Klinische versus pathologische respons na preoperatieve chemoradiatie voor het rectumcarcinoom

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Klinische versus pathologische respons na preoperatieve chemoradiatie voor het rectumcarcinoom"

Transcriptie

1 FACULTEIT GENEESKUNDE EN GEZONDHEIDSWETENSCHAPPEN Academiejaar Klinische versus pathologische respons na preoperatieve chemoradiatie voor het Pieter-Jan DE MUNCK Promotor: Prof. Dr. Wim Ceelen Scriptie voorgedragen in de 2 de master in het kader van de opleiding tot MASTER IN DE GENEESKUNDE

2 De auteur(s) en de promotor geven toelating deze scriptie voor consultatie beschikbaar te stellen en delen ervan te kopiëren voor persoonlijk gebruik. Elk ander gebruik valt onder de beperkingen van het auteursrecht, in het bijzonder met betrekking tot de verplichting uitdrukkelijk de bron te vermelden bij het aanhalen van resultaten uit deze scriptie. 4 mei 2011 Pieter-Jan De Munck Prof. Dr. Wim Ceelen

3 WOORD VOORAF & DANKWOORD Na het eerste contact in 2007 met de dienst gastro-intestinale heelkunde en Prof. Dr. Wim Ceelen, i.v.m. een paper over het gebruik van USPIO bij staging van de nodale status bij kanker, werd mijn interesse in dit vakgebied sterk opgewekt. De sfeer die zich rondom het hele medische gebeuren op deze dienst verspreidt, heeft er alleen maar toe geleid dat ik er meer tijd wilde spenderen om deze unieke wereld van dichterbij te leren kennen. Daarnaast heeft Prof. Ceelen mij via de paper uit 2 de bachelor geneeskunde een aantal basiscomponenten van wetenschappelijk onderzoek en het belang hiervan geopenbaard, wat meteen ook de reden was waarom ik mij kandidaat stelde voor dit onderwerp. Na een periode van iets meer dan 2 jaar hard labeur en wetenschappelijk onderzoek over dit onderwerp, stel ik u hieronder graag en met enige blijdschap de resultaten van mijn masterproef voor. Deze masterproef was nooit tot stand gekomen zonder de hulp van een aantal mensen. Graag wil ik hen dan ook in het bijzonder bedanken. Allereerst gaat mijn dank uit naar Prof. Dr. Wim Ceelen, gastro-intestinale heelkunde, omdat hij mij de kans heeft gegeven mee te werken aan een interessant en nog steeds relevant onderzoek. Hij stond steeds klaar voor de nodige begeleiding, kritische en opbouwende feedback, uitleg en allerhande informatie die nuttig was bij zowel het onderzoek van de studie als het schrijven van deze masterproef. Daarnaast wil ik ook dokter Ercan Cesmeli, gastro-enteroloog uit het AZ St. Lucas en EUS-consulent in het UZ Gent, bedanken voor zijn hulp wat betreft het interpreteren van EUS-stagingsresultaten en de mogelijkheid tot het live bijwonen van enkele stagingsprocedures. Vervolgens had ik graag ook Dr. Peter Smeets, thoraco-abdominaal radioloog UZ Gent, bedankt voor zijn enthousiasme en uitleg voor het zelfstandig bepalen van parameters op MR-beelden van de betrokken patiënten. Dit is eveneens een meerwaarde voor mijn opleiding geweest, gezien ik nu een stukje extra-curriculaire radiologie-kennis heb kunnen opdoen, die mogelijk later nog van pas kan komen. Ik wil ook graag nog Mathias Van Borsel, radioloog-in-opleiding, bedanken voor het nakijken van mijn MR-stagingsresultaten en zijn kritische opmerkingen. Tot slot nog een speciaal woordje van dank voor mijn ouders, die het voor mij mogelijk hebben gemaakt deze studie te volgen, evenals vrienden en familie die steeds klaar stonden en hulp boden waar nodig, met in het bijzonder Evelien Christiaens en Vincent Keereman voor het nalezen van de masterproef. i

4 LIJST VAN GEBRUIKTE AFKORTINGEN 5-FU Acc AMI APD APRA ccr CRM CRT ChT CT ctnm DFS DNA EGFR EPD EUS FNA Gy HNPCC IBD IOLR LAR MDT MRF MRI MSI NPW OS PACS pcr PME PNI PPA PPW PROCARE 5-Fluorouracil Accuraatheid Arteria Mesenterica Inferior Anatomo-Pathologisch Dossier Abdomino-Perineale Rectum Amputatie Clinical Complete Response Circumferential Resection Margin / Circumferentiële Resectiemarge Chemoradiotherapie Chemotherapie Computed Tomography Clinical TNM Disease-free Survival Deoxyribonucleic Acid Epidermal Growth Factor Receptor Elektronisch Patiëntendossier Endoscopische/Endorectale Ultrasound Fine Needle Aspiration Gray Hereditary Non Polyposis Colorectal Cancer Inflammatory Bowel Disease / Inflammatoire Darmziekte Ingenomen/Onderzochte Lymfeklier Ratio Low Anterior Resection Multidisciplinair Team Mesorectale Fascia Magnetic Resonance Imaging Microsatellite Instability Negatief Predictieve Waarde Overall Survival Picture Archiving and Communication System Pathologische Complete Respons Partiële Mesorectale Excisie Perineurale Invasie Palpatio Per Anum Positief Predictieve Waarde Project On Cancer Of The Rectum ii

5 ptnm QoL RBPA RT Se Sp TEM TME TNM TRUS TS ULAR yctnm yptnm Pathologische TNM Quality of Life Rood Bloedverlies Per Anum Radiotherapie Sensitiviteit Specificiteit Transanale Endoscopische Microchirurgie Total Mesorectal Excision Tumour-Node-Metastasis classificatie Transrectale Ultrasound Thymidylaat Synthase Ultra Low Anterior Resection TNM-staging na beëindigen van CRT TNM-staging na chirurgie volgend op einde van CRT iii

6 LIJST VAN GEBRUIKTE FIGUREN Figuur 1.1 Figuur 1.2 Figuur 1.3 Figuur 1.4 Figuur 1.5 Figuur 1.6 Figuur 1.7 Figuur 1.8 Figuur 1.9 Figuur 1.10 Figuur 1.11 Figuur 2.1 Figuur 3.1 Figuur 3.2 Figuur 3.3 Incidenties en mortaliteitscijfers van mannen met colorectaal carcinoom op wereldvlak Incidenties en mortaliteitscijfers van vrouwen met colorectaal carcinoom op wereldvlak Incidenties en mortaliteitsratio s van colorectale kankerpatiënten Genetisch verklarend model voor de colorectale carcinogenese waarin de evolutie van adenoom tot carcinoom in beeld wordt gebracht Flowchart van therapie voor uit de PROCARE-richtlijnen Anatomische verhouding van uitgebreidheid tot toegekende TNM-staging Schematische voorstelling van rectale anatomie op een EUS-beeld Voorstelling van de CRM t.o.v. de T-status Flowchart voor behandeling van het Flowchart voor verdere behandeling van na TEM Een schematische voorstelling van het gebruik van een endoscopische chirurgische unit tijdens transanale endoscopische microchirurgie Selectieproces van patiëntengroep Verhouding van de afstand van de tumor tot de CRM (mm) Verhouding tumorlengte voor en na CRT (cm) Verhouding tumordiameter voor en na CRT (cm) iv

7 LIJST VAN GEBRUIKTE TABELLEN Tabel 1.1 Tabel 1.2 Tabel 1.3 Tabel 1.4 Tabel 1.5 Tabel 1.6 Tabel 3.1 Tabel 3.2 Tabel 3.3 Tabel 3.4 Tabel 3.5 Tabel 3.6 Tabel 3.7 Tabel 3.8 Tabel 3.9 Tabel 3.10 Tabel 3.11 Tabel 3.12 Tabel 3.13 Tabel 3.14 Tabel 3.15 Tabel 3.16 Tabel 3.17 Tabel 3.18 Tabel 4.1 Tabel 4.2 Geschatte aantallen van incidenties en mortaliteitscijfers van colorectale kankerpatiënten over de wereld MRI criteria voor pre-operatieve T-staging MRI criteria voor N-staging bij colorectaal carcinoom Diverse soorten chemotherapie die in het UZ Gent worden gebruikt bij de neoadjuvante behandeling van het Aanwezigheid van residueel tumorweefsel - classificatie De meest courant gebruikte classificaties om tumorrespons en regressie te kwantificeren Demografische gegevens studiepopulatie Verdeling ct-staging Verdeling yct-staging Verdeling ypt-staging De verschillen tussen de verschillende stappen van de behandeling in N-status Vergelijking aantallen (n(%)) tussen MRI en CT-beeldvorming voor M-staging Lokalisatie tumor t.o.v. anale sfincter Beschrijvende parameters van diameter en lengte van de tumor, voor en na CRT Statistische uitkomsten na uitvoering gepaarde Student T-test. Uitkomsten worden bekeken als resultaat van bewerking MR 1 -MR 2. EUS-TNM-staging voor neo-adjuvante chemoradiatie. (Van 1 patiënt die een EUS gekregen heeft was de tumor niet duidelijk te stagen.) Concordantie tussen EUS en MRI voor de staging van T- en N-status APD-gegevens over de klierstatus van het resectiespecimen APD-resultaten van specifieke tumoreigenschappen Frequenties van diverse operatieve technieken binnen deze studiegroep Verhouding soort respons vs. ct-status Overeenkomst tussen magnetic resonance imaging (MRI) en pathologische beschrijving van de T-status Overeenkomst tussen magnetic resonance imaging (MRI) en pathologische beschrijving van de N-status Overeenkomst tussen MRI en pathologische evaluatie van de CRM-status Vergelijking van Acc, Se, Sp, PPW en NPW voor predictie N-status tussen verschillende studies Vergelijking van Acc, Se, Sp, PPW en NPW voor predictie CRM-status tussen verschillende studies v

8 INHOUDSTAFEL WOORD VOORAF & DANKWOORD... i LIJST VAN GEBRUIKTE AFKORTINGEN... ii LIJST VAN GEBRUIKTE FIGUREN... iv LIJST VAN GEBRUIKTE TABELLEN... v INHOUDSTAFEL... vi ABSTRACT... 1 ABSTRACT... 2 INTRODUCTIE Algemene inleiding Doelstelling... 3 DEEL 1: LITERATUURSTUDIE Colorectaal carcinoom Epidemiologie Incidentie Mortaliteit Etiologie en klinische presentatieklachten van het (colo- ) rectaal carcinoom Embryologie en anatomie van het rectum Embryologie van het rectum Anatomie van het rectum De huidige standaardbehandeling Klinische staging van het Endoscopische ultrasound (EUS) Magnetic Resonance Imaging (MRI) De beginselen van MRI bij lokale staging doeleinden MRI bij de primaire staging van het Neo- adjuvante therapie: Multimodaal therapie Chemotherapie Radiotherapie Heelkundige en pathologische benadering na neo- adjuvante therapie Transanale Endoscopische Microchirurgie (TEM) Situering, indicatie en eigenschappen van de ingreep Selectiecriteria, huidige toepassing en verbonden risico s Techniek (Ultra) lage anterior resectie (ULAR) met (partiële) totale mesorectale excisie Situering, indicatie en eigenschappen van de ingreep Techniek Abdomino- perineale rectumamputatie (APRA) Situering, indicatie en eigenschappen Techniek Pathologische kenmerken van de tumor DEEL 2: METHODOLOGIE Studiedesign Onderzoekspopulatie Gegevensverzameling Statistische dataverwerking Literatuur vi

9 DEEL 3: RESULTATEN Beschrijvende statistiek studiepopulatie Demografische gegevens patiëntengroep Neo- adjuvante chemoradiatie schema s en type Radiotherapie Pre- en post- CRT stagingsresultaten T- stadium N- staging M- staging Overige parameters bij pre- en post- CRT MR- beeldvorming Afstand tumor tot CRM Afstand tumor tot sfincter Diameter en lengte tumor EUS stagings- en overige resultaten T- en N- staging Tumorlokalisatie en verhouding tot rectum Afstand tumor tot margo Dikte tumor Graad van rectuminname door tumor APD- gegevens Lymfeklieren Diameter tumor CRM- status en afstand Celdifferentiatie binnen de tumor Specifieke tumoreigenschappen Type chirurgie en CRT- chirurgie interval Follow- up gegevens Adjuvante chemotherapie Overall & Disease- Free Survival (OS & DFS) Analyse van de verschillende stagingsmethoden Pre- CRT MRI- staging vs. APD- staging: klinische en pathologische respons Post- CRT- MRI- staging vs. APD- staging Acc, under- & overstaging en PPW voor predictie T- status Acc, Se, Sp, PPW en NPW voor predictie klierstatus Acc, Se, Sp, PPW en NPW voor predictie CRM- status DEEL 4: DISCUSSIE Het effect van neo- adjuvante concomitante chemoradiatie Pre- operatieve staging: MRI en EUS T- status op post- CRT MRI N- status op post- CRT MRI Pre- CRT MR en EUS TN- staging CRM- status DEEL 5: CONCLUSIE DEEL 6: REFERENTIES vii

10 ABSTRACT Inleiding: De laatste jaren is de evolutie van de behandeling voor het (colo)rectaal carcinoom een interessant onderwerp voor studies. Overal ter wereld worden nieuwe strategieën ontwikkeld door multidisciplinaire teams (MDT s) opdat de beste individuele therapie voor patiënten gevrijwaard kan worden. Vooral op het vlak van neo-adjuvante multimodaal therapie en pre-operatieve staging werden verschillende aanpassingen aangebracht en nog steeds verder onderzocht op mogelijke verbetering. Vandaag worden patiënten met een lokaal gevorderd preoperatief behandeld met het concomitant toedienen van radiotherapie en chemotherapie (CRT). Doelstelling: Het doel van deze klinische studie is na te gaan wat de voorspellende waarde is van klinische staging met betrekking tot pathologische respons in een groep patiënten die preoperatieve chemoradiatie en een ingreep kregen voor een. Methodologie: Dit onderzoek gebeurde op een studiegroep van 41 patiënten met (11 vrouwen, 30 mannen) die allen in het UZ Gent zijn behandeld met CRT en vervolgens een chirurgische ingreep ondergingen in de periode Alle patiënten dienden bovendien zowel voor als na CRT een MR-beeldvorming te ondergaan. A.d.h.v. relevante, beschikbare databasegegevens en MR-beelden pre- en post-crt werd een nieuwe database aangemaakt, die vervolgens statistisch werd beschreven en waaruit resultaten werden berekend. Daarnaast werd er eveneens een systematische zoektocht naar relevante artikels uitgevoerd met de online zoekmachine PubMed naar en pre-operatieve CRT en staging. Bijkomende relevante informatie werd gevonden door het manueel doorzoeken van beschikbare literatuur. Resultaten: Neo-adjuvante CRT veroorzaakte een pcr bij 9 patiënten (22,5%), hoewel de post-crt MRI dit nergens voorspeld had. Een ccr werd eveneens op geen enkele post-crt MR vastgesteld. De accuraatheid van predictie van de ypt-status door MR bedroeg 43% met overstaging in 45% en understaging in 12,5% van de patiënten. Voor predictie van ypn-status door MRI werd 53,7% Acc, 76,5% Se, 37,5% Sp, 46,4% PPW en 69,2% NPW vastgesteld met overstaging in 62,5% en understaging in 24%. De predictie van de CRM-status door MRI vertoonde 61% Acc, 57,1% Se, 61,8% Sp, 22,5 PPW en 87,5% NPW. De concordantie tussen pre-crt MRI en EUS voor T- en N- status bedroeg resp. 52,2% en 45,5%. Conclusie: De voorspellende waarde van klinische staging door MRI m.b.t. de pathologische respons van het laat te wensen over. De meeste onnauwkeurigheden voor zowel T- als N- status werden veroorzaakt door overstaging. Dit valt mogelijk te verklaren door de moeilijke differentiatie op MRI tussen fibrose- en residueel tumorweefsel. 1

11 ABSTRACT Introduction: Over the past years, the evolution of (colo)rectal cancer treatment has been an intriguing subject for clinical trials. Worldwide new strategies are being developed by multidisciplinary practices (MDP) to be able to provide patients with an optimal individual therapy as well as results. Many adaptations have been made, especially concerning the neo-adjuvant multimodal therapy and preoperative staging. However, these adaptations are still being investigated and evaluated for future optimization. The current management of locally advanced rectal cancer consists of concomitant application of chemotherapy and radiation. (Chemoradiation, CRT) Aims of the study: The purpose of this clinical trial is to investigate the capacities of clinical staging in relation to a possible pathological response in a group of patients who have preoperatively been treated with the multimodal therapy followed by surgery for rectal cancer. Methods: This study was performed on a group of 41 patients (11 women, 30 men) with rectal cancer, who all had consecutive multimodal therapy and surgery in Ghent University Hospital. All patients had to go through an MRI examination before and after neo-adjuvant multimodal therapy. On the basis of relevant and accessible data, coming from the hospital s rectal cancer database, as well as preand post-crt MR images, a new database was made, which has subsequently been evaluated and analyzed statistically. Furthermore a systematic research with the online search engine PubMed was performed on rectal cancer, pre-operative CRT and staging as well as retrieving additional information by hand searching available literature. Results: A pcr was observed in 9 patients (22,5%), although the post-crt MRI did not predict a single one. A ccr did not occur on any post-crt MRI. The overall predictive accuracy in ypt-status by MRI was 43%, whereas overstaging and understaging occurred in resp. 45% and 12,5%. In staging ypn-status by MRI 53,7% Acc, 76,5% Se, 37,5% Sp, 46,4% PPV en 69,2% NPV was noted as well as overstaging in 62,5% and understaging in 24%. The prediction of CRM-status showed 61% Acc, 57,1% Se, 61,8% Sp, 22,5 PPV en 87,5% NPV. The accordance between pre-crt MRI and EUS staging for ct- and cn-status was 52,2% en 45,5% respectively. Conclusion: The predictive value of clinical staging by use of MRI in relation to pathological response is rather disappointing. Most of the inaccuracy in both T and N stages was caused by overstaging. This can be explained by the fact that MRI cannot completely differentiate fibrosis from viable residual tumors. 2

12 INTRODUCTIE 1. Algemene inleiding Patiënten met zijn over de jaren op verschillende nieuwe manieren behandeld. Zo zijn er zowel op vlak van chirurgie als op vlak van adjuvante therapie verschillende nieuwe strategieën uitgedokterd om de algemene outcome van deze patiënten sterk te verbeteren. Vandaag worden patiënten met een lokaal gevorderd preoperatief behandeld met concomitant toedienen van radiotherapie en chemotherapie (CRT). Na het beëindigen van de CRT wordt een wachttijd van 4 tot 8 weken in acht genomen vooraleer de operatie wordt uitgevoerd opdat een zo goed mogelijk effect bekomen kan worden door de chemoradiatie. Tijdens deze wachttijd zullen de tumor en omgevende klieren namelijk in wisselende mate kleiner worden; dit fenomeen wordt downstaging genoemd. Bij ongeveer één op vier patiënten blijkt na operatie dat er geen tumor meer aanwezig is in het operatiestuk; men spreekt dan van een complete pathologische respons of pcr. Men weet intussen door diverse studies dat de mate van pathologische respons een indicator is voor de overlevingskansen van patiënten. Zowel voor als na de chemoradiatie worden patiënten klinisch en iconografisch onderzocht (endoscopische ultrasound (EUS) en magnetische resonantie scan (MRI)). Bij een deel van de patiënten wordt bij de staging na chemoradiatie geen tumor meer waargenomen tijdens klinisch onderzoek of op beeldvorming. Men spreekt in dit geval van een klinische complete respons of ccr. Een pertinente vraag is of bij vaststellen van een ccr een ingreep nog wel is aangewezen. Deze vraag kan pas beantwoord worden indien we weten in welke mate kan voorspeld worden (door klinisch onderzoek en beeldvorming) of er inderdaad ook sprake is van een pathologische complete respons. 2. Doelstelling Het doel van deze klinische studie is na te gaan wat de voorspellende waarde is van klinische staging (EUS, MRI, klinisch onderzoek) met betrekking tot pathologische respons in een groep patiënten die neo-adjuvante concomitante chemoradiatie en een heelkundige resectie kregen voor een. Daarnaast wordt ook stilgestaan bij de aanpak van in het UZ Gent. De studie wordt uitgevoerd in samenwerking met promotor Prof. Dr. Wim Ceelen, gastrointestinale heelkunde, Dr. Peter Smeets, thoraco-abdominaal radioloog, Dr. Ercan Cesmeli, gastroenteroloog en Mathias Van Borsel, radioloog-in-opleiding. 3

13 DEEL 1: LITERATUURSTUDIE 1 Colorectaal carcinoom 1.1 Epidemiologie Incidentie Mortaliteit Het wordt vaak vermeld in het kader van colorectaal kanker, waardoor het moeilijk is om duidelijke informatie betreffende de epidemiologie te vinden die enkel op het slaat. 1 Colorectaal carcinoom stond in 2005 op de derde, resp. tweede plaats van meest voorkomende kankers bij mannen (na prostaat- en longkanker) en vrouwen (na borstkanker) en dit geldt zowel voor België als voor de hele wereld. 2 De Stichting Kankerregister registreerde een totaal van 4863 nieuwe gevallen van colorectaal carcinoom in De incidentie per jaar op wereldschaal bedraagt In onderstaande figuren zijn de incidenties en mortaliteitsratio s per geslacht uitgezet op wereldvlak. Figuur 1.1: Incidenties en mortaliteitscijfers van mannen met colorectaal carcinoom op wereldvlak afgehaald van Figuur 1.2: Incidenties en mortaliteitscijfers van vrouwen met colorectaal carcinoom op wereldvlak afgehaald van Australië/Nieuw-Zeeland en West-Europa vertonen de hoogste incidenties van colorectaal carcinoom, terwijl de laagste daarentegen in Afrika, behalve Zuid-Afrika, en Zuid-Centraal Azië gevonden worden. Uit figuur 1.3 blijkt dat de minder ontwikkelde landen een duidelijk lagere incidentie hebben 4

14 in vergelijking met de vooraanstaande landen. De mondiale mortaliteit door colorectaal kanker in 2008 werd geschat op mensen, wat overeenstemt met 8% van alle kankerdoden in datzelfde jaar. In de lijst van meest voorkomende oorzaken van overlijden ten gevolge van kanker staat het colorectaal carcinoom met dit hoge aantal op de vierde plaats. Hierbij moet wel gezegd dat de incidentiecijfers en mortaliteitsratio voor mannen en vrouwen sterk verschillen, in het nadeel van de mannen. Zie tabel 1.1 en figuur ,4 Estimated numbers (thousands) Men Women Both sexes Cases Deaths Cases Deaths Cases Deaths World More developed regions Less developed regions WHO Africa region (AFRO) WHO Americas region (PAHO) WHO East Mediterranean region (EMRO) WHO Europe region (EURO) WHO South-East Asia region (SEARO) WHO Western Pacific region (WPRO) IARC membership (21 countries) United States of America China India European Union (EU-27) Tabel 1.1: Geschatte aantallen van incidenties en mortaliteitscijfers van colorectale kankerpatiënten over de wereld afgehaald van Figuur 1.3: Incidenties en mortaliteitsratio s van colorectale kankerpatiënten afgehaald van 5

15 1.2 Etiologie en klinische presentatieklachten van het (colo-) rectaal carcinoom Hoewel men de exacte etiologie van het colorectaal carcinoom nog niet volledig heeft ontrafeld, blijkt deze naar alle waarschijnlijkheid multifactorieel te zijn. Enerzijds spelen verschillende omgevings- en patiëntgebonden factoren een mogelijke rol in het ontstaan van, zoals het dieet, nicotine-gebruik, sedentaire levensstijl, obesitas maar ook leeftijd en het lijden aan inflammatory bowel disease (IBD). Anderzijds worden ook genetische factoren geacht een oorzakelijke invloed uit te oefenen. Het merendeel van de colorectale kankers komt tot stand via een stapsgewijze progressie van normale mucosa tot een adenoom tot een lokaal gevorderde en invasieve tumor. Deze progressie manifesteert zich door een accumulatie van adaptaties of mutaties in diverse kritische groeiregulerende genen, zoals te zien is in figuur Figuur 1.4: Genetisch verklarend model voor de colorectale carcinogenese waarin de evolutie van adenoom tot carcinoom in beeld wordt gebracht. De symptomen waarmee de patiënt zich vaak in eerste instantie aanmeldt, omvatten ondermeer (persisterend) rood bloedverlies per anum (RBPA) zonder anale klachten, onverklaard gewichtsverlies, abdominale pijn, gevoel van onvolledige ontlasting of veranderd stoelgangspatroon. De rode vlaggen binnen deze presentatievormen, die ons aan colorectaal carcinoom moeten doen denken, worden ingevuld door RBPA, anorexie en gewichtsverlies, veranderd darmpatroon, faecale incontinentie, tenesmus en slijmerige stoelgang. Klinisch onderzoek is hierbij vaak weinig van nut, hoewel bij colontumoren soms een massa kan gepalpeerd worden. Een rectaal toucher is daarentegen essentieel bij vermoeden van een, alsook een rigide sigmoïdoscopie, dat obligaat in alle gevallen moet uitgevoerd worden. 7 Via deze 2 onderzoeken krijgt de arts reeds een eerste indruk van de tumor: consistentie, grootte, lokalisatie, en kan vervolgens een specifieker technisch onderzoek op adequate wijze worden aangevraagd. 5,6 6

16 1.3 Embryologie en anatomie van het rectum Een goed inzicht in de embryologie en anatomie van het rectum is belangrijk om een adequate behandeling van het in te stellen en dus een optimale heelkundige strategie te bepalen met als doel het risico op lokaal tumorrecidief te minimaliseren Embryologie van het rectum Tijdens de derde week na conceptie wordt een zogenaamde endodermale darmcilinder gevormd nadat er een embryologische plooiing heeft plaatsgevonden. Het hele gastro-intestinaal systeem ontwikkelt zich uit deze primitieve structuur, dat op te splitsen valt in een foregut, midgut en hindgut. Uit dit derde deel ontwikkelen zich 4 belangrijke structuren: het distale colon transversum, het colon descendens, het sigmoïd en het rectum. Diezelfde hindgut gaat vervolgens een groei tot in de staart of tailgut van het embryo kennen, terwijl op hetzelfde ogenblik de vorming van een ventraal divertikel gebeurt, nl. de allantoïs. Naar de plaats waar de hindgut en de allantoïs samenkomen, wordt vanaf dat ogenblik verwezen met de cloacale regio. De tailgut zal vervolgens involueren om uiteindelijk te verdwijnen ca. 6 weken na de conceptie. Tussen 4 en 6 weken wordt de cloaca onderverdeeld in 2 delen o.w.v. ingroei van het urorectale septum, ook wel de Tourneaux fold genaamd, die eveneens van endodermale oorsprong is. Deze ligt dorsaal van de allantoïs en ventraal van de hindgut, waardoor we anterieur een primitieve urogenitale sinus en posterieur het rectum zien tevoorschijn komen. Het septum zal vervolgens in caudale richting groeien, zodat op ca. 7 weken na conceptie een fusie met de intussen gevormde cloacale membraan plaatsvindt. De Tourneaux fold bestaat uit 2 delen: vanaf de 4 de week groeit het in inferieure richting, terwijl er zich lateraal enkele Rathke plooien ontwikkelen die vervolgens mediaalwaarts groeien om uiteindelijk met de Tourneaux fold te fuseren. Op deze manier komen de urogenitale sinus en het dorsale rectum volledig tot stand. De lokale musculatuur vormt zich uit de gehele cloacale regio. Door het verschijnen van enkele tuberkels bilateraal in de meest dorsale regio van de cloaca, zal na 7 weken een dorsale en na 10 weken een ventrale fusie optreden tussen de tuberkels, waarna men kan spreken over een externe anale sfincter. De interne anale sfincter daarentegen vormt zich uit de reeds bestaande circulaire spier van het rectum zelf. De vascularisatie van het rectum ontwikkelt zich vanuit de A. Mesenterica Inferior (AMI). De A. Rectalis Superior, welke ontspringt uit de AMI, is de belangrijkste bron van zuurstof en nutriënten van het rectum. Het distale deel van het rectum wordt verder ook nog bevloeid door de A. Rectalis Inferior, welke een inconsistente oorsprong uit de A. Iliaca Interna kent

17 1.3.2 Anatomie van het rectum De anatomie van het rectum speelt een grote rol bij de benadering van het carcinoom. Het rectum is dat deel van de dikke darm dat zich uitstrekt vanaf de recto-sigmoïdale tot aan de anorectale junctie. Vaak wordt het proximale deel arbitrair vastgelegd op 15 cm van de anale marge, hoewel men in de meeste klinische studies een afstand tussen 12 en 16 cm hanteert. Neoplasieën die zich boven dit niveau bevinden worden gedefinieerd als recto-sigmoïdaal. Uit praktische overweging wordt het rectum onderverdeeld in een laagste, middelste en bovenste derde. Deze onderverdeling vindt zijn nut in het feit dat de lokale recurrence ratio lager is voor tumoren die zich boven de reflectie van het peritoneum bevinden. Onder deze peritoneale reflectie is er namelijk geen serosa meer aanwezig zodat de tumor zich tot diep in het perirectale vet kan nestelen met een hoog risico op locoregionaal recidief tot gevolg, ook al werd een mogelijk curatieve operatie uitgevoerd. Een belangrijke naburige structuur is het mesorectum. Deze omgeeft het rectum en bestaat uit mesorectaal vet, geassocieerde lymfeklieren, vascularisatie en lymfevaten. De buitengrens van dit mesorectum wordt gevormd door de mesorectale fascia (MRF), een embryologische restant van de zogenaamde einddarm, die op MR-beelden verschijnt als een zeer dun lijntje met zeer laag signaal t.o.v. het omgevende vet dat een hoog signaal heeft. Dit mesorectum is eveneens een belangrijke structuur voor de chirurg, gezien deze een heelkundig resectievlak beschrijft waarbinnen een totale mesorectale excisie (TME) wordt uitgevoerd. (vide infra) Ook het peritoneum speelt een rol in de therapeutische benadering van het. Het pariëtale en viscerale vlies omgeven het mesorectum, maar uitsluitend in de bovenste twee derden van het rectum. Het bovenste deel van het rectum wordt anterieur en lateraal omgeven door het peritoneum, i.t.t. het middelste deel dat enkel anterieur bedekt wordt. Dit maakt dat wanneer een tumor anterieur en onder de peritoneale plooi gelegen is, d.i. het onderste derde, de kans op MRF-invasie toeneemt. De chirurg moet in dat geval een wijdere vorm van TME uit te voeren. 8, De huidige standaardbehandeling In 2003 werd in België PROCARE opgestart, een project rond de behandeling van. De rationale hiervoor was de diagnostische en therapeutische variabiliteit tussen verschillende instellingen evenals de slechte outcomes van patiënten met. Deze problemen worden aangepakt op 3 manieren: (1) standaardisatie van de behandeling d.m.v. het opstellen van duidelijke richtlijnen die in het project worden toegepast, (2) verzekering van de therapeutische kwaliteit d.m.v. nauwkeurige registratie en feedback en (3) het organiseren van workshops waar chirurgen getraind worden op het correct uitvoeren van de heelkundige ingrepen. In de PROCARE-richtlijnen wordt een overzicht gegeven van het gamma aan therapeutische strategieën en de indicaties daartoe. (figuur1.5) Deze worden verder uiteengezet in

18 Klinische vs pathologische respons na preoperatieve chemoradiatie voor het De behandeling van het beoogt 4 doelstellingen: (1) lokale controle van het carcinoom, (2) langdurige overleving, (3) het behoud van de anale sfincter, blaas- en seksuele functie en (4) de quality of life (QoL) vrijwaren of verbeteren. Het realiseren van deze doelstellingen vergt heel wat inzet van artsen uit verschillende disciplines, het zogenaamde multidisciplinair team (MDT). Tot een dergelijk team behoren op z n minst een chirurg, radiotherapeut, radioloog, oncoloog en patholoog. Samen overleggen zij wat het beste individuele behandelplan voor de patiënt is. 14 Wanneer de huisarts of een arts uit de eerste lijn een colorectaal carcinoom vermoedt bij een patiënt, wordt deze doorgestuurd naar specialisten voor verdere investigatie, staging en planning van behandeling. Voor het diagnosticeren van een zijn verschillende onderzoeken voorhanden, waarvan colono/sigmoïdoscopie de gouden standaard is, die het mogelijk maken de tumor van binnenuit te bekijken en eventuele biopten te nemen voor histologisch onderzoek. Voor de staging van het wordt de patiënt onderworpen aan een rectaal toucher, een endoscopische ultrasound (EUS) van het rectum en wordt tevens een MRI van het kleine bekken genomen. 5,7 * Figuur 1.5: Flowchart van therapie voor uit de PROCARE-richtlijnen. 13 De standaardbehandeling van deze aandoening is de laatste jaren en vandaag nog steeds een hot topic voor specialisten wereldwijd. Zo werden verschillende nieuwe strategieën uitgedokterd, gereviseerd en aangepast met als doel een optimale bestrijding van het te bekomen. Deze adaptaties situeren zich dus over het gehele verloop van de ziekte: diagnostiek, staging, therapie en follow-up. Reeds bij vermoeden van een tumor moet deze onderzocht, gelokaliseerd en accuraat 9

19 beschreven of gestaged worden met het oog op het geven van de meest effectieve therapie. Zo kan men a.d.h.v. een goede diagnostiek en klinische staging bepalen of een patiënt in aanmerking komt voor neo-adjuvante therapie, welk type heelkundige ingreep het meest aangewezen is, De neo-adjuvante therapie wordt nu overal ter wereld ingevuld door het concomitant toepassen van radiotherapie (RT) en chemotherapie (ChT), ook wel concomitante chemoradiotherapie (CRT) of chemoradiatie genaamd. Deze multimodaal therapie voor het bestaat erin zowel RT, ChT als een heelkundige resectie te integreren in de behandeling en hiermee te voldoen aan bovenvermelde 4 doelstellingen. Daarnaast zorgt deze therapie ook voor een stijging van de mogelijkheid tot volledige resectie van een initieel niet-reseceerbare tumor Klinische staging van het Klinische staging is een eerste, maar belangrijke stap in de aanpak van het. Het is de bedoeling dit zo accuraat mogelijk te doen, gezien dit de basis vormt voor de keuze van chirurgische ingreep en bovendien de belangrijkste predictor voor lokaal recidief is. 21 Het gebruik van computed tomography (CT), magnetic resonance imaging (MRI) en EUS hierbij zijn absoluut relevant, hoewel de laatste 2 de beste resultaten vertonen. De combinatie van preoperatieve beeldvorming en klinische bevindingen laat toe de lokale en distale verspreiding van de tumor vast te stellen en te bepalen welke patiënten voordeel kunnen halen uit de neo-adjuvante therapie. 7 De staging op zich wordt vaak uitgedrukt d.m.v. de UICC/AJCC tumour-node-metastasis (TNM)- classificatie. (vide infra 2.1.2) Hieronder wordt in figuur 1.6 een overzicht gegeven hoe een toegekende TNM-staging zich verhoudt tot de anatomie van het rectum en omgevende structuren. Recent werd een 7de versie van de AJCC Cancer Staging Manual uitgegeven waarin talrijke aanpassingen werden aangebracht t.o.v. de vorige versies, n.a.v. nieuwe, gestaafde bevindingen uit diverse trials

20 Figuur 1.6: Anatomische verhouding van uitgebreidheid tot toegekende TNM-staging (afgehaald van: Endoscopische ultrasound (EUS) Ultrasound kan bij het onder 2 vormen toegepast worden: de rigide transrectale ultrasound (TRUS) en de endoscopische ultrasound. TRUS is een diagnostische modaliteit voor preoperatieve staging van neoplasieën gelegen in het middelste en distale rectum, d.i. < 10 cm van de anale marge. Met deze techniek is het mogelijk om de diepte van invasie in de darmwand in te schatten alsook de status van de lymfeklieren. Omwille van technische redenen is TRUS minder praktisch qua gebruik voor de evaluatie van meer proximaal gelegen rectumtumoren. De laatste jaren is de EUS daarentegen uitgegroeid tot de stagingstechniek van rectale tumoren bij uitstek. Toch wordt er in de literatuur geen unanimiteit gevonden voor de indicatie. Sommige studies beweren namelijk dat EUS enkel voor T1-2N0 tumoren zou gebruikt mogen worden, gezien deze de beste resultaten vertonen. 12 Beets-Tan gaf in een van haar studies aan dat EUS nog steeds de meest accurate stagingstechniek is voor oppervlakkige rectumcarcinomen, maar echter minder geschikt voor 11

Procare : kwaliteitsbewaking van de behandeling van het rectumcarcinoom in België

Procare : kwaliteitsbewaking van de behandeling van het rectumcarcinoom in België Definitie rectumtumor Procare : kwaliteitsbewaking van de behandeling van het rectumcarcinoom in België Dr L. Deruyter Digestieve Oncologische Heelkunde AZ Sint-Jan Brugge-Oostende Campus Henri Serruys

Nadere informatie

Chirurgische behandeling darmcarcinoom

Chirurgische behandeling darmcarcinoom ONCOLOGISCH ZORGPROGRAMMA KEMPEN Regionale Vormingscel Oncologie Maandag 10 februari 2014 Dr. Maarten Michiels H.Hartziekenhuis Mol Chirurgische behandeling darmcarcinoom Fast facts Anatomie, fysiologie,

Nadere informatie

Indicatoren Colorectaal carcinoom (DSCA) A. Beschrijving Indicator. DSCA 2014 [2.0.; 10-10- 2014] Registratie gestart: 2009

Indicatoren Colorectaal carcinoom (DSCA) A. Beschrijving Indicator. DSCA 2014 [2.0.; 10-10- 2014] Registratie gestart: 2009 en Colorectaal carcinoom (DSCA) A. Beschrijving DSCA 2014 [2.0.; 10-10- 2014] Registratie gestart: 2009 Type Uitvraag Bron Nr. indicator over (jaar) 1. Deelname aan de DSCA Structuur 2014 DSCA 2. Volume

Nadere informatie

Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA)

Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA) Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA.

Nadere informatie

Maligne melanoma Belang van sentinelklierbiopsie

Maligne melanoma Belang van sentinelklierbiopsie Maligne melanoma Belang van sentinelklierbiopsie Annemie Rutten Medische Oncologie AZ St. Augustinus Maligne melanoma 10% van alle huidkankers, maar meest agressieve. Incidentie van maligne melanoma neemt

Nadere informatie

Voorspellen van tumor respons op neo-adjuv. therapie bij oesophagusca. Alex Dik, AIOS radiologie Atrium MC Parkstad

Voorspellen van tumor respons op neo-adjuv. therapie bij oesophagusca. Alex Dik, AIOS radiologie Atrium MC Parkstad Voorspellen van tumor respons op neo-adjuv. therapie bij oesophagusca. Alex Dik, AIOS radiologie Atrium MC Parkstad Indeling Probleembeschrijving evaluatie CRT Nieuwe technieken; MRI DWI Presentatie MRTRACE

Nadere informatie

Casus: levergemetastaseerd rectumcarcinoom. Dr. Jozef Wauters GZA Campus Sint-Vincentius Dienst gastro-enterologie/digestieve oncologie

Casus: levergemetastaseerd rectumcarcinoom. Dr. Jozef Wauters GZA Campus Sint-Vincentius Dienst gastro-enterologie/digestieve oncologie Dr. Jozef Wauters GZA Campus Sint-Vincentius Dienst gastro-enterologie/digestieve oncologie Man 28.01.1955 VG: graspollenallergie; asthma bronchiale Familiale antecedenten: geen CRC; geen IBD Usus: nil

Nadere informatie

Nederlandse introductie en samenvatting voor niet-ingewijden

Nederlandse introductie en samenvatting voor niet-ingewijden Nederlandse introductie en samenvatting voor niet-ingewijden 157 Introductie In de Westerse wereld is het aantal mensen dat slokdarmkanker krijgt de laatste jaren sterk toegenomen. In 1989 werd de diagnose

Nadere informatie

Rectumcarcinoom. Dankert Woutersen radiotherapeut-oncoloog

Rectumcarcinoom. Dankert Woutersen radiotherapeut-oncoloog Rectumcarcinoom Dankert Woutersen radiotherapeut-oncoloog Wat staat u te wachten? Wat, waarom, wanneer, hoeveel Landelijke richtlijn Bijwerkingen Overwegingen Voorstel voor indicaties 2 maart 2006 Rectumcarcinoom

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING HOOFDSTUK 1 Ieder jaar worden in Nederland ongeveer 2 500 nieuwe gevallen van rectumcarcinoom gediagnosticeerd. Vijfenzeventig procent van de rectumcarcinomen is resectabel en

Nadere informatie

Betere kwaliteit = betere uitkomst van zorg?

Betere kwaliteit = betere uitkomst van zorg? Betere kwaliteit = betere uitkomst van zorg? Symposium (Over)leven na Kanker Tilburg, 8 maart 2013 Dr. V. Lemmens Hoofd Sector Onderzoek, Integraal Kankercentrum Zuid Eindhoven Kwaliteit Kwaliteit: definitie?

Nadere informatie

Inclusie criteria Ja Nee

Inclusie criteria Ja Nee In- en exclusie criteria Visite datum: 2 0 In- en exclusie criteria Inclusie criteria Ja Nee 1. Naadlekkage na LAR tot maximaal 5 cm vanaf de anus. O O 2. Naadlekkage bevestigd op CT-scan OF endoscopie.

Nadere informatie

Pien de Haas en John de Klerk nucleair geneeskundigen Meander Medisch Centrum Amersfoort. 2e Mammacongres 28 januari 2011 Harderwijk

Pien de Haas en John de Klerk nucleair geneeskundigen Meander Medisch Centrum Amersfoort. 2e Mammacongres 28 januari 2011 Harderwijk Pien de Haas en John de Klerk nucleair geneeskundigen Meander Medisch Centrum Amersfoort 2e Mammacongres 28 januari 2011 Harderwijk Siemens Biograph true point PET/CT 40 slice Sinds 21 januari 2011 Sinds

Nadere informatie

Aandeel van patiënten met invasieve borstkanker waarbij een ER, PR en/of HER2 statusbepaling werd uitgevoerd vóór enige systemische behandeling

Aandeel van patiënten met invasieve borstkanker waarbij een ER, PR en/of HER2 statusbepaling werd uitgevoerd vóór enige systemische behandeling Status bepaling: 99,4% Aandeel van patiënten met invasieve borstkanker waarbij een ER, PR en/of HER2 statusbepaling werd uitgevoerd vóór enige systemische behandeling Vóór het starten van de behandeling

Nadere informatie

Colorectale tumor met beperkte metastasen. Curatie en controle Dr. Sarah Verherstraeten Dr. Julie Bogaert Dr. Michel Martens

Colorectale tumor met beperkte metastasen. Curatie en controle Dr. Sarah Verherstraeten Dr. Julie Bogaert Dr. Michel Martens Colorectale tumor met beperkte metastasen Curatie en controle Dr. Sarah Verherstraeten Dr. Julie Bogaert Dr. Michel Martens Casus 1 Marc 53 jaar Antecedenten: Bimalleolaire enkelfractuur 04/2015: Spoedopname

Nadere informatie

Echo-endoscopie. Dr. Mike Cool. AZ Damiaan Oostende UZ Leuven. Echo-endoscopie

Echo-endoscopie. Dr. Mike Cool. AZ Damiaan Oostende UZ Leuven. Echo-endoscopie Echo-endoscopie Dr. Mike Cool AZ Damiaan Oostende UZ Leuven 1. Wat is echo-endoscopie? 2. Wat is de meerwaarde van echo-endoscopie? 3. Diagnostische toepassingen A. Oncologie 1. Slo kdarmcarcinoom 2. Maagcarcinoom

Nadere informatie

Project Kwaliteitsindicatoren Borstkanker 2007-2008

Project Kwaliteitsindicatoren Borstkanker 2007-2008 Project Kwaliteitsindicatoren 2007-2008 De borstkliniek: Iedere nieuwe diagnose van een borsttumor dient door de borstkliniek te worden geregistreerd bij het Nationaal Kankerregister. Het Project Kwaliteitsindicatoren

Nadere informatie

De indicatoren over borstkanker, die in kader van het VIP²-project worden opgevolgd zijn:

De indicatoren over borstkanker, die in kader van het VIP²-project worden opgevolgd zijn: Indicatoren VIP²-project Oncologie In België is, net als in Europa, borstkanker de meest voorkomende oorzaak van overlijden door kanker bij vrouwen (20,6 % van alle overlijdens ingevolge kanker). In 2009

Nadere informatie

Factsheet NABON Breast Cancer Audit (NBCA)

Factsheet NABON Breast Cancer Audit (NBCA) Factsheet NABON Breast Cancer Audit () [1.0.; 15-09-] Registratie gestart: 2011 Als algemene voorwaarde voor het meenemen van een patiënt in de berekening van de kwaliteitsindicatoren is gesteld dat ten

Nadere informatie

Vlaams Indicatorenproject VIP²: Kwaliteitsindicatoren Borstkanker

Vlaams Indicatorenproject VIP²: Kwaliteitsindicatoren Borstkanker Vlaams Indicatorenproject VIP²: Kwaliteitsindicatoren Borstkanker INDICATOR B1 Proportie van patiënten gediagnosticeerd met invasieve borstkanker bij wie een systeembehandeling voorafgegaan werd door ER/PR-

Nadere informatie

NABON Breast Cancer Audit (NBCA)

NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NABON Breast Cancer Audit (NBCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De ontsluiting

Nadere informatie

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa Physical factors as predictors of psychological and physical recovery of anorexia nervosa Liesbeth Libbers

Nadere informatie

Anuscarcinoom. Landelijke richtlijn, Versie: 1.1. Datum Goedkeuring: 27-08-2003 Methodiek: Consensus based Verantwoording: LW GE-tumoren

Anuscarcinoom. Landelijke richtlijn, Versie: 1.1. Datum Goedkeuring: 27-08-2003 Methodiek: Consensus based Verantwoording: LW GE-tumoren Anuscarcinoom Landelijke richtlijn, Versie: 1.1 Datum Goedkeuring: 27-08-2003 Methodiek: Consensus based Verantwoording: LW GE-tumoren Inhoudsopgave Algemeen...1 Screening...2 Diagnostiek...3 Medisch technisch...3

Nadere informatie

Eline Deurloo Correlation of diagnostic breast imaging data and pathology: application to diagnosis and treatment

Eline Deurloo Correlation of diagnostic breast imaging data and pathology: application to diagnosis and treatment [Proefschriften] Eline Deurloo Correlation of diagnostic breast imaging data and pathology: application to diagnosis and treatment Mammacarcinoom is de meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen in

Nadere informatie

(Neo)adjuvante chemotherapie bij het rectumcarcinoom. Prof.dr. Kees Punt afd. Medische Oncologie AMC Amsterdam

(Neo)adjuvante chemotherapie bij het rectumcarcinoom. Prof.dr. Kees Punt afd. Medische Oncologie AMC Amsterdam (Neo)adjuvante chemotherapie bij het rectumcarcinoom Prof.dr. Kees Punt afd. Medische Oncologie AMC Amsterdam Adjuvante chemotherapie bij rectumcarcinoom in Nederland Geloof Gewoonte Evidence-based medicine

Nadere informatie

Head and neck orofarynxcarcinomen formulier voor registratie nieuwe diagnose

Head and neck orofarynxcarcinomen formulier voor registratie nieuwe diagnose Head and neck: orofarynxcarcinoomregistratieformulier (nieuwe diagnose) 1/7 08/10/2012 Head and neck orofarynxcarcinomen formulier voor registratie nieuwe diagnose Alle variabelen zijn verplicht in te

Nadere informatie

Samenvatting in het Nederlands. Samenvatting

Samenvatting in het Nederlands. Samenvatting Samenvatting Dit proefschrift bevat de resultaten van enkele wetenschappelijke studies over magnetische resonantie (MR) enteroclyse en video capsule endoscopie (VCE). Deze twee minimaalinvasieve onderzoeksmethoden

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 101 Chapter 7 SAMENVATTING Maligne tumoren van de larynx en hypopharynx ( keelkanker ) zijn de zesde meest voorkomende type kankers van het hele lichaam, en de meest voorkomende

Nadere informatie

NABON Breast Cancer Audit (NBCA)

NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NABON Breast Cancer Audit (NBCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De ontsluiting

Nadere informatie

chemoradiatie en chemotherapie bij het rectumcarcinoom

chemoradiatie en chemotherapie bij het rectumcarcinoom Pre-operatieve chemoradiatie en chemotherapie bij het rectumcarcinoom Marie-Cecile Legdeur Relevante vragen 1. Hoe werkt chemoradiotherapie (CRT)? 2. Voegt chemotherapie iets toe aan pre-operatieve radiotherapie?

Nadere informatie

Coloncarcinoom. Inleiding 13/11/2009. Epidemiologie van het colorectaal carcinoom (CRC)

Coloncarcinoom. Inleiding 13/11/2009. Epidemiologie van het colorectaal carcinoom (CRC) Coloncarcinoom Ann Van Mechelen ZNA Stuivenberg Inleiding Definitie: kwaadaardige wildgroei van weefsel van de dikke darm. Epidemiologie van het colorectaal carcinoom (CRC) Belgie: 6.500 nieuwe gevallen/jaar

Nadere informatie

J. Mamma aandoeningen. Inhoudsopgave 01 J 02 J 03 J 04 J 05 J 06 J 07 J 08 J 09 J 10 J 11 J 12 J 13 J 14 J 15 J 16 J 17 J 18 J 19 J

J. Mamma aandoeningen. Inhoudsopgave 01 J 02 J 03 J 04 J 05 J 06 J 07 J 08 J 09 J 10 J 11 J 12 J 13 J 14 J 15 J 16 J 17 J 18 J 19 J J. Mamma aandoeningen nhoudsopgave 1 J 2 J 3 J 4 J 5 J 6 J 7 J 8 J 9 J 1 J 11 J 12 J 13 J 14 J 15 J 16 J 17 J 18 J 19 J Screening: vrouwen jonger dan 4 jaar zonder genetisch risico... 1 Screening: vrouwen

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING. Nederlandse samenvatting

NEDERLANDSE SAMENVATTING. Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 121 Dit proefschrift beschrijft een onderzoek naar nieuwe biomarkers voor het beter classificeren van rectumtumoren. Hoofdstuk 1 betreft een algemene inleiding. Rectum- of endeldarmkanker

Nadere informatie

Dutch Lung Surgery Audit (DLSA)

Dutch Lung Surgery Audit (DLSA) Dutch Lung Surgery Audit (DLSA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De ontsluiting

Nadere informatie

NABON Breast Cancer Audit. Pathologie

NABON Breast Cancer Audit. Pathologie NABON Breast Cancer Audit Pathologie Dr. P.J. Westenend, patholoog, pathologisch laboratorium Dordrecht Drs. A.C.M. van Bommel, arts-onderzoeker, DICA DICA Congres 25 juni 2013 Pathologie Volledige verslaglegging

Nadere informatie

Multidisciplinaire aanpak van IBD

Multidisciplinaire aanpak van IBD Antwerpse Geneeskundige Dagen 12/09/2014 Multidisciplinaire aanpak van IBD Tom Moreels UCL Cliniques Universitaires Saint-Luc Hépato-Gastroentérologie tom.moreels@uclouvain.be Inflammatoir darmlijden dunne

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting en toekomstperspectieven

Nederlandse samenvatting en toekomstperspectieven Nederlandse samenvatting en toekomstperspectieven Per jaar krijgen in Nederland tenminste 2150 patiënten een rectum tumor. Vijf jaar na behandeling leeft ongeveer de helft van die patiënten nog. Hierbij

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING ACHTERGROND Klinische aspecten van dikke darmkanker Dikke darmkanker is een van de meest voorkomende vormen van kanker in de westerse wereld. Als we kijken naar aan kanker gerelateerde

Nadere informatie

DE DIKKE DARM DE DIKKE DARM

DE DIKKE DARM DE DIKKE DARM DE DIKKE DARM DE DIKKE DARM Om te begrijpen wat dikkedarmkanker is, wordt eerst het spijsverteringsstelsel en de werking van de spijsvertering uitgelegd. Om te begrijpen wat dikkedarmkanker is, wordt eerst

Nadere informatie

Spinocellulaire carcinomen van de huid: beleidslijnen

Spinocellulaire carcinomen van de huid: beleidslijnen Spinocellulaire carcinomen van de huid: beleidslijnen 1. Voorkomen Spinocellulair carcinoom (SCC): - tweede meest frequente huidtumor na basocellulair carcinoom - risicofactoren: o blootstelling aan zon

Nadere informatie

MRI spoort prostaatkanker nauwkeurig op

MRI spoort prostaatkanker nauwkeurig op MRI spoort prostaatkanker nauwkeurig op Prostaatkanker is een van de meest voorkomende vormen van kanker bij mannen. Een op de zes mannen krijgt er last van. Maar het is ook een erg lastig op te sporen

Nadere informatie

Inclusie criteria Ja Nee. 2. Lower (distal) border of adenoma between dentate line 15cm ab ano?

Inclusie criteria Ja Nee. 2. Lower (distal) border of adenoma between dentate line 15cm ab ano? In- en exclusie criteria Visite datum: In- en exclusie criteria Inclusie criteria Ja Nee 1. Non-pedunculated rectal adenoma 3cm 2. Lower (distal) border of adenoma between dentate line 15cm ab ano? 3.

Nadere informatie

Functionele darmproblemen na opheffen tijdelijk ileostoma na LAR LOW ANTERIOR RESECTIE SYNDROOM

Functionele darmproblemen na opheffen tijdelijk ileostoma na LAR LOW ANTERIOR RESECTIE SYNDROOM Functionele darmproblemen na opheffen tijdelijk ileostoma na LAR LOW ANTERIOR RESECTIE SYNDROOM Wilma van der Meer Stoma en continentieverpleegkundige ZLM ( Refaja ziekenhuis Stadskanaal ) Disclosure belangen

Nadere informatie

Vlaams Indicatoren Project VIP²

Vlaams Indicatoren Project VIP² Vlaams Indicatoren Project VIP² Op initiatief van de Vlaamse Vereniging van Hoofdartsen, Icuro, Zorgnet Vlaanderen en de Vlaamse overheid, is het Vlaamse VIP 2 -indicatorenproject opgericht. Samen met

Nadere informatie

Alles wat je altijd over darmkanker wou weten (maar niet durfde vragen)

Alles wat je altijd over darmkanker wou weten (maar niet durfde vragen) Alles wat je altijd over darmkanker wou weten (maar niet durfde vragen) Tim Rondou Gastroenteroloog Sint-Jozefkliniek Bornem-Willebroek Bijscholing 2013 vóórkomen ontstaan voorkómen en preventie symptomen

Nadere informatie

Ouderen en kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving. Maryska Janssen-Heijnen Valery Lemmens

Ouderen en kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving. Maryska Janssen-Heijnen Valery Lemmens Ouderen en kanker: epidemiologie en factoren van invloed op behandeling en overleving Maryska Janssen-Heijnen Valery Lemmens Levensverwachting in jaren Nederlandse bevolking 2007 Leeftijd Mannen Vrouwen

Nadere informatie

Wat brengt 2015 voor de borstkliniek? Dr. Hetty Sonnemans Gynaecoloog 28-02-2015

Wat brengt 2015 voor de borstkliniek? Dr. Hetty Sonnemans Gynaecoloog 28-02-2015 Wat brengt 2015 voor de borstkliniek? Dr. Hetty Sonnemans Gynaecoloog 28-02-2015 Huisartsensymposium Borstkanker 35% van kankers bij vrouwen 1989-1993 5 jaars overleving borstkanker: 77% inmiddels 5 jaars

Nadere informatie

Vlaams Indicatoren Project VIP²: borstkankerindicatoren

Vlaams Indicatoren Project VIP²: borstkankerindicatoren Vlaams Indicatoren Project VIP²: borstkankerindicatoren Op initiatief van de Vlaamse Vereniging van Hoofdartsen, Icuro, Zorgnet Vlaanderen en de Vlaamse overheid, is het Vlaamse VIP 2 -indicatorenproject

Nadere informatie

Behandeling en overleving rectum carcinoom UZ Brussel: 6 jaar follow-up

Behandeling en overleving rectum carcinoom UZ Brussel: 6 jaar follow-up FACULTEIT GENEESKUNDE EN FARMACIE Behandeling en overleving rectum carcinoom UZ Brussel: 6 jaar follow-up Thesis neergelegd voor het behalen van de graad van Master in de Geneeskunde Bram Volckaert Academiejaar

Nadere informatie

Samenvatting en conclusies

Samenvatting en conclusies Samenvatting en conclusies 8 Chapter 8 74 Samenvatting Hoofdstuk 1 geeft een algemene inleiding op dit proefschrift. De belangrijkste doelen van dit proefschrift waren achtereenvolgens: het beschrijven

Nadere informatie

chirurgische behandeling van kanker

chirurgische behandeling van kanker chirurgische behandeling van kanker p1 chirurgische behandeling van kanker p2 geen how I do it p3 wet van de afnemende meeropbrengst 2009 p4 chirurgische oncologie trends laatste 100 jaar meer is beter

Nadere informatie

Factsheet Indicatoren NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NBCA 2015 [2015.3.ZIN besluit verwerkt; 05-11- 2015]

Factsheet Indicatoren NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NBCA 2015 [2015.3.ZIN besluit verwerkt; 05-11- 2015] Factsheet en NABON Breast Cancer Audit () 2015 [2015.3.ZIN besluit verwerkt; 05112015] Inclusiecriteria Nabon Breast Cancer Audit Inclusie Alle primaire invasieve mammacarcinomen volgens de WHO classificatie

Nadere informatie

Darmcarcinoom. visie van de radiotherapeut. Dr Sarah Roels

Darmcarcinoom. visie van de radiotherapeut. Dr Sarah Roels Darmcarcinoom visie van de radiotherapeut Dr Sarah Roels Overzicht Inleiding Radiotherapie bij rectumcarcinoom rectaal carcinoom bestralingstechniek effect op tumor neveneffecten Radiotherapie bij darmcarcinoom

Nadere informatie

Samenvatting en conclusies

Samenvatting en conclusies Centraal in dit proefschrift staat de minimaal invasieve slokdarmresectie als behandeloptie voor het slokdarmcarcinoom. In hoofdstuk 2 en 3 belichten wij in twee overzichtsartikelen de in de literatuur

Nadere informatie

Vlaams Indicatoren Project VIP²

Vlaams Indicatoren Project VIP² Vlaams Indicatoren Project VIP² Het initiatief voor het Vlaams Indicatoren Project VIP² gaat uit van de Vlaamse overheid, de Vlaamse vereniging van hoofdartsen en de ziekenhuiskoepels Zorgnet en Icuro.

Nadere informatie

John Hermans. Imaging of the distal tibiofibular syndesmosis: anatomy in relation to radiological diagnosis

John Hermans. Imaging of the distal tibiofibular syndesmosis: anatomy in relation to radiological diagnosis John Hermans Imaging of the distal tibiofibular syndesmosis: anatomy in relation to radiological diagnosis Dit proefschrift gaat over het afbeelden van de syndesmose van de enkel, bij mensen die hun lichaam

Nadere informatie

Mammacarcinoom en zwangerschap. PJ Westenend Laboratorium voor Pathologie Dordrecht

Mammacarcinoom en zwangerschap. PJ Westenend Laboratorium voor Pathologie Dordrecht Mammacarcinoom en zwangerschap PJ Westenend Laboratorium voor Pathologie Dordrecht Relatie met zwangerschap Zwangerschap en risico later mammacarcinoom te krijgen Mammacarcinoom tijdens de zwangerschap

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

5.4 Gastro-intestinaal

5.4 Gastro-intestinaal 5.4 Gastro-intestinaal 5.4.1 Indicator: Deelname aan de Dutch UpperGI Cancer Audit (DUCA) De mortaliteit en morbiditeit van de chirurgische behandeling van slokdarmkanker heeft de laatste jaren veel aandacht

Nadere informatie

Hoofdstuk 8. Orale leukoplakie een klinische, histopathologische en moleculaire studie. Samenvatting, conclusies en aanbevelingen

Hoofdstuk 8. Orale leukoplakie een klinische, histopathologische en moleculaire studie. Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Hoofdstuk 8 Orale leukoplakie een klinische, histopathologische en moleculaire studie Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Samenvatting, conclusies en aanbevelingen

Nadere informatie

Maagkanker Multimodale behandeling anno 2014. Henk Boot, MDL-arts 10 januari 2014

Maagkanker Multimodale behandeling anno 2014. Henk Boot, MDL-arts 10 januari 2014 Maagkanker Multimodale behandeling anno 2014 Henk Boot, MDL-arts 10 januari 2014 Prognose bij maagkanker Prognose maagkanker : TNM 7 (2010) Marelli 2012 In: de Manzoni et al. Surgery in the multimodal

Nadere informatie

Disseminatiediagnostiek bij locoregionaal recidief van mammacarcinoom: klinische praktijk en perspectief voor PET

Disseminatiediagnostiek bij locoregionaal recidief van mammacarcinoom: klinische praktijk en perspectief voor PET Disseminatiediagnostiek bij locoregionaal recidief van mammacarcinoom: klinische praktijk en perspectief voor PET F.J. van Oost 1, J.J.M. van der Hoeven 2,3, O.S. Hoekstra 3, A.C. Voogd 1,4, J.W.W. Coebergh

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Er bestaan grote onderlinge verschillen tussen patiënten met darmkanker, oftewel colorectale carcinomen zowel op het niveau van de patient als op het niveau van tumorbiologie.

Nadere informatie

Sneldiagnostiek bij verdenking op kanker: de nieuwe norm?

Sneldiagnostiek bij verdenking op kanker: de nieuwe norm? Sneldiagnostiek bij verdenking op kanker: de nieuwe norm? Prof. dr. Paul J van Diest Hoofd afdeling Pathologie, UMC Utrecht p.j.vandiest@umcutrecht.nl De diagnostische keten in de oncologie Anamnese/lichamelijk

Nadere informatie

Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA)

Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA) Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De

Nadere informatie

Chapter 8. Nederlandse samenvatting

Chapter 8. Nederlandse samenvatting Chapter 8 Nederlandse samenvatting Chapter 8 Nederlandse samenvatting Er is in de afgelopen jaren veel vooruitgang geboekt in de ontwikkeling van doelgerichte behandelingen tegen kanker. Helaas wordt ook

Nadere informatie

HOVON-Hematologie scholingsdag donderdag 1 okt 2015

HOVON-Hematologie scholingsdag donderdag 1 okt 2015 HOVON-Hematologie scholingsdag donderdag 1 okt 2015 Josée Zijlstra VUMC www.hematologie.nl/ j.zijlstra@vumc.nl Thomas Hodgkin 1798-1866 Hodgkin lymfoom Diagnostiek Pathologie Epidemiologie Symptomen Beeldvorming

Nadere informatie

CHAPTER 8. Samenvatting

CHAPTER 8. Samenvatting CHAPTER 8 Samenvatting 108 Chapter 8 Samenvatting 109 Samenvatting Jaarlijks wordt wereldwijd bij 1,2 miljoen mensen de diagnose longkanker gesteld en overlijden 1,1 miljoen mensen aan deze ziekte. Hiermee

Nadere informatie

VIP²: resultaten borstkankerindicatoren

VIP²: resultaten borstkankerindicatoren VIP²: resultaten borstkankerindicatoren Borstkanker 1: Statusbepaling Aandeel van patiëntes met invasieve borstkanker waarbij een ER, PR en/of HER2 statusbepaling werd uitgevoerd vóór enige systemische

Nadere informatie

Pancreascarcinoom en kansen voor de toekomst

Pancreascarcinoom en kansen voor de toekomst 18 mei 2006 Jaarbeurs Utrecht Pancreascarcinoom en kansen voor de toekomst Jan Ouwerkerk Research Coördinator Oncologie Leids Universitair Medisch Centrum Pancreas Carcinoom Incidencie: 33.730 nieuwe patiënten

Nadere informatie

Oncologie 2015 Handboek met indicatoren en normen voor tien oncologische aandoeningen. Versie juli 2014

Oncologie 2015 Handboek met indicatoren en normen voor tien oncologische aandoeningen. Versie juli 2014 Oncologie 2015 Handboek met indicatoren en normen voor tien oncologische aandoeningen Versie juli 2014 VGZ kiest voor kwaliteit VGZ staat voor zorg van goede medische kwaliteit, die klantvriendelijk en

Nadere informatie

Samen is meer: chirurgisch maatwerk in de oncologische zorg

Samen is meer: chirurgisch maatwerk in de oncologische zorg Samen is meer: chirurgisch maatwerk in de oncologische zorg John Plukker Afd. Chirurgische Oncologie UMCG en als het je passie is." Overzicht: Algemeen: enkele cijfers Oncologische zorg: gedifferentieerd

Nadere informatie

Van darmpoliep tot darmkanker:

Van darmpoliep tot darmkanker: Endoscopische Opvolging na poliepen/carcinoom Wetenschappelijke studies beperkt: Richtlijnen voornamelijk gebaseerd op observaties. Sinds screeningsprogramma lopend: toenemend aantal gevorderde adenomen,

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/35283 holds various files of this Leiden University dissertation

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/35283 holds various files of this Leiden University dissertation Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/35283 holds various files of this Leiden University dissertation Author: Charehbili, Ayoub Title: Optimising preoperative systemic therapy for breast cancer

Nadere informatie

Process Mining in Hospitals. Prof.dr.ir. Hajo Reijers

Process Mining in Hospitals. Prof.dr.ir. Hajo Reijers Process Mining in Hospitals Prof.dr.ir. Hajo Reijers Process Process Mining: The idea 3 Process Mining: The technology Case Activity Case 1 Case 2 Case 3 1 First 2 First 1 MRI 1 Lab test 3 First 2 Lab

Nadere informatie

Hoofd-hals kanker epidemiologie, etiologie, symptomatologie en diagnostiek

Hoofd-hals kanker epidemiologie, etiologie, symptomatologie en diagnostiek Hoofd-hals kanker epidemiologie, etiologie, symptomatologie en diagnostiek M. Lacko KNO-arts/Hoofd-hals oncoloog Oncologie symposium, Maastricht 21 mei 2015 Indeling presentatie 1. Incidentie en epidemiologie

Nadere informatie

Aanvraag gegevens bij de DSCA (dd.08-11-2012)

Aanvraag gegevens bij de DSCA (dd.08-11-2012) Aanvraag gegevens bij de DSCA (dd.08-11-2012) Gegevens Aanvragers: Drs. Verena N.N.Kornmann (Heelkunde; St.Antoniusziekenhuis, Nieuwegein) Dr. Anke B. Smits (Heelkunde; St.Antoniusziekenhuis, Nieuwegein)

Nadere informatie

Mijn pathologieverslag begrijpen

Mijn pathologieverslag begrijpen Mijn pathologieverslag begrijpen Deze brochure bevat zeker niet alle gedetailleerde informatie over uw pathologieverslag. We geven u vooral de belangrijkste en juiste informatie mee over de resultaten

Nadere informatie

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Emotioneel Eten: de Rol van Persoonlijkheid The Relationship between Daily Stress and Emotional Eating: the Role of Personality Arlette Nierich Open Universiteit

Nadere informatie

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim The Relationship between Work Pressure, Mobbing at Work, Health Complaints and Absenteeism Agnes van der Schuur Eerste begeleider:

Nadere informatie

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren Sociale Steun The Effect of Chronic Pain and the Moderating Effect of Gender on Perceived Social Support Studentnummer:

Nadere informatie

Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van een onbekende primaire tumor in het hoofd-halsgebied: Unknown Primary

Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van een onbekende primaire tumor in het hoofd-halsgebied: Unknown Primary VII Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van een onbekende primaire tumor in het hoofd-halsgebied: Unknown Primary naar Algemeen 538 Epidemiologie 538 1. Screening 538 2. Diagnostiek 538 2.1 Anamnese

Nadere informatie

Chemotherapie en stolling

Chemotherapie en stolling Chemotherapie en stolling Therapie, preventie en risicofactoren Karen Geboes UZ Gent 4 december 2015 Avastin en longembolen: hoe behandelen en Avastin al dan niet verder? Chemotherapie en stolling: Therapie,

Nadere informatie

Betaalbare en gepersonaliseerde zorg. Page 1 Smaling 2012 Siemens Healthcare

Betaalbare en gepersonaliseerde zorg. Page 1 Smaling 2012 Siemens Healthcare Betaalbare en gepersonaliseerde zorg Page 1 Smaling 2012 Siemens Healthcare Betaalbare en gepersonaliseerde zorg Beelden bepalen de toekomst De beste manier om de toekomst te voorspellen is door hem zelf

Nadere informatie

communicatie indicatoren borstkanker

communicatie indicatoren borstkanker communicatie indicatoren borstkanker Dr. Stevens Ellen De Vos 8/1/2015 De Sint-Jozefkliniek neemt zoveel mogelijk deel aan nationale en internationale initiatieven om de kwaliteit van zorg te verbeteren.

Nadere informatie

Samenvatting. I-125 zaadimplantaten voor brachytherapie van de prostaat; Fysische eigenschappen en relaties met kwaliteit van leven na implantatie.

Samenvatting. I-125 zaadimplantaten voor brachytherapie van de prostaat; Fysische eigenschappen en relaties met kwaliteit van leven na implantatie. Samenvatting I-125 zaadimplantaten voor brachytherapie van de prostaat; Fysische eigenschappen en relaties met kwaliteit van leven na implantatie. 1 Hoofdstuk 1 (Algemene introductie) De incidentie van

Nadere informatie

Richtlijnen Digestieve Oncologie Adenocarcinoom van de pancreas

Richtlijnen Digestieve Oncologie Adenocarcinoom van de pancreas Laarbeeklaan 101 1090 Brussel Oncologisch Handboek Richtlijnen Digestieve Oncologie Adenocarcinoom van de pancreas V3.15 ADENOCARCINOOM PANCREAS ICD-O C25 Volgende subregio s worden beschreven: - Pancreaskop

Nadere informatie

PSA-screening To do or not to do? Dr. Ludo Vanden Bussche uroloog

PSA-screening To do or not to do? Dr. Ludo Vanden Bussche uroloog PSA-screening To do or not to do? Dr. Ludo Vanden Bussche uroloog CIJFERS VLAANDEREN 2010 - MANNEN AANTAL STERFTE OVERLEVING 5 JAAR STERFTE > 80 JAAR PROSTAAT 5651 916 93% 54% LONG 3348 2937 14% 25,6%

Nadere informatie

Echogeleide chirurgie voor mammacarcinoom

Echogeleide chirurgie voor mammacarcinoom Echogeleide chirurgie voor mammacarcinoom Een prospectief gerandomiseerd onderzoek N.M.A. Krekel M.H. Haloua M.P. van den Tol S. Meijer Chirurgische oncologie VU Universitair Medisch Centrum Incidentie

Nadere informatie

Galblaascarcinoom. Landelijke richtlijn, Versie: 1.1

Galblaascarcinoom. Landelijke richtlijn, Versie: 1.1 Galblaascarcinoom Landelijke richtlijn, Versie: 1.1 Datum Goedkeuring: 10-05-2004 Methodiek: Consensus based Verantwoording: Landelijke werkgroep GI-tumoren Inhoudsopgave Algemeen...1 Screening...2 Diagnostiek...3

Nadere informatie

B. Hals (weke delen) Voor cervicale wervelkolom, zie rubrieken C en K. Inhoudsopgave 01 B 02 B 03 B 04 B 05 B 06 B 07 B 08 B 09 B 10 B 11 B 12 B 13 B

B. Hals (weke delen) Voor cervicale wervelkolom, zie rubrieken C en K. Inhoudsopgave 01 B 02 B 03 B 04 B 05 B 06 B 07 B 08 B 09 B 10 B 11 B 12 B 13 B B. Hals (weke delen) Voor cervicale wervelkolom, zie rubrieken C en K Inhoudsopgave 1 B 2 B 3 B 4 B 5 B 6 B 7 B 8 B 9 B 1 B 11 B 12 B 13 B Palpabele schildkliernoduli en euthyreotische struma... 1 Lange

Nadere informatie

Aanvraag gegevens ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek

Aanvraag gegevens ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek Aanvraag gegevens ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek Registratie waarvan gegevens worden opgevraagd: DSCA Contactpersoon: Naam: Mw. Drs. J. t Lam - Boer Centrum/ziekenhuis: Radboud umc Adres: Postbus

Nadere informatie

MRI: more is less? Emiel Rutgers

MRI: more is less? Emiel Rutgers Het 9e NKI-AVL mammacarcinoom symposium Less is more? Minder overbehandeling voor meer borstkankerpatiënten MRI: more is less? Emiel Rutgers Indicaties MRI mammae Opsporen van onbekende primaire bij patiënten

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting. Chapter 5

Nederlandse Samenvatting. Chapter 5 Nederlandse Samenvatting Chapter 5 Chapter 5 Waarde van MRI scans voor voorspelling van invaliditeit in patiënten met Multipele Sclerose Multipele Sclerose (MS) is een relatief vaak voorkomende ziekte

Nadere informatie

RECIST-criteria voor de oncologie. Ferry Lalezari. Radioloog, UMC Utrecht

RECIST-criteria voor de oncologie. Ferry Lalezari. Radioloog, UMC Utrecht RECIST-criteria voor de oncologie Ferry Lalezari Radioloog, UMC Utrecht CRA Dag 17 april 2012 Vraag 1 Zijn dit metingen volgens RECIST? Vraag 2 Zijn dit meetbare laesies volgens RECIST? Vraag 3 Zijn dit

Nadere informatie

CHIRURGIE VAN DE DIKKE DARM EN HET RECTUM

CHIRURGIE VAN DE DIKKE DARM EN HET RECTUM CHIRURGIE VAN DE DIKKE DARM EN HET RECTUM In de dikke darm en het rectum kunnen tumoren en ontstekingen voorkomen die een chirurgische ingreep vereisen. Bij dit soort operaties worden de darmen volledig

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting. Chapter 14

Nederlandse samenvatting. Chapter 14 Nederlandse samenvatting Chapter 14 188 Chapter 14 Nederlandse Samenvatting Ondanks vele verbeteringen bij niet-chirurgische behandelvormen van kanker (bijvoorbeeld chemotherapie, immunotherapie, bestraling),

Nadere informatie