Vraag: Naar welke onderdelen van financiële contracten wordt verwezen en wat zijn de criteria waaraan zij dienen te voldoen?

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Vraag: Naar welke onderdelen van financiële contracten wordt verwezen en wat zijn de criteria waaraan zij dienen te voldoen?"

Transcriptie

1 Versie 8 mei 2017 Vraag en antwoord bij de regelgeving omtrent derivaten In artikel 45 en 46 van de Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting (RTiV) is aangegeven dat de Beleidsregels gebruik financiële derivaten voor woningcorporaties vervallen zodra ILT-Aw het reglement financieel beleid en beheer als bedoeld in de artikelen 55a van de Woningwet (Wet) heeft goedgekeurd. De voorwaarden waaraan dit reglement moet voldoen zijn vastgelegd in artikelen 103 tot en met 108 van het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting (BTiV). De regels in de BTiV betreffen inhoudelijk een voorzetting van de regels die waren opgenomen in de Beleidsregels gebruik financiële derivaten door toegelaten instellingen volkshuisvesting. Op grond van de Wet (artikel 55a) gelden de bepalingen inzake derivaten zowel voor toegelaten instellingen als dochtermaatschappijen. Gebleken is dat de regelgeving omtrent derivaten bij toegelaten instellingen en adviesbureaus tot vragen kunnen leiden. Ter vergroting van de duidelijkheid rond de regelgeving omtrent derivaten, heeft ILT-Aw besloten om deze Vraag en Antwoord lijst op de website te publiceren. Toegelaten instellingen en andere betrokkenen kunnen de vragenlijst raadplegen bij interpretatiekwesties of als er behoefte is aan nadere uitleg van de regelgeving omtrent derivaten. Artikel 1 lid 1 BTiV financiële derivaten: a. financiële contracten waarvan de waarde is afgeleid van een onderliggende waarde of een referentieprijs, of b. onderdelen van financiële contracten die, op zichzelf beschouwd, financiële contracten als bedoeld in onderdeel a zijn. Vraag: Naar welke onderdelen van financiële contracten wordt verwezen en wat zijn de criteria waaraan zij dienen te voldoen? Antwoord: Indien er in andere contracten onderdelen zijn opgenomen die voldoen aan de definitie onder artikel 1 BTiV onder a (dus onderdelen waarbij de waarde is afgeleid van een onderliggende waarde of een referentieprijs), vallen deze onder de definitie van financiële derivaten volgens de BTiV. Oftewel embedded derivatives vallen hier ook onder. Op grond van de gewijzigde wet- en regelgeving zijn leningen met embedded derivaten in het geheel niet meer toegestaan (met uitzondering van basisrenteleningen indien dit een bijdrage levert aan het voldoen van de verplichtingen uit hoofde van artikel 108 of artikel 106 lid 2, zie verder in deze Q&A). Vraag: Worden de embedded swaptions in extendible leningen ook beschouwd als onderdelen van financiële contracten? Antwoord: De extendible lening valt inderdaad onder de definitie van artikel 1 BTiV. Bij een extendible lening heeft de geldgever in de tweede periode vaak een afzonderlijk recht (bijvoorbeeld om voor de tweede periode te kiezen voor een vast of variabel rentepercentage). De corporatie heeft dan feitelijk een recht verkocht (in dit voorbeeld een receiver swaption), hetgeen conform het BTiV niet meer is toegestaan. 1

2 Vraag: Worden de embedded swaps in basisrenteleningen ook beschouwd als onderdelen van financiële contracten? Antwoord: Op grond van de BTiV is het doorzakken van derivaten in (langlopende) basisrenteleningen toegestaan, indien dat een bijdrage levert aan het voldoen van de verplichtingen uit hoofde van artikel 108 (de 2%-punt norm) of artikel 106 lid 2 (elimineren toezichtbelemmerende bepalingen) van het BTiV. Voor basisrenteleningen hoeft geen liquiditeitsbuffer zoals bedoeld in artikel 108 lid 1 van het BTiV aangehouden te worden. De reden daarvoor is dat de corporatie op het moment van herziening van de kredietopslag de keuze heeft om daar al dan niet mee akkoord te gaan en bij die beslissing rekening kan houden met de vraag of de liquiditeitsverplichtingen bij het afbreken van de basisrentelening gedragen kunnen worden (indien corporatie en bank op het herzieningsmoment geen overeenstemming bereiken over de kredietopslag vindt er een verrekening plaats tussen de basisrente en de rente op de kapitaalmarkt over de rest van de looptijd). Hedging: door het sluiten van payer swaps afdekken dan wel beperken van risico s die gepaard gaan met een stijging van de rente op variabele leningen. Vraag: Wordt het afdekken van renterisico met rentecaps ook gezien als hedging? Antwoord: Het begrip hedging is op basis van art.1 gereserveerd voor payer swaps. Dat laat onverlet dat conform artikel 107 lid 1 sub a van de BTiV naast payer swaps ook rentecaps zijn toegestaan als financiële derivaten ten behoeve van het afdekken van renterisico s op variabele leningen. De looptijd van de rentecaps mag maximaal de looptijd van de variabele lening zijn. Dit antwoord heeft nadrukkelijk betrekking op het BTiV en niet op Richtlijnen voor de jaarverslaggeving. Liquiditeitsbuffer: som van de liquide middelen van een toegelaten instelling, haar direct of vrijwel direct liquide te maken beleggingen en de direct opeisbare en met het oog op het bereiken van een voldoende omvang van die buffer aan te wenden leningsfaciliteiten. Vraag: Worden de direct opeisbare voor het doel van de buffer aan te wenden leningsfaciliteiten geborgd door WSW? Antwoord: Nee. Echter op het moment van het uitkomen van deze Q en A s vindt er overleg plaats over dit punt. Vraag: WSW heeft het eigen middelen beleid begin 2013 aangepast. Dit beleid rondom eigen middelen wordt in 2017 ongewijzigd voortgezet tot 1 januari 2018.Het eigen middelen beleid van WSW houdt in dat de netto operationele kasstroom en netto verkoopopbrengsten kunnen worden aangewend voor de opbouw van de verplichte liquiditeitsbuffer voor derivaten. In plaats van het aanhouden van liquide middelen kan een corporatie ook een variabele hoofdsomlening aantrekken voor de liquiditeitsbuffer. Op welk moment kan dit meegerekend worden als buffer in relatie tot artikel 108 BTiV? Antwoord: Gezien de definitie in artikel 1 van de BTiV (direct opeisbare voor het doel van de buffer aan te wenden leningsfaciliteiten) kan de variabele hoofdsomlening pas als buffer in relatie tot artikel 108 BTiV worden geaccepteerd nadat WSW een toereikend borgingsplafond heeft afgegeven en de corporatie op basis daarvan 2

3 leningsovereenkomsten heeft afgesloten. Daarbij is het niet strikt noodzakelijk dat de corporatie de lening opneemt, mits de lening wel direct (binnen 48 uur) opeisbaar en inzetbaar is voor eventuele margin calls. Artikel 13, lid 2 sub a BTiV De categorieën van instellingen, met uitsluitend welke de toegelaten instelling transacties aangaat voor het verrichten van haar werkzaamheden, zijn banken met een vergunning en professionele beleggers, beide met ten minste een single A-rating of een daarmee vergelijkbare rating, afgegeven door ten minste twee van de bij ministeriële regeling te noemen ratingbureaus, indien de transacties betrekking hebben op beleggingen of financiële derivaten. Vraag: Wat is de consequentie als na afsluiten de rating onder de norm komt? Antwoord: De ratingvereiste in artikel 13 lid 2 geldt op het moment van aangaan van de derivatencontracten. Indien de rating van de tegenpartij daarna lager wordt dan single A is de corporatie niet verplicht deze derivaten af te stoten. Wanneer de derivatenportefeuille deels moet worden afgebouwd uit hoofde van de andere bepalingen in het BTiV, kan de rating van tegenpartijen op dat moment wel een rol spelen bij de prioritering van de afbouw van de derivatencontracten. Denkbaar is dat de Aw afhankelijk van de marktwaarde van de betreffende derivaten (en daarmee de exposure die de corporatie al dan niet heeft op de tegenpartij) bij tegenpartijen met een rating lager dan single A, nadere voorwaarden stelt aan de (prioritering van de) afbouw. Artikel 106 lid 1 sub c BTiV Het reglement, bedoeld in artikel 55a, tweede lid, van de wet, bepaalt dat: het vervreemden van financiële derivaten, anders dan het sluiten van derivaatposities, niet is toegestaan. Vraag: Wat wordt bedoeld met het sluiten van derivaatposities? Antwoord: Met het sluiten van derivatenposities wordt het ondubbelzinnig unwinden (en verrekenen van de marktwaarde) van de betreffende derivaten bedoeld. Het vervreemden van derivaten zodanig dat dit leidt tot (risicovolle) open posities, is derhalve niet toegestaan. Het noveren van derivaten in het kader van herstructurering van de derivatenportefeuille wordt niet beschouwd als vervreemding. Daarbij wordt wel opgemerkt dat het nieuwe (of omgevormde) derivaat aan alle spelregels van het BTiV dient te voldoen. Indien een corporatie gestructureerde derivaten bijvoorbeeld wil omzetten in plain vanilla payer swaps geldt er een maximale looptijd van tien jaar, dient de payer swap gekoppeld te kunnen worden aan een bestaande variabele lening en gelden ook de andere spelregels conform de BTiV inzake onder meer rating tegenpartijen, zorgplicht, toezichtbelemmerende bepalingen en model overeenkomsten. Ten aanzien van deze hoofdlijn worden enkele uitzonderingen gemaakt die te maken hebben met het verlagen van het liquiditeitsrisico, hetgeen in de geest is van de overige bepalingen in de BTiV alsmede contractwijzigingen die verplicht zijn op grond van de EMIR. (Zie voor de uitzonderingen de specifieke vraag ten aanzien van artikel 107 lid 2 sub c.) Vraag: Welke criteria gelden voor het verkopen c.q. sluiten van derivaatposities ten aanzien van volume, tegenpartij en looptijd? Antwoord: Er zijn geen criteria ten aanzien van volume, tegenpartij en looptijd verbonden bij het sluiten of unwinden van bestaande derivatenposities. De term 3

4 verkopen in dit artikel van de BTiV is er verder op gericht om uit te sluiten dat corporaties in de toekomst nog renteopties schrijven (verkopen). Artikel 106 lid 2 BTiV Het reglement bepaalt voorts dat in of ten aanzien van financiële derivaten geen clausules worden gehanteerd, die op enigerlei wijze de uitoefening van het toezicht op toegelaten instellingen en dochtermaatschappijen kunnen belemmeren, en dat een toegelaten instelling die op het tijdstip waarop dit besluit in werking is getreden een derivatenportefeuille heeft die financiële derivaten met zodanige clausules bevat, een plan van aanpak heeft dat is gericht op het zo spoedig mogelijk afstoten van die derivaten. Artikel 106 lid 3 BTiV Onze Minister kan nadere eisen stellen aan het plan van aanpak, bedoeld in het tweede lid, en de te hanteren termijn voor het in dat lid bedoelde afstoten van financiële derivaten. Vraag: Wat wordt verstaan onder toezichtbelemmerende bepalingen? Antwoord: Clausules zoals het recht van de financiële instelling om het betreffende contract te beëindigen of extra voorwaarden te stellen als de Autoriteit Woningcorporaties intensiever toezicht gaat houden of gaat ingrijpen, zijn in algemene zin niet toegestaan. Onder de nieuwe Woningwet die 1 juli 2015 in werking is getreden zijn dit in ieder geval bepalingen in overeenkomsten die rechtstreeks verwijzen naar de artikelen 61, 61d, 61g, 61h tot en met 61l, 104a en 105 van de Woningwet. Verder valt hier in ieder geval onder het door de Autoriteit Woningcorporaties plaatsen onder verscherpt toezicht van een toegelaten instellingen of het vragen van een herstel- of verbeterplan door de Autoriteit Woningcorporaties. Bij nieuwe derivatentransacties zijn de modelovereenkomsten zoals bedoeld in artikel 107 lid 2 sub c van de BTiV leidend. Deze zijn als bijlage bij het RTiV gepubliceerd en verplicht bij nieuwe transacties. Vraag: Worden hiermee alleen clausules bedoeld die expliciet verwijzen naar het toezichtkader en wijzigingen daarin? Antwoord: Ja, in de gewijzigde beleidsregels derivaten is aangegeven dat alleen de bepalingen in de derivatencontracten die in directe zin de externe toezichthouders hinderen, als toezichtbelemmerend kwalificeren in relatie tot artikel 10 van de beleidsregels derivaten. Vraag: Is het toegestaan om een zogenaamde waiver toe te voegen aan de bestaande raamovereenkomst, waarmee de betreffende clausule wordt uitgesloten en het bestaande contract blijft doorlopen? Antwoord: Dat is toegestaan. Vraag: Heeft de Aw reeds nadere eisen geformuleerd voor de afbouw? Antwoord: De Aw (of het voormalig CFV) heeft de bestaande plannen beoordeeld.de Aw kan aanvullende eisen stellen indien dit nodig wordt gevonden.de uitvoering van plannen van aanpak worden vervolgens door de Aw gemonitord. De Aw gaat daarbij na welke acties corporaties hebben ondernomen om de toezichtbelemmerende bepalingen doorgehaald te krijgen en welke acties de corporatie nog van plan is te 4

5 gaan ondernemen. Het gaat daarbij onder andere om het door de corporatie nagaan van de mogelijkheid van het unwinden van contracten of het doorhalen van de toezichtbelemmerende bepalingen. Het is evident dat de corporatie daarbij ook de eventuele daaraan verbonden voorwaarden en kosten betrekt. Het kan o.a. gaan om (rente-)kostenverhoging, het verstrekken van (aanvullende) zekerheden of in ruil voor introductie van nieuwe bepalingen in de derivatencontracten. Artikel 107 lid 1 sub a BTiV Het reglement bepaalt voorts dat de toegelaten instelling en de dochtermaatschappij: geen andere financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, eerste lid, begripsomschrijving van financiële derivaten, onderdeel a, aantrekt dan rentecaps of payer swaps ter hedging van variabele leningen die voor of tegelijk met het tijdstip van aantrekken van dat derivaat zijn aangetrokken, welke payer swaps geen langere looptijd hebben dan 10 kalenderjaren, waarvan het kalenderjaar waarin zij worden aangetrokken het eerste is. Vraag: Wat is de richtlijn voor bestaande swaps waaronder nog geen roll-over lening is aangetrokken? Antwoord: Op grond van artikel 106 lid 2 mogen alle bestaande derivatenproducten gehandhaafd blijven, met dien verstande dat als er in de desbetreffende contracten clausules zijn opgenomen die het toezicht kunnen belemmeren, de corporatie zich in overleg met de bank dient te beraden op mogelijkheden om deze contracten om te zetten of te beëindigen. Ook bestaande swaps waaronder nog geen roll-over lening is aangetrokken mogen dus gehandhaafd blijven. Het is daarbij uiteraard wel van belang dat de corporatie naar een situatie toewerkt waarbij alle swaps één op één zijn gekoppeld aan bestaande variabele leningen. Hierbij is het van belang dat in administratieve zin elk aan te trekken derivaat één op één gekoppeld moet zijn aan een specifieke variabele lening (micro-hedging). Denkbaar is verder dat de Aw vanuit zijn eigen toezichtstaak nadere voorwaarden stelt aan de afbouw van swaps zonder onderliggende lening. Vraag: Is de looptijd van caps slechts beperkt door de looptijd van de onderliggende variabele leningen? Antwoord: Ja. De bepalingen in artikel 107 lid 1 sub a, zien alleen op payer swaps. Voor caps geldt de algemene bepaling in dit artikel dat de looptijd van het derivaat die van de te hedgen variabele lening niet mag overtreffen. Vraag: Klopt het dat een payer swap die ingaat op 1 januari een looptijd heeft van maximaal tien jaar en een payer swap die op 31 december ingaat maximaal negen jaar? Antwoord: Ja. Vraag: Klopt het dat er geen payer swaps mogen worden afgesloten met een ingangsdatum na het lopende kalenderjaar ( forwards )? Antwoord: Ja. 5

6 Vraag: Worden aanpassingen in bestaande contracten die op verschillende wijzen het liquiditeitsrisico kunnen beperken ook beoordeeld als nieuwe contracten? Antwoord: Hoofdlijn is dat alle wijzigingen in bestaande derivatencontracten na 1 oktober 2012 als een nieuwe derivatentransactie zijn te kwalificeren, waardoor aan alle spelregels conform de nieuwe wet- en regelgeving voldaan dient te worden. Uitzonderingen (mits alle overige modaliteiten van het derivaat ongewijzigd blijven) zijn: Het naar achteren schuiven van breakclauses in bestaande derivatencontracten, ook indien mutual breakclauses daarbij worden gewijzigd in een mandatory breakclause; Looptijdverkorting van bestaande derivatencontracten; Het in ruil voor bijvoorbeeld een hogere threshold, afkoop CSA, of verwijderen toezichtbelemmerende bepalingen, aanpassen van de couponrente van het derivaat; Het schrappen van toezichtbelemmerende clausules; Contractwijzigingen die verplicht zijn op grond van de EMIR. Het is hierbij van belang dat de corporatie vaststelt dat de wijzigingen uitsluitend zien op de verplichtingen vanuit de EMIR en er geen andere contractuele wijzigingen worden doorgevoerd; Het met een bank overeenkomen van een CAP op de margin call verplichting, waarmee een verplichte tussentijdse bijstorting bij een voor de corporatie negatieve marktwaarde wordt begrensd tot het maximum. In die gevallen is het ook toegestaan als het bedrag aan threshold wordt aangepast. De hiervoor bij wijze van uitzondering genoemde aanpassingen kunnen in een Amendment Agreement op de bestaande documentatie van de contracten worden aangepast. Het is van belang dat de corporatie vaststelt dat geen andere contractuele wijzigingen door de bank worden doorgevoerd. Vraag: Welke controle dient er naar de opvatting van de Aw plaats te hebben door een bank indien zoals meest voorkomt, het derivaat bij de ene bank wordt afgesloten en een lening bij een andere bank? Antwoord: Hoe ver de bank bij het afsluiten van een derivatencontract zou moeten gaan in het controleren of er sprake is van een onderliggende lening bij de corporatie, is een vraag die de zorgplichtregels raakt en onder de verantwoordelijkheid van banken valt. De opvatting van de Aw is dat de bank minimaal aan de corporatie zou moeten vragen aan welke lening het derivaat gekoppeld wordt. Indien de corporatie niet bereid zou zijn om inzicht te verstrekken in de koppeling tussen de lening- en het derivaat zou de bank in de ogen van de Aw moeten overwegen om het derivatencontract niet af te sluiten. 6

7 Artikel 107 lid 2 sub a BTiV Het reglement bepaalt voorts dat de toegelaten instelling en de dochtermaatschappij: uitsluitend financiële derivaten aantrekt, indien de instelling van welke zij die derivaten aantrekt haar heeft aangemerkt als een niet-professionele belegger als bedoeld in artikel 4:18d van de Wet op het financieel toezicht. Vraag: Indien de woningcorporatie besluit geen derivatentransacties meer af te sluiten, kan zij dan de classificatie professioneel behouden? Antwoord: Ja, omdat artikel 107 lid 2 sub a uitsluitend geldt voor nieuwe derivatencontracten. Vraag: Bij een niet professionele belegger heeft de bank een standaard zorgplicht voor het gebruik van derivaten richting haar relatie. Wat zijn de voorwaarden/criteria die de Aw stelt aan de corporatie met betrekking tot het voldoende professioneel zijn van de organisatie? Antwoord: Er moet duidelijk onderscheid gemaakt worden tussen het toezicht van Aw op de naleving van bepalingen omtrent derivaten in de BTiV door corporaties en de zorgplichtregels zoals die voor banken gelden. Op grond van het eerste dienen woningcorporaties die bij hun financiële beleid en beheer financiële derivaten gebruiken, hun interne organisatie op adequate wijze daarop te hebben ingericht. Dit is in artikel 105 BTiV vastgelegd. De opzet hiervan is bij de beoordeling van het reglement financieel beleid en beheer getoetst. Artikel 107 lid 2 sub b BTiV Het reglement bepaalt voorts dat de toegelaten instelling en de dochtermaatschappij: uitsluitend financiële derivaten aantrekt, nadat zij met de instelling van welke zij die derivaten aantrekt een raamovereenkomst, overeenkomstig een bij ministeriële regeling vast te stellen model daarvoor, heeft gesloten. Vraag: Is de modelovereenkomst hetzelfde document als de raamovereenkomst? Antwoord: De modeldocumenten (bijlage 6 en 7, onderdelen A tot en met C, van de RTiV) bestaan uit 3 ISDA-documenten (een Master Agreement, een Schedule en een Credit Support Annex (CSA)) en een raamovereenkomst. De Master Agreement is een standaardtekst die de basis vormt van elk ISDA-contract. In de Schedule wordt de specifieke rechtsverhouding tussen corporaties en banken nader vastgelegd door bepalingen uit de Master Agreement al dan niet van toepassing te verklaren, in te vullen of te wijzigen. Met een aanvullende CSA kunnen partijen daarnaast nog kiezen voor tussentijdse verrekening van marktwaarde door het storten van onderpand (margin calls). In de raamovereenkomst, die specifiek voor de corporatiesector is opgesteld, wordt contractueel vastgelegd dat de betreffende bank erkent dat de corporatie in het kader van de zorgplicht van de Wet op het Financieel Toezicht nietprofessionele belegger is en dat beide partijen gevrijwaard zijn van de plichten die voortvloeien uit derivaatcontracten als deze zijn opgesteld in strijd met de BTiV. 7

8 Artikel 108 BTiV Het reglement, bedoeld in artikel 55a, tweede lid, van de wet, bepaalt voorts dat: a. toegelaten instellingen en dochtermaatschappijen die financiële derivaten gebruiken daartoe een liquiditeitsbuffer aanhouden van een zodanige omvang, dat daaruit, met inachtneming van redelijkerwijs voorzienbare beroepen daarop in verband met andere bedrijfsrisico s dan dat gebruik, aan de uit dat gebruik voortvloeiende liquiditeitsverplichtingen ten gevolge van een daling van de vaste rente in de markt van rentederivaten met 2%-punt kan worden voldaan; b. indien die liquiditeitsbuffer een geringere omvang heeft dan ingevolge onderdeel a vereist, de toegelaten instelling en de dochtermaatschappij dat terstond aan Onze Minister meedeelt en na overleg met hem maatregelen vaststelt om die situatie op te heffen en c. de toegelaten instelling en de dochtermaatschappij geen payer swaps aantrekt, indien en zolang de omvang van die liquiditeitsbuffer zodanig gering is, dat niet kan worden voldaan aan de uit het gebruik van financiële derivaten voortvloeiende liquiditeitsverplichtingen ten gevolge van een daling van de vaste rente in de markt van rentederivaten met 1%-punt. Vraag: Hoe om te gaan met deze regel als de corporatie een raamovereenkomst heeft zonder marktwaardeverrekening? De woningcorporatie heeft dan immers geen uit de derivatenportefeuille voortvloeiende liquiditeitsverplichtingen. Antwoord: Indien er in het geheel geen sprake is van uit de derivatenportefeuille voortvloeiende liquiditeitsverplichtingen hoeft daar geen rekening mee gehouden te worden bij de bepaling van de omvang van de liquiditeitsbuffer. Wel moet rekening worden gehouden dat de potentiële uitstroom aan liquiditeiten uit hoofde van breakclauses (voortschrijdend een jaar vooruit). Vraag: Welke toetsmomenten? Antwoord: De corporatie dient op ieder moment te voldoen aan de eisen uit artikel 8. De liquiditeitsbuffer moet op elk moment dus een 2% rentedaling kunnen opvangen. De buffer moet dan groot genoeg zijn voor het op kunnen vangen van: De margin call op CSA-contracten (of vergelijkbaar) inclusief opgelopen rente bij een fictieve rentedaling van 2%-punt; De (volledige) negatieve marktwaarde bij een fictieve rentedaling van 2%-punt van de contracten met een breakclause die vervalt tussen de datum van vandaag en precies een jaar later. Zoals bovenstaand aangegeven ziet de buffer in principe uitsluitend op de potentiële uitstroom aan liquiditeiten uit hoofde van CSA s of vergelijkbare contractuele bepalingen, alsmede uit hoofde van breakclauses. Uitzondering daarop is de situatie waarbij een bank richting de corporatie heeft aangegeven de derivatencontracten te willen ontbinden (of dat te overwegen) ten gevolge van de activering van andere contractuele bepalingen. Dat kunnen toezichtbelemmerende bepalingen zijn, maar bijvoorbeeld ook het niet meer behalen van bepaalde voorgeschreven ratio s of andersoortige contractueel voorgeschreven voorwaarden. Indien daar sprake van is dient de buffer groot genoeg te zijn om ook de daarmee samenhangende potentiële uitstroom aan liquiditeiten (bij een fictieve rentedaling van 2%-punt) te voldoen. 8

9 Indien de liquiditeitsbuffer niet aan deze eis voldoet dient de corporatie daar op grond van artikel 108 BTiV terstond schriftelijk melding van te maken bij de Aw via de daarvoor ontwikkelde applicatie ( ) en dient daarna binnen vier weken een beleidslijn opgesteld te worden gericht op het weer kunnen voldoen aan deze eis. Vraag: Moet getoetst worden met 2% zelfs als dat een negatieve rente ten gevolg heeft of kan men als laagste rente 0% aanhouden? Antwoord: Ja. Er is in artikel 108 BTiV geen minimum toetsrente opgenomen, dus er dient ook rekening gehouden te worden met een eventuele negatieve rente. Vraag: Hoe kan omgegaan worden met afgesproken thresholds? Antwoord: De liquiditeitsbuffer moet op elk moment een 2% rentedaling kunnen opvangen. Daarbij dient uiteraard rekening gehouden te worden met overeengekomen (nog niet volledig benutte) thresholds. De thresholds dienen uiteraard wel contractueel vastgelegd en hard te zijn. Vraag: Zijn er afspraken gemaakt over de facilitering door WSW (borging) en/of banken (b.v. Allowance-faciliteit)? Antwoord: Voor ongeborgde kredietfaciliteiten dient de corporatie er zeker van te zijn dat de betreffende banken het gebruik daarvan toestaan om margin calls te voldoen. Indien dat niet het geval is of corporaties zijn hier niet zeker van mogen deze kredietfaciliteiten niet meegenomen worden bij de buffer. Vraag: Mogen leningen die niet geborgd zijn door het WSW, zoals leningen direct van gemeenten en leningen van banken met een gemeentegarantie, worden aangemerkt als liquiditeitsbuffer? Antwoord: Ervan uitgaande dat de leningen niet zijn benut, in principe wel. Wel moet daarbij worden vastgesteld dat het is toegestaan om die leningen aan te wenden voor margin calls en dat die binnen 48 uur opeisbaar zijn. Expliciete afstemming met de gemeente en/of de bank is noodzakelijk. Vraag: Mag een corporatie die niet voldoet aan de eis van een 2% liquiditeitsbuffer, maar wel voldoet aan een eis van 1% liquiditeitsbuffer toch payer swaps afsluiten? Antwoord: In artikel 108 BTiV, is de verplichting opgenomen dat een corporatie bij een buffer onder de 2%-norm maatregelen treft om die situatie op te heffen. Het aantrekken van payer swaps zal in het algemeen de liquiditeitsrisico s verder vergroten en derhalve in strijd zijn met de doelstelling van deze beleidslijn. Alleen in de uitzonderlijke situatie dat dat niet het geval is, kunnen nog payer swaps, veelal zonder tussentijdse marktwaardeverrekening, worden aangetrokken. Vraag: Mogen rentecaps worden afgesloten als de buffer beneden de 2% en 1% is gedaald? Antwoord: Ja, dat mag omdat het afsluiten van rentecaps geen liquiditeitsrisico meebrengt. In principe wordt met het afsluiten van een rentecap een verzekeringspremie betaald. 9

10 Overige vragen en antwoorden (niet aan één bepaald artikel van de bepalingen omtrent derivaten in het BTiV te koppelen): Uitoefening van swaptions die vóór 1 oktober 2012 zijn afgesloten Vraag: Is het toegestaan om swapcontracten aan te gaan die voortvloeien uit swaptions die vóór 1 oktober 2012 zijn afgesloten, indien de aan te gane swapcontracten niet aan alle bepalingen in het BTiV (zoals ten aanzien van de looptijd van swapcontracten) voldoen? Antwoord: Er dient onderscheid gemaakt te worden tussen verkochte (geschreven) swaptions en gekochte swaptions. Verkochte (geschreven) swaptions Bij verkochte (geschreven) swaptions is er sprake van een bestaande contractuele verplichting. Indien de bank er op de expiratiedatum voor kiest om het swapcontract aan te gaan is de corporatie gehouden om de daaruit voortvloeiende verplichtingen na te komen. Om die reden wordt een swapcontract dat niet aan alle bepalingen in het BTiV voldoet, maar dat voortvloeit uit een verkochte (geschreven) swaption die vóór 1 oktober 2012 is afgesloten, niet als onrechtmatig beschouwd. Gekochte swaptions Bij een gekochte swaption geldt dat de corporatie de vrije keuze heeft om deze op de expiratiedatum om te zetten in een swapcontract. Het aangaan van swapcontracten die voortvloeien uit gekochte swaptions die vóór 1 oktober 2012 zijn afgesloten is niet in strijd met de BTiV indien: Met inbegrip van de effecten van de aan te gane swapcontracten, wordt voldaan aan de vereisten van artikel 108 BTiV. Dit betekent dat de corporatie op de ingangsdatum van de aan te gane swapcontracten, met inbegrip van de effecten van deze swapcontracten, over een buffer dient te beschikken die tenminste groot genoeg is om de uit de uit de derivatenportefeuille voortvloeiende liquiditeitsverplichtingen ten gevolge van een daling van de vaste rente in de markt met 2%-punt te kunnen voldoen; De aan te gane swapcontracten effectief zijn in het beperken van opwaartse renterisico s van bestaande variabele leningen; Er in de aan te gane swapcontracten geen toezichtbelemmerende clausules zijn opgenomen. De aan te gane swapcontracten dienen afgesloten te worden onder het regime van de modelovereenkomsten als bedoeld in de artikelen 107 lid 2 sub c. Zonder afbreuk te doen aan het voorgaande wordt van de corporatie terughoudendheid verwacht bij het aangaan van uit gekochte swaptions voortvloeiende swapcontracten indien deze niet aan alle bepalingen ten aanzien van derivaten in de BTiV. 10

Vraag en antwoord bij de Beleidsregels gebruik financiële derivaten door toegelaten instellingen

Vraag en antwoord bij de Beleidsregels gebruik financiële derivaten door toegelaten instellingen Versie 15 juli 2014 Vraag en antwoord bij de Beleidsregels gebruik financiële derivaten door toegelaten instellingen Op 1 oktober 2012 zijn de Beleidsregels gebruik financiële derivaten door toegelaten

Nadere informatie

De Beleidsregels gebruik financiële derivaten door toegelaten instellingen worden als volgt gewijzigd:

De Beleidsregels gebruik financiële derivaten door toegelaten instellingen worden als volgt gewijzigd: Regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van, nr. 2013-0000416424, tot wijziging van de Beleidsregels gebruik financiële derivaten door toegelaten instellingen volkshuisvesting. De Minister voor

Nadere informatie

Beoordelingskader Reglement financieel beleid en beheer

Beoordelingskader Reglement financieel beleid en beheer Beoordelingskader Reglement financieel beleid en beheer Opmerking vooraf Met dit document wil de Autoriteit woningcorporaties (hierna: Aw ) corporaties informeren over de hoofdlijnen van de beoordeling

Nadere informatie

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Gelet op artikel 21 van het Besluit beheer sociale-huursector; Besluit: Art ike l 1

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Gelet op artikel 21 van het Besluit beheer sociale-huursector; Besluit: Art ike l 1 Be le ids rege ls van de Min is te r van Binnen landse Zaken en Kon ink r i j ks re l a t i es van 5 sep tember 2012, nr. 2012-0000515185 t e r u i t voe r ing van het Beslui t beheer socia le - huursector

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018. 2500 EA Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018. 2500 EA Den Haag > Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Directoraat-Generaal Wonen en Bouwen Directie Woningmarkt Turfmarkt

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 33 489 Derivatenposities van (semi-)publieke instellingen Nr. 9 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

Opgave derivaten INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 ALGEMENE GEGEVENS. HOOFDSTUK 2 DERIVATEN ZONDER BIJSTORTVERPLICHTING 2.1 Overzicht portefeuille

Opgave derivaten INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 ALGEMENE GEGEVENS. HOOFDSTUK 2 DERIVATEN ZONDER BIJSTORTVERPLICHTING 2.1 Overzicht portefeuille Opgave derivaten INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 ALGEMENE GEGEVENS HOOFDSTUK 2 DERIVATEN ZONDER BIJSTORTVERPLICHTING 2.1 Overzicht portefeuille HOOFDSTUK 3 DERIVATEN MET BIJSTORTVERPLICHTING 3.1 Overzicht portefeuille

Nadere informatie

Beoordelingskader en vereisten herstructurering derivaten. 1 juli 2017

Beoordelingskader en vereisten herstructurering derivaten. 1 juli 2017 Beoordelingskader en vereisten herstructurering derivaten 1 juli 2017 Colofon Uitgegeven door Inspectie Leefomgeving en Transport ILT/Autoriteit woningcorporaties Graadt van Roggenweg 500 Utrecht Postbus

Nadere informatie

Met deze beleidsregels wordt bijgedragen aan het risicogerichte externe toezicht op de toegelaten instellingen.

Met deze beleidsregels wordt bijgedragen aan het risicogerichte externe toezicht op de toegelaten instellingen. Toelichting Beleidsregels verantwoord beleggen door toegelaten instellingen volkshuisvesting Inleiding Met deze beleidsregels wordt nadere invulling gegeven aan de normen inzake beleggingsactiviteiten

Nadere informatie

Stresstest 2016 derivatenportefeuille bij corporaties

Stresstest 2016 derivatenportefeuille bij corporaties Stresstest 2016 derivatenportefeuille bij corporaties Stresstest 2016 derivatenportefeuille corporaties Datum 19 september 2016 Stresstest l2016 derivatenportefeuille bij corporaties 19 september 2016

Nadere informatie

1. Algemene gegevens. Bediening van het programma Voor het bedienen van het programma volgen hier enkele richtlijnen.

1. Algemene gegevens. Bediening van het programma Voor het bedienen van het programma volgen hier enkele richtlijnen. 1. Algemene gegevens In dit scherm moet allereerst het instellingsnummer (L-nummer) worden ingegeven, waarna de statutaire naam van de corporatie en de vestigingsgemeente automatisch verschijnen. Vervolgens

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 36912 29 december 2014 Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 18 december 2014, CZW/S&B

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 33823 2 december 2014 Regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 19 november 2014, CZW2014-0000593162, tot

Nadere informatie

Bijlage III bij artikel 29, derde lid, en 39a, tweede lid, van het Besluit beheer socialehuursector

Bijlage III bij artikel 29, derde lid, en 39a, tweede lid, van het Besluit beheer socialehuursector Bijlage bij de regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 19 november 2014, nr. CZW2014-0000608813, tot wijziging van bijlage III bij het Besluit beheer socialehuursector. Bijlage III bij artikel

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2016 2017 29 453 Woningcorporaties Nr. 429 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Vastgesteld 29 november 2016 De algemene commissie voor Wonen en Rijksdienst

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Stichting Wooncompagnie. Financieel Reglement. Stichting Wooncompagnie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Stichting Wooncompagnie. Financieel Reglement. Stichting Wooncompagnie REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER 2 Inhoud 0. Inleiding... 3 1. Status van het Reglement financieel beleid en beheer... 4 1.1. Doelstellingen financieel beleid en beheer... 4 1.2. Reikwijdte reglement

Nadere informatie

Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d. 22 september 2016

Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d. 22 september 2016 Reglement Financieel Beleid en Beheer d.d. 22 september 2016 Status: Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 4 augustus 2016 Goedgekeurd door de RvC d.d.: 22 september 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties

Nadere informatie

MODEL REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Stichting Wooncompagnie

MODEL REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Stichting Wooncompagnie MODEL REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Stichting Wooncompagnie Status: definitief Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 16 november 2016 Goedgekeurd door de RvC d.d.: 16 november 2016 Goedgekeurd door

Nadere informatie

Model Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d

Model Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d Model Reglement Financieel Beleid en Beheer d.d. 19-04-2016 Disclaimer: De corporatie is zelf verantwoordelijk voor een adequaat Reglement financieel beleid en beheer, dat voldoet aan de Wettelijke bepalingen,

Nadere informatie

Reglement Financieel Beleid en Beheer

Reglement Financieel Beleid en Beheer Reglement Financieel Beleid en Beheer Versie 1.2 Definitief Status: Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 24 augustus 2016 Goedgekeurd door de Raad van Commissarissen d.d.: 7 september 2016 Goedgekeurd door

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Status: definitief Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 30 augustus 2016 Goedgekeurd door de RvT d.d.: 26 september 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 4335 17 februari 2014 Regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 10 februari 2014, nr. CZW 2014-0000070341,

Nadere informatie

Is uw organisatie al klaar voor EMIR? Zie ook: www.afm.nl/emir

Is uw organisatie al klaar voor EMIR? Zie ook: www.afm.nl/emir Zie ook: www.afm.nl/emir Zoals bekend moet door de invoering van EMIR iedere partij die een derivatencontract heeft gesloten of gaat afsluiten de details van deze transactie rapporteren. De AFM heeft de

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 2868 30 januari 2015 Beleidsregels van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 27 januari 2015, nr. 2014-0000068292

Nadere informatie

Het verzoek aan de rvc is goedkeuring te verlenen aan dit voorgenomen besluit.

Het verzoek aan de rvc is goedkeuring te verlenen aan dit voorgenomen besluit. Memo Dorpstraat 48-50 Postbus 35 2390 AA Hazerswoude dorp Telefoon 0172-583111 Fax 0172-583110 e-mail: info@ habekowonen.nl Aan : raad van commissarissen Van : Martin Bogerd Datum : 14-09-2017 Betreft

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord 11. Hoofdstuk 1 Treasury 13

Inhoud. Voorwoord 11. Hoofdstuk 1 Treasury 13 Inhoud Voorwoord 11 Hoofdstuk 1 Treasury 13 1.1 Treasurytaken 13 1.1.1 Cash & liquidity management / Financiering 14 1.1.2 Renterisicobeheer 14 1.1.3 Valutarisicobeheer 15 1.1.4 Beheer van prijsrisico

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Waterweg Wonen

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Waterweg Wonen REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Waterweg Wonen Status: Vastgesteld door de directeur d.d.: 14/9/16 Goedgekeurd door de RvC d.d.: 14/9/16 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties d.d.: 28/11/2016

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER GroenWest REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Status: vastgesteld en aangepast na commentaar van ILT d.d. 17 oktober 2016 Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 22 juni 2016 Goedgekeurd door de RvC d.d.:

Nadere informatie

Reglement Financieel Beleid en Beheer

Reglement Financieel Beleid en Beheer Reglement Financieel Beleid en Beheer Versie: 2.1 van 17 augustus 2016 Status: Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 5 augustus 2016 Goedgekeurd door de RvC 1 d.d.: 17 augustus 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit

Nadere informatie

Gelet op de artikelen 29, derde lid, en 39a, tweede lid, van het Besluit beheer sociale-huursector;

Gelet op de artikelen 29, derde lid, en 39a, tweede lid, van het Besluit beheer sociale-huursector; Regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 10 februari 2014, nr. CZW 2014-0000070341, tot wijziging van bijlage III bij het Besluit beheer sociale-huursector (controleprotocol 2013) De Minister

Nadere informatie

Woningcorporaties & Renterisicomanagement

Woningcorporaties & Renterisicomanagement Aedes Corporatiedag 2012 Woningcorporaties & Renterisicomanagement Rotterdam, World Trade Center 31 mei 2012 Arjan van der Linden Tim Monten Agenda Introductie 5 minuten Renterisico en derivaten 15 minuten

Nadere informatie

Voorbereiding voor het gesprek met uw bank over de herbeoordeling van uw rentederivaat

Voorbereiding voor het gesprek met uw bank over de herbeoordeling van uw rentederivaat Voorbereiding voor het gesprek met uw bank over de herbeoordeling van uw rentederivaat De banken zijn op dit moment bezig met het uitvoeren van herbeoordelingen van alle lopende rentederivaten bij het

Nadere informatie

FINANCIEEL BELEID & BEHEER

FINANCIEEL BELEID & BEHEER REGLEMENT FINANCIEEL BELEID & BEHEER FINANCE & CONTROL AFDELING FINANCIEEL ADVIES goedgekeurd Raad van Bestuur Woonstad Rotterdam 1 juni 2016 behandeld Auditcommissie 14 juni 2016 vastgesteld Raad van

Nadere informatie

Deutsche Bank. www.deutschebank.nl. Uw rentederivaat bij. Deutsche Bank

Deutsche Bank. www.deutschebank.nl. Uw rentederivaat bij. Deutsche Bank Deutsche Bank www.deutschebank.nl Uw rentederivaat bij Deutsche Bank Uw derivaat bij Deutsche Bank 1. Waarom is deze brochure belangrijk? U heeft op dit moment een rentederivaat. In deze brochure geven

Nadere informatie

TREASURY- en BELEGGINGSSTATUUT

TREASURY- en BELEGGINGSSTATUUT TREASURY- en BELEGGINGSSTATUUT Goedgekeurd door de Raad van Commissarissen in de vergadering van 3 maart 2015. 1 Inhoud 1. Inleiding 2. Financieren, beleggen en rentemanagement 2.1 Doelstellingen treasury

Nadere informatie

Reglement financieel beleid en beheer

Reglement financieel beleid en beheer Reglement financieel beleid en beheer beleid en beheer regels nader uitgewerkt Woningstichting Het Grootslag Versie 2.0 van 27 juli 2016 Vastgesteld door bestuur: d.d. 15 augustus 2016 Goedgekeurd door

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER De Goede Woning

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER De Goede Woning REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER De Goede Woning Status: Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 15 juni 2016 Goedgekeurd door de RvC d.d.: Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties 1 d.d.: 1 Zie

Nadere informatie

Notitie Rente-instrumenten

Notitie Rente-instrumenten Notitie Rente-instrumenten Referentienummer BCS/Beverwijk Inhoud 1 Inleiding... 1 2 Traditionele Methoden... 2 3 Rente-instrumenten... 3 3.1 Rentetermijncontracten... 3 3.2 Rente-opties... 4 3.3 Renteswaps...

Nadere informatie

Inspectie Leefomgeving en Transpon

Inspectie Leefomgeving en Transpon Autoriteit woningcorporaties Inspectie Leefomgeving en Transpon > Retouradres Postbus 16191 2500 BD Den Haag Zayaz T.a.v. het bestuur Postbus 488 5201 AL's-Hertogenbosch Autoriteit woningcorporaties Inspectie

Nadere informatie

Renterisico s beheerst of financiële risico s vergroot?

Renterisico s beheerst of financiële risico s vergroot? Renterisico s beheerst of financiële risico s vergroot 2012 CENTRAAL FONDS VOLKSHUISVESTING Renterisico s beheerst of financiële risico s vergroot? Derivaten bij woningcorporaties 2012 CENTRAAL FONDS VOLKSHUISVESTING

Nadere informatie

Model Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d. 10-06-2016

Model Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d. 10-06-2016 Model Reglement Financieel Beleid en Beheer d.d. 10-06-2016 Disclaimer: De corporatie is zelf verantwoordelijk voor een adequaat Reglement financieel beleid en beheer, dat voldoet aan de Wettelijke bepalingen,

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Woningbouwvereniging Bergopwaarts Status: definitief Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 6 september 2016 Goedgekeurd door de RvC 1 d.d.: 13 september 2016 Goedgekeurd

Nadere informatie

Reglement financieel beleid en beheer

Reglement financieel beleid en beheer Reglement financieel beleid en beheer Versie: 2016.01 Vastgesteld door bestuur: 14 juli 2016 Goedgekeurd door RvT: 14 juli 2016 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 1.1. Inleiding... 2 1.2. Algemene toelichting

Nadere informatie

Treasury statuut Hogeschool ipabo

Treasury statuut Hogeschool ipabo Treasury statuut Hogeschool ipabo Inleiding De instandhouding van de Hogeschool ipabo wordt voor het overgrote deel bekostigd uit middelen die worden verstrekt door het Ministerie van OCW. Dit betreft

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Woningbouwvereniging Anna Paulowna. Postbus 66, 1760AB Anna Paulowna. Status: definitief

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Woningbouwvereniging Anna Paulowna. Postbus 66, 1760AB Anna Paulowna. Status: definitief REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Woningbouwvereniging Anna Paulowna Postbus 66, 1760AB Anna Paulowna Status: definitief Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 12 augustus 2016 Goedgekeurd door de RvT

Nadere informatie

Model Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d Disclaimer:

Model Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d Disclaimer: Model Reglement Financieel Beleid en Beheer d.d. 10-06-2016 26-7-2017 Disclaimer: De corporatie is zelf verantwoordelijk voor een adequaat Reglement financieel beleid en beheer, dat voldoet aan de Wettelijke

Nadere informatie

BROCHURE RENTEDERIVATEN

BROCHURE RENTEDERIVATEN BROCHURE RENTEDERIVATEN In deze brochure legt de AFM de belangrijkste eigenschappen van een rentederivaat uit en zijn vragen opgenomen die u kunt stellen aan uw bank. Deze brochure kunt u gebruiken als

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 28 februari 2012 Betreft Woningcorporatie Vestia

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 28 februari 2012 Betreft Woningcorporatie Vestia > Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Rijnstraat 8 Postbus 20011 2500 EA Den Haag www.rijksoverheid.nl Datum

Nadere informatie

http://wetten.overheid.nl/bwbr0011987/geldigheidsdatum_15-01-2015/afdrukken

http://wetten.overheid.nl/bwbr0011987/geldigheidsdatum_15-01-2015/afdrukken http://wetten.overheid.nl/bwbr0011987/geldigheidsdatum_/afdrukken Page 1 of 5 Wet financiering decentrale overheden (Tekst geldend op: ) Wet van 14 december 2000, houdende nieuwe bepalingen inzake het

Nadere informatie

MODEL REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER

MODEL REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER MODEL REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Status: Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 12-07-2016 Goedgekeurd door de Raad van Commissarissen d.d.: 21-07-2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties

Nadere informatie

Wet van 14 december 2000, houdende nieuwe bepalingen inzake het financieringsbeleid van openbare lichamen (Wet financiering decentrale overheden)

Wet van 14 december 2000, houdende nieuwe bepalingen inzake het financieringsbeleid van openbare lichamen (Wet financiering decentrale overheden) (Tekst geldend op: 26-08-2014) Wet van 14 december 2000, houdende nieuwe bepalingen inzake het financieringsbeleid van openbare lichamen (Wet financiering decentrale overheden) Wij Beatrix, bij de gratie

Nadere informatie

6. Risicomanagement. 6.1 Marktontwikkelingen

6. Risicomanagement. 6.1 Marktontwikkelingen 6Risicomanagement 6. Risicomanagement In het kader van het in-control zijn als onderneming is het belangrijk om de risico s die kunnen optreden en de gevolgen daarvan voor de bedrijfsvoering in kaart te

Nadere informatie

Reglement financieel beheer en beleid WormerWonen

Reglement financieel beheer en beleid WormerWonen Pagina 1 van 12 Reglement financieel beheer en beleid WormerWonen Vastgesteld Bestuur: 12-05-2016 Goedgekeurd RvT: 19-05-2016 Goedgekeurd Autoriteit woningcorporaties 1 : 28-06-2016 1 Zie Btiv 2015, artikel

Nadere informatie

Treasury Statuut. 27 september 2016

Treasury Statuut. 27 september 2016 Treasury Statuut 27 september 2016 Vastgesteld door bestuurder d.d.: 15 september 2016 Besproken door de auditcommissie d.d.: 27 september 2016 Goedgekeurd door de RvC d.d.: 27 september 2016 Treasurystatuut

Nadere informatie

Bijlage 4. bij artikel 17 van de Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015

Bijlage 4. bij artikel 17 van de Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 Bijlage 4. bij artikel 17 van de Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 ACCOUNTANTSPROTOCOL REGELING TOEGELATEN INSTELLINGEN VOLKSHUISVESTING 2015 (VERSLAGJAAR 2015) ACCOUNTANTSPROTOCOL

Nadere informatie

Samenvatting herziene Woningwet

Samenvatting herziene Woningwet Samenvatting herziene Woningwet 1. Algemeen De Tweede Kamer stemde op 5 juli unaniem in met de herziening van de Woningwet. In het najaar van 2012 wordt het wetsvoorstel door de Eerste Kamer besproken.

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER STICHTING VESTIA

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER STICHTING VESTIA REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER STICHTING VESTIA Status: Vastgesteld door het Bestuur d.d. 7 juni 2016 Goedgekeurd door de RvC d.d. 5 juli 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties d.d.

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER HABEKO WONEN 1

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER HABEKO WONEN 1 REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER HABEKO WONEN 1 Status: Vastgesteld door het bestuur d.d.: 11 augustus 2016 Goedgekeurd door de rvc rvc d.d.: 10 augustus 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 15 september 2016 Goedgekeurd door de RvC d.d.: 19 september 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties d.d.: 5 december

Nadere informatie

Treasury producten in KRM dossiers. Yvonne Einig Marc Leclair

Treasury producten in KRM dossiers. Yvonne Einig Marc Leclair Treasury producten in KRM dossiers Yvonne Einig Marc Leclair Waarom het onderwerp "Treasury producten in KRM dossiers"? Elsevier 25 juli 2015: "Banken bloeden steeds vaker om renteswaps" Onderzoek AFM:

Nadere informatie

Herstructurering van swaps Hoe bereik je een Win/Win? 17 mei 2017

Herstructurering van swaps Hoe bereik je een Win/Win? 17 mei 2017 Herstructurering van swaps Hoe bereik je een Win/Win? 17 mei 2017 Swapcontracten 1 Typische kenmerken o.a: - geen onderpand - break clausules Gelijkwaardigheid? Bank is calculation agent Cross default

Nadere informatie

POSITION PAPER INZET RENTEDERIVATEN BIJ KREDIETVERLENING AAN HET MKB

POSITION PAPER INZET RENTEDERIVATEN BIJ KREDIETVERLENING AAN HET MKB POSITION PAPER INZET RENTEDERIVATEN BIJ KREDIETVERLENING AAN HET MKB Kernboodschappen Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) Rentederivaten worden door Nederlandse banken aangeboden om renterisico s voor

Nadere informatie

3 december 2012 Betreft Antwoorden op Kamervragen van de leden Rog en Omtzigt (beiden CDA) van 22 november over derivaten in het onderwijs

3 december 2012 Betreft Antwoorden op Kamervragen van de leden Rog en Omtzigt (beiden CDA) van 22 november over derivaten in het onderwijs a > Retouradres Postbus 6375 2500 BJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 2008 2500 EA DEN HAAG Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 6375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Model Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d

Model Reglement Financieel Beleid en Beheer. d.d Model Reglement Financieel Beleid en Beheer d.d. 10-06-201626-7-2017 Disclaimer: De corporatie is zelf verantwoordelijk voor een adequaat Reglement financieel beleid en beheer, dat voldoet aan de Wettelijke

Nadere informatie

Derivaten in de publieke sector

Derivaten in de publieke sector Mr. RJ. Botter 1 Derivaten in de publieke sector 43 Instellingen in de publieke sector (zorg, onderwijs, sociale woningbouw en decentrale overheden) nemen meer en meer leningen met een variabele rente

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Van. Woningbouwvereniging t Goede Woonhuys. te Hilversum. Naar een model van Aedes van 10 juni 2016

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER. Van. Woningbouwvereniging t Goede Woonhuys. te Hilversum. Naar een model van Aedes van 10 juni 2016 REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Van Woningbouwvereniging t Goede Woonhuys te Hilversum Naar een model van Aedes van 10 juni 2016 Status: definitief Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 13 oktober 2016

Nadere informatie

Reglement Financieel Beleid en Beheer

Reglement Financieel Beleid en Beheer Reglement Financieel Beleid en Beheer Status: definitief Vastgesteld door het Bestuur op 14 juni 2016. Goedgekeurd door de Raad van Commissarissen op 27 juni 2016. Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties

Nadere informatie

Versie 2013-08. TREASURYSTATUUT Stichting Woontij

Versie 2013-08. TREASURYSTATUUT Stichting Woontij Versie 2013-08 TREASURYSTATUUT Stichting Woontij 1. Inleiding Een groot deel van de kosten bij een wooncorporatie bestaat uit rente. Richtlijnen ten aanzien van financieren en beleggen zijn belangrijk.

Nadere informatie

TOELICHTING BESLISBOOM

TOELICHTING BESLISBOOM TOELICHTING BESLISBOOM De beslisboom is bedoeld als hulpmiddel bij het maken van de keuze tussen administratief of juridisch scheiden. Ook gaat de beslisboom in op de mogelijkheid van vrijstelling van

Nadere informatie

Productwijzer. Rentederivaten ( )

Productwijzer. Rentederivaten ( ) Productwijzer Rentederivaten 6.0012.96 (08-01-2009) 1 Rentederivaten Afhankelijk van uw situatie, de marktsituatie en marktverwachtingen kan het voor u bijzonder interessant zijn (of wellicht zelfs noodzakelijk)

Nadere informatie

Voorstel aan Algemeen Bestuur

Voorstel aan Algemeen Bestuur cm Voorstel aan Algemeen Bestuur Datum AB-vergadering 21 december 2012 Nummer: 2012.08985 Voor akkoord Afdeling BO: W.H. Boneschansker Datum 3 december 2012 Paraa Directeur: H.D. Post 3 december 2012 Onderwerp:

Nadere informatie

Financiële continuïteit

Financiële continuïteit 11 Financiële continuïteit financiële ratio s (ultimo 2015 & norm) norm Eigen vermogen 31,5% Solvabiliteitsratio > 20% Balans Vreemd vermogen 67,5% Loan-to-Value o.b.v. bedrijfswaarde < 75% Kasstromen

Nadere informatie

Reglement Financieel Beleid en Beheer

Reglement Financieel Beleid en Beheer Reglement Financieel Beleid en Beheer Status: Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 16 juni 2016 Goedgekeurd door de Raad van Toezicht d.d.: 16 juni 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties d.d.:

Nadere informatie

(Utrechtse) derivaten

(Utrechtse) derivaten (Utrechtse) derivaten Hier komt tekst 10 maart 2016 Hier Robert komt de Geus ook tekst QT, BCS Programma (ca. 30 min) Introductie Wat zijn derivaten en welke soorten onderscheiden we? Wettelijk en eigen

Nadere informatie

Volksbelang Wijk bij Duurstede

Volksbelang Wijk bij Duurstede Treasury Statuut Volksbelang Wijk bij Duurstede april 2015 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 4 1.1 ALGEMEEN... 4 1.2 WETTELIJK KADER VAN HET TREASURYSTATUUT... 4 1.3 DOEL VAN HET TREASURYSTATUUT... 4 1.4 DOELSTELLING

Nadere informatie

Derivatentransacties van woningcorporaties een introductie. Koen Dessens Financial Risk Management

Derivatentransacties van woningcorporaties een introductie. Koen Dessens Financial Risk Management Derivatentransacties van woningcorporaties een introductie Koen Dessens Financial Risk Management 1 veel voorkomende plain vanilla derivaten 2 veel voorkomende exotics derivaten 3 invloed renteveranderingen

Nadere informatie

Hoe realiseren we samen optimale financiering?

Hoe realiseren we samen optimale financiering? Hoe realiseren we samen optimale financiering? Welke hobbels met betrekking tot financiering komen jullie tegen? Visie op financiering januari/februari 2015 2 De thema s van vandaag Waarom optimale financiering

Nadere informatie

De Nederlandsche Bank N.V. Consultatie. CRD II Implementatie (nieuwe) Regeling Hybride kapitaalinstrumenten banken 2010

De Nederlandsche Bank N.V. Consultatie. CRD II Implementatie (nieuwe) Regeling Hybride kapitaalinstrumenten banken 2010 De Nederlandsche Bank N.V. Consultatie CRD II Implementatie (nieuwe) Regeling Hybride kapitaalinstrumenten banken 2010 28 juni 2010 1 Regeling van De Nederlandsche Bank NV van [datum], tot vaststelling

Nadere informatie

Vragen en antwoorden inzake het overgangsregime KEW, SEW en BEW

Vragen en antwoorden inzake het overgangsregime KEW, SEW en BEW Vragen en antwoorden inzake het overgangsregime KEW, SEW en BEW KENNISGROEP VERZEKERINGSPRODUCTEN 31 juli 2013 INLEIDING De Kennisgroep Verzekeringsproducten heeft na afstemming met het ministerie van

Nadere informatie

Stuknummer: AM2.06095

Stuknummer: AM2.06095 Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad informatiecentrum tel. uw kenmerk bijlagefn) (070) 373 8393 1 betreft ons kenmerk datum Ontwikkelingen FLO/U201200941 22 juni 2012 woningcorporatiesector

Nadere informatie

Treasuryen beleggingsstatuut

Treasuryen beleggingsstatuut Treasuryen beleggingsstatuut Versie: 2016.01 Vastgesteld door bestuur: 14 november 2016 Goedgekeurd door RvT: 22 november 2016 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 1.1. Algemeen... 3 1.2. Extern kader van het

Nadere informatie

De I0 tte. Geachte heer Roelvink,

De I0 tte. Geachte heer Roelvink, De I0 tte. Deloitte Accountants B.V. Financial Risk Management Laan van Kronenburg 2 1183 AS Amstelveen Postbus 175 1180 AD Amstelveen Nederland Tel: 088 288 2888 Fax: 088 288 9711 www.deloitte.nl Behandeld

Nadere informatie

Stichting Katholiek Onderwijs Volendam. Treasury Statuut

Stichting Katholiek Onderwijs Volendam. Treasury Statuut Stichting Katholiek Onderwijs Volendam Treasury Statuut 19 december 2016 Treasury Statuut Stichting Katholiek Voortgezet Onderwijs Volendam (SKOV) 1. INLEIDING 3 Verantwoording 3 2. DOELSTELLING TREASURYFUNCTIE

Nadere informatie

Reglement Financieel Beleid en beheer Woningbouwvereniging Poortugaal op basis van het Aedes model d.d

Reglement Financieel Beleid en beheer Woningbouwvereniging Poortugaal op basis van het Aedes model d.d Reglement Financieel Beleid en beheer Woningbouwvereniging Poortugaal op basis van het Aedes model d.d. 10-06-2016 Vastgesteld door het Bestuur en goedgekeurd door de RvC tijdens de vergadering van 2 december

Nadere informatie

Treasurystatuut Acantus

Treasurystatuut Acantus Treasurystatuut Acantus versie 19 juni 2015 Inhoudsopgave 1. INLEIDING...3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 EXTERN KADER VAN HET TREASURYSTATUUT... 3 1.3 DOEL VAN HET TREASURYSTATUUT... 3 1.4 DOELSTELLING VAN DE

Nadere informatie

Advies Centraal Fonds Volkshuisvesting inzake derivatenportefeuille en derivatenbeleid van Vestia

Advies Centraal Fonds Volkshuisvesting inzake derivatenportefeuille en derivatenbeleid van Vestia Advies Centraal Fonds Volkshuisvesting inzake derivatenportefeuille en derivatenbeleid van Vestia Naarden, 11 november 2011 Samenvatting 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Beschrijving van de uitgevoerde werkzaamheden

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 4313 27 januari 2017 Regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 19 januari 2017, nr. 2017-0000034415, tot

Nadere informatie

Renteswap. omruilen voor vaste swaprente. Hoe werkt een variabele Euribor-rente? Wat is een renteswap? Zo werkt de renteruil

Renteswap. omruilen voor vaste swaprente. Hoe werkt een variabele Euribor-rente? Wat is een renteswap? Zo werkt de renteruil variabele Euriborrente omruilen voor vaste swaprente In dit productinformatieblad leest u in het kort wat een renteswap is, hoe het werkt en wat de voordelen en risico s zijn. De renteswap is een complex

Nadere informatie

In het statuut worden afspraken over onderwerpen als beheersing van rentekosten en -risico's, financierings- en beleggingsvraagstukken vastgelegd.

In het statuut worden afspraken over onderwerpen als beheersing van rentekosten en -risico's, financierings- en beleggingsvraagstukken vastgelegd. Treasurystatuut Dynamiek Scholengroep 1. Verantwoording Scholen/schoolbesturen krijgen jaarlijks een bedrag waaruit alle kosten moeten worden gedekt en waarmee waarborgen voor 'bedrijfsvoering' op langere

Nadere informatie

Addendum bij het Prospectus van Zwitserleven Institutionele Beleggingsfondsen d.d. 1 januari 2017

Addendum bij het Prospectus van Zwitserleven Institutionele Beleggingsfondsen d.d. 1 januari 2017 Addendum bij het Prospectus van Zwitserleven Institutionele Beleggingsfondsen d.d. 1 januari 2017 Betreft: I. Wijziging Hoofdstuk 7 Kosten en vergoedingen, paragraaf 7.1.1 Transactiekosten... 2 II. Wijziging

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Status: Concept ter behandeling Autoriteit Woningcorporaties Vastgesteld door de Auditcommissie d.d.: 29 augustus 2016 Goedgekeurd door de RvC 1 d.d.: 7 september

Nadere informatie

Knelpuntenanalyse Novelle en BTIV 2015

Knelpuntenanalyse Novelle en BTIV 2015 Knelpuntenanalyse Novelle en BTIV 2015 Frank Vermeij Augustus 2014 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 3 2 Aanpak... 3 3 Juridische scheiding... 3 3.1 Aannames... 3 3.2 Resultaten... 4 4 Administratieve scheiding...

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Gelet op artikel 125 van het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Gelet op artikel 125 van het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 47597 27 oktober 2016 Beleidsregel van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 19 september 2016, nr. 2016-0000568604,

Nadere informatie

Voorwaarden derivaten

Voorwaarden derivaten Voorwaarden derivaten 2 Artikel 1. Toepasselijkheid en definities 1.1 Deze voorwaarden regelen, in aanvulling op de Voorwaarden voor Beleggingsdienstverlening, de verhouding tussen Kempen & Co en Cliënt

Nadere informatie

Treasurystatuut Vallei Wonen

Treasurystatuut Vallei Wonen Treasurystatuut Vallei Wonen 2016 Inleiding Het treasurystatuut van Vallei Wonen is onderdeel van het toezichtkader van de Raad van commissarissen (hierna: rvc). Het Reglement Financieel Beleid en Beheer

Nadere informatie

ABN AMRO Groenbank B.V.

ABN AMRO Groenbank B.V. ABN AMRO Groenbank B.V. ENKELVOUDIGE HALFJAARLIJKSE JAARREKENING VOOR DE PERIODE EINDIGEND OP 30 JUNI 2014 (bevat aanpassingen op stukken gedeponeerd dd 28 augustus 2014) INHOUDSOPGAVE Directieverslag

Nadere informatie

VERBINDINGENSTATUUT WOONSTICHTING SSW

VERBINDINGENSTATUUT WOONSTICHTING SSW VERBINDINGENSTATUUT WOONSTICHTING SSW Vastgesteld: 23 november 2016 VERBINDINGENSTATUUT WOONSTICHTING SSW 1. Inleiding Dit verbindingenstatuut is gebaseerd op de op dit moment geldende herziene Woningwet

Nadere informatie

Treasurystatuut 2.1. Rondom Wonen is van mensen, voor mensen en staat voor gewoon goed wonen.

Treasurystatuut 2.1. Rondom Wonen is van mensen, voor mensen en staat voor gewoon goed wonen. Rondom Wonen is van mensen, voor mensen en staat voor gewoon goed wonen. Vanuit deze visie werken wij samen met onze partners aan het perspectief voor mensen die op onze woningen zijn aangewezen. Inhoudsopgave

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Status: definitief Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 7 september 2016 Goedgekeurd door de RvC d.d.: 6 december 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties

Nadere informatie

WSW richtlijn onderpand

WSW richtlijn onderpand WSW richtlijn onderpand Sectie vrijgave 2/5 Richtlijn onderpand Sectie Vrijgave Onderpand WSW stelt voorwaarden aan de vrijgave van onderpand. Onderpand waar WSW rechten op heeft, doordat de corporatie

Nadere informatie