OCW. voor de keuze van de asfaltverharding bij het ontwerp of onderhoud van wegconstructies. Handleiding. Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "OCW. voor de keuze van de asfaltverharding bij het ontwerp of onderhoud van wegconstructies. Handleiding. Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw"

Transcriptie

1 Opzoekinscentum voo de Weenouw OCW Handleidin voo de keuze van de asfaltvehadin ij het ontwep of ondehoud van weconstucties Aanevelinen A 78 / 06

2 Deze handleidin is opesteld doo wekoep BAC 1 «Handleidin voo het ontwepen van asfaltvehadinen»; Samenstellin van deze wekoep: Voozitte: Ton De Jonhe Benelux Bitume Secetais: C. De Backe Opzoekinscentum voo de Weenouw Leden: P.-P. Bichant (OCW) J. Cochet (MET - Diection des stuctues outièes) D. De Backe (Povincie Oost-Vlaandeen) L. Heleven (INFRA Afdelin Weenouwkunde) J. Hoemans (Galex) J.-L. Jon (Sevice technique povincial Namu) E. Keijes (Gizaco) P. Levo (MET Diection des Routes de Chaleoi) J.-L. Machal (Bueau d'étude et de conseil pou la constuction outièe - BECCR) J.-C. Maths (Gavauel) O. Pilate (OCW) V. Reenes (Min. van het Busselse Hoofdstedelijk Gewest Ween Ondehoud en Renovatie) R. Tison (INFRA Afdelin Ween Antwepen) J. Tiallez (Colas Belium) E. Van Damme (Asweo) A. Vanelstaete (OCW) J. Vanholleeke (Heijmans Infa) N. Vanholleeke (Road Consultin Office). Belanijk: Hoewel de aanevelinen in deze handleidin met de ootst moelijke zo zijn opesteld, zijn onvolkomenheden nooit uit te sluiten. Het OCW en de pesonen die aan deze pulicatie heen meeewekt kunnen eenszins aanspakelijk woden esteld voo de vestekte infomatie, die loute als documentatie en zeke niet voo contactueel euik is edoeld.

3 Handleidin voo de keuze van de asfaltvehadin ij het ontwep of ondehoud van weconstucties A 78 / 06 Uiteeven doo het Opzoekinscentum voo de Weenouw Instellin ekend ij toepassin van de esluitwet van Woluwedal Bussel Alle echten vooehouden

4

5 Inhoud Danketuiin 1 Inleidin 1 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin Opouw van een we- of elijkestelde constuctie Beschijvin Aanwezie ondeond Ondefundein Ondefundein van zand Ondefundein van steensla Ondefundein met vlieas Ondefundein van estailiseede ond Fundein Vehadin Aanwijzinen voo de keuze van de ondedelen van een weconstuctie Toepassinseied Veetein van de aanwezie ondeond Ondefundein Fundein Vehadin Asfaltvehadinen Cementetonvehadinen Bestatinen Andee vehadinen Opouw van een asfaltvehadin Toplaa Rol en kenmeken Sooten Wam eeid asfalt Oppevlakehandelinen Speciale poducten Adviezen voo de keuze Ondelaen Rol en kenmeken Sooten Adviezen voo de keuze Pofileelaen Rol en kenmeken Sooten Adviezen voo de keuze Scheuemmende laa Rol en kenmeken Sooten Adviezen voo de keuze 16 i

6 3 Van de opmaak van het ontwep tot de keuze van de vehadin en het schijven van het estek Context voo de eslissin tot ondehoud van een eeven we Extene factoen die het soot van ondehoud kunnen eïnvloeden Keuze van het soot van ondehoud Keuze van de vehadin Tenuitvoelein van het ontwep Schijven van het ijzonde estek 18 4 Nieuwouw, ondehoudstechnieken en sooten van ondehoud Nieuwouw en ondehoudstechnieken Definities Nieuwouw Totale heaanle Gedeeltelijke heaanle («inla») Ovelaen (of «ovela») Plaatselijke epaatie Aandachtspunten voo de keuze van de weconstuctie Nieuwouw Totale heaanle Gedeeltelijke heaanle (inla), ovelaen en plaatselijke epaaties Keuze van het soot van ondehoud Functioneel ondehoud Definitie Vooeelden Commentaa Stuctueel ondehoud Definitie Commentaa Aanpassinswekzaamheden Definitie Vooeelden Commentaa 21 5 Conditieondezoek Divese aspecten van conditieondezoek Netwek- en pojectniveau Manueel en automatisch conditieondezoek Visuele inspectie en metinen Schaden Technische eevens ove de estaande toestand van de we Vooondezoek Opouw Kenmeken van de estaande vehadin Visuele toestand Lansvlakheid Spoovomin Discontinuïteiten in het lente- en dwaspofiel Discontinuïteiten in het lentepofiel Discontinuïteiten in het dwaspofiel Daavemoen Stoefheid Textuu Geluid Wateafvoe 28 ii

7 5.4 Beoodelin van de kenmeken van de vehadin Indexen en dempels Beoodelin van afzondelijke paametes Visuele inspectie Gewichtsfactoen Afzondelijke eoodelin van schade Gloale eoodelin van de visuele toestand Indexen Vlakheid Indexen Dempelwaaden Spoovomin Tapjesvomin Daavemoen Stoefheid Textuu Geluid Wateafvoe Alemene eoodelin Monstenemin en ondezoek Opouw en toestand van vehadinen Asfaltvehadinen Bookenen uit oneschadide edeelten Bookenen uit escheude edeelten Bookenen uit ijspoen Betonvehadinen Elementenvehadinen Opouw van de est van de weconstuctie Kenmeken van de vehadin Ondezoek a de aanweziheid van tee Ondezoek a de evoeliheid voo spoovomin (vekeessimulato) Ondezoek a de kenmeken van de asfaltmensels 40 6 Dimensionein Hoizontale dimensionein Veticale dimensionein 41 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels Ovezicht van de pestatiekenmeken Invloed van de pestatiekenmeken op comfot, veiliheid, duuzaamheid en milieu Belan van de pestatieveeisten aelan van de extene omstandiheden en de asfaltsamenstellin Klimatoloische omstandiheden Vekee: intensiteit en soot Positie in de weconstuctie Soot van asfaltmensel Toepassinseied Omstandiheden die veand houden met de toestand en de omevin van de we Economische oveweinen Milieuoveweinen Beleidseslissinen Samenvattin van omstandiheden die pestatiekenmeken meestal elanijke maken Belan of evoeliheid van elk pestatiekenmek aelan van de menselsoot Alemene functionele veeisten Stijfheid Weestand teen (scheuvomin doo) vemoeiin 51 iii

8 Weestand teen themische en laetempeatuuscheuvomin Weestand teen spoovomin Weestand teen afelin Stoefheid Ondoolatendheid Samenhan Bijzondee functionele veeisten Weestand teen puntelastin Weestand teen eflectiescheuvomin Weestand teen vevomin doo schuifkachten Wateafvoeend vemoen Gevoeliheid voo winteladheid Bestandheid teen chemische poducten Geluidsasoptie en -eductie 56 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden Vekee Vekeesintensiteit Vekeeselastin Vekeestoeme Dwasvedelin Snelheid Statische lasten Winend vekee Hoe de ovenescheven kenmeken in ekenin enen? Eeste vooeeld Tweede vooeeld Klimaat Tempeatuu Invloed van de tempeatuu op het eda van vehadinen Tempeatuuwaaden Invloed op de vehadinskeuze Wate Invloed op het eda van weconstucties en vehadinen Invloed op de vehadinskeuze Vost (en dooizouten) Zuustof in de lucht en UV-stalin Veiliheid en comfot (Maco)textuu Stoefheid Wateafvoeend vemoen Geluid Vlakheid Winteeda Milieu Geluidspoductie Mateialen veili voo mens en milieu Kleu en esthetiek Vemindein van de afvale: toepassin van secundaie ondstoffen en ecclinmoelijkheden Recclin ij ondehoudswekzaamheden Recclin ij poductie van nieuw asfalt Toepassin van ap Toepassin van divese secundaie ondstoffen Recclinmoelijkheden in de toekomst Gladheidsestijdin Kenmeken van de estaande (of te ontwepen) we 70 iv

9 8.5.1 Geometie Beedte Hellin Niveau Tacé en eventuele ostakels Kuispunten of otondes Vekavelinen Schepe ochten Wekzaamheden onde omen Toeankelijkheid van de ouwplaats Daavlak Toepassinseied Bedijfsween Tamanen Fietspaden Voetpaden en voetanesween Pakeeteeinen Op- en oveslateeinen Vlievelden Spot- en speelteeinen Buen Pakeedaken Uitvoeinspeiode, uitvoeinstemijn en vekeeshinde Uitvoeinspeiode Wame technieken Onunstie omstandiheden Gunstie omstandiheden Koude technieken Uitvoeinstemijn en vekeeshinde Vehadinskeuze en vekeeshinde Afkoelin van asfalt: een noodzaak Stateie ten aanzien van de afkoelinstijd Op kote of middellane temijn te vewachten wekzaamheden Kosten voo de opdachteve Investeinskosten Ondehoudskosten Milieukosten Recclinkosten 85 9 Keuze van het indmiddel, de eventuele additieven en de aeaten Keuze van het indmiddel Keuze van additieven Keuze van de aeaten Soot Maximale koelmaat Stoefheid Roleluid Afwateend vemoen Comfot Esthetiek Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen Hoofdkenmeken van asfaltlaen Toepassinseieden van asfaltlaen Lexicon Beminen 97 v

10 Kleucodes Opmekin voo uen Bijzondee toepassin Poductladen Speciale technieken Glasfalt Asfalt met stuctuumatwapenin Gefiueed ietasfalt Steesfalt Gindzandasfalt Koudasfalt Gekleude vehadinen Gekleude slems Gekleud asfalt Gekleud ietasfalt Tweelaas zee open asfalt 154 Bijlae 1 Teminoloie 155 Bijlae 2 Afkotinenlijst 159 Bijlae 3 Codein 161 B3.1 Belische codein 161 B3.1.2 Geuikte indmiddelen 161 B3.2 Euopese codein 162 B3.2.1 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Asphalt concete» (ef. 118) 162 B3.2.2 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Ve thin laes» (ef. 119) 162 B Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Hot olled asphalt» (ef. 77) 162 B3.2.4 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Stone mastic asphalt» (ef. 83) 163 B3.2.5 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Poous asphalt» (ef. 94) 163 Bijlae 4 Beminen 165 Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 167 B5.1 Opouw van de weconstuctie 167 B5.2 Visuele inspectie en schadeopnemin 168 B5.2.1 Fomulieen 168 B5.2.2 SAND en Infomant 168 B5.3 Lansvlakheid en discontinuïteiten in het lentepofiel 169 B5.3.1 APL 170 B5.3.2 Rij van 3 m 170 B5.3.3 Tansvesopofiloaaf 171 B5.3.4 Faultimete 171 B5.4 Spoovomin en discontinuïteiten in het dwaspofiel 172 B5.5 Daavemoen 172 B5.5.1 Valewichtdeflectiemete 172 B5.5.2 Deflectoaaf 173 B5.5.3 Cuviamete 173 B5.5.4 Benkelmalk 174 B5.6 Stoefheid 174 B5.6.1 SCRIM 175 B5.6.2 Odolioaaf 175 B5.6.3 Gipteste 176 B5.6.4 SRT-sline 176 B5.7 Textuu 177 B5.7.1 SCRIMTEX 177 vi

11 B5.7.2 Lasepofiloaaf 177 B5.7.3 Zandvlekpoef 178 B5.8 Geluidspoductie 178 B5.8.1 SPB-methode 178 B5.8.2 CPX-methode 179 B5.8.3 Geluidmetinen op een otee afstand van de we 179 B5.9 Multifunctionele appaatuu 179 B5.9.1 De ARAN-meetwaen 179 B Fontale weeeldcamea 180 B Zijdelinse camea 180 B Veticale wedekcamea s 181 B Spoodieptessteem 181 B Lansvlakheidslase SPB 181 B5.9.2 De ARAN-vewekinsconsoles wekstation 182 B5.10 Beschikaaheid van meetappaatuu 182 Bijlae 6 Bepoevinsmethoden om de pestatiekenmeken van asfaltmensels te epalen 185 B6.1 Stijfheid 185 B6.2 Weestand teen scheuvomin doo vemoeiin 185 B6.3 Weestand teen themische of laetempeatuuscheuvomin 186 B6.4 Weestand teen spoovomin 186 B6.4.1 Mashallpoef 186 B6.4.2 Vekeessimulatopoef 187 B6.5 Weestand teen afelin 187 B6.5.1 Cantaopoef 187 B6.5.2 RSAT-poef 188 B6.6 Stoefheid 188 B6.7 Ondoolatendheid 188 B6.8 Samenhan 188 B6.8.1 «Retained» Mashallpoef 188 B6.8.2 Indiecte tekpoef 188 B6.9 Weestand teen puntelastin 189 B6.9.1 Wilsonintandin 189 B6.9.2 Intandinspoef op kuussen 189 B6.9.3 Ponspoef 189 B6.10 Weestand teen eflectiescheuvomin 189 B Themische scheupoef 189 B SCB-poef 190 B6.11 Weestand teen vevomin doo schuifkachten 190 B6.12 Wateafvoeend vemoen 190 B6.13 Gevoeliheid voo winteladheid 190 B6.14 Weestand teen aantastin doo chemische poducten 190 B6.15 Geluidsasoptie en -eductie 190 B Buismethode 191 B Galmkamemethode 191 B «Uiteeide oppevlakte»-methode 191 B6.16 Vewekaaheid 191 B6.17 Vedichtaaheid 191 Bijlae 7 Teedetectiemethoden 193 B7.1 Ondescheid tussen itumineus en teehoudend ap volens de standaadestekken 193 B7.2 Ondescheid tussen itumineus en teehoudend ap met ehulp van additionele methoden 193 Bijlae 8 Vooeeld van een toepassin van multiciteia-alse voo de keuze van een vehadin 195 vii

12 Liteatuu 197 Lijst van de fiuen 203 Lijst van de taellen 205 Foto s: onvemeldin 206 viii

13 Danketuiin De leden van de wekoep danken alle andeen die eveneens aan deze handleidin heen meeewekt, mee epaald: - om hun wetenschappelijke ijdae: Xavie Cocu, Godelieve Gloie, Luc De Bock, Luc Gouet, Hendik Van Den Beh en Eik Van Den Kekhof; - om hun technische ijdae: Maie-Claie Golinvaux, Caole Hodies, Annick Thomas, Jéôme Conil, Betand Guelton, Stefan He, Daniël Vefaillie en Fançois Vehoeven. Dit slawek kwam tot stand in het kade van de adviesdienst «Bitumineuze mateialen in de uelijke ouwkunde», die doo IWT-Vlaandeen (Instituut voo de aanmoediin van innovatie doo Wetenschap en Technoloie in Vlaandeen), edeeltelijk wodt esusidieed. Het OCW dankt dit instituut voo zijn finciële steun. ix

14

15 1 Hoofdstuk 1 Inleidin Het vevoe van pesonen en oedeen neemt in onze samenlevin een pominente plaats in. Het maakt euik van voetuien en van infastuctuu die specifiek voo epaalde sooten van voetuien (of soms voo vescheidene sooten teelijk) is ontwopen. Zo veplaatsen pesoneuto s, vachtwaens (en andee edijfvoetuien), ussen en motofietsen zich ove de we, staten en landen vlietuien op vlieveldanen, ijden fietsen op fietspaden waa deze voohanden zijn, enz. Al deze infastuctuu moet een zodanie sevice ieden, dat zij tijdens haa hele (liefst zo lan moelijke) levensduu de veiliheid en het comfot van de euike waaot. Een juiste keuze van de opouw van de constuctie en de laen waauit zij wodt samenesteld, is van fundamenteel elan om dat doel te eeiken. Deze handleidin is in hoofdzaak edoeld voo ontwepes uit zowel de pivate (adviesueaus, achitecten) als de pulieke secto (technische diensten van emeenten, povincies en ewesten), die ontwepen moeten opmaken voo nieuwe ween of voo ondehouds-, enovatie- en aanpassinswekzaamheden aan estaande infastuctuu. Hoewel weconstucties in deze handleidin centaal staan, elden de vestekte adviezen a aloie of ij uiteidin ook voo veel aanvewante constucties zoals vehadinen van vlieveldanen, van pakeeteeinen (ook pakeedaken), op uen, van opslaplaatsen, van voetpaden en fietspaden, van tamween en van sommie spotteeinen. Deel A van de handleidin wil een ete inzicht veschaffen in de opouw van een weconstuctie en in de ol en kenmeken van de veschillende ondedelen waauit zij estaat. De aandacht aat daaij mee epaald a asfaltvehadinen. Deel B elicht enkele elanijke aspecten ij de opmaak van een ontwep. Het eschijft eest de veschillende fasen en dan de veschillende technieken en ondehoudsmaateelen. Het espeekt het conditieondezoek van estaande weconstucties en ehandelt de dimensioneinspolematiek. Een oodeelkundi ekozen asfaltvehadin is een sleutelelement voo de duuzaamheid van een weconstuctie. Deel C is eheel hieaan ewijd. Voo de keuze wodt vanzelfspekend uiteaan van de pestaties van de veschillende vehadinen. Daaast spelen echte ook tal van andee factoen een ol zoals het vekee, het klimaat, de veiliheid en het comfot, het milieu, de soot en toestand van de estaande vehadin, het toepassinseied, de uitvoeinspeiode en -temijn, en de kosten. Een multiciteia-alse kan een hulpmiddel zijn in het eslissinspoces. Ovezichtstaellen en poductladen voo elke soot van vehadin vomen waadevolle instumenten, die de uiteindelijke vehadinskeuze kunnen veemakkelijken. Deze handleidin wil in de eeste plaats de ontwepe (of eslisse) helpen met kennis van zaken te kiezen uit de vele vehadinen in de standaadestekken of, voo ijzondee toepassinen, uit veschillende speciale technieken die niet in deze estekken escheven staan. Voo alle duidelijkheid zij hie esteld dat zij de standaadestekken (waain de ontwepe onde mee de technische kenmeken van de poducten vindt) eenszins vevant, maa een aanvullende kijk op de paktijk iedt. De ontwepe hoeft op zijn eut niet te aazelen eventueel het advies van ekwame aannemes in de weenouw in te winnen, om euik te maken van hun deskundiheid op epaalde deeleieden Goede aad is altijd ete dan helemaal een infomatie. Hoofdstuk 1 Inleidin 1

16 De handleidin eeft een ovezicht van de toestand in Een en ande zal de komende jaen zeke veandeen: sommie poducten zullen vedwijnen, andee zullen hun intede doen, Voots zullen de vestekte adviezen kunnen woden vefijnd amate met de nieuwiheden van nu evain wodt opedaan. Uw inhoudelijke opmekinen ij dit slawek zijn welkom. De auteus danken u ij vooaat voo elke constuctieve ijdae waamee zij de volende editie kunnen veeteen. 2

17 2 Deel A Weconstucties en itumineuze vehadinen: eschijvin Om een poject voo de aanle of enovatie van een we te kunnen opzetten en de vehadin voo deze we te kiezen, is kennis van de ondedelen van een weconstuctie veeist. Hoofdstuk 2 eschijft eest de ondedelen waauit een we- of een daamee elijkestelde constuctie estaat en eeft aanwijzinen voo de keuze tussen de veschillende moelijkheden. Daa espeekt het uitvoei de veschillende ondedelen van een asfaltvehadin, met de ol en kenmeken evan. Het stelt de veschillende sooten van laen voo en eeft adviezen voo de keuze tussen sooten. Hoofdstuk 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin In wat volt komen voomelijk weconstucties aan od, maa de meeste eschouwinen elden ook voo andee constucties: vlieveldanen, fietspaden, enz. 2.1 Opouw van een we- of elijkestelde constuctie Beschijvin Elke weconstuctie dient in de eeste plaats doo toedoen van de kenmeken van de ekozen mateialen en de dikten van de toeepaste laen de (vaak steeds zwaadee) lasten die ove het weoppevlak ijden zo te educeen, dat de spanninen in de ondeond aanvaadaa lijven en deze ondeond ijevol niet vevomt. Een weconstuctie is in pincipe uit vie ondedelen opeouwd. Van eneden a oven zijn dat: Asfalt Cementeton Bestatin - de aanwezie ondeond; - de ondefundein; - de fundein; - de vehadin. Fundein Ondefundein Fiuu 2.1 Opouw van een weconstuctie (pincipetekenin) Aanwezie ondeond Hoofdstuk 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin 3

18 De pestaties (en, daamee samenhanend, de kostpijs ij elijke dikte) nemen toe amate het ondedeel zich hoe in de constuctie evindt. Elk ondedeel vevult een specifieke functie, die hie escheven wodt. Soms kan een ondedeel onteken; de functie evan wodt dan doo de andee ondedelen van de constuctie oveenomen. De dikte van de veschillende laen wodt epaald doo een dimensionein als functie van het vekee, de intinsieke kenmeken (met me de elasticiteits- of stijfheidsmodulussen) van de mateialen in de veschillende laen, en het daavemoen van de aanwezie ondeond. Bij we- en daamee elijkestelde constucties ondescheidt men in hoofdzaak: - flexiele constuctie: vehadin van itumineus mateiaal (asfalt) op een fundein van koelvomie mateialen zonde hdaulisch indmiddel; - halfstijve constuctie: vehadin van itumineus mateiaal (asfalt) op een fundein van schaal eton of van hdaulisch eonden koelvomie mateialen; - stijve constuctie: vehadin van cementeton. Naast deze klassieke estaan e ook no tal van hide constucties. Vooeelden hievan zijn ovelainen van cementetonvehadinen of estatinen met een asfalttoplaa. De ovenescheven constucties moeten woden aanevuld met een ssteem (sloten, dains, enz.), om infiltatiewate af te voeen. Dit is van levenselan voo de duuzaamheid van de constuctie (daavemoen van de aanwezie ondeond, vostschade, enz.). Wateafvoevoozieninen komen in deze handleidin echte niet vede aan od. Hievoo wodt vewezen a de ef. 41, 59 en Aanwezie ondeond Het daavemoen van de aanwezie ondeond epaalt voo een oot deel de opouw (vooal de dikte) van de ovenliende constuctie (zie hoofdstuk 6). Om economische edenen (dunnee constuctie en minde stotkosten) kan het dus inteessant zijn dit daavemoen te veeteen. Daatoe zijn divese methoden voohanden: - vedichtin; - ehandelin van de aanwezie ondeond; - vevanin van de aanwezie ondeond; - aanenin van eotextielen en/of eoids. De eeste estaat ein, de poiën in de ond te vekleinen om een steke «skelet» te vekijen en de ond zo minde evoeli te maken voo seizoenschommelinen van het vochtehalte. De esultaten van deze techniek zijn echte stek afhankelijk van de soot en het tuulijke vochtehalte van de te vedichten ond. Het is aadzaam vóó de opmaak van het ontwep een ondmechanisch ondezoek met odempoeven te veichten, om een oed eeld te kijen van de polemen die zich kunnen voodoen. Fiuu 2.2 Stailisatie met kalk Behandelin van de aanwezie ondeond heeft tot doel, de fsische en mechanische eienschappen te wijzien doo eschikte indmiddelen (ijvooeeld kalk of cement) toe te voeen. Deze techniek wodt toeepast als de ond in zijn tuulijke toestand niet vedichtaa is. De vedichtin die op deze ehandelin volt, vehoot het daavemoen no en vemindet de evoeliheid voo schommelinen van het vochtehalte. Het ehandelinsmiddel moet woden afestemd op de aanwezie ond. Een vooondezoek in het laoatoium kan nodi zijn om te aan in hoevee de ond met dit middel eaeet en in welke dosein het middel moet woden toeepast (ef. 115). 4

19 2 Vevanin van aanwezie ondeond doo aanevoed mateiaal wodt toeepast als de andee technieken om technische, economische en/of milieuhiënische edenen onuikaa zijn. Zo is te tte ond of ond die te veel oanische stoffen evat niet met kalk of cement te ehandelen. Geotextiel dient in eeste instantie als filte en vehindet hiedoo dat de ondefundein veonteinid aakt met fijne estanddelen die uit de ondeond in de ovenliende laen dinen. Bij vookeu wodt een nieteweven eotextiel («vlies») euikt. Geotextiel vehoot tevens eniszins het daavemoen van de ondeond, maa de vevominen van het eotextiel, en ijevol de spoovomin in de fundein, moeten aanzienlijk zijn om een esultaat van enie etekenis te eeiken. Deze laatste techniek is dus eschikt voo wekween, waa ijspoen van 10 tot 15 cm toelaataa zijn. Voo deze vestekende functie aat de vookeu a eweven eotextiel. Geoids zijn ootmazie ids uit één stuk, vevaadid van polmeen met een hoe elasticiteitsmodulus en een lae vloei. Zij woden toeepast om de ondeste stenen in een steenslaondefundein vast te zetten en spanninen optimaal op de ondeond ove te daen. Deze ids vehoen het daavemoen aanzienlijk en ieden de moelijkheid om, afhankelijk van de omstandiheden op de ouwplaats en de euikte soot van eoid, de ondefundein tot 40 % dunne te maken (ef. 13) Ondefundein De ondefundein vevult vescheidene functies: - de dukken die het vekee op de ondeond uitoefent voldoende vedelen; - het vostfont van de ondeond doo haa dikte op een afstand houden; - de fundein eschemen teen capillaie wateopstijin en teen toetedin van fijne estanddelen uit de aanwezie ondeond (scheidinslaa); - de weconstuctie inten daineen en het infiltatiewate a de zijdelinse wateafvoevoozieninen enen; - aanvullend: een coecte aanenin van de ovenliende laen van de constuctie moelijk maken doo een staiele ondsla te vomen voo de machines die de fundein zullen aanenen. Mee epaald moet zij voldoende eactiekacht uitoefenen om als «aameeld» te kunnen dienen tijdens de vedichtin van de ovenliende fundeinslaa; - in de meeste evallen een staiel daavlak vomen voo het aanenen van opsluitanden, weoten en andee lijnvomie elementen. Om deze functies aan te kunnen, moet het ondefundeinsmateiaal vostestendi zijn en voldoende wateafvoeend vemoen ezitten. Het moet ovendien emakkelijk te vedichten zijn en vedichtin voldoende daavemoen ezitten. Dit daavemoen moet ehouden lijven, zelfs als de ondefundein maandenlan (ijvooeeld eduende de winte) aan een en vost wodt lootesteld. Het euikte mateiaal kan van tuulijke of kunstmatie oospon zijn. De huidie estekken (2006) laten mateialen van veschillende oospon toe: tuulijke, teuewonnen (zoals puinulaat) of kunstmatie (zoals slak). De toeelaten mateialen kunnen van ewest tot ewest veschillen. Men ondescheidt veschillende sooten van ondefundeinen Ondefundein van zand Deze ondefundein estaat: - ofwel volledi uit daineezand of zand voo ondefundeinen, als zij dun enoe is om in één wekan te woden aaneacht; - ofwel uit een laa zand met daaop een onevee 10 cm dikke laa van hetzelfde zand vestekt met steensla, als zij in mee dan één wekan wodt aaneacht. Hoofdstuk 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin 5

20 Ondefundein van steensla Deze ondefundein estaat uit een homoeen mensel van zand voo ondefundeinen en of steensla (ootste koelafmetin: 80 of 125 mm, aelan van het ewest) Ondefundein met vlieas In sommie ewesten estaat no een andee soot van ondefundein, samenesteld uit een mensel van vlieas, kalk en calciumchloide. Dit tpe wodt zee zelden toeepast Ondefundein van estailiseede ond Dit wodt espoken in en in ef Fundein De fundein wodt op de ondefundein aaneacht. Zij heeft een duele ol: - een onvevomaa daavlak voo de vehadin vomen; - de vekeeselastin zo vedelen, dat de ondefundein ze kan daen. Naa de aad van het toeepaste mateiaal ondescheidt men: - steenslafundeinen met een continue koelvedelin. Deze zijn samenesteld uit veschillende koelmaten van of aeaat, zand en fijne estanddelen, die in zodanie vehoudinen zijn vemend dat een continue adein wodt vekeen. Zij kunnen met calciumchloide of hdaulische additieven (cement, mensel van koelslak en kalk) zijn ehandeld. De poducten woden in een meninstallatie eeid en het wateehalte dat zij ij de vewekin ezitten, epaalt het esultaat van de vedichtin (daavemoen). Deze fundeinen zijn emakkelijke aan te enen dan fundeinen met een discontinue koelvedelin, doodat zij minde evaa opleveen voo ontmenin en emakkelijke te vedichten zijn; - steenslafundeinen met een discontinue koelvedelin. Deze estaan uit een skelet van smal eadeede ove estanddelen, waavan de holten evuld zijn met een vulmateiaal (tuu- of kunstmati zand). E zijn twee manieen om dit mateiaal te vekijen: menen in een installatie of eest het steensla aanenen en dan de holten vullen met het vulmateiaal. In het eeste eval valt te vezen dat het mateiaal tijdens het vevoe en de opsla ontmend aakt; in het tweede is het zee moeilijk alle holten te vullen. Bovendien zijn discontinu eadeede steenslafundeinen doo hun koelvedelin alleen al zee moeilijk te vedichten; - schaal-etonfundeinen met of zonde wapenin; - fundeinen van open schaal eton; - fundeinen van indzandasfalt; - fundeinen van vedicht doo eton. In de fundein kunnen tuulijke mateialen of secundaie ondstoffen woden toeepast: tuulijk steensla, zand, eoken slak, etonpuinulaat en in sommie ewesten ook asfaltpuinulaat, menpuinulaat (van eton en metselwek), staalslak en vuilveandis Vehadin Als ovenste constuctiedeel staat de vehadin loot aan de echtsteekse inwekin van extene factoen: zowel het vekee als de klimaatinvloeden (tempeatuu, wate, vost). De vehadin moet dus zodanie intinsieke kenmeken onvevomaaheid, weestand teen scheuvomin, samenhan en eventueel ondoolatendheid ezitten dat zij de diecte en indiecte effecten (spanninsniveaus) van deze veschillende factoen zo duuzaam moelijk kan weestaan, om de euikes en het milieu een veiliheid en comfot te ieden die passen ij het tpe van constuctie (wecateoie, vlieveldaan, fiets- of voetpad). 6

21 2 Oneacht de kenmeken van de toeepaste mateialen moet het ovenvlak van de vehadin een esulteende hellin van ten minste 2 tot 2,5 % (ij vookeu in dwasichtin) vetonen, om te vookomen dat e wate op lijft staan; dit wate is melijk deli voo de veiliheid van de weeuikes (aquaplanin). Het wate dat van de vehadin afvloeit, moet afevoed woden. De voozieninen voo deze afvoe (oten, staatkolken, iolen, sloten, enz.) komen in deze handleidin echte niet vede te spake. Hievoo wodt vewezen a de ef. 41, 59, 69 en 73. E estaan die hoofdsooten van vehadinen: - asfalt- en daamee elijkestelde vehadinen (estijkinen, slems); - cementetonvehadinen (dooaand ewapend eton of plateneton); - estatinen (etonstaatstenen, staatkeien of kleiklinkes). Naast deze «klassieke» vehadinen zijn e no andee sooten voo specifieke toepassinen, zoals eteelinen, dolomietvehadinen, enz Aanwijzinen voo de keuze van de ondedelen van een weconstuctie Toepassinseied Hoewel deze handleidin in hoofdzaak ove het ontwep (en dus de keuze) van asfaltvehadinen aat, lijkt het nutti hie wat infomatie te even die de ontwepe als leidaad kan dienen ij zijn keuze van de oveie ondedelen van een weconstuctie Veetein van de aanwezie ondeond De technische middelen om de ondeond voldoende daakachti te maken, moeten in de ontwepfase woden ekozen. Uitanspunten ij deze keuze zijn de aad en eienschappen van de ondsooten die ij het ondmechanische ondezoek zijn aanetoffen, de klimatoloische en hdoloische omstandiheden op de ouwplaats, de omvan van het ondvezet, en economische paametes. In zijn enkele aanwijzinen eeven in veand met het toepassinseied van de veschillende pocédés Ondefundein De keuze van een epaalde soot van ondefundein hant voomelijk van de eschikaaheid en kostpijs van mateialen af. Deze moeten vanzelfspekend voldoen aan de technische eisen in de standaadestekken (ef. 1, 2, 3) Fundein De keuze uit de veschillende sooten van fundeinen kan de totale kostpijs van het poject eïnvloeden. In een ontwep voo een eeven vekeeselastin kunnen de espectieve dikten van de fundein en de vehadin immes afhankelijk zijn van het ekozen fundeinsmateiaal. Voo mee details kan woden vewezen a hoofdstuk 6 ove de dimensionein van weconstucties. Hie volen voo de euikelijkste vaianten van fundeinen enkele eschouwinen ij de te maken keuzen: - de keuze tussen continu en discontinu eadeede steenslafundein wodt epaald doo de evaade doolatendheid. Steensla met een continue koelvedelin is etekkelijk ondoolatend, doodat het uit een mensel van estanddelen van allehande koelmaten estaat. Zulk een mensel is pe definitie zee esloten, aanezien alle holten evuld zijn met fijne estanddelen van allehande koelmaten. Als doolatendheid een pioiteit is, is continu eadeed steensla aan te evelen: de kwaliteit van het aanenen is ij deze soot van fundein emakkelijke te eheesen en het mateiaal is ook emakkelijke te vedichten en aakt ij vevoe en opsla minde snel ontmend dan discontinu eadeed steensla. Als de fundein daaenteen etekkelijk doolatend moet zijn, moet steensla met een discontinue koelvedelin woden toeepast. Oneonden steenslafundeinen zijn met me eschikt voo ween met weini vekee; - doo een steenslafundein met hdaulische indmiddelen te stailiseen kan de totale dikte van de Hoofdstuk 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin 7

22 constuctie voo een eeven vekeeselastin woden veminded. Een deelijke fundein is mee epaald eschikt voo ween met middelmati vekee; - schaal eton maakt het moelijk de totale dikte van een constuctie voo een eeven vekeeselastin no mee te vemindeen. Dit tpe van fundein is dan ook ijzonde aanewezen voo ween met veel vekee. Kenmekend voo schaal eton is de aanweziheid van themische kimpscheuen, die in de asfaltvehadin kunnen dooslaan als deze te dun is (zie ). De kans op deze «eflectiescheuvomin» kan woden vekleind doo een scheuemmende tussenlaa toe te passen Vehadin Pecieze eels voo de keuze van de soot van vehadin zijn niet te even, omdat zoveel veschillende factoen (andee dan het vekee) deze keuze eïnvloeden. Elk poject vet een afzondelijk vooondezoek. Hie volen enkele ichtlijnen Asfaltvehadinen Asfaltvehadinen (ook «itumineuze vehadinen» enoemd) woden het meest toeepast en zijn ook het veelzijdist. Als voodelen ieden zij onde mee een moduleeae dikte (wat ze ijzonde aantekkelijk maakt voo ween met ein en middelmati vekee), een snelle aanenin en lae initiële kosten (in veelijkin met eton). Bij de asfaltvehadinen zijn ook de stilste wedekken (zoals ZOA) te vinden. In stedelijk eied woden ze ijzonde op pijs esteld, omdat ze vij emakkelijk (en vooal snel) te epaeen zijn (ijvooeeld inepen aan nutsleidinen) zij het dan ten koste van de esthetiek. De etekkelijk lae ondehoudskosten compenseen het feit, dat zij in het alemeen een kotee levensduu heen dan cementeton. Fiuu 2.3 Asfaltvehadin Omdat asfaltvehadinen onde elastin kunnen vevomen, kan en moet de keuze van de asfaltsoot en de menselsamenstellin woden aanepast als het asfalt zwaa vekee of ote tanentiële kachten te veweken zal kijen. Asfalt is minde eschikt voo ween met een inewikkelde eometie of van eine lente, waa het met veel handwek of veel stotden moeten woden aaneacht. Fiuu 2.4 Cementetonvehadin (DGB) Cementetonvehadinen Omdat zij niet ondehevi zijn aan spoovomin of dooponsin en oed estand zijn teen tanentiële kachten, zijn cementetonvehadinen ijzonde eschikt voo ween met zwaa en duk vekee, evels voo pakee- en opslateeinen voo zwae lasten. Doo hun estandheid teen koolwatestoffen zijn zij voots aanewezen voo vlietuipakeeplaatsen en enzinestations. Zij kunnen ook handmati woden aaneacht en zijn hiedoo tot 8

23 2 op zekee hoote eschikt voo ween met een inewikkelde eometie. Als zij oed zijn aaneacht, heen zij dooaans een lane levensduu. Minpunten van deze vehadinen zijn onde mee de hoe initiële kosten (mede doo de ote dikte), de landuie afsluitin van de we ij het aanenen of ij latee inepen (epaaties) en het feit dat zij lasti op te eken zijn. Deze laatste twee factoen vomen een elemmein voo toepassinen in stedelijke eieden. Voots zijn zij lawaaieie dan de meeste asfaltvehadinen, tenzij ijzondee maateelen woden enomen. Ten slotte zij aanestipt dat cementetonvehadinen evoeli zijn voo themische kimp en uitzettin. Bij aansluitin op andee constucties (ijvooeeld eouwen) of andee mateialen (ijvooeeld asfaltvehadinen) moeten dan ook eventueel ijzondee voozieninen woden etoffen, in de vom van voeen die ondehoud veen Bestatinen Bestatinen zijn ijzonde eschikt voo stedelijke ween met een inewikkelde eometie en met ein en licht vekee 1. Deze vehadinen maken het ook emakkelijk met veschillende kleuen te weken waa esthetische effecten woden ezocht. Een ande voodeel, dat in stedelijk eied ewaadeed wodt, is dat zij emakkelijk op te eken zijn en op een esthetische manie kunnen woden eepaeed. Bestatinen zijn oneschikt voo duk, zwaa (vevominen veoozakend) of snel (lawaaiei) vekee, en evenmin voo locaties waa ote tanentiële kachten opteden. Uit ecente evainen is ovendien eleken dat zij niet aanewezen zijn voo tamween die tevens duk en/of zwaa vekee (onde mee usvekee) te veweken kijen en voo de op- en afitten van vekeesdempels en -plateaus die ontwopen zijn voo ijsnelheden > 30 km/h. Fiuu 2.5 Bestatin Andee vehadinen Met tuusteen- of etonteels (klassieke afmetinen: 300 mm x 300 mm) woden voomelijk voetpaden of andee voetaneszones (ijvooeeld speelplaatsen van scholen) vehad. Autovekee op zulke vehadinen wodt ij vookeu tot het stikt noodzakelijke epekt: aaeopitten, laad- en loszones, enz. Gasteels (etonteels met openinen, waa as dooheen kan oeien) woden met me in tuuuimten (paken, tuinen) toeepast, om licht autovekee dooan te velenen. Dolomietvehadinen vinden vooal toepassin in tuuuimten (paken, tuinen, enz.). Zij vedaen licht vekee, maa ehoeven dan zee eeeld ondehoud. Fiuu 2.6 Dolomietvehadin 1 Volens FEBESTRAL moen etonsteenestatinen enkel woden toeepast op ween met een vekee van minde dan v/d en 400 zwae voetuien/d, waa de snelheid < 50 km/h (ef. 20). Hoofdstuk 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin 9

24 2.2 Opouw van een asfaltvehadin Een asfalt- of itumineuze vehadin estaat uit (van oven a eneden): - een toplaa; - één of mee ondelaen; - (eventueel) één of mee pofileelaen; - (eventueel) een scheuemmende laa. Elk ondedeel vevult een specifieke functie, die hie escheven wodt. Soms kan een ondedeel onteken, omdat het niet nodi is of omdat de functie evan doo de andee ondedelen van de vehadin wodt oveenomen. In ijzondee evallen kan de vehadin no andee ondedelen evatten. Een vooeeld hievan zijn afdichtinslaen op uen en pakeedaken. Om oed te functioneen, moeten alle laen in een asfaltvehadin volkomen op elkaa hechten. In niet op elkaa hechtende laen wekt het vekee immes aanzienlijk otee uispanninen op, waadoo de vehadin voetijdi ezwijkt. Hechtin tussen de laen maakt de vehadin oveiens in haa eheel minde doolatend, wat onmisaa is voo de duuzaamheid van de constuctie. Op enkele uitzondeinen (onde mee ij sommie scheuemmende tussenlaen en sommie ietasfaltlaen) wodt deze hechtin vekeen doo op elke asfaltlaa een kleeflaa (van itumenemulsie) aan te enen. Nomaal is e een hechtin tussen een asfaltvehadin en de ondeliende laa als dat de fundein is. In de oveie evallen wodt dooaans wel a hechtin esteefd; dit eldt onde mee als de laa onde een nieuwe asfaltvehadin zelf een vehadin is, of een deel daavan ijvooeeld ij het aanenen van een nieuwe (meestal dunne) vehadin op een oude etonplaatvehadin of estatin. De kleeflaa (emulsie, scheuemmend memaan, slem, enz.) moet dan steeds aan het specifieke eval woden aanepast Toplaa Rol en kenmeken De toplaa (ook «deklaa» of «slijtlaa» enoemd) is de ovenste laa van de vehadin. Zij wodt dooaans het zwaast elast, doodat zij diect lootstaat aan het vekee en de klimaatinvloeden. De toplaa moet ijevol de nodie kenmeken ezitten om de elastinen waaaan zij ondewopen wodt duuzaam te weestaan. Hie volt een lijst van de elanijkste kenmeken die het eda van de toplaa kunnen eïnvloeden. De invloed van elk van deze kenmeken hant van de eeven situatie (vekee, klimaat, omevin, enz.) af. Mee hieove in hoofdstuk 7. - Weestand teen vevomin (ijvooeeld spoovomin, dooponsin, voldoende daavemoen en stijfheid, enz.): onvlakheden kunnen deli zijn voo de veiliheid van de weeuikes. - Weestand teen scheuvomin: lans scheuen kan wate in de vehadin dinen. Dit is deli voo de duuzaamheid van de vehadin en, als de schade uiteidin neemt, voo de veiliheid van de weeuikes. - Weestand teen uitukkin: ij eine samenhan van het asfalt kan uitukkin opteden. De evolen zijn dezelfde als ij scheuvomin. - Weestand teen veoudein: UV-stalen en zuustof uit de lucht doen itumen veoudeen en maken het os. De hechtin tussen itumen en aeaat wodt daaij veoken, wat de aanzet kan even tot scheuvomin en uitukkin. - Glijweestand (stoefheid): dit kenmek is van echtsteekse invloed op de veiliheid van de weeuike (slipevaa). - Doolatendheid: het is van fundamenteel elan dat de est van de weconstuctie eschemd wodt teen de delie effecten van wate (en vost). - Wateafvoeend vemoen: dit kenmek is van invloed op de afvoe van hemelwate en ijevol op het voo de veiliheid delie stuiven en spatten van wate op het wedek. - Winteeda: ijzelvomin op en het eda van de vehadin ij ehandelin met dooizouten zijn van echtsteeks elan voo de veiliheid van de weeuikes. 10

25 2 - Akoestische eienschappen: de eluidsasoptie en textuu van de vehadin eïnvloeden de eluidspoductie en ijevol het comfot van de aanwonenden. - Bestandheid teen chemische poducten: deze estandheid (vooal teen koolwatestoffen) is nodi in een aantal ijzondee toepassinen (ijvooeeld enzinestations). - Visueel comfot: heldeheid, eflectie en kleu van het wedek kunnen evodelijk zijn voo de veiliheid (ijvooeeld duidelijke scheidin tussen edeelten voo veschillende weeuikes) en de alemene esthetiek van de we. Ook een elijke dikte van de toplaa is elanijk voo de duuzaamheid van de vehadin. Gelijkmatie kenmeken en pestaties van de laa zijn dan emakkelijke te waaoen. Als pofilein in de vehadin nodi is, moet dat waa moelijk in de ondelaa of ondelaen eeuen ( 2.2.3). Pofilein in de toplaa is een noodmiddel en slechts aanvaadaa als de diktevaiaties etekkelijk klein zijn en ook de vekeeselastin ein is. Bovendien lenen slechts enkele toplaen zich voo een deelijke pofilein (zie ) Sooten Naaelan van de dikte van de toplaa ondescheidt men asfaltlaen ( 15 mm) en oppevlakehandelinen (< 15 mm) Wam eeid asfalt In de meeste toplaen wodt wam eeid asfalt toeepast. Men ondescheidt: - asfaltmensels met een zandskelet en een continue koelvedelin (AB), die eventueel met steensla woden afestooid («eind»); - asfaltmensels met een steenskelet en een discontinue koelvedelin (SME, RMD, ZOA, SMA). Wam eeid asfalt is een mensel van steensla, zand, vulstof, een indmiddel (al of niet emodificeed itumen) en eventueel additieven (vezels, pimenten, enz.). Het wodt wam (ij een tempeatuu tussen 150 en 180 C) epoduceed in een klassieke asfaltmeninstallatie en aaneacht met een asfaltspeidmachine. Daa wodt het vedicht tewijl het no wam is (> 90 C). Met wam eeid asfalt kunnen, afhankelijk van de menselsoot, toplaen van 15 tot 50 mm dikte woden eealiseed. Voo mee infomatie kan woden vewezen a de ef. 1, 2 en 3 (vooschiften) en a ef. 5 (menselontwep), ef. 6 (eeidin) en ef. 7 (vewekin) Oppevlakehandelinen Oppevlakehandelinen woden vooal als ondehoudsmaateel op oude vehadinen toeepast. E zijn estijkinen en slems. Fiuu 2.7 Aanenen van asfalt Bestijkinen woden vekeen doo met specifiek mateieel ten minste één laa indmiddel (een itumenemulsie of een vloeiitumen, eide al dan niet emodificeed) te spoeien en ze vevolens met ten minste één laa steensla af te stooien. Met deze techniek kunnen laen met een dikte van een tiental mm woden eealiseed. In ef. 8 wodt zij uitvoei ehandeld. Hoofdstuk 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin 11

26 Fiuu 2.8 a/ Spoeien van indmiddel / Afstooien met steensla Aanenen van een estijkin Fiuu 2.9 Aanenen van een slem Slems woden vekeen doo in één wekan een mensel van mineale aeaten, vulstof, itumenemulsie (al of niet emodificeed) en eventueel divese additieven aan te enen met ehulp van een specifieke machine (moiele installatie voo koud menen). Ook hiemee kunnen laen te dikte van een tiental mm woden eealiseed. Mee details ove de slemtechniek zijn te vinden in de ef. 16, 17 en 21 en in de vele ijdaen aan de ISSAconessen (ef. 18). Doo hun eine dikte leveen oppevlakehandelinen een te vewaalozen constuctieve ijdae. Een kleeflaa is dooaans niet nodi, omdat oppevlakehandelinen op zichzelf al etekkelijk ijk zijn aan indmiddel. Fiuu 2.10 Aanenen van ietasfalt Speciale poducten Naast wam eeid asfalt en oppevlakehandelinen, die het aast zijn, zijn e no andee toplaen voo specifieke toepassinen. Als vooeelden kunnen woden vemeld: - ietasfalt: wam eeid asfalt met een vulstofskelet, dat ij zee hoe tempeatuu (> 200 C) wodt vewekt en een vedichtin ehoeft. In Belië vindt ietasfalt vooal toepassin in weoten en in toplaen op veel pakeedaken; - epeneteed asfalt: zee open asfalt waain de poiën afkoelin van het mensel evuld woden met een dunvloeiae, hdaulisch eonden motelspecie waaaan eventueel hasen zijn toeevoed. Deze toplaa wodt toeepast ij vehadinen die estand moeten zijn teen zee ote tanentiële kachten of zee zwae puntlasten: manoeuvee- of pakeeteeinen voo zwae voetuien, opslateeinen, ushalten, enz.; Fiuu 2.11 Gepeneteed asfalt: vullen van de poiën in het asfalt met motelspecie 12

27 2 - koudasfalt: lijkt op wam eeid asfalt, maa wodt koud of met lichte vewamin epoduceed doo itumenemulsies en/of vloeiitumen te euiken. Het koude poces maakt poductie in een veeenvoudide asfaltmeninstallatie moelijk (zonde vewamin van de aeaten en zonde ontstoffinsinstallatie). De mensels kunnen meestal woden opeslaen en woden teenwoodi vooal ij voolopie epaaties euikt. Weens het lae eneieveuik en de dito elastin van het milieu wodt momenteel in Belië eëxpeimenteed met toepassinen in definitieve toplaen. De evain is vooalsno ontoeeikend om deze toepassinen te kunnen aanevelen; Fiuu 2.12 Aanenen van een hoowaadie estijkin - hoowaadie estijkinen: het indmiddel is hie een poduct op hasasis en het steensla is ecalcineed auxiet. Dit tpe van estijkin wodt plaatselijk toeepast waa een zee hoe stoefheid veeist is (in evaalijke ochten, net voo vekeeslichten, enz.) Adviezen voo de keuze De veschillende toplaen woden uitvoeie vooesteld op de poductladen van De nodie aanwijzinen voo de keuze woden eeven in de hoofdstukken 7 tot 10. Aandachtspunten ij deze keuze zijn niet alleen het toepassinseied en de ewenste pestaties, maa ook het «daavlak» (soot en toestand zie 8.5.3) en de eschikae dikte. In dit veand zij opemekt dat vescheidene weeheedes teenwoodi een vookeu heen voo zee dunne (vaf 20 mm) of zelfs ultadunne (vaf 15 mm) toplaen, vooal om kosten te espaen (ij het aanenen en ij vevanin) Ondelaen In een klassieke weconstuctie ( 2.1) woden de vehadinslaen onde de toplaa (met uitzondein van de hie espoken scheuemmende laen) «ondelaen» enoemd. Als deze laen een wisselende dikte heen, woden zij als «pofileelaen» eschouwd (zie 2.2.3) Rol en kenmeken Hoewel ondelaen niet echtsteeks onde vekee komen, ondeaan zij ij de ovean van ollende lasten zee hoe spanninen. Volens vescheidene ondezoeken (ef. 9 en 33) teden de hooste spanninen die spoovomin veoozaken op in de laen op een diepte tussen 40 en 120 mm onde de toplaa. Voots is ewezen (ef. 10) dat in een coect edimensioneede constuctie de spanninen die vemoeiinsscheuen doen ontstaan het hoost zijn aan de ondezijde van de vehadin. Als de elastinen zwaa enoe zijn, is het ijevol veantwood de ovenste ondelaa vooal een ote weestand teen vevomin en de oveie ondelaen veelee een ote weestand teen vemoeiinsscheuvomin te even. Hoewel de klimaatinvloeden (tempeatuu) in ondelaen minde oot zijn dan in toplaen, lijft een oede weestand teen themische scheuvomin ewenst, vooal als de toplaa dun is. Sommie kenmeken van toplaen (weestand teen veoudein, lijweestand, wateafvoeend vemoen, winteeda, akoestische eienschappen, visuele aspecten) zijn ij ondelaen niet van toepassin ehalve als de laa als toplaa dienst doet, al is het maa tijdelijk. Dit neemt niet we dat de mateialen in ondelaen voldoende samenhan moeten ezitten. Ook moet woden vemeden een stek doolatende laa tussen twee weini doolatende laen toe te passen, vanwee het evaa voo laasvomin. Hoofdstuk 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin 13

28 Sooten Behalve in uitzondelijke evallen estaat dit deel van de vehadin uit één of mee laen wam eeid asfalt met een constante dikte (andes woden zij als pofileelaen eschouwd) tussen 30 en 80 mm (pe laa). De toeepaste asfaltmensels ehoen voo de oveote meedeheid tot de oep van de mensels met een zandskelet en een continue koelvedelin. Zij veschillen van de sootelijke mensels voo toplaen doo een lae indmiddelehalte, de eventuele toepassin van andee steensooten (kalksteen) en de altetieve toepassin van asfaltpuinulaat. Deze veschillen zijn te veantwooden doo de andee elastin van ondelaen. Gezien de ijzondee elastin van de ovenste ondelaa (zie ) woden hie soms speciale samenstellinen van wam eeide asfaltmensels (ijvooeeld AVS) toeepast als het evaa voo spoovomin in de vehadin oot is Adviezen voo de keuze Tenzij de laa onde de nieuwe vehadin vlak enoe is, zijn minstens twee ondelaen nodi om voldoende vlakheid van de toplaa te kunnen aandeen. Het heeft voodelen het aantal laen te epeken doo de laadikten oed te kiezen. Om ze emakkelijk aan te enen en om vewain te vookomen, is het aanewezen het aantal sooten van ondelaen in eenzelfde constuctie te epeken. Bij elijklijvende dikte aat de vookeu a het asfaltmensel van de ofste koelmaat, om de kans op spoovomin te vekleinen Pofileelaen Rol en kenmeken Het komt vaak voo dat in de vehadin moet woden epofileed, omdat het ewenste pofiel van het ovenvlak van de toplaa niet evenwijdi loopt met het pofiel van de laa waaop de nieuwe vehadin moet woden aaneacht. Bij de aanle van een nieuwe we kan deze situatie woden vemeden, maa ij ovelainen of enovaties is zij schein en insla. Zij is (dikwijls) niet te vemijden als het pofiel van de weconstuctie ewijzid wodt, oude vehadinen met me van etonplaten ovelaad woden, vehadinsconstucties (zelfs nieuwe) op uen aaneacht woden, enz. Om kwaliteitsedenen (mechanische pestaties, vlakheid) is het nooit ewenst de toplaa een wisselende dikte te even. Veschillen in pofiel moeten dus in de ondelaen woden oedemaakt. De ondelaa die deze ol vevult, wodt dan als «pofileelaa» aaneduid. De een of mee pofileelaen moeten dezelfde kenmeken ezitten als de ondelaen waain zij woden openomen (zie ). Als het moelijk is, vindt de pofilein liefst onde in het pakket van ondelaen plaats Sooten Pofileelaen en ondelaen zijn enoe elijk, met de ootste koelmaat (en dus de koelsamenstellin) en de laadikte als elanijkste uitzondeinen. Weens de ol die pofileelaen moeten spelen, moet voo deze laen een eeks asfaltmensels met elk een eien toepassinseied eschikaa zijn: - koelmaat 0/6,3: laadikten van 20 tot 40 mm; - koelmaat 0/10: laadikten van 30 tot 50 mm; - koelmaat 0/14: laadikten van 40 tot 60 mm; - koelmaat 0/20: laadikten van 60 tot 80 mm. 14

29 Adviezen voo de keuze Afhankelijk van de oed te maken pofielveschillen kan het nodi zijn mee dan één pofileelaa toe te passen. Als e keuze moelijk is, aat de vookeu a het asfaltmensel van de ofste koelmaat, om de kans op spoovomin te vekleinen Scheuemmende laa Rol en kenmeken Een scheuemmend tussenlaassteem estaat uit een tussenlaapoduct dat doo middel van een specifieke kleeflaa of methode op het daavlak hecht. Scheuemmende laen heen tot doel, het dooslaan van scheuen of voeen uit het daavlak (dat eweet doo het ezamenlijke effect van de klimaatinvloeden en het vekee) in de nieuwe vehadin te vetaen. Dit dooslaan staat ekend als «eflectiescheuvomin». Het kan ijvooeeld aan om scheuen of lichte netscheuen in een oude (eventueel edeeltelijk afeschaafde) asfaltvehadin, scheuen in een schaaletonfundein, voeen tussen etonplaten, of voeen of den tussen veschillende mateialen (ijvooeeld ij een weveedin). Scheuemmende laen zijn ondoelteffend op opwippende etonplaten of op een laa die te zwaa eschadid is. Onstaiele etonplaten moeten eest eeukt of estailiseed woden. Afhankelijk van de ekozen soot kan een scheuemmende laa oven scheuen vevomen zonde zelf te scheuen (spanninsvedelin) en/of een afdichtende ol spelen, of no een vestekend effect heen op het ondeste deel van de ovenliende laa. Een scheuemmende laa moet zo dicht moelijk woden aaneacht ij de scheuen die zij moet teenhouden. Soms kan echte eest een pofileelaa nodi zijn, om de scheuemmende laa coect te kunnen aanenen (vlakheid). Het asfaltpakket op de scheuemmende laa moet een minimale dikte heen (40 tot 50 mm, aelan van de soot van scheuemmende laa en de asfaltsoot) en estaat ij vookeu uit twee laen. Als de scheuemmende laa mechanisch in een asfaltlaa veanked wodt, moet deze asfaltlaa dik enoe zijn voo een coecte veankein. Sommie sooten van scheuemmende laen kunnen een aantal voozoen veen wannee de vehadin achteaf opeoken wodt (ef. 114). Vedee infomatie ove scheuemmende laen is te vinden in de ef. 22, 65 en Sooten In de handel is een ote vescheidenheid van poducten voo scheuemmende laen vekijaa. Als vooamste sooten kunnen woden vemeld: - scheuemmende laen in de vom van een einde dikke estijkin, ete ekend als SAMI («stess-asoin memane intelae»). Deze techniek is vewant met de estijkinstechniek, maa de laa is ijke aan (altijd emodificeed) itumen en ame aan steensla. SAMI s zijn estand teen de ote hoizontale vevominen die in en om scheuen vookomen en zijn tevens watedicht; Fiuu 2.13 SAMI Hoofdstuk 2 Opouw van een weconstuctie en een asfaltvehadin 15

30 Fiuu 2.14 Fiuu 2.15 Aanenen van niet-eweven eotextiel als tussenlaa Tussenlaa met eoid: aanenen van de eschemlaa - itumineuze scheuemmende laen met eotextiel. Deze estaan uit niet-eweven eotextiel («vlies») van kunststof (polpopleen of poleste) met een dikte van enkele mm, dat met itumen vezadid is. Sommie van deze eotextielen woden te plaatse vevaadid. Het itumen is het eienlijke tussenlaassteem; het niet-eweven eotextiel dient enkel als «dae» van het itumen. Deze laen zijn estand teen de ote hoizontale vevominen die in en om scheuen vookomen en zijn tevens watedicht; - itumineuze scheuemmende laen met eoids. Deze eoids van polpopleen, poleste of lasvezel kunnen, in comitie met een estijkin, een vestekende ol spelen. Een en ande is afhankelijk van het mateiaal waauit het id estaat; - scheuemmende laen met stalen wapeninsnetten. Deze sstemen heen een vestekend effect aan de ondezijde van de ovenliende asfaltlaa; daaast leveen zij een constuctieve ijdae. Ineslemd zijn ze tevens estand teen hoizontale vevominen en eniszins watedicht; - zandasfalt. Dit fijn eadeede, wam eeide asfaltmensel is zee ijk aan itumineuze motel. Het heeft enkel een spanninsvedelende ol; - sommie tussenlaasstemen estaan uit een comitie van twee sooten van poducten, ijvooeeld een id dat aan een vlies is vastehecht. Al deze scheuemmende sstemen heen een dikte van onevee 10 tot 15 mm, ehalve zandasfalt (20 mm) Adviezen voo de keuze Fiuu 2.16 Stalen wapeninsnet als tussenlaa: inslemmen Aanwijzinen voo de keuze van scheuemmende laen zijn te vinden in ef. 23. Fiuu 2.17 Aanenen van zandasfalt 16

31 3 Deel B Opmaak van het ontwep Een ontwep van oede kwaliteit is een onmisae waao voo de eslaade uitvoein van een weenwek. De hievolende hoofdstukken espeken enkele elanijke aspecten van het ontwep. Hoofdstuk 3 eschijft de elanijke fasen ij de opmaak van een ontwep; hoofdstuk 4 is ewijd aan de veschillende ondehoudstechnieken en sooten van ondehoud; hoofdstuk 5 handelt ove het conditieondezoek van estaande weconstucties; en hoofdstuk 6 aat in op de dimensioneinspolematiek. Hoofdstuk 3 Van de opmaak van het ontwep tot de keuze van de vehadin en het schijven van het estek De keuze van een vehadin maakt deel uit van het ontwep voo de aanle, de enovatie of het ondehoud van een we. Wat hie volt, heeft voomelijk etekkin op het maken van een ontwep voo ondehoudswekzaamheden (in uime zin) aan een eeven we. De meeste aspecten die daaij aan od komen, kunnen echte woden uiteeid tot ontwepen voo de aanle van nieuwe of de aanpassin van estaande ween. Enkele elanijke fasen ij de opmaak van het ontwep passeen hie de evue. 3.1 Context voo de eslissin tot ondehoud van een eeven we Een poject voo ondehoud van een eeven we kan om vele edenen woden opezet: - eslissin in het kade van een alemeen plan voo het ehee van het net waatoe de we ehoot (zie hoofdstuk 5); - toestand van de we volens een visuele inspectie. Deze is vijwel een must als e een ssteem voo het alemene ehee van het net estaat; - veiliheidsoveweinen op ond van ijvooeeld onevallenstatistieken; - politieke eslissin, ijvooeeld a aanleidin van klachten van aanwonenden of weeuikes; - esthetische oveweinen; - samenhan met andee wekzaamheden (iolein, inichtin van kuispunten, aanle van vekeesplateaus, enz.); - enz. Hoofdstuk 3 Van de opmaak van het ontwep tot de keuze van de vehadin en het schijven van het estek 17

32 3.2 Extene factoen die het soot van ondehoud kunnen eïnvloeden Als de eslissin tot ondehoud eenmaal is enomen, is het nutti zich het volende af te vaen: - zijn op middellane temijn ioleinswekzaamheden epland? - is het oppotuun een aantal ijehoende aanpassinswekzaamheden (inichtin van kuispunten, aanle van vekeesplateaus, enz.) uit te voeen? - oveween nutsedijven wekzaamheden? - heen de aanwonenden of de weeuikes ijzondee wensen? - enz. De antwooden op deze vaen kunnen het ontwep soms inijpend eïnvloeden. Zo kunnen ioleinswekzaamheden aanleidin even tot een totale heaanle van de we. 3.3 Keuze van het soot van ondehoud Een van de elanijkste fasen in het ontwep is epalen welke ineep de etokken we moet kijen: - ondehoud (functioneel, stuctueel, of plaatselijke aanpassin); - heaanle (totaal, inla, ovelaen («ovela»), of plaatselijke epaatie). Deze polematiek wodt uitediept in hoofdstuk 4. De keuze van het soot van ondehoud hant van veel zaken af, onde mee van: - de antwooden op de vaen van 3.2; - een conditieondezoek van de estaande we. Bij dit ondezoek woden technische eevens ove de estaande we vezameld en wodt de conditie van de vehadin kwalitatief en kwantitatief eoodeeld. Hoofdstuk 5 is eheel aan deze polematiek ewijd; - een ekenin van de dimensionein van de nieuwe constuctie. Het is immes elanijk dat eaan wodt of deze constuctie de uitvoein van de wekzaamheden wel deelijk de vewachte levensduu zal ezitten. Hoofdstuk 6 eeft aanwijzinen in dit veand; - andee factoen zoals effecten op het vekee, moelijkheden tot vekeesomleidin, hinde voo de aanwonenden, duu van de wekzaamheden, enz.; - de kostpijs van de ineep. Bij de opmaak van het ontwep dienen zich vaak vescheidene moelijke vaianten aan. De voo- en delen evan moeten woden ondezocht, en de levensduu die zij aandeen moet woden etoetst aan de alemene kostpijs (zie 8.8). 3.4 Keuze van de vehadin De keuze van de vehadin zelf komt aan od in de hoofdstukken 7 tot Tenuitvoelein van het ontwep Als de ondehoudsineep en de vehadin eenmaal ekozen zijn, kan een ein woden emaakt met de volende fasen: - opstellen van het ijzonde estek; - aanvaa van de veschillende veunninen; - pocedue voo de unnin van de opdacht; - enz. 3.6 Schijven van het ijzonde estek In het ijzonde estek wodt de aad van de uit te voeen wekzaamheden vasteled, evels de te ealiseen constuctie en de keuze van de mateialen. De technische vooschiften dienen waa moelijk te vewijzen a het standaadestek (ef. 1, 2 of 3) dat in het etokken ewest eldt. Dit estek evat onde mee de pocedues die aannemes moeten volen om definitief de samenstellinen te epalen van de itumineuze poducten die zij zullen toepassen. 18

33 4 Hoofdstuk 4 Nieuwouw, ondehoudstechnieken en sooten van ondehoud Dit hoofdstuk epaalt wat nieuwouw is en omschijft de veschillende ondehoudstechnieken en sooten van ondehoud. Het alseet tevens de eventuele invloeden op de keuze van de opouw of de vehadin van de weconstuctie. 4.1 Nieuwouw en ondehoudstechnieken Definities Nieuwouw De aanle van een eheel nieuwe we waa e no een estaat Totale heaanle Opeken van een estaande weconstuctie inclusief de fundein, en vevanin evan doo eenzelfde of een andee constuctie (met of zonde aanpassin van de eometie van de we). De ondefundein wodt al of niet ewijzid of aaneacht, afhankelijk van de plaatselijke situatie. Vooeelden: - vevanin van de volledie we zelf: oude, eoken, onedeuvele etonplaten, eschadide vehadin; - aanpassin van een estaande situatie aan nieuwe noden: vevanin van een kuispunt doo een otonde, vevanin van een vluchtstook doo een ijstook, veedin van een we, enz Gedeeltelijke heaanle («inla») Vevanin van enkele laen of het ehele pakket van de asfaltvehadin. De fundein lijft daaij ehouden Ovelaen (of «ovela») Aanenin van een of mee nieuwe laen op een estaande vehadin. Vooeelden: - een eschadide we wee eijdaa maken doo een slem aan te enen; - een etonwe met asfalt ovelaen om de eluidspoductie te vemindeen; - een nieuwe asfaltlaa op de estaande aanenen om de weconstuctie te vesteken en zo de levensduu te velenen Plaatselijke epaatie Locale ineep die tot doel heeft de we tijdelijk of definitief wee eijdaa te maken. Als de epaatie uiteeid is en het dus niet mee om een plaatselijke ineep aat, wodt ze als een inla eschouwd. Een plaatselijke epaatie kan het evol zijn van extene factoen, ijvooeeld: - schade doo een oneval; - eschadiin van de we ij de uitvoein van wekzaamheden. Hoofdstuk 4 Nieuwouw, ondehoudstechnieken en sooten van ondehoud 19

34 Ook intene factoen kunnen de aanleidin vomen, ijvooeeld: - kippennesten; - plaatsen die niet oed vedicht zijn; - plaatselijke scheuvomin doo vezakkin Aandachtspunten voo de keuze van de weconstuctie Afhankelijk van de ondehoudstechniek dient ij de keuze van de weconstuctie altijd ekenin te woden ehouden met de aansluitin op het estaande niet alleen aan het ein en einde van het wekvak, maa ook op eventuele kuispunten en ij aansluitinen op estaande weedeelten. E moet zeke a homoeniteit woden esteefd in de keuze van de toplaa (ijvooeeld een dicht asfalteton ast een ZOA-laa) Nieuwouw Afezien van de eventuele aansluitinspolemen is de keuze van de vehadin ij nieuwouw vij. De alemene keuzeeels zijn hie van toepassin (zie de hoofdstukken 7 tot 10) Totale heaanle Ook hie zijn de keuzemoelijkheden voo de constuctie oot, maa toch iets epekte dan ij nieuwouw. Zo is het ij een weveedin aadzaam de opouw (dikte en sooten van laen) van de estaande we aan te houden Gedeeltelijke heaanle (inla), ovelaen en plaatselijke epaaties De moelijkheden zijn hie iets epekte. E dient ekenin te woden ehouden met de aad en toestand van het daavlak en met de eschikae laadikte. 4.2 Keuze van het soot van ondehoud In deze paaaaf wodt een ondescheid emaakt tussen functioneel ondehoud, stuctueel ondehoud en aanpassinswekzaamheden. Een en ande is in ote mate afhankelijk van wat eood wodt: - functioneel ondehoud heeft tot doel de veiliheid en het comfot van de weeuike te waaoen; - stuctueel ondehoud heeft tot doel de levensduu van de we op een ationele manie te velenen; - aanpassinswekzaamheden heen tot doel de we op nieuwe noden af te stemmen. Afhankelijk van de eschikae fondsen, de toestand, de liin en het elan van de we en het tijdstip van uitvoein kan mee dan één soot van ondehoud teelijk woden uitevoed. Ondehoud kan aan van totale econstuctie tot de eenvoudiste inepen, zoals het vullen van aten Functioneel ondehoud Definitie Ondehoud dat nodi is om de we zijn functie te laten vevullen. Veiliheid en comfot spelen hie de hoofdol Vooeelden - Veetein van de stoefheid. - Uitvullen van ijspoen. - Uitvlakken van veschillen in niveau. - Aansluitinen op weoten, deksels, uvoeen, enz. - Reiniin van ZOA. 20

35 Commentaa Functioneel ondehoud is meestal eonden aan de liin en functie van de we. Een kleine ineep, zoals een plaatselijke epaatie, volstaat hie meestal Stuctueel ondehoud Definitie Veetein van een we met het oo op een lanee (of venieuwde) levensduu Commentaa De ondehoudstechnieken die hievoo woden toeepast, zijn totale heaanle, inla en ovelaen. De keuze van de ondehoudstechniek wodt eïnvloed doo: - de esultaten van het conditieondezoek; - aanliend toeehoen van de we; - de afwein van kosten en aten. Het is soms oedkope enkele ote zones te hestellen dan veel kleine; de kosten van de ouwplaatsaanduidin en het endement en zelfs de sooten van machines die woden inezet, spelen hie een ol; - de afakenin, ootte en liin van de zones Aanpassinswekzaamheden Definitie Wekzaamheden om de estaande toestand aan te passen aan nieuwe noden, zij het op een niet al te ote schaal Vooeelden - Aanpassin van een estaande we aan een nieuwe vekeessituatie: andee makeinen, van een vluchtstook een ijstook maken, enz. - Veedin van een we. - Aanle van een aanliend fietspad Commentaa De meeste ondehoudstechnieken kunnen hie woden toeepast. De keuze is afhankelijk van de estaande en de te ealiseen toestand. Hoofdstuk 4 Nieuwouw, ondehoudstechnieken en sooten van ondehoud 21

36

37 5 Hoofdstuk 5 Conditieondezoek Om voo de epaatie of ehailitatie van een we een veantwood ontwep te kunnen opmaken, is een juist eeld van de estaande constuctie veeist. Conditieondezoek van estaande ween (vehadinen) heeft tot doel inzicht te kijen in de toestand van de vehadin en de onmiddellijke omevin van de we. Dit ondezoek omvat zowel de estaande opouw als de huidie conditie. Hieuit kunnen de vemoedelijke oozaken van schadeontwikkelin woden afeleid en kan de estlevensduu van de we woden epaald. Een en ande eldt touwens ook voo eton- en andee vehadinen, omdat ook zij in aanmekin komen voo ovelain met een asfaltvehadin. 5.1 Divese aspecten van conditieondezoek Aan conditieondezoek zitten taditioneel veschillende aspecten vast Netwek- en pojectniveau Netwekniveau is voo een inteale edein van de kwaliteit en noden van een volledi net, zoals het autosnelweennet of het weennet van een emeente. Pojectniveau dient om de kwaliteit en noden van een wevak te eoodelen Manueel en automatisch conditieondezoek Manueel conditieondezoek is eschikt voo etekkelijk kleine netten of kote wevakken. Automatisch conditieondezoek is nodi om een eeld te kijen van de toestand van een elatief uiteeid net Visuele inspectie en metinen Visuele inspectie wodt meestal manueel uitevoed en kan ijevol aanleidin even tot een sujectieve eoodelin. De ecente ontwikkelinen op het eied van eeldvewekin even visuele inspectie mee het ojectieve kaakte van een metin. Metinen woden veicht met instumenten of van meetsstemen vooziene voetuien, die specifiek zijn eouwd om een of mee wekenmeken te epalen. 5.2 Schaden Reistatie van de veschillende sooten van schade aan vehadinen is van fundamenteel elan voo conditieondezoek, omdat deze schaden niet alleen de veiliheid en het comfot van de weeuike, maa ook de duuzaamheid van de weconstuctie eïnvloeden. De aanweziheid van schade vomt ovendien vaak het uitanspunt voo een eslissin tot ondehoud. Naast de eventuele omvan moet ook de soot van schade kunnen woden epaald. Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 23

38 De vooamste schadeoepen ij asfaltween zijn: - scheuvomin (lans-, dwas- en netscheuen); - uitukkin (afelin, afladdein, enz.); - vevomin (spoovomin, ielvomin, vezakkin, enz.); - andee eeken (aten, vette plekken, onvoldoende stoefheid, enz.). Fiuu 5.1 Reflectiescheuvomin Fiuu 5.2 Vemoeiinsscheuen Fiuu 5.3 Rafelin Fiuu 5.4 Spoovomin Betonween heen vooal te lijden van: - lansscheuen; - dwasscheuen (in etonplaatvehadinen); - vezakkin van platen of plaatedeelten; - punch-out (ij dooaand ewapend eton). Bij elementenvehadinen zijn de vooamste schaden: - vevomin en vezakkin (soms vealemeend tot spoovomin); - eoken of losliende elementen; - aten doo elementenvelies. De waaneme kan zich ij het eoodelen van de veschillende sooten van schade tuulijk het est doo zijn eien evain laten leiden. Dit neemt niet we, dat één van de vele estaande schadecataloi (ef. 11, 12, 25, 26, 27, 28, 29, 30 en 31) daaij een kostaa hulpmiddel kan vomen. Vooal de ef. 11 en 12 zijn in Belië ijzonde nutti. 24

39 5 In een aantal van die cataloi staat ook inteessante infomatie ove de oospon, mechanismen en ontwikkelin of uiteidin van de veschillende schaden. Dit kan ijzonde nutti zijn om ponoses te maken van de snelheid waamee schade zich zal ontwikkelen en ijevol een eeld te kijen van de estlevensduu van de vehadin een onmisaa eeven voo de plannin van ondehoudsmaateelen. 5.3 Technische eevens ove de estaande toestand van de we Welk conditieondezoek moet woden uitevoed (vezamelin of metin van eevens ove epaalde kenmeken van de estaande vehadin: zie 5.3.3), hant van divese factoen af. Uiteaad moeten de nodie medewekes en meetsstemen eschikaa zijn. Voots wodt steeds uiteaan van een (visueel) vooondezoek (zie 5.3.1). Op ond van dit ondezoek kunnen de uit te voeen taken exact woden epland. Daaast zullen eevens ove de opouw van de weconstuctie moeten woden vezameld ( 5.3.2) Vooondezoek Om een juiste dianose te kunnen stellen en een coecte ineep te kunnen plannen, is het ewenst ove de volende eevens te eschikken: - cateoie van de we; - vekee; - ijzondee omstandiheden: kuispunten, steile hellinen, smalle ochten, enz.; - soot van vehadin: asfalt, eton, elementen, enz.; - omevinsfactoen: stedelijk, landelijk, enz.; - sooten van schade of eeken: scheuen, spoovomin, onvoldoende stoefheid, aten, enz. (zie 5.2.); - omvan en enst van de schade: plaatselijk of alemeen, licht of ensti. Als deze eevens niet voohanden zijn, is het aanewezen een inspectie te veichten doo de etokken we af te wandelen of met een lae snelheid af te ijden en de evindinen uwkeui op daatoe ontwopen fomulieen te noteen. Het eheel kan eventueel woden aanevuld met eeldinfomatie Opouw De opouw van de estaande weconstuctie (aad en dikte van de veschillende laen) moet ekend zijn om de veschillende schaden coect te kunnen eoodelen ( 5.2 en 5.4). Ook voo een juiste epalin van de veschillende moelijke ondehoudsstateieën (zie hoofdstuk 4) en voo het ekenen van de dimensionein (zie hoofdstuk 6) is deze kennis veeist. Als de opouw niet uit estaande documenten ekend is of als de oosponkelijke eevens niet met die van tussentijdse wekzaamheden zijn aanevuld, is een ondezoek a de opouw noodzakelijk ( 5.5.2). Een eeld van de opouw van de weconstuctie is dan te vekijen: - met ehulp van een eoada; - doo middel van oinen Kenmeken van de estaande vehadin De toestand van de estaande vehadin wodt ekenmekt doo eevens ove de paametes die hie (in de tot ) woden escheven. Het is evident dat niet alle espoken paametes emeten moeten woden. Ook de manie waaop de eevens woden vezameld, veschilt van poject tot poject. De infomatie uit het vooondezoek ( 5.3.1) maakt het moelijk het ijkomende conditieondezoek uwkeui te plannen. Ook andee infomatie (onevallen, klachten ove vekeeslawaai of de toestand van de we, enz.) kan het poamma van de metinen eïnvloeden. Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 25

40 Opmekin: de meetappaatuu die in de tot vemeld wodt, staat escheven in ijlae Visuele toestand Een visuele inspectie maakt het moelijk de veschillende schaden ( 5.2) te identificeen (aad), te kwalificeen (enst) en eventueel te kwantificeen (omvan). Alle moelijke aspecten van de we en de weomevin komen daaij aan od. Het speekt vanzelf dat een en ande moet woden aanepast aan het te ondezoeken oject (voetpad, fietspad, vlieveld, enz.).voo een we wodt (wed) de visuele inspectie taditioneel uitevoed doo hem af te wandelen. Recentelijk wodt ook euikemaakt van videoeistatie en ijehoende (semi-)automatische vewekin. E moet woden opelet een duele eevens te euiken. Dit is elanijk als de visuele inspectie aanevuld wodt met metinen, om de esultaten vevolens in indexen om te zetten (zie 5.4.1). In dit eval is de visuele inspectie enkel kwalitatief en/of stuend voo de automatische metinen. Zo zal ij de visuele inspectie spoovomin wel woden eappoteed, maa slechts woden emeten als e een moelijkheid is om ze dehand (continu) te meten. De visuele inspectie kan wandelend met fomulieen woden uitevoed, of met ehulp van SAND, de Infomant of de ARAN. De esultaten kunnen in divese vomen afisch woden weeeeven Lansvlakheid De vlakheid van een we is van oot elan voo het ijcomfot van de weeuikes. Onvlakke ween even ook aanleidin tot een otee dmische elastin van de weconstuctie en kunnen in omstaande eouwen tillinen veoozaken. Het is vijwel onmoelijk het wekelijke (vevomde) lentepofiel van een estaande we op een manuele manie coect te epalen. Indien ewenst of nodi moeten sstematische metinen woden uitevoed, met daatoe eschikte sstemen. Fiuu 5.5 Rielvomin Het aat dan om metin van de lansvlakheid van een ijstook. E kan in één of twee spoen woden emeten. In Belië zijn hievoo de APL en de ARAN eschikaa. Voo plaatselijke toepassinen (kote wevakken) kan ook een ij van 3 m of een (tansveso)pofiloaaf woden euikt Spoovomin Spoovomin is een sstematische vevomin van de vehadin, die zich kenmekt doo de vomin van twee ijspoen. Zij ontstaat in het wedek doo vekeeselastin. Dit eek is eien aan asfaltvehadinen, maa komt ook ij elementenvehadinen voo. Het kan tot onveilie situaties leiden: 26

41 5 - ij een lijft wate in de ijspoen staan. De wijvin tussen and en wedek vemindet, zodat het voetui niet lane veili te estuen is (aquaplanin); - ij wisselen van ijstook woden de weliin en het comfot deli eïnvloed. Spoovomin kan sstematisch woden emeten met ehulp van de TUS, de Rutmete, de ARAN of de tansvesopofiloaaf. Ook een aanepaste ij kan voo deze metin woden euikt. De spoovomin wodt dan emeten als de vevomin onde een ij van voldoende lente minstens 1,20 m, maa een lente elijk aan de eedte van een halve ijstook is ete. Voo een zee uwkeui eeld van het dwaspofiel moet het toestel uiteust zijn met voldoende sensoen op kleine afstanden van elkaa. Fiuu 5.6 Spoovomin Discontinuïteiten in het lente- en dwaspofiel Discontinuïteiten in het lentepofiel Wannee twee opeenvolende etonplaten aan hun emeenschappelijke dwasvoe een aanzienlijk hooteveschil (van 5 mm of mee) vetonen, speekt men van tapjesvomin. In de ijichtin ezien lit de volende plaat meestal lae. Tapjesvomin komt meestal voo in oude etonplaatvehadinen zonde lastovedacht, maa kan ook ij enstie dwasscheuvomin opteden. Ook te plaatse van ote dwasscheuen in asfaltvehadinen, waa een lasten mee woden oveedaen, is het veschijnsel niet uitesloten. Tapjesvomin eeft aanleidin tot eluid en tillinen en veoozaakt dmische elastinen op de we. Fiuu 5.7 Tapjesvomin tussen etonplaten Tapjesvomin kan woden emeten met ehulp van een ij, een (in de lenteichtin opestelde) tansvesopofiloaaf, de ARAN of de APL. Bij de lansvlakheidsmetes (ARAN, APL, enz.) is echte speciale softwae veeist om de tapjesvomin uit het eeisteede lentepofiel af te leiden. Het eventuele opwippen van etonplaten te hoote van deze discontinuïteiten (onde vachtvekee) kan woden emeten met een Faultimete Discontinuïteiten in het dwaspofiel Ook wannee twee ast elkaa liende vehadinsdelen aan hun emeenschappelijke lansvoe of lansscheu een aanzienlijk hooteveschil (van 5 mm of mee) vetonen, speekt men van tapjesvomin. Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 27

42 Discontinuïteiten in het dwaspofiel kunnen woden emeten met ehulp van een ij, een (in de dwasichtin opestelde) tansvesopofiloaaf, of dwaspofielmetes (zoals de ARAN en de TUS) waamee ove de «voe» eeden wodt. In dit laatste eval is speciale softwae nodi Daavemoen Het daavemoen van een we is een elanijk eeven voo het ekenen van de estaande dimensionein (zie hoofdstuk 6) en voo de dikteepalin van de eventuele ovelain ij plaatselijke of sstematische vestekin van de we. Het wodt epaald doo een elastin op het wedek uit te oefenen en de vevomin van de vehadin onde die elastin te meten. Het daavemoen kan woden epaald met ehulp van de Benkelmalk, een deflectoaaf, de Cuviamete of een valewichtdeflectiemete Stoefheid Een stoef wedek is elanijk voo de vekeesveiliheid van de weeuikes. Het moet de voetuien voldoende stuu- en vetainsmoelijkheden ieden. Tijdens de visuele inspectie kan een stek vemoeden ontstaan dat de stoefheid onvoldoende is. In de etokken zones woden dan ij vookeu metinen veicht, om de exacte waade te epalen. De stoefheid van een wedek kan woden emeten met de odolioaaf, de SCRIM of de Gipteste. Plaatselijke stoefheidsepalin is moelijk met de SRT-sline Textuu De textuu van een wedek eïnvloedt de stoefheid en het eluidsniveau. Taditioneel ondescheidt men micotextuu (λ < 0,5 mm), macotextuu (0,5 mm < λ < 50 mm) en meatextuu (50 mm < λ < 500 mm): - micotextuu eekt de watefilm op een t wedek en is hiedoo epalend voo de stoefheid ij lae snelheid; - macotextuu zot voo afwatein. Zij is van elan voo de afme van de stoefheid ij toenemende snelheid; - meatextuu kan eluid en tillinen veoozaken. Textuu kan woden emeten met een lasepofielmete of de SCRIMTEX, of doo middel van de zandvlekpoef Geluid De wevehadin eïnvloedt (via de textuu) in ote mate het eluid dat het vekee op de we poduceet. Het eluid wodt openomen met micofoons. Naaelan van de opstellin wodt het eluid aan de on (de we) of op een otee afstand van de we (ijvooeeld ij omstaande woninen) emeten. De methoden om vekeeseluid te meten zijn: - SPB (Statistical Pass-B): aan de on; - CPX (Close Poximit): aan de on; - de methode volens ISO R 1996: op een afstand Wateafvoe Wate kan als de ootste vijand van de we woden eschouwd. Onvoldoende wateafvoe eïnvloedt niet alleen de veiliheid van de weeuike (aquaplanin, slipevaa, spatwate), maa ook het eda van de vehadin (stilstaand wate kan schade veoozaken of vesnellen). 28

43 5 De doelteffendheid van de wateafvoe wodt meestal eoodeeld doo middel van: - visuele waaneminen, met ijzondee aandacht voo de zijdelinse afwatein van ZOA en in de omevin van vekeesdempels, vekeesplateaus, enz.; - topoafische metinen (epalin van hellinen); - doolatendheidspoeven in situ (alleen ij ZOA). 5.4 Beoodelin van de kenmeken van de vehadin Deze paaaaf eeft aan hoe eevens uit metinen van kenmeken van een estaande vehadin ( 5.3.3) kunnen woden euikt. De vooestelde intepetatie maakt het moelijk, de vehadin via de eekenin van divese indexen te toetsen aan eldende eisen of aan kwaliteits- of inteventiedempels. De vehadin kan woden eoodeeld voo één, voo enkele of voo alle eschikae paametes uit Opmekin: de hievolende tekst epekt zich tot de methodiek van MET en INFRA voo de ween die zij in hun espectieve ehee heen en tot de methode van het OCW voo het ondehoudsehee van secundaie weennetten (ef. 32). Deze methodieken elden als vooeelden en kunnen ij andee toepassinen (edijfsween, vlievelden, enz.) als leidaad dienen Indexen en dempels De paametes van woden in veschillende eenheden uitedukt. Om emakkelijke te kunnen veelijken, kan elke paamete woden omezet in een index van 0 tot 100 (of 1), waaij 0 voo de slechtste toestand en 100 (of 1) voo de est moelijke toestand staat. Voots kan indexwaade 80 woden elijkesteld met de ij nieuwouw evaade toestand van vehadin voo de etokken paamete. Als een we voo een paamete met etekkin tot euik (veiliheid en comfot) of stuctuele toestand niet lane voldoet, kijt hij als eoodelin dooaans een indexwaade 40. Deze waade wodt in wat volt meestal «dempelwaade» enoemd. De ondestaande tael eeft een ovezicht van deze eoodelinswijze, die zowel ij INFRA als ij MET wodt evold. Index (%) 100 Beste toestand Beoodelin 80 Klasse A: zee oed 80 Voldoet aan de nieuwouweis 80 > index 60 Klasse B: oed 60 > index 40 Klasse C: voldoende > index 20 Klasse D: slecht 20 > index Klasse E: zee slecht 0 Slechtste toestand Dempelwaade, vaf welke een ineep nodi is (ook «inteventiedempel» enoemd) Tael 5.1 Indexen en dempels Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 29

44 Bij de eoodelin moet echte ook ekenin woden ehouden met het soot we. Zo zal de vlakheid ij een autosnelwe andes woden eoodeeld dan ij een secundaie we, een emeentewe of een landouwwe. In de ovenstaande tael en in wat volt is alleen spake van een inteventiedempel, die een ensti tekot aaneeft. In de paktijk zal deze dempel woden aanevuld met dempelwaaden voo ewoon of licht ondehoud. Ook kunnen waaschuwinsdempels woden inevoed. De omzettin in indexen en dempelwaade wodt voo elke paamete afzondelijk emaakt (zie 5.4.2), ehalve in de OCW-methode voo het ondehoudsehee van secundaie weennetten. Daa woden inteventiedempels voo een loale index epaald (zie 5.4.3) en wodt een en ande economisch eoptimaliseed doo de kosten van epaaties te veelijken met de espainen die zij opleveen. Voo mee details wodt vewezen a ef. 32. Indien voo de omzettin een fomule eschikaa is, wodt op de taelwaaden een lineaie intepolatie toeepast Beoodelin van afzondelijke paametes In wat volt, wodt ewekt met een vaklente van 100 m in de eschouwde ijstook Visuele inspectie Een visuele inspectie maakt het moelijk divese schaden kwalitatief (a enst) en kwantitatief (a omvan) te eoodelen Gewichtsfactoen De eoodelin steunt meestal op toekennin van veschillende ewichtsfactoen aan de schaden. Deze factoen kunnen veschillen volens de soot van vehadin. De ewichtsfactoen van de veschillende eeken woden vooaf epaald. Een alemene methode kan ein estaan, aan schade een ewicht toe te kennen dat evenedi is aan het «eschadide» deel van de vehadin of aan de kosten om de vehadin teu «nieuw» te maken. Hie volen enkele vooeelden: - een lansscheu kijt een ewichtsfacto van 0,1. Dit wil zeen dat een lansscheu van 100 m een waade van 10 % kijt: om ze te hestellen, moet onevee 10 % van de eedte van de ijstook woden ehandeld; - een dwasscheu kijt een waade van 1 %. Dit wil zeen dat een stook van 1 m moet woden ehandeld om een volledie dwasscheu te hestellen; - voo een escheud oppevlak neemt men de oppevlakte van het escheude edeelte, uitedukt in % van de totale oppevlakte (100 m x de eedte van de ijstook). Bovendien kan aan de enst van een eek een ijkomende ewichtsfacto van 1 (voo «ensti») tot ijvooeeld 0,5 (voo «licht») woden eeven. De uiteindelijke ewichtsfacto is dan het poduct van een enst- en een omvansfacto Afzondelijke eoodelin van schade Als de veschillende schaden apat woden eoodeeld, kijt elke paamete een afzondelijke eoodelin eventueel ecomineed tot een paamete voo de totale visuele inspectie. MET euikt deze methode voo de eoodelin van de schadeoepen vevomin («défomation»), uitukkin («aachement») en scheuvomin («fissuation»), zoals aaneeven in de hievolende tael. 30

45 5 Klasse (**) Genswaaden (*) voo vevomin Genswaaden (*) voo scheuvomin en uitukkin Klasse A < 5 % < 5 % Klasse B 5 waade < 10 % 5 waade < 15 % Klasse C 10 waade < 15 % 15 waade < 30 % Klasse D 15 waade < 20 % 30 waade < 50 % Klasse E 20 % 50 % (*) in % van de oppevlakte (**) zie tael 5.1 Tael 5.2 Genswaaden voo de eoodelin van schade Gloale eoodelin van de visuele toestand MET neemt als loale eoodelin («indicateu loal d état de suface») de emiddelde waade van de die afzondelijke paametes. INFRA en het OCW (ef. 32) sommeen alle eeken met hun ewichtsfactoen en eekenen zo een eschadiinsaad (Besch%), uitedukt in % Indexen Een eleante methode, die doo INFRA wodt euikt, is de eekenin van een index die de elatieve estlevensduu aaneeft: lo Besch (100 Besch) Index vis = 100 x 1 10 lo(k) Besch eschadiinsaad (%) K een van de constuctie afhankelijke constante (64 voo asfalt en 512 voo eton) De ondestaande tael eeft de eschadiinsaden die met enkele waaden van deze index oveeenstemmen. Index Besch asfaltvehadin (K = 64) Besch etonvehadin (K = 512) 80 5,2 % 1,3 % 60 16,0 % 7,7 % 40 28,4 % 20,0 % 20 41,8 % 35,3 % 0 50,0 % 50,0 % Tael 5.3 Oveeenstemmin index eschadiinsaden De dempelwaade is vasteled op index 50 voo auto(snel)ween (Besch = 22,2 %), index 40 voo ewone ween (Besch = 28,4 %) en index 30 voo secundaie ween (Besch = 34,4 %). Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 31

46 In de OCW-methode voo het ondehoudsehee van secundaie weennetten (ef. 32) eldt Index vis = 0,9 Besch %. E is een specifieke inteventiedempel voo deze paamete (zie 5.4.1). Bij MET zijn index en dempelwaaden no in ondezoek Vlakheid In Belië wed de vlakheid van wedekken taditioneel econtoleed met een ij van 3 m. Deze techniek wed in de jaen zesti aanevuld met een ssteem om onvlakheden met een olflente tot 10 m te meten. Deze olflente wed ehouden toen de APL in euik kwam; dit toestel meet onvlakheden met een olflente tot 50 m, ij een ijsnelheid van 72 km/h. De eoodelin met ehulp van de APL steunt op epalin van de vevominsoppevlakte voo die asisolflenten (2,5 m, 10 m en 40 m) Indexen INFRA en MET aseen hun eoodelin als volt op de vlakheidscoëfficiënten (VC: zie de definitie in ijlae 5 ij deze handleidin) die uit APL-metinen woden afeleid: Vlakheidscoëfficiënten (VC) Index Kote olf (2,5 m) Middenolf (10 m) Lane olf (40 m) INFRA MET INFRA MET INFRA MET Tael 5.4 Oveeenstemmin index vlakheidscoëfficiënten Om zich een eeld te vomen van hoe de indexwaaden ekozen weden, moet men weten dat: - VC = 1 oveeenstemt met mm 2 /hm; - een zuivee sinusolf met een amplitude van 1 mm een VC = 31,5 eeft. De index wodt eekend met de fomule: Index = 100 x 1 A x vlak, λ VC λ λ 10 λ : asisolflente; A heeft een waade van: 1/400 voo INFRA; 1/350 voo MET; 1/VC max in de OCW-methode voo het ondehoudsehee van secundaie weennetten (VC max is de hooste VC-waade in het eschouwde net). 32

47 5 Index vlak is elijk aan de kleinste van de indexen voo de die olflenten in de eschouwde meetspoen. Andee meettoestellen, zoals de ARAN, estijken vaak een ande olflenteeied. De omzettin van paamete- in indexwaaden moet dienoveeenkomsti woden aanepast Dempelwaaden De dempelwaade van MET lit op index 40 (VC 2,5 = 105). INFRA hanteet index 50 (VC 2,5 = 100) voo auto(snel)ween, index 40 (VC 2,5 = 120) voo ewone ween en index 30 (VC 2,5 = 140) voo secundaie ween. Voo de andee olflenten elden oveeenkomstie waaden (INFRA en MET). De OCW-methode voo het ondehoudsehee van secundaie weennetten veindt een specifieke inteventiedempel aan deze paamete (zie 5.4.1) Spoovomin Uit dwaspofielmetinen kunnen de volende eevens woden afeleid: - spoodiepte in elk ijspoo; - watediepte in elke ijspoo, als ook de dwashellin ekend is. Als enswaade voo spoovomin eldt de toestand waain zijdelinse afwatein van het nomale dwaspofiel niet lane moelijk is. Een euikelijke dwashellin van 2 % en een spoowijdte van 1,5 m even dus een enswaade van 15 mm. Een watelaaje van 1 mm is no aanvaadaa, zodat INFRA ekozen heeft voo een enswaade van 16 mm. Voo MET is de enswaade 12 mm. Spoodiepten woden als volt in indexen omezet: Spoodiepte (INFRA) Spoodiepte (MET) Index 0 mm 0 mm mm 4 mm mm 8 mm mm 12 mm mm 16 mm mm en mee 20 mm en mee 0 Tael 5.5 Oveeenstemmin index spoodiepte Tapjesvomin De hoote van de tapjes wodt in elk ijspoo emeten. De eoodelin (INFRA) is easeed op de volende eels: - de hinde neemt evenedi toe met het aantal tapjes van elijke hoote; - de hinde neemt mee dan evenedi toe met de hoote van de tapjes. Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 33

48 De loale hinde wodt eoodeeld doo middel van de fomule: Waade tap, hm = Aantal x Taphooteem + 10 x n25, x n 35 waain (pe hm): Aantal totaal aantal tapjes n 25,35 aantal tapjes met een hoote tussen 25 en 35 mm n 35 aantal tapjes met een hoote van mee dan 35 mm Voo de omzettin in indexwaaden wodt dan van het volende uiteaan: - omdat e slechts tapjes met een hoote van mee dan 5 mm woden emeten, kent men als hoost moelijke index een waade 80 toe als in de etokken hm een tapjes zijn aanetoffen; - als ovean tussen «voldoende» en «slecht» eldt de (fictieve) toestand waain elke plaat een tapjeswaade van 10 mm heeft. Dit eeft een Waade tap,hm van 200 (twee ijspoen met een tapje van 10 mm aan elke plaat van 10 m lente). De volende eoodelin wodt dan eeven: Waade tap, hm Index Tael 5.6 Oveeenstemmin index tapjes Deze tael kan woden uitedukt in de fomule: Index tap = 80 Waade tap, hm Daavemoen Uit emeten deflecties (valewichtdeflectiemete, Cuviamete, deflectoaaf, enz.) en de ekende opouw ( 5.3.2) kunnen de mechanische kenmeken van de veschillende laen in een weconstuctie woden afeleid (ef. 34). De oudedom en het vekee kunnen dan in ekenin woden eacht om de «estlevensduu» van de vehadin te epalen (ef. 35). Als deze estlevensduu nul of neatief is, moet de vehadin woden vevanen of zwaa woden vestekt. Is de estlevensduu etekkelijk kot (onevee vijf jaa), dan is deze ineep in de ije toekomst noodzakelijk. Vevolens kan een nieuwe levensduu woden vastesteld en kan de ovelaadikte woden epaald die daavoo nodi is (ef. 4). 34

49 Stoefheid De stoefheid wodt uitedukt in DWC-waaden (dwase wijvinscoëfficiënt). Jaenlane evain ij INFRA met sstematische stoefheidsmetinen met het SCRIM-appaaat heeft eleed dat e op het weennet een DWC-waaden < 0,10 vookomen. DWC-waaden > 0,85 zijn uitest zeldzaam (minde dan 0,1 %). DWC-waaden woden als volt in indexen omezet: DWC-waade (INFRA) DWC-waade (MET) Index > 0, ,70 0, ,55 0, ,40 0, ,25 0, ,10 0 Tael 5.7 Oveeenstemmin index stoefheid De dempelwaade lit zowel voo MET als voo INFRA op index Textuu De textuu van een vehadin wodt ekenmekt doo de MPD-waade («mean pofile depth», of emiddelde pofieldiepte zie B5.7). In Belië is no een methode uitewekt om de textuu van een wevehadin te eoodelen. Bij eeste edein kan woden esteld dat MPD > 1,20 mm als oed te eschouwen is en dat het wedek ij MPD < 0,5 mm onvoldoende stoef zal zijn Geluid In Belië is no een methode uitewekt om de eluidspoductie van een we te eoodelen. De waaden uit de CPX-methode en de SPB-methode dienen in iede eval samen te woden euikt. Bij eeste edein kan woden esteld dat vehadinen met een SPB < 71 db(a) als eluidam moen woden eschouwd, tewijl vehadinen met een SPB > 75 db(a) lawaaiei zijn. Beide SPB-waaden elden uitsluitend voo autovekee en zijn omeekend a een efeentiesnelheid van 80 km/h Wateafvoe Wateafvoe vindt ij vookeu zijdelins plaats. Bij een stuctuele ineep moet woden esteefd a een dwashellin van ten minste 2,0 en liefst zelfs van 2,5 %. MET en INFRA heen voo het wateafvoeend vemoen van ZOA een emiddelde doolatendheidsmeteuitstoomtijd van 40 s als dempelwaade esteld. Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 35

50 5.4.3 Alemene eoodelin Bij een alemene eoodelin van twee of mee paametes teelijk kan een «loale» index woden eekend. E zijn dan veschillende moelijkheden: - de loale index eeft de loale conditie van de vehadin wee; - de loale index eeft aan of een ineep noodzakelijk is. Het is zelfs moelijk mee dan één loale index te epalen als veschillende doelen teelijk woden esteefd. Zo kan ast een index voo de veiliheid en het comfot van de euikes een andee index woden eekend, die mee eicht is op de aafheid van de constuctie. Hoewel een loale index ook voo een aantal wevakken of zelfs voo een (deel van een) weennet kan woden eekend, is hie enkel spake van de loale index van één wevak. De loale index van een wevak wodt vekeen doo een «ewoen» emiddelde van de eschikae indexen te epalen. De ewichtsfactoen woden daaij zo ekozen, dat de som evan elijk is aan 1. Dit wil zeen dat de oosponkelijke schaal, van 0 tot 100, ehouden lijft. De ootte van de ewichtsfactoen is afhankelijk van het aantal paametes en het elan evan ten opzichte van elkaa. De OCW-methode voo het ondehoudsehee van secundaie weennetten aat op die manie te wek om de loale toestand (G) van een wevak te epalen uit de esultaten van een visuele inspectie (V) en van vlakheidsmetinen (U): G = 0,5 U + 0,5 V MET euikt deze methode om een «indicateu loal de sécuité» (G) te epalen: G = 0,40RUG + 0,30 ORN + 0,20 VIS + 0,10 VLAK RUG ORN VIS VLAK stoefheid, spoovomin, visuele schade, vlakheid. Ook INFRA euikt deze techniek om de loale toestand van een wevak en het veloop evan ove opeenvolende jaen te epalen. Een loale index is op zichzelf niet uikaa om uit te maken waa een ineep nodi is. Een slechte loale index wijst op een slechte alemene toestand, maa een ehoolijke index etekent niet noodzakelijkewijs dat de we zonde enstie eeken is en ijevol een ineep nodi heeft. Een oede paamete kan een andee, minde oede paamete vedoezelen. Om de loale index toch de weedeelten te doen aanwijzen waa ineepen moet woden, wodt hij elijkesteld met de kleinste van de afzondelijke indexen. INFRA volt deze wekwijze voo zijn alemene catoafische toepassin. Bij een alemene eoodelin dient echte ook ekenin te woden ehouden met moelijke wisselwekinen tussen paametes. De alemene eoodelin kan slechte zijn dan de afzondelijke paametes elk laten uitschijnen. Een tpisch vooeeld maakt dat duidelijk. Een stoefheid < 0,40 is slecht, evels een spoodiepte > 16 mm. Maa ook de comitie van een stoefheid van ijvooeeld 0,45 met een spoodiepte van ijvooeeld 15 mm moet als slecht woden eschouwd. 36

51 5 Om hiemee ekenin te houden, wodt de loale index elijkesteld met het minimum van de afzondelijke paametes, veminded met een waade die afhankelijk is van de andee paametes. 5.5 Monstenemin en ondezoek Als e onduidelijkheid heest ove de kenmeken en opouw van de estaande vehadin, moeten monstes woden enomen. Deze kunnen woden euikt om de opouw van de weconstuctie en/of de vehadin te epalen en om poeven uit te voeen. Dit eeft een inzicht in de samenstellin en epaalde kenmeken van de veschillende laen. Monstenemin is soms nodi om met voldoende zekeheid de oozaken en/of diepte van schaden te epalen. De esultaten kunnen epalend zijn voo de keuze van de epaatietechniek Opouw en toestand van vehadinen In wat volt, aat de aandacht voomelijk a asfaltvehadinen. Cementetonvehadinen en estatinen komen echte ook aan od, omdat zij vaak met asfalteton ovelaad woden Asfaltvehadinen Kenmonstes met een standaaddiamete (doosnede van 100 cm 2 ), waaij dwas doo de vehadin wodt eood, kunnen veel infomatie opleveen Bookenen uit oneschadide edeelten Deze monstes kunnen willekeui woden enomen in weedeelten die een schade vetonen, om de volende alemene infomatie te vezamelen: - dikte van de veschillende vehadinslaen. Dit is onde mee elanijk om ij een edeeltelijke vevanin van de vehadin te epalen hoe diep e efeesd moet woden; een laa die vevanen moet woden, kan vaak immes het est eheel woden vewijded. Bij de plaatskeuze voo de monsteneminen dient ekenin te woden ehouden met eventuele vekantinsoveanen in de we, waa laadikten kunnen vaiëen; - hechtin tussen de veschillende laen. Een niet-hechtende asfaltlaa kan de duuzaamheid van de vehadin in het edan enen. Bij de eplande epaatie moet dit eek aan hechtin eventueel woden veholpen; - homoeniteit en samenhan van de veschillende asfaltlaen. Zichtae eeken kunnen helpen een dianose te stellen en de vooenomen epaatiewijze eïnvloeden. Kenoinen in oneschadide edeelten van de vehadin leveen ook de nodie monstes op voo eventuele ijkomende ondezoeken (zie 5.5.3) Bookenen uit escheude edeelten Ook te plaatse van scheuen kunnen kenen uit de vehadin woden eood. Zij laten zien hoe diep de scheuen aan en of zij a de fundein zijn dooeslaen. Deze infomatie is van fundamenteel elan voo de dianose. Een ooken die midden op een scheutip is enomen, eeft dooaans een eeld van hoe de scheu doooeit. Als alle laen in de vehadin op elkaa hechten, zal ijvooeeld van een scheu die ove het hele ondevlak van een ooken loopt woden aanenomen dat zij onde in de vehadin is ontstaan; is de scheu echte aan de ondezijde van de ken niet zichtaa, dan wijst dat eop dat zij in de Fiuu 5.8 Booken te plaatse van een scheu Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 37

52 Geval 1 Geval 2 Boveanzicht van de vehadin Booken Booken Scheu Scheu toplaa is ontstaan. Deze waaneminen helpen de oospon van de schade te epalen en zijn dus nutti om een dianose te stellen. Aanzichten van de ooken Scheu Beinpunt van de scheu Scheu Geen scheu Bovenvlak Zijaanzicht Scheu Ondevlak Beinpunt van de scheu Scheu Scheu Bookenen uit ijspoen Bij spoovomin zijn kenoinen zee nutti om uit te maken welke laen vevomd zijn. Nadat het dwaspofiel in een aai op de ijstook met spoovomin is emeten, woden uit deze ijstook neen kenen eood (zie fiuu 5.10): één in het dal van elk ijspoo (kenen 3 en 7), één aan elke and van elk ijspoo (kenen 2, 4, 6 en 8) en, ij wijze van efeentie, één aan de uitenzijde van elk ijspoo en één tussen de twee ijspoen (kenen 1, 5 en 9). Aan elke ooken woden de dikten van de veschillende vehadinslaen emeten. Doo deze dikten te toetsen aan het emeten pofiel van het vehadinsoppevlak kunnen de vevominen van de veschillende vehadinslaen en van het ovenvlak van de fundein afisch woden epaald. Uitanspunt daaij is dat de oosponkelijke dikte van elke vehadinslaa onde de meetaai constant was. Hetzelfde esultaat kan woden vekeen doo lokken uit de vehadin te zaen. De scheu is oven in de vehadin ontstaan De scheu is onde in de vehadin ontstaan Fiuu 5.9 Wijze van doooeien van een scheu Fiuu 5.10 Plaatsen van kenoinen te epalin van het ijspoopofiel in elke vehadinslaa Betonvehadinen Naeaan moet woden in hoevee de etonvehadin voo ovelain eschikt is. Bij etonplaatvehadinen moet vooal a losliende platen woden ezocht (voo stuctueel ovelaen), ij dooaand ewapend eton a punch-outs (voo functioneel ovelaen). 38

53 Elementenvehadinen Meestal is heaanle of vevanin doo een nieuwe vehadin van een andee soot aanewezen. Alleen als de vehadin staiel en elatief vlak is, komt zij in aanmekin voo functioneel ovelaen Opouw van de est van de weconstuctie Soms moet ij het ondezoek diepe woden eaan dan de vehadin. De volende wekwijze kan dan woden aanevolen. Behalve ij een oneschadide fundein van schaal eton volstaan kenoinen niet om infomatie ove de ondeste laen van een weconstuctie te vezamelen. E woden dan inspectieaten (van ten minste 60 x 60 cm) in de vehadin emaakt. Wannee de fundein is looteled, kan eventueel het daavemoen evan woden emeten (ijvooeeld doo middel van een plaatelastinspoef ) en kunnen handmati monstes uit de oveie edeelten van de constuctie woden enomen om de dikte van en de mateialen in de laen van deze edeelten te epalen. Een visueel ondezoek van deze laen wijst vaak uit of zij eschikt zijn om in de nieuwe constuctie te woden openomen. Bij twijfel kunnen de kenmeken van de enomen monstes in het laoatoium woden epaald. Fiuu 5.11 Inspectieat in een weconstuctie Doo de mateialen tot op de ondeond uit het at te vewijdeen kan de we woden vijemaakt voo ondmechanische poeven, ijvooeeld lichte slasondeinen en/of oinen waaij ondmonstes kunnen woden enomen en het ondwatepeil kan woden epaald. Deze poeven leveen nuttie infomatie op om de dimensionein van de constuctie te ekenen Kenmeken van de vehadin Als edeelten van een estaande vehadin moeten woden opeoken of in een nieuwe vehadin woden openomen, of als de vehadin heeuikt moet woden, kan het nutti zijn een aantal kenmeken evan te epalen Ondezoek a de aanweziheid van tee Bij het opeken van Belische ween komt jaalijks heel wat teehoudend asfaltpuin vij. Deze toestand stelt veel weenouwedijven voo het ote poleem hoe zij veili en coect met dit puin moeten omaan: stoten, tijdelijk opslaan en/of ehandelen (heeuik in een eonden fundein, stailisatie)? Ondescheid tussen «koude» en «wame» afvalstoom is ij (teehoudend) asfaltpuinulaat (of (t)ap) een asolute noodzaak. Het zal duidelijk zijn dat teedetectie ij de divese stappen in dit poces een onmisaa hulpmiddel is. Bijlae 7 eeft aan welke epoevinsmethoden eschikt zijn om tee in asfaltpuin op te spoen Ondezoek a de evoeliheid voo spoovomin (vekeessimulato) Als ovewoen wodt de estaande vehadin eheel of edeeltelijk te ehouden, moet het zeke zijn dat zij niet evoeli is voo spoovomin. Voo de te ehouden laen kan in de vekeessimulato een wielspoopoef woden veicht op een eeks van die monstes van 400 cm 2 die uiten de ijspoen zijn enomen. Dit eeut ij vookeu voo elke laa afzondelijk, of eventueel voo vescheidene laen samen. Hoofdstuk 5 Conditieondezoek 39

54 Ondezoek a de kenmeken van de asfaltmensels Als ovewoen wodt het asfalt van epaalde laen te heeuiken doo het in wam eeid eeneatieasfalt te veweken, moet de samenstellin (koelvedelin en indmiddelehalte) van de asfaltmensels in deze laen woden ealseed en moeten de kenmeken (penetatie, in-en-koeltempeatuu of zelfs het infaoodspectum) van het indmiddel uit deze laen woden epaald. Deze infomatie is nodi voo het menselontwep van het eeneatieasfalt. Sommie van die eevens zijn ook nutti om een dianose van epaalde schade (ijvooeeld anomale veoudein van het indmiddel) te stellen of de estlevensduu van de te ehouden laen te epalen (ekenen van de dimensionein of voospellin van spoovominseda). Ook de aanweziheid van PMB is een elanijk eeven om een juist oodeel te kunnen vellen. 40

55 6 Hoofdstuk 6 Dimensionein Dimensionein is het epalen van de afmetinen die de ondedelen van een (we)constuctie moeten ezitten om een vastelede levensduu te eeiken. Daaij moet ekenin woden ehouden met: - de omevinsfactoen (kenmeken van de ondeond, klimaat, enz.); - de mateialen (asfalt, eton, steensla, enz.) en de kenmeken evan; - de optedende elastinen (aantal en ootte). Men ondescheidt hoizontale en veticale dimensionein. 6.1 Hoizontale dimensionein Hoizontale dimensionein heeft tot doel de eedte van de divese ondedelen van een (we)constuctie vast te leen. Bij een we zijn de maximumafmetinen van de tot het vekee toeelaten voetuien de maatevende paametes voo de eedte van de afzondelijke stoken. De euikelijke en maximale snelheden stuen de (ij)stookeedte ij. Uiteaad dient ook ekenin te woden ehouden met het aantal voetuien pe tijdseenheid, dat een epalende invloed heeft op het aantal identieke, ast elkaa liende stoken. Voo andee constucties zoals landouwween, fietspaden, voetpaden, enz. moeten de eevens woden aanepast. Ook moet hie ekenin woden ehouden met eeeld of spoadisch euik doo andee voetuien. 6.2 Veticale dimensionein Veticale dimensionein heeft tot doel de veticale afmetinen van de veschillende laen in een (we)constuctie vast te leen. Hie zijn de stuende paametes de kenmeken de ondeond, de klimatoloische omevinsfactoen en de aslasten (ootte en aantal). Mee details ove veticale dimensionein zijn te vinden in de ef. 4, 39, 43 en 44. Hoofdstuk 6 Dimensionein 41

56

57 7 Deel C Keuze van een asfaltvehadin Een van de sleutelelementen in elk ween- of daamee elijk te stellen poject is een oodeelkundie keuze van de asfaltmensels voo de vehadin. Deze keuze steunt in de eeste plaats op afstemmin van de pestaties van de vehadin op de eoode toepassin. De pestatiekenmeken van asfaltmensels zijn dus van fundamenteel elan voo de vehadinskeuze; hoofdstuk 7 is eheel hieaan ewijd. Bij de keuze van de soot van vehadin spelen ook no tal van andee factoen een ol. Zij houden veand met onde mee de eoode specifieke toepassin, de liin en de omevin, en de kosten. Deze aspecten komen aan od in hoofdstuk 8, dat tevens vewijst a een vooeeld van een multiciteia-alse (zie ijlae 8). Nadat het asfaltmensel is ekozen, moet soms no een keuze woden emaakt in veand met koelmaat en indmiddel. Hoofdstuk 9 eeft daavoo enkele ichtlijnen. Bij wijze van ovezicht evat hoofdstuk 10 een eeks taellen en poductladen, die de te maken keuzen veemakkelijken. Hoofdstuk 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels Een van de aandachtspunten ij het zoeken a de eschiktste asfaltmensels voo een eeven toepassin zijn de pestaties die in de eeven omstandiheden voo die toepassin elanijk zijn. In dit hoofdstuk wodt daaom uitvoei escheven welke pestatiekenmeken van asfaltmensels elanijk kunnen zijn en wodt aaneeven in welke extene omstandiheden (vekee, klimaat, soot van we, omevin, soot van laa, enz.) deze pestatiekenmeken elanijke woden. Voots steunt de keuze van een mensel op de wetenschap dat epaalde pestatiekenmeken aelan van de asfaltsamenstellin emakkelijke of moeilijke haalaa zijn. In dit hoofdstuk wodt epood pe pestatiekenmek de evoeliheid van de meest toeepaste asfaltsamenstellinen te veelijken. Hoofdstuk 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels 43

58 7.1 Ovezicht van de pestatiekenmeken Om voldoende levensduu en duuzaamheid te ieden en comfot en veiliheid voo de weeuike te waaoen, woden aan asfaltmensels divese pestatieveeisten esteld. Men noemt ze «functionele» eisen. De vooamste zijn: - stijfheid en daavemoen: - stijfheid is een kenmek dat veand houdt met de weestand teen vevomin en wodt weeeeven doo de stijfheidsmodulus. Deze modulus is de vehoudin tussen de kacht pe oppevlakte-eenheid (spannin) en de vevomin die doo deze kacht wodt veoozaakt. Bij elijke elastin eldt: hoe ote de stijfheidsmodulus, hoe kleine de vevomin; - daavemoen is de weestand die een weconstuctie iedt teen veticale vevomin. De stijfheid is ook epalend voo het daavemoen. Hoe ote de stijfheid van de laen, hoe ote het daavemoen van de weconstuctie. Schade doo ontoeeikend daavemoen uit zich in eeste instantie in vezakkinen, die ij asfalt zee snel in netscheuvomin en aten kunnen oveaan; - weestand teen (scheuvomin doo) vemoeiin: een maat voo het ezwijken van een asfaltlaa onde hehaaldelijk optedende elastinen, waaij scheuen ontstaan. In ondeedimensioneede weconstucties einnen deze scheuen tpisch aan de ondezijde van het asfaltpakket (uitek in de as van de last). Vemoeiinsscheuen kunnen ook aan de ovenzijde van het asfaltpakket ontstaan (doo schuifspanninen of uitek aan de and van de last); - weestand teen themische en laetempeatuuscheuvomin: de mate waain de vehadin scheut onde invloed van wisselende en/of exteem lae tempeatuen; - weestand teen spoovomin: een maat voo de estandheid van de vehadin teen lijvende vevomin onde hehaalde elastin; - weestand teen afelin: estandheid van een toplaa teen deeltjesvelies doo de inwekin van vekee, wate en vost. Rafelin wodt in de hand ewekt doo eek aan samenhan van het mensel of doo veoudein van het indmiddel; - samenhan (of cohesie). Dit is mee een loale eienschap van het mensel. Een poleem met de samenhan van het mensel kan zich uiten in allelei schadeeelden die ook opteden ij afelin, scheuvomin, enz. Geek aan samenhan wekt wate- en vostevoeliheid in de hand; - stoefheid (lijweestand): vemoen om weestand te ieden teen slippen onde hoizontale kachten. Hoe hoe de stoefheid, hoe ote deze weestand; - weestand teen vevomin doo schuifkachten: estandheid teen eschadiin doo hoizontale kachten die het vekee uitoefent ijvooeeld ij daaien, emmen en vesnellen, in ochten, aan vekeeslichten, op hellinen en in manoeuveezones. Hoewel eek aan deze weestand zich ook in afelin en (ij slecht klevende dunne laen) in scholvomin kan uiten, epeken wij onze definitie tot het vevominsaspect; - weestand teen puntelastin: weestand van de vehadin teen vevomin onde lasten die op kleine oppevlakten zijn econcenteed; - weestand teen eflectiescheuvomin. Deze eienschap stelt een weconstuctie in staat scheuen in de fundein en/of ondeliende laen niet a het weoppevlak te laten doooeien; - wateafvoeend vemoen: vemoen om snel wate af te voeen, ofwel via de macotextuu aan het weoppevlak («afwatein»), ofwel dwas doo de vehadin heen; - evoeliheid voo winteladheid: de mate waain, ij elijke wintese omstandiheden, ijzel op het wedek zal ontstaan; - weestand teen eschadiin doo chemische poducten. Lekkende andstof kan het indmiddel in een asfaltmensel oplossen en epaalde chemische poducten kunnen aeaten aantasten (ijvooeeld zuen op kalksteen of kalksteenhoudend mateiaal). Hoe emakkelijke de andstof in de vehadin kan dinen, hoe ote de aantastin zal zijn. Een en ande is afhankelijk van de uwheid, de holle uimte, de hellin, enz.; - eluidsasoptie en -eductie: de eienschap van een mensel om het niveau van het eluid dat ij contact tussen and en wedek epoduceed wodt, te velaen; - ondoolatendheid: vemoen om een wate a ondeliende laen doo te laten; - vewekaaheid: eschiktheid om vevoed en aaneacht te woden. Een asfaltmensel moet op een nomaal tijdstip de poductie en in nomale weesomstandiheden met een asfaltspeidmachine kunnen woden vewekt; - vedichtaaheid: eschiktheid van een espeide asfaltlaa om (op een nomaal tijdstip, in nomale weesomstandiheden en met nomaal mateieel) vedicht te woden, zodat zij de ewenste kenmeken (ijvooeeld holle uimte) eeikt. 44

59 7 Tael 7.1 eeft een ovezicht van deze functionele eisen. Pestatiekenmeken van mensel of laa Alemene functionele eisen Stijfheid Weestand teen vemoeiin Weestand teen themische en laetempeatuuscheuvomin Weestand teen spoovomin Weestand teen afelin Stoefheid Ondoolatendheid Samenhan* Mee ijzondee functionele eisen Weestand teen puntelastin Weestand teen eflectiescheuvomin Weestand teen vevomin doo schuifkachten Wateafvoeend vemoen Gevoeliheid voo winteladheid Weestand teen aantastin doo chemische poducten Geluidsasoptie en -eductie Eisen ij poductie en aanenin Vewekaaheid* Vedichtaaheid* * Samenhan, vewekaaheid en vedichtaaheid woden eschouwd als «pimaie» mateiaaleienschappen, die moeten woden ekeken alvoens andee factoen te ondezoeken. Vewekaaheid en vedichtaaheid woden vede in deze handleidin niet mee espoken, omdat dit een pestaties van eplaatste laen zijn. Tael 7.1 Ovezicht van de veschillende pestatieveeisten In veand met de pestatiekenmeken in tael 7.1 zij no opemekt dat: - alle functionele eienschappen in pincipe doo lanetemijnveoudein (tijd, tempeatuu, wate, UV-stalin, zuustof ) woden eïnvloed; - ij de functionele eisen een ondescheid wodt emaakt tussen alemene en mee ijzondee eisen. Met de alemene eisen moet steeds ekenin woden ehouden, zij het in wisselende mate. De mee ijzondee eisen zijn enkel in specifieke omstandiheden elanijk; - tekotkominen in deze functionele pestatiekenmeken tot tpische schaden kunnen leiden. Een uiteeid ovezicht van de schaden is eeven in 5.2; - voo elk van deze kenmeken epoevinsmethoden estaan om de pestatie van een asfaltmensel te eoodelen. Deze methoden woden escheven in ijlae Invloed van de pestatiekenmeken op comfot, veiliheid, duuzaamheid en milieu Sommie pestatiekenmeken zijn van elan voo het comfot en de veiliheid van de weeuike; denk aan weestand teen spoovomin, stoefheid, wateafvoeend vemoen, evoeliheid voo winteladheid, eluidsaoptie en -eductie. Andee veeisten aandeen de duuzaamheid van de we, zoals stijfheid, weestand teen vemoeiin, weestand teen spoovomin en afelin, weestand teen eschadiin doo chemische poducten. Bepaalde kenmeken zoals evoeliheid voo winteladheid via het dooizoutveuik en eluidsasoptie en -eductie heen ook een effect op het milieu. Tael 7.2 eeft een ovezicht van de veschillende diecte invloeden van pestatiekenmeken op het comfot, de veiliheid, de duuzaamheid en het milieu. Het aat daaij om diecte invloeden en dus niet om invloeden op lane temijn. Eeste schade (ijvooeeld kleine vezakkinen doo ontoeeikend daavemoen) kan aandewe enstie vomen aannemen (ijvooeeld netscheuen en aten), met dito evolen voo het comfot, de veiliheid en/of de duuzaamheid. Comfot en veiliheid zijn niet exact te meten en in hoe mate sujectief. Het oodeel van de weeuike kan vaiëen met zijn ezondheidstoestand, evain, leeftijd, enz. Hoofdstuk 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels 45

60 (DEZE TABEL MAG ENKEL HORIZONTAAL WORDEN GELEZEN) Pestatiekenmeken van mensel of laa Comfot Veiliheid Duuzaamheid Milieu Alemene functionele eisen Stijfheid Weestand teen vemoeiin Weestand teen themische en laetempeatuuscheuvomin Weestand teen spoovomin Weestand teen afelin Ondoolatendheid Samenhan Mee ijzondee functionele eisen Weestand teen puntelastin Weestand teen eflectiescheuvomin Weestand teen vevomin doo schuifkachten Wateafvoeend vemoen Gevoeliheid voo winteladheid Weestand teen aantastin doo chemische poducten Geluidsasoptie en -eductie een invloed, + eine invloed, ++ matie invloed, +++ matie tot ote invloed, ++++ ote invloed. Tael 7.2 Diecte invloeden van pestatiekenmeken op comfot, veiliheid, duuzaamheid en milieu 7.3 Belan van de pestatieveeisten aelan van de extene omstandiheden en de asfaltsamenstellin De veschillende pestatieveeisten a elan anschikken is enoe onmoelijk, omdat zij van vescheidene factoen afhanen: - klimatoloische omstandiheden; - vekee: intensiteit en soot; - positie in de weconstuctie: toplaa, ondelaa, enz.; - soot van asfaltmensel; - eoode toepassin; - omstandiheden die veand houden met de toestand en de omevin van de we; - economische oveweinen; - milieuoveweinen zoals heuikaaheid en ondehoud; - eleidseslissinen. De meeste van deze factoen komen uitvoei aan od in hoofdstuk 8. Hie volen enkele vooeelden Klimatoloische omstandiheden De klimatoloische omstandiheden heen een ote invloed op het elan van epaalde pestatieveeisten. Zo zal in een steek met oveweend lae tempeatuen de weestand teen themische scheuvomin elanijk zijn, tewijl ij oveweend hoe luchttempeatuen de weestand teen spoovomin elanijk wodt. In steken waa het altijd wam is, speelt de evoeliheid voo winteladheid een ol; ij oveweend lae luchttempeatuen juist wel. Mee details hieove in

61 Vekee: intensiteit en soot Zowel de intensiteit als de soot van vekee eïnvloeden stek het elan van een aantal pestatieveeisten. Bij vachtvekee eldt dat ijvooeeld voo de weestand teen vemoeiin, spoovomin en de effecten van hoizontale kachten. De soot en intensiteit van het vekee zijn op hun eut afhankelijk van andee extene factoen zoals het euik van een we als tijdelijke omleidinswe, de invoein van een ewichts- of snelheidsepekin, enz. Mee hieove in Positie in de weconstuctie Bij een ondelaa zijn pestatieveeisten zoals weestand teen schuifkachten, evoeliheid voo winteladheid, weestand teen afelin en eluidsasoptie van een elan, maa ij een toplaa zijn ze dat wel. Tijdens de aanle van een vehadin kan het echte eeuen dat het vekee een hele tijd ove de ondelaa moet ijden. In die peiode woden de enoemde pestatieveeisten dan wel elanijk. Voo mee ijzondeheden kan woden vewezen a de en Soot van asfaltmensel Pestatieveeisten kunnen elanijke of minde elanijk woden aelan van het soot van asfaltmensel. Zo is weestand teen spoovomin ij ZOA een poleem, tewijl zij voo andee asfaltmensels no steeds tot de elanijkste pestatieveeisten ehoot op zwaa elaste ween. Ook in oed samenesteld en vewekt SMA en RMD ma woden vewacht dat e weini of een spoovomin zal opteden. Bij vost aan de ond wodt ZOA snelle lad, waadoo de veiliheid afneemt zeke wannee de ladheid plaatselijk en oanekondid is. ZOA is ook evoelie voo afelin. Wij komen hieop uitvoei teu in Toepassinseied Zichtaaheid ij vochti of t wedek en wateafvoeend vemoen zijn e elanijk voo de veiliheid op autosnelween: wate spat en stuift op ij hoe snelheden en is juist ij deze snelheden hindelijk. Bij de snelheden waamee in een vekavelin wodt eeden, is deze pestatieveeiste uwelijks aan de ode. De andee factoen die hievoo zijn vemeld (ijvooeeld klimaat, vekee, positie, soot asfaltmensel), kunnen het elan van deze pestatiekenmeken licht nuanceen. Ook stoefheid en weestand teen spoovomin, die op autosnelween van oot elan zijn, zijn op vekavelinsween uwelijks elanijk. Bijkomende details hieove in 8.6. Tael 7.3 eeft het elan van een eeven pestatiekenmek voo een aantal toepassinen. Hoofdstuk 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels 47

62 (DEZE TABEL MAG ENKEL HORIZONTAAL WORDEN GELEZEN) Alemene functionele eisen Stijfheid ++++ Weestand teen vemoeiin (2) ++++ Weestand teen themische en laetempeatuuscheuvomin ++++ Weestand teen spoovomin ++++ Weestand teen afelin +++ Stoefheid ++++ Ondoolatendheid ++ Samenhan (1) (1) (1) (1) (1) (1) (1) (1) (1) (1) ++++ (1) (1) (1) (1) (1) (1) (1) ++++ (1) (1) (1) Mee ijzondee functionele eisen Weestand teen puntelastin - Weestand teen ++++ eflectiescheuvomin Weestand teen vevomin doo schuifkachten Wateafvoeend vemoen ++++ Gevoeliheid voo winteladheid ++++ Weestand teen aantastin doo chemische poducten - Geluidsasoptie en -eductie (1) zie ijhoende soot van we. (2) enkel scheuvomin aan de ondezijde van de asfaltlaa wodt hie ehandeld (1) (1) (1) (1) (1) (1) (1) (1) ++++ (1) ++++ (1) (1) (1) (1) (1) (1) ++++ (1) (1) ++++ (1) (1) Pestatiekenmek Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee mati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan Stedelijke we Landelijke we opstelplatfom voo vlietuien Spotteein Bu Pakeeteein Vlieveld - van een elan, + van ein elan, ++ van mati elan, +++ van oot elan, ++++ van zee oot elan. Tael 7.3 Enkele vooeelden van het elan (voo het comfot, de veiliheid, de duuzaamheid en het milieu) van de pestatiekenmeken aelan van de toepassin 48

63 Omstandiheden die veand houden met de toestand en de omevin van de we Bij de vevanin van een toplaa zal weestand teen eflectiescheuvomin weini aandacht kijen als de ondeond no daakachti is en de ondelaa no in een deelijke conditie vekeet. Een eschadide ondelaa maakt deze pestatieveeiste echte wél elanijk. Bij ovelain van etonplaten speelt weestand teen eflectiescheuvomin zelfs een ote ol; ij ovelain van een efeesde, onescheude ondelaa dan wee niet. Weestand teen hoizontale kachten is van minde elan in tacés waa oveweend met een constante snelheid wodt eeden. De aanle van een vekeesplateau of de afschaffin van een vooan op een kuispunt veoot dan wee het elan van deze pestatieveeiste. Mee hieove volt in de en Economische oveweinen Als epekte finciële middelen etoe leiden dat het elan van epaalde pestatieveeisten minde hoo woden ineschat dan nodi, kunnen achteaf polemen ontstaan. Zo zal ijvooeeld het daavemoen in het edan komen als op de dikte van een ovelaa eknield wodt. E kunnen dan vemoeiinsscheuen ontstaan, of e kan emakkelijke eflectiescheuvomin of stuctuele spoovomin opteden. Ook de evolutie van het vekee wodt doo economische factoen epaald. Dit eldt onde mee voo de toeme van het vachtvekee of voo veschuivinen in de vedelin van het vachtvevoe ove de we, het spoo en het wate. De weestand teen spoovomin en andee functionele veeisten hanen van deze ontwikkelinen af. Vedee oveweinen in veand met kosten volen in Milieuoveweinen In een klimaat waa het aan het weoppevlak minde vaak viest, is evoeliheid voo winteladheid minde elanijk. Bij een otee evoeliheid voo winteladheid zal echte mee dooizout woden estooid, wat een schadelijk effect zal heen op de watelopen en de fau en floa in de omevin van de we. Het elan dat in de toekomst aan de ecoloische waade van die omevin zal woden ehecht, epaalt dus mee het elan van deze pestatieveeiste. Voo mee oveweinen in veand met het milieu wodt vewezen a Beleidseslissinen Beleidseslissinen kunnen het elan van epaalde pestatiekenmeken eïnvloeden of evoo zoen dat aan een epaald pestatiekenmek mee aandacht wodt eeven. Zo kan de oveheid mee duk leen op winteladheid, waadoo epaalde asfalttpes niet mee woden toeepast. Het eleid kan eslissen duk en deels zwaa vekee uit een dopskom te ween en het ove een andwe om te leiden. Het elan van pestatieveeisten die met de aanvankelijke vekeessituatie te maken hadden, zal hiedoo aanzienlijk vemindeen. Een eslissin om de maximaal toeestane snelheid op een zwaa elaste we te velaen, zal daaenteen het elan van weestand teen spoovomin doen toenemen. Hoofdstuk 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels 49

64 Samenvattin van omstandiheden die pestatiekenmeken meestal elanijke maken Hoewel een anschikkin a elan onmoelijk is, kan toch woden aaneeven welke omstandiheden een eeven functionele veeiste elanijke en/of welke omstandiheden een functionele veeiste noodzakelijk maken. Mee epaald is een inventais opemaakt van de omstandiheden die leiden tot: - een ote elan van een alemene functionele veeiste (tael 7.4); - de noodzaak van epaalde ijzondee veeisten (tael 7.5). Daaij dient wel voo oen te woden ehouden dat, wat tael 7.5 eteft, een comitie van omstandiheden nodi is om een specifieke veeiste elevant te maken. Om ijvooeeld weestand teen schuifspanninen te eisen, moet het aan om een toplaa die ote hoizontale kachten ondeaat. Alemene functionele pestatiekenmeken van het asfaltmensel Omstandiheden die het kenmek elanijke maken Positie en soot van asfaltlaa Andee Stijfheid Alle laen (vooal ondelaen) Lanzaam en zwaa vekee Weestand teen vemoeiin Alle laen Zwaa elaste ween Weestand teen themische en laetempeatuuscheuvomin Weestand teen spoovomin Toplaa en ovenste ondelaa (ij dunne toplaa) Alle (vooal de toplaa en ovenste ondelaa*, ehalve ij ZOA en SME) Gote tempeatuuschommelinen / lae tempeatuu Zwaa elaste ween, hoe tempeatuen, lanzaam vekee Weestand teen afelin Toplaa Zwaa elaste ween, winend vekee, schuifkachten Stoefheid Toplaa Plaatsen waa (moelijk) ote tanentiële kachten opteden, vlieveldanen, acecicuits Ondoolatendheid Alle laen ehalve ZOA Reen Samenhan (loaal kenmek) * of een ondelaa die lane tijd als toplaa dient Zwaa elaste ween Tael 7.4 Omstandiheden die een functioneel kenmek elanijke maken Mee ijzondee functionele pestatiekenmeken van het asfaltmensel Omstandiheden die tot specifieke veeisten leiden Positie en soot van asfaltlaa Gecomineed met Weestand teen puntelastin Toplaa en ovenste ondelaa Zwae lasten Weestand teen eflectiescheuvomin Weestand teen vevomin doo schuifkachten Alle laen oven voeen of escheude laen Toplaa Gescheude ondelaen of ondelaen met voeen Schuifspanninen Wateafvoeend vemoen Toplaa Veel een Gevoeliheid voo winteladheid Toplaa Vost en neesla Weestand teen aantastin doo chemische poducten Toplaa Plaatsen met stilstaand vekee Geluidsasoptie en -eductie Toplaa Duk en snel vekee, woonwijken Tael 7.5 Omstandiheden die aanleidin even tot specifieke pestatieveeisten 50

65 7 7.4 Belan of evoeliheid van elk pestatiekenmek aelan van de menselsoot Het elan van een epaalde pestatieveeiste is afhankelijk van de asfaltsamenstellin en de positie van de laa in de weconstuctie. Dit wodt hie voo de vooamste asfaltlaen veduidelijkt en in taelvom samenevat. Vaak wodt daaij aaneeven: - onde «evoeliheid»: de mate waain een eeven asfaltsoot doo haa samenstellin of euikelijke laadikte evoeli (ondehevi, vataa) is voo een epaalde vom van schade; - onde «elan»: de mate waain een epaald kenmek ij een eeven menselsoot elanijk is (en dus de nodie aandacht vedient) voo het welslaen van de toepassin. Deze eippen moen enkel veelijkend (tussen veschillende asfaltsamenstellinen) woden ekeken. Als een eeven kenmek ij een epaalde menselsoot «niet evoeli» is, etekent dit dat het mensel eschikte zal zijn (dan een «evoeli» mensel) voo toepassinen waaij aan dit kenmek veel waade moet woden ehecht. Zo is ijvooeeld een mensel dat weini evoeli is voo vevomin doo winend vekee eschikte voo toepassin in ochten met winend vekee dan een mensel dat hievoo zee evoeli is. In een aantal taellen komt ook de vemeldin (niet van toepassin) voo. Dit wijst eop dat het kenmek dooaans niet elevant is (en e dus een veeiste moet woden esteld) voo de toepassin waain het asfaltmensel dooaans wodt euikt ijvooeeld ezien de positie van de laa waain het meestal wodt toeepast. In de taellen 7.6 tot 7.16 woden de volende eippen euikt: - AB Top = asfalteton voo toplaen; - AB Binde = asfalteton voo ovenste ondelaen; - AB Onde = asfalteton voo andee ondelaen. Voots wodt vewezen a tael 10.1, die een ovezicht met andee nuances eeft van het elan van elk functioneel kenmek ij de veschillende sooten van asfaltmensels Alemene functionele veeisten Stijfheid Stijfheid is van elan voo het stuctueel ontwep; het effect van stijfheid wodt dus ote met de dikte van laa. Stijfheid is elanijke ij ondelaen, die doo hun dikte het alemene daavemoen van de weconstuctie moeten waaoen. SME, estijkinen en slems zijn ultadunne laen (5 tot 15 mm), die een ijdae leveen aan het daavemoen van de weconstuctie. Stijfheid is voo deze poducten een elevante veeiste Weestand teen (scheuvomin doo) vemoeiin Vemoeiinsscheuen die doo hehaalde uitek aan de ondezijde van het asfaltpakket ontstaan, komen uiteaad hoofdzakelijk in itumineuze ondelaen voo. Ook in toplaen kunnen echte vemoeiinsscheuen opteden, als evol van schuifspanninen of uitek aan de and van de wiellasten. Mensels met een laa indmiddelehalte en een hoe holle uimte, zoals ZOA, zijn evoelie voo deelijke scheuvomin Weestand teen themische en laetempeatuuscheuvomin Tael 7.6 eeft de evoeliheid voo themische en laetempeatuuscheuvomin wee. Scheuen laten wate doo, dat de vehadin veschillende vomen van schade kan toeenen. Hoofdstuk 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels 51

66 Hoewel weestand teen themische scheuvomin ij toplaen elanijke is dan ij ondelaen, ma niet woden vezuimd dit kenmek te contoleen ij laen die zich onmiddellijk onde de toplaa evinden, vooal als deze toplaa dun is Weestand teen spoovomin AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem (1) Y B B Y O R Y G (1) B G : niet evoeli, B : weini evoeli, Y : evoeli, O : evoelie, R : zee evoeli. (1) ehalve een hoowaadie estijkin, die zee evoeli is. Tael 7.6 Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo themische en laetempeatuuscheuvomin Tael 7.7 eeft de evoeliheid van veschillende asfaltmensels voo spoovomin wee. Weestand teen spoovomin is ij toplaen en ovenste ondelaen elanijke dan ij ondeste ondelaen, omdat de duk die de anden van voetuien uitoefenen afneemt met de diepte in de weconstuctie. Sommie ultadunne toplaen (estijkinen en SME) zijn niet dikke dan één koel en ijevol niet evoeli voo spoovomin. Dit eldt ook voo ZOA-laen, die vanzelf staiel zijn doo het echtsteekse contact tussen de aeaten. Hoewel ook SMA een steenskelet heeft, is e ij dit mensel evaa voo vedichtin. AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem O R Y B B G G (1) G : niet evoeli, B : weini evoeli, Y : evoeli, O : evoelie, R : zee evoeli, : niet van toepassin. (1) zee evoeli ij dikkee laen, waamee ijvooeeld ijspoen woden uitevuld. Tael 7.7 Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo spoovomin Weestand teen afelin Tael 7.8 eeft de evoeliheid voo afelin wee, aelan van de menselsoot. Weestand teen afelin speelt ij ondelaen een ol. Rafelin komt hoofdzakelijk voo ij estijkinen, ZOA en in mindee mate ook ij RMD, en kan tot eleidelijke telooan van deze toplaen leiden. Doo de mateialen vooal het indmiddel oed te kiezen en het mensel zovuldi te veweken, kan dit veschijnsel woden teuedonen. 52

67 7 Ook SME en SMA kunnen ondanks hun hoe indmiddelehalte afelin vetonen, doo hun open oppevlaktextuu. Asfaltetonmensels (AB-1, AB-4) zijn weini evoeli voo afelin. AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem B Y O R Y R Y G : niet evoeli, B : weini evoeli, Y : evoeli, O : evoelie, R : zee evoeli, : niet van toepassin. Tael 7.8 Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo afelin Stoefheid Tael 7.9 eeft de stoefheid van veschillende sooten van asfaltlaen wee. Dit kenmek speelt ij ondelaen een ol. Andes dan ij asfaltmensels met een steenskelet en ij estijkinen, die doo hun ove macotextuu een hoe stoefheid ezitten (mits het steensla voldoende micotextuu vetoont), is de stoefheid ij mensels met een zandskelet ein. Zij kan woden veeted doo de laa een oppevlakehandelin te even. AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem O B (1) B B B B B O B (2) O : ein, B :hoo : niet van toepassin. (1) aelan het oppevlak al of niet ehandeld is, (2) afhankelijk van de koelmaat van het steensla. Tael 7.9 Stoefheid van veschillende sooten van asfaltlaen Ondoolatendheid Dit kenmek is steeds van elan, ook voo de duuzaamheid van de vehadin. Op uen, ij pakeedaken, ij weoten en in wateekkens is het zelfs van hoofdelan Samenhan Tael 7.10 eeft aan hoe elanijk samenhan ij de veschillende sooten van asfaltmensels is. Samenhan is voo alle asfaltlaen en ij alle asfaltmensels elanijk, maa is het no mee ij ZOA, dat doo zijn open stuctuu evoelie is voo tanentiële elastinen en voo afelin. Dit eldt echte niet voo estijkinen, waa vooal de cohesie van het indmiddel en de hechtin tussen indmiddel en aeaat pimeen. Hoofdstuk 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels 53

68 AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem : van elan, ++ : van zee oot elan, : niet van toepassin. Tael 7.10 Belan van samenhan van het mensel aelan van de asfaltsoot Bijzondee functionele veeisten Weestand teen puntelastin Vooal toplaen moeten teen puntelastin estand zijn. Op te meken valt dat puntlasten ultadunne toplaen soms kunnen eschadien, vooal als de ondeliende laen onvoldoende weestand ieden Weestand teen eflectiescheuvomin Tael 7.11 eeft de evoeliheid voo eflectiescheuvomin wee, aelan van de soot van asfaltlaa. Ultadunne toplaen en ZOA en RMD zijn, espectievelijk doo hun eine dikte en hun discontinue stuctuu, minde oed teen eflectiescheuvomin estand dan asfaltmensels met een zandskelet of SMA. Toepassin van elastomeeitumen en/of een scheuemmende laa levet hie uiteaad een voodeel op. AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem Y Y Y Y O R R R R Y O R : evoeli, : evoelie, : zee evoeli. Tael 7.11 Gevoeliheid van veschillende asfaltlaen voo eflectiescheuvomin Weestand teen vevomin doo schuifkachten Tael 7.12 eeft de evoeliheid voo vevomin doo schuifkachten wee. Dit kenmek is vooal voo toplaen elevant, en eventueel voo de eeste ondelaa onde de toplaa. Ultadunne toplaen en ZOA zijn, espectievelijk doo hun eine dikte en hun discontinue en open stuctuu, in het alemeen oed estand teen vevomin doo schuifkachten. Asfaltmensels met een zandskelet en in mindee mate ook RMD en SMA evels estijkinen en slems zijn e evoeli voo. In dunne toplaen die aan schuifkachten woden lootesteld, teedt emakkelijk scholvomin op als zij niet (mee) op de ondeliende laa hechten. 54

69 7 AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem O Y Y Y B B Y Y B : weini evoeli, Y : evoeli, O : evoelie, : niet van toepassin. Tael 7.12 Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo vevomin doo schuifkachten Wateafvoeend vemoen Tael 7.13 eeft het wateafvoeend vemoen van veschillende asfaltsooten wee. Wateafvoeend vemoen in de laa zelf is alleen voo ZOA-B en in mindee mate ook voo ZOA-C elevant en zelfs een wezenlijk kenmek. Afwateend vemoen aan het oppevlak eldt voo SMA, SME, RMD en estijkinen. AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem R Y B G B B B R (1) G : zee wateafvoeend, ook «in de massa», B : afwateend aan het oppevlak, Y : weini afwateend aan het oppevlak, R : weini of niet wateafvoeend, : niet van toepassin. (1) afhankelijk van de koelmaat van het steensla. Tael 7.13 Wateafvoeend vemoen van veschillende asfaltmensels Gevoeliheid voo winteladheid Tael 7.14 eeft de evoeliheid van veschillende asfaltlaen voo winteladheid wee. Dit kenmek speelt ij ondelaen een ol. ZOA-B en in mindee mate ook ZOA-C zijn doo hun open stuctuu evoelie voo ijmvomin dan andee wedekken. AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem Y Y Y R Y Y Y Y : evoeli, R : zee evoeli, : niet van toepassin. Tael 7.14 Gevoeliheid van veschillende asfaltlaen voo winteladheid Hoofdstuk 7 Pestatiekenmeken van asfaltmensels 55

70 Bestandheid teen chemische poducten Tael 7.15 eeft de evoeliheid voo chemische poducten wee. Doo hun ove macotextuu zijn SMA, SME en estijkinen vij evoeli voo diep indinen van chemische poducten. ZOA (ED en RMTO) en in iets mindee mate RMD zijn wat dat eteft zelfs zee evoeli, vanwee hun open stuctuu. Bij ondelaen speelt dit kenmek dooaans een ol. AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem Y O R R O O Y Y : evoeli, O : evoelie, R : zee evoeli, : niet van toepassin. Tael 7.15 Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo aantastin doo chemische poducten Geluidsasoptie en -eductie Tael 7.16 eeft de eluidsasoptie en -eductie doo veschillende asfaltlaen wee. Voo een ete eip van de hie emaakte eschouwinen wodt vewezen a en Bij AB, dat weini macotextuu heeft, is pompen van lucht («ai pumpin») dooaans de dominte eluidson. Het hooneffect speelt eveneens, doodat het effen oppevlak het eluid ij voo 100 % eflecteet. Als dicht asfalteton veel meatextuu vetoont, is het zee lawaaiei; in oede staat scoot het emiddeld voo lawaaieiheid. SMA en andee niet-poeuze wedekken met een ove macotextuu ieden het voodeel dat luchtpompen niet of uwelijks opteedt, doodat de lucht hoizontaal via de uitspainen tussen het steensla kan ontsppen voo hij samenedukt wodt. Ideaal is een koelmaat van 4 of 6 mm, maa uit akoestisch oopunt is het zeke ewenst een koelmaat van minde dan 10 mm te kiezen. Bij ZOA kan de lucht veticaal ontsppen via de met elkaa veonden poiën in de laa, waadoo luchtpompen ook ij deze wedeksoot vemeden wodt. ZOA is in pincipe ook eluidasoeend. In veelijkin met dicht asfalt velaat eenlaas ZOA de eluidspoductie dooaans met emiddeld 3 db(a). Tweelaas ZOA levet emiddeld zelfs een eluidseductie van 5 db(a) op, wat elijkstaat met een vemindein van de vekeesintensiteit tot één dede. AB Top AB Binde AB Onde SMA RMD ZOA SME Bestijkin Slem Y (1) B (1) B (1) G (1) Y R (1) Y R (1) Y (1) G : zee eluidasoeend, B : eluidasoeend, Y : nomaal, R : lawaaieie, : niet van toepassin. (1) afhankelijk van de koelmaat van het steensla: zie ook de tekst. Tael 7.16 Geluidsasoptie en -eductie doo veschillende asfaltlaen 56

71 8 Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden Kennis van de veschillende sooten van asfaltmensels is uiteaad elanijk, maa volstaat niet om toe te passen vehadinen te kiezen. De keuze hant no van tal van andee factoen af, zoals het vekee, het klimaat, de veiliheid en het comfot, het milieu, de estaande vehadin, het toepassinseied, de uitvoeinspeiode en -temijn en, last ut not least, de kosten. De meeste van die factoen eïnvloeden oveiens ook de pestatiekenmeken die van de veschillende vehadinen woden eëist. Al die aspecten, die in 7.3 al aan od zijn ekomen, woden in dit hoofdstuk uitvoei elicht. Doo het ote aantal paametes waamee ekenin moet woden ehouden, kan het nodi zijn een multiciteiaeslissinsmethode toe te passen om een vehadin te kiezen. Multiciteiaeslissinshulp kan woden omscheven als een wiskundi pocédé dat een eslisse in staat stelt veschillende vaianten volens een aantal citeia of factoen te anschikken en hem op die manie helpt de oplossin te kiezen die in een eeven context het meest aanewezen is. De veschillende fasen in een multiciteiaeslissinspoces zijn als volt: - aan elke vaiant wodt voo de veschillende eschouwde citeia een waade toeekend. Deze waaden zijn het esultaat van ojectieve metinen of van schattinen; - aan elk citeium wodt een ewicht toeekend. Dit ewicht is een inschattin van de eslisse en hant van de eeven context af; - pe vaiant wodt de ewoen som emaakt van de enomaliseede waadeinscijfes die hij voo de veschillende citeia heeft ekeen en waain de espectieve ewichten van de citeia zijn dooeekend. De vaiant die de hooste scoe ehaalt, is voo het eschouwde poject het est eschikt. In ijlae 8 wodt dit poces eïllusteed met een vooeeld. Mee infomatie is te vinden in de ef. 40 en Vekee Het vekee heeft een ote invloed op het ontwep van een wevehadin. De volende vekeespaametes spelen een ol: - vekeesintensiteit; - vekeeselastin; - vekeestoeme; - dwasvedelin; - snelheid; - statische lasten; - winend vekee. Deze paametes moeten ekend zijn om de vehadin te dimensioneen en de asfaltlaen (aantal, soot en dikte) te epalen. De kenmeken van het vekee eïnvloeden stek epaalde pestaties van asfaltvehadinen. Zo is vooal het vachtvekee veantwoodelijk voo spoovomin, vemoeiin en de effecten van hoizontale kachten. Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltlvehadinen eïnvloeden 57

72 Hie volt een voostellin van de alemene pincipes die voo de veschillende paametes elden. Bij de toepassin evan moet echte ekenin woden ehouden met speciale omstandiheden zoals euik van een we als tijdelijke omleidinswe, invoein van een ewichts- of snelheidsepekin, enz Vekeesintensiteit De vekeesintensiteit wodt epaald doo het aantal voetuien pe cateoie (pesoneuto s, ussen, vachtwaens) en pe tijdseenheid. Uitaande van dit kenmek en de ontwepsnelheid van de we kan, ekenin houdend met de vekeestoeme (zie 8.1.3) tijdens de vewachte levensduu, de capaciteit woden epaald die een te ontwepen we moet ezitten. Afhankelijk van die capaciteit kan dan het aantal ijstoken woden vasteled (hoizontale dimensionein: zie 6.1). In ef. 42 zijn daaove eeeld ijewekte eevens te vinden; deze eevens heen vooal etekkin op ween van hoee ode. Als e een eevens voohanden zijn, moet de ontwepe enoeen nemen met schattinen (zie ijvooeeld ef. 43) of met extapolaties van enkele epesentatieve tellinen Vekeeselastin De vekeeselastin wodt ekenmekt doo de volende paametes: - samenstellin van het vekee (pecentae vachtwaens en ussen); - aslastenspectum. Dit omvat de veschillende fequenties waamee aslasten van veschillende ootte (in tonnen) vookomen. Aanezien schade aan weconstucties vijwel uitsluitend doo vachtwaens wodt toeeacht, moet ij het ontwep enkel met het vachtvekee ekenin woden ehouden; - aantal assen pe vachtvoetui en vedelin tussen vachtwaens met ewone anden en met eedanden (dit zijn exta ede anden in plaats van duele anden). Vachtwaens met assen waaop eedanden zijn emonteed, oefenen een otee duk uit doodat de elastin ove een kleine contactoppevlak met de we moet woden vedeeld. De vekeeselastin lijkt dikwijls een moeilijk te vatten ontwepeeven. Enie oveschattin is altijd ete dan een eine ondeschattin. Oveschattin kan een eseve opleveen, waadoo de we lane meeaat. Geevens hieove zijn te vinden in de ef. 4, 43 en 44. In de vekeeselastin die in het ontwep wodt inevoed, moet de vekeestoeme tijdens de vewachte levensduu (zie 8.1.3) zijn vedisconteed. De vekeeselastin is van invloed op de keuze van de laen, en epalend voo de totale dikte van de vehadin (veticale dimensionein: zie 6.2) Vekeestoeme Bij het ontwep moet ekenin woden ehouden met de jaalijkse oei van het vekee. Deze oei is een elanijk eeven om de eële waaden van de vekeesintensiteit ( 8.1.1) en de vekeeselastin ( 8.1.2) te epalen. Tael 8.1 eeft de ichtwaaden die voo de jaalijkse vekeestoeme in ons land woden euikt (ef. 43). Wecateoie Hoofdween Pimaie ween Secundaie ween Lokale ween Jaalijkse vekeestoeme 3 % 3 % 1 % 1 % Tael 8.1 Jaalijkse vekeestoeme 58

73 Dwasvedelin De paametes die de dwasvedelin van de vekeeselastin eïnvloeden, zijn: - het aantal ijstoken: hoe mee ijstoken, hoe eine de vekeeselastin op elke ijstook, doodat de elastin ove de ijstoken vedeeld wodt; - de ijstookeedte: hoe ote het veschil tussen de voetuieedte en de ijstookeedte, hoe ete de vedelin van de vekeeselastin ove de ijstook, doodat e vespoend vekee moelijk is. Vooeelden van hoe hiemee ekenin kan woden ehouden, zijn te vinden in de ef. 43 en Snelheid De snelheid van het vekee heeft een invloed op de elastin van de wevehadin. Zo ijvooeeld: - wodt de kans op spoovomin ote ij afnemende snelheid; - veoozaken discontinuïteiten zoals vekeesdempels otee dmische elastinen wannee zij met een hoee snelheid ovescheden woden. Aanezien de stoefheid van een laa afhankelijk is van de snelheid van het vekee, kan deze snelheid epalend zijn voo de keuze van de vehadin. Mee hieove in Statische lasten Exta elastin doo statische lasten, zoals op containekaaien, kan lijvende vevomin veoozaken. Bij het ontwep dient hiemee ekenin te woden ehouden doo ijvooeeld de lasten te speiden (speciale voozoen) of een speciale vehadin toe te passen, die deelijke lasten kan daen. Vooeelden van vehadinskeuzen voo zulke plaatsen woden eeven in de en Winend vekee Dit eldt hoofdzakelijk voo kuispunten, otondes, op- en afitten en schepe ochten waa veel zwaa vekee te vewachten is. Gotee schade is ook moelijk op pakeeteeinen ij supemakten, waa afelin kan opteden als pesoneuto s steeds wee op dezelfde plaatsen manoeuveen. Vooeelden van keuze van vehadinen op deze plaatsen zijn te vinden in en Hoe de ovenescheven kenmeken in ekenin enen? Om aan te tonen hoe de ontwepe de ovenescheven paametes ( tot 8.1.7) in ekenin kan enen, nemen we de ef. 43 en 44 als vooeelden Eeste vooeeld In ef. 43 woden standaadconstucties escheven. Voo de eekenin van die constucties (zie hoofdstuk 6) wodt esteund op de ontwepmethodiek die in de voie punten is escheven. Daaij woden de volende asispincipes ehanteed: - het vekeesspectum wodt omeekend in een equivalent aantal standaadassen van 100 kn; - e wodt ewekt met klassen: de zoenoemde «ouwklassen». Het aantal standaadassen van 100 kn dat tijdens de ontweplevensduu vewacht wodt, epaalt de ouwklasse. Tael 8.2 eeft aan hoe. N 100 kn Bouwklasse < 128 x 10 6 B1 < 64 x 10 6 B2 < 32 x 10 6 B3 < 16 x 10 6 B4 < 8 x 10 6 B5 < 4 x 10 6 B6 < 2 x 10 6 B7 < 1 x 10 6 B8 < 0,5 x 10 6 B9 < 0,25 x 10 6 B10 - BF Tael 8.2 Bouwklassen a vekeeselastin Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 59

74 Autosnelween zijn meestal van ouwklasse B1 of B2. Gemeenteween vallen dooaans in de cateoieën B6 tot B9. Bouwklasse BF is voo fietspaden, die vijwel niet doo wevekee woden elast Tweede vooeeld Met ehulp van de dimensioneinssoftwae van ef. 44 kan de euike een aantal vaianten van constucties met een eeven levensduu ontwepen, die van elkaa veschillen in dikte en in de mateialen waauit zij zijn samenesteld. Deze methode heeft het voodeel zee soepel te zijn. 8.2 Klimaat Het eda van ween, en mee epaald van asfaltvehadinen, is zee evoeli voo klimaatfactoen (en de tuuveschijnselen die emee samean) zoals tempeatuu, wate, vost en de evolen evan (toepassin van dooimiddelen), lucht en UV-stalin. In wat volt, espeken wij alleen het eda van vehadinen die in euik zijn. De invloed van klimaatfactoen op het aanenen van vehadinen komt aan od in Geevens ove klimaatfactoen in Belië zijn eschikaa in ef Tempeatuu Invloed van de tempeatuu op het eda van vehadinen De tempeatuu heeft een aanzienlijke invloed op de stijfheid van de veschillende sooten van asfaltlaen. Onde vekee dat 60 km/h ijdt, is ijvooeeld (ef. 4, lz. 92) de stijfheidsmodulus van AB-1 ij 0 C 25 maal zo hoo als ij 40 C. Kennis van de moelijke tempeatuuveandeinen is dus een stikte veeiste om een constuctie met een itumineuze vehadin te dimensioneen. Bij hoe tempeatuen teedt vaak schade in asfaltvehadinen op. Het is melijk welekend dat een tempeatuuvehoin spoovomin en dooponsin in de hand wekt. Een tempeatuuvehoin heeft hetzelfde effect als een velain van de snelheid waamee het asfalt elast wodt. De effecten op het vehadinseda zijn des te ote als de twee invloeden (tempeatuu en snelheid) samen opteden. Naast de vost die ij lae tempeatuen inteedt, kunnen ook snelle tempeatuuveandeinen (themische) scheuvomin in vehadinen veoozaken Tempeatuuwaaden Afhankelijk van het tijdstip (uu en da) en de weesomstandiheden (zonneschijn, een, wind, enz.) veschilt de tempeatuu in een vehadin van het ene punt tot het andee. Uiteaad zijn de tempeatuuveschillen ote, en de uiteste tempeatuen exteme, aan het oppevlak dan aan de ondezijde van een vehadin. Met ehulp van wiskundie modellen zoals in de ef. 48 en 49 kan de tempeatuu in een willekeui punt van een weconstuctie woden eekend uit de tempeatuu aan het vehadinsoppevlak, die op haa eut kan woden eschat uit onde mee de luchttempeatuu en de zonnestalin. Fiuu 8.1 laat zien dat emeten en voouiteekende tempeatuen oed oveeenstemmen. Zulke ekenmodellen woden toeepast om de tempeatuuwaaden te epalen die als invoe moeten dienen in modellen voo de dimensionein van vehadinen (ef. 4, lz. 77 en 51). Zij kunnen ook als asis woden euikt voo tempeatuueekeninen in ijzondee evallen, zoals in klimaateieden waavoo een andee eevens eschikaa zijn of specifiek voo vehadinsconstucties op uen of pakeedaken. Van 1973 tot 1979 veichtte het OCW metinen in Ukkel, om eevens te vezamelen ove de tempeatuen in wevehadinen in Midden-Belië. Deze eevens zijn epuliceed in ef. 48. Bij wijze van vooeeld kan woden vemeld dat in de meetpeiode aan het oppevlak van de vehadinen uiteste tempeatuen van -8 C en +55 C zijn emeten. 60

75 8 30 C C Metin KMI Beekenin OCW 30 T max T min 0 J F M A M J J A S O N D J F M A M J J A S O N D J F M A M J J A S O N D 0 Fiuu 8.1 Oveeenstemmin tussen maanduitesten van eekende en emeten tempeatuen (op een diepte van 38 cm) Op te meken valt dat de ovenenoemde tempeatuen emeten zijn op ween met een nomale ezonnin, in Midden-Belië. Deze eevens moeten woden aanepast voo andee klimaateieden (de kust, de Adennen, enz.) en aan divese ijzondee situaties zoals schaduwijke ween, ween in tunnels (helemaal een ezonnin), hellinen of vekantinen op het zuiden, vehadinen op uen (met een dun inzondeheid stalen udek) die niet de themische inetie van een ewone weconstuctie ezitten, pakeedaken (vooal als zij themisch eïsoleed zijn), enz Invloed op de vehadinskeuze De tempeatuu heeft een oveheesende invloed op de kenmeken en ijevol het eda van asfaltvehadinen. In een steek met vaak lae tempeatuen aat de vookeu a mensels met een ote weestand teen themische scheuvomin; in een steek met mee kans op hoe tempeatuen is daaenteen weestand teen spoovomin elanijk. De keuze kan woden emaakt aan de hand van tael 10.1, die voo de meeste vehadinen aaneeft hoe zij zich voo de pestatieciteia van 7.1 edaen Wate Invloed op het eda van weconstucties en vehadinen Hemelwate dat tot de ondeond doodint, kan de weconstuctie helemaal destailiseen. Dit moet tot elke pijs vookomen woden. De vehadin moet daaom een afdichtende ol spelen. Meestal vevult de toplaa deze ol. Bij ZOA, SME en RMD wodt zij oveenomen doo de tussenlaen of doo een dikke kleeflaa. Op uen en pakeedaken vookomt een specifieke afdichtinslaa dat e wate tot op de etonplaat doodint. Dit wate kan immes dooizouten evatten en kan hiedoo desinteatie van het eton of coosie van de wapenin en de voospankaels veoozaken. Fiuu 8.2 Wate op een we Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 61

76 Wate dat op asfalt lijft staan (plasvomin) of lans scheuen in dit asfalt dint, aant zich lanzaam een we tussen indmiddel en aeaat (via haascheutjes in het indmiddel) en «onthult» eleidelijk de aeaten. Dit eeft de eeste aanzet tot veokkelin van het asfalt en vomin van kippennesten. Hoe oude het asfalt, hoe snelle dit poces veloopt. Afstomend of stilstaand wate maakt een wedek lad. De watefilm tussen and en wedek kan, afhankelijk van de filmdikte en de ijsnelheid, aquaplanin en stuiven en spatten veoozaken, wat de veiliheid van de weeuikes uiteaad niet ten oede komt Invloed op de vehadinskeuze De pestaties van de meeste vehadinen op het eied van wateafvoeend vemoen en ondoolatendheid zijn aaneeven in tael Zij kunnen als volt woden toeelicht. Vehadinen met een steke macotextuu (estijkinen, SME, RMD, ZOA en in mindee mate SMA) helpen de dikte van de watefilm op het wedek te vemindeen en evodeen zo de veiliheid. Bij ZOA-B en in mindee mate ook ij ZOA-C is dit effect no ote, doodat dat deze mensels met hun open stuctuu een «esevoi» vomen. Om stilstaan van wate in ZOA te vookomen, moet voo doelteffende zijdelinse wateafvoe woden ezod en moeten dichtsliin en te ote dikten waadoo wate opesloten kan aken vemeden woden. Dit is een asolute veeiste voo de duuzaamheid van deze vehadinssoot. Als deze voowaaden niet lijvend vevuld kunnen woden (zoals ij stedelijke ween of landouwween), is het ete een ZOA toe te passen. Enkele vehadinen zoals RMD, die niet «wateafvoeend» en evenmin ondoolatend zijn, houden wate vast en deien hiedoo minde duuzaam uit te vallen dan ondoolatende asfaltvehadinen (met AB of SMA). De veschillen in neeslahoote zijn in Belië niet van dien aad dat deze paamete epalend is voo de vehadinskeuze: het eent evenoed in Oostende als in de Adennen, al zijn de hoeveelheden niet elijk Vost (en dooizouten) Voo de ondeond is viezen minde e dan dooien. Het is melijk zo, dat vostevoelie, met wate dootokken ond tijdens dooi de ovenliende weconstuctie destailiseet als deze te kap edimensioneed is. De minimumdikte die de weconstuctie uit dit oopunt moet ezitten, wodt eekend uit de vostindex. Deze is pe definitie elijk aan het aantal aden-daen tussen het hooste en laaste punt van de cumulatieve komme van de aden-daen ove een vostseizoen. De tienjaalijkse vostindexen in Belië staan in de ef. 4 en 43. In asfaltlaen die wate vasthouden, veeet vost de situatie. Het wate aat dan zwellen, waadoo de samenhan van de motel in het asfaltmensel veoken wodt en e haascheutjes ontstaan. Het effect van dooizouten is duel: enezijds kunnen e haascheutjes ontstaan doo de themische schok ij het smelten van sneeuw of ijs en andezijds vesnelt de pekel het poces van de onthechtin tussen indmiddel en aeaat. Fiuu 8.3 Gladheidsestijdin op een esneeuwde we De klimaatomstandiheden die met vost veand houden, kunnen de vehadinskeuze in een epaalde steek eïnvloeden. Dit eldt vooal voo ZOA. 62

77 Zuustof in de lucht en UV-stalin De zuustof in de lucht en UV-stalin evodeen eide veoudein van het indmiddel, waadoo het veloop van tijd os wodt. Bij dichte asfaltmensels lijft dit poces nomaal epekt tot het vehadinsoppevlak. Bij ZOA en ij andee halfdichte of halfopen asfaltmensels teft het veoudeinspoces echte de hele dikte van de laa, waadoo de levensduu van deze mensels inekot wodt. 8.3 Veiliheid en comfot De aspecten die veand houden met de veiliheid en het comfot van de weeuikes lijven meestal epekt tot de toplaen. Uiteaad dukken de tussenlaen en het eda evan hun stempel op de conditie en het eda van de toplaen. Voo deze laatste zijn de hie escheven deelaspecten elanijk (Maco)textuu De macotextuu (zie ijlae 1) van een weoppevlak eïnvloedt niet alleen de stoefheid, maa ook het vekeeseluid. De macotextuu van AB is meestal «positief», zeke als het oppevlak eind is. Die van ZOA is dooaans «neatief». De macotextuu van SMA, RMD en SME is zoals die van ZOA, zij het in mindee mate. Nadee uitle ove textuu en de invloed evan op de stoefheid volt in Stoefheid De weeuikes vewachten van een wedek optimale stoefheid. De keuze van de toplaa wodt in dit veand epaald doo de te vewachten snelheid van het vekee en de specifieke kenmeken van de laa. Steenskeletmensels met een ove macotextuu (koelmaat 10 mm), zoals ZOA, SMA-B of C, RMD-C en SME-C, heen, evels de meeste estijkinen, een oede stoefheid ij hoe snelheden. Steenskeletmensels met een fijnee adein en macotextuu (koelmaat < 10 mm), zoals SMA-D, RMD-D en SME-D, heen, evels de meeste slems en de zandskeletmensels AB-1, 4 en 5 of BB-8, een stoefheid die mee van de snelheid afhant. Deze toplaen zijn daaom minde aanewezen waa snel eeden wodt of een hoe stoefheid veeist is om ijvooeeld te kunnen emmen. Bij alle menselsooten heen ook de euikte aeaten (zandsteen, eoken ind, enz.) een niet te ondeschatten invloed op de stoefheid, via de micotextuu (die in een polijstpoef wodt emeten en in VPC-eenheden wodt uitedukt) Wateafvoeend vemoen Wateafvoe is van oot elan om de watefilm op het wedek zoveel moelijk te epeken en om stuiven, spatten en aquaplanin zoveel moelijk te vookomen. Deze toestanden zijn zee hindelijk voo het vekee en de hinde neemt toe met de snelheid. Bij ZOA vindt de wateafvoe in de laa plaats, waadoo de kans op de enoemde toestanden kleine wodt. Bij estijkinen, SME, RMD en SMA (in mindee mate zie tael 10.1) zot de textuu evoo dat de watefilm dunne lijft en emakkelijke eekt. De hinde is het ootst ij de meeste toplaen van AB. a/ Niet-wateafvoeende toplaa Fiuu 8.4 / Wateafvoeende toplaa Stuif- en spatwate Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 63

78 8.3.4 Geluid Dit aspect wodt espoken in Vlakheid Hoewel de vlakheid van het wedek een elanijke ol speelt in het comfot van de weeuike en de omwonenden, heeft de keuze van de asfalttoplaa weini invloed op dit kenmek. De vlakheid hant immes voomelijk van de uitvoein, van de eometie en van de opouw van de hele constuctie af Winteeda Zee open asfalt vetoont een ande winteeda dan de meeste andee asfalttoplaen. Het vaat een aanepaste dooitzoutehandelin (doseinen, zoutsooten, aantal stooiacties). Om deze aanpassin moelijk en efficiënt te maken, moet toepassin van kote vakken zee open asfalt tussen vakken met andee asfaltsooten vemeden woden. Deze afwisselin van wedekken is deli voo de veiliheid van de weeuikes. Fiuu 8.5 Veschil in winteeda tussen AB (op de vooond) en ZOA (op de achteond) 8.4 Milieu De ontwepe kan via de asfaltsoot die hij kiest een invloed uitoefenen op een aantal componenten van het milieu, zoals: - eluidspoductie; - mateialen veili voo mens en milieu; - kleu en esthetiek; - de afvale; - veonteiniin doo ladheidsestijdinsmiddelen. Deze aspecten woden hie toeelicht Geluidspoductie Geluidspoductie is een steeds elanijke citeium ij de keuze van een vehadin voo het ontwep of het ondehoud van een we. Het voetuieluid dat in de omevin van een we wodt waaenomen, wodt epaald doo divese factoen, waaonde: - de afstand tot de we; - de weesomstandiheden (windichtin, neesla); - de kenmeken van de voetuien (ewicht, uitlaat, moto, anden, enz.); - de ijstijl (optekken, constante snelheid, toeental, enz.); - de kenmeken van het wedek (zie vede) en het tacé (hellend, ochti, enz.). Het eluid van een voetui estaat steeds uit een aantal deelonnen, waavan de elatieve stekte doo de voonoemde factoen wodt epaald: 64

79 8 - het motoeluid is voo pesoneuto s domint ij snelheden tot onevee 40 km/h. Voo zwaadee voetuien eldt dat tot km/h; - de oleluiden zijn voo pesoneuto s domint ij snelheden oven 40 km/h. Zij woden stek epaald doo de anden van het voetui (pofiel en eedte) en doo het wedek. Roleluiden nemen toe met de voetuisnelheid en ontstaan doo veschillende mechanismen, waavan de vooamste zijn: - het pompen van lucht. Dit effect teedt vooal ij zee effen (esloten) wedekken (zoals AB) op. Als een and ove een wedek olt, wodt in het loopvlakpofiel lucht samenepest, die dan op een lawaaieie manie wee «ontspt». Het samenpesen is te vookomen doo het weoppevlak van een elatief fijne macotextuu (tpische hoizontale afmetin van de oneffenheden: 5 mm) te voozien of doo een poeuze toplaa toe te passen. Vooeelden van deze twee maateelen zijn espectievelijk SMA-D en ZOA; - andtillinen. Deze woden veoozaakt doo oneffenheden op het wedek die tijdens het ijden op de and offelen en hem zo aan het tillen enen. De and poduceet dan eluid zoals het tillende vel van een tommel. Vooal oneffenheden met hoizontale afmetinen tussen 50 en 500 mm (meatextuu) veoozaken andtillinen. De meatextuu is niet doo de keuze van de toplaa te eïnvloeden; - het hoon- of eluidstechteeffect. Dit is een lawaaion op zich, maa een mechanisme dat oleluid vestekt. In de luchtwi tussen and en wedek kan eluid net zoals in het conische edeelte van een meafoon of een tompet meemaals woden weekaatst en zo woden vestekt. Dit effect is teen te aan doo het wedek eluidasoeend uit voeen. Let wel: eluidsasoptie is dooaans afhankelijk van de fequentie. Het wedek moet dus eluidasoeend zijn voo het deel van het spectum dat ook het oleluid omvat, andes is e een mekaa asoeend effect. Dit eldt tpisch voo ZOA-B. Samenevat kan woden esteld dat het akoestisch ideale wedek de volende die kenmeken vetoont: - voldoende macotextuu (emiddelde textuudiepte minstens 0,5 mm: zie B5.7). Dit is te vekijen met een homoene, niet-peiodieke stuctuu van niet te of aeaat (maximale koelmaat 10 mm; idealite kleine, ijvooeeld 6 mm: tpisch voo SMA-D) of met een open (poeuze) stuctuu van de toplaa. Een open stuctuu is te ealiseen doo een toplaa met 20 tot 25 % ondelin veonden poiën toe te passen (tpisch voo ZOA-B); - GEEN meatextuu! Bij asfalteton komt meatextuu noal eens voo, doo één van de volende twee oozaken: - slijtae: aten en scheuen in de toplaa, een oneelmati oppevlak doo eosie, ulten doo onzovuldie hestellinen, enz. even oneffenheden met meatextuuafmetinen; - heteoene vedelin van vooal of aeaat aan het oppevlak (noal eens het eval ij wam ewalst asfalt). Afwisselende oepjes aeaat en «kale» plekken vomen dan samen stuctuen met afmetinen in het meatextuueied; - oede eluidsasoptie (voo eluid in het fequentieeied tussen 500 en 1000 Hz). De eluidasoeende eienschappen zoen ook voo een vemindein van het motoeluid van pesonenwaens ij lae snelheden en van zwaadee voetuien ij lae en middelhoe snelheden. Zoals eede esteld, is het motoeluid in deze omstandiheden domint. ZOA asoeet eluid oed. Fiuu 8.6 illusteet de invloed van veschillende sooten van vehadinen op de eluidspoductie doo het vekee. Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 65

80 255 metinen / afzondelijke voetuien / echteijstook (Tempeatuu: 20 C, snelheid: 90 km/h) Geluidam Middelmati Lawaaiei db(a) BBD 0/6 BBUM 0/6 BBTM 0/6 T2 BBD 0/10 BBTM 0/6 T1 BBTM 0/10 T2 BBD 0/14 BBM 0/10 ECF ES 4/6 BBTM 0/10 T1 BBSG 0/10 BBUM 0/10 BBSG 0/14 BBTM 0/14 ES 6/8 BC ES 6/10 ES 10/14 Fiuu 8.6 Invloed van de soot van vehadin op de eluidspoductie doo het vekee (zie ef. 45) Mateialen veili voo mens en milieu Mateialen die in een wevehadin woden vewekt, moeten veili zijn voo zowel de mens als het milieu. In veand met aeidshiëne en aeidsveiliheid woden al jaen vaen esteld ove de effecten van itumendampen op de ezondheid van asfaltwekes vooal ove de eventuele vehoin van het isico op lonziekten en lonkanke. Uit ondezoeken is echte steeds eleken dat de asfaltwekes een vehood isico lopen, tenminste als met ewoon itumen wodt ewekt. De situatie is duidelijk andes voo indmiddelen op teeasis, die hoe concentaties aan polcclische aomatische koolwatestoffen (PAK s) evatten. Bij opwamin van tee vevlieen deze PAK s en komen zo in de omevinslucht teecht, waa ze de asfaltwekes en andeen doo idemin of huidcontact veiftien. Van epaalde PAK s is het kankevewekkende effect ij dieen en mensen voldoende ewezen. Geecclede teehoudende indmiddelen moen alleen voo koude toepassinen woden euikt, en ook dan no onde epaalde voowaaden. Voo de milieuveiliheid etekent dit dat de euikte mateialen een milieuelastende stoffen moen evatten of kunnen vijmaken, wat tot odem- en/of ondwateveonteiniin zou kunnen leiden. Een asfaltmensel estaat nu wel oveweend uit inete mateialen zoals zand en steensla, die pe definitie een inteactie met de omevin aaan. Andee ondstoffen, zoals het indmiddel of eecclede mateialen, zouden eventueel doo uitloin de odem of het ondwate kunnen veonteinien. Een eelevin met nomen die een maximaal toelaataa ehalte aan ijvooeeld zwae metalen en oanische estanddelen (zoals ef. 53) vooschijven, kan evoo zoen dat eecclede mateialen milieuveili vewekt woden. Met itumen als indmiddel is e een evaa voo uitloin van milieuveonteiniende stoffen. Ook hie is de situatie andes voo teehoudende indmiddelen, omdat de massaal aanwezie PAK s doo uitloin de odem en het ondwate kunnen veonteinien. Hieove is echte no weini ekend. In teenstellin tot tee evat itumen een vewaaloosae hoeveelheid PAK s. Daaom ma het woden euikt voo toepassinen zoals watedichtin van wateesevois, dijk- en oevevestekinen, ekledin van wateleidinen, enz. Samenevat moen de ekozen asfaltmensels een teehoudende mateialen (indmiddel of ap) evatten. 66

81 Kleu en esthetiek De wens om de we(vehadin) esthetisch ete in de omevin in te passen, kan een eden zijn om ij het ontwep te kiezen voo een vehadin met een speciale kleu. Vaiatie in de kleuen van de veschillende ondedelen van een we kan de vekeessituatie eijpelijke («leesaade») maken en zo leiden tot een veilie situatie voo epaalde oepen van weeuikes. Ondedelen die hievoo in aanmekin komen, zijn ijvooeeld fiets- en/of ovesteekplaatsen, aanliende fietspaden of smalle fietsstoken lans een dukke we. Ovedijven met veschillende kleuen in het weontwep kan de weeuikes dan wee in vewain enen, wat deli is voo de veiliheid. Fiuu 8.7 Gekleude vehadinen Naenoe alle vehadinen kunnen woden ekleud. De kleu (ood, oen, lauw, enz.) wodt meestal vekeen doo een piment toe te passen. Te ondesteunin kan het soms nutti of zelfs nodi zijn de aeaten (zoals ij estijkinen) of het indmiddel (pimenteeaa snthetisch indmiddel) aan te passen. Zoals lijkt uit het vooeeld in tael 8.3, heen deze aanpassinen en de kleukeuze een niet te ondeschatten invloed op de kostpijs van de vehadin. Vaiant Kostpijs C1, niet ekleud 0,8 Rood: - ewoon steensla en pimenteeaa itumen 1,7 - ewoon steensla en pimenteeaa snthetisch indmiddel 2,4 - ekleud steensla en pimenteeaa itumen 1,8 - ekleud steensla en pimenteeaa snthetisch indmiddel 2,5 Goen met pimenteeaa snthetisch indmiddel 3,3 Okeeel met pimenteeaa snthetisch indmiddel en eie steensla 2,5 Wit met pimenteeaa snthetisch indmiddel en steensla van lichte kleu 3,1 Tael 8.3 Pijzen van veschillende vaianten van RMD-C-toplaen (in vehoudin tot AB-1B) Voo mee infomatie ove ekleude vehadinen wodt vewezen a de ef. 6 en Vemindein van de afvale: toepassin van secundaie ondstoffen en ecclinmoelijkheden Recclin van (inete) afvalstoffen en toepassin evan in de vom van secundaie ondstoffen iedt een dievoudi voodeel voo het milieu: - het vemindet de hoeveelheid afvalstoffen die fial moeten woden vewijded (afvoe a een stotplaats of een centum voo technische ivin); - het vookomt dat nieuwe, niet-henieuwae ondstoffen (zoals zand en steensla) moeten woden edolven; - e moeten minde ondstoffen woden vevoed. Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 67

82 Nalevin van de eldende eelevin aandeet dat deze secundaie ondstoffen op een voo mens en milieu veilie manie woden vewekt. Recclin kan zowel ij ondehoudswekzaamheden als ij het aanenen van nieuwe asfaltvehadinen plaatsvinden. Ook moet woden edacht aan de ecclinmoelijkheden in de toekomst Recclin ij ondehoudswekzaamheden Ondehoudswekzaamheden kunnen nodi zijn om eeken van een asfaltvehadin, zoals spoovomin, vezakkinen, losliend aeaat, scheuen en aten in het wedek, te coieen. Het is daaij aan te evelen de oude mateialen (asfaltpuin en eventueel zelfs de ondeliende fundeinsmateialen) zoveel moelijk te plaatse te heeuiken. Dit is moelijk doo eschikte technieken toe te passen zoals koude ecclin en wame ecclin van asfaltpuinulaat (ap), aelan het opeoken oude asfalt al of niet vehit wodt. Wame ecclin in situ, waaij het asfaltwedek doo middel van asandes of elektische weestandselementen vehit en vevolens tot een nieuw asfaltwedek ehepofileed wodt, heeft veel epekinen en wodt daaom in ons land niet mee toeepast. Wame ecclin in een asfaltmeninstallatie wodt espoken in Bij koude ecclin wodt het ap niet vehit, maa via stailisatie met een hdaulisch (cement) of itumineus (itumenemulsie, schuimitumen) indmiddel als anulaat in een nieuwe fundeinslaa toeepast. Deze techniek maakt een of zee weini euik van de intinsieke kwaliteiten van het oiinele indmiddel in het asfalt en is daaom minde hoowaadi dan wame ecclin. De koude techniek kan woden toeepast met menin in een extene installatie, of in situ met ehulp van machines die de we ehandelen tewijl ze eove ijden. Op de vekeen fundeinslaa moet uiteaad no een nieuwe vehadin komen Recclin ij poductie van nieuw asfalt Bij de poductie van nieuw asfalt voo wevehadinen kan op het veuik van nieuwe ondstoffen woden espaad doo: - asfaltpuinulaat (ap) als secundaie ondstof of - divese secundaie ondstoffen toe te passen Toepassin van ap In ons land vindt wame ecclin van ap ij poductie van nieuw asfalt teenwoodi steeds in een asfaltmeninstallatie plaats. Bindmiddel dat eede in de poductie van asfalt is euikt, wodt daaij eeactiveed doo het puinulaat van dat asfalt te vehitten. Op die manie wodt asfaltpuin dat ij het opeken van een te enoveen asfaltvehadin is vijekomen, heeuikt als ondstof voo nieuw asfalt. Dit is zee hoowaadi heeuik, omdat niet alleen de inete aeaatfactie van het asfaltpuin wodt euikt, maa ook het indmiddel (itumen) uit dat puin zijn functie opnieuw aat vevullen. Omdat het oude indmiddel eniszins veouded is, is 100 % heeuik van asfaltpuin in nieuw asfalt niet moelijk en moet het nieuwe asfaltmensel («eeneatieasfalt») onde edeeltelijke toevoein van nieuw aeaat en indmiddel woden eeid. Toch maakt deze techniek het in de paktijk voo epaalde menselsooten moelijk een elijkwaadi asfaltmensel te ealiseen met tot 40 (of zelfs 50) % espain op de ondstoffen. Ap dat PMB s evat, kan ij de poductie van eeneatieasfalt polemen even. Deze polemen en een aantal oplossinen woden espoken in van ef

83 8 Tael 8.4 eeft de Belische vooschiften (2006) in veand met toevoein van ap. Homoeen ap Niet-homoeen ap Vlaandeen Wallonië Bussel Vlaandeen Wallonië en Bussel Asfalteton voo ondelaen Max. 50 % Max. 20 % Asfalteton voo toplaen Max. 50 % Max. 25 % Alleen in AB-1B voo weennet III Niet toeelaten Max. 20 % SMA en ZOA Niet toeelaten Niet toeelaten Niet toeelaten Opmekin: Tael 8.4 In Wallonië woden de pecentaes ten opzichte van het mensel uitedukt, in Vlaandeen ten opzichte van de totale hoeveelheid indmiddel. Toeelaten hoeveelheden indmiddel uit ap ij wame ecclin Ap wodt dooaans in ondelaen vooal in de ovenste toeepast. Doo de meestal laee penetatie van het veoudede indmiddel dat het evat, vehoot ap de stijfheidsmodulus van deze laen Toepassin van divese secundaie ondstoffen Slakken uit de staalindustie heen ewezen oed uikaa te zijn als anulaat voo asfalt. Zij woden ij vookeu in toplaen toeepast, om de stoefheid te vehoen. Bijzondee aandacht is eoden voo moelijke zwellin van de kalk die zij kunnen evatten. Deze specifieke polematiek wodt ehandeld in de ef. 56 en 57. Met toepassin van ietijzezand, etonpuinulaat, itumineuze dakedekkinsmateialen (oofin en shinles), las, ue, plastics, enz. als ondstof of additief voo asfalt is de paktijkevain vooalsno veelee epekt Recclinmoelijkheden in de toekomst Bij de opmaak van een ontwep of de keuze van menselsamenstellinen moet woden edacht aan de ecclinmoelijkheden van de euikte mateialen ij latee ondehoudswekzaamheden. Zo kunnen ijvooeeld PMB s of sommie scheuemmende tussenlaen ij ecclin polemen even doodat e te zake no een evain estaat of doodat e speciale, soms due technieken moeten woden toeepast. Asfaltmensels die PMB s evatten, kunnen onde mee aankoeken in de paalleltommel Gladheidsestijdin Om onze ween open te houden voo het vekee en de veiliheid van de weeuikes te waaoen, woden zij in de winte peventief en cuatief teen ladheid estooid. De zouten of zoutoplossinen (pekel) die daavoo woden euikt, evatten hoe concentaties aan chlooionen. Deze ionen woden meeevoed met afstomend hemelwate en zijn schadelijk voo ons milieu. De toepassin van ladheidsestijdinsmiddelen kan dus maa ete woden epekt. In dit veand is het oed om te weten dat ZOA vake estooid moet woden; het is dus zaak een kote vakken met ZOA aan te leen, om te vookomen dat afwisselin van opeenvolende wedekken tot ovemati zoutveuik leidt. Fiuu 8.8 Gladheidsestijdin Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 69

84 8.5 Kenmeken van de estaande (of te ontwepen) we De kenmeken van de we waavoo een ontwep emaakt wodt, kunnen een ote invloed uitoefenen op het ontwep van de vehadin en de keuze van de mateialen waauit zij wodt samenesteld. De aspecten die hie de evue passeen, zijn de eometie van de we (eedte, hellinen, te handhaven niveaus, tacé), de toeankelijkheid van de ouwplaats en de aad en toestand van het «daavlak» voo het aanenen van de nieuwe vehadin Geometie Beedte Bij ween speelt de eedte soms een ote ol, vooal wannee zij sameat met epekte eeikaaheid voo de asfaltspeidmachine. Een holle we of een we op een dijk zijn daavan oede vooeelden. Een 2 km lane en 3 m ede we op een dijk, waa een vachtwaen pas a de asfaltspeidmachine kan achteuitijden wannee de voie vachtwaen van de dijk af is, veeist een heel andee uitvoein dan een we die even lan, maa 6 m eed is. Het is in elk eval aanewezen om eelmati (ijvooeeld minstens om de 500 m) een al of niet voolopie uitwijkstook te maken die eed enoe is voo een vachtwaen. Ook dan no lijven stilstanden van de asfaltspeidmachine onvemijdelijk. Een juiste keuze van de asfaltsoot kan de delie effecten van machinestilstanden ij weken op eine eedte epeken. Zo is ijvooeeld AB-5 minde evoeli voo stilstanden van de asfaltspeidmachine dan SMA. Indien nodi kan ook de laadikte woden aanepast. Zo eeft een toplaa van 3 cm 25 % minde stilstanden dan een toplaa van 4 cm, tewijl de stilstanden ij 3 cm tevens minde lan zijn doodat met het asfalt dat ij het wisselen van vachtwaen in de vooaadak ovelijft lane zij het met een aanepaste snelheid kan woden dooewekt. Fiuu 8.9 Weken op eine eedte Hellin Ook de hellin van de we kan de keuze van de asfaltsoot eïnvloeden. Zo is het ij een exta steile lans- en/of dwashellin (ijvooeeld > 10 %) ete asfaltmensels te kiezen die met andenwalsen kunnen woden vedicht (ijvooeeld AB in plaats van SMA of ZOA); ladde walsen kunnen op steile hellinen dwasscheuen veoozaken. Fiuu 8.10 Hellin Een te flauwe esulteende hellin van het wedek kan eveneens de vehadinskeuze eïnvloeden. Zo kan ZOA doo zijn oot inten wateafvoeend vemoen (dat de kans op aquaplanin vekleint) aanewezen zijn voo ween met veel vekantinsoveanen én een flauwe lanshellin. Het voodeel van ZOA is hie ote amate de ijaan ede is. 70

85 8 Toepassin in te kote vakken dient echte te woden vemeden, omdat de afwisselin van opeenvolende wedekken deli kan zijn de veiliheid van de weeuikes (onde mee doo veschillen in winteeda: zie de en 8.4.5) Niveau Bij ondehoudswekzaamheden is het dooaans ete het niveau van de afewekte vehadin niet of zo weini moelijk te wijzien, omdat ekenin moet woden ehouden met eventuele lijnvomie elementen (oten, opsluitanden), veindinen met aansluitende ween en eventueel aaeopitten van aanwonenden. De speeluimte is dus epekt zeke ij ovelain, maa soms ook ij inlas, ijvooeeld als een oude estatin ehouden moet woden. Vaak moeten daatoe dunne of zelfs ultadunne vehadinen woden toeepast. Als de dikten ovendien moeten vaiëen ook al is het maa plaatselijk, zoals ij pofielcoecties van het daavlak en/of wivomi toelopende aansluitinen, wodt de keuzemoelijkheid zee epekt. Vooal AB-4 komt voo deelijke toepassinen in aanmekin. Als e ij een ovelain niet ehepofileed moet woden, vomen oppevlakehandelinen een inteessant altetief mits zij voo de eoode toepassin eschikt zijn Tacé en eventuele ostakels In epaalde evallen kan ook het tacé een ol spelen in de vehadinskeuze. Hie volen enkele vooeelden in veand met kuispunten of otondes, vekavelinen, schepe ochten en wekzaamheden onde omen Kuispunten of otondes Kenmekend voo wekzaamheden op kuispunten en otondes is dat: - onondeoken asfalteen zonde stilstand van de machines niet moelijk is (het vekee kan meestal niet volledi woden ondeoken); - handwek inheent lijft; - voeen en stotden niet uit te sluiten zijn. Om de delen hievan te epeken, kan woden edacht aan: - keuze van een asfalttoplaa die minde voo deze polemen evoeli is (ijvooeeld AB-4), als de vekeeselastin het tenminste toelaat; - een uitvoein met twee sooten van toplaen, zodat de edeelten waa handwek niet uit te sluiten is met een emakkelijke vewekaa mensel (ijvooeeld AB-4) kunnen woden uitevoed en de «echtdoo»-edeelten met een mensel dat eschikte is voo zwaa vekee, maa machile vewekin veeist (ijvooeeld SMA). Fiuu 8.11 Asfalt op kuispunten en otondes Vekavelinen Vekavelinsween woden dikwijls voozien van divese inichtinen zoals iooldeksels, vluchtheuvels, plantvakken, enz. Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 71

86 Deze ostakels woden indien moelijk uiten het tacé van de vehadin ehouden. Als dat niet kan, vedient het de vookeu zulke ostakels (zoals plantvakken, vekeesdempels, enz.) de asfaltvehadin aan te enen, in een uitezaade uimte. Dit evodet maximale machile uitvoein en aandeet een etee kwaliteit. Al ij al zijn in vekavelinen allelei hindenissen moeilijk te vemijden. Dit leidt tot machinestilstanden, stotden en handwek. Fiuu 8.12 Schuine kant vekeesplateau: handwek noodzakelijk, aanepast mensel euiken Omdat hie zeke een zwaa vekee te vewachten valt, aat de vookeu a een asfaltmensel dat handwek moelijk maakt (ijvooeeld AB-4) Schepe ochten Bij een we met schepe ochten vedient het aanevelin een mensels te euiken die evoeli zijn voo tanentiële kachten, dus ijvooeeld een ZOA. Als de ocht zo schep is dat het asfalt niet machial kan woden aaneacht, moet woden ekozen voo een mensel dat handmati vewekaa is (ijvooeeld AB-4) Wekzaamheden onde omen Weken onde omen heeft zijn eien aandachtspunten. Het speekt vanzelf dat de hoote en eedte van de takken van invloed zijn op de toeankelijkheid. Vooafaand snoeiwek kan dikwijls veel oplossen. Bomen heen vaak een ote invloed op het oppevlak waaop ewekt moet woden. Het oppevlak van een oude, te ovelaen vehadin aakt onde omen moeilijk doo, vooal in peiodes uiten de volle zome. Dit emoeilijkt in ote mate het aanenen en de oede wekin van een kleeflaa en kan ook van invloed zijn op de timin van de wekzaamheden (tussenseizoenen vemijden) en de keuze van de vehadin. Als het vekee het toelaat, eeft toepassin van ete vewekae mensels (zoals AB-4 of 5), met een (eventueel) iets hoe indmiddelehalte, een mee esloten asfaltlaa, die onde omen een lanee levensduu zal heen Toeankelijkheid van de ouwplaats Een epekin van de vije hoote of eedte kan de keuze van asfaltlaen aanzienlijk eïnvloeden. Als de asfaltaanvoe en het lossen in de asfaltspeidmachine ensti emoeilijkt woden doo een epekin van de vije hoote, zal de evooadin van de machine moeizaam velopen. Het is dan aanewezen een asfaltsoot te kiezen waaij de kwaliteit van de aaneachte vehadin minde van de te vewachten eeelde stilstanden te lijden heeft. Fiuu 8.13 Moeilijke toeankelijkheid veeist soms een aanepaste samenstellin Bepekte toeankelijkheid kan machile uitvoein zelfs helemaal onmoelijk maken. Als dan toch asfalt moet woden aaneacht, aat de vookeu a een asfaltmensel dat handmati minde lasti te veweken is; in de ovenenoemde evallen komt 72

87 8 ijvooeeld AB-4 in aanmekin. De vewekaaheid kan ook woden veeted doo zachte itumen (ijvooeeld B 70/100) te euiken, voo zove de vekeeselastin het toelaat. In epaalde evallen kan ietasfalt uitkomst ieden, vooal op plaatsen waa enoe een walsen kunnen woden euikt. Een deelijke toean is elanijk voo de kwaliteit van het uit te voeen wek en kan dus maa ete in het ontwep woden openomen. Bij spotteeinen ijvooeeld maakt een toean ove de volle eedte exta den oveodi en zot hij evoo dat de vachtwaens en vooal de afwekmachine(s) minde of niet op het te vehaden edeelte moeten daaien (en winen). Zo wodt e een steensla van de fundein opestuwd en/of wodt het te ovelaen oppevlak niet eschadid. De vlakheid van de asfaltlaen (een elanijke eienschap voo spotteeinen) kan op die manie het est woden ewaaod Daavlak De laa waaop de nieuwe vehadin of de nieuwe vehadinslaa moet komen, wodt «daavlak» enoemd. Elke laa dient als daavlak voo de volende. Naaelan van het poject kan het dus om de fundein, een efeesd oppevlak (ij een inla) of het oppevlak van de estaande vehadin (ij een ovelain) aan. De aad en toestand van het daavlak waaop de nieuwe vehadin zal woden aaneacht, kunnen de keuze en dikte van de nieuwe asfaltlaen eïnvloeden. Het daavlak moet in iede eval staiel zijn. Als dat niet zo is, zijn vooeeidende wekzaamheden nodi, ijvooeeld plaatselijke vevanin van vezakte en zwaa doo netscheuvomin aanetaste edeelten van asfaltlaen, euken of stailiseen van etonplaten die opwippen (aan de voeen ij de ovean van lasten) of vevanin van onstaiele edeelten van estatinen doo schaal eton. Het daavlak moet ook voldoende daavemoen ezitten voo de zwae wektuien (asfaltspeidmachine en walsen) waamee de asfaltmensels moeten woden vewekt, zelfs als dat voo de latee functie van de vehadin niet nodi is (zoals ij een spotteein). Als het daavlak ote hooteveschillen vetoont, zal dikwijls, eventueel in comitie met afschaven, een pofileelaa moeten woden toeepast. De nieuwe toplaa kan dan met een constante dikte op deze pofileelaa woden aaneacht, wat ete is voo de duuzaamheid. Een pofileelaa is vaak ook nodi op oude etonplaten die tapjesvomin vetonen, vooal als het ontwep vooziet in een andee scheuemmende laa dan zandasfalt. Scheuemmende laen zijn aan te evelen op daavlakken met voeen (ijvooeeld op oude etonplaatvehadinen) of met veel scheuen of netscheuen van eine of matie wijdte, waaij de vehadin zelf een ote stailiteits- of cohesieeeken vetoont. De ekozen soot van scheuemmende laa is vaak epalend voo de minimumdikte (en dus de soot) van de toplaa. De aanevelinen van de leveancie dienen daaij als leidaad, evels de eisen in de standaadestekken en ef. 23. Dunne en ultadunne vehadinen vedienen in dit eval dus een aanevelin. Oppevlakehandelinen (estijkinen en slems) en ultadunne vehadinen (SME) moen vanwee hun eine dikte enkel op licht eschadide daavlakken woden aaneacht, onde mee op asfaltvehadinen met lichte scheuvomin of afelin. Fiuu 8.14 Daavlak (etonplaten met tapjesvomin) Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 73

88 Hie volen twee vooeelden van daavlakken, waain ijzondee keuzen moeten woden emaakt: - als een estaande, voldoende staiele estatin met een dunne vehadin moet woden ovelaad, vedient het aanevelin te kiezen voo mensels met een zandskelet en een etekkelijk hoo indmiddelehalte (ijvooeeld AB-4), voo zove deze mensels met het te vewachten vekee te veenien zijn; - alle asfaltlaen die vedicht moeten woden, zijn dooaans oneschikt voo aanenin op pakeedaken, die daavoo onvoldoende daavemoen ezitten. De ontwepe moet dan zijn toevlucht nemen tot ietasfalt. 8.6 Toepassinseied De soot van we waaop (of weconstuctie waain) een vehadin wodt toeepast, eïnvloedt heel vaak de keuze van de laen waauit zij wodt opeouwd. In tael 10.2 staan de moelijke vehadinskeuzen teenove de veschillende toepassinseieden. Dit hoofdstuk veklaat, nuanceet of veduidelijkt de keuzen (afezien van speciale technieken) die voo epaalde toepassinen andee dan klassieke ween zijn emaakt. De commentaen lijven vaak epekt tot de toplaa; tenzij andes is aaneeven, wodt voo de ondelaen immes taditioneel ekozen tussen de veschillende AB-3-mensels en is deze keuze afhankelijk van de eschikae dikten (die ij vookeu in een dimensioneinspoces zijn eekend) Bedijfsween Hietoe ehoen ook usanen en ushalten. Deze constucties kijen vooal zwaa en soms ekaliseed (usanen) vekee te veweken; de snelheid is e vaak laa, of zelfs nul (ushalten). Een van de elanijkste kenmeken die een edijfswevehadin moet ezitten, is weestand teen spoovomin en teen vevomin doo schuifkachten. Voldoende stoefheid is eveneens veeist, mee epaald op plaatsen waa eemd wodt. Weens de zwae vekeeselastin valt toepassin van AVS in de ovenste ondelaa te oveween. Fiuu 8.15 Bedijfswe Voo de toplaa valt de keuze wat de eienlijke edijfsween eteft meestal op SMA of AB-1 (eventueel emodificeed), of zelfs op epeneteed asfalt. Gepeneteed asfalt is ijzonde eschikt voo toplaen van usanen of ushalten Tamanen De tamanen die hie woden edoeld, zijn openomen in een we of kuispunt en velenen dooan aan zwaa vekee. Ook emende tam-usanen ehoen tot deze oep. De ails woden thans meestal evestid op dwaslies die in te plaatse estot eton zijn ewekt, of evestid op een pefa voetstuk (of in een houde van te plaatse estot eton). In eide evallen moet de uimte tussen het eton en het ovenvlak van de ails eheel of edeeltelijk woden evuld met een itumineuze of andee vehadin. Het ijzondee aan deze vehadin lit in de smalle uimte (soms minde dan een mete eed) waain zij moet woden aaneacht. Vanwee deze situatie wodt voo de toplaa ietasfalt aanevolen (twee laen van 25 tot 30 mm). Te vedichten asfaltmensels komen eventueel ook in aanmekin, mits zij coect kunnen woden aaneacht en ehoolijk kunnen woden vedicht (met machines van aanepaste wekeedte). Om mislukkinen te 74

89 8 vookomen, wodt dan het est voo voldoende vewekae mensels (AB-4) ekozen. Als de we doo zwaa vekee wodt euikt, moeten de samenstellinen van de (iet)asfaltmensels woden aanepast om ze teen spoovomin estand te maken Fietspaden Aanliende fietspaden (en kuisinen van een vijliend fietspad met een we) heen dooaans dezelfde vehadin als de we zelf. Wat hie volt, eldt enkel voo vijliende fietspaden (uiten de kuisinen evan met andee ween). Hie moet een compomis woden ezocht tussen comfot (weini macotextuu) en veiliheid (voldoende stoefheid). Ook moet ekenin woden ehouden met de ijzondee omstandiheden voo het aanenen van de vehadin, die meestal smal zal zijn. Onde de asfaltmensels die in aanmekin komen, valt de keuze op AB-4D of AB-5D als vooal a comfot wodt esteefd, of aat de vookeu a AB-1 als mee macotextuu ewenst is. Als ondehoudstechniek ieden slemlaen inteessante moelijkheden; estijkinen ehalve eenlaase 2/4 (of zelfs 4/6) zijn dan wee af te aden, omdat zij een te ove macotextuu ezitten (die ij een val mee evaa oplevet) en evoeli zijn voo afelin. Als de toplaa om de een of andee eden niet machial kan woden aaneacht, kan ietasfalt (in twee handmati aaneachte laen) een inteessant altetief vomen. Mee infomatie ove vehadinen van fietspaden is te vinden in de ef. 50 en 60. Fiuu 8.16 Fiuu 8.17 Tamaan Fietspad Voetpaden en voetanesween Alle voetanesween en voetpadedeelten die voo voetuien toeankelijk zijn, moeten zo woden ontwopen, dat zij estand zijn teen het lichte of eventueel zwae vekee dat ze euikt. Dit houdt in dat de constuctie ehoolijk edimensioneed moet zijn en dat een eschikte vehadin moet woden ekozen. Het hoofdciteium voo de keuze van de toplaa is het comfot van de voetane. Daaast speelt ook de esthetiek een ol. Onde de itumineuze mateialen aat de vookeu a vehadinen met weini macotextuu (ijvooeeld AB-4D en AB-5D), als zij machial kunnen woden aaneacht. Als dat niet zo is, komt ietasfalt (in twee laen) in aanmekin, dat handmati kan woden vewekt en hiedoo ijzonde eschikt is voo inewikkelde eometische vomen. Deze mateialen kunnen indien nodi in «de massa» doo en doo woden ekleud, om epaalde esthetische patonen te ealiseen. Fiuu 8.18 Voetaneswe Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 75

90 Fiuu 8.19 Pakeeteein Pakeeteeinen Kenmekend voo pakeeteeinen zijn het dooaans lanzame vekee (op de veindinspaden tussen de pakeeplaatsen), de vele manoeuves waaij ote schuifkachten woden uiteoefend (optekken, emmen, daaien van wielen) en statische elastinen (doo stilstaande voetuien op de pakeeplaatsen). De vehadin moet dus voldoende estand zijn teen afelin onde de tanentiële kachten die het vekee uitoefent. Zij moet ook een aanepaste weestand teen dooponsin en spoovomin ezitten. De toplaa is dus het est niet te stoef (zoals AB), om ij manoeuves een ip voo de uitukkin van aeaat te ieden. Vehadinen met mee macotextuu (zoals SMA) kunnen ook woden toeepast, mits zij voldoende samenhan vetonen wat van mensels met weini holle uimte vewacht ma woden. De eometie van het pakeeteein kan meespelen in de keuze tussen SMA (dat niet zo eschikt is voo oppevlakken met een inewikkelde eometie) en AB. Bij de oppevlakehandelinen voo ondehoudsdoeleinden komen enkel slems en ook wel estijkinen met slemehandelin in aanmekin; estijkinen zijn onvoldoende estand teen tanentiële kachten. In ijzondee omstandiheden (lanpakeen, opslateein voo petoleumpoducten, enz.) kan echte een olieen andstofestendie estijkin die duuzaam estand is teen petoleumpoducten, mico-oanismen en UV-stalin nodi lijken. Pakeeteeinen voo licht vekee woden ovendien vaak doo voetanes euikt. Hun comfot wodt vehood doo toplaen met weini macotextuu toe te passen; AB-4 lijkt hie ijzonde aanewezen. Bij pakeeteeinen voo zwaa vekee aat de vookeu a toplaen met een otee weestand teen dooponsin en spoovomin (zoals SMA, of AB-1 of AB-4 dat met ilsoniet is emodificeed). Als de vekeeselastin zee zwaa is, kan epeneteed asfalt een inteessant altetief vomen Op- en oveslateeinen Wij heen het hie enkel ove de teeinen zelf; de toeansween woden als edijfsween eschouwd. De vooamste elastinen die opsla- en oveslateeinen ondeaan, zijn chemisch en/of mechanisch (dooponsin). Bij opslateeinen, waa zwae puntlasten opteden, woden vehadinen op dezelfde manie ekozen als ij pakeeteeinen voo zwaa vekee (zie 8.6.5). Voots zij vemeld dat slemlaen en estijkinen met slemehandelin hie niet aan te evelen zijn, omdat zij te weini weestand ieden teen dooponsin. Elk teein waa chemische poducten woden oveeslaen, is een ijzonde eval. De vehadin moet hie woden ekozen aelan van de aessieve stoffen waaaan zij zal woden lootesteld. Zo ijvooeeld: Fiuu 8.20 Opslateein - weken de meeste meststoffen in op een vehadin (zowel van asfalt als zeke van eton) die kalksteen of van kalksteen afkomstie poducten evat. Zuuvast asfalt (zonde eni kalksteenpoduct en zonde kalksteenvulstof ) is dan veeist; 76

91 8 - moeten andee voozoen woden enomen (speciaal indmiddel met een exta coatin, die eeeld moet woden venieuwd) waa oliepoducten op de vehadin kunnen teechtkomen (ijvooeeld enzinestations of -opslaplaatsen). Voo zulke teeinen zijn dicht AB en ietasfalt (mits het voldoende teen mechanische elastin estand is) aan te evelen Vlievelden In wat volt, aat de aandacht a vlievelden met duk vekee. Afhankelijk van de ootte van de elastinen kunnen voo deze toepassin mensels met emodificeede itumi woden aanevolen. Voo vlievelden met weini vekee zijn andee oplossinen te oveween. Men ondescheidt: - stat- of landinsanen: de toplaa moet zee stoef zijn en een ote weestand teen tanentiële kachten ezitten. Weestand teen spoovomin is minde elanijk, omdat de lasten stek vespeid zijn en zich zee snel veplaatsen. Geschikte vehadinen zijn dus AB-1 of zelfs SMA, waaop een hoowaadie estijkin (met aanepaste samenstellin) is aaneacht. De oveie vehadinen met een steenskelet (ehalve sommie speciale ZOAsamenstellinen) en de oveie oppevlakehandelinen zijn oneschikt, weens het evaa voo «foein oject damae (FOD)» ij eventuele afelin; Fiuu 8.21 Vlieveldaan - taxianen: «hih-speed taxiwas» woden elijkesteld met stat- of landinsanen. Op de oveie taxianen is het vekee meestal lanzaam en vaak ekaliseed. Naaelan van het vekee (aantal zwate lasten) lopen zij minde of mee evaa voo spoovomin. Bij de keuze van tussenlaen (ijvooeeld AVS) en toplaen moet daamee ekenin woden ehouden; de samenstellinen van de ekozen mensels moeten indien nodi woden aanepast, om de weestand teen spoovomin te veoten. Mensels die evoeli zijn voo afelin (zoals ZOA, RMD en SME) moeten echte emeden woden, weens het FOD-evaa. Omdat de stoefheid hie een eslissend citeium is (de snelheden zijn laa), hoeven een hoowaadie estijkinen te woden toeepast; elke andee soot van estijkin is oveiens af te aden (FOD-evaa); - opstelplatfoms: afhankelijk van de elastinen kunnen opstelplatfoms voo vlietuien met pakeeteeinen woden elijkesteld, met als ijzondeheden dat e een an eldt voo alle vehadinen die kunnen afelen (FOD-evaa) en dat een vehadin moet woden ekozen met een vehoode weestand teen lekkae van keosine en andee petoleumpoducten. Gepeneteed asfalt is eschikt voo zwaa elaste opstelplatfoms. Mee infomatie ove vlieveldvehadinen is te vinden in de ef. 52 en Spot- en speelteeinen Spotteeinen zijn in hoofdzaak voo voetanesvekee estemd; voetuienvekee is e in pincipe uitzondelijk, ijvooeeld voo ondehoud. De elanijkste eisen zijn comfot en vlakheid. Voo dit laatste kenmek moet de vehadin uit ten minste twee laen estaan, waavan de ondeste minstens 40 mm dik is. Om plasvomin te vookomen, moet de vehadin ovendien een hellin van ten minste 2 % vetonen (zie ), tenzij zij wateafvoeend is. Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 77

92 Fiuu 8.22 Speelplaats Bij de asfaltvehadinen voldoet AB-4D dooaans het est aan de eisen. Dit mensel is oed vewekaa, waadoo de vele stotden ete kunnen woden uitevoed. Ook andee vehadinen komen in aanmekin: - een vehadin van tweelaas ZOA (met een fijn eadeede toplaa: 0/6,3) op een fundein van open schaal eton (om de vehadin te kunnen aanenen). De doolatendheid van dit eheel vookomt dat zelfs op teeinen met een zee flauwe hellin wate lijft staan. Deze constuctie wodt onde mee voo tennisvelden toeepast. Geeeld ondehoud (onkuidestijdin) is wel nodi; - ietasfalt, als de vlakheid niet van fundamenteel elan is (zoals ij speelplaatsen, schoolpleinen, enz.). Dit mateiaal iedt een oplossin als polemen met de toeankelijkheid machile asfaltvewekin onmoelijk maken Buen Vehadinsconstucties op uen met een etonnen dek zijn dooaans maa tussen 70 en 120 mm dik, om het dode ewicht te epeken. Zij zijn van eneden a oven in pincipe uit de volende laen opeouwd: Fiuu 8.23 Bu - een afdichtinslaa. Deze estaat uit has (2 tot 3 mm dik), een elast polmeeitumenmemaan (4 of 5 mm dik) of ietasfalt (10 tot 15 mm dik, zonde hechtin aaneacht). Voo has- en memaafdichtinen estaan e technische oedkeuinen (BUt), die de ontwepe helpen poducten te kiezen die voo deze toepassin eschikt zijn. De keuze van de soot van afdichtinslaa hant onde mee van de kenmeken van het udek af (zie in dit veand ef. 66). De vookeu aat oveiens a een poduct dat te veenien is met een eschemlaa van ietasfalt (zie de technische oedkeuin). Als een ote weestand teen spoovomin veeist is, moet de samenstellin van het ietasfalt woden aanepast (polmeeitumen); - een eschemlaa. Deze estaat ij vookeu uit ietasfalt (25 of 30 mm dik). Zij kan vijwel niet als pofileelaa dienen. Als een ote weestand teen spoovomin veeist is, moet de samenstellin van het ietasfalt woden aanepast (polmeeitumen of additieven). Als altetief kan eventueel AB-3C of 3D (30 mm dik, licht pofileen moelijk) woden toeepast, mits deze asfaltsoot te veenien is met de ekozen afdichtin (zie de technische oedkeuin); - een of mee pofileelaen. Deze zijn van AB-3A, B, C, of D, aelan van de veeiste dikte(n). Ze zijn nodi omdat de ovenvlakken van het udek en de toplaa vaak niet evenwijdi lopen; - een toplaa. Alle sooten van toplaen zijn toeestaan. De toplaakeuze is dus afhankelijk van de we waain de u is openomen. Soms wodt deze keuze epekt doo de dikte die voo de laa eschikaa is. Hoowaadie estijkinen zijn niet aanewezen, omdat zij te emakkelijk scheuen onde de hoee themische spanninen die in een vehadinsconstuctie op een u vookomen. Voo mee infomatie wodt vewezen a ef

93 Pakeedaken Als niet-eïsoleede pakeedaken zwaa vekee moeten daen, wodt de vehadinsconstuctie op dezelfde manie ontwopen als voo een u. Het ontwep van vehadinsconstucties op eïsoleede pakeedaken onde zwaa vekee wodt hie niet espoken. Pakeedaken die enkel licht vekee te veweken kijen, kenmeken zich meestal doo een lichte constuctie die maa epekte lasten kan daen. Dit let epekinen op aan het ewicht (en dus het aantal en de dikte) van de vehadinslaen en vehindet het euik van zwae wektuien om deze laen aan te enen. De epekinen zijn no ote als het dak themisch eïsoleed is, omdat isolatiemateiaal maa mati teen elastinen estand is. De lokalen die zich vaak onde een pakeedak evinden, zijn een eden om een hechtende afdichtin (soms van has, vaak van itumineuze memanen) te vekiezen. Op pakeedaken woden zelden ietasfaltafdichtinen toeepast. Fiuu 8.24 Pakeedak Hoewel het altijd ete is een specifieke laa altijd van ietasfalt met een aanepaste samenstellin, om estand te zijn teen dooponsin toe te passen om de afdichtin te eschemen, eeut het dat op de afdichtin maa één laa ietasfalt mee wodt aaneacht. Deze laa dient dan teelijk als eschem- en als toplaa. De epekin die dikwijls aan de toelaatae elastin wodt esteld, veklaat waaom te vedichten asfaltmensels als toplaa afeaden woden. Gietasfaltvehadinen zijn volkomen voo deze toepassin eschikt. De menselsamenstellin moet wel woden aanepast (polmeeitumen of additieven), weens het evaa voo dooponsin onde epakeede voetuien. Met het oo op eventueel ondehoud zij eop ewezen dat estijkinen ook hie een aanevelin vedienen zoals ij de meeste pakeeteeinen, waaop veel met voetuien emanoeuveed wodt. Voo vedee infomatie wodt vewezen a ef. 67. Deze wodt innenkot vevanen doo een nieuwe, ezamenlijke ochue van het WTCB en het OCW (de pulicatie is epland in 2008). 8.7 Uitvoeinspeiode, uitvoeinstemijn en vekeeshinde Uitvoeinspeiode De weesomstandiheden eïnvloeden stek het aanenen van asfaltvehadinen. Deze omstandiheden houden veand met de tijd van het jaa. Het is dus loisch de keuze van de vehadin af te stemmen op de peiode waain zij zal woden aaneacht of, omekeed, de uitvoeinspeiode af te stemmen op de ekozen soot van vehadin. De klimaatinvloeden die een oveweende ol spelen en waamee dus ekenin moet woden ehouden, zijn de tempeatuu, de neesla en in sommie evallen de vochtiheid en de wind. Nuttie infomatie ove minimale lucht- en daavlaktempeatuen en maximale windsnelheden waaij de veschillende poducten moeten, espectievelijk moen woden vewekt, is te vinden in de standaadestekken voo weenouw (ef. 1, 2 en 3), in ef. 68 en op de poductladen van Een methode om de «windchill» of evoelstempeatuu te eekenen, is eschikaa op onde mee de wesite Hie maken wij een ondescheid tussen «wame» en «koude» aanentechnieken. Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 79

94 Wame technieken Het pas aaneachte asfalt koelt af doo wamte-uitwisselin met de lucht en de ondeliende laen. Het moet woden vedicht wannee het no een tempeatuu tussen 140 en 90 C heeft. De kwaliteit van de asfaltvehadin wodt epaald doo de vedichtin, die innen een epaalde peiode moet plaatsvinden; ij een luchttempeatuu van onevee 10 C is dat innen onevee de eeste 30 min het speiden. Deze vedichtinspeiode is stek afhankelijk van de weesomstandiheden waain het asfalt vewekt wodt. Wij kunnen dus stellen dat kwaliteit van een asfaltvehadin eïnvloed wodt doo de weesomstandiheden ij het aanenen: - de omevinstempeatuu: luchttempeatuu en tempeatuu van het te ovelaen oppevlak; - de windsnelheid, die epalend is voo de afkoelin van het asfalt; - neesla. Onunstie omstandiheden zijn een lae omevinstempeatuu, een hoe windsnelheid, en neesla of hoe luchtvochtiheid. Deze omstandiheden komen meestal, maa niet uitsluitend, in de winte, de voee lente of de late hefst voo. Gunstie omstandiheden zijn een nomale omevinstempeatuu (> 10 C), een lae windsnelheid en een neesla. Zij doen zich meestal in de zome voo, maa soms ook in de lente en de hefst. In de hievolende paaafen wodt met vooeelden aaneeven hoe deze veschillende omstandiheden het ontwep en/of de keuze van een asfaltvehadin kunnen eïnvloeden Onunstie omstandiheden In onunstie omstandiheden koelt pas espeid asfalt snelle af. De peiode waain de vehadin moet woden vedicht, wodt hiedoo kote. Voo de ontwepe is het ijevol aanewezen een mensel te kiezen dat lanzame afkoelt of waavan de vewekaaheid en vedichtaaheid minde evoeli zijn voo de weesomstandiheden. Het asfaltmensel of de asfaltvehadin zou dan één of mee van de volende kenmeken kunnen vetonen, voo zove zij met de estelde eisen te veenien zijn: - een dikkee vehadin (met ijvooeeld een toplaa van 4 cm in plaats van 3 cm), die een otee wamtecapaciteit ezit; - een mensel met een zachte indmiddel (ijvooeeld itumen 70/100 in plaats van klassiek itumen 50/70), waadoo het asfalt lane vedichtaa lijft; - een mensel zonde emodificeed itumen (ijvooeeld een SMA-C2); - een zandskeletmensel (ijvooeeld AB-4C), dat emakkelijke te speiden en te vedichten is dan een steenskeletmensel (zoals SMA-C1 of ZOA) Gunstie omstandiheden In unstie omstandiheden koelt pas espeid asfalt lanzame af. Asfaltmensels of -vehadinen die in deze omstandiheden kunnen woden aaneacht, zijn: - dunne vehadinen; - mensels met een emodificeed indmiddel; - steenskeletmensels. In de paktijk zijn de weesomstandiheden dikwijls niet onvedeeld unsti of onunsti. Toch is het elanijk dat de ontwepe in de opmaak van zijn ontwep en in de keuze van zijn asfaltvehadin zoveel moelijk ekenin houdt met het seizoen waain deze vehadin moet woden aaneacht. 80

95 Koude technieken Koude technieken, zoals estijkinen en slemehandelinen, zijn zee evoeli voo de weeomstandiheden tijdens en het aanenen, evels voo de peiode van uitvoein. De poducten die ij deze technieken woden toeepast, moeten melijk kunnen «ijpen», wat in slechte weesomstandiheden of in de late hefst onmoelijk is. In de paktijk wodt de uitvoeinspeiode van koud aan te enen toplaen epekt van midden apil tot eind septeme. De weesomstandiheden spelen ook een ote ol in de samenstellin van de poducten, onde mee in de soot en hoeveelheid indmiddel. Ref. 8 eeft mee details ove estijkinen Uitvoeinstemijn en vekeeshinde Bij de uitvoein van wekzaamheden dient steeds mee aandacht te woden esteed aan vemijden of epeken van de moelijke vekeeshinde Vehadinskeuze en vekeeshinde Naast het ontwep, de fasein en de uitvoeinsmethode heeft ook de keuze van de vehadin een ote invloed op de vekeeshinde doo wekzaamheden. Als maat voo deze hinde eldt de tijd dat de we uiten euik moet woden esteld: - het aanenen van een elementenvehadin (ijvooeeld een klinkeestatin) neemt uiteaad veel mee tijd in esla dan die van een asfaltvehadin; - cementeton moet vehaden; - speciale asfaltlaen heen soms mee tijd nodi voodat zij eeden moen woden. Zo wodt ijvooeeld epeneteed asfalt in twee fasen aaneacht en moet deze toplaa kunnen «ijpen»; - ij een asfaltvehadin moet elke laa kunnen afkoelen. Mee details hieove volen in ; - koud aaneachte toplaen, zoals estijkinen en slemlaen, moeten niet afkoelen en zijn vlue eijdaa Afkoelin van asfalt: een noodzaak Bij asfalteinswekzaamheden moet de ontwepe asoluut ekenin houden met de tijd die een pas aaneachte laa nodi heeft om af te koelen voodat zij voo vekee ma woden openesteld of voodat de volende laa ma woden aaneacht. Onvoldoende afkoelin kan leiden tot eeken zoals vemenin van laen, voetijdie spoovomin, of onmiddellijke afelin onde winend vekee. Aanevolen wodt een pas aaneachte asfaltlaa demate te laten afkoelen, dat de tempeatuu midden in de laa no ten hooste 30 C edaat. De tijd die daavoo nodi is, hant stek van de weesomstandiheden af: hoe unstie de in vemelde omstandiheden, hoe lane de afkoelinstijd. Daaast spelen echte ook de laadikte (hoe dikke de laa, hoe lanzame ze afkoelt), de asfaltsoot en de soot van ondeliende laa een ol. Enkele vooeelden (te aanvullin van die in ): - ZOA koelt doo zijn open stuctuu snelle af, waadoo de duu van de vekeeshinde kan woden epekt; - asfalt dat op een ietasfaltlaa op een u wodt aaneacht, daat wamte op dat ietasfalt ove. Deze ondeliende laa wodt hiedoo tijdelijk minde staiel en kan de toeevoede wamte maa heel lanzaam kwijt, zodat het eheel (ietasfalt + asfalt) exta lan moet afkoelen voo het in euik kan woden enomen. Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 81

96 Het OCW heeft een methode ontwikkeld om de afkoelinstijd van pas aaneacht asfalt als functie van de weesomstandiheden te voospellen (ef. 51). 180 Tempeatuu in het midden van de laa ( C) Tempeatuu in het midden van de laa ( C) cm - 0 m/s 3 cm - 5 m/s 3 cm - 0 m/s 3 cm - 5 m/s 6 cm - 0 m/s 6 cm - 5 m/s cm - 0 m/s 6 cm - 5 m/s ZOMER Aaneninstempeatuu: 165 C Daavlaktempeatuu: 14 C Open hemel Luchttempeatuu = f(datum, tijdstip): Datum: 15/06 Tijdstip voltooiin vedichtin: 12h00 WINTER Aaneninstempeatuu: 165 C Daavlaktempeatuu: 14 C Open hemel Luchttempeatuu = f(datum, tijdstip): Datum: 15/12 Tijdstip voltooiin vedichtin: 12h00 Tijd (min) Tijd (min) Fiuu 8.26 Dalin van de tempeatuu in pas aaneacht asfalteton, aelan van de laadikte en de windsnelheid Stateie ten aanzien van de afkoelinstijd In de vooescheven uitvoeinstemijn moet de noodzakelijke afkoelin zijn meeeekend. Desnoods moet het ontwep woden aanepast, doo ijvooeeld: - in de nodie omleidinen te voozien; - kotee edeelten s chts uit te voeen; - chtwek te vevanen doo weekendwek; - een aanepaste fasein van de wekzaamheden. Bij de fasein moet steeds een keuze woden emaakt tussen: - in de uimte epekte vekeeshinde met dikwijls heel wat fasen en exta stotden, wat de kwaliteit zeke niet ten oede komt en uiteindelijk mee tijd in esla neemt; - de methode van de «kote pijn», waaij de vekeeshinde in de uimte heel wat ote is, maa het kleinee aantal fasen de continuïteit en kwaliteit ten oede komt en de duu van de hinde epekt. 82

97 8 Een tussenoplossin estaat ein te kiezen voo veschillende fasen ij de vooeeidende wekzaamheden en de tussenlaen en voo de «kote pijn» ij het aanenen van de toplaa. 8.8 Op kote of middellane temijn te vewachten wekzaamheden Bij de keuze van een vehadin voo een we die onmiddellijk moet woden eepaeed (omdat hij ijvooeeld zwaa eschadid is) maa op kote of middellane temijn wee deit te woden openemaakt voo wekzaamheden (nieuwe iolen, sleuven voo nutsleidinen, aanle van vekeesplateaus, enz.), kan het est ekenin woden ehouden met de hie emaakte eschouwinen. De nieuwe vehadin wodt ij zulke voouitzichten vaak epekt tot een nieuwe toplaa (eventueel plaatselijke epaatie van de oveie laen), die van voolopie aad kan zijn. De definitieve epaatie wodt dan uitesteld tot de eplande wekzaamheden. Voo deze nieuwe toplaa kunnen ijevol minde due poducten woden ekozen, die eventueel minde duuzaam moen zijn dan voo een definitieve epaatie mits deze mindee duuzaamheid met de eoode toepassin te veenien is. Onde mee estijkinen en slems komen hie in aanmekin. Deze voolopie vehadinslaen moeten in iede eval zo woden ekozen, dat zij de uitvoein van latee wekzaamheden niet hindeen doodat zij ijvooeeld lastie of duude zijn om op te eken. In dit opzicht zijn ijvooeeld epaalde scheuemmende tussenlaen te mijden. Als de uitvoein van de eplande wekzaamheden ovewoen wodt de vehadin slechts plaatselijk (waa zij is openemaakt) te epaeen, dienen voo de huidie vehadinslaen mateialen te woden ekozen die oed samean met de nieuwe vehadin welke de enoemde wekzaamheden zal woden aaneacht. Als de epekte eedte of oppevlakte van de epaaties handwek met zich meeent, moeten mensels met een hoe vewekaaheid woden ekozen, die handmati kunnen woden aaneacht. AB-4 iedt dan met me uit esthetisch oopunt (homoeniteit) een oede oplossin voo de toplaa. Ook asfaltpoducten uit een andee eeks, zoals estijkinen (met itumen) en slems, kunnen hievoo eschikt zijn. Steenskeletmensels zijn daaenteen minde aanewezen. Een deelijke (plaatselijke) epaatie dient te woden vemeden als het wedek ekleud is. Bij handmatie vewekin woden ete een mensels met een ande indmiddel dan weenitumen euikt. Voots zij opemekt dat ij plaatselijke epaaties de stuctuele homoeniteit (mateiaalsooten en laadikten) van de we moet woden hesteld. Het is altijd een voodeel als de divese laen in de weconstuctie doo elijksootie laen kunnen woden vevanen: een fundein van schaal eton doo een fundein van schaal eton, een steenslafundein doo een steenslafundein, enz. De voeen of den in de veschillende laen moeten vespinen ten opzichte van elkaa. Op de plaatsen waa de we is openeled, zullen onvemijdelijk zettinen in de weconstuctie opteden. In afwachtin daavan is het vekieslijk het aanenen van de definitieve toplaa wat uit te stellen. 8.9 Kosten voo de opdachteve E estaan teenwoodi veschillende ekenmodellen om de totale levensccluskosten van een we te alseen («life ccle cost alsis (LCCA)»). Met deze modellen is het moelijk veschillende vaianten van weconstucties uit kostenoopunt te veelijken. Zij heen oo voo zowel de investeins- als de ondehoudskosten, maa zelden voo de andee kosten (milieu en ecclin). Om te kunnen weken, moeten deze modellen woden «evoed» met een eeks eevens en hpothesen. Zo moeten een of mee sceio s woden vasteled voo het ondehoud en de levensduu. De pijzen van de veschillende mateialen en veichtinen moeten woden eschat. Weens het ote aantal hpothesen en schattinen moeten de esultaten van zulke alsen voozichti woden eïntepeteed. Ref. 72 eeft een eeks vooeelden en toepassinen. Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 83

98 Hie volen de vooamste kostensooten waamee ekenin moet woden ehouden Investeinskosten Met «investeinskosten» wodt de kostpijs van weeanle edoeld. Naast de aanle van de we zelf (ondefundein, fundein, wevehadin, makein) is hiein onde mee ook het opeken van een estaande we of de aanle van een tacé (ophoin en uitavin) vevat. Ook ijkomende uitvoeinskosten zoals vekeesmaateelen, aanduidin van wekzaamheden, omleidin, ijstookvelein, tijdelijke constucties, enz. moeten in ekenin woden eacht. Richtpijzen voo het aanenen van de veschillende sooten van asfaltlaen staan vemeld op de poductladen van Ondehoudskosten Ondehoudskosten woden inedeeld in functionele en stuctuele ondehoudskosten (zie 4.2): - alle vehadinen heen functioneel ondehoud nodi. Deze ehoefte en de kosten die eaan veonden zijn, nemen toe amate een laa het einde van haa levensduu det. De vehadinskeuze kan deze kosten eïnvloeden niet alleen indiect doo de duuzaamheid van de ekozen laen, maa ook echtsteeks doo de aad evan (zo moet ijvooeeld ZOA eeeld woden eeinid); - de fequentie van stuctueel ondehoud houdt diect veand met de duuzaamheid van de weconstuctie en de toplaa. De poductladen van 10.3 even ichtwaaden voo de duuzaamheid van de veschillende itumineuze poducten. De kosten zijn afhankelijk van de ondehoudstechniek (inla, ovelain, heaanle). Zij kunnen woden epaald met ehulp van de ichtpijzen op de poductladen van Net zoals ij de investeinskosten dient hie ekenin te woden ehouden met ijkomende uitvoeinskosten Milieukosten De invloed van de soot van vehadin op epaalde milieukosten is escheven in 8.4. Voo een definitieve keuze uit veschillende moelijke oplossinen moeten veel aspecten woden ekeken, zoals de wekelijke milieueffecten, de evolutie van deze effecten in de tijd, de duuzaamheid van de oplossin en de (investeinsen ondehouds)kosten die eaan veonden zijn. Een tpisch vooeeld zijn eluidame vehadinen: - SMA-C (kostpijs: 7,20 /m 2, levensduu: 18 jaa) eeft in veelijkin met AB een eluidseductie van 1 tot 3 db; - ZOA-B (kostpijs: 5,80 /m 2, levensduu: 12 jaa) eeft in veelijkin met AB een eluidseductie van 3 tot 6 db, maa deze eductie neemt met veloop van tijd af. Niet alleen de openstellin voo het vekee, maa ook tijdens de uitvoein van de wekzaamheden zelf zijn e milieueffecten. Zo ijst de vaa welke veonteiniin tijdens deze uitvoein zal opteden, en wat het zal kosten om ze te estijden Recclinkosten Zoals in is aaneeven, wodt teenwoodi veel aandacht esteed aan toepassin van ecclinmateialen of secundaie ondstoffen voo de aanle van ween. Ap is een teffend vooeeld. Om dit moelijk te maken, moet soms eïnvesteed woden in de poductie- of uitvoeinsmiddelen (paalleltommel, enz.). Andezijds woden de ondstoffen meestal oedkope. Een moelijk stenee contole kan dan wee exta kosten met zich meeenen. De kosten die aan toepassin van ecclinmateialen veonden zijn, moeten dus pe eval woden eekend. 84

99 8 De mateialen die woden euikt, kunnen late op hun eut woden heeuikt. Als dat niet moelijk is, zullen zij een exta (due) ehandelin moeten ondeaan of a een stot moeten woden afevoed. Bij vewijdein van afvalstoffen moet in de eeste plaats woden eaan of (wame) ecclin in nieuw asfalt moelijk is. Dit wodt voomelijk doo de kwaliteit (homoeniteit, viscositeit, enz.) van het teuewonnen indmiddel epaald. De exploitant van een asfaltmeninstallatie die uiteust is voo ecclin van ap, zal dit puin aa in ontvanst nemen of zelfs een epekte pijs evoo etalen. De waade van oed ap kan woden eschat op 5 tot 10 pe ton. Als (wame) ecclin in een asfaltmeninstallatie niet moelijk is omdat ijvooeeld het oude indmiddel te zee veouded is, is koude ecclin als steensla (anulaat voo ijvooeeld cementeonden steenslafundeinen van ween) misschien wél no moelijk. Het ap kan dan woden afeeven ij een veunde installatie voo ecclin van ouw- en slooppuin. De pijs die hievoo wodt aaneekend, is onevee 5 pe ton. Teehoudend asfaltpuin wodt slechts doo een mindeheid van puineekinstallaties aanvaad; de afiftepijs is ook veel hoe en edaat onevee 40 pe ton. Als noch wame ecclin in asfalt noch koude ecclin als cementeonden steenslamensel moelijk is, est alleen no afvoe a een stotplaats om zich op een leale manie van het asfaltpuin te ontdoen. De kostpijs hievoo lit veel hoe en kan, inclusief milieuheffin, oplopen tot mee dan 100 pe ton. Tael 8.5 eeft een ovezicht van de huidie stotkosten. Soot van afval / Gewest Vlaandeen Wallonië Niet-teehoudend asfaltpuin; emend ouw- en sloopafval (= edijfsafval) Teehoudend asfaltpuin (= evaalijk afval) Niet-veonteinide ond (= inet afval) Milieuheffin Totale kosten Stottaief Stottaief Milieuheffin (5 indien inet afval) (indien met teuwinnin van eneie veand in een veunde veandinsoven voo evaalijk afval) of 191 (indien estot) 70 tot 250 Totale kosten ,25 20 Tael 8.5 Huidie stotkosten (2006), in /t Hoofdstuk 8 Andee factoen die het ontwep en de keuze van asfaltvehadinen eïnvloeden 85

100

101 9 Hoofdstuk 9 Keuze van het indmiddel, de eventuele additieven en de aeaten De hoofdstukken 7 en 8 aven de nodie aanwijzinen om in elke specifieke situatie de meest aanewezen soot van vehadin te kiezen. De meeste vehadinssooten estaan echte in een aantal vaianten die van elkaa veschillen doo het soot van indmiddel, het al of niet toepassen van additieven en de soot en koelmaat van de aeaten. Te illustatie kan woden vemeld dat e (in 2006) ten minste neen indmiddelsooten estaan (met eventueel vescheidene cateoieën innen elke soot), en vijf koelmaten van aeaten. Mee details hieove in ijlae 3. Uiteaad zijn niet alle sooten van indmiddelen en alle koelmaten van aeaten voo elke soot van vehadin eschikt. De standaadestekken (ef. 1, 2 en 3) leen de toelaatae vaianten vast. Binnen deze vaianten moeten keuzen woden emaakt, aelan van het specifieke poject. De keuze van de menselestanddelen (indmiddel, additieven, aeaten) kan de pestaties van de vehadin immes aanzienlijk eïnvloeden. Dit hoofdstuk eeft enkele ichtlijnen voo deze keuze. 9.1 Keuze van het indmiddel In de eel vomt weenitumen, ook penetatieitumen enoemd, de asiskeuze voo het indmiddel in vehadinen van flexiele weconstucties. In ijzondee omstandiheden met etekkin tot vekee, elastin, vewekin, esthetiek, veiliheid of klimaat/wee kan het echte nodi lijken een ande indmiddel te kiezen. In tael 9.1 staan alleen de euiksklae indmiddelen voo diecte toepassin in de poductie van asfaltmensels of ij de uitvoein van oppevlakehandelinen. De tael eeft een omschijvin, de eienschappen en het toepassinseied van de veschillende indmiddelen en vemeldt ook de poducten waain zij woden toeepast, om voo elk eval de meest aanewezen keuze te kunnen maken. De eienschappen veschillen soms stek van het ene indmiddel tot het andee. De keuze is afhankelijk van de wekelijke pestaties van het indmiddel, die doo middel van specifieke poeven woden epaald. De pestatieveeisten hanen op hun eut van het toepassinseied af. Vedee infomatie is te vinden in de ef. 6, 19, 24, 47, 54, 61, 62 en 63. Hoofdstuk 9 Keuze van het indmiddel, de eventuele additieven en de aeaten 87

102 Weenitumen Soot Omschijvin Eienschappen Elastomeeitumen (polmeeitumen) (1) Plastomeeitumen (polmeeitumen) (1) Bitumen met positief indininsetal (IG+) Had itumen (10/20 of 15/25) Pimenteeaa itumen Vloeiitumen Poduct vekeen doo distillatie van zovuldi ekozen uwe aadolie; voldoet aan nom NBN EN (ef. 54). Staiel, homoeen mensel van weenitumen en een of mee elastomeen (ijvooeeld SBS). Staiel, homoeen mensel van weenitumen en een of mee plastomeen (ijvooeeld EVA, polethleen). Bitumen dat in de affideij chemisch is emodificeed. Uit epaalde sooten uwe aadolie edistilleed itumen dat in de affideij is ehandeld om een zee hoe stijfheid te vekijen (NBN EN (ef. 62)). Klassiek itumen met minde asfaltenen dan weenitumen, dat affiniteit vetoont voo epaalde pimenten. Weenouw- of polmeeitumen, vloeiaa emaakt doo min of mee vluchtie petoleumsolventen toe te voeen. Klassieke itumi in veschillende penetatieklassen, onde mee 35/50, 50/70 en 70/ Weini tempeatuuevoeli. - Kan het koudeeda veeteen. - Gote weestand teen vevomin ij hoe tempeatuen in de laa. - Steke hechtin tussen indmiddel en aeaat, wat een ote weestand teen afelin eeft. - Te mijden ij handmatie vewekin van het asfalt. - Weini tempeatuuevoeli. - Gote weestand teen vevomin ij hoe tempeatuen in de laa. - Te mijden ij handmatie vewekin van het asfalt. - Zee weini tempeatuuevoeli. - Gote weestand teen vevomin ij hoe tempeatuen in de laa. - Vekleint het evaa voo vedichtin. - Te mijden ij handmatie vewekin van het asfalt. - Zee hoe stijfheid, wat een ote weestand teen vevomin eeft. - Gevoeli voo scheuvomin ij lae tempeatuen in de laa. - Asfalt moeilijk handmati te veweken. Rood (met ijzeoxide) en oen (met choomoxide) inkleuaa. De vekeen tinten zijn flets en vevaen met de tijd. Het enodide pecentae piment is hoo (2 tot 3 maal zo hoo als in een pimenteeaa snthetisch indmiddel). Het euikte itumen en solvent epalen de eienschappen: viscositeit van het esiduale itumen, stailiteit ij opsla, ijpinssnelheid en hechtin tussen esiduaal itumen en aeaat. Maakt poductie en vewekin ij lae tempeatuu moelijk. Toepassinseied Alle toepassinen. Vehadinen onde zwaa vekee en/of ote tanentiële kachten. Vehadinen onde zwaa vekee. Vehadinen onde zwaa vekee. Vehadinen onde zwaa vekee. Gekleude vehadinen van fietspaden, voetaneszones, spotteeinen en plaatselijke ween. Alle toepassinen van estijkinen en stockeeaa asfalt. Betokken poducten Alle poducten. ZOA, SMA, AB-1, RMD, AB-3 (voo epaalde toepassinen), estijkinen en slems. SMA, RMD, AB-1, AB-3 (voo epaalde toepassinen) en ietasfalt. Toplaen van SMA, AB-1 en AB-3 (voo epaalde toepassinen). AVS of AB-3. Alle poducten. Bestijkinen en stockeeaa asfalt. 1 In de Euopese nomalisatie, vasteled in NBN EN (ef. 61), zijn elastomeeitumi en plastomeeitumi veenid in het vezameleip «polmeeitumi». 88

103 9 Soot Omschijvin Eienschappen Bitumenemulsie Pimenteeaa snthetisch indmiddel Toepassinseied Alle toepassinen. Polmeeemodificeed pimenteeaa snthetisch indmiddel Meecomponentenhas Dispesie van itumen in wate onde toevoein van een oppevlakteactieve stof of een emulato en soms van een vloeimiddel («flux»). De menvehoudin tussen itumen en wate is onevee 60/40. Dooschijnend indmiddel dat een asfaltenen evat. Staiel, homoeen mensel van een pimenteeaa snthetisch indmiddel en polmeen. Snthetisch indmiddel met een of mee hasen. Het euikte itumen en de euikte emulato epalen samen met de menvehoudin tussen itumen en wate de eienschappen: viscositeit van het esiduale itumen, stailiteit ij opsla, eeksnelheid en hechtin tussen esiduaal itumen en aeaat. Maakt poductie en vewekin ij omevinstempeatuu moelijk. Alle pimentkleuen moelijk. Alle pimentkleuen moelijk; voo zwae elastinen. - Goot evaa voo scheuvomin. - Uitstekende hechtin tussen indmiddel en aeaat en op het daavlak. - Uitstekende weestand teen afelin. Gekleude vehadinen van fietspaden, voetaneszones, spotteeinen, stedelijke ween met duk licht vekee en plaatselijke ween. Gekleude vehadinen voo stedelijke ween met niet te duk zwaa vekee en voo sommie fietspaden. De toepassinen van hoowaadie estijkinen. Betokken poducten Kleeflaen, slems, indzand met emulsie, estijkinen, stockeeaa asfalt en koudasfalt. Alle poducten. Alle poducten. Hoowaadie estijkinen. Opmekin: Tee en itumi met eecclede elastomeen woden om milieu- en/of ezondheids- en/of economische edenen niet mee euikt. Tinidadasfalt ma in Wallonië weens eukhinde niet mee in de poductie van asfaltmensels woden toeepast. Tael 9.1 Kenmeken van de indmiddelen 9.2 Keuze van additieven Additieven woden tijdens de eeidin van het asfaltmensel in de mene toeevoed. Zij heen tot doel de kenmeken van het indmiddel (pololefinen, ilsoniet) of het mensel (vezels) te wijzien. Tael 9.2 eeft een omschijvin, de eienschappen en het toepassinseied van de veschillende additieven en vemeldt ook de poducten waain zij woden toeepast, om voo elk eval de meest aanewezen keuze te kunnen maken. Hoofdstuk 9 Keuze van het indmiddel, de eventuele additieven en de aeaten 89

104 Cellulosevezels Pololefinen Soot Omschijvin Eienschappen Uintah (ilsoniet) Vezels vekeen uit hout- of papieafval. Kunstvezels vekeen uit polmeen van koolstof en watestof. Zwat, limmend, zuive mateiaal (itumen) uit het Uintahekken in het oosten van de staat Utah (Veenide Staten). Afduipemmend. Toevoein van cellulosevezels maakt het moelijk het indmiddelehalte te vehoen en vookomt ontmenin van het asfalt tijdens het vevoe en de vewekin. Gote weestand teen vevomin ij hoe tempeatuen in de laa. - Gote weestand teen vevomin ij hoe tempeatuen in de laa. - Hoe vewekaaheid. - Gevoeli voo scheuvomin ij lae tempeatuen in de laa. EVA-anulaat (1) Plastomee in anulaatvom. - Weini tempeatuuevoeli. - Gote weestand teen vevomin ij hoe tempeatuen in de laa. - Te mijden ij handmatie vewekin van het asfalt, ehalve in ietasfalt. Toepassinseied Alle toepassinen. Vehadinen onde zwae elastinen. Vehadinen onde zwae elastinen. Vehadinen zonde zwaa vekee. Betokken poducten Sommie SMA-, RMDen ZOA-mensels. Kunnen ook in sommie AB- en zandasfaltmensels woden toeepast. AB-1, SMA, RMD en AB-3. AB-1, SMA, ietasfalt en AB-3. SMA, RMD, AB-1, AB-3 (voo epaalde toepassinen) en ietasfalt. 1 EVA-anulaat wodt in de eel (ehalve in ietasfalt) enkel in kleine hoeveelheden euikt, ij de eeidin van emodificeed asfalt.weens moelijke polemen met veeniaaheid ij het vemenen van dit anulaat met het asisitumen vedient het voo ote weken de vookeu euiksklae polmeeitumi te euiken. Tael 9.2 Kenmeken van de additieven 9.3 Keuze van de aeaten Soot De keuze van de aeaten voo een vehadin wodt meestal oveelaten aan de aanneme die ze aanent. De aeaten moeten voldoen aan een eeks eisen, die duidelijk in de standaadestekken (ef. 1, 2 en 3) zijn vasteled. Voo mee infomatie ove deze eisen kan woden vewezen a ef. 6. De toe te passen soot van aeaten moet dus in de ontwepfase niet de woden vasteled, in de wetenschap dat deze mateialen eventueel zullen woden aanepast aan de soot van laa, asfaltmensel of oppevlakehandelin. Zo ijvooeeld: - wodt kalksteensla in toplaen meestal niet toeelaten, tewijl het volkomen eschikt is voo ondelaen (zie ); - is ook ap voo ondelaen eschikt, maa ma het in epaalde toplaen niet woden toeepast (zie ); - moet voo hoowaadie estijkinen ecalcineed auxiet woden euikt, enz. Aan aeaten voo ekleude asfaltmensels kunnen ovendien no specifieke (kleu)eisen woden esteld Maximale koelmaat De maximale koelmaat die de aeaten voo een eeven asfaltmensel (en daamee elijkestelde poducten) moen heen, is afhankelijk van de plaats van de etokken laa in de constuctie (onde- of toplaa) en van het toepassinseied. Als alemene eel eldt dat de dikte van de laa maatevend is voo de maximale koelmaat in het asfaltmensel. Het komt e dus op aan de dikte van elke vehadinslaa op voohand te epalen. Een en ande aat als volt in zijn wek: 90

105 9 - ij de dimensionein van de weconstuctie wodt de totale dikte van de asfaltvehadin epaald; - de toplaa (soot en dikte) wodt ekozen met het oo op de ewenste kenmeken. Vooal om economische edenen even divese weeheedes teenwoodi de vookeu aan dunne of zelfs ultadunne toplaen. Deze tend houdt in dat een kleinee maximale koelmaat moet woden toeepast; - de esteende vehadinsdikte (totale dikte min de dikte van de toplaa en die van de eventuele pofileelaa en/of scheuemmende laa) wodt vedeeld in elementaie ondelaen van ij vookeu ote dikte, waain dan of steensla moet woden toeepast (om het evaa voo spoovomin in te dijken: zie ). Wannee de soot en dikte van de veschillende vehadinslaen zijn vasteled, kan de maximale koelmaat van de aeaten in elke laa woden epaald. Behalve voo laen die minde dan 2 cm dik zijn, wodt aanevolen een maximale koelmaat (D) toe te passen die elijk is aan 0,25 tot 0,50 maal de laadikte. De keuze van de maximale koelmaat voo de toplaa wodt no doo andee factoen eïnvloed, mee epaald doo de eisen aan de stoefheid, het oleluid, het afwateend vemoen, het comfot en de esthetiek Stoefheid Bij de keuze van de maximale koelmaat kan men zich laten leiden doo: - de snelheid van het vekee op de eschouwde we; - de omevin van de we. De stoefheid van de veschillende vehadinen wodt ekenmekt doo een stoefheidswaade ij lae snelheid (die echtsteeks doo de micotextuu wodt eïnvloed) en doo de afme van de stoefheid ij toenemende snelheid (die minde evoeli is voo ove macotextuu). Micotextuu Maco Mico Maco Mico Macotextuu Maco Mico Maco Mico Fiuu 9.1 Rol van de veschillende textuen in de stoefheid van een vehadin Bij elijke vehoudin van zand en steensla in het mensel kan woden esteld dat de aanvansstoefheid epaald wodt doo het aantal moelijke contactpunten tussen and en wedek. Een fijne eadeed mensel kan hiedoo hoe scoen dan een ove, maa eeft wel een otee afme van de stoefheid ij toenemende snelheid. Daaom: Hoofdstuk 9 Keuze van het indmiddel, de eventuele additieven en de aeaten 91

106 - kiest men voo ween in een stedelijke omevin, waa niet snelle ma woden eeden dan 50 km/h, een fijne macotextuu (die ook minde eluidhinde veoozaakt); - is voo ween in een niet-stedelijke omevin, waa tot 90 km/h (of zelfs snelle) ma woden eeden, een ovee textuu aan te evelen Roleluid Dit aspect is uitvoei espoken in Als conclusie kan woden esteld dat ij elijke menselsoot het mensel met de kleinste maximale koelmaat het minst eluid poduceet als alle oveie paametes elijk lijven Afwateend vemoen Het afwateend vemoen hant in hoofdzaak van de macotextuu van de vehadin af. Hoe mee macotextuu, hoe ete het wedek afwatet. Bij elijke asfaltsoot is de macotextuu afhankelijk van de koelmaat van de aeaten: hoe ove de aeaten, hoe mee macotextuu Comfot Om het comfot (en de veiliheid) van voetanes en fietses onde mee ij een val te veoten, is het ewenst een fijnee adein te kiezen Esthetiek De textuu van de laa en de koelmaat van de aeaten eïnvloeden de esthetiek van een vehadin. De esthetiek houdt vaak veand met elijkmati aanzien van het wedek. Bij eenzelfde poduct eldt: hoe fijne de adein, hoe ete de esthetiek. 92

107 10 Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen In de vooaande hoofdstukken (7, 8 en 9) zijn de veschillende factoen die in de keuze van asfaltvehadinen een ol spelen, uitvoei espoken. Dit hoofdstuk vat de eschikae eevens samen in taellen en poductladen die de ontwepe snel een veelijkend ovezicht van de veschillende keuzemoelijkheden ieden. Wij moeten e wel op wijzen dat niet alle nuances in de ovezichtstaellen konden woden vewekt. Daaom is het aan te evelen niet alleen deze taellen te aadpleen, maak ook de poductladen doo te nemen en de voie hoofdstukken, waain een en ande veduidelijkt wodt, te lezen. Dit hoofdstuk evat: - een tael waain de hoofdkenmeken van asfaltlaen zijn samenevat; - een tael met de toepassinseieden van asfaltlaen; - poductladen met een technische eschijvin van de vooamste asfaltmensels (en daamee elijkestelde poducten). Tot slot woden no enkele speciale technieken vooesteld Hoofdkenmeken van asfaltlaen Tael 10.1 eeft de vooamste kenmeken en pestaties van asfaltlaen. Hiemee kan de keuze fijne woden afestemd op de elastinen die de vehadin zal ondeaan. Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 93

108 Poductlad n. Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli zee evoeli niet van toepassin Bemin themische scheuvomin eflectiescheuvomin spoovomin vevomin onde statische elastin Pestaties vevomin doo afschuivin afelin evoeliheid voo chemische poducten stoefheid ondoolatendheid Veiliheid, comfot wateafvoeend vemoen eductie van het oleluid epaatiemoelijkheid manuele vewekin Vaia moelijkheid om ap toe te passen o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o o (*) Weens eek aan evain met dit poduct in Belië elden de toeekende kleucodes slechts als indicatie. Veiliheid, comfot Asfalteton AB-1B zee hoo hoo mati zee ein niet van toepassin Beind asfalteton AB-2C Asfalteton AB-4 (C, D) Asfalteton AB-5D Steenmastiekasfalt SMA (B, C, D) Zee open asfalt ZOA (B, C) Revêtement mince discontinu RMD (C, D) Steenmastiekemulsie SME-D Eenlaase estijkin met enkelvoudie eindin Eenlaase estijkin met duele eindin Tweelaase estijkin Hoowaadie estijkin Eenlaase slem Tweelaase slem Bestijkin met slemafdichtin Gietasfalt voo plaatselijke epaaties of vehadinen Gepeneteed asfalt Béton itumineux à module élevé (BBME) (*) Asfalteton AB-3 (A, B, C, D) Zandasfalt Gietasfalt voo afdichtinslaen Gietasfalt voo eschemlaen Asfalteton met vehoode stijfheid (AVS / EME) (*) Stockeeaa asfalt Vaia eschikt moelijk minde eschikt evoelie o ein o oneschikt niet van toepassin Tael 10.1 Kenmeken van asfaltlaen

109 10 In tael 10.1 staan de eminen van de veschillende asfaltlaen volens de in 2006 eldende standaadestekken (ef. 1, 2 en 3) (zie ook ijlae 4). De veschillende laen woden e voo elk citeium eoodeeld met een kleucode: Pestaties de kleucodes even de evoeliheid van het asfaltmensel voo de eeven pestatie (themische scheuvomin, eflectiescheuvomin, spoovomin, enz.) aan; Veiliheid en comfot de kleucodes even aan welk niveau het asfaltmensel voo het eeven kenmek (veiliheid, ondoolatendheid, enz.) haalt; Vaia deze uiek evat alle kenmeken die niet onde «pestaties» en «veiliheid en comfot» kunnen woden eanschikt. De kleucodes even aan in hoevee de asfaltlaa voo het eoode eschikt is. De kleucodes zijn toeekend aan de «standaadpoducten», dit wil zeen aan de aaste vaianten. De eoodelinen staan op de oveeenkomstie poductladen in het vet aaneeven (zie 10.3). Sommie wijziinen in de samenstellin (ijvooeeld vevanin van weenitumen doo polmeeitumen) kunnen deze codein eïnvloeden. Als dat zo is, wodt dat op het poductlad vemeld. Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 95

110 Bijzondee toepassin (cf. poductln.) Poductlad n. Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee Stedelijke we duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee Landelijke we duk vekee Landouwwe Industiewe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan Pakeeteein Toplaa (dikte 1,5 cm) Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Repaatie Bemin taxiaan Vlieveld opstelplatfom voo vlietuien Spotteein Bu AB-1B 101 AB-2C x 102 AB AB-5D 104 SMA 105 ZOA 106 RMD 107 SME 108 Eenl. est. enkelvoudie eindin 201 Eenl. est. duele eindin 202 Tweelaase estijkin 203 Hoowaadie estijkin 204 Eenlaase slem 205 Tweelaase slem 206 Bestijkin met slemafdichtin 207 Gietasfalt v plaats. epa. of vehad. x 301 Gepeneteed asfalt x 302 BBME (*) x 303 AB Zandasfalt x 402 Gietasfalt voo afdichtinslaa x 403 Gietasfalt voo eschemlaa x 404 AVS (*) x 405 Stockeeaa asfalt x 406 eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (*) Weens eek aan evain met dit poduct in Belië elden de toeekende kleucodes slechts als indicatie. Tael 10.2 Toepassinseieden van asfaltlaen 96

111 Toepassinseieden van asfaltlaen Tael 10.2 vomt een hulpmiddel ij de keuze van een vehadin a elan van het toepassinseied (linkeedeelte van de tael). De kleucodes in dit linkeedeelte moeten echte woden enuanceed aelan van het tpe van de laa (kleucodes in het echteedeelte van de tael). Hie volen wat toelichtinen ij deze tael Lexicon In het hievolende lexicon woden de toepassinen waavoo de kleucodes zijn toeekend, de omscheven. Autosnelwe Alleen autosnelween en autoween (toeestane maximumsnelheid hoe dan 90 km/h). Bedijfswe Bu Fietspad Bedijfsween, eien anen en ushalten. Eien anen voo zowel ussen als tams vallen onde de emin «Tamaan». Bu of viaduct met een etonnen dek en een vehadinsconstuctie die tussen 70 en 120 mm dik is. Fietspaden en doeloepstoken voo emotoiseede lichte weeuikes. Gevaalijke ocht Bochten waa een oanepaste voetuisnelheid onevallen kan veoozaken. Kuispunt Landouwwe Kuispunten en otondes waa ote tanentiële kachten woden uiteoefend. Kuisinen van staten met weini vekee vallen hieuiten (zie ij «Stedelijke we»). Landouw- en osween. Landelijke we Opslateein Pakeedak Uitsluitend veindinsween tussen woonkenen (snelheid meestal 90 km/h), waaij een ondescheid wodt emaakt aelan van de vekeesdukte (vachtvoetuien > 3,5 t). Vooal opsla-, ovesla- en laad- en losteeinen in haven- en industieeieden. De toeleidende ween vallen hieuiten (zie ij «Bedijfswe»). Pakeedaken zonde wamte-isolatie, waaop alleen lichte voetuien woden toeelaten. Pakeeteein Plaatselijke we Spotteein Teeinen voo het pakeen van voetuien van alle cateoieën (inclusief de paden a en tussen de pakeeplaatsen). E wodt een ondescheid emaakt tussen zwaa vekee en licht vekee (pesoneuto s). Vekavelinsween, doodlopende ween, dopsween en alle andee staten met weini vekee, met uitzondein van de ween die onde de emin «Landouwwe» vallen. Alle sooten van spotteeinen (tennis, asketal, enz.) en speelplaatsen. Stedelijke we Tamaan Alle sooten van stedelijke ween (snelheid meestal 50 km/h), exclusief ween met weini vekee (zie ij «Plaatselijke we»). E wodt een ondescheid emaakt tussen duk zwaa vekee, ein zwaa vekee en duk licht vekee (op ween die niet toeankelijk zijn voo ussen en vachtwaens). Alle ijstoken waain tamspoen zijn openomen. Vlieveld Voetaneswe Alleen voo zwaa vekee. E wodt een ondescheid emaakt tussen stat- en landinsanen, taxianen en opstelplatfoms. Voetanesween en voetpaden Beminen In tael 10.2 staan de eminen van de veschillende asfaltlaen volens de in 2006 eldende standaadestekken (ef. 1, 2 en 3) (zie ook ijlae 4). Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 97

112 Kleucodes De kleucodes even aan in welke mate een eeven asfaltmensel voo een epaalde toepassin eschikt is (linkeedeelte van tael 10.2). Zij even ook aan in welke laen zij kunnen woden toeepast (echteedeelte van tael 10.2). De kleucodes zijn toeekend aan de «standaadpoducten», dit wil zeen aan de aaste vaianten. De eoodelinen staan op de oveeenkomstie poductladen in het vet aaneeven (zie 10.3). Sommie wijziinen in de samenstellin (ijvooeeld vevanin van weenitumen doo polmeeitumen) kunnen deze codein eïnvloeden. Als dat zo is, wodt dat op het poductlad vemeld Opmekin voo uen De keuze van de vehadinslaen hant vooal van de (eventueel vaiaele) eschikae dikten af, waaij ekenin moet woden ehouden met de aanweziheid van een afdichtins- en een eschemlaa. De vehadin is ij vookeu van dezelfde soot als die van de we die a de u toeleidt Bijzondee toepassin Als in de tael ij een asfaltmensel de kolom «Bijzondee toepassin» is aanekuist, etekent dit dat het mensel weens zijn ijzondee samenstellin en/of estemmin voo andee toepassinen wodt euikt dan «klassieke» asfaltmensels. 98

113 Poductladen Voo de meeste asfaltmensels (of daamee elijkestelde poducten) is een poductlad opemaakt. Deze laden even op één ladzijde de elanijkste infomatie die nodi is om een vehadin te kiezen. De laden zijn opemaakt met de volende uieken: - de eminen volens de in 2006 eldende standaadestekken (zie ook ijlae 4); - de Belische en de Euopese codein (zie ook ijlae 3); - een eschijvin van het poduct, met onde mee: - de am van de oep waatoe het ehoot; - de vooamste toepassin; - infomatie ove het ehalte aan en de soot van indmiddel (het euikelijkste indmiddel staat vet aaneeven). Voo de indmiddelkeuze kan woden vewezen a de 9.1 en 9.2; - de hoofdkenmeken. Deze uiek eeft ook infomatie ove de duuzaamheid; - het toepassinseied en de eventuele epekinen; - commentaa, onde mee in veand met: - vewekinspolemen; - de moelijkheid om ap toe te passen; - een tael met (eventueel voo de veschillende vaianten van het poduct): - de maximale koelmaat; - de nomile dikten; - de maximum- en minimumdikten of de minimumdoseinen; - de minimale luchttempeatuu ij het aanenen van de laa; - de pijs in m 2 ten opzichte van die van AB-1B; - een foto. Rechts op de laden staan taellen met kleucodes die de hoofdkenmeken samenvatten en aaneven in welke mate het poduct voo de veschillende toepassinen eschikt is. Deze taellen zijn oveenomen uit de taellen 10.1 en 10.2; de kleucodes heen dus dezelfde etekenis. De lijst van de poductladen is als volt: Bladnumme Poduct Asfalteton AB-1B Beind asfalteton AB-2C Asfalteton AB-4 (C, D) Asfalteton AB-5D Steenmastiekasfalt SMA (B, C, D) Zee open asfalt ZOA (B, C) Revêtement mince discontinu RMD (C, D) Steenmastiekemulsie SME-D Eenlaase estijkin met enkelvoudie eindin Eenlaase estijkin met duele eindin Tweelaase estijkin Hoowaadie estijkin Eenlaase slem Tweelaase slem Bestijkin met slemafdichtin Gietasfalt voo plaatselijke epaaties of vehadinen Gepeneteed asfalt Béton itumineux à module élevé (BBME) Asfalteton AB-3 (A, B, C, D) Zandasfalt Gietasfalt voo afdichtinslaen Gietasfalt voo eschemlaen Asfalteton met vehoode stijfheid (AVS/EME) Stockeeaa asfalt Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 99

114 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 100

115 10 Asfalteton AB-1B Asphalt concete AC-14 tpe Beschijvin: Dicht asfaltmensel met een zandskelet en een continue koelvedelin. Dikke toplaa ij nieuwouw of ondehoud (inla en ovelain). Middelhoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 50/70, IG+, toevoein van Uintah, polmeeitumi. Hoofdkenmeken: Zee duuzaam. Goed ondoolatend. Goed estand teen afelin. Weini macotextuu, waadoo povee pestaties voo stoefheid en afwatein. Weestand teen spoovomin kan woden veeted doo polmeeitumi of IG+ te euiken of doo Uintah toe te voeen. Toepassinseied en epekinen: Een «klassieke» die onde middelmati en (met aanepast indmiddel) onde duk vekee ote voldoenin schenkt. Om esthetische edenen af te aden op plaatsen waa de laa veel manueel moet woden aaneacht. Bepekt tot ween met niet al te snel vekee (< 90 km/h). Commentaa: Oppevlakehandelin met ij vookeu 4/6,3 (1,5 tot 2 k/m 2 ) of met 6,3/10 (3,5 tot 5 k/m 2 ) om de aanvansstoefheid, die laa lijft zolan het indmiddellaaje aan het oppevlak niet afeeden is, te veeteen. Toepassin van ap is onde epaalde voowaaden moelijk. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B AB-1B of (di.: 50 mm) Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie Pestaties (Leenda 2) AB-1B AB-1B BB-1B Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o o o mm mm AB-1B Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen o o 101

116 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 102

117 10 Beind asfalteton AB-2C Hot Rolled Asphalt Beschijvin: Dicht asfaltmensel met een stek zandskelet (60 %) en een continue koelvedelin. Beinden is veplicht. Dunne toplaa ij nieuwouw of ondehoud (inla en ovelain). Hoo indmiddelehalte (8 %). Geuikt indmiddel: weenitumen 35/50. Hoofdkenmeken: Zee duuzaam (vooal doodat het ondoolatend is). Stoef en teen spoovomin estand, espectievelijk doo de steke macotextuu en de samenstellin. Lawaaiei doo de steke macotextuu en de dichte stuctuu. Gevaa voo velies van eindinsstenen. Toepassinseied en epekinen: Voee zee vaak op autoween en autosnelween toeepast. Heeft echte aan populaiteit ineoet, omdat het mensel lasti te veweken is. Kan zonde eindin woden toeepast op ijvaadiheidsanen of als eschemlaa op uen (als e een evaa voo spoovomin is). Commentaa: De vewekin van dit mensel is kitisch. Het team moet veel evain ezitten om ze te doen slaen. De oppevlakehandelin (eindin met 5 tot 7 k steensla 10/14 pe m 2 ) moet ij de juiste asfalttempeatuu plaatsvinden, om het steensla voldoende (maa niet te) diep te kunnen inwalsen en in de laa vast te zetten. De eindinsstenen moeten vooomhuld zijn en moen wit van kleu zijn, om de vehadin heldede te maken. Het euik van een eindinsmachine is veplicht. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B AB-2C ,2 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie - - AB-2C BB-2C Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu x Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o o o mm mm AB-2C Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen o 103

118 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 104

119 10 Asfalteton AB-4 (C, D) Asphalt concete AC-(10; 6,3) tpe Beschijvin: Vewijzin a SB Dicht asfaltmensel met een zandskelet en een continue koelvedelin. Dunne of dikke toplaa ij nieuwouw of ondehoud (inla en ovelain). Middelhoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 50/70, weenitumen 70/100, toevoein van Uintah. Hoofdkenmeken: Redelijk duuzaam. Goed ondoolatend. Goed estand teen afelin. Weini macotextuu, waadoo povee pestaties voo stoefheid en afwatein. Weestand teen spoovomin kan woden veeted doo Uintah toe te voeen. Goed vewekaa mensel. Toepassinseied en epekinen: Een «klassieke» die zowel op plaatselijke ween en landelijke ween met ein vekee als op pivé-teeinen ote voldoenin schenkt. Kan in laen met een licht wisselende dikte woden aaneacht. Kan indien nodi ook handmati woden vewekt. Commentaa: De standaadestekken schijven een oppevlakehandelin met 4/6,3 (1,5 tot 2 k/m 2 ) voo. Achitecten waadeen deze asfaltsoot om haa esthetische eienschappen. Pakeeteein Aanduidin AB-4C AB-4D Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B 10 6, ,9 0,8 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld AB-4 (C, D) AB-4 (C, D) BB-4 (C, D) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin o Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin o Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm AB-4C Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen o 105

120 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 106

121 10 Asfalt eton Béton itumineux AB-5D BB-8 (D, E) Asphalt concete Asphalt concete AC-6,3 tpe 5 AC-(6,3; 4) tpe Beschijvin: Vewijzin a SB Dicht asfaltmensel met een zandskelet en een continue koelvedelin. Zee dunne toplaa ij ondehoud (inla en ovelain) en soms ij nieuwouw. Middelhoo tot hoo indmiddelehalte. Geuikt indmiddel: weenitumen 70/100. Hoofdkenmeken: Weini tot edelijk duuzaam. Ondoolatend. Weini macotextuu, waadoo povee pestaties voo stoefheid en afwatein. Doo de menselsamenstellin, de etekkelijk hoe holle uimte en de eine laadikte een oedkope toplaa, die echte weini mechanische stekte ezit. Goed vewekaa mensel. Toepassinseied en epekinen: Aanewezen als de eschikae ovelaadikten epekt zijn (doo te ehouden niveaus). Vooal op constucties voo licht vekee toeepast. Kan indien nodi met tussentijdse wachttijden woden vewekt. Commentaa: De speidin en vedichtin van dit mensel zijn kitisch. Weens de eine dikte van de asfaltlaa moet de kleeflaa ijzonde zovuldi woden aaneacht. E zijn lichte veschillen in koelvedelin tussen AB-5D en BB-8D. Pakeeteein Aanduidin AB-5D BB-8D BB-8E Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B 6,3 6, ,7 0,6 0,5 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Pestaties (Leenda 2) - - AB-5D BB-8 (D, E) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o mm mm AB-5D Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 107

122 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 108

123 10 Steenmastiekasfalt SMA (B, C, D) Stone Mastic Asphalt SMA-(6,3; 10; 14) 105 Beschijvin: Dicht asfaltmensel met een steenskelet en een discontinue koelvedelin, dat aan het oppevlak een open textuu vetoont. Dunne of dikke toplaa ij nieuwouw of ondehoud (inla en ovelain). Hoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 50/70 (met afduipemme), polmeeitumen, IG+. Hoofdkenmeken: Redelijk duuzaam. Doo de samenstellin een mensel met hoe mechanische kenmeken. De macotextuu van SMA-B en SMA-C zot voo evediende stoefheid en afwatein en leidt ook tot oede akoestische kenmeken. Doo de samenstellin lasti handmati te veweken en dus ook moeilijk te epaeen. Toepassinseied en epekinen: Voo de meeste ween eschikt, inzondeheid onde zwaa vekee dat 90 km/h ijdt. Niet aan te aden voo weedeelten met een inewikkelde eometie die handwek nodi maakt, noch voo vehadinen die vooal voo lichte weeuikes (voetanes, fietses) estemd zijn. Oneschikt voo vewekin met veelvuldie machinestilstanden. Commentaa: Wodt soms met steensla 2/4 afestooid, om de aanvansstoefheid te veeteen. Zee evoeli voo veandeinen in de samenstellin tijdens het vevoe en de vewekin. Ma niet met anden- of tilwalsen woden vedicht. Pakeeteein Aanduidin SMA-B SMA-C SMA-D Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B , ou ou ,3 1,1 0,9 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie Pestaties (Leenda 2) SMA (B, C, D) SMA (B, C, D) SMA (C, D) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o mm mm SMA-D Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 109

124 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 110

125 10 Zee open asfalt ZOA (B, C) Poous Asphalt PA-(10; 14) 106 Beschijvin: Open (ZOA-B) of halfopen (ZOA-C) asfaltmensel met een steenskelet en een discontinue koelvedelin. Dikke (ZOA-B) of dunne (ZOA-C) toplaa ij nieuwouw of ondehoud (alleen ovelain). Laa indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 70/100, polmeeitumen. Hoofdkenmeken: Redelijk duuzaam. Voet oppevlaktewate in de laa zelf af en vookomt hiedoo stuiven en spatten en ijevol moelijke aquaplanin. De akoestische pestaties, de weestand teen spoovomin en (in mindee mate) de stoefheid zijn uitstekend. Goot evaa voo afelin, vooal waa ote tanentiële kachten woden uiteoefend. De zee open textuu veoozaakt een specifiek winteeda (ote evaa voo ijzelvomin). Slit onvemijdelijk dicht, waadoo sommie functionele kenmeken eleidelijk achteuitaan. Toepassinseied en epekinen: Tenzij zijdelinse wateafvoevoozieninen aanwezi zijn of aaneacht woden, is inla dooaans niet moelijk. Bijzonde eschikt voo ween met duk en snel vekee. Hoe snelle en dukke het vekee, hoe lanzame het dichtslit. Niet e aanewezen voo ween met lanzaam vekee, waa zijn eienschappen niet oed tot hun echt komen en waa het snelle dichtslit. Kan in sommie evallen als ondelaa woden toeepast, om opstijend wate af te voeen. Kan met een specifiek indmiddel op vlieveldanen woden toeepast. Commentaa: Vet aanepast ehee voo estijdin van winteladheid, met infomatieoden voo het vekee. Ma niet met anden- of tilwalsen woden vedicht. Zijdelinse wateafvoe is een asolute veeiste. Ma niet in pofileelaen woden toeepast. ZOA-C is minde wateafvoeend en kan snelle dichtslien. Pakeeteein Aanduidin ZOA-B ZOA-C Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B ,9 0,8 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie Pestaties (Leenda 2) ED-B, RMTO-C ZOA (B, C) ED-B, RMTO-C Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm ZOA-B Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 111

126 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 112

127 10 Revêtement mince discontinu RMD (C, D) Ve Thin Lae ACVTL (6,3; 10) 107 Beschijvin: Vewijzin a SB Halfdicht asfaltmensel met een steenskelet en een discontinue koelvedelin. Zee dunne toplaa ij nieuwouw of ondehoud. Middelhoo tot hoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 50/70 en weenitumen 70/100 (eide met afduipemme), polmeeitumen. Hoofdkenmeken: Redelijk duuzaam. Doo de samenstellin een mensel met hoe mechanische kenmeken. De macotextuu van RMD-C zot voo evediende stoefheid en afwatein en leidt ook tot oede akoestische kenmeken. Doo de samenstellin lasti handmati te veweken en dus ook moeilijk te epaeen. Het daavlak moet ondoolatend woden emaakt met een kleeflaa in een dosein van 300 tot 500 esiduaal itumen pe m 2. Toepassinseied en epekinen: Voo de meeste sooten van ween eschikt. Niet aan te aden voo weedeelten met een inewikkelde eometie die handwek nodi maakt, noch voo vehadinen die vooal voo lichte weeuikes (voetanes, fietses) estemd zijn. Ma niet in laen van wisselende dikte woden toeepast. Commentaa: Gevoeli voo veandeinen in de samenstellin tijdens het vevoe en de vewekin. Ma niet met anden- of tilwalsen woden vedicht. Pakeeteein Aanduidin RMD-C RMD-D Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B 10 6, ,8 0,6 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld RMD (C, D) - - RMD (C, D) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin o Reflectiescheuvomin o Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin o Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm RMD-C Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen o 113

128 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 114

129 10 Steenmastiekemulsie Revêtement ulta mince enu SME-D RUMG (C, D) Ulta thin lae Ulta thin lae Beschijvin: Asfaltmensel met een steenskelet en een discontinue koelvedelin. Ultadunne toplaa ij nieuwouw of ondehoud (ovelain). Laa indmiddelehalte (voodat het itumen uit de kleeflaa in het asfaltmensel tekt). Geuikte indmiddelen: weenitumen 50/70 of weenitumen 70/100 in RUMG; elastomeeitumen in SME. Hoofdkenmeken: Redelijk duuzaam. Hestelt de ondoolatendheid van het daavlak en zot voo een oede afwatein, een oede stoefheid (alleen RUMG-C) en een oede weestand teen spoovomin. Heeft uitstekende akoestische kenmeken. Doo de samenstellin niet manueel te veweken en dus niet te epaeen. De laadikte moet constant zijn. Behoeft een kleeflaa van elastomeeitumenemulsie in een dosein van 300 tot 500 esiduaal itumen pe m 2. Het itumen van deze kleeflaa moet in het asfaltmensel tekken. Toepassinseied en epekinen: Bijzonde eschikt voo autosnelween. Veoden voo ween met een inewikkelde eometie. Veeist een daavlak met weini schade, waaop de laa in een constante dikte kan woden aaneacht. Ma niet in laen van wisselende dikte woden toeepast. Oneschikt voo lichte weeuikes en voo weedeelten waa ote tanentiële kachten woden uiteoefend. Zee eschikt om vehadinen van dooaand ewapend eton te ovelaen. Doo de zee eine dikte en de samenstellin niet met scheuemmende tussenlaasstemen te veenien. Commentaa: Moet woden aaneacht met een asfaltspeidmachine met ineouwde spoeiuis. Pakeeteein Aanduidin SME-D RUMG-C RUMG-D Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B 6,3 10 6, ,8 0,4 0,4 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie Pestaties (Leenda 2) - - SME-D RUMG (C, D) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o mm mm RUMG-D Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 115

130 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs/AB-1B maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a de dikte (in mm) wodt te indicatie eeven minimumdoseinen van het indmiddel (l/m 2 ) en het steensla (k/m 2 ) minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 116

131 10 Eenlaase estijkin met enkelvoudie eindin Suface dessin Beschijvin: Vewijzin a SB Oppevlakehandelin die vooal als ondehoudsmaateel wodt toeepast. Laa indmiddel waaop één laa steensla (2/4; 4/6,3; 6,3/10 of 10/14) wodt aaneacht. Geuikte indmiddelen: weenitumen en polmeeitumen (in de vom van een emulsie of van vloeiitumen). Hoofdkenmeken: Weini duuzaam. Bent de ondoolatendheid, de stoefheid en het afwateend vemoen wee op een oed niveau. Slechte akoestische kenmeken (ij toepassin van de ove koelmaten). Sstematisch steenvelies, inheent aan het pocédé. Snelle uitvoein. De estaande niveaus lijven ehouden. Toepassinseied en epekinen: Ma niet tussen half oktoe en midden apil woden aaneacht. De toepassinsvoowaaden en epekinen zijn vasteled in ef. 8. Steenvelies kot het aanenen kan soms polemen even (ijvooeeld in stedelijk eied). De alemene staat van het daavlak moet oed enoe zijn. Vooeeidende wekzaamheden kunnen nodi zijn om de vlakheid te hestellen, kippennesten en plaatselijke inzakkinen uit te vullen en escheude of poeuze edeelten te ehandelen. Oneschikt voo weedeelten waa ote tanentiële kachten woden uiteoefend. Vooal eschikt voo ween met ein vekee. Commentaa: Kostenviendelijk pocédé om de levensduu van een asfaltvehadin te velenen. «Gevoelie» techniek, met afelin en zweten als vooamste moelijke eeken. Pakeeteein Aanduidin 2/4 4/6,3 6,3/10 10/14 Koelm. 4 6, Dikte Dos. indm. 0,55 0,8 0,9 1,2 Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B 3,2 5,5 8 10, ,4 0,4 0,4 0,4 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Pestaties (Leenda 2) Eenlaase BS Eenl. estijkin ES mono simple av. Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o mm mm Eenlaase estijkin met enkelvoudie eindin Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 117

132 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs/AB-1B maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a de dikte (in mm) wodt te indicatie eeven minimumdoseinen van het indmiddel (l/m 2 ) en het steensla (k/m 2 ) minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 118

133 10 Eenlaase estijkin met duele eindin Suface dessin Beschijvin: Vewijzin a SB Oppevlakehandelin die vooal als ondehoudsmaateel wodt toeepast. Laa indmiddel waaop achteeenvolens een laa ove steensla in een niet-esloten mozaïek en een laa fijne steensla woden estooid (10/14 + 4/6,3 of 6,3/10 + 4/6,3). Geuikte indmiddelen: weenitumen en polmeeitumen (in de vom van een emulsie of van vloeiitumen). Hoofdkenmeken: Weini duuzaam. Beoot vooal een hoe stoefheid. Bent de ondoolatendheid en het afwateend vemoen wee op een oed niveau. Slechte akoestische kenmeken (ij toepassin van de ove koelmaten). Sstematisch steenvelies, inheent aan het pocédé. Snelle uitvoein. De estaande niveaus lijven ehouden. Toepassinseied en epekinen: Ma niet tussen half oktoe en midden apil woden aaneacht. De toepassinsvoowaaden en epekinen zijn vasteled in ef. 8. Steenvelies kot het aanenen kan soms polemen even (ijvooeeld in stedelijk eied). De alemene staat van het daavlak moet oed enoe zijn. Vooeeidende wekzaamheden kunnen nodi zijn om de vlakheid te hestellen, kippennesten en plaatselijke inzinkinen uit te vullen en escheude of poeuze edeelten te ehandelen. Oneschikt voo weedeelten waa ote tanentiële kachten woden uiteoefend. Vooal eschikt voo ween met duk vekee, waa een hoe stoefheid wodt esteefd. Commentaa: Kostenviendelijk pocédé om de levensduu van een asfaltvehadin te velenen. «Gevoelie» techniek, met afelin en zweten als vooamste moelijke eeken. Wodt teenwoodi no zee zelden toeepast. Pakeeteein Aanduidin 10/14 + 4/6,3 6,3/10 + 4/6,3 Koelm. Dikte Dos. indm. 14 6,3 15 1,2 10 6, Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B 7, ,4 6, ,4 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Pestaties (Leenda 2) Eenl. BS du. e. - - ES mono doule av. Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o mm mm Eenlaase estijkin met duele eindin Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 119

134 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs/AB-1B maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a de dikte (in mm) wodt te indicatie eeven minimumdoseinen van het indmiddel (l/m 2 ) en het steensla (k/m 2 ) minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 120

135 10 Tweelaase estijkin Suface dessin Beschijvin: Oppevlakehandelin die vooal als ondehoudsmaateel wodt toeepast. Laa indmiddel waaop achteeenvolens steensla in een niet-esloten mozaïek, een tweede laa indmiddel en fijne steensla woden aaneacht (10/14 + 4/6,3 of 6,3/10 + 4/6,3) Geuikte indmiddelen: weenitumen en polmeeitumen (in de vom van een emulsie of van vloeiitumen). Hoofdkenmeken: Weini tot edelijk duuzaam. Bent de ondoolatendheid, de stoefheid en het afwateend vemoen wee op een oed niveau. Slechte akoestische kenmeken (ij toepassin van de ove koelmaten). Sstematisch steenvelies, inheent aan het pocédé. Snelle uitvoein. De estaande niveaus lijven ehouden. Toepassinseied en epekinen: Ma niet tussen half oktoe en midden apil woden aaneacht. De toepassinsvoowaaden en epekinen zijn vasteled in ef. 8. Steenvelies kot het aanenen kan soms polemen even (ijvooeeld in stedelijk eied). De alemene staat van het daavlak moet oed enoe zijn. Vooeeidende wekzaamheden kunnen nodi zijn om de vlakheid te hestellen, kippenesten en plaatselijke inzinkinen uit te vullen en escheude of poeuze edeelten te ehandelen. Oneschikt voo weedeelten waa ote tanentiële kachten woden uiteoefend. Vooal eschikt voo ween met duk vekee. Commentaa: Kostenviendelijk pocédé om de levensduu van een asfaltvehadin te velenen. «Gevoelie» techniek, met afelin en zweten als vooamste moelijke eeken. Pakeeteein Aanduidin 2/10 4/10 4/14 Koelm ,3 14 6,3 Dikte Dos. indm. 0,7 0,6 0,7 0,9 0,8 0,9 Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B 6,5 4 6,5 5 7, ,5 10 0,5 10 0,5 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie Pestaties (Leenda 2) Tweelaase BS Tweel. estijkin ES icouche Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o mm mm Tweelaase estijkin Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 121

136 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs/AB-1B maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a de dikte (in mm) wodt te indicatie eeven minimumdoseinen van het indmiddel (l/m 2 ) en het steensla (k/m 2 ) minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 122

137 10 Hoowaadie estijkin Beschijvin: Vewijzin a SB Oppevlakehandelin die vooal als ondehoudsmaateel en soms ij nieuwouw wodt toeepast, om het wedek zee stoef te maken. Laa indmiddel waaop één laa steensla (2/4) met zee hoe intinsieke mechanische kenmeken (mee epaald VPC-waade) wodt estooid. Geuikt indmiddel: tweecomponentenepoxhas. Hoofdkenmeken: Weini tot edelijk duuzaam. Bezot de vehadin een uitstekende stoefheid. Geen steenvelies kot het aanenen. Zee evoeli voo doosla van scheuen uit het daavlak, maa kan van zijn kant ook scheuvomin in het daavlak teweeenen. Gote weestand teen tanentiële kachten. Toepassinseied en epekinen: Ma niet tussen half oktoe en midden apil woden aaneacht. De toepassinsvoowaaden en epekinen zijn vasteled in ef. 8. Het daavlak moet van oede kwaliteit zijn. Vooal toeepast in aanloopvakken a kuispunten en otondes, in evaalijke ochten, op vlieveldanen, enz. Commentaa: Zee duu en daaom epekt tot ijzondee toepassinen. Maakt het soms moelijk de vehadin een ijzondee kleu te even (ekleud steensla). Voo vlieveldanen kan een speciale samenstellin (aanepast indmiddel) nodi zijn. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B 2/ , ,0 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld - - Hoow. estijk. ESHP Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten o mm mm Hoowaadie estijkin Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 123

138 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Dikte Dos. VL Dos. W Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Dikte Dos. Vl Dos. W Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a de dikte (in mm) wodt te indicatie eeven minimumdoseinen (in k/m 2 ): volens SB 250 (VL) en RW99 (W) minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 124

139 10 Eenlaase slem Slu Sufacin Beschijvin: Oppevlakehandelin die vooal als ondehoudsmaateel wodt toeepast. In het wek eeid mensel van itumenemulsie, aeaten (0/2; 0/4; 0/6,3 of 0/10), cement en eventueel additieven en vezels. Geuikte indmiddelen: emulsie van weenitumen of van polmeeitumen. In ekleude slems kan het indmiddel een pimenteeaa itumen of een pimenteeaa snthetisch indmiddel zijn. Hoofdkenmeken: Weini duuzaam. Hestelt de ondoolatendheid en afhankelijk van de koelmaat de textuu. Snelle uitvoein. De estaande niveaus lijven ehouden. Toepassinseied en epekinen: Ma alleen in de unstie peiode (lente, zome) woden aaneacht. Gevoeli voo de weesomstandiheden ij het aanenen. Licht pofileen moelijk. Gekleude slems woden toeepast op fietspaden, voetanesween, emen, enz. Commentaa: Kostenviendelijk pocédé om de levensduu van een asfaltvehadin te velenen. Aanduidin 0/2 0/4 0/6,3 0/10 Koelm. Dikte Dos. VL Dos. W Min. T Pijs / AB-1B 2 4 6, ,4 0,4 0,4 0,5 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Pakeeteein Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie Eenlaase slem Eenlaase slem RBCF mono Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm Eenlaase slem Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 125

140 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Dikte Dos.VL Dos. W-B Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Dikte Dos. Vl Dos. W-B Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a de dikte (in mm) wodt te indicatie eeven minimumdoseinen (in k/m 2 ): volens SB 250 (VL), RW99 (W) en TB 2000 (B) minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 126

141 10 Tweelaase slem Slu Sufacin Beschijvin: Vewijzin a SB Oppevlakehandelin die vooal als ondehoudsmaateel wodt toeepast. Bestaat uit twee eenlaase slems op elkaa. Vedee eschijvin: zie poductlad 205. Bussel Vlaandeen Wallonie Tweelaase slem Tweelaase slem RBCF icouche Hoofdkenmeken: Weini tot edelijk duuzaam. De ondeste slemlaa dient vooal voo de hechtin op de estaande vehadin en om de ondoolatendheid te hestellen. Daaom is zij ijk aan emulsie. De textuu van de ovenste slemlaa maakt het eheel stoef. Snelle uitvoein. De estaande niveaus lijven ehouden. Toepassinseied en epekinen: Ma alleen in de unstie peiode (lente, zome) woden aaneacht. Gevoeli voo de weesomstandiheden ij het aanenen. Licht pofileen moelijk. Bete (dan een eenlaase slem) eschikt voo licht escheude daavlakken. Aanewezen voo ween met middelmati of duk (licht) vekee. Commentaa: Op de ondeste laa ma een vekee woden toeelaten. De ovenste laa ma woden aaneacht zoda de ondeste vehad is. De ovenste laa kan woden ekleud. Pakeeteein Aanduidin 0/2 of 0/4 + 0/4 of 0/6,3 of 0/10 Koelm. Dikte Dos.VL Dos. W-B Min. T Pijs / AB-1B , ,6 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm Tweelaase slem Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 127

142 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs/AB-1B maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a de dikte (in mm) wodt te indicatie eeven minimumdoseinen van het indmiddel (l/m 2 ) en het steensla (k/m 2 ) minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 128

143 10 Bestijkin met slemafdichtin Beschijvin: Oppevlakehandelin die vooal als ondehoudsmaateel wodt toeepast. Eenlaase estijkin met enkelvoudie eindin, waaop een slemlaa wodt aaneacht. Geuikte indmiddelen: emulsie van weenitumen of van polmeeitumen voo de estijkin en de slem. Hoofdkenmeken: Weini tot edelijk duuzaam. Comineet de voodelen van de twee sooten van oppevlakehandelinen. Vookomt steenvelies kot het aanenen en is minde lawaaiei dan een estijkin. De stoefheid is minde hoo dan ij een estijkin (van dezelfde koelmaat). Toepassinseied en epekinen: Ma niet tussen half oktoe en midden apil woden aaneacht. De toepassinsvoowaaden en epekinen zijn vasteled in ef. 8. De alemene staat van het daavlak moet oed enoe zijn. Vooeeidende wekzaamheden kunnen nodi zijn om de vlakheid te hestellen, kippennesten en plaatselijke inzinkinen uit te vullen en escheude of poeuze edeelten te ehandelen. In eouwde kommen een ewaadeede techniek, weens het uitlijven van steenvelies kot het aanenen. Commentaa: Het mozaïek van de estijkin is minde dicht dan ij een ewone eenlaase met enkelvoudie eindin. Op de estijkin ma een vekee woden toeelaten. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Dikte Dos. indm. Dos. stsl. Min. T Pijs / AB-1B 4/6,3 + slem à ,8 6,3/10 + slem ,2 5 à ,9 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie - Best. met slemafdichtin ES scellé pa RBCF Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm Bestijkin met slemafdichtin Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 129

144 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 130

145 10 Gietasfalt voo plaatselijke epaaties of vehadinen Mastic Asphalt Beschijvin: Vewijzin a SB Dicht asfaltmensel met een vulstofskelet en een continue koelvedelin, dat zand en steensla evat. Dunne of zee dunne toplaen (zelfs ondelaen) voo specifieke toepassinen (pakeedaken, tamanen, voetanesween, enz.); ook mateiaal voo plaatselijke epaaties van vehadinen. Hoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 35/50, weenitumen 35/50 met additieven. Hoofdkenmeken: Redelijk tot zee duuzaam als toplaa, weini duuzaam als epaatiemateiaal. Ondoolatend. Geine weestand teen spoovomin en dooponsin, die echte kan woden veeted doo polmeeitumi en/of weenitumen 35/50 met additieven te euiken. Toepassinseied en epekinen: Bijzonde aanewezen als toplaa op pakeedaken, mits het indmiddel aanepast wodt (een weenitumen 35/50 zonde additieven). Leent zich oed voo handwek (inewikkelde eometie, moeilijke toean tot de ouwplaats, hestellinen, enz.). Maakt duuzame epaaties moelijk dan stockeeaa asfalt. Doo de epekte laadikte moet soms in vescheidene fasen woden ewekt. Voo een standaadsamenstellin ma de hellin van het daavlak niet steile zijn dan 6 %. Pofileen is vijwel onmoelijk. Commentaa: Het mensel wodt in een aanepaste installatie (voo zee hoe tempeatuen) eeid. Het moet in een vewamde moiele mene woden vevoed, wodt dooaans handmati vewekt ij een tempeatuu tussen 200 en 240 C en ehoeft een vedichtin. Een aanepaste oppevlakehandelin (meestal afstooien met steensla) zot voo de ewenste stoefheid. Doodat de laa ondoolatend is, is e latent evaa voo laasvomin. Pakeeteein Aanduidin mm Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B 6, mm Gietasfaltvehadin met oppevlakehandelin 2 2 2,3 2,3 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Pestaties (Leenda 2) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) - - Veh. van ietasfalt AC pou épa. local. Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen o 131 De kleucodes elden enkel voo ietasfalt voo vehadinen. Bij toepassin als epaatiemateiaal zijn alle kleucodes voo «Toepassin op/in» lauw.

146 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 132

147 10 Gepeneteed asfalt Beschijvin: Vewijzin a SB Dikke, esloten toplaa van ZOA waavan de poiën woden dichteoten met een dunvloeiae, hdaulisch eonden motelspecie, die eventueel met hulpstoffen is veeted. Geuikt indmiddel (voo het ZOA): weenitumen. Bussel Vlaandeen Wallonie Hoofdkenmeken: Zee duuzaam. Zee hoe weestand teen dooponsin, spoovomin en tanentiële kachten. Bestand teen aantastin doo chemische poducten (ij aanepaste samenstellin van de motelspecie). Kans op themische haascheuvomin, maa ehoeft (in teenstellin tot cementetonvehadinen) een kimpvoeen. Comineet de flexiiliteit van een asfaltmatix met de stekte van cementmotel. Toepassinseied en epekinen: Zee eschikt voo containeopslateeinen, voo pakeeteeinen voo zwae voetuien, en voo usanen en ushalten. Openstellin voo het vekee (hant van de indtijd van het cement af ): - lichte voetuien: zeven daen; - zwaa vekee: veetien daen (afhankelijk van de «aessiviteit» van het vekee). Kan onde epaalde voowaaden als olie- en andstofestendie vehadin woden toeepast. Commentaa: De motelspecie moet zovuldi woden aaneacht (inetild), om het ZOA helemaal te doodinen. Te veel specie kan ladheid veoozaken. De kleu is meestal ijs, maa kan woden ewijzid doo de specie in de massa te kleuen en/of doo ekleud steensla te euiken. Vij duu. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B ,5 2,1 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Pestaties (Leenda 2) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten x o mm mm Gepeneteed asfalt Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen o 133

148 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 134

149 10 Béton itumineux à module élevé BBME Beschijvin: Vewijzin a SB Dicht asfaltmensel met een zandskelet en een meestal continue koelvedelin. Dikke toplaa ij nieuwouw of ondehoud (inla of ovelain). Middelhoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 35/50 of 50/70 of polmeeitumen, waaaan pololefinen of Uintah is/zijn toeevoed. Hoofdkenmeken: Redelijk duuzaam. Pas sinds het ein van de jaen neenti toeepast, zodat het no te voe is om het poduct als zee duuzaam aan te meken. Zee oed estand teen spoovomin en oed estand teen scheuvomin. Toepassinseied en epekinen: Bijzonde eschikt voo toplaen van weconstucties onde ekaliseed zwaa vekee (autosnelween, ijstoken voo lanzaam vekee, toeitten en usanen), voo edijfsvloeen en voo vlieveldanen. Handmatie vewekin is stelli af te aden. Commentaa: De Belische evain met deze asfaltsoot is in 2006 no zee epekt. De ovenescheven kenmeken even dus in hoofdzaak uitenlandse (vooal Fanse) evain wee en moeten no ij toepassinen in Belië woden evestid. Asfaltmensels met pololefinen moeten woden vedicht ij een tempeatuu van mee dan 160 C. Pakeeteein Aanduidin BBME 0/10 BBME 0/14 Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B à à ,4 1,8 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Pestaties (Leenda 2) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten x o mm mm BBME Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 135

150 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 136

151 10 Asfalteton AB-3 (A, B, C, D) Asphalt concete AC-(20; 14; 10; 6,3) tpe Beschijvin: Vewijzin a SB Dicht asfaltmensel met een zandskelet en een continue koelvedelin. Dikke onde- of pofileelaa ij nieuwouw of ondehoud. Laa indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 50/70, had itumen, polmeeitumi, toevoein van Uintah. Hoofdkenmeken: Zee duuzaam. Bepekte weestand teen lijvende vevomin. De weestand teen spoovomin kan echte woden veeted doo had itumen of polmeeitumi te euiken en doo Uintah of pololefinen toe te voeen. Hoewel het een dicht mensel is, kan het op ond van zijn holle uimte niet als ondoolatend woden eschouwd. Toepassinseied en epekinen: Aanewezen voo vijwel alle onde- en pofileelaen. Voo pofileelaen op estatinen en etonplaten is AB-3D (of C) aan te aden. Zonde aanpassin van het indmiddel haalt het zee moeilijk de eëiste weestand teen spoovomin voo de hooste vekeesklassen. Commentaa: Om te vookomen dat de vedichtin onelijkmatie holle uimte en onelijke niveaus oplevet, moeten ij pofileewek vescheidene laen van aanepaste dikte elkaa woden aaneacht. De keuze en de dikte van de laen (die het tpe van AB-3 epaalt) zijn afhankelijk van de totale dikte van de vehadin, die ij de dimensionein is eekend. Pakeeteein Aanduidin AB-3A AB-3B AB-3C AB-3D Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B ,3 60 à à à à ,3 (80 mm) 0,9 (50 mm) 0,8 (40 mm) 0,7 (30 mm) Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Pestaties (Leenda 2) AB-3 (A, B, D) AB-3 (A, B, D) BB-3 (A, B, C, D) Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm AB-3B Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 137

152 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 138

153 10 Zandasfalt Beschijvin: Dicht asfaltmensel met een zandskelet, dat als scheuemmende tussenlaa wodt euikt. Bestaat in hoofdzaak uit zand. Het indmiddel is meestal elastomeeitumen. Soms woden vezels aan het mensel toeevoed. Hoofdkenmeken: Gevoeli voo spoovomin. Toepassinseied en epekinen: Scheuemmende tussenlaa waamee licht kan woden epofileed. Moet met ten minste één asfaltlaa woden edekt. Commentaa: Geschikt voo ondehoud van halfstijve weconstucties met kimpscheuen of van weconstucties met een etonplaatvehadin. In dit laatste eval kan het (ijvooeeld uit metinen met een Faultimete) nodi lijken de platen eest te stailiseen. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B 6, ,6 0,6 Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie Zandei asfalt Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin o Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm Zandasfalt Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 139

154 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 140

155 Gietasfalt voo afdichtinslaen 10 Mastic Asphalt fo Watepoofin Beschijvin: Vewijzin a SB Dicht mensel met een vulstofskelet en een continue koelvedelin, dat voomelijk zand evat. Ultadunne laa waamee een udekplaat wodt afedicht. Zee hoo indmiddelehalte (> 15 % in massadelen van het doe aeaat) (> 13 % in massadelen van het mensel). Geuikte indmiddelen: weenitumen 35/50, polmeeitumi. Hoofdkenmeken: Redelijk tot zee duuzaam. Volkomen ondoolatend. Geine mechanische stekte (ehoeft een eschemlaa). De weestand teen spoovomin en dooponsin kan woden veeted doo polmeeitumi te euiken. Toepassinseied en epekinen: Afdichtinslaen op uen. De hellin van het daavlak ma niet steile zijn dan 6 %. Pofileen is onmoelijk. Commentaa: Dit mensel wodt epoduceed in een aanepaste installatie die ij zee hoe tempeatuen kan weken. Het moet woden vevoed in vewamde moiele menes. Wodt meestal handmati vewekt, ij een tempeatuu tussen 200 en 240 C. Wodt altijd zonde hechtin (soms met halve hechtin) aaneacht, om polemen met laasvomin te vookomen (lasvlies tussen ietasfalt en udek). Pakeeteein Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B x 7,5 8 2 x 6, x 8, ,9 1,3 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld GA voo watedichtinslaa Gietasfalt voo afdichtin AC pou chape d étanchéité Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin o Reflectiescheuvomin Spoovomin o Vevomin onde statische elastin o Vevomin doo afschuivin o Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm Gietasfalt voo afdichtinslaen Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 141

156 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 142

157 10 Gietasfalt voo eschemlaen Mastic Asphalt Beschijvin: Vewijzin a SB Dicht asfaltmensel met een vulstofskelet en een continue koelvedelin, dat zand en steensla evat. Dunne laa waamee een afdichtinslaa op een u of een pakeedak eschemd wodt. Hoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: weenitumen 35/50, polmeeitumi of toevoein van additieven. Hoofdkenmeken: Redelijk tot zee duuzaam. Ondoolatend. Geine weestand teen spoovomin en dooponsin, die echte kan woden veeted doo polmeeitumi te euiken en/of additieven toe te voeen. Toepassinseied en epekinen: Beschemlaa op afdichtinen van udekken en pakeedaken. Soms (zie technische oedkeuin) te veenien met afdichtinslaen van een ande mateiaal dan ietasfalt, ijvooeeld itumineuze memanen en hasen. De hellin van het daavlak ma niet steile zijn dan 6 %. Pofileen is vijwel onmoelijk. Commentaa: Dit mensel wodt epoduceed in een aanepaste installatie die ij zee hoe tempeatuen kan weken. Het moet woden vevoed in vewamde moiele menes. Wodt meestal handmati vewekt, ij een tempeatuu tussen 200 en 240 C. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B 6,3 6, ,0 1,7 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld GA voo eschemende laa Gietasfalt v eschemlaa AC pou chape de potection Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin o Reflectiescheuvomin Spoovomin o Vevomin onde statische elastin o Vevomin doo afschuivin o Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm Gietasfalt voo eschemlaen Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 143

158 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 144

159 10 Asfalteton met vehoode stijfheid AVS (EME) Beschijvin: Vewijzin a SB Asfaltmensel met een zand- of steenkelet en een discontinue koelvedelin. Dikke ovenste ondelaa ij nieuwouw of ondehoud. Middelhoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: had itumen, itumen met positief indininsetal. Hoofdkenmeken: Zee duuzaam. Hoe stijfheidsmodulus. Bestand teen scheuvomin doo vemoeiin. Bestand teen spoovomin. Toepassinseied en epekinen: Bijzonde eschikt als ovenste ondelaa in zwaa elaste weconstucties waa het evaa voo spoovomin oot is. Commentaa: De Belische evain met deze asfaltsoot is in 2006 no zee epekt. De ovenescheven kenmeken even dus in hoofdzaak uitenlandse (vooal Fanse) evain wee en moeten no ij toepassinen in Belië woden evestid. De vedichtin moet aan de laadikte woden aanepast, om een elijkmatie dichtheid te vekijen. Ook als het met had itumen is samenesteld, lijft het mensel voldoende vewekaa. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B tot ,6 Bussel Vlaandeen Wallonie Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Pestaties (Leenda 2) Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm Asfalteton met vehoode stijfheid Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 145

160 (Leenda 1) Toepassin als Toepassin op/in Vaia eschikt moelijk minde eschikt oneschikt niet van toepassin (Leenda 2) Pestaties niet evoeli weini evoeli evoeli evoelie zee evoeli niet van toepassin o (Leenda 3) Veiliheid en comfot zee hoo hoo mati ein zee ein niet van toepassin o Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T maximale koelmaat (in mm). Voo de keuze van deze maximale koelmaat wodt vewezen a nomile dikten (in mm) minimum- en maximumdikte (in mm). Dit zijn de dikteenzen waainnen in het vehadinsontwep pofileen moelijk is minimale luchttempeatuu (in C) ij het aanenen van de laa Pijs/AB-1B pijs van het poduct pe m 2 (ij nomile dikte en met het euikelijkste indmiddel, dat in de uiek «Beschijvin» in het vet staat). Het aat om een schattin ten opzichte van de pijs van «standaad» AB-1B (te dikte van 5 cm) pe m 2. Deze pijs wodt doo veel factoen eïnvloed (soot van itumen en steensla, ijzondee omstandiheden op de ouwplaats) 146

161 10 Stockeeaa asfalt Beschijvin: Halfdicht of open asfaltmensel met een zand- of steenskelet en een continue of discontinue koelvedelin, dat ij voolopie plaatselijke hestellinen wodt toeepast. Laa tot hoo indmiddelehalte. Geuikte indmiddelen: vloeiitumen of kationische itumenemulsie. Hoofdkenmeken: Weini duuzaam (zee stek afhankelijk van de poductkeuze, de kwaliteit van de vewekin en de vooeeidin van het daavlak). Het mateiaal is ontwopen om handmati te woden vewekt en met lichte wektuien te woden vedicht. De mechanische pestaties zijn epekt en evolueen in de tijd. Naaelan van de samenstellin van het indmiddel kan het mensel in nomale omstandiheden vescheidene weken woden opeslaen, of zelfs vescheidene maanden als ijzondee voozoen woden enomen (afdekken met een zeil) of als het in zakken is vepakt. Toepassinseied en epekinen: Het mensel is estemd voo voolopie plaatselijke epaaties (pofileen, kippennesten of sleuven uitvullen) en voo kleinschali handwek (voetanesween). Commentaa: Een kleeflaa is altijd ewenst, vooal als het mensel in kleine of tot nul toelopende dikten wodt vewekt. Dit asfalt moet woden vewijded (en doo wam vewekt asfalt woden vevanen) voodat de etokken laa met asfalt ovelaad wodt. De totale dikte van de laen (max. di.) is epekt, doodat de vloeimiddelen vluchti zijn. Pakeeteein Aanduidin Koelm. Nom. di. Min. di. Max. di. Min. T Pijs / AB-1B 10 6, Toepassin als (Leenda 1) Toepassin op/in (Leenda 1) Stedelijke we Landelijke we Vlieveld Vewijzin a SB Bussel Vlaandeen Wallonie Pestaties (Leenda 2) Koudasfalt Koudasfalt Enoé stockale Toplaa Oppevlakehandelin Ondelaa Pofileelaa Plaatselijke hestellin Bijzondee toepassin Autosnelwe duk zwaa vekee ein zwaa vekee duk licht vekee Plaatselijke we ein vekee middelmati vekee duk vekee Landouwwe Bedijfswe Tamaan Fietspad Voetaneswe Kuispunt Gevaalijke ocht zwaa vekee licht vekee Pakeedak Opslateein stat- of landinsaan taxiaan opstelplatfom Spotteein Bu Themische scheuvomin Reflectiescheuvomin Spoovomin Vevomin onde statische elastin Vevomin doo afschuivin Rafelin Gevoeliheid voo chemische poducten mm mm Stockeeaa asfalt Veiliheid, comfot (Leenda 3) Vaia (Leenda 1) Stoefheid Ondoolatendheid Wateafvoeend vemoen Reductie van het oleluid Repaatiemoelijkheid Handmatie vewekin Moelijkheid om ap toe te passen Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 147

162 10.4 Speciale technieken Bitumineuze poducten die als «speciale technieken» woden aanemekt, zijn poducten waavan de kenmeken in Belië no niet oed ekend zijn doodat e no maa weini evain mee is opedaan. Slechts enkele edijven kunnen vehadinen met deze poducten, die meestal niet in de standaadestekken vookomen, aanenen. Het is dus voozichti, ij plannen voo een toepassin deze edijven aan te speken. Hie volt wat infomatie die ove deze speciale technieken eschikaa is, met onde mee een kote eschijvin, het toepassinseied, de hoofdkenmeken en vewijzinen a estaande liteatuu Glasfalt Beschijvin Meestal in een dunne of zee dunne laa vewekt asfaltmensel waain een deel van de aeaten vevanen is doo eoken spieel- en ewoon las van dezelfde koelmaat. Toepassinseied Het hoofddoel is kuispunten, usstoken, fietspaden en voetanesuimten specifiek af te akenen doo het wedek zelfs onde eine of onestaande opee velichtin oed zichtaa te maken. Voots kunnen pleinen en monumenten met lasfalt op een esthetische manie tot hun echt woden eacht. Kenmeken Fiuu 10.1 Glasfalt (links) De euikte asfaltmensels zijn AB-4, SMA en RMD. De duuzaamheid is afhankelijk van de asfaltsoot en van de hechtin tussen het indmiddel en de lasokken (een hechtmiddel is noodzakelijk). Liteatuu Ref. 58, 74 en Asfalt met stuctuumatwapenin Beschijvin Het aat om een dikke asfaltlaa die ewapend is met een diedimensiole stuctuumat van staal (25 mm dik). Toepassinseied Dit asfalt kan als top- of als ondelaa woden toeepast, om espectievelijk spoovomin en scheuvomin teen te aan. Kenmeken Fiuu 10.2 Asfalt met stuctuumatwapenin De celvomie stuctuu vehindet zijdelinse veplaatsin van asfalt en vookomt op die manie kuip. De stijfheid van de mat helpt scheudoooei a oven te epeken. 148

163 10 Dit pocédé wodt toeepast met asfaltmensels voo dikke laen, zoals AB-1 en SMA (C of B). Redelijk tot zee duuzaam. Commentaa Dit pocédé is oneschikt voo complexe eometieën, doodat de vewekin in uithoeken moeilijk is. Het daavlak moet volkomen vlak zijn. Asfalt met stuctuumatwapenin is duu. Liteatuu Ref. 71 en Gefiueed ietasfalt Beschijvin Zoals de am het aaneeft, vomt ietasfalt het asismateiaal voo deze vehadin. Het uitzicht evan wodt ewijzid doo e met ehulp van een mal een motief (van ijvooeeld een estatin) in af te dukken en doo eventueel een piment in poedevom toe te passen. Toepassinseied Deze vehadin iedt de moelijkheid, weedeelten voo veschillende sooten van vekee duidelijk aan te even en van elkaa te ondescheiden. Kenmeken Een laa efiueed ietasfalt is tussen 25 en 35 mm dik. Beinden is nodi om ze voldoende stoefheid te even. Commentaa Het afdukken van de motieven veeist veel zo, evels het vekijen van een elijkmatie kleu. Liteatuu Ref. 78. Fiuu 10.3 Gefiueed ietasfalt Steesfalt Beschijvin Zee open asfaltmensel met een steenskelet en een discontinue koelvedelin (koelmaat 16/22, 20/32 en 20/40). Mensel van een ote hoeveelheid stenen en een weini zand, met een laa ehalte aan itumen en vulstof. Toepassinseied Steesfalt wodt toeepast als vaste oeveekledin die niet evoeli is voo vewein of olfsla en toch wate doolaat. Fiuu 10.4 Steesfalt als oeveekledin Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 149

164 Kenmeken Een laa steesfalt is ij vookeu die- tot viemaal zo dik als de maximale koelmaat van de euikte steensoot. Het mensel wodt niet vedicht en vomt afkoelin een samenhanend eheel. Liteatuu Ref. 36 en Gindzandasfalt Beschijvin Asfaltmensel samenesteld uit indzand (veweed tuusteen met zowel een steen- als een zand- en een vulstoffactie) en itumen. Toepassinseied Dit mateiaal is estemd voo fundeinen ij nieuwouw of ij vestekin van weconstucties. Kenmeken Dit asfaltmensel iedt een aantal voodelen oven een hdaulisch eonden fundein, mee epaald: Fiuu 10.5 Aanenen van indzandasfalt - een kimpscheuen; - hechtin aan de ovenliende asfaltlaa doo het aanenen van een kleeflaa op het indzandasfalt. Liteatuu Ref. 1, hoofdstuk F, Koudasfalt Beschijvin Open of halfopen asfaltmensel met een steen- of zandskelet en een maximale koelmaat van 6,3 mm (eventueel 10 mm), dat koud eeid en vewekt wodt. Het mensel wodt samenesteld met steensla, zand, vulstof, wate en een emulsie van (eventueel efluxt) weenouw- of polmeeitumen. Toepassinseied Dit is een «milieuviendelijk» mensel (minde eneieveuik en veonteiniin ij de koude poductie en vewekin). Het wodt toeepast in dunne (pofilee- of toplaen) of dikke laen (inla of ovelain) ij ondehoudswekzaamheden. 150

165 10 Het toepassinseied is epekt tot landelijke ween met ein tot middelmati vekee. Kenmek Weini duuzaam. Hoe holle uimte (niet ondoolatend); evoeli voo onthullin en aessief vekee, vooal als het no jon is. Gevoeli voo spoovomin. a/ In de meninstallatie De kenmeken evolueen in de tijd (amate de emulsie «ijpt»). Commentaa Weens de ovenenoemde kenmeken vedient het ij toepassin als toplaa aanevelin het oppevlak te ehandelen met een estijkin of een slem. Koudasfalt moet eleidelijk en op een econtoleede manie voo vekee woden openesteld. Het kan in een veeenvoudide asfaltmeninstallatie (zonde dootommel) woden epoduceed. Duele omhullin van de aeaten veetet de kwaliteit van de omhullin. Fiuu 10.6 Koudasfalt / Na aanenin Een kitisch punt ij de poductie is dat het totale wateehalte van het mensel optimaal moet zijn. Dit is nodi voo een oede omhullin en een oede vewekin. Liteatuu Ref Gekleude vehadinen Wat volt, eldt alleen voo itumineuze poducten die «in de massa» (doo en doo) woden ekleud. Beschijvin De ewenste kleu wodt vekeen doo pimenten toe te voeen en de aeaten oodeelkundi te kiezen. Tot de euikte pimenten ehoen ijzeoxiden voo ood, uin of eel, titaanoxiden voo wit, choomoxiden voo oen en koaltoxiden voo lauw. Toepassinseied Gekleude vehadinen woden toeepast om epaalde weedeelten zoals fietspaden, kuispunten, emen, vekeeseilanden, enz. af te akenen en zo de zichtaaheid en veiliheid evan te veeteen. Ook esthetische edenen spelen vaak een ol. Liteatuu Ref. 1, 2, 3, 80 en 82. Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 151

166 Gekleude slems Beschijvin In comitie met van tue ekleude aeaten eeft een emulsie van pimenteeaa (eventueel polmeeemodificeed) indmiddel en een minimumpecentae piment een «in de massa» ekleude slem. Kenmeken Gekleude slems woden voo fietspaden ij altijd met steensla 0/4 samenesteld (te wille van de veiliheid en het comfot van de fietses) en voo kuispunten met steensla 0/4 of 0/6,3. De duuzaamheid is zoals ij de oveeenkomstie ewone slems en hant van de aessiviteit van het vekee af. Fiuu 10.7 Aanenen van een ekleude slemlaa Gekleud asfalt Beschijvin Gekleud asfalt is op veschillende manieen te vekijen. Elk estanddeel van het mensel kan daatoe woden aanepast: - een deel van of al het ewone steensla vevanen doo steensla met een kleu die dicht ij de vooescheven vehadinskleu lit; - een deel van het zand vevanen doo ekezand van ekleud steensla; - een deel van de vulstof vevanen doo een eschikt piment; - het ewone itumen vevanen doo pimenteeaa itumen of een pimenteeaa snthetisch indmiddel (eventueel polmeeemodificeed). De veschillende ovenenoemde manieen kunnen woden ecomineed om de ewenste (heldee) kleu zo dicht moelijk te edeen. Toepassinseied Voo ekleude wedekken wodt vaak uiteaan van asfalteton of RMD. Asfalteton wodt euikt voo tpisch stedelijke toepassinen (winkelstaten, pleinen, enz.). De est afewekte en faaiste vehadinen woden vekeen met oed esloten mensels waain het steensla een kleine maximale koelmaat heeft (fijnee textuu en minde dikke en dus minde due laa). AB-4 en AB-5 woden het meest euikt. Fiuu 10.8 Gekleud asfalt Gekleud RMD wodt toeepast op ween met mee vekee. Als het om zwaa vekee aat, moet euik woden emaakt van snthetische indmiddelen die met dooschijnende polmeen zijn emodificeed. 152

167 10 Kenmeken Asfaltmensels met een pimenteeaa snthetisch indmiddel zijn even duuzaam als of duuzame dan de oveeenkomstie mensels met ewoon itumen. Doo de heldee kleu loopt de tempeatuu in de vehadin minde hoo op, waadoo de kans op spoovomin kan woden vekleind. E moet echte woden eaan: - of het ekozen piment de stailiteit van het mensel niet aantast als het een deel van de vulstof moet vevanen; - of het ekozen steensla en het ekozen zand wel deelijk voo de eoode toepassin eschikt zijn. Het steensla moet ovendien voldoende hechtin tussen mastiek en aeaat moelijk maken. Commentaa In van ef. 6 staan enkele aanevelinen voo de eeidin van ekleude asfaltmensels. Wat het ondehoud eteft, moet ekenin woden ehouden met de onvemijdelijke vomin van een oxidatielaa («pati»). Ook kunnen emmende en daaiende voetuien zwate veen op een ekleude vehadin achtelaten. Wam vedichte ekleude asfaltvehadinen kunnen met wate onde duk woden eeinid zonde kennelijk aan duuzaamheid in te oeten. Hestellinen oen meestal niet zo faai, doodat de kleu van de vehadin moeilijk exact te epoduceen is Gekleud ietasfalt Beschijvin Gekleud ietasfalt heeft meestal een elijksootie samenstellin als ietasfalt voo eschemlaen (dikte: 25 tot 30 mm). Alleen: - is het indmiddel vaak een pimenteeaa snthetisch indmiddel dat teen hoe tempeatuen (250 C) estand is; - heen het steensla en het zand een lichte kleu; - wodt een edeelte van de vulstof vevanen doo pimenten (1 tot 5 % van de totale massa van de aeaten, aelan van de ewenste kleu). Kenmeken Sommie estaande vehadinen van ekleud ietasfalt zijn al mee dan twinti jaa oud en edaen zich no steeds oed, zowel constuctief als wat kleu eteft. Weens de pijs (onevee duel zo duu als zwat ietasfalt) wodt ekleud ietasfalt teenwoodi weini toeepast. Fiuu 10.9 Gekleud ietasfalt Commentaa In de massa ekleud ietasfalt wodt volens dezelfde pocédés eeid als niet-ekleud ietasfalt (ef. 6). Hoofdstuk 10 Ovezichtstaellen voo de keuze van asfaltvehadinen 153

168 Tweelaas zee open asfalt Beschijvin Deze vehadin estaat uit twee laen zee open asfalt oven elkaa. Het mensel voo de 4 tot 5 cm dikke ondelaa lijkt op ZOA-B, met een maximale koelmaat van 14 mm. Dat voo de 2,5 tot 3 cm dikke toplaa is zee fijn eadeed, met een maximale koelmaat van 6,3 mm; het heeft een steenskelet en een stek discontinue koelvedelin. Polmeeitumen is een must. Toepassinseied Het toepassinseied is hetzelfde als ij klassiek zee open asfalt (zie poductlad 106). Weens de opmekelijke akoestische eienschappen is het innen zijn toepassinseied aan te evelen op plaatsen waa het vekeeseluid asoluut epekt moet woden. Kenmeken Hoewel deze vehadinssoot no niet zo lan wodt toeepast, ma een edelijke levensduu woden vewacht. De holle uimte lit hoo: tussen 25 en 30 %. De oveie kenmeken zijn onevee dezelfde als ij ZOA-B en C. Alleen: - zijn de akoestische eienschappen no ete, dankzij de eine macotextuu van het oppevlak en een steke eluidsasoptie; - is het winteeda ete, doodat de eine macotextuu emakkelijke dooimiddelen vasthoudt. Commentaa Zoals ij ewoon ZOA is e latent evaa voo dichtsliin. Reiniin kan dan nutti lijken. Fiuu Tweelaas zee open asfalt Liteatuu Ref

169 1 Bijlae Bijlae 1 Teminoloie Opmekin vooaf: de temen in deze lijst woden de uiteled in de paaafen of liteatuu waaa de laatste kolom vewijst. Asfaltpuinulaat Bindmiddelehalte van een asfaltmensel Blaasvomin Continue koelvedelin van een asfaltmensel Discontinue koelvedelin van een asfaltmensel Daavlak Duk vekee Duuzaamheid van een laa Gein vekee Holle uimte van een asfaltlaa Inla Licht vekee Definitie Kunstmati aeaat (inet, staiel aeaat samenesteld uit een aantal veschillende mateialen) afkomsti van de (selectieve) sloop van asfaltvehadinen. Massa van het indmiddel ten opzichte van 100 % van de massa van de doe aeaten (esp. van de massa van het mensel). Men ondescheidt: - laa indmiddelehalte als het kleine is dan 5,5 % (5,2 %); - middelhoo indmiddelehalte als het tussen 5,5 en 6,5 % (5,2 en 6,1 %) lit; - hoo indmiddelehalte als het ote is dan 6,5 % (6,1 %). Heffin (vaak halfolvomi) van een watedicht ondedeel van een vehadin (ijvooeeld een afdichtinslaa van ietasfalt of van memanen) en de ovenliende ondedelen. De heffin kan vescheidene centimetes hoo woden en meestal een diamete tussen 10 en 50 cm heen. De koelvedelin is continu als het veloop van de koelvedelinskomme een plotseline veandein vetoont. De koelvedelin is discontinu als het veloop van de koelvedelinskomme een of twee plotseline veandeinen vetoont. Om het even welk mateiaal waaop de nieuwe vehadin ust. Het kan om een fundein, een oude vehadin of een udekplaat aan. Vekee met mee dan zwae vachtvoetuien pe da en pe ijstook. De duuzaamheid van een laa in een coect edimensioneede en ondehouden constuctie is het aantal jaen tussen het aanenen van deze laa en de vevanin evan weens schade. Men ondescheidt: - weini duuzaam: minde dan 10 jaa; - edelijk duuzaam: tussen 10 en 20 jaa; - zee duuzaam: mee dan 20 jaa. Vekee met minde dan 250 zwae vachtvoetuien pe da en pe ijstook. Vehoudin tussen het volume van de lucht in de laa en het totale volume van de laa. Men speekt van een: - dicht asfaltmensel als de holle uimte (v-%) kleine is dan 9 %; - halfdicht asfaltmensel als v-% tussen 9 en 14 % lit; - halfopen asfaltmensel als v-% tussen 14 en 19 % lit; - open asfaltmensel als v-% ote is dan 19 % (ef. 103). Een of mee vehadinslaen die, meestal pe ijstook, te vevanin van een of mee estaande laen woden aaneacht, waaij de estaande niveaus ehouden lijven. Vekee dat voo mee dan 80 % estaat uit voetuien met een utoewicht van minde dan 3,5 t (pesoneuto s en estelwaens). Ref Poductladen ( 10.3) Ref Poductladen ( 10.3) 8.1 Poductladen ( 10.3) Bijlae 1 Teminoloie 155

170 Macotextuu Mastiek Definitie Textuu evomd doo de stenen die oven de vehadin uitsteken (positieve textuu) of doo de holten tussen de stenen onde het oppevlak (neatieve textuu). Oneffenheden (uitsteeksels en de holten daatussen) ten opzichte van het vlak van het oppevlak van de laa, met hoizontale afmetinen tussen 0,5 en 50 mm (ef. 99). Men ondescheidt: - steke macotextuu: als MTD (zie B5.7) 0,5 mm, wat oveeenstemt met een maximale koelmaat 10 mm; - fijne macotextuu: als MTD (zie B5.7) < 0.5 mm, wat oveeenstemt met een maximale koelmaat < 10 mm. Mensel van vulstof en itumen. Ref. Zie «Textuu» Maximale koelmaat Nomile afmetin van de ootste koel in de aeaten Meatextuu Micotextuu Middelmati vekee Motel Nomile dikte van een toplaa Ondelaa Ondoolatendheid van een laa Oppevlakehandelin Ovelain Oneffenheden (uitsteeksels en holten) ten opzichte van het vlak van het oppevlak van de laa, met hoizontale afmetinen tussen 50 en 500 mm. Deze oneffenheden zijn toe te schijven aan onelijkmatie macotextuu, aan schade (kippennesten) of aan eekkie uitvoein (olven, enz.). Oneffenheden (uitsteeksels en holten) ten opzichte van het oppevlak van het aeaat, met afmetinen van minde dan 0,5 mm. Deze oneffenheden zijn meestal kenmekend voo de aeaten zelf en woden epaald doo de hekomst en het poductiepoces evan. Vekee met tussen 250 en zwae vachtvoetuien pe da en pe ijstook. Mensel van mastiek en zand. Dikke laa: dikte 40 mm; Dunne laa: 40 mm > dikte 30 mm; Zee dunne laa: 30 mm > dikte 20 mm; Ultadunne laa: 20 mm > dikte 15 mm. Asfaltlaa tussen de fundein en de toplaa. Een weconstuctie evat een of mee ondelaen. Een asfaltlaa wodt als ondoolatend eschouwd als het wateeleidinsvemoen (de coëfficiënt van Dac) evan kleine is dan 10-5 mm/s (ef. 85). Toplaa met een dikte < 15 mm, die een kenmek van de vehadin (stoefheid en ondoolatendheid) moet veeteen; zij levet een ijdae aan de stekte van de constuctie. Een of mee vehadinslaen die oven op de estaande vehadin woden aaneacht. Zie «Textuu» Zie «Textuu» 8.1 Poductladen ( 10.3) Pofileelaa Laa die met een wisselende dikte wodt aaneacht Repaatiemateiaal Asfaltmensel dat eschikt is om als mateiaal voo plaatselijke, in handwek uitevoede epaaties te woden euikt. Scheuemmend ssteem Complex tussenlaassteem dat tot doel heeft het dooslaan van een scheu of voe uit een laa a de oven- of ondeliende asfaltlaa te vetaen. Skelet van een asfaltmensel Mineale estanddelen van een asfaltmensel (steensla + zand + vulstof ). Men speekt van een: - steenskelet als de steenfactie ote is dan ~70 %; - zandskelet als de zandfactie ote is dan ~30 %; - vulstofskelet als de vulstoffactie ote is dan ~20 %. Nadee epalin is moelijk aan de hand van de zeefdiehoek (ef. 5). Speciale techniek Niet-conventioneel pocédé dat een asfaltmensel een speciale eienschap ezot

171 1 Bijlae Stoefheid Textuu Definitie Eienschap die vootvloeit uit de textuu (mico- en macotextuu) van de toplaa en die ijdaat aan de ip van de anden op (of de lijweestand van) deze toplaa. Macotextuu en micotextuu: Ref B5.6 maco mico B itumineus mensel Fiuu B1.1 Macotextuu en micotextuu Toplaa Bovenste laa (dikte 15 mm) van een asfaltvehadin, die diect met het vekee in contact komt Wateafvoeend vemoen Heeft twee aspecten: afwateend vemoen aan het oppevlak en wateafvoeend vemoen in de laa. - Afwateend vemoen: vemoen van een toplaa om hemelwate via haa oppevlaktextuu af te voeen. - Wateafvoeend vemoen: vemoen van een asfaltmensel om hemelwate op te nemen en innen in de laa af te voeen B6.12 Watedichtheid van een laa Een laa is watedicht als de doolatendheid evan nul is B6.7 Zwaa vekee Vekee dat voo mee dan 20 % estaat uit voetuien met een utoewicht van mee dan 3,5 t (zwae vachtvoetuien). 8.1 Bijlae 1 Teminoloie 157

172

173 2 Bijlae Bijlae 2 Afkotinenlijst AB AC ap AVS B BB BBME BS DGB DWC ED EME ES ESHP FOD FWD GA GB IG+ INFRA MET MPD MTD PAK PMB PSV RBCF RMD RMTO RUMG SB SMA SME TB VC VL VPC W ZOA Asfalteton Asphalte coulé Asfaltpuinulaat Asfalteton met vehoode stijfheid = EME Bussels Hoofdstedelijk Gewest Béton itumineux Béton itumineux à module élevé Bestijkin Dooaand ewapend eton Dwase wijvinscoëfficiënt Enoé daint Enoé à module élevé = AVS Enduit supeficiel Enduit supeficiel à haute pefomance Foein oject damae Fallin Weiht Deflectomete Gietasfalt Gave-itume Weenitumen met een positief indininsetal Aentschap Infastuctuu Ministèe de l Equipement et des Tanspots Mean pofile depth Mean textue depth Polcclische aomatische koolwatestoffen Polmeeemodificeed itumen Polished-stone value = VPC Revêtement itumineux coulé à foid Revêtement mince discontinue Revêtement mince à textue ouvete Revêtement ulta mince enu Standaadestek Steenmastiekasfalt Steenmastiekemulsie Tpeestek Vlakheidscoëfficiënt Vlaandeen Vesnelde-polijstinscoëfficiënt = PSV Wallonië Zee open asfalt Opmekin: een aantal Enelse afkotinen dat op Euopees niveau wodt euikt, wodt veklaad in ijlae 3. Bijlae 2 Afkotinenlijst 159

174

175 3 Bijlae Bijlae 3 Codein B3.1 Belische codein B3.1.1 Geuikte koelmaten A maximale koelmaat = 20 mm B maximale koelmaat = 14 mm C maximale koelmaat = 10 mm D maximale koelmaat = 6,3 mm E maximale koelmaat = 4 mm Vooeelden: AB-3A SMA-C2 B3.1.2 AB-3 met een maximale koelmaat van 20 mm SMA met een maximale koelmaat van 10 mm Geuikte indmiddelen 1 Weenitumen (20/30, 35/50, 50/70 of 70/100) 2 Bitumen met nieuw elastomee 3 50/70 waavan 0,75 % vevanen is doo itumen van tuuasfalt (Tinidad) 4 Plastomeeitumen 7 Bitumen met een positief indininsetal (35/50, 50/70 of 60/80) 8 Had itumen (10/20 of 15/25) 9 Weenitumen (35/50, 50/70 of 70/100) met Uintah 10 Pimenteeaa itumen 11 Pimenteeaa snthetisch indmiddel Opmekin: de codenummes 5 en 6 kwamen voo in voeee tiole codeinen. Vooeelden: SMA-C2 ZOA-B2 SMA-C met itumen met nieuw elastomee ZOA-B met itumen met nieuw elastomee Bijlae 3 Codein 161

176 B3.2 Euopese codein Hie volen de taellen voo de omzettin van de Belische codein in die van de Euopese nomen. B3.2.1 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Asphalt concete» (ef. 118) Tpe of lae to e applied in Bituminous undelae Bituminous top lae Asphalt concete accodin to Belian specifications (SB250, RW99 and TB2000) AB-3A; BB-3A AB-3B; BB-3B BB-3C AB-3D; BB-3D AB-1B; BB-1B AB-4C; BB-4C AB-4D; BB-4D BB-8D BB-8E AB-5D Asphalt concete accodin to EN AC-20 tpe3-«x» AC-14 tpe3-«x» AC-10 tpe3-«x» AC-6,3 tpe3-«x» AC-14 tpe1-«x» AC-10 tpe4-«x» AC-6,3 tpe4-«x» AC-6,3 tpe8-«x» AC-4 tpe8-«x» AC-6,3 tpe5-«x» AC = Asphalt concete. The nume «x» efes to the tpe of inde ein used. B3.2.2 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Ve thin laes» (ef. 119) Ve thin lae accodin to Belian specifications (RW99 and TB2000) Ve thin lae accodin to EN RMD-C1 RMD-C2 RMD-D1 ACVTL10C ACVTL10D ACVTL6,3A ACVTL = asphalt concete ve thin lae. B3.2.3 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Hot olled asphalt» (ef. 77) Ve thin lae accodin to Belian specifications (RW99) Ve thin lae accodin to EN BB-2C HRA10«x» HRA = hot olled asphalt. The nume «x» efes to the tpe of inde ein used. 162

177 3 Bijlae B3.2.4 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Stone mastic asphalt» (ef. 83) Stone mastic asphalt accodin to Belian specifications (SB250, RW99 and TB2000) Stone mastic asphalt accodin to EN SMA-Bx SMA-Cx SMA-Dx SMA-14-«x» SMA-10-«x» SMA-6,3-«x» The nume x efes to the tpe of inde and/o additive ein used. B3.2.5 Uitteksel uit de tiole ijlae ij NBN EN «Poous asphalt» (ef. 94) Poous asphalt accodin to Belian specifications (SB250, RW99 and TB2000) Poous asphalt accodin to EN ZOA-Bx and ED-Bx ZOA-Cx and RMTO-Cx PA-14-«x» PA-10-«x» PA = poous asphalt. The nume x efes to the tpe of inde and/o additive ein used. Bijlae 3 Codein 163

178

179 4 Bijlae Bijlae 4 Beminen Poduct Vlaandeen Wallonie Bussel/Buxelles Euopese nom Belische emin Asfalteton AB-1B BB-1B AB-1B / BB-1B Beind asfalteton AB-2C BB-2C - Asfalteton AB-4 (C, D) BB-4 (C, D) AB-4 / BB-4 (C, D) Asfalteton AB-5D BB-8 (D, E) - Steenmastiekasfalt SMA (B, C, D) SMA (C, D) SMA (B, C, D) Asphalt concete Hot olled asphalt Asphalt concete Asphalt concete Stone mastic asphalt AC-14 tpe AC-(10; 6,3) tpe AC-(6,3; 4) tpe SMA-(6,3; 10; 14) 105 Zee open asfalt ZOA (B, C) ED-B, RMTO-C ED-B, RMTO-C Poous asphalt PA-(10; 14) 106 Revêtement mince discontinu Poductlad Steenmastiekemulsie - RMD (C, D) RMD (C, D) Ve thin lae ACVTL (6,3; 10) 107 SME-D RUMG (C, D) - Ulta thin lae Eenlaase estijkin met enkelvoudie eindin Eenlaase estijkin met duele eindin Tweelaase estijkin Hoowaadie estijkin Eenlaase estijkin - Tweelaase estijkin Hoowaadie estijkin Monocouche simple avillone Monocouche doule avillone Bicouche Eenlaase slem Eenlaase slem RBCF monocouche Tweelaase slem Tweelaase slem RBCF icouche Bestijkin met slemafdichtin Gietasfalt voo plaatselijke epaaties of vehadinen Gepeneteed asfalt Béton itumineux à module élevé (BBME) Bestijkin met slemafdichtin Vehadin van ietasfalt Eenlaase estijkin / Monocouche simple avillone Eenlaase estijkin met duele eindin / Monocouche doule avillone Tweelaase estijkin Suface dessin Suface dessin Suface dessin ESHP Eenlaase slem / RBCF monocouche Tweelaase slem / RBCF icouche Slu sufacin Slu sufacin ES scellé pa RBCF AC pou épaation localisée - Mastic asphalt Opmekinen: Voo eenzelfde poduct kunnen e veschillen tussen de ewesten estaan. De eminen zijn oveenomen uit de in 2006 eldende standaadestekken (ef. 1, 2 en 3) en uit de Euopese nomen. Bijlae 4 Beminen 165

180 Poduct Vlaandeen Wallonie Bussel/Buxelles Euopese nom Belische emin Poductlad Asfalteton AB-3 (A, B, D) BB-3 (A, B, C, D) AB-3 / BB-3 (A, B, D) Asphalt concete AC-(20; 14; 10; 6,3) tpe Zandasfalt - - Zandei asfalt Gietasfalt voo afdichtinslaen Gietasfalt voo afdichtin AC pou chape d étanchéité Gietasfalt voo watedichtinslaa / AC pou chape d étanchéité Mastic asphalt fo watepoofin Gietasfalt voo eschemlaen Asfalteton met vehoode stijfheid (AVS / EME) Stockeeaa asfalt Gietasfalt voo eschemlaa AC pou chape de potection Gietasfalt voo eschemende laa / AC pou chape de potection Mastic asphalt Koudasfalt Enoé stockale Koudasfalt / Enoé stockale Poduct Vlaandeen Wallonie Bussel/Buxelles Euopese nom Belische emin Speciale techniek Glasfalt ST 1 Asfalt met stuctuumatwapenin - Enoé à amatue alvéolaie ST 2 Gefiueed ietasfalt ST 3 Steesfalt Steesfalt ST 4 Gindzandasfalt - GB- (1, 2) ST 5 Koudasfalt ST 6 Opmekinen: Voo eenzelfde poduct kunnen e veschillen tussen de ewesten estaan. De eminen zijn oveenomen uit de in 2006 eldende standaadestekken (ef. 1, 2 en 3) en uit de Euopese nomen. 166

181 5 Bijlae Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten In deze ijdae is infomatie ijeeneacht ove sstemen om de kenmeken van weconstucties te meten. Deze kenmeken zijn: - de opouw (B5.1); - schaden (B5.2); - de lansvlakheid en discontinuïteiten in het lentepofiel (B5.3); - spoovomin en discontinuïteiten in het dwaspofiel (B5.4); - het daavemoen (B5.5); - de stoefheid (B5.6); - de textuu (B5.7); - de eluidspoductie (B5.8). Multifunctionele appaatuu komt aan od in B5.9, tewijl B5.10 infomatie eeft ove de eschikaaheid van meetappaatuu op de Belische makt. B5.1 Opouw van de weconstuctie De metinen woden uitevoed met een eoada. De opouw van een weconstuctie kan ook doo middel van monsteneminen woden epaald (zie 5.5.2). Beschijvin Met een eoada is het moelijk op een niet-destuctieve manie continu een kwantitatieve en kwalitatieve alse van een weconstuctie te maken: - kwantitatieve alse: laadiktemetin (vehadin en fundein); - kwalitatieve alse: lokaliseen van stuctuele afwijkinen zoals holten en losliende laen, en vedelin van een wevak in homoene deelvakken. De eoada zendt pulsewijs een elektomanetische olf in de constuctie. Bij elke laaovean wodt een deel van deze olf eeflecteed. Een antenne vant deze eeflecteede olf op; de amplitude, olflente en eflectietijd evan zijn kaakteistiek voo de constuctie. Aan veschillende eflectieniveaus woden veschillende kleuen toeekend, zodat de adascan een visueel eeld van de constuctie eeft. Toepassinseied Een eoada kan oveal woden euikt. Fiuu B5.1 Geoada emonteed achte het tanspoteende voetui Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 167

182 B5.2 Visuele inspectie en schadeopnemin Visuele inspectie en schadeopnemin kunnen volledi manueel (met fomulieen), halfautomatisch (met SAND en de Infomant) of eheel automatisch (met de ARAN zie B5.9) woden uitevoed. B5.2.1 Fomulieen Beschijvin De visuele inspectie wodt uitevoed aan de hand van één of mee fomulieen, aelan het om een loale of een edetailleede eoodelin aat. Het is noodzakelijk dat iedeeen de vastelede nomenclatuu hanteet. De fomulieen woden daaom samen met een handleidin euikt. Een vooeeld van een deelijk ssteem is te vinden in ef. 86, deel C «Visuele inspectie». Toepassinseied E zijn een epekinen. Om veiliheidsedenen is het echte niet aanewezen deze methode op auto(snel)ween toe te passen. B5.2.2 SAND en Infomant Beschijvin Bij de visuele inspectie wodt met een lae snelheid (20 tot 35 km/h) ove de we eeden. Teelijk woden de zichtae schaden aan de vehadin doo middel van een aanepast toetsenod in een compute inevoed. Scheuvomin, vevomin, uitukkin, epaatie-plekken en specifieke (van de vehadinssoot afhankelijke) eeken woden ecodeed. De eevens maken een loale epalin van de eschadiinsaad moelijk. Toepassinseied E zijn een epekinen. Fiuu B5.2 SAND 168

183 5 Bijlae B5.3 Lansvlakheid en discontinuïteiten in het lentepofiel Om de lansvlakheid van een we te alseen, wodt uiteaan van het emeten pofiel. E estaan veschillende alsetechnieken, die steeds uitaan van de olflenten die in het pofiel vookomen. In wat volt, wodt een «vlakheidscoëfficiënt» epaald voo één epaalde «asisolflente». De vlakheidscoëfficiënt wodt epaald doo de afwijkin ten opzichte van een emiddeld pofiel te eekenen. Voo de epalin van dit emiddelde pofiel wodt in elk punt het emiddelde ove de eschouwde asisolflente eekend; met andee wooden: e wodt met een vootschijdend emiddelde ewekt. De vlakheidscoëfficiënt is de afwijkin en stemt oveeen met de helft van de totale oppevlakte van de ele vlakken in de ondestaande fiuu. Hij wodt eekend ove een epaalde eenheidslente van de we in pincipe ove 100 m. Vandaa dat de vlakheidscoëfficiënt in mm 2 /hm wodt uitedukt. De lansvlakheid kan ook in «VC»-eenheden woden uitedukt, zoals ijvooeeld in de ef. 1 en 2; 1 VC is dan mm 2 /hm. Het is duidelijk dat het emiddelde pofiel ete ij het oiinele lentepofiel zal aansluiten als een kotee olflente wodt ekozen. De afwijkin zal dan kleine zijn, en de vlakheidscoëfficiënt dus ook. Fsisch ekeken stemt de olflente waamee het lentepofiel ealseed wodt oveeen met de op te spoen onvlakheden. De vlakheidscoëfficiënt ij een olflente van 2,5 m (VC 2.5 ) eeft de onvlakheden wee die emeten woden met een ij van 3 m, en een olflente van 10 m (VC 10 ) stemt oveeen met het meeteeik van een voee euikt toestel (de viaaaf ). Bij een meetsnelheid van 72 km/h aat het olflenteeied van 50 m tot 0,5 m. Een wekoep van CEN-comité TC227 wekt momenteel aan de hamonisatie van de vlakheidsvooschiften op Euopees niveau. Het meettoestel wodt daaij niet vasteled. Van het emeten pofiel wodt een spectumalse emaakt. Op intetioal niveau wodt de IRI (intetiol ouhness index) euikt. In pincipe wodt een kwatauto ove het emeten pofiel van de we esimuleed. De elatieve ewein tussen auto en we is een maat voo de vlakheid. Fiuu B5.3 Kote olf (links) en lane olf (echts) De lansvlakheid wodt continu emeten met de APL of de ARAN (zie A5.9) en plaatselijk met een ij van 3 m of een tansvesopofiloaaf. Veticale eweinen van «opwippende» etonplaten woden emeten met een Faultimete. Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 169

184 B5.3.1 APL Fiuu B5.4 Fiuu B5.5 Pincipetekenin van de APL APL Beschijvin De APL («alseu de pofil en lon») estaat uit een meetaanhanwaen met een ovelanse alk die veticaal kan oteen om het punt waain hij aan het tekkende voetui is opehanen. Uit de veticale ewein die de as van het meetwiel ten opzichte van een efeentie maakt, wodt het lentepofiel de we epaald. Als efeentie wodt een hoizontale sline met een lae esontiefequentie euikt. De metinen vinden plaats ij een etekkelijk hoe snelheid. Tpisch wodt e emeten ij een constante snelheid van 72 km/h (op autosnelween) of 54 km/h. Ook 36 km/h en 21,6 km/h zijn als meetsnelheden enomaliseed. Toepassinseied APL-metinen woden met een constante snelheid uitevoed. Het toestel kan ijevol maa woden euikt op wevakken waa deze snelheid aanehouden kan woden. Het is moelijk een laee enomaliseede snelheid te kiezen, maa dan veschuift het olflenteeied evenedi. Metinen op otondes en in schepe ochten (kuispunten) zijn niet moelijk. Bovendien heen snelle hellinveandeinen een invloed op APL-metinen. De esultaten voo het etokken wevak moeten dan andes woden eïntepeteed. B5.3.2 Rij van 3 m Fiuu B5.6 Rij van 3 m Beschijvin Een echte lat van 3 m en een aanepast kalie maken het moelijk, de onvlakheden in een willekeui punt van de vehadin onde deze lat te meten. In pincipe kunnen onvlakheden met een olflente van 3 m woden emeten. De lat ust vij op het oppevlak en e wodt tussen de steunpunten emeten. De ij van 3 m kan ook woden euikt om andee eeken te meten, zoals andvezakkin, tapjesvomin, diepte van aten en zelfs spoovomin. Toepassinseied E zijn een epekinen. 170

185 5 Bijlae B5.3.3 Tansvesopofiloaaf Beschijvin Dit toestel estaat uit een 4 m lane alk waaop een eweeae schuifinichtin is emonteed. Met ehulp van vie in de hoote eelae steunen kan de meetalk volkomen watepas woden esteld. Dit wodt met een uwkeuie watepas econtoleed. De veticale vevominen in het openomen pofiel woden op wae ootte eeisteed. De hoizontale afstand wodt op een schaal van 1/20 (5 cm/m) openomen. Uit het pofiel kunnen dan manueel de spoodiepte en de eventuele watediepte woden epaald. Ook de eedte van het ijspoo en de moelijke plasvomin kunnen woden emeten. Na een diitalisein kunnen de standaaddwashellin en de alemene vlakheid woden epaald. Toepassinseied E zijn een epekinen. Fiuu B5.7 Tansvesopofiloaaf B5.3.4 Faultimete Beschijvin De Faultimete is een in het OCW ontwopen appaaat om de elatieve veticale eweinen van de teenove elkaa liende einden van twee etonplaten te meten wannee een vachtauto ove de dwasvoe tussen deze platen ijdt. De Faultimete estaat uit een statief op die steunpunten die op de etonplaat vóó de voe woden ezet en uit een eweeae stift die op de etonplaat vooij de voe ust. Deze stift is doo een oveeninsssteem veonden met een meetklokje, dat de ootte van de elatieve veticale ewein tussen de twee platen aanwijst. E wodt standaad emeten onde een 11 t weende achteas van een vachtwaen die met een zee lae snelheid ove de voe ijdt. Toepassinseied Fiuu B5.8 Faultimete Weesomstandiheden kunnen een hindepaal vomen. De platen moen immes niet elokkeed aken, wat ij wam wee (waaij de uitzettende platen de voeen dichtdukken) of ij vost wel eens vookomt. Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 171

186 B5.4 Spoovomin en discontinuïteiten in het dwaspofiel Spoovomin en dwaspofielen woden continu emeten met de TUS, de Rutmete of de ARAN (zie B5.9). Voo plaatselijke metinen van onde mee discontinuïteiten wodt een ij van 3 m (zie B5.3.2) of een tansvesopofiloaaf (zie B5.3.3) euikt. Beschijvin van de TUS en de Rutmete Fiuu B5.9 TUS De TUS («tanvesopofilomète à ultasons») is ontwopen doo het Fanse LCPC (Laoatoie cental des Ponts et Chaussées). De 2,5 m lane meetalk is op de voozijde van de meetwaen emonteed. Deze alk evat detien sensoen, die ultasone eluidsolven (fequentie > 20 khz, dus oven de ehooens) uitzenden. Deze olven woden doo het wedek weekaatst en doo de sensoen wee opevanen. Uit het tijdsveschil tussen de uitezonden en de ontvanen puls eekent een compute die zich in de meetwaen evindt de afstand tussen de meetalk en het wedek. Teelijk wodt de hoek van de meetalk ten opzichte van de hoizontale lijn emeten. De meeteevens van de sensoen, ecomineed met de hoekmetin, woden doo de compute vewekt tot een dwaspofiel: het eële eeld van het ijspoo in de we. Uit dit dwaspofiel woden de maximale spoodiepte en de watediepte eekend. De spoodiepte wodt epaald als het emiddelde ove een vak van 100 m. De Rutmete wekt volens een elijksooti pincipe. Toepassinseied van de TUS en de Rutmete De maximale meetsnelheid is 50 km/h. Het wedek moet doo zijn. B5.5 Daavemoen Het daavemoen van een weconstuctie wodt epaald doo een elastin op de we uit te oefenen en de vevomin van de vehadin onde die elastin te meten. Uit de emeten vevominen woden de E-moduli van de veschillende ondedelen van de we afeleid. Het daavemoen wodt continu emeten met een valewichtdeflectiemete («Fallin Weiht Deflectomete FWD»), een deflectoaaf of een Cuviamete. Voo plaatselijke metinen wodt een Benkelmalk euikt. B5.5.1 Valewichtdeflectiemete Beschijvin De poefelastin wodt vekeen doo een massa van 50 tot 350 k te laten vallen op een stel ueen uffes die emonteed zijn op cikelvomie voetplaat van 300 mm diamete, welke op de vehadin is neeelaten. Doo de valhoote en de ootte van het valewicht te vaiëen kan een dmische elastin tussen 20 en 120 kn woden uiteoefend. De elastinsduu vaieet tussen 25 en 60 ms. Deze elastinsootte en -tijd stemmen oveeen met die van een snel ijdende vachtwaen. Onde de voetplaat is een ueen mat aaneacht, om de spannin elijkmati ove de vehadin te vedelen. 172

187 5 Bijlae De vomveandeinskomme (deflectiekomme) wodt emeten met neen eofoons. Eén evan evindt zich in de voetplaat. De oveie zijn met een vaste tussefstand van 300 mm emonteed op de eofoolk, die op de vehadin is eplaatst. Toepassinseied De valewichtdeflectiemete kan in pincipe oveal woden euikt. B5.5.2 Deflectoaaf Beschijvin Fiuu B5.10 Valewichtdeflectiemete De metin estaat ein, de veticale veplaatsin van een weoppevlak onde de twee duele wielen van het meetvoetui, die elk een last van 63,5 kn daen, vijwel continu op te nemen. De meetsnelheid edaat 2 tot 4 km/h. De metin wodt veicht met ehulp van een onde het chassis van de deflectoaaf evestid meetwaentje. De slede van dit waentje ust tijdens de metinen op het wedek totdat de tastes op de twee meetamen hun maximale veplaatsin heen eeikt; dan wodt het meetwaentje a voen eacht voo de volende metin. De esponsie van de elektomanetische sensoen op de meetamen wodt eeisteed doo de appaatuu voo het opnemen en intepeteen van de meeteevens, die zich in het voetui evindt. Hiedoo kunnen de esultaten diect woden weeeeven. Toepassinseied Het toepassinseied is epekt tot flexiele weconstucties. B5.5.3 Cuviamete Beschijvin Met deze appaatuu een vedee ontwikkelin van de deflectoaaf kan snel en continu in één ijspoo de vomveandeinskomme van weconstucties woden epaald ij het passeen van een elast stel duele wielen (80 tot 130 kn, veandeaa). Tussen de anden op het stel loopt een kettin, voozien van eofoons die met eelmatie tussefstanden (5 m) op het wedek neekomen. Deze eofoons dienen om de deflectie te meten. De meetsnelheid is 5 m/s en de evoeliheid van de deflectiemetin is 0,03 mm. De meeteevens woden diect vewekt doo computeappaatuu in het voetui. Toepassinseied Doo de otee evoeliheid van het meetssteem kan de Cuviamete niet alleen op flexiele, maa ook op halfstijve weconstucties woden euikt. Fiuu B5.11 Cuviamete Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 173

188 B5.5.4 Benkelmalk De Benkelmalk kan als de «manuele» vesie van de deflectoaaf woden eschouwd. De metin estaat ein, de deflectie onde de last van een duel wiel van 63,5 kn (de helft van een aslast van 13 t) in één punt van een weoppevlak op te nemen. Fiuu B5.12 Benkelmalk De Benkelmalk estaat uit een efeentiealk die voozien is van twee vaste steunpunten vooaan en één eelaa steunpunt achteaan, een tasteam die vij ond een vast met de efeentiealk veonden dwasas daait, een meetklokje dat op de efeentiealk is evestid en met zijn stift op de tasteam ust, en een elektomanetische viato. De metin veloopt als volt: - het wielstel wodt op het meetpunt opesteld; - het uiteinde van de tasteam wodt tussen de anden van het duele wiel eled, zodani dat de taste loodecht op de aslijn van het wielstel staat; - de einwaade wodt op het meetklokje afelezen; - de vachtwaen wodt veeden totdat hij de metin niet mee eïnvloedt; - de tweede waade wodt op het meetklokje afelezen; - de deflectie is elijk aan het veschil tussen de twee aflezinen van het meetklokje, vemenivuldid met een coectiecoëfficiënt. Toepassinseied Deze metin valt slechts te oveween voo ijzondee conditieondezoeken van flexiele weconstucties, waaij het aantal meetpunten ein is of waaij op welepaalde plaatsen moet woden emeten. B5.6 Stoefheid De stoefheid wodt ekenmekt doo een wijvinscoëfficiënt van de vehadin. Deze wijvinscoëfficiënt wodt edefinieed als de vehoudin van de hoizontale kacht tot de veticale kacht die het wiel van het meettoestel op de vehadin uitoefent. Afhankelijk van het meetssteem speekt men van een dwase wijvinscoëfficiënt (DWC) of een lonitudile wijvinscoëfficiënt (LWC): - DWC = H D / V (odolioaaf en SCRIM); - LWC = H L / V (Gipteste). Bij metinen met deze die toestellen eeft eenzelfde weoppevlak niet dezelfde wijvinscoëfficiënt, omdat de toestelpaametes (hoek, veticale last, enz.) veschillen. In pincipe eeft de SCRIM een hoee DWC-waade dan de odolioaaf. Veelijkende metinen heen een oede coelatie aanetoond tussen metinen met de SCRIM en met de Gipteste. De stoefheid wodt continu emeten met een SCRIM-appaaat, een odolioaaf of een Gipteste, en plaatselijk met een SRT-sline. 174

189 5 Bijlae B5.6.1 SCRIM Beschijvin Het SCRIM-appaaat (Sidewa Foce Coefficient Routine Investiation Machine) wodt euikt om de stoefheid van een we te meten. Het is ontwikkeld doo het Bitse TRL (Tanspot Reseach Laoato). Het meetwiel vomt een hoek van 20 met het voetui. De andenspannin edaat 3,5 a; de afmetinen van het wiel zijn 76 mm x 508 mm. Het SCRIM-appaaat eschikt ove een watetank. De watefilm wodt met een constant deiet (1 l/s) vóó het meetwiel aaneacht. Bij een meetsnelheid van 50 km/h heeft het appaaat een eeik van onevee 80 km. Met de SCRIMTEX (zie B5.7.1) kunnen teelijk de stoefheid en de textuudiepte woden emeten. Toepassinseied De SCRIM kan slechts woden euikt als de we een constante meetsnelheid van 50 km/h moelijk maakt. De vehadin wodt automatisch temaakt. Lichte een of een vochti wedek deen de metin niet. Zwae een maakt een econtoleede watefilm moelijk en is dus niet aanewezen. Als de SCRIM ook de textuu moet opnemen, is een doo wedek veeist. Fiuu B5.13 SCRIM B5.6.2 Odolioaaf Beschijvin De odolioaaf wodt euikt om de stoefheid van een we te meten. Het toestel is ontwopen doo het OCW. Het meetssteem estaat uit een wiel dat in een voetui is ineouwd en met dat voetui een hoek van 15 maakt. Tijdens de metin wodt het wiel in contact eacht met het te meten weoppevlak en elast met een vaste veticale last V. Het voetui ijdt met een constante snelheid. De hoizontale eactiekacht H wodt emeten op de aslijn van het wiel. De watefilm wodt aaneacht doo een tankwaen die voo het meetvoetui uit ijdt. Omdat de stoefheid afhankelijk is van de meetsnelheid en de tempeatuu, woden de meetwaaden omeekend a een snelheid van 50 km/h en een tempeatuu van 20 C. Toepassinseied De odolioaaf wodt voo contactuele metinen euikt. Hij kan maa woden inezet als de we een constante meetsnelheid van 50 km/h moelijk maakt. De vehadin wodt automatisch temaakt. Lichte een of een vochti wedek deen de metin niet. Zwae een maakt een econtoleede watefilm moelijk en is dus niet aanewezen. Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 175

190 B5.6.3 Gipteste Beschijvin De Gipteste wodt euikt voo continue metinen van de wijvinscoëfficiënt. Andes dan ij de SCRIM en de odolioaaf is de metin op lonitudile wijvin easeed. Het meetwiel wodt daatoe vetaad. Fiuu B5.14 Gipteste De Gipteste is eouwd als een kleine meetaanhane. Hij kan doo een voetui woden etokken en kan metinen uitvoeen ij snelheden tot 80 km/h. Het is ook moelijk het toestel te duwen en metinen te veichten ij een lae snelheid van onevee 5 km/h. E is een watessteem dat een constante watefilm poduceet. Toepassinseied Het ote voodeel van de Gipteste is dat hij kan woden euikt op plaatsen die voo de SCRIM of de odolioaaf ontoeankelijk zijn of waa de nomale meetsnelheid van 50 km/h niet te eeiken of aan te houden is. Speciale weedeelten zoals makeinen, zeapaden, enz. kunnen met de Gipteste stapvoets woden emeten. B5.6.4 SRT-sline Beschijvin Fiuu B5.15 SRT-sline Met de SRT-sline (ef. 107), een ontwep van het Bitse TRL (Tanspot Reseach Laoato), kan de lijweestand in een welepaald punt van om het even welk (doo of t) weoppevlak woden emeten. Deze weestand wodt epaald met ehulp van een meetue dat op het uiteinde van een sline is evestid. Nadat het ondestel van deze sline op de vehadin is aaneacht (waaij een stelschoef de eventuele oneffenheden opvant), wodt de sline in zijn (hoizontale) einstand eheven en plots loselaten. De doozwaai van de sline eeft een indicatie van de lijweestand van de vehadin. Toepassinseied E zijn een epekinen. 176

191 5 Bijlae B5.7 Textuu De textuu van een vehadin wodt ekenmekt doo de MTD («mean textue depth», of emiddelde textuudiepte). Dit is de textuudiepte die uit de (zand)vlekpoef volens NBN-EN epaald wodt doo de uitestooide hoeveelheid zand te delen doo de (uit de emeten diamete eekende) oppevlakte van de cikelvomie vlek waatoe dat zand ove het weoppevlak is uiteweven. De MTD kan ook uit lasepofielmetinen woden afeleid. Eest wodt de MPD («mean pofile depth», of emiddelde pofieldiepte) emeten volens NBN-EN ISO Dan wodt hieuit de MTD eekend: MTD = 0,8 MPD + 0,2 De textuu wodt continu emeten met een SCRIMTEX-appaaat en plaatselijk met een lasepofiloaaf of doo middel van de zandvlekpoef. B5.7.1 SCRIMTEX Beschijvin Met sommie SCRIM-voetuien (zie B5.6.1) kan ook de textuu van een weoppevlak woden emeten. Daavoo wodt een laseveplaatsinsopneme euikt, die veandeinen in de afstand tot het weoppevlak meet. Uit deze metinen wodt de STMD («senso-measued textue depth») epaald, die in mm wodt uitedukt. De senso evindt zich oven het ijspoo, vóó het meetwiel van de SCRIM. Toepassinseied De SCRIMTEX kan slechts woden euikt als de we een constante meetsnelheid van 50 km/h moelijk maakt. Voo textuumetinen moet de vehadin doo zijn. B5.7.2 Lasepofiloaaf Beschijvin Deze lasepofielmete estaat uit een lase waavan de staal loodecht op het te emonsteen wedek wodt epojecteed en uit een diitale camea die vanuit een epaalde hoek met deze staal a de (lase)lichtvlek op het wedek «kijkt». Naaelan van de hoote van het «lase + camea»-ssteem oven het wedek ziet de camea de lichtvlek in een andee positie. De camea eeft als uitan een elektisch sial dat echt evenedi is met de veticale positie van de lasevlek. Doo het lasessteem ove een epaald taject (meestal een lijn evenwijdi met de as van de we) te veplaatsen en de hoote van de lasevlek met eelmatie tussefstanden (ijvooeeld om de 1 mm) te meten en op te slaan, wodt een opme van de hootevaiaties lans dit taject (= het pofiel van het wedek) vekeen. Fiuu B5.16 Lasepofiloaaf Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 177

192 Toepassinseied De vehadin moet doo zijn. Sommie oppevlakken die zee zwat zijn en/of stek lanzen (zoals pas aaneacht asfalt), kunnen polemen even doodat te weini laselicht a de camea teuekaatst wodt. B5.7.3 Zandvlekpoef Beschijvin Met ehulp van de zandvlekpoef kan de emiddelde (maco)textuudiepte van een vehadin woden epaald. Daatoe wodt een ekend volume zand elijkmati ove het wedek uitestooid; dit zand wodt vedeeld en in de holten van de (maco)textuu eweven, tot zij helemaal evuld zijn. Toepassinseied De vehadin moet doo zijn. Fiuu B5.17 Zandvlekpoef B5.8 Geluidspoductie Geluidmetinen aan de on (wevehadin) woden veicht volens de SPB- of de CPX-methode. Op afstand wodt eluid emeten volens de epalinen van ISO R B5.8.1 SPB-methode Beschijvin Voo metinen volens de «statistical pass- (SPB)»- methode eldt de intetiole nom ISO Het pincipe estaat ein, op een vaste plaats het maximale A-ewoen eluidsniveau en de snelheid van enkele hondeden vooijijdende voetuien (inedeeld in pesoneuto s, lichte en zwae vachtwaens) te meten. De micofoon staat tijdens de metinen op 7,5 m van de as van de ijstook en evindt zich op 1,5 m hoote. Fiuu B5.18 Geluidsniveaumete Doo middel van eessiealse woden esultaten vekeen die het veand tussen het eluidsniveau (La max ) en de snelheid aaneven. 178

193 5 Bijlae Toepassinseied Deze meetmethode is vooal inteessant om een eeven wedeksoot te veelijken met een efeentiewedek van AB. B5.8.2 CPX-methode Beschijvin Voo metinen volens de «close poximit (CPX)»-methode eldt de intetiole nom ISO Bij deze metinen wodt het oleluid epaald met ehulp van een aanhanwaen, voozien van micofoons die dicht ij één of mee testanden zijn opesteld. Toepassinseied Deze meetmethode is vooal inteessant om de elijkmatiheid van uitvoein ove een otee lente en het veloop van akoestische eienschappen in de tijd te epalen. B5.8.3 Geluidmetinen op een otee afstand van de we Beschijvin Het aat om metinen van de akoestische evelelastin volens de epalinen van ISO R Bij deze metinen staat de micofoon dicht ij de wonin waa het omevinseluid moet woden epaald. Toepassinseied Deze methode is niet uikaa om wevehadinen als zodani akoestisch te kenmeken. Wel is het zo, dat de aad van de wevehadin de emeten eluidsniveaus eïnvloedt. B5.9 Multifunctionele appaatuu De ARAN (Automatic Road Alze) is uiteust om de visuele toestand (inclusief schaden), de spoodiepte én de lansvlakheid te meten. Het meetssteem estaat uit een voetui met allelei meetappaatuu en een aantal oodcomputes om de meeteevens te vezamelen. Daaast zijn e ook twee consoles met computes voo de vewekin van de meeteevens en de eelden. De ARAN kan veschillende wepaametes teelijk meten en zot tevens voo de elijktijdie vewekin van de videoeelden, die met die camea s woden emaakt. Reistatie is moelijk in het snelheidseied van 30 tot 80 km/h. Hiedoo is de hinde voo het vekee minimaal. B5.9.1 De ARAN-meetwaen Beschijvin De ARAN-meetwaen is uiteust met de volende appaatuu: Fiuu B5.19 ARAN-meetwaen Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 179

194 - een a voen eichte camea, om alemene eelden van de we te maken vanuit de positie van de estuude («iht-of-wa (video)loin»); - een zijdelins a voen eichte camea, om alemene eelden van de weomevin te maken («sidewa (video)loin»); - twee veticaal eichte camea s, om edetailleede opmen van de wevehadin te maken. Aan de hand van deze eelden kunnen schaden woden opespood («pavement distess (video)loin»); - een spoodieptessteem, estaande uit een stel alken waaop met een tussefstand van 10 cm ultasone sensoen zijn evestid; - een lansvlakheidslase SDP. Dit toestel comineet vesnellinsopnemes met een lasehootemete om de lansvlakheid te epalen; - die oscopen, om de lans- en dwashellin van de we en de hoizontale ichtinveandeinen van het voetui te epalen; - een op satellietontvanst easeed GPS-ssteem, dat automatisch in de videoeelden wodt meeecodeed. B Fontale weeeldcamea De a voen eichte camea maakt alemene eelden van de we zoals een estuude hem ziet («iht-ofwa (ROW) videoloin»). De kote sluitetijd van de camea, 1/1 000 tot 1/ s, maakt het moelijk schepe eelden te schieten ij voetuisnelheden tot 90 km/h. De eelden ieden de volende moelijkheden: - eoodelin van het alemene weeeld: - aantal, aad en eedte van de ijstoken; - aad, afmetinen en plaats van kantstoken en weoten, fietspaden en voetpaden, veiliheidsvoozieninen en eluidsschemen; - inventaisatie, plaatsepalin en inspectie van wemeuilai, vekeesoden, velichtinspalen, ewewijzein; - eoodelin van de zichtaaheid. Het eeld eslaat ten minste één ijstook, maa eeft ook een edee kijk. Om uwkeuiheidsedenen is alleen het edeelte op een etekkelijk kote afstand (20 m) uikaa. B Zijdelinse camea De zijdelins a voen eichte camea laat de weomevin zien («sidewa videoloin»). De eelden kunnen met het eschikae poamma vooalsno niet woden vewekt. a/ ehuizin van de fontale en de zijdelinse camea / de twee camea s voo de wedekeelden Fiuu B5.20 Camea s op de ARAN-meetwaen 180

195 5 Bijlae B Veticale wedekcamea s De twee veticaal eichte wedekcamea s maken eelden van de wevehadin, die euikt woden voo de edetailleede schadealse. De zee kote sluitetijd, 1/ tot 1/ s, maakt ijzonde schepe opmen moelijk. Tijdens de eeldvomin veplaatst het voetui zich maximaal slechts 2 mm. De videoopmen woden tijdens de eistatie veenid tot eelden van een ijstook ove een eedte van 4 m en een lente van 10 m. Om de heldeheid te veeteen en zo automatische vewekin moelijk te maken, wodt stooscopische elichtin toeepast. Aan de hand van de eelden kunnen de enst en omvan van de volende schadeoepen woden epaald: - scheuen (lansscheuen, dwasscheuen en netscheuen); - vevomin; - uitukkin; - epaaties; - aten; - vette plekken; - andschade. B Spoodieptessteem De diepte van ijspoen wodt emeten met een eeks ultasone sensoen, die om de 10 cm op een dwase alk zijn aaneacht. Deze alk estaat uit een vast edeelte met neentien sensoen en twee uitschuifae edeelten met neen sensoen. Dit maakt het moelijk dwaspofielen met een eedte tot 3,60 m eheel te meten en teelijk de diepte van de twee ijspoen in dat pofiel te epalen. Doo een en ande te comineen met de dwashellin kan ook de moelijke plasvomin woden epaald. a/ meetalk voo spoovomin / vesnellinsopnemes voo de lansvlakheid Fiuu B5.21 Appaatuu op de ARAN-meetwaen B Lansvlakheidslase SPB Dit toestel comineet vesnellinsopnemes voo de veticale ewein van het voetui met een lasehootemete voo de afstand tussen het voetui en de vehadin. De vesnellinsopnemes leveen de nodie infomatie voo de midden- en lane olflenten, tewijl de lase voo de eevens voo de kote olflenten zot. Doo eide technieken te comineen, kunnen oneffenheden in een ijzonde uiteeid olflenteeied woden emeten. Dit eied aat van 0,25 tot 100 m en is ede dan ij de APL. Uiteaad woden de twee ijspoen afzondelijk emeten. Het emeten pofiel kan ook infomatie veschaffen ove zee plaatselijke oneffenheden zoals tapjesvomin («faultin») tussen niet-edeuvelde etonplaten. Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 181

196 Toepassinseied De uikaaheid van de ARAN hant van de ekozen deelsstemen af. In de paktijk is doo wee veeist om spoovomin te meten. De camea s voo de ROW- en de zijeelden heen ehoolijk tuulijk licht nodi. Nachtwek is daaom uitesloten. B5.9.2 De ARAN-vewekinsconsoles wekstation Voo de vewekin van de meeteevens zijn pc s nodi. Deze ehoeven ij euik van diitale eelden een ijzondee hadwae. Nomaal zijn e vie hoofdpoamma s: - een alemeen poamma eekent de vlakheidspaametes uit de lente- en dwaspofielen. Voo de lansvlakheid omvatten deze paametes de klassieke vlakheidscoëfficiënten voo asislenten van 0,5 tot 100 m, de IRI («intetiol ouhness index») en de tapjesvomin; voo de dwasvlakheid aat het om de spoodiepte en de watediepte. Al deze paametes woden voo elk ijspoo epaald; - speciale inteactieve softwae om de weeelden te eoodelen en de veschillende inventaissen (ijvooeeld weuitustin, schadeeelden) op te maken; - eeldalsesoftwae voo automatische epalin van het scheupatoon. De scheuen kunnen ook in veschillende cateoieën woden ondeeacht, a aad en plaats in de we. Dit pakket is niet in staat andee schaden te ontdekken en te eoodelen; - een speciaal poamma om de veschillende eschikae eevens in taellen en afieken, al of niet veezeld van het eschikae eeldmateiaal, wee te even. Dit pakket iedt tevens de moelijkheid alle andee schaden dan scheuvomin manueel te epalen aan de hand van de wedekeelden. B5.10 Beschikaaheid van meetappaatuu De hievolende tael eeft een ovezicht van de veschillende meetsstemen en de eschikaaheid evan in Belië. 182

197 5 Bijlae Meetssteem INFRA MET OCW Voowaaden Dapoductie Dapijs ( ) B5.3.1 APL 100 tot 150 km B5.9.1 ARAN vlak (APL) 100 tot 150 km B5.9.1 ARAN RUT Doo 100 tot 150 km B5.9.1 ARAN ROW 100 tot 150 km B5.9.1 ARAN vehadin 100 tot 150 km B5.9.1 ARAN o GPS 100 tot 150 km B5.5.1 FWD 5 tot 15 km B5.5.2 Deflectoaaf 5 tot 10 km B5.5.3 Cuviamete 15 tot 70 km B5.5.4 Benkelmalk tot 20 poeven B5.6.1 SCRIM Liefst doo 100 tot 150 km B5.6.2 Odolioaaf Liefst doo 20 tot 40 km B5.6.3 Gipteste Liefst doo 20 tot 40 km B5.1 Geoada 50 tot 75 km B5.4 TUS Doo 100 tot 150 km B5.2.2 SAND Liefst doo 40 tot 60 km B5.3.2 Rij van 3 m tot 100 metinen B5.2.1 Fomulie visuele inspectie Liefst doo 10 tot 15 km B5.7.2 Lasepofiloaaf Doo 20 tot 40 km B5.8.1 SPB-eluidmetin 1 tot 4 situaties B5.8.2 CPX-eluidmetin 30 tot 70 km B5.3.3 Tansvesopofiloaaf Liefst doo 20 tot 40 pofielen B5.3.4 Faultimete Niet te wam 50 tot 100 metinen B5.4 Rutmete Doo 50 tot 100 km B5.6.4 SRT-sline Liefst doo 20 tot 40 plaatsen B5.7.1 SCRIMTEX textuu Doo 100 tot 150 km B5.7.1 SCRIMTEX textuu + vlakheid Doo 100 tot 150 km B5.7.3 Zandvlekpoef Doo 20 tot 40 metinen Opmekinen - De vemelde poducties zijn easeed op een volledie dataak, met ineip van alle veplaatsinen en vooeeidende wekzaamheden. E wodt eekend op peioden van die uen effectieve metinen. Het wekelijke endement is stek afhankelijk van de aad van de we en de afzettin van het meetvak. Kote meetvakken op plaatselijke ween kunnen het endement aanzienlijk a eneden halen. Ook weesomstandiheden kunnen het endement eïnvloeden. - De vemelde pijzen zijn schattinen waain ekenin is ehouden met de kostpijs van het toestel en het aantal medewekes dat de poeven uitvoet. Ook de asisvewekin is ineepen. Het aat om ichtpijzen, die de enoemde instellinen niet inden. - De pijzen van de veschillende ARAN-metinen moen niet woden opeteld als de klant vescheidene paametes teelijk wil laten meten Bijlae 5 Toestellen om de kenmeken van vehadinen te meten 183

198

199 6 Bijlae Bijlae 6 Bepoevinsmethoden om de pestatiekenmeken van asfaltmensels te epalen Voo elk kenmek dat in 7.1 is escheven, estaan e epoevinsmethoden om de pestatie van een asfaltmensel te epalen. Veelal zijn vescheidene poeven voohanden om eenzelfde pestatiekenmek te eoodelen. Wij epeken ons tot methoden die in Belië woden toeepast en/of vewijzen a de ontwepnomen voo Euopese epoevinsmethoden. B6.1 Stijfheid Een van de methoden om de stijfheid van itumineuze mensels te epalen, is de tweepuntsuipoef op tapezoïdale poefstukken. Deze poef, weeeeven op fiuu B6.1, wodt veicht ij veschillende tempeatuen en met veschillende fequenties. De methode estaat ein, een tapezoïdaal poefstuk dat aan één uiteinde is ineklemd op wisselende sinusoïdale uiin te elasten. De uitoefenin van een sinusoïdale spannin met een constante amplitude (σ 0 ) op het poefstuk leidt hieij tot een vevomin met dezelfde fequentie, maa met een faseveschuivin (φ). De stijfheidsmodulus is de vehoudin tussen de spannin en de vevomin. Voo mee infomatie ove deze en andee epoevinsmethoden om de stijfheid van asfaltmensels te epalen, kan woden vewezen a ef. 87. Fequentie σ 0 Constante spannin T ( C) Tijd ε 0 Vevomin φ Fazeveschil tussen spannin en vevomin Fiuu B6.1 Tweepuntsuipoef op tapezoïdale poefstukken B6.2 Weestand teen scheuvomin doo vemoeiin Uit de ovenescheven poef voo de epalin van stijfheidsmoduli kan ook de weestand teen scheuvomin doo vemoeiin als evol van uitek woden epaald. Het poefstuk wodt hehaaldelijk elast tot het ezwijkt. E kan een komme woden etokken die het aantal ccli tot ezwijken van het poefstuk als functie van het uiteoefende kacht- of vevominsniveau weeeeft. Een uitvoeie eschijvin van deze en andee epoevinsmethoden om de weestand teen scheuvomin doo vemoeiin te epalen, is te vinden in ef. 88. Bijlae 6 Bepoevinsmethoden om de pestatiekenmeken van asfaltmensels te epalen 185

200 B6.3 Weestand teen themische of laetempeatuuscheuvomin Dit pestatiekenmek wodt in ons land no niet epaald. E is momenteel ook een Euopese epoevinsmethode eschikaa. In Nedeland wodt de statische SCB-poef («semicicula endin test») toeepast om de scheuevoeliheid van een asfaltmensel vast te leen. Het aat daaij echte om scheuevoeliheid in het alemeen en niet specifiek om themische scheuvomin, die een uitest complex veschijnsel is. De statische SCB-poef wodt veicht op halfcikelvomie poefstukken (dooezaade kenen). Het poefstuk wodt met een constante vevominssnelheid in een dukpes elast. De methode is uitvoei escheven in ef. 89. Voo ondezoeksdoeleinden wodt te epalin van de weestand teen laetempeatuuscheuvomin de TSRST-poef toeepast («themal stess-etained specimen test»). Daaij wodt een poefstuk dat volledi in een onvevomaa fame of vijzel is vastezet, afekoeld (ijvooeeld met 10 C/h). De themische spanninen die ontstaan doodat het poefstuk niet kan kimpen, woden emeten (ef. 90). B6.4 Weestand teen spoovomin In ons land woden twee poeven euikt om de weestand teen spoovomin van een asfaltmensel te aan: - de Mashallpoef; - de vekeessimulatopoef. B6.4.1 Mashallpoef Deze mechanische poef eeft enkel een vae indicatie van de weestand teen spoovomin. De poefstukken woden op een tempeatuu van 60 C eacht, tussen de sementen van een welomscheven dukvom eplaatst en met een vastestelde constante vevominssnelheid elast (fiuu B6.2). De epoevinsmethode is escheven in ef. 38 ( 54.16) en ef. 91( 54.16). De stailiteit (P m ) en de vloei (F m ) woden epaald uit een elastin-vevominsdiaam (fiuu B6.3). De Mashallstailiteit (P m ) en het Mashallquotiënt (P m /F m ) even een indicatie van de weestand teen spoovomin. De poef maakt het enkel moelijk een ondescheid te maken tussen zee slecht en zee oed Belastin, N B P m A F m Vevomin (mm) Fiuu B6.2 Opstellin voo de Mashallpoef Fiuu B6.3 Mashalldiaam 186

201 6 Bijlae pesteende mensels. Ook kan zij niet woden toeepast om de invloed van de indmiddelsoot op de weestand teen spoovomin te aan. Voots is zij oneschikt voo mensels met een steenskelet, zoals SMA en ZOA, weens het onteken van enie zijdelinse steunduk. Om die edenen is de vekeessimulatopoef te vekiezen. De epalin van de Mashallstailiteit, het Mashallquotiënt en de Mashallvloei zal touwens in de toekomst uit onze standaadestekken vedwijnen. Volens de Euopese eisen voo asfaltmensels (nomeneeks EN xx) ma deze poef immes enkel no voo vlieveldvehadinen woden vooescheven. In alle andee evallen wodt voo de epalin van de weestand teen spoovomin de vekeessimulatopoef inevoed. B6.4.2 Vekeessimulatopoef In deze poef, ook wielspoopoef enoemd, wodt een poefstuk ondewopen aan een wielelastin die met een fequentie van 1 Hz een echtlijnie heen-enweeewein maakt. Voee wed deze poef in ons land ij een tempeatuu van 35 C uitevoed, volens de estandaadiseede epoevinsmethoden in ef. 15 ( XIV 4.4) en in ef. 38 ( 54.13); momenteel wodt oveeschakeld op een epoevinstempeatuu van 50 C, a de Euopese nom EN (ef. 93). De veticale vevomin wodt een vasteled aantal elastinsccli op welepaalde plaatsen in het lente- en dwaspofiel emeten. Uit de emeten veticale veplaatsinen wodt onde mee een emiddelde spoodiepte in de aslijn eekend ccli volens ef. 15 ( XIV 4.4) en ef. 38 ( 54.13) en ccli volens de nieuwe Euopese methode. Fiuu B6.4 Vekeessimulato B6.5 Weestand teen afelin B6.5.1 Cantaopoef De cohesie van ZOA wodt epaald doo middel van de zoenoemde Cantaopoef. In deze poef wodt het massavelies van Mashallpoefstukken epaald diehonded omwentelinen in een Los Anelestommel zonde koels. De poef wodt veicht ij 18 C; epoevinstempeatuen die hievan afwijken, even andee esultaten. Het massavelies wodt uitedukt in pecenten ten opzichte van de oosponkelijke massa van het poefstuk. De appaatuu is afeeeld op fiuu B6.5. Weens de ote speidin in de esultaten dient de poef voo eenzelfde indmiddelehalte op ten minste vie poefstukken te woden uitevoed. De poef wodt escheven in ef. 38 ( 54.19) en in ef. 95. Fiuu B6.5 Los Anelestommel voo Cantaopoeven Bijlae 6 Bepoevinsmethoden om de pestatiekenmeken van asfaltmensels te epalen 187

202 B6.5.2 RSAT-poef Fiuu B6.6 RSAT-poef Een andee, wellicht ete eschikte poef om afelinseda te eoodelen is de zoenoemde RSATpoef («otatin suface aasion test»). De appaatuu is echte no niet eschikaa op de makt. Fiuu B6.6 toont een RSAT-poef in uitvoein. Een wiel eweet heen en wee ove een achthoeki poefstuk dat in één ichtin kan daaien. Doo de licht excentische opstellin van de asfaltplaat ten opzichte van de aslijn van de wielewein ontstaat een eelmatie oteende ewein, veoozaakt doo de hoizontale kachten op het oppevlak. Na de poef vetoont het poefstuk een schadeeeld dat veelijkaa is met afelin. B6.6 Stoefheid De stoefheid van een wedek wodt ekaakteiseed doo de dwase wijvinscoëfficiënt. De meettoestellen zijn escheven in B5.6. B6.7 Ondoolatendheid Hoewel dit kenmek zee elanijk is en in het veleden emeten wed (ef. 96 en 97), is momenteel zowel in Belië als in Euopa een meetmethode in euik die op asfaltmensels kan woden toeepast. B6.8 Samenhan B6.8.1 «Retained» Mashallpoef Om de samenhan (of cohesie) van een asfaltmensel te eoodelen, kan de zoenoemde «etained» Mashallpoef woden toeepast. Daaij wodt voo en 48 h ondedompelin in wate op 40 C een Mashallpoef uitevoed, met epalin van de stailiteit, de vloei en het quotiënt. De vehoudin van de stailiteiten of de quotiënten en voo ondedompelin is een maat voo de samenhan van het mensel. Hoe lae deze vehoudin, hoe slechte de samenhan. B6.8.2 Indiecte tekpoef Op Euopees niveau is de indiecte tekpoef of splijttekstektepoef volens ef. 116, ecomineed met conditionein in wate volens ef. 98, ekozen als methode om de wateevoeliheid van mensels te epoeven. De poef is al openomen in de nieuwe vesie (van 2006) van SB 250 (ef. 2). In deze poef (zie fiuu B6.7) wodt een cilindisch poefstuk op zijn kant eplaatst en aan een duk ondewopen. Deze duk veoozaakt tek in de adiale ichtin. De vehoudin tussen de tekstekte en voo conditionein in wate is een maat voo de samenhan van het mensel. Fiuu B6.7 Splijttekstektepoef 188

203 6 Bijlae B6.9 Weestand teen puntelastin B6.9.1 Wilsonintandin De weestand van ietasfalt teen indinin onde statische elastin wodt eoodeeld doo de Wilsonintandin te epalen. Daaij wodt emeten hoe diep een stempel met een epaalde diamete ij een epaalde tempeatuu onde een epaalde elastin die eduende een epaalde tijd wodt uiteoefend, in een monste dint. De poef is escheven in ef. 38 ( 58.10) en in ef. 91 ( 58.10). B6.9.2 Intandinspoef op kuussen Te vevanin van de Wilsonintandin wodt innenkot oveeschakeld op de intandinspoef op kuussen (ef. 100). In deze poef wodt de indinin ij een eeven tempeatuu en elastin van een stempel in een ietasfaltmonste emeten. De indinin is afhankelijk van: - de afmetinen van de stempel; - de tempeatuu waaij de poef wodt uitevoed; - de elastin; - de duu van de poef. Deze vie paametes woden vasteled aelan van de eoode toepassin en het euikte ietasfalt. De poef is uitsluitend voo ietasfalt estemd. B6.9.3 Ponspoef Specifiek voo vehadinsconstucties op uen en pakeedaken heeft de BUt Buelijke Bouwkunde een ponspoef ontwikkeld, die het effect van een kik voo lichte voetuien simuleet. In deze poef wodt de vevomin emeten die een afdichtinsssteem met eschemlaa ondeaat wannee een stempel van 100 cm 2 ij een tempeatuu van 50 C een uu lan onde een constante kacht in het oppevlak wodt edukt (ef. 96). B6.10 Weestand teen eflectiescheuvomin B Themische scheupoef De doelmatiheid van scheuemmende tussenlaen kan woden eoodeeld doo middel van de themische scheupoef. Mee epaald wodt in deze poef het scheuemmende effect van deze laen ij toepassin op etonplaten die ondehevi zijn aan themische uitzettin en kimp, ondezocht. Een kunstmati aaneachte scheu of voe wodt cclisch eopend en esloten. De tijd die het duut tot een scheu in de ovenliende asfaltlaa ontstaat en a het oppevlak van de laa doooeit, is een maat voo het scheuemmende effect van de laa. Fiuu B6.8 eeft het pincipe van de poef wee. De methode is uitvoei escheven in ef Bitumineuze ovelaa Tussenlaassteem Cementetonplaten Fiuu B6.8 Themische scheupoef Bijlae 6 Bepoevinsmethoden om de pestatiekenmeken van asfaltmensels te epalen 189

204 B SCB-poef In Nedeland wodt de cclische SCB-poef («semicicula endin») euikt om de doooei van scheuen te epalen. Deze poef wodt veicht op halfcikelvomie poefstukken (ookenen die doomidden zijn ezaad), voozien van een kef. Tijdens de poef wodt het poefstuk, dat op 0 C wodt ehouden, cclisch elast. De scheudoooeisnelheid wodt op die manieen epaald: met een camea, met een «cack openin mete» en aan de hand van de vijzelveplaatsin. B6.11 Weestand teen vevomin doo schuifkachten Hoewel hievoo inteesse estaat, is in ons land momenteel een poefappaatuu voohanden om de weestand teen schuifkachten te epalen. E is ook no een Euopese epoevinsmethode eschikaa. Rafelinsschade doo schuifkachten kan woden eoodeeld met de Cantaopoef of de RSAT-poef (zie B6.5). B6.12 Wateafvoeend vemoen Dit kenmek wodt zowel aan laoatoiumpoefstukken als in situ emeten. In ons land wodt een «in situ»-methode euikt (ef. 38 ( 54.17) en ef. 91 ( 54.17)). Daaij wodt de tijd emeten die een vaste hoeveelheid wate nodi heeft om uit een doolatendheidsmete te stomen. De doolatendheidsmete estaat uit een onevee 50 cm hoe cilinde van dooschijnend plastiek, met een schaalvedelin. Deze cilinde wodt, voozien van dichtinen, op het wedek eplaatst en de uitstoomtijd wodt emeten. Volens de Euopese epoevinsmethode (ef. 104) wodt een poefstuk, voozien van een uememaan met plastiekhuls, onde duk ezet, zodat zijdelins een wate mee kan ontsppen. De huls wodt vevolens tot een vaste hoote met wate evuld, waa men het wate eduende een welepaalde tijd uit het poefstuk laat stomen. Het uitstoomdeiet is een maat voo het wateafvoeend vemoen. B6.13 Gevoeliheid voo winteladheid In ons land woden hievoo een poeven uitevoed. E is momenteel ook een ontwep van Euopese epoevinsmethode voohanden. B6.14 Weestand teen aantastin doo chemische poducten Dit pestatiekenmek wodt in ons land niet epaald. E is een Euopese epoevinsmethode eschikaa (ef. 105). De poef estaat ein, een poefstuk eduende een welepaalde tijd in een andstof onde te dompelen, waa een stalen ostel die op een Hoatmene is emonteed ove het poefstuk daait. Het massavelies van het poefstuk is een maat voo de weestand teen aantastin doo de enoemde andstof. B6.15 Geluidsasoptie en -eductie E estaan methoden om het oleluid of het totale eluid van een ove een wedek ijdend voetui te meten en methoden om te aan in welke mate een epaald wedek invallend eluid asoeet. De metin van de eluidspoductie van een wedek is escheven in B5.8. De eluidsasoptie doo een wedek kan met veschillende methoden woden emeten. 190

205 6 Bijlae B Buismethode Dit is in de akoestiek een veel euikte methode, die ook in ons land wodt toeepast. De metinen woden veicht aan ookenen uit het wedek of aan cilindische poefstukken die in het la zijn vevaadid. Loodecht op het monste wodt een zoenoemde Kundtuis eplaatst en laat men eluidsolven invallen. De asoptiecoëfficiënt wodt epaald. B Galmkamemethode Wannee in een esloten uimte een eluid wodt epoduceed en vevolens aupt wodt ondeoken, hoot een waaneme in de kame ook de uitschakelin van de eluidson soms no enie tijd eluid: het zoenoemde «almen». De almtijd T 60 van een kame wodt omscheven als de tijd die vestijkt tussen het tijdstip dat de on wodt uiteschakeld en het moment waaop het eluidsdukniveau in de ewuste uimte 60 db is edaald. Doo in een speciaal daatoe ontwopen uimte eest de almtijd als functie van de fequentie van het oneluid te meten en deze metinen vevolens te hehalen dat in de kame een monste van het te ondezoeken wedek is aaneacht, kan uit het veschil in almtijd de asoptiecoëfficiënt woden epaald. B «Uiteeide oppevlakte»-methode Deze methode wodt in het uitenland ijvooeeld in Fankijk toeepast. Zij is escheven in ef B6.16 Vewekaaheid De vewekaaheid van asfaltmensels kan woden eoodeeld doo ze in het laoatoium te eeiden en daaij te aan of de aeaten voldoende met itumen zijn omhuld en of een samenhanend mensel kan woden vekeen. Ref. 101 eschijft hoe de eeidin in het laoatoium dient te eeuen. B6.17 Vedichtaaheid De vedichtaaheid van een asfaltmensel kan woden eoodeeld met ehulp van een atovedichte (ef. 117). p = 600 kpa Met dit appaaat woden wame asfaltmensels die zich in een welepaalde metalen vom evinden onde een constante veticale kacht vedicht. Het poefstuk eschijft daaij een daaiende ewein volens en kleine, vast inestelde «atohoek» (α), zoals veoot eïllusteed op fiuu B6.9. De twee eindvlakken van het poefstuk lijven steeds loodecht op de veticale middes. Tijdens de poef wodt continu de hoote van het poefstuk emeten. Hieuit wodt het veloop van de dichtheid van het poefstuk met het aantal aties epaald. α d = mm h = mm Fiuu B6.9 Diaam van de ewein van een poefstuk tijdens atovedichtin Bijlae 6 Bepoevinsmethoden om de pestatiekenmeken van asfaltmensels te epalen 191

206

207 7 Bijlae Bijlae 7 Teedetectiemethoden B7.1 Ondescheid tussen itumineus en teehoudend ap volens de standaadestekken Standaadestek 250 van het Ministeie van de Vlaamse emeenschap eschijft een methode om de aanweziheid van tee aan te tonen (ef. 2, XIV 3.7.2). Deze methode steunt op papiechomatoafie in comitie met een selectief oplosmiddel voo tee, melijk dimethlsulfoxide of DMSO. Het is een kwalitatieve methode, easeed op visuele waanemin van een oanjeeel font vaf een teeehalte van 5 m-% in het indmiddel. Bij een indmiddelehalte van 5 % stemt dit oveeen met onevee 2,5 tee pe k teehoudend ap. In het Waalse en Busselse Gewest wodt te ondekennin van tee in ap een vlekpoef met tolueen euikt (ef. 108). In deze poef laat men enkele duppels tolueen vallen op een ok asfaltpuin dat op filteepapie is eled, en ekijkt men de kleu van de vlek die ontstaat. Als e tee in het asfaltpuin zit, heeft deze vlek oanje ekleude anden; is het indmiddel zuive itumineus, dan lijft de vlek uin van kleu. Omdat asfaltpuin vaak niet homoeen is, wodt aaneaden de poef te hehalen op een vijfentwintital monstes. Het esultaat wodt dan kwalitatief weeeeven als een aantal «positieve» monstes op vijfentwinti. B7.2 Ondescheid tussen itumineus en teehoudend ap met ehulp van additionele methoden De Pak-Make is een paktijkeichte methode die doo een Nedelands edijf is ecommecialiseed. Deze techniek maakt euik van een spuitusweenvef, die doo de poducent licht is ewijzid (solvent, pimentehalte, enz.) (ef. 109, 110 en 111). Nadat een laa van deze vef op ap, een ooken of een wepofiel is aaneacht, wijst een ele vekleuin op veonteiniin met polcclische aomatische koolwatestoffen (PAK s). De intensiteit van de vekleuin is afhankelijk van het teeehalte. Met UV-licht, zelfs in een eenvoudie daaae uitvoein, is het ondescheid tussen teehoudend en niet-teehoudend ap no duidelijke in eeld te enen. In de liteatuu woden no tal van andee methoden escheven (ef.112 en 113). Daatoe ehoen onde mee GC-MS (aschomatoafisch-massaspectometische) detectie en HPLC(«hih-pessue liquid chomatoaph»)-uv-fluoescentie. Met deze eavanceede alsemethoden kunnen individuele PAK s in zee lae concentaties woden epaald. Het zijn echte etekkelijk due methodieken, die alleen in especialiseede laoatoia kunnen woden uitevoed. Bijlae 7 Teedetectiemethoden 193

208

209 8 Bijlae Bijlae 8 Vooeeld van een toepassin van multiciteia-alse voo de keuze van een vehadin In dit vooeeld moet een toplaa woden ekozen voo de vehadin van een we in stedelijk eied. De vaianten die in aanmekin komen, zijn een eenlaase estijkin met enkelvoudie eindin 6,3/10, SMA-D2 en epeneteed asfalt. De citeia zijn maximaal comfot, minimale eluidspoductie en minimale kosten. CRITERIA VARIANTEN Comfot Geluidspoductie Kosten Gewicht Bestijkin 5/10 75 db(a) 3 EUR/m 2 SMA-D2 8/10 69 db(a) 8 EUR/m 2 Gepeneteed asfalt 4/10 73 db(a) 15 EUR/m 2 De waaden in de tael zijn schattinen of ojectieve eevens. De ewichten zijn doo de ontwepe toeekend, voo de eoode toepassin. De cijfewaaden moeten woden «enomaliseed» om de citeia onde elijke noeme te enen. Daavoo kunnen de volende elaties woden euikt: X = nom X = nom x x max x x min x min x min x max x max als het citeium emaximaliseed en als het citeium eminimaliseed moet woden. Sommein eeft de volende scoes: GENORMALISEERDE CRITERIA VARIANTEN Comfot Geluidspoductie Kosten Gewicht Bestijkin 0,5 0 1 SMA-D2 0,8 1 0,58 Gepeneteed asfalt 0,4 0,33 0 scoe estijkin = (1 x 0,5) + (4 x 0) + (2 x 1) = 2,5 scoe SMA-D2 = (1 x 0,8) + (4 x 1) + (2 x 0,58) = 5,96 scoe epeneteed asfalt = (1 x 0,4) + (4 x 0,33) + (2 x 0) = 1,72 SMA-D2 ehaalt de hooste scoe en is dus de meest aanewezen vaiant in de eeven context. Bijlae 8 Vooeeld van een toepassin van multiciteia-alse voo de keuze van een vehadin 195

210

211 Liteatuu 1. Ministèe de la Réion wallonne Ministèe de l Equipement et des Tanspots CCT RW99 Cahie des Chaes-tpe RW Ministeie van de Vlaamse Gemeenschap Afdelin Weenouwkunde SB 250 Standaadestek 250 voo de weenouw Vesie Ministeie van het Bussels Hoofdstedelijk Gewest TB 2000 Tpeestek eteffend weenisweken in het Bussels Hoofdstedelijk Gewest Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo het dimensioneen van ween met een itumineuze vehadin Aanevelinen OCW A49/ Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo de fomulein van itumineuze mensels Aanevelinen OCW A69/ Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo de eeidin van itumineuze mensels Aanevelinen OCW A72/ Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo het eeiden en aanenen van asfalteton Aanevelinen OCW A54/ Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo estijkinen Aanevelinen OCW A71/ Asfalt en zwaaelaste vehadinen VBW Asfalt Technische infomatie Septeme d Intetiol Confeence on the Stuctual Desin of Asphalt Pavements Volume II Poceedins Ministeie van de Vlaamse Gemeenschap, Administatie Ween en Vekee in samenwekin met Opzoekinscentum voo de Weenouw Catalous Schade aan wevehadinen MET Cataloue Déadations des chaussées Balazs Fono, Hans Rudolf von Känel SYTEC Baussteme AG, Niedewanen Voies de communication enfocées pa des éoilles Tié-à-pat IAS no. 07 Géoilles 5/05/ Opzoekinscentum voo de Weenouw Paktijkids Stailisatie van ond voo ondefundeinslaen Aanvullin op Handleidin A74/ Ministeie van de Vlaamse Gemeenschap Administatie Ween en Vekee SB 250 Standaadestek 250 voo de weenouw Vesie C. De Backe Les evêtements itumineux minces et les taitements supeficiels pou l entetien des chaussées Nouveautés en matièe d enduits et de coulis Jounée d étude oanisée pa le Cente de echeches outièes Buxelles 7/05/

212 17. J. Lonueville Schlammaes Les evêtements itumineux coulés à foid Fomation outes: de la conception à l entetien Cente de echeches outièes Buxelles 29/01/ ISSA (Intetiol Slu Sufacin Association) 3 Chuch Cicle, PMB 250 Anpolis, MD 21401, USA 19. DWW Wokshop Ontwikkelin in edaseelateede itumenspecificaties Nedeland 19/01/ Fedeatie van de Betonindustie (FEBE) Tijdschift Beton N. 171 Edito p. 5 Juni Ministeie van Vekee en Watestaat, Diectoaat-Geneaal Rijkswatestaat, Dienst We- en Wateouwkunde (DWW) in samenwekin met de Veeniin Emulsie Asfalt Beton (VEAB) Beoodelin Emulsieasfalteton Emulsieeton C Mei A. Vanelstaete, L. Fancken Pevention of Reflective Cackin in Pavements: State-of-the-at Repot of RILEM TC 157 PRC RILEM Repot Ministeie van de Vlaamse Gemeenschap, Administatie Ween en Vekee in samenwekin met Opzoekinscentum voo de Weenouw Toepassin van asfaltwapeninen en scheuemmende laen M. Bunche, C. Rosenee Undestandin the Tue Economics of Usin Polme Modified Asphalt thouh Life Ccle Cost Alsis Asphalt Intitute Asphalt Summe Riid Pavement Condition Suve Handook DOT Floida USA Flexile Pavement Condition Suve Handook DOT Floida USA Distess Identification Manual fo Lon Tem Pavement Pefomance Poject SHRP Cataloue de déadations Nome Suisse SN Rationeel Weehee Handleidin en schadecatalous CROW K. Vehoeven qhestellen en ondehoud van cementetonween OCCN Cataloue of Road Suface Deficiencies OESO V. Veveka, M. Goski, P. Vevenne Ondehoudsehee van secundaie weennetten in theoie en in de paktijk OCW Mei R. Nilsson Viscoelastic Pavement Alsis usin Veoad Roal Institute of Technolo F. Van Cauwelaet Pavement Desin and Evaluation FEBELCEM M. Goski Evaluation de la duée de vie ésiduelle Note su la méthodoloie CRR Juillet Ministeie van de Vlaamse Gemeenschap Administatie Wateween en Zeewezen Bekledin met open steesfalt Standaaestek 230 voo de wateouw, Hoofdstuk 81,

213 37. C. De Backe Catalous van schadeveschijnselen aan itumineuze edekkinen op kunstweken Indelin, oozaak en emedies OCW RV 8/ Ministèe de la Réion wallonne Ministèe wallon de l Equipement et des Tanspots CME Cataloue des Méthodes d Essais MET D.113 Ciculaie O.S.DG (01) elative à la mise en application des loiciels DimMet et EvalMET 27 avil O. Pilate Aide multicitèe au choix des evêtements outies CRR F42/ Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo de eschemin van weenweken teen de inwekin van het wate Aanevelinen OCW A28/ Fedeale Oveheidsdienst Vevoe en Moiliteit, Diectoaat-eneaal Moiliteit en Vekeesveiliheid, Diectie Moiliteit Vekeestellin 2004 N. 28 Septeme Ministeie van de Vlaamse Gemeenschap AWV Westuctuen, dimensionein en keuze van de vehadin Vesie DimMET Vesion Loiciel de dimensionnement mis au point pa la FEBELCEM et le CRR Janvie Y. Bosseaud, F. Lede Revêtements à faile niveau de uit et à haute adhéence: ilan des echeches fançaises, développement des poduits Conès Euasphalt & Euoitume Vienne 2004 p MET D.113 Ciculaie CT.98.12(01) Caactéistiques outièes et autooutièes J-N Onfield Bitumes spéciaux Route actualité N 143 Mai C. De Backe Les tempéatues dans les stuctues outièes Mesues expéimentales Méthodes pévisionnelles CRR RR C. De Backe De tempeatuen in westuctuen OCW De Weentechniek N. 2/ Rationeel ehee van fietspaden: handleidin voo ehee en ontwep CROW Pulicatie O. Pilate Tempeatuuveloop in een pas aaneachte asfaltlaa OCW RV 42/ CROW 1st Euopean Aipot Pavement Wokshop Schiphol Aipot Amstedam 11 and 12 Ma VLAREA: Besluit van de Vlaamse eein van 5 deceme 2003 tot vaststellin van het Vlaams element inzake afvalvookomin en -ehee Belisch Staatslad 30 apil NBN EN : 2000 Bitumen en itumineuze indmiddelen Eisen voo weenitumen 55. Le choix des evêtements coloés à ase de itume ou de ésine pou voiie uaine Recommandations CERTU Mas A. Vehasselt Enoés hdocaonés à ase de scoies LD pou sous-couches 4ème Smposium Euoitume p Madid

214 57. Koninklijke Bestendie Veeniin de Belische Weenconessen (KBVBWC) LD-slakken als aeaat voo itumineuze mensels Studieda «Wewijs in de huidie stand van de weentechniek» Thema I.2 Aanle en ondehoud van itumineuze vehadinen pp Antwepen Scintiflex: lumièes et scintillements su la oute RGRA N 778 Noveme Opzoekinscentum voo de Weenouw Technoloisch Instituut van de Koninklijke Vlaamse Inenieusveeniin Wate en de we Studieda Antwepen 25 mei Opzoekinscentum voo de Weenouw Diensten van de Vlaamse Executieve Opee Weken en Vekee Veilie fietspaden Studieda Antwepen 4 deceme NBN EN : 2006 Bitumen en itumineuze indmiddelen Kadevooschiften voo met polmeen emodificeed itumen 62. NBN EN : 2006 Bitumen en itumineuze indmiddelen Specificaties voo had penetatieitumen 63. Les liants modifiés, les liants avec additifs et les itumes spéciaux AIPCR Routes N 303 III Juillet CROW Wokshop Vlieveldvehadinen Schiphol 4 en 5 noveme Reflective Cackin in Pavements: Desin and Pefomance of Ovela Sstems Poceedins of the 3d Intetiol RILEM Confeence Maasticht Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo het ontwepen en aanenen van edekkinen op etonnen udekken Aanevelinen OCW A60/ C. De Backe Pakeedaken OCW RV26/ Ministeie van de Vlaamse Gemeenschap, Depatement Leefmilieu en Infastuctuu, Administatie Ween en Vekee Handleidin voo de aanwendin van SMA en ZOA E. Van den Kekhof Wateafvoe Vevolmakinscusus voo de Genieschool OCW 29 septeme Reflective Cackin in Pavements: Reseach in Pactice Poceedins of the 4th Intetiol RILEM Confeence Ottawa Utilisation du pocédé Metalflex pou le taitement de zones oniéées su oute à tès fot tafic RGRA N 777 Octoe P. De Baee Voostellin van het R1-poject Studieda BWV Kwaliteit van ote weenweken (R1/E411) OCW 21/04/ Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo het leen van iolen en collectoen Aanevelinen OCW A76/ Reflecteende itumineuze wedekken Asfalt n. 4 Deceme Y. Decoene, A. Coppens Revêtements itumineux scintillants Conès ele de la oute Genval Y. Decoene Geda 5 jaa toepassin van itumineuze vehadinen met een dikke metalen stuctuu Weouwkundie wekdaen Deel NBN EN : 2006 Bitumineuze mensels Mateiaalspecificaties Deel 4: Wamewalst asfalt 78. Dossie «Asphalte coulé» 200

215 RGRA N 784 p. 21 Mai De toepassin van itumineuze mateialen in de wateouw Recente ontwikkelinen en toepassinen Bitume.info n. 58 Juni K. Busschots, C. De Backe, F. Fuchs, P. De Cleck Nieuwiheden ij ekleude wedekken OCW Studieda «Uitustin van de we» 31 maat C. De Backe, G. Gloie Vehadinen van koudasfalt: eeste Belische evainen OCW RV40/ Y. Bosseaud Bilan d utilisation des evêtements itumineux coloés en Fance Conès Euasphalt & Euoitume Vienne NBN EN : 2006 Bitumineuze mensels Mateiaalspecificaties Deel 5: Steenmastiekasfalt 84. J. Bee, P. Bumma, J. Cochet (MET/D.113) X. Cocu, C. De Backe, L. Gloie, L. Gouet, A. Vehasselt (OCW) Poefvak tweelaas zee open asfalt OCW RV41/ J. Reichet Doolatendheid van wedekken OCW De Weentechniek N. 2/1968 p Rationeel weehee CROW Pulicatie 20 Apil NBN EN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 26: Stijfheid 88. NBN EN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 24: Weestand teen vemoeiin 89. R. Hofman Poefomschijvin Semi Cicula Bendin Poef (SCB) Vesie 3.1 DWW appotnumme IL-R W. Aand Influence of Bitumen H on the Fatiue Behaviou of Asphalt Pavements of Diffeent Thickness due to Beain Capacit of Suase, Taffic Loadin and Tempeatue Poc. 6th Int. Conf. on Stuctual Desin of Asphalt Pavements Ann Ao Michian p Jul 13-17, Ministeie van Opee Weken, Bestuu de Ween, Weenfonds Aflevein Poefmethodes 92. NBN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 34: Mashallpoef 93. NBN EN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 22: Wielspoopoef 94. NBN EN : 2006 Bitumineuze mensels Mateiaalspecificaties Deel 7: Zee open asfalteton 95. NBN EN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 17: Deeltjesvelies uit zee open asfalteton 96. Goedkeuinsleidaad n. G002 (06) Gewapende memanen op asis van polmeeitumen euikt als afdichtin voo uen en pakeedaken BUt (Belische Unie voo de technische oedkeuin in de ouw) NBN EN : 2005 Flexiele anen voo wateafdichtin Wateafdichtin van etonnen udekken en andee etonnen oppevlakken estemd voo voetuien Bepalin van de weestand teen dmische wateduk schade doo vooehandelin 98. NBN EN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 12: Bepalin van de wateevoeliheid van itumineuze poefstukken 201

216 99. Dictionie technique outie AIPCR NBN EN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 20: Indeukinspoef op kususvomie of Mashallpoefstukken 101. NBN EN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 35: Menen in het laoatoium 102. Belian Road Reseach Cente Opeatin pocedue fo Themal Cackin Test June Richtlijn dunne asfaltdeklaen VBW NBN EN : 2006 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 40: In-situ afwatein 105. NBN EN : 2005 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 43: Weestand teen andstof 106. AFNOR NF S : 2000 Acoustique Code d essai pou la détemition des caactéistiques intinsèques des écans installés in situ 107. Road Reseach Laoato Minist of Tanspot (UK) Instuctions fo usin the Potale Skid-Resistance Teste Road Note Ministèe Wallon de l Equipement et des Tanspots (MET) Ciculaie AWA/178-95/ Teeehalteepalin van asfaltmonstes Asfalt n. 4 p PAK-Make ondezoek Asfalt n. 3 p.21 Septeme Richtlijn omaan met vijkomend asfalt CROW Rappot Auustus Heeuik van asfalt met tee CROW Pulicatie S.Vansteenkiste, A.Vehasselt Compaative Stud of Rapid and Sensitive Sceenin Methods fo Ta in Reccled Asphalt Pavement Road Mateials and Pavement Desin Vol 5 Special edition (Euopean Asphalt Technolo Association) p Nottinham 6-7th Jul Asfaltwapenin: zin of onzin? Hfdst. 6 Heeuik CROW Pulicatie 69 Feuai Opzoekinscentum voo de Weenouw Handleidin voo ondehandelin met kalk en/of cement Aaneelinen A74/ NBN EN : 2003 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 23: Bepalin van de splijttekstekte van itumineuze poefstukken 117. NBN EN : 2004 Bitumineuze mensels Bepoevinsmethoden voo wam eeid asfalt Deel 31: Poefstukken vedicht met een atovedichte 118. NBN EN : 2006 Bitumineuze mensels Mateiaalspecificaties Deel 1: Asfalteton 119. NBN EN : 2006 Bitumineuze mensels Mateiaalspecificaties Deel 2: Asfalteton voo zee dunne laen 120. Koninklijk Meteooloisch Instituut van Belië (KMI) Maandeichten - Klimatoloische waaneminen 202

217 Lijst van de fiuen 2.1 Opouw van een weconstuctie (pincipetekenin) Stailisatie met kalk Asfaltvehadin Cementetonvehadin (DGB) Bestatin Dolomietvehadin Aanenen van asfalt Aanenen van een estijkin Aanenen van een slem Aanenen van ietasfalt Gepeneteed asfalt: vullen van de poiën in het asfalt met motelspecie Aanenen van een hoowaadie estijkin SAMI Aanenen van niet-eweven eotextiel als tussenlaa Ondelaa met eoid: aanenin van de eschemlaa Stalen wapeninsnet als ondelaa: inslemmen Aanenen van zandasfalt Reflectiescheuvomin Vemoeiinsscheuen Rafelin Spoovomin Rielvomin Spoovomin Tapjesvomin tussen etonplaten Booken te plaatse van een scheu Wijze van doooeien van een scheu Plaatsen van kenoinen te epalin van het ijspoopofiel in elke vehadinslaa Inspectieat in een weconstuctie Oveeenstemmin tussen maanduitesten van emeten en eekende tempeatuen (op een diepte van 38 cm) Wate op een we Gladheidsestijdin op een esneeuwde we Stuif- en spatwate Veschil in winteeda tussen AB (op de vooond) en ZOA (op de achteond) Invloed van de soot van vehadin op de eluidspoductie doo het vekee (zie ef. 45) Gekleude vehadinen Gladheidsestijdin Weken op eine eedte Hellin Asfalt op kuispunten en otondes Schuine kant vekeesplateau: handwek noodzakelijk, aanepast mensel euiken Moeilijke toeankelijkheid veeist soms een aanepaste samenstellin Daavlak (etonplaten met tapjesvomin) Bedijfswe Tamaan

218 8.17 Fietspad Voetaneswe Pakeeteein Opslateein Vlieveldaan Speelplaats Bu Pakeedak Dalin van de tempeatuu in pas aaneacht asfalteton, aelan van de laadikte en de windsnelheid Rol van de veschillende textuen in de stoefheid van een vehadin Glasfalt (links) Asfalt met stuctuumatwapenin Gefiueed ietasfalt Steesfalt als oeveekledin Aanenen van indzandasfalt Koudasfalt Aanenen van een ekleude slemlaa Gekleud asfalt Gekleud ietasfalt Tweelaas zee open asfalt 154 B1.1 Macotextuu en micotextuu 157 B5.1 Geoada 167 B5.2 SAND 168 B5.3 Kote olf (links) en lane olf (echts) 169 B5.4 Pincipetekenin van de APL 170 B5.5 APL 170 B5.6 Rij van 3 m 170 B5.7 Tansvesopofiloaaf 171 B5.8 Faultimete 171 B5.9 TUS 172 B5.10 Valewichtdeflectiemete 173 B5.11 Cuviamete 173 B5.12 Benkelmalk 174 B5.13 SCRIM 175 B5.14 Gipteste 176 B5.15 SRT-sline 176 B5.16 Lasepofiloaaf 177 B5.17 Zandvlekpoef 178 B5.18 Geluidsniveaumete 178 B5.19 ARAN-meetwaen 179 B5.20 Camea s op de ARAN-meetwaen 180 B5.21 Appaatuu op de ARAN-meetwaen 181 B6.1 Tweepuntsuipoef op tapezoïdale poefstukken, te epalin van de stijfheidsmodulus 185 B6.2 Opstellin voo de Mashallpoef 186 B6.3 Mashalldiaam 186 B6.4 Vekeessimulato 187 B6.5 Los Anelestommel voo Cantaopoeven 187 B6.6 RSAT-poef 188 B6.7 Splijttekstektepoef 188 B6.8 Themische scheupoef 189 B6.9 Diaam van de ewein van een poefstuk tijdens atovedichtin

219 Lijst van de taellen 5.1 Indexen en dempels Genswaaden voo de eoodelin van schade Oveeenstemmin index eschadiinsaden Oveeenstemmin index vlakheidscoëfficiënten Oveeenstemmin index spoodiepte Oveeenstemmin index tapjes Oveeenstemmin index stoefheid Ovezicht van de veschillende pestatieveeisten Diecte invloeden van pestatiekenmeken op comfot, veiliheid, duuzaamheid en milieu Enkele vooeelden van het elan (voo het comfot, de veiliheid, de duuzaamheid en het milieu) van de pestatiekenmeken aelan van de toepassin Omstandiheden die een functioneel kenmek elanijke maken Omstandiheden die aanleidin even tot specifieke pestatieveeisten Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo themische en laetempeatuuscheuvomin Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo spoovomin Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo afelin Stoefheid van veschillende sooten van asfaltlaen Belan van samenhan van het mensel aelan van de asfaltsoot Gevoeliheid van veschillende asfaltlaen voo eflectiescheuvomin Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo vevomin doo schuifkachten Wateafvoeend vemoen van veschillende asfaltmensels Gevoeliheid van veschillende asfaltlaen voo winteladheid Gevoeliheid van veschillende asfaltmensels voo aantastin doo chemische poducten Geluidsasoptie en -eductie doo veschillende asfaltlaen Jaalijkse vekeestoeme Bouwklassen a vekeeselastin Pijzen van veschillende vaianten van RMD-C-toplaen (in vehoudin tot AB-1B) Toeelaten hoeveelheden indmiddel uit ap ij wame ecclin Huidie stotkosten (2006), in /t Kenmeken van de indmiddelen Kenmeken van de additieven Kenmeken van asfaltlaen Toepassinseieden van asfaltlaen 96 B5.10 Beschikaaheid van meetappaatuu

220 Foto s: onvemeldin Asweo 8.9, 8.10, 8.11, 8.12, BECCR BIAC Colas Belium 2.17; 8.19, 8.22; 10.1, INFRA 5.1, 5.2, 5.3, 5.4, 5.5, 5.7; B5.1, B5.5, B5.7, B5.19, B5.20a, B5.20, B5.21a, B5.21. MET B5.9, B5.13a, B5.13, B5.14. OCW 2.2, 2.3, 2.4, 2.5, 2.6, 2.7, 2.8a, 2.8, 2.9, 2.10, 2.11, 2.12, 2.13, 2.14, 2.15, 2.16; 5.6, 5.8, 5.11; 8.2, 8.3, 8.4a, 8.4, 8.5, 8.8, 8.14, 8.15, 8.16, 8.17, 8.18, 8.20, 8.23, 8.24; 10.2, 10.3, 10.6a, 10.6, 10.7, 10.8, 10.9, 10.10; B5.2, B5.6, B5.8, B5.10, B5.11, B5.12, B5.15, B5.16, B5.17a, B5.17, B5.18; B6.2, B6.4a, B6.4, B6.5B6.6, B6.7. Shell-GAP

221

222 Wetti depot: D2006/0690/8 ISSN

223

224 Opzoekinscentum voo de Weenouw Instellin ekend ij toepassin van de esluitwet van 30 januai 1947 Woluwedal Bussel Tel. : fax :

Inhoud 1 ATOOMBOUW. 1.1 Uitbreiding van het atoommodel

Inhoud 1 ATOOMBOUW. 1.1 Uitbreiding van het atoommodel Inhoud Hoofdstuk1: Atoombouw... 1. Inleiding.... Het spectum van watestof en het atoommodel van Boh... 4 3. Het atoommodel van Boh-Sommefeld.... 7 4. Elektonenconfiguatie... 9 5. Het peiodiek systeem...

Nadere informatie

Hoofdstuk 4 - Zicht op toeval

Hoofdstuk 4 - Zicht op toeval Hoofdstuk - Zicht op toeval Hoofdstuk - Zicht op toeval Voorkennis V-a Bij de mannen is 00% 8, % kleurenlind. Bij de vrouwen is dit 00% = 0, %. 000 c Nee, je kunt hier niets over zeen want toeval speelt

Nadere informatie

Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw. Handleiding. voor het ontwerp en de uitvoering van verhardingen in betonstraatstenen OCW. Aanbevelingen A 80 / 09

Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw. Handleiding. voor het ontwerp en de uitvoering van verhardingen in betonstraatstenen OCW. Aanbevelingen A 80 / 09 Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw OCW Handleiding voor het ontwerp en de uitvoering van verhardingen in betonstraatstenen Aanbevelingen A 80 / 09 Deze handleiding is opgesteld door werkgroep «Handleiding

Nadere informatie

Verhardingen voor fietsvoorzieningen. Aanbevelingen voor het ontwerp, de aanbrenging en het onderhoud

Verhardingen voor fietsvoorzieningen. Aanbevelingen voor het ontwerp, de aanbrenging en het onderhoud 5 Fietsvademecum Brussels Hoofdstedelijk Gewest Verhardingen voor fietsvoorzieningen Aanbevelingen voor het ontwerp, de aanbrenging en het onderhoud Ver h a r d i n g e n vo o r f i e t s vo o r z i e

Nadere informatie

Leidraad zorgvuldig adviseren over vermogensopbouw. De klant centraal bij financieel dienstverleners

Leidraad zorgvuldig adviseren over vermogensopbouw. De klant centraal bij financieel dienstverleners Leidraad zorgvuldig adviseren over vermogensopbouw De klant centraal bij financieel dienstverleners Autoriteit Financiële Markten De AFM bevordert eerlijke en transparante financiële markten. Wij zijn

Nadere informatie

Handleiding. voor niet-chemisch(e) onkruidbeheer(sing) op verhardingen met kleinschalige elementen A 84 / 12

Handleiding. voor niet-chemisch(e) onkruidbeheer(sing) op verhardingen met kleinschalige elementen A 84 / 12 Handleiding Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw Uw partner voor duurzame wegen voor niet-chemisch(e) onkruidbeheer(sing) op verhardingen met kleinschalige elementen Aanbevelingen A 84 / 12 Deze handleiding

Nadere informatie

Werkmap Europees Aanbesteden voor opdrachtgevers Aanbevelingen voor het selecteren van een architect BNA

Werkmap Europees Aanbesteden voor opdrachtgevers Aanbevelingen voor het selecteren van een architect BNA Werkmap Europees Aanbesteden voor opdrachtgevers Aanbevelingen voor het selecteren van een architect BNA BNA Inhoud Inhoud Inleiding Het proces van aanbesteden Het project De opdracht: uw ambities De procedure

Nadere informatie

Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw Bijlage bij OCW Mededelingen 77 Driemaandelijks: oktober - november - december 2008

Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw Bijlage bij OCW Mededelingen 77 Driemaandelijks: oktober - november - december 2008 Opzoekingscentrum voor de Wegenbouw Bijlage bij OCW Mededelingen 77 Driemaandelijks: oktober - november - december 2008 5 Waterdoorlatende verhardingen met betonstraatstenen Dossier www.brrc.be Verantw.

Nadere informatie

Van evalueren kun je leren

Van evalueren kun je leren Van evalueren kun je leren Voorwoord Wie zich bezighoudt met cliëntenparticipatie doet er goed aan om van tijd tot tijd stil te staan bij de praktijk van dat moment. Cliëntenparticipatie is niet iets wat

Nadere informatie

Opinie per ipad. Een onderzoek naar de gebruiksaspecten van de ipad applicatie van Elsevier. Ruben Logjes Sander Kruitwagen. Juni 2011.

Opinie per ipad. Een onderzoek naar de gebruiksaspecten van de ipad applicatie van Elsevier. Ruben Logjes Sander Kruitwagen. Juni 2011. Opinie per ipad Een onderzoek naar de gebruiksaspecten van de ipad applicatie van Elsevier Ruben Logjes Sander Kruitwagen Juni 2011 Een 3D-rapport Inhoudsopgave 1 Samenvatting... 5 2 Inleiding... 7 2.1

Nadere informatie

De ondertoezichtstelling bij omgangsproblemen

De ondertoezichtstelling bij omgangsproblemen De ondertoezichtstelling bij omgangsproblemen De ondertoezichtstelling bij omgangsproblemen Onderzoek op eigen initiatief naar aanleiding van klachten en signalen over de Bureaus Jeugdzorg Onderzoeksteam

Nadere informatie

De 10 tips voor. Succesvol Communiceren

De 10 tips voor. Succesvol Communiceren De 10 tips voor Succesvol Communiceren Wat je geeft, ontvang je terug ICM Uitgave De 10 tips voor Succesvol Communiceren Extra tip: Print dit 10 tips e-book voor optimaal resultaat 1 De 10 tips voor Succesvol

Nadere informatie

ESF- Project: Geweld op het werk II: organisationele risicofactoren op de werkplek

ESF- Project: Geweld op het werk II: organisationele risicofactoren op de werkplek ESF- Project: Geweld op het werk II: organisationele risicofactoren op de werkplek OP WELKE MANIER BEÏNVLOEDEN RISICOFACTOREN HET ONTSTAAN EN VOORTBESTAAN VAN GEWELD, PESTERIJEN EN ONGEWENST SEKSUEEL GEDRAG

Nadere informatie

Plan/project-MER Afsluitdijk

Plan/project-MER Afsluitdijk Plan/project-MER Afsluitdijk Samenvatting Mei 2015 Plan/project-MER Afsluitdijk Samenvatting Mei 2015 Rijkswaterstaat, Ministerie van Infrastructuur en Milieu Inhoud 1 Planuitwerking Afsluitdijk: aanleiding

Nadere informatie

Heeft u Reumatoïde Artritis en bent u regelmatig moe?

Heeft u Reumatoïde Artritis en bent u regelmatig moe? Heeft u Reumatoïde Artritis en bent u regelmatig moe? Inhoud 1. Voor wie is deze brochure?...4 2. Introductie...5 3. Vermoeidheid een klacht?...5 4. Geen gewone vermoeidheid...5 5. Oorzaken van vermoeidheid...11

Nadere informatie

Jij zoekt werk. en je hebt dyslexie. Zo pak je dat aan!

Jij zoekt werk. en je hebt dyslexie. Zo pak je dat aan! Jij zoekt werk en je hebt dyslexie Zo pak je dat aan! 3 e druk 3 e oplage december 2007 ISBN 9789074910446 Copyright 2006 irv, Hoensbroek Uitgever: Auteurs: CrossOver, Woerden Brigitte van Lierop Enid

Nadere informatie

Ouders over hun positie in Passend Onderwijs

Ouders over hun positie in Passend Onderwijs Ouders over hun positie in Passend Onderwijs Ouders over hun positie in Passend Onderwijs Opdrachtgever: POLSO Utrecht, februari 2009 Oberon Postbus 1423 3500 BK Utrecht tel. 030-2306090 fax 030-2306080

Nadere informatie

Ouderen over de drempel?

Ouderen over de drempel? RIGO Research en Advies Woon- werk- en leefomgeving www.rigo.nl EINDRAPPORT Ouderen over de drempel? Evaluatie van de seniorenmakelaar De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij RIGO. Het gebruik

Nadere informatie

TECHNISCH RAPPORT KLEI VOOR DIJKEN. Wfl >-^?- dviescommissie voor de J aterkeringen

TECHNISCH RAPPORT KLEI VOOR DIJKEN. Wfl >-^?- dviescommissie voor de J aterkeringen TECHNISCH RAPPORT KLEI VOOR DIJKEN Wfl >-^?- I echnische ' / '.;,' '.«v dviescommissie voor de J aterkeringen Delft, mei 1996 Technisch rapport klei voor dijken Inhoud 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel

Nadere informatie

Jij zoekt werk. en je hebt Autisme. Zo pak je dat aan!

Jij zoekt werk. en je hebt Autisme. Zo pak je dat aan! Jij zoekt werk en je hebt Autisme Zo pak je dat aan! 3 e druk 3 e oplage december 2007 ISBN 9789074910415 Copyright 2006 irv, Hoensbroek Uitgever: Auteurs: CrossOver, Woerden Brigitte van Lierop Enid Reichrath

Nadere informatie

Hoe? Zo! Bring Your Own Device (BYOD)

Hoe? Zo! Bring Your Own Device (BYOD) Hoe? Zo! Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Wat is BYOD? 4 3 Hoe kun je BYOD zinvol inzetten? 7 4 Wat zijn de consequenties van de invoering van BYOD? 10 5 Hoe werkt BYOD voor medewerkers? 14 6 Hoe kan ik BYOD

Nadere informatie

PROJECTEVALUATIE FOCUS OP WERK

PROJECTEVALUATIE FOCUS OP WERK PROJECTEVALUATIE FOCUS OP WERK GGz Eindhoven Caroline Place en Harry Michon Trimbos-instituut, Utrecht 2013 Colofon Financiering Dit onderzoek is onderdeel van en financieel mogelijk gemaakt door het Programma

Nadere informatie

Vrouwen in topfuncties in het bedrijfsleven

Vrouwen in topfuncties in het bedrijfsleven Vrouwen in topfuncties in het bedrijfsleven Waarom is er relatief een lage participatie van vrouwen in topfuncties? Laura Jacobs en Joëlle Koot, 6VWO Economie & Maatschappij, maatschappijwetenschappen

Nadere informatie

Wat als mijn kind een eetstoornis heeft?

Wat als mijn kind een eetstoornis heeft? Wat als mijn kind een eetstoornis heeft? Handleiding door ouders voor ouders 2 / Handleiding eetstoornissen voor ouders / Buro PUUR Sponsoren Deze handleiding is gesponsord door : TDS Schiedam www.tds.nu

Nadere informatie

Aan de slag met werk. Over de verschillende vormen van werken met behoud van uitkering voor bijstandsgerechtigden

Aan de slag met werk. Over de verschillende vormen van werken met behoud van uitkering voor bijstandsgerechtigden Aan de slag met werk Over de verschillende vormen van werken met behoud van uitkering voor bijstandsgerechtigden Aan de slag met werk Over de verschillende vormen van werken met behoud van uitkering voor

Nadere informatie

Bouwen voor aan de toekomst

Bouwen voor aan de toekomst Bouwen voor aan de toekomst 21 duurzame tips voor de 21ste eeuw Even voorstellen Inhoud Meneer Dubo heeft zijn experts meegebracht, om je de weg door de tips te wijzen: Meneer Mundo heeft een brede kijk:

Nadere informatie

GLOBALISERING: CHINA, NEDERLAND EN DE REST

GLOBALISERING: CHINA, NEDERLAND EN DE REST GLOBALISERING: CHINA, NEDERLAND EN DE REST Bij sommige opdrachten he je de atlas nodig. Daar staat dan dit plaatje ij 1 INHOUDSOPGAVE 1. Gloalisering... 3 2. China... 5 3. China, land van (meer dan) 1

Nadere informatie

HOE THUISZORGORGANISATIES SAMENWERKING ORGANISEREN: VISIES, PRAKTIJKEN EN DILEMMA S

HOE THUISZORGORGANISATIES SAMENWERKING ORGANISEREN: VISIES, PRAKTIJKEN EN DILEMMA S HOE THUISZORGORGANISATIES SAMENWERKING ORGANISEREN: VISIES, PRAKTIJKEN EN DILEMMA S Rapportage over de samenwerking van thuiszorgmedewerkers met mantelzorgers en andere organisaties Marieke van Wieringen

Nadere informatie

Gezond en goed. Scholenbouw in topconditie

Gezond en goed. Scholenbouw in topconditie Gezond en goed Scholenbouw in topconditie 1 Gezond en goed, Scholenbouw in topconditie 2 Gezond en goed, Scholenbouw in topconditie Gezond en goed Scholenbouw in topconditie Rijksbouwmeester Juli 2009

Nadere informatie

Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding.

Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Zelfmanagement vanuit het perspectief van mensen met astma of COPD D. Baan M. Heijmans P. Spreeuwenberg M.

Nadere informatie