6 Schakelingen. Lading en spanning. Nova. Leerstof. Toepassing

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "6 Schakelingen. Lading en spanning. Nova. Leerstof. Toepassing"

Transcriptie

1 6 Schakelingen 1 Lading en spanning Leerstof 1 a een negatieve lading b elektronen c De elektronen gaan van de doek naar de pvc-buis. d een positieve lading 2 a Het voorwerp trekt dan andere voorwerpen aan, of er springen vonkjes over naar andere voorwerpen. b Voorwerpen worden dan gemakkelijker ontladen. c Dit voorwerp bevat evenveel positieve als negatieve lading. d Tijdens het rijden kan een auto een spanning opbouwen. Als je uitstapt, ontlaadt de auto zich via je lichaam. Ca Toepassing 3 a Je hoort geknetter en je haar blijft aan de kam plakken. b Je ziet vonkjes tussen je hoofd en fleece trui, hoort geknetter en voelt een tinteling. c De strook plakband plakt ook met de niet-plakkant aan je vingers. 4 a Kevin heeft gelijk. Voorwerpen die op dezelfde manier geladen zijn, stoten elkaar af. b Zie figuur 1. c Zie figuur 1. Cb Dennis 5 a Bij het tanken wordt er via de brandstofslang een verbinding gemaakt tussen het geladen vliegtuig en de aarde. Via de brandstofslang kunnen vonken overspringen en brand veroorzaken. b De lucht is dan droog, waardoor een vliegtuig het meest geladen is. c Het vliegtuig wordt dan op een veilige manier ontladen. d Om te zorgen dat het vliegtuig goed ontladen wordt. Cc Peter 6 a Beide blaadjes krijgen dezelfde lading. Voorwerpen met dezelfde lading stoten elkaar af. b Nee. De blaadjes slaan in beide gevallen uit. figuur 1 69

2 7 a De uitslag verdwijnt: de blaadjes zilverpapier hangen recht naar beneden, tegen elkaar aan. b De elektronen die de negatieve elektroscoop te veel heeft, vloeien naar de positieve elektroscoop. Daar heffen ze het tekort aan elektronen op. Beide elektroscopen zijn na afloop neutraal. 8 a De negatief geladen onderdelen en de positief geladen coating trekken elkaar aan. b Elk poederdeeltje komt dan ook terecht op het geladen onderdeel. c Ook op de moeilijke plekken is een overschot aan (negatief geladen) elektronen. De positief geladen poedercoating wordt ook naar deze moeilijke plekken aangetrokken; iets wat met gewone verf moeilijk gaat. *9 a Goede antwoorden zijn: Deze spanningsbron levert geen continue stroom. Het is lastig de uiteinden van het elektrische apparaat op de polen van deze spanningsbron aan te sluiten. Je weet van tevoren nooit waar deze spanningsbron ontstaat. Je kunt de spanningsbron niet verplaatsen. b De negatief geladen onderkant van de onweerswolk stoot elektronen op het aardoppervlak af, zodat deze hiervandaan wegstromen. Het aardoppervlak onder de wolk wordt daardoor positief geladen. Plus Elektriseermachines 10 a Bij vochtig weer wordt de lucht geleidend en lekt de lading weg. b Zodra er een vonk is overgesprongen, is de lading even helemaal weg en moet het apparaat weer worden opgeladen. 11 a De elektronen zijn via haar vinger naar de elektriseermachine gegaan. b Bij het lichtnet is de spanning voortdurend aanwezig en kan er continu een stroom lopen. Dat is gevaarlijk. 2 Weerstand Leerstof U 12 a R = I b De spanning en de stroomsterkte zijn recht evenredig. c De weerstand van een constantaandraad heeft een constante waarde. d De spanning en de stroomsterkte zijn bij een gloeilampje niet recht evenredig. e van een NTC 13 grootheid symbool eenheid symbool spanning U volt V stroomsterkte I ampère A weerstand R ohm Ω 70

3 Toepassing 14 a Zie figuur 2a. b Zie figuur 2b. U 6,0 c R = = 26 Ω I 0,23 a schakeling b schakelschema A V figuur 2a figuur 2b 15 mixer: R = = 1, Ω I 1,4 lamp: R = = = 4791,66.. Ω 4,8 kω I 0,048 waterkoker: R = = 24 Ω I 9,6 16 a De spanning en de stroomsterkte zijn niet recht evenredig. b 4,5 A U 4,5 c R = = = 1,0 Ω I 4,5 d De temperatuur van de gloeidraad in het fietslampje stijgt, waarbij de weerstand toeneemt. e Na 10 ms. U 4,5 f R = = = 9 Ω I 0,5 17 a U = I R = 0,25 6,0 = 1,5 V b De weerstand van de constantaandraad blijft 6,0 Ω. Daarbij zijn de spanning en de stroomsterkte recht evenredig. Dus als de stroomsterkte 3 groter wordt, zal de spanning ook 3 groter zijn. De nieuw ingestelde spanning is 4,5 V. c U = I R = 0,75 6,0 = 4,5 V 71

4 18 a Zie figuur 3. b De spanning is niet recht evenredig met de stroomsterkte. c Bij toenemende spanning (en lichtsterkte) neemt de stroomsterkte in mindere mate toe. De weerstand neemt toe. d I = 0,35 A U 7,0 R = = = 20 Ω I 0,35 e De spanning is niet recht evenredig met de stroomsterkte. Hier geldt de wet van Ohm niet. I (A) 0,5 0,4 0,3 0,2 0, U (V) figuur 3 U 3,0 19 a R = = 14 Ω I 0,22 U 3,0 b R = = = Ω = 30 kω I 0,0001 c Dat kan bijvoorbeeld komen doordat de zon ondertussen is ondergegaan en er bijna geen licht op de LDR valt. *20 a Zie figuur 4. b bij 605 Ω; T = 36 C bij 154 Ω; T = 74 C bij 79 Ω; T = 96 C 72

5 R (Ω) figuur 4 T ( C) Plus De weerstand van je lichaam *21 a bij I = 10 ma = 0,0010 A R = = = Ω = 23 kω I 0,0010 bij I = 100 ma = 0,100 A R = = = 2300 Ω = 2,30 kω I 0,100 bij I = 1 A R = = kω (ergens rond 200 Ω) I 1 b Omdat bij een natte huid de contactweerstand sterk daalt, is het risico op ernstige ongelukken in een badkamer met elektrische apparaten groot. Veiligheid is daarom van levensbelang. 73

6 22 a De leugendetector maakt gebruik van metalen plaatjes die op de huid geplakt worden. Over de plaatjes wordt een lage spanning aangesloten, waardoor er een stroompje tussen de plaatjes loopt. De leugendetector meet de grootte van dit stroompje. b De huidweerstand wordt lager. c Zweet bevat zout, en zout water geleidt de elektrische stroom beter dan zuiver water. d de stroomsterkte e Het veranderen van de huidweerstand ten gevolge van het zweten kan ook een andere oorzaak hebben dan alleen liegen. 3 Werken met weerstanden Leerstof 23 a Je kunt het lampje aansluiten op een batterij van 9 V door een voorschakelweerstand in de schakeling op te nemen. b Als je het aantal weerstanden in een serieschakeling steeds groter maakt, wordt de totale weerstand steeds groter. c Als je de afzonderlijke weerstanden vervangt door één weerstand met een waarde gelijk aan de vervangingsweerstand, ( ), dan maakt dat voor de rest van de schakeling niets uit (de stroomsterkte verandert in dat geval niet). d De formule voor het berekenen van de vervangingsweerstand van drie parallel geschakelde weerstanden is: = + + R 3 24 a In een serieschakeling is de stroomsterkte overal even groot. b In een parallelschakeling splitst de stroom zich bij elke vertakking. c In een parallelschakeling staat de volledige bronspanning over elk schakelonderdeel. d In een serieschakeling verdeelt de spanning zich over de diverse schakelonderdelen. Toepassing 25 a De totale weerstand is het kleinst in schakeling c. De lampjes zijn hier namelijk parallel geschakeld (om precies te zijn: de totale weerstand is de helft van de weerstand die een lampje heeft in deze schakeling). b De stroomsterkte is het kleinst in schakeling b. In deze schakeling zijn drie lampjes in serie geschakeld, dus de totale weerstand is hier het grootst. c In schakeling c branden de lampjes het felst. In deze schakeling staat over elk lampje de volledige bronspanning. In schakeling c is de spanning over de lampjes dus het grootst, en daardoor is de stroomsterkte door de lampjes in deze schakeling ook het grootst. Daardoor zullen de lampjes in deze schakeling het felst branden. 26 a = 100 Ω = 200 Ω R 3 = 300 Ω = + + R 3 = = 600 Ω b = 12 V = 600 Ω 12 I = = = 0,020 A = 20 ma

7 27 a U lampje = 10 V I = 0,30 A U lampje 10 R lampje = = 33 Ω I 0,30 b De totale weerstand bereken je met de formule: = + + R Omdat de weerstand van elk lampje hetzelfde is (33 Ω), volgt voor de totale weerstand: = , Ω c = 230 V = 7, Ω 230 I = = 0,3 A 7, Dit is inderdaad gelijk aan de op de lampjes vermelde stroomsterkte. 28 a = 9,0 V I = 18 ma = 0,018 A 9,0 = = = 5, Ω I 0,018 b Manier 1: = + R led 500 = = = 390 Ω Manier 2: R led = 110 Ω I = 18 ma = 0,018 A U led = I R led U led = 0, = 1,98 V = 9,0 V = U 1 + U led 9,0 = U 1 + 1,98 U 1 = 7,02 V U 1 7,02 = = = 390 Ω I 0, a = + = + = 0, = b Manier 1: 1 0, Ω U 6,0 I tot = = 0,35 A 17 Manier 2: U 6,0 I 1 = = = 0,30 A 20 U 6,0 I 2 = = 0,050 A = 50 ma 120 I tot = I 1 + I 2 = 0,30 + 0,050 = 0,35 A 75

8 30 a = + = = 100 Ω I = = = 2,30 A 100 b I = = 3,5 A 65 c I = = 6,6 A 35 d Manier 1: beide weerstanden krijgen de volledige bronspanning van 230 V. De stroomsterktes door de weerstanden bij deze spanning heb je al bij b en c berekend. I tot = I 1 + I 2 = 3,5 + 6,6 = 10,1 A Manier 2: = + = + = 0, = 1 0, = 22, Ω I tot = = 10,1 A 22, = + + R = R = = 0,025 R R 3 = 1 0,025 = 40 Ω *32 a Voor de twee parallel geschakelde weerstanden geldt: R 3 = 20 Ω R 4 = 20 Ω = + = 0,10 R 3, R 3,4 = = 10 Ω 0,10 = 20 Ω = 20 Ω = + + R 3,4 = = 50 Ω Dus: = 6,0 V = 50 Ω 6,0 I = = = 0,12 A 50 76

9 b De grootste weerstand krijg je als je alle vier weerstanden in serie schakelt: = = 80 Ω De kleinste weerstand krijg je als je alle vier weerstanden parallel schakelt: = = 0, = = 5,0 Ω 0,20 (Omdat de vier weerstanden gelijk zijn, mag je ook meteen zeggen dat = 20 : 4 = 5,0 Ω.) Plus De kleurcode op weerstanden 33 a weerstand a: 220 Ω weerstand b: 680 Ω weerstand c: 1000 Ω weerstand d: 5600 Ω b Door weerstand a en weerstand b in serie te schakelen: = = 900 Ω. Door weerstand b en weerstand c in serie te schakelen: = = 1680 Ω 1,7 kω. c Door weerstand a, b en c in serie te schakelen: = = 1900 Ω. *34 a De drie gelijke weerstandjes hebben een waarde van 330 Ω. Het laatste weerstandje heeft een waarde van 47 Ω. b I = 19 ma = 0,019 A R led = 80 Ω U led = I R led = 0, = 1,52 V Dus: = 4,5 V U led = 1,52 V = U led + U R 4,5 = 1,52 + U R U R = 4,5 1,52 = 2,98 V U R 2,98 R = = = 1,6 102 Ω I 0,019 c De volgende combinatie geeft de juiste waarde van de vereiste vervangingsweerstand (zie figuur 5): = 47 + (330 : 3) = 157 Ω 330 Ω 47 Ω 330 Ω figuur Ω 77

10 4 Automatische schakelingen Leerstof 35 a De transistor functioneert in een inbraakalarm als een automatische schakelaar. b de collector, de emitter en de basis c De transistor laat de apparaatstroom door als er een kleine stroom loopt van de basis (B) naar de emitter (E). d De transistor houdt de apparaatstroom tegen als er geen of maar heel weinig stroom van de basis naar de emitter loopt. 36 Zie figuur 6. figuur 6 Toepassing 37 a de LDR en de NTC b de transistor c de elektromotor, het ledlampje en de zoemer 38 a de huisinstallatie (in de meterkast) b de thermostaat c de rookmelder d de automatische tijdschakelaar 39 a Zie figuur 7. b De stroom door het lampje is het grootst. De stroom door het lampje is gelijk aan de stroom die van de collector naar de emitter loopt, en deze is altijd veel groter dan de basisstroom, die door de weerstand loopt. c Als Fida haar hand over de LDR legt, wordt de weerstand van de LDR heel groot. De stroomsterkte door de basis wordt dan heel klein. Er kan dan geen stroom meer lopen van de collector naar de emitter: het lampje gaat uit. L R B C E figuur 7 78

11 40 a Lens 1 moet van een divergente bundel een evenwijdige bundel maken. Lens 2 moet van de evenwijdige bundel een convergente bundel maken: al het licht wordt dan geconcentreerd op de LDR (die zich in het brandpunt van lens 2 bevindt). b Zie figuur 8. c Ir-straling is onzichtbaar, en een inbreker zal zo n alarm minder snel ontdekken dan een inbraakalarm met zichtbaar licht. zoemer LDR figuur 8 41 a de NTC b De weerstand van de NTC neemt af als de temperatuur stijgt. c De schakelstroom wordt in dat geval groter. d Als de schakelstroom groter wordt, neemt ook de apparaatstroom door de motor toe. De ventilator gaat dan sneller draaien. 42 a Weerstand 2. Deze begrenst de stroom door de NTC. Bij een te grote stroomsterkte zou die stuk kunnen gaan. b Weerstand 1 begrenst de stroom door de basis. *43 a De schakelaar moet parallel aan de transistor worden geschakeld. Op die manier kan er toch een stroom door de lamp lopen terwijl de transistor in de UIT-stand staat. b Zie figuur 9. figuur 9 *44 a 250 0,2 ma = 50 ma b 80 ma : 250 = 0,32 ma c 70 ma : 250 = 0,28 ma De basisstroom moet dus minstens 0,28 ma zijn om de zoemer goed te laten werken. 79

12 Plus Een reedcontact als sensor *45 a Het reedcontact is de sensor. Het ledlampje is de actuator. b Het contact wordt verbroken als het raam wordt geopend. c Het (reed)contact is verbroken en de stroom kan nu alleen via de basis teruglopen naar de batterij. De schakelstroom van B naar E neemt hierdoor sterk toe. Er kan nu een flinke stroom van C naar E lopen: het lampje gaat aan. *46 a De weerstand zorgt ervoor dat er geen kortsluiting ontstaat als het reedcontact gesloten is. Zonder deze weerstand zou er bij een gesloten reedcontact namelijk een stroomkring zonder weerstand zijn. Hierdoor zou de batterij meteen leeg lopen. b Als veel te klein is, loopt de batterij meteen leeg. Als veel te groot is, zal er, als het reedcontact wordt verbroken, te weinig stroom door de basis lopen om de transistor in de AAN-stand te zetten. Test Jezelf 1 E 2 a elektronen b negatieve lading 3 A 4 stoten elkaar af; dezelfde 5 17,5 Ω 6 a onwaar b waar c onwaar d waar 7 12 Ω 8 grafiek C 9 4 V 10 C 11 a onwaar b waar c onwaar d onwaar e waar 12 a 5 V b 1 V c 0,5 A d 2 A 80

13 13 a een LDR b een transistor c twee ledlampjes 14 groter; meer; AAN-stand; ingeschakeld 15 a 89 ma b 2 ma c 91 ma 16 ontwerp b 17 I NTC = 6,0 ma = 0,0060 A U NTC = 10,8 V U NTC 10,8 R NTC = = = 1800 Ω = 1,8 kω I NTC 0,0060 Aflezen in de grafiek geeft dan een temperatuur van 19 C. *18 a Door het opnemen van de gewone weerstand krijgen de leds precies de juiste spanning. Zonder deze weerstand zou de spanning over de leds te groot worden, en zouden ze stuk gaan. b De spanning over beide ledjes samen is 2 1,6 = 3,2 V. = U leds + U R 9,0 = 3,2 + U R U R = 9,0 3,2 = 5,8 V I = 20 ma = 0,020 A U R 5,8 R = I = 0,020 = 290 Ω *19 a Zie figuur 10. Elk stuk draad heeft een weerstand van 1,5 : 10 = 0,15 Ω. Omdat alle draden dezelfde weerstand (0,15 Ω) hebben, geldt voor de vervangingsweerstand van twee parallel geschakelde draden 0,15 : 2 = 0,075 Ω. Draad 1 en 2 zijn parallel met elkaar geschakeld, evenals draad 4 en 5, draad 7 en 8 en draad 9 en 10. Deze setjes van draden hebben dus elk een weerstand van 0,075 Ω. Voor de totale weerstand geldt dan: =,2 + R 3 + R 4,5 + R 6 + R 7,8 + R 9,10 = 0,075 +0,15 + 0, ,15 + 0, ,075 = 0,6 Ω b = 12,0 V = 0,6 Ω 1 12,0 I = R = = 20 A 2 tot 0,6 3 c Draad 3 en 6 worden te heet. 4 Door deze draden loopt de totale 5 stroomsterkte van 20 A. Door de 6 andere draden loopt de helft van deze 7 stroomsterkte (10 A) figuur 10 staaldraad koperdraad 81

14 *20 a Zie figuur 11. b 12,0 V c Door een voorschakelweerstand voor de led te plaatsen. figuur 11 Praktijk Speuren naar metalen 1 a Ja. Hoe groter de munt, des te groter is de inductiestroom (en de kans op opsporing). b Ja. Hoe dieper de munt onder de grond zit, des te kleiner is de inductiestroom (en de kans op opsporing). c Ja. Hoe beter het metaal van de munt geleidt, des te groter is de inductiestroom (en de kans op opsporing). d Ja. Hoe horizontaler de positie van de munt, des te groter is de inductiestroom (en de kans op opsporing). 2 a voorwerpen die van metaal gemaakt zijn b bijvoorbeeld naalden, schroefjes en metaalsplinters 3 Je docent zal je vertellen hoe deze opdracht nagekeken en beoordeeld wordt. 82

6 Schakelingen. Lading en spanning. Nova

6 Schakelingen. Lading en spanning. Nova 6 Schakelingen Lading en spanning a Er gaat lading van de doek naar de pvc-buis. b elektronen c De elektronen gaan van de doek naar de pvc-buis. De buis wordt immers negatief geladen en elektronen zijn

Nadere informatie

NATUURKUNDE. havo NATUURKUNDE LEEROPDRACHTENBOEK. Th. Smits. L. Lenders F. Molin R. Tromp. R. Tromp ISBN 978 90 345 8757 2. h avo. leeropdr achtenboek

NATUURKUNDE. havo NATUURKUNDE LEEROPDRACHTENBOEK. Th. Smits. L. Lenders F. Molin R. Tromp. R. Tromp ISBN 978 90 345 8757 2. h avo. leeropdr achtenboek 3 h avo AUTEURS: EINDREDACTIE: MET MEDEWERKING VAN: L. Lenders F. Molin R. Tromp R. Tromp Th. Smits 3 havo leeropdr achtenboek NATUURKUNDE 553787 553787-OM.indd 1 LEEROPDRACHTENBOEK ISBN 978 90 345 8757

Nadere informatie

Hoofdstuk 3. 1 Lading en spanning. Elektriciteit. Leerstof. Toepassing

Hoofdstuk 3. 1 Lading en spanning. Elektriciteit. Leerstof. Toepassing Hoofdstuk 3 Elektriciteit 1 Lading en spanning Leerstof 1 a Je moet de pvc-uis met een wollen doek wrijven. een negatieve lading c elektronen d De elektronen gaan van de doek naar de pvc-uis. e een positieve

Nadere informatie

havo practicumboek natuurkunde

havo practicumboek natuurkunde 3 havo practicumboek natuurkunde natuurkunde 3 havo Auteurs L. Lenders F. Molin R. Tromp Met medewerking van Th. Smits Vierde editie Malmberg s-hertogenbosch www.nova-malmberg.nl Inhoudsopgave 1 Krachten

Nadere informatie

Opgave 1 Er zijn twee soorten lading namelijk positieve en negatieve lading.

Opgave 1 Er zijn twee soorten lading namelijk positieve en negatieve lading. itwerkingen Opgave Er zijn twee soorten lading namelijk positieve en negatieve lading. Opgave 2 Een geleider kan de elektrische stroom goed geleiden. Metalen, zout water, grafiet. c. Een isolator kan de

Nadere informatie

Uitwerkingen Hoofdstuk 2 - deel 2

Uitwerkingen Hoofdstuk 2 - deel 2 Uitwerkingen Hoofdstuk 2 - deel 2 4 VWO 2.6 Serie en parallel 51. Vervanging 52. Bij de winkelstraat zijn de lampen parallel geschakeld en bij de kandelaar in serie. 53. Voorbeeld: Serie De stroom moet

Nadere informatie

3.4.3 Plaatsing van de meters in een stroomkring

3.4.3 Plaatsing van de meters in een stroomkring 1 De stroom- of ampèremeter De ampèremeter is een meetinstrument om elektrische stroom te meten. De sterkte van een elektrische stroom wordt uitgedrukt in ampère, vandaar de naam ampèremeter. Voorstelling

Nadere informatie

Uitwerkingen VWO deel 1 H2 (t/m par. 2.5)

Uitwerkingen VWO deel 1 H2 (t/m par. 2.5) Uitwerkingen VWO deel 1 H2 (t/m par. 2.5) 2.1 Inleiding 1. a) Warmte b) Magnetische Energie c) Bewegingsenergie en Warmte d) Licht (stralingsenergie) en warmte e) Stralingsenergie 2. a) Spanning (Volt),

Nadere informatie

Elektrische stroomnetwerken

Elektrische stroomnetwerken ntroductieweek Faculteit Bewegings- en evalidatiewetenschappen 25 29 Augustus 2014 Elektrische stroomnetwerken Dr. Pieter Neyskens Monitoraat Wetenschappen pieter.neyskens@wet.kuleuven.be Assistent: Erik

Nadere informatie

Lessen in Elektriciteit

Lessen in Elektriciteit Lessen in Elektriciteit Door: Gaby Sondagh en Isabel Duin Eckartcollege Tegenwoordig kunnen we niet zonder elektriciteit. Het licht in de klas, de computers waar je op werkt en allerlei andere apparaten

Nadere informatie

Natuur- en scheikunde 1, elektriciteit, uitwerkingen. Spanning, stroomsterkte, weerstand, vermogen, energie

Natuur- en scheikunde 1, elektriciteit, uitwerkingen. Spanning, stroomsterkte, weerstand, vermogen, energie 4M versie 1 Natuur- en scheikunde 1, elektriciteit, uitwerkingen Werk netjes en nauwkeurig Geef altijd een duidelijke berekening of een verklaring Veel succes, Zan Spanning, stroomsterkte, weerstand, vermogen,

Nadere informatie

Hfd 3 Stroomkringen. Isolator heeft geen vrije elektronen. Molecuul. Geleider heeft wel vrije elektronen. Molecuul.

Hfd 3 Stroomkringen. Isolator heeft geen vrije elektronen. Molecuul. Geleider heeft wel vrije elektronen. Molecuul. Hfd 3 Stroomkringen Enkele begrippen: Richting van de stroom: Stroom loopt van de plus naar de min pool Richting van de elektronen: De elektronen stromen van de min naar de plus. Geleiders en isolatoren

Nadere informatie

Naam: Klas: Repetitie natuurkunde voor havo (versie A) Getoetste stof: elektriciteit 1 t/m 5

Naam: Klas: Repetitie natuurkunde voor havo (versie A) Getoetste stof: elektriciteit 1 t/m 5 Naam: Klas: Repetitie natuurkunde voor havo (versie A) Getoetste stof: elektriciteit 1 t/m 5 OPGAVE 1 Teken hieronder het bijbehorende schakelschema. Geef ook de richting van de elektrische stroom aan.

Nadere informatie

Naam: Klas Practicum elektriciteit: I-U-diagram van lampje Nodig: spanningsbron, schuifweerstand (30 Ω), gloeilampje, V- en A-meter, 6 snoeren

Naam: Klas Practicum elektriciteit: I-U-diagram van lampje Nodig: spanningsbron, schuifweerstand (30 Ω), gloeilampje, V- en A-meter, 6 snoeren Naam: Klas Practicum elektriciteit: I-U-diagram van lampje Nodig: spanningsbron, schuifweerstand (30 Ω), gloeilampje, V- en A-meter, 6 snoeren Schakeling In de hiernaast afgebeelde schakeling kan de spanning

Nadere informatie

2 Elektriciteit Elektriciteit. 1 A De aal heeft ca 4000 elektrische cellen van 0,15 volt, die in serie geschakeld zijn.

2 Elektriciteit Elektriciteit. 1 A De aal heeft ca 4000 elektrische cellen van 0,15 volt, die in serie geschakeld zijn. 2 Elektriciteit 1 2.1 Elektriciteit 1 A De aal heeft ca 4000 elektrische cellen van 0,15 volt, die in serie geschakeld zijn. 2 mp3-speler dynamo fiets accu lamp op je kamer stopcontact auto batterij 3

Nadere informatie

Over Betuwe College Oefeningen H3 Elektriciteit deel 4

Over Betuwe College Oefeningen H3 Elektriciteit deel 4 1 Door een dunne draad loopt een elektrische stroom met een stroomsterkte van 2 µa. De spanning over deze draad is 50 V. Bereken de weerstand van de dunne draad. U = 50 V I = 2 µa R = 50V 2µA R = 2,5 10

Nadere informatie

R Verklaar alle antwoorden zo goed mogelijk

R Verklaar alle antwoorden zo goed mogelijk PROEFWERK TECHNOLOGIE VWO MODULE 6 ELECTRICITEIT VRIJDAG 19 maart 2010 R Verklaar alle antwoorden zo goed mogelijk 2P 2P 2P Opgave 1 Tup en Joep willen allebei in bed lezen. Ze hebben allebei een fietslampje.

Nadere informatie

We hangen drie metalen bollen aan een draad en we geven ze alledrie een positieve of negatieve lading. Bol 1 en 2 stoten elkaar af en bol 2 en 3 stoten elkaar af. Wat kun je nu zeggen? 1. 1 en 3 hebben

Nadere informatie

VWO 4 kernboek B hoofdstuk 8

VWO 4 kernboek B hoofdstuk 8 SAMENVATTING ELEKTRICITEIT VWO 4 kernboek B hoofdstuk 8 HOEVEELHEID LADING Symbool Q (soms q) Eenheid C (Coulomb) Iedereen heeft wel eens gemerkt dat voorwerpen elektrische eigenschappen kunnen krijgen.

Nadere informatie

Opgave 2 Een spanningsbron wordt belast als er een apparaat op is aangesloten dat (in meer of mindere mate) stroom doorlaat.

Opgave 2 Een spanningsbron wordt belast als er een apparaat op is aangesloten dat (in meer of mindere mate) stroom doorlaat. Uitwerkingen 1 A Een spanningsbron wordt belast als er een apparaat op is aangesloten dat (in meer of mindere mate) stroom doorlaat. Een ideale spanningsbron levert bij elke stroomsterkte dezelfde spanning.

Nadere informatie

VWO 4 kernboek B hoofdstuk 8

VWO 4 kernboek B hoofdstuk 8 SAMNVATTING LKTICITIT VWO 4 kernboek B hoofdstuk 8 HOVLHID LADING Symbool Q (soms q) enheid C (Coulomb) Iedereen heeft wel eens gemerkt dat voorwerpen elektrische eigenschappen kunnen krijgen. Als je over

Nadere informatie

Elektrische huisinstallatie

Elektrische huisinstallatie Elektrische huisinstallatie Titel: Vak: Domein: Sector: 3D aspecten: Elektrische apparaten - Ontwerp een huisinstallatie Natuurkunde Energie Havo - vwo Werkwijze: Modelontwikkeling en gebruik, Onderzoeken,

Nadere informatie

Practicum Zuil van Volta

Practicum Zuil van Volta Practicum Zuil van Volta Benodigdheden Grondplaat, aluminiumfolie, stuivers (munten van vijf eurocent), filtreerpapier, zoutoplossing, voltmeter, verbindingssnoeren, schaar Voorbereidende werkzaamheden

Nadere informatie

Schakelingen Hoofdstuk 6

Schakelingen Hoofdstuk 6 Schakelingen Hoofdstuk 6 Een schakeling... I = 0,1 A = 100 ma U = 6 V Geen grote stroom door de lamp. Dit komt door de weerstand van die lamp. De weerstand kunnen we berekenen. Presentatie H6 1 De weerstand

Nadere informatie

2 ELEKTRISCHE STROOMKRING

2 ELEKTRISCHE STROOMKRING 2 ELEKTRISCHE STROOMKRING Om elektrische stroom nuttig te gebruiken moet hij door een verbruiker vloeien. Verbruikers zijn bijvoorbeeld een gloeilampje, een motor, een deurbel. Om een gloeilampje te laten

Nadere informatie

Elektriciteit Inhoud. Elektriciteit demonstraties

Elektriciteit Inhoud. Elektriciteit demonstraties Elektriciteit Inhoud Inleiding : Deze les Spanning: Wat is dat, hoe komt dat? Stroom(sterkte) : Wat is dat, hoe komt dat? Practicum: (I,)-diagram van een lampje en een weerstand Weerstand : Wet van Ohm

Nadere informatie

Serie. Itotaal= I1 = I2. Utotaal=UR1 + UR2. Rtotaal = R1 + R2. Itotaal= Utotaal : Rtotaal 24 = 10 + UR2 UR2 = 24 10 = 14 V

Serie. Itotaal= I1 = I2. Utotaal=UR1 + UR2. Rtotaal = R1 + R2. Itotaal= Utotaal : Rtotaal 24 = 10 + UR2 UR2 = 24 10 = 14 V Om te onthouden Serieschakeling Parallelschakeling Itotaal= I = I2 Utotaal=U + U2 totaal = + 2 Itotaal=I + I2 Utotaal= U = U2 tot 2 enz Voor elke schakeling I totaal U totaal totaal Itotaal= I = I2 Utotaal=U

Nadere informatie

Elektrische energie en elektrisch vermogen

Elektrische energie en elektrisch vermogen Elektrische energie en elektrisch vermogen Grootheid Symbool Eenheid Lading Q C: Coulomb Spanning U V: Volt Stroomsterkte I A: Ampère Energie E J: Joule Weerstand R Ω: Ohm Spanning: noodzakelijk om lading

Nadere informatie

Elektriciteit. Hoofdstuk 2

Elektriciteit. Hoofdstuk 2 Elektriciteit Hoofdstuk 2 (het blijft spannend) Om de lamp te laten branden moet er een gesloten stroomkring zijṇ Om de lamp te laten branden moet er een gesloten stroomkring zijṇ Om de lamp te laten branden

Nadere informatie

SERIE-schakeling U I. THEMA 5: elektrische schakelingen. Theoretische berekening voor vervangingsweerstand:

SERIE-schakeling U I. THEMA 5: elektrische schakelingen. Theoretische berekening voor vervangingsweerstand: QUARK_5-Thema-05-elektrische schakelingen Blz. 1 THEMA 5: elektrische schakelingen Inleiding: PHET-opdracht ---> GEVAL-1 : SERIE-schakeling OPDRACHT: 1. bepaal de spanningspijlen en de stroomsterkten.

Nadere informatie

Signalen stroom, spanning, weerstand, vermogen AC, DC, effectieve waarde

Signalen stroom, spanning, weerstand, vermogen AC, DC, effectieve waarde Technologie 1 Elektrische en elektronische begrippen Signalen stroom, spanning, weerstand, vermogen AC, DC, effectieve waarde Opleiding Pop en Media Peet Ferwerda, januari 2002 Deze instructie wordt tijdens

Nadere informatie

5 Weerstand. 5.1 Introductie

5 Weerstand. 5.1 Introductie 5 Weerstand 5.1 Introductie I n l e i d i n g In deze paragraaf ga je verschillende soorten weerstanden bestuderen waarvan je de weerstandswaarde kunt variëren. De weerstand van een metaaldraad blijkt

Nadere informatie

Een elektrische schakeling is tot op zekere hoogte te vergelijken met een verwarmingsinstallatie.

Een elektrische schakeling is tot op zekere hoogte te vergelijken met een verwarmingsinstallatie. Inhoud Basisgrootheden... 2 Verwarmingsinstallatie... 3 Elektrische schakelingen... 4 Definities van basisgrootheden... 6 Fysische achtergrond bij deze grootheden... 6 Opgave: Geladen bollen... 7 De wet

Nadere informatie

Denk aan ALLE letters van FIRES! Geef duidelijke berekeningen. Er zijn 4 opgaven. Totaal 35 punten.

Denk aan ALLE letters van FIRES! Geef duidelijke berekeningen. Er zijn 4 opgaven. Totaal 35 punten. NATUURKUNDE KLAS 4 PW HOOFDSTUK PW HOOFDSTUK 2 18/12/2008 Denk aan ALLE letters van FIRES! Geef duidelijke berekeningen. Er zijn 4 opgaven. Totaal 35 punten. Opgave 1 (3 + 2 + 4 pt) Een van de natuurkundeleraren

Nadere informatie

E e n i n t r o d u c t i e in praktische electronica.

E e n i n t r o d u c t i e in praktische electronica. 9 9 1. 1 0 3 E e n i n t r o d u c t i e in praktische electronica. Vantek Electronica Kits Handleiding/Opdrachtenboek. N. B. De OPITEC bouwpakketten zijn gericht op het onderwijs. 1 HOE U AAN DE SLAG

Nadere informatie

1 Lading en spanning. Hoofdstuk 3. Elektriciteit. Plus. Elektriseermachines

1 Lading en spanning. Hoofdstuk 3. Elektriciteit. Plus. Elektriseermachines BASISSTOF Hoofdstuk 3 Elektriciteit Hoofdstuk 3 Elektriciteit Lading en spanning a Je moet de pvc-uis met een wollen doek wrijven. De uis krijgt een negatieve lading. Dit komt doordat elektronen 'overspringen'

Nadere informatie

Uitwerkingen opgaven hoofdstuk 6. 6.1 Elektrische lading; stroom, spanning en spanningsbron

Uitwerkingen opgaven hoofdstuk 6. 6.1 Elektrische lading; stroom, spanning en spanningsbron itwerkingen opgaven hoofdstuk 6 6.1 Elektrische lading; stroom, spanning en spannings Opgave 5 a De wielen die het contact vormen tussen het vliegtuig en de grond zijn gemaakt van rubber, en rubber is

Nadere informatie

Spanning versus potentiaal

Spanning versus potentiaal Spanning versus potentiaal Opgave: Potentiaal II R1 = 1,00 Ω R2 = 2,00 Ω R3 = 3,00 Ω R4 = 4,00 Ω R5 = 5,00 Ω R6 = 6,00 Ω R7 = 7,00 Ω Het potentiaalverschil tussen twee punten is gelijk aan de spanning

Nadere informatie

Windmolenpark Houten. Project nask & techniek Leerjaar 2 havo/atheneum College de Heemlanden, Houten. Namen: Klas:

Windmolenpark Houten. Project nask & techniek Leerjaar 2 havo/atheneum College de Heemlanden, Houten. Namen: Klas: Namen: Klas: Windmolenpark Houten Project nask & techniek Leerjaar 2 havo/atheneum College de Heemlanden, Houten Ontwikkeld door: Geert Veenstra Gerard Visker Inhoud Probleem en hoofdopdracht Blz 3 Samenwerking

Nadere informatie

12 Elektrische schakelingen

12 Elektrische schakelingen Elektrische schakelingen Onderwerpen: - Stroomsterkte en spanning bij parallel- en serieschakeling - Verangingsweerstand bij parallelschakeling. - Verangingsweerstand bij serieschakeling.. Stroom en spanning

Nadere informatie

VWO-gymnasium. VWO gymnasium practicumboek. natuurkunde

VWO-gymnasium. VWO gymnasium practicumboek. natuurkunde VWO-gymnasium 3 VWO gymnasium practicumboek natuurkunde natuurkunde 3 vwo gymnasium Auteurs F. Alkemade L. Lenders F. Molin R. Tromp Eindredactie P. Verhagen Met medewerking van Th. Smits Vierde editie

Nadere informatie

Repetitie Elektronica (versie A)

Repetitie Elektronica (versie A) Naam: Klas: Repetitie Elektronica (versie A) Opgave 1 In de schakeling hiernaast stelt de stippellijn een spanningsbron voor. De spanningsbron wordt belast met weerstand R L. In het diagram naast de schakeling

Nadere informatie

NaSk 1 Elektrische Energie

NaSk 1 Elektrische Energie NaSk 1 Elektrische Energie Algemeen Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. Tijd Open vragen Geef niet méér antwoorden dan er worden gevraagd. Als er bijvoorbeeld twee

Nadere informatie

9 PARALLELSCHAKELING VAN WEERSTANDEN

9 PARALLELSCHAKELING VAN WEERSTANDEN 9 PARALLELSCHAKELING VAN WEERSTANDEN Een parallelschakeling komt in de praktijk vaker voor dan een serieschakeling van verbruikers. Denken we maar aan alle elektrische apparaten die aangesloten zijn op

Nadere informatie

Deling van elektrische stroom en spanning. Student booklet

Deling van elektrische stroom en spanning. Student booklet Deling van elektrische stroom en spanning Student booklet Deling van elektrische stroom en spanning - INDEX - 2006-04-06-17:15 Deling van elektrische stroom en spanning In deze module wordt uitgelegd

Nadere informatie

Onderwijs op maat voor uitdaging en motivering Enkel 1

Onderwijs op maat voor uitdaging en motivering Enkel 1 Uitleg: Rekenen met Elektriciteit Een spanning ontstaat door ladingverschil. (verschil in elektronen tussen polen) Een stroom loopt als er een gesloten stroomkring is. (aantal elektronen per seconde) Weerstand

Nadere informatie

VMBO-B DEEL A LEERWERKBOEK. nask 1

VMBO-B DEEL A LEERWERKBOEK. nask 1 4 VMBO-B LEERWERKBOEK DEEL A nask 1 H8 Stoffen en hun eigenschappen Inhoudsopgave 1 Licht 1 Licht en schaduw 8 2 Het spectrum van wit licht 14 3 Lenzen 21 4 Een reëel beeld tekenen 31 5 Het oog 36 6 Straling

Nadere informatie

Naam: Klas: Repetitie elektriciteit klas 2 1 t/m 6 HAVO (versie A)

Naam: Klas: Repetitie elektriciteit klas 2 1 t/m 6 HAVO (versie A) Naam: Klas: Repetitie elektriciteit klas 2 1 t/m 6 HAVO (versie A) OPGAVE 1 Welke spanning leveren de combinaties van 1,5 volt-batterijen? Eerste combinatie: Tweede combinatie: OPGAVE 2 Stel dat alle lampjes

Nadere informatie

Een positief geladen stok wordt in de buurt gebracht van een metalen bol. Deze bol staat op een isolerende standaard, maar is via een koperdraad verbonden met de aarde. In de koperdraad loopt, 1. een stroom,

Nadere informatie

Een elektrische schakeling is tot op zekere hoogte te vergelijken met een verwarmingsinstallatie.

Een elektrische schakeling is tot op zekere hoogte te vergelijken met een verwarmingsinstallatie. Inhoud Basisgrootheden... 2 Verwarmingsinstallatie... 3 Elektrische schakelingen... 4 Definities van basisgrootheden... 6 Fysische achtergrond bij deze grootheden... 6 Opgave: Geladen bollen... 7 De wet

Nadere informatie

Elektriciteit (deel 2)

Elektriciteit (deel 2) Elektriciteit (deel 2) 1 Elektrische lading 2 Eenvoudige stroomkring 3 Stroomsterkte en spanning 4 Serie- en parallelschakeling 5 Stroomsterkte en spanning meten 6 Weerstand, wet van Ohm 7 Energie en vermogen

Nadere informatie

4.2 Het instapprobleem Een roodgloeiende metaaldraad onderdompelen in water

4.2 Het instapprobleem Een roodgloeiende metaaldraad onderdompelen in water 4 Elektrische energie 4.1 Introductie Inleiding Het hoofdstuk gaat over het goed en veilig functioneren van elektrische schakelingen en over wetmatigheden die gelden voor elektrische schakelingen. Je hebt

Nadere informatie

Hoe kun je de weerstand van voorwerpen vergelijken en bepalen?

Hoe kun je de weerstand van voorwerpen vergelijken en bepalen? werkblad experiment 4.5 en 5.4 (aangepast) naam:. klas: samen met: Hoe kun je de weerstand van voorwerpen vergelijken en bepalen? De weerstand R van een voorwerp is te bepalen als men de stroomsterkte

Nadere informatie

Inleiding 3hv. Opdracht 1. Statische elektriciteit. Noem drie voorbeelden van hoe je statische elektriciteit kunt opwekken.

Inleiding 3hv. Opdracht 1. Statische elektriciteit. Noem drie voorbeelden van hoe je statische elektriciteit kunt opwekken. Inleiding hv Opdracht Statische elektriciteit Noem drie voorbeelden van hoe je statische elektriciteit kunt opwekken Opdracht Serie- en parallelschakeling Leg van elke schakeling uit ) of het een serie-

Nadere informatie

Condensator. Het hellingsgetal a is constant. Dit hellingsgetal noemen we de capaciteit van de condensator C. Er geldt dus: C = Q U

Condensator. Het hellingsgetal a is constant. Dit hellingsgetal noemen we de capaciteit van de condensator C. Er geldt dus: C = Q U Inhoud Condensator... 2 Het laden van een condensator... 3 Het ontladen van een condensator... 6 Het gedrag van een condensator in een schakeling... 7 Opgaven... 8 Opgave: Alarminstallatie... 8 Opgave:

Nadere informatie

VWO Module E1 Elektrische schakelingen

VWO Module E1 Elektrische schakelingen VWO Module E1 Elektrische schakelingen Bouw de schakelingen voor een elektrische auto. Naam: V WO Module E1 P agina 1 38 Titel: Auteur: Eigenfrequentie, VWO module E1: Elektrische schakelingen Simon de

Nadere informatie

-Zoek de eventuele benodigde gegevens op in het tabellenboek. -De moeilijkere opgaven hebben een rood opgavenummer.

-Zoek de eventuele benodigde gegevens op in het tabellenboek. -De moeilijkere opgaven hebben een rood opgavenummer. Extra opgaven hoofdstuk 7 -Zoek de eventuele benodigde gegevens op in het tabellenboek. -De moeilijkere opgaven hebben een rood opgavenummer. Gebruik eventueel gegevens uit tabellenboek. Opgave 7.1 Door

Nadere informatie

Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na

Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na KeCo-Examentraining SET-C HAVO5-Na 1 Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na EX.O.1. 1. Op een wateroppervlak vallen drie rode lichtstralen op de manier zoals weergegeven in onderstaande figuur. Teken het

Nadere informatie

6.1 Afrondingsopdracht Goed en veilig werken van elektrische schakelingen

6.1 Afrondingsopdracht Goed en veilig werken van elektrische schakelingen 6. Afronding hoofdstuk 2 6.1 Afrondingsopdracht Goed en veilig werken van elektrische schakelingen Inleiding Bij de introductie van dit hoofdstuk heb je je georiënteerd op het onderwerp van dit hoofdstuk

Nadere informatie

Spanning en sensatie!!! Wat een weerstand!! Elektriciteit. 3HV H3 elektriciteit les.notebook February 13, Elektriciteit 3HV

Spanning en sensatie!!! Wat een weerstand!! Elektriciteit. 3HV H3 elektriciteit les.notebook February 13, Elektriciteit 3HV 3HH3elektriciteitles.notebook February 13, 2016 Spanning en sensatie!!! Elektriciteit Elektriciteit 3H Wat een weerstand!! Spanning en Lading + + + + 3HH3elektriciteitles.notebook February 13, 2016 + +

Nadere informatie

Gemengde schakelingen

Gemengde schakelingen Gemengde schakelingen We hebben in vorige lessen de serieschakeling en de parallelschakeling behandeld. Veel schakelingen zijn een combinatie van de serieschakeling en de parallelschakeling. Dat noemen

Nadere informatie

Theorie: Energieomzettingen (Herhaling klas 2)

Theorie: Energieomzettingen (Herhaling klas 2) les omschrijving 12 Theorie: Halfgeleiders Opgaven: halfgeleiders 13 Theorie: Energiekosten Opgaven: Energiekosten 14 Bespreken opgaven huiswerk Opgaven afmaken Opgaven afmaken 15 Practicumtoets (telt

Nadere informatie

Een elektrische schakeling is tot op zekere hoogte te vergelijken met een verwarmingsinstallatie.

Een elektrische schakeling is tot op zekere hoogte te vergelijken met een verwarmingsinstallatie. Inhoud... 2 Basisgrootheden... 2 Verwarmingsinstallatie... 3 Elektrische schakelingen... 4 Definities van basisgrootheden... 6 Fysische achtergrond bij deze grootheden... 6 Opgave: Geladen bollen... 7

Nadere informatie

5 Elektriciteit. 1 Stroomkringen. Nova. 1 a de metalen b isolatoren c een schakelaar

5 Elektriciteit. 1 Stroomkringen. Nova. 1 a de metalen b isolatoren c een schakelaar 5 Elektriciteit 1 Stroomkringen 1 a de metalen b isolatoren c een schakelaar 2 a Een elektrische stroom bestaat uit kleine deeltjes die door geleidende materialen bewegen. b Met een stroommeter (ampèremeter)

Nadere informatie

UITWERKINGEN Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na

UITWERKINGEN Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na UITWERKINGEN KeCo-Examentraining SET-C HAVO5-Na UITWERKINGEN Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na EX.O... Lichtstraal A verplaatst zich van lucht naar water, dus naar een optisch dichtere stof toe. Er

Nadere informatie

Over jezelf. Begripstest Elektriciteit BEGIN DE TEST [DOELGROEP: VMBO EN HAVO/VWO-ONDERBOUW]

Over jezelf. Begripstest Elektriciteit BEGIN DE TEST [DOELGROEP: VMBO EN HAVO/VWO-ONDERBOUW] Begripstest Elektriciteit [DOELGROEP: VMBO EN HAVO/VWO-ONDERBOUW] Deze begripstest gaat over het onderdeel elektriciteit. Als het goed is weet je al veel dingen over dit onderwerp. Met behulp van deze

Nadere informatie

Deel 1: Metingen Bouw achtereenvolgens de onderstaande schakelingen en meet de klemspanning en de stroomsterkte. VOORKOM STEEDS KORTSLUITING!!

Deel 1: Metingen Bouw achtereenvolgens de onderstaande schakelingen en meet de klemspanning en de stroomsterkte. VOORKOM STEEDS KORTSLUITING!! Practicum elektronica: Spanningsbron Benodigdheden: Niet-gestabiliseerde voeding of batterij, 2 multimeters, 5 weerstanden van 56 Ω (5 W), 5 snoeren, krokodillenklemmen. Deel : Metingen Bouw achtereenvolgens

Nadere informatie

5.0 Automatisering

5.0 Automatisering 5.0 Automatisering www.natuurkundecompact.nl 5.3 a Transistor (Crocodile) b Bordje en kistje (Jan Leisink) c Van stroomkring naar stroomval (Jan Leisink) d Relais (Jan Leisink) e Signaallampje (Jan Leisink)

Nadere informatie

QUARK_5-Thema-04-elektrische stroom Blz. 1. Grootheid Symbool Eenheid symbool Verband tussen eenheden Stroomsterkte I Ampère A 1 C

QUARK_5-Thema-04-elektrische stroom Blz. 1. Grootheid Symbool Eenheid symbool Verband tussen eenheden Stroomsterkte I Ampère A 1 C QUAK_5-Thema-04-elektrische stroom Blz. 1 THEMA 4: elektrische stroom Elektrische stroom Elektrische kring (L Verplaatsing van lading Spanningsbron -> elektrisch veld -> vrije ladingen bewegen volgens

Nadere informatie

In deze proevenserie gaan we kijken wat elektriciteit is en wat je er mee kunt doen.

In deze proevenserie gaan we kijken wat elektriciteit is en wat je er mee kunt doen. In deze proevenserie gaan we kijken wat elektriciteit is en wat je er mee kunt doen. Als je onderdelen van een stroomkring aan elkaar vastmaakt, noem je dit schakelen of aansluiten. Sommige onderdelen

Nadere informatie

6.0 Elektriciteit 1 www.natuurkundecompact.nl

6.0 Elektriciteit 1 www.natuurkundecompact.nl 6.0 Elektriciteit 1 www.natuurkundecompact.nl 6.1 a Stroomkring b Geleiders en isolatoren 6.2 Chemische spanningsbron 6.3 a Schakelingen b Schakelingen (Crocodile) 6.4 a Stroom meten (Crocodile) b Schakelingen

Nadere informatie

4.2 Het instapprobleem Een roodgloeiende metaaldraad onderdompelen in water

4.2 Het instapprobleem Een roodgloeiende metaaldraad onderdompelen in water 4 Elektrische energie 4.1 Introductie Inleiding Het hoofdstuk gaat over het goed en veilig functioneren van elektrische schakelingen en over wetmatigheden die gelden voor elektrische schakelingen. Je hebt

Nadere informatie

UITWERKINGEN EXTRA OPGAVEN SCHAKELINGEN

UITWERKINGEN EXTRA OPGAVEN SCHAKELINGEN UITWERKINGEN EXTRA OPGAVEN SCHAKELINGEN U. Gegevens invullen: 24 0 24-0 4 V 2a R v2 R R 2. invullen gegevens: R v2 3 4 7 28 b R tot R v. invullen gegevens: 7 dus 4 A U U c R R. invullen gegevens: 3 dus

Nadere informatie

Elektrische stroomkring. Student booklet

Elektrische stroomkring. Student booklet Elektrische stroomkring Student booklet Elektrische stroomkring - INDEX - 2006-04-06-17:02 Elektrische stroomkring In deze module wordt uitgelegd wat een elektrische stroomkring is en wat parallel- en

Nadere informatie

Impedantie V I V R R Z R

Impedantie V I V R R Z R Impedantie Impedantie (Z) betekent: wisselstroom-weerstand. De eenheid is (met als gelijkstroom-weerstand) Ohm. De weerstand geeft aan hoe goed de stroom wordt tegengehouden. We kennen de formules I R

Nadere informatie

NASK1 SAMENVATTING ELEKTRICITEIT. Wanneer loopt er stroom? Schakelingen

NASK1 SAMENVATTING ELEKTRICITEIT. Wanneer loopt er stroom? Schakelingen NASK1 SAMENVATTING ELEKTRICITEIT Wanneer loopt er stroom? Elektrische apparaten werken alleen als er een stroom door loopt. Om de stroom te laten lopen is er altijd een spanningsbron nodig. Dat kan een

Nadere informatie

Stroomkringen. opdracht 2

Stroomkringen. opdracht 2 Stroomkringen opdracht 8 Wat ga je doen? Je gaat een aantal stroomkringen maken. HIermee kun je bijvoorbeeld een lamp laten branden of een bel laten rinkelen. Lees eerst goed de opdracht en bekijk de illustratie

Nadere informatie

DEEL 6 Serieschakeling van componenten. 6.1 Doel van de oefening. 6.2 Benodigdheden

DEEL 6 Serieschakeling van componenten. 6.1 Doel van de oefening. 6.2 Benodigdheden Naam: Nr.: Groep: Klas: Datum: DEEL 6 In de vorige oefeningen heb je reeds een A-meter, die een kleine inwendige weerstand bezit, in serie leren schakelen met een gebruiker. Door de schakelstand te veranderen

Nadere informatie

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Fysica: Elektrodynamica. 25 juli 2015 dr. Brenda Casteleyn

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Fysica: Elektrodynamica. 25 juli 2015 dr. Brenda Casteleyn Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts Fysica: Elektrodynamica 25 juli 2015 dr. Brenda Casteleyn Met dank aan: Atheneum van Veurne (http://www.natuurdigitaal.be/geneeskunde/fysica/wiskunde/wiskunde.htm),

Nadere informatie

Stroom uit batterijen

Stroom uit batterijen 00-Spanning WHO S3-HV 24-01-2005 12:01 Pagina 5 2 Stroom uit batterijen Je hebt gezien, dat je eigen gebouwde vruchtbatterij niet veel stroom levert. Zo n batterij past ook slecht in een diskman of MP3-speler...

Nadere informatie

Blad 1. Voor het simulatiespel: 100 gele kaartjes (de energiepunten) 2 A6 met lampsymbool 1 A6 met batterijsymbool. Tijd Totaal 60 minuten.

Blad 1. Voor het simulatiespel: 100 gele kaartjes (de energiepunten) 2 A6 met lampsymbool 1 A6 met batterijsymbool. Tijd Totaal 60 minuten. Les in het kort De leerlingen onderzoeken op welke manieren je twee of meer lampjes op één batterij kunt aansluiten (parallel of serie) en welk effect dat heeft op de felheid van de lampjes. Ze gaan uitproberen

Nadere informatie

Werkblad 1 Serieschakeling gelijke lampjes

Werkblad 1 Serieschakeling gelijke lampjes Werkblad 1 Serieschakeling gelijke lampjes In een serieschakeling gaat de stroom door alle onderdelen. In figuur 1 gaat de stroom eerst door lampje 1, dan door lampje 2, om terug te komen bij de spanningsbron.

Nadere informatie

4.0 Elektriciteit 2 www.natuurkundecompact.nl

4.0 Elektriciteit 2 www.natuurkundecompact.nl 4.0 Elektriciteit 2 www.natuurkundecompact.nl 4. Statische elektriciteit 4.2 Stroom in schakelingen 4.3 Wet van Ohm 4.4 a Weerstand in schakelingen b Weerstand in schakelingen (Crocodile) 4.5 Kilowattuurmeter

Nadere informatie

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Fysica: Elektrodynamica. 4 november Brenda Casteleyn, PhD

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Fysica: Elektrodynamica. 4 november Brenda Casteleyn, PhD Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts Fysica: Elektrodynamica 4 november 2017 Brenda Casteleyn, PhD Met dank aan: Atheneum van Veurne, Leen Goyens (http://users.telenet.be/toelating) 1. Inleiding

Nadere informatie

Practicum elektriciteit VMBO-t, Havo & Atheneum

Practicum elektriciteit VMBO-t, Havo & Atheneum De ampèremeter De elektrische stroom is te vergelijken met de hoeveelheid water die voorbij stroomt. De hoeveelheid water meet je in serie met de waterleiding. Op dezelfde wijze meet je elektrische stroom

Nadere informatie

hoofdstuk 1 Elektriciteit.

hoofdstuk 1 Elektriciteit. hoofdstuk 1 Elektriciteit. 1.1 Lading. Veel toestellen op het laboratorium werken met elektriciteit. De werking van deze toestellen berust op elektrische lading die stroomt. We kennen twee soorten lading:

Nadere informatie

Transistoren. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/77387

Transistoren. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/77387 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Martin Vlaar 14 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/77387 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

INLEIDING. Veel succes

INLEIDING. Veel succes INLEIDING In de eerste hoofdstukken van de cursus meettechnieken verklaren we de oorsprong van elektrische verschijnselen vanuit de bouw van de stof. Zo leer je o.a. wat elektrische stroom en spanning

Nadere informatie

ELEKTRISCHE SCHAKELINGEN HAVO

ELEKTRISCHE SCHAKELINGEN HAVO ELEKTRISCHE SCHAKELINGEN HAVO Foton is een opgavenverzameling voor het nieuwe eindexamenprogramma natuurkunde Foton is gratis te downloaden via natuurkundeuitgelegd.nl/foton Uitwerkingen van alle opgaven

Nadere informatie

Elektriciteit thuis. Extra informatie Elektriciteit, Elektriciteit thuis, www.roelhendriks.eu

Elektriciteit thuis. Extra informatie Elektriciteit, Elektriciteit thuis, www.roelhendriks.eu Elektriciteit thuis Nuldraad, fasedraad In de elektriciteitskabel die je huis binnenkomt, bevinden zich twee draden: de fasedraad en de nuldraad. Zie de onderstaande figuur. De spanning tussen deze draden

Nadere informatie

Parallelschakeling - 2

Parallelschakeling - 2 Parallelschakeling - 2 In de vorige les over de parallelschakeling hebben we gezien dat de spanning in de parallelschakeling overal gelijk is. Verder hebben we deelstromen berekend en opgeteld tot de totale

Nadere informatie

6.1 Afrondingsopdracht Goed en veilig werken van elektrische schakelingen

6.1 Afrondingsopdracht Goed en veilig werken van elektrische schakelingen 6. Afronding hoofdstuk 2 6.1 Afrondingsopdracht Goed en veilig werken van elektrische schakelingen Inleiding Bij de introductie van dit hoofdstuk heb je je georiënteerd op het onderwerp van dit hoofdstuk

Nadere informatie

3.2 Instapprobleem met demonstratie Schakelingen van drie lampjes

3.2 Instapprobleem met demonstratie Schakelingen van drie lampjes 3 Serie- en parallelschakeling 3.1 Introductie Inleiding In de vorige paragraaf heb je je beziggehouden met de elektrische huisinstallatie en de veiligheidsmaatregelen die daarvoor van belang zijn. Behalve

Nadere informatie

Lees eerst bij Uitleg leerlingen, proef 1 alles over de onderdelen van de elektrische kringloop. stroomkring 1 stroomkring 2

Lees eerst bij Uitleg leerlingen, proef 1 alles over de onderdelen van de elektrische kringloop. stroomkring 1 stroomkring 2 Lees eerst bij Uitleg leerlingen, proef 1 alles over de onderdelen van de elektrische kringloop. Bekijk de twee stroomkringen op de foto s hieronder. stroomkring 1 stroomkring 2 Noem voor beide stroomkringen

Nadere informatie

Diktaat Spanning en Stroom

Diktaat Spanning en Stroom Diktaat Spanning en Stroom hoofdstuk 1 Elektriciteit. 1.1 Lading. Veel toestellen op het laboratorium werken met elektriciteit. De werking van deze toestellen berust op elektrische lading die stroomt.

Nadere informatie

inkijkexemplaar Energie voor de lamp Techniek 1

inkijkexemplaar Energie voor de lamp Techniek 1 Nota s: Energie voor de lamp 1. Probleemstelling 50 2. Transport van elektriciteit in een kring 50 2.1. Wat is een elektrische stroomkring? 50 2.2. Stromen van water - stromen van elektriciteit 51 2.3.

Nadere informatie

Werkboek elektra klas 2

Werkboek elektra klas 2 Werkboek elektra klas 2 Duur 5 lessen inclusief toets 1 Inhoudsopgave blz. Stekker en lamp aansluiten 3 Stroom en spanning meten 7 Vermogen en Energie P = U x I & E = P x t 14 2 Les stekker en lamp aansluiten

Nadere informatie

Basis Elektriciteit R = U/I. Gelijkstroom (Direct Current) Batterij of zonnecel; de elektronen stromen allemaal in 1 richting.

Basis Elektriciteit R = U/I. Gelijkstroom (Direct Current) Batterij of zonnecel; de elektronen stromen allemaal in 1 richting. Basis Elektriciteit Gelijkstroom (Direct Current) Wisselstroom (Alternating Current) Gesloten stroomkring (Closed circuit) DC AC Batterij of zonnecel; de elektronen stromen allemaal in 1 richting. Lichtnet;

Nadere informatie