STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 2 HOEVEZUIVEL VERKOOP EN VERWERKING

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 2 HOEVEZUIVEL VERKOOP EN VERWERKING"

Transcriptie

1 STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW Deel 2 HOEVEZUIVEL VERKOOP EN VERWERKING

2 2

3 Voorwoord: Hoevezuivel: booming business? Hoeve- en zuivelproducten : twee begrippen die aanspreken. Daarom is een nieuwe Hoevezuivelgids zeker welkom. Neen, het gaat niet om het zoveelste kookboek met smakelijke recepten, maar wel om een praktijkgerichte handleiding voor al wie betrokken is bij de productie van zuivelproducten op de hoeve. Administratieve, wetgevende, fiscale en commerciële aspecten komen aan bod in deze gids. Bij de cijfergegevens wordt de schijnwerper gericht op de situatie in Vlaams-Brabant, maar de andere topics zijn ook van toepassing in de andere Vlaams e provincies. Cera steunt deze publicatie met overtuiging. Vanuit haar roots staat Cera dicht bij de agrarische sector en dat vind je terug in de gefinancierde projecten. Cera is een maatschappelijk investeerder die het belang van land- en tuinbouw erkent én die ook de daad bij het woord voert. Zuivelproducten zijn lekker en gezond. Dat is algemeen bekend. Hoeveproductie combineert dit met het begrip proximiteit, of nabijheid. Dat is een extra garantie voor betrokkenheid van de producent en voor kwaliteit van het eindproduct. Hoevezuivel: booming business! Nu schrijven we het met een uitroepingsteken en niet meer met een vraagteken. We hebben er immers alle vertrouwen in dat deze gids zal bijdragen tot het succes van hoevezuivel. En daar worden we toch allen beter van. Matthieu Vanhove Directeur Lid van het Managementcomité Cera 3

4 4

5 Inhoudstabel Hoeveproducten in Vlaams Brabant...3 Waarom deze startersmap hoevezuivel verkoop en verwerking?...3 Fiche 1: Thuisverkoop van primaire of verwerkte zuivelproducten?...3 Fiche 2: Wat en waar mag je verkopen?...3 Fiche 3: Verplichtingen t.o.v. het FAVV...3 Fiche 4: Wat met de handelswetgeving?...3 Fiche 5: Wetgeving m.b.t. ruimtelijke ordening...3 Fiche 6: De milieuvergunning...3 Fiche 7: Wetgeving mbt. etikettering van zuivelproducten...3 Fiche 8: Prijsreglementering van zuivelproducten...3 Fiche 9: Wetgeving mbt te koelen zuivelproducten...3 Fiche 10: Het gebruik van meetwerktuigen...3 Fiche 11: Financiële ondersteuning door het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF)...3 Fiche 12: Wetgeving m.b.t. fiscaliteit...3 Fiche 13: Vennootschap of eenmanszaak...3 Fiche 14: De hygiënewetgeving...3 Fiche 15: Inrichting van een winkel- en verwerkingsruimte...3 Fiche 16: Autocontrole...3 5

6 Fiche 17: Traceerbaarheid...3 Fiche 18: Meldingsplicht...3 Ken je reeds VLAM Hoeveproducten...3 Voedselteams...3 Provincie West-Vlaanderen...3 Provincie Oost-Vlaanderen...3 Provincie Antwerpen...3 Provincie Limburg...3 Provincie Vlaams-Brabant...3 Het Innovatiesteunpunt...3 ILVO...3 6

7 Hoeveproducten in Vlaams Brabant Wat zijn hoeveproducten? Definities vinden van de term hoeveproduct is niet voor de hand liggend. Dit komt onder andere doordat ze niet wettelijk bepaald zijn. Enkel de term hoeve/boerezuivel geniet een erkenning (Ministerie van middenstand en landbouw, 2001). Je kan enkel van hoevemelk, hoeve-ijs, hoeverijstpap, spreken wanneer het om producten gaat die met de melk van het EIGEN bedrijf werden gemaakt. Ook op Europees niveau bestaat (nog) geen eenduidige, wettelijke definitie van het begrip hoeveproduct. De Europese Unie erkent wel bepaalde landbouwproducten en levensmiddelen, waaronder ook hoeveproducten, als beschermde oorsprongsbenamingen (BOB), als beschermde geografische aanduidingen (BGA) of als gegarandeerde traditionele specialiteiten en (GTS) (Europese Raad, 2006a,b). Boerenkaas is bijvoorbeeld sinds 2007 door de Europese Unie als een Gegarandeerde Traditionele Specialiteit (GTS) erkend (Europese Commissie, 2007). Hoeveproducten kunnen basisproducten zijn zoals melk, aardappelen en eieren, maar ook verwerkte producten zijn zoals yoghurt en fruitsap. Hoeveproducten worden meestal wel gekenmerkt door volgende elementen: 1. De oorsprong van hoeveproducten is de hoeve. 2. Hoeveproducten worden vermarkt via de korte keten. 3. Hoeveproducten hebben een lokaal karakter. 4. Bij verkoop van hoeveproducten wordt rechtstreeks contact tussen producent en consument bewerkstelligd. Marktkanalen voor korte-keten-verkoop Korte-keten-verkoop kan ingedeeld worden in echte directe verkoop enerzijds en korte-circuit directe verkoop anderzijds. Bij het eerste bevindt zich geen enkele tussenschakel tussen producent en consument, terwijl er bij het tweede één of twee tussenschakels zijn. Echte directe verkoop voorbeelden: verkoop op de hoeve of de hoevewinkel, op markten en boerenmarkten, via thuislevering, E-sales. Op de echte directe verkoop zijn een aantal variaties zoals: Abonnementen: individuele consumenten of een groep van consumenten die een abonnement hebben bij een landbouwer, krijgen van de landbouwer op een regelmatig tijdstip een pakket Coöperaties van hoeveproducenten: samenwerking tussen hoeveproducenten wordt van overheidswege aangemoedigd en past binnen de verbreding van landbouw. Door netwerkvorming wordt het aanbod van een hoevewinkel breder. Samenwerking tussen consumenten: voedselteams (een groep gezinnen uit eenzelfde buurt die samen rechtstreeks hoeveproducten aankopen bij de landbouwers in de nabije omgeving

8 Samenwerking tussen consumenten en een hoeveproducent/hoeveproducenten: Gemeenschap-ondersteunde landbouw of CSA. CSA is een contractueel partnerschap tussen één of meerdere landbouwers én een gemeenschap van consumenten uit de buurt van de hoeve(s) die aandeelhouders. De aandeelhouders steunen de hoeve(s) financieel door aandelen te kopen vóór het groei- en oogstseizoen. Bijgevolg lopen ze hetzelfde risico als de landbouwer. Korte-circuit directe verkoop: houdt verkoop in van hoeveproducten aan restaurants, kleine winkels, buurtwinkels, supermarkten en dergelijke. Waarom kiezen consumenten vaak voor hoeveproducten en korte-ketenverkoop? 1. Ze kopen hoeveproducten, omdat ze als duurzamer beschouwd worden (minder CO2-uitsttoot, stimulansen voor de lokale economie, markttoegang voor kleine producenten). 2. Ze opteren voor producten met een lokaal karakter als tegenreactie op de ontwikkeling van een dominant, globaal voedselsysteem. 3. Ze kopen hoeveproducten, om sociaal contact te bewerkstelligen met de producent. 4. Hoeveproducten worden gebruikt vanuit angst en onzekerheid omtrent de conventionele producten. Door directe en persoonlijke interactie tussen producent en consument kan het vertrouwen van de consument in de kwaliteit van de betrokken producten versterkt worden 5. Ze kiezen voor hoeveproducten vanwege hun traditioneel en nostalgisch karakter. 6. Ze willen weten hoe en waar hun voedsel geproduceerd wordt, en willen dichter bij de producent staan. 7. Ze kiezen voor hoeveproducten, omdat ze gezonder, natuurlijker en verser zijn. 8. Ze kopen hoeveproducten omwille van genot (smaak). Hoeveproducten in Vlaams Brabant Vlaams-Brabant is wellicht de meest verstedelijkte provincie in Vlaanderen. Onze hoofdstad deelt de provincie op in twee delen en de invloed van de grootstad is ver daarbuiten nog voelbaar. Op een steenworp van Brussel ligt Leuven een andere belangrijke stad m.b.t. werkgelegenheid, economie en dé studentenstad bij uitstek. De aanwezigheid van deze grote steden oefent samen met een dicht (spoor)wegennet een cruciale invloed uit op de landbouw in deze provincie. Het Hageland wordt natuurlijk gekenmerkt door zijn hoge concentratie aan fruitteeltbedrijven maar in de rest vinden we meestal kleinere gemengde bedrijven. De evolutie van de landbouw spaart ook Vlaams Brabant niet en bedrijven hebben eigenlijk twee grote keuzes: schaalvergroting of specialiseren. Om redenen die hoger zijn aangehaald is het voor de meeste bedrijven in Vlaams Brabant niet haalbaar aan schaalvergroting te doen. Specialisatie is de enige mogelijkheid om de leefbaarheid en de familiale tewerkstelling op de bedrijven te behouden. Specialisatie in land- en tuinbouw betekent vaak verbreding. Met twee grootsteden in de provincie en een aantal verspreide kleinere centrumsteden is de weg van de boer naar de directe consument vaak maar een kleine stap. Land- en tuinbouwbedrijven moeten van hun schijnbaar kwetsbare positie (in de buurt van steden) een sterk punt maken en moeten de communicatie met de consument aangaan. Thuisverkoop kan voor een aantal bedrijven een meerwaarde betekenen. 8

9 Ondanks het feit dat Vlaams-Brabant heel wat troeven heeft die het contact tussen consument en de landbouwer kunnen bewerkstellingen is het aantal land- en tuinbouwbedrijven die de stap naar een thuisverkoop zetten beduidend lager in Vlaams-Brabant. In 2009 waren bij het FAVV in België 1520 land- en tuinbouwbedrijven gekend bij het FAVV die één of andere vorm van thuisverkoop hadden. 924 van deze bedrijven kunnen we in Vlaanderen situeren, 133 bedrijven hebben hun zetel in Vlaams-Brabant wat neerkomt op 14% van alle Vlaamse bedrijven met een thuisverkoop (in Vlaams-Brabant zijn 12% van de Vlaamse land- en tuinbouwbedrijven gelegen, Hageland: 5%, Pajottenland: 7%). Aantal L&T bedrijven met een thuisverkoop België (cijfers FAVV 2009) % % % zuivel gr&fr vlees Aantal L&T bedrijven met thuisverkoop in Vlaanderen (cijfers FAVV 2009) % % % zuivel gr&fr vlees 9

10 Aantal L&T bedrijven met een thuisverkoop in Vlaams Brabant (cijfers FAVV 2009) 19 14% 33 25% 81 61% zuivel gr&fr vlees Van die 133 Vlaams-Brabantse bedrijven met een thuisverkoop zijn volgens het FAVV 33 bedrijven (25%) gespecialiseerd in de verkoop van hoevezuivel, 81 (61%) van groenten en vooral van fruit en 19 bedrijven (14%) hebben een hoeveslagerij. Wanneer we ons beperken tot die bedrijven die hoevezuivelproducten verkopen dan telde in 2009 België 818 hoevezuivelaars waarvan er 394 in Vlaanderen gelegen zijn (48%) met dus slechts 33 in Vlaams-Brabant (8%). In Vlaams-Brabant zijn de hoevezuivelaars dus procentueel ondervertegenwoordigd wanneer je het Vlaams gemiddelde kent. Dit vinden we ook terug in de cijfers van de website waar hoeveproducenten zich gratis kunnen laten registreren om zich zo bekend te maken bij de consument. Slechts 17 van de 365 bedrijven hun zetel in Vlaams-Brabant hebben en hoevezuivelaar zijn. (8 in het Pajottenland, 3 in de Groene Gordel en 6 in het Hageland). Bij het Steunpunt Hoeveproducten zijn 1313 bedrijven geregistreerd als thuisverkoper, 181 van deze bedrijven liggen in Vlaams-Brabant (13,7%) maar slechts 42 liggen in het Hageland (3,2%). Vreemd genoeg komt bijna 20% van de adviesvragen aan het Steunpunt van bedrijven die in Vlaams-Brabant gelegen zijn. 10

11 Waarom deze startersmap hoevezuivel verkoop en verwerking? Deze startersmap werd ontwikkeld door het Steunpunt Hoeveproducten om iedere melkveehouder die eraan denkt een thuisverkoop en/of verwerking op te starten wegwijs te maken in het kluwen van wettelijke verplichtingen en regelgevingen. Zuivelverkoop en/of verwerking kan een bijkomend inkomen op het bedrijf genereren maar de opstart en uitbouw moet doordacht gebeuren en de melkveehouder mag zeker niet over één nacht ijs gaan bij zijn beslissing een dergelijke nevenactiviteit uit te bouwen. Deze startersmap wil melkveehouders op een duurzame manier doen nadenken over de mogelijkheden op hun bedrijf van een zuivelverkoop en verwerking. Bij de opstart van een zuivelverkoop en verwerking krijg je als ondernemer te maken met heel wat reglementeringen. Enerzijds moet je voldoen aan alle voorschriften van het FAVV naar voedselveiligheid, inrichting van productielokalen, productetikettering, autocontrole, maar anderzijds moet je ook voldoen aan alle verplichtingen van de handelswetgeving, de regelgevingen ruimtelijke ordening, de milieuwetgeving, Als ondernemer zie je vaak het bos door de bomen niet meer. Het Steunpunt Hoeveproducten wil met deze startersmap op heel wat vragen een antwoord bieden. Bij de opstart kan er ook beroep gedaan worden op een aantal steunmaatregelen. Ook deze worden in deze startersmap behandeld. Blijf je als melkveehouder toch nog met vragen zitten dan mag je steeds contact opnemen met het Steunpunt Hoeveproducten. Heb je anderzijds interesse om op de hoogte te blijven van de actualiteiten m.b.t. hoevezuivel dan kan je op aanvraag onze gratis nieuwsbrief 4 maal per jaar ontvangen. Onze contactgegevens vind je achteraan deze map. Tot wie richt deze startersmap zich? Deze handleiding richt zich in de eerste plaats tot melkveehouders die eigen melk(producten) (koemelk of melk van andere herkauwers) op hun bedrijf willen verkopen en verwerken. Daarnaast vindt de veehouder heel wat info terug m.b.t. de verkoop van producten van collega land- en tuinbouwers, verkoop op (boeren)markten, verkoop via automaten, Kleine K.M.O. s actief in de melkverwerkende sector zullen hier ook heel wat informatie in terugvinden. Bepaalde regelgevingen (vnl. vanuit de dienst Landbouw en Visserij) zijn echter voor hen niet van toepassing. Algemene wetgeving thuisverkoop, hoevevlees en verwerkte groentenen fruitproducten De startersmap die nu voor jou ligt is het tweede deel in een reeks van 4 uitgaven en gaat dieper in op de thuisverwerking en verkoop van zuivelproducten. Het eerste deel bevat alle basisinformatie die je 11

12 als thuisverkoper nodig hebt/zal hebben om je verkoop op te starten en uit te bouwen of het nu gaat over de verkoop van groenten, fruit, zuivelproducten, vleeswaren, Delen 3 en 4 spitsen zich specifiek toe op de verwerking en verkoop van respectievelijk verwerkte groenten/fruit en hoevevlees. Opbouw van deze startersmap Deze startersmap is opgebouwd uit 18 fiches die elk een ander onderwerp behandelen. Elke fiche staat onafhankelijk van elkaar. Voor meer uitgebreide informatie m.b.t. het onderwerp wordt soms verwezen naar de bijlagen achteraan in de startersmap. Deze bijlagen geven wat meer achtergrondinformatie of geven aan hoe je praktisch iets kunt aanvragen bij de bevoegde diensten. Voor bijkomende info kun je ook steeds terecht op de website van het Steunpunt Hoeveproducten: Deze startersmap is ook integraal op onze website te raadplegen. Jaarlijks zullen alle fiches indien nodig- geactualiseerd worden. Deze geactualiseerde fiches zul je via onze website kunnen downloaden en afprinten zodat je je startersmap steeds actueel kan houden. Ten slotte vind je in het laatste deel van deze startersmap een korte voorstelling van de regionale/vlaamse organisaties die hoeveproducenten kunnen bijstaan bij de vermarkting van hun producten. Je kan rechtstreeks met hen contact opnemen voor verdere informatie. 12

13 HOOFDSTUK 1: INFORMATIEVE FICHES 13

14 14

15 Fiche 1: Thuisverkoop van primaire of verwerkte zuivelproducten? Wat zijn primaire/verwerkte zuivelproducten? OPGELET: deze begrippen worden door de handelswetgeving/favv op een andere manier geïnterpreteerd. FAVV Met primaire zuivelproducten bedoelt het FAVV land- en tuinbouwproducten die geen verwerking hebben ondergaan. In de melkveehouderij is enkel rauwe niet behandelde melk een primair product. Met verwerkte zuivelproducten bedoelt het FAVV land- en tuinbouwproducten die wel een verwerking hebben ondergaan. Zuiveldessertjes, hoeveijs, kaas, behoren hiertoe. Het is van belang om te weten of je te doen hebt met primaire of verwerkte zuivelproducten omdat voor deze laatste de wetgeving m.b.t. voedselveiligheid veel uitgebreider is. Val je voor het FAVV onder de sector verwerking dan betekent dit dat je een autocontroleplan zal moeten opstellen (zie verder in deze map). Doe je volgens het FAVV niet aan verwerking dan volstaan de GHP (=goede hygiënepraktijken). Voor de wetgeving op de handelspraktijken wordt de term verwerking iets anders geïnterpreteerd maar dit kun je verder lezen in fiche 4. Thuisverkoop en gevolgen op certificatie van mijn melkveebedrijf? Als land- of tuinbouwbedrijf kan je na een positieve audit door een OCI 1 een certificaat bekomen. Dit certificaat geeft aan dat je de voor jou geldende sectorgids 2 volgt en aan alle voorwaarden voldoet. Voordeel van een dergelijk certificaat is dat je in aanmerking komt voor een bonus van het FAVV (een vermindering op je jaarlijkse FAVV factuur) en dat je vanuit het FAVV minder controles mag 1 OCI = geaccrediteerde instelling die vanuit het FAVV erkend is om controles op voedingsbedrijven uit te voeren. 2 Sectorgids (of autocontrolegids) is een soort door het FAVV goedgekeurde handleiding opgesteld door een sector en bestemd voor de operatoren van die sector met aanwijzingen hoe men kan voldoen aan de wettelijk opgelegde vereisten voor hygiëne, traceerbaarheid en autocontrole. 15

16 verwachten. Je kan enkel een certificaat bekomen als ALLE bedrijfsactiviteiten op je bedrijf door een OCI kunnen gecontroleerd worden. Bij een thuisverkoop van zuivelproducten kan je naast de Autocontrolegids primaire dierlijke productie ook de gids Hoevezuivel volgen. Deze gids werd tot op heden echter nog niet door het FAVV definitief goedgekeurd. Dit heeft een aantal gevolgen voor melkveebedrijven met verwerking van een deel van hun melk: momenteel kan geen enkel melkveebedrijf met een zuivelverwerking zich laten certificeren door een OCI en dus geen certificaat bekomen. Daarom val je als hoevezuivelaar automatisch in het malussysteem van het FAVV en krijg je daardoor ook extra controles. Eenmaal de sectorgids Hoevezuivel zal goedgekeurd zijn kunnen ook hoevezuivelaars zich laten certificeren en een bonus bij het FAVV halen. Let op: ben je bijvoorbeeld bereider van hoeve-ijs en heb je daarom in de zomer een tijdelijk terras buiten (of een verbruikzaaltje) dan val je voor dit deel van je activiteiten onder de horeca sector wat strikt genomen betekent dat je de Autocontrolegids van de Horeca zal moeten volgen om gecertificeerd te kunnen worden. 16

17 Fiche 2: Wat en waar mag je verkopen? Wat mag je verkopen? Een echte definitie van hoeveproducent en/of hoeveproduct bestaat niet. Een aantal zaken komen voort uit de handelswetgeving: je mag als land- of tuinbouwer eigen primaire en/of verwerkte producten verkopen. Je mag daarnaast ook producten van collega landbouwers aanbieden. Deze collega s blijven verantwoordelijk voor de kwaliteit en de voedselveiligheid van hun producten terwijl jij erop moet toezien dat deze producten in goede omstandigheden bij jou bewaard en verkocht worden. In dat geval moet je je bijkomend ook laten registreren als handelaar (zie fiche 4). Aan wie mag je verkopen? In de eerste plaats rechtstreeks aan de consument maar ook aan derden die zelf rechtstreeks aan de consument verkopen. Zo kan je je producten aanbieden via een locale buurtwinkel, via abonnementsformules, restaurants, Afhankelijk van het omzet % dat je realiseert bij de verkoop aan derden dien je een toelating of een erkenning aan het FAVV aan te vragen (zie fiche 3). Waar mag je verkopen? In je hoevewinkel op je bedrijf. Verkoop op de boerderij heeft altijd bestaan. Het begrip hoevewinkel heeft geen wettelijke definitie. De hoevewinkel wordt meestal geassocieerd met een winkel op een actief landbouwbedrijf waar voornamelijk producten van de hoeve worden verkocht door boer of boerin. Winkels waar (onverpakte) zuivelproducten verkocht worden moeten beantwoorden aan de eisen van voedselhygiëne en bewaring van verse producten. Voor de aanpassing van een bedrijfsgebouw naar hoevewinkel verleent de overheid (ruimtelijke ordening) een vergunning als het de verkoop betreft van eigen zuivelproducten. In de praktijk blijkt echter dat de meeste hoevezuivelaars ook hoeveproducten verkopen die ze niet zelf hebben vervaardigd/geproduceerd. In uitzonderlijke gevallen worden ook niet-hoeveproducten verkocht. De adviesverlenende (en controlerende) administratie ruimtelijke ordening laat de verkoop van andere dan de zelf geproduceerde hoeveproducten echter stilzwijgend toe en interpreteert eigen productie als minstens 50 % van de hoeveproducten van het eigen bedrijf afkomstig zijn. Je kan je zuivelproducten echter ook verkopen op een (boerenmarkt) en via buurtwinkels, restaurants, Je kan ook je zuivelproducten verkopen via een automaat die op je bedrijf staat of ook op een ander locatie verder van je bedrijf. 17

18 Indien je normaal gezien je producten op je bedrijf te koop aanbiedt mag je op eenmalige basis je producten ook op een evenement (vb. een jaarlijks buurtfeest) aanbieden zonder dat je hiervoor een leurkaart hebt. Doe je dit regelmatig(er) dan heb je wel zo n leurkaart nodig (zie fiche 4B). Ook op markten, evenementen, moet je de voedselhygiënewetgeving respecteren. 18

19 Fiche 3: Verplichtingen t.o.v. het FAVV Aanvragen van een registratie, toelating of erkenning Wat moet je doen? Je wenst te starten als hoevezuivelaar. In dat geval zal je aan het FAVV (Federaal Agentschap voor de Voedselveiligheid) een registratie, toelating of erkenning moeten aanvragen. Ook al ben je reeds gekend bij het FAVV als melkveebedrijf en betaal je je jaarlijkse bijdrage dan moet je de opstart van je nieuwe nevenactiviteit(en) melden. De jaarlijkse bijdrage zal hierdoor niet verhogen zolang je je hoofdinkomen uit je reguliere landbouwactiviteit haalt. Verkoop je voornamelijk aan particulieren dan volstaat de aanvraag van een toelating. Wanneer je echter meer dan 30% van je omzet zal halen uit de verkoop van je producten aan derden (dus niet rechtstreeks aan de consument) dan zal je een erkenning moeten aanvragen. Verkoop je enkel rauwe melk aan de consument dan volstaat een registratie. Waarom moet je dit doen? Het FAVV heeft de opdracht ervoor te zorgen dat alle levensmiddelen die in België op de markt komen enerzijds aan de wettelijke verplichtingen voldoen én anderzijds voedselveilig zijn. Het FAVV heeft dus de opdracht controle uit te oefenen op de hele voedselketen in België. Land- en tuinbouwbedrijven behoren hiertoe. Het FAVV moet ook precies weten welke weg de voedingsmiddelen afleggen en via welke weg verkoop plaatsvindt. Vandaar dat je je thuisverkoop ook moet melden. Wanneer moet je dit doen? Voordat je de (neven)activiteit opstart moet je een aanvraag indienen. Hiervoor stelt het FAVV voorgedrukte formulieren ter beschikking. Dit formulier moet je versturen naar het hoofd van de PCE (provinciale controle-eenheid) van de provincie waar jouw bedrijf zich bevindt. Dit kan gebeuren per brief, fax of via elektronische weg. Zorg er wel steeds voor dat je een bewijs hebt van je aanvraag. Waar vind je zo n formulier? Je vult het aanvraagformulier in bijlage 1 in en verstuurt dit naar het hoofd van je provinciale controle-eenheid (voor contactgegevens zie bijlage 2). 19

20 of Via kan je het aanvraagformulier ook downloaden: of Je contacteert (zie bijlage 2) de provinciale controle-eenheid van het FAVV (PCE) in jouw provincie en vraagt ze een formulier naar je door te sturen. De contactgegevens per PCE: Deze vind je in bijlage 2. Hoe vul je het formulier in? Vul het formulier in met je persoonlijke en bedrijfsgegevens. In kader IV dien je de activiteitencode(s) van de activiteit(en) waarvoor je de aanvraag doet in te vullen. De voornaamste codes die overeenkomen met de door jou gekozen activiteit(en) vind je terug in bijlage 3. Deze lijst bevat de voor de hoevezuivelaars meest gebruikte codes. De volledige lijst met activiteitencodes voor de ganse voedingsindustrie vind je op Wat doet het FAVV met je aanvraag? Het FAVV onderzoekt je volledige aanvraag binnen de 30 werkdagen. Indien je gedurende deze periode niets van het FAVV hoort dan wordt aangenomen dat je aanvraag stilzwijgend werd toegekend. 1. Registratie: De aanvraag van een registratie is een administratieve procedure en kan beschouwd worden als een eenvoudige melding. 2. Toelating: De aanvraag van een toelating wordt gevolgd door een administratief onderzoek. Het FAVV kan de toelating weigeren wanneer de inrichting niet voldoet aan de wettelijke voorschriften m.b.t. de infrastructuur, de uitrusting en hygiënemaatregelen. Afhankelijk van het controleresultaat kan het FAVV een voorwaardelijke toelating afleveren. Deze is 3 maanden geldig. Binnen de 3 maanden zal een controlebezoek ter plaatse worden uitgevoerd. 3. Erkenning: De aflevering van een erkenning wordt steeds voorafgegaan door een inspectiebezoek ter plaatse van een inspecteur van het Agentschap. Dit eerste inspectiebezoek heeft tot doel na te gaan of de inrichting op het vlak van infrastructuur en uitrusting beantwoordt aan de wettelijke vereisten. Indien dit het geval is, kan beslist worden tot het afleveren van een voorwaardelijke erkenning, waarna bij een tweede inspectie binnen een periode van 3 (of 6) maanden de naleving van de exploitatievoorwaarden (o.a. het autocontrolesysteem) wordt geverifieerd. 20

21 De definitieve toelating/erkenning is van onbepaalde duur. Ze bevat een gedetailleerde opgave van de activiteiten, het nummer van de inrichting en de activiteitencode(s). Als hoevezuivelaar krijg je van het FAVV een zgn. HP-nummer Dit nummer MOET op elk etiket aangegeven worden. Elke wijziging (adresgegevens, persoonlijke gegevens, bijkomende activiteiten, stopzetting activiteiten, ) dient doorgegeven te worden aan het FAVV door eenzelfde aanvraagformulier (zie bijlage 1) terug in te vullen en op te sturen naar het hoofd van je PCE. Zichtbaar voor de consument Lever je als hoevezuivelaar aan de eindverbruiker dan moet je deze toelating/erkenning op een goed zichtbare plaats ophangen. Een model van zo n formulier vind je in bijlage 4. Intrekken van de toelating/erkenning: Een erkenning/toelating kan in bepaalde gevallen worden ingetrokken: Wanneer de infrastructuur niet (langer) voldoet Wanneer de uitrusting niet (langer) voldoet Wanneer niet (langer) aan de exploitatievoorwaarden voldaan wordt. Wanneer andere activiteiten worden uitgevoerd dan deze vermeld op de toelating/erkenning Wanneer keuringen of controles verhinderd of belemmerd worden Wanneer inbreuken worden vastgesteld m.b.t. autocontrole, traceerbaarheid en meldingsplicht Bij faillissement Bij inbreuken m.b.t. de handelswetgeving Bij intrekking van de toelating/erkenning dienen de activiteiten onmiddellijk te worden stopgezet. 21

22 22

23 Fiche 4: Wat met de handelswetgeving? Ben je als hoevezuivelaar een handelaar? Je bent een handelaar als je daden van koophandel verricht in hoofd- of nevenberoep. In het Wetboek van Koophandel staan o.a. volgende daden als daden van koophandel beschreven: elke aankoop van voedingsmiddelen en koopwaren om die, al dan niet na bewerking of verwerking, weer te verkopen of om het gebruik ervan te verhuren. alle verrichtingen van industriële ondernemingen, zelfs wanneer de ondernemer slechts de voortbrengsels van zijn eigen grond verwerkt en voor zover het geen verwerking betreft die normaal bij landbouwbedrijven behoort. In mensentaal: Een veehouder is geen handelaar wanneer hij eigen landbouwproducten rechtstreeks verkoopt aan de consument, in de staat waarin ze zijn voortgebracht of na een primaire verwerking (voorbeelden zie bijlage 5). De veehouder stelt hier geen daden van koophandel: hij koopt en verkoopt niet zijn producten, hij verkoopt ze enkel. Traditioneel blijft de landbouwer dus buiten het toepassingsgebied van het handelsrecht. Voorbeeld: de verkoop van eigen rauwe melk is dus geen handelsactiviteit. Een veehouder is wel een handelaar: wanneer hij producten verkoopt van een collega land- of tuinbouwer; bijvoorbeeld: inkopen van hoeve-ijs van een collega melkveehouder. wanneer hij ingrediënten dient aan te kopen om bepaalde verwerkingen mogelijk te maken; bijvoorbeeld: inkopen van een aarbeiencoulis voor het maken van aardbeienijs, rijst voor het maken van rijstpap, wanneer hij producten verkoopt die een secundaire verwerking (voorbeelden zie bijlage 6) hebben ondergaan. Welke verplichtingen heb je als landbouwer/handelaar? 1. Inschrijving in de KBO (zie fiche 4A) 2. Aanvragen van een leurkaart (zie fiche 4B) 23

24 24

25 Fiche 4A: Inschrijving in de KBO Iedere handelaar is verplicht zich in de Kruispuntbank voor Ondernemingen (KBO) in te schrijven vooraleer hij met de exploitatie van zijn handelszaak begint. Het verzoek om inschrijving in de KBO gebeurt door de handelaar via een erkend ondernemingsloket. De handelaar wordt een uniek ondernemingsnummer toegekend en, per afzonderlijke vestiging, een vestigingseenheidsnummer. Hoe ga je te werk? Je moet je aanmelden bij een ondernemingsloket met de nodige documenten (zie hieronder) die je toelaten de gekozen handelsactiviteit uit te oefenen. De keuze van het ondernemingsloket is vrij, waar ook de vestigingsplaats van de onderneming is. In bijlage 7 vind je een lijst van erkende ondernemingsloketten. Het ondernemingsloket controleert de documenten en zal je als handelaar inschrijven in de KBO en een uniek ondernemingsnummer en, per afzonderlijke vestiging, een vestigingseenheidsnummer toekennen. Het loket moet de inschrijving onmiddellijk uitvoeren, tenzij je niet beantwoordt aan de gestelde voorwaarden of de nodige documenten niet kan voorleggen. De kosten van de inschrijving bedragen 75 en 75 per bijkomende vestigingseenheid. Wat is je ondernemingsnummer? Het ondernemingsnummer is een uniek identificatienummer dat de overheid toekent aan ondernemingen. Dit nummer vervangt het handelsregisternummer, het BTW-nummer, het RRRPnummer (voor rechtspersonen) en het RSZ-nummer. Om de administratieve lasten van de bestaande ondernemingen te beperken, heeft de overheid geen volledig nieuw nummer ingevoerd voor deze bestaande ondernemingen. Voor ondernemingen die werden opgericht voor 1 juli 2003 is het ondernemingsnummer het BTW-nummer of het RRRPnummer, voorafgegaan door een 0. Ondernemingen die zijn opgericht na 1 juli 2003 krijgen een nieuw ondernemingsnummer toegekend. Het ondernemingsnummer moet vermeld worden op alle akten, facturen, aankondigingen, mededelingen, brieven, orders en andere stukken van de handelsonderneming. Deze verplichting geldt ook voor s, faxberichten, kastickets,, maar niet voor folders, affiches en reclameboodschappen. Het nummer dient ook op een zichtbare plaats vermeld te worden op gebouwen en marktkramen die gebruikt worden voor de handelsactiviteit en op vervoermiddelen die hoofdzakelijk worden gebruikt in het kader van de uitoefening van een ambulante handel. Hoe moet het ondernemingsnummer worden vermeld? Voor alle ondernemingen die BTW-plichtig zijn, moet het ondernemingsnummer worden voorafgegaan door de vermelding BTW BE. 25

26 Ondernemingen onderworpen aan de vrijstellingsregeling van BTW mogen de letters BE niet vermelden. In dit geval wordt het ondernemingsnummer enkel voorafgegaan door de vermelding BTW. Ondernemingen die niet BTW-plichtig zijn, dienen enkel het ondernemingsnummer te vermelden. Welke documenten heb je nodig bij inschrijving in de KBO: Je identiteitskaart. Een lijst met activiteiten die je wil gaan uitoefenen. Bewijs van kennis van bedrijfsbeheer van jezelf of één van je medewerkers. In dit laatste geval dien je ook de identiteitsgegevens van je medewerker mee te nemen (zie hieronder). Indien dit vereist is een bewijs van beroepskennis (voor een hoeveslager, bakker, ) (zie verder). Alle vergunningen die je reeds in het kader van je activiteit hebt aangevraagd. Een rekeningnummer. Alle vestigingeenheidadressen. Indien het gaat om een vennootschap: de oprichtingsakte. Hoe kan je de kennis bedrijfsbeheer bewijzen?: Door een getuigschrift of een diploma, uitgereikt in of door: o De derde graad van het secundair onderwijs. o Het secundair volwassenenonderwijs. o De centra voor middenstandsopleiding. o Een examencommissie van een Gemeenschap of van de Federale Overheidsdienst. o Een diploma van het hoger onderwijs. o Een getuigschrift waaruit blijkt dat de betrokkene een versnelde cursus van ten minste 128 lesuren van bedrijfsbeheer met vrucht heeft gevolgd, gespreid over ten minste 3 maanden. o Een akte die in overeenstemming met internationale verdragen als gelijkwaardig moet worden beschouwd met het bovenvermelde getuigschrift of het diploma van het hoger onderwijs, of ermee gelijkwaardig werd verklaard door de bevoegde overheid. Door een examen: De basiskennis van bedrijfsbeheer kan eveneens bewezen worden via een examen bij de Federale Overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie. 26

27 Door praktijkervaring: Beschikt men niet over de nodige akten of getuigschriften, dan kan de basiskennis van het bedrijfsbeheer ook bewezen worden door praktijkervaring tijdens de 15 jaar die voorafgaan aan de aanvraag: o Als zelfstandig ondernemingshoofd of zelfstandige belast met het dagelijks bestuur: - Zelfstandige in handel, ambacht of industrie of land- en tuinbouw gedurende 3 jaar in hoofdberoep of gedurende 5 jaar in bijberoep. - Als zelfstandig beheerder zonder arbeidsovereenkomst belast met het dagelijks bestuur als hoofdberoep gedurende 3 jaar of als bijberoep gedurende 5 jaar. o Als medewerker: - Als zelfstandig helper gedurende 5 jaar. - Als bediende in een leidende functie gedurende 5 jaar. De beroepsbekwaamheid voor de gereglementeerde beroepen Deze is niet van toepassing voor de hoevezuivelaars. De machtiging voor de uitoefening van ambulante activiteiten Wie van plan is om leurhandel te drijven, is onderworpen aan een voorafgaande machtiging tot het uitoefenen van die ambulante activiteit. Deze machtiging moet aangevraagd worden bij een erkend ondernemingsloket (zie fiche 4B). 27

28 28

29 Fiche 4B: het aanvragen van een leurkaart Wat is ambulante handel? Ambulante handel is elke verkoop of het te koop aanbieden of uitstallen van producten met het oog op verkoop aan de consument door een handelaar buiten de vestigingen vermeld in de KBO of door een persoon die niet over een dergelijke vestiging beschikt. De uitoefening van ambulante activiteiten is uitsluitend toegestaan op volgende plaatsen: Op de openbare en private markten Op de openbare weg (incl. parkingplaatsen gelegen op de openbare weg, winkelgalerijen, stations-, luchthaven- en metrohallen en de plaatsen waar kermissen doorgaan) Op de andere plaatsen van het openbaar domein Op de plaatsen grenzend aan de openbare weg Op commerciële parkingplaatsen Aan de ingang van en op de plaatsen waar culturele en sportieve manifestaties plaatsvinden, tijdens het verloop van de manifestatie. De verkoop moet bijkomstig blijven aan de manifestatie en de goederen moeten erop betrekking hebben. Ten huize van de consument, voor zover deze activiteiten betrekking hebben op producten voor een totale waarde van minder dan 250 per consument Wanneer heb je een machtiging nodig? Iedere persoon die een ambulante activiteit wenst uit te oefenen is onderworpen aan een machtiging tot het uitoefenen van die ambulante activiteit. Deze machtiging moet voorafgaand aan de ambulante activiteit aangevraagd worden bij een ondernemingsloket naar keuze. De lijst met erkende ondernemingsloketten vind je in bijlage 7. Voor sommige vormen van ambulante handel is geen machtiging nodig. Enkele voorbeelden hiervan zijn: De verkoop tijdens handels-, ambachts- of landbouwbeurzen en tentoonstellingen, op voorwaarde dat: o zij een promotioneel karakter heeft. o zij voorbehouden is aan handelaars, ambachtslui, landbouwers, producenten en kwekers van de activiteitssector of van de streek die door het thema van de manifestatie gedekt wordt, aan de vertegenwoordigers van verenigingen en private of publieke instellingen die sectoriële of geografische economische belangen verdedigen alsook aan de professionele verkoper van goederen noodzakelijk voor het onthaal van de bezoekers. o de manifestatie een uitzonderlijk en tijdelijk karakter heeft. De verkoop tijdens occasionele manifestaties die tot doel hebben de lokale handel of het leven in de gemeente te bevorderen, op voorwaarde dat: o deze plaats heeft binnen het kader van een manifestatie toegestaan door de burgemeester of zijn afgevaardigde. o zij voorbehouden is aan plaatselijke handelaars, ambachtslui, landbouwers, kwekers of producenten of deze die uitgenodigd zijn door de burgemeester of zijn afgevaardigde. De 29

30 verenigingen en instellingen die de belangen van deze professionele groepen verdedigen mogen eveneens toegelaten worden om aan deze manifestaties deel te nemen. o De verkoop van producten met een promotioneel doel door een handelaar, een ambachtsman, een landbouwer, een kweker of een producent, buiten zijn vestigingen vermeld in de KBO en buiten het kader van de manifestaties voorzien in bovenvermelde punten, op voorwaarde dat: o zij uitzonderlijk en tijdelijk is. o zij voorafgaand kenbaar gemaakt wordt aan de Minister of aan de ambtenaar aan wie hij deze bevoegdheid heeft gedelegeerd. o de producten van dezelfde aard zijn aan deze aangeboden in de vestigingen van de verkoper vermeld in de KBO. De verkoop van levensmiddelen door handelaars of hun aangestelden die door middel van ambulante winkels geregeld een vast cliënteel bedienen (bv. de melkboer die iedere week langs komt). De verkoop uitgeoefend door een handelaar voor zijn winkel wanneer de aangeboden producten van dezelfde aard zijn aan deze die in de winkel worden verkocht. De verkoop van eigen land- of tuinbouwproducten, voor zover ze rechtstreeks door de producent op de plaats van de productie verkocht worden. De verkoop van producten door een handelaar in de lokalen van een andere handelaar, tijdens de normale openingsuren van de onthalende vestiging, indien de producten aangeboden door de uitgenodigde handelaar aanvullend zijn aan deze verkocht in de winkel die hem ontvangt. De verrichtingen van de uitgenodigde handelaar blijven periodiek of tijdelijk en bijkomstig aan deze van de onthalende handelaar. De verkoop via automaten De occasionele verkoop door particulieren Welk machtiging heb ik nodig om een ambulante activiteit uit te oefenen? De machtiging als werkgever Wie voor eigen rekening of als verantwoordelijke voor het dagelijks bestuur van een rechtspersoon een ambulante activiteit wil uitoefenen, moet over een machtiging als werkgever beschikken. Deze machtiging is persoonlijk en onoverdraagbaar en is geldig voor de duur van de activiteit zolang de natuurlijke persoon of de rechtspersoon voldoet aan de voorwaarden tot uitoefening van deze activiteit. De machtiging als aangestelde Er bestaat een machtiging als aangestelde A en een machtiging als aangestelde B : o Wie een ambulante activiteit uitoefent voor rekening van of in dienst van een persoon die beschikt over een machtiging als werkgever, moet in het bezit zijn van een machtiging als aangestelde A. Deze machtiging wordt uitgereikt op naam van de natuurlijke persoon of de rechtspersoon voor wiens rekening of in wiens dienst de aangestelde werkzaam is. Haar geldigheidsduur komt overeen met deze van de machtiging als werkgever waaraan zij is verbonden. o Wanneer een ambulante activiteit uitgeoefend wordt ten huize van de consument moet de aangestelde over een machtiging als aangestelde B beschikken. Deze machtiging is persoonlijk en onoverdraagbaar. Zij wordt, afhankelijk van de noden van de onderneming in de ambulante activiteiten, hetzij voor een periode van onbepaalde duur, hetzij voor een periode van bepaalde duur uitgereikt. De machtiging blijft geldig voor de duur van de activiteit van de aangestelde zolang deze aan de voorwaarden tot 30

31 uitoefening van de activiteit voldoet. Zij mag noch de duurtijd van de machtiging als werkgever, met dewelke zij verbonden is, noch de duurtijd waarvoor ze is uitgereikt, overschrijden. Bijzondere voorwaarden voor de uitoefening van ambulante activiteiten De uitoefening van ambulante activiteiten ten huize van de consument is niet toegelaten voor 8u en na 20u. Elke persoon die een ambulante activiteit moet in het bezit zijn van zijn machtiging. De machtiging is slechts geldig wanneer zij vergezeld is van het identiteitsbewijs. Elke persoon die een ambulante activiteit uitoefent ten huize van de consument, dient zijn machtiging aan de consument voor te leggen voorafgaand aan elk verkoopaanbod Elke persoon die een ambulante activiteit uitoefent op elke andere plaats dan ten huize van de consument, dient zich te identificeren hetzij aan de hand van een leesbaar uithangbord, zichtbaar geplaatst op het kraam of het voertuig (indien hij de activiteit hiervandaan uitoefent), hetzij door het voorleggen van zijn machtiging voorafgaand aan elk verkoopaanbod (indien hij de activiteit op een rondtrekkende wijze uitoefent). Dit uithangbord dient volgende vermeldingen te bevatten: De naam en de voornaam van de persoon die een ambulante activiteit uitoefent als natuurlijk persoon voor eigen rekening of voor wiens rekening of in wiens dienst de activiteit wordt uitgeoefend of de naam en de voornaam van de persoon die het dagelijks bestuur binnen een rechtspersoon waarneemt of voor wiens rekening of in wiens dienst de activiteit wordt uitgeoefend De firmanaam en/of de benaming van de onderneming De gemeente van de maatschappelijke zetel of de uitbatingszetel of, indien de onderneming niet in België gelegen is, het land en de gemeente waar deze zicht bevindt Het inschrijvingsnummer in de KBO 31

32 32

33 Fiche 5: Wetgeving m.b.t. ruimtelijke ordening Algemeen: Waarvoor heb je ondermeer een stedenbouwkundige vergunning nodig? De eigenlijke bouwwerken Niemand mag zonder voorafgaande stedenbouwkundige vergunning bouwen, op een grond één of meer vaste inrichtingen plaatsen, een bestaande vaste inrichting of bestaand bouwwerk afbreken, herbouwen, verbouwen of uitbreiden, met uitzondering van instandhoudings- of onderhoudswerken die geen betrekking hebben op de stabiliteit. Onder instandhoudings- of onderhoudswerken die geen betrekking hebben op de stabiliteit, worden werken verstaan die het gebruik van het gebouw voor de toekomst ongewijzigd veilig stellen door het bijwerken, herstellen of vervangen van geërodeerde of versleten materialen of onderdelen. Hieronder kunnen geen werken begrepen worden die betrekking hebben op de constructieve elementen van het gebouw, zoals: vervangen van dakgebinten of dragende balken van het dak, met uitzondering van plaatselijke herstellingen. geheel of gedeeltelijk herbouwen of vervangen van buitenmuren, zelfs met recuperatie van de bestaande stenen. Functiewijzigingen Een stedenbouwkundige vergunning is nodig voor het geheel of gedeeltelijk wijzigen van de hoofdfunctie van een onroerend bebouwd goed met het oog op een nieuwe functie, in o.a. volgende gevallen: Een stedenbouwkundige vergunning is nodig als een van de hierna vermelde hoofdfuncties van een onroerend bebouwd goed geheel of gedeeltelijk wordt gewijzigd in een andere hierna vermelde hoofdfunctie. Worden als hoofdfunctie beschouwd: o wonen o verblijfsrecreatie o dagrecreatie o landbouw in de ruime zin o handel, horeca, kantoorfunctie en diensten o industrie en ambacht Een stedenbouwkundige vergunning is ook nodig als het onroerende bebouwde goed een exploitatiewoning bij een gebouw dat onder de functiecategorie landbouw in de ruime zin of industrie en ambacht valt, betreft en de nieuwe hoofdfunctie geen binding meer heeft met de al dan niet beëindigde exploitatie. 33

34 Vrijgesteld van een stedenbouwkundige vergunning is het in een woongebouw uitoefenen van functies, complementair aan het wonen, zoals kantoorfunctie, vrij beroep, handel, horeca, dienstverlening en ambacht, mits aan alle van de volgende vereisten voldaan is: het woongebouw is gelegen in een woongebied of in een daarmee vergelijkbaar gebied. de woonfunctie blijft behouden als hoofdfunctie. de complementaire functie beslaat een geringere oppervlakte dan de woonfunctie met een totale maximale vloeroppervlakte van 100 vierkante meter. de complementaire functie is niet strijdig met de voorschriften van stedenbouwkundige verordeningen, bouwverordeningen, verkavelingsverordeningen, ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg, verkavelingsvergunningen. Publiciteitsinrichtingen of uithangborden plaatsen of wijzigen Een stedenbouwkundige vergunning is nodig voor het plaatsen of wijzigen van publiciteitsinrichtingen of uithangborden. Het gaat hier over vaste reclameconstructies, bv. reclamezuilen of installaties aangebracht op blinde gevels voor het aanplakken van affiches. Voor verplaatsbare reclame-inrichtingen is geen stedenbouwkundige vergunning vereist, tenzij men een grond gewoonlijk gaat gebruiken voor het plaatsen van dergelijke inrichtingen. Er is een vrijstelling van vergunning voor de plaatsing van o.a. volgende publiciteitsinrichtingen of uithangborden, voorzover dit niet strijdig is met de voorschriften van stedenbouwkundige verordeningen, bouwverordeningen, verkavelingsverordeningen, ruimtelijke uitvoeringsplannen, bijzondere plannen van aanleg, verkavelingsvergunningen, bouwvergunningen of stedenbouwkundige vergunningen: de bevestiging aan een vergund gebouw van niet-lichtgevende uithangborden, met een totale maximale oppervlakte van 4 m² publiciteitsinrichtingen die voortvloeien uit wettelijke en reglementaire bepalingen publiciteitsinrichtingen aangebracht op een onroerend goed, waarbij wordt bekendgemaakt dat dit goed te koop of te huur is, op voorwaarde dat de totale maximale oppervlakte niet meer bedraagt dan 4m² en dat de publiciteitsinrichting ten laatste 14 dagen na de verhuring of de verkoping wordt verwijderd Plaatsen van een automaat Voor het plaatsen van een melkautomaat op het bedrijf ( onder visuele controle ) heb je normaal geen vergunning van de dienst ruimtelijke ordening nodig. Plaats je een automaat op eigendom van derden dan is dit wel het geval. Let er wel op dat u in alle gevallen (zwakke) weggebruikers nooit in gevaar brengt wanneer er auto s bij je automaat halt houden. Specifiek: heb je voor de uitbouw van thuisverkoop van zuivelproducten een stedenbouwkundige vergunning nodig? Voor het inrichten van een hoevewinkel, een verwerkingsruimte of een consumptieruimte dient in principe steeds een stedenbouwkundige vergunning aangevraagd te worden, ook als het een functiewijziging betreft van een bestaand gebouw van een actief land- of tuinbouwbedrijf. 34

35 De vuistregel is wel dat hoeveverkoop in agrarisch gebied kan als het de verkoop betreft van hoeveeigen producten. Uit de praktijk blijkt echter dat de meeste hoeveproducenten ook hoeveproducten verkopen die ze niet zelf hebben vervaardigd. Wettelijk zijn ze dus niet in regel. In uitzonderlijke gevallen worden ook niet-hoeve producten verkocht. De adviesverlenende (en controlerende) administratie laat de verkoop van andere dan de zelf geproduceerde zuivelproducten echter stilzwijgend toe en interpreteert eigen productie als meer dan 50 % van de hoeveproducten zijn afkomstig van het eigen bedrijf. Bij de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag worden de geplande werken getoetst aan de ruimtelijke draagkracht. Het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen beschrijft de ruimtelijke draagkracht als het vermogen om binnen het kader van duurzame ontwikkeling, functies en activiteiten op te nemen in een bepaalde ruimte. Enkel aanvragen met een kleinschalig karakter worden goedgekeurd. Met kleinschaligheid wordt bedoeld dat de concentratie van gebouwen of constructies beperkt wordt gehouden. De landbouwproductie moet een volwaardige activiteit blijven. De hoevewinkel mag in geen geval evolueren naar een supermarkt of uitgroeien tot een horecazaak. Advies over hoevewinkels, verwerkingsruimten en consumptieruimten ADLO verleent advies bij de stedenbouwkundige vergunningsaanvragen in agrarisch gebied. Zij gaat uit van de verkoop van hoeve-eigen producten. De hoofdactiviteit van het bedrijf die deze producten verkoopt is landbouw. Zij gaat niet uit van de verkoop van producten van derden. Een uitzondering vormt de verkoop van gelijkaardige producten van derden uit de streek, op voorwaarde dat het bedrijf met de hoevewinkel een leefbaar landbouwbedrijf is. Momenteel geldt de vuistregel dat minstens de helft van het productaanbod afkomstig moet zijn van het eigen bedrijf. Het resterende aanbod (maximaal 50%) moet worden ingevuld met hoeveproducten van andere hoeves uit de streek. De eventuele verwerkingsactiviteiten van het landbouwbedrijf moeten steeds ondergeschikt zijn aan de landbouwactiviteit en een lage specialisatiegraad hebben, kleinschalig zijn en een lage impact hebben op de ruimtelijke draagkracht van de omgeving. Afdeling Land aanvaardt op land- en tuinbouwbedrijven naast ingerichte infrastructuur voor de opslag, de verkoop en de verwerking van hoeveproducten eveneens de inrichting van een ruimte voor verbruik van deze producten op de hoeve. Het landbouwbedrijf dat agrarische producten verkoopt en ter plaatse het gebruik ervan mogelijk maakt, mag echter niet evolueren naar een zuivere horecazaak. Koppeling stedenbouwkundige vergunning - milieuvergunning De stedenbouwkundige vergunning voor een inrichting waarvoor een milieuvergunning nodig is of die onderworpen is aan de meldingsplicht wordt geschorst zolang de milieuvergunning niet definitief werd verleend of de melding niet is gebeurd. Wordt de milieuvergunning definitief geweigerd, dan vervalt de stedenbouwkundige vergunning. 35

36 36

37 Fiche 6: De milieuvergunning Wanneer heb ik een milieuvergunning nodig? Alle inrichtingen die als hinderlijk worden beschouwd voor het milieu of voor de mens zijn opgenomen in een lijst die als bijlage bij Vlarem I is gevoegd (de indelingslijst). Voorafgaand aan het uitbaten of het veranderen van een als hinderlijk beschouwde onderneming moet een melding gebeuren of een milieuvergunning aangevraagd worden. Het Vlarem deelt al deze als hinderlijk beschouwde inrichtingen op in drie klassen: Voor inrichtingen van klasse 1 en 2 is een milieuvergunning nodig Voor inrichtingen van klasse 3 volstaat een melding De meeste ondernemingen oefenen meer dan één hinderlijke activiteit uit. In dat geval geldt altijd de procedure van de hoogste klasse. Via de milieuvergunningenwegwijzer kan je op een snelle en eenvoudige manier te weten komen of je een milieuvergunning nodig hebt of niet en zo ja, onder welke klasse je inrichting valt. Je krijgt een overzicht van de indelingsrubrieken die je dient aan te vragen en de formulieren die je nodig hebt om de melding of de vergunningsaanvraag in te dienen bij de bevoegde overheid. Bij de aanmaak van deze startersmap was de milieuvergunningenwijzer tijdelijk niet beschikbaar. Hoe verloopt de procedure? Klasse 3-vergunningen Wanneer een onderneming als een inrichting van klasse 3 wordt beschouwd, is er enkel meldingsplicht. Hiervoor moet een standaard meldingsformulier worden ingevuld en overgemaakt aan het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente waarin de exploitatie is gepland. De dag na de melding kan met de exploitatie of verandering worden begonnen. Klasse 2-vergunningen Een vergunningsaanvraag voor een klasse 2 inrichting moet ingediend worden bij het College van Burgemeester en schepenen van de gemeente. Deze beslist binnen een termijn van 3 maanden na het volledig ontvankelijk verklaren van de aanvraag in eerste aanleg over de vergunningsaanvragen van inrichtingen van 2 klasse. Bij gemotiveerd besluit kan het College van Burgemeester en Schepenen deze termijn éénmaal verlengen met 1,5 maand. 37

38 Klasse 1-vergunningen Een milieuvergunning voor een inrichting van klasse 1 wordt aangevraagd bij de Bestendige Deputatie van de Provincieraad. Deze beslist binnen een termijn van 4 maanden na het volledig ontvankelijk verklaren van de aanvraag in eerste aanleg over de vergunningsaanvragen van inrichtingen van 1 klasse. Bij gemotiveerd besluit kan de Bestendige Deputatie van de Provincieraad deze termijn éénmaal verlengen met 2 maanden. Koppeling milieuvergunning stedenbouwkundige vergunning De stedenbouwkundige vergunning voor handelingen, werken en wijzigingen voor een inrichting waarvoor een milieuvergunning nodig is of die onderworpen is aan de meldingsplicht, wordt geschorst zolang de milieuvergunning niet definitief werd verleend of de melding niet is gebeurd. De milieuvergunning wordt beschouwd als definitief verleend na het verstrijken van de termijn voor het indienen van een administratief beroep of, indien een dergelijk beroep werd ingesteld, vanaf het verlenen van de milieuvergunning door de vergunningverlenende overheid in beroep. De milieuvergunning voor een inrichting waarvoor een stedenbouwkundige vergunning nodig, wordt geschorst zolang die stedenbouwkundige vergunning niet is verleend. Heeft een hoevezuivelaar een milieuvergunning nodig? De meeste veehouders hebben een milieuvergunning nodig voor verschillende activiteiten gekoppeld aan het uitbaten van hun landbouwbedrijf. Met betrekking tot de verkoop en de verwerking van zuivelproducten vinden we in de indelingslijst onder rubriek 45 Voedings- en genotsmiddelenindustrie (opslag, bewerking of verwerking van dierlijke en plantaardige producten), volgende hinderlijke inrichtingen terug: Inrichtingen met installaties voor het bewerken en verwerken van zuivelproducten: milieuvergunningklasse is afhankelijk van de drijfkracht: >5 en <100kW: klasse 3 wanneer de inrichting gelegen is in een gebied industriezone >100 en <500kW: klasse 2 wanneer de inrichting gelegen is in een gebied industriezone >500kW: klasse 1 wanneer de inrichting gelegen is in een gebied industriezone 38

39 Fiche 7: Wetgeving mbt. etikettering van zuivelproducten Welke producten moeten een etiket dragen? Enkel voorverpakte voedingsmiddelen die in de handel worden gebracht en bestemd zijn om als zodanig aan de eindverbruiker of aan restaurants, ziekenhuizen, kantines, te worden afgeleverd, moeten worden voorzien van een etiket. Wat verstaat men onder een voorverpakt voedingsmiddel? Een voorverpakt voedingsmiddel is een verkoopeenheid, bestaande uit een voedingsmiddel en het verpakkingsmiddel waarin dit is verpakt. Dit verpakkingsmiddel bedekt het voedingsmiddel geheel of gedeeltelijk, maar zodanig dat de inhoud niet kan worden veranderd zonder dat het verpakkingsmateriaal wordt geopend of aangetast. Bv.: plattekaas die je reeds uitgeschept in een plastic potje en voorzien van een dekseltje te koop stelt in je koeltoog is een voorverpakt product en moet geëtiketteerd worden. Schep je de plattekaas pas bij de verkoop uit in een plastic potje, dan is dit niet voorverpakt. Let op sommige voedingsmiddelen MOETEN steeds voorverpakt verkocht worden. Yoghurt is hiervan een voorbeeld. Welke gegevens moeten mogelijks op het etiket vermeld worden? Een aantal gegevens moeten standaard op een etiket van een zuivelproduct terug te vinden zijn. Zij zijn in de lijst hieronder in het vet gedrukt. Afhankelijk van het soort product worden dan nog bijkomende eisen gesteld naar bijvoorbeeld aanduiding van het vet%, zoutgehalte, specifieke aanduiding van de houdbaarheidsdatum,. 1. De verkoopbenaming die aangeeft om welk product het gaat 2. De lijst met ingrediënten 3. De houdbaarheidsdatum 4. De bijzondere bewaarvoorschriften 5. De gebruiksaanwijzing 6. Uw contactgegevens 7. De nettohoeveelheid 8. De plaats van oorsprong of herkomst 9. Het erkenningsnummer in geval van dierlijke producten 10. Het lotnummer 11. De aanwijzing of de producten afkomstig zijn van genetisch gemodificeerde organismen (GGO s) 12. De voedingswaarde 39

40 13. Specifieke vermeldingen voor bepaalde voedingsmiddelen 14. Opgelet met voedings- en gezondheidsclaims op het etiket: je moet deze kunnen bewijzen Hoe moeten de verplichte vermeldingen aangebracht worden? De verplichte vermeldingen moeten zichtbaar, duidelijk leesbaar en onuitwisbaar zijn aangebracht op de voorverpakking of op een etiket dat daaraan vast hangt en moeten minstens gesteld worden in de taal of de talen van het taalgebied waar het product op de markt wordt gebracht. De verkoopbenaming, de minimale houdbaarheidsdatum of uiterste consumptiedatum, en de nettohoeveelheid moeten (indien ze moeten vermeld worden) in hetzelfde gezichtsveld voorkomen. De etiketverplichtingen zijn heel verschillend naargelang het soort product dat verkocht wordt. Raadpleeg het Steunpunt Hoeveproducten voor meer gedetailleerde info. Als hoevezuivelaar verwerk je dierlijke producten op basis van melk. Je krijgt bij de aanvraag van toelating/erkenning een HP-nummer (zie fiche 3). Dit HP nummer moet op elk etiket vermeld worden onder een wettelijk vastgelegde vorm: HP BE EG Niet iedereen mag de term hoeve melk, hoeve rijstpap gebruiken. Enkel wanneer het om producten gaat waarvan de melk afkomstig is van het eigen bedrijf en verwerkt wordt op het eigen bedrijf mag je de term hoeve of boere gebruiken. Rauwe melk betekent een iets hoger gezondheidsrisico. Consumenten moeten hiervan op de hoogte gebracht worden. Verkoop je producten op basis van rauwe (niet voldoende verhitte) melk dan dien je het etiket te voorzien van de omschrijving: met rauwe melk. Verkoop je voorverpakte rauwe melk aan de klant dan moet op het etiket vermeld staan dat het om rauwe melk gaat en dat de melk moet gekookt worden voor gebruik. Verkoop je rauwe melk via een melkautomaat dat moet een dergelijke aanduiding ook in de buurt van de automaat aanwezig zijn. 40

41 Bij producten op basis van koemelk moet er niet expliciet vermeld worden dat het om melk gaat afkomstig van koeien. Maak je echter producten op basis van schapen- of geitenmelk dan moet dit wel op het etiket vermeld staan. Bijkomende verplichtingen zijn er ook nog voor yoghurt waar je het vetgehalte in gewicht% moet aangeven (in gr/100gr) alsook moet vermelden dat je de yoghurt aan max. 7 C dient te bewaren. Op harde en half harde kazen dien je het vet% eveneens te vermelden. In het kader van de informatieverstrekking aan de consument zou het kunnen dat er de komende jaren een aantal wijzigingen optreden in de wetgeving m.b.t. de etikettering van voedingsmiddelen. Voorlopig staat echter nog niets vast zodat wij er hier ook nog geen melding van maken. Houdbaarheid van hoevezuivelproducten (Hoeve)zuivelproducten hebben een beperkte houdbaarheid. De wettelijk verplichte houdbaarheidsdatum is een kwaliteitsgarantie die je biedt aan je klanten. Dit wil zeggen dat je hen garandeert dat tot en met die datum de kwaliteit beantwoordt aan de verwachtingen van de consument. Dit houdt in feite twee zaken in: het product heeft de smaak, het aroma, de stevigheid, de kleur, die verwacht wordt. het product is veilig, d.w.z. klanten er niet ziek van worden. Indien aan één van beide punten niet voldaan is, dan is het product vervallen. Eens de houdbaarheid is vastgesteld, kan deze als standaard gebruikt worden. Dit wil zeggen dat voor een bepaald product altijd dezelfde periode tussen productiedatum en einde houdbaarheid wordt gebruikt. De houdbaarheid wordt aangegeven met de vermelding: tenminste houdbaar tot, gevolgd door een datumaanduiding met vermelding van de dag vb. yoghurt. ten minste houdbaar tot einde gevolgd door een datumaanduiding van de maand of jaar vb. roomijs. te gebruiken tot gevolgd door de datum voor zeer bederfelijke producten vb. verpakte rauwe melk. De houdbaarheid van een product wordt bepaald door zeer veel factoren: gebruikte grondstoffen: starten met verse grondstoffen ven goede kwaliteit zal de houdbaarheid van het eindproduct ten goede komen. producteigenschappen (zoals zuurtegraad, vochtgehalte, ): yoghurt is een zuur product en is van nature langer houdbaar dan bijvoorbeeld rijstpap. hygiëne tijdens de verwerking: indien men met onvoldoende gereinigd materiaal/toestellen werkt zal dit de houdbaarheid nadelig beïnvloeden. 41

42 de verschillende processtappen: pasteuriseer je het product tijdens de bereiding dan zal dit een langere houdbaarheid genereren. het type verpakking. de bewaaromstandigheden (op het bedrijf en bij de consument thuis): het niet respecteren van de koudeketen kan de houdbaarheid van je producten sterk beïnvloeden. Je kan de houdbaarheid van je producten laten vaststellen in een labo met houdbaarheidstesten. Bijkomende 3 specifieke etiketeisen voor hoevezuivelproducten: Vetgehalte o Voor kaas: het volstaat om op het etiket de vermelding mager te plaatsen als de kaas minder dan 20 % vet bevat en halfvet als de kaas tussen 20 en 35 % vet bevat. o Voor yoghurt: verplicht aangeven vetgehalte. Verkoopsbenaming o Voor yoghurt: benaming is afhankelijk van de samenstelling o Voor ijs op basis van melk hebben we drie soorten benamingen: - Roomijs: hoofdzakelijk samengesteld uit vetvrije melkdroge stof, melkvet, suikers en drinkwater en die andere voedingsmiddelen kan bevatten die zijn toegevoegd als bijkomende ingrediënten, met uitsluiting van andere vetten dan melkvetstoffen; - Melkijs: roomijs, doch met een lager melkvetgehalte (tussen 2,5 en 8 %); - Ijs: hoofdzakelijk samengesteld uit drinkwater en/of magere melk, suikers, eetbare oliën, eetbare vetten en waaraan andere voedingsmiddelen als bijkomende ingrediënten mogen zijn toegevoegd. 3 De opsomming heeft niet tot doel volledig te zijn maar geeft informatie m.b.t. de meest voorkomende hoevezuivelproducten 42

43 Fiche 8: Prijsreglementering van zuivelproducten De prijsaanduiding Algemeen Elke verkoper die aan de consument producten aanbiedt moet de prijs hiervan schriftelijk en ondubbelzinnig aanduiden, minstens in euro. Indien de producten te koop uitgestald zijn, moet de prijs leesbaar en goed zichtbaar zijn aangeduid. De prijs van het product dat aan de consument te koop wordt aangeboden moet op het product zelf of op de verpakking ervan worden aangeduid. De prijs van het product mag in de onmiddellijke nabijheid ervan worden aangeduid wanneer er geen onzekerheid kan bestaan omtrent het product waarop de prijs betrekking heeft. Voor de producten, die tegen een zelfde prijs te koop worden aangeboden en samen worden uitgestald mag één enkele prijs worden aangeduid, ook al gaat het om niet identieke producten, op de voorwaarde dat er omtrent de producten waarop de prijs betrekking heeft, geen onzekerheid kan bestaan. Voor identieke producten die in een zelfde inrichting te koop worden aangeboden mogen geen verschillende prijzen worden aangeduid, zoniet is de door de consument te betalen prijs de laagst aangegeven prijs. De aangeduide prijs moet de door de consument te betalen totale prijs zijn (incl. B.T.W., taksen, ). Verkopers moeten bij een aanbieding ten huize van de consument, ten huize van een andere natuurlijke persoon dan de koper of op de arbeidsplaats van de consument de prijslijst van de producten die ze te koop aanbieden ter beschikking stellen van de consument. Praktisch betekent dit dat je een prijslijst moet kunnen voorleggen wanneer je je producten van deur tor deur wil verkopen of wanneer een bedrijf je uitnodigt je producten bij hen aan te bieden. De prijsaanduiding per meeteenheid Elke verkoper die aan de consument producten te koop aanbiedt moet, naast de verkoopprijs ook de prijs per meeteenheid aanduiden. Bij de verkoop van bijvoorbeeld chocomelk in flessen van 0,75l zal je naast de prijs/fles ook de prijs in liter moeten aanduiden: euro/l De prijsaanduiding per meeteenheid is niet verplicht voor winkels met een verkoopoppervlakte van 150 m² of minder. De prijs per meeteenheid hoeft niet te worden aangeduid als deze identiek is aan de verkoopprijs. Voor los verkochte producten hoeft alleen de prijs per meeteenheid te worden aangeduid vb. schepijs: prijsaanduiding per bol. In principe vallen alle voorverpakte voedingsmiddelen onder de verplichting van de aanduiding van de prijs per meeteenheid. Er zijn enkele uitzonderingen, o.a.: 43

44 o Voorverpakte producten die aan snel bederf onderhevig zijn, wanneer zij te koop aangeboden worden met een aankondiging van een prijsvermindering o Een aantal producten die wettelijk vrijgesteld zijn van elke hoeveelheidsaanduiding o Voorverpakte ijsjes die per stuk te koop aangeboden worden met het oog op onmiddellijke en gehele consumptie o Het assortiment van producten aangeboden in een fantasieverpakking, normaal bestemd om als geschenk aangeboden te worden Elke reclame, waarin de verkoopprijs van producten wordt vermeld, moet ook de prijs per meeteenheid aanduiden. De prijs per meeteenheid van de producten moet ondubbelzinnig, gemakkelijk herkenbaar en goed leesbaar worden aangeduid in de onmiddellijke nabijheid van de vermelding van de verkoopprijs. De prijs per meeteenheid van de los verkochte producten moet worden aangeduid in de onmiddellijke nabijheid van deze producten. De aanduiding van prijsverminderingen Elke aanduiding van en prijsvermindering, die wordt uitgedrukt door een bedrag of een kortingspercentage, moet gebeuren op één van volgende manieren: Door vermelding van de nieuwe prijs naast de oude doorgehaalde prijs. Door vermeldingen nieuwe prijs en oude prijs naast de overeenstemmende bedragen. Door de vermelding van een kortingspercentage en de nieuwe prijs naast de oude doorgehaalde prijs. Door de vermelding van het eenvormig kortingspercentage dat is verleend voor de producten waarop deze vermelding slaat. In dit geval moet de aankondiging vermelden of de prijsvermindering al dan niet werd toegepast. In geen geval mag een prijsvermindering van een product aan de consument worden voorgesteld als een gratis aanbod van een hoeveelheid van het product. 44

45 Fiche 9: Wetgeving mbt te koelen zuivelproducten Algemeen Iedere gekoelde ruimte die gebruikt wordt voor de opslag, de bewaring of het vervoer van te koelen voedingsmiddelen, met het oog op de verkoop, moet een thermometer bevatten die nauwkeurig is tot op 1 C en waarop de temperatuur gemakkelijk kan worden gelezen. Thermometers moeten regelmatig worden geverifieerd en minimum eenmaal per jaar worden gekalibreerd. Te koelen voedingsmiddelen mogen slechts te koop worden gesteld of opgeslagen in een gekoelde ruimte waarvan de temperatuur 7 C niet overschrijdt. Een afwijking van de opgelegde temperatuur is toegelaten mits de temperatuur 10 C niet overschrijdt in de minst gunstig gelegen punten van de gekoelde ruimten. Te koelen voedingsmiddelen mogen slechts met het oog op het in de handel brengen worden vervoerd, mits de temperatuur van de producten in de gehele massa 7 C niet overschrijdt. Een afwijking van de opgelegde temperatuur is toegelaten mits de temperatuur 10 C niet overschrijdt in de te koelen voedingsmiddelen die zich in de minst gunstige voorwaarden in de laadruimte van het voertuig bevinden. Deze bepalingen zijn ook van toepassing op de ambulante handel. Deze bepalingen zijn niet van toepassing: Op leveringen thuis aan een vast cliënteel waarvan de behoeften juist of bij benadering op voorhand gekend zijn, mits aan volgende eisen voldaan is : o de te koelen voedingsmiddelen moeten zich, tot op het ogenblik van het laden van het voertuig, bevinden in een gekoelde ruimte o de te koelen voedingsmiddelen moeten, onmiddellijk na de terugkeer van het voertuig bij de zetel van de detailhandel, in de gekoelde ruimte teruggeplaatst worden o de temperatuurstijging tijdens het vervoer mag in geen geval tot gevolg hebben dat de te koelen voedingsmiddelen een ongewenste microbiële ontwikkeling of iedere andere schadelijke ontaarding vertonen. Op die voedingsmiddelen die een hittebehandeling hebben ondergaan in een voor gassen, voor vloeistoffen en voor micro-organismen ondoordringbare verpakking en die bij kamertemperatuur langer dan achttien maanden houdbaar zijn in microbiologische zin. Op die voedingsmiddelen, die onder de vorm van warme gerechten te koop aangeboden worden. Welke voedingsmiddelen moeten worden gekoeld? Gepasteuriseerde melk, verse of gepasteuriseerde room, verse of gepasteuriseerde karnemelk (botermelk), met uitzondering van de producten die een U.H.T.-behandeling ondergaan hebben. Yoghurt en andere gefermenteerde melksoorten dan deze die thermisch behandeld en aseptisch afgevuld werden. Verse kaas. 45

46 Producten van de banketbakkerij die hetzij room of surrogaten van room bevatten, hetzij een crème bevatten bereid van of met producten bedoeld in het koninklijk besluit van 24 mei 1976 betreffende poeders en samengestelde producten bestemd voor de bereiding van pudding en soortgelijke waren. 46

47 Fiche 10: Het gebruik van meetwerktuigen Weegschalen Afhankelijk van het soort product dat je wenst te verkopen/verwerken zal je in de verwerkingsruimte en/of winkelruimte een weegschaal nodig hebben. Wanneer je producten wil afwegen die je nadien wenst te verkopen dan dien je hiervoor een geijkte weegschaal (=goedgekeurde) te gebruiken. Om goedgekeurd te kunnen worden, moet je weegschaal enerzijds het meetresultaat weergeven in wettelijke meeteenheden.(in België mag je bijvoorbeeld niet werken met een toestel dat het gewicht aanduidt in Britse pondmaten) en moet de weegschaal anderzijds het juiste gewicht weergeven. Niet geijkte of niet goedgekeurde weegschalen mogen niet verhuurd of verkocht worden! Let bij de aankoop van een nieuw of tweedehands weegschaal op het ijkmerk of het ijkattest of op het modelgoedkeuringsmerk (wanneer de weegschaal vrijgesteld is van de eerste ijk). De herijk van weegschalen Indien je metingen uitvoert voor handelstransacties (bv. gewichtsbepaling met het oog op de prijsbepaling), moet je in het kader van de herijk of de technische controle aangifte doen van de weegschalen die je hiervoor gebruikt. Die aangifte kan worden gedaan d.m.v. een aangifteformulier dat ter beschikking wordt gesteld door de Metrologische Dienst. In bijlage 9 vind je de adressen van de gewestelijke afdelingen van de Metrologische dienst. De herijk De herijk bestaat uit een onderzoek om na te gaan of een geijkte weegschaal nog aan de wettelijke eisen voldoet. De herijk heeft om de vier jaar plaats en wordt uitgevoerd op de door de Metrologische Dienst aangeduide locatie. De herijk wordt uitgevoerd in een ijkkantoor of op de plaats van opstelling van de weegschalen. De weegschalen moeten in zulke staat worden aangeboden dat de keuring en de stempeling zonder voorbereidend werk kan uitgevoerd worden (d.w.z. rein en in functionele staat). De herijk van meetwerktuigen in een ijkkantoor Heb je aangifte gedaan van een weegschaal die geijkt moet worden in een ijkkantoor (= kleinere weegschelen) dan zal je door de Metrologische Dienst opgeroepen worden om het toestel aan te bieden in een ijkkantoor. Je moet je, voorzien van je oproepingsdocument, je weegscha(a)l(en) die op het oproepingsdocument vermeld staan voor herijk aanbieden in het aangewezen ijkkantoor op de vastgestelde dag en uur. 47

48 De herijk van weegschalen op de plaats van hun gebruik De Metrologische Dienst plant ieder jaar de herijk en de technische controle van de weegschalen die moeten nagezien worden op de plaats van hun gebruik in de hoevewinkel of de verwerkingsruimte. Meestal gebeurt dit op afspraak. Het gebruik van niet-automatische weegschalen Onder niet-automatisch weegschalen wordt een weegwerktuig verstaan waarbij voor het wegen de tussenkomst van een operator noodzakelijk is, bijvoorbeeld een niet digitale weegschaal. Voor het bepalen van de massa voor handelstransacties mogen alleen weegschalen in gebruik genomen worden ten aanzien waarvan de EG-overeenstemming is vastgesteld en die op grond daarvan voorzien zijn van een CE-markering. Deze CE-markering van overeenstemming en de vereiste aanvullende gegevens dienen duidelijk zichtbaar, gemakkelijk leesbaar en onuitwisbaar aangebracht te zijn. Het gebruik van automatische weeginstrumenten Een automatisch weegwerktuig is een instrument dat de massa van een product bepaalt zonder tussenkomst van een bedienaar en dat een vooraf bepaald programma van automatische processen volgt die kenmerkend zijn voor het instrument, bijvoorbeeld een digitale weegschaal. Het K.B. van 13 juni 2006 betreffende meetinstrumenten stelt de eisen vast waaraan de automatische weeginstrumenten moeten voldoen voordat zij in de handel worden gebracht en/of in gebruik worden genomen. De overeenstemming van een instrument met alle bepalingen van dat besluit wordt aangegeven door op het instrument de CE-markering en de aanvullende metrologische markering aan te brengen. Ijken van thermometers Elke thermometer die je in de verwerkingsruimte en of winkelruimte gebruikt zal je jaarlijks moeten ijken. Losse thermometers kan je vrij eenvoudig zelf ijken terwijl je digitale thermometers via een tussen stap zal moeten controleren of ze al dan nioet nog goed werken. Meer informatie hier rond kun je bekomen met het Steunpunt Hoeveproducten. 48

49 Fiche 11: Financiële ondersteuning door het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) VLIF-steun algemeen (Bron SBB) Het Vlaams landbouwinvesteringsfonds heeft twee hoofddoelen: boeren en tuinders te ondersteunen bij duurzame investeringen jonge boeren en tuinders financieel steunen om in de sector te stappen. Door de subsidies die verleend worden aan jonge land- en tuinbouwers, merken we dat de Vlaamse overheid zeer veel belang blijft hechten aan de vestiging van jonge land- en tuinbouwers. Door deze steun worden jongeren immers aangemoedigd om zich in de sector als zelfstandige te vestigen. Vormen van steun Het VLIF verleent zowel steun voor investeringen gefinancierd met leningen aangegaan bij een erkende kredietinstelling als voor investeringen gefinancierd met eigen middelen. De vorm van steun is fundamenteel verschillend naargelang het een verrichting betreft waarvoor investeringssteun kan verkregen worden (modernisering gebouwen, machines, ) of een verrichting waarvoor vestigingssteun (overname bedrijfsbekleding of aandelen) wordt verleend. Investeringssteun wordt toegekend onder de vorm van een rentesubsidie als er voor de investeringen een krediet afgesloten wordt en wordt aangevuld met een kapitaalpremie. De kapitaalpremie staat rechtstreeks in verband met rentesubsidie zodat een vooropgesteld volume wordt verkregen. Wanneer de investeringen volledig gefinancierd worden met eigen middelen of voor groep 4 (8% voor o.a. aankoop machines en zonnepanelen) is er geen rentesubsidie en wordt de steun uitsluitend verleend onder de vorm van een kapitaalpremie. Op investeringssteun gaan we in deze brochure niet diep in. Er zijn de laatste jaren talrijke hervormingen geweest, zodat dit moeilijk is om kort samen te vatten. Alleszins loont het de moeite om voor elke investering die op een land- en tuinbouwbedrijf gedaan wordt je te informeren of er VLIF steun voor is. Voor meer informatie kun je terecht op de website of bij SBB. Vestigingssteun wordt op de eerste euro ( euro bij overname aandelen) vestigingskosten altijd toegekend onder de vorm van een vestigingspremie van euro ( euro bij overname van aandelen) en vervolgens onder vorm van een rentesubsidie voor zover er voor de bijkomende kosten een lening afgesloten wordt. Deze rentesubsidie is niet omzetbaar in een kapitaalpremie. 49

50 Bij een eerste installatie op een bestaand bedrijf wordt VLIF-tussenkomst toegekend voor de aankoop van de roerende bedrijfsbekleding, voor het vervolledigen van de bedrijfsbekleding, voor de aankoop van bedrijfsgebouwen of voor de aankoop van aandelen. Algemene voorwaarden Al wie wenst een beroep te doen op de tussenkomsten van het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds voor de eerste installatie op een land- of tuinbouwbedrijf moet: ofwel een diploma kunnen voorleggen van een volledige cyclus land- of tuinbouwgericht onderwijs van minstens het niveau hoger secundair onderwijs. ofwel een installatieattest kunnen voorleggen. Dit installatieattest kan behaald worden na het volgen van een van een bedrijfsleiderscursus, B-cursus, bij Groene Kring. Daarnaast zijn er ook voorwaarden met betrekking tot de aanvrager van de steun en met betrekking tot het bedrijf. Voor meer informatie kun je terecht op De aanvragen voor VLIF-tussenkomst moeten ingediend worden bij het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap door een door het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds erkende kredietinstelling bij een financiering met een krediet. Bij financiering met eigen middelen, wordt de aanvraag ingediend door de landbouwer zelf. In dit verband kun je contact opnemen met: Uw bankinstelling. De bedrijfseconomische adviseurs van SBB. De ingenieurs van de buitendiensten van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Administratie Land- en tuinbouw (zie bijlage 12). Meer info krijg je tevens bij het SBB kantoor in je buurt. Een kantoor in je buurt vindt je op: Investeringssteun voor bedrijfsinvesteringen specifiek gericht op de verwerking en de commercialisering van hoeveproducten Het VLIF biedt maximaal 28% financiële steun aan landbouwers die bedrijfsinvesteringen specifiek richten op de verwerking en de commercialisering van hoeveproducten. Voor volgende investeringen bedraagt de steunintensiteit 28%: bouwen, verbouwen en uitrusten van bedrijfsgebouwen die gebruikt worden voor de aanmaak van zuivelproducten (met melk van het eigen bedrijf) en het bewaren van die producten, evenals de aankoop van materieel dat specifiek noodzakelijk is voor die activiteit. bouwen, verbouwen en uitrusten van bedrijfsgebouwen die gebruikt worden voor het versnijden, bereiden en verkoopsklaar maken van vlees (geproduceerd op het eigen bedrijf) en het bewaren van die producten, evenals de aankoop van materieel dat specifiek noodzakelijk is voor die activiteit. bouwen, verbouwen en uitrusten van bedrijfsgebouwen die gebruikt worden voor het artisanaal verwerken en verkoopsklaar maken van land- en tuinbouwproducten (andere dan melk en vlees en geproduceerd op het eigen bedrijf) en het bewaren van die 50

51 producten, evenals de aankoop van materieel dat specifiek noodzakelijk is voor die activiteit. bouwen, verbouwen en uitrusten van bedrijfsgebouwen die bestemd zijn voor de rechtstreekse verkoop van de eigen productie (al dan niet in verwerkte vorm) aan de consument of aan de detailhandel, met inbegrip van een opslag- of koelruimte die bestemd is voor de verkoopsklare voorraad van die producten, evenals de aankoop van materieel dat specifiek noodzakelijk is om die activiteit uit te oefenen. Om 28% steun te genieten dienen de investeringen betrekking te hebben op de vervaardiging en verkoop van hoeveproducten via een korte keten, d.w.z.: op de hoeve zelf in de onmiddellijke omgeving van de hoeve zoals een buurtwinkel op de lokale boerenmarkt door de producenten zelf via voedselteams, groente-abonnementen of coöperaties van hoeveproducten Verkoop aan groot- en/of kleinhandel (behoudens buurtwinkel), horeca, wordt niet gerangschikt als rechtstreekse verkoop. Enkel specifieke investeringen gericht op de vervaardiging en de verkoop van hoeveproducten komen in aanmerking voor 28% steun. Voor gebouwen betreft dit een hoevewinkel, een verbruikslokaal en de opslag- of koelruimte bestemd voor het bewaren van de verkoopsklare voorraad aan hoeveproducten evenals de inrichtingsinvesteringen van gebouwen die door hun aard duidelijk bestemd zijn om de productie en verkoop van hoeveproducten mogelijk te maken (afwasbare wanden, antislipvloeren, noodzakelijke niveauverschillen, aangepaste riolering e.d.). Het gebouw zelf, dikwijls type gesloten loods met laad- en losplaats, voor het klaarmaken (sorteren, wassen, versnijden, bereiden, koken en/of verpakken) van de hoeveproducten wordt gesubsidieerd volgens de gangbare steunintensiteit van 18%. Voor specifieke vaste uitrusting, machines en materieel voor de productie en de verkoop van hoeveproducten, inbegrepen een koel- en marktwagen, wordt 28% steun verleend. De investeringen waaronder ook de gebouwen, dienen gedimensioneerd te zijn op basis van de verwerking van de landbouwproducten van het eigen bedrijf. In een normale situatie waar er eenheid is van landbouwactiviteit en rechtstreekse verkoop, wordt financiële steun verleend wanneer meer dan 50% van de verhandelde hoeveproducten van het eigen bedrijf komen. Investering die specifiek gericht zijn op de verkoop van aangekochte producten, worden niet gesubsidieerd. Er wordt aanvaard dat verwerken en commercialiseren eigen productie om administratieve of fiscale redenen afgesplitst wordt van de landbouwactiviteit. Hierbij gelden volgende regels: Een administratieve of fiscale afsplitsing van de activiteit wordt aanvaard wanneer de persoon die de activiteit uitoefent, voldoet aan de VLIF-voorwaarden van tijdsbesteding en inkomsten. Een juridische afsplitsing (veelal onder vorm van vennootschap) van deze activiteit wordt aanvaard wanneer volgende voorwaarden gelijktijdig vervuld zijn: o De bestuurders van de vennootschap zijn dezelfde als de exploitanten van het land- of tuinbouwbedrijf en bezitten 51 % van de aandelen; o De statuten vermelden het verwerken en verkopen van de productie van het eigen bedrijf als doelstelling; 51

52 o Minstens 75 % van de verkoop is afkomstig van het eigen land- of tuinbouwbedrijf (tegenover 50 % in gevallen waar er geen juridische splitsing is). Aanvragen van VLIF-steun Het aanvragen van VLIF-steun verloopt als volgt: De aanvraag om investeringssteun wordt met een volledig ingevuld aanvraagformulier ingediend. De aanvraag moet ingediend worden vooraleer de investering aanvangt en vooraleer de finale investeringsbeslissing genomen is. De datum van aanvraag is de registratiedatum door het VLIF van het aanvraagformulier. De datum van de eerste factuur (ook voortschotfactuur) is de ultieme aanvangsdatum van de investeringen. Het aanvraagformulier is niet noodzakelijk gedocumenteerd maar documentatie bijvoegen mag. Na ontvangst deelt de VLIF-administratie mee welke documentatie en binnen welke termijn nog moet voorgelegd worden Formulieren nodig voor de aanvraag van VLIF steun vind je in bijlage 10 en 11. Bijkomende informatie over de regelgeving kan verkregen worden bij de ambtenaars in de buitendiensten van het VLIF. Hun coördinaten vin je in bijlage

53 Fiche 12: Wetgeving m.b.t. fiscaliteit Wanneer je je producten rechtstreeks aan de verbruiker verkoopt, heeft dit een aantal fiscale gevolgen. Zowel wat betreft de directe belastingen, als wat betreft de BTW moet je met enkele gegevens rekening houden. Moet de aangifte voor de directe belastingen op een andere manier gebeuren wanneer je je producten rechtstreeks verkoopt? In de landbouwsector bestaan twee verschillende systemen om de inkomstenbelasting te bepalen. Belastingaangifte op basis van fiscale boekhouding Indien er voor de landbouwactiviteit belastingaangifte wordt gedaan op basis van de fiscale boekhouding verandert er niets. Alle uitgaven en inkomsten van de rechtstreekse verkoop moeten gewoon mee ingeschreven worden. Belastingaangifte op basis van de forfaitaire land- en tuinbouwbarema s Indien een land- of tuinbouwbedrijf gebruik maakt van de forfaitaire barema s, moet een dagontvangstenboek worden bijgehouden en moet de extra winst van de rechtstreekse verkoop toegevoegd worden aan de semi-brutowinst. Sommige winsten zitten echter reeds in het barema vervat en dienen niet extra aangegeven te worden (bv. de verkoop van melk of aardappelen aan particulieren op de hoeve). Moeten toegevoegd worden aan de semi-brutowinst: verkoop, buiten het gebruikelijke circuit (melkerij, kaasfabriek), van op de hoeve voortgebrachte melk: 0,20 per verkochte liter melk (behalve de melk verkocht op de hoeve aan particulieren voor hun persoonlijk gebruik: deze zit verrekend in het barema); rechtstreekse verkoop aan verbruikers, per karkas of halve karkas, per kwartier of in gesneden stukken, van al het vlees of een deel ervan dat voortkomt van dieren van de hoeve die de landbouwer zelf slacht of laat slachten op zijn naam of op naam van zijn klanten; verkoop van producten van de exploitatie op boerenmarkten, van deur tot deur, aan tussenpersonen, voor pluimveebedrijven die zich intensief toeleggen op de verkoop aan particulieren, de hieruit voortvloeiende meerwinst. Opgelet: indien de rechtstreekse verkoop een belangrijke omvang aanneemt, kan de belastingadministratie de toepassing van het forfait verwerpen. Dit kan wanneer zij aantonen dat de werkelijke winst aanzienlijk hoger is dan de forfaitair bepaalde winst. Heb je speciale verplichtingen i.v.m. de BTW? 53

54 Gezien de dalende prijzen in de landbouwsector, tracht de landbouwer andere bronnen van inkomsten te vinden om zijn basisinkomen op peil te houden. De verkoop van (thuisverwerkte) hoeveproducten kan daarbij een mogelijkheid zijn. Uiteraard is het belangrijk te weten welke gevolgen deze activiteitsuitbreiding met zich meebrengt en welke spelregels in acht moeten genomen worden. In de hierna volgende bijdrage zal stilgestaan worden bij de BTW-aspecten die komen kijken bij verkoop op de hoeve en dan in het bijzonder in hoofde van de forfaitaire landbouwer. Voor landbouwers onder de normale BTW-regeling zijn immers de gewone regels van toepassing. De forfaitaire landbouwregeling voor BTW Bij de invoering van de BTW-wetgeving heeft de wetgever een bijzondere regeling voorzien voor de landbouwer met een minimum aan verplichtingen. Zo zal een forfaitaire landbouwer geen periodieke BTW-aangiften moeten indienen of BTW moeten aanrekenen. Keerzijde van de medaille is dat hij de BTW betaald op zijn aankopen niet kan aftrekken. Deze forfaitaire landbouwregeling voor BTW is van toepassing op de land- en tuinbouwer die de door hem voortgebrachte producten of geteelde dieren levert, eventueel na een primaire verwerking, diensten levert in het kader van contractteelt of contractmesterij, landbouwhulp verstrekt aan een collega of bedrijfsmiddelen verkoopt die hij in zijn landbouwbedrijf heeft ingezet. De betrokkene kan evenwel opteren voor de normale regeling (met BTW boekhouding) indien hij dat wenst. Deze overgang zal vooral aan de orde zijn indien belangrijke investeringen gepland zijn gezien de aftrekbare BTW dan aanzienlijk kan zijn. Indien de landbouwer bijkomend nog andere goederen of diensten levert verschillend van de activiteiten in de vorige paragraaf, kunnen deze niet verstrekt worden met toepassing van de landbouwregeling inzake BTW. Bijvoorbeeld (landbouw)producten aankopen en ze na eventuele verwerking verkopen staat niet in bovenstaande opsomming en kunnen in principe niet onder de forfaitaire BTW regeling vallen. De betrokken landbouwer zal dan verplicht zijn alle activiteiten te verrichten met toepassing van de normale BTW-regeling. Hierop is een uitzondering als een forfaitaire regeling of de kleine ondernemingsregeling kan ingeroepen worden voor deze bijkomende handelingen. De kleine ondernemingsregeling kan toegepast worden indien de omzet van de bijkomende activiteiten de grens van EUR niet overschrijdt. In een drietal situaties zal een overgang van een forfaitaire BTW regeling naar de normale regeling (BTW boekhouding) niet vereist zijn, met name indien het gaat om één van volgende handelingen: de leveringen van landbouwproducten op groothandelsmarkten; de leveringen in het klein, van deur tot deur of in een inrichting voor de verkoop in het klein; de leveringen en diensten m.b.t. producten en dieren die de landbouwer heeft voortgebracht, maar die niet onderworpen zijn aan 6%, bijvoorbeeld rijpaarden. Deze handelingen kunnen naar keuze uitgeoefend worden onder de normale regeling, de regeling van de kleine ondernemingen of een forfaitaire regeling. Een melkveehouder kan bijvoorbeeld zijn eigenlijke landbouwactiviteit uitoefenen onder de forfaitaire landbouwregeling terwijl hij de regeling 54

55 van de kleinhandelaar in zuivelproducten kan gebruiken voor de verkoop van zijn zuivelproducten (verse melk, boter, kaas) in zijn hoevewinkel. De hoeveverkoop valt immers onder deze uitzonderingen en kan dus gecombineerd worden met de landbouwactiviteit op voorwaarde dat de goederen die verkocht worden van eigen teelt zijn en hoogstens een primaire verwerking hebben ondergaan. Primaire verwerking De landbouwer dient er op te letten dat de producten die worden verkocht in het klein hoogstens een primaire verwerking hebben ondergaan, bijvoorbeeld het maken van boter, kaas of yoghurt, het pasteuriseren en opleggen van zurkel, het sorteren van fruit, het malen van koren tot bloem. Het maken van rijstpap, chocomousse, pudding of roomijs, het versnijden van vlees, het maken van fruitsap e.d. zijn echter geen primaire verwerkingen. Indien de melkveehouder dergelijke producten verkoopt in het klein, zal hij daardoor zijn eigenlijke landbouwactiviteiten niet meer kunnen uitoefenen met toepassing van de forfaitaire landbouwregeling tenzij een forfaitaire regeling of de kleine ondernemingsregeling (omzet < euro) kan ingeroepen worden voor de hoeveverkoop. Voorbeeld: Melkveehouders die van april tot oktober ijsjes verkopen, kunnen deze activiteit niet uitoefenen met behoud van de forfaitaire landbouwregeling, tenzij ze het forfait van de ijsbereiders toepassen of hun omzet onder de grens van EUR blijft. Wensen zij de normale regeling toe te passen dan zullen zij genoodzaakt zijn de forfaitaire landbouwregeling te verlaten voor hun landbouwactiviteiten. Ijsjes die worden meegenomen, dienen onderworpen te worden aan een tarief van 6%, terwijl voor verbruik ter plaatse een tarief van 12% wordt gehanteerd. De Belgische administratie is van mening dat er sprake is van verbruik ter plaatse als er aan de boerderij tafels en stoelen of banken geplaatst zijn. Een aantal Europese arresten werpen echter een ander licht op de zaak. Om van verbruik ter plaatse te kunnen spreken, dienen een minimum aan diensten verleend te worden. Een standaard bereiding van de etenswaren (bijvoorbeeld opwarmen) en rudimentaire voorzieningen (barkruk, zitbanken) om de maaltijd ter plaatse te consumeren is niet voldoende. De Belgische administratie heeft echter zijn standpunt nog niet bijgestuurd, wat maakt dat voorzichtigheid voorlopig geboden is. 55

56 56

57 Fiche 13: Vennootschap of eenmanszaak Bron SBB Bij de opstart van een thuisverkoop kan de oprichting van een vennootschap ter sprake komen. De oprichting hiervan is maatwerk en voor elk bedrijf verschillend. We geven hieronder de voor- en nadelen weer van een vennootschap en van een eenmanszaak. Voor meer gedetailleerde informatie verwijst het Steunpunt Hoeveproducten u door naar de mensen van SBB in de regionale kantoren in uw buurt (te vinden op De eenmanszaak Definitie De eenmanszaak is een onderneming die wordt gevoerd door een natuurlijk persoon. Het belangrijkste verschil met een vennootschap is dat de goederen van de eenmanszaak geen afgescheiden deel vormen van het eigen vermogen van de ondernemer, zodat deze steeds met zijn volledige eigen vermogen instaat voor de eventuele schulden van de vennootschap. Het vermogen van de zaak is dan wel een geheel van productiemiddelen, maar blijft onderdeel vormen van het gehele vermogen, samen met het privé vermogen, dat als één geheel instaat voor alle mogelijke schulden. Voordelen De eenmanszaak heeft onmiskenbaar een aantal voordelen: Lage oprichtingskosten: doordat de eenmanszaak relatief eenvoudig opgericht kan worden, zijn hieraan weinig kosten verbonden. De oprichting gebeurt door een erkend ondernemingsloket en kost 77 euro + 77 euro per bijkomende vestigingseenheid. Weinig boekhoudkundige en administratieve verplichtingen: in tegenstelling tot een vennootschap dient de eenmanszaak geen jaarrekening neer te leggen en mag zij ook een vereenvoudigde boekhouding voeren indien de omzet van het laatste jaar in principe ten hoogste EUR, exclusief BTW bedroeg. Vlotte besluitvorming: daar waar in een vennootschap de beslissingen worden genomen binnen de algemene vergadering of door het bestuursorgaan, volstaat binnen de eenmanszaak de beslissing van de ondernemer. Nadelen Een eenmanszaak heeft ook nadelen: Onbeperkte aansprakelijkheid van de ondernemer: de ondernemer blijft met zijn ganse vermogen aansprakelijk voor de schulden van zijn onderneming. Schuldeisers kunnen bijgevolg ook beslag leggen op de bestanddelen van het vermogen die niet beroepsmatig gebruikt worden. Beperkte optimalisatiemogelijkheden op het vlak van fiscaliteit en sociale zekerheidsbijdragen. De ondernemer die kiest voor een eenmanszaak wordt belast in de personenbelasting. De tarieven 57

58 die worden toegepast stijgen naarmate het inkomen stijgt. De hoogste tarieven in de personenbelasting liggen hoger dan het tarief in de vennootschapsbelasting. Beperkte mogelijkheden op het vlak van opvolgings en overnameregeling: daar waar de onderneming in een vennootschap een geheel vormt, vormt de eenmanszaak slechts een onderdeel van het gehele vermogen van de ondernemer en zal dit bij overlijden de gewone regels van vererving ondergaan, wat doorgaans zorgt voor een verdeling van het totale vermogen en dus ook van de eenmanszaak. Oprichtingsformaliteiten In principe kan iedere natuurlijke persoon een eenmanszaak oprichten. Hij zal hiervoor een handelsnaam moeten kiezen, zijnde een naam waarmee de onderneming in het openbaar bekend is, en een rekening moeten openen bij een Belgische kredietinstelling of bij De Post. Na het openen van de rekening moet de ondernemer via een erkend ondernemingsloket een ondernemingsnummer aanvragen. Dit ondernemingsnummer is een uniek identificatienummer voor de onderneming, dat steeds op alle stukken uitgaande van de onderneming moet vermeld worden. Na aanvraag van het ondernemingsnummer moet eventueel het BTW-nummer geactiveerd worden. De vennootschap Definitie De vennootschap is een andere vorm die een onderneming kan aannemen. Een vennootschap wordt opgericht door een contract tussen de oprichters waarbij een of meer personen goederen of een bedrijvigheid bijeen brengen om beroepsactiviteiten te ontwikkelen en zo winst te maken. De volgende elementen zijn dan ook van cruciaal belang in het begrip vennootschap : Overeenkomst: de samenwerking in een vennootschap is gebaseerd op een overeenkomst. Deze overeenkomst noemen we de oprichtingsovereenkomst. Het reglement waaraan de partijen zich te houden hebben bij het functioneren van de vennootschap noemen we de statuten. In de meeste gevallen moet een notaris de oprichtingsovereenkomst met de statuten opmaken. Deze notariële akte wordt de oprichtingsakte genoemd. Twee of meerdere personen: een vennootschap veronderstelt meestal ten minste twee personen. Vennoten of aandeelhouders: dit zijn de leden van de vennootschap. Het zijn de personen die aan de basis liggen van het vennootschapscontract, de oprichters en/of de personen die later aandelen van de vennootschap hebben verkregen. Een andere naam van vennoten is aandeelhouders. Of men het ene of het andere woord gebruikt, hangt af van de vennootschapsvorm. Rechtspersoonlijkheid: de meeste vennootschapsvormen hebben rechtspersoonlijkheid. Dat wil zeggen dat de oprichters van de vennootschap als het ware een nieuwe persoon creëren, met een eigen vermogen, afgezonderd van het privévermogen van deze oprichters. Een vennootschap met rechtspersoonlijkheid kan verbintenissen aangaan, partij zijn bij contracten, vorderingen instellen, enz. De mandatarissen van de vennootschap met rechtspersoonlijkheid (bestuurders, zaakvoerders of beherende vennoten) treden op in haar naam: zij ondertekenen, met vermelding voor of na hun handtekening van hun hoedanigheid, zodat zij niet zichzelf verbinden, maar optreden als vertegenwoordiger van de vennootschap. Gemeenschap: in de oprichtingsakte vermelden de oprichters o.a. welke middelen zij aan de vennootschap ter beschikking stellen. Deze middelen zijn de inbreng in de vennootschap. Een 58

59 inbreng kan bestaan uit geld, materieel, gronden, gebouwen,. Alle inbrengen samen vormen het kapitaal van de vennootschap. Uitoefenen van een activiteit: een vennootschap moet altijd opgericht zijn met het oog op het uitoefenen van een bepaalde activiteit. Deze activiteiten moeten omschreven worden in het doel van de vennootschap, dat deel uitmaakt van de statuten. Winst: een vennootschap heeft tot doel winst te maken. Of de vennootschap dan ook daadwerkelijk winst maakt, is van ondergeschikt belang, het doel om winst te maken primeert. Dat is het verschil met een VZW (vereniging zonder winstoogmerk). Voordelen Een vennootschap als ondernemingsvorm brengt een aantal voordelen met zich mee: Continuïteit van de onderneming/- successieplanning: bij overlijden worden enkel de aandelen van de vennootschap vererfd terwijl de werking en het voortbestaan van de vennootschap niet in het gedrang worden gebracht. Bij leven laat het bestaan van aandelen gemakkelijker de overdracht van de onderneming toe. Beperkte aansprakelijkheid/ aparte rechtspersoonlijkheid: door toetreding tot bepaalde types van vennootschappen (NV, BVBA, CVBA, Comm. VA) kunnen de oprichters hun aansprakelijkheid beperken tot beloop van het gedeelte van hun vermogen dat zij in de vennootschap hebben ingebracht. Dit voordeel moet evenwel gezien de vele correcties (bankwaarborg, gerechtelijke doorbraak bij faillissement, ) gerelativeerd worden. Fiscale motieven: de winsten van de vennootschap zijn onderworpen aan de vennootschapsbelasting. De maximale tarieven in de vennootschapsbelasting liggen lager dan in de personenbelasting: het normale tarief bedraagt 33,99 %; onder bepaalde voorwaarden (o.a. het betalen van een bruto bezoldiging van ten minste EUR (AJ 2011) aan een bestuurder of zaakvoerder) kan de vennootschap van het verlaagd tarief genieten, met name 24,98 % op de schijf van 0 tot EUR en 31,93 % op de schijf van tot EUR en 35,54 % op de schijf van tot EUR. De bezoldiging die de ondernemer als bestuurder of zaakvoerder ontvangt, is onderworpen aan de personenbelasting. Doordat de vennootschap zelf kan bepalen hoeveel ze uitkeert aan haar mandataris en op welke wijze ze dit doet, kan er wel voor gezorgd worden dat er op individuele basis gekozen wordt voor de beste samenstelling van het verloningspakket, rekening houdende met de bestaande wetgeving op het vlak van fiscaliteit en sociale zekerheidsbijdragen. Sociale motieven: een vennootschap betaalt een jaarlijkse sociale bijdrage die wordt bepaald door de grootte van de vennootschap (naargelang het balanstotaal): o 347,50 EUR o 852,50 EUR Een natuurlijke persoon (zelfstandige) betaalt aan sociale bijdrage een evenredig percentage op zijn nettoinkomen Organisatorische redenen: de meest voorkomende vennootschapsvormen zijn verplicht een boekhouding te voeren overeenkomstig de wet op de jaarrekening (dubbel boekhouden, rekeningenstelsel) en haar jaarrekening (volledig of verkort) ter publicatie aan te bieden. Een eenmanszaak mag een vereenvoudigde boekhouding (drie dagboeken: inkomen, verkopen en financieel boek) voeren als de omzet van het laatste jaar in principe ten hoogste EUR (excl. BTW) bedraagt. Een vereenvoudigde boekhouding heeft als voordeel de beperkte kostprijs, maar als nadeel dat het minder duidelijk en overzichtelijk is, hetgeen risico s met zich meebrengt ten aanzien van de directe belastingen: een vereenvoudigde boekhouding kan sneller verworpen worden zodat een taxatie bij vergelijking mogelijk is. 59

60 Nadelen Scheiding vennootschapsvermogen privévermogen: waar een afgescheiden vermogen een voordeel is op het vlak van de schulden, is het een nadeel op het vlak van de inkomsten. De inkomsten zijn namelijk eigendom van de vennootschap en niet van de privépersoon achter de vennootschap. Op de overdracht van de inkomsten van de vennootschap naar het vermogen van de privé persoon zal vaak een of andere vorm van belasting moeten betaald worden. Een evenwichtige samenstelling van diverse vergoedingen zorgt ervoor dat de inkomsten zo optimaal mogelijk kunnen overgedragen worden naar het privévermogen. Uiteraard kan SBB u helpen de juiste samenstelling te vinden. Meer formaliteiten: er moeten algemene vergaderingen en bestuursvergaderingen gehouden worden, er moeten publicaties gebeuren in het Belgisch Staatsblad, de jaarrekening moet worden neergelegd, enz... Kortom het runnen van een vennootschap vraagt meer discipline. Meer kosten: er zijn meer oprichtings-, werkings- en advieskosten verbonden aan een vennootschap. Er zijn verschillende vennootschappen mogelijk afhankelijk van de wensen van de bedrijfsleider(s) en de mogelijkheden van het bedrijf. Raadpleeg het SBB kantoor in uw buurt voor verdere info (www.sbb.be). 60

61 Fiche 14: De hygiënewetgeving Inleiding Jaarlijks worden honderden mensen in ons land slachtoffer van voedselvergiftigingen en infecties. De oorzaak hiervan moet gezocht worden bij het gebrek aan voedselhygiëne. Vandaar ook de toenemende aandacht die geschonken wordt door de overheid en de voedselindustrie aan het veilig produceren van levensmiddelen en het hygiënisch werken. Iedereen die voedsel produceert, hanteert of verhandelt, krijgt te maken met strenge voorschriften inzake hygiëne... van grote voedselverwerkende bedrijven tot de hoeveproducent. Zuivelproducten zijn omwille van hun vaak beperkte houdbaarheid vrij delicate producten vanuit voedselhygiënisch oogpunt. Hoevezuivelproducten kenmerken zich vaak bovendien door een afwezigheid van enige bewaarmiddelen waardoor een hygiënische werkmethode bij de vervaardiging van de producten uiterst belangrijk is. Soorten gevaren Er zijn 3 soorten gevaren: Fysische gevaren: metaaldeeltjes, glas, sigarettenpeuken,... die in het voedsel kunnen terechtkomen tijdens de bereiding en de verpakking. Chemische gevaren: resten van desinfecteer- of reinigingsmiddelen in levensmiddelen door onvoldoende naspoelen of verontreiniging van levensmiddelen ten gevolge van lekkende smeermiddelen zijn voorbeelden van chemische gevaren. Biologische gevaren: levensmiddelen zijn ideale schuil - en broedplaatsen voor bacteriën, gisten, schimmels, virussen en parasitaire wormen (vb.lintworm). Afhankelijk van het soort producten dat je wenst te verkopen zal je enkel moeten voldoen aan de GHP regels (goede hygiënepraktijken) of zal je bijkomend een autocontroleplan op basis van HACCP moeten opstellen (zie verder bij fiche 15). 61

62 62

63 Fiche 15: Inrichting van een winkel- en verwerkingsruimte Wanneer heb je een aparte winkelruimte nodig? Wanneer je primaire producten gaat verkopen dan ben je strikt genomen niet verplicht een eigen winkelruimte te hebben. Wil je verwerkte producten verkopen dan zal dit wel een vereiste zijn. Verkoop je dus enkel rauwe melk dan kan je dit doen vanuit de ruimte waar de koeltank staat. Natuurlijk zorg je er voor dat deze verkoopsruimte netjes is. Verkoop je verwerkte zuivelproducten dan moet je winkel aan een reeks eisen voldoen. Deze eisen zijn des te strenger wanneer je onverpakte verwerkte producten verkoopt (bijvoorbeeld een kaas die in het bijzijn van de klant versneden wordt, koeltoog met schepijs, ). Als algemene regel kun je stellen dat al het materiaal dat in de winkel aanwezig is netjes, glad, afwasbaar, niet poreus, niet toxisch en corrosiebestendig moet zijn. In de wetgeving wordt geen melding gedaan van welke materiaalsoorten al dan niet toegelaten zijn. Voldoet het materiaal aan deze voorwaarden dan is de kans heel groot dat je het voor de inrichting mag gebruiken. Een voorbeeld voor een wandbekleding: Blank onbehandeld hout is niet afwasbaar en voldoet dus niet dit in tegenstelling tot tegels die dit wel zijn. Is na een aantal jaren het voegwerk tussen de tegels verweerd of losgekomen dan zal het materiaal terug niet meer voldoen aan de hygiënische voorwaarden voor de inrichting van ruimtes waar voeding verwerkt/verkocht wordt. 63

64 Wanneer heb je een aparte verwerkingsruimte nodig? De tijd dat je producten kon bereiden in je eigen privé keuken ligt reeds lang achter ons. Wens je producten te verwerken (bijvoorbeeld verwerken van melk tot yoghurt, ijs, chocomousse, ) dan zal je daar een aparte, speciaal ingerichte ruimte voor moeten hebben. Als algemene regel kun je hier ook stellen dat al het materiaal dat in de winkel aanwezig is netjes, glad, afwasbaar, niet poreus, niet toxisch en corrosiebestendig moet zijn. In de wetgeving wordt geen melding gedaan van welke materiaalsoorten al dan niet toegelaten zijn. Voldoet het materiaal aan deze voorwaarden dan is de kans heel groot dat je het mag gebruiken. Hoe groot moet de ruimte zijn? Wettelijk bestaan geen echte voorschriften met betrekking tot de oppervlakte van het verwerkingslokaal van een hoevewinkel. Het lokaal moet voldoende groot zijn zodat je alle toestellen op een zodanige manier kunt opstellen dat je ze makkelijk en juist kunt gebruiken en - belangrijk - dat je de toestellen ook goed kunt reinigen (ook achter de toestellen). Moet je speciale kledij hebben in de verwerkingsruimte? Voor je je verwerkingsruimte binnengaat dien je propere kledij aan te trekken of een propere schort over je kledij heen te trekken. Ook dien je andere schoenen aan te trekken. Het is handig als je voor het betreden van je verwerkingslokaal een soort omkleedsas kunt inrichten. Voor het onderhoud van de verwerkings- en winkelruimte zal je apart reinigingsmateriaal moeten voorzien dat opgeborgen wordt in een afgesloten kast/ruimte. Ook je reinigingsproducten zal je in een aparte kast/lokaal moeten opslaan en zeker niet samen met voedingsmiddel, ingrediënten, Ook dien je een ruimte te voorzien voor de opslag van verpakkingsmaterialen. Meestal koop je die aan in grote hoeveelheden. Je dient ervoor te zorgen dat ze ten allen tijde droog en stofvrij bewaard worden. Je zal ongediertebestrijdingsproducten moeten voorzien. Ook deze moeten apart worden opgeslagen. In je verwerkingsruimte mogen alleen producten, toestellen, werktuigen en instrumenten voor de verwerking en manipulatie van levensmiddelen die je zal verwerken en verkopen aanwezig zijn. Het spreekt voor zich dat de verwerkingsruimte niet in verbinding mag staan met een ongezonde ruimte (bijvoorbeeld een stal/loods). Je zal in je verwerkingsruimte (en winkelruimte) water moeten voorzien. Dit water moet van drinkwaterkwaliteit zijn. Met leidingwater zit je in principe veilig tenzij je dit water gaat behandelen (bijvoorbeeld chloreren). Gebruik je putwater dan dien je te bewijzen dat ook dit water van drinkwaterkwaliteit is. De precieze inrichting van je verwerkings- en winkelruimte hangt af van een aantal factoren waaronder de aard van de producten die je zal verwerken/verkopen. Voor meer specifieke vragen mag je steeds contact opnemen met het Steunpunt Hoeveproducten. 64

65 Fiche 16: Autocontrole Autocontrole is het geheel van maatregelen die door de exploitanten van levensmiddelenbedrijven moeten worden genomen om ervoor te zorgen dat de producten in alle stadia van de productie, verwerking en distributie die onder hun beheer vallen: voldoen aan de wettelijke voorschriften inzake voedselveiligheid. voldoen aan de wettelijke voorschriften inzake kwaliteit van zijn producten, waarvoor het FAVV bevoegd is. voldoen aan de voorschriften inzake traceerbaarheid en het toezicht op de effectieve naleving van deze voorschriften. Voor de primaire productie geldt de verplichting tot het instellen, toepassen en handhaven van een systeem van autocontrole niet. De land- en tuinbouwers binnen de primaire productie zijn enkel verplicht een regelmatige controle uit te voeren op de verplichte hygiënevoorschriften, een register bij te houden en, in bepaalde gevallen, een melding te doen bij het FAVV. Verkoop je dus enkel onverpakte rauwe melk dan dien je GEEN autocontroleplan op te stellen (met uitzondering wanneer de verkoop via een melkautomaat verloopt). De sleutelelementen van de goede hygiëne praktijken (GHP) zijn: het ontwerp van infrastructuur en uitrusting; het hanteren van levensmiddelen, met inbegrip van het verpakken, vervoeren en opslaan; de behandeling en het beheer van afval van levensmiddelen; de bestrijding van schadelijke dieren; de procedures voor reinigen en ontsmetten; de kwaliteit van het gebruikte water: het water moet voldoen aan de criteria voor drinkbaar water zoals vastgelegd in het koninklijk besluit van 14 januari 2002 betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water dat in voedingsmiddeleninrichtingen verpakt wordt of dat voor de fabricage en/of het in de handel brengen van voedingsmiddelen wordt gebruikt; de beheersing van de koudeketen en/of de warmteketen en het registeren en het beheer van nonconformiteiten; de gezondheid van het personeel voor zover die van invloed is op de veiligheid van de voedselketen; de lichaamshygiëne van elkeen die met de levensmiddelen in contact komt; de opleiding van het personeel. De GHP voor de melkveehouderij vind je terug in de Autocontrolegids voor de Primaire Dierlijke Productie die je gratis kan raadplegen op Respect van de Hasard analysis critical control points (HACCP) houdt in: het identificeren van elk gevaar dat voorkomen, geëlimineerd of tot een aanvaardbaar niveau gereduceerd moet worden; het identificeren van de kritische controlepunten in het stadium of destadia waarin controle essentieel is om een gevaar te voorkomen of te elimineren dan wel tot een aanvaardbaar niveau te reduceren; 65

66 het vaststellen van kritische grenswaarden voor de kritische controle punten teneinde te kunnen bepalen wat al dan niet aanvaardbaar is op het vlak van preventie, eliminatie of reductie van een onderkend gevaar; het vaststellen en toepassen van efficiënte bewakingsprocedures voor de kritische controlepunten, het vaststellen van corrigerende maatregelen wanneer uit de bewaking blijkt dat een kritisch controlepunt niet volledig onder controle is; het vaststellen van procedures om na te gaan of de maatregelen naar behoren functioneren; het opstellen van documenten en registers, aangepast aan de aard en de omvang van het bedrijf, teneinde aan te tonen dat de maatregelen daadwerkelijk worden toegepast; indien nodig het opstellen van bemonstering-en analyseplannen die toelaten zich te verzekeren van de geldigheid van het autocontrolesysteem (ACS). Iedereen die onverpakte en verwerkte voedingswaren hanteert moet verplicht een opleiding Hygiëne en autocontrole volgen. Contacteer het Steunpunt Hoeveproducten voor de opleidingen bij jou in de buurt. 66

67 67

68 4 68

69 Versoepelingen voor de kleine bedrijven: Om rekening te houden met de beperkingen van kleine bedrijfjes werkte het FAVV versoepelingen uit die deze groep moeten toelaten de nieuwe verplichtingen omtrent autocontrole en traceerbaarheid op een vereenvoudigde manier in de praktijk om te zetten. De consument heeft recht op een veilig product, om het even waar hij dit koopt: in een supermarkt of in een klein bedrijf. Deze zeer kleine bedrijven beschikken echter over onvoldoende middelen voor het uitvoeren van een risicoanalyse, de administratieve last betekent eveneens een grote druk. De Europese reglementering voorziet daarom voor de lidstaten expliciet de mogelijkheid om dergelijke versoepelingen toe te staan en biedt aldus voldoende ruimte voor respect voor de tradities en de authenticiteit van artisanale producten en voor de bijzonderheden van de kleine bedrijfjes. Wanneer kom je als bedrijf in aanmerking voor versoepelingen? Er wordt een eerste onderscheid gemaakt tussen : 1. de bedrijven die rechtstreeks aan de consument leveren (B2C of «business to consumer») (bvb een kruidenier): deze bedrijven komen in aanmerking voor de versoepelingen indien ze met maximaal 5 voltijds equivalenten (FTE) werken en/of over een oppervlakte beschikken kleiner dan 400m². 2. de bedrijven die aan andere bedrijven leveren (B2B of «business to business»): deze bedrijven komen uitsluitend in aanmerking voor de versoepelingen indien ze met maximaal 2 voltijds equivalenten (FTE) werken, ongeacht de oppervlakte. Een tweede onderscheid wordt gemaakt tussen : 1. de bedrijven die niet overgaan tot de verwerking van de producten: deze bedrijven genereren minder gevaar en moeten alleen voldoen aan de «goede hygiënepraktijken (GHP). Het respecteren van de GHP omvat de naleving van eenvoudigere verplichtingen ivm infrastructuur, verpakking, transport, afvalbeheer, bestrijding van ongedierte, reiniging, waterkwaliteit, koudeen warmteketen, gezondheid en opleiding van het personeel, lichaamshygiëne, 2. de bedrijven die een verwerkingsactiviteit hebben (bvb. restaurants, slagers, traiteurs, bakkers, producenten van zuivelproducten,.): deze bedrijven moeten, naast de GHP, ook voldoen aan een reeks versoepelde HACCP-principes (Hasard Analysis Critical Control Points). Deze zijn niet verplicht om hun eigen gevarenanalysen uit te voeren : ze kunnen hiervoor de inhoud toepassen van de door het Agentschap goedgekeurde gids 5 bestemd voor hun activiteitensector. Bovendien dienen ze uitsluitend de non-conformiteiten te registreren en dienen ze de documenten slechts te bewaren tot 6 maanden na het verstrijken van de datum van minimale houdbaarheid of de uiterste verbruiksdatum of gedurende de standaardduur van 6 maanden Op de website van het FAVV: kun je een ludieke test doen om te weten of je al dan niet onder de versoepelingen valt: 5 De gids hoevezuivel werd tot op heden nog niet door het FAVV definitief goedgekeurd 69

70 Je bent dus hoevezuivelaar Als hoevezuivelaar kan je hier normaal gezien ja op antwoorden. Je mag een beperkt % van je producten leveren aan andere bedrijven. De meeste hoevezuivelaars zullen hier ook ja op kunnen antwoorden daar enkel die bedrijfsruimten in rekening gebracht worden die dienen voor de thuisverkoop (verwerkingsruimte, winkel, ev. verbruikszaaltje, ). 70

71 Enkel het personeel dat arbeid verricht bij het maken en het verkopen van de producten wordt in rekening gebracht. Meestal zal je dus ook hier ja kunnen antwoorden. Verkoop je gewoon primaire producten (zie fiche 1) dan antwoord je hier neen. Ben je hoevezuivelaar (verwerk je je melk tot zuivelproducten) dan dien je ja te antwoorden. In dat laatste geval zal je dus HACCP light 6 moeten volgen. 6 HACCP light = autocontroleplan met versoepelingen 71

72 Verkoop je enkel rauwe onverpakte melk op je bedrijf dan volstaan de Goede Hygiëne Praktijken. 72

73 Fiche 17: Traceerbaarheid Eenvoudig uitgelegd wil traceerbaarheid zeggen dat van elk levensmiddel dat de consument koopt (bij de kruidenier, in de supermarkt, bij de hoeveproducent, ) zijn geschiedenis moet kunnen achterhaald worden. Er moet kunnen nagegaan worden wie het product gemaakt heeft, waar de verschillende ingrediënten vandaan komen, in welke stal het dier gestaan heeft, welke medicijnen het gekregen heeft, welk voeder het dier gekregen heeft, enz Wellicht ben je van mening dat het bijhouden van traceerbaarheidsgegevens een zware bijkomende administratieve belasting is. Dat is ook zo en zolang er in de voedselketen niets misloopt heb je deze gegevens meestal ook niet nodig. Loopt er toch iets fout dan kan je aan de hand van al deze gegevens makkelijk de bron van het probleem aanpakken en de schade beperken. Het hele traceerbaarheidsverhaal is er eigenlijk gekomen na de dioxinecrisis van 1999 waar men weken gezocht heeft naar de oorzaak van de dioxinebesmetting. Of je nu primaire of verwerkte producten verkoopt, je traceerbaarheid zal in orde moeten zijn. Verkoop je enkel primaire producten dan volstaan voor het FAVV de gegevens die je reeds in het kader van een IKM lastenboek moet bijhouden. Bij verwerkte producten is het een ander verhaal. Voor elk lot producten die je maakt dien je alle lotnummers te vermelden van de ingrediënten die je toevoegt. Je moet een register IN bijhouden en in sommige gevallen ook een register UIT. Een voorbeeld van een traceerbaarheidsformulier vind je in bijlage

74 74

75 Fiche 18: Meldingsplicht Elke exploitant moet het FAVV onmiddellijk inlichten wanneer hij van oordeel is of redenen heeft om te denken dat een product dat hij ingevoerd, geproduceerd, geteeld, gekweekt, bewerkt, gefabriceerd of verhandeld heeft, schadelijk kan zijn voor de gezondheid van mens, dier of plant. Verplichte melding: Indien u producten in de handel heeft gebracht die een gevaar opleveren voor de volksgezondheid (vb. Salmonella, Listeria, ). Indien u zulke producten heeft ontvangen van een leverancier die ook aan andere bedrijven kunnen zijn geleverd (vb antib in aangekochte melk). Melding is niet verplicht: Indien het gevaar zich beperkt tot het bedrijf en op het bedrijf werd opgelost. Melding dient telefonisch en schriftelijk aan het PCE (zie bijlage 2) te gebeuren met een standaard formulier (zie bijlage 15). 75

76 76

77 HOOFDSTUK 2: BIJLAGEN 77

78 78

79 BIJLAGE 1 Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) Model aanvraagformulier voor een registratie, een toelating en/of een erkenning I. AARD VAN DE AANVRAAG Deze aanvraag betreft : een registratie, een toelating of een erkenning nieuwe activiteit(en) een stopzetting van één of meerdere activiteiten een volledige stopzetting van de activiteiten een wijziging van administratieve gegevens II. IDENTIFICATIE OPERATOR (ONDERNEMING/NATUURLIJK PERSOON) Ondernemingsnummer/Rijksregisternummer/INSZ (1) : Maatschappelijke benaming (2) *: Naam (3à : Voornaam (3) : Afkorting (2 * ) : Juridische vorm (2 * ) : Adres *: Straat: Nr: Bus: Postcode: Gemeente: Land: Telefoon: Fax: (1) Ondernemingen reeds geregistreerd in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBP) in uitvoering van de wet van 16 januari 2003 of van haar uitvoeringsbesluiten vullen hier hun ondenemingsnummer in. - Natuurlijke personen vullen hier hun Rijksregisternummer of hun INSZ in (het nummer bevindt zich in de rechterbovenhoek van de SIS-kaart). - Indien één van deze nummers wordt ingevuld hoeven de identificatiegegevens, aangeduid met een *, noch latere wijzigingen worden ingevuld, voor zover deze gegevens reeds werden overgemaakt aan de KBO, aan uw gemeente of aan een Belgisch ziekenfonds voor de buitenlanders. - Rechtspersonen naar buitenlands of internationaal recht die in België beschikking over een zetel en die niet geregistreerd zijn in de KBO, vullen hier hun internationaal identificatienummer en het type van nummer in en vullen tevens onderstaande identificatiegegevens in. (2) Enkel in te vullen door ondernemingen (3) Enkel in te vullen door natuurlijke personen en ondernemingen natuurlijke personen. 79

80 III. IDENTIFICATIE VAN DE VESTIGING Vestigingseenheidnummer (1) (3) : Commerciële naam (3) *: Adres (2 ) * : Straat: Nr : Bus: Postcode Gemeente: Land: Telefoon: Fax: Identificatiegegevens van de contactpersoon (3) : Naam: Voornaam: Functie: Telefoon: GSM: Fax: (1) Ondernemingen vullen hier het vestigingseenheidnummer in dat toegekend werd door de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) in uitvoering van de wet van 16 januari 2003 of haar uitvoeringsbesluiten. Indien het vestigingseenheidnummer wordt ingevuld hoeven de identificatiegegevens aangeduid met een *, noch latere wijzigingen ingevuld te worden voor zover deze gegevens reeds werden overgemaakt aan de KBO. (2) Natuurlijke personen die hun activiteiten elders wensen uit te oefenen dan op hun thuisadres, vullen hier de adresgegevens in waar de activiteit wordt uitgeoefend. (3) Enkel in te vullen door ondernemingen 80

81 IV. ACTIVITEITEN Vermeld hier elke nieuwe activiteit of elke stopzetting van activiteiten onderworpen aan een registratie, een toelating of een erkenning bij het FAVV. Indien u meerdere activiteiten vermeldt, vul eerst uw hoofdactiviteit in (de economisch meest belangrijke activiteit). De lijst met de betrokken activiteiten, evenals de plaatscodes, de activiteitcodes en de productcodes zijn beschikbaar: - op de internetsite van het FAVV (zie Beroepssectoren > Erkenningen, toelatingen en registratie) - bij de provinciale controle-eenheden (PCE) Plaatscode Activiteitcode Productcode (indien beschikbaar) Nieuwe activiteit Stopzetting Datum Hoofdactiviteit.../.../...../.../...../.../...../.../...../.../...../.../...../.../...../.../...../.../...../.../.. Ik wens een schriftelijke bevestiging van mijn registratie: JA / NEEN 81

82 V. IDENTIFICATIE EXPLOITANT U dient enkel deze rubriek in te vullen indien u een activiteit hebt opgegeven waarvoor er een erkenning of toelating is vereist. De lijst met deze activiteiten is beschikbaar: - op de internetsite van het FAVV (zie Beroepssectoren > Erkenningen, toelatingen en registratie) - bij de provinciale controle-eenheden (PCE) Bent u zelf exploitant (1) van de inrichting waarin u bovenstaande activiteiten wenst uit te oefenen? Ja. In dit geval wordt uw aanvraag van toelating en erkenning automatisch geregistreerd. Neen. In dit geval wenst u uw activiteiten uit te oefenen in een inrichting waarvoor reeds een toelating en/of erkenning aan een andere exploitant werd verleend. Geef het erkenningsof toelatingsnummer van de exploitant voor deze inrichting: (1) De exploitant is de operator aan wie de erkenning of de toelating wordt afgeleverd en die verantwoordelijk is voor de naleving van de reglementering in de inrichting. VI. AANVULLENDE INFORMATIE Indien u andere relevante informatie wil communiceren, kan u dit hier doen: Aantal bijlagen bij de aanvraag: Bij een aanvraag van een erkenning of toelating kan het FAVV aanvullende gegevens opvragen. Deze aanvraag wordt pas als volledig beschouwd na ontvangst van deze gegevens. Een overzicht van deze aanvullende gegevens is beschikbaar op de internetsite van het FAVV (rubriek Beroepssectoren > Erkenningen, toelatingen en registratie > Erkennings-, toelatings- en registratievoorwaarden). 82

83 VII. HANDTEKENING VAN DE AANVRAGER Naam: Voornaam: Functie (1) : Datum:./../. Volledig en naar waarheid ingevuld Handtekening : (1) Enkel in te vullen door ondernemingen als rechtspersoon. 83

84

85 BIJLAGE 2 85

86 86

87 BIJLAGE 3 Deze lijst geeft de FAVV codes weer voor de meest voorkomende activiteiten bij hoevezuivelaars. Ze is geenszins volledig. Voor meer info neemt u best contact op met het Steunpunt Hoeveproducten. Omschrijving activiteit Plaatscode Activiteitencode Productcode Opmerking Directe verkoop van rauwe melk aan de consument in Registratie Meer info zie fiche 3 het melkproductiebedrijf Melkinrichting Erkenning Meer info zie fiche 3 Koper van melk Toelating Meer info zie fiche 3 Niet-ambulante kleinhandel in algemene Toelating Voor meer info contacteer voeding het Steunpunt Hoeveproducten Verbruikzaal/hoeveterras Toelating Voor meer info contacteer het Steunpunt Hoeveproducten 87

88 88 / 143

89 BIJLAGE 4 89 / 143

90 BIJLAGE 5 Voorbeelden van primaire bewerkingen in de hoevezuivelverkoop: Het maken van boter, kaas, yoghurt. Het pasteuriseren, steriliseren, homogeniseren en op flessen trekken van melk van de eigen productie. 90 / 143

91 BIJLAGE 6 Voorbeelden van secundaire bewerkingen: Het maken van hoeve-ijs Het maken van rijstpap Het maken van pudding Het maken van tiramisu Het maken van kazen 91 / 143

92 92 / 143

93 BIJLAGE 7 Momenteel zijn negen ondernemingsloketten erkend (in alfabetische volgorde met de gegevens van de maatschappelijke zetel van elk loket). Via de respectievelijke websites kun je zeker een regionaal kantoor in je buurt terugvinden. Benaming Adres van de maatschappelijke zetel ACERTA Buro & Design Center, Heizel Esplanade, Postbus ONDERNEMINGSLOKET vzw Brussel Website:http://www.acerta.be BIZ ONDERNEMINGSLOKET Koningsstraat Brussel vzw Website: EUNOMIA vzw Kolonel Bourgstraat Brussel Adm. zetel: Oudenaardsesteenweg Gent Website: FORMALIS vzw Lombardstraat Brussel Website: SECUREX ONDERNEMINGSLOKET Genèvestraat Brussel Website: GO-START vzw H.D.P. Kruidtuinstraat Brussel ONDERNEMINGSLOKET vzw Website: PARTENA Anspachlaan Brussel Website: ONDERNEMINGSLOKET vzw ZENITO Spastraat Brussel ONDERNEMINGSLOKET vzw Website: U.C.M. Adolphe Lacomblélaan Brussel ONDERNEMINGSLOKET vzw Website: 93 / 143

94 94 / 143

95 Sectorale beroepsbekwaamheid Deze is niet van toepassing voor hoevezuivelaars brood- en banketbakker. BIJLAGE 8 95 / 143

96 96 / 143

97 BIJLAGE 9 Adressen gewestelijke afdelingen Metrologische Dienst BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST: Administratief Centrum Ter Plaeten Sint-Lievenslaan 25 te 9000 Gent Tel. : 09/ Fax : 09/ PROVINCIES VLAAMS-BRABANT, WEST-VLAANDEREN EN OOST-VLAANDEREN: Administratief Centrum Ter Plaeten Sint-Lievenslaan 25 te 9000 Gent Tel. : 09/ Fax : 09/ PROVINCIES ANTWERPEN EN LIMBURG: Italiëlei 124 bus 72 te 2000 Antwerpen Tel. : 03/ Fax : 03/ / 143

98 98 / 143

99 BIJLAGE 10 Aanvraag om tussenkomst van het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) Agentschap voor Landbouw en Visserij Afdeling Structuur en Investeringen Ellipsgebouw (4 de verdieping) Koning Albert II-laan 35 bus 41, 1030 BRUSSEL Tel Fax AFDELINGSCODE-01-JJMMDD VLIF-dossiernummer (vak voor administratie) ontvangstdatum Wie vult dit formulier in? Landbouwers die in aanmerking willen komen voor een VLIF-subsidie voor een investering en/of vestiging. Wanneer en aan wie moet u dit formulier uiterlijk terugbezorgen Het aanvraagformulier moet ingediend worden voor de startdatum van de investering of vestiging. De datum van de eerste factuur (ook voorschotfactuur) is de ultieme startdatum van een investering, de datum waarop het bedrijf (gedeeltelijk) wordt overgenomen, is de startdatum van de vestiging. Stuur dit formulier volledig ingevuld op naar bovenstaand adres. Versie 1.0 mei 2011 Aanvrager 1 Bent u reeds geïdentificeerd als landbouwer bij de identificatiedatabank van het Agentschap voor Landbouw en Visserij? Ja. Ga naar vraag 2. Nee. Ga naar vraag 3. 2 Vul hieronder uw landbouwergegevens in of overkleef dit veld met uw sticker. landbouwernummer.. - benaming landbouwer straat en nummer postcode en gemeente 3 Doet u een aanvraag voor vestigingssteun? Ja. Ga naar vraag / 143

100 Nee. Ga naar vraag 5. 4 Welke vestigingskosten doet u? U neemt de (volledige) bekleding van een eenmanszaak over. Vul dan vragen 6, 7, 8 en 9 in. Ga dan verder met vraag 11. U neemt een deel van de bekleding over en gaat een maatschap (samenuitbating) aan. Vul dan vragen 6, 7, 8, 9 en 10 in. Ga dan verder met vraag 11. U neemt aandelen over van een vennootschap. Vul dan vragen 6, 7, 8, 9 en 10 in. Ga dan verder met vraag U doet een aanvraag voor investeringssteun. U bent? De enige exploitant van een eenmanszaak. Vul dan vragen 6 en 7 in. Ga dan verder met vraag 11. Een natuurlijke persoon die lid is van een maatschap. Vul dan vragen 6, 7 en 10 in. Ga dan verder met vraag 11. Een maatschap (samenuitbating). Vul dan vragen 8 en 10 in. Ga dan verder met vraag 11. Een vennootschap. Vul dan vragen 8 en 10 in. Ga dan verder met vraag 11. Een sociale instelling met een landbouwbedrijf. Vul dan vragen 8 en 10 in. Ga dan verder met vraag 11. Een consumentencoöperatie met een landbouwbedrijf. Vul dan vragen 8 en 10 in. Ga dan verder met vraag 11. Een machinering. Vul dan vragen 8 en 10 in. Ga dan verder met vraag Vul hieronder de gegevens in van de aanvrager natuurlijke persoon. rijksregisternummer voornaam en achternaam straat en nummer postnummer en gemeente hoogste diploma datum vestiging als landbouwer dag maand jaar jaren ervaring zo ja, welk bijberoep? bijberoep? ja nee is de natuurlijke persoon ja ook mandataris van een vennootschap met landbouwactiviteiten? 7 Vul hieronder uw gegevens in van uw partner. nee Het betreft de partner van de aanvrager natuurlijke persoon. Gehuwd. rijksregisternummer voornaam en achternaam statuut echtgeno(o)t(e) meewerkend loontrekkend ander huwelijksstelsel wettelijk stelsel scheiding van goederen ander Samenwonend. 100 / 143

101 rijksregisternummer voornaam en achternaam statuut partner meewerkend loontrekkend ander samenlevingscontract ja nee samenlevingsvorm wettelijk feitelijk Niet gehuwd of samenwonend. 8 Vul hieronder uw gegevens in van de onderneming. Bij een aanvraag om vestigingssteun die het voorwerp uitmaakt van een volledige of gedeeltelijke overname van de bedrijfsbekleding, moeten hier de gegevens van de nieuwe onderneming of de onderneming in oprichting worden ingevoerd. Bij een overname van aandelen moeten hier de gegevens van de onderneming waarvan aandelen worden overgenomen, worden ingevoerd. In de andere gevallen vult u de gegevens in van de onderneming die de investeringen uitvoert. ondernemingsnummer naam van de onderneming straat en nummer postnummer en gemeente 9 Vul hieronder de exploitatienummer(s) in die u overneemt. exploitatienummer.. - exploitatienummer Vul hieronder de gegevens in van de mandataris(sen). Met mandataris bedoelen we bij een LV een beherend vennoot, bij een BVBA en CVBA een zaakvoerder, bij een NV een (gedelegeerd) bestuurder en bij een maatschap (samenuitbating) een vennoot. mandataris 1 rijksregisternummer voornaam en achternaam hoogste diploma datum vestiging als landbouwer dag maand jaar jaren ervaring 101 / 143

102 zo ja, welk bijberoep? bijberoep? ja nee mandataris 2 rijksregisternummer voornaam en achternaam hoogste diploma datum vestiging als landbouwer dag maand jaar jaren ervaring zo ja, welk bijberoep? bijberoep? ja nee mandataris 3 rijksregisternummer voornaam en achternaam hoogste diploma datum vestiging als landbouwer dag maand jaar jaren ervaring zo ja, welk bijberoep? bijberoep? ja nee Kredieten 11 Worden de investeringen gefinancierd met één of meerdere kredieten? Ja, ga naar vraag 12. Nee, ga onmiddellijk naar vraag Vul hieronder de referentiegegevens in van de kredietinstelling. kredietinstelling referentie kredietinstelling 13 Vul hieronder de gegevens in van de krediet(en). krediet 1 krediet bedrag duur in periodes duur 1 periode in maanden jaarlijkse rentevoet aantal periodes vrijstelling referentie krediet 102 / 143

103 krediet 2 krediet 3 krediet 4 14 Doet u een aanvraag voor gewestwaarborg op één van bovenstaande kredieten? Ja. Gelieve het aanvraagformulier gewestwaarborg in te vullen. Nee Investeringen 15 Vul hieronder de gegevens in van de investeringen en vestiging. Wanneer de investering of vestiging gefinancierd wordt met een krediet, moeten ook de gegevens van het kredietnummer en het kredietgedeelte ingevuld worden. Het exploitatienummer is enkel verplicht wanneer de aanvrager meer dan 1 exploitatie bezit en de investering onroerend is. Gelieve voor elke investering de code in te vullen die vermeld wordt op de lijst in bijlage. investering 1 investeringscode (zie bijlage) omschrijving investering investeringsbedrag exclusief BTW (in ) gefinancierd met krediet? ja nee kredietnummer kredietgedeelte (in ) exploitatienummer investering 2 investeringscode (zie bijlage) omschrijving investering investeringsbedrag exclusief BTW (in ) gefinancierd met krediet? ja nee kredietnummer kredietgedeelte (in ) exploitatienummer investering / 143

104 investeringscode (zie bijlage) omschrijving investering investeringsbedrag exclusief BTW (in ) gefinancierd met krediet? ja nee kredietnummer kredietgedeelte (in ) exploitatienummer investering 4 investeringscode (zie bijlage) omschrijving investering investeringsbedrag exclusief BTW (in ) gefinancierd met krediet? ja nee kredietnummer kredietgedeelte (in ) exploitatienummer investering 5 investeringscode (zie bijlage) omschrijving investering investeringsbedrag exclusief BTW (in ) gefinancierd met krediet? ja nee kredietnummer kredietgedeelte (in ) exploitatienummer Ondertekening 16 Vul hieronder de gegevens in en onderteken de aanvraag. Op basis van deze aanvraag zal het VLIF u zo spoedig mogelijk laten weten welke documenten ontbreken om het dossier ontvankelijk te kunnen verklaren. Door dit aanvraagformulier te ondertekenen, verklaart u geen andere subsidie ontvangen of aangevraagd te hebben voor de investeringen in dit aanvraagformulier. U verklaart ook uw volledige medewerking te verlenen aan de verdere dossierbehandeling van dit aanvraagformulier. datum dag maand jaar 104 / 143

105 handtekening voornaam en achternaam 105 / 143

106 106 / 143

107 BIJLAGE 11 Aanvraag van VLIF-gewestwaarborg Agentschap voor Landbouw en Visserij Afdeling Structuur en Investeringen Ellipsgebouw (4 de verdieping) Koning Albert II-laan 35 bus 41, 1030 BRUSSEL Tel Fax ALV-SI-OO-VLIF-11.0 VLIF-dossiernummer (vak voor administratie) ontvangstdatum Waarvoor dient dit formulier? Met dit formulier vraagt u VLIF-gewestwaarborg aan. Wie vult dit formulier in? Dit formulier moet door de bank en de aanvrager ingevuld en ondertekend worden. Versie 11.0 januari 2011 Eigendommen 1 Vul hieronder de waarde en verpanding in van de onroerende eigendommen van de aanvrager. Omschrijving en waarde van de onroerende eigendommen Aard goederen Waarde bij Waarde bij vrijwillige gedwongen verkoop verkoop Bestaande hypotheken en volmachten Bank die zekerheid genomen heeft Aard (Hyp, Volm) Bedrag inschrij ving Krediet waarvoor de zekerheid genomen werd 2 Vul hieronder de waarde en verpanding in van de onroerende eigendommen van de mandataris van de rechtspersoon aanvrager. Omschrijving en waarde van de onroerende eigendommen Aard goederen Waarde bij Waarde bij vrijwillige gedwongen verkoop verkoop Bestaande hypotheken en volmachten Bank die zekerheid genomen heeft Aard (Hyp, Volm) Bedrag inschrij ving Krediet waarvoor de zekerheid genomen werd 107 / 143

108 3 Vul hieronder de waarde en verpanding in van de roerende eigendommen van de bedrijfsbekleding. Aard en waarde van de bedrijfsbekleding Bestaande inschrijvingen en volmachten van het landbouwvoorrecht, het handelsfonds en andere voorrechten Omschrijving goederen Dieren Inventariswaarde Bank die zekerheid genomen heeft Aard (LV, HF, ander) Bedrag inschrijvin g Krediet waarvoor de zekerheid genomen werd Materieel en machines Vruchten te velde en voorraden Zekerheden 4 Vul hieronder de gegevens in van de zekerheden gehecht aan het krediet waarvoor steun gevraagd wordt. kredietbedrag aard van de gevestigde zekerheden bedrag van de inschrijving 5 Toon aan de hand van een waardering van de eigen zekerheden aan dat die ontoereikend zijn voor het krediet of de kredieten. Geef hieronder een berekening van het waarborgtekort. 108 / 143

109 Documenten 6 Kruis aan welke documenten deze bijlage vergezellen. Kopie kredietakte of kredietbrief. Kopie akten hypothecaire inschrijvingen en notariële volmachten. Meest recente goedgekeurde jaarrekening (indien van toepassing). Businessplan (indien van toepassing). Andere: Ondertekening 7 Onderteken de aanvraag gedaan te handtekening datum dag maand jaar voornaam en achternaam vertegenwoordiger bank 109 / 143

110 110 / 143

111 BIJLAGE 12 Contactgegevens buitendiensten: Structuur en Investeringen Vlaams-Brabant Diestsepoort 6, bus Leuven Tel.: 016/ Fax 016/ Veerle Blommaert, ingenieur Structuur en Investeringen Antwerpen Vlaams Administratief Centrum - Lange Kievitstraat , bus Antwerpen Tel.: 03/ Fax 03/ Andre De Rop, ingenieur Structuur en Investeringen Limburg Vlaams Administratief Centrum - Koningin Astridlaan 50, bus Hasselt Tel.: 011/ Fax 011/ Koenraad Jespers, ingenieur Structuur en Investeringen Oost-Vlaanderen (arrondissementen Gent en Oudenaarde) Burgemeester Van Gansberghelaan Merelbeke Tel.: 09/ Fax 09/ Georges Van Nieuwerburgh, ingenieur Structuur en Investeringen Oost-Vlaanderen (arrondissementen Aalst, Dendermonde, Sint- Niklaas en Eeklo) Burgemeester Van Gansberghelaan Merelbeke Tel.: 09/ Fax 09/ Jean De Neef, ingenieur / 143

112 Structuur en Investeringen West-Vlaanderen (arrondissementen Brugge, Diksmuide, Oostende en Veurne) Baron Ruzettelaan Brugge Tel.: 050/ Fax 050/ Danny Persyn, ingenieur Structuur en Investeringen West-Vlaanderen (arrondissementen Ieper, Kortrijk, Roeselare en Tielt) Baron Ruzettelaan Brugge Tel.: 050/ Fax 050/ Willy Beghein, ingenieur / 143

113 BIJLAGE 13 Productieblad Datum: Versie: Voorbeeld: productieblad kaas: Productiedatum: Type: Melk: Temperatuur ph begin: pasteurisatie: Toevoegingen: Type Lotnummer Zuursel Calciumchloride Salpeter Stremsel Kruiden Andere: ph na verzuring : Pekel Meting Toevoeging Temperatuur C ph liter zoutzuur Dichtheid B kg zout Gisten en schimmels Opmerkingen: 113 / 143

114 114 / 143

115 BIJLAGE 14 Stappenplan bij het opstellen van een zelfcontroleplan voor de verwerking van zuivelproducten op je bedrijf 7 Inleiding Sinds 2005 moet elke hoevezuivelaar in orde zijn met de wetgeving op autocontrole, meldingsplicht en traceerbaarheid in de voedselketen. Deze wet moet er voor zorgen dat de consument zeker is van een veilig product. Of hij dit nu koopt in het grootwarenhuis, in de superette, bij de bakker of de slager om de hoek of in de hoevewinkel. Het hele proces van zelfcontrole heeft als doel het afleveren van een gegarandeerd veilig product. Je product zal veilig zijn indien je de basisprincipes van goede hygiëne praktijk en productbeheer absoluut correct naleeft (en deze werkinstructies ook aan iedereen oplegt) en daarbij als sluitstuk een onderzoek uitvoert naar de mogelijke gevaren en te nemen maatregelen naar voedselveiligheid toe. Dit houdt in dat je de kritische processtappen, wanneer er iets misloopt bij het productieproces, toch onder controle houdt. Het is ook verplicht om een registratiesysteem op te stellen om je hoeveproducten ten allen tijde te kunnen traceren. Het opstellen en bijhouden van een aantal documenten met belangrijke gegevens en registraties moeten als bewijs hiervan dienen voor de bevoegde overheidsinstantie, het FAVV. Je bundelt ze best in wat men het handboek autocontrole noemt. Al de registraties en bijhorende documenten worden zo beheerd dat ze gemakkelijk kunnen bijgewerkt worden, gemakkelijk beschikbaar zijn en op een eenvoudige en samenhangende manier kunnen ingekeken worden en dienen ten minste 2 jaar (6 maanden indien je in aanmerking komt voor de versoepelingen) bijgehouden te worden. Deze versoepelingen gelden voor twee belangrijke doelgroepen: Bedrijven met verkoop rechtstreeks aan de consument (business to consumer of B2C) en waar op jaarbasis maximum vijf voltijdse arbeidsequivalenten werken of waarvan de bedrijfsoppervlakte kleiner is dan 400 m². Bedrijven met verkoop aan andere bedrijven (business tot business of B2B) en waar op jaarbasis maximum twee voltijdse equivalenten werken. Deze versoepelingen hebben hoofdzakelijk betrekking op: 7 Voor de primaire productie kan je de gids Primaire Dierlijke Productie op raadplegen 115 / 143

116 Registratieplicht: enkel bij afwijking moeten de controlegegevens genoteerd worden, vergezeld van de daarbij genomen corrigerende maatregel. Traceerbaarheid: er is geen speciaal systeem vereist. Een map met de facturen van alle aankopen, in chronologische volgorde gerangschikt, voldoet. De registratieplicht vermindert hierdoor aanzienlijk en de traceerbaarheid wordt zo ook eenvoudiger bij te houden. Maar let op! Ook de producten van kleine bedrijven moeten aan de eisen inzake voedselveiligheid en -kwaliteit voldoen. Die blijven onverkort van toepassing. Je moet non-conformiteiten (afwijkingen) samen met de corrigerende maatregelen die je hiertegen neemt steeds noteren. Werkwijze Deze leidraad dient enerzijds als ondersteuning van de autocontrole op je bedrijf en anderzijds laat het de overheid toe om deze autocontrole te controleren. Volg hem stap voor stap, denk na over je manier van werken en stel tegelijkertijd je handboek autocontrole samen. Het is slechts een leidraad, neem hem dus niet zomaar over, maar pas hem aan aan de aard en de omvang van jouw bedrijf en situatie. Ook de documenten zijn slechts voorbeelden en de volgorde van de documenten kan eveneens gewijzigd worden. Zorg dat jij er gemakkelijk mee kunt werken. Je kunt je daarbij ook laten helpen door de informatie en de voorbeelden die je vindt in de gids voor de autocontrole in de slagerij 8. de gids autocontrole voor de verwerking van hoevezuivel 9. Je handboek moet telkens er in de productie iets verandert (nieuwe producten, nieuwe toestellen, nieuwe productiemethodes, nieuwe medewerkers, nieuwe procedures, ) nagekeken en eventueel aangepast worden. Bewaar het daarom in ringmappen zodat je het gemakkelijk kunt bijwerken of aanvullen. Schrijf op wat je doet en doe ook wat je hebt opgeschreven! 8 Deze gids kan aangekocht worden bij De Landsbond der Beenhouwers, Spekslagers en Traiteurs van België, Kortenberglaan 116, 1000 Brussel, tel. (02) , fax (02) , 9 Deze gids na definitieve goedkeuring door het FAVV aangekocht kunnen worden bij IKM-Vlaanderen, Koning AlbertIIlaan 35 bus 52, 1030 Brussel, tel. (02) , fax (02) , 116 / 143

117 Inhoud van een autocontroleplan voor de hoevezuivelaar I. Inventarisatie van je bedrijf en de productiemiddelen 1. Identificatiegegevens van het bedrijf 2. Opleiding van productiemedewerkers 3. Medische attesten 4. Inhoud EHBO-kast 5. Officiële documenten (erkenningen, vergunningen) 6. Controles door officiële inspectiediensten 7. Analyses (water en eindproducten) 8. Grondplan (+ lokazen) 9. Leveranciers II. Goede hygiënepraktijken (GHP) en autocontrole 10. Productbeschrijving(en) 11. Technische fiches grondstoffen 12. Technische fiches verpakkingsmateriaal (+ verklaringen van overeenstemming) 13. Technische fiches smeermiddelen 14. Technisch onderhoud toestellen 15. Reinigings- en ontsmettingsmiddelen (+ technische fiches) 16. Reinigings- en ontsmettingsplan 17. Controle van de reiniging en ontsmetting 18. Ongediertebestrijding (+ technische en veiligheid fiches) 19. Afvalbeheer 20. Productieschema( s) 21. Gevarenanalyse(s) en -beheersing 22. Temperatuurregistraties 23. IJking thermometers 24. Register Non-conformiteiten III. Traceerbaarheid en meldingsplicht 25. Productieblad 26. Ingangscontrole grondstoffen (Register IN) 27. Register UIT 28. Formulier voor verplichte melding 117 / 143

118 118 / 143

119 HOOFDSTUK 3: BIJKOMENDE INFORMATIE 119 / 143

120 120 / 143

121 INFO 1 HET STEUNPUNT HOEVEPRODUCTEN Verkoop jij ook aardappelen, eieren, appelen, prei, melk, yoghurt, ijs, vlees,. Vraag je gratis nieuwsbrief! Steunpunt Hoeveproducten Remylaan 4b 3018 Wijgmaal Leuven Tel. 016/ GSM 0473/ Het Steunpunt Hoeveproducten is een initiatief van KVLV vzw met steun van het departement Landbouw en Visserij 121 / 143

122 122 / 143

123 INFO 2 Ken je reeds Wist je dat Fermweb al meer dan bezoekers over de vloer gehad heeft. Allemaal mensen en consumenten die op zoek waren naar een hoeveproducent in hun buurt. Hopelijk hebben ze jou op die manier gevonden! Misschien ben jij wel één van de 350 bedrijven die sinds een aantal jaren op staan. Gelijk heb je! Deze website aan jou voorstellen hoeft dus niet meer. Verschillenden onder jullie lieten ons inmiddels weten dat ze via inderdaad groepen als klant kregen. Daar zijn veel goede redenen voor: Verkopen van producten op de hoeve is werken aan het imago van land- en tuinbouw: Klanten die bij jou kopen leren je bedrijf kennen. Zeker voor mensen uit de stad zou het wel eens de eerste keer kunnen zijn dat ze op een land- of tuinbouwbedrijf komen Zij zien waar het voedsel vandaan komt en maken kennis met de manier waarop het geproduceerd wordt. Jonge mensen kennis laten maken met het uitgebreide gamma hoeveproducten kan hun aankoopgedrag als volwassene beïnvloeden. Rechtstreeks kopen bij de boer levert automatisch ook heel wat milieuwinst op via verpakking, korte keten en seizoengebonden producten. Jullie gebruiken weinig of geen verpakking, waardoor verpakkingsafval beperkt wordt. De afstanden zijn veel kleiner en de milieuhinder veroorzaakt door transport is daardoor ook beperkter. Bij jullie koopt men voornamelijk seizoensgebonden producten, wat energiewinst betekent. Kopen bij hoeveproducenten is er tenslotte ook voor zorgen dat de boeren een rechtvaardige prijs krijgen voor hun producten. Fermweb werkt eenvoudig. Door een eenvoudige klik kunnen consumenten het assortiment, de leveringsvoorwaarden en alle andere nuttige informatie van elke producent in de buurt van hun verblijfplaats terugvinden. Ga zelf maar eens kijken op Waarom zou jij ook niet deelnemen! Het kost je niets. En het werkt! Heb je zin om ook op onze website te verschijnen? Dat kan heel eenvoudig en je kan kiezen tussen 2 manieren: Vul het intekenformulier in dat je terugvindt in bijlage en stuur het terug naar KVLV Steunpunt Hoeveproducten, Remylaan 4b, 3018 Wijgmaal. Je kunt de vragenlijst ook downloaden van de website Je vult het intekenformulier in en mailt dit terug naar Wil je nog extra info? Of heb je nog vragen? Contacteer ons dan: Steunpunt Hoeveproducten, tel. 016/ , 123 / 143

124 124 / 143

125 INFO 3 VLAM Hoeveproducten De werking van VLAM Hoeveproducten richt zich vooral op het label Erkend Verkooppunt Hoeveproducten. Het doel van het label is de plaats waar hoeveproducten worden verkocht aan te duiden. Enerzijds kunnen potentiële klanten via het gevelbord herkennen waar hoeveproducten worden verkocht. Anderzijds kunnen consumenten zoeken naar een hoeve in hun buurt op Op dit ogenblik zijn er reeds 230 Erkende Verkooppunten Hoeveproducten in Vlaanderen. Elke landbouwer die producten van eigen kweek/teelt rechtstreeks aan de consument aanbiedt, kan het label aanvragen. Het verkooppunt kan een hoevewinkel zijn, maar ook een winkel op een afstand van de hoeve, een marktkraam, een bestelwagen voor huis-aan-huisrondes of een afhaalpunt. Zolang het de plaats is waar er rechtstreeks contact is tussen boer en klant. De voorwaarden om een erkenning te krijgen zijn: landbouwer zijn in hoofd- of bijberoep hoofdzakelijk eigen geteelde/gekweekte of verwerkte producten aanbieden voldoen aan de wettelijke eisen rond autocontrole, traceerbaarheid en voedselveiligheid (is wettelijk verplicht) Voor een jaarlijkse bijdrage van 50 (+ éénmalige instapkost van 25 ) krijgt de hoeveproducent: jaarlijks een pakket promotiemateriaal met posters, waardebons, draagtassen enz dat de hoeveproducent in zijn verkooppunt kan gebruiken aandacht voor het label in zowel vak- als consumentenpers de voordelen van een overkoepelend Vlaams netwerk van hoeveproducenten een fiche op de website gratis deelname aan het project Lokale Marketing voor Hoeveproducenten waarbij een SWOT-analyse van de huidige hoeveverkoop wordt gemaakt met als doel de zwakke punten te verbeteren. Meer info op Contactpersoon: Sara De Preter Koning Albert II-laan 35 bus Brussel Tel.: 02/ / 143

126 126 / 143

127 INFO 4 Voedselteams Een Voedselteam is een groep van een vijftiental huishoudens die bij elkaar in de buurt wonen en die samen een rechtstreekse overeenkomst sluiten met boeren of tuinders over de afname van groenten, zuivel, brood, fruit, Voedselteams zijn ontstaan als antwoord op de toenemende twijfel van heel wat consumenten over de kwaliteit van voedsel. Het doel is om de vertrouwensband tussen producenten en consumenten te herstellen, bij te dragen tot duurzame landbouw en om een regionale economie te bevorderen. Voedselteams opteert voor rechtstreekse verkoop van producenten aan consumenten om verschillende redenen: De belangrijkste doelstelling van Voedselteams is om het vertrouwen van de consumenten in het voedsel en in de landbouw te herstellen. Hiervoor is een direct contact met de producent erg belangrijk. Consumenten weten van wie de producten komen, kennen die persoon, kunnen ermee praten, het bedrijf bezoeken. Hierdoor ontstaat een vertrouwensband. Voor de producent is het motiverend om te weten waar de producten naartoe gaan en om af en toe reacties te krijgen van de consumenten. Het directe contact met de consument stimuleert producenten ook tot het verbeteren van de kwaliteit en tot investeren in duurzame productiewijzen. De tweede reden is dat de boer of tuinder een hogere prijs krijgt bij rechtstreekse verkoop. voedselteams heeft bovendien geopteerd voor een vaste prijs die niet mee schommelt met de marktprijzen. Voor de producenten is dit een belangrijk voordeel, en voor de consument maakt het weinig verschil uit, omdat de prijzen in de winkels ook niet mee evolueren met de prijzen die de producenten krijgen. Voedselteams werkt met overeenkomsten van lange duur: de teams engageren zich om gedurende minstens één jaar producten af te nemen van die producent en we gaan ervan uit dat die overeenkomst daarna verlengd wordt (wat in de praktijk ook bijna overal gebeurt). Voor de producenten is dit van belang omdat ze zeker zijn van de afzet en van het inkomen dat daaraan verbonden is. Die vastheid van afzet is niet onbelangrijk voor producenten die willen investeren in duurzame productietechnieken. Contact: Hilde Delbecque, Tiensesteenweg 63, 3010 Leuven. Tel.: 016/ / 143

STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 1 HOE BEGIN JE ERAAN?

STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 1 HOE BEGIN JE ERAAN? STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW Deel 1 HOE BEGIN JE ERAAN? Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland 2 Voorwoord: Land- en tuinbouw zijn

Nadere informatie

STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 1 HOE BEGIN JE ERAAN?

STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 1 HOE BEGIN JE ERAAN? STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW Deel 1 HOE BEGIN JE ERAAN? November 2011 Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland 2 Voorwoord: Land- en

Nadere informatie

STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 4 VERWERKTE GROENTEN EN FRUIT

STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 4 VERWERKTE GROENTEN EN FRUIT STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW Deel 4 VERWERKTE GROENTEN EN FRUIT April 2013 Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland 2 Voorwoord: Het

Nadere informatie

Omzendbrief met betrekking tot de toelating en erkenning voor hoevezuivelproducenten en het gebruik van de autocontrolegidsen

Omzendbrief met betrekking tot de toelating en erkenning voor hoevezuivelproducenten en het gebruik van de autocontrolegidsen Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Omzendbrief met betrekking tot de toelating en erkenning voor hoevezuivelproducenten en het gebruik van de autocontrolegidsen Referentie PCCB/S3/EME/1136184

Nadere informatie

Kruispuntbank van ondernemingen : het ondernemingsnummer

Kruispuntbank van ondernemingen : het ondernemingsnummer Kruispuntbank van ondernemingen : het ondernemingsnummer 1. Wat is het ondernemingsnummer? Het ondernemingsnummer, dat sedert 1 juli 2003 werd ingevoerd, is een uniek identificatienummer (bestaande uit

Nadere informatie

Goedkeuren reglement betreffende de ambulante activiteiten op het openbaar terrein

Goedkeuren reglement betreffende de ambulante activiteiten op het openbaar terrein Goedkeuren reglement betreffende de ambulante activiteiten op het openbaar terrein De gemeenteraad, Gelet op het gemeentedecreet van 15 juli 2008, meer bepaald artikel 42; Gelet op de wet van 25 juni 1993

Nadere informatie

In dit hoofdstuk gaan wij op zoek naar de verschillende vergunningen die nodig zijn voor de opstart van een kapsalon.

In dit hoofdstuk gaan wij op zoek naar de verschillende vergunningen die nodig zijn voor de opstart van een kapsalon. 12. Vergunningen. In dit hoofdstuk gaan wij op zoek naar de verschillende vergunningen die nodig zijn voor de opstart van een kapsalon. Er zijn 3 type vergunningen : 1. Stedebouwkundige vergunning (bouwvergunning)

Nadere informatie

REGLEMENT INZAKE VESTIGINGS- EN UITBATINGVERGUNNING VOOR NACHTWINKELS

REGLEMENT INZAKE VESTIGINGS- EN UITBATINGVERGUNNING VOOR NACHTWINKELS dienst ruimtelijke ordening R E G L E M E N T Gemeenteraad van 28-11-2013 REGLEMENT INZAKE VESTIGINGS- EN UITBATINGVERGUNNING VOOR NACHTWINKELS HOOFDSTUK 1: BEGRIPPENKADER Artikel 1: defintities Voor de

Nadere informatie

Administrative bron. KBO : Kruispuntbank van Ondernemingen. Algemene informatie

Administrative bron. KBO : Kruispuntbank van Ondernemingen. Algemene informatie FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie Administrative bron KBO : Kruispuntbank van Ondernemingen Algemene informatie De Kruispuntbank van Ondernemingen is een register dat binnen de Federale Overheidsdienst

Nadere informatie

Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) Model aanvraagformulier voor een registratie, een toelating en/of een erkenning

Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) Model aanvraagformulier voor een registratie, een toelating en/of een erkenning Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) Model aanvraagformulier voor een registratie, een toelating en/of een erkenning I. AARD VAN DE AANVRAAG Deze aanvraag betreft: een registratie,

Nadere informatie

Gemeentelijk reglement op de ambulante activiteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten: vaststelling

Gemeentelijk reglement op de ambulante activiteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten: vaststelling Gemeentelijk reglement op de ambulante activiteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten: vaststelling DE RAAD, Overwegende dat het aangewezen is om organisatie van de ambulante activiteiten

Nadere informatie

U moet zich eveneens registreren bij het FAVV met opgave van alle FAVVactiviteiten per vestigingseenheid. Voor meer uitleg, zie p. 5 of 7.

U moet zich eveneens registreren bij het FAVV met opgave van alle FAVVactiviteiten per vestigingseenheid. Voor meer uitleg, zie p. 5 of 7. Sinds 30.06.2009 zijn de niet handelsondernemingen naar privaat recht wettelijk verplicht zich in te schrijven in de KBO. Landbouwers (zowel als natuurlijk persoon, rechtspersoon of als leden van een feitelijke

Nadere informatie

ONDERNEMINGSLOKET WIJZIGING RECHTSPERSOON

ONDERNEMINGSLOKET WIJZIGING RECHTSPERSOON ONDERNEMINGSLOKET WIJZIGING RECHTSPERSOON (IN DE KRUISPUNTBANK VAN ONDERNEMINGEN) VOORAFGAANDE INFORMATIE De aanvraag wordt ingevuld door: (het vakje aankruisen) het orgaan van de vennootschap (gedelegeerd

Nadere informatie

4. DE VEREISTE MACHTIGING OM EEN AMBULANTE HANDELSAC- TIVITEIT UIT TE OEFENEN: DE LEURKAART

4. DE VEREISTE MACHTIGING OM EEN AMBULANTE HANDELSAC- TIVITEIT UIT TE OEFENEN: DE LEURKAART Hierbij dient opgemerkt te worden dat ook andere wetgevingen met betrekking tot specifieke producten of diensten de verkoop van deze producten of diensten via ambulante handel kunnen verbieden. 4. DE VEREISTE

Nadere informatie

Melding van de exploitatie of verandering van een inrichting van uitsluitend klasse 3

Melding van de exploitatie of verandering van een inrichting van uitsluitend klasse 3 Melding van de exploitatie of verandering van een inrichting van uitsluitend klasse 3 Aan het college van burgemeester en schepenen VLAREM-03-140917 In te vullen door de behandelende afdeling dossiernummer

Nadere informatie

Aanvraag om toegang tot de gegevens van de Kruispuntbank van Ondernemingen en tot de applicatie «Ambulante en kermisactiviteiten»

Aanvraag om toegang tot de gegevens van de Kruispuntbank van Ondernemingen en tot de applicatie «Ambulante en kermisactiviteiten» Formulier ingevuld terug te sturen naar de Beheersdienst van de Kruispuntbank van Ondernemingen, Koning Albert IIlaan 16, 1000 Brussel of helpdesk.kbo@economie.fgov.be Helpdesk Tel. : 02/277 64 00 E-mail

Nadere informatie

Melding van de exploitatie of verandering van een inrichting van uitsluitend klasse 3

Melding van de exploitatie of verandering van een inrichting van uitsluitend klasse 3 Melding van de exploitatie of verandering van een inrichting van uitsluitend klasse 3 Aan het college van burgemeester en schepenen VLAREM-03-03022009 In te vullen door de behandelende afdeling dossiernummer

Nadere informatie

STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 3 HOEVEVLEES VERKOOP EN VERWERKING

STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW. Deel 3 HOEVEVLEES VERKOOP EN VERWERKING STARTERSMAP THUISVERKOOP IN DE LAND- EN TUINBOUW Deel 3 HOEVEVLEES VERKOOP EN VERWERKING November 2012 2 Voorwoord: Je kan als vleesveehouder een bijkomend inkomen verwerven door te starten met de rechtstreekse

Nadere informatie

INSCHRIJVING RECHTSPERSOON

INSCHRIJVING RECHTSPERSOON ONDERNEMINGSLOKET INSCHRIJVING RECHTSPERSOON (IN DE KRUISPUNTBANK VAN ONDERNEMINGEN) VOORAFGAANDE INFORMATIE De aanvraag wordt ingevuld door: (het vakje aankruisen) het orgaan van de vennootschap (gedelegeerd

Nadere informatie

Onderstaande overgangsmaatregelen gelden voor personen werkzaam in de landbouwsector (incl. loonwerk/loonsproeien).

Onderstaande overgangsmaatregelen gelden voor personen werkzaam in de landbouwsector (incl. loonwerk/loonsproeien). Onderstaande overgangsmaatregelen gelden voor personen werkzaam in de landbouwsector (incl. loonwerk/loonsproeien). De aanvrager moet de overgangsmaatregel van toepassing selecteren in stap 2 van het online/schriftelijk

Nadere informatie

Subsidiereglement Bedrijf en buurt

Subsidiereglement Bedrijf en buurt Subsidiereglement Bedrijf en buurt Goedgekeurd in de gemeenteraad van 26 oktober 2009 Bekendgemaakt op 29 oktober 2009 Artikel 1 - Doel van de subsidie De Stad Gent wil als lokale overheid een impuls geven

Nadere informatie

DOSSIER ERKEND VERKOOPPUNT HOEVEPRODUCTEN

DOSSIER ERKEND VERKOOPPUNT HOEVEPRODUCTEN DOSSIER ERKEND VERKOOPPUNT HOEVEPRODUCTEN Dossier Erkend Verkooppunt Hoeveproducten 1. WAT ZIJN HOEVEPRODUCTEN? 2. HET LABEL ERKENDE VERKOOPPUNTEN HOEVEPRODUCTEN 3. HOEVEVERKOOP IN CIJFERS 4. CONTACTPERSOON

Nadere informatie

Hoofdstuk I : Toepassingsgebied en definities

Hoofdstuk I : Toepassingsgebied en definities Reglement tot vaststelling van de openingsuren voor nachtwinkels en private bureaus voor telecommunicatie en tot het bekomen van een vestigingsen uitbatingsvergunning Inhoud Hoofdstuk I : Toepassingsgebied

Nadere informatie

1. Eenmanszaak versus vennootschap

1. Eenmanszaak versus vennootschap 1. Eenmanszaak versus vennootschap L E E R D O E L S T E L L I N G E N Je kan - enkele belangrijke voor- en nadelen van zelfstandig ondernemen versus ondernemen via vennootschappen opzoeken en toelichten

Nadere informatie

FAVV activiteiten. Valérie Van Roy Cel Erkenningen AER DG Controle. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen

FAVV activiteiten. Valérie Van Roy Cel Erkenningen AER DG Controle. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen FAVV activiteiten Valérie Van Roy Cel Erkenningen AER DG Controle Agenda Cel «AER» Registratie operatoren Nomenclatuur NACE-BEL Nomenclatuur FAVV

Nadere informatie

meldings- en vergunningsplicht

meldings- en vergunningsplicht meldings- en vergunningsplicht gemeentelijke stedenbouwkundige verordening de panne juni 2014 definitief ontwerp 2 Verwijderd: maart Inhoud Doel van deze verordening... - 3 - Leeswijzer... - 4 - DEEL I

Nadere informatie

KORTE KETEN ZOEKTOCHT

KORTE KETEN ZOEKTOCHT KORTE KETEN ZOEKTOCHT Brochure 1: Op zoek naar de korte-keten De Korte Keten Waarom kopen op de hoeve? Naast het directe contact met de boer, de versheid en de meerwaardebeleving, biedt de hoeve meestal

Nadere informatie

Aangeboden door Wouter Devloo tel 0484 187434 www.boekhouder.be B&A Advies bvba

Aangeboden door Wouter Devloo tel 0484 187434 www.boekhouder.be B&A Advies bvba cic Starten van een zaak : hoe zit het nu met kennis bedrijfsbeheer? Als u in België een eigen zaak willen opstarten, moet u over de nodige ondernemersvaardigheden beschikken. Sinds 1 januari 1999 moet

Nadere informatie

Reglement Starterscontract

Reglement Starterscontract 1 Reglement Starterscontract Artikel 1 - Situering De Stad Geraardsbergen, zijnde het College van Burgemeester en Schepenen, kan onder de voorwaarden bepaald in dit reglement, een ondersteuning toekennen

Nadere informatie

De milieuvergunnings- en meldingsplicht

De milieuvergunnings- en meldingsplicht De milieuvergunnings- en meldingsplicht 03 3.1. Administratieve verplichtingen Scholen hebben stookinstallaties, slaan schadelijke producten op voor de verwarming, voor de laboratoria en voor werkplaatsen

Nadere informatie

MOGELIJKE NIEUWE FUNCTIES VOOR BOERDERIJEN IN AGRARISCH GEBIED

MOGELIJKE NIEUWE FUNCTIES VOOR BOERDERIJEN IN AGRARISCH GEBIED stad brugge dienst ruimtelijke ordening MOGELIJKE NIEUWE FUNCTIES VOOR BOERDERIJEN IN AGRARISCH GEBIED Voorwoord door schepen van ruimtelijke ordening en huisvesting Mercedes Van Volcem Steeds meer boerderijen

Nadere informatie

Mijn assistent is een zelfstandige. Persoonlijke assistenten die werken als zelfstandige in het kader van PAB.

Mijn assistent is een zelfstandige. Persoonlijke assistenten die werken als zelfstandige in het kader van PAB. Mijn assistent is een zelfstandige Persoonlijke assistenten die werken als zelfstandige in het kader van PAB. Laatste wijziging 25 oktober 2012 1. Welke overeenkomst? Aannemingsovereenkomst met een zelfstandig

Nadere informatie

FAQ. 2. Op wie heeft de Europese Verordening 183/2005 betrekking?

FAQ. 2. Op wie heeft de Europese Verordening 183/2005 betrekking? FAQ 1. Waaruit bestaat de Europese Verordening 183/2005? Deze nieuwe Verordening bepaalt de voorschriften voor diervoederhygiëne. Alle verschillende activiteiten in de diervoederketen worden onderverdeeld

Nadere informatie

Naam: Nationaal Nummer: Adres / Maatschappelijke zetel: Kantoor Securex: Boekhoudkantoor:

Naam: Nationaal Nummer: Adres / Maatschappelijke zetel: Kantoor Securex: Boekhoudkantoor: Naam: Nationaal Nummer: Adres / Maatschappelijke zetel: Tel: Fax: E-mail: Exploitatiezetel(s): Activiteit: Kantoor Securex: Boekhoudkantoor: Starten Volmacht Securex Ondernemingsloket go-start Indien boekhoudkantoor:

Nadere informatie

nr. 360 van BART SOMERS datum: 16 juli 2015 aan ANNEMIE TURTELBOOM Overdracht familiebedrijf - Schenkingsrechten

nr. 360 van BART SOMERS datum: 16 juli 2015 aan ANNEMIE TURTELBOOM Overdracht familiebedrijf - Schenkingsrechten SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 360 van BART SOMERS datum: 16 juli 2015 aan ANNEMIE TURTELBOOM VICEMINISTER-PRESIDENT VAN DE VLAAMSE REGERING, VLAAMS MINISTER VAN BEGROTING, FINANCIËN EN ENERGIE Overdracht familiebedrijf

Nadere informatie

MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN, MINISTERIE VAN FINANCIEN EN MINISTERIE VAN MIDDENSTAND EN LANDBOUW

MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN, MINISTERIE VAN FINANCIEN EN MINISTERIE VAN MIDDENSTAND EN LANDBOUW MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN, MINISTERIE VAN FINANCIEN EN MINISTERIE VAN MIDDENSTAND EN LANDBOUW 27 NOVEMBER 1998. - Koninklijk besluit betreffende normen voor de energie-efficiëntie van huishoudelijke

Nadere informatie

Bijlage IV Aanvraagformulier voor een registratie, een toelating en/of een erkenning

Bijlage IV Aanvraagformulier voor een registratie, een toelating en/of een erkenning Bijlage IV Aanvraagformulier voor een registratie, een toelating en/of een erkenning A. NATUURLIJK PERSOON (Particulier niet geregistreerd in de Kruispuntbank van Ondernemingen) AARD VAN DE AANVRAAG Deze

Nadere informatie

AANVRAAGFORMULIER WIJZIGING VAN GEGEVENS IN DE KRUISPUNTBANK VOOR ONDERNEMINGEN

AANVRAAGFORMULIER WIJZIGING VAN GEGEVENS IN DE KRUISPUNTBANK VOOR ONDERNEMINGEN 1. BASISGEGEVENS AANVRAAGFORMULIER WIJZIGING VAN GEGEVENS IN DE KRUISPUNTBANK VOOR ONDERNEMINGEN 1.1 Taalkeuze Nederlands Frans Duits 1.2 Identificatienummer (enkel invullen welk nummer van toepassing

Nadere informatie

Melding van handelingen in of aan gebouwen met toepassing van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening

Melding van handelingen in of aan gebouwen met toepassing van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening Bijlage I Formulier I Melding van handelingen in of aan gebouwen met toepassing van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening Vlaams Ministerie van Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed RWO-01-100330

Nadere informatie

Voor de aanslagjaren 2015 tot en met 2019 wordt een jaarlijkse belasting geheven op de vestigingen.

Voor de aanslagjaren 2015 tot en met 2019 wordt een jaarlijkse belasting geheven op de vestigingen. BELASTINGREGLEMENT OP DE VESTIGINGEN ARTIKEL 1: HET BELASTBAAR VOORWERP Voor de aanslagjaren 2015 tot en met 2019 wordt een jaarlijkse belasting geheven op de vestigingen. ARTIKEL 2: TARIEF EN BEREKENING

Nadere informatie

uw bericht van uw kenmerk ons kenmerk afdrukdatum 07/11/2011 TP/2110273 2570 09/11/2011

uw bericht van uw kenmerk ons kenmerk afdrukdatum 07/11/2011 TP/2110273 2570 09/11/2011 Alle briefwisseling sturen aan: - Stadsontwikkeling - Stedenbouwkundige vergunningen Grote Markt 1 2000 Antwerpen Steenackers Louis Clementinastraat 24 2018 ANTWERPEN uw bericht van uw kenmerk ons kenmerk

Nadere informatie

ONGESCHIKTHEID ONBEWOONBAARHEID

ONGESCHIKTHEID ONBEWOONBAARHEID ONGESCHIKTHEID ONBEWOONBAARHEID V.U.: Agentschap Wonen-Vlaanderen, Koning Albert II-laan 20 bus 7, 1000 Brussel Vormgeving: Lien Van Cromphaut D/2009/3241/318 4 Inhoud Wat is een woning? 6 Wanneer is een

Nadere informatie

Notaris Hans Van Overloop

Notaris Hans Van Overloop Nieuwe contactgegevens vanaf 10 maart 2010 Stedenbouwkundige vergunningen Loketadres op afspraak Postadres Grote Markt 1 2000 Antwerpen Tel 03 338 67 45 notaria@stad.antwerpen.be SW/V/SV Alle briefwisseling

Nadere informatie

KBO - PUBLIC SEARCH OP ACTIEVE ONDERNEMINGEN

KBO - PUBLIC SEARCH OP ACTIEVE ONDERNEMINGEN KBO-PUB-NL006-060327 Pagina 1 van 13 KBO - PUBLIC SEARCH OP ACTIEVE ONDERNEMINGEN Aanvraag voor de invoering van gegevens van een ontbrekende onderneming en vestigingseenheid rechtspersoon KBO-PUB-NL006

Nadere informatie

STAD GENT STEUNMAATREGEL DUURZAAM ONDERNEMEN. Periode 2010-2012. THEMA:Bedrijf en Buurt

STAD GENT STEUNMAATREGEL DUURZAAM ONDERNEMEN. Periode 2010-2012. THEMA:Bedrijf en Buurt STAD GENT STEUNMAATREGEL DUURZAAM ONDERNEMEN Periode 2010-2012 THEMA:Bedrijf en Buurt 1 Artikel 1 - Algemeen De ontwikkeling van een duurzame samenleving is één van de speerpunten die opgenomen is in de

Nadere informatie

Notaris Ines van Opstal

Notaris Ines van Opstal SW/BUR/SV Alle briefwisseling te richten aan Stad Antwerpen - / Stedenbouwkundige vergunningen, Jan Van Rijswijcklaan 162, 2020 Antwerpen Notaris Ines van Opstal Louisalei 60 2660 HOBOKEN uw bericht van

Nadere informatie

STEUNPUNT HOEVEPRODUCTEN

STEUNPUNT HOEVEPRODUCTEN QUICK-WIN-PROJECT: HANDLEIDING INRICHTING VAN EEN VERWERKINGS- EN WINKELRUIMTE VOOR HOEVEPRODUCENTEN STEUNPUNT HOEVEPRODUCTEN 1 JAN 2012 31 DEC 2012 Aanvrager: KVLV vzw Steunpunt Hoeveproducten Remylaan

Nadere informatie

Aanvraag van een planologisch attest

Aanvraag van een planologisch attest Bijlage I Model I Aanvraag van een planologisch attest AFDELINGSCODE- (Vul hier het adres in van de gedelegeerd planologisch ambtenaar) In te vullen door de behandelende afdeling ontvangstdatum Bezorg

Nadere informatie

Aanvraag VERGUNNING. Mobiliteitsbedrijf Sint-Michielsplein 9 9000 Gent Tel.: 09/266.28.00 Fax: 09/266.28.99

Aanvraag VERGUNNING. Mobiliteitsbedrijf Sint-Michielsplein 9 9000 Gent Tel.: 09/266.28.00 Fax: 09/266.28.99 Mobiliteitsbedrijf Sint-Michielsplein 9 9000 Gent Tel.: 09/266.28.00 Fax: 09/266.28.99 De Bruyne Lenore (09/266.28.66) Vanhauwaert Annika (09/266.28.33) Aanvraag VERGUNNING Oktober 2014 1 2 Afsprakenregeling

Nadere informatie

Een sociaaleconomische vergunning aanvragen

Een sociaaleconomische vergunning aanvragen Een sociaaleconomische vergunning aanvragen EDITIE: september 2015 Bedrijvenloket stad Antwerpen 2 Inhoud 1 Wetgeving... 3 2 Aanvraagprocedure... 3 2.1. Het aanvraagdossier... 3 2.2. De behandeling...

Nadere informatie

Europese Unie, 2010 Overneming met bronvermelding toegestaan

Europese Unie, 2010 Overneming met bronvermelding toegestaan Europese Commissie WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE inzake de uitleg van een aantal bepalingen over flexibiliteit in het hygiënepakket Veelgestelde vragen Richtsnoeren voor exploitanten van

Nadere informatie

GEMEENTE SINT JANS MOLENBEEK REGLEMENT BETREFFENDE DE ORGANISATIE VAN BRADERIEËN EN ROMMELMARKTEN

GEMEENTE SINT JANS MOLENBEEK REGLEMENT BETREFFENDE DE ORGANISATIE VAN BRADERIEËN EN ROMMELMARKTEN GEMEENTE SINT JANS MOLENBEEK REGLEMENT BETREFFENDE DE ORGANISATIE VAN BRADERIEËN EN ROMMELMARKTEN Artikel 1 : Definities In de zin van het onderhavige reglement dient men te verstaan onder : rommelmarkt

Nadere informatie

Aanvraagformulier tot certificatie van een Fiscale Data Module als onderdeel van een geregistreerd kassasysteem

Aanvraagformulier tot certificatie van een Fiscale Data Module als onderdeel van een geregistreerd kassasysteem Via dit aanvraagformulier verzamelt de Federale Overheidsdienst Financiën (FOD Financiën) de gegevens die noodzakelijk zijn om de certificatieprocedure uit te voeren van een Fiscale Data Module, zoals

Nadere informatie

DEPARTEMENT RUIMTELIJKE PLANNING, MOBILITEIT EN OPENBAAR DOMEIN. Bouwen of verbouwen met een stedenbouwkundige vergunning. Een handig stappenplan

DEPARTEMENT RUIMTELIJKE PLANNING, MOBILITEIT EN OPENBAAR DOMEIN. Bouwen of verbouwen met een stedenbouwkundige vergunning. Een handig stappenplan DEPARTEMENT RUIMTELIJKE PLANNING, MOBILITEIT EN OPENBAAR DOMEIN Bouwen of verbouwen met een stedenbouwkundige vergunning Een handig stappenplan U GAAT (VER)BOUWEN Als u gaat (ver)bouwen, moet u met heel

Nadere informatie

FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR DE VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN

FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR DE VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR DE VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN 22 MAART 2013. - Ministerieel besluit betreffende de van de toepassingsmodaliteiten van de en de traceerbaarheid

Nadere informatie

Aanvraagformulier premie zonneboiler

Aanvraagformulier premie zonneboiler Aanvraagformulier premie zonneboiler De gemeenteraad van 31 januari 2013 heeft de uitdoving van deze premie goedgekeurd. Alleen aanvragen tot en met 5 april 2013 met stavingsfacturen met facturatiedatum

Nadere informatie

Gelet op de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, inzonderheid artikel 15;

Gelet op de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, inzonderheid artikel 15; SCSZ/06/025 1 BERAADSLAGING NR. 06/010 VAN 14 FEBRUARI 2006 MET BETREKKING TOT DE RAADPLEGING VAN HET PERSONEELSBESTAND DOOR DE DIENST ONDERNEMINGSLOKETTEN VAN DE ALGEMENE DIRECTIE KMO-BELEID VAN DE FEDERALE

Nadere informatie

6 SEPTEMBER 1993. - Koninklijk besluit tot bescherming van de beroepstitel en van de uitoefening van het beroep van vastgoedmakelaar.

6 SEPTEMBER 1993. - Koninklijk besluit tot bescherming van de beroepstitel en van de uitoefening van het beroep van vastgoedmakelaar. 6 SEPTEMBER 1993. - Koninklijk besluit tot bescherming van de beroepstitel en van de uitoefening van het beroep van vastgoedmakelaar. Gelet op de kaderwet van 1 maart 1976 tot reglementering van de bescherming

Nadere informatie

Aanvraagformulier tot certificatie van een kassasysteem als onderdeel van een geregistreerd kassasysteem

Aanvraagformulier tot certificatie van een kassasysteem als onderdeel van een geregistreerd kassasysteem Via dit aanvraagformulier verzamelt de Federale Overheidsdienst Financiën (FOD Financiën) de gegevens die noodzakelijk zijn om de certificatieprocedure uit te voeren van een kassasysteem als onderdeel

Nadere informatie

Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen

Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Omzendbrief met betrekking tot erkenning-/registratievoorwaarden van opslagbedrijven van dierlijke bijproducten en afgeleide producten die niet

Nadere informatie

INSCHRIJVING IN DE KRUISPUNTBANK VAN ONDERNEMINGEN HANDELSONDERNEMING

INSCHRIJVING IN DE KRUISPUNTBANK VAN ONDERNEMINGEN HANDELSONDERNEMING INSCHRIJVING IN DE KRUISPUNTBANK VAN ONDERNEMINGEN HANDELSONDERNEMING 1. ALGEMENE INFORMATIE ONDERNEMINGSTYPE: NATUURLIJK PERSOON RECHTSPERSOON BEGINDATUM VAN DE ACTIVITEIT:... /... /... 2. GEGEVENS VAN

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD VAN UTRECHT 2001 Nr. 25

GEMEENTEBLAD VAN UTRECHT 2001 Nr. 25 GEMEENTEBLAD VAN UTRECHT 2001 Nr. 25 Standplaatsverordening 2001 (raadsbesluit van 31 mei 2001) De raad der gemeente Utrecht gelet op het voorstel van b. en w. d.d. 14 mei 2001 Besluit vast te stellen

Nadere informatie

HOOFDSTUK 1 : ALGEMENE BEPALINGEN

HOOFDSTUK 1 : ALGEMENE BEPALINGEN ARTIKEL 1 : Het geïntegreerd impulsreglement voor het nemen van handelskernversterkende maatregelen wordt goedgekeurd. Het reglement luidt als volgt : HOOFDSTUK 1 : ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 : Doelstelling

Nadere informatie

p r o v i n c i e Limburg

p r o v i n c i e Limburg p r o v i n c i e Limburg D i r e c t i e Omgeving D i e n s t Wegen en Routestructuren Belangrijk aandachtspunt om te vermijden dat offertes reeds voor de openingszitting zouden geopend worden! Indien

Nadere informatie

Kinderopvang.... En het FAVV Registratie & toelating. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen

Kinderopvang.... En het FAVV Registratie & toelating. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Kinderopvang... En het FAVV Registratie & toelating Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Enkele woordverklaringen KBO: Kruispuntbank van Ondernemingen (FOD Economie) Natuurlijk persoon:

Nadere informatie

DEMO De registratieprocedure voor nieuwe ONDERNEMINGEN in kader van de digitale steunmaatregelen (kmo-portefeuille, ecologiepremie en groeipremie)

DEMO De registratieprocedure voor nieuwe ONDERNEMINGEN in kader van de digitale steunmaatregelen (kmo-portefeuille, ecologiepremie en groeipremie) DEMO De registratieprocedure voor nieuwe ONDERNEMINGEN in kader van de digitale steunmaatregelen (kmo-portefeuille, ecologiepremie en groeipremie) Versie september 2009 Toegang tot de digitale steunmaatregelen

Nadere informatie

FORMULIER EERSTE AANVRAAG VERGOEDING/VERLENGING VERGOEDING

FORMULIER EERSTE AANVRAAG VERGOEDING/VERLENGING VERGOEDING FORMULIER EERSTE AANVRAAG VERGOEDING/VERLENGING VERGOEDING EERSTE AANVRAAG AANVRAAG TOT VERLENGING OPGELET: 1) Enkel de werken die plaats vinden in de toekomst kunnen het onderwerp vormen van een vraag

Nadere informatie

FISCALITEIT VAN DE VLAAMSE PROVINCIES INITIËLE BUDGETTEN 2014

FISCALITEIT VAN DE VLAAMSE PROVINCIES INITIËLE BUDGETTEN 2014 Definitieve versie FISCALITEIT VAN DE VLAAMSE PROVINCIES INITIËLE BUDGETTEN 2014 OPCENTIEMEN OP DE ONROERENDE VOORHEFFING Provincie aantal waarde van 1 opcentiemen opbrengst Antwerpen 290 470.803,00 euro

Nadere informatie

Informatiepakket. over het gebruik van de kmo-portefeuille. door uw Vlaamse kmo-klanten

Informatiepakket. over het gebruik van de kmo-portefeuille. door uw Vlaamse kmo-klanten Informatiepakket over het gebruik van de kmo-portefeuille door uw Vlaamse kmo-klanten 1. INLEIDING 3 1.1. WAARTOE DIENT DEZE GIDS? 3 1.2. WAT IS DE KMO-PORTEFEUILLE? 4 1.3. WIE KOMT IN AANMERKING? 4 1.4.

Nadere informatie

Aanvraag VERGUNNING. Mobiliteitsbedrijf Sint-Michielsplein 9 9000 Gent Tel.: 09/266.28.00 Fax: 09/266.28.99

Aanvraag VERGUNNING. Mobiliteitsbedrijf Sint-Michielsplein 9 9000 Gent Tel.: 09/266.28.00 Fax: 09/266.28.99 Mobiliteitsbedrijf Sint-Michielsplein 9 9000 Gent Tel.: 09/266.28.00 Fax: 09/266.28.99 Van Den Abeele Stephanie (09/266.77.37) De Bruyne Lenore (09/266.28.66) Vanhauwaert Annika (09/266.28.33) Aanvraag

Nadere informatie

3 ministers : de Leden van het Verenigd College, bevoegd voor het beleid inzake Bijstand aan personen;

3 ministers : de Leden van het Verenigd College, bevoegd voor het beleid inzake Bijstand aan personen; 15 OKTOBER 1998. Besluit van het Verenigd College betreffende de erkenning, de opleiding van het personeel en de kostprijs van de bemiddeling van de instellingen voor schuldbemiddeling. HOOFDSTUK I. -

Nadere informatie

Politiereglement Evenementen

Politiereglement Evenementen Politiereglement Evenementen Gelet op de artikelen 19, 26 en 27 van de Grondwet; Gelet op de artikelen 112, 117 t.e.m. 119ter en 133 t.e.m. 135 van de Nieuwe Gemeentewet; Gelet op het Milieuvergunningsdecreet

Nadere informatie

OPLEIDINGSAANBOD. Starterscursussen. (Behaal het statuut land- of tuinbouwer, vroegere B-cursus)

OPLEIDINGSAANBOD. Starterscursussen. (Behaal het statuut land- of tuinbouwer, vroegere B-cursus) OPLEIDINGSAANBOD Starterscursussen (Behaal het statuut land- of tuinbouwer, vroegere B-cursus) De starterscursussen verlopen i.s.m. en Starterscursus Denk je eraan om een land- of tuinbouwbedrijf op te

Nadere informatie

ENQUÊTE BEDRIJVEN SCHOTEN

ENQUÊTE BEDRIJVEN SCHOTEN ENQUÊTE BEDRIJVEN SCHOTEN 1. INLEIDING De gemeente Schoten zal in de loop van 2013 starten met de herziening van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan. Het huidige gemeentelijk ruimtelijk structuurplan

Nadere informatie

Publicatiedata: - 1999-12-23 - 2000-12-19 - 2001-11-29 - 2006-09-20 - 2007-04-26

Publicatiedata: - 1999-12-23 - 2000-12-19 - 2001-11-29 - 2006-09-20 - 2007-04-26 KB van 13 december 1999 voor de uitbatingspunten gebruikt voor de promotie, de verkoop of de verhuur van goederen en diensten, aangevuld en gewijzigd met bepalingen uit de KB s van - 13 november 2000-8

Nadere informatie

Aanvraagformulier openen Rabo Business Account voor vennootschappen of VZW

Aanvraagformulier openen Rabo Business Account voor vennootschappen of VZW Aanvraagformulier openen Rabo Business Account voor vennootschappen of VZW 1. Identificatie vennootschap: Sociale benaming: Vennootschapsvorm: Handelsbenaming: Aard van de activiteit: Ondernemingsnummer:

Nadere informatie

Vak bestemd voor administratie. 1. Welke toelage wenst u aan te vragen? 2. Gegevens indien aanvrager natuurlijk persoon

Vak bestemd voor administratie. 1. Welke toelage wenst u aan te vragen? 2. Gegevens indien aanvrager natuurlijk persoon Vak bestemd voor administratie Dossiernummer:... Aanvraag:... Aanvraagformulier toelage renovatie handelspanden Met dit formulier dient u een aanvraag in voor het verkrijgen van een toelage voor de renovatie

Nadere informatie

Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen

Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen PB 07 FAQ (G-019) REV 3 2009-1/9 Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen FAQ - Gids voor het ontwikkelen van autocontrolesystemen bij de productie van voedingsmiddelen in de sectoren:

Nadere informatie

HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO

HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO N BEROEPSREGL - Onthaalouders A08 Brussel, 25.06.2009 MH/BL/LC A D V I E S over EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT BETREFFENDE DE UITSLUITING VAN DE BEROEPSACTIVITEIT

Nadere informatie

Reglement voor het bekomen van een tap- en exploitatievergunning voor uitbating van horecazaken

Reglement voor het bekomen van een tap- en exploitatievergunning voor uitbating van horecazaken Reglement voor het bekomen van een tap- en exploitatievergunning voor uitbating van horecazaken Inhoud Hoofdstuk I : Definities... 2 Hoofdstuk II : Aanvraag van de tap- en exploitatievergunning... 2 Hoofdstuk

Nadere informatie

Politiereglement Evenementen

Politiereglement Evenementen Politiereglement Evenementen Gelet op de artikelen 19, 26 en 27 van de Grondwet; Gelet op de artikelen 112, 117 t.e.m. 119ter en 133 t.e.m. 135 van de Nieuwe Gemeentewet; Gelet op het Milieuvergunningsdecreet

Nadere informatie

IV.4 PA/E/S IBO MB Dit is een gecoördineerde versie. De datum van de laatste versie is steeds de datum van het laatste wijzigingsbesluit

IV.4 PA/E/S IBO MB Dit is een gecoördineerde versie. De datum van de laatste versie is steeds de datum van het laatste wijzigingsbesluit Ministerieel besluit van 12 juni 2001 houdende vaststelling van de procedure tot het verlenen, het verlengen, het weigeren of het intrekken van een principieel akkoord, een erkenning en subsidiëring van

Nadere informatie

WIJZIGING IN DE KRUISPUNTBANK VAN ONDERNEMINGEN HANDELSONDERNEMING

WIJZIGING IN DE KRUISPUNTBANK VAN ONDERNEMINGEN HANDELSONDERNEMING WIJZIGING IN DE KRUISPUNTBANK VAN ONDERNEMINGEN HANDELSONDERNEMING 1. ALGEMENE INFORMATIE ONDERNEMINGSTYPE: NATUURLIJK PERSOON RECHTSPERSOON 2. GEGEVENS VAN DE KLANT ONDERNEMINGSNUMMER:... NATUURLIJK PERSOON

Nadere informatie

VESTIGINGSAANVRAAG Bedrijfsverzamelgebouw t Walletje Te Knokke-Heist 3 E FASE Verhuur loods

VESTIGINGSAANVRAAG Bedrijfsverzamelgebouw t Walletje Te Knokke-Heist 3 E FASE Verhuur loods VESTIGINGSAANVRAAG Bedrijfsverzamelgebouw t Walletje Te Knokke-Heist 3 E FASE Verhuur loods DEEL 1. TOELICHTING AGSO Knokke-Heist heeft zich door het afsluiten van een bijzondere samenwerkingsovereenkomst

Nadere informatie

BOEKHOUDKUNDIGE BEDIENDE KAN NU OOK LID VAN HET BIBF WORDEN

BOEKHOUDKUNDIGE BEDIENDE KAN NU OOK LID VAN HET BIBF WORDEN BOEKHOUDKUNDIGE BEDIENDE KAN NU OOK LID VAN HET BIBF WORDEN Na bijna tien jaar is het eindelijk zover : een boekhouder die uitsluitend in loondienst of die in overheidsdienst werkt, kan voortaan ook op

Nadere informatie

Reglement voor het bekomen van een horeca-attest bij uitbating van horecazaken

Reglement voor het bekomen van een horeca-attest bij uitbating van horecazaken Reglement voor het bekomen van een horeca-attest bij uitbating van horecazaken Goedgekeurd in de gemeenteraad van 28 april 2014 Bekendgemaakt op 30 april 2014. In werking getreden op 1 mei 2014 Inhoudstafel

Nadere informatie

Gelet op de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, inzonderheid op artikel 15;

Gelet op de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, inzonderheid op artikel 15; SCSZ/07/043 1 BERAADSLAGING NR. 07/015 VAN 27 MAART 2007 MET BETREKKING TOT DE MEDEDELING VAN PERSOONSGEGEVENS BETREFFENDE GEDETACHEERDE WERKNEMERS, ZELFSTANDIGEN EN STAGIAIRS AAN DE RIJKSDIENST VOOR SOCIALE

Nadere informatie

KAN JE MET DE VERWERKING EN VERKOOP VAN HOEVEZUIVEL IETS VERDIENEN?

KAN JE MET DE VERWERKING EN VERKOOP VAN HOEVEZUIVEL IETS VERDIENEN? KAN JE MET DE VERWERKING EN VERKOOP VAN HOEVEZUIVEL IETS VERDIENEN? 1/ Samenvatting Om de rendabiliteit van een product te bepalen moet je eerst zicht hebben op de kostenstructuur van dit product, moet

Nadere informatie

Aandachtig de onderrichtingen als bijlage gevoegd bij dit formulier lezen alvorens dit formulier in te vullen.

Aandachtig de onderrichtingen als bijlage gevoegd bij dit formulier lezen alvorens dit formulier in te vullen. AANVRAAGFORMULIER TOT HET VERKRIJGEN VAN EEN ATTEST VAN DE GEMEENTE DAT, DESGEVALLEND, HET BESTAAN VAN HINDER TEN GEVOLGE VAN WERKEN VAN ALGEMEEN NUT BEVESTIGT. Aandachtig de onderrichtingen als bijlage

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling "Sociale Zekerheid"

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling Sociale Zekerheid Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling "Sociale Zekerheid" SCSZ/14/183 BERAADSLAGING NR. 14/101 VAN 4 NOVEMBER 2014 MET BETREKKING TOT DE MEDEDELING VAN PERSOONSGEGEVENS

Nadere informatie

Aanvraag om tussenkomst van het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF)

Aanvraag om tussenkomst van het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) Aanvraag om tussenkomst van het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) Agentschap voor Landbouw en Visserij Afdeling Structuur en Investeringen Ellipsgebouw (4 de verdieping) Koning Albert II-laan 35

Nadere informatie

INSCHRIJVING DEELNAME KUNSTKAAI 2015

INSCHRIJVING DEELNAME KUNSTKAAI 2015 INSCHRIJVING DEELNAME KUNSTKAAI 2015 Ik, stel mij kandidaat om deel te nemen aan Kunstkaai in Diest op 19 en 20 december 2015 Ik creëer en wens aan te bieden op Kunstkaai: o Beeldende kunst schilderijen

Nadere informatie

"De (verplichte) inwerkingtreding van het geregistreerd kassasysteem (GKS) in de horeca sinds 1 januari 2015" dd. 28.01.2015

De (verplichte) inwerkingtreding van het geregistreerd kassasysteem (GKS) in de horeca sinds 1 januari 2015 dd. 28.01.2015 "De (verplichte) inwerkingtreding van het geregistreerd kassasysteem (GKS) in de horeca sinds 1 januari 2015" dd. 28.01.2015 Het nieuwe jaar brengt voor de horeca een grote verandering met zich mee. Vanaf

Nadere informatie

Aanvraagformulier premie fotovoltaïsche cellen

Aanvraagformulier premie fotovoltaïsche cellen Aanvraagformulier premie fotovoltaïsche cellen Gegevens Naam van de aanvrager:. Adres van de aanvrager: Telefoon thuis: Telefoon overdag: GSM: Rekeningnummer: Bent u eigenaar of huurder van het gebouw

Nadere informatie

Een provinciale aanpak van hoeve- en streekproducten

Een provinciale aanpak van hoeve- en streekproducten Een provinciale aanpak van hoeve- en streekproducten (Tinne Van Looy: plattelandscoördinator provincie Antwerpen) Vrijdag 27/11/2009 Landgoed Rhederoord Departement Welzijn, Economie en Plattelandsbeleid

Nadere informatie

PROCEDURE EQUIVALENTIE VAN BEPAALDE AUDITREFERENTIELEN MET DE AUTOCONTROLEGIDSEN

PROCEDURE EQUIVALENTIE VAN BEPAALDE AUDITREFERENTIELEN MET DE AUTOCONTROLEGIDSEN Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen 2014/767/PCCB PROCEDURE EQUIVALENTIE VAN BEPAALDE AUDITREFERENTIELEN MET DE AUTOCONTROLEGIDSEN Versie 1 dd 8-07-14 In toepassing vanaf 28-07-14

Nadere informatie

Voorlichtingscel 2008-2009. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen

Voorlichtingscel 2008-2009. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Voorlichtingscel 2008-2009 Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Realisaties Doelgroep Aantal deelnemers Restaurateurs t 213 Detailhandel 126 Verkoop hoeveproducten 130 Bakkers 307

Nadere informatie

HERWAARDERINGSPLAN BESCHERMD DORPSGEZICHT MARKT MARKT/AALTERSTRAAT/ A. RODENBACHSTRAAT/KASTEELSTRAAT

HERWAARDERINGSPLAN BESCHERMD DORPSGEZICHT MARKT MARKT/AALTERSTRAAT/ A. RODENBACHSTRAAT/KASTEELSTRAAT HERWAARDERINGSPLAN BESCHERMD DORPSGEZICHT MARKT MARKT/AALTERSTRAAT/ A. RODENBACHSTRAAT/KASTEELSTRAAT WOORD VOORAF Op 7 juni 2013 keurde Vlaams Minister van Onroerend Erfgoed Geert Bourgeois het herwaarderingsplan

Nadere informatie