Gemeentelijk rioleringsplan Leerdam

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Gemeentelijk rioleringsplan Leerdam"

Transcriptie

1 Gemeentelijk rioleringsplan Leerdam Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode Definitief Gemeente Leerdam Grontmij Nederland B.V. Houten, 6 december 2010

2 Verantwoording Titel : Gemeentelijk rioleringsplan Leerdam Subtitel : Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode Projectnummer : Referentienummer : 13/ /MBu Revisie : d1 Datum : 6 december 2010 Auteur(s) : ir. M.Ph. Bunt adres : Gecontroleerd door : ir. K.J. van Esch Paraaf gecontroleerd : Goedgekeurd door : dr.ir. A.J. Oomens Paraaf goedgekeurd : b.a. Contact : De Molen DB Houten Postbus DC Houten T F Pagina 2 van 52

3 Inhoudsopgave Samenvatting Inleiding Aanleiding... 9 Geldigheidsduur Procedures... 9 Termen en definities Leeswijzer Evaluatie GRP Leerdam 2006 t/m Inleiding Algemeen Aanleg van riolering bij bestaande bebouwing Beheer van objecten Gewenste situatie Inleiding Waarom rioleringszorg? Relaties met andere plannen en regelgeving Ambitie gemeentelijke rioleringszorg Zorgplicht stedelijk afvalwater Zorgplicht hemelwater Zorgplicht grondwater Voorwaarden voor effectief beheer Toetsing huidige situatie Inleiding Overzicht aanwezige voorzieningen Zorgplicht stedelijk afvalwater Zorgplicht hemelwater Zorgplicht grondwater De opgave Inleiding Aanleg van voorzieningen Beheer van bestaande voorzieningen Organisatie en financiën Personele middelen Financiële middelen Kostendekking Pagina 3 van 52

4 Inhoudsopgave (vervolg) Bijlagen: Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7: Bijlage 8: Bijlage 9: Beleid- wet en regelgeving Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden Tabellen met technische gegevens Tabellen met financiele gegevens Uitgangspunten financiele berekening Woordenlijst Referenties Reacties van derden Overzicht overstorten Bijlage 10: Raadsvoorstel en besluit Pagina 4 van 52

5 Samenvatting Aanleiding De gemeente Leerdam is wettelijk verantwoordelijk voor de invulling van drie watertaken. Deze zogenaamde zorgplichten betreffen: 1. De inzameling en transport van stedelijk afvalwater. 2. De inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater. 3. Het nemen van grondwatermaatregelen. Doel van dit gemeentelijke rioleringsplan van Leerdam is in de eerste plaats het vastleggen van het eigen beleid voor de drie zorgplichten en in de tweede plaats om aan het bevoegd gezag te verantwoorden op welke wijze de gemeente haar watertaken uitvoert en in hoeverre zij voldoende middelen heeft om dit in de toekomst te blijven doen. Hiermee voldoet de gemeente aan haar planverplichting zoals deze in de Wet milieubeheer (art. 4.22) is opgenomen. Tot 2008 had de gemeente de zorgplicht voor doelmatige inzameling en transport van afvalwater. De zorg voor de riolering is sinds 1 januari 2008 verbreed tot de bovengenoemde zorgplichten. Dit is het eerste verbrede gemeentelijk rioleringsplan waarin de drie zorgplichten zijn opgenomen. Het vgrp heeft als planperiode Doelstellingen en beleid Voor de invulling van de drie zorgplichten zijn vijf doelen geformuleerd. De doelen zijn in dit vgrp geconcretiseerd door middel van functionele eisen en maatstaven zodat getoetst kan worden of de situatie in Leerdam aan de gestelde doelen voldoet. De primaire doelen van de rioleringszorg zijn: 1. Zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater. 2. Zorgen voor transport van stedelijk afvalwater. 3. Zorgen voor inzameling van hemelwater (voor zover niet door de particulier op eigen terrein). 4. Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater 5. Zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. Daarnaast is in dit vgrp een aantal beleidskeuzes opgenomen die betrekking hebben op de manier, waarop Leerdam haar zorgplichten wil invullen. De algemene beleidslijnen zijn: Zorgplicht Stedelijk afvalwater Hemelwater Grondwater Algemene beleidslijn - Resultaatsverplichting voor inzameling vrijkomend stedelijk afvalwater. - Zo veel mogelijk scheiding aan de bron van de componenten van stedelijk afvalwater. - De verwerking van hemelwater is een inspanningsverplichting en geen resultaatsverplichting. - De perceelseigenaar is er in principe zelf verantwoordelijk voor dat hemelwater op zijn eigen terrein niet tot overlast en vervuiling leidt. - Met het huidige rioolstelsel kunnen de gevolgen van klimaatverandering (hevige neerslag in kortere perioden) gemiddeld gezien worden opgevangen. Kwetsbare punten worden kwetsbaarder. - De gemeente is niet verplicht alle problemen door grondwaterstanden op te lossen. De gemeentelijke zorgplicht beperkt zich tot doelmatige maatregelen in openbaar terrein voor structurele problemen. - De gemeente is aanspreekbaar voor grondwateroverlast maar niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor de grondwaterstand. - De particulier is zelf verantwoordelijk voor de gevolgen en het treffen van maatregelen om een niet gewenste ontwateringssituatie tegen te gaan Pagina 5 van 52

6 Samenvatting Waar staan we nu? Op 1 januari 2010 zijn alle woningen en bedrijven in Leerdam, op 16 woningen na, aangesloten op (druk/vacuüm)riolering. Deze 16 percelen zijn aangesloten op een individueel behandelingssysteem (IBA). Hiermee voldoet de gemeente aan haar wettelijke afvalwaterzorgplicht. De te beheren voorzieningen bestaan uit circa 57 km gemengde riolering, 11 km vuilwaterriolering, 14 km hemelwaterriolering, 6 km persleiding, 27 rioolgemalen, 42 km drukriolering met 320 pompunits en circa 3 km vacuümriolering. De vervangingswaarde van deze voorzieningen vertegenwoordigt een waarde van ongeveer 57 miljoen. De gegevens van de vrijvervalriolen zijn opgeslagen in het rioleringsbeheersysteem (dg DIALOG riolering) van de gemeente. De gegevens van de voorzieningen zijn volledig, actueel en goed toegankelijk. De toestand van de riolen wordt gecontroleerd door middel van videocamera inspecties. Circa 86% van de totale lengte van de gemengde vrijvalriolering, 27% van de vuilwaterriolering en 51% van de hemelwaterriolering is met videocamera geïnspecteerd. De resterende niet geïnspecteerde riolering is relatief jong en was nog niet in het inspectieprogramma opgenomen. Indien uit de inspectieresultaten blijkt dat ingrijpen noodzakelijk is, wordt adequate actie ondernomen. Ondanks het ontbreken van een structureel meetnet van peilbuizen heeft de gemeente een globaal inzicht in de optredende grondwaterstanden. De gebieden die gevoelig zijn voor (grond)wateroverlast zijn bekend bij de gemeente. Door middel van een uitgevoerde enquête naar het voorkomen van grondwateroverlast is duidelijk geworden dat op verschillende locaties in Leerdam meer of mindere mate van grondwateroverlast voorkomt. In de gemeente Leerdam bestaat een gedetailleerd inzicht in het hydraulisch- en milieutechnisch functioneren van de riolering. Tijdens (hevige) neerslag kan het rioolstelsel van Leerdam de hoeveelheden water goed verwerken. Op een enkele locatie treedt echter wel water op straat op. Dit heeft vaak te maken met een laag gelegen maaiveld of een lokaal te krap gedimensioneerd riool. De vuiluitworp op het oppervlaktewater vanuit de riolering voldoet aan de eisen van het waterschap Rivierenland. De gemeente beschikt over de noodzakelijke vergunningen van waterschap Rivierenland. De controle van de vergunningen en de handhaving van de naleving van de regelgeving betreffende de Wet milieubeheer wordt uitgevoerd door de milieudienst Zuid-Holland-Zuid. Wat moeten we doen in de planperiode en daarna? In dit GRP staan de hoofdlijnen van aanpak om de doelen te halen. Dit beleid wordt jaarlijks uitgewerkt in gedetailleerde jaarprogramma s. Hierbij wordt rekening gehouden met de veelal complexe factoren die bij daadwerkelijke uitvoering van maatregelen een rol spelen en worden op projectniveau keuzes gemaakt. De toestand van vrijvervalriolen zal door videocamera inspectie worden onderzocht en de inspectiegegevens zullen in het rioleringsbeheersysteem worden opgeslagen. Jaarlijks wordt een deel van de riolering gereinigd en geïnspecteerd. Om een goede afstroming in de vrijvervalriolering te kunnen handhaven is regelmatig onderhoud nodig. In het vgrp is dit beschreven hoe dit wordt uitgevoerd. In de planperiode zijn verschillende onderzoeken opgenomen zoals het opstellen van een masterplan riolering. Naast onderzoek zullen in de komende planperiode verschillende maatregelen uitgevoerd worden. De reiniging van de riolering wordt in GLZ-verband (Giessenlanden, Leerdam Zederik) uitgevoerd. In de planperiode wordt het mechanisch/elektrisch deel van 39 pompunits vervangen. Een deel van de vrijvervalriolering zal vervangen of gerepareerd worden, daarvoor is in de planperiode jaarlijks circa 0,96 miljoen opgenomen. Pagina 6 van 52

7 Samenvatting Om het hydraulisch functioneren van de riolering te verbeteren is een aantal maatregelen opgenomen zoals het verhogen van pompcapaciteiten en afkoppelen van afvoerend verhard oppervlak. Het uitvoeren van deze maatregelen zorgt ervoor dat de kans op water op straat sterk verminderd. Voor het voorkomen van structurele grondwateroverlast is een drainageplan opgesteld. Het aanleggen van drainage zorgt voor afvoer van overtollig grondwater. De bestaande en nieuw aan te leggen drainage zal periodiek doorgespoten worden om het functioneren te kunnen blijven garanderen. De optredende grondwaterstanden worden periodiek gecontroleerd door het aan te leggen grondwatermeetnet. Wat gaat het kosten en hoe betalen we dat? De aanleg en beheer van de rioleringsvoorzieningen kost veel geld. De uitgaven voor het ambitieniveau Sober+ zijn in de komende planperiode begroot op ruim 12 miljoen euro (excl. BTW), ofwel circa 2,5 miljoen euro per jaar, zie tabel A. Het gaat dan om de investeringen en de jaarlijkse exploitatie bij elkaar opgeteld. De kosten worden gedekt door de inkomsten vanuit de rioolheffing. tabel A Uitgaven rioleringszorg sober+ pakket Planperiode Jaarlijkse uitgaven Investeringen kosten van Kapitaal Onderzoek Exploitatie Vervanging / Overige milieumaatregelen Grondwater investeringen lasten verbetering maatregelen verleden jaar TOTAAL excl. BTW EURO totaal planperiode Totaal De bedragen zijn op prijspeil 1 januari Jaarlijks moeten deze met de optredende inflatie worden geïndexeerd. Omdat de rioolheffing in 2010 van 233,64 (per heffingseenheid) lager is dan de benodigde rioolheffing voor het gekozen ambitieniveau Sober +, is uitgerekend hoe een kostendekkend tarief bereikt kan worden. Hierbij is gekozen voor een dekkingsscenario waarbij de rioolheffing per 1 januari ,64 bedraagt en jaarlijks stijgt met 2% per jaar (exclusief inflatiecorrectie). In het jaar 2019 wordt dan het kostendekkende niveau van 276,01 (exclusief inflatiecorrectie) bereikt. In tabel B wordt tot en met 2015 weergegeven wat het tarief van de rioolheffing wordt bij toepassing van het dekkingsscenario met de jaarlijkse stijging van 2%. Daarnaast staat in de derde kolom van tabel B het tarief van de rioolheffing inclusief de inflatiecorrecties van 2% weergegeven. tabel B Ontwikkeling rioolheffing planperiode Jaar Rioolheffing Prijspeil 2010 in (excl. inflatiecorrectie) Rioolheffing Nominaal in (incl. inflatiecorrectie) ,64 233, ,31 243, ,08 252, ,94 263, ,90 273, ,96 284,80 Pagina 7 van 52

8

9 1 Inleiding 1.1 Aanleiding De gemeente is wettelijk verplicht een gemeentelijk rioleringsplan (GRP) op te stellen. Het bestaande GRP heeft een planperiode van 2006 t/m Met het verstrijken van deze planperiode van het GRP Leerdam en het in werking treden van nieuwe wetgeving, zoals de Wet gemeentelijke watertaken en de Waterwet, is het noodzakelijk het bestaande GRP te actualiseren en te verbreden met de zorgplicht voor het grondwater tot een zogenaamd verbreed GRP. Per is de Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken van kracht, figuur A geeft de essentie weer van deze wet. Deze wet is deels opgenomen in de Waterwet. De zorgplicht voor inzameling en transport van afvalwater is vervangen door drie zorgplichten: Zorgplicht voor inzameling en transport van stedelijk afvalwater; figuur A Essentie Wet gemeentelijke watertaken Zorgplicht voor doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater; Zorgplicht voor het grondwater. De zorgplicht grondwater is in de wet als volgt geformuleerd: het in het openbaar gemeentelijk gebied treffen van maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort. Dit vgrp geeft aan hoe Leerdam in de planperiode met deze drie zorgplichten omgaat. Voor het verwijderen van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater uit de woonomgeving zijn er voorzieningen nodig. Aanleg en beheer van deze voorzieningen zijn gemeentelijke taken die bijdragen aan de bescherming van de volksgezondheid, het milieu en het tegengaan van wateroverlast. 1.2 Geldigheidsduur De gemeente stelt zelf de geldigheidsduur van dit plan vast. De geldigheidsduur van dit beleidsplan is vijf jaar: 2011 t/m De peildatum van dit vgrp is 1 januari 2010 en alle genoemde bedragen zijn op prijspeil 1 januari Evaluatie van de voortgang en eventuele bijstelling moet jaarlijks plaatsvinden, in 2015 vind een algehele evaluatie en actualisatie van het vgrp plaats. 1.3 Procedures Dit vgrp is in nauwe samenwerking tussen de gemeente Leerdam en Waterschap Rivierenland tot stand gekomen. Het waterschap Rivierenland en de provincie Zuid-Holland spelen een belangrijke rol bij het formuleren van het omgevingsbeleid op regionaal niveau, op het gebied van de waterhuishouding, ruimtelijke ordening en milieu. Na de formele vaststelling door de gemeenteraad zal het plan met het besluit worden toegezonden aan de bovenvermelde instanties. Op basis van art Wm moet B&W de vaststelling bekendmaken in ten minste één dag- of nieuwsblad. Pagina 9 van 52

10 Inleiding 1.4 Termen en definities Dit vgrp is een gemeentelijk plan, waar de gemeenteraad zich over moet uitspreken. Het is echter niet alleen voor de politiek geschreven, maar ook voor overleg met de in de Wm genoemde instanties. Dit heeft tot gevolg dat in dit vgrp vaktaal wordt gebruikt. In dit vgrp is daarom een uitgebreide verklarende woordenlijst opgenomen in bijlage Leeswijzer Dit vgrp is conform de aanbevelingen in de Leidraad Riolering (ref.1) opgezet en bestaat uit de volgende onderdelen: Hoofdstuk 1 is de inleiding, met de aanleiding, de geldigheidsduur en een leeswijzer. Evaluatie H2 In hoofdstuk 2 komt de evaluatie van het gevoerde rioleringsbeleid tot 2010 aan de orde. De uitkomsten vormen de beginsituatie voor het vgrp 2011 t/m Duurzaamheid Ontwikkelingen Wet- en regelgeving Gewenste situatie Wat willen we? H3 In hoofdstuk 3 'Gewenste situatie worden voor de komende planperiode (en de periode daarna) doelen beschreven en uitgewerkt. Hiermee wordt een toetsingskader gegeven waarmee onder meer de gevolgen voor het milieu (Wm artikel 4.22 lid 2d) kunnen worden aangegeven. Toetsing huidige situatie Wat hebben we? H4 In hoofdstuk 4 'Toetsing huidige situatie' wordt getoetst in hoeverre de doelen nu al zijn gerealiseerd. Hoofdstuk 4 geeft het in de wet gevraagde overzicht van de aanwezige voorzieningen (Wm, artikel 4.22 lid 2a). De opgave Wat moeten we doen? H5 In hoofdstuk 5 'De opgave' worden in hoofdlijnen de maatregelen weergegeven die nodig zijn om de gestelde doelen te kunnen realiseren. Daarmee wordt invulling gegeven aan lid 2b en 2c van artikel 4.22 van de Wet milieubeheer. Organisatie en financiën Wat kost dat? H6 In hoofdstuk 6 'Organisatie en financiën' worden de in hoofdstuk 5 weergegeven maatregelen vertaald naar benodigde personele en financiële middelen en een wijze van kostendekking (Wm, artikel 4.22 lid e). Tabellen met een letter (bijvoorbeeld tabel A) zijn in de rapporttekst opgenomen, tabellen met een cijfer in bijlage 3 en 4. Pagina 10 van 52

11 2 Evaluatie GRP Leerdam 2006 t/m Inleiding Voorafgaand aan het opstellen van het nieuwe gemeentelijk rioleringsplan, is het goed terug te kijken naar de uitgevoerde activiteiten in de achterliggende periode. De resultaten van een dergelijke evaluatie bepalen mede de vertrekpositie voor het nieuwe vgrp. Het GRP 2006 t/m 2010 is geëvalueerd op een drietal punten, een algemeen deel, een deel met de voorgenomen onderzoeken en maatregelen en in hoeverre de doelen uit het GRP 2006 t/m 2010 zijn gehaald. In dit hoofdstuk zijn de uitkomsten van deze evaluatie op hoofdlijnen beschreven. 2.2 Algemeen Het GRP is door de medewerkers als een prettig en goed instrument ervaren omdat dit het kader vormde voor de uit te voeren werkzaamheden gedurende de planperiode. Het GRP is ervaren als een duidelijk, begrijpbaar en pragmatisch beleidsdocument. Hierbij is wel de kanttekening te plaatsen dat het GRP niet altijd goed toegankelijk is gebleken voor bestuurders en uitvoerders. Voor het toegankelijker maken van de inhoud op hoofdlijnen van het GRP is in dit vgrp een bestuurlijke samenvatting opgenomen. In deze bestuurlijke samenvatting is op hoofdlijnen in duidelijke en heldere taal beschreven wat de inhoud is van het vgrp, de gemaakte beleidskeuzes en de financiële gevolgen van het beleid zijn. Voor de organisatie als geheel is het GRP verder een goede leidraad en bron van informatie geweest. 2.3 Aanleg van riolering bij bestaande bebouwing Sinds 2006 kan al gesteld worden dat er geen ongezuiverde lozingen meer zijn op het oppervlaktewater of in de bodem in het buitengebied. Alle panden in de gemeente zijn aangesloten op (druk)riolering, vacuümriolering of een IBA. De gemeente voldoet hiermee aan zijn zorgplicht. 2.4 Beheer van objecten Het beheer (onderzoek, onderhoud en maatregelen) van riolen, kolken, gemalen en pompunits is uitgevoerd zoals in het GRP 2006 t/m 2010 is beschreven Onderzoeksprogramma In het GRP 2006 t/m 2010 zijn verschillende onderzoeken opgenomen: inspectie van de vrijvervalriolering, het berekenen van de afvoercapaciteit van de riolering en het opstellen van een afkoppelplan, het opstellen van het stedelijk waterplan, vestigen van zakelijk recht bij bestaande drukriolering en het onderhoud van gegevensbestanden en tekeningen. In 2007 is in nauwe samenwerking met het waterschap Rivierenland het stedelijk waterplan opgesteld. Het stedelijk waterplan is een verdere uitwerking van het waterkwaliteitsspoor en de uitwerking hiervan in het STIWAS. Het waterplan bevat de visie van de gemeente en het waterschap op de kwaliteit, kwantiteit en de beleving van het oppervlaktewatersysteem in de gemeente. In het stedelijk waterplan is opgenomen dat het afkoppelen van afvoerend verhard oppervlak een van de maatregelen is om de gestelde doelen voor het oppervlaktewatersysteem te kunnen bereiken. De mogelijkheden tot het afkoppelen van afvoerend verhard oppervlak is nader uitgewerkt in het in 2009 opgestelde afkoppelprogramma. Dit afkoppelprogramma is geen vastgesteld beleid. Met het vaststellen van dit vgrp zal daar invulling aan worden gegeven. In het afkoppelprogramma is ingegaan op de relatieve eenvoudige mogelijkheden tot afkoppelen van verhard oppervlak. In dit plan is geen duidelijk afkoppelbeleid opgenomen, in dit vgrp is hier Pagina 11 van 52

12 Evaluatie GRP Leerdam 2006 t/m 2010 meer aandacht aan besteed. De voorgenomen herberekening van het rioolstelsel en het opstellen van het basisrioleringsplan is in 2010 uitgevoerd. Een volledig en actueel overzicht van de gegevens van de rioleringsvoorzieningen is zeer belangrijk voor een goed beheer. De gemeente beschikt over het rioleringsbeheerprogramma dg DIALOG met bijbehorende gegevens bestanden. Ter voorbereiding voor het opstellen van het verbrede GRP is het rioleringsgegevensbestand geactualiseerd. Dit heeft betrekking op de objectgegevens en niet de toestandsgegevens van de riolering. Gesteld kan worden dat de objectgegevens in het rioleringsgegevensbestand volledig en actueel zijn per januari De voorgenomen jaarlijkse inspectie van het vrijvervalstelsel met behulp van videocamera is uitgevoerd. De inspectiegegevens zijn opgenomen in het rioleringsbeheerprogramma dg DIA- LOG van de gemeente. In het GRP 2006 t/m 2010 is het jaarlijks opstellen van een operationeel plan (OP) opgenomen. Dit is voor het eerst in 2006 opgestart en is nu een vaste taak. In het OP worden de voorgenomen onderzoeken en maatregelen voor het daaropvolgende jaar nader uitgewerkt en worden de voorgenomen onderzoeken en maatregelen van het afgelopen jaar toegelicht Maatregelenprogramma In het GRP 2006 t/m 2010 zijn maatregelen opgenomen om aan de gestelde doelen en functionele eisen te kunnen voldoen. Deze maatregelen zijn onder te verdelen in de categorieën: Verbeteringsmaatregelen ten behoeve van het milieutechnisch functioneren; Verbeteringsmaatregelen ten behoeve van het hydraulisch functioneren; Verbeteringsmaatregelen ten behoeve van het waterkwaliteitsspoor; Renovatie rioolgemalen en drukrioleringsstelsel. De uit te voeren maatregelen zijn allemaal opgenomen in de operationele programma s (OP) 2006 t/m In de jaarlijks op te stellen OP s wordt terug gekeken op de uit te voeren maatregelen en of deze wel of niet zijn uitgevoerd. Bij aanvang van het opstellen van het vgrp kan gesteld worden dat alle maatregelen, opgenomen in het GRP 2006 t/m 2010, zijn uitgevoerd of in uitvoering zijn. In de beheercyclus is wel achterstand ontstaan in de beleidswerkzaamheden omdat de in het GRP geconstateerde benodigde uitbreiding van de formatie met 1 fte voor een vaste medewerker riolering niet is ingevuld. De uitbreiding is opgevangen met het inhuren van uren maar dit is niet effectief gebleken. Pagina 12 van 52

13 3 Gewenste situatie 3.1 Inleiding In dit hoofdstuk is beschreven waarom we riolering aanleggen en wat we hiermee op lange termijn willen bereiken (doel riolering). Voor het aanleggen en in stand houden van riolering is er door verschillende overheden beleid, wet- en regelgeving opgesteld. Dit heeft invloed op hoe de gemeente invulling geeft aan de verschillende zorgplichten. Voor deze invulling moeten beleidskeuzes worden gemaakt. De uiteindelijke gemaakte beleidskeuzes zijn toetsbaar gemaakt door middel van een set van doelen, functionele eisen en maatstaven. 3.2 Waarom rioleringszorg? Van oudsher was de bescherming van de volksgezondheid de belangrijkste functie van de riolering. Door verschillende deskundigen in binnen- en buitenland wordt de aanleg van rioolstelsels zelfs gezien als de grootste bijdrage aan de volksgezondheid van de afgelopen eeuw. In de loop der jaren zijn de aspecten van ont- en afwatering van het stedelijk gebied en de bescherming van het milieu daarbij gekomen als nevenfuncties. Het doel van de riolering is daarom als volgt gedefinieerd (zie kader 1). Kader 1 Doel rioleringszorg Doel van het aanleggen van riolering is om de volksgezondheid te beschermen: de aanleg en het beheer van riolering zorgt ervoor dat verontreinigd afvalwater uit de directe leefomgeving wordt verwijderd; de kwaliteit van de leefomgeving op peil te houden: de riolering zorgt voor de ontwatering van de bebouwde omgeving door naast het afvalwater van huishoudens en bedrijven ook het overtollige regenwater van daken, pleinen, wegen e.d. en overtollig grondwater in te zamelen en af te voeren; de bodem, het grond- en oppervlaktewater te beschermen: door de aanleg van riolering of individuele afvalwaterbehandelingsystemen wordt de directe ongezuiverde lozing van afvalwater in bodem of oppervlaktewater voorkomen. 3.3 Relaties met andere plannen en regelgeving Het vgrp heeft relaties met andere (beleids)plannen, zowel van de gemeente als van andere overheden. De wet- en regelgeving maakt onderscheid naar de drie verschillende invalshoeken water, milieu en ruimtelijke ordening en bouwen. De wet- en regelgeving en beleidsplannen kunnen directe invloed hebben op de beleidskeuzes en de te nemen maatregelen en op de actuele uitvoeringstermijn van de maatregelen die in dit vgrp aan de orde komen. In bijlage 1 is aangegeven welke plannen en wet- en regelgeving van invloed zijn op de (afval)waterketen. Een aantal relaties is daar kort toegelicht. Voor uitgebreide informatie wordt verwezen naar de betreffende (beleids)stukken. 3.4 Ambitie gemeentelijke rioleringszorg Ambities bepalen in belangrijke mate de inhoud van het vgrp. De figuur geeft een idee welke ambitieniveaus mogelijk zijn. Per zorgplicht kan het ambitieniveau verschillen. Het vaststellen van het huidige ambitieniveau gebeurt aan de hand van beleidsdocumenten die door de gemeenteraad zijn vastgesteld. Van opgestelde beleidsplannen wordt aangegeven wat de gevolgen zijn voor het ambitieniveau van de gemeente op het gebied van de rioleringszorg. Pagina 13 van 52

14 Gewenste situatie Stedelijk afvalwater Hemelwater Grondwater Innovatief & vooraanstaand Innovatieve technieken, nieuwe systeemkeuzes Volledige afstemming Met leefomgeving Beheersing door systematische analyse klachten en metingen Duurzaam Voldoen aan immissiespoor, Aanpak overstorten Inspelen op klimaatverandering Preventie structurele Grondwater problemen Bestaand beleid Basis Voldoen aan De basisinspanning Een maal per twee Jaar water op straat Loket en regie bij structurele grondwaterproblemen figuur B Mogelijke ambitieniveaus rioleringszorg tabel C Overzicht vigerende beleidsplanning rioleringszorg Beleidsplan vastgesteld Betrekking op welke zorgplicht Maatregelen Ambitie niveau Waterplan Leerdam 2008 alle afkoppelen Duurzaam grondwater grondwatermeetnet Basis Gemeentelijk rioleringsplan 2005 alle Saneren ongezuiverde Basis 2006 t/m 2010 lozingen. Basisinspanning Basis Basisrioleringsplan 2010 nee stedelijk afvalwater basisinspanning Basis hemelwater afkoppelen Duurzaam Optimalisatiestudie afvalwatersysteem nee alle basisinspanning Basis Vianen Afkoppelprogramma Leerdam nee hemelwater afkoppelen Basis Grondwateroverlast Leerdam ja grondwater drainageplan Duurzaam Oplegnotitie beleid grondwater nee grondwater drainageplan Duurzaam grondwatermeetnet Basis grondwaterloket Basis Milieubeleidsplan ja alle Voldoen aan KRW Duurzaam doelmatig beheer afkoppelen Convenant stedelijk waterplan B&W 2009 stedelijk afvalwater, Samenwerking Basis hemelwater Intentieverklaring samenwerking in de waterketen B&W 2009 stedelijk afvalwater, hemelwater Samenwerking Duurzaam Pagina 14 van 52

15 Gewenste situatie Stedelijk afvalwater De gemeente heeft voor de zorgplicht stedelijk afvalwater een duurzamer ambitieniveau. Het huidige niveau is een basisniveau, er wordt voldaan aan de basisinspanning. De gemeente heeft maatregelen uitgevoerd om de vuilemissie op het oppervlaktewater vanuit het gemengde rioolstelsel te reduceren tot het niveau van de zogenaamde basisinspanning. De gemeente is bezig om maatregelen uit het waterplan uit te voeren. Met het uitvoeren van deze maatregelen wordt een duurzaam ambitieniveau voor de zorgplicht stedelijk afvalwater behaald. Dit betekent dat er extra maatregelen uitgevoerd worden om de oppervlaktewaterkwaliteit (lokaal) te verbeteren. Dit houdt ondermeer in het verdergaand aanpakken van de gemengde riooloverstorten. Deze extra maatregelen zijn vastgelegd in het waterkwaliteitsspoor (STIWAS, onderdeel van het Waterplan) en zijn voor het grootste deel uitgevoerd. Hemelwater Het huidige ambitieniveau met betrekking tot de zorgplicht hemelwater is dat het rioolstelsel minimaal een afvoercapaciteit moet hebben om een theoretische bui te kunnen verwerken die eens in de twee jaar valt. Het huidige rioolstelsel in de gemeente Leerdam voldoet hier nog niet op alle locaties aan. Het stedelijk waterplan, waarin opgenomen de stedelijke wateropgave, is een uitvloeisel van het Nationaal Bestuursakkoord Water. Hierin staat vermeld dat het watersysteem in 2015 kwalitatief en kwantitatief op orde moet zijn en geschikt om de gevolgen van de klimaatsverandering op te vangen. Het is de ambitie van de gemeente om in te spelen op de klimaatverandering. In het basisrioleringsplan is de consequentie opgenomen van deze duurzamere ambitie. De gevolgen voor het rioolstelsel van de ambitie zijn gering. Extreme neerslaggebeurtenissen ten gevolge van klimaatverandering moeten worden opgevangen door eventuele maatregelen op maaiveldniveau. Inrichtingsmaatregelen van het maaiveld vallen buiten het kader van dit vgrp. Grondwater Tot 2008 had de gemeente geen zorgplicht met betrekking tot het grondwater. Informeel was de gemeente altijd wel het aanspreekpunt als er zich grondwater problemen voordeden in delen van de stad. Na 2008 is deze zorgplicht formeel vastgelegd in de wet. Daarmee is dit het moment om als gemeente het ambitieniveau voor de grondwaterzorgplicht vast te leggen. De basis ambitie van de gemeente is om invulling te geven aan een grondwaterloket en regie te voeren bij het oplossen van structurele grondwaterproblemen. In het drainageplan is beschreven op welke locaties in Leerdam grondwateroverlast voorkomt. Door middel van het aanleggen van drainage en het monitoren van de grondwaterstanden wordt preventief deze problemen aangepakt. Dit is een duurzame manier van het invullen van de grondwaterzorgplicht. 3.5 Zorgplicht stedelijk afvalwater Gewenste situatie stedelijk afvalwater De gemeente draagt zorg voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen. Deze wettelijke verplichting om stedelijk afvalwater in te zamelen bestond voorheen ook al. De zorgplicht voor stedelijk afvalwater is vanuit de Wet milieubeheer een resultaatsverplichting. Al het vrijkomende stedelijke afvalwater dient binnen het gemeentelijke grondgebied ingezameld te worden. Indien de gemeente de inzameling niet meer doelmatig acht kan de gemeente ontheffing aanvragen bij de provincie. In de oude wetgeving kon de zorgplicht strikt genomen alleen door aansluiting op de riolering worden ingevuld. Toepassing van individuele afvalwatervoorzieningen in de bebouwde kom was formeel niet mogelijk. De gemeente kan nu zelf kiezen via welke voorzieningen ze haar zorgplicht invult, zowel voor de bebouwde kom als voor het buitengebied. In plaats van een openbaar vuilwaterriool zijn andere systemen toegestaan mits daarmee minstens een zelfde graad van milieubescherming wordt bereikt. De effecten op het milieu en de kosten van de maatregel zijn dus bepalend voor deze afweging. Naast het inzamelen is ook het transporteren van stedelijk afvalwater vastgelegd in de Wet milieubeheer. Voor het transport van stedelijk afvalwater naar een rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZI) moeten de riolen groot genoeg zijn en moet het water door de riolen onder vrijverval naar het gemaal of ander lozingspunt binnen een bepaalde tijd kunnen afstromen. De voorzie- Pagina 15 van 52

16 Gewenste situatie ningen mogen ook niet vervuild zijn met zand of andere ongerechtigheden. De gemalen moeten voldoende capaciteit hebben om het afvalwater te kunnen verpompen en bedrijfszeker zijn. Om het stedelijke afvalwater te kunnen inzamelen en transporteren, moeten de buizen, putten, etc. in goede staat zijn. Tijdige vervanging, renovatie of reparatie is daarbij noodzaak. Dit doel heeft ook betrekking op wateroverlast tijdens regen bij gemengde riolering. Om dit zoveel mogelijk te voorkomen, moet de riolering als totaal voldoende afvoercapaciteit hebben. Invulling zorgplicht stedelijk afvalwater De gemeente Leerdam heeft de resultaatsverplichting geleverd om bestaande panden binnen en buiten de bebouwde kom op de riolering of op een IBA aan te sluiten. Er zijn 16 IBA s aangelegd in de gemeente. Deze IBA s zijn aangelegd door de gemeente, het beheer is in handen van de desbetreffende perceelseigenaren. Het aansluitpercentage is daarmee 100%. Voor verdere invulling van deze zorgplicht zijn geen verdere afwegingen en keuzes nodig. Het afvalwater wordt door middel van vrijvervalriolering in de bebouwde kom en drukriolering en vacuümriolering in het buitengebied ingezameld en getransporteerd naar het overnamepunt van het Waterschap. Het Waterschap transporteert het afvalwater naar de rwzi waar het behandeld wordt Doelen, functionele eisen en maatstaven stedelijk afvalwater In de volgende tabellen zijn de functionele eisen en maatstaven weergegeven die de doelen voor stedelijk afvalwater toetsbaar maken, ze zijn ook al vastgelegd in het GRP 2006 t/m tabel D Gewenste situatie voor de inzameling van stedelijk afvalwater Doel 1: Zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater Functionele eisen 1a. Alle percelen op het gemeentelijk gebied waar afvalwater vrijkomt moeten van een rioleringsaansluiting zijn voorzien, uitgezonderd bij specifieke situaties waar lokale behandeling een zelfde graad van milieubescherming biedt. 1b. Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden. Maatstaven Alle percelen binnen of buiten bebouwde kom moeten aangesloten zijn op riolering of op een lokale behandeling van het afvalwater (IBA) als dit eenzelfde graad van milieubescherming biedt. Geen overtredingen van de Lozingsvoorwaarden bij of krachtens de Wet milieubeheer en geen foutieve aansluitingen. 1c. De huisaansluitleidingen moeten in goede staat zijn. Geen klachten over functioneren aansluitleidingen 1d. Riolen en andere objecten dienen in hoge mate waterdicht te zijn, zodanig dat de hoeveelheid uittredend rioolwater en intredend grondwater beperkt blijft. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. tabel E Gewenste situatie voor het transport van stedelijk afvalwater Doel 2: Zorgen voor transport van stedelijk afvalwater Functionele eisen Maatstaven 2a. De afvoercapaciteit moet voldoende zijn om bij droog weer het Optimaal stelselontwerp, volgens landelijke normen. aanbod van stedelijk afvalwater binnen zekeren grenzen te verwerken. 2b. De afstroming dient gewaarborgd te zijn. Verblijftijd van het afvalwater in het stelsel niet langer dan 24 uur. 2c. Het afvalwater dient zonder overmatige aanrotting de rwzi te bereiken geen verloren berging. 2d. De afvoercapaciteit van de gemengde riolering voor afvalwater Bij berekening met bui 8 (herhalingstijd 1x per 2 jaar) uit de module moet toereikend zijn om het aanbod bij hevige neerslag te kunnen C2100 van de Leidraad Riolering mag per knooppunt geen water verwerken, uitgezonderd bij bepaalde buitengewone op straat voorkomen. omstandigheden. 2e. De objecten moeten in goede staat zijn. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit mogen niet voorkomen. 2f. De vervuilingstoestand van de riolering dient acceptabel te zijn. Ingrijpmaatstaven voor afstroming (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. 2g. De vuiluitworp door overstortingen uit gemengde rioolstelsels op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. De vuiluitworp mag de doelstelling van de oppervlaktewaterkwaliteit niet in gevaar brengen; De vuiluitworp moet voldoen aan de eenduidige basisinspanning van het CIW en eventuele aanvullende eisen vanuit het waterkwaliteitsspoor. Pagina 16 van 52

17 Gewenste situatie 3.6 Zorgplicht hemelwater Gewenste situatie afvloeiend hemelwater De principeaanpak in het omgaan met de waterstromen is het scheiden van schoonwater en vuilwaterstromen. De zorgplicht voor hemelwater heeft het karakter van een inspanningsverplichting en houdt in dat de gemeente zorg dient te dragen voor een doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater, voor zover van degene die zich daarvan ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen, redelijkerwijs niet kan worden gevergd het afvloeiende hemelwater op of in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen. De particulier krijgt in de wet nadrukkelijk een eigen verantwoordelijkheid. Voor het invullen van de zorgplicht inzamelen en verwerken van hemelwater zijn beleidskeuzes nodig. De belangrijkste beleidskeuzes met betrekking tot het hemelwater hebben te maken met de mate van ontvlechting van verschillende waterstromen, bovengrondse- of ondergrondse afvoer van hemelwater en de rol van de particulier in de omgang met hemelwater. lokale verwerking inzameling + transport grondwater grondwater oppervlaktewater oppervlaktewater zuivering zuivering eigen eigen voorzieningen voorzieningen hemelwater hemelwater infiltratie infiltratie RWA,. RWA,. geen geen voorkeur voorkeur boven- of ondergronds? Wm (art a) verordening voor regels aan lozing van hemelwater en grondwater Invulling hemelwaterzorgplicht De hemelwaterzorgplicht omvat het door de gemeente aanbieden van een voorziening waarin het hemelwater geloosd kan worden. Welke voorziening dit is, maakt voor de zorgplicht niet uit, hoewel er beleidsmatig een voorkeur bestaat voor gescheiden rioleren. Die voorkeur is ook in de wet vastgelegd in de vorm van een voorkeursvolgorde. Het is overigens geen (wettelijke) verplichting om afvalwaterstromen te scheiden. Het scheiden (ontvlechten) van hemelwater is geen doel op zich maar een bewuste keuze, omdat dit vooral voor bestaand stedelijk gebied niet overal binnen de gemeente binnen een redelijke termijn en acceptabele kosten haalbaar is. Het afkoppelen (ontvlechten) lift in beginsel mee met reguliere rioolvervanging of herinrichting. De kosten voor het afkoppelen op openbaar terrein komen voor rekening van de gemeente. De wetgeving gaat er vanuit dat hemelwater in de meeste gevallen schoon genoeg is om zonder behandeling in het milieu terug te laten vloeien. Het is wenselijk het hemel- en grondwater zo weinig mogelijk te vermengen met huishoudelijk afvalwater. In de wet wordt dit aangeduid met de term ontvlechting. Het grootste deel van het rioolstelsel in Leerdam is een gemengd stelsel. Voor een klein deel is er een (verbeterd) gescheiden stelsel aanwezig. Voor het gemengde gedeelte zullen er in het vgrp rond het hemelwater drie belangrijke vragen beantwoord moeten worden: in hoeverre de gemeente een ontvlechting van vuilwater en schoon hemelwater nastreeft en welk doel men daarmee wenst te bereiken; op welke manier de ontvlechting uitgevoerd wordt. Bijvoorbeeld boven- of ondergrondse afvoer naar het oppervlaktewater; welke rol de gemeente hierbij de particulier geeft. Pagina 17 van 52

18 Gewenste situatie De gemeente Leerdam heeft in het verleden al keuzes gemaakt met betrekking tot de hemelwaterzorgplicht. Vanuit het Waterplan en het waterkwaliteitsspoor is er een streven om een deel van afvoerend verhard oppervlak af te koppelen. Ook met betrekking tot het hydraulisch functioneren van het rioolstelsel (water-op-straat) kan het afkoppelen van verhard oppervlak een oplossing zijn. De gemeente heeft een afkoppelprogramma voor de jaren waarin aangegeven is welke oppervlakken op korte termijn in aanmerking komen om afgekoppeld te worden. Het doel voor afkoppelen kan zijn: het relatief schone hemelwater kan direct worden teruggebracht in het milieu, om bijvoorbeeld het grondwater aan te vullen; het hemelwater hoeft niet te worden getransporteerd (energie besparing) naar een rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI); door de aanvoer van minder hemelwater op de RWZI kan het zuiveringsrendement worden vergroot; door klimaatontwikkelingen wordt verwacht dat de regenval heviger zal zijn, wat eerder tot overlast kan leiden. Door het hemelwater te ontvlechten wordt de riolering ontlast en zijn er meer mogelijkheden om (water)overlast te voorkomen of reduceren; beperking van rioolwateroverstorten uit het gemengde stelsel op het oppervlaktewater. Op de lange termijn wil de gemeente toewerken naar, waar mogelijk, een gescheiden stelsel. Dit betekent dat bij vervanging van de huidige gemengde riolering een gescheiden stelsel terug wordt gelegd. Om dit op een juiste manier uit te kunnen voeren wordt er in de planperiode van dit vgrp een masterplan opgesteld waarin een toekomstig gewenst stelsel op hoofdlijnen wordt uitgewerkt en het beleid wordt vastgesteld. Bij nieuwbouw worden er standaard gescheiden stelsels aangelegd. Op particulier terrein is, volgens de wet, primair de eigenaar verantwoordelijk voor de afvoer en verwerking van hemelwater, bij voorkeur naar oppervlaktewater of in de bodem. Wanneer de particulier redelijkerwijs hiervoor niet kan zorg dragen, is de gemeente verplicht een voorziening aan te bieden voor de afvoer van hemelwater van particuliere percelen. De rol die de particulier heeft bij de afvoer van overtollig hemelwater bestaat uit: het zoveel mogelijk vrijwillig meewerken bij het afkoppelen van particuliere verharding omdat de gemeente bij afkoppelprojecten ook zoveel mogelijk particuliere verharding mee wil nemen zoals daken. De kosten voor het op eenvoudige wijze afkoppelen van de voorkant van particuliere woningen (de regenpijp) zijn voor rekening van de gemeente. dat bij nieuwbouw de particulier zelf de afvalwaterstromen bij de perceelsgrens gescheiden aanlevert. het zoveel mogelijk afkoppelen van dakoppervlak van percelen die langs oppervlaktewater liggen. De gemeente heeft de mogelijkheid om een hemelwaterverordening op te stellen om ervoor te zorgen dat particulieren meewerken met het afkoppelen van verhard oppervlak op particulier terrein. In de komende planperiode maakt de gemeente gebruik van de mogelijkheid om een hemelwaterverordening op te stellen. Het opstellen van deze verordening wordt meegenomen in het masterplan riolering. De gewenste situatie voor het omgaan met hemelwater heeft ook betrekking op wateroverlast tijdens regen. Om dit zoveel mogelijk te voorkomen, moet de riolering als totaal voldoende afvoercapaciteit hebben. Wateroverlast kan ontstaan als bij hevige regen niet al het water direct kan worden afgevoerd: het met huishoudelijk afvalwater vermengde regenwater stort over op oppervlaktewater, komt uit de riolering op straat of het regenwater kan bijvoorbeeld door verstopte kolken of overbelasting niet in de riolen komen. De capaciteit van de riolering is immers niet onbeperkt. Op grond van een uitspraak op 10 juni 2009 van de voorzieningenrechter van de rechtbank te Middelburg kan worden geconcludeerd dat de zorgplicht van de gemeente er toe moet leiden dat schade zoveel mogelijk wordt voorkomen. Pagina 18 van 52

19 Gewenste situatie Een landelijk geaccepteerde maatstaf is dat een theoretische bui die maximaal eenmaal in de twee jaar voorkomt, verwerkt moet kunnen worden door het rioolstelsel (gemiddeld minder dan één keer per twee jaar water op straat ). Tijdens hydraulische doorrekening van het stelsel zal ook gecontroleerd worden hoe het stelsel reageert op zwaardere buien gezien de klimaatsverandering. Klimaatverandering leidt tot toename van hevige buien en daardoor vaker water op straat. Water op straat is hinderlijk maar pas een echt probleem als water gebouwen in stroomt, doorgaande wegen geblokkeerd raken of water uit het riool stroomt. Het bovengronds bergen en afvoeren van regenwater is soms onvermijdelijk om regenwateroverlast te voorkomen. Water op straat is dus ook een oplossing mits in goede banen geleid. De gemeente moet de openbare ruimte zo inrichten dat er meer water gedurende korte tijd en op een veilige manier bovengronds geborgen kan worden. Gemeente Leerdam maakt bij water-op-straat onderscheid in drie definities waarbij ernstige hinder en overlast altijd voorkomen dienen te worden. Hinder: kortdurende beperkte hoeveelheden water-op-straat ; Ernstige hinder: forse hoeveelheden water-op-straat, ondergelopen tunnels, opdrijvende putdeksels; Overlast: langdurig en op grote schaal water-op-straat, water in winkels, bedrijven en woningen met materiële schade en ernstige belemmering van het (economische) verkeer Doelen, functionele eisen en maatstaven hemelwater In de volgende tabellen zijn de functionele eisen en maatstaven weergegeven om invulling te geven aan de zorgplicht voor de inzameling en verwerking van het hemelwater. De functionele eisen en maatstaven zijn ook vastgelegd in het GRP 2006 t/m tabel F Gewenste situatie voor het inzamelen van hemelwater Doel 3: Zorgen voor inzameling van hemelwater (voor zover niet door de particulier) Functionele eisen Maatstaven 3a. Alle percelen binnen het gemeentelijke grondgebied zijn voorzien Alle percelen in bestaand bebouwd gebied zijn voorzien van een van een aansluiting op de riolering. In beginsel wordt de aansluiting op de riolering tenzij directe lozing is geoorloofd met hemelwaterafvoer niet aangesloten op het rioleringsstelsel. het oog op het milieu; Hemelwater van nieuwe bebouwing mag niet worden aangesloten op het gemengde rioleringstel. 3b. Voor zover rendabel, afkoppelen van schoon hemelwater zonder wateroverlast en ongewenste milieuverontreiniging te veroorzaken. Afkoppelen indien technisch uitvoerbaar, toelaatbaar voor het milieu en kosteneffectief. 3c. De vuiluitworp door regenwaterlozingen op oppervlaktewater dient Resterende vuiluitworp mag geen belemmering vormen voor de beperkt te zijn. waterkwaliteit. 3d. Adequate inzameling van hemelwater, voor zover de particulier Indien bij nieuwbouw het perceel grenst aan het oppervlaktewater niet redelijkerwijs in de verwerking kan voorzien. dan voorziet de particulier, in overleg met de waterbeheerder, in de afvoer van het hemelwater van daken rechtstreeks op het oppervlaktewater. 3e. De instroming in riolen via de kolken dient ongehinderd plaats te Plasvorming bij kolken dient beperkt te zijn. vinden. 3f. Beperkte hoeveelheid intredend grondwater. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. tabel G Gewenste situatie voor de verwerking van hemelwater Doel 4: Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater Functionele eisen Maatstaven 4a. De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het Gemiddeld maximaal éénmaal per twee jaar water op straat aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij (theoretisch). bepaalde buitengewone omstandigheden. 4b. De vuiluitworp door overstortingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. De vuiluitworp mag de doelstelling van de oppervlaktewaterkwaliteit niet in gevaar brengen; De vuiluitworp moet voldoen aan de eenduidige basisinspanning van het CIW en eventuele aanvullende eisen vanuit het waterkwaliteitsspoor. Pagina 19 van 52

20 Gewenste situatie 3.7 Zorgplicht grondwater Gewenste situatie grondwater De zorgplicht grondwater is in de wet als volgt geformuleerd: het in het openbaar gemeentelijk gebied treffen van maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort. De zorgplicht heeft duidelijk het karakter van een inspanningsverplichting, waarbij de gemeente bij de uitvoering van haar taak de beleidsvrijheid heeft die aanpak te kiezen die, gelet op de lokale omstandigheden, doelmatig is. Dit wil zeggen dat de gemeente niet verantwoordelijk is voor handhaving van het grondwaterpeil in bebouwd gebied. De zorgplicht werkt niet met terugwerkende kracht en leidt niet tot aansprakelijkheid voor schadesituaties uit het verleden. Om afwegingen rond het grondwater te kunnen maken moet een beeld bestaan over eventuele grondwaterproblemen. Gemeente Leerdam heeft onderzoek gedaan naar het voorkomen van grondwateroverlast in de gemeente. Uit dit onderzoek blijkt dat op verschillende locaties grondwateroverlast voorkomt. lokale verwerking inzameling + transport grondwater grondwater oppervlaktewater oppervlaktewater zuivering zuivering eigen eigen voorzieningen voorzieningen grondwater grondwater?? drainage drainage geen geen voorkeur voorkeur Wm (art a) verordening voor regels aan lozing van hemelwater en grondwater Invulling grondwaterzorgplicht Bij problemen door (hoge) grondwaterstanden speelt in zijn algemeenheid de vraag in welke gevallen de gemeente maatregelen treft en wanneer het oplossen van problemen tot de verantwoordelijkheid van de particulier behoort. Grondwateroverlast (structureel) komt op verschillende locaties voor in de gemeente Leerdam. Het doel van het opstellen van een grondwatermeetnet is om inzicht te krijgen in het grondwatersysteem. Dit inzicht in combinatie met inzicht over de opbouw van de bodem binnen de gemeente geeft ruim voldoende inzicht om eventuele structurele grondwateroverlast te bestrijden. De gemeentelijke invulling van de grondwaterzorgplicht omvat de volgende punten: De gemeente is niet verplicht alle problemen door grondwaterstanden op te lossen. De gemeentelijke zorgplicht beperkt zich tot structurele problemen, voor zover deze kunnen worden opgelost door doelmatige maatregelen in openbaar terrein. Voor het begrip doelmatig zijn niet eenvoudig universeel toepasbare regels te benoemen. Het is heel sterk afhankelijk van het probleem en de locatie wat de meest doelmatige aanpak is. Het is wel belangrijk om deze doelmatige aanpak samen met andere waterbeheerders en de betrokken particulieren te definiëren, zodat tegen de laagst maatschappelijke kosten een oplossing gevonden kan worden. Een maatregel / actie kan als doelmatig worden beschouwd wanneer de volgende principes in ogenschouw zijn gehouden: Het principe van "eigen verantwoordelijkheid" is gehanteerd. De eigenaar van het perceel is verantwoordelijk voor de staat van onderhoud van de aanwezige (drainerende) voorzieningen binnen de perceelgrenzen; De voorgestelde maatregel of actie mag geen nieuwe problemen introduceren; De kosten en baten van de maatregel of actie moeten maatschappelijk verantwoord zijn; Pagina 20 van 52

21 Gewenste situatie Van de uit te voeren maatregel of actie is onderzocht of deze te combineren is met andere geplande werkzaamheden in de openbare ruimte; Bij het uitvoeren van de maatregel wordt gezocht naar een financieel samenwerkingverband tussen gemeente, particulieren en indien van toepassing het waterschap. De gemeente is aanspreekbaar voor grondwateroverlast maar niet verantwoordelijk en aansprakelijk voor de grondwaterstand. De gemeente is verantwoordelijk voor grondwateroverlast die ontstaat als gevolg van maatregelen die zijn genomen na het in werking treden van de zorgplicht ( ). Volgens de wet vormt de gemeente het loket voor klachten en zorgt in samenwerking met de waterbeheerder voor een doelmatige aanpak. Maatregelen in het openbare stedelijke gebied (aanleg drainage e.d.) komen voor rekening van de gemeente. Klimatologische omstandigheden (waaronder calamiteiten zoals extreme neerslag en overstroming door rivieren) kunnen leiden tot een tijdelijk hogere grondwaterstand. De gebruiksfunctie wordt daardoor weliswaar tijdelijk verminderd, maar dat betekent niet dat deze ook op de langere termijn wordt aangetast. Wat is structurele grondwateroverlast? Het definiëren van structurele grondwateroverlast is lastig omdat dit van vele lokale factoren afhankelijk is. De gemeente Leerdam hanteert de volgende definitie voor structurele overlast: Grondwateroverlast wordt als structureel beschouwd als de grondwaterstand vaker dan dagen per jaar boven de hoogst toelaatbare grondwaterstand uitkomt. De gemeente zal daarbij in actie komen als blijkt dat klachten over grondwateroverlast structureel (er wordt regelmatig geklaagd) en de klachten zich uitstrekken over een groter gebied (dus bij meerdere woningen/straten). Voorgesteld wordt om de volgende landelijke richtlijnen voor de maximaal toelaatbare grondwaterstanden te hanteren in de gemeente: tabel H Functie Woningen met kruipruimte Woningen zonder kruipruimte Gangbare, landelijke richtlijnen voor toelaatbare grondwaterstanden Tuinen en openbare groenvoorzieningen Primaire wegen Secundaire wegen + woonstraten Toelaatbare grondwaterstand 0,70 m - kruin weg (ofwel 0,90 m onder vloerpeil) 0,30 m - kruin weg (ofwel 0,50 m onder vloerpeil) 0,50 m - maaiveld 0,90-1,00 m kruin weg 0,70 m kruin weg Deze getallen worden in Leerdam als richtlijn gehanteerd en waar mogelijk toegepast bij nieuwe werken (wegen, woningen en dergelijke). In bestaande situaties met een onvoldoende ontwatering, zal de gemeente alleen bij structurele grondwateroverlast maatregelen nemen om zo veel mogelijk aan bovenstaande richtlijnen te voldoen. Voor locaties met alleen incidentele klachten zal het tegengaan van grondwateroverlast niet als afzonderlijk project worden opgepakt. Daarnaast kan de aanleg van drainage worden gecombineerd met werkzaamheden die toch al gepland waren (herstraten, rioolvervanging etc.). Op grond van de nieuwe wetgeving is de perceelseigenaar in eerste instantie verantwoordelijk voor het oplossen van zijn eigen grondwaterprobleem. Pas als dit in redelijkheid niet van hem gevraagd kan worden is er een taak weggelegd voor de gemeente in samenwerking met andere partijen zoals waterschap en provincie. De gemeente zal in dat geval de regierol op zich nemen. De gemeente stelt zich tot doel de burger het mogelijk te maken deze verantwoordelijkheid te nemen. Dit zal voornamelijk bestaan uit het bieden van advies en (personele) ondersteuning door gebruik te maken van het centrale meldpunt (waterloket). Tot hoever gaat de particuliere verantwoordelijkheid? De particulier zal alles in het werk stellen om grondwateroverlast op eigen terrein te bestrijden. Mocht dit niet lukken dan zal de gemeente, in de vorm van gemeenschappelijke voorzieningen, de overlast bestrijden. De perceelseigenaar dient zelf te zorgen dat verblijfsruimten vochtdicht zijn. Dit geldt niet voor kelders en kruipruimte omdat dit geen verblijfsruimten zijn. Pagina 21 van 52

22 Gewenste situatie De aanpak van grondwateroverlast is een samenspel van de grondeigenaar, gemeente, Waterschap en Provincie, de wet wijst hierbij uitdrukkelijk niet één van de overheden aan die zorgt voor een grondwaterstand. De gemeente treft in ieder geval maatregelen als grondeigenaar voor haar eigen grondgebied waarbij de maatregelen structurele problemen moeten oplossen en doelmatig zijn. In het algemeen hebben bouwkundige maatregelen de voorkeur boven waterhuishoudkundige maatregelen Doelen, functionele eisen en maatstaven grondwater In tabel I zijn de functionele eisen en maatstaven weergegeven om invulling te geven aan de zorgplicht voor het grondwater. tabel I Gewenste situatie grondwater Doel 5: Zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert Functionele eisen Maatstaven 5a. Adequate afvoer van overtollig grondwater (bij te hoge Maatregelen bij structurele grondwateroverlast als de grondwaterstanden). (beheerfase): grondwaterstand vaker dan dagen per jaar boven de hoogst toelaatbare grondwaterstand uitkomt. Ontwateringsdiepte minimaal 0,5 m - m.v. (tuinen en openbare groenvoorzieningen) Ontwateringsdiepte minimaal 0,3 m - kruin weg (woningen zonder kruipruimte) Ontwateringsdiepte minimaal 0,7 m - kruin weg (woningen met kruipruimte) Ontwateringsdiepte minimaal 0,9 m -1,00 m- kruin weg (primaire wegen) Ontwateringsdiepte minimaal 0,7 m - kruin weg (secundaire wegen) Pagina 22 van 52

23 Gewenste situatie 3.8 Voorwaarden voor effectief beheer De rioleringsbeheerder moet een aantal voorwaarden scheppen om een doelmatige inzameling, transport en verwerking te kunnen realiseren. Wanneer niet aan die voorwaarden wordt voldaan is een effectieve besturing niet mogelijk en kan de doelmatigheid van de inzameling en het transport niet worden gewaarborgd. Hier ligt ook de relatie met de eis uit de Wet Milieubeheer (art. 4.22) dat bekend moet zijn wat er aan rioleringsvoorzieningen aanwezig is en in welke staat zij verkeren. tabel J Voorwaarden voor effectief beheer Voorwaarden 1 Het rioleringsbeheer dient zo goed mogelijk te worden afgestemd op andere gemeentelijke taken 2 De gebruikers van de riolering dienen bekend te zijn en ongewenste lozingen dienen te worden voorkomen. Maatstaven 1a. In het vgrp moet de relatie met de overige gemeentelijke taken inzichtelijk worden gemaakt. 1b. Bij wegreconstructies dient door middel van inspectie en beoordeling te worden gecontroleerd of de riolering goed kan functioneren tot de volgende wegreconstructie. 1c. Afstemming met andere beleidsvelden dan wegbeheer. (Geven van voorlichting en adviezen) 2a. Naleving en actueel houden vergunningen. 2b. Eenmaal per jaar rioleringsbestand controleren. 2c. Geen illegale of foutieve aansluitingen. 2d. Actueel overzicht van de aansluitingen op de riolering. 3 Inzicht in kosten op langere termijn. 3a. Alle kosten van de rioleringszorg minimaal één keer in beeld. 4 Er dient inzicht te bestaan in de toestand en het functioneren van de riolering (onderscheiden in gemengde en gescheiden riolering). 4a. Direct toegankelijkheid en beschikbaarheid riolerings gegevens. 5 Er wordt indien mogelijk en zinvol gebruik gemaakt van duurzame en milieuvriendelijke materialen. 4b. Jaarlijkse video-inspectie van de rioolstelsels, met een frequentie van 1x per 10 jaar. 4c. Verwerking revisiegegevens en meetgegevens binnen 3 maanden. 4d. Periodieke hydraulische controle, eenmaal per 10 jaar. Indien dit zinvol is bijvoorbeeld bij wijzigingen van verhard oppervlak of grootschalige nieuwbouw. 5a. Toepassing van o.a. nationaal pakket Duurzaam Bouwen in overeenstemming met het vigerende milieubeleidsplan. 6 Er dient een klantvriendelijke benadering te worden nagestreefd. 6a. Meldingen dienen snel en effectief afgehandeld te worden. 7 De samenwerking tussen de gemeente en het waterschap dient effectief ingericht te worden 8 De bedrijfszekerheid van gemalen en andere objecten moet gewaarborgd zijn. 9 De riolering dient zodanig te worden ont- en belucht te zijn dat overlast door stank wordt voorkomen. 10 Overlast tijdens werkzaamheden aan de riolering dient beperkt te zijn. 6b. Voldoende voorlichting en informatie naar belanghebbenden. 7a. Periodiek (1 x per jaar) overleg tussen gemeente en waterschap. 8a. Storingen moeten binnen 24 uur verholpen zijn, grote gemalen bij renovatie/vervanging voorzien van een automatische storingsmelding. 9a. Geen klachten over overlast door stank op straat. 10a. Goede afstemming van rioolwerken op werkzaamheden andere diensten en nutsbedrijven, bereikbaarheid percelen zoveel mogelijk handhaven. Pagina 23 van 52

24

25 4 Toetsing huidige situatie 4.1 Inleiding Wat hebben we nu aan voorzieningen en hoe voldoen we aan de gestelde eisen? In dit hoofdstuk vindt de toetsing van de huidige situatie plaats aan de maatstaven. Deze toetsing is het uitgangspunt voor het bepalen van de opgave (hoofdstuk 6). Naarmate de gewenste en de huidige situatie meer van elkaar afwijken, zullen meer ingrijpende en omvangrijke maatregelen noodzakelijk zijn. Het vaststellen van de huidige situatie heeft plaatsgevonden op basis van: Evaluatie van het gemeentelijk rioleringplan Leerdam 2006 t/m 2010; Basisrioleringsplan Leerdam 2010; Onderzoek rioolvreemd water rwzi Leerdam; Objectgegevens in het gemeentelijk rioolbeheersysteem dg DIALOG; Door de gemeente aangeleverde gegevens. In dit hoofdstuk wordt onderscheid gemaakt in de drie zorgplichten, stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. 4.2 Overzicht aanwezige voorzieningen In tabel K is een overzicht weergegeven van de aanwezige voorzieningen in de gemeente. De tabel laat ook de ontwikkeling in de toename van deze voorzieningen zien vanaf De gegevens van de rioleringsobjecten zijn opgenomen in het rioleringsbeheersysteem (dg DIALOG) bij de gemeente. De gegevens in het beheersysteem zijn bijgewerkt tot 2010 en zijn daarmee goed toegankelijk en actueel. Aan de voorwaarde dat de rioleringsgegevens beschikbaar en toegankelijk zijn, wordt voldaan. De gegevens van de lozingswerken, riooloverstorten en uitlaten zijn opgenomen in het basisrioleringsplan van de gemeente Leerdam uit 2010 en in bijlage 9. De theoretische vuiluitworp uit gemengde rioolstelsel op het oppervlaktewater is ook opgenomen in het basisrioleringsplan. tabel K Overzicht voorzieningen gemeente Leerdam OMSCHRIJVING Eenheid STAND PER STAND PER Materiaal object Vrijvervalriolering km 78,3 84,8 beton kunststof * gemengd riool km 60,4 57,7 37,1 20,6 * vuilwaterriool km 7,9 11,0 1,1 9,9 * hemelwaterriool km 8,4 14,5 0,4 14,1 * transportriool km - 1,0 1,0 - * overstortleiding km 1,6 0,6 0,4 0,2 * bergingskelders st 4 4 Drukriolering pompunits st drukriolering km 39,9 41,7 41,7 vrijverval km 11,2 9,6 9,6 Vacuümriolering km 2,8 2,8 2,8 Persleidingen km 3,9 5,8 Rioolgemalen st Overstorten (extern) st Hemelwateroverlaten st pm 22 Lamellenfilterputten st - 7 Pagina 25 van 52

26 Toetsing huidige situatie 4.3 Zorgplicht stedelijk afvalwater Nog niet aangesloten bestaande bebouwing Binnen en buiten de bebouwde kom van de gemeente Leerdam zijn alle percelen, op 16 na, waar afvalwater vrijkomt aangesloten op (druk)riolering. Deze 16 percelen zijn aangesloten op een IBA. De bewoners zijn verantwoordelijk voor het beheer van deze voorzieningen. Er bevinden zich daarmee geen ongezuiverde lozingen meer op het oppervlaktewater of in de bodem. De gemeente voldoet hiermee aan de Wet milieubeheer en de Waterwet. Ook wordt voldaan aan maatstaf 1a Afvoer en behandeling van stedelijk afvalwater Het rioolstelsel van de kern Leerdam loost via de rwzi Leerdam op de Linge. Het gerioleerde gebied in Leerdam is opgedeeld in een aantal bemalingsgebieden (secties). Elk bemalingsgebied wordt bemalen door een rioolgemaal. Het bestaande rioolstelsel van de kern Leerdam is voornamelijk uitgevoerd als gemengd systeem. Een deel van het stelsel bestaat uit een gescheiden of een verbeterd gescheiden stelsel. De riolering van de buitengebieden bestaat in hoofdzaak uit drukriolering. Het gemengde rioolstelsel in de kern Schoonrewoerd loost via een rioolgemaal met persleiding op de rwzi Vianen. De riolering van de buitengebieden van Schoonrewoerd bestaat hoofdzakelijk uit drukrioleringssystemen. De drukriolering loost in de riolering van de kern Schoonrewoerd. Binnen de kern is in 2010 in Overheicop een gescheiden stelsel aangelegd. Het gemengde rioolstelsel in de kern Kedichem loost middels een rioolgemaal met persleiding op de rwzi te Leerdam. De bebouwing langs de Noorder-Lingedijk ten westen van Kedichem is aangesloten op vacuümriolering. De bebouwing langs de Nieuweweg en de Noorder-Lingedijk ten oosten van de woonkern is aangesloten op drukriolering. Zowel de vacuümriolering als de drukriolering lozen in de riolering van de kern Kedichem Overzicht aanwezige voorzieningen Voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater is binnen de bebouwde kom circa 70,3 km vrijvervalriolering aangelegd. In het buitengebied is drukriolering aangelegd met een totale lengte van circa 41,7 km en 320 pompunits. Rond de kern Kedichem is vacuümriolering aangelegd met een totale lengte van circa 2,8 km. In figuur C is de hoeveelheid aangelegde vrijvervalriolering en leeftijdsopbouw per type (gemengd, dwa, overstort en transport) riool weergegeven Lengte riolering (m) Transportriool Overstortriool Gemengd DWA-Riool figuur C Aanlegperioden Aanlegperiode vrijverval riolering voor inzameling stedelijk afvalwater Pagina 26 van 52

27 Toetsing huidige situatie Toestand van de objecten Inzicht in de toestand van de riolering is één van de noodzakelijke voorwaarden voor een effectief rioleringsbeheer. Het doel van rioolinspectie is het inzicht verkrijgen en houden in de kwaliteit van de riolen. Sinds 2000 is circa 86% van de totale lengte gemengde riolering geïnspecteerd. De resterende 14% van de gemengde riolering is in de laatste 10 jaar aangelegd en daarmee nog niet in het inspectieprogramma opgenomen. Van de dwa-riolering is sinds 2000 circa 27% geïnspecteerd. De dwa-riolering is relatief jong, de noodzaak om deze te inspecteren is nog niet aanwezig. De riolen zijn geïnspecteerd met behulp van videocamera. De waarnemingen zijn geclassificeerd volgens de Nederlandse Norm NEN 3399:2004 (ref. 3). Dit houdt in dat gekeken wordt naar zevenentwintig verschillende toestandsaspecten (bijvoorbeeld lekkage, zand- en vuilophoping, aantasting van het beton van de buis) die in hoofdgroepen waterdichtheid, stabiliteit en afstroming zijn ondergebracht. De waarnemingen worden in vijf klassen verdeeld, waarbij een klasse 1 betekent dat er niets aan de hand is en een klasse 5 dat het toestandsaspect in ernstige mate is waargenomen (bijvoorbeeld grondwater dat door een lekke voeg naar binnen spuit, een buis die voor een groot deel is gevuld met zand, aantasting van de buis zodat het grind uit het beton valt). In circa 57% van de geïnspecteerde gemengde riolen is sprake van een ingrijpmaatstaf, deze riolen voldoen niet aan de gestelde eisen. In 43% van de geïnspecteerde riolen voldoet de toestand aan de gestelde eisen. Uit figuur D blijkt, dat van de ingrijpmaatstaven het grootste deel (circa 41%) te maken heeft met de waterdichtheid van de riolen en 11% te maken heeft met de stabiliteit. Circa 5% van de geïnspecteerde riolen heeft een ingrijpmaatstaf op afstroming. Dat wil zeggen dat de riolen vervuild zijn of dat er wortelingroei of obstakels zijn waargenomen. Ingrijpmaatstaven voor afstroming leiden alleen tot extra onderhoudswerkzaamheden (bijvoorbeeld reinigen van riolen). 11% 41% 43% Geen bijzonderheden Ingrijpen Afstroming Ingrijpen Waterdichtheid Ingrijpen Stabiliteit 5% figuur D Verdeling ingrijpmaatstaven in de gemengde riolering In circa 31% van de geïnspecteerde dwa-riolen is sprake van een ingrijpmaatstaf, deze riolen voldoen niet aan de gestelde eisen. In 69% van de geïnspecteerde dwa-riolen voldoet de toestand aan de gestelde eisen. Uit figuur E blijkt, dat van de ingrijpmaatstaven het grootste deel (circa 28%) te maken heeft met de waterdichtheid van de riolen en 2% te maken heeft met de stabiliteit. Circa 1% van de geïnspecteerde dwa-riolen heeft een ingrijpmaatstaf op afstroming. De ingrijpmaatstaven op de verschillende toestandsaspecten kunnen ook in combinatie voorkomen. Deze riolen worden met prioriteit aangepakt. 28% 1% 2% 69% Geen bijzonderheden Ingrijpen Afstroming Ingrijpen Waterdichtheid Ingrijpen Stabiliteit figuur E Verdeling ingrijpmaatstaven in de dwa-riolering Pagina 27 van 52

28 Toetsing huidige situatie Uit de inspectieresultaten blijkt dat de toestand van de gemengde en vuilwater riolen niet voldoen aan de gestelde maatstaven, er komen immers ingrijpmaatstaven voor op de toestandsaspecten waterdichtheid, stabiliteit en afstroming. Uit de beoordeling van deze inspectieresultaten zal moeten blijken wat de juiste te nemen maatregel is, hoofdstuk 5 gaat hierop in Functioneren van de objecten en het systeem Het functioneren van de riolering kan beschreven worden met de termen milieutechnisch en hydraulisch functioneren. In 2010 is het basisrioleringsplan opgesteld. In dit plan is het functioneren van het systeem in de huidige situatie onderzocht en beschreven. Daarnaast zijn in het basisrioleringsplan maatregelen uitgewerkt om te kunnen voldoen aan de gestelde maatstaven zoals de vuilemissie volgens de basisinspanning en het hydraulisch functioneren, hoofdstuk 5 gaat hier meer in detail op in. Hydraulisch functioneren Het hydraulisch functioneren geeft een beeld van het functioneren van het stelsel bij een flinke bui. De berekeningen zijn uitgevoerd met bui 08 uit de Leidraad Riolering, dit is ook de maatstaf zoals opgenomen in Op de volgende locaties wordt water-op-straat van betekenis berekend: Leerdam West, Voorwaartsveld Het parkeerterrein ligt iets lager dan de omgeving waardoor ondanks de relatief vlakke hydraulische verhanglijn in Leerdam West het water tot boven het maaiveld stijgt. Leerdam West, ten noorden van de Tiendweg Het maaiveld vertoont ter plaatse een dip waardoor ondanks de relatief vlakke hydraulische verhanglijn in Leerdam West het water tot boven het maaiveld stijgt. Ter Leede II, Pelgrimpad Het maaiveld vertoont ter plaatse een dip waardoor ondanks de relatief vlakke hydraulische verhanglijn in het regenwaterriool van Ter Leede II het water tot boven het maaiveld stijgt. Leerdam Noord, shellstation De afvoercapaciteit van het riool is krap. Daarnaast is de locatie plaatselijk lager dan de omgeving. Dit resulteert in water-op-straat. Leerdam Noord, Eiland De afvoercapaciteit is onvoldoende in relatie tot de aangesloten hoeveelheid verhard oppervlak. Leerdam Noord, Schaikseweg Het maaiveld loopt aan het eind van de Schaikseweg af waardoor ondanks de relatief vlakke hydraulische verhanglijn het water tot boven het maaiveld stijgt Leerdam, Industrieterrein I, II en III Alle drie stelsels zijn te krap gedimensioneerd voor het huidig aangesloten afvoerend oppervlak. Pagina 28 van 52

29 Toetsing huidige situatie Leerdam Oost, Lodewijk Nassaustraat, Hendrik Nassaustraat en Prins Mauritsstraat Ondanks dat in deze straten (gedeeltelijk) is afgekoppeld blijft de belasting op het gemengde stelsel te groot. Vooral de 2x Ø 500 mm overstortriolen na het bergbezinkbassin zorgen voor opstuwing. Leerdam Oost, Watertorenlaan Het maaiveld aan het eind van de Watertorenlaan loopt af waardoor het water tot boven het maaiveld stijgt. Leerdam Varsseveld, Wilna Het regenwaterriool heeft onvoldoende afvoercapaciteit. In Kedichem en Schoonrewoerd volgen geen knelpunten uit de berekening. figuur F Klachtenregistratie water-op-straat locaties De berekende locaties met theoretisch water-op-straat komen redelijk overeen met de locaties, zie figuur F, waar daadwerkelijk klachten bij de gemeente zijn binnengekomen. Het gemeentelijk rioolstelsel kan op de meeste plaatsen een bui met een herhalingstijd van 2 jaar (ca. 20 mm in 1 uur) goed verwerken. Zwaardere regenval leidt niet direct tot overlast, water op straat wordt geborgen in de openbare ruimte, bijvoorbeeld tussen de troittoirbanden. De Waterwet regelt niet dat de gemeente verantwoordelijk is voor het voorkomen van elke vorm van overlast. Wel kan uit jurisprudentie en de algemene gedachte achter het begrip zorgplicht worden afgeleid dat er bij eventuele schade en juridische consequenties wordt gekeken naar de wijze waarop de gemeente de zorgplicht voor inzameling en verwerking van overtollig hemelwater heeft ingevuld. Daarbij zal naar verwachting de centrale vraag zijn: had de gemeente redelijkerwijs kunnen voorkomen dat de overlast op die plaats in die mate was opgetreden. Uit de risicoanalyse volgen locaties die kwetsbaar zijn. Van sommige locaties is bekend dat er op korte termijn kansen zijn verbeteringen aan te brengen. Dit geldt in het bijzonder voor de Nieuwstraat omdat de westzijde tot aan de Westwal zal worden heringericht. Afstemming met de afdeling ruimtelijke ordening wordt hier dan ook benadrukt omdat de kern van de oplossing niet in het buizenstelsel onder de grond maar bovengronds moet worden gezocht. Pagina 29 van 52

30 Toetsing huidige situatie Milieutechnisch functioneren In de huidige situatie zijn er knelpunten met betrekking tot de vuiluitworp (milieutechnisch functioneren). Hoewel in theorie aan de basisinspanning werd voldaan wijken vooral de pompcapaciteiten op het Industrieterrein dermate af dat bijna 50% van de vuiluitworp hierdoor wordt veroorzaakt. Deze hoge vuiluitworp is waarschijnlijk ook de reden van de geconstateerde waterkwaliteitsproblemen in die omgeving. Monitoring Begin 2010 is de gemeente begonnen met een meetopzet voor het monitoren van de riolering. Er is begonnen met de installatie van neerslagmeters. Het is echter nog niet operationeel. Er zijn 3 neerslagmeters van het kantelbakprincipe opgesteld in de gemeente, 1 in Leerdam, 1 in Kedichem en 1 in Schoonrewoerd. In de komende planperiode wordt dit verder uitgevoerd. Rioolvreemd water Met rioolvreemd water wordt het water bedoeld dat eigenlijk niet via het riool afgevoerd zou moeten worden. Bekende voorbeelden zijn grondwater dat via lekke riolen of drainages wordt aangevoerd of oppervlaktewater dat via een riooloverstort in het riool komt Uit het onderzoek Rioolvreemd water rwzi Leerdam blijkt dat het gemiddelde debiet dat op rwzi Leerdam wordt aangevoerd bijna tweemaal hoger is dan het theoretische debiet, namelijk m3/d. Dit is normaal, er wordt immers ook hemelwater aangevoerd op de rwzi. Het minimum debiet is echter ook hoger, namelijk m3/d. Dit wijst op structurele aanvoer van rioolvreemd water, de ordegrootte is m 3 /d. Nadere beschouwing van het debiet levert ook een aanwijzing op voor de aanvoer van rioolvreemd water, namelijk m 3 /d. Deze hoeveelheid rioolvreemd water is ongeveer 40% ten opzichte van de theoretische DWA. De grondwaterstand in Leerdam-noord en Leerdam-west is relatief hoog en een gedeelte van de riolering is oud. Intredend grondwater is een mogelijke verklaring voor een dergelijke hoeveelheid rioolvreemd water. Om beter te kunnen beoordelen of het inderdaad gaat om een schone waterstroom zoals grondwater of oppervlaktewater of dat er sprake is van een andere mogelijk vervuilde waterstroom is gekeken naar de samenstelling van het afvalwater. Het afvalwater wat op de rwzi wordt aangevoerd blijkt niet verdund te zijn. Met name het gehalte organische stof (CZV) is hoger dan landelijk gemiddeld. Er worden gemiddeld vervuilingseenheden op rwzi Leerdam aangevoerd. Dit zijn bijna vervuilingseenheden meer dan in theorie aangevoerd zouden mogen worden. Op enkele dagen worden zelfs tussen de en vervuilingseenheden aangevoerd. Mogelijke verklaringen voor dit verschil zijn een onvolledige dataset (niet alle lozingen zijn doorgegeven), een structureel meet of bemonsteringsprobleem, lozingen van bedrijven die worden aangeslagen op hun waterverbruik (zogenaamde tabelbedrijven) maar feitelijke meer vervuiling lozing of mogelijk zelfs illegale lozingen. Aanbevolen wordt om de onderliggende oorzaak te onderzoeken van de relatief grote wateraanvoer op rwzi Leerdam en nader onderzoek te doen naar de relatief grote vuilvracht die wordt aangevoerd. Dit onderzoek wordt door het waterschap uitgevoerd en betaald. Pagina 30 van 52

31 Toetsing huidige situatie Toetsing huidige situatie zorgplicht stedelijk afvalwater In deze paragraaf worden de in hoofdstuk 3 geformuleerde doelen en functionele eisen (gewenste situatie) voor de zorgplicht stedelijk afvalwater vergeleken met de huidige situatie. Wanneer huidige- en gewenste situatie niet overeenkomen wordt in hoofdstuk 5 de opgave bepaald om tot de gewenste situatie te komen. tabel L Toetsing huidige situatie zorgplicht stedelijk afvalwater, doel 1 Doel 1: Zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater Functionele eisen Huidige situatie Toelichting 1a. Alle percelen op het gemeentelijk gebied waar afvalwater vrijkomt moeten van een rioleringsaansluiting zijn voorzien, uitgezonderd bij specifieke situaties waar lokale behandeling een zelfde graad van milieubescherming biedt. 1b. Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden. 1c. De huisaansluitleidingen moeten in goede staat zijn. 1d. Riolen en andere objecten dienen in hoge mate waterdicht te zijn, zodanig dat de hoeveelheid uittredend rioolwater en intredend grondwater beperkt blijft. x In 2010 zijn alle percelen binnen de gemeente Leerdam aangesloten op (druk)riolering of hebben een IBA (16 stuks). Ongewenste lozingen op de riolering worden voorkomen via de Wet milieubeheer en de Waterwet. Indien verstopping van huisaansluitleidingen op gemeentelijk grondgebied liggen worden deze verholpen. Er wordt niet voldaan aan deze functionele eis omdat in circa 41% van de geinspecteerde gemengde riolen en in 28% van de geinspecteerde dwa riolen ingrijpmaatstaven voorkomen op het toestandsaspect waterdichtheid. tabel M Toetsing huidige situatie zorgplicht stedelijk afvalwater, doel 2 Doel 2: Zorgen voor transport van stedelijk afvalwater Functionele eisen Huidige situatie Toelichting 2a. De afvoercapaciteit moet voldoende zijn om bij droog weer het aanbod van stedelijk afvalwater binnen zekeren grenzen te verwerken. 2b. De afstroming dient gewaarborgd te zijn 2c. Het afvalwater dient zonder overmatige aanrotting de rwzi te bereiken. 2d. De afvoercapaciteit van de gemengde riolering voor afvalwater moet toereikend zijn om het aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij bepaalde buitengewone omstandigheden. 2e. De objecten moeten in goede staat zijn. x x x Onder droog weer omstandigheden zijn er geen problemen met de afvoer van het huishoudelijk afvalwater. De gemalen hebben voldoende afvoercapaciteit. Er wordt niet voldaan aan deze functionele eis omdat in circa 5% van de geinspecteerde gemengde riolen ingrijpmaatstaven voorkomen op het toestandsaspect afstroming. In de kernen is de verblijftijd van het water in het stelsel niet langer dan 24 uur. Volgens het in 2010 opgestelde basisrioleringsplan is er een aantal locaties in de kern Leerdam waar water-op-straat voorkomt tijdens hevige neerslag. Er wordt niet voldaan aan deze functionele eis omdat in circa 41% van de geinspecteerde gemengde en in circa 28% van de geinpecteerde dwa riolen ingrijpmaatstaven voorkomen op het toestandsaspect waterdichtheid en in 11% van de geinspecteerde gemengde riolen en in 2% van de geinspecteerde dwa riolen komen ingrijpmaatstaven voor op het toestandsaspect stabiliteit. 2f. De vervuilingstoestand van de riolering dient acceptabel te zijn. 2g. De vuiluitworp door overstortingen en hemelwaterlozingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. De gemengde en dwa riolen worden volgens een bepaalde strategie geinspecteerd en gereinigd. De gemeente voldoet aan de basisinspanning. Pagina 31 van 52

32 Toetsing huidige situatie 4.4 Zorgplicht hemelwater Verwerking van hemelwater De inzameling van hemelwater, bij (verbeterd) gescheiden stelsels, binnen de bebouwde kom vindt plaats middels vrijvervalriolering. Het hemelwater wordt bij verbeterd gescheiden stelsels via rioolgemalen en persleidingen deels afgevoerd naar de rwzi. De overige hemelwaterriolering loost het hemelwater direct op het oppervlaktewater. Behalve regenwaterriolering zijn in de gemeente nog 7 lamellenfilters aangelegd voor de verwerking van hemelwater. Deze lamellenfilterputten zorgen dat het hemelwater wordt gezuiverd van vervuilende bestanddelen Overzicht van aanwezige voorzieningen In totaal is er circa 14,5 km hemelwaterriolering aangelegd. In het gemengde stelsel zijn vier bergbezinkbassins (BBB) aangelegd met een totale inhoud van m 3 : BBB Willem de Zwijgerstraat (200 m 3 ); BBB Raadsliedenstraat (350 m 3 ); BBB Westwal (400 m 3 ); BBB Lindestraat (450 m 3 ). Deze bergbezinkbassins dienen er voor om tijdens hevige neerslag een deel van het overstortende (hemel)water te bergen waarna het weer in het gemengde stelsel wordt gepompt. In figuur G is de hoeveelheid aangelegde hemelwaterriolering en leeftijdsopbouw weergegeven Lengte riolering (m) RWA-Riool figuur G Aanlegperioden Aanlegperiode vrijverval riolering voor inzameling hemelwater Toestand van de objecten Sinds 2000 is circa 51% van de totale lengte hemelwaterriolering geïnspecteerd. De niet geïnspecteerde riolering is relatief jong zodat het nog niet noodzakelijk was om deze te inspecteren. De riolen zijn geïnspecteerd met behulp van videocamera. In circa 27% van riolen is sprake van een ingrijpmaatstaf, deze riolen voldoen niet aan de gestelde eisen. In 73% van de riolen voldoet de toestand aan de gestelde eisen. Uit figuur H blijkt, dat de ingrijpmaatstaven voornamelijk te maken hebben met de waterdichtheid van de riolen. Pagina 32 van 52

33 Toetsing huidige situatie 1% 25% 1% 73% Geen bijzonderheden Ingrijpen Afstroming Ingrijpen Waterdichtheid Ingrijpen Stabiliteit figuur H Verdeling ingrijpmaatstaven hemelwaterriolering Uit de inspectieresultaten blijkt dat de toestand van de hemelwaterriolen niet voldoet aan de gestelde maatstaven. Uit de beoordeling van deze inspectieresultaten zal moeten blijken wat de juiste te nemen maatregel is, hoofdstuk 5 gaat hierop in Functioneren van de objecten en het systeem De hemelwaterstelsels in Industrieterrein I, II en III zijn te krap gedimensioneerd voor het huidige aangesloten afvoerend verhard oppervlak. Tijdens hevige neerslag kan hier water-op-straat optreden Toetsing huidige situatie hemelwater zorgplicht In deze paragraaf worden de in hoofdstuk 3 geformuleerde doelen en functionele eisen (gewenste situatie) voor de hemelwaterzorgplicht vergeleken met de huidige situatie. Wanneer huidige- en gewenste situatie niet overeenkomen wordt in hoofdstuk 5 de opgave bepaald om tot de gewenste situatie te komen. tabel N Toetsing huidige situatie hemelwaterzorgplicht, doel 3 Doel 3: Zorgen voor inzameling van hemelwater (voor zover niet door de particulier) Functionele eisen 3a. Alle percelen binnen het gemeentelijke grondgebied zijn voorzien van een aansluiting op de riolering. In beginsel wordt de hemelwaterafvoer niet aangesloten op het rioleringsstelsel. 3b. Voor zover rendabel, afkoppelen van schoon hemelwater zonder wateroverlast en ongewenste milieuverontreiniging te veroorzaken. 3c. De vuiluitworp door regenwaterlozingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. 3d. Adequate inzameling van hemelwater, voor zover de particulier niet redelijkerwijs in de verwerking kan voorzien. Huidige situatie x Toelichting In 2010 zijn nagenoeg alle percelen binnen de gemeente Leerdam aangesloten op riolering. Afstromend hemelwater mag niet worden geloosd op de drukriolering. Gemeente beschikt over een afkoppelprogramma. Bij rioolvervanging en nieuwbouw wordt hemelwater afgekoppeld indien doelmatig. Op basis van de TEWOR toetsing in het waterplan zijn er nog enkele knelpunten in het oppervlaktewater. Indien mogelijk en doelmatig vindt de afvoer van hemelwater rechtstreeks op het oppervlaktewater plaats. 3e. De instroming in riolen via de kolken dient ongehinderd plaats te vinden. 3f. Beperkte hoeveelheid intredend grondwater. x Kolken worden 1 x per jaar gereinigd. Er wordt niet geheel voldaan aan deze functionele eis omdat in circa 41% van de geinspecteerde gemengde riolen en in 27% van de geinspecteerde hemelwaterriolen ingrijpmaatstaven voorkomen op het toestandsaspect waterdichtheid. tabel O Toetsing huidige situatie hemelwaterzorgplicht, doel 4 Doel 4: Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater Functionele eisen 4a. De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij bepaalde buitengewone omstandigheden. 4b. De vuiluitworp door overstortingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. Huidige situatie x Toelichting Volgens het in 2010 opgestelde basisrioleringsplan is er een aantal locaties in de kern Leerdam waar water-op-straat voorkomt tijdens hevige neerslag. De gemeente voldoet aan de basisinspanning. Pagina 33 van 52

34 Toetsing huidige situatie 4.5 Zorgplicht grondwater Overzicht aanwezige voorzieningen Het is belangrijk om een beeld te krijgen van de locale grondwaterstand en van de fluctuaties daarvan. Dit komt doordat de grondwaterstand ruimtelijk sterk variabel is in Leerdam. Belangrijk is ook om de pieken in de grondwaterstand te bepalen aangezien deze voor extra overlast zorgen. Om dit te bereiken is een meetnet van peilbuizen geïnstalleerd in de gemeente. De peilbuizen zijn geplaatst op 31 juni en 1 juli Er zijn in totaal 11 peilbuizen geplaatst. Deze peilbuizen zijn niet meer in gebruik maar kunnen waarschijnlijk wel worden opgenomen in het op te stellen grondwatermeetnet Inzicht in de grondwaterstanden De gemeente Leerdam ligt op de holocene deklaag. De deklaag bestaat voornamelijk uit klei en is daardoor slecht doorlatend. De eerste twee meter van de deklaag bestaan uit zandige klei en veen. De gemiddeld hoogste grondwaterstanden in de deklaag bedragen circa 40 cm onder het maaiveld. In de kernen op de oude rivierlopen ligt de gemiddeld hoogste grondwaterstand op cm onder maaiveld. In de omgeving van Leerdam staan meerdere peilbuizen die over een langere periode de grondwaterstand meten. De metingen in deze peilbuizen zijn opgevraagd uit het Dino-loket. De gemeente heeft in 2008 een onderzoek laten uitvoeren naar het voorkomen van grondwateroverlast in de gemeente. Hiervoor is een enquête uitgevoerd bij de bewoners en zijn er 11 peilbuizen aangelegd in de bebouwde kommen van de gemeente, 2 in Kedichem, 2 in Schoonrewoerd en 7 in Leerdam. Grondwateronttrekkingen In de gemeente Leerdam is geen sprake van grondwaterwinningen voor drinkwater. Wel zijn er onttrekkingen voor industriële processen, deze winningen zijn zeer beperkt met uitzondering van de winning in Schoonrewoerd (kaasfabriek) en de winning van de glasfabriek Klachten De conclusie van het onderzoek naar grondwateroverlast is dat op verschillende plaatsen in de gemeente Leerdam sprake is van grondwateroverlast. De oorzaak van de grondwateroverlast is de matige doorlatendheid van de bodem in combinatie met het ontbreken van voldoende ontwatering (drainage of open water). In één geval hadden lekkende rioleringen een drainerende werking en zijn de problemen opgetreden na rioolvervanging. De belangrijkste probleem locaties zijn: Leerdam-Noord; zuidwest: Hyacinthstraat en ten zuiden daarvan; west rondom de Tiendweg; oost/centrum: omgeving Rijsdijkstraat; oost: omgeving Lodewijk van Nassaustraat; Kedichem: Koningin Wilhelminalaan/Vijf Molens. De belangrijkste vormen van (grond)wateroverlast in de gemeente zijn: slechte afvoer via de riolering: vooral in het zuidoosten en het centrum van Leerdam; natte kruipruimte: vooral in noord en het zuidwesten; drassige tuinen: vooral in noord; Vanuit het zuidwesten komen weinig meldingen terwijl hier wel grondwateroverlast wordt ervaren; drassige plantsoenen: vooral in noord en Kedichem. Deze locaties volgen uit grondwaterstandsmetingen, historische informatie en de enquête. Opvallend was de beperkte respons bij de enquête. Dit roept de vraag op of de grondwateroverlast ook werkelijk door een groot deel van de bevolking als urgent probleem wordt ervaren. Pagina 34 van 52

35 Toetsing huidige situatie Voor de omgeving van de Tiendweg en de Nassaustraat is herstructurering gepland. Geadviseerd wordt om hier bij de herstructurering drainage aan te leggen. Voor Leerdam-Noord, de Rijsdijkstraat en Kedichem wordt voorgesteld om drainage aan te leggen. Voor het zuidwesten van Leerdam wordt aanbevolen om bij ontwikkelingen in de omgeving te zorgen voor een robuuste afwateringsstructuur. De poelen op het Glashofterrein worden ook op dit systeem aangesloten om in perioden met hoge grondwaterstanden te kunnen afwateren Toetsing huidige situatie grondwaterzorgplicht In deze paragraaf worden de in hoofdstuk 3 geformuleerde doelen en functionele eisen (gewenste situatie) voor de grondwaterzorgplicht vergeleken met de huidige situatie. Wanneer huidige- en gewenste situatie niet overeenkomen wordt in hoofdstuk 5 de opgave bepaald om tot de gewenste situatie te komen. tabel P Toetsing huidige situatie grondwaterzorgplicht, doel 5 Doel 5: Zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert Functionele eisen 5a. Adequate afvoer van overtollig grondwater (bij te hoge grondwaterstanden). (beheerfase): Huidige situatie x Toelichting Er zijn locaties in Leerdam die te maken hebben met (grond)wateroverlast. Door middel van het opzetten van een grondwatermeetnet wordt inzicht verkregen in de grondwaterstanden. Door het aanleggen van drainage wordt voldaan aan de ontwateringscriteria. Pagina 35 van 52

36

37 5 De opgave 5.1 Inleiding De opgave (de strategie) geeft de hoofdlijnen weer van een aanpak die leidt tot het bereiken van de gestelde doelen (de gewenste situatie). Het is een samenspel van onderzoek en maatregelen geplaatst in de tijd. In dit hoofdstuk komt achtereenvolgens aan de orde: aanleg van voorzieningen bij bestaande bebouwing en bij nieuwbouw; het beheer van de bestaande voorzieningen voor afvalwater, hemelwater en grondwater (onderzoek en maatregelen). Onder maatregelen wordt verstaan: onderhoud, reparatie, renovatie, vervanging en verbetering. Maatregelen zijn erop gericht het goed functioneren van de rioleringsvoorzieningen te waarborgen of te verbeteren en bestaande constructies in goede staat te houden. Bij het beschrijven van de opgave wordt net als in hoofdstuk 4 onderscheid gemaakt in stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. De weergegeven onderzoeken en maatregelen zijn onderdeel van het basis ambitieniveau. De maatregelen voor een duurzamer ambitieniveau zijn apart weergegeven. 5.2 Aanleg van voorzieningen Naar verwachting zullen er in de gemeente Leerdam in de periode circa 250 woningen in binnenstedelijk gebied worden gerealiseerd. Daarnaast vindt er buitenstedelijke uitbreiding plaats in West-West van circa 1000 woningen in de periode , zie tabel 15 in bijlage 4. In de nieuwbouwplannen zal gescheiden riolering worden aangelegd. De lengte van de te beheren riolering zal hierdoor toenemen. De kosten voor het ontwerp, besteksgereedmaken en de aanleg van riolering komen ten laste van de grondexploitatie. De gegevens van nieuw aan te leggen riolering zullen in het rioleringsbeheersysteem van de gemeente worden opgenomen. In bestaande wijken zal de gemeente op diverse plekken een drainagestelsel en/of een apart hemelwaterriool aanleggen. De gegevens van deze nieuw aan te leggen drainage en hemelwaterafvoer worden ook opgenomen in het rioleringsbeheerssysteem van de gemeente. 5.3 Beheer van bestaande voorzieningen Onderzoek Om voldoende inzicht in de toestand en het functioneren van het rioolstelsel te houden, is structureel onderzoek noodzakelijk. Een samenvatting van de onderzoeksactiviteiten is weergegeven in tabel Q. De resultaten van de nu geplande onderzoeken worden zowel tussentijds als in het volgende vgrp verwerkt. Inventarisatie Gegevens zijn voor het rioleringsbeheer van groot belang, evenals de directe toegankelijkheid ervan. Om op adequate wijze de aan de riolering te verrichten maatregelen qua aard en omvang te kunnen bepalen, is een overzicht nodig van de in beheer zijnde voorzieningen. Dit overzicht is in digitale rioleringsbestanden in het rioleringsbeheersysteem dg DIALOG aanwezig. De reguliere terugkerende werkzaamheden hierbij zijn: periodiek bijwerken van de revisiegegevens (vervangingen van de riolering); toevoegen van nieuw aangelegde riolering (nieuwbouw) )/ drainage en/of hemelwaterafvoer; Pagina 37 van 52

38 De opgave invoeren van inspectie- en reinigingsgegevens in dg DIALOG; bijhouden van meldingen en storingen. Het uitvoeren van deze werkzaamheden wordt vanaf 2010 deels in eigen beheer uitgevoerd en deels door Grontmij uitgevoerd. Inspectie en controle vrijvervalriolering Om de kwaliteit van de vrijvervalriolering in beeld te brengen worden rioolinspecties uitgevoerd. Tijdens deze rioolinspecties door middel van videocamera, wordt het riool geclassificeerd op de toestandsaspecten zoals vastgesteld in de NEN 3399:2004. De basisstrategie is dat alle riolen eens in de 10 jaar geïnspecteerd worden, dit komt neer op een jaarlijkse inspectie van circa 8 km. De jaarlijkse kosten voor het inspecteren van de riolering zijn opgenomen in tabel 7 in bijlage 3. Vanuit kostenoverwegingen en doelmatigheid worden het inspectieprogramma en het reinigingsprogramma gecombineerd uitgevoerd. De kosten voor het reinigen en inspecteren van riolering zijn opgenomen in de rioleringsbegroting. Het bedrag voor inspecteren en reinigen zal toenemen met de groei van de te beheren lengte riolering. Na het inspecteren van de riolering zullen de inspectieresultaten beoordeeld moeten worden om de juiste maatregel te kunnen bepalen. Voor de kosten van het beoordelen van inspectieresultaten is uitgegaan van 2,50 per meter en de beoordeling op basis van expert judgement van circa 30% van de inspectieresultaten. Dit komt neer op een jaarlijks bedrag van circa 7.000,--. Berekeningen Het hydraulisch en milieutechnisch functioneren van de vrijvervalriolering zal periodiek (1 x per 10 jaar) moeten worden gecontroleerd, onder andere naar aanleiding van wijzigingen in bebouwing, optredende problemen (wateroverlast) of wijziging in regelgeving. In 2010 is het basisrioleringsplan (BRP) voor de gemeente Leerdam geactualiseerd. In 2020 zal het basisrioleringsplan opnieuw worden geactualiseerd. De kosten voor het actualiseren van het basisrioleringsplan bedragen circa ,-- en zijn opgenomen in tabel 6 in bijlage 3. Voor het uitvoeren van kleinere deelstudies, bijvoorbeeld naar aanleiding van klachten of vragen, actualisaties, etcetera is op jaarbasis een bedrag van ,-- opgenomen. Actualisatie gemeentelijk rioleringsplan In 2015 zal dit gemeentelijk rioleringsplan geactualiseerd moeten worden. Hiervoor is een bedrag opgenomen van ,--. Voor de begeleiding vanuit de gemeente van het opstellen van het vgrp wordt extra capaciteit ingehuurd, hiervoor is in ,-- opgenomen. Masterplan riolering In de planperiode van dit vgrp wordt een masterplan riolering opgesteld. In dit masterplan wordt beschreven hoe het huidige gemengde stelsel omgebouwd kan worden naar een gescheiden stelsel. Dit masterplan dient gebruikt te worden als leidraad bij het afkoppelen van verhard oppervlak en het aanleggen van een gescheiden stelsel. De kosten voor opstellen van dit masterplan riolering bedragen ,-- en zijn opgenomen in tabel 6 van bijlage 3. Benchmarking In 2010 doet de gemeente Leerdam mee met een landelijk benchmark onderzoek georganiseerd door de VNG en Stichting RIONED. Dit benchmark onderzoek vormt een hoofdonderdeel van het Bestuursakkoord Waterketen, dat in juli 2007 werd afgesloten. In dit benchmark onderzoek wordt met behulp van prestatie-indicatoren het presteren van de gemeente, op een aantal rioleringsdeelgebieden, vergeleken met andere gemeenten. Met de Benchmark Rioleringszorg 2010 worden gemeenten vergeleken op de aandachtsgebieden (a) interne processen, (b) financiën en (c) beleving belanghebbenden. De vernieuwde benchmark kent twee onderdelen: Pagina 38 van 52

39 De opgave Een extern gerichte cijfermatige vergelijking op hoofdlijnen van gemeenten van de kenmerken, kosten en prestaties van de rioleringszorg (Riolering in Beeld). Voor deelname aan dit onderdeel wordt geen financiële bijdrage van individuele gemeenten gevraagd. Een intern gericht leerproces, waarin gemeenten in een diepgaande analyse per regio of specifiek thema onderling worden vergeleken. Voor deelname aan het leerproces (niet verplicht) zal van individuele gemeenten een vergoeding worden gevraagd. Monitoring Industrieterrein Uit de resultaten van het basisrioleringsplan blijkt dat om de emissie op het oppervlaktewater te kunnen verminderen het noodzakelijk is om afvoerend verhard oppervlak af te koppelen op het Industrieterrein. In 2011 wordt een onderzoek uitgevoerd, monitoring rioolstelsel, om de noodzaak tot afkoppelen nader te kunnen bepalen. Hiervoor is ,-- opgenomen. Afvalwaterakkoord De samenwerking tussen het waterschap en de gemeente zal in de komende planperiode verder uitgewerkt worden. Door middel van het sluiten van een afvalwaterakkoord tussen de gemeente en het waterschap wordt invulling gegeven aan het Bestuursakkoord Waterketen. In het kader van het afvalwaterakkoord wordt ook ingegaan op de landelijke bezuiniging op de taakstellingen in de afvalwaterketen. Om hier vanuit de gemeente invulling aan te kunnen geven is hier circa 150 uur ( ,--) per jaar in de planperiode opgenomen. Grondwater Het is belangrijk om een beeld te krijgen van de locale grondwaterstand en van de fluctuaties daarvan. Dit komt doordat de grondwaterstand ruimtelijk sterk variabel is in Leerdam. Belangrijk is ook om de pieken in de grondwaterstand te bepalen aangezien deze voor extra overlast zorgen. Om dit te bereiken is in 2007 een gedeelte van het meetnet van peilbuizen geïnstalleerd in de gemeente. De metingen van grondwaterstanden zal in alle beschikbare peilbuizen worden voortgezet. De gemeente zal deze metingen laten uitvoeren. Als meetfrequentie wordt minimaal tweemaal per maand aangehouden. De jaarlijkse kosten voor het monitoren van de grondwaterstanden en het doorspuiten van de drainage bedragen ,--. Verordening en vergunningen Het verlenen en handhaven van vergunningen op basis van de Wet Milieubeheer wordt in opdracht van de gemeente Leerdam uitgevoerd door de Milieudienst Zuid-Holland-Zuid. Vergunningverlening voor directe lozingen op oppervlaktewateren en de handhaving hiervan behoort tot het takenpakket van het waterschap en Rijkswaterstaat Zuid-Holland. Door de invoering van de Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) komen lozingen van bedrijven op de riolering (zogenaamde indirecte lozingen) onder het gezag van de gemeente te vallen. Samenwerking met het waterschap ligt hier voor de hand omdat het waterschap tot de invoering van de Waterwet bevoegd gezag was. De gemeente is verantwoordelijk voor het onderhoud van het riool (gemeentelijke riolering en huisaansluitingen) tot aan de kavelgrens. Op particulier terrein is de eigenaar verantwoordelijk voor het onderhoud. In de komende planperiode zal een aansluitverordening worden opgesteld. Zakelijk recht In 2011 wordt er bij enkele percelen zakelijk recht gevestigd voor de aanwezige drukriolering. De kosten hiervoor bedragen 7.000,-- en is opgenomen in tabel 6 in bijlage 3. Samenvatting onderzoeksinspanningen planperiode In tabel Q is de strategie voor het uitvoeren van onderzoek voor de komende periode weergegeven met daarbij een schatting van de bijbehorende kosten. Met de resultaten van de onderzoeken zal in 2015 het vgrp worden bijgesteld. Pagina 39 van 52

40 De opgave tabel Q Samenvatting onderzoeksinspanningen (EURO) Onderzoeksactiviteit Kosten EURO jaarlijks Kleine ad-hoc onderzoeken jaarlijks Inspectie en reiniging van vrijvervalriolering in exploitatie jaarlijks Beoordelen van inspectiegegevens en advies over de te nemen maatregelen jaarlijks Monitoring en doorspuiten drainage Opstellen aansluitverordening Opstellen masterplan riolering Opstellen afvalwaterakkoord / samenwerken in de waterketen (150 uur) 2011 Vestigen zakelijk recht drukriolering Monitoring Industrieterrein Actualisatie vgrp Inhuur personeel voor begeleiding opstellen vgrp Actualisatie BRP Maatregelen Onder maatregelen wordt verstaan: onderhoud, reparatie, renovatie, vervanging en verbetering. Het treffen van maatregelen is erop gericht het goed functioneren van de rioleringsvoorzieningen te waarborgen of te verbeteren en bestaande constructies in goede staat te houden. Een samenvatting van de (beheer)maatregelen in de planperiode met de (jaarlijkse) kosten is gegeven in tabel T. Onderhoud vrijverval riolering Om een goede werking van het volledige rioolstelsel (riolen, kolken en gemalen) te kunnen garanderen, dient de hoofdriolering structureel te worden gereinigd. De reinigingsfrequentie van dwa, rwa en gemengde riolen is eenmaal in de 10 jaar omdat de reinigingsfrequentie gekoppeld is aan de inspectiefrequentie. Bij belangrijke (hoofd) riolen, zinkers en bergingsriolen wordt de frequentie eens per 5 jaar. Bij een totaallengte van circa 84 km, komt dit neer op een jaarlijks reinigingprogramma van circa 8 km. De inspectiegegevens worden ingelezen en doorgerekend in het rioleringbeheerpakket dg DIALOG. Het uitkomende riool- en kolkenslib wordt jaarlijks op een verantwoorde wijze naar een erkende slibverwerker getransporteerd. De kosten voor het schoonmaken van riolen zijn opgenomen in de rioleringsbegroting en zijn weergegeven in tabel 7 van bijlage 3. Vanaf 2010 worden de rioolreiniging en inspecties in GLZ-verband (Giessenlanden-Leerdam- Zederik) aanbesteed. Onderhoud straat- en trottoirkolken Het reinigen van de kolken is belangrijk om plasvorming op straat bij regenval te voorkomen en is een preventieve maatregel ter voorkoming van verontreiniging van het oppervlaktewater. In Leerdam worden de circa kolken jaarlijks eenmaal gereinigd. Tevens worden op afroep van de opzichter rioleringen een aantal kolken tweemaal per jaar gereinigd. Het vrijkomende kolkenslib wordt volgens de geldende regels verwerkt. Vanaf 2010 zal in het kader van het samenwerkingsverband GLZ (gemeenten Giessenlanden, Leerdam en Zederik) het kolkenzuigen op contractbasis worden uitgevoerd. De kosten voor de straatreiniging worden voor 50% aan de rioleringszorg toegerekend. Onderhoud gemalen, drukriolering en randvoorzieningen Het onderhoud van de gemalen en registratiesystemen is enerzijds deels uitbesteed door middel van een onderhoudscontract en wordt anderzijds deels in eigen beheer uitgevoerd. De kosten voor het onderhoud van deze rioleringsobjecten zijn opgenomen in de rioleringsbegroting. Pagina 40 van 52

41 De opgave Onderhoud persleidingen De gemeente heeft momenteel geen gegevens voorhanden van de staat van de persleidingen (vervuiling, aantasting, mogelijke zettingen e.d.). Momenteel verricht de gemeente geen onderhoud aan de persleidingen, dit wordt vooralsnog ook niet noodzakelijk geacht, mede vanwege het feit dat de stroomsnelheid van het afvalwater in de persleiding, de leiding zelf reinigt. Onderhoud drainagestelsel Ten aanzien van het onderhoud dient het drainagestelsel voorzien te zijn van doorspuitpunten (onderlinge afstand maximaal 200 m) en dat het doorspuiten plaats vindt circa eens per twee jaar, afhankelijk van praktijkervaringen. Indien het grondwater ijzerhoudend is, zal het drainagestelsel elk jaar doorspoten moeten worden. Om beschadigingen aan de drainage te voorkomen kan worden gekozen voor uitvoering in PE in plaats van ribbeldrains. De jaarlijkse kosten voor het monitoren van de grondwaterstanden en het doorspuiten van de drainage bedragen ,--, zie ook Vervanging, renovatie en reparatie van drukriolering Voor vervanging van de drukriolering is uitgegaan van standaard afschrijvingstermijnen, gebaseerd op ervaringscijfers van de gemeente en landelijke trends. Zo functioneren de mechanische en elektrische componenten van een pompunit gemiddeld 20 jaar en de bouwkundige delen circa 40 jaar. Na de theoretische levensduur van 40 jaar wordt het gehele systeem in principe vervangen. Op basis van de standaardlevensduur voor het mechanisch en elektrische componenten komen er in de planperiode 39 pompunits in aanmerking om vervangen te worden, zie tabel 5 in bijlage 3. De totale kosten hiervoor bedragen circa ,--. Vervanging, renovatie en reparatie van gemalen Voor vervanging van de rioolgemalen is net als bij de drukriolering uitgegaan van standaard afschrijvingstermijnen, gebaseerd op ervaringscijfers van de gemeente en landelijke trends. Ook voor gemalen geldt dat de mechanische en elektrische componenten van een rioolgemaal gemiddeld 20 jaar meegaan en de bouwkundige delen circa 40 jaar. In de planperiode komt het mechanisch/elektrisch deel van het gemaal aan de Stadhouder Janstraat (2013) en het gemaal Ter Leede II (2014) in aanmerking om vervangen te worden, de kosten hiervoor bedragen circa ,--. In de planperiode komt ook de bouwkundige deel van de gemaal Masada (2011) in aanmerking om vervangen te worden. De kosten bedragen hiervoor circa ,--. In tabel 1 en 2 in bijlage 3 zijn de te vervangen gemalen opgenomen. Elk gemaal is aangesloten op het telemetrie systeem. De software behorende bij dit telemetrie systeem moet elke 10 jaar vervangen worden. De vervangingskosten van de software bedragen circa 3.000,-- per gemaal. Vervanging, renovatie en reparatie van persleidingen Voor vervanging van de persleidingen is uitgegaan van standaard afschrijvingstermijnen van 40 jaar. Er is in deze planperiode vervanging voorzien van de persleidingen behorende bij de gemalen Masada en Industrieterrein I. De kosten bedragen hiervoor circa ,--. Vervanging en reparatie van riolen Om de stabiliteit en waterdichtheid te waarborgen, is het nodig de riolering op tijd te repareren, te renoveren of te vervangen. Op basis van de rioleringsgegevens uit het rioleringsbeheersysteem dg DIALOG is een vervangingsplanning op hoofdlijnen opgezet. Riolen krijgen een restlevensduur die is gebaseerd op inspectie of daarvan is afgeleid. Op basis van de inspectie wordt de restlevensduur gemiddeld op 60 jaar gesteld. Indien geen inspectiegegevens beschikbaar zijn wordt uitgegaan van een standaardlevensduur van 60 jaar. Voor de bepaling van de aanpak op hoofdlijnen (strategische planning) is dit een goede en bruikbare systematiek. Bij het opstellen van de planning is onderscheid gemaakt in vervanging en reparatie van een riool. Indien mogelijk wordt een riool gerepareerd. Aangenomen is dat een gerepareerd riool circa 25 jaar later alsnog vervangen moet worden. In figuur I zijn de kosten voor de strategische vervangings-reparatie planning van de totale riolering voor de lange termijn weergegeven. Pagina 41 van 52

42 De opgave Kosten (x euro) figuur I Vervangings/reparatie kosten vrijvervalriolering in Leerdam Op basis van de inspectieresultaten kan een deel van de gemengde riolen gerepareerd worden. Daarnaast is, op basis van de inspectieresultaten, vervanging voorzien in de komende planperiode van circa 12 km riolering. Op basis van standaardlevensduur komt een deel van de gemengde riolering, totaal circa 1,1 km, in aanmerking om vervangen te worden. Omdat deze riolering nog niet geïnspecteerd is, is de vervanging doorgeschoven naar de periode zodat in de planperiode deze riolen eerst geïnspecteerd kunnen worden om de juiste maatregel te kunnen bepalen. De kosten voor de strategische vervanging/reparatie planning voor de vrijvervalriolering zijn gemiddeld over de periode ,-- per jaar, zie ook tabel 16 in bijlage 4. De levensduur van de vrijvervalriolen kan sterk uiteenlopen. Het tijdstip waarop de vrijvervalriolen moeten worden gerenoveerd of vervangen wordt niet alleen door de technische levensduur bepaald. Vervanging van andere infrastructuur (wegen, leidingen) of verbeteringsmaatregelen kunnen soms aanleiding zijn het riool voortijdig te vervangen. Bij het maken van planningen is daar rekening mee gehouden. In de berekening van de vervangingskosten voor de vrijvervalriolering is rekening gehouden met de kosten voor het opbreken en aanbrengen van de wegverharding ter plaatse van de sleuf, met verkeersmaatregelen, met kosten voor het toegankelijk houden van de bebouwing en met kosten voor vervanging van kolk- en huisaansluitleidingen (tot de erfgrens). Kosten voor het verbeteren/aanbrengen van wegfunderingen zijn niet meegenomen. Verbetering hydraulisch en milieutechnisch functioneren vrijvervalriolering De verbetermaatregelen voor het rioolstelsel van de gemeente Leerdam zijn in samenspraak met het waterschap Rivierenland tot stand gekomen. De doelstelling in het Stedelijk Waterplan Leerdam is nadrukkelijk als leidraad gekozen voor de onderbouwing van maatregelen. Daarnaast is gezocht naar het optimaal benutten van de kansen die herstructurering en vervanging van riolering biedt. In overleg is vastgesteld dat water op een industrieterrein geen hoog ambitieniveau hoeft te hebben. Voor water in woonwijken en Leerdam Noord in het bijzonder omdat daar nu lokaal een knelpunt wordt ervaren zal een hoger ambitieniveau gelden. Op hoofdlijnen is de aanpak om het hydraulisch en milieutechnisch functioneren te verbeteren als volgt: Pagina 42 van 52

43 De opgave Het emissieknelpunt Industrieterrein I en II wordt aangepakt door gelijktijdig met de herinrichting van het bedrijventerrein verhard oppervlak af te gaan afkoppelen. Afkoppelen in combinatie met geplande vervanging van riolering. Optimalisatie van pompcapaciteiten en afvoerstructuur. De gewijzigde pompcapaciteiten beïnvloeden behalve het eigen gebied voornamelijk Leerdam West, dat is immers het gebied dat uiteindelijk al het afvalwater ontvangt. Door de optimalisatie treedt naast de algehele grote emissiereductie wel een verschuiving van emissie op het oppervlaktewater op. Leerdam West gaat omhoog in emissie op het oppervlaktewater. Dit wordt acceptabel geacht omdat in de Tewor-toetsing het gebied niet als knelpunt is aangemerkt en omdat door de aanleg van de wateras de doorspoeling verder zal verbeteren. Leerdam Noord verbetert door twee belangrijke aanpassingen, de pompovercapaciteit gaat omhoog en door de forse reductie van emissie op de waterpartijen bij het bedrijventerrein wordt aanzienlijk minder vervuild water de wijk ingelaten dan in de huidige situatie het geval is. Ter Leede 1 is nu een knelpunt in de Tewor-toetsing en wordt met circa 45% teruggebracht. De Tewor-toetsing met 50% vuillast laat in het watersysteem bij Ter Leede 1 dan geen knelpunt meer zien. Leerdam Oost is eveneens een aandachtspunt. Hier wordt de emissie met gemiddeld 35% teruggebracht. Om de in de huidige situatie geconstateerde locaties met water-op-straat op te kunnen lossen, zie 4.3.5, zijn maatregelen geformuleerd zodat er aan de maatstaf dat er maximaal eenmaal in de twee jaar water-op-straat mag voorkomen, wordt voldaan. De maatregelen zijn verdeeld in een basispakket (basis ambitieniveau), zie Tabel R, en een optioneel pakket maatregelen (duurzamer ambitieniveau), zie tabel S. Tabel R Overzicht aanpassingen aan rioolstelsel basispakket Gebied Aanpassing Jaar gepland Investering euro Maatregelen basispakket 1E Industrieterrein I Afkoppelen 6,3 hectare 2010 Verhogen pompcapaciteit naar 140 m 3 /h Verlengen persleiding in westelijke richting (600m) F Industrieterrein II Afkoppelen dakoppervlak* Verhogen pompcapaciteit naar 65 m 3 /h D Leerdam Noord Verlagen pompcapaciteit naar 320 m 3 /h (pas na verlenging 1E->1B) 1G Markiezenhof Verlagen pompcapaciteit naar 7,5 m 3 /h B Leerdam West Afkoppelen Rozenstraat, Tulpstraat, Siemenstraat 2016 Grondexploitatie Afkoppelen Daliastraat, Azaleastraat 2013 Afkoppelingsgelden Afkoppelen Rogier Jooszstraat 2011 Afkoppelingsgelden Afkoppelen Floris Radewijnstraat, 2010 Afkoppelingsgelden F van ter Leedestraat Afkoppelen Voorwaartsveld op Voormolenvliet 2013 Afkoppelingsgelden Afkoppelen Schoolstraat, Talmastraat 2013 Grondexploitatie Afkoppelen Laeken van Burenstraat 2014 Afkoppelingsgelden 1C Leerdam Oost Afkoppelen Prinses Irenelaan, 2012 Afkoppelingsgelden van Solberglaan en deel Prinses Marijkelaan 4A Ter Leede I Verhogen pompcapaciteit naar 60 m 3 /h (pas na verlaging capaciteit 1D) 4C Ter Leede II Verlagen pompcapaciteit naar 4,9 m 3 /h 2010 totaal * Uitvoering vindt plaats afhankelijk van onderzoeksresultaten van de monitoring. Pagina 43 van 52

44 De opgave Optionele maatregelen (duurzamer ambitieniveau) De toekomstige situatie is doorgerekend met bui 8 van de Leidraad Riolering en een continue belasting van 60 en 90 l/s/ha. Ook in de toekomstige situatie blijven er plaatsen bestaan waar theoretisch water-op-straat wordt berekend. In het gemeentelijk rioleringsplan is als maatstaf opgenomen dat het stelsel bij bui 8 geen water-op-straat mag geven. Wanneer deze maatstaf strikt zou worden toegepast dan zijn extra aanpassingen noodzakelijk. Hoewel de maatstaf in het vgrp uitgaat van geen water op straat bij een bui die 1x per 2 jaar optreedt is dat nog geen reden om dan ook meteen die maatregel uit te voeren. Het kan beter worden beschouwd als signaalfunctie waarbij een afgewogen maatregel, rekening houdend met het functioneren in de praktijk en de kwetsbaarheid bovengronds wordt meegewogen bij de definitieve keuze. Leerdam West, glasfabriek Vanwege de aard van de toewijzing van het afvoerend oppervlak is vrij veel belasting op het eind van de streng gekomen. Het is maar zeer de vraag of dit in de praktijk zo aangesloten zit. Mocht het wel correct zijn dan kan een verbinding Ø 250 tussen 1B-217 en 1B-211 het probleem verhelpen. Leerdam West, Voorwaartsveld Het parkeerterrein ligt iets lager dan de omgeving. Diametervergroting zal geen effect hebben. Afkoppelen naar de nabijgelegen, nog aan te leggen, watergang (Voormolenvliet) is een reële optie. Leerdam West, ten noorden van de Tiendweg Dit gebied blijft, ondanks geplande afkoppelprojecten voorlopig kwetsbaarder voor water-opstraat. In afwachting van de toegangsweg naar de nieuwbouwwijk West kan nog niet extra worden afgekoppeld. Wanneer dit wel mogelijk is zal de gevoeligheid verder afnemen. Ter Leede II, Pelgrimpad Een extra uitlaat in het verbeterd gescheiden stelsel t.p.v. put 4C-409 (tegenover de hoek Valkenier) zal het probleem oplossen. Wanneer Ter Leede II ooit wordt omgebouwd naar een gescheiden stelsel is deze maatregel niet nodig omdat dan door het verwijderen van de drempels de waterstanden voldoende worden verlaagd. Leerdam Noord, shellstation De hydraulische verhanglijn in het gedeelte riolering vanaf Shell naar gemaal De Meent is al erg vlak. Het vergroten van de riolering is dan ook geen reële optie. Omdat het maaiveld afloopt naar het Shell-station zal de beste oplossing waarschijnlijk het bijplaatsen van een aantal kolken met een aansluiting naar de IJsvogellaan zijn. Leerdam Noord, Eiland De gevoeligheid voor water op straat van dit deel kan worden verminderd door aan water gelegen gebouwen af te koppelen en het herstellen van de verloren berging. Leerdam Noord, Schaikseweg Een verbinding tussen 1D-153 en 1D-154 zal deze straat iets ontlasten. Een groter probleem is echter dat de woningen iets lager liggen dan de weg. Bij hevige regenval kunnen alsnog problemen blijven bestaan. In de planperiode wordt onderzocht of voor dit deel een bovengrondse maatregel mogelijk is. Leerdam, Industrieterrein I, II en III Omdat nog niet in detail is bekend welke panden worden afgekoppeld en omdat het ook erg lastig te achterhalen is hoe panden exact zijn aangesloten worden voorlopig geen aanpassingen voorgesteld. De gemeente kiest vooralsnog voor een pragmatische aanpak door een combinatie van meten in het stelsel en waar mogelijk kolken rechtstreeks naar het oppervlaktewater te brengen. Pagina 44 van 52

45 De opgave Leerdam Oost, Lodewijk Nassaustraat, Hendrik Nassaustraat en Prins Mauritsstraat In deze straten is in het verleden overlast gemeld, maar hier is inmiddels afgekoppeld. Dit is echter nog onvoldoende. De overstortriolen (2x Ø500) na het bergbezinkbassin zorgen voor opstuwing. Een vergroting van de diameter(s) draagt bij aan het verlagen van de waterstand. Een bijkomend probleem is echter dat de kruising Lodewijk Nassaustaat Oud Schaik het laagste punt in de omgeving is waardoor overtollig water zich hier zal blijven verzamelen. In de planperiode wordt onderzocht welke bovengrondse aanpassingen mogelijk zijn om dit gebied te ontlasten. Leerdam Varsseveld, Wilna Het riool kan worden vergroot over het gedeelte 1O-73 naar de uitlaat 1O-70A van Ø 200 naar Ø 315. Echter, ook bovengronds vormt dit gebied een risico. Onderzocht moet worden of er tussen de bebouwing door een uitloop naar oppervlaktewater mogelijk is. tabel S Overzicht aanpassingen aan rioolstelsel duurzamer ambitieniveau Gebied Aanpassing Investering euro 1B Leerdam West Glasfabriek 20 m1 Ø Voorwaartsveld afkoppelen ca 0,6 ha Afkoppelen ten noorden Tiendweg PM 4C Ter Leede II Pelgrimspad, extra uitlaat 50 m Ø D Leerdam Noord Shellstation, afkoppelen 50 m1 Ø Eiland, afkoppelen ca. 0,7 ha Schaikseweg, 25 m Ø E, 1F en 1X/1Y Aanvullend afkoppelen PM (industrieterreinen) 1C Leerdam Oost Vergroten overstortriool BBB 2x 35 m1 Ø 700 mm Onderzoek Leerdam Oost en Varseveld O Varsseveld Wilna, 140 m Ø Gehele kern Bovengrondse aanpassingen meenemen, t.b.v. extreme geen regenval, in komende inrichtingsontwerpen totaal (planperiode) Grondwater maatregelen Het drainageplan, dat een onderdeel vormt van het rapport grondwateroverlast in Leerdam, voorziet in de aanleg van drainage in openbaar terrein in verschillende wijken of delen ervan. Het gaat om Leerdam-Noord, Leerdam West (ten zuiden van de Tiendweg), Leerdam West (Spartaveld en omgeving, ten noorden van de Tiendweg), Leerdam Oost (Rijswijkstraat e.o.) en Kedichem (Wilhelminalaan / 5 Molens). Deze wijken en straten zijn op basis van een gemeentebreed uitgevoerde enquête en gegevens van de woningstichting Kleurrijk Wonen naar voren gekomen als de gebieden waar grondwateroverlast een (groot) probleem is. Naast het verminderen van grondwateroverlast is het ook wenselijk hemelwater van de riolering af te halen (afkoppelen). Het streven is om de afvoerleidingen van het drainwater zoveel mogelijk ook te gebruiken als afvoerleiding voor afgekoppeld hemelwater. De maatregelen voor de probleemlocaties zijn: Leerdam Noord: aanleg drainage in openbaar gebied door de gemeente. Het betreft hier circa 9,7 km; op particulier terrein en percelen van de woningbouwvereniging: aanleg van drainage en eventueel verondieping van de kruipruimte door de eigenaar; Rijsdijkstraat en omstreken: aanleg drainage in openbaar gebied door de gemeente. Het betreft hier circa 620 m; op particulier terrein en percelen van de woningbouwvereniging: eigenaar; Pagina 45 van 52

46 De opgave Kedichem: aanleg drainage in openbaar gebied door de gemeente. Het betreft hier circa 300 m; particulier terrein en percelen van de woningbouwvereniging: eigenaar is verantwoordelijk; Leerdam zuidwest: in eerste instantie zorgen voor een afwateringsstructuur richting het noordwesten (aan de zuidkant van de wijk); daarna zonodig aanleg van drainage in de openbare weg door de gemeente (maximaal circa m) en aanleg van drainage in tuinen en rond de woningen door de eigenaren. De kosten die uit het drainage plan voortkomen bestaan uit een eenmalige investering voor het ontwerp en aanleg van drainage ter plaatse van de probleemlocaties en een jaarlijks bedrag voor het monitoren en doorspuiten van de drainage. ontwerp en aanleg drainage: circa ,--; vervolg monitoring, doorspuiten drainage: circa ,-- per jaar (uit exploitatie). Op basis van het GRP is er voor de periode jaarlijks een bedrag van ,- beschikbaar. Op basis van de operationele plannen riolering is nog een bedrag van in totaal ,- (2006) ,- (2007) = ,- beschikbaar vanuit het GRP voor de aanpak van grondwateroverlast. In 2008 is het beschikbare bedrag ingezet om een begin te maken met een grondwatermeetnet en het meeleggen van drainage bij een aantal rioolvervangingen. Tot en met 2015 is jaarlijks een bedrag van ,- gereserveerd in het GRP Er is dus in de periode nog een bedrag van 7x ,- = ,- beschikbaar voor de aanpak grondwateroverlast. Dit betekent dat met de beschikbare gelden niet alle maatregelen uit het drainageplan uitgevoerd kunnen worden. Er is sprake van een tekort van ,- ( ,- minus ,-). Voorgesteld wordt de uitvoering van het drainageplan uit te voeren tot de beschikbare kredieten. Bij de vaststelling van het vgrp is het voorlopige tekort van ,- meegenomen in het duurzamer pakket. Samenvatting beheermaatregelen planperiode In tabel T is de opgave voor het uitvoeren van maatregelen (basispakket) voor de komende planperiode weergegeven met daarbij een schatting van de bijbehorende kosten. In tabel U zijn de maatregelen weergeven om het ambitieniveau te verhogen. tabel T Samenvatting beheermaatregelen planperiode (basispakket) jaar Maatregel Kosten EURO jaarlijks Exploitatiekosten planperiode Vervanging onderdelen drukriolering planperiode Vervanging onderdelen gemalen planperiode Vervanging software telemetrie planperiode Vervanging en reparatie vrijvervalriolen planperiode Aanleg drainage volgens drainageplan jaarlijks Monitoring en doorspuiten drainage planperiode Milieumaatregelen, hydraulisch functioneren planperiode Afkoppelen verhard oppervlak jaarlijks Onvoorzien tabel U Samenvatting beheermaatregelen planperiode (duurzamer pakket) jaar Maatregel Kosten EURO planperiode Aanleg extra drainage volgens drainageplan planperiode Optionele maatregelen BRP Pagina 46 van 52

47 6 Organisatie en financiën 6.1 Personele middelen In deze paragraaf wordt aandacht besteed aan de benodigde personele middelen om de werkzaamheden uit te kunnen voeren om de doelen van de rioleringszorg te kunnen halen. Uitgangspunt daarbij is de module Personele aspecten van de rioleringszorg (D2000) van de Leidraad Riolering. Een goede basis om te komen tot een beeld van de rioleringstaken, waar aan in de nabije toekomst invulling moet worden gegeven, is dit vgrp met planperiode 2011 t/m Aan de hand van vijf deeltaken is de benodigde formatie globaal bepaald. Uitgangspunt daarbij is de in de module Personele aspecten van de rioleringszorg beschreven voorbeeldgemeente. De vijf deeltaken zijn: 1. Planvorming 1.1. Opstellen verbreed GRP 1.2. Afstemmen met andere plannen 1.3. Opstellen jaarprogramma s 2. Onderzoek 2.1. Inventarisatie 2.2. Inspectie/controle 2.3. Meten 2.4. Berekenen 3. Onderhoud 3.1. Riolen/kolken 3.2. Gemalen/mechanische riolering 3.3. Infiltratievoorzieningen/lokale zuiveringen 3.4. Grondwatervoorzieningen 4. Maatregelen 4.1. Aanleg van riolering 4.2. reparatie van riolering 4.3. Renovatie/vervanging 4.4. Verbetering 5. Facilitair De situatie in de gemeente Leerdam wijkt op een aantal punten af van de voorbeeldgemeente; een lokale toespitsing is daarmee nodig. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld kenmerken van het rioolstelsel, omgevingsfactoren maar ook om de organisatie binnen de gemeente. De kengetallen van de voorbeeldgemeente zijn gebruikt om tot een eerste inschatting van de benodigde personele capaciteit te komen, zie tabel V en tabel W. Onder facilitair worden de werkzaamheden verstaan die te maken hebben met het actueel houden van bestanden en tekeningen. Met het aantal productieve dagen per jaar wordt bedoeld het aantal effectieve uren. Dit zijn de netto besteedbare dagen dus exclusief ziekte, studie, verlof en andere indirecte activiteiten. Schatting van de netto besteedbare dagen in Leerdam is 194. Pagina 47 van 52

48 Organisatie en financiën tabel V Schatting benodigde formatie voor planvorming, onderzoek en facilitair tijdbesteding max. uitbesteding tijdbesteding uit te dagen/jaar besteden Leerdam dagen/jaar Planvorming Gemeentelijk rioleringsplan 60 70% 50% 30 Afstemming en overleg Jaarprogramma's % 0% 115 Onderzoek Inventarisatie Inspectie/controle % 80% 35 Meten 40 50% 50% 20 Functioneren (berekeningen, afkoppelplannen, OAS) Grondwater 40 50% 50% 20 Facilitair Verwerken revisiegegevens 25 90% 25% 20 Vergunningen (advies) en voorlichting gebruik Klachtenanalyse en verwerking (stedelijk afvalwater en hemelwater) Klachtenanalyse en -verwerking (grondwater) tijdsbesteding 405 fte 2,1 tabel W Schatting benodigde formatie voor onderhoud Onderhoud tijdbesteding uitbesteding tijdbesteding dagen/jaar Leerdam dagen/jaar Riolen/kolken % 24 Gemalen/mechanische riolering % 102 Infiltratievoorzieningen/lokale zuivering 0 40% 0 Drainage 7 40% 4 Planning en begeleiding tijdsbesteding 145 fte 0,7 Voor de invulling van de dagelijkse rioleringszorg in Leerdam is op basis van kentallen uit de Leidraad Riolering circa (2,1+0,7) 2,8 fte nodig. In tabel X is de beschikbare formatie voor de komende planperiode opgenomen op basis van de begroting van tabel X Beschikbare personele middelen op basis van begroting 2010 uren kosten Fte Uren RMO ,04 Uren Onr goed ,02 subtotaal ,06 Uren OW binnendienst ,97 Uren OW buitendienst (onderhoud) ,14 Uren OW buitendienst (kader) ,06 subtotaal OW ,17 Inhuur ,96 Inhuur in 2015 (begeleiding opstellen vgrp) ,26 Pagina 48 van 52

49 Organisatie en financiën De inschatting van de benodigde personele middelen (2,8 fte) voor de dagelijkse rioleringszorg laat zien dat de in de begroting opgenomen uren (2,17 fte) onvoldoende is. Dit strookt ook met de beleving dat er niet voldoende capaciteit voorhanden is om alle werkzaamheden goed uit te kunnen voeren. Dit blijkt vooral uit het feit dat voor planvorming, onderzoek facilitair circa 2,1 fte benodigd is terwijl de binnendienst circa 0,97 fte omvat. Dit wordt opgevangen door inhuur van extern personeel, in totaal circa 0,96 fte. In totaal is er voor de binnendienst met inhuur van extern personeel jaarlijks circa 1,93 fte beschikbaar in de planperiode. In 2015 is voor de gemeentelijke begeleiding van het opstellen van het vgrp extra capaciteit beschikbaar van 0,26 fte. In de planperiode worden verschillende maatregelen uitgevoerd zoals het repareren en vervangen van vrijvervalriolering, afkoppelen van verhard oppervlak, vervangen van het mechanisch/elektrisch deel van drukriolering en gemalen en maatregelen uit het basisrioleringsplan. Voor de voorbereiding en toezicht van deze projecten is ook personeelscapaciteit nodig. Uitgaande van 15% voor voorbereiding en toezicht is er in de planperiode circa 5,5 fte (ofwel 1,1 fte per jaar) nodig. De personeelskosten voor de voorbereiding en toezicht (in eigen beheer) van deze projecten zijn opgenomen in de totale projectkosten en zijn daarmee gedekt in dit vgrp. tabel Y Schatting benodigde formatie voor maatregelen Investeringen "kale"kostprijs Perc V+T Kosten personeel Maximaal uit te besteden Uitbesteding Leerdam Personeelsinzet dagen aanleg nieuwbouw - 15% - 60% 0% aanleg bestaande bebouwing - 15% - 60% 0% drainage % % 0% 104 vervanging en reparatie % % 0% 843 verbetering % % 0% 123 Totaal fte ,5 (1,1/jaar) 6.2 Financiële middelen Algemeen Op korte termijn (de planperiode 2011 t/m 2015) enerzijds en op de lange termijn (beschouwde periode van 60 jaar) anderzijds worden activiteiten uitgevoerd in het kader van aanleg en beheer van riolering. Deze activiteiten worden volgens de beschreven strategie uitgevoerd om de gestelde doelen te kunnen halen. In deze paragraaf worden de benodigde financiële middelen samengevat en wordt aangegeven hoe in de dekking van de kosten kan worden voorzien. Alle bedragen zijn op prijspeil 2010 en moeten dan ook voor de toekomst met de optredende inflatie worden geïndexeerd. De uitgaven zijn exclusief BTW. In de rioolheffingberekening is de op de algemene uitkering gekorte BTW-component wel betrokken ( per jaar) Vervangingswaarde De vervangingskosten van de riolen zijn berekend met behulp van dg DIALOG. Kosten voor eventuele verbetering/aanleg wegfundering zijn niet in de berekening betrokken. De vervangingswaarde van de te onderscheiden onderdelen van de riolering is als volgt: Stedelijk afvalwater: Gemengde riolering DWA-riolering Bijlage 3: tabel 9 Bijlage 3: tabel Gemalen Bijlage 3: tabel Persleidingen Bijlage 3: tabel Drukriolering Bijlage 3: tabel Vacuümriolering Bijlage 3: tabel Pagina 49 van 52

50 Organisatie en financiën Hemelwater HWA-riolering Bijlage 3: tabel Bergbezinkvoorzieningen (m/e) Bijlage 3: tabel Gemalen Bijlage 3: tabel De gemiddelde vervangingswaarde van de vrijvervalriolen, bedraagt per strekkende meter riool circa 563,--. De gemiddelde vervangingswaarde van de drukriolering inclusief pompunits bedraagt circa ,-- per pompunit Total uitgaven bestaand beleid Het totaal van de uitgaven dat met de aanleg (exclusief nieuwbouw) en het beheer van de riolering over de totale levenscyclus van zestig jaar gemoeid is, is samengevat weergegeven in tabel Z (exclusief BTW) en in tabel 16 in bijlage 3. De periode van 60 jaar is gesteld omdat dan alle verwachte uitgaven in beeld zijn gebracht. In figuur J zijn de uitgaven voor de totale beschouwde periode opgenomen. tabel Z Overzicht totale uitgaven planperiode, sober+ (EURO x 1000) Planperiode Jaarlijkse uitgaven Investeringen kosten van Kapitaal Onderzoek Exploitatie Vervanging / Overige milieumaatregelen Grondwater investeringen lasten verbetering maatregelen verleden jaar TOTAAL excl. BTW EURO totaal planperiode Totaal EURO jaar exploitatie kap.last.verl. nieuwe kapitaallasten onderzoek figuur J Overzicht jaarlijkse kosten voor rioleringszorg (bestaand beleid) Pagina 50 van 52

51 Organisatie en financiën 6.3 Kostendekking Inleiding In deze paragraaf komt de kostendekking op de lange(re) termijn aan de orde. Er wordt uitgegaan van de kosten voor de gehele beschouwde periode , zoals die in 6.2 is weergegeven. Voor dekking van kosten van aanleg en beheer van riolering en grondwatervoorzieningen komen in het algemeen verschillende bronnen in aanmerking. Aanleg riolering van nieuwe bestemmingsplannen wordt bekostigd uit de exploitatieopzet van die plannen en zijn verdisconteerd in de m 2 -verkoopprijs. De kosten van beheer van riolering worden gedekt uit de rioolheffing. De rioolheffingsberekening is uitgevoerd met behulp van de contante-waarde-methode. Deze methode is vooral geschikt om de effecten op langere termijn zichtbaar te maken. Het aldus berekende rioolheffing geeft de trend op langere termijn aan. Met de contante-waarde-methode is een vergelijking van uitgaven en inkomsten in verschillende jaren mogelijk. De toekomstige uitgaven en inkomsten van elk jaar ( ) worden contant gemaakt naar 1 januari In de te verwachten inkomsten zit één onbekende: de hoogte van de benodigde rioolheffing. Door de contante waarde van de te verwachten inkomsten gelijk te stellen aan de contante waarde van de te verwachten uitgaven wordt de hoogte van de rioolheffing berekend. Bij deze berekeningsmethode is de verhouding tussen rente en inflatie (1+r/1+i) constant verondersteld. Indien de verhouding tussen rente en inflatie de komende jaren structureel anders blijkt te zijn dan die waarvan in dit rioleringsplan is uitgegaan, is dat reden voor herziening van de berekeningen. Bij de berekeningen is een rentevoet van 5,0% en een inflatie van 2,0% gehanteerd. Het nieuwe artikel 228a van de Gemeentewet biedt de mogelijkheid om 1 of 2 heffingen in te stellen, één heffing voor het vuilwaterdeel en één heffing voor het hemelwater- en grondwaterdeel. Dit nieuwe beleid is erop gericht op het nastreven van een financiële ontvlechting van de waterketen en het watersysteem. Om dit te kunnen bereiken moeten alle in dit vgrp genoemde kosten worden toebedeeld aan één van deze twee posten. Voor een aantal zaken is dit vanzelfsprekend en voor minder vanzelfsprekende zaken wordt er een verdeelsleutel gebruikt. Voor de achtergrond van deze verdeelsleutel wordt verwezen naar het rapport Voorstel toerekeningssystematiek kosten voor vuilwater- en regenwaterafvoer, VROM oktober De gemeente is vrij om te kiezen of ze 1 of 2 heffingen willen instellen. In dit vgrp is uitgegaan van de berekening van 1 rioolheffing. Dit is gedaan omdat het beste aansluit bij de huidige situatie. Op deze manier wordt voorkomen dat de gemeente extra kosten moet maken om de verschillende heffingen te kunnen innen en te controleren Heffingseenheden Per 1/1/2011 bedraagt het aantal heffingseenheden (gebaseerd op de geraamde inkomsten van gedeeld door de hoogte van de heffing in 2010 van 233,64). In de rioolheffingsberekening is ook rekening gehouden met een stijging van het aantal heffingseenheden als gevolg van nieuwbouw. Voor een overzicht van de toename van het aantal heffingseenheden wordt verwezen naar tabel 15 in bijlage Heffingsgrondslag In de gemeente Leerdam wordt rioolrecht geheven volgens de Verordening op de heffing en invordering rioolrechten 2009, die ook als grondslag voor de berekening in dit vgrp wordt gehanteerd. Met het verbreden van de gemeentelijke watertaken is het rioolrecht omgezet naar een nieuwe gemeentelijke heffing. Deze gemeentelijke heffing heeft dan het karakter van een bestemmingsheffing waarmee de kosten kunnen worden verhaald om collectieve maatregelen te treffen die de gemeente noodzakelijk acht voor een doelmatige werkende riolering en overige Pagina 51 van 52

52 Organisatie en financiën maatregelen ten aanzien hemelwater en grondwater. Deze heffing is gebaseerd op artikel 228a van de Gemeentewet Inkomsten anders dan rioolheffing De stand van de egalisatievoorziening bedraagt per 1/1/ ,-- en komt ten goede aan de riolering, zie tabel 18 in bijlage Rioolheffing per ambitieniveau Om invulling te kunnen geven aan de rioleringszorg zijn vier ambitieniveaus geformuleerd, basis, duurzamer, sober en sober+, zie tabel AA. De kosten voor de dagelijkse rioleringszorg (exploitatie) en onderzoek zijn voor de alle vier ambitieniveaus gelijk. In het ambitieniveau sober is uitgegaan dat van de te vervangen vrijvervalriolering 10% meer gerelined wordt dan in de afgelopen planperiode. De maatregelen uit het basisrioleringsplan worden in alle ambitieniveaus uitgevoerd. In het ambitieniveau duurzamer wordt er extra geïnvesteerd in de aanleg van een drainagesysteem en optionele maatregelen uit het BRP In het ambitieniveau sober worden de investeringen voor het afkoppelen van verhard oppervlak verdeeld over 10 jaar in plaats van vijf jaar. Ambitieniveau sober+ is een combinatie van het ambitieniveau duurzamer en sober. tabel AA Ambitieniveaus Ambitieniveau Maatregelen Basis Duurzamer Sober Sober+ Vervanging Conform vervangingsplanning Conform vervangings- Conform vervangingsplanning vrijverval en 10% meer relinen dan Conform vervangingsplanning vrijverval en 10% meer relinen dan Jaarlijks vrijverval planning vrijverval , ( ,-) ( ,-) ( ,-) ( ,-) Afkoppelen verh. Opp. Afkoppelen verh. Opp. Afkoppelen verh. Opp. Afkoppelen verh. Opp. Milieu Jaarlijks ( ,-) ( ,-) ( ,-) ( ,-) Extra Maatr. uit BRP Jaarlijks 2010 ( ,-) Grondwater Jaarlijks Aanleg afvoersysteem ( ,-) Aanleg afvoersysteem ( ,-) Aanleg afvoersysteem ( ,-) Aanleg afvoersysteem ( ,-) De bedragen zijn op prijspeil 1 januari Jaarlijks moeten deze met de optredende inflatie worden geïndexeerd. De gemeenteraad heeft gekozen voor het ambitieniveau Sober+. Omdat de rioolheffing in 2010 van 233,64 (per heffingseenheid) lager is dan de benodigde rioolheffing voor het gekozen ambitieniveau Sober +, is uitgerekend hoe een kostendekkend tarief bereikt kan worden. Hierbij is gekozen voor een dekkingsscenario waarbij de rioolheffing per 1 januari ,64 bedraagt en jaarlijks stijgt met 2% per jaar (exclusief inflatiecorrectie). In het jaar 2019 wordt dan het kostendekkende niveau van 276,01 (exclusief inflatiecorrectie) bereikt. In tabel B wordt tot en met 2015 weergegeven wat het tarief van de rioolheffing wordt bij toepassing van het dekkingsscenario met de jaarlijkse stijging van 2%. Daarnaast staat in de derde kolom van tabel B het tarief van de rioolheffing inclusief de inflatiecorrecties van 2% weergegeven. tabel BB Ontwikkeling rioolheffing planperiode Jaar Rioolheffing Prijspeil 2010 in (excl. inflatiecorrectie) Rioolheffing Nominaal in (incl. inflatiecorrectie) ,64 233, ,31 243, ,08 252, ,94 263, ,90 273, ,96 284,80 Pagina 52 van 52

53 Bijlage 1 Beleid- wet en regelgeving

54 Bijlage 1: Beleid- wet en regelgeving Europese Kaderrichtlijn Water De Kaderrichtlijn Water (KRW) is erop gericht de kwaliteit van watersystemen te verbeteren, onder meer door lozingen aan te pakken, op Europees niveau. Verder is het de bedoeling het duurzaam gebruik van water te bevorderen en de verontreiniging van grondwater aanzienlijk te verminderen. Naast een verbetering van de waterkwaliteit is het streven ook de Europese waterwetgeving te harmoniseren, uiterlijk in De KRW stelt voor alle wateren een hoge ecologische en kwaliteitsdoelstelling. Met name voor wateren met verhoogde natuurdoelstellingen kan verwacht worden dat nog grote inspanningen geleverd moeten worden. Waterwet Acht bestaande wetten (o.a. Wet op de Waterhuishouding en Grondwaterwet) voor het waterbeheer in Nederland worden vervangen door één Waterwet. De Waterwet regelt het beheer van oppervlaktewater en grondwater. De wet zal gericht zijn op het bereiken van doelstellingen van watersystemen (stroomgebieden), met een heldere verdeling van verantwoordelijkheden en taken tussen de verschillende betrokken overheden. Tevens is de wet gericht op een adequaat instrumentarium voor de uitvoering van het waterbeleid. Dit betreft dan met name een vermindering van regels, vergunningstelsels en administratieve lasten. In het kader van de Waterwet zullen zowel de overstortvergunningen als de aansluitvergunningen verdwijnen. Door de Waterwet zullen waterschappen, gemeenten en provincies beter in staat zijn wateroverlast, waterschaarste en watervervuiling tegen te gaan. Ook voorziet de wet in het toekennen van functies voor het gebruik van water zoals scheepvaart, drinkwatervoorziening, landbouw, industrie en recreatie. Op basis van de functie worden eisen gesteld aan de kwaliteit en de inrichting van het water. Wet Milieubeheer Met de inwerkingtreding van de Wet Milieubeheer zijn voorschriften gesteld aan het lozen van afvalwater. Lozingen op de riolering worden op basis van de Wet milieubeheer geregeld. Enerzijds mag het materiaal van de riolering niet worden aangetast, anderzijds mag ook de goede werking van de afvalwaterzuiveringsinrichting niet worden belemmerd. Tot slot is de kwaliteit van belang in verband met de overstortingen op oppervlaktewater. Een en ander is vastgelegd in de Instructieregeling lozingsvoorschriften milieubeheer. Bij Wet milieubeheercontroles bij bedrijven moet ook de rioleringscomponent worden meegenomen. Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten (WION) De WION (ook wel bekend als Grondroerdersregeling) is 1 juli 2008 in werking getreden. De gemeente is als eigenaar van leidingen verplicht tot digitale toegankelijkheid van de leidinggegevens van hun netwerken en aanlevering hiervan bij het Kadaster. De verplichte aanlevering van informatie betekent voor gemeenten dat zij alle gegevens over leidingen in hun beheer digitaal beschikbaar moeten hebben. Nationaal waterplan Het ontwerp Nationaal Waterplan is de opvolger van de Vierde Nota Waterhuishouding uit 1998 en vervangt alle voorgaande Nota's Waterhuishouding. Het Nationaal Waterplan is opgesteld op basis van het wetsvoorstel Waterwet dat in 2009 in werking zal treden. Het Nationaal Waterplan beschrijft de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid. Op basis van de Wet ruimtelijke ordening heeft het Nationaal Waterplan voor de ruimtelijke aspecten de status van structuurvisie. Belangrijke onderdelen van het Nationaal Waterplan zijn het nieuwe beleid op het gebied van waterveiligheid, het beleid voor het IJsselmeergebied, het Noordzeebeleid en de Stroomgebiedbeheerplannen op grond van de KRW. Tevens bevat het Nationaal Waterplan een eerste beleidsmatige uitwerking van de kabinetsreactie op het advies van de Deltacommissie. Als bijlage bij het ontwerp Nationaal Waterplan zijn beleidsnota's toegevoegd over waterveiligheid, het IJsselmeergebied en de Noordzee. Deze beleidsnota's vormen een nadere uitwerking en onderbouwing van de keuzes die in de hoofdtekst staan van het Nationaal Waterplan en dienen in samenhang ermee te worden gelezen. Tevens is een separate samenvatting opgesteld van de vier Stroomgebiedbeheerplannen. Deze maken alle onderdeel uit van het Nationaal Waterplan.

55 Bijlage 1: Beleid- wet en regelgeving (Vervolg 1) Nationaal bestuursakkoord water In februari 2001 sloten het Rijk, IPO (Interprovinciaal Overleg), UvW (Unie van Waterschappen) en de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) de Startovereenkomst Waterbeleid 21e eeuw. Daarmee werd de eerste stap gezet in het tot stand brengen van de noodzakelijke gemeenschappelijke aanpak. Twee jaar later op 2 juli 2003 zijn de resultaten van die samenwerking en van voortschrijdende kennis en inzicht neergelegd in het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW). Twee belangrijke elementen uit de NBW betreffen: De noodzaak dat gemeenten in samenwerking met het waterschap een waterplan opstellen, mits sprake is van knelpunten in het watersysteem. De stedelijke wateropgave dient uiterlijk in 2009 te worden ingevuld door de gemeente samen met het waterschap, zodat voor de burgers ook in extreme situaties het houden van droge voeten wordt nagestreefd. Het Nationaal Bestuursakkoord Water is geactualiseerd. Hiermee onderstrepen de betrokken partijen nogmaals het belang van samenwerking om het water duurzaam en klimaatbestendig te beheren. In de nieuwe afspraken staat onder meer hoe de betrokken partijen moeten omgaan met nieuwe klimaatscenario s, de stedelijke wateropgave en de gevolgen voor de ruimtelijke ordening. Bestuursakkoord Waterketen 2007 Op 5 juli 2007 heeft de VNG samen met andere betrokken partijen een bestuursakkoord waterketen afgesloten. Dit akkoord bevat afspraken die leiden tot versterking en verdere stimulering van het bottum-up samenwerkingsproces tussen gemeenten, drinkwaterbedrijven en waterschappen. Resultaat van deze afspraken moet zijn dat de doelmatigheid en transparantie van de uitvoering van de taken wordt vergroot. Het akkoord gaat ervan uit dat een doelmatigheid van 10 a 20 % over 10 jaar haalbaar is. Aandachtspunten voor de gemeenten uit het bestuursakkoord waterketen zijn met name Benchmarking rioleringszorg, intergemeentelijke samenwerking en permanente samenwerking met het waterschap. Een belangrijk speerpunt is het doen van vergelijkend onderzoek ter verbetering van de uitvoering van taken (benchmarking). Benchmarking biedt objectieve informatie om de uitvoering van taken te vergelijken en op basis daarvan verder verbeteringen door te voeren. In het bestuursakkoord wordt opgeroepen een benchmark uit te voeren. In 2010 zal een representatieve groep gemeenten een benchmark over 2009 hebben uitgevoerd. Het bestuursakkoord stelt tot doel dat gemeenten en waterschappen een permanente samenwerking in het afvalwaterbeheer realiseren en bestuurlijke overeenkomsten afsluiten om investeringen tegen de laagst maatschappelijke kosten te realiseren. Voor alle rioolwaterzuiveringsinstallaties en de aangesloten riolering dient in 2009 een optimalisatiestudie te zijn uitgevoerd, tenzij uit een snelle inventarisatie blijkt dat er geen optimalisatiekansen zijn. Het waterschap neemt hiertoe het initiatief. Het Rijk monitort de ontwikkeling van de doelmatigheid en transparantie ten opzichte van het referentiejaar In 2007 is de eerste monitor uitgevoerd. In 2009 en 2011 worden de tweede en de derde, de laatste, monitor uitgevoerd. Nota rioleringsbeleid 2005 waterschap Rivierenland + aanvulling Het beleid van het waterschap is gericht op het bereiken van ecologisch gezond water in bebouwd en onbebouwd gebied. Dit vraagt om aandacht voor een duurzame inrichting van het watersysteem, natuurvriendelijk beheer en het beperken van de toestroom van milieubelastende stoffen tot een aanvaardbaar niveau. Het bereiken van ecologisch gezond water is mede afhankelijk van de maatregelen in de waterketen, waarvan de riolering deel uitmaakt. Uitwerking van het beleid vindt onder andere plaats in de rioleringsplannen, de watertoets en in de waterplannen. Voor de vergunningverlening van emissies vanuit riolering op grond van de Wvo en ontheffingverlening op grond van de Keur van het waterschap wordt getoetst aan dit beleid. In de Beleidsnota Rioleringen 2005 hanteert WSRL de beslisboom aan- en afkoppelen van BOR-G (Voorkeursvolgorde) en wrw2003 (Maatregelen). Als gevolg van veranderde inzichten zijn deze niet langer actueel. Het uitgangspunt voor het omgaan met hemelwater is nu dat re-

56 Bijlage 1: Beleid- wet en regelgeving (Vervolg 2) genwater in beginsel schoon genoeg is om zonder aanvullende regels in het milieu te worden verwerkt. De beslisboom ging uit van typen verhard oppervlak, onderscheiden in mate van verontreiniging en risico. In het licht van de veranderde wetgeving, die niet meer insteekt op nee, tenzij maar meer op ja, mits, is deze indeling aangepast en vereenvoudigd. Eerst wordt gekeken in hoeverre water op eigen terrein kan worden opgevangen en verwerkt. Indien dat niet (geheel) haalbaar is kan lozing via openbare voorzieningen worden overwogen. Welke techniek wordt toegepast is het resultaat van maatwerkoverleg. In dit maatwerkoverleg wordt de voorkeursvolgorde gehanteerd. Als daaruit blijkt dat de lozing van hemelwater naar oppervlaktewater de geëigende oplossing is, gelden per type verhard oppervlak verschillende zuiveringsdoelstellingen: Bij licht verontreinigd oppervlak kan in beginsel zonder voorziening worden geloosd. De voorkeur gaat uit naar een centraal lozingspunt in verband met de beheersbaarheid van de lozing. Toch is er een voorkeur voor een bodempassage, omdat daarmee de risico s voor waterverontreiniging verder worden ingeperkt. Indien er sprake is van dakvlakken of gevels met uitlogende bouwmaterialen en deze uitloging een bedreiging vormt voor de waterkwaliteit kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld. Bij matig verontreinigd oppervlak is een bodempassage uitgangspunt. Als dit niet mogelijk is kan een mechanisch filter worden gekozen, waarmee zwevende of bezinkbare stoffen, minerale olie en PAK s in voldoende mate worden verwijderd. Aansluiting via een verbeterd gescheiden stelsel is ook mogelijk. Bij verontreinigd oppervlak is het verbeterd gescheiden stelsel uitgangspunt. Lozing via een bodempassage is ook mogelijk. Met nadruk wordt gesteld dat de keuze uiteindelijk het resultaat is van maatwerkoverleg. De keuze kan afhangen van het water waarop wordt geloosd en de mate van bescherming daarvan. De keuze wordt tevens beïnvloed door de (kwantitatieve en of relatieve milieuschadelijkheid risicobenadering die is geïntroduceerd bij de zorgplichten voor hemelwater en grondwater en door criteria ten aanzien van doelmatigheid en kosteneffectiviteit. Samenwerken in de Waterketen (afspraak) Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de inzameling van rioolwater via de riolering, het waterschap is verantwoordelijk voor het transport vanaf het overnamepunt en de zuivering. Gezamenlijk zijn ze verantwoordelijk voor een doelgericht aanpak en een doelmatig beheer van de waterketen. Hiertussen bestaan veel verbanden en is er veel te winnen qua afstemming, doelmatigheid, duurzaamheid, dienstverlening en transparantie, indien partijen de samenwerking zoeken. Samenwerking verbetert ook de mogelijkheden in het omgaan met nieuwe externe ontwikkelingen, zoals klimaatsverandering, nieuwe wet- en regelgeving en mogelijke innovaties in het afvalwaterbeheer. Waterschap Rivierenland wil door middel van een intentieovereenkomst tussen verschillende gemeenten en het waterschap de samenwerking verder gaan vormgeven. Grondwaterplan Zuid-Holland (Provincie Zuid-Holland) In het grondwaterplan Zuid-Holland is het provinciale grondwaterbeleid voor de periode opgenomen. Het plan bevat een uitwerking van de hoofdlijnen van het provinciale grondwaterbeheer die in het Beleidsplan Groen, Water en Milieu zijn beschreven. De basis voor het provinciale grondwaterbeleid is dat er op een duurzame manier met het grondwater wordt omgegaan, zonder dat het evenwicht van het grondwatersysteem wordt verstoord. De hoeveelheid en kwaliteit van het grondwater moet geschikt zijn voor de grondgebruikfuncties die er van afhankelijk zijn. De provincie wil de doelstellingen uit het plan samen met andere overheden en maatschappelijke organisaties bereiken tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Doelmatig beheer waterketen (Eindrapport commissie feitenonderzoek) De commissie heeft de doelmatigheidsverbetering in de waterketen in de afgelopen tien jaar geïnventariseerd. Op basis van dit materiaal en komende ontwikkelingen heeft zij mogelijkheden tot verdere rationalisatie tot 2020 in beeld gebracht.

57 Bijlage 1: Beleid- wet en regelgeving (Vervolg 3) De commissie acht een besparing in de waterketen van 550 miljoen euro in 2020 reëel. Voor klimaatadaptatie, rioolvervanging en waterkwaliteitsverbetering is een kostenverhoging van 600 miljoen euro in 2020 voorzien. Deze kostenverhoging kan grotendeels worden gecompenseerd door efficiencyverbetering in de waterketen. Om de besparingen te realiseren is bundeling van kennis en capaciteit en het verder professionaliseren van het beheer nodig. Dit vergt ingrijpende veranderingen, die zorgvuldig en met oog voor regionale en lokale kenmerken moeten worden vormgegeven. De te bereiken besparingen zullen daarom de eerste jaren naar verwachting beperkt zijn, waarna zij tot 2020 geleidelijk toenemen. Van belang is om een goede en evenwichtige afstemming tussen de inrichting van de openbare ruimte en de riolering te behouden. Daarmee kunnen significante besparingen worden bereikt bij het inspelen op de klimaatveranderingen. Gezamenlijke doelgerichte aanpak afvalwaterketen (UvW en VNG) Gemeenten en waterschappen zijn de laatste decennia steeds meer elkaars partners geworden. Zowel gemeenten als waterschappen zien daarbij het belang om afwegingen in het waterbeheer steeds meer op elkaar af te stemmen. VNG en UvW delen de mening dat waterveiligheid, een goed waterbeheer in stad en landelijke gebied en kosteneffectieve afvalwaterketen van groot belang zijn op lokaal niveau. Daarbij wordt ten behoeve van effectieve en doelmatige uitvoering van overheidstaken op lokaal en bovenlokaal niveau gehecht aan verdere integratie en versterking van de onderlinge relatie, zowel bestuurlijk in de beleidsvorming als organisatorisch in de uitvoering.

58 Bijlage 2 Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden

59 Bijlage 2: Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden Doel 1: Zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater Functionele eisen Maatstaven Meetmethoden 1a. Alle percelen op het gemeentelijk gebied waar afvalwater vrijkomt Alle percelen binnen of buiten bebouwde kom moeten aangesloten Registratie van lozingssituatie van de percelen binnen en buiten moeten van een rioleringsaansluiting zijn voorzien, uitgezonderd bij specifieke situaties waar lokale behandeling een zelfde graad van milieubescherming biedt. zijn op riolering of op een lokale behandeling van het afvalwater (IBA) als dit eenzelfde graad van milieubescherming biedt. de bebouwde kom. 1b. Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden. Geen overtredingen van de Lozingsvoorwaarden bij of krachtens de Wet milieubeheer en geen foutieve aansluitingen. Controle, handhaving en registratie 1c. De huisaansluitleidingen moeten in goede staat zijn. Geen klachten over functioneren aansluitleidingen Meldingen- en klachtenregistratie 1d. Riolen en andere objecten dienen in hoge mate waterdicht te zijn, zodanig dat de hoeveelheid uittredend rioolwater en intredend grondwater beperkt blijft. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. Visuele inspectie met classificatie volgens NEN Doel 2: Zorgen voor transport van stedelijk afvalwater Functionele eisen Maatstaven Meetmethoden 2a. De afvoercapaciteit moet voldoende zijn om bij droog weer het Optimaal stelselontwerp, volgens landelijke normen. Hydraulische berekeningen aanbod van stedelijk afvalwater binnen zekeren grenzen te verwerken. 2b. De afstroming dient gewaarborgd te zijn. Verblijftijd van het afvalwater in het stelsel niet langer dan 24 uur. Visuele inspectie met classificatie volgens NEN c. Het afvalwater dient zonder overmatige aanrotting de rwzi te bereiken 2d. De afvoercapaciteit van de gemengde riolering voor afvalwater moet toereikend zijn om het aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij bepaalde buitengewone omstandigheden. geen verloren berging. Bij berekening met bui 8 (herhalingstijd 1x per 2 jaar) uit de module C2100 van de Leidraad Riolering mag per knooppunt geen water op straat voorkomen. 2e. De objecten moeten in goede staat zijn. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit mogen niet voorkomen. 2f. De vervuilingstoestand van de riolering dient acceptabel te zijn. Ingrijpmaatstaven voor afstroming (conform NEN 3398) mogen niet voorkomen. 2g. De vuiluitworp door overstortingen uit gemengde rioolstelsels op De vuiluitworp mag de doelstelling van de oppervlaktewater dient beperkt te zijn. oppervlaktewaterkwaliteit niet in gevaar brengen; De vuiluitworp moet voldoen aan de eenduidige basisinspanning van het CIW en eventuele aanvullende eisen vanuit het waterkwaliteitsspoor. Hydraulische berekeningen conform Leidraad Riolering C2100 bij een gebeurtenis met een herhalingstijd van T=2 jaar (bui08) Visuele inspectie met classificatie volgens NEN Visuele inspectie met classificatie volgens NEN 3399 en hydraulische berekening. Tienjarige regenreeksberekeningen volgens de Leidraad Riolering.

60 Bijlage 2: Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden (Vervolg 1) Doel 3: Zorgen voor inzameling van hemelwater (voor zover niet door de particulier) Functionele eisen Maatstaven Meetmethoden 3a. Alle percelen binnen het gemeentelijke grondgebied zijn voorzien van een aansluiting op de riolering. In beginsel wordt de hemelwaterafvoer niet aangesloten op het rioleringsstelsel. 3b. Voor zover rendabel, afkoppelen van schoon hemelwater zonder wateroverlast en ongewenste milieuverontreiniging te veroorzaken. 3c. De vuiluitworp door regenwaterlozingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. 3d. Adequate inzameling van hemelwater, voor zover de particulier niet redelijkerwijs in de verwerking kan voorzien. Alle percelen in bestaand bebouwd gebied zijn voorzien van een aansluiting op de riolering tenzij directe lozing is geoorloofd met het oog op het milieu; Hemelwater van nieuwe bebouwing mag niet worden aangesloten op het gemengde rioleringstel. Afkoppelen indien technisch uitvoerbaar, toelaatbaar voor het milieu en kosteneffectief. Resterende vuiluitworp mag geen belemmering vormen voor de waterkwaliteit. Indien bij nieuwbouw het perceel grenst aan het oppervlaktewater dan voorziet de particulier, in overleg met de waterbeheerder, in de afvoer van het hemelwater van daken rechtstreeks op het oppervlaktewater. Registratie van lozingssituatie van de percelen binnen en buiten de bebouwde kom. Toetsing oppervlaktewaterkwaliteit Visuele waarnemingen en meldingenregistratie. 3e. De instroming in riolen via de kolken dient ongehinderd plaats te vinden. Plasvorming bij kolken dient beperkt te zijn. Visuele waarnemingen en meldingenregistratie. 3f. Beperkte hoeveelheid intredend grondwater. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid (conform NEN 3398) mogen Visuele inspectie met classificatie volgens NEN niet voorkomen. Doel 4: Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater Functionele eisen Maatstaven Meetmethoden 4a. De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het Gemiddeld maximaal éénmaal per twee jaar water op straat Hydraulische berekeningen conform Leidraad Riolering C2100 bij aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij (theoretisch). een gebeurtenis met een herhalingstijd van T=2 jaar (bui08) bepaalde buitengewone omstandigheden. 4b. De vuiluitworp door overstortingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. De vuiluitworp mag de doelstelling van de oppervlaktewaterkwaliteit niet in gevaar brengen; De vuiluitworp moet voldoen aan de eenduidige basisinspanning van het CIW en eventuele aanvullende eisen vanuit het waterkwaliteitsspoor. Berekenen en meten van vuiluitworp conform richtlijnen waterkwaliteitsbeheerder. Doel 5: Zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert Functionele eisen Maatstaven Meetmethoden 5a. Adequate afvoer van overtollig grondwater (bij te hoge Maatregelen bij structurele grondwateroverlast als de Peilbuizen registratie, onderzoek grondwaterstanden. grondwaterstanden). (beheerfase): grondwaterstand vaker dan dagen per jaar boven de hoogst toelaatbare grondwaterstand uitkomt. Ontwateringsdiepte minimaal 0,5 m - m.v. (tuinen en openbare Peilbuizen registratie, onderzoek grondwaterstanden. groenvoorzieningen) Ontwateringsdiepte minimaal 0,3 m - kruin weg (woningen zonder Peilbuizen registratie, onderzoek grondwaterstanden. kruipruimte) Ontwateringsdiepte minimaal 0,7 m - kruin weg (woningen met Peilbuizen registratie, onderzoek grondwaterstanden. kruipruimte) Ontwateringsdiepte minimaal 0,9 m -1,00 m- kruin weg (primaire wegen) Ontwateringsdiepte minimaal 0,7 m - kruin weg (secundaire wegen) Peilbuizen registratie, onderzoek grondwaterstanden.

61 Bijlage 3 Tabellen met technische gegevens

62 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens Gemalen gemengd Tabel 1 bedragen * EURO prijspeil jaar 20 jaar Nr Lokatie gemaal aanlegjaar aantal investering vervanging bouwk deel investering vervanging mech/el deel bouwk mech/el pompen 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1e vv-jaar excl. BTW BTW 101 Gemaal "De Meent" ,00 5, ,00 7, Kon. Emmalaan ,50 2, ,00 3, Stadhouder Janstraat ,50 2, ,00 3, Techniekweg (rwa/dwa) ,50 3, ,00 3, Industrieweg ,50 3, ,00 3, Ter Leede I (dwa) ,50 3, ,00 3, Drossaardslaan ,50 3, ,00 3, Nijverheidstraat ,50 3, ,00 3, P.S. Gerbrandylaan ,50 3, ,50 3, Lingebolder ,50 3, ,50 3, Hernösand ,50 3, ,00 3, Archangel ,50 3, ,00 3, Fonteinstraat (Wilhelminabrug) ,50 3, ,50 3, Novyborstraat (rwa/dwa) ,50 3, ,00 3, Populierstraat ,50 3, ,00 3, Markiezenhof ,50 2, ,00 4, IJsvogellaan 2P ,50 3, ,00 3, Masada ,00 4, ,00 3, Kortgerecht ,50 3, ,00 3, Overheicop ,50 2, ,50 3, Noorderlingedijk (vacuumriol) ,50 3, ,00 6, Gemaal Meent ,50 3, ,00 3,80 TOTALEN BK 369,00 70,11 M/E 463,00 87,97 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 4-jun-10

63 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 1) Gemalen gemengd bedragen * EURO prijspeil 2010 Nr Lokatie gemaal Tabel 1a 10 jaar aanlegjaar telemetrie software bouwk software mech/el 1e vv-jaar excl. BTW BTW 101 Gemaal "De Meent" ,00 0, Kon. Emmalaan ,00 0, Stadhouder Janstraat ,00 0, Techniekweg (rwa/dwa) ,00 0, Industrieweg ,00 0, Ter Leede I (dwa) ,00 0, Drossaardslaan ,00 0, Nijverheidstraat ,00 0, P.S. Gerbrandylaan ,00 0, Lingebolder ,00 0, Hernösand ,00 0, Archangel ,00 0, Fonteinstraat (Wilhelminabrug) ,00 0, Novyborstraat (rwa/dwa) ,00 0, Populierstraat ,00 0, Markiezenhof ,00 0, IJsvogellaan 2P ,00 0, Masada ,00 0, Kortgerecht ,00 0, Overheicop ,00 0, Noorderlingedijk (vacuumriol) ,00 0, Gemaal Meent ,00 0,57 TOTALEN 66,00 12,54 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 4-jun-10

64 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 2) Gemalen Hemelwaterafvoer + bergbezinkbassins Tabel 2 bedragen * EURO prijspeil jaar 20 jaar Nr Lokatie rwa gemaal aanlegjaar Cap investering vervanging bouwk deel investering vervanging mech/el deel bouwk mech/el m3/h 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1e vv-jaar excl. BTW BTW 106 Ter Leede II (rwa) ,50 2, ,00 1, Oud-Schaik (doorspoelgemaal) ,00 2, ,00 2, Industrieweg 26P (doorspoelgemaal) ,00 2, ,00 2, Spoorstraat (doorspoelgemaal Meent) ,00 2, ,00 2, Burgemeester Meesplein ,00 2, ,00 2,85 Bergbezinkbassin 114 B.B.V. W. de Zwijgerstraat ,00 6, B.B.V. Westwal (centrum) ,00 4, B.B.V. Raadsliedenstraat ,00 7, B.B.V. Lindestaat (west-west) ,00 4,18 TOTALEN 72,50 13,78 191,00 36,29 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 28-apr-10

65 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 3) Gemalen Hemelwaterafvoer + bergbezinkbassins bedragen * EURO prijspeil 2010 Nr Lokatie rwa gemaal Tabel 2a 10 jaar aanlegjaar telemetrie software bouwk software mech/el 1e vv-jaar excl. BTW BTW 106 Ter Leede II (rwa) ,00 0, Oud-Schaik (doorspoelgemaal) ,00 0, Industrieweg 26P (doorspoelgemaal) ,00 0, Spoorstraat (doorspoelgemaal Meent) ,00 0, Burgemeester Meesplein ,00 0,57 Bergbezinkbassin 114 B.B.V. W. de Zwijgerstraat ,00 0, B.B.V. Westwal (centrum) ,00 0, B.B.V. Raadsliedenstraat ,00 0, B.B.V. Lindestaat (west-west) ,00 0,57 TOTALEN 27,00 5,13 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 4-jun-10

66 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 4) Persleidingen gemengd Tabel 3 bedragen * EURO prijspeil jaar Nr persleiding behorend bij gemaal lengte diameter jaar 1e jaar Investering BTW (m) (mm) aanleg vervanging excl. BTW 101 Gemaal "De Meent" ,80 10, Kon. Emmalaan ,21 6, Ter Leede I (dwa) ,50 17, Drossaardslaan ,42 0, P.S. Gerbrandylaan ,30 0, Lingebolder ,21 3, Hernösand ,41 0, Archangel ,72 1, Fonteinstraat (Wilhelminabrug) ,65 0, Populierstraat ,72 6, Markiezenhof ,01 0, Masada ,27 2, Kortgerecht ,18 7, Overheicop ,80 2,24 Sportpunt (hockeyveld) ,53 2,19 Industrieterrein I ,88 4,35 Industrieterrein II ,30 3,48 Industrieterrein III ,54 3,33 J. de Jongestraat ,90 8,53 Noordwal ,89 0,17 Puntenburgh ,44 0,08 Graafschap/Baronie ,70 0,32 Meent ,67 0,13 Kortgerecht 11 woningen ,96 0,18 TOTALEN ,01 81,32 Uitgangspunten vervangingsinvesteringen, in EURO, excl. BTW, prijspeil startjaar Vervangingskosten geschat : L[m] * D[mm] * 0,61 voor diameter mm 0,51 voor diameter mm Omrekenfactor index Leidraad (pp 2007) naar ,08 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 5-nov-10

67 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 5) Persleidingen Hemelwaterafvoer + Grondwaterafvoer Tabel 4 bedragen * EURO prijspeil jaar Nr persleiding behorend bij gemaal lengte diameter jaar 1e jaar Investering BTW (m) (mm) aanleg vervanging excl. BTW 106 Ter Leede II (rwa) ,22 0,04 Bergbezinkbassin 114 B.B.V. W. de Zwijgerstraat ,03 0, B.B.V. Westwal (centrum) 117 B.B.V. P.M. van Gentstraat ,29 0, B.B.V. Lindestaat (west-west) TOTALEN 91 4,55 0,86 Uitgangspunten vervangingsinvesteringen, in EURO, excl. BTW, prijspeil startjaar Vervangingskosten geschat : L[m] * D[mm] * 0,61 voor diameter mm 0,51 voor diameter mm Omrekenfactor index Leidraad (pp 2007) naar ,08 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 5-nov-10

68 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 6) Mechanische riolering Tabel 5 bedragen * EURO prijspeil jaar 20 jaar Nr aantal leidinglengte jaar aanleg vervanging bouwkundig vervanging mech/el deel Drukriolering units druk vv bouwk. mech/el. 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1H Oud- Schaik ,33 7, ,70 2,22 1J Schaikseweg (oost) Leerdam ,45 8, ,70 2,22 1K Oud- Schaik / Diefdijk ,50 21, ,90 8,15 1L Horndijk ,80 15, ,30 5,19 1N Industrieweg oost ,85 5, ,90 0,74 1P Hoogeind / Schaikseweg ,75 71, ,90 22,97 1Q Hoogeind (Zederik) ,15 32, ,30 12,60 1R Loosdorp ,68 34, ,20 13,34 1S Parallelweg Westzijde ,13 19, ,50 3,71 1U Watertorenlaan ,98 2, ,90 0,74 1W Koenderseweg noord (Zederik) ,43 7, ,80 1,48 2C Kerkweg/Diefdijk (Schoonrewoerd) ,28 76, ,00 22,23 2C Diefdijk (Leerdam) ,65 49, ,80 16,30 2D Schaikseweg Sch.woerd ,53 13, ,70 2,22 2E Overheicop ,88 52, ,60 10,37 2F Overboeicop / Kortgerecht ,30 88, ,70 17,04 2G Schaikseweg west Sch.woerd ,30 7, ,80 1,48 2H Kerkweg westzuid ,50 2, ,80 1,48 2I Overboeicop West (Zederik) ,83 19, ,20 5,93 3I Lingedijk Kedichem ,18 46, ,50 11,12 3I Tiendweg Kedichem ,60 2, ,60 2,96 3D Zwaansweg/Hoogl. Tiendweg ,15 8, ,60 2,96 3E Zwaansweg ,20 1, ,90 0,74 3F Linged. / Koen.weg / Tiendweg ,73 139, ,60 32,60 3F Tiendweg Kedichem ,85 17, ,50 3,71 5B Industrieweg West ,28 1, ,90 0,74 5C Recht van ter Leede ,03 33, ,40 11,86 5C Recht van ter Leede ,28 19, ,00 7,41 5D Zuidwal (Grote steiger) ,55 1, ,80 1,48 5E Zuidwal (west) ,33 2, ,90 0,74 5F Veerstoep ,05 4, ,80 1,48 5G Zuidwal (Kleine steiger) ,80 4, ,80 1,48 5J Recht van ter Leede 2 en ,90 3, ,80 1,48 5L Lingedijk zuidzijde (Leerdam) ,68 2, ,80 1,48 5M Lingedijk zuidzijde (Leerdam) ,15 4, ,80 1,48 Vrachtwagenparkeerterrein ,40 0, ,90 0,74 Meent ,40 0, ,90 0,74 Brandweerkazerne ,40 0, ,90 0,74 begraafplaats Tiendweg (drainage 2002) ,40 0, ,90 0,74 TOTALEN bk m/e Vacuumriolering Kedichem Rioolwaterpomp CP Vacuumpomp RC ,00 2,85 Buffertanks 0,5 m ,00 31,92 Software Flygt Vacuumtank 6m Vacuumleiding ,01 40,85 TOTALEN bk 383,01 72,77 m/e 15,00 2,85 Uitgangspunten vervangingsinvesteringen, in EURO, excl. BTW, prijspeil startjaar Index LR (pp 2007) -> pp startjaar: 1,08 Pompunit (bouwkundig ca.) Drukleiding per m1 50 Pompunit (mech/el) Vrijvervalleiding per m 125 Bufferput vacuumleiding per m1 L(m)*D(mm)*0,55 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 5-nov-10

69 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 7) Mechanische riolering bedragen * EURO prijspeil 2010 Tabel 5a 10 jaar Nr aantal leidinglengte jaar aanleg vervanging telemetrie software Drukriolering units druk vv bouwk. mech/el. 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1H Oud- Schaik ,00 0,57 1J Schaikseweg (oost) Leerdam ,00 0,57 1K Oud- Schaik / Diefdijk ,00 0,57 1L Horndijk ,00 0,57 1N Industrieweg oost ,00 0,57 1P Hoogeind / Schaikseweg ,00 0,57 1Q Hoogeind (Zederik) ,00 0,57 1R Loosdorp ,00 0,57 1S Parallelweg Westzijde ,00 0,57 1U Watertorenlaan ,00 0,57 1W Koenderseweg noord (Zederik) ,00 0,57 2C Kerkweg/Diefdijk (Schoonrewoerd) ,00 0,57 2C Diefdijk (Leerdam) ,00 0,57 2D Schaikseweg Sch.woerd ,00 0,57 2E Overheicop ,00 0,57 2F Overboeicop / Kortgerecht ,00 0,57 2G Schaikseweg west Sch.woerd ,00 0,57 2H Kerkweg westzuid ,00 0,57 2I Overboeicop West (Zederik) ,00 0,57 3I Lingedijk Kedichem ,00 0,57 3I Tiendweg Kedichem ,00 0,57 3D Zwaansweg/Hoogl. Tiendweg ,00 0,57 3E Zwaansweg ,00 0,57 3F Linged. / Koen.weg / Tiendweg ,00 0,57 3F Tiendweg Kedichem ,00 0,57 5B Industrieweg West ,00 0,57 5C Recht van ter Leede ,00 0,57 5C Recht van ter Leede ,00 0,57 5D Zuidwal (Grote steiger) ,00 0,57 5E Zuidwal (west) ,00 0,57 5F Veerstoep ,00 0,57 5G Zuidwal (Kleine steiger) ,00 0,57 5J Recht van ter Leede 2 en ,00 0,57 5L Lingedijk zuidzijde (Leerdam) ,00 0,57 5M Lingedijk zuidzijde (Leerdam) ,00 0,57 Vrachtwagenparkeerterrein ,00 0,57 Meent ,00 0,57 Brandweerkazerne ,00 0,57 begraafplaats Tiendweg (drainage 2002) ,00 0,57 TOTALEN ,00 22,23 Vacuumriolering Kedichem Rioolwaterpomp CP Vacuumpomp RC Buffertanks 0,5 m Software Flygt Vacuumtank 6m Vacuumleiding TOTALEN bk m/e - - Uitgangspunten vervangingsinvesteringen, in EURO, excl. BTW, prijspeil startjaar Index LR (pp 2007) -> pp startjaar: 1,08 Pompunit (bouwkundig ca.) Drukleiding per m1 50 Pompunit (mech/el) Vrijvervalleiding per m 125 Bufferput vacuumleiding per m1 L(m)*D(mm)*0,55 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 5-nov-10

70 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 8) Onderzoeksuitgaven Tabel 6 bedragen in EURO prijspeil 2010 STRUCTUREEL, Jaarlijks 1. Opstellen operationeel programma in exploitatie Uitgaven Vuilwater Hemelwater + GW Gemengd excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW BTW 2. Inspectie vanuit de leiding in exploitatie 3. Beoordeling riolering Diverse studies Bestandsbeheer in exploitatie 6. Monitoring en doorspuiten drainage INCIDENTEEL PLANPERIODE Vuilwater Hemelwater + GW Gemengd excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW BTW 2011 Opstellen aansluitverordening Opstellen masterplan riolering+afkoppelverordening Onderzoek afkoppelen Industrieterrein II Vestiging zakelijk recht Actualiseren vgrp Inhuur extern personeel vgrp Actualiseren BRP Bezuiniging afvalwaterketen (150 uur) Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 28-jul-10

71 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 9) Exploitatieuitgaven Tabel 7 bedragen in EURO prijspeil 2010 Uitgaven Vuilwater Hemelwater + GW Gemengd Omschrijving excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW BTW Reiniging riolering gemengd Afvoer rioolslib gemengd belasting, verzekering ed gemengd belasting, verzekering ed gemengd belasting, verzekering ed gemengd Beleid/beheer riolering gemengd Beleid/beheer riolering gemengd Beleid/beheer gemalen gemengd Doorbelast beleid/beheer riolering gemengd Doorbelast beleid/beheer riolering gemengd Doorbelast beleid/beheer riolering gemengd Doorbelast beleid/beheer riolering gemengd reiniging riolering huish en bedrijf afvoer rioolslib huish en bedrijf belasting, verzekering ed huish en bedrijf belasting, verzekering ed huish en bedrijf beleid/beheer riolering huish en bedrijf beleid/beheer riolering huish en bedrijf beleid/beheer gemalen huish en bedrijf reiniging riolering hemelwater afvoer rioolslib hemelwater belasting, verzekering ed hemelwater belasting, verzekering ed hemelwater beleid/beheer riolering hemelwater beleid/beheer riolering hemelwater beleid/beheer gemalen hemelwater reiniging riolering grondwater beleid/beheer riolering grondwater beleid/beheer riolering grondwater beleid/beheer gemalen grondwater Onderh. riolering gemengd Onderh. gemalen gemengd Onderh. gemalen gemengd Doorbelast onderhoud riolering (OW) gemengd Doorbelast onderhoud riolering (OW) gemengd onderhoud riolering huish en bedrijf onderhoud gemalen huish en bedrijf onderhoud gemalen huish en bedrijf onderhoud riolering hemelwater onderhoud gemalen hemelwater onderhoud gemalen hemelwater onderhoud riolering grondwater onderhoud gemalen grondwater Straatreiniging(50%) Doorbelast straatreiniging Kwijtschelding rioolrechten Doorbelast kwijtschelding Kosten Rioolrechten Doorbelast rioolrechten Onvoorzien Als gevolg van de uitbreiding van de riolering en de daaraan gerelateerde toename van het aantal heffingseenheden, nemen de exploitatielasten per extra eenheid per jaar toe met (in euro) Vuilwater Hemelwater + GW Gemengd excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW BTW 11,00 2,05 31,00 2,30 80,00 6,00 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 4-jun-10

72 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 10) Gehanteerde technische levensduren rioleringsonderdelen Tabel 8 Riolen, putten en kolken: Riolen krijgen een levensduur die is gebaseerd op inspectie of daarvan is afgeleid. Indien geen inspectiegegevens beschikbaar zijn wordt uitgegaan van een standaardrestlevensduur van 60 jaar. Persleidingen 40 Gemalen: Onderdeel Levensduur (jaar) - mechanisch/electrisch 20 - bouwkundig 40 Drukriolering: Onderdeel Levensduur (jaar) - mechanisch/electrisch 20 - bouwkundig 40 Telemetrie: Onderdeel Levensduur (jaar) - Telemetrie bij gemalen en drukriolering 10 Drainage 60 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 28-jul-10

73 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 11) Vrijvervalriolen Tabel 9 bedragen * EURO prijspeil 2010 toeslagen Aannemer V & T Totaal Totaal gemiddeld jaar vervanging onbepaald reparatie 23% 15% incl toesl. excl. BTW BTW ,08-346, ,22-85, ,56-34, ,53-287, ,23-128, ,33 228,81 48, ,41 17,83 22, ,04 16,57 20, ,09 24,02 124, ,39 91, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , Totalen Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 21-mei-10

74 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 12) Vrijvervalriolen Vuilwater (DWA) Tabel 10 bedragen * EURO prijspeil 2010 toeslagen Aannemer V & T Totaal incl. Totaal jaar vervanging reparatie 23% 15% toeslagen extra excl. BTW BTW ,59 24, ,49 1, ,18 1, ,37 39, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , Totalen Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnr: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 21-mei-10

75 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 13) Vrijvervalriolen Hemelwater en grondwater Tabel 11 bedragen * EURO prijspeil 2010 toeslagen Aannemer V & T Totaal Totaal jaar vervanging reparatie 23% 15% incl toesl. extra excl. BTW BTW ,96 23, , ,66 50, , , ,39 1, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , Totalen Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 21-mei-10

76 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 14) Milieumaatregelen (Hemelwaterafvoer) Tabel 12 bedragen in EURO * 1000 prijspeil 2010 jaar omschrijving maatregel investering excl. BTW BTW Afkoppelen verhard oppervlak 2011 Kosten afkoppelen verhard oppervlak 190,00 36, Kosten afkoppelen verhard oppervlak 190,00 36, Kosten afkoppelen verhard oppervlak 190,00 36, Kosten afkoppelen verhard oppervlak 190,00 36, Kosten afkoppelen verhard oppervlak 190,00 36, Kosten afkoppelen verhard oppervlak Kosten afkoppelen verhard oppervlak Kosten afkoppelen verhard oppervlak Kosten afkoppelen verhard oppervlak Kosten afkoppelen verhard oppervlak - 950,00 180,50 jaarlijks Onvoorzien 30,00 5,70 Overzicht aanpassingen aan rioolstelsel volgens BRP E Industrieterrein I Afkoppelen 6,3 hectare 2011 Verhogen pompcapaciteit naar 140 m3/h 35,00 6, Verlengen persleiding in westelijke richting (600m) 140,00 26, F Industrieterrein II Afkoppelen dakoppervlak 40,00 7, Verhogen pompcapaciteit naar 65 m3/h D Leerdam Noord Verlagen pompcapaciteit naar 320 m3/h 5,00 0,95 (pas na verlenging 1E->1B) G Markiezenhof Verlagen pompcapaciteit naar 7,5 m3/h B Leerdam West Afkoppelen Rozenstraat, Tulpstraat, Siemenstraat Grondexploitatie 2013 Afkoppelen Daliastraat, Azaleastraat Afkoppelingsgelden 2011 Afkoppelen Rogier Jooszstraat Afkoppelingsgelden 2010 Afkoppelen Floris Radewijnstraat, F van ter Leedestraat Afkoppelingsgelden 2013 Afkoppelen Schoolstraat, Talmastraat Grondexploitatie 2014 Afkoppelen Laeken van Burenstraat Afkoppelingsgelden 2013 Afkoppelen Voorwaartsveld op Voormolenvliet Afkoppelingsgelden C Leerdam Oost Afkoppelen Prinses Irenelaan, van Solberglaan en deel Prinses Marijkelaan Afkoppelingsgelden A Ter Leede I Verhogen pompcapaciteit naar 60 m3/h 5,00 0,95 (pas na verlaging capaciteit 1D) C Ter Leede II Verlagen pompcapaciteit naar 4,9 m3/h - TOTAAL 225,00 42,75 Optionele maatregelen volgens BRP 1B Leerdam West glasfabriek 20 m1 Ø ,00 3,80 Voorwaartsveld afkoppelen ca 0,6 ha 150,00 28,50 afkoppelen ten noorden Tiendweg pm 4C Ter Leede II Pelgrimspad, extra uitlaat 50 m Ø ,50 5,23 1D Leerdam Noord Shellstation, afkoppelen 50 m1 Ø ,50 4,28 Eiland, afkoppelen ca. 0,7 ha 175,00 33,25 Schaikseweg, 25 m Ø ,75 2,61 1E, 1F en 1X/1Y Aanvullend afkoppelen pm (industrieterreinen) - 1C Leerdam Oost Vergroten overstortriool bergbezinkbassin 2x 35 m1 Ø 700 mm 80,85 15,36 Onderzoek Leerdam Oost+Varseveld 55,00 10,45 1O Varsseveld Wilna, 140 m Ø ,00 14,63 Gehele kern Bovengrondse aanpassingen t.b.v. extreme regenval pm TOTAAL 621,60 118,10 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 6-dec-10

77 Bijlage 3: Tabellen met technische gegevens (Vervolg 15) Maatregelen grondwater Tabel 13 bedragen * EURO prijspeil 2010 jaar omschrijving investering excl. BTW BTW 2011 Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) 120,00 22, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) 120,00 22, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) 120,00 22, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) 120,00 22, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) 120,00 22, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) (Duurzaam alternatief) 160,81 30, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) (Duurzaam alternatief) 160,81 30, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) (Duurzaam alternatief) 160,81 30, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) (Duurzaam alternatief) 160,81 30, Aanleg afvoersysteem overtollig hemelwater (drainageplan) (Duurzaam alternatief) 160,81 30,55 TOTALEN 1.404,06 266,77 Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 5-nov-10

78 Bijlage 4 Tabellen met financiele gegevens

79 Bijlage 4: Tabellen met financiele gegevens Kapitaallasten van in het verleden gedane investeringen Tabel 14 bedragen * EURO Na BTW Compensatiefonds jaar nominaal prijspeil 2010 BTW exclusief BTW mee te rekenen TOTAAL Totalen Voor de omrekening van de nominale bedragen naar prijspeil startjaar bedragen is uitgegaan van 2,00 % inflatie Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnummer: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 21-mei-10

80 Bijlage 4: Tabellen met financiele gegevens (Vervolg 1) Eenheden basistarief (Totaal) Tabel 15 uitbreiding rekeneenheden stijging nieuwbouw buitenstedelijk stijging stijging stijging totaal jaar 2010 buitengebied binnenstedelijk West-West eenheden Totalen Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnr: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 4-jun-10

81 Totaaloverzicht uitgaven, exclusief BTW, Totaal Ambitieniveau: Sober+ Tabel 16 Bedragen * EURO prijspeil 2010 Investeringen jaarlijkse uitgaven vrijverval gemalen persleiding mechanische riolering milieumaatregelen telemetrie grondwater maatregelen subtotaal Onderzoek Exploitatie subtotaal kap.lasten Totaal jaar bouwkundig mech/el bouwkundig mech/el investering software investering invest. jaarl. uitg. verleden excl. BTW Bijlage 4: Tabellen met financiele gegevens (Vervolg 2) Totalen CW Kolom A B C D E F G H I J K L M N O P Q R Brontabel Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnr: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 5-nov-10

82 BTW, Totaal Ambitieniveau: Sober+ Tabel 17 Bedragen * EURO prijspeil 2010 BTW op Investeringen BTW op jaarlijkse uitgaven vrijverval gemalen persleiding mechanische riolering milieumaatregelen telemetrie grondwater maatregelen subtotaal Onderzoek Exploitatie subtotaal kap.lasten BTW Totaal jaar bouwkundig mech/el bouwkundig mech/el investering software investering verv. mech/el invest. verleden Totalen CW Bijlage 4: Tabellen met financiele gegevens (Vervolg 3) Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnr: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 5-nov-10

83 Bijlage 4: Tabellen met financiele gegevens (Vervolg 4) Baten, excl. rioolrecht, Totaal Tabel 18 bedragen x Egalisatievoorziening Verfijningsregeling Baten 2 Baten 3 Totaal Totaal jaar 2011 nominaal prijspeil nominaal prijspeil nominaal prijspeil nominaal prijspeil , Totalen CW Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: c1 Projectnr: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 28-apr-10

84 Kostendekkingsberekening TOTAAL, trend lange termijn via kapitaaldienst (annuitaire afs CW rente 5,00% alle bedragen (incl. tarief) in de toekomst met 2% per jaar indexeren Ambitieniveau: sober+ Tabel 19 bedragen * EURO, tenzij anders vermeld prijspeil 2010 Inflatie 2,00% BTW-dekking 100% kostendekkingsperiode: 2011 t/m 2070 Kostendekkingscenario: D Lasten excl. BTW compensabele Baten Benodigde dekking Dekking Egalisatievoorziening nieuwe cum. nieuwe onderzoek oude subtotaal BTW excl heffing te dekken te dekken tarief stijging in eur stijging in % eenheden dekking geindexeerde mutatie rente voorz. saldo jaar investeringen kapitaallast en exploitatie kap. lasten excl BTW 100% en voorziening saldo (A) per eenheid excl infl. corr excl infl. corr excl infl. corr (B) stand vorig jaar A-B *) 5,00% ,46 238,31 4,67 2,0% ,34 243,08 4,77 2,0% ,69 247,94 4,86 2,0% ,62 252,90 4,96 2,0% ,15 257,96 5,06 2,0% ,16 263,12 5,16 2,0% ,93 268,38 5,26 2,0% ,58 273,75 5,37 2,0% ,55 276,01 2,26 0,8% ,15 276,01-0,0% ,10 276,01-0,0% ,04 276,01-0,0% ,28 276,01-0,0% ,92 276,01-0,0% ,64 276,01-0,0% ,36 276,01-0,0% ,80 276,01-0,0% ,18 276,01-0,0% ,26 276,01-0,0% ,67 276,01-0,0% ,47 276,01-0,0% ,18 276,01-0,0% ,23 276,01-0,0% ,74 276,01-0,0% ,23 276,01-0,0% ,01 276,01-0,0% ,25 276,01-0,0% ,41 276,01-0,0% ,26 276,01-0,0% ,53 276,01-0,0% ,77 276,01-0,0% ,10 276,01-0,0% ,89 276,01-0,0% ,48 276,01-0,0% ,90 276,01-0,0% ,00 276,01-0,0% ,67 276,01-0,0% ,02 276,01-0,0% ,65 276,01-0,0% ,44 276,01-0,0% ,89 276,01-0,0% ,65 276,01-0,0% ,69 276,01-0,0% ,51 276,01-0,0% ,95 276,01-0,0% ,01 276,01-0,0% ,31 276,01-0,0% ,66 276,01-0,0% ,26 276,01-0,0% ,44 276,01-0,0% ,69 276,01-0,0% ,93 276,01-0,0% ,48 276,01-0,0% ,11 276,01-0,0% ,38 276,01-0,0% ,36 276,01-0,0% ,91 276,01-0,0% ,83 276,01-0,0% ,15 276,01-0,0% ,04 276,01-0,0% CONTANTE WAARDE LASTEN BATEN CW lasten na CW baten CW eind periode 0- CW na van investeringen t/m van BTW t/m 2070 CW voorziening in 2011: Kapitaallasten buiten periode zijn niet gedekt Bijlage 4: Tabellen met financiele gegevens (Vervolg 5) Project: GRP Leerdam 2011 t/m 2015 Scenario: sober+ Projectnr: Projectnr: Filenaam: GRP10-2.xls Datum: 5-nov-10 Datum: 5-nov-10

85 Bijlage 5 Uitgangspunten financiele berekening

86 Bijlage 5: Uitgangspunten financiele berekening In deze bijlage zijn de uitgangspunten voor het kostendekkingsplan weergegeven. 1. Berekeningsmethode De rioolheffingsberekening wordt uitgevoerd met behulp van de contante-waardemethode. Deze methode is geschikt om de effecten en de trend op langere termijn zichtbaar te maken. Met de contante-waardemethode is een vergelijking van uitgaven en inkomsten in verschillende jaren mogelijk. De toekomstige uitgaven en inkomsten van elk jaar, in de periode 2011 t/m 2070, worden contant gemaakt naar 1 januari In de te verwachten inkomsten zit één onbekende: de hoogte van de benodigde inkomsten per aansluiting. Door de contante waarde van de te verwachten inkomsten gelijk te stellen aan de contante waarde van de te verwachten uitgaven, worden de kosten per aansluiting berekend. Voor toekomstige investeringen wordt in de contante-waardebenadering geen specifieke wijze van afschrijving of financiering verondersteld. De diverse afschrijvingsmethoden (lineair, afschrijving op annuïteitsbasis) verschillen onderling wel door een andere (boekhoudkundige) verdeling van lasten in de tijd, maar de contante waarde van de jaarlijkse lasten is in deze methoden steeds gelijk aan de contante waarde van de investeringen. Het inflatie- en rentepercentage worden gebruikt voor het contant maken van de toekomstige uitgaven en inkomsten. Dit gebeurt op de volgende wijze: waarbij: x CW ( U x j ) = U j ( cwf ) ( j x) = U (1 + i) (1 + r) = startjaar berekening U j = uitgave in jaar (j) op prijspeil startjaar i = inflatie (in decimalen, bijvoorbeeld 0,02) r = rente (in decimalen, bijvoorbeeld 0,04) ( j x) cwf = contante-waardefactor { = (1+i) / (1+r) } CW x (U j ) = contante waarde in jaar x van investering U in het jaar j j 2. Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) Bij het opstellen van het kostendekkingsplan wordt rekening gehouden met de richtlijnen uit het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). In de notitie riolering (juli 2007) van de commissie Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is een aantal richtlijnen geformuleerd op het terrein van de gemeentelijke rioleringstaak. Samengevat zijn de richtlijnen als volgt beschreven in de notitie: Investeringen in het riool moeten worden geactiveerd, het gaat om investeringen met economisch nut (artikel 59 BBV). Ter dekking van de kosten kan de gemeente een riooltarief in rekening brengen. Het tarief mag maximaal kostendekkend zijn (op begrotingsbasis; artikel 229b Gemeentewet). In het tarief kan een egalisatiebedrag meegenomen worden voor toekomstig groot onderhoud. Egaliseren is mogelijk op grond van 44,1c BBV. De voorziening krijgt bij vorming uit het tarief het karakter van een 44,2-voorziening. In het tarief mogen spaarbedragen voor toekomstige vervangingsinvesteringen worden meegenomen; Bij realisatie van de vervangingsinvestering wordt deze voor het volle bedrag geactiveerd. Het opgespaarde bedrag aan spaarbedragen voor toekomstige vervangingsinvesteringen in de rioolvoorziening kan op het te activeren bedrag in mindering worden gebracht (afboeking in de balanssfeer). Ook wanneer idealiter de jaarlijkse spaarbedragen precies gelijk zijn aan de jaarlijkse vervangingsinvesteringen moeten vanwege de wettelijke regels de spaarbedragen als last worden geboekt en wordt vervolgens de daarmee gevormde voorziening afgeboekt op de geactiveerde vervangingsinvesteringen. Als een boekwaarde overblijft hoeft hierop niet te worden afgeschreven maar kunnen de spaarbedragen voor toekomstige vervangingsinvesteringen die in latere begrotingsjaren ontvangen worden gebruikt worden om de boekwaarde af te boeken. De gemeente kan er ook voor kiezen om de kapitaallasten in het tarief op te nemen.

87 Bijlage 5: Uitgangspunten financiele berekening (Vervolg 1) Na inwerkingtreding van de Wet verankering en bekostiging van gemeentelijke watertaken is de mogelijkheid vervallen om op basis van artikel 229b een kostendekkende retributie in rekening te brengen. Dan kan op basis van artikel 228a Gemeentewet een maximaal kostendekkende rioolbelasting worden geheven. De mogelijkheid van de specifieke spaarconstructie blijft bestaan. de geraamde BTW mag worden meegenomen in de berekening van de tarieven. 3. Planningshorizon Bij de berekening van het rioolrecht is uitgegaan van een planningshorizon van 60 jaar: 2011 t/m Deze termijn is gekoppeld aan de technische levensduur van de rioleringsobjecten in Leerdam. Binnen een periode van 60 jaar zijn alle objecten minimaal één maal vervangen. Het startjaar is Het prijspeil is vastgesteld op 1 januari Inflatie Deze prijsindex is gebaseerd op de prijsontwikkeling van de lonen, materiaal en materieel die nodig zijn voor het aanleggen van een riolering binnen de bebouwde kom. Voor het kostendekkingsplan wordt uitgegaan van een inflatie van 2%. 5. Rentevoet Er is een rentevoet van 5,00% gehanteerd. Dit betreft de rente voor kapitaalleningen en niet de rente voor de tariefegalisatievoorziening. Sterke wijziging van de rente in de komende jaren, kan aanleiding zijn de berekeningen te herzien. 6. Prijspeil Alle in het vgrp genoemde bedragen zijn op prijspeil 1 januari 2010, inclusief van toepassing zijnde bijkomende kosten uitvoering, winst en risico, voorbereiding, honorarium en toezicht en exclusief BTW. 7. Eenheidsprijzen De gehanteerde eenheidsprijzen voor de berekening van de kosten voor vervanging van de vrijvervalriolering zijn gebaseerd op informatie van leveranciers en het MISSET-prijzenbestand. Voor de berekening van de investeringskosten van de overige rioleringsobjecten is gebruik gemaakt van de module Kostenkengetallen rioleringszorg (D1100), van de Leidraad Riolering. Bij vervanging van de riolering komen alle kosten voor het opbreken en het opnieuw aanbrengen van de wegverharding ten laste van de rioleringszorg. 8. Staartkosten Voor de staartkosten zijn de volgende waarden gehanteerd: uitvoeringskosten 10% (inrichting werkterrein, uitzetwerkzaamheden), algemene kosten, winst en risico 12%, voorbereiding, directievoering en toezicht 15%. Er is geen rekening gehouden met de post onvoorzien. 9. Kostendekkendheid De berekende rioolheffing moet 100% kostendekkend zijn. Volgens artikel 228a van de Gemeentewet kan de gemeente kiezen voor één heffing voor de totale kosten van de zorgplichten of twee aparte heffingen: één voor de kosten van de afvalwaterzorgplicht en één heffing voor de zorgplichten voor hemel- en grondwater. In het kostendekkingsplan wordt één tarief berekend voor de totale kosten voor de rioleringszorg. 10. Indexering rioolrecht Het in het kostendekkingsplan berekende tarief moet jaarlijks met de optredende inflatie worden geïndexeerd. Dit wordt jaarlijks bij de vaststelling van de begroting afgehandeld. 11. Afschrijvingsmethode Voor afschrijving wordt de annuitaire methode toegepast.

88 Bijlage 5: Uitgangspunten financiele berekening (Vervolg 2) 12. Afschrijvingstermijnen Onderscheid wordt gemaakt in de technische en de economische afschrijvingstermijn. De technische afschrijvingstermijn (levensduur) heeft grote invloed op de hoogte van het rioolrecht. De economische afschrijvingstermijn is van invloed op het verloop van de lasten in de tijd, maar niet op de hoogte van het kostendekkend tarief. De technische en economische afschrijvingstermijnen mogen afwijken. Volgens de richtlijnen uit de BBV, moeten de afschrijving en de afschrijvingstermijn zo goed mogelijk aansluiten op de feitelijke waardedaling van de vrijvervalriolering. Het voorzichtigheidsbeginsel leidt ertoe dat, indien de economische levensduur korter is dan de technische levensduur, afgeschreven moet worden op basis van de economische levensduur. De in de berekening gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn weergegeven in onderstaande tabel B1. De hierin vermelde technische levensduur is de gemiddelde levensduur van de rioleringsobjecten in Leerdam. Tabel B1 Object Overzicht gehanteerde afschrijvingstermijnen (jaar) afschrijvingstermijn Technisch economisch vrijvervalriolen bergbezinkvoorzieningen gemalen bouwkundig gemalen mechanisch / elektrisch Persleidingen drukriolering bouwkundig drukriolering mechanisch / elektrisch grondwatermaatregelen IBA s telemetrie Tariefegalisatievoorziening In overeenstemming met de BBV wordt gebruik gemaakt van een tariefegalisatievoorziening, om ongewenste schommelingen in het rioolrecht te voorkomen (art. 43, lid 1b). De voorziening wordt gevormd voor kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt. Dit leidt tot een gelijkmatige verdeling van de lasten voor de burger, over een aantal begrotingsjaren. Er wordt rente via de resultaatsbestemming aan de tariefegalisatievoorziening toegevoegd. Artikel 45 van het BBV bepaalt dat rentetoevoegingen aan voorzieningen zijn toegestaan, mits deze zijn gewaardeerd tegen contante waarde. De contante-waarde-methode gaat er van uit dat rentetoevoeging aan de tariefegalisatievoorziening noodzakelijk is om de voorziening op voldoende niveau te houden. Gedurende de planningshorizon van het vgrp mag de tariefegalisatievoorziening niet negatief worden. De egalisatievoorziening heeft als doel om fluctuaties in de tarieven over de jaren te voorkomen en eventuele onvoorziene wijzigingen op te vangen. De geïnde gelden moeten steeds ten goede komen aan het doel en doelgroep, waarvoor de rechten worden geheven. De gelden uit de egalisatievoorziening mogen daarom enkel aan het productgroep riolering worden besteed. De toets of de baten (rioolrechten) de lasten (uitgaven) overstijgen vindt vooraf plaats op basis van ramingen (begrotingen). Na afloop van het belastingsjaar bestaat inzicht in de werkelijke baten en lasten. Indien blijkt dat de werkelijke baten hoger waren dan de werkelijke lasten, kan het ontstane overschot in de egalisatievoorziening worden gestort. Indien de lasten hoger waren dan de baten, dan wordt het ontstane tekort aan de egalisatievoorziening onttrokken.

89 Bijlage 5: Uitgangspunten financiele berekening (Vervolg 3) 14. Doorlopende kapitaallasten ná 2070 In de berekening van de rioolheffing is geen rekening gehouden met het doorlopen van de kapitaallasten ná De berekening is kostendekkend over de periode Rioolheffing en BTW De geraamde BTW op zowel goederen als diensten en investeringen mogen in het riooltarief worden meegenomen. Het product riolering is BTW-compensabel, BTW kan volledig worden gecompenseerd. In dit GRP zijn alle bedragen exclusief BTW weergegeven. Het uiteindelijke tarief is inclusief BTW. De BTW-component is wel overal apart aangegeven. 16. Nieuwe investeringen voor nieuwbouw Nieuwe investeringen voor nieuwbouw mogen niet worden verrekend via de rioolheffing maar via de grondexploitatie. Herinvesteringen komen wel ten laste van de rioolexploitatie. 17. Straatvegen De kosten van straatvegen worden in het geval van Leerdam gedeeltelijk (50%) toegerekend aan de rioleringszorg.

90 Bijlage 6 Woordenlijst

91 Bijlage 6: Woordenlijst De woorden en verklaringen in deze lijst zijn (voor een groot deel) afkomstig uit de NEN 3300 Buitenriolering Termen en definities en de publicatie Ontwatering in stedelijk gebied. AFKORTINGEN AMvB BBB BBL BRP GRP DWA HWA IBA NEN NPR RWA RWZI Wm Algemene Maatregel van Bestuur bergbezinkbassin bergbezinkleiding basisrioleringsplan gemeentelijk rioleringsplan droogweerafvoer hemelwaterafvoer installatie voor individuele behandeling van afvalwater Nederlandse norm Nederlandse praktijkrichtlijn regenweerafvoer rioolwaterzuiveringinrichting Wet milieubeheer TERMEN EN DEFINITIES stedelijk afvalwater en hemelwater aangroei aansluitvergunning aantasting afkoppelen afvalwater afvoerend oppervlak afzetting basisinspanning basisrioleringsplan beheer bemalingsgebied beoordelen bergbezinkkelder berging bergingsverlies beslisboom aan- en afkoppelen verhard oppervlak classificatie controleren dg DIALOG Riolering droogweerafvoer (dwa) drukriolering verzameling van organismen die zich op de buiswand hebben vastgehecht of in slierten aan de buiswand hangen vergunning op grond van de aansluitverordening en de Wvo die wordt afgegeven door het zuiveringsschap voor de aansluiting op de rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZI) een wijziging van de structuur van de buiswand als gevolg van (bio)chemische of mechanische processen het niet meer inzamelen en naar de RWZI transporteren van hemelwater alle water waarvan de houder zich met het oog op de verwijdering daarvan ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen (opmerking: hieronder wordt dus ook afvloeiend regenwater begrepen) het naar de riolering afwaterende oppervlak aankoeking van slib, vet en kalk op de buiswand; tevens afzetting van bodemmateriaal anders dan zand ter plaatse van een buisverbinding of scheur Term die de waterkwaliteitsbeheerders gebruiken voor het aanduiden van de inspanningen die elke gemeente moet uitvoeren of uitgevoerd hebben om de vuiluitworp uit de riolering tot een bepaald niveau te reduceren voor een Wvo of aansluitvergunningaanvraag opgesteld document (tekening + toelichting en berekeningen) met de huidige situatie van de riolering en de uit te voeren verbeteringsmaatregelen zie rioleringsbeheer een rioleringsgebied waaruit het afvalwater door een gemaal wordt verwijderd het toetsen van een parameter aan de bijbehorende maatstaf en het geven van een oordeel over de uitkomsten van de toetsing reservoir voor de tijdelijke opslag van afvalwater waarin tevens slibafzetting plaatsvindt met een voorziening om het slib te kunnen verwijderen en waaruit overstortingen kunnen plaatsvinden de inhoud van de riolering uitgedrukt in m 3 of mm/ha de vermindering van berging door permanente vulling in de riolering als gevolg van verzakkingen hulpmiddel voor gemeenten en particulieren om verantwoorde beslissingen te nemen bij het aan- en afkoppelen van verhard oppervlak in West-Nederland op wijk- en straatniveau de indeling van toestandsaspecten in klassen controle, toezicht houden op (bijvoorbeeld op de naleving van voorschriften, op het beheer van een zaak, op de werking van een machine computerprogramma voor rioleringsbeheer de hoeveelheid afvalwater die per tijdseenheid in een droogweersituatie via het rioolstelsel wordt afgevoerd riolering waarbij het transport plaatsvindt door middel van pompjes en persleidingen

92 Bijlage 6: Woordenlijst (Vervolg 1) dwa-rioolstelsel emissiespoor externe overstort gemengd rioolstelsel gescheiden rioolstelsel hydraulisch hydraulische berekening ingrijpmaatstaf inhangend voegmateriaal inhangende rubberring inspectie lekkage maatstaf obstakels onderhoud onderzoek overstorting overstortput pompovercapaciteit randvoorziening regenwaterriool regenwaterrioolstelsel renovatie reparatie riolering rioleringsbeheer riool rioolput rioolwaterzuiveringsinrichting rwariool rwarioolstelsel scheuren zie vuilwaterrioolstelsel onderdeel van het tweesporenbeleid van waterkwaliteitsbeheerders gericht op het tot een bepaald niveau terugbrengen van de emissies (vuiluitworp) uit een rioolstelsel, ongeacht de werkelijke waterkwaliteit rioolput voorzien van een overstortdrempel die loost buiten het in beschouwing genomen rioolstelsel, meestal op oppervlaktewater rioolstelsel, waarbij afvalwater inclusief ingezamelde neerslag door 1 leidingstelsel wordt getransporteerd rioolstelsel, waarbij afvalwater exclusief neerslag door een leidingstelsel wordt getransporteerd en neerslag door een afzonderlijk leidingstelsel rechtstreeks naar oppervlaktewater wordt afgevoerd waarbij van de leer van de praktische toepassing van waterbeweging gebruik wordt gemaakt het door rekenen bepalen van het hydraulisch functioneren van een rioolstelsel grenstoestand waarbij ingrijpen in de actuele toestand noodzakelijk is en waarbij maatregelen moeten worden opgesteld voegmateriaal (kit, bitumineuze profielstrip) dat uit de voeg in het doorstroomprofiel is gezakt of gedrukt een niet gescheurde rubberring die zichtbaar is of een gescheurde rubberring waarvan een gedeelte in het doorstroomprofiel hangt het waarnemen, herkennen en beschrijven van de toestand het intreden of uittreden van water via voegen, scheuren, langs inlaten of door de buiswand grenswaarde (getalsmatig) op basis waarvan geconcludeerd wordt of aan een functionele eis wordt voldaan voorwerpen in het riool die geen functie in rioleringstechnische zin hebben en geen deel uitmaken van een normale afvalwaterstroom herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij de toestand van objecten ongewijzigd gehandhaafd wordt het verzamelen, ordenen, analyseren en verwerken van gegevens, zodanig dat informatie kan worden afgeleid over de toestand en het functioneren van de buitenriolering de lozing van afvalwater via een overstortdrempel naar oppervlaktewater rioolput voorzien van een overstortdrempel (poc) het deel van de pompcapaciteit dat beschikbaar is voor de regenwaterafvoer. Het andere deel van de capaciteit is beschikbaar voor de afvalwaterafvoer tijdens droog weer vloeistofdichte voorziening als onderdeel van het rioolstelsel die als doel heeft de lozing van vuil uit het rioolstelsel op oppervlaktewater te verminderen riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van neerslag rioolstelsel alleen bestemd voor de inzameling en het transport van neerslag herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij een ingrijpende toestandswijziging wordt doorgevoerd; evenaren technische staat van nieuwaanleg herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij een beperkte toestandswijziging wordt doorgevoerd het samenstel van riolen, rioolputten en bijbehorende voorzieningen voor de inzameling en het transport van afvalwater zorg voor het functioneren van de buitenriolering samenstel van buizen tussen twee putten bestemd voor de inzameling en/of het transport van afvalwater constructie toegang gevend tot het rioolstelsel (te herkennen aan gietijzeren deksels in de weg) het totaal van de grond, gebouwen en apparatuur voor de zuivering van afvalwater (RWZI) zie regenwaterriool zie regenwaterrioolstelsel het geheel van scheuren, barsten en breuken verbeterd gescheiden rioolstelsel gescheiden rioolstelsel met voorzieningen waardoor de neerslag slechts bij wat grotere regenbuien naar oppervlaktewater wordt afgevoerd. Het meest vervuilde deel van de neerslag wordt 'geborgen' in de riolering en naar de zuivering afgevoerd.

93 Bijlage 6: Woordenlijst (Vervolg 2) verbeteren vervangen visuele inspectie vrijvervalriool vuilemissie vuiluitworp vuilwaterriool vuilwaterrioolstelsel Waarschuwingsmaatstaf wadi waterkwaliteitsdoelstelling water op straat wateroverlast wortelingroei zandinloop zand en vuilophoping het aanpassen van het oorspronkelijke functioneren herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij het bestaande object wordt verwijderd en een nieuw gelijkwaardig object wordt teruggeplaatst het op directe wijze dan wel op indirecte wijze via optische hulpmiddelen inspecteren van de toestand riool waardoor afvalwater door middel van de zwaartekracht wordt getransporteerd zie vuiluitworp het totaal aan stoffen (niet zijnde water) geloosd uit een rioolstelsel op het oppervlaktewater via overstorten. Hierbij kan gedacht worden aan biologisch afbreekbare stoffen die bij afbraak in het water zuurstof verbruiken (BZV), aan stikstof en fosfaten en aan zware metalen riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater, niet zijnde neerslag rioolstelsel voor de inzameling en het transport van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater, niet zijnde neerslag grenstoestand waarbij de actuele toestand discutabel is en nader onderzoek nodig is systeem voor hemelwater afvoer door drainage en infiltratie doelstelling voor de kwaliteit van een oppervlaktewater nodig om dat water een bepaalde functie te kunnen laten vervullen het optreden van waterstanden boven maaiveldniveau het optreden van waterstanden boven maaiveldniveau waarbij hinder of schade wordt ondervonden de wortels van bomen of planten, die door voegen, scheuren of via gebouw of kolkaansluitingen het riool zijn ingegroeid het intreden van zand via buisverbindingen of scheuren opgehoopt materiaal met een losse structuur TERMEN EN DEFINITIES grondwater Afsluitende laag: DINO Doorlatendheid Drainage Drooglegging Laag in de bodem die zo wordt genoemd vanwege zijn eigenschap dat hij grondwater slecht doorlaat. Digitale Informatie Nederlandse Ondergrond, een direct benaderbare databank voor grondwatergegevens in beheer bij TNO Grondwater en Geo-Energie in Delft Het vermogen van de grond om water en/of lucht door te laten De afvoer van water over en door de grond en door het waterlopenstelsel De afstand tussen het oppervlaktewaterpeil en het maaiveld Freatisch grondwater Geohydrologie GHG Grondwater Het grondwater in de bovenste bodemlaag, dat (indirect) in contact staat met de atmosfeer. De freatische grondwaterstand is een andere term voor grondwaterspiegel De leer van de grondwaterstroming en de -dynamiek in samenhang met de structuur en de opbouw van de ondergrond. Gemiddeld hoogste grondwaterstand. Dit is het gemiddelde van de drie hoogste grondwaterstanden van de afgelopen 8 jaren, gebaseerd op maandelijkse metingen. Water beneden het grondoppervlak, meestal beperkt tot het water beneden de Grondwaterspiegel

94 Bijlage 6: Woordenlijst (Vervolg 3) Grondwaterisohypse Grondwateronderlast Grondwateroverlast Infiltratie Kruipruimte Kwel Ontwatering Ontwateringsdiepte Hoogtelijn voor de grondwaterstand of voor de stijghoogte van het grondwater. Een grondwaterisohypsenkaart geeft met lijnen (isohypsen) punten aan met gelijke stijghoogte. De kaart geeft onder andere informatie over de stromingsrichting van het grondwater Problemen die zich voordoen als gevolg van lage grondwaterstanden. Bijvoorbeeld aantasting van houten funderingen als gevolg van droogstand Wateroverlast door hoge grondwaterstanden. Bijvoorbeeld plasvorming op binnenterreinen of vocht in kruipruimten Intreding van water in de bodem Ruimte onder de beganegrondvloer in gebruik voor het bereiken van leidingen voor inspectie, onderhoud of reparatie, en voor ventilatie van de vloer en eventuele houten constructiedelen onder de woning Het uittreden van grondwater De afvoer van water uit percelen over en door de grond en eventueel door drains, kleine sloten en greppels naar een stelsel van grote waterlopen, met als functie afwatering De afstand tussen de hoogste grondwaterstand tussen twee ontwateringsmiddelen (sloot, drain) en het maaiveld. Onverzadigde zone Opbolling Peilbuis REGIS Stijghoogte Wadi Zetting Deel van de grond boven de grondwaterspiegel, waarin de bodemporiën zowel water als lucht bevatten. De verzadigde zone is het deel waar de poriën geheel gevuld zijn met water. Het maximale hoogteverschil tussen de grondwaterspiegel en de waterstand in de drainagebuizen en/of watergangen Algemene term voor een buis of soortgelijke constructie met een kleine diameter waarin een grondwaterstand c.q. stijghoogte kan worden gemeten Regionaal Geohydrologisch Informatiesysteem, een interactief informatiesysteem dat beschikt over voor het waterbeheer relevante en actuele gegevens. REGIS wordt beheerd door TNO. Hoogte boven een referentievlak tot waar het water in een peilbuis stijgt. Deze stijghoogte is afhankelijk van de druk van het grondwater ter plaatse van de opening onder in de peilbuis Voorziening voor de opvang, berging en afvoer van neerslag. In een komvormige greppel kan het regenwater infiltreren. Vervolgens kan infiltratie naar het grondwater plaatsvinden of afvoer via een drain. Bodemdaling als gevolg van inklinking, van krimp, door de bouw van kunstwerken, het ophogen van de grond of het aanbrengen van andere materialen

95 Bijlage 7 Referenties

96 Bijlage 7: Referenties 1. Leidraad Riolering; Stichting RIONED en ministerie van VROM; onder redactie van W.A. Faber, met medewerking van A.J.H. de Beaufort [et al]; Samson Tjeenk Willink, Alphen aan den Rijn, 1992; module inhoud en opzet gemeentelijk rioleringsplan ; A1050; module doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden ; A1100; module Personele aspecten van de rioleringszorg ; D Nederlandse Praktijkrichtlijn Buitenriolering Beheer, NPR 3220, Nederlands Normalisatie Instituut, 2 e druk, NEN 3399:2004, Buitenriolering - classificatie systeem bij visuele inspectie van objecten, NNI, januari NEN 3398:2004, Buitenriolering - Onderzoek en toestandsbeoordeling van objecten, NNI, januari 2004; (vervangt NPR 3398:1992, NEN 3398: 2003 Ontw.) 5. Nederlandse Praktijkrichtlijn Inspectie en toestandsbeoordeling van riolen, NPR 3398, Nederlands Normalisatie Instituut, april Beleidsnota Rioleringsbeleid in het buitengebied, provincie Zuid-Holland september Provinciaal beleidsplan Groen, water en milieu, Provincie Zuid-Holland september Voorstel toerekeningssystematiek kosten voor vuilwater- en regenwaterafvoer, VROM oktober Gemeentelijk rioleringsplan Leerdam 2006 t/m 2010, Grontmij september Grondwateroverlast gemeente Leerdam, Witteveen+Bos, april Oplegnotitie beleid grondwater-drainageplan, gemeente Leerdam juni Optimalisatie Afvalwatersysteem Vianen, DHV juli Waterplan Leerdam, Tauw, April 2007

97 Bijlage 8 Reacties van derden

98 Bijlage 8: Reacties van derden

99 Bijlage 8: Reacties van derden (Vervolg 1)

100 Bijlage 8: Reacties van derden (Vervolg 2)

101 Bijlage 8: Reacties van derden (Vervolg 3)

102 Bijlage 9 Overzicht overstorten

103 Bijlage 9: Overzicht overstorten

* * RAADSVOORSTEL. Raadsvergadering van Stuk/nummer Agendapunt 2 februari 2010 KNDK/2009/

* * RAADSVOORSTEL. Raadsvergadering van Stuk/nummer Agendapunt 2 februari 2010 KNDK/2009/ *0010100120094142* RAADSVOORSTEL Raadsvergadering van Stuk/nummer Agendapunt 2 februari 2010 KNDK/2009/4142 9.3 Datum: 15-12-2009 Verzonden: 21 januari 2010 Aan de gemeenteraad. Onderwerp: Vaststelling

Nadere informatie

Samenvatting Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland. planperiode 2013 t/m 2017

Samenvatting Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland. planperiode 2013 t/m 2017 Samenvatting Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland planperiode 2013 t/m 2017 13 maart 2012 1.1 Inleiding De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan (hierna te noemen: GRP) op te

Nadere informatie

Bijlage 3. Doelen functionele eisen en maatstaven

Bijlage 3. Doelen functionele eisen en maatstaven Bijlage 3. Doelen functionele eisen en maatstaven Tabel 3-1 Doelen, functionele eisen en maatstaven voor de rioleringszorg (stedelijk afvalwater en regenwater) Doelen Functionele Eisen Maatstaven 1. Inzameling

Nadere informatie

Basisopleiding Riolering Module 1

Basisopleiding Riolering Module 1 Basisopleiding Riolering Module 1 Cursusboek Nieuwegein, 2013 w w w. w a t e r o p l e i d i n g e n. n l Stichting Wateropleidingen, augustus 2013 Groningenhaven 7 3433 PE Nieuwegein Versie 1.1 Niets

Nadere informatie

Bouwlokalen INFRA. Het riool in Veghel. Veghel in cijfers en beeld (1) Veghel in cijfers en beeld (2) Veghel in cijfers en beeld (3)

Bouwlokalen INFRA. Het riool in Veghel. Veghel in cijfers en beeld (1) Veghel in cijfers en beeld (2) Veghel in cijfers en beeld (3) Bouwlokalen INFRA Innovatie onder het maaiveld / renovatie van rioolstelsels Het riool in Veghel Jos Bongers Beleidsmedewerker water- en riolering Gemeente Veghel 21 juni 2006 Veghel in cijfers en beeld

Nadere informatie

Gemeentelijk Riolerings Plan. Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018

Gemeentelijk Riolerings Plan. Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018 Gemeentelijk Riolerings Plan Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018 Doel en inhoud Doel Inzicht verschaffen in de diverse elementen die hebben geleid tot het GRP 2014 t/m 2018 Inhoud

Nadere informatie

Raadsvoorstel. drs A.J. Ditewig 18 februari 2010. 05 januari 2010. De raad wordt voorgesteld te besluiten:

Raadsvoorstel. drs A.J. Ditewig 18 februari 2010. 05 januari 2010. De raad wordt voorgesteld te besluiten: Portefeuillehouder Datum raadsvergadering drs A.J. Ditewig 18 februari 2010 Datum voorstel 05 januari 2010 Agendapunt Onderwerp Gemeentelijke watertaken De raad wordt voorgesteld te besluiten: het bijgaande

Nadere informatie

Gemeentelijk rioleringsplan Zoetermeer

Gemeentelijk rioleringsplan Zoetermeer Gemeentelijk rioleringsplan Zoetermeer Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2011-2015 Ontwerp Gemeente Zoetermeer Grontmij Nederland B.V. Houten, 30 mei 2011 Verantwoording Titel

Nadere informatie

GRP 2014-2018 Gemeente Tynaarlo. Naar een nieuw gemeentelijk rioleringsplan.

GRP 2014-2018 Gemeente Tynaarlo. Naar een nieuw gemeentelijk rioleringsplan. GRP 2014-2018 Gemeente Tynaarlo Naar een nieuw gemeentelijk rioleringsplan. Landelijk beleid en ontwikkelingen Gemeentelijke zorgplicht watertaken: Zorgen voor een doelmatige inzameling en een doelmatig

Nadere informatie

Gemeentelijk rioleringsplan Leusden

Gemeentelijk rioleringsplan Leusden Gemeentelijk rioleringsplan Leusden Planperiode 2009-2013 Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Ontwerp Gemeente Leusden postbus 150 3830 AD LEUSDEN Grontmij Nederland B.V. Houten, 2 december

Nadere informatie

Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Stichtse Vecht

Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Stichtse Vecht Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Stichtse Vecht Planperiode 2012-2016 Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Definitief Grontmij Nederland B.V. De Bilt, 2 augustus 2012 Verantwoording Titel

Nadere informatie

Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel

Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel Voor: Opgesteld door: Versie 1 (14-06-2012) Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel Dit document bevat 11 bladzijden. Ons kenmerk: 19312RA-MW-LED

Nadere informatie

Tubbergen o. gemeente. Aan de gemeenteraad. Vergadering: 8 september 2014. Nummer: Tubbergen, 28 augustus 2014

Tubbergen o. gemeente. Aan de gemeenteraad. Vergadering: 8 september 2014. Nummer: Tubbergen, 28 augustus 2014 gemeente Tubbergen o Aan de gemeenteraad Vergadering: 8 september 2014 Nummer: 9A Tubbergen, 28 augustus 2014 Onderwerp: Vaststellen verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater. Samenvatting

Nadere informatie

Raadsvoorstel Reg. nr : 1010217 Ag nr. : Datum : 18-05-10

Raadsvoorstel Reg. nr : 1010217 Ag nr. : Datum : 18-05-10 Ag nr. : Onderwerp Verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater Status besluitvormend Voorstel 1. Vast te stellen de Verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater; 2. De kosten van het

Nadere informatie

Omgang met hemelwater binnen de perceelgrens

Omgang met hemelwater binnen de perceelgrens Omgang met hemelwater binnen de perceelgrens Ir. Emil Hartman Senior adviseur duurzaam stedelijk waterbeheer Ede, 10 april 2014 Inhoud presentatie Wat en hoe van afkoppelen Wat zegt de wet over hemelwater

Nadere informatie

Programma van de avond: vgrp 2015-2019 Inwonersbijeenkomst. Positie vgrp5 gemeentebeleid. Even voorstellen. Relaties met beleid / plannen

Programma van de avond: vgrp 2015-2019 Inwonersbijeenkomst. Positie vgrp5 gemeentebeleid. Even voorstellen. Relaties met beleid / plannen vgrp 2015-2019 Inwonersbijeenkomst 8 Januari 2015 19:45 20:00 20:05 20:15 22:00 Programma van de avond: Welkom en voorstelronde Toelichting doel bijeenkomst Wat is een vgrp? Gesprek met de inwoners adv

Nadere informatie

Vragen en antwoorden Aanpak Agniesebuurt

Vragen en antwoorden Aanpak Agniesebuurt Vragen en antwoorden Aanpak Agniesebuurt Waarom aan de slag in de Agniesebuurt? Oude stadswijken zoals de Agniesebuurt, die dichtbebouwd zijn met veel verharding en weinig open water en groen, zijn kwetsbaar

Nadere informatie

Samenhang en samenvatting vgrp+, Waterplan, BRP

Samenhang en samenvatting vgrp+, Waterplan, BRP Samenhang en samenvatting vgrp+, Waterplan, BRP Uden gastvrij voor water Kenmerk: 11-10044-JV 14 september 2011 Ingenieursbureau Moons 1 Inhoudsopgave 1 SAMENHANG... 3 2 SAMENVATTING... 4 2.1 KOERSWIJZIGINGEN...

Nadere informatie

BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin.

BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin. Bijlage 1 Afkortingen en begrippen Afkortingen AWZI Zie RWZI BBB (v)brp CZV DWA DOB GRP HWA / RWA IBA KRW MOR NBW (-Actueel) OAS RIONED BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin.

Nadere informatie

Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk bij Duurstede

Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk bij Duurstede Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk bij Duurstede Definitief gemeente Wijk bij Duurstede Grontmij Nederland bv Houten, 28 juli 2009 Verantwoording Titel : Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk

Nadere informatie

Notitie. Visiedocument GRP/BRP Brummen. 1 Inleiding - 15.004012 -

Notitie. Visiedocument GRP/BRP Brummen. 1 Inleiding - 15.004012 - Notitie Contactpersoon Gwendolijn Vugs Datum 1 mei 2015 Kenmerk N001-1229319GBV-avd-V02-NL Visiedocument GRP/BRP Brummen 1 Inleiding Het huidig Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) van de gemeente Brummen

Nadere informatie

VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD

VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD Onderwerp: Gemeentelijk rioleringsplan Registratienummer: 00538296 Op voorstel B&W d.d.: 31 maart 2015 Datum vergadering: 26 mei 2015 Portefeuillehouder: Helm Verhees Rol gemeenteraad:

Nadere informatie

Aan u wordt voorgesteld bijgevoegd verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2011-2015 vast te stellen.

Aan u wordt voorgesteld bijgevoegd verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2011-2015 vast te stellen. Raadsvoorstel: Nummer: 2010-633 Onderwerp: Vaststellen verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2011-2015(vGRP2011-2015) Datum: 6 april 2011 Portefeuillehouder: A.J. Rijsdijk/ T. van der Torren Raadsbijeenkomst:

Nadere informatie

Raadsvergadering : 20 juni 2011 Agendanr. 13

Raadsvergadering : 20 juni 2011 Agendanr. 13 Raadsvergadering : 20 juni 2011 Agendanr. 13 Voorstelnr. : R 6837 Onderwerp : Gemeentelijk Rioleringsplan 2010-2015 Stadskanaal, 1 juni 2011 Beslispunten 1. Het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2010-2015

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 1 Inleiding 4. Gemeentelijk rioleringsplan Den Helder 2013-2017

Inhoudsopgave. 1 Inleiding 4. Gemeentelijk rioleringsplan Den Helder 2013-2017 Gemeente Den Helder Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Den Helder, september 2012 Inhoudsopgave 1 Inleiding 4 1.1 Wettelijk kader 4 1.2 Planhorizon 4 1.3 Belangrijkste relevant beleidskader voor de

Nadere informatie

Gemeente Doetinchem. Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2010-2015. Witteveen+Bos. van Twickelostraat 2. postbus 233.

Gemeente Doetinchem. Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2010-2015. Witteveen+Bos. van Twickelostraat 2. postbus 233. Gemeente Doetinchem Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2010-2015 van Twickelostraat 2 postbus 233 7400 AE Deventer telefoon 0570 69 79 11 telefax 0570 69 73 44 INHOUDSOPGAVE blz. SAMENVATTING 1 1.

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Oostzaan

Gemeentelijk Rioleringsplan Oostzaan Gemeentelijk Rioleringsplan Oostzaan planperiode 2013 t/m 2017 ONTWERP OVER-gemeenten Afdeling Gebied- en Wijkzaken WORMER Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 20 juni 2012, revisie Verantwoording Titel :

Nadere informatie

^ T^ 2 5UOV2008 \Q5 S. 1. Inleiding

^ T^ 2 5UOV2008 \Q5 S. 1. Inleiding E E R H U CB O W A A Raadsvergadering: Besluit: Voorstelnummfif R D 2 5UOV2008 ^ T^ \Q5 S Agendanr. Voorstelnr. Onderwerp Aan de Raad, 2008-105 Formulering beleid voor zorgplichten hemel- en grondwater,

Nadere informatie

Voorstel aan : Gemeenteraad van 14 december 2009 Door tussenkomst

Voorstel aan : Gemeenteraad van 14 december 2009 Door tussenkomst Voorstel aan : Gemeenteraad van 14 december 2009 Door tussenkomst van Nummer : : Raadscommissie van 2 december 2009 Onderwerp : Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2010-2014 Bijlage(n) : 1. Gemeentelijk

Nadere informatie

Bijlage 1: Toelichting achtergronden en gebruik modelverordening voor de afvoer van hemelwater en grondwater

Bijlage 1: Toelichting achtergronden en gebruik modelverordening voor de afvoer van hemelwater en grondwater Bijlage 1: Toelichting achtergronden en gebruik modelverordening voor de afvoer van hemelwater en grondwater Met de inwerkingtreding van de Wet Gemeentelijke Watertaken per 1 januari 2008 is o.a. de Wet

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016

Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016 Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016 27 juli 2010 Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016 Doelmatige invulling van de rioleringszorg Inhoud Verantwoording en colofon...

Nadere informatie

12 Hemelwateruitlaat of riooloverstort

12 Hemelwateruitlaat of riooloverstort 12 Hemelwateruitlaat of riooloverstort 12.1 Inleiding Gemeenten hebben de taak om hemelwater en afvalwater in te zamelen. Het hemelwater wordt steeds vaker opgevangen in een separaat hemelwaterriool. Vanuit

Nadere informatie

TOETSING VERBREED GRP

TOETSING VERBREED GRP Dit document beschrijft de toetsing van het verbreed GRP op hoofdlijnen. De toetsing is op volledigheid en niet op inhoud. Het is een hulpmiddel bij het maken van afspraken over het proces van het opstellen

Nadere informatie

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hulst

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hulst Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hulst Planperiode 2010 tot en met 2015 Gemeente Hulst Postbus 49 4560 AA Hulst Grontmij Nederland B.V. Middelburg, 30 september 2009 Verantwoording Titel : Verbreed

Nadere informatie

Impressie(informatieavond(rioolvervanging(Straatweg( Datum:(8(september(2015( Opstelling(verslag:(Tineke(van(Oosten(en(Sieb(de(Jong((cgOH)(

Impressie(informatieavond(rioolvervanging(Straatweg( Datum:(8(september(2015( Opstelling(verslag:(Tineke(van(Oosten(en(Sieb(de(Jong((cgOH)( Impressie(informatieavond(rioolvervanging(Straatweg( Datum:(8(september(2015( Opstelling(verslag:(Tineke(van(Oosten(en(Sieb(de(Jong((cgOH)( Indeling(van(de(avond:(van(19.00(uur(tot(21.00(uur(konden(bewoners(van(de(Straatweg(informatie(

Nadere informatie

Rioleringsbeheerplan Terschelling

Rioleringsbeheerplan Terschelling Rioleringsbeheerplan Terschelling 2016-2020 augustus 2016 Team Techniek en Uitvoering 1 2 Inhoudsopgave 1 Samenvatting...4 2 Inleiding...5 2.1 Doelen...5 2.2 Afvalwater...5 2.3 Hemelwater...5 2.4 Grondwater...6

Nadere informatie

www.grontmij.nl Gemeentelijk Rioleringsplan Voorst Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010 t/m 2014

www.grontmij.nl Gemeentelijk Rioleringsplan Voorst Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010 t/m 2014 Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010 t/m 2014 Gemeentelijk Rioleringsplan Voorst www.grontmij.nl Wij ontwerpen en realiseren plannen voor de toekomst, door mensen en partijen

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Leidschendam-Voorburg

Gemeentelijk Rioleringsplan Leidschendam-Voorburg Gemeentelijk Rioleringsplan Leidschendam-Voorburg Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2009-2014 Definitief Gemeente Leidschendam-Voorburg Postbus 905 2270 AX VOORBURG Grontmij Nederland

Nadere informatie

Gemeente Bergen Noord-Holland. Gemeentelijke Rioleringsplan 2011-2015. Samenvatting. Bergingskelder onder het Pompplein, Egmond aan Zee (2011)

Gemeente Bergen Noord-Holland. Gemeentelijke Rioleringsplan 2011-2015. Samenvatting. Bergingskelder onder het Pompplein, Egmond aan Zee (2011) Gemeente Bergen Noord-Holland Gemeentelijke Rioleringsplan 2011-2015 Bergingskelder onder het Pompplein, Egmond aan Zee (2011) Samenvatting Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Gemeente Bergen (NH) 1\11

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009-2012

Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009-2012 Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009-2012 voor de gemeente Bussum Concept Gemeente Bussum Afdeling Ruimtelijke Inrichting en Beheer Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 14 april 2009 Verantwoording

Nadere informatie

Bijlage 1. Lijst met afkortingen en begrippen

Bijlage 1. Lijst met afkortingen en begrippen Bijlage 1. Lijst met afkortingen en begrippen VERKLARENDE WOORDENLIJST Afkortingen AMvB... Algemene Maatregel van Bestuur BARIM... Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer BBB... Bergbezinkbassin

Nadere informatie

Water- en Rioleringsplan

Water- en Rioleringsplan Water- en Rioleringsplan 2017-2021 Inleiding Hemelwater Oppervlaktewater overstort Afvalwater Grondwater Drinkwater Beleidskader Wet Milieubeheer afname- en zorgplicht voor afvalwater verplichting WRP

Nadere informatie

Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg XE Steenwijk Steenwijk, 19 mei 2009 Nummer voorstel: 2009/58

Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg XE Steenwijk Steenwijk, 19 mei 2009 Nummer voorstel: 2009/58 Voorstel aan de raad Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg 1 8331 XE Steenwijk Steenwijk, 19 mei 2009 Nummer voorstel: 2009/58 Voor raadsvergadering d.d.: 02-06-2009 Agendapunt: Onderwerp:

Nadere informatie

Gemeentelijk RioleringsPlan. 2009 t/m 2013

Gemeentelijk RioleringsPlan. 2009 t/m 2013 Gemeentelijk RioleringsPlan 2009 t/m 2013 Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009 t/m 2013 voor de gemeente Heemskerk Concept ONTWERP Pagina 1 van 40 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 5 1.1 Aanleiding...

Nadere informatie

F. Buijserd burgemeester

F. Buijserd burgemeester Gemeente Nieuwkoop College van Burgemeester en Wethouders raadsvoorstel portefeuillehouder opgesteld door Registratienummer collegebesluit 14.22243 G. Elkhuizen Beheer Openbare Ruimte / Kees Hoogervorst

Nadere informatie

Betreft Voorstel gedifferentieerde rioolheffing op basis van WOZ-waarde en type object

Betreft Voorstel gedifferentieerde rioolheffing op basis van WOZ-waarde en type object Notitie Referentienummer Datum Kenmerk 21 augustus 2012 314119 Betreft Voorstel gedifferentieerde rioolheffing op basis van WOZ-waarde en type object 1 Inleiding Eind 2011 is de rioolheffing opnieuw berekend

Nadere informatie

De Veranderende Zorgplicht

De Veranderende Zorgplicht De Veranderende Zorgplicht Ede 23 april 2015 Frans Debets Debets b.v. i.s.m. Een korte versie van een cursus op 14 juni 1- De Veranderende Waterwetwetgeving 1. Achtergronden en betekenis van de veranderingen

Nadere informatie

verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Ontwerp GRP

verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Ontwerp GRP verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Ontwerp GRP gemeente Vlissingen 01-04-2013 eindconcept rapport Colofon: Titel : Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Ontwerp GRP Status : Gegevens

Nadere informatie

Gemeente Nijkerk - Verordening afvoer regenwater en grondwater

Gemeente Nijkerk - Verordening afvoer regenwater en grondwater GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Nijkerk. Nr. 87172 30 juni 2016 Gemeente Nijkerk - Verordening afvoer regenwater en grondwater Raadsbesluit nummer 2016-011 De raad van de gemeente Nijkerk;

Nadere informatie

Aansluitverordening van de riolering in de gemeente Krimpen aan den IJssel

Aansluitverordening van de riolering in de gemeente Krimpen aan den IJssel Aansluitverordening van de riolering in de gemeente Krimpen aan den IJssel De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van [datum];

Nadere informatie

Verbreed GRP Coevorden Planperiode 2010-2014

Verbreed GRP Coevorden Planperiode 2010-2014 Verbreed GRP Coevorden Planperiode 2010-2014 25 augustus 2009 Verantwoording Titel Verbreed GRP Coevorden 2010-2014 Opdrachtgever Gemeente Coevorden Projectleider Nils Kappenburg Auteur(s) Jeroen van Voorn

Nadere informatie

Managementsamenvatting. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Bladel

Managementsamenvatting. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Bladel Managementsamenvatting Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Bladel 2010-2014 Inhoud 1 Over afvalwater 1 2 Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Bladel 4 3 Doelstellingen verbreed gemeentelijk Rioleringsplan

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD. Nr. 6603. Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen

GEMEENTEBLAD. Nr. 6603. Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Schagen. Nr. 6603 23 januari 2015 Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen 0 Samenvatting 0.1 Inleiding De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan

Nadere informatie

Managementsamenvatting. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Valkenswaard

Managementsamenvatting. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Valkenswaard Managementsamenvatting Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Valkenswaard 2013-2017 mei 2012 Inhoudsopgave 1. Waarom een verbreed GRP? 5 2. Wat zijn de kaders van het vgrp? 7 3. Wat willen we bereiken?

Nadere informatie

Gemeentelijk rioleringsplan Bodegraven-Reeuwijk

Gemeentelijk rioleringsplan Bodegraven-Reeuwijk Gemeentelijk rioleringsplan Bodegraven-Reeuwijk Planperiode 2012 t/m 2016 Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater gemeente Bodegraven-Reeuwijk Grontmij Nederland B.V. Houten, 15 september 2011 Verantwoording

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland

Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland planperiode 2013 t/m 2017 ONTWERP ONTWERP OVER-gemeenten Afdeling Gebied- en Wijkzaken WORMER Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 13 maart 2012, revisie Verantwoording

Nadere informatie

Stedelijke Wateropgave

Stedelijke Wateropgave Stedelijke Wateropgave Vergelijking normen voor water op straat en inundatie Stichting RIONED Voorwoord Er is een norm voor het optreden van water op straat in relatie tot de capaciteit van de riolering

Nadere informatie

Watertoets De Cuyp, Enkhuizen

Watertoets De Cuyp, Enkhuizen Watertoets De Cuyp, Enkhuizen Definitief Bouwfonds Ontwikkeling Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 6 april 2009 Verantwoording Titel : Watertoets De Cuyp, Enkhuizen Subtitel : Projectnummer : 275039 Referentienummer

Nadere informatie

U heeft een watertoets uitgevoerd op de website http://www.dewatertoets.nl//. Op basis van deze toets volgt u de normale procedure.

U heeft een watertoets uitgevoerd op de website http://www.dewatertoets.nl//. Op basis van deze toets volgt u de normale procedure. datum 31-3-2014 dossiercode 20140331-63-8729 Geachte heer/mevrouw Jeroen Overbeek, U heeft een watertoets uitgevoerd op de website http://www.dewatertoets.nl//. Op basis van deze toets volgt u de normale

Nadere informatie

Gemeente Beemster. B e l e i d s d o c u m e n t. j u n i 2 0 1 2 / O n t w e r p G R P

Gemeente Beemster. B e l e i d s d o c u m e n t. j u n i 2 0 1 2 / O n t w e r p G R P Gemeente Beemster B e l e i d s d o c u m e n t Gemeentelijk Rioleringsplan Beemster Planperiode 2012-2016 j u n i 2 0 1 2 / O n t w e r p G R P Gemeente Beemster B e l e i d s d o c u m e n t Gemeentelijk

Nadere informatie

Het waterbeleid van de provincie Limburg is beschreven in het Provinciaal Waterplan Limburg, dd. 20 november 2009.

Het waterbeleid van de provincie Limburg is beschreven in het Provinciaal Waterplan Limburg, dd. 20 november 2009. Memo Ter attentie van Project management Den Dekker B.V. Datum 03 januari 2013 Distributie Projectnummer 111850-01 Onderwerp Parkeerterrein Jumbo Heythuysen Geachte heer Bosman, 1 WATERBELEID Het streven

Nadere informatie

Voortgang en resultaat aanpak afvalwaterketen

Voortgang en resultaat aanpak afvalwaterketen Voortgang en resultaat aanpak afvalwaterketen Stand van zaken voorjaar 2013 In het Bestuursakkoord Water (mei 2011) zijn afspraken gemaakt over onder andere het vergroten van de doelmatigheid in de waterketen.

Nadere informatie

Themabijeenkomst Innovatie 8 november 2012

Themabijeenkomst Innovatie 8 november 2012 Themabijeenkomst Innovatie 8 november 2012 BEOORDELINGSGRONDSLAG VOOR AFVALWATERSYSTEMEN Hans Korving Witteveen+Bos Waar gaan we het over hebben? Motivatie Context Aanpak Zelf aan de slag Uitwerking grondslag

Nadere informatie

Financiën rioleringszorg gemeente Utrecht

Financiën rioleringszorg gemeente Utrecht Stadswerken Financiën rioleringszorg gemeente Utrecht Erwin Rebergen, 28 februari 2013 Inleiding Inleiding Het Utrechtse riolering- en watersysteem Welke kosten worden er gedekt uit de rioolheffing? Hoe

Nadere informatie

Stedelijke wateropgave. (van traditionele rioolvervanging

Stedelijke wateropgave. (van traditionele rioolvervanging Stedelijke wateropgave (van traditionele rioolvervanging i naar duurzame leefomgeving) Landelijke bijeenkomst waterambassadeurs 21-09-2010 Inhoud: Wettelijk kader en doelen Stand van zaken invulling sted.

Nadere informatie

BELEIDSREGEL ONTHEFFING GEMEENTELIJKE ZORGPLICHT STEDELIJK AFVALWATER FLEVOLAND Gedeputeerde Staten van Flevoland,

BELEIDSREGEL ONTHEFFING GEMEENTELIJKE ZORGPLICHT STEDELIJK AFVALWATER FLEVOLAND Gedeputeerde Staten van Flevoland, ^ PROVINCIE FLEVOLAND Provinciaal Blad 2011/09 Nummer 1120019 Beleidsregel ontheffing gemeentelijke zorgplicht stedelijk afvalwater 2011 Gedeputeerde Staten van Flevoland maken overeenkomstig artikel 136

Nadere informatie

Betreft Uitbreiding bedrijfsterrein Van Ooijen, Parallelweg-west Woerden Afwatering terreinverharding

Betreft Uitbreiding bedrijfsterrein Van Ooijen, Parallelweg-west Woerden Afwatering terreinverharding Bijlage Afwatering terreinverharding D1 Notitie Referentienummer Datum Kenmerk 11 augustus 2014 153681 Betreft Uitbreiding bedrijfsterrein Van Ooijen, Parallelweg-west Woerden Afwatering terreinverharding

Nadere informatie

Raadsstuk. Haarlem. Onderwerp Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan

Raadsstuk. Haarlem. Onderwerp Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan Haarlem Raadsstuk Onderwerp Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2018-2023 Nummer 2017/361078 Portefeuillehouder Sikkema, C.Y. Programma/beleidsveld 5.1 Openbare ruimte en mobiliteit Afdeling GOB/BBOR

Nadere informatie

rio+ SAMENVATTING GEMEENTELIJK RIOLERINGSPLAN ZEDERIK R O

rio+ SAMENVATTING GEMEENTELIJK RIOLERINGSPLAN ZEDERIK R O rio+ SAMENVATTING GEMEENTELIJK RIOLERINGSPLAN ZEDERIK 2016 2020 Auteur Datum J. Stok 08-09-2015 R O SAMENVATTING 1. INLEIDING Voor u ligt het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) van de gemeente Zederik voor

Nadere informatie

SONENBREUGEL GEMEENTE

SONENBREUGEL GEMEENTE GEMEENTE SONENBREUGEL De raad der gemeente van de gemeente Son en Breugel. Overwegende, dat de Wet milieubeheer de bevoegdheid biedt bij verordening regels te stellen over het brengen van afvloeiend hemelwater

Nadere informatie

Feiten over de riolering

Feiten over de riolering Feiten over de riolering Prestaties Middelen en mensen Samenhangen Schaalverschillen Doeltreffendheid en doelmatigheid Stichting RIONED, februari 21 T.b.v. het feitenonderzoek in het kader van doelmatig

Nadere informatie

Grontmij Nederland B.V. Assen, 17 mei 2011. Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Planperiode 2010-2015. Definitief

Grontmij Nederland B.V. Assen, 17 mei 2011. Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Planperiode 2010-2015. Definitief Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010-2015 Definitief Grontmij Nederland B.V. Assen, 17 mei 2011 Pagina 1 van 51 Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan Emmen Subtitel : Stedelijk

Nadere informatie

Olst-Wijhe, 14 oktober 2010. doc. nr.: 1029-8-RU-WA. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Olst- Wijhe 2011-2015

Olst-Wijhe, 14 oktober 2010. doc. nr.: 1029-8-RU-WA. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Olst- Wijhe 2011-2015 Olst-Wijhe, 14 oktober 2010. doc. nr.: 1029-8-RU-WA Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Olst- Wijhe 2011-2015 Verantwoording Titel : Verbreed GRP Olst-Wijhe 2011-2015 Subtitel : Ontwerp Projectnummer

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Gemeentelijk rioleringsplan 2010-2015 Plan Pagina 3 van 28

Inhoudsopgave. Gemeentelijk rioleringsplan 2010-2015 Plan Pagina 3 van 28 J. van Kampen (Steller) SB/ING Juni 2011 Inhoudsopgave 1. Inleiding...4 1.1. Aanleiding...4 1.2. Geldigheidsduur...4 1.3. Procedure...4 1.4. Leeswijzer...4 2. Evaluatie vorig GRP en verkenning omgeving...5

Nadere informatie

Verordening Eenmalig Rioolaansluitrecht 2015

Verordening Eenmalig Rioolaansluitrecht 2015 Verordening Eenmalig Rioolaansluitrecht 2015 Artikel 1 Begripsomschrijvingen deze verordening wordt verstaan onder: a. aansluitleiding: het particulier riool, het aansluitpunt en de perceelaansluitleiding

Nadere informatie

VOORBLAD RAADSVOORSTEL

VOORBLAD RAADSVOORSTEL VOORBLAD RAADSVOORSTEL ONDERWERP Gemeentelijk Rioleringsplan 2013 t/m 2017 VOORSTEL 1. De geformuleerde doelen, 2. Het voorgenomen onderzoek 3. De voorgenomen beheermaatregelen 4. De rioolheffing in 2013

Nadere informatie

4 Beleid voor afvalwater, grondwater, hemelwater en oppervlaktewater.

4 Beleid voor afvalwater, grondwater, hemelwater en oppervlaktewater. 4 Beleid voor afvalwater, grondwater, hemelwater en oppervlaktewater. Sinds enkele jaren heeft rioleringsbeheer een duidelijke wettelijke basis. De Wet gemeentelijke watertaken geeft gemeenten 3 zogenaamde

Nadere informatie

In de directe omgeving van de Ir. Molsweg is geen oppervlaktewater aanwezig.

In de directe omgeving van de Ir. Molsweg is geen oppervlaktewater aanwezig. Waterparagraaf Algemeen Huidige situatie De Ir. Molsweg tussen de Pleijweg en de Nieland bestaat uit een enkele rijbaan met twee rijstroken. Via een rotonde sluit de Ir. Molsweg aan op de Nieland. De rijbaan

Nadere informatie

Van rioleringszaak naar gemeentelijke watertaak. De Wet gemeentelijke watertaken toegelicht

Van rioleringszaak naar gemeentelijke watertaak. De Wet gemeentelijke watertaken toegelicht Van rioleringszaak naar gemeentelijke watertaak De Wet gemeentelijke watertaken toegelicht Van rioleringszaak naar gemeentelijke watertaak De Wet gemeentelijke watertaken toegelicht Inhoudsopgave Samenvatting

Nadere informatie

Raadsvoorstel. Aan de gemeenteraad. Onderwerp: Gemeentelijk Rioleringsplan

Raadsvoorstel. Aan de gemeenteraad. Onderwerp: Gemeentelijk Rioleringsplan Raadsvoorstel jaar stuknr. categorie agendanr. Stuknr. Raad B. en W. 2017 RA17.0069 A 5 17/575 Onderwerp: Gemeentelijk Rioleringsplan 2018 2023 Portefeuillehouder: R. van der Weide Team: Inrichting Openbare

Nadere informatie

Verordening afvoer hemelwater en grondwater gemeente Leeuwarden 2014

Verordening afvoer hemelwater en grondwater gemeente Leeuwarden 2014 Verordening afvoer hemelwater en grondwater gemeente Leeuwarden 2014 Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen,

Nadere informatie

17 mei 2011. Thema avond Gemeentelijk Rioolplan

17 mei 2011. Thema avond Gemeentelijk Rioolplan FLO/2011/8572 17 mei 2011 Thema avond Gemeentelijk Rioolplan Doel van het rioolstelsel: Volksgezondheid en milieu; Afvoer vuil water naar waterzuivering; Afvoer schoon regenwater. Wettelijke regels en

Nadere informatie

dat het met name in het buitengebied, wijken met een apart vuilwaterriool en op bedrijventerreinen wenselijk is om dit verbod te laten gelden;

dat het met name in het buitengebied, wijken met een apart vuilwaterriool en op bedrijventerreinen wenselijk is om dit verbod te laten gelden; CONCEPT Besluit gebiedsaanwijzing afvoer hemelwater (artikel 4:44 APV) Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn; Overwegende dat artikel 4:44, eerste lid jo artikel 4:43 van de Algemene

Nadere informatie

B&W Vergadering. Gemeenteraad B&W Vergadering 6 juni 2017

B&W Vergadering. Gemeenteraad B&W Vergadering 6 juni 2017 2.1.7 Waterketenplan Limburgse Peelen 2017-2021 en Gemeentelijk Rioleringsplan Roermond 2017-2021 1 Dossier 1792 voorblad.pdf B&W Vergadering Dossiernummer 1792 Vertrouwelijk Nee Vergaderdatum 6 juni 2017

Nadere informatie

Bijlage 1: Afkortingen en begrippen

Bijlage 1: Afkortingen en begrippen Bijlage 1: Afkortingen en begrippen Afkortingen AWZI Zie RWZI BBB (v)brp CZV DWA DOB GRP HWA IBA KRW NBW NW4 BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin. (verbreed) BasisRioleringsPlan

Nadere informatie

Kostendekkingsplan Water & Riolering

Kostendekkingsplan Water & Riolering Kostendekkend en Lastenverlagend Ede, 4 Juli 2012 Kenmerk 715676 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding...4 1.1. Aanleiding...4 1.2. Waarom dit document...4 2. Bijstelling product Water...5 3. Bijstelling product

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude

GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude RUI15/016 Verordening Rioolaansluiting, verordening eenmalig rioolaansluitrecht De raad van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 augustus

Nadere informatie

RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012

RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012 RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012 Archimedesweg 1 CORSA nummer: 14.48265 postadres: versie: Definitief postbus 156 auteur: Irene van der Stap 2300 AD Leiden oplage: Digitaal telefoon (071) 3 063

Nadere informatie

Berekening hwa-riool Oranjebuurt te Riel

Berekening hwa-riool Oranjebuurt te Riel Berekening hwa-riool Oranjebuurt te Riel Gemeente Goirle projectnr. 219713 revisie 3.0 12 juli 2010 Opdrachtgever Gemeente Goirle Afdeling Realisatie en beheer Postbus 17 5050 AA Goirle datum vrijgave

Nadere informatie

Colofon. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hardenberg. Planperiode: 2014 2018. Afdeling Openbaar Gebied Team Water & Team Civiel, riolering

Colofon. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hardenberg. Planperiode: 2014 2018. Afdeling Openbaar Gebied Team Water & Team Civiel, riolering Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Gemeente Hardenberg 2014-2018 Colofon Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hardenberg Planperiode: 2014 2018 Opdrachtgever: Opgesteld door: Gemeente Hardenberg Bestuursdienst

Nadere informatie

Raadscommissievoorstel

Raadscommissievoorstel Raadscommissievoorstel Status: Opiniërend Agendapunt: 7 Onderwerp: Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vgrp) Datum: Mei 2011 Portefeuillehouder: Dhr. N.L. Agricola Decosnummer: 89 Informant: M. Finkers

Nadere informatie

Raadsvoorstel. Datum raadsavond Wordt later ingevuld Programma Duurzaamheid en Mobiliteit Onderwerp Grondwaterbeleidsplan 2012 t/m 2014

Raadsvoorstel. Datum raadsavond Wordt later ingevuld Programma Duurzaamheid en Mobiliteit Onderwerp Grondwaterbeleidsplan 2012 t/m 2014 Raadsvoorstel Datum raadsavond Wordt later ingevuld Programma Duurzaamheid en Mobiliteit Onderwerp Grondwaterbeleidsplan 2012 t/m 2014 Samenvatting Dit voorstel geeft aan waarom de intrede van een grondwaterbeleidsplan

Nadere informatie

Bijlage A: De kwaliteitscatalogus

Bijlage A: De kwaliteitscatalogus GWP Woerden U kiest! Een overzicht van de mogelijkheden Projectnr. 239448 oktober 2011, revisie C2 ijlage A: De kwaliteitscatalogus ij het beleidskader voor de gemeentelijke watertaken wordt gewerkt met

Nadere informatie

Module D1100 Kostenkengetallen rioleringszorg. Inhoud

Module D1100 Kostenkengetallen rioleringszorg. Inhoud Module D1100 Kostenkengetallen rioleringszorg Inhoud 1 Inleiding 5 1.1 Verantwoording 5 1.2 Wat is veranderd? 5 1.3 Opsteller en begeleidingscommissie 5 1.4 Leeswijzer 6 2 Systematiek en uitgangspunten

Nadere informatie

ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS. Datum B&W-vergadering : 10-11-2009 Openbaar Onderwerp : Grondwaterbeleid

ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS. Datum B&W-vergadering : 10-11-2009 Openbaar Onderwerp : Grondwaterbeleid ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS Datum B&W-vergadering : 10-11-2009 Openbaar Onderwerp : Grondwaterbeleid Portefeuillehouder(s) : F.J.W. Saelman, Afdelingshoofd/hoofd OW: F. Hottinga Paraaf : Paraaf:

Nadere informatie

Programma Water en klimaatveranderingen

Programma Water en klimaatveranderingen Programma Water en klimaatveranderingen Ger Renkens / Luuk Postmes 7 juni 2016 Doel Beschermen van de volksgezondheid en het milieu en het leveren van een bijdrage aan het in stand houden en verbeteren

Nadere informatie

datum 27-2-2016 dossiercode 20160227-4-12526 Geachte heer / mevrouw R.G. Zuidema,

datum 27-2-2016 dossiercode 20160227-4-12526 Geachte heer / mevrouw R.G. Zuidema, datum 27-2-2016 dossiercode 20160227-4-12526 Geachte heer / mevrouw R.G. Zuidema, U heeft een watertoets uitgevoerd op de website http://www.dewatertoets.nl//. Op basis van deze toets volgt u de korte

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Emmen

Gemeentelijk Rioleringsplan Emmen Gemeentelijk Rioleringsplan Emmen Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010-2015 Concept Pagina 1 van 51 Verantwoording Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan Emmen Subtitel : Stedelijk

Nadere informatie

VGRP Gemeente Boxmeer. 12 november 2015

VGRP Gemeente Boxmeer. 12 november 2015 VGRP 2015-2019 Gemeente Boxmeer 12 november 2015 VGRP 2015-2019 Gemeente Boxmeer Even voorstellen BAS BIERENS Projectleider, Stedelijk Water BRAM VAN MOL Specialist, Stedelijk Water Agenda 1. Waarom een

Nadere informatie