Export Processing Regime als ontwikkelingsstrategie Een goed idee voor Afrika?

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Export Processing Regime als ontwikkelingsstrategie Een goed idee voor Afrika?"

Transcriptie

1 UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE ACADEMIEJAAR Eport Processing Regime als ontwikkelingsstrategie Een goed idee voor Afrika? Masterproef voorgedragen tot het bekomen van de graad van Master of Science in de Toegepaste Economische Wetenschappen: Handelsingenieur Isabeau Haelterman onder leiding van Prof. dr. B. Merlevede

2

3 UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE ACADEMIEJAAR Eport Processing Regime als ontwikkelingsstrategie Een goed idee voor Afrika? Masterproef voorgedragen tot het bekomen van de graad van Master of Science in de Toegepaste Economische Wetenschappen: Handelsingenieur Isabeau Haelterman onder leiding van Prof. dr. B. Merlevede

4 PERMISSION Ondergetekende verklaart dat de inhoud van deze masterproef mag geraadpleegd en/of gereproduceerd worden, mits bronvermelding. Isabeau Haelterman I

5 WOORD VOORAF Voor u ligt een Masterproef die het resultaat is van anderhalf jaar hard werken. Deze kon slechts tot stand komen dankzij de epertise en steun van enkele mensen. Vooreerst zou ik mijn Promotor, Pr. Dr. Bruno Merlevede, hartelijk willen danken om mij de mogelijkheid te bieden een Masterproef te schrijven rond een onderwerp van mijn interesse, mijn onderzoek in de juiste richting te sturen en vooral voor zijn geduld in verband met de gegevensverwerking in Stata. Zijn deur en mailbo stonden steeds open voor vragen. Verder bedank ik graag mijn vrienden (de XOXO-bende) en vriend, Julien, om mijn uren in en om de faculteit zo aangenaam te maken. De boog kan niet altijd gespannen staan! Met vele lunches in de Kantienberg, terrasjes en etentjes hebben we elkaar door de zware thesisperiode getrokken. Last but not least, en eigenlijk bovenal, bedank ik mijn ouders. Mijn papa, Luk Haelterman, voor al de tijd die hij gestoken heeft in het aanreiken van nieuwe informatie en inzichten, voor de contacten met eperts in het domein van mijn Masterproef, voor het meermaals nalezen van mijn werk, en vooral voor de mentale steun. Mijn mama, Martine Geeroms, omdat ze mij onvoorwaardelijk heeft gesteund en aangemoedigd en omdat ze altijd met een luisterend oor (en een lekkernijtje) klaar stond. Het was fijn om op jullie te kunnen rekenen ook al waren we meer dan 6000km van elkaar verwijderd. Bedankt! Isabeau Haelterman Juni 2014 II

6 INHOUDSTAFEL PERMISSION... I WOORD VOORAF... II LIJST MET AFKORTINGEN... IV LIJST MET FIGUREN... V LIJST MET TABELLEN... VII 1. INLEIDING THEORETISCHE ACHTERGROND Eport Processing Regime Eport Processing Regime Het principe Eport Processing Regime en de Wereldhandelsorganisatie Gevaren van Eport Processing Regimes Eport Processing Regime in de wereld HISTORIEK Afrikaanse economie, het potentieel Afrika en Eport Processing Regimes Gevallenstudies China een lappendeken van eport processing zones Meico maquiladora s, een bijdrage voor de binnenlandse economie of niet? Nigeria: hoe het niet moet Kwantitatief onderzoek Data Tijdreeksanalyse Paneldata methode Tijdreeksanalyse Methodologie Resultaten Paneldata-analyse Methodologie Resultaten ALGEMEEN BESLUIT BIBLIOGRAFIE III

7 LIJST MET AFKORTINGEN AGOA ARIMA ACF BIP BNP ECOWAS EPA EPR EPZ ETDZ FDI FE FTA GDP GE HIDZ ILO NAFTA NEPZA OKFTZ PACF PPP RTA SEZ SSA UNIDO WEPZA WTO = African Growth and Opportunity Act = Autoregressive Integrated Moving Average = Autocorrelatie Functie = Border Industrialisation Program = Bruto Nationaal Product = Economic Community of West African States = Eport Processing Agreement = Eport Processing Regime = Eport Processing Zone = Economic and Technological Development Zone = Foreign Direct Investment = Fied Effects = Free Trade Agreement = Gross Domestic Product = Gravity Equation = High-tech Industry Development Zone = International Labor Office = North American Free Trade Agreement = Nigerian Eport Processing Zone Association = Olokola Free Trade Zone = Passive Autocorrelation Function =Public Private Partnership = Regional Trade Agreement = Special Economic Zone = Sub Sahara Afrika = United Nations Organization for Industrial Development = World Eport Processing Zone Association = World Trade Organization IV

8 LIJST MET FIGUREN FIGUUR 1: FIGUUR 2: HET EPR-PRINCIPE SCHEMATISCH VOORGESTELD AANTAL EPR S IN DE VERSCHILLENDE WERELDDELEN FIGUUR 3: GROEIVOETEN EN JAARLIJKSE OPBRENGSTEN VAN AFRIKA FIGUUR 4: FIGUUR 5: VERDELING VAN ALLE EPR S OVER DE WERELD FIT EXPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR CHINA FIGUUR 6: FIT IMPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR MADAGASKAR FIGUUR 7: FIGUUR 8: FIT EXPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR INDIA FIT IMPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR VIETNAM FIGUUR 9: FIT EXPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR DOMINICAANSE REPUBLIEK FIGUUR 10: FIGUUR 11: FIT IMPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR DOMINICAANSE REPUBLIEK FIT EXPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR MAURITIUS FIGUUR 12: FIT IMPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR MAURITIUS FIGUUR 13: FIGUUR 14: FIT IMPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR NICARAGUA FIT IMPORT ARIMA-MODEL MET INVOERING EPR PAKISTAN FIGUUR 15: EFFECT VAN EPR OP BILATERALE EXPORTSTROMEN GEDURENDE DE EERSTE 15 JAAR, EPR IN 1 LAND EN EPR IN BEIDE LANDEN FIGUUR 16: EFFECT VAN EPR OP BILATERALE EXPORTSTROMEN GEDURENDE DE EERSTE 15 JAAR, EPR IN 1 LAND, MET BETROUWBAARHEIDSINTERVALLEN FIGUUR 17: EFFECT VAN EPR OP BILATERALE EXPORTSTROMEN GEDURENDE DE EERSTE 15 JAAR, EPR IN BEIDE LANDEN, MET BETROUWBAARHEIDSINTERVALLEN V

9 FIGUUR 18: EFFECT VAN EPR OP BILATERALE EXPORTSTROMEN GEDURENDE DE EERSTE 15 JAAR, EPR IN 1 LAND EN IN BEIDE LANDEN, MET BETROUWBAARHEIDSINTERVALLEN VI

10 LIJST MET TABELLEN TABEL 1: EVOLUTIE EPR TUSSEN 1975 EN 2007 TABEL 2: TABEL 3: OVERZICHT LANDEN MET EPR JAARTALLEN VAN INTRODUCTIE EPR PER LAND TABEL 4: BESCHRIJVENDE STATISTIEKEN TABEL 5: SCHATTING ARIMA-MODELLEN, IMPORTDATA TABEL 6: SCHATTING ARIMA-MODELLEN, EXPORTDATA TABEL 7: FIT ARIMA-MODELLEN MET EPR-VARIABELE, IMPORTDATA TABEL 8: TABEL 9: FIT ARIMA-MODELLEN MET EPR-VARIABELE, EXPORTDATA FIT ARIMA-MODELLEN MET EPR-VARIABELE, IMPORTDATA MET TIJDSTREND TABEL 10: FIT ARIMA-MODELLEN MET EPR-VARIABELE, EXPORTDATA MET TIJDSTREND TABEL 11: TABEL 12: PANEL STANDAARD GRAVITY EQUATION, MET TIJDSTREND EN COUNTRY FIXED EFFECTS, BILATERAL EXPORT PANEL AUGMENTED GRAVITY EQUATION, BILATERAL EXPORT TABEL 13: TABEL 14: PANEL AUGMENTED GRAVITY EQUATION, LAGS VAN 5 JAAR, BILATERAL EXPORT PANEL AUGMENTED GRAVITY EQUATION, LAGS VAN 10 JAAR, BILATERAL EXPORT TABEL 15: TABEL 16: TABEL 17: TABEL 18: PANEL AUGMENTED GRAVITY EQUATION, LAGS VAN 5 EN 10 JAAR, BILATERAL EXPORT PANEL AUGMENTED GRAVITY EQUATION, FASE1 FASE2 FASE3, BILATERAL EXPORT PANEL AUGMENTED GRAVITY EQUATION, TIJDSTREND EN COUNTRY FIXED EFFECTS, BILATERAL EXPORT PANEL AUGMENTD GRAVITY EQUATION, COUNTRY- EN TIME FIXED EFFECTS, BILATERALE EXPORT VII

11 TABEL 19: TABEL 20: PANEL AUGMENTED GRAVITY EQUATION, MET JAARLIJKS EPR-EFFECT EERSTE 15 JAAR, COUNTRY FIXED EFFECTS ZONDER EN MET TIME FIXED EFFECTS, BILATERAL EXPORT PANEL AUGMENTED GRAVITY EQUATION, COUNTRY- EN TIME FIXED EFFECTS, EFFECT VAN EPR IN AFRIKA, BILATERAL EXPORT VIII

12 1. INLEIDING Afrika behoort tot de derde wereld 1, een synoniem voor het geheel van alle ontwikkelingslanden en door De Velder en De Cnuydt (2009) omschreven als een groep landen met grote armoede in vergelijking met de rijke landen, dikwijls gaat dit gepaard met technologische, economische en medische achterstand. Het betreft dan ook meestal landen die nog geen aanzienlijk niveau van industrialisatie bereikt hebben, en die geen of een slecht ontwikkelde dienstensector, een grote landbouwsector en lage levenstandaarden en BNP/capita hebben. De Afrikaanse economie, zeker Sub-Sahara Afrika, gaat gebogen onder relatief hoge schulden, een laag aandeel in de eportmarkt, verdwijnende buitenlandse investeringen en toenemende financiële afhankelijkheid (Kahn & Ajayi, 2000). Dit is ook vandaag nog grotendeels het geval. Sub- Sahara Afrika is een kleine speler in handel op wereldschaal. Daarbij komt nog dat er onderscheid moet worden gemaakt tussen import en eport van mineralen die vandaag enkel bijdragen tot de verrijking van enkele individuen enerzijds, en de import en eport die wel bijdraagt aan de algemene welvaart anderzijds. Afrika wordt nog steeds geteisterd door kapitaalvlucht en de gerepatrieerde vergoedingen van Afrikaanse werknemers in het buitenland dragen maar enkele luttele percenten bij tot het BNP (Lawson-Remer & Greenstein, 2012). Bijstand, zowel financiën als voeding, is tot vandaag voor Afrika van grotere betekenis dan buitenlandse investeringen. Naast financiële problemen heeft Afrika ook te kampen met problemen op het vlak van bevolkingsgroei en verstedelijking. De bevolking van het Afrikaanse continent is de laatste vijftig jaar etreem snel gegroeid, in de tweede helft van de 20 e eeuw is het bevolkingsaantal 1 Het begrip derde wereld werd ingevoerd in de jaren 50. Het betrof een groep landen die niet behoorden tot de twee heersende machten van dat moment: NAVO en het Warschaupact. Deze landen maakten geen deel uit van een militaire alliantie met een van bovenstaande machten. Leidende landen binnen deze beweging waren Joegoslavië, India, Egypte en Indonesië. De meeste derde wereld landen liggen in Afrika, Zuid-Amerika en Azië. Dikwijls betreft het landen die ooit werden gekoloniseerd. 1

13 vervierdubbeld, van 230 miljoen naar een miljard in 2010 (World Population Statistics, 2013), voornamelijk als gevolg van verbeterde zorg en hygiëne, geloofsovertuiging, onderhoud behoeftes en laag opleidingsniveau. Verstedelijking is er alom tegenwoordig, de bevolking trekt massaal naar stedelijke gebieden, zo ontstaan miljoenensteden zoals Lagos, Johannesburg en Nairobi, die erg lijden onder een hoge populatieconcentratie. In 2010 bedroeg het aandeel stedelingen ongeveer 36%; voorspellingen geven aan dat dit aandeel zal stijgen naar respectievelijk 50% en 60% tegen 2030 en 2050, tegen die tijd zal de helft van de Afrikaanse bevolking in een stad wonen (Ncube, 2012). Ook scholing is een struikelblok voor Afrika; slechts 76% van de kinderen volgt lager onderwijs en slechts 35% van de jongeren volgt secundair onderwijs. Bijkomend is nog het feit dat het niveau van het onderwijs ondermaats is en dat technisch vormend onderwijs zelfs grotendeels afwezig is. Dit dwarsboomt voor de schoolgaande jongeren de mogelijkheid om in onze geglobaliseerde wereld goed aan de kost te komen. Het niveau van het openbaar onderwijs is van een bedenkelijk peil door een gebrek aan financiering en leerkrachten, zij krijgen te maken met grote klassen, geen degelijke gebouwen, heel beperkt onderwijsmateriaal en slechte verloning, wat dikwijls leidt tot staking van het onderwijspersoneel. Het privéonderwijs is slechts weggelegd voor de happy few, die zich de schoolgelden kunnen veroorloven (minder dan 5% van de bevolking) (Roburgh et Al., 2010). Echter, uit onderzoek is een mogelijke economische vooruitgang en potentie van Afrika gebleken. Er zijn een groot aantal ontwikkelingen die het continent aantrekkelijk maken voor lange termijn investeringen (Roburgh et al., 2010). Gezien de derdewereldproblematiek al jaren een veelbesproken thema blijft, is er reeds een rijkelijke hoeveelheid literatuur voorhanden, die de oorzaak, gevolgen en mogelijke oplossingen bestudeert en beschrijft. Met deze masterproef wil ik bijdragen aan de zoektocht naar hulpmiddelen en oplossingen voor ontwikkelingslanden en de zoektocht naar een manier om het Afrikaanse potentieel een eerlijke kans te geven. Deze masterproef stelt Eport Processing Regimes (EPR) voor als een van de ontwikkelingsstrategieën voor Afrika en zal nagaan welke mogelijkheden EPR s Afrika kunnen bieden, met als illustratie een analyse van situatie in Nigeria en zijn grootste EPR-project. Deze masterproef zal aan de hand van een tijdreeksanalyse en een paneldata analyse handelsstromen bestuderen en welke invloed de invoering van een Eport Processing Regime in het verleden heeft gehad op de import en eport van landen verspreid over de hele wereld. Zo zal een vergelijking 2

14 gemaakt worden tussen Afrikaanse landen en niet-afrikaanse landen, om te kunnen afleiden of Eport Processing Regimes een mogelijke ontwikkelingsstrategie zijn voor het Afrikaanse continent. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van data uit de periode Het empirisch onderzoek bouwt verder op artikels van en Carrère (2006), Baier & Bergstrand (2007) en Baier et Al. (2008). De methodologie van deze studie leunt het dichtst aan bij de twee laatstgenoemde. De voorbije 40 jaar werd het Gravity Model veelvuldig toegepast om effecten van bijvoorbeeld handelsakkoorden op handelsstromen te analyseren. Carrère, Baier & Bergstrand en Baier et Al. onderzoeken het effect van Regional Trade Agreements op handelsstromen. De onderzoeken maken gebruik van paneldata gebaseerd op de Gravity Equation. Vervolgens schat Carrère het effect van de Regional Trade Agreements op handelsstromen met Random Effects. Baier & Bergstrand en Baier et Al. daarentegen schatten het effect met behulp van Fied Effects. Dit onderzoek gebruikt de e post technieken van Baier & Bergstrand en Baier et Al. om de invloed van een EPR op Afrikaanse handelsstromen en economie na te gaan. Deze studie verschilt van de hierboven besproken bouwstenen in twee opzichten. Vooreerst wordt in dit onderzoek de invloed van het invoeren van een EPR op de economie en welvaart van een land onderzocht. Bovenvermelde werken beschreven de invloed van verschillende types handelsakkoorden en handelsakkoorden in het algemeen op bilaterale handelsstromen. Daarenboven wordt er naast de controle op bilaterale handelsstromen eerst een tijdreeksanalyse uitgevoerd. Hierbij worden eport- en importdata bestudeerd, om na te gaan of de aanwezigheid van EPR in een land een directe invloed heeft op de eport en import in dat land. Het eerstvolgende hoofdstuk geeft een theoretische achtergrond van het principe achter EPR en beschrijft EPR op wereldschaal. Hoofdstuk 3 geeft een overzicht van de recente historiek, meer bepaald van de Afrikaanse economie en wat EPR vandaag voor Afrika betekent en het hoofdstuk bevat enkele gevallenstudies in specifieke landen binnen en buiten Afrika. Hoofdstuk 4 voorziet in een bespreking van het kwantitatief onderzoek, de gehanteerde methodologie, de data en de resultaten. Hoofdstuk 5, tot slot, vat de belangrijkste bevindingen van deze studie samen. 3

15 2. THEORETISCHE ACHTERGROND 2.1. Eport Processing Regime Een Eport Processing Regime kan omschreven worden als een duidelijk afgebakende industriële zone waar vrije handel kan gevoerd worden, meer specifiek buiten het binnenlandse douane- en handelsregime om. Het gaat dus om een zone waar handel gedreven kan worden onder een meer vrije wetgeving dan de wetgeving van het gastland en waar handeldrijven dus een incentive betekent voor investeerders. De geproduceerde goederen zijn voornamelijk voor eport voorbestemd. In de kern is een EPR een quid pro quo tussen de overheid van het gastland en de investerende bedrijven; in ruil voor creatie van tewerkstelling, technologietransfer, economische ontwikkeling, etc. verkrijgen de investeerders fiscale incentives zoals vrijstelling van belastingen (Waters, 2013) en een zo optimaal mogelijke industriële werkomgeving Eport Processing Regime Het principe Redenen van invoering voor EPR s zijn verscheiden. Sommige landen doen het voor de opbrengsten uit wisselkoersen, terwijl anderen als doel hebben de productie van niet-traditionele eportproducten zoals elektronica en auto-industrie te laten toenemen, daarnaast worden ze ook gebruikt om werkloosheid aan te pakken, buitenlands kapitaal aan te trekken en knowhow en technologie het land binnen te brengen. Bepaalde landen maken onderscheid tussen EPR s op basis van de uitgevoerde activiteiten en/of de geldende regelgeving en maken dit ook duidelijk met behulp van de naamgeving. Zo zijn development zones, free trade zones, free investment zones, free economic zones, economic and technology development zones, industrial estates, andere benamingen voor eport processing regime. EPR biedt een oplossing voor de conflicterende belangen van het gastland, die tewerkstelling en wisselkoersopbrengsten willen genereren, de buitenlandse producenten, die goedkoop willen in- 4

16 en uitvoeren, en de lokale producenten die niet kunnen concurreren op wereldschaal (Schrank, 2001). Schrank ziet EPR als een middel om buitenlandse eportgerichte producenten aan te trekken en tegelijkertijd de binnenlandse industrie te beschermen. Dit basisconcept is over de jaren heen door verschillende landen gepersonaliseerd. Zo wordt EPR in sommige landen gebruikt als hulpmiddel bij een economische hervorming. Elders, wordt er niet langer gefocust op fiscale voordelen om buitenlandse investeerders aan te trekken, maar worden EPR s aangeboden als een internationaal competitief business environment. De voorziening van goede transport, logistiekeen drijfkrachtinfrastructuur, goede communicatienetwerken, efficiënte douaneprocedures, efficiënte administratie, etc. worden gebruikt om buitenlandse investeerders aan te trekken (Engman et Al., 2007). Om de bestaande industrie van het gastland te beschermen wordt wel opgelegd dat op de verkoop van binnen het EPR geproduceerde goederen aan het gastland wel invoerrechten worden geheven om valse concurrentie met de in het land gevestigde industrieën te voorkomen (uiteraard alleen op het ingevoerde materiaalgedeelte van deze geproduceerde goederen); deze protectionistische regelgeving kan wel variëren van land tot land. EPR s brengen voordelen voor zowel de investeerders als het gastland waarin de EPR gevestigd wordt: Het voornaamste doel voor de investeerder is zijn opbrengst maimaliseren. Een EPR kan daar toe bijdragen door het feit dat investeringskosten gedrukt worden doordat in vele gevallen infrastructuur reeds voorzien is en ontwikkeld tot een zeer bevorderend niveau. Meestal genieten de bedrijven gevestigd in een EPR van de voordelen van het clusterprincipe, vele zaken zijn gemeenschappelijk binnen het EPR zoals bijvoorbeeld veiligheid, IT en supply chainvoordelen. De investeerder kan veel besparen door het wegvallen van douanerechten en belastingen op invoer, van zowel zijn investeringsgoederen als van de materialen. Men kan eigenlijk spreken over een low-cost-center voor investeringen. De investeerder bespaart tijd door te opereren in een EPR aangezien import- en eportlicenties overbodig zijn, douanecontroles achterwege worden gelaten en men geen last ondervindt van allerhande bureaucratische formaliteiten. Meestal fungeert het Zone Management als een one stop shop voor alle bureaucratische beslommeringen zoals oprichting van een vennootschap, aankoop of leasen van gronden, registreren van zekerheden, etc. Het EPR biedt de investeerders een betrouwbaar communicatiesysteem, constante energie- en waterbevoorrading, veiligheid en een duurzaam en kwaliteitsvol werkterrein. Ook een voordelig inkomstenbelastingenregime en een (in de meeste gevallen) recht tot uitkering 5

17 van 100% van de gereserveerde winsten zijn elementen die een investeerder als muziek in de oren klinken. De regelgeving is afhankelijk van regime tot regime, maar er zijn een drietal algemene kenmerken: taksvrije invoer van grondstoffen en productiemateriaal taksvrije uitvoer van afgewerkte producten een aantrekkelijk systeem van inkomstenbelastingen Ook het gastland heeft tal van voordelen bij de invoering. EPR s dragen bij tot de sociale en economische ontwikkeling van het gastland. In een EPR draait het hoofdzakelijk om eporthandel, dit genereert samen met de kapitaalinbreng opbrengsten uit wisselkoersen. EPR s creëren werkgelegenheid, voor Afrika betekent dit een kans voor aangroei in de beschikbare arbeid en voor de vele werknemers in de landbouwsector een kans om over te stappen naar een beter betaalde job in de industrie. Zo kan verdere fractionering van het landbouwareaal vermeden worden, en kan de landbouwproductiviteit verhoogd worden (m.a.w. een overgang van landbouwen als levensonderhoud naar een meer gerichte agricultuur). Zowel binnenlandse als buitenlandse ondernemingen worden aangetrokken, wat leidt tot een diversificatie van de economische activiteiten binnen het land. Voor Afrika is dit een zeer interessant pluspunt omdat in veel Afrikaanse landen de economie enkel gericht is op slechts een of enkele producten (monoculturen), aan andere sectoren wordt geen of weinig aandacht besteed, en dit leidt dan in de meeste gevallen tot enkele rijke machthebbers en armoede voor de rest van de bevolking en een lage economische productiviteit. Een EPR bevordert ook de binnenlandse handel aangezien er beroep wordt gedaan op lokale ondernemers. Bijvoorbeeld voor de telecommunicatie en de constructie van de infrastructuur en voor andere toeleveringen. De lokale ondernemers moeten dan naar voldoende kwaliteitsniveaus evolueren om te leveren naar internationaal aanvaarde standaardnormen. Industrieën buiten het EPR kunnen zo hun voordeel halen uit het feit dat ze gedwongen worden om op zeer hoog niveau te opereren als ze competitief willen blijven; dit vraagt scholing van de werknemers en management. Niet te vergeten is de wetenschap en technologie, die door buitenlandse ondernemingen worden meegebracht naar EPR s. De rest van het land zal daar wel bij varen omdat werknemers deze kennis kunnen overdragen naar binnenlands personeel en 6

18 ondernemingen. Zeker in landen waar de educatieve sector onderontwikkeld is, zoals in het merendeel van de Sub Sahara Afrikaanse landen, nemen deze buitenlandse investeringen een groot deel van de technische opleidingen voor hun rekening. Meer en meer raken de gastlanden zich bewust van dit fenomeen en ze ontwikkelen van langs om meer een local content -policy, die er vooral op gericht is om over een gespecifieerde periode de meeste epatriates te vervangen door lokale werkkrachten. Echter, men moet wel inzien dat de belastingvoordelen zich vaak beperken tot een bepaalde duur van bijvoorbeeld 10 jaar. De overheid van het gastland hoopt natuurlijk dat de bedrijven na het verstrijken van deze periode in het land gevestigd zullen blijven. Aangezien het voor de bedrijven veelal om het belastingvoordeel te doen is, verhuizen de multinationals na het verstrijken van de gunstige periode dikwijls naar een ander land om in een ander EPR van de fiscale voordelen te profiteren. FIGUUR 1 Het EPR-principe schematisch voorgesteld (Jayanthakumaran, 2003) Rest of the world Domestic economy Intermediate and capital goods, management and technical knowledge Labor, capital goods, raw materials, utilities and subsidies EPR Profit remittance Taes, processed goods, profit and eternal effects 7

19 Eport Processing Regime en de Wereldhandelsorganisatie Het World Trade Organization (WTO) is de organisatie die instaat voor de regelgeving omtrent handel tussen landen, wereldwijd. Centraal staan de WTO overeenkomsten, onderhandeld en ondertekend door het merendeel van de handel voerende landen over de hele wereld. Hun doel is om wereldwijd producenten, eporteurs en importeurs probleemloos internationale handel te laten drijven, algemeen gezien heffen ze handelsbarrières op tussen landen van het WTO. Eport Processing Regimes worden niet specifiek behandeld in een van de WTO overeenkomsten, toch vallen incentives die EPR s bieden, zoals besproken in hoofdstuk , onder de WTO regelgeving. Landen die bij het WTO aangesloten zijn, moeten aan de volledige WTO regelgeving voldoen, ook hun EPR s (Creskoff, Walkenhorst, 2008). EPR-incentives kunnen in drie categorieën onderverdeeld worden: incentives die voldoen aan de WTO overeenkomsten incentives die WTO overeenkomsten verbreken incentives waarvan het van situatie tot situatie afhangt of ze aan de WTO overeenkomsten voldoen of niet Rekening houdend met het feit dat weinig ontwikkelde leden van het WTO (BNP/capita lager dan US$1000 (in 1990 dollars)) worden vrijgesteld van de regelgeving omtrent subsidies en andere compensaties (Agreement on Subsidies and Countervailing Measures) en het feit dat momenteel nog een 16-tal landen voor bepaalde redenen nog vrijgesteld worden van de WTO-regelgeving tot en met 2015, kan men concluderen dat de WTO-regelgeving vooral slaat op WTO-leden met een gemiddeld inkomen. Volgende WTO-incentives voldoen aan de WTO-regelgeving: vrijstelling van invoerrechten op eportgoederen vrijstellen van indirecte belasting op eportgoederen vrijstelling van invoerrechten en indirecte belastingen op grondstoffen en afval wanneer deze gebruikt worden/voortkomen voor/uit de productie van eportgoederen vrijstelling van heffingen en indirecte belastingen op goederen opgeslagen in EPR s 8

20 Volgende WTO-incentives verbreken de WTO-regelgeving: subsidies op eport voorkeursbehandeling voor transport en kosten van transport voor eport gebruik van binnenlandse grondstoffen i.p.v. geïmporteerde grondstoffen, wanneer het gebruik van binnenlandse grondstoffen voordeliger blijkt subsidies op het gebruik van binnenlandse grondstoffen i.p.v. geïmporteerde grondstoffen vrijstelling of vermindering van directe belastingen of maatschappelijk welzijn wanneer gerelateerd aan eport etc. (Creskoff, Walkenhorst, 2008) In volgende gevallen is het afhankelijk van land tot land of de EPR-incentives voldoen aan de WTOregelgeving of niet: vrijstelling van belastingen en heffingen op productieapparatuur in EPR s voorzieningen voor materialen en onderdelen in ruil voor een vergoeding die niet gelijk is aan de marktwaarde overheidssubsidies voor de ontwikkeling van de EPR-infrastructuur Men moet wel in gedachten houden dat de WTO-regelgeving enkel slaat op maatregelen/incentives opgelegd door WTO-leden, met andere woorden, maatregelen/incentives aangeboden door overheden. Een meerderheid van de EPR s in de wereld is private eigendom, werd privé ontwikkeld en wordt privé uitgebaat. Maatregelen en incentives in deze EPR s zijn niet onderhevig aan de WTO-regelgeving, tenzij een bepaalde incentive uitgaat van de overheid (Creskoff, Walkenhorst, 2008). Het is belangrijk in te zien dat een EPR niet zomaar van de ene dag op de andere kan ingevoerd worden en aan alle stakeholders voordelen kan aanbieden met als doel de lokale economie een boost te geven en de welvaart te verbeteren. Eport Processing Regimes vallen nog steeds onder de WTO-regelgeving. 9

21 Gevaren van Eport Processing Regimes Naast de brede waaier van nagestreefde positieve effecten (tewerkstelling, buitenlandse investeringen, winst uit wisselkoersen, overdracht van knowhow, vorming, industriële discipline,...) kunnen EPR s ook aanleiding geven tot zeer uiteenlopende negatieve gevolgen, o.a. het verstoren van bepaalde maatschappelijke evenwichten. Zeker aangaande de arbeid gerelateerde gevaren bestaat heel wat literatuur, de problematiek werd ook ruim aangekaart door het International Labour Office (ILO) (2003). De gevaren kunnen opgedeeld worden in arbeid gerelateerde effecten, sociologische, financiële en economische (gesprek met de heer Sina Agboluaje (vorig Managing Director van NEPZA), 12 april 2014, Lagos (Nigeria)). a. Arbeid en sociale politiek: de voornaamste kritiek is hier zeker de veel voorkomende beperking in de vrijheid tot vereniging ( freedom of association ), waardoor vakbonden niet toegelaten zijn in EPR en dus ook de verdediging van de rechten van de werknemers in het gedrang kunnen komen. Dikwijls laat het niveau van sociale dialoog tussen werkgevers en werknemers daardoor veel te wensen over. Verscheidene studies hebben dit fenomeen onderzocht en voor enkele landen werd dit effect aangetoond door middel van een vergelijking van de vergoedingsevolutie binnen EPR en erbuiten. De verloning is hier natuurlijk slechts één van de elementen naast bescherming van de arbeid, gezondheid en veiligheid, discriminatie naar geslacht, kinderarbeid,... uitvoergeoriënteerde industrialisering in de EPR s is in vele gevallen nog zeer sterk op vrouwelijke arbeidskrachten gericht omdat deze eport zich meestal situeert in laag technische sectoren zoals tetiel en machinebouw (UN, 1999). Dit geeft in eerste instantie de kans aan deze vrouwen om te ontsnappen aan de uitermate lage lonen in landbouw en huishouding, maar de combinatie van de bovengenoemde beperking in vrijheid van vereniging en de tweederangs rol, die in de meeste van deze ontwikkelende landen nog wordt toebedeeld aan vrouwen, maakt hun nog een gemakkelijker slachtoffer voor uitbuiting. 10

22 een terugkerend fenomeen is ook dat de gecreëerde arbeidsplaatsen zeer tijdelijk zijn. Laag kapitaalintensieve sectoren, bijvoorbeeld tetielateliers, leiden er immers toe dat de industrie zich relatief gemakkelijk kan verplaatsen als reactie op veranderende internationale handelsstromen, wijzigende factoren in EPR (bijvoorbeeld arbeidskost, milieuregels, taks wetgeving, etc.), met als gevolg zware reducties in tewerkstelling. Voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld de terugloop in tewerkstelling in de Meicaanse maquiladora s als gevolg van de verhoogde concurrentie uit China juist na de eeuwwisseling (Hall, 2002), de 70% reductie in tewerkstelling als gevolg van de onlusten in Madagaskar in dezelfde periode, de verplaatsing van tewerkstelling van Azië naar Afrika als gevolg van het Multivezelakkoord (African Growth and Opportunity Act (AGOA)). een laatste fenomeen dat we willen vermelden betreffende de arbeidsrelaties is dat de EPR s meestal gekenmerkt zijn door een hoge turnover in werknemers. Dit zal zonder meer te maken hebben met de intensiteit van de productie, met culturele factoren en met contracten van beperkte termijn. Maar de grote werkgeversvrijheid in de relatie met de werknemers, die dikwijls resulteert in weinig human relations beleid en slechte arbeidsverhoudingen, is hier zeker ook niet vreemd aan. b. Maatschappelijke impacten: zeker in landelijke gebieden kunnen EPR s resulteren in een aanslag op de maatschappelijke structuren. De rurale agrarische gebieden ondervinden al vlug urbanisatiedruk, met als gevolg dat de voorheen eenvoudige landbouwbevolking kleine winkels en commerciële activiteiten starten of in de industrie gaan werken. Meestal worden bij de onteigening van de gronden aan de bewoners van de streek grote verbeteringen in infrastructuur, gezondheid, opleiding, etc. beloofd, maar de bewoners beseffen niet dat ze hierdoor een cultuur- en maatschappelijke verandering zullen ondergaan, en blijken dan ook bij latere navraag niet overtuigd dat ze er zijn op vooruitgegaan. in bepaalde gevallen leiden EPR s ook tot zware migratiegolven. Dit kan zoals hiervoor gezegd tot grote cultuurveranderingen leiden, maar in de meeste gevallen 11

23 komen deze migranten ook in een zeer zwakke maatschappelijke positie terecht. Dit fenomeen werd aangetoond in onder andere de Chinese provincies Shenzhen en Guangdong en Mauritius(ILO, 2003). er werd ook vastgesteld dat sommige van deze EPR s een stijging veroorzaken in de prostitutie en de misdaad. Dit is het gevolg van het aantrekken van industriële werkkrachten, die over een vast inkomen beschikken en heel dikwijls ook voor langere periodes van huis zijn. c. Financiële aspecten: de zwakkere overheidscontrole in de EPR s kan ook leiden tot een verhoging van het smokkelrisico. De meeste goederen in de zone zijn immers niet-gededouaneerde goederen en deze overbrengen naar het gebied errond brengt natuurlijk de besparing van de douanerechten (die soms zeer hoog kunnen oplopen, bv. kent Nigeria een toeslag van 110 % op de invoer van rijst, 70 % op de invoer van auto s). in het verleden werd ook vastgesteld dat deze EPR s al eens gebruikt werden voor het witwassen van geld via de investeringen en op basis van de weinige controle op de mobiliteit van kapitalen. door de incentives, die de staten introduceren bij de oprichting van EPR s, moet men er wel opletten dat de netto-voordelen van EPR s opwegen tegen de gemiste inkomsten voor de staat (inkomstenbelasting, indirecte belastingen, douanerechten, voorheffingen allerhande). Dit is des te meer waar als men vaststelt dat industrieën worden aangetrokken, die anders ook in het land zouden aanwezig zijn (bijvoorbeeld olie- en gasverwerking in de buurt van de vindplaatsen). d. Economische impacten: een eerste probleem kan ontstaan bij de onteigening van de gronden voor de EPR door de staat. Het betreft hier meestal agrarische gronden, die echter niet noodzakelijk structureel verbouwd zijn (bv. savannegebied of woud). De 12

24 onteigenende staat is verondersteld om de gronden,eigenlijk de oogsten, te compenseren en, indien er verhuizing noodzakelijk is, de onteigenden minstens evenwaardige levensomstandigheden te bezorgen. In de beginperiode is het wat dit betreft zeker hier en daar fout gelopen, maar grote inspanningen van de Wereldbank om hiervoor standaarden op te stellen, die als minimum conditie gelden voor een eventuele financiering, en ook onderschreven werden door de bankwereld, hebben tot een sterke verbetering geleid. natuurlijk leidt het creëren van een EPR, een zone waar een concentratie van industrie komt, tot grondspeculatie in de wijde omgeving van het project. Gewiekste speculanten misbruiken dikwijls de onwetendheid van de oorspronkelijke nietontwikkelde bevolking om reuze winsten te maken. Dit resulteert er dan in dat de lokale bevolking bij de nieuw geldende grond- en woningprijzen zich niet meer kan handhaven en dus de vruchten van de ontwikkeling niet kan plukken en eerder, althans gevoelsmatig, verarmt of, zelfs, moet verhuizen. Het leidt natuurlijk ook tot een verdere vermindering van het landbouwareaal en mogelijks tot een moeilijkere voedselvoorziening. EPR s kunnen ook aanleiding geven tot grote verschillen in welvaart, niet alleen tussen individuen, maar ook tussen regio s onderling (dit leidde bv in China tot zware interregio concurrentie, zie hoofdstuk 3.3.1). Deze interregionale verschillen kunnen volgens Balasubramanyan (1988) ook resulteren in een duale economische structuur met mogelijks negatieve gevolgen: enerzijds een eport-georiënteerde enclave, waar de investeringen vooral arbeidsintensief zijn, en anderzijds een binnenlandse markt, die vooral kapitaalsintensieve investeringen kent gericht op importsubstitutie. Dit leidt tot een inefficiënte bedeling van de middelen op nationaal niveau en bijgevolg tot een overall verlies aan welvaart. Het is dus duidelijk dat er hier sprake is van een groeiproces, waarbij de beleidsbepalers moeten leren uit de ervaringen van andere ontwikkelende landen. Een meer fleibele benadering van de EPR-instrumenten kan hier veel onheil voorkomen en het comparatief voordeel van het land veiliger stellen. 13

25 2.2. Eport Processing Regime in de wereld Het concept van EPR is bijna zo oud als onze westerse beschaving gezien EPR reeds werd toegepast in 300 voor Christus op het Griekse eiland Delos, dat later ten andere één van de rijkste eilanden werd. Sinds het begin zijn ze een doorn in het oog van het niet-economische staatsapparaat wegens te zelfstandig, het Romeinse rijk trachtte dergelijke zones te onderdrukken omdat ze zogezegd destructief waren voor het centralisme in het Rijk. Tot vandaag blijven vele overheidsdepartementen felle tegenstanders van EPR. Eport Processing Regimes in hun huidige vorm bestaan reeds een halve eeuw. Puerto Rico en Ierland waren de eerste landen om EPR te implementeren. Het Ierse Shannon Free Zone staat bekend als model voor EPR. Shannon Free Zone werd opgericht in 1959 door de Ierse overheid met het oog op het verhogen van de tewerkstelling in landelijk gebied, het in gebruik nemen van een kleine lokale luchthaven en inkomsten genereren voor de Ierse economie (OECD, 2009). Het project was uitermate succesvol. Sindsdien heeft het EPR principe zich golfsgewijs verspreid over de rest van de wereld. In Azië was India de pionier met zijn eerste EPR in 1965, ongeveer gelijktijdig met China. De Republiek Korea volgde in 1970, vervolgens Maleisië in 1971, de Filipijnen in 1972 en Indonesië in 1973 Ook Bangladesh, Sri Lanka en Thailand volgden in de jaren 77 tot 1980 (World Bank, 1992). Mauritius was het eerste Afrikaanse land om het principe van EPR in te voeren, in Verscheidene andere Afrikaanse landen, onder andere Liberia, Ghana en Senegal volgden in de jaren 70. De EPR-golf bereikte Latijns Amerika sneller, daar werd het eerste EPR ontwikkeld in Colombia in Daarna volgden Dominicaanse Republiek in 1965, Meico in 1070, Guatemala en Honduras in 1972, El Salvador in 1973, Jamaica in 1976 en Costa Rica in de jaren 80. De golf zette zich verder over de hele wereld, Oost-Europa en Sub Sahara Afrika kwamen erbij in de jaren 90 (Engman, Onodera, Pinali, 2007). Tabel 1 geeft een overzicht van de EPR-evolutie sinds Van de 3500 bestaande EPR in 2007 bevinden er zich 3126 in ontwikkelingseconomieën en deze voorzien 64,9 miljoen van de 66 miljoen tewerkstelling (Stein, 2008). 14

26 TABEL 1 Evolutie EPR tussen 1975 en 2007 (Engman et Al., 2007) No. countries with EPR No. EPR s Employment (millions) N/A N/A 22, of which China N/A N/A of which other countries with figures available 0,8 1,9 4, Tabel 2 (infra, p31) geeft een overzicht van alle 132 landen die een vorm van EPR hebben. De sterke groei van het aantal EPR s betekent echter niet dat ze plots een groot deel van de wereldwijde tewerkstelling gaan betekenen. De grote percentages van aandeel in tewerkstelling zijn eerder uitzondering dan regel en eerder beperkt tot kleinere landen (uitzondering op de regel is China). In 2002 bereikte de EPR-tewerkstelling 18% van de totale tewerkstelling in Mauritius en ongeveer 10% in Hong Kong en Tunesië (Milberg, Amengual, 2008). Voor alle landen met EPR ligt het gemiddelde eerder bij 3%, de under-performers inbegrepen. Dit is macro-economisch nog altijd een zeer betekenisvolle tewerkstelling, en uiteraard mag men niet vergeten dat de voordelen zich niet beperken tot tewerkstelling alleen. 15

27 FIGUUR 2 Aantal Eport Processing Regimes in de verschillende werelddelen, met de verdeling tussen private eigendom of eigendom van de overheid (Akinci, Crittle, 2008) 16

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) De economie van India is snel gegroeid sinds aan het begin van de jaren 90 verregaande hervormingen werden doorgevoerd in o.a. het handels- en industriebeleid. Groei van

Nadere informatie

Export-update Noord- en Zuid-Amerika - juli 2014

Export-update Noord- en Zuid-Amerika - juli 2014 Export-update Noord- en Zuid-Amerika - juli 2014 1. Samenvatting en conclusies De Nederlandse uitvoerwaarde is in 2013 met 1,0% gestegen t.o.v. dezelfde periode in 2012 tot 433,8 miljard euro. De bescheiden

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Tot 1978 was China ondanks zijn grootte een geïsoleerd land. Daar kwam verandering in toen partijleider Mao Zedong werd opgevolgd door Deng Xiaoping en China haar economie

Nadere informatie

Presentatie onderdirecteur Handel, Mw. Mr. H. Djosetiko voor de ASFA workshop op 20 oktober 2004. Lokatie: Ballroom Hotel Torarica

Presentatie onderdirecteur Handel, Mw. Mr. H. Djosetiko voor de ASFA workshop op 20 oktober 2004. Lokatie: Ballroom Hotel Torarica Presentatie onderdirecteur Handel, Mw. Mr. H. Djosetiko voor de ASFA workshop op 20 oktober 2004. Lokatie: Ballroom Hotel Torarica Voorzitter ASFA, dagvoorzitter Etc, Dames en heren,.. Goedemorgen, Met

Nadere informatie

Dutch Good Growth Fund (DGGF)

Dutch Good Growth Fund (DGGF) Dutch Good Growth Fund (DGGF) DGGF doel: mkb financiering mogelijk maken in ontwikkelingslanden MKB financiering in DGGF landen wordt als high risk gezien door financiers: - Hoge transactiekosten - Beperkte

Nadere informatie

Examen HAVO. Economie 1

Examen HAVO. Economie 1 Economie 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 21 juni 13.30 16.00 uur 20 00 Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor elk vraagnummer is aangegeven hoeveel punten met een goed

Nadere informatie

Uittocht uit de industrie onstuitbaar? Prof. Dr. J. Konings VIVES - KULeuven

Uittocht uit de industrie onstuitbaar? Prof. Dr. J. Konings VIVES - KULeuven Uittocht uit de industrie onstuitbaar? Prof. Dr. J. Konings VIVES - KULeuven Overzicht Stylized Facts Theoretisch kader Sterke en zwakke sectoren in Vlaanderen? De supersterren van de Vlaamse economie

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

3.2 De omvang van de werkgelegenheid

3.2 De omvang van de werkgelegenheid 3.2 De omvang van de werkgelegenheid Particuliere bedrijven en overheidsbedrijven nemen mensen in dienst. Collectieve sector = Semicollectieve sector = De overheden op landelijk, provinciaal en lokaal

Nadere informatie

INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE. Studie in opdracht van Fevia

INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE. Studie in opdracht van Fevia INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE Studie in opdracht van Fevia Inhoudstafel Algemene context transport voeding Enquête voedingsindustrie Directe

Nadere informatie

ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2008 tot en met 2012

ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2008 tot en met 2012 Ministerie van Veiligheid en Justitie ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 28 tot en met 212 Maart 213 Overzicht van het aantal verstrekte beginseltoestemmingen

Nadere informatie

Potplanten en jonge planten 2007

Potplanten en jonge planten 2007 Importnota Potplanten en jonge planten 2007 HBAG Bloemen en Planten Aalsmeer, oktober 2008 Jan Lanning Monique Sassen Inleiding Het HBAG Bloemen en Planten heeft op basis van het meest recente AIPH-Union

Nadere informatie

Oktober 2015. Macro & Markten. 1. Rente en conjunctuur :

Oktober 2015. Macro & Markten. 1. Rente en conjunctuur : Oktober 2015 Macro & Markten 1. Rente en conjunctuur : VS Zoals al aangegeven in ons vorig bulletin heeft de Amerikaanse centrale bank FED de beleidsrente niet verhoogd. Maar goed ook, want naderhand werden

Nadere informatie

ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2009 tot en met 2013

ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2009 tot en met 2013 Ministerie van Veiligheid en Justitie ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 29 tot en met 213 Maart 214 Overzicht van het aantal verstrekte beginseltoestemmingen

Nadere informatie

Internationale handel H7 1. Internationale handel. Waarom importeren: 25-2-2013. Waar komt het vandaan?

Internationale handel H7 1. Internationale handel. Waarom importeren: 25-2-2013. Waar komt het vandaan? Internationale handel H7 1 Waar komt het vandaan? Economie voor het vmbo (tot 8,35 m.) Internationale handel Importeren = invoeren (betalen) Exporteren = uitvoeren (verdienen) Waarom importeren: Meer keuze

Nadere informatie

Internationale varkensvleesmarkt 2012-2013

Internationale varkensvleesmarkt 2012-2013 Internationale varkensvleesmarkt 212-213 In december 212 vond de jaarlijkse conferentie van de GIRA Meat Club plaats. GIRA is een marktonderzoeksbureau, dat aan het einde van elk jaar een inschatting maakt

Nadere informatie

ADOPTIE Trends en Analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2011 tot en met 2015

ADOPTIE Trends en Analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2011 tot en met 2015 Ministerie van Veiligheid en Justitie ADOPTIE Trends en Analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 211 tot en met 215 Februari 216 Overzicht van het aantal verleende beginseltoestemmingen

Nadere informatie

Koopkrachtpariteit en Gini-coëfficiënt in China: hoe je tegelijkertijd arm én rijk kunt zijn.

Koopkrachtpariteit en Gini-coëfficiënt in China: hoe je tegelijkertijd arm én rijk kunt zijn. Koopkrachtpariteit en Gini-coëfficiënt in China: hoe je tegelijkertijd arm én rijk kunt zijn. 1. De Wereldbank berichtte onlangs dat de Chinese economie binnen afzienbare tijd de grootste economie van

Nadere informatie

De overheid geeft (te)veel uit? Weet u hoeveel

De overheid geeft (te)veel uit? Weet u hoeveel Page 1 of 6 Gepubliceerd op DeWereldMorgen.be (http://www.dewereldmorgen.be) De overheid geeft (te)veel uit? Weet u hoeveel en aan wat? door Phi-Rana di, 2013-11-12 15:45 Phi-Rana Er wordt vaak gezegd

Nadere informatie

Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus

Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus Inleiding In het eerste jaar van Geogenie ben je begonnen vanuit België naar de wereld te kijken. In het tweede jaar heb je veel geleerd over Europa en in

Nadere informatie

Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Woensdag 26 mei 13.30 16.30 uur

Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Woensdag 26 mei 13.30 16.30 uur Economische wetenschappen 1 en recht Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Woensdag 26 mei 13.30 16.30 uur 19 99 Dit examen bestaat uit 34 vragen. Voor elk vraagnummer is aangegeven

Nadere informatie

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)!

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Vragen aangeduid met een * toetsen in het bijzonder het inzicht en toepassingsvermogen. Deze vragenreeksen zijn vrij beschikbaar.

Nadere informatie

Datum onderteken ing

Datum onderteken ing Datum onderteken ing Datum inwerkingtreding Land Status Vindplaats 1. Albanië In werking 15-04-1994 01-09-1995 1994, 145 2. Algerije In werking 20-03-1997 01-08-2008 2007, 079 3. Argentinië In werking

Nadere informatie

ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN

ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN EPAs- ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN Het is belangrijk te weten dat de Economische Partnerschapsovereenkomst (EPA) niet de gehele Cotonou overeenkomst vervangt maar slechts het handelsgedeelte.

Nadere informatie

Goede tijden, slechte tijden. Soms zit het mee, soms zit het tegen

Goede tijden, slechte tijden. Soms zit het mee, soms zit het tegen Slides en video s op www.jooplengkeek.nl Goede tijden, slechte tijden Soms zit het mee, soms zit het tegen 1 De toegevoegde waarde De toegevoegde waarde is de verkoopprijs van een product min de ingekochte

Nadere informatie

Eindexamen economie 1 vwo 2001-I

Eindexamen economie 1 vwo 2001-I Opgave 1 Hoge druk op de arbeidsmarkt Gedurende een aantal jaren groeide de economie in Nederland snel waardoor de druk op de arbeidsmarkt steeds groter werd. Het toenemende personeelstekort deed de vrees

Nadere informatie

Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen.

Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen. Zuidoost-Azië Opgave 5 Stuwdammen in Myanmar Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen. Gebruik bron 1 en de atlas. De provincie Kachin in het noorden van Myanmar is geschikt

Nadere informatie

Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid?

Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid? vbo-analyse Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid? September 2014 I Raf Van Bulck 39,2% II Aandeel van de netto toegevoegde waarde gegenereerd door bedrijven dat naar

Nadere informatie

Landenanalyse H4. Week 1 Landenrisico

Landenanalyse H4. Week 1 Landenrisico Landenanalyse H4 Week 1 Landenrisico Risico s en problemen die verbonden zijn met het exporteren naar het buitenland - Importbelemmeringen (als bijvoorbeeld de handelsbalans een groot tekort vertoont)

Nadere informatie

Eindexamen economie 1 havo 2000-I

Eindexamen economie 1 havo 2000-I Opgave 1 Meer mensen aan de slag Het terugdringen van de werkloosheid is in veel landen een belangrijke doelstelling van de overheid. Om dat doel te bereiken, streeft de overheid meestal naar groei van

Nadere informatie

ADOPTIE Trends en analyse

ADOPTIE Trends en analyse Ministerie van Veiligheid en Justitie ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 21 tot en met 214 Februari 215 Overzicht van het aantal verstrekte beginseltoestemmingen

Nadere informatie

Examen VWO. Economie 1 (nieuwe stijl)

Examen VWO. Economie 1 (nieuwe stijl) Economie 1 (nieuwe stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Donderdag 17 mei 13.30 16.30 uur 20 01 Voor dit examen zijn maximaal 65 punten te behalen; het examen bestaat uit

Nadere informatie

Als de lonen dalen, dalen de loonkosten voor de producent. Hetgeen kan betekenen dat de producent niet overgaat tot mechanisatie/automatisering.

Als de lonen dalen, dalen de loonkosten voor de producent. Hetgeen kan betekenen dat de producent niet overgaat tot mechanisatie/automatisering. Top 100 vragen. De antwoorden! 1 Als de lonen stijgen, stijgen de productiekosten. De producent rekent de hogere productiekosten door in de eindprijs. Daardoor daalt de vraag naar producten. De productie

Nadere informatie

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN Referentiescenario De WETO-studie (World Energy, Technology and climate policy Outlook 2030) bevat een referentiescenario

Nadere informatie

De bouwstenen van een geglobaliseerde economie

De bouwstenen van een geglobaliseerde economie De bouwstenen van een geglobaliseerde economie BTC Informatiecyclus Lodewijk Smets (KUL, UA) Overzicht KISS: de gesloten economie economische kringloop met huishoudens en ondernemingen Arbeidsverdeling

Nadere informatie

een wereld apart Vanuit aardrijkskundige (= geografische) invalshoek

een wereld apart Vanuit aardrijkskundige (= geografische) invalshoek een wereld apart Vanuit aardrijkskundige (= geografische) invalshoek Wat is aardrijkskunde op zoek naar een verklaring voor de ruimtelijke verschijnselen aan het aardoppervlak. Beschrijvende vragen: bodem

Nadere informatie

Toelatingsexamens en Ondersteunend Onderwijs

Toelatingsexamens en Ondersteunend Onderwijs VOORBLAD De volgende hulpmiddelen zijn toegestaan bij het examen: Bosatlas 52 e of 53 e druk en kladpapier Aantal vragen: 2 Aantal pagina s: 6 Bijlage(n): geen Beoordeling van het examen Open vragen: 100

Nadere informatie

REISBEURZEN 2014. Studenten reizen naar het Zuiden

REISBEURZEN 2014. Studenten reizen naar het Zuiden REISBEURZEN 2014 Studenten reizen naar het Zuiden Wat? Wie? Waarom? Hoe? Ik? Duurzaam beheer van land en water in Tanzania Duurzame landbouw in Ecuador Toepassingen met niet-metallische materialen in Ecuador

Nadere informatie

Type special need bij geadopteerde kinderen in 2009

Type special need bij geadopteerde kinderen in 2009 Type special need bij geadopteerde kinderen in 29 8% 8% verhoogd med. risico 42% 6% < 4 operaties operaties + revalidatie 5% soc.emo. belaste achtergrond % Afrika 4% 3% % 4% 2% verhoogd risico < 4 operaties

Nadere informatie

VLIR-ADVIES BETREFFENDE DE STUDIEGELDEN VOOR DIPLOMA- EN CREDITCONTRACTEN VOOR HET ACADEMIEJAAR 2012-2013

VLIR-ADVIES BETREFFENDE DE STUDIEGELDEN VOOR DIPLOMA- EN CREDITCONTRACTEN VOOR HET ACADEMIEJAAR 2012-2013 VLIR-ADVIES BETREFFENDE DE STUDIEGELDEN VOOR DIPLOMA- EN CREDITCONTRACTEN VOOR HET ACADEMIEJAAR 2012-2013 1. HET DECREET In de artikels tot en met 60 van het decreet van 30 april 2004 betreffende de flexibilisering

Nadere informatie

Eindexamen maatschappijleer vwo 2003-II

Eindexamen maatschappijleer vwo 2003-II Opgave 1 Armoede en werk 1 Het proefschrift bespreekt de effecten van het door twee achtereenvolgende kabinetten-kok gevoerde werkgelegenheidsbeleid. / De titel van het proefschrift heeft betrekking op

Nadere informatie

De waarheid over de notionele intrestaftrek

De waarheid over de notionele intrestaftrek De waarheid over de notionele intrestaftrek Februari 2008 Wat is de notionele intrestaftrek? Notionele intrestaftrek, een moeilijke term voor een eenvoudig principe. Vennootschappen kunnen een bepaald

Nadere informatie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie Productiviteit, concurrentiekracht en economische ontwikkeling Concurrentiekracht wordt vaak beschouwd als een indicatie voor succes of mislukking van economisch beleid. Letterlijk verwijst het begrip

Nadere informatie

Europa als spin in het web 1

Europa als spin in het web 1 Europa als spin in het web 1 door JEROEN HINLOOPEN Universiteit van Amsterdam en Technische Universiteit Delft en CHARLES VAN MARREWIJK Erasmus Universiteit Rotterdam Correspondentie naar: Charles van

Nadere informatie

Trading our health away Handeltje in gezondheid?

Trading our health away Handeltje in gezondheid? Trading our health away Handeltje in gezondheid? Inhoud I. Is het erg, dokter? 1. Neem de pols : Begrippen definiëren 2. Documentaire : Helse visserij 3. Quiz : De beweegredenen voor vrijhandel 4. Sprekende

Nadere informatie

Examen HAVO. economie. tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. economie. tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2010 tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur economie tevens oud programma economie 1,2 Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 27 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Armoede en welvaart In Afrika

Armoede en welvaart In Afrika Armoede en welvaart In Afrika Probleem? Sub- Sahara: gem. $1/ dag (reëel

Nadere informatie

Armoede en ongelijkheid in de wereld. Inleiding tot een eenvoudig én complex onderwerp Francine Mestrum, 27 maart 2016

Armoede en ongelijkheid in de wereld. Inleiding tot een eenvoudig én complex onderwerp Francine Mestrum, 27 maart 2016 Armoede en ongelijkheid in de wereld Inleiding tot een eenvoudig én complex onderwerp Francine Mestrum, 27 maart 2016 Wat gaan we bestuderen? Wanneer en hoe zijn armoede en ongelijkheid op de agenda van

Nadere informatie

Arbeidskosten per eenheid product

Arbeidskosten per eenheid product Arbeidskosten per eenheid product CPB Achtergronddocument, behorend bij: MEV 2012 September 2011 Martin Mellens CPB Memo Aan: Belangstellenden Centraal Planbureau Van Stolkweg 14 Postbus 80510 2508 GM

Nadere informatie

Perscommuniqué. Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de Belgische economie

Perscommuniqué. Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de Belgische economie Federaal Planbureau Economische analyses en vooruitzichten Perscommuniqué Brussel, 15 september 2000 Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de

Nadere informatie

Rendement. 9 de jaargang maart 2015 nr 30 FINANCIEEL NIEUWS

Rendement. 9 de jaargang maart 2015 nr 30 FINANCIEEL NIEUWS Rendement 9 de jaargang maart 2015 nr 30 FINANCIEEL NIEUWS De voordelen van globale diversificatie Ondanks de sterk toegenomen globalisering blijft internationale diversificatie in aandelenportefeuilles

Nadere informatie

Resultaten 2014 Rotterdam Partners

Resultaten 2014 Rotterdam Partners Resultaten 0 Rotterdam Partners Rotterdam Partners International Trade & Investment is in 0 actief betrokken geweest bij de realisatie van 0 projecten in de Rotterdam regio. Hiervan waren confirmed projects,

Nadere informatie

SCHATTING BBO OPBRENGSTEN

SCHATTING BBO OPBRENGSTEN SCHATTING BBO OPBRENGSTEN 1. Opbrengsten BBO aan overheidsinkomsten Voordat wordt ingegaan op de opbrengsten die de BBO aan Lands kas zal bijdragen, wordt stilgestaan bij het gegeven dat het BBO-stelsel

Nadere informatie

Het kennisintensieve MKB in Taiwan

Het kennisintensieve MKB in Taiwan Het kennisintensieve MKB in Taiwan door: Erik Blomjous, Tokio, 23 juli 2004 Samenvatting Het MKB speelt in Taiwan een zeer belangrijke rol in de economische en sociale structuur van het land. Ondanks dat

Nadere informatie

Hoofdstuk 5: Internationale betrekkingen

Hoofdstuk 5: Internationale betrekkingen Hoofdstuk 5: Internationale betrekkingen Economie VWO 2011/2012 www.lyceo.nl H5: Internationale betrekkingen Economie 1. Inkomen 2. Consument 3. Producenten 4. Markt en Overheid 5. Internationale betrekkingen

Nadere informatie

Regionale economische vooruitzichten 2014-2019

Regionale economische vooruitzichten 2014-2019 2014/6 Regionale economische vooruitzichten 2014-2019 Dirk Hoorelbeke D/2014/3241/218 Samenvatting Dit artikel geeft een bondig overzicht van enkele resultaten uit de nieuwe Regionale economische vooruitzichten

Nadere informatie

UITWERKING TOELICHTING OP DE ANTWOORDEN VAN HET EXAMEN 2002-I VAK: ECONOMIE 1,2

UITWERKING TOELICHTING OP DE ANTWOORDEN VAN HET EXAMEN 2002-I VAK: ECONOMIE 1,2 TOELICHTING OP DE ANTWOORDEN VAN HET EXAMEN 2002-I VAK: ECONOMIE 1,2 NIVEAU: EXAMEN: HAVO 2001-II De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen

Nadere informatie

WAAR WIJ VOOR STAAN. Socialisten & Democraten in het Europees Parlement. Fractie van de Progressieve Alliantie van

WAAR WIJ VOOR STAAN. Socialisten & Democraten in het Europees Parlement. Fractie van de Progressieve Alliantie van WAAR WIJ VOOR STAAN. Fractie van de Progressieve Alliantie van Socialisten & Democraten in het Europees Parlement Strijden voor sociale rechtvaardigheid, het stimuleren van werkgelegenheid en groei, hervorming

Nadere informatie

5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek

5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek 5. Verkrijgen en toekennen van de Belgische nationaliteit 1 5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek Sinds het ontstaan van het Koninkrijk stijgt het aantal vreemdelingen dat Belg wordt

Nadere informatie

Eindexamen economie havo II

Eindexamen economie havo II Opgave 1 Buitenland en overheid in de kringloop In de economische wetenschap wordt gebruikgemaakt van modellen. Een kringloopschema is een model waarmee een vereenvoudigd beeld van de economie van een

Nadere informatie

Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken

Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken De Nederlandse bancaire vorderingen 1 op het buitenland zijn onder invloed van de economische crisis en het uiteenvallen van ABN AMRO tussen

Nadere informatie

Emerging markets: toch weer terug naar af?

Emerging markets: toch weer terug naar af? Emerging markets: toch weer terug naar af? Wat is er toch gaande met de opkomende markten? In de afgelopen jaren werd er liefkozend naar deze markten gekeken en gesteld dat zij structureel aan het verbeteren

Nadere informatie

MDG. Eerst en tweede graad. Te lezen zinnen (in willekeurige volgorde!)

MDG. Eerst en tweede graad. Te lezen zinnen (in willekeurige volgorde!) MDG Eerst en tweede graad De leerkracht leest één van de volgende stellingen en de groep bekijkt de acht millenniumdoelstellingen om te achterhalen met welke doelstelling de zin overeenkomt. Ze leggen

Nadere informatie

Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol?

Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol? Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol? Dr. Jos Delbeke, DG Klimaat Actie, Europese Commissie, Universiteit Hasselt, 25/2/2014 Overzicht 1. Klimaat en energie: waar

Nadere informatie

Examen VWO. Economie 1 (nieuwe stijl)

Examen VWO. Economie 1 (nieuwe stijl) Economie 1 (nieuwe stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 19 juni 13.3 16.3 uur 2 2 Voor dit examen zijn maximaal 63 punten te behalen; het examen bestaat uit 32

Nadere informatie

Zuid-Azie zag in deze periode zijn scholingsgraad in het basisonderwijs stijgen van 78 naar 93%. Bron: www.un.org

Zuid-Azie zag in deze periode zijn scholingsgraad in het basisonderwijs stijgen van 78 naar 93%. Bron: www.un.org Quiz 1. Hoeveel jongeren wereldwijd tussen 15 en 24 jaar kunnen niet lezen en schrijven? 4 miljoen 123 miljoen 850 miljoen 61% van hen zijn jonge vrouwen. Bron: www.un.org 2. Over de hele wereld is het

Nadere informatie

China. Als ontwikkelingsland

China. Als ontwikkelingsland Als ontwikkelingsland Paragraaf 1 Wat is een ontwikkelingsland? Een ontwikkelingsland is een land waaraan hulp wordt verleend ter bevordering van de economische ontplooiing. Paragraaf 1.1 Kenmerken *Het

Nadere informatie

Fiche 3: tewerkstelling

Fiche 3: tewerkstelling ECONOMISCHE POSITIONERING VAN DE FARMACEUTISCHE INDUSTRIE Fiche 3: tewerkstelling In de sector werken meer dan 29.400 personen; het volume van de tewerkstelling stijgt met een constant ritme van 3,7 %,

Nadere informatie

China: Bedreiging of buitenkans?

China: Bedreiging of buitenkans? China: Bedreiging of buitenkans? De situatie van Latijns Amerika Kim Janszen 0297062 7 oktober 2008 Bachelorscriptie (5 ECTS) Universiteit van Amsterdam Faculteit Economie en Bedrijfskunde Afdeling Algemene

Nadere informatie

Equitisation and Stock-Market Development

Equitisation and Stock-Market Development Samenvatting In deze dissertatie worden twee belangrijke vraagstukken met betrekking tot het proces van economische hervorming in Vietnam behandeld, te weten de Vietnamese variant van privatisering (equitisation)

Nadere informatie

LES 1: De wereld in verandering

LES 1: De wereld in verandering LES 1: De wereld in verandering 1 Les 1: De wereld in verandering Vakken Zedenleer/godsdienst, economie, geschiedenis, aardrijkskunde, PAV Eindtermen Sociale vaardigheden, burgerzin, ICT, vakoverschrijdend,

Nadere informatie

Tewerkstelling. pharma.be vzw asbl

Tewerkstelling. pharma.be vzw asbl Tewerkstelling In 2012e werkten in de sector meer dan 32.500 personen. Dat is 6,7 % van de totale tewerkstelling in de verwerkende industrie en 1,2 % van de totale tewerkstelling in de private sector.

Nadere informatie

Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid

Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid M201207 Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid 1987-2010 drs. K.L. Bangma drs. A. Bruins Zoetermeer, mei 2012 Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid In de periode 1987-2010 is het aantal bedrijven per saldo

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 Werkgelegenheid stabiel, werkloosheid opnieuw in stijgende lijn Arbeidsmarktcijfers derde kwartaal 2013 Na het licht herstel van de arbeidsmarkt in het tweede kwartaal

Nadere informatie

Buitenlandse investeringen door het MKB

Buitenlandse investeringen door het MKB M00408 Buitenlandse investeringen door het MKB Toenemende investeringen in lagelonenlanden of op kousenvoeten naar buurlanden? Jolanda Hessels Maarten Overweel Zoetermeer, 13 oktober 004 Buitenlandse investeringen

Nadere informatie

Het komende uur. Bevolkingsparticipatie. Zuid-Amerika als nieuwe examenregio: een voorproefje. De achtergrond van bevolkingsparticipatie

Het komende uur. Bevolkingsparticipatie. Zuid-Amerika als nieuwe examenregio: een voorproefje. De achtergrond van bevolkingsparticipatie Zuid-Amerika als nieuwe examenregio: een voorproefje Gery Nijenhuis International Development Studies, SG&PL/UU KNAG-Onderwijsdag Vrijdag 7 november 2014 Het komende uur Zuid-Amerika als nieuwe examenregio;

Nadere informatie

Care IS klantbijeenkomst. Hotel Van der Valk oktober 2015

Care IS klantbijeenkomst. Hotel Van der Valk oktober 2015 Care IS klantbijeenkomst Hotel Van der Valk oktober 2015 Welkom Wij heten u van harte welkom in Van der Valk Hotel 2 Programma 19.00 uur Ontvangst 19.30 uur Opening 19.40 uur Chinese groeivertraging 20.00

Nadere informatie

ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG

ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG OVERZICHT 2014 Publicatiedatum: 8 januari 2015 Contact: Tine Van Valckenborgh tine.vanvalckenborgh@ibz.fgov.be 02 205 50 56 INHOUDSTAFEL I. Algemeen overzicht van asielaanvragen

Nadere informatie

Kunnen wij onze hoge welvaart (en welzijn) blijven verdienen?

Kunnen wij onze hoge welvaart (en welzijn) blijven verdienen? Maaseik, 30 April 2015 Kunnen wij onze hoge welvaart (en welzijn) blijven verdienen? Dr. ir. U. Vandeurzen, Voorzitter Gimv, Ex- Voorzitter/CEO LMS Voorzitter Ondernemersplatform Limburg, Erevoorzitter

Nadere informatie

De conclusies van het IMF betreffende de betalingsbalans en het monetair beleid zijn onderverdeeld in drie aspecten:

De conclusies van het IMF betreffende de betalingsbalans en het monetair beleid zijn onderverdeeld in drie aspecten: SAMENVATTING BELANGRIJKSTE CONCLUSIES IN HET RAPPORT D.D. 19 SEPTEMBER 2011 NAAR AANLEIDING VAN DE BESPREKINGEN IN HET KADER VAN DE 2011 ARTIKEL IV CONSULTATIES VAN HET IMF 1. HOOFDTHEMA Het belangrijkste

Nadere informatie

TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage

TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage De lage vennootschapsbelasting voor ondernemingen laat bedrijven toe om winst te maken.

Nadere informatie

Meer of Minder Turkije. Hasselt 9 october 2014/Voka Stijn Skondras Michel Decat

Meer of Minder Turkije. Hasselt 9 october 2014/Voka Stijn Skondras Michel Decat Meer of Minder Turkije Hasselt 9 october 2014/Voka Stijn Skondras Michel Decat Inhoud De Perceptie op Turkije is fout. 1O goede redenen om te investeren in Turkije. Voor je zaken begint te doen. Contracten

Nadere informatie

Aandeel MKB in buitenlandse handel en investeringen

Aandeel MKB in buitenlandse handel en investeringen Rapport Aandeel MKB in buitenlandse handel en investeringen Drie afbakeningen van het MKB Oscar Lemmers Dit onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Er waren geen

Nadere informatie

Suriname: een potentiële outsourcing

Suriname: een potentiële outsourcing Suriname: een potentiële outsourcing en offshoring bestemming Business process outsourcing in de financiële sector 27 October 2009, Banquet Hall Hotel Torarica Drs. J.D. Bousaid, CEO Hakrinbank N.V. Overzicht

Nadere informatie

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Verschillende factoren bepalen het aantal arbeidsongevallen. Sommige van die factoren zijn meetbaar. Denken we daarbij

Nadere informatie

Structurele ondernemingsstatistieken

Structurele ondernemingsstatistieken 1 Structurele ondernemingsstatistieken - Analyse Structurele ondernemingsstatistieken Een beeld van de structuur van de Belgische economie in 2012 en de mogelijkheden van deze databron De jaarlijkse structurele

Nadere informatie

COUNTRY PAYMENT REPORT 2015

COUNTRY PAYMENT REPORT 2015 COUNTRY PAYMENT REPORT 15 Het Country Payment Report is ontwikkeld door Intrum Justitia Intrum Justitia verzamelt informatie bij duizenden bedrijven in Europa en krijgt op die manier inzicht in het betalingsgedrag

Nadere informatie

Macro-economische uitdagingen ten gevolge van de vergrijzing

Macro-economische uitdagingen ten gevolge van de vergrijzing Macro-economische uitdagingen ten gevolge van de vergrijzing Gert Peersman Universiteit Gent Seminarie VGD Accountants 3 november 2014 Dé grootste uitdaging voor de regering Alsmaar stijgende Noordzeespiegel

Nadere informatie

Wie zijn wij? Waar staan wij voor? Onze mensen

Wie zijn wij? Waar staan wij voor? Onze mensen Prioriteiten 2014-2019 Wie zijn wij? Wij zijn de grootste politieke familie in Europa, gedreven door een centrumrechtse politieke visie. Wij vormen de Fractie van de Europese Volkspartij (christendemocraten)

Nadere informatie

CPB-reactie op OESOstudie over de relatie tussen inkomensongelijkheid. economische groei

CPB-reactie op OESOstudie over de relatie tussen inkomensongelijkheid. economische groei CPB Notitie 22 december 2014 CPB-reactie op OESOstudie over de relatie tussen inkomensongelijkheid en economische groei Uitgevoerd op verzoek van de vaste commissie Financiën van de Tweede Kamer CPB Notitie

Nadere informatie

Tijd van burgers en stoommachines 1800 1900. 8.2 Het moderne imperialisme

Tijd van burgers en stoommachines 1800 1900. 8.2 Het moderne imperialisme Onderzoeksvraag: Welke motieven hadden de Europeanen om in Afrika en Zuidoost Azië een groot koloniaal imperium op te bouwen? Kenmerkende aspect: De moderne vorm van imperialisme die verband hield met

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 vwo 2006-II

Eindexamen economie 1-2 vwo 2006-II 4 Beoordelingsmodel Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 Een voorbeeld van een juiste berekening

Nadere informatie

Eindexamen havo economie 2012 - II

Eindexamen havo economie 2012 - II Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 maximumscore 2 Een antwoord waaruit blijkt dat consumenten

Nadere informatie

Arm en Rijk. Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten

Arm en Rijk. Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten Arm en Rijk Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten 2.1 Rijk en arm in de Verenigde Staten De rijke Verenigde Staten Je kunt op verschillende manieren aantonen dat de VS een rijk land is. Het BNP

Nadere informatie

Dutch Meat Importers Association. Noordwijk, 7 nov 2014

Dutch Meat Importers Association. Noordwijk, 7 nov 2014 Dutch Meat Importers Association Noordwijk, 7 nov 2014 Introductie Laurens Maartens Nooit verlegen om een praatje! Geeft met veel plezier zijn visie op de markten. Oa DFTtv en WallStreetJournal. UBS /

Nadere informatie

Een economische perspectief op Limburg in 2015. Prof. Dr. Piet Pauwels Universiteit Hasselt

Een economische perspectief op Limburg in 2015. Prof. Dr. Piet Pauwels Universiteit Hasselt Een economische perspectief op Limburg in 2015 Prof. Dr. Piet Pauwels Universiteit Hasselt 0 De welvaart in Limburg 2001 welvaartskloof met Vlaanderen 15% 2011 welvaartskloof met Vlaanderen 20% Om de kloof

Nadere informatie

De IMVO-thermometer. Een onderzoek naar de handelsrelaties tussen Nederlandse MKB ers en ontwikkelingslanden en opkomende markten

De IMVO-thermometer. Een onderzoek naar de handelsrelaties tussen Nederlandse MKB ers en ontwikkelingslanden en opkomende markten De IMVO-thermometer Een onderzoek naar de handelsrelaties tussen Nederlandse MKB ers en ontwikkelingslanden en opkomende markten Juni 2013 Ontwikkelingslanden en opkomende markten domineren de lijst van

Nadere informatie