of het kind over het eigen verdriet wil praten Vraag waar hij/zij verdrietig van wordt Heeft hij/zij mensen die troosten Zet het netwerk van het kind uit in duplo s of playmobils Wie ziet het verdriet? Wie troost soms? Aan wie zou je troost kunnen vragen? Bekijk terugkoppeling naar de ouders indien nodig en gewenst. 30

59 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Lied: Hondje kwijt Methodiek voor: Bespreekbaar maken van verdriet Bespreekbaar maken van schoolproblemen door verdriet / zorgen Materiaal: Lied: Hondje kwijt uit: Het kinderplaatje van Bart Peeters, EMI, 2008 Werkwijze: Vertel dat je wil praten over verdriet Laat het lied horen en/of lees de tekst voor Bekijk samen: hoe gaat het kind in het lied om met verdriet Leg het verband tussen verdrietig zijn en moeite hebben met huiswerk, leren, slapen Vraag of het kind wil praten over zijn/haar eigen verdriet Wat maakt je verdrietig? Hoe voel jij verdriet? Krijgt het ook last met schoolwerk en opletten door het verdriet? Wat heeft het kind nu nodig? Wie kan hierbij helpen? Bespreek terugkoppeling aan de ouders De schuld Methodiek voor: Bespreken van begrippen schuld, schuld krijgen, schuldgevoel Bespreken van de schuldvraag Loslaten van schuldgevoel Gebruik deze methodiek als in het verhaal over het geweld: 1. Het kind schuld op zich neemt 2. Het kind de schuld kreeg 3. Het kind vragen heeft rond wie nu de schuld heeft (slachtoffer, pleger, ) Materiaal: Verhaal: de schuld uit: Mijn tweede Van Dale, voorleeswoordenboek Werkwijze Als de schuld van het kind ter sprake komt, vertellen dat je een verhaaltje hebt over schuld of onschuld Als het kind de schuldvraag stelt of tegenstrijdige schuldbepalingen bij de ouders vernoemt, vertellen dat schuld ingewikkeld is en dat je daar rond een verhaal zal voorlezen Het verhaal voorlezen Bespreken van ingewikkeld zijn van schuld adhv de 2 clowns Niet leuk om schuld te krijgen als je niets verkeerd deed Verwarrend als je wel iets deed zoals de schoenen kopen en precies toch iets mee-schuldig bent terwijl je met de val zelf niets te maken hebt Het waarom van schuld afschuiven: de gevallen clown was boos of beschaamd omdat het mislukte en wou niet dat hijzelf de schuld kreeg Vraag het kind of het ok is om over de ruzies thuis en schuld te praten? Bekijk wie van wat de schuld krijgt? Vergelijk met het verhaal van Willie en Wollie Bereid, indien nodig, terugkoppeling naar de ouders voor en bekijk met de ouders of zij het kind kunnen ontschuldigen. 31

60 Schuldgevoelens wegdansen, weggooien, wegschrijven Methodiek voor: Bespreken van schuldgevoel Loslaten van schuldgevoel Materiaal: Blad: Schuld, uit: Horizon 3A: werkboek voor kinderen over ruzie en geweld (zie bijlage 17, p. 17) Bal Papier / dikke stiften Werkwijze: Vertel dat je het wil hebben over schuldgevoelens Vertel dat kinderen zich soms schuldig voelen over het geweld Geef aan dat het niet de schuld van het kind is Bereid, zo nodig, terugkoppeling naar de ouders voor zodat deze kunnen ontschuldigen Stel het kind voor de schuldgevoelens weg te dansen: dansen en ondertussen zeggen of roepen het was niet mijn schuld Het kind kan ook de schuldgevoelens weggooien: geef het kind een bal en laat het ermee gooien terwijl het zegt het was niet mijn schuld Het kind kan ook de schuldgevoelens wegschrijven: laat het kind op een blad schrijven het was niet mijn schuld Zuchten Methodiek voor: Bespreken van zorgen, bezorgdheid van het kind Materiaal: Ballon Gedicht: Zuchten uit: Lichtjes in je ogen, Hans en Monique Hagen, 2006, Querido Werkwijze: Lees het gedicht een paar keer voor Als het kind al kan lezen laat het meelezen of voorlezen Bespreek waar kinderen en volwassenen soms moeten om zuchten Laat het kind zijn zuchten / zorgen in de ballon blazen Laat de ballon springen of laat hem samen leeglopen Bekijk, indien nodig / gewenst, of de ouder(s) kunnen helpen in voorkomen/oplossen van de zorgen en hoe dit naar hen gecommuniceerd kan worden Verhaal: driftig Methodiek voor: Voorbereiden op bespreken van de eigen kwaadheid en agressie van het kind als dit een probleem is Bespreken van drang om te schoppen, slaan, Bespreken van beheersen van kwaadheid Materiaal: Verhaal: Driftig, uit: Mijn Tweede Van Dale, voorleeswoordenboek, 2 dinopoppen of 2 uitgeknipte prentjes van dino s Werkwijze: Vertel dat je een verhaaltje zal vertellen over kwaadheid Lees het verhaaltje voor Als het kind het verhaal niet helemaal kan volgen, speel het nog eens na met 2 dinopoppen Bespreek wat de boze dino voelt en doet: Verliezen is niet leuk 32

61 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 Als de ander het spel stopt ook niet Boos gevoel Willen schoppen Voetballen ipv pijn doen Weer rustig worden Blijf in het dinoverhaal, leg zelf niet de link naar de kwaadheid van het kind (gebruik daarvoor andere methodiek rond eigen kwaadheid) Veilig boos zijn Methodiek voor: Loskoppelen van het recht op kwaadheid en het recht op geweld Werken aan agressief gedrag bij het kind Materiaal: Blad: veilig boos zijn uit: Horizon. Zie bijlage 6, p. 13 Zelfobservatieopdracht Boos zijn uit: Boos als een draak, H. Genetello Werkwijze: Leg uit dat boos zijn mag en kan en soms heel verstaanbaar is Leg uit dat er veilig boos is en niet veilig boos Leg uit wat veilig boos is (zie bijlage 6, p. 13) Bekijk een aantal situaties waarin het kind boos was: wat gebeurde er? wat voelde je en dacht je? wat deed je? als er geweld gebruikt werd: wat had je kunnen doen zonder pijn doen? Geef advies in hoe het kind veilig boos kan zijn Vraag het kind tot de volgende sessie te oefenen in veilig boos zijn Leg zelfobservatieopdracht uit Werken rond hanteringsgedrag en zorggedrag Geheim-ei Methodiek voor: Werken rond geheimhouding Werken rond hoe het is om erover te praten en geheim te doorbreken Materiaal: Papier Schrijfmateriaal Klei Werkwijze: Vertel dat je het wil hebben over geheimen en geheim houden Vertel dat veel kinderen die hetzelfde meemaken, verbergen dat er een probleem is, dat niemand het dan kan zien Vertel dat het soms ook gezegd wordt dat je het geheim moet houden Bekijk: welke geheimen had het kind? heeft het nu nog geheimen? Laat het kind de geheimen opschrijven op kleine papiertjes Laat het kind met klei een schaal maken rond de geheimpapiertjes Bekijk nog eens: niemand kan het geheim nu nog zien Laat zo mogelijk tot de volgende sessie rusten, zodat de klei opgedroogd is Indien dit beter is kan je ook verder gaan met de natte klei Vraag aan het kind: is het geheim nu al opengebroken? Zo ja: hoe ging dat? hoe voelde dat? breek het ei open? wie weet het nu? hoe is dat? Zo nee: wat heeft het kind nodig om het te kunnen zeggen, te kunnen tonen? Bereid terugkoppeling naar de ouders voor als zij nog moeten toestemming geven rond verbreken van het geheim 33

62 Zorgen maken en zorgen Methodiek voor: Bespreekbaar maken van zich zorgen maken Bespreekbaar maken van zorgen Materiaal: Blad zorgen maken uit Horizon 3A: werkboek voor kinderen over ruzie en geweld in het gezin Werkwijze: Vertel dat je wil werken rond zich zorgen maken en zorg dragen Bekijk de vragen en bespreek met het kind Schrijf samen op Geef erkenning Bekijk of iemand de zorg van het kind ziet en apprecieert Bekijk terugkoppeling naar de ouders indien nodig en gewenst Wat kunnen kinderhanden dragen? Methodiek voor: Bespreekbaar maken van zorggedrag van het kind Doorwerken van schuldgevoelens Materiaal: Blad + kaartjes: een pakje vol zorgen uit Boos als een draak, H. Genetello Werkwijze: Vertel dat als je zorgt draagt, het is alsof je een cadeau geeft Vertel dat kinderen kunnen zorgen als kinderen maar niet als volwassenen Dat zelfs volwassenen sommige dingen niet kunnen Vraag het kind de kaartjes in de juiste kolom te leggen: wat is doenbaar, wat is te moeilijk? Maak zelf kaartjes rekening houdend met de manier waarop het kind zorg draagt voor zijn ouders Bereid terugkoppeling naar de ouders voor Probeer de ouders te coachen in ontschuldigen van het kind als het verantwoordelijkheid op zich neemt voor het geweld, erkenning geven voor de zorg van het kind maar deze terugbrengen tot zorg die het kind gezien zijn/haar leeftijd aankan. Groepsbegeleiding Er zijn verschillende groepsbegeleidingen uitgewerkt voor kinderen die getuige waren van partnergeweld: Let op de kleintjes, Horizon, Kamil, Moeder-kindcursus. Bij al deze cursussen loopt de kindergroep parallel met een oudergroep, of worden er sessies voorzien waarbij met kinderen en ouders samengewerkt wordt. Binnen een CAW kan het groepsaanbod voor kinderen als getuige van geweld verschillende vormen aannemen: Een kindergroep gekoppeld aan een groepsaanbod voor slachtoffers Een kindergroep gekoppeld aan een groepsaanbod voor ouders (zonder onderscheid tussen slachtoffer en pleger) een kindergroep gekoppeld aan een groep voor plegers een aanbod voor kinderen als getuige binnen een residentiële werking Bij een groepsaanbod is de doelbepaling van essentieel belang: wat wil je bereiken? Mogelijke doelen zijn: 1. preventie van verwerkingsproblemen bij de kinderen 2. verminderen van de verwerkingsproblemen bij de kinderen -- wegnemen van de geweldervaring als een alles overheersend element in het leven van het kind 34

63 Begeleiden van lagereschoolkinderen03 -- doen begrijpen wat er is gebeurd -- herstel van vertrouwen in zichzelf -- herstel van vertrouwen tussen ouder en kind -- verminderen van verdriet -- leren omgaan met kwaadheid -- verminderen van angst, nachtmerries, vermijdingsgedrag -- verminderen van schuldgevoelens 3. werken rond veiligheid 4. zorg- en hanteringsgedrag van het kind terugbrengen tot een niveau passend bij de ontwikkelingsleeftijd De voordelen van een groepswerking zijn dat de sfeer door gezamenlijk spel, creativiteit en beweging positief bijdraagt tot het opbouwen van vertrouwensrelaties de uitwisseling binnen de groep het kind helpt zijn eigen gedachten, gevoelens en gedrag te exploreren het helpend is te ervaren dat andere kinderen gelijke ervaringen hebben de wederzijdse steun helpt bij het verwerken en ook veranderingen tot stand brengt Bij de groepssamenstelling is het van belang rekening te houden met volgende aspecten: beperk je in een groep tot één leeftijds- en ontwikkelingsniveau: 1e-2e-3e leerjaar, 4e-5e-6e leerjaar, met aandacht voor het individueel functioneren van het kind jongens en meisjes kunnen samen in een groep maar zorg dat er geen sterke minderheidspositie is van één seksegroep de thuissituatie (ouders nog samen, ouders gescheiden, opvangcentrum) kan verschillend zijn, maar zorg ook hier dat er geen sterke minderheidspositie is bekijk bij kinderen met bijkomende problemen (ADHD, autisme, ) of het kind het beoogde programma aankan bekijk bij allochtone kinderen of zij de taal voldoende beheersen een groep bestaat best minimaal uit 4 en maximaal uit 8 kinderen. Een grotere groep kan als er voldoende medewerkers aanwezig zijn. Indien nodig moet de groep gesplitst worden. De intakeprocedure zal van groot belang zijn om te bepalen of een kind in een bepaalde groep past, en of de groepswerking aangepast dient te worden aan de specifieke noden van het kind. Van de ouders verwachten we dat: de gezinssituatie veilig is of de ouder(s) bereid zijn actief mee te werken aan het veilig maken van de gezinssituatie via individuele- of relatiebegeleiding er een akkoord is van beide ouders dat het kind deelneemt aan de groep een terugkoppeling naar de ouder(s) mogelijk is via een oudergroep of begeleiding van de ouder(s) De praktische organisatie van een groepsbegeleiding voor kinderen dient rekening te houden met: de locatie moet gemakkelijk bereikbaar zijn voor de ouders de locatie moet voorzien zijn op knutselactiviteiten, bewegingsmomenten, spel de locatie moet ontspanning en uitleefmogelijkheden bieden voor de pauzes zeker bij jonge kinderen zijn de sanitaire voorzieningen niet ver van de groepsruimte minimaal 2 en idealiter 3 begeleiders begeleiden de groep er is ook begeleiding voorzien voor de pauzes er is voldoende materiaal (papier, verf,.) aanwezig 35

64 De groepsbegeleiders dienen te beschikken over kennis van de fenomenologie van geweld in gezinnen een grondhouding van meervoudige partijdigheid kennis van en inzicht in de gevolgen van geweld op kinderen vaardigheden om via spel en creatief materiaal te werken met kinderen vaardigheden in bespreekbaar maken van geweld met kinderen vaardigheden in groepsbegeleiding: creëren van een positief en respectvol groepsklimaat vaardigheden in bijsturen van kinderen die negatief gedrag stellen via bekrachtiging van positief gedrag en zacht maar duidelijk bijsturen waar nodig De inhoud van een groepsbegeleiding voor kinderen als getuige van partnergeweld kan je invullen afhankelijk van de doelbepaling en groepssamenstelling. Belangrijke thema s zijn: kennismaking en groepsafspraken bespreekbaar maken van de ruzies en het geweld werken rond gevoelens werken rond veiligheid werken rond zelfbeeld werken rond hanteringsgedrag en zorg In de uitwerking van de methodieken kan je methodieken gebruiken die beschreven staan bij de individuele begeleidingen en die aanpassen aan een groepsgebeuren. Meer methodieken vindt je in de Horizonreeks en Let op de Kleintjes. Zorg voor afwisseling in soorten methodieken (gedicht, zang, creatief, spel, beweging) zodat de interesses en voorkeuren van elk kind aan bod komen. Een groepsbegeleiding kan bij het kind en zijn ouder(s) heel wat teweeg brengen. Normaal gezien kan je dit in de groepssessies opvangen en doorwerken. Het kan echter gebeuren dat verdere opvang en begeleiding (individueel, via de ouders of gezinsmatig) na een moeilijke sessie nodig is. Voorzie de mogelijkheid dat de groepsbegeleiders dit tussen de sessies door opvangen of dat een naadloze samenwerking met andere hulpverleners geregeld is. De werking van de oudergroep en de methodieken ouder-kind vind je terug in hoofdstuk 5. 36

65 4. WERKEN MET ADOLESCENTEN (12+) 4.1. Ontwikkelingspsychologie van de adolescent De prepuberteitsperiode is de periode einde basisschool, begin middelbare school die aan de puberteit voorafgaat. In deze periode ontwikkelt zich de sociale identiteit: hoe zien anderen mij? Een positieve sociale identiteit is het vangnet voor het goed doorkomen van de puberteit. We spreken in het algemeen van puberteit vanaf de leeftijd van 12 jaar. In deze periode ontwikkelt de jongere een psychologische identiteit: wat vind ik van mezelf? Tijdens de puberteit wordt het belang van de ouders steeds kleiner: de omgang met leeftijdsgenoten en vrienden komt op de eerste plaats te staan. In de relatie tot de ouders en de omgeving zien we verschillende fasen: in de vroege adolescentie (12-14 jaar) gaat de jongere vooral het verschil met de ouders benadrukken in de periode van 14 tot 16 jaar gaat de jongere van alles uitproberen, denkt alles te kunnen, luistert meer naar vrienden dan naar volwassenen en ziet geen gevaar in de midden adolescentie komt de jongere weer dichter bij de ouders te staan uit angst voor een volledig loskomen in de late adolescentie ontwikkelt zich een gevoel van eigen identiteit De puber verdiept zijn denken, staat stil bij zichzelf, anderen, verleden, heden en toekomst. Tijdens de adolescentie gaat de jongere vaak stilstaan bij trauma s uit het verleden en die alsnog proberen te verwerken. Een scheiding tussen de ouders is moeilijk op deze leeftijd en stelt de jongere voor verschillende taken: aanvaarden van de realiteit van de scheiding en van de permanentie ervan losmaken van de conflicten en het verdriet van de ouders en de gewone gang van zaken weer opnemen oplossen van verdriet en doormaken van een rouwproces het vormen van realistische, hoopvolle eigen relaties het terugvinden van het eigen bestaansrecht (als antwoord op de vraag als zij nu niet meer voor elkaar kiezen, had ik wel geboren mogen worden? ) Door experimenteergedrag, voorbeelden van leeftijdsgenoten en ontkenning van gevaar zijn jongeren extra kwetsbaar voor drugs- en alcoholverslaving. Depressie bij adolescenten komt voor als zij grote moeite hebben met contact met leeftijdsgenoten, door ingrijpende gebeurtenissen, door slechte schoolresultaten, door gezinsfactoren, aanlegfactoren en door druggebruik. Bron: Ik heb ook wat te vertellen Communiceren met pubers en adolescenten, M.Delfos, SWP, Algemene richtlijnen voor het werken met adolescenten Communicatie met adolescenten lukt als je bereid bent echt te communiceren. Martine Delfos onderscheidt verschillende communicatievoorwaarden. Algemene communicatievoorwaarden: respectvol met de ander omgaan de ander serieus nemen de ander op zijn of haar gemak stellen 37

66 luisteren naar wat de ander zegt de ander de kans geven bij te kunnen komen na een inspannend gesprek Communicatievoorwaarden voor gespreksvoering met pubers: hersenen op aan: praat echt, doe de puber denken, preek niet vertellen stimuleren: luister meer dan je zelf praat gericht doorvragen: ga naar de kern van wat de jongere bedoelt waardering voor het denkproces van de jongere uiten bereidheid te leren tonen de socratische methode gebruiken: -- ervan overtuigd zijn dat de mens deskundig is over zichzelf -- de deskundigheid van de ander naar buiten halen -- eerder vragen dan vertellen -- doen ontdekken Aandachtspunten die van belang zijn in gesprekvoering met jongeren zijn: ze willen hun verhaal pas vertellen als ze zich veilig genoeg voelen principe van: je veilig voelen is je gewaardeerd voelen wees benieuwd probeer te benoemen wat je voelt, wees echt metacommunicatie helpt om het gesprek vlot te houden -- maak het doel van het gesprek duidelijk -- laat een jongere weten wat je bedoelingen zijn -- laat een jongere weten dat hij of zij mag zwijgen -- probeer te benoemen wat je voelt en volg wat je voelt -- nodig de jongere uit zijn of haar mening over het gesprek te geven Bron: Ik heb ook wat te vertellen - Communiceren met pubers en adolescenten, M.Delfos, SWP, Doorgeven van informatie aan de ouders Algemene principes aangaande doorgeven van informatie aan de ouders zijn: De jongere weet wat doorgegeven wordt en hoe De communicatie jongere ouder wordt gestimuleerd: de jongere wordt aangespoord om zelf in communicatie te gaan met de ouders, daartoe kunnen hulpmiddelen aangereikt worden of de hulpverlener kan de jongere ondersteunen/ helpen bij de communicatie doel van het doorgeven van informatie is dat de ouders die informatie krijgen die zij nodig hebben om opvoedingsbeslissingen en handelingen te kunnen stellen in het belang van de jongere als jongere geheimhouding vraagt, heeft het recht op deze geheimhouding. Je kan wel bespreken waarom het belangrijk is dat de ouder deze informatie heeft en streven naar een toestemming tot het doorgeven. Bij situaties waar de integriteit van de jongere of iemand uit zijn omgeving in gevaar is, kan het beroepsgeheim verbroken worden 4.4. Specifieke methodieken rond partnergeweld Gesprekskader schetsen Geef aan welk soort gesprek het is. Vertel wat je al weet en wat het doel is van jullie gesprek. Maak duidelijk dat je wilt weten waar de jongere problemen mee heeft en wil kijken hoe je bij het oplossen hiervan 38

67 Werken met adolescenten04 kan helpen. Aangeven dat de jongere zelf bepaalt of hij/zij op dit aanbod ingaat of niet. Bespreekbaar stellen van het geweld Reconstructie van het verhaal Vraag de jongere of hij/zij wil vertellen over de thuissituatie Bevraag de ruzies, het geweld, wat hij/zij hoorde en zag Vraag of hij/zij betrokken raakte bij het geweld, vraag door over hoe dit eventueel ging Geef erkenning voor de moeilijkheden thuis Geef erkenning voor de zorg die de jongere opneemt in het gezin, maar geef tegelijkertijd aan dat dit eigenlijk de verantwoordelijkheid van de ouders is Bekijk hoe de thuissituatie zijn leven op school en met vrienden bepaalt Muziek Songteksten kunnen een middel zijn om met de jongere een bepaald aspect van het geweld te bespreken. Muzieknummers over huiselijk geweld zijn o.a.: Numb (Pink) Family Portrait (Pink ) 18 Wheeler (Pink) Behind the walls (Tracy Chapman) Luka (Susanne Vega) I used to love him (Lauren Hill) Woman in chains (Tears for fears) Prisoner (Mariah Carey) Ruins (Melissa Etheridge) Black eyes, blue tears (Shania Twain) Red Footbal (Sinead O Connor) Daddy (Jewel) Bron: Als muren konden praten Riagg, 2007 Uitleg over geweld in relaties Soms hebben jongeren vragen over geweld in relaties: ze willen aftoetsen hoe hun thuissituatie anders of gelijkend is met andere gezinnen waar geweld zich voordoet. De methodiek bestaat uit een aantal vragen over geweld die beantwoord worden. (zie bijlage 8, p. 19) Werken rond gevoelens/gedachten Gesprek rond gevoelens Bekijk met de jongere wat zijn/haar gevoelens zijn bij de thuissituatie Ontrafel samen ambivalente en/of tegenstrijdige gevoelens Stel vragen die de jongere in staat stellen de eigen gevoelens te exploreren en onder woorden te brengen Werken rond eigen agressie: haal de GRRR uit agressie Bekijk met de woedemeter (zie bijlage) de verschillende vormen van kwaadheid: wat herkent de jongere? Kan hij zij een situatie bedenken bij verschillende gradaties in kwaadheid? Bekijk de stappen in het onder controle krijgen van kwaadheid (zie bijlage) Bekijk met de jongere wat agressie bij hem uitlokt: wat zijn jouw rode knoppen? Bekijk lichamelijke signalen van kwaadheid Leer principe van time-out aan 39

68 Hanteringsgedrag en zorggedrag Geheim-ei (zie deel 2, hoofdstuk 3, hanteringsgedrag p. 33) Rollen bij zorgen Deze methodiek (zie bijlage) is ontwikkeld voor kinderen van ouders met een psychiatrisch of verslavingsprobleem, maar ook heel bruikbaar bij het bespreken van zorgsituaties bij partnergeweld. Overloop met de jongere de verschillende rollen. Bekijk in welke rol hij/zij zich herkent. Hoe bepaalt deze rol zijn/haar leven. Ziet iemand in de omgeving dat hij/zij zorg draagt? Kan hij/zij deze zorg wel aan? Wie moet en kan een deel zorg overnemen? Bereid, waar mogelijk, terugkoppeling naar de ouders voor. Tips i.v.m. voor jezelf zorgen Overloop de tips (zie bijlage 10, p. 25) Ga in gesprek met de jongere over deze tips: wat ziet hij/zij zichzelf doen? wat houdt hem/haar tegen? wie kan helpen? Hoe ga jij om met ruzie? Test je ruziestijl. De ruzies thuis beïnvloeden het eigen ruziegedrag. Laat de jongere de test (zie bijlage 11, p. 27) invullen. Bespreek samen de resultaten Bekijk hoe de jongere, indien hij/zij dit wenst, het eigen gedrag kan bijsturen EHBO-kaart: netwerk aanspreken Bekijk samen met de jongere bij wie hij/zij terecht kan als hij/zij het moeilijk heeft. Vraagt hij/zij hulp? Wat houdt hem/haar tegen dit te doen? Vul samen de EHBO-kaart (zie bijlage 12, p. 31) in. Ouder, wijzer zelf Vraag de jongere zich een positieve toekomst voor te stellen als hij/zij 10 jaar ouder is. Laat de jongere vanuit die leeftijd (10 jaar ouder) en gelukkig zijnde een brief schrijven aan de persoon die hij/zij nu is. Laat hem/haar vanuit de toekomst steun en raad geven. Werken rond veiligheid Bekijk met de jongere het veiligheidsplan van de ouders. Bekijk wat dit inhoudt voor hem/haar: wat vragen de ouders dat hij/zij doet, niet doet, Wat denkt de jongere daarover? Wat gaat hij/zij doen in geval van ruzie, dreigend geweld, geweld? Stimuleer in sterke mate de interactie met de ouders. Groepsbegeleiding In de literatuur vonden wij één groepsbegeleiding voor adolescenten rond het thema partnergeweld: als muren konden praten ontwikkeld door verschillende RIAGG s in Nederland 40

69 Werken met adolescenten04 Een groepsbegeleiding voor jongeren kan volgende doelen hebben: Bewust worden van de gevolgen van getuige zijn van geweld tussen ouders Bespreekbaar maken van gevoelens van schuld, schaamte, loyaliteitsconflicten Bevorderen van onderlinge steun Ontwikkelen van een sociaal netwerk Vergroten van een positief zelfbeeld Leren omgaan met eigen kwaadheid Aanleren van vaardigheden om met het geweld om te gaan Bij de groepssamenstelling is het belangrijk minderheidsposities qua leeftijd, geslacht, etniciteit, te voorkomen of, indien onvermijdelijk, er sterk rekening mee te houden bij de groepswerking. Het is van groot belang dat de jongere niet onder druk deelneemt aan deze groep: het moet zijn/haar eigen vrijwillige keuze zijn. De ideale groepsgrootte is 6 à 8 jongeren met 2 begeleiders. Voorzie mogelijkheid tot individuele begeleiding tussen de sessies indien een jongere daar nood zou aan hebben. Thema s die aan bod kunnen komen in de groepsbegeleiding: wat is geweld in relaties? het eigen verhaal gevolgen van het geweld gevoelens geheimhouding veiligheid zorggedrag zelfzorg netwerkvorming eigen kwaadheid Je kan de individuele methodieken aanpassen aan een groepsgebeuren of volgende specifieke groepsmethodieken gebruiken om te werken met jongeren rond geweld: What s up, what s down: Bekijken van de eigen stemming aan de hand van zonnen (zie bijlage) Elke jongere toont die zon die bij zijn stemming past en geeft een korte uitleg Fysieke oefening grenzen stellen: De helft van de deelnemers (A) gaat aan de ene kant van de ruimte staan, de andere helft (B) aan de andere kant. Iedere deelnemer staat tegenover een ander. Op een teken van de begeleider lopen de deelnemers van groep A naar degene die tegenover hen staat (B) tot deze stop roept omdat hij/zij te dicht komt. A loopt stevig door en probeert zo dicht mogelijk bij B te komen. Daarna worden de rollen omgedraaid. 41

70 Bespreek hoe het voelt als iemand over jouw grens gaat? Wat kun je eraan doen? Knoop ontwarren: In de ruimte gaan deelnemers in tweetallen willekeurig met een touw staan. Ieder houdt een einde van het touw vast. Dan gaat men door elkaar heen lopen, over mekaars touw heen, eronder door, tot een ingewikkeld kluwen ontstaat. Bespreek: een probleem kan een ingewikkelde knoop zijn: goed bekijken wat het probleem is helpt, bij het losmaken moet je kijken: wat hoort bij mij? wat hoort bij een ander? als ieder zijn verantwoordelijkheid voor zijn deel opneemt, geraak je eruit. Laat zonder woorden de groep proberen de knoop los te krijgen. Complimenten geven Bij het bespreken van het zelfbeeld kan het helpend zijn om groepsleden positieve eigenschappen van elkaar te laten benoemen. Dit kan bijv. via Het Kwaliteitenspel (informatie op Liedtekst maken Vanuit het verhaal en de emoties van elke deelnemer samen een songtekst maken over het effect van partnergeweld op jongeren. 42

71

72

73 BEGELEIDEN VAN KINDEREN/JONGEREN VANUIT DE BEGELEIDING VAN DE OUDER(S)

74

75 1. Vanuit de begeleiding van een slachtoffer Gezien de ernstige effecten van partnergeweld op kinderen en de ervaring dat slachtoffers door hun eigen problemen het effect op de kinderen moeilijk kunnen inschatten, pleiten we er sterk voor dat in elke begeleiding van een slachtoffer van partnergeweld: het effect van het geweld op de kinderen besproken wordt vanuit de begeleiding aangegeven wordt hoe de veiligheid van de kinderen moet bewaakt worden een eerste aanzet gegeven wordt voor de remediering van de gevolgen van het geweld op het emotioneel, cognitief en gedragsmatig functioneren van de kinderen bespreekbaar maken van de effecten op de kinderen Zo snel mogelijk (liefst bij het intakegesprek) tijdens het gesprek met de ouder(s) de positie van de kinderen in de ruzies en bij het geweld bevragen: Hoe reageert het kind als jullie ruzie hebben: trekt het zich terug? probeert het te sussen? vertoont het moeilijk gedrag? weent het kind? Betrek jij de kinderen in het conflict: vraag je hulp of steun? Betrekt jouw partner de kinderen in het conflict? Waar waren de kinderen toen het geweld zich voordeed? Hoe reageerden ze: zich terugtrekken, tussenkomen,? Sommige kinderen proberen te helpen? Zie je jouw kind helpen? Geraakt het kind soms fysiek betrokken in het conflict? Gedraagt het kind zich anders in de uren of dagen na het conflict? Spreek jij hier nadien nog over met het kind? Stelt het kind vragen? Hierbij aandacht voor de vraag: Het slachtoffer is in staat oog te hebben voor haar/zijn kinderen, ondanks de eigen moeilijke situatie. Heeft zij/hij oog voor signaalgedrag van de kinderen? Heeft zij/hij inzicht in de beleving van en gevolgen voor de kinderen? Zijn er veel schuldgevoelens naar de kinderen? Zijn er beschermende factoren aanwezig voor de kinderen? Uitleg over de gevolgen van het geweld op de kinderen 1. signaallijst 2. brochure Geweld in huis raakt kinderen 1.2. Veiligheidsplanning uitwerken met aandacht voor de kinderen Een uitgebreide uitleg over het werken met een slachtoffer rond veiligheid, vind je terug in het Methodisch Kader Partnergeweld of het boek Kans op Slagen (zie literatuurlijst). Hier beperken wij ons tot een korte samenvatting met specifieke aandacht voor de veiligheid van de kinderen. Een veiligheidsplan kan je opmaken aan de hand van de volgende vragen: 1. Wat zijn situaties die gevaar inhouden? 2. Wat kan ik beter niet doen in die situatie (wat werkt escalerend? ) 3. Wat kan ik doen om de spanning te doen dalen (wat werkt de-escalerend? ) 4. Wat ga ik doen als het begint mis te lopen: time-out -- wanneer? -- hoe? 5. Wat ga ik doen als het echt misloopt en geweld zich voordoet: vluchtplan? 6. Welke voorbereidingen moet ik hiervoor treffen? 1

76 De veiligheidsplanning rond de kinderen stelt hierbij de volgende bijvragen 1. Wat zijn situaties die gevaar inhouden? Hoe maak ik dat de kinderen zo weinig mogelijk betrokken zijn bij deze situaties? 2. Zie ik de kinderen soms gedrag vertonen (soms om te helpen) dat escalerend werkt? Hoe ga ik hen daarover aanspreken en uitleggen dit niet langer te doen, zonder hun het gevoel te geven dat zij medeverantwoordelijk zijn? 3. Zie ik de kinderen dingen doen om de spanning te laten dalen? Is dit niet te zwaar voor het kind? Toon ik appreciatie voor het helpend gedrag? Raakt het kind er niet mee in conflict met mijn partner? Hoe ga ik het kind aanspreken om bepaald kalmerend gedrag niet meer te stellen? Kan ik de kinderen, indien de spanning te hoog oploopt, naar een veilige plek brengen of sturen? Als ik zelf een time-out neem, wat doe ik met de kinderen? 4. Als ik moet vluchten, hoe zorg ik dat de kinderen veilig zijn? 5. Welke voorbereidingen moet ik hiervoor treffen? In bijlage 14, p. 35 vind je een veiligheidskaart die je hierbij kan gebruiken Hulpbronnen opzoeken en aanspreken Vaak blijkt uit de veiligheidsplanning dat het slachtoffer niet alleen of onvoldoende kan instaan voor haar/ zijn eigen veiligheid en die van de kinderen. Op dat ogenblik kan de pleger aangesproken worden om haar/zijn verantwoordelijkheid te nemen, (zie 1.4.) of aan derden kan gevraagd worden mee de veiligheid van de kinderen te bewaken. Een vriendin die in de straat woont, kan de kinderen opvangen als er ruzie is. Een buurvrouw die de politie belt als ze hoort schreeuwen. Een zorgleerkracht waar het kind hulp zoekt als het ongerust is. inventariseren van mogelijke hulpbronnen in de omgeving hulpbronnen van het slachtoffer om steun vragen: -- door het slachtoffer zelf -- door de hulpverlener indien nodig hulpbronnen van het kind om steun vragen -- door het slachtoffer -- door de hulpverlener indien nodig afspraken vastleggen 1.4. De pleger aanspreken op zijn/haar verantwoordelijkheid Slachtoffers schatten de slaagkans om de pleger te betrekken bij de hulpverlening, vaak laag in. De ervaring leert echter dat een positief geformuleerde, laagdrempelige en aanklampende uitnodiging aan de pleger om deel te nemen aan het hulpverleningsproces, vaak positief onthaald wordt. Voor uitgebreidere uitleg over deze werkwijze verwijzen wij u naar Aan de slag! en het boek Kans op slagen. (zie Literatuurlijst) Motiveer het slachtoffer om de pleger te mogen uitnodigen. Maak een analyse van de kansen en risico s van uitnodigen of niet uitnodigen. Laat de partner uitnodigen door de cliënt zelf of doe het als hulpverlener zelf. Maak het geweld bespreekbaar. Geef de pleger uitleg over de gevolgen van het geweld op de kinderen. Met de pleger werk je aan het nemen van verantwoordelijkheid van de kinderen. Werk een veiligheidsplan uit. Mobiliseer hulpbronnen. 2

77 Vanuit de begeleiding van een slachtoffer Mediatiebegeleiding: via het slachtoffer de effecten van het geweld op de kinderen verminderen Als het slachtoffer zicht heeft op de effecten van het geweld op de kinderen en de veiligheid gegarandeerd is, dan kan bekeken worden hoe het kind bij het verwerkingsproces geholpen kan worden. Soms is het aangewezen dat het kind een eigen begeleiding krijgt (zie punt 1.6.). Een alternatief is om via informatie, advies en coaching de ouder de kans te geven zijn/haar kind te helpen bij het verwerken van het geweld. Op dat moment geef je een specifieke vorm van opvoedingsondersteuning nl hoe pas je als ouder je aandacht en zorg aan, zodat je kind dit trauma kan verwerken?. Indien de opvoeding in het algemeen problematisch is, kan het nodig zijn de ouder te motiveren hier specifieke hulp voor te aanvaarden. Mediatiebegeleiding in de context van partnergeweld, kan een antwoord bieden op volgende opvoedingsvragen: Hoe de gevoelens van het kind herkennen? Hoe praten met het kind over het geweld? Hoe gevoelens bespreken met het kind? Hoe het zorggedrag van het kind bespreken en bijsturen? Hoe omgaan met probleemgedrag van het kind? Hoe omgaan met en bijsturen van agressie van het kind? Hoe opnieuw positieve relatiemomenten opbouwen met mijn kind? Hoe omgaan met slaapproblemen van het kind? In bijlage 15, p 39 vind je concrete methodieken om met de ouder rond deze vragen aan de slag te gaan Wanneer de kinderen/jongeren betrekken bij de begeleiding? Men kan er als CAW voor kiezen om in alle dossiers van partnergeweld de ouders aan te sporen hun kind(eren) te laten begeleiden, om de effecten van het geweld te onderzoeken en zo nodig te verhelpen. Dit betekent dan dat het CAW alle kinderen uitnodigt voor een gesprek waarin: Het kind uitleg krijgt over de begeleiding van de ouders Het kind uitleg krijgt over een mogelijke begeleiding van hem / haar De ruzies en het geweld besproken worden De gevolgen van de ruzies en het geweld op het kind bekeken wordt Het kind beslist of het verdere begeleiding wenst of niet Zoals eerder vermeld, vinden wij het zeer belangrijk dat elk kind dat bij een gesprek aanwezig is, er ook echt bij betrokken wordt en dat patronen van parentificatie en coalitievorming niet door de begeleiding bevestigd worden. In de volgende situaties achten wij het aangewezen dat kinderen betrokken worden bij de begeleiding: De ouder blijft ondanks psycho-educatie aangeven dat het kind niet geleden heeft (of lijdt) onder het geweld en je vermoedt sterk dat dit wel het geval is. De ouder benoemt ernstig symptoomgedrag bij het kind, zoals bedplassen, automutilatie, agressie e.d. Coaching van de ouder is onvoldoende om dit gedrag te verhelpen. Het kind komt sterk tussen bij ruzies en geweldincidenten en dient zodoende betrokken te worden bij de veiligheidsplanning. De ouder(s) zijn door hun persoonlijke problematiek of gebrek aan draagkracht (nog) niet in staat om het kind de nodige erkenning en zorg te geven. 3

78 Om het kind te kunnen betrekken, dient de ouder gemotiveerd te zijn. Zorg voor een laagdrempelig aanbod. Werk met duidelijke doelstellingen, bv. het bekijken van de gevoelens, gedachten en gedragingen van het kind aangaande de ruzies en het geweld. Het bekomen van informatie over de thuissituatie via het kind is geen goede doelstelling. Indien je je ernstig zorgen maakt over het welzijn van het kind en de ouder een gesprek met het kind niet toestaat, kan je met je team overleggen en indien nodig met het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling.. 4

79 2. Vanuit de begeleiding van een pleger Gezien de ernstige effecten van partnergeweld op kinderen en de ervaring dat een ouder door zijn/haar eigen problemen het effect op de kinderen moeilijk kan inschatten, pleiten we er sterk voor dat in elke begeleiding binnen het CAW van een pleger van partnergeweld: -- het effect van het geweld op de kinderen besproken wordt -- vanuit de begeleiding aangegeven wordt hoe de veiligheid van de kinderen moet bewaakt worden -- een eerste aanzet gegeven wordt voor de remediering van de gevolgen van het geweld op het emotioneel, cognitief en gedragsmatig functioneren van de kinderen Bespreekbaar maken van de effecten op de kinderen Zo snel mogelijk (liefst bij het intakegesprek) de positie van de kinderen in de ruzies en bij het geweld bevragen. Vraag hoe het kind reageert bij ruzie, trekt het zich terug? Probeert het te sussen? Vertoont het moeilijk gedrag? Weent het kind? Betrekt de ouder (of de ouders) het kind (of de kinderen) in het conflict? Vraagt één van de ouders (of beiden) hulp of steun? Waar waren de kinderen toen het geweld zich voordeed? Sommige kinderen proberen te helpen. Is dat bij deze cliënt(en) zo? Geraakt het kind soms betrokken in het conflict? Gedraagt het zich anders in de uren of dagen na het conflict? Wordt er nadien met het kind over gesproken, of stelt het kind zelf vragen? Hoe reageren de ouders als de kinderen verwijzen naar het geweld? Heb hierbij aandacht voor de volgende vragen: is pleger in staat oog te hebben voor zijn/haar kinderen? heeft hij/zij oog voor signaalgedrag van de kinderen? heeft hij/zij inzicht in de beleving van en de gevolgen voor de kinderen? neemt hij /zij verantwoordelijkheid voor de gevolgen op de kinderen? zijn er beschermende factoren aanwezig voor de kinderen? 2.2. De pleger uitnodigen tot en begeleiden bij het verantwoordelijkheid nemen voor het geweld en de effecten op de kinderen Plegers hebben vaak moeite met het nemen van de verantwoordelijkheid vanuit schaamte: hij/zij wil een goede ouder zijn en ziet zich sterk falen. Die schaamte wordt vaak vermeden door verantwoordelijkheid af te schuiven op het slachtoffer ( die heeft mij zo ver gedreven ) en op de kinderen ( ik zeg ook al zoveel keren dat ze zich niet moeten moeien ). Een pleger zal gemakkelijker verantwoordelijkheid op zich nemen als je hem/haar erkent in zijn goede bedoelingen als partner en ouder. Die erkenning kan als basis dienen om het concrete gedrag en het effect op de andere betrokkenen te duiden en maakt dat hij/zij deze effecten beter kan zien. De boodschap wordt dan: Ik weet dat het uw bedoeling niet was, maar uw gedrag heeft dit teweeg gebracht bij uw kinderen kan u dit zien en vooral kan ik u als goede ouder aanspreken om dit met mijn hulp weer recht te zetten? 2.3. Veiligheidsplanning uitwerken met aandacht voor de kinderen Een uitgebreide uitleg over het werken met een pleger rond veiligheid, vindt u terug in het Aan de slag! of het boek Kans op Slagen (zie literatuurlijst). Hier beperken wij ons tot een korte samenvatting met specifieke aandacht voor de veiligheid van de kinderen. Een veiligheidsplan kan je opmaken aan de hand van de volgende vragen: 1. Wat zijn situaties die gevaar inhouden? 2. Wat kan ik beter niet doen in die situatie (wat werkt escalerend? ) 3. Wat kan ik doen om de spanning te doen dalen (wat werkt de-escalerend? ) 5

80 4. Wat ga ik doen als het begint mis te lopen: time-out -- wanneer? -- hoe? 5. Wat ga ik doen als het echt misloopt en geweld zich voordoet: vluchtplan? 6. Welke voorbereidingen moet ik hiervoor treffen? De veiligheidsplanning rond de kinderen stelt hierbij de volgende bijvragen: 1. Wat zijn situaties die gevaar inhouden? Hoe maak ik dat de kinderen zo weinig mogelijk betrokken zijn bij deze situaties? 2. Zie ik de kinderen soms gedrag vertonen (soms om te helpen) dat escalerend werkt? Hoe ga ik hen daarover aanspreken en uitleggen dit niet langer te doen, zonder hun het gevoel te geven dat zij medeverantwoordelijk zijn? 3. Zie ik de kinderen dingen doen om de spanning te laten dalen? Is dit niet te zwaar voor het kind? Toon ik appreciatie voor het helpend gedrag? Raakt het kind er niet mee in conflict met mijn partner? Hoe ga ik het kind aanspreken om bepaald kalmerend gedrag niet meer te stellen? Kan ik de kinderen indien de spanning te hoog oploopt naar een veilige plek brengen of sturen? Als ik zelf een time-out neem, wat doe ik met de kinderen? 4. Als ik moet vluchten, hoe zorg ik dat de kinderen veilig zijn? 5. Welke voorbereidingen moet ik hiervoor treffen? In bijlage 14, p. 35 vind je een veiligheidskaart die je hierbij kunt gebruiken hulpbronnen opzoeken en aanspreken Indien je een pleger individueel begeleidt, kan blijken uit de veiligheidsplanning dat hij/zij alleen, niet of onvoldoende, kan instaan voor de veiligheid van de kinderen. Op dat ogenblik kan de partner aangesproken worden om samen te zoeken naar mogelijke oplossingen, of anderen in de omgeving gevraagd worden mee de veiligheid van de kinderen te bewaken. De grootmoeder vragen op de kinderen te passen om een conflict te kunnen uitpraten met de partner. Het kind de toestemming geven naar zijn/haar tante te bellen als het ongerust is over de ruzie. Inventariseer de mogelijke hulpbronnen in de omgeving Hulpbronnen van de pleger om steun vragen door de pleger zelf, zoniet door de hulpverlener indien nodig Hulpbronnen van het kind om steun vragen door het kind of door de hulpverlener indien nodig Afspraken vastleggen 2.5. Mediatiebegeleiding: via de pleger de effecten van het geweld op de kinderen verminderen Hoe de gevoelens van het kind herkennen & bespreken? Hoe praten met het kind over het geweld? Hoe het zorggedrag van het kind bespreken en bijsturen? Hoe omgaan met probleemgedrag, slaapproblemen of agressie,... van het kind? Hoe weer positieve relatiemomenten opbouwen met mijn kind? In de bijlagen 15, p 39 vind je de concrete methodieken om hiermee met de pleger aan de slag te gaan. 6

81 Vanuit de begeleiding van een pleger Wanneer de kinderen/jongeren betrekken in de begeleiding? Men kan er als CAW voor kiezen om in alle dossiers van partnergeweld de ouders aan te sporen hun kind(eren) te laten begeleiden, om de effecten van het geweld te onderzoeken en zo nodig te verhelpen. Dit betekent dan dat het CAW alle kinderen uitnodigt voor een gesprek waarin: het kind uitleg krijgt over de begeleiding van de ouders het kind uitleg krijgt over een mogelijke begeleiding van hem / haar he ruzies en het geweld besproken worden he gevolgen van de ruzies en het geweld op het kind bekeken wordt het kind beslist of het verdere begeleiding wenst of niet Zoals eerder vermeld, vinden wij het zeer belangrijk dat elk kind dat bij een gesprek aanwezig is, er ook echt bij betrokken wordt en dat patronen van parentificatie en coalitievorming niet door de begeleiding bevestigd worden. Wij achten het aangewezen dat kinderen betrokken worden bij de begeleiding indien: de ouder - ondanks psycho-educatie - blijft aangeven dat het kind niet geleden heeft (of lijdt) onder het geweld en je sterk vermoedt dat dit wel het geval is. de ouder ernstig symptoomgedrag bij het kind benoemt, zoals bedplassen, automutilatie, agressie, ed. en coaching van de ouder onvoldoende is om dit gedrag te verhelpen. het kind sterk tussenkomt bij ruzies en geweldincidenten en zodoende dient betrokken te worden bij de veiligheidsplanning de ouder door persoonlijke problematiek of gebrek aan draagkracht (nog) niet in staat is tot het geven van de nodige erkenning en zorg aan het kind 7

82 Om het kind te kunnen betrekken, dient de ouder gemotiveerd te zijn. Zorg dat het aanbod laagdrempelig is: dezelfde hulpverlening, geen extra verplaatsing, huisbezoek, de doelstellingen duidelijk zijn, bijv. niet het bekomen van informatie over de thuissituatie via het kind, maar het bekijken van de gevoelens, gedachten en gedragingen van het kind aangaande de ruzies en het geweld. Indien je je ernstig zorgen maakt over het welzijn van het kind, en de ouder een gesprek met het kind niet toestaat, kan je overleggen met het team en indien nodig met het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling. 8

83 3. Vanuit de begeleiding van een koppel 3.1. Bespreekbaar maken van de effecten op de kinderen Zo snel mogelijk (liefst bij het intakegesprek) de positie van de kinderen in de ruzies en bij het geweld bevragen: waar waren de kinderen? hoe reageerden ze? proberen sommige kinderen te helpen? zie je jouw kind helpen? geraakt het kind soms fysiek betrokken in het conflict? gedraagt het kind zich anders in de uren of dagen na het conflict? spreken jullie nadien hier nog over met het kind? stelt het kind vragen? Het is belangrijk hierbij aandacht te hebben voor: voorkom schaamte bij de pleger door te focussen op zijn/haar gedrag en het effect van dit gedrag, zonder hem/ haar als persoon aan te vallen en erken hem/haar in zijn/haar wens een goede ouder te zijn. Wanneer je merkt dat het onderwerp kinderen en het effect op de kinderen leidt tot conflicten tussen het koppel, bespreek je dit in een individueel gesprek met het slachtoffer en in een individueel gesprek met de pleger. Zo kan je vaak makkelijker personen zover krijgen dat ze verantwoordelijkheid nemen voor hun aandeel De pleger uitnodigen tot en begeleiden in het verantwoordelijkheid op zich nemen voor het geweld en de effecten op zijn partner en kinderen Plegers hebben vaak moeite met het nemen van de verantwoordelijkheid vanuit schaamte: hij/zij wil een goede ouder zijn en ziet zich sterk falen. Die schaamte wordt vaak vermeden door verantwoordelijkheid af te schuiven op het slachtoffer ( die heeft mij zo ver gedreven ) en op de kinderen ( ik zeg ook al zoveel keren dat ze zich niet moeten moeien ). Een pleger zal gemakkelijker verantwoordelijkheid op zich nemen als je hem/haar erkent in zijn goede bedoelingen als partner en ouder. Die erkenning kan als basis dienen om het concrete gedrag en het effect op de andere betrokkenen te duiden en maakt dat hij/zij deze effecten beter kan zien. De boodschap wordt dan: Ik weet dat het uw bedoeling niet was, maar uw gedrag heeft dit teweeggebracht bij uw kinderen kan u dit zien en vooral kan ik u als goede ouder aanspreken om dit met mijn hulp weer recht te zetten? 3.3. Veiligheidsplanning uitwerken: Wat zijn situaties die gevaar inhouden? Hoe kunnen wij de kinderen zo weinig mogelijk betrekken bij deze situaties? Zien we de kinderen soms gedrag vertonen (soms om mij of mijn partner te helpen) dat escalerend werkt? Hoe gaan wij anders denken over en omgaan met dit gedrag? Hoe gaan we hen hierover aanspreken en aansporen dit niet langer te doen en een positief alternatief gedrag voorstellen? Zien we de kinderen gedrag stellen om de spanning te doen dalen? Is dit niet te zwaar voor het kind? Toon ik appreciatie voor het helpend gedrag of bestraf ik het met kwaadheid? Hoe ga ik het kind aanspreken om bepaald gedrag niet meer te stellen en wat ga ik zelf proberen om de spanning te doen dalen? Hoe gaan we een time-out organiseren zodat de kinderen veilig zijn en niet angstig achter blijven? Indien geweld zich toch voordoet: hoe gaat de veiligheid van de kinderen bij het vluchten gegarandeerd worden (door het slachtoffer)? Hoe gaat deze vlucht in het belang van het kind toegestaan worden (door de pleger) en hoe wordt het contact weer hersteld (door beiden)? Wat moet ik hiervoor voorbereiden? 9

84 3.4. Hulpbronnen opzoeken en aanspreken inventariseren van mogelijke hulpbronnen in de omgeving hulpbronnen van slachtoffer om steun vragen hulpbronnen van pleger om steun vragen hulpbronnen van kind om steun vragen afspraken vastleggen 3.5. Mediatiebegeleiding: via de ouders de effecten van het geweld op de kinderen verminderen Zie mediatiebegeleiding bij slachtoffer en pleger 3.6. Wanneer de kinderen/jongeren betrekken in de begeleiding? Het CAW kan er voor kiezen om in alle dossiers van partnergeweld de ouders aan te sporen hun kind(eren) te laten begeleiden, om de effecten van het geweld te onderzoeken en zo nodig te verhelpen. Dit betekent dan dat het CAW alle kinderen uitnodigt voor een gesprek waarin: het kind uitleg krijgt over de begeleiding van de ouders het kind uitleg krijgt over een mogelijke begeleiding van hem / haar de ruzies en het geweld besproken worden de gevolgen van de ruzies en het geweld op het kind bekeken wordt het kind beslist of het verdere begeleiding wenst of niet Zoals eerder vermeld, vinden wij het zeer belangrijk dat elk kind dat bij een gesprek aanwezig is, er ook echt bij betrokken wordt en dat patronen van parentificatie en coalitievorming niet door de begeleiding bevestigd worden. In de volgende situaties achten wij het aangewezen dat kinderen betrokken worden bij de begeleiding. De ouder blijft ondanks psycho-educatie aangeven dat het kind niet geleden heeft (of lijdt) onder het geweld en je vermoedt sterk dat dit wel het geval is. De ouder benoemt ernstig symptoomgedrag bij het kind, zoals bedplassen, automutilatie, agressie e.d. Coaching van de ouder is onvoldoende om dit gedrag te verhelpen. Het kind komt sterk tussen bij ruzies en geweldincidenten en dient zodoende betrokken te worden bij de veiligheidsplanning. De ouder(s) zijn door hun persoonlijke problematiek of gebrek aan draagkracht (nog) niet in staat om het kind de nodige erkenning en zorg te geven. Om het kind te kunnen betrekken, dient de ouder gemotiveerd te zijn. Zorg voor een laagdrempelig aanbod. Werk met duidelijke doelstellingen, bv. het bekijken van de gevoelens, gedachten en gedragingen van het kind aangaande de ruzies en het geweld. Het bekomen van informatie over de thuissituatie via het kind is geen goede doelstelling. Indien je je ernstig zorgen maakt over het welzijn van het kind en de ouder een gesprek met het kind niet toestaat, kan je met je team overleggen en, indien nodig, met het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling. 10

85 4. Concrete methodieken om te werken met ouders Brochure: Geweld in huis raakt kinderen Signaallijst voor ouders van jonge kinderen Signaallijst voor ouders van lagereschoolkinderen Signaallijst voor ouders van adolescenten Veiligheidskaart met specifieke aandacht voor de kinderen Gevoelens bij kinderen. Informatieblad Praten met je kind over het geweld. Informatieblad Ouders zorgen voor kinderen kinderen zorgen voor ouders Algemene tips in omgaan met probleemgedrag van je kind Ideeën om kinderen/jongeren te helpen bij het aanpakken van hun woede Je kind leren veilig boos zijn (zie veilig boos zijn ) Tijd voor mijn kind. Makkelijker gezegd dan gedaan. Alleen slapen 11

86 12

87 5. Groepsbegeleiding voor ouders Er zijn verschillende groepsbegeleidingen uitgewerkt voor ouders waarvan de kinderen getuige waren van partnergeweld: Let op de kleintjes, Horizon, Moeder-kindcursus. Bij al deze cursussen loopt de oudergroep parallel met een kindergroep of jongerengroep, of worden er sessies voorzien waarbij met kinderen en ouders samen gewerkt wordt Randvoorwaarden en methodische aspecten Binnen een CAW kan het groepsaanbod voor ouders rond kinderen als getuige van partnergeweld verschillende vormen aannemen: een groepsaanbod voor slachtoffers gekoppeld aan een kindergroep een groepsaanbod voor ouders (zonder onderscheid tussen slachtoffer en pleger) gekoppeld aan een kindergroep een aanbod rond kinderen als getuige binnen een bestaande groep voor plegers een aanbod rond kinderen als getuige binnen een bestaande groep voor slachtoffers een aanbod rond kinderen als getuige binnen een residentiële werking Het voordeel van een groepswerking is dat: ook thema s bespreekbaar gesteld worden waar de ouder (nog) geen hulpvraag rond had de uitwisseling binnen de groep de individuele deelnemer helpt een beter inzicht te krijgen in het eigen functioneren en dat van het kind de wederzijdse steun helpt om veranderingen door te voeren In deel 2 zijn we dieper ingegaan op het groepsaanbod voor kinderen. Bij een groepsaanbod is de doelbepaling van essentieel belang: wat wil je bereiken met je groepsaanbod voor ouders over kinderen als getuige van partnergeweld? Mogelijke doelen zijn: preventie van verwerkingsproblemen bij de kinderen verminderen van de verwerkingsproblemen bij de kinderen vergroten van het inzicht in de gevolgen van het geweld op de kinderen aanleren van vaardigheden in het bespreken van het geweld met de kinderen aanleren van vaardigheden in omgaan met de gevolgen van het geweld op de kinderen herstellen van vertrouwen tussen ouder en kind Afhankelijk van jouw doelbepaling en werksetting maak je keuzes rond de groepssamenstelling. Mogelijkheden rond groepssamenstelling zijn: een moedergroep / slachtoffergroep een moedergroep waarbij ook vrouwen toegelaten worden waarbij het onderscheid slachtoffer/pleger niet zo duidelijk was een gemengde (mannen-vrouwen) slachtoffergroep een vadergroep / plegergroep een gemengde (mannen-vrouwen) plegergroep een gemengde oudergroep waarbij slachtoffers / plegers deelnemen bij alle voorgaande groepen 1. de deelnemers zijn nog samen met hun partner 2. de deelnemers zijn alleenstaand een oudergroep waarbij beide partners deelnemen 13

88 bij een gemengde groep de verhouding slachtoffers plegers is min of meer in evenwicht d.w.z. er is niet één groep opmerkelijk in de minderheid de verhouding mannen vrouwen is min of meer in evenwicht d.w.z. er is niet één groep opmerkelijk in de minderheid Het is belangrijk rekening te houden met het feit dat de opsplitsing slachtoffer-pleger vaak niet zo eenvoudig is en zeker niet samenvalt met de splitsing man-vrouw. Binnen het CAW vertrekken we bij individuele - en koppelbegeleidingen van een systeemgerichte visie, waarbij elke partner aangesproken wordt op het nemen van zijn eigen verantwoordelijkheden. Ook in de groepsbegeleiding zal deze visie zijn invloed hebben: de setting (vrouwenopvang mannenopvang) kan een uniseks-groepssamenstelling noodzakelijk maken. In andere gevallen zal de groep openstaan voor vrouwen en mannen tenzij er uitzonderlijke argumenten zijn om dit niet te doen. Om een oudergroep rond kinderen als getuige goed te laten werken is het van belang dat: de deelnemers in individuele - of koppelbegeleiding inzicht verworven hebben in woede / geweld / relatiepatronen en vaardigheden aangeleerd hebben om het geweld te stoppen de infrastructuur voorzien is op een groepswerking: vooral voldoende ruimte voor kringgesprekken en inoefensessies er minimaal 2 begeleiders zijn om het groepsproces te begeleiden er een doorverwijs- of samenwerkingsverband is met hulpverlening voor het slachtoffer of de pleger. Zo kan de groepsdeelnemer snel en naadloos doorverwezen worden indien dit in de groepssessies nodig blijkt. De intakeprocedure zal van groot belang zijn om te bepalen of een deelnemer in een bepaalde groep past en of de groepswerking aangepast dient te worden aan de specifieke noden van de deelnemers De inhoud van een groepsbegeleiding van ouders hangt af van de doelbepaling en groepssamenstelling Belangrijke thema s zijn: kennismaking en groepsafspraken veiligheid in het algemeen en die van de kinderen in het bijzonder gevolgen van geweld op jezelf en je ouderschap gevolgen van geweld op de kinderen wat het kind heeft gemerkt van het geweld gevoelens van het kind praten met het kind over het geweld problemen van het kind detecteren problemen van het kind verhelpen opbouw van positieve relatiemomenten met het kind Bij groepen waarbij de ouder alleenstaand is, kunnen de volgende thema s ook aan bod komen: hoe om te gaan met de andere ouder: gedeeld ouderschap, bezoekregeling, netwerkvorming Je kan voor de oudergroep volgende methodieken gebruiken. 14

89 Groepsbegeleiding voor ouders05 Afspraken maken rond de samenwerking Voor een goede samenwerking zijn een aantal basisregels belangrijk. In de eerste sessie is het goed deze afspraken toe te lichten en het belang ervan te onderstrepen. Kennismaking Voorstellingsrondje: iedereen stelt zichzelf in het kort voor met een korte schets van de reden waarom ze deelnemen aan de groep. Interview per 2: de deelnemers gaan per 2 zitten en stellen elkaar gedurende 5 minuten vragen om mekaar beter te leren kennen, daarna wordt doorgeschoven tot iedereen mekaar leerde kennen. Veiligheidsplanning met bijzondere aandacht voor de kinderen De verschillende stappen van het veiligheidsplan (zie bijlage) worden met de groep overlopen en op de flapover of het bord geïnventariseerd. Elke deelnemer vult zijn/haar eigen veiligheidsplan in en vraagt hulp aan de groep waar nodig. Gevolgen van het geweld op jezelf en je ouderschap: posttraumatische stress Deze methodiek kan je gebruiken bij een slachtoffergroep of gemengde groep (slachtoffers/plegers). Geef uitleg over posttraumatische stress en de symptomen ervan. In de bijlage vindt u een informatieblad. Bekijk welke gevolgen de deelnemers herkennen bij zichzelf en erken hun moeilijkheden. Bekijk hoe deze gevolgen hun ouder zijn bepaalt. Vermijd schuldgevoelens door te benadrukken hoe normaal deze reacties zijn. Bekijk hoe zij deze gevolgen kunnen omkeren en haal hieruit een aandachtspunt voor de komende week. Ouders zorgen voor kinderen / kinderen zorgen voor ouders Leg uit dat kinderen zorg krijgen maar ook zorg geven (zie bijlage) Bekijk in de groep hoe kinderen zorg krijgen en zorg dragen Bekijk hoe het zorg dragen soms bepaald wordt door de problemen Bespreek of de kinderen waardering krijgen voor de zorg die ze geven en of ze het geven van deze zorg wel kunnen dragen. Gevolgen van het geweld op de kinderen Wat heeft mijn kind meegemaakt van het geweld? Laat de ouders individueel het blad invullen (zie bijlage). Laat ze per 2 gaan samenzitten om te bespreken wat het kind meemaakte. Geef de opdracht elkaar te ondersteunen om zo te achterhalen hoe het geweld voor het kind was. Signaallijst (zie bijlage) overlopen en bespreken in groep, iedereen vult nadien een lijst in voor zijn kind(eren). Gevoelens bij kinderen Bespreek hoe kinderen omgaan met gevoelens (zie bijlagen Informatieblad). Bespreek hoe de deelnemers bij hun kind(eren) zien dat ze boos, verdrietig, bang of blij zijn. Laat ieder het invulblad invullen. Praten met je kind over het geweld Vraag of er deelnemers zijn die reeds een gesprek hadden met hun kind over het geweld. Laat vertellen hoe dit ging. Schrijf op in 2 kolommen: dingen die een gesprek gemakkelijker maken, dingen die een gesprek moeilijker maken. Geef algemeen advies (zie bijlage informatieblad). Laat de ouders per 2 inoefenen waarbij de ouder de rol van zijn/haar eigen kind speelt en de andere deelnemer in de 15

90 ouderrol gaat. Bespreek in de grote groep vanuit de eigen beleving van het rollenspel hoe een gesprek met het kind vergemakkelijkt kan worden. Algemene tips in omgaan met probleemgedrag van het kind Inventariseer waar de kinderen van de deelnemers het moeilijk mee hebben. Je kan hierbij verwijzen naar de signaallijst. Selecteer één probleem dat bij verschillende deelnemers voorkomt als voorbeeld om de tips (zie bijlage) uit te leggen. Overloop de tips en pas ze toe op het probleem. Laat ruimte voor vragen rond aanpak van specifieke problemen. Je kan hierbij ook gebruik maken van de tips rond aanpak van kwaadheid, slaapproblemen, (zie bijlage). Opbouwen van positieve relatiemomenten met je kind Bespreek hoe de relatie met het kind bepaald wordt door het geweld (zie ook d. en e.). Bekijk met de groep: hoe en wanneer besteed ik tijd aan mijn kind? Wat belemmert me om tijd te maken met mijn kind? Maak een inventaris van wat de ouders leuk vinden om te doen met hun kinderen. Maak ook een inventaris van wat de kinderen leuk vinden om te doen. Laat elke deelnemer een planning maken wat hij/zij in de komende tijd zal doen om met het kind een aangename tijd te hebben (zie blaadje in bijlage: tijd voor mijn kind). Omgaan met de andere ouder (gedeeld ouderschap, bezoekregeling, ) Als ouders uit elkaar zijn, is de omgang met de andere ouder een belangrijk thema in de zorg voor het kind. Loyaliteit bij de kinderen en het onderscheid tussen partnerschap en ouderschap kan, bij partners die na geweld uit elkaar gingen, extra gevoelig liggen. Bespreek in groep hoe het ouderschap bij de verschillende deelnemers geregeld is sinds de scheiding. Bekijk wat goed loopt en wat moeilijker loopt in het gezamenlijk ouderschap. Geef erkenning voor de moeilijkheden van gedeeld ouderschap, maar benadruk het belang voor het kind. Meer informatie over echtscheiding en ouderschap vindt u op en www. klasse.be. Netwerkvorming Als ouders er alleen voor staan, kan blijken dat de zorg voor de kinderen moeilijk alleen te dragen is. Laat elk een inventaris maken van zijn eigen netwerk. Bekijk in de groep: bij wie kan jij terecht voor steun? Bij wie kan je extra steun vragen? Hoe bouw je nieuwe contacten op? 5.3. Als de oudergroep gekoppeld is aan een kindergroep is het mogelijk met ouder en kind samen te werken De oudergroep en kindergroep werken in het begin van de bijeenkomst parallel rond hetzelfde thema, om er vervolgens samen rond te werken. Gezamelijke ouder-kind momenten vragen wel dat de kinderen van de deelnemers ongeveer dezelfde leeftijd hebben of dat er genoeg begeleiders zijn om te splitsen per leeftijdscategorie. Gezamelijke ouder-kind activiteiten kunnen zijn: 16

91 Groepsbegeleiding voor ouders05 Kennismaking Samen maken van een zelfportret van het kind (zie bijlage) In de kring stelt de ouder het kind voor aan de groep aan de hand van dit zelfportret. Balspel: de ouders en kinderen zitten in een kring: de bal wordt gegooid van de één naar de ander, degene die gooit zegt zijn naam en iets over zichzelf bijv. ik ben Joke, ik ben 9 jaar of ik ben Karel, ik voetbal graag. De ouders doen mee met het spel en helpen hun kind om iets te bedenken over zichzelf, als ze het daar moeilijk mee hebben. Samen zingen van het lied waarbij telkens één kind uitgenodigd wordt om een buiging te maken We maken een kringetje Van jongens en van meisjes We maken een kringetje Van tralala (naam van een kind) maakt een buiging. (naam van een kind) maakt een buiging We maken een kringetje Van tralala Veiligheidsplanning met bijzondere aandacht voor de kinderen Vertel verhaal beschermen (Mijn tweede VanDale, voorleeswoordenboek), leg uit dat beschermen is zorgen dat niets je pijn kan doen, laat de ouder (op basis van het veiligheidsplan) aan het kind vertellen hoe hij/zij het kind vanaf nu wil beschermen tegen ruzie en geweld. Vertel verhaal De blauwe stoel, de ruziestoel (Imme Dros, 1998, Querido.), leg uit dat het meisje bij ruzie naar een veilige plek gaat, laat de ouder samen met het kind kijken waar een veilige plek is voor het kind of hoe veiligheid anders zal geregeld worden (veiligheidsplan). Aanvulling: ook mensen kunnen als een knusse zetel zijn, laat de ouder op de grond, een stoel of bank zitten. Het kind mag de ouder in model zetten als een zetel, versieren met doeken, lakens, ed. en dan op de ouder-zetel wegkruipen en knuffelen. Gevolgen van het geweld op jezelf en je ouderschap Opbouwen van positieve relatiemomenten met je kind Verwenbokaal maken: ouder en kind beschilderen samen een bokaal met glasverf. In de bokaal gaan kaartjes met leuke dingen om samen te doen. Thuis kan de ouder regelmatig een kaartje trekken en die activiteit samen met het kind doen. Dank-u-wel-brievenbus: uit een kartonnen doos maken ouder en kind samen een brievenbus. In deze bus gaan complimentbriefjes van de ouder naar het kind voor de gegeven zorg. Samen zingen: Gezelschapspellen-uitleendienst: gezelschapsspelletjes met korte speeltijd om tijdens de sessies te spelen maar ook om uit te lenen om thuis te spelen. 17

92 Gevolgen van het geweld op de kinderen Praten met je kind over het geweld Het kind bereidt met de begeleiders van zijn groep zijn/haar verhaal voor. Dit kan aan de hand van een tekening, powerpoint, stripverhaal, (zie deel 2 hoofdsukken 2 en 3). Het kind vertelt het verhaal aan de ouder en deze let erop het kind erkenning te geven en schuldgevoelens bij het kind te neutraliseren. De begeleiders zijn alert om bij te springen indien nodig. Ik heb gezien, gehoord, gevoeld: het kind gaat op een groot blad liggen en de ouder tekent zijn/haar omtrek. De ogen, oren, mond worden getekend. Samen schrijven ouder en kind: bij de oren wat het kind hoorde, bij de ogen wat het kind zag, bij de andere lichaamsdelen wat het kind deed. De ouder geeft erkenning en spreekt schuldgevoel tegen. Gevoelens bij kinderen Gevoelens uitbeelden en raden Ouders en kinderen worden in groepjes verdeeld (max. drie paren samen), één groepslid trekt een kaartje en beeldt het gevoel uit en de anderen moeten raden, voor elk juist geraden gevoel krijgt de groep 1 punt. Gevoelskaartjes (zie bijlage). Gevoelenspotje maken Ouders en kinderen maken samen met klei een potje met een dekseltje. In het potje gaan knikkers, voor elk gevoel één kleur. Ouder en kind bekijken dan samen welk gevoel naar boven komt in verschillende situaties. Er wordt uitgelegd dat 1 situatie ook verschillende gevoelens tegelijk kan oproepen Andere methodieken: zie deel 2 hoofdstuk 2 en 3. 18

93

94

95 bijlagen

96

97 1. Spiegel knutselen/zelfportret Opdracht: foto plakken in spiegel Zelfportret Bijlage 1 - pag. 1/1 1

98 Kleurplaat Bijlage 2 - pag. 1/2

99 2. Kikkerouders en kikkerjonkies Huiswerkopdracht moeders bijeenkomst 3, kikker-handpoppen Uit U.Barf, Wat doen we vandaag? Creatief met peuters en kleuters Trek de sok over één hand. Houd de duim omlaag. Maak met de andere vingers een bek die open en dicht kan gaan Naai de sok tussen de ring- en middelvinger dicht, ongeveer in het midden van de bek Zet de rode tong aan de sok vast Naai twee kralen als ogen erop Teken pupillen op de kralen Naai de kraag vast Tong Kraag Bijlage 2 - pag. 1/2 3 Bijlage 2 - pag. 1/2

100 4

101 3. Gevoelensblad Zo, dit is de... dat je naar therapie komt. Hoe voel jij je vandaag? Ben je blij, of boos, of bang of verdrietig? Zet maar een kruisje in het vakje dat is zoals jij je vandaag voelt. Bijlage 3 - pag. 1/1 5

102 6

103 4. Hoe voelt Liesje zich? Vandaag is er geen school. Liesje verveelt zich. Ze trekt aan papa s trui om met haar te spelen. Wa t d o e jij a l s je je v e rv e e l t? Dan maar eens gaan kijken wat broer doet. Mama roept dat hij bij zijn vriendje spelen is. Liesje is jaloers. Papa heeft geen tijd, hij moet gaan werken. Liesje is teleurgesteld. Wa n n e e r w a s jij d e laatste keer t e l e u r g e s t e l d? Waarop ben jij j a l o e r s? Mama zegt: de zon schijnt, ga maar buiten spelen. Liesje is gek op bloemetjes. Wa a r b e n jij g e k o p? Bijlage 4 - pag. 1/3 7

104 Liesje wil alles weten over bloemetjes. Soms leest ze in haar speciale bloemenboek. Dan is ze verwonderd over alle soorten bloemen die er bestaan. Waar ben jij verwonderd over? Liesje wil lief zijn voor mama. Ze heeft een idee: mama houdt ook van bloemetjes. Vo o r w i e b e n jij l i e f? Liesje is erg fier als ze de zelf geplukte bloemetjes aan mama geeft. Wanneer was jij de laatste keer f i e r? Maar mama is druk bezig, ze kan de bloementjes niet aannemen. Liesje is verdrietig. Wanneer ben jij v e r d r i e t i g? 8 Bijlage 4 - pag. 2/3

105 Liesje loopt opnieuw naar buiten. Poes heeft al haar bloemetjes omgewoeld. Liesje roept: Domme kat! Wo r d jij w e l e e n s b o o s? Plots hoort Liesje een harde knal. Liesje is bang. Wa a r b e n jij b a n g v o o r? Als Liesje terug durft kijken, ziet ze dat poes de ladder heeft omgegooid. Liesje is opgelucht dat het dat maar is. Wa t d o e jij a l s je o p g e l u c h t b e n t? Liesje wordt een beetje rood. Ze schaamt zich dat ze zo snel bang is. Wanneer schaam jij je? Mama heeft de luide knal ook gehoord en komt kijken. Mama neemt Liesje in haar armen en bedankt haar voor de bloemetjes. Liesje is gelukkig. Wanneer ben jij g e l u k k i g? Bijlage 4 - pag. 3/3 9

106 10

107 5. Toongevoelens en verstopgevoelens Gevoelenskaart blij boos bang verdrietig bezorgd teleurgesteld jaloers nieuwsgierig zenuwachtig verveeld onverschillig verlegen schuldbewust beschaamd opgelucht trots " Bijlage 5 - pag. 1/1 11

108 12

109 6. Veilig boos zijn? Je kind leren veilig boos zijn Veilig boos zijn= Boos zijn zonder jezelf pijn te doen Boos zijn zonder anderen pijn te doen Boos zijn zonder dingen kapot te maken Leg uit dat boos zijn mag zolang het veilig boos is. Leg uit wat veilig boos zijn is. Bekijk hoe je kind veilig boos kan zijn via time-out (eventjes apart gaan zitten), afreageren via beweging, het opschrijven wat hem/haar boos maakt voor het te zeggen,... Beloon het veilig boos zijn: als het kind boosheid in woorden (zonder te schelden) uit, prijs het maar toon vooral dat je rekening houdt met wat hij/zij aangeeft. Je kan om je kind te motiveren een veilig-boos-blad gebruiken met beloningssysteem (zie volgende blad). Bijlage 6 - pag. 1/2 13

110 14

111 Hoe ging het de afgelopen week met veilig boos zijn? Weet je nog wat veilig b o o s is? Dat is boos zijn zonder jezelf pijn te doen zonder anderen pijn te doen zonder dingen kapot te maken. Ik ben deze week boos geweest, omdat Ik ben veilig boos geweest, omdat Als je deze week geprobeerd hebt om veilig boos te zijn. Dan heb je hier een sticker verdiend! Bijlage 6 - pag. 2/2 15

112 Kleurplaat Bijlage 7 - pag. 1/2

113 7. Schuld Het is niet fijn voor kinderen als ze zien, horen of meemaken dat grote mensen ruzie maken of geweld gebruiken in het gezin. En weet je wat nu zo gek is? Terwijl jij zelf niets aan de ruzie en het geweld kon doen, heb je toch vaak het gevoel dat het jouw schuld is. Maar, weet je... dat is echt niet waar! Als je nu nog eens denkt dat die nare ruzies en het geweld door grote mensen jouw schuld zijn, of als iemand dat tegen jou zegt, denk dan aan wat we in therapie heel hard geroepen hebben: wat er is gebeurd, is niet mijn schuld! Bijlage 7 - pag. 2/2 17

114 18

115 8. Uitleg over geweld in relaties (Heftige) ruzies Iedereen heeft wel eens ruzie en ruzie maken komt voor in elke relatie en in elk gezin en in elk land. Ruzies kunnen opluchten, zeker als daarna zaken goed uitgepraat worden. Maar goed ruzie maken is een kunst. Wat zijn (heftige) ruzies? De ruzies waar we het in deze groep over willen hebben, zijn de heftige ruzies. Men noemt die ruzies ook wel met een moeilijke term relationeel geweld. Dat zijn ruzies waarbij regelmatig iemand lichamelijk en/of geestelijk pijn gedaan wordt. Het zijn ruzies die uit de hand lopen; waar geslagen, geschopt, gescholden, vernederd of bedreigd wordt. Of het zijn géén ruzies maar situaties waarin een volwassene dingen niet mag doen van de ander of juist gedwongen wordt ze te doen terwijl hij/zij dat niet wil. Bij wie komen heftige ruzies voor? Het zijn meestal vrouwen die (lichamelijk) geweld meemaken: zij worden vaker geschopt en geslagen dan mannen. Maar ook mannen worden mishandeld. Vrouwen zijn vaker agressief met woorden, bijvoorbeeld door te treiteren, maar ook zij mishandelen soms hun partner lichamelijk. En niet alleen volwassenen worden mishandeld, maar ook kinderen. Heftige ruzies komen in alle culturen voor, bij slimme en bij domme mensen van alle leeftijden en het maakt niet uit of mensen een goede baan hebben of veel geld verdienen of juist niet. Hoe vaak komen dit soort ruzies voor? Dit soort heftige ruzies komt vaak voor: in 1 op de 5 relaties. In 1 op de 9 relaties is er vaak en extreem geweld. Waardoor ontstaan heftige ruzies? Waarom sommige mensen wel geweld in hun relatie gebruiken en anderen niet is lastig te verklaren. Het blijkt dat het slachtoffer en diegene die geweld gebruikt vaak zelf als kind getuige zijn geweest van geweld tussen hun ouders. Ze hebben niet geleerd dat je ruzies en problemen ook op andere manieren kunt oplossen. Ze zeggen dat ze het moeilijk vinden om te praten en dat ze weinig vertrouwen in zichzelf hebben. Ze hebben meestal heel duidelijke ideeën over wat vrouwen en wat mannen mogen en moeten in een relatie. Dit alles wil niet zeggen dat iedereen die getuige is geweest van geweld zelf in zijn/haar relatie gaat slaan of geslagen wordt. Ook speelt mee dat op tv en in films het beeld gegeven wordt dat het stoer is als mannen agressief zijn en geweld gebruiken. In veel situaties zijn het meerdere factoren tegelijk: als er veel nare dingen in je leven gebeuren (zoals ontslag, ziekte of geldzorgen), er veel problemen zijn (zoals problemen met de opvoeding of met werk), er psychiatrische problematiek speelt en er veel alcohol en drugs gebruikt worden kan het eerder tot heftige ruzies komen. Het hangt ook af van iemands karakter en of iemand veel steun krijgt van anderen buiten het gezin, zoals vrienden en kennissen. Hoe beginnen de heftige ruzies binnen een relatie? De meeste stellen beginnen vaak heel romantisch aan hun relatie. De zogenaamde roze wolk: de ander is hélemaal geweldig. Maar langzaam maar zeker ontdekt men barstjes in het ideaalplaatje. De ander blijkt toch anders te zijn dan je dacht en wil bijvoorbeeld dingen anders dan jij ze wilt. Hij/zij doet juist dingen niet die jij heel belangrijk vindt. Of hij/zij wil altijd met je mee als je naar je eigen vrienden gaat. Wat dan? Vaak ontstaan er dan ruzies. Veel mensen kunnen dat daarna met elkaar bepraten en lossen het op door te accepteren dat iemand gewoon anders is en/of door goed te luisteren naar de ander en samen te kijken hoe iets te veranderen valt. Maar dat is best lastig als je weinig vertrouwen in jezelf hebt en moeilijk praat. Zeker als je geen voorbeelden hebt gehad hoe je problemen goed kunt oplossen. Dan raken mensen heel erg gekwetst door dingen die de ander wel of niet wil en ze horen dat alleen als kritiek. Het gevolg is dat mensen óf meteen heel boos worden of zich al heel snel terugtrekken en de boosheid opkroppen. De ruzies worden niet uitgepraat en de problemen blijven. De spanning Bijlage 8 - pag. 1/3 19

116 loopt dan zo hoog op dat de bom wel een keer moet barsten. En dan valt vaak de eerste klap... Mensen schrikken daar enorm van. Dat hadden ze niet gewild. Ze maken het snel goed en beloven het nooit meer te doen. Maar de problemen zijn er dan nog steeds. Tot de volgende ergernissen of spanningen, dan barst het weer los. En zo gaat dat maar door. Waarom stoppen heftige ruzies niet vanzelf? Niemand wil heftige ruzies, maar het is erg lastig om ze te stoppen, want het is een patroon geworden. Mensen schamen zich hier vaak zo voor dat ze er niet met anderen over durven te praten en zeker geen hulp willen vragen. Soms schamen ze zich zo erg dat ze ook bijna geen contacten meer met anderen hebben. Uit elkaar gaan is een grote stap en niet per se de oplossing: de mannen en vrouwen houden meestal nog wel van elkaar, maar willen dat het geweld stopt. Ze zijn afhankelijk van elkaar, bijvoorbeeld vanwege geld, het huishouden of sociale contacten. Ze willen om de kinderen niet scheiden. Of soms zijn de ruzies zo erg geworden dat slachtoffers te bang zijn om weg te gaan, bang dat ze achtervolgd en gestalkt gaan worden. Slachtoffers geven aan dat ze van alles hebben geprobeerd om de ruzies te stoppen, bijvoorbeeld door ruzies uit de weg te gaan, alles zo te doen zoals de ander het wil, zich aan te passen, te dreigen met vertrek of door terug te slaan. Degenen die geweld gebruiken geven aan dat ze zich proberen te beheersen, maar dat er vaak zo aan hen getrokken wordt dat het hen niet lukt. Wat betekenen heftige ruzies voor de kinderen? Bijna alle kinderen van wie ouders dit soort ruzies hebben, merken het op één of andere manier. Ouders denken vaak dat ze dit verborgen kunnen houden, maar dat is maar zelden zo. De meeste kinderen hebben de ruzies gehoord, aangevoeld, gezien of zijn zelfs tijdens ruzies tussen hun ouders gesprongen. Sommigen zijn zelf ook geslagen. Als ouders deze heftige ruzies met elkaar hebben, hebben ze vaak ook minder aandacht voor de kinderen of reageren zich juist op hen af. Jongeren geven aan dat ze vaak klem.zitten tussen hun ouders. Sommigen zijn boos op degene die geweld gebruikt en anderen zijn juist weer boos op het slachtoffer, dat hij/zij zich dit laat aandoen. Veel jongeren zijn beschermend, zorgen voor hun broer of zus. Veel jongeren kiezen ervoor om maar zo min mogelijk thuis te zijn om de spanning niet te voelen. Het getuige zijn van geweld heeft vaak gevolgen voor jongeren; ze worden soms somber en teruggetrokken of juist agressief en heel bijdehand. Ze spijbelen veel en vinden het moeilijk om zich op school te concentreren. Soms voelen ze allerlei lichamelijke klachten zoals hoofdpijn, buikpijn, of hebben slaapproblemen. Ze voelen zich soms schuldig, angstig en schamen zich voor de situatie thuis. Een aantal heeft moeite om vrienden te maken en die te houden. Ze nemen soms volwassen taken op zich: bijvoorbeeld altijd hun moeder opvangen. Doordat jongeren thuis niet hebben geleerd om op een goede manier met ruzies om te gaan maakt een aantal van hen kans om later in hun eigen verkering, relatie of huwelijk ook met dergelijke heftige ruzies te maken te krijgen. Wat is er nodig om de heftige ruzies te stoppen? Met de juiste hulp van buitenaf voor ieder lid van het gezin is het patroon van heftige ruzies meestal te doorbreken. 20 Bijlage 8 - pag. 2/3

117 De woedemeter Kwaadheid bestaat in verschillende vormen en gradaties. Wat herken je bij jezelf? Welke kwaadheid ervaar jij over.? Bijlage 8 - pag. 3/3 21

118 22

119 9. Stappen in het onder controle krijgen van kwaadheid Bijlage 9 - pag. 1/1 23

120 24

121 10. Tips om voor jezelf te zorgen Tips om voor jezelf te zorgen in moeilijke tijden Je mag aan je ouders laten weten hoe de situatie thuis voor jou is. Afleiding en leuke dingen doen voor jezelf is goed. Erover praten met anderen buiten het gezin kan je helpen. Zoek hulp en steun als het je teveel wordt. Je hebt recht om aandacht te vragen ook al hebben je ouders het moeilijk. Tips om voor jezelf te zorgen als er heftige ruzies zijn Even erbij weglopen als het niet goed tussen je ouders gaat is toegestaan. Jij hoeft en kunt de ruzies tussen je ouders niet stoppen. Denk niet dat het jouw schuld is dat je ouders ruzie maken. Voor je eigen veiligheid zorgen staat voorop. Je hebt het recht om boos te zijn op je ouders dat zij dit soort ruzies maken. Bijlage 10 - pag. 1/1 25

122 26

123 11. Test je ruziestijl Hoe ga jij om met ruzie? Test je ruziestijl. Doe de test om te zien wat je stijl van ruziemaken is. Welke uitspraak hoort bij jou? Geef bij elke vraag aan welke uitspraak het beste bij je past. Maak altijd een keuze. 1. Als ik ruzie heb wil ik het liefst: a weglopen, ze zoeken het maar uit b het uitpraten met de ander c dat het vanzelf weer overgaat d tegen iedereen roepen dat ik gelijk heb 2. Als je ruzie hebt met je beste vriend(in) om een kleinigheidje... a bel je meteen je andere vriend(in) om iets af te spreken b ga je in een hoekje zitten balen c leg je iedereen uit waarom jij gelijk hebt d is het na een nachtje slapen meestal vanzelf weer over 3. Je vriend(in) heeft je nieuwe telefoon laten vallen en nu is deze kapot. Wat doe je? a je vindt het niet zo erg, zolang jullie het maar gezellig hebben samen b je vindt het heel vervelend en vraagt hem/haar om een nieuwe telefoon voor je te kopen c je ontwijkt hem/haar voorlopig d je bent woest en eist geld van hem/haar om een nieuw exemplaar te kopen 4. Wat vind je van de uitspraak een keertje ruziemaken is niet zo erg? a helemaal mee eens, het is juist leuk! b mee eens, je kunt veel van een ruzie leren c niet mee eens, het is een van de rotste dingen die ik ken d helemaal niet mee eens, ik ben gewoon tegen alle vormen van ruzie 5. Je vertelt je vriend(in) iets dat ze niet mag doorvertellen. Als hij/zij het toch verder vertelt tegen iemand anders, dan... a zeg je dat je het heel vervelend vindt wat hij/zij heeft gedaan b wil je hem/haar niet meer spreken of zien c weet je zelf ook nog wel een paar geheimen om verder te vertellen d snap je het wel, iedereen vindt het leuk om geheimen door te vertellen 6. Je ziet dat een jongen uit je klas bijna gaat huilen door de opmerkingen van je vriend(in). Wat doe je? a je loopt snel weg, voordat het uit de hand loopt b je zegt tegen je vriend(in) dat hij/zij er beter mee kan stoppen c je zegt tegen de jongen dat-ie een aansteller is d je vraagt aan de jongen of hij niet beter weg kan gaan 7. Als je zelf bent begonnen met ruziemaken... a praat je er liever niet meer over b zeg je sorry na afloop c geef je dat maar meteen toe d komt het meestal door de ander dat het uit de hand is gelopen Bijlage 11 - pag. 1/3 27

124 8. Voor de derde keer kom je te laat op je stage-adres. Dit keer had je echt een lekke band, maar je begeleider zegt dat hij in jou teleurgesteld is en noemt het een rotsmoes. Hoe reageer je? a okee, dan ga ik maar weer naar huis b het is beter dat u naar mijn school belt om het verder te bespreken c k wil het graag even aan u uitleggen d u was gisteren zelf ook te laat! 9. Als je heel boos bent op je beste vriend of vriendin. a mag iedereen het weten en laat je dat graag aan iedereen merken b geef je liever toe dat het onterecht is c ben je bang dat hij/zij je nooit meer wil zien d haal je even diep adem en vertelt dan wat je zo dwars zit 10. Je staat in de rij te wachten voor concertkaartjes die je graag wilt hebben. Er komt iemand die stoer en breed is die voor je gaat staan. Wat doe je? a je tikt hem op zijn schouder en zegt dat hij moet opdonderen b je vraagt wat de bedoeling is en zegt dat je allang in de rij staat en ook graag snel geholpen wilt worden c je haalt je schouders op d je belt je vader en vraagt of hij komt helpen 28 Bijlage 11 - pag. 2/3

125 Instructie: kijk per vraag welke letter je hebt gescoord. Een voorbeeld is: als je bij vraag 1 antwoord b hebt, staat daar de letter T. Tel aan het eind alle O s, 5 s, T s en U s op. De letter die je het meest gescoord hebt, zoek je op bij de uitslag. v r a a g a O O S T T O O O U U b T S T S O S T S O T c S U O U U U S T S S d U T U O S S U U T O Uitslaq Meeste U s gescoord? Dan ben je een uitdager De uitdager kan nog iets leren over ruziemaken. Hij of zij zet zichzelf snel voorop en lijkt soms dwingend. De uitdager kan vrij bot zijn en het lijkt wel of de uitdager verwacht dat een ander toch niet aardig tegen hem of haar zal zijn. De uitdager heeft er moeite mee om gewoon te zeggen wat een vervelende gebeurtenis met hem of haar doet. Tip voor de uitdager: wees niet zo hard voor de ander en voor jezelf. Verplaats je in de ander, stel je open voor een andere mening en kijk naar wat jullie samen zouden willen. Meeste Q s gescoord? Dan ben je een ontwijker De ontwijker is niet echt dol op ruzies, hij of zij kan er eigenlijk niet tegen. Het liefst loopt de ontwijker weg of steekt als een struisvogel zijn kop in t zand en wacht tot het over is. Als het toch zover is, geeft de ontwijker een ander snel gelijk maar zit ondertussen wel stilletjes te mokken. De ontwijker is vaak bang dat ze hem of haar niet meer aardig vinden als hij of zij eerlijk is. Door steeds te ontwijken maar wel boos te zijn, kan het zijn dat je op een later moment ontploft en alles eruit gooit. Tip voor de ontwijker: laat jezelf zien, kijk een ander in de ogen en vertel rustig hoe jij het ziet. Je zult zien dat de ander naar je luistert. Meeste S s gescoord? Dan ben je een susser Als het echt moet maakt de susser wel ruzie. Maar het liefst houdt de susser het gezellig, zonder boze woorden. De susser vindt ruzies maar pijnlijk en wil het liefst dat het stopt. De susser komt snel mensen tegemoet om het zo op te lossen. De susser vindt het lastig om oog te hebben voor zijn of haar eigen belang en wil graag dat mensen gewoon leuk zijn tegen elkaar. Tip: soms klaart juist de lucht op door ruzie en wordt een situatie duidelijker. Ruzies horen bij het leven! Meeste T s gescoord? Dan ben je een tot tien teller De tot tien teller is een ervaren ruziemaker én oplosser. De tot tien teller kan tot tien tellen en een compromis sluiten als dat nodig is. De tot tien teller heeft in de gaten dat iemand anders het ook heel anders kan zien. De tot tien teller snapt dat ruzie erbij hoort en is niet bang voor een confrontatie. De relatie met de ander is voor de tot tien teller ook belangrijk. Kortom: de tot tien teller kan duidelijk zijn, rustig blijven, zijn of haar grenzen aangeven én weer samen verder gaan. Tip: ga zo door! *materiaal gebruikt van kennisnet/peermediationtest Bijlage 11 - pag. 3/3 29

126 30

127 12. EHBO kaart Denk bijvoorbeeld aan mensen als: ouders ooms, tantes, oma s, opa s leerlingbegeleider vriend(inn)en klasgenoten hulpverlener buren iemand van de kerk/moskee ehbo kaart voor als ik me rot voel, of in de problemen zit Bij wie kan ik terecht voor een praatje? Wie vertrouw ik genoeg om mee te praten dat het niet goed met me gaat? Bij wie kan ik terecht als ik hulp nodig heb: praktisch of een luisterend oor? Welke dingen kan ik doen als afleiding wanneer ik me rot voel? Met wie kan ik leuke dingen doen om me af te leiden als ik me rot voel?... Bijlage 12 - pag. 1/1 31

128 32

129 13. What s up What s Down ik v o e l m e g e w e l d i g ik v o e l m e g o e d ik v o e l m e s l e c h t ik v o e l m e v r e s e l i j k r o t Bijlage 13 - pag. 1/1 33

Signaleren: kinderen die getuige zijn van huiselijk geweld. huiselijkgeweldwb.nl. 0900 126 26 26 5 cent per minuut

Signaleren: kinderen die getuige zijn van huiselijk geweld. huiselijkgeweldwb.nl. 0900 126 26 26 5 cent per minuut Signaleren: kinderen die getuige zijn van huiselijk geweld huiselijkgeweldwb.nl 0900 126 26 26 Signaleren: kinderen die getuige zijn van huiselijk geweld Kinderen die getuige zijn van geweld tussen hun

Nadere informatie

Informatie en advies voor ouders

Informatie en advies voor ouders Geweld in huis raakt kinderen Informatie en advies voor ouders 1 2 Wist u dat de gevolgen van het zien of horen van geweld in het gezin net zo groot zijn als zelf geslagen worden? Ook als het geweld gestopt

Nadere informatie

JEUGDIGEN. Hulp na seksueel misbruik. vooruitkomen +

JEUGDIGEN. Hulp na seksueel misbruik. vooruitkomen + > vooruitkomen + Hulp na seksueel misbruik JEUGDIGEN Heb jij seksueel misbruik meegemaakt of iemand in jouw gezin, dan kan daarover praten helpen. Het kan voor jou erg verwarrend zijn hierover te praten,

Nadere informatie

Tijdschrift Kindermishandeling April 2013 Onderwijsspecial deel 2. 8 tips voor een goed gesprek met je leerling

Tijdschrift Kindermishandeling April 2013 Onderwijsspecial deel 2. 8 tips voor een goed gesprek met je leerling 8 tips voor een goed gesprek met je leerling Edith Geurts voor Tijdschrift Kindermishandeling Het kan zijn dat je als leerkracht vermoedt dat een kind thuis in de knel zit. Bijvoorbeeld doordat je signalen

Nadere informatie

Veilig Thuis. Werkboekje voor kinderen en ouders bij een tijdelijk huisverbod

Veilig Thuis. Werkboekje voor kinderen en ouders bij een tijdelijk huisverbod Veilig Thuis Werkboekje voor kinderen en ouders bij een tijdelijk huisverbod Een stukje uitleg Dat je samen met papa/mama, of een andere persoon in dit boekje gaat werken is niet zo maar. Dat komt omdat

Nadere informatie

Kinderen op bezoek op de intensive care

Kinderen op bezoek op de intensive care Kinderen op bezoek op de intensive care Handreiking voor ouders mca.nl Inhoudsopgave Hoe vertel ik mijn kind(eren) dat zijn/hun vader, moeder of ander familielid ernstig ziek op de IC ligt? 1 Hoe bereid

Nadere informatie

Geweld in huis raakt kinderen. Informatie en advies voor ouders. huiselijkgeweldwb.nl 0900 126 26 26. 5 cent per minuut

Geweld in huis raakt kinderen. Informatie en advies voor ouders. huiselijkgeweldwb.nl 0900 126 26 26. 5 cent per minuut Geweld in huis raakt kinderen Informatie en advies voor ouders Grafisch ontwerp: Ontwerpstudio 2 MAAL EE Bij huiselijk geweld tussen (ex-)partners worden kinderen vaak over het hoofd gezien. Toch hebben

Nadere informatie

Soms is er thuis ruzie Dan is mama boos en roept soms omdat ik mijn speelgoed niet opruim Maar ik heb daar helemaal niet mee gespeeld Dat was Bram,

Soms is er thuis ruzie Dan is mama boos en roept soms omdat ik mijn speelgoed niet opruim Maar ik heb daar helemaal niet mee gespeeld Dat was Bram, Soms is er thuis ruzie Dan is mama boos en roept soms omdat ik mijn speelgoed niet opruim Maar ik heb daar helemaal niet mee gespeeld Dat was Bram, mijn kleine broer Dat is niet van mij mama Dan zegt ze

Nadere informatie

Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou!

Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou! Hallo Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou Als je ouders uit elkaar zijn kan dat lastig en verdrietig zijn. Misschien ben je er boos over of denk je dat het jouw

Nadere informatie

HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL

HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL Stationsstraat 81 3370 Boutersem 016/73 34 29 www.godenotelaar.be email: directie.nobro@gmail.com bs.boutersem@gmail.com HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL 1. Het standpunt van de school: Pesten is geen

Nadere informatie

Gezinsinterventie Gezinsgesprekken voor gezinnen waarbij de ouder psychische problemen heeft

Gezinsinterventie Gezinsgesprekken voor gezinnen waarbij de ouder psychische problemen heeft Gezinsinterventie Gezinsgesprekken voor gezinnen waarbij de ouder psychische problemen heeft Inhoudsopgave Klik op het onderwerp om verder te lezen. Zorgen en vragen 1 Gezinsinterventie 2 Tien praktische

Nadere informatie

Ik ga een grote uitdaging niet uit de weg. Taken die moeilijk zijn, vind ik veel leuker dan eenvoudige taken.

Ik ga een grote uitdaging niet uit de weg. Taken die moeilijk zijn, vind ik veel leuker dan eenvoudige taken. Ik ga een grote uitdaging niet uit de weg. Taken die moeilijk zijn, vind ik veel leuker dan eenvoudige taken. 2 5 Ik hoef niet aangespoord te worden om mijn taken te maken. Niemand hoeft mij te zeggen

Nadere informatie

Verbindingsactietraining

Verbindingsactietraining Verbindingsactietraining Vaardigheden Open vragen stellen Luisteren Samenvatten Doorvragen Herformuleren Lichaamstaal laten zien Afkoelen Stappen Werkafspraken Vertellen Voelen Willen Samen Oplossen Afspraken

Nadere informatie

SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN

SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN Dit thema is opgesplitst in drie delen; gevoelens, ruilen en familie. De kinderen gaan eerst aan de slag met gevoelens. Ze leren omgaan met de gevoelens van anderen. Daarna

Nadere informatie

Na de schok... Informatie voor ouders

Na de schok... Informatie voor ouders Na de schok... Informatie voor ouders Niemand is echt voorbereid op een schokkende gebeurtenis en als het gebeurt heeft dat voor iedereen ingrijpende gevolgen. Als kinderen samen met hun ouders een aangrijpende

Nadere informatie

bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1

bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1 Datum: 31/10/2013 Auteur: Kris De Groof Versie: def Herkomst: Methodisch kader Aan de Slag Doel: Bestemming: Handelingskader 1712 bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1 1. Mogelijke introductie

Nadere informatie

Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg

Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg Informatie voor cliënten Cliënten en geestelijke gezondheidszorg Slachtoffers van mensenhandel hebben vaak nare dingen meegemaakt. Ze zijn geschokt

Nadere informatie

Het probleem is dat pesten soms wordt afgedaan als plagerij of als een onschuldig spelletje.

Het probleem is dat pesten soms wordt afgedaan als plagerij of als een onschuldig spelletje. 1-1. HET PROBLEEM Pesten en plagen worden vaak door elkaar gehaald! Het probleem is dat pesten soms wordt afgedaan als plagerij of als een onschuldig spelletje. Als je gepest bent, heb je ervaren dat pesten

Nadere informatie

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Inhoudsopgave Overeenkomst meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling 2 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling 3 Toelichting meldcode huiselijk

Nadere informatie

Cursusoverzicht Context 2014 Zaanstreek Waterland

Cursusoverzicht Context 2014 Zaanstreek Waterland Cursusoverzicht Context 2014 Zaanstreek Waterland Kinderen 5-12 jaar KOPP/KVO Doe-praatgroep (8-12 jaar). Een vader of moeder met problemen Als je vader of moeder een psychisch of verslavingsprobleem heeft

Nadere informatie

Oplossingsgerichte vragen (Het Spel van Oplossingen IKB & TS)

Oplossingsgerichte vragen (Het Spel van Oplossingen IKB & TS) Oplossingsgerichte vragen (Het Spel van Oplossingen IKB & TS) Stel dat dat (te grote wonder) gebeurt, ik betwijfel of dat zal gebeuren, maar stel je voor dat, wat zou je dan doen dat je nu niet doet? (p36)

Nadere informatie

Jouw Belang Jouw ouders bespreken gezamenlijk over én met jou wat jouw belang is. Zodat jouw ouders

Jouw Belang Jouw ouders bespreken gezamenlijk over én met jou wat jouw belang is. Zodat jouw ouders - Dit basis Kindplan kan als onderdeel worden ingevoegd in het ouderschapsplan of los worden gebruikt door ouders al dan niet met hulp van een professional - Ouders ga na de eerste afspraak met een professional

Nadere informatie

DO'S EN DON'TS VOOR OUDERS

DO'S EN DON'TS VOOR OUDERS WWW.PESTWEB.NL DO'S EN DON'TS VOOR OUDERS Kinderen en jongeren willen je hulp, als je maar (niet)... Wat kinderen zeggen over pesten Kinderen gaan over het algemeen het liefst met hun probleem naar hun

Nadere informatie

Terrorisme en dan verder Wat te doen na een aanslag?

Terrorisme en dan verder Wat te doen na een aanslag? Terrorisme en dan verder Wat te doen na een aanslag? Publieksversie Ga zo veel mogelijk door met uw normale dagelijkse activiteiten. Dat geeft u het gevoel dat u de baas bent over de situatie. Dit is ook

Nadere informatie

Mishandeling en seksueel. Geweld is niet oké. Het kan stoppen.

Mishandeling en seksueel. Geweld is niet oké. Het kan stoppen. Mishandeling en seksueel misbruik Geweld is niet oké. Het kan stoppen. Alles over mishandeling en seksueel misbruik Hulplijn 1712 www.1712.be tel. 1712 Voor geweld, misbruik en kindermishandeling. Elke

Nadere informatie

Een kind helpen. na een misdrijf of verkeersongeluk. Slachtofferhulp 0900-0101. (lokaal tarief) na een misdrijf of een verkeersongeluk

Een kind helpen. na een misdrijf of verkeersongeluk. Slachtofferhulp 0900-0101. (lokaal tarief) na een misdrijf of een verkeersongeluk Een kind helpen na een misdrijf of verkeersongeluk Slachtofferhulp H E L P T na een misdrijf of een verkeersongeluk 0900-0101 (lokaal tarief) Een misdrijf of een verkeersongeluk kan een diepe indruk bij

Nadere informatie

Kindermishandeling en ouderproblematiek hoe bespreek je dat? Mireille Hartjes trainer/ coach en acteur Carien Miedema kinderarts

Kindermishandeling en ouderproblematiek hoe bespreek je dat? Mireille Hartjes trainer/ coach en acteur Carien Miedema kinderarts Kindermishandeling en ouderproblematiek hoe bespreek je dat? Mireille Hartjes trainer/ coach en acteur Carien Miedema kinderarts Vormen van kindermishandeling Een gangbare onderverdeling in vormen van

Nadere informatie

Wij werken aan Allemaal Maatjes!

Wij werken aan Allemaal Maatjes! Wij werken aan Allemaal Maatjes! Op school werken wij elke maand aan een ander puntje om Allemaal maatjes te zijn! Zo proberen wij het pesten op onze school te voorkomen. Om het puntje van de maand duidelijk

Nadere informatie

Vertel aan je kind dat het nodig is de school in te lichten om het pesten te laten stoppen;

Vertel aan je kind dat het nodig is de school in te lichten om het pesten te laten stoppen; Pesten op school Veel gestelde vragen Wat doe je als je kind gepest wordt? Maak voldoende tijd voor een gesprek; laat je kind vertellen wat er zich afspeelt en hoe het zich voelt; Neem het verhaal van

Nadere informatie

Copyright Marlou en Anja Alle rechten voorbehouden Opeenrijtje.com info@opeenrijtje.com 3.0

Copyright Marlou en Anja Alle rechten voorbehouden Opeenrijtje.com info@opeenrijtje.com 3.0 2 Deel 1 Beïnvloeden van gedrag - Zeg wat je doet en doe wat je zegt - 3 Interactie Het gedrag van kinderen is grofweg in te delen in gewenst gedrag en ongewenst gedrag. Gewenst gedrag is gedrag dat we

Nadere informatie

Kindspoor Fier Fryslân

Kindspoor Fier Fryslân Kindspoor Fier Fryslân Het kind centraal stellen Denken vanuit het perspectief van het kind Fier Fryslân is een expertise- en behandelcentrum op het terrein van geweld in afhankelijkheids- relaties 1 Wij

Nadere informatie

Wat is kindermishandeling? Hoe kan kindermishandeling stoppen? Wie kan je hierbij helpen?

Wat is kindermishandeling? Hoe kan kindermishandeling stoppen? Wie kan je hierbij helpen? Wat is kindermishandeling? Hoe kan kindermishandeling stoppen? Wie kan je hierbij helpen? In deze folder vind je een antwoord, en lees je ook bij wie je terecht kan als je over mishandeling of verwaarlozing

Nadere informatie

Na de schok... Informatie voor leerkrachten

Na de schok... Informatie voor leerkrachten Na de schok... Informatie voor leerkrachten Niemand is echt voorbereid op een schokkende gebeurtenis en als het gebeurt heeft dat ingrijpende gevolgen. Als leerkrachten samen met kinderen een aangrijpende

Nadere informatie

Directe Hulp bij Huiselijk. U staat er niet alleen voor!

Directe Hulp bij Huiselijk. U staat er niet alleen voor! Directe Hulp bij Huiselijk Geweld U staat er niet alleen voor! U krijgt hulp Wat nu? U bent in contact geweest met de politie of u heeft zelf om hulp gevraagd. Daarom krijgt u nu Directe Hulp bij Huiselijk

Nadere informatie

INFORMATIE KINDEREN IN ROUW 0-3 JAAR STICHTING STERRENKRACHT

INFORMATIE KINDEREN IN ROUW 0-3 JAAR STICHTING STERRENKRACHT INFORMATIE KINDEREN IN ROUW 0-3 JAAR STICHTING STERRENKRACHT Voorwoord Beste ouders/verzorgers, Deze informatie is bedoeld om antwoord te geven op vragen als: Hoe ga ik om met het verdriet, angst of boosheid

Nadere informatie

Pestprotocol BS de Kersenboom

Pestprotocol BS de Kersenboom Pestprotocol BS de Kersenboom Doel Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Door regels en afspraken zichtbaar te maken kunnen

Nadere informatie

2 Ik en autisme VOORBEELDPAGINA S

2 Ik en autisme VOORBEELDPAGINA S 2 Ik en autisme In het vorige hoofdstuk is verteld over sterke kanten die mensen met autisme vaak hebben. In dit hoofdstuk vertellen we over autisme in het algemeen. We beginnen met een stelling. In de

Nadere informatie

Wat is PDD-nos? VOORBEELDPAGINA S. Wat heb je dan? PDD-nos is net als Tourette een neurologische stoornis. Een stoornis in je hersenen.

Wat is PDD-nos? VOORBEELDPAGINA S. Wat heb je dan? PDD-nos is net als Tourette een neurologische stoornis. Een stoornis in je hersenen. Wat is PDD-nos? 4 PDD-nos is net als Tourette een neurologische stoornis. Een stoornis in je hersenen. Eigenlijk vind ik stoornis een heel naar woord. Want zo lijkt het net of er iets niet goed aan me

Nadere informatie

4 Denken. in het park een keer gebeten door een hond. Als Kim een hond ziet wil ze hem graag aaien. Als

4 Denken. in het park een keer gebeten door een hond. Als Kim een hond ziet wil ze hem graag aaien. Als 4 Denken In dit hoofdstuk vertellen we hoe jij om kan gaan met je gedachten. Veel gedachten maak je zelf. Ze bepalen hoe jij je voelt. We geven tips hoe jij jouw gedachten en gevoelens zelf kunt sturen.

Nadere informatie

Hoe je je voelt. hoofdstuk 10. Het zal je wel opgevallen zijn dat je op een dag een heleboel verschillende gevoelens hebt. Je kunt bijvoorbeeld:

Hoe je je voelt. hoofdstuk 10. Het zal je wel opgevallen zijn dat je op een dag een heleboel verschillende gevoelens hebt. Je kunt bijvoorbeeld: hoofdstuk 10 Hoe je je voelt Het zal je wel opgevallen zijn dat je op een dag een heleboel verschillende gevoelens hebt. Je kunt bijvoorbeeld: zenuwachtig wakker worden omdat je naar school moet, vrolijk

Nadere informatie

Geweld in huis raakt kinderen. Informatie en advies voor ouders

Geweld in huis raakt kinderen. Informatie en advies voor ouders Geweld in huis raakt kinderen Informatie en advies voor ouders U kunt deze brochure bestellen via www.movisie.nl Juli 2008 MOVISIE, kennis en advies voor maatschappelijke ontwikkeling Auteurs: Bert Vissers

Nadere informatie

Instrument Risicotaxatie Seksueel grensoverschrijdend gedrag

Instrument Risicotaxatie Seksueel grensoverschrijdend gedrag Instrument Risicotaxatie Seksueel grensoverschrijdend gedrag Naam jeugdige: Geboortedatum: Sekse jeugdige: Man Vrouw Datum van invullen: Ingevuld door: Over dit instrument Dit instrument is een hulpmiddel

Nadere informatie

GGZ aanpak huiselijk geweld

GGZ aanpak huiselijk geweld GGZ aanpak huiselijk geweld Wat is er nodig en wat helpt Jeannette van Borren Mei 2011 Film moeder en zoon van Putten Voorkomen van problemen is beter en goedkoper dan genezen Preventieve GGZ interventies

Nadere informatie

De opvoedingsdriehoek. Ann Li Thuisbegeleider bij Feniks www.feniks-opvoeding.org

De opvoedingsdriehoek. Ann Li Thuisbegeleider bij Feniks www.feniks-opvoeding.org De opvoedingsdriehoek Ann Li Thuisbegeleider bij Feniks www.feniks-opvoeding.org Een woord vooraf Wat is normaal? Ieder kind is anders 1 op 4 sociale interacties bij kinderen onder 5j is agressief Ongeveer

Nadere informatie

Wielewoelewool, ik ga naar school! Toelichting

Wielewoelewool, ik ga naar school! Toelichting Zwijsen Wielewoelewool, ik ga naar school! Toelichting Inhoud Inleiding 3 Materialen 3 Voor het eerst naar school 4 Doelstelling 4 Opbouw prentenboek en plakboek 4 Werkwijze 5 Ouders 5 2 Inleiding Voor

Nadere informatie

Als je ouders uit elkaar gaan, zit je met heel wat vragen.

Als je ouders uit elkaar gaan, zit je met heel wat vragen. Als je ouders uit elkaar gaan, zit je met heel wat vragen. Kan ik kiezen bij wie ik ga wonen? Is het mijn schuld? Ben ik verplicht om op bezoek te gaan bij papa of mama? Waarom hebben mijn ouders elk een

Nadere informatie

VUB 13/05/2015 Symposium HSP LINDA T'KINDT. www.gevoeligopvoeden.be. linda@gevoeligopvoeden.be LINDA T'KINDT. www.gevoeligopvoeden.

VUB 13/05/2015 Symposium HSP LINDA T'KINDT. www.gevoeligopvoeden.be. linda@gevoeligopvoeden.be LINDA T'KINDT. www.gevoeligopvoeden. Hoogsensitieve kinderen en uitdagingen voor ouders http//: http//:www.hspvlaanderen.be linda@hspvlaanderen.be VUB 13/05/2015 Symposium HSP Wie ben ik? Linda T Kindt Mede auteur van het boek Mijn kind is

Nadere informatie

Groep 1, 2 Thema 1 De groep? Dat zijn wij! 1. Hallo, hier ben ik! Samen plezier maken en elkaar beter leren kennen.

Groep 1, 2 Thema 1 De groep? Dat zijn wij! 1. Hallo, hier ben ik! Samen plezier maken en elkaar beter leren kennen. Groep 1, 2 1. Hallo, hier ben ik! 2. Prettig kennis te maken Kinderen leren elkaar beter kennen en ontdekken verschillen en overeenkomsten. 3. Samen in de klas Over elkaar helpen, geholpen worden en afspraken

Nadere informatie

Protocol bij scheiding

Protocol bij scheiding Protocol bij scheiding De gevolgen van een scheiding tussen vader en moeder kunnen voor een kind ingrijpend zijn. Dit protocol is een poging de gevolgen zoveel mogelijk in goede banen te leiden. 1. Anders

Nadere informatie

Ben je slachtoffer? Folder voor jongeren

Ben je slachtoffer? Folder voor jongeren Ben je slachtoffer? Folder voor jongeren Mijn leven veranderde zo n drie jaar geleden. Juist de dag voor mijn mama s verjaardag kreeg ze van mijn vader een kogel door het hoofd. Wonder boven wonder overleefde

Nadere informatie

Iene miene mutte. Kinderen, ouders en (echt)scheiding

Iene miene mutte. Kinderen, ouders en (echt)scheiding Iene miene mutte Kinderen, ouders en (echt)scheiding Scheiding Herbekeken Beslissing Man/vrouw/ samen? Scheiding Toename/ afname? Verblijfsregeling? Bilocatie/ moeder/vader Inleiding - 16.000 scheidingen

Nadere informatie

Als je ouders uit elkaar gaan, zit je met heel wat vragen.

Als je ouders uit elkaar gaan, zit je met heel wat vragen. Als je ouders uit elkaar gaan, zit je met heel wat vragen. Kan ik kiezen bij wie ik ga wonen? Is het mijn schuld? Ben ik verplicht om op bezoek te gaan bij papa of mama? Waarom hebben mijn ouders elk een

Nadere informatie

De draad weer oppakken

De draad weer oppakken De draad weer oppakken na een ingrijpende gebeurtenis 0900-0101 (lokaal tarief) Slachtofferhulp N e d e r l a n d Een ingrijpende gebeurtenis, zoals een misdrijf of verkeersongeluk, zet uw leven in meer

Nadere informatie

Leven in een groep. Hoe gaat dat en wat vinden jongeren?

Leven in een groep. Hoe gaat dat en wat vinden jongeren? Leven in een groep bij DHG Hoe gaat dat en wat vinden jongeren? Jij bent belangrijk! Als je thuis woont, is je opvoeding een taak van je ouders. Woon je bij De Hoenderloo Groep, dan zorgen de groepsleiders

Nadere informatie

Ontdek je kracht voor de leerkracht

Ontdek je kracht voor de leerkracht Handleiding les 1 Ontdek je kracht voor de leerkracht Voor je ligt de handleiding voor de cursus Ontdek je kracht voor kinderen van groep 7/8. Waarom deze cursus? Om kinderen te leren beter in balans te

Nadere informatie

Theorieboek. leeftijd, dezelfde hobby, of ze houden van hetzelfde. Een vriend heeft iets voor je over,

Theorieboek. leeftijd, dezelfde hobby, of ze houden van hetzelfde. Een vriend heeft iets voor je over, 3F Wat is vriendschap? 1 Iedereen heeft vrienden, iedereen vindt het hebben van vrienden van groot belang. Maar als we proberen uit te leggen wat vriendschap precies is staan we al snel met de mond vol

Nadere informatie

Echtscheiding en kinderen www.cjggooienvechtstreek.nl

Echtscheiding en kinderen www.cjggooienvechtstreek.nl regio Gooi en Vechtstreek Echtscheiding en kinderen www.cjggooienvechtstreek.nl n Echtscheiding en kinderen Kinderen zien het gezin waarin zij zijn grootgebracht vaak als een eenheid die er altijd was

Nadere informatie

De Inner Child meditatie

De Inner Child meditatie De Inner Child meditatie copyright Indra T. Preiss volgens Indra Torsten Preiss copyright Indra T. Preiss Het innerlijke kind Veel mensen zitten met onvervulde verlangens die hun oorsprong hebben in hun

Nadere informatie

Hulp en informatie om huiselijk geweld te stoppen. Help jezelf. Help de ander. 0900 1 26 26 26 5 cent per minuut. www.huiselijkgeweldhollandsmidden.

Hulp en informatie om huiselijk geweld te stoppen. Help jezelf. Help de ander. 0900 1 26 26 26 5 cent per minuut. www.huiselijkgeweldhollandsmidden. Hulp en informatie om huiselijk geweld te stoppen Help jezelf. Help de ander. 0900 1 26 26 26 5 cent per minuut www.huiselijkgeweldhollandsmidden.nl Huiselijk geweld stopt nooit vanzelf Misschien wil je

Nadere informatie

Ouders gebruiken voor het temperament van hun kind(eren) spontaan woorden als

Ouders gebruiken voor het temperament van hun kind(eren) spontaan woorden als 1 Temperament van het kind en (adoptie)ouderschap Sara Casalin Ouders gebruiken voor het temperament van hun kind(eren) spontaan woorden als verlegen, blij, impulsief, zenuwachtig, druk, moeilijk, koppig,

Nadere informatie

Denk jij dat je. vastloopt tijdens. je studie?

Denk jij dat je. vastloopt tijdens. je studie? Denk jij dat je vastloopt tijdens je studie? Soms loopt het leven niet zoals jij zou willen. Misschien ben je somber, twijfel je erover wie je bent, loopt het niet zo met contacten of worstel je met je

Nadere informatie

Eenzaam. De les. Inhoud. Doel. Materiaal. Belangrijk. les

Eenzaam. De les. Inhoud. Doel. Materiaal. Belangrijk. les 8 Inhoud 1 Eenzaam De Soms ben je alleen en vind je dat fijn. Als alleen zijn niet prettig aanvoelt, als je niet in je eentje wilt zijn, dan voel je je eenzaam. In deze leren de leerlingen het verschil

Nadere informatie

Thema. Kernelementen. Emoties Puber- en kinderemotie Eenduidige communicatie

Thema. Kernelementen. Emoties Puber- en kinderemotie Eenduidige communicatie Thema Kernelementen Emoties Puber- en kinderemotie Eenduidige communicatie Tips voor de trainer: Werken met mensen is werken met emotie. Leer emoties als signaal te herkennen, maar niet als leidraad te

Nadere informatie

Kindermishandeling. Voor de minderjarige bedreigende of gewelddadige interactievan fysieke, psychische of seksuele aard,

Kindermishandeling. Voor de minderjarige bedreigende of gewelddadige interactievan fysieke, psychische of seksuele aard, Presentatie Kindermishandeling Is elke vorm van: Voor de minderjarige bedreigende of gewelddadige interactievan fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen ten opzichte van wie

Nadere informatie

Er is geen slachtoffer en dader; beide partijen zijn even sterk. Plagen kan de sociale weerstand van kinderen vergroten. Vaak speelt humor een rol.

Er is geen slachtoffer en dader; beide partijen zijn even sterk. Plagen kan de sociale weerstand van kinderen vergroten. Vaak speelt humor een rol. PESTPROTOCOL Doel Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Door regels en afspraken zichtbaar te maken kunnen kinderen en volwassenen,

Nadere informatie

Overzicht sessies ouders Overzicht sessie kinderen Sessie 1 Introductie Sessie 2 Het verhaal en de veiligheid Sessie 3 Veiligheid en tips

Overzicht sessies ouders Overzicht sessie kinderen Sessie 1 Introductie Sessie 2 Het verhaal en de veiligheid Sessie 3 Veiligheid en tips Overzicht sessies ouders Overzicht sessie kinderen Sessie 1 Introductie Stap 1: Welkom en introductie Stap 2: Introductie van de werkboeken Stap 3: Uitleg doel van de groep Stap 4: Waarom beginnen ouders

Nadere informatie

Scheiden doe je samen. Ieder kind reageert anders

Scheiden doe je samen. Ieder kind reageert anders Scheiden doe je samen Ieder kind reageert anders Scheiden. Ook al is het misschien beter voor iedereen, het blijft een ingrijpende gebeurtenis. Vooral voor kinderen. Het gezin dat al die tijd zo vanzelfsprekend

Nadere informatie

Het Brugse Model de flow chart

Het Brugse Model de flow chart Het Brugse Model de flow chart De flowchart is een nuttig instrument dat in de eerste plaats ontwikkeld werd om te gebruiken in een therapeutische situatie. Uiteraard kan je dit ook gebruiken tijdens een

Nadere informatie

GEDRAGSPROTOCOL. (anti pestgedrag) Basisschool De Boomgaard Dieren

GEDRAGSPROTOCOL. (anti pestgedrag) Basisschool De Boomgaard Dieren GEDRAGSPROTOCOL (anti pestgedrag) Basisschool De Boomgaard Dieren Mei 2014 Gedragsprotocol de Boomgaard I. Doel van dit gedragsprotocol: Alle kinderen van De Boomgaard moeten zich veilig voelen, zodat

Nadere informatie

Mijn computer is leuk

Mijn computer is leuk Handleiding Mijn computer is leuk Ouders praten samen over computers, kinderen en opvoeding Pharos, 2014 Marjolijn van Leeuwen INHOUDSOPGAVE Inleiding blz. 3 De themabijeenkomst blz. 5 Thema 1, oefeningen

Nadere informatie

Communiceren met kinderen: een andere benaderingswijze M.C. Franken en C. de Sonneville-Koedoot 1

Communiceren met kinderen: een andere benaderingswijze M.C. Franken en C. de Sonneville-Koedoot 1 Communiceren met kinderen: een andere benaderingswijze M.C. Franken en C. de Sonneville-Koedoot 1 Deel I: Het kind bevestigen Dit document bestaat uit twee delen. In dit eerste deel wordt uitgelegd hoe

Nadere informatie

CLAEVERVELT, KRANT VOOR OUDERS EN LEERLINGEN HIER ZEGGEN WE NEEN TEGEN PESTEN!

CLAEVERVELT, KRANT VOOR OUDERS EN LEERLINGEN HIER ZEGGEN WE NEEN TEGEN PESTEN! CLAEVERVELT, HIER ZEGGEN WE NEEN TEGEN PESTEN! KRANT VOOR OUDERS EN LEERLINGEN Verschil tussen pesten en ruzie maken Er is een groot verschil tussen plagen, pesten en ruzie maken. RUZIE MAKEN gebeurt vaak

Nadere informatie

Wanneer vertel je het de kinderen? Kies een moment uit waarop je zelf en de kinderen niet gestoord kunnen worden.

Wanneer vertel je het de kinderen? Kies een moment uit waarop je zelf en de kinderen niet gestoord kunnen worden. Hoe vertel je het de kinderen? Op een gegeven moment moet je de kinderen vertellen dat jullie gaan scheiden. Belangrijk is hoe en wat je hen vertelt. Houd rekening daarbij rekening met de leeftijd van

Nadere informatie

Vermoeidheid bij MPD

Vermoeidheid bij MPD Vermoeidheid bij MPD Landelijke contactmiddag MPD Stichting, 10-10-2009 -van Wijlen Psycho-oncologisch therapeut Centrum Amarant Toon Hermans Huis Amersfoort Welke verschijnselen? Gevoelens van totale

Nadere informatie

attitudes zelfstandig leren kennis vaardigheden

attitudes zelfstandig leren kennis vaardigheden zelfstandig leren Leren leren is veel meer dan leren studeren, veel meer dan sneller lijstjes blokken of betere schema s maken. Zelfstandig leren houdt in: informatie kunnen verwerven, verwerken en toepassen

Nadere informatie

Kinderrechtswinkels, vzw, Hoogstraat 81, 9000 Gent krw.koepel@kinderrechtswinkel.be - www.kinderrechtswinkel.be. Karin Maes

Kinderrechtswinkels, vzw, Hoogstraat 81, 9000 Gent krw.koepel@kinderrechtswinkel.be - www.kinderrechtswinkel.be. Karin Maes REALISATIE Kinderrechtswinkels, vzw, Hoogstraat 81, 9000 Gent krw.koepel@kinderrechtswinkel.be - www.kinderrechtswinkel.be EINDREDACTIE Karin Maes VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Marc Morris, secretaris-generaal.

Nadere informatie

INFORMATIE KINDEREN IN ROUW 4-6 JAAR STICHTING STERRENKRACHT

INFORMATIE KINDEREN IN ROUW 4-6 JAAR STICHTING STERRENKRACHT INFORMATIE KINDEREN IN ROUW 4-6 JAAR STICHTING STERRENKRACHT Voorwoord Beste ouders/verzorgers, Deze informatie is bedoeld om antwoord te geven op vragen als: Hoe ga ik om met het verdriet, angst of boosheid

Nadere informatie

HANDIG ALS EEN HOND DREIGT

HANDIG ALS EEN HOND DREIGT l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n HANDIG ALS EEN HOND DREIGT OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN HIER LEES JE HANDIGE INFORMATIE OVER HONDEN DIE DREIGEN. JE KUNT

Nadere informatie

ADHD en lessen sociale competentie

ADHD en lessen sociale competentie ADHD en lessen sociale competentie Geeft u lessen sociale competentie én heeft u een of meer kinderen met ADHD in de klas, dan kunt u hier lezen waar deze leerlingen tegen aan kunnen lopen en hoe u hier

Nadere informatie

Feedback geven en ontvangen

Feedback geven en ontvangen Feedback geven en ontvangen 1 Inleiding In het begeleiden van studenten zul je regelmatig feedback moeten geven en ontvangen: feedback is onmisbaar in de samenwerking. Je moet zo nu en dan kunnen zeggen

Nadere informatie

Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering.

Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering. Bij SNAP leren we ouders en kinderen vaardigheden om problemen op te lossen en meer zelfcontrole te ontwikkelen. Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering. SNAP (STOP

Nadere informatie

Relationele vorming. De rol van ouders in de gezonde seksuele ontwikkeling van kinderen

Relationele vorming. De rol van ouders in de gezonde seksuele ontwikkeling van kinderen Relationele vorming De rol van ouders in de gezonde seksuele ontwikkeling van kinderen Programma Introductie relationele- en seksuele vorming Inventarisatie van vragen De seksuele ontwikkeling van kinderen

Nadere informatie

Horizon methodiek na huiselijk geweld & na seksueel misbruik

Horizon methodiek na huiselijk geweld & na seksueel misbruik Horizon methodiek na huiselijk geweld & na seksueel misbruik 29-09-2014 Merijn van de Vliet, GZ-psycholoog Programma Introductie Oefening Horizon: twee varianten naast elkaar Film Oefening Thema s en

Nadere informatie

Mishandeling en seksueel. Laat het niet zomaar gebeuren

Mishandeling en seksueel. Laat het niet zomaar gebeuren Mishandeling en seksueel geweld Laat het niet zomaar gebeuren Alles over mishandeling en seksueel geweld Meldpunt Geweld, Misbruik en Kindermishandeling tel. 1712 elke werkdag van 9 tot 17 uur Dit nummer

Nadere informatie

Hoe kunt u voor uw bijzondere kleinkind zorgen? Tips voor opa s en oma s. Foto Britt Straatemeier. Deze brochure werd mogelijk gemaakt door:

Hoe kunt u voor uw bijzondere kleinkind zorgen? Tips voor opa s en oma s. Foto Britt Straatemeier. Deze brochure werd mogelijk gemaakt door: Hoe kunt u voor uw bijzondere kleinkind zorgen? Tips voor opa s en oma s Foto Britt Straatemeier Deze brochure werd mogelijk gemaakt door: Tips voor grootouders Foto Susanne Reuling Als in het gezin van

Nadere informatie

Onze school wordt een KiVa School! Informatieavond voor ouders

Onze school wordt een KiVa School! Informatieavond voor ouders Onze school wordt een KiVa School! Informatieavond voor ouders 1 Als iedereen kijkt en niemand wat doet Start de bijbehorende film Is dit herkenbaar? Uitwisselen van gedachten 2 Programma Uitwisselen van

Nadere informatie

Observatielijst Groepsfunctioneren

Observatielijst Groepsfunctioneren Observatielijst Groepsfunctioneren Toelichting De Observatielijst Groepsfunctioneren is verdeeld in twee leeftijdscategorieën: kinderen tot 1,5 jaar en kinderen ouder dan 1,5 jaar. Met de lijst wordt de

Nadere informatie

Slecht. gehecht. Gedrag op school

Slecht. gehecht. Gedrag op school Hechting Zelfbeeld Team Over kinderen met hechtingsproblemen Max is geadopteerd. Als dreumes van twintig maanden kwam hij naar Nederland. Nu is hij een opvallende leerling in groep 4, de groep van juf

Nadere informatie

Welkom bij onze vereniging! Omgangsregels

Welkom bij onze vereniging! Omgangsregels Welkom bij onze vereniging! Omgangsregels Iedereen die Muziekvereniging Soli bezoekt onderschrijft de doelstellingen en het huishoudelijk reglement van de vereniging en houdt zich aan de omgangsregels

Nadere informatie

Charter collectieve rechten en plichten

Charter collectieve rechten en plichten Charter collectieve rechten en plichten Van Begeleid Wonen Zennestreek vzw het voor Personen met een ( VAPH) (erkenningsnummer 409200333) Ons adres: In dit charter leggen we duidelijk uit hoe we werken

Nadere informatie

ZML SO Leerlijn Sociale en emotionele ontwikkeling: zelfbeeld en sociaal gedrag

ZML SO Leerlijn Sociale en emotionele ontwikkeling: zelfbeeld en sociaal gedrag ZML SO Leerlijn Sociale en emotionele ontwikkeling: zelfbeeld en sociaal gedrag SOCIALE EN EMOTIONELE ONTWIKKELING: ZELFBEELD EN SOCIAAL GEDRAG Leerlijnen Kerndoelen 1.1. Jezelf presenteren 1.2. Een keuze

Nadere informatie

GRONDHOUDINGEN IN HET OMGAAN MET (KANSARME) MENSEN

GRONDHOUDINGEN IN HET OMGAAN MET (KANSARME) MENSEN GRONDHOUDINGEN IN HET OMGAAN MET (KANSARME) MENSEN We vragen ons vaak af hoe we op een goede manier kunnen omgaan met gekwetste mensen. Dit is een vraag waarop we geen pasklaar antwoord kunnen geven. We

Nadere informatie

TALENTENZOEKTOCHT overzicht van de talenten

TALENTENZOEKTOCHT overzicht van de talenten TALENTENZOEKTOCHT overzicht van de talenten bijlage 1 1 Ik ga een grote uitdaging niet uit de weg 1. Taken die moeilijk zijn, vind ik veel leuker dan eenvoudige taken. 2 Ik hoef niet aangespoord te worden

Nadere informatie

Wat vertel ik mijn kind als ik opgenomen word? Praten helpt. Verslavingspreventie Mondriaan

Wat vertel ik mijn kind als ik opgenomen word? Praten helpt. Verslavingspreventie Mondriaan Wat vertel ik mijn kind als ik opgenomen word? Praten helpt Verslavingspreventie Mondriaan Wat vertel ik mijn kind als ik opgenomen word? Alle ouders hebben het beste voor met hun kinderen. Ouders vragen

Nadere informatie

toont enthousiasme (lacht, kirt, trappelt met de beentjes)

toont enthousiasme (lacht, kirt, trappelt met de beentjes) 1 Omgaan met en uiten van eigen gevoelens en ervaringen toont enthousiasme (lacht, kirt, trappelt met de beentjes) laat non-verbaal zien dat hij/zij iets niet wil (bijv. slaat fles weg, draait hoofd als

Nadere informatie

STA STERK TRAINING 1. sta sterk training. www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl

STA STERK TRAINING 1. sta sterk training. www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl STA STERK TRAINING 1 sta sterk training www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl 2 KINDERPRAKTIJK LANDSMEER STA STERK TRAINING 3 De sta sterk training achtergrond sta sterk Training

Nadere informatie

Bij pesten zijn er altijd 5 partijen: de pester, het slachtoffer, de grote zwijgende groep, de leerkrachten en de ouders.

Bij pesten zijn er altijd 5 partijen: de pester, het slachtoffer, de grote zwijgende groep, de leerkrachten en de ouders. Versie nov. 2012 Pestprotocol. Inclusief regels en afspraken binnen de school. Wat is pesten? Pesten betekent iemand op een gemene manier lastig vallen: bewust iemand kwetsen of kleineren. Het gebeurt

Nadere informatie

Signalen bij partnergeweld

Signalen bij partnergeweld Datum: 31/10/2013 Auteur: Kris De Groof Versie: Def Herkomst: Methodisch kader Aan de Slag Doel: Bestemming: Handelingskader 1712 Signalen bij partnergeweld 1. Algemene signalen van partnergeweld 1.1.

Nadere informatie

Het empathiequotiënt (eq)

Het empathiequotiënt (eq) Het empathiequotiënt (eq) Het empathiequotiënt (EQ) versie voor volwassenen Hoe moet deze vragenlijst ingevuld worden? In deze vragenlijst staan een aantal stellingen opgesomd. Lees elke stelling aandachtig

Nadere informatie