maart Piloot slimme meters Eindrapport Eandis / Infrax

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "maart Piloot slimme meters Eindrapport Eandis / Infrax"

Transcriptie

1 maart 2014 Piloot slimme meters Eindrapport Eandis / Infrax

2 Inhoudsopgave 0 Management Summary Doelstellingen Piloot Materialen en systemen Slimme meter componenten Slimme meter communicatie Slimme meter systemen Operationele opvolging Business Processen Uitrol op het terrein Reactie klanten Realisaties project Infrax Eandis Besluit 12 1 Inleiding Context Piloot project Slimme Meters Europese regelgeving Economische context Standaardisatie De consument en privacy Het Europees economisch assessment en de kosten-batenanalyse Besluit 18 3 Voorstelling tweede onderzoeksproject of Piloot Doelstellingen Piloot Conceptuele aanpassingen Infrax concept Algemeen Architectuur End-to-End technisch concept Conceptuele aanpassingen Eandis concept Algemeen Gebruik modem klant Onderzoek noodzakelijkheid filters Architectuur End-to-End technisch concept Interoperabiliteit en standaardisatie Granulariteit uitleesfrequentie push mode vs. pull mode Privacy en security Privacy en databeveiliging Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 2

3 3.6.2 Security concept Multi disciplines Kwaliteit van het net ( Power Quality ) Gebruikerspoort Optimalisatie installatiemethode Planning Besluit 29 4 Evaluatie van de technische oplossing Evaluatie van de technische oplossing van Infrax Inleiding Materialen/Componenten Communicatie in appartementen Systemen Tijdslijn Evaluatie van de technische oplossing van Eandis Inleiding Materialen/Componenten Systemen Tijdslijn Besluit 87 5 Evaluatie impact op bedrijfsprocessen Doelstellingen van de piloot High Level eisen Positie project business processen Specifieke uitgangspunten per aandachtgebied 90 6 Evaluatie plaatsing van Slimme Meters Evaluatie plaatsing op Infrax gebied Doelstelling en aanpak Selectie piloot gebieden Bezoek gemeentebesturen Informatie naar klanten Voorbezoek Eventuele voorbereidende werkzaamheden Plaatsen van slimme meter Activeren van slimme meter Resultaten van de uitrol Verbruiksfeedback naar klanten Slimme meters in appartementen Slimme meters in de cabines Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 3

4 Koppelen slimme watermeters Koppelen slimme PV-meters Resources Evaluatie plaatsing op Eandis gebied Voorbereiding Resources Uitrolprocessen Installatietechniek Juridische aspecten Communicatie Resultaten van de uitrol Besluit Klantencommunicatie Voorbezoek Voorbereiding uitrol Technische oplossing Sucessen Oude woningen Interne organisatie Afbakening van de gebieden Energie efficiëntie onderzoek Studie energie efficiëntie POC jaar Studie energie efficiëntie Piloot Marktonderzoek als voorbereiding Planning Het Privacy aspect Situering Technische beveiliging van gegevens Overleg via het Beleidsplatform van de VREG Privacy in het piloot project Privacy Impact Assessment Algemeen De verschillende domeinen Besluit Standaardisatie Het Mandaat Companion standaard Use cases Privacy, knelpunten en security 149 Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 4

5 9.5 Samenwerking met het Mandaat Volgende stappen in standaardisatie Lijst met afkortingen Referentielijst Lijst figuren Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 5

6 0 Management Summary 0.1 Doelstellingen Piloot In de periode hebben de DNB s een eerste onderzoeksproject (de zogenaamde POC Proof of Concept) uitgevoerd met slimme meters. Er werden toen 4750 slimme elektriciteits- en gasmeters geplaatst bij 2800 klanten. De hoofdbedoeling hiervan was na te gaan of het technisch concept werkte op het terrein. Na positieve evaluatie van de POC, werd in de loop van 2010 beslist om over te gaan tot een veel ruimer onderzoeksproject (de piloot). De ambitie was om slimme meters te installeren verspreid over het ganse werkingsgebied. Hierbij ging het om veel meer dan POC x 10. Bijkomende doelstellingen ten opzichte van de POC waren ondermeer: Organisatie voorbereiden op de verdere uitrol (gesegmenteerd of op grotere schaal). Alle DNB s dienden kennis en ervaring met slimme meters te kunnen opdoen. Het opzetten van een controlekamer van waaruit het slimme meter platform kan worden beheerd. Maturiteit toegepaste technieken en systemen verder uittesten. Naast communicatie via het telecomdistributienetwerk (kabel, DSL), moet een respectabel aantal adressen via een ander medium communiceren (hiervoor werd GPRS gekozen). Opzetten procesmanagement voor de uitrolprocessen, interne processen en nieuwe processen slimme meters. Alle interne processen dienen slimme meter compliant te zijn. Systemen klaarzetten voor het testen van nieuwe marktprocessen. Nieuwe slimme meter systemen moeten geïntegreerd worden in het ICT landschap; de bestaande applicaties moeten ook slimme meter compliant zijn. Valideren van de assumpties van de gevraagde kosten-batenanalyse. Met de EU Richtlijnen van het derde energiepakket en met de interpretaties en adviezen van de Europese Commissie werd het duidelijk dat voor de Piloot bijzondere aandacht moest uitgaan naar: Verlagen investeringskost door standaardisatie (EU Mandaat 441) en interoperabiliteit van meerdere meters in eenzelfde activiteit. Componenten moeten van verschillende leveranciers komen om vendor lock-in te vermijden; Bescherming in de verwerking van persoonsgegevens (privacy); Veiligheid van persoonsgegevens (security). De communicatie diende op een beveiligde manier te verlopen; De Europese functionaliteiten: de minimale lijst werd opgesteld. Zoals bij de POC, dienden de slimme meters van de piloot eveneens elk kwartier (elektriciteit) en elk uur (gas) meetgegevens te communiceren; ze moeten ook in staat zijn instructies van op afstand correct te verwerken (bi-directioneel); Het toelaten van meters van meerdere disciplines zoals elektriciteit-, gas-, water- en productiemeter. De finaliteit van de piloot was tweeërlei: Voldoende kennis en ervaring opdoen zodat op een onderbouwde wijze adviezen kunnen worden geformuleerd naar de Vlaamse Overheid Voldoende kennis en ervaring opdoen binnen alle onderdelen zodat de organisatie klaar is voor elke beslissing die de Vlaamse Overheid zou kunnen nemen ten aanzien van een grootschalige uitrol van slimme meters. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 6

7 0.2 Materialen en systemen Slimme meter componenten Infrax Infrax heeft gekozen voor een bestaande standaard, met name voor de Nederlandse standard DSMR 4.0 (Dutch Smart Metering Requirements). Deze standaard gaat ondermeer uit van een modulaire communicatiemodule die geïntegreerd is in de slimme elektriciteitsmeter. Afhankelijk van het communicatiemedium zijn 2 types modules mogelijk: Ethernet-module GPRS-module Gasmeters en andere type meters (water, productie, ) zijn eveneens gekoppeld met deze communicatiemodule. Dit kan zowel bedraad als draadloos. De communicatiemodule (CoMo) leest de elektriciteitsmeter (elke 15 minuten) en de gasmeter (elk uur) uit. Het Centrale Systeem haalt vervolgens deze info op uit de communicatiemodule. Bij de start was er maar één leverancier van slimme elektriciteitsmeters en 2 van gasmeters die deze standaard hadden geïmplementeerd (van de gegunde leveranciers). We hebben daarom alleen met hen samengewerkt. Wel hebben deze leveranciers aanpassingen moeten doorvoeren om rekening te houden met de specifieke Vlaamse regelgeving (vb budgetmeter functionaliteiten). Ondermeer door deze specifieke regelgeving, zijn er heel wat iteraties nodig geweest alvorens de meters voldoende matuur waren om uitgerold te worden. In de meterkast komen meerdere componenten terecht (in een klein volume). Voor een grootschalige uitrol moeten we daarom maximaal kiezen voor compacte DIN-rail monteerbare componenten Eandis Binnen het programma Slimme meters van Eandis stond de afdeling Engineering in voor de realisatie van de technische slimmemeterinfrastructuur. In de piloot werd voortgebouwd op de technische knowhow verworven tijdens de PoC (Proof of Concept), waarbij slimme meters werden geplaatst in Leest en Hombeek. Voor de piloot werd resoluut de kaart getrokken van een systeem dat kan werken met meerdere nutsvoorzieningen. Daarbij loopt de gegevenscommunicatie via een slimme communicatiemodule (SCM), die losstaat van de meters zelf. Een dergelijke module is zeer toekomstgericht omdat ze verschillende types meters (elektriciteit, gas, water, warmte ) en meters van verschillende leveranciers (interoperabiliteit) kan ondersteunen. De technische oplossing uit de PoC kreeg daardoor veel meer flexibiliteit. Technisch is er voor gezorgd dat de plaatsing van bijna meters en alle filtervarianten zo efficiënt én veilig mogelijk kon gebeuren, zowel in elektriciteitscabines als bij de netgebruikers. Alle schakels van de slimme meter ketting werden opgeleverd: slimme meters voor elektriciteit slimme meters voor gas een slimme communicatiemodule een totaal nieuwe meterkastopstelling, waarin alle componenten werden geïntegreerd. De kast is bovendien zeer eenvoudig plug and play monteerbaar en uiteraard veilig voor zowel installateur als eindgebruiker. Voor alle mogelijke varianten (monofasig of driefasig; driedraads- of vierdraadsnet; beperkte inbouwmogelijkheid; UNT-opstelling) werd een samenbouw uitgewerkt op basis van de nieuwe ontwerpen. specifieke filtermodules voor elektriciteitscabines Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 7

8 specifieke filtermodules en moffen voor bestaande budgetmeters, openbare verlichting en ongemeten punten Slimme meter communicatie Infrax Infrax gaat uit van een één-op-één communicatie tussen de meterinstallatie bij de klant en de centrale systemen. Globaal gesproken beperkt dit de complexiteit van de communicatie maar verhoogt het de kostprijs. Er werden belangrijke investeringen gedaan om de communicatie end-to-end te beveiligen opdat hackers geen toegang zouden kunnen krijgen tot de gegevens. Infrax is één van de enige netbeheerders in Europa die via kabeldistributie een één-op-één communicatie realiseert. Daarom diende onze versie van de communicatiemodule een ethernet uitgang te hebben. Bovendien noodzaakt deze oplossing bijkomende componenten zoals een kabelmodem, een signaal splitter en een versterker. Standaard versies van de eerste twee componenten zijn beschikbaar, voor de versterker diende een specifieke oplossing te worden gebouwd. Naar de toekomst gezien is het raadzaam te zoeken naar compactere, robuuste varianten van deze componenten die idealiter dezelfde levensduur hebben als de slimme meters zelf (15 jaar). DSMR4.0 gaat uit van GPRS-communicatie. Deze techniek was hierdoor snel rijp voor uitrol. De eerste globale resultaten voor communicatie via kabel en GPRS samen geven beloftevolle bereikbaarheidscijfers. Toch is het nog wat vroeg om een definitieve conclusie te trekken omtrent de operationele bereikbaarheid van beide concepten Eandis Door de waaier aan communicatiemogelijkheden van de slimme communicatiemodule, worden verschillende communicatietechnologieën met elkaar vergeleken. Dat is belangrijk voor een toekomstige uitrol van slimme meters. Loopt de communicatie dan best via een kabel of draadloos? Gebruiken we de modems van de klant, al dan niet met WiFi, of eigen Eandis-modems? Is GPRS (GSM-verbinding voor gegevens) combineerbaar met PLC (power line communicatie)? Tijdens de PoC werd de invloed van filters nagegaan op het communicatienetwerk. In de piloot werd dat concept verder uitgewerkt. Een optimalisatie van de filters zorgde voor een belangrijke verlaging van de kosten. Diezelfde filters worden vandaag trouwens getest of gebruikt door verschillende Europese netbeheerders (waaronder Iberdrola Spanje, Enel Italië, ERDF Frankrijk, ) om problemen op te lossen in hun PLC-communicatienetwerk Slimme meter systemen Slimme meters vereisen specifieke systemen. Daarom werden twee volledig nieuwe systemen aangekocht en geïntegreerd in het ICT-landschap van de DNB s. Het gaat om: AMM: een systeem dat de bi-directionele communicatie verzorgt met de meters MDM: een systeem dat in staat voor het borgen en verwerken van meetgegevens en van alarmen en events Deze systemen werden aangekocht na een grondig uitgevoerd aankooptraject en bleken daaruit als beste opties naar voor te komen. Toch kostte het heel wat energie om deze systemen: aan te passen zodat ze conform waren met de Vlaamse regelgeving aan te passen aan de gewijzigde inzichten/concepten aan te passen aan de vooropgestelde beveilingsvoorschriften te integreren in het applicatief ICT-landschap van de DNB s Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 8

9 Tijdens de operationele werking is bovendien gebleken dat beide systemen: niet voldoende stabiel draaien, zeker niet de eerste maanden (voor het AMM duurde deze periode aanzienlijk langer dan voor het MDM) moeite hebben met grote volumes, vooral indien er na een probleem historische volumes moeten ingehaald worden (vooral voor AMM) verdere inspanningen moeten leveren om de gebruiksvriendelijkheid te verbeteren (vooral voor MDM) Anderzijds werd vastgesteld dat deze systemen gebruik maken van de gekende state-of-the-art (systeem)software componenten waardoor deze makkelijker in de bestaande infrastructuur kunnen worden ingepast Operationele opvolging Infrax Daarnaast heeft Infrax gebruik gemaakt van reeds bestaande monitoring systemen om de slimme meter kabelmodems op te volgen. De GPRS-communicatie werd opgevolgd via de tool die de service provider daarvoor ter beschikking heeft gesteld. De operationele opvolging werd uitgevoerd door het Network Operating Center (de zogenaamde controlekamer ). Dit team is ondermeer verantwoordelijk voor volgende activiteiten: Opvolgen en beheren plaatsingen en vervangingen slimme meters Opvolgen en beheren bereikbaarheid van slimme meters Opvolgen en beheren GPRS connecties Opmaken en opvolgen van storingsorders Uitvoeren van firmware upgrades In de toekomst moet een geïntegreerd monitoring systeem beschikbaar zijn voor het ganse slimme meter landschap waarmee alle gebruikte communicatiemedia via éénzelfde toepassing gemonitored kunnen worden Eandis Tegelijk met de ontwikkeling van de slimme componenten, werd ook een aanzet gegeven voor de operationele opvolging van het communicatienetwerk: Het MOC (Meter Operations Center) werd operationeel uitgebouwd op basis van ITIL - processen (Information Technology Infrastructure Library). Voor de opvolging van het communicatienetwerk maakt het MOC gebruik van een nieuwe applicatie, namelijk SMT (Smart Metering Tools). De SMT centraliseren data uit verschillende systemen. Daardoor ontstaat er enerzijds een datawarehouse om technische data-analyses uit te voeren en anderzijds een geografische visualisatietool die het distributienetwerk met al zijn componenten grafisch voorstelt. Daarnaast gebruikt het MOC nog een ticketing-tool en een knowledge-database. Er werd een team nettechnici Meterdatacommunicatie opgeleid voor analyse en probleemopvolging van alle slimme componenten, via gespecialiseerde tools. Hun kennis en inzetbaarheid boden een zeer grote meerwaarde tijdens de uitrol, maar ook nadien om bepaalde onderzoeken te ondersteunen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 9

10 0.3 Business Processen De opdracht voor de piloot bestond er ondermeer in om alle betrokken processen slimme meter compliant te maken. Hiertoe werden al deze processen onder de loop genomen en aangepast voor slimme meters. De ondersteunende applicaties werden hierop gealigneerd. Daarnaast werden specifieke processen uitgewerkt die als doel hadden de uitrol op zich efficiënt en gecontroleerd te laten verlopen. Deze uitrol processen hebben ruimschoots de meeste inspanningen gevraagd en werden veelvuldig toegepast tijdens de piloot uitrol. Deze processen werden vooral vanuit SAP ondersteund. Beide groepen processen werden uitgewerkt en geïmplementeerd in de organisatie. Hun werking was voldoende om de piloot aantallen aan te kunnen. Toch is duidelijk dat vele van deze processen verder verfijnd moeten worden (een aantal zal zelfs grondig herwerkt moeten worden) opdat ze nog efficiënter zouden kunnen gebruikt worden tijdens en na de grootschalige uitrol. Hierdoor zullen nog heel wat aanpassingen aan de verschillende applicaties noodzakelijk zijn. 0.4 Uitrol op het terrein De werkzaamheden op het terrein verliepen in verschillende stappen: eerst was er het voorbezoek (met uitzondering van nieuwbouw), enkele maanden later volgden de voorbereidingen (waaronder saneringen) en tenslotte werd de klassieke meter vervangen door een slimme meter. Tijdens de piloot werden deze stappen los van elkaar uitgevoerd, voor de grootschalige uitrol is het aangewezen om al deze stappen bij voorkeur tegelijkertijd uit te voeren. Zowel de voorbereidingen als de plaatsingen werden meestal door aannemers uitgevoerd, maar ook eigen personeel heeft deelgenomen aan de installaties. Alle installateurs namen ook contact met de klanten om afspraken vast te leggen. Wel dienden ze de gemaakte afspraken in het SAP-systeem te registreren voor verdere afhandeling door de toezichters, de front- en back-office medewerkers. De technici van Infrax dienden de communicatie onmiddellijk na plaatsing te activeren. Ze kregen de opdracht om de woning pas te verlaten als van op afstand de meetgegevens konden uitgelezen worden. Deze richtlijn werd zeer goed opgevolgd en moet in de toekomst zeker behouden worden. Voor Eandis werd een traject opgestart om nieuwe aannemers en hoog opgeleide technici aan te trekken voor de installatie van slimme meters. De achterliggende doelstelling was tweeërlei: aantonen dat ook andere aannemersbedrijven (op korte termijn) kunnen worden ingeschakeld voor werken aan aansluitingen. Dat is belangrijk met het oog op een grote of veralgemeende uitrol, waarbij de bestaande aannemerscapaciteit uitgebreid moet worden aantonen dat het mogelijk is om installateurs na een korte en doorgedreven opleiding, mits een goede selectie (opleidingsniveau, ervaring en ingangsproef), in te schakelen voor welomschreven werken aan de aansluiting. Omwille van het PLC-concept van Eandis werd niet gewacht op het tot stand komen van de communicatieverbinding: het master-slave concept wordt automatisch gegenereerd. In samenwerking met enkele watermaatschappijen werden door Infrax en Eandis slimme watermeters gekoppeld aan het slimme meter platform. De plaatsing gebeurde door twee technici, één van de netbeheerder en één van de watermaatschappij. De uitgelezen meterstanden werden doorgestuurd naar de watermaatschappijen. 0.5 Reactie klanten Heel wat acties werden ondernomen om klanten bij het piloot project te betrekken. Zo werden infoavonden georganiseerd in alle pilootgebieden. Klanten konden ook terecht met vragen bij het Klanten Contact Center of De Stroomlijn via een gratis nummer. Ook de website bevatte heel wat info omtrent slimme meters. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 10

11 Over het algemeen was er echter weinig interesse van klanten in het piloot project. De aanwezigheid op info-avonden was erg matig (10 à 15%). Weinig klanten stelden telefonische vragen of contacteerden onze klantenkantoren. Een steekproef van klanten werd na de installatie van de slimme meter gevraagd naar hun ervaring. De resultaten waren zeer positief over de hele lijn, van het maken van de afspraak tot de uitvoering. De tevredenheid in verband met de afspraak, de informatie van de werken en de kwaliteit van de plaatsing en de orde van de werkplek bedraagt 96%. De tevredenheid over de uitleg over de werking van de slimme meter en de brochure van de slimme meter bedraagt 83%. Het lijkt dus aangewezen om de technicus nog extra te coachen op het vlak van communicatie met de klant en het verstrekken van informatie over de werking van de meters. In een vervolgtraject zal hier nog extra aandacht aan besteed worden. Voor Infrax kunnen sinds enkele maanden klanten beschikken over detailgegevens van hun verbruik (hetzij via website, hetzij via papier). Weinig klanten raadplegen deze en nog minder doen dat meermaals. We zullen verder moeten analyseren hoe dit kanaal technisch en inhoudelijk verbeterd kan worden. Eandis heeft de web portal, die eveneens de detailgegevens van het klantenverbruik ter beschikking stelt via de website, uitgetest met enkele klanten. De uitrol van deze web portal is voorzien na de post-implementatieperiode van de Piloot. Klanten uit de piloot gebieden hadden de mogelijkheid om gratis van tarieftype te veranderen, dat diende dan wel te gebeuren tijdens de plaatsing. Heel wat klanten (15%) gingen hierop in. In de toekomst zouden vergelijkbare incentives bepaald kunnen worden om klanten wat actiever te betrekken. Ook de lokale besturen van de pilootgebieden werden geïnformeerd. Deze besturen wilden duidelijk geïnformeerd worden omtrent wat, wanneer en bij welke inwoners slimme meters zouden worden geplaatst. Na de informatieronde ter kennisgeving van het project, werden nauwelijks vragen ontvangen van lokale besturen. Hieruit kunnen we afleiden dat de klanten evenmin naar hun mandatarissen stapten met vragen omtrent slimme meters. 0.6 Realisaties project Infrax Vanaf de beginfase van de piloot, werden de zogenaamde gemengde gebieden buiten de scope van het project gehouden ( gemengde gebieden zijn gebieden waar Infrax één discipline verzorgt en Eandis de andere). Hierdoor werd de scope beperkt tot 8934 meters. Per waren 6910 meters geïnstalleerd op adressen die als volgt kunnen worden ingedeeld: 4315 (62%) slimme elektriciteitsmeters en 2595 (38%) slimme gasmeters 3157 (73%) adressen communiceren via het kabeldistributienetwerk en 1158 (27%) via GPRS 2315 (89%) slimme gasmeters zijn bedraad verbonden met hun slimme elektriciteitsmeter en 280 (11%) draadloos Daarnaast konden een aantal meters nog niet worden vervangen: 749 meters konden niet worden vervangen omdat de klant de slimme meter weigerde 962 meters kunnen momenteel nog niet worden vervangen omdat de technische oplossing hiervoor nog moet uitgewerkt worden (vb budgetmeters) 313 meters konden tot dusver nog niet vervangen worden voornamelijk omdat de betreffende klanten tot dusver nog niet bereikt konden worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 11

12 0.6.2 Eandis De scope van de uitrol werd begin 2012 definitief vastgelegd: de vervanging van klassieke meters door slimme meters: o door verschillende renovaties van gebouwen in de pilootgebieden konden ongeveer 1500 meters niet vervangen worden; de aanpassing van 212 cabines en de plaatsing van slimme meters op de vertrekpunten van de laagspanningskabels; de filtering van de lichtpunten en andere ongemeten netgebruikers. Bij de afsluiting van de uitrol, einde november 2013, was de eindstand als volgt: slimme meters werden geplaatst 894 budgetmeters kregen een filter 748 klanten weigerden de plaatsing van de slimme meters, waardoor 1518 meters niet geplaatst konden worden Dit maakt dat er nog 1501 opdrachten open bleven staan. Meestal omwille van afwezigheid, van leegstand, nakende afbraak of in opbouw of renovatie. Rekening houdend met de weigeraars, werden aldus 96% van de vooropgestelde opdrachten uitgevoerd en in meer dan 90% van de gevallen na het eerste bezoek. Het ganse traject van installatie heeft in totaal 6 maanden geduurd. Er was wel een onderbreking door het verlof Momenteel is de post-implementatieperiode volop bezig. Door de firmware upgrade van de meters en communicatiemodule en de software upgrade van de applicaties uit de slimme meter ketting worden de bugs weggewerkt zodat de objectieven van bereikbaarheid zullen gehaald worden. Zodoende wordt dan ook aangetoond dat de firmware upgrade vanop afstand een haalbare functionaliteit is. 0.7 Besluit De installatie van de slimme meter is quasi afgerond en heeft aan de netbeheerders voldoende ervaringen meegegeven om over te gaan tot een verdere uitrol zoals: het nut van het voorbezoek; een meer doorgedreven voorbereidende fase; een robuuste technische oplossing; een zeer doordachte organisatie van de uitrol; een zeer bewuste klantencommunicatie. Mits aanpassing van deze uitrolelementen in functie van de ervaringen kan een verdere uitrol met vertrouwen uitgewerkt worden. De grootste problematiek is duidelijk de kwaliteit van de firmware van de materialen en de software van de systemen. De vele bugs in de diverse nieuw ontworpen firm- en softwares hebben zowel de uitrolresultaten als de uiteindelijke bereikbaarheidsresultaten ten zeerste beïnvloed. Een postimplementatieperiode is dan ook noodzakelijk om deze fouten op te lossen en de objectieven te behalen. Voor een verdere uitrol moet zeker rekening gehouden worden met de organisatie van een veldtest en moet de installatie opstart zeker beginnen met een trage uitrol zodat de stabiliteit van de ganse slimme ketting gegarandeerd kan worden. De communicatie naar de klanten toe dient meer uitgebreid te worden om hun betrokkenheid en hun aanvaarding van de slimme meter te maximaliseren. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 12

13 In de volgende stappen, na de postimplementatieperiode, zullen de transacties en processen vanop afstand verder uitgetest worden zodat de slimme meter processen naar de toekomst toe kunnen geïmplementeerd worden. Met de vele ervaringen en de evoluties binnen de slimme meter wereld kunnen de noodzakelijke voorbereidingen getroffen worden zodat de voorbereidende werkzaamheden kunnen opgestart worden bij een beslissing van de Vlaamse Overheid in verband met het verder installeren van de slimme meter. Vanwege de problematiek omtrent het bug-vrij krijgen van de end-to-end slimme meter ketting en de vereiste doorlooptijd van de aankoopdossiers, moet de Vlaamse Overheid er wel rekening mee houden dat de "trage uitrol" pas van start kan gaan minimaal 27 maanden nadat de volledige regelgeving voor slimme meters beschikbaar is. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 13

14 1 Inleiding Eind 2010 werd de eerste proef van het concept Slimme Meters positief geëvalueerd en hebben de Raden van Bestuur van de distributienetbeheerders het licht op groen gezet voor de uitrol van de Piloot als volgende stap in het plan van de Slimme Meters. De doelstelling van de eerste proef was de technische evaluatie van het concept dat een snelle communicatie tussen de meters en een centraal systeem mogelijk maakt. De doelstellingen van de Piloot beogen niet alleen de technische kant maar ook de organisatie, de processen en de financiële kant van een al dan niet grootschalige uitrol. Ook de hogere eisen gesteld aan de Slimme Meters door de verschillende processen en ervaringen maken dat de Pilootvoorwaarden meerdere aanpassingen aan het concept noodzaakten. Zowel de technologie als de processen eigen aan de slimme meter, als de organisatie van de uitrol, zijn onderdelen van de Piloot Slimme Meters die resulteren in kennis en ervaring nodig voor de verdere stappen in het plan van de Slimme Meters. In hoofdstuk 2 wordt de evolutie meegegeven van de context in het domein van de slimme meters van 2010 tot In hoofdstuk 3 wordt de Piloot voorgesteld als antwoord op de evolutie van de functionaliteiten en de vereisten van een slimme meter systeem. In hoofdstuk 4 wordt de technische verwezenlijking van de Piloot geëvalueerd. In hoofdstuk 5 worden de bedrijfsprocessen nodig voor de implementatie van de slimme meters geëvalueerd. In hoofdstuk 6 wordt de uitrol zelf van de pilootmeters eveneens geëvalueerd. In de 3 volgende hoofdstukken wordt meer uitleg gegeven over respectievelijk: Het energie efficiëntie onderzoek van de Piloot; Het privacy-aspect en het vereiste assessment; De standaardisatie als noodzakelijk element voor de interoperabiliteit. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 14

15 2 Context Piloot project Slimme Meters 2.1 Europese regelgeving Zoals meegegeven in het eindrapport van de Proof of Concept (POC) werden begin 2010 de Europese Richtlijnen van het derde energiepakket goedgekeurd. De Europese Commissie hield eraan om meer uitleg te geven in een interpretatieve nota op deze richtlijnen. In de aanbevelingen van de Europese Commissie van 9 maart 2012 betreffende de voorbereiding van de uitrol van het Slimme Metersysteem worden volgende onderwerpen meer naar voor gebracht: het economisch assessment voor september 2012; beveiliging van persoonsgegevens en het data privacy impact assessment (DPIA) met in het bijzonder de gegevensbescherming door ontwerp (privacy by design). We verwijzen in dit verband ook naar het VREG-rapport 1 (privacy van de slimme meter) van 6 december 2011; de slimme meter als noodzakelijk element voor slimme netten; het mogelijk maken door de slimme meter van nieuwe verbruikssturingen die in functie van het aantal hernieuwbare energiebronnen meer en meer belangrijk worden: o het beheren van de vraag naar energie (demand response) o dynamische prijszettingen in functie van de tijd (dynamic pricing) o een groter aantal tariefperiodes (time of use pricing) de introductie van slimme toestellen die de gegevens van de slimme meter gebruiken om de factuur van de eindgebruiker minimaal te maken. In dezelfde aanbevelingen heeft de Europese Commissie ook een minimum aantal functionaliteiten gedefinieerd van de slimme meter. In figuur 1 worden de 10 functionaliteiten per domein weergegeven. Consument Metering operator Commercieel aspect van levering Directe meteruitlezing voorzien voor consument en/of welke derde partij ook De meteruitlezing frequent genoeg updaten zodat energie efficiëntie schema s kunnen gebruikt worden Toestaan van uitlezingen op afstand door de operator Voorzien van tweewegcommunicatie voor onderhoud & controle Toestaan van voldoende frequente uitlezingen voor gebruik in netwerkplanning Ondersteunen geavanceerd tariefsysteem Toestaan van AAN/AF controle van lezing vanop afstand en/of stroom of vermogensbeperking Security- en databeveiliging Voorzien van veilige datacommunicatie Preventie en detectie van fraude Decentrale productie Voorzien van metingen voor import / export en reactieve metingen Figuur 1. gemeenschappelijke minimale functionaliteiten 1 VREG RAPP met betrekking tot privacy en de slimme meter Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 15

16 We verwijzen in dit verband naar het VREG-rapport 2 over de functionaliteiten slimme meters dat ook rekening hield met de Guidelines of Good Practice en reguleringsaspecten van slimme meters Elektriciteit en Gas. In 2012 werden gesprekken gevoerd in verband met de voorstellen van de Richtlijn 2012/27 van 25 oktober Deze richtlijn vormt de basis voor de beslissingen over de verdere uitrol van de slimme meters. Deze richtlijn heeft geen impact gehad op de Piloot slimme meters. 2.2 Economische context Vanaf de start van de Piloot medio 2010 tot op heden heeft de economische crisis een zware impact gehad op de inzichten en de noodzaak van de slimme meter. In het eindrapport van de POC werden de slimme meters noodzakelijk geacht door: de snelle groei van het aantal zonnepanelen op woon- en bedrijfsruimten; een grotere keuze voor warmtepompen; de voorziene groei van het aantal elektrische voertuigen. Deze tendensen hebben zich niet verder gezet gedurende de Piloot en we kunnen algemeen aannemen dat de verschuivingen van deze tendensen minstens 5 jaar bedragen. De economische crisis is uiteraard geen goede voedingsbodem voor de grote investeringen van de slimme meter. 2.3 Standaardisatie Om klantenbetrokkenheid en interoperabiliteit te verbeteren heeft de Europese Commissie in 2009 het M441 Mandaat opgestart. Dit mandaat stelt de vraag aan de Europese standaardisatie organismen CEN, CENELEC en ETSI om hun bestaande standaarden te evalueren en aan te passen of uit te breiden waar nodig, om interoperabiliteit te realiseren. Onder Mandaat 441 is ondertussen een ganse waaier van standaarden uitgewerkt of in uitwerking voor het slimme meter communicatienetwerk. Elk land of industriële lobby heeft hierin als het ware zijn oplossing gestandaardiseerd. De enige consensus onder al deze partijen is een uniform datamodel voor de elektriciteitsmeter, zijnde Cosem. Enerzijds is de communicatietechnologie nog in volle evolutie, waardoor ook de mogelijkheden continu veranderen. Anderzijds is standaardisatie zeer moeilijk te realiseren, want elk land of distributienetbeheerder heeft zijn eigen invalshoek en/of specifieke vereisten opgelegd door de lokale wetgeving. In België zijn dit bijvoorbeeld budgetmeters en het multi-meters gegeven. Aangezien de Piloot gestart is midden 2010 en het Mandaat 441 nog volop in ontwikkeling was waren de slimme meters op de markt niet gestandaardiseerd met als gevolg: alle meters moesten worden aangepast om nog niet goedgekeurde standaarden te implementeren; de interpretatie van de standaarden was verschillend per leverancier; de communicatie tussen de meters, de communicatiemodule en de systemen moest vanaf nul opgebouwd worden. Als datamodel is er een standaardisatie terug te vinden door het gebruik van DLMS/COSEM als preferentieel model. Jammer genoeg laat DLMS nog zoveel vrijheid aan de leveranciers, dat verschillende OBIS-codes voor dezelfde functionaliteiten gebruikt mogen worden. Daardoor zijn er door grote distributienetbeheerders of industriële organisaties companion standaarden uitgewerkt 2 VREG RAPP met betrekking tot de functionaliteiten van slimme meters Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 16

17 om de specificaties verder te verfijnen. Zo hebben de Nederlandse distributienetbeheerders de DSMR-specificaties opgesteld (Dutch Smart Meter Requirements). Zo ook werden in de UK de SMETS, in Duitsland de OMS en in Frankrijk de IDIS opgesteld. Het is onontbeerlijk dat voor de verdere uitrol van Slimme Meters een verdere doorgedreven specificatie noodzakelijk is. Hiervoor moet men zoveel mogelijk de bestaande standaarden gebruiken. Waar standaardisatie (nog) niet beschikbaar is en voor de specifieke vereisten, opgelegd door wetgeving of voor specifieke functionaliteiten, is het noodzakelijk dat dit gedetailleerd uitgewerkt wordt. 2.4 De consument en privacy Naarmate de Piloot vorderde, groeide in Europa het besef dat de acceptatie van de slimme meter door de gebruiker van cruciaal belang was. De doelstelling van Europa was van iedere gebruiker een actieve beheerder te maken van zijn eigen energieverbruik ten voordele van de kostprijs van dat energieverbruik. Zoals we ook gezien hebben in de segmentering van de studie Energie Efficiëntie van de POC zijn slechts een kleine 20% van de bevolking dergelijke actieve beheerders. Een zware inspanning moet dan ook geleverd worden om het potentieel van 80% van de verbruikers ook actief te maken. Het inzicht is er ook gekomen dat gebruikers veel belang hechten aan autonomie. De gebruikers willen zelf kiezen om mee te stappen in de nieuwe tendensen van de demand response, time of use pricing, dynamic pricing, De eerste gedachte binnen Europa om de globale uitrol op te leggen is duidelijk geëvolueerd door de discussie (hoofdzakelijk in Nederland) over de privacy, de security en de grieven van de consumenten naar een uitrol op kleinere schaal of een uitrol van segmenten met een duidelijke positieve kosten-batenanalyse. Deze tragere start zal de consument de tijd geven om meer inzichten te verwerven in de globale energieproblematiek en om zich bewust te worden van de noodzaak van een slimme meterinfrastructuur indien bepaalde evoluties in energiegebruik en productie zich voordoen. De VREG heeft (na overleg met de Commissie ter Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer (CBPL)) aan de netbeheerders de toelating gegeven om enkel in de Pilootgebieden uit te rollen met de volgende voorwaarden: de gebruiker kan de slimme meter weigeren; de slimme meter- en meetdata worden niet gebruikt in de achterliggende billing processen tenzij noodzakelijk voor facturatie volgens de bestaande wetgeving; de slimme meterdata mogen in de Piloot gebruikt worden om de nieuwe processen en procedures uit te testen. De nieuwe Europese Richtlijn in verband met de bescherming van de persoonlijke levenssfeer zal moeten meegenomen worden in de verdere afspraken met de CBPL voor een verdere uitrol. 2.5 Het Europees economisch assessment en de kostenbatenanalyse 2011 Zoals gevraagd door de Europese Commissie werd het assessment voor september 2012 voorbereid door een kosten-batenanalyse 2011 op basis van het KEMA-model (KBA 2008). Deze kostenbatenanalyse resulteerde in een positief resultaat voor Vlaanderen maar introduceerde ook de notie van segmenten die individueel verschillende resultaten hadden in de kosten-batenanalyse. De analyse leerde ook dat het eerst uitrollen van de meest positieve segmenten een beter resultaat gaf in de kosten-batenanalyse van een globale uitrol. Het is zeer belangrijk om mee te geven dat er een groot verband bestaat tussen de technologische oplossing en de manier van uitrollen. Tot dusver is het in Europa altijd de bedoeling geweest om globaal uit te rollen. De keuze van een gesegmenteerde uitrol maakt het noodzakelijk een Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 17

18 technologische oplossing te hebben die een dergelijke uitrol mogelijk maakt. Het is voor Eandis van groot belang dat het PLC-concept ook een gesegmenteerde uitrol mogelijk kan maken. Voor Infrax is dit reeds mogelijk gezien de één-op-één communicatie tussen de slimme meter en de centrale systemen. Het assessment van september 2012 had voor de volledige lidstaat België een negatief resultaat. Dit betekent dat België en dus ook Vlaanderen niet verplicht wordt om 80% van de slimme meters uit te rollen tegen De verdere evolutie in de investeringskosten en de baten van slimme meters zullen een aanleiding zijn om de kosten-batenanalyse te verfijnen. 2.6 Besluit Na de start van de Piloot medio 2010 zijn er nog vele onderwerpen gewijzigd en was het noodzakelijk deze ook mee te nemen in de Piloot: In het kader van de beveiliging van de persoonsgegevens moest de veiligheid van de gegevens ( security ) gedefinieerd en ontwikkeld worden tot een aanvaardbaar niveau mede bepaald door de security policy van de distributienetbeheerders. Een security en privacy manager werd aangeduid en een security handboek werd opgemaakt. De technologische impact van security zal zijn gevolgen hebben op de complexiteit van het slimme metersysteem en dus ook op de kostprijs ervan. Het ganse gebeuren rond de uitrol van de slimme meters, de klantencommunicatie inbegrepen, zal expliciet rekening moeten houden met de privacy voorwaarden opgelegd door de CBPL. Door gebrek aan goedgekeurde standaarden (bij de start van het project) zal de Piloot van Eandis zelf instaan voor de interoperabiliteit. Meerdere meterleveranciers zullen gekozen worden en het geheel van meters, communicatiemodules en systemen zal deze interoperabiliteit toelaten. Dit zal uiteraard de complexiteit van het systeem vergroten. Infrax heeft zich gealigneerd op de Nederlandse DSMR4.0 en moet dus uitsluitend aanpassingen doorvoeren die te maken hebben met de lokale wetgeving. De technologische oplossing houdt rekening met de gesegmenteerde uitrol. Niettegenstaande men in de andere landen enkel spreekt van de uitrol van de slimme meter elektriciteit is het de bedoeling om ook andere meters uit te testen in de Piloot, zoals: o de gasmeter; o de watermeter; o de productiemeter bij zonnepanelen. o Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 18

19 3 Voorstelling tweede onderzoeksproject of Piloot 3.1 Doelstellingen Piloot Volgende doelstellingen werden goedgekeurd en zullen onderwerp uitmaken van implementatie en evaluatie: Organisatie voorbereiden op verdere uitrol (gesegmenteerd of op grotere schaal) In de piloot worden meters elektriciteit en gas uitgerold. Dit is 1% van het totaal aantal meters. Het is de bedoeling om met de ervaringen van deze uitrol voldoende kennis op te bouwen om een grotere uitrol (al of niet gesegmenteerd) te organiseren. Maturiteit toegepaste technieken en systemen verder uittesten De communicatietechnieken toegepast in de eerste proef geschiedden door prototypes of apparatuur die niet specifiek bedoeld was voor de Vlaamse distributienetbeheerders. Nieuwe apparatuur en integratie van deze apparatuur zijn dus nodig en kunnen enkel ingezet worden in een verdere uitrol mits ze voldoen aan een acceptabele maturiteit. Testen communicatie De meters die normaal hun data doorgeven aan de centrale systemen zijn in eerste instantie de elektriciteits- en de gasmeter. De vraag werd gesteld of het technisch mogelijk is volgende meters ook te laten communiceren met de centrale systemen: o Watermeter: verschillende watermaatschappijen waren in deze proef geïnteresseerd. o Groene stroommeter (= het meten van de bruto-productie van de PV-installaties). Procesmanagement Het introduceren van de slimme meter en zijn grotere gegevensaanbreng verplicht de medewerkers van de netbeheerders en de marktpartijen om anders te werken. Dit anders werken wordt beschreven in de verschillende processen, zoals: o Uitrolprocessen: netbeheerders hebben veel ervaring in het vervangen van meters. Echter een globale uitrol van 5 miljoen meters of een grootschalige uitrol binnen een korte tijdspanne van bijvoorbeeld 5 jaar noodzaakt een andere manier van plaatsing van meters. o Interne processen bij plaatsing: ook na een uitrol van slimme meters worden verder slimme meters geplaatst of vervangen door de huidige installateurs. Ook deze installateurs moeten dus anders gaan werken volgens aangepaste processen. o Uittesten nieuwe processen met Piloot-infrastructuur: de Piloot-infrastructuur met zijn meters is een uitstekende proeftuin om de processen van netbeheer en netonderhoud voor de toekomst uit te testen. Systemen klaarzetten voor testen van nieuwe marktprocessen Ook de marktprocessen zullen aangepast moeten worden aan het groter aantal meetgegevens teweeggebracht door de slimme meter. Een voorbeeld hiervan is de budgetmeter. Validatie assumpties business case De kosten-batenanalyse gemaakt door de VREG steunt op de gegevens verkregen door de 2 proefprojecten van de netbeheerders. Het spreekt voor zich dat de Piloot meerdere gegevens zal aanbrengen of verbeteren ten opzichte van de assumpties en kosten van de vroegere proeven van Slimme Meters. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 19

20 3.2 Conceptuele aanpassingen Infrax concept Algemeen Infrax heeft expliciet gekozen voor een internationale standaard met name de standaard die is uitgewerkt door de Nederlandse netbeheerders: de zogenaamde DSMR - Dutch Smart Meter Requirements (DSMR) versie 4. Infrax heeft voor deze standaard gekozen omwille van volgende redenen: DSMR is opgesteld en wordt onderhouden door de Nederlandse netbeheerders. Een gans team is hierop werkzaam. De DSMR-standaard zal ook de volgende jaren verder evolueren. DSMR is een bestaande standaard die door Mandaat 441 erkend is. DSMR is gebaseerd op het DLMS-protocol. Internationaal is er een tendens naar veralgemeend gebruik van dit protocol. DSMR garandeert interoperabiliteit tussen de verschillende componenten Security vereisten zijn ingebed in het door DSMR gebruikte DLMS protocol Vele van de uses-cases die in DSMR beschreven zijn, zijn ook van toepassing voor het marktmodel in Vlaanderen DSMR schrijft een geïntegreerde communicatiemodule voor wat de kostprijs van de volledige installatie vermindert DSMR laat de mogelijkheid open om extra functionaliteiten te definiëren (vb functionaliteiten voor de Belgische/Vlaamse markt) Door de keuze voor DSMR maakt Infrax impliciet een aantal andere keuzes zoals: Welke OBIS-codes gebruikt moeten worden Welke de protocollen zijn voor de communicatie tussen E en G (MBUS) en tussen installatie en het centrale systeem (DLMS) Welke het protocol is van de gebruikerspoort (P1) en welke info hierop standaard beschikbaar is De technische oplossing voor de piloot van Infrax is gebaseerd op de Nederlandse Dutch Smart Meter Requirements (DSMR) versie 4. Waar nodig werden aanpassingen aangebracht om bepaalde specifieke (Belgische/Vlaamse) zaken mogelijk te maken (andere manier van werken, andere richtlijnen, ): Communicatiefrequentie: elke 15 minuten ipv 1 keer per dag Communicatie over ethernet ipv enkel via GPRS Budgetmeter Vermogenbegrenzing met stroom als parameter ipv enkel vermogen Taal op het display (bijvoorbeeld: a.u.b. ipv s.v.p.) Parameters lektest gasmeter Gebruik van niet-gecompenseerde gaswaarden Meters voor 3x230V netten Communicatie tussen de meters en het Centrale Systeem (1-op-1) gebeurt via het bestaande kabelnetwerk waarvan Infrax eigenaar is (70% van de gevallen), in de overige gevallen via het GPRSnetwerk. Communicatie gebeurt op 15 minuten-basis. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 20

21 De elektriciteitsmeters in deze oplossing beschikken over een ingebouwde, modulaire communicatiemodule. Afhankelijk van het communicatiemedium zijn 2 types modules mogelijk: Ethernet-module GPRS-module De ethernetmodules zijn via een kabelmodem aangesloten op het kabelnetwerk. Gasmeters en andere type meters (water, productie, ) zijn eveneens gekoppeld met deze communicatiemodule. Dit kan zowel bedraad als draadloos. De communicatiemodule (CoMo) leest de elektriciteitsmeter (elke 15 minuten) en de gasmeter (elk uur) uit. Het Centrale Systeem haalt vervolgens deze info op uit de communicatiemodule. Figuur 2. Infrax concept Infrax heeft geopteerd om een afzonderlijke kabelmodem te voorzien in de meterkast, ook al heeft de klant al een Telenet modem. Deze oplossing valt iets duurder uit maar heeft het grote voordeel dat ze hierdoor onafhankelijk is van wat de klant met z n modem wenst te doen Architectuur End-to-End technisch concept Om te voldoen aan al deze bijkomende functionaliteiten werd volgende architectuur uitgetekend: Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 21

22 SAP ISU SAP MDM AMM Klanten installatie Assets SODV Klassieke meterreads GPRS E350 GPRS SAP MM SAP systeem MDM systeem telecom Gas Kabel SAP PM/CS SAP BW MDM AMM systeem E350 ETH Oracle servers Portaal Gebruikers info E350 ETH SAP WFM CLOSED LOOP Gas Figuur 3. Systemen Bestaande systemen Er werd voortgebouwd en aangesloten op reeds aanwezige systemen waaronder: SAP-ISU en PM/CSvoor assetbeheer en beheer van uitvoeringsprocessen bij aansluitingen, exploitatie en netinvesteringen alsook voor de bestaande marktwerking. Mobiele toepassing voor installaties van aansluitingen door technici waaronder ook installatie van de slimme meter. Voor de installatie van de meters werd beslist om de bestaande systemen te gebruiken. Daardoor was een Infrax-specifieke ontwikkeling op de mobiele toepassing noodzakelijk om toch een zo flexibel en correct mogelijke uitrol te verwezenlijken met een minimum aan administratie. SAP BW: om de geconsolideerde verbruiken ter beschikking te stellen via de verbruiksfeedback Nieuwe systemen en componenten De architectuur van het ontwikkelde concept werd in grote mate uitgetekend op basis van de behoeften die werden geïdentificeerd. Hiertoe werden volgende nieuwe systemen en componenten gedefinieerd: Slimme E-Meters: slimme verbruikmeters elektriciteit met ingebouwde communicatiemodule bij de klant thuis Slimme G-Meters: slimme verbruikmeters gas bij de klant thuis AMM: het geautomatiseerd Meter Management systeem als centraal systeem voor het capteren verzamelen van meter- en meetdata (oa alarmen en verbruiken) en het communiceren met de slimme meters (upgraden van software, vermogensbegrenzing, ) MDM: het Meter Data Management systeem als centrale databank en verwerkingstoepassing van alle meter- en meetwaarden,waaronder validatie, estimatie en editing van verbruiksgegevens ( = V.E.E. ) Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 22

23 3.3 Conceptuele aanpassingen Eandis concept De kennis en ervaring die opgedaan werden tijdens de studie en opvolging van andere pilootprojecten in het buitenland, de discussies over de standaardisatie binnen Slimme Meters door het Europees Mandaat 441 en de context beschreven in vorig hoofdstuk, hebben geleid tot noodzakelijke aanpassingen van het Eandisconcept Algemeen Het concept uitgewerkt tijdens de piloot is een voortzetting van het technisch concept getest tijdens de Proof of Concept. GPRS GPRS Kabel TV netwerk DSL DSL network netwerk 1. Multiple gateways 2. Filters Figuur 4. Eandis concept Dit concept is gebaseerd op een Master Slave principe. Van alle meters van één zelfde LS kabel worden er enkele ( 3 meters in figuur 4 ) verbonden met de centrale systemen via een breedband verbinding. Deze worden de Masters genoemd en het principe wordt het multi master principe genoemd. De andere meters sturen hun gegevens door naar de gekozen master via de PLC methode over de LS kabel. Deze meters worden Slaves genoemd. De masters sturen zowel de eigen gegevens als deze van de slaves door naar de centrale systemen. Voor een optimale PLC communicatie worden de stoorsignalen die de LS kabel transporteert gefilterd. Deze filters worden op elk aansluitpunt geplaatst Gebruik modem klant In de eerste proef werden afzonderlijke Telenet- en Belgacom-modems geplaatst om de gegevens ofwel op het Telenetkabelnet ofwel op het Belgacomnetwerk over te brengen. Het gebruik van de modem van de klant (zowel Telenet als Belgacom) zou deze afzonderlijke modem uitsparen met een lagere kost tot gevolg. Deze manier van communicatie werd dan ook uitgetest in de Piloot Onderzoek noodzakelijkheid filters Het Eandis concept gebruikt filters om de PLC communicatie te vrijwaren van storingen en quasi real time meetdata door te sturen. Het enige minpunt is de kostprijs van deze filters die zowel bij de aansluitingen als op de LSvertrekken van de MS cabines geplaatst worden. Onderzoek is daarom gewenst om na te gaan of deze filters noodzakelijk zijn in functie van een toekomstige uitleesfrequentie. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 23

24 3.3.4 Architectuur End-to-End technisch concept Om te voldoen aan al deze bijkomende functionaliteiten werd volgende architectuur uitgetekend: Figuur 5. Systemen Bestaande systemen Er wordt in ieder geval voortgebouwd en aangesloten op reeds aanwezige systemen waaronder: SAP-ISU voor assetbeheer en beheer van uitvoeringsprocessen bij aansluitingen, exploitatie en netinvesteringen. Mobiele toepassing voor installaties van aansluitingen waaronder de slimme meter door technici. Voor de installatie van de meters werd beslist de bestaande systemen te gebruiken. Daardoor was een belangrijke Eandis-specifieke ontwikkeling op de mobiele toepassing noodzakelijk om toch een zo flexibel en correct mogelijke uitrol te verwezenlijken met een minimum aan administratie. IMDMS, het geïntegreerd meter data management systeem van Indexis voor de bestaande marktwerking. In samenspraak met de CBPL worden de kwartierwaarden nog niet in de markt gebruikt. De bestaande marktprocessen blijven geldig voor de slimme meters die de gebruikelijke indexen doorsturen voor jaarfacturatie. Technische databanken als TTG en Nemesis Nieuwe systemen De architectuur van het ontwikkelde concept werd in grote mate uitgetekend op basis van de behoeften die werden geïdentificeerd. Hiertoe werden volgende nieuwe systemen gedefinieerd: Slimme Meters: slimme verbruikmeters elektriciteit en gas bij de klant thuis Slimme Communicatie Module of SCM: om interoperabiliteit te realiseren en meerdere leveranciers toe te laten ( = multi vendor ) was een afzonderlijke communicatiemodule aangewezen. Ook de multi-meters insteek van elektriciteit en gas, en naderhand verder naar water, warmte, groenestroom, pleiten voor een multi-inzetbaar communicatieplatform IPT: Internet Protocol Telemetrie als technische oplossing voor de keuze naar push mode communicatiestrategie Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 24

25 AMM: het geautomatiseerd Meter Management systeem als centraal systeem voor het verzamelen van meter- en meetdata MDM: het Meter Data Management systeem als centrale databank en verwerkingstoepassing van alle meetwaarden waaronder validatie, estimatie en editing ( = V.E.E. ) SMT (Smart Meter Tools ) is een applicatie ten behoeve de Meter Operations Center (MOC) afdeling om het slimme meter netwerk te beheren en bestaat uit o GIS: Geografisch Informatie Systeem met weergave van de slimme meter installaties: dit was een gevolg van een nood gedetecteerd in de POC om zo een PLC netwerk te kunnen beheren. o DWH (datawarehouse): opslag en analyse van alle technische data (events, alarmen, etc. ). o KDB (knowledge database) en Ticketing tool: ondersteunde administratieve applicaties voor de MOC afdeling 3.4 Interoperabiliteit en standaardisatie Om de kostprijzen te drukken en de interoperabiliteit mogelijk te maken heeft de Europese Commissie de opdracht gegeven aan de 3 Europese standaardisatie-organisaties in hun Mandaat 441 om standaarden op te stellen voor de slimme meter. Het is duidelijk dat elk slimme meterconcept deze standaarden meeneemt om te voldoen aan interoperabiliteit en dus aan kostenefficiëntie. Een belangrijke doelstelling van de piloot was om interoperabiliteit te realiseren. Interoperabiliteit betekent dat meters van verschillende fabrikanten met dezelfde functionaliteiten kunnen gebruikt worden, zodat er geen vendor lock-in ontstaat. Zowel in Italië als in Zweden werden slimme meters uitgerold met slechts 1 meterleverancier. Dit leidde tot vele problemen inzake open markt, monopolistische prijszettingen en bevoorradingsproblemen bij faillissement. Om deze problemen te vermijden is het noodzakelijk dat de open markt van de slimme meters behouden blijft en dat er meerdere metermerken kunnen gebruikt worden bij het concept. Tijdens het gunningsproces resulteerde dit in het contracteren van 3 E-meterleveranciers en 2 G- meter leveranciers. Daarnaast zijn er nog technische testen lopende met watermeters, groene stroom-submeters, warmtemeters, pulsmodules en drukloggers. Door het gebruik van al deze metertypes is het al snel duidelijk geworden dat echte interoperabiliteit nog niet bestaat: Communicatiestandaarden als DLMS voor E-meters en MBus voor G-meters, watermeters en submeters laten nog dermate veel vrijheid aan de meterproducenten, dat de verschillen tussen de meters niet toelaten om de meters automatisch en probleemloos met de centrale systemen te laten communiceren. Zelfs voor de meest relevante data, nl verbruiksindexen worden door leveranciers toch verschillende OBIScodes gebruikt. Deze verschillen zijn te verklaren door het ontbreken van éénduidige standaarden. Voorbeeld van 2 OBIScodes voor één zelfde index : 1-1: <> 1-0: Het is duidelijk dat dergelijke variatie ontoelaatbaar is om een eenduidige/eenvoudige/standaard verwerking toe te laten in alle betrokken IT systemen. Naast verschillen in de communicatie interfaces zijn er ook functionele verschillen. De aangeboden producten in de gunning bezitten niet allemaal dezelfde functionaliteit en het was ook niet altijd mogelijk om deze bij te voegen. Zo heeft bv. één E- meter leverancier niet de mogelijkheid tot vanop afstand upgraden van de firmware. Deze functionele verschillen zijn er bij voorkeur niet want dit betekent dat de aanwezige mogelijkheden (capabilities) ook centraal moeten bijgehouden worden als asset gegeven, wat de complexiteit verhoogt en afwijkt van interoperabiliteit. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 25

26 Door aan te sluiten bij bestaande companion standaarden, kan de impact hiervan in belangrijke mate beperkt worden. Companion standaarden (zoals de Nederlandse DSMR) leggen o.a. op welke OBIS-codes gebruikt moeten worden, welke functionaliteiten beschikbaar moeten zijn, welke protocols van toepassing zijn voor de interfaces (poorten), ; kortom zulke standaarden garanderen operabiliteit tussen de verschillende componenten van verschillende leveranciers. Om lokale vereisten mee op te nemen is een duidelijke specificatie vereist, die als aanvulling op de companion standaard mee zal gebruikt worden voor toekomstige gunning van meterleveranciers. Vlaanderen is te klein om volledig eigen vereisten op te leggen aan meterleveranciers. Het is daarom aan te bevelen te aligneren op een internationale standaard (zoals DSMR) en een bijkomende companion op te maken maar enkel voor wijzigingen vereist door de lokale wetgeving. 3.5 Granulariteit uitleesfrequentie push mode vs. pull mode De Europese Commissie heeft in meerdere adviezen een maandelijkse verbruiksfeedback voorgesteld. Deze frequentie van uitlezing (maandelijks) is niet voldoende voor een toekomstig netbeheer met vele hernieuwbare energiebronnen, elektrische auto s, warmtepompen, Daar een elektrisch hoogspanningsnetwerk de 15 minuten-waarden hanteert en deze informatie ook onmiddellijk beschikbaar moet zijn, werd in de Piloot geopteerd voor een uitlezing om de 15 minuten. Het piloot concept is opgezet om de 15-minuten waarden (E-meter) en de uurwaarden (G-meter) van alle meters ook elke 15-minuten (respectievelijk uur) in de centrale systemen te ontvangen. Om dit doel te bereiken heeft Eandis voor het push principe gekozen. Dit betekent dat de SCM de meetwaarden naar het centraal systeem zal pushen (opsturen) zonder dat het centraal systeem hier eerst om vraagt. Infrax daarentegen heeft gekozen voor de pull methode. Vanuit de centrale systemen zullen de meetwaarden met de vooropgestelde frequentie worden opgevraagd. De communicatiemodule zal de meetwaarden doorsturen telkens er door de centrale systemen om zal worden gevraagd. De voor en nadelen van beide methodes zijn de volgende: Push is de meest optimale benutting van het communicatienetwerk. Bij pull verhoogt immers de trafiek omwille van het grote aantal aanvragen van gegevens, vooraleer er effectief data doorgestuurd wordt. Bij een instabiele connectie, zal de pull mode meer problemen ondervinden om alle data te verzamelen: bij de push mode zullen de gegevens onmiddellijk doorgestuurd worden indien er communicatie tot stand komt. Bij de pull mode moet eerst het pull commando gestuurd en ontvangen worden wat de tijd en dus de kans verkleint om daarna nog de gegevens door te sturen. De pull methode laat toe om alle acties naar de meters toe centraal te beheren. Het systeem kan optimaal benut worden door de mogelijkheden alles zelf te schedulen. Indien bij Push het centrale systeem uitvalt of in onderhoud is, blijft een steeds toenemende hoeveelheid gegevens zich ophopen. Wanneer de verbinding terug hersteld wordt, moeten de nodige maatregelen getroffen zijn om te vermijden dat het systeem crasht door een waterval van berichten. Bij Pull kan het opvragen van gegevens in zulke situaties gemakkelijk tijdelijk stil gelegd worden. 3.6 Privacy en security Privacy en databeveiliging Het uitgangspunt was hier om te vertrekken van security by design met als ambitie om het doorsturen van de meterdata vergelijkbaar te maken met het doorsturen van financiële bankgegevens. In de vorige POC fase bleek immers duidelijk dat het naderhand toevoegen van security vereisten niet vanzelfsprekend is, vandaar dat vanaf de start van de piloot alles in het werk Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 26

27 gesteld is om security vereisten op te nemen in lastenboeken en specificaties voor alle componenten in de architectuur. Door het gebruik van dergelijke beveiliging is ook het misbruik van gegevens gemitigeerd, wat uiteraard belangrijk is bij het garanderen van de nodige privacy van de gegevens. De piloot werd door de netbeheerders uitgevoerd in overleg met de regulator en de Commissie ter Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer (CBPL), waarbij deze laatste een toelating heeft gegeven om in het kader van dit onderzoeksproject de meetdata te verzamelen. Dit in afwachting van een wettelijk kader Security concept Het communicatie concept steunt op authenticatie en encryptie, beiden geïmplementeerd naar de mogelijkheden van de hedendaagse componenten. Meters communiceren uitsluitend via paswoorden met de communicatiemodule. Vanuit elke communicatiemodule wordt er een beveiligde tunnel opgebouwd naar het datacentrum. De e doorgestuurde data worden bovendien versleuteld volgens asymmetrische encryptie op basis van certificaten, wat voldoet aan de hoogste beveiligingsnormen. Om dit alles te realiseren heeft Eandis een Private Key Infrastructure of PKI systeem opgezet dat borg staat voor de verdeling van de certificaten voor de asymmetrische encryptie. Infrax heeft de security gerealiseerd via de DLMS standaarden. Binnen deze standaard wordt gebruikt gemaakt van het hoogste security niveau zijnde HLS (High Level Security) Ook de verbindingen via de commerciële telecom-operatoren gebeuren via beveiligde privaat netwerk verbindingen waarbij het verkeer wordt gescheiden van publiek internet verkeer en zodanig niet toegankelijk is voor buitenstaanders. 3.7 Multi disciplines Zoals de Europese Commissie het ook voorschrijft gaat het hier niet enkel over elektriciteits- en gasmeters maar ook over watermeters, warmte-/koudemeters en groenestroommeters. In Europa zijn distributienetbeheerders die multi disciplines beheren de uitzondering op de regel. Enkel in Duitsland, Oostenrijk, UK en de Benelux is dit algemeen gangbaar. In andere landen is dit totaal afwezig (Frankrijk, Scandinavië) of slechts zeer beperkt (Spanje, Italië). Het is opvallend dat de uitrol van Slimme meters vooral gestart is bij de landen waar distributienetbeheerders slechts één energiebron moeten aanleveren. In veel van deze landen is de uitrol al zelfs voor 100% doorgevoerd. Het communicatieconcept voor enkel elektriciteitsmeters is dan ook veel eenvoudiger: het zogenaamde concentrator model met één metertype en één protocol, meestal via PLC en een concentrator in de cabine. Een alternatief hierop is het individueel model via GPRS of Radio Frequentie ( RF ) verbinding per meter, dat veel gebruikt wordt voor gasmeters. Deze concepten hebben dan ook een technologische voorsprong voor het vastleggen van standaarden, maar jammer genoeg passen deze standaardisatiemodellen niet of amper voor multi disciplines. Dit zorgde er eveneens voor dat in landen met multi disciplines de uitrol tot nog toe eerder beperkt gebleven is. In Nederland heeft men hard gewerkt aan een companion standaard, waarbij gasmeters via een communicatiemodule op de elektriciteitsmeter hun data doorsturen. Dit concept laat toe dat er maximaal 4 andere meters kunnen aangekoppeld worden. Indien er in een woning meer dan 5 slimme meters noodzakelijk zijn, dan zal dit concept moeten aangepast worden. In Duitsland is er al jarenlang een aparte communicatiemodule voorzien: de MUC (Multi-meters controller). Met de nieuwe security en privacyregelgeving van BSI, wordt het belang van dergelijke aparte communicatiemodule wellicht nog belangrijker. Ook in de UK is volgens de SMETS companion standaard een aparte communicatiemodule noodzakelijk. Deze communicatiemodule heeft bovendien extra functionaliteiten als home energy box. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 27

28 Voor de UK is dit niet onlogisch: de elektriciteitsmeter is eigendom van de leverancier, waardoor het energiebeheer met prijsinformatie perfect via de communicatiemodule kan verlopen. Het is eveneens opvallend dat door de latere uitrol van de multi disciplines, de vereisten naar security (en privacy) veel hoger gesteld worden: IPv6, PKI, anonimisatie van data, Er zijn in Europa dus 2 duidelijke trends aanwezig: Enerzijds de single utilities, die al sterk uitgerold zijn, en waar al veel standaarden beschikbaar zijn Anderzijds de multi utilities, waarbij een aparte communicatiemodule de meeste voordelen biedt qua functionaliteit. Deze communicatiemodule kan een volledige afzonderlijke component zijn (zoals de SCM bij Eandis) of kan een aparte module zijn die opgenomen wordt in de behuizing van de (hoofd)elektriciteitsmeter (zoals bij Infrax). Standaardisatie is hier echter ontoereikend door de sterke lokale verschillen (wie is eigenaar van de meter, de meterdata, securityvereisten). Het gebrek aan standaarden wordt hierbij opgevangen door het uitwerken van companion standaarden. De keuze van de Vlaamse netbeheerders voor een communicatiemodule past duidelijk in de internationale trend van multi-utilities. De meerkost van deze communicatiemodule moet gerechtvaardigd worden door: de extra functionaliteit qua betrouwbaarheid van communicatie de bruikbaarheid voor een ganse waaier van metertypes (interoperabiliteit) de flexibele inzetbaarheid voor verschillende toepassingen (bv randcondities van de installaties, AMR, MMR, grote G-meters ) de mogelijkheden in verband met security de toekomstgerichtheid via doorgedreven FW upgrade de mogelijkheid om in appartementen meerdere meters met 1 communicatiemodule uit te lezen (kostprijsaspect) 3.8 Kwaliteit van het net ( Power Quality ) Door de komst van de vele zonnepanelen en andere hernieuwbare energiebronnen zoals windmolens, microwarmtekrachtkoppelingen en andere, kunnen de netparameters zoals spanning, stroom en netfrequentie buiten de norm vallen. Het meten en bijsturen van deze netparameters is dan ook noodzakelijk voor het toekomstig netbeheer. 3.9 Gebruikerspoort Eén van de basisfunctionaliteiten van de slimme meter is een elektronische verbinding mogelijk maken tussen de meter en een toestel bij de klant, dat de opvolging van het verbruik mogelijk maakt zoals een display in de woning, de pc van de klant, een domotica-toestel, een energie efficiëntietoestel. Het is de bedoeling van de Europese Commissie om de verbruikers actief te maken in energiebeheer door hun verbruik kenbaar te maken Optimalisatie installatiemethode De duurtijd van het installeren en activeren van een slimme meter is van het grootste belang voor de kosten-batenanalyse. Het is dus de bedoeling om de vervanging van de klassieke meter door een communicerende slimme meter zo snel mogelijk uit te voeren. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 28

29 De opstelling van de eerste proef bestond uit meerdere meterkasten met als gevolg een langere duurtijd van installatie. Een integratie van deze meterkasten tot 1 meterkast was dus ook noodzakelijk voor een kostenefficiënte installatie Planning De oorspronkelijke planning van de piloot hield rekening met de volgende activiteiten: opmaak lastenboeken als noodzakelijk onderdeel van de gunningsprocedure afwegen van verschillende scenario s en concepten marktverkenningen van de verschillende slimme componenten en systemen opstarten van een technologische conceptstudie voor de meterkasten opstarten van een referentiedesign voor de communicatiemodule gunningsprocedure met de gunningsbeslissing en contractondertekening de productie of bouw van de slimme meter componenten en het testen voor acceptatie en vrijgave voor installatie de start van de uitrol en de go live van de applicaties op 1 april De uitrol zou duren tot 30 juni Figuur 6. Initiële planning 3.12 Besluit Het uiteindelijk doel van de concepten die tijdens de piloot zijn uitgewerkt, is om een zeer performante oplossing te realiseren zodat: het communicatienetwerk al de gewenste data elke 15 voor E, 60 voor G zal doorsturen. communicatie mogelijk is met een ganse waaier van meters van verschillende fabrikanten (elektriciteit, gas, groenestroom, water, warmte, ) Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 29

30 E2E security gerealiseerd kan worden die op het niveau is van de beveiliging van banktransacties uitrol op de meest efficiënte manier kan gebeuren alle mogelijke varianten van meteropstellingen op het elektriciteitsnet in de piloot van een slimme meter voorzien kunnen worden bij PLC-communicatie filters beschikbaar zijn voor elk type aansluitpunt dat gefilterd moet worden (enkel Eandis) Specifiek voor de piloot werden hiervoor volgende ontwikkelingen gerealiseerd: een communicatiemodule die zeer performant is qua communicatiemogelijkheden en security. Een PKI infrastructuur (Eandis) of security ingebed in het DLMS protocol (Infrax) om de E2E security te realiseren Nieuwe meterkastdesigns en cabinemateriaal (Eandis) of standaard 25S60 meterkasten (Infrax) waarin alle componenten geïntegreerd worden voor alle mogelijke varianten. Deze meterkasten zijn plug en play monteerbaar op de bestaande 25S60 bodems. De nodige filters en filterassemblies werden ontworpen in functie van kostoptimalisatie en inbouwbaarheid (alleen Eandis). Koppeling met meerdere telecom aanbieders (Eandis) of op het eigen kabeldistributienet (Infrax) om head-end connectie via verschillende verbindingen mogelijk te maken (bekabeld, draadloos via WiFi en draadloos via GPRS). Een testbank als essentieel kwaliteitsaspect bij de montage van de meterkasten, waarbij de testbank op termijn eveneens bruikbaar is als ingangscontrole en foutanalyse van slimme componenten. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 30

31 4 Evaluatie van de technische oplossing 4.1 Evaluatie van de technische oplossing van Infrax Inleiding Op basis van de slimme meter configuratie van de Proof of Concept werd een analoge configuratie verwezenlijkt voor de piloot. De doelstelling van de POC was het uittesten van het Infrax communicatie concept. Voor de verwezenlijking ervan werd beroep gedaan op een werkende totale configuratie van meters en systemen van één leverancier om de integratie problemen te vermijden. Voor de piloot was het een primaire doelstelling om meerdere leveranciers toe te laten en om de systemen in de eigen ICT landschap te integreren. In dit hoofdstuk worden de verschillende materialen, systemen en andere verwezenlijkingen omschreven en geëvalueerd. Figuur 7. Slimme meter configuratie van de POC Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 31

32 Figuur 8. Slimme Meter configuratie van de piloot Voor de piloot heeft Infrax gekozen voor 2 verschillende communicatienetwerken: Communicatie via het (eigen) kabeldistributienetwerk Communicatie via het GPRS netwerk van een provider Communicatie via het (eigen) kabeldistributienetwerk Op een bestaande KTV aansluiting wordt een splitter (overnamepunt) geplaatst om een aansluiting naar de meterkast mogelijk te maken. In de meterkast wordt een kabelmodem geplaatst om de communicatie met de meter mogelijk te maken. Ook als de klant reeds over een kabelmodem beschikt wordt voor deze oplossing gekozen. Hierdoor is de slimme meter kabelmodem ten allen tijde beschikbaar voor uitlezing van de meters. De klant kan dan vrij beslissen om zijn andere kabelmodem af te zetten, te verplaatsen, een andere provider te kiezen, systemen aan of af te sluiten, zonder impact op de slimme meter communicatie Communicatie via het GPRS netwerk van een provider Het tweede communicatienetwerk, gebruikt voor slimme meters, moet een oplossing bieden voor de locaties waar het kabelnetwerk niet bruikbaar is. Infrax koos hiervoor een machine-to-machine oplossing via het GPRS-netwerk, aangeboden door een telecom provider.. De oplossing bestaat uit verschillende componenten van verschillende marktpartijen die onderling samenwerken om een stabiele en veilige oplossing aan te bieden. Hieronder worden de deelcomponenten van de totaaloplossing verder toegelicht: Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 32

33 Figuur 9. Communicatie via GPRS-netwerk Een eerste onderdeel uit de totaaloplossing is de oprichting van een private APN. Een private APN is een uitbreiding van het interne bedrijfsnetwerk (= netwerk van Infrax) over het mobiele netwerk van een service provider. Het bedrijf dat een private APN opricht kan enkele belangrijke eigenschappen gekoppeld aan de APN bepalen o.a. dynamische/statische adressering, IP-ranges, Security parameters, Infrax koos voor een private APN die dynamisch worden toegewezen aan de toestellen die zich inloggen op de APN. Inloggen op de APN kan enkel als het toestel een SIM-kaart bevat die toegewezen is aan de APN en de juiste credentials heeft om aan te loggen (radius authenticatie) Het tweede onderdeel van de totaaloplossing bestaat uit hard- en software die nodig is om de gegevens van de toestellen uit de private APN tot bij Infrax te krijgen. Hiervoor installeerde Infrax een Explore router. De Explore router is vanuit netwerkperspectief een gateway naar de mobiele toestellen. Alle verkeer dat vanuit het Infrax-netwerk naar het mobiele netwerk gaat, en omgekeerd, passeert via deze router. Deze router is ontdubbeld uitgevoerd om een ononderbroken communicatie met de mobiele toestellen te garanderen. Het derde onderdeel van de oplossing bestaat uit een management platform van de service provider dat toelaat de SIM-kaarten van de APN te beheren en op te volgen. Dit platform helpt de slimme meter operatoren met de dagelijkse werking en geeft een goed overzicht van alles wat gebeurt met de toestellen die aangelogd zijn op de Private APN van Infrax. De private APN is zo opgezet dat (inter)nationale roaming is toegelaten. Op deze manier kunnen we ook grensgebieden en gebieden met een slechte dekking uitrusten met slimme meters die communiceren via GPRS. Het management platform laat toe om deze roaming op te volgen en de datatrafiek onder controle te houden Materialen/Componenten E-meters Er worden 3 verschillende elektriciteitsmeters gebruikt, meer bepaald: Monofasige meters Polyfasige meters (3x230V) Polyfasige meters (3N400V) Elk van deze metertypes kan worden uitgerust met een ethernet- of GPRS-communicatiemodule. Deze meters maken gebruik van statische meetprincipes en zijn in staat om zowel afgenomen als teruggeleverde actieve energie te meten. Daarnaast zijn eveneens reactieve energie, stroom, spanning, frequentie, beschikbaar. Al deze informatie wordt elke 10 seconden naar de ingebouwde Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 33

34 communicatiemodule gestuurd. De meter heeft als belangrijkste functionaliteit het meten. De metersoftware kan niet worden geüpgraded van op afstand. De overige intelligentie en opslag (bijvoorbeeld in lastprofielen) bevindt zich in de ingebouwde communicatiemodule. DSMR spreekt enkel over een E-meter, met volledig geïntegreerde communicatiemodule. Verschillende leveranciers geven hier een andere invulling aan, en kiezen met andere woorden, voor een al dan niet modulaire aanpak, met een eigen interpretatie van de verdeling van functionaliteiten tussen elektriciteitsmeter en modulaire communicatiemodule. Tariefsturing gebeurt op basis van de interne tariefkalender en klok in de communicatiemodule (zie verder). Dit gebeurt niet meer op basis van CAB-sturing en netsturingsontvanger. Alle meters beschikken over een breaker of interne schakelaar waarmee de energietoevoer kan worden aan- en afgesloten. De intelligentie en aansturing bevinden zich opnieuw in de communicatiemodule. Infrax heeft ervoor gekozen om de lokale toegang tot de meters af te sluiten (omwille van veiligheidsredenen): dit betekent dat lokale configuratie in geen enkel geval mogelijk is. De meters beschikken over een elektronisch display waarop volgende info beschikbaar is voor de klant: Register 1.8.1: afname dagtarief Register 1.8.2: afname nachttarief Register 2.8.1: injectie dagtarief Register 2.8.2: injectie nachttarief Serienummer gekoppelde gas-, water of productiemeter (indien aanwezig). Door het verwijderen van het klemmendeksel van de meter wordt een service mode beschikbaar waar extra technische informatie kan worden geraadpleegd (stroom, spanning, fouten, ). Dit kan worden gebruikt door technici tijdens installatie of bij het oplossen van storingen. Volgende extra info is eveneens zichtbaar op het display: Actief tarief (door middel van een pijltje) De eenheid van de getoonde waarde wordt getoond De op dat ogenblik gemeten energie De toestand van de interne schakelaar De richting van de gemeten energie (afname/injectie) Het meterdisplay heeft geen achtergrondverlichting. Het kan eveneens niet worden afgelezen indien de meter niet onder spanning staat. Het serienummer van de elektriciteitsmeter is vooraan op de meter geprint, zowel in tekst als in barcode (1D-128). Dit serienummer zit eveneens geprogrammeerd in de meter, en wordt automatisch uitgelezen door de communicatiemodule Communicatiemodule De communicatiemodule is een modulaire, geïntegreerde communicatiemodule gebaseerd op de DSMR4 specificatie. Er worden 2 verschillende types gebruikt: Ethernetmodule GPRS-module De communicatiemodule krijgt elke 10 seconden meetgegevens van de elektriciteitsmeter. De communicatiemodule bevat intelligentie om deze gegevens bij te houden in lastprofielen en om bepaalde bewerkingen te doen. De totale afgenomen en geïnjecteerde energie wordt afzonderlijk bijgehouden en wordt elke 15 minuten gelogd in een lastprofiel (en maximaal 10 dagen bijgehouden). Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 34

35 De afgenomen en geïnjecteerde energie wordt eveneens afzonderlijk bijgehouden voor dag- en nachttarief, dit zowel als dagtotalen (maximaal 40 waarden) als maandtotalen (maximaal 13 waarden) De communicatiemodules bevatten eveneens de interne tariefkalenders die gebruikt worden voor de tariefsturing. De communicatiemodules worden standaard geleverd met dubbel tarief configuratie. De tariefkalenders kunnen van op afstand worden aangepast. (vanuit AMM). De module bevat de intelligentie voor het aansturen van de interne schakelaar. De energietoevoer kan van op afstand worden hersteld door een commando te sturen vanuit het Centraal Systeem naar de communicatiemodule. Deze geeft het commando aan de elektriciteitsmeter die het uitvoert. Om veiligheidsredenen zal een klant lokaal via een druk op de drukknop van de communicatiemodule moeten bevestigen dat de situatie veilig is om de energietoevoer te herstellen. Er is een extern relais voorzien (230V-5A) dat kan worden gebruikt om bijvoorbeeld warmwaterketels of elektrische accumulatieverwarming te sturen. Deze aansturing gebeurt door middel van een interne kalender in de communicatiemodule die van op afstand kan worden gewijzigd. Een mogelijke toepassing is sturing van exclusief nacht. De software van de communicatiemodule kan van op afstand worden geüpgraded. De zogenaamde P0 of lokale configuratiepoort naar de communicatiemodule is afgesloten om veiligheidsredenen. Hierdoor is het niet mogelijk om lokaal wijzigingen aan de configuratie aan te brengen. Alle communicatiemodules worden geleverd vanuit de fabriek met een standaardconfiguratie. Indien bepaalde zaken zouden moeten gewijzigd worden (bijvoorbeeld tarief) kan dit van op afstand gebeuren vanuit het Centraal Systeem. De communicatiemodule bevat volledig geïntegreerde bedrade en draadloze M-bus communicatiemogelijkheden. Hiermee kan gecommuniceerd worden met maximaal 4 bedrade en draadloze M-bus meters (gasmeters, watermeters, ). De communicatiemodule logt de gegevens voor de maximaal 4 meters in lastprofielen, dit zowel op uurbasis, dagbasis als maandbasis. Eveneens worden de events van de M-bus-meters gelogd (indien beschikbaar). De module zorgt eveneens voor het versturen van nieuwe encryptie-sleutels naar de M-bus meters (indien deze gewijzigd worden vanuit het Centraal Systeem). De gebruikte standaard in de communicatiemodule is DLMS. (Conform DLMS Blue Book 10 en Green book 7). Communicatie is gebaseerd op pull vanuit het Centraal system gebruik makend van het DLMS-protocol. Deze communicatie gebruikt volledige authenticatie (GMAC) en encryptie (AES128) zoals beschreven in de DSMR specificatie en de DLMS Blue Book 10. De ethernet-en GPRS-modules zijn functioneel volledig identiek, met uitzondering van de fysieke communicatiepoort. GPRS-modules worden tijdens productie voorzien van een simkaart. Deze modules beschikken over een ingebouwde GPRS-antenne. Er is eveneens een connector voorzien om een externe antenne aan te sluiten (bijvoorbeeld in kelders). Verschillende leds op de communicatiemodule geven nuttige info met betrekking tot de aanwezigheid van een ingestelde vermogensbeperking, status van de interne schakelaar, status van de communicatie en aanwezigheid van fouten. Een aantal gebeurtenissen in de communicatiemodule en alle gekoppelde meters (zowel elektricteit als gekoppelde M-bus meters) genereren events die worden opgeslagen in de communicatiemodule en kunnen worden uitgelezen door het Centraal Systeem. Er zijn verschillende, gescheiden event logs voorzien: Algemene event log Control log: alle events met betrekking tot interne schakelaar, Fraude log: alle events met betrekking tot fraude M-bus event log: alle events met betrekking tot gekoppelde M-bus meters M-bus control log (1 per M-bus kanaal, dus max. 4): alle events met betrekking tot schakelaar (klep) in M-bus meters De communicatiemodules zijn voorzien van een gebruikerspoort (P1-poort), waarmee verbruiksinformatie ter beschikking kan worden gesteld van de klant. Dit is zowel verbruiksinformatie Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 35

36 van de elektriciteitsmeter als van alle M-bus meters die met deze communicatiemodule zijn gekoppeld (gas, elektriciteit, water, ). Deze gebruikerspoort is conform de DSMR4 specificatie. Dit betekent bijvoorbeeld dat alle informatie op 10 seconden basis naar buiten wordt gepusht. Omwille van privacy-redenen koos Infrax ervoor om de gebruikerspoort standaard uit te schakelen. Nadat een klant hiervoor expliciete toestemming heeft gegeven kan de gebruikerspoort van op afstand worden geactiveerd. In het kader van enkele andere proefprojecten (mbt smart grids) werden eveneens actuele spanning per fase, reactief vermogen en frequentie beschikbaar gemaakt op de gebruikerspoort (afwijking t.o.v. DSMR). Figuur 10.Monofasige meter met communicatiemodule Figuur 11. Driedraadse meter met communicatiemodule Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 36

37 Figuur 12. Vierdraadse meter met communicatiemodule Aardgas meter Er worden gasmeters gebruikt van 2 verschillende leveranciers. Deze gasmeters zijn gebaseerd op de DSMR4 P2 specificatie. In totaal gebruikten we in dit project 6 verschillende gasmeters: G4 (bedraad) van leverancier 1 G4 (draadloos) van leverancier 1 G4 (bedraad) van leverancier 2 G4 (draadloos) van leverancier 2 G6 (bedraad) van leverancier 2 G6 (draadloos) van leverancier 2 De G4 gasmeters van leverancier 1 zijn volledig elektronische meters, deze makent gebruik van het ultrasone meetprincipe. Dit betekent dat deze meters geen mechanische onderdelen bevatten die aan slijtage onderhevig zijn. Infrax heeft enkel éénpijps-gasmeters, vandaar dat enkel de G4 éénpijpsvariant werd geplaatst. Deze bestaat in een draadloze en een bedrade versie. Er zijn 2 drukknoppen voorzien die tijdens installatie worden gebruikt. De klant kan hiermee zijn meterstand zien en bevestigen voor het openen van de klep. Enkel batterijen worden gebruikt voor de voeding van deze meters. Daarom zijn verschillende maatregelen getroffen om het energieverbruik te minimaliseren en zodoende de batterijlevensduur te maximaliseren. Bijvoorbeeld: Het verlichte display is standaard uitgeschakeld en de meterstand wordt niet automatisch aangepast Het aantal keer dat het display kan worden geactiveerd is gelimiteerd tot een aantal keer per dag Een aantal maatregelen om communicatie met draadloze meters te optimaliseren (zie verder) Mede door deze maatregelen garandeert de fabrikant een batterijlevensduur van 20 jaar. Firmware upgrade van deze gasmeters is niet mogelijk (conform DSMR 4.0). De gasmeters van leverancier 2 zijn mechanische meters die hetzelfde meetprincipe gebruiken als klassieke gasmeters (balgenprincipe). De meetresulaten worden gedigitaliseerd en verwerkt in een volledig elektronische meterindex. Zowel de G4 eenpijps- als de G6 eenpijps-meters worden gebruikt, dit zowel in een bedrade als een draadloze variant (4 varianten). Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 37

38 De G4 en de G6 meters zijn functioneel identiek met uitzondering van de klep: G6 meters zijn niet uitgerust met een klep (omwille van drukval). Deze meters beschikken over een elektronische display zonder achtergrondverlichting. Dit is altijd ingeschakeld (meterstand is steeds zichtbaar). Ook bij deze meters zijn een aantal maatregelen getroffen om de batterijlevensduur te maximaliseren (efficiëntie van draadloze communicatie). De fabrikant garandeert een levensduur van 20 jaar. Firmware upgrade werd door leverancier 2 geïmplementeerd in de gasmeters. Aangezien dit nog niet meegenomen werd in DSMR-versie 4 werd deze functionaliteit niet geïmplementeerd in de communicatiemodule. Dit is wel voorzien in toekomstige DSMR-versies (4.2 of 5). Deze gasmeters communiceren met de communicatiemodule via M-bus. Dit kan zowel bedraad als draadloos. In tegenstelling tot de Proof Of Concept wordt in dit project geen gebruik gemaakt van dongles : het volledige communicatie-gedeelte zit geïntegreerd in de gasmeter. Dit heeft tot gevolg dat bedrade en draadloze meters effectief verschillende meters zijn (verschillende artikels). Communicatie met bedrade gasmeters gebeurt elk uur op initiatief van de communicatiemodule. Dit in tegenstelling tot draadloze gasmeters waarbij het initiatief tot communicatie bij de gasmeter zelf ligt: ze sturen elk uur hun meterstanden door naar de communicatiemodule. De rest van het uur zal de draadloze gasmeter zich in slaapmode bevinden om de batterij te sparen. Dit heeft tot gevolg dat de gasmeter niet kan worden bereikt tijdens deze slaapmode. Na de draadloze communicatie geïnitieerd door de gasmeter beschikt de communicatiemodule over een kort tijdsvenster om zelf te communiceren met de draadloze gasmeter (bijvoorbeeld synchroniseren van de klok, sturen van de klep, ). Dit aantal communicaties vanuit de communicatiemodule naar de draadloze gasmeter is gelimiteerd tot een aantal keer per dag (beperkt aantal credits, configureerbaar bij bestelling). Beide leveranciers hebben elk hun eigen credit-systeem geïmplementeerd. Al deze meters hebben ingebouwde temperatuurcompensatie. Om conformiteit met klassieke gasmeters te behouden wordt echter enkel de niet-temperatuurgecompenseerde waarde gebruikt. Deze meters bevatten een ingebouwde klep waarmee de gastoevoer van op afstand kan worden onderbroken en hersteld (met uitzondering van de G6 meters). De aansturing van de klep gebeurt vanuit het Centraal Systeem via de communicatiemodule. De gastoevoer kan van op afstand worden afgesloten. Op het display van de gasmeter verschijnt dan GESLOTEN. Om veiligheidsredenen kan de klep van op afstand niet zonder meer worden geopend. Er kan enkel een opdracht klaar om te openen worden gestuurd waarna een klant door middel van een druk op de knop moet bevestigen dat de situatie ter plaatse veilig is om de gastoevoer te herstellen. Bij het openen van de klep wordt een automatische lektest uitgevoerd gedurende 3 minuten: indien de meter een gaslek detecteert (bijvoorbeeld omdat het gasfornuis nog open staat) zal de klep worden gesloten. Indien geen lek wordt gedetecteerd gaat de klep open. Na het falen van de test krijgt de klant een nieuwe poging na 6 minuten. In totaal krijgt een klant maximaal 3 pogingen met elk een tussentijd van 6 minuten. Hierna moet er gedurende 25 minuten worden gewacht, waarna hij opnieuw 3 pogingen krijgt. Zowel bedrade als draadloze communicatie tussen gasmeter en communicatiemodule zijn volledig geëncrypteerd. De gebruikte encryptie-standaard is AES128. (zoals gespecificeerd in de DSMR4 P2 documenten). De installatie of de koppeling van de gasmeters op de communicatiemodule kan op eenvoudige wijze gebeuren, enkel gebruik makend van de voorziene drukknoppen. Er moet geen gebruik gemaakt worden van computers of andere tools (keuze van Infrax). Het serienummer van de gasmeter wordt geregistreerd in de communicatiemodule en kan vanuit het Centraal Systeem worden uitgelezen. Dit serienummer staat zowel in tekst als barcode (1D-128) geprint op de voorzijde van de meters. Een aantal gebeurtenissen in de gasmeter geven aanleiding tot alarmen of events. Deze worden uitgelezen en gelogd door de communicatiemodule. Bijvoorbeeld: lage batterij, fraude, probleem met klep, Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 38

39 Figuur 13. Gasmeter van leverancier 1 Figuur 14. Gasmeter van leverancier 2 Bedrade en draadloze gasmeters zien er identiek uit. De G4 en G6 gasmeters van leverancier 2 zien er eveneens identiek uit Watermeter Voor een aantal proefprojecten werden eveneens testen uitgevoerd met slimme watermeters. Dit gebeurde in samenwerking met watermaatschappijen. Door het ontbreken van DSMR4-conforme watermeters werd gebruik gemaakt van een M-Bus module die op bestaande watermeters kan worden geklikt. Deze module zet mechanische omwentelingen om in M-bus en op deze manier kan de meterstand elk uur worden uitgelezen door de communicatiemodule. Omwille van de niet-compatibiliteit met DSMR is de functionaliteit van deze module beperkt tot het uitlezen van meterstanden. Tijdens de installatie moet de startindex van het mechanische telwerk ter plaatse in deze module worden geprogrammeerd M-bus slave elektriciteitsmeter Binnen het pilootproject werd een klein proefproject opgestart om een elektriciteitsmeter te kunnen uitlezen via de hoofd-elektriciteitsmeter. (M-bus slave elektriciteitsmeter gekoppeld op communicatiemodule). Door de beperkte functionaliteiten van op de markt beschikbare M-bus slave elektriciteitsmeters (ontbreken van interne schakelaar, ontbreken van security, ), werd geopteerd voor een eigen Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 39

40 implementatie. Hiertoe werden de bestaande ethernet-communicatiemodules door middel van een softwareaanpassing omgevormd in draadloze M-bus slave modules. De draadloze M-bus slave modules zijn zowel bruikbaar op de monofasige als de polyfasige meters (3 draads en 4draads, zie hoger). Ze communiceren over draadloze M-bus met de hoofdcommunicatiemodule. Ze sturen elke 15 minuten hun meterstand door. Zowel een 15 minuten- als uurprofiel worden opgebouwd in de hoofd-communicatiemodule. Daarnaast beschikken ze over een interne schakelaar die over M-bus kan worden geopend of gesloten. De volledige draadloze communicatie is geëncrypteerd met AES128 (zoals beschreven in de DSMR4 P2 specificatie) Kabelmodem De gekozen kabelmodem is een Eurodocsis 3.0 compatibele modem. Deze modem werd na een publieke aanbesteding weerhouden vanwege de z n compatibiliteit met Eurodocsis 3.0 hetgeen een verhoogde beveiliging van het communicatiekanaal toelaat. Anderzijds werd de degelijkheid van deze modem d.m.v. een Eurodocsis certificatieproces aangetoond. (SM CM : Smart Meter Cable Modem) Leds die aangeven of de modem online is. Figuur 15. Kabelmodem - Voorkant Ethernet poort voor de verbinding met de communicatiemodule Connector voor het RF signaal van het kabelnet Figuur 16. Kabelmodem - Achterkant De vormfactor van deze modem vormt echter een nadeel. Hij kan niet op een DIN rail gemonteerd worden en dient gevoed te worden op 12Vdc. Standaard wordt hiervoor een 12Vdc adapter geleverd maar hiervan gebruik maken zou betekenen dat er een stopcontact moet voorzien worden in de meterkast. Gezien de signaalversterker (zie verder) op maat werd gemaakt voor dit project, werd een 12Vdc/1A uitgang toegevoegd aan dit ontwerp die de kabelmodem van spanning voorziet Overnameblokje De koppeling met het coax-net gebeurt dmv een overnameblokje : dit is een signaalsplitter waarbij er zo goed als geen signaalverlies (-1dB) optreedt voor de klant. Er treedt echter wel een significant verlies van 10dB op aan het aftakpunt (tap) van deze splitter, we spreken van een -1/-10 tap. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 40

41 OUT: Aansluiting klant (TV, internet, ) TAP: Aansluiting slimme meter kast IN: Aansluiting KTV net Figuur 17.Het overnameblokje Deksel van het kastje waarin het overnameblokje zich bevindt Door het grote signaalverlies dient een signaalversterker (ORA : On-Rail Amplifier) in de meterkast geplaatst te worden Versterker (ORA) Deze versterker werd op maat gemaakt. Enerzijds wordt het signaalverlies veroorzaakt door het overnameblokje gecompenseerd. Anderzijds wordt de interne voeding dubbel gebruikt: zowel de interne versterker zelf als de kabelmodem worden van stroom voorzien (PSU: Power Supply Unit 12Vdc), zodat er geen stopcontact moet voorzien worden in de meterkast. 12Vdc uitgang voor de kabelmodem Figuur 18.De signaalversterker Meterkast De huidige werkwijze gebruikmakend van 25S60 bodem, tussenkader en deksel werd behouden. Op adressen waar reeds een 25S60-kast staat, blijft de bodem en scheider behouden en wordt een nieuw tussenkader en deksel geplaatst. Op de andere adressen wordt een nieuwe 25S60 kast gebruikt. Alle benodigde componenten (behalve de scheider) bevinden zich in het volume van het 25S60 tussenkader. Deze tussenkaders worden op voorhand geassembleerd en gekableerd. We kunnen 9 verschillende varianten van meterkasten onderscheiden (verschillende types meters, verschillende types communicatie, verschillende toepassingen). Deze meterkasten bevatten geen netsturingsontvangers aangezien tariefsturing niet meer gebeurt met behulp van CAB-signalen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 41

42 De elektriciteitsmeter bevindt zich achter de automaat. De voeding voor de kabelversterker wordt eveneens afgetakt na de automaat en apart afgezekerd. De kabelversterker bevat een ingebouwde 12V-voeding die gebruikt wordt om de kabelmodem te voeden. Het kabeltje met de correcte connector is vast voorzien aan de kabelversterker. Het principeschema voor de ethernet-variant van de 25S60 meterkast is terug te vinden in onderstaande figuur. Het schema voor de GPRS-variant en de appartement-variant is identiek, echter zonder kabelmodem, kabelversterker en zekeringen. Binnenhuisaansluiting klant P1 drukknop Klemmen relais Meter Communicatie module Kabelmodem Automaat Kabelversterker Zekeringen Scheider Legende: 230V 12V Coax Ethernet LS-net Figuur 19. Principeschema ethernet-meterkast De gebruikerspoort en de communicatiemodule-drukknop worden door middel van een kabeltje extern ter beschikking gesteld van de klant (drukknop- en gebruikerspoort-module bevindt zich langs de automaat). De aansluiting voor het externe relais werd uitgekableerd naar rijgklemmen in de kast zodat deze makkelijk toegankelijk zijn voor de technieker. De drukknop van de elektriciteitsmeter wordt extern ter beschikking gesteld door middel van een gat in het 25S60-deksel. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 42

43 Figuur 20. P1- en drukknopmodule 4 verschillende componenten worden op serienummer opgevolgd: Elektriciteitsmeter Communicatiemodule Kabelmodem Kabelversterker De meterkasten krijgen tijdens assemblage een uniek serienummer toegewezen. De serienummers van de deelcomponenten worden tijdens productie ingescand samen met het serienummer van de meterkast. Deze info wordt elektronisch aangeleverd door middel van een shipment file, en als dusdanig in de Infrax systemen ingeladen. Hieronder is een foto van een 4draadse meterkast ethernet. De inhoud: 1. Drukknop meter 2. Elektricteitsmeter 3. Communicatiemodule 4. Kabelversterker 5. Scheider 6. Rijgklemmen (relais) 7. P1- en drukknopmodule 8. Automaat 9. Zekeringen 10. Kabelmodem Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 43

44 Figuur 21. Inhoud ethernet 25S60 meterkast Communicatie in appartementen In de meeste appartementen staan de meters gegroepeerd in een technische ruimte. Hierdoor kunnen we over één enkele kabelmodem meerdere meters uitlezen (ipv één kabelmodem per elektriciteitsmeter zoals in klassieke woningen). Hiervoor werden 2 types communicatiekasten ontwikkeld: op het eerste type kan men tot 16 elektriciteitsmeters aansluiten op het tweede type tot 96. De meterkasten voor appartementen bevatten bijgevolg geen kabelmodem of kabelversterker. Gezien men bij deze oplossing rechtstreeks aansluit op het coax-net (en niet via een overnameblokje) bevat deze communicatiekast een NIU en geen signaalversterker. Deze NIU geeft het signaal door aan de kabelmodem. Deze kabelmodem is van een iets ander type en heeft 4 ethernet uitgangen: Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 44

45 Figuur 22. Kabelmodem voor appartementen Op elk van deze ethernet uitgangen kan een compacte switch met 4 vrije ethernet poorten (type 1) of een grote switch met 24 vrije ethernet poorten (type 2) aangesloten worden. Op deze switches worden dan de elektriciteitsmeters aangesloten. Figuur poorts switch Figuur poorts switch De 24-poorts switch kan van op afstand d.m.v. SNMP (SNMP = Simple Network Management Protocol) bewaakt en beheerd worden Systemen Slimme Meter Architectuur Het algemeen geïntegreerd applicatie architectuur landschap voor piloot slimme meters is als volgt: Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 45

46 SAP ISU SAP MDM AMM Klanten installatie Assets SODV Klassieke meterreads GPRS E350 GPRS SAP MM SAP systeem MDM systeem telecom Gas Kabel SAP PM/CS SAP BW MDM AMM systeem E350 ETH Oracle servers Portaal Gebruikers info E350 ETH SAP WFM CLOSED LOOP Gas Figuur 25. geïntegreerd applicatie architectuur landschap voor piloot slimme meters Volgende componenten zijn op bovenstaand schema terug te vinden: SAP BW wordt gebruikt in het kader van de verbruiksfeedback naar de klant. Binnen BW worden de meetgegevens op niveau van meter geaggregeerd. Portaal Gebruikers voor het aanbieden van informatie aan eindklanten SAP ISU (=industrial solution for utilities) bepaalt binnen het geheel de mogelijkheden die de slimme meters aankunnen. Deze informatie wordt gesynchroniseerd met het MDM systeem. SAP PM/CS (=onderhoud en customer services) beheert de werkopdrachten die uitgevoerd worden door de techniekers, of die automatisch uitgevoerd worden. WFM (= workforcemanagement) is het systeem dat toelaat dat de techniekers in het veld hun werkopdrachten kunnen beheren. Hiermee kan men ter plaatse de volledige communicatie tussen de centrale systemen en de meetinstallatie bij de klant controleren (closed loop) MDM: (meter data management) bevat de meetgegevens / verbruiken (per kwartier/uur en de dagregisters) voor de verschillende meters alsook de alarmen voor de slimme meters en de communicatie module. Dit systeem staat in voor het borgen en verwerken van de meetgegevens. In dit systeem wordt geen klantdata bijgehouden om de privacy van de klant maximaal te garanderen. AMM: geaautomatiseerd meter management beheert de bi-directionele communicatie met de communicatiemodule en de meters. AMM en MDM zijn 2 nieuwe systemen binnen het applicatie landschap die zijn geselecteerd via een gezamenlijk aankoopdossier Infrax/Eandis. Aangezien op de markt elk systeem zijn eigen functionaliteiten voorziet, heeft elk pakket zijn eigen integratie gedefinieerd en kan er geen beroep gedaan worden op algemeen beschreven richtlijnen binnen de sector. Elke partij heeft zijn eigen standaard integraties beschikbaar. Het gevolg hiervan was dat integratie tussen de geselecteerde pakketten, tijdens het project diende gedefinieerd en opgezet te worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 46

47 A Q A A A Slimme Meter Front-end applicatie (AMM) Een AMM (geautomatiseerd Meter Management) is het centraal systeem dat verantwoordelijk is voor het verzamelen van data, beschikbaar in de communicatiemodules / meters. Dit kunnen meetgegevens zijn, maar ook allerlei alarmen die problemen met de slimme meter signaleren. Het AMM geeft op zijn beurt de relevante data, nodig voor de business, door naar het MDM (Meter Data Management). Naast het verzamelen van data, is een AMM verantwoordelijk voor de juiste afhandeling van controle transacties, nodig om de slimme meter te beheren. Enkele voorbeelden zijn het afsluiten van gas en elektriciteit, het onderhouden van de security parameters en het configureren van een tarief (dag/nacht). Dit zijn de belangrijkste controle transacties maar uiteraard zijn er meerdere die een AMM kan en moet uitvoeren Impact van de protocolkeuze op het AMM De keuze voor DLMS als communicatieprotocol (het communicatieprotocol gebruikt binnen Infrax) speelt een zeer grote rol bij de keuze van een AMM. In tegenstelling tot sommige andere slimme meter protocollen, gaat DLMS uit van het communicatieprincipe waarbij het centrale systeem gegevens vraagt aan de communicatiemodules (pull) in plaats van het communicatieprincipe waarbij de communicatiemodules de gegevens doorsturen naar de centraal systeem (push). Het pull-principe vraagt om hogere systeemvereisten dan het push-principe in termen van loadspreiding, efficiëntie, maar heeft ook zijn voordelen op gebied van flexibiliteit en onderhoudbaarheid. Slimme meter Infra. Slimme meter Infra. Slimme meter Infra. Q A Q Slimme meter Infra. Q A Advanced Meter Management (AMM) A Q Slimme meter Infra. Q A Q Q Slimme meter Infra. Slimme meter Infra. Slimme meter Infra Modulaire opbouw van het AMM Figuur 26. Pull communicatieprincipe Het AMM systeem is opgevat als een modulair systeem. Het bestaat uit een softwarekern waarop verschillende plug-ins gekoppeld kunnen worden. De software kern communiceert met de Plug-ins via een intern protocol. Deze architectuur biedt grote uitbreidingsmogelijkheid. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 47

48 DB Zonos Advanced Meter Management SAP PI Plug in GUI Plug in UAA Plug-in Zonos Core DLMS plug-in Figuur 27.High-level architectuur AMM Het AMM systeem beheert de bidirectionele communicatie met de meetinstallatie. Het geselecteerde pakket bevat ook de mogelijkheid om bepaalde MDM functionaliteiten te ondersteunen. Binnen Infrax zijn deze functionaliteiten gedeactiveerd en is er een integratie met het geselecteerde MDM systeem op maat gemaakt tijdens het project. Functionaliteiten AMM: Per kwartier worden de verschillende kwartier registerwaarden opgehaald voor elektriciteitsmeters en per uur voor gasmeters via pull mechanisme. Dagelijks worden ook middernacht registerwaarden opgehaald. Het AMM systeem voert de technische validatie uit en doet voor de kwartierwaarden de omrekening van de registerwaarden naar de verbruikte volumes. Binnen AMM zijn de verschillende alarmen gedefinieerd die ook via pull mechanisme gecapteerd worden via de meter. Vanuit de mobiele applicatie van de techniekers is integratie voorzien met het AMM om de closed loop uit te voeren. Dit houdt in dat: o de communicatie tussen de meetinstallatie (communicatie module/meters) en het front-end systeem (AMM) gecontroleerd wordt evenals de connectiviteit tussen de meter(s) en de communicatie module. o de juiste tijd gesynchroniseerd wordt. o geconnecteerde meters aan de communicatie module worden gecapteerd o het juiste tarief ingesteld wordt. Indien de technieker geen connectiviteit heeft ter plaatse, is de mogelijkheid voorzien dat deze functionaliteit getriggered wordt vanuit het AMM door NOC medewerkers Firmware upgrade naar de communicatiemodule wordt beheerd vanuit AMM. De nieuwe softwareversies worden opgeladen en doorgestuurd naar het betreffende device. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 48

49 Slimme Meter Back-end applicatie (MDM) Het geselecteerde pakket is SAP gecertificeerd. Figuur 28.Architectuur van het MDM Het MDM systeem is geïntegreerd met het ISU systeem omtrent het aanmaken van de device en het configureren van de device. Voor de registerwaarden die nodig zijn binnen de marktprocessen worden de gecapteerde meterstanden in het MDM gebruikt voor de desbetreffende opname orders en billing processen. De effectieve business validatie, zoals voorgeschreven binnen de marktprocessen, gebeurt vandaag nog binnen ISU. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 49

50 Verbruiksfeedback BW Gegevens via PI doorsturen Gegevens (niet kwartierdata/uurdata) worden via PI opgevraagd uit BW MDM Gegevens via PI doorsturen Visualisatie van de gegevens (via.net) Bepalen welke EAN s getoond mogen worden Uur- en kwartierdata worden via PI opgehaald uit MDM Projecteren van grafieken/data op extranet Klant logt privé aan op Extranet Figuur 29. Informatieflow De verbruiksfeedback wordt aangeboden via de web-site (portaal), en op papier indien gewenst door de klant. De klanten krijgen via een brief hun log-in gegevens aangeboden. Dagelijks worden de verbruiken geaggregeerd in SAP BW, op basis van de registerwaarden. De kwartierwaarden per dag die kunnen opgevraagd worden door de klant worden rechtstreeks vanuit het MDM getoond. Wanneer een klant de verbruiksfeedback niet meer wenst te raadplegen, worden de gegevens niet meer ter beschikking gesteld. De klant heeft toegang tot volgende overzichten Jaaroverzicht met verbruiken per maand Maandoverzicht: met verbruiken per dag van die maand Dagoverzicht met verbruiken per uur (gas) of kwartier (elek) van die dag Klanten met injectie kunnen hun verbruik (afname injectie) zien, maar ook hun afname en injectie afzonderlijk voor de 3 dimensies hierboven gedefinieerd. Klanten met dubbel tarief kunnen hun verbruik in beide tarief types afzonderlijk zien CPM: Cable Plant Monitoring Via deze tool kan men de heen- en terugweg signaalniveaus ter hoogte van de kabelmodems bewaken en dit zowel voor individuele modems als voor groepen modems (per straat / per node / ). Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 50

51 PRTG PRTG is geschikt voor het bewaken van de bereikbaarheid van modems per regio of individueel Tijdslijn Vanaf juni 2010 is er effectief gestart met de piloot: verschillende scenario s en concepten werden tegen elkaar afgewogen marktverkenningen van de verschillende slimme componenten en systemen opstarten van de verschillende lastenboeken Q Q waren de lastenboeken klaar, en kon de gunning van start gaan. De start van de uitrol was vastgelegd op 1/4/2012. E & G-meter Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 PLC Filters MDM AMM MOC Tools Installatie werken Ontw. & productie comm. modules UP-, OV-oplossing, cabinemateriaal & meterkasten Lastenboeken Gunningsprocedure Productie, bouw en testen Implementatie en uitrol Figuur 30. Initiële planning Het gunningsproces van AMM en MDM liep aanvankelijk ongeveer synchroon. Doordat het AMM echter eerst niet gegund werd, is de uiteindelijke gunningsdatum van het AMM sterk verschoven ten opzicht van de andere systemen. Deze achterstand heeft de ontwikkeling van het AMM eigenlijk nooit kunnen inhalen. Doordat er gewerkt werd met relatief open lastenboeken, moest er tijdens het gunningsproces nog heel veel verduidelijkt worden. Dit zorgde ervoor dat effectieve contractondertekening later gebeurde dan eerst ingepland. De vooropgestelde ontwikkeltijd bleek bovendien ruimschoots onderschat en de leveranciers vroegen meer ontwikkeltijd tijdens de bouwfase. Om de specificaties van verschillende systemen op elkaar af te stemmen, en door het voortschrijdend inzicht, waren er zeer veel wijzigingen en iteraties noodzakelijk. De ontwikkeling van slimme componenten en de integratie met de centrale systemen liep minder voorspoedig. In december 2011 werd de start van de uitrol uitgesteld tot 1/10/2012. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 51

52 Figuur 31. Planningswijzigingen uitrol Op 1 oktober is de uitrol wel degelijk van start gegaan, eerst door eigen Infrax techniekers en na enkele weken ook door aannemers. Het tempo van uitrol werd langzaam opgevoerd maar bleef over de ganse periode binnen de vooropgestelde doelen. Begin 2014 werd de uitrol afgerond. 4.2 Evaluatie van de technische oplossing van Eandis Inleiding Op basis van de slimme meter configuratie van de Proof of Concept werd een analoge configuratie verwezenlijkt voor de piloot. De doelstelling van de POC was het uittesten van het Eandis communicatie concept. Voor de verwezenlijking ervan werd beroep gedaan op een werkende totale configuratie van meters en systemen van één leverancier om de integratie problemen te vermijden. Voor de piloot is het een primaire doelstelling om meerdere leveranciers toe te laten en om de systemen in de eigen ICT landschap te integreren. In dit hoofdstuk worden de verschillende materialen, systemen en andere verwezenlijkingen omschreven en geëvalueerd. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 52

53 PLC Meter Webportal Filter Belgacom Telenet internet AMM/MDM MOC PLC Figuur 32.Het slimme meter configuratie van de POC Meterkast Elektriciteitsmeters Telecomoperatoren verbruiksfeedback Verwerken gegevens Gasmeters WiFi Verzamelen gegevens Slimme communicatiemodule Watermeters Groene stroommeter Figuur 33. Slimme Meter configuratie van de piloot Materialen/Componenten E-meters Scope Figuur 34. Elektriciteitsmeters De scope voor elektriciteitsmeters voor de piloot omvat, voor residentiële en professionele klanten op het LS net, monofasige en driefasige direct aangesloten meters voor beide nettypes ( driedraads- en vierdraadsnetten ). Voor de meters op de vertrekken van de MS cabines worden semi-indirecte driefasige meters in scope genomen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 53

54 Aankooptraject Er is tijdens de gunning bewust gekozen voor meerdere leveranciers, dit om de gewenste interoperabiliteit te realiseren. Van de 19 leveranciers die zich kandidaat stelden werden er 12 weerhouden. Van deze weerhouden kandidaten werden 3 producenten gegund voor de volgende loten: 1. Lot 1 a. monofasige meters, b. directe en semi-indirecte driefasige meters voor 3x400V netten 2. Lot 2: directe en semi-indirecte driefasige meters voor 3x230V netten 3. Lot 3: monofasige meters De meters die aangeboden waren voldeden echter nog niet volledig aan de specificaties uit het lastenboek en anderzijds waren er ook nog enkele specificaties die onvoldoende duidelijk waren, daarom werden modelfreeze documenten opgesteld. Deze modelfreeze documenten waren specifiek voor elke meterfabrikant en bevatten bijkomende en uitdiepende specificaties die nog door de meterleveranciers ontwikkeld moesten worden. Het modelfreeze document maakt, naast het lastenboek, ook integraal deel uit van het contract met de desbetreffende leverancier. Nadat de noodzakelijke implementaties uitgevoerd waren werden volledige systeem testen en Factory Acceptance testen uitgevoerd vooraleer de meters, na eventueel meerdere iteraties, vrijgegeven werden Evaluatie Specificaties Functioneel zijn er beduidende verschillen tussen de verschillende meters qua technische uitwerking: gebruik van andere interne codes, andere events, verschillende PQ parameters beschikbaar, andere interne afhandeling van tarief periodes verschillend gedrag bij stroomonderbrekingen, fysische connectie, Deze verschillen hebben het zeer moeilijk gemaakt in de opbouw van het slimme meter systeem. De communicatie module, het AMM en het MDM hebben wijzigingen moeten aanbrengen om uiteindelijk de juiste meter- en meetgegevens in de gegevensbanken te brengen, onafhankelijk van het metertype. Voor de toekomstige gunningen moeten de lastenboeken de verschillende meters volledig eenduidig specifiëren. 2 specifieke ontwikkelingen werden geïmplementeerd op de elektriciteitsmeters: Om de slimme meter als budgetmeter te kunnen gebruiken werd een dun model ( = thin prepayment model ) uitgewerkt. Dit wil zeggen dat alle berekeningen in een centraal systeem gebeuren en dat er geen intelligentie in de meter dient opgenomen te worden. In dit model wordt gebruik gemaakt van standaard functionaliteiten van de meters, zoals het uitlezen van meetwaarden en het bedienen van de disconnector. Om de klant te kunnen informeren werden 8 registers voorzien die op het display van de meter getoond kunnen worden. Op periodieke basis kunnen de waarden in deze registers vanuit het centraal systeem geüpdatet worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 54

55 Twee leveranciers hebben meters aangeboden die communiceren via het protocol RS-485. Dit biedt het voordeel dat deze meters eenvoudig in een bus structuur aangesloten kunnen worden. Zo kan in een appartement één communicatiemodule de meterdata van verschillende meters over deze bus ophalen. Deze specifieke ontwikkeling resulteert in een belangrijk kostenvoordeel. De derde meter communiceert via ethernet, bij dit metertype is dergelijke busstructuur niet mogelijk. Eén meter is gebaseerd op een oudere generatie, waarbij deze intern werkt op een ouder protocol (IEC1107) met een conversie naar de Europese standaard DLMS/Cosem voor de communicatie met de SCM, wat heel wat beperkingen oplegt en specifieke oplossingen vereist. Bovendien is FWupgrade voor dit metertype enkel mogelijk door de leverancier, wat een ongewenste beperking is. Het is ook deze beperking die de oorzaak was van het tijdelijk stopzetten van de uitrol. Door een te laat gevonden firmware bug moesten al deze meters terug gestuurd worden voor een update van deze firmware. Qua beveiliging is voor het piloot project gekozen om HLS (High Level Security) te gebruiken tussen de meter en de SCM. Voor het opzetten van communicatie met de meter zijn telkens 2 sleutels nodig, één voor authenticatie en één voor encryptie. Een verbeterpunt rond security kan zijn om de security vereisten in detail af te checken door doorgedreven testen in de gunningsfase. Het is immers zo dat meterleveranciers momenteel geen uitgebreide expertise terzake hebben en ondanks beweringen dat het product de gevraagde vereisten ondersteunt, bleek maar al te vaak dat detail interpretaties kunnen leiden tot niet werkende systemen x230V netwerken In de POC werd aangegeven dat 3x230V netwerken, omwille van hun zeldzaamheid binnen Europa, het moeilijk maakt om geschikte componenten te vinden. Om toch in deze nood te kunnen voorzien werden specifieke meters aangekocht die zoals hierboven aangegeven technisch minder sterk zijn dan de andere metertypes. Een tweede probleem dat tijdens de piloot opgemerkt werd is het onderbreken van de stroomtoevoer op een 3x230V net. De aangekochte monofasige meters onderbreken slechts één pool wanneer de stroomtoevoer wordt afgesloten. De betrokken klanten werden geïnformeerd en de processen werden aangepast. Voor de volgende uitrol zullen de lastenboeken rekening houden met het 2-polige onderbreken Tarief periodes en contactor programma s Om de Dag/ Nacht ( = Time of Use of ToU ) sturing en de contactor sturing, voor Uitsluitend Nacht Tarief en boilers, door de meter te laten afhandelen moest een selectie genomen worden van de 300 bestaande Centrale Afstand Besturing ( = CAB ) programma s die vandaag gebruikt worden. Er werd geopteerd om een twaalftal contactor programma s te definiëren specifiek voor slimme meters. Deze programma s werden zodanig gedefinieerd dat voor elk bestaand CAB programma een alternatief gekozen kon worden zonder verlies van comfort. De techniekers beschikken over steekkaarten die moeten helpen bij het beslissen welk programma gekozen moet worden bij de installatie van de slimme meter De meter leveranciers en de Firmware problemen Zoals boven vermeld was het noodzakelijk om bij alle E meters de firmware aan te passen naar de Eandis specificaties om te voldoen aan de functionaliteiten van de slimme meter. Firmware is de software van de meter en aanpassingen eraan volgen dezelfde wetmatigheden : Zelfs na het uittesten door de fabrikant zitten er nog veel fouten of bugs in de firmware. De Piloot slimme meters wordt dan ook gebruikt door de fabrikanten om hun meters naar hogere kwaliteit te brengen. Het is opmerkelijk dat bij alle drie de fabrikanten nog bugs gevonden werden in de firmware na vrijgave of zelfs na installatie. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 55

56 Het opmerken van de fout en het uittesten van de oplossing wordt doorgeschoven naar Eandis. Dit is een zeer tijdrovend proces die de vooruitgang en dus de planning van het programma ten zeerste hebben beïnvloed. Ook het zoeken naar de oplossing door de respectievelijke fabrikanten was een tijdrovende activiteit. Eén type meter zal dan ook maar in 2014 geïnstalleerd worden. Vooral de fabrikanten die aan meerdere piloten deelnamen hadden te weinig capaciteit om onmiddellijk en flexibel op te treden. Het is een noodzaak om in de volgende uitrol meters te installeren die bugvrij zijn en dus hun kwaliteit bewezen hebben. Indien er nieuwe firmware moet aangemaakt worden moeten volgende acties zekerheid bieden naar het perfect functioneren van de meters: Zeer uitvoerige testen met rapportage door fabrikant Volledige acceptatietesten door Eandis. Hier zullen de ervaringen van de POC en de piloot zeker een grote rol spelen. Een testbank om de nodige testen en keuringen uit te voeren (metrologisch én configuratieinstellingen én communicatievereisten) zal noodzakelijk zijn om meters te kwalificeren. Een voldoende lange veldtest om het perfect functioneren aan te tonen De Gas meter Scope De scope voor gasmeters voor de piloot omvatte de G4-meters (Qmax = 6m³/h): coaxiale meters en tweepijpsmeters de G6-meters (Qmax=10m³/h): coaxiale meters en tweepijpsmeters Aankooptraject Er is tijdens de gunning bewust gekozen voor meerdere leveranciers, dit om de gewenste interoperabiliteit te realiseren. Van de 19 leveranciers die zich kandidaat stelden werden er 12 weerhouden. Van deze weerhouden kandidaten werden volgende 2 producenten gegund: Lot 1: de coaxiale meters (G4 en G6) en de G6 tweepijpsmeters Figuur 35. de coaxiale meters (G4 en G6) en de G6 tweepijpsmeters Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 56

57 Lot 2: G4 tweepijpsmeters Figuur 36. G4 tweepijpsmeters Geen van de aangeboden meters voldeden echter volledig aan de specificaties uit het lastenboek. Anderzijds waren er ook nog specificaties die onvoldoende duidelijk gesteld waren. Er was bijgevolg nood aan een bijkomend ontwikkeltraject. In analogie met de E meters werden ook Modelfreeze documenten opgesteld. Nadat de noodzakelijke implementaties uitgevoerd waren werden volledige systeem testen en Factory Acceptance Tests uitgevoerd vooraleer de meters, na eventueel meerdere iteraties, vrijgegeven werden Evaluatie Specificaties De gasmeter van lot 1 is een klassieke balgengasmeter. De gasmeter van lot 2 is een ultrasone gasmeter, bij deze laatste komen er geen bewegende delen aan te pas. De gasmeters registreren de meterstand als indexen. Zowel de bruto index als de temperatuurgecompenseerde index zijn voor uitlezing beschikbaar. De temperatuurgecompenseerde index wordt vandaag enkel voor studiedoeleinden gebruikt en dus niet voor facturatie. Voor de klant is hij ook niet zichtbaar op het display. Functioneel zijn er beduidende verschillen tussen de verschillende meters qua technische uitwerking dit zowel op vlak van het gedrag van bepaalde functionaliteiten als op vlak van het communicatieprotocol. Deze verschillen werden zoveel mogelijk gelijk getrokken via de bijkomende specificaties in het modelfreeze document. Toch moesten voor bepaalde functionaliteiten meterspecifieke implementaties worden gedaan op niveau van SCM en centrale systemen zoals het AMM en MDM. Volgende specifieke ontwikkelingen werden geïmplementeerd op de gasmeters: De balgenmeter houdt ook de hoogste gasstroom van de huidige maand bij. Deze waarde is beschikbaar voor uitlezing. Op het einde van de maand wordt deze waarde gereset. Vooraleer de klep daadwerkelijk opent (via een actie van de klant), wordt door de meter een lektest uitgevoerd conform de Synergrid voorschriften. Deze procedure is uniek voor België en diende door de meterleveranciers specifiek geïmplementeerd te worden. De balgenmeter ondersteunt de upgrade van de niet-metrologische firmware. Eandis was hiermee de eerste om remote firmware upgrade van gasmeters over M-Bus uit te voeren. De procedure is echter niet beschreven in de M-Bus standaarden, en werd samen ontwikkeld met de fabrikant De andere fabrikant voorziet deze functionaliteit (voorlopig) niet op haar gasmeters. Een vereiste voor de gasmeters in de piloot was dat elke meter intrinsiek ook kon fungeren als budgetmeter. Er werd hiervoor uitgegaan van dunne model, waarbij alle berekeningen in het centraal systeem gebeuren. De functionaliteiten in de meter beperken zich tot het kunnen Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 57

58 schakelen van de klep, en het kunnen tonen van enkele budgetmeter gerelateerde registers op het display. Hiervoor werden er in de gasmeter 8 registers geïmplementeerd die vanuit het centrale systeem kunnen geschreven worden, en op het display kunnen getoond worden aan de klant. De communicatie van alle gasmeters met de SCM gebeurt via het M-Bus protocol. Er bestaan varianten met bedraad M-Bus en draadloos M-Bus. Bedrade M-Bus gasmeters zijn wat goedkoper, maar dit prijsvoordeel verdwijnt door de langere fysische montagetijd (plaatsen van kabel). Bedrade M-Bus communicatie laat opbouw van een busstructuur toe door de meters eenvoudig door te lussen. Op die manier kunnen meerdere bedrade gasmeters op één SCM gekoppeld worden. Bij draadloos M-Bus neemt de meter het initiatief van de communicatie. Gedurende het grootste deel van de tijd is de meter in slaapmode, dan is er geen communicatie met de meter mogelijk. Slechts op discrete tijdstippen (1x per kwartier) wordt de meter wakker om zijn meterstand uit te sturen. Gedurende een korte periode na het uitsturen van de meterstand (2-3ms) blijft de meter beschikbaar om een eventueel bericht van de SCM te ontvangen. Indien de meter binnen deze tijd geen bericht van de SCM ontvangt, gaat hij terug in slaapmode. De hierboven beschreven procedure is bedoeld om de batterij van de meter zoveel mogelijk te sparen, en zo een hoge batterijlevensduur van 15 tot 20 jaar te bereiken. Indien de batterij leeg is, stopt ook het meten van het gasverbruik. Hierdoor wordt de gemiddelde wachttijd voor het uitvoeren van een commando (bv sluiten van de klep) 7,5minuten. In het slechtste geval kan dit oplopen tot 15minuten. Des te groter het aantal draadloze meters binnen elkaars bereik (bijv. in appartementen), des te groter de kans onderlinge verstoring. Om die reden is in het systeem redundantie ingebouwd. Draadloze meters sturen 4x per uur (of dus 1x per kwartier) de meterstand van het voorbije hele uur uit. De SCM hoeft slechts één van deze vier berichten op te pikken om toch een meterstand te kunnen doorgeven naar het centrale systeem. Alle gasmeters uit de piloot ondersteunen encryptie van de gevoelige, klant gerelateerde informatie in de berichten volgens het AES-128 encryptiealgoritme. Het is noodzakelijk dat de meters een minimale set van basis end-to-end testen doormaken voor ze worden vrijgegeven. Deze minimale set bestaat uit o.a. volgende testen: installatietest (mobile), communicatie stabiliteit, vanop afstand firmware upgrade correcte registratie doorsturen van facturatie parameters (indexen) Klepfunctionaliteit Het blijft voor de leveranciers een uitdaging om G6 meters te ontwerpen met klep die een aanvaarbare drukval over de meter oplevert. Voornamelijk voor coaxiale meters is dit een probleem. Voor de piloot kon er dan ook geen coaxiale G6 meter met klep geselecteerd worden. Mogelijk wordt dit in de toekomst beter met de verdere opmars van statische gasmeters die inherent een lagere drukval hebben dan balgengasmeters. Eandis voerde ter controle ook duurtesten uit, waarbij de klep van de gasmeters verschillende duizenden malen werd geschakeld. Op basis van deze testen werd de ontwikkeling verder geoptimaliseerd en werd de firmware verder aangepast. Dit resulteerde uiteindelijk in een gasmeter waarvan de klep uiterst betrouwbaar werkt met een zeer lage kans op foute schakelingen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 58

59 Installatieproblemen Het indienststellen van een draadloze gasmeter duurde aanvankelijk onaanvaardbaar lang, tot de implementatie in SCM en Mobile werd gewijzigd waardoor de mogelijke wachttijd tot het minimum werd beperkt en dus nog maximaal 15 minuten bedraagt. Draadloze meters noch bedrade meters noch een combinatie van beide kan 100% van de installaties afdekken. Voor de toekomst kan gekeken worden naar draadloze M-Bus communicatie op 169MHz i.p.v. 868MHz. Het draadloze signaal op 169MHz draagt veel verder, maar de ontwikkeling ervan bij de meterfabrikanten is nog volop aan de gang. Vooral de ontwikkeling van een aangepaste antenne en de levensduur van de batterij zijn de belangrijkste elementen om te slagen. Voor de tweepijpsmeters volgt België historisch gezien niet de ISO-norm voor schroefdraad. Er wordt vandaag gebruik gemaakt van speciale Withworth schroefdraad. Dit is zeer moeilijk of zelfs niet verkrijgbaar bij gasmeterleveranciers. Hierdoor moesten speciale aansluitstukken worden aangekocht, die in de fabriek in de doos bij de meters werden gevoegd PCB probleem Tijdens de klimaattesten die Eandis ter controle uitvoerde op een steekproef van gasmeters, werd een degeneratie van de PCB vastgesteld die tot lekstromen en kortsluitingen kon leiden. In het veld zou dit resulteren in falende meters, ogenschijnlijk om verschillende redenen. Door een gerichte aanpassing in het soldeerproces was dit probleem verholpen vooraleer de serieproductie was gestart Blokkerende drukknop Bij de eerste batch van geleverde meters werd een probleem ontdekt met de drukknoppen. Bij 10% van de geleverde meters bleef de drukknop geblokkeerd in ingedrukte toestand na het indrukken. Ook dit probleem was toe te wijzen aan het soldeerproces. De methode om de PCB schoon te maken werd aangepast en na assemblage van de meters worden alle knoppen getest door een operator Security De trend van een beveiligde architectuur is merkbaar bij alle leveranciers en hier werd tijdens de Piloot in samenwerking veel voortgang geboekt. Toch dient er opgemerkt te worden dat gasmeters ( en ook watermeters) beperktere security mogelijkheden hebben omwille van minder uitgebreide hardware en eraan gerelateerde kostprijs De meter leveranciers en de Firmware problemen Ook tijdens de uitrol van de gasmeters zijn bugs ontdekt in de meterfirmware die soms verregaande gevolgen konden hebben. Deze problemen konden enkel opgelost worden via een firmware upgrade die nu nog altijd lopende is tot Q Economische evaluatie In het kader van toekomstige standaardisatie lijkt het aangewezen om alleen nog met draadloze gasmeters verder te gaan: gelijke kost voor een uniform product dat vrijwel overal inzetbaar is inzake fysische locatie. Dit is een groot logistiek voordeel en vermindert het aantal varianten. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 59

60 SCM (Slimme Communicatie Module) Scope Figuur 37. SCM (Slimme Communicatie Module) De SCM staat tussen de meters en het centraal systeem en vervult de rol van centrale communicatie knooppunt in het veld. Daar verzorgt de SCM de communicatie met: meters (bedraad & draadloos) Installatie toestel van de technieker (Mobile) SCM s onderling via PLC Gebruikerspoort via ethernet Modem van de eindklant (bedraad via ethernet of draadloos via WiFi plug-in module) GPRS netwerk via een plug-in module Aankooptraject Na de internationale projectaankondiging hebben 11 leveranciers zich kandidaat gesteld. Van de kandidaten die een offerte hebben ingediend werd één leverancier weerhouden Evaluatie Specificaties De firmware van de communicatiemodule werd ontwikkeld in verschillende stappen, telkens gelinkt aan een programma milestone en bevat specifieke verbeteringen en functionaliteiten. De SCM bevat, als een van de eerste in de wereld van smart metering, een security module. De aangeleverde security chip en de daarbij horende drivers waren in de zomer van 2012 nog niet matuur wat geleid heeft tot een langere ontwikkeltijd en een impact op de algemene planning. De security chip is de veilige kluis voor het sleutel-(key) materiaal dat nodig is voor de goede werking van de SCM: De SCM maakt naar de meters toe gebruik van symmetrische keys. Op alle andere interfaces (buiten de verbruikspoort) wordt er gebruik gemaakt van asymmetrische cryptografie. De SCM is het doorgeefluik van al de meterdata, en bevat daartoe een waaier van connectiemogelijkheden. Doordat meters verschillende protocollen gebruiken, gebeurt er in de SCM nog een omzetting naar het SML protocol, noodzakelijk om de data naar de centrale systemen te sturen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 60

61 Complexiteit/stabiliteit Figuur 38. Interfaces op communicatiemodule De complexiteit van de SCM vergroot het risico op allerlei software fouten. Zo is de mode manager voor het master- slave mechanisme, samen met de status van de connectie van de verbinding naar de centrale systemen een bijzonder gevoelig geheel, waarbij alle componenten correct moeten samenwerken. Mogelijke bronnen van fouten of een niet stabiel werkend geheel of oorzaken van problemen bij de installatie kunnen zijn: Timing problemen Verschillen in implementatie tussen leveranciers Veranderende firewall settings van de telecomoperatoren invloed van modemtype Goede afspraken rond de interfaces zijn een noodzaak Firmware upgrade Doordat intern in de SCM meerdere types software aanwezig zijn, moet een firmware upgrade een zeer rigide workflow volgen. Er zijn verschillende componenten die kunnen geüpgraded worden en hiertussen bestaan afhankelijkheden. Het beheer van dit upgrade proces is een taak die door het MOC wordt opgenomen met ondersteuning vanuit AMM en SMT applicaties Doorlooptijd ontwikkelingstraject De doorlooptijd van het ontwikkelingstraject werd initieel duidelijk onderschat. Het uitgangspunt was dat de integratie op een eenduidige standaard manier met de externe componenten zou kunnen gebeuren. Het is gebleken dat voor alle interfaces specifieke ontwikkelingen of aanpassingen nodig waren. Meermaals is gebleken dat de specificaties maar tot in detail kunnen uitgewerkt worden op het moment van implementatie. De op de Agile methodiek gebaseerde samenwerkingsmethodiek ( de Co-laborate aanpak ) tussen Eandis en de respectievelijke leveranciers heeft deze problematiek grotendeels gemitigeerd. Voor een latere uitrol is de ontwikkeling van een companion standaard voor alle interfaces noodzakelijk, dit zal de uiteindelijke doorlooptijd beperken Kwaliteitsaspecten Hardware-matig werden geen noemenswaardige kwaliteitsdefecten vastgesteld op de serieproducten. Software aanpassingen lopen nog steeds verder om allerlei verbeteringen door te voeren. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 61

62 Breedband verbinding tussen de SCM en het Eandis datacenter Scope Tussen de SCM en het datacenter moet er een breedband verbinding worden voorzien waarlangs de data van en naar de meters en SCM s kan worden uitgewisseld. Deze verbinding kan door verschillende technologieën tot stand worden gebracht: Vast: o Gebruik van de klantenmodem door middel van een ethernet verbinding: Figuur 39. klantenmodem o Gebruik van de klantenmodem door middel van een WiFi plug-in module o Gebruik van een dedicated modem = afzonderlijke modem geplaatst op aanvraag en in beheer van Eandis, al dan niet met een WiFi plug-in module. Dit komt meestal voor bij appartementsgebouwen. Mobiel: o Gebruik van een plug-in GPRS (2G) module Figuur 40. plug-in GPRS (2G) module Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 62

63 Schematisch: Eandis datacenter MDM web - interface SMT - tools file - interface AMM API Telco modem GPRS Smart meter service Wifi - interface Ethernet poort WiFi kabel GPRS add - on module Wifi add - on module Ethernet Poort SCM - master PLC meters web - interface file - interface Monitoring tools API GPRS add - on module Wifi add - on module PLC meters Telco Ethernet Poort SCM - slave Evaluatie Gebruik modem klant Figuur 41. Voorstelling van breedbandverbindingen in de Slimme Ketting Algemeen kan gesteld worden dat een bedrade verbinding de meest stabiele communicatie verbinding is. In de POC werd een tweede modem geplaatst bij de slimme meters die als master werden aangeduid. Het leek logisch om in de piloot de bestaande modem van de klant te gebruiken: Lagere investeringskost door het weglaten van bijkomende modems Marginale exploitatiekosten door gebruik van een bestaande modem. Tijdens de piloot is echter gebleken dat deze verbinding niet gegarandeerd kon worden door de afhankelijkheid van de klant en dat de kosten niet marginaal zijn: keuzemogelijkheid van de klant om de modem niet ter beschikking te stellen ( opt-out ) Na de piloot is om privacy redenen het akkoord van de klant ( opt-in ) verplicht. Onzekerheid beschikbaarheid geïnstalleerde verbinding door actie van de klant: o s nachts afzetten van de modem voor energie efficiëntie o verwijderen van de kabelverbinding o Wanneer een klant verhuist of van operator verandert, kan ook een masterverbinding verloren gaan omdat nieuwe klant akkoord moet gaan. Hoge OPEX o Communicatie kosten en exploitatiekosten niet marginaal o Voorbezoek is nodig om bruikbare locaties te identificeren o Niet voorspelbare technologische evoluties bij de telecom operatoren: software en hardware vernieuwingen vereisen compatibiliteitsaanpassingen en testen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 63

64 Hoge CAPEX o Specifieke ontwikkeling van de klantmodem o Installatietijd van de draadverbinding tussen meterkast en modem. Het belangrijkste knelpunt van de verbinding met de klantenmodem is dus de beschikbaarheid en het degenereren van het aantal masterverbindingen. Dit samen met de huidige opt-out keuzemogelijkheid door de klant heeft een grote impact op de toekomstgerichtheid van deze oplossing: er moet gegarandeerd kunnen worden dat er steeds voldoende breedbandconnecties beschikbaar zijn in het master/slave concept. De WIFI verbinding heeft de beperking van onzekerheid minder door het ontbreken van de draadverbinding maar de CAPEX en OPEX blijven te hoog. Een dedicated modem heeft dit onzekerheidsprobleem niet, maar vergt een extra investering die moet afgewogen worden tegenover de hieraan gekoppelde voordelen. Het gebruik van de klantenmodem vereiste een specifieke firmware ontwikkeling. Door de gekende problemen bij nieuwe software werd de oplossing niet tijdig opgeleverd. Daardoor werden de modems pas later beschikbaar en konden er dus minder geplaatst worden. Er bestaat ook een ongewenste afhankelijkheid t.o.v. deze firmware van de modem: slechts bepaalde modemtypes met een specifieke firmware kunnen gebruikt worden. Bij bepaalde connectieproblemen was een zeer intensieve debugging nodig met alle betrokken partijen. Dergelijke problemen oplossen tot in het veld was bijzonder tijdrovend, met een belangrijke impact op het communicatienetwerk Draadloze verbinding via GPRS De draadloze verbinding via GPRS heeft voordelen : Eenvoud bij installatie door het wegvallen van de kabelverbinding Eenduidigheid en eenvoud bij installatie: de installateur hoeft geen keuzes te maken. Geen opt-in proces met moeilijke administratie noodzakelijk Minimale voorbereiding zonder voorbezoek Uitermate geschikt voor gesegmenteerde of gefaseerde uitrol. GPRS verbindingen hebben echter ook hun technische beperkingen: enerzijds is de dekkingsgraad van de operatoren niet 100%, anderzijds heeft men in sommige locaties zoals kelders of gebouwen met veel gewapend beton geen goede GPRS verbinding. Toch is de algemene performantie van het GPRS netwerk beter dan verwacht, ook in appartementsgebouwen. GPRS biedt zich daardoor aan als aangewezen alternatief met de volgende voorwaarden: Het gebruik van SIM-kaarten die operatoronafhankelijk zijn voor vrije leverancierskeuze en dus kosten efficiëntie. Optimalisatie van de algemene dekkingsgraad. Automatische evolutie van de modem met de nieuwe technologieën ( 3G, 4G, ) op een software-matige manier. Algemeen moeten verder de nodige afspraken gemaakt worden met de operatoren: onderhoudswerken, toegang tot hun portaal, vereiste SLA om een snel herstel van het netwerk te garanderen bij eventuele problemen, gewenste communicatie (pro-actief indien mogelijk), probleemopvolging. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 64

65 Economische evaluatie Het is wel duidelijk dat de M2M prijzen van GPRS sterk gedaald zijn en de verwachting is dat deze in de toekomst nog sterker zullen dalen. Het feit dat de prijszetting onafhankelijk is geworden van het aantal aansluitingen maar afhankelijk is van de hoeveelheid data ( MByte ) kan uiteraard zijn effect hebben op de verdere uitrol Watermeter Scope Figuur 42.Watermeter met M-bus communicatie module In de piloot wordt een technische test uitgevoerd met een 400-tal watermeters. Deze watermeters zijn eigendom van de waterdistributiemaatschappij. Eandis biedt in dit opzicht de communicatie-infrastructuur aan om de meetdata en events van de watermeters te capteren en door te sturen naar de watermaatschappij. De verdere interpretatie van deze data, klantenfeedback en eventuele interventies zijn de verantwoordelijkheid van de watermaatschappij. Omwille van het gemak van latere interventies door de watermaatschappij is ervoor gekozen om een M-bus-koppelstuk te monteren tussen de watermeter en de SCM, zoals te zien in onderstaande figuur. De watermaatschappij heeft toegang tot dit koppelstuk, dus als de opklikbare M-bus-module vervangen moet worden, is de meterkast hierbij niet geïmpacteerd. De data van deze meters gaat slechts tot het AMM, vanwaar de export naar de waterdistributiemaatschappij zal gebeuren. Deze export gebeurt nu manueel en zal vanuit het AMM gebeuren in de loop van Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 65

66 Figuur 43. Communicatie slimme meter watermeter via koppelstuk Groenestroommeter Scope Figuur 44.De elektronische PVmeter In de piloot zal een technische test worden uitgevoerd met een 50-tal Photovoltaïsche meters. Dit zijn DIN-rail gebaseerde elektriciteitsmeters die ingezet worden om de productie te meten van de PVinstallaties bij gewone huishoudens. Deze meter heeft niet als bedoeling om de al aanwezige (nietcommunicerende) productiemeter te vervangen. Deze wordt er namelijk in serie bij geplaatst om te testen of de communicatie vlot verloopt en de meetwaarden op kwartierbasis gecommuniceerd kunnen worden. Deze sub-meter zal ook gebruikt worden voor een technische test bij enkele warmtepompen om het verbruiksprofiel hiervan vast te stellen. De data van al deze meters gaat slechts tot het AMM, vermits dit tot nog toe een test betreft. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 66

67 Filters Scope Figuur 45. filters Zoals in de POC project fase het geval, werden er ter verbetering van de PLC communicatie ook nu filters geplaatst. Voor huisaansluitingen werden modulaire filters ontwikkeld van 40A en 63A die in de nieuwe meterkasten konden worden ingebouwd. Voor cabines waren de POC filters van 120A en 250A herbruikbaar, maar er werd een specifieke filter ontwikkeld die op het LS bord kan worden gemonteerd Aankooptraject Voor de optimalisatie van de 40A, 63A en 250A filters werd beroep gedaan op externe expertise. Voor de productie en assemblage van de filters hebben 6 leveranciers zich kandidaat gesteld. Na evaluatie van de offertes werden 2 leveranciers weerhouden. Om risico s te spreiden werden de percelen gespreid over beide leveranciers met volgende verdeling: 11. Lot 1 : 63A, 120A,250A 12. Lot 2 : 40A, 63A, 120A,250A Evaluatie Specificaties Het nieuw design was sterk gericht naar kostenoptimalisatie, met de gewenste technische functionaliteiten (filterkarakteristieken, warmtedissipatie en compactheid). Zo levert het gebruik van aluminium als wikkelmateriaal een enorme besparing op, maar dit gaat wel ten koste van het volume. Toch lijkt dit de meest toekomstgerichte technologie. Om een gegarandeerde kwaliteit te verzekeren, zijn er gedurende het volledige ontwikkeltraject zeer veel testen uitgevoerd (filterkarakteristieken, kortsluitproeven, opwarmingsproeven, stralingstesten, installatiegemak, valtesten, veiligheid ) Het ontwerp Beschikbaarheid van het filterkernmateriaal is een groot risico, vermits hiervan wereldwijd zeer weinig leveranciers zijn. Allocatie van het gewenste basismateriaal bij de leveranciers was daarom noodzakelijk. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 67

68 Het ontwerp van de 250A filters voor de piloot oplossing was voor beide leveranciers verschillend. De afwerking aan de aansluitpunten was hierbij het meest uitdagende: de moeilijkheidsgraad om op de spoel binnen de opgegeven maten en toleranties te blijven. Tijdens de montage in de meterkasten werden de filterkarakteristieken 100% getest Meterkasten Scope De meterkast is een onmisbaar onderdeel in het project, een plaats waar de slimme componenten zoals elektriciteitsmeter, filter en SCM samengebracht worden, en zowel op vlak van elektriciteit als van communicatie geïntegreerd worden. Voor het pilootproject werd de 25S60-kast gewijzigd vooral door de noodzakelijke integratie van de filters. Andere vereisten gesteld aan deze meterkast blijven gelden: minimale installatietijd (plug and play); integratie van al de componenten (dus ook de filters); bereikbaarheid van de meter, datacommunicatiepoorten en componenten; veiligheid; en uiteraard passend op de bodem van een vroegere 25S60-kast. Om aan al de netaansluittypes een oplossing aan te bieden, was het noodzakelijk om niet minder dan 24 varianten van meterkasten uit te werken. Figuur 46. De gewijzigde 25S60-meterkast en een kleinere versie voor monofasige aansluitingen Aankooptraject Voor de uitwerking van nieuwe innovatieve meterkast werd beroep gedaan op een extern ontwerpbureau. De uitgewerkte stereolithografische prototypen werden gebruikt als basis voor de lastenboeken voor de aanbesteding van de productie en assemblage van de verschillende ontwerpen. Aan de leverancier werd gevraagd om eerst FOT (First Out of Tool) stalen te leveren. Op deze stalen werden productacceptatietesten uitgevoerd. In functie van de uitkomst van deze testen werd aan de leverancier gevraagd de noodzakelijke wijzigingen aan te brengen en, indien nodig, nieuwe stalen te leveren. Pas na volledige vrijgave van het product mocht de massaproductie opgestart worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 68

69 De vereiste designwijzigingen tijdens de productiefase werden eveneens door het ontwerpbureau verder behandeld Evaluatie Functionele evaluatie Algemeen kan gesteld worden dat het nieuwe meterkastontwerp zeer goed voldoet aan alle opgelegde vereisten. De Plug and play mogelijkheid zorgt voor een gemakkelijke en veilige installatie wat duidelijk in de uitrolresultaten terug te vinden is. De testbank in productie heeft er ook voor gezorgd dat assemblagefouten voor installatie gedetecteerd konden worden Economische evaluatie Het is wel duidelijk dat een beperking van de varianten aangewezen is om een algemene kostenreductie mogelijk te maken. Indien een elektriciteitsmeter zowel voor een driedraadnet als voor een vierdraadnet gebruikt kan worden, betekent dit een halvering van het aantal varianten Cabinemateriaal Scope De scope betreft het uitrusten van laagspanningsvertrekken in distributiecabines met materiaal dat onderstaande 3 functies vervult: Filtering door het plaatsen van 250A filters per LS vertrek of feeder om een optimale PLC communicatie te realiseren Meten van het verbruik per LS vertrek of feeder, wat toelaat om bv. analyse te doen van de energiebalans Communicatie via de aanwezige SCM s Aankooptraject Ook het ontwerp van nieuw cabinemateriaal gebeurde door een extern ontwerpbureau. De uitgewerkte stereolithografische prototypen werden gebruikt als basis voor de lastenboeken voor de aanbesteding van de productie en assemblage van de verschillende ontwerpen. Voor de productie en assemblage van cabinemateriaal werd één leverancier geselecteerd. Aan de leverancier werd gevraagd om eerst FOT (First Out of Tool) stalen te leveren. Op deze stalen werden productacceptatietesten uitgevoerd. In functie van de uitkomst van deze testen werd aan de leverancier gevraagd de noodzakelijke wijzigingen aan te brengen en, indien nodig, nieuwe stalen te leveren. Pas na volledige vrijgave van het product mocht de massaproductie opgestart worden. De vereiste designwijzigingen tijdens de productiefase werden eveneens door het ontwerpbureau verder behandeld. Voor dergelijke moeilijke matrijsontwerpen had het bureau veel productietechnische bijsturing nodig van de leverancier. Er had veel tijd, werklast en ontwerpiteraties kunnen uitgespaard worden door de partij die instaat voor de productie en assemblage reeds in de ontwerpfase te betrekken. Dit is door de gunningprocedure jammer genoeg niet mogelijk Evaluatie De filteroplossing van de POC SlimEANcab20 werd nog gebruikt in ongeveer 25% van de cabines of voetpadkasten. Zie hieronder een voorbeeld van een cabine die met deze oplossing is uitgerust: Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 69

70 Figuur 47. Cabine met de POC oplossing SlimEANcab20 Figuur 48. Cabine met SlimEANcab20 in voetpadkast Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 70

71 Figuur 49. Paalcabine met SlimEANcab20 in kast voor paalmontage Daarnaast is er zelfs een oplossing beschikbaar in een kast voor paalmontage die kan gebruikt worden voor paalcabines. De filteroplossing SlimEANcab10 werd ontworpen voor de piloot. Tijdens de piloot wordt deze oplossing nog gebruikt in ongeveer 75% van de cabines. Zie hieronder een voorbeeld van een cabine die met deze oplossing is uitgerust: Figuur 50. Cabine met SlimEANcab10 in Pilootgebied De SlimEANcab10-oplossing is een oplossing die geïntegreerd wordt met het LS-bord, beduidend goedkoper dan de POC-oplossing. Deze opstelling is bovendien eenvoudiger installeerbaar. Een uitvoering voor een voetpadkast is praktisch niet realiseerbaar. Het installeren van de filter oplossingen is vaak arbeidsintensief omwille van de vereiste voorbereiding en de nodige veiligheidsvoorzieningen die moeten getroffen worden. Bovendien vergt dit een spanningsonderbreking van alle klanten op de betrokken feeders. Het belangrijkste nadeel van deze filteropstellingen is de investeringskost. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 71

72 Hoge CAPEX voor het productieapparaat. De mechanische, elektrische en brandbaarheid eigenschappen van de kunststof voor de filterbehuizing. Moeilijke warmte huishouding door niet optimale luchtdoorstroming. Om zoveel mogelijk vergissingen tijdens de pre-assemblage te vermijden, is een teststand ontwikkeld waarop 100% van de filtermodules een end-of-line controle kregen Openbare Verlichting (OV) en ongemeten punten Scope Net zoals in het POC project werden ook hier voor het affilteren van ongemeten punten (OP) en openbare verlichtingsaansluitingen (OV) die op het laagspanningsnet aangesloten zijn, PLC filters toegepast. Tijdens de POC is gebleken dat er naast de reeds bestaande filterboxen voor 5A, 10A en 120A nood was aan meer specifieke oplossingen vooral dan voor OV Aankooptraject Het ontwerp van dit materiaal gebeurde door een extern ontwerpbureau. Figuur 51. PLC filters voor OV en ongemeten punten De uitgewerkte stereo-lithografische prototypen werden gebruikt als basis voor de lastenboeken voor de aanbesteding van de productie en assemblage van de verschillende ontwerpen. Voor de productie en assemblage van deze componenten werden 2 bedrijven geselecteerd uit 5 kandidaten. Aan de leveranciers werd gevraagd om eerst FOT (First Out of Tool) stalen te leveren. Op deze stalen werden productacceptatietesten uitgevoerd. In functie van de uitkomst van deze testen werd aan de leveranciers gevraagd de noodzakelijke wijzigingen aan te brengen en, indien nodig, nieuwe stalen te leveren. Pas na volledige vrijgave van het product mocht de massaproductie opgestart worden Communicatiebox In sommige situaties is er nood aan een afzonderlijke opstelling van de SCM buiten de meterkast. Een voorbeeld waarin dit is toegepast, is een appartementsgebouw waarbij de verschillende gasmeters in de appartementen zelf zijn opgesteld. Hierbij wordt dan op een centrale plaats een SCM-box geplaatst, waarmee de draadloze gasmeters kunnen communiceren. Er was namelijk geen draadloze M-bus bereikbaarheid tot in het meterlokaal, de normale positie van de SCM. Op onderstaande figuur is een afbeelding te zien van de (lege) communicatie box. Dit is een component die zo eenvoudig mogelijk ontworpen is om de kost te drukken en de complexiteit niet op te drijven. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 72

73 Figuur 52. De communicatie box Modem box Er zijn situaties waar een dedicated modem geplaatst wordt (meestal in appartementen waar er onvoldoende GPRS- of WiFi-ontvangst is). Dit is dus geen modem van de klant, maar een modem die op vraag van Eandis geplaatst wordt in een aparte box. Deze modem wordt via een UTP-kabel verbonden met de SCM in de meterkast, en via dit kanaal kunnen dan alle gegevens verstuurd en ontvangen worden, van en naar de SCM en de onderliggende elektriciteits- en gasmeters. Voor de box zelf is een standaard box met voldoende flexibiliteit naar aansluiting, montage en eventuele ventilatiemogelijkheden toe gebruikt. Figuur 53.De modem box Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 73

74 Filter box Deze filter box is ontworpen voor situaties waar er geen SlimEAN60-kast geplaatst wordt, maar waar er toch nood is aan filtering. Dit kan voorkomen in de volgende gevallen: Budgetmeter SLP-meter Weigeraar Lokaal plaatsgebrek Om het aantal artikelen te beperken is ervoor geopteerd om slechts één variant van dit artikel in te voeren. Onderstaande foto geeft een beeld van de 40A Filter box. Figuur 54. De filter box Systemen Slimme ketting De verdere informatiedoorstroming vanuit de SCM naar de centrale systemen kan gevisualiseerd worden in wat omschreven wordt als de Slimme Ketting. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 74

75 Figuur 55. Schematische voorstelling van de Slimme Ketting Een slimme meter systeem is altijd, en niet enkel bij Eandis, een aaneenschakeling van verschillende componenten en applicaties. Elk van deze systemen heeft zijn eigen taak en samen vormen ze het geheel nodig om slimme meters te gebruiken en te beheren. De slimme ketting bestaat uit volgende componenten Slimme meters: de slimme elektronische verbruiksmeters voor elektriciteit en gas Communicatie module: verzorgt de datacommunicatie van meter bij aansluiting naar het centrale systeem bij de distributienetbeheerder door gebruik te maken van telecommunicatienetwerken IPT ( Internet Protocol Telemetrie ) ontvangt de meter- en meetdata in de push mode van de SCM en stuurt deze door naar het AMM. AMM: Automatic Meter Management systeem is de applicatie die instaat voor de het ontvangen (capteren) van metergegevens en het versturen van commando s naar de meters MDM: Meter Data Management systeem is de centrale databank waar alle meterstanden worden opgeslagen SAP-ISU: reeds bestaande centrale asset databank bij Eandis waar de gegevens over de aansluitingen worden bijgehouden SMT: Slimme Meter Tools is een bij Eandis ingerichte applicatie die gebruikt worden om het slimme meter netwerk te beheren IMDMS: ontvangt vanuit MDM de meterstanden voor facturatie naar eindgebruikers Mobile is de tool die installatietechniekers gebruiken om slimme componenten te plaatsen Om de afstemming en integratie tussen deze verschillende systemen te bewerkstelligen werden een aantal acties genomen Inhoudelijk overleg tussen verschillende systemen Planning van de verschillende systemen en onderlinge afstemming van de releases door de introductie van zogenaamde Programma Mijlpalen of Milestones (PMS) Release management over de verschillende systemen heen door het Programma Management Ondersteuning (PMO) Teamwerk methodologie voor integratie tussen de systemen Scope- en veranderingsbeheer over de verschillende systemen heen Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 75

76 Toekomstvisie Elk van de systemen heeft een eigen rol en taakverdeling gekregen. Zo kan een MOC operator in SMT-GIS wel de status consulteren van de meters, maar er kunnen geen acties worden uitgestuurd. Hiervoor moet de MOC operator het AMM gebruiken. Op basis van de ervaringen van de piloot is het nuttig om deze rol- en taakverdeling tussen de systemen te her-evalueren en aan te passen waar nodig. Eventuele ontbrekende componenten dienen aangevuld te worden met het oog op een eventuele verdere uitrol. We denken hierbij vooral aan een business proces opvolgingssysteem of workflow manager door verschillende systemen heen die de activiteiten van het MOC zal kunnen ondersteunen OBIS codes Het opzet van slimme meters dient op technisch vlak vooral voor het doorsturen van meetdata. Hiervoor bestaan gestandaardiseerde data modellen die voorschrijven hoe deze data dienen gestructureerd te zijn. Eandis heeft ervoor gekozen om hiervoor de DLMS standaard te volgen. Het OBIS (Object Identification System) definieert identificatie codes voor alle data in DLMS/COSEM meters. OBIS codes zijn betekenisvolle combinaties met numerieke aanduiding. Aan de ingangszijde vinden we de verschillende meters die de meetdata verzenden volgens deze OBIS codes. SCM en AMM ontvangen deze data. Daar waar er tussen meters verschillen bestaan in gehanteerde OBIS codes, wat mogelijk is door gebrek aan sluitende standaarden, is er maar één MDM systeem aan de uitgangszijde dat uniforme codes verwacht. Die uniformisering wordt opgenomen door het AMM. In omgekeerde richting vergt het versturen van opdrachten en configuraties naar de meter ook dat waar nodig een vertaling wordt gemaakt van uniforme naar meter-specifieke codes. Deze vertaling en specifieke implementatie is Eandis-specifiek en wordt naar de toekomst toe aangepakt in de companion standaard Events Naast meetdata versturen slimme meters ook tal van technische informatieberichten voor het beheer van het communicatienetwerk en het beheer van de slimme meters zelf. Er zijn op dit moment geen sluitende standaarden die de structuur van deze berichten vastleggen. Eandis heeft hiervoor zelf een gedetailleerde specificatie samengesteld die de verschillende inputbronnen (meters en communicatiemodules) samenbrengt en de informatiebehoefte van de verschillende centrale systemen oplijst. Zo zijn bepaalde events enkel nuttig voor AMM, daar waar andere ook in SMT dienen opgevolgd en bijgehouden te worden. Specifiek voor het beheer van het communicatienetwerk werden in de communicatiemodule tal van events gedefinieerd die allerhande informatie ter beschikking stellen, we denken hierbij aan: Status actieve verbinding : master of slave Meters geconnecteerd Topologie rapportering Firmware versie rapportering Security logging Een nadeel dat hierin werd vastgesteld is dat in bepaalde uitzonderingsgevallen waarbij er langere tijd geen communicatie is van de meter of communicatiemodule naar het centrale systeem, er ettelijke honderden en zelfs duizenden event berichten per toestel werden gegenereerd. Eens die communicatiemodules terug verbinding krijgen moeten zij een grote hoeveelheid informatie doorsturen wat niet altijd mogelijk is, en wat ook een impact op de centrale systemen heeft (piekbelasting). Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 76

77 Southbound API Deze event definitie wordt dan ook regelmatig bijgesteld en in de betrokken systemen aangepast. Het gebrek aan sluitende standaarden zal worden ondervangen door het opnemen van een gedetailleerde definitie in de companion standaard AMM (Advanced Meter Management) Scope Het AMM verzamelt de meterstanden van gas- en elektriciteitsmeters die door de SCM per 15 (E) of 60 (G) zijn verstuurd via het IPT. Het AMM ontvangt via dezelfde weg eveneens de events van de meter en SCM. Gedurende 7 dagen worden alle waardes bijgehouden, zowel meterstanden als events. Via het AMM worden de gegevens ook doorgestuurd naar andere systemen Meetdata naar MDM voor verdere verwerking Configuratie en events naar SMT voor verdere analyse Voor wat betreft de technische proef met water- en groene stroom meters wordt de data momenteel niet doorgestuurd naar MDM, maar kunnen zij wanneer nodig geëxporteerd worden uit het AMM. Het AMM zorgt ook voor een vertaalslag van de binnengekomen meterstanden, aangezien verschillende meters in een verschillende schaal hun waardes doorsturen door het ontbreken van een volledige interoperabiliteit. Langs de andere kant laat het AMM ook toe om opdrachten centraal naar de meters en communicatiemodules te sturen. Het kan hier gaan om: Meter Read On Demand : ad-hoc uitlezen van meetdata Configuratie van tarieven (TOU) FW upgrade van meters en communicatiemodules Configuratie van meters en communicatie modules Control Panel Control Panel API SCM Plugin GPL Plugin Accounting MOC API File SAP PI Device Monitoring MDM API UAA FlexSync Figuur 56. Architectuur AMM Aankooptraject Bij de initiële eerste aanbesteding waren er heel veel verplichte (en bijkomende) vereisten opgenomen waardoor uiteindelijk maar één kandidaat overbleef. Door het ontbreken van de concurrentiestelling werd dit traject stopgezet en een nieuwe gunningsprocedure voor het AMM opgestart. In deze tweede aanbesteding werd uit de 6 best scorende kandidaten uiteindelijk één leverancier geselecteerd. Door dit extra gunningstraject is de implementatie van het AMM met een achterstand begonnen aan de ontwikkeling ten opzichte van de andere reeds gestarte projecten. Deze achterstand werd gedurende het piloottraject nooit ingelopen.. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 77

78 Evaluatie Functionaliteiten Figuur 57. Positie AMM systeem De voornaamste functionaliteiten van een AMM zijn: Verwerven inkomende meetdata: deze wordt automatisch doorgestuurd (push) voor verbruiksprofielen en indexen De meetdata dient te worden doorgestuurd naar het MDM voor verdere verwerking momenteel tot bij IMDMS De technische data zoals events, alarmen, etc. worden doorgestuurd naar MOC SMT voor verdere analyse en historische opslag. Uniformiseren in twee richtingen van meter-specifieke data (interoperabiliteitslaag in AMM) Vanop afstand opdrachten sturen naar meters en communicatiemodules o Ofwel vanuit de AMM applicatie manueel door een MOC operator o Ofwel automatisch volgens remote processen vanuit SAP-Univlam (bv. tariefwissel) Twee specifieke vormen van opdrachten zijn belangrijk bij het onderhoud van een slimme metersysteem o Upgrade van de firmware van alle slimme componenten (meters en communicatiemodules) o Beheer van beveiligingscertificaten i.s.m. PKI De functionaliteiten werden incrementeel opgeleverd en opgedeeld in releases: Omwille van kwaliteitsredenen waren de eerste aangeleverde releases niet productierijp In release D was de basisfunctionaliteit aanwezig rond uitlezen meters (februari 2013) Vanaf release E (oktober 2013) wordt firmware upgrade mogelijk gemaakt. Release F (Q1 2014) zal extra functionaliteiten aanbieden voor remote firmware upgrade en tariefperioden. Release G (Q2 2014) zal toelaten om PKI certificaten te vervangen in de slimme communicatie modules. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 78

79 Testen Verschillende omgevingen werden opgezet om de nodige testen te kunnen uitvoeren. De labo omgeving voor het AMM werd initieel opgezet om SCM en AMM te integreren De ontwikkelomgeving (ONT) is de eerste integratie testomgeving. De validatieomgeving (VAL) wordt gebruikt voor acceptatietesten. Het is een omgeving die zo dicht mogelijk op de productieomgeving (MON) lijkt om zo een duidelijk beeld te krijgen van de kwaliteit. De MON omgeving is de live of productie omgeving Zelfs prima testresultaten op VAL bleken tot nog toe geen garantie voor een probleemloos gedrag op de MON omdat er op vlak van performantie geen representatieve testen kunnen worden uitgevoerd. De voornaamste conclusie is dat Eandis heel wat testen moet uitvoeren om de kwaliteit van het AMM product te meten en te verbeteren. De ontwikkelomgeving is niet representatief voor het dynamisch karakter van de echte productieomgeving en laat dan ook enkel toe om de functionele testen af te werken. Zogenoemde stress testen zijn dus niet mogelijk behalve in de productie omgeving. Het testen van het dynamisch gedrag van de software kan enkel in de Eandis VAL en MON omgevingen waardoor Eandis de rol van testteam voor AMM op zicht moet nemen. Dit brengt heel wat vertraging met zich mee IPT master ( Internet Protocol Telemetrie ) Scope De IPT master kan gezien worden als het postkantoor naar waar alle SCM s hun data opsturen. Vanuit dit postkantoor wordt de data dan verder opgestuurd naar het AMM. In de omgekeerde richting zal het AMM zijn communicatie via de IPT master laten verlopen. Het gebruik van dit postkantoor is het gevolg van het gebruik van data push. Hierdoor is het een vereiste om een afleverpunt te voorzien van de data. Het gebruik van de IPT master laat het toe om vanuit een groot aantal remote punten op eenzelfde ogenblik data te verzamelen. Figuur 58. IP-T in ICT architectuur Alle informatie van en naar het veld passeert door de IPT-master, o.a.: Met SCM: meterstanden en parameters Met PKI: sleutel- en certificaatbeheer Met MDM: meterstanden komende van SCM-modules en uitlezen van parameters ten behoeve van het MDM Met MOC-GIS: topologie-informatie naar MOC-GIS (bv master/slave-configuratie) Met MOC-DWH: historische data en events naar MOC DWH Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 79

80 Aankooptraject Deze IPT master werd aangeleverd door de leverancier van de slimme communicatie module MDM (Meter Data Management) Scope Binnen het programma Slimme Meters zorgt het MDM voor: het beheer van meetdata in een centrale databank. dataopslag met hoge performantie: o Opslag meetdata, alarmen en events (event management) o Data-analyse (aggregatie, grafische voorstellingen, virtuele meters, ). VEE: Data Validation, Estimation & Editing. Het MDM communiceert met volgende applicaties: Met IPT/AMM: uitgelezen meterstanden, events, commando s vanuit UNIVLAM voor de meters. Met IMDMS: billing-informatie. Met UNIVLAM: asset data voor provisioning. Met SMT-GIS en SMT-DWH: data nodig voor monitoring, visualisatie en analyse van het meternetwerk. Met NEMESIS: gasdrukloggers (toekomst). Met SOCLEV: budgetmetering (toekomst) Functionele evaluatie De beoogde functionaliteiten werden geïmplementeerd. De applicatie is een Amerikaans product en dus nog niet aangepast aan de Europese markt. De software van deze applicatie is niet zomaar te wijzigen voor één klant. Enkel de parameters van het systeem kunnen per klant ingesteld worden. Er werden dan ook een heel aantal workarounds geïmplementeerd, die tot doel hadden de timing van het project en/of de timing van het overkoepelend programma veilig te stellen SMT (Slimme Meter Tools) GIS en DWH De Smart Meters Tools kunnen opgevat worden als een suite, een groep van tools: GIS: Geografisch Informatie Systeem DWH: Data Warehouse TIC: Ticketting tool KDB: Knowledge Database. De ontwikkeling van de tools werd dan ook opgezet binnen één projectteam. De beschrijving van de ervaringen hieronder moeten dan ook in dat licht bekeken worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 80

81 SMT GIS Functie Figuur 59. Actueel overzicht communicatienetwerk via SMT-GIS SMT-GIS is een visualisatietool om geografisch een actueel overzicht te krijgen van het communicatienetwerk. SMT-GIS bevat de volgende componenten met elk hun specifiek doel: Desktop (ESRI): zorgt voor geografische visualisatie, doorgedreven ruimtelijke analyses, cartografie en beheer van geografische data. Dashboard: geeft een overzicht van de status van het communicatienetwerk. Reports: geeft informatie a.d.h.v. pre-gedefinieerde en ad-hoc rapporten o.b.v. gegevens uit het SMT-DWH. SMT-viewer: een verzameling van specifiek voor Eandis ontwikkelde GIS-functionaliteiten, zoals het visualiseren van het communicatienetwerk op een specifieke manier, het beheren van de events met de mogelijkheid een ticket aan te maken in een ander systeem voor opvolging, raadplegen van diverse informatie uit de verschillende systemen zodat monitoring van de slimme meter mogelijk wordt. Figuur 60. Voorbeeld van een geo-view Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 81

82 Communicatie Met Telecom: modemstatus. Met IPT/AMM: master-slave-topology, SCM/MeterConfig, last communication, last reading en de status van de DCT s. Met MDM: events en meterdata. Met Univlam: o SAP-CS: workorderinformatie. o SAP-ISU: assetinformatie. Met Nemesis: assetinformatie. Met MOC-DWH: master/slave-afstanden, events (gecorreleerd en verrijkt), historiek van incidenten Met MOC-TIC: overzicht van incidenten en hun status. Met GEO: OV-netwerk, LV-netwerk, MS-netwerk en GAS-netwerk. Met GON: geplande en ongeplande onderbrekingen Functionele evaluatie Alle vooropgestelde functionaliteiten werden correct opgeleverd. SMT als systeem binnen Slimme Meters bevindt zich op het einde van de ketting en is afhankelijk van de andere systemen voor het verkrijgen van voldoende data om voldoende te kunnen testen Wijzigingen In detail waren er 240 changes op het project zelf. Die changes kwamen er vooral doordat: Specificaties bij andere systemen (o.a. AMM) wijzigden Er binnen het SMT-project assumpties werden genomen omdat specificaties van de andere systemen nog niet klaar waren Knelpunten Zoals hierboven al aangehaald kwam SMT pas op het einde van de ketting en was daarom afhankelijk van de specificaties en input van andere systemen (meter, SCM, AMM, MDM ). SMT bouwt namelijk voort op die andere systemen zodat in de planning altijd moest rekening gehouden worden met deze vorm van vertraging SMT DWH Scope In eerste instantie wordt het SMT-DWH gebruikt om meter- en meetdata en relevante asset-informatie op te slaan. Daarnaast is het ook een analyse- en rapporteringstool die toelaat detectiealgoritmes te maken, data van verscheidene databases te analyseren en wiskundige en statistische berekeningen te maken. Omdat er dus meer dan een datawarehouse opgezet wordt, wordt vaak naar het MOC-DWH verwezen als DML (Data Management Layer). SMT-DWH bevat de volgende componenten met elk hun specifiek doel: ETL: zorgt voor extractie en transformatie van data uit andere systemen (d.i. SAP Data Services). DWH: slaat de gegevens centraal op en is de eigenlijke databank. Reporting: bevat de templates voor de tien pre-gegenereerde rapporten in het SMT-GIS (SAP BO). Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 82

83 Event Insight: bevat 14 correlatieregels die afhankelijk van beslissingsbomen via MOC GIS/Mail/Ticketingtool de nodige diensten informeren over events. Analysetool: zorgt o.a. voor fraudeanalyse (Predictive Workbench) SMT - Ticketing Tool Scope Functie Ook MIM genoemd: MOC Incident Management. Deze ticketingtool werd gebruikt ter ondersteuning van: Uitrol: de centrale ticketingtool voor problemen, klachten en het opmaken van rapporten m.b.t. escalaties. Zo kunnen aannemers hier aan Eandis melden waar er problemen met bepaalde installaties zijn. Vrije marktwerking: de tickets die vandaag via klachten aangemaakt worden door Metering en/of leveranciers zullen voor slimme meters aangemaakt worden in de ticketingtool. MOC/Engineering: voor incident management, problem management en request fulfillment. TrustCenter: voor incident management, problem management en request fulfillment Communicatie Met MOC GIS: creatie van incidenten, status en overzicht van incidenten. Met MOC DWH: creatie incidenten op basis van correlatieregels, overzicht van de incidenten. Met SAP CS: Aanmaken van dossier. Met SAP ISU: Assetinformatie. Met MOC-KDB: bevestigen van gebruikt artikel bij oplossen van probleem Functionele evaluatie SMT TIC is een tool die het MOC ondersteunt bij de probleem- en incident management processen. SMT TIC wordt gevoed met de slimme meter assets (E-meters, G-meters en SCM s) vanuit SAP ISU. Wanneer er zich éénmalig een probleem voordoet met een slimme meter-component, dan wordt dit gelogd in de vorm van een incident ticket. Elk van deze tickets worden gelinkt aan een slimme meter component. Het aanmaken van een incident ticket kan enerzijds gebeuren in SMT TIC zelf, maar het kan ook automatisch vanuit SMT GIS: als gevolg van een event: SMT GIS bevat, voor bepaalde events regels, waardoor er volledig automatisch een ticket wordt aangemaakt op commando van een MOC operator. De MOC operator kan, wanneer hij tijdens een analyse een probleem ontdekt, het betreffende asset selecteren in SMT GIS en van daar uit een ticket laten registreren in SMT TIC. Vanuit SMT TIC kan, indien een interventie ter plaatse nodig is, een werkopdracht aangemaakt worden voor de meterdatacommunicatie technici. Wanneer de werkopdracht is uitgevoerd, zal automatisch het ticket in SMT TIC gesloten worden. Wanneer een bepaald probleem zich meermaals voordoet, dan zal in SMT TIC een probleem ticket geregistreerd worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 83

84 SMT - Knowledge data-base Scope Functie De Knowledge database is een kennisdatabank van die ervarings- en kennisartikels omtrent de slimme meters bevat Communicatie SMT KDB communiceert met SMT-TICK voor de bevestiging van gebruikte artikels bij het oplossen van problemen (Problem Management) Functionele evaluatie SMT KDB is een knowledge management tool die het Meter Operating Center ondersteunt tijdens het uitvoeren van de problem- en incident management processen. In SMT KDB wordt kennis en ervaring in verband met slimme meters in de vorm van artikels ter beschikking gesteld van de operatoren. Die kennisartikels worden geschreven door de MOC-experten. De operatoren kunnen enerzijds vanuit een afzonderlijke GUI (Grafische User Interface) opzoekingen doen in de kennisartikels. Anderzijds kunnen zij rechtstreeks vanuit SMT TIC opzoekingen doen in deze kennisartikels. Om een opzoeking te doen volstaat het enkele sleutelwoorden op te geven en het systeem lijst, volgens relevantie, de kennisartikels die gerelateerd zijn aan de sleutelwoorden op. Om de inhoud van de kennisartikels in lijn te houden met waarnaar gezocht wordt, beschikt de beheerder van SMT KDB over analyse-rapporten. Hiermee krijgt hij een zicht op onderwerpen waarvoor succesvolle opzoekingen werden gedaan, maar ook op onderwerpen waarvoor er geen geschikt kennisartikel werd teruggevonden Tijdslijn Vanaf juni 2010 is er effectief gestart met de piloot: verschillende scenario s en concepten werden tegen elkaar afgewogen marktverkenningen van de verschillende slimme componenten en systemen opstarten van de verschillende lastenboeken opstarten van een technologische conceptstudie voor de meterkasten en een referentiedesign voor de communicatiemodule Q Q waren de lastenboeken klaar, en kon de gunning van start gaan. De start van de uitrol was vastgelegd op 1/4/2012. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 84

85 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 E & G-meter PLC Filters MDM AMM MOC Tools Installatie werken Ontw. & productie comm. modules UP-, OV-oplossing, cabinemateriaal & meterkasten Lastenboeken Gunningsprocedure Productie, bouw en testen Implementatie en uitrol Figuur 61. Initiële planning Het gunningsproces van AMM, MDM en MOC-tools (later SMT) liep aanvankelijk ongeveer synchroon. Doordat het AMM echter eerst niet gegund werd, is de uiteindelijke gunningsdatum van het AMM sterk verschoven ten opzicht van de andere systemen. Deze achterstand heeft de ontwikkeling van het AMM eigenlijk nooit kunnen inhalen. Doordat er gewerkt werd met relatief open lastenboeken, moest er tijdens het gunningsproces nog heel veel verduidelijkt worden. Dit zorgde ervoor dat effectieve contractondertekening later gebeurde dan eerst ingepland. De vooropgestelde ontwikkeltijd bleek bovendien ruimschoots onderschat en de leveranciers vroegen meer ontwikkeltijd tijdens de bouwfase. Om de specificaties van verschillende systemen op elkaar af te stemmen, en door het voortschrijdend inzicht, waren er zeer veel wijzigingen en iteraties noodzakelijk. De ontwikkeling van nieuwe meterkasten, cabinemateriaal en filters had een bijzonder scherpe planning, vooral afhankelijk van de oplevering van complexe matrijzen voor kunststofonderdelen. Er kan gesteld worden dat de ontwikkeling volgens plan verliep. De ontwikkeling van slimme componenten en de integratie met de centrale systemen liep minder voorspoedig. In december 2011 werd de start van de uitrol uitgesteld tot 1/10/2012. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 85

86 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q Fase 1 Fase 2 Fase 3 Fase 4 Uitrol Trage uitrol Snelle uitrol Post implementatie Figuur 62. Planningswijzigingen uitrol Op 1 oktober is de uitrol wel degelijk van start gegaan, echter op een zeer traag tempo en aanvankelijk enkel bij Eandis eigen medewerkers of gemakkelijk bereikbare installaties ( fase 3 ). Niet alle functionaliteiten waren op dat ogenblik beschikbaar. Er werd een plan opgemaakt om geleidelijk nieuwe functionaliteiten per release vrij te geven. Hierbij was het belangrijk om de interacties tussen de verschillende elementen van de slimme ketting te bewaken. Tijdens de uitrol werd nog een blokkerende bug gevonden in een bepaald meter type. De uitrol moest terug vertraagd worden en tijdens het verlof kon het pilootgebied aan de kust niet uitgerold worden. De uitrol heeft dan ook geduurd tot oktober 2013 (fase 4). Voorafgaand aan elke vrijgave werden rigoureus testen uitgevoerd in de verschillende testomgevingen Labo/ONT en VAL, waarna op een go/no go meeting beslist werd om al dan niet vrij te geven. Indien de nodige stabiliteit niet kon aangetoond worden of gewenste functionaliteit niet beschikbaar was, had dit telkens impact op de uiteindelijke vrijgavedatum. Praktisch bleek de planning voortdurend te slippen door meerdere technische redenen: in extremis vastgestelde security problemen op meters onvolledige specificaties zorgden voor onvoorziene wijzigingen om het geheel werkend te krijgen niet altijd even kwalitatieve oplevering door toeleveranciers (onvoldoende getest door leveranciers) fouten in modems firmware Foute implementaties door misverstanden of misinterpretaties van specificaties Verschillen tussen ONT-, VAL- en MON-omgevingen zorgen voor totaal verschillende testresultaten Vanaf de ontwikkeling PMS5 is een nieuwe werkwijze afgesproken met de toeleveranciers van AMM en SCM. Hierbij werd het accent op samenwerken (Co-laborate) gelegd, om een werkend geheel op te leveren. Met agile methodieken werden de ontwikkelingen stapsgewijze uitgewerkt, met meer overleg, beter afgestemde specificaties en kleinere ontwikkelstappen. Deze werkwijze laat toe om de planning beter onder controle te houden of om op een gecontroleerde manier scope items door te schuiven naar een volgende release. Deze werkwijze zal daarom worden verdergezet bij de volgende Programma Milestones. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 86

87 4.3 Besluit Alle schakels van de slimme meter ketting (het slimme meer end-to-end proces) werden opgeleverd: zowel de materialen die bij de klanten en MS cabines geplaatst worden als de systemen die zorgen voor de communicatie, het verzamelen en verwerken van de verschillende gegevens. Ook het systeem om het meterpark en communicatie netwerk te beheren werd geïmplementeerd. Binnen de slimme meter ketting zijn er enkele nieuwe ICT-systemen opgezet. Deze nieuwe systemen dienden te communiceren met slimme componenten die op hun beurt ook software bevatten ( firmware ). Daardoor moesten tegelijkertijd volgende taken vervuld worden: De ontwikkeling van iedere component afzonderlijk om te voldoen aan de gestelde functionaliteiten en specificaties. De integratie van de software van de verschillende schakels tot één grote ketting. Het uittesten van de aangeleverde software met fout analyse zowel naar de applicatie zelf als naar de integratie van de applicaties. Noch de componenten noch de systemen werkten correct. In beide werden tal van bugs gevonden wat de doorlooptijd tot uitrol niet ten goede kwam. Vooral de integratie tussen deze componenten en systemen was een echte uitdaging. Omdat de startdatum voor uitrol vooraf werd bepaald, stond er nogal wat druk op de testfase, waardoor niet altijd de gewenste kwaliteit werd geleverd of waardoor niet alle functionaliteiten vanaf de eerste dag beschikbaar waren. De eerste maanden van de uitrol vertoonde het geheel regelmatig stabiliteitsproblemen wat maakt dat de upgrade van de software soms in productie moest gebeuren. Meteen kon de basis functionaliteit van firmware upgrade van op afstand bewezen worden, zowel voor de E-meters, één G-meter en de communicatiemodule. De firmware upgrade van deze componenten gebeurt nog verder in de postimplementatieperiode. Om tot een kwalitatieve opstart te komen, dienen alle gebruikte concepten en standaarden bij aanvang bekend te zijn. Bovendien zouden de gemaakte keuzes best behouden blijven tijdens de duurtijd van het project om geen extra kosten en geen langere doorlooptijd te veroorzaken. Ten aanzien van de E-meter en de al dan niet geïntegreerde communicatiemodule moet aandacht geschonken worden aan volgende bedenkingen. Er moet gezocht worden naar mogelijkheden om te kunnen garanderen dat de interne klok in alle gevallen correct staat bij plaatsing. Indien de communicatie in de piloot niet onmiddellijk kon worden tot stand gebracht, was er ook geen zekerheid dat de interne klok correct was ingesteld. Er wordt best gestreefd naar mogelijkheden om de display (eventueel tijdelijk) te kunnen verlichten. Dit is nodig om het display gebruiksvriendelijker te maken. In speciale uitzonderingssituaties zou het handig zijn om lokaal toch bepaalde settings te kunnen doen. Bij afwezigheid van communicatie was er geen zekerheid dat het tarieftype correct was gedefinieerd, dat de interne klok correct staat, Er zou best een oplossing komen om in zulke specifieke gevallen (en alleen dan) toch via de configuratiepoort bepaalde configuraties lokaal te kunnen doen. De connectoren van de gebruikerspoort en drukknop, moeten voldoende robuust zijn. Bovendien zou de toegang tot deze poort en drukknop voor de klant eenvoudiger moeten kunnen worden gemaakt. Ten aanzien van de G-meter moet aandacht geschonken worden aan volgende bedenkingen. Om het de installateurs te vergemakkelijken (en dus de kans op fouten te beperken) zou het goed zijn dat het uitzicht van het display van de gasmeters van verschillende leveranciers er hetzelfde uitziet. De koppeling tussen de G-meter en de E-meter zal dan vlotter verlopen. De MBUS kabel kan best niet vastzitten aan de gasmeter zodat er gewerkt kan worden met bedrading van variabele lengte. De drukknop moet voldoende robuust zijn. Ten aanzien van de meterkast moet aandacht geschonken worden aan volgende bedenkingen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 87

88 De belangrijkste voorwaarde om meterkasten gemakkelijk monteerbaar te maken is er voor te zorgen dat alle componenten DIN-rail monteerbaar zijn. Voor de piloot was dat vb niet het geval voor de kabelmodem. Meterkasten worden best ook niet te vol gepropt om de montage niet te bemoeilijken. Herkenbaarheid: o Serienummers en barcodes bevinden zich ook op de dozen waarin de meterkast zit. Bij verwisseling van meterkast komen deze soms in een andere doos terecht waarna bij scanning niet het juiste nummer met de juiste meterkast wordt geassocieerd. Een oplossing zou zijn om deze codes niet op de dozen te hebben maar alleen op de meterkasten zelf. Via een opening in de doos ter hoogte van deze codes kunnen techniekers toch de barcodes inscannen zonder de doos te moeten openen. o Grotere etikettering, gebruik van kleurencodes: veel materialen zitten immers in dezelfde soort doos, waardoor snel vergissingen kunnen gemaakt worden. Dit onderscheid moet ook duidelijk het verschil in firmware versie aanduiden: twee ogenschijnlijk identieke meters kunnen immers een andere firmware opgeladen hebben. Dergelijke etikettering moet ook terugroepacties vergemakkelijken. Ten aanzien van het nieuwe systemen AMM en MDM gelden volgende opmerkingen. Er moet nog verder gewerkt worden om de gebruiksvriendelijkheid van deze systemen te verhogen. Hierbij denken we vooral aan een betere rapportering, betere monitoring mogelijkheden, drill down mogelijkheden, customisatie van schermen en verdere automatisaties ter ondersteuning van de gebruikers. Hoofddoel hiervan is het aantal operatoren die deze systemen bedienen binnen de vooropgestelde plannen te houden. Deze systemen zouden customiseerbaar moeten zijn door eigen medewerkers waardoor er niet telkens moet teruggevallen worden op externe expertise. Voor deze systemen moet het volledig ontwikkelingstraject zijn ingericht en meer specifiek moeten er performantie testomgevingen worden opgezet. Het volstaat niet dat de GPRS-provider een netwerk met voldoende dekking ter beschikking stelt. Dit moet vergezeld zijn van mogelijkheden om de status van individuele SIM-kaarten op te volgen (vb via een performant portaal). Tenslotte moet er een integratie gerealiseerd worden tussen de slimme meter systemen en de systemen die het communicatienetwerk opvolgen en monitoren zodat we komen tot een geïntegreerd monitoringsysteem. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 88

89 5 Evaluatie impact op bedrijfsprocessen 5.1 Doelstellingen van de piloot De belangrijkste doelstelling van de piloot is het installeren van een slimme meters vanuit een technologie push strategie. Dit zowel om ervaring op te doen en informatie te kunnen verzamelen als voorbereiding op een grootschalige uitrol van slimme meters. Voor de grootschalige uitrol zullen kosten, functionaliteit en techniek in overeenstemming moeten worden gebracht binnen een business case, en zal dus worden uitgegaan van een meer Market Pull benadering. Processen worden opgezet om een grootschalige uitrol te kunnen ondersteunen, dit zowel voor uitrol, werken aan aansluitingen, metering en klantencontacten. 5.2 High Level eisen De belangrijkste eisen voor de slimme meters en de ondersteunende systemen zijn een uitlezing op kwartier basis van meetgegevens uit het veld en de mogelijkheid tot interactie met de meter op een semi realtime basis. Deze eisen zijn ingegeven op basis van toekomstige toepassingen op het gebied van verbruiksterugkoppeling aan energieafnemers, inclusief eventueel demand side management, waaronder budgetmetering, en optimalisatie in benutting van het net bij grootschalige inzet van decentrale productie, en slimme netten in het algemeen. Samengevat dienen de slimme meter systemen ondersteuning te bieden aan meting op afstand, configuratie-wijziging op afstand en sturing op afstand. 5.3 Positie project business processen Het project business processen neemt een bijzondere positie in binnen het programma. Het is een ondersteunende dienst aan alle andere projecten binnen het programma. De driehoek project business processen Bedrijfsproces analyse - ICT vormt de basis voor de juiste borging van AS-IS en TO-BE processen, op zowel proces als systeem vlak. De procesdomeinen zijn hieronder aangegeven, waarbij enkele subdomeinen specifiek zijn benoemd vanwege de grote impact. Werken en aansluitingen Logistiek Exploitatie Meten netparameters Klantenbeheer o Metering o Energieleveringen (ODV) Klantencontacten Meter Operations Center / Network Operations Centre Asset management Kwaliteit Uitrol piloot De binnen deze procesdomeinen beschreven AS-IS en TO-BE processen zijn vervolgens ingezet binnen de programmaprojecten: Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 89

90 Engineering o Meter operations center / Network Operations Centre Uitrol ICT Het MOC (Eandis) of NOC (Infrax) neemt een bijzondere plaats in omdat het een operationele dienst in oprichting is binnen het programma Slimme Meters. 5.4 Specifieke uitgangspunten per aandachtgebied De slimme meter wordt ingezet als vervanging van de bestaande meter. Uitgangspunt is dat de bestaande processen rond werken en aansluitingen, exploitatie en klantenbeheer ondersteund moeten worden met de bestaande systemen. De slimme meter dient als volwaardige en zelfstandige component te kunnen functioneren, zonder te moeten terugvallen op de systemen en functies die specifiek zijn voor de slimme meter. Vanuit deze uitgangspunten is de mobile applicatie aangepast om de noodzakelijke configuraties op de slimme meter te kunnen uitvoeren. De logistieke voorbereiding van de uitrol wordt uitgevoerd binnen de standaard omgeving voor werkopdrachten. Business Processen heeft het project Uitrol geassisteerd bij het beschrijven van de nieuwe processen rond planning en logistiek, maar ook rond bijvoorbeeld de installatie en het beheer van de breedbandmodems. De processen exploitatie en investeringswerken staan in voor de plaatsing van de slimme componenten op het net (cabines, OV, AMR/MMR) en voor het onderhoud en storingsbeheer van de slimme installaties. De processen in verband met netkwaliteiten zullen met slimme meters aangepast worden. De door de slimme meters geleverde verbruiksgegevens dienen op een efficiënte wijze te kunnen worden verwerkt voor de processen binnen klantenbeheer, meer specifiek metering. De technische werking van de componenten, alsmede de communicatie-infrastructuur, dient te worden gemonitord en geoptimaliseerd. Dit om een juiste werking van de systemen voor het kunnen uitvoeren van de diensten voor de business te kunnen garanderen binnen de overeengekomen grenzen. De mogelijkheden die slimme meters bieden op het gebied van configuratie en sturing op afstand dienen beschikbaar te worden gemaakt voor de backend systemen voor de toekomstige processen vanuit klantbeheer en ter ondersteuning van de bestaande processen binnen werken en aansluitingen. De extra mogelijkheden op het gebied van meting van spanning, stroom en andere voor netbeheer relevante gegevens, dienen te worden aangewend voor verbetering van de kwaliteit van het net, of de handhaving van het net bij toenemende inzet van decentrale productie eenheden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 90

91 6 Evaluatie plaatsing van Slimme Meters 6.1 Evaluatie plaatsing op Infrax gebied Doelstelling en aanpak Eens de technische concepten zijn uitgewerkt en uitgetest in een labo-omgeving, moet hun stabiliteit en robuustheid worden bewezen op het terrein. Er werd vooropgesteld om slimme meters te plaatsen. Dit vrij hoog aantal meters moest er garant voor staan dat hierdoor vrijwel alle voorkomende situaties op het volledige werkingsgebied van Infrax gerepresenteerd zijn. Het was immers de bedoeling om met dit aantal quasi het volledig meterpark van Infrax te kunnen vertegenwoordigen. Tijdens de uitrol van de piloot willen we enerzijds de reacties capteren van de betrokken stakeholders. Hierbij denken we in eerste instantie aan de klanten: hoe zullen ze reageren op de slimme meter ( ) maar ook hoe de gemeentebesturen hier mee om zullen gaan (onderschrijven ze de doelstellingen van het onderzoeksproject; willen ze dit project naar hun bevolking toe mee ondersteunen, ). Anderzijds willen we nagaan of de technische en administratieve handelingen die op het terrein dienen te gebeuren, verlopen zoals voorzien (duurtijd van bepaalde handelingen, te gebruiken materialen, haalbaarheid om communicatie meteen te activeren, ). Er werden verschillende stappen uitgevoerd vooraleer de slimme meters konden worden geplaatst. In deze paragraaf overlopen we ze kort. In de rest van dit hoofdstuk komen ze uitgebreider aan bod. Vooreerst werden de pilootgebieden geselecteerd: welke (delen) van steden en gemeenten kwamen aan bod en waarom. Daarenboven werd bepaald welke meters tot de scope van het piloot project behoorden en welke niet. Zodra de pilootgebieden waren vastgelegd, hebben we alle betrokken gemeentebesturen bezocht. Tijdens deze vergaderingen werd het piloot project voor hen toegelicht. Pas daarna begonnen de activiteiten op het terrein. Tijdens een voorbezoek bij de betrokken klanten werd de huidige meter installatie in kaart gebracht en werd bepaald wat er nodig was om een slimme meter te plaatsen en wat we moesten bestellen voor uitvoering. Op sommige adressen dienden nog saneringen te gebeuren omdat de bestaande installatie niet conform was aan de huidige voorschriften. Op andere adressen dienden eerst voorbereidende werken te gebeuren, om de plaatsing niet te veel tijd te laten nemen. Deze werkzaamheden werden voor het plaatsen van de slimme meter uitgevoerd. Als laatste stap wordt de slimme meter geplaatst en geactiveerd: de bestaande klassieke meter wordt vervangen door een slimme meter en de communicatie wordt onmiddellijk tot stand gebracht. Vooraleer hiermee van start wordt gegaan, werd door Infrax (meestal in samenwerking met het betrokken gemeentebestuur) een info-avond georganiseerd. Tijdens deze infosessies kregen de klanten de mogelijkheid om vragen te stellen. Alle informatie die tijdens deze sessies werd meegedeeld, is ook beschikbaar op de website van Infrax. Op onderstaande tijdsbalk, kan je zien in welke periode de werkzaamheden op het terrein zich afspeelden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 91

92 Figuur 63. Tijdsbalk planning werkzaamheden Selectie piloot gebieden Voor het bepalen van de pilootgebieden werden volgende criteria vooropgesteld: De piloot betreft +/ slimme meters als representatief staal van de LS / LD aansluitingen (+/- 1 % van laagspannings- en lage druk aansluitingen van Infrax) Elk exploitatiegebied moet voldoende slimme meters hebben opdat het betreffende exploitatiegebied de nodige kennis en ervaring met slimme meters kan opbouwen. Voor exploitatiegebieden die verder nog geografisch zijn opgedeeld, moeten er pilootgebieden zijn in elk van deze geografische zones. Daarnaast moet het geheel van pilootgebieden representatief zijn voor het volledige meterpark van Infrax. Dit impliceerde dat er zowel kust- als grensgemeentes moeten voorkomen, gebieden in stadsomgevingen maar ook landelijk, eengezinswoningen maar ook appartementen, meters gekoppeld op elk van onze types elektriciteitsnetten, op elk van onze types gasleidingen,. De precieze afbakening van de gebieden werd bepaald door de geselecteerde cabines voor elektriciteit: alle woningen die gevoed worden vanuit de geselecteerde cabines (of vanuit de geselecteerde vertrekken vanuit de cabine) behoren tot het pilootgebied. Tenslotte werden alleen die meters weerhouden die tot de scope van het project behoren (vb kleinere vermogens / debieten). Uiteindelijk viel de keuze op de volgende pilootgebieden. De tabel bevat naast de het exploitatiegebied en de stad/gemeente, ook het betrokken aantal meters (E, G, totaal en % van totaal aantal meters). Figuur 64. Piloot gebieden Infrax Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 92

93 Exploitatiegebied Stad/Gemeente Aantal E-meters Figuur 65. aantallen piloot Aantal G-meters Aantal totaal Limburg Beringen % Limburg Dilsen-Stokem % Limburg Genk % Limburg Hasselt % Limburg Lanaken % Limburg Lommel % Limburg Sint-Truiden % Totaal % Limburg % Antwerpen Hoboken % Antwerpen % Brabant Geetbets % Brabant % West-Vlaanderen Diksmuide % West-Vlaanderen Harelbeke % West-Vlaanderen Koekelare % West-Vlaanderen Ledegem % West-Vlaanderen Middelkerke % West-Vlaanderen Torhout % West-Vlaanderen % INFRAX Totaal % Uit deze tabel blijkt dat er in totaal een kleine meters deel uitmaken van de scope van het piloot project. De resterende meters werden gereserveerd voor de zogenaamde gemengde piloot gebieden: gebieden waar Infrax elektriciteit levert en Eandis aardgas of omgekeerd. Voor de uitrol activiteiten effectief van start gingen, werden deze gemengde gebieden buiten de scope van het project gehouden. Het aantal te plaatsen meters is niet statisch. In de geselecteerde gebieden komen er soms nieuwe woningen bij (er behoren een aantal recente niet volledig bebouwde wijken tot de gebieden), maar verdwijnen er ook (afbraak van woningen). Daarom dat we spreken van ongeveer klassieke meters die door slimme meters zouden kunnen worden vervangen Bezoek gemeentebesturen Zodra de pilootgebieden definitief waren vastgelegd, werden alle betrokken gemeentebesturen bezocht. Vanuit het project wilden we immers de gemeenten inlichten betreffende het piloot project slimme meters nog voor de eerste activiteiten op het terrein zouden worden aangevat. De agenda van deze vergaderingen zag er als volgt uit: Context programma slimme meters Onderzoek naar de gebruikte communicatieconcepten Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 93

94 Stapsgewijze aanpak voor invoering in Vlaanderen Waar komen slimme meters in Vlaanderen en waar in uw stad/gemeente Timing van het pilootproject Communicatieplan naar de burgers Contactpersonen stad/gemeente Ondersteuning door lokaal bestuur Vragen en antwoorden Tijdens dit overleg werd de besturen gevraagd of ze het project mee ondersteunden. Alle besturen op 2 na gingen hiermee akkoord. Alle brieven die omtrent slimme meters naar klanten werden gestuurd, werden in dat geval mede-ondertekend door een vertegenwoordiger van het bestuur (meestal de burgemeester). De reden waarom de 2 gemeentes niet mee wilden ondertekenen was omdat ze vreesden dat er bij hen te veel vragen hieromtrent zouden binnenkomen (ze stonden wel achter het project!). Vanuit de steden/gemeenten waren de burgemeester en/of een aantal schepenen en vaak ook de secretaris aanwezig alsook de duurzaamheidsambtenaar, de communicatie ambtenaar, het hoofd van de technische dienst, de milieu ambtenaar,. De samenstelling van de delegatie vanuit de steden/gemeenten werd door elk bestuur afzonderlijk bepaald en was verschillend. In de tabel hieronder vind je de data van elk van deze vergaderingen. Exploitatiegebied Stad/Gemeente Datum Antwerpen Antwerpen 18/04/2011 Brabant Geetbets 20/12/2011 Limburg Dilsen-Stokem 20/06/2011 Limburg Beringen 21/06/2011 Limburg Hasselt 29/06/2011 Limburg Sint-Truiden 5/07/2011 Limburg Lommel 10/08/2011 Limburg Genk 22/08/2011 Limburg Lanaken 23/08/2011 West-Vlaanderen Koekelare 28/06/2011 West-Vlaanderen Ledegem 30/06/2011 West-Vlaanderen Diksmuide 5/07/2011 West-Vlaanderen Torhout 11/08/2011 West-Vlaanderen Harelbeke 29/08/2011 West-Vlaanderen Middelkerke 23/09/2011 Figuur 66. Bezoek lokale besturen Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 94

95 Omdat zowel Infrax als Eandis een pilootgebied heeft in Antwerpen, werd afgesproken om deze vergadering gezamenlijk te houden. Vanuit het project hadden we gepland om een info-avond te organiseren voor de betrokken inwoners, kort voor de eigenlijke plaatsingen van start gingen. Meerdere gemeentebesturen vroegen naar zulke info-avond nog vóór de start van de voorbezoeken. Omdat het voorbezoek tot een jaar vóór de eigenlijke plaatsing kon gebeuren, stemden de meeste besturen er mee in om slechts één info-avond te plannen (en dus kort vóór de eigenlijke plaatsing). Een aantal besturen stonden er echter op om ook voor de start van de voorbezoeken een infosessie te laten doorgaan wat we dan ook gedaan hebben Informatie naar klanten Zodra de eerste brieven (voor kennisgeving van het voorbezoek) naar klanten werden verstuurd, publiceerden we de belangrijkste aspecten van slimme meters op onze website. Voor het Klanten Contact Center werd een Lijst van meest voorkomende vragen (FAQ) opgemaakt zodat ze konden antwoorden op telefonische vragen van de betrokken klanten. Enkele weken voor de effectieve plaatsing van de slimme meter, werd een info-avond georganiseerd in de buurt van de betrokken klanten. Deze sessies begonnen telkens om 20u00. De agenda van deze info-sessies zag er als volgt uit: Wat is een slimme meter? Waarom slimme meters? Invoering in Vlaanderen: welke fasering? Details over het Pilootproject o Doel en opzet o Communicatieconcepten o Opstelling meterkast o Onderzoeksgebieden o Waar in gemeente? o Stappenplan voor uitvoering o Praktische zaken plaatsing (werkwijze, wie, welke info) Antwoorden op veel gestelde vragen o Moet ik iets betalen? o Verandert mijn factuur? o Kan ik weigeren? o Verloopt de communicatie op een beveiligde manier? o Worden data vertrouwelijk behandeld? o Wat doet Infrax met mijn gegevens? o Hoe kan ik over detail verbruiksgegevens beschikken? o Wat als ik zonnepanelen heb? Deze onderwerpen werden toegelicht. Vanuit het project was er ook een demo-bord opgesteld. Hierop konden de klanten zien hoe zo n slimme elektriciteitsmeter er uitzag, hoe een slimme gasmeter er uitzag en hoe het geheel aan elkaar gekopppeld was. Na de uiteenzetting (die meestal één uur in beslag nam) was er de mogelijkheid om vragen te stellen, zowel plenair als individueel. Deze info-vergaderingen kunnen als volgt gekarakteriseerd worden: Globaal genomen zijn de sessies zeer goed verlopen. Er werden vele vragen gesteld. Uit de rondvraag achteraf kan afgeleid worden dat de sessie door velen werd gewaardeerd en als verhelderend werd ervaren. Zoals bij eerdere gelijkaardige evenementen was de opkomst zeer laag (amper 15% - regelmatig waren beide partners aanwezig wat de statistieken enigszins vertekent). Uit de vele vragen die Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 95

96 werden gesteld, kan afgeleid worden dat voorkennis erg divers is: sommigen begrijpen de vrije markt nog niet terwijl anderen zich via internet grondig hadden geïnformeerd omtrent slimme meters. Het gemeentebestuur was vrijwel op alle info-vergaderingen vertegenwoordigd. Soms deed één van hen een korte inleiding om het belang van het project voor hun stad/gemeente te ondersteunen. De aanwezigheid van een gemonteerde slimme meterkast is een pluspunt. Tijdens deze infosessies werden er veel vragen gesteld zoals: Vragen omtrent kostprijs en voordeel voor klant Vragen omtrent factuur Vragen omtrent privacy Vragen omtrent weigeringen Vragen omtrent plaatsing Vragen omtrent zonne-panelen Vragen omtrent functionaliteiten en werking Vragen omtrent scope keuze pilootgebied Vragen omtrent specifieke opstellingen In de tabel hieronder vind je de data van elk van deze info-vergaderingen en de opkomst. Stad/Gemeente Datum Uitgenodigden Ingeshreven Opkomst % Diksmuide 10/09/ % Geetbets 11/09/ % Hasselt 12/09/ % Antwerpen 13/09/ % Harelbeke 10/10/ % Genk / 1 22/10/ % Genk / 2 (*) 23/10/ % Lommel 10/12/ % Beringen 30/01/ % Ledegem 6/02/ % Lanaken 21/02/ % Torhout 27/02/ % Middelkerke 6/03/ % Sint-Truiden 28/03/ % Koekelare 17/09/ % Dilsen-Stokem 19/09/ % % Figuur 67. Opkomst infovergaderingen Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 96

97 (*) Voor Genk werden er 2 info-avonden gehouden: een eerste voor inwoners die zowel deelnemen aan het piloot project slimme meters als aan het Linear-project. De tweede sessie was voor inwoners die alleen deelnamen aan het slimme meter project. Zoals hoger reeds gesteld waren regelmatig beide partners aanwezig maar deze worden slechts éénmaal geteld in de kolom uitgenodigden. We kunnen daarom stellen dat de opkomst erg laag is, tussen 10 à 15 %. De slides die tijdens deze info-avonden werden gebruikt, zijn integraal terug te vinden op onze website. Naast deze infosessies, heeft Infrax nog vele andere initiatieven genomen om klanten en andere stakeholders te informeren omtrent slimme meters. In onderstaande tabel zijn al deze initiatieven samen gebracht. Webpagina > Wat te doen bij? > Slimme meter Webpagina's rond onderzoeksprojecten slimme meters Presentatie infosessies bewoners Callcenter Infosessies bewoners Briefwisseling bewoners Brochures bewoners Afwezigheidskaartjes bewoners Interne communicatie Infrax Verschillende communicatieinitiatieven Gratis nummer Specifiek voor klanten uit slimme regio s Toegespitst op informatie rond het onderzoeksproject Voorafgaande infosessie voor alle stads- en gemeentebesturen van slimme regio s Optioneel: infosessie voor start situatieschets (Ledegem, Harelbeke, Torhout) Infosessie energieleveranciers Infosessie voor de start plaatsing (alle) Brief 1 + folder - aankondiging situatieschets Brief 2 - resultaat situatieschets + aankondiging voorbereidende werken Brief 3 uitnodiging voor infosessie Brief 4 Aankondiging plaatsing meters Brochure Uw slimme meter praktisch bekeken Afspraak voor situatieschets Afspraak voor voorbereidende werkzaamheden Afspraak voor plaatsing slimme meters Regelmatige presentaties/infomomenten naar alle personeelsgroepen Regelmatige artikels in personeelsblad Toelichting op Smart Grid Flanders Stand op Festival van de Politiek Infosessies energieleveranciers Bij elke stap van de communicatie met de eindklant werd aandacht besteed aan de privacy van alle klanten. Via een privacybeleid, raadpleegbaar via de website van Infrax, werd duidelijk gemaakt op Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 97

98 welke manier we omgaan met verzamelde gegevens (www.infrax.be > Over Infrax > Privacyverklaring Infrax). Ook op heel wat communicatiedragers werd specifiek verwezen naar de politiek van Infrax rond privacy. Daarbij werd ook op regelmatige basis overleg gepleegd met de Privacycommissie die op geregelde tijdstippen updates kregen van alle communicatie-acties Voorbezoek De doelstellingen van het voorbezoek zijn de volgende: De situatie ter plaatse in kaart brengen (status binneninstallatie, plaats E/G/KTV, ). Dit is nodig omdat de technische data vooraf onvoldoende aanwezig zijn in onze systemen. Vervolgopdrachten bepalen en inschatting maken van de installatietijd zodat met saneringen en het smart meter ready maken kan gestart worden. Het is belangrijk op voorhand te weten hoeveel werk het plaatsen van de slimme meter zal kosten. We wisten echter niet hoe het met de (binnen)installaties van de klanten gesteld was en welke werkzaamheden nodig waren om de plaatsing van de slimme meter mogelijk te maken. Samen met de kenniscentra E/G/KTV en de dienst asset management werden de saneringsregels bepaald en werden de flows en instructies voor onze eigen technici uitgewerkt. Dit resulteerde in een in te vullen enquete per voorbezoek. Voor de technici werden voor elke stap in het traject aparte opleidingen voorzien. Klanten werden per brief ingelicht dat een Infrax-technieker zou langskomen om een voorbezoek uit te voeren. Omdat dit voorbezoek toch een half uur in beslag neemt, werd getracht om hiervoor een afspraak te maken met de klant. Dit gebeurde op verschillende wijzen: Technieker gaat langs bij een reeks adressen uit dezelfde buurt en doet voorbezoek onmiddellijk of maakt afspraak tot voorbezoek of laat een kaartje achter in de brievenbus (vraag om contact op te nemen) Back-office van Infrax neemt telefonsich contact met de klant om afspraak te maken Voor het voorbezoek lijkt de eerste werkwijze veruit de meest efficiënte. Alleen woningen die jonger zijn dan 15 jaar kregen geen voorbezoek. Voor zulke woningen weten we dat alle nutsvoorzieningen op éénzelfde plek binnenkomen in de woning en dat de meter in een standaardkast 25S60 staat. Tijdens dit bezoek werd met de klant besproken welke wijzigingen er aan de opstelling zouden gebeuren en op welke manier de communicatie zou gaan verlopen (KTV of GPRS). Klanten kregen ook de kans hun vragen of bekommernissen mee te geven aan te technici. Op basis van het voorbezoek werd door onze technici een inschatting gemaakt van de benodigde tijd en materialen voor de vervolg werkzaamheden. Bijkomend werd voorzien dat er foto s van de installaties konden gekoppeld worden aan de opdracht. Deze foto s blijven verder beschikbaar in de vervolgopdrachten voor de voorbereidende werkzaamheden. De eerste voorbezoeken vonden plaats in september 2011, de laatste werden in maart 2012 uitgevoerd. Voorbezoeken duurden gemiddeld 30 maar afhankelijk van de interesse van de klant kon dat een stuk langer duren. De resultaten vanuit het voorbezoek waren vooral van belang om het vervolg traject correct te kunnen inschatten maar ook om de juiste hoeveelheden van de verschillende type materialen te kunnen aanschaffen. We denken hier in eerste instantie aan volgende gegevens: Aantal adressen met communicatie via KTV versus GPRS Aantal adressen waar de meterkast kon behouden worden (waar dus al een 25S60 kast staat) Aantal adressen waar voorbereidende werkzaamheden noodzakelijk zijn o Saneringen (E, G, KTV) o Smart Meter Ready werkzaamheden (E, G, KTV) Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 98

99 Hieronder volgen een aantal statistieken die de resultaten van de voorbezoeken weergeven. De resultaten betreffen de eengezinswoningen. Op deze grafieken zien we achtereenvolgens: Het aantal adressen waar de bestaande meterkast(bodem) kan behouden worden (blauwe staven) tegenover waar er een nieuwe bodemkast voorzien moet worden (rode staven) en dit per exploitatiegebied; Het aantal adressen waar de communicatie via KTV gerealiseerd kan worden (rode staven) tegenover waar er met GPRS zal gewerkt worden (blauwe staven) en dit per exploitatiegebied; Het aantal adressen waar er saneringswerken noodzakelijk zijn voor elektriciteit (blauw), gas (rood) of KTV (groen) en dit per exploitatiegebied; Het aantal adressen waar er smart meter ready werken noodzakelijk zijn voor elektriciteit (blauw), gas (rood) of KTV (groen) en dit per exploitatiegebied. Een deel hiervan is uitgevoerd samen met het plaatsen van de slimme meter. Figuur 68. Statistiek te vervangen meterkasten Figuur 69. Statistiek communicatie netwerk Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 99

100 Figuur 70. Statistiek saneringen Figuur 71. Statistiek smart meter ready Eventuele voorbereidende werkzaamheden De voorbereidende werkzaamheden hebben als doel om het plaatsen van slimme meters zo vlot mogelijk te laten verlopen. Daartoe moeten vooraf volgende acties worden genomen: De opgelegde saneringsregels dienen toegepast te worden Onveilige toestanden dienen weggewerkt te worden De installaties dienen bij de klant reeds zodanig te worden voorbereid dat techniekers bij: o Plaatsing slimme E meter maximaal 2 uur tijd nodig heeft (incl. bekabeling communicatie en activatie communicatie) o Plaatsing slimme gasmeter maximaal 1 uur tijd nodig heeft Klanten zullen een brief ontvangen met de aankondiging voorbereidende werkzaamheden en welke aannemer die zal komen uitvoeren. De aannemer zal dan contact nemen met de klant om een afspraak in te plannen. Saneringen en Smart meter ready maken zijn uitgevoerd tussen begin februari 2012 en einde oktober 2012 en werden uitgevoerd door aannemers onder toezicht van onze eigen techniekers. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 100

101 Saneringen Met saneren bedoelen we de installatie conform maken met de geldende voorschriften. Of er al dan niet gesaneerd dient te worden, wordt al tijdens het voorbezoek bepaald. De Infrax technieker die het voorbezoek heeft uitgevoerd, heeft reeds aangegeven om welke sanering het ging, wat hiervoor nodig is en hoeveel tijd de sanering zou vergen. Op een aanzienlijk aantal adressen bleek de installatie (binnen en/of buiten) niet conform de (veiligheids)voorschriften. In zulk geval is het de taak van Infrax om de installatie terug conform de voorschriften te maken. Voor het piloot project kwamen volgende te saneren situaties het meest voor: Elektriciteit o Ondergrondse aansluitingskabels die nog uit papierlood waren, werden vervangen door nieuwe kunststofkabels (in 1 gemeente is het saneren samen met een project opgestart omdat ook de hoofdkabels in de straten zijn vervangen door kunststofkabels) o Luchtnetaansluitingen die niet conform waren zoals oude VTA aansluitingen, aansluitkabels met een sectie <6mm², oude wiska koppen,. Gas o Aansluitingen waar de gasdoorvoer van vlak voor de woning niet meer conform was met de huidige regels van goed vakmanschap. (roestvorming, PE in verluchting, enz ) o 2-pijpsmeters die aangepast moesten worden voor de 1 pijpse slimme meter KTV o Oude aansluitingen die niet conform waren ( meestal werden deze samen met elektriciteit gesaneerd) o KTV aansluitingen die extra nodig waren voor appartementen. Saneringen werden uitgevoerd door aannemers onder toezicht van onze eigen techniekers. Deze aannemers werden opgeleid door Infrax, kregen alle richtlijnen en flows uitgelegd en kregen een opleiding over het hoe en waarom van slimme meters. Ook werd de nadruk gelegd op ten allen tijde veilig werken en werd er hiervoor een extra opleiding veiligheid voorzien Smart Meter Ready Om correct te kunnen plannen (zowel naar klanten als naar aannemers toe) hadden we (proefondervindelijk) vooropgesteld dat een plaatsing met activatie gemiddeld 2 uur zou duren (voor elektriciteit) met nog een extra uur indien er ook gas aanwezig is. Op heel wat adressen, waar niet gesaneerd moest worden, volstond dit niet. De extra werken op zulke adressen noemden we smart meter ready voorbereidingen en deze werden vooraf (dus vóór feitelijke plaatsing) uitgevoerd. Enkele voorbeelden van zulke werken: Ombouw meterkast en binnenbekabeling KTV van het indringingspunt tot bij de meter brengen Verbinding klaarleggen tussen plaats gasmeter en plaats elektriciteitsmeter Of er zulke smart meter ready voorbereidingen dienden uitgevoerd te worden, werd al tijdens het voorbezoek bepaald. De Infrax technieker die het voorbezoek heeft uitgevoerd, heeft reeds aangegeven om welke voorbereidingen het ging, wat hiervoor nodig is en hoeveel tijd het smart meter ready maken zou vergen. Smart meter ready werkzaamheden werden uitgevoerd door aannemers onder toezicht van onze eigen techniekers. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 101

102 Gezamenlijke uitvoering van saneringen en Smart Meter Ready Tijdens het voorbezoek werd reeds bepaald of er werkzaamheden dienden te gebeuren voorafgaand aan de plaatsing van de slimme meter (dus saneringen of smart meter ready maken). Zulke werkzaamheden werden steeds toevertrouwd aan aannemers, meer bepaald een ploeg van technici. Ze stonden onder toezicht van een Infrax toezichter. Bij een aanzienlijk aantal klanten dienden zowel saneringswerken uitgevoerd te worden als smart meter ready werken, en dikwijls nog voor meer dan één discipline. Om de impact op de klant zo klein mogelijk te houden, werden in principe alle voorbereidende werkzaamheden tegelijkertijd gedaan. Er diende dan maar één keer een afspraak gemaakt te worden, de eventuele onderbreking van levering van energie diende dan maar één keer te gebeuren,. Alleen in enkele uitzonderingssituaties waar binnen een heel gebied dezelfde saneringswerken dienden te worden uitgevoerd, werd er een aparte ploeg voorzien om deze werken uit te voeren Plaatsen van slimme meter Enkele weken vooraleer er in een gemeente gestart werd met het plaatsen van slimme meters, werd er een infoavond georganiseerd (zie hoger). Kort daarna werden de plaatsingen opgestart. Het plaatsen van een slimme meter komt in feite neer op het vervangen van een klassieke meter door een slimme meter en het activeren van de communicatie. Voor het plaatsen van een slimme meter die communiceert via het kabeldistributienetwerk, zal de technieker volgende taken uitvoeren: 1. Het uitvoeren van de enquete voor de start van de werkzaamheden: deze enquete heeft als doel om de beeldkwaliteit, de internet connectie, te controleren voor de start 2. Weghalen van de klassieke elektriciteitsmeter 3. Weghalen van de klassieke gasmeter (indien er bij de klant ook gas is) 4. Eventueel plaatsen van de 25S60 bodemkast (indien deze nog niet aanwezig is) 5. Plaatsen van de slimme elektriciteitsmeter 6. Plaatsen van de slimme gasmeter, bedraad of draadloos (indien er bij de klant ook gas is) 7. Installatie aansluiten op het KTV netwerk 8. Aanduiding (bandje) aanbrengen aan de aansluitkap KTV (buiten op de paddestoel ): dit is nodig om alle KTV techniekers duidelijk te maken dat er ook slimme meter communicatie verloopt via het kabelnetwerk 9. Activeren van de communicatie (voor details: zie volgende paragraaf) 10. Registreren van het ewb (elektronisch wijzigingsbericht) waardoor de gewijzigde technische gegevens in de systemen van Infrax terechtkomen 11. Registratie van gebruikte materialen 12. Telefonisch contact met het NOC om na te gaan of alles correct is uitgevoerd 13. Het uitvoeren van de enquete na de werkzaamheden: deze enquete heeft als doel om de beeldkwaliteit, de internet connectie, te controleren na de werken om alzo te kunnen aantonen dat de interventie op het kabelnetwerk geen effect heeft op de bestaande Telenetdiensten 14. Uitleg verschaffen aan de klant Indien de slimme meter communiceert via GPRS, dan vervallen taken 1, 7, 8 en 13. Infrax is gestart met de plaatsingen op 1 oktober De eerste weken zijn de plaatsingen uitgevoerd door eigen Infrax techniekers. Meestal gebeurde de plaatsing door dezelfde technieker als diegene die het voorbezoek had uitgevoerd. Vanaf november 2012 namen de aannemers de plaatsingen over en hielden onze eigen techniekers toezicht. Er werd getracht zoveel mogelijk het toezicht te laten overeenkomen met de regio s waar de betrokken Infrax technieker het voorbezoek had gedaan. Zo had hij meteen een goed beeld van de uitgangssituatie. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 102

103 Infrax heeft bewust gekozen om tijdens de piloot een groot deel van de uit te voeren werken uit te besteden aan aannemers dit om de nodige ervaring op te doen met het oog op een grootschalige uitrol. De 3- en 4-draadse meters waren pas beschikbaar vanaf mei 2013 terwijl de plaatsingen gestart zijn in oktober Dit impliceerde dat we de eerste maanden alleen 2-draadse meters hebben kunnen plaatsen en dat we in die gebieden later nog terug moesten voor de 3- en 4-draadse meters. Uitgangspunt was dat het technisch gedeelte van de plaatsing vrij vlot zou moeten verlopen. Alle nietstandaard handelingen waren voorafgaand immers reeds uitgevoerd tijdens het saneren of smart meter ready maken. Toch gebeurde het regelmatig dat de installatie die moest worden vervangen niet meer dezelfde was als degene die was aangetroffen tijdens het voorbezoek. Redenen hiervoor en voorbeelden hiervan waren oa. de volgende: Het voorbezoek was geruime tijd vroeger uitgevoerd en ondertussen was de installatie gewijzigd (ander vermogen, ondertussen bijkomende gasmeter, ) Door gesprekken met buren veranderen klanten wel eens van mening (oa voor wat betreft communicatieconcept: men verkoos GPRS in plaats van KTV om niet te moeten boren; of andersom om geen straling in de woning te hebben) In onderstaande tabel kan je de aantallen geplaatste meters vinden per Figuur 72.Het aantal geplaatste meters per type opgenomen Activeren van slimme meter Zodra de klasssieke E en G meter is vervangen door zijn slimme variant en de energielevering aan de klant terug was gerealiseerd, moet de communicatie worden geactiveerd. Vanuit het project hebben we techniekers de opdracht gegeven om deze activatie onmiddellijk na de plaatsing te realiseren. Concreet kregen de techniekers de opdracht om de woning niet te verlaten vooraleer de meters van op afstand konden worden uitgelezen en aangestuurd. Binnen het NOC (Network Operating Center) worden de activaties vanop afstand opgevolgd en eventueel acties genomen om de activatie te bewerkstelligen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 103

104 De activatie verliep in een aantal stappen ( closed loop genoemd): Eerst werd de gasmeter gekoppeld aan de elektriciteitsmeter (meer bepaald aan de communicatiemodule van de elektriciteitsmeter) Vervolgens werd de communicatiemodule gekoppeld aan het AMM (het Head End Systeem op de servers van Hasselt) Tenslotte werd het geheel geactiveerd en kon de eerste meterstand worden uitgelezen Tijdens deze closed loop werden er nog twee andere acties uitgevoerd op de installatie: De interne klok van de communicatiemodule werd gesynchroniseerd met deze van de centrale systemen (dit gebeurde voor alle slimme E-meters) Het tarieftype werd correct gezet in de communicatiemodule (slimme meters werden bij productie ingesteld als dubbel tarief ; indien de klant enkelvoudig tarief wenste, dan werd dit meteen na activatie aangepast). Zoals gezegd was het de bedoeling om in een maximaal aantal gevallen de communicatie meteen bij plaatsing tot stand te brengen. Dit lukte niet altijd. In bepaalde periodes waren er problemen met het AMM waardoor dan geen enkele communicatie lukte. In bepaalde andere gevallen was de situatie bij de klant van die aard dat de communicatie niet kon gerealiseerd worden. In onderstaand grafiek, is opgenomen hoe dikwijls de communicatie onmiddellijk bij plaatsing kon worden gerealiseerd (de blauwe staven geven het aantal adressen waar die week slimme meters werden geplaatst; de rode lijn duidt aan op hoeveel van die adressen de communicatie onmiddellijk bij plaatsing tot stand werd gebracht). De periodes tijdens dewelke er een duidelijk verschil is tussen beide, zijn periodes die gekenmerkt werden door problemen met het AMM. Vanaf september 2013 kwamen we terecht in een situatie zoals die vermoedelijk ook bij een grootschalige uitrol zal zijn. Alleen in specifieke gevallen (minder dan 2%) kan de communicatie niet meteen gerealiseerd worden. Van deze gevallen worden er een aantal opgelost de eerste dagen na plaatsing (vb na interventie van de KTV-techniekers Onderhoud en Exploitatie). Uiteindelijk blijven er slechts zeer weinig gevallen over waar de communicatie op korte termijn niet kan worden gerealiseerd (minder dan 1%). Figuur 73. Statistiek succesvolle closed loops Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 104

105 6.1.9 Resultaten van de uitrol Algemene resultaten Exploitatiegebied Aantal totaal Geïnstalleerd Weigeringen Figuur 74. Statistiek resultaten uitrol Bovenstaande tabel geeft de stand van de piloot uitrol slimme meters per exploitatiegebied per weer, met detail van de verschillende samenstellende cijfers. Globaal kunnen we stellen dat we tot dusver 85 % van de opdrachten hebben kunnen uitvoeren, rekening houdende met de klanten die de plaatsing van de slimme meter hebben geweigerd. Eén van de belangrijkste doelstellingen van de piloot aantonen dat de administratieve, plaatsings- en logistieke processen een snelle uitrol aankunnen, mag hierbij geslaagd genoemd worden. Op onderstaande grafieken zien we achtereenvolgens: Open opdrachten Later geplaatst/ (totaal - weig) Limburg % Antwerpen % Brabant % West-Vlaanderen % INFRAX % Het aantal geplaatste meters verdeeld over elektriciteit en gas. Het aantal aansluitingen waar de communicatie met KTV respectievelijk GPRS is gerealiseerd. Het aantal geplaatste meters per exploitatiegebied Het aantal bedrade respectievelijk draadloos gekoppelde gasmeters. Figuur 75.Statistieken uitrol Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 105

106 Globaal genomen weken de gerealiseerde aantallen maximaal enkele procenten af van de vooropgestelde aantallen zoals uit het voorbezoek werd bepaald Uitrolsnelheid Het initieel idee om op korte tijd (5 jaar) alle klassieke meters te vervangen door slimme meters lijkt ondertussen achterhaald, zeker voor België/Vlaanderen. Daarom heeft Infrax gekozen om de slimme meters volgens een licht oplopend tempo te plaatsen. In onderstaande grafiek is de uitrolsnelheid opgenomen. De staven geven de initiële baseline weer, de rode lijn geeft de gerealiseerde plaatsingen weer per week. Figuur 76. Statistiek uitrolsnelheid Weigeringen Voor het piloot project waren klanten niet verplicht om de slimme meter te laten plaatsen. Op vraag van de VREG werd dit ook volledig transparant meegedeeld aan de klanten, zowel tijdens de infoavonden als in de toelichting op de website van Infrax en de VREG. Reeds bij de voorbezoeken mochten we de eerste weigeringen noteren. Voor zulke klanten werden er dan ook geen vervolg activiteiten gepland. Zij kregen geen verdere briefwisseling omtrent de slimme meter. Ook bij de voorbereidende activiteiten moesten we bijkomende weigeringen registreren. Dit verwonderde ons niet echt omdat er pas dan effectieve wijzigingen gebeuren aan de meterinstallatie van de klant. Het is dan dat technici de zwaardere gereedschappen (boormachine, breekijzer, ) bovenhalen. Het is niet verwonderlijk dat sommige klanten daarvan schrikken en alsnog de voorbereidende werkzaamheden weigeren. Wat ons wel verwonderde is dat er ook nog bij de plaatsing vele weigeringen bijkwamen. Dit was helemaal niet verwacht. Vermoedelijk hebben de contacten tussen buren het aantal weigeringen bij plaatsing doen stijgen. Tot deze groep behoren ook heel wat klanten die nooit reageerden op brieven of telefoons en die dan door het Infrax Call Centre s avonds of op zaterdag gebeld werden maar niet overtuigd konden worden de slimme meter te laten plaatsen. Hieronder kan je de verdeling zien van het aantal weigeringen voor elke fase van de uitrol. In totaliteit komen we uit op 9% adressen die de slimme meter weigert, wat toch heel wat meer is dan initieel verwacht. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 106

107 Figuur 77. Statistieken weigeringen - detail Adressen Meters Voorbezoek Saneren / SMR Plaatsing Totaal Totaal % 9% 8% Figuur 78. Statistieken weigeringen - globaal Open opdrachten Open opdrachten zijn plaatsingsopdrachten die (nog) niet konden uitgevoerd kunnen worden om een veelheid van redenen zoals: De uitrol is nog niet 100% afgewerkt. De volgende weken zullen er nog meerdere tientallen slimme meters geplaatst worden. Klant is (chronisch) afwezig of wil ons niet te woord staan. De meterplaatsingen kunnen niet gebeuren omdat de vereiste technische oplossing nog niet beschikbaar is voor slimme meters (vb budgetmeters, exclusief nacht meters, ). Een deel van de woningen in het pilootgebied staat leeg of te koop. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 107

108 Gratis tariefwissel aangeboden in pilootgebieden Klanten van het piloot project hadden de mogelijkheid om éénmalig gratis te wijzigen van tarieftype. Voorwaarde was wel dat dit bij de plaatsing/activatie moest gebeuren. Klanten moesten hiertoe een formulier invullen en ondertekenen en dit afgeven aan de technieker die de plaatsing verzorgde. De technieker zou dan het correcte tarieftype via zijn mobiel toestel en de centrale systemen van op afstand op de communicatiemodule registreren. Hier werd toch wel gebruik van gemaakt: 55% van de klanten had dubbelvoudig tarief: hiervan is ruim 3% gratis overgestapt naar enkelvoudig tarief 45% van de klanten had enkelvoudig tarief: hiervan is ruim 28% gratis overgestapt naar dubbelvoudig tarief Ongeveer 15% van de betrokken klanten heeft van het piloot project gebruikt gemaakt om gratis van tarieftype te veranderen Verbruiksfeedback naar klanten Dankzij de slimme meter kan de klant beschikken over gedetailleerde verbruiksgegevens. De bedoeling was om een klant, 2 maanden nadat bij hem de slimme meter werd geïnstalleerd, toegang te geven tot deze verbruiksgegevens. Dit bij voorkeur via internet (website) maar indien de klant dit op papier wenst, kan hij een maandelijks rapport krijgen. In de praktijk werd de verbruiksfeedback pas beschikbaar vanaf september Vooral vanaf november kregen heel wat klanten de mogelijkheid om hierop in te schrijven. We hebben nauwkeurig opgevolgd hoeveel mensen zich hiervoor registreerden en hoeveel de verbruiksgegevens werkelijk raadpleegden. In de volgende grafiek kan je per dag het aantal klanten vinden die: De website met verbruiksfeedback voor de eerste keer raadpleegden De website met verbruiksfeedback opnieuw raadpleegden Om deze grafiek goed te begrijpen moet je weten hoeveel klanten op welke dagen via brief werden uitgenodigd om zich op de website te registreren. Die historiek volgt eerst: Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 108

109 Datum Aantal klanten 12/08/ /08/ /09/ /09/ /11/ /11/ /11/ /11/ /12/ Totaal 3042 Figuur 79. Statistiek aanbod verbruiksfeedback Figuur 80. Statistiek hits website met verbruiksfeedback Per einde 2013 konden reeds 3042 piloot klanten (ongeveer 2/3 van alle piloot klanten) beschikken over de verbruiksfeedback. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 109

110 Hiervan hadden 984 klanten (=32%) minimaal één keer de website bezocht (ze hadden zich op de verbruiksfeedback geregisteerd). Van deze geregistreerde klanten, hadden er 488 reeds meer dan één keer de website geraadpleegd (=50% van de geregistreerde ; = 16% van alle klanten die reeds werden uitgenodigd om de website te raadplegen). Jammer genoeg kunnen we niet zeggen hoeveel van deze klanten de website regelmatig gebruikt. 235 klanten hebben ons gevraagd de verbruiksgegevens op papier te krijgen. Ze zullen maandelijks een (statisch) rapport krijgen met hun verbruiksgegevens. Een deel hiervan is te wijten aan een niet naar behoren functionerende website. Concluderend kunnen we stellen dat: Slechts 1 op 3 klanten de website raadpleegt Nog minder klanten doen dat meer dan één keer (16%) Meer klanten dan voorzien, vragen een rapport op papier De meeste vragen van klanten zijn van technische aard en hebben niets te maken met de verbruiksgegevens zelf Slimme meters in appartementen In de vorige paragrafen worden de verschillende stappen beschreven die gevolgd worden om te komen tot het plaatsen van slimme meters in eengezinswoningen. De werkwijze voor appartementen is enigszins verschillend. In deze paragraaf worden deze verschilpunten toegelicht. Alle appartementen die voorkomen in de geselecteerde pilootgebieden worden voorzien van slimme meters, voor zover de betrokken installatie binnen de scope van het onderzoeksproject vallen. De betrokken bewoners worden uiteraard ook uitgenodigd op de info-avonden. Toch lopen de praktische afspraken omtrent voorbereidingen en plaatsing meestal via de syndicus van het appartement. Voor appartementen wordt maximaal geopteerd voor communicatie via het kabeldistributienetwerk. Hierdoor kunnen de gegevens van heel wat adressen via eenzelfde kabelmodem uitgewisseld worden. Bovendien is het GPRS-bereik in appartementen dikwijls ontoereikend (aparte meterlokalen bevinden zich dikwijls in kelders). Verder verkiezen we ook de bedrade verbinding tussen gas- en elektriciteitsmeters omdat de afstand tussen beiden aanzienlijk kan zijn (dikwijls in 2 verschillende lokalen). Voor appartementen worden specifieke voorbezoeken gedaan. Tijdens dit voorbezoek wordt heel precies in kaart gebracht waar de elektriciteitsmeters en de gasmeters staan, of er voldoende plaats is om de slimme meter op dezelfde plaats te monteren, en hoe de kabeldistributie tot bij de meterkasten gebracht kan worden. Bovendien moet er extra ruimte zijn om de communicatiekast te kunnen plaatsen. Van elk appartement werd een gedetailleerd dossier opgemaakt met de precieze afmetingen van de verschillende installaties. De eigenlijke werkzaamheden in appartementen werden uitgevoerd door een ploeg van 2 man (voor grotere appartementen kon dit zelfs nog meer zijn). Er werd getracht om de onderbreking van de energielevering zo kort mogelijk gehouden. Alle noodzakelijke voorbereidingen (eventueel saneringen en smart meter ready maken) gebeurden daarom maximaal vooraf. Het plaatsen van de slimme meters werd per meterkastbatterij steeds op éénzelfde dag gedaan zodat de energielevering maximaal één dag werd onderbroken. Onze toezichter was bij de werkzaamheden in appartementen veel vaker aanwezig dan bij eengezinswoningen. Zeker bij het plaatsen en activeren van de meters was onze toezichters steeds beschikbaar. Bij appartementen staan de elektriciteitsmeters in groepen bij elkaar en dat geldt ook voor de gasmeters. Tussen beide groepen meters is er dikwijls een hele afstand te overbruggen (kan tot tientallen meters ver zijn). In het Infrax concept wordt elke gasmeter gekoppeld met de elektriciteitsmeter van dezelfde bewoner. Daardoor moest er heel wat bekabeling voorzien worden. Indien het bijvoorbeeld gaat om 10 elektriciteitsmeters in meterlokaal 1 en 10 gasmeters in meterlokaal 2 dan moeten er 10 aparte kabelverbindingen worden gerealiseerd tussen beide lokalen. Bovendien moet elke gasmeter aan de correcte elektriciteitsmeter gekoppeld worden (die van Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 110

111 dezelfde bewoner) en dat is niet altijd evident. Deze verbinding is echter noodzakelijk om de data van de gas en elektriciteitsmetervan één klant lokaal via de gebruikerspoort ter beschikking te stellen. Ook het activeren van de communicatie is niet vanzelfsprekend voor appartementen. De meters bevinden zich dikwijls in kelders of op andere plaatsen waar er nauwelijks mobiele communicatie mogelijk is. De technieker kan via zijn mobiel toestel vaak geen toegang krijgen tot de centrale systemen wat een noodzaak is om de communicatie te realiseren. Daarom werd de activatie van de communicatie voor appartementen vanuit het NOC getriggerd. Hierdoor worden de instructies volledig via het kabeldistributienetwerk afgehandeld Slimme meters in de cabines Initieel was het de bedoeling om ook in de laagspanningscabines slimme meters te plaatsen. De reden hiervoor was het onderzoek naar eventuele fraude. Door het vergelijken van de verbruiken van alle woningen op een vertrek met de meetwaarden op de slimme meter op het vertrek in de cabine (en dat per kwartier), zou het mogelijk moeten zijn om via wiskundige berekeningen aan te tonen of er ongeïdentificeerd verbruik plaatsvindt op dat vertrek. Dit aantonen is alleen mogelijk als alle woningen die vanuit dat vertrek worden bevoorraad, allemaal een slimme meter hebben. Al snel bleek dat deze laatste voorwaarde niet voldaan is. Tijdens het piloot project hadden klanten de mogelijkheid om de slimme meter te weigeren, en een aanzienlijk aantal klanten heeft dit ook effectief gedaan (zie vorige paragraaf). Daarnaast is in de loop van het project ook gebleken dat er onvoldoende draagvlak is in Vlaanderen voor een snelle globale verplichte uitrol. Vanwege de vele weigeringen en de te verwachten niet verplichte uitrol, hebben slimme meters in de cabines geen toegevoegde waarde meer naar fraude-detectie toe. Daarom heeft Infrax beslist om tijdens dit onderzoeksproject vooralsnog geen slimme meters te plaatsen in cabines Koppelen slimme watermeters Eén van de voordelen van het slimme meter platform, is dat het ook gebruikt kan worden voor andere utilities. Om de haalbaarheid hiervan proefondervindelijk te kunnen aantonen, hebben we (in samenwerking met een watermaatschappij ) ook een twintigtal slimme watermeters gekoppeld aan het slimme meter platform. De betrokken adressen bevonden zich in de regio Genk. Deslimme elektriciteitsinstallatie was voorheen op die adressen reeds geplaatst en geactiveerd. De watermaatschappij leverde de slimme watermeters en deze werden geregistreerd in het AMM van Infrax (hetzelfde AMM als datgene waar de slimme elektriciteits- en gasmeters werden beheerd). Een technieker van de watermaatschappij werd vergezeld van een technieker van Infrax bij het plaatsen en activeren van de slimme watermeter. Vanaf activatie (die ook meteen na plaatsing gebeurde) kwamen de watermeterstanden binnen in het AMM. Eénmaal per dag werden de meetgegevens van de geplaatste slimme watermeters geëxporteerd uit het AMM en doorgestuurd naar de watermaatschappij. De watermaatschappij is momenteel aan het onderzoeken op welke wijze ze gebruik kan maken van deze gedetailleerde informatie over het waterverbruik van hun klanten Koppelen slimme PV-meters Vanuit de VREG werd de vraag gesteld of er ook een aantal productiemeters als proof of concept zouden kunnen worden aangesloten op het slimme meter platform. Meer concreet zullen we bij een beperkt aantal klanten met zonnepanelen, een bijkomende slimme meter plaatsen op het productie gedeelte van de zonnepanelen. De bedoeling hiervan is een idee te krijgen van de data die via het slimme meter platform op kwartierbasis kan worden ingelezen en om na te gaan op welke wijze deze meetdata gebruikt zouden kunnen worden. Op dit moment zijn er nog geen slimme meters geplaatst op het productie gedeelte van zonnepanelen. De eerste klanten zullen in de loop van januari 2014 aan bod komen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 111

112 Resources Aansluitingstechnici slimme meters De werkzaamheden in onze labo-omgeving leerden dat we mochten uitgaan van volgende normtijden: Het vervangen voor de klassieke E-meter door een slimme E meter met inbegrip van het plaatsen en activeren van de communicatiecomponenten neemt ongeveer 2 uur in beslag. Indien ook een klassieke G-meter door een slimme G meter moet vervangen worden met in begrip van lektest, de koppeling met de communicatiemodule en de activatie van de communicatie tussen E en G, dan is een extra uur noodzakelijk. Het plaatsen van een slimme E en G meter wordt standaard ingeschat op 3 uur; indien er alleen een slimme E-meter moet komen, dan nemen we 2 uur als standaard. Gemiddeld genomen kan elke technieker 5 meters per dag plaatsen. Een eerste en voorname kanttekening hierbij is dat de uitvoerders competent moeten zijn om de gegeven werkopdracht uit te voeren, m.a.w. ze moeten opgeleid zijn en ervaring hebben met de werken. De kennis en ervaring betreft niet alleen de disciplines E en G, maar moet aangevuld worden met kennis van communicatie via het kabeldistributienetwerk. De eerste 6 weken van de uitrol (van begin oktober tot half november 2012) werden de slimme meters geplaatst door een vijftal eigen aansluitingstechnici. Vanaf half november werden de plaatsingen overgenomen door technici van aannemers. Ze stonden onder toezicht van Infrax. Infrax heeft ervoor gekozen om het aantal technici gelijdelijkaan te verhogen zodat er geen uitgesproken pieken waren in de bezetting. Afgezien van de vakantieperiodes en de laattijdige beschikbaarheid van driefasige meters, is dit vrij goed gelukt. Infrax heeft nooit meer dan 10 technici gelijktijdig ingezet De toezichters slimme meters Zoals gesteld hielden onze eigen techniekers toezicht op de werken van de aannemers. Tijdens dit onderzoeksproject heeft Infrax maximaal getracht dat hun toezichters toezicht hielden op adressen waarvoor ze zelf het voorbezoek hadden gedaan. In dit onderzoeksproject kon het toezicht op 2 verschillende manieren zijn getriggerd: Steekproefsgewijs toezicht (onaangekondigd) om na te gaan of de aannemer de werken uitvoerde conform de voorschriften Toezicht op vraag van de aannemer: indien de aannemer met problemen werd geconfronteerd die hij zelf niet kon oplossen, dan kon hij de hulp inroepen van een toezichter. Het gaat hier in feite niet om toezicht maar eerder om ondersteuning Tijdens het onderzoeksproject is er veel meer gebruik gemaakt van toezicht in de vorm van ondersteuning dan van steekproefsgewijs toezicht De KTV-technici Het merendeel van de slimme meters communiceert via het kabelnetwerk dat Infrax zelf beheert. Alle betrokken aansluitingstechnici hebben een opleiding gekregen in de discipline kabeldistributie Indien ze op het terrein toch nood hadden aan gespecialiseerd personeel, dan konden ze terugvallen op de eigen KTV-technici. Ook in exploitatiegebied Antwerpen verliep de communicatie meestal via het KTV-netwerk dat daar beheerd wordt door Integan. Bij de start van de uitrol zijn er tussen Integan en Infrax afspraken gemaakt oa omtrent technische ondersteuning. Tijdens de uitrol verliep de samenwerking tussen beiden voorbeeldig. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 112

113 Het Network Operations Center (NOC) Het Network Operations Center staat in voor de bewaking en de exploitatie van het meterpark vanop afstand (remote), of indien dit niet lukt, mits het aansturen van de aansluitings- of KTV-technici. Tijdens de uitrol werd dit Center bemand door 2 FTE die de permanentie verzorgden tijdens de uren dat plaatsingen waren toegestaan. Tijdens het piloot project werd aan de technici gevraagd om bij elke plaatsing het NOC telefonisch te contacteren. Tijdens dit gesprek werden een aantal essentiële gegevens uitgewisseld die voor het NOC belangrijk waren om na te gaan of de volledige plaatsing en activatie succesvol was doorlopen. Indien de activatie niet lukte (ook niet na inschakelen van bv. een KTV-technieker Onderhoud en Exploitatie), was het de taak van het NOC om later de communicatie vanop afstand te activeren. Daartoe moest het NOC beschikken over een aantal basisgegevens. Zeker in de eerste maanden (toen het AMM nog niet stabiel draaide) gebeurde het regelmatig dat de technieker alle handelingen correct had uitgevoerd maar toch niet de activatie kon realiseren. Het NOC was dan meestal al op de hoogte van de problemen met het AMM en gaf de technieker de toestemming om zich naar een volgend adres te begeven. Zodra het AMM dan terug operationeel was, kon het NOC de activatie alsnog afwerken. Door deze werkwijze was het NOC steeds het beste op de hoogte van de problemen die zich op bepaalde adressen voordeden en kon dan ook de geschikte technieker ter plaatse sturen indien de communicatie niet vanop afstand kon gerealiseerd worden Ondersteuning techniekers door Logistiek Het piloot project was een buitenbeentje voor de afdeling Logistiek. Enerzijds ging het om nieuwe artikelen waarvan het bestelde aantal vooraf was vastgelegd. Anderzijds waren de bestelde aantallen toch hoog om binnen de afdeling als normaal artikel behandeld te worden. De afspraken met leveranciers omtrent de bestelhoeveelheden en het leverschema, werden allemaal vanuit het project aangestuurd. Ook de verdeling over de regio s van de vóórgeassembleerde meterkasten en de gasmeters werd vanuit het project bepaald. De volledige administratieve verwerking van de goederen, gebeurde door de afdeling Logistiek. Techniekers van aannemers kwamen minimaal wekelijks langs om nieuwe meterkasten en gasmeters op te halen en om hun weggenomen klassieke meters terug te brengen. In bepaalde periodes (bepaalde types nog niet binnen en de andere grotendeels geplaatst) moesten meterkasten en/of gasmeters van de ene regio teruggeroepen worden om een andere regio te bevoorrraden, opdat beide regio s verder konden in hun uitrol. Gelukkig is deze situatie slechts een enkele keer voor gevallen. Een goede logistieke keten is van cruciaal belang bij een grootschalige uitrol van slimme meters. Het bestaande logistieke systeem werd op verschillende punten aangepast aan de noden van het uitrol project: Specifieke samenbouw van meters en toebehoren in tussenkaders werd op voorhand uitgevoerd (door een gespecialiseerde onderaannemer) Scanning van alle componenten met directe registratie in het assetsysteem bleek een zeer goede zet om datakwaliteit te verbeteren. Bulkleveringen en werken met een strategische voorraad per aannemer werden met succes uitgetest De administratieve ondersteuning De inschatting van de administratieve werklast was van in het begin een moeilijke zaak. De administratieve taken zijn immers sterk gerelateerd aan het feit of de uitrol vlot of minder vlot zou gaan verlopen. Een minder vlotte uitrol zou mogelijk meer telefoons en planningsactiviteiten tot gevolg kunnen hebben. De back office werd als volgt bemand: Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 113

114 1 projectleider met eindverantwoordelijkheid over de uitrol die ook heel wat back-office taken op zich nam 2 FTE met gedegen kennis van de administratieve processen en systemen verdeeld over de distributienetbeheerders voor lokale aansturing en ondersteuning 1 medewerker uit de centrale diensten voor ondersteunende taken 6.2 Evaluatie plaatsing op Eandis gebied Voorbereiding Keuze van de pilootgebieden In de voorbereiding van piloot werden in functie van verschillende parameters de pilootgebieden voor de uitrol gekozen: De piloot betreft +/ slimme als representatief staal van de LS / LD aansluitingen (+/- 1 % van laagspannings- en lage druk aansluitingen van Eandis) In overleg is beslist om in ieder infrastructuurgebied slimme meters uit te rollen. De voordelen van deze keuze wegen zeker op tegen de nadelen: o De inspanning wordt over de hele netuitbatingsorganisatie gespreid o Alle infrastructuurgebieden worden met de nieuwe technologie geconfronteerd, wat in change termen een belangrijke eerste stap naar awareness en aanvaarding betekend. o Het is veel makkelijker om pilootgebieden te kiezen met uiteenlopende karakteristieken (stedelijk landelijk, appartementen eengezinswoningen, sociale mix, eerste verblijf vakantiewoning, eigendom huurwoning,..) o Het onderhoud van het pilootgebied is moeilijker achteraf, omdat ieder infrastructuurgebied maar een klein aantal slimme meters moet onderhouden. o Het logistiek plaatje is complexer als over het hele Eandis gebied wordt gewerkt: indien de werken geconcentreerd worden uitgevoerd, is er een veel grotere controle op de materiaalstromen Figuur 81. In totaal werden 14 gebieden gedefinieerd waar slimme meters worden geplaatst, verdeeld over de 10 infrastructuurgebieden binnen Eandis Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 114

115 Voorbereiding van de pilootgebieden Omwille van onvoldoende detailkennis over de aansluiting en de meteropstelling en om voldoende input te hebben voor de Master-Slave bepaling (waar kunnen we gebruikmaken van de modem van de klant), werd als eerste stap een plaatsbezoek, de zogenaamde situatieschets, bij alle klanten uitgevoerd. Met de info uit deze situatieschets en om de vooropgestelde doelstellingen zuiver te houden, werd besloten om voorafgaand aan de uitrol de aansluitingen in de pilootgebieden te aligneren op de standaardaansluiting van Eandis, t.t.z.: Voor Elektriciteit o Alle papier-lood kabels werden vervangen en de meetinstallatie werd gelijktijdig in een 25S60 kast ondergebracht o In een groot aantal appartementen, met verouderde installaties, werden de meters in 25S60 kastenbatterijen ondergebracht. o Uitzondering werd gemaakt voor aansluitingen met een aansluitkabel met kunststofmantel met verouderde meteropstelling: deze worden aangepast tijdens de piloot Voor Gas werden alle verouderde aansluitingen gemoderniseerd, zodat enkel de meter nog vervangen diende te worden tijdens de uitrol. De werken om de 212 distributiecabines Smart Meter Ready 3 te maken zijn ook los van de uitrol van de slimme meters gestart, omdat deze binnen het investeringsprogramma van de infrastructuurgebieden moesten ingepast worden. Bij de start van de uitrol moesten dan enkel nog de slimme meters geplaatst worden. In een aantal gevallen was het opportuun om tijdens de moderniseringswerken in cabines en aan aansluitingen tevens het distributienet te vervangen. Deze beslissing en de uitvoering ervan staat volkomen los van de eisen of doelstellingen van het project en wordt hier verder buiten beschouwing gelaten Resources Inschatting werkhoeveelheid en nodige uitvoerders Bij de ontwikkeling van de slimme meter werd een efficiënte uitvoering vooropgesteld. Hiervoor werd verder gebouwd op de bodem van de bestaande 25S60 kast. Mits een doorgedreven Plug and Play benadering en de toepassing van een voorbekabelde metertussenkader, werd vooropgesteld dat een uitrolritme van 8 meters per installateur per dag in appartementsgebouwen en eengezinswoningen mogelijk moest zijn. Voor de installaties waar nog geen 25S60 kast stond, zou dit ritme uiteraard lager liggen (op +/- 6 installaties /dag/installateur). Globaal werd vooropgesteld, rekening houdend met een leertraject dat het gemiddelde aantal installaties per installateur over de uitrol bekeken ongeveer 6 per dag zou moeten bedragen. 3 Smart Meter Ready: ingeval van distributiecabines houdt dit in dat de nodige filters (in voetpadkasten of in aangepast laagspanningsbord) moesten geplaatst worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 115

116 Figuur 82. Van bestaande 25S60 kast naar slimme meterkast Voor gas kon dan weer op historische cijfers teruggevallen worden, waarbij enkel de extra werken voor het realiseren van de communicatie (M-busverbindingen) in rekening moesten gebracht worden. Bij het berekenen van het benodigde aantal FTE moest uiteraard ook rekening gehouden worden met de vooropgestelde uitvoeringstermijn. Het is duidelijk dat bij een verkorte uitvoeringstermijn, meer mensen zullen moeten ingezet worden. Figuur 83.Uiteindelijk resultaat van de benodigde capaciteitsberekening Beschikbare uitvoerders Een eerste en voorname kanttekening hierbij is dat de uitvoerders competent moeten zijn om de gegeven werkopdracht uit te voeren, m.a.w. ze moeten opgeleid zijn en ervaring hebben met de werken. In eerste instantie werden ervaren technici Eandis personeel en installateurs met ervaring in aansluitingswerken geviseerd om de slimme meters te plaatsen. Een rondvraag begin 2012 gaf volgend beeld van de benodigde versus de beschikbare capaciteit In deze cijfers is rekening gehouden met de reguliere werklast en de bijkomende saneringen in het kader van de piloot. Globaal gaf dit een tekort aan van 105 FTE op dat moment. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 116

117 Dit capaciteitstekort zou nog nijpender worden tijdens de uitrol van de slimme meters, als er nog extra 73 FTE noodzakelijk zouden zijn (125 FTE in totaal, waarvan 52 FTE reeds saneringen aan het uitvoeren waren). Figuur 84. de benodigde versus de beschikbare capaciteit rondvraag begin 2012 Alles wees erop dat een zoektocht naar bijkomende capaciteit dringend moest opgestart worden, zeker gezien de lange doorlooptijd van de opleiding tot competente uitvoerder (in het reguliere systeem) De Module Technici Deze beschouwingen hebben leidden ertoe dat een zoektocht naar nieuwe aannemersbedrijven en technici werd opgestart, de zgn. Module Technici. Deze installateurs: moeten een minimum startniveau hebben: o A2 diploma elektrotechniek o Minimum 3 jaar ervaring in elektrische installaties worden al tijdens de aanbestedingsprocedure getest op kennis en houding. Enkel bedrijven met voldoende geslaagde kandidaten worden weerhouden voor het vervolgtraject. worden ingezet op zeer specifieke installaties, waarvoor een specifieke opleiding werd opgesteld Deze zoektocht is een succes gebleken, er werden niet alleen voldoende aanbieders gevonden om aan de behoeften te voldoen, door de test voor de aanvang van de opleiding, was het slaagpercentage ook zeer hoog en bleek achteraf dat deze technici een zeer snelle leercurve hadden en vlot het vooropgestelde installatieritme konden halen. Wel dient opgemerkt dat we 2 personen hebben moeten weigeren om verder te werken wegens ontoelaatbare fouten en dat de gas-opleiding meer uitgediept moet worden. Anderzijds werd de ICT opleiding als te uitgebreid ervaren De teamleiders slimme meters Om de organisatie en de uitvoering van de werken in de infrastructuurgebieden in goede banen te leiden, werd er per infrastructuurgebied één teamleider afgevaardigd naar het project. Deze teamleads zijn van in het begin bij de opmaak van de processen betrokken en zijn tijdens de uitrol verantwoordelijk voor de vlotte werking van hun teams in hun infrastructuurgebied. Zij vormen ook een belangrijke schakel in de communicatie tussen het project en het terrein. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 117

118 De technici MeterDataCommunicatie (TMDC) Het werd al snel duidelijk dat ook een nieuw type specialist noodzakelijk was voor de ondersteuning op het terrein (tijdens de uitrol), maar ook voor het onderhoud van het slimme communicatienetwerk (na de uitrol). Hiervoor werd een nieuw team in het leven geroepen van zes technici meterdatacommunicatie. Samen met hun teamleider staan zij in voor alle specifieke interventies op het communicatie-deel van de slimme meters (op voorwaarde dat de interventie niet vanop afstand kan uitgevoerd worden.) Het Meter Operations Center (MOC) Het Meter Operations Center staat in voor bewaking en de exploitatie van het meterpark vanop afstand (remote), of indien dit niet lukt, mits het aansturen van de TMDC (zie hoger) om een interventie ter plaatse uit te voeren. Tijdens de uitrol en later de stabilisatie van het meterpark, werd de staf van het MOC uitgebreid met enkele tijdelijke medewerkers om de tijdelijke overvloed aan opdrachten aan te kunnen De administratieve ondersteuning De inschatting van de administratieve werklast was van in het begin een moeilijke zaak. De administratieve taken zijn immers sterk gerelateerd aan het feit of de uitrol vlot of minder vlot zou gaan verlopen; een minder vlotte uitrol zou mogelijk meer telefoons en planningsactiviteiten tot gevolg kunnen hebben. Om met deze onzekerheid om te kunnen gaan werd de back office voor een deel uitbesteed. De startconfiguratie van de back office werd aldus: 1 Projectmedewerker teamleider met eindverantwoordelijkheid over de alle back office opdrachten 10 medewerkers uit de infrastructuurgebiedengebieden met gedegen kennis van de administratieve processen en systemen 5 medewerkers uit de centrale diensten voor ondersteunende taken 10 externe medewerkers, waaronder 2 teamleiders, voor telefonie en ondersteunende taken Naarmate de uitrol (relatief vlot) vorderde, werden deze aantallen gaandeweg afgebouwd Uitrolprocessen Uitrolstrategie Voor de uitrol werden 2 strategische doelstellingen centraal geplaatst: Kostenefficiëntie Minimale impact op de klant Verder werd gewerkt rond twee planningspijlers: FIRST TIME RIGHT De klant wordt op voorhand gewaarschuwd en uitgenodigd om een afspraak te maken De uitvoerders (of het aannemingsbedrijf) staan zelf in voor de meest efficiënte organisatie van werken (detailplanning) rekening houdend met de wensen van de klant (zie punt 1) Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 118

119 Uitrolprocessen MOC Uitrol Dashboard SMT MDM Planning TBO Bewaking Supply chain logistiek Datacom. Technici SAP/Univlam GPRS Mobile AMM Slimme cellen infra s Stroomlijn Moduletechnici Distributiecenter Samenbouw Leveranciers F Scanner F Gesloten loop Opleiding Datacomtechnici 1 e interventie Technici BO medewerkers installatie Figuur 85. Schema uitrolprocessen 1. De planningscel kijkt welke dossiers mogen ingepland worden, vormt pakketten en geeft een pakket dossiers aan de aannemer. 2. Aannemer maakt detailplanning. De technicus van de aannemer ontvangt de werkopdracht op zijn mobiel toestel en voert de werken uit. Na uitvoering van de werken meldt de technicus de opdracht af. 3. Het platform controleert of de correcte meter is geïnstalleerd en of deze kan communiceren. Nadien krijgt de technicus groen licht om naar de volgende opdracht te gaan. (=gesloten loop) De gegevens in de centrale systemen moeten geüpdatet worden na de metervervanging. 4. De vooruitgang wordt opgevolgd in het Roll Out Dashboard en maakt bijsturing mogelijk (forecasting parameters, planning). 5. Logistiek dient opgenomen te zijn in de volledige loop (materialen en traceability) Detailplanning Geconsolideerde high levelplanning Het opmaken van de uitrolplanning kondigde zich aan als een gecompliceerde puzzel. Het aantal randvoorwaarden was immers niet te onderschatten soms schijnbaar tegenstrijdig. We overlopen ze even: installateurs worden zo kort mogelijk na het einde van hun opleiding ingezet, met andere woorden de opleidingscapaciteit bepaalt de opstartsnelheid. In de opstart worden nieuwe technici maximaal ondersteund door ervaren eigen personeel. De globale uitrol moet gepland worden tussen 4 februari en half juni Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 119

120 Aannemers/EP Moduletechnici TBS uitrol Brugge Middenkust Schelde Lieve Ijzer-Mandel Leie-Schelde Antwerpen Kempen Schelde Waas Zenne Dender Leuven Mechelen # Plaatsen # bezet Sommige features / meters zijn slechts ter beschikking vanaf Pasen 2013 Om aan al deze voorwaarden te voldoen, werd een high level detailplanning opgemaakt waarin al deze voorwaarden werden opgenomen. Na verschillende iteraties, in overleg met de teamleiders Slimme Meters werd uiteindelijk een best fit opstartplanning opgemaakt: VS02 VS05 VS11 VS13 VS20 VS35 VS40 VS50 VS51 VS52 Sessie 1 J16 18 feb Sessie 2 J17 18 feb Sessie 3 J18 3 mrt Sessie 4 J19 17 mrt # nodig # voorzien Sessie 11 E16 18 feb Sessie 12 E17 18 feb Sessie 13 E18 18 feb Sessie 14 E19 18 feb Sessie 15 E20 25 feb Sessie 16 E21 25 feb Sessie 17 E22 3 mrt Sessie 18 E23 3 mrt Sessie 19 E24 10 mrt Sessie 20 E25 10 mrt Sessie 21 E26 17 mrt Sessie 22 E27 17 mrt # nodig # voorzien Figuur 86.Planningsbord opleidingen en opstart installateurs Werkpakketten en draaiboeken per infrastructuurgebied In functie van de automatische dossiercreatie werd het werk onderverdeeld in verschillende werkpakketten. Een werkpakket is een groep van dossiers die binnen een bepaalde periode door een installateur zal worden uitgevoerd. Bij de samenstelling van het werkpakket is rekening gehouden met de benodigde competenties van de installateur en de beschikbaarheid van het materiaal. Er werd afgesproken dat een werkpakket +/- 100 meters omvat en dat iedere installateur 3 werkpakketten krijgt toegewezen tijdens zijn inzet in de uitrol. Voor de creatie van deze werkpakketten in SAP / ISU werd een specifieke tool ter ondersteuning ontwikkeld, die de dossiercreatie, rekening houdend met plaatselijke installatie en de opmaak van een verwittigingsbrief aan de klant voor zijn rekening nam. Op basis van deze werkpakketten heeft iedere teamleider een specifiek plan van aanpak gemaakt voor zijn infrastructuurgebied, rekening houdend met de specifieke randvoorwaarden verbonden aan het pilootgebied (vb marktdagen, aanpak appartementen / benadering bouwmaatschappijen, organisatie van ophaalpunten, ). Deze draaiboeken waren zeer waardevol tijdens de uitrol als houvast en om de centrale acties (ondernomen door de back office) gealigneerd te houden met de situatie op het terrein. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 120

121 Figuur 87.Schematische voorstelling van de uitrolplanning met vrijgave van werkpakketten Dynamische planning In het oorspronkelijke highlevel plan werden drie uitrolfases onderscheiden: Een trage opstart met eigen personeel tussen 1 oktober en 20 december. In deze periode worden zowel processen als technologie op het terrein uitgetest. De ramp up met aannemers tussen januari en april. Einde april is een stresstest van systemen en processen voorzien (1.000 meters installeren per dag) Een afbouwperiode waarin meer en meer aannemers hun werkpakketten hebben afgewerkt. Figuur 88. Uitrol in aantallen In de praktijk is gebleken dat deze planning door verschillende onbeschikbaarheden van materiaal en systemen is doorkruist. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 121

122 De trage uitrol is in praktijk beperkt gebleven tot een beperkte veldtest van +/- 250 geplaatste meters. Deze test was te beperkt om de uitrolprocessen te testen, alhoewel reeds een aantal materiaalproblemen werden vastgesteld en verholpen in deze periode. Tijdens de snelle uitrol ondervonden we redelijk wat hinder van de onbeschikbaarheid van enkele metertypes waardoor aansluitingen met metingen op 3*230V voorlopig buiten scope moesten blijven. Toen bleek dat deze meters en de achterliggende systemen niet op de voorziene datum (PMS3 2 april 2013) ter beschikking zouden zijn, is de uitrol noodgedwongen gecontroleerd stilgelegd in de meeste infragebieden tot 3 juni (nieuwe planning voor de vrijgave van meters en systemen) Voor het pilootgebied Duinbergen (Infrastructuurgebied Brugge-Middenkust) werd zelfs besloten om de uitrol maar terug op te starten na de zomervakantie, om de verlofgangers niet te hinderen Dankzij de gedetailleerde voorbereiding (draaiboeken en werkpakketten) is steeds snel en adequaat ingespeeld op deze onvoorziene omstandigheden. De goede voorbereiding heeft dus zeker zijn verdienste gehad Logistiek Een goede logistieke keten is van cruciaal belang bij een veralgemeende uitrol van slimme meters. Het bestaande logistieke systeem werd op verschillende punten aangepast aan de noden van het uitrol project: Specifieke samenbouw van meters en toebehoren in tussenkaders werd op voorhand uitgevoerd (door een gespecialiseerde onderaannemer) Scanning van alle componenten met directe registratie in het assetsysteem bleek een zeer goede zet om datakwaliteit te verbeteren. Bulkleveringen en werken met een strategische voorraad per aannemer werden met succes uitgetest. Nochtans konden we nog een aantal problemen ervaren tijdens de uitrol die voor verbetering vatbaar zijn: Er werd geen volledige tracing van materialen opgezet, waardoor het onduidelijk was hoeveel materiaal zich in welke strategische stock bevond (ophaalpunt, voertuig). In momenten van schaarste was dit een groot nadeel. De pré-cablage van de meterkasten is de uitrolsnelheid ten goede gekomen, maar heeft ook geleid tot een veelheid aan varianten, wat een negatieve invloed heeft gehad op de noodzakelijke werkstock op het terrein Specifiek voor de uitrol van de piloot: aangezien een eindig aantal installaties werd uitgerold, werd een daarop berekend aantal meters besteld. Hierbij werd rekening gehouden met een interventievoorraad om de pilootgebieden te onderhouden. Voor sommige materialen is tijdens de uitrol gebleken dat deze interventievoorraad kleiner was dan de noodzakelijke werkvoorraad om vlot te kunnen doorwerken: van sommige metertypes ontstond schaarste, onafgezien het feit dat er wel voldoende ter beschikking waren, maar op de verkeerde plaats Rapportering Rapportering kan op gedeeld worden in 2 delen: rapporten die de voortgang en de stand van zaken weergeven. Dit zijn typisch rapporten die aantallen weergeven (geplaatst, weigeraars, ) rapporten die noodzakelijk zijn om de inhoudelijke zaken op te volgen en bij te sturen, werd de werkopdracht correct uitgevoerd (vb GPRS plaatsen), is de administratie correct, Alhoewel bij de ontwikkeling van de ondersteunende systemen de aandacht vooral gefocust is op de noodzakelijke functionaliteiten, is een goede rapportering tijdens de uitrol van levensbelang. In een vervolgtraject moet aan dit aspect meer aandacht besteed worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 122

123 6.2.4 Installatietechniek Werken aan de elektriciteitsmeter Het was van het grootste belang, in het vooruitzicht van een grote uitrol van slimme meters, om de installatietijd zoveel mogelijk te beperken. En dit opzet is zeker geslaagd! Een klassieke meteropstelling in een 25S60 meterkast wordt op zeer korte tijd (+/- 1 uur inclusief overhead) vervangen door een slimme meter. Het feit dat tot 8 meters per installateur per dag vervangen werden, is in grote mate te danken aan de engineeringinspanningen op het vlak van ontwerp en werkmethoden Appartementen: meterbatterijen en doorverbinden RS485 De batterij opstelling van de slimme meter is vergelijkbaar met deze van de klassieke meter. Belangrijkste verschilpunten betreffen de communicatiekabels in de kast: voor klassieke meters zullen stuurdraden voor het doorverbinden van de centrale afstandsbediening voorzien zijn, in een slimme meter batterij moet enkel de stuurdraden van RS485 bus geplaatst worden. Hiervoor moeten de stuurdraden doorverbonden worden in een hub dat bestaat uit een klein kunststoffen doosje, waarin drie kabeltjes moeten samengebracht worden. Deze hub wordt in de meterkast geplaatst, indien er aan gewerkt dient te worden (v.b. zoeken naar een fout contact), dient de meterkast geopend te worden en moet het werk uitgevoerd worden met alle PBM s wat zeker niet comfortabel is. Figuur 89. Hub klein kunstoffen doosje De SlimEAN50 werd specifiek ontworpen om tegemoet te komen aan omstandigheden waar wegens plaatsgebrek geen 25S60 meterkast kan geplaatst worden. In bijgevoegde batterijopstelling zijn de onderlinge verhoudingen te zien. De SlimEAN50 kan echter ook stand alone opgesteld worden (vb in een eengezinswoning) Door zijn beperkte afmetingen is de SlimEAN50 wel beperkt in zijn toepassingsgebied tot enkelfasige meetinstallaties met een maximum vermogen van 40A. Tijdens de uitrol is gebleken dat deze meterkast veel minder is toegepast dan was voorzien. In veel gevallen was de SlimEAN50 nog te groot om op de plaats van de huidige meter te komen zeker daar waar het nog een meter op bordje betreft, die dan dikwijls door de klant is omkast. Anderzijds is de meter en de kast zo compact, dat het niet meer eenvoudig is om in te werken (vooral het binnenbrengen en aanwerken van de aansluitings- en klantkabel is niet eenvoudig). Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 123

124 Figuur 90. voorbeeldopstelling batterij met SlimEAN50 meters en 25S60 kast Werken aan de gasmeter De slimme gasmeter vraagt geen aangepaste installatieprocedure ten opzichte van de klassieke gasmeter, enkel de communicatie met de SCM bij de E-meter- moet gerealiseerd worden. Hiervoor zijn twee M-bus oplossingen ter beschikking Bedraad: een M-bus kabel verbindt de gasmeter met de SCM. Ingeval van meerdere gasmeters, kunnen deze doorgelusd worden mits gebruikmaking van specifieke hubjes (vergelijkbaar met deze van de RS485 verbinding voor de E-meters en met dezelfde ongemakken). Het is gebleken dat deze doorverbinding dikwijls een zeer tijdrovende bezigheid is. Draadloos: we hebben vastgesteld dat we in de grote meerderheid van de gevallen een draadloze communicatie tussen gasmeters en SCM konden opzetten. In bepaalde gevallen mits het plaatsen van een dedicated SCM in de buurt van de gasmeter(s). Het voordeel van deze werkwijze is dat zij weinig extra tijd en hulpmiddelen (kabeltjes, kabelgootjes, hubjes zijn overbodig) vraagt. Overal toepassen van draadloze verbindingen zou het aantal varianten ook sterk beperken. Bij gaswerken hebben we meermaals de aandacht moeten trekken op de noodzaak om de installatieprocedures strikt te volgen om veiligheidsrisico s uit te sluiten Slimme Meters plaatsen gebeurt paperless Doelstelling binnen de piloot was om maximaal gebruik te maken van de bestaande infrastructuur binnen Eandis. Vandaar werd ook besloten om voor de configuratie van de SCM en de meters gebruik te maken van de bestaande Mobile Werfcomputers binnen Eandis: alle technici hebben reeds dergelijke computers en zijn vertrouwd met zijn werking de gebruikelijke planningsprogramma s draaien ook op deze computers zodat ook de achterliggende planningssystemen konden gebruikt worden in de uitrol. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 124

125 Figuur 91. Mobile device Verschillende nieuwe tools werden voor het eerst uitgetest tijdens de uitrol van Slimme Meters, zoals Calcula (electronische opmaak en goedkeuring van meetstaten) en Hermes voor eigen personeel. De Mobile werd ook gebruikt om SCM en meters te configureren, dit houdt onder andere in dat: De dataverbinding tussen SCM en meters wordt gecontroleerd De Time Of Use 4 wordt opgeladen (voor E-meters) De stand van de gasklep (G-meter) en de disconnector (E-meter) wordt juist gezet (in functie van de status van de klant (in dienst / buiten dienst) Incidenten tijdens de uitvoering De bedoelde incidenten in deze context behelzen geen veiligheidsrisico, maar een verstoring van het plaatsingsproces. Hieronder een beknopt overzicht van de meest voorkomende incidenten. In het natraject van de piloot zullen ze systematisch aangepakt worden om het aantal incidenten in een vervolg uitrol te minimaliseren. Overzicht van de incidenten : Uitvoering: dit betreft vooral technische problemen zoals plaatsgebrek, afwezige klanten, weigeringen Engineering: hierin zitten vooral software aanpassingen en opduikende tekortkomingen die een oplossing met dringend karakter hadden Configuratieproblemen: dit zijn de issues die te maken hebben met de configuratie en instellingen van de slimme componenten 4 Time of Use: programmatie van de schakelmomenten tussen tarieven (H/L en uitsluitend nacht) welke in een klassieke meetinstallatie wordt verwezenlijkt mbv de centrale afstandsbediening (CAB) Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 125

126 8% INCIDENTEN PILOOT 15% Uitvoering 16% MOC/Engineering Configuratie 10% IT/Mobile SM onderdelen = 8% 10% Processen Logistiek BO/dossierbeheer 13% 20% Figuur 92. Incidenten Piloot Mobile: de nieuwe slimme toepassingen die op de mobile devices geplaatst werden hadden vooral in het begin van de uitrol te kampen met IT problemen Slimme componenten: het niet functioneren van de slimme meters, vooral dan bepaalde gasmeters, en de slimme configuratiemodule Processen: de vooraf bepaalde processen voor de piloot moeten tijdens de uitrol nog enkele aanpassingen ondergaan, dit aan de hand van een aantal gemelde issues Logistiek: laattijdige leveringen van de fabrikanten, dringende aanpassingen aan sommige slimme componenten, wijziging van scope en planning, procesaanpassingen hebben geleid tot een aantal meldingen Dossierbeheer: verscheidene aanpassingen en issues leiden tot het aanpassen van planning en planningstools Veiligheid Veiligheidsattitude Van in de conceptfase tot bij de uitvoering van de werken, stond de veiligheid bij het uitvoeren van de werken voorop. En deze ingesteldheid heeft duidelijk zijn vruchten afgeworpen. Tijdens de piloot werden geen ongevallen met werkverlet genoteerd en de weinige incidenten waren niet gerelateerd aan het werk rond de slimme metervervanging op zich en hadden geen letsel tot gevolg. Om een goed resultaat te borgen werd dit in verschillende stappen aangepakt: Van bij de start van de uitrol was er een grote consensus om veiligheid als prioriteit naar voor te schuiven, zowel bij de projectmedewerkers, de teamleiders als de hiërarchie. In het vervolg traject werden alle beslissingen tegen deze prioriteit gechallenged. Een bijkomende opfrissessie rond veiligheid werd ingericht voor de teamleiders en projectmedewerkers met betrekking tot te volgen procedures ingeval van incident / ongeval en EHBO. Bij de ingangsproeven voor kandidaat module technici werd actief gepeild naar de veiligheidsattitude van de betrokkene. Van bij de aankondiging van de werken is consistent gecommuniceerd dat veiligheid prioriteit 1 was en dus primeerde op uitvoeringssnelheid, Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 126

127 Bij de voorbereiding van de werken werden de opdrachten ingedeeld volgens de noodzakelijke competenties van de uitvoerder. Dit was zeker noodzakelijk om op een veilige manier Module Technici in te zetten. Er voldoende omkadering op het terrein is om problemen allerhande op te vangen. Alle betrokkenen hadden de veilige uitvoering van de werken ook in hun jaarobjectieven. Ingeval van incidenten werd snel en adequaat bijgestuurd; gaande van het (verplicht) inlassen van bijkomende toolbox meetingen door de aannemers tot het intrekken van de werkvergunning van enkele uitvoerders. Belangrijk hierbij is dat deze aanpak in lijn is met de visie van Eandis en gesteund wordt door de hiërarchie in al haar geledingen, zowel binnen het project al in de infrastructuurgebieden Veiligheid bij configuratie van meter en SCM Het voornaamste verbeterpunt in het kader van de veiligheid betreft de plaats van de SCM en intuïtieve werkwijze van de uitvoerder bij het configureren. Het bleek immers al snel dat er verschillende voordelen zijn als de SCM zichtbaar en gemakkelijk bereikbaar is tijdens de configuratie: Inpluggen van verbindingskabel met de Mobile Opvolgen van het configuratieproces aan de hand van LED-jes op de SCM Controleren van de RS485 verbindingen op slechte contacten Soms is het nodig de SCM te rebooten, waarvoor de spanning moet afgezet worden ter hoogte van de zekeringen. Figuur 93. Veilig werken bij open meterkast Omwille van deze redenen laat de installateur de meterkast liefst open, waardoor het gebruik van de PBM s noodzakelijk is. Deze laten het echter niet toe om de mobile, toetsenbord of touchscreen, vlot te bedienen. Ook bij latere ingrepen aan het communicatie gedeelte, moet de meterkast steeds volledig geopend worden, met dezelfde inconvenienten tot gevolg. We stellen hierbij voor om in een volgende Slimme Meter Kast te voorzien dat op een veilige manier aan het communicatiegedeelte (SCM en RS485 verbinding) kan gewerkt worden, zonder dat de kast volledig moet geopend worden, m.a.w. zonder dat er genaakbare stroomvoerende delen zijn. Een tweede opmerking betreft het maken van de verbindingen op de RS485 bus (in batterij opstellingen bij appartementen, zie hoger). Deze verbinding wordt gemaakt met kleine stekkertjes die moeilijk te hanteren zijn met de isolerende handschoenen aan. Hiervoor moet een andere oplossing gevonden worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 127

128 Veiligheidsincidenten Tijdens de uitrol werden we wel enkele malen geconfronteerd met incidenten 5 tijdens de uitvoering van de werken. De meest voorkomende betreffen: Voor elektriciteit o het loskomen van nulgeleider op de meter (5 maal), met schade aan de binneninstallatie / toestellen tot gevolg. Oorzaken zijn tweeërlei: - Enerzijds onachtzaamheid van de uitvoerder - Anderzijds de constructie van de kabelklem op meter in sommige gevallen werd de kabel ongemerkt naast de klem ingebracht en dus ook niet vastgetrokken. Bij de reguliere metertypes is dit onmogelijk door de constructie van de klem. Normaal moet dit euvel opgemerkt worden door de uitvoerder bij de mechanische controle van de gemaakte verbindingen. o Enkele incidenten waren niet gerelateerd aan de slimme meter an sich, maar kaderen in het werken aan aansluitingen het betreft dan vooral kortsluitingen bij aansnijden van kabels en bij werken in abonneedoos (5 maal). Door de correcte toepassing van PBM s waren er geen lichamelijk letsels. Voor gas o Achterlaten van lekken na beëindiging van de werken en het ontluchten van de binneninstallatie (7 maal). De oorzaak ligt hier bij het niet toepassen van de veiligheidsprocedures, in casu de lektest en het afzepen van de schroefverbinding. Deze fout werd in het begin van de uitrol enkele malen gemaakt door de Module technici, we leiden hier uit af dat we bij een vervolgverhaal meer aandacht moeten hebben voor dit aspect in de opleiding Communicatieplatform Gezien we in de tien infragebieden gelijktijdig uitrollen, is het van groot belang om van in het begin performante - tweewegs - communicatiekanalen open te houden voor de melding van anomalieën, oplossingen en het opzetten van verbeteracties. Na een testfase in de trage uitrol, werd volgende werkwijze met succes toegepast: De teamleiders slimme meters houden dagelijks (einde werkdag) een teleconferentie om de bevindingen van de voorbije werkdag te bespreken. Op deze manier worden problemen en oplossingen snel gedeeld. Woensdagvoormiddag wordt een decompressieteam gehouden, waarbij teamleiders en vertegenwoordigers van engineering, MOC, ICT / Mobile en procesanalysten de gelogde problemen bespreken en oplossingen voorstellen Wekelijks houden de projectleiders en de Programmamanager (op vrijdagnamiddag) een Post Implementatie Team met als doel: o Een directe opvolging van de acties op het terrein o Het bespreken van de feedback en de problemen van medewerkers op het terrein o Het voorbereiden van adviezen en beslissingen voor programma management 5 Onder veiligheidsincidenten verstaan we bijna-ongelukken : er is tijdens de uitvoering een situatie ontstaan waarbij mogelijk een ongeluk met letsel en grotere materiële schade had kunnen optreden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 128

129 Communicatieplatform TL Pilootgebied + Technici IN Feedback Technici DAGELIJKS OUT Logboek Decompressieteam (woensdag) Nazareth/ Herenthout TL SM s (6 / 4) + SDVP + Eng + IT + BP WEKELIJKS IN Logboek Rapport MOC TT OUT Verslag Postimplementatieteam (vrijdagnamiddag) 3 Projectleiders + ICT-projectleider Figuur 94. Organisatie communicatieplatform IN Verslag WEKELIJKS OUT Verslag Mail Feedbackmoment in het infra (Maandagochtend) TL Pilootgebied IN Verslag Global broadcast + Technici WEKELIJKS OUT Juridische aspecten Het Eandis 25/11/2013concept maakt voor de communicatie met de slimme meter en het centraal systeem gebruik van GPRS en modemverbindingen van Telenet en Belgacom Samenwerking met telecom operatoren Aangezien de meeste klanten over een breedband internettoegang beschikken, lijkt het evident om deze te gebruiken om de beveiligde gegevens door te sturen. Er werd hiervoor een specifieke tunnel gecreëerd om de gegevens van de slimme meters door te sturen naar de centrale systemen. Dit zonder (negatieve) beïnvloeding van de services van klant /bewoner. Bij de uitwerking van de uitrolprocessen bleek dat de klant het gebruik van zijn modem moest kunnen weigeren 6, hiervoor moest een aparte communicatie opgezet worden door de telecomoperatoren om de klant van dit recht en de manier waarop hij dit kan uitoefenen op de hoogte te stellen. Bij de plaatsing van de slimme meter kon dan nog een tweede hinderpaal optreden, namelijk het realiseren van de draadverbinding tussen modem en SCM die soms een zeer moeilijk realiseerbaar traject volgt of de klant die weigert om hiervoor gaten in muren te laten boren De slimme meter, verplicht of niet? Alhoewel de technische reglementen de distributienetbeheerder het recht toewijzen om aan de meter te werken en het type meting te bepalen 7, was er heel wat commotie rond het al dan niet verplicht aanvaarden van een slimme meter. Na overleg tussen de beleidsmakers, werd besloten dat de klant tijdens de piloot het recht heeft de slimme meter te weigeren. 748 klanten hebben van dit recht tot weigeren gebruik gemaakt, waardoor een 4 % van de voorziene meters niet geplaatst konden worden. 6 Dwingende voorwaarde opgelegd door de privacy commissie 7 Zie TRED art I en I Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 129

130 Figuur 95. Aantal weigeraars (klanten) per pilootgebied Communicatie Externe communicatie is cruciaal! Spreekt voor zich dat een goede communicatie naar alle betrokken klanten cruciaal was bij dit project. Duidelijke en open communicatie was immers onontbeerlijk om goede afspraken te kunnen maken en alle noodzakelijke werken vlot te laten verlopen. Tegelijk was ze ook belangrijk om begrip en acceptatie te bewerkstelligen bij alle eindklanten. Ook voor het grote publiek organiseerde Eandis verschillende communicatieacties, zoals de introductie van een aantal webpagina s, informatierondes op Open Bedrijvendag 2012 en perscommunicatie rond slimme meters. Op die manier werden ook klanten buiten de slimme regio s, zoals buurtbewoners of familieleden van klanten die een slimme meter kregen, geïnformeerd over het proefproject. De slimme meters en componenten uit de piloot, en de bijhorende werkwijzen en procedures, waren nieuw voor de meeste Eandis-medewerkers en aannemers. Daarom besteedde Eandis veel aandacht aan interne communicatie, ook ter ondersteuning van de vele veranderingsprocessen binnen de organisatie. Die verliep via een uitgebreid opleidingsaanbod, inclusief een speciale opleidingsvideo, en tal van infomomenten. Er waren ook een aantal gerichte acties ter begeleiding van alle interne veranderingsprocessen Partners nauw betrokken bij communicatie Bij de verschillende communicatieacties van de piloot werd een reeks belangrijke partners nauw betrokken. In de eerste plaats waren dat de stads- en gemeentebesturen van de geselecteerde gebieden. Zij kregen de mogelijkheid om een meer of minder actieve rol te spelen in alle communicatie, afhankelijk van de behoeften in hun regio. Zo kregen ze de keuze om een of meerdere infosessies te organiseren voor de bevolking. Specifiek voor grote appartementsgebouwen waren ook de sociale huisvestingsmaatschappijen belangrijke partners voor communicatie. Met hen werd, waar nodig, communicatie op maat ontwikkeld om bewoners zo goed mogelijk op voorhand te informeren over geplande werken en waar ze terechtkunnen voor meer informatie. Dat was vooral het geval in de steden, zoals Antwerpen, Gent en Vilvoorde. Bij de communicatie in de piloot speelden ook een aantal private bedrijven een belangrijke rol. Zo werden de telecommunicatiebedrijven Telenet en Belgacom nauw betrokken. Aangezien zij de beheerders zijn van hun klantgegevens, verstuurden zij alle communicatie rond het gebruik van de Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 130

131 modems bij de plaatsing van slimme meters. Langs die weg namen ze ook de centrale boodschappen van Eandis, en de voordelen van de slimme meters, mee op in hun communicatie. Ten slotte waren ook de energieleveranciers belangrijke partners. Via twee aparte infosessies in 2011 en 2012 werden ze op de hoogte gehouden van alle geplande stappen in de piloot. Ze kregen ook geregeld een volledig overzicht van onze communicatie naar klanten Speciale aandacht voor privacy Bij elke stap van de communicatie met de eindklant werd aandacht besteed aan de privacy van alle klanten. Via een privacybeleid, raadpleegbaar via de website van Eandis, werd duidelijk gemaakt op welke manier we omgaan met verzamelde gegevens (www.eandis.be > Privacy beleid). Ook op heel wat communicatiedragers werd specifiek verwezen naar de politiek van Eandis rond privacy. Daarbij werd ook op regelmatige basis overleg gepleegd met de Privacycommissie die op geregelde tijdstippen gedetailleerde updates kregen van alle communicatie-acties Overzicht communicatieacties piloot Webpagina > Over Eandis > Slimme meters Callcenter Infosessies bewoners Briefwisseling bewoners Brochures bewoners Afwezigheidskaartjes bewoners Interne communicatie Eandis Video Slimme meters: luxe of noodzaak Webpagina's rond onderzoeksprojecten slimme meters Veelgestelde vragen Gratis nummer Specifiek voor klanten uit slimme regio s Toegespitst op informatie rond het onderzoeksproject Voorafgaande infosessie voor alle stads- en gemeentebesturen van slimme regio s Optioneel: infosessie voor start situatieschets (Turnhout, Gent, Leuven, Vilvoorde en Antwerpen) Infosessie energieleveranciers Optioneel: infosessie voor de start plaatsing (Nazareth, Kessello, Gent en Zele) Brief 1 + folder - aankondiging situatieschets Brief 2 - resultaat situatieschets + aankondiging voorbereidende werken (variant woningen en bewoners/verantwoordelijken appartementen) Brief 3 - samenwerking telecomoperatoren Telenet en Belgacom Brief 4 Aankondiging plaatsing meters (variant woningen en bewoners/verantwoordelijken appartementen) Brochure Uw slimme meter praktisch bekeken Flyer Een slimme elektriciteitsmeter Wat met zonnepanelen? Afspraak voor situatieschets Afspraak voor plaatsing slimme meters Afspraak voor datacommunicatie (indien nodig) Regelmatige presentaties/infomomenten naar alle personeelsgroepen Regelmatige artikels in personeelsblad Indruk Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 131

132 Postercampagne (zie Change ) Regionale overzichtsslides tv-circuit (zie Change ) Perscommunicatie Eandis Verschillende communicatieinitiatieven Persconferentie + persbericht plaatsing eerste slimme meter (Gent 25 september 2012) Voorstelling communicatieconcept slimme meters in e-dinges (2012) en in het Festival van de politiek (2013). Voorstelling slimme meters op bezoek technische scholen (onder andere uit regio Waasland) Voorstelling slimme meters op Open Bedrijvendag 2012 in Melle, Turnhout en Erembodgem. Klanttevredenheidsenquête plaatsing slimme meters Infosessies energieleveranciers Tevredenheidsonderzoek Elke vervanging van de klassieke elektriciteits- en gasmeter gaat gepaard met één of meerdere contacten met de klant. Eandis vond het belangrijk om te peilen hoe de klant deze contacten ervaart om bijsturing en optimalisatie naar de toekomst toe mogelijk te maken. Daarom is er voor de piloot een klanttevredenheidsonderzoek gedaan om actief te peilen naar de ervaring van de klant met de verschillende stappen van het installatieproces: Figuur 96. Resultaten tevredenheidenquête Een steekproef van klanten werd na de installatie van de slimme meter gevraagd naar hun ervaring, enerzijds via een questback indien het adres van de klant gekend was, anderzijds via telefonische bevraging. De resultaten waren zeer positief over de hele lijn, van het maken van de afspraak tot de uitvoering. In sommige gevallen lijkt het aangewezen om de technicus nog extra te coachen op het vlak van communicatie met de klant en het verstrekken van informatie over de werking van de meters. In een vervolgtraject zal hier nog extra aandacht aan besteed worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 132

133 6.2.7 Resultaten van de uitrol Algemene resultaten DATA = AANTAL METERS Geïnstalleerd Filters Weigeraars open opdrachten Totaal geplaatst+bud /gepland geplaatst+bud /gepland-weig Antwerpen ,3% 96,1% Brugge- Middenkust Ijzer- Mandel ,1% 89,5% ,4% 96,1% Kempen ,9% 97,3% Leie- Schelde ,7% 94,8% Leuven ,6% 100,0% Mechelen ,7% 98,9% Schelde- Lieve Schelde- Waas Zenne- Dender ,7% 96,7% ,2% 95,7% ,2% 95,0% Totaal ,3% 96,0% Figuur 97. Overzicht van het uitrol dashboard einde november 2013 Bovenstaande tabel geeft de eindstand van de piloot uitrol slimme meters per infragebied weer, met detail van de verschillende samenstellende cijfers. Globaal kunnen we stellen dat we 96 % van de opdrachten hebben kunnen uitvoeren, rekening houdende met de klanten die de plaatsing van de slimme meter hebben geweigerd. Eén van de belangrijkste doelstellingen van de piloot aantonen dat de administratieve, plaatsings- en logistieke processen een snelle uitrol aankunnen, mag hierbij geslaagd genoemd worden. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 133

134 Uitgevoerd Budgetmeter afgefilterd Open opdrachten Afwezig 57,0% Regulier werk - 5,0% overgedragen aan Infra Leegstand 5,2% Te Koop 0,4% Allerhande 32,0% Slimme Meter geweigerd Geen reden 38,0% Bij plaatsing / Geen reden 16,9% Andere reden 17,3% Teweinig plaats 10,2% Voordeel 3,5% Verplicht 3,4% Klant 'te oud' 3,1% Lokale Productie 3,1% Privacy 2,4% Verlof 1,6% Kostprijs 0,3% TUT / NT 0,2% TOTAAL Figuur 98. Resultaten van de uitrol 89,6% 2,7% 3,7% 4,0% 100,0% Uitrolsnelheid Eén van de doelstellingen van de piloot slimme meters was om te achterhalen of een voldoende hoge uitrolsnelheid kon gehaald worden. Vooropgesteld was om te trachten meters per dag te plaatsen, hetzij per week. Figuur 99. Histogram van het aantal geplaatste meters per dag Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 134

135 Zoals uit bovenstaande grafiek blijkt, werd een maximum van 696 meters behaald op 21 maart. Tijdens deze topweek werden in totaal meters geplaatst. In de daarop volgende week nog meters, wat aangeeft dat dergelijke hoeveelheden zeker haalbaar zijn in een langere uitrol en bij volledige bezetting. We merken ook op dat in alle infragebieden plaatsingsritmes van meer dan 300 meters/week zijn voorgekomen (behalve in één, landelijk gebied). In de infragebieden met meer appartementsgebouwen zijn weken van meer dan 400 tot een maximum van 556 meterplaatsingen per infra en per week voorgekomen. In de planning van de uitrol was rond half april voorzien om, op een gecoördineerde manier, te streven naar de vooropgestelde meters per dag. Dat was toen niet meer mogelijk wegens leveringsproblemen van de 3*230V meters, alles laat echter uitschijnen dat de uitrolprocessen dit ritme wel aangekund hadden. Hierbij een aantal observaties bij deze cijfers: Wegens de onbeschikbaarheid van 3*230V meters werd in infrastructuurgebied Brugge- Middenkust maar op halve kracht gewerkt de uitrol in Duinbergen is maar kunnen starten in september Tussen 2 april en 4 juni werd de uitrol capaciteit in de andere infrastructuurgebieden om dezelfde reden sterk teruggeschroefd. In de tweede helft van maart waren bijna alle installateurs uitgerold op het terrein (opleidingen liepen tot einde maart), een aantal onder hen zat nog in het begin van de leercurve. De uitrolsnelheid is op sommige dagen zeer hoog omdat één of meerdere appartementsgebouwen gelijktijdig worden afgewerkt. De uitrolsnelheid ligt lager in eerder landelijke gebieden. Administratieve tools (vb upload van data naar SAP/ISU) liepen nog niet optimaal en kwamen daardoor in conflict met noodzakelijke dagelijkse batch runs. Dit probleem werd ondertussen geremedieerd. We kunnen hieruit besluiten dat de uitrolprocessen, mits een goede voorbereiding en planning, inderdaad dergelijk hoog plaatsingsritme aankunnen. Hierbij zal wel steeds voldoende aandacht moeten gaan naar de logistieke afhandeling, die op geen enkel moment mag haperen. Anderzijds waren er wel een aantal aandachtspunten bij de ondersteunende administratieve systemen Plaatsing geweigerd 4 percent van de meters konden niet geplaatst worden omdat de bewoner niet wenst deel te nemen aan de proef. In de meeste gevallen beschikken we over onvoldoende feedback om de reden van weigering te kunnen achterhalen in het begin van de uitrol was het nog niet mogelijk deze reden te vermelden. Belangrijkste achterhaalde redenen zijn: Plaatsgebrek, meestal te wijten aan de omkasting van de bestaande meter die te klein is om een 25S60 te herbergen Klant ziet het voordeel van de slimme meter niet Plaatsing is niet verplicht, dus ik doe niet mee Klant vindt zich te oud om nog deel te nemen Klant heeft zonnepanelen en is wantrouwig (compensatie, injectietarief, ) Klant kan geen verlof meer nemen om toegang te verlenen tot de meter. Het valt op dat maar een zeer klein aantal klanten (2.4%) privacy reden inroepen om de plaatsing van de slimme meter te weigeren. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 135

136 Open opdrachten Open opdrachten zijn (nog) niet uitgevoerd kunnen worden om een veelheid van redenen hierbij samengevat in 5 subrubrieken: Klant is (chronisch) afwezig of wil ons niet te woord staan. De meterplaatsingen worden opgenomen door de collega s in het infrastructuurgebied. Het betreft hier dan de samenloop van de plaatsing met een reeds aangevraagd regulier werk (vb meterverplaatsing, meterverzwaring, aanpassing van meetinstallatie n.a.v. moderniseringswerken of verbouwing) Een deel van de woningen in het pilootgebied staat leeg of te koop Ook hier hebben we voor een aantal (32%) van de openstaande opdrachten geen duidelijke reden teruggevonden. Deze opdrachten worden verder opgenomen en indien mogelijk uitgevoerd door het betrokken infrastructuurgebied (vb als woning terug bewoond is) Andere opdrachten Naast het vervangen en affilteren van meters, werden tijdens de uitrol nog enkele andere opdrachten uitgevoerd. We onderscheiden: Het filteren van openbare verlichting, al dan niet op de kop van het verlichtingsnet of lichtpunt per lichtpunt. Het (laten) filteren van ongemeten punten, zoals o ROP kasten van Belgacom door een hiervoor door Eandis opgeleide onderaannemer van Belgacom o Nodes van Telenet en Integan, door aannemers die hiervoor door Eandis werden opgeleid In deze beide gevallen werd gekozen voor aannemers van betrokken netuitbater die over ervaren elektrisch geschoold personeel beschikken, omdat zij vertrouwd zijn met de specifieke regels voor het werken aan deze telecommunicatie apparatuur best kennen Gratis tariefwissel aangeboden in pilootgebieden In eerste instantie zou in de piloot de bestaande, klassieke meetinstallatie integraal en zonder wijzigingen overgebouwd worden naar een slimme meetinstallatie, maw ingesteld vermogen, distributiespanning, sturingsprogramma s voor dag / nacht schakelingen zouden onveranderd blijven. Naarmate er meer inzicht kwam in de processen en de tools die in opbouw waren, bleek het echter eenvoudig mogelijk om bij de meterwerken wel een tariefwissel uit te voeren (Tweevoudig Uur Tarief (TUT) <> Normaal tarief (NT)). Bij de vervanging van de meter naar een slimme meter werd besloten om deze opportuniteit aan de klanten in de piloot gebieden aan te bieden: tijdens de uitrol konden zij kosteloos hun tarief laten aanpassen. Deze actie heeft gelopen van 17/10/2012 tot 31/12/2013 en heeft een grote respons gekend. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 136

137 Figuur 100. Cumul uitgevoerde tariefwissels binnen het pilootgebied vanaf 01/10/ Slimme meters in cabines Ook in de cabines plaatste Eandis slimme componenten. Zo werd elk actief laagspanningsvertrek voorzien van een semi-indirecte elektriciteitsmeter. Deze meters maken gebruik van TI s die het mogelijk maken om de grote vermogens te meten. Deze TI's zijn geïntegreerd in de filtermodules. Figuur 101. Cabineopstelling Via de SCM (Slimme Communicatie Module) worden alle gegevens verzameld van elke CT-meter in de cabine en doorgestuurd via PLC naar een andere SCM (master) in de buurt. In de 213 cabines van de piloot werden 1513 slimme meters geïnstalleerd. Deze maken het mogelijk een balans op te maken tussen het afgenomen vermogen per laagspanningskabel en het totaal van de afnames van de aangesloten klanten om zo anomalieën (bv. fraude of mogelijke defecten) aan het licht te brengen. Anderzijds zijn deze meters uitermate geschikt voor netstudies en monitoring van het belastingprofiel op het aangesloten elektriciteitsnet. Als proef werden ook enkele laagspanningsvertrekken voor openbare verlichting voorzien van een slimme meter. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 137

138 6.3 Besluit Klantencommunicatie Ondanks de vele inspanningen om klanten bij het piloot project te betrekken, blijkt hun interesse toch erg beperkt te zijn. Naar een grootschalige uitrol toe kunnen volgende aanbevelingen worden gedaan: Het is aan te bevelen dat er vanuit de Vlaamse Overheid initiatieven worden genomen om de bevolking te informeren en te sensibiliseren voor de slimme meter (vb door een grote communicatie campagne). Dat zou de perceptie van de bevolking ten aanzien van de slimme meter erg positief kunnen beïnvloeden. Het aanhouden van infosessies voor klanten is allicht niet evident voor een grootschalige uitrol. Toch is het aangewezen om deze ook dan te blijven organiseren. Er zou dan best gezocht worden naar formules om de aanwezigheid te verhogen (vb combineren met andere presentaties vanuit de gemeente). Er moet geëvalueerd worden of er incentives kunnen worden gegeven om klanten te sensibiliseren. Gratis tariefwijziging bij plaatsing zoals bij de piloot is zeker een optie. Toch moet er nagegaan worden of er nog andere mogelijkheden zijn Voorbezoek Het voortraject tot de werkelijke start van de uitrol van de slimme meters is voor herziening vatbaar: Voorbezoeken zijn erg tijdrovend geweest voor de eigen technici. Wel heeft het voorbezoek zeer veel info over de aansluitingen kunnen capteren op deze manier, maar dit voorbezoek is niet onontbeerlijk voor de uitvoering van de voorbereidende werkzaamheden. De aannemers waren goed opgeleid, van materialen voorzien en voldoende capabel om op onvoorziene omstandigheden in te spelen tijdens de uitvoering van de voorbereidende werkzaamheden. Er is na de uitvoering van de piloot genoeg cijfermateriaal ter beschikking om voor een grootschalige uitrol te kunnen bepalen hoeveel materialen en tijd er voorzien dient te worden. Er was teveel tijd nodig om te kunnen starten met de voorbereidende werkzaamheden na de uitvoering van het voorbezoek. Klanten stelden tijdens de voorbereidende werkzaamheden vaak opnieuw dezelfde vragen, vroegen eventuele andere aanpassingen dan oorspronkelijk afgesproken, wat er dan voor zorgde dat de ingeschatte tijd voor het uitvoeren van de voorbereidende werkzaamheden te kort was. Ook waren er vaak klanten verhuisd in de tussentijd of hadden er verbouwingswerken plaatsgevonden. De periode tussen voorbezoek en de vervolgwerkzaamheden moet kort gehouden worden. Bij voorbezoek waren er soms afspraken gemaakt met partner A en bij uitvoering wilde partner B een andere oplossing. Zowel de klant als de technieker stellen voor om alle activiteiten op het terrein zoveel mogelijk tegelijkertijd te doen (voorbezoek, voorbereidende werkzaamheden, plaatsing en activatie). In en beperkt aantal gevallen, waar een ongeplande vernieuwing moet uitgevoerd worden, voert de uitvoerder een voorbezoek uit en maakt met de klant een tweede afspraak voor de uitvoering. Dit is efficiënter en de klant zal dan maar één keer gestoord worden Voorbereiding uitrol Er zal voor gezorgd moeten worden dat alle elementen van bij de start op het terrein voorhanden zijn: Tijdens de uitvoering van de voorbezoeken waren er nog heel wat onbekenden ten aanzien van de technische oplossing. Dit heeft het nut van de voorbezoeken sterk in vraag gesteld en moet in de toekomst vermeden worden. Bij de start van de uitrol waren niet alle oplossingen/materialen beschikbaar. Dit bemoeilijkt de uitrol. Technici moeten meermaals binnenkomen voor bijkomende opleidingen, meerdere afspraken moeten met sommige klanten gemaakt worden. Voor een grootschalige uitrol moeten alle elementen van bij de start aanwezig zijn. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 138

139 Niet alle systemen waren volledig operationeel en stabiel van bij de start. Vooral de eerste maanden waren er regelmatig problemen met het nieuwe head-end systeem (AMM) waardoor de activatie op die momenten niet meteen kon gebeuren. Bij de opleiding moet meer tijd aan de gasopleiding besteed worden alsook de noodzaak om hier strikt de voorgeschreven procedures te volgen. Vooral met het oog op de veiligheid. Materialen en systemen kunnen slechts aanvaard worden nadat ze een veldtest hebben ondergaan. Hun gedrag in een labo of proefopstelling verschilt wezenlijk van hun gedrag op het veld. Tijdens het project is de uitrolplanning een aantal maal diepgaand aangepast geweest ten gevolge van materiaal- en systeemonbeschikbaarheden. Dit is ten allen prijze te vermijden tijdens een grote uitrol, de impact op de business zou niet te overzien zijn. Hieruit zijn een aantal lessen te trekken: o De meters en systemen moeten E2E 8 op hun stabiliteit getest zijn vooraleer de uitrol kan starten. o De ultieme test is een uitgebreide veldtest, door een representatief staal van installateurs Pré-cablage van meterkasten is een goed idee, maar heeft een nadelig effect op het aantal varianten dat in omloop is. De indruk bestaat dat het aantal varianten kan dalen door minder ver te gaan in de pré-cablage (vb automaat door de installateur ter plaatse laten cableren), zonder dat dit een negatieve impact heeft op de uitrolsnelheid terwijl de logistieke kost daalt. (incl. pre cablage, vergissingen, stockbreuken, ) Tracing van materialen zou een bijkomende winst hebben betekend (vb installateurs kunnen gemakkelijk aangezet worden om onderling materialen uit te wisselen). Voor een aantal materialen met een vervaldatum lijkt tracing tot op serienummer een must (vb SCM met certificaten met vervaldatum) Technische oplossing Vanuit het piloot project is ook de nood gebleken naar verbeterde technische oplossingen. Zo moet er verder gezocht worden naar oplossingen voor volgende problemen: Er moeten oplossingen bedacht worden om de bereikbaarheid in kelders te verbeteren, zowel voor de initiële activatie als de bereikbaarheid achteraf. Er kan best gezocht worden naar kleinere meterkasten zodat de ruimte vereist voor de nieuwe slimme meter niet groter wordt dan die voor de bestaande klassieke meter. Hierbij moet dan wel extra aandacht gaan naar ergonomie, veiligheid van installeren, de warmtehuishouding in de kast en het hoger aantal varianten (belangrijk voor een efficiënte logistieke keten). Het plaatsen van slimme meters in appartementen heeft veel meer tijd in beslag genomen dan initieel voorzien. Dikwijls moeten volledige nieuwe kastenbatterijen voorzien worden. Voor de grootschalige uitrol moet gezocht worden naar een efficiëntere plaatsing in appartementen. De planningstool en de bijhorende behandelingen zijn opgezet als statische systemen. Er werd vanuit gegaan dat de omgeving stabiel was (geen klantenbewegingen) en dat de vooropgestelde doelen gehaald zouden worden (vb. gebruik modem). In de praktijk blijkt een veel dynamischer benadering noodzakelijk te zijn, zodat flexibel kan ingespeeld worden op wijzigende omstandigheden en bijkomende informatie (vb. nieuwe woningen, klantbeslissing over modemgebruik, ). Hoewel bedrade verbindingen voor de communicatie met de gasmeters op het eerste zicht voor de hand liggen, zijn zij duurder in uitvoering dan draadloze verbindingen, rekening houdend met uitvoeringstijd en de kostprijs van de hulpmiddelen. 8 E2E: End to End: van bij de meter tot aan MDM en SAP of de ganse slimme meter ketting. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 139

140 6.3.5 Sucessen Een aantal zaken zijn met zeer veel succes gebruikt tijdens de uitrol en moeten dus zeker behouden blijven bij een grootschalige uitrol. We denken hierbij oa aan: Het concept van de pakket planning kan best behouden worden. Wel moeten de back office van de aannemers hier beter in worden opgeleid. Het traject dat doorlopen werd met de Module Technici is een succes gebleken en is zeker voor herhaling vatbaar. Dit is mee te danken aan de nauwe samenwerking tussen alle betrokken diensten (veiligheid, aankoop, opleiding en uitrol) Het idee om de communicatie onmiddellijk bij plaatsing tot stand te brengen moet ook bij een grootschalige uitrol behouden blijven. De ondersteuning door het NOC/MOC werd als zeer positief ervaren door de technici. Voor de piloot werd er afgesproken dat het NOC/MOC bemand was tussen 8u00 en 16u30 op werkdagen. Dikwijls zijn de laatste plaatsingen in de namiddag niet tijdig afgewerkt om nog contact met het NOC/MOC te hebben. Voor een grootschalige uitrol lijkt het aangewezen het NOC/MOC-loket open te hebben van 7u00 tot 18u Oude woningen Speciale aandacht zou moeten gaan naar oude woningen. Het plaatsen van slimme meters stuit daar op een aantal moeilijkheden: Saneringen zijn meestal ingrijpende veranderingen waarvoor wel wat tijd nodig is. Het is daarom niet evident hiervoor afspraken te maken. Ook gezien de complexiteit van het ganse slimme meter proces, kunnen de saneringen best tot het absoluut minimum beperkt worden. Een belangrijk deel weigeringen komt voor in gebieden met oudere woningen waar dikwijls veel kleinere meter(kasten) staan. Hierdoor zijn er drastischer werkzaamheden nodig waardoor klanten worden afgeschrikt en weigeren Interne organisatie Wat betreft de interne organisatie zal voor een grootschalige uitrol rekening gehouden moeten worden met volgende aanbevelingen: Technici (eigen en van aannemers) moeten van dichtbij opgevolgd worden zodat eventuele foutieve handelingen (technisch of administratief) onmiddellijk kunnen bijgestuurd worden. Om dezelfde reden moet ook het toezicht op een meer gestructureerde wijze aangepakt worden. Aannemers gebruiken te weinig de barcode scanner die ter beschikking werd gesteld. Indien de barcode scanner geïntegreerd zou zijn in het mobiel toestel van de technieker, dan verdwijnt een drempel en zal de technieker spontaan de barcode scanner gaan gebruiken. De NOC/MOC medewerkers hebben hun taken grotendeels on the job moeten leren. Voor een grootschalige uitrol moet er voldoende opleiding voorzien worden voor de start van de uitrol. Voor de grootschalige uitrol moet er binnen de logistieke afdeling een SPOC worden aangeduid die als aanspreekpunt fungeert tussen het projectteam en de afdeling. Deze SPOC moet te allen tijde weten waar welke componenten/afgewerkte producten zitten. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 140

141 6.3.8 Afbakening van de gebieden De afbakening van de gebieden werd bepaald door de geselecteerde cabines voor elektriciteit: alle woningen die gevoed worden vanuit de geselecteerde cabines. Hierdoor gebeurde het meermaals dat een deel van een straat tot het pilootgebied behoort en een ander deel niet. Bovendien is deze indeling niet statisch, door het herschakelen kan een woning plots vanuit een andere cabine beleverd worden. Dit is allemaal vrij moeilijk uit te leggen aan de betrokken bewoners. Om zulke problemen te voorkomen stellen we voor om steeds volledige straten op te nemen in pilootgebieden. Bovendien was de selectie per cabine bedoeld om ook fraude te kunnen detecteren op niveau van een cabine maar de piloot heeft geleerd dat dit alleen haalbaar is bij een verplichte totale uitrol. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 141

142 7 Energie efficiëntie onderzoek 7.1 Studie energie efficiëntie POC jaar 2 In de studie energie efficiëntie POC jaar 2 werd de gelegenheid gegeven aan de verbruikers om alsnog deel te nemen aan de studie. Het aantal deelnemers voor gas was immers gedaald zodat de statistische relevantie in het gedrang kwam. Vanuit Leest en Hombeek waren heel wat klanten bereid om alsnog deel te nemen aan de studie. Er werd in de berekeningen rekening gehouden met deelnemers over 2 jaar en deelnemers die slechts informatie gaven over 1 jaar. De doelstelling van de verlenging van de studie was tweeledig: Nagaan of de bekomen energiebesparing voor elektriciteit na het eerste studiejaar duurzaam is in de tijd Nagaan of we, bij een hoger aantal gasklanten, toch geen significante besparing konden identificeren Dit tweede studiejaar bevestigt de resultaten van het eerste studiejaar. Meer specifiek constateren we dat: De besparing op elektriciteit door klanten met slimme meter en verbruiksfeedback wordt bevestigd (ze neemt zelfs licht toe over de twee studiejaren) Voor gas zien we geen consistente en eenduidige te interpreteren besparingseffect (zelfs niet na aanzienlijk hoger aantal gasklanten) De resultaten van studiejaar 2 zijn meegenomen in de kosten-batenanalyse 2013 van de VREG. 7.2 Studie energie efficiëntie Piloot Er werd beslist om ook voor de Piloot een studie energie efficiëntie uit te voeren. Rekening houdend met de inbreng van experten in verband met statistiek zal deze studie 3 jaar duren. Jaar 1 Hier gebeurt de nulmeting van de deelnemers aan de studie. Deze periode wordt ook naïeve periode genoemd. Hier worden dus enkel de verbruiken van de deelnemers opgenomen zonder dat er energie efficiëntie inspanningen gevraagd worden. Ook de feedback van de verbruiken opgenomen door de slimme meter naar klanten toe wordt in dit eerste jaar minimaal opgezet. Deze nulmeting zal een betere statistische verwerking met zich meebrengen en zal de communicatie met de klanten verbeteren omdat ten allen tijde zal gewerkt worden met gemeten waarden en niet met berekende waarden zoals in de studie energie efficiëntie POC jaar 1. Jaar 2 De deelnemers van de studie zullen op geregelde tijdstippen hun eigen verbruik kunnen consulteren en samen met aangepaste communicatiemiddelen hun verbruik verminderen. De slimme meter data opgeslagen in het MDM worden via een Webportal teruggekoppeld naar de klant. Jaar 3 Analoog aan de studie POC jaar 2 moet het 3 e jaar de duurzaamheid van de resultaten aantonen. Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 142

143 Marktonderzoek als voorbereiding Zoals gebleken in de studie van de POC is de manier van communiceren naar de verbruikers toe van enorm belang voor het resultaat. Om die reden werd een marktonderzoek gestart met een extern bureau om na te gaan welke soort communicatie de beste resultaten van energie efficiëntie zou teweeg brengen. Het gaat hier zowel over een kwantitatief als een kwalitatief onderzoek. De resultaten zullen in het eerste kwartaal 2014 meegedeeld worden. 7.4 Planning In onderstaande figuur wordt de planning van de studie energie efficiëntie weergegeven Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Naïeve periode Testperiode jaar 1 Testperiode jaar 2 10/2014 Start testperiode Verwerking resultaten jaar 1 Verwerking resultaten jaar 2 10/2013 Eindrapport PoC deel 2 01/2016 Rapport jaar 1 01/2017 Rapport jaar 2 Design van het marktonderzoek Figuur 102. planning van de studie energie efficiëntie Piloot Slimme Meters Rapport Infrax/Eandis 143

Welkom. Stand van zaken Programma Slimme Meters. Beleidsplatform - Vreg. 30 september 2013

Welkom. Stand van zaken Programma Slimme Meters. Beleidsplatform - Vreg. 30 september 2013 Welkom Stand van zaken Programma Slimme Meters 30 september 2013 Onderzoek stap voor stap 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 Proefproject Leest & Hombeek 4 700 meters Test technologie

Nadere informatie

Onderzoeksproject Slimme Meters. VREG Brussel, 12 april 2010

Onderzoeksproject Slimme Meters. VREG Brussel, 12 april 2010 Onderzoeksproject Slimme Meters VREG Brussel, 12 april 2010 Eandis staat voor significante uitdagingen op het niveau van regelgeving, markttendensen en kostenefficiëntie Overzicht uitdagingen organisatie

Nadere informatie

Agenda. Wat is een slimme meter? Waarom slimme meters? Invoering in Vlaanderen: welke fasering? Details over het Pilootproject Veel gestelde vragen

Agenda. Wat is een slimme meter? Waarom slimme meters? Invoering in Vlaanderen: welke fasering? Details over het Pilootproject Veel gestelde vragen Infoavond slimme meters Agenda Wat is een slimme meter? Waarom slimme meters? Invoering in Vlaanderen: welke fasering? Details over het Pilootproject Veel gestelde vragen Wat is een slimme meter? Wat is

Nadere informatie

Eandis smart metering uitdaging en uitrol

Eandis smart metering uitdaging en uitrol Eandis smart metering uitdaging en uitrol Agenda 2 Visionair Seminarie 2010 10 05 Eandis Cijfers Eandis actief in 239 gemeenten 1.5 milljoen LP gasaansluitingen 2.5 milljoen LV elektriciteitsaansluitingen

Nadere informatie

Beschouwingen over de invoering van smart metering in Brussel

Beschouwingen over de invoering van smart metering in Brussel Compteurs évolués Beschouwingen over de invoering van smart metering in Brussel Michel Quicheron Seminarie BRUGEL 1 april 2009 01/04/2009 1 Samenvatting 1. De slimme meter (smart meter): definitie, wettelijke

Nadere informatie

Resultaten en vooruitzichten voor het Vlaamse beleidsplatform Slimme netten

Resultaten en vooruitzichten voor het Vlaamse beleidsplatform Slimme netten Resultaten en vooruitzichten voor het Vlaamse beleidsplatform Slimme netten Thierry Van Craenenbroeck First Belgian Smart Grid Day 18/10/2012 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Kader

Nadere informatie

Forfaitaire verbruiken. Regels voor een elektriciteitsafname zonder meting

Forfaitaire verbruiken. Regels voor een elektriciteitsafname zonder meting C3/2 Forfaitaire verbruiken Regels voor een elektriciteitsafname zonder meting C3/2 Versie 2009.04 1/6 1. Algemeenheden en toepassingsdomein Dit document stelt de regels vast inzake de elektriciteitsafname

Nadere informatie

All about Energy College Doel van dit ronde tafel gesprek

All about Energy College Doel van dit ronde tafel gesprek All about Energy College Doel van dit ronde tafel gesprek Een gezamenlijk project definiëren, dat samen met ons netwerk succesvol kan worden gerealiseerd. Het definiëren van uw Roadmap naar 26 mei 2025

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie Kaifa MA105 Kaifa MA105A Kaifa MA105C Kaifa MA304 Kaifa MA304A Kaifa MA304C Kaifa MA105 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding 4 2. Leeswijzer 4 3. Wat

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Landis + Gyr serie. L+G ZCF110CCtFs2

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Landis + Gyr serie. L+G ZCF110CCtFs2 Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Landis + Gyr serie L+G ZCF110CCtFs2 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Wat is een slimme meter? 3 3. Waar moet een slimme meter aan voldoen? 4 4. Toelating

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie Kaifa MA105 Kaifa MA105A Kaifa MA105C Kaifa MA304 Kaifa MA304A Kaifa MA304C Kaifa MA105 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding 4 2. Leeswijzer 4 3. Wat

Nadere informatie

De slimme meter. Informatie over de nieuwe energiemeter

De slimme meter. Informatie over de nieuwe energiemeter De slimme meter Informatie over de nieuwe energiemeter De slimme meter in vogelvlucht Alle huishoudens in Nederland krijgen een nieuw soort energiemeter aangeboden: de zogenaamde slimme meter. Deze digitale

Nadere informatie

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 1 oktober 2012

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 1 oktober 2012 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Kaifaserie Selecteer de meter van uw keuze door op de meter te klikken. Kaifa MA105 Kaifa MA105A Kaifa MA105C Kaifa MA304 Kaifa MA304A Kaifa MA304C Kaifa

Nadere informatie

IP Businessmanager voor gevorderden

IP Businessmanager voor gevorderden IP Businessmanager voor gevorderden mobiel integratie total cost of ownership (tco) management rapportages netwerken en ict vm en hosted oplossingen business manager integratie bedrijfs applicaties voip

Nadere informatie

LMX800. Open telecontrol onderstation. smart telecontrol

LMX800. Open telecontrol onderstation. smart telecontrol LMX800 Open telecontrol onderstation smart telecontrol Features Open en modulair concept voor universele toepassing Telecontrol functionaliteit standaard ingebouwd Directe aansluiting voor TCP/IP (tele)communicatie

Nadere informatie

SVHT-IT. Mission statement

SVHT-IT. Mission statement SVHT-IT Mission statement Wij leveren oplossingen en diensten aan het MKB op het gebied van ICT, waarbij service, flexibiliteit en een persoonlijke relatie met de klant voorop staan SVHT-IT is een onderneming

Nadere informatie

De slimme meter. Informatie over de nieuwe energiemeter

De slimme meter. Informatie over de nieuwe energiemeter De slimme meter Informatie over de nieuwe energiemeter De slimme meter in vogelvlucht Alle huishoudens in Nederland krijgen een nieuw soort energiemeter aangeboden: de zogenaamde slimme meter. Deze digitale

Nadere informatie

/32/ Infrax en GIPOD: minder hinder op het openbaar domein

/32/ Infrax en GIPOD: minder hinder op het openbaar domein /32/ Infrax en GIPOD: minder hinder op het openbaar domein GIPOD Integratie in het aanlegproces van Infrax Raf Rosseels Infrax Infrax is het enige netbedrijf in Vlaanderen dat vier leidinggebonden nutsvoorzieningen

Nadere informatie

TKI Tender en programmalijnen Switch2SmartGrid. Programmalijnen en speerpunten 2014

TKI Tender en programmalijnen Switch2SmartGrid. Programmalijnen en speerpunten 2014 TKI Tender en programmalijnen Switch2SmartGrid Programmalijnen en speerpunten 2014 Programmalijnen en aandachtspunten 1. Energiemanagement voor fleibiliteit van energiesysteem 2. Informatie en control

Nadere informatie

Bewust met energie omgaan. De slimme meter maakt het makkelijk

Bewust met energie omgaan. De slimme meter maakt het makkelijk Bewust met energie omgaan De slimme meter maakt het makkelijk Waarom krijg ik een slimme meter? Makkelijk en klaar voor de toekomst. Enexis brengt gas en elektriciteit van uw energieleverancier veilig

Nadere informatie

INF.HSK.GSA.010.05.15 HOE COMMUNICEERT UW KAIFA SLIMME METER?

INF.HSK.GSA.010.05.15 HOE COMMUNICEERT UW KAIFA SLIMME METER? INF.HSK.GSA.010.05.15 HOE COMMUNICEERT UW KAIFA SLIMME METER? INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 3 2. Bij welke meters kan de communicatie-informatie bekeken worden? 3 3. Welke informatie komt op het display?

Nadere informatie

Software Test Plan. Yannick Verschueren

Software Test Plan. Yannick Verschueren Software Test Plan Yannick Verschueren Maart 2015 Document geschiedenis Versie Datum Auteur/co-auteur Beschrijving 1 November 2014 Yannick Verschueren Eerste versie 2 December 2014 Yannick Verschueren

Nadere informatie

Hoe en met wie communiceert uw Kaifa slimme meter?

Hoe en met wie communiceert uw Kaifa slimme meter? Hoe en met wie communiceert uw Kaifa slimme meter? Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Bij welke meters kan de communicatie-informatie bekeken worden? 4 3. Welke informatie komt op het display? 5 4. Waarom

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Landis + Gyr serie. L+G ZMF110CBtFs2

Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Landis + Gyr serie. L+G ZMF110CBtFs2 Uitgebreide handleiding voor slimme meters in de Landis + Gyr serie L+G ZMF110CBtFs2 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Wat is een slimme meter? 3 3. Waar moet een slimme meter aan voldoen? 4 4. Toelating

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Elster serie. Elster BK-G4 ETB

Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Elster serie. Elster BK-G4 ETB Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Elster serie Elster BK-G4 ETB Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Wat is een slimme gasmeter? 3 3. Waar moet een slimme gasmeter aan voldoen? 4 4. Toelating

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Landis + Gyr serie E06C4056-4555

Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Landis + Gyr serie E06C4056-4555 Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Landis + Gyr serie E06C4056-4555 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Wat is een slimme gasmeter? 3 3. Waar moet een slimme gasmeter aan voldoen? 4 4. Toelating

Nadere informatie

Hoe en met wie communiceert uw Kaifa slimme meter?

Hoe en met wie communiceert uw Kaifa slimme meter? Hoe en met wie communiceert uw Kaifa slimme meter? Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Bij welke meters kan de communicatie-informatie bekeken worden? 3 3. Welke informatie komt op het display? 4 4. Waarom

Nadere informatie

HOE COMMUNICEERT UW LANDIS + GYR SLIMME METER?

HOE COMMUNICEERT UW LANDIS + GYR SLIMME METER? INF.HSL.GSA.011.05.15 HOE COMMUNICEERT UW LANDIS + GYR SLIMME METER? INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 3 2. Bij welke meters kan de communicatie-informatie bekeken worden? 3 3. Welke informatie komt op het display?

Nadere informatie

Slimme meters in Vlaanderen: van studie naar uitrol

Slimme meters in Vlaanderen: van studie naar uitrol Slimme meters in Vlaanderen: van studie naar uitrol 01/04/2009 Thierry Van Craenenbroeck Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Inhoud Voortraject VREG: Studie Marktmodel Beleidsmatige

Nadere informatie

Intelligente energiemeters voor datacenters

Intelligente energiemeters voor datacenters Intelligente energiemeters voor datacenters Waarom meten? Elektrische energie is de duurste van alle variabele kosten in een datacenter. Alleen daarom al is het goed om het verbruik met energiemeters in

Nadere informatie

IWT TETRA-PROJECT NANOGRIDS IN DE PRAKTIJK. Startvergadering 25/03/2013 15u Geel

IWT TETRA-PROJECT NANOGRIDS IN DE PRAKTIJK. Startvergadering 25/03/2013 15u Geel IWT TETRA-PROJECT NANOGRIDS IN DE PRAKTIJK Startvergadering 25/03/2013 15u Geel Eestermans Bart Lector - Onderzoeker Thomas More Kempen Kenniscentrum Energie 1 Smart Grid Microgrid Nanogrid WHAT'S IN A

Nadere informatie

Smart Wind Farm ConTrol. Frederik Hindryckx - SET5Y 28/01/2014

Smart Wind Farm ConTrol. Frederik Hindryckx - SET5Y 28/01/2014 Smart Wind Farm ConTrol Frederik Hindryckx - SET5Y 28/01/2014 Eandis in de energiemarkt CREG / VREG Producenten elektriciteit Invoerders aardgas Elia Distributienetbeheerders Fluxys Leveranciers Klanten

Nadere informatie

DE SLIMME METER Slim, bewust en Duurzaam

DE SLIMME METER Slim, bewust en Duurzaam DE SLIMME METER DE SLIMME METER Slim, bewust en Duurzaam Slim, Bewust en Duurzaam Wat is een slimme meter? Slimme meters vervangen de huidige gas- en elektriciteitsmeters. Deze digitale meter meet net

Nadere informatie

RAPPORTERINGSYSTEEM VAN WATER- & WARMTE-ENERGIEVERBRUIK VOOR APPARTEMENTSGEBOUWEN. SynReporter

RAPPORTERINGSYSTEEM VAN WATER- & WARMTE-ENERGIEVERBRUIK VOOR APPARTEMENTSGEBOUWEN. SynReporter RAPPORTERINGSYSTEEM VAN WATER- & WARMTE-ENERGIEVERBRUIK VOOR APPARTEMENTSGEBOUWEN SynReporter 1. Wat is SynReporter? SynReporter is een meet- en rapporteringsysteem dat de syndicus toelaat om het water-

Nadere informatie

Diver Telemetrie. Draadloze grondwater- en oppervlaktewaterdata transmissie

Diver Telemetrie. Draadloze grondwater- en oppervlaktewaterdata transmissie Telemetrie Draadloze grondwater- en oppervlaktewaterdata transmissie Maximaliseer datakwaliteit Verminder operationele kosten Near real-time informatie -NETZ BEHEER 3 UW DATA IN STAPPEN Introductie -NETZ

Nadere informatie

Standpunt van Synergrid met betrekking tot electrische voertuigen. Seminarie van 20 april 2010 FOD EKME

Standpunt van Synergrid met betrekking tot electrische voertuigen. Seminarie van 20 april 2010 FOD EKME Standpunt van Synergrid met betrekking tot electrische voertuigen Seminarie van 20 april 2010 FOD EKME INHOUD Voorstelling van Synergrid en de rol van de netbeheerders Integratie van elektrische voertuigen

Nadere informatie

Leones. Business Case Service Management Tool

Leones. Business Case Service Management Tool Leones Business Case Service Management Tool Inhoudsopgave 1. AFBAKENING... 3 1.1 DOEL... 3 1.2 AANNAMES... 3 1.3 HUIDIGE SITUATIE... 3 1.4 PROBLEEMSTELLING... 3 1.5 WAT ALS ER NIETS GEBEURT?... 3 2. OPTIES...

Nadere informatie

Application Services. Alles onder één dak: functioneel applicatiebeheer, applicatieontwikkeling en testdiensten

Application Services. Alles onder één dak: functioneel applicatiebeheer, applicatieontwikkeling en testdiensten Application Services Alles onder één dak: functioneel applicatiebeheer, applicatieontwikkeling en testdiensten Application Services van KPN Afdelingen smelten samen, markten verschuiven, klanten willen

Nadere informatie

MIG TPDA. Consultatie 31 oktober 2015 31 december 2015

MIG TPDA. Consultatie 31 oktober 2015 31 december 2015 MIG TPDA Consultatie 31 oktober 2015 31 december 2015 1. Introductie begrippen Atrias CVBA opgericht in 2011 Gezamenlijk initiatief van de vijf grootste distributienetbeheerders van België: Eandis, Infrax,

Nadere informatie

Energiebeheer op afstand

Energiebeheer op afstand Energiebeheer > > > OP AFSTAND Draadloze elektriciteitsmeters > Draadloze pulstransmitters Onderstations met Ethernet en GPRS/UMTS WEBBased datacollectiesysteem Overzichtelijke rapporten Multi-site Energiebeheer

Nadere informatie

Opslag van elektrische energie:

Opslag van elektrische energie: : Regelgevend kader Luc Decoster 17/02/2016 Gebruik van opslag Optimalisatie van het verbruik door de netgebruiker: Optimalisatie van het eigen verbruik In combinatie met lokale productie-installaties

Nadere informatie

Workshop Decentrale energievoorziening onder lokaal beheer. Géry Vanlommel 30 maart 2009

Workshop Decentrale energievoorziening onder lokaal beheer. Géry Vanlommel 30 maart 2009 Workshop Decentrale energievoorziening onder lokaal beheer Géry Vanlommel 30 maart 2009 Taken distributienetbeheerder takenpakket van DNB s niet langer beperken tot louter doorvoeren van elektriciteit

Nadere informatie

Introductie en stand van zaken Atrias 11/09/2012

Introductie en stand van zaken Atrias 11/09/2012 Introductie en stand van zaken Atrias Agenda 1. Introductie Atrias 2. Atrias als facilitator: UMIX integratie 3. MIG6 a)historiek MIG b)doelstelling c) Governance d)planning e)scope & Aanpak Introductie

Nadere informatie

Studie Onthaalcapaciteit - reacties en bemerkingen ODE

Studie Onthaalcapaciteit - reacties en bemerkingen ODE Studie Onthaalcapaciteit - reacties en bemerkingen ODE VREG Beleidsplatform Slimme Netten 12/11/2012 Tine Deheegher, ODE Francies Van Gijzeghem, ODE ODE Koepelorganisatie duurzame energie Vlaams Gewest

Nadere informatie

Hoeveel budget moet ik uittrekken voor een Field Service Automation project?

Hoeveel budget moet ik uittrekken voor een Field Service Automation project? Hoeveel budget moet ik uittrekken voor een Field Service Automation project? Slechts 10 per maand per gebruiker, geen verborgen kosten, onmiddellijk ROI eenmaal u online een aantal field force automation

Nadere informatie

C a s e S t u d y E l k o f i n C o n t a c t i n f o r m a t i e

C a s e S t u d y E l k o f i n C o n t a c t i n f o r m a t i e C a s e S t u d y E l k o f i n C o n t a c t i n f o r m a t i e Koen Piers Boudewijnlaan 1 Ondernemingsnr. 0808.450.557 0486/666.543 3590 Diepenbeek Rekeningnr. 979-5766597-49 koen@aurealis.be België

Nadere informatie

DE SLIMME METER VRAGEN EN ANTWOORDEN

DE SLIMME METER VRAGEN EN ANTWOORDEN DE SLIMME METER VRAGEN EN ANTWOORDEN Versie augustus 2012 In dit document vindt u vragen en antwoorden over de slimme meter gesorteerd op de volgende onderdelen: Algemeen Plaatsing van de meter Keuzevrijheid

Nadere informatie

Process & IT: eerst KIEZEN maakt het DOEN daarna zoveel makkelijker

Process & IT: eerst KIEZEN maakt het DOEN daarna zoveel makkelijker Process & IT: eerst KIEZEN maakt het DOEN daarna zoveel makkelijker Wim Tindemans Manager Business Applications Business and Automation Solutions Egemin NV Agenda Probleemstelling Tegenstelling tussen

Nadere informatie

Slimme energiemeters vanaf 1.1.2012 ingevoerd

Slimme energiemeters vanaf 1.1.2012 ingevoerd Regelingen en voorzieningen CODE 5.1.4.22 Slimme energiemeters vanaf 1.1.2012 ingevoerd bronnen vraag en antwoord ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I), 23.2.2011, www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Itron serie. Itron G25C e WL

Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Itron serie. Itron G25C e WL Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Itron serie Itron G25C e WL Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Wat is een slimme gasmeter? 3 3. Waar moet een slimme gasmeter aan voldoen? 4 4. Toelating

Nadere informatie

Ontwikkeld voor mensen, vanzelfsprekend.

Ontwikkeld voor mensen, vanzelfsprekend. Priva blue id & Top control 8 Ontwikkeld voor mensen, vanzelfsprekend. Priva Blue ID & Top Control 8 Ontwikkeld voor mensen, vanzelfsprekend. Nooit eerder waren gebruiksgemak, snelheid en betrouwbaarheid

Nadere informatie

Toelichting Eandis Infrax. Raad van Bestuur VVSG woensdag 3 juni 2015

Toelichting Eandis Infrax. Raad van Bestuur VVSG woensdag 3 juni 2015 Toelichting Eandis Infrax Raad van Bestuur VVSG woensdag 3 juni 2015 Overeenkomst Eandis-Infrax 1. Eenheidstarief elektriciteit en gas in Vlaanderen zonder verplichte fusie DNB s en met behoud twee werkmaatschappijen

Nadere informatie

Digikoppeling adapter

Digikoppeling adapter Digikoppeling adapter Versie 1.0 Datum 02/06/2014 Status Definitief Van toepassing op Digikoppeling versies: 1.0, 1.1, 2.0, 3.0 Colofon Logius Servicecentrum: Postbus 96810 2509 JE Den Haag t. 0900 555

Nadere informatie

Security congres. Gerben Nelemans 8 oktober 2008

Security congres. Gerben Nelemans 8 oktober 2008 Security congres Gerben Nelemans 8 oktober 2008 Trans Link Systems Opgericht door de 5 grootste OV-bedrijven (vertegenwoordigen ruim 80% van de OV-markt). Samenwerking met alle andere OV-bedrijven. Elektronisch

Nadere informatie

Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Landis + Gyr serie E1074059-3455

Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Landis + Gyr serie E1074059-3455 Uitgebreide handleiding voor slimme gasmeters in de Landis + Gyr serie E1074059-3455 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Wat is een slimme gasmeter? 3 3. Waar moet een slimme gasmeter aan voldoen? 4 4. Toelating

Nadere informatie

Data Governance van visie naar implementatie

Data Governance van visie naar implementatie make connections share ideas be inspired Data Governance van visie naar implementatie Frank Dietvorst (PW Consulting) deelprogrammamanager Caesar - Vernieuwing Applicatie Landschap Leendert Paape (SAS

Nadere informatie

1. Voorstel functionaliteiten voor opname in TRDE/G. 1.1. Slimme meetinrichtingen Elektriciteit

1. Voorstel functionaliteiten voor opname in TRDE/G. 1.1. Slimme meetinrichtingen Elektriciteit Voorstel van aanpassing van de minimale functionaliteiten van slimme Meters na consultatie INHOUD------------------------------------------------------------------ FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. 1.

Nadere informatie

Digitaal Archief Vlaanderen Stappenplan & Projectfiches

Digitaal Archief Vlaanderen Stappenplan & Projectfiches www.pwc.be Digitaal Archief Vlaanderen Stappenplan & Projectfiches september 2013 1. Inleiding In dit deel van de studie rond het Digitaal Archief Vlaanderen bekijken we het technische stappenplan dat

Nadere informatie

Erik Pleijsier. Energiemanagement in de industriein bestaandeinstallaties

Erik Pleijsier. Energiemanagement in de industriein bestaandeinstallaties Erik Pleijsier Energiemanagement in de industriein bestaandeinstallaties De basics van energiemonitoring & management: Automatische meteropname t.b.v. gelijktijdigheid Voor alle energiedragers of verbruiken

Nadere informatie

MES geïntegreerd binnen ERP in productie is de sleutel tot betaalbare flexibiliteit

MES geïntegreerd binnen ERP in productie is de sleutel tot betaalbare flexibiliteit MES geïntegreerd binnen ERP in productie is de sleutel tot betaalbare flexibiliteit VRAAG: Hoe implementeer je betaalbare en uitvoerbare Real-time-business-optimized-flexibility in uw productiebedrijf?

Nadere informatie

ipad integratie in het onderhoud

ipad integratie in het onderhoud Maximo Comes To You ipad integratie in het onderhoud Door: Marcel Staring 2013 IBM Corporation Agenda 1. Waarom Mobiel Werken? 2. Wat houdt Mobiel Werken in? Praktisch Technisch 3. MAXIMO Mobiel vs. MAXIMO

Nadere informatie

mypowerrouter.com the PowerRouter you re in charge beheren en monitoren op afstand

mypowerrouter.com the PowerRouter you re in charge beheren en monitoren op afstand mypowerrouter.com beheren en monitoren op afstand the PowerRouter you re in charge mypowerrouter.com De PowerRouter webportal monitort en beheert alle PowerRouter systemen die zijn verbonden met het internet.

Nadere informatie

Het volgende generatie on-line monitoring systeem voor binnenklimaat beheer in scholen.

Het volgende generatie on-line monitoring systeem voor binnenklimaat beheer in scholen. Het volgende generatie on-line monitoring systeem voor binnenklimaat beheer in scholen. Van detectie naar inzicht Van ad-hoc reageren naar proactief en beleidsmatig handelen De kwaliteit van het binnenmilieu

Nadere informatie

http://techniline.sirris.be/s/p.exe/wservice=wo/webextra/prg/olarticleprint?vwebse...

http://techniline.sirris.be/s/p.exe/wservice=wo/webextra/prg/olarticleprint?vwebse... Page 1 of 5 Techniline v3 27-08-2010 Mechatronics Machines verbruiken minder energie door slimme keuze elektrische aandrijving (27-08-2010) Nr. 0 Ecologische en economische motieven, zoals nieuwe machinenormen

Nadere informatie

Firmware informatiseert en automatiseert productiebedrijf Verbau

Firmware informatiseert en automatiseert productiebedrijf Verbau Firmware informatiseert en automatiseert productiebedrijf Verbau VerBau is een jonge, dynamische producent van desserts. Ons uitgebreid gamma aan producten wordt steeds vervaardigd met de meest hoogwaardige

Nadere informatie

Welkom. Smart Grids Slimme netten? of Netten voor slimme mensen? 20 oktober 2010

Welkom. Smart Grids Slimme netten? of Netten voor slimme mensen? 20 oktober 2010 Welkom Slimme netten? of Netten voor slimme mensen? 20 oktober 2010 : probleemstelling Meer lokale productie Lokale injectie zorgt voor opwaartse stroom Fluctuerend en weinig controleerbaar Het netwerk

Nadere informatie

Verslag vergadering werkgroep Markt Beleidsplatform slimme netten

Verslag vergadering werkgroep Markt Beleidsplatform slimme netten Verslag vergadering werkgroep Markt Beleidsplatform slimme netten 1. Agenda - Definitieve goedkeuring verslag WG 15 maart 2010 - Tijdlijn beslissingstraject - Bespreking nota gewenste diensten - Bespreking

Nadere informatie

Handleiding voor de checklist Overdracht project/change naar beheer. Handleiding : Frédéric van der Vaeren

Handleiding voor de checklist Overdracht project/change naar beheer. Handleiding : Frédéric van der Vaeren Auteur(s) Datum Versie Frédéric van der Vaeren 11/03/2013 2.0 Eigenaar Doelpubliek Bert van Hemelen Gebruikers checklist overdracht project/change naar beheer Handleiding : Handleiding voor de checklist

Nadere informatie

Gezamenlijke mededeling van de energieregulatoren CREG, CWaPE en VREG. Liberalisering van de gasmarkt op distributieniveau

Gezamenlijke mededeling van de energieregulatoren CREG, CWaPE en VREG. Liberalisering van de gasmarkt op distributieniveau Gezamenlijke mededeling van de energieregulatoren CREG, CWaPE en VREG Liberalisering van de gasmarkt op distributieniveau Inleiding De snelle liberalisering van de gasmarkt op distributieniveau confronteerde

Nadere informatie

Architectuur, Organisatie en Business Cases

Architectuur, Organisatie en Business Cases Architectuur, Organisatie en Business Cases Ervaringen uit de praktijk Jan de Baat CMG Trade, Transport & Industry B.V. Inleiding In de Dynamiek track van LAC 2000 is de problematiek omtrent de alignment

Nadere informatie

Enabling Enterprise Mobility. Chantal Smelik csmelik@microsoft.com

Enabling Enterprise Mobility. Chantal Smelik csmelik@microsoft.com Enabling Enterprise Mobility Chantal Smelik csmelik@microsoft.com Nieuwe werkplek & digitaal toetsen Hanzehogeschool Groningen Agenda 1. Introductie Chantal Smelik Microsoft Maaike van Mourik project

Nadere informatie

Stuurgroep ICT innovatie in de ouderenzorg. 12 oktober 2010

Stuurgroep ICT innovatie in de ouderenzorg. 12 oktober 2010 Stuurgroep ICT innovatie in de ouderenzorg 12 oktober 2010 Agenda High Level Scope Projectorganisatie en werkingsprincipes Projectplanning en roll-out Projectopvolging Evaluatie diensten Agenda volgende

Nadere informatie

ERP Testing. HP Nijhof. Testmanager. Testnet November 2005

ERP Testing. HP Nijhof. Testmanager. Testnet November 2005 ERP Testing HP Nijhof Testmanager Testnet November 2005 Solution Sales Meeting7 November 2005 1 Agenda Waarom pakketten testen? Schaarse middelen? Ideale ERP test situatie Vragen 2 De centrale vraag ERP

Nadere informatie

Standpunt Samenlevingsopbouw - project Energie en Armoede en Netwerk tegen Armoede. 4 mei 2015

Standpunt Samenlevingsopbouw - project Energie en Armoede en Netwerk tegen Armoede. 4 mei 2015 Slimme budgetmeters. Standpunt Samenlevingsopbouw - project Energie en Armoede en Netwerk tegen Armoede. 4 mei 2015 Inleiding We nemen kennis van het VREG-document Mededeling van de Vlaamse Regulator van

Nadere informatie

handleiding slimme meter

handleiding slimme meter handleiding slimme meter 2 Handleiding slimme meter Voor u ligt de handleiding slimme meter. Er zijn verschillende typen slimme meters voor zowel elektriciteit als gas. Met behulp van de afbeeldingen en

Nadere informatie

Energietransitie en schaalvoordelen

Energietransitie en schaalvoordelen Energietransitie en schaalvoordelen Samenvatting McKinsey-onderzoek Oktober 2013 CONTEXT Recent is door McKinsey, in opdracht van Alliander, een onderzoek uitgevoerd naar de vraag: Wat zijn de voordelen

Nadere informatie

Digital Independence. Plan Today to be ready for Tomorrow. Grip op uw continuïteit! Information Security and Continuity Services

Digital Independence. Plan Today to be ready for Tomorrow. Grip op uw continuïteit! Information Security and Continuity Services Digital Independence Grip op uw continuïteit! Plan Today to be ready for Tomorrow Information Security and Continuity Services Digital Independence Grip op uw continuïteit! Weet u welke risico s uw bedrijf

Nadere informatie

Business Process Management

Business Process Management Business Process Management Prof. dr. Manu De Backer Universiteit Antwerpen Katholieke Universiteit Leuven Hogeschool Gent Wat is een bedrijfsproces? Een verzameling van (logisch) gerelateerde taken die

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary)

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary) Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015 Versie 2.0 (summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Februari 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue verbetering...

Nadere informatie

Historische informatie in een Spatial Dynamisch Data Warehouse. Wil de Jong Enterprise Architect

Historische informatie in een Spatial Dynamisch Data Warehouse. Wil de Jong Enterprise Architect Historische informatie in een Spatial Dynamisch Data Warehouse Wil de Jong Enterprise Architect Spatial Eye Synergiedag 2 februari 2012 Aanleiding Business Intelligence project De oplossing en aanpak BI-Visie

Nadere informatie

Warmtepompen besparen op energie, niet op comfort

Warmtepompen besparen op energie, niet op comfort WARMTEPOMPTECHNIEK Warmtepompen besparen op energie, niet op comfort Voor verwarming en productie van sanitair warm water in nieuwbouw en renovatie Warmtepomptechniek in nieuwbouwprojecten Nieuw bouwen?

Nadere informatie

Regulering van en toezicht op het distributienetbeheer

Regulering van en toezicht op het distributienetbeheer Regulering van en toezicht op het distributienetbeheer Duurzame energienetten in Vlaanderen 23/03/2010 Dirk Marginet Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Inhoudsopgave Rol decentrale

Nadere informatie

Evo Evolutionary Project Management. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V.

Evo Evolutionary Project Management. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Evo Evolutionary Project Management Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 10 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 3 2. EVO... 4 3. FASERING...

Nadere informatie

Emeris Log oplossing. Sleutel functies en voordelen

Emeris Log oplossing. Sleutel functies en voordelen Emeris Log oplossing Met de Emeris Log-oplossing kunt u de consumptie van een watermeter 24 uur per dag controleren. Het is eenvoudig te installeren en voorkomt dure IT-projecten. Het concept bestaat uit

Nadere informatie

Uw nieuwe verbruiksmeters praktisch bekeken

Uw nieuwe verbruiksmeters praktisch bekeken Uw nieuwe verbruiksmeters praktisch bekeken Inhoud Wat is het doel van het onderzoeksproject Slimme meters?...3 Verandert er iets voor u?...4 Achter de schermen: hoe werkt het?...6 Verschillende soorten

Nadere informatie

Net2 Entry. Het simpelste deurintercom systeem beschikbaar

Net2 Entry. Het simpelste deurintercom systeem beschikbaar Net2 Entry Het simpelste deurintercom systeem beschikbaar Net2 Entry Net2 Entry is het meest gebruiksvriendelijke deurintercom systeem dat op het moment verkrijgbaar is. Het systeem is ontworpen door ;

Nadere informatie

De slimme meter. Informatiebijeenkomst / Energiecafé Zummerepower. Klok & Peel Museum Asten 26 juni 2014

De slimme meter. Informatiebijeenkomst / Energiecafé Zummerepower. Klok & Peel Museum Asten 26 juni 2014 De slimme meter Informatiebijeenkomst / Energiecafé Zummerepower Klok & Peel Museum Asten 26 juni 2014 Extern gebruik Mary van der Torre (senior adviseur Slimme meters) Hein van Roij (technisch projectmanager

Nadere informatie

Inhoud van het wetsvoorstel

Inhoud van het wetsvoorstel POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN De Minister van Economische Zaken

Nadere informatie

Software Test Plan. Yannick Verschueren

Software Test Plan. Yannick Verschueren Software Test Plan Yannick Verschueren November 2014 Document geschiedenis Versie Datum Auteur/co-auteur Beschrijving 1 November 2014 Yannick Verschueren Eerste versie 1 Inhoudstafel 1 Introductie 3 1.1

Nadere informatie

i-view 2.0: The Next Level in Telemetrie

i-view 2.0: The Next Level in Telemetrie i-view 2.0: The Next Level in Telemetrie i-view 2.0: The Next Level in Telemetrie Watermanagement is onontbeerlijk in een waterrijk land als Nederland. In het belang van veiligheid en milieubescherming

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015. Versie 3.0 (Summary)

Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015. Versie 3.0 (Summary) Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015 Versie 3.0 (Summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Update: Augustus 2013 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue

Nadere informatie

Evoluties in het energielandschap. Peter De Pauw

Evoluties in het energielandschap. Peter De Pauw Evoluties in het energielandschap Peter De Pauw Inhoud We consumeren meer energie We produceren zelf elektriciteit We zullen anders consumeren We gebruiken de netten op een andere manier 2 3 december 2015

Nadere informatie

ENERGIE BEDRIJVEN EN ICT

ENERGIE BEDRIJVEN EN ICT ENERGIE BEDRIJVEN EN ICT De energiemarkt in Nederland is continu in beweging. Nieuwe toetreders veroveren marktaandeel en slimme meters, sectorwijzigingen en splitsing zorgen voor veranderingen. Energiebedrijven

Nadere informatie

Het is een verticaal geïntegreerd bedrijf, dat zowel actief is in de productie van grondstoffen en halffabrikaten als van afgewerkte producten.

Het is een verticaal geïntegreerd bedrijf, dat zowel actief is in de productie van grondstoffen en halffabrikaten als van afgewerkte producten. Referenties Beaulieu International Group De klant Beaulieu International Group is een Belgische industriële groep die ontstond in de zomer van 2005 uit de fusie van vijf zelfstandige takken van de voormalige

Nadere informatie

Voortaan heeft u zèlf de controle over uw energiekosten! Dezelfde energie goedkoper

Voortaan heeft u zèlf de controle over uw energiekosten! Dezelfde energie goedkoper Voortaan heeft u zèlf de controle over uw energiekosten! Dezelfde energie goedkoper Een innovatie van Oxxio: de revolutie in energiemeting! Als u kiest voor energie van Oxxio, kiest u voor de goedkoopste

Nadere informatie

Hoe en met wie communiceert uw Landis+Gyr slimme meter?

Hoe en met wie communiceert uw Landis+Gyr slimme meter? Hoe en met wie communiceert uw Landis+Gyr slimme meter? Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Bij welke meters kan de communicatie-informatie bekeken worden? 3 3. Welke informatie komt op het display? 4 4. Waarom

Nadere informatie

Reference case Atlas Copco. Atlas Copco gebruikt Vodafone M2M om wereldwijd de klantondersteuning te verbeteren. Vodafone Power to you

Reference case Atlas Copco. Atlas Copco gebruikt Vodafone M2M om wereldwijd de klantondersteuning te verbeteren. Vodafone Power to you Atlas Copco gebruikt Vodafone M2M om wereldwijd de klantondersteuning te verbeteren Vodafone Power to you Atlas Copco gebruikt Vodafone M2M om wereldwijd de klantondersteuning te verbeteren Atlas Copco

Nadere informatie