plan van aanpak Kenniscentrum Datamodel

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "plan van aanpak Kenniscentrum Datamodel"

Transcriptie

1 plan van aanpak Kenniscentrum Datamodel Logius 026 kenniscentrum WDO data model NLIP024PvA Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP)

2 Versiebeheer Versie Datum Status Opsteller Wijzigingsbeschrijving juni Ter review MH divers 0.2 en juni Review & MH/LS divers 0.3 juni aanvulling Logius 0.4 en juni Review Logius MH/LS SWOT, planning juni Verw comment Logius MH Planning, hfd 2.3, div tekstueel, kosten + benodigd budget (hfds 6) juni Verw comment Herman en Loek MH Diverse comments + toegevoegde kosten tabel (hoofdstuk 6) juli Ter goedkeuring MH / LS Toegevoegde variabele kosten na verificatie met Douane juli Ter goedkeuring MH Div comments H Zuidema, Appendix A, Appendix B juli Ter goedkeuring MH Div tekstuele en inhoudelijke comments Herman Vinhuizen, aangepaste budgetten & kostprijzen resources, Toegevoegde Waarde Kenniscentrum in pf 2.4, Rol projectmanager juli goedgekeurd MH Tekstuele aanpassingen + pag nr s Distributielijst Organisatie Aantal Versie Persoon Logius t/m Herman Vinhuizen 0.9 NLIP t/m Loek stolwijk 0.9 NLIP Hans Zuidema NLIP Bert Borsje NLIP Loek Stolwijk NLIP Hans Zuidema Logius Jacques de Wit NLIP Zuidema, Stolwijk Logius Vinhuizen en de Wit NLIP Zuidema, Stolwijk Logius Vinhuizen en de Wit Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 2 van 51

3 Inhoudsopgave 1. Aanleiding en doelstelling Impact op (semi) overheden en bedrijfsleven Doelstellingen NLIP en Datamodel Scope, relatie andere projecten, samenvatting producten en Toegevoegde Waarde Kenniscentrum De scope Het Datamodel en bericht Relatie andere NLIP projecten Datadelen in het Handel & Transport domein (zoals ihkv MSW) Berichtenverkeer van overheid naar de markt Het NLIP als Vraagbaak en Initiator samenvatting producten en diensten Kenniscentrum Toegevoegde Waarde Kenniscentrum Datamodel Randvoorwaarden, aannames en risico s Randvoorwaarden Financiële randvoorwaarden / Opdrachtgeverschap Organisatorische randvoorwaarden, resources Aannames Risico s, bedreigingen en zwaktes Sterktes en kansen Project Organisatie De implementatie fase De executiefase Planning van activiteiten Planning algemeen Planning project Budget variabele kosten Kenniscentrum vanaf medio Funding initiatiefase Kenniscentrum Funding exploitatiefase Kenniscentrum A. Appendix A Verslagen Interviews B. Appendix B Aantal te verwachten MIGs obv het Klant Informatie Systeem Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 3 van 51

4 1. Aanleiding en doelstelling Op 28 november 2013 is het Datamodel op de Pas toe of leg uit lijst geplaatst. Door opname op deze lijst zijn overheden verplicht om de standaard te hanteren bij investeringen in en inkoop van ICT systemen en -diensten die worden ingezet binnen het toepassingsgebied (het elektronisch uitwisselen van gegevens rond grensoverschrijdingen) van deze standaard. Een direct gevolg hiervan is een sterke groei in de vraag naar datamodel expertise. Dit betekent dat het Datamodel aangaande grensoverschrijdende transacties tussen overheid en bedrijfsleven verplicht dient te worden geïmplementeerd. Dit heeft verstrekkende gevolgen voor betrokken (semi)overheden en het bedrijfsleven. 1.1 Impact op (semi) overheden en bedrijfsleven De manier hoe thans data wordt gedefinieerd, verwerkt, bewerkt, of verrijkt, in ketenprocessen en organisaties, zal in toenemende mate beïnvloed worden door het datamodel. Betrokken organisaties zullen derhalve forse investeringen moeten doen in kennis omtrent het Datamodel. Bedrijven zullen zich moeten voorbereiden op aanpassingen in de berichtstandaarden (MIG s). Overheden zullen daarnaast ook hun eigen processen en systemen moeten herzien indien deze (nog) niet compliant zijn aan het datamodel. Vanuit de overheid en de markt wordt de roep om ondersteuning bij implementatie steeds luider. Hierbij wordt steeds meer naar Logius gekeken in haar rol van nationale coördinator van het Datamodel. Echter, de verwachte toename van de vraag naar ondersteuning en diversiteit van de verzoeken gaat echter verder dan hetgeen nu door Logius geleverd kan worden. 1.2 Doelstellingen NLIP en Datamodel De toepassing van één datamodel ondersteunt effectieve en efficiënte samenwerking tussen onafhankelijke organisaties. Door de materiële rol die de overheid speelt als actor in de logistieke ketens denk aan haar controlerende en uitvoerende taken - én de veelheid van logistieke organisaties die daar bij betrokken zijn, heeft de toepassing van één datamodel door de overheid, naar verwachting een katalyserend effect op berichtstandaardisatie voor de betrokken bedrijven. Ook voor berichtuitwisseling tussen marktpartijen (b2b) onderling. De data communicatie van de overheid naar de markt omdat hier de komende jaren veel groei wordt voorzien - heeft baat bij standaardisatie en focus. Het NLIP heeft in deze context baat bij een effectieve en efficiënte implementatie van de het Datamodel en de gerelateerde standaard berichtensets. Standaardisatie is van groot belang onder andere voor het grensoverschrijdende verkeer en daarmee voor de Nederlandse economie. De centrale vraag die nu beantwoord moet worden is hoe vorm kan worden gegeven aan de vraag om ondersteuning bij implementatie, onderhoud en promotie van het Datamodel èn de gerelateerde berichtstandaarden. Een business case Kennis Centrum Datamodel, dient deze vraag te beantwoorden. Dit Plan van Aanpak (PvA) beschrijft de executie van deze activiteiten Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 4 van 51

5 2. Scope, relatie andere projecten, samenvatting producten en Toegevoegde Waarde Kenniscentrum 2.1 De scope De scope van dit plan van aanpak (en de initiatie van het Kenniscentrum) wordt bepaald door twee aspecten: Het Datamodel (1) en de informatie-uitwisseling met behulp van het datamodel (2) Het Datamodel Op nationaal niveau is vastgesteld, dat waar het gebruik maken van het Datamodel verplicht is, tenzij kan worden aangetoond, dat dit afbreuk zal doen aan de efficiency en effectiviteit van de informatie-uitwisseling, het zgn Pas toe of leg uit beginsel van toepassing is. Op internationaal niveau is bijvoorbeeld vastgesteld dat voor inkomende en uitgaande zeevracht de administratieve en logistieke informatievoorziening per dient plaats te vinden op basis van het Datamodel. Het Datamodel is gedefinieerd als een maximum set van gestandaardiseerde en geharmoniseerde gegevens èn standaard elektronische berichten (EDIFACT en XML) welke kunnen worden gebruikt voor de gegevensuitwisseling tussen het bedrijfsleven en de bij grensoverschrijding betrokken overheden om de formaliteiten te vervullen voor de aankomst, het vertrek, doorvoer en de vrijgave van goederen, vervoermiddelen en personen in de internationale grensoverschrijdende handel. Informatie-uitwisseling met behulp van het Datamodel Administratieve en logistieke activiteiten of processen van overheidsdiensten en private partijen zijn met elkaar verbonden door het uitwisselen van informatie. De overheid in haar functie als douane registreert informatie over goederen, die van het ene douanegebied naar het andere worden verplaatst. Deze verplaatsing betreft zowel import, export als doorvoer van goederen. De informatie over de goederen dient bijvoorbeeld in het geval van import onder andere inzicht te verschaffen in land van oorsprong, land van bestemming en aard van de goederen, zodat de juiste BTW en douanetarieven kunnen worden toegepast en/of toezicht kan worden gehouden op risico s met betrekking tot gezondheid en veiligheid. De uitwisseling van informatie dient een snelle logistieke afhandeling te ondersteunen. Zoals de douane verantwoordelijk is voor in-, uit en doorvoer van goederen, zijn andere overheidsdiensten verantwoordelijk voor veiligheid van voedsel en waren, ontwikkelen en beheren van infrastructuren zoals wegennet en binnenwateren. Internationale en nationale wetgeving leidt tot een keten van administratieve en logistieke activiteiten of processen, die worden ondersteund door informatie-uitwisseling. De informatie uitwisseling vindt plaats tussen 1. Overheidsdiensten onderling (GtG) 2. Overheidsdiensten en bedrijfsleven (GtB en BtG) 3. Bedrijfsleven onderling (BtB) De eerste twee informatierelaties zijn in scope voor dit PvA De informatie uitwisseling kent twee componenten 1. De inhoud van de informatie uitwisseling 2. De organisatorische en technische infrastructuur om de informatie uitwisseling mogelijk te maken De inhoud van de informatie uitwisseling is onderwerp van dit PvA. De organisatorische en technische infrastructuur is onderwerp van studie van NLIP project Architectuur Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 5 van 51

6 2.1.1 Het Datamodel en bericht Het Datamodel beschrijft de objecten en hun eigenschappen die van belang zijn in de communicatie tussen partijen in de logistieke keten. De eenduidige beschrijving ondersteunt uitgangspunten met betrekking tot eenmalige invoer en hergebruik van gegevens. Het WDO bericht is een subset uit het Datamodel, dat is geselecteerd om de informatieuitwisseling tussen specifieke administratieve en logistieke activiteiten te ondersteunen. Hoe een bericht dient te worden geïmplementeerd in een bepaald proces staat beschreven in een MIG (Message Implementation Guide) Het WDO bericht en processen Informatievoorziening koppelt administratieve en logistieke processen tussen overheidsdiensten en tussen overheidsdiensten en bedrijfsleven. De inrichting van deze informatievoorziening beschrijft de objecten en de eigenschappen van deze objecten en de wijze waarop deze informatie beschikbaar dient te worden gesteld ten behoeve van administratieve en logistieke processen. Binnen de overheid zijn dit processen als toezicht, inspectie, handhaving en/of registratie ten behoeve beleidsvoorbereiding en evaluatie. Voor het bedrijfsleven betreft het het verkrijgen van goedkeuring dat aan wettelijke verplichtingen is voldaan en input voor eigen administratieve en logistieke bewerkingen (financieel, vrijgave voor transportoverdracht, track&trace ten behoeve van vervolg logistiek etc). In de context van het NLIP, is de input met behulp van data afkomstig van de overheid, geduid als de zgn stippellijn terug. Zie voor detaillering paragraaf Processen zijn aan wijzigingen onderhevig door een verscheidenheid aan redenen zoals veranderende nationale en internationale regelgeving, opheffen geconstateerde inefficiënties en verouderde infrastructuur. De informatievoorziening gebaseerd op het Datamodel en als selectie beschreven in de MIG, dient naadloos aan te sluiten op de administratieve en logistieke processen. Het kan echter voorkomen, dat voor de processen geen toereikende invulling van de informatievoorziening kan worden gerealiseerd op basis van het bestaande Datamodel. Simpel weg omdat objecten niet of niet toereikend zijn gedefinieerd of omdat dit het geval is met de beschikbare lijst aan eigenschappen van de objecten. In deze situatie zijn de volgende acties mogelijk: 1. Herontwerp het proces, zodat het bestaande Datamodel kan worden toegepast. Te denken valt aan samenvoegen of juist opsplitsen van processen 2. Voeg data elementen en/of attributen toe aan het het Datamodel zodat deze kan worden toegepast bij het ontwerp van de informatievoorziening. Dit vereist een actieve rol bij de internationale instanties die het datamodel beheren Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 6 van 51

7 2.2 Relatie andere NLIP projecten Datadelen in het Handel & Transport domein (zoals ihkv MSW) In het domein handel & transport wordt data delen bevorderd door het gemeenschappelijk gebruik van het Datamodel, de berichtensets en gemeenschappelijke infrastructuren zoals DIGIPOORT en Maritiem Single Window (hierna: MSW). Als stip op de horizon is het Single WIndow Handel & Transport gedefinieerd, bestaande uit DIGIPOORT, diverse windows, en gebruikmakend van het Datamodel. (zie schema hieronder) uit Kerngroep NLIP Het Kenniscentrum zal een actieve rol moeten spelen bij de implementatie van de gegevens uitwisseling in dit domein. Zowel op het gebied van Kennis van het Datamodel, alsook het inbrengen van proceskennis van betrokken partijen (mn overheid), en gevraagde juridische ondersteuning. De actieve rol is in deze gedefinieerd als de uitvoering van de diensten zoals geformuleerd in paragraaf Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 7 van 51

8 2.2.2 Berichtenverkeer van overheid naar de markt Het berichtenverkeer van de ondernemingen/marktpartijen naar de overheid verloopt ofwel rechtstreeks door een individuele marktpartij of via PCSn. Het verkeer NAAR de overheid is of zal worden gebaseerd op het Datamodel. De terugkoppeling van de overheid naar de ondernemingen/marktpartijen is vooralsnog niet samenhangend ontwikkeld. Samenhangend wil zeggen, dat via een overheidswindow de e van de overheid op dusdanige wijze plaatsvindt, dat er sprake is van een efficiënte en effectieve ondersteuning van de workflow bij ondernemingen. Het Kenniscentrum dient tbv het NLIP project Meldingen Overheid adequate ondersteuning te bieden bij de implementatie van de overeengekomen data-uitwisseling Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 8 van 51

9 2.2.3 Het NLIP als Vraagbaak en Initiator Het Datamodel en berichtenset speelt een rol bij de informatievoorziening in de logistieke en administratieve ketens. Het NLIP ondersteunt in haar rol als Initiator initiatieven die leiden tot een verbetering van de efficiency en effectiviteit van de informatievoorziening in logistieke en administratieve ketens. Daarom ondersteunt het NLIP de activiteiten zoals beschreven in dit plan van aanpak. Het Kenniscentrum Datamodel zal immers de informatievoorziening voor Logistiek Nederland actief (door het aanbieden van de beschreven producten en diensten) verbeteren. Beslissing Stuurgroep NLIP Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 9 van 51

10 2.3 samenvatting producten en diensten Kenniscentrum Het Kenniscentrum beoogt producten en diensten te leveren die invulling geven aan de doelstellingen zoals geformuleerd onder hoofdstuk 1. Met nadruk wordt gesteld dat onderstaande samenvatting van de te leveren producten en diensten gebaseerd is op de (1) interviews met de beoogde klanten (zie Appendix A), (2) analyse van de huidige klanten, producten en diensten van Logius en (3) analyse van de huidige Sterktes, Zwaktes, Kansen en Bedreigingen zoals samengevat in hoofdstuk 3. De huidige taken van het NPDM, zijn samengevat in het zgn werkplan (bron Logius) en behelzen: 1. in de vergadering ingebrachte voorstellen tot aanpassing of uitbreiding van het datamodel (Data Maintenance Request (DMR)) beoordelen en vaststellen voor inbreng in het DMPToverleg; 2. kennis over het datamodel (in de meest brede zin) verspreiden en het gebruik van het datamodel bevorderen; 3. gebruikers en toekomstige gebruikers informeren omtrent de nationale en internationale ontwikkelingen rond het datamodel; 4. gebruikers en toekomstige gebruikers adviseren over het gebruik van het datamodel en hen zo mogelijk assisteren bij het gebruik en de implementatie ervan; Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 10 van 51

11 5. in nauwe samenwerking met Logius en nationale en/of internationale datamodel en/of EDI experts, trainingen en (bij)scholingen organiseren op het gebied van het gebruik van het datamodel; 6. de algemene Nederlandse componenten van het datamodel beheren, waaronder de MIG basis set (MBS) en het publicatie platform. De punten 1 en 6 worden thans reeds uitgevoerd door het NPDM 2.4 Toegevoegde Waarde Kenniscentrum Datamodel In het Business Plan Kenniscentrum, is aangenomen dat de Toegevoegde Waarde (TW) van het Kenniscentrum, het best uitgedrukt kan worden in de waarde van de verbeterde informatievoorziening tussen de Markt en de Overheid. In het NLIP business plan is dat gekwantificeerd voor een bedrag tussen de 257 en 771 miljoen op jaarbasis. In deze bedragen is nog NIET opgenomen de TW van een verbetering van de informatie voorziening van de Overheid naar de Markt Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 11 van 51

12 3. Randvoorwaarden, aannames en risico s De randvoorwaarden, risico s en aannames waaronder het PvA kan worden uitgevoerd, zijn in kaart gebracht door een combinatie van verschillende onderzoeksmethodieken: deskresearch, Q&A, en - met name - het houden van interviews. De interview resultaten zijn in dit onderzoek leidend geweest: deskresearch is daaraan getoetst en risico s zijn er mee in kaart gebracht en op waarde geschat. De interviewresultaten zijn samengevat in een SWOT analyse. Kansen en bedreigingen geven aan wat de (externe) factoren zijn die voor Logius opportuun zijn in het opbouwen van een kenniscentrum. Sterktes en zwaktes geven een beeld van (interne) factoren die in het PvA aandacht moeten krijgen. De interviewresultaten zijn in zijn geheel opgenomen in Appendix A 3.1 Randvoorwaarden De randvoorwaarden voor de implementatie van het kenniscentrum Datamodel, zijn te verdelen in (1) financiële randvoorwaarden en (2) organisatorische randvoorwaarden en resources Financiële randvoorwaarden / Opdrachtgeverschap Ten behoeve van de succesvolle implementatie en operatie van een Kenniscentrum Datamodel, is opdrachtgeverschap aan Logius en daarmee gepaard gaande funding noodzakelijk. De noodzakelijke funding om het kenniscentrum op te bouwen (initiatie fase) is in kaart gebracht in hoofdstuk 6 van dit PvA. In hoofdstuk 6 wordt ook een inschatting gedaan van de financiële middelen die nodig zijn om het Kenniscentrum operationeel te houden (exploitatie). Uitgangspunt voor dit PvA is dat de initiatie een co-financiering is van het NLIP en Opdrachtgever(s) van Logius. De kosten om het Kenniscentrum daarna operationeel te houden, moeten gedragen worden door de klanten van het Kenniscentrum: de Opdrachtgevers. Gezien de resultaten van de interviews (zie Appendix A) zijn dat in afnemende volgorde van relevantie De Belastingdienst, NVWA en RWS. Overigens is de verwachting dat op termijn ook andere overheidsinstanties in scope van het Kenniscentrum zullen zijn Organisatorische randvoorwaarden, resources Het kenniscentrum Datamodel zal een drietal kernactiviteiten moeten uitvoeren (diensten moeten bieden) die betrekking hebben op (1) de implementatie van het Datamodel (vgl rol Vraagbaak NLIP), (2) het nationaal wijzigingenbeheer van het Datamodel en (3) nationaal aanspreekpunt communicatie en promotie van Datamodel. Voor elk van deze activiteiten, is het noodzakelijk om de juiste kennis&resources in huis te krijgen. Door eigen mensen op te leiden of door inhuur van de betreffende expertise van derden. Het gaat hierbij om datamodel kennis, proceskennis en juridische kennis. 1. Het Datamodel Om haar toekomstige klanten hulp te kunnen bieden bij de toepassing van het Datamodel, is kennis over het model onontbeerlijk. Deze kennis is nu slechts beschikbaar bij de Douane bij 2 gespecialiseerde collega s. Om de gevraagde dienstverlening te kunnen bieden (en om de bestaande 2 collega s 1 bij de Douane te 1 De huidige expertise van de 2 collegae bij de Douane, is met name uniek (en dus ook veelgevraagd) door een combinatie van skills: de kennis over en van het WDO model (1), de proceskennis bij de partijen die gebruik maken van het WDO model (2), en de kennis over toekomstige internationale ontwikkelingen van het WDO model (3) Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 12 van 51

13 kunnen ontlasten), moet deze kennis door Logius kunnen worden geboden aan haar klanten. Uitgangspunt is dat de basiskennis over het Datamodel door interne resources na een beperkte investeringsopleiding van bijvoorbeeld 2 maanden - kan worden ingevuld. Na bestudering van de beschikbare documentatie over het Datamodel, lijkt dat gerechtvaardigd (bron: Vohama/Stolwijk 2014). 2. Koppeling processen en informatievoorziening in MIGs Informatieverwerking is pas effectief, als de uitgewisselde informatie ook toegepast kan worden om de (eigen) processen te ondersteunen. Dat geldt voor informatie die de overheid ontvangt van de markt. Maar ook voor informatie die de markt ontvangt (of gaat ontvangen) van de overheid. Om deze uitgewisselde informatie effectief toe te passen is dus kennis van de processen nodig WAAR de informatie voor wordt gebruikt. Deze proceskennis is een onderdeel van de expertise die Logius moet bieden aan haar klanten. Dat geldt voor proceskennis aan de kant van de Overheid (in het geval van informatievoorziening van markt, => naar de overheid) maar dus ook over proceskennis aan de kant van haar (meest belangrijke) klanten in het geval het informatie betreft van overheid, =>naar de markt. Verondersteld wordt in dit PvA dat de specifieke kennis die bij de klanten van het Kenniscentrum aanwezig is over hun processen, nooit overgenomen kan worden door het Kenniscentrum. Wel wordt het noodzakelijk om proceskennis op te doen over de Gemeenschappelijke Delers in de betreffende processen. De inschatting is dat juist deze proceskennis van het midden (Business Process Management) wel in eigen huis bij Logius opgebouwd dient te worden voor haar klanten. Overigens is de genoemde proceskennis ook relevant voor het kunnen kwalificeren van de informatie die ontvangen wordt (markt => overheid) en verzonden wordt (overheid => markt). Deze specifieke proceskennis dient betrokken te worden bij de proceseigenaren zelf. Of moet bij derden ingehuurd worden. 3. Ten behoeve van deze rol het koppelen van processen gebruikmakend van het WDO model en mbv MIGs is ook juridische kennis bij het Kennis centrum onontbeerlijk. Om vier redenen: A er moet vastgesteld kunnen worden of de latende partij (de partij die de data verzendt of ter beschikking stelt) gerechtigd is om de betreffende data voor het betreffende doel te verzenden / ter beschikking te stellen. B er moet vastgesteld kunnen worden of de ontvangende partij gerechtigd is om de betreffende data voor het vastgestelde doel te ontvangen en verwerken. C vigerende wet&regelgeving kan divergerend zijn. Mitigatie en Harmonisatie voorstellen zijn hiertoe noodzakelijk. D Advisering of met de implementatie is voldaan aan wet&regelgeving. 3.2 Aannames Ten behoeve van de invulling van de randvoorwaarden, wordt aangenomen dat: 1. Co-financiering van de implementatie fase van het kennis centrum gedragen wordt door het NLIP en opdrachtgevers van Logius. Uitgangspunt is dat de klanten van Logius (deels) in natura bijdragen door het ter beschikking stellen van proces kennis. De proceskennis van hun betreffende onderdeel/entiteit 2. Financiering van de exploitatiefase door de belangrijkste klanten van Logius wordt ondersteund. Dit zijn de Douane, de NVWA en RWS. Ook hier is de verwachting dat een belangrijk deel van de funding in de exploitatiefase zal plaatsvinden door het ter beschikking stellen van resources van de betreffende partijen. In de toekomst kunnen natuurlijk ook andere (overheids-) partijen aan de klantenlijst worden toegevoegd. 3. De hechte samenwerking tussen Douane en het Kenniscentrum Datamodel goed geborgd is waardoor het intensief uitwisselen van kennis mogelijk is Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 13 van 51

14 4. De proceskennis van in- en externe klanten plus BPM expertise om procesinnovaties te kunnen ondersteunen - door logius ingehuurd of ingeleend kan worden. Gedurende de exploitatiefase, zal van de belangrijkste klanten, zelf proceskennis (training on the job) opgedaan worden 3.3 Risico s, bedreigingen en zwaktes De risico s voor het implementeren van het kenniscentrum zitten in zijn algemeenheid bij de mogelijkheid om de aannames gestand te doen. Op basis van de resultaten van het onderzoek bij Logius en de interviews bij de diverse stakeholders, is een SWOT opgesteld. De Threats geven daarin een compleet beeld van de geinventariseerde risico s. Tot op zekere hoogte kunnen ook de geinventariseerde Weaknesses van Logius in het kader van het op te richten Kennis centrum, gezien worden als risico s. Om deze reden worden ze ook in deze paragraaf benoemd Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 14 van 51

15 3.4 Sterktes en kansen Logius ondersteunt haar klanten nu bij de uitvoering van een aantal taken en Logius levert nu reeds diensten op het gebied van standaardisatie en gegevensuitwisseling. Het huidig klantenbestand, de positie van Logius in de markt, haar huidige kennis en expertise zijn allemaal zaken die Logius goed positioneren om een Kennis centrum Datamodel effectief en efficiënt te kunnen organiseren. Na uitvoering van onderzoek en interviews, zijn de sterktes en kansen samengevat in de SWOT analyse. Voor de gedetailleerde input van onderstaande SWOT, wordt verwezen naar Appendix A. De bedreigingen & zwaktes plus de sterktes & kansen, vormen samen belangrijke input voor de uit te voeren activiteiten in de aanloop naar het Kenniscentrum. Zie verder voor deze activiteiten, de planning in hoofdstuk Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 15 van 51

16 4. Project Organisatie In dit hoofdstuk maken we een onderscheid tussen de projectorganisatie die nodig is om het kennis centrum op te bouwen, en de organisatie die nodig is om het Kenniscentrum operationeel te houden (ten behoeve van de exploitatie). De implementatiefase loopt van augustus 2014 tot en met Q De executiefase vangt aan per De implementatie fase Tijdens de implementatiefase wordt een projectorganisatie ingericht. Sturing op het projectteam vindt plaats vanuit Logius (Jacques de Wit en Jan Beekman) en NLIP (Hans Zuidema). Ondersteuning van het project wordt uitgevoerd door een projectmanager NLIP (Haarman met PMO ondersteuning door Stolwijk). Projectmanager Logius is Herman Vinhuizen. Eea conform programma structuur NLIP Stuurgroep NLIP Stuurgroep NLIP Project Board Executive Hans Zuidema (Senior) User Jos Ensing (Senior) Supplier Jacques de Wit Project Manager Michiel Haarman (NLIP) Herman Vinhuizen (Logius) Project Team(s) Project In de implementatiefase zijn verschillende verantwoordelijkheden te onderscheiden: 1. Opbouw resources / kennis. Opdoen kennis van het Datamodel bij de nog aan te trekken resources. Definiëren van (in te huren) kennis over de betrokken processen bij meest belangrijke klanten van het Kenniscentrum (actie: PM, Logius). Vaststellen en aantrekken (externe inhuur?) van juridische kennis 2. Operations intern: Koppeling met bestaande processen van Logius. Aansluiting helpdesk, eerste lijn, en reporting. Door eigen medewerkers back-office van Logius 3. Communicatie (zowel project communicatie als communicatie naar beoogde overheidsklanten, opstart sales&marketing; strekkingsgebied Datamodel op de pastoe-of-leg-uit lijst ). In nauwe samenwerking met huidige bezetting NPDM 4. Finance (opstellen van de financieringsbrieven ten behoeve van de executiefase vanaf 2016), projectcontrol en financiele reporting. Projectreporting (NLIP PSRs) vindt plaats door PMO Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 16 van 51

17 5. Operations extern: organiseren externe aansluiting met klantgroepen ism resources NPDM en Proj Management 6. Opbouwen internationale positie ism met overheidsinstanties, die internationale posities ondersteunen cq opbouwen cq stimuleren. 7. Opbouwen van de nationale positie zie ook de activiteiten zoals benoemd in de SWOT analyse zoals stimuleren van logistieke BPM opleidingen. 8. Het inbedden van de huidige activiteiten van het NPDM in het Kenniscentrum zodat deze activiteiten geborgd blijven In het Business Plan Kenniscentrum Logius, staan de resource requirements benoemd. 4.2 De executiefase Management en organisatie van het Kennis centrum. Met daaronder: 1. Sales overheid. NB dat het unieke punt hier niet de kennis van het WDO model is, maar de kennis van overheidsprocessen en de koppeling van de overheidsprocessen met de bedrijfsprocessen (BPM) 2. Sales markt. Zie vorige punt. Combinatie met secretariaat NPDM. Sales is hier gedefinieerd als een complete sales cycle; dus vanaf het identificeren van de klantbehoefte, tot en met het uitvoeren van after-sales incluis metingen van klanttevredenheid. 3. Bewaken/behouden WDO model kennis (merendeels interne kennis en zelf opgeleid). Mogelijk combineren met rol International Relations (lobby, EU, aanspreekpunt int l bedrijven. Nederland als International Gateway voor Informatie! In dit kader voert het Kenniscentrum ook het Nationaal Wijzigingen beheer over het Datamodel 4. Koppeling interne processen (reporting, helpdesk 1 ste lijn, bedrijfsbureau, etc. Dit met als doel dat het Kenniscentrum als volwaardig onderdeel van Logius rapporteert en past binnen bestaande structuren van funding, operations en reporting 5. Ondersteuning bij de implementatie van het Datamodel door ontwikkeling van de specifieke MIGs Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 17 van 51

18 5. Planning van activiteiten De uit te voeren activiteiten in de implementatiefase van het Kenniscentrum, zijn gebaseerd op het benutten van de kansen & sterktes en het mitigeren van zwaktes & bedreigingen. Eea conform de SWOT die is opgesteld na verwerking van de onderzoeksresultaten in de afgelopen 3 maanden Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 18 van 51

19 5.1 Planning algemeen 5.2 Planning project specifieke project inrichtingsactiviteiten 2014 tot en met 2015 jul/aug sep/okt nov/dec Q Q Q Q finance & back-office support Logius 0,5 FTE ==> 1,0 FTE 1,0 FTE 1 opstellen financieringsmodel xx xx 2 opstellen financieringsbrieven xx 3 ondertekenen financieringsbrieven xx xx xx 4 overeenkomen funding NLIP versus overheden xx 5 inrichten adm proces + aansluiting backoffice Logius xx ontwikkeling productportfolio 0,8 FTE ==> 1,8 FTE 2 FTE ==> 1 opdoen kennis WDO datamodel xx xx xx xx xx xx xx xx 2 beschrijving best practises xx xx 3 beschrijving BPM & proces expertise xx 4 opstellen RFI/RFP BPM xx xx 5 overeenkomen inhuur resources van ministeries nav beschrijving xx xx NPDM activiteit (keep shop open ) 0,2 FTE ==> 0,2 FTE ==> xx ==>> 6 start executie xx ==>> ontwikkeling marketing&sales 0,5 FTE ==> 0,5 FTE ==> 1 categoriseren leads nav interviews xx 2 vaststellen doelgroep 'pas toe leg uit' xx 3 vastellen boodschap naar doelgroep xx 4 communiceren boodschap 5 start inrichting xx ==>> organisatie 0,5 FTE ==> 0,5 FTE ==> 1 selectie en aanname datamodel expert xx 2 samenwerking NPDM formaliseren xx 3 vaststellen rapportagelijnen xx 4 akkoord directie Logius op businessplan + org/governance 5 opstellen internal reporting xx 6 start inrichting xx ==>> uitvoering inrichting uitvoering inrichting uitvoering inrichting uitvoering inrichting uitvoering executie uitvoering executie aantal vaste FTE totaal ,5 FTE totaal ,0 FTE totaal ,0 FTE Rondom de organisatie en uitvoering van het inrichtingsproject, wordt naast bovenstaande activiteiten ook verwacht dat er 0,5 FTE wordt besteed aan NLIP Projectmanagement activiteiten. Dit is een externe activiteit. De interne resources van Logius worden in de inrichtingsfase zo veel als mogelijk gespiegeld aan externe resources om het project voldoende continuïteit te bieden. Daarnaast voldoet Logius op deze wijze aan een van de randvoorwaarden van funding door het NLIP: minimaal 50% co-funding. In dit geval in kind. Doelstelling is dat het Kenniscentrum een netwerk organisatie is die de implementatie van het Datamodel ondersteunt door te zorgen dat de kennis over het datamodel verspreid terecht komt bij de klanten die het data model toepassen. Onder resources van Logius, kan in dit geval ook worden verstaan de resources die door andere overheidsorganen worden ingebracht Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 19 van 51

20 6. Budget Het budget van het plan van aanpak is gekwantificeerd door een koppeling te maken tussen de uit te voeren werkzaamheden in hoofdstuk 5, met de tarieven van de betrokken medewerkers. Dit leidt tot een begroting op 2 maandelijks niveau. Onderstaande begroting is exclusief 0,5 FTE Projectmanagemnt NLIP / PMO activiteiten (opstellen detailed reporting, verslaglegging, bewaking project voortgang, interne communicatie naar Logius, NLIP en andere interne stakeholders) specifieke project inrichtingsactiviteiten 2014 tot en met 2015 jul/aug sep/okt nov/dec Q Q Q Q finance & back-office support Logius 0,5 FTE ==> 1,0 FTE 1,0 FTE obv intern FTE schaal opstellen financieringsmodel opstellen financieringsbrieven uitvoering 3 ondertekenen financieringsbrieven inrichting 4 overeenkomen funding NLIP versus overheden inrichten adm proces + aansluiting backoffice Logius ontwikkeling productportfolio 0,8 FTE ==> 1,8 FTE 2 FTE ==> obv extern tarief senior opdoen kennis WDO datamodel beschrijving best practises beschrijving BPM & proces expertise uitvoering 4 opstellen RFI/RFP BPM executie 5 overeenkomen inhuur resources van ministeries nav beschrijving NPDM activiteit (keep shop open ) 0,2 FTE ==> 0,2 FTE ==> xx ==>> obv extern tarief senior start executie ontwikkeling marketing&sales 0,5 FTE ==> 0,5 FTE ==> obv intern schaal categoriseren leads nav interviews vaststellen doelgroep 'pas toe leg uit' vastellen boodschap naar doelgroep communiceren boodschap 6500 uitvoering inrichting 5 start inrichting organisatie 0,5 FTE ==> 0,5 FTE ==> obv intern schaal selectie en aanname datamodel expert samenwerking NPDM formaliseren 4000 uitvoering 3 vaststellen rapportagelijnen 4500 inrichting 4 akkoord directie Logius op businessplan + org/governance 5 opstellen internal reporting start inrichting totalen uitvoering executie aantal vaste FTE totaal ,5 FTE totaal ,0 FTE totaal ,0 FTE vaste kosten excl pj mngmnt ext project management 0,5 FTE ( /mnd) tooling totaal totaal De kosten bedragen tijdens de projectfase dus: - In 2014 gemiddeld per maand. Totaal In 2015 (Q1, 2 en 3) gemiddeld per maand. Totaal In de executiefase bedragen de vaste kosten van het Kenniscentrum per jaar Al onmiddellijk vanaf de start van het project in 2014, zijn deze kosten dus inclusief de (huidige) kosten van de activiteiten van het NPDM (ongeveer per mnd). Alle kosten tijdens de projectfase zijn inclusief 0,5 FTE projectmanagement & PMO activiteiten ( / mnd). Totale PMO kosten projectfase 2014 & 2015: Ten behoeve van de uitvoering van de werkzaamheden, is voorzien dat er op jaarbasis besteed zal worden aan tooling (website, promotiemateriaal, reizen). 6.1 variabele kosten Kenniscentrum vanaf medio 2015 Variabele kosten gaan ontstaan als gevolg van de gevraagde ondersteuning van het Kenniscentrum bij de ontwikkeling van MIGs ten behoeve van de implementatie van het Datamodel. Om de data uitwisseling en gerelateerde processen te ondersteunen. Er is een gevalideerde inschatting gemaakt van de kosten die gepaard gaan met de ontwikkeling van een MIG. Daar is een aantal uitgangspunten voor gehanteerd: 1. Er bestaat geen standaard MIG. Een eerste MIG voor een nieuwe toepassing kan wel een doorlooptijd van 2 jaar hebben. Terwijl een additioneel bericht voor een Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 20 van 51

21 bestaande MIG opgeleverd kan worden in een paar maanden tijd. Uitgangspunt voor berekening van budgetten ten behoeve van dit plan van aanpak en het Business Plan, is dat er een gemiddelde MIG is te definiëren op basis van de ervaringen van de Douane van de afgelopen jaren. Uitgangspunt is dat de gemiddelde MIG in 6 maanden tijd mbv 1,5 FTE opgeleverd kan worden. 2. Ten behoeve van de berekeningen worden de kosten van een MIG op jaarbasis gecalculeerd: 0,75 FTE op basis van een / mnd (externe senior consultant) 3. Na oplevering van de MIG, gaan er beheerskosten voor het Kenniscentrum ontstaan. Deze kosten gaan drukken op de activiteiten in het kader van Wijzigingenbeheer en Coördinatie en promotie. De kosten hiervan bedragen 0,25 FTE twv / mnd (externe senior consultant) 4. Oplevering van de eerste MIGs vindt plaats vanaf in Hoewel in de gedetailleerde analyse van de marktvraag (zie Appendix B) een piek is te zien in 2016, is deze piek genormaliseerd naar een lineaire bedrijfsgroei. In onderstaande grafiek is te zien hoe het aantal FTE s groeit als gevolg van de ontwikkeling van MIGs. Zowel ten aanzien van de ontwikkeling, alsook het daaropvolgende onderhoud Genormaliseerd naar: Funding van de variabele kosten zal ook in 2015 vooruitlopend op de exploitatiefase in plaatsvinden door de opdrachtgever van de specifieke MIG Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 21 van 51

22 6.2 Funding initiatiefase Kenniscentrum Voorgesteld wordt dat het NLIP maximaal van de oprichtingskosten voor haar rekening kan nemen. In 2014 bedraagt dit dus En in De opdrachtgevers van Logius (Belastingdienst) dienen de resterende bedragen in deze initiatiefase te betalen. ( , ) 6.3 Funding exploitatiefase Kenniscentrum De totale vaste kosten tijdens de exploitatiefase, worden verwacht gelijk te zijn aan de kosten van het laatste kwartaal in Exclusief het project en PMO management. Op jaarbasis In deze fase zullen de kosten van extra te ontwikkelen MIG s additioneel berekend worden aan de betreffende opdrachtgevers. Uitgegaan wordt van een gemiddeld bedrag van per MIG. Dit bedrag is gebaseerd op: - 0,5 FTE data expertise voor een periode van 6 maanden a / mnd - 0,8 FTE BPM / Proces expertise voor een periode van 6 maanden a / mnd - 0,2 FTE juridische expertise voor een periode van 6 maanden a / mnd Ten behoeve van beheersactiviteiten na oplevering van de MIG, wordt uitgegaan van een FTE belasting van 0,225 per opgeleverde MIG: / jr In onderstaande figuur is er vanuit gegaan dat het aantal te schrijven MIGs door het Kenniscentrum vanaf de 2 de helft 2015 een aanvang kan nemen. Funding van de op te leveren MIGs dient seperaat door opdrachtgevers plaats te vinden Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 22 van 51

23 A. Appendix A Gespreksverslagen in het kader van het opstellen Businessmodel en Plan van Aanpak Kenniscentrum Logius organisatie Geinterviewde Datum Geautoriseerd Douane Lup van der Bunt 23 april 2014 Ja RWS Jacco de Bruin 24 apri 2014 Ja Fenex Dominique Willems 6 mei 2014 Ja Portbase Hans Rook 21 mei 2014 Ja NVWA Lio Aarsen 27 mei 2014 Ja Langdon Systems Paul van Tellingen 28 mei 2014 Ja Langdon Systems Erik Meyers 28 mei 2014 Ja SAP Leo Mommersteeg 28 mei 2014 Ja Kewill Herman Strijtveen 28 mei 2014 Ja Unitas Jean Pau van der Vliet 28 mei 2014 Ja Cargonaut Marnix Harbers 24 juni 2014 Nee ivm vacantie Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 23 van 51

24 Interview Kenniscentrum Logius Organisatie Douane Deelnemers organisatie Lup vd Bunt Medewerker Portfolio Douane voor Elektronisch Berichten Verkeer en WDO Data Model Deelnemers Logius Herman Vinhuizen Loek Stolwijk Datum 23 april 2014 Locatie Logius Tijd en tijdsduur 10:00-11:00 Thema s Thema 1 De deelnemer Wat is uw betrokkenheid bij het Datamodel en/of berichtenset binnen uw organisatie. Hoeveel unieke organisatorische eenheden vertegenwoordigt u? Welke zijn dat? Vanuit de Douane ben ik inhoudelijke aanspreekpunt voor de WDO Data Model namens de management van de Douane. Mijn bevoegdheid is op operationeel en uitvoerend niveau. Samen met twee inhoudelijk specialisten van het WDO Data Model deelnemer van het NPDM (Nationaal Platform Data Model). De Douane is op verschillende manieren betrokken bij het WDO Data Model: 1. Eigenaar Data binnen het publieke domein Douane Vanuit de nationale- of EU-wetgeving kunnen aanleidingen ontstaan om data elementen toe te voegen aan het WDO Data Model. Hiertoe worden DMR s (Data Model Requests) opgesteld en ingediend bij de WDO in Brussel. 2. Facilitator -T.b.v. de private organisaties worden (als verschijningsvorm van het WDO Data Model) MIG s (Message Implementation Guidelines) opgesteld. Op dit ogenblik worden deze ook als service opgesteld t.b.v. de NVWA en het Ministerie van I&M. -Verzorgen van inhoudelijke workshops over het WDO Data Model namens het NPDM. - Verzorgen van internationale workshops over het WDO Data Model namens de WDO. 3. Deelnemer NPDM -Douane is deelnemer aan het NPDM en namens NL aanspreekpunt voor het WDO Data Model bij de WDO. De WDO is functioneel eigenaar van het WDO Data Model. 4. Lid WDO -Douane vertegenwoordigd NL (i.c. het NPDM) bij de WDO. DMR s worden via de Douane vertegenwoordiging ingediend bij de WDO. Thema 2 Bekendheid met het Datamodel / berichtenset In hoeverre bent u bekend met het Datamodel of de WDO berichtenset? De Douane is van oudsher betrokken bij de implementatie van WDO Data Model en de berichtenspecificaties. Inschatting is dat circa 20-30% van deze uitwisseling inmiddels plaatsvindt volgens het Datamodel. De implementatie van het WDO Data Model betekent ook een vervanging van SAGITTA, dat tot nu toe is gebruikt als import/export ondersteuning. De Douane beschikt over zowel proceskennis als WDO-kennis om de migratie te kunnen uitvoeren Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 24 van 51

25 De aanpak van de Douane is procesgericht. De werkzaamheden zijn dan ook ingedeeld naar procesgebieden, zoals toezicht of klantmanagement. Op basis van processen binnen het publieke domein wordt de informatie behoefte vastgesteld en de invulling mbv het WDO Data Model. Vervolgens wordt via de frontoffice een koppeling gemaakt met het externe (private) domein. Maw de focus van de ontwikkeling van berichtensets ligt op het overheidsdomein en de processen die zich daarbinnen afspelen. Thema 3 Belang van het Datamodel en /of de berichtenset voor de eigen organisatie Welke rol speelt dit model/berichtenset NU of zou het in de komende jaren kunnen spelen voor uw organisatie De Douane heeft een eigen bedrijfsarchitectuur, net zoals bijvoorbeeld de NVWA en andere diensten. Ondanks de verschillende architecturen zal binnen de overheid op termijn het WDO Data Model het gemeenschappelijke data element zijn (Pas toe of Leg uit). Het is wenselijk dat er naast het Data Model ook een referentiearchitectuur beschikbaar is. Deze architectuur moet een snellere relatie tussen standaard/referentieprocessen en informatievoorziening en datamodel ondersteunen. BusinesProcesmanagement als invalshoek speelt hierbij een rol. Het NLIP een rol zou kunnen spelen in het opstellen van deze referentie architectuur. De implementatie van het Single Maritiem Window worden gezien als een onderdeel van deze architectuur. Met andere woorden datamodel in combinatie met een referentiearchitectuur zijn van belang voor de Douane. Thema 3b Kwantificering van het belang Welke impact heeft dit model/berichtenset op uw organisatie De Douane speelt een voortrekkersrol bij het implementeren van het WDO Data Model. Binnen de organisatie is zowel materiedeskundigheid als kennis van het datamodel beschikbaar. Omdat deze laatste kennis schaars is binnen de overheid, verleent de Douane ondersteuning aan andere overheidsdiensten bij de implementatie van het Datamodel. Bijvoorbeeld bij Rijkswaterstaat en de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit. Het delen van deze kennis heeft een impact op de eigen organisatie, omdat op deze wijze niet de volledige capaciteit op de eigen organisatie kan worden gericht. Thema 4 Behoefte aan ondersteuning Welke vormen van ondersteuning zijn van belang voor de geinterviewde bij het analyseren, ontwerpen, implementeren en/of in stand houden van het Datamodel en/of berichtenset. 1. Van belang bij de uitwerking van de rol van Logius is de vraag wie de huidige en toekomstige gebruikers van het WDO Data Model zijn en hoe groot deze groep van gebruikers is. Het beeld is dat m.n. het publieke domein gebruiker is van het WDO Data Model. Het private domein heeft als verschijningsvorm van het WDO Data Model voor het merendeel te Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 25 van 51

26 maken met de MIG. Een overzicht van het gebruik zou een taak van Logius kunnen zijn. Welke partijen maken op welke wijze gebruik van het WDO Data Model, wat is de stand van zaken etc. 2. Nationaal aanspreekpunt voor zaken aangaande het WDO Data Model, zowel voor het publieke al private domein 3. Regisseur voor nationale implementatie ( actieve en sturende rol in het NPDM) 4. Aanbieden van workshops en trainingen mbt toepassing van het WDO. De huidige insteek is sterk data-gericht en daarmee vooral onderwerp Data Model voor de ICT wereld. Meer focus is noodzakelijk voor het procesmatige keten denken, waarbij de wederzijdse relatie tussen processen en Data Model i.r.l.t. de informatie uitwisseling tussen het publieke- en private domeinen zichtbaar wordt. Door ontwikkelingen als SW gaat dit wellicht zichtbaarder worden. 5. NIET: opstellen van specifieke MIGS, hiervoor is een domeinexpertise noodzakelijk 6. Faciliteren publicatie omgeving(en) MIG s 7. Harmonisatie van MIG s templates (regie, facilitatie, coördinatie, toe zien op het gebruik van de standaard). Thema 4b Prioriteit Behoefte aan ondersteuning Kunt u aangeven waar bij deze ondersteuning de prioriteit ligt voor uw organisatie? 1. Opbouwen van deskundigheid bij de andere publieke organisaties over het WDO Data Model en de creatie van de MIG s. 2. Bieden van een platform voor het publieke domein, waar informatie wordt gedeeld over best practices, voortbrengingsproces, procedures, s.v.z. implementatie, creatie van de MIG s en de tooling. Thema 5 Uitvoering ondersteuning Kunt u aangeven door welke partij u bij voorkeur deze ondersteuning laat uitvoeren? Logius zou als service- en dienstverlener op het koppelvlak publiek en privaat hier een rol in kunnen vervullen. Thema 6 Voorkeur voor Logius als dienstverlener Wat maakt Logius tot een voorkeursleverancier van deze ondersteuning ten opzichte van alternatieven? Binnen het publieke domein heeft Logius al de rol het bieden van services en dienstverlening binnen het publieke domein (over de overheden heen). Zij speelt hierdoor al de rol als keten intigrator op het gebied van informatie uitwisseling. Omdat m.n. het publieke domein intensieve betrokkenheid heeft met het WDO Data Model zou dit hierin kunnen passen. De private partijen krijgen voor het merendeel te maken de MIG s als verschijningsvorm van het WDO Data Model. Thema 7 Logius als excellente dienstverlener Wat wordt verwacht van een excellent kenniscentrum Logius. 1. Zij inspeelt op de behoefte van haar omgeving 2. Een platform biedt voor haar omgeving voor het delen van ervaringen voor het opbouwen van expertise t.g.v. de bevordering van de overheidsbrede implementatie Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 26 van 51

27 3. Nationaal het eerste aanspreekpunt voor het WDO Data Model Thema 8 De financiering Op welke wijze kan volgens u de dienstverlening van Logius worden gefinancierd? Centrale financiering heeft de voorkeur. Met name waar het overkoepelende activiteiten betreft, zoals bijvoorbeeld voorzitterschap en actieve rol in het NPDM. Thema 9 Vraag Hints Wat wilt u verder nog kwijt Wat wilt u nog verder kwijt over de rol van Logius in het algemeen en die van een kenniscentrum in het bijzonder? Samenvatting van voorgaande antwoorden als vertrekpunt voor beantwoording van deze vraag In 2007 is destijds aan de toenmalige GBO Overheid gevraagd onderzoek te doen naar de mogelijkheden van een overheidsbrede regierol over het WDO Data Model. De reden hiervoor was dat zij al overheidsbreed services en diensten verleende. Dit paste in haar palet van service- en dienstverlening. Voor wat het kenniscentrum in het bijzonder: De doelgroep is m.n. het publieke domein. De huidige expertise over het WDO Data Model is nationaal niet voldoende aanwezig. Het opdoen en onderhouden van (praktische) kennis en expertise over het WDO Data Model (al dan niet binnen een kenniscentrum) vraagt (blijvend) om een majeure inspanning. De huidige experts op dit gebied onderhouden deze kennis en expertise door de dagelijkse betrokkenheid direct gerelateerd aan de business activiteiten. Hoe is dit voorzien binnen een kenniscentrum en tot welk niveau? Hoe zou een business model, rekening houdend met het vorenstaande, uit kunnen zien. Vervolg via Beste Lup, Bedankt voor de review van de samenvatting van ons gesprek. De aanvullingen en wijzigingen zijn buitengewoon verhelderend. Naar aanleiding van de gesprekken tot nu toe heb ik een aantal aanvullende vragen. Ik hoop dat je de gelegenheid hebt om ons met antwoorden weer een stap verder op weg te helpen. Aan de vragen liggen een aantal aannames ten grondslag: Aanname1: door introductie van het pas toe of leg uit principe mag verwacht worden dat het aantal toepassingen gebaseerd op het WDO Data Model zal toenemen in het publieke en private domein. Voor het publieke domein zal ontwikkelen van MIGs en implementatie van het model/berichtenset gaan spelen. Verwachting is, dat in het private domein vooral implementatie van de MIGs aan de orde is. (Correct) Aanname2: de Douane verzorgt als facilitator een rol tbv private (N.m.m. alleen bij publieke organisaties; zij stellen immers MIG's op) en publieke organisaties bij het opstellen van MIGs en verzorgen van workshops. De beperkte capaciteit bij de Douane zal ingezet moeten worden op de eigen organisatie en zal zeker onvoldoende in omvang zijn om de toename in toepassingen te kunnen blijven faciliteren. Logius zou de rol tbv andere dan eigen Douane organisatie kunnen gaan uitvoeren. (Het opstellen van MIG's is een samenspel tussen de ontwerpers/architecten van de publieke organisaties en de opstellers van de MIG's. Het betreft hier dus een link met (de inhoud van) het proces. Ik stel voor een keer een bezoek te brengen bij de betreffende opstellers en daarmee een (beter) beeld te krijgen over de inspanningen etc Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 27 van 51

28 voor de creatie van een MIG. Op dit ogenblik 'beperken' de workshops zich tot het Data Model en minder tot niet tot de MIG. Het wordt nu (nog) niet als een probleem ervaren als er een paar keer per jaar een workshop moet worden verzorgd in het geval het NPDM de organisatie ervan voor haar rekening neemt. Hiermee blijft het beperkt tot uitsluitend de inhoudelijke bijdrage. Het (toenemende) gebruik kan wel leiden tot aanvullende ondersteuning aan de publieke organisaties wat een groter beslag op de capaciteit kan leggen. Hierbij voorzie ik een knelpunt. Dit betreft ondersteuning op de 'vertaling' van het datamodel naar de MIG als verschijningsvorm voor de private organisaties en het gebruik van een applicatie die dit mogelijk maakt. Dit vraagt om een inzet van minimaal een jaar (doorlooptijd) in de vorm van training en werkervaring. Om trainingen op dit gebied te kunnen geven is, n.m.m. blijvende praktijk ervaring in het gebruik, onontbeerlijk. Op dit ogenblik is mij onbekend wat de start van de ontwikkeling van een MSW, als een voorziene eerste fase om te komen tot een vorm SW(HT), op termijn voor consequenties heeft op de overheidsbrede inzet van opstellers van MIG's. Ik stel voor hierover gezamenlijk met de opstellers eens over van gedachte te wisselen (kijkje naar de toekomst). Aanname3: Als maat voor de te leveren expertinspanning kiezen we voor het opstellen van één MIG. (Ik ga er vanuit dat je hier als standaard 'sjabloon' bedoeld). De vragen waar we nu een antwoord op proberen te vinden zijn: 1. Vraag 1: Wat is de omvang van de expertinspanning bij het opstellen van één MIG. In uren/dagen/weken etc. Ik verwacht niet dat hier een exact antwoord op te geven is, maar wellicht is een antwoord in onder- en bovengrens mogelijk (bv tussen de 4 en 6 weken fulltime ondersteuning). Mogelijk gebaseerd op het aantal binnen de Douane gerealiseerde MIGS in de afgelopen periode gerelateerd aan de expertinspanning. 2. Vraag2: Gelet op de Pas toe of leg uit uitgangspunten, is er een inschatting te geven van het aantal MIGs dat in de komende jaren zal worden opgesteld, mogelijk uitgesplitst naar eigenaren (departementen, onderdelen, systemen zie bijgevoegd overzicht) en jaren tussen nu en Ook hier is bij het ontbreken van exacte gegevens een indicatie van onder- en bovengrenzen zinvol. Aparte aandacht vergt het aantal unieke MIG implementaties dat in het private domein mag worden verwacht. 3. Vraag 3:In de huidige activiteiten van de Douane zijn ook een aantal genoemd, waarvan kan worden overwogen om deze buiten het domein van de Douane te laten uitvoeren door Logius., zoals bijvoorbeeld het verzorgen van workshops of vertegenwoordiging in het NPDM. Welke activiteiten kunnen nog meer worden geïdentificeerd en kan er een inschatting worden gemaakt van de tijdsbesteding die hiermee samenhangt? En zal deze tijdsbesteding toenemen ten gevolge van het Pas toe of Leg uit principe? Wat deze vragen betreft: Ook hiervoor stel ik voor een dit in de afstemming met de opstellers mee te nemen. De resultaten van deze afstemming zijn meegenomen in de businesscase en het plan van aanpak. (LS) Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 28 van 51

29 Interview Kenniscentrum Logius Organisatie RWS Deelnemers Jacco de Bruin organisatie Deelnemers Logius Herman Vinhuizen Loek Stolwijk Datum 24 april 2014 Locatie RWS Rotterdam Tijd en tijdsduur 16:00-17:00 Thema s Thema 1 De deelnemer Wat is uw betrokkenheid bij het Datamodel en/of berichtenset binnen uw organisatie. Hoeveel unieke organisatorische eenheden vertegenwoordigt u? Welke zijn dat? Jacco is als externe medewerker betrokken bij de ontwikkeling van SafeSeaNet net en ontwikkeling (functioneel ontwerp) en realisatie van het Maritiem Single Window (MSW). Binnen RWS zijn overige aan het WDO gerelateerde projecten : Elektronisch melden voor de binnenvaart en op termijn uitwisseling/hergebruik van gegevens tussen zee- en binnenvaart. (Dit laatste project ligt nog wat verder weg in de tijd). De binnenvaart gebruikt overigens een eigen berichtenuitwisseling, gebaseerd op de Europees vastgestelde ERI-standaarden. Zeevaart en Binnenvaart maken vooralsnog gebruik van gescheiden systemen en standaarden, waarbij op termijn de WDO-gebaseerde output van het MSW als input zou kunnen dienen voor de Binnenvaart systemen. Bij de ontwikkeling van het MSW zijn 4-5 personen betrokken (3-4 fte). De ontwikkeling van Binnenvaart Informatiesystemen krijgt vanuit het MSWWproject incidenteel aandacht. Focus ligt op de implementatie van de richtlijn voor MSW. Thema 2 Bekendheid met het Datamodel / berichtenset In hoeverre bent u bekend met het Datamodel of de WDO berichtenset? Bij de ontwikkeling van het MSW wordt gebruikt gemaakt van ondersteuning door 2 douane medewerkers, die kennis inbrengen over het datamodel. RWS brengt materiekennis in. De kennis met betrekking tot het datamodel is beperkt aanwezig. De behoefte bestaat aan meer aanspreekpunten opdat kennis bij meer personen aanwezig is en de kwetsbare afhankelijkheid van een beperkt aantal beschikbare mensen met kennis afneemt. Vanuit de gezamenlijke analyses van datamodel en materie blijkt dat ongeveer 80% van de data behoefte voor MSW kan worden ingevuld vanuit het bestaande datamodel. Voor de overige 20% is ofwel een anders modelleren van de processen ofwel wijzigingsverzoek via het NPDM op Europees nivo noodzakelijk. De kracht van het Datamodel is het generieke karakter, waardoor toepassing over modaliteiten heen kan worden gerealiseerd. Hierin zit tegelijkertijd het probleem, dat sectorspecifieke toepassingen diepgaande kennis vereisen van zowel het model ALS de sectorprocessen om de toepasbaarheid van het model op de specifieke sector in te kunnen zien. Onvoldoende kennis van het model kan tot afwijzing van het Datamodel leiden Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 29 van 51

30 Hieruit volgt de noodzaak tot betere beschrijvingen van het model met toepassingen voor processen en sectoren als kritieke succesvoorwaarde voor het accepteren van het Datamodel. Thema 3 Belang van het Datamodel en /of de berichtenset voor de eigen organisatie Welke rol speelt dit model/berichtenset NU of zou het in de komende jaren kunnen spelen voor uw organisatie De focus ligt nu op de ontwikkeling van het Datamodel in relatie met het MSW. Op termijn kunnen de domeinen binnenvaart en mogelijk weg diepgaander aan de orde komen. Thema 3b Kwantificering van het belang Respons Welke impact heeft dit model/berichtenset op uw organisatie Het gebruik van het WDO data model is nieuw voor de RWS-organisatie. Dit vereist kennisopbouw en kennisborging binnen de organisatie. Thema 4 Behoefte aan ondersteuning Welke vormen van ondersteuning zijn van belang voor de geinterviewde bij het analyseren, ontwerpen, implementeren en/of in stand houden van het Datamodel en/of berichtenset. 1. beschikbaar stellen van implementatievoorbeelden, referentiemodellen en best practices. Procesmatige toelichting op MIGs, die nu data-gericht zijn. 2. Afhandeling change requests 3. Promotie en communicatie gericht op adoptie 4. Inhoudelijke kennis van andere standaarden, bv EDIFACT en XML. Het Datamodel heeft een basis in de EDIFACT wereld. Het ontbreken van de vertaalslag naar de XML wereld draagt niet bij aan de acceptatie van het datamodel. 5. Kennis van andere berichtenstandaarden (buiten WDO) zoals ISO28005 zodat de WDO-standaard goed kan worden gepositioneerd ten opzichte van andere standaarden 6. Sterke lobby kwaliteiten naar Europees overleg om de slaagkans van change requests te vergroten. Pro actieve rol ten behoeve van toekomstige ontwikkelingen. Thema 4b Prioriteit Behoefte aan ondersteuning Kunt u aanngeven waar bij deze ondersteuning de prioriteit ligt voor uw organisatie? 1. Ondersteuning vanuit een bredere optiek dan Edifact. De douane komt uit de edifactwereld, dus logischerwijze heeft de huidige ondersteuning van RWS door douane medewerkers een sterke Edifact invalshoek. Dat is gezien de historische ontwikkeling logisch, maar de XML-toepassing verdient nog meer aandacht. Hiermee samenhangt dat het Datamodel in de kern EDIFACT-gebaseerd is (bijv. codelijsten) waar vanuit een XMLomgeving anders naar gekeken wordt. 2. Experts, die de taal van de sector spreken Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 30 van 51

31 Thema 8 De financiering Op welke wijze kan volgens u de dienstverlening van Logius worden gefinancierd? Niet altijd is VOORAF duidelijk wat de waarde is van ondersteuning, zo is de ervaring binnen RWS. Vanuit één ministerie zou de financiering van de ondersteuning door Logius moeten worden geregeld. Een planning is vervolgens noodzakelijk over de vragende partijen heen met betrekking tot de inzet en verdeling van schaarse capaciteit.. Interview Kenniscentrum Logius Organisatie Fenex Deelnemers organisatie Dominique Willems Beleidsaviseur Douanelogistiek (ook in overleg met Wout vd Heuvel) Deelnemers Logius Herman Vinhuizen Loek Stolwijk Datum 6 mei 2014 Locatie Fenex Rotterdam Tijd en tijdsduur 10:00-11:15 Thema s Thema 1 De deelnemer Wat is uw betrokkenheid bij het Datamodel en/of berichtenset binnen uw organisatie. Hoeveel unieke organisatorische eenheden vertegenwoordigt u? Welke zijn dat? Fenex behartigt de belangen van expediteurs en douane agenten.. Dominique houdt zich vooral bezig met de douanelogistiek en heeft een ruime ervaring in de douanelogistiek (algemeen manager bij een douane expediteur) en informatievoorziening ( bijvoorbeeld software ontwikkeling van maatwerk en pakketten ten behoeve van de AGS, Aangifte Systeem voor de douane) 7. Dominique is betrokken bij het NPDM (Nationaal Platform Data Model), Clecat (european association for forwarding, transport, logistics and customs services) en FIATA (International Federation of Freight Forwarders Associations) 8. Fenex behartigt de belangen van circa 450 expediteurs. Circa 100 bedrijven, die zelf op basis van specificaties hun eigen informatiesystemen bouwen Circa 350 bedrijven, die voornamelijk gebruik maken van ingekochte softwarepakketten Ook hier geldt de 80/20 regel, dat de grotere bedrijven zorgen voor het merendeel van de informatiestromen tussen bedrijf en douane. Thema 2 Bekendheid met In hoeverre bent u bekend met het Datamodel of de WDO berichtenset? Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 31 van 51

32 het Datamodel / berichtenset Zie vorige vraag. Dominique is vanuit zijn beroepsmatige carriere op de hoogte van zowel het datamodel zelf (als software ontwikkelaar) als de berichtense. Ook als observer betrokken bij WDO Data model project team. Thema 3 Belang van het Datamodel en /of de berichtenset voor de eigen organisatie Welke rol speelt dit model/berichtenset NU of zou het in de komende jaren kunnen spelen voor uw organisatie De mate waarop de expediteurs worden geconfronteerd met het datamodel hangt af van de grote van de onderneming en daarmee van de wijze waarop de onderneming de eigen informatievoorziening heeft ingericht: De sommigeondernemingen (is niet per se groot) richten hun eigen informatievoorziening in en doen dit mede op basis van de MIG voor de aangiftesystemen. Nu is daar met name het AGS van de douane aan de orde, maar op termijn kunnen meerdere overheidsfuncties worden verwacht met een informatievoorziening gebaseerd op MIGs. De meesteondernemingen betrekken de informatiesystemen van ICT leveranciers, die de benodigde informatievoorziening hebben ingebouwd als functie of moduul in standaardpakketten. Daarmee hebben deze ondernemingen geen directe betrokkenheid bij het Datamodel of berichtenset. Deze betrokkenheid ligt er wel bij de softwarebedrijven als leverancier van standaardpakketten o.m tbv de invoerafhandeling. Software bedrijven gebruiken ook de MIG om hun systemen doelgericht te ontwikkelen. Ook hier geldt, dat de huidige focus ligt op de aangiftesystemen (AGS). Op termijn zullen ook van andere overheidsdiensten MIGs verwacht kunnen worden. Met betrekking tot de vertaalslag van datamodel naar MIG geeft Dominique aan, dat dit zich volledig afspeelt binnen het overheidsdomein. De private sector wordt geconfronteerd met de MIGs. Thema 3b Vraag Hints Kwantificering Welke impact heeft dit model/berichtenset op uw organisatie van het belang Thema 4 Behoefte aan ondersteuning Zoals uit eerdere blijkt, is het model of de daaruit afgeleide MIG voor de ondernemingen een gegeven. De impact betreft het operationaliseren van de MIG, zowel in de expediteurprocessen als de update van informatiesystemen. De impact van wijzigingen of invoeren niewe MIGS ligt dus op het vlak van changemanagement. Welke vormen van ondersteuning zijn van belang voor de geinterviewde bij het analyseren, ontwerpen, implementeren en/of in stand houden van het Datamodel en/of berichtenset. Dominique verwoordt de problematiek uitgaande van de activiteiten mbt het implementeren van de MIGs: De interpretatie van de MIG kan tot problemen leiden: 1 de interpretatie van de data elementen Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 32 van 51

33 2 de koppeling van data en proces 3 het juridisch kader, waarbinnen is vastgelegd wat moet en wat niet mag. Bij het uitwerken van het AGS komt de behoefte aan kennis mbt deze drie gebieden aan de orde. 4 bij het uitwerken van de MIG tot applicaties is de vraag naar de optimale User Interface aan de orde (is de MIG leading, is een digitale versie van hudige formulieren zinvol, kijk je naar hoe mensen werken en kies je voor de handigste vorm) Deze problemen kunnen bij de grote expediteurs en de ICT leveranciers aan de orde zijn. Tbv de AGS is een community ingericht door de douane waarin douane en betrokken partijen overleggen over datamodel en MIGs. In een vroegtijdig stadium worden private partijen uitgenodigd om mee te denkenover de ontwikkeling van aangifte MIG. Deze vorm van overleg is intensief, aar ook uniek binnen de EU. Voorzien kan worden dat er ook andere MIGS zullen worden ontwikkeld tbv een effetieve en efficiente communicatie met de overheid. Het huidige overlegmodel mbt de AGS zou als voorbeeld/raamwerk kunnen gelden voor andere MIGs/diensten. Thema 4b Prioriteit Behoefte aan ondersteuning Kunt u aanngeven waar bij deze ondersteuning de prioriteit ligt voor uw organisatie? Er wordt weinig behoefte voorzien aan ondersteuning. De softwarebedrijven, die de AGS MIGs integreren in de softwarepakketten hebben mogelijk behoefte aan ondersteuning. Van oudsher betrof de digitalisering van douaneaangifteneen 1-op-1 vertaling van de papieren documentenstroom. Het Datamodel en Berichtenset zijn in die zin conceptueler. Er is meer kennis nodig over de context en de onderlinge relatie tussen Techniek-Proces- Juridische aspecten. Thema 9 Wat wilt u verder nog kwijt Wat wilt u nog verder kwijt over de rol van Logius in het algemeen en die van een kenniscentrum in het bijzonder? Internationaal/Europees speelt Nederland een voortrekkersrol mbt de implementatie van het Datamodel/berichtensets. Het risico zit erin, dat er wordt vooruitgelopen op nog niet geformaliseerde besluiten. EZ/I&M en Financiën werken samen om gemeenschappelijk deze rol in stand te houden. Tenslotte: digitaliseren is niet het doel! Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 33 van 51

34 Interview Kenniscentrum Logius Organisatie Portbase Deelnemers Hans Rook, Strategy & Business Development Consultant organisatie Deelnemers Logius Herman Vinhuizen Loek Stolwijk Datum 21 mei 2014 Locatie Babylon Den Haag Tijd en tijdsduur 11:00-12:30 Thema s Thema 1 De deelnemer Wat is uw betrokkenheid bij het Datamodel en/of berichtenset binnen uw organisatie. Hoeveel unieke organisatorische eenheden vertegenwoordigt u? Welke zijn dat? Hans fungeert bij Portbase als spin in het nationale en internationale web met betrekking tot ontwikkeling en toepassing van standaardisatie en harmonisatie van het berichtenverkeer voor de bij Portbase aangesloten partijen werkzaam in de Nederlandse havens. (Redrijen, cargadoors, terminals, vervoerders, havenautoriteit, havenbedrijf, douane). Kern van de activiteiten van Portbase is het delen van data tussen partijen. Voorwaarde is dat delen van data voordeel voor de aangesloten partijen moet bieden. Hans is voorzitter van de EPCSA groep die zich met standaardisatie en harmonisatie bezig houdt. Portbase kent een aantal specialisten o.a. op het gebied van Business Management, ERP (datamodellering). Hans is tevens lid van het NPDM. Thema 2 Bekendheid met het Datamodel / berichtenset In hoeverre bent u bekend met het Datamodel of de WDO berichtenset? Re WD) berichten. Hebben van RWS de versie 0.95 ontvangen. Zolang er niets s ligt, is beoordeling daarvan moeilijk. Wel is duidelijk dat de invoering van het Datamodel flinke impact heeft op de berichtuitwisseling tussen markt en overheid. Thema 3 Belang van het Datamodel en /of de berichtenset voor de eigen organisatie Welke rol speelt dit model/berichtenset NU of zou het in de komende jaren kunnen spelen voor uw organisatie Portbase fungeert als informatieknooppunt tussen havenondernemingen en de overheid. Berichten en data worden aangeleverd door ondernemingen en na een bewerking via DIgipoort (Logius) doorgegeven aan de overheidsdiensten. Het aantal berichten is in 2013 gegroeid van circa 4.5 miljoen naar 6 miljoen op maandbasis. De groei is mede het gevolg van het beheer van het IGS (Informatiesysteem Gevaarlijke Stoffen), dat door Portbase wordt uitgevoerd tbv Prorail. (IGS geeft antwoord op de vraag welke wagon staat waar en wat zit er in? Vooral mbt de gevaarlijke stoffen De statusinformatie (summary) van circa zeeschepen jaarlijks wordt verwerkt door Portbase. Van oudsher is in de informatieafwikkeling van zeevervoer internationaal gebruik Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 34 van 51

35 gemaakt van gestandaardiseerde fysieke formulieren. De automatisering van deze informatieafwikkeling heeft tot een grote diversiteit van berichtstructuren Europees breed geleid. Reden hiervoor is dat weliswaar de benodigde (douane) informatie is vastgelegd door de EU (Digitax en Digimove), maar dat de uitwerking in berichten niet is geharmoniseerd. De invulling van berichten en structuren is overgelaten aan nationale organisaties. Gevolg is, dat er zoveel smaken als landen zijn, waarbij ook een gemeenschappelijke release policy ontbreekt. Met andere woorden, de data zijn beschreven, maar een Europese MIG ontbreekt. De introductie van het Datamodel bij de overheidsdiensten in combinatie met het Maritiem Single Window heeft weliswaar de pretentie om de wildgroei aan berichten en structuren te beteugelen. Wildgroei aan berichten en structuren is binnen de overheid. (en de verschillende formaten op landelijk niveau) De markt heeft zelf al jaren lang op UN/CEFACT niveau gestandaardiseerde berichtstructuren vastgelegd. De markt zit daarom niet op en extra standaard en daarmee gemoeid kosten te wachten. Nederland is een voorloper waar het de introductie van MIGs voor nieuwe processen betreft. Hans is een voorstander van het temporiseren van deze ontwikkeling. Introductie van bv release 3.5 (export) zal investeringen vergen, waarvoor geen businescase is te vinden en zal dus ten koste gaan van de Nederlandse concurrentiekracht. Ondernemingen zitten ook niet te wachten op nieuwe releases, omdat dit de veelheid aan berichten die er nu al zijn alleen maar verder compliceert. Inmiddels is door de EU de implementatiedeadline van MSW in combinatie met het Datamodel opgeschort tot na een evaluatie in 2017/2018. (onjuist) MSW deadline staat nog steeds op Invoering van het Datamodel 3.5 EU breed op z n vroegst vanaf Afhankelijk van beschikbare budgets in de diverse lidstaten om te kunnen investeren. Thema 3b Kwantificering van het belang Welke impact heeft dit model/berichtenset op uw organisatie De introductie van nieuwe berichtensets leidt tot de noodzaak voor het aanpassen van de bestaande berichten en processen door Portbase. De noodzakelijke financiering kan door het ontbreken van een businesscase niet worden doorvertaald naar de aangesloten klanten. Portbase vraagt zich af wie de kosten gaat betalen. Immers de overheid vraagt, de markt niet. Het Datamodel en berichtenset dekt slechts een klein gedeelte af van de totale informatievoorziening in de logistieke ketens. Weliswaar wordt de informatievoorziening naar en van de overheid gestandaardiseerd, maar het ontbreekt aan andere functionaliteiten, die de dynamiek van de logistieke processen in voldoende mate ondersteunt of integreert. Deze dynamiek is verantwoordelijk voor circa 70% van de functionaliteiten op logistiek en administratief vlak. Deze dynamiek doet zich voor in wereldwijde verbanden. Rederijen opereren wereldwijd en lokale NL WDO oplossingen hebben geen zin/toegevoegde waarde. In tegendeel, werkt juist kostenverhogend. Afwachten op een EU evaluatie in 2017/2018 is zinvol Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 35 van 51

36 Thema 4 Behoefte aan ondersteuning Welke vormen van ondersteuning zijn van belang voor de geinterviewde bij het analyseren, ontwerpen, implementeren en/of in stand houden van het Datamodel en/of berichtenset. Binnen Nederland is het toepassen van het Datamodel zinvol in combinatie met het MSW. Efficiency kan worden bereikt als overheidsdiensten samenwerken in inspectie en toezicht. De rechtspersoon van het MSW is echter onduidelijk. Wat betekent aanlevering via het MSW voor de ondernemingen. Is hiermee gegarandeerd, dat ook de processen bij de overheidsdiensten zijn geharmoniseerd? En volgt hieruit ook een verminderde inspectie en toezichtdruk door de overheid? Logius zou een rol kunnen spelen als autoriteit mbt het MSW. Deze autoriteit zou de workflow inzichtelijk kunnen maken van de informatiestromen en afhandeling van activiteiten. Hiermee wordt een ontzorging gerealiseerd voor de ondernemingen. Thema 4b Prioriteit Behoefte aan ondersteuning Kunt u aangeven waar bij deze ondersteuning de prioriteit ligt voor uw organisatie? Niet bij ons. Binnen overheid Thema 6 Voorkeur voor Logius als dienstverlener Thema 7 Logius als excellente dienstverlener Wat maakt Logius tot een voorkeursleverancier van deze ondersteuning ten opzichte van alternatieven? Centraal aanspreekpunt voor alle overheden Wat wordt verwacht van een excellent kenniscentrum Logius. Vooral luisteren naar alle partijen en daarop haar mening baseren. Onafhankelijke positie Thema 8 De financiering Op welke wijze kan volgens u de dienstverlening van Logius worden gefinancierd? Geen idee Samenvatting gesprek Portbase 1 Invoeren van het Datamodel bij de overheid in combinatie met het MSW is zinvol mits het leidt tot meer transparantie en versnelling van overheidsactiviteiten. 2 Doorvertaling van het Datamodel naar ondernemingen is geen zinvolle activiteit omdat het model slechts een deel van de informatievoorziening afdekt mbt adminstratieve en Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 36 van 51

37 logistieke activiteiten. Bovendien opereren rederijen veelal internationaal en voegen lokale initiatieven vooral complexiteit toe. 3 Portbase speelt een rol bij de conversie van bestaande berichten naar het Datamodel format en het aanbieden aan een MSW via digipoort. 4 Logius zou een rol kunnen spelen als MSW autoriteit, verantwoordelijk voor transparantie en workflow beheerder tbv de ondernemingen Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 37 van 51

38 Interview Kenniscentrum Logius Organisatie NVWA Deelnemers organisatie Lio Aarsen, teammanager Proces en Informatiemanagement binnen de afdeling InformatieManagement Deelnemers Logius Herman Vinhuizen Loek Stolwijk Datum 27 mei 2014 Locatie NVWA Utrecht Tijd en tijdsduur 10:45-12:00 Thema s Thema 1 De deelnemer Wat is uw betrokkenheid bij het Datamodel en/of berichtenset binnen uw organisatie. Hoeveel unieke organisatorische eenheden vertegenwoordigt u? Welke zijn dat? Lio is teamleider Proces en informatiemanagement binnen de stafafdeling informatiemanagement van de NVWA (Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit) ressorterend onder Economische Zaken. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) bewaakt de gezondheid van dieren en planten, het dierenwelzijn en de veiligheid van voedsel en consumentenproducten, en handhaaft de natuurwetgeving De afdeling Informatiemanagement omvat tevens de teams Functioneel Beheer en Projecten en bestaat uit circa 60 FTE. De informatierelaties zijn zowel op internationaal gebied (zoals Brussel en EFSA (te Parma) en de voor zgn Derde Landen (de overige landen waarmee bijvoorbeeld middels electronische certificaten import/export uitgewisseld worden) ) als nationaal, waarbij een nauwe samenwerking met de douane bestaat met betrekking tot informatievoorziening. De NVWA heeft te maken met het reageren op internationale en nationale crises op het gebied van voedsel & veiligheid, zoals bv de paardenvleescrisis. Hierdoor staat het structureel invullen van informatierelaties onder druk. Wijzigingen in informatierelaties worden soms als dictaat opgelegd in plaats van dat processen eerst op elkaar worden afgestemd. Dit leidt tot inefficiënties in de keten. Thema 2 Bekendheid met het Datamodel / berichtenset In hoeverre bent u bekend met het Datamodel of de WDO berichtenset? Van oudsher is de NVWA voorstander van het gebruik van gemeenschappelijke platforms voor het uitwisselen van informatie. Thema 3 Belang van het Datamodel en /of de berichtenset voor de eigen organisatie Welke rol speelt dit model/berichtenset NU of zou het in de komende jaren kunnen spelen voor uw organisatie De NVWA heeft te maken met het reageren op internationale en nationale crises op het gebied van voedsel & veiligheid, zoals bv de paardenvleescrisis. Hierdoor staat het structureel invullen van informatierelaties onder druk Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 38 van 51

39 Wijzigingen in informatierelaties worden soms als dictaat opgelegd in plaats van dat processen eerst op elkaar worden afgestemd. Dit leidt tot inefficiënties in de keten. Lio benadrukt het belang van het afstemmen van proces, gevolgd door het vaststellen van de informiebehoefte. Vervolgens zal deze informatiebehoefte moeten worden gemapt op het Datamodel, waarna een bericht of berichtenset kan worden geformuleerd. In internationaal verband is er niet altijd sprake van afstemming van de informatievoorziening en de daaronder liggende datamodellen tussen de verschillende domeinen. Zo kunnen bijvoorbeeld (vermijdbare) afwijkingen ontstaan tussen de berichtensets op het gebied van Visserij en Veterinair. Deze afwijkingen maken het vervolgens naadloos op elkaar afstemmen en datadelen tussen domeinen problematisch. In dit geval kan bv gedacht worden aan de formats met betrekking tot leveranciers. Het ontbreken van harmonisatie op het gebied van informatievoorziening komt tot uitdrukking in verschillende informatiekoppelingen, verschillende postbussen en tgv daarvan een groei aan functioneel beheer activiteiten. Een harmonisatie van de berichten en informatievoorziening zou het ontwikkelen van een workflow management bevorderen. Door de versnippering aan informatierelaties is het ingewikkeld om activiteiten te plannen en ontbreekt een geautomatiseerd zicht op de volledige keten. Hetgeen weer leidt tot de inzet van extra uitvoerend en beherend personeel. Lio realiseert zich overigens, dat het realiseren van een geharmoniseerde informatievoorziening een zaak van lange adem zal zijn. Vooral omdat hierbij zowel nationale als internationale ketens en instanties betrokken zijn. Thema 3b Kwantificering van het belang Welke impact heeft dit model/berichtenset op uw organisatie Zie de vorige vraag. Harmonisatie zal de efficiency van de organisatie ondersteunen. Lio benadrukt dat overigens niet het datamodel daarvoor de belangrijkste drijver is, maar dat vooral procesdenken over de gehele keten aan de basis staat van het efficiënter kunnen opereren. Thema 4 Behoefte aan ondersteuning Welke vormen van ondersteuning zijn van belang voor de geinterviewde bij het analyseren, ontwerpen, implementeren en/of in stand houden van het Datamodel en/of berichtenset. Samenvattend is het ontwikkelen van ketendenken met als beginpunt procesdenken cruciaal voor uiteindelijk het profijt dat kan worden getrokken uit datadelen. Bij de internationale discussies (Brussel, EFSA, derde landen ) over harmonisatie en datadelen zullen met name de procesverantwoordelijken een belangrijke rol spelen. De ICT/Data rol is daaraan ondergeschikt. Hierbij wordt overigens opgemerkt, dat de juridische aspecten met betrekking tot het delen van data nog een probleempunt is in de Open Data Discussie, die ook binnen de NVWA gaande is Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 39 van 51

40 Samenhangend hiermee kan ook de vraag worden gesteld wie de eigenaar is van de data. Wie is eigenaar van platforms als digipoort en met msw? Thema 4b Prioriteit Behoefte aan ondersteuning Kunt u aanngeven waar bij deze ondersteuning de prioriteit ligt voor uw organisatie? Uit bovenstaande kan worden geconstateeerd dat ondersteuning bij het ketenprocesdenken de prioriteit heeft Thema 5 Uitvoering ondersteuning Kunt u aangeven door welke partij u bij voorkeur deze ondersteuning laat uitvoeren? De discussie op internationaal nivo zal vooral moeten worden geleid door de procesverantwoordelijken. Op nationaal nivo kan Logius als beheerder van het digipoort en platform een neutrale rol spelen, waarbij het accent dient te liggen op de gehele procesketen, die wordt ondersteund door informatievoorziening Samenvatting: 1. Datadelen heeft slechts zin als je de processen als uitgangspunt neemt 2. Processen als uitgangspunt betekent dat je zicht hebt op de ketens, die zowel domeinen als nationale territoria overschrijden 3. Harmonisatie van ketenprocessen vereist in de eerste plaats een rol voor de procesverantwoordelijken. De informatievoorziening volgt de processen. 4. Logius zou op nationaal niveau een rol kunnen spelen als een neutrale autoriteit / ondersteuning / facilitator op het gebied van ontwikkelen van ketenprocesen gevolgd door informatievoorziening Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 40 van 51

41 Interview Kenniscentrum Logius Organisatie Kewill Unitas Deelnemers organisatie Herman Strijtveen productmanager bij Kewill (HS) Jean Paul van der Vliet General Manager Unitas (JV) Deelnemers Logius Herman Vinhuizen Loek Stolwijk Datum 28 mei 2014 Locatie Logius Tijd en tijdsduur 10:00-11:30 Thema s Thema 1 De deelnemer Wat is uw betrokkenheid bij het Datamodel en/of berichtenset binnen uw organisatie. Hoeveel unieke organisatorische eenheden vertegenwoordigt u? Welke zijn dat? HS en JV zijn beide betrokken bij het ontwikkelen van douanesoftware onder andere op basis van het Datamodel. Thema 2 Bekendheid met het Datamodel / berichtenset In hoeverre bent u bekend met het Datamodel of de WDO berichtenset? Beiden maken deel uit van de Alliantie Douane Software (ADS). De Deelnemers van de Alliantie leveren software die wordt gebruikt voor onder meer de elektronische communicatie (aangiften e.d.) tussen de aangevers (importeurs, exporteurs, etc.) en douane. De opzet van deze Alliantie is de communicatie met douane verder te intensiveren en verbeteren. Een verbetering en versterking van die schakel is namelijk in het voordeel van alle partijen. De alliantie is bezig verbeteringen aan te brengen in de communicatie met de douane tbv de invoering van AGS3 (export module). De activiteiten betreffen review van de MIG zodat uiteindelijk een MIG kan worden opgeleverd die voldoet aan de specificaties van zowel Douane als SWL s. Thema 3 Belang van het Datamodel en /of de berichtenset voor de eigen organisatie Welke rol speelt dit model/berichtenset NU of zou het in de komende jaren kunnen spelen voor uw organisatie Douanesoftware inclusief de businessregels neemt een steeds belangrijker rol in omdat de kennis, die van oudsher aanwezig was bij de declarant langzaam verdwijnt. Dit moet worden opgevangen door nieuwe versies van douanesoftware. Thema 3b Kwantificering van het belang Welke impact heeft dit model/berichtenset op uw organisatie JV: Een goed leesbare MIG, samen met correcte XSD s kan het ontwikkelingstraject bij de SWL s een stuk eenvoudiger en sneller maken. Thema Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 41 van 51

42 Behoefte aan ondersteuning Thema 4b Prioriteit Behoefte aan ondersteuning Welke vormen van ondersteuning zijn van belang voor de geinterviewde bij het analyseren, ontwerpen, implementeren en/of in stand houden van het Datamodel en/of berichtenset. Beiden benoemen een aantal zaken, waarvoor in het kader van toepassing van het Datamodel verbeteringen kunnen worden aangebracht: toepassing van het datamodel op andere domeinen dan de douane. Bv bij de NVWA zijn, ondanks de oorspronkelijke intentie nog steeds meerdere systemen operationeel. Dit leidt tot verdubbeling van het aantal MIGs en dus dubbele inspanning bij het implementeren van de MIGs in de software Het datamodel biedt de mogelijkheid tot het opnemen van 99 shipments per aangifte; de douane staat slecht 1 shipment toe Onduidelijkheid over de definities van bv verpakkingen. Wat wordt verstaan onder een doos. Onduidelijkheid over aanspreekpunt NVWA. Beperkte mogelijkheid tot discussie met douane over MIGs. Met name wordt door HS aangegeven dat de behoefte aan discussie leeft onder de koepels, die logisitieke bedrijven vertegenwoordigen. De Port communities zoals Cargonaut en Portbase hebben tbv de bij de communities aangesloten systemen eigen douane software ontwikkeld. Doordat in de berichtensets aanvullende PortCommunity specifieke data moet worden aangevuld (bv airwaybillnumber) en het Datamodel niet als basis wordt genomen kunnen de softwarebedrijven hier geen rol spelen. Door de PCSn worden de community-specifieke berichten geconverteerd naar berichten tbv de overheid gebaseerd op het Datamodel. Het vermoeden is, dat toepassing van het Datamodel leidt tot transparantie, die de centrale rol van de PCSn zal ondermijnen ten faveure van de commerciele softwarebedrijven. De berichtenuitwisseling met de overheid houdt te weinig rekening met het verschil in tijdkritisch karakter van de processen, die worden ondersteund dmv de informatievoorziening. Zo zijn veel douane gerelateerde processen tijdkritischer dan bijvoorbeeld de belasting gerelateerde processen. Nu worden soms buiten het datamodel om elementen in het bericht opgenomen, zoals PreArrival en PreDeparture vooraangifte door TNT aan de douane. Ontbreken van de mogelijkheid om aangiftes te doen tbv meerdere landen. Dit zou kunnen gebeuren door gebruik te maken van een basis WDO-dataset aangevuld met landenspecifieke elementen. (vergelijkbaar met PCS-systemen, die ook op deze wijze zouden kunnen worden opgezet: basis WDO dataset plus domeinspecifieke aanvullingen) Uitbreiding van het datamodel naar andere delen van de logistieke keten. Dwz niet uitsluitend tbv de relatie Overheid-Onderneming, maar ook tussen ondernemingen (bv tussen boekingskantoor en rederij) Workflow informatie vanuit de overheid terug naar de ondernemingen tbv de supply chain management kan de efficiency van de keten vergroten Kunt u aanngeven waar bij deze ondersteuning de prioriteit ligt voor uw organisatie? JV: toepassing van het datamodel op andere domeinen dan de douane Thema 5 Uitvoering ondersteuning Kunt u aangeven door welke partij u bij voorkeur deze ondersteuning laat uitvoeren? JV: Maakt mij werkelijk niet uit zolang maar duidelijk is dat die partij neutraal, transparant en goed bereikbaar is Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 42 van 51

43 Thema 6 Voorkeur voor Logius als dienstverlener Wat maakt Logius tot een voorkeursleverancier van deze ondersteuning ten opzichte van alternatieven? JV: Zie ook vorig thema. Logius zou een logische partij zijn, maar op dit moment vind ik de bereikbaarheid van Logius niet sterk. Daarmee bedoel ik te zeggen dat het niet altijd even duidelijk is waar ik moet zijn met mijn vraag. Thema 7 Logius als excellente dienstverlener Wat wordt verwacht van een excellent kenniscentrum Logius. JV: Geen commentaar Thema 8 De financiering Op welke wijze kan volgens u de dienstverlening van Logius worden gefinancierd? JV: Geen commentaar Thema 9 Wat wilt u verder nog kwijt Wat wilt u nog verder kwijt over de rol van Logius in het algemeen en die van een kenniscentrum in het bijzonder? JV: Geen commentaar Samenvatting 1. De alliantie douane software heeft de communicatie tussen douane en software industrie sterk verbeterd 2. In de informatievooriening in de procesketen is specifieke aandacht noodzakelijk voor tijdkritische (douane) en niet-tijdkritische processen (belastingen) 3. De PCSn maken gebruik van een eigen datamodel. Toepassen van het Datamodel zou transparantie van de informatievoorziening vergroten 4. Uitbreiding naar meerdere landen van de gestandaardiseerde informatievoorziening is gewenst. 5. Logius kan een rol spelen bij het versnellen van de efficiency en effectiviteitsverbetering in de informatievoorziening die de procesketen ondersteunt Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 43 van 51

44 Interview Kenniscentrum Logius Organisatie SAP Langdon Systems Deelnemers Leo Mommersteeg (LM) SAP organisatie Paul van Tellingen (PT) Langdon Systems (LS)M Erik Meijers (EM) Langdon Systems Deelnemers Herman Vinhuizen Logius Loek Stolwijk Datum 28 mei 2014 Locatie SAP Den Bosch Tijd en tijdsduur 15:00-17:00 Thema s Thema 1 De deelnemer Wat is uw betrokkenheid bij het Datamodel en/of berichtenset binnen uw organisatie. Hoeveel unieke organisatorische eenheden vertegenwoordigt u? Welke zijn dat? LM is productmanager Lokalisatie bij SAP. Doelstelling van de functie is gereed maken en houden van circa 3000 internationale SAP producten voor de Nederlandse markt. SAP heeft wereldwijd circa medewerkers. PT en EM zijn Solutions & Implementation Manager en Customs & Solutions Manager bij Langdon Systems. LS beperkt zich tot het ontwerpen en implementeren van douanesoftware. Langdon Systems heeft 22 medewerkers. Thema 2 Bekendheid met het Datamodel / berichtenset In hoeverre bent u bekend met het Datamodel of de WDO berichtenset? LS heeft het Datamodel geadopteerd als basis voor de nieuwe versie van hun douanesoftware. Voor LM is het Datamodel niet relevant vanuit de optiek dat het gaat om de berichten en informatievoorziening ongeacht de daaronder liggende datamodellen. Het Datamodel wordt al wel bij SAP gebruikt voor de douane oplossing in bv Nieuw Zeeland en Nederland Thema 3 Belang van het Datamodel en /of de berichtenset voor de eigen organisatie Welke rol speelt dit model/berichtenset NU of zou het in de komende jaren kunnen spelen voor uw organisatie PT en EM: Het Datamodel staat centraal in de ontwikkeling van de nieuwe versie van onze douanesoftware. LM Het verdient de voorkeur om het Datamodel in of tbv meerdere landen in te voeren in plaats van te proberen de toepassing van het model te optimaliseren in een enkel land Thema 3b Kwantificering van het belang Welke impact heeft dit model/berichtenset op uw organisatie PT: het is de basis waarop onze nieuwe software ontworpen is, wanneer de Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 44 van 51

45 overheid er voor kiest in volgende releases af te stappen van het gebruik van het WCO datamodel zal dit een aanzienlijke impact hebben. Thema 4 Behoefte aan ondersteuning Welke vormen van ondersteuning zijn van belang voor de geinterviewde bij het analyseren, ontwerpen, implementeren en/of in stand houden van het Datamodel en/of berichtenset. PT en EM de douane wijkt op een aantal punten af van het Datamodel bij AGS2 o begrenzing van de omvang van data-elementen o Samenvoegen van data elementen Er is tot op heden geen leidende specificatie voor implementatie van AGS2 beschikbaar. Er dient bij de ontwikkeling niet alleen naar de MIG gekeken te worden, maar bv de FAQ en de usermanual spelen ook een grote rol. Daarnaast is er een weetjes document. Deze verschillende documenten spreken elkaar op verschillende punten tegen en blijken niet in overeenstemming te zijn met de validatie die in de verschillende testomgevingen die de douane aanbied uitgevoerd worden. Uitrol van een Europees Datamodel Standaardisatie van data elementen in de gehele logistieke keten en op Europees niveau. Door ontbreken standaardisatie heeft ieder land zijn eigen indeling/ interpretatie. Snellere e op vragen over bv berichtspecificaties is gewenst. In de huidige situatie reageert de douane in sommige gevallen onvoldoende en is de bestaande community te traag. Gewezen wordt op betere ervaringen met de ticketservice van Logius. Er ontbreekt een centrale communicatie & regiefunctie waar informatie is vastgelegd en toegankelijk gemaakt over de laatste operationele versies van MIGS PCSn gebruiken afwijkende standaarden. Creeren daarmee een lock in voor de aangesloten partijen, die voor gebruik van de PCSystemen een fee per bericht betalen. (bv Cargonaut) PCS=Port Community System. Door het samen aan tafel te gaan van Douane en ADS wordt geprobeerd onduidelijkheden vooraf weg te nemen bij de ontwikkeling van AGS3 LM Cruciaal is het ketendenken. Uitgaande van de ketenprocessen volgt de noodzakelijke informatievoorziening. Harmonisatie van de informatie is noodzakelijker dan harmonisatie van de onderliggende datamodellen. Op basis van datamodellen zijn de DBMSn ontworpen. Aanpassing van DBSMn is ingrijpend. Daarom dient de focus op de informatie te liggen, die vaak zonder wijzigingen van de onderliggende dbmsn kan worden opgeleverd. Bij de standaardisatie van de informatie is niet per se een rol weggelegd voor de overheid of meer specifiek voor Logius als uitvoerende eenheid binnen de overheid. Overweging hierbij is dat de overheid altijd zichzelf als prioriteit ziet, niet neutraal is en ten gevolge daarvan in principe onbetrouwbaar is. De overheid dicteert zijn eigen weg. Het bedrijfsleven de software leveranciers hebben het initiatief genomen om tot standaardisatie van de informatie te komen door gezamenlijk als Alliantie Douane Software in gesprek te gaan met de douane. Vooralsnog is de ADS niet geformaliseerd. De software leveranciers zijn bij uitstek geschikt als partij om de voor de optimalisering van de efficiency noodzakelijke verbeteringen in de informatievoorziening aan te geven. Bij de software leveranciers komt ITen proceskennis namelijk samen Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 45 van 51

46 Thema 4b Prioriteit Behoefte aan ondersteuning Kunt u aanngeven waar bij deze ondersteuning de prioriteit ligt voor uw organisatie? PT: 1: duidelijke specificaties 2: testomgeving conform de specificatie 3: Europese uitrol van specificatie Thema 6 Voorkeur voor Logius als dienstverlener Wat maakt Logius tot een voorkeursleverancier van deze ondersteuning ten opzichte van alternatieven? PT: Logius zou, als onderdeel van de Rijksoverheid, een loket functie kunnen vervullen ten opzichte van de achterliggende overheidsorganisatie-eenheden. Uit de praktijk blijkt dat het soms lastig is het verantwoordelijke overheidsonderdeel/ afdeling/ agentschap te vinden wanneer wij vragen hebben over bijvoorbeeld de specificaties. Het is niet duidelijk wie verantwoordelijk is voor welk stukje informatie of bijvoorbeeld de testomgeving. Logius zou in de rol van kenniscentrum deze loketfunctie op zich kunnen nemen zodat wij als onderneming niet zelf op onderzoek hoeven binnen de overheidsgeledingen. Thema 7 Logius als excellente dienstverlener Wat wordt verwacht van een excellent kenniscentrum Logius. PT: Regierol Beheer specificaties Advies en troubleshooting Thema 9 Wat wilt u verder nog kwijt Wat wilt u nog verder kwijt over de rol van Logius in het algemeen en die van een kenniscentrum in het bijzonder? PT: Logius zou in de rol van aansluitpunt een belangrijke rol kunnen spelen bij het aansluiten van Nederlandse ondernemingen bij buitenlandse overheidsorganisaties. Logius zou bijvoorbeeld zelf een koppelvlak aan kunnen bieden voor communicatie naar de Belgische of Franse Douane, zodat Nederlandse ondernemingen niet zelf lokaal op onderzoek uit hoef te gaan hoe ze kunnen aansluiten. Op die manier wordt de concurrentiepositie van het Nederlandse bedrijfsleven verbeterd en is het voor buitenlandse overheden lastiger Nederlandse partijen van hun markt te weren via het opwerpen van bureaucratische aansluit processen. Samenvatting Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 46 van 51

47 1. Het Datamodel staat centraal bij de ontwikkeling van Douane software door Langdon Systems. Invoering van het Datamodel in meerdere landen heeft de voorkeur boven focus op optimalisering in een enkel land (SAP) 2. Snellere reactie op informatievragen over model /specificaties is gewenst. 3. Een centrale regierol is gewenst. Logius kan hierbij het voortouw nemen (Langdon) 4. De ketenprocessen zijn het vertrekpunt. Informatievoorziening ondersteunt dit. Datamodellen zijn daarbij niet relevant. Standaardisatie en harmonisatie van de informatievoorziening is gewenst. (SAP) 5. De overheid noch Logius als onderdeel van de overheid dient het voortouw te nemen in de standaardisatie van de informatievorziening. De praktijk van de Alliantie DouaneSoftware bewijst dat ook een sturende rol vanuit de private partijen mogelijk is. (SAP) Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 47 van 51

48 Interview Kenniscentrum Logius; NB ivm vakantie van Marnix is dit verslag nog niet geautoriseerd!-8 juli 2014 Organisatie Cargonaut Deelnemers Marnix Harbers organisatie Deelnemers Herman Vinhuizen Logius Loek Stolwijk Datum 24 juni 2014 Locatie Cargonaut Tijd en tijdsduur 10:00-11:00 Thema s Thema 1 Vraag Hints De deelnemer Wat is uw betrokkenheid bij het Datamodel en/of berichtenset binnen uw organisatie. Hoeveel unieke organisatorische eenheden vertegenwoordigt u? Welke zijn dat? Management / Operationeel Beslissingsbevoegd / uitvoerend Als het Datamodel niet bekend is, dan dezelfde vraag mbt data-uitwisseling binnen of met overheidsinstanties Aangesloten leden, potentiele klanten, overheidsdiensten etc. Wellicht te groeperen naar typen aangesloten leden op basis van omvang of gemeenschappelijke behoeftes Cargonaut B.V. is een dynamische en innovatieve onderneming op de luchthaven Schiphol. Ons doel is om voor onze klanten ketenbrede oplossingen te creëren met behulp van elektronische informatie-uitwisseling tussen luchtvaartmaatschappijen, expediteurs, afhandelaren, transporteurs, verladers, douane- en andere overheidsdiensten. Wij ondersteunen uw logistieke processen met onze producten en diensten, waaronder software en consultancy. (cargonaut.nl) Cargonaut heeft 26 FTE met zowel proces- als ICT kennis. Marnix is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van value added diensten voor de klanten van Cargonaut. Cargonaut heeft zich ontwikkeld van een digitaal postkantoor voor berichtenuitwisseling tussen ondernemingen op de luchthaven en tussen deze ondernemingen en de overheid naar een organisatie die zich actief inzet voor de optimalisering van de ketenactiviteiten en ondersteunende informatievoorziening. De informatieuitwisseling binnen Schiphol verloopt voor 100% via Cargonaut. De uitwisseling van informatie met de overheid wordt niet voor alle ondernemingen afgedekt. De eerstgenoemde info uitwisseling wordt door d ondernemingen betaald. De tweede betreft een gratis dienstverlening door Cargonaut Thema 2 Vraag Hints Bekendheid met het Datamodel / berichtenset In hoeverre bent u bekend met het Datamodel of de WDO berichtenset? Toelichting op het model op basis van een overzichtsplaatje: Gestandaardiseerde communicatie met de overheid Het Datamodel wordt vormgegeven in MIGs, die worden opgesteld door de overheid, met name de Douane. Marnix constateert daarbij een focus op de data-uitwisseling en mist de procesinvalshoek. De data gerichte aanpak is kan als te generiek worden bestempeld. Ter illustratie geldt, dat hetzelfde generieke model zowel de maritieme als luchtvaart gerelateerde data behoefte beschrijft, terwijl onvoldoende rekenig wordt Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 48 van 51

49 gehouden met het feit dat zeevaart om veel goederen gaat met trage logistieke processen, daarentegen gaat het bij luchtvracht om minder goederen in snellere logistieke processen. Er is wel een ontwikkeling gaande dat er meer voor-overleg plaats vindt tussen douane en ondernemingen, maar nog steeds staat de data behoefte van de overheid centraal. Ter illustratie geldt de Europese wetgeving mbt ECS/ICS, waarbij de Nederlandse invulling door de douane wordt vertaald naar overheidssystemen en vervolgens MIGs tbv de implementatie door de ondernemingen. Hier is een dialoog gewenst met de ondernemingen, startend met de vraag wat de wetgeving beoogt en vervolgens vertaling naar de modaliteiten. De huidige dialoog voorziet niet in een adekwate terugkoppeling van de acties die vanuit die dialoog in gang worden gezet. Het is onvoldoende om er van uit te gaan, dat als er geen komt, dat dit betekent dat er ook daadwerkelijk rekening wordt gehouden met de vragen van ondernemingskant. In de praktijk wordt hierin voorzien door het opbouwen en in stand houden van informele netwerken. Marnix benadrukt dat hiervoor in de plaats een heldere structuur zou moeten worden ingericht. Thema 3 Vraag Hints Belang van het Datamodel en /of de berichtenset voor de eigen organisatie Welke rol speelt dit model/berichtenset NU of zou het in de komende jaren kunnen spelen voor uw organisatie Kosten Snelheid van innoveren Internationalisatie Snellere communicatie In de huidige situatie verzorgt Cargonaut 100% van de logistieke informatie tussen partijen die betrokken zijn bij de activiteiten op de luchthaven. Cargonaut heeft een dashboard ingericht, waarmee de betrokken partijen informatie kunnen toevoegen en ophalen. Cargonaut heeft voorgesteld om dit dashboard ook in te richten voor de informatiestroom mbt aangiftes naar de overheid. Hiervoor is slechts een beperkte uitbreiding van de huidige logistiek informatiestroom noodzakelijk. Op deze wijze kan worden voorkomen dat er informatie dubbel wordt aangeleverd, zowel voor de logistieke processen als voor de aangiftes. De logistieke informatiestroom is voor een belangrijk deel al gebaseerd op het Datamodel. Marnix ziet een incentive voor de overheid om de informatieuitwisseling vanuit Schiphol voor 100% via het dashboard te laten lopen. Dit leidt immers tot een uniforme interface met de luchthaven. Voor de ondernemingen is er weinig voordeel, immers zij dienen de benodigde informatie (tbv logistiek of aangiftes) toch al op te leveren. Voor Cargonaut is de incentive, dat er een vollediger informatiebeeld ontstaat van de luchthaven als de beide informatiestromen voor 100% via het dashboard verlopen. Thema 9 Wat wilt u verder nog kwijt Wat wilt u nog verder kwijt over de rol van Logius in het algemeen en die van een kenniscentrum in het bijzonder? In een kort voorgesprek met Marnix en Nanne Onland komt de optie aan de orde om de ontwikkeling en implementatie van keteninformatiesystemen, waarin de overheid een rol speelt uit te voeren met een beperktt aantal ondernemingen. Voordat wordt overgegaan tot meer generieke modaliteit informatiesystemen kan op deze wijze de ondernemingsbehoefte beter aan bod komen en kunnen vervolgens praktijk cases als voorbeeld dienen voor de overige bedrijven Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 49 van 51

50 Samenvatting 1. Bij het opstellen van MIGs is er teveel sprake van eenzijdige communicatie vanuit de overheid naar de ondernemingen 2. De MIGs zijn voornamelijk data-gericht 3. De MIGs zijn vaak te generiek en houden geen rekening met de specifieke karakteristieken van processen in verschillende modaliteiten 4. Cargonaut heeft een dashboard ontwikkelddat naast de huidige rol in de informatievoorziening voor de logistieke activiteiten op Schiphol ook een rol zou kunnen vervullen in een 100% informatievoorziening naar de overheid mbt aangiftes Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 50 van 51

51 APPENDIX B, aantal te verwachten MIGs op basis van het Klant Informatie Systeem Dept. Onderdeel Toepassingen Systeem of soort Gebruikers Koepelorganisaties Softwareleveranciers HUB's MIGs + Logius kort midden lang FIN Douane Douane Sagitta Invoer Douane EVO, TLN, Douane expediteurs, FENEX, VRC, softwareleveranciers. Douane Sagitta Uitvoer scheepsagenten, VNO-NCW, NRC, Douane Manifest rederijen en VNC, VZC, enz douanedeclaranten. Douane AGS Douane ECS Totaal: 6500 Totaal: 180 ECD Controle op invoerfraudes FENEX, VRC, Controleurs EVO, TLN, NVT VNO-NCW, NRC, VNC, VZC, enz Portbase, Cargonaut, Beurtvaart adres, Kewil, Descart. NVT 1 CDIU Aanvraag; In- en exportvergunningen (webservices) Douane expediteursen douanedeclaranten. TLN, VNO-NCW en FENEX NVT NVT I&M RWS Safe Sea Net Havenbedrijven Rotterdam, Amsterdam en rederijen VRC, VZC en VNC RWS en ILT ILT Vervoer van gevaarlijke stoffen E-call en papierloos rijden Binnenvaart Wegtransport Bureau Telematica Binnenvaart, Bureau Voorlichting Binnenvaart en anderen. TLN, EVO, VNO- NCW. Transafe, Portbase, en Bureau Telematica en anderen. Pilot Portbase NVT 1 1 IGS (Informatiesysteem gevaarlijke stoffen) Rail KNV, EVO, Railcargo, Fenex Portbase en Key Portbase rail 1 Export en import van afvalstoffen Exporteurs, reders en doaunedeclaranten Stiba Douane Portbase, softwareleveranciers. Beurtvaart 1 Cargonaut, adres, Kewil, Descart. Totaal: 180 Export en import van radioactief materiaal COVRA, TLN, VNO-NCW en FENEX Exporteurs, reders en doaunedeclaranten Douane softwareleveranciers. Totaal: 180 Portbase, Cargonaut, Beurtvaart adres, Kewil, Descart. 1 Rijkshavenmeesters Melding schip Rederijen en Portbase VRC, VZC en VNC Kewil, Dirkzwager en Portbase Portbase, Zeeland- Seaport, Groningen Seaport 1 Haveninspecteurs Controle op gevaarlijke Applicatie HAMIS stoffen, zeeschepen. VRC, VZC en VNC NVT Portbase 1 Landelijk meldpunt Afval-stoffen Vergunningen tot vervoer van afvalstoffen Applicatie AMICE, webservices. Verenging Afvalbedrijven NVT NVT 1 FENEX, AIP en COV EZ NVWA VGC (veterinair) Douane expediteurs en douanedeclaranten. Douane softwareleveranciers. Portbase, Cargonaut, Beurtvaart adres, Kewil, Descart. 1 Totaal: 180 CLIENT import Douanedeclaranten en Grodan software- Cargonaut, HBAG, VGB en Douane Portbase, 1 (fytosanitair) bloemenimporteurs adres, leveranciers. Beurtvaart Kewil, Descart. Totaal: 180 ERS (visserij) 360 vissersschepen Nederlandsvisbureau SAM-electronics, en Chart-workes en Nederlandse E-catch Vissersbond CBS In- en exportgegevens Douanesystemen NVT NVT NVT Productschappen in Informatieuitwiseling Uit te werken Idem Idem 2014 over naar EZ. met de Impact nog niet sectoren bekend KvK In-, Export en vervoersgegevens. Webservices MKB en VNO- NCW NVT NVT 1 Def Kmar Persoonsgegevens bij grensoverschrijding Applicatie API ACN Luchtvaartmaatschap-pijen Cargonaut Portbase, en rederijen en Zeeland- Seaport, Groningen Seaport 1 Kustwachtcentrum Imofal 1 t/m 7. Koppeling op MSW MIK en VRC, VZC en NVT NVT 1 I-trechter KPD VNC V&J Zeehavenpolitie Persoonsgegevens bij grensoverschrijding. Koppeling MSW Aplicatie API VRC Rederijen Portbase 1 IND Controle op immigratiegegevens. Vluchtelingenwerk Nederland NVT NVT 1 KLPD Goederenvervoer. Controle op afval en gevaarlijke stoffen Applicatie IGP en TRACOPOL EVO, TLN, NVT FENEX, VRC, VNO-NCW, NRC, VNC, VZC, enz NVT 1 BZK AIVD Veiligheid NVT NVT NVT Aplicatie API 1 (koppeling) VWS GGD Gezondheisverklaring bemanningsleden MSW VRC Rederijen, Portbase en Dirkzwager Portbase Directe klanten Klanten op korte termijn direct kort lang Klanten op langere termijn FTE 0,75 per MIG 6 1, Neutraal Logistiek Informatie Platform (NLIP) 51 van 51

Kennis Centrum Datamodel Logius

Kennis Centrum Datamodel Logius Kennis Centrum Datamodel Logius Business Plan D026 1807 2014 Versie 1.0definitief Mission Statement Het Kenniscentrum zal Publiekrechtelijke organisaties en marktpartijen helpen bij de effectieve en efficiente

Nadere informatie

Uitwerking onderdelen werkplan

Uitwerking onderdelen werkplan Uitwerking onderdelen werkplan Het Nationaal Platform Data Model (NPDM) heeft een werkplan opgesteld om richting te geven aan de activiteiten voor de komende maanden en inzicht te krijgen in de benodigde

Nadere informatie

Nationaal Platform Datamodel (NPDM) NH Hotel, Prinses Margrietplantsoen 100, 2595 BR Den Haag

Nationaal Platform Datamodel (NPDM) NH Hotel, Prinses Margrietplantsoen 100, 2595 BR Den Haag Bezoekadres: Wilhelmina v Pruisenweg 52 2595 AN Den Haag Postbus 96810 2509 JE Den Haag www.logius.nl Inlichtingen bij Arnold Schutter Secretaris NPDM T +31 (0)6-21548837 arnold.schutter@logius.nl Betreft

Nadere informatie

1. Context en doel. 1.1 Voorbeelden belemmeringen per deelgebied 1.1.1 Governance en juridische belemmering

1. Context en doel. 1.1 Voorbeelden belemmeringen per deelgebied 1.1.1 Governance en juridische belemmering 1. Context en doel Het NLIP heeft tot doel om de elektronische informatie-uitwisseling in de Logistieke Sector in Nederland te verbeteren. En dan niet alleen de informatie-uitwisseling tussen specifieke

Nadere informatie

Derde vergadering Nationaal Platform Data Model

Derde vergadering Nationaal Platform Data Model Bezoekadres: Wilhelmina v Pruisenweg 52 2595 AN Den Haag Postbus 96810 2509 JE Den Haag www.logius.nl Inlichtingen bij Alex van der Linde T 06-2116 2386 alex.vander.linde@logius.nl 17 oktober 2012 Betreft

Nadere informatie

Nationaal Platform Datamodel (NPDM) NH Hotel, Prinses Margrietplantsoen 100, 2595 BR Den Haag

Nationaal Platform Datamodel (NPDM) NH Hotel, Prinses Margrietplantsoen 100, 2595 BR Den Haag Bezoekadres: Wilhelmina v Pruisenweg 52 2595 AN Den Haag Postbus 96810 2509 JE Den Haag www.logius.nl Inlichtingen bij Arnold Schutter Secretaris NPDM T +31 (0)6-21548837 arnold.schutter@logius.nl Betreft

Nadere informatie

FS150422.7A. A: Beschrijving van de voorgestelde werkwijze B: Toelichting op het MSP en identificatie proces

FS150422.7A. A: Beschrijving van de voorgestelde werkwijze B: Toelichting op het MSP en identificatie proces FS150422.7A FORUM STANDAARDISATIE 22 april 2015 Agendapunt: 7. Internationaal Stuk 7A. Notitie omgang met standaarden van het Europese Multistakeholder Platform on ICT Standardisation Bijlage A: Beschrijving

Nadere informatie

Het PMO van PostNL IT

Het PMO van PostNL IT Het PMO van PostNL IT WIN PMO Congres Blik op een kleurrijk PMO Alex Palma, manager IT Projecten 13-03-2014 Wat willen we jullie vertellen? Positionering van projectenorganisatie Waarom een PSO? Implementatiestrategie

Nadere informatie

BPUG najaar seminar: De rol van PMO in P3 governance. Hier komt tekst Lokale overheid, eigen PMO

BPUG najaar seminar: De rol van PMO in P3 governance. Hier komt tekst Lokale overheid, eigen PMO BPUG najaar seminar: De rol van PMO in P3 governance Hier komt tekst Lokale overheid, Hier eigen komt governance, ook tekst eigen PMO INHOUD 1. INLEIDING 2. ORGANISATIE Gemeente Utrecht Project en Programma

Nadere informatie

Nationaal Platform Datamodel (NPDM) NH Hotel, Prinses Margrietplantsoen 100, 2595 BR Den Haag

Nationaal Platform Datamodel (NPDM) NH Hotel, Prinses Margrietplantsoen 100, 2595 BR Den Haag Bezoekadres: Wilhelmina v Pruisenweg 52 2595 AN Den Haag Postbus 96810 2509 JE Den Haag www.logius.nl Inlichtingen bij Arnold Schutter Secretaris NPDM T 06-21548837 arnold.schutter@logius.nl Betreft Nationaal

Nadere informatie

Portfoliomanagement. Management in Motion 7 maart 2016

Portfoliomanagement. Management in Motion 7 maart 2016 Portfoliomanagement Management in Motion 7 maart 2016 PMO Institute Julianalaan 55 3761 DC Soest I: www.pmoinstitute.com I: www.thinkingportfolio.nl E: info@pmoinstitute.com Tjalling Klaucke E: tj.klaucke@pmoinstitute.com

Nadere informatie

Beschrijving DCTF Werkgroep Workflow

Beschrijving DCTF Werkgroep Workflow Beschrijving DCTF Werkgroep Workflow Fase 1: Identificatie en selectie van een issue waarvoor mogelijk een werkgroep dient te worden opgericht 1. Het DB zet een portfolio management op ten aanzien van

Nadere informatie

Functieprofiel: Projectleider Functiecode: 0302

Functieprofiel: Projectleider Functiecode: 0302 Functieprofiel: Projectleider Functiecode: 0302 Doel Voorbereiden en opzetten van en bijbehorende projectorganisatie, alsmede leiding geven aan de uitvoering hiervan, binnen randvoorwaarden van kosten,

Nadere informatie

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Doel Zorgdragen voor de vorming van beleid voor de eigen functionele discipline, alsmede zorgdragen voor de organisatorische en personele aansturing van een of

Nadere informatie

PROJECT PLAN VOOR DE IMPLEMENTATIE VAN EEN STANDAARD SITE VOOR DE VERENIGING O3D

PROJECT PLAN VOOR DE IMPLEMENTATIE VAN EEN STANDAARD SITE VOOR DE VERENIGING O3D PROJECT PLAN VOOR DE IMPLEMENTATIE VAN EEN STANDAARD SITE VOOR DE VERENIGING O3D Auteur : P. van der Meer, Ritense B.V. Datum : 17 juli 2008 Versie : 1.3 2008 Ritense B.V. INHOUD 1 VERSIEBEHEER...1 2 PROJECT

Nadere informatie

The Road to Working Capital Excellence. Werken aan structurele verbeteringen door het tussen de oren krijgen van werkkapitaal

The Road to Working Capital Excellence. Werken aan structurele verbeteringen door het tussen de oren krijgen van werkkapitaal The Road to Working Capital Excellence Werken aan structurele verbeteringen door het tussen de oren krijgen van werkkapitaal The road to Working Capital Excellence Vraag Aanpak Toepassing Resultaat Quick

Nadere informatie

Business case Digikoppeling

Business case Digikoppeling Business case Digikoppeling Versie 1.0 Datum 02/06/2014 Status Definitief Van toepassing op Digikoppeling versies: 1.0, 1.1, 2.0, 3.0 Colofon Logius Servicecentrum: Postbus 96810 2509 JE Den Haag t. 0900

Nadere informatie

Digikoppeling adapter

Digikoppeling adapter Digikoppeling adapter Versie 1.0 Datum 02/06/2014 Status Definitief Van toepassing op Digikoppeling versies: 1.0, 1.1, 2.0, 3.0 Colofon Logius Servicecentrum: Postbus 96810 2509 JE Den Haag t. 0900 555

Nadere informatie

Succes = Noodzaak x Visie x Draagvlak 2. Case: Implementatie Requirements Lifecycle management bij Rabobank International

Succes = Noodzaak x Visie x Draagvlak 2. Case: Implementatie Requirements Lifecycle management bij Rabobank International Succes = x Visie x Draagvlak 2 Case: Implementatie Requirements Lifecycle management bij Rabobank International dinsdag 3 oktober 2006 Spider Congres Agenda Inventarisatie SPI-knelpunten Implementatie

Nadere informatie

BRG. De Bestuurlijke Regiegroep Dienstverlening en e-overheid,

BRG. De Bestuurlijke Regiegroep Dienstverlening en e-overheid, Instellingsbesluit voor de instelling van een dagelijks bestuur van de Bestuurlijke Regiegroep Dienstverlening en e-overheid, van de Programmaraad e-overheid voor Burgers en van de Programmaraad Stelsel

Nadere informatie

Functiebeschrijving Technische Architect

Functiebeschrijving Technische Architect Functiebeschrijving 1. Algemene Gegevens Organisatie Functienaam Versie Auteur : [naam organisatie] : : 1.0 concept : Ad Paauwe a. Plaats in de organisatie De rapporteert aan de manager van het architectuurteam.

Nadere informatie

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Doel (Mede)zorgdragen voor de vormgeving en door het geven van adviezen bijdragen aan de uitvoering van het beleid binnen de Hogeschool Utrecht kaders en de ter

Nadere informatie

Concept Agendapunt: 06 Lijsten met open standaarden Bijlagen: College Standaardisatie

Concept Agendapunt: 06 Lijsten met open standaarden Bijlagen: College Standaardisatie Forum Standaardisatie Wilhelmina v Pruisenweg 104 2595 AN Den Haag Postbus 84011 2508 AA Den Haag www.forumstandaardisatie.nl COLLEGE STANDAARDISATIE Concept CS10-05-06C Agendapunt: 06 Lijsten met open

Nadere informatie

MoP Foundation training

MoP Foundation training MoP Foundation training Tijdens onze MoP Foundation training maakt u op inspirerende wijze kennis met MoP en leert u MoP toepassen op uw eigen portfolio. Onder leiding van onze expert trainers wordt het

Nadere informatie

Vergelijking van de eisen in ISO 9001:2008 met die in ISO FDIS 9001:2015

Vergelijking van de eisen in ISO 9001:2008 met die in ISO FDIS 9001:2015 ISO Revisions Nieuw en herzien Vergelijking van de eisen in ISO 9001:2008 met die in ISO FDIS 9001:2015 Inleiding Dit document maakt een vergelijking tussen ISO 9001:2008 en de Final Draft International

Nadere informatie

Standaarden voor gegevensuitwisseling

Standaarden voor gegevensuitwisseling Standaarden voor gegevensuitwisseling Afspraken over informatie-uitwisseling Wereldwijde afspraken binnen de ict om hard- en software met elkaar te kunnen laten communiceren noemen we standaarden voor

Nadere informatie

Handleiding voor aansluiten op Digilevering

Handleiding voor aansluiten op Digilevering Handleiding voor aansluiten op Digilevering Versie 1.0 Datum 1 augustus 2013 Status definitief Colofon Projectnaam Digilevering Versienummer 1.0 Contactpersoon Servicecentrum Logius Organisatie Logius

Nadere informatie

Beheermodel datamodel

Beheermodel datamodel Beheermodel datamodel Versie 1.0 Datum 14 maart 2014 Status Definitief Colofon Projectnaam Beheermodel datamodel Versienummer 1.0 Contactpersoon Secretaris NPDM NPDM@logius.nl Organisatie Logius Postbus

Nadere informatie

Projectmatig 2 - werken voor lokale overheden

Projectmatig 2 - werken voor lokale overheden STUDIEDAG Projectmatig werken in lokale overheden LEUVEN 27 oktober 2011 Projectmatig werken in de lokale sector Katlijn Perneel, Partner, ParFinis Projectmatig 2 - werken voor lokale overheden 1 Inhoud

Nadere informatie

Betere dienstverlening door eigen verantwoordelijkheid. Stop met procesgericht ICT-beheer!

Betere dienstverlening door eigen verantwoordelijkheid. Stop met procesgericht ICT-beheer! Betere dienstverlening door eigen verantwoordelijkheid Stop met procesgericht ICT-beheer! Agenda 19.00 Welkom 19.05 Terugblik op presentatie Service managersdag 2011 19.30 Gelaagdheid in dienstverlening

Nadere informatie

Voorstel technische aansluiting CORV

Voorstel technische aansluiting CORV Voorstel technische aansluiting CORV Aan: Van: Onderwerp: AO Jeugd Werkgroep informatiemanagement 3D Holland Rijnland Aansluiting CORV Inleiding In het nieuwe jeugdstelsel moeten gemeenten en justitiële

Nadere informatie

Business Case Beverages Group Verkiezing Supply Chain Professional 2011

Business Case Beverages Group Verkiezing Supply Chain Professional 2011 Business Case Beverages Group Verkiezing Supply Chain Professional 2011 Patrick Gunther 11 April 2011 Business Case Patrick Gunther April 2011 1 1. Inleiding Deze business case geeft een overzicht van

Nadere informatie

Inkoop- en aanbestedingsbeleid Waterschap Vallei & Eem 2012

Inkoop- en aanbestedingsbeleid Waterschap Vallei & Eem 2012 Inkoop- en aanbestedingsbeleid Waterschap Vallei & Eem 2012 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 3 2. DOEL VAN HET INKOOP- EN AANBESTEDINGSBELEID... 3 3. KADERS VAN INKOPEN EN AANBESTEDEN... 4 4. BEPALING AANBESTEDINGSPROCEDURE...

Nadere informatie

Partnercertificering Be Informed 2013

Partnercertificering Be Informed 2013 Partnercertificering Be Informed 2013 - Implementatie & Support partner - Be Informed Copyright 2013 by Be Informed. All rights reserved. Nothing in this publication may be duplicated, published or transmitted,

Nadere informatie

Transactieland Koppelzone concept

Transactieland Koppelzone concept Transactieland Koppelzone concept Vooraf Het koppelzone 1 concept is een bepaalde manier van samenwerken Het samenwerken wordt daarbij ondersteund door c.q. in die samenwerking wordt gebruik gemaakt van

Nadere informatie

Programme Power. De weg van Portfoliomanagement naar Programmaregie

Programme Power. De weg van Portfoliomanagement naar Programmaregie Programme Power De weg van Portfoliomanagement naar Programmaregie Agenda Introductie Stedin Historie van Project- en Portfoliomanagement Van Portfoliomanagement naar Programmaregie Waar staan we nu Oog

Nadere informatie

SETU Wijzer. U wilt met de SETU-standaard werken, maar waar moet u beginnen?

SETU Wijzer. U wilt met de SETU-standaard werken, maar waar moet u beginnen? SETU Wijzer U wilt met de SETU-standaard werken, maar waar moet u beginnen? Deze wijzer biedt u een overzicht van de SETU-standaarden en wat SETU voor u kan betekenen. Alle lichtblauwe kaarten bevatten

Nadere informatie

FORUM STANDAARDISATIE Aanmelding Functioneel model e-factuur

FORUM STANDAARDISATIE Aanmelding Functioneel model e-factuur --- Van: @logius.nl Verzonden: maandag 15 november 2010 9:03 Aan: Bart Knubben Onderwerp: Aanmelding functioneel model e-factuur -------- #1 : Geslacht #2 : Voornaam #3 : Tussenvoegsel(s) #4 : Achternaam

Nadere informatie

Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu!

Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu! 18 Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu! Belang van snelle en betrouwbare informatie groter dan ooit Drs. Wim Kouwenhoven en drs. Maarten van Delft Westerhof Drs. W.P. Kouwenhoven is manager

Nadere informatie

Steenwinkel Kruithof Associates Management en Informatica Consultants. Opzetten en inrichten Shared Service Center in de zorg

Steenwinkel Kruithof Associates Management en Informatica Consultants. Opzetten en inrichten Shared Service Center in de zorg Opzetten en inrichten Shared Service Center in de zorg Hoe zet je gezamenlijk een nieuw en succesvol (ICT) Shared Service Center (SSC) op? En hoe zorg je ervoor dat de samenwerking tussen de deelnemende

Nadere informatie

Het BiSL-model. Een whitepaper van The Lifecycle Company

Het BiSL-model. Een whitepaper van The Lifecycle Company Het BiSL-model Een whitepaper van The Lifecycle Company Met dit whitepaper bieden we u een overzicht op hooflijnen van het BiSL-model. U vindt een overzicht van de processen en per proces een beknopte

Nadere informatie

Service Level Agreement Organisatie G en de Shared Services Organisatie

Service Level Agreement Organisatie G en de Shared Services Organisatie Service Level Agreement 2005 Service Level Agreement Organisatie G en de Shared Services Organisatie Afspraken tussen opdrachtgever en opdrachtnemer over de te leveren diensten en producten in jaar 20045

Nadere informatie

Rapportage Pizzasessie Functioneel-beheer.com Specialisten Managers Adviseurs Algemeen functioneel beheer applicatiebeheer informatiemanagement

Rapportage Pizzasessie Functioneel-beheer.com Specialisten Managers Adviseurs Algemeen functioneel beheer applicatiebeheer informatiemanagement Rapportage Pizzasessie Functioneel-beheer.com Alle deelnemers hebben hun functienaam opgegeven. De volgende functienamen zijn gemeld: Specialisten o Functioneel beheerder (9x) o Functioneel applicatiebeheerder

Nadere informatie

Eigen initiatief Duurzame bereikbaarheid Flower Mainport Aalsmeer

Eigen initiatief Duurzame bereikbaarheid Flower Mainport Aalsmeer Plantijnweg 32, 4104 BB Culemborg / Postbus 141, 4100 AC Culemborg Telefoon (0345) 47 17 17 / Fax (0345) 47 17 59 / www.multiconsultbv.nl info@multiconsultbv.nl Eigen initiatief Duurzame bereikbaarheid

Nadere informatie

Werkwijze Verbetering & Vernieuwing (V&V)

Werkwijze Verbetering & Vernieuwing (V&V) Werkwijze Verbetering & Vernieuwing (V&V) Inhoudsopgave Nut en Noodzaak Eerste resultaten Afgestemde werkwijze Wijze van terugkoppeling aan directie 2 Vernieuwing & Verbetering: noodzaak en onderscheid

Nadere informatie

CCvD Datastandaarden Een gezamenlijk initiatief van SIKB en IHW

CCvD Datastandaarden Een gezamenlijk initiatief van SIKB en IHW CCvD Datastandaarden Een gezamenlijk initiatief van SIKB en IHW versie 2013.12.04 (definitief) 1. Inleiding De Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer (SIKB) en het InformatieHuis Water

Nadere informatie

Organisatieprestatiescan. Deze techniek wordt gebruikt in de focus- en analysefase bij het analyseren van de huidige situatie.

Organisatieprestatiescan. Deze techniek wordt gebruikt in de focus- en analysefase bij het analyseren van de huidige situatie. 1 Bijlage 2 De organisatieprestatiescan Techniek: Organisatieprestatiescan Toepassingsgebied: Achtergrond: Deze techniek wordt gebruikt in de focus- en analysefase bij het analyseren van de huidige situatie.

Nadere informatie

Stop met procesgericht ICT-beheer. Betere resultaten door eigen verantwoordelijkheid

Stop met procesgericht ICT-beheer. Betere resultaten door eigen verantwoordelijkheid Stop met procesgericht ICT-beheer Betere resultaten door eigen verantwoordelijkheid Wie is Leo Ruijs? Leo Ruijs, Service 8-2 - Ontwikkelingen vakgebied 1950-1970 Beheer als specialisatie 1970-1990 ICT

Nadere informatie

dutch building better//energy markets

dutch building better//energy markets building better//energy markets Alliander versnelling van de energietransitie Opzetten van een nieuwe dienst in een zelfstandige BV; inbrengen van gewenst ondernemerschap Vertalen van mogelijkheden nieuwe

Nadere informatie

Architectuur, Organisatie en Business Cases

Architectuur, Organisatie en Business Cases Architectuur, Organisatie en Business Cases Ervaringen uit de praktijk Jan de Baat CMG Trade, Transport & Industry B.V. Inleiding In de Dynamiek track van LAC 2000 is de problematiek omtrent de alignment

Nadere informatie

Agenda. 1. Opening en Mededelingen. 2. Verslag. 3. Financiën: bestedingsplannen. Betreft Agenda Nationaal Beraad Digitale Overheid

Agenda. 1. Opening en Mededelingen. 2. Verslag. 3. Financiën: bestedingsplannen. Betreft Agenda Nationaal Beraad Digitale Overheid Agenda Betreft Agenda Nationaal Beraad Digitale Overheid Vergaderdatum en -tijd 7 juli 2015, 15.00-16.30 uur. Locatie CAOP, Lange Voorhout 13, Den Haag. Baljuwzaal. Contactpersoon Hans van der Stelt hans.stelt@digicommissaris.nl

Nadere informatie

Uitgangspunten en randvoorwaarden bij implementatie BiSL

Uitgangspunten en randvoorwaarden bij implementatie BiSL Uitgangspunten en randvoorwaarden bij implementatie BiSL Auteurs: Frank van Outvorst, Henri Huisman Datum: Januari 2009 Inleiding Veel organisaties zijn momenteel bezig met het (her)inrichten van de vraagzijde

Nadere informatie

BeheerVisie ondersteunt StUF-ZKN 3.10

BeheerVisie ondersteunt StUF-ZKN 3.10 Nieuwsbrief BeheerVisie Nieuwsbrief BeheerVisie 2015, Editie 2 Nieuws BeheerVisie ondersteunt StUF-ZKN 3.10 BeheerVisie geeft advies MeldDesk App Message Router MeldDesk Gebruikers Forum Nieuwe MeldDesk

Nadere informatie

PROJECT INITIATION DOCUMENT

PROJECT INITIATION DOCUMENT PROJECT INITIATION DOCUMENT Versie: Datum: x.x dd-mm-jj DOCUMENTATIE Versie Naam opdrachtgever Naam opsteller Datum: dd-mm-jj Voor akkoord: Datum:. INHOUDSOPGAVE 1. Managementsamenvatting

Nadere informatie

Instructiedocument Samenwerkingsovereenkomst

Instructiedocument Samenwerkingsovereenkomst Instructiedocument Samenwerkingsovereenkomst Samengesteld op basis van verkenningen binnen het programma Sggv, 2009-2012. Dit geanonimiseerde document is in licentie gegeven op basis van een Creative Commons

Nadere informatie

Notitie Programma Digitaal Werken

Notitie Programma Digitaal Werken Notitie Programma Digitaal Werken Onderwerp Programma Digitaal Werken: aanschaf en implementatie Zaaksysteem Suite en Suite voor Vergunningen, Toezicht & Handhaving. Huidige situatie Amstelveen werkt met

Nadere informatie

Programma doorontwikkeling veiligheidshuizen. Informatiemanagement en privacy 21 november 2011

Programma doorontwikkeling veiligheidshuizen. Informatiemanagement en privacy 21 november 2011 Programma doorontwikkeling veiligheidshuizen Informatiemanagement en privacy 21 november 2011 Presentatie Privacy Binnen het programma doorontwikkeling veiligheidshuizen is Privacy een belangrijk onderwerp.

Nadere informatie

IPMA Interessegroep Project- en Programmamanagement bij de Overheid PROFESSIONEEL OPDRACHTGEVERSCHAP BIJ DE OVERHEID. 9 september 2014 George Leih

IPMA Interessegroep Project- en Programmamanagement bij de Overheid PROFESSIONEEL OPDRACHTGEVERSCHAP BIJ DE OVERHEID. 9 september 2014 George Leih IPMA Interessegroep Project- en Programmamanagement bij de Overheid PROFESSIONEEL OPDRACHTGEVERSCHAP BIJ DE OVERHEID 9 september 2014 George Leih MIJN ACHTERGROND 2002 - nu 30+ projecten geauditeerd UWV,

Nadere informatie

Functieprofiel: Medewerker Gebouw en Techniek Functiecode: 0702

Functieprofiel: Medewerker Gebouw en Techniek Functiecode: 0702 Functieprofiel: Techniek Functiecode: 0702 Doel Uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden, het doen van aanpassingen, alsmede bedienen van installaties/machines, binnen geldende werkprocessen en afspraken

Nadere informatie

Projectmanagement De rol van een stuurgroep

Projectmanagement De rol van een stuurgroep Projectmanagement De rol van een stuurgroep Inleiding Projecten worden veelal gekenmerkt door een relatief standaard projectstructuur van een stuurgroep, projectgroep en enkele werkgroepen. De stuurgroep

Nadere informatie

Olde Bijvank Advies Organisatieontwikkeling & Managementcontrol. Datum: dd-mm-jj

Olde Bijvank Advies Organisatieontwikkeling & Managementcontrol. Datum: dd-mm-jj BUSINESS CASE: Versie Naam opdrachtgever Naam opsteller Datum: dd-mm-jj Voor akkoord: Datum: LET OP: De bedragen in deze business case zijn schattingen op grond van de nu beschikbare kennis en feiten.

Nadere informatie

Functieprofiel: Directeur Service Eenheid Functiecode: 0206

Functieprofiel: Directeur Service Eenheid Functiecode: 0206 Functieprofiel: Directeur Service Eenheid Functiecode: 0206 Doel Voorbereiden en uitvoeren van het beleid van in het algemeen en van de eigen service in het bijzonder, alsmede het leidinggeven aan de werkzaamheden

Nadere informatie

Perselectief Interim. Specialistisch Interim Management

Perselectief Interim. Specialistisch Interim Management Perselectief Interim Specialistisch Interim Management Inleiding De laatste economische ontwikkelingen hebben organisaties nieuwe uitdagingen gegeven. Of het nu de sector bouw is of onderwijs & overheid,

Nadere informatie

Aanmeldformulier open standaarden

Aanmeldformulier open standaarden Aanmeldformulier open standaarden Inleiding Door het invullen van het onderstaande aanmeldformulier kunt u standaarden aanmelden voor opname op de lijst met open standaarden die in Nederland onder het

Nadere informatie

De impact van de basisregistraties op de informatievoorziening van gemeenten

De impact van de basisregistraties op de informatievoorziening van gemeenten De impact van de basisregistraties op de informatievoorziening van gemeenten Op weg naar de Gemeentelijke Service Bus Danny Greefhorst Gemeenten worden geconfronteerd met allerlei ontwikkelingen die van

Nadere informatie

Beleidsplan fondsenwerving HagaVrienden 2013-2015

Beleidsplan fondsenwerving HagaVrienden 2013-2015 Beleidsplan fondsenwerving HagaVrienden 2013-2015 Opgesteld door: Helene Marcus-Baart, coördinator HagaVrienden I.s.m: Hans de Sonnaville, secretaris HagaVrienden (Beknopt) beleidsplan HagaVrienden 2013-2015

Nadere informatie

Naam uitvoerder(s) Kenlog b.v. (hoofduitvoerder), FloreCom, LEI en Coena B.V.

Naam uitvoerder(s) Kenlog b.v. (hoofduitvoerder), FloreCom, LEI en Coena B.V. Omslag notitie Vergadering van de sectorcommissie Bloemkwekerijproducten Datum vergadering 5 maart 2012 Agendapunt 6b Voorbereid door Jerre de Blok Totaal aantal pagina s 5 17 februari 2012 1. Project

Nadere informatie

Workshop verkrijgen requirements. Draaiboek requirementsontwikkeling sessie. SYSQA B.V. Almere

Workshop verkrijgen requirements. Draaiboek requirementsontwikkeling sessie. SYSQA B.V. Almere Workshop verkrijgen requirements Draaiboek requirementsontwikkeling SYSQA B.V. Almere Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 6 Titel Workshop verkrijgen requirements Versie 1.1 Onderwerp Datum 16-03-2011

Nadere informatie

Project Portfolio Management Altijd en overal inzicht PMO

Project Portfolio Management Altijd en overal inzicht PMO Project Portfolio Management Altijd en overal inzicht PMO Een eenvoudige en toegankelijke oplossing Thinking Portfolio is een snel te implementeren software applicatie. Een krachtig web-based hulpmiddel

Nadere informatie

SURFshare. Shared application services & expertise. Edwin van der Zalm directeur SURFshare

SURFshare. Shared application services & expertise. Edwin van der Zalm directeur SURFshare SURFshare Shared application services & expertise Edwin van der Zalm directeur SURFshare Wat is en wat biedt SURFshare? Agenda 1. Achtergrond 2. Doel en domein 3. Meerwaarde 4. Welke diensten biedt SURFshare

Nadere informatie

Applicatie Architectuur en ICT-Infrastructuur

Applicatie Architectuur en ICT-Infrastructuur Applicatie Architectuur en ICT-Infrastructuur ISBN 978 90 72446 17 6 2010 Uitgeverij Het Glazen Oog Over de uitgave van dit document 2 Deze uitgave Dit document is een digitale versie van een hoofdstuk

Nadere informatie

De juiste requirements juist

De juiste requirements juist De juiste requirements juist Een voorwaarde voor succesvolle applicatie ontwikkeling Arno van Herk Managing partner Synergio B.V. a.van.herk@synergio.nl 2011 Een brug naar onze presentatie Uniface is Compuware's

Nadere informatie

Werkwijze Cogo 2004. abcdefgh. Cogo publicatienr. 04-03. Ad Graafland Paul Schepers. 3 maart 2004. Rijkswaterstaat

Werkwijze Cogo 2004. abcdefgh. Cogo publicatienr. 04-03. Ad Graafland Paul Schepers. 3 maart 2004. Rijkswaterstaat Werkwijze 2004 publicatienr. 04-03 Ad Graafland Paul Schepers 3 maart 2004 abcdefgh Rijkswaterstaat Werkwijze 2/16 I Inleiding Verandering In 2003 is de organisatie van de ingrijpend veranderd. Twee belangrijke

Nadere informatie

Opdracht Hoe kan ik mijn organisatie verder professionaliseren? Resultaat Geven van adequate training van de vrijwilligers op diverse gebieden.

Opdracht Hoe kan ik mijn organisatie verder professionaliseren? Resultaat Geven van adequate training van de vrijwilligers op diverse gebieden. Training & Coaching Op het gebied van Training & Coaching kunt u met verschillende vraagstukken bij laluz terecht. en lopen uiteen van het begeleiden van brainstormsessies tot het geven van workshops en

Nadere informatie

Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie

Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie B Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie Inleiding Deze projectoproep kadert binnen de verderzetting van Actie 24 van het Kankerplan: Steun aan pilootprojecten

Nadere informatie

Whitepaper implementatie workflow in een organisatie

Whitepaper implementatie workflow in een organisatie Whitepaper implementatie workflow in een organisatie Auteur: Remy Stibbe Website: http://www.stibbe.org Datum: 01 mei 2010 Versie: 1.0 Whitepaper implementatie workflow in een organisatie 1 Inhoudsopgave

Nadere informatie

De informatie adapter vormt de basis voor uitwisseling van digitale informatie in projecten waarbij de volgende uitgangspunten gekozen worden:

De informatie adapter vormt de basis voor uitwisseling van digitale informatie in projecten waarbij de volgende uitgangspunten gekozen worden: Op het vlak van informatie uitwisseling tussen bedrijven valt veel te verbeteren. Veel van die verbeteringen vinden hun oorzaak in het niet goed op elkaar aansluiten van de verschillende softwaretoepassingen

Nadere informatie

Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige

Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige Klantgerichtheid Selecteren van een klant Wanneer u hoog scoort op 'selecteren

Nadere informatie

Het stuurmodel voor een opdrachtgever

Het stuurmodel voor een opdrachtgever Het stuurmodel voor een opdrachtgever Ir. Derk K. Kremer 1. Inleiding In één van mijn eerdere artikelen heb ik al aangegeven dat de rol van opdrachtgever op zich geen moeilijke rol is. Voor een ervaren

Nadere informatie

Samenvatting projectplan Versterking bevolkingszorg

Samenvatting projectplan Versterking bevolkingszorg Aanleiding en projectdoelstellingen Aanleiding In 2011 werd door de (toenmalige) portefeuillehouder Bevolkingszorg in het DB Veiligheidsberaad geconstateerd dat de nog te vrijblijvend door de gemeenten

Nadere informatie

Dragon1 EA Tool. Business case webbased EA tool. Een webbased EA tool geschikt voor elke architectuurmethode!

Dragon1 EA Tool. Business case webbased EA tool. Een webbased EA tool geschikt voor elke architectuurmethode! Dragon1 EA Tool Business case webbased EA tool Een webbased EA tool geschikt voor elke architectuurmethode! uw organisatie, datum, versie #.#, documentstatus eigenaar/budgetverantwoordelijke: Kies op deze

Nadere informatie

Nieuwe aanpak StUF van informatiemodel naar eindproduct standaarden. Peter Klaver, KING Expertgroep StUF 21 oktober 2015, La Vie, Utrecht

Nieuwe aanpak StUF van informatiemodel naar eindproduct standaarden. Peter Klaver, KING Expertgroep StUF 21 oktober 2015, La Vie, Utrecht Nieuwe aanpak StUF van informatiemodel naar eindproduct standaarden Peter Klaver, KING Expertgroep StUF 21 oktober 2015, La Vie, Utrecht Inhoud Grootschalige implementatie Impact Strategieën Inventarisatieronde

Nadere informatie

ERP Implementatie in de praktijk

ERP Implementatie in de praktijk ERP Implementatie in de praktijk Door: Erik Meevis www.kcla.nl 11 juni 2008 Even voorstellen. Erik Meevis, partner bij KCLA Groep onafhankelijke organisatieadviseurs Afkomstig uit en gericht op productiebedrijven

Nadere informatie

Ministerie van VROMI Land Sint Maarten

Ministerie van VROMI Land Sint Maarten Ministerie van VROMI Land Sint Maarten Rapportage ten behoeve van de Voortgangscommissie Sint Maarten 1e kwartaal 2011 De Minister voor Volkshuisvesting Ruimtelijke Ontwikkeling Milieu en Infrastructuur

Nadere informatie

Technisch projectmedewerker

Technisch projectmedewerker Technisch projectmedewerker Doel Bijdragen aan de uitvoering van projecten vanuit de eigen discipline, uitgaande van een projectplan en onder verantwoordelijkheid van een Projectmanager/ -leider, zodanig

Nadere informatie

Tactisch beheer informatievoorziening AWBZ

Tactisch beheer informatievoorziening AWBZ Tactisch beheer informatievoorziening AWBZ Spreker Sandra Landa Plaats Den datum Haag 27 januari 2012 Tactisch beheerder Wat is beheer van de informatievoorziening? In samenspraak met ketenpartijen de

Nadere informatie

Global Project Performance

Global Project Performance Return on investment in project management P3M3 DIAGNOSTIEK IMPLEMENTATIE PRINCE2 and The Swirl logo are trade marks of AXELOS Limited. P3M3 -DIAGNOSTIEK (PROJECT PROGRAMMA PORTFOLIO MANAGEMENT MATURITY

Nadere informatie

Doen of laten? Een dag zonder risico s is een dag niet geleefd

Doen of laten? Een dag zonder risico s is een dag niet geleefd Doen of laten? Een dag zonder risico s is een dag niet geleefd Wie, wat en hoe Eric Lopes Cardozo & Rik Jan van Hulst sturen naar succes Doel Delen van inzichten voor praktisch operationeel risico management

Nadere informatie

Presentatie 4 februari 2010

Presentatie 4 februari 2010 Presentatie 4 februari 2010 Een snelle, efficiënte en effectieve locale overheid met behulp van Lean Thinking Methodiek om bedrijfsprocessen snel, efficiënt en effectief in te richten Erik Faber Inhoud

Nadere informatie

Perselectief Interim. Specialistisch Interim Management

Perselectief Interim. Specialistisch Interim Management Perselectief Interim Specialistisch Interim Management Inleiding De laatste economische ontwikkelingen hebben organisaties nieuwe uitdagingen gegeven. Of het nu de sector bouw is of onderwijs & overheid,

Nadere informatie

Handleiding voor de checklist Overdracht project/change naar beheer. Handleiding : Frédéric van der Vaeren

Handleiding voor de checklist Overdracht project/change naar beheer. Handleiding : Frédéric van der Vaeren Auteur(s) Datum Versie Frédéric van der Vaeren 11/03/2013 2.0 Eigenaar Doelpubliek Bert van Hemelen Gebruikers checklist overdracht project/change naar beheer Handleiding : Handleiding voor de checklist

Nadere informatie

FORMAT BUSINESSCASE Inkoop Dagbesteding (licht)

FORMAT BUSINESSCASE Inkoop Dagbesteding (licht) FORMAT BUSINESSCASE Inkoop Dagbesteding (licht) Aanvrager Organisatie Overige initiatiefnemers Naam Contactpersoon Telefoon E-mail 1 Naam business case Klantsegment DAGBESTEDING CATEGORIE LICHT Cliënten

Nadere informatie

Upgrade of Her-implementatie PeopleSoft FMS bij DNB

Upgrade of Her-implementatie PeopleSoft FMS bij DNB Upgrade of Her-implementatie PeopleSoft FMS bij DNB Release cq support status 2002 Europese aanbesteding 2003 Implementatie 4 modules (GL,AP,PO,IN) Huidige versie 8.8 (upgrade 2005) uitbreiding modules.

Nadere informatie

Procesmanagement. Waarom processen beschrijven. Algra Consult

Procesmanagement. Waarom processen beschrijven. Algra Consult Procesmanagement Waarom processen beschrijven Algra Consult Datum: 22 oktober 2009 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 3 2. WAAROM PROCESMANAGEMENT?... 3 3. WAAROM PROCESSEN BESCHRIJVEN?... 3 4. PROCESASPECTEN...

Nadere informatie

PROJECT: ONTWIKKELOMGEVINGEN VIRTUELE TESTOMGEVINGEN

PROJECT: ONTWIKKELOMGEVINGEN VIRTUELE TESTOMGEVINGEN PROJECT: ONTWIKKELOMGEVINGEN VIRTUELE TESTOMGEVINGEN ( Project Initiation Document ) Datum voltooid: 20/03/2013 Auteur: Kevin Sanders Studentnummer: 2148839 Versie: 0.1 Status: Concept Documenthistorie

Nadere informatie

Ervaringen Inkoopadministratie. Vastlegging van middagbijeenkomst op Kasteel Woerden 19 september 2013

Ervaringen Inkoopadministratie. Vastlegging van middagbijeenkomst op Kasteel Woerden 19 september 2013 Ervaringen Inkoopadministratie Vastlegging van middagbijeenkomst op Kasteel Woerden 19 september 2013 1 Agenda 14.00 14.15 Introductie 14.15 14.30 Jullie doelstelling voor vanmiddag? 14.30 14.45 Presentatie

Nadere informatie

De complete oplossing voor uw kadastrale informatievoorziening.

De complete oplossing voor uw kadastrale informatievoorziening. De complete oplossing voor uw kadastrale informatievoorziening. Foto: Mugmedia Het Kadaster gaat de levering van kadastrale informatie ingrijpend vernieuwen. Het huidige proces van verwerken van kadastrale

Nadere informatie

Deelprojectplan. Bestuurlijke Informatie Voorziening

Deelprojectplan. Bestuurlijke Informatie Voorziening Deelprojectplan Bestuurlijke Informatie Voorziening Beheersing van risico s en verbetering van de besturing van de Hogeschool van Utrecht, door middel van effectieve en efficiënte informatiestromen, als

Nadere informatie