VERSCHIJNT TWEEMAANDELIJKS 63e JAARGANG JANUARI NR. 1

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "VERSCHIJNT TWEEMAANDELIJKS 63e JAARGANG JANUARI 2010 - NR. 1"

Transcriptie

1 NMGT N E D E R L A N D S M I L I T A I R G E N E E S K U N D I G T I J D S C H R I F T VERSCHIJNT TWEEMAANDELIJKS 63e JAARGANG JANUARI NR. 1 M I N I S T E R I E V A N D E F E N S I E D I R E C T I E M I L I T A I R E G E Z O N D H E I D S Z O R G NMGT J A N u a R I

2 Ambu Man Een hygiënisch idee! Onderhoudsvriendelijke reanimatiepoppen Hygiënisch Voordelig Realistisch Ambu B.V. Edisonstraat 16j 2809 PB Gouda T F

3 I N H O U D 6 3 E J A A R G A N G - J A N U A R I A F L E V E R I N G 1 NEDERLANDS MILITAIR GENEESKUNDIG TIJDSCHRIFT Uitgegeven door het Ministerie van Defensie onder verantwoordelijkheid van de Directeur Militaire Gezondheidszorg HOOFDREDACTEUR R.P. van der Meulen kolonel-vliegerarts EINDREDACTEUR A.H.M. de Bok luitenant ter zee van administratie der tweede klasse oudste categorie b.d. LEDEN VAN DE REDACTIE J. de Graaf kolonel-arts J. van der Hoorn kolonel-vliegerarts Dr. R.A. van Hulst kapitein ter zee-arts H.W.P. Meussen luitenant-kolonel-arts Dr. J. van der Plas bioloog F.J.G. van Silfhout luitenant-kolonel-tandarts N.R. van der Struijs kapitein-luitenant ter zee-arts Dr. D.J. Versluis kolonel-arts M.L. Vervelde kolonel-apotheker H. van der Wal MBA luitenant-kolonel ADMINISTRATIE majoor b.d. A. Sondeijker secretaris NMGT Postbus 20703, 2500 ES s-gravenhage Telefoon / 06 of adres: DRUK OBT bv, Den Haag Postbus 43508, 2504 AM Den Haag Telefoon Fax ADVERTENTIE-EXPLOITATIE Publiciteitsbureau Leeuwenbergh b.v. Postbus 139, 2170 AC Sassenheim Telefoon Fax Contactpersoon: Frank van Gils VERSPREIDING Het NMGT wordt kosteloos gezonden aan alle beroeps- en reserveofficieren en onderofficieren, alsmede de daarmee gelijkgestelde burgerambtenaren, van de militair-geneeskundige diensten, alsmede naar alle militair-geneeskundige eenheden en inrichtingen en naar civiele geneeskundige instellingen. VOORBEHOUD Plaatsing van een artikel in dit tijdschrift houdt niet in, dat de inzichten van de schrijver worden gedeeld door de Directeur Militaire Gezondheidszorg en de redactie. Het adverteren in dit blad kan het verkrijgen van voorkeur voor leveranties aan de Geneeskundige Diensten van de Koninklijke Marine, de Koninklijke Landmacht en de Koninklijke Luchtmacht niet inhouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt, op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de redactie van dit tijdschrift. NETHERLANDS MILITARY MEDICAL REVIEW Edited under the responsibility of the Director of Military Health Care Postbox 20703, 2500 ES The Hague (The Netherlands) Telephone / 06 All rights reserved ISSN Van de redactie: Inhoud en register van de 62 e jaargang, (2009) 229 Mededelingen: Directeur Militaire Gezondheidszorg Nieuwsbrief DMG, speciale uitgave Geïntegreerde zorg Nieuwsbrief DMG, oktober Nieuwsbrief DMG, november Oorspronkelijke artikelen: Het verband tussen posttraumatische stress-stoornis en lichamelijke gezondheidsklachten door prof. dr. I.M. Engelhard, drs. J. Weerts, prof. dr. M.A. van den Hout, prof. dr. J.J. Hox en prof. dr. L.J.P. van Doornen Condylomata acuminata Wat kan de huisarts doen? door dr. E.M. van der Snoek De NATO Medical Evaluation Manual Een toolbox voor de evaluatie van medische capabilities door luitenant-kolonel T.A.M. van der Zanden Korporaal Huibert Breitenbach Eén der eerste oorlogsgewonden van 10 mei 1940 door L.C. Smit Boekbesprekingen: Edith Cavell. Een bittere herinnering aan de Eerste Wereldoorlog door dr. L. van Bergen Ingezonden mededelingen: Bij- en nascholing van de Netherlands School of Public and Occupational Health , 27 C O N T E N T S V O L U M E J A N U A R Y I S S U E 1 From the editor: Index of volume 62, (2009) 229 Announcements: Surgeon General Newsletter Surgeon General, special publication Integrated care Newsletter Surgeon General, October Newsletter Surgeon General, November Original contributions: A prospective study of the relation between posttraumatic stress and physical health symptoms by prof. dr. I.M. Engelhard, drs. J. Weerts, prof. dr. M.A. van den Hout, prof. dr. J.J. Hox and prof. dr. L.J.P. van Doornen Genital warts What the general practitioner can do? by dr. E.M. van der Snoek The NATO Medical Evaluation Manual by lieutenant colonel T.A.M. van der Zanden Lance Corporal Huibert Breitenbach by L.C. Smit Book reviews: Edith Cavell by dr. L. van Bergen Paragraph advertisement: The Netherlands School of Public and Occupational Health , 27 V O O R P A G I N A In de zomer van 1940 stelde ir. F.C.C. Baron van Tuyll van Serooskerken van Zuylen, landelijk voorzitter van het Rode Kruis, Huize Zuylenveld te Oud-Zuilen (bij Utrecht) ter beschikking als Herstellingsoord voor Nederlandsche Oorlogsgewonden. De opzet van Zuylenveld was om oorlogsgewonden die het hospitaal te Utrecht konden verlaten, maar (nog) niet in staat waren hun oude functie uit te oefenen hen een aangenaam gezond verblijf te verschaffen, teneinde een volledig herstel te verkrijgen. NMGT J A N u a R I

4 V A N D E R E D A C T I E De redactie van het Nederlands Militair Geneeskundig Tijdschrift (NMGT) wenst u nogmaals een gelukkig, hoopvol en vooral gezond 2010, en spreekt de wens uit in dat jaar veel kopij te mogen ontvangen zodat u het NMGT met veel genoegen kan blijven lezen. Wat 2010 ons zal brengen ligt nog verscholen in de toekomst, maar het is wel voorspelbaar dat het NMGT weer 2-maandelijks zal verschijnen en dat we door mogen gaan met nadenken over de taakstellingen binnen Defensie. Naast wetenschappelijke en operationeel geneeskundige artikelen wil de redactie u uitdagen om ook in de toekomst te kijken hoe de militaire gezondheidszorg er uit zou moeten zien. Het NMGT kan daarvoor een prima forum zijn. R.P. v/d M M E D E D E L I N G E N V A N D E D I R E C T E U R M I L I T A I R E G E Z O N D H E I D S Z O R G Beste collega s, Als C-ContCo mag ik dan op afstand zitten, Kandahar, maar ik krijg uiteraard nog steeds mee wat er speelt binnen Defensie en de militaire gezondheidszorg. Midden in ons theater kan ik goed zien welke rol de operationele gezondheidszorg speelt in de hedendaagse inzet. Taakstellingen horen bij het leven van een DDMG en van u als collega. De HDP-DMG is inmiddels begonnen aan het opstellen van een Toekomstvisie Militaire Gezondheidszorg. De groep die aan deze Toekomstvisie werkt bestaat niet puur uit Haagse beleidsmedewerkers maar ook uit collega s uit de opco s en BGGZ. Deze job biedt een uitgelezen kans om de militaire gezondheidszorg duurzaam neer te zetten. Ik kan u verzekeren dat de ogen op ons gericht zijn. Laat ik daarbij nog expliciet opmerken dat verpaarsen en krimpen geen doelstellingen op zich zijn. Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg Speciale uitgave Wij werken bijna altijd in internationaal verband. Onze ervaringen zullen dus ook gevoed worden door onze buitenlandse collega s en onze wijze van optreden moet kunnen aansluiten bij onze partners. De internationale samenwerking heeft u ook kunnen aanschouwen op het symposium in Utrecht en blijkt ook uit de vele bezoeken zoals van Duitse, Australische of Zuid-Afrikaanse counterparts. Uit Kandahar wens ik u een goed, gezond en succesvol 2010! De Directeur Militaire Gezondheidszorg R. van der Meer Brigade-generaal-arts Geïntegreerde zorg Vanaf 25 februari 2010 zullen militairen medische zorg ontvangen volgens een nieuw, zogenaamd geïntegreerd zorgmodel. Het toegenomen expeditionair karakter van de krijgsmacht maakt het noodzakelijk dat er voortdurend een actueel inzicht bestaat in de medische inzetbaarheid van de militair. Het geïntegreerde zorgmodel voorziet hierin. Bovendien bestaat er behoefte aan één zorgmodel voor de gehele krijgsmacht. Het geïntegreerde zorgmodel is in 2008 vastgelegd in de Militaire Ambtenarenwet. De start van het nieuwe zorgmodel heeft in een beperkt aantal gevallen ook gevolgen voor de zorg die burgerpersoneel ontvangt van de Arbodienst Defensie. Betekenis voor militair personeel Militairen kunnen voortaan voor hun huisartsenzorg en bedrijfsgeneeskundige zorg terecht bij één loket: het medisch zorgteam. In dit medisch zorgteam werken algemeen militair artsen, huisartsen en bedrijfsartsen nauw samen. Voor militairen van CLAS en KMar is dat nieuw. Zij ontvangen tot nog toe bedrijfsgeneeskundige zorg vanuit de arbocentra. Het medisch zorgteam neemt straks ook een belangrijk deel van die bedrijfsgeneeskundige zorg voor zijn rekening, en wel dat deel dat te maken heeft met verzuimbegeleiding, behoud van inzetbaarheid en re-integratie. Beoordeling van de geschiktheid voor de functie of voor de dienst vindt plaats buiten het zorgteam. De teams worden ondergebracht in de bestaande gezondheidscentra. Eén van de artsen van het medisch zorgteam treedt op als coördinator van de militaire gezondheidszorg voor de militair; de Verantwoordelijk Militair Arts (VMA). Die arts treedt ook op als aanspreekpunt voor de commandant van de militair als het gaat om adviezen op het gebied van verzuim, inzetbaarheid en re-integratie. Om een goed overzicht te houden van de medische gegevens zal het medisch zorgteam werken met één gezamenlijk medisch dossier: het Geneeskundig Informatiesysteem Defensie (GIDS). Omdat de doelstelling voor de verwerking van de medische gegevens van CLAS en KMar militairen anders wordt dan in het verleden, mag het oude dossier alleen met toestemming van de militair worden overgedragen aan de nieuwe zorgverlener in het geïntegreerde zorgmodel. Militairen van CLAS en KMar zullen hierover binnenkort persoonlijk een brief op het huisadres ontvangen. (In bijgevoegde link is deze brief op intranet terug te vinden): 2%20MN%20brief%20aan%20militairen%20van%20CLAS%20 en%20kmar_tcm pdf Voor militairen van CZSK en CLSK blijft de doelstelling van de gegevensverwerking gelijk. Al hun gegevens in het dossier blijven daarom beschikbaar voor de arts, zonder dat hiervoor nadere toestemming wordt gevraagd. Een voorbeeld van de brief (inclusief toestemmingsformulier) zoals individuele CLAS en KMar militairen die toegezonden krijgen en de procedure voor de gegevensoverdracht van CLAS en KMar militairen zullen via de stafartsen aan het geneeskundig personeel ter beschikking worden gesteld. Daarnaast zal deze informatie te vinden zijn op de intranetpagina van de DMG: Geintegreerde_zorg/geintegreerde_zorg.aspx Betekenis voor burgerpersoneel Tegelijk met de start van de geïntegreerde zorg verandert ook de arbodienstverlening door de Arbodienst Defensie. Voor een aantal burgerwerknemers kan dat gevolgen hebben, bijvoorbeeld als de bedrijfsgeneeskundige zorg tot dusverre werd verleend door een militaire bedrijfsarts van de geneeskundige dienst van CLSK. De zorg zal dan overgenomen worden door een bedrijfsarts van de Arbodienst Defensie. Dat kan betekenen dat toestemming gevraagd zal worden om gebruik te maken van het huidige bedrijfsgeneeskundige dossier. Zij zullen daar door hun bedrijfsarts over geïnformeerd worden. Burgerpersoneel zal, indien zich daar wijzigingen voordoen, door de arbodienst, in samenspraak met de commandant/directeur, geïnformeerd worden over het arbocentrum waar zij bedrijfsgeneeskundige zorg kunnen ontvangen. Deze nieuwsbrief is een speciale uitgave van de Directie Militaire Gezondheidszorg (DMG). Reacties op het onderwerp uit deze nieuwsbrief kunt u en naar NMGT J A N U A R I

5 O O R S P R O N K E L I J K A R T I K E L Het verband tussen posttraumatische stress-stoornis en lichamelijke gezondheidsklachten door prof. dr. I.M. Engelhard a, drs. J. Weerts b, prof. dr. M.A. van den Hout a, prof. dr. J.J. Hox c en prof. dr. L.J.P. van Doornen a Samenvatting Het doel van dit prospectieve onderzoek was na te gaan of posttraumatische stress-stoornis (PTSS) is gerelateerd aan een toename in lichamelijke gezondheidsproblemen. i Nederlandse militairen vulden vragenlijsten in over lichamelijke gezondheidsproblemen en PTSSklachten voordat zij werden uitgezonden naar Irak (N = 479) en daarna nog twee keer, ongeveer 5 maanden (n = 382; 80%) en 15 maanden (n = 331; 69%) na hun terugkeer naar Nederland. PTSS werd bepaald aan de hand van klinische interviews. Vijf maanden na terugkeer meldden deelnemers met PTSS meer lichamelijke klachten dan deelnemers zonder PTSS. Deze toename werd niet verklaard door demografische variabelen, lichamelijke klachten voor de uitzending, verwondingen en blootstelling aan psychische stressoren in Irak en het persoonlijkheidskenmerk neuroticisme. PTSS-klachten waren een voorspeller van latere lichamelijke problemen, ook nadat was gecorrigeerd voor eerdere lichamelijke problemen. De resultaten leveren aanvullend bewijs voor eerder onderzoek waarbij een verband werd aangetoond tussen PTSS en gezondheidsproblemen, en geven aan dat posttraumatische stress kan bijdragen aan het ontstaan van lichamelijke klachten. Clinici wordt geadviseerd alert te zijn op PTSS als mensen zich bij hen melden met lichamelijke klachten, en aandacht te geven aan lichamelijke klachten bij patiënten bij wie de diagnose PTSS is gesteld. Inleiding Er is de afgelopen jaren veel onderzoek gedaan naar de gezondheidseffecten (waaronder posttraumatische stress-stoornis of PTSS) die in verband worden gebracht met blootstelling aan stressvolle gebeurtenissen. 1-4 Daarbij werd een relatie gevonden tussen blootstelling aan stressvolle gebeurtenissen en ongunstige lichamelijke gezondheidseffecten, waaronder een toename van lichamelijke klachten, gebruik van medische voorzieningen en morbiditeit als gevolg van hart- en vaatziekten PTSS lijkt de belangrijkste mediator te zijn van deze relatie, niet de ernst van de blootstelling of opgelopen verwondingen. 5-8 Het merendeel van deze studies was cross-sectioneel, maar uit een van de weinige longitudinale studies bleek dat PTSSsymptomen een voorspeller waren van latere lichamelijke problemen, nadat was gecorrigeerd voor eerdere lichamelijke symptomen. Ook gaven PTSS-symptomen een gedeeltelijke verklaring voor het verband tussen blootstelling aan stressvolle gebeurtenissen en latere lichamelijke klachten. 9 Deze resultaten suggereren dat PTSS tot een slechtere lichamelijke gezondheid leidt. De grootste beperking van vrijwel al deze studies is echter dat ze pas ná de traumatische gebeurtenis werden uitgevoerd en geen rekening hielden met reeds bestaande gezondheidsproblemen. Ook werd in eerdere studies niet gecorrigeerd voor negatieve affectiviteit of neuroticisme (de neiging om ervaringen op een negatieve manier te interpreteren). Deze persoonlijkheidseigenschap hangt samen met het rapporteren van lichamelijke klachten en posttraumatische stress. 11,12 Het doel van de huidige studie was na te gaan of PTSS van invloed is op lichamelijke klachten, rekening houdend met pre-stressor lichamelijke klachten, neuroticisme en de ernst van stressoren. De deelnemers waren militairen die vóór hun uitzending naar Irak werden geworven, waardoor lichamelijke klachten en neuroticisme voorafgaand aan de uitzending konden worden vastgesteld. Methode Deelnemers en procedure Ongeveer zes weken voor de uitzending naar Irak werd aan 481 militairen gevraagd om mee te doen aan dit onderzoek. Zij behoorden tot drie infanteriebataljons die in 2004 voor een periode van vier maanden werden uitgezonden naar Irak. De methoden die werden gebruikt voor de selectie en het testen van de deelnemers zijn elders in detail beschreven. 4,12 De militairen kregen op diverse kazernes tijdens hun voorbereidingsprogramma beknopte informatie van de bevelvoerend officier over het doel en de algemene procedure van de studie. Een aantal dagen later kregen zij tijdens een bijeenkomst met de hoofdonderzoeker (IME) of de onderzoeksassistent uitvoerige informatie over de studie. De militairen namen vrijwillig en zonder financiële vergoeding deel. Twee van de oorspronkelijk 481 militairen zagen af van deelname; 479 (waarvan 3% vrouwen) namen deel aan de studie en vulden vragenlijsten in, waarin items over achtergrondkenmerken, lichamelijke klachten, PTSS-symptomen ii en neuroticisme waren opgenomen. Ongeveer vijf maanden na hun terugkeer uit Irak vulden de militairen opnieuw vragenlijsten in over stressoren in Irak, PTSS-symptomen en lichamelijke klachten; ook namen zij deel aan het Structured Clinical Interview for DSM-IV (SCID-I), 13 dat door een klinisch psycholoog werd afgenomen (20 hiervan werden uitgevoerd door master studenten die een SCID training hadden gevolgd). Circa 15 maanden na hun terugkeer vulden de meeste deelnemers opnieuw vragenlijsten in op de legerbasis; 31% van de lijsten werd per post verstuurd. De deelnemers gaven schriftelijk toestemming nadat zij informatie over het onderzoek hadden gekregen. De Medisch Ethische Commissie van het academisch ziekenhuis Maastricht en Universiteit Maastricht heeft het onderzoek goedgekeurd. a Capaciteitsgroep Klinische en Gezondheidpsychologie, Universiteit Utrecht, Postbus 80140, 3508 TC Utrecht. b KOC, Veteraneninstituut, Doorn. c Capaciteitsgroep Methodologie en Statistiek, Universiteit Utrecht. Dit onderzoek werd financieel ondersteund met een Veni Vernieuwingsimpuls door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en een subsidie van het Veteraneninstituut toegekend aan Iris M. Engelhard. De auteurs danken vertegenwoordigers van het Ministerie van Defensie, met name de voormalige Afdeling Individuele Hulpverlening en kolonel-arts Kees IJzerman voor hun medewerking; Marieke van Baars voor haar hulp bij de dataverzameling; en de bevelvoerend officieren en deelnemende militairen voor hun tijd en inspanningen. Artikel ontvangen oktober NMGT J A N u a R I

6 Meetinstrumenten De ernst van 12 veel voorkomende lichamelijke klachten werd gemeten met behulp van de Somatisatieschaal van de Symptom Check List (SCL-90), waarvan de betrouwbaarheid en validiteit zijn vastgesteld. 14 De deelnemers werd gevraagd op een vijfpuntsschaal de mate te beoordelen waarin hij of zij, helemaal niet (1), een beetje (2), nogal (3), tamelijk veel (4) of heel erg (5), last had van elke klacht gedurende de afgelopen week. Voor de analyses werd gebruik gemaakt van de somscore. Neuroticisme werd gemeten met de Eysenck Personality Questionnaire, een schaal met goede psychometrische eigenschappen. 15,16 De Potentially Traumatizing Events Scale (PTES) werd gebruikt voor het meten van blootstelling aan 22 gebeurtenissen tijdens uitzending in oorlogsgebied, zoals patrouilleren, burgers ontwapenen, beschoten worden, en gewond raken tijdens de uitzending. 12,17 Voor elke gebeurtenis die de deelnemers in Irak hadden meegemaakt, gaven zij een cijfer voor de invloed daarvan ten tijde van de gebeurtenis op een schaal van 1 (geen invloed) tot 4 (extreem negatief). Het aantal malen dat de score 3 (gematigd negatief) of 4 werd toegekend, werd opgeteld. PTSS werd gemeten met behulp van de SCID-I. 13 De ernst van PTSS-symptomen werd gemeten met de PTSD Symptom Scale. 18 Deze vragenlijst bestaat uit de 17 DSM-IV PTSS-symptomen, waarbij per symptoom de aanwezigheid en ernst wordt aangegeven op een vierpuntsschaal (0-3); de scores werden vervolgens opgeteld. De validiteit en betrouwbaarheid van deze lijst zijn voldoende. 18 Statistische analyse De frequentie van de lichamelijke klachten waarbij de deelnemers ten minste een score van 3 had toegekend (nogal last) is in tabel 1 weergegeven. Met behulp van Hierarchical Linear Modeling (HML)-versie 6 werd in een within-class hiërarchisch lineair model getest of de ernst van de klachten na vijf maanden varieerde over de drie meetmomenten voor groepen met en zonder PTSS. Mogelijke covariaten hierbij waren: leeftijd, partnerstatus, rang, vast/tijdelijk contract, eerdere lichamelijke klachten, neuroticisme, verwondingen opgelopen tijdens de uitzending (verwondingen die ten minste met een 4 op de PTES waren gescoord), en aantal stressoren in het Irak. HLM neemt ook onvolledige data in de analyses mee en is daarom minder gevoelig voor uitval. 19 Omdat scores met betrekking tot de SCL-90 niet normaal verdeeld waren, werd gebruik gemaakt van robust standard errors. 20 SPSS-versie 16 werd gebruikt voor het uitvoeren van een regressieanalyse om te toetsen of de PTSS-symptoomscores de lichamelijke symptoomscores na 5 maanden en 15 maanden voorspelden, rekening houdend met de potentiële covariaten. Het model werd herhaald zonder nietsignificante voorspellers. Alle toetsen waren tweezijdig met α = 0,05. Resultaten De demografische kenmerken van deze onderzoeksgroep zijn elders beschreven. 4 De response was 80% (n = 382) 5 maanden na terugkomst in Nederland (bij 71%; n = 339 werd ook de SCID afgenomen) en 69% (n = 331) na 15 maanden. De non-response kwam deels doordat militairen verlof hadden, een training volgden, of waren overgeplaatst naar een andere eenheid. Militairen die de vragenlijst na vijf maanden niet invulden, hadden iets meer uitzendingen meegemaakt dan militairen die deze wel hadden ingevuld. Respondenten en nietrespondenten na 15 maanden verschilden niet wat betreft de genoemde variabelen die eerder waren gemeten. De meest voorkomende gebeurtenissen in Irak, die de deelnemers volgens de PTES hadden meegemaakt, waren patrouilleren of het uitvoeren van andere gevaarlijke activiteiten (94%), te horen krijgen dat een collega was gedood (79%), getuige zijn van geweld (79%), getuige Voor uitzending zijn van een explosie (70%), en beschoten worden (58%). De prevalentie van uitzendingsgerelateerde PTSS was 3,5% (n = 12/339) volgens de SCID. zie 4 Bij 3,6% van de militairen (8,3% van de PTSS-groep en 3,4% van de groep zonder PTSS) was er sprake van verwondingen als direct gevolg van een ongeluk, aanval of hinderlaag in Irak. Wat lichamelijke klachten scores betreft, was er over het geheel genomen geen sprake van significante verschillen in de tijd, maar militairen met PTSS na vijf maanden hadden hogere scores dan militairen zonder PTSS (zie figuur 1): 50% van de PTSS-groep en 17,4% van de groep zonder PTSS rapporteerde ten minste één lichamelijke klacht, en respectievelijk 33,3% en 4,8% ten minste twee. Na 15 maanden waren de scores nog steeds verhoogd voor de PTSS-groep, maar HLM toonde aan dat alleen het groepsverschil bij 5 maanden statistisch significant was, ook na correctie voor de potentieel verstorende variabelen. De PTSSgroep had geen verhoogde scores vóór de uitzending (U = 1626, p = 0,69). Zoals verwacht correleerde de mate van lichamelijke klachten na 5 maanden significant met lichamelijke klachten en PTSS-symptomen vóór de uitzending, neuroticisme, stressoren in Irak, en PTSS-symptomen na 5 maanden (kleinste r s = 0,17, p < 0,01), maar niet met de demografische factoren, militaire variabelen en verwondingen opgelopen tijdens de uitzending (grootste r s = 0,097, p = 0,06). Tijd 5 maanden na terugkeer 15 maanden na terugkeer Pijn onder in de rug 9% 12,2% 8,8% Pijnlijke spieren 4,3% 5,4% 5,1% Hoofdpijn 4,5% 3,5% 2,7% Pijn in borst of hartstreek 2,1% 1,7% 1,5% Je soms erg warm, dan erg koud voelen 2,1% 1% 2,7% Misselijkheid of maag van streek 1,9% 2,7% 2,4% Brok in keel 1,9% 1,4% 0,9% Lichamelijk ergens slap voelen 1,5% 2,4% 3,2% Verdoofd of tintelend gevoel ergens in je lichaam 1,3% 0,6% 1,2% Duizeligheid 1,3% 0,8% 0,3% Zwaar voelen in armen of benen 0,8% 0,8% 2,4% Moeilijk adem kunnen krijgen 0% 0,3% 1,2% Tabel 1: Percentage deelnemers dat nogal, tamelijk veel of heel erg last had van lichamelijke klachten. NMGT J A N U A R I

7 Figuur 1: Gemiddelde scores op de somatisatieschaal voor deelnemers met (n = 12) en zonder (n = 327) PTSS na 5 maanden. Uit een regressieanalyse bleek dat de mate van lichamelijke klachten na 5 maanden werd voorspeld door PTSS-symptomen na 5 maanden (ß = 0,46, t = 10,72, p < 0,01; 95% BI: 0.42 tot 0.50) en lichamelijke klachten vóór de uitzending (ß = 0,34, t = 7,87, p < 0,01; 95% BI: 0,26 tot 0,41), F(2, 353) = 111,85, p < 0,01, R 2 = 0,39. PTSS-symptomen voor de uitzending, neuroticisme en stressoren in Irak waren niet meer significant in dit model. De mate van lichamelijke klachten na 15 maanden werd zowel voorspeld door PTSS-symptomen na 5 maanden (ß = 0,21, t = 3,97, p < 0,01; 95% BI: 0,15 tot 0,27) als lichamelijke klachten na 5 maanden (ß = 0,53, t = 10,19, p < 0,01; 95% BI: 0,40 tot 0,65); F(2, 285) = 105,22, p < 0,01, R 2 = 0,43. Discussie Militairen die PTSS ontwikkelden na hun terugkeer uit Irak, hadden meer lichamelijke klachten dan militairen die geen PTSS kregen. Dit verschil in lichamelijke klachten was er niet voor de uitzending, en werd niet verklaard door demografische variabelen, militaire factoren, neuroticisme, verwondingen opgelopen tijdens de uitzending, en het aantal gemeten stressoren in Irak. Het verband tussen PTSS-symptomen na 5 maanden en lichamelijke klachten na 15 maanden bleef significant na correctie voor lichamelijke klachten na 5 maanden. De resultaten zijn consistent met eerder cross-sectionele en longitudinale studies waarbij een verband werd gevonden tussen PTSS-symptomen en slechtere gezondheid, 5 10 en duiden erop dat posttraumatische stress de kans op lichamelijke symptomen vergroot. Hoe zouden PTSSsymptomen tot gezondheidsproblemen kunnen leiden? Het is niet waarschijnlijk dat deze relatie een gevolg is van een negatieve responsstijl, omdat het verband onveranderd bleef na correctie voor neuroticisme. Het ziet ernaar uit dat de overmatige stress bij PTSS mentale en lichamelijke aspecten omvat. PTSS duidt op een toestand van ontregelde (stress)fysiologische mechanismen van het lichaam. 5,6,21,22 Op de langere termijn kunnen deze verstoringen leiden tot organische pathologie, zoals hart- en vaatziekten of autoimmuunziekten. Ook zou bepaald gedrag dat samenhangt met PTSS, zoals roken en het gebruik van alcohol, een gezondheidsrisico kunnen vormen. 5 Lichamelijke klachten bij getraumatiseerde mensen worden vaak weggezet als medisch onverklaard, 23 zonder duidelijke pathogenese dus, net als pijn bij depressie. 24 De behandeling van patiënten met onverklaarde lichamelijke klachten is vaak ontoereikend, en patiënten zouden zich kunnen storen aan de nadruk die wordt gelegd op het ontbreken van een lichamelijke oorzaak. 25 Ook al worden gezondheidsklachten niet door een medische diagnose bevestigd, dan nog zijn ze een significante bron van ongemak, lichamelijk disfunctioneren, en gebruik van gezondheidszorg. 26 Beperkingen van deze studie zijn het gebrek aan power na 15 maanden om vast te stellen of het groepsverschil in lichamelijke klachten statistisch significant is en de inclusie van jonge, fitte mannen. Er zijn echter geen empirische of theoretische redenen te veronderstellen dat bij andere personen het patroon sterk zal afwijken van de hier gerapporteerde relaties. Sterke punten zijn de correctie voor relevante covariaten, de prospectieve opzet, de hoge respons, en het gebruik van klinische interviews voor PTSS. De resultaten van deze studie suggereren dat posttraumatische stress kan leiden tot lichamelijke klachten. Clinici wordt geadviseerd alert te zijn op PTSS bij mensen met lichamelijke klachten, en aandacht te besteden aan lichamelijke klachten bij patiënten bij wie de diagnose PTSS gesteld is. s u m m a r y A PROSPECTIVE STUDY OF THE RELATION BETWEEN POSTTRAUMATIC STRESS AND PHYSICAL HEALTH SYMPTOMS This ex post facto prospective study investigated whether symptoms of posttraumatic stress disorder (PTSD) are associated with increased physical health problems, while controlling for base-rates of symptoms and individual differences in neuroticism. Dutch army soldiers completed standardized questionnaires before they were deployed to Iraq (n = 479), and about 5 months (n = 382; 80%) and 15 months (n = 331; 69%) after their return home. PTSD-symptoms were evaluated by questionnaires and clinical interviews. The results showed that, on average, participants with PTSD at 5 months reported increased physical problems after deployment. PTSD-symptoms at 5 months predicted coexisting physical symptoms, after controlling for demographic variables, military factors, injury sustained on deployment, war-zone exposure on deployment, baseline physical problems, baseline PTSD-symptoms, and neuroticism. PTSD-symptoms at 5 months also predicted physical problems at 15 months, while controlling for physical symptoms at 5 months. The results suggest that posttraumatic stress contributes to physical symptoms. Clinicians are advised to be attentive to PTSD when individuals present with physical symptoms, and to pay attention to physical symptoms in patients diagnosed with PTSD. Noten: i Een Engelstalige versie van dit artikel is onlangs gepubliceerd: Engelhard I.M., Van den Hout M.A., Weerts J., Hox J.J., Van Doornen L.J.P.: (2009). A prospective study of the relation between posttraumatic stress and physical health symptoms. International Journal of Clinical and Health Psychology, 9, ii Bij één van de drie bataljons (n = 214) werden PTSS-symptomen niet voor de uitzending gemeten. Literatuur: 1. Hoge C.W., Castro C.A., Messer S.C., McGurk D., Cotting D.I., Koffman R.L.: Combat duty in Iraq and Afghanistan, mental health problems, and barriers to care. N Engl J Med 2004 (351) NMGT J A N u a R I

8 2. Hotopf M., Hull L., Fear N.T., Browne T., Horn O., Iversen A., et al.: The health of UK military personnel who deployed to the 2003 Iraq war: a cohort study. Lancet 2006 (367) Rona R.J., Hooper R., Jones M., Hull L., Browne T., Horn O., et al.: Mental health screening in armed forces before the Iraq war and prevention of subsequent psychological morbidity: follow-up study. BMJ 2006 (doi: /bmj ). 4. Engelhard I.M., Van den Hout M.A., Weerts J., Arntz A., Hox J.C.M., McNally R.J.: Deployment-related stress and trauma in Dutch soldiers returning from Iraq: A prospective study. Br J Psychiatry 2007 (191) Green B.L., Kimerling R.: Trauma, posttraumatic stress disorder and health status. In: Schnurr P.P., Green B.L., red. Trauma and health. Physical consequences of exposure to extreme stress. Washington DC: American Psychological Association; 2003, p Schnurr P.P., Jankowski M.K.: Physical health and post-traumatic stress disorder: Review and synthesis. Seminars in Clinical Neuropsychiatry 1999 (4) Wolfe J., Schnurr P.P., Brown P.J., Furey J.: Posttraumatic stress disorder and war-zone exposure as correlates of perceived health in female Vietnam War veterans. J Consult Clin Psychol 1994 (62) Schnurr P.P., Spiro A. III: Combat exposure, posttraumatic stress disorder symptoms, and health behaviors as predictors of self-reported physical health in older veterans. J Nerv Ment Dis 1999 (187) Wagner A.W., Wolfe J., Rotnitsky A., Proctor S.P., Erickson D.J.: An investigation of the impact of posttraumatic stress disorder on physical health. J Trauma Stress 2000 (13) Hoge C.W., Terhakopian A., Castro C.A., Messer S.C., Engel C.C.: Association of posttraumatic stress disorder with somatic symptoms, health care visits, and absenteeism among Iraq War veterans. Am J Psychiatry 2007 (164) Watson D., Pennebaker J.W.: Health complaints, stress, and distress: Exploring the central role of negative affectivity. Psychol Rev 1989 (96) Engelhard I.M., Van den Hout M.A.: Preexisting neuroticism, subjective stressor severity, and posttraumatic stress in soldiers deployed to Iraq. Can J Psychiatry 2007 (52) First M.B., Spitzer R.L., Gibbon M., Williams J.B.W.: Structured Clinical Interview for DSM-IV Axis I Disorders (SCID), Clinician Version. Washington, DC: American Psychiatric Press; Arrindell W.A., Ettema J.H.M.: Symptom Checklist SCL-90. Lisse: Swets & Zeitlinger; Eysenck H.J., Eysenck S.B.G.: Manual of the Eysenck Personality Questionnaire. San Diego, CA: Educational and Industrial Testing Service; Sanderman R., Arrindell W.A., Ranchor A.V., Eysenck H.J., Eysenck S.B.G.: Eysenck Personality Questionnaire (EPQ). Groningen: Noordelijk Centrum voor Gezondheidsvraagstukken; Maguen S., Litz B.T., Wang J.L., Cook M.: The stressors and demands of peacekeeping in Kosovo: Predictors of mental health response. Mil Med 2004 (169) Foa E.B., Riggs D.S., Dancu C.V., Rothbaum B.O.: Reliability and validity of a brief instrument for assessing post-traumatic stress disorder. J Trauma Stress 1993 (6) Hox J.J.: Multilevel Analysis. Techniques and Applications. Mahwah, NJ: Lawrence Erlbaum Associates; Maas C.J.M., Hox J.J.: Robustness issues in multilevel regression analysis. Statistica Neerlandica 2004 (58) Boscarino J.A.: Posttraumatic stress disorder and physical illness. Ann NY Acad Sci 2004 (1032) Yehuda R.: Neuroendocrinology of trauma and posttraumatic stress disorder. In: Yehuda R., redacteur. Psychological trauma, Review of Psychiatry. Washington, DC: American Psychiatric Press; 1998, p Van den Berg B., Grievink L., Yzermans J., Lebret E.: Medically unexplained physical symptoms in the aftermath of disasters. Epidemiol Rev 2005 (27) Peveler R., Katona C., Wessely S., Dowrick C.: Painful symptoms in depression: underrecognized and under-treated? Br J Psychiatry 2006 (188) Thomas S.: Omgaan met medisch onverklaarde klachten in de huisartspraktijk: van ergernis naar de fijne kneepjes van het vak. NTvG 2006 (150) Van der Mast R.C.: Onverklaarde lichamelijke klachten: een omvangrijk probleem, maar nog weinig zichtbaar in opleiding en richtlijnen. NTvG 2006 (150) m e d e d e l i n g Netherlands School of Public & Occupational Health Medische theorie over soa Data: dinsdag 2 en 9 februari, 2 en 9 maart 2010 Locatie: Amsterdam Kosten: Doelgroep: verpleegkundigen werkzaam in de soa-bestrijding bij voorkeur VP niveau 5 (HBOV ) met post HBO sociaal verpleegkundige. Inlichtingen: tel , Centraal staat kennis over soa. U leert over symptomen, diagnostiek, behandeling, follow-up en partnerwaarschuwing. Lijkschouw: de basis (filevrij) Data: donderdag 4 en 11 februari, 4, 11, 18 en 25 maart 2010 Locatie: Utrecht Kosten: Doelgroep: artsen werkzaam in de forensische geneeskunde. Inlichtingen: tel , Leer volgens de regelen der kunst een lijkschouw verrichten, de administratieve kant afronden en een advies uitbrengen aan de politie en/of het Openbaar Ministerie. Praktijkexamen met een technisch rechercheur (examendatum nog onbekend). Timemanagement (filevrij) Datum: maandag 8 februari 2010 Locatie: Utrecht Kosten: 450 Doelgroep: professionals in de Public & Occupational Health. Inlichtingen: tel , Hoge betrokkenheid, verantwoordelijkheidsgevoel en een vaak commerciële werkomgeving, vragen een specifieke aanpak en beïnvloeding van uw tijdgebruik. De workshop is hier specifiek voor opgebouwd. Suriname Data: zaterdag 13 t/m zondag 21 februari 2010 Locatie: Suriname Kosten: zie Inlichtingen: tel , Verdiep u in belangrijke tropische infectieziekten in Suriname, de kliniek, de diagnostische methoden, de behandeling en de preventieve mogelijkheden. Naast het onderwijs kunt u deelnemen aan een excursie om het land beter te leren kennen. Outbreakmanagement Data: donderdag 4, 11, 18 en 25 maart 2010 Locatie: Amsterdam Kosten: Doelgroep: public health artsen of professionals werkzaam in een uitvoerendeof managementfunctie. Ook is de module zeker geschikt voor verpleeghuisartsen, bedrijfsartsen en huisartsen. Inlichtingen: tel , Voel u zekerder bij een (dreigende) outbreak. Wanneer onderneemt u iets en wat? Ontdek alle facetten van het managen van infectieziekte uitbraken, klein en groot. Adviseren van reizigers: een kwestie van motivatie! Data: donderdag 4 en 25 maart 2010 Locatie: Amersfoort Kosten: 650 Doelgroep: verpleegkundigen reizigersadvisering. Inlichtingen: tel , Leer uw adviesgesprek voeren volgens een reizigersadviseringsmodel op basis van technieken uit de motiverende gesprekvoering. Hiermee motiveert u de ander tot veiliger of gezonder gedrag. U oefent specifieke basistechnieken gericht op de populaties die u daadwerkelijk in uw werk ontmoet. Daarmee vergroot u de kans op succes. Geneesmiddelen, werk en rijvaardigheid Datum: dinsdag 9 maart 2010 Locatie: Utrecht Kosten: 475 Doelgroep: bedrijfs- en verzekeringsartsen (geregistreerd en in opleiding), arboverpleegkundigen, huisartsen en medisch adviseurs. Inlichtingen: tel , Leer hoe en welke geneesmiddelen het reactievermogen kunnen beïnvloeden. Welke inschatting van risico's kunt u maken ten aanzien van het werk, rijvaardigheid en diverse juridische aspecten? Welke interventiemogelijkheden heeft u? NMGT J A N U A R I

9 O O R S P R O N K E L I J K A R T I K E L Inleiding Condylomata acuminata of genitale wratten komen veel voor. Ongeveer patiënten melden zich jaarlijks bij hun huisarts voor behandeling. 1 Het totale aantal nieuwe gevallen wordt geschat op per jaar. 2 Condylomata acuminata worden door veel patiënten als zeer vervelend ervaren. De hulpvraag betreft behalve behandeling vaak ook de beantwoording van vragen over de wijze van besmetting, de besmettelijkheid en het risico op latere complicaties zoals baarmoederhalskanker. Veelgehoord is ook de vraag of condoomgebruik nodig is en zo ja, voor hoe lang. Bij zowel een gerichte behandeling als het adequaat beantwoorden van deze vragen speelt de huisarts een belangrijke rol. Ten slotte kan het constateren van condylomata acuminata een opening zijn voor een gesprek over onderzoek naar andere seksueel overdraagbare aandoeningen (soa). De meeste wratten kunnen uitstekend door de huisarts worden behandeld. Dat gebeurt al op grote schaal. Geschat wordt dat 70% van alle soa door de huisarts wordt behandeld. 3 Condylomata acuminata Genitale wratten zijn bloemkoolachtige, meestal roze of huidkleurige verhevenheden die beginnen als papels en die kunnen conflueren tot grotere gebieden met verruceuze plaques. Sommige wratten lijken op vlakke papels die sterker gepigmenteerd zijn dan de omgevende huid. Dit gebeurt sneller rond de anus, waar patiënten de wratten minder snel ontdekken dan vulvair of op de penis. Fig. 1: Gehyperpigmenteerde, verruceuze elementen ter plaatse van de mons pubis en huidkleurige papels op de penisschacht. Condylomata acuminata Wat kan de huisarts doen? Condylomen kunnen ook voorkomen op de tong en het gehemelte en worden verder gezien in de schaamstreek, liezen en bilspleet. De meeste wratten zijn asymptomatisch. Sommige patiënten ervaren jeuk, branderigheid of bloedverlies. In 95% van de gevallen veroorzaken de humaan papillomavirus (HPV-) typen 6 en 11 de condylomen. Ook de HPV-typen 43, 44, 54 en 70 kunnen verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van genitale wratten. Deze typen zijn niet geassocieerd met baarmoederhalskanker. 4 Er zijn ruim honderd HPV-typen bekend, waarvan een dertigtal voorkomen op huid en slijmvliezen in het anogenitale gebied. Sommige patiënten dragen meerdere typen tegelijk. De diagnose condylomata acuminata wordt gesteld op basis van het klinische beeld. Wratten moeten niet verward worden met pearly penile papules, skintags, fordyce spots of micropapillomatose van de vulva. Het afnemen van materiaal voor HPV-diagnostiek ter bevestiging van de diagnose is gezien het grote percentage asymptomatisch dragerschap niet zinvol. De gevonden percentages van HPV-positiviteit zijn steeds afhankelijk van de onderzochte groep, de gevoeligheid van de gebruikte PCR-methode en de toegepaste afnamemethodiek en kunnen oplopen tot 97,9%. 5,6 Een geconstateerde HPV-infectie is dus geen bewijs dat de waargenomen klinische afwijkingen genitale wratten zijn. Een HPV-infectie wordt meestal tijdens seksueel contact overgedragen. Het risico is hoger bij patiënten met veel wisselende sekscontacten. 7 Ook een doorgemaakte soa in het verleden is geassocieerd met een hoger risico op HPV. Het gebruik van condooms verkleint het risico op een HPV-besmetting, maar kan die zeker niet voorkomen. HPV kan in het gehele anogenitale gebied aanwezig zijn en tijdens het beschermde sekscontact overgedragen worden. De tijd tussen het acquireren van HPV en het zichtbaar worden van wratten kan twee tot acht door dr. E.M. van der Snoek maanden in beslag nemen en mogelijk soms langer dan een jaar. Het komt daarom regelmatig voor dat condylomata acuminata een resultaat zijn van een HPV-infectie die iemand tijdens een eerdere relatie heeft opgelopen. Driekwart van de seksueel actieve bevolking loopt ooit in het leven een genitale HPV-infectie op. 2 De transmissiekans tijdens een eenmalig seksueel contact wordt geschat op 60%. 8 Een minderheid van rond de 1% van de besmette personen ontwikkelt zichtbare wratten. De overigen zijn dragers van het virus en kunnen ongemerkt anderen besmetten. De aanwezigheid van condylomen rond de anus wijst niet per definitie op receptieve anale sekscontacten. Het overgrote deel van de patiënten met perianale wratten heeft vermoedelijk geen receptieve anale seks gehad. Het samenkomen van (transpiratie)vocht in het anale gebied kan het wratvirus naar dit gebied verspreiden. Ook via de vingers en waarschijnlijk ook via handdoeken en washandjes kan het virus worden verspreid. Een ander bekend voorbeeld is het gemeenschappelijk gebruik van scheerapparatuur voor het scheren van de schaamstreek. Condylomata acuminata worden door veel patiënten als enorm vervelend ervaren. De virale soa wordt vaak bij twintigers gezien. Tijdens een nog niet gepubliceerd Rotterdams onderzoek gaf driekwart van de patiënten die voor het eerst een dermatoloog bezochten vanwege wratten op een poli dermatologie in Nederland, aan de wratten als zeer vervelend te ervaren. Onderzoek bij personen tussen de 25 en 45 jaar in verschillende Amerikaanse staten laat zien dat er veel onduidelijkheden en misvattingen bestaan over genitale wratten. 9 Er is duidelijk behoefte aan meer informatie over dit onderwerp. 10,11 Zeker nu farmaceutische bedrijven reclame maken voor vaccinatie tegen bepaalde vormen van HPV-infecties ter voorkoming van baarmoederhalskanker. Dermato-venereoloog, Centraal Militair Hospitaal, Utrecht. Dit artikel is eerder geplaatst in Derma Actueel: 2009 Academic Pharmaceutical Productions bv: Van der Snoek E.M., Condylomata acuminata - Wat kan de huisarts doen? Derma Actueel jaargang 7, nummer 2, oktober Artikel ontvangen oktober NMGT J A N u a R I

10 Fig. 2: Huidkleurige tot witgrijs gekleurde papels ter plaatse van de mons pubis en basis van de penis. Mannen die seks hebben met mannen Bij mannen die seks hebben met mannen (MSM) worden relatief vaker condylomata acuminata gezien. Dit heeft mogelijk te maken met het aantal wisselende sekspartners in de onderzochte groepen. In de periode vond in Rotterdam een vragenlijstonderzoek plaats onder 350 MSM. 12 Van de respondenten bleek 18% ooit genitale wratten te hebben gehad. Bij twee derde van hen hadden de wratten rond de anus gezeten. De wratten waren gemiddeld na drie tot vijf maanden verdwenen. Vrijwel alle mannen waren behandeld, meestal met vloeibaar stikstof in combinatie met poliklinisch aangebracht podofylline. Van de ondervraagden gaf 62% aan dat het hebben van wratten invloed had (gehad) op hun seksleven. Het meest frequent werd de angst om anderen te besmetten (78%) genoemd. Ook vermeed 77% van de mannen anale sekstechnieken vanwege de wratten. Ten slotte gaf 55% van de mannen aan zich vies te voelen. Hiv-positieven Hiv-positieve patiënten zijn vaker HPV-besmet. Percentages hoger dan 95% worden gerapporteerd bij hiv-positieve MSM. 6 Deze patiënten hebben vaker meerdere HPV-typen tegelijk en dragen frequenter zogenaamde hoogrisico HPV-typen. Hoogrisico HPV-typen, zoals onder meer 16, 18, 31, 33, 35, 39, 51, 52, 56, 58 en 59, zijn geassocieerd met anogenitale maligniteiten. 4 Persistentie van een HPV-infectie gecombineerd met gastheer immuundeficiëntie zoals bij hiv-positiviteit geeft een groter risico op het ontstaan van plaveiselcelcarcinoom. Het aantal gevallen van hiv-positieve mannen met anuskanker en voorstadia daarvan neemt toe. 13 Hiv-positieve patiënten hebben vaker condylomata acuminata. Lagere aantallen CD4-cellen geven meer kans op klinisch zichtbare afwijkingen. Het gebruik van hoogactieve antiretrovirale therapie (HAART) veroorzaakt soms een verbetering van het beeld. 14 Condylomen bestaan bij hiv-positieve patiënten vaak lang en zijn meestal zeer therapieresistent. Wanneer de wratten na intensieve therapie verdwenen lijken, is het risico op recidieven groot. Bij deze groep patiënten is te overwegen de condylomen niet te behandelen vanwege de geringe effectiviteit van de huidige bestaande therapieën. Wel lijkt het dan raadzaam patiënten jaarlijks of om de twee tot drie jaar te controleren op (peri)anale maligniteiten of voorstadia daarvan. Het gebruik van high-resolution anoscopy hierbij is raadzaam. Aanbrengen van een ruime hoeveelheid azijnzuur 5% maakt subklinische HPV-geïnduceerde laesies na enkele minuten beter zichtbaar maar is niet zeer gevoelig. Ook huidafwijkingen veroorzaakt door eczeem of candida kunnen witverkleuring geven. In Nederland bestaan nog geen richtlijnen voor deze controles. Behandeling Condylomen kunnen spontaan verdwijnen. De meeste patiënten melden zich echter voor een behandeling. Het spontane beloop afwachten blijft zeker een optie. In het overgrote deel van de gevallen verdwijnen wratten - zonder behandeling - even spontaan als ze zijn gekomen binnen twee jaar. Vaak vindt toch behandeling plaats omdat de angst bestaat dat de wratten groter worden. Gezien het hoge percentage asymptomatisch dragerschap onder jongeren, lijkt behandelen ter voorkoming van nieuwe besmettingen niet zinvol. De kans dat de vaste partner van een patiënt met condylomen besmet is, is zeker 80%. 15 Het is daarnaast belangrijk zich te realiseren dat een patiënt nog niet van zijn HPV-besmetting af is zodra de wratten na adequate behandeling weg zijn. Dit gegeven verklaart ook dat na een initieel succesvolle behandeling bij ongeveer 20-33% van de behandelde patiënten de wratten terugkomen. Het is verstandig patiënten hiervan al tijdens de behandeling op de hoogte te brengen. De meerderheid van de behandelde personen klaart de HPV-besmetting overigens wel binnen twee jaar na klinische genezing. Er zijn meerdere behandelingen voor condylomata acuminata. Geen behandeling springt er wat betreft effectiviteit met kop en schouders bovenuit. De behandeling bestaat uit het aanbrengen van etsende middelen en het destrueren van weefsel. Dit kan met cryotherapie, trichloorazijnzuur 80%, 5-fluorouracilcrème (Efudix ), elektrocauterisatie of laserfulguratie. Bij zeer uitgebreide condylomen is chirurgische excisie noodzakelijk. Excisie is ook geïndiceerd na langdurig falen van lokale therapie. Soms kan excisie van grotere wratten gecombineerd worden met lokale behandeling van kleinere laesies. In de huisartsenpraktijk lijkt cryotherapie aangevuld met thuisgebruik van podofyllotoxine bevattende middelen zoals Condyline en Wartec een uitstekende eerste keuze. Bij cryotherapie worden de wratten per behandelsessie tweemaal bevroren met een marge van 2-3 millimeter rondom. Tussen de bevriezingen zit circa seconden tijd. Door deze herhaling is de behandeling effectiever dan een eenmalige bevriezing. Als alternatief voor cryotherapie kan de huisarts trichloorazijnzuur 80% aanbrengen en dat combineren met thuisgebruik van podofyllotoxine bevattende middelen. Trichloorazijnzuur is een etsend middel en geeft direct na applicatie een behoorlijk heftige reactie. Bij keuze van de therapie kan de voorkeur van de patiënt uitgaan naar een kortdurende intensieve of soms naar een langdurigere minder intensieve behandeling. 16 Het is van belang aan patiënten uit te leggen dat de behandeling met vloeibaar stikstof of trichloorazijnzuur meerdere malen moet worden herhaald. Alleen wratten die korter dan drie maanden bestaan, verdwijnen soms sneller. Ook het gebruik van podofyllotoxine bevattende middelen heeft weken tot maanden nodig voordat het effectief is. Deze middelen moeten tweemaal daags NMGT J A N U A R I

11 Fig. 3: Gehyperpigmenteerde, verruceuze afwijkingen rond de anus. gedurende drie aaneengesloten dagen per week worden aangebracht tijdens een periode van vier tot vijf opeenvolgende weken. De niet-aangedane huid hoeft niet te worden beschermd met vaseline. Nadeel van het aanbrengen van vaseline is dat het al snel verdunning geeft van de podofyllotoxine. Bovendien is het meestal onbegonnen werk om de vaseline rondom en de podofyllotoxine exact op de wratten aan te brengen. Sommige patiënten kunnen heftig reageren op het aanbrengen van podofyllotoxine met klachten als pijn, roodheid, zwelling en oppervlakkige wondjes. Het is van belang hiervoor te waarschuwen, hoewel het risico op heftige bijwerkingen klein is. Soms is het dan wel mogelijk het product eenmaal daags gedurende drie aaneengesloten dagen per week zonder problemen aan te brengen. Imiquimodcrème (Aldara ) activeert het eigen immuunsysteem tot het produceren van verschillende cytokinen en vergroot de celgemedieerde antivirale activiteit maar lijkt niet effectiever dan podofyllotoxine. De kans op recidieven is waarschijnlijk kleiner (< 20%), hoewel de behandeling vaak langer duurt dan die met podofyllotoxine. Imiquimod moet s avonds gedurende drie dagen per week (maandag, woensdag en vrijdag) worden aangebracht gedurende maximaal 16 weken. Ongeveer acht uur na aanbrengen moet de crème met water en eventueel wat zeep worden verwijderd. Gebeurt dit niet, dan kunnen - soms heftige - lokale reacties optreden met pijn, zwelling en roodheid. Podofyllotoxine en imiquimod mogen niet gebruikt worden tijdens de zwangerschap. Zowel trichloorazijnzuur als cryotherapie zijn in deze periode wel geschikt. Omdat condylomen tijdens de zwangerschap vaak zeer matig reageren op behandeling, kan er met behandelen ook afgewacht worden tot na de bevalling. Tijdens de bevalling geven wratten zelden problemen. Bij zeer uitgebreide wratachtige afwijkingen zijn bloedingen beschreven tijdens de partus. Het risico op besmetting van de neonaat tijdens de partus is relatief laag. 16 Persistentie van het HPV bij pasgeborenen is zeldzaam. 17 Ten slotte Omdat condylomata acuminata meestal via seksueel contact overgedragen zijn, kan tijdens een consult vanwege wratten de zinvolheid van een screening op andere soa als chlamydia en syfilis worden besproken. Het consequent gebruik van condooms bij seksueel contact kan een besmetting met HPV niet voorkomen. De aanwezigheid van condylomen gaat dus niet altijd samen met een verhoogd risico op andere soa. Het onderzoeken en behandelen van de vaste partner van een patiënt is alleen zinvol bij aanwezigheid van zichtbare afwijkingen. Partnerwaarschuwing is daarom niet geïndiceerd. Vanwege het zeer hoge risico dat de vaste partner van een patiënt met condylomen besmet is met HPV, is het gebruik van condooms in een vaste relatie waarschijnlijk niet zinvol. Bij een nieuwe relatie vermindert condoomgebruik de transmissiekans van HPV. 2 s u m m a r y GENITAL WARTS What the general practitioner can do Genital warts or condylomata acuminata are common skin conditions easily diagnosed by the general practitioner. Most patients have questions about origin, transmissibility and treatment of the warts. Therapy can - in majority of cases - be done by the general practitioner. Several treatment options of this viral sexually transmitted infection are discussed in this article. Literatuur: 1. recente_cijfers 2. Jongen-Hermus F., Van der Meijden W.I.: Mucosaal laag-risico HPV en anogenitale wratten. SoaAids Magazine. 2008;5(2). 3. Van Bergen J.E.A.M., Dekker J.H., Boeke A.J.P. et al.: NHG-Standaard Het soaconsult M82. Huisarts Wet. 2004;47: Munoz N., Bosch F.X., De Sanjosé S. et al.: Epidemiologic classification of human papillomavirus types associated with cervical cancer. N Engl J Med. 2003;348: Van der Snoek E.M., Niesters H.G., Van Doornum G.J. et al.: Acquisition and clearance of perianal human papillomavirus infection in relation to HIVpositivity in men who have sex with men in the Netherlands. Acta Derm Venereol. 2005;85: De Pokomandy A., Rouleau D., Ghattas G. et al.: HIPVIRG Study Group. Prevalence, clearance, and incidence of anal human papillomavirus infection in HIV-infected men: the HIPVIRG cohort study. J Infect Dis. 2009;199: Partridge J.M., Hughes J.P., Feng Q. et al.: Genital human papillomavirus infection in men: incidence and risk factors in a cohort of university students. J Infect Dis. 2007;196: Burchell A.N., Winer R.L., De Sanjosé S., Franco E.L.: Epidemiology and transmission dynamics of genital HPV infection. Vaccine. 2006;24:S Friedman A.L., Shepeard H.: Exploring the knowledge, attitudes, beliefs, and communication preferences of the general public regarding HPV: Findings from CDC focus group research and implications for practice. Health Educ Behav. 2007;34: Jain N., Irwin K.L., Montano D. et al.: Family physicians knowledge of genital human papillomavirus (HPV) infection and HPV-related conditions, United States, Fam Med. 2006;38: Ireland J.A., Reid M., Powell R., Petrie K.J.: The role of illness perceptions: psychological distress and treatment-seeking delay in patients with genital warts. Int J STD AIDS. 2005;16: Van der Snoek E.M., De Wit J.B.F., Neumann H.A.M., Van der Meijden W.I.: Condylomata acuminata bij mannen die seks hebben met mannen. Ned Tijdschr Derm Venereol. 2004;14: Van der Snoek E.M., Van der Ende M.E., Schouten W.R. et al.: Anuscarcinoom en voorstadia hiervan bij hiv-positieve mannen die seks hebben met mannen. Ned Tijdschr Geneeskd. 2005;149: Massad L.S., Silverberg M.J., Springer G. et al.: Effect of antiretroviral therapy on the incidence of genital warts and vulvar neoplasia among women with the human immunodeficiency virus. Am J Obstet Gynecol. 2005;190: Zielinski G.D., Knuistingh A., Van der Linden J.C., Rozendaal L.: Condylomata acuminata: een zeldzaam symptoom van ubiquitair humaan papillomavirus en geen teken van riskant seksueel gedrag. Ned Tijdschr Geneeskd. 1999;143: Van den Bosch W.J.H.M., Schers H.J., Van Goor H.: Proctologie. Maarssen: Elsevier gezondheidszorg, pp Castellsagué X., Drudis T., Cañadas M.P. et al.: Human Papillomavirus (HPV) infection in pregnant women and mother-to-child transmission of genital HPV genotypes: a prospective study in Spain. BMC Infect Dis. 2009;9:74. NMGT J A N u a R I

12 O O R S P R O N K E L I J K A R T I K E L De NATO Medical Evaluation Manual Een toolbox voor de evaluatie van medische capabilities door luitenant-kolonel T.A.M. van der Zanden Medische ondersteuning van NAVO-troepen moet voldoen aan minimale standaarden welke acceptabel zijn voor alle deelnemende landen. Hiervoor zijn afspraken gemaakt in Standard NATO Agreements (STANAG s). Het streven onder crisis- of conflictsituaties is immers gericht op een acceptabele standaard van medische verzorging welke gelijk is aan de kwaliteit van zorg in het thuisland. NAVO militaire operaties zijn altijd internationaal van aard. Dit heeft effect op medische systemen aangeboden door landen die deze operaties ondersteunen. Internationale medische samenwerking brengt tevens uitdagingen met zich mee als gevolg van verschillen in nationale medische standaarden en verschillen in nationale wetgeving. Inleiding Het doel van evaluatie bij militair medische eenheden is de officiële bevestiging dat een staf, eenheid of module voldoet aan vastgestelde standaarden en daardoor gereed is voor operationele inzet. Dit artikel gaat over het evalueren van medische eenheden, modules en capabilities. Door de introductie van het woord capabilities moet in dit artikel hieraan aandacht worden besteed, mede doordat de Medical Support Doctrine (verwoord in de nieuwe AJP 4.10 (B) als opvolger van de (A) versie) gebaseerd zal zijn op een capability based modular approach. Allereerst wordt ingegaan op de hierboven al genoemde capability based modular approach met een uitleg van capabilities en daaraan gerelateerde individuele vaardigheden. Vervolgens wordt het proces geschetst dat ten grondslag heeft gelegen aan de ontwikkeling van de NATO Medical Evaluation Manual (NATO MEM). Daarna wordt het evaluatieproces aan de hand van een schema verduidelijkt en wordt ingegaan op verschillende definities. Om enig inzicht te verschaffen in de methodiek wordt een voorbeeld gegeven van een evaluatie-annex met de daarbij behorende uitleg. Afsluitend worden enkele opmerkingen geplaatst waaronder de onderbrenging van het document in de NAVOdoctrinestructuur. Voor de leesbaarheid van het document zullen Engelstalige benamingen gebruikt worden. Capabilities en skills (functionaliteiten en vaardigheden) Capabilities zijn het beste te vertalen als functionaliteiten. Een capability is het samenvoegen van personeel, materieel en procedures, welke na opleiding en training tot een vooraf bepaald of gedefinieerd (medisch) vermogen/resultaat kan komen. In tegenstelling tot een module is een capability gericht op resultaat en is een module een tastbare eenheid welke als minimale bouwsteen kan dienen voor de inrichting van een operationeel geneeskundig systeem. Bij de inrichting van een operationeel Capability The ability of an item to meet a service demand of given quantitative characteristics under given internal conditions (The military medical capability describes the functions offered as part of a medical unit). Military Medical Module A separable medical component, interchangeable with others, for assembly into medical units of different size, complexity, or function. geneeskundig systeem ging men veelal uit van modules als minimale bouwsteen. Deze module was verantwoordelijk voor een medische output en maakte veelal onderdeel uit van een medische eenheid (role 2 of role 3 hospitaal). Een module kwam tot stand door materieel, personeel en procedures bijeen te brengen, op te leiden, te trainen en daarna eventueel gereed te stellen voor operationele inzet. De afgelopen decennia is tijdens militaire operaties de nadruk voor de militaire gezondheidszorg gelegd op kwaliteit van zorg gebaseerd op (civiel) wettelijke normeringen en militair medische standaarden. Dit gegeven in combinatie met een meer joint (meerdere krijgsmachtdelen) en combined (meerdere nationaliteiten) karakter van optreden maakt het noodzakelijk een verdiepingsslag door te voeren van modules binnen een operationeel gezondheidszorgsysteem. Deze verdiepingsslag bestaat uit het benoemen van het totale medische systeem met niet medisch-inhoudelijke capabilities (waaronder evacuatie van gewonden, command & control en operaties & plannen). Afb. 1: Multinationale Divisie Zuid-Oost (MND-SE) in 2003 Irak. Directie Militaire Gezondheidszorg. Artikel ontvangen oktober NMGT J A N U A R I

13 Unit C a p a b i l i t y M a t r i x b y M M S O P Role 2 Light Manoeuvre Resuscita on Provide specialist led resuscita on DCS module Provide Damage Control Surgery Including pre-& postopera ve care Diagnos c module Provide field laboratory tes ng Provide basic imaging Equipment must at least sustain the capability DCS Pa ent Holding Provide temporary care for treated pa ents prior to evacua on Role 2 Enhanced Surgical Module Provide primary surgery ICU Sterilisa on Module Mobile Mental Health module Forward Medical Equipment Module High Dependency Unit Ward Enhanced Diagnos c Module Enhanced Support Module Enhanced C4I Tabel 1: Een deel van de capability matrix. Daarnaast bestaat deze verdiepingsslag uit het vaststellen van individuele vaardigheden welke minimaal aanwezig moeten zijn om een standaard van medische verzorging te verkrijgen waarvan het behandelresultaat kwalitatief gelijkwaardig is aan de behandeling in het thuisland. Concreet betekent dit dat binnen het gehele geneeskundige systeem capabilities te benoemen zijn welke verantwoordelijk zijn voor bepaalde kwalitatieve output gebaseerd op een vastgestelde standaard. Alle medische capabilities zijn verwoord in de Capability Matrix (zie tabel 1). Vanuit de capabilities kunnen individuele vaardigheden worden benoemd. Deze skills zijn de basis van de kwaliteit welke in NAVOdoctrine is verwoord en gezamenlijk vormen ze de skill set matrix (zie tabel 2). Ook de niet medisch inhoudelijke vaardigheden zijn aanwezig in deze matrix. Daarmee is duidelijk gemaakt dat alle delen van het medische systeem tijdens operationele inzet onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Landen zijn er zelf verantwoordelijk voor dat zij het personeel deze individuele vaardigheden aanleren. Capability Provide surgical and medical intensive care Provide sterile medical and surgical equipment Provide stress management Provide Pharmacy Provide maintenance for medical and surgical equipment Provide blood and blood products Provide nursed beds Provide enhanced imaging Provide field laboratory tes ng Provide medical logis c support to lower roles Provide leadership Provide co-ordina on with higher level and supported unit Provide IT support to MTF Provide communica on with other MTFs, higher command level Less than 24 hours Capable of trea ng pa ents a er surgical interven on According to the need driven by the pa ent load Trained mental healthcare professionals able to provide peripate c service In de skill set matrix is de laatste kolom opengelaten. Hierin kunnen landen aangeven welke functionarissen het land heeft voorbestemd om de vaardigheden te bezitten. Hiermee is tevens het grote voordeel van de capability based modular approach duidelijk. De NAVO zal niet meer Equipment must at least sustain the capability primary surgery Including telemedicine May include PECC Remarks Dental module Provide primary dental care Can be a ached to lower roles ROLE 2 LM / Module 2 : DCS Module s capabilities Task/Sub Task Number Performance Standard Assist in pre-operative care management Manage critically injured trauma patient in operating room Manage operating room (OR) vragen om een individu waarvan verwacht wordt dat deze bepaalde individuele vaardigheden bezit, maar zal vragen om de individuele vaardigheden welke aanwezig moet zijn binnen een capability. Het land dat de capability zal leveren moet zelf bepalen welk personeel een capability zal gaan bemannen. Ontwikkeling van de NATO MEM Binnen het Committee of the Chiefs of the Military Medical Services (COMEDS) structuur zijn verschillende werkgroepen en expertpanels ondergebracht welke verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van doctrine en voor het opstellen van standaardisatievoorstellen op het gebied van de gezondheidszorg. Het Military Medical Training Expert Panel (MMT EP) heeft enkele jaren geleden de opdracht gekregen om een Medical Evaluation Manual (MEM) te schrijven met als doel medische eenheden, modules en capabilities te S k i l l S e t M a t r i x b y M H C a. Prepare and/or supervise the preparation of the operating room b. Assist surgeon in pre and post operative care c. Assist in preparation and movement of casualties a. Assess a critically injured patient b. Perform ultrasonography c. Perform damage control surgery including: 1. insertion of thoracic drain and control of thoracic haemorrhagae 2. vascular haemostasis and external haemorrhage control 5. DC orthopaedic surgery - limb (parage and external fixation) - spine (parage and external spine stabilization) - external bone fixation - amputation a. Organize OR equipment and stores b. Assist surgeon during operation d. Control and dispose of contaminated waste and equipment Tabel 2: Een deel van de skill set matrix (Damage Control Surgery Capability). Personnel identified by nations NMGT J A N u a R I

14 evalueren waarna een NAVOcommandant over kan gaan tot certificeren. Al vrij snel heeft de Nederlandse vertegenwoordiger, na analyse van de opdracht, geconstateerd dat meerdere werkgroepen en expertpanels betrokken moesten worden bij het opstellen van het document. Ook constateerde hij dat er in de loop van de tijd al verschillende Evaluation Manuals ontwikkeld waren (een MEM voor het evalueren van het gezamenlijke role 3 hospitaal tussen Nederland en Groot-Brittannië, een MEM voor het evalueren van alle medische elementen in de NRF-4 brigade tussen Nederland, Duitsland en België). Blijkbaar is in een vroeg stadium in de multinationale wereld al onderkend dat bij het samenstellen van eenheden uit verschillende landen de kwaliteit beoordeeld en vastgesteld moest worden. Door de Military Medical Steering Group (MMSG) zijn vervolgens aan verschillende werkgroepen en Module X generate and cer fy Na on X Na on Y generate and cer fy Handover exportpanels deeltaken verstrekt om zo optimaal gebruik te maken van de specifieke kennis binnen de COMEDS-structuur. De eerste taak voor de Military Medical Standards Operations and Procedures (MMSOP) werkgroep was het vaststellen van alle modules binnen een ontplooid geneeskundig systeem. Deze modules moesten zijn gebaseerd op de AJP 4.10 (A). Vanuit deze Evaluation Process integrate Module W generate Module Z Evaluation The structured process of examining activities, capabilities and performance against defined standards of criteria. Validation The confirmation of the capabilities and performance of organizations, individuals, materiel or systems and the degree to which they meet defined standards or criteria, through the provision of objective evidence. Certification The process of officially recognizing that organizations, individuals, materiel or systems meet defined standards or criteria and the areas in which these standards are met, as well as the degree to which they are met. Medical Support Requirement (Part of CJSOR) Forma on / Unit Module X Module W Module Z T R A I N I N G modules moesten capabilities worden geïdentificeerd. Met gebruik van deze capabilities kon de Military Health Care (MHC) werkgroep individuele vaardigheden opstellen en toewijzen aan modules. Binnen het Operationeel Commando Landstrijdkrachten is eenzelfde methodiek gevolgd om te komen tot Training Support Packages. De individuele vaardigheden zijn in een Programma, Taak en Eindeisen MN EVAL TEAM E V A L U A T I O N V A L I D A T I O N O F R I S K S TOA JFC / JC CJTF / DJTF Force Integra on Module X Module W Module Y integrate Module Y Lessons Learned Module Z Module Y NAT EVALUATION MN EVALUATION Cer fica on Fig. 1: Het evaluatieproces. NMGT J A N U A R I

15 Annex G Module Capability Key Ques on: Medical Emergency Response Team module Provide pre-hospital emergency care Is the module able to provide pre-hospital emergency care No. Suppor ng Ques on Mission FC / C / CL Risks Iden fied Recommenda ons essen al? 1. Personnel 1.b How is the staffing of the module organized? 1.c Are the individuals cer fied at level 1 to perform the Yes required medical skills and can it been proved? 2. Equipment/material 2.b Is the equipment fit for purpose? Yes 2.c Is there a system in place to ensure medical supplies Yes are maintained to agreed levels? 3. Procedures 3.b Are personnel working according to the SOP? Yes 3.e Are personnel aware of the unit MASCAL plan and their responsibility in its execu on? Reference standards: STANAG 2132 Documentation Relative to Medical Evacuation, Treatment and Cause of Death of Patients STANAG 2347 Medical Warning Tag STANAG 3204 Aeromedical Evacuation Summary: FC: Fully Capable/no risks iden fied C: Capable/minor risks iden fied CL: Capable with Limita ons/major risks iden fied Tabel 3: Voorbeeld van een evaluatie-annex. database ondergebracht. Nadat zowel de capability matrix als de skill set matrix was opgesteld, kon het MMT EP beginnen met het schrijven van de NATO MEM. In een subgroep, onder voorzitterschap van de Nederlandse vertegenwoordiger, is allereerst nagegaan welke medical evaluation manuals beschikbaar waren. Vervolgens is bekeken welke delen bruikbaar waren voor de nieuwe manual en wat de structuur van het document moest zijn rekening houdend met de aangeleverde capabilities en skills. Belangrijk onderdeel van de NATO MEM is een uitleg van het evaluatie- en certificeringproces, de samenstelling en taken van het evaluatieteam, de wijze van rapporteren, een hoofdstuk met definities en de wijze waarop deze NATO MEM is te gebruiken. Het evaluatieproces Het doel van de NATO MEM is voorzien in een structuur voor het evalueren, valideren en certificeren van multinationale medische capabilities, modules, medische eenheden en het totale ontplooide geneeskundige systeem. Naast deze multinationale evaluatie is de NATO MEM ook bedoeld voor het evalueren en certificeren van nationale capabilities, wat betekent dat dit document algemeen gangbare standaarden voorstelt voor alle elementen welke ontplooid zullen worden binnen een geneeskundig systeem. De NATO MEM kan gebruikt worden voor het evalueren en certificeren van multinationale medische eenheden welke operationeel ingezet zullen worden maar ook voor het evalueren en valideren gedurende inzet. Het document is als een toolbox opgesteld, zodat het gebruikt kan worden voor delen van het systeem (capabilities, modules, multinationale medische eenheid) maar ook voor het evalueren en certificeren van het totale ontplooide geneeskundige systeem. Hierdoor is het document flexibel toepasbaar. De NATO MEM als toolbox is geen gedetailleerde vragenlijst. Doordat zowel de capability matrix als de skill set matrix als bijlage is opgenomen, is duidelijk wat de kwalitatieve output moet zijn voor een module. Tevens is hierdoor inzicht verschaft in de kwaliteiten op individueel niveau waarbij duidelijk in de NATO MEM is gesteld dat een land zelf verantwoordelijk is voor de individuele vaardigheden. Het gebruik van de vragenlijsten geeft het evaluatieteam een zekere mate van flexibiliteit en dwingt het zeker niet in een strak keurslijf. Dit betekent wel dat de leden van het evaluatieteam ervaren moeten zijn in evalueren en vrij zijn om zelf detailvragen op te stellen. Hieronder volgt een uitleg van het evaluatieproces aan de hand van figuur 1. Het proces wordt beschreven van links naar rechts via 7 kolommen. Het evaluatieproces start op nationaal niveau. Alle Troop Contributing Nations (TCN: landen welke een bijdrage leveren aan een multinationale operatie) zijn verantwoordelijk voor de voorbereiding en gereedstelling van deelnemende nationale eenheden. TCN stellen eenheden samen en dragen zorg voor opleiding van personeel en training van modules (kolom 1). Naast deze training moeten de TCN ook zorg dragen voor het evalueren en certificeren op niveau 1 (individu) en niveau 2 (module). De prioriteit moet hierbij gelegd worden op de vaardigheden van elk individu in het geneeskundige systeem. Dit is van toepassing op personeel werkzaam in zowel patiënt gerelateerde functies als in geneeskundig ondersteunende en besturende functies. Landen welke niet met een complete module kunnen deelnemen aan een multinationale operatie kunnen ook individueel personeel inbrengen. Dit personeel zal tijdens deze fase meedoen in trainingen en onderdeel zijn van de nationale evaluatie en certificering. Focus hierbij zal voornamelijk liggen op niveau 2 training. De Lead Nation (LN: het land welke verantwoordelijkheid draagt voor de multinationale operatie en veelal ook de belangrijkste en meeste eenheden levert) is verantwoordelijk voor de voorbereiding en gereedstelling van eigen nationale elementen (kolom 2), maar is ook gerechtigd om deelnemende eenheden te evalueren voorafgaande aan operationele inzet. Zowel de LN als alle TCN hebben gedeelde verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van zorg in overeenstemming met afgesproken standaarden vastgelegd in STANAG s. Op een vastgestelde datum zal de LN alle bijdragen van de TCN ontvangen en aanvangen met de integratie van deze modules in de Multinationale Medische Eenheid (MMU) waarna de eenheid zal bestaan uit modules van meerdere nationaliteiten (kolom 3). Hierna vindt een periode van training plaats op niveau 3 (eenheid, kolom 4). Aan het einde van deze trainingsperiode zal een evaluatie plaatsvinden onder leiding van een Multinationaal Evaluatie Team (MET) (kolom 5). De NAVO-evaluatie start nadat de integratieoefening heeft plaatsgevonden. Hiervoor zal aan de LN de NATO MEM worden toegestuurd voor gebruik als een self-assessment. Hierdoor krijgt het MET inzicht in de organisatie, materieel, procedures en functiebeschrijvingen. Nadat de self-assessment gereed is en de documenten geretourneerd zijn naar het MET zal dit team tijdens een NMGT J A N u a R I

16 oefening de evaluatie uitvoeren. Het resultaat wordt vastgelegd in een First Impression Report (FIR) waarin ook risico s worden benoemd voor het operationele optreden inclusief aanbevelingen om deze risico s te minimaliseren. Uiteindelijk zal de Force Commander het Final Exercise Report (FER) ontvangen waarna hij over kan gaan tot het valideren van het operationele medische systeem (de formele bevestiging dat eenheden gereed zijn inclusief eventuele risico s, kolom 6). De NAVO-commandant zal formeel vaststellen dat het operationele medische systeem gereed is voor inzet in overeenstemming met vastgestelde standaarden (deze laatste stap in het proces is het certificeren, kolom 7). Gebruik van de NATO MEM Bij het opstellen van de NATO MEM is voor alle capabilities een aparte annex ontworpen waarin de vragen zijn opgenomen welke het MET moet beantwoorden tijdens de evaluatie (zie tabel 3). Deze vragen zijn opgesplitst in vragen betreffende personeel, materieel en procedures. Dit is een logisch gevolg gezien de definitie van een capability. De vragen zijn zoveel mogelijk generiek gehouden, rekening houdend met vragen uit bestaande evaluatiedocumenten. Hiermee hebben de leden in het MET enige vorm van flexibiliteit tijdens het evalueren; de lijsten zijn dus expliciet geen opsommingslijstjes (checklist). Bij elke vraag moet worden aangegeven wat het risico is van datgene wat geconstateerd is, gekoppeld aan een waardeoordeel. Er is gekozen voor een driedeling: Fully Capable - No Risks Capable - Minor Risks Identified Capable with Limitations - Major Risks Identified Vervolgens is een kolom gereserveerd voor het benoemen van onderkende risico s en aanbevelingen om deze risico s te reduceren. Aan het einde van elk capability kan een eindoordeel worden benoemd, welke nodig is voor het opstellen van de uiteindelijke FIR en FER. Uiteindelijk zullen alle beoordelingen, risicoanalyses en aanbevelingen in de FIR en de FER worden verwoord. Zoals al eerder vermeld zal de eenheidcommandant de validatie uitvoeren, wat betekent dat de operationeel geneeskundige eenheid bevestigd krijgt dat het gereed is voor inzet en de NAVO-commandant de Paul gaat op uitzending Paul is radiologiehelper binnen de Role 2 Light Manoeuvre (Field Dressing Station - FDS) van het Korps Mariniers en gaat op uitzending naar Soedan in Afrika onder de NAVO-vlag. Hij heeft van zijn commandant gehoord dat ze als Multi Nationale eenheid samen zullen gaan werken met vijf verschillende landen waarbij Noorwegen aangewezen is als Lead Nation. Paul moet nog één cursus volgen zodat zijn protocollenpaspoort compleet afgevinkt is (op niveau 1 is hij daarna volledig opgeleid). Door de nauwe samenwerking met de Koninklijke Landmacht gaat het FDS naar het Geneeskundige Trainingscentrum in Hilversum om met reële scenario s de samenwerking in het hospitaal te trainen. Na een intensieve week heeft Paul het idee dat ze er klaar voor zijn (zodat de aangewezen FDS-modules niveau 2 gereed zijn voor inzet). Na drie weken gaan ze naar Noorwegen voor de integratieoefening met alle andere landen. Hier blijkt dat de Engelse taal nog best wel een probleem is. Nadat ze terug zijn in Nederland deelt de commandant mede dat vanaf volgende week de officiële evaluatie door een internationaal Medisch Evaluatie Team zal starten. Om te beginnen mag hij een lijst invullen met vragen (in de NATO MEM heet dit de self-assessment). Na enkele weken gaat het gehele Multi Nationale hospitaal weer op oefening waarbij het NAVO Medische Evaluatie Team meekijkt, allerlei vragen stelt en lijsten invult. Paul hoort enkele weken na de oefening dat de opgestelde rapporten positief zijn ontvangen door de NAVO. Het hospitaal wordt gereed verklaard (gecertificeerd) voor de uitzending in Afrika, waarbij alleen bij de Spoed Eisende Hulp (SEH) afdeling enkele kleine tekortkomingen zijn geconstateerd (capable, minor risks identified). De aanbeveling van het evaluatieteam is om een extra oefening te houden zodat de coördinatie tussen de Franse SEH en de Nederlandse operatiekamer beter verloopt. certificering kan uitvoeren, wat betekent dat formeel vastgesteld wordt dat de eenheid inzetgereed is. De NATO MEM als STANAG De NATO MEM is beschreven in STANAG 2560 met als onderliggend document de Allied Medical Publication 27 (AMedP-27). Eind van dit jaar zullen alle NAVO-landen gevraagd worden om het document te ratificeren, waarbij deze vorm van evalueren voor het medische werkveld standaard is nadat minimaal 14 landen een positief ratificatieadvies hebben uitgebracht. Voor Nederland zullen de consequenties eenvoudig te implementeren zijn omdat al jarenlang ervaring is opgedaan in het voorbereiden van ons personeel conform de hierboven geschetste werkwijze. De enige aanpassing zou liggen op het gebied van de capability based modular approach. Het grote voordeel van deze evaluatieen certificeringsystematiek is, dat het uitgangspunt niet meer de vulling van een module met specifiek personeel is, maar dat de kwalitatieve output van een capability gebaseerd is op individuele vaardigheden. Dit betekent dat het niet meer belangrijk is wat de bemanning van een gewondentransportmiddel is (vanuit Duits oogpunt een arts en vanuit Nederlands standpunt een AMV er), zolang de zorg maar voldoet aan de minimale standaarden vastgelegd in STANAG s. Hopelijk zijn hiermee discussies ten einde betreffende de soort en aantallen te leveren personeel. De nadruk komt nu te liggen op vastgestelde kwaliteit van zorg voortkomend uit capabilities en skills. s u m m a r y THE NATO MEDICAL EVALUATION MANUAL The NATO Medical Evaluation Manual describes the process for evaluating Multinational Medical capabilities, modules, units and the medical system in total. The basis is medical capabilities and individual skills to meet the future NATO capability based modular approach. This toolbox can be used by Medical Evaluation Teams and by Nations. It is an assessment with recommendations, using a three grading system. NMGT J A N U A R I

17 V A N D E R E D A C T I E Inhoud en register van de 62 e jaargang, 2009 A. Rubriek 1: ONDERWERPEN In deze rubriek zijn de artikelen geplaatst in alfabetische volgorde van het vet gedrukte hoofdonderwerp. Titels en rangen van de auteurs worden hier niet vermeld. B. MEDEDELINGEN VAN DE DIRECTEUR MILITAIRE GEZONDHEIDSZORG Mededelingen Directeur Militaire Gezondheidszorg... 4 Mededelingen Directeur Militaire Gezondheidszorg Mededelingen Directeur Militaire Gezondheidszorg Mededelingen Directeur Militaire Gezondheidszorg Mededelingen Directeur Militaire Gezondheidszorg Mededelingen Directeur Militaire Gezondheidszorg Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr. 10, Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr. 11, Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr. 12, Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr Nieuwsbrief Militaire Gezondheidszorg nr. 8 en C. VAN DE INSPECTIE MILITAIRE GEZONDHEIDSZORG Praktijkperikel D. OORSPRONKELIJKE ARTIKELEN EN CASUÏSTIEK Bewustzijnsbeïnvloedende geneesmiddelen Het voorschrijven van - afgeleverd door de apotheek van het Centraal Militair Hospitaal door E.M.L. Jansen, M.L. Vervelde CLS-opleiding De ontwikkeling en inhoud van de nieuwe Nederlandse - door M. Torn Emergency De - War Surgery Course en de Definitive Surgical Trauma Care Course door E.C.T.H. Tan, T. van Egmond, G.J.M. Rots Griep?! Maak dat de kat wijs! Over pandemieën in de 20 e eeuw door L. van Bergen Hospitaal Het - te Limbricht, Zorgen voor de vijand door M.M. Portegies Leven en werk van dr. G.T. Haneveld door M.J.J. Hoejenbos Lichen sclerosus Plaveiselcelcarcinoom bij - van de penis door E.M. van der Snoek, S.M. Couwenberg, J.A. Kummer, J.S. de Beij, M.T.W.T. Lock Lyme en de Nederlandse militair door T. Leenstra, H.-J. Jansen, P.P.A.M. van Thiel Medisch-wetenschappelijk onderzoek Wet - met mensen door C.A.J.J. Jaspers, W.A.P. van de Brug Military Healthcare Management. Een nieuwe wetenschap voor professionalisering van management in de militaire gezondheidszorg door B.J. Vos Morbiditeitsregistratiesysteem Opgedane ervaringen met een - na de aardbeving in Bam, Iran, 2003 door C.-M. Krieg, J. Gardemann Nutritional Support Do we feed our critically ill patients appropriately? Recommendations of - in Intensive Care Unit (ICU) Patients door J.C. Kroezen - Quint Oorlogsafbeeldingen Niets verhullende medische - in de twintigste eeuw. Een historisch essay aan de hand van een zojuist verschenen boek door L. van Bergen Polemologie en Ideologie Medische-: drijfveren en oogkleppen door L. van Bergen Role 3 Het werk in de - Multinational Medical Unit Kandahar Airfield, Afghanistan door E.C.T.H. Tan, C.P. Bleeker Rijkskweekschool Het onderwijs aan de - voor Militaire Geneeskundigen door P.P.A.M. Verhoeven Sportcompressiekousen: gebruikerservaringen van 50 militairen door W.O. Zimmermann, M.A. Paantjens Uranium Gezondheidsrisico s van verarmd - : een overzicht door M.J. Huikeshoven Ureterstenen Hedendaagse behandeling van - door Y. Zhu, M.T.W.T. Lock Verslaving. Alles wat de militair arts/psychiater/psycholoog over verslaving moet weten, in 3 afleveringen. Aflevering 1: verkenningen, de historische vergissing, attitude door J.P.M. de Wit... 5 Verslaving. Alles wat de militair arts/psychiater/psycholoog over verslaving moet weten, in 3 afleveringen. Aflevering 2: uit de keuken van de verslavingszorg, comorbiditeit, definitieproblemen, verslaving als hersenziekte door J.P.M. de Wit Verslaving. Alles wat de militair arts/psychiater/psycholoog over verslaving moet weten, in 3 afleveringen. Aflevering 3: (Hetero)anamnese, diagnostiek en interventies door J.P.M. de Wit Vraagstukken Morele - en de geestelijke gezondheid van uitgezonden militairen door M. Meijer E. UIT DE OUDE JAARGANGEN Brancard Uit de geschiedenis van de - (1961) door G.T. Haneveld F. VERSLAGEN Bezoek Australische Vice Chief of the Defence Force en Surgeon General aan het Ministerie van Defensie op 24 maart 2009 door H. van der Wal Bezoek Directeur Militaire Gezondheidszorg aan het Medical Corps in Singapore door J.J. Pieterse Dagboek van een co-assistent door A.M. Hilligehekken Gender in militaire operaties door M. Meijer Hoofdprijs door vaccinatie met DTP door W.J.A.M. Zwetsloot Koninklijke onderscheidingen binnen het Militair Geneeskundig Functiegebied door B. Keers NMGT J A N U A R I

18 Koninklijke onderscheidingen binnen het Militair Geneeskundig Functiegebied door B. Keers Matak Fontein Uitreiking - Penningen door B. Keers Medical Support 1 e Duits-Nederlandse cursus Military - in the Humanitarian Arena door H. van der Wal Symposium Medic 2008 door P.H.A. Theuns, W.J.A.M. Zwetsloot War and Medicine door L. van Bergen G. BOEKBESPREKINGEN EN REFERATEN Besmetting en Chaos: ziekte, ecologie, en nationale veiligheid in de era van globalisering door L. van Bergen Conflict and catastrophe medicine. A Practical Guide, second edition door R.P. van der Meulen Harde heelmeesters. Zeelieden en hun dokters in de 18 e eeuw door B.K.P. Griffioen Karl Brandt: van Lambarene tot Neurenberg door L. van Bergen Kielzog Het - van de Oorlog door L. van Bergen Life Class door L. van Bergen MEDCAP: medische hulp in Vietnam uit militair-politieke overwegingen door L. van Bergen H. REACTIES EN WEERWOORD Military Healthcare Management Is - wel de nieuwe wetenschap voor de militaire gezondheidszorg? door H. van der Wal Military Healthcare Management Is - wel de nieuwe wetenschap voor de militaire gezondheidszorg? (weerwoord) door B.J. Vos Verslaving door F.E.J. Bouricius Verslaving (weerwoord) door J.P.M. de Wit I. VAN DE REDACTIE Erediploma Uitreiking - Stichting Generaal Snijders Fonds Inhoud en register van de 61 e jaargang, (2008) 229 Mededelingen hoofdredacteur... 4 Mededelingen hoofdredacteur Mededelingen hoofdredacteur Mededelingen hoofdredacteur Mededelingen hoofdredacteur Mededelingen hoofdredacteur Verdoornprijs Dr. J.A toegekend aan dr. Leo van Bergen Wenken voor inzenders van kopij... (2008) 232 J. INGEZONDEN MEDEDELINGEN Bij- en nascholing NSPOH Bij- en nascholing NSPOH Bij- en nascholing NSPOH Bij- en nascholing NSPOH Bij- en nascholing NSPOH Bij- en nascholing NSPOH Bij- en nascholing NSPOH Scripties Bachelor -, een eerste proeve van wetenschappelijk onderzoek Symposium Aankondiging en programma DMG - In Touch with Tomorrow - De toekomst van de Militaire Gezondheidszorg op 11 december Tuberculose Nieuw - screeningsprotocol bij Defensie Rubriek 2: AUTEURS In deze rubriek zijn de namen van de in rubriek 1 vermelde auteurs weergegeven in een voor buitenlandse lezers begrijpelijke alfabetische volgorde. Bleeker C.P., Tan E.C.T.H.: Het werk in de Role 3 Multinational Medical Unit Kandahar Airfield, Afghanistan Bouricius F.E.J.: Verslaving (reactie) Couwenberg S.M., Van der Snoek E.M., Kummer J.A., De Beij J.S., Lock M.T.W.T.: Plaveiselcelcarcinoom bij lichen sclerosus van de penis De Beij J.S., Van der Snoek E.M., Couwenberg S.M., Kummer J.A., Lock M.T.W.T.: Plaveiselcelcarcinoom bij lichen sclerosus van de penis De Wit J.P.M.: Verslaving. Alles wat de militair arts/psychiater/psycholoog over verslaving moet weten, in 3 afleveringen. Aflevering 1: verkenningen, de historische vergissing, attitude... 5 De Wit J.P.M.: Verslaving. Alles wat de militair arts/psychiater/psycholoog over verslaving moet weten, in 3 afleveringen. Aflevering 2: uit de keuken van de verslavingszorg, comorbiditeit, definitieproblemen, verslaving als hersenziekte De Wit J.P.M.: Verslaving. Alles wat de militair arts/psychiater/psycholoog over verslaving moet weten, in 3 afleveringen. Aflevering 3: (Hetero)anamnese, diagnostiek en interventies De Wit J.P.M.: Verslaving (weerwoord) Gardemann J., Krieg C.-M.: Opgedane ervaringen met een morbiditeitsregistratiesysteem na de aardbeving in Bam, Iran, Griffioen B.K.P.: Harde heelmeesters. Zeelieden en hun dokters in de 18 e eeuw (boekbespreking) Haneveld G.T.: Uit de geschiedenis van de brancard (1961) (uit de oude jaargangen) Hilligehekken A.M.: Dagboek van een co-assistent (verslag) Hoejenbos M.J.J.: Leven en werk van dr. G.T. Haneveld Huikeshoven M.J.: Gezondheidsrisico s van verarmd uranium: een overzicht Jansen E.M.L., Vervelde M.L.: Het voorschrijven van bewustzijnsbeïnvloedende geneesmiddelen afgeleverd door de apotheek van het Centraal Militair Hospitaal Jansen H.-J., Leenstra T., Van Thiel P.P.A.M.: Lyme en de Nederlandse militair Jaspers C.A.J.J., Van de Brug W.A.P.: Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen NMGT J A N U A R I

19 Keers B.: Koninklijke onderscheidingen binnen het Militair Geneeskundig Functiegebied (verslag) Keers B.: Koninklijke onderscheidingen binnen het Militair Geneeskundig Functiegebied (verslag) Keers B.: Uitreiking Matak Fontein Penningen (verslag) Krieg C.-M., Gardemann J.: Opgedane ervaringen met een morbiditeitsregistratiesysteem na de aardbeving in Bam, Iran, Kroezen - Quint J.C.: Do we feed our critically ill patients appropriately? Recommendations of Nutritional Support in Intensive Care Unit (ICU) Patients Kummer J.A., Van der Snoek E.M., Couwenberg S.M., De Beij J.S., Lock M.T.W.T.: Plaveiselcelcarcinoom bij lichen sclerosus van de penis Leenstra T., Jansen H.-J., Van Thiel P.P.A.M.: Lyme en de Nederlandse militair Lock M.T.W.T., Van der Snoek E.M., Couwenberg S.M., Kummer J.A., De Beij J.S.: Plaveiselcelcarcinoom bij lichen sclerosus van de penis Lock M.T.W.T., Zhu Y.: Hedendaagse behandeling van ureterstenen Meijer M.: Gender in militaire operaties (verslag) Meijer M.: Morele vraagstukken en de geestelijke gezondheid van uitgezonden militairen Paantjens M.A., Zimmermann W.O.: Sportcompressiekousen: gebruikerservaringen van 50 militairen Pieterse J.J.: Bezoek Directeur Militaire Gezondheidszorg aan het Medical Corps in Singapore (verslag) Portegies M.M.: Het hospitaal te Limbricht, Zorgen voor de vijand Rots G.J.M., Tan E.C.T.H., Van Egmond T.: De Emergency War Surgery Course en de Definitive Surgical Trauma Care Course Tan E.C.T.H., Bleeker C.P.: Het werk in de Role 3 Multinational Medical Unit Kandahar Airfield, Afghanistan Tan E.C.T.H., Van Egmond T., Rots G.J.M.: De Emergency War Surgery Course en de Definitive Surgical Trauma Care Course Theuns P.H.A., Zwetsloot W.J.A.M.: Symposium Medic 2008 (verslag) Torn M.: De ontwikkeling en inhoud van de nieuwe Nederlandse CLS-opleiding Van Bergen L.: Griep?! Maak dat de kat wijs! Over pandemieën in de 20 e eeuw Van Bergen L.: Karl Brandt: van Lambarene tot Neurenberg (boekbespreking) Van Bergen L.: Niets verhullende medische oorlogsafbeeldingen in de twintigste eeuw. Een historisch essay aan de hand van een zojuist verschenen boek Van Bergen L.: War and Medicine (verslag) Van Bergen L.: Life Class (boekbespreking) Van Bergen L.: MEDCAP: medische hulp in Vietnam uit militair-politieke overwegingen (boekbespreking) Van Bergen L.: Medische Polemologie en Ideologie: drijfveren en oogkleppen Van Bergen L.: Besmetting en Chaos: ziekte, ecologie, en nationale veiligheid in de era van globalisering (boekbespreking) Van Bergen L.: Het Kielzog van de Oorlog (boekbespreking) Van de Brug W.A.P., Jaspers C.A.J.J.: Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen Van der Meulen R.P.: Conflict and catastrophe medicine. A Practical Guide, second edition (boekbespreking) Van der Snoek E.M., Couwenberg S.M., Kummer J.A., De Beij J.S., Lock M.T.W.T.: Plaveiselcelcarcinoom bij lichen sclerosus van de penis Van der Wal H.: Is Military Healthcare Management wel de nieuwe wetenschap voor de militaire gezondheidszorg? (reactie) door H. van der Wal Van der Wal H.: Bezoek Australische Vice Chief of the Defence Force en Surgeon General aan het Ministerie van Defensie op 24 maart 2009 (verslag) Van der Wal H.: 1 e Duits-Nederlandse cursus Military Medical Support in the Humanitarian Arena (verslag) Van Egmond T., Tan E.C.T.H., Rots G.J.M.: De Emergency War Surgery Course en de Definitive Surgical Trauma Care Course Van Thiel P.P.A.M., Leenstra T., Jansen H.-J.: Lyme en de Nederlandse militair Verhoeven P.P.A.M.: Het onderwijs aan de Rijkskweekschool voor Militaire Geneeskundigen Vervelde M.L., Jansen E.M.L.: Het voorschrijven van bewustzijnsbeïnvloedende geneesmiddelen afgeleverd door de apotheek van het Centraal Militair Hospitaal Vos B.J.: Military Healthcare Management. Een nieuwe wetenschap voor professionalisering van management in de militaire gezondheidszorg Vos B.J.: Is Military Healthcare Management wel de nieuwe wetenschap voor de militaire gezondheidszorg? (weerwoord) Zhu Y., Lock M.T.W.T.: Hedendaagse behandeling van ureterstenen Zimmermann W.O., Paantjens M.A.: Sportcompressiekousen: gebruikerservaringen van 50 militairen Zwetsloot W.J.A.M., Theuns P.H.A.: Symposium Medic 2008 (verslag) Zwetsloot W.J.A.M.: Hoofdprijs door vaccinatie met DTP (verslag) NMGT J A N U A R I

20 WENKEN VOOR INZENDERS VAN KOPIJ 1. ALGEMEEN a. Wijze van inzenden Zend uw kopij met alle bijlagen aan het redactieadres, dat u vindt in de colofon op de eerste tekstpagina van dit tijdschrift. b. Uitvoering Gebruik voor het opstellen van uw kopij een computer. Bied uw tekst aan via dan wel op een 3,5 inch diskette, onder Word Perfect of Word; voeg dan één afdruk op papier bij. Geef in de tekst de plaats aan van de afbeeldingen, tabellen en grafieken, maar plaats deze aan het einde van de mail of voeg ze los bij de afdruk. Indien u niet beschikt over een computer, gebruik dan een schrijfmachine zodat wij de tekst kunnen scannen. Beschrijf het papier slechts aan één kant, met een ruime marge en dubbele regelafstand. Handgeschreven teksten worden niet in behandeling genomen maar teruggezonden. c. Talen Aanbieding van Nederlandse tekst heeft de voorkeur. Auteurs kunnen hun bijdrage desgewenst ook in de Engelse, Duitse of Franse taal aanbieden; het artikel wordt dan in deze taal afgedrukt. d. Drukproeven Drukproeven worden in eerste instantie door de redactie gecorrigeerd; vervolgens ontvangt de auteur een kopie van de voorgecorrigeerde drukproef voor verdere correctie. Dit mag nimmer inhouden dat een eenmaal gezette tekst door de auteur wordt herzien. e. Auteursrecht Door het inzenden van zijn kopij draagt de auteur zijn auteursrechten onvoorwaardelijk over aan de Staat der Nederlanden. f. Overleg Voor alle vragen kunt u zich wenden tot de hoofdredacteur. Lees vooral de aanwijzingen in de ontvangstbevestiging welke u ontvangt na het aanbieden van een artikel. 2. TEKST a. Titel Kies een korte pakkende titel. Plaats daaronder naam en academische titel van de auteur(s), gevolgd door rang en/of functie. Namen van instituten, afdelingshoofden of medewerkers worden in een voetnoot opgenomen. b. Inhoud Nummer de bladzijden van uw manuscript. Verdeel uw tekst in hoofdstukken en paragrafen; deze worden niet genummerd. Gebruik zo weinig mogelijk afkortingen en dan alleen die welke in het Nederlandse spraakgebruik gangbaar zijn. Indien wetenschappelijke of militaire afkortingen worden gebruikt dienen deze de eerste maal te worden voorafgegaan door de volledige omschrijving. c. Literatuuropgave Het NMGT past het internationaal overeengekomen Vancouversysteem toe. In de literatuurlijst mogen slechts bronnen worden vermeld waarnaar in de tekst wordt verwezen. De geciteerde bronnen worden met cijfers boven de regel (sup) aangeduid in de volgorde waarin zij in het artikel voorkomen. Voorbeeld: "Mistinguet 7 vermeldt een aspect van het fenomeen...". Rangschik uw literatuuropgave per geciteerde bron aldus: naam gevolgd door voorletter(s) van de auteur(s) (na elke voorletter een punt), titel van de publicatie, naam van het tijdschrift (bij boeken naam en plaatsnaam uitgever), jaartal, jaargang (c.q. volume), bladzijden. Voorbeeld: Goldman R.F., Tampietro P.F.: The energy cost of load carriage. J Appl Physiol 1962 (17) Voorzetsels in een persoonsnaam worden geplaatst vóór de eigennaam. Voorbeeld: Van Bemmel P.C., De Groot A. d. Noten en verwijzingen Beperk u in het gebruik hiervan. De noten worden per artikel en niet per pagina aan geduid met letters boven de regel (sup), in de volgorde waarin zij in het artikel voorkomen. Voorbeeld: "Dit deel van het artikel a beschrijft...". Plaats alle noten op een afzonderlijke bladzijde. e. Samenvatting Besluit uw artikel met een duidelijke samenvatting. Neem hierin in het kort de conclusies en eventuele stellingen op. f. "Summary" Voeg bij uw artikel een vertaling van de titel en van de samenvatting in het Engels. Dit geldt ook indien het artikel in een andere taal dan Nederlands of Engels is geschreven. 3. ILLUSTRATIES a. Algemeen Voeg alle illustraties los bij. Plaats deze niet tussen de tekst. Vermeld aan de achterzijde uw naam en een volgnummer. Geef in uw tekst aan waar de illustraties behoren te worden opgenomen. b. Foto's Voeg duidelijke foto's bij. Afdrukken op glanzend papier, röntgenfoto's op film of papier. Houd er rekening mee dat de afbeelding veelal verkleind wordt afgedrukt. Gedigitaliseerde foto s hebben de voorkeur boven originele afdrukken van foto s. Lever digitale afbeeldingen aan in JPEG-formaat en 300 ppi (pixels per inch). Een te lage resolutie voor een af te drukken afbeelding resulteert in pixelisatie, grote pixels die een grof uitziende uitvoer produceren. c. Tekeningen Gebruik Oost-Indische inkt en wit tekenpapier, of produceer uw illustratie op de computer; papierformaat liefst A4. Gebruik stippellijnen en arceringen om details aan te geven. Letters zo groot tekenen dat deze bij verkleining leesbaar blijven. Plaats op één vel papier slechts één tekening. Vouw het papier niet! d. Tabellen en grafieken Produceer deze met de computer, of teken ze met Oost-Indische inkt op wit papier. Teken in tabellen geen verticale lijnen. Zeer duidelijke lichtdrukken (fotokopieën) op wit papier zijn ook bruikbaar. e. Onderschriften Vermeld de onderschriften op een afzonderlijk blad of aan het einde van het artikel, in volgorde van nummering. Vermeld op dezelfde wijze legenda's die niet in de tekening zijn verwerkt; voeg van ongebruikelijke symbolen een duidelijke losse tekening bij. f. Auteursfoto In het algemeen worden geen auteursfoto's geplaatst. In bijzondere gevallen kan, na overleg, een foto van de auteur(s) met een zeer beknopt curriculum vitae worden bijgevoegd. Plaatsing blijft ook dan afhankelijk van o.a. plaatsruimte. 4. RUBRIEKEN a. Oorspronkelijke artikelen Onder deze rubriek vallen de meeste artikelen. De hiervoor geplaatste aanwijzingen zijn hier op van toepassing. b. Casuïstieke mededelingen Onder deze rubriek worden korte artikelen geplaatst waarin een bepaalde casus wordt gesproken. Opmaken zoals voor een oorspronkelijk artikel. c. Referaten Hieronder verstaan wij becommentarieerde uittreksels uit de vakliteratuur.na de titel dient een duidelijk bronvermelding te worden opgenomen inhoudende de oorspronkelijke titel (in de originele taal), naam schrijver, naam tijdschrift of boek, en jaartal van publicatie. d. Boekbesprekingen Een bespreking mag normaliter niet langer zijn dan één pagina A4. De bespreking wordt voorafgegaan door een volledige titelbeschrijving, bevattende titel, auteur, uitgever, plaats, jaar, omvang boek, prijs en ISBN-nummer. e. Ingezonden mededelingen In deze rubriek kunnen aankondigingen van evenementen, die voor de lezers van het tijdschrift van belang kunnen zijn, worden opgenomen. De mededeling mag ten hoogste één bladzijde getypte tekst beslaan. De redactie behoudt het recht de mededeling in te korten of al dan niet te plaatsen. Houd rekening met de datum van verschijnen van het tijdschrift. De redactie stelt zich niet aan sprakelijk voor te late verschijning van het tijdschrift in relatie tot een aangekondigde datum. 5. HONORARIUM a. Bedrag - Voor oorspronkelijke artikelen welke niet reeds elders zijn gepubliceerd of voorgedragen 34,- per gedrukte bladzijde, illustraties inbegrepen. - Voor scripties, voordrachten, artikelen die reeds elders zijn gepubliceerd (mits schriftelijke toestemming van de betrokken redactie wordt overlegd), referaten, studies in dienstverband gemaakt e.d. 34,- per gedrukte bladzijde, illustraties inbegrepen. - Voor recensies van boekwerken: medewerkers die van de redactie een boek ter recensie ontvangen, mogen het gerecenseerde werk in eigendom behouden, dan wel zij retourneren het boek en ontvangen het hierboven vermelde honorarium. - Voor het opnemen van een ingezonden mededeling wordt geen betaling verlangd, noch wordt een honorarium toegekend. b. Bewijsnummers Iedere auteur ontvangt kosteloos vier bewijsnummers. Meer (kosteloze) exemplaren kunnen bij de redactie worden besteld. c. Adressering Vermeld bij inzending van de kopij - indien het artikel meer dan één auteur telt - welke daarvan als correspon dent optreedt. Vermeld diens naam, rang of titel, militair registratienummer of geboortedatum (dag, maand, jaar), huisadres, gironummer of bankrekeningnummer (met vermelding van naam, plaats en gironummer van de bank) alsmede (op grond van bepalingen van het ministerie van Financiën) het fiscaalnummer. Het honorarium wordt slechts aan deze persoon overgemaakt. S u m m A r y NOTICES TO AUTHORS The above contains information how the papers and letters, intended for publication in the Netherlands Military Medical Review, should be submitted to the editor. For prospective submitters of papers and letters these notices are available in the English language. NMGT J A N U A R I

Publiekssamenvatting PRISMO. - De eerste resultaten-

Publiekssamenvatting PRISMO. - De eerste resultaten- Publiekssamenvatting PRISMO - De eerste resultaten- Inleiding In maart 2005 is de WO groep van de Militaire GGZ gestart met een grootschalig longitudinaal prospectief onderzoek onder militairen die werden

Nadere informatie

Anogenitale wratten (condylomata acuminata)

Anogenitale wratten (condylomata acuminata) Anogenitale wratten (condylomata acuminata) 1. Inleiding Binnenkort ondergaat u een operatie aan wratten in het TweeSteden ziekenhuis op locatie Tilburg of Waalwijk. In deze folder leest u informatie over

Nadere informatie

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS Persoonskenmerken en ervaren lijden bij verslaving en PTSS 1 De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij Verslaafde Patiënten met PTSS The Relationship between Personality Traits and Suffering

Nadere informatie

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positive, Negative and Depressive Subclinical Psychotic

Nadere informatie

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior Martin. W. van Duijn Student: 838797266 Eerste begeleider:

Nadere informatie

Posttraumatische stressstoornis na uitzending

Posttraumatische stressstoornis na uitzending Posttraumatische stressstoornis na uitzending Factsheet Inleiding Een ruime meerderheid van de Nederlandse bevolking (ongeveer 80%) krijgt ooit te maken met één of meer potentieel traumatische gebeurtenissen.

Nadere informatie

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren Sociale Steun The Effect of Chronic Pain and the Moderating Effect of Gender on Perceived Social Support Studentnummer:

Nadere informatie

Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon

Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon Zelfwaardering en Angst bij Kinderen: Zijn Globale en Contingente Zelfwaardering Aanvullende Voorspellers van Angst bovenop Extraversie, Neuroticisme en Gedragsinhibitie? Self-Esteem and Fear or Anxiety

Nadere informatie

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere vrouwen: Onderzoek naar de relatie tussen angst, depressieve

Nadere informatie

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten? De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve

Nadere informatie

Wat zijn anogenitale wratten? Waardoor ontstaan anogenitale wratten?

Wat zijn anogenitale wratten? Waardoor ontstaan anogenitale wratten? Anogenitale wratten Wat zijn anogenitale wratten? Wratten ontstaan na een huidinfectie met een virus. Wratten kunnen plat zijn of boven het oppervlak van de huid uitkomen. Ze komen in alle maten voor,

Nadere informatie

Anale Intraepitheliale Neoplasie (AIN) Irina Cairo, dermatoloog

Anale Intraepitheliale Neoplasie (AIN) Irina Cairo, dermatoloog Anale Intraepitheliale Neoplasie (AIN) Irina Cairo, dermatoloog Humaan papilloma virus (Anogenitale) wratten Pre-maligniteiten: CIN = Cervicale intraepitheliale neoplasie VIN = Vulvaire intraepitheliale

Nadere informatie

Schrik om het hart! CoRPS. Dr. Annelieke Roest. Promotoren: Peter de Jonge, PhD. Johan Denollet, PhD

Schrik om het hart! CoRPS. Dr. Annelieke Roest. Promotoren: Peter de Jonge, PhD. Johan Denollet, PhD Schrik om het hart! Center of Research on Psychology in Somatic diseases Promotoren: Peter de Jonge, PhD Johan Denollet, PhD Dr. Annelieke Roest Anxiety and Depression In Coronary Heart Disease: Annelieke

Nadere informatie

Vaccinatie baarmoederhalskanker. Gynaecologie

Vaccinatie baarmoederhalskanker. Gynaecologie Vaccinatie baarmoederhalskanker Gynaecologie Inleiding Als u nog nooit van het Humaan Papillomavirus (hierna te noemen: HPV) en baarmoederhalskanker heeft gehoord, dan bent u niet de enige. Ondanks het

Nadere informatie

Terugkerende aanvallen

Terugkerende aanvallen Genitale herpes Herpes genitalis is een seksueel overdraagbare aandoening (soa), die wordt veroorzaakt door een virus. Dit virus zorgt voor een pijnlijke infectie van de huid en de slijmvliezen in en rond

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 119 120 Samenvatting 121 Inleiding Vermoeidheid is een veel voorkomende klacht bij de ziekte sarcoïdose en is geassocieerd met een verminderde kwaliteit van leven. In de literatuur

Nadere informatie

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Emotioneel Eten: de Rol van Persoonlijkheid The Relationship between Daily Stress and Emotional Eating: the Role of Personality Arlette Nierich Open Universiteit

Nadere informatie

Invloed van Coping en Ziektepercepties op Depressie- en Angstsymptomen. bij Voormalige Borstkankerpatiënten

Invloed van Coping en Ziektepercepties op Depressie- en Angstsymptomen. bij Voormalige Borstkankerpatiënten Invloed van Coping en Ziektepercepties op Depressie- en Angstsymptomen bij Voormalige Borstkankerpatiënten Influence of Coping and Illness Perceptions on Depression and Anxiety Symptoms among Former Breast

Nadere informatie

Veel onwetendheid over baarmoederhalskanker op Curaçao zaterdag, 24 mei 2014 00:00

Veel onwetendheid over baarmoederhalskanker op Curaçao zaterdag, 24 mei 2014 00:00 Het grootste onderzoek naar baarmoederhalskanker en HPV-genotype in het Caribisch gebied tot nu toe vindt plaats op Curaçao. Bij 57.000 vrouwen op Curaçao zit een oproep in de bus om een PAP-test te doen.

Nadere informatie

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim.

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Bullying at work and the impact of Social Support on Health and Absenteeism. Rieneke Dingemans April 2008 Scriptiebegeleider:

Nadere informatie

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim The Relationship between Work Pressure, Mobbing at Work, Health Complaints and Absenteeism Agnes van der Schuur Eerste begeleider:

Nadere informatie

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 SAMENVATTING 117 Pas kortgeleden is aangetoond dat ADHD niet uitdooft, maar ook bij ouderen voorkomt en nadelige gevolgen kan hebben voor de patiënt en zijn omgeving. Er is echter weinig bekend over de

Nadere informatie

Welke Factoren hangen samen met Kwaliteit van Leven na de Kanker Behandeling?

Welke Factoren hangen samen met Kwaliteit van Leven na de Kanker Behandeling? Welke Factoren hangen samen met Kwaliteit van Leven na de Kanker Behandeling? Which Factors are associated with Quality of Life after Cancer Treatment? Mieke de Klein Naam student: A.M.C.H. de Klein Studentnummer:

Nadere informatie

Het medisch zorgsysteem van de Krijgsmacht. T.F.M. Dijkgraaf Luitenant Kolonel vliegerarts

Het medisch zorgsysteem van de Krijgsmacht. T.F.M. Dijkgraaf Luitenant Kolonel vliegerarts Het medisch zorgsysteem van de Krijgsmacht T.F.M. Dijkgraaf Luitenant Kolonel vliegerarts 1 Algemeen Militair Verpleegkundige 2 Mini CV Sedert 1986 werkzaam als militair arts Tot 1996 bij de Kon Landmacht

Nadere informatie

25 jaar whiplash in Nederland

25 jaar whiplash in Nederland 25 jaar whiplash in Nederland Vanuit een fysiotherapeutisch perspectief Maarten Schmitt M.Sc 1 2 Fysiotherapeut & manueeltherapeut Hoofd van de Divisie Onderwijs Stichting Opleidingen Musculoskeletale

Nadere informatie

Stress en trauma bij Nederlande militairen uit Irak. Dr. Iris M. Engelhard, a. Prof. Dr. Marcel A. van den Hout a. Drs.

Stress en trauma bij Nederlande militairen uit Irak. Dr. Iris M. Engelhard, a. Prof. Dr. Marcel A. van den Hout a. Drs. 1 Stress en trauma bij Nederlande militairen uit Irak Dr. Iris M. Engelhard, a Prof. Dr. Marcel A. van den Hout a Drs. Jos Weerts b Prof. Dr. Arnoud Arntz c Prof. Dr. Joop J.C.M. Hox d Prof. Dr. Richard

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen The Association between Daily Hassles, Negative Affect and the Influence of Physical Activity Petra van Straaten Eerste begeleider

Nadere informatie

Differences in stress and stress reactivity between highly educated stay-at-home and working. mothers with spouse and young children

Differences in stress and stress reactivity between highly educated stay-at-home and working. mothers with spouse and young children 1 Differences in stress and stress reactivity between highly educated stay-at-home and working mothers with spouse and young children Verschil in stress en stressreactiviteit tussen hoogopgeleide thuisblijf-

Nadere informatie

BAARMOEDERHALSKANKER Wat u moet weten over baarmoederhalskanker

BAARMOEDERHALSKANKER Wat u moet weten over baarmoederhalskanker 2007 VAC 47 VU : GlaxoSmithKline, Rue du Tilleul 13, 1332 Genval BAARMOEDERHALSKANKER Wat u moet weten over baarmoederhalskanker Wenst U hierover meer te weten, contacteer Uw arts of surf naar : BAARMOEDERHALSKANKER

Nadere informatie

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten met diabetes mellitus type 2 in de huisartsenpraktijk Thinking

Nadere informatie

Verbanden tussen Coping-Strategieën en. Psychologische en Somatische Klachten. binnen de Algemene Bevolking

Verbanden tussen Coping-Strategieën en. Psychologische en Somatische Klachten. binnen de Algemene Bevolking 2015 Verbanden tussen Coping-Strategieën en Psychologische en Somatische Klachten binnen de Algemene Bevolking Master Scriptie Klinische Psychologie Rachel Perez y Menendez Verbanden tussen Coping-Strategieën

Nadere informatie

Onderwijsmateriaal voor toetsgroepen

Onderwijsmateriaal voor toetsgroepen Herpes genitalis, condylomata acuminata en ander ongemak: een diaserie 1. Toelichting 1 Dit onderwijsmateriaal is gebaseerd op de NHG-Standaard van december 2004. Herpes genitalis heeft in de opeenvolgende

Nadere informatie

De Invloed van Dagelijkse Stress op Burn-Out Klachten, Gemodereerd door Mentale. Veerkracht en Demografische Variabelen

De Invloed van Dagelijkse Stress op Burn-Out Klachten, Gemodereerd door Mentale. Veerkracht en Demografische Variabelen Running head: INVLOED VAN DAGELIJKSE STRESS OP BURN-OUT KLACHTEN De Invloed van Dagelijkse Stress op Burn-Out Klachten, Gemodereerd door Mentale Veerkracht en Demografische Variabelen The Influence of

Nadere informatie

Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (SOA) Rubriekhouder: Mw. dr. I. van den Broek, (RIVM)(2008-2014)

Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (SOA) Rubriekhouder: Mw. dr. I. van den Broek, (RIVM)(2008-2014) Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (SOA) Rubriekhouder: Mw. dr. I. van den Broek, (RIVM)(2008-2014) Inleiding Seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA) zijn naast luchtweg-, maagdarm- en urineweginfecties

Nadere informatie

(In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem

(In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem (In)effectiviteit van Angstcommunicaties 1 (In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem (In)effectiveness

Nadere informatie

Mentaal Weerbaar Blauw

Mentaal Weerbaar Blauw Mentaal Weerbaar Blauw de invloed van stereotypen over etnische minderheden cynisme en negatieve emoties op de mentale weerbaarheid van politieagenten begeleiders: dr. Anita Eerland & dr. Arjan Bos dr.

Nadere informatie

deelnemersinformatie ROANCO-onderzoek

deelnemersinformatie ROANCO-onderzoek deelnemersinformatie ROANCO-onderzoek ROANCO: Rotterdams anusonderzoek cohort Geachte lezer, Uw behandelend arts heeft u geïnformeerd over bovengenoemd medischwetenschappelijk onderzoek. Hij/zij heeft

Nadere informatie

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa Physical factors as predictors of psychological and physical recovery of anorexia nervosa Liesbeth Libbers

Nadere informatie

ANOGENITALE WRATTEN CONDYLOMATA ACUMINATA

ANOGENITALE WRATTEN CONDYLOMATA ACUMINATA ANOGENITALE WRATTEN CONDYLOMATA ACUMINATA 17611 Inleiding Zoals u van uw uroloog heeft vernomen, heeft u last van anogenitale wratten. In deze folder kunt u de informatie die uw uroloog met u heeft besproken

Nadere informatie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een Vergelijking met Rusten in Liggende Positie The Effectiveness of a Mindfulness-based Body Scan: a Comparison with Quiet Rest in the Supine

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 179 In dit proefschrift werden de resultaten beschreven van studies die zijn verricht bij volwassen vrouwen met symptomen van bekkenbodem dysfunctie. Deze symptomen komen frequent voor en kunnen de kwaliteit

Nadere informatie

SaMenvatting (SUMMARy IN DUTCH)

SaMenvatting (SUMMARy IN DUTCH) Samenvatting (summary in Dutch) Samenvatting In hoofdstuk 1 wordt de algemene introductie van dit proefschrift beschreven. De nadruk in dit proefschrift lag op patiënten met hoofd-halskanker (HHK) en

Nadere informatie

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken 1 Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken Smoking Cessation in Cardiac Patients Esther Kers-Cappon Begeleiding door:

Nadere informatie

The relationship between social support and loneliness and depressive symptoms in Turkish elderly: the mediating role of the ability to cope

The relationship between social support and loneliness and depressive symptoms in Turkish elderly: the mediating role of the ability to cope The relationship between social support and loneliness and depressive symptoms in Turkish elderly: the mediating role of the ability to cope Een onderzoek naar de relatie tussen sociale steun en depressieve-

Nadere informatie

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers ummery amenvatting Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers 207 Algemene introductie Werkgerelateerde arm-, schouder- en nekklachten zijn al eeuwen

Nadere informatie

SAMENVATTING Depressie en verzuim Voorspellers voor verzuim en werkhervatting hoofdstuk 2 hoofdstuk 3

SAMENVATTING Depressie en verzuim Voorspellers voor verzuim en werkhervatting hoofdstuk 2 hoofdstuk 3 Samenvatting SAMENVATTING SAMENVATTING Depressie en verzuim Ongeveer 15% van de Nederlandse bevolking krijgt eens in zijn of haar leven een depressie. Het hebben van een depressie beïnvloedt het leven

Nadere informatie

Influenza vaccinatie van ziekenhuismedewerkers

Influenza vaccinatie van ziekenhuismedewerkers Influenza vaccinatie van ziekenhuismedewerkers Achtergrond Het RIVM en Vernet Verzuimnetwerk B.V. hebben een onderzoek uitgevoerd onder ziekenhuismedewerkers naar de relatie tussen de influenza vaccinatiegraad

Nadere informatie

Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën

Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën The Relation between Personality, Education, Age, Sex and Short- and Long- Term Sexual

Nadere informatie

Anogenitale wratten. (Condylomata acuminata) Patiënteninformatie. Aldara folder - anogenitale wratten combi indd :07:08

Anogenitale wratten. (Condylomata acuminata) Patiënteninformatie. Aldara folder - anogenitale wratten combi indd :07:08 Anogenitale wratten (Condylomata acuminata) Patiënteninformatie Aldara folder - anogenitale wratten combi 122007.indd 1 10-04-2008 16:07:08 Wat zijn anogenitale wratten? Wratten zijn goedaardig en ontstaan

Nadere informatie

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Test-taker Attitudes of Job Applicants: Test Anxiety and Belief in Tests as Antecedents of

Nadere informatie

Type Dementie als Oorzaak van Seksueel Ontremd Gedrag. Aanwezigheid van het Gedrag bij Type Alzheimer?

Type Dementie als Oorzaak van Seksueel Ontremd Gedrag. Aanwezigheid van het Gedrag bij Type Alzheimer? Type Dementie als Oorzaak van Seksueel Ontremd Gedrag Aanwezigheid van het Gedrag bij Type Alzheimer? Type of Dementia as Cause of Sexual Disinhibition Presence of the Behavior in Alzheimer s Type? Carla

Nadere informatie

De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner

De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner The association between momentary affect and sexual desire: The moderating role of partner

Nadere informatie

CONDYLOMATA. Dr. Stragier Jo - Dr. Dilen Kurt

CONDYLOMATA. Dr. Stragier Jo - Dr. Dilen Kurt CONDYLOMATA Dr. Stragier Jo - Dr. Dilen Kurt Condylomata Beste, U raadpleegde ons i.v.m. de aanwezigheid van wratjes ter hoogte van de genitaalstreek, in ons vakjargon bekend als condylomata. We geven

Nadere informatie

HPV als ziekteverwekker

HPV als ziekteverwekker HPV als ziekteverwekker Nathalie Reesink-Peters 27 februari 2009 Inhoud Introductie HPV Levenscyclus HPV, ziekte verwekker Oncogenese Therapie (van HPV gerelateerde ziekte) Indicaties moleculaire diagnostiek

Nadere informatie

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Bottlenecks in Independent Learning: Self-Regulated Learning, Stress

Nadere informatie

De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen.

De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen. De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen. The Relationship between Intimacy, Aspects of Sexuality and Attachment

Nadere informatie

Auteur Bech, Rasmussen, Olsen, Noerholm, & Abildgaard. Meten van de ernst van depressie

Auteur Bech, Rasmussen, Olsen, Noerholm, & Abildgaard. Meten van de ernst van depressie MAJOR DEPRESSION INVENTORY (MDI) Bech, P., Rasmussen, N.A., Olsen, R., Noerholm, V., & Abildgaard, W. (2001). The sensitivity and specificity of the Major Depression Inventory, using the Present State

Nadere informatie

ROM in de ouderenpsychiatrie

ROM in de ouderenpsychiatrie Improving Mental Health by Sharing Knowledge ROM in de ouderenpsychiatrie Marjolein Veerbeek Richard Oude Voshaar, Anne Margriet Pot Financier: Ministerie van VWS 2 Routine Outcome Monitoring Definitie

Nadere informatie

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents

Nadere informatie

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary

Nadere informatie

GOAL-STRIVING REASONS, PERSOONLIJKHEID EN BURN-OUT 1. Het effect van Goal-striving Reasons en Persoonlijkheid op facetten van Burn-out

GOAL-STRIVING REASONS, PERSOONLIJKHEID EN BURN-OUT 1. Het effect van Goal-striving Reasons en Persoonlijkheid op facetten van Burn-out GOAL-STRIVING REASONS, PERSOONLIJKHEID EN BURN-OUT 1 Het effect van Goal-striving Reasons en Persoonlijkheid op facetten van Burn-out The effect of Goal-striving Reasons and Personality on facets of Burn-out

Nadere informatie

Hoe krijg je hepatitis B?

Hoe krijg je hepatitis B? Hepatitis B Hepatitis B is een infectie van de lever, veroorzaakt door het hepatitis B-virus. In Nederland wordt dit virus vooral overgedragen door seksueel contact. Het dringt via de slijmvliezen van

Nadere informatie

Een afwijkend uitstrijkje: wat nu?

Een afwijkend uitstrijkje: wat nu? Een afwijkend uitstrijkje: wat nu? U heeft gehoord dat er in uw uitstrijkje afwijkende cellen gevonden zijn. Dit betekent in de meeste gevallen niet dat u kanker heeft. Vaak gaat het om een goedaardige

Nadere informatie

HET PARTNER-ONDERZOEK

HET PARTNER-ONDERZOEK Deelnemersinformatie en geïnformeerde voor de HIV-positieve partner HET PARTNER-ONDERZOEK Het PARTNER-onderzoek is een onderzoek naar stellen, waarbij: (i) de ene partner HIV-positief is en de ander HIV-negatief;

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nicotine en alcohol kunnen de placenta passeren en zo het risico op nadelige uitkomsten voor het ongeboren kind verhogen. Stoppen met roken en alcoholgebruik tijdens de zwangerschap lijkt vanzelfsprekend,

Nadere informatie

Cover Page. Author: Smelt, Antonette Title: Treatment of migraine : from clinical trial to general practice Issue Date: 2014-05-14

Cover Page. Author: Smelt, Antonette Title: Treatment of migraine : from clinical trial to general practice Issue Date: 2014-05-14 Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/25761 holds various files of this Leiden University dissertation Author: Smelt, Antonette Title: Treatment of migraine : from clinical trial to general

Nadere informatie

Korte bijdrage Life events bij patiënten in de acute dienst van achttien RIAGG s

Korte bijdrage Life events bij patiënten in de acute dienst van achttien RIAGG s Korte bijdrage Life events bij patiënten in de acute dienst van achttien RIAGG s door B. van der Goot, R.A. van der Pol en V.M. Vladár Rivero Samenvatting In mei 1990 vond een onderzoek plaats naar de

Nadere informatie

De Invloed van Vaktherapeutische Interventies op Angst- en Depressiesymptomen bij

De Invloed van Vaktherapeutische Interventies op Angst- en Depressiesymptomen bij De Invloed van Vaktherapeutische Interventies op Angst- en Depressiesymptomen bij Mensen met een Psychiatrische Stoornis de Modererende Invloed van de Therapeutische Alliantie The Effect of Arts Therapies

Nadere informatie

gedrag? Wat is de invloed van gender op deze samenhang? gedrag? Wat is de invloed van gender op deze samenhang?

gedrag? Wat is de invloed van gender op deze samenhang? gedrag? Wat is de invloed van gender op deze samenhang? Is er een samenhang tussen seksuele attituden en gedragsintenties voor veilig seksueel Is there a correlation between sexual attitudes and the intention to engage in sexually safe behaviour? Does gender

Nadere informatie

Running head: INVLOED MBSR-TRAINING OP STRESS EN ENERGIE 1. De Invloed van MBSR-training op Mindfulness, Ervaren Stress. en Energie bij Moeders

Running head: INVLOED MBSR-TRAINING OP STRESS EN ENERGIE 1. De Invloed van MBSR-training op Mindfulness, Ervaren Stress. en Energie bij Moeders Running head: INVLOED MBSR-TRAINING OP STRESS EN ENERGIE 1 De Invloed van MBSR-training op Mindfulness, Ervaren Stress en Energie bij Moeders The Effect of MBSR-training on Mindfulness, Perceived Stress

Nadere informatie

Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5)

Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Hester A. Lijphart Eerste begeleider: Dr. E. Simon Tweede

Nadere informatie

Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie. I feel nothing though in essence everything:

Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie. I feel nothing though in essence everything: Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie I feel nothing though in essence everything: Associations between Alexithymia, Somatisation and Depression

Nadere informatie

Inleiding. Familiale kwetsbaarheid en geslacht. Samenvatting

Inleiding. Familiale kwetsbaarheid en geslacht. Samenvatting Inleiding Depressie en angst zijn veel voorkomende psychische stoornissen. Het ontstaan van deze stoornissen is gerelateerd aan een breed scala van risicofactoren, zoals genetische kwetsbaarheid, neurofysiologisch

Nadere informatie

TSCYC Ouderversie. Vragenlijst over traumasymptomen bij jonge kinderen. Jeroen de Groot. ID 256-18 Datum 24.12.2014. Informant:

TSCYC Ouderversie. Vragenlijst over traumasymptomen bij jonge kinderen. Jeroen de Groot. ID 256-18 Datum 24.12.2014. Informant: TSCYC Ouderversie Vragenlijst over traumasymptomen bij jonge kinderen ID 256-18 Datum 24.12.2014 Informant: Mieke de Groot-Aerts moeder TSCYC Inleiding 2 / 10 INLEIDING De TSCYC is een vragenlijst die

Nadere informatie

Mentale Veerkracht. Caroline Six

Mentale Veerkracht. Caroline Six Caroline Six Het probleem 1 Military confirms Afghanistan's "invisible" tragedy (16-11-11) A just released Canadian Forces report says almost one in three Kandahar vets has sought some degree of mental

Nadere informatie

De Invloed van Familie op

De Invloed van Familie op De Invloed van Familie op Depressie- en Angstklachten van Verpleeghuisbewoners met Dementie The Influence of Family on Depression and Anxiety of Nursing Home Residents with Dementia Elina Hoogendoorn Eerste

Nadere informatie

Vaccinatie tegen baarmoederhalskanker, een belangrijke stap voorwaarts en toch veel verzet. Jaarcongres MPA Alumni, 15 april 2011, Den Haag

Vaccinatie tegen baarmoederhalskanker, een belangrijke stap voorwaarts en toch veel verzet. Jaarcongres MPA Alumni, 15 april 2011, Den Haag Vaccinatie tegen baarmoederhalskanker, een belangrijke stap voorwaarts en toch veel verzet Jaarcongres MPA Alumni,, Den Haag Roel A. Coutinho 1 Center for Infectious Disease Control National Institute

Nadere informatie

Het meetinstrument heeft betrekking op de volgende categorieën Lichaamsregio Overige, ongespecificeerd

Het meetinstrument heeft betrekking op de volgende categorieën Lichaamsregio Overige, ongespecificeerd Uitgebreide toelichting van het meetinstrument Utrechtse Coping Lijst (UCL) November 2012 Review: 1. A. Lueb 2. M. Jungen Invoer: E. van Engelen 1 Algemene gegevens Het meetinstrument heeft betrekking

Nadere informatie

Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel

Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel Een onderzoek naar de invloed van cognitieve stijl, ziekte-inzicht, motivatie, IQ, opleiding,

Nadere informatie

Screening en behandeling van psychische problemen via internet. Viola Spek Universiteit van Tilburg

Screening en behandeling van psychische problemen via internet. Viola Spek Universiteit van Tilburg Screening en behandeling van psychische problemen via internet Viola Spek Universiteit van Tilburg Screening en behandeling van psychische problemen via internet Online screening Online behandeling - Effectiviteit

Nadere informatie

Actinische keratosen. Poli Dermatologie

Actinische keratosen. Poli Dermatologie 00 Actinische keratosen Poli Dermatologie Wat zijn actinische keratosen? Actinische keratosen zijn plekjes op de huid die ontstaan door schade van zonlicht. Deze plekjes ontstaan op delen van het lichaam

Nadere informatie

Begeleiding van HIV-patiënten

Begeleiding van HIV-patiënten Symposium Up-to-Date in Infectieziekten Zaterdag 11 februari 2012 Begeleiding van HIV-patiënten Anneleen Lijnen Nurse physician assistant Dienst Infectieziekten 1) Voorstelling Verpleegkundige Ondersteuning

Nadere informatie

het psychisch functioneren van de ouder, de tevredenheid van de ouders met de (huwelijks)relatie en de gezinscommunicatie. Een beter functioneren van

het psychisch functioneren van de ouder, de tevredenheid van de ouders met de (huwelijks)relatie en de gezinscommunicatie. Een beter functioneren van 9 Samenvatting 173 174 9 Samenvatting Kanker is een veel voorkomende ziekte. In 2003 werd in Nederland bij meer dan 72.000 mensen kanker vastgesteld. Geschat wordt dat het hier in 9.000 gevallen om mensen

Nadere informatie

Moderatie van de Big Five Persoonlijkheidsfactoren op de Relatie tussen. Gepest worden op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten en

Moderatie van de Big Five Persoonlijkheidsfactoren op de Relatie tussen. Gepest worden op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten en Moderatie van de Big Five Persoonlijkheidsfactoren op de Relatie tussen Gepest worden op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten en Ziekteverzuim Moderation of the Big Five Personality Factors on

Nadere informatie

Een gezondheidscheck via het werk: wat vinden werknemers ervan?

Een gezondheidscheck via het werk: wat vinden werknemers ervan? Een gezondheidscheck via het werk: wat vinden werknemers ervan? Olga Damman Allard van der Beek Danielle Timmermans -0- Department of Public and Occupational Health Quality of Care EMGO Institute for Health

Nadere informatie

Onderzoek heeft aangetoond dat een hoge mate van herstelbehoefte een voorspellende factor is voor ziekteverzuim. Daarom is in de NL-SH ook de relatie

Onderzoek heeft aangetoond dat een hoge mate van herstelbehoefte een voorspellende factor is voor ziekteverzuim. Daarom is in de NL-SH ook de relatie Samenvatting Gehoor en de relatie met psychosociale gezondheid, werkgerelateerde variabelen en zorggebruik. De Nationale Longitudinale Studie naar Horen Slechthorendheid is een veelvoorkomende chronische

Nadere informatie

23-4-2012. Conclusie: Zorg voor Seksuele Gezondheid. Opzet: Seksuele gezondheid in Ned. Seksuele gezondheid. Schuivende paradigma's

23-4-2012. Conclusie: Zorg voor Seksuele Gezondheid. Opzet: Seksuele gezondheid in Ned. Seksuele gezondheid. Schuivende paradigma's Conclusie: Zorg voor Seksuele Gezondheid Schuivende paradigma's NHG VOORJAARSCONGRES 19 APRIL 211 Jan van Bergen, huisarts Hoogleraar soa hiv in de 1 e lijn AMC Soa Aids Nederland De huisarts speelt een

Nadere informatie

De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende. Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering

De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende. Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering The relation between Mindfulness and Psychopathology: the Mediating Role of Global and Contingent

Nadere informatie

Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit

Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit 1 Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit Nicola G. de Vries Open Universiteit Nicola G. de Vries Studentnummer 838995001 S71332 Onderzoekspracticum scriptieplan

Nadere informatie

Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131. chapter 10 samenvatting

Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131. chapter 10 samenvatting Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131 chapter 10 samenvatting Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 132 Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 133 Zaadbalkanker wordt voornamelijk bij jonge mannen vastgesteld

Nadere informatie

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten The Moderating Influence of Social Support on the Relationship between Mobbing at Work

Nadere informatie

Effectiviteit en economische impact van beweegprogramma s op de werkplek

Effectiviteit en economische impact van beweegprogramma s op de werkplek Effectiviteit en economische impact van beweegprogramma s op de werkplek Karin Proper Afdeling Sociale Geneeskunde, EMGO+ Instituut, VUmc, Amsterdam Body@Work, Onderzoekscentrum Bewegen, Arbeid en Gezondheid

Nadere informatie

Multidimensional Fatigue Inventory

Multidimensional Fatigue Inventory Multidimensional Fatigue Inventory (MFI) Smets E.M.A., Garssen B., Bonke B., Dehaes J.C.J.M. (1995) The Multidimensional Fatigue Inventory (MFI) Psychometric properties of an instrument to asses fatigue.

Nadere informatie

Deelnemersinformatie en geïnformeerde toestemming voor de HIV-negatieve partner HET PARTNER-ONDERZOEK

Deelnemersinformatie en geïnformeerde toestemming voor de HIV-negatieve partner HET PARTNER-ONDERZOEK Deelnemersinformatie en geïnformeerde voor de HIV-negatieve partner HET PARTNER-ONDERZOEK Het PARTNER-onderzoek is een onderzoek naar stellen, waarbij: (i) de ene partner HIV-positief is en de ander HIV-negatief;

Nadere informatie

Zijn distress en ziektestatus gerelateerd aan lichamelijke en emotionele problemen bij vrouwen met ovariumkanker?*

Zijn distress en ziektestatus gerelateerd aan lichamelijke en emotionele problemen bij vrouwen met ovariumkanker?* Zijn distress en ziektestatus gerelateerd aan lichamelijke en emotionele problemen bij vrouwen met ovariumkanker?* Floor Ploos van Amstel, RN, MSc, verpleegkundig expert, afd. Medische Oncologie Maaike

Nadere informatie

MOSAIC studie Informatiebrief voor cases

MOSAIC studie Informatiebrief voor cases 1 MOSAIC studie Informatiebrief voor cases Informatiebrief betreffende het onderzoek (MOSAIC studie): de gevolgen van acute hepatitis C virus infectie bij HIV positieve en HIV negatieve mannen die seks

Nadere informatie

Welke vragenlijst voor mijn onderzoek?

Welke vragenlijst voor mijn onderzoek? Welke vragenlijst voor mijn onderzoek? NHG wetenschapsdag 2010 Caroline Terwee Kenniscentrum Meetinstrumenten VUmc Afdeling Epidemiologie en Biostatistiek VU medisch centrum Inhoud 1. Presentatie 2. Kritisch

Nadere informatie

De Rol van Sense of Coherence bij de Glucoseregulatie bij Mensen met Diabetes Type 1

De Rol van Sense of Coherence bij de Glucoseregulatie bij Mensen met Diabetes Type 1 De Rol van Sense of Coherence bij de Glucoseregulatie bij Mensen met Diabetes Type 1 The Role of Sense of Coherence in Glucose regulation among People with Diabetes Type 1 Marja Wiersma Studentnummer:

Nadere informatie

Engelse Verpleegster Gebruikt HeartMath met Multiple Sclerose patiënten

Engelse Verpleegster Gebruikt HeartMath met Multiple Sclerose patiënten Engelse Verpleegster Gebruikt HeartMath met Multiple Sclerose patiënten Een verpleegkundige in Engeland die is gespecialiseerd in patiënten met multiple sclerose / MS voerde een informele studie uit waarbij

Nadere informatie