Nieuw Nederlands 5 e editie 1 havo/vwo Antwoorden

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Nieuw Nederlands 5 e editie 1 havo/vwo Antwoorden"

Transcriptie

1 Hoofdstuk 3 Lezen 1 massaontslag van leraren 2 een krant 3 Het beste antwoord is antwoord C (duidelijk maken waar de tekst over gaat), maar de andere antwoorden zijn ook goed. 4 C Op de Central Falls High School in de Amerikaanse staat Rhode Island zijn 74 leraren tegelijk ontslagen. De beweringen in de andere antwoorden zijn op zich wel juist, maar ze zijn niet het belangrijkste wat in de tekst over het onderwerp wordt gezegd en daar werd juist wel naar gevraagd. 5 in alinea 1 en 5 1 huiswerkbegeleidingsinstituten 2 een krant 3 instituut (al. 1) instelling(en) uitkomst bieden (al. 2) redding bieden; een oplossing bieden dergelijke (al. 2) zulke routine (al. 3) hier: een geregelde gang van telkens terugkerende bezigheden structuur (al. 3) orde toename (al. 4) groei behoorlijk (al. 6) tamelijk; nogal goed besteed zijn aan (al. 7) het waard zijn; er wat aan hebben 4 alinea 1 en 2 De tekst begint met een alinea die de lezer laat meeleven met een jongere die er moeite mee heeft haar huiswerk te maken. Dit is een aanloopje naar alinea 2, waar het onderwerp van de tekst wordt geïntroduceerd. 5 (1) routine; (2) structuur; (3) plannen; (4) voorbereiden 6 alinea 7 Met die alinea wordt aangehaakt bij de inleiding (de situatie van Eva), zodat het verhaal mooi 'rond' is. 7 A Er komen steeds meer huiswerkbegeleidingsinstituten bij. De beweringen in de andere antwoorden zijn op zich wel juist, maar ze gaan maar over een deel van de tekst en zijn dus niet het belangrijkste wat in de hele tekst over het onderwerp wordt gezegd. 1 vriendschapsscholen 2 een tijdschrift Het gaat hier om een maandblad; dat kun je zien aan 'januari 2010'. 3 integratie (titel) het in elkaar opgaan van verschillende groepen tot een eenheid achtergrond (al. 1) voorgeschiedenis (waar iemand vandaan komt, wie zijn familie is, wat hij eerder gedaan heeft) origine (al. 2) oorsprong; afkomst moskee (al. 2) islamitisch kerkgebouw beamen (al. 3) bevestigen; zeggen dat iets zo is culturen (al. 3) beschavingen; manieren waarop volken leven gebruiken (al. 4) gewoontes sowieso (al. 5) vooroordelen (al. 5) in elk geval negatieve oordelen die je over iemand of iets hebt, meestal nog voor je die persoon of zaak hebt leren kennen Noordhoff Uitgevers bv,

2 4 alinea 1 In deze alinea wordt het onderwerp van de tekst geïntroduceerd. Alinea 2 hoort niet meer bij de inleiding, omdat daar al dieper op het onderwerp wordt ingegaan. 5 Een 'gekleurde' school is een school met voornamelijk allochtone kinderen; die hebben meestal geen blanke, maar een bruine of zwarte huid. Een 'witte' school is een school met voornamelijk blanke kinderen. 6 (1) De kinderen schrijven met elkaar (een paar keer per jaar). (2) De kinderen maken iets voor elkaar (een paar keer per jaar). (3) De kinderen gaan bij elkaar op bezoek (eenmaal per jaar). 7 Janice heeft geleerd hoe ze met andere culturen moet omgaan. 8 Op de 'witte' school in Bergschenhoek was een meisje dat bang was voor al die hoofddoekjes. Maar toen ze de meisjes met hoofddoekjes leerde kennen, ontdekte ze dat ze net zo waren als zij; dat kun je min of meer opmaken uit de opmerkingen van haar moeder. 9 alinea 7 In deze alinea wordt naar de toekomst gekeken (het project mag voor Wilma Gelderblom nog jaren doorgaan) én je vindt er de hoofdgedachte van de tekst in terug (namelijk dat het project Vriendschapsscholen een groot succes is, omdat juist kinderen sterk zijn in het bij elkaar laten komen van culturen). Alinea 6 hoort niet bij het slot, omdat daar nog veel nieuwe informatie wordt gegeven. 10 A Door het project Vriendschapsscholen leren leerlingen uit verschillende culturen elkaar beter kennen en begrijpen. De beweringen in de andere antwoorden zijn op zich wel juist, maar ze gaan maar over een deel van de tekst en zijn dus niet het belangrijkste wat in de hele tekst over het onderwerp wordt gezegd. Opdracht 4 1 LOOT-scholen 2 een krant 3 uit de wedstrijd spelen (al. 1) zo spelen dat je tegenstander geen kans krijgt om in zijn spel te komen karateka (al. 3) beoefenaar van de karatesport patroon (al. 3) vaste, voorspelbare manier; vast schema; vaste indeling zelfstandig (al. 4) op eigen benen staand; niet van iets of iemand afhankelijk aanspraak op iets maken (al. 5) iets opeisen waarvan je vindt dat je er recht op hebt zich profileren (al. 5) duidelijk maken waarin je anders (of: beter) bent dan een ander doorsnee (al. 6) gemiddeld; net als anderen flexibel (kader) soepel; zich makkelijk aanpassend 4 alinea 1 en 2 De tekst begint met een alinea die de lezer laat meeleven met de situatie op het Thorbecke Voortgezet Onderwijs in Rotterdam. Dit is een aanloopje naar alinea 2, waar het onderwerp van de tekst wordt geïntroduceerd. Alinea 3 hoort niet meer bij de inleiding, omdat daar al dieper op het onderwerp wordt ingegaan. 5 sterke persoonlijkheden, die weten wat ze willen 6 Hij zegt dat hij zijn sport niet belangrijker vindt dan zijn opleiding, want hij beseft heel goed dat een mooie sportcarrière door een zware blessure wel eens helemaal niet kan doorgaan en dat je dan terug moet vallen op je opleiding. 7 (1) Ze zijn zelfstandiger. (2) Ze kunnen beter plannen. 8 alinea 6 Daar wordt aangehaakt bij het begin van de tekst (over het Thorbecke Voortgezet Onderwijs), zodat het verhaal mooi 'rond' is. Alinea 5 hoort niet bij het slot, omdat daar nog veel nieuwe informatie wordt gegeven. 9 C Jonge topsporters presteren goed op school. De beweringen in de andere antwoorden zijn op zich wel juist, maar ze gaan maar over een deel van de tekst en zijn dus niet het belangrijkste wat in de hele tekst over het onderwerp wordt gezegd. 10 Bijvoorbeeld: Er is een flexibel lesrooster dat ruimte laat voor trainingen en wedstrijden. Noordhoff Uitgevers bv,

3 Leerlingen kunnen een (gedeeltelijke) vrijstelling van bepaalde vakken krijgen en uitstel of vermindering van huiswerk. Leerlingen die op reis zijn, kunnen hun opdrachten per inleveren. Leerlingen die op reis zijn, kunnen de lesstof op internet doornemen. Leerlingen kunnen toetsen en examens in het buitenland maken. Leerlingen kunnen gespreid examen doen, want het examen is over twee jaar verdeeld. Spreken, kijken, luisteren 1 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: (1) Hij kijkt zijn publiek aan. (2) Hij geeft gedurende zijn spreekbeurt aan wat hij gaat behandelen en waarom. 2 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: (1) Hij aarzelt, wiebelt en heeft een onzekere lichaamshouding. (2) Hij legt de structuur van zijn presentatie niet uit in de inleiding. 3 Eigen antwoord. Eigen antwoord. Eigen antwoord. Schrijven 1 vulkanen (en niet vulkaanuitbarstingen, dat is slechts een deel) 2 a = dia 2 b = dia 6 c = dia 1 3 de uitwerkingen van dia a In de volgorde van de presentatie zijn dat: op dia 3: Eigenschappen van vulkanen op dia 4: Uitbarstingen in heden en verleden op dia 5: Gevaren en gevolgen 1 Op de dia staan de titel en de ondertitel. Op de dia ontbreekt de naam van degene die presenteert; ook datum, plaats en tijd ontbreken. 2 Op de tweede dia zou een overzicht van de deelonderwerpen moeten staan. 3 De deelonderwerpen zijn: Wat heeft de mediatheek? Wanneer is de mediatheek open? Welke regels gelden er? Waar bevindt zich de mediatheek? Hoe kun je meer informatie over de mediatheek krijgen? 4 Zie vraag 3. Gebruik de vragen als inhoud voor dia 2. 5 met een afbeelding, het liefst een plattegrond 6 'Zijn er nog vragen?' 7 Bijvoorbeeld: foto's van de mediatheek, een plattegrond, een foto van Frida 8 foto's van de mediatheek op de eerste en tweede dia; een plattegrond op of na dia 5; een foto van Frida bij dia 6 Noordhoff Uitgevers bv,

4 1 minstens vier 2 zeven 3 (1) Er zijn grillige lettertypes gebruikt. (2) Sommige letters hebben dezelfde kleur als de achtergrond. (3) Sommige letters zijn te klein. 4 een gloeilamp en een hoofdmassagespin 5 De gloeilamp staat symbool voor 'een goed idee', in dit geval: tips. De hoofdmassagespin is afgebeeld ter verduidelijking. 6 De tekst in de tekstwolkjes hoeft niet op een dia, tenzij je voor elke tip een aparte dia neemt. 7 Eigen antwoord. Voor elke tip kun je beter een nieuwe dia nemen. Opdracht 4 Eigen invulling. Woordenschat 1/2/3 Let op: in de eerste druk is niet vermeld dat bij woord 8 door de schrijver ook een voorbeeld wordt gegeven. woord signaalwoord betekenis of -teken 1 emoticons zoals speciale tekens/tekeningetjes voor msn, sms en 2 toepassing (omschrijving) datgene waarvoor iets wordt gebruikt 3 interpunctie Neem (synoniem) leestekens 4 tekens : (synoniem) symbolen 5 gemoedstoestanden bijvoorbeeld gevoelens, emoties 6 varianten Zo andere vormen of versies die gemaakt zijn naar de gewone vorm 7 franje (synoniem) versiering 8 interpreteren Zo (synoniem/omschrijving) begrijpen 1/2/3 1 taalbeheersing (voorbeeld) de taal op een goede manier kunnen gebruiken, zoals goed kunnen spellen en schrijven signaalwoord: zo 2 relativeren k zeggen of inzien dat iets minder extreem of erg is dan het lijkt 3 creatief (voorbeeld) origineel in het bedenken (van iets nieuws, van een oplossing) signaalwoord: bijvoorbeeld 4 normen b criteria; maatstaven; grenzen die aangeven wat de meeste mensen goed of slecht vinden 5 geconstateerd (synoniem) vastgesteld 6 reduceren (omschrijving) weglaten; korter maken 7 doelde op d had op het oog; bedoelde 8 betrekkingen (synoniem) relaties 9 streven (omschrijving) wat je probeert te bereiken 10 efficiëntie (omschrijving) manier om met zo weinig mogelijk middelen zo veel mogelijk te bereiken 11 prullaria (voorbeeld) oude spullen signaalwoord: zoals 12 standaard h normaal; wat als regel geldt 13 spaarzaamheid g neiging om weinig te gebruiken; zuinigheid 14 parate kennis j wat je meteen weet zonder diep na te denken Noordhoff Uitgevers bv,

5 15 vernuftig (synoniem) slim bedacht 16 patronen (voorbeeld) vormen die steeds terugkomen of herhaald worden signaalwoord: bijvoorbeeld 17 onbeklemtoonde (voorbeeld) zonder nadruk / klemtoon signaalwoord: zoals 18 complex f ingewikkeld 19 verondersteld a aangenomen; verwacht 20 stimuleert e heeft een gunstig effect op; bevordert 21 alfabetisering (omschrijving) het leren lezen en schrijven 22 naar behoren l zoals (het) zou moeten 23 verval i sterke achteruitgang 24 tongval (voorbeeld) specifieke uitspraak van een taal; accent signaalwoord: denk aan 25 zich onderscheiden c duidelijk anders zijn dan anderen; opvallen door eigen kenmerken 1 te wensen overlaten e niet goed of onvoldoende zijn 2 niet wakker liggen van h zich geen zorgen maken over 3 van hetzelfde laken een pak d net zo, op dezelfde manier 4 gesneden koek b duidelijk of bekend, gemakkelijk 5 abracadabra f onbegrijpelijke taal, wartaal 6 twee vliegen in één klap c in één keer twee voordelen hebben 7 als een paal boven water staan g zeker zijn 8 de noodklok luiden a alarm slaan Opdracht 4 Eigen antwoord. Opdracht 5 1 water en vuur zijn = zeer vijandig tegenover elkaar staan 2 water naar de zee dragen = iets doen wat zinloos is omdat er al genoeg van iets is 3 water bij de wijn doen = je eisen een beetje bijstellen zodat je nader tot elkaar kunt komen 4 het hoofd boven water houden = met moeite rondkomen (van je geld) Opdracht 6 1 vernuftig 2 interpreteren 3 naar behoren 4 onderscheiden zich 5 complex 6 reduceren 7 parate kennis 8 spaarzaamheid 9 taalbeheersing 10 interpunctie 11 veronderstellen 12 streven 13 relativeren 14 efficiëntie 15 normen 16 toepassing Je houdt de volgende woorden over: betrekkingen constateren gemoedstoestand patronen standaard verval. Noordhoff Uitgevers bv,

6 Opdracht 7 Bijvoorbeeld: De invloed van msn-taal op onze taalbeheersing In dit stuk wil ik iets zeggen over de invloed van msn-taal op de taalbeheersing van jonge mensen. Ik denk dat die invloed heel klein is. De laatste week heb ik extra gelet op mijn taalgebruik als ik aan het msn'en was. Ik heb geconstateerd dat mijn msn-taal iets anders is dan de taal die ik bijvoorbeeld op school gebruik. Het is natuurlijk wel Nederlands, maar de regels liggen niet zo vast. Ik hoef niet steeds te letten op de spelling. Ook maak ik bij msn'en veel typefouten. Het is eigenlijk meer praten dan schrijven. En bij praten maak je toch ook steeds fouten? Een voordeel van msn is dat ik heel creatief bezig ben met taal, precies zoals in tekst 2 staat. Ik ben het wel met die meneer eens. Msn'en stimuleert mij bijvoorbeeld tot het bedenken van nieuwe woorden of nieuwe emoticons. Op school moet ik me bij schrijven zoals bij dit stukje wel aan de normen houden. Dat weet ik en daarom zou ik voor school nooit 'suc6' schrijven, maar altijd 'succes'. Ik heb wel moeite met spelling, maar dat komt niet door msn'en. Wanneer schrijf je 'word' en wanneer 'wordt'? De regels voor -d en -dt zijn voor mij nog geen gesneden koek. Ik vind het goed dat wij er op school aandacht aan besteden. Als ik een officiële brief moet schrijven, moet ik toch weten hoe het hoort? Anders nemen ze mij niet serieus. Kortom, het staat voor mij als een paal boven water dat msn'en geen slechte invloed op mijn taalbeheersing heeft. Joran, klas A1F Opdracht 8 afwisseling variatie bedrijfstak branche fenomeen verschijnsel frictie wrijving instructies richtlijnen nering handel oppervlakkig globaal verwanten familieleden Kijk op taal 1/2 a twitteren ultrakorte, algemeen toegankelijke berichtjes (tweets) versturen via internet b ontvrienden vrienden/kennissen schrappen uit je vriendenlijst (bijvoorbeeld bij Hyves) c luxespijbelen spijbelen (met medeweten van je ouders) om eerder op vakantie te kunnen gaan of later terug te komen d nepgil nagebootste gil die bepaalde apen maken om concurrenten weg te jagen e verzeuring de neiging om over steeds meer dingen te gaan zeuren, vooral als trend in de samenleving f weeralarm waarschuwing van het KNMI dat er door erg slecht weer gevaarlijke situaties kunnen ontstaan g muziekte neiging om overal muziek te laten horen (bijvoorbeeld in de wachtkamer van de dokter Noordhoff Uitgevers bv,

7 h krassiti krassen aangebracht op stoelen of ramen als een soort graffiti, bijvoorbeeld in de trein i e-vakantie vrij zijn van alle communicatie via de computer ( , msn enz.) j grammabeet iemand die geen snars van grammatica snapt en/of weet 3 Sommige woorden zijn te jong om in het woordenboek te staan. Een woordenboek als Van Dale geeft ongeveer eens per tien jaar een nieuwe druk uit (maar nieuwe woorden zijn al wel op de site van Van Dale te vinden). 4 Je kunt het beste via woordenboekensites zoeken of via sites die gewijd zijn aan neologismen. 5 a shock toestand van totale verwardheid door een vreselijke ervaring b jus d'orange sinaasappelsap c chips gefrituurde aardappelschijfjes d boerka totale gezichtsbedekking voor islamitische vrouwen e penalty strafschop (bij voetbal) f muesli combinatie van haver- en tarwevlokken en gedroogde vruchten (en soms noten) die in yoghurt of melk als ontbijt wordt gegeten g cool uitdrukking om aan te geven dat je iets heel goed vindt h quarantaine afzondering van bepaalde mensen of dieren om te voorkomen dat ziektes zich verspreiden i spaghetti Italiaanse pasta (deegwaren) van lange deegslierten j ramadan islamitische vastenmaand 6 Het zijn allemaal woorden die uit andere talen zijn overgenomen. 7 a Engels b Frans c Engels d Arabisch (herkomst niet zeker) e Engels f Duits (eigenlijk Zwitsers-Duits: het betekent 'papje', als in ons woord 'moes') g Engels h Frans i Italiaans j Arabisch 8 Zie 5 en verder eigen vondsten. 1 zoenstrook N: strook rijweg bij school waar ouders hun kinderen afzetten, na een kus 2 fingerspitzengefühl L: fijngevoeligheid; intuïtie; goed ontwikkeld gevoel om in een lastige situatie de juiste beslissing te nemen; een Duits woord 3 zwijgfilm N: stomme film; film zonder geluid (de eerste geluidsfilm dateert van 1927) 4 kijkfile N: verkeersopstopping die ontstaat op een vierbaansweg doordat er aan de overkant (de rijbanen in de andere richting) een ongeluk is gebeurd 5 concours hippique L: wedstrijd waarbij ruiters met hun paard over hindernissen moeten springen; uit het Frans overgenomen 6 boeket L: bos bloemen; uit het Frans overgenomen (bouquet) 7 gevoelstemperatuur N: temperatuur die door het lichaam als lager wordt ervaren dan de werkelijke temperatuur 8 multitasken NL: verschillende dingen die je aandacht vragen, tegelijk doen, zoals huiswerk maken, sms'en, msn'en en een computerspelletje doen 9 huil-tv N: soort televisieprogramma's dat sterk op de emoties werkt 10 halal L: wat voor moslims 'rein' is, d.w.z. geoorloofd, bijvoorbeeld om te eten; uit het Arabisch overgenomen 11 pafpaal N: paal op het perron waarbij gerookt mag worden Noordhoff Uitgevers bv,

8 12 infotainment N: (combinatie van de woorden informatie en entertainment) soort informatieve programma's waarin de informatie op een luchtige manier gebracht wordt 13 lingerie L: ondergoed voor vrouwen, meestal vrij luxe; uit het Frans overgenomen ('linge' is het Franse woord voor linnen en linnengoed) 14 guerrilla L: vaak ondergrondse, enigszins ongeordende strijd van burgers tegen hun eigen regering of tegen indringers; uit het Spaans overgenomen ('guerrilla' betekent letterlijk 'kleine oorlog') Eigen antwoord. Opdracht 4 1+b aardedonker 2+h beeldschoon 3+c gortdroog 4+f kiplekker 5+d knettergek 6+i pijlsnel 7+j smoorverliefd 8+a straatarm 9+g steenrijk 10+e zielsgelukkig Opdracht 5 1 lijkbleek poepiebruin; roestbruin 2 kurkdroog kletsnat 3 peperduur spotgoedkoop 4 keihard boterzacht 5 piepjong stokoud 6 piepklein reuzegroot 7 ijskoud bloedheet 8 broodmager moddervet 9 doodziek kerngezond; kiplekker 10 loodzwaar vederlicht Grammatica zinsdelen 1 kunnen bereiken 2 zal verbruikt zijn 3 hebben gevonden 4 stel (uit) 5 kunnen leggen 6 zou gestolen hebben 7 winnen (in) 1 ow = Dolfijnen; wg = kunnen bereiken 2 ow = alle brandstof in onze zon; wg = zal verbruikt zijn 3 ow = archeologen; wg = hebben gevonden 4 ow = jij; wg = stel uit Noordhoff Uitgevers bv,

9 5 ow = Wenkvliegjes; pv = kunnen leggen 6 ow = Deze winkeldief; pv = zou gestolen hebben 7 ow = krakers; wg = winnen in 1 pv = worden; ow = Hoeveel getuigen; wg = worden beschermd 2 pv = maakte; ow = het Openbaar Ministerie; wg = maakte bekend 3 pv = kregen; ow = vijftig personen; wg = kregen 4 pv = neemt; ow = Dat aantal; wg = neemt toe 5 pv = wordt; ow = een nieuwe identiteit; wg = wordt aangeboden 6 pv = komen; ow = agenten; wg = komen bewaken 7 pv = moet; ow = iemand; wg = moet wonen 8 pv = kunnen; ow = criminelen; wg = kunnen ondernemen Opdracht 4 1 pv = zal; ow = De westkust van de Verenigde Staten en Canada; wg = zal geteisterd worden 2 pv = slaat; ow = een verwoestende tsunami; wg = slaat toe 3 pv = werd; ow = Het gebied rond Seattle en Vancouver; wg = werd overvallen 4 pv = volgen; ow = De vloedgolven; wg = volgen op 5 pv = zouden; ow = Geologen; wg = zouden opkijken 6 pv = zijn; ow = tsunamimeters; wg = zijn geplaatst 7 pv = waarschuwen; ow = Die; wg = waarschuwen 8 pv = zullen; ow = de inwoners van Vancouver; wg = zullen moeten vluchten 9 pv = komen; ow = de golven; wg = komen aan Opdracht 5 1 pv = kennen; ow = Veel mensen; wg = kennen 2 pv = weten; ow = ze; wg = weten 3 pv = draagt; ow = Atlas; wg = draagt 4 pv = werd; ow = hij; wg = werd veroordeeld 5 pv = heeft; ow = de heerser over de goden; wg = heeft gegeven 6 pv = vocht; ow = De krachtpatser; wg = vocht mee 7 pv = had; ow = de held; wg = had geërgerd 8 pv = stuurde; ow = de god; wg = stuurde 9 pv = moest; ow = de sterke man; wg = moest gaan torsen 10 pv = heeft; ow = het Atlasgebergte; wg = heeft overgenomen Opdracht 6 1 pv = zijn; ow = de spelers van Landstede Basketbal; wg = zijn aan het trainen 2 pv = hangen; ow = surfpakken; wg = hangen te drogen 3 pv = blijken; ow = niet-westerse mensen; wg = blijken te ervaren 4 pv = is; ow = de wiskundedocent; wg = is aan het bespreken 5 pv = durven; ow = jongeren; wg = durven uit te komen 6 pv = waren; ow = veel Nederlanders; wg = waren aan het schaatsen 7 pv = schijnt; ow = elke popster; wg = schijnt te willen bezitten Opdracht 7 1 pv = was; ow = de oplichter; wg = was met de noorderzon vertrokken 2 pv = moeten; ow = jullie; wg = moeten de draak steken 3 pv = zat; ow = Ronald; wg = zat in zijn maag 4 pv = stak; ow = de coach; wg = stak een hart onder de riem 5 pv = heeft; ow = Die nieuwe docent gymnastiek; wg = heeft de pest 6 pv = heeft; ow = Wie van de jongens; wg = heeft op de mouw gespeld 7 pv = heb; ow = ik; wg = heb een enorme flater geslagen Noordhoff Uitgevers bv,

10 Grammatica woordsoorten Let op: fout in eerste druk. Bij zin 5 moet staan: Het leven is zwaar. 1 Het boek is leuk. een leuk boek het leuke boek 2 Het kind is aardig. een aardig kind het aardige kind 3 Het huis is oud. een oud huis het oude huis 4 Het proefwerk is moeilijk. een moeilijk proefwerk het moeilijke proefwerk 5 Het leven is zwaar. een zwaar leven het zware leven 1 a 3 b 6 c 7 d 9 e 11 f 4 g 1 h 5 i 12 j 14 k 2 l 8 m 10 n 13 2 Let op: in het boek staat: Noteer de 24 bijvoeglijke naamwoord. Dit moet zijn: Noteer de 20 bijvoeglijke naamwoorden. wakker, witte, zuivelste, vreemd, lekker, groot, klein, heerlijk, helder, trots, veelzijdige, zuiverende, goedkoper, beter, smeuïg, schoon, duur, mooi, mooi, verschillig 3 goedkoper, beter 4 Let op: in het boek staat: Welke vier (correcte) bijvoeglijke naamwoorden staan in de overtreffende trap? Dit moet zijn: Welk correct bijvoeglijk naamwoord staat in de overtreffende trap? meest veelzijdige 5 zuivelste, verschillig 1/2 trouwe, goede, nuttig, bruikbaar, oude, rubberen, glazen, fijne, tweedehands, nieuwe, ijzeren, plat, platte, grote, krachtige, metalen, stalen, groot, nabije, milieuvriendelijk 3 nuttig, bruikbaar, plat, milieuvriendelijk 4 plat, platte groot, grote Opdracht 4 1 duur het dure huis een duur huis 2 gezellig het gezellige feest een gezellig feest 3 spannend het spannende boek een spannend boek 4 duur de dure fiets een dure fiets 5 gezellig de gezellige kamer een gezellige kamer 6 spannend de spannende thriller een spannende thriller Noordhoff Uitgevers bv,

11 Opdracht 5 1 Bij een het-woord waar het voor staat, krijg je de lange vorm. 2 Bij een het-woord waar een voor staat, krijg je de korte vorm. 3 Bij een de-woord krijg je altijd de lange vorm. Opdracht 6 1 legendarische = bn; groter = bn; een = olw; zeldzame = bn; zou = ww; jaar = zn; aromatische = bn; ging = ww; moest = ww; tijd = zn; wachten = ww; het = blw; de = blw; geurige = bn; as = zn; werd = ww; gezien = ww; onsterfelijkheid = zn; overwonnen = ww 2 'Het' kon volgens sommigen wel (zin 3) 3 Bijvoorbeeld: vergrotende trap: groter (zin 1) overtreffende trap: laatste (zin 5) Opdracht 7 beledigen beledigd beledigend De klasgenoot van Henk vond zijn opmerking behoorlijk beledigend. boeien geboeid boeiend Het boeiende verhaal sprak veel leerlingen aan. huilen gehuild huilend Het huilende kind kwam doorweekt thuis. poten gepoot potend De boer moest de gepote aardappelen rooien. rijden gereden rijdend Een rijdend café is populair voor vrijgezellenfeestjes. spelen gespeeld spelend Een spelend kind leert veel. spreken gesproken sprekend Het is fijn om naar een gesproken tekst te luisteren tijdens het autorijden. vergroten vergroot vergrotend De vergrote winst werd al snel vergeten. verliezen verloren verliezend Het verloren kind was al snel teruggevonden. verwoesten verwoest verwoestend Mannen aanschouwen het verwoeste landschap na de bomaanval. Spelling 1 a daken g ganzen b takken h kansen c wegen i hoven d heggen j stoffen e glazen k kippen f krassen l schepen 2 De meervouden van deze woorden eindigen allemaal op -en, maar bij sommige woorden verandert de laatste letter of wordt de laatste letter verdubbeld. alleen -en laatste letter a, e, o of u verdubbelen weghalen bloemenkrans autowrak alarmpistool bijenkorf -f wordt -v- of -s wordt -z- dansgroep hondenhok elleboog bontlaars Noordhoff Uitgevers bv,

12 kersenvlaai klimrek krijgsheer knobbelgans studieboek ogenblik onderdeel prairiewolf trefwoord ongemak varkensschuur scheepswerf wegenkaart toneelstuk winkelstraat tijgerpels aardbeziën amfibieën epidemieën evangeliën fobieën genieën ideeën koloniën melodieën moskeeën mysteriën oliën pygmeeën traliën trofeeën tweeën Opdracht 4 bangeriken biervaten bobsleeën dreumesen edellieden goudsmeden handvatten haviken ideeën juryleden kalveren kleinkinderen koeien kooplieden luiwammesen melodieën minderheden perziken poriën raderen runderen slechteriken zeeschepen zekerheden Opdracht 5 1 In de sauna kreeg de autistische jongen het plotseling benauwd. 2 Om het meervoud foutloos te schrijven moet je nauwkeurig werken. 3 De enthousiaste auteur at in een restaurant een bordje goulash. 4 Lust die zoetekauw geen kabeljauw met vissaus en rauwkost? 5 De saucijsjes in de stationsrestauratie zijn veel te zout. 6 Omdat de baby blauw werd, begon de arts de kraamvrouw af te snauwen. 7 Wat heb je je in de pauze door die kletskous op de mouw laten spelden? 8 Het eenoudergezin woonde in een eenvoudig en grauw houten gebouw, dat dringend aan onderhoud toe was. 9 In Afrika kocht ik een ivoren beeldje als souvenir, maar dat werd me bij de douane afgepakt, nadat ik door een marechaussee was gefouilleerd. 10 Onze kat zat te miauwen, want ze wou een bakje havermout. 11 'Ik vind het flauwekul dat je alleen met Hemelvaartsdag kunt dauwtrappen,' zei de huishoudster van de astronaut. 12 Ellen kreeg applaus voor de piercing door haar wenkbrauw en de tattoo op haar schouder. Opdracht 6 1 De legendarische wielrenner Eddie Merckx won vijfmaal de Tour de France en eenmaal de gouden medaille op het wereldkampioenschap. 2 Om de integratie te bevorderen organiseert de wijkraad gezamenlijke maaltijden voor allochtone en autochtone wijkbewoners. 3 Na honderd rijlessen mocht ik eindelijk voor het eerst examen doen. 4 Volgens het Kyoto-verdrag moet het Westen de CO 2 -uitstoot reduceren. 5 Het tv-programma Lingo is nog altijd een zeer populaire quiz. 6 Veel jongens dromen in hun jeugd van een carrière als piloot. 7 Tijdens de Mexicaanse griep werden besmette patiënten in quarantaine gehouden. 8 De betekenis van een woord kun je vaak uit de context afleiden. 9 Als je topsporter wilt worden, moet je de discipline hebben om dagelijks hard te trainen. 10 De Colombiaanse FARC-rebellen voeren een keiharde guerilla tegen het regeringsleger. 11 Omdat de overheid minder subsidie geeft aan culturele instellingen, zullen diverse concertgebouwen en theaters hun deuren moeten sluiten. 12 Zonder hoofdletters en interpunctie is een tekst heel moeilijk leesbaar. 13 De tv-serie over het leven in Rusland vonden veel kijkers erg interessant. Noordhoff Uitgevers bv,

13 14 Volgens mij zijn macaroni en spaghetti deegproducten van Italiaanse origine. 15 Je moet je goed oriënteren voordat je een middelbare school uitkiest. 16 De hardrijder probeerde nog onder de bekeuring uit te komen, maar de politieagent die hem betrapt had, was onverbiddelijk. Opdracht 7 1 reageert 2 beantwoordt 3 vind 4 bloost 5 gelooft 6 stuurt 7 vindt 8 toestuurt 9 uitzendt 10 wegrijdt 11 Word 12 raad 13 Rekent 14 kleeft 15 meldt Opdracht 8 1 pvtt 2 ww, maar geen 3 geen ww pv 1 leest avond goed 2 voert president land echt schrikbewind 3 wordt gespeeld protest 4 vind gezakt beroerd 5 gegarandeerd veiligheid journalist 6 heeft beantwoord dirigent violist beheerst 7 houdt muziekdocent 8 wordt gebracht binnenkort markt 9 vindt onverzorgd 10 herstelt patiënt wond 11 redt assistent toestand 12 wordt uitgedeeld 13 geleerd woordenlijst hoofd 14 belooft gemeenteraad basketbalveld 15 heeft geleid list Noordhoff Uitgevers bv,

14 Formuleren 1 mooi mooier mooist beleefd beleefder beleefdst gek gekker gekst hoog hoger hoogst leuk leuker leukst lief liever liefst 2 Bijvoorbeeld: knap, knapper, knapst slim, slimmer, slimst laag, lager, laagst dun, dunner, dunst schoon, schoner, schoonst stellende trap vergrotende trap (-er) overtreffende trap (-st) kort korter kortst beleefd beleefder beleefdst beroemd beroemder beroemdst bewust bewuster meest bewust boos bozer boost gehaast meer gehaast meest gehaast gewiekst gewiekster meest gewiekst honkvast honkvaster meest honkvast juist juister meest juist knap knapper knapst laat later laatst lekker lekkerder lekkerst ongerust ongeruster meest ongerust ongewenst meer ongewenst meest ongewenst schoon schoner schoonst spannend spannender spannendst sportief sportiever sportiefst triest triester meest triest vals valser valst woest woester meest woest zielig zieliger zieligst 1 als zij 2 dan jij 3 als zij 4 dan ik 5 dan hij 6 dan ik 7 dan haar 8 dan wij 9 als jij 10 dan wij 11 dan hij 12 dan mij Noordhoff Uitgevers bv,

15 Opdracht 4 1 dan 2 dan 3 zij 4 dan 5 als 6 wij 7 dan 8 dan 9 dan 10 ik Poëzie 1 Het gedicht is een soort brief, ondertekend met de naam van de afzender: Fons. 2 Eigen antwoord. 3 Het kan bewondering uitdrukken, maar ook wanhoop. 4 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: Als je zo'n gedicht (brief) durft te schrijven, ben je niet verlegen. Of: Hij is zielig, omdat hij met zijn bril en beugel geen kans maakt en zich toch zo uitslooft. 5 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: Dat vuurwerk zou kunnen bestaan uit verliefdheid en verkering, of nog directer: uit zoenen. 6 In de eerste twee strofen rijmen de regels 2 en 4 (bril wil en kon John) en in de derde strofe rijmen de regels 2 en 5 (ons Fons). 7 Eigen antwoord. 1 Hij droomt over dappere daden (brand blussen; kussen (Doornroosje in sprookje); geridderd worden; iemand redden). 2 Hij is zelf nooit de held; hij komt zelfs in zijn eigen dromen niet voor. 3 Eigen antwoord. 4 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: Om een avondvierdaagse te lopen hoef je geen held te zijn, het is geen heldendaad. Je kunt daarom denken dat hij er niet echt trots op is. Maar de medaille hangt wel aan zijn nachtlampje; dus is hij er misschien stiekem wel trots op. 5 Een ander woord zou kunnen zijn: 'loser' of 'lafaard'; omschrijving: het tegendeel van een held, iemand die niet dapper is. 6 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: Het gaat over een jongen die niet trots is op zichzelf, omdat hij niet stoer of dapper is. 7 Bijvoorbeeld: dromen over; mij bij; geblust gekust; geridderd gered; ben nergens. 1 Eigen antwoord. Er is waarschijnlijk een huisdier vermist, bijvoorbeeld een poes of een vrouwtjeshond (er staat in de tweede strofe 'haar geur'). Dit weet je doordat poezen en honden hun baasjes begroeten bij de deur en ze haren achterlaten op de bank en omdat ze een mand hebben. 2 Je weet het zeker als je leest over de haren die achtergebleven zijn in de kussens van de bank. 3 'waar ik niet aan wen' (strofe 1); 'kwellend' en 'hopeloos' (strofe 4) 4 Elk antwoord is goed. Het gaat er vooral om dat je kunt uitleggen waaróm je voor A, B, C of D gekozen hebt. Noordhoff Uitgevers bv,

16 Fictie 1 Eigen antwoord. 2 Eigen antwoord. 1 Het fragment gaat over twee kinderen die in opdracht gaan zakkenrollen en bijna gesnapt worden. 2 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: Ja, want Baz werd gepakt door de politieagent, maar het lukt haar nog net om haarzelf te bevrijden. Of: Nee, want ze hebben al heel vaak gezakkenrold, dus ze wisten wat ze deden. 3 Eigen antwoord. Je kunt denken aan: veel actie (ze rent en springt, de politie komt op hen af); net echt (politiesirenes, zijsteegjes, toeterende auto's); makkelijk (geen moeilijke woorden, korte zinnen). 4 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: Er zou iets kostbaars in het doosje kunnen zitten. Of: Ze worden toch een keer gepakt door de politie na het zakkenrollen. 5 Eigen antwoord. Let op: in de eerste druk is deze opdracht abusievelijk genummerd als 'Opdracht 4'. 1 Eigen antwoord. Een tekst zonder actie kan wel spannend zijn; bijvoorbeeld als de gevoelens van een van de (hoofd)personen goed beschreven zijn. Een verhaal kan ook spannend zijn als de schrijver niet alles vertelt, waardoor je nieuwsgierig wordt. 2 Eigen antwoord. 3 Eigen antwoord. Bijvoorbeeld: 'ontroerend' (Milena, die nog steeds aan haar moeder moet denken en over haar moeder droomt), 'zielig' (omdat haar moeder verdwenen en haar vader dood is) of 'verrassend' (bijvoorbeeld wat er gebeurt als het uurwerk gaat spelen); misschien ook 'griezelig' of 'gruwelijk' (door de beschrijving van wat de klokkenmaker overkwam of door de figuren in het klokkenspel). 4 Het is duidelijk dat het poppentheater en Milena's moeder terug zullen komen. 5 Eigen antwoord. Test Lezen 1 De hoofdgedachte van een tekst is één volledige zin, die samenvat wat in de tekst over het onderwerp gezegd wordt. 2 Je vindt de hoofdgedachte meestal in de inleiding en/of het slot van een tekst. 3 een gezonde schoolkantine 4 een tijdschrift 5 alinea 1 In die alinea wordt het onderwerp van de tekst geïntroduceerd. 6 (1) Alle snoep- en frisdrankautomaten werden uit de kantine weggehaald. (2) In plaats van frisdrank kun je er nu alleen nog flesjes water en sapjes krijgen. 7 Op die manier spoort de school leerlingen aan zelf eten mee te nemen. 8 Het Gomarus College gaat een tafeltennistafel kopen en er wordt een tuin aangelegd waar verse groente en fruit zullen worden gekweekt. 9 alinea 6 Hier wordt het belangrijkste uit de tekst herhaald en er wordt naar de toekomst gekeken: de volgende aflevering van de wedstrijd, waaraan jouw school ook zou kunnen meedoen. 10 B Het Gomarus College uit Assen heeft met een paar eenvoudige maatregelen de Stimuleringsprijs De Gezonde Schoolkantine gewonnen. De beweringen in de andere antwoorden zijn op zich wel juist, maar ze gaan maar over een deel van de tekst en zijn dus niet het belangrijkste wat in de hele tekst over het onderwerp wordt gezegd. Noordhoff Uitgevers bv,

17 Woordenschat 11 a 3 b 5 c 4 d 6 e 1 f 7 g 9 h 10 i 2 j 8 12 a Frankrijk is een heerlijk vakantieland en als je er bent, leer je ook nog wat Frans, dus zo sla je twee vliegen in één klap. b Morgen hebben we een proefwerk Nederlands, maar daar lig ik niet wakker van. c Meneer Bovenkerk geeft deze week een onverwacht schriftelijk; dat staat als een paal boven water. d In de onderhandelingen moeten beide partijen water bij de wijn doen. e Door de crisis kunnen veel Amerikaanse gezinnen nauwelijks nog het hoofd boven water houden. Kijk op taal 13 a Na de sprint had hij een kurkdroge mond en een vuurrode kop. b De hondsbrutale brugklasser kreeg een ellenlange preek van de rector. c Die scheidsrechter is knettergek als hij zo'n kletsnat veld goedkeurt. d De broodmagere ballerina werkte een loodzwaar programma af. e Waarom rijdt zo'n steenrijke zakenman in een spotgoedkoop autootje? 14 karaoke L Tokkietoets N fluisterasfalt N up-to-date L neuskneuzer N ipad L+N sowieso L paarddichtheid N bon ton L weesfiets N Grammatica zinsdelen 15 Het werkwoordelijk gezegde bestaat uit alle werkwoorden in de zin. Het werkwoordelijk gezegde zegt wat het onderwerp doet of overkomt. 16 a Op de dam kun je desgewenst honderden duiven voeren. pv = kun; ow = je; wg = kun voeren b Waarom speelt Joep de bal nooit over naar de vrije man? pv = speelt; ow = Joep; wg = speelt over c Willen jullie nog naar de carnavalsoptocht gaan kijken? pv = Willen; ow = jullie; wg = Willen gaan kijken d Zou de leraar deze som nog eens uit kunnen leggen? pv = Zou; ow = de leraar; wg = Zou uit kunnen leggen Grammatica woordsoorten 17 Een bijvoeglijk naamwoord staat meestal vóór het zelfstandig naamwoord. Een bijvoeglijk naamwoord heeft meestal een korte en een lange vorm. Een bijvoeglijk naamwoord kent de trappen van vergelijking. 18 Een stoffelijk bijvoeglijk naamwoord eindigt meestal op -en. Een stoffelijk bijvoeglijk naamwoord staat altijd vóór het zelfstandig naamwoord. Noordhoff Uitgevers bv,

18 Een stoffelijk bijvoeglijk naamwoord kent niet de trappen van vergelijking. 19 a koperen b c porseleinen d zilveren 20 a Asterix = zn; is = ww b heb = ww; beste = bn; de = blw; betere = bn c Drink = ww; hete = bn; thee = zn; het = blw; kopje = zn d donkere = bn; vloog = ww; een = olw 21 a pv = zit; ow = oom Jan; wg = zit te schaken b pv = zijn; ow = deze schilders; wg = zijn aan het verven c pv = wierp; ow = de getergde coach; wg = wierp de handdoek in de ring d pv = zitten; ow = zij; wg = zitten af te kijken 22 fietsen gefietst fietsend (1) Ze waren onder de indruk van het gefietste aantal kilometers. (2) De fietsende kinderen waren dolblij. Spelling 23 bazen ganzen kansen koeien straffen tooien turven zadelrobben 24 nauwkeurig foutloos enthousiast rauwkost saucijsjes snauwen eenvoudig gefouilleerd flauwekul astronaut 25 discipline interessant oriënteren subsidie 26 Je schrijft bij een persoonsvorm alleen de stam bij de ik-vorm in de tegenwoordige tijd en wanneer jij achter de persoonsvorm staat. Je schrijft bij een persoonsvorm stam+t bij alle andere vormen van de tegenwoordige tijd in het enkelvoud. 27 a vind b gelooft c brandt d graast 28 Let op: fout in de eerste druk. Arreslee moet zijn arrenslee. stommeriken olievaten arrensleeën edellieden zeeën kalveren melodieën overheden poriën vrachtschepen Noordhoff Uitgevers bv,

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 MEMORY WOORDEN 1.1 TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 ik jij hij zij wij jullie zij de baby het kind ja nee de naam TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 2 MEMORY WOORDEN 1.2 TaalCompleet A1 Memory Woorden

Nadere informatie

Zin in schrijven! Workshop vrij en creatief schrijven voor jonge anderstaligen door Fros van der Maden - auteur Op Schrift -

Zin in schrijven! Workshop vrij en creatief schrijven voor jonge anderstaligen door Fros van der Maden - auteur Op Schrift - Zin in schrijven! Workshop vrij en creatief schrijven voor jonge anderstaligen door Fros van der Maden - auteur Op Schrift - I Oefenen met observeren 1. Het woordenschilderij A Kijk 60 seconden heel goed

Nadere informatie

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) Lesperiode: 1 week 36 t/m week 38 Hoofdstuk: Spelling 2 t/m 6 De stam van het werkwoord Splitsbare werkwoorden Persoonsvorm tegenwoordige tijd en de bijbehorende regel De stam van werkwoorden kunnen noteren

Nadere informatie

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) Vak: Nederlands Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) 2016-2017 Lesperiode: 1 Hoofdstuk: Spelling 2 t/m 6 De stam van het werkwoord Splitsbare werkwoorden Persoonsvorm tegenwoordige tijd en de bijbehorende

Nadere informatie

Gedocumenteerd schrijven Schrijfopdracht klas 2. Brainstorm maak hieronder je brainstorm inzichtelijk

Gedocumenteerd schrijven Schrijfopdracht klas 2. Brainstorm maak hieronder je brainstorm inzichtelijk Gedocumenteerd schrijven Schrijfopdracht klas 2 Wat? Datum? Aftrek punten paraaf? Hoofdvragen & deelvragen - ½ punt Bronnen (2 verscheidene) - 1 punt 1 e versie - 2 punten Beoordeling (klasgenoot) - ½

Nadere informatie

instapkaarten taal verkennen

instapkaarten taal verkennen instapkaarten inhoud instapkaarten Taal verkennen thema 1 les 2 1 thema 1 les 4 2 thema 1 les 7 3 thema 1 les 9 4 thema 2 les 2 5 thema 2 les 4 6 thema 2 les 7 7 thema 2 les 9 8 thema 3 les 2 9 thema 3

Nadere informatie

Grammatica. Inhoud. 1. De en het. 2. Meervoud. 3. Werkwoord. 4. Vraagwoorden. 5. Zinnen maken Zinnen maken 2. 7.

Grammatica. Inhoud. 1. De en het. 2. Meervoud. 3. Werkwoord. 4. Vraagwoorden. 5. Zinnen maken Zinnen maken 2. 7. Grammatica Inhoud 1. De en het 2. Meervoud 3. Werkwoord 4. Vraagwoorden 5. Zinnen maken 1 6. Zinnen maken 2 7. Zinnen maken 3 8. Zinnen maken 4 9. Niet en geen 10. Lange woorden 11. Het verkleinwoord 12.

Nadere informatie

Vogelgriep. Auteur: Chris Vegter Illustraties: Dirk van der Maat. Boekverslag van:... Klas:...

Vogelgriep. Auteur: Chris Vegter Illustraties: Dirk van der Maat. Boekverslag van:... Klas:... Vogelgriep Auteur: Chris Vegter Illustraties: Dirk van der Maat Boekverslag van:... Klas:... 2 Lees dit boek lekker rustig door. Beantwoord iedere keer als je een hoofdstuk uitgelezen hebt de vragen die

Nadere informatie

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) Schooljaar 2015 2016 Nederlands havo vwo 1 Lesperiode: 1 week 36 t/m week 38 Hoofdstuk: Spelling H 2 t/m 6 De stam van het werkwoord Splitsbare werkwoorden Persoonsvorm tegenwoordige tijd en de bijbehorende

Nadere informatie

Gedichten werkboekje. Naam: Groep:

Gedichten werkboekje. Naam: Groep: Gedichten werkboekje Naam: Groep: Gedichten lezen 1. Wat valt je als eerste op bij dit gedicht? Bang Bang, dat ik het nooit vergeten zal. Ik zal het nooit vergeten. Ik zag hem daar voor het laatst in de

Nadere informatie

OPVOEDEN ZO!!! De cursus is bedoeld voor ouders van kinderen van 3 tot 12 jaar

OPVOEDEN ZO!!! De cursus is bedoeld voor ouders van kinderen van 3 tot 12 jaar OPVOEDEN ZO!!! Algemeen Het opvoeden van kinderen is leuk maar kan soms ook heel zwaar zijn. Bij het opvoeden van je kind komt heel wat kijken. Jij bent tenslotte diegene, die hem het goede voorbeeld moet

Nadere informatie

Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten. Hey Russel! Een bijzondere vriendschap

Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten. Hey Russel! Een bijzondere vriendschap Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten Hey Russel! Een bijzondere vriendschap Lees blz. 5 tot en met 8. Jim vindt Rudsel een rare naam. Jim zegt dit ook tegen Rudsel. Vind jij het ook een rare naam? Is

Nadere informatie

Brieven van Ama welpen

Brieven van Ama welpen Introductie Shanti heeft heel veel vriendinnetjes in de jungle. Ze heeft ook een vriendinnetje in een land heel ver weg. Het meisje heet Ama. Ama woont in een land dat Ghana heet. Weten jullie waar dat

Nadere informatie

Dit is een download bij het artikel Omdat je het kunt uit JOP COACH magazine, nr

Dit is een download bij het artikel Omdat je het kunt uit JOP COACH magazine, nr Honger! (voor jonge kinderen) Drie kinderen lopen naar school. Opeens zien ze een heel rare man in oude kleren. Hij vraagt om een beetje geld voor eten. Natuurlijk schrikken de kinderen en denken ze aan

Nadere informatie

Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou!

Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou! Hallo Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou Als je ouders uit elkaar zijn kan dat lastig en verdrietig zijn. Misschien ben je er boos over of denk je dat het jouw

Nadere informatie

Lesbrief: Bewust sociaal Thema: Wat is Mens & Dienstverlenen?

Lesbrief: Bewust sociaal Thema: Wat is Mens & Dienstverlenen? Lesbrief: Bewust sociaal Thema: Wat is Mens & Dienstverlenen? Copyright Stichting Vakcollege Groep 2015. Alle rechten voorbehouden. Inleiding Zonder dat we het door hebben worden we steeds asocialer. Dit

Nadere informatie

U leert in deze les om een mening vragen. U wilt dan weten wat iemand vindt.

U leert in deze les om een mening vragen. U wilt dan weten wat iemand vindt. UW MENING GEVEN spreken inleiding en doel Een mening is wat iemand denkt of vindt. U leert in deze les om een mening vragen. U wilt dan weten wat iemand vindt. U leert ook uw mening geven. Uw mening geven

Nadere informatie

CONCEPT. Domein A 1: Lezen van zakelijke teksten. Tussendoelen Nederlands onderbouw vo, vmbo

CONCEPT. Domein A 1: Lezen van zakelijke teksten. Tussendoelen Nederlands onderbouw vo, vmbo Tussendoelen Nederlands onderbouw vo, vmbo Domein A 1: Lezen van zakelijke teksten Subdomein A 1.1: Woordenschat 1.1 vmbo de betekenis van onbekende woorden afleiden uit de context; 1.2 vmbo de betekenis

Nadere informatie

Nieuw Nederlands 5 e editie 1 havo/vwo Antwoorden Oefenboek

Nieuw Nederlands 5 e editie 1 havo/vwo Antwoorden Oefenboek Hoofdstuk 3 Lezen 1 Het onderwerp is schooluniform of schooluniformen. 2 A een krant 3 boven alinea 3 4 boven alinea 6 5 A alinea 1 6 Nee, deze tekst heeft geen slot. 7 Kinderen zijn gelijk. Het is voor

Nadere informatie

Onderdeel onderwerp aantekening opdrachten extra huiswerk. 1, 2 A, B, C 3 A en B. synoniemen ja 1,2 3,4. ja 1 2 3 A,B 4,5 6 Ja. Test Blz 45 en 46 Test

Onderdeel onderwerp aantekening opdrachten extra huiswerk. 1, 2 A, B, C 3 A en B. synoniemen ja 1,2 3,4. ja 1 2 3 A,B 4,5 6 Ja. Test Blz 45 en 46 Test Boek 1, H 1 Onderdeel onderwerp aantekening opdrachten extra huiswerk Lezen Onderwerp van een tekst ja 1, 2 A, B, C 3 A en B 3C of 4 Vaardigheden interview Kattebelletje nee 1, 2 4 2 Taal en Woordenschat

Nadere informatie

CONCEPT. Domein A 1: Lezen van zakelijke teksten. Tussendoelen Nederlands onderbouw vo havo/vwo

CONCEPT. Domein A 1: Lezen van zakelijke teksten. Tussendoelen Nederlands onderbouw vo havo/vwo Tussendoelen Nederlands onderbouw vo havo/vwo Domein A 1: Lezen van zakelijke teksten Subdomein A 1.1: Woordenschat 1.1 h/v de betekenis van onbekende woorden afleiden uit de context; 1.2 h/v de betekenis

Nadere informatie

Les 3. Familie, vrienden en buurtgenoten

Les 3. Familie, vrienden en buurtgenoten www.edusom.nl Opstartlessen Les 3. Familie, vrienden en buurtgenoten Wat leert u in deze les? Een gesprek voeren over familie, vrienden en buurtgenoten. Antwoord geven op vragen. Veel succes! Deze les

Nadere informatie

Met het hele gezin gezond het nieuwe jaar in

Met het hele gezin gezond het nieuwe jaar in Met het hele gezin gezond het nieuwe jaar in LINDA AMMERLAAN KINDERVOEDINGSCOACH Inleiding Wie ben ik? Als moeder van 2 kinderen weet ik hoe lastig het is om in deze tijd je kinderen gezond te laten opgroeien.

Nadere informatie

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken - 2 - Weer huiswerk? Nee, deze keer geen huiswerk, maar een boekje óver huiswerk! Wij (de meesters en juffrouws) horen jullie wel eens mopperen als je huiswerk opkrijgt.

Nadere informatie

Lesbrief. Zat Annie van Gansewinkel

Lesbrief. Zat Annie van Gansewinkel Lesbrief Zat Annie van Gansewinkel Doe meer met Thuisfront! Bij de boeken in de serie Thuisfront kunt u een gratis lesbrief downloaden van www.eenvoudigcommuniceren.nl. In deze lesbrief staan vragen, tips

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL 2005

Examen VMBO-GL en TL 2005 Examen VMBO-GL en TL 2005 tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13.30-15.30 uur NEDERLANDS LEESVAARDIGHEID-SCHRIJFVAARDIGHEID CSE GL EN TL Bij dit examen horen een uitwerkbijlage en een tekstboekje. Beantwoord alle

Nadere informatie

Boeken in deze serie:

Boeken in deze serie: Boeken in deze serie: HB: 978-94-6175-056-3 HB: 978-94-6175-055-6 HB: 978-94-6175-058-7 EB: 978-94-6175-914-6 EB: 978-94-6175-913-9 EB: 978-94-6175-912-2 HB: 978-94-6175-053-2 HB: 978-94-6175-054-9 HB:

Nadere informatie

hond Ik hoor t aan het eind. Ik maak het woord langer. Ik hoor te(n) Ik hoor de(n) Ik schrijf t Ik schrijf d

hond Ik hoor t aan het eind. Ik maak het woord langer. Ik hoor te(n) Ik hoor de(n) Ik schrijf t Ik schrijf d Categorie 44a Woorden met eind d of midden d die klinkt als t Thema 6 groep 7 Ik hoor t aan het eind. Ik maak het woord langer. Ik hoor te(n) Ik hoor de(n) hond Ik schrijf t Ik schrijf d Categorie 44a

Nadere informatie

Doelen taalbeschouwing die verworven moeten zijn in het vierde leerjaar

Doelen taalbeschouwing die verworven moeten zijn in het vierde leerjaar Doelen taalbeschouwing die verworven moeten zijn in het vierde leerjaar Hieronder vindt u de leerplandoelen taalbeschouwing die we met onze evaluatie in kaart willen brengen. Ze staan in dezelfde volgorde

Nadere informatie

Nederlands. complete methode. Lesstof overzicht. vmbo. Mondelinge taalvaardigheid

Nederlands. complete methode. Lesstof overzicht. vmbo. Mondelinge taalvaardigheid Lesstof overzicht complete methode Nederlands vmbo STATION Mondelinge taalvaardigheid Nederlands vmbo KGT 1 Beter gebekt Uitgeverij: Eisma Edumedia bv Postbus 459 8901 BG Leeuwarden T (088) 294 48 80 F

Nadere informatie

Hoe werk ik een opdracht uit?

Hoe werk ik een opdracht uit? Hoe werk ik een opdracht uit? Ik gebruik de OVUR-methode om in stappen een opdracht of een probleem op te lossen. Oriënteren Wat wordt er verwacht? (evaluatiecriteria) Wat weet ik al over het onderwerp?

Nadere informatie

O, antwoordde ik. Verder zei ik niets. Ik ging vlug de keuken weer uit en zonder eten naar school.

O, antwoordde ik. Verder zei ik niets. Ik ging vlug de keuken weer uit en zonder eten naar school. Voorwoord Susan schrijft elke dag in haar dagboek. Dat dagboek is geen echt boek. En ook geen schrift. Susans dagboek zit in haar tablet, een tablet van school. In een map die Moeilijke Vragen heet. Susan

Nadere informatie

Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus.

Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus. 1 Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus. 2 Het verhaal De Goede Week Trouw, Hoop en Spijt Ik wil jullie vandaag vertellen over de Goede Week. Dat

Nadere informatie

Er was eens een heel groot bos. Met bomen en bloemen. En heel veel verschillende dieren. Aan de rand van dat bos woonde, in een grot, een draakje. Dat draakje had de mooiste grot van iedereen. Lekker vochtig

Nadere informatie

Eerwraak. Naam: Paul Rustenhoven Klas: 4GTL1 Inlever datum : Titel: Eerwraak Schrijver: Karin Hitlerman. Blz 1.

Eerwraak. Naam: Paul Rustenhoven Klas: 4GTL1 Inlever datum : Titel: Eerwraak Schrijver: Karin Hitlerman. Blz 1. Eerwraak Naam: Paul Rustenhoven Klas: 4GTL1 Inlever datum : Titel: Eerwraak Schrijver: Karin Hitlerman Blz 1. Vra!n. 1) Wat voor soort verhaal is je boek? Mijn boek is een eigentijdsverhaal/roman 2) Waar

Nadere informatie

Antwoorden Thema 5 Vrije tijd

Antwoorden Thema 5 Vrije tijd Antwoorden Thema 5 Vrije tijd Luisteren Oefening 2 hobby Willem Linda hockeyen squashen tennissen voetballen bioscoop theater ballet kroegbezoek concertbezoek popmuziek jazz klassieke muziek Spreken Oefening

Nadere informatie

Een spannend spel loopt verkeerd af

Een spannend spel loopt verkeerd af De strafzaak Een spannend spel loopt verkeerd af Algemene informatie over de rechtszaak in het simulatiespel Ben, Najib en Roos, drie vmbo leerlingen van 15 jaar, hebben de laatste lesuren vrij van school

Nadere informatie

Hanneke van Herk. 1. Beschrijvingsopdracht: Uitgewerkt persoonlijke reactie:

Hanneke van Herk. 1. Beschrijvingsopdracht: Uitgewerkt persoonlijke reactie: 1. Beschrijvingsopdracht: Motivatie: Ik heb dit boek gelezen, omdat ik een deel van de film had gezien en nieuwsgierig was naar de rest van het verhaal. Ik was eerst begonnen aan het boek Karakter van

Nadere informatie

Uitleg boekverslag en boekbespreking

Uitleg boekverslag en boekbespreking Uitleg boekverslag en boekbespreking groep 7 schooljaar 2014-2015 Inhoudsopgave: Blz. 3 Blz. 3 Blz. 3 Blz. 4 Blz. 6 Blz. 7 Blz. 7 Stap 1: Het lezen van je boek Stap 2: Titelpagina Stap 3: Inhoudsopgave

Nadere informatie

Les 4. Eten en drinken, boodschappen doen

Les 4. Eten en drinken, boodschappen doen www.edusom.nl Opstartlessen Les 4. Eten en drinken, boodschappen doen Wat leert u in deze les? Wat u kunt zeggen als u iets lekker vindt of ergens van houdt. Praten over eten en drinken. Praten over boodschappen

Nadere informatie

Jeremia 1: Vertel het door!

Jeremia 1: Vertel het door! Jeremia 1:4-19 - Vertel het door! Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint

Nadere informatie

Vertel de kinderen, of praat met hen over het verschil tussen film, tv kijken of naar het theater gaan.

Vertel de kinderen, of praat met hen over het verschil tussen film, tv kijken of naar het theater gaan. LESBRIEF Binnenkort gaan jullie met jullie groep naar de voorstelling Biggels en Tuiten Hieronder een aantal tips over hoe je de groep goed kan voorbereiden op de voorstelling. VOOR DE VOORSTELLING Vertel

Nadere informatie

lesmateriaal Taalkrant

lesmateriaal Taalkrant lesmateriaal Taalkrant Toelichting Navolgend vindt u een plan van aanpak en 12 werkbladen voor het maken van de Taalkrant in de klas, behorende bij het project Taalplezier van Stichting Wereldleren. De

Nadere informatie

instapkaarten taal verkennen

instapkaarten taal verkennen -b fl41..- 1 rair î ; : ; - / 0 t- t-, 9 S QURrz 71 1 t 5KM 1o r MALNBERG St 4) 4 instapkaarten ji - S 1,1 1 thema 5 1 les 2 S S S - -- t. Je leert hoe je van het hele werkwoord een voltooid deelwoord

Nadere informatie

Schaduwspits. Gemaakt door : Onur Arslantas. Klas: 3T3. Leraar: Mevrouw Scholten

Schaduwspits. Gemaakt door : Onur Arslantas. Klas: 3T3. Leraar: Mevrouw Scholten Schaduwspits Gemaakt door : Onur Arslantas Klas: 3T3 Leraar: Mevrouw Scholten Zakelijke gegevens A. Schaduwspits B. Corien Botman C. Querido, 2005, 199 bladzijden en ik heb het boek gelezen van de lijsters.

Nadere informatie

Lesbrief Game over / Date. Lesactiviteiten voor het ontwikkelen van Woordkennis Basisbegrip Interpretatie Reflectie Kritiek.

Lesbrief Game over / Date. Lesactiviteiten voor het ontwikkelen van Woordkennis Basisbegrip Interpretatie Reflectie Kritiek. Lesbrief Game over / Date Lesactiviteiten voor het ontwikkelen van Woordkennis Basisbegrip Interpretatie Reflectie Kritiek Inhoud Woordkennis Vergelijkende trap 4 Kruiswoordpuzzel 5 Toekomende tijd 6 Basisbegrip

Nadere informatie

Gemeenteviering rond Jesaja 9:5b

Gemeenteviering rond Jesaja 9:5b Gemeenteviering rond Jesaja 9:5b 1 Verkondiging Enkele kinderen vragen in de kerk: waarom vieren we kerst? En wat betekent het voor u? Reactie op de antwoorden Ja, waarom vieren we kerst? En wat betekent

Nadere informatie

Thema Kinderen en school

Thema Kinderen en school http://www.edusom.nl Thema Kinderen en school Lesbrief 18. Het 10-minutengesprek. Wat leert u in deze les? Vergelijkingen maken. Zeggen hoe vaak iets gebeurt. Verkleinwoordjes. Veel succes! Deze les is

Nadere informatie

Niemand hoeft verlegen te zijn

Niemand hoeft verlegen te zijn Centrum Basiseducatie Brusselleer Oefenmap lezen en schrijven p. 1 Verlegen mensen Niemand hoeft verlegen te zijn Kleine kinderen zijn vaak verlegen. Dat vindt iedereen normaal. Maar ook 1 op 5 volwassenen

Nadere informatie

taalkaart 1 Ik ga op reis en Ik ga op reis en Wat ga je doen? Je leert wat een reisverhaal is. Je schrijft er zelf een.

taalkaart 1 Ik ga op reis en Ik ga op reis en Wat ga je doen? Je leert wat een reisverhaal is. Je schrijft er zelf een. Ik ga op reis en Wat ga je doen? Je leert wat een reisverhaal is. Je schrijft er zelf een. Op verkenning tk taalkaart Ik ga op reis en Lees het verhaal van Aymen. 8 augustus 007 - In het vliegtuig Wat

Nadere informatie

Eigen vaardigheid Taal

Eigen vaardigheid Taal Eigen vaardigheid Taal Door middel van het beantwoorden van de vragen in dit blok heeft u inzicht gekregen in uw kennis en vaardigheden van de grammatica en spelling van de Nederlandse taal. In het overzicht

Nadere informatie

3 Hoogbegaafdheid op school

3 Hoogbegaafdheid op school 3 Hoogbegaafdheid op school Ik laat op school zien wat ik kan ja soms nee Ik vind de lessen op school interessant meestal soms nooit Veel hoogbegaafde kinderen laten niet altijd zien wat ze kunnen. Dit

Nadere informatie

1 Werkwoord. (wonen, werken, lopen,...) 8 Grammatica is niet moeilijk. wonen, werken, lopen,... noemen we werkwoorden.

1 Werkwoord. (wonen, werken, lopen,...) 8 Grammatica is niet moeilijk. wonen, werken, lopen,... noemen we werkwoorden. 1 Werkwoord (wonen, werken, lopen,...) wonen, werken, lopen,... noemen we werkwoorden. 8 Grammatica is niet moeilijk 1.1 woon, woont, wonen Ik woon nu in Nederland. Jij woont nu in Nederland. U woont nu

Nadere informatie

Papa en mama hebben ruzie. Ton en Toya vinden dat niet leuk. Papa wil graag dat Ton en Toya bij hem op bezoek komen, maar van mama mag dat niet.

Papa en mama hebben ruzie. Ton en Toya vinden dat niet leuk. Papa wil graag dat Ton en Toya bij hem op bezoek komen, maar van mama mag dat niet. Bezoek op kantoor Papa en mama hebben ruzie. Ton en Toya vinden dat niet leuk. Papa wil graag dat Ton en Toya bij hem op bezoek komen, maar van mama mag dat niet. Ton en Toya hebben wat problemen thuis.

Nadere informatie

nooitopvakantie Een op de negen kinderen gaat nooit op vakantie omdat hun ouders er geen geld voor hebben. Gelukkig woon ik dicht bij een speeltuin.

nooitopvakantie Een op de negen kinderen gaat nooit op vakantie omdat hun ouders er geen geld voor hebben. Gelukkig woon ik dicht bij een speeltuin. 106 l linda. nooitopvakantie Een op de negen kinderen gaat nooit op vakantie omdat hun ouders er geen geld voor hebben. Gelukkig woon ik dicht bij een speeltuin. Revino Werners (8) woont met zijn zusjes

Nadere informatie

Deze vragenlijst bestaat uit vijf delen, A t/m E.

Deze vragenlijst bestaat uit vijf delen, A t/m E. Page of 6 Enquête basisonderwijs Deze vragenlijst bestaat uit vijf delen, A t/m E. Er zijn in totaal 9 vragen. A. Over jezelf Dit onderdeel bestaat uit zeven vragen. Hoe oud ben je? In welke klas zit je?

Nadere informatie

Dit examen bestaat uit 19 vragen, een samenvatting en twee schrijfopdrachten. Voor dit examen zijn maximaal 49 punten te behalen.

Dit examen bestaat uit 19 vragen, een samenvatting en twee schrijfopdrachten. Voor dit examen zijn maximaal 49 punten te behalen. Examen VMBO-KB 2005 tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13.30-15.30 uur NEDERLANDS LEESVAARDIGHEID-SCHRIJFVAARDIGHEID CSE KB Bij dit examen horen een uitwerkbijlage en een tekstboekje. Beantwoord alle vragen en

Nadere informatie

Lesbrief. Schuld Anne-Rose Hermer

Lesbrief. Schuld Anne-Rose Hermer Lesbrief Schuld Anne-Rose Hermer Doe meer met Thuisfront! Bij de boeken in de serie Thuisfront kunt u een gratis lesbrief downloaden van www.eenvoudigcommuniceren.nl. In deze lesbrief staan vragen, tips

Nadere informatie

DPS. Communicatie. Werkblad: werkwoordspelling

DPS. Communicatie. Werkblad: werkwoordspelling Werkstuk schrijven DPS Communicatie Werkblad: werkwoordspelling On line, korte, doelgerichte cursussen. Aan de slag wanneer het u uitkomt. Via Skype contact met een ervaren docent. Makkelijker was het

Nadere informatie

BIJLAGEN LESPAKKET 1.2

BIJLAGEN LESPAKKET 1.2 BIJLAGEN LESPAKKET 1.2 BIJLAGE 1 A4 BLADEN THEMA S BIJLAGE 2 DOMINO EMOTIES BIJLAGE 3 MATCHING OEFENING GEVOELENS BIJLAGE 4 VRAGENLIJST FILM BIJLAGE 5 VRAGENSTROOKJES HOEKENWERK BIJLAGE 6 ANTWOORDENBLAD

Nadere informatie

Naam: Silke Bouwman Klas: 3T2 Lerares: Mevr. Scholten

Naam: Silke Bouwman Klas: 3T2 Lerares: Mevr. Scholten Naam: Silke Bouwman Klas: 3T2 Lerares: Mevr. Scholten Inhoudsopgave 1. Zakelijke gegevens 2. Samenvatting van het boek 3. Over de auteur 4. Over het boek 5. Leeservaringen 6. Recensie en eigen mening 1.

Nadere informatie

Theorieboek. leeftijd, dezelfde hobby, of ze houden van hetzelfde. Een vriend heeft iets voor je over,

Theorieboek. leeftijd, dezelfde hobby, of ze houden van hetzelfde. Een vriend heeft iets voor je over, 3F Wat is vriendschap? 1 Iedereen heeft vrienden, iedereen vindt het hebben van vrienden van groot belang. Maar als we proberen uit te leggen wat vriendschap precies is staan we al snel met de mond vol

Nadere informatie

de aanbieding reclame, korting De appels zijn in de a Ze zijn vandaag extra goedkoop.

de aanbieding reclame, korting De appels zijn in de a Ze zijn vandaag extra goedkoop. Woordenlijst bij hoofdstuk 4 de aanbieding reclame, korting De appels zijn in de a Ze zijn vandaag extra goedkoop. alleen zonder andere mensen Hij is niet getrouwd. Hij woont helemaal a, zonder familie.

Nadere informatie

Reality Reeks Verwerkingsopdrachten. Mooi meisje Verliefd op een loverboy

Reality Reeks Verwerkingsopdrachten. Mooi meisje Verliefd op een loverboy Reality Reeks Verwerkingsopdrachten Mooi meisje Verliefd op een loverboy Lees blz. 3. Woont Laura in de stad of op het platteland? Hoe weet je dat? Lees blz. 5 en 7. Woont Laura s oma al lang op de boerderij?

Nadere informatie

Actielessen. Les 5. Feest in de buurt! Wat leert u in deze les? Veel succes! http://www.edusom.nl

Actielessen. Les 5. Feest in de buurt! Wat leert u in deze les? Veel succes! http://www.edusom.nl http://www.edusom.nl Actielessen Les 5. Feest in de buurt! Wat leert u in deze les? Nieuwe woorden Grammatica: werkwoorden in de verleden tijd Veel succes! Deze les is ontwikkeld in opdracht van: Gemeente

Nadere informatie

lesmap Wortel van Glas HETGEVOLG Wortel van Glas 16+

lesmap Wortel van Glas HETGEVOLG Wortel van Glas 16+ Wortel van Glas 16+ Naast de reguliere producties is en blijft het werk met en voor moeilijke doelgroepen een absolute noodzaak voor Stefan Perceval. Binnen dat kader presenteren we ook Wortel van Glas,

Nadere informatie

A person who never made a mistake never tried anything new.

A person who never made a mistake never tried anything new. Beroepenproject klas 3 droomberoep A person who never made a mistake never tried anything new. Albert Einstein Naam:.. Klas:. Mentor:.. Schooljaar: 2016-2017 1 Als je droomt, is alles mogelijk. Een droomberoep

Nadere informatie

Les 2: Voorspellen Tekst: Veilig in het verkeer. Introductiefase: 2. Vraag: "Kan iemand zich nog herinneren wat de bedoeling was bij het voorspellen?

Les 2: Voorspellen Tekst: Veilig in het verkeer. Introductiefase: 2. Vraag: Kan iemand zich nog herinneren wat de bedoeling was bij het voorspellen? Les 2: Voorspellen Tekst: Veilig in het verkeer "Welkom:... " Introductiefase: 1. "Vorige week zijn we begonnen met voorspellen." 2. Vraag: "Kan iemand zich nog herinneren wat de bedoeling was bij het

Nadere informatie

Wat is PDD-nos? VOORBEELDPAGINA S. Wat heb je dan? PDD-nos is net als Tourette een neurologische stoornis. Een stoornis in je hersenen.

Wat is PDD-nos? VOORBEELDPAGINA S. Wat heb je dan? PDD-nos is net als Tourette een neurologische stoornis. Een stoornis in je hersenen. Wat is PDD-nos? 4 PDD-nos is net als Tourette een neurologische stoornis. Een stoornis in je hersenen. Eigenlijk vind ik stoornis een heel naar woord. Want zo lijkt het net of er iets niet goed aan me

Nadere informatie

Lesbrief nummer 23 december 2015

Lesbrief nummer 23 december 2015 Lesbrief nummer 23 december 2015 Wilt u laten weten wat u van deze TLPST vond? Hebt u tips voor de volgende aflevering? Mail ons: redactie@tlpst.nl. Hoe klink jij? Wat vinden andere mensen van hoe jij

Nadere informatie

Hoe maak ik een Spreekbeurt?

Hoe maak ik een Spreekbeurt? Hoe maak ik een Spreekbeurt? Stap 1: Kies een onderwerp. Voordat je kunt beginnen met het maken van een spreekbeurt, moet je natuurlijk een onderwerp kiezen. Het hoeft niet perse een hobby van je te zijn,

Nadere informatie

Les 2: Tekstopbouw: alinea s

Les 2: Tekstopbouw: alinea s Les 2: Tekstopbouw: alinea s OEFENING 1 ALINEA S HERKENNEN Vul aan. Kies uit de woorden: een samenvatting, het onderwerp, de naam, alinea s, vier, laatste Een tekst bestaat uit.. delen: 1) De titel De

Nadere informatie

Examen Nederlandse Taal (lezen en schrijven)

Examen Nederlandse Taal (lezen en schrijven) Examen Nederlandse Taal (lezen en schrijven) Deel 1 Niveau Opgavenummer Examenduur : KSE 3 / 2F : NL3(09) : 90 minuten Instructies Dit examen bevat 7 opdrachten. Vul in het onderstaande vak uw gegevens

Nadere informatie

leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1

leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1 leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1 actief leren WWW.leer-actief.nl Dit is Wybo. Wybo was vroeger een heel gewoon jongetje, maar hij was wel erg lui. En dat...werd zijn redding. Hij had nooit

Nadere informatie

Tipboekje. Herman Jozefschool. Groep 8

Tipboekje. Herman Jozefschool. Groep 8 Tipboekje Herman Jozefschool Groep 8 Inhoudsopgave Tips: Woordsoorten Werkwoorden, Lidwoorden,Zelfstandige naamwoorden en eigen namen Bijvoeglijke naamwoorden,voorzetsels,vragende voornaamwoorden Bezittelijke

Nadere informatie

Lesmateriaal bij de voorstelling: Zwemmen Zonder Mouwen

Lesmateriaal bij de voorstelling: Zwemmen Zonder Mouwen Lesmateriaal bij de voorstelling: Zwemmen Zonder Mouwen Beste docent, Binnenkort gaat u met uw klas naar de voorstelling Zwemmen Zonder Mouwen; een muzikale 8+ voorstelling die zich afspeelt in en rondom

Nadere informatie

4 In de tekst staat: Dit is een recept voor een toetje. Weet jij wat een recept is? Kruis de goede zin aan.

4 In de tekst staat: Dit is een recept voor een toetje. Weet jij wat een recept is? Kruis de goede zin aan. Blok 2 LB 16-17 LES 1 MAAK EEN TOETJE Lees de tekst in het leesboek nog niet. 1 Kijk naar de plaatjes. Nu weet je al heel veel. 1 Hier staat hoe je een toetje maakt. Hier staat hoe je een pop maakt. 2

Nadere informatie

LES 3 Ik leer Nederlands. TESTEN TEST 1

LES 3 Ik leer Nederlands. TESTEN TEST 1 12/11/14 1 LES 3 Ik leer Nederlands. TESTEN TEST 1 1. (lezen) Ik.... een lange tekst. 2 Hij.... een moeilijk boek. 3. Zij.... een gemakkelijk tekstje. 4..... jullie veel? Ja, wij.... graag kinderboeken.

Nadere informatie

De Samenleving: samen of ieder voor zich? Oefening 2. 1. b. Alle mensen zijn anders en dat moeten we respecteren. 2 Han van Eijk - Leef

De Samenleving: samen of ieder voor zich? Oefening 2. 1. b. Alle mensen zijn anders en dat moeten we respecteren. 2 Han van Eijk - Leef Thema 2 De Samenleving: samen of ieder voor zich? Oefening 2 1. b. Alle mensen zijn anders en dat moeten we respecteren. 2 Han van Eijk - Leef Niemand hoeft alleen maar goed of slecht te zijn. Niemand

Nadere informatie

Micha kijkt Ruben aan. Hij trekt een gek gezicht. Micha houdt niet van puzzelen, want de puzzels die oma maakt, zijn altijd heel erg moeilijk.

Micha kijkt Ruben aan. Hij trekt een gek gezicht. Micha houdt niet van puzzelen, want de puzzels die oma maakt, zijn altijd heel erg moeilijk. 1. Puzzelen Wie er het eerst is! Micha staat bij het schoolhek. Hij krijgt een harde klap op zijn schouder van Ruben, zijn grote broer. Oké. Micha is wel in voor een wedstrijdje. Hij begint meteen te rennen,

Nadere informatie

Cadeautjes van de natuur

Cadeautjes van de natuur Cadeautjes van de natuur Een gedicht dat zegt dat ieder mens bijzondere talenten heeft. Ieder mens is uniek en bijzonder. En mag er zijn! Praat met de kinderen over hun talenten. Wat vinden ze leuk om

Nadere informatie

Niet eerlijk. Kyara Blaak

Niet eerlijk. Kyara Blaak Kyara Blaak Niet eerlijk Kyara Blaak Kyara Blaak 248media uitgeverij, Steenwijk Grafische realisatie: MDS Grafische Vormgeving Illustraties binnenwerk: Kyara Blaak Alle rechten voorbehouden. Niets uit

Nadere informatie

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen 1. Print deze tekst 2. Download het geluidsbestand en luister Je gaat een toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen maken. Dit is een leestoets. De toets heeft vijf delen. Deel A, B, C, D en E. Deze toets

Nadere informatie

De exodus. Foto s van het materiaal

De exodus. Foto s van het materiaal De exodus Focus van dit verhaal De focus van dit verhaal ligt bij de uittocht van het volk van God (Exodus 11:1 15:21). Het verhaal is één van de heilige verhalen en behoort tot de kernpresentatie. Lesdoelen

Nadere informatie

1. Hoeveel uur per week zaten jongeren op internet in 2009?

1. Hoeveel uur per week zaten jongeren op internet in 2009? Hoofdstuk 1 - Oefening 17 Leesdossier Opdracht 1 Lees de tekst Wat doen jongeren op internet? U gebruikt de leeskaart: zoekend lezen. Beantwoord daarna de vragen. Wat doen jongeren op internet? Onder 13-

Nadere informatie

De bruiloft van Simson

De bruiloft van Simson De bruiloft van Simson Weet je nog waar de vertelling de vorige keer over ging? Over Simson, de nazireeër. Wat is een nazireeër? Een nazireeër is een bijzondere knecht van God. Een nazireeër mag zijn haar

Nadere informatie

Thema 10. We ruilen van plek

Thema 10. We ruilen van plek Thema 10 We ruilen van plek Les 10.1 1. zakenreis 2. industrieën 3. raketten 4. percentage 5. demonstratie Les 1 gouden, ziekenhuis In het ankerverhaal staat dat de moeder van Gaby Pak kersen geeft in

Nadere informatie

LEZEN FICTIE BK 1 LEKKER LEZEN PERRON 1

LEZEN FICTIE BK 1 LEKKER LEZEN PERRON 1 LEZEN FICTIE BK LEKKER LEZEN PERRON Lekker lezen Daar lag de molen. Donker en dreigend lag hij daar in de sneeuw, als een sterk, gevaarlijk dier dat loert op zijn prooi. Ik hoef er helemaal niet heen,

Nadere informatie

Spelling. A. Kijk voor de vormen van de tegenwoordige tijd naar het volgende schema:

Spelling. A. Kijk voor de vormen van de tegenwoordige tijd naar het volgende schema: Spelling 1. Werkwoorden: tegenwoordige tijd A. Kijk voor de vormen van de tegenwoordige tijd naar het volgende schema: ik - je/u/hij/ze t we/jullie/ze en bijvoorbeeld: ik drink ik bied je drinkt je biedt

Nadere informatie

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje Thema Op zoek naar werk Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje Inleiding Deze les gaat verder over het zoeken naar werk. De vrouw,, gaat weer naar de winkel om over werk te praten. Ze wil de manager

Nadere informatie

Wat gaan we doen? Kies uit: bijzondere dagelijks gratis aanstaande praktisch. 1 Dick en Anna gaan vrijdag trouwen. Dat is over twee dagen.

Wat gaan we doen? Kies uit: bijzondere dagelijks gratis aanstaande praktisch. 1 Dick en Anna gaan vrijdag trouwen. Dat is over twee dagen. 103 103 HOOFDSTUK 7 Wat gaan we doen? WOORDEN 1 Kies uit: bijzondere dagelijks gratis aanstaande praktisch 1 Dick en Anna gaan vrijdag trouwen. Dat is over twee dagen. 2 Op 22 november zijn we 25 jaar

Nadere informatie

Spreekopdrachten thema 1 Voorstellen

Spreekopdrachten thema 1 Voorstellen Spreekopdrachten thema 1 Voorstellen Opdracht 1 bij 1.2 * Doe de opdracht met de groep. Uitleg voor de docent: De cursisten lopen door elkaar door het lokaal. Laat de cursisten elkaar in tweetallen begroeten,

Nadere informatie

De volgende onderdelen moeten in het verslag worden verwerkt:

De volgende onderdelen moeten in het verslag worden verwerkt: Het maken van een leesverslag in klas 3 en 4 VMBO Basis Voor het examenonderdeel fictie moet je een aantal boeken lezen. Gebruik bij het maken van het leesverslag het schema hieronder. Werk het schema

Nadere informatie

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen 1. Print deze tekst 2. Download het geluidsbestand en luister Je gaat een toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen maken. Dit is een leestoets. De toets heeft vijf delen. Deel A, B, C, D en E. Deze toets

Nadere informatie

Teksverklaringen!!!!! Samenvattingen!! - Meerkeuzevragen! - Open! !!!! Nederlands! 1. Spellen! 2. Samenvatting schrijven

Teksverklaringen!!!!! Samenvattingen!! - Meerkeuzevragen! - Open! !!!! Nederlands! 1. Spellen! 2. Samenvatting schrijven NEDERLANDS Nederlands Teksverklaringen Samenvattingen 1. Hoofdgedachte 2. Meerkeuzevragen 3. Tekstverbanden 4. Open vragen 5. Argumentatie 6. Mening en doel van de schrijver 1. Spellen 2. Samenvatting

Nadere informatie

Voor jongeren in het praktijkonderwijs. temperatuur is er min twintig. De harde wind maakt het nog kouder. Daardoor voelt het als min vijftig.

Voor jongeren in het praktijkonderwijs. temperatuur is er min twintig. De harde wind maakt het nog kouder. Daardoor voelt het als min vijftig. PrO -weekkrant Week 02 januari 2014 Voor jongeren in het praktijkonderwijs 6-12 januari 2014 Eenvoudig Communiceren Winterweer in Amerika Foto: Shutterstock Foto: Shutterstock In grote delen van Amerika

Nadere informatie

Actielessen. Lesbrief 1. Nederlands leren. Wat leert u in deze les? Veel succes!

Actielessen. Lesbrief 1. Nederlands leren. Wat leert u in deze les? Veel succes! http://www.edusom.nl Actielessen Lesbrief 1. Nederlands leren Wat leert u in deze les? Op welke manieren je Nederlands kunt leren. Zinnen met als. Veel succes! Deze les is ontwikkeld in opdracht van: Gemeente

Nadere informatie

Les 3 Vragenstellen Leestekst: De inbreker. 1. "Vandaag gaan we voor de derde keer een tekst lezen en daarbij vragen maken."

Les 3 Vragenstellen Leestekst: De inbreker. 1. Vandaag gaan we voor de derde keer een tekst lezen en daarbij vragen maken. Les 3 Vragenstellen Leestekst: De inbreker "Welkom:... " Introductiefase: 1. "Vandaag gaan we voor de derde keer een tekst lezen en daarbij vragen maken." 2. Vraag: "Welke vraag hebben we daarbij nodig?"

Nadere informatie

Lestip 'Jacques naar de stad'

Lestip 'Jacques naar de stad' Lestip 'Jacques naar de stad' Over het boek Jacques is een klein, mollig hondje met een trui aan. Samen met zijn vriend meneer Wiebelsok trekken ze de stad in. Ze drinken een kopje thee in een café en

Nadere informatie

Onderdeel: Spelling Algemene informatie: Wat moet je kennen: Wat moet je kunnen: Toetsing:

Onderdeel: Spelling Algemene informatie: Wat moet je kennen: Wat moet je kunnen: Toetsing: Vak: Nederlands Klas: IG2 MH/HV Onderdeel: Spelling week 1 t/m week 4 Aantal lessen per week: 2 Methode: Nieuw Nederlands 5 e editie Hoofdstuk: 1 & 2 Blz. 33 t/m 35 Digitale methode 1F Spelling: verdubbeling

Nadere informatie