REGIOPLAN GOEDLEVEN.NL VAN DENKEN NAAR DOEN!

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "REGIOPLAN GOEDLEVEN.NL 2013-2022 VAN DENKEN NAAR DOEN!"

Transcriptie

1 REGIOPLAN GOEDLEVEN.NL VAN DENKEN NAAR DOEN!

2 COLOFON DIT REGIOPLAN GOEDLEVEN.NL IS OPGESTELD EN UITGEGEVEN DOOR DE BETROKKEN BESTUURDERS, HUN PROFESSIONALS EN OVERIGE MEDEWERKERS, WERKZAAM VOOR EN IN DE ZORG IN ZEEUWS-VLAANDEREN. HET REGIOPLAN GOEDLEVEN.NL IS OPGESTELD IN DE PERIODE AUGUSTUS TOT EN MET NOVEMBER 2012 HET REGIOPLAN GOEDLEVEN.NL IS VASTGESTELD DOOR DE STUURGROEP IN SAMENWERKING MET DE REGIEGROEP SAMEN ZORGEN VOOR ZEEUWS- VLAANDEREN OP 12 DECEMBER KWARTIERTMAKERS EN REDACTIE: HANS DE GOEIJ EN FRANS VERSTEEGEN, OUDE GRACHT GROEP BV, AMSTERDAM/WATERINGEN CORRESPONDENTIEADRES: INDIEN MEN MEENT DAT WIJ AUTEURSRECHTEN HEBBEN GESCHONDEN, DAN WEL DAT MEN ZICH TEKORT GEDAAN VOELT DOOR CITERING ZONDER EXPLICIETE(RE) BRONVERMELDING, DAN KAN BELANGHEBBENDE ZICH WENDEN TOT DE KWARTIERMAKERS OF DE PROGRAMMALEIDER WERKPLAN 2.0. CITEREN MET BRONVERMELDING EN VERMENIGVULDIGEN IN EIGEN BEHEER, WORDT UITDRUKKELIJK OP PRIJS GESTELD Inhoud

3 REGIOPLAN GOEDLEVEN.NL VAN DENKEN NAAR DOEN! ZEEUWS-VLAANDEREN HULST, SLUIS, TERNEUZEN, JANUARI Inhoud

4

5 INHOUD Inhoud... 1 Samenvatting Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen aanleiding en initiatief Noodzaak van samenwerken en co-makership Zorgen, ontzorgen en kansen Het gebruik van het regioplan: soms samen, soms alleen Opstellen regioplan in Ronde Tafel bijeenkomst en Initiatiefgroep Leeswijzer Doorloop in de tijd bij opstellen regioplan Eerste terugkoppeling in de achterban Samenstelling en status regioplan Eigen visie, eigen werkplan en eigen teksten Doel van deze regiovisie Disclaimer Oproep aan de lezer Van analyse naar noodzaak gezamenlijke visie Waarom een regioplan voor Zeeuws-Vlaanderen De kracht van Zeeuws-Vlaanderen als bron Aantal inwoners in de komende jaren Demografie in samenhang met sociaal economische gevolgen Beschouwing bevolkingskrimp en levensverwachting Afgegrensd gebied Beschikbaarheid basis zorgvoorzieningen Scheve populatie opbouw en beroepsbevolking Levensverwachting, gezonde levensjaren en ziektelast Zorg per cliënt intensiever; en we worden steeds ouder Moeilijk te vervullen vacatures in zorg Van noodzaak tot ijkpunten Urgentie Samen accommoderen van vraag en aanbod Ontzorgen, de burger meer aan het eigen stuur Complexere sturingsvragen en nieuwe competenties Leren van anderen Aanspreken en aangesproken worden Betekenisvolle stappen zetten en bieden van comfort aan elkaar Een makkelijke weg is het niet Hanteren van ijkpunten De 11 ijkpunten ziekte en zorg, gedrag en gezondheid, mens en maatschappij Samenwerking, co-creatie en co-makership De wederkerigheid van de cliënt en patiënt Inhoud

6 5.4 Werken met het frailty principe tot meer maatwerk Compressie van morbiditeit: omvangrijkste ziektelast het eerst De uitkomsten van de zorg en gezondheidswinst zijn bovengeschikt Financiering niet enkel richten op behandelen en verrichtingen Beheersbare kostenontwikkeling Beter presteren, betere service, sluitend netwerk Aantrekkelijke werk- woon- en zorgomgeving De formele Ondersteuningsopdracht en Zorgplicht Van opmaat naar doelstellingen De opmaat Eigen regie van de burger Snelle transitie van ZZ naar GG in MM context Uitkomst en resultaat van de zorg gelden Via denken naar doen, betekenisvolle stappen zetten De bovenliggende doelstelling van het regioplan De 8 doelstellingen Werkplan Intentieverklaring Programma en projecten Programma structuur Stuurgroep Regiegroep Werkgroepen Programmaleiding Programmasecretariaat Van denken naar doen Randvoorwaarden voor de projecten Effectmeting programma en projecten Tijdpad Communicatie Financiering Bijlagen Samenstelling initiatief-, visie-, regie- en werkgroepen Overzicht ontwikkeling bevolkingsaantallen Percentage 65 jarigen en ouder Ziekten in Nederland met veel verloren levensjaren De groene, grijze en demografische druk Het prevent-model Intentieverklaring Eindnoten Inhoud

7 SAMENVATTING De gezondheidzorg in Zeeuws-Vlaanderen is anno 2013 over het algemeen goed te noemen. Maar met de blik naar de komende jaren laat de bevolkingskrimp zich in deze regio nu al gelden. Er is sprake van een sterk ingezette vergrijzing en tegelijkertijd is er ook sprake van een sterke ontgroening van de bevolkingsopbouw. Dat uit zich onder meer in het niet kunnen vervullen van alle vacatures in de zorg. Bij ongewijzigd beleid wordt de kwaliteit, de beschikbaarheid en de bereikbaarheid naast de betaalbaarheid, sneller dan elders in Nederland, bedreigd. Onder de publieke, zorg-, welzijns- en patiëntenorganisaties in Zeeuws-Vlaanderen ontstond een steeds breder gevoelde urgentie om de continuïteit van de gezondheidszorg en de maatschappelijke ondersteuning te waarborgen respectievelijk de werkwijzen in de regio aan te passen op de onafwendbare ontwikkelingen. Dat heeft geresulteerd in enkele verkennende bijeenkomsten begin 2012 waarna een initiatiefgroep het gezamenlijk opstellen van het voorliggende regioplan GoedLeven.NL medio 2012 op de agenda heeft gezet. Vervolgens is concreet overlegd hoe en wat in het regioplan moest komen te staan, waar we elkaars visie delen en wat ons te doen staat en hoe we dat gaan aanpakken. In december 2012 werden deze gesprekken afgerond en werd dit plan vastgesteld. De gesprekspartners die het regioplan hebben op- en vastgesteld, zien en delen, met elkaar de toenemende spanning tussen de aard en omvang van de vraag naar zorg en de beschikbaarheid ervan enerzijds en anderzijds de financiering van dat alles. ` Men onderkent dat het aanbod aan maatschappelijke ondersteuning en zorgvoorzieningen die vraag de komende jaren steeds minder goed kan bijbenen. Nationaal bezien wordt dit ook steeds vaker als aanstaand probleem geagendeerd, onderkend en besproken. Dat vraagt ook om ingrijpende paradigmashift bij het articuleren wat die zorgvraag wel én niet meer kan zijn, afgezet tegen de beschikbaarheid, bereikbaarheid en kwaliteit. Maar door de specifieke demografische ontwikkelingen in Zeeuws- Vlaanderen doet zich hier dit vraagstuk in versterkte mate nu al voor; niet straks, maar nu al. Voor het regioplan zijn 11 ijkpunten vastgesteld. Dit zijn elementen die in de visie passen en die wij met elkaar delen als wezenlijke principes in de inrichting van de gezondheidszorg in de komende jaren in Zeeuws-Vlaanderen. De ijkpunten zijn: 1. Van ziekte en zorg naar gedrag en gezondheid en mens en maatschappij. De eigen verantwoordelijkheid van de burger staat de komende jaren primair in de gezondheidszorg en welzijnszorg in de regio voorop. Het zoveel mogelijk afschalen van een zorgvraag naar een -3- Samenvatting

8 voorliggende voorziening of zelfzorg is daarbij een vereiste. Daarbij willen aanbieders en financiers van zorg zich inzetten om de focus te leggen op de eigen verantwoordelijkheid, de eigen mogelijkheden van de zorgvrager, en daarbij de eigen regie van de burger en cliënt te faciliteren. Cliëntenorganisaties, aanbieders van zorg en ondersteuning, en financiers (gemeenten en zorgverzekeraars) bevorderen sterk die ontwikkeling en cultuurverandering. Die ontwikkeling duiden wij als de beweging: van ziekte en zorg, naar gedrag en gezondheid, in een menselijke en de maatschappelijke context. 2. Het intensiveren van samenwerking tussen maatschappelijke ondersteuning en gezondheidszorg is noodzakelijk. Samenwerking waarbij ontschotting tussen domeinen van zorg en ondersteuning is het uitgangspunt. Samenwerking die proactief anticipeert op de gestage bevolkingskrimp in de komende decennia. Samenwerking waarbij begrippen als co-makership en co-creatie past. 3. De wederkerigheid van de cliënt en patiënt centraler stellen. De wederkerigheid van de cliënt en patiënt onderling en naar de hulpverleners en zorgverleners vice versa is extra punt van aandacht waarop door en met zorggebruikers én professionals in de zorg gestuurd kan worden. Het is een eenvoudig, puur en eerlijk principe. Geven, om op een ander moment te kunnen ontvangen, is daarbij een van de achtergronden. 4. Werken met het frailty principe t.b.v. meer maatwerk. De bredere verspreiding van de gedachtenvorming en werkwijze rond de frailty (individuele kwetsbaarheidsfactor), wordt voorgestaan. Dan wordt het mogelijk gemaakt om te ontzorgen waar het kan, maar ook maatwerk te leveren waar gepast en nodig. Maar ook om zich vroegtijdiger weerbaarder te maken als toekomstig zorggebruiker op wat later te wachten staat. 5. Compressie van morbiditeit: omvangrijkste ziektelast het eerst. De compressie van de morbiditeit, in het bijzonder in de jaren aan het einde van het leven is een krachtig uitgangspunt om meer aan de voorkant van preventie, en erop tijd bij zijn, te gaan zitten; in plaats van alleen te focussen op de achterkant van het zorgproces als care en langdurige zorg onomkeerbaar zijn geworden. Deze compressie geeft mogelijkheden de morbiditeit in ernst en omvang te reduceren of een tijd uit te stellen, waardoor druk op het intensieve en specialistische cure en care systeem wordt ontlast of wachttijden worden gereduceerd. 6. De uitkomsten van de zorg en gezondheidswinst zijn bovengeschikt. De uitkomsten van de zorg in termen van gezondheidswinst zijn bovengeschikt aan procedures, de inrichting van de maatschappelijke ondersteuning en gezondheidszorg en institutionele belangen. Maar ook aan financieringsarrangementen en vergoedingen voor geleverde zorg. Het aanbieden en inkopen van het zorgaanbod moet daarom veel meer afgemeten worden aan de uitkomsten van zorg én de bereikte gezondheidswinst. Hierbij zullen innovatievere, snellere, doelmatigere, kostenbesparende en minder arbeidsintensieve ondersteuning en medische technologie, gelet op de urgentie in Zeeuws-Vlaanderen, meteen meegenomen en toegepast moeten worden. 7. Financiering niet enkel richten op behandelen en verrichtingen. Niet alleen behandelingen moeten vergoed worden maar ook inspanningen om behandelingen van alternatieven te voorzien, uit te stellen of zelfs te -4- Samenvatting

9 voorkomen. Dat wordt ook wel soms het kijk- en luistergeld in de zorg genoemd. Dat vraagt om een andere, en soms ook meer, inspanning aan beide zijden van het proces bij de zorginkoop. Dat vraagt ook om meer kennis over de klant, de markt en doelmatige bedrijfsvoering in ketens en netwerken. Het vraagt ook om verschuiving in de oriëntatie op de uitkomsten van het zorg- en ondersteuningsproces en te bereiken gezondheidswinst. 8. Beheersbare kostenontwikkeling. Het beheersbaar houden van de kostenontwikkeling in de gezondheidszorg is een maatschappelijke opdracht voor alle aanbieders, zorggebruikers, verzekeraars en financiers. 9. Beter presteren, betere service, sluitend netwerk. De toekomstbestendigheid van de voorzieningen in Zeeuws-Vlaanderen is in een viertal elementen te duiden: a. een sluitend netwerk van voorzieningen, b. beter presteren en betere service t.b.v. behoud van basiszorg voorzieningen, c. blijvend vernieuwen van de zorg door innovaties die intern ook gedreven en aangejaagd worden, d. onnodige stappen, procedures en zorg wegsnijden in het belang van een betere uitkomst van die zorg. 10. Aantrekkelijke werk-, woon- en zorgomgeving. Het faciliteren dat voldoende zorgprofessionals de verhuizing naar Zeeuws-Vlaanderen zullen inzetten om daar te wonen en te werken en zich daar ook maatschappelijk te binden is een uitgangspunt dat werkgevers zich moeten aantrekken en daarop verder moeten acteren. Daardoor wordt tijdiger voldaan aan een deel van de vervangingsvraag van zorgprofessionals en werkers in de maatschappelijke ondersteuning. 11. De formele ondersteuningsopdracht en zorgplicht. Naast de bovenstaande 10 ijkpunten blijft ook de formele zorgplicht resp. opdracht tot ondersteuning onaangetast. Het is de bedoeling de zorg in Zeeuws-Vlaanderen in de toekomst samen met gebruikers, aanbieders, professionals en de financiers vorm en inhoud te geven waarbij kansen en bedreigingen worden gemanaged. Dit regioplan is daarbij behulpzaam. Langs de analyse in het voorliggende regioplan GoedLeven.NL en de beschreven ijkpunten zijn kaders geformuleerd voor 8 doelstellingen, die, na verdere detaillering en uitwerking in de eerste twee kwartalen van 2013, gemeten kunnen worden en waarop gestuurd zal gaan worden. Samen resultaten boeken in de regio is het adagium van het programma dat in het regioplan is beschreven. De resultaten worden meetbaar gemaakt door het vooraf afspreken van concrete doelstellingen ingedeeld naar de volgende 4 onderwerpen: 1. Gezondheidswinst van de bevolking (5 doelstellingen) 2. Zelfredzaamheid van de bevolking (1 doelstelling) 3. Kostenbeheersing van de gezondheidszorg (1 doelstelling) 4. Toegankelijkheid van goede zorg (1 doelstelling). -5- Samenvatting

10 Deze 8 doelstellingen worden in het programma in de volgende vier thema s uitgewerkt: 1. Gezond blijven: preventie van risicogedrag in het kader van eigen verantwoordelijkheid nemen voor gezondheid. 2. Zelf blijven doen: optimale ondersteuning van kwetsbare groepen met eigen regie en eigen omgeving als uitgangspunt. 3. Behandelen: op medische indicatie doelmatig, effectief, klantgericht en veilig behandelen. 4. Geen verspilling van middelen: doelmatigheid in het totale proces rond medicatie, hulpmiddelen en diensten zoals vervoer. In het regioplan GoedLeven.NL zijn al voorbeelden gegeven van te starten projecten ter uitwerking van de 8 doelstellingen en de 4 thema s. Om deze analyse, ijkpunten en doelstellingen adequaat op korte termijn om te zetten in concrete activiteiten is een intentieverklaring opgesteld. Partijen werkzaam in of voor Zeeuws-Vlaanderen kunnen begin 2013 deze als initiatiefnemer of participant ondertekenen. Zij zijn dan actief betrokken bij het organiseren van het draagvlak resp. in de uitwerking van de plannen in het programma GoedLeven.NL. Het programma wordt ingericht om de complexe veranderingen die op stapel staan te regisseren. Niet alles tegelijk, maar wel standvastig en met tempo. De urgentie is hoog. Binnen het programma lopen verschillende projecten, die ieder voor zich bijdragen aan de geformuleerde 8 doelstellingen. In het programma treedt als opdrachtgever van de projecten een stuurgroep op. Deze stuurgroep zal al in de loop van het eerste kwartaal van 2013 starten om het bovenstaande van denken naar doen te brengen. Een programmamanager zorgt voor de uitvoering van het programma en stuurt de diverse onderdelen aan. De programmastructuur en de rol van stuurgroep, regiegroep en werkgroepen is in het voorliggende regioplan uitgewerkt. Het is de bedoeling een werkplan 2.0 te formuleren voor 1 juli 2013, dat uiterlijk vanaf zomer 2013 in uitvoering komt. Hulst, Sluis, Terneuzen 10 januari Samenvatting

11 1 HET REGIOPLAN ZEEUWS-VLAANDEREN 1.1 AANLEIDING EN INITIATIEF Begin 2012 spreken Nucleus Zorg, CZ en ZorgSaam elkaar over de toekomst van de gezondheidszorg in de regio Zeeuws-Vlaanderen. Ook Klaverblad Zeeland bespreekt begin 2012 die toekomst in haar eigen periodieke overleg met de grootste Zorgverzekeraar in Zeeuws-Vlaanderen. Klaverblad Zeeland is het samenwerkingsverband van provinciale organisaties die opkomen voor de belangen van gebruikers van zorg- en dienstverlening in Zeeland en hun mantelzorgers. Nucleus Zorg is de organisatie van huisartsen in Zeeuws-Vlaanderen, CZ is de marktleider Zorgverzekeraar daar. ZorgSaam kent binnen haar organisatie het Ziekenhuis, de Ambulancezorg, de Thuiszorg en Verpleging en Verzorging. In oktober 2012 houdt CZ een presentatie voor een vertegenwoordiging van de colleges van B en W van de drie Zeeuws-Vlaamse gemeenten en hun ambtelijke adviseurs. De focus in 2012 in deze gesprekken ligt op het delen van een visie over de nabije toekomst van de zorg in de regio. Onderwerpen zijn de preventie, de gezondheidszorg in Zeeuws-Vlaanderen in de komende 10 tot 20 jaar. Ook is de verwevenheid met andere terreinen aan de orde, zoals de maatschappelijke ondersteuning en de huisvesting van o.a. ouderen. Speciaal gaat het om het instandhouden en aanpassen van die zorg, preventie en maatschappelijke ondersteuning. Dat dan weer naar aanleiding van de toekomstige ontwikkelingen en de focus op de leefbaarheid in Zeeuws-Vlaanderen. Toekomstige veranderingen door autonome ontwikkelingen binnen en buiten de gezondheidszorg en ook bij de maatschappelijke ondersteuning. Uiteindelijk komt de focus meer te liggen op de resultaten van de zorg in deze inwoners omvattende regio. Het gaat om veiligheid, bereikbaarheid en beschikbaarheid van goede kwalitatieve voorzieningen. Maar ook om de verschuiving naar de eigen regie en eigen verantwoordelijkheid voor de eigen gezondheid van de inwoners. En tenslotte om het resultaat van eigen regie en zorg gemeten in termen van gezondheidswinst. In deze besprekingen over visie en te bereiken doelen wordt steeds meer gesproken over omdenken. Een aantal autonome specifieke ontwikkelingen, zoals netto bevolkingskrimp met ca. 500 inwoners per jaar, heeft zich al ingezet. Zeeuws-Vlaanderen is naar Nederlandse verhoudingen de zogenaamde top krimp regio. Voor de gesprekspartners al met al reden om niet alleen erover te spreken, maar ook tot handelingsperspectieven te komen. Handelingsperspectieven die op basis van analyse, visie en doelstellingen zo breed mogelijk gedeeld worden. Vandaar ook de ondertitel: van denken naar doen!. Dit regioplan wil daar de volgende concrete stap in zetten. -7- Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

12 1.1.1 NOODZAAK VAN SAMEN WERK EN EN CO- MAK ER SHI P Gesproken wordt over wenselijkheden én mogelijkheden van een integrale populatiegebonden aanpak in de gezondheidszorg met de aanpalende maatschappelijke ondersteuning. Tevens wordt hierbij expliciet inbegrepen een grotere plaats voor de eigen regie van de inwoner over de eigen gezondheid en ziekte. Omdat het marktmodel in de gezondheidszorg in deze specifieke situatie in de regio Zeeuws-Vlaanderen tekort gaat schieten, zo verwachten wij, wordt gedacht aan co-makership van betrokken partijen, zonder in conflict te komen met regels rond mededinging. Als dat maatschappelijke of juridische conflict er wel komt, wil men samen wegen zoeken om die algemene regels aan te passen. Regels aanpassen bij wijze van bijzondere Zeeuws-Vlaamse situatie in het belang van de inwoners, en de vele bezoekers en recreatie- en verblijfsgasten. Organisatie en proces zijn daarbij ondergeschikt aan het doel om te komen tot een betere zorg én een betere gezondheid van de inwoners in Zeeuws-Vlaanderen. Dat moet verder ook bereikt worden tegen lagere kosten respectievelijk minder meerkosten dan nu. Een complexe maar noodzakelijke opgave. Aanleiding voor het samen opstellen van dit regioplan is de steeds breder gevoelde urgentie om de continuïteit van de gezondheidszorg en de maatschappelijke ondersteuning te waarborgen. Men ziet, en deelt dat met elkaar, de toenemende spanning tussen de aard en omvang van de vraag naar zorg. En men onderkent ook dat het aanbod aan maatschappelijke ondersteuning en zorgvoorzieningen die vraag steeds minder goed kan bijbenen. Dit is nu al een nationaal gevoeld probleem. Maar door de specifieke demografische ontwikkelingen in Zeeuws- Vlaanderen doet zich hier dit vraagstuk in versterkte mate nu al voor; niet straks, maar nu al. Het probleem wordt nog prangender als een adequate beleidsreactie van betrokkenen uitblijft, zo is de stellige overtuiging van veel stakeholders in de regio Zeeuws-Vlaanderen ZORGEN, ONTZORGEN EN K AN S EN Bij de zogenaamde dubbele vergrijzing ontstaat al over een paar jaar een groot tekort aan personeel in deze regio. Dit komt mede door de sterke ontgroening in Zeeuws-Vlaanderen. Naast de toename van de complexheid in de zorgvraag én het aantal chronische zieken met 40% in ca. 20 jaar. Bij de vervangingsvraag wordt het tekort in Zeeuws-Vlaanderen geschat op ca fulltimers in 2020, naast nog eens andere niet te vervullen fulltime zorgvacatures in de rest van Zeeland bij ongewijzigd beleid. Los van de vraag of dit exact de juiste getallen zijn, is de orde van grootte van belang. Het niet meer kunnen invullen van alle (vervangings-) vacatures is een teken aan de wand; alleen al dit voorteken schetst de urgentie ons hierop te beraden. De eerste verschijnselen van niet meer tijdig in te vullen vacatures doen zich nu al in de dagelijkse zorgpraktijk voor. -8- Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

13 Er is bij burgers nationaal, maar ook in Zeeuws-Vlaanderen, een sterke concentratie op het fenomeen gezondheid. Uitkomsten van enquêtes noteren dit als belangrijkste in het leven; steevast en met stip op de eerste plaats. Steeds vaker horen wij pleidooien om te ontzorgen. Om daarmee de gezondheidszorg voor hen die echt niet zonder kunnen beschikbaar te houden. En om te komen tot meer gezondheidswinst door ook de inwoner verantwoordelijkheid terug te geven voor de eigen regie over eigen gedrag en gezondheid. Gepleit wordt om labels van ziekten te verwijderen. In plaats van een achterhaald idee van alleen gezondheid meer de maatschappelijke participatie centraal gaan stellen. Door deelname aan de samenleving, al dan niet met ziekte en gebrek, maar binnen de menselijke en maatschappelijke mogelijkheden, te bevorderen waardoor iedereen er beter van wordt. i ) De zorg wordt op meer individueel niveau geschoeid. Van voorziening naar ondersteuningsprincipe. En alleen daar waar de ondersteuning in het individuele geval niet te vermijden is. Betere en doelmatigere zorg, tot en met ontzorgen, wordt het uitgangspunt en dat zal vaker leiden tot het wegsnijden van onnodige kosten en onnodige zorg. En tenslotte zal dat leiden tot meer gezondheidswinst. Allemaal redenen voor de initiële initiatiefnemers en de huidige stuurgroep om dit regioplan te maken. Daarbij wil men samen zorgen voor Zeeuws-Vlaanderen. Samen de richting zoeken en dat dan ook met elkaar delen en onderschrijven als richtinggevend antwoord op vraagstukken die aanstaande zijn HET GEBRUI K V AN HET R EGIOPLAN: SO MS S AMEN, SO MS ALLEEN Op grote lijnen inventariseert dit regioplan de situatie in Zeeuws-Vlaanderen en sluit dan af met een eerste werkplan 1.0. Het is de bedoeling dat de partijen in de regio die zich aangesproken voelen en dit plan ook onderschrijven, een intentieverklaring ondertekenen om samen uitvoering te geven aan een verdieping uitmondend in werkplan 2.0. Een concept intentieverklaring is aan dit plan toegevoegd in bijlage 8.7. Begin 2013 kan deze verklaring ondertekend worden. Een programmaorganisatie voor de uitwerking van werkplan 2.0 wordt opgezet. Vanaf januari 2012 geeft de stuurgroep GoedLeven.NL Werkplan 2.0 daar leiding aan. Deze bestuurlijke stuurgroep wordt gevormd uit deelnemende partijen. De opzet van de programmaorganisatie wordt beschreven in hoofdstuk 7. Deze stuurgroep laat zich bijstaan door een programmaleider en een klein secretariaat. Dit zijn de out-of-pocket kosten en worden gedragen of voorgeschoten door de deelnemers resp. worden terugverdiend door de taakstellende opbrengsten van de zorgvernieuwingsprojecten die passen in het kader van de doelstellingen van dit regioplan. De overige werkzaamheden zullen verder zoveel mogelijk gedaan worden door de partijen die ook de intentieverklaring hebben ondertekend. De kosten van de eigen inzet zullen in principe niet via externe geldstromen of subsidies vergoed worden maar gedragen worden door de eigen deelnemende organisatie. De verdeling en -9- Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

14 vergoeding van de out of pocket kosten zullen door de initiatiefnemers via de stuurgroep verder vastgesteld worden. De initiatiefnemers zijn van oordeel dat de eerste hoofdstukken van dit regioplan tot het hoofdstuk Werkplan 1.0 op zich zelf ook heel goed bruikbaar zijn voor andere beleidsdoelen in de regio. Te denken valt aan interne discussies of visieontwikkelingen binnen groeperingen van zorggebruikers of vertegenwoordigers van cliënten, van zorgverzekeraars, zorgaanbieders, van overheden en professionals. Maar ook voor vrijwilligers en anderen die zich bij het onderwerp betrokken voelen als het gaat over samen zorgen voor Zeeuws- Vlaanderen. De gedeelde analyse kan aanleiding zijn om binnen het eigen domein in actie te komen of ingezet beleid daartoe te schragen. Soms zijn acties heel goed mogelijk zonder directe bemoeienis of overleg met derden. Deze acties moeten dan vooral door de betrokkenen opgepakt en uitgevoerd worden. Soms is overleg nodig met anderen om vervolgens de eigen voornemens vorm en inhoud te geven, de focus goed te bepalen, de afstemming te vinden met, of om draagvlak te vinden binnen en buiten de eigen organisatie. Dit alles al dan niet in het kader van samen zorgen voor Zeeuws-Vlaanderen, zoals beschreven in dit regioplan GoedLeven.NL. Daarnaast zijn er activiteiten nodig om samen het zorgen voor Zeeuws-Vlaanderen tot een succes te maken. Dan is de steun en hulp via samenwerking met een of meer derden noodzakelijk. Dat zijn dan thema s die mogelijk een plaats kunnen hebben binnen werkplan 2.0 en wat daarop volgt. Het regioplan zoals dat nu voor u ligt, heeft dus niet de pretentie alle vormen van samenwerking tussen beleid, bestuur, financiering, uitvoering, toezicht en inkoop en verzekeren af te stemmen enkel om af te stemmen. Het plan probeert door een goede analyse en een gedeelde visie focus aan te brengen op een beperkt aantal onderwerpen waar de samenwerking noodzakelijk is tussen twee of meer instituties of groeperingen waar het effect van die samenwerking meer is dan de som van de losse onderdelen. 1.2 OPSTELLEN REGIOPLAN IN RONDE TAFEL BI JEENK OMST EN INI TIATI EFGROEP Eind mei 2012 is een Ronde Tafel bijeenkomst georganiseerd door de initiatiefnemers voor dit regioplan, samen met onder andere de drie Zeeuws- Vlaamse gemeenten. Het gaat om de zorg in Zeeuws-Vlaanderen in de komende jaren. Uitgenodigd waren vertegenwoordigers van professionals en zorginstellingen en zorgorganisaties in de regio. De stelling van een regio-brede aanpak werd breed gedeeld en men onderschreef de noodzakelijkheid én wenselijkheid ervan, liefst zo snel mogelijk. Een aanpak waarin men de analyse deelt, de sense of urgency onder ogen ziet en van daaruit in kracht doelstellingen opmaakt op basis van een visie naar de toekomst Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

15 Er was grote consensus over een regionale aanpak in Zeeuws-Vlaanderen, vol vertrouwen op de al bestaande samenwerkingscultuur in de regio. Zo stelt zorgverzekeraar CZ de regionale benadering voor in de vorm van regioregie, van co-makership en van proactief denken en doen bij het vormgeven van de ondersteuning en zorg in de zeer nabije toekomst. Dit idee wordt door de aanwezigen bij de Ronde Tafel ook breed onderschreven en de geschetste sense of urgency werd gedeeld. De initiatiefnemers voor het regioplan hebben in juni 2012 potentiële kwartiermakers uitgenodigd om te helpen bij het uitwerken van de eerste stappen op hoofdlijnen van het regioplan met een analyse, een visie, de doelstellingen en te ondernemen acties te vatten in werkplan 1.0. Om daarmee het regioplan van denken naar de fase van doen te brengen. In juli 2012 koos de initiatiefgroep, na een inschrijving, de kwartiermakers uit. De out of pocket kosten hiervoor worden door CZ Zorgverzekeraar, ZorgSaam en Nucleus gedragen. De overige kosten van het regioplan zijn door de participanten vanuit de eigen bedrijfstijd afgedekt LEES WIJZER In hoofdstuk 1 verantwoorden wij de aanleiding, werkwijze en opzet van het regioplan zoals dat nu voor u ligt. Als initiatiefnemers hebben wij via het proces van kwartiermaken de gedeelde analyse in hoofdstuk 2 en 3 in kaart gebracht. De daarna opgestelde ijkpunten hebben we geformuleerd in de hoofdstukken 4 en 5 en die delen we met elkaar. Wij hebben een aantal uitgangspunten als opmaat naar doelstellingen en de doelstellingen zelf opgesteld in hoofdstuk 6. Daar zijn concrete en meetbare doelstellingen geformuleerd die ook in landelijke bench marks al gebruikt worden, goed te meten en te vergelijken zijn. Die doelstellingen zijn in een aantal doelen vertaald. De inrichting van het programma dat daar uit voortkomt, is opgenomen in hoofdstuk 7 en zal begin 2013 starten. De bijlagen zijn opgenomen onder hoofdstuk 8, en de eindnoten onder hoofdstuk 9. In hoofdstuk 8.7 ius de intentieverklaring opgenomen voor de werkzaamheden in Onze werkzaamheden zijn medio 2012 gestart onder de werknaam Samen zorgen voor Zeeuws-Vlaanderen. Uiteindelijk hebben wij het werkplan 1.0 van het regioplan onder de titel GoedLeven.NL uitgebracht Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

16 1.2.3 DOORLOOP IN DE TI JD B I J OPSTE LL EN R EGIOPL AN In augustus en september 2012 voerde de kwartiermaker gesprekken met vertegenwoordigers van betrokkenen in de regio, werd de analyse verdiept en samengevat en de visie opgesteld en vastgesteld in de Initiatiefgroep en Visiegroep. Daarna werden de doelstellingen gewikt en gewogen en tenslotte geformuleerd. De Initiatiefgroep werd ter voorbereiding van de analyse, visie en doelstellingen uitgebreid tot een Visiegroep waarin ook een aantal andere stakeholders uit de regio deelnamen. De daaruit samengestelde ad hoc werkgroep Visie bereidde de hoofdstukken 2 tot en met 6 voor. In de periode oktober tot en met november 2012 werd het Werkplan 1.0 ontworpen en wel grotendeels door medewerkers, professionals en bestuurders van de partijen in de regio. Dit is verwoord vanaf hoofdstuk 7. Dit proces werd per oktober 2012 afgestemd in een regiegroep Werkplan 1.0, die voor de nadere detailleringen 4 werkgroepen instelde om de gegevens te verzamelen, te bespreken en aan de regiegroep aan te leveren. In alle groepen hebben medewerkers, professionals en bestuurders van de betreffende instellingen gezeten. In bijlage 8.1 zijn de namen opgenomen van de deelnemers in de verschillende groepen binnen de projectstructuur in De kwartiermakers zorgden vooral voor structurering, organisatie, planning en control, secretariaat en de eindredactie van het regioplan met bijlagen. De eerste maanden werd het secretariaat ondersteund door een stagiaire. De tekst van het regioplan GoedLeven.NL is op 12 december 2012 vastgesteld in de stuurgroep, in overleg met de regiegroep Regioplan EER ST E T ER UGKOPPELI NG IN DE ACHTERBAN In oktober en november 2012 zijn voor de respectievelijke achterbannen van de leden in de stuurgroep bijeenkomsten georganiseerd. De kwartiermaker hield een introductie over vooral de onderliggende analyse, visie en doelstellingen van dit regioplan. Zo werden in de laatste 3 maanden van 2012 over het regioplan in wording plenaire bijeenkomsten gehouden in de kring van Nucleus, van de medische staf huisartsen, voor de bestuurders en ambtenaren van de drie gemeenten, voor de medische staf en voor de Raad van Bestuur van ZorgSaam, voor het Zeeuws-Vlaams Zorg Overleg. Voor de leden van het Klaverblad werd januari 2013 gepland. In de afgelopen periode is informatie verstrekt over het regioplan aan o.a. belangstellenden uit de bancaire sector, het maatschappelijke werk, de eerstelijns ondersteuningsstructuur Stichting Ros-Robuust Zeeland-Brabant-Limburg, het Ministerie van VWS directies Curatieve Zorg en Langdurige Zorg, het Ministerie van Binnenlandse Zaken, Directoraat-Generaal Wonen, Bouwen en Integratie, Directie Woon- en Leefomgeving Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

17 1.3 SAMENSTELLING EN STAT US REGIOPLAN EIGEN VISI E, EIGEN W ERKP LAN EN EI GEN T EK S TEN De initiatiefnemers kozen voor een plan dat ze samen met de eigen medewerkers opstelden. Dus geen regioplan en document dat enkel afkomstig is van een externe adviseur. Daarom zijn bij het kwartiermaken zo veel mogelijk elementen voor dit regioplan opgehaald bij en ingebracht door partijen in de regio. Om dat beter te structureren heeft de initiatiefgroep zich uitgebreid tot een visiegroep waarin ook andere stakeholders vertegenwoordigd waren. En voor het opstellen van het werkplan is een regiegroep ingesteld. Naast de initiatiefnemers: Nucleus en Medische Staf Huisartsen ZorgSaam: Ziekenhuis, Thuiszorg, Verpleging en Verzorging, en Ambulancezorg CZ Zorgverzekeraar en Zorgkantoor, waren in de visiegroep én de regiegroep present: de vertegenwoordigers van de cliëntenorganisaties, verenigd in het Klaverblad Zeeland, vertegenwoordiger uit de Verplegings- en Verzorgingssector, vertegenwoordiger van de 3 gemeenten, speciaal met het oog op taken volgens de Wet maatschappelijke ondersteuning 1 en de Wet publieke gezondheid, vertegenwoordiger van de GGD Zeeland, met het oog op de publieke gezondheid waaronder de preventie en de gezondheidsmonitoring, en uit de kringen van het Zeeuws-Vlaams Zorg Overleg ZVZO, om de gehele verpleging en verzorging inclusief de langdurige care en de GGZ te vertegenwoordigen. Als het in het regioplan over gezondheidszorg gaat wordt ook de aansluiting met de maatschappelijke ondersteuning en begeleiding bedoeld. Met ondersteuning en begeleiding wordt zelfredzaamheid en sociaal functioneren van mensen hersteld of bevorderd. De initiatiefgroep heeft overwogen nog meer stakeholders uit te nodigen voor het overleg medio Het gevolg zou zijn geweest dat de timing van het gereedkomen van het regioplan opgehouden zou worden. Daar is niet voor gekozen. De initiatiefgroep heeft wel het voornemen de overige partijen in Zeeuws-Vlaanderen uit te nodigen voor de verdere uitwerking van dit plan, en vond het raadzamer zelf eerst een voorstel te doen. Door de nu gevolgde gefaseerde werkwijze van een analyse, visie, doelstellingen en werkplan 1.0 is er alle mogelijkheid om zich aan te sluiten bij het uitwerken van werkplan 1.0 naar werkplan 2.0. Werkplan 2.0 wordt begin 2013 aangepakt. Om de 1 Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de maatschappelijke ondersteuning zoals in de Wet maatschappelijke ondersteuning, WMO beschreven is. De daarin opgenomen prestatievelden betreffen: bevordering van sociale samenhang en leefbaarheid op lokaal niveau; jeugdpreventie en opvoedingsondersteuning; informatie, advies en cliëntondersteuning; ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers; bevordering van participatie en zelfstandigheid van mensen met een beperking, mensen met psychische problemen en ouderen en het bieden van voorzieningen voor deze groepen; maatschappelijke opvang; bevordering openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingsbeleid -13- Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

18 transitie naar werkplan 2.0 te maken wordt een intentieverklaring opgesteld. De huidige partners van Initiatiefgroep en de Visiegroep/Regiegroep Werkplan worden gevraagd deze intentieverklaring vóór 1 maart 2013 te ondertekenen. Andere stakeholders worden gevraagd zich hierbij aan te sluiten en inbreng te leveren aan werkplan DOEL V AN DEZE R EGIO VI SI E Deze Regiovisie: levert een analyse, visie en aanpak en aanzet voor het werkplan 1.0, roept op om zich hierbij aan te sluiten en met elkaar in gesprek te gaan, vraagt vervolgens een ieder om binnen het eigen domein maar ook buiten het eigen domein de verbindingen op te zoeken, en roept op om samen constructieve bijdragen te leveren ter verdieping, en een succesvolle uitvoering van de voornemens mogelijk te maken. Daarbij is tempo één van de kritische succesfactoren aan het worden, zeker als de sense of urgency door de lezer wordt gedeeld. Om die reden zal het werkplan 1.0 in de eerste maanden van 2013 verder uitgewerkt worden in een concreter werkplan 2.0 gehoord de reacties van stakeholders en de bijdragen die men wenst te leveren DISCLAI MER In dit regioplanzijn de gedachten die geformuleerd zijn zeer beperkt voorzien van voetnoten en bronvermeldingen. Uiteraard is er bewust maar ook onbewust geleend van gedachten en visies van anderen. Wij willen bij het lenen en leren van de buren recht doen aan ieders intellectuele eigendomsrechten. Maar veel van die gedachten zijn tot stand gekomen met publieke denkkracht of met gelden uit premies en belastingen. Ook kan het gaan om eerder gepubliceerde teksten in openbare bronnen zonder auteursrechten vermelding. Om die reden staat het een ieder vrij goede gedachten tot zich te nemen en weer uit te dragen. Maar vooral die gedachten te verbinden in het eigen denken en doen. Indien men meent dat wij auteursrechten hebben geschonden, dan wel men zich tekort gedaan voelt door citering zonder expliciete bronvermelding, kan belanghebbende zich wenden tot de kwartiermakers of de programmaleider werkplan 2.0. Het mailadres staat in het colofon van deze uitgave opgenomen. De regio partijen, die aan dit regioplan hebben bijgedragen, hebben ook nagelaten om alle voetangels en klemmen die de visie en het werkplan kent meteen te -14- Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

19 benoemen. Er is vooral gezocht naar wat wel kan en niet meteen wat en waarom het allemaal niet kan. Het idee is om vooral vanuit de sense of urgency én tegelijk vanuit de kracht van de regio zelf, naar de toekomst te kijken. Soms onbegaanbaar geachte paden wel succesvol te gaan volgen. Zien wat er kan en vooral moet gebeuren in de zorg en vóórzorg en daar dan op acteren. Acteren zowel op de kant van de vraag als op de kant van het aanbod. Acteren op het gebied van de veiligheid en kwaliteit van die zorg. Acteren op het bereikbaar én beschikbaar houden van de zorg. Goede ontwikkelingen en de kracht van Zeeuws-Vlaanderen borgen en versterken het vermogen om bedreigende ontwikkelingen zoveel mogelijk het hoofd te bieden OPROEP AAN DE LEZER Wij leden van de initiatief-, stuur-en regiegroep vinden het heel prettig als wij reactie krijgen die onze voornemens verder dragen en schragen. Tijd voor heel veel nader onderzoek, uitstel van de plannen in dit regioplan, of tijd kopen om weer een ander plan te lanceren is er niet. Die tijd wordt ons niet gegeven gelet op de bevolkingsontwikkeling én de ontwikkelingen in de gezondheidszorg binnen en buiten de regio. Natuurlijk willen wij in gesprek gaan om onze voornemens te verdiepen en scherper te maken. Om die reden hebben wij werkplan 2.0 in het vooruitzicht gesteld dat we begin 2013 met allen die zich betrokken voelen, verder zullen uitwerken. Zij kunnen hun medewerking kenbaar maken door de intentieverklaring, die bijlage 8.7 in deze publicatie is opgenomen, te ondertekenen en in te sturen. Dit regioplan heeft niets voor niets de ondertitel: Van denken naar doen. Maar het gaat nu vooral om gewoon doen. De intentieverklaring is het voertuig om zich aan te sluiten bij de beleidsvoornemens om samen tot een werkplan 2.0 te komen. Dat is dan niet meer vrijblijvend Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

20 -16- Het regioplan Zeeuws-Vlaanderen

21 2 VAN ANALYSE NAAR NOODZAAK GEZAMENLIJKE VISIE In het algemeen is de gezondheidzorg in Zeeuws-Vlaanderen anno 2013 goed te noemen. Her en der doet de bevolkingskrimp met de sterk ingezette vergrijzing en ontgroening zich voor. Dat uit zich soms in het niet kunnen vervullen van vacatures. Maar bij ongewijzigd beleid wordt de kwaliteit, de beschikbaarheid en de bereikbaarheid naast de betaalbaarheid, sneller dan elders in Nederland, bedreigd. Dat vraagt een goede analyse op hoofdlijnen en het formuleren van actiepunten om die bedreigingen te weerstaan en het hoofd te bieden. Bij het maken van die analyse hebben de leden van de werkgroep visie zich gerealiseerd dat er niet enkel vanuit de bedreiging, die we onderkennen of vrezen mee te gaan maken, gedacht en gedaan moet worden. Wij hebben er juist voor gezorgd dat we in de visie naast de bedreigingen ook de kansen in kaart brengen. De ontwikkelingen die zich autonoom voor doen willen wij gebruiken om extra alert te reageren. Om daarmee te groeien naar een situatie waarin de gezondheidswinst van de inwoners van Zeeuws-Vlaanderen verder verbeterd en geborgd wordt. De zogenaamde Top-krimp situatie die zich in Zeeuws-Vlaanderen voordoet naar Nederlandse maatstaf willen we ook met een Top-kans tegemoet treden. Eerder heeft de provincie Zeeland heeft onder de titel Nieuw!Zeeland een brede maatschappelijke dialoog georganiseerd waarin vooral inwoners de mogelijkheid is geboden mee te praten over de gevolgen van de demografische ontwikkelingen. Daarbij stond een drietal doelstellingen centraal: 1. zoveel mogelijk mensen in Zeeland informeren over de komende veranderingen. Niet door alleen informatie te geven, maar vooral ook door kennis te delen; 2. de bewustwording van alle betrokken van het aandienende vraagstuk; 3. op zoek gaan naar goede en innovatieve ideeën voor de toekomst van Zeeland. Daarna heeft de provincie onder de titel Op pad geprobeerd bestaande reflexen van bestuurders en bewoners te doorbreken. Vervolgens in te spelen op de demografische veranderingen in Zeeland. Er zijn 3 reflexen benoemd die in ieder geval doorbroken moesten worden: -17- Van analyse naar noodzaak gezamenlijke visie

22 Reflex 1: bevolkingsgroei is een doel op zich om de kwaliteit van de leefomgeving te vergroten. Nieuw uitgangspunt: Kwaliteit is het doel, bij alle sectoren en thema s dient een kwaliteitsslag gemaakt te worden. Reflex 2: elke stad of dorp moet de concurrentie met haar buren aangaan om zoveel mogelijk woon-werklocaties en voorzieningen binnen te halen om te overleven. Nieuw uitgangspunt: samenwerking en afstemming is essentieel om op een hoger schaalniveau voldoende kwaliteit te kunnen bieden. Reflex 3: elke regio, stad of dorp moet zich versterken op de thema s of onderdelen waar ze minder op scoren. Nieuw uitgangspunt: Zorg voor een (gedeelde) visie met een streefbeeld dat aansluit bij de sterke punten. Dit regioplan is opgesteld indachtig de nieuwe reflexen die langzamerhand steeds meer weerklank krijgen, ook binnen de gezondheids- en welzijnszorg in Zeeuws- Vlaanderen. 2.1 WAAROM EEN REGIOPLAN VOOR ZEEUWS-VLAANDEREN De beschikbaarheid, bereikbaarheid, betaalbaarheid en de kwaliteit van de gezondheidzorg in de regio heeft in de komende jaar alles te maken met de leefbaarheid hier. We onderkennen de aspecten die van invloed zijn op die leefbaarheid in de regio. Meteen hebben we uitgangspunten voor ons denken en handelen geformuleerd: 1. Wij willen in de regio gezamenlijk maatregelen overdenken. Deze willen we ook uitvoeren om een ongewenste situatie het hoofd te bieden. Vanuit die dreiging willen we vooral naar de kansen kijken om het tij te keren. 2. Wij geloven in een sterk Zeeuws-Vlaanderen dat ook de komende decennia, als meest noordelijk bourgondische gebied, dé economische motor in het zuidwesten van Nederland kan blijven, waar het goed wonen, werken, recreëren is; en waar de oude dag volop ruimte, kansen en mogelijkheden biedt. 3. Wij willen ons in de maatschappelijke ondersteuning en gezondheidszorg daarvoor ook inzetten. Dat vraagt wel wat van ons allen. De voorspelde en uitgerekende ontwikkelingen door de krimp van de bevolking en alles wat daar uit voortkomt, zijn de triggers. Maar als Zeeuws-Vlamingen laten wij ons niet voor één gat vangen Van analyse naar noodzaak gezamenlijke visie

23 2.2 DE KRACHT VAN ZEEUWS-VLAANDEREN ALS BRON De ontwikkelingen in de regio Zeeuws-Vlaanderen vanwege de demografische en andere ontwikkelingen zouden aanleiding kunnen zijn voor pessimisme als het gaat om de leefbaarheid in de toekomst. Als tegenhanger is het goed ook aandacht te schenken aan de bron van de kracht van de regio in het verleden en het heden. De Zeeuws-Vlaamse genen, wortels en identiteit zijn voldoende intrinsieke brandstof en garanderen een co-creatief vermogen vooral met vertrouwen én daadkracht om de toekomst tegemoet te gaan. Ook zij die van buiten de regio hier zijn komen werken en wonen, hebben deze kenmerken versterkt en geschraagd. Dat alles fundeert het gevoel om kansen, die zich nu aandienen, te pakken. Door tijdig passende maatregelen te nemen kunnen wij problemen het hoofd bieden. In die geest hebben onze voorouders, onder vaak moeilijkere omstandigheden, het water gekeerd, het land vruchtbaar gemaakt, de industrie ontwikkeld. Zij hebben ruimte voor vervoer en logistiek geschapen voor de rest van het achterland. Zij hebben de gezondheidszorg kleinschalig op poten gezet. Dat is de laatste 20 jaar doorontwikkeld tot wat het nu is. En niet onbelangrijk: zij hebben daarmee de basis geschapen voor een mooie en dierbare woon-werk- en leefomgeving, waar het goed vertoeven is. Dat historische bron van ambitie en daadkracht biedt een stevig fundament voor alle inwoners, het bedrijfsleven, de zorg, en de zorgprofessionals om onze trots en kunde ook de komende tientallen jaren in te zetten voor de leefbaarheid in deze regio. Ons staat het adagium voor ogen om gezond geboren te worden, gezond op te groeien en te blijven en daarvoor de basis te leggen voor een gezonde leefwijze en een gezond bestaan. Daarmee willen we zo lang als mogelijk gezond blijven en gezond oud worden. Bij dat geestelijk en lichamelijk, zo valide mogelijk, oud worden willen we uitdrukkelijk het respect voor het leven, de aanwezigheid en nabijheid van naasten, mantelzorgers en van professionals in de zorg betrekken. Dan kan ondersteuning, zorg, steun en troost, als die op een bepaald moment nodig zijn, tot en met het moment van de onvermijdelijke dood, geleverd én genoten worden. Of anders gezegd: het is goed gezond leven, wonen en werken maar ook goed ouder worden in Zeeuws-Vlaanderen. En als het niet meezit in het leven op het terrein van gezondheid en validiteit dan is daar de nodige ondersteuning en zorg beschikbaar. 2.3 AANTAL INWONERS IN DE KOMENDE JAREN Zeeuws-Vlaanderen heeft ca inwoners in 3 gemeenten. Er is een redelijk gespreid niveau van gezondheidsvoorzieningen. Per jaar krimpt de bevolking netto met 500 inwoners Van analyse naar noodzaak gezamenlijke visie

24 Door deze structurele bevolkingskrimp doen zich nieuwe vraagstukken voor die een aanpassing vragen van de inzet van maatschappelijke ondersteuning en gezondheidszorgvoorzieningen. Dat is nodig om die voorzieningen bereikbaar, beschikbaar en betaalbaar te houden. Maar ook om volgens de state of the art te blijven functioneren. Dat is niet vanzelfsprekend als vragers, aanbieders en financiers geen aanpassingen plegen in die vraag, in dat aanbod en in die financiering. Die aanpassingen gaan ook over het meer verbinden van de zorg, vice versa, met preventie, maatschappelijke ondersteuning, aanverwante terreinen van wonen, werken en welzijn om redenen die hieronder worden uitgewerkt. Veel gebieden in Nederland zullen de komende jaar te maken hebben met een min of meer ontgroenende en vergrijzende bevolking. Sterk stijgende zorgkosten zijn nu al gesprek van de dag. Het oplopend personeelstekort, zowel vervangings- als uitbreidingsvraag, maar ook een sterke toename van het aantal inwoners met een stapeling van chronisch zieken staat bij velen steeds meer op het netvlies. Een toename in langer leven, maar ook een toename van langer leven met ziekte en gebrek. Hoe gek het ook misschien klinkt: een toename mede veroorzaakt door het succes van die zorg. 2.4 DEMOGRAFIE IN SAMENHANG MET SOCIAAL ECONOMISCHE GEVOLGEN Bij het oplossen van de gevolgen van demografische veranderingen kan je wachten tot de wal het schip keert. Maar wij kiezen daar niet voor. Wij willen, gegeven -20- Van analyse naar noodzaak gezamenlijke visie

25 ieders maatschappelijke en persoonlijke verantwoordelijkheid de handschoen oppakken. Daarbij is het geboden om over eigen muren en schuttingen heen kijken. Wij willen samen de oplossingen bespreken voor de gepresenteerde vraagstukken, en zo goed als mogelijk is, daarover besluiten nemen en tot invoering overgaan. Want de gevolgen zijn ingrijpend en treffen meer sectoren dan alleen de gezondheidszorg. Het treft, zoals eerder gezegd, ook de leefbaarheid, de economie, het onderwijs en het cultureel maatschappelijke leven. In die situatie is felle onderlinge concurrentie in de zorg in de toch compacte omgeving van Zeeuws-Vlaanderen niet de meest aangewezen en doelmatige weg. Over een onderzoek naar de beleving van krimp door bewoners in Zeeuws- Vlaanderen is openbaar verslag gedaan. In juli 2011 wijdde de auteur, Ingeborg Bot, haar afstudeerscriptie bij de Universiteit van Utrecht daaraan. Zij heeft de bedoelde samenhang met die bevolkingskrimp in Zeeuws-Vlaanderen kort samengevat in kaart gebracht (zie volgende bladzijde). Het compacte schema in die publicatie maakt het vraagstuk inzichtelijk. Die samenhang der dingen is voldoende reden om samen te werken. Alle betrokken zijn gewoonweg maatschappelijk gezien verplicht elkaar op te zoeken. En dan de samenwerking aangaan ten behoeve van de houdbaarheid en beschikbaarheid van voorzieningen in de eigen regio. Daarom zijn velen bezig na te denken over, te zoeken naar, te anticiperen op oplossingen voor de huidige en komende vraagstukken. Meer van hetzelfde als antwoord is echt niet genoeg om vraag en aanbod vice versa effectief te kunnen accommoderen. Innovatie van en in de zorg wordt steeds vaker genoemd. Innovatie om fundamentele veranderingen in het ondersteunings- en zorglandschap te realiseren Van analyse naar noodzaak gezamenlijke visie

26 Die innovatie kan vorm en inhoud krijgen langs de weg van een of meer van de volgende routes: 1. door paradigmashifts te bedenken en toe te passen, 2. door procesredesign te doordenken en in te voeren, 3. door antwoorden te zoeken en te geven op de vraag naar meer regie van de zorgvrager over de eigen gezondheid en het eigen welzijn 4. en daarbij de eigen verantwoordelijkheid voor gezond gedrag, zelfmanagement en ondersteuning centraal te stellen. Daarnaast wordt vaak gesproken in de regio over: 5. de toepassing van nieuwe kosten- en arbeidstijdbesparende technologie, producten en diensten. Door stakeholders in de regio wordt verder gevraagd om: 6. het nog meer ontschotten van diverse voorzieningen binnen en buiten de zorg, 7. en het doelmatiger inzetten van arbeid en geld, zodat het nog beter ten goede komt aan de meest noodzakelijke zorg en ondersteuning Van analyse naar noodzaak gezamenlijke visie

27 3 BESCHOUWING BEVOLKINGSKRIMP EN LEVENSVERWACHTING 3.1 AFGEGRENSD GEBIED Zeeuws-Vlaanderen is geografisch en staatkundig een min of meer door waterwegen en landsgrens omsloten en afgegrensd gebied. Bedrijfseconomische optimalisatie of verdere concentratie van kostbare gezondheidsvoorzieningen zijn daarom minder gemakkelijk te realiseren gelet op de relatief geringe bevolkingsomvang enerzijds en de afstanden anderzijds. 3.2 BESCHIKBAARHEID BASIS ZORGVOORZIENINGEN Behoud van zorgvoorzieningen in de regio, door middel van samenwerking, is van groot belang vanwege de leefbaarheid van de regio voor de inwoners naast de vele vakantie- en seizoeninwoners en werkmigranten. Er is door de geografische situatie minder schaal beschikbaar voor bedrijfsoptimalisatie gegeven het aantal inwoners. Het is niet denkbeeldig dat op den duur bepaalde zorgvoorzieningen uit de regio toch zullen gaan verdwijnen. Dat verdwijnen kan ingegeven worden door financiële én kwaliteitsredenen, waardoor voorzieningen ineen schrompelen of ten langen leste verdwijnen. Het mogelijk verdwijnen van bepaalde woon-, welzijns- en zorgvoorzieningen tast de rechtszekerheid en veiligheid van de zorgvrager in de regio aan. Voor een doelmatige gezondheidsstructuur, waarbij vaak behoorlijke schaal nodig is, zullen, om de voorziening te behouden, in onze regio toch andere oplossingen gezocht moeten worden. Dat mag dan geen afbreuk doen aan doelmatigheid, effectiviteit en kostenbeheersing in de zorg. Aan de andere kant is het soms nodig bij complexere medische zaken in hogere echelons van de zorg om second opinion of consultatie te vragen. Het meest ideale is dat de zorgvrager na dit consult buiten de regio, weer gebruik maakt van de voorzieningen in de eigen regio. Met het oog op het in stand houden van de basisvoorzieningen voor de Zeeuws- Vlaamse regio is Zorg nabij waar dat kan het beste uitgangspunt. Als gerechtvaardigde eis van leefbaarheid en aantrekkingskracht van, voor en in deze regio. Vrij shoppen buiten de regio, terwijl de voorzieningen in de regio aanwezig zijn, kan de beschikbaarheid van de regionale voorzieningen ernstig aantasten. Korte termijn visie en langere termijn garanties kunnen op gespannen voet staan. Vrije keuze en solidariteit bij behoud van voorzieningen in de regio staan dus op gespannen voet. In ieder geval moet het mogelijk zijn daar met elkaar het gesprek over te voeren en de consequenties te doordenken Beschouwing bevolkingskrimp en levensverwachting

28 3.3 SCHEVE POPULATIE OPBOUW EN BEROEPSBEVOLKING De demografische ontwikkelingen in Zeeuws-Vlaanderen laten een toename zien in de zogenaamde grijze druk. Op zich leidt dat in de aard van de definitie van grijze druk tot een zogenaamde scheve populatie opbouw van de (beroeps)bevolking. In de bijlagen is een zeer beperkt aantal demografische gegevens opgenomen. Voor een uitvoerige beschrijving van de demografische ontwikkelingen wordt verwezen naar publicaties van SCOOP, CBS, RIVM en de GGD Zeeland. Zij hebben veel cijfers compact bijeengebracht en gepresenteerd en in kernboodschappen samengevat. De meest recente publicatie is van medio 2012 in de regionale Volksgezondheid Toekomst Verkenning van de GGD i.s.m. andere organisaties. Een bijkomend effect van de snellere vergrijzing van de populatie is dat er minder(dan landelijk gemiddeld) opgeleide professionals voor vervangingsvraag beschikbaar komen in Zeeland respectievelijk in Zeeuws-Vlaanderen. Zoals bekend behoort Zeeland tot de drie Europese regio s die de laagste werkeloosheid cijfers kent. Zeeland schrijft ca. 3,6% en Nederland ca. 5,3% van de beroepsbevolking. Het relatief groter tekort aan zorgwerkers binnen 10 jaar in Zeeuws-Vlaanderen brengt bij ongewijzigd beleid de continuïteit en beschikbaarheid van de zorgvoorzieningen in gevaar. 3.4 LEVENSVERWACHTING, GEZONDE LEVENSJAREN EN ZIEKTELAST ii Zowel de levensverwachting in Nederland als in Zeeland is de laatste jaren spectaculair gestegen. We worden jaar in, jaar uit, steeds ouder. Goed nieuws: Zeeuwen worden ouder dan het Nederlandse gemiddelde. Zeeuwse mannen worden gemiddeld 78.9 jaar oud, vrouwen 83.1 jaar. In Nederland ligt dat lager, 78.3 jaar voor mannen, 82.5 jaar voor vrouwen. In Zeeland wordt men dus ouder dan gemiddeld in Nederland. In de regio zullen er meer ouderen bij komen die langer leven. Uitdaging zal zijn om iedereen zo gezond mogelijk te houden en actief deel te laten nemen aan de samenleving. Minder goed nieuws: tot 2030 komen er 40% meer chronisch zieken bij onder volwassenen. En -24- Beschouwing bevolkingskrimp en levensverwachting

29 men schat dat dan 27%van de jongeren minimaal één chronische ziekte zal hebben. Hiernaast is aangegeven de verdeling van het aantal verloren levensjaren (YLL in de nevenstaande grafiek), het aantal ziektejaarequivalenten (YLD) en het aantal DALY's iii voor de 56 geselecteerde aandoeningen over de zogenaamde ICDhoofdgroepen in 2007 (International Classification of Diseases). Ziekten kunnen aanleiding geven tot gebrek of invaliditeit, soms minder gemakkelijk meedoen aan de samenleving. Ziekten en beperkingen veroorzaken dan in een aantal gevallen ongezondheid en verlies van kwaliteit van leven of het verlies van het leven door overlijden aan of na die ziekte. Toch betekent dit niet dat iedereen met een ziekte zich ongezond voelt. Zo voelt driekwart van de Zeeuwse volwassenen met een chronische aandoening zich toch gezond. Belangrijker voor de kwaliteit van leven is of iemand beperkt is of zich beperkt voelt door de chronische ziekte; en of hij of zij nog kan deelnemen aan de samenleving. Dit geldt vooral voor ouderen. Psychische aandoeningen geven de meeste ziektelast. Deze psychische aandoeningen, waaronder dementie en depressie, vormen een grote bedreiging voor de volksgezondheid. Niet zozeer omdat er veel mensen aan sterven maar omdat deze aandoeningen een groot negatief effect hebben op de kwaliteit van leven. Psychische klachten beginnen soms al op zeer jonge leeftijd. In Zeeland heeft 10% van de 10-jarigen een indicatie voor psychische problematiek. Van de volwassenen voelt 14% zich psychisch ongezond en 31% loopt een risico op het ontwikkelen van een angststoornis of depressie. Ten opzichte van Nederland heeft Zeeland een hogere sterfte aan hartfalen. Bij sterfte aan hart- en vaatziekten, kanker en ziekten van de ademhalingswegen scoort Zeeland positiever dan het Nederlandse gemiddelde Beschouwing bevolkingskrimp en levensverwachting

30 Ook een aandachtspunt is het feit dat Zeeuwen ouder worden, maar dat de levensjaren in goede ervaren gezondheid niet mee gestegen zijn. De ervaren gezondheid is een subjectieve maat. Toch zegt het veel over hoe mensen hun gezondheid beleven, want als men de eigen gezondheid als minder goed of slechter ervaart dan kan dat invloed hebben op minder participeren, meer gebruik maken van zorg of willen gebruiken. In tegenstelling tot Nederland is in Zeeland de levensverwachting in ervaren goede gezondheid (nog) niet toegenomen ten opzichte van Zeeuwen worden dus ouder, maar in de jaren die ze extra leven voelen ze zich niet zo gezond. De ervaren belemmeringen zijn door SCOOP in kaart gebracht, zie nevenstaande kaart iv. De gezonde levensverwachting is het aantal levensjaren dat iemand kan verwachten in goede gezondheid door te brengen. Lengte en kwaliteit van het leven worden hierin gecombineerd. Deze gezonde levensverwachting in Zeeland is vergelijkbaar met Nederland. De levensverwachting in goede geestelijke gezondheid is zowel in Nederland als in Zeeland met ruim 4 jaar toegenomen. De levensverwachting zonder lichamelijke beperkingen is nagenoeg gelijk gebleven. In Zeeland leeft men gemiddeld 10 jaar van de 81 jaar met lichamelijke beperkingen. In Nederland is dit gemiddeld 11 van de 80 jaar. Verklaringen hiervoor zijn niet zomaar te geven. Wel blijft het belang van een gezonde leefstijl en een gezonde omgeving onverminderd. Dit heeft de GGD in samenwerking met het RIVM medio 2012 gepubliceerd in de regionale Volksgezondheid Toekomst Verkenning v. 3.5 ZORG PER CLIËNT INTEN SIEVER; EN WE WORDEN STEEDS OUDER De demografische ontwikkelingen in de regio leiden, zoals al gezegd, tot een scheve populatie opbouw (ontgroening en vergrijzing). Door de "verzilvering" ontstaat er meer vraag naar complexere en intensiever zorg in de jaren voorafgaande aan het einde van het leven. Wij nemen dit feit als uitgangspunt voor het regioplan. Deze vraag is dus groter dan in de rest van Zeeland en de rest van Nederland. Het aantal zogenaamde vitaliteitsbelemmeringen in Zeeuws-Vlaanderen is t.o.v. de rest van Zeeland vi het hoogste. De extra, dubbele, vergrijzing en sterke toename van het volume aan multimorbiditeit onder de oudste groep inwoners, onder afname van totaal inwoners, is hiervoor in kaart gebracht. De zorgzwaarte per hoofd van de bevolking in de regio stijgt meer dan gemiddeld t.o.v. Nederland. De al relatieve hoge zorgdruk zal de komende jaren toenemen. Niet onbelangrijk daarbij is om kennis te nemen van het gegeven dat er sprake is van een nog steeds stijgende levensverwachting in Nederland en ook in Zeeuws-Vlaanderen. De -26- Beschouwing bevolkingskrimp en levensverwachting

31 maximale levensverwachting is nog niet bereikt. Eerdere voorspellingen blijken nu al ingehaald te zijn, aldus de GGD. Die berekeningen toonden een gestage toename van de levensverwachting tot 80 jaar voor mannen en 84 jaar voor vrouwen in De daadwerkelijke levensverwachting was in 2009 al bijna een half jaar hoger dan eerder voorspeld. Niets wijst erop dat de levensduur binnenkort zal stabiliseren en niet meer toeneemt in de komende jaren. De levensverwachting in Nederland zal zich ontwikkelen volgens een optimaal scenario met een zogenaamde best practice life expectancy. Per kalenderjaar komt er dan 0,2 jaar aan gemiddelde levensverwachting bij. Als deze voorspelling uitkomt, zal bijvoorbeeld de helft van de meisjes die sinds 2000 in welvarende landen geboren haar of zijn 100e verjaardag vieren. Het aantal werkenden t.o.v. van het aantal jongeren tot 18 jaar en het aantal gepensioneerden zal alleen al om die reden afnemen, los van de daadwerkelijke leeftijd dat mensen met pensioen gaan. 3.6 MOEILIJK TE VERVULLEN VACATURES IN ZORG Naast de relatief excentrische ligging van de regio, heeft de steeds schevere populatieopbouw een lagere trekkracht in en op de rest van Nederland. Daarnaast kenmerkt de regio dat het een minder breed geschakeerd aanbod aan arbeid heeft. Daardoor wordt het gevaar, bij ongewijzigd beleid, met de dag groter dat de continuïteit van zorg verloren gaat vanwege niet in te vullen vacatures. Aan de andere kant is de regio het meest noordelijke Vlaanderen van de InterReg en biedt de ligging kansen voor grenswerkers en grensbewoners. Bestaande staatkundige regelingen, fiscale systemen en sociale verzekeringssystemen bemoeilijken onnodig de zorg en het werk over de grens in beide richtingen van de grens. Dit al jaren geconstateerde probleem wordt niet opgelost door het enkel te benoemen. We moeten een korte scan maken wat wel en niet oplosbaar is op korte termijn en dan naar die gegevenheden handelen. De minister van Binnenlandse Zaken heeft in de zomer van 2012 een convenant vii met de provincie Zeeland ondertekend met als titel Koersvast voor Zeeland. De afspraken in het convenant spitsen zich toe op de regio Zeeuws-Vlaanderen, waar demografische veranderingen als bevolkingsdaling, vergrijzing en ontgroening het meest aan de orde zijn. De afspraken bevatten ook een twintigtal activiteiten om samen te ondernemen. In het kader van afstemming van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt in Zeeuws-Vlaanderen en de rest van Zeeland zal een onderwijsarbeidsmarkt monitor worden uitgevoerd. Dit staat gepland voor begin viii Specifiek wordt de vraag naar werkers in geheel Zeeland inclusief de gezondheidszorg in de komende jaren verdiept en in kaart gebracht. Vraag en aanbod worden per sector werkgelegenheid en qua competenties/niveau opnieuw naast elkaar gelegd. Beleid moet er vervolgens voor zorgdragen dat er een adequatere match tussen vraag en aanbod ontstaat. Desondanks is het niet te verwachten dat de vraag naar personeel in de zorg alsnog goed gematched wordt met het beschikbare aanbod Beschouwing bevolkingskrimp en levensverwachting

32 -28-

33 4 VAN NOODZAAK TOT IJKPUNTEN 4.1 URGENTIE De urgentie van een veranderagenda voor zorg en maatschappelijke ondersteuning volgt uit de bovenstaande analyse op hoofdlijnen: a. De demografische ontwikkelingen leiden tot een toenemende vraag. b. Een achterblijvend aanbod om de vervangingsvraag in de zorg te accommoderen is en wordt verder nijpend. c. Daardoor kunnen wij het juiste aanbod op de vraag niet meer accommoderen. d. De continuïteit en beschikbaarheid van de zorg en een deel van de economie in de regio komt daardoor ook in gevaar. e. Deze spanning moet verminderd of liefst opgelost worden door NU actief de maatschappelijke ondersteuning en zorg te convergeren op de nieuwe vraag vice versa. f. Maar ook de nieuwe vraag moeten we samen convergeren, samenkomen, op de afnemende mogelijkheden in het volume van het aanbod. g. De oplossing van opdoemende vraagstukken ligt in handen van de toekomstige zorggebruikers, huidige beleidsmakers, aanbieders en financiers van zorg. 4.2 SAMEN ACCOMMODEREN VAN VRAAG EN AANBOD Op basis van de beschreven urgentie komen wij bij de toekomstige vraag naar, en aanbod aan, voorzieningen. Er komen steeds meer ouderen en minder jongeren. Er komt een zware taak voor ons allen in de regio willen we de vraag met het aanbod kunnen accommoderen; de roep om gestuurd verandermanagement dat door partijen in de regio samen gedaan wordt, komt steeds meer naar boven. Dus niemand kan en mag zich hier aan onttrekken willen we de regio veilig, mooi en economisch, sociaal en maatschappelijk leefbaar houden. Meer van hetzelfde is in de typisch Zeeuws-Vlaamse situatie geen oplossing voor de genoemde vraagstukken en bedreigingen. Expliciet voelen we het als onze opdracht om te zoeken naar andere werkwijzen, verbindingen en logistiek in de zorg. Daarbij mag de nabijheid van de zorg in sociaal en emotioneel opzicht niet uit het oog verloren worden; daar moeten we samen voor waken als we uitgaan van de gerechtvaardigde wensen van de cliënten. Wij moeten zoeken naar relevante mogelijkheden van nieuwe medischtechnologische inzichten en werkwijzen in de zorg in Zeeuws-Vlaanderen. Wij zullen de ondersteuning en zorg beschikbaar moeten houden en hebben, voor allen die terecht om onze zorg en verzorging en ondersteuning vragen. Het is niet wenselijk om zich enkel te specialiseren op niches van die zorg Van noodzaak tot ijkpunten

34 4.3 ONTZORGEN, DE BURGER MEER AAN HET EIGEN STUUR Naast marktwerking en overheidsregulering wordt steeds vaker gesproken over het gedachtegoed van de civil society ix. Hierin wordt een centrale plaats aan burgers toegekend. Hoe kan de verantwoordelijkheid voor welzijn, mantelzorg en gezondheidszorg of beheer van de eigen omgeving sterker bij burgers worden gelegd? Hoe kunnen burgers taken overnemen die nu vaak aan overheidsorganisaties zijn opgedragen of uit collectieve middelen worden gefinancierd? Niet nieuw is dat we steeds vaker spreken over een integraler, samenhangender proces voor de burger waarbij samenhang en samenwerking kernwoorden zijn en de burger de eigen regie voert over eigen gedrag, gezondheid en ziekte. Hier past het begrip ontzorgen goed bij. De burger kan, in het gedachtegoed van de civil society, dus niet achteroverleunen. Als consument van zorg moet de burger zelf zoveel mogelijk de verantwoordelijkheid en de regie nemen x. Maar niet iedereen kan die eigen regie aan. Aandacht voor zelfredzaamheid dient vergezeld te gaan van de heldere boodschap dat de mate waarin men zelfredzaam is zeer individueel bepaald is. Bijvoorbeeld een chronisch zieke die al jaren leeft met zijn beperking, weet vaak heel goed hoe ermee om te gaan. Er zijn ook burgers die minder eigen regie willen en graag iemand uit hun omgeving op dat vlak ondersteuning laten bieden. En er zijn mensen die zeer kwetsbaar tot volledig afhankelijk zijn van zorg en geen naasten hebben om hen daarin bij te staan. Elk stelsel zal zich hiervan rekenschap moeten geven. De samenleving, wij allen dus, hebben de plicht voor mensen te zorgen die het echt nodig hebben. Ondertussen ontslaat ons dat niet van de taak ons zorg- en ondersteuningssysteem zo in te gaan richten dat bevorderen van zelfredzaamheid niet meer ontmoedigd wordt, integendeel. Het stelsel moet zelfredzaamheid bevorderen. De Rijksoverheid is doende eenduidige kwaliteitsnormen te herijken en opnieuw vaststellen. Zij speelt daarbij al min of meer in op de eigen regie door de burger. Naar verwachting zal de langdurige zorg wat betreft de verzekeringscontext nog meer bij de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) en de Wzv (Wet Zorgverzekeringen) komen te liggen onder verkleining van de reikwijdte van de Awbz (Algemene wet bijzondere ziektekosten). Nationaal geldt al dat de economische crisis en de lagere economische groei tot extra kostenbewustzijn en bezuinigen dwingen. De voorgestane verschuiving van zorg en ziekte naar gedrag en gezondheid binnen de menselijke en maatschappelijke mogelijkheden kan hiermee worden versneld. Zo wordt gesproken over: van ZZ (ziekte en zorg) naar GG (gedrag en gezondheid) gaan binnen de MM (menselijke en maatschappelijke) context. In het spoorboekje naar een gezonde zorgsector pleit de RVZ voor meer nadruk op kwaliteit, preventie en toegankelijkheid en de menselijke en maatschappelijke mogelijkheden. Het is een illusie, aldus Johan Polder cs xi, dat we ziekte en zorg -30- Van noodzaak tot ijkpunten

35 achter ons kunnen laten en wat de zorg betreft moeten we dat zeker ook niet willen. Want de zorg zorgt niet alleen voor zieken maar gelukkig ook nog steeds voor gezondheid. Hoeveel gezondheid heeft de cardiologie, de diabeteszorg, de psychiatrie en alle andere vormen van zorg al niet opgeleverd? Niet enkel van ZZ naar GG heeft de toekomst, maar juist van ZZ en GG naar MM, ofwel naar de context van de mens en de maatschappij. De toekomst krijgt alleen een goede diagnose als ziekte en zorg, gezondheid en gedrag worden benaderd vanuit de menselijke en maatschappelijke mogelijkheden. Waar we nu met ziektelabels benadrukken wat mensen niet meer kunnen, moeten we als reactie daarop naar een benadering waarin menselijke competenties centraal staan. Gezond zijn is immers kunnen doen wat je wilt doen. En waar mensen anno nu nogal eens worden gezien als een optelsom van de relatieve risico s die hun leefstijl met zich meebrengt, moet er meer oog komen voor hoe mensen zich voelen. Immers, gezond zijn is ook lekker in je vel zitten. En laten we bij dit alles meteen nadenken over wat we in onze samenleving onder gezondheid en ziekte verstaan. Misschien moeten we maar eens wat labels gaan verwijderen en in plaats van een achterhaald idee van gezondheid meer de maatschappelijke participatie centraal gaan stellen. Want van deelname aan de samenleving wordt iedereen beter. Dit vraagt ingrijpende inspanningen van alle betrokkenen, ook in Zeeuws- Vlaanderen, waaronder ook de consument en de burger. Maar geen stelselherziening aldus de RVZ. In dit regioplan onderschrijven wij deze opvatting. 4.4 COMPLEXERE STURINGSVRAGEN EN NIEUWE COMPETENTI ES In Zeeuws-Vlaanderen ziet men steeds meer de noodzaak dat bestaande structuren, waarin maatschappelijke ondersteuning en gezondheidszorg zijn ingebed, toe zijn aan versnelde hervormingen. Hervormingen, gesteund door visie en drive, waarbij wij ons weten te verbinden met aanpalende collegae, voorzieningen, instanties, mantelzorgers etcetera. Dat de geleverde en gevraagde zorg past binnen een zorgcontinuüm, en dat daarbij meer vanuit ketens en netwerken wordt gewerkt. Waar ontschot gewerkt gaat worden, waar nieuwe structuren en werkmodellen inspelen op de vraag naar ondersteuning en zorg. Maar ook structuren, werkwijzen en werkmodellen waarin nieuwe werkers in de gezondheidszorg zich senang voelen. Dat hervormen moet dan aansluiten op nieuwe en andere behoeften van instromende professionals in de zorg. Daarvoor zijn nieuwe en vaak andere competenties nodig. Andere dan 10 of 20 jaar geleden bij zorgverleners en gebruikers van zorg in zwang waren en bij opleidingen werden mee gegeven. Het stelt alle partijen voor een extra ingewikkelde sturingsvraag bij de inzet van huidig en toekomstig arbeidspotentieel: mensen met bestaande en wat oudere competenties naast nieuwe generaties met nieuwe en aanvullende competenties, behoeften en mogelijkheden. Dat moet gematched worden met verschillende groepen zorgvragers die ook in verschillende perioden ouder en wijzer zijn geworden Van noodzaak tot ijkpunten

36 In de komende jaren zal een groot deel van de beroepsbevolking en de zorgvrager, ieder in zijn eigen tempo, zich ontwikkelen van zorgverlener en patiënt 1.0 (u vraagt, wij draaien), naar zorgverlener en consument 2.0 (u vraagt, ik antwoord en we gaan daarna een gesprek er over aan), tot de zorgaanbieder en zorggebruiker 3.0. (de zorggebruiker wordt daarmee de regisseur over eigen leven en gezondheid en niet meer enkel object van zorg). Wat meer filosofisch ingestelde denkers zeggen dan dat de burger of patiënt feitelijk zelf lid wordt van het behandel team. Meer en ander gebruik van kennisinformatie- en beslissystemen, die toegankelijker worden voor ook nietprofessionals, zullen daar een grote invloed op hebben. 4.5 LEREN VAN ANDEREN Wij denken bij de procesredesign in Zeeuws-Vlaanderen veel te kunnen leren van andere voorbeelden in én buiten de zorg. In domeinen waar men zich voor analoge vraagstukken gesteld ziet zoals in Zeeuws-Vlaanderen al opdoemen. Out of the box waarnemen, kijken en bespreken zal een competentie zijn die we niet mogen overslaan. Niet voor niets wordt landelijk ook naar Zeeuws-Vlaanderen gekeken, omdat de ontwikkelingen in de demografie op termijn in vele andere delen van het land zich gaan manifesteren. Voor Zeeuws-Vlaanderen een extra reden om een goed voorbeeld te geven hoe het kan. 4.6 AANSPREKEN EN AANGESPROKEN WORDEN Nu veranderingen in de bestaande werkwijze van de maatschappelijke ondersteuning en gezondheidszorg noodzakelijk zijn, is het minstens nodig dat iedere betrokkene scherp is over de eigen inzet, visie, beleid en werk om de toekomstige ontwikkelingen zelf mede vorm te gaan geven. Dat vraagt een vrije geest om aan te spreken en aangesproken te worden. Ideologisch en maatschappelijk gezien is het een gegeven dat dan iedereen hierbij nodig is en moet participeren. 4.7 BETEKENISVOLLE STAPPEN ZETTEN EN BIEDEN V AN COMFORT AAN ELKAAR Vanwege de spanning tussen vraag om en aanbod van zorg is het nodig om in de komende 3 jaar betekenisvolle stappen te zetten. Stappen om de toenemende druk op de tweedelijnsvoorzieningen door de vergrijzing en toename van het aantal complexere chronische zorg te kunnen blijven accommoderen. Daarvoor is het nodig die zorg beschikbaar te houden en een deel van de minder complexere zorg te verschuiven van de tweede naar de eerste lijn. Een dan vervolgens ook verschuiven van minder complexe zorg in de eerste lijn trachten uit te stellen of te voorkomen of te verminderen door de eerste lijn naar de nuldelijn of preventie te verschuiven. Die toenemende druk op de voorzieningen voor complexere gevallen vraagt om keuzen en prioriteiten Van noodzaak tot ijkpunten

37 Dat vraagt tegelijk naar het zoeken naar andere werkwijzen en omgang met elkaar. Dat vraagt aan alle partijen om elkaar comfort te bieden om deze ogenschijnlijk logische afschaling van zorg ook inhoudelijk te motiveren en dit niet tegen te houden. Tegenhouden bedoeld vanuit overwegingen van financiering van de eigen discipline of instelling. De houdbaarheid en beschikbaarheid van de zorg vraagt een evenwichtigere afweging van belangen. Dan zeggen we ook dat we begrip hebben dat veranderingen niet altijd goed uitpakken voor direct betrokken zorgverleners; daar begrip opbrengen kan helpen, elkaar daarin comfort geven is nog beter. Het vraagt creatieve oplossingen om in de complexe en relatieve kleinschalige schaal in Zeeuws-Vlaanderen de kwaliteit, bereikbaarheid en beschikbaarheid van zorg in de buurt en de regio overeind te houden. 4.8 EEN MAKKELIJKE WEG IS HET NIET De analyse die we maken en de taak die we op ons nemen is geen gemakkelijke. Het zal soms dus ook gewoon zeer doen of men kan zelfs in het eigen bestaan bedreigd worden. Organisaties en personen zien hun toekomstperspectieven en verwachtingen omgebogen worden. Zij zien soms ook, begrijpelijkerwijs, niet direct de eigen voordelen van alle noodzakelijke koerswijzigingen. Maar wij willen daar wel een afspraak over maken. Het is iets typisch Zeeuws- Vlaams om hiermee wel rekening te houden: dat getuigt van lef, durf en doorzettingskracht. Dat vraagt tegelijkertijd ook enige regie. Het is dan ook nodig dat wij elkaar erop bevragen en dat ieder betrokkene zich daarover ook verstaanbaar maakt. Vervolgens zal afspraak ook afspraak zijn. Op die manier kan door partijen ook comfort gegeven worden aan anderen. Aan hen die zich zelf, in het belang van het proces voor een houdbare, bereikbare en beschikbare zorg volgens de state of the art, willen inzetten. 4.9 HANTEREN VAN IJKPUNTEN In onze beraadslagingen over de analyse en de visie voor dit regioplan hebben wij ijkpunten geformuleerd. Met de ijkpunten willen wij de in kaart gebrachte bedreigingen op het terrein van de beschikbaarheid, bereikbaarheid, betaalbaarheid en de kwaliteit en veiligheid van de gezondheidszorg in de regio het hoofd bieden. Wij hebben daarvoor een aantal oudere maar ook recentere inzichten verzameld die er toe doen, deels geïnspireerd door de Raad voor de Volksgezondheid, RVZ d.d. september 2010 xii en artikelen van o.a. Johan Polder cs.. In die geest zal de burger, cliënt, zorgvrager en patiënt, meer dan nu, aangespoord moeten worden om te breken met ongezond gedrag. Dit is de taak van de zorgprofessional. Deze burger als cliënt en zorgvrager is zelf eerstverantwoordelijke. De zorgverlener spreekt hem of haar daarop aan en biedt ondersteuning; de verzekeraar coacht met informatie en financiële prikkels Van noodzaak tot ijkpunten

38 Leefstijlbeïnvloeding levert op korte termijn individuele en collectieve gezondheidswinst op met directe kostenvoordelen in de zorg en een hogere participatie op de arbeidsmarkt. Eerste prioriteit daarbij is volgens de RVZ om het aantal rokers in Nederland met één vijfde terug te dringen tot het gemiddelde in de OESO aldus RVZ Van noodzaak tot ijkpunten

39 5 DE 11 IJKPUNTEN Wij hebben voor het regioplan 11 ijkpunten vastgesteld. Dit zijn elementen die in de visie passen en die wij met elkaar delen als wezenlijke principes in de inrichting van de gezondheidszorg in de komende jaren in Zeeuws-Vlaanderen. De ijkpunten zijn: 5.1 ZIEKTE EN ZORG, GEDRAG EN GEZONDHEID, MENS EN MAATSCHAPPIJ De eigen verantwoordelijkheid van de burger staat primair voorop bij de komende ontwikkelingen in de gezondheidszorg en welzijnszorg in de regio. Het zoveel mogelijk afschalen van een zorgvraag naar een voorliggende voorziening of zelfzorg is daarbij een te hanteren methode. Daarbij willen aanbieders en financiers van zorg zich inzetten om de focus te leggen op de eigen verantwoordelijkheid, de eigen mogelijkheden van de zorgvrager en daarbij de eigen regie van de burger en cliënt te faciliteren. Cliëntenorganisaties, aanbieders van zorg en ondersteuning en financiers (gemeenten en zorgverzekeraars) bevorderen sterk deze ontwikkeling en cultuurverandering. Wij duiden deze ontwikkeling als de beweging: van ziekte en zorg, naar gedrag en gezondheid, in de menselijke en de maatschappelijke context. Afgekort als van ZZ via GG naar MM. Het is een kanteling in denkwijze van veel zorggebruikers en zorgaanbieders. Niet enkel van ZZ naar GG heeft de toekomst, maar juist van ZZ en GG naar MM, ofwel naar de context van de mens en de maatschappij. De toekomst krijgt alleen een goede diagnose als ziekte en zorg, gezondheid en gedrag worden benaderd vanuit de menselijke en maatschappelijke mogelijkheden. Waar we nu met ziekte-labels benadrukken wat mensen niet meer kunnen, moeten we als reactie daarop naar een benadering waarin menselijke competenties en (rest)mogelijkheden centraal staan. Gezond zijn is immers kunnen doen wat je wilt doen. Het is daarbij van belang, indachtig het civil society gedachtengoed, om de burger veel centraler te positioneren en meer zelf te laten doen en regie over het leven te nemen. Deze omslag vraagt een ondersteuning van die burger om dat ook daadwerkelijk te realiseren, in het geval die burger daar ook ondersteund bij wil worden. Het is een illusie, aldus Johan Polder cs xiii, dat we ziekte en zorg achter ons kunnen laten, en wat de zorg betreft moeten we dat zeker ook niet willen. Want de zorg zorgt niet alleen voor zieken, maar gelukkig ook nog steeds voor gezondheid. Hoeveel gezondheid leverde de cardiologie, de diabeteszorg, de psychiatrie en alle andere vormen van zorg inmiddels op? De kanteling in het denken van Ziekte en Zorg, -35- De 11 ijkpunten

40 naar Gedrag en Gezondheid is alleen zinvol als het ook in de context van de Mens en de Maatschappij komt te staan. Ziekte en zorg, gezondheid en gedrag moeten dus gepositioneerd worden binnen de menselijke en maatschappelijke mogelijkheden. Waar we nu met ziekte-labels benadrukken wat mensen niet meer kunnen, moeten we, zoals gezegd, als reactie daarop naar een benadering waarin menselijke competenties centraal staan. Gezond zijn is immers kunnen doen wat je wilt doen. En waar mensen anno 2012/2013 nogal eens worden gezien als een optelsom van de relatieve risico s die hun leefstijl met zich meebrengt, moet er meer oog komen voor hoe mensen zich voelen. Immers, gezond zijn is ook lekker in je vel zitten. De Raad voor de Volksgezondheid RVZ heeft het begrip van ZZ naar GG eerder uitvoeriger uit de doeken gedaan xiv. Deze accentverschuiving betekent niet dat zorg voor ziekten en zieken minder prioriteit zou krijgen. Integendeel, het doel is juist om noodzakelijke zorg als collectieve inspanning en publieke taak te kunnen blijven waarborgen. Dat vraagt in de zeer nabije toekomst nog betere keuzen maken bij de hoogst noodzakelijke ondersteuning en zorg. En dat in de situatie van het niet evenredig stijgende aanbod aan voorzieningen. Van ZZ naar GG gaat geeft verder verschuiving tussen de aandacht en nadruk op ziekte en zorg (of wat je niet meer kan) naar gedrag en gezondheid(dus ook naar wat je nog wel kan). Daarbij hebben burgers meer dan tot nu toe de eigen verantwoordelijkheid om voor de eigen gezondheid te zorgen en worden daarin, indien nodig, aangemoedigd door professionals. Het gaat om kwaliteit van leven en om de burger in zijn relatie tot zijn omgeving en als onderdeel van de samenleving. Kwaliteit van leven geldt voor alle levensgebieden. Maar ook hier invulling aan kunnen geven. Een zieke is meer dan zijn ziekte. Van belang is dat de mens met makken deel kan blijven uitmaken van de samenleving. Het antwoord op een vraag kan ook zijn coaching, ondersteuning, hulp of zorg. Voorschrijven van medicatie kan aangevuld worden met recepten of voorlichting over aanpassing van de levensstijl waarin de eigen actieve inspanning en bijdrage zit van de burger. Een recept of voorlichting kan richting geven aan beweging, zingeving, -36- De 11 ijkpunten

41 dagbesteding enz. Hiermee wordt zelfredzaamheid aangesproken en versterkt en is er oog voor kwaliteit van leven. Daarnaast is het van belang het sociaal netwerk en de mantelzorg te mobiliseren en te versterken rond de persoon met beperkingen. De term zorg betekent dikwijls zorgen voor en het streven is erop gericht dat te verminderen door de burger weer de regie over het eigen leven en de ziekte terug te geven. In de zorg wordt gewerkt met diagnostiek, dit is gericht op herstel en zorg interventies. Het is om allerlei historisch verklaarbare redenen niet altijd gericht op preventie, kwaliteit van leven en maatschappelijk resultaat. Daarbij is het dikwijls gericht op één specifieke medische invalshoek of diagnose. En dan te bedenken dat de klachten vaak met de jaren komen en niet enkelvoudig zijn. Er is dan sprake van zogenaamde multimorbiditeit. De huidige zorg is nog te weinig holistisch gericht. In de zorg is het nodig te gaan ont-zorgen en normaliseren. Dit vraagt van de burger om verantwoordelijkheid te nemen en te houden voor zijn situatie, ook wanneer je ziek bent. Dit vereist echter een paradigmashift in de zorg. In de zorg krijgen burgers met een vraag veelal een antwoord gerelateerd aan het zorgaanbod, het blijft nog te veel een medische of zorginterventie. Het versnellen van de cultuuromslag van ziekte en zorg naar gedrag en gezondheid, mens en maatschappij door (zorg)professionals, burgers en zorggebruikers door te ont-zorgen en de regie bij de burger te laten is niet een emancipatiewens, maar ook bitter noodzakelijk om de zorg voor de meest kwetsbaren in onze samenleving te kunnen blijven bieden. De versterking van de solidariteit om zorg in Zeeuws-Vlaanderen beschikbaar te houden is noodzakelijk voor hen die de eigen regie niet (meer) kunnen opbrengen. Burgers en professionals zullen elkaar daarop aanspreken zonder het gesprek daarover te beladen met een vorm van moraliseren en betuttelen. Het is heel legitiem én noodzakelijk om gezond gedrag te bevorderen, om zodoende ziekte te voorkomen of te verminderen of uit te stellen. Het bovenstaande Preventmodel xv (zie bijlage 9.7) dat in samenwerking van organisaties in de zorg tot stand is gekomen, geeft een snelle blik op de bedoelingen van deze gedachte. Het behandelen verschuiven naar bijsturen met hulp. Het bijsturen met hulp verschuiven naar er op tijd bij zijn. Er op tijd bij zijn verschuiven naar op eigen kracht aan je gezondheid werken, en verschuiven naar gewoon gezond leven. Het Preventmodel is in bijlage 9.7 vergroot opgenomen. 5.2 SAMENWERKING, CO-CREATIE EN CO-MAKERSHIP Het intensiveren van samenwerking tussen maatschappelijke ondersteuning en gezondheidszorg is noodzakelijk. Samenwerking waarbij ontschotting tussen domeinen van zorg en ondersteuning uitgangspunt is. Samenwerking die proactief anticipeert op de gestage bevolkingskrimp in de komende decennia. Samenwerking die de doelstellingen in het werkplan 1.0 ondersteunen en sneller binnen bereik brengen. Nieuwe initiatieven worden in co-makerschip tot stand gebracht tussen en met aanbieders en financiers van maatschappelijke ondersteuning en zorg. Gebruikers van zorg zijn betrokken De 11 ijkpunten

42 Waar marktwerking knelt en geen bijdrage levert aan betere uitkomsten van zorg en grotere gezondheidswinst, of de kwaliteit, bereikbaarheid, continuïteit en beschikbaarheid van zorg in Zeeuws-Vlaanderen belemmeren, wordt eensgezind opgetreden. Een handreiking van de minister van VWS richting de Nederlandse Zorg Autoriteit van juni 2012 is daarbij uitgangspunt en het regeerakkoord van 29 oktober 2012 is bron van inspiratie om de kleinschaligheid in Zeeuws-Vlaanderen eigentijds innovatief te blijven bedienen en verder te ontwikkelen. 5.3 DE WEDERKERIGHEID VAN DE CLIËNT EN PATIËNT De wederkerigheid van de cliënt en patiënt onderling en naar de hulpverleners en zorgverleners vice versa is extra punt van aandacht waarop door zorggebruikers én professionals in de zorg gestuurd kan worden. Het is een eenvoudig, puur en eerlijk principe. Geven om op een ander moment te kunnen ontvangen is daarbij een van de achtergronden. Die wederkerigheid zoals hier bedoeld zal niet in geld uitgedrukt worden. 5.4 WERKEN MET HET FRAILTY PRINCIPE TOT MEER MAATWERK De bredere verspreiding van de gedachtenvorming en werkwijze rond de frailty (individuele kwetsbaarheidsfactor) wordt voorgestaan. Dan wordt het mogelijk gemaakt om te ontzorgen waar het kan, maar ook maatwerk te leveren waar gepast en nodig. Het concept kwetsbaarheid (frailty) wordt steeds vaker gebruikt in zowel de wetenschap als de hulpverlening. In de literatuur voor 1980 was nauwelijks aandacht voor kwetsbaarheid bij oudere mensen. De term frail elderly is geïntroduceerd om een specifiek segment van de oudere bevolking te kunnen aanduiden. Het gaat dan om kwetsbare ouderen als personen die meestal, maar niet altijd, een hogere leeftijd hebben dan 75 jaar en die vanwege een opeenstapeling van diverse voortdurende problemen frequent ondersteuning nodig hebben om het hoofd te kunnen bieden aan het dagelijkse leven. De laatste 12 jaar is het aantal publicaties over kwetsbaarheid aanzienlijk toegenomen. De mate van kwetsbaarheid van een oudere persoon blijkt een betere voorspeller van ongewenste gebeurtenissen zoals opname in een ziekenhuis of verpleeghuis en vroegtijdig overlijden dan leeftijd. Dit is van belang om te bepalen hoeveel en welk type zorg of behandeling nodig is en om een inschatting te maken van de gezondheidsrisico s en de daarmee samenhangende zorgbehoefte. Door de mate van kwetsbaarheid vast te stellen kan bepaald worden wie extra aandacht of zorg nodig heeft De 11 ijkpunten

43 Kwetsbaarheid verdient daarom een plaats in het klinisch denken en handelen. Het concept zou volgens ons aandacht moeten krijgen in alle geledingen van het zorgsysteem, of het nu gaat om ziekenhuizen, verpleeghuizen of eerstelijnszorg. Uit het onderzoek (ca. 2003) blijkt dat medische deskundigen deze mening delen: 69% van de respondenten in dit onderzoek, dat gehouden werd onder vertegenwoordigers van verschillende disciplines (zoals verpleegkunde, geneeskunde, psychologie en maatschappelijk werk) vindt het nuttig om het begrip kwetsbaarheid te hanteren in zowel de klinische zorg als de extramurale zorg. Kwetsbaarheid is niet gemakkelijk te operationaliseren. Er bestaat nog geen algemeen aanvaarde en eenduidige definitie van dit begrip. Om te kunnen vaststellen wie de kwetsbare ouderen zijn en vervolgens hun kwetsbaarheid te verminderen of verergering te voorkomen, is een definitie van kwetsbaarheid wel nodig. Om die reden volgen we ook bovenstaande redenering en redactie uit de publicatie van Wetenschappelijke definities en metingen van kwetsbaarheid zoals Robbert Gobbens cs die geformuleerd hebben ten behoeve van een publicatie door het SCP begin Die definitie luidt: Kwetsbaarheid bij ouderen is een proces van het opeenstapelen van lichamelijke, psychische en/of sociale tekorten in het functioneren dat de kans vergroot op negatieve gezondheidsuitkomsten (functiebeperkingen, opname, overlijden) De 11 ijkpunten

44 De zorg wordt op meer individueel niveau geschoeid. Van voorziening naar ondersteuningsprincipe en alleen daar waar de ondersteuning in het individuele geval niet te vermijden is. Daarbij is betere en doelmatigere zorg tot en met ontzorgen uitgangspunt en zal dat vaker leiden tot het wegsnijden van onnodige kosten en onnodige zorg. 5.5 COMPRESSIE VAN MORBIDITEIT: OMVANGRIJKSTE ZIEKTELAST HET EERST De compressie van de morbiditeit, in het bijzonder in de jaren aan het einde van het leven, is een krachtig uitgangspunt om meer aan de voorkant van preventie en erop tijd bij zijn te gaan zitten in plaats van aan de achterkant van het zorgproces, als care en langdurige zorg onomkeerbaar zijn geworden. Deze compressie geeft mogelijkheden de morbiditeit in ernst en omvang te reduceren of een tijd uit te stellen, waardoor druk op het intensieve en specialistische cure en care systeem wordt ontlast of wachttijden worden gereduceerd. Het stellen van prioriteiten is primair bij het werkplan. De focus ligt op die gebieden waar het meeste resultaat te boeken is. Gebieden die nu een groot beslag leggen op de personele en financiële inzet resp. die een hoog verlies laten zien aan (ervaren) levensjaren in gezondheid. Wij sluiten aan bij de levenslijn, de focus ligt per doelgroep anders en er wordt per doelgroep gekeken waar de grootste winst te behalen is en de ziektelast teruggebracht kan worden. Bij de jongeren gaat het vooral om de eigen verantwoordelijkheid voor gedrag en gezondheid sterk te stimuleren, te ontwikkelen en er vroegtijdig bij te zijn (Preventmodel). Daardoor krijgt de afschaling van zorg meteen een stevige en werkbare basis voor deze en komende generaties. Bij de actieven en in-actieven is het van belang iedereen zo veel mogelijk fit en gezond te houden om ziekte of gebrek te voorkomen, te verminderen of uit te stellen. In de komende jaren is iedereen, maatschappelijke en economisch gezien, hard nodig in de regio. De groep van kwetsbare ouderen van 75+ verdient alle aandacht en maatwerk bij het leveren van ondersteuning en zorg. Het toepassen van de gedachten rond de frailty-index wordt regio breed verder opgepakt en ingevoerd; daardoor kan onnodige ondersteuning en zorg voorkomen worden en personeel, faciliteiten en kosten besparen. Daarmee blijft zorg die niet uitstelbaar en te vervangen is langer en beter gegarandeerd De 11 ijkpunten

45 5.6 DE UITKOMSTEN VAN DE ZORG EN GEZONDHEIDSWINST ZIJN BOVENGESCHIKT De uitkomsten van de zorg in termen van gezondheidswinst zijn bovengeschikt aan procedures, de inrichting van de maatschappelijke ondersteuning en gezondheidszorg en institutionele belangen. Maar ook aan financieringsarrangementen en vergoedingen voor geleverde zorg. Het aanbieden en inkopen van het zorgaanbod moet daarom veel meer afgemeten worden aan de uitkomsten van zorg én de bereikte gezondheidswinst. Hierbij zullen innovatievere, snellere, doelmatigere, kostenbesparende en minder arbeidsintensieve ondersteuning en medische technologie, gelet op de urgentie in Zeeuws- Vlaanderen, meteen meegenomen en toegepast moeten worden. E-Health, al dan niet in combinatie met reguliere zorg, zoals in de geestelijke gezondheidszorg al mogelijk is, moet hierin voorop gaan. Leren van anderen in andere regio s is uitgangspunt. Invented here is uit; slim kopiëren om te innoveren is in. Deze stevige stellingname willen we innemen om echt een verandering aan te brengen in het zorgsysteem gelet op de eerder geschetste urgentie wegens de krimp, ontgroening, vergrijzing en betaalbaarheid en beschikbaarheid van de zorg. Aanbieders van zorg behoren, indachtig deze stellingname, niet langer uitsluitend beloond te worden voor het aantal verrichtingen maar ook op basis van bereikte resultaten: gezondheidswinst en participatie. Hoe lastig en weerbarstig dat in het huidige financieringsstelsel soms zal zijn, de urgentie van de problematiek in Zeeuws-Vlaanderen vraagt om hier toch een eerste begin mee te maken. En op de terreinen waar al eerste goede initiatieven gestart zijn deze te volharden, te verbeteren en verder te verbreiden in de regio. Dit alles leidt tot het volgende punt: 5.7 FINANCIERING NIET ENKEL RICHTEN OP BEHANDELEN EN VERRICHTINGEN Recent is de discussie opgelaaid over het vergoeden aan zorgverleners van het, als metafoor bedoelde, kijk- en luistergeld. Niet alleen behandelingen moeten vergoed worden maar ook inspanningen om behandelingen van alternatieven te voorzien, uit te stellen of zelfs te voorkomen. Dat vraagt om een andere? en meer inspanning aan beide zijden van het proces bij de zorginkoop. Dat vraagt ook om meer kennis over de klant, de markt en doelmatige bedrijfsvoering in ketens en netwerken. Het vraagt ook om verschuiving in de oriëntatie op de uitkomsten van het zorg- en ondersteuningsproces en te bereiken gezondheidswinst. Het voorkomen van ziekte (en uitval) is minstens zo belangrijk als het behandelen ervan. Dus van ZZ naar meer GG en in de context van MM. Het vraagt in ieder geval creatieve voorstellen van zorgvragers en zorgaanbieders waar resultaten van zorg voorop staan, en creatieve mogelijkheden aan de kant van zorgkantoren en zorgverzekeraars om nieuwe of aanvullende financieringsarrangementen te koppelen aan de nieuwe zorgarrangementen. Het bovenstaande mag geen academische discussie worden, maar aanzetten tot vernieuwingen en verbeteringen en echt resultaten opleveren. Uiteraard moet daarbij de belasting en belastbaarheid van de hulpverlener in ogenschouw -41- De 11 ijkpunten

46 genomen worden. Dat vraagt waarschijnlijk in een aantal gevallen om creatieve oplossingen die aanpassing vragen van wet- en regelgeving. Om te beginnen is het goed om eerst de ruimte binnen die wet en regelgeving op te zoeken en te gebruiken en te evalueren. Aansluitend kan gedacht worden aan experimenteer statussen om de gestelde doelen te bereiken, waaronder gezondheidswinst en betere uitkomsten van het zorgproces, op individueel niveau van de zorgvrager alsook bij populatie management. 5.8 BEHEERSBARE KOSTENONTWIKKELING Het beheersbaar houden van de kostenontwikkeling in de gezondheidszorg is een maatschappelijke opdracht voor alle aanbieders, zorggebruikers en verzekeraars resp. financiers. Het beheersbaar houden is een gegeven uitgangspunt, waar niet aan te ontkomen is. Dit kan niet alleen afgedwongen worden door nationale regels. Met het oog op de vergrijzing en ontgroening en de daarmee gepaard gaande totale ziektedruk en zorgvraag in de regio Zeeuws-Vlaanderen, krijgt alles wat bijdraagt aan aanzienlijke compressie van morbiditeit de voorkeur om als eerste aan te pakken. 5.9 BETER PRESTEREN, BETERE SERVICE, SLUITEND NETWERK De toekomstbestendigheid van de voorzieningen in Zeeuws-Vlaanderen is in een viertal elementen te duiden: 1. Een sluitend netwerk van voorzieningen, 2. Beter presteren en betere service t.b.v. behoud van basiszorgvoorzieningen, 3. Blijvend vernieuwen van de zorg door innovaties die intern ook gedreven en aangejaagd worden, 4. Onnodige stappen, procedures en zorg wegsnijden in het belang van een betere uitkomst van die zorg. E E N S L U I T E N D N E T W E R K V A N V O O R Z I E N I N G E N Het in standhouden en verbeteren van een sluitend netwerk van (zorg)voorzieningen kan geschraagd worden door het inrichten van een toekomstbestendige werkwijze die domein overstijgend en ontschottend acteert in de regio. Een sluitend netwerk van ondersteunende, hulpverlenende, verzorgende en medisch specialistische voorzieningen dient in de regio Zeeuws-Vlaanderen beschikbaar te blijven, tenzij dat uit kwaliteitsoverwegingen niet tegen aanvaardbare kosten gerealiseerd kan worden. Het sluitende netwerk betreft zowel preventie, wonen, welzijn, de maatschappelijke hulpverlening, de cure als de care, de somatische en de geestelijke gezondheidszorg De 11 ijkpunten

47 Bestaande goede voorbeelden moeten behouden blijven, naar behoefte regio breed uitgebouwd worden, zoals de Huisartsen Kliniek, en geüpgraded worden. In geval van consultatie bij zeer complexe zorg, topreferente zorg en vormen van radiotherapie zal naar voorzieningen buiten de regio verwezen moeten worden, waarbij de behandelrelatie met de professionals in Zeeuws-Vlaanderen zo veel als mogelijk wordt gehandhaafd. Onnodige uitstroom van zorgcliënten voor basiszorg uit de regio Zeeuw-Vlaanderen moet worden voorkomen om daarmee de continuïteit en betaalbaarheid van de wel in de regio geleverde zorg te blijven garanderen en het minimale organisatorische, kwalitatieve en financiële draagvlak daarvoor in stand te houden. B E T E R E S E R V I C E E N T E G E L I J K B E T E R P R E S T E R E N Het service niveau van de zorginstellingen en professionals moet minstens zo goed, of liever nog beter, zijn dan die van omliggende regio s. Het service niveau kan omhoog waardoor de gebruiker zich nog meer thuis voelt, beter wordt bediend en dus langer blijft kiezen voor de zorginstellingen en professionals in Zeeuws- Vlaanderen. Wij willen de zorg in Zeeuws-Vlaanderen zo aanpassen dat naast de service, vooral de uitkomst van die zorg zeker zo goed of zelfs beter is als die in de omgeving van Zeeuws-Vlaanderen. Daarmee wordt het onnodig weglekken van clientèle, nodig voor instandhouding van de Zeeuws-Vlaamse voorziening, sterk verminderd. De voorzieningen en professionals hebben daarin een belangrijke taak. Een betere service betekent echter niet onnodige zorg geven enkel omdat de burger of patiënt daarom vraagt. Als die extra zorg en diagnostiek geen wezenlijke extra bijdrage levert aan de uitkomsten van zorg en meer gezondheidswinst dan moet daar het gesprek expliciet over worden aangegaan. Tegelijkertijd hebben de (vertegenwoordigers van de) zorggebruikers de taak deze visie ook expliciet te onderschrijven, uit te dragen en in de praktijk te brengen. Professionals, instellingen en zorggebruikers zijn daarmee de dragers van dit gedachtengoed rond service en prestatie. Flankerend beleid voor weglek naar andere regio's kan tevens door de financier geschraagd worden. Door beter te presteren, betere service en een sluitend netwerk komt dit streven dichterbij. Het verbeteren van de service aan cliënten in de instellingen draagt bij aan de continuïteit van de voorziening in de regio. Cliënten worden bewuster van prijs en kwaliteit van de zorg die ze nodig hebben en zullen steeds vaker zelf kiezen waar ze behandeld willen worden. Zij zullen de service tussen voorzieningen binnen en buiten de regio op basis van eigen ervaring en via internet vergelijken en dan een keuze maken. Zorgwerkers zullen op hun beurt weer kiezen voor zorgvoorzieningen en werkgevers waar de kwaliteit van en tevredenheid over de zorg beter is dan elders. Het gesprek moet aangegaan worden als dat ervaren gebrek aan service een reactie is op het niet meer krijgen als cliënt van onnodige, ondoelmatige en niet effectieve -43- De 11 ijkpunten

48 zorg; zorg die bovendien geen gezondheidswinst oplevert of zelfs schadelijk voor de cliënt en diens kan zijn.. S T I L S T A N D I S A C H T E R U I T G A N G Vernieuwen van bestaande procedures, concepten en samenwerking is nodig om aan de urgentie van de geschetste problematiek in Zeeuws-Vlaanderen tegemoet te komen. Ruimte om te innoveren moet zo veel mogelijk binnen bestaande budgetten worden opgezet en terugverdiend worden. Aanvullende extra financiering door derden zal gelet op de economische situatie in ons land tot de uitzonderingen gaan behoren Het is daarbij verder noodzakelijk in het nieuwe tijdsgewricht aanvullende allianties te zoeken die door domeinen van ondersteuning en zorg heen lopen. Tussen domeinen van wonen, werken en zorg moeten daartoe (nieuwe) allianties die antwoord geven op de doelstellingen in dit regioplan verder verdiept worden. Allianties, nieuwe vormen of combinaties van zorg en regionale afspraken, die tot nu toe minder gebruikelijk zijn, moeten een kans krijgen in het belang van de uitkomst van zorg en de gezondheidswinst in de regio. H E T V E R M I N D E R E N E N S C H R A P P E N V A N O V E R B O D I G E H A N D E L I N G E N E N B E H A N D E L I N G E N Het schrappen van behandelingen die niet bijdragen aan aantoonbare of ervaren gezondheidswinst is uitgangspunt. Verder kan het verminderen van onnodige administratieve lasten tijd en geld vrijspelen om de noodzakelijke zorg en ondersteuning in het primaire proces te verbeteren. De, als veelal ervaren bureaucratische, centrale indicatiestelling zou snel veranderd kunnen worden in de regio Zeeuws-Vlaanderen om deze kosten te besparen én gezondheidswinst te boeken. Het streven is erop gericht om binnen een jaar na het tekenen van de intentieverklaring GoedLeven.NL, bij wijze van experiment in de regio deze Centrale Indicatie Stelling Zorg op te heffen en de besparingen ten goede te laten komen aan de uitvoering van de verpleging en verzorging. Dit moet dan gebeuren binnen (nog te scheppen) vrije regelruimte en vermindering van overbodige procedures en lasten AANTREKKELIJKE WERK- WOON- EN ZORGOMGEVING Het faciliteren dat voldoende zorgprofessionals de verhuizing naar Zeeuws- Vlaanderen zullen inzetten om daar te wonen en te werken is een uitgangspunt dat werkgevers zich moeten aantrekken en daarop verder acteren. Daardoor wordt tijdiger voldaan aan een deel van de vervangingsvraag van zorgprofessionals en werkers in de maatschappelijke ondersteuning De 11 ijkpunten

49 5.11 DE FORMELE ONDERSTEUNINGSOPDRACHT EN ZORGPLICHT Naast de bovenstaande 10 ijkpunten blijft ook de formele zorgplicht resp. opdracht tot ondersteuning onaangetast. Het is de bedoeling de zorg in Zeeuws-Vlaanderen in de toekomst samen met gebruikers, aanbieders, professionals en de financiers vorm en inhoud te geven waarbij kansen en bedreigingen worden gemanaged. Dit regioplan is daarbij behulpzaam. Dat co-makerschap ontslaat de individuele partijen in het co makerschap niet van de basisverplichtingen zoals in wet en regelgeving is aangegeven. In het zorgverzekeringsstelsel dat op 1 januari 2006 is ingevoerd, hebben bijvoorbeeld zorgverzekeraars een zorgplicht. Zij zijn daarom verplicht ervoor te zorgen dat de verzekerde consument tijdig, voldoende en kwalitatief goede zorg krijgt (zorg in natura) of dat de kosten vergoed worden van de benodigde zorg waarop de patiënt recht heeft. Daardoor kunnen we elkaar hierop aanspreken en tot handelen overgaan De 11 ijkpunten

50 -46- De 11 ijkpunten

51 6 VAN OPMAAT NAAR DOELSTELLINGEN Op grond van de analyse, het urgentiebesef en in het licht van de landelijke ontwikkelingen, willen wij de doelstellingen geven voor het werkplan 1.0 waarbij wij de ijkpunten zo goed mogelijk verwerkt hebben of zullen verwerken in werkplan DE OPMAAT Als opmaat naar deze doelstellingen hebben wij de 4 belangrijke focuspunten bij de inrichting van de toekomstige beschikbaarheid, bereikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van de zorgvoorzieningen in Zeeuws-Vlaanderen én het versterken van de eigen regie door burgers en zorggebruikers: 1. Wij stimuleren de burger en zorgvrager om én verantwoordelijkheid én regie te nemen voor het eigen gedrag en de eigen gezondheid. 2. Wij staan voor een snellere transitie van ziekte en zorg naar gedrag en gezondheid (van ZZ naar GG) als bijdrage aan compressie van morbiditeit, behoud van noodzakelijke voorzieningen in het zorgnetwerk en vergroting van de gezondheidswinst. 3. Wij gaan voor uitkomst én resultaat van de zorg en maatschappelijke ondersteuning 4. Wij willen betekenisvolle stappen zetten EIGEN REGIE V AN DE BURGER In plaats van de zorg meteen in professionele handen te leggen worden de burgers steeds meer gevraagd de eigen regie te nemen als het om het eigen gedrag en de eigen gezondheid gaat. Steeds meer burgers worden daar niet eens meer voor uitgenodigd want zij eisen die rol en positie op. Door de verschuiving van professionele zorg naar de voorkant, van de zorg, naar preventie, van zorg naar eigenkracht, kunnen wij gezamenlijk een deel van de zorgvraag afschalen en uitstellen. Het niet groeiende aanbod aan voorzieningen bij een stijgende vraag kan dan rechtvaardiger verdeeld worden. De zorg kan beter beschikbaar blijven voor de groep mensen met een terechte vraag voor ondersteuning of zorg. Dus voor mensen die door ziekte of gebrek de regie over de eigen zorg niet (meer) op zich kunnen nemen. Wij willen meer aan de voorkant van gedrag en gezondheid sturen in plaats van aan de achterkant. Daarmee kan gezondheidswinst worden bevorderd. Het kan bijdragen aan een hogere kwaliteit van leven van het individu. En het kan bijdragen aan compressie van morbiditeit. Als die zorg toch nodig is, dan is het streven ook gericht op het zo lang mogelijk kunnen houden van de eigen regie van die zorgvrager Van opmaat naar doelstellingen

52 E-Health biedt waardevolle kansen en mogelijkheden. De burger wordt op onderdelen van zijn gezondheid steeds meer zijn eigen adviseur en behandelaar; dan gaat het om zorg op afstand, e-health leermodules en applicaties. Vroege interventies door er op tijd bij te zijn kunnen latere zorgvraag voorkomen, verminderen of verantwoord uitstellen. Mooie resultaten zijn al geboekt met Mentalshare BV (met bewezen effectieve online psychologische hulpverlening, zoals grip op je dip, depressie preventie etc.). Dit zijn wenkende perspectieven waarbij preventief acteren en zelfhulpzorg voor lichtere morbiditeit de professionele zorg kan verminderen. Dit vraagt om een toenemend draagvlak bij inwoners en (potentiele) zorgvragers, maar ook bij zorgverleners. Komende jaren moet het gesprek daarover gaan. De vroegtijdige explicitering van wensen van ouderen over de eigen end of life care (60+) is een thema dat explicieter op ieders agenda kan komen. De zogenaamde end of live care raakt het morele en ethische domein. Niet iedereen wenst hierover te spreken of daar op aangesproken te worden. Toch menen wij dat het gewenst is dat de burger aan de eigen huisarts of medisch specialist bijvoorbeeld kenbaar maakt hoe hij of zij daar tegenover staat en denkt. In ieder geval moet er de mogelijkheid zijn om daar vroegtijdig met de eigen arts over te kunnen spreken, liefst nog voordat de ongezonde levensjaren aanbreken. Gevraagd wordt om pro-actiever met de cliënt, vice versa, in gesprek te gaan over zijn of haar wensen t.a.v. de behandeling in de laatste fase van het leven. En als de laatste levensfasen aanbreken duidelijk te mogen zijn over de kansen op herstel of de beperkingen van de behandeling. Als bijvoorbeeld huisartsen hierover op tijd in gesprek gaan, zijn zij samen met de tweedelijns professionals en de mantelzorgers, beter in staat deze cliënten te begeleiden. Vragen kunnen dan zijn: hoe lang gaan we door met zorg, wat is voor de betrokken persoon menswaardig ziek zijn en sterven, durven we explicieter te zijn over de eigen wensen aan het einde van het leven en deze te delen met naasten en de zorgverleners? De daarvoor benodigde aandacht zal concreet vertaald moeten worden in omstandigheden waarin er ook tijd is voor dat gesprek. Burgers, die op geen enkele manier dat gesprek wensen, dienen daarin uiteraard gerespecteerd te worden SNELLE TRAN SITI E VAN ZZ N AAR GG IN MM CONTEXT Van ZZ naar GG in de MM context gaan, vraagt van de zorgaanbieder om actiever te kijken naar de juiste zorg op de juiste plaats, naar het sturen op gezondheidsresultaten én substantieel te behalen gezondheidswinst. De visie die eerder door de Nationale Raad Volksgezondheid xvi compact is samengevat, ondersteunt deze gedachte. De omslag van ZZ naar GG en MM betekent dat wij ons veel meer richten op gedrag en gezondheid in plaats van enkel op zorg en ziekte. Meer investeren in -48- Van opmaat naar doelstellingen

53 preventie (ook voor chronisch zieken) en verbindingen leggen met welzijn, werk en wonen; zo dicht mogelijk bij mensen thuis en in de wijk. Wij zullen intensiever gebruik maken van internet 2.0 en straks 3.0 en samenwerken in flexibele netwerken om door bestaande schotten heen te breken. Populatiemanagement is daarbij dan een mogelijke optie. De RVZ noemt vier ontwikkelingen als reden voor de omslag van ZZ naar GG. Twee stuwende en twee remmende factoren. 1. De stuwende zijn de grotere medische mogelijkheden en kennis bij het publiek naast de zorgvraag die nog steeds groeit. 2. De remmers zijn de stijgende zorgkosten en het tekort aan personeel. In onze aanpak zullen wij met nadruk hier rekening mee houden, naast de specifieke demografische ontwikkelingen in Zeeuws-Vlaanderen en de gevolgen hiervan. Populatiemanagement focust op substantiële resultaten en gezondheidswinst. De grootste en omvangrijkste problemen worden daarbij zoveel mogelijk het eerste aangepakt. Wij willen de substantieel te behalen gezondheidswinst niet uitsluitend zoeken binnen de gezondheidszorg en maatschappelijke ondersteuning, maar ook bij aanpalende terreinen als wonen, werk en welzijn. Waar mogelijk willen wij hen daar ook explicieter bij betrekken. Onderlinge lijnen, die verantwoordelijk zijn voor doctors delay, willen wij verkorten. Tegelijk zal voortgebouwd moeten worden op waardevolle en goede bestaande praktijken. Toch kunnen we niet alles omvattend en in één keer aanpakken. Vandaar dat we ons in het bijzonder richten op drie doelgroepen onder de burgers in Zeeuws-Vlaanderen, nu en in de komende jaar. Wij benoemen daarom: 1. De opvoeders en hun kinderen (0-20 jarigen), 2. De versterking en behoud van werknemers en vrijwilligers (20-75jarigen), 3. De aandacht voor vooral de kwetsbare ouderen (75+) UITKO MST EN RESULTAAT VAN DE ZORG GELDEN Als we gaan voor resultaat en uitkomst van zorg vraagt dat nauwere afstemming en overleg binnen eigenzorgdomeinen. Ook vraagt het verbindingen te leggen met andere relevante domeinen buiten de zorg, vice versa. Het anders gaan denken hoe we thema s en onderwerpen kunnen verbinden, en de resultaten en uitkomsten van de zorg kunnen verbeteren, is een opgave. Wij gaan niet voor overleg om het overleg. Wel voor meer samenwerking waar het resultaat telt en het gezondheidswinst oplevert. Door actieve participatie van de zorgfinanciers en zorgaanbieders in co-makership wordt dat opgezet. Te realiseren door vertegenwoordigers van de (toekomstige) zorgvragers en gebruikers. Samen wordt het best mogelijke antwoord gegeven op vraagstukken die er aan komen, binnen de mogelijkheden die zich voordoen of die wij zelf scheppen Van opmaat naar doelstellingen

54 Vervolgens zijn we verplicht die resultaten van onze inspanningen voldoende te meten. Daarna kunnen wij bezien of de doelstellingen ook gerealiseerd worden. Met elkaar willen wij de uitkomsten en resultaten van de zorg en maatschappelijke ondersteuning ook bespreken. Dat verplicht ons allen, ook naar de inwoners in de regio. Het is niet gemakkelijk, maar wel noodzakelijk VIA DENK EN N AAR DOEN, BETEK ENISVOLLE ST APP EN ZETT EN. Wij zijn ervan overtuigd dat we het snelst uit de startblokken komen als we niet direct alles juridisch benaderen. Bijvoorbeeld niet alles op voorhand structureren in vaste formats en besluitvormingsprocessen. Een open methode lijkt meer kans van slagen te bieden waarbij alle betrokken de eigen plaats kunnen verkennen, doorleven en innemen. Denk, spreek af en organiseer in bijvoorbeeld strategische allianties als (virtueel)startmodel bij het ontwikkelen van keten- en netwerksamenwerking. Neig niet te snel naar opgetuigde nieuwe en formele samenwerkingsverbanden en bestuursstructuren. Bij die betekenisvolle stappen zetten kunnen we tevens denken aan het aanpakken van wellicht wat minder complexe zaken die relatief beperkt qua inspanning zijn, maar grote resultaten opleveren. Dit worden wel eens de quick wins genoemd, of het plukken van laag hangend fruit. Hoe afgetrapt deze metaforen ook zijn: het betekent niet dat we het moeten nalaten. Wij zien de krimp ook als kans, als een maatschappelijke en professionele uitdaging. Wij willen de toekomst niet passief afwachten; wij willen al op korte termijn verbeteringen aanbrengen. Zeker als ze niet ingewikkeld zijn, vrij snel te realiseren zijn en grote positieve gevolgen hebben. Dat vraagt wel een inspanning in comakership met alle andere betrokken partijen in de regio. Bij alle ontwikkelingen staat de burger centraal. Bij het ontwikkelen van de plannen is het daarom van belang om burgers te betrekken. Zij kunnen meedenken bij de ontwikkelingen, toetsen van de uitwerking van de plannen en het borgen van de kwaliteit. 6.2 DE BOVENLIGGENDE DOELSTELLING VAN HET REGIOPLAN Dit regioplan legt de basis voor een veranderingsprogramma. Uiteraard is nog veel uit te werken en te bespreken, maar de contouren van de te bereiken doelen respectievelijk de doelstellingen beginnen zichtbaar te worden. Bovenliggend hoofddoel van dit regioplan is: 1. Het ten minste aantoonbaar verbeteren van de gezondheid in Zeeuws- Vlaanderen voor de economische, sociale en maatschappelijke leefbaarheid in de regio; 2. Basis voorzieningen voor preventie, maatschappelijk ondersteuning en hulpverlening, wonen en welzijn evenals cure en care moeten in de regio beschikbaar, bereikbaar, veilig, betaalbaar en kwalitatief goed blijven Van opmaat naar doelstellingen

55 3. Het daartoe ombuigen van de berekende, aanstaande, neerwaartse ontwikkeling door de demografische krimp én de economische ontwikkelingen in Nederland. 6.3 DE 8 DOELSTELLINGEN Gezamenlijk resultaten boeken in de regio: dat is de basis van het programma dat in dit regioplan is beschreven. Dan is het goed om vooraf meetbare doelstellingen te beschrijven. In totaal zijn 8 doelstellingen geordend naar de volgende onderwerpen: 1. t.m. 5: Gezondheidswinst; 6. Zelfredzaamheid; 7. Kostenbeheersing van de gezondheidszorg; 8. Toegankelijkheid van goede zorg. Deze onderwerpen worden hierna uitgewerkt. Ad 1. tot en met 5: Gezondheidswinst Om de gezondheid van de bevolking in Zeeuws-Vlaanderen aantoonbaar te verbeteren zijn vijf doelen gesteld. Deze zijn: In 2022 is in Zeeuws-Vlaanderen de levensverwachting ten opzichte van het landelijk gemiddelde: 1. x jaren hoger; 2. x jaren hoger in goed ervaren gezondheid; 3. x jaren hoger zonder chronische ziekten; 4. x jaren hoger zonder lichamelijke beperkingen; 5. x jaren hoger in goede geestelijke gezondheid. Levensverwachting aangevuld met informatie over de ervaren gezondheid en het beperken van ziekte en beperking is een goede maat om de resultaten van het programma aan te tonen. Deze informatie wordt periodiek al door GGD-Zeeland in samenwerking met het RIVM regionaal en landelijk gemonitord. Afgesproken is die gegevens en referentiegegevens te gebruiken zodat op kosten en dubbelwerk aanzienlijk wordt bespaard. In de verdere uitwerking van het werkplan moet het aantal jaren (nu aangegeven met x) nader worden uitgewerkt en vastgesteld, zodat een ambitieuze maar wel realistische doelstelling kan worden bepaald. Dit zal verder afgestemd worden met de professionals die de epidemiologische, demografische en statistische gegevens verzamelen. Dat gebeurt bij het opstellen van werkplan 2.0 in de eerste helft van Van opmaat naar doelstellingen

56 Ad 6. Zelfredzaamheid De relatie tussen gezondheid en functioneren is in de voorgaande analyse al besproken. Ten gevolge van een gezondheidsprobleem of lichamelijke toestand kan de mens worden beperkt bij het uitvoeren van activiteiten die passen bij het eigen leven. In dat kader wordt de term zelfredzaamheid gebruikt: het vermogen om algemene levensverrichtingen zelfstandig te blijven doen. Zelfredzaamheid kan niet los gezien worden van de mogelijkheden die de omgeving biedt of juist niet biedt, net zoals beperkingen in het functioneren afhankelijk zijn van de wisselwerking met de omgeving. Als zesde doelstelling is in dit regioplan toegevoegd: 6. In 2022 is in Zeeuws-Vlaanderen de ervaren zelfredzaamheid van volwassenen en ouderen beter ten opzichte van het landelijk gemiddelde. In 2012 is voor het eerst een meting gedaan naar ervaren zelfredzaamheid onder de doelgroep door SCOOP in samenwerking met de GGD Zeeland. Deze meting wordt in werkplan 2.0 als nulmeting gebruikt. De mate van verbetering, die ten opzichte van het landelijk gemiddelde kan worden bereikt, moet nader worden uitgewerkt in werkplan 2.0 in de eerste helft van Ad 7. Kostenbeheersing van de gezondheidszorg Het belang van beheersbare kosten van de gezondheidszorg is al eerder aan de orde geweest in dit regioplan. De zevende doelstelling wordt daarvoor geformuleerd: 7. De totale kosten van de gezondheidszorg in Zeeuws-Vlaanderen stijgen jaarlijks gemiddeld x % minder snel dan het landelijke gemiddelde. Ad 8. Toegankelijkheid van goede zorg De achtste, maar niet de minst onbelangrijke doelstelling, wordt toegevoegd: 8. In 2022 kan de bevolking in Zeeuws-Vlaanderen nog steeds beschikken over goede, toepasselijke basiszorg dichtbij en bereikbare, kwalitatief hoogwaardige specialistische zorg Van opmaat naar doelstellingen

57 7 WERKPLAN 1.0 De initiatiefnemers van het regioplan zijn ervan overtuigd dat het bovenstaande voldoende draagvlak aan het krijgen is zodat er aansluitend nieuwe stappen genomen kunnen, ja moeten worden. Het hoofd bieden aan de beschreven ontwikkelingen kan alleen worden opgevangen door een fundamentele vernieuwing van de zorg door te voeren. In dit hoofdstuk worden de stappen hiertoe verkend en wordt een plan beschreven wat in 2013 moet gebeuren om de nieuwe koers in te slaan. Dat is niet eenvoudig of zomaar vast te stellen. Dit werkplan beschrijft vooral de structuur waarin partners in de regio gezamenlijk gaan werken aan vernieuwingen en in welke richting deze moeten gaan plaatsvinden. Het werkplan 1.0 dient vooral als leidraad bij de lange weg om van abstract naar concreet te komen. Die concrete uitwerking willen partners in 2013 gaan maken in werkplan INTENTIEVERKLARING 2013 De intentieverklaring GoedLeven.NL (bijlage 8.7) wil bereiken dat inwoners en hulpvragers en hulporganisaties samen willen werken aan de doelstelling die in het regioplan zijn beschreven. Dat gaat concreet gebeuren in een programma dat hierna wordt uitgewerkt. Het programma in 2013 biedt een structuur waarin zorgpartners met elkaar in gesprek zijn en zorgvernieuwingsprojecten worden geregisseerd. Op dit moment is nog niet concreet vast te stellen welke projecten binnen het programma worden uitgevoerd en welke veranderingen in de zorg daarbij gaan optreden. Evenmin is duidelijk welke consequenties deze veranderingen hebben voor individuele partijen. Het is dan ook niet het doel van deze intentieverklaring om een ongedekte cheque uit te schrijven. Wel wordt met de intentieverklaring een mijlpaal bereikt dat partners met elkaar willen participeren in een programma en samen willen gaan verkennen welke zorgvernieuwingsprojecten kunnen bijdragen aan de doelen van het programma. Ieder partner in Zeeuws-Vlaanderen tekent op bestuursniveau uit vrije wil de verklaring. In het ontwikkelen van deze projecten zal naast een inhoudelijke uitwerking een business case moeten worden gemaakt. Daarin wordt duidelijk welke investeringen door partners gedaan moeten worden om winst te bereiken. Dat kan ook winst in niet materiële zin zijn, zoals gezondheidswinst van de bevolking in Zeeuws-Vlaanderen Werkplan 1.0

58 De betrokkenheid en inzet van de partners bij iedere project zal telkens weer worden vastgesteld. 7.2 PROGRAMMA EN PROJECTEN 2013 Zoals hierboven aangestipt, wordt een programma ingericht om de complexe veranderingen die op stapel staan te regisseren. Binnen het programma lopen verschillende projecten, die ieder voor zich bijdragen aan de doelstellingen die in het regioplan zijn vastgesteld. In het programma treedt de stuurgroep op als opdrachtgever van de projecten. De programmamanager zorgt voor de uitvoering van het programma en stuurt de diverse onderdelen aan. De programmastructuur en de rol van stuurgroep, regiegroep en werkgroepen wordt hierna verder uitgewerkt. 7.3 PROGRAMMA STRUCTUUR Het programma kent een stuurgroep op bestuurlijk niveau, een regiegroep die leiding geeft aan de uitwerking van het programma en ad hoc werkgroepen die in operationele zin het hak en breekwerk doen. Het programma wordt in opdracht van de stuurgroep geleid door een vrijgestelde programmamanager met klein secretariaat. 7.4 STUURGROEP De stuurgroep is opdrachtgever van het programma en is daarmee eindverantwoordelijk voor de succesvolle uitvoering. De stuurgroep draagt de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het opstellen en uitvoeren van werkplan 2.0. De stuurgroep is verantwoordelijk voor de begroting. De stuurgroep maakt met partijen, die in de intentieverklaring hun deelname hebben toegezegd, afspraken voor de verdere inrichting en voortgang en financiering van het programma. Er worden verder afspraken gemaakt tussen de deelnemende partijen in een deelprogramma, waarbij de stuurgroep toeziet op de goede voortgang van het deelprogramma, de uitvoering, de te behalen resultaten en de samenhang met de rest van het programma GoedLeven.NL. De stuurgroep heeft een vaste adviseur, tevens secretaris in de persoon van de programmamanager. De stuurgroep delegeert hierbij het dagelijkse management aan de programmamanager, die binnen de afgesproken grenzen (scope, tijd, geld en kwaliteit en te bereiken resultaat en mijlpalen) gemandateerd is. Samenstelling In de stuurgroep zijn de partners die deelnemen aan het programma bestuurlijk (strategisch niveau) vertegenwoordigd Werkplan 1.0

59 Het succes van het programma is onder meer afhankelijk van de betrokkenheid van belanghebbende organisaties en niet alleen de leden in de stuurgroep. De stuurgroep zal vanwege slagvaardigheid niet te groot worden. Daardoor zullen partijen in de regio zich deels moeten laten vertegenwoordigen. De volgende organisaties dragen een vertegenwoordiger in de stuurgroep voor, te weten: 1. Klaverblad Zeeland, vertegenwoordigend de cliënten, 2. Stichting ZorgSaam, vertegenwoordigend het bestuur en het bestuur van de Medische Staf specialisten 3. De huisartsen, vertegenwoordigend het bestuur/directie van Nucleus Zorg BV en de Medische Staf Huisartsen, 4. CZ zorgverzekeraar, vertegenwoordigend de zorgverzekeraars Zvw en Awbz, 5. De gemeenten Hulst, Sluis en Terneuzen, 6. Vertegenwoordiging van de participanten genoemd in de intentieverklaring uit de kring van het ZVZO; nader wordt afgesproken hoe deze vertegenwoordiging wordt ingevuld. De programmamanager is secretaris en adviseur van deze stuurgroep. Hij of zij kan zich laten bijstaan door het eigen secretariaat. De stuurgroep kiest uit haar midden een voorzitter, niet zijnde de programmamanager. Frequentie van bijeenkomen De stuurgroep komt maandelijks bij elkaar, met uitzondering van de maanden juli en augustus. In principe wordt de tweede maandag van de maand vergaderd tussen 15:00 en uiterlijk 17:00 uur. 7.5 REGIEGROEP De regiegroep is verantwoordelijk voor de uitvoering van het programma. De teamleden van de regiegroep vertegenwoordigen de deelnemende organisaties op beleidsniveau. De regiegroep operationaliseert de opdrachten van de stuurgroep tot concrete projecten die bijdragen aan de doelstellingen van het programma. De programmamanager is verantwoordelijk voor de aansturing van de regiegroep en is eindverantwoordelijk voor het resultaat. Hij rapporteert daarover maandelijks aan de stuurgroep in een rapportage, die een week voor de vergadering aan de leden van de stuurgroep wordt verstuurd. De regiegroep stelt de projecten vast, ieder teamlid is verantwoordelijk voor één of meerdere projecten (projectleider). Iedere projectleider stuurt een werkgroep aan waar concrete opdrachten / projecten worden uitgevoerd Werkplan 1.0

60 Zoals eerder aangegeven neemt de stuurgroep bindende besluiten; de regiegroep heeft in het besluitvormingsproces een voorbereidende en adviserende alsmede een uitvoerende taak. Samenstelling In de regiegroep zijn medewerkers op tactisch niveau van de deelnemende organisaties vertegenwoordigd. Het aantal moet vanwege slagvaardig acteren beperkt zijn. Over het werken met leden en plaatsvervangende leden moet nog een besluit vallen. De regiegroep is als volgt samengesteld: 1. Stichting ZorgSaam: beleid en medische staf. 2. De gemeenten in Zeeuws-Vlaanderen en GGD Zeeland. 3. Nucleus Zorg en/of medische staf huisartsen. 4. Overige sectoren binnen het Zeeuws-Vlaams Zorg Overleg (ZVZO). 5. CZ Zorgverzekeraar. 6. Klaverblad Zeeland (cliëntenorganisatie). 7. De programmamanager. De programmamanager is voorzitter van de regiegroep en kan zich laten bijstaan door het eigen secretariaat. Frequentie van bijeenkomen De regiegroep vergadert ten minste eenmaal per maand en zo nodig frequenter. De vergaderdata en -locatie worden door de teamleden vastgesteld en gaan ten minste 9 dagen vooraf aan de stuurgroep data. 7.6 WERKGROEPEN De regiegroep besluit tot het instellen van één of meer (ad hoc) werkgroepen. In een werkgroep wordt gewerkt aan een project in het kader van het programma. De werkgroep wordt voorgezeten door een projectleider, zijnde één van de teamleden van de regiegroep. De samenstelling van werkgroepen gebeurt op basis van de doelstellingen van een project. In ieder project moet naast een (zorg)inhoudelijke uitwerking rekening worden gehouden met het beschrijven van financiële randvoorwaarden, het meetbaar maken van de effecten en de aspecten van communicatie. Specifieke deskundigheid voor deze onderwerpen moet waar nodig worden toegevoegd. Om de voortgang op deze specifieke onderwerpen te waarborgen, moet overwogen worden om separate ondersteunende werkgroepen aan te houden voor het uitwerken van financiële randvoorwaarden, effectmetingen en communicatie Werkplan 1.0

61 7.7 PROGRAMMALEIDING Binnen ROS-Robuust wordt bij voorkeur geworven voor een strategisch beleidsadviseur die kan optreden als programmamanager. Ros-Robuust wordt gefinancierd door de zorgverzekeraars. De stuurgroep besluit begin 2013 tot aanstelling van de programmamanager op voordracht van Ros-Robuust. De programmamanager vormt samen met het secretariaat als programmabureau het gezicht naar buiten. Op de aanstaande website het programma wordt de bereikbaarheid van het programmabureau gecommuniceerd. In afwachting van de programmamanager voorziet de stuurgroep in waarneming en financiering van deze functie in de eerste maanden van 2013 door inzet van de kwartiermakers van het regioplan en werkplan PROGRAMMASECRETARIAAT Het inrichten van een goed bereikbaar en herkenbaar, onafhankelijk, programmasecretariaat is een belangrijke randvoorwaarde voor het functioneren van het programma. De betrokken partners zullen zich inspannen om secretariële ondersteuning ten behoeve van het programmabureau te realiseren. 7.9 VAN DENKEN NAAR DOEN Met het inrichten van de hierboven beschreven programmastructuur heeft regio Zeeuws-Vlaanderen een platform gecreëerd waar betrokken organisaties van zorgvragers en zorgaanbieders kunnen samenwerken aan integrale en vernieuwende zorg. De eerder beschreven doelstellingen en ijkpunten geven richting aan de thema s die binnen het programma verder worden uitgewerkt. In de uitwerking van de doelstellingen binnen het kader van zorgvraag en zorgaanbod hanteren we in het programma de volgende vier thema s: 1. Gezond blijven: preventie van risicogedrag in het kader van eigen verantwoordelijkheid nemen voor gezondheid. 2. Zelf blijven doen: optimale ondersteuning van kwetsbare groepen met eigen regie en eigen omgeving als uitgangspunt. 3. Behandelen: op medische indicatie doelmatig, effectief, klantgericht en veilig behandelen. 4. Geen verspilling van middelen: doelmatigheid in het totale proces rond medicatie, hulpmiddelen en diensten zoals vervoer. Binnen het kader van deze vier thema s is met deelnemende organisaties gezocht naar mogelijke projecten die binnen het programma kunnen worden uitgevoerd Werkplan 1.0

62 Het integrale karakter van de projecten stond daarbij centraal; activiteiten die door een individuele organisatie worden uitgevoerd zijn geen onderdeel van het programma. Hierna zijn mogelijke projecten aangeven die in 2013 verder uit gewerkt kunnen worden in een plan van aanpak (inclusief business case). Deze projecten zijn: Gezond blijven door vermijden van risicogedrag en bewegen Thema s die binnen dit onderwerp benoemd zijn: Specifiek risicogedrag: roken en obesitas: veel mensen willen gezonder leven, maar redden dat niet op eigen kracht. Ondersteuning bij een gezonde leefstijl moet dichtbij huis toegankelijk zijn. De Inspectie voor de Gezondheidszorg merkt in de Staat van de Gezondheidszorg 2012 op dat nog veel gezondheidswinst is te behalen met leefstijlbegeleiding op buurtniveau. De samenwerking tussen GGD, eerstelijnspraktijken en thuiszorgorganisaties kan leefstijlbegeleiding in de buurt laagdrempelig toegankelijk maken. Verder wordt hierbij dan contact gezocht met sport- en welzijnsorganisaties voor zover dat al niet is gebeurd. Meer én veilig bewegen: het bieden van een maatwerkprogramma in de directe omgeving waarin veilig bewegen centraal staat. De verwijzer schrijft een beweegrecept wanneer een hulpvraag geïndiceerd is. Ook overige zorgaanbieders, familie, mantelzorgers zijn betrokken bij signaleren en verwijzen. Medicatieveiligheid Probleem: een kwart van de opnames van ouderen in het ziekenhuis is veroorzaakt door medicatiefouten. Factoren die daarin meespelen zijn: o Onvoldoende inzicht / overzicht bij zorgverleners en hulpvragers welke medicatie is voorgeschreven. o Onvolledige informatie bij overdrachtsmomenten. o Teveel medicatie waardoor mogelijk interacties / neveneffecten. o Niet consequent of verkeerd gebruik door de hulpvrager. o Het voorschrijven van medicatie op stofnaam geeft generieke medicatie waarbij de verpakking kan wisselen door het wisselen van inkoop. Dit geeft verwarring bij patiënten. De problematiek speelt breder dan alleen de doelgroep ouderen, namelijk ook bij alle hulpvragers met complex medicatiegebruik. Doel van het project: ziekte door verkeerd gebruik van medicatie terugdringen. Globale acties: signaleren van (potentiele) problemen door medicatie door iedere partij die betrokken is bij de hulpvrager, ook familie en mantelzorgers. Medicatiereview, organiseren van het gestructureerd innemen. Informatie over medicatiegebruik ontsluiten voor alle behandelaren. Ondersteuning bij ziekte en beperkingen Thema s die binnen dit onderwerp benoemd zijn: Lichamelijk onbegrepen klachten: de hulpvrager met lichamelijk onbegrepen klachten krijgt effectieve begeleiding op maat. De hulpvrager wordt verwezen -58- Werkplan 1.0

63 naar een programma, waar een multidisciplinair team (welzijn en zorg) met de hulpvrager een begeleidingstraject doorloopt. De huisarts verwijst hulpvrager naar dit programma, in plaats van naar het ziekenhuis. Depressie: de huidige structuur in het aanbod lijkt op dit moment te ontbreken. Koppeling en afstemming met het welzijnsaanbod is wenselijk om tot een effectief programma te komen. Alleen de inzet van E-health is niet toereikend. COPD en hartfalen: naast de lopende projecten op het gebied van individuele benadering en begeleiding vanuit de huisartsenpraktijk lijkt voor deze doelgroepen een intensivering van individuele begeleiding in de buurt een significante daling van ziekenhuisopnamen te bewerkstelligen. Naast de betrokkenheid van de huisartsenpraktijk zou een integrale aanpak met welzijns- en thuiszorgorganisaties een beter resultaat kunnen boeken. Osteoporose: mensen met gediagnosticeerde osteoporose moeten vijf jaar lang specifieke medicatie gebruiken. Wanneer dat niet consequent gebeurt wordt het effect van de behandeling uit de afgelopen jaren geheel teniet gedaan. Deze doelgroep wordt nauwelijks gevolgd, waardoor het resultaat van deze relatief kostbare medicamenteuze behandeling achter blijft. Mensen met een (lichamelijke en/of verstandelijke) handicap: Mensen met een handicap zijn kwetsbaar als het gaat om regie over eigen gezondheid en leven. Er is sprake van cognitieve, psychische, lichamelijke en sociale tekorten. Met begeleiding, verzorging en verpleging zijn zij in staat gezond te blijven en op een sociaal aanvaardbare manier te functioneren. Door samenredzaamheid vorm te geven, kan hun zelfstandigheid verhoogd worden. Welke andere eisen stelt dat aan de omgeving en zorg & ondersteuning in algemene voorzieningen. Doelmatigheid in medicatie Gebruik van generieke medicatie op basis van medicatievoorschriften op stofnaam. Doelmatigheid in hulpmiddelen Waar mogelijk besparen door gezamenlijke inkoop van medische hulpmiddelen. Toepassing van ICT-systemen in het delen van informatie Eigen regie nemen en faciliteren met ICT van mantel- en omgevingszorg: Het uitrollen van landelijk al ontwikkelde best practices op het terrein van mantelen omgevingszorg waar de regie voor het eigen leven van de zorgvrager centraal staat en een professioneel-medisch ontzorgen karakter draagt. Een voorbeeld is om in samenwerking met alle relevante partijen een programma als WeHelpen.nl aan te bieden. Dit is opgezet als een marktplaats met slimme functies voor het vinden en verbinden, organiseren en delen van hulp, aangevuld met gerichte informatie aan hulpverleners en hulpbehoevenden. Zie Virtueel verzorgingshuis: een gezamenlijk EPD / platform waarmee hulpvragers, familie, mantelzorgers en alle betrokken zorgaanbieders met elkaar kunnen communiceren. Het systeem faciliteert de integrale begeleiding en behandeling van de hulpvrager door betrokken organisaties Werkplan 1.0

64 7.10 RANDVOORWAARDEN VOOR DE PROJECTEN In de voorbereiding op het voorliggende regioplan en de inrichting van het programma is ook naar ervaringen elders gekeken. Diverse artikelen toonden aan dat een vooruitstrevende verandering in zorg door intensieve samenwerking tussen betrokken partners in de praktijk tot goede resultaten kan leiden. Met het neerzetten van een programma-organisatie als antwoord op de ontwikkelingen die beschreven zijn in het regioplan, gaan betrokken partijen een verbinding met elkaar aan om met gezamenlijke oplossingen de gesignaleerde ontwikkelingen het hoofd te bieden en de ambitie in de doelstellingen te behalen. Maar alleen binding door samenwerking in een programma is niet genoeg. In het ontwerp van de projecten moet rekening worden gehouden met de financiële aspecten, waarbij investeren, terugverdienen, winnen en verliezen onderdeel zijn van de business cases van de projecten. Daarom zal in ieder project dat onder het programma wordt ontwikkeld, mede op basis van de business case moeten worden beoordeeld, waar aanvullende contractering tussen deelnemende partijen nodig is. De volgende aspecten c.q. uitgangspunten zijn in dat kader van belang: 1. Wie wil participeren, zal ook moeten investeren; 2. Wie participeert mag ook delen in de opbrengsten; 3. Deelnemen aan de projecten is niet vrijblijvend. In het kader van randvoorwaarden moet ook gedacht worden aan financiële aspecten, communicatie en effectmetingen. Deze randvoorwaarden worden separaat in dit hoofdstuk uitgewerkt EFFECTMETING PROGRAMMA EN PROJECT EN Meten of de doelen van het programma worden bereikt; dat is een belangrijke opdracht die de stuurgroep heeft gesteld. De doelstellingen die in het regioplan zijn geformuleerd bieden daarvoor houvast. Het meten van effecten uitgedrukt in gezondheidswinst vraagt een monitoring, waarbij het lastig aantoonbaar is dat een gemeten effect een direct verband heeft met de interventies uit het programma. Het meten van effecten zal daarom worden gekoppeld aan de projecten die binnen het programma worden uitgevoerd. Dat betekent dat binnen ieder project in de plan van aanpak fase concrete en meetbare doelstellingen worden geformuleerd, zodat een effectmeting direct kan worden ingezet. Daarbij wordt opgemerkt dat binnen diverse zorggroepen van cliënten al effectmetingen worden gedaan, zoals bij de behandeling van COPD en/of hart- en vaatziekten. Bestaande metingen kunnen dan worden aangemerkt als 0-meting voor het project. Voor de uitvoering van effectmetingen kan worden aangehaakt aan bestaande structuren van huisartsen en de GGD in de regio, zoals een academische -60- Werkplan 1.0

65 werkplaats, wetenschappelijke onderzoeks- en/of opleidingsgroepen aan de universiteiten, de Roosevelt Academie in Middelburg en de Hogeschool Zeeland. Onderzoek naar effecten van sommige interventies wordt nu al opgezet in samenwerking met bijvoorbeeld de Erasmus Universiteit Rotterdam. Binnen de bestaande structuren bestaan ook al goede contacten met instanties die kunnen voorzien in financiering van dergelijke onderzoekstrajecten TIJDPAD In 2013 wordt het programma GoedLeven.NL verder uitgewerkt. In januari 2013 is dit regioplan dat voor u ligt toegezonden aan de partijen in de regio. De partijen wordt gevraagd de bijgevoegde intentieverklaring (bijlage 8.7) als initiatiefnemer of participant te bestuderen en zijn uitgenodigd het te ondertekenen. In de loop van januari worden voorbereidingen getroffen tot het aantrekken van de programmamanager, zal de stuurgroep weer bijeenkomen om het tijdpad tot en met 2013 verder te detailleren en zo mogelijk vast te stellen. De kwartiermakers zullen dit op verzoek van de stuurgroep van 12 december 2012 ad interim ondersteunen in afwachting van het aantreden van de programmamanager. Om de voortgang te behouden zijn daartoe de volgende mijlpalen vastgesteld op 12 december 2012: Voor 1 maart 2013 : ondertekenen intentieverklaring door de initiatiefnemers en de participanten. Hiermee samenhangende activiteiten zijn voor 1 maart 2013: De website is gereed, De publieksversie van het regioplan is beschikbaar, De informatiebijeenkomst voor cliënten- en WMO-raden is gehouden. Voor 1 juli 2013: werkplan 2.0 gereed. Met het werkplan samenhangende activiteiten zijn: De programmamanager en programma secretariaat zal voor 1 maart 2013 bekend zijn, alsmede de datum van aantreden, Kwartiermakers zullen voor februari 2013 ad interim het plan van aanpak opstellen in ieder geval in overleg met de leden van de stuurgroep, Voor 16 februari 2013: de stuurgroep komt bijeen om het plan van aanpak Werkplan 2.0 te bespreken en vast te stellen, Voor 1 maart 2013: de regiegroep komt bijeen om het plan van aanpak Werkplan 2.0 te bespreken en afspraken te maken over het instellen van werkgroepen, Voor 1 april 2013: de regiegroep heeft een voorstel gereed waarin de projecten staan die worden uitgewerkt in Werkplan 2.0, -61- Werkplan 1.0

66 Voor 1 juni 2013: de gekozen projecten zijn uitgewerkt in een plan van aanpak inclusief een business case. De regiegroep stelt voor welke projecten, wanneer en in welke volgorde in aanmerking komen voor uitvoering, Voor 1 juli 2013: de stuurgroep stelt vast welke projecten tot uitvoering worden gebracht en informeert de betrokken participanten en maakt daarover de verder noodzakelijke afspraken. Voor 1 augustus 2013: de deelnemende partijen aan de intentieverklaring nemen een standpunt in over de haalbaarheid van het dan voorliggende Werkplan 2.0 en besluiten tot een go/no go wat betreft de eigen deelname en wat betreft ieders eigen inbreng voor de uitvoering daarvan COMMUNICATIE Ten behoeve van het programma is een separaat communicatieplan ontwikkeld. De strategie richt zich op de volgende onderdelen: 1. Meedoen van alle betrokkenen: het is van belang dat alle partijen die deelnemen in het project actief bijdragen aan de totstandkoming van het regioplan; 2. Creëren van draagvlak bij collega-organisaties en -instellingen en hen interesseren om mee te doen; 3. Creëren van begrip en acceptatie bij de (potentiële) cliënten; 4. Creëren van verbondenheid tussen de deelnemers en zorgen voor eenheid in communicatie, zowel in- als extern. Een gestructureerde communicatie over het programma is een belangrijke randvoorwaarde. Deelnemers maken zoveel mogelijk gebruik van de communicatiemiddelen die binnen het programma zijn ontwikkeld, om eenheid in taal en teken te bereiken. Rond het tekenen van de intentieverklaring (januari-februari 2013) wordt ook de website in gebruik genomen. De website ondersteunt alle communicatieboodschappen in het programma en biedt de deelnemers en geïnteresseerden toegang tot relevante informatie. Het beheer van de website wordt om-niet uitgevoerd door de afdeling communicatie van Stichting ZorgSaam. De programmamanager neemt hierin de rol van eindredacteur en stemt de inhoud af met de afdeling communicatie en de stuurgroep FINANCIERING In de voorbereiding op het werkplan heeft de stuurgroep de volgende afspraken gemaakt om de programmastructuur in te richten: 1. De aanstelling van een programmamanager wordt in de eerste maanden van 2013 gerealiseerd door Ros-Robuust. Dit gebeurt budget-neutraal omdat Ros- Robuust al gefinancierd wordt door de Zorgverzekeraars Werkplan 1.0

67 a. Zo dit niet mogelijk is wordt een externe programmamanager aangezocht waarvan de kosten omgeslagen wordt over de deelnemers. b. De interim voorziening voor het programmamanagement begin 2013 tot aanstelling van de programmamanager wordt door de initiatiefnemers onderling afgestemd en begroot en (voor)gefinancierd. c. Het gestelde onder a. gebeurt na overleg met de initiatiefnemers en participanten. d. De verdeling van alle out of pocket kosten wordt door de stuurgroep vastgesteld na overleg met de initiatiefnemers en participanten. 2. Het leveren van secretariële ondersteuning wordt door één van de deelnemende partijen gerealiseerd, in het geval dit alsnog niet mogelijk is vanuit Ros-Robuust. a. In het geval Ros-Robuust niet kan leveren wordt het secretariaat geworven tenzij een van de deelnemers dat kan leveren; b. De omvang van de out of pocket kosten van a. wordt na overleg met de initiatiefnemers en participanten vastgesteld; c. De verdeling van de out of pocket kosten onder b. wordt door de stuurgroep vastgesteld na overleg met de initiatiefnemers en de participanten; 3. Voor deelname aan stuurgroep, regiegroep en werkgroepen wordt geen vergoeding uitgekeerd aan de leden van projectgroepen; iedere deelnemende organisatie draagt zelf personele en andere kosten (zoals reis- en bureaukosten); 4. Het gebruik van vergaderlocaties en catering wordt zoveel mogelijk verspreid onder de deelnemende organisaties. Wanneer blijkt dat een evenredige spreiding c.q. verdeling over 12 maanden bezien niet mogelijk is, dan kunnen de kosten onderling verrekend worden onder de deelnemers, ter besluitvorming door de stuurgroep. Ten aanzien van het uitvoeren van zorgvernieuwingsprojecten is voorde financiering hiervan door de stuurgroep de volgende overweging gemaakt. Op dit moment is nog niet te overzien op welke wijze het toepassen van populatiebekostiging op basis van bijvoorbeeld een shared savings model vormgegeven moet worden en welke projecten naast gezondheidswinst binnen de populatie ook daadwerkelijk leiden tot vermindering van (zorg)kosten. De stuurgroep heeft besloten dat het programma twee lijnen volgt: 1. Binnen het thema doelmatig gebruik van middelen wordt bezien in hoeverre er quick wins zijn te behalen door besparingen in het doelmatig gebruik van bijvoorbeeld medicatie en hulpmiddelen. Dit thema wordt momenteel verder uitgewerkt. 2. Ieder zorgvernieuwingsproject moet in werkplan 2.0 verder worden uitgewerkt in een plan van aanpak, waarin tevens een business case is uitwerkt. Deze moet onder meer antwoord geven op: a. De te verwachten investeringen en opbrengsten (Return On Investment, ROI). b. De wijze van investeren en door welke partijen dat gebeurt Werkplan 1.0

68 c. De bestemming van de opbrengsten (met eventueel een verdeelsleutel onder deelnemende organisaties). d. De risico s op negatieve opbrengsten en hoe deze worden opgevangen door deelnemende organisaties. Het bovenstaande betekent dat een investerings- en verdienmodel op dit moment nog niet kan worden gemaakt en per project zal worden vastgesteld. De regiegroep werkt per project, in overleg met die betrokken organisaties/representanten, de betrokkenheid van en financiering door de organisaties/professionals in de business case uit, waarna de stuurgroep deze vaststelt. De mogelijkheden van het verkrijgen van subsidies en/of inverdieneffecten binnen zorgvernieuwing moet tevens per project worden besproken en vastgesteld Werkplan 1.0

69 8 BIJLAGEN -65- Bijlagen

70 -66- Bijlagen

71 8.1 Samenstelling initiatief-, visie-, regie- en werkgroepen In juni 2012 werd een Initiatiefgroep gevormd die in augustus 2012 is uitgebreid met een tijdelijke Visiegroep. In november gingen deze gremia over in een stuurgroep. De werktitel was Regioplan Samen Zorgen voor Zeeuws-Vlaanderen. Het regioplan heeft uiteindelijk de naam GoedLeven.NL gekregen. Nadat de analyse, visie en doelstellingen van het regioplan waren opgesteld is voor de sturing op het proces een regiegroep gevormd werkplan 1.0. Voor uitwerking van onderdelen van dit regioplan zijn 5 tijdelijke werkgroepen ingesteld. Bij de afronding van de werkzaamheden van de verschillende groepen was de samenstelling ten finale als volgt: INITIATIEFGROEP Mei oktober 2012 Dhr. A. Breukelman, Dhr. J. Frequin, Dhr. D. Rooijmans, Dhr. Y. Samandar, Dhr. A. Schelfhout, voorzitter Dhr. R. de Bakker, Medische Staf ZorgSaam Nucleus CZ Zorgverzekeraar en CZ Zorgkantoor Medische Staf Huisartsen ZorgSaam, voorzitter uit de sector verpleging en verzorging, toegevoegd adviseur. VISIEGROEP Augustus oktober 2012 De leden Initiatief groep, en verder: Dhr. C. Liefting, Wethouder Terneuzen Mw. N. Pötgens, GGD Zeeland Dhr. J.M. van Schaik, Wethouder Terneuzen Dhr. W. Ysebaert, uit de kring van ZVZO Zeeuws-Vlaams Zorg Overleg STUURGROEP november-december 2012 Leden initiatiefgroep en verder: Dhr. R. de Bakker, uit sector Verpleging en verzorging Dhr. A. Breukelman, Medische Staf ZorgSaam Dhr. J. Frequin, Nucleus Dhr. A. van de Kreeke, Klaverblad Dhr. C. Liefting, Wethouder Terneuzen Dhr. D. Rooijmans, CZ Zorgverzekeraar en CZ Zorgkantoor Dhr. Y. Samandar, Medische Staf Huisartsen Dhr. A. Schelfhout, voorzitter ZorgSaam, voorzitter KWARTIERMAKERS Augustus - december 2012 J. de Goeij Oude Gracht Groep Amsterdam/Wateringen M. v.d. Weide Marku, tot Oude Gracht Groep Amsterdam/Wateringen F. Versteegen, vanaf Oude Gracht Groep Amsterdam/Wateringen SECRETARIAAT Mw. I. Fransen augustus - oktober 2012 Mw. E. Oppeneer augustus - december Bijlagen

72 REGIEGROEP WERKPLAN 1.0september-november 2012 Dhr. R. de Bakker Stichting Curamus Dhr. M. Coolsen Medische Staf Huisartsen Dhr. A. van de Kreeke Klaverblad Zeeland Mw. N. Pötgens GGD Zeeland Dhr. D. Rooijmans CZ Zorgverzekeraar en CZ Zorgkantoor Dhr. A. Schelfhout, voorzitter ZorgSaam, voorzitter tot november 2012 Mw. D. van der Staal Stichting ZorgSaam Dhr. F. Versteegen kwartiermaker, voorzitter vanaf november 2012 Mw. K. Vriends Gemeente Terneuzen Plaatvervangers Dhr. P. van de Berg Dhr. A.J. Breukelman Dhr. J. Frequin Dhr. R. de Meij Dhr. Y Samandar Dhr. J. Veraart Dhr. W. Ysebaert Klaverblad Zeeland Stichting ZorgSaam Nucleus GGD Zeeland Medische Staf Huisartsen Gemeente Terneuzen uit de kring van ZVZO Zeeuws-Vlaams Zorg Overleg Werkgroepen Visie en 4 werkgroepen voor Werkplan 1.0 Werkgroep Visie Dhr. R. de Bakker, Dhr. A. Breukelman, Dhr. J. Frequin, Dhr. J. de Goeij Dhr. A. van de Kreeke, Mw. N. Pötgens, Dhr. D. Rooijmans, Dhr. Y. Samandar, Mw. D. van der Staal Dhr J. Veraart (plv) Mw. K. Vriends Dhr. W. Ysebaert augustus - september2012 Curamus Medische Staf ZorgSaam Nucleus kwartiermaker, voorzitter Klaverblad GGD Zeeland CZ Zorgverzekeraar en CZ Zorgkantoor Medische Staf Huisartsen Stichting ZorgSaam Gemeente Terneuzen Gemeente Terneuzen uit de kring van ZVZO Zeeuws-Vlaams Zorg Overleg Werkgroep 1 Zorg en inhoud oktober november 2012 Dhr. R. de Bakker Stichting Curamus Dhr. J. Van Blarikom Zeeuwse Gronden Dhr. A.J. Breukelman Medische Staf ZorgSaam Dhr. P. Custers Emergis Dhr. G. Jaspar Medische Staf Huisartsen Dhr. J. Van der Hallen Emergis Dhr. A. Van de Kreeke Klaverblad Zeeland Dhr. D. Rooijmans CZ Zorgverzekeraar en CZ Zorgkantoor Mw. A. Terryn Welzijn / Aan-Z Mw. M. Vergouwe GGD Zeeland Mw. R. Wille Indigo Dhr. W. Ysebaert Regionaal Geestelijk Gezondheids Centrum Zeeuws-Vlaanderen -68- Bijlagen

73 Plaatvervangers Mw. J. Van der Horst Mw. C. Idink Mw. N. Pötgens Mw. Y. Roskam Dhr. Y. Samandar Dhr. J. Vansteenkiste Mw. A. Van de Veeken Dhr. J. Veraart Zeeuwse Gronden Medische staf ziekenhuis GGD Zeeland GGD Zeeland Medische Staf Huisartsen Stichting Curamus ZorgSaam thuis Projectleider WMO Terneuzen Werkgroep 2 Randvoorwaarden oktober november 2012 Dhr. A.J. Breukelman Medische Staf ZorgSaam Dhr. J. Lassche GGD Zeeland Dhr. D. Rooijmans CZ Zorgverzekeraar en CZ Zorgkantoor Dhr. Y. Samandar MSH Mw. K. Vriends Gemeente Terneuzen Dhr. A. Schelfhout ZorgSaam Hr. W. Ysebaert Regionaal Geestelijk Gezondheids Centrum Zeeuws-Vlaanderen Plaatvervangers Mw. N. Pötgens GGD Zeeland Werkgroep 3 Effectmeting oktober november 2012 Mw. L. De Bruijne GGD Zeeland Dhr. V. Voorbrood Medische Staf Huisartsen Werkgroep 4 Communicatie oktober december 2012 Mw. M. Lafort Stichting ZorgSaam, voorzitter Mw. C. Brand GGD Zeeland Dhr. D. Rouw Gemeente Terneuzen -69- Bijlagen

74 8.2 OVERZICHT ONTWIKKELIN G BEVOLKINGSAANTALLEN. OVERZICHT ONTWIKKELING BEVOLKINGSAANTALLEN in Zeeuws-Vlaanderen en Nederland, samengesteld op CBS gegevens per Bijlagen

Op Pad! Reflexen doorbreken om in te kunnen spelen op de demografische veranderingen in Zeeland

Op Pad! Reflexen doorbreken om in te kunnen spelen op de demografische veranderingen in Zeeland Op Pad! Reflexen doorbreken om in te kunnen spelen op de demografische veranderingen in Zeeland Presentatie voor Vereniging van Kleine Kernen in Noord-Brabant, 11 en 18 november Zeeland: Krimp en bewustwording

Nadere informatie

Op Pad! Reflexen doorbreken om in te kunnen spelen op de demografische veranderingen in Zeeland

Op Pad! Reflexen doorbreken om in te kunnen spelen op de demografische veranderingen in Zeeland Op Pad! Reflexen doorbreken om in te kunnen spelen op de demografische veranderingen in Zeeland Presentatie voor Vereniging van Kleine Kernen in Noord-Brabant, 11 en 18 november Zeeland: Krimp en bewustwording

Nadere informatie

Procesbeschrijving transformatie agenda Jeugd Gelderland Versiedatum 8 juni 2015

Procesbeschrijving transformatie agenda Jeugd Gelderland Versiedatum 8 juni 2015 Procesbeschrijving transformatie agenda Jeugd Gelderland Versiedatum 8 juni 2015 Vanaf 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor alle hulp en ondersteuning aan jeugd. Na de transitie (overdracht van taken)

Nadere informatie

Decentralisatie begeleiding naar de Wmo

Decentralisatie begeleiding naar de Wmo Oktober 2011 Decentralisatie begeleiding naar de Wmo Plan van aanpak TransitieBureau Inhoudsopgave Aanleiding Ambitie en Visie van het TransitieBureau Werkwijze TransitieBureau Activiteiten TransitieBureau

Nadere informatie

3) Verslag van de vergadering van 29 september 2014, zie bijlage 1 (16:05 uur)

3) Verslag van de vergadering van 29 september 2014, zie bijlage 1 (16:05 uur) Agenda voor de vergadering van het Platform Zelfredzaam Datum: Locatie: 12 januari 2015 van 16:00 uur tot uiterlijk 19:00 uur (voor een eenvoudige maaltijd wordt gezorgd) Kulturhus Lienden Koningin Beatrixplein

Nadere informatie

Eigen Regie Maakt Zorg Beter

Eigen Regie Maakt Zorg Beter Eigen Regie Maakt Zorg Beter 31 maart 2011 Siska de Rijke Beleidsmedewerker Zorg CG-Raad Termen Zelfmanagement Eigen regie Eigen verantwoordelijkheid Deelnemer in plaats van afnemer Verbindende schakel

Nadere informatie

Samen werken aan betere zorg. Handreiking voor begeleiding van cliëntenraden betrokken bij verbetertrajecten

Samen werken aan betere zorg. Handreiking voor begeleiding van cliëntenraden betrokken bij verbetertrajecten Samen werken aan betere zorg van cliëntenraden betrokken bij verbetertrajecten INHOUDSOPGAVE Inleiding... 3 Participatie van cliënten... 4 De rol van de cliëntenraad in verbetertrajecten... 6 Het stappenplan:

Nadere informatie

Zorginnovatie bij CZ D2D D2P D2D D2P D2D D2P P2D P2M P2D P2M P2D P2M

Zorginnovatie bij CZ D2D D2P D2D D2P D2D D2P P2D P2M P2D P2M P2D P2M Zorginnovatie bij CZ D2D D2P P2D P2M D2D D2P P2D P2M D2D D2P P2D P2M Durft u zich te onderscheiden? Dan zijn wij bijzonder geïnteresseerd in uw ideeën voor innovatie in de zorg! Het zijn woelige tijden

Nadere informatie

Introductie Methoden Bevindingen

Introductie Methoden Bevindingen 2 Introductie De introductie van e-health in de gezondheidszorg neemt een vlucht, maar de baten worden onvoldoende benut. In de politieke en maatschappelijke discussie over de houdbaarheid van de gezondheidszorg

Nadere informatie

Inzet van WoonZorgTechnologie als antwoord op de nieuwe wetgeving

Inzet van WoonZorgTechnologie als antwoord op de nieuwe wetgeving Stichting KIEN Vitaal thuis werksessie Inzet van WoonZorgTechnologie als antwoord op de nieuwe wetgeving Lars Nieuwenhoff 12 november 2014 Lars Nieuwenhoff lars@inn4care.nl Beroepsofficier (KMA) Universiteit

Nadere informatie

Je steunsysteem is overal om je heen.

Je steunsysteem is overal om je heen. Je steunsysteem is overal om je heen. Kwartiermaken in de wijken in Oss en in de regio. Burgerkracht en Presentie Definitie kwartiermaken: Kwartiermaken gaat over het bevorderen van het maatschappelijk

Nadere informatie

Op weg naar integrale zorg. Op weg naar integrale zorg voor chronisch zieken en ouderen

Op weg naar integrale zorg. Op weg naar integrale zorg voor chronisch zieken en ouderen Op weg naar integrale zorg voor chronisch zieken en ouderen Lustrum Symposium PoZoB 11 oktober 2012 Leo van der Geest Maatschappelijke opgave 1: veranderende ziektelast minder acuut meer chronisch Maatschappelijke

Nadere informatie

Kwaliteit. 1 Inleiding. 2 De wettelijke voorwaarden. 2.1 Jeugdwet

Kwaliteit. 1 Inleiding. 2 De wettelijke voorwaarden. 2.1 Jeugdwet Kwaliteit 1 Inleiding Wat is kwaliteit van zorg en wat willen we als gemeenten samen met onze zorgaanbieders ten aanzien van kwaliteit afspreken? Om deze vraag te beantwoorden vinden twee bijeenkomsten

Nadere informatie

Nederlandse Vereniging voor Manuele Therapie. Zicht op de toekomst. 22 september 2014

Nederlandse Vereniging voor Manuele Therapie. Zicht op de toekomst. 22 september 2014 Nederlandse Vereniging voor Manuele Therapie 22 september 2014 Inhoud 1. Inleiding en aanleiding 2. Strategische outline 3. De markt en de vereniging 4. Strategische domeinen 5. Beweging 1. Inleiding en

Nadere informatie

Het project in fasen. Waarom dit project? Gebiedsgerichte Zorg. Resultaten fase 1 en 2. Dit Zorgbelang Fryslân project wil:

Het project in fasen. Waarom dit project? Gebiedsgerichte Zorg. Resultaten fase 1 en 2. Dit Zorgbelang Fryslân project wil: Waarom dit project? Dit Zorgbelang Fryslân project wil: Gebiedsgerichte Zorg Klaas de Jong & Trees Flapper Burgers meelaten denken in een pracht gebied met veel veranderingen (krimp, belangen e.d.) Hun

Nadere informatie

perspectief zorgverzekeraar Jeroen Crasborn Senior adviseur zorgstrategie Rvb & Directie Zilverenkruis Achmea

perspectief zorgverzekeraar Jeroen Crasborn Senior adviseur zorgstrategie Rvb & Directie Zilverenkruis Achmea perspectief zorgverzekeraar Jeroen Crasborn Senior adviseur zorgstrategie Rvb & Directie Zilverenkruis Achmea 1 2 3 Zorgkostenstijging is van alle jaren maar extra waakzaamheid geboden Ontwikkeling zorguitgaven

Nadere informatie

Zorgkantoor Friesland Versmalde AWBZ (Wlz)

Zorgkantoor Friesland Versmalde AWBZ (Wlz) Zorgkantoor Friesland Versmalde AWBZ (Wlz) & De Friesland Zorgverzekeraar Toewijsbare Wijkverpleegkundige Zorg (Zvw) Niet-toewijsbare Wijkverpleegkundige Zorg (Zvw) Inhoud Presentatie Hervormingen Langdurige

Nadere informatie

Utrecht gezond! Ervaringen in samenwerking

Utrecht gezond! Ervaringen in samenwerking Utrecht gezond! Ervaringen in samenwerking In Utrecht samenwerking niet nieuw Al jarenlange samenwerking op verschillende onderwerpen, zoals: - Collectiviteit voor uitkeringsgerechtigden en minima - Gezamenlijke

Nadere informatie

!7": ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING

!7: ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING !7": ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING )NKOOPBELEID,ANGDURIGE :ORG +LANTVERSIE Uitgangspunten en inkoopdoelen 2015 Verpleging en Verzorging (V&V) U hebt recht op langdurige zorg als dat nodig is. Denk aan

Nadere informatie

INFORMATIEPAKKET. voor dienstverleners met betrekking tot de marktverkenning van de gemeente Leeuwarden binnen het Sociaal Domein

INFORMATIEPAKKET. voor dienstverleners met betrekking tot de marktverkenning van de gemeente Leeuwarden binnen het Sociaal Domein INFORMATIEPAKKET voor dienstverleners met betrekking tot de marktverkenning van de gemeente Leeuwarden binnen het Sociaal Domein Gemeente Leeuwarden Maart 2014 Blad 2 Blad 3 Algemene informatie Deze informatie

Nadere informatie

Anderhalvelijns zorg Hoe maak je het succesvol?

Anderhalvelijns zorg Hoe maak je het succesvol? Anderhalvelijns zorg Hoe maak je het succesvol? Anderhalvelijnszorg Combinatie generieke eerstelijnszorg en specialistische tweedelijnszorg - Generalistische invalshoek : uitbreiding geïntegreerde eerstelijns

Nadere informatie

Onbekommerd wonen in Breda

Onbekommerd wonen in Breda Onbekommerd wonen in Breda Verslag van de aanpak GWI 1998-2015 Geschikt Wonen voor Iedereen 2 Aanleiding In Nederland is sprake van een dubbele vergrijzing. Het aantal ouderen neemt flink toe en ze worden

Nadere informatie

Doelstelling en functie van een regionale regiegroep Basis GGZ in de regio Oss- Uden- Veghel

Doelstelling en functie van een regionale regiegroep Basis GGZ in de regio Oss- Uden- Veghel 1 2 Doelstelling en functie van een regionale regiegroep Basis GGZ in de regio Oss- Uden- Veghel Inleiding Het doel van de invoering van de Basis GGZ is dat passende behandeling op de juiste niveau plaats

Nadere informatie

Over de Zorgbalans: achtergrond en aanpak

Over de Zorgbalans: achtergrond en aanpak 1 Over de Zorgbalans: achtergrond en aanpak 1.1 De Zorgbalans beschrijft de prestaties van de gezondheidszorg In de Zorgbalans geven we een overzicht van de prestaties van de Nederlandse gezondheidszorg

Nadere informatie

Raadscommissievoorstel

Raadscommissievoorstel Raadscommissievoorstel Status: Voorbereidend besluitvormend Agendapunt: 4 Onderwerp: Transformatie jeugdzorg Regionaal projectplan Datum: 10 december 2012 Portefeuillehouder: Jhr. M.R.H.M. von Martels

Nadere informatie

Strategisch document Ambulancezorg Nederland

Strategisch document Ambulancezorg Nederland Strategisch document Ambulancezorg Nederland 1 Inleiding: relevante ontwikkelingen 2 Missie en visie AZN 3 Kernfuncties: profiel en kerntaken AZN 4 Strategische agenda AZN vastgesteld: woensdag 23 mei

Nadere informatie

WMO-beleidsnotitie van het Land van Cuijk participatie en vrijwilligers

WMO-beleidsnotitie van het Land van Cuijk participatie en vrijwilligers WMO-beleidsnotitie van het Land van Cuijk participatie en vrijwilligers 05.12.2011 In de WMO-beleidsnotitie van Land van Cuijk is het volgende in hoofdstuk 6 opgenomen: 6.3.2 Vrijwilligers in de zorg Voor

Nadere informatie

Bijlage bij brief positionering langdurige intramurale ggz - transitie langdurige ggz

Bijlage bij brief positionering langdurige intramurale ggz - transitie langdurige ggz per Bijlage bij brief positionering langdurige intramurale ggz - transitie langdurige ggz A. Partijen betrokken bij hervorming langdurige intramurale ggz In de afgelopen maanden hebben intensieve gesprekken

Nadere informatie

Toekomstbestendige ouderenzorg vergt nieuw paradigma

Toekomstbestendige ouderenzorg vergt nieuw paradigma Toekomstbestendige ouderenzorg vergt nieuw paradigma Prof.dr. Robbert Huijsman MBA, Bijzonder hoogleraar Management & Organisatie Ouderenzorg Senior manager Kwaliteit & Innovatie, Achmea Enkele belangrijke

Nadere informatie

Free Time Flies en een persoonsgebonden budget

Free Time Flies en een persoonsgebonden budget Free Time Flies en een persoonsgebonden budget 1. Inleiding Per 1 januari 2015 zijn er enkele zaken veranderd rondom het persoonsgebonden budget (pgb). Op grond van de Jeugdwet en Wmo kunnen volwassenen,

Nadere informatie

Factsheet Integrale gebiedsaanpak. Trekker: regio Achterhoek

Factsheet Integrale gebiedsaanpak. Trekker: regio Achterhoek Factsheet Integrale gebiedsaanpak Trekker: regio Achterhoek Menzis en gemeenten werken samen om tot samenhangende hulp, ondersteuning en zorg in dorpen te komen Wie? Zorgverzekeraar Menzis, de gemeente

Nadere informatie

Onderzoeksopdracht naar de haalbaarheid van een brede dagbestedingsvoorziening in de gemeente Harlingen

Onderzoeksopdracht naar de haalbaarheid van een brede dagbestedingsvoorziening in de gemeente Harlingen Onderzoeksopdracht naar de haalbaarheid van een brede dagbestedingsvoorziening in de gemeente Harlingen Harlingen, 8 augustus 2015 Inleiding Vanaf 1 januari 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor dagbesteding

Nadere informatie

Transitie Langdurige Zorg

Transitie Langdurige Zorg Transitie Langdurige Zorg Manager Inkoop Verpleging, Verzorging, Thuiszorg Manager Inkoop Verpleging, Verzorging, Thuiszorg AWBZ in historisch perspectief 1968 Ontstaan van de AWBZ voor langdurige onverzekerbare

Nadere informatie

Zorg en ondersteuning voor mensen met ernstige psychische aandoeningen. Elly van Kooten. Directie Maatschappelijke Ondersteuning, Ministerie van VWS

Zorg en ondersteuning voor mensen met ernstige psychische aandoeningen. Elly van Kooten. Directie Maatschappelijke Ondersteuning, Ministerie van VWS Zorg en ondersteuning voor mensen met ernstige psychische aandoeningen Presentatie Congres Phrenos 13 november 2014 Elly van Kooten Directie Maatschappelijke Ondersteuning, Ministerie van VWS 1 Inhoud

Nadere informatie

Ons kenmerk Onderwerp Datum LK/212 Reactie consultatiedocument 5-6-2012 Bekostiging van huisartsenzorg en geïntegreerde zorg

Ons kenmerk Onderwerp Datum LK/212 Reactie consultatiedocument 5-6-2012 Bekostiging van huisartsenzorg en geïntegreerde zorg Nederlandse Zorgautoriteit Postbus 3017, 3502 GA Utrecht Ons kenmerk Onderwerp Datum LK/212 Reactie consultatiedocument 5-6-2012 Bekostiging van huisartsenzorg en geïntegreerde zorg Geachte dr. E.A.A.

Nadere informatie

Deskundig, respectvol & optimistisch ONZE GROEPSVISIE

Deskundig, respectvol & optimistisch ONZE GROEPSVISIE Deskundig, respectvol & optimistisch ONZE GROEPSVISIE Richtlijnen/wenken voor het gebruik van onze groepsvisie: Context Het is van steeds groter belang dat we dezelfde boodschappen vertellen (naar patiënten,

Nadere informatie

Verslag en conclusie conferentie positieve gezondheid 4 april 2016

Verslag en conclusie conferentie positieve gezondheid 4 april 2016 Verslag en conclusie conferentie positieve gezondheid 4 april 2016 Op de conferentie waren vertegenwoordigers aanwezig van verschillende ketenpartners in de zorg: Adelante (revalidatie), Cohesie (huisartsen),

Nadere informatie

ZEKERHEID EN PERSPECTIEF

ZEKERHEID EN PERSPECTIEF ZEKERHEID EN PERSPECTIEF Toekomstvisie Huisartsenposten 2011-2015 Voor de patiënt die buiten de reguliere praktijktijden acuut zorg nodig heeft is de huisartsenpost bereikbaar en beschikbaar. Daarnaast

Nadere informatie

Welkom. Hans Vos De architect 13 oktober 2010

Welkom. Hans Vos De architect 13 oktober 2010 Welkom Hans Vos De architect 13 oktober 2010 NEVI zorgcongres 2014 Hans Vos Gebiedsdirecteur ZZG zorggroep Programmadirecteur wonen en zorg ZZG zorggroep Lid Kenniscentrum Lectoraat Duurzame Zorg HAN Presentatie

Nadere informatie

Innovatie in de Zorg en in de farmacie

Innovatie in de Zorg en in de farmacie Innovatie in de Zorg en in de farmacie niets nieuws onder de horizon, wel bitter noodzakelijk Patrick Edgar Senior Manager Zorginkoop Is innovatie in de zorg nodig? Het gaat toch goed? Nederlanders leven

Nadere informatie

Ik word verantwoordelijk geacht voor de AWBZ en daarom krijg ik veel van de kritiek op mijn bordje.

Ik word verantwoordelijk geacht voor de AWBZ en daarom krijg ik veel van de kritiek op mijn bordje. Directie Voorlichting en Communicatie Parnassusplein 5 Postbus 20350 2500 EJ Den Haag T 070 340 79 11 T 070 340 60 00 F 070 340 62 92 Hebt u 's avonds of in het weekend dringend een voorlichter nodig,

Nadere informatie

Adviesraad Sociaal Domein ADVIESRAAD GILZE EN RIJEN

Adviesraad Sociaal Domein ADVIESRAAD GILZE EN RIJEN Adviesraad Sociaal Domein ADVIESRAAD GILZE EN RIJEN Inleiding De Adviesraad Sociaal Domein is in de huidige opzet gestart sinds eind 2013. De wijze waarop voorheen de WMO raad was ingericht voldeed voor

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 14 april 2014 Betreft Beroep en opleiding verpleegkundige

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 14 april 2014 Betreft Beroep en opleiding verpleegkundige > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Bijlage(n)

Nadere informatie

Deelcongres VNG Jaarcongres 2014

Deelcongres VNG Jaarcongres 2014 Deelcongres VNG Jaarcongres 2014 Samenwerking tussen gemeente en zorgverzekeraar June 19, 2014 Programma 14.15 Opening & welkom Frank Elion Karin Lambrechts Introductie Stichting De Hoop Jaap de Gruiter

Nadere informatie

Participatieverslag Nieuw & Anders

Participatieverslag Nieuw & Anders Participatieverslag Nieuw & Anders Op 26 en 31 maart vonden twee bijeenkomsten plaats met de titel Nieuw & Anders plaats. Twee bijeenkomsten die druk bezocht werden door vrijwilligers, verenigingen en

Nadere informatie

Ontwikkelingen. in zorg en welzijn. Wij houden daarbij onverkort vast aan de Koers 2010-2013,

Ontwikkelingen. in zorg en welzijn. Wij houden daarbij onverkort vast aan de Koers 2010-2013, KOERS 2014-2015 3 Het (zorg)landschap waarin wij opereren verandert ingrijpend. De kern hiervan is de Kanteling, wat inhoudt dat de eigen kracht van burgers over de hele breedte van de samenleving uitgangspunt

Nadere informatie

Samenwerkende Jeugdzorg Specialisten. Midden-Brabant. Samenwerken voor kinderen en gezinnen in. Midden-Brabant

Samenwerkende Jeugdzorg Specialisten. Midden-Brabant. Samenwerken voor kinderen en gezinnen in. Midden-Brabant Samenwerkende Jeugdzorg Specialisten Midden-Brabant Samenwerken voor kinderen en gezinnen in Midden-Brabant Samenwerken voor kinderen en gezinnen in Midden-Brabant AMBITIE Meervoudige problematiek van

Nadere informatie

Informatiebijeenkomst Wijkverpleging 25 - juni 2014 Gewijzigde versie. De Friesland Zorgverzekeraar

Informatiebijeenkomst Wijkverpleging 25 - juni 2014 Gewijzigde versie. De Friesland Zorgverzekeraar Informatiebijeenkomst Wijkverpleging 25 - juni 2014 Gewijzigde versie De Friesland Zorgverzekeraar Wijzigingen Inkoopbeleid S2 publicatiedatum 1 juli 2014 naar Inkoopbeleid S2 publicatiedatum 7 juli 2014

Nadere informatie

Protocol. de Inspectie voor de Gezondheidszorg. de Nederlandse Zorgautoriteit

Protocol. de Inspectie voor de Gezondheidszorg. de Nederlandse Zorgautoriteit Protocol tussen de Inspectie voor de Gezondheidszorg en de Nederlandse Zorgautoriteit inzake samenwerking en coördinatie op het gebied van beleid, regelgeving, toezicht & informatieverstrekking en andere

Nadere informatie

Samenwerking. Zorg zonder Zorgen! Randvoorwaarden. Resultaat

Samenwerking. Zorg zonder Zorgen! Randvoorwaarden. Resultaat Inleiding Zorg zonder Grenzen b.v. is een relatief jong bedrijf en een nieuwe loot van Uitzendgroep Werk! B.V.; een uitzend, wervingen selectiebureau dat al langer actief is in de internationale arbeidsbemiddeling.

Nadere informatie

AVI-activiteiten 2014-2015. Aanbod van programma Aandacht voor iedereen

AVI-activiteiten 2014-2015. Aanbod van programma Aandacht voor iedereen AVI-activiteiten 2014-2015 Aanbod van programma Aandacht voor iedereen Januari 2014 Inhoudsopgave AVI-activiteiten 2014-2015... 3 Aandachtspunten... 4 Aandacht voor iedereen Het programma Aandacht voor

Nadere informatie

TransformatieSociaalDomein

TransformatieSociaalDomein . TransformatieSociaalDomein Uitgangspunten van de gemeente Eijsden-Margraten en de 5 andere Heuvellandgemeenten Behandeld door : Mevr. M.M. Aarts Uw brief van : Bijlage(n) : Geen Uw kenmerk : Ons kenmerk

Nadere informatie

TRANSITIE LANGDURIGE ZORG VERGT INVESTERING IN SAMENWERKING

TRANSITIE LANGDURIGE ZORG VERGT INVESTERING IN SAMENWERKING ZORGVERZEKERAARS NEDERLAND - ZN DIALOOG NR 6-9 OKTOBER 2014 1 TRANSITIE LANGDURIGE ZORG VERGT INVESTERING IN SAMENWERKING Hoe geef je in het licht van de transitie langdurige zorg optimaal vorm aan de

Nadere informatie

Instructie cliëntprofielen

Instructie cliëntprofielen Bijlage 4 Instructie cliëntprofielen Dit document beschrijft: 1. Inleiding cliëntprofielen 2. Proces ontwikkeling cliëntprofielen 3. Definitie cliëntprofielen 4. De cliëntprofielen op hoofdlijnen 5. De

Nadere informatie

Raadsvoorstel. Aan de gemeenteraad,

Raadsvoorstel. Aan de gemeenteraad, Raadsvoorstel Griffiersnummer: Onderwerp: Vaststelling herindelingsontwerp Datum B&W-vergadering: 17 juli 2012 Datum raadsvergadering: 30 juli 2012 Datum politieke avond: 11 juli 2012 Portefeuillehouder:

Nadere informatie

Inleiding Rob van Gijzel Studiedag WMO

Inleiding Rob van Gijzel Studiedag WMO Inleiding Rob van Gijzel Studiedag WMO 2 september 2005 te Den Bosch De organisatoren hebben mij gevraagd om, naast mijn rol als dagvoorzitter, vooraf kort een inleiding te houden over de context waarbinnen

Nadere informatie

Begrijpen Verbinden Meedoen communicatieplan transities sociaal domein Rivierenland

Begrijpen Verbinden Meedoen communicatieplan transities sociaal domein Rivierenland september 13 Begrijpen Verbinden Meedoen communicatieplan transities sociaal domein Rivierenland Als je doet wat je altijd deed, krijg je wat je altijd kreeg. (Albert Einstein, 1879-1955) M e r k c o a

Nadere informatie

Manifest Zorgzaam ''s-hertogenbosch

Manifest Zorgzaam ''s-hertogenbosch Manifest Zorgzaam ''s-hertogenbosch 21 juni 2013 Onze samenwerking Vijftien organisaties doen de gemeente s-hertogenbosch op 28 juni 2013 tijdens de jaarlijkse Godshuizenlezing een aanbieding in het kader

Nadere informatie

Zorg zonder Zorgen Zorg zonder Zorgen

Zorg zonder Zorgen Zorg zonder Zorgen Zorg zonder Zorgen Zorg zonder Zorgen! Zorg zonder Zorgen is een initiatief van Zorg zonder Grenzen b.v. en is de werktitel van een uniek concept met een projectmatige aanpak bij het werven en selecteren

Nadere informatie

Betere zorg met minder kosten. Vitaal Vechtdal. 17 september 2015 Congres proeftuinen VWS

Betere zorg met minder kosten. Vitaal Vechtdal. 17 september 2015 Congres proeftuinen VWS Betere zorg met minder kosten. Vitaal Vechtdal 17 september 2015 Congres proeftuinen VWS 1 Armoede te lijf met Ommen Samen Sterk 2 Druk op de gemeenschap Burger is op zoek naar overzicht en grip Instituties

Nadere informatie

Samenwerkingsverklaring. In Rivierenland werken gemeenten en Aanbieders samen

Samenwerkingsverklaring. In Rivierenland werken gemeenten en Aanbieders samen Samenwerkingsverklaring In Rivierenland werken gemeenten en Aanbieders samen Versie 15 september 2015 Uitgangspunt Gemeenten als formeel verantwoordelijke partij en Opdrachtgever, en Aanbieders als uitvoerende

Nadere informatie

CONCEPT-OPDRACHT STICHTING EINDHOVEN/BRABANT 2018

CONCEPT-OPDRACHT STICHTING EINDHOVEN/BRABANT 2018 Hoort bij raadsvoorstel 27-2012 BIJLAGE 2 APPENDIX 1. CONCEPT-OPDRACHT STICHTING EINDHOVEN/BRABANT 2018 1. Doel van de opdracht Winnen van de titel Culturele Hoofdstad van Europa voor het project 2018Brabant

Nadere informatie

Belanghoudersbijeenkomst

Belanghoudersbijeenkomst V e r s l a g Belanghoudersbijeenkomst Donderdag 17 november was u met ruim 30 andere genodigden aanwezig bij de belanghoudersbijeenkomst van Woningstichting Bergh. Een bijeenkomst waarbij wij graag twee

Nadere informatie

we zijn in beeld VPTZ-ZU/ Hospice Nieuwegein

we zijn in beeld VPTZ-ZU/ Hospice Nieuwegein we zijn in beeld VPTZ-ZU/ Hospice Nieuwegein Beleid 2012-2013 Inleiding Dit beleidsstuk is geschreven om in beeld te brengen wat onze organisatie doet, waar we voor staan en waar we goed in zijn, hoe we

Nadere informatie

VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL

VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL Inhoudsopgave: Voorwoord... 1 1. Visie: door KANTELING in BALANS...2 1.1 De kern: Eigen kracht en medeverantwoordelijkheid

Nadere informatie

Zorgacademie Midden Brabant: Toekomst bestendig zorgonderwijs

Zorgacademie Midden Brabant: Toekomst bestendig zorgonderwijs Zorgacademie Midden Brabant: Toekomst bestendig zorgonderwijs Uitdagingen zorg Sterke vergrijzing Toename zorgvraag: chronisch zieken Arbeidsmarkt: zorgvraag overtreft aanbod Veranderende sociale en culturele

Nadere informatie

STRATEGISCH BELEID EFFICIËNT EN ZICHTBAAR NAAR EEN CENTRUM VOOR REVALIDATIE

STRATEGISCH BELEID EFFICIËNT EN ZICHTBAAR NAAR EEN CENTRUM VOOR REVALIDATIE STRATEGISCH BELEID 2013 2014 NAAR EEN EFFICIËNT EN ZICHTBAAR CENTRUM VOOR REVALIDATIE UMCG Centrum voor Revalidatie Strategisch beleidsplan 2013-2014 Vastgesteld op 1 november 2012 Vooraf Met het strategisch

Nadere informatie

Welkom. Presentatie wijkteams in de gemeente Leeuwarden en hoe zij de financiële hulpverlening hebben ingericht

Welkom. Presentatie wijkteams in de gemeente Leeuwarden en hoe zij de financiële hulpverlening hebben ingericht Welkom Presentatie wijkteams in de gemeente Leeuwarden en hoe zij de financiële hulpverlening hebben ingericht Inhoud Inrichting werkwijze wijkteams Leeuwarden Verdieping in schuldhulpverlening Verdieping

Nadere informatie

Meerjarenbeleidsplan Hematon

Meerjarenbeleidsplan Hematon Meerjarenbeleidsplan Hematon 2015 2020 Publieksversie Hematon bestaat sinds 2012, na de fusie van vier kankerpatiëntenorganisaties. De startperiode was, zoals bij alle organisaties, er een van leren, vallen

Nadere informatie

Aan: de gemeenteraad Vergadering: 23 juni 2014

Aan: de gemeenteraad Vergadering: 23 juni 2014 Aan: de gemeenteraad Vergadering: 23 juni 2014 Onderwerp: Kwaliteitseisen ten behoeve van opdrachtgeven in het sociaal domein Agendapunt: STATUS RAADSVOORSTEL Raadsbesluit. Wij stellen U voor om: 1. In

Nadere informatie

Initiatiefvoorstel aan gemeenteraad

Initiatiefvoorstel aan gemeenteraad Initiatiefvoorstel aan gemeenteraad n.v.t. W.F. Mulckhuijse (SP), R. Pet (GroenLinks), K.G. van Rijn (PvdA), K. Jongejan (VVD) In te vullen door Raadsgriffie Portefeuillehouder nvt nvt RV-nummer: RV-68/2008

Nadere informatie

Aan de slag met duurzame inzetbaarheid 3 november 2015

Aan de slag met duurzame inzetbaarheid 3 november 2015 Duurzame inzetbaarheid uitgangspunt personeelsbeleid Het voorstel is duurzame inzetbaarheid centraal te stellen in het personeelsbeleid om medewerkers van alle levensfasen optimaal inzetbaar te houden

Nadere informatie

Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen

Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen Inhoud 1. Inleiding 2 De Wmo-werkplaats 2 Schets van de context 2 Ontwikkelde producten 3 2. Doel onderzoek

Nadere informatie

Convenant Vitaal Vechtdal

Convenant Vitaal Vechtdal Convenant Vitaal Vechtdal Partijen komen door gezamenlijke regionale inspanning tot een verbetering van de vitaliteit van de individuele burger door o.a. individuele gezondheidszorg te koppelen aan een

Nadere informatie

Beter Samen in Noord (BSIN)

Beter Samen in Noord (BSIN) Beter Samen in Noord (BSIN) Integrale zorg voor bewoners met meervoudige en/of complexe problemen in Amsterdam Noord 3 april 2014 Hanneke Keus, Projectleider BSiN Ronny Bohnenn, kwartiermaker BSiN Hanneliek

Nadere informatie

Bijlage 5: Model basisset kwaliteitseisen Wmo-ondersteuning voor zeer kwetsbare burgers

Bijlage 5: Model basisset kwaliteitseisen Wmo-ondersteuning voor zeer kwetsbare burgers Bijlage 5: Model basisset kwaliteitseisen Wmo-ondersteuning voor zeer kwetsbare burgers Samenvatting In de Wmo 2015 is geregeld dat er nieuwe taken naar gemeenten gaan. Het gaat om taken die tot 2015 vallen

Nadere informatie

januari 2015 - L.M. Sluys Tympaan Instituut Sociale wijkteams Krimpenerwaard - Tympaan Instituut - info@tympaan.nl

januari 2015 - L.M. Sluys Tympaan Instituut Sociale wijkteams Krimpenerwaard - Tympaan Instituut - info@tympaan.nl januari 2015 - L.M. Sluys Tympaan Instituut I Inhoud blz 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1 1.2 Vraagstelling 1 1.3 Aanpak en leeswijzer 1 2 Doelen 2.1 Doelen van beleid 3 2.2 Doelen van sociale wijkteams Krimpenerwaard

Nadere informatie

Holland Rijnland. Decentralisatie AWBZ Stuurgroep 25 september Wim Klei

Holland Rijnland. Decentralisatie AWBZ Stuurgroep 25 september Wim Klei Holland Rijnland Decentralisatie AWBZ Stuurgroep 25 september Wim Klei Onze opdracht Strategische keuze niveau van samenwerking bij de nieuwe taken in de Wmo Begeleiding (groep en individueel) Persoonlijke

Nadere informatie

portefeuillehouder ak e i e \* Secretaris akkoord

portefeuillehouder ak e i e \* Secretaris akkoord Gemeente Zandvoort B&W-ADVIES Verordening Nadere regels Beleidsnota Overig Na besluit (B&W/Raad): Uitgaande brief verzenden Stukken retour Publicatie Afdeling / werkeenheid: MD/BA Auteur : P. Haker Datum

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Parnassusplein 5 2511 VX Den Haag T 070 340 79 11 F 070 340

Nadere informatie

Verbeteren door vernieuwen en verbinden

Verbeteren door vernieuwen en verbinden Verbeteren door vernieuwen en verbinden Visie op het sociaal domein Hoeksche Waard tot stand gekomen met medewerking van professionele organisaties, vrijwilligersorganisaties en organisaties van zorgvragers

Nadere informatie

Decentralisatie begeleiding naar gemeenten Wat houdt het in? Wat gaat er veranderen?

Decentralisatie begeleiding naar gemeenten Wat houdt het in? Wat gaat er veranderen? Decentralisatie begeleiding naar gemeenten Wat houdt het in? Wat gaat er veranderen? Mark van den Einde ministerie van VWS PIANOo-bijeenkomst Hoorn (8 februari 2012) Transitie: wat verandert er? Regeer-

Nadere informatie

eflectietool Reflectietool Reflectietool Reflectietool Test jezelf op professioneel ondersteunen

eflectietool Reflectietool Reflectietool Reflectietool Test jezelf op professioneel ondersteunen eflectietool Reflectietool eflectietool Reflectietool eflectietool Reflectietool Test jezelf op professioneel ondersteunen Redactie: Marieke Haitsma en Corrie van Dam Eindredactie: afdeling communicatie

Nadere informatie

Wmo 2015 op hoofdlijnen. Michiel Geschiere (VWS)

Wmo 2015 op hoofdlijnen. Michiel Geschiere (VWS) Wmo 2015 op hoofdlijnen Michiel Geschiere (VWS) Doelstelling hervorming langdurige zorg Verbeteren kwaliteit Versterken zelf- en samenredzaamheid Vergroten financiële houdbaarheid 2 Wettelijke opdracht

Nadere informatie

Nieuwsflits 16 Aandacht voor iedereen. Hervorming Langdurige Zorg en Zorgakkoord. 8 mei 2013

Nieuwsflits 16 Aandacht voor iedereen. Hervorming Langdurige Zorg en Zorgakkoord. 8 mei 2013 Nieuwsflits 16 Aandacht voor iedereen 8 mei 2013 Hervorming Langdurige Zorg en Zorgakkoord Eind april presenteerde staatssecretaris Van Rijn zijn plannen voor hervorming van de langdurige zorg. Daarbij

Nadere informatie

Het resultaat centraal. Resultaatfinanciering binnen bestuurlijk aanbesteden

Het resultaat centraal. Resultaatfinanciering binnen bestuurlijk aanbesteden Het resultaat centraal Resultaatfinanciering binnen bestuurlijk aanbesteden Resultaat? Wmouitkomsten Zelfredzaamheid en participatie Uitgaven Vraagstukken voor Wmo 2015 financiering Waar komen we vandaan?

Nadere informatie

Doel WMO Werkwijze Wmo-adviesraad Visie Wmo-adviesraad Plannen. WMO adviesraad gemeente Landerd

Doel WMO Werkwijze Wmo-adviesraad Visie Wmo-adviesraad Plannen. WMO adviesraad gemeente Landerd Gemeente Landerd Doel WMO Werkwijze Wmo-adviesraad Visie Wmo-adviesraad Plannen Wettelijke verplichting Wmo Adviesraad Convenant Plichten Bevoegdheden Verantwoordelijkheden 1. De leefbaarheid van de gemeente

Nadere informatie

SAMENWERKINGSAGENDA ZORG EN ZEKERHEID voortgang 22/5/2015

SAMENWERKINGSAGENDA ZORG EN ZEKERHEID voortgang 22/5/2015 SAMENWERKINGSAGENDA ZORG EN ZEKERHEID voortgang 22/5/2015 Aan : Bestuurders Zorg en Zekerheid en Holland Rijnland (HR) CC : Beleidsambtenaren en inkopers gemeenten HR Door : Fred Kok (Gemeente Noordwijk)

Nadere informatie

Wat verandert er voor ouderen in het sociale domein?

Wat verandert er voor ouderen in het sociale domein? Wat verandert er voor ouderen in het sociale domein? 11 juni 2014 Bijeenkomst SBO provincie Utrecht NUZO Netwerk Utrecht Zorg voor Ouderen presentatie door Anneke van Heertum directeur Cosbo-Stad-Utrecht

Nadere informatie

Verslag: Wijkbijeenkomst Capelle aan den IJssel

Verslag: Wijkbijeenkomst Capelle aan den IJssel Verslag: Wijkbijeenkomst Capelle aan den IJssel Datum: dinsdag 3 juni 2014 Locatie: HSB de Vijverhof, Reigerlaan 251, Capelle aan den IJssel Thema: wijkgericht werken Georganiseerd door: Kirsten Kirschner

Nadere informatie

Geachte lezer, Anne-Corine Schaaps directeur

Geachte lezer, Anne-Corine Schaaps directeur Geachte lezer, Fijn dat u even tijd neemt om kortweg kennis te maken met het beleid van stichting Welcom. Door het beleid voor de komende vier jaren te omschrijven, laat Welcom zien wat ze in de samenleving

Nadere informatie

STARTNOTITIE Maatschappelijke Structuurvisie Nieuwkoop 2020. Kenmerk : 11.04593 1. Onderwerp Maatschappelijke Structuurvisie Nieuwkoop 2020

STARTNOTITIE Maatschappelijke Structuurvisie Nieuwkoop 2020. Kenmerk : 11.04593 1. Onderwerp Maatschappelijke Structuurvisie Nieuwkoop 2020 gemeente nieuwkoop STARTNOTITIE Maatschappelijke Structuurvisie Nieuwkoop 2020 Kenmerk : 11.04593 1. Onderwerp Maatschappelijke Structuurvisie Nieuwkoop 2020 2. Aanleiding De komende jaren zal de positie

Nadere informatie

Werkveld Datum Instemming/Advies GMR Vastgesteld R v T

Werkveld Datum Instemming/Advies GMR Vastgesteld R v T Werkveld Datum Instemming/Advies GMR Vastgesteld R v T Organisatie Januari 2012 nvt 18 Januari 2012 Zelfevaluatie Raad van Toezicht Organisatie/Zelfevaluatie Inhoudsopgave 1. PROCEDURE ZELFEVALUATIE RAAD

Nadere informatie

Zelfevaluatie Raad van Toezicht RvT

Zelfevaluatie Raad van Toezicht RvT werkveld datum Instemming/advies GMR Vaststelling RvT Vastgesteld CvB Organisatie 28-11-2012 n.v.t. 28-11-2012 n.v.t. Zelfevaluatie Raad van Toezicht RvT Inhoudsopgave 1. Procedure zelfevaluatie Raad van

Nadere informatie

symposium mei 2011 tot 21:00 Delen om te kunnen groeien Scheldetheater Uitnodiging Waar samenwerking in de zorg toe kan leiden.

symposium mei 2011 tot 21:00 Delen om te kunnen groeien Scheldetheater Uitnodiging Waar samenwerking in de zorg toe kan leiden. symposium Uitnodiging Delen om te kunnen groeien Waar samenwerking in de zorg toe kan leiden. Y ZorgSaam Zeeuws-Vlaanderen Stichting Curamus Nucleus Zorg 11 mei 16:00 uur 2011 tot 21:00 Scheldetheater

Nadere informatie

Wlz Zorginkoopbeleid 2016. drs. Ineke Wever, manager Zorg ZN

Wlz Zorginkoopbeleid 2016. drs. Ineke Wever, manager Zorg ZN Wlz Zorginkoopbeleid 2016 drs. Ineke Wever, manager Zorg ZN Wlz 01-01-2015 De Wlz is sinds 1 januari 2015 een feit. Met de invoering van deze wet staan drie onderling samenhangende doelstellingen centraal:

Nadere informatie

SAMENVATTING BOUWSTENEN ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG

SAMENVATTING BOUWSTENEN ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG SAMENVATTING ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG INLEIDING ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG In samenwerking met de deelnemers van het De Bouwstenen zijn opgebouwd uit thema s die Bestuurlijk Akkoord GGZ zijn

Nadere informatie