Studiegids Logopedie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Studiegids Logopedie"

Transcriptie

1 Studiegids Logopedie Studiejaar 2017 / 2018 HAN Domein Health Instituut voor Paramedische Studies LOGOPEDIST EEN THERAPEUT MET PERSPECTIEF; ONDERNEMEND, ONDERZOEKEND EN BETROKKEN Communiceren is jouw terrein; het mooiste wat je kunt bereiken is mensen die problemen hebben met communicatie uit hun isolement halen. Wanneer mensen de vaardigheid van communiceren weer beheersen, hoe moeizaam ook, doen ze weer mee in de samenleving!

2 INHOUDSOPGAVE Inleiding 3 Logopedie studeren in Nijmegen 4 1. Zo kijken we naar onderwijs 7 2. Samenwerken in de praktijk Het beroep Logopedist Competenties Logopedie Onderwijsaanbod Logopedie Minoraanbod van het Instituut Paramedische Studies Onderwijs op maat; voor de student die extra uitdaging zoekt Tentamens en examens Organiseren van je studievoortgang Onderwijseenheden Propedeuse Logopedie Onderwijseenheden Hoofdfase Logopedie 74 Bijlage 1 Onderwijseenheden Logo+ programma (additioneel) 113 Bijlage 2 BAMA-traject 121 Bijlage 3 MABA-traject 122 Bijlage 4 Jaarplanning 123 Veelgebruikte afkortingen in de studiegids HAN Hogeschool van Arnhem en Nijmegen IPS Instituut Paramedische Studies IT Integrale toets OWE Onderwijseenheid SLB Studieloopbaanbegeleiding SLB-er Studieloopbaanbegeleider sbu Studiebelastingsuren stp Studiepunten Studiegids Logopedie

3 Inleiding Deze studiegids beschrijft het opleiding specifieke deel van het opleidingsstatuut van opleiding Logopedie van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) voor Deze studiegids geeft informatie over de opleiding in het algemeen en het onderwijs in het bijzonder. Het gehele opleidingsstatuut is terug te vinden op de website: EN op de site van de Examencommissie IPS: https://online.han.nl/sites/8-he-ips-excs/default.aspx De opleiding Logopedie is een onderdeel van het Instituut Paramedische Studies (IPS) binnen de Faculteit Gezondheid, Gedrag en Maatschappij (FGGM) van de HAN. Het Instituut Paramedische Studies (IPS) omvat vijf opleidingen: de opleiding Ergotherapie; de opleiding Fysiotherapie; de opleiding Logopedie; de opleiding Voeding en Diëtetiek de opleiding Mondzorgkunde Studiegids Logopedie

4 Logopedie studeren in Nijmegen De opleiding Logopedie van de HAN bestaat ruim 75 jaar. We hebben ruime ervaring in het opleiden van nieuwe logopedisten. De opleiding wil het onderwijs voor studenten samen met studenten vormgeven. De student wordt steeds gevraagd om mee te denken in onderwijsontwikkeling. We hechten veel belang aan de mening van studenten. We bejegenen je vanaf de eerste dag als toekomstig logopedist. Wij leiden logopedisten op voor de toekomst! Bovendien is de opleiding in 2014, 2015, 2016 en 2017 in de landelijke ranking (www.keuzegids.org) gewaardeerd als topopleiding en is het bijzonder kenmerk Euregionalisering (NVAO, 2014) toegekend. Daar zijn we trots op. De kenmerken van de opleiding Logopedie in Nijmegen De opleiding Logopedie van de HAN kenmerkt zich door; A. Een eigen profiel (ondernemend, onderzoekend en betrokken) B. De Euregionale variant C. Het inhoudelijk accent op de gebieden Stem en Neurorevalidatie D. Bachelor-Master (BAMA) traject Ad A. Profiel Er wordt kleur gegeven aan de opleiding door het profiel een therapeut met perspectief; met de kenmerken: ondernemend, onderzoekend en betrokken Dit profiel geeft richting en focus aan dat waar de opleiding Logopedie Nijmegen voor staat. Ondernemend De opleiding heeft het speerpunt Ondernemend gekozen om aan te sluiten bij ontwikkelingen in de maatschappij en de gezondheidszorg. De veranderende samenleving en gezondheidszorg vragen van de logopedist een ondernemende houding. De ondernemende logopedist is in staat om over grenzen heen te kijken en kansen te zien voor ontwikkeling en innovatie. Dat betekent dat de logopedist een proactieve houding aanneemt en zich durft te onderscheiden van anderen. Ondernemen betekent ook inzicht hebben in de markt waarin de logopedist zich begeeft. In de komende jaren zal de zorg verschuiven in de richting van de eerstelijnszorg. Dat betekent dat de logopedist zich in toenemende mate moet oriënteren op samenwerking met andere dienstverleners in de zorg. In de onderwijseenheid Ondernemen en loopbaanontwikkeling komt ondernemen expliciet aan bod. Onderzoekend Het begrip Onderzoekend is een dynamisch en veelzijdig begrip. Het bevat onder meer een leven lang leren om steeds weer kennis te verdiepen en te verbreden. Het betreft zowel kennis en vaardigheden op vakinhoudelijk gebied, als op persoonlijk vlak. Studenten Logopedie worden opgeleid tot kritische en reflectieve professionals. Studenten dienen hun handelen als logopedist steeds te kunnen onderbouwen en verantwoorden met resultaten van wetenschappelijk en/of empirisch onderzoek. Dat betekent dat zij voor elke cliënt met specifieke kenmerken die diagnostiek c.q. behandeling zoeken die betrouwbaar, valide is en/of waarvan de bewezen effectiviteit is aangetoond. De kracht van de opleiding op het gebied van onderzoek is de integratie van onderzoek gedurende alle jaren en in het praktijkgericht onderzoek (PO) in het laatste studiejaar. Studiegids Logopedie

5 Betrokken Goede therapeuten zijn betrokken bij de cliënt en zijn omgeving, bij ontwikkelingen binnen en buiten de organisatie en zij denken en werken multidisciplinair. Kernbegrippen van betrokkenheid zijn: therapeutische vaardigheden, luistervaardigheid, vertrouwen geven, patiëntgerichtheid, zelfreflectie, empathie, loyaliteit, attitude, multiprofessioneel onderwijs. Deze kernbegrippen zijn eveneens van toepassing op de docenten van de opleiding. Dit wordt o.a. vorm gegeven in de studieloopbaanbegeleiding en praktijkcoaching. Ad B. Euregionalisering Door de geografische ligging en de jarenlange instroom van Duitse studenten biedt de opleiding nu een extra programma Euregionalisering aan. Er is een toenemende vraag naar tweetalige logopedisten voor de hulpvraag van bijv. kinderen met een taalontwikkelingsprobleem, die tweetalig worden opgevoed en woonachtig zijn in het grensgebied of cliënten in het grensgebied die te maken krijgen met dementie of hersenletsel en daardoor veelal weer in hun moedertaal terugvallen. Door het aanbieden van de Euregionale variant van de opleiding neemt het beroepsperspectief van studenten toe en het sluit aan bij maatschappelijke ontwikkelingen. Voor dit programma heeft de opleiding in 2014 een Bijzonder Kenmerk Euregionalisering toegekend gekregen door de Nederlands Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) Ad C. Het accent op Stem en Neurorevalidatie De opleiding legt accenten op het gebied van Stem en Neurorevalidatie, onder andere door de aanwezigheid van belangrijke instituten op het gebied van gezondheidszorg in de nabijheid; het Radboudumc en de Sint Maartenskliniek. Er is samenwerking met deze instellingen op het gebied van onderwijs en onderzoek. In beide instituten zijn de zorg en wetenschappelijk onderzoek -ook op logopedisch gebied- van een hoog niveau. Logopedisten en onderzoekers van deze instituten geven (gast)lessen in het onderwijs van de opleiding. Docenten werken samen met logopedisten in deze instellingen met cliënten of met (promotie) onderzoek en studenten lopen in deze instellingen stage en werken mee aan onderzoek. Ad D. BAMA Er is een unieke samenwerking met het masterprogramma Taal- en Spraakpathologie (TSP) van de faculteit Letteren aan de Radbouduniversiteit. Na het behalen van de propedeuse, kunnen studenten Logopedie instromen in het zogenaamde Bachelor-Master (BAMA) traject. In vijf jaar tijd kan zowel het bachelordiploma Logopedie, als het masterdiploma TSP worden behaald. Deze masterstudie is uitdagend. De student krijg je de gelegenheid om mee te doen in vernieuwende klinische projecten met het inzetten van technische hulpmiddelen bij taal- en spraakstoornissen. Studiegids Logopedie

6 Het team van de opleiding Logopedie bestaat uit ca. 30 personen. De meeste teamleden werken als docent. Over het algemeen zijn de docenten zelf ook logopedist en hebben ervaring in het werkveld. Verschillende docenten combineren hun baan als docent met het werken als logopedist in een ziekenhuis of praktijk of in wetenschappelijk onderzoek. Bijna alle docenten zijn mastergeschoold enkele docenten zijn gepromoveerd. Als student krijg je te maken met docenten in verschillende rollen. Je ontmoet de docenten als tutor, trainer, docent van een hoorcollege, stagebegeleider, studieloopbaanbegeleider, examinator en/of als begeleider tijdens het maken van je praktijkgericht onderzoek. Naast docenten heeft de opleiding onderwijsondersteunende medewerkers. Dit betreft een afdelingssecretaresse, een medewerker voor het Praktijkbureau (coördinatie van stageadressen), een procescoördinator (regelen van administratieve zaken rondom studenten en onderwijs en verantwoordelijk voor toetsrooster) en een roosteraar. In hoofdstuk 5 en hoofdstuk 10 en 11 vind je uitgebreide informatie over het onderwijsprogramma. Wij wensen je een ondernemende, onderzoekende en betrokken studietijd toe! Namens het team opleiding Logopedie Anna Bakker, hoofd opleiding Logopedie Studiegids Logopedie

7 1. Zo kijken wij naar onderwijs Leren doe je vanuit de concrete en betekenisvolle context. Theorie en praktijk vormen de basis van de studie Logopedie bij de HAN. Het beheersen van een vak heeft alles te maken met het toepassen van de recente kennis in de dagelijkse praktijk. Met theorie alleen kom je er niet. Het lezen over de behandeling van een aandoening is iets heel anders dan daadwerkelijk zelf behandelen. Het combineren van theorie en praktijk begint direct bij het begin van je studie. De uitgangspunten van de studie De opleiding Logopedie leidt je op tot een therapeut met perspectief: ondernemend, onderzoekend en betrokken. De opleiding werkt vanuit de driehoek; onderwijs, onderzoek en praktijk. De opleiding is vanaf het begin van de studie georiënteerd op de dagelijkse praktijk van de logopedist. Mensen uit het werkveld zijn actief in het onderwijs en zorgen voor voorbeelden uit de dagelijkse praktijk. Onderzoek is vanaf het eerste jaar verweven in het onderwijs. De opleiding werkt volgens de internationale richtlijnen van de WHO (World Health Organization). Dit betekent dat de vraag en de persoonlijke situatie van de cliënt centraal staat bij het zoeken naar een oplossing voor een ervaren probleem. De opleiding is euregionaal en internationaal georiënteerd. We richten ons op internationale ontwikkelingen in het vakgebied en op een multiculturele samenleving. De opleiding werkt in een professionele leergemeenschap waarin studenten, docenten, onderzoekers en werkveld met en van elkaar leren. Nieuwe ontwikkelingen in de zorg vragen om een ondernemende logopedist met een brede kijk op de markt. Daarom is ondernemen ook één van de speerpunten van de opleiding. De studenten leren, hoe zij op een veranderende logopedische markt nieuwe kansen kunnen herkennen en hoe zij ondernemend erop in kunnen spelen (Dorothee Dahl, docent opleiding Logopedie). Gezondheid is het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven (Huber, 2014). In deze definitie ligt de nadruk op veerkracht en eigen regie en voelen cliënten zich in hun kracht aangesproken en niet uitsluitend benaderd als zieke. Sociale participatie en zingeving zijn in deze optiek minstens zo belangrijk als aandacht voor de fysieke klachten. Kritisch redeneren Je doet tijdens je opleiding Logopedie niet alleen nieuwe kennis op, maar spiegelt deze ook aan de mening van anderen. Op deze manier leer je keuzes te maken en een mening te vormen over een casus. Dit is gericht op de toekomst, waarin je dan vakkennis en vakvaardigheden ook kunt toepassen in nieuwe, onbekende en deels onvoorziene situaties. Hierin kijken we steeds naar drie perspectieven; die van de cliënt, de therapeut en de wetenschap. Studiegids Logopedie

8 Talentontwikkeling We verwachten behalve kennis, ook vaardigheden en attitude van een toekomstige logopedist. Deze vaardigheden zijn nodig bij het uitoefenen van je beroep. Bij de HAN vormen deze vaardigheden een wezenlijk onderdeel van je studie. Om een goede diagnose te kunnen stellen, moet je bijvoorbeeld goed kunnen luisteren naar de cliënt. De samenhang tussen kennis, vaardigheden en attitude noemen we een competentie. We dagen je uit om het verschil maken tussen een logopedist en een goede logopedist. Je mag laten zien waar je goed in bent en op welke manier je wilt leren. Hierin is samenwerken essentieel. Communicatie tussen de opleiding en studenten Wie weten beter wat studenten nodig hebben, dan de studenten zelf? Juist daarom zijn er verschillende gelegenheden om te participeren in overleg over onderwijsinhoud en organisatorische processen zoals bijv. roostering. In deze overleggen spreek je op een professionele wijze over knelpunten en beleidskeuzes, waarbij jouwmening serieus genomen wordt. Ook word je gevraagd om deel te nemen aan activiteiten voor het onderwijs, zoals, participeren bij de open dagen en selectie van toekomstige studenten. In elke periode in de eerste 2 leerjaren vindt er een algemeen college plaats waarin de roosteraar, procescoördinator en hoofd opleiding aanwezig zijn om de input van jou en je medestudenten mee te nemen bij nieuwe ontwikkelingen. Praktijkcoaching Logopedie Praktijkcoaching Logopedie (PCL) is dé plaats waar je met docenten en studenten van verschillende leerjaren samenwerkt in een sfeer van een toekomstige praktijksetting. Hier is ook de uitleenbalie van diagnostisch en therapeutisch materiaal. Er is gedurende kantoortijden een praktijkcoach (docent) samen met een studentcoach aanwezig. Je kunt op deze fysieke professionele plaats terecht voor extra begeleiding of ondersteuning of om vaardigheden te oefenen. Euregionalisering naast de reguliere Nederlandse opleiding Als je gekozen hebt voor de Euregionale variant van de opleiding, word je opgeleid tot logopedist met een breed arbeidsmarktperspectief. Je wordt opgeleid in twee talen en vertrouwd gemaakt met de arbeidsmarkt in Duitsland en in Nederland. Naast de andere taal leer je alles over het gezondheidssysteem, richtlijnen, therapiematerialen en methodes van beide landen. Het werken op beide markten vraagt interculturele competenties in kennis (zoals andere culturen), houding (zoals acceptatie van diversiteit en veranderingsbereidheid) en vaardigheden (zoals empathie). De Duitse studenten hebben door de tweetaligheid een grotere en bredere keuze voor minoren, vervolgopleidingen (bijv. Masterstudie), post- HBO cursussen en congressen. In hoofdstuk 5 van deze studiegids vind je uitgebreide informatie over het onderwijsaanbod van de Euregionale variant. Het is leuk om in twee talen te studeren omdat je daardoor ook weet hoe het voelt als je een taal niet begrijpt en je leert hoe je communicatie ook op een andere manier kunt inzetten (Student Euregionale variant 2 e jaar). Internationalisering In je toekomstige beroep als logopedist krijg je steeds meer te maken met internationalisering. Je kunt hierbij denken aan toekomstige cliënten met verschillende culturele achtergronden die een logopedische hulpvraag hebben. De opleiding bereidt je voor op deze internationale omgeving. Er zijn ook verschillende mogelijkheden om de studie een periode in het buitenland voort te zetten. Je kunt participeren in buitenlandse projecten in Zuid Afrika, Bali, India, Australië, België of Wenen of te studeren aan een andere hogeschool of universiteit in Europa of Studiegids Logopedie

9 daarbuiten. Logopedisten leren van wetenschappelijk onderzoek die ergens op de hele wereld uitgevoerd zijn. Dit komt tot uiting in internationale literatuur die gebruikt wordt om diagnostiek of behandeling te onderbouwen. We faciliteren studenten voor deelname aan internationale congressen of participatie in een Europese beroepsvereniging. De opleiding heeft een contactpersoon Internationalisering waar je terecht kunt voor informatie. Ook kun je met vragen terecht bij het International Office. Kom zeker langs op de jaarlijkse Wil Weg Dag in oktober op de HAN in Nijmegen! Onderwijs in onderzoek - onderzoek in onderwijs In de beroepspraktijk van de logopedist neemt onderzoek een steeds belangrijkere plaats in. Je moet je als logopedist kunnen verantwoorden tegenover de cliënt en de zorgverzekeraar over de duur en keuze van een onderzoek- of behandelmethode. Je wordt opgeleid tot een logopedist die beslissingen neemt op basis van het best beschikbare bewijs, in combinatie met de kennis en ervaring als therapeut en de waarden en voorkeur(en) van de individuele cliënt. Ook maatschappelijke ontwikkelingen, zoals de toenemende vergrijzing en de opkomst van zorgtechnologie of wijzigingen in de ziektekostenstructuur, vragen niet alleen van jou, maar ook van het beroep zelf een voortdurende bereidheid tot verdere ontwikkeling. Docenten maken steeds gebruik van recente inzichten over opleiden. We zijn vernieuwend door ontwikkelingen van de praktijk nauwlettend te volgen en de kennis in te zetten voor innovaties in het onderwijs. Vanaf het begin van je studie, kom je in aanraking met onderzoek en onderzoeksvaardigheden. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het leren lezen en interpreteren van (wetenschappelijke) artikelen waar je een behandeling of advies op kunt baseren. Ook leer je onderzoeksvragen op te stellen, zodat je zelf de theoretische verdieping en de meest recente ontwikkelingen kunt vinden in bepaalde onderwerpen. In het vierde jaar van de opleiding leer je ook zelf onderzoek doen, waarbij je een vraagstuk uit de praktijk gaat beantwoorden en het product direct resultaat oplevert voor de beroepspraktijk. De lectoren en kenniskringen van de HAN verrichten dagelijks praktijkgericht onderzoek naar verschillende thema s op het gebied van gezondheid. Om de meest actuele kennis te verwerken in het onderwijs en om te kunnen participeren in projecten vanuit de praktijk, werkt de opleiding Logopedie nauw samen met de lectoraten Neurorevalidatie, Arbeid en Gezondheid, Levensloopbegeleiding bij Autisme en Langdurige zorg. Onderzoek lijkt nu misschien nog erg theoretisch, maar je zult zien dat het een praktische invulling krijgt als het je helpt een behandeling vorm te geven of om de beroepspraktijk te verbeteren! Facultaire OWE Interprofessioneel Praktijkgericht Onderzoek (IPPO) Veranderingen in de zorg- en welzijnssector (o.a. de financiering en organisatie hiervan) hebben ertoe geleid dat organisaties die zich in deze sector begeven hun werkterrein en werkwijze zien veranderen. Dit heeft uiteraard consequenties voor de professionals die in deze organisaties werken: de inhoud van het werk verandert, maar ook de manier waarop dit werk georganiseerd en gefinancierd wordt. Een gevolg hiervan is dat er andere eisen gesteld worden aan deze professionals, andere competenties gevraagd worden. Het onderwijs heeft de taak om toekomstige zorgprofessionals op deze veranderingen voor te bereiden. Dit gebeurt o.a. door in zogenaamde Sparkcentra stage te lopen of onderzoek te doen. In de Sparkcentra werken studenten samen aan het oplossen van maatschappelijk brede vraagstukken. Het zijn leerwerkplaatsen waar onderwijs, onderzoek, ondernemerschap en praktijk bij elkaar komen. Studenten, docenten, onderzoekers en professionals van verschillende disciplines werken hierin samen en ontwikkelen nieuwe kennis en inzichten die de beroepspraktijk en het beroepsonderwijs verrijken. Samenwerking met andere Studiegids Logopedie

10 disciplines, over de grenzen kijken van de eigen discipline en deze te overbruggen (boundary crossing) staan hierbij centraal. In de afstudeerfase van de opleiding kunnen studenten kiezen om in plaats van monodisciplinair, interdisciplinair onderzoek te doen. Hiervoor is de onderwijseenheid Interprofessioneel Praktijkgericht Onderzoek ingericht (OWE- IPPO). Om deel te mogen nemen aan de OWE IPPO, dient de student vanuit een Sparkcentrum toestemming te hebben verkregen om deel te nemen aan het interdisciplinaire praktijkgerichte onderzoek. Het Sparkcentrum zal hiervoor een Praktijkgericht Onderzoek aanvraag indienen bij de opleiding. Op deze PO aanvraag dient de student te reageren. Vervolgens selecteert het Sparkcentrum welke studenten deel mogen nemen aan het onderzoeksproject. Op pagina vind je de OWE-beschrijving van IPPO. Studieloopbaanbegeleiding De opleiding Logopedie van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen kent aan studieloopbaanbegeleiding een centrale plaats toe in de vorming van haar studenten tot zelfstandig professional. Zij heeft haar uitgangspunten voor een kwalitatief sterke studieloopbaanbegeleiding geformuleerd in de volgende missie: Van student naar therapeut door begeleiding, stimulering en inspiratie: ken de opleiding, ken jezelf, ken het beroep! Concreet kunnen uit deze missie de volgende inhoudelijke uitgangspunten worden afgeleid: De opleiding Logopedie zal je een vaste studieloopbaanbegeleider aanbieden voor de hele duur van je studie. Mochten daarvoor dwingende redenen zijn, dan kun je na twee jaar een aanvraag doen voor een andere studieloopbaanbegeleider. De SLB-er en de student kennen elkaar. Er zijn (met name in het eerste en tweede jaar) vaste momenten waarop SLB-er en student elkaar ontmoeten. Met name in het eerste jaar biedt de SLB-er je begeleiding bij allerlei praktische processen, zoals roostering, reservering van lokalen, tentaminering; maar ook bij het leren studeren, bij het leren om de aangeboden leerstof onder de knie te krijgen en bij het controleren van de studievoortgangregistratie. De student is zelf verantwoordelijk voor en neemt regie over de eigen studie. SLB kenmerkt zich door een betrokken houding met behoud van adequate distantie. In het tweede en een deel van het derde jaar zal je SLB-er je stimuleren om jezelf beter te leren kennen door je te laten reflecteren op de rollen die je als logopedist in de toekomst wilt gaan vervullen. In het vierde studiejaar zal de SLB-er je inspireren om het toekomstige beroep beter te leren kennen: welke mogelijkheden zijn er om je te specialiseren, hoe zit de wet- regelgeving in elkaar, welke rol spelen zorgverzekeraars in de beroepsuitoefening, welke ethische dilemma s kun je tegenkomen, wat houdt samenwerking met andere disciplines precies in en in welke vorm gebeurt dat. SLB is uitdrukkelijk bedoeld voor alle studenten, om te leren alle mogelijkheden uit de opleiding te halen, alle bronnen in jezelf aan te boren en alle kansen die het beroep je biedt, te leren kennen. Studierendementen Studenten Logopedie hebben het naar hun zin op de HAN. Het grootste deel van de studenten die de propedeuse halen, maken hun opleiding op de HAN ook af (ruim 80%). Studiegids Logopedie

11 Instroom Opleiding Logopedie Rendement Propedeuse (na 2 jaar studeren) Logo HAN Logo HAN Logo HAN Logo HAN Logo HAN Logo HAN 84% 59% 79% 59% 80% 59% 78% 59% 60% 59% 76% 60% Rendement Hoofdfase (na 5 jaar studeren) Logo HAN Logo HAN Logo HAN Logo HAN Logo HAN Logo HAN 90% 73% 93% 77% 92% 75% 95% 71% 84% 70% 89% 70% Zie ook voor interessante gegevens, kijk bij Feiten en cijfers Onderwijs. Studiegids Logopedie

12 2. Samenwerken in de praktijk We leiden studenten op tot kritische beroepsbeoefenaren voor de toekomst. Dat betekent dat we de maatschappelijke ontwikkelingen volgen en steeds in contact zijn met het beroepenveld. Hierin laten we ook jou participeren. Wat merk je hiervan? Een deel van de docenten werkt zelf ook nog deels in de praktijk. Hierdoor komen praktijkvoorbeelden direct terug in het onderwijs, In elke onderwijsperiode zijn gastdocenten uitgenodigd, die juist vanuit de praktijk het verband kunnen leggen naar de theorie. Er worden vanaf het eerste jaar snuffelstages georganiseerd, waardoor je met de blik van een beginnende therapeut gaat kijken naar toekomstige cliënten. Er is een behandelcentrum waar medewerkers en studenten van de HAN behandeld worden en jij kunt ondersteunen bij de docent-logopedist In het tweede studiejaar verzorg je uitspraaktraining bij anderstaligen of verzorg taal-spelgroepen bij jonge tweetalige kinderen Prakrijkgericht onderzoek in het 4 e jaar is een opdracht die door de praktijk is geformuleerd en waarin je samen met de praktijk kijkt naar een oplossing. Stages In het 3 e en 4 e jaar is er een stage van 14 respectievelijk 18 weken in gevarieerde settingen. De stageadressen worden door de opleiding geworven en geselecteerd. Voorafgaand aan de stage kun je je voorkeur voor drie stageplaatsen aangeven. Het streven is om je op twee van de drie voorkeursplekken te laten solliciteren. Je solliciteert naar een stageplaats middels een brief en je wordt uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek. Studenten die in Duitsland stage willen lopen, zoeken zelf een stageplek. Ze kunnen hiervoor gebruik maken van een zorgvuldig opgebouwd bestand van stageplaatsen. Student 3 e leerjaar Het is bijzonder om de casussen van je studie tot leven te zien komen in de praktijk tijdens stage; geweldige kans om met werkelijke reacties en emoties te mogen werken. Praktijkgericht onderwijs Op de opleiding Logopedie is het onderwijs gebaseerd op praktijkgerichte opdrachten uit de logopedische beroepspraktijk. In het onderwijs staan telkens één of meerdere beroepstaken centraal. We beschouwen je vanaf de eerste dag van je studie als een beginnend logopedist. Net zoals de logopedist in het werkveld ben je bezig met het uitvoeren van beroepstaken. Dit zijn: Taken op het gebied van de zorg voor cliënten, bijvoorbeeld het afnemen van een anamnese of het verrichten van een behandeling Taken op het gebied van de organisatie waar je werkt, bijvoorbeeld het organiseren van overlegsituaties of het maken van een kwaliteitsverslag Taken op het gebied van het werken aan de eigen professionalisering, zoals het volgen van bij- en nascholing of het participeren in kwaliteitskringen We dagen je uit om in een realistische context, passend Studiegids Logopedie

13 bij de beroepstaken, jouw competenties te ontwikkelen. Deze contexten zijn representatief voor de praktijk van de logopedist. Vanaf het begin van de opleiding is het onderwijs ingericht met gesimuleerde beroepssituaties, maar ook met opdrachten waarin je (buitenschools) leerervaringen opdoet in de Ervaringsreflectie-leerlijn (ERL). Interprofessioneel werken (IPW) In de zorg van de toekomst is er steeds meer samenwerking tussen beroepen in zorg en welzijn. Je werkt in nauwe samenwerking met andere professionals rondom cliënten (o.a. artsen, tandartsen, fysiotherapeuten, verpleegkundigen, bedrijfsartsen). Uniek bij de HAN is dat de vijf opleidingen van het IPS gezamenlijke onderwijsactiviteiten aanbieden, waarbij studenten interprofessioneel samenwerken in projecten en opdrachten. We noemen dit interprofessioneel werken. Dit kan zowel binnen de muren van de HAN plaatsvinden, maar ook daarbuiten in leer-werkplaatsen (Sparkcentres) of in fieldlabs. Het Praktijkhuis is een interprofessionele leeromgeving binnen de HAN. Als student leer je hier werken in realistische praktijksituaties die herkenbaar zijn voor jouw vakgebied. Je ontmoet er studenten en docenten van je eigen opleiding. Je maakt kennis met elkaars vakgebied en werkt samen in diverse praktijkgerichte situaties. In het Praktijkhuis worden regelmatig lezingen, demonstraties en workshops gegeven over actuele ontwikkelingen in de gezondheidszorg. Het zijn extra activiteiten die naast het vaste onderwijsprogramma lopen en via de digitale aktiviteitenkalender kenbaar gemaakt worden. Hier ontmoet je zorgprofessionals en/of cliënten uit het werkveld, ook de lectoren die verbonden zijn aan de HAN.. "De grote variatie tussen theorie- en praktijklessen maken deze opleiding tot een mooie mix. Daarnaast is de opleiding vrij klein, wat maakt dat de persoonlijke betrokkenheid erg hoog is. Iedereen kent elkaar bij voornaam en de drempel om naar docenten te stappen is erg laag." Robbie Klaare, student 2 e jaar Studiegids Logopedie

14 3. Het beroep Logopedist Een logopedist richt zich op het ontwikkelen, herstellen en onderhouden van de communicatie in verschillende vormen en de verwerking van eten en drinken. De logopedist biedt de cliënt preventie, zorg en training op deze gebieden. Ook geven logopedisten advies aan de cliënt en zijn omgeving over het gehoor, de stem, de taal, de spraak en de belangrijkste mondfuncties. Het uitgangspunt is dat mensen optimaal kunnen (blijven) deelnemen aan de maatschappij. Jij zorgt er straks voor dat mensen hun grenzen verleggen, meer kunnen dan ze op dat moment dachten en weer meedoen aan sociale activiteiten. Bij het logopedisch handelen, kijkt een logopedist altijd vanuit drie perspectieven: het perspectief van de cliënt; wat past bij de fysieke mogelijkheden, wensen en behoeften van de cliënt het perspectief van de behandelaar; welke mogelijkheden kun je de cliënt bieden op basis van kennis en ervaring het perspectief van de wetenschap; welke wetenschappelijk bewijs is er voor een onderzoek of therapie bij deze cliënt. In het logopedisch handelen neem je als logopedist verschillende rollen aan. Je bent therapeut en zorgaanbieder tijdens het onderzoeken en behandelen van cliënten. Je bent ondernemer of manager bij het voeren van een eigen logopedische praktijk of in een grotere organisatie. Je bent innovator bij het ontwikkelen en vernieuwen van richtlijnen en programma s of het ontwikkelen van nieuwe markten. Logopedisten kunnen ook werkzaam zijn buiten het kader van de gezondheidszorg. De specifieke deskundigheid is in te zetten in bijvoorbeeld het scholen van beroepssprekers, het geven van presentatietrainingen en het werken aan tweedetaalverwerving. Waar kun je werken? Het werkveld van de logopedist bevindt zich op de volgende terreinen: Gezondheidszorg, met als mogelijke werkterreinen Zelfstandige (groeps)praktijk Algemene of academische ziekenhuizen Verpleeg of verzorgingshuizen Revalidatiecentra Zorginstellingen voor verstandelijk gehandicapten Onderwijs, met als mogelijke werkterreinen Basisgezondheidsdiensten Speciaal onderwijs Voortgezette opleidingen zoals PABO, lerarenopleidingen, toneelschool Docent van de opleiding Logopedie Buiten het paramedische werkterrein Theater- of televisie Uitspraaktraining bij tweede-taalverwervers Presentatietechnieken Studiegids Logopedie

15 4. Competenties/Rollen Logopedie Om de studie Logopedie succesvol af te ronden, ga je op verschillende terreinen aan de slag. Je gaat leren om diverse aspecten van het vak (de beroepstaken) onder de knie te krijgen. Voor de opleiding Logopedie maken we gebruik van de competenties en vanaf de beroepsrollen, die opgesteld zijn door de gezamenlijke opleidingen Logopedie in Nederland. Deze competenties zijn beschreven in het Compass en de Beroepsrollen zijn beschreven in het opleidingsprofiel Bachelor Logopedie Nederland. De Competenties zijn: Diagnosticeren Behandelen en begeleiden Voorlichten Adviseren Werken aan kwaliteit Kennisontwikkeling en professionalisering Ondernemen Samenwerken in professionele organisaties Persoonlijke ontwikkeling (zoals nu in de studiegids) De Rollen zijn: Logopedist Professional Communicator Samenwerker Gezondheidscoach Ondernemer Innovator Studiegids Logopedie

16 De onderstaande tabel laat zien welke beroepsproducten ingezet kunnen worden bij het verwerven van de Compasscompetenties. Beroepstaak Beroepsrol Landelijk competentieprofiel COMPASS Preventie, Zorgaanbieder/ 1 Aanbieden van zorg, therapeut preventieactiviteiten training en Adviseur advies: werken met en voor Zorgaanbieder/ cliënten therapeut Beroepsproducten Preventieplan Screeningsplan Adviesgesprek Voorlichting 2a Verlenen van zorg Anamnese / Onderzoek / Diagnose Behandelplan Intercollegiaal consult Bijdrage aan een multiprofessioneel handelingsplan Reïntegratieplan Trainer/ adviseur 2b Trainen en adviseren Trainings- scholingsplan Advies Organisatie: werken in en vanuit een organisatie Beroep: Werken aan professional isering Coördinator 3 Coördineren van activiteiten rondom de cliënt(en) Manager/ Ondernemer/ Begeleider Planning, organisatie en coördinatie van activiteiten rondom een cliënt 4 Ondernemen Ondernemingsplan 5 Beheren van de praktijk, onderneming, afdeling of dienst Coach 6 Coachen en begeleiden van collega s en stagiaires Beroepsbeoefenaar / Innovator 7 Ontwikkelen van beroepscompetenties Beleidsplan Jaarplan Kwaliteitsplan Projectplan Praktijkplanning Plan voor het inschakelen van een cliëntsysteem Patiëntendossier Inwerkprotocol Begeleidingsplan van een collega of stagiair Persoonlijk ontwikkelingsplan Activiteiten ter profilering van het beroep 8 Initiëren van programma s Refereerbijeenkomst Thema-avond 9 Ontwikkelen van methoden, technieken en richtlijnen Evaluatie van een bestaande methodiek, techniek, protocol of richtlijn Praktijkgericht onderzoek Tabel 1. Relatie beroepstaak, competenties, beroepsrollen en beroepsproducten Studiegids Logopedie

17 Majorcompetenties Dublin Descriptoren Kennis en inzicht Toepassen van kennis en inzicht Oordeel vorming Communiceren 1 Diagnosticeren x x x x 2 Behandelen en begeleiden x x x x 3 Voorlichten x x x x 4 Adviseren x x x x Leer vaardig heden 5 Werken aan kwaliteit x x x x 6 Innoveren x x x x 7 Ondernemen x x x x 8a Samenwerken in x x x professionele relaties 8b Begeleiden en coachen x x x x 9 Persoonlijke ontwikkeling x Tabel 2. Relatie majorcompetenties en Dublin Descriptoren Studiegids Logopedie

18 5. Onderwijsaanbod Logopedie De studie Logopedie duurt vier studiejaren. Het eerste jaar, de propedeuse, wordt gevolgd door drie hoofdfasen. Elk studiejaar is verdeeld in vier periodes, waarvoor onderwijseenheden (OWE s) zijn ontwikkeld. De volgorde van de OWE s is in de eerste twee jaar vastgelegd. In het derde en vierde leerjaar is de volgorde gebaseerd op eigen keuzes. Jaarlijks wordt hierover uitgebreid informatie verschaft via HAN Scholar en via de studieloopbaanbegeleider (SLB). In hoofdstuk 10 en 11 vind je een uitgebreid overzicht van de OWE's van de studie Logopedie. Voor elke onderwijseenheid moet je studiepunten (stp) behalen. Het aantal studiepunten kan per onderwijseenheid verschillen. Dit is afhankelijk van het aantal uur dat je (gemiddeld genomen) moet besteden aan de onderwijseenheid, ofwel het aantal studiebelastinguren (sbu). Het propedeusejaar is zodanig ingericht dat de student een oriëntatie krijgt op de opleiding en op het beroep van logopedist. Wanneer je het eerste studiejaar hebt afgerond en dus het vereiste aantal studiepunten (stp) hebt behaald, ontvangt je een propedeutisch getuigschrift. Als je in het eerste jaar 52,5 stp of meer behaalt, maar nog geen 60, dan krijgt je een voorlopig positief studieadvies en ben je hoofdfase bekwaam. Heb je onvoldoende resultaten behaald (minder dan 52,5 stp), dan geeft de opleiding een bindend negatief studieadvies (BNS). Dit betekent dat je de studie niet mag vervolgen. Na twee jaar studeren moet je de propedeuse in zijn geheel hebben afgerond. Als je aan het einde van het tweede jaar minimaal 90 studiepunten hebt (60 stp uit propedeuse en 30 stp uit 2e jaar), heb je voldoende studiepunten om te starten met je eerste stage of een minor. Pas als je al je studiepunten uit het eerste en tweede jaar hebt gehaald, mag je beginnen aan je tweede stage of aan toegepast onderzoek. In het 3 e of 4 e studiejaar kies je een keuzevak of minor. Dit kan een minor zijn van de eigen opleiding maar je kunt ook kiezen voor een minor van een andere opleiding van de HAN-studie of bij een andere Hogeschool of Universiteit. Op deze manier kun je je competenties verbreden of verdiepen op een manier die aansluit bij je eigen capaciteiten en interesse. Een minor is 1/8 deel van je studie (zie voor verdere informatie het hoofdstuk over minoren) De studie is een fulltime studie. Naast begeleide onderwijsactiviteiten, is er tijd gepland voor werkgroepen en zelfstudie, De studie vraagt vanaf het begin een actieve houding voor het studeren en oefenen. De wekelijkse contacttijd is gemiddeld 20 uur. Daarnaast bestaat een studiebelasting van ongeveer 16 uur. De minor stem was erg leuk door zijn veelzijdigheid en afwisseling. We leerden over verschillende stemstoornissen, maar ook over verschillende stemtherapieën. Naast de theorie kregen we veel praktijklessen en -trainingen, waardoor je meteen kunt toepassen wat je geleerd hebt. De mogelijkheden om mee te kijken in het Radboudumc bij een operatie en bij het foniatrisch spreekuur zijn zeker van toegevoegde waarde bij deze minor! (Student 3 e jaar) Studiegids Logopedie

19 Varianten Logopedie De opleiding Logopedie van de HAN kent twee opleidingsvarianten: de Nederlandse variant en de Euregionale variant (sinds ). Schema 1. Overzicht van de Nederlandse en Euregionale variant van de opleiding Logopedie Studiegids Logopedie

20 Nederlandse variant Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Hoofdfase 3 IPS Praktijkgericht Onderzoek * OF: Interprofessioneel Praktijkgericht Onderzoek (IPPO) SBU = 30 STP Hoofdfase 2 Werkplekleren 1 * Logopedische verdieping 840 SBU = 22,5 STP + 7,5 STP Werkplekleren 2 + ERL * + IT3 840 SBU = 30 STP Minor * 840 SBU = 30 STP Hoofdfase 1 Kinderen met Kinderen met Neurologie 2 De cliënt IT2 ** ontwikkelingsproblemen SBU = ontwikkelingsproblemen SBU = 350 SBU = in de praktijk 350 SBU = 210 SBU = KMO 1a (BT) 10 STP KMO 2a (BT) 7,5 STP Neuro 2a (BT) 7,5 STP CIPa (BT) 7,5 STP 7,5 STP KMO 1b (C) 5 STP KMO 2b (C) 5 STP Neuro 2b (C) 5 STP CIPb (C) 5 STP Propedeuse Kind in Ontwikkeling 1 Kind in Ontwikkeling 2 Stem Neurologie 1 IT1 ** 420 SBU = 420 SBU = 420 SBU = 350 SBU = 70 SBU = KIO 1a (B) 7,5 STP KIO 2a (B) 7,5 STP Stem 1a (B) 7,5 STP Neuro 1a (B) 5 STP 2,5 STP KIO 1b (C) 5 STP KIO 2b (C) 5 STP Stem 1b (C) 5 STP Neuro 1b (C) 5 STP KIO 1c (T) 2,5 STP KIO 2c (T) 2,5 STP Stem 1c (T) 2,5 STP Neuro 1c (T) 2,5 STP Schema 2. Overzicht van de onderwijsinhoud opleiding Logopedie Nederlandse variant (B= Beroepsopdracht, C= cursus, T= training, BT = Beroepsopdracht en Training, SBU = Studiebelastingsuren, STP = Studiepunten, * = de volgorde waarin je deze studieonderdelen volgt, is deels gebaseerd op eigen keuze, deels vastgelegd. ** = in de 8 periodes van de eerste twee studiejaren zijn verschillende leerlijnen geïntegreerd) 1 Vanuit het werkveld kunnen vragen binnenkomen voor praktijkgericht onderzoek in interprofessionele settings. Deze vragen worden via de opleiding bekendgemaakt en studenten die Praktijkgerich onderzoek moeten gaan doen, hebben de mogelijkheid hierop te solliciteren. Als zij worden aangenomen hoeven zij de IPS-Praktijkgericht onderzoek owe niet te volgen. Studiegids Logopedie

21 Euregionale variant voor Nederlandstalige studenten Als Nederlandstalige student kun je kiezen voor de Euregionale variant van de opleiding Logopedie. In het propedeusejaar volg je de reguliere Nederlandse variant van de opleiding. Daarnaast volg je een additioneel programma, waarin in het eerste jaar de taallessen Duits centraal staan. In de hoofdfase 1 volg je naast het reguliere programma het additionele programma in het Duits, waarin je alles leert over het gezondheidssysteem, richtlijnen, materiaal en methodes in Duitsland. In hoofdfase 2 en 3 kies je een onderwijsprogramma dat deels op de Duitse markt en deels op de Nederlandse markt gericht is. In bijlage 1 is het het additionele onderwijs beschreven. Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Hoofdfase 3 IPS Praktijkgericht Onderzoek * OF Interprofessioneel Praktijkgericht Onderzoek (IPPO)2 Werkplekleren 2 + ERL * + IT3 840 SBU = 30 STP 840 SBU = 30 STP Hoofdfase 2 Werkplekleren 1 * Logopedische verdieping 840 SBU = 22,5 STP + 7,5 STP Minor * 840 SBU = 30 STP Logo + programma (additioneel) 280 SBU = 10 STP (Hoofdfase 2 en 3) Hoofdfase 1 Kinderen met Kinderen met Neurologie 2 De cliënt IT2 ** ontwikkelingsproblemen SBU = ontwikkelingsproblemen SBU = 350 SBU = in de praktijk 350 SBU = 210 SBU = KMO 1a (BT) 10 STP KMO 2a (BT) 7,5 STP Neuro 2a (BT) 7,5 STP CIPa (BT) 7,5 STP 7,5 STP KMO 1b (C) 5 STP KMO 2b (C) 5 STP Neuro 2b (C) 5 STP CIPb (C) 5 STP Logo + programma (additioneel) 280 SBU = 10 STP (Hoofdfase 1) Propedeuse Kind in Ontwikkeling 1 Kind in Ontwikkeling 2 Stem Neurologie 1 IT1 ** 420 SBU = 420 SBU = 420 SBU = 350 SBU = 70 SBU = KIO 1a (B) 7,5 STP KIO 2a (B) 7,5 STP Stem 1a (B) 7,5 STP Neuro 1a (B) 5 STP 2,5 STP KIO 1b (C) 5 STP KIO 2b (C) 5 STP Stem 1b (C) 5 STP Neuro 1b (C) 5 STP KIO 1c (T) 2,5 STP KIO 2c (T) 2,5 STP Stem 1c (T) 2,5 STP Neuro 1c (T) 2,5 STP Logo + programma (additioneel) 280 SBU = 10 STP (Propedeuse) Schema 3. Overzicht van de onderwijsinhoud opleiding Logopedie Euregionale variant voor Nederlandstalige studenten 2 Vanuit het werkveld kunnen vragen binnenkomen voor praktijkgericht onderzoek in interprofessionele settings. Deze vragen worden via de opleiding bekendgemaakt en studenten die Praktijkgerich onderzoek moeten gaan doen, hebben de mogelijkheid hierop te solliciteren. Als zij worden aangenomen hoeven zij de IPS-Praktijkgericht onderzoek owe niet te volgen. Studiegids Logopedie

22 Euregionale variant voor Duitstalige studenten Als Duitstalige student heb je in het propedeusejaar onderwijs in het Duits. Daarnaast volg je een additioneel programma, waarin in het eerste jaar de taallessen Nederlands centraal staan. In hoofdfase 1 sluit je aan bij de Nederlandse variant en leer je in het additionele programma alles over het gezondheidssysteem, richtlijnen, materiaal en methodes in Duitsland. In hoofdfase 2 en 3 kies je een onderwijsprogramma dat deels op de Duitse markt en deels op de Nederlandse markt gericht is. In bijlage 1 is het het additionele onderwijs beschreven. Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Hoofdfase 3 IPS Praktijkgericht Onderzoek * OF Interprofessioneel Praktijkgerich Onderzoek (IPPO)3 Werkplekleren 2 + ERL * + IT3 840 SBU = 30 STP 840 SBU = 30 STP Hoofdfase 2 Werkplekleren 1 * Logopedische verdieping 840 SBU = 22,5 STP + 7,5 STP Minor * 840 SBU = 30 STP Logo + programma (additioneel) 280 SBU = 10 STP (Hoofdfase 2 en 3) Hoofdfase 1 Kinderen met Kinderen met Neurologie 2 De cliënt IT2 ** ontwikkelingsproblemen SBU = ontwikkelingsproblemen SBU = 350 SBU = in de praktijk 350 SBU = 210 SBU = KMO 1a (BT) 10 STP KMO 2a (BT) 7,5 STP Neuro 2a (BT) 7,5 STP CIPa (BT) 7,5 STP 7,5 STP KMO 1b (C) 5 STP KMO 2b (C) 5 STP Neuro 2b (C) 5 STP CIPb (C) 5 STP Logo + programma (additioneel) 280 SBU = 10 STP (Hoofdfase 1) Propedeuse Kind in Entwicklung 1 Kind in Entwicklung 2 Stimme Neurologie 1 IT1 ** 420 SBU = 420 SBU = 420 SBU = 350 SBU = 70 SBU = KIE 1a (B) 7,5 STP KIE 2a (B) 7,5 STP Stimme 1a (B) 7,5 STP Neuro 1a (B) 5 STP 2,5 STP KIE 1b (C) 5 STP KIE 2b (C) 5 STP Stimme 1b (C) 5 STP Neuro 1b (C) 5 STP KIE 1c (T) 2,5 STP KIE 2c (T) 2,5 STP Stimme 1c (T) 2,5 STP Neuro 1c (T) 2,5 STP Logo + programma (additioneel) 280 SBU = 10 STP (Propedeuse) Schema 4. Overzicht van de onderwijsinhoud opleiding Logopedie Euregionale variant voor Duitstalige studenten 3 Vanuit het werkveld kunnen vragen binnenkomen voor praktijkgericht onderzoek in interprofessionele settings. Deze vragen worden via de opleiding bekendgemaakt en studenten die Praktijkgerich onderzoek moeten gaan doen, hebben de mogelijkheid hierop te solliciteren. Als zij worden aangenomen hoeven zij de IPS-Praktijkgericht onderzoek owe niet te volgen. Studiegids Logopedie

23 6. Minoraanbod van het Instituut Paramedische Studies Een minor geeft je de kans om je te verdiepen in een bepaald stoornisgebied. Dit kan zowel monodisciplinair als multidisciplinair ingevuld worden. Met toestemming van de SLB-er schrijf je je in voor een minor bij de HAN of elders. Voor een HAN-minor schrijf je je in op de minor in Alluris. De regels voor het volgen van een vrije minor vind je in de notitie Regeling vrije minor en toestemmingsformulier, te vinden op HAN-insite/minoren/welke soorten minoren zijn er? Op deze site is een toestemmingsformulier bijgesloten waarmee je de examencommissies om toestemming kunt vragen voor het volgen van een vrije minor. Een semester geeft twee periodes aan. Semester 1 (S1) omvat periode 1 & 2, S2 omvat periode 3 & 4. In tabel 1 staat vermeld welke minor geschikt is voor welke paramedische opleiding. Tabel 1: Minoraanbod IPS Alluris code Titel minor Aangeboden In semester IPS Opleidingen Ergo Fysio Logo MZK V&D M_IPS04 Neurorevalidatie S1 en S2 x x x M_IPS05 Spinal Musculoskeletal Physiotherapy M_IPS08 Pijn voor health professionals S2 x x S1 M_IPS09 Klinische Voeding S2 x M_IPS11 De stem centraal S1 en S2 x M_IPS14 M_IPS15 M_IPS16 M_IPS17 M_IPS18 M_IPS19 M_IPS20 Sport Physiotherapy & Active Aging (SPAA) - Health professionals in international perspective Gedrag bij leefstijl en gezondheid Diet and physical activity in ageing and disease Het kind centraal: een interdisciplinaire benadering van complexe stoornissen Leadership in Enabling Occupation Waardevol en betaalbaar innoveren in gezondheidszorg en welzijn: We Care! S2 S2 x x x x x S2 x x x x S2 S2 x x x S1 en S2 M_MZK01 Jeugd en mondzorg S / S M_MZK02 Mondzorg bij volwassenen in specifieke zorggroepen x S2 x x x x x S / S x x x x x Studiegids Logopedie

24 Voor de minoren van het IPS geldt als instapeis dat je minimaal 90 studiepunten hebt behaald. Het heeft de voorkeur dat je voorafgaand aan een minor stage-ervaring hebt opgedaan. Een uitgebreidere beschrijving van de minoren is terug te vinden op de minorensite van de HAN, KiesOpMaat en op het volledige Opleidingsstatuut op Op de site van de Examencommissie-IPS en op de Scholarsite van de opleiding zijn de OWE-beschrijvingen van de IPS-minoren terug te vinden. Minor Neurorevalidatie (bron: HBO-Spiegel) Ik vond het goed dat er veel nadruk werd gelegd op het belang van de multidisciplinaire samenwerking, maar dat daarnaast ook genoeg nadruk op het monodisciplinaire deel werd gelegd. Daarnaast vond ik het leuk dat de minor opgedeeld was in verschillende contexten. Studiegids Logopedie

25 7. Onderwijs op maat; voor de student die extra uitdaging zoekt Ben je een excellente student en wil je meer dan alleen de bacheloropleiding dan zijn er verschillende mogelijkheden 1. Bachelor Master traject in 5 jaar 2. Excellent of talent programma s 1. Bachelor-Master traject Ben je een gemakkelijk lerende student en wil je graag meer dan het behalen van een bachelordiploma Logopedie, dan kun je kiezen voor het Bachelor-Master-traject (afgekort BAMA-traject). In het tweede, derde en vierde Logopediejaar kun je studieonderdelen van de bacheloropleiding Taalwetenschappen aan de Radboud Universiteit Nijmegen (RU) volgen. Je combineert dan twee opleidingen. Als toegangseis geldt het Logopedie propedeusediploma. Studenten uit de Euregionale variant moeten bovendien aantonen de Nederlandse taal voldoende te beheersen (zie hiervoor eisen van de RU). Na het behalen van het bachelordiploma Logopedie en het succesvol doorlopen van het BAMA-traject, krijgen studenten toegang tot de Master Linguistics, masterprogramma Taal- en Spraakpathologie (TSP). Alle studieonderdelen die gevolgd moeten worden om de graad Master of Arts (MA) te kunnen ontvangen, worden in tabel 1 samengevat. De cursief gedrukte vakken zijn als minorvakken gekenmerkt. Een selectie van deze vakken kan de student volgen zls zogenoemde vrije minor van de opleiding Logopedie. Het genoemde BAMA-traject leidt op tot wetenschappelijk onderzoeker op het gebied van de taal- en spraakstoornissen. Het bereid je voor om toepassingsgericht en fundamenteel onderzoek te kunnen verrichten op het terrein van de taal- en spraakpathologie, terwijl de opleiding Logopedie opleidt tot onder meer het onderzoeken en behandelen van logopedische stoornissen. Studenten die de premaster Taalwetenschappen naast hun bachelor Logopedie en het daaropvolgend masterjaar doorlopen, zijn in staat om onderzoeksresultaten op het gebied van de TSP toegankelijk te maken voor logopedisten. De studenten uit het BAMA-traject brengen een deel van de gehaalde vakken uit de bacheloropleiding Taalwetenschappen in in een gestandaardiseerde vrije minor TSP (M_IPS-TSP-LOGO). In totaal omvat deze minor minimaal 30 ECTS ofwel 840 studiebelastingsuren. Dit houdt in dat de studenten uit de 9 gemarkeerde minorvakken er minimaal 6 gehaald moeten hebben. Voor elke BAMA student is het nodig na het eerste combijaar bij de examencommissie een aanvraag voor een vrije minor te doen. Gebruik hiervoor het Aanvraagformulier ten behoeve van het volgen van een vrije minor bij een andere (onderwijs)instelling. (bijlage 2). Op de HAN Scholar site van de examencommissie vind je een document waarop de procedure vrije minoren wordt beschreven. Voordat je de aanvraag op kunt sturen, moet jouw studieloopbaanbegeleider (SLB-er) dit formulier ondertekenen. Dit betekent dat hij of zij akkoord moet gaan met jouw keuze om deze vrije minor te doen. De aanvraag voor de vrije minor moet uiterlijk begin van het tweede combijaar gedaan zijn. Er wordt nadrukkelijk op gewezen dat het voor de goedkeuring van de minor niet mogelijk is om vrij te kiezen uit allerlei vakken die aan de RU worden aangeboden. Naast het inschrijven voor de studieonderdelen uit tabel 1 zijn studenten vrij om zich ook voor andere vakken binnen de RU aan te melden. Het behalen van deze vakken heeft echter geen invloed op de doorstroom naar de Masteropleiding TSP of voor het behalen van het Logopediediploma of de minor (M_IPS-TSP-LOGO). Studiegids Logopedie

26 Tabel 1. Studieonderdelen in het BAMA-traject en MA-TSP Studieonderdelen BAMA-traject ECTS Vakcode RU Studieonderdelen MA-TSP ECTS Fonetiek 5 LET-TWB129 Experimentele technieken 5 Taalanalyse 5 LET-TWB135 Verdieping spraakstoornissen 5 Van woord tot zin 5 LET-TWB133 Cognitieve communicatiestoornissen 6 Taalontwikkelingsstoornissen 1 5 LET-TWP04 Verdieping taalstoornissen 10 Akoestische fonetiek 5 LET-TWB323 Brein 2: Klinische Neuropsychologie 4 Statistiek LET-CIWB253 Scriptie 30 Statistiek LET-TWB201A Psycholinguïstiek 1 5 LET-TWB244 Het opzetten van experimenten in 2 LET-TWB131A de TSP Neurolinguïstiek 5 LET-TWB321 Statistiek 3 5 LET-TWB208 Afasie 1 5 LET-TWB322 Spraakstoornissen 5 LET-TWB130 Alle aangewezen minorvakken hebben voor de logopediestudenten een verdiepend en/of verbredend karakter. Verdiepend betekent dat er inhoudelijk dieper op de materie wordt ingegaan dan binnen de opleiding Logopedie wordt geëist. Hierin staat wetenschappelijk onderzoek lezen, interpreteren en toepassen voornamelijk centraal. Verbredend betekent dat er qua omvang meer wordt aangeboden dan in het basiscurriculum van de opleiding Logopedie. Een voorbeeld hiervan zijn de onderdelen Psycholinguïstiek en Van woord tot zin. Voor meer informatie over inhoud, leerdoelen en toetsvorm van de verschillende onderwijsonderdelen wordt verwezen naar de studiegids, Faculteit der Letteren, schakeltraject, studiegids van Taalwetenschap. Dit is ook online in te zien via Let erop dat je de studiegids van het lopende collegejaar opent. Voor meer informatie over de aansluitende Master Linguistics, Masterprogramma TSP, wordt verwezen naar de studiegids van Taalwetenschappen. De directe link naar de digitale studiegids van de Masters Taalwetenschap is te vinden via Daarnaast kun je ook terecht bij de contactpersonen van de RU, Joop Kerkhoff en Esther Janse In bijlage 2 van deze studiegids wordt de studieroute van het BAMA-traject schematisch weergegeven. De opleiding Logopedie komt de BAMA-student tegemoet door dubbelingen in het lesrooster zo veel mogelijk te voorkomen. Dit is echter niet altijd mogelijk. Wanneer blijkt dat niet aan de aanwezigheidsverplichting van een aantal onderwijsdelen voldaan kan worden, verzoeken wij de student om met de desbetreffende docenten contact op te nemen. Samen zoeken wij naar een oplossing. Studenten die hun HBO-bachelordiploma Logopedie hebben verkregen en de 62 ECTS uit het BAMA-traject hebben gehaald, kunnen naar de masteropleiding Taalwetenschappen, programma Taal- en Spraakpathologie doorstromen. De vakken die in de masteropleiding worden gedoceerd, zijn alle gericht op het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek in de afstudeerfase, waarbij spraak- dan wel taalstoornissen centraal staan. Neuropsychologie, Experimentele Technieken, en Spraak- en Taalstoornissen vormen het eerste, cursorisch deel van de masteropleiding, het scriptieonderzoek vormt het tweede deel van de opleiding. De opleiding wordt verzorgd door afdelingen van de Faculteit der Letteren, de Medische faculteit en de Faculteit der Sociale Wetenschappen. Voor meer informatie over het programma TSP en omschrijving van de vakken wordt verwezen naar de studiegids van de Faculteit der Letteren, Master Linguistics (zie bovenstaande link). Daarnaast kun je ook terecht bij de contactpersonen van de RU, Joop Kerkhoff en Esther Janse Studiegids Logopedie