Project Capabel

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Project Capabel 1991-2008"

Transcriptie

1 Project Capabel Evaluatieonderzoek project Capabel in Bos en Lommer ANNEMIEK VEEN INEKE VAN DER VEEN PJOTR KOOPMAN

2 CIP-gegevens KONINKLIJKE BIBLIOTHEEK, DEN HAAG Veen, A., van der Veen, I., Koopman, P.N.J. Project Capabel Evaluatieonderzoek project Capabel in Bos en Lommer (Amsterdam) Eindrapport Amsterdam: Kohnstamm Instituut. (Rapport 862, projectnummer 40446) Dit onderzoeksrapport is mede tot stand gekomen door ondersteuning van de begeleidingscommissie, die bestond uit de volgende personen: ISBN Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. All rights reserved. No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted, in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, or otherwise, without the prior written permission of the publisher. Uitgave en verspreiding: Kohnstamm Instituut Plantage Muidergracht 24, Postbus 94208, 1090 GE Amsterdam Tel.: Copyright Kohnstamm Instituut, 2011

3 Inhoudsopgave 1 Inleiding 1 2 Jongeren in Bos en Lommer Aantal en herkomstlanden 0-18 jarigen in Bos en Lommer Deelname aan het onderzoek Wel of niet in Nederland geboren Verhuizingen Een basisschool in of buiten Bos en Lommer Islamitische scholen Samenstelling leerlingbevolking basisscholen 15 3 De schoolloopbaan van de jongeren in Bos en Lommer Observatiegegevens op 4-jarige leeftijd Cohortgegevens Bos en Lommer Cito eindtoetsscores Advies voor voortgezet onderwijs De schoolloopbaan in het voortgezet onderwijs Gegevens uit de 18-jarigenonderzoeken 37 4 Activiteiten Leeftijdsgroep 0-4 jaar en basisonderwijs Het voortgezet onderwijs Vormgeving van de activiteiten 46 5 Kwantitatieve evaluatie van deelname aan activiteiten 49

4 6 Kwalitatieve evaluatie van Capabel Capabel in het basisonderwijs: de scholen over project Capabel Capabel in het voortgezet onderwijs De opbrengsten van Capabel volgens jongeren en hun ouders Aanwijzingen over de opbrengsten van Capabel uit eerdere rapportages 71 7 Conclusies en discussie Ontwikkelingsdoelen realiseren Een traject vormen Kwantitatieve evaluatie Afsluitende bijeenkomst 81 Publicaties evaluatieonderzoek project Capabel 87 Bijlagen 91 Bijlage 1 bij hoofdstuk 1: 91 Bijlage 2 Achttien jaar systeeminnovatie in Bos en Lommer 99 Bijlage 3 Achterstanden inlopen in Bos en Lommer 105 Recent uitgegeven Kohnstamm Instituut rapporten 109

5 1 Inleiding In stadsdeel Bos en Lommer in Amsterdam is 1991 een uniek project gestart onder de naam Capabel. Capabel staat voor Continue Aandacht in een Projectmatige Aanpak in Bos En Lommer. Uniek was het project vanwege de lange looptijd. Het was ook een ambitieus project, omdat de bedoeling had om in het stadsdeel woonachtige jongeren met een bedreigd toekomstperspectief in de leeftijd van 0-18 jaar beter toegerust aan het onderwijs en aan de samenleving te laten deelnemen. Gezien de bevolkingssamenstelling in het stadsdeel richtte het project zich vooral op allochtone jongeren. Capabel werkte op een indirecte en voorwaardenscheppende manier aan het bereiken van haar projectdoelstellingen. Het richtte zich op het initiëren en coördineren van een breed spectrum van activiteiten. Capabel voerde deze activiteiten niet allemaal zelf uit, maar moest er voor zorgen dat de daartoe meest geëigende organisaties, projecten en personen gestimuleerd werden om samen te werken en hun aanpak en aanbod onderling af te stemmen. Waar nodig moest Capabel nieuwe activiteiten initiëren dan wel in de opbouwfase nieuwe activiteiten onder haar hoede nemen. Beoogd werd dat Capabel op deze wijze een bijdrage zou leveren aan de totstandkoming van een coherent netwerk in Bos en Lommer, ter bevordering van de ontwikkeling van (allochtone) jongeren in het stadsdeel. Het project is longitudinaal van karakter en bestrijkt een periode van 18 jaar. In projectperiodes van telkens vier jaar stonden verschillende (leeftijds)groepen centraal. Beoogd was om per leeftijdsgroep op de doelgroep toegespitste activiteiten te organiseren, gericht op de opbouw van een traject van achtereenvolgende ondersteunende activiteiten. In de eerste periode lag het accent op de 0-4/6-jarigen en hun ouders (de voorschoolse periode); 1

6 vervolgens lag het accent op de 4/6 12 jarigen (basisonderwijs), daarna de jarigen (eerste periode voortgezet onderwijs) en ten slotte de jarigen. Het project werd voorafgegaan door een verkennende studie die uitmondde in een projectschets en een onderzoeksdesign (Van Erp, Robijns en Koopman, 1990). Project Capabel werd gesubsidieerd door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), de gemeente Amsterdam en het stadsdeel Bos en Lommer. Het Ministerie van VWS financierde het aan het project gekoppelde evaluatieonderzoek dat is uitgevoerd door het Kohnstamm Instituut. In het onderzoek moest worden nagegaan in hoeverre de projectdoelstellingen van Capabel werden bereikt. Deze eindrapportage is een beschrijving van de onderzoeksresultaten over dit 18-jarige project. De algemene projectdoelstelling van Capabel, om jongeren met een bedreigd toekomstperspectief zo goed mogelijk toe te rusten voor het onderwijs en de samenleving, is als volgt geconcretiseerd. Het project streeft na: 1. dat zo min mogelijk kinderen met een achterstand aan het basisonderwijs beginnen; 2. dat een eventueel bestaande achterstand op de basisschool zoveel mogelijk wordt ingelopen; 3. dat zodoende een meer evenredige verdeling (d.w.z. een verdeling onafhankelijk van sociaal-economisch milieu en etnische afkomst) van leerlingen over de verschillende typen voortgezet onderwijs ontstaat; 4. dat zo min mogelijk jongeren voortijdig uitvallen uit het voortgezet onderwijs; 5. dat zodoende een meer evenredige verdeling van typen v.o.-diploma s over de leerlinggroepen ontstaat; 6. waardoor uiteindelijk een meer evenredige verdeling van (perspectief biedende) posities op de arbeidsmarkt wordt bevorderd. De bedoeling van het evaluatieonderzoek is om zo goed mogelijk vast te stellen of de nagestreefde doelen gehaald worden, en zo mogelijk, aan welke (combinatie van) projectactiviteiten eventuele effecten of opbrengsten van het project kunnen worden toegeschreven. Om te kunnen vaststellen of resultaten geboekt worden in de richting van de genoemde projectdoelstellingen is in het onderzoek een volgsysteem opgezet waarin gegevens uit verschillende bronnen werden ondergebracht. 2

7 In dit systeem zijn op individueel niveau de volgende drie typen gegevens ondergebracht: - achtergrondgegevens van de 0-18 jarigen in Bos en Lommer; - gegevens met betrekking tot de deelname van de doelgroep aan maatregelen en activiteiten; - gegevens met betrekking tot de ontwikkeling van de 0-18 jarigen, de zgn. criteriumvariabelen. De opzet van dit volgsysteem was om verschillende vragen voor opeenvolgende jaargroepen of generaties te kunnen beantwoorden. De criteriumvariabelen konden daarbij worden benut om vast te stellen of er sprake was van achterstand en of vermindering daarvan in de loop van het project. De deelname- en achtergrondgegevens konden vervolgens uitwijzen voor welke groepen kinderen dit specifiek gold en welke relaties gelegd konden worden met deelname aan de activiteiten die in het kader van Capabel ondernomen zijn. Bij de start van het evaluatieonderzoek is in overleg met de gemeentelijke privacy-commissie een reglement vastgesteld waarin het beheer van het volgsysteem en de te volgen procedures tot in detail zijn voorgeschreven. Dat betekent onder meer dat het volgsysteem uitsluitend de achtergrondgegevens bevat van die kinderen en jongeren van wie de ouders (of zijzelf) daartegen geen bezwaar aantekenden. De achtergrondgegevens zijn afkomstig van het Bevolkingsregister en de Leerlingadministratie van de gemeente Amsterdam. Het College van B en W heeft beide instanties toestemming verleend om gegevens aan Capabel te verstrekken, indien de betrokken daartegen geen bezwaar hadden. Het volgsysteem werd jaarlijks geactualiseerd: nieuw geborenen en naar het stadsdeel verhuisde kinderen en jongeren werden opgenomen en de jongeren die 18 jaar werden alsmede de kinderen en jongeren die uit het stadsdeel wegverhuisden, werden uit het bestand verwijderd. Deze actualisering van het bestand vond jaarlijks voor het jaar daarvòòr plaats. De achtergrondgegevens die in deze rapportage worden behandeld, beslaan de jaren 1991 tot en met De gegevens over de deelname van kinderen en jongeren aan activiteiten en maatregelen werden in de eerste twee projectperiodes door het projectbureau van Capabel verzameld. De coördinatoren van de verschillende activiteiten speelden hierin een belangrijke rol. In de derde en de vierde projectperiode is de registratie van deelname van jongeren en hun ouders aan activiteiten helaas niet meer voortgezet. We zullen in deze rapportage zien dat 3

8 het ontbreken van een groot deel van de deelnamegegevens belangrijke, helaas negatieve, consequenties heeft voor het onderzoek. De ontwikkelingsmaten werden enerzijds door de basisscholen in het stadsdeel aangeleverd en anderzijds rechtstreeks door de onderzoekers verzameld, op de scholen voor voortgezet onderwijs. In de periode 1991 tot en met 2009 heeft Capabel vijf projectleiders gekend. Het onderzoek is vanaf het begin tot ongeveer 2008 begeleid door een begeleidingscommissie, bestaande uit de opdrachtgevers en project Capabel. Sinds 2003 werd daar op verzoek van het stadsdeel een deskundige op het terrein van de brede school aan toegevoegd. De begeleidingscommissie zorgde er onder meer voor dat het onderzoek zo goed mogelijk aansloot op de vragen en wensen van het project Capabel en haar opdrachtgevers. In overleg met de begeleidingscommissie is in het midden van de jaren negentig onder meer besloten in het onderzoek aandacht te gaan besteden aan veranderingen in de context waarin Capabel werkte. Tevens werd aan de evaluatie een kwalitatief deel toegevoegd, via gesprekken met betrokkenen (ouders, scholen en instellingen en organisaties); in deze gesprekken kwamen ook de wensen van betrokkenen voor de toekomst aan de orde. Voorts is sinds 1999 de zogenaamde jaarlijkse vraagstelling aan het onderzoek toegevoegd. Dit is een onderzoeksvraag die relevant was in verband met Capabel en die beantwoord kon worden met behulp van het volgsysteem van Capabel. Al met al leverde dit onder meer de volgende typen publicaties op: - Om de vier jaar verscheen een interim-rapportage; een overall-rapportage die de stand van zaken weergaf over project Capabel. Ten behoeve van de interim-rapportage werden analyses verricht op de tot dan toe verzamelde gegevens (deelname- en effectgegevens) en werden doorgaans kwalitatieve gegevens (bv. d.m.v. interviews met betrokkenen) verzameld over de uitvoering van het project. Interimrapporten verschenen in 1994, 1998 en 2002, Om de vier jaar verscheen een 18-jarigenonderzoek, een vierjaarlijkse meting waarin de opleidings- en arbeidsmarktsituatie en het toekomstperspectief van de jongeren in kaart werd gebracht. Deze gegevens vormen een aanwijzing over het uitstroomniveau van Capabel. Achttienjarigen-onderzoeken zijn verschenen over de jaren 1992, 1996, 2000, 2004 en

9 - Daarnaast verschenen rapportages over zogenaamde jaarlijkse vraagstellingen, waarin aanvullende onderzoeksvragen werden beantwoord ten behoeve van het project, met gebruikmaking van de gegevens uit het volgsysteem. De titels van de rapporten die sinds 1991 verschenen, zijn opgenomen in bijlage. De rapporten zelf kunnen gedownload worden op de website van het Kohnstamm Instituut. Déze rapportage omvat de hele project periode van Capabel, de jaren Niet alle kwantitatieve en kwalitatieve gegevens die gedurende de projectperiode zijn verzameld kunnen in deze rapportage systematisch worden beschreven. Daarvoor is het aantal gegevens simpelweg te omvangrijk. Bovendien zijn niet alle gegevens relevant voor de eindevaluatie. In deze rapportage worden de resultaten beschreven over 18 jaar van dit omvangrijke project. In hoofdstuk 2 geven we een overzicht van de bevolkingssamenstelling in het stadsdeel en van de leerling-bevolking op de scholen. In hoofdstuk 3 beschrijven we de schoolloopbanen van de jongeren in Bos en Lommer. In hoofdstuk 4 bespreken we evaluerend de activiteiten voor de verschillende leeftijdsgroepen en de ontwikkelingen daarbinnen en op de ontstane samenhang. In hoofdstuk 5 gaan we in op de opbrengsten van het project voor de schoolloopbanen van jongeren, de relatie tussen het activiteitenaanbod en de schoolloopbanen van de jongeren. Hoofdstuk 6 is een kwalitatieve evaluatie van het project. In hoofdstuk 7 formuleren we de conclusies. 5

10 6

11 Jongeren in Bos en Lommer In dit hoofdstuk beschrijven we voor de totale looptijd van het project Capabel, 18 jaren van 1991 t/m , het aantal 0-18 jarigen en hun kenmerken, de omvang kenmerken en representativiteit van de groep deelnemers aan het evaluatieonderzoek en kenmerken van de basisscholen in Bos en Lommer. 2.1 Aantal en herkomstlanden 0-18 jarigen in Bos en Lommer In Figuur 2.1 laten we zien hoeveel 0-18 jarigen er in de opeenvolgende jaren van het project Capabel t/m 2008/09- in Bos en Lommer woonden. Figuur 2.1 Populatie 0-18 jarigen 1991 t/m aantal 0-18 jarigen 1 Het project liep van schooljaar 1991/92 t/m schooljaar 2008/09. In de figuren wordt alleen het eerste jaar van het schooljaar genoemd. 7

12 Van 2003 tot 2007 was er een duidelijke afname van het aantal 0-18 jarigen in Bos en Lommer. Van 2007 naar 2008 nam het aantal licht toe. In Figuur 2.2 staan gegevens over de ontwikkeling in de verdeling naar etnische herkomst van de 0-18 jarigen in Bos en Lommer. Figuur 2.2 Samenstelling van 0-18 jarigen in Bos en Lommer naar etnische herkomst, van % 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% overig allochtoon Marokkaans Turks Surinaams autochtoon Het aandeel Surinaamse 0-18 jarigen daalde vanaf 1991 en was in 2008 ongeveer nog 6%. Na een daling van het aandeel autochtone jongeren van van 22 naar 12%, was er sprake van een lichte toename tot 15% in Het aandeel Turkse jongeren nam van 1991 tot 2001 licht toe, waarna het van 2002 tot 2008 licht afnam, tot 23%: de omvang in de beginjaren van het project. Het aandeel Marokkaanse jongeren nam licht toe, van 35 naar ongeveer 40%. De groep overige allochtone jongeren is van 1991 naar 2008 geleidelijk in omvang toegenomen, van 9 naar 17%. 2 Voor 2008 betreft het niet het totaal aantal 0-18 jarigen in Bos en Lommer, maar alleen de deelnemers aan het onderzoek (86% van alle 0-18 jarigen) 8

13 De groep overig allochtoon is in de loop der jaren enigszins van samenstelling veranderd. De geboortelanden van de vader van deze 0-18 jarigen die het vaakst voorkwamen waren in 1991 Nederland, Pakistan, Portugal en Italië. In 2008 waren dit achtereenvolgens Egypte, Nederland, Pakistan, Afghanistan en India. Het totaal aantal geboortelanden van de vader die voorkomen binnen deze groep was aan het begin van project Capabel, in 1991, 61 en aan het eind, in 2008, 82. De diversiteit aan herkomstlanden is in de loop van het project dus toegenomen.het aandeel overig allochtone 0-18 jarigen met een Nederlandse vader was in 1991 en 2008 ongeveer gelijk (14%). Het aandeel met een vader afkomstig uit Egypte is meer dan verdubbeld (7 naar 15%) en het aandeel met een vader afkomstig uit Portugal en Italië duidelijk afgenomen (Portugal 8 naar 1%, Italië 5 naar 1%). Een nieuwe groep (sinds 1994 aanwezig) is afkomstig uit Afghanistan (0 naar 6%). Andere herkomstlanden van de vader die in 1991 nog niet voorkwamen en ten minste 1% van de groep overig allochtonen uitmaken zijn: Irak (3%), Senegal en Sri Lanka (beide 1%). 2.2 Deelname aan het onderzoek In de vorige paragraaf lieten we zien hoeveel 0-18 jarigen er gedurende het project in Bos en Lommer woonden. Niet al deze kinderen en jongeren namen echter deel aan ons onderzoek. Voor het project Capabel zijn gegevens uit het Bevolkingsregister en de Leerlingadministratie aan Capabel verstrekt. Dit gebeurde echter alleen indien de betrokken personen de ouders van de 0-18 jarigen daarmee instemden. De kinderen en jongeren voor wie geen bezwaar was aangetekend, werden opgenomen in het volgsysteem dat de basis vormt van het onderzoek. De kinderen en jongeren voor wie toestemming geweigerd werd, bleven buiten het onderzoek. In Figuur 2.3 is weergegeven welk deel van de 0-18 jarigen in de opeenvolgende jaren aan het onderzoek deelnam. 9

14 Figuur 2.3 Deelname van 0-18 jarigen aan het onderzoek van 1991 t/m % 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% ja nee Het aandeel 0-18 jarigen voor wie geen toestemming werd verleend voor deelname aan het onderzoek nam van 1991 tot 2005 geleidelijk af van 23 naar 12%. Daarna lijkt er sprake te zijn van een heel lichte toename naar 14%. Om na te gaan of de groep deelnemers aan het onderzoek een goede afspiegeling vormt van het totale aantal 0-18 jarigen in Bos en Lommer, hebben we de deelnemers aan het onderzoek vergeleken met de weigeraars. We hebben de etnische achtergrond, leeftijd en sekse van beide groepen vergeleken. Het blijkt dat het aandeel weigeraars onder autochtone 0-18 jarigen wat hoger is dan onder de allochtone 0-18 jarigen. Het aandeel weigeraars is bij deze groep 20%, vergeleken met 14% bij de allochtone 0-18 jarigen. De jongeren in de groep weigeraars zijn gemiddeld bijna een jaar ouder dan de deelnemers. Verschillen in sekse zijn er nauwelijks: het aandeel niet-deelnemende meisjes is 0.7% hoger dan het aandeel niet-deelnemende jongens. Al met al wijkt de samenstelling van de groep deelnemers aan het onderzoek naar sekse, leeftijd 10

15 en etnische achtergrond weinig af van de totale groep 0-18 jarigen in Bos en Lommer. 2.3 Wel of niet in Nederland geboren Van de 0-18 jarigen die in Bos en Lommer wonen, is het merendeel in Nederland geboren. In Figuur 2.4 is voor de looptijd van het project Capabel het percentage 0-18 jarigen weergegeven dat niet in Nederland is geboren. Figuur 2.4 Percentage niet in Nederland geboren 0-18 jarigen, 1991 t/m % niet in Nederland geboren Uit de figuur blijkt dat het percentage 0-18 jarigen dat niet in Nederland is geboren, in de loop der jaren gestaag is afgenomen. Een afname is te verklaren door het jaarlijks opnemen van in Nederland geborenen in het volgsysteem en het hieruit verdwijnen van jongeren van 18 jaar die in het buitenland geboren zijn. 11

16 2.4 Verhuizingen Jaarlijks verhuizen er ouders met kinderen weg uit Bos en Lommer en komen er ouders met kinderen in Bos en Lommer wonen. In eerdere onderzoeksrapportages is de omvang van deze verhuizingen bestudeerd en constateerden we dat de mate waarin er sprake is van verhuizingen vrij groot is. In de eerste plaats heeft dit gevolgen voor de scholen. Kinderen waar scholen inspanningen voor hebben gedaan gaan weg en er moeten extra inspanningen worden gedaan voor de nieuwkomers. Ook voor het project Capabel en niet te vergeten het bijbehorende evaluatieonderzoek hebben de verhuizingen gevolgen gehad. Zo kwam het voor dat ouders en kinderen die hebben deelgenomen aan activiteiten in het kader van Capabel, niet meer in Bos en Lommer woonden op het moment dat binnen het evaluatieonderzoek het effect van deelname aan deze activiteiten werd onderzocht. De verhuizingen hebben het verloop van het meerjarige traject van project Capabel bemoeilijkt. Het doel was om kinderen te laten profiteren van een langjarig traject met opeenvolgende activiteiten. Aan het eind van het project heeft maar een minderheid van de jongeren in Bos en Lommer kunnen profiteren van het volledige Capabeltraject. Van de 0-jarigen in 1991, woonde aan het eind van het project in 2008 nog ruim 22% in Bos en Lommer, van de 0- jarigen in 1992 was dit bijna 27%, van de 0-jarigen in 1993 ruim 28% en van de 0-jarigen in 1994 ruim 25%. In Figuur 2.5 laten we zien welk deel van de 0-18 jarigen die deelnam aan het onderzoek in de opeenvolgende jaren is wegverhuisd uit Bos en Lommer respectievelijk in dit stadsdeel is komen wonen. Bij de verhuisbewegingen uit het stadsdeel kijken we naar de 0 t/m 16 jarigen (de 17 jarigen houden we hier buiten omdat ze op het moment dat ze 18 werden per definitie uit het volgsysteem zijn verdwenen). Bij de verhuisbewegingen naar het stadsdeel kijken we naar de 1 t/m 16 jarigen (omdat we de nieuwgeborenen die voor het eerst zijn opgenomen in het volgsysteem hier niet moeten meetellen). 12

17 91->92 92->93 93->94 94->95 95->96 96->97 97->98 98->99 99->00 00->01 01->02 02->03 03->04 04->05 05->06 06->07 07->08 Figuur 2.5 Het aandeel 0-18 jarigen dat van nieuw in Bos en Lommer is komen wonen en het aandeel dat is wegverhuisd uit het stadsdeel 14% 12% 10% 8% 6% 4% weg nieuw 2% 0% De figuur moet als volgt gelezen worden: Als we het aantal 0 t/m 16 jarigen in 1992 vergelijken met dat in 1991, is 12 procent wegverhuisd Als we het aantal 1 t/m 16 jarigen in 1992 vergelijken met dat in 1991, is 13 procent nieuw in Bos en Lommer komen wonen, enzovoort. Het percentage nieuwkomers is afgenomen van 13 naar 4%. Het percentage wegverhuizingen was in de meeste jaren rond de 10%. Er verhuizen dus meer 0-18 jarigen weg dan er bij komen. In Figuur 2.1 is ook te zien dat de omvang van de groep 0-18 jarigen in de loop der jaren is afgenomen. 2.5 Een basisschool in of buiten Bos en Lommer In Bos en Lommer zijn geen scholen voor voortgezet onderwijs, maar er zijn wel basisscholen. Twee rooms katholieke, twee protestants christelijke, vier openbare scholen en twee islamitische basischolen (sinds het schooljaar 2001/02 één en sinds 2006/2007 twee). Op al deze basisscholen, behalve op de islamitische school die pas sinds 2006/2007 in het stadsdeel gevestigd is, zijn 13

18 in het kader van de evaluatie van Capabel systematisch gegevens over de ontwikkeling van de kinderen verzameld. We laten in Figuur 2.6 zien welk deel van de kinderen in de basisschoolleeftijd die in Bos en Lommer woonden ook in hun stadsdeel naar school gingen. We laten dit van zien voor alle leerlingen en naar etnische herkomst. Dit doen we alleen voor de grootste groepen. Figuur 2.6 Verandering van : % van de basisschoolleerlingen woonachtig in Bos & Lommer dat ook in Bos en Lommer naar school gaat, voor alle leerlingen en voor Marokkaanse, Turkse, Surinaamse en autochtone leerlingen In alle jaren ging ongeveer driekwart van de 4-12 jarigen naar een basisschool in Bos en Lommer en ongeveer een kwart naar een basisschool buiten het stadsdeel. De percentages variëren per etnische groep: Turkse en Marokkaanse kinderen gingen vaker in het stadsdeel naar school dan andere kinderen. Van is dit niet duidelijk toe- of afgenomen. Surinaamse en autochtone leerlingen uit Bos en Lommer gingen minder vaak dan gemiddeld in hun eigen stadsdeel naar school. In de loop der jaren is het aandeel Surinaamse en autochtone leerlingen dat in Bos en Lommer naar school ging, afgenomen. 14

19 Islamitische scholen In Figuur 2.7 is het aandeel Turkse en Marokkaanse leerlingen uit Bos en Lommer weergegeven dat in de periode naar een islamitische basisschool (binnen of buiten het stadsdeel) ging. Figuur 2.7 Percentage Turkse en Marokkaanse leerlingen dat naar een islamitische basisschool gaat, 1991 t/m Marokkaans Turks Het aandeel Turkse en Marokkaanse kinderen dat naar een islamitische basisschool ging is van 1991 tot 2008 toegenomen. De stijging is voor Marokkaanse leerlingen hoger dan voor Turkse leerlingen. Sinds 2003 gaat meer dan de helft van de Turkse en Marokkaanse leerlingen uit Bos en Lommer die naar een islamitische basisschool gaat in het eigen stadsdeel naar school (51%). Dit aandeel is sinds de komst van een tweede islamitische basisschool verder gestegen naar 70%. 2.7 Samenstelling leerlingbevolking basisscholen In paragraaf 2.5 zagen we welk deel van de kinderen uit Bos en Lommer naar een basisschool in het stadsdeel ging en dat dit verschilt naar etnische 15

20 herkomst: Surinaamse en autochtone kinderen gingen veel vaker buiten Bos en Lommer naar school dan Turkse en Marokkaanse kinderen. In de loop der jaren is dit verschil groter geworden. In deze paragraaf gaan we in op de sociale en etnische samenstelling van de leerlingpopulatie van de basisscholen in Bos en Lommer. We bekijken dit aan de hand van gegevens uit de cohortonderzoeken PRIMA en COOL waaraan alle basisscholen in Bos en Lommer hebben deelgenomen 3. Figuur 2.8 laat de verandering in de samenstelling van de leerlingpopulatie naar etnische herkomst zien. Figuur 2.8 Samenstelling van de leerlingpopulatie van de basisscholen in Bos en Lommer naar etnische herkomst en jaar van 1994/95 t/m 2007/08 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% overig allochtoon Marokkaans Turks Surinaams gemengd NL-all. autochtoon In alle jaren vormden de Turkse en Marokkaanse leerlingen de grootste groep. Het aandeel Turkse leerlingen bleef ongeveer gelijk, het aandeel Marokkaanse leerlingen nam licht toe van 36 naar 40%. Het aandeel autochtone leerlingen nam gestaag af van 14 naar 4%. 3 Met deze gegevens krijgen we een zo goed mogelijk beeld van de samenstelling van de leerlingbevolking, omdat hier ook gegevens van kinderen meegenomen worden die buiten Bos en Lommer wonen, maar hier wel naar school gaan. Ook kunnen we met behulp van deze gegevens iets zeggen over de sociaal-economische achtergrond van de leerlingpopulatie. 16

21 Figuur 2.9 toont de samenstelling van de leerlingbevolking naar sociale herkomst van schooljaar 1994/95 naar 2007/08. Figuur 2.9 Samenstelling van de leerlingpopulatie van de basisscholen in Bos en Lommer naar opleidingsniveau ouders van 1994/95 t/m 2007/08 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% hbo mbo lbo max. lo Het opleidingsniveau van de ouders van de basisschoolleerlingen in Bos en Lommer is geleidelijk toegenomen. Het aandeel kinderen met hoog-opgeleide ouders nam toe van 4 naar 11%, het aandeel met middelbaar opgeleide ouders van 10 naar 24%. Het aandeel kinderen met ouders met maximaal een lagere school opleiding nam af van 60 naar 42%. Het aandeel kinderen met ouders met maximaal een lagere beroepsopleiding (lbo) bleef ongeveer gelijk (rond 25%). In Figuur 2.10 laten we de verdeling naar het opleidingsniveau van de ouders van 1994/95 naar 2007/08 nog een keer zien, maar dan alleen voor de Turkse en Marokkaanse leerlingen. 17

22 Figuur 2.10 Voor Turkse en Marokkaanse leerlingen die naar een basisschool in Bos en Lommer gaan de verdeling naar opleidingsniveau ouders van 1994/95 t/m 2007/08 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% hbo mbo lbo max. lo Ook als we het opleidingsniveau van de ouders van alleen de Turkse en Marokkaanse basisschoolleerlingen in Bos en Lommer bekijken van 1994/95 t/m 2007/08 is een duidelijke stijging te zien. Vooral het aandeel kinderen met middelbaar opgeleide ouders nam toe (van 9 naar 26%), daarnaast nam het aandeel leerlingen met ouders met maximaal een lagere schoolopleiding af (van 67 naar 44%). De stijging in opleidingsniveau komt overeen met die van Turkse en Marokkaanse ouders van basisschoolleerlingen gemiddeld in Nederland. Daar daalde het aandeel Turkse en Marokkaanse ouders met ten hoogste een lagere school opleiding van 63% in 1994/95 naar 39% in 2007/08 en nam het aandeel middelbaar opgeleide ouders toe van 6% naar 27%. Het aandeel Turkse en Marokkaanse ouders met een lagere beroepsopleiding was gemiddeld in Nederland in 1994/95 26% en in 2007/08 25%. Het aandeel hoger opgeleide Turkse en Marokkaanse ouders van basisschoolleerlingen nam gemiddeld in Nederland in die periode overigens iets meer toe dan in Bos en Lommer: van 3 naar 9%. We weten dat de verschillende etnische groepen niet gelijk verdeeld zijn over de scholen: er zijn scholen met nauwelijks autochtone leerlingen en er zijn 18

23 scholen met relatief veel autochtone leerlingen. Figuur 2.11 toont per school in Bos en Lommer 4 het percentage autochtone leerlingen van schooljaar 1994/95 t/m 2007/08. Voor elke school is een apart lijntje weergegeven in de grafiek. Figuur 2.11 Percentage autochtone leerlingen op de basisscholen in Bos en Lommer van schooljaar 1994/95 t/m 2007/08. 45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% De afname van het aandeel autochtone leerlingen vond met name op twee scholen plaats (school 7 en 9). Op de andere scholen was het aandeel autochtone leerlingen al laag. 4 We onderscheiden acht basisscholen: voor de twee scholen die gefuseerd zijn, worden de gegevens van vóór de fusie niet voor beide scholen apart weergegeven. 19

24 In dit kader beschrijven we de samenstelling van de leerlingpopulatie van de afzonderlijke scholen (zie Bijlage 1 voor een gedetailleerd overzicht per school). School 1 is een school met nauwelijks autochtone leerlingen. De grootste groep wordt gevormd door de Marokkaanse leerlingen (60%). Dit aandeel is stabiel gebleven van 1994/95 t/m 2007/08. Het aandeel Turkse leerlingen nam af van 32% in 1994/95 naar 15% in 2007/08. Vooral in de laatste jaren nam de groep overig allochtonen toe van 5% in 2004/05 naar 16% in 2007/08. De meeste kinderen op school 1 hebben ouders met maximaal een lagere school opleiding. Dit aandeel nam minder dan gemiddeld af van 79% in 1994/95 naar 66% in 2007/08. Naar school 2 gaan weinig autochtone leerlingen (rond de 5%). In de periode 1994/95 was het aandeel Turkse en Marokkaanse leerlingen ongeveer even groot (beide rond een derde); het aandeel overig allochtone leerlingen nam toe van 6 naar 17%. Het opleidingsniveau van de ouders van de leerlingen is sterker dan bij school 1 toegenomen: het aandeel ouders met maximaal een lagere school opleiding nam af van 87% in 1994/95 naar 60% in 2007/08 en het aandeel ouders met ten minste een middelbare school opleiding nam toe van 3% in 1994/95 naar 24% in 2007/08. Naar school 4 gaan weinig autochtone leerlingen: dit nam af van 7% in 1994/95 naar 2% in 2007/08. Ongeveer de helft van de leerlingen heeft een Marokkaanse en ruim een kwart een Turkse achtergrond. Het aandeel Turkse leerlingen daalde van 1994/95 naar 2007/08 licht, van 33% naar 28%. Het opleidingsniveau van de ouders van de kinderen is duidelijk gestegen. In 1994/95 had 62% van de ouders van de leerlingen maximaal een lagere school opleiding en 11% ten minste middelbaar opgeleide ouders, in 2007/08 had 31% ouders met ten hoogste een lagere school opleiding en 38% ten minste middelbaar opgeleide ouders. Ook naar school 5 gaan weinig autochtone leerlingen: van 1994/95 naar 2007/08 daalde dit aandeel van 5 naar 2%. Het aandeel Turkse en Marokkaanse leerlingen is ongeveer even groot: beide rond een derde, dit veranderde nauwelijks van 1994/95 naar 2007/08. Het aandeel overig allochtone leerlingen nam toe van 7 naar 14%. Het opleidingsniveau van de ouders van de leerlingen nam toe. In 1994/95 had 71% van de ouders van de leerlingen maximaal een lagere school opleiding en 8% ten minste middelbaar opgeleide ouders, in 2007/08 had 41% ouders met ten hoogste een lagere school opleiding en 30% ten minste middelbaar opgeleide ouders. 20

25 Ook school 6 is een school met weinig autochtone leerlingen: dit nam af van 5% in 1994/95 naar 1% in 2007/08. Naar deze school gingen in de jaren 90 relatief meer Surinaamse leerlingen, 18% in 1994/95, in 2007/08 was dit afgenomen naar 6%. De grootste groep heeft een Marokkaanse herkomst (32% in 1994/95, 43% in 2007/08) en de op een na grootste groep een Turkse herkomst (28% in 1994/95, 32% in 2007/08). Het opleidingsniveau van de ouders van de leerlingen nam toe. In 1998/99 (in eerdere jaren heeft de school hierover geen gegevens verstrekt) had 70% van de kinderen ouders met ten hoogste een lagere school opleiding, in 2007/08 was dit aandeel 44%. Daarnaast nam in deze jaren het aandeel kinderen met ten minste middelbaar opgeleide ouders toe van 10 naar 35%. School 7 is een gemengde school. In 1994/95 vormden de autochtone leerlingen de grootste groep (38%), in 2007/2008 hadden de meeste leerlingen (30%) een Marokkaanse achtergrond. Het aandeel autochtone leerlingen nam in deze periode af van 38% naar 22%, het aandeel Marokkaanse leerlingen nam toe van 13 naar 30%. Het aandeel Surinaamse leerlingen nam af van 20% in 1994/95 naar 4% in 2007/08. Het aandeel Turkse leerlingen is op deze school relatief laag: rond de 10%. Het aandeel overig allochtone leerlingen nam toe van 8% in 1994/95 naar 18% in 2007/08. Het opleidingsniveau van de ouders van de kinderen op deze school was in de jaren negentig bovengemiddeld hoog (rond de 55% van de leerlingen had ouders met ten hoogste een lagere school opleiding, ruim 10% ten minste middelbaar opgeleide ouders). Tot en met 2004/05 veranderde dit echter nauwelijks, waardoor er geen verschil in opleidingsniveau meer was met de andere scholen. Van 2004/05 naar 2007/08 was er echter sprake van een enorme stijging. In dat jaar had maar 16% van de ouders van de kinderen ouders met ten hoogste een lagere school opleiding, had 36% middelbaar en 30% hoger opgeleide ouders. De etnische samenstelling van de leerlingpopulatie van school 8 is van 1994/95 tot 2007/08 stabiel gebleven. De meeste leerlingen (rond de helft) hebben een Marokkaanse herkomst, ruim een vijfde van de leerlingen heeft een Turkse achtergrond. De groep overig allochtone leerlingen is ruim 15%. Het opleidingsniveau van de ouders van de kinderen is op deze school in de loop der jaren wel duidelijk veranderd. In 1994 was het opleidingsniveau relatief hoog: maar 24% van de ouders van de kinderen had ten hoogste een lagere school opleiding en 21% van de ouders van de kinderen was ten minste middelbaar opgeleid. Van 1996/97 tot 2007/08 had bijna de helft van de kinderen ouders met ten hoogste een lagere school opleiding. Van 1994/95 naar 2004/05 nam 21

26 het aandeel ouders met ten minste middelbaar opgeleide ouders toe van 21 naar 35%. Naar 2007/08 was hierin echter sprake van een afname naar 27%. Het aandeel autochtone leerlingen op school 9 is sterk afgenomen van 41% in 1994/95 naar 7% in 2007/08. In 1994/95 vormden de autochtone leerlingen de grootste groep, in 2007/08 waren dit de Marokkaanse leerlingen. Het aandeel Marokkaanse leerlingen nam toe van 14% in 1994/95 naar 35% in 2007/08. Het aandeel Turkse leerlingen op deze school nam in deze periode toe van 16 naar 31%, het aandeel Surinaamse leerlingen nam af van 10 naar 2%. Het opleidingsniveau van de ouders van de kinderen op deze school is duidelijk hoger dan gemiddeld. Dit was niet alleen in 1994/95 het geval, maar is t/m 2007/08 stabiel hoog gebleven. In 1994/95 had 22% van de kinderen ouders met ten hoogste een lagere school opleiding, had 27% middelbaar opgeleide ouders en 13% hoger opgeleide ouders. In 2007/08 had 23% ouders met ten hoogste een lagere school opleiding, was 31% middelbaar en 15% van de ouders hoger opgeleid. In Figuur 2.10 zagen we dat er redelijk wat Turkse en Marokkaanse leerlingen in Bos en Lommer naar school gaan met ouders met ten minste een opleiding op mbo-niveau. Ook was te zien dat het opleidingsniveau van de ouders van de Turkse en Marokkaanse kinderen in de loop der jaren is toegenomen. Mogelijk kiezen deze ouders voor specifieke scholen in Bos en Lommer en vermijden ze bepaalde andere scholen. Om te bekijken in hoeverre dit het geval is, hebben we per school bekeken hoe groot -ten aanzien van het totale aantal Turkse en Marokkaanse kinderen- het aandeel Turkse en Marokkaanse kinderen met ten minste mbo-opgeleide ouders is van 1994/95 t/m 2007/08. In de jaren negentig kozen de middelbaar tot hoger opgeleide Turkse en Marokkaanse ouders vooral voor de scholen 8 en 9 (een zwarte en relatief witte school). In de jaren erna is er geen duidelijk patroon. Wat opvalt is dat in 2007/08 het vaakst is gekozen voor school 7, een gemengde school waarvoor in de jaren daarvoor nauwelijks gekozen werd. De middelbaar tot hoger opgeleide Turkse en Marokkaanse ouders gingen in dat schooljaar het minst vaak naar school 1, een school met nauwelijks autochtone leerlingen en vooral Marokkaanse en Turkse leerlingen. 22

27 3 De schoolloopbaan van de jongeren in Bos en Lommer In dit hoofdstuk bespreken we de ontwikkeling van de schoolloopbaan van de kinderen en jongeren in Bos en Lommer. Om dit in kaart te kunnen brengen, is jaarlijks c.q. tweejaarlijks een aantal gegevens verzameld. Een deel van deze gegevens is door de basisscholen in het stadsdeel aan het project Capabel aangeleverd, een ander deel is rechtstreeks door de onderzoekers verzameld. We bespreken de ontwikkeling van de kinderen in Bos en Lommer vanaf het begin van het basisonderwijs op 4-jarige leeftijd tot in het voorgezet onderwijs. 3.1 Observatiegegevens op 4-jarige leeftijd Capabel ontving jaarlijks van de scholen de zogenaamde observatielijsten. De observatielijst is een instrument dat door de groepsleerkracht of de interne begeleider van de school wordt ingevuld enkele weken nadat een 4-jarig kind op school is binnengekomen. Met behulp van de lijst wordt geïnventariseerd welke ontwikkelingsaspecten van het kind stimulering behoeven. De observatie is bedoeld als voorbereiding op een leerlingbespreking van de leerkracht en de intern begeleider en moet leiden tot een gerichte opvang van het kind in de school. Het instrument is in 1993 ontwikkeld op de Bos en Lommerschool in samenwerking met het Gemeentelijk Pedologisch Instituut (GPI) te Amsterdam in het kader van de vorming van een opvanggroep op de Bos en Lommerschool. In overleg met het stadsdeel werd besloten het observatieinstrument ook op de andere basisscholen in het gebied te introduceren en de gegevens te gebruiken voor het onderzoek naar Capabel. In het voorjaar van 1994 hebben leerkrachten van de andere scholen een introductiebijeenkomst bijgewoond. Vanaf dat moment t/m het schooljaar 2004/05 zijn de observatielijsten door 23

28 de meeste scholen jaarlijks ingevuld en ingeleverd. In 1994 is een nieuwe versie van de lijst alsmede een schriftelijke handleiding verschenen (zie J.H.S. van der Heide, J. Klompe, Y.H. Kleinloog, m.m.v. A. Veenstra, 1997; Observatielijst Kwetsbare Jonge Kinderen. GPI, Bos en Lommerschool, Amsterdam). De lijst bestaat uit vier onderdelen: redzaamheidsniveau (gedragsvoorwaarden voor het naar school gaan, 8 items), omgangsgedrag (kwaliteit van de relatie van het kind met leeftijdgenoten, 8 items), opvoedingsgedrag (gedrag van het kind t.a.v. de volwassen opvoeders, 7 items) en leergedrag (exploratieniveau, 7 items). In totaal zijn er 30 items. De score op de items is 0 (nee) of 1 (ja). We laten in Figuur 3.1, apart voor Turkse en Marokkaanse jongens en meisjes, de gemiddelde totaalscore op alle items zien van 1993/94 t/m 2004/05. De totaalscore is als volgt berekend. Bijvoorbeeld, een kind krijgt een positieve score op: 5 van de 8 onderdelen over redzaamheid, 3 van de 8 onderdelen over omgangsgedrag, 6 van de 7 onderdelen over opvoedingsgedrag en 7 van de 7 onderdelen over leergedrag. Dit kind, dat op in totaal 21 van de 30 onderdelen positief scoort, krijgt een gemiddelde score van.70. De scores hebben een bereik van 0-1. Figuur 3.1 1,00,90,80,70,60,50,40,30,20,10,00 Totaalscores observatielijst op 4-jarige leeftijd van Turkse en Marokkaanse jongens en meisjes, schooljaar t/m meisjes jongens 24

29 De meisjes scoren in alle jaren hoger dan jongens. Van 1993/94 tot 1997/98 namen de scores af, daarna was er tot aan 2004/05 een toename tot het niveau van 1993/94. Dat de scores in 2004/05 ongeveer op hetzelfde niveau lagen als in 1993/94, hoeft niet te betekenen dat de scores van de kinderen in de loop der jaren niet gunstiger zijn geworden. Bij het toekennen van de scores zullen de invullers vaak een vergelijking maken met kinderen van hetzelfde jaar, waardoor ontwikkelingen in de tijd minder goed zichtbaar worden. Als we de scores van de Turkse en Marokkaanse kinderen vergelijken met die van kinderen met een andere etnische achtergrond, dan valt op dat met name autochtone kinderen en allochtone kinderen met ouders afkomstig uit geïndustrialiseerde landen gemiddeld wat (ca. 0.1 punt) hoger scoren. Op het observatieformulier is ook gevraagd naar de taal die de ouders spreken met hun kind. Hieronder laten we de ontwikkeling zien in het aandeel Turkse en Marokkaanse leerlingen dat thuis Turks, Berbers of Arabisch spreekt en die daarnaast thuis Nederlands spreken. Er waren weinig Turkse en Marokkaanse gezinnen in Bos en Lommer waar alleen Nederlands werd gesproken. Figuur 3.2 Thuistaal Turkse en Marokkaanse 4-jarigen, 1993/94 t/m 2004/05 op basis van observatieformulier 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% Turks/Arabisch/Berber+NL Turks/Arabisch/Berber 25

30 Het aandeel Turkse en Marokkaanse gezinnen in Bos en Lommer waar ook Nederlands wordt gesproken, is toegenomen van 17% in 1993/94 tot 50% in 2004/ Cohortgegevens Bos en Lommer Sinds de start van Capabel hebben alle basisscholen meegedaan aan het tweejaarlijkse, landelijke PRIMA-cohortonderzoek en aan de eerste meting van de opvolger van PRIMA, het driejaarlijkse COOL. Er hebben zes PRIMAmetingen plaatsgevonden: de eerste in het schooljaar 1994/1995, de tweede in 1996/1997, de derde in , de vierde in 2000/2001, de vijfde in 2002/2003 en de zesde in 2004/2005. De COOL-meting vond plaats in het schooljaar 2007/2008. In deze paragraaf beschrijven we de taal- en rekenprestaties van de kinderen in Bos en Lommer die aan het cohortonderzoek hebben deelgenomen. In eerdere rapportages over het Capabelonderzoek is de ontwikkeling in taal en rekenen van individuele kinderen aan bod gekomen. Daaruit kwam naar voren dat de Turkse en Marokkaanse kinderen in Bos en Lommer aan het begin van de basisschool gemiddeld zowel een taal- als rekenachterstand hebben. Aan het eind van het basisonderwijs was de rekenachterstand echter bijna geheel verdwenen, de taalachterstand was nauwelijks afgenomen. In deze paragraaf vergelijken we de prestaties van verschillende groepen kinderen over de jaren. De taal- en rekenscores van Turkse en Marokkaanse leerlingen uit de groepen 2 en 8 in alle zeven cohortmetingen staan centraal. We richten ons in deze paragraaf op de taal- en rekenprestaties van Turkse en Marokkaanse leerlingen met laag-opgeleide ouders (ten hoogste een opleiding op lbo-niveau), de grootste groep leerlingen in Bos en Lommer. De meeste scholen in Bos en Lommer zijn scholen met ten minste 50% Turkse en Marokkaanse leerlingen met laag-opgeleide ouders. We vergelijken de prestaties van de Turkse en Marokkaanse leerlingen in Bos en Lommer daarom met de landelijke prestaties van Turkse en Marokkaanse leerlingen van laagopgeleide ouders op dit type scholen. Daarnaast vergelijken we de taal- en rekenprestaties van deze leerlingen met het Nederlands gemiddelde voor leerlingen uit dezelfde groep (2 dan wel 8). 26

31 Vanwege veranderingen van toetsen in de loop der jaren, hebben we ervoor gekozen om per cohortmeting het verschil in prestaties met de vergelijkingsgroep uit te drukken in effectgroottes. Een score 0 geeft aan dat er totaal geen verschil is, een score van 0.2 dat er een klein verschil is, een score van 0.5 wijst op een middelgroot verschil en een score van 0.8 of hoger op een groot verschil. Een positief getal betekent dat de Turkse en Marokkaanse leerlingen beter presteren dan de vergelijkingsgroep, bij een negatief getal is sprake van een achterstand. In Figuur 3.3 laten we eerst de taalprestaties zien van de Turkse en Marokkaanse leerlingen in Bos en Lommer in de groepen 2 in PRIMA 1 t/m 6 en de eerste COOL-meting. Figuur 3.3 Taalprestaties van Turkse en Marokkaanse groep 2-leerlingen met laag-opgeleide ouders in Bos en Lommer van 1994/95 t/m 2007/08 vergeleken met Turkse en Marokkaanse leerlingen op scholen met meer dan de helft Turkse en Marokkaanse leerlingen met laag- opgeleide ouders landelijk (bovenste plaatje) en het landelijk gemiddelde (onderste plaatje) 1,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0-0,2-0,4-0,6-0,8-1,0-1, ,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0-0,2-0,4-0,6-0,8-1,0-1,

32 De bovenste figuur toont de vergelijking met de Turkse en Marokkaanse leerlingen op scholen met meer dan de helft Turkse en Marokkaanse leerlingen, de onderste figuur de vergelijking met het landelijk gemiddelde. De taalprestaties van de groepen 2 waren van 1994/95 t/m 2007/08 ongeveer even hoog als die van Turkse en Marokkaanse leerlingen op vergelijkbare scholen, landelijk. De prestaties waren wel veel lager dan het landelijk gemiddelde. Dit bekende verschijnsel heeft vooral te maken met het verschil in ouderlijk opleidingsniveau tussen de gemiddelde leerling in Nederland en de Turkse en Marokkaanse leerlingen. In de loop der jaren is deze achterstand kleiner geworden. Dat was ook het geval voor de Turkse en Marokkaanse leerlingen landelijk. Figuur 3.4 bevat de taalresultaten voor de groepen 8 van 1994/95 t/m 2007/08. Figuur 3.4 Taalprestaties van Turkse en Marokkaanse groep 8-leerlingen met laagopgeleide ouders in Bos en Lommer van 1994/95 t/m 2007/08 vergeleken met Turkse en Marokkaanse leerlingen op scholen met meer dan de helft Turkse en Marokkaanse leerlingen met laag- opgeleide ouders landelijk (bovenste plaatje) en het landelijk gemiddelde (onderste plaatje) 1,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0-0,2-0,4-0,6-0,8-1,0-1,2 1,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0-0,2-0,4-0,6-0,8-1,0-1,

33 Sinds 2000/01 zijn de taalprestaties van de Turkse en Marokkaanse groep 8- leerlingen met laag-opgeleide ouders in Bos en Lommer wat hoger dan de prestaties van Turkse en Marokkaanse leerlingen met laag-opgeleide ouders op vergelijkbare scholen in Nederland. De achterstand ten aanzien van de gemiddelde leerling in Nederland is groot, maar in de loop der jaren kleiner geworden. Voor de Turkse en Marokkaanse leerlingen uit Bos en Lommer is de achterstand sterker afgenomen dan gemiddeld voor Turkse en Marokkaanse leerlingen op vergelijkbare scholen. Hieronder laten we de resultaten zien voor rekenen in groep 2 van 1994/95 t/m 2007/08. Figuur 3.5 Rekenprestaties van Turkse en Marokkaanse groep 2-leerlingen met laag-opgeleide ouders in Bos en Lommer van 1994/95 t/m 2007/08 vergeleken met Turkse en Marokkaanse leerlingen op scholen met meer dan de helft Turkse en Marokkaanse leerlingen met laag- opgeleide ouders landelijk (bovenste plaatje) en het landelijk gemiddelde (onderste plaatje) 1,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0-0,2-0,4-0,6-0,8-1,0-1, ,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0-0,2-0,4-0,6-0,8-1,0-1,

34 De rekenprestaties van de Turkse en Marokkaanse groep 2-leerlingen in Bos en Lommer waren van 1994/95 t/m 2007/08 ongeveer even hoog als de landelijke rekenprestaties van de Turkse en Marokkaanse leerlingen op vergelijkbare scholen. Van 1994/95 t/m 2000/01 was de rekenachterstand van beide groepen Turkse en Marokkaanse leerlingen ten aanzien van de gemiddelde groep 2- leerlingen groot, sinds 2002/03 is de achterstand afgenomen tot middelgroot. In Figuur 3.6 laten we de rekenresultaten zien voor de groepen 8 van 1994/95 t/m 2007/08. Figuur 3.6 Rekenprestaties van Turkse en Marokkaanse groep 8-leerlingen met laag-opgeleide ouders in Bos en Lommer van 1994/95 t/m 2007/08 vergeleken met Turkse en Marokkaanse leerlingen op scholen met meer dan de helft Turkse en Marokkaanse leerlingen met laag- opgeleide ouders landelijk (bovenste plaatje) en het landelijk gemiddelde (onderste plaatje) 1,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0-0,2-0,4-0,6-0,8-1,0-1, ,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0-0,2-0,4-0,6-0,8-1,0-1,

35 Sinds 2002/03 zijn de rekenprestaties van de Turkse en Marokkaanse groep 8- leerlingen met laag-opgeleide ouders in Bos en Lommer wat hoger dan de prestaties van Turkse en Marokkaanse leerlingen met laag-opgeleide ouders op vergelijkbare scholen in Nederland. De achterstand ten aanzien van de gemiddelde leerling in Nederland is van aanvankelijk groot, afgenomen tot een kleine achterstand. Voor de Turkse en Marokkaanse leerlingen uit Bos en Lommer is de achterstand sterker afgenomen dan gemiddeld voor Turkse en Marokkaanse leerlingen op vergelijkbare scholen. Samenvattend kunnen we het volgende zeggen over de prestaties van de leerlingen in Bos en Lommer in de basisschoolperiode. De achterstand van de Turkse en Marokkaanse leerlingen in Bos en Lommer ten aanzien van de gemiddelde leerling in groep 2 is in de loop der jaren kleiner geworden. Dit geldt echter in dezelfde mate voor Turkse en Marokkaanse leerlingen op vergelijkbare scholen landelijk. Aan het eind van de basisschool, in groep 8, is de achterstand van de Turkse en Marokkaanse leerlingen ten aanzien van de gemiddelde leerling kleiner dan in groep 2 en zijn de prestaties beter dan van Turkse en Marokkaanse leerlingen op vergelijkbare scholen landelijk. Wat de basisschoolperiode betreft, kunnen we concluderen dat de prestaties van Turkse en Marokkaanse leerlingen in Bos en Lommer zich gunstiger hebben ontwikkeld dan die van Turkse en Marokkaanse leerlingen landelijk. 3.3 Cito eindtoetsscores Van in totaal 2348 groep 8-leerlingen in het volgsysteem beschikken we van de schooljaren 1994/95 t/m 2008/09 over Cito eindtoetsscores. Een deel van de scores is binnen het project Capabel verzameld, een ander deel is afkomstig uit de cohortonderzoeken PRIMA en COOL. In Figuur 3.7 zijn de Cito eindtoetsscores van de Turkse en Marokkaanse leerlingen in Bos en Lommer weergegeven van 1994/95 t/m 2008/09. 31

Opstap in Bos en Lommer

Opstap in Bos en Lommer Opstap in Bos en Lommer Samenvatting Ineke van der Veen (h.vanderveen@uva.nl) Annemiek Veen m.m.v. Pjotr Koopman SCO-Kohnstamm Instituut Eind jaren tachtig werd in Nederland het programma Opstap geïntroduceerd,

Nadere informatie

Bos en Lommer Onderzoeksrapportage over de periode 1991 2005

Bos en Lommer Onderzoeksrapportage over de periode 1991 2005 Bos en Lommer Onderzoeksrapportage over de periode 1991 2005 Evaluatieonderzoek project Capabel (vierde interimrapport) Annemiek Veen Ineke van der Veen Pjotr Koopman CIP-GEGEVENS KONINKLIJKE BIBLIOTHEEK,

Nadere informatie

Bos en Lommer School en werk van de 18-jarigen in 2004. Ineke van der Veen Annemiek Veen Pjotr Koopman

Bos en Lommer School en werk van de 18-jarigen in 2004. Ineke van der Veen Annemiek Veen Pjotr Koopman Bos en Lommer School en werk van de 18-jarigen in 2004 Ineke van der Veen Annemiek Veen Pjotr Koopman CIP-GEGEVENS KONINKLIJKE BIBLIOTHEEK, DEN HAAG Veen, I. van der, Veen, A., Koopman, P. Bos en Lommer.

Nadere informatie

Van de tweejarigen zit het merendeel op een VVE-speelzaal, bij de driejarigen zit het grootste deel op een niet-vve-speelzaal (zie figuur 1).

Van de tweejarigen zit het merendeel op een VVE-speelzaal, bij de driejarigen zit het grootste deel op een niet-vve-speelzaal (zie figuur 1). 1 Deelname van peuters aan voorschoolse educatie In dit hoofdstuk wordt een beeld geschetst van de deelname van Leidse peuters aan VVE (voor- en vroegschoolse educatie). In Leiden wordt in het kader van

Nadere informatie

1 Deelname peuters aan voor- en vroegschoolse educatie Peuters op VVE- en niet-vve-speelzalen Gewichten en etniciteit peuters 3

1 Deelname peuters aan voor- en vroegschoolse educatie Peuters op VVE- en niet-vve-speelzalen Gewichten en etniciteit peuters 3 Inhoudsopgave 1 Deelname peuters aan voor- en vroegschoolse educatie 2 1.1 Peuters op VVE- en niet-vve-speelzalen 2 1.2 Gewichten en etniciteit peuters 3 1.2.1 Gewichtenpeuters op 1 januari 2008 3 1.2.2

Nadere informatie

Onder- en overadvisering in beeld 2006/ /2009 Gemeente Helmond

Onder- en overadvisering in beeld 2006/ /2009 Gemeente Helmond Onder- en overadvisering in beeld 6/7-8/9 Gemeente Helmond November 9 Mevrouw drs. Marian Calis OCGH Advies Samenvatting Een goede aansluiting tussen het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs is in

Nadere informatie

Onderzoek als project

Onderzoek als project Onderzoek als project Onderzoek als project Met MS Project Ben Baarda Jan-Willem Godding Eerste druk Noordhoff Uitgevers Groningen/Houten Ontwerp omslag: Studio Frank & Lisa, Groningen Omslagillustratie:

Nadere informatie

5. Onderwijs en schoolkleur

5. Onderwijs en schoolkleur 5. Onderwijs en schoolkleur Niet-westerse allochtonen verlaten het Nederlandse onderwijssysteem gemiddeld met een lager onderwijsniveau dan autochtone leerlingen. Al in het basisonderwijs lopen allochtone

Nadere informatie

Schoolprestaties van oude en nieuwe gewichtenleerlingen

Schoolprestaties van oude en nieuwe gewichtenleerlingen Scolprestaties van oude en nieuwe gewichtenleerlingen Jaap Roeleveld Kohnstamm Instituut, Universiteit van Amsterdam (email: jroeleveld@kohnstamm.uva.nl) Abstract Sinds de laatste wijziging van de gewichtenregeling,

Nadere informatie

Fase A. Jij de Baas. Gids voor de Starter. 2012 Stichting Entreprenasium. Versie 1.2: november 2012

Fase A. Jij de Baas. Gids voor de Starter. 2012 Stichting Entreprenasium. Versie 1.2: november 2012 N W O Fase A Z Jij de Baas Gids voor de Starter Versie 1.2: november 2012 2012 Stichting Entreprenasium Inleiding 2 School De school Inleiding 2 Doelen 3 Middelen 4 Invoering 5 Uitvoering 6 Jij de Baas:

Nadere informatie

Inleiding Administratieve Organisatie. Opgavenboek

Inleiding Administratieve Organisatie. Opgavenboek Inleiding Administratieve Organisatie Opgavenboek Inleiding Administratieve Organisatie Opgavenboek drs. J.P.M. van der Hoeven Vierde druk Stenfert Kroese, Groningen/Houten Wolters-Noordhoff bv voert

Nadere informatie

Drentse Onderwijsmonitor

Drentse Onderwijsmonitor Drentse Onderwijsmonitor Feitenbladen Gemeente Emmen Kerncijfers uit de periode 2008-2013 Drentse Onderwijsmonitor 2013 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 8ste editie van de Drentse Onderwijsmonitor.

Nadere informatie

7. Deelname en slagen in het hoger onderwijs

7. Deelname en slagen in het hoger onderwijs 7. Deelname en slagen in het hoger onderwijs Vergeleken met autochtonen is de participatie in het hoger onderwijs van niet-westerse allochtonen ruim twee keer zo laag. Tussen studiejaar 1995/ 96 en 21/

Nadere informatie

Ontwikkeling van kinderen en relatie met kwaliteit van voorschoolse instellingen

Ontwikkeling van kinderen en relatie met kwaliteit van voorschoolse instellingen Ontwikkeling van kinderen en relatie met kwaliteit van voorschoolse instellingen Presentatie pre-cool cohortonderzoek Bijeenkomst G37 30 juni 2016 Annemiek Veen Pre-COOL cohortonderzoek Kohnstamm Instituut

Nadere informatie

Scholen in de Randstad sterk gekleurd

Scholen in de Randstad sterk gekleurd Scholen in de Randstad sterk gekleurd Marijke Hartgers Autochtone en niet-westers allochtone leerlingen zijn niet gelijk over de Nederlandse schoolvestigingen verdeeld. Dat komt vooral doordat niet-westerse

Nadere informatie

Uit huis gaan van jongeren

Uit huis gaan van jongeren Arie de Graaf en Suzanne Loozen Jaarlijks verlaten bijna een kwart miljoen jongeren het ouderlijk huis. Een klein deel van hen is al vóór de achttiende verjaardag uit huis gegaan. De meeste jongeren gaan

Nadere informatie

ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN BASISONDERWIJS DEN HAAG 2003

ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN BASISONDERWIJS DEN HAAG 2003 RIS128575b_10-JUN-2005 ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN BASISONDERWIJS DEN HAAG 2003 Beknopt verslag ten behoeve van de deelnemende scholen April 2005 Dienst OCW / GGD Den Haag Epidemiologie en

Nadere informatie

Wat kennen en kunnen achtstegroepers in Nederland?

Wat kennen en kunnen achtstegroepers in Nederland? Wat kennen en kunnen achtstegroepers in Nederland? 13 2. Wat kennen en kunnen achtstegroepers in Nederland? HOODSTUK 2 Hoe leerlingen presteren op de Centrale Eindtoets, geeft informatie over het niveau

Nadere informatie

Steeds meer niet-westerse allochtonen in het voltijd hoger onderwijs

Steeds meer niet-westerse allochtonen in het voltijd hoger onderwijs Steeds meer niet-westerse allochtonen in het voltijd hoger onderwijs Esther van Kralingen Tussen studiejaar 1995/ 96 en 21/ 2 is het aandeel van de niet-westerse allochtonen dat in het hoger onderwijs

Nadere informatie

Drentse Onderwijsmonitor

Drentse Onderwijsmonitor Drentse Onderwijsmonitor Feitenbladen Gemeente Midden- Kerncijfers uit de periode 2009-2014 Drentse Onderwijsmonitor 2014 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 9 de editie van de Drentse Onderwijsmonitor.

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

De kwaliteit van educatieve activiteiten meten. Universiteitsmuseum Utrecht

De kwaliteit van educatieve activiteiten meten. Universiteitsmuseum Utrecht De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht Claudia de Graauw Bo Broers Januari 2015 1 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_Aa_Hunze-DEF.indd 1 18-05-16 11:1 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de editie

Nadere informatie

Leeswijzer Jeugdgezondheidszorg Utrecht tabellen

Leeswijzer Jeugdgezondheidszorg Utrecht tabellen Leeswijzer Jeugdgezondheidszorg Utrecht tabellen In de volgende werkblad(en) staan tabellen behorend bij een bepaald thema. De tabellen zijn toegespitst op de door u opgevraagde leeftijdscategorie. In

Nadere informatie

Prestaties, gedrag en houding van basisschoolleerlingen

Prestaties, gedrag en houding van basisschoolleerlingen Het ITS maakt deel uit van de Radboud Universiteit Nijmegen Prestaties, gedrag en houding van basisschoolleerlingen Stand van zaken in 2008 en ontwikkelingen sinds 2001 Geert Driessen Prestaties, gedrag

Nadere informatie

Doelgroepleerlingen in Zoetermeer: de tussengroepen Analyse en advies voor VVE-beleid

Doelgroepleerlingen in Zoetermeer: de tussengroepen Analyse en advies voor VVE-beleid Doelgroepleerlingen in Zoetermeer: de tussengroepen Analyse en advies voor VVE-beleid G. Ledoux I. van der Veen A. Veen CIP-GEGEVENS KONINKLIJKE BIBLIOTHEEK, DEN HAAG Ledoux, G.,Veen, I. van der, Veen,

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_-DEF.indd 1 18-05-16 11:13 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de editie van

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Emmen Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_Emmen-DEF.indd 1 18-05-16 11:15 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de

Nadere informatie

FLEVOMONITOR 2010 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld. Annemieke Benschop & Dirk J. Korf m.m.v. Bobby Steiner

FLEVOMONITOR 2010 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld. Annemieke Benschop & Dirk J. Korf m.m.v. Bobby Steiner FLEVOMONITOR 2010 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld Annemieke Benschop & Dirk J. Korf m.m.v. Bobby Steiner Dit onderzoek is uitgevoerd door het Bonger Instituut voor Criminologie van de Universiteit

Nadere informatie

Handleiding Sonus Communicator voor Rion NL-22 - NL-32

Handleiding Sonus Communicator voor Rion NL-22 - NL-32 versie: V1.0 projectnummer: 04023 datum: oktober 2004 Postbus 468 3300 AL Dordrecht 078 631 21 02 2004, Dordrecht, The Netherlands Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd,

Nadere informatie

Drentse Onderwijsmonitor

Drentse Onderwijsmonitor Drentse Onderwijsmonitor Feitenbladen Gemeente Kerncijfers uit de periode 2008-2013 Drentse Onderwijsmonitor 2013 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 8ste editie van de Drentse Onderwijsmonitor. Dit

Nadere informatie

Wajongers aan het werk met loondispensatie

Wajongers aan het werk met loondispensatie Wajongers aan het werk met loondispensatie UWV, Directie Strategie, Beleid en Kenniscentrum Dit memo gaat in op de inzet van loondispensatie bij Wajongers en op werkbehoud en loonontwikkeling. De belangrijkste

Nadere informatie

LelyStadsGeluiden. De mening van de jongeren gepeild. School en werk 2007

LelyStadsGeluiden. De mening van de jongeren gepeild. School en werk 2007 LelyStadsGeluiden De mening van de jongeren gepeild School en werk 007 In 007 hebben.37 jongeren meegewerkt aan de jongerenenquête. Het onderzoek had als doel om in kaart te brengen wat jongeren doen,

Nadere informatie

Basisschooladviezen en etniciteit Onderzoeksverslag, 29 januari 2007

Basisschooladviezen en etniciteit Onderzoeksverslag, 29 januari 2007 Afdeling Onderwijs Team Monitoring & Bedrijfsvoering Basisschooladviezen en etniciteit Onderzoeksverslag, 29 januari 2007 Verwijderd: Bassischooladv iezen Vraagstelling Dit onderzoek is uitgevoerd om antwoord

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Assen Kern cijfers uit de periode 2012-2017 Drentse Onderwijsmonitor 2017 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 12de editie van de Drentse Onderwijsmonitor.

Nadere informatie

Vrijwilligerswerk, mantelzorg en sociale contacten

Vrijwilligerswerk, mantelzorg en sociale contacten Vrijwilligerswerk, mantelzorg en sociale contacten Gemeente s-hertogenbosch, afdeling Onderzoek & Statistiek, februari 2019 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Vrijwilligerswerk... 4 3. Mantelzorg... 8

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Midden- Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_Midden--DEF.indd 1 18-05-16 11:16 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10

Nadere informatie

Alleenstaande moeders op de arbeidsmarkt

Alleenstaande moeders op de arbeidsmarkt s op de arbeidsmarkt Moniek Coumans De arbeidsdeelname van alleenstaande moeders is lager dan die van moeders met een partner. Dit verschil hangt voor een belangrijk deel samen met een oververtegenwoordiging

Nadere informatie

8. Werken en werkloos zijn

8. Werken en werkloos zijn 8. Werken en werkloos zijn In 22 is de arbeidsdeelname van allochtonen niet meer verder gestegen. Onder autochtonen is het aantal personen met werk nog wel licht toegenomen. De arbeidsdeelname onder Surinamers,

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_-DEF.indd 1 18-05-16 11:14 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de editie van

Nadere informatie

Drentse Onderwijsmonitor

Drentse Onderwijsmonitor Drentse Onderwijsmonitor Feitenbladen Gemeente Kerncijfers uit de periode 2009-2014 Drentse Onderwijsmonitor 2014 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 9 de editie van de Drentse Onderwijsmonitor. Dit

Nadere informatie

Opleidingsniveau stijgt

Opleidingsniveau stijgt Opleidingsniveau stijgt Grote doorstroom naar hogere niveaus Meer leerlingen vanuit vmbo naar havo Grote groep mbo ers naar het hbo 10 Jongens groeien gedurende hun onderwijsloopbaan Jongens na een diploma

Nadere informatie

Verkenning leerwinst als indicator voor onderwijskwaliteit. Jaap Roeleveld Ineke van der Veen Guuske Ledoux

Verkenning leerwinst als indicator voor onderwijskwaliteit. Jaap Roeleveld Ineke van der Veen Guuske Ledoux Verkenning leerwinst als indicator voor onderwijskwaliteit Jaap Roeleveld Ineke van der Veen Guuske Ledoux CIP-GEGEVENS KONINKLIJKE BIBLIOTHEEK, DEN HAAG Roeleveld, J., Veen I. van der, Ledoux, G. Verkenning

Nadere informatie

Studenten aan lerarenopleidingen

Studenten aan lerarenopleidingen Studenten aan lerarenopleidingen Factsheet januari 219 In de afgelopen vijf jaar is het aantal Amsterdamse studenten dat een lerarenopleiding volgt met ruim 9% afgenomen. Deze daling is het sterkst voor

Nadere informatie

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder allochtone Nederlanders

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder allochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder allochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder allochtonen 1) Integratiecampagne

Nadere informatie

STARTFLEX. Onderzoek naar ondernemerschap onder studenten in Amsterdam

STARTFLEX. Onderzoek naar ondernemerschap onder studenten in Amsterdam Onderzoek naar ondernemerschap onder studenten in Amsterdam Colofon ONDERZOEKER StartFlex B.V. CONSULTANCY Centre for applied research on economics & management (CAREM) ENQETEUR Alexander Sölkner EINDREDACTIE

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_-DEF.indd 1 18-05-16 11:16 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de editie van

Nadere informatie

Stromen door het onderwijs

Stromen door het onderwijs Stromen door het onderwijs Vanuit het derde leerjaar van het vo 2003/2004 Erik Fleur DUO/IP Juni 2013 1. Inleiding In schooljaar 2003/2004 zaten bijna 200 duizend leerlingen in het derde leerjaar van het

Nadere informatie

Het LOVS rekenen-wiskunde van het Cito

Het LOVS rekenen-wiskunde van het Cito Het LOVS rekenen-wiskunde van het Cito - de invloed van contexten in groep 3, 4 en 5 - Marian Hickendorff & Jan Janssen Universiteit Leiden / Cito Arnhem 1 inleiding en methode De LOVS-toetsen rekenen-wiskunde

Nadere informatie

Samenvatting Leidse Monitor 2010-2011

Samenvatting Leidse Monitor 2010-2011 Samenvatting Leidse Monitor 2010-2011 De Leidse Monitor verzamelt informatie over de ontwikkeling van Leidse kinderen vanaf het moment dat zij en/of hun ouders deelnemen aan een voor- en vroegschools programma

Nadere informatie

Samenvatting. Zie hiervoor het werkplan van de Evaluatie- en adviescommissie passend onderwijs 2008-2012. ECPO, oktober 2008.

Samenvatting. Zie hiervoor het werkplan van de Evaluatie- en adviescommissie passend onderwijs 2008-2012. ECPO, oktober 2008. Rapport 827 Jaap Roeleveld, Guuske Ledoux, Wil Oud en Thea Peetsma. Volgen van zorgleerlingen binnen het speciaal onderwijs en het speciaal basisonderwijs. Verkennende studie in het kader van de evaluatie

Nadere informatie

Pol Van Damme. Leesfiches

Pol Van Damme. Leesfiches Pol Van Damme Deze leesfiches bevatten niet zomaar vraagjes bij boeken. Nee, het gaat om leuk en creatief bezig zijn met boeken, om bevorderen van leesbegrip, maar bovenal: om leesplezier! Het boekenpakket

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_-DEF.indd 1 18-05-16 11:15 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de editie van

Nadere informatie

Gewicht en leefstijl van kinderen in Nieuw-West

Gewicht en leefstijl van kinderen in Nieuw-West Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht juni 2017 Gewicht en leefstijl van kinderen in Nieuw- Minder overgewicht Het percentage kinderen * met overgewicht (inclusief obesitas) in Nieuw- is tussen en significant

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Assen Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_Assen-DEF.indd 1 18-05-16 11:13 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de

Nadere informatie

Het LOVS rekenen-wiskunde van het Cito

Het LOVS rekenen-wiskunde van het Cito cursusboek2009.book Page 131 Thursday, March 30, 2017 3:23 PM Het LOVS rekenen-wiskunde van het Cito - de invloed van contexten in groep 3, 4 en 5 - Universiteit Leiden / Cito Arnhem 1 inleiding en methode

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_-DEF.indd 1 18-05-16 11:16 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de editie van

Nadere informatie

DOORDRINKEN DOORDRINGEN. Effectevaluatie Halt-straf Alcohol Samenvatting. Jos Kuppens Henk Ferwerda

DOORDRINKEN DOORDRINGEN. Effectevaluatie Halt-straf Alcohol Samenvatting. Jos Kuppens Henk Ferwerda DOORDRINGEN of Effectevaluatie Halt-straf Alcohol Samenvatting DOORDRINKEN Jos Kuppens Henk Ferwerda In opdracht van Ministerie van Veiligheid en Justitie, Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum,

Nadere informatie

Ontwikkelingen in de werkloosheid in Amsterdam per stadsdeel tussen 1 januari 2001 en oktober 2003 (%)

Ontwikkelingen in de werkloosheid in Amsterdam per stadsdeel tussen 1 januari 2001 en oktober 2003 (%) Werkloosheid Amsterdam sterk gestegen Volgens de nieuwste cijfers van het CBS steeg de werkloosheid in Amsterdam van bijna 5% in 2002 naar 8,4% in 2003. Daarmee is de werkloosheid in Amsterdam sneller

Nadere informatie

Rapport 833 Derriks, M., & Kat, E. de. (2020). Jeugdmonitor Zeeland Amsterdam: Kohnstamm Instituut.

Rapport 833 Derriks, M., & Kat, E. de. (2020). Jeugdmonitor Zeeland Amsterdam: Kohnstamm Instituut. Samenvatting Rapport 833 Derriks, M., & Kat, E. de. (2020). Jeugdmonitor Zeeland Amsterdam: Kohnstamm Instituut. De Jeugdmonitor Zeeland De Jeugdmonitor Zeeland is een plek waar allerlei informatie bij

Nadere informatie

Drentse Onderwijsmonitor

Drentse Onderwijsmonitor Drentse Onderwijsmonitor Feitenbladen Kerncijfers uit de periode - Drentse Onderwijsmonitor Feitenblad Onlangs verscheen de de editie van de Drentse Onderwijsmonitor. Dit rapport brengt de onderwijspositie

Nadere informatie

Maatschappelijke participatie als opstap naar betaald werk.

Maatschappelijke participatie als opstap naar betaald werk. Maatschappelijke participatie als opstap naar betaald werk. Paraprofessionele functies Voor allochtone vrouwen zonder formele kwalificaties worden komende jaren paraprofessionele functies gecreëerd. Deze

Nadere informatie

Flevomonitor Annemieke Benschop & Dirk J Korf. Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld. Bonger Reeks

Flevomonitor Annemieke Benschop & Dirk J Korf. Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld. Bonger Reeks Annemieke Benschop & Dirk J Korf Flevomonitor 2012 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld 26 Bonger Reeks FLEVOMONITOR 2012 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld Annemieke Benschop & Dirk J. Korf Dit onderzoek

Nadere informatie

Cohortvruchtbaarheid van niet-westers allochtone vrouwen

Cohortvruchtbaarheid van niet-westers allochtone vrouwen Cohortvruchtbaarheid van niet-westers allochtone vrouwen Mila van Huis De vruchtbaarheid van vrouwen van niet-westerse herkomst blijft convergeren naar het niveau van autochtone vrouwen. Het kindertal

Nadere informatie

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder autochtone Nederlanders

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder autochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder autochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder autochtonen 1) Integratiecampagne

Nadere informatie

LAAGGELETTERDHEID IN HAAGSE HOUT

LAAGGELETTERDHEID IN HAAGSE HOUT LAAGGELETTERDHEID IN HAAGSE HOUT Uitgevoerd door: CINOP Advies Etil Kohnstamm Instituut Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), Maastricht University DEZE FACTSHEETRAPPORTAGE IS ONTWIKKELD

Nadere informatie

ool 5-18 Zittenblijvers en verwezen leerlingen in het cohortonderzoek COOL5-18 Tineke Paas Lia Mulder Jaap Roeleveld

ool 5-18 Zittenblijvers en verwezen leerlingen in het cohortonderzoek COOL5-18 Tineke Paas Lia Mulder Jaap Roeleveld Zittenblijvers en verwezen leerlingen in het cohortonderzoek COOL5-18 Tineke Paas Lia Mulder Jaap Roeleveld c o ool 5-18 o h o r t o n d e r z o e k n d e r w ij s l o o p b a n e n ZITTENBLIJVERS EN VERWEZEN

Nadere informatie

Feitenkaart VVE-monitor Rotterdam 2012 Onderzoek peuterspeelzalen en kinderdagverblijven

Feitenkaart VVE-monitor Rotterdam 2012 Onderzoek peuterspeelzalen en kinderdagverblijven Feitenkaart VVE-monitor Rotterdam 2012 Onderzoek peuterspeelzalen en kinderdagverblijven 1 Onderzoek en Business Intelligence Deze feitenkaart bevat de resultaten van de jaarlijkse Oktobertelling onder

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Borger-Odoorn Kern cijfers uit de periode 2012-2017 Drentse Onderwijsmonitor 2017 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 12de editie van de Drentse Onderwijsmonitor.

Nadere informatie

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009 FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 29 Groei van werkloosheid onder zet door! In het 2 e kwartaal van 29 groeide de werkloosheid onder (niet-westers)

Nadere informatie

Grafentheorie voor bouwkundigen

Grafentheorie voor bouwkundigen Grafentheorie voor bouwkundigen Grafentheorie voor bouwkundigen A.J. van Zanten Delft University Press CIP-gegevens Koninklijke Bibliotheek, Den Haag Zanten, A.J. van Grafentheorie voor bouwkundigen /

Nadere informatie

Drentse Onderwijsmonitor

Drentse Onderwijsmonitor Drentse Onderwijsmonitor Feitenbladen Midden- Kerncijfers uit de periode - Feitenblad Midden- Leerlingen op de basisscholen in de gemeente Midden- De gemeente Midden heeft basisscholen. In waren er nog

Nadere informatie

Rapport Onderzoek Schoolkeuze Dapperbuurt Fieldlab Oost. Amsterdams Kenniscentrum voor Maatschappelijke Innovatie (AKMI)

Rapport Onderzoek Schoolkeuze Dapperbuurt Fieldlab Oost. Amsterdams Kenniscentrum voor Maatschappelijke Innovatie (AKMI) Rapport Onderzoek Schoolkeuze Dapperbuurt Fieldlab Oost Amsterdams Kenniscentrum voor Maatschappelijke Innovatie (AKMI) Mei 2017 Tessa van Ham Pieter van Vliet Inleiding Het Fieldlab Oost is een samenwerking

Nadere informatie

Rotterdam Lekker Fit! Trendanalyse overgewicht onder Rotterdamse kinderen

Rotterdam Lekker Fit! Trendanalyse overgewicht onder Rotterdamse kinderen Gegevensbronnen De overgewichtcijfers in deze factsheet zijn gebaseerd op lengte en gewicht gegevens uit twee verschillende registratiesystemen: Kidos en de Fitmeter. Trendanalyse overgewicht onder Rotterdamse

Nadere informatie

Kinderen in Nederland - Bijlage B Respons, representativiteit en weging

Kinderen in Nederland - Bijlage B Respons, representativiteit en weging Kinderen in Nederland - Bijlage B Respons, representativiteit en weging Respons thuiszorgorganisaties en GGD en In deden er tien thuiszorgorganisaties mee aan het, verspreid over heel Nederland. Uit de

Nadere informatie

6 Psychische problemen

6 Psychische problemen psychische problemen 6 Psychische problemen Gonneke Stevens In onderzoek naar de gezondheid en het welzijn van jongeren is het relevant aandacht te besteden aan psychische problematiek, waarbij vaak een

Nadere informatie

sine limite voor ieder kind

sine limite voor ieder kind Opbrengsten en bereik nog beter in beeld VVE: resultaten 2016-2017 Deze vijfde VVE Monitor brengt de resultaten van VVE in schooljaar 2016-2017 in kaart. Dankzij ons VVE-beleid kunnen peuters in Deventer

Nadere informatie

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2015

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2015 1 Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2015 Fact sheet juni 20 De werkloosheid onder Amsterdamse jongeren is het afgelopen jaar sterk gedaald. Van de 3.00 Amsterdamse jongeren in de leeftijd van 15

Nadere informatie

Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2017

Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2017 Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 217 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl van de bevolking verzameld door meerdere thema-instituten die elk op

Nadere informatie

TOENAME SPANNINGEN TUSSEN BEVOLKINGSGROEPEN IN AMSTERDAMSE BUURTEN

TOENAME SPANNINGEN TUSSEN BEVOLKINGSGROEPEN IN AMSTERDAMSE BUURTEN TOENAME SPANNINGEN TUSSEN BEVOLKINGSGROEPEN IN AMSTERDAMSE BUURTEN 22 oktober Sinds 2011 meet Bureau O+S met een signaleringsinstrument de spanningen tussen bevolkingsgroepen in Amsterdamse buurten. De

Nadere informatie

LOKAAL JEUGDRAPPORT - Houten

LOKAAL JEUGDRAPPORT - Houten LOKAAL JEUGDRAPPORT - Houten Jongeren en gezin Ontwikkeling van het aantal jongeren (2000-2011, index: 2000=100) Bron:CBS bevolkingsstatistiek, bewerking ABF Research In Houten is het aantal jongeren in

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Midden- Kern cijfers uit de periode 2012-2017 Drentse Onderwijsmonitor 2017 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 12de editie van de Drentse Onderwijsmonitor.

Nadere informatie

Voortijdig schoolverlaters: een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt

Voortijdig schoolverlaters: een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt : een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt Harry Bierings en Robert de Vries Direct nadat zij school hadden verlaten, maar ook nog vier jaar daarna, hebben voortijdig naar verhouding vaak geen baan. Als

Nadere informatie

Samenvatting van de belangrijkste onderzoeksresultaten. Juni 2015

Samenvatting van de belangrijkste onderzoeksresultaten. Juni 2015 2015 Samenvatting van de belangrijkste onderzoeksresultaten Juni 2015 Alle doelstellingen behaald Kinderen en ouders: Doelstelling: 40% van de ouders van kinderen tussen de 8 en 12 jaar is bereikt met

Nadere informatie

LAAGGELETTERDHEID IN LEIDSCHENVEEN-YPENBURG

LAAGGELETTERDHEID IN LEIDSCHENVEEN-YPENBURG LAAGGELETTERDHEID IN LEIDSCHENVEEN-YPENBURG Uitgevoerd door: CINOP Advies Etil Kohnstamm Instituut Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), Maastricht University DEZE FACTSHEETRAPPORTAGE IS

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Hoogeveen Kern cijfers uit de periode 2012-2017 Drentse Onderwijsmonitor 2017 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 12de editie van de Drentse Onderwijsmonitor.

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Kern cijfers uit de periode 2010-2015 OM_-DEF.indd 1 18-05-16 11:16 Drentse Onderwijsmonitor 2015 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 10 de editie van

Nadere informatie

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2016

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2016 1 Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 20 Fact sheet april 20 De totale werkloosheid onder Amsterdamse jongeren is het afgelopen jaar vrijwel gelijk gebleven aan 2015. Van de 14.000 Amsterdamse jongeren

Nadere informatie

Jeugdwerkloosheid Amsterdam

Jeugdwerkloosheid Amsterdam Jeugdwerkloosheid Amsterdam 201-201 Factsheet maart 201 De afgelopen jaren heeft de gemeente Amsterdam fors ingezet op het terugdringen van de jeugdwerkloosheid. Nu de aanpak jeugdwerkloosheid is afgelopen

Nadere informatie

Drentse Onderwijsmonitor

Drentse Onderwijsmonitor Drentse Onderwijsmonitor Feitenbladen Kerncijfers uit de periode 20-20 Feitenblad Onlangs verscheen de de editie van de Drentse Onderwijsmonitor. Dit rapport brengt de onderwijspositie en -prestaties van

Nadere informatie

Belastingwetgeving 2015

Belastingwetgeving 2015 Belastingwetgeving 2015 Opgaven Niveau 5 MBA Peter Dekker RA Ludie van Slobbe RA Uitgeverij Educatief Ontwerp omslag: www.gerhardvisker.nl Ontwerp binnenwerk: Ebel Kuipers, Sappemeer Omslagillustratie:

Nadere informatie

Werkloosheid in Helmond 2012 Samenvatting en conclusies

Werkloosheid in Helmond 2012 Samenvatting en conclusies Werkloosheid in Helmond 2012 Samenvatting en conclusies Aanleiding Sinds 2006 publiceert de Gemeente Helmond jaarlijks gedetailleerde gegevens over de werkloosheid in Helmond. De werkloosheid in Helmond

Nadere informatie

Drentse Onderwijs monitor

Drentse Onderwijs monitor Drentse Onderwijs monitor Feitenbladen Gemeente Coevorden Kern cijfers uit de periode 2012-2017 Drentse Onderwijsmonitor 2017 Primair onderwijs Onlangs verscheen de 12de editie van de Drentse Onderwijsmonitor.

Nadere informatie

Financiële rapportage en analyse MBA

Financiële rapportage en analyse MBA Financiële rapportage en analyse MBA Henk Fuchs Sarina van Vlimmeren UITWERKINGEN Tweede druk Financiële rapportage en analyse Uitwerkingen Financiële rapportage en analyse Uitwerkingen Henk Fuchs Sarina

Nadere informatie

Achtergronddocument berekening doelgroepleerlingen 2017/ 18

Achtergronddocument berekening doelgroepleerlingen 2017/ 18 Achtergronddocument berekening doelgroepleerlingen 2017/ 18 (OIS) brengt sinds 2017 het aantal doelgroepleerlingen per basisschool in beeld voor Onderwijs, Jeugd en Zorg (OJZ), ter ondersteuning van het

Nadere informatie

Fact sheet. Concentraties van allochtone ouderen en jongeren,

Fact sheet. Concentraties van allochtone ouderen en jongeren, Fact sheet nummer 1 maart 2004 Concentraties van allochtone ouderen en jongeren, 1994-2003 Waar in Amsterdam wonen allochtone jongeren en ouderen? Allochtonen wonen vaker dan autochtonen in gezinsverband

Nadere informatie

De integratie van Antillianen in Nederland. Presentatie 9 juni: De Caribische demografie van het Koninkrijk der Nederlanden

De integratie van Antillianen in Nederland. Presentatie 9 juni: De Caribische demografie van het Koninkrijk der Nederlanden De integratie van Antillianen in Nederland Presentatie 9 juni: De Caribische demografie van het Koninkrijk der Nederlanden De integratie van Antillianen in Nederland Willem Huijnk - Wetenschappelijk onderzoeker

Nadere informatie

Drentse Onderwijsmonitor

Drentse Onderwijsmonitor Drentse Onderwijsmonitor Feitenbladen Kerncijfers uit de periode 2011-201 Feitenblad Onlangs verscheen de 11 de editie van de Drentse Onderwijsmonitor. Dit rapport brengt de onderwijspositie en -prestaties

Nadere informatie

Trends in passend onderwijs

Trends in passend onderwijs DEFINITIEF Trends in passend onderwijs 2014-2017 DUO Informatieproducten Susan Borggreve, Daniël van Eck & Thijs Nielen 12 juni 2018 Inhoud 1 SAMENVATTING... 3 2 LEESWIJZER... 5 3 ONTWIKKELINGEN IN LEERLINGAANTALLEN...

Nadere informatie

Van aardgas naar methanol

Van aardgas naar methanol Van aardgas naar methanol Van aardgas naar methanol J.A. Wesselingh G.H. Lameris P.J. van den Berg A.G. Montfoort VSSD 4 VSSD Eerste druk 1987, 1990, 1992, 1998, licht gewijzigd 2001 Uitgegeven door: VSSD

Nadere informatie