AANSPRAKELIJKHEID BIJ EXECUTION ONLY, ADVIES EN VERMOGENSBEHEER

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "AANSPRAKELIJKHEID BIJ EXECUTION ONLY, ADVIES EN VERMOGENSBEHEER"

Transcriptie

1 HOOFDSTUK 11 AANSPRAKELIJKHEID BIJ EXECUTION ONLY, ADVIES EN VERMOGENSBEHEER V.M. Neering Inleiding Wie wil beleggen in financiële instrumenten, heeft daarvoor de tussenkomst van een beleggingsonderneming nodig. De beleggingsonderneming, vaak een bank, biedt de belegger de mogelijkheid (al dan niet beursgenoteerde) financiële instrumenten te kopen en te verkopen, zij bewaart de financiële instrumenten en int rente en dividend voor rekening van de cliënt. De beleggingsonderneming kan de cliënt ook adviseren over zijn transacties of op basis van een volmacht zelfstandig de beleggingsbeslissingen voor de cliënt nemen; in dat laatste geval heet de dienstverlening vermogensbeheer. Aan beleggen zijn risico s verbonden, met name het risico dat de beleggingen in waarde dalen of onvoldoende rendement opleveren. In sommige gevallen kan een belegging ook tot een restschuld leiden, bijvoorbeeld bij bepaalde derivaten of beleggingen met geleend geld. Die risico s zijn in beginsel voor rekening van de belegger. Wanneer de beleggingen tot teleurstellende resultaten leiden, komt het met enige regelmaat voor dat de cliënt zijn beleggingsonderneming aansprakelijk stelt voor zijn verliezen of voor de door hem beweerdelijk gederfde winst. Deze bijdrage beoogt een overzicht te geven van de voornaamste gronden voor aansprakelijkheid van beleggingsondernemingen voor beleggingsverliezen van hun cliënten. De aansprakelijkheid van beleggingsondernemingen kenmerkt zich door twee bijzonderheden. In de eerste plaats is de aansprakelijkheid van beleggingsondernemingen vaak niet gebaseerd op de stelling dat de beleggingsonderneming een door de cliënt gegeven opdracht niet heeft uitgevoerd, maar juist op het feit dat de beleggingsonderneming de gegeven opdracht wél heeft uitgevoerd, maar dit niet had moeten doen: 1 Mr. V.M. Neering is advocaat bij Ekelmans & Meijer te Den Haag. 373

2 V.M. Neering de cliënt heeft de door hem gewenste financiële instrumenten (beleggingsproducten) verkregen, maar die zijn vervolgens in waarde gedaald. Daarnaast is bijzonder dat de aansprakelijkheid van beleggingsondernemingen vaak is gebaseerd op de schending van in de jurisprudentie ontwikkelde zorgplichten die niet door partijen zijn overeengekomen en die evenmin voortvloeien uit de wettelijke regelingen die op beleggingsdiensten van toepassing zijn. Deze wettelijke verplichtingen van beleggingsondernemingen zijn gebaseerd op de Markets in Financial Instruments Directive ( MiFID ), in werking getreden en in de Wft geïmplementeerd per 1 november Bij het uitkomen van deze bundel was een uitgebreide herziening van de MiFID-richtlijn in voorbereiding (MiFID II). 3 Hierna zal kort worden ingegaan op enkele van de verwachte wijzigingen die in MiFID II zijn voorzien. De in acht te nemen zorgplicht bij beleggingsdienstverlening is ontwikkeld in de jurisprudentie van de civiele rechter en van het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (KiFID) en haar voorganger, de Klachtencommissie van het Dutch Securities Institute (DSI). De voornaamste zorgplichten, althans de verplichtingen die het meest regelmatig tot aansprakelijkheid leiden, zijn enerzijds de (precontractuele) informatieen waarschuwingsplichten, die beogen te waarborgen dat de belegger begrijpt welke risico s hij aangaat en anderzijds de onderzoeksplicht of het zogenoemde ken-uw-cliënt beginsel, dat beoogt te voorkomen dat de belegger risico s aangaat die hij niet kan of wil dragen. Deze verplichtingen zijn deels vastgelegd in publiekrechtelijke regelingen, in het bijzonder in de Wet op het financieel toezicht (hierna: Wft), deels vloeien zij voort uit de overeenkomst tussen de beleggingsonderneming en de cliënt, en deels uit de redelijkheid en billijkheid vanwege het verschil in deskundigheid tussen de beleggingsonderneming en de cliënt. In deze bijdrage ga ik in op de oorsprong en reikwijdte van deze verplichtingen en op de rechtsgevolgen van schendingen van deze (zorg-) plichten. 2 Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende markten voor financiële instrumenten, PbEU 2004, L 145, p Zie voor een uitgebreide bespreking van de toezichtregels uit hoofde van MiFID: Busch/Grundmann-van de Krol (2009); Grundmann-van de Krol (2012), p European Commission, 20 October 2011, COM (2011) 656 final, Proposal for a Directive of the European Parliament and of the Council on markets in financial instruments repealing Directive 2004/39/EC of the European Parliament and of the Council (Recast) (MiFID II); Zie voor een bespreking Grundmann-van de Krol, Ondernemingsrecht (2011). 374

3 Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer 11.2 Execution only, advies en vermogensbeheer In de wettelijke regeling van de Wft, maar ook in de jurisprudentie met betrekking tot de aansprakelijkheid van beleggingsondernemingen, wordt onderscheid gemaakt tussen drie service levels bij beleggingsdiensten: i) execution only, ii) advies en iii) vermogensbeheer. 4 Het onderscheid ligt in de mate van betrokkenheid van de beleggingsonderneming bij de beleggingsbeslissingen. Execution-only Bij execution only beslist de cliënt volledig zelfstandig over zijn beleggingsbeslissingen. De betrokkenheid van de beleggingsonderneming is in beginsel beperkt tot het uitvoeren van de orders die de cliënt op eigen initiatief aangaat. Daarnaast zal de beleggingsonderneming de beleggingen bewaren, rente en dividend innen en regelmatig rapporteren over de stand van de portefeuille. Omdat de belegger volledig zelfstandig beslist over zijn beleggingen, is de verantwoordelijkheid van de beleggingsonderneming bij deze vorm van dienstverlening het meest beperkt. De beleggingsonderneming hoeft zich niet te verdiepen in de doelstelling en risicobereidheid van de cliënt of in de vraag of zijn beleggingen geschikt voor hem zijn. 5 Ten aanzien van de financiële positie van de cliënt dient de beleggingsonderneming slechts te controleren dat hij over voldoende saldo beschikt om de koopsom van een financieel instrument te betalen of, wanneer uit het financiële instrument verplichtingen kunnen voortvloeien, zoals bij geschreven opties, erop toe te zien dat de cliënt over voldoende saldo beschikt om aan de actuele verplichtingen uit die instrumenten te kunnen voldoen. 6 Kan de cliënt niet meer aan de actuele verplichtingen voldoen, dan moet de beleggingsonderneming erop toezien dat de cliënt zekerheden stelt of deze posities sluiten. 7 Ook moet de beleggingsonderneming de cliënt algemene informatie verstrekken over haar dienstverlening en over de eigenschappen en de risico s van de verschillende soorten financiële instrumenten waar de cliënt in kan beleggen en zich tot op zekere hoogte verdiepen in de vraag de cliënt de risico s van zijn beleggingen kan begrijpen. 8 4 Zie ook Van Baalen (2011), p. 10 e.v. 5 Art. 4:23 Wft geldt voor vermogensbeheer en advies, niet voor execution-only. 6 Art. 86 Bgfo. 7 Art. 86 lid 2 Bgfo. 8 Art. 4:24 Wft. 375

4 V.M. Neering Advies In een adviesrelatie verstrekt de beleggingsonderneming op verzoek van de cliënt of ongevraagd adviezen aan de cliënt over de aan- en verkoop van bepaalde financiële instrumenten. Een advies in de zin van de Wft is een in de uitoefening van beroep of bedrijf gegeven aanbeveling van één of meer specifieke financiële producten, bijvoorbeeld het advies een bepaalde obligatie te kopen. 9 De cliënt beslist vervolgens zelf welke adviezen hij opvolgt en welke transacties hij aangaat. De cliënt kan ook geheel zelfstandig beleggingsbeslissingen nemen, bijvoorbeeld door financiële instrumenten te kopen zonder advies of door de geadviseerde en gekochte beleggingen weer van de hand te doen. In dat geval is geen sprake van advies. Blijkens de Memorie van toelichting op de invoeringswet van de Mifid is sprake van een transactie op initiatief van de cliënt, tenzij de transactie door de beleggingsonderneming is geadviseerd. In overweging 30 bij de MiFID is aangegeven dat een beleggingsdienst geacht wordt te zijn verleend op initiatief van de cliënt, tenzij de cliënt vraagt om de dienst in antwoord op een gepersonaliseerde tot die bewuste cliënt gerichte mededeling van of namens de financiële onderneming. Het moet dan gaan om een mededeling die een uitnodiging behelst of bedoeld is om de cliënt te beïnvloeden met betrekking tot een specifiek financieel instrument of specifieke transactie. 10 Tenzij partijen anders zijn overeengekomen, bestaat in een adviesrelatie geen verplichting om ongevraagd adviezen te verstrekken. 11 De cliënt kan advies vragen, en de beleggingsonderneming mag ongevraagde adviezen geven, maar de beleggingsonderneming is in beginsel niet verplicht de cliënt ongevraagd te adviseren om bepaalde beleggingen te kopen of te verkopen. De Wft stelt in art. 4:23 eisen aan de totstandkoming van adviezen die worden verstrekt, maar zij bevat geen verplichting tot 9 Art. 1:1 Wft. 10 Mvt Wet implementatie richtlijn markten voor financiële instrumenten, Kamerstukken II 2006/07, 31086, nr. 3, p Van Baalen (2006), p In het arrest Fortis/Bourgonje (HR 24 december 2010, NJ 2011, 251, m.nt. T.F.E. Tjong Tjin Tai; JOR 2011/54, m.nt. Pijls) lijkt het Hof wel een adviesplicht aan te nemen, nl. de verplichting de cliënt indringend te adviseren een onverantwoord groot aandelenpakket zo spoedig mogelijk te verkopen. De Hoge Raad vertaalt deze verplichting echter m.i. terecht als een waarschuwingsplicht. Voor aanbieders van aandelenlease-producten nam de Hoge Raad wel aan dat haar zorgplicht onder omstandigheden kan meebrengen dat zij de afnemer dient te adviseren van de overeenkomst af te zien (HR 5 juni 2009, RF 2009/64, JA 2009/116 (Levob Bank/Bolle), HR 5 juni 2009, JOR 2009/199, m.nt. Lieverse; JA 2009/117 (Treek/Dexia Bank Nederland) en HR 5 juni 2009, JOR 2009/200; JA 2009/118, m.nt. Van Boom (Stichting Gedupeerden Spaarconstructie/Aegon Bank). 376

5 Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer advisering. Een adviesplicht kan in theorie wel worden overeengekomen, maar dat is niet gebruikelijk. Veel beleggingsondernemingen nemen in hun cliëntovereenkomsten expliciet op dat zij niet verplicht zijn ongevraagde adviezen te geven. Het voorstel voor Mifid II bevat de verplichting de cliënt te informeren of de beleggingsonderneming periodiek de geschiktheid van de beleggingen zal beoordelen. 12 In MiFID II zullen de verplichtingen van de adviseur ook op andere punten worden uitgebreid. 13 Zo moeten beleggingsadviseurs onder Mi- FID II verduidelijken of het advies op een brede of een beperkte analyse van de markt is gebaseerd, aangeven uit welk productengamma zij de te adviseren beleggingen selecteren en melden of zij beleggingsadvies op onafhankelijke basis verstrekken. 14 Onafhankelijke adviseurs zullen een voldoende groot aantal financiële instrumenten moeten beoordelen, van verschillende aanbieders. 15 Voor onafhankelijke adviseurs, alsook voor vermogensbeheerders, worden beperkingen gesteld aan provisies en inducements die de adviseur ontvangt van aanbieders en emittenten van de geadviseerde financiële instrumenten. 16 Bij het verstrekken van beleggingsadvies zal de beleggingsonderneming bovendien moeten specificeren hoe het verstrekte advies aan de individuele kenmerken van de cliënt beantwoordt. 17 Die verplichting is thans uitdrukkelijk uitgesloten voor beleggingsadvies, terwijl zij bij andere financiële advisering wel geldt. 18 Veelal is de adviserende beleggingsonderneming dezelfde beleggingsonderneming die ook de uitvoering en bewaring verzorgt; in dat geval is gebruikelijk dat voor het advies zelf geen vergoeding wordt betaald, maar worden vaak hogere transactiekosten in rekening gebracht dan bij een execution-only transactie. In sommige gevallen is de adviseur niet degene die ook de uitvoering en bewaring verzorgt; voor de uitvoering en bewaring wordt dan een andere beleggingsonderneming ingeschakeld die op execution-only basis de opdrachten van de cliënt uitvoert. In de jurisprudentie wordt vaak onderscheid gemaakt tussen een execution-only relatie en een adviesrelatie. Daarbij verdient opmerking dat de Wft het begrip adviesrelatie niet kent, alleen het begrip advies. Ook in een adviesrelatie kan echter sprake zijn van execution-only beleggingstransacties, bijvoorbeeld wanneer de belegger zelfstandig beleggingen koopt zonder 12 MiFID II, art. 24 lid 3 slot. 13 MiFID II, considerans Art. 24 lid 3 MiFID II. 15 Art. 34 lid 5 MiFID II. 16 Art. 24 lid 5 MiFID II voor adviseurs en lid 6 voor vermogensbeheerders. 17 Art. 25 lid 5 MiFID II. 18 Art. 4:23lid 1 sub c Wft. 377

6 V.M. Neering advies te vragen of een gegeven advies niet opvolgt en een andere belegging koopt. De wettelijke vereisten ten aanzien van adviezen gelden echter uitsluitend bij transacties die daadwerkelijk door de beleggingsonderneming zijn geadviseerd. 19 Voor de civielrechtelijke zorgplicht van de beleggingsonderneming kan de aard van de relatie echter wel degelijk van belang zijn. Vermogensbeheer Bij vermogensbeheer is de beleggingsonderneming bevoegd zelfstandig en naar eigen inzicht beleggingsbeslissingen te nemen en uit te voeren voor rekening van de cliënt. De cliënt hoeft niet met de transacties in te stemmen; hij kiest ervoor het gehele beheer van zijn portefeuille aan de beleggingsonderneming uit handen te geven. De vrijheid van de vermogensbeheerder kan contractueel worden beperkt tot bepaalde categorieën van financiële instrumenten of door restricties aan de samenstelling van de portefeuille, zoals een maximaal percentage aan aandelen in de portefeuille. In de regel zal bij vermogensbeheer een mandaat worden overeengekomen waarin is opgenomen hoe de beleggingen over verschillende categorieën worden verdeeld. Ook bij vermogensbeheer komt het voor dat het vermogen wordt beheerd door één beleggingsonderneming en de uitvoering en bewaring door een andere beleggingsonderneming, de depotbank. De vermogensbeheerder zal dan meestal op basis van een volmacht over de beleggingsrekening bij de depotbank kunnen beschikken. Onder vermogensbeheer wordt verstaan het beheren van een individueel vermogen. Collectief vermogensbeheer, ofwel het beheren van één vermogen of fonds ten behoeve van diverse gezamenlijke deelnemers, valt niet onder deze definitie maar wordt geregeld in de regels voor beleggingsinstellingen. Kwalificatie De activiteiten execution-only, beleggingsadvies en vermogensbeheer komen overeen met de activiteiten uit de wettelijke definitie van het verlenen van beleggingsdiensten in art. 1:1 Wft, die als beleggingsdiensten noemt: a. in de uitoefening van een beroep of bedrijf ontvangen en doorgeven van orders van cliënten met betrekking tot financiële instrumenten; 19 Vgl. art. 4:23 lid 1 Wft: Wanneer een financiële onderneming ( ) een cliënt adviseert ( ). 378

7 Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer b. in de uitoefening van beroep of bedrijf voor rekening van die cliënten uitvoeren van orders met betrekking tot financiële instrumenten; c. beheren van een individueel vermogen; d. in de uitoefening van beroep of bedrijf adviseren over financiële instrumenten. De Wft verstaat onder beleggingsdiensten daarnaast het overnemen of plaatsen bij de aanbieding van financiële instrumenten, al dan niet met plaatsingsgarantie. In deze bijdrage beperk ik mij tot de aansprakelijkheid bij de hierboven genoemde activiteiten, ook wel effectendienstverlening genoemd. 20 Deze bijdrage is ook beperkt tot dienstverlening ten aanzien van de in de Wft genoemde financiële instrumenten en gaat derhalve niet in op dienstverlening ten aanzien van andere financiële producten waaraan een beleggingscomponent of beleggingsrisico is verbonden, zoals beleggingsverzekeringen of beleggingsobjecten. Tot deze laatste categorie kunnen bijvoorbeeld worden gerekend beleggingen in teakhoutplantages of wijn dan wel levensverzekeringen met winstdeling en beleggingsverzekeringen. Zowel bij execution-only, advies als vermogensbeheer is de civielrechtelijke rechtsverhouding tussen de beleggingsonderneming en de cliënt een overeenkomst van opdracht. 21 Vermogensbeheer en de opdracht tot uitvoering van transacties kwalificeren tevens als lastgeving. 22 Bij effectendienstverlening zal vaak sprake zijn een algemene overeenkomst van effectendienstverlening die aan het begin van de relatie is aangegaan, en vervolgens van verschillende adviezen of opdrachten die tijdens de looptijd worden aangegaan. Bij vermogensbeheer ligt aan de individuele transacties geen aparte opdracht ten grondslag; de opdracht tot de transacties vloeit voort uit de vermogensbeheerovereenkomst. 20 Met de invoering van de Wft per 1 januari zijn de begrippen beleggingsonderneming en verrichten van beleggingsdiensten geïntroduceerd. Voorheen, onder vigeur van de Wet toezicht effectenverkeer werd gesproken van effectenbemiddeling door effecteninstellingen. De begrippen zijn echter niet synoniem. Zo viel beleggingsadvies niet onder de definitie van effectenbemiddeling en was een beleggingsadviseur zonder betrokkenheid bij de uitvoering van de transacties niet onderworpen aan de Wet toezicht effectenverkeer; toezicht op beleggingsadvies is ingevoerd in de Wet financiële dienstverlening van 2005 en in 2007 opgegaan in de Wft. 21 Art. 7:400 BW. 22 Art. 7:414 BW. 379

8 V.M. Neering De verantwoordelijkheid en daarmee de aansprakelijkheid van de beleggingsonderneming is mede afhankelijk van de betrokkenheid van de beleggingsonderneming bij de beleggingen. In het algemeen geldt dat de omvang van de zorgplicht en het niveau van de beleggersbescherming het laagst is bij execution-only dienstverlening, hoger is bij advies en het hoogst is bij vermogensbeheer. Daarbij past de kanttekening dat ook bij execution-only vergaande zorgplichten gelden, juist omdat de belegger zelfstandig handelt zonder de hulp en deskundigheid van de beleggingsonderneming. Zo was in de arresten waarin de Hoge Raad een vergaande zorgplicht bij optiehandel heeft ontwikkeld steeds sprake van executiononly dienstverlening. Ook opvallend is dat de enige zorgplichtbepaling in de Wft waarvan overtreding een economisch delict oplevert uitsluitend geldt bij execution-only dienstverlening. 23 Voor de aansprakelijkheid van de beleggingsonderneming zal steeds onderscheid moeten worden gemaakt tussen de aard van de relatie en de aard van de transactie. Ook in een adviesrelatie staat het de cliënt immers vrij een advies niet op te volgen of zonder advies beleggingen te kopen. Dat een belegger advies kon vragen, hoeft niet te betekenen dat hij ook advies heeft gekregen en opgevolgd. De zorgplichten die gelden bij advies, zijn in beginsel alleen van toepassing op transacties die ook daadwerkelijk zijn geadviseerd Publiekrechtelijk kader De publiekrechtelijke zorgplicht bij beleggingsdienstverlening wordt ingevuld in Deel 4 van de Wft en de daarop gebaseerde lagere regelgeving, in het bijzonder het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen (Bgfo). Deze regels voor beleggingsdiensten vormen de implementatie van de MiFID in de Nederlandse regelgeving. 23 Art. 4:24 lid 2 Wft jo. art. 1 WED. Op grond van art. 4:24 lid 2 Wft moet de beleggingsonderneming bij execution-only waarschuwen wanneer de cliënt naar haar mening niet over de nodige kennis en ervaring beschikt om te begrijpen welke risico s aan het betrokken financiële instrument en de betrokken beleggingsdienst verbonden zijn. 24 Gerechtshof s-hertogenbosch 31 oktober 2006, JOR 2006/298, rov

9 Vergunningplicht Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer Op grond van art. 2:96 Wft is het verboden beleggingsdiensten in Nederland aan te bieden zonder een daartoe strekkende vergunning van de AFM. Vergunninghoudende beleggingsondernemingen zijn onderworpen aan uitgebreide prudentiële regels en gedragsregels, waarop hierna wordt ingegaan. Er geldt een aantal vrijstellingen van de vergunningplicht voor bepaalde financiële ondernemingen die al over een andere Wft-vergunning beschikken, zoals banken, verzekeraars en bemiddelaars, en voor bepaalde buitenlandse instellingen die in hun eigen land onder toezicht staan. Een vrijstelling van de vergunningplicht brengt niet automatisch een vrijstelling van de gedragsregels mee; welke gedragsregels van toepassing zijn verschilt per soort instelling. 25 Banken zijn vrijgesteld van de vergunningplicht van art. 2:96 Wft. 26 Voor zover banken beleggingsdiensten aanbieden zijn zij echter wel gebonden aan de gedragsregels ten aanzien van zorgvuldige dienstverlening uit Deel 4 van de Wft die van toepassing zijn op vergunningplichtige beleggingsondernemingen. 27 Eveneens vrijgesteld van de vergunningplicht zijn verzekeraars, 28 maar op grond van art. 3:36 Wft 29 mogen verzekeraars naast het verzekeringsbedrijf geen nevenbedrijf voeren, zodat om zij om die reden geen beleggingsdiensten mogen verrichten. Beleggingsverzekeringen zijn geen financiële instrumenten en vallen niet onder de reikwijdte van beleggingsdiensten. Een beleggingsverzekering geeft de verzekeringnemer in ruil voor een premie recht op een uitkering, waarvan de waarde afhankelijk is van het rendement op achterliggende (transacties in) financiële instrumenten, vaak rechten van deelneming in een beleggingsinstelling. De transacties in die financiële instrumenten worden echter niet rechtstreeks door de cliënt aangegaan, maar voor rekening van de verzekeraar en hebben slechts indirect gevolgen voor de afnemer van de verzekering, doordat de waarde van de beleggingen van invloed is op de verzekerde uitkering. 30 Bij advies over verzekeringen geldt wel een ken-uw-cliënt 25 Zie voor een schematisch overzicht van de vrijstellingen en de toepasselijke gedragsregels Grundmann-Van de Krol 2012, Art. 2:97 lid 1 sub b Wft. 27 Art. 4:1 Wft. 28 Art. 2:97 lid 1 sub a Wft. 29 Art. 3:336 Wft implementeert het verbod op het nevenbedrijf uit art. 6, onderdeel b, van de richtlijn levensverzekeraars (Richtlijn 73/239/EEG) en art. 8, eerste lid, onderdeel b, van de eerste richtlijn schadeverzekeraars (Richtlijn 2002/83/EG). 30 MvT Wet implementatie richtlijn markten voor financiële instrumenten, Kamerstukken II 2006/07, , nr. 3, p

10 V.M. Neering beginsel op grond van art. 4:23 Wft, maar de uitwerking van deze verplichting in art. 80a t/m 80c Bgfo voor beleggingsondernemingen is niet van toepassing op advies over beleggingsverzekeringen. Ook de precontractuele informatieverplichting voor verzekeringen wordt beheerst door een eigen regime, neergelegd in art. 60 Bgfo, dat inhoudelijk sterk afwijkt van de informatie die bij beleggingsdiensten verplicht is op grond van art. 58a t/m 59 Bgfo. Naast de uitzonderingen voor bepaalde soorten financiële ondernemingen die reeds over een andere vergunning beschikken, gelden ook uitzonderingen voor onder meer beleggingsondernemingen die slechts voor groepsmaatschappijen optreden of voor ondernemingen die slechts de beleggingsdienst slechts als incidentele activiteit verrichten in het kader van een andere beroepsactiviteit. 31 Ook hier geldt dat ondanks de vrijstelling van de vergunningplicht bepaalde gedragsregels van toepassing blijven, welke dat zijn verschilt per vrijstelling. 32 Anders dan bij het aanbieden van financiële instrumenten, 33 geldt bij het verlenen van beleggingsdiensten geen vrijstelling bij beleggingen met een waarde van meer dan Ook voor beleggingsdiensten die worden verleend aan professionele partijen geldt geen vrijstelling van de vergunningplicht, al gelden voor bepaalde soorten cliënten wel minder zware inhoudelijke vereisten. 34 Daarnaast bestaan uitzonderingen en vrijstellingen voor bepaalde buitenlandse instellingen met een vergunning uit hun land van herkomst die in Nederland beleggingsdiensten verlenen, al dan niet door middel van een bijkantoor in Nederland. 35 Een bijzondere vrijstelling van de vergunningplicht is opgenomen in art. 11 Vrijstellingsregeling Wft, het nationaal regime. Voor personen die beschikken over een vergunning of ontheffing om te adviseren over hypotheken of levensverzekeringen geldt een vrijstelling van de vergunningplicht van art. 2:96 Wft voor zover zij orders doorgeven of adviseren met betrekking tot beleggingsinstellingen. De vrijstelling is in het leven geroepen om hypotheekadviseurs en verzekeringsadviseurs die bemiddelen in hypotheken en verzekeringen waarbij wordt belegd in beleggingsfondsen 31 Art. 1:18 Wft. 32 Voor een overzicht zie Grundmann-Van de Krol (2012), Art. 5.3 lid 1 Wft voor effecten en art. 4 Vrijstellingsregeling Wft voor rechten van deelneming in beleggingsinstellingen. 34 Zie Art. 2:98 Wft; art. 10 VrWft: het betreft beleggingsondernemingen met zetel in Australië, de Verenigde Staten van Amerika of Zwitserland; zij zullen wel door middel van een verklaring van de lokale toezichthouder aan de AFM moeten aantonen dat zij onder toezicht staan. (art. 10 lid 1 VrWft) 382

11 te ontlasten van bepaalde regels van de MiFID. De vrijstelling van de vergunningplicht brengt echter geen vrijstelling mee van alle gedragsregels. De belangrijkste zorgplichten ten aanzien van onder meer precontractuele informatievoorziening van art. 4:20 Wft, ten aanzien van advisering uit hoofde van art. 4:23 Wft en de toets aan de kennis en ervaring van de cliënt zijn ook op instellingen onder het nationaal regime van toepassing Publiekrechtelijke gedragsregels Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer In Deel 4 van de Wft is de zorgplicht van de beleggingsonderneming wettelijk verankerd. Art. 4:90 Wft bepaalt dat een beleggingsonderneming zich op een eerlijke, billijke en professionele wijze in moet zetten voor de belangen van haar cliënten. Deze algemene zorgplicht wordt in de Wft en Bgfo nader uitgewerkt in onder meer informatie- en waarschuwingsplichten, 36 het ken-uw-cliënt beginsel, 37 cliëntclassificatie, 38 regels over de uitvoering van orders, 39 verwerking van orders, 40 de bewaring van de beleggingen 41 en de verplichting tot saldo-en marginbewaking. 42 Met name de informatie- en waarschuwingsplicht en het ken-uw-cliënt beginsel zijn regelmatig onderwerp van aansprakelijkheidszaken, op deze onderwerpen wordt hierna meer uitgebreid ingegaan in 5 en 6 Art. 4:89 lid 2 Wft verplicht de beleggingsonderneming de dienstverleningsovereenkomst met de cliënt schriftelijk 43 vast te leggen. Deze overeenkomst vormt de uitsluitende grondslag van de beleggingsdiensten die de beleggingsonderneming aan de cliënt verleent en moet de wederzijdse rechten en verplichtingen van de cliënt en de beleggingsonderneming bevatten. 44 In september 2012 heeft het Ministerie van Financiën een consultatiedocument voor de Wijzigingswet Financiële Markten 2014 openbaar gemaakt, waarin in een nieuw art. 4:24a Wft een generieke zorgplicht voor financiëledienstverleners is opgenomen. 45 Beleggingsondernemingen vallen niet onder de reikwijdte van deze generieke zorgplicht, omdat voor hen al een vergelijkbare bepaling geldt in art. 4:90 Wft. 36 Art. 4:19 en 4:20 Wft, zie nader Van der Leeuw/Ris (2009). 37 Art. 4:23 en 4:24 Wft, zie nader Raas (2009). 38 Art. 4:18a Wft, zie nader Silverentand (2009). 39 Art. 4:90a t/m 4:90 c Wft, zie nader Busch (2009a). 40 Art. 4:90d, art. 164, 164a en 164b Bgfo. Zie ook art. 31 en 32 van de (rechtstreeks werkende) MiFID-Uitvoeringsverordening MiFiR, Zie nader Busch (2009b). 41 Art. 4:87 Wft, zie nader Rank (2009). 42 Art. 86 Bgfo. 43 Of op een duurzame drager, art. 4:89 lid 2 Wft. 44 Art. 4:89 lid 2 Wft, tweede volzin. 45 Zie daarover Busch (2012). 383

12 V.M. Neering Professionele beleggers Bij beleggingsdienstverlening aan bepaalde cliënten stelt de Wft minder strenge eisen aan de beleggingsonderneming. Een beleggingsonderneming moet haar cliënten aanmerken als niet-professionele belegger, als professionele belegger of als in aanmerking komende tegenpartij. 46 In aanmerking komende tegenpartijen zijn onder meer financiële instellingen als banken, verzekeraars, pensioenfondsen en andere beleggingsondernemingen. De classificatie als in aanmerking komende tegenpartij geldt alleen voor het uitvoeren van orders; voor advies en vermogensbeheer moet de cliënt als professionele of niet-professionele cliënt worden aangemerkt. 47 Tot professionele beleggers worden dezelfde instellingen gerekend, maar ook andere ondernemingen wier belangrijkste activiteit bestaat uit beleggen of andere financiële transacties en tevens andere, niet-financiële ondernemingen met een bepaalde omvang. 48 Alle andere cliënten worden aangemerkt als niet-professionele beleggers. De definitie van niet-professionele cliënt is dus aanzienlijk ruimer dan die van consument, want ook ondernemingen en rechtspersonen die niet aan de omvangvereisten voldoen zijn niet-professionele cliënten. De meeste gedragsregels voor beleggingsondernemingen zijn niet van toepassing op execution-only dienstverlening aan in aanmerking komende tegenpartijen. 49 Bij professionele beleggers gelden deze verplichtingen wel, 50 maar worden in het Bgfo lagere eisen gesteld aan bijvoorbeeld de informatie die aan de cliënt moet worden verstrekt of het onderzoek dat de beleggingsonderneming moet doen naar de deskundigheid en financiële positie van de cliënt. Cliënten kunnen kiezen voor een andere classificatie. De beleggingsonderneming dient haar cliënten op deze mogelijkheid te wijzen en hen te 46 Art. 4:18a Wft noemt de bepalingen die niet van toepassing zijn op execution-only dienstverlening aan in aanmerking komende tegenpartijen. 47 Zie Questions & Answers van de Europese Commissie, vraag ID 243: Client classification, internal reference 78) (ec.europa.eu/yqol/index.cfm?fuseaction= legislation.show&lexid=1). 48 Onder professionele belegger valt ook de rechtspersoon of vennootschap die aan twee van de volgende omvangvereisten voldoet: een balanstotaal van ten minste ; een netto-omzet van ten minste ; een eigen vermogen van ten minste (art. 1:1 Wft). 49 Art. 4:18b lid 1 Wft, dat een groot aantal gedragsregels buiten toepassing verklaart op het ontvangen, doorgeven en uitvoeren van orders afkomstig van in aanmerking komende tegenpartijen. Bij advies en vermogensbeheer gelden deze gedragsregels wel. 50 Met uitzondering van de verplichting een schriftelijke overeenkomst aan te gaan, art. 4:89 Wft. 384

13 Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer informeren over het daaruit voortvloeiende lagere of hogere beschermingsniveau. 51 Zo kan een niet-professionele cliënt kiezen om als professionele belegger te worden behandeld ( opt-up ) of kan een professionele belegger kiezen als niet-professioneel te worden behandeld ( opt-down ). De opt-up of opt-down kan ook gelden voor een specifieke beleggingsdienst of zelfs voor een specifieke transactie. Een opt-up is alleen mogelijk als de cliënt voldoet aan bepaalde kwalitatieve en kwantitatieve vereisten, neergelegd in art. 4:18c Wft. Bovendien moet de beleggingsonderneming de cliënt waarschuwen voor het lagere beschermingsniveau dat met de status van professionele belegger komt. 52 Een opt-up of opt-down zal ook consequenties hebben voor de civielrechtelijke aansprakelijkheid van beleggingsondernemingen jegens hun cliënten; omdat bij een opt-down sprake zal zijn strengere gedragsregels, zal ook sneller een schending van de civielrechtelijke zorgplicht kunnen worden aangenomen. Zie over de zorgplicht bij professionele beleggers nader Civielrechtelijke zorgplicht Naast de publiekrechtelijke gedragsregels, rust op beleggingsondernemingen tevens een civielrechtelijke zorgplicht jegens hun (potentiële) cliënten. Deze kan worden gebaseerd op de zorgplicht van een goed opdrachtnemer uit art. 7:401 BW en op de redelijkheid en billijkheid van art. 6:2 en 6:248 lid 1 BW. Voor banken is een algemene zorgplicht tevens opgenomen in art. 2 van de algemene bankvoorwaarden. Op grond van art. 7:401 BW moet een opdrachtnemer bij zijn werkzaamheden de zorg van een goed opdrachtnemer in acht nemen. Daarbij geldt als maatstaf dat de zorg van een redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsbeoefenaar. Zo geldt in een adviesrelatie dat de belegger in beginsel zelf verantwoordelijk is voor zijn beleggingsbeslissingen, tenzij de beleggingsonderneming een advies heeft gegeven dat niet strookt met een advies van een redelijk bekwaam en redelijk handelend adviseur. 53 Een vermogensbeheerder dient het aan hem toevertrouwde vermogen te beheren zoals van 51 Art. 4:18a lid 2 Wft. 52 Art. 49b Bgfo. Zie over de doorwerking van de toezichtregels in de civiele zorgplicht tegenover professionelen bij vermogensbeheer en beleggingsadvies recentelijk Busch, Ondernemingsrecht (2012a). Zie in het bijzonder ook hoofdstuk 15 van deze bundel. 53 Deze overweging geldt als standaardoverweging in de uitspraken van de Geschillencommissie over beleggingsadvies. Zie bijvoorbeeld- GC 31 oktober 2012, nr Deze overweging geldt als standaardoverweging in de uitspraken van de Geschillencommissie over beleggingsadvies. 385

14 V.M. Neering een redelijk bekwaam en redelijk handelend vermogensbeheerder mag worden verwacht. 54 Naar vaste rechtspraak van de Hoge Raad rust op financiële ondernemingen zoals beleggingsondernemingen een bijzondere zorgplicht. Deze zorgplicht vloeit met name voort uit het feit dat de bank of beleggingsonderneming bij uitstek deskundig wordt geacht op het gebied van beleggingen. De ontwikkeling van de bijzondere zorgplicht bij effectendienstverlening in de jurisprudentie van de Hoge Raad betrof in eerste instantie met name de handel in opties door particuliere beleggers. In de arresten Rabobank/Everaars, Van de Klundert/Rabobank en Kouwenberg/Rabobank 55 had de bank op uitdrukkelijk verzoek van de cliënten risicovolle transacties in geschreven putopties uitgevoerd terwijl zij niet aan de financiële verplichtingen uit de opties konden voldoen. De Hoge Raad oordeelde dat de bank jegens particuliere beleggers tot een bijzondere zorgplicht is gehouden, gelet op de zeer grote risico s die aan dergelijke transacties verbonden kunnen zijn. Deze zorgplicht heeft naar haar aard tot strekking de cliënt te beschermen tegen het gevaar van eigen lichtvaardigheid of gebrek aan inzicht en vloeit voort uit hetgeen de eisen van redelijkheid en billijkheid, naar de aard van de contractuele verhouding tussen een bank en haar particuliere cliënten, meebrengen. De bijzondere zorgplicht strekt tot bescherming van de particuliere belegger tegen zijn eigen gebrek aan inzicht en lichtzinnigheid. 56 De strekking van de bijzondere zorgplicht is niet de cliënt te beschermen tegen koersverlies of risico s in het algemeen, maar tegen risico s die de cliënt niet kent of begrijpt, of tegen onverantwoord grote risico s, d.w.z. het risico van vermogensverliezen van een omvang die de cliënt niet wil of kan dragen. 54 Zie bijvoorbeeld GC 15 juni 2012, nr HR 23 mei 1997, NJ 1998, 192, m.nt. Van Zeben (Rabobank/Everaars); HR 26 juni 1998, NJ 1998, 660, m.nt. Van Zeben (Van de Klundert/Rabobank); HR 11 juli 2003, NJ 2005, 103, m.nt. Du Perron (Kouwenberg/Rabobank); 56 O.m. HR 24 januari 1997, NJ 1997, 260 (D/ING); HR 23 mei 1997, NJ 1998, 192, m.nt. Van Zeben (Rabobank/Everaars); HR 9 januari 1998, NJ 1999, 285, m.nt. W.M. Kleijn; HR 26 juni 1998, NJ 1998, 660, m.nt. Van Zeben (Van de Klundert/Rabobank); HR 11 juli 2003, NJ 2005, 103, m.nt. Du Perron (Kouwenberg/Rabobank); HR 23 december 2005, NJ 2006, 289; HR 23 maart 2007, NJ 2007, 333, m.nt. Mok (ABN AMRO/Van Velzen); HR 5 juni 2009, RF 2009/64, JA 2009/116 (Levob Bank/Bolle); HR 5 juni 2009, JOR 2009/199, m.nt. Lieverse; JA 2009/117 (Treek/Dexia Bank Nederland); HR 5 juni 2009, JOR 2009/200; JA 2009/118, m.nt. Van Boom (Stichting Gedupeerden Spaarconstructie/Aegon Bank); HR 24 december 2010, NJ 2011, 251, m.nt. T.F.E. Tjong Tjin Tai; JOR 2011/54, m.nt. Pijls (Fortis Bank/Bourgonje); HR 3 februari 2012, JOR 2012/116 m.nt. Van Baalen; AA (2012) 752 m.nt. Busch; Ondernemingsrecht 2012/64 m.nt. Ettema (Rabobank Vaart en Vecht/X). 386

15 Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer Bij dit laatste moet worden gedacht aan een financiële catastrofe als gevolg van een kennisachterstand of van gebrekkig inzicht in de risico s van het beleggen in deze riskante financiële producten of van het onvermogen om overeenkomstig het juiste inzicht te handelen 57 De omvang van de bijzondere zorgplicht hangt af van de omstandigheden van het geval, waaronder de deskundigheid van de cliënt en diens inkomens- en vermogenspositie. De zorgplicht kan niet alleen meebrengen dat de bank de cliënt moet informeren of waarschuwen, maar impliceert in bepaalde gevallen bij saldo of margintekorten- zelfs dat de bank transacties moet weigeren. 58 De Hoge Raad heeft deze zorgplicht uit de optiehandel inmiddels ook toegepast op aandelenlease-overeenkomsten, 59 evenals opties relatief complexe producten met een restschuldrisico. In het arrest Fortis/Bourgonje 60 speelde geen restschuldrisico of ingewikkelde producten, want de cliënt belegde in aandelen. De Hoge Raad oordeelde echter dat ook in dat geval op de bank een bijzondere zorgplicht rust die met zich kan brengen dat de bank de cliënt uitdrukkelijk en in niet voor misverstand vatbare bewoordingen dient te waarschuwen voor de met betrekking tot de samenstelling van zijn portefeuille genomen risico s. Bij de vraag of deze waarschuwingsplicht in een concreet geval daadwerkelijk bestaat, en hoever zij strekt, dienen alle ter zake doende omstandigheden van het geval te worden meegewogen, waaronder mede de mate van deskundigheid en de ervaring van de cliënt. Gelet op de zaken waarbij de Hoge Raad een dergelijke waarschuwingsplicht aannam, lijkt een waarschuwingsplicht gericht op het voorkomen van bepaalde risico s naar mijn mening slechts aannemelijk is bij onverantwoorde risico s, wanneer voor de beleggingsonderneming duidelijk is dat de cliënt risico s aangaat die hij niet kan dragen, of die hij niet zou willen accepteren indien hij in staat was een geïnformeerde en afgewogen beslissing te nemen. In andere gevallen geldt wel een informatieplicht, maar mijns inziens geen waarschuwingsplicht. 57 A-G Langemeyer in zijn conclusie voor HR 4 december 2009 (Nabbe/Staalbankiers), LJN BJ7320, NJ 2010, 67 m.nt. M.R. Mok, JOR 2010/19 m.nt. K. Frielink. 58 HR 11 juli 2003, NJ 2005, 103, m.nt. Du Perron (Kouwenberg/Rabobank). De weigeringsplicht bij margintekorten is later opgenomen in de wetgeving. 59 HR 5 juni 2009, RF 2009/64, JA 2009/116 (Levob Bank/Bolle); HR 5 juni 2009, JOR 2009/199, m.nt. Lieverse; JA 2009/117 (Treek/Dexia Bank Nederland); HR 5 juni 2009, JOR 2009/200; JA 2009/118, m.nt. Van Boom (Stichting Gedupeerden Spaarconstructie/Aegon Bank). 60 HR 24 december 2010, NJ 2011, 251, m.nt. T.F.E. Tjong Tjin Tai; JOR 2011/54, m.nt. Pijls. 387

16 V.M. Neering Ruimte voor aanvullende zorgplicht waar een specifieke wettelijke regeling geldt? De zorgplicht van de beleggingsonderneming, althans voor zover die strekt tot bescherming tegen een gebrek aan inzicht, is inmiddels wettelijk verankerd in de informatie- en waarschuwingsplichten uit de MiFID en de Wft. De in de jurisprudentie ontwikkelde zorgplicht is gebaseerd op zorgplichten die golden vóór implementatie van de MiFID. De MiFID en de Wft bieden een uitgewerkt systeem van informatieen waarschuwingsplichten. De MiFID en de Wft bieden echter geen bescherming tegen de lichtvaardigheid; uitgangspunt is de belegger te voorzien van de nodige informatie om een weloverwogen beslissing te nemen; of de belegger vervolgens ook een verstandige beslissing neemt is aan hem. In de aandelenlease-arresten 61 heeft de Hoge Raad bevestigd dat de civielrechtelijke zorgplicht verder kan reiken dan de gedragsregels die in publiekrechtelijke regelgeving zijn neergelegd. De Dexia-arresten betreffen feiten die plaatsvonden voor de inwerkingtreding van de MiFID. Destijds gold nog de voorganger van MiFID, de Investment services Directive, en die voorzag in minimumharmonisatie. In de literatuur heerst verdeeldheid over de vraag of de civielrechtelijke zorgplicht na de invoering van MiFID nog wel verder kan gaan dan de wettelijke zorgplicht, aangezien de MiFID beoogt de verplichtingen van beleggingsondernemingen vergaand te harmoniseren. 62 Lieverse, 63 Van Baalen 64 en Busch 65 zijn van mening dat de aard van de richtlijn, nl. maximumharmonisatie, en de rechtszekerheid aan een verder strekkende zorgplicht in de weg staan. Cherednychenko ziet wel aanleiding voor een verder strekkende zorgplicht, omdat ex ante opgestelde gedragsregels nu eenmaal niet alle toekomstige misstanden kunnen voorspellen en sanctioneren; bovendien regelt de MiFID slechts de publiekrechtelijke toezichtsregelgeving en niet de civielrechtelijke aansprakelijkheid HR 5 juni 2009, NJ 2012, 182, JOR 2009/199, m.nt. Lieverse, JA 2009/117 (De Treek/ Dexia Bank Nederland); HR 5 juni 2009, RF 2009/64, JA 2009/116 (Levob Bank/Bolle); HR 5 juni 2009, JOR 2009/200; JA 2009/118, m.nt. Van Boom (Stichting Gedupeerden Spaarconstructie/Aegon Bank). 62 Zie nader hoofdstuk 2 en hoofdstuk 15 van deze bundel. 63 Annotatie bij HR 5 juni 2009 (De Treek/Dexia Bank Nederland) in JOR 2009/199, nr Van Baalen (2010), p Busch, Ondernemingsrecht (2012b), p. 70. Zie ook hoofdstuk 2 en hoofdstuk 15 van deze bundel. 66 Cherednychenko (2010), p. 74; zie ook Cherednychenko (2009), p ; Vgl. ook De Serière (2011), p

17 Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer Eind 2012 heeft de Rechtbank Rotterdam aan het Europese Hof van Justitie de prejudiciële vraag voorgelegd of op een verzekeringsmaatschappij op grond van ongeschreven regels of open normen een verdergaande informatieverplichting kan rusten dan voorgeschreven door implementatie van de toepasselijke Europese Richtlijn. 67 Deze zaak betrof de informatievoorziening bij beleggingsverzekeringen, waarvoor op grond van de Derde Richtlijn Levensverzekeringen een geharmoniseerde regeling geldt. 68 Het is mogelijk dat het antwoord op die vraag ook zijn weerslag zal hebben op de zorgplicht bij beleggingsdiensten. 69 Ongeacht de vraag of de MiFID wel aanvullende zorgplichten naar nationaal recht toelaat, heeft de wetgever er bij de implementatie van de MiFID voor gekozen deze richtlijn strikt te implementeren en geen aanvullende zorgplichten in het Nederlands recht aan te nemen. Het uitgangspunt bij de omzetting van de MiFID in nationale wetgeving is dat totale harmonisatie is beoogd, tenzij de bewoordingen in de richtlijn of uitvoeringsrichtlijn uitdrukkelijk op het tegendeel wijzen. Reden om voor dit uitgangspunt te kiezen is het streven om de kosten van de regelgeving voor het bedrijfsleven zo laag mogelijk te doen zijn, onder meer om de concurrentiepositie van Nederland als vestigingsplaats van financiële ondernemingen te versterken. Waar van dit uitgangspunt is afgeweken is de beleidskeuze uitdrukkelijk voorgelegd aan belanghebbenden en wordt deze hieronder uitgebreid toegelicht. 70 In ieder geval geven de regels van de MiFID en de implementatie daarvan in de Wft en het Bgfo een belangrijke invulling van de civielrechtelijke zorgplicht. In hoeverre er plaats is voor een aanvullende zorgplicht naast de wettelijke regeling hangt mede af van de mate waarin de wettelijke regeling is uitgewerkt. Aangezien in de Wft en het Bgfo uitgebreid is vastgelegd welke informatie de beleggingsonderneming moet verstrekken en welke informatie over de cliënt zij moet inwinnen, is er naar mijn mening minder reden of ruimte voor een aanvulling van die informatie- en onderzoeksplichten uit hoofde van de bijzondere zorgplicht. Bovendien bevatten de Wft en het Bgfo ten aanzien van de informatievoorziening open normen, zodat ook binnen het wettelijk kader de nodige flexibiliteit 67 Rb Rotterdam 28 november 2012, LJN BY Thans opgenomen in art. 60 Bgfo. 69 Zie nader over de doorwerking van MiFID in het civiele aansprakelijkheidsrecht hoofdstuk 2 en hoofdstuk 15 van deze bundel. 70 MvT implementatiewet MiFID, Kamerstukken II 2006/07, 31086, nr. 3, p.4. Op p. 27 van de wordt toegelicht op welke twee punten sprake is van goldplating : dit betreft de verplichte aansluiting bij het KiFID en de verplichting bij advies (zonder orderuitvoering) een cliëntenovereenkomst op te stellen. 389

18 V.M. Neering blijft bestaan. Het is vooral bij de waarschuwingsplichten dat de Nederlandse jurisprudentie verder gaat dan de MiFID. 71 Ook verdient opmerking dat de MiFID en de Wft niet alle aspecten van de verhouding tussen de beleggingsonderneming en de cliënt reguleren. De MiFID noch de Wft stellen bijvoorbeeld inhoudelijke eisen aan het advies of aan de inrichting van de portefeuille bij vermogensbeheer. De Wft en MiFID stellen vooral procedurele vereisten aan de totstandkoming van het advies of het beheer, zoals de precontractuele informatie- en onderzoeksplicht, maar ten aanzien van de uiteindelijke selectie van de geadviseerde beleggingen of de inrichting van de portefeuille wordt niet meer vereist dan dat het advies of de wijze van het beheer mede is gebaseerd op de verplicht in te winnen informatie over de cliënt. De Wft en MiFID stellen bijvoorbeeld geen regels over de (on-) geschiktheid van opties voor een zeer defensieve portefeuille, of over de spreiding van de beleggingen. Zeker op die gebieden kan de norm van de redelijk handelend adviseur of vermogensbeheerder aanvullend civielrechtelijk worden ingevuld. Van een redelijk handelend en redelijk bekwaam vermogensbeheerder of adviseur mag immers niet alleen worden verwacht dat hij de wettelijk verplichte informatie verschaft en inwint, maar ook dat hij als een redelijk bekwaam beroepsbeoefenaar- een deugdelijk advies geeft of een deugdelijke portefeuille samenstelt. Dat betekent uiteraard niet dat hij garant moet staan voor een bepaald rendement of voor het behalen van de beleggingsdoelstelling, maar wel ervoor moet zorgen dat het advies of de beheerde portefeuille past bij het profiel van de cliënt, zodat voor zover mogelijk risico s worden vermeden die de cliënt niet wil of kan dragen Informatie- en waarschuwingsplicht Wettelijke informatieplicht Op grond van art. 4:20 Wft dient de beleggingsonderneming de cliënt informatie te verstrekken voor zover dit redelijkerwijs relevant is voor een adequate beoordeling van die dienst. Op grond van art. 4:19 Wft moet alle informatie die een beleggingsonderneming aan haar cliënt verstrekt 71 Vgl. HR 3 februari 2012, JOR 2012/116 m.nt. Van Baalen; AA (2012) 752 m.nt. Busch; Ondernemingsrecht 2012/64 m.nt. Ettema,(Rabobank Vaart en Vecht/X); HR 24 december 2010, NJ 2011, 251, m.nt. T.F.E. Tjong Tjin Tai; JOR 2011/54, m.nt. Pijls (Fortis Bank/Bourgonje). 390

19 Aansprakelijkheid bij execution only, advies en vermogensbeheer correct, duidelijk en niet misleidend zijn en mag de verstrekte informatie geen afbreuk doen aan de wettelijk verplichte informatie. De informatie die op grond van art. 4:20 Wft moet worden verstrekt is nader uitgewerkt in art. 58a t/m 58e en art. 59 Bgfo voor nietprofessionele cliënten en in art. 58f voor professionele cliënten. Tot de te verstrekken gegevens behoort onder meer een algemene beschrijving van de aard en risico s van financiële instrumenten, die gedetailleerd genoeg is om de niet-professionele belegger in staat te stellen een beleggingsbeslissing te nemen (art. 58c lid 1 Bgfo). Bij dienstverlening aan professionele beleggers moet de beschrijving gedetailleerd genoeg zijn om de professionele belegger in staat te stellen een beleggingsbeslissing te nemen. 72 De algemene beschrijving van de aard en risico s van de financiële instrumenten hoeft niet te worden afgestemd op de deskundigheid van de individuele cliënt, maar op de gemiddelde maatman-consument. 73 In zoverre verschilt deze wettelijke informatieplicht van de bijzondere zorgplicht ontwikkeld in het kader van de civielrechtelijke aansprakelijkheid, die juist wel afhankelijk is van de omstandigheden van het geval, waaronder met name de deskundigheid van de cliënt. 74 De bijzondere zorgplicht strekt er immers toe de particuliere belegger te beschermen tegen diens gebrek aan inzicht, zodat deze niet zo ver strekt dat de beleggingsonderneming de cliënt informeert over risico s die hij al kent. Art. 4:20 Wft biedt die nuance niet, al zal een vordering gebaseerd op het achterwege laten van reeds bekende informatie al snel stranden op het causaal verband. Art. 58c lid 2 Bgfo werkt nader uit welke informatie in de algemene beschrijving moet worden opgenomen. Het bepaalt dat de algemene omschrijving mede omvat de risico s die zijn verbonden aan het desbetreffende soort financiële instrument, een uitleg over een eventuele hefboomwerking en wanneer van toepassing, dat uit dergelijke transacties financiële verplichtingen of margeverplichtingen voortvloeien. Hoeveel informatie en tot in welk detail nu precies verstrekt moet worden, maakt het Bgfo met de algemene bewoordingen de risico s die zijn verbonden aan het desbetreffende soort financiële instrument niet duidelijk. Art. 58c lid 6 Bgfo lijkt wel een indicatie te geven. Met betrekking tot een participatie in een beleggingsinstelling wordt de essentiële beleggersinformatie (voorheen de financiële bijsluiter) in ieder geval als passende informatie aangemerkt. Voor andere 72 Art. 58a lid 1 sub c Bgfo jo. Art. 58c lid 1 Bgfo voor niet-professionele cliënten en art. 58f lid 1 Bgfo voor professionele cliënten. 73 Van Baalen (2011), p Aldus ook Busch, Ondernemingsrecht (2012b), p

20 V.M. Neering financiële instrumenten lijkt het aannemelijk dat informatie op een vergelijkbaar detailniveau voldoende is. De beleggingsonderneming hoeft niet ongevraagd prospectussen te verstrekken van de instrumenten die zij adviseert, maar wanneer een prospectus volgens de eisen van de Prospectusrichtlijn is opgesteld, moet zij in de algemene informatie aan nietprofessionele cliënten wél meedelen waar dit prospectus verkrijgbaar is. 75 Dat is in de regel op de website van de uitgevende instelling. 76 Art. 58c Bgfo maakt geen onderscheid tussen de verplichte precontractuele informatie bij execution-only, advies en vermogensbeheer. De informatie op grond van art. 4:20 Wft wordt aangemerkt als een precontractuele informatieplicht; zij moet worden verstrekt voorafgaand aan de dienstverlening. 77 Deze gegevens mogen in gestandaardiseerde vorm worden verstrekt. 78 Meestal gebeurt dat door in een bijlage bij de cliëntovereenkomst een algemene omschrijving te geven van voornaamste eigenschappen en risico s van de diverse soorten instrumenten waarin kan worden belegd, zoals aandelen, obligaties e.d. Uit art. 4:20 Wft volgt niet alleen dat bij het sluiten van de overeenkomst van effectendienstverlening informatie wordt verstrekt over de algemene risico s van de diverse soorten beleggingen, maar kan eveneens voortvloeien dat de beleggingsonderneming voorafgaand aan individuele adviezen of transacties tijdens de relatie aanvullende informatie verstrekt over het specifieke soort instrument dat wordt geadviseerd of waarin wordt gehandeld, welke informatie gedetailleerd genoeg is om over dat soort instrument een beleggingsbeslissing te nemen, voor zover die informatie niet reeds bij het aangaan van de relatie is verstrekt. Zo kan bijvoorbeeld in de algemene informatie bij het aangaan van de overeenkomst zijn opgenomen dat obligaties een kredietrisico kennen en bij het advies over een specifieke obligatie aanvullende informatie worden verstrekt over het bijzondere kredietrisico van een bepaalde soort obligatie, zoals perpetuele obligaties of achtergestelde obligaties. Ook kan bij de transactie zelf bijvoorbeeld inzicht worden gegeven in het specifieke kredietrisico van een bepaalde obligatie door het vermelden van de credit rating. 79 Uiteraard hoeft dergelijke informatie alleen verstrekt te worden voor zover die specifieke eigenschappen relevant zijn voor de beoordeling van de beleggingsdienst. Welke aanvullende informatie relevant is, dient 75 Art. 58 lid 3 Bgfo. 76 Verplichting ex art. 5:21 lid 3 onderdeel c Wft. 77 Art. 58a lid 1 Bgfo, met een uitzondering in lid Art. 4:20 lid 6 Wft. 79 Zie over de aansprakelijkheid van credit rating agencies hoofdstuk 24 van deze bundel. 392

Amsterdam, 3 juli 2015. Betreft: Reactie VV&A aan MinFin inzake MiFiD II. Geachte heer, mevrouw,

Amsterdam, 3 juli 2015. Betreft: Reactie VV&A aan MinFin inzake MiFiD II. Geachte heer, mevrouw, Amsterdam, 3 juli 2015 Betreft: Reactie VV&A aan MinFin inzake MiFiD II Geachte heer, mevrouw, Namens de Vereniging van Vermogensbeheerders & Adviseurs (hierna: VV&A ) willen wij graag van de gelegenheid

Nadere informatie

Toelichting Model Fiduciair Beheerovereenkomst

Toelichting Model Fiduciair Beheerovereenkomst Toelichting Model Fiduciair Beheerovereenkomst Deze toelichting is opgesteld door De Brauw Blackstone Westbroek N.V. in samenspraak met DUFAS. Het geeft een toelichting bij het model fiduciair beheerovereenkomst

Nadere informatie

Afsluiten rentederivaat met klant is altijd een beleggingsdienst

Afsluiten rentederivaat met klant is altijd een beleggingsdienst Rentederivaten beleggingsadvies zorgplicht Afsluiten rentederivaat met klant is altijd een beleggingsdienst Inleiding In navolging van de Engelse banken 1 is inmiddels wel met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid

Nadere informatie

Artikel. Zorgplichten bij financiële contracten: is er nog een wezenlijke rol voor het contractenrecht weggelegd? 1. Inleiding

Artikel. Zorgplichten bij financiële contracten: is er nog een wezenlijke rol voor het contractenrecht weggelegd? 1. Inleiding Artikel Zorgplichten bij financiële contracten: is er nog een wezenlijke rol voor het contractenrecht weggelegd? O.O. Cherednychenko* 1. Inleiding Contracteren gaat zich tegenwoordig steeds meer afspelen

Nadere informatie

Internetconsultatie Wet implementatie richtlijn markten voor financiële instrumenten. 6 juli 2015

Internetconsultatie Wet implementatie richtlijn markten voor financiële instrumenten. 6 juli 2015 Ministerie van Financiën Korte Voorhout 7 Postbus 20201 2500 EE Den Haag Internetconsultatie Wet implementatie richtlijn markten voor financiële instrumenten 6 juli 2015 Reactie van: VERENIGING VAN EFFECTENBEZITTERS

Nadere informatie

Beleid passende provisies. augustus 2013. Beleidsregels Beleid passende provisies

Beleid passende provisies. augustus 2013. Beleidsregels Beleid passende provisies Beleid passende provisies augustus 2013 Versie 2.0 Status: definitief intern 1 van 6 02-08-2013 Versiebeheer Wijzigingsgeschiedenis Datum Auteur Versie Omschrijving 02-08-2013 T.A. van der Kevie 2.0 Definitief

Nadere informatie

De MiFID en haar implementatie in de Nederlandse wetgeving

De MiFID en haar implementatie in de Nederlandse wetgeving Dit artikel uit is gepubliceerd door Boom Juridische uitgevers en is bestemd schap eming De MiFID en haar implementatie in de Nederlandse wetgeving Inleiding De richtlijn markten voor financiële instrumenten

Nadere informatie

EUROPESE RICHTLIJN BETREFFENDE MARKTEN VOOR FINANCIËLE INSTRUMENTEN (MIFID)

EUROPESE RICHTLIJN BETREFFENDE MARKTEN VOOR FINANCIËLE INSTRUMENTEN (MIFID) EUROPESE RICHTLIJN BETREFFENDE MARKTEN VOOR FINANCIËLE INSTRUMENTEN (MIFID) EEN BETERE BESCHERMING VAN DE BELEGGER INHOUD MEER TRANSPARANTIE VOOR BELEGGINGSDIENSTEN 3 DE VOORNAAMSTE THEMA S 4 VOORDELEN

Nadere informatie

J.A. van der Heide, wonende te Hoevelaken, hierna te noemen Consument,

J.A. van der Heide, wonende te Hoevelaken, hierna te noemen Consument, Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2013-169 d.d. 29 mei 2013 (mr. C.E. du Perron, voorzitter, H. Mik RA en R.H.G. Mijné, leden en mevrouw mr. I.M.M. Vermeer, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

Antwoord van minister Dijsselbloem (Financiën) (ontvangen 28 mei 2014)

Antwoord van minister Dijsselbloem (Financiën) (ontvangen 28 mei 2014) AH 2099 2014Z07113 Antwoord van minister Dijsselbloem (Financiën) (ontvangen 28 mei 2014) Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2013-2014, nr. 1927 1 Bent u bekend met het artikel Forse claims dreigen

Nadere informatie

DE ZORGPLICHT: VRIEND OF VIJAND? Mr Karel Frielink

DE ZORGPLICHT: VRIEND OF VIJAND? Mr Karel Frielink DE ZORGPLICHT: VRIEND OF VIJAND? Mr Karel Frielink Advocaat/partner Spigthoff Advocaten & Belastingadviseurs Lezing woensdag 4 december 2002 (RAI Congrescentrum) Actualiteitendag Gedragsregels en zorgplicht

Nadere informatie

Consumenteninformatie van de Autoriteit Financiële Markten. Loop geen onnodig risico. Verstandig beleggen

Consumenteninformatie van de Autoriteit Financiële Markten. Loop geen onnodig risico. Verstandig beleggen Consumenteninformatie van de Autoriteit Financiële Markten Loop geen onnodig risico Verstandig beleggen Voor wie is deze folder? Deze folder is voor iedereen die wil beleggen. In Nederland zijn er 1,5

Nadere informatie

de naamloze vennootschap ABN AMRO Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.

de naamloze vennootschap ABN AMRO Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2015-027 d.d. 20 januari 2015 (mr. J. Wortel, voorzitter, en G.J.P. Okkema en J.C. Buiter, leden en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

Datum 21 december 2015 Betreft Beantwoording Kamervragen van de leden Ronnes en Oskam (beiden CDA) over binaire opties

Datum 21 december 2015 Betreft Beantwoording Kamervragen van de leden Ronnes en Oskam (beiden CDA) over binaire opties > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Aandachtspunten voor vermogensbeheerders met een eigen aanbieder van beleggingsfondsen. Leidraad om marktpartijen richting en duidelijkheid te geven

Aandachtspunten voor vermogensbeheerders met een eigen aanbieder van beleggingsfondsen. Leidraad om marktpartijen richting en duidelijkheid te geven Aandachtspunten voor vermogensbeheerders met een eigen aanbieder van beleggingsfondsen Leidraad om marktpartijen richting en duidelijkheid te geven December 2015 Autoriteit Financiële Markten De AFM maakt

Nadere informatie

Verzekeringstussenpersoon en levensverzekering

Verzekeringstussenpersoon en levensverzekering Verzekeringstussenpersoon en levensverzekering mr. dr. Cees de Jong Verzekeringstussenpersoon en levensverzekering Wat komt er aan de orde? Ontwikkelingen op juridisch gebied Kenmerken van de huidige bedrijfsvoering

Nadere informatie

mr GJ. Brugman, advocaat 035/97.058 Behandelaar Onze ref.

mr GJ. Brugman, advocaat 035/97.058 Behandelaar Onze ref. UCX I fcî I 1 L 3 advocatei Parkstraat 107 2514 JH Den Haag Postbus 30457 2500 GL Den Haag Noordnederlands Effektenkantoor T.a.v. de heer E. Berkhoff Rokin 115 1012 KP AMSTERDAM T 070-3760606 F 070-365

Nadere informatie

OEFENEXAMEN INTEGRITEITSMODULE DSI FINANCIEEL ADVISEUR

OEFENEXAMEN INTEGRITEITSMODULE DSI FINANCIEEL ADVISEUR OEFENEXAMEN INTEGRITEITSMODULE DSI FINANCIEEL ADVISEUR NIBE-SVV 1. Op welke wijze is te zien of een financieel adviseur professioneel handelt? A. Hij opereert dan onbaatzuchtig en deskundig. B. Hij behaalt

Nadere informatie

MiFID voor kredietinstellingen Een introductie

MiFID voor kredietinstellingen Een introductie MiFID voor kredietinstellingen Een introductie NVB MiFID conferentie 24 november 2006 Els Deerenberg Agenda Doel MiFID Regels voor kredietinstellingen - organisatie - cliëntenclassificatie - gedragsregels

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 Aanhangsel van de Handelingen Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden 2099 Vragen van het lid

Nadere informatie

Bijgaand treft u de antwoorden aan op de vragen van het lid Nijboer (PvdA) over de handel in contracts for difference.

Bijgaand treft u de antwoorden aan op de vragen van het lid Nijboer (PvdA) over de handel in contracts for difference. > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA s-gravenhage Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Onder vernummering van artikel 86b tot 86e worden na artikel 86a drie artikelen ingevoegd, luidende:

Onder vernummering van artikel 86b tot 86e worden na artikel 86a drie artikelen ingevoegd, luidende: Onder vernummering van artikel 86b tot 86e worden na artikel 86a drie artikelen ingevoegd, luidende: Artikel 86b Artikelen 86c is uitsluitend van toepassing op overeenkomsten die zijn aangegaan op of na

Nadere informatie

Gaat u beleggen? Publieksfolder

Gaat u beleggen? Publieksfolder Gaat u beleggen? Publieksfolder Gaat u beleggen? U wilt meer weten over beleggen. Misschien belegt u al een tijdje in effecten, bijvoorbeeld in aandelen, obligaties of opties. Of misschien denkt u er over

Nadere informatie

de naamloze vennootschap Friesland Bank N.V., gevestigd te Leeuwaarden, hierna te noemen Aangeslotene.

de naamloze vennootschap Friesland Bank N.V., gevestigd te Leeuwaarden, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2014-245 d.d. 19 juni 2014 (prof.mr. M.L. Hendrikse, voorzitter, drs. L.B. Lauwaars RA en G.J.P. Okkema, leden en mevrouw mr. F. Faes, secretaris)

Nadere informatie

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 198 d.d. 12 augustus 2011 (mr. A.W.H. Vink, voorzitter)

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 198 d.d. 12 augustus 2011 (mr. A.W.H. Vink, voorzitter) Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 198 d.d. 12 augustus 2011 (mr. A.W.H. Vink, voorzitter) Samenvatting Hoewel de aard van de dienstverlening niet schriftelijk is vastgelegd,

Nadere informatie

Hebben goedgevonden en verstaan: ARTIKEL III. Het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft wordt als volgt gewijzigd:

Hebben goedgevonden en verstaan: ARTIKEL III. Het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft wordt als volgt gewijzigd: Besluit van tot wijziging van het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft, het Besluit markttoegang financiële ondernemingen Wft, het Besluit prudentiële regels Wft en enige andere besluiten

Nadere informatie

de Koning > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Directie Financiele Markten

de Koning > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Directie Financiele Markten > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag de Koning Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl Uw brief (kenmerk) Datum 24 september 2015 Betreft Nader rapport

Nadere informatie

De Minister van Financiën, Besluit: De Tijdelijke regeling invoering Wft wordt als volgt gewijzigd:

De Minister van Financiën, Besluit: De Tijdelijke regeling invoering Wft wordt als volgt gewijzigd: Directie Financiële Markten Datum Uw brief (Kenmerk) Ons kenmerk 15 augustus 2007 FM 2007-01901 M Onderwerp Regeling tot wijziging van de Tijdelijke regeling invoering Wft De Minister van Financiën, Gelet

Nadere informatie

Precontractuele informatieverplichtingen voor financiële dienstverleners

Precontractuele informatieverplichtingen voor financiële dienstverleners Precontractuele informatieverplichtingen voor financiële dienstverleners M r. K. L. T i e n s t r a e n m r. A. F. N. v a n d e L a a r * Inleiding Voor financiële dienstverleners gelden uitgebreide eisen

Nadere informatie

Algemene Informatie inzake beleggings-en bewaardiensten door ANT-Trust

Algemene Informatie inzake beleggings-en bewaardiensten door ANT-Trust Algemene Informatie inzake beleggings-en bewaardiensten door ANT-Trust Algemeen Hieronder volgt een beknopte weergave van relevante algemene informatie over de bewaardiensten die worden verleend door Stichting

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 34549 11 december 2013 Regeling van de Minister van Financiën van 4 december 2013, FM/2013/2124 M, directie Financiële

Nadere informatie

Algemene Informatie inzake Beleggingsdiensten

Algemene Informatie inzake Beleggingsdiensten Algemene Informatie inzake Beleggingsdiensten Algemeen Hieronder volgt een beknopte weergave van relevante algemene informatie over de beleggingsdiensten die worden verleend door Ostrica BV, hierna te

Nadere informatie

Sytsma c.s. / Van der Heiden. Hoge Raad 5 oktober 2012, Ondernemingsrecht 2013/22 noot: J.W.P.M. van der Velden i

Sytsma c.s. / Van der Heiden. Hoge Raad 5 oktober 2012, Ondernemingsrecht 2013/22 noot: J.W.P.M. van der Velden i Sytsma c.s. / Van der Heiden Hoge Raad 5 oktober 2012, Ondernemingsrecht 2013/22 noot: J.W.P.M. van der Velden i Onderscheid aanbieden effecten aan het publiek en effectenbemiddeling. Prospectusaansprakelijkheid.

Nadere informatie

(Tekst geldend op: 07-09-2011Voorstel wetswijziging September 2011) Wet op het financieel toezicht

(Tekst geldend op: 07-09-2011Voorstel wetswijziging September 2011) Wet op het financieel toezicht (Tekst geldend op: 07-09-2011Voorstel wetswijziging September 2011) Wet op het financieel toezicht Hoofdstuk 4.2. Regels voor het werkzaam zijn op de financiële markten betreffende alle financiële diensten

Nadere informatie

Beleggersgids. Waarom geeft de ESMA deze gids uit? Wat is de ESMA?

Beleggersgids. Waarom geeft de ESMA deze gids uit? Wat is de ESMA? 19 oktober 2012 Beleggersgids Wat is de ESMA? ESMA staat voor European Securities and Markets Authority (Europese Autoriteit voor effecten en markten) en is een in Parijs gevestigde onafhankelijke regelgevende

Nadere informatie

Informatieverstrekkingsverplichtingen

Informatieverstrekkingsverplichtingen Informatieverstrekkingsverplichtingen bij vermogensbeheer mr. W.M. Schonewille LL.M. MiF en mr. R.J. Watson * Inleiding In deze speciale uitgave over vermogensbeheer mag een bijdrage over informatieverstrekkingsverplichtingen

Nadere informatie

NOTITIE. 1. Juridische grondslag

NOTITIE. 1. Juridische grondslag NOTITIE Aan: Vereniging van Vermogensbeheerders & Commissionairs T.a.v.: Theo Andringa en Bart Tishauser Van: Frank t Hart Inzake: Verdienmodel vermogensbeheerders Datum: 14 september 2012 U heeft mij

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag

Nadere informatie

DIENSTENWIJZER / DIENSTVERLENINGSDOCUMENT Nationale Financiële Adviesgroep bv

DIENSTENWIJZER / DIENSTVERLENINGSDOCUMENT Nationale Financiële Adviesgroep bv DIENSTENWIJZER / DIENSTVERLENINGSDOCUMENT Nationale Financiële Adviesgroep bv Dit document wordt u aangeboden door Nationale Financiële Adviesgroep bv, gevestigd Laan op Zuid 196-198 te 3071 AA Rotterdam.

Nadere informatie

Beoogde Wft- en BGfo-wijzigingen

Beoogde Wft- en BGfo-wijzigingen Beoogde Wft- en BGfo-wijzigingen ACIS Seminar, 25.10.2011 mr. dr. Cees de Jong Welke wijzigingen zijn er op komst? Wijzigingswet financiële markten 2012 Wetsvoorstel (Kamerstukken II 2010/11, 32 781, nr.

Nadere informatie

Datum 24 april 2013 Betreft Beantwoording Kamervragen van het lid Dijkgraaf (SGP) over de column dat Deutsche Bank in strijd handelt met de zorgplicht

Datum 24 april 2013 Betreft Beantwoording Kamervragen van het lid Dijkgraaf (SGP) over de column dat Deutsche Bank in strijd handelt met de zorgplicht > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Dienstenwijzer van : ETC verzekeringen

Dienstenwijzer van : ETC verzekeringen Dienstenwijzer van : ETC verzekeringen A) Inleiding De wetgever hecht waarde aan goede voorlichting op het gebied van verzekeringen. Daarom is het wettelijk voorgeschreven aan welke punten een assurantiekantoor

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN INTERNETVERZEKEREN.NL

ALGEMENE VOORWAARDEN INTERNETVERZEKEREN.NL ALGEMENE VOORWAARDEN INTERNETVERZEKEREN.NL Deze algemene voorwaarden worden gehanteerd door Internetverzekeren.nl, Postbus 523, 9200 AM DRACHTEN (AFM nummer: 12042678 en KvK nummer: 51154560). Internetverzekeren.nl

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Procedure

Samenvatting. 1. Procedure Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 304 d.d. 8 november 2011 (mr. C.E. du Perron, voorzitter, prof. drs. A.D. Bac RA en de heer J.C. Buiter, leden en mr. E.E. Ribbers, secretaris)

Nadere informatie

Triodos Bank. Dit zijn onze voorwaarden voor Triodos Advies op Maat.

Triodos Bank. Dit zijn onze voorwaarden voor Triodos Advies op Maat. Triodos Bank. Dit zijn onze voorwaarden voor Triodos Advies op Maat. Vragen? Heeft u vragen over deze voorwaarden, neemt u dan telefonisch contact op met Triodos Bank Private Banking via 030 693 65 05.

Nadere informatie

Beleggingsinstelling: beleggingsinstelling als gedefinieerd in artikel 1:1 Wft

Beleggingsinstelling: beleggingsinstelling als gedefinieerd in artikel 1:1 Wft Registratiedocument Begrippenlijst In dit Registratiedocument hebben de met een hoofdletter geschreven woorden en afkortingen de hieronder genoemde betekenis. Waar enkelvoud wordt beschreven, kan ook meervoud

Nadere informatie

MiFID Een betere bescherming van uw vermogen

MiFID Een betere bescherming van uw vermogen MiFID Een betere bescherming van uw vermogen Inhoud MiFID, een betere bescherming van beleggers op Europees niveau............... 4 De verplichtingen van BIL tegenover haar cliënten-beleggers... 6 Classificatie

Nadere informatie

FORTIS INVESTMENTS ALGEMENE VOORWAARDEN INZAKE BELEGGINGSDIENSTEN

FORTIS INVESTMENTS ALGEMENE VOORWAARDEN INZAKE BELEGGINGSDIENSTEN Versie oktober 2007 FORTIS INVESTMENTS ALGEMENE VOORWAARDEN INZAKE BELEGGINGSDIENSTEN Fortis Investment Management Netherlands N.V. is statutair gevestigd te Utrecht en kantoorhoudend te 1101 BH Amsterdam

Nadere informatie

De Commissie beslist met inachtneming van haar reglement en op basis van de volgende stukken:

De Commissie beslist met inachtneming van haar reglement en op basis van de volgende stukken: Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2012-164 d.d. 25 mei 2012 (mr. J. Wortel, voorzitter, en drs. L.B. Lauwaars RA, en G.J.P. Okkema, leden, met mevrouw mr. I.M.M. Vermeer als

Nadere informatie

Dienstverleningsdocument Tekelenburg Financiële Planning

Dienstverleningsdocument Tekelenburg Financiële Planning Dienstverleningsdocument Tekelenburg Financiële Planning Dit document wordt u aangeboden door Tekelenburg Financiële Planning, Bruynssteeg 14A te Deventer. Wij willen ons graag aan u voorstellen en u informeren

Nadere informatie

No.W06.15.0231/III 's-gravenhage, 21 augustus 2015

No.W06.15.0231/III 's-gravenhage, 21 augustus 2015 ... No.W06.15.0231/III 's-gravenhage, 21 augustus 2015 Bij Kabinetsmissive van 9 juli 2015, no.2015001243, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Financiën, mede namens de Minister van

Nadere informatie

Wat is MiFID? Doelstellingen?

Wat is MiFID? Doelstellingen? 2 Voor een betere bescherming van de belegger Wat is MiFID? Doelstellingen? De Lissabon Agenda, in het leven geroepen door de Europese Commissie in 2000, bevat de ambitieuze doelstelling om tegen 2010

Nadere informatie

Europese Richtlijn betreffende Markten voor Financiële Instrumenten: MiFID

Europese Richtlijn betreffende Markten voor Financiële Instrumenten: MiFID Europese Richtlijn betreffende Markten voor Financiële Instrumenten: MiFID 1. Wat is MiFID? De Lissabon Agenda, in het leven geroepen door de Europese Commissie in 2000, bevat de ambitieuze doelstelling

Nadere informatie

Orderuitvoeringsbeleid

Orderuitvoeringsbeleid Orderuitvoeringsbeleid Algemeen Op grond van de Wet op het financieel toezicht ( Wft ) is BNG Vermogensbeheer B.V. (BNG Vermogensbeheer) verplicht om een beleid op te stellen waarin tot uitdrukking komt

Nadere informatie

De privaatrechtelijke zorgplicht van de verzekeringstussenpersoon

De privaatrechtelijke zorgplicht van de verzekeringstussenpersoon De privaatrechtelijke zorgplicht van de verzekeringstussenpersoon ACIS-Symposium, 16 maart 2012 mr. dr. Cees de Jong Wat komt er aan de orde? Wat doet een verzekeringstussenpersoon? Te beschermen belangen

Nadere informatie

ONTWIKKELING VAN (BIJZONDERE) ZORG- PLICHT IN FINANCIËLE DIENSTVERLENING

ONTWIKKELING VAN (BIJZONDERE) ZORG- PLICHT IN FINANCIËLE DIENSTVERLENING ONTWIKKELING VAN (BIJZONDERE) ZORG- PLICHT IN FINANCIËLE DIENSTVERLENING Mr. B.M.C. Stenden is advocaat bij Financieel Recht advocaten en behartigt de belangen van afnemers van financiële producten. In

Nadere informatie

de besloten vennootschap Paerel Vermogensbeheer B.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.

de besloten vennootschap Paerel Vermogensbeheer B.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2013-288 d.d. 16 oktober 2013 (prof.mr. M.L. Hendrikse, voorzitter, prof.drs. A.D. Bac RA en J.C. Buiter, leden en mevrouw mr. I.M.M. Vermeer,

Nadere informatie

De Commissie beslist met inachtneming van haar reglement en op basis van de volgende stukken:

De Commissie beslist met inachtneming van haar reglement en op basis van de volgende stukken: Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 232 d.d. 26 september 2011 (mr J. Wortel, voorzitter, prof. drs. A.D. Bac RA en G.J.P. Okkema leden) Samenvatting Daar er sprake is van een

Nadere informatie

ING Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.

ING Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2013-357 d.d. 9 december 2013 (prof.mr. M.L. Hendrikse, voorzitter, prof.mr. C.E. du Perron en J.C. Buiter, leden en mr. T.R.G. Leyh, secretaris)

Nadere informatie

1. Gegevensverstrekking bij melding bruto shortposities

1. Gegevensverstrekking bij melding bruto shortposities Ministerie van Financiën Directie Financiële Markten Postbus 20201 2500 EE Den Haag Den Haag, 1 mei 2013 Ref: B13.19 Betreft: Consultatiedocument Wijzigingsbesluit financiële markten 2014 Geachte heer/mevrouw,

Nadere informatie

Onderzoek kosten van beleggingsdienstverlening. Bevindingen en aanbevelingen

Onderzoek kosten van beleggingsdienstverlening. Bevindingen en aanbevelingen Onderzoek kosten van beleggingsdienstverlening Bevindingen en aanbevelingen Autoriteit Financiële Markten De AFM bevordert eerlijke en transparante financiële markten. Wij zijn de onafhankelijke gedragstoezichthouder

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA s-gravenhage

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA s-gravenhage > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA s-gravenhage Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

UWGELDONLINE DIENSTVERLENINGSDOCUMENT

UWGELDONLINE DIENSTVERLENINGSDOCUMENT UWGELDONLINE DIENSTVERLENINGSDOCUMENT - VERSIE DECEMBER 2011 - Introductie U overweegt een beroep te doen op de dienstverlening van ons kantoor. In deze brief leggen wij u graag uit hoe wij werken en hoe

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Procedure

Samenvatting. 1. Procedure Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2012-212 d.d. 18 juli 2012 (mr. C.E. du Perron, voorzitter, drs. L.B. Lauwaars RA en R.H.G. Mijné, leden en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

DoubleDividend Management B.V. Algemene voorwaarden vermogensadvies

DoubleDividend Management B.V. Algemene voorwaarden vermogensadvies DoubleDividend Management B.V. Algemene voorwaarden vermogensadvies Amsterdam, 8 oktober 2015 DoubleDividend Management B.V. Herengracht 252 1016 BV Amsterdam Tel: +31 20 520 7660 contact@doubledividend.nl

Nadere informatie

Rogstraat 6 5361 GR Grave

Rogstraat 6 5361 GR Grave DIENSTENWIJZER Dit document wordt u aangeboden door Sterke Hypotheekadviezen BV Rogstraat 6 5361 GR Grave Voordat u besluit om van onze dienstverlening gebruik te maken wilt u weten waar u aan toe bent

Nadere informatie

Coöperatieve Rabobank Land van Cuijk en Maasduinen, gevestigd te Boxmeer, hierna te noemen Aangeslotene.

Coöperatieve Rabobank Land van Cuijk en Maasduinen, gevestigd te Boxmeer, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2013-210 d.d. 5 juli 2013 (mr. J. Wortel, voorzitter, drs. L.B. Lauwaars RA en G.J.P. Okkema, leden, en mr. T.R.G. Leyh, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

8 De bijzondere zorgplicht van de financiële dienstverlener

8 De bijzondere zorgplicht van de financiële dienstverlener 8 De bijzondere zorgplicht van de financiële dienstverlener Mr. drs. A.C.W. Pijls 1 Inleiding In de hedendaagse samenleving zijn consumenten in toenemende mate aangewezen op de dienstverlening van financiële

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 259 4 januari 2012 Regeling vaststelling bedragen 2012 ex artikelen 2 en 3 Besluit bekostiging financieel toezicht 23

Nadere informatie

De bijzondere zorgplicht van de bank als beleggingsadviseur

De bijzondere zorgplicht van de bank als beleggingsadviseur 752 Ars Aequi oktober 2012 annotatie Annotatie arsaequi.nl/maandblad AA20120752 De bijzondere zorgplicht van de bank als beleggingsadviseur Prof.mr. D. Busch HR 3 februari 2012, LJN: BU4914 (Coöperatieve

Nadere informatie

Vermogensbeheerder institutioneel Ken uw cliënt

Vermogensbeheerder institutioneel Ken uw cliënt Vermogensbeheerder institutioneel Ken uw cliënt Beschrijving Met de invoering van de MiFID veranderen ook de eisen die aan financiële instellingen worden gesteld. Instellingen moeten aan deze eisen voldoen

Nadere informatie

DIENSTVERLENINGSDOCUMENT

DIENSTVERLENINGSDOCUMENT DIENSTVERLENINGSDOCUMENT Geldersch Pakhuys Bedrijfsassurantiën, Pensioenen en Hypotheken www.gelderschpakhuys.nl versie mei 2012 1 Dienstverleningsdocument Geldersch Pakhuys Bedrijfsassurantiën hecht aan

Nadere informatie

Track Record Financieel toezicht

Track Record Financieel toezicht Financieel Toezicht Financieel Toezicht Met de inwerkingtreding van de Wet Financiële Dienstverlening in 2006 en de Wet op het Financieel Toezicht ( Wft ) in 2007 zijn de afzonderlijke, sectorale financiële

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Procedure

Samenvatting. 1. Procedure Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 237 5 oktober 2011 (mr. J. Wortel, voorzitter, de heren G.J.P. Okkema en H. Mik RA, leden en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris) Samenvatting Advies

Nadere informatie

Provisieregels "De klant centraal"

Provisieregels De klant centraal INVESTMENT MANAGEMENT GROUP JANUARI 2012 Provisieregels "De klant centraal" De wijze van beloning van tussenpersonen die betrokken zijn bij de distributie van financiële producten wordt zowel door de Europese

Nadere informatie

Vijf veranderingen per 1 januari 2013

Vijf veranderingen per 1 januari 2013 Advies over financiële producten? December 2012 Vijf veranderingen per 1 januari 2013 U overweegt een financieel product aan te schaffen en daarover advies in te winnen? Dan gaan er bij de advisering van

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Procedure

Samenvatting. 1. Procedure Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 305 d.d. 26 oktober 2011 (mr. J. Wortel, voorzitter, de heren G.J.P. Okkema en H. Mik RA, leden en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

de coöperatie Coöperatieve Rabobank Vlietstreek-Zoetermeer U.A., gevestigd te Zoetermeer, hierna te noemen Rabobank Vlietstreek, en

de coöperatie Coöperatieve Rabobank Vlietstreek-Zoetermeer U.A., gevestigd te Zoetermeer, hierna te noemen Rabobank Vlietstreek, en Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening GC-15-049.d.d 13 februari 2015 (mr. C.E. du Perron, voorzitter, en prof. dr. A. Buijs en mr. drs. R. Knopper, leden en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris)

Nadere informatie

DIENSTVERLENINGSDOCUMENT

DIENSTVERLENINGSDOCUMENT DIENSTVERLENINGSDOCUMENT Het dienstverleningsdocument U heeft als onze (potentiele) relatie recht op een gedegen, onafhankelijk en duidelijk advies alsmede een goede begeleiding. En dat is ook precies

Nadere informatie

Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995

Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995 (Tekst geldend op: 13-01-2004) Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995 De Minister van Financiën; Gelet op de artikelen 4, eerste lid, 5, tweede lid, 10, eerste lid, en 22, vijfde lid,

Nadere informatie

de naamloze vennootschap F. van Lanschot Bankiers N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.

de naamloze vennootschap F. van Lanschot Bankiers N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2015-075 d.d. 9 maart 2015 (mr. J. Wortel, voorzitter, J.C. Buiter en G.J.P. Okkema, leden en mr. S. van der Hoorn, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

Dienstenwijzer en Dienstverleningsdocument Your Financials Heerenveen

Dienstenwijzer en Dienstverleningsdocument Your Financials Heerenveen Dienstenwijzer en Dienstverleningsdocument Your Financials Heerenveen Your Financials Heerenveen Bezoekadres : Businesspark Friesland West 27A, 8447 SL Heerenveen Postadres : Businesspark Friesland West

Nadere informatie

Dit document wordt u aangeboden door Acturance Financiële Diensten, Kamille 29, 8607 DE te Sneek.

Dit document wordt u aangeboden door Acturance Financiële Diensten, Kamille 29, 8607 DE te Sneek. DIENSTENWIJZER / DIENSTVERLENINGSDOCUMENT Dit document wordt u aangeboden door Acturance Financiële Diensten, Kamille 29, 8607 DE te Sneek. Wij willen ons graag aan u voorstellen en u informeren over onze

Nadere informatie

MiFID II: De stand van zaken 1

MiFID II: De stand van zaken 1 MiFID II: De stand van zaken 1 Mr. L.J. Silverentand en mr. J.M. Sprecher 2 1 Inleiding Sinds november 2007 zijn de regels voor beleggingsdienstverlening uit de Markets in Financial Instruments Directive

Nadere informatie

Dienstverleningsdocument (DVD)

Dienstverleningsdocument (DVD) Well Insured B.V. 2593 AG Den Haag T. 070 362 74 37 F. 070 362 84 32 Dienstverleningsdocument (DVD) Ons kantoor hecht aan een goede voorlichting op het gebied van financiële dienstverlening. Conform de

Nadere informatie

1:1 definities aanbieden, onderdeel a 1, onderdeel a, 2, lid 1 + 2, onderdelen e + f, 6 en 7 Wfd en 8 Vrijstellingsregeling Wfd

1:1 definities aanbieden, onderdeel a 1, onderdeel a, 2, lid 1 + 2, onderdelen e + f, 6 en 7 Wfd en 8 Vrijstellingsregeling Wfd Bijlage I Transponeringstabel Wet financieel toezicht - Wet financiële dienstverlening Wft Wfd 1:1 definities aanbieden, onderdeel a 1, onderdeel a, 2, lid 1 + 2, onderdelen e + f, 6 en 7 Wfd en 8 aanbieden,

Nadere informatie

MiFID II: a piece of cake? 19 maart 2015

MiFID II: a piece of cake? 19 maart 2015 MiFID Roundtable 2015 MiFID II: a piece of cake? Randy Pattiselanno, Reinier Schipper, Bastiaan Bloemink 19 maart 2015 Agenda 1. Introductie aanwezigen 2. Structuur MiFID I en II 3. Tijdlijnen en implementatie

Nadere informatie

MiFID. MiFID, de harmonisering van de financiële en kapitaalmarkten. tijd nemen om te bouwen

MiFID. MiFID, de harmonisering van de financiële en kapitaalmarkten. tijd nemen om te bouwen MiFID ifid MiFID, de harmonisering van de financiële en kapitaalmarkten tijd nemen om te bouwen MiFID of Markets in Financial Instruments Directive is een geheel van Europese rechtsregels die onder andere

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Procedure

Samenvatting. 1. Procedure Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2012-84 d.d. 14 maart 2012 (mr. J. Wortel, voorzitter, de heren R.H.G. Mijné en drs. L.B. Lauwaars RA, leden en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris)

Nadere informatie

de naamloze vennootschap Binck Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.

de naamloze vennootschap Binck Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2013-280 d.d. 24 september 2013 (prof. mr. M.L. Hendrikse, voorzitter, prof.drs. A.D. Bac RA, J.C. Buiter leden, en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris)

Nadere informatie

NOTA VAN WIJZIGING. Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

NOTA VAN WIJZIGING. Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd: 32 622 Wijziging van de Wet op het financieel toezicht en het Burgerlijk Wetboek ter implementatie van richtlijn nr. 2009/65/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 13 juli 2009

Nadere informatie

Wet financieel toezicht

Wet financieel toezicht Wet financieel toezicht Bijlage 2 Transponeringstabellen 1 2 3 Verwerkte publicaties Staatsblad Kamerstuk Naam nrs. 2006, nr. 475 29.708 Wet op het financieel toezicht 2006, nr. 605 30.658 Invoerings-

Nadere informatie

De Nadere regeling gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft wordt als volgt gewijzigd:

De Nadere regeling gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft wordt als volgt gewijzigd: CONSULTATIEVERSIE Besluit van ( datum), houdende wijziging van de Nadere regeling gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft van 15 november 2006 in verband met regels met betrekking tot de bescherming

Nadere informatie

Uitspraak Commissie van Beroep

Uitspraak Commissie van Beroep Uitspraak Commissie van Beroep Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 40 d.d. 22 februari 2010 (mr. J. Wortel, voorzitter, en de heren H. Mik RA en R.H.G. Mijné) Samenvatting Adviesrelatie.

Nadere informatie

1. Procedure. 2. Feiten. De Commissie gaat uit van de volgende feiten.

1. Procedure. 2. Feiten. De Commissie gaat uit van de volgende feiten. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 159 d.d. 23 augustus 2010 (mr. V. van den Brink, voorzitter, en de heren R.H.G. Mijné en H. Mik RA) 1. Procedure De Commissie beslist met inachtneming

Nadere informatie

Voorwaarden debet effecten DEGIRO

Voorwaarden debet effecten DEGIRO Voorwaarden debet effecten DEGIRO Inhoud Artikel 1. Definities... 3 Artikel 2. Contractuele relatie... 3 Artikel 3. Debet effecten... 4 Artikel 4. Execution only... 4 Artikel 5. Orders... 5 Artikel 6.

Nadere informatie

de naamloze vennootschap ABN AMRO Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.

de naamloze vennootschap ABN AMRO Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2013-335 d.d. 11 november 2013 (mr. M.L. Hendrikse, voorzitter, mr. C.E. du Perron en J.C. Buiter, leden en mevrouw mr. I.M.M. Vermeer, secretaris)

Nadere informatie

Slim Vermogensbeheer B.V. Slimmer Vermogensbeheerovereenkomst

Slim Vermogensbeheer B.V. Slimmer Vermogensbeheerovereenkomst Slim Vermogensbeheer B.V. Slimmer Vermogensbeheerovereenkomst DE ONDERGETEKENDEN: Deelnemer Na(a)m(en): Adres: Postcode en plaats: Land: Nederland hierna te noemen "Cliënt"; en 2. Slim Vermogensbeheer

Nadere informatie

DIENSTVERLENINGSDOCUMENT

DIENSTVERLENINGSDOCUMENT DIENSTVERLENINGSDOCUMENT Geldersch Pakhuys Bedrijfsassurantiën, Pensioenen en Hypotheken www.gelderschpakhuys.nl versie januari 2013 1 Dienstverleningsdocument Geldersch Pakhuys Bedrijfsassurantiën hecht

Nadere informatie