NSKO 2010 Nationaal Studiekeuze Onderzoek Markteffect B.V. Juli 2010

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "NSKO 2010 Nationaal Studiekeuze Onderzoek Markteffect B.V. Juli 2010"

Transcriptie

1 NSKO 2010 Nationaal Studiekeuze Onderzoek Markteffect B.V. Juli 2010

2 NSKO 2010 Nationaal Studiekeuze Onderzoek Markteffect B.V. Juli 2010 Contactgegevens Partners Uitgevoerd door Hobéon Groep Markteffect BV Scheveningseweg 46 Keizersgracht 21c 2517 KV Den Haag 5611 GC Eindhoven Icares Veldmaarschalk Montgomerylaan BG Eindhoven Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 1 van 73

3 Voorwoord Marktonderzoek is de afgelopen jaren steeds belangrijker geworden voor de beleidsbepaling van instellingen voor hoger onderwijs. Dat onderzoek is onder meer van belang bij de afwegingen die instellingen maken bij het ontwikkelen van nieuwe opleidingen of opleidingsvarianten en bij het onderbouwen van aanvragen bij het Ministerie van OCW om bekostiging te verkrijgen voor nieuwe opleidingen. Bij de ontwikkeling van nieuw aanbod door de instelling komen vragen aan de orde als: op welke doelgroepen richt de opleiding zich, hoe groot is de markt voor de opleiding, op welke wijze kan de opleiding aantrekkelijk worden gemaakt voor verschillende groepen studenten, waarom kiezen studenten voor de ene of de andere instelling en opleiding? Daarnaast is onderzoek op de arbeidsmarkt een belangrijke pijler van aanvraagdossiers met vragen als: hoe groot is de behoefte aan afgestudeerden bij bedrijven en instellingen en wat moeten die afgestudeerden als bagage van de opleiding hebben meegekregen? Sinds 1 maart 2009 moeten instellingen voor hoger onderwijs eerst over een positief doelmatigheidsbesluit beschikken, voordat een toets nieuwe opleiding bij de NVAO kan worden aangevraagd. De Commissie Doelmatigheid Hoger Onderwijs beoordeelt deze aanvragen voor de bekostiging van nieuwe opleidingen of voor het uitbreiden en veranderen van het bestaande onderwijsaanbod. Zowel de criteria waaraan nieuwe opleidingen moeten voldoen om voor bekostiging in aanmerking te komen, als de procedure die daarbij wordt gehanteerd zijn hierdoor aangescherpt. Een adequate onderbouwing van de instroom- en arbeidsmarkt voor de nieuwe opleiding speelt hier belangrijke rol in. Deze gegevens zijn eveneens van belang bij het opstellen van het aanvraagdossier voor de toets nieuwe opleiding. Commerciële instellingen hebben weliswaar niet te maken met de toets macrodoelmatigheid maar wel met de toets nieuwe opleiding en moeten in dat kader deels over vergelijkbare gegevens beschikken. Naast het ontwikkelen en aanvragen van nieuwe opleidingen zijn er in het bekostigde en commerciële hoger (beroeps)onderwijs tal van andere momenten waarop marktgegevens nodig kunnen zijn. Te denken valt aan strategische verkenningen, onderzoek naar de naamsbekendheid en concurrentiepositie van instellingen en opleidingen en aan tevredenheidonderzoek bij stakeholders. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 2 van 73

4 Voor alle vragen over marktonderzoek voor onderwijsinstellingen kunt u bij de Hobéon Groep terecht. Bij het uitvoeren van dit soort onderzoek werken we nauw samen met onderzoeksbureau Markteffect. Dat bureau zorgt met moderne media en een eigentijdse benadering van de doelgroepen voor een adequate inbreng in de uitgevoerde onderzoeken. Dit rapport is een gezamenlijke productie van Markteffect, Icares en Hobéon. Het landelijke beeld dat uit dit onderzoek naar voren komt is een interessante referentie voor onderzoeken op het niveau van instellingen en opleidingen. Het onderzoek heeft veel meer data opgeleverd dan in dit rapport konden worden opgenomen. De partners nodigen u graag uit contact op te nemen voor het toezenden van specifieke data of voor een afspraak over de mogelijkheden van marktonderzoek voor uw instelling of opleiding. Wienke Blomen Directeur Hobéon Groep BV Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 3 van 73

5 Management Summary Het Nationaal Studiekeuze Onderzoek (NSKO) 2010 brengt in kaart hoe Nederlandse jongeren uit laatste twee jaren van het MBO, HAVO en het VWO (scholieren) zich oriënteren op hun studiekeuze. Tevens wordt bekeken waarom zij voor een bepaalde studie kiezen, in welke sectoren zij zich oriënteren en welke hogescholen en universiteiten zij kennen. Het NSKO is tot stand gekomen door een samenwerking tussen Markteffect, Icares en de Hobéon Groep. Methode van werken In mei 2010 is de vragenlijst van het NSKO online verstuurd naar de jongeren. Zij zijn benaderd via het studiekeuzebestand van Icares en via het jongerenpanel van Markteffect: jijbentbelangrijk.nl. In totaal hebben jongeren die behoren tot de doelgroep de vragenlijst geheel ingevuld. Omdat de verdeling van de respondenten over geslacht en regio in de steekproef niet geheel overeenkomt met de meest recente data zoals bekend bij het Centraal Bureau voor de Statistiek, zijn de data gewogen. Zodoende is de steekproef representatief voor de doelgroep. Keuzes na de middelbare school/ MBO Bijna 9 van de 10 scholieren zijn van plan om na hun opleiding verder te studeren.1 op de 25 scholieren wil naar het buitenland; eenzelfde aantal scholieren wil gaan werken. Vooral havisten en VWO-ers willen een vervolgstudie gaan volgen (9 van de 10). Onder MBO-ers ligt dit aantal lager (ruim 7 van de 10). Er zijn relatief meer MBO-ers dan VWO-ers en havisten die willen gaan werken (bijna 1 van de 5 MBO-ers). Vervolgopleiding Slechts 1 van de 10 MBO-ers kiest voor een Associate degree (Ad). Deze opleiding duurt twee jaar en is een HBO-graad. Bijna 9 van de 10 MBO-ers kiezen voor een Bachelor op HBO niveau. Ook havisten geven de voorkeur aan deze opleiding; 9 van de 10 kiezen voor een Bachelor. Een enkeling van de havisten kiest voor een Ad (3%) of zal via het VWO/propedeusejaar van het HBO doorstromen naar het WO (5%). Van de VWO scholieren willen er bijna 4 van de 5 een opleiding op het WO volgen. 1 op de 5 kiest voor een Bachelor het HBO. Slechts een enkeling kiest voor een Ad. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 4 van 73

6 Oriëntatie De meeste scholieren bezoeken voorlichtingsdagen of open dagen ter oriëntatie op een opleiding. Bijna twee derde van hen bezoekt de websites van hogescholen of universiteiten. Voor meer dan de helft vormen vrienden en familie een belangrijke bron van informatie. Iets meer dan de helft van de scholieren bezoekt de website 123studiekeuze.nl of gaat naar de decaan. Slechts een enkeling maakt gebruik van het vak loopbaanoriëntatie op school, de Keuzegids Hoger Onderwijs of de Elsevier Keuzegids. Het merendeel van de scholieren oriënteert zich op een opleiding in de richting economie. Meer dan de helft van de scholieren oriënteert zich op opleidingen binnen 2 of meer sectoren. Ook nemen zij verschillende hogescholen of universiteiten mee in het oriëntatieproces. Zo oriënteren scholieren die Avans Hogeschool in overweging nemen zich bijvoorbeeld ook op Fontys Hogescholen. Deze hogescholen trekken scholieren aan die zich in verschillende sectoren oriënteren. Gespecialiseerdere hogescholen zoals NHTV en Artez Hogeschool voor de kunsten trekken vooral scholieren aan die zich in één bepaalde sector oriënteren. De meeste toekomstige HBO studenten oriënteren zich op Hogeschool Utrecht, Fontys Hogescholen en Hogeschool van Amsterdam. Toekomstige WO-ers oriënteren zich vooral op Universiteit Utrecht, Universiteit van Amsterdam, Radboud Universiteit Nijmegen en Universiteit Leiden. Keuze De keuze voor een bepaalde studie wordt vooral beïnvloed door de inhoud van de studie en de aantrekkelijkheid van het toekomstig beroep. De hoeveelheid theorie en de moeilijkheid van de studie spelen slechts voor enkele scholieren een rol. De keuze voor een instelling wordt vooral bepaald door de gepercipieerde kwaliteit van het onderwijs en de indruk tijdens de open dag. Scholieren kiezen de plaats van de opleiding vooral op basis van het studentenleven in die plaats. Meer dan de helft van alle scholieren (56%) weet in mei 2010 wat zij wil gaan studeren. Toch geven bijna 4 op de 10 scholieren aan dat zij nog twijfelen over de studie of de hogeschool/universiteit. Scholieren die hun keuze voor een studie al gemaakt hebben, deden dit vooral in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. MBO-ers maakten hun keuze in de periode dat ze op het MBO zaten. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 5 van 73

7 Toekomstige HBO studenten die al weten in welke sector zij gaan studeren kiezen vooral voor de sector economie. Ook toekomstige WO-ers kiezen vooral voor deze sector. Daarentegen kiezen meer scholieren die een HBO Bachelor willen gaan volgen voor een opleiding in de pedagogische sector. Naamsbekendheid hogescholen en universiteiten Behalve oriëntatie en studiekeuze is scholieren ook gevraagd welke hogescholen en universiteiten zij kennen. Als we de bekendheid van de hogescholen bekijken voor alle laatstejaars havisten, VWO-ers en MBO-ers (niveau 4) van heel Nederland, constateren we dat hogeschool Utrecht, Fontys Hogescholen en Hogeschool Rotterdam spontaan het meest als eerste worden genoemd. Spontaan wordt het LOI (i.c. Hogeschool LOI) vrijwel niet genoemd. Qua geholpen bekendheid scoort LOI echter het hoogst. Deze bekendheid kan per deelgebied van Nederland anders zijn. Van de universiteiten worden vooral Universiteit Utrecht, Universiteit Amsterdam, Universiteit Groningen en Radboud Universiteit Nijmegen spontaan het eerst genoemd door de VWO-ers. Erasmus Universiteit Rotterdam is geholpen het meest bekend; deze wordt op de voet gevolgd door de Technische Universiteit Delft en Universiteit van Amsterdam. Deze bekendheid kan per deelgebied van Nederland anders zijn. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 6 van 73

8 Inhoudsopgave 1. Onderzoeksopzet Onderzoeksopdracht Onderzoeksmethode Respons Rapportage op maat Steekproefbeschrijving Plannen scholieren MBO-ers en verder studeren havisten en verder studeren VWO-ers en verder studeren Naamsbekendheid Hogescholen Universiteiten Oriëntatie op een opleiding Sectoren Branches en opleidingen Oriëntatie op hogescholen Oriëntatie op universiteiten Keuze voor een studie Keuze voor een instelling Keuze voor de plaats Werken of naar het buitenland Hoofdonderzoeksvraag Conclusies Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 7 van 73

9 1. Onderzoeksopzet 2010 is het derde jaar op rij dat Markteffect het Nationale Studiekeuze Onderzoek (NSKO) organiseert. De resultaten van het NSKO 2010 geven inzicht in de studiekeuzes van Nederlandse jongeren uit de volgende opleidingen en leerjaren 1 : MBO niveau 4, leerjaar 3; MBO niveau 4, leerjaar 4; HAVO leerjaar 4; HAVO leerjaar 5; VWO leerjaar 5; VWO leerjaar 6. In samenwerking met de Hobéon Groep en Icares heeft onderzoeksbureau Markteffect het NSKO 2010/2011 opgesteld. Markteffect (www.markteffect.nl) is een full service marktonderzoeksbureau met veel ervaring in jongerenonderzoek en is eigenaar van het jongerenpanel jijbentbelangrijk.nl. De Hobéon Groep (www.hobeon.nl) vindt zijn oorsprong in het hoger onderwijs. Sinds begin jaren 90 is de groep actief als organisatieadviesbureau in het onderwijs en het bedrijfsleven. Naast advisering op het gebied van (nieuwe) opleidingen en strategische vraagstukken, is Hobéon actief op het terrein van certificering en accreditatie. Icares is het internationale zoekportaal voor Bachelor en Master opleidingen. Icares biedt digitale loopbaaninstrumenten aan. Het gratis studiekeuzeportaal Icares.com (zie toont meer dan studies in 85 landen en in 28 talen. Zowel Hobéon, Icares als Markteffect zijn nauw betrokken bij het hoger onderwijs. 1 In het vervolg van deze rapportage wordt aan deze doelgroep gerefereerd als scholieren. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 8 van 73

10 1.1 Onderzoeksopdracht Het doel van het NSKO is om de verwachtingen van leerlingen uit het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs voor het onderwijsklimaat van het studiejaar 2010/2011 vast te stellen. Daartoe is de volgende hoofdonderzoeksvraag opgesteld: Hoe oriënteren jongeren zich op hun studiekeuze en waarom kiezen zij voor een bepaalde opleiding of instelling? Om deze hoofdvraag te beantwoorden worden in deze rapportage de volgende deelaspecten behandeld: De plannen van de eindexamenkandidaten van MBO, HAVO en VWO; Spontane en geholpen naamsbekendheid hogescholen en universiteiten; Oriëntatie op een opleiding; Keuze voor een opleiding; Redenen om voor een opleiding te kiezen; Redenen om voor een hogeschool/universiteit te kiezen; Redenen om voor een bepaalde plaats te kiezen; Redenen om te gaan werken of naar het buitenland te gaan. Nieuw aan het NSKO 2010 is de meting van de naamsbekendheid van de Nederlandse hogescholen en universiteiten. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 9 van 73

11 1.2 Onderzoeksmethode Het NSKO is in mei 2010 online verstuurd naar de Nederlandse jongeren. Deze leerlingen zijn benaderd via het studiekeuzebestand van Icares en via het jongerenpanel van Markteffect: jijbentbelangrijk.nl. De vragenlijst die is ingevuld door deze jongeren, bestaat in totaal uit 48 vragen. Afhankelijk van de keuzes die gemaakt werden, bestond de vragenlijst uit minder vragen. Van alle vragen zijn er 46 gesloten en 2 open. Onafhankelijke variabelen die zijn meegenomen in dit onderzoek zijn bijvoorbeeld geslacht en etniciteit. Afhankelijke variabelen die gemeten worden zijn onder andere de keuze voor het soort opleiding en de naamsbekendheid van de hogescholen/universiteiten. Onafhankelijke variabelen kunnen de uitkomsten van afhankelijke variabelen beïnvloeden. Zo zou geslacht bijvoorbeeld de keuze voor een studierichting kunnen bepalen. 1.3 Respons In totaal hebben jongeren het onderzoek ingevuld. Daarvan zitten jongeren op dit moment in de laatste twee jaren van het MBO niveau 4, de laatste twee jaren van de HAVO of de laatste twee jaren van het VWO. Op basis van de respons van de scholieren binnen de doelgroep berekenen we de nauwkeurigheid van de resultaten. Alle antwoorden zijn met een zekerheid van 95% met een marge van 1,35% naar boven of naar beneden generaliseerbaar naar de volledige onderzoekspopulatie jongeren (MBO niveau 4 leerjaar 3/4, HAVO leerjaar 4/5 en VWO leerjaar 5/6). De overige respondenten volgen op dit moment een andere opleiding, werken of studeren. Deze laatste groep respondenten heeft andere vragen beantwoord dan de scholieren die tot de doelgroep van dit onderzoek behoren. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 10 van 73

12 1.4 Rapportage op maat Bent u na het lezen van dit rapport benieuwd of MBO scholieren zich via andere media oriënteren op een opleiding dan havisten? Of wilt u weten wat de naamsbekendheid van uw hogeschool/universiteit is onder alleen havisten en VWO-ers in uw werkgebied? Of vraagt u zich af op welke andere opleidingen de scholieren die voor uw instelling kiezen zich oriënteren? Het antwoord op deze en andere vragen kan van grote toegevoegde waarde zijn voor uw communicatiestrategie. Een rapportage op maat biedt uitkomst en beantwoordt deze vragen. Neem hiervoor gerust contact op met Markteffect via telefoonnummer en vraag naar de heer Edgar de Beule. Een kunt u sturen naar Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 11 van 73

13 1.5 Steekproefbeschrijving In deze paragraaf beschrijven we de kenmerken van alle jongeren binnen de doelgroep die aan dit onderzoek hebben deelgenomen. Dit zijn de jongeren die in de laatste twee jaar van de HAVO, VWO of het MBO niveau 4 zitten. In de overige paragrafen van dit rapport zullen we verwijzen naar deze jongeren als scholieren, laatstejaars of MBO-ers, havisten en VWO-ers. Aan het onderzoek hebben meer meisjes dan jongens meegedaan: in totaal is 74% van de respondenten vrouw. Het merendeel van de respondenten is autochtoon (85%). Ook zien we dat de meeste respondenten woonachtig zijn in Zuid-Holland en Noord-Brabant. Slechts een enkeling woont in Flevoland. Figuur 1.5a Herkomst van alle respondenten in percentages Om goede uitspraken te doen over de jongeren in de laatste jaren van het MBO, HAVO of VWO, is het van belang dat de steekproef representatief is voor deze doelgroep. Omdat de verdeling van de respondenten over geslacht en regio niet geheel overeenkomt met de meest recente data zoals bekend zijn bij het Centraal Bureau voor de Statistiek, is er een weging toegepast. Hierbij is binnen de opleidingsniveaus rekening gehouden met geslacht en woonplaats van de Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 12 van 73

14 respondent (Bijlage 3). Op deze manier zijn de resultaten representatief voor zowel geslacht als regio (Noord-Nederland, Oost-Nederland, West-Nederland en Zuid-Nederland). De resultaten die vanaf nu worden besproken zijn de uitkomsten van de gewogen resultaten. Figuur 1.5b Huidige leerjaar van alle scholieren Zoals we zien in bovenstaande figuur volgt ruim 2 op de 5 respondenten een opleiding op VWO niveau. De respondenten die op het MBO niveau 4 leerjaar 3 of 4 zitten, volgen vooral een opleiding in de richting zorg en welzijn, techniek of economie. Figuur 1.5c Huidige studierichting MBO-ers Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 13 van 73

15 De meeste havisten en VWO-ers uit de steekproef volgen het profiel Economie en Maatschappij. Dit zijn zowel jongens als meisjes. Het kleinste aantal scholieren volgt het profiel Cultuur en Maatschappij. Figuur 1.5d Profielen die scholieren in de laatste twee jaar van HAVO en VWO volgen Vooral meisjes kiezen voor Natuur en Gezondheid en jongens voor Natuur en Techniek. Ruim 1 op de 5 respondenten volgt een combinatie van profielen: de combinatie Natuur en Gezondheid met Natuur en Techniek wordt hierbij het meest gemaakt. We constateren dat allochtonen en autochtonen voor dezelfde profielen kiezen. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 14 van 73

16 2.1 Plannen scholieren In deze paragraaf bekijken we welke plannen de scholieren hebben na hun middelbare school. Willen zij verder studeren of willen zij juist gaan werken? Vervolgens gaan we dieper in op de scholieren die willen verder studeren: willen zij verder studeren aan een hogeschool of universiteit? Het grootste gedeelte van de scholieren die op dit moment in de laatste twee jaar van MBO, HAVO of VWO zit is van plan om na het afronden van de opleiding verder te gaan leren (84%). Van de scholieren weet 7% echter nog niet wat zij wil doen. Als we aan hen vragen of zij plannen hebben om op korte termijn een vervolgopleiding te gaan doen, zien we dat ruim de helft van hen (51%) toch denkt dat studeren de volgende stap in hun leven zal zijn. Ook deze scholieren behoren daarom tot de doelgroep van dit onderzoek. Zo zien we dat 88% van de scholieren verder wil studeren. Figuur 2.1a Plannen van de scholieren na de huidige opleiding Zoals te zien is in het figuur op de volgende pagina, willen vooral MBO-ers gaan werken. Het merendeel van de VWO scholieren is daarentegen van plan om verder te studeren. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 15 van 73

17 Figuur 2.1b Plannen van MBO-ers, havisten en VWO-ers na de huidige opleiding MBO-ers en verder studeren Scholieren van MBO niveau 4 die verder willen gaan studeren aan het HBO kunnen een Bacheloropleiding of een Associate degree (Ad) volgen. Een Bacheloropleiding is doorgaans een vierjarige opleiding. Een Ad duurt circa twee jaar en is een graad binnen het Hoger Beroeps Onderwijs. Omdat zowel een Ad als Bachelor worden aangeboden door scholen in het Hoger Beroeps Onderwijs, refereren we in deze rapportage naar deze twee opleidingen als opleidingen op HBO niveau. Meer dan driekwart van de scholieren op het MBO die verder wil gaan studeren, is van plan om een HBO-Bachelor te gaan volgen (81%). Slechts 6% kiest voor een Ad en 13% stelt nog te twijfelen tussen een Ad of Bachelor. Als deze scholieren dan toch moeten kiezen tussen een Ad of Bachelor, geeft net iets meer dan de helft van hen (55%) de voorkeur aan het volgen van een Ad. Als we het percentage MBO scholieren dat uiteindelijk toch de voorkeur geeft aan een Ad (55%) optellen bij de scholieren die al zeker weten welke vervolgopleiding zij willen gaan volgen, zien we dat uiteindelijk ongeveer 1 op de 10 MBO-ers die wil studeren zou kiezen voor een Ad. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 16 van 73

18 Figuur 2.1c Keuze voor vervolgopleiding van MBO-ers Ruim driekwart van de MBO scholieren die een HBO-Bachelor wil gaan volgen kiest voor een voltijdstudie. MBO-ers die voor een Ad gaan hebben een minder duidelijke mening: waar bijna de helft voltijd wil studeren, kiest ruim een derde ervoor om te studeren in deeltijd. Figuur 2.1d Keuze opleidingsvarianten van MBO-ers Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 17 van 73

19 Havisten en verder studeren Het merendeel van de havisten dat verder wil studeren is van plan om een opleiding op HBO niveau te gaan volgen (93%). De havisten die kiezen om door te stromen naar het WO zullen eerst hun propedeuse op het HBO moeten halen of moeten doorstromen naar het VWO. Figuur 2.1e Plannen havisten die verder willen studeren Van de havisten die nog twijfelen tussen doorstromen naar het WO en het volgen van een Bachelor geeft meer dan de helft (55%) de voorkeur aan het volgen van een opleiding op HBO niveau. Als we het percentage havisten dat uiteindelijk toch de voorkeur geeft voor het volgen van een opleiding op HBO niveau (55%) of doorstromen naar het WO (45%) optellen bij de havisten die al zeker weten in welke richting zij een vervolgopleiding zij willen gaan volgen, zien we dat uiteindelijk ongeveer 1 op de 20 havisten die verder willen studeren door willen stromen naar het WO, terwijl 19 van de 20 havisten ervoor kiezen om een opleiding op HBO niveau te gaan volgen. De meeste havisten die kiezen voor een opleiding op HBO niveau geven de voorkeur aan het volgen van een Bachelor. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 18 van 73

20 Figuur 2.1f Welke richting havisten kiezen die op HBO niveau verder willen studeren In tegenstelling tot MBO-ers, kiest het merendeel van de havisten dat twijfelt tussen een Ad en HBO-Bachelor uiteindelijk vooral voor een HBO-Bachelor (65%). Als we het percentage havisten dat uiteindelijk toch de voorkeur geeft voor het volgen van een HBO-Bachelor (65%) optellen bij de havisten die al zeker weten in welke richting zij een vervolgopleiding zij willen gaan volgen, zien we dat uiteindelijk 97% van de havisten dat verder wil studeren op HBO niveau zal kiezen voor een HBO-Bachelor. Slechts 3% van hen kiest voor een Ad. Als we het percentage havisten meenemen dat wil doorstromen naar het WO (en dus een propedeuse op HBO niveau moeten halen of doorstromen naar het VWO) ziet de verdeling er als volgt uit: Figuur 2.1g Keuze voor vervolgopleiding van havisten Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 19 van 73

21 havisten die een HBO-Bachelor willen gaan volgen kiezen vooral voor een voltijd opleiding. Figuur 2.1h Keuze opleidingsvarianten van havisten 2 2 Cijfers voor Ad zijn indicatief vanwege de te kleine aantallen per cel Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 20 van 73

22 VWO-ers en verder studeren Bijna driekwart van de VWO scholieren die verder wil studeren wil een opleiding gaan volgen op WO niveau. Figuur 2.1i Plannen VWO-ers die verder willen studeren Ruim de helft van de VWO-ers die twijfelt tussen een opleiding op HBO niveau en WO kiest uiteindelijk voor een opleiding op WO niveau (53%). 47% van hen kiest voor een opleiding op HBO niveau. Tellen we deze percentages op bij de VWO-ers die al zeker weten in welke richting zij een vervolgopleiding zij willen gaan volgen, dan zal 21% van de VWO-ers die verder willen studeren kiezen voor een opleiding op HBO niveau. 79% kiest daarentegen voor een opleiding op het WO. Van de VWO-ers die een opleiding op HBO niveau willen gaan volgen, kiest het merendeel voor een HBO-Bachelor. Slechts een enkeling kiest voor een Ad. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 21 van 73

23 Figuur 2.1j Plannen VWO-ers die verder willen studeren Van degenen die nog twijfelen tussen een Bachelor of Ad zou uiteindelijk ruim twee vijfde (41%) kiezen voor een Ad. Bijna drie vijfde (59%) kiest voor een Bachelor. Tellen we deze percentages op bij de VWO-ers die al zeker weten of zij een Bachelor of Ad gaan volgen, dan zien we dat 4% van deze HBO-ers zou kiezen voor een Ad. 96% kiest uiteindelijk voor een HBO-Bachelor. Als we de percentages optellen constateren we dat uiteindelijk 1 op de 5 VWO scholieren die wil gaan doorstuderen, kiest voor een Bachelor op HBO niveau. Bijna 4 op de 5 VWO scholieren kiezen er echter voor om een WO opleiding te gaan volgen. Figuur 2.1k Keuze voor vervolgopleiding van VWO-ers Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 22 van 73

24 Het grootste gedeelte van de VWO scholieren dat verder wil studeren is van plan om voltijd verder te gaan studeren. Figuur 2.1l Keuze opleidingsvarianten van VWO-ers Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 23 van 73

25 2.2 Naamsbekendheid Aan alle MBO niveau 4, HAVO en VWO scholieren (dus ook degenen die niet verder willen studeren) is gevraagd welke hogescholen en universiteiten zij kennen (de spontane en de geholpen keuze). In deze paragraaf bekijken we de landelijke bekendheid van hogescholen en universiteiten onder de Nederlandse scholieren. Indien u benieuwd bent naar de bekendheid per regio kunt u contact opnemen met Markteffect, via Zoals eerder is aangegeven, komt de verdeling van de respondenten over geslacht en regio niet geheel overeen met de meest recente data zoals bekend is bij het Centraal Bureau voor de Statistiek. Daarom is er een weging toegepast. Hierbij is binnen de opleidingsniveaus rekening gehouden met geslacht en woonplaats van de respondent. Deze weging is te vinden in bijlage 3. Op deze manier zijn de resultaten representatief voor zowel geslacht als regio (Noord-Nederland, Oost-Nederland, West-Nederland en Zuid- Nederland). Hogescholen De meeste scholieren noemen spontaan als eerste hogeschool die in hen opkomt hogeschool Utrecht (12%). Ook Fontys hogescholen (10%) en Hogeschool Rotterdam (8%) worden veel als eerste genoemd. De Haagse Hogeschool, Hogeschool INHolland, Hogeschool van Amsterdam en Hogeschool van Arnhem en Nijmegen worden allen door 7% van de scholieren genoemd. Dit is weergegeven in onderstaande word cloud, waarin de dikst gedrukte hogescholen het meest genoemd zijn. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 24 van 73

26 Figuur 2.2a als eerste genoemd Spontane naamsbekendheid hogescholen voor alle MBO, HAVO en VWO scholieren, Als wordt gekeken naar de tweede, derde en vierde keuze van studenten dan komt Hogeschool Utrecht (14%) wederom het meeste voor. Daarnaast komt Hogeschool INHolland (11%) veel voor op een van deze plaatsen, tezamen met Fontys Hogescholen (8%) en de Hogeschool van Amsterdam (7%). Figuur 2.2b als tweede, derde en vierde genoemd Spontane naamsbekendheid hogescholen voor alle MBO, HAVO en VWO scholieren, Het is opvallend dat het LOI (ic. LOI Hogescholen) spontaan door bijna geen enkele scholier wordt genoemd, terwijl het LOI geholpen het meest bekend is. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 25 van 73

27 Figuur 2.2c scholieren Top 3 geholpen naamsbekendheid hogescholen voor alle MBO, HAVO en VWO Deze bekendheid kan per deelgebied van Nederland anders zijn. Zo zien we bijvoorbeeld dat Hanzehogeschool Groningen bekender is onder scholieren uit het Noorden dan onder scholieren uit het Zuiden van Nederland. Universiteiten Buiten de bekendheid van hogescholen is ook de bekendheid van universiteiten gemeten. Omdat alleen VWO scholieren direct kunnen doorstromen naar een universiteit, bekijken we de naamsbekendheid van universiteiten voor VWO scholieren in heel Nederland. In de spontane keuze komt de Universiteit Utrecht bij de meeste scholieren op de eerste plaats (14%). Ook Universiteit Amsterdam (12%), Universiteit van Groningen (11%) en Radboud Universiteit Nijmegen (10%) komen spontaan vaak voor. Figuur 2.2d Spontane naamsbekendheid universiteiten VWO scholieren in heel Nederland Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 26 van 73

28 Op positie 2, 3 of 4 wordt vooral de Universiteit van Amsterdam (16%) geplaatst. Figuur 2.2e derde en vierde genoemd Spontane naamsbekendheid universiteiten voor alle VWO scholieren, als tweede, Hoewel de Erasmus Universiteit Rotterdam bij de geholpen keuze het meest bekend is onder alle scholieren, volgen de TU Delft en Universiteit van Amsterdam op de voet. Radboud Universiteit Nijmegen en Universiteit Utrecht komen op de vierde en vijfde plaats (86%). Figuur 2.2f Top 3 geholpen naamsbekendheid universiteiten voor VWO scholieren in Nederland Deze bekendheid kan per deelgebied van Nederland anders zijn. Zo zien we bijvoorbeeld dat Universiteit van Tilburg bekender is onder VWO scholieren in het Zuiden dan onder scholieren in het Noorden van Nederland. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 27 van 73

29 2.3 Oriëntatie op een opleiding Het maken van een studiekeuze voor scholieren en leerlingen van het MBO is geen gemakkelijke taak; voordat de keuze gemaakt wordt gaat hier een oriëntatieproces aan vooraf. In dit hoofdstuk bekijken we op welke manier de scholieren zich oriënteren op een vervolgopleiding. Tevens gaan we dieper in op de branche waar zij willen studeren. Tot slot bekijken we op welke hogescholen en universiteiten scholieren zich oriënteren. Voorlichtingsdagen of open dagen bezoeken zijn de twee activiteiten die meeste scholieren ondernemen om zich te oriënteren op hun studiekeuze. Tevens bezoekt meer dan de helft van de scholieren de websites van hogescholen en universiteiten. De Elsevier Keuzegids wordt door slechts een enkele student gebruikt voor oriëntatie. Figuur 2.3a vervolgopleiding Manieren waarop MBO-ers, havisten en VWO-ers zich oriënteren op een Wat betreft oriëntatie op een opleiding zien we verschillen tussen VWO-ers, havisten en MBO-ers. Zo bezoeken relatief meer VWO-ers open dagen en websites van Hogescholen dan havisten en MBO-ers. Dit is weergegeven in de figuur op de volgende pagina. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 28 van 73

30 Figuur 2.3b Oriëntatie naar opleidingsniveau Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 29 van 73

31 Sectoren Scholieren kunnen zich oriënteren binnen verschillende sectoren. De sectoren die we in dit onderzoek onderscheiden zijn economie, techniek gezondheidszorg, kunst, pedagogisch, sociaal-agogisch, landbouw en taal. Tot een sector behoren verschillende branches. Zo valt de opleiding Vertaler Engels in de branche talen/communicatie bijvoorbeeld onder de sector taal. In bijlage 2 is een overzicht opgenomen van alle opleidingen met bijbehorende branches en sectoren. In deze paragraaf bekijken we binnen welke sectoren scholieren zich oriënteren. Het merendeel van de scholieren bekijkt opleidingen in de sector economie. Slechts een enkele scholier oriënteert zich op opleidingen binnen de sector Taal. Figuur 2.3c Sectoren waarin de scholieren zich oriënteren op een vervolgopleiding Zoals te zien is in onderstaande figuur oriënteren toekomstige WO Bachelor studenten zich vooral op een opleiding in de richting economie en techniek. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 30 van 73

32 Figuur 2.3d Sectoren waarin scholieren die aan het HBO en WO willen studeren zich oriënteren op een vervolgopleiding 3 Hoewel bijna de helft van de scholieren (47%) zich richt op opleidingen binnen één sector, zien we dat bijna twee vijfde van de scholieren (39%) zich op twee sectoren oriënteert. Ruim 1 op de 10 scholieren (14%) kiest zelfs tussen drie sectoren. Scholieren die aan een universiteit willen gaan studeren kijken het meeste rond: zo geeft bijna 1 op de 5 (17%) van hen aan dat zij zich oriënteren op opleidingen in 3 sectoren. Scholieren die een Ad willen volgen beperken zich vaker tot één sector (58%) 4. Scholieren die een HBO Bachelor willen gaan volgen in de sector economie oriënteren zich ook op opleidingen in de richtingen kunst (16%), gezondheidszorg (15%) of techniek (13%). Slechts een enkeling kijkt ook naar opleidingen binnen de sectoren landbouw (2%) of taal (1%). Scholieren die een WO Bachelor willen gaan volgen in de richting techniek bekijken ook andere opleidingen, vooral binnen de sector gezondheidszorg (33%). 23% van hen oriënteert zich ook op een opleiding economie, 17% op een opleiding in de sector landbouw. 3 Cijfers voor Ad zijn indicatief vanwege de te kleine aantallen per sector Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 31 van 73

33 Branches en opleidingen Scholieren kunnen zich ook binnen de sector oriënteren op verschillende branches. In deze paragraaf geven we hiervan een aantal voorbeelden. Indien u aanvullende informatie wenst over de oriëntatie op verschillende opleidingen binnen een branche, kunt u contact opnemen met Markteffect via We zien bijvoorbeeld dat toekomstige HBO-ers die zich oriënteren op een opleiding in de sector economie en zich richten op de administratieve/economische branche, vooral interesse hebben in een opleiding bedrijfseconomie. Figuur 2.3e zich oriënteren Opleidingen binnen de branche administratie/ economie waar toekomstige HBO-ers Toekomstige HBO studenten die zich oriënteren op een opleiding in de richting landbouw, zijn vooral geïnteresseerd in de opleidingen diergezondheidszorg en diermanagement. Figuur 2.3f Opleidingen binnen de landbouw waar toekomstige HBO-ers zich oriënteren Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 32 van 73

34 Oriëntatie op hogescholen Niet alleen oriënteren scholieren zich op studies in verschillende sectoren, ook nemen zij verschillende hogescholen en universiteiten mee in het keuzeproces. In deze paragraaf bespreken we op welke hogescholen en universiteiten de scholieren zich oriënteren. De oriëntatie kan per deelgebied van Nederland anders zijn. Indien u hier meer informatie over wenst kunt u contact opnemen met Markteffect via Zo oriënteert ruim een vijfde van de scholieren dat wil kiezen voor een HBO Bachelor zich op hogeschool Utrecht. Tevens wordt Fontys hogescholen door bijna een vijfde meegenomen in het oriëntatieproces. Figuur 2.3g Top-3 hogescholen waar scholieren die een Bachelor willen volgen zich op oriënteren. Scholieren kunnen zich op meerdere hogescholen oriënteren. We constateren bijvoorbeeld dat scholieren die interesse hebben in een opleiding binnen Avans Hogeschool (13%) ook naar andere hogescholen kijken. Zo oriënteert meer dan de helft van hen (59%) zich ook op een opleiding op Fontys Hogescholen. De Hogeschool van Arnhem en Nijmegen wordt door 1 op de 5 van deze scholieren in overweging genomen. Hogescholen die door deze scholieren niet in overweging worden genomen zijn onder andere: Christelijk Agrarische hogeschool; Christelijk hogeschool de Driestar; Gereformeerde hogeschool; Hogeschool Domstad; Hogeschool Van Hall Larenstein; Hotelschool the Hague; Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 33 van 73

35 Marnix Academie P.C. hogeschool Lerarenopleiding basisonderwijs; NHL hogeschool; Stoas hogeschool. Natuurlijk wordt door een aantal studenten ook op deze hogescholen georiënteerd. Het gaat hier echter om een kleiner aantal studenten. Tot slot bekijken we binnen welke sectoren scholieren zich oriënteren die overwegen om te gaan studeren aan hogeschool Utrecht, Fontys hogescholen of de hogeschool van Amsterdam. In onderstaande figuur zien we binnen welke sectoren scholieren zich oriënteren die overwegen om aan de Fontys Hogescholen, Hogeschool van Amsterdam of Hogeschool Utrecht willen gaan studeren. Figuur 2.3h Utrecht zich op oriënteren Sectoren waarop scholieren die willen studeren aan Fontys, Avans en hogeschool Deze hogescholen trekken dus een breed publiek van scholieren aan. Kijken we echter naar een meer gespecialiseerde hogeschool, zoals NHTV Breda, dan zien we dat deze scholen een specifieker publiek aantrekken. Zo oriënteren scholieren die aan NHTV Breda willen studeren zich vooral op een opleiding in de richting economie, terwijl scholieren met interesse in een opleiding aan Artez hogeschool voor de Kunsten vooral kijken naar een opleiding in de sector kunst. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 34 van 73

36 Figuur 2.3i Sectoren waarop scholieren die interesse hebben in NHTV Breda of ARTEZ hogeschool voor de Kunsten Utrecht zich op oriënteren Oriëntatie op universiteiten Bijna twee vijfde van de scholieren die verder wil studeren aan het WO, oriënteert zich op een opleiding aan universiteit Utrecht. Radboud Universiteit Nijmegen en Universiteit Leiden staan op een gedeelde vierde plek. Webster University en University of Phoenix worden door slechts enkelen in overweging genomen. Deze oriëntatie kan per deelgebied van Nederland verschillend zijn. Figuur 2.3j vervolgopleiding Universiteiten waar scholieren die aan het WO willen studeren zich oriënteren op een Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 35 van 73

37 In onderstaande figuur zien we binnen welke sectoren scholieren zich oriënteren die overwegen te studeren aan de Universiteit Utrecht, de Universiteit van Amsterdam of Universiteit Leiden. Figuur 2.3k zich oriënteren Sectoren waarop scholieren die interesse hebben in UU, UvA of Universiteit Leiden. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 36 van 73

38 2.4 Keuze voor een studie Nadat scholieren zich hebben georiënteerd op de diverse opleidingsmogelijkheden, zullen zij uiteindelijk een keuze moeten maken voor een studie. In deze paragraaf bekijken we waarom scholieren voor een bepaalde studie kiezen, wanneer zij deze keuze hebben gemaakt en in welke sector zij willen gaan studeren. Tevens bekijken we de verschillen tussen autochtonen en allochtonen. Voor het grootste gedeelte van alle scholieren heeft vooral de inhoud van de studie een zeer sterke invloed op hun studiekeuze. Ook de aantrekkelijkheid van het toekomstig beroep is voor veel scholieren van sterke invloed op de studiekeuze. Hoewel de hoeveelheid theorie en de moeilijkheidsgraad van de studie voor een vijfde van de scholieren een kleine rol spelen, constateren we dat voor nog meer studenten geldt dat deze factoren juist een sterke invloed hebben op hun studiekeuze. Dit is weergegeven in onderstaand figuur. Figuur 2.4a studenten Aspecten die studiekeuze beïnvloeden voor alle toekomstige Ad, HBO en WO Ondanks bovenstaande kiezen veel studenten voor een hogeschool in hun eigen regio. Er is dus sprake van een keuzeproces. Voor zowel toekomstige Ad-ers, HBO-Bachelors en WO-ers is de inhoud van de studie het meest van belang. Dit is weergegeven in de tabel op de volgende pagina. Het belangrijkste aspect heeft de score 1 gekregen. Het minst belangrijke aspect heeft de score 10 gekregen. Voor toekomstige WO en HBO-Bachelor studenten is de internationale oriëntatie van groter belang dan voor toekomstige Ad studenten. Voor toekomstige Ad studenten is Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 37 van 73

39 daarentegen het salaris van het toekomstig beroep van sterkere invloed op hun studiekeuze. Dit is weergegeven in onderstaande tabel. Ad 5 HBO WO Aantrekkelijkheid toekomstig beroep De inhoud van de studie Hoeveelheid theorie Internationale oriëntatie Kans op een baan na studie Maatschappelijke relevantie Moeilijkheidsgraad van de studie Praktijkgerichtheid studie Salaris toekomstig beroep Verschillende kanten op kunnen Tabel 2.4a Rangorde aspecten die studiekeuze beïnvloeden voor toekomstige Ad, HBO en WO studenten (zeer sterke invloed). Meest belangrijk=1. Minst belangrijk=10 We zien hierbij verschillen tussen scholieren die zich oriënteren op bepaalde sectoren. Zo constateren we bijvoorbeeld dat voor toekomstige WO scholieren die zich oriënteren op een opleiding in de sector economie, het toekomstige salaris een grotere rol speelt dan voor scholieren die interesse hebben in de sector gezondheidszorg. Voor deze laatste groep scholieren heeft de praktijkgerichtheid van de opleiding een sterkere invloed op studiekeuze. Dit is weergegeven in onderstaande tabel. Economie Gezondheidszorg Aantrekkelijkheid toekomstig beroep 2 2 De inhoud van de studie 1 1 De internationale oriëntatie van de 6 7 opleiding De kans op een baan na de studie 4 4 De moeilijkheidsgraad van de studie 8 9 Hoeveelheid theorie Maatschappelijke relevantie van de 7 6 opleiding Praktijkgerichtheid studie 9 5 Salaris toekomstig beroep 5 8 Veel verschillende kanten op kunnen 3 3 Tabel 2.4b Rangorde aspecten die studiekeuze beïnvloeden voor toekomstige WO scholieren met interesse in de sector economie of gezondheidszorg (zeer sterke invloed). Meest belangrijk=1. Minst belangrijk=10 Iets meer dan de helft van alle scholieren (56%) weet in mei 2010 welke studie gekozen gaat worden (het moment van afname van de vragenlijst). 5 5 Vanwege de te kleine aantallen zijn de resultaten van toekomstige Ad-ers indicatief Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 38 van 73

40 Toch geven bijna 4 op de 10 scholieren aan dat zij nog twijfelen over de studie of de hogeschool/universiteit. Nog steeds vallen er in deze periode scholieren over te halen om te kiezen voor een bepaalde studie of onderwijsinstelling. In onderstaande figuur is weergegeven dat in vergelijking met MBO ers en VWO ers, meer havisten hun keuze al gemaakt hebben. Figuur 2.4b gemaakt hebben Of scholieren in de laatste jaren van het MBO, HAVO en VWO de studiekeuze al Vanaf nu gaan we dieper in op de scholieren die hun keuze voor een opleiding al gemaakt hebben. Deze scholieren maakten hun keuze vooral in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. MBO-ers zijn vooral op het idee gekomen om een bepaalde studie te volgen tijdens hun opleiding op het MBO. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 39 van 73

41 Figuur 2.4c Wanneer de studiekeuze gemaakt is Zoals we eerder zagen oriënteren scholieren zich binnen diverse sectoren. In bijlage 2 vindt u het overzicht van opleidingen die behoren tot de verschillende sectoren. Degenen al een keuze hebben gemaakt en kiezen voor een HBO Bachelor, kiezen vooral voor een opleiding in de richting economie. WO-ers kiezen vooral voor de sector economie, gezondheidszorg en techniek. De keuze voor de sector pedagogiek is sterker aanwezig in het HBO dan in het WO. Figuur 2.4d volgen 6 Sector waarin scholieren die hun keuze hebben gemaakt de opleiding willen gaan 6 Scholieren die voor een Ad kiezen zijn niet meegenomen vanwege de te kleine aantallen per cel Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 40 van 73

42 Hoewel zowel autochtonen als allochtonen voor een opleiding in de sector economie kiezen, zijn er relatief meer allochtonen die besluiten om in deze sector te gaan studeren. Dit is weergegeven in onderstaand figuur. Figuur 2.4e Etniciteit en keuze sector, voor degenen die al een keuze hebben gemaakt We zien echter niet alleen verschillen tussen allochtonen en autochtonen. Zo constateren we bijvoorbeeld dat vrouwen vaker dan mannen een opleiding kiezen in de pedagogische richting (17% tegen 8%). Mannen kiezen daarentegen vaker voor een technische studie (28% tegen 7%). De belangrijkste reden waarom de toekomstige studenten kiezen voor een studie is vooral de inhoud van de studie (41%). Ook baseert een kwart van de toekomstige studenten hun keuze op de aantrekkelijkheid van het toekomstig beroep (26%). Bijna 1 op de 5 scholieren kiest de opleiding vooral omdat zij met de opleiding veel verschillende kanten op kunnen. De hoeveelheid theorie en moeilijkheidsgraad zijn voor slechts een enkeling de reden om te kiezen voor de studie. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 41 van 73

43 We zien hierbij verschillen tussen scholieren die aan een hogeschool of universiteit willen gaan studeren. Zo kiest meer dan de helft van degenen die aan het WO wil gaan studeren de studie uit op inhoud, terwijl de aantrekkelijkheid van het toekomstig beroep voor bijna een derde van de toekomstige HBO-ers de grootste rol heeft gespeeld bij hun studiekeuze. Figuur 2.4f keuze al gemaakt hebben Waarom scholieren kiezen voor de opleiding die zij willen volgen voor scholieren die de Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 42 van 73

44 2.5 Keuze voor een instelling Buiten de keuze voor een studie, zullen scholieren ook moeten beslissen aan welke instelling zij de studie willen volgen. In deze paragraaf wordt besproken welke aspecten de keuze voor een instelling beïnvloeden. Ook bekijken we, voor de scholieren die hun keuze al hebben gemaakt, aan welke hogeschool of universiteit zij willen gaan studeren. De meeste scholieren laten deze keuze vooral afhangen van de gepercipieerde kwaliteit van het onderwijs en de indruk die zij tijdens de open dag hebben gekregen. Hoewel ruim de helft van alle scholieren het belangrijk vindt wat de reistijd van en naar de opleiding is, heeft dit voor ruim een vijfde van de scholieren een (zeer) zwakke invloed op de keuze voor een instelling. Slechts een enkeling vindt de levensbeschouwelijke richting van de instelling van belang. Figuur 2.5a en WO studenten Aspecten die de keuze voor een instelling beïnvloeden voor alle toekomstige Ad, HBO Als we alleen kijken naar de aspecten die een zeer sterke invloed hebben op de keuze voor een instelling, constateren we dat voor zowel toekomstige Aders, HBO Bachelors als WO-ers de kwaliteit van het onderwijs van belang is bij deze keuze. Daarentegen speelt voor toekomstige Ad-ers de begeleiding van de docenten een belangrijke rol. Voor toekomstige HBO-Bachelors is de samenwerking met de praktijk van groter belang dan voor toekomstige WOers. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 43 van 73

45 Ad 7 HBO WO Bachelor De begeleiding van docenten De breedte van het opleidingenaanbod De goede naam/status van de school De indruk tijdens de open dag De kwaliteit van het onderwijs De levensbeschouwelijke instelling De mogelijkheid zelf de inhoud te bepalen De reistijd van en naar de opleiding De samenhang tussen de verschillende vakken De samenwerking met de praktijk Het voorlichtingsmateriaal Tabel 2.5a Rangorde aspecten die studiekeuze beïnvloeden voor toekomstige Ad, HBO en WO studenten (zeer sterke invloed) Meest belangrijk=1. Minst belangrijk=10 Vanaf nu gaan we dieper in op de scholieren die hun keuze voor een instelling al gemaakt hebben. Zij hebben vooral gekozen voor Universiteit Utrecht, Universiteit Leiden en Universiteit Nijmegen. Dit is weergegeven in onderstaande figuur. Figuur 2.5b studeren Top 3 universiteiten aan welke scholieren die al een keuze hebben gemaakt gaan Scholieren die hun keuze hebben gemaakt voor een HBO-Bachelor kiezen vooral om hun opleiding te volgen aan Hogeschool Utrecht en Fontys Hogescholen. 7 Vanwege de te kleine aantallen zijn de resultaten van toekomstige Ad-ers indicatief Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 44 van 73

46 Figuur 2.5c studeren Top 3 hogescholen aan welke scholieren die al een keuze hebben gemaakt gaan Scholieren die al hebben gekozen voor een hogeschool of universiteit hebben dit vooral gedaan op basis van de indruk die zij hebben gekregen tijdens de open dag. Dit is weergegeven in onderstaand figuur. Figuur 2.5d Redenen om te kiezen voor een bepaalde hogeschool of universiteit Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 45 van 73

47 2.6 Keuze voor de plaats Buiten de keuze voor een studie en de instelling, kunnen scholieren hun keuze voor een onderwijsinstelling ook laten beïnvloeden door de plaats waar de studie gegeven wordt. In deze paragraaf bekijken we welke aspecten de keuze voor een plaats beïnvloeden. Scholieren kiezen vooral voor een plaats vanwege het studentenleven. Het aantal inwoners heeft voor slechts een enkeling een sterke invloed op deze keuze. Figuur 2.6a studenten Aspecten die keuze voor een plaats beïnvloeden voor alle toekomstige Ad, HBO en WO Vooral toekomstige WO studenten letten op het studentenleven en de aanwezigheid van betaalbare studentenkamers in de plaats waar zij gaan studeren. De mogelijkheid tot het vinden van een bijbaantje is voor toekomstige Ad-ers van groter belang. Ad 8 HBO WO Bachelor Het aantal inwoners van deze plaats Aanwezigheid betaalbare studentenkamers Het studentenleven in deze plaats Mogelijkheid tot het vinden van een bijbaantje Tabel 2.6a Rangorde aspecten die keuze voor een plaats beïnvloeden voor toekomstige Ad, HBO en WO studenten (zeer sterke invloed) Meest belangrijk=1. Minst belangrijk=4 8 Vanwege de te kleine aantallen zijn de resultaten van toekomstige Ad-ers indicatief Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 46 van 73

48 2.7 Werken of naar het buitenland Zoals we eerder zagen willen niet alle scholieren van het MBO, HAVO of VWO verder gaan studeren. In dit hoofdstuk bekijken we wat de redenen zijn van de scholieren om naar het buitenland te gaan of te gaan werken. Zo geeft 4% van alle scholieren aan naar het buitenland te willen gaan na het afronden van de huidige opleiding. We zien hierbij geen grote verschillen tussen jongens en meisjes en etniciteit. Figuur 2.7a Plannen van de scholieren na de huidige opleiding Vooral MBO-ers willen gaan werken. Het merendeel van de VWO scholieren is daarentegen van plan om verder te studeren. Figuur 2.7b Plannen van MBO-ers, havisten en VWO-ers na de huidige opleiding Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 47 van 73

49 De meeste jongeren gaan naar het buitenland om kennis te maken met andere culturen. Slechts 1 op de 10 scholieren wil weg uit Nederland om carrièrekansen te vergroten. Figuur 2.7c Redenen om naar het buitenland te gaan De belangrijkste reden om te gaan werken is voor de meeste scholieren om geld te verdienen. Figuur 2.7d Redenen om te gaan werken Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 48 van 73

50 3. Hoofdonderzoeksvraag Hoe oriënteren jongeren zich op hun studiekeuze en waarom kiezen zij voor een bepaalde opleiding of instelling? Door ruim vier vijfde van de jongeren worden voorlichtingsdagen of open dagen bezocht om zich te oriënteren op een vervolgopleiding in het Hoger Beroepsonderwijs of het Wetenschappelijk Onderwijs. Bijna twee derde van hen bezoekt de websites van hogescholen of universiteiten. Ook vormen vrienden voor meer dan de helft van de scholieren een belangrijke bron van oriëntatie. Iets meer dan de helft van de scholieren bezoekt de website 123studiekeuze.nl of gaat naar de decaan. Slechts een enkeling maakt gebruik van het vak loopbaanoriëntatie op school, de keuzegids Hoger Onderwijs of Elsevier Keuzegids. Scholieren kiezen vooral voor een bepaalde opleiding vanwege de inhoud van de studie en de aantrekkelijkheid van het toekomstig beroep. Ook vindt het merendeel van de scholieren het belangrijk dat zij met hun studie veel verschillende kanten op kunnen en een goede kans op een baan hebben. De hoeveelheid theorie, de moeilijkheidsgraad, de maatschappelijke relevantie en het salaris van het toekomstig beroep spelen slechts voor ruim een vijfde van de scholieren een belangrijke rol. Voor toekomstige HBO Bachelors is de praktijkgerichtheid van de studie belangrijker dan voor toekomstige WO-ers, die het belangrijker vinden dat de studie internationaal is georiënteerd. Voor toekomstige Ad-ers is de kans op een baan na de studie belangrijker dan voor toekomstige HBO-Bachelors of WO-ers. Daarnaast zien we dat de aspecten waar scholieren waarde aan hechten per sector kunnen verschillen: scholieren met interesse in een opleiding in de gezondheidszorg hechten bijvoorbeeld meer waarde aan de praktijkgerichtheid van de opleiding dan scholieren met interesse in een opleiding in de economische sector. Het merendeel van de scholieren kiest voor een bepaalde instelling vanwege de kwaliteit van het onderwijs en de indruk die zij hebben gekregen tijdens de open dag. Voor meer dan de helft van de scholieren is de goede naam van de school, de samenwerking met de praktijk, het voorlichtingsmateriaal en de reistijd (erg) belangrijk bij hun keuze voor een instelling. Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2010 Pagina 49 van 73

NSKO 2011 Nationaal Studiekeuze Onderzoek Markteffect B.V. September 2011

NSKO 2011 Nationaal Studiekeuze Onderzoek Markteffect B.V. September 2011 NSKO 2011 Nationaal Studiekeuze Onderzoek Markteffect B.V. September 2011 NSKO 2011 Nationaal Studiekeuze Onderzoek Markteffect B.V. September 2011 Contactgegevens Partners Uitgevoerd door Hobéon Groep

Nadere informatie

Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2009 Zicht op leerlingenstromen in 2009. Juni 2009

Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2009 Zicht op leerlingenstromen in 2009. Juni 2009 Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2009 Zicht op leerlingenstromen in 2009 Juni 2009 Nationaal Studiekeuze Onderzoek 2009 Zicht op leerlingenstromen in 2009 Juni 2009 Uitgevoerd door: Mede mogelijk gemaakt

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs

Feiten en cijfers. Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs Feiten en cijfers Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs 2010 1 Feiten en cijfers Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs 2010 Ten opzichte van 2009 is de instroom stabiel: -0,3 procent

Nadere informatie

Korte Rapportage Analyse NSKO: oriëntatie op de sector gezondheid Arts en Auto Juni 2012

Korte Rapportage Analyse NSKO: oriëntatie op de sector gezondheid Arts en Auto Juni 2012 Korte Rapportage Analyse NSKO: oriëntatie op de sector gezondheid Arts en Auto Juni 2012 1. Achtergrond NSKO algemeen Het nationaal studiekeuze onderzoek (NSKO) brengt in kaart hoe Nederlandse jongeren

Nadere informatie

Enquêteresultaten QSK & studiekeuzetevredenheid

Enquêteresultaten QSK & studiekeuzetevredenheid Enquêteresultaten QSK & studiekeuzetevredenheid www.qompas.nl Januari 2015 Enquêteresultaten QSK & studiekeuzetevredenheid 1 Oordeel studenten/scholieren over Qompas en tevredenheid met betrekking tot

Nadere informatie

Eindrapportage Studiekeuzeonderzoek vmbo ers MBO Raad April 2012

Eindrapportage Studiekeuzeonderzoek vmbo ers MBO Raad April 2012 Eindrapportage Studiekeuzeonderzoek vmbo ers MBO Raad April 2012 Eindrapportage Studiekeuzeonderzoek vmbo ers MBO Raad April 2012 Contactgegevens: Opdrachtgever Opdrachtnemer: MBO Raad Markteffect BV Houttuinlaan

Nadere informatie

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2013: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juni 2014

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2013: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juni 2014 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2013: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo juni 2014 Honderden Feiten en cijfers 2 Inleiding In deze factsheet staan de arbeidsmarktresultaten van hbo-afgestudeerden

Nadere informatie

Factsheet. Instroom hbo toegenomen, lichte groei aantal inschrijvingen en aantal gediplomeerden neemt gestaag toe.

Factsheet. Instroom hbo toegenomen, lichte groei aantal inschrijvingen en aantal gediplomeerden neemt gestaag toe. 30 januari 2017 Feiten & Cijfers Instroom hbo toegenomen, lichte groei aantal inschrijvingen en aantal gediplomeerden neemt gestaag toe. Het aantal beginnende studenten in het hbo is in 2016-17 gegroeid

Nadere informatie

céáíéå=éå=åáàñéêë= HBO-Monitor 2012: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo juni 2013

céáíéå=éå=åáàñéêë= HBO-Monitor 2012: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo juni 2013 céáíéå=éå=åáàñéêë= HBO-Monitor 2012: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo juni 2013 céáíéå=éå=åáàñéêë 2 Inleiding In deze factsheet staan de arbeidsmarktresultaten van hbo-afgestudeerden

Nadere informatie

Rapportage Enquête StudieKeuze 2015

Rapportage Enquête StudieKeuze 2015 Rapportage Enquête StudieKeuze 2015 www.qompas.nl Februari 2016 Surrounded by Talent Inleiding In deze rapportage laten we de resultaten zien van een enquête onder eerstejaars studenten welke met de Qompas

Nadere informatie

Aantal ingeschreven studenten per universiteit naar onderwijstaal, studiejaar

Aantal ingeschreven studenten per universiteit naar onderwijstaal, studiejaar Aantal per universiteit naar onderwijstaal, studiejaar 2015-2016 Bron: VSNU 1. Per instelling bachelor, studiejaar 2015-2016 +ENG Erasmus Universiteit Rotterdam 27,27% 3658 54,55% 7184 18,18% 3184 14026

Nadere informatie

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2011: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juli 2012

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2011: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juli 2012 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2011: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo juli 2012 Feiten en cijfers 2 HBO-Monitor 2011: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo Ondanks de

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs. februari 2010

Feiten en cijfers. Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs. februari 2010 Feiten en cijfers Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs februari 2010 1 Feiten en cijfers Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs Inleiding Deze factsheet geeft informatie over het

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs. februari 2009

Feiten en cijfers. Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs. februari 2009 Feiten en cijfers Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs februari 2009 1 Feiten en cijfers Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs Inleiding Deze factsheet geeft informatie over het

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. juni 2011

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. juni 2011 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs juni 2011 2 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs Meer dan zeven op de tien studenten

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. mei 2010

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. mei 2010 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs mei 2010 1 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs Inleiding Deze factsheet geeft informatie

Nadere informatie

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2014: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. April 2015

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2014: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. April 2015 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2014: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo April 2015 Feiten en cijfers 2 Inleiding In deze factsheet staan de arbeidsmarktresultaten van hbo-afgestudeerden

Nadere informatie

Factsheet. HBO-Monitor De arbeidsmarktpositie van hbo-afgestudeerden

Factsheet. HBO-Monitor De arbeidsmarktpositie van hbo-afgestudeerden HBO-Monitor 2016 De arbeidsmarktpositie van hbo-afgestudeerden Managementsamenvatting In deze factsheet staat de arbeidsmarktpositie van de hbo-afgestudeerden uit studiejaar 2014/2015 centraal. Eind 2016,

Nadere informatie

Nieuws uit t decanaat 6 oktober 2017

Nieuws uit t decanaat 6 oktober 2017 Nieuws uit t decanaat 6 oktober 2017 havo/vwo bestemd voor havo/vwo bovenbouw Nieuws uit t decanaat is het mededelingenblad vanuit het decanaat havo/vwo van het Vechtdal College in Hardenberg. Het verschijnt

Nadere informatie

Zoek het uit! Studiekeuze123

Zoek het uit! Studiekeuze123 Zoek het uit! Opdrachten Studiekeuze123 Naam: Klas: Wat denk je zelf? Het maken van een studiekeuze is belangrijk, maar kan best lastig zijn. Er zijn ruim 1.700 bacheloropleidingen waaruit je kunt kiezen

Nadere informatie

Studiekeuze van Amsterdamse VWO-leerlingen

Studiekeuze van Amsterdamse VWO-leerlingen Studiekeuze van Amsterdamse VWO-leerlingen Foto: FNWI (Interieur), fotograaf Harry van Veenendaal (2012) Projectnummer: 13156 Lotje Cohen MSc Merel van der Wouden MSc drs. Carine van Oosteren drs. Jeroen

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. juni 2008

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. juni 2008 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs juni 2008 Meer gedetailleerde informatie kunt u vinden op de website www.hbo-raad.nl, via Feiten en Cijfers. Deze webpagina

Nadere informatie

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2015: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. Juni 2016

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2015: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. Juni 2016 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2015: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo Juni 2016 Feiten en cijfers 2 Inleiding In deze factsheet staan de arbeidsmarktresultaten van hbo-afgestudeerden

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. juni 2008

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. juni 2008 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs juni 2008 1 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs Inleiding Deze factsheet geeft informatie

Nadere informatie

Van mbo en havo naar hbo

Van mbo en havo naar hbo Van mbo en havo naar hbo Dick Takkenberg en Rob Kapel Studenten die naar het hbo gaan, komen vooral van het mbo en de havo. In het algemeen blijven mbo ers die een opleiding in een bepaald vak- of studiegebied

Nadere informatie

5. Onderwijs en schoolkleur

5. Onderwijs en schoolkleur 5. Onderwijs en schoolkleur Niet-westerse allochtonen verlaten het Nederlandse onderwijssysteem gemiddeld met een lager onderwijsniveau dan autochtone leerlingen. Al in het basisonderwijs lopen allochtone

Nadere informatie

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2008: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. november 2009

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2008: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. november 2009 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2008: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo november 2009 1 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2008: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo Inleiding

Nadere informatie

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2010: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juli 2011

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2010: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juli 2011 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2010: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo juli 2011 2 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2010: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo Afgestudeerden

Nadere informatie

Management summary Flitspeiling: vervroegde aanmelddatum, studiekeuzecheck en doorstroming.

Management summary Flitspeiling: vervroegde aanmelddatum, studiekeuzecheck en doorstroming. Management summary Flitspeiling: vervroegde aanmelddatum, studiekeuzecheck en doorstroming. Tussen 16 december 2013 en 1 januari 2014 heeft GfK voor het ministerie van OCW een flitspeiling uitgevoerd gericht

Nadere informatie

Subsector geografie. Sectorbeeld Gedrag & Maatschappij, Inspectie van het Onderwijs,

Subsector geografie. Sectorbeeld Gedrag & Maatschappij, Inspectie van het Onderwijs, Samenvatting... 2 Minst aantal opleidingen... 2 Minst aantal studenten... 3 Instroom neemt af... 3 Laagste uitval... 3 Lager diplomarendement... 3 Daling in switch... 3 Twee nieuwe opleidingen... 4 Weinig

Nadere informatie

VOORBEREIDING OP HET HOGER ONDERWIJS

VOORBEREIDING OP HET HOGER ONDERWIJS VOORBEREIDING OP HET HOGER ONDERWIJS WELKE MOGELIJKHEDEN HEB IK? 10-9-2015 COLLEGE DEN HULSTER 2 WELKE MOGELIJKHEDEN 1 HBO (73%) MBO (5%) VWO (5%) VAVO (10%) JE KEUZE UITSTELLEN (5%) EEN BAAN ZOEKEN (2%)

Nadere informatie

STUDIE-EN BEROEPSKEUZE 5 (T)VWO 2014 24-3-2014 COLLEGE DEN HULSTER 1

STUDIE-EN BEROEPSKEUZE 5 (T)VWO 2014 24-3-2014 COLLEGE DEN HULSTER 1 STUDIE-EN BEROEPSKEUZE 5 (T)VWO 2014 24-3-2014 COLLEGE DEN HULSTER 1 DOEL VAN DEZE LESSEN VEEL LEERLINGEN KIEZEN TE LAAT GEVOLGEN: IN MAART/ APRIL VAN HET EXAMENJAAR NOG OPEN DAGEN/MEELOOPDAGEN BEZOEKEN

Nadere informatie

Veranderen van opleiding

Veranderen van opleiding Totale switch na stijging weer op 20 procent... 3 Switchers pabo oorzaak stijging in 2012 en 2013... 4 Meer switch van mbo ers in sector Onderwijs in 2013... 5 Bij tweedegraads lerarenopleidingen meer

Nadere informatie

Het hbo ontcijferd 2005

Het hbo ontcijferd 2005 Het hbo ontcijferd 2005 HET HBO ONTCIJFERD 2005 april 2005 Colofon Titel: Het hbo ontcijferd 2005 Het hbo ontcijferd is een terugkerende publicatie van de HBO-raad en is gericht op de ontwikkelingen van

Nadere informatie

Het grootste onderzoek over studiekeuze in Nederland onder scholieren van het Havo, Vwo, Vmbo en Mbo.

Het grootste onderzoek over studiekeuze in Nederland onder scholieren van het Havo, Vwo, Vmbo en Mbo. Het grootste onderzoek over studiekeuze in Nederland onder scholieren van het Havo, Vwo, Vmbo en Mbo. Preview landelijke resultaten 2005 INHOUD Inleiding...3 1 Achtergrondkenmerken...4 1.1 Ontwikkeling

Nadere informatie

Benchmark Hogescholen In opdracht van Platform Bètatechniek Ten behoeve van bestuurlijk overleg met hogescholen

Benchmark Hogescholen In opdracht van Platform Bètatechniek Ten behoeve van bestuurlijk overleg met hogescholen Benchmark Hogescholen In opdracht van Platform Bètatechniek Ten behoeve van bestuurlijk overleg met hogescholen Auteur: ir.ing. R.M.F. Brennenraedts Datum: mei 2007 Projectnummer: 2007.039 Achtergrond

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. mei 2009

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. mei 2009 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs mei 2009 1 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs Inleiding Deze factsheet geeft informatie

Nadere informatie

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2009: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juli 2010

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2009: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juli 2010 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2009: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo juli 2010 1 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2009: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo Inleiding

Nadere informatie

De kracht van profilering NATIONAAL STUDIEKEUZE ONDERZOEK 2012. De kracht van kennis. Keuzes binnen kaders

De kracht van profilering NATIONAAL STUDIEKEUZE ONDERZOEK 2012. De kracht van kennis. Keuzes binnen kaders NATIONAAL STUDIEKEUZE ONDERZOEK 2012 De kracht van kennis. Oktober 2012 Hobéon is de strategische dienstverlener voor kennisintensieve organisaties. Keuzes binnen kaders De kracht van profilering In het

Nadere informatie

Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter?

Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter? Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter? Onderzoek naar het Twittergebruik door -, - en -instellingen Gemeten door Coosto over het studiejaar 2014/2015 Daphne Nonahal 1. Een stand van zaken In dit

Nadere informatie

arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo werkenbijhogescholen.nl vernieuwd & geoptimaliseerd

arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo werkenbijhogescholen.nl vernieuwd & geoptimaliseerd arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo werkenbijhogescholen.nl vernieuwd & geoptimaliseerd Managementrapportage 215 Vorig jaar stond Werkenbijhogescholen.nl in het teken van vernieuwing en optimalisatie.

Nadere informatie

Instroom hbo afgenomen maar forse groei aantal gediplomeerden

Instroom hbo afgenomen maar forse groei aantal gediplomeerden Instroom hbo afgenomen maar forse groei aantal gediplomeerden Groei bij gezondheidszorg, aantal studenten in het hbo stabiliseert, aandeel allochtonen blijft groeien, 5% groei in diploma s, aantal Ad-studenten

Nadere informatie

WERKENBIJHOGESCHOLEN.NL

WERKENBIJHOGESCHOLEN.NL arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo WEBSITE STATISTIEKEN 216 WERKENBIJHOGESCHOLEN.NL VINDBAAR, INGEBED EN GROEIEND Zestor is opgericht door sociale partners in het hbo: Het is toegestaan om (delen van)

Nadere informatie

Benchmark Axisopleidingen

Benchmark Axisopleidingen Benchmark Axisopleidingen In opdracht van: Platform Bèta Techniek In samenwerking met Ministerie van OCW HBO-raad Project: 2008.104 Datum: Utrecht, 22 december 2008 Auteurs: Guido Ongena, MSc. drs. Rob

Nadere informatie

Aandeel meisjes in de bètatechniek VMBO

Aandeel meisjes in de bètatechniek VMBO Vrouwen in de bètatechniek Traditioneel kiezen veel meer mannen dan vrouwen voor een bètatechnische opleiding. Toch lijkt hier de afgelopen jaren langzaam verandering in te komen. Deze factsheet geeft

Nadere informatie

Afgestudeerden en uitvallers in Avans en het hoger beroepsonderwijs

Afgestudeerden en uitvallers in Avans en het hoger beroepsonderwijs Leer- en Innovatiecentrum Breda, 's-hertogenbosch, Tilburg NOTITIE ons kenmerk IR24052017 contactpersoon Daniël Rijckborst telefoon 0610359505 onderwerp Factsheet Vereniging Hogescholen e-mail d.rijckborst@avans.nl

Nadere informatie

Subsector pedagogische opleidingen

Subsector pedagogische opleidingen Samenvatting... 2 Gemiddeld in aantal en inschrijvingen... 2 Meeste instroom in hbo-... 3 Weinig uitval... 3 Relatief minder switchers... 3 Hoog rendement in hbo-bachelor en wo-master... 3 Accreditatie-uitkomsten:

Nadere informatie

Het hbo ontcijferd 2006

Het hbo ontcijferd 2006 Het hbo ontcijferd 2006 HET HBO ONTCIJFERD 2006 maart 2006 Colofon Titel: Het hbo ontcijferd 2006 Het hbo ontcijferd is een terugkerende publicatie van de HBO-raad en is gericht op de ontwikkelingen van

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers April 2017 Inhoud 1 Het algemene beeld 2 2 Start van de studie: uitvallers 4 3 Start van de studie: wisselaars 5 4 Afsluiting van de studie: studiesucces

Nadere informatie

Subsector sociale wetenschappen

Subsector sociale wetenschappen Samenvatting... 2 Weinig opleidingen... 2 Kleinste aantal instromende studenten... 3 Uitval lager... 3 Veel switch... 3 Diplomarendement beter dan sector, slechter dan totaal ho... 3 Accreditaties met

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. April 2016

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. April 2016 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs April 2016 Feiten en cijfers 2 Het algemene beeld Start van de studie uitval en wisselaars Tal van inspanningen bij hogescholen

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. Mei 2015

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. Mei 2015 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs Mei 2015 Feiten en cijfers 2 Inleiding Op 19 mei 2015 hebben de hogescholen hun strategische agenda #hbo2025: wendbaar & weerbaar1

Nadere informatie

Steeds meer niet-westerse allochtonen in het voltijd hoger onderwijs

Steeds meer niet-westerse allochtonen in het voltijd hoger onderwijs Steeds meer niet-westerse allochtonen in het voltijd hoger onderwijs Esther van Kralingen Tussen studiejaar 1995/ 96 en 21/ 2 is het aandeel van de niet-westerse allochtonen dat in het hoger onderwijs

Nadere informatie

StudentenBureau Stagemonitor

StudentenBureau Stagemonitor StudentenBureau Stagemonitor Rapportage Mei 2011 1 SAMENVATTING... 3 ERVARINGEN... 3 INLEIDING... 4 ONDERZOEKSMETHODE... 5 RESPONDENTEN... 5 PROCEDURE... 5 METING... 5 DEEL I ANALYSE... 6 1. STAGE EN ZOEKGEDRAG...

Nadere informatie

STUDIEPERSPECTIEF? Kies slim! Onderzoek naar de wijze waarop jongeren in het voortgezet onderwijs een vervolgopleiding kiezen.

STUDIEPERSPECTIEF? Kies slim! Onderzoek naar de wijze waarop jongeren in het voortgezet onderwijs een vervolgopleiding kiezen. STUDIEPERSPECTIEF? Kies slim! Onderzoek naar de wijze waarop jongeren in het voortgezet onderwijs een vervolgopleiding kiezen. Created by: Powered by: Samenvatting De jeugdwerkloosheid is hoog, jongeren

Nadere informatie

Factsheet persbericht

Factsheet persbericht Factsheet persbericht Nut vakbonden onbekend bij jongeren 30 november 2011 Inleiding Van oktober 2011 tot november 2011 hield Zoekbijbaan.nl het Nationale Bijbanen Onderzoek. Aan het onderzoek deden 2464

Nadere informatie

7. Deelname en slagen in het hoger onderwijs

7. Deelname en slagen in het hoger onderwijs 7. Deelname en slagen in het hoger onderwijs Vergeleken met autochtonen is de participatie in het hoger onderwijs van niet-westerse allochtonen ruim twee keer zo laag. Tussen studiejaar 1995/ 96 en 21/

Nadere informatie

Uitval studenten. Sectorbeeld Onderwijs, Inspectie van het Onderwijs,

Uitval studenten. Sectorbeeld Onderwijs, Inspectie van het Onderwijs, Studenten sector Onderwijs vallen vaker uit... 2 Veel uitval bij 2 e graads hbo... 3 Meer uitval van pabo studenten met mbo-achtergrond... 5 Steeds meer mannen vallen uit bij pabo... 7 Studenten met niet-westerse

Nadere informatie

FACTSHEET. Instroom en succes in de opleiding tot leerkracht. Platform Beleidsinformatie Mei 2013

FACTSHEET. Instroom en succes in de opleiding tot leerkracht. Platform Beleidsinformatie Mei 2013 FACTSHEET Instroom en succes in de opleiding tot leerkracht Platform Beleidsinformatie Mei 2013 Samenstelling: Pauline Thoolen (OCW/Kennis) Rozemarijn Missler (OCW/Kennis) Erik Fleur (DUO/IP) Arrian Rutten

Nadere informatie

Samenvatting belangrijkste resultaten

Samenvatting belangrijkste resultaten Samenvatting belangrijkste resultaten Managementsamenvatting (1/4) Inleiding Jaarlijks doen circa 150.000 aspirant-studenten eindexamen (havo, vwo, mbo 4) en begint een substantieel deel hiervan in september

Nadere informatie

Hoe scoren onderwijsinstellingen op social? Onderzoek naar het gebruik van Twitter onder MBO-, HBO- en WO-instellingen.

Hoe scoren onderwijsinstellingen op social? Onderzoek naar het gebruik van Twitter onder MBO-, HBO- en WO-instellingen. Hoe scoren onderwijsinstellingen op social? Onderzoek naar het gebruik van Twitter onder -, - en -instellingen. Over Coosto Coosto levert oplossingen voor social media monitoring en webcare. Je krijgt

Nadere informatie

Aantrekkelijkheid van het leraarschap Rapportage

Aantrekkelijkheid van het leraarschap Rapportage Aantrekkelijkheid van het leraarschap Rapportage ResearchNed Nijmegen Sil Vrielink 26 september 2007 2007 ResearchNed Nijmegen. Alle rechten voorbehouden. Het is geoorloofd gegevens uit dit rapport te

Nadere informatie

Bijlage. Behoeftepeilingen Haven- en Transportdagen Maasbracht en Nijmegen

Bijlage. Behoeftepeilingen Haven- en Transportdagen Maasbracht en Nijmegen Bijlage Behoeftepeilingen Haven- en Transportdagen Maasbracht en Nijmegen Behorend bij het rapport VMBO-opleiding Rijn- en binnenvaart in Nijmegen ; Onderzoek naar de behoefte aan een VMBO-opleiding Rijn-

Nadere informatie

Studeer met een plan (R32) Eindrapportage effectonderzoek Studeer met een plan (R32)

Studeer met een plan (R32) Eindrapportage effectonderzoek Studeer met een plan (R32) Eindrapportage effectonderzoek 2016 Managementsamenvatting (1/5) Inleiding Achtergronden Jaarlijks beginnen in september ongeveer 150.000 studenten aan een opleiding in het hoger onderwijs. In de maanden

Nadere informatie

Studeer met een plan. Rapportage kennispeiling. Studeer met een plan. Ten behoeve van het ministerie van OCW TNS

Studeer met een plan. Rapportage kennispeiling. Studeer met een plan. Ten behoeve van het ministerie van OCW TNS Rapportage kennispeiling Contents 1 Inleiding 3 2 Management summary 5 3 Achtergrondinformatie doelgroepen 7 4 Inhoudelijke voorbereidingen 11 5 Financiële voorbereidingen 15 6 Bijlagen 20 2 1 Inleiding

Nadere informatie

Instroom en inschrijvingen

Instroom en inschrijvingen Instroom en inschrijvingen Minder studenten beginnen aan opleidingen in de sector Onderwijs... 2 Instroom pabo keldert in 2015 maar herstelt zich deels in 2016... 3 Minder mbo ers naar sector Onderwijs...

Nadere informatie

Subsector overig. Subsector overig

Subsector overig. Subsector overig Subsector overig Samenvatting... Grote subsector... 2 Veel switchende studenten... 3 Hoge uitval onder mbo ers... 4 Hoog wo-diplomarendement... 4 Minste studenten van hbo naar wo... 4 8 accreditaties na

Nadere informatie

Subsector politicologie en bestuurskundige opleidingen

Subsector politicologie en bestuurskundige opleidingen Subsector politicologie en bestuurskundige Samenvatting... 2 Weinig deeltijd... 2 Wo-instroom... 3 Weinig uitval iets toegenomen... 3 Veel switch... 3 Vier in herstel... 3 Veel studenten raden opleiding

Nadere informatie

Tweede studies Doorrekening maximering instellingscollegegelden

Tweede studies Doorrekening maximering instellingscollegegelden Tweede studies Doorrekening maximering instellingscollegegelden Onderzoek in opdracht van het Ministerie van OCW Bas Kurver Danny Brukx Anja van den Broek ResearchNed maart 2017 2017 ResearchNed Nijmegen

Nadere informatie

Zoek het uit! Opdrachten. Studiekeuze123.nl

Zoek het uit! Opdrachten. Studiekeuze123.nl Zoek het uit! Opdrachten Studiekeuze123.nl Wat denk je zelf? Het maken van een studiekeuze is niet gemakkelijk. Er zijn zoveel mogelijkheden, maar welke studie past goed bij jou? Misschien weet je al jaren

Nadere informatie

Revisie Keuzegids Universiteiten 2015

Revisie Keuzegids Universiteiten 2015 Revisie Keuzegids Universiteiten 2015 Voor u ligt een nieuwe analyse Keuzegids 2015 d.d. 5-11-2014. Deze vernieuwde analyse is tot stand gekomen wegens een grote rectificatie op de Keuzegids 2015 d.d.

Nadere informatie

Het imago van ict. Onderzoek naar keuzemotieven van scholieren. HBO-I Stichting

Het imago van ict. Onderzoek naar keuzemotieven van scholieren. HBO-I Stichting Het imago van ict Onderzoek naar keuzemotieven van scholieren HBO-I Stichting Een initiatief van de VHTO, Landelijk expertisebureau meisjes/vrouwen en bèta/techniek Het project wordt uitgevoerd in het

Nadere informatie

socio-demografie 2.597.232 jongeren geslacht leeftijd woonplaats 4 grote steden en per provincie afkomst opleiding religie

socio-demografie 2.597.232 jongeren geslacht leeftijd woonplaats 4 grote steden en per provincie afkomst opleiding religie FACTSHEET: socio-demografie Hoeveel jongeren zijn er eigenlijk in Nederland? Wonen er meer jongeren in Limburg of in Zeeland? Wat zijn de cijfers rondom geslacht, afkomst, opleidingsniveau en religie?

Nadere informatie

Samenvatting onderzoeksresultaten. gedragsmeting onder Nederlandse studenten Februari 2011

Samenvatting onderzoeksresultaten. gedragsmeting onder Nederlandse studenten Februari 2011 Samenvatting onderzoeksresultaten gedragsmeting onder Nederlandse studenten Februari 2011 Samenvatting onderzoeksresultaten gedragsmeting onder Nederlandse studenten Februari 2011 Contactgegevens: Opdrachtgever:

Nadere informatie

Inleiding. De belangrijkste conclusies uit de BijBanen Monitor september 2007 zijn:

Inleiding. De belangrijkste conclusies uit de BijBanen Monitor september 2007 zijn: Inleiding De bijbanenmarkt is volop in ontwikkeling. De economie trekt aan en de schreeuw om jong talent wordt groter. De bijbaantjes liggen voor het oprapen en de jongeren hebben ruimschoots de keuze.

Nadere informatie

Belangstelling van vwo ers voor een bacheloropleiding Nanobiologie

Belangstelling van vwo ers voor een bacheloropleiding Nanobiologie Belangstelling van vwo ers voor een bacheloropleiding Nanobiologie Rita Kennis Frank Peters Nijmegen, mei 2011 Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt 2011 Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt,

Nadere informatie

Subsector psychologie

Subsector psychologie Samenvatting... 2 Gemiddeld qua aantallen opleidingen... 2 Groot aantal studenten... 3 Grotendeels wo-subsector... 3 Weinig mbo-instroom in hbo-bachelor... 3 Weinig uitval... 3 Minste switch... 3 Diplomarendement

Nadere informatie

T O E K O M S T V A K 5 VWO

T O E K O M S T V A K 5 VWO T O E K O M S T V A K 5 VWO In het jaarprogramma voor de vijfde klas kom je een geheel nieuw vak tegen. Dit vak noem je het toekomstvak. Het woord zegt het al: je gaat je bezighouden met je toekomst. Veel

Nadere informatie

Gebruik en invloed Studie in Cijfers Eindrapportage op basis van Startmonitor t/m

Gebruik en invloed Studie in Cijfers Eindrapportage op basis van Startmonitor t/m Gebruik en invloed Studie in Cijfers Eindrapportage op basis van Startmonitor 2013-2014 t/m 2015-2016 Onderzoek in opdracht van Ministerie van OCW Jules Warps ResearchNed februari 2017 2017 ResearchNed

Nadere informatie

Bindend Studieadvies. Rapportage kwantitatieve resultaten

Bindend Studieadvies. Rapportage kwantitatieve resultaten Bindend Studieadvies Rapportage kwantitatieve resultaten Onderzoek in opdracht van de Inspectie van het Onderwijs An van den Broek Hanneke Ribberink Froukje WartenberghCras Margrietha t Hart ResearchNed

Nadere informatie

Onderzoek Alumni Bètatechniek

Onderzoek Alumni Bètatechniek Onderzoek Alumni Bètatechniek 0 meting - Achtergrond Eén van de knelpunten op de Nederlandse arbeidsmarkt is een tekort aan technisch geschoolden. De Twentse situatie is hierin niet afwijkend. In de analyse

Nadere informatie

Factsheet persbericht. Vooral studentes somber over kansen arbeidsmarkt

Factsheet persbericht. Vooral studentes somber over kansen arbeidsmarkt Factsheet persbericht Vooral studentes somber over kansen arbeidsmarkt Inleiding Van augustus 2009 tot en met september 2009 hield Zoekbijbaan.nl het Nationale Bijbanen Onderzoek. Aan het onderzoek deden

Nadere informatie

Annelies Hak decaan HAVO

Annelies Hak decaan HAVO Voorlichting HAVO klas 5 schooljaar 2017-2018 Annelies Hak decaan HAVO hak@hetlyceumvos.nl Studie is geen last minute vakantie Wat kan ik na de HAVO doen? Studeren HBO, MBO Werken Uitstel van studie

Nadere informatie

Annelies Hak decaan HAVO

Annelies Hak decaan HAVO Voorlichting HAVO klas 5 schooljaar 2015-2016 Annelies Hak decaan HAVO hak@hetlyceumvos.nl Studie is geen last minute vakantie Wat kan ik na de HAVO doen? Studeren HBO, MBO Werken Uitstel van studie eventueel

Nadere informatie

Aanbod van opleidingen

Aanbod van opleidingen Onderwijs de grootste sector... 2 Minder tweedegraads- en universitaire lerarenopleidingen... 4 Ruim 900 opleidingsvarianten... 5 Nieuwe opleidingsvarianten in sector Onderwijs... 7 Ontwikkelingen in voltijd-

Nadere informatie

Voorlopige opgave lotingstudies HBO Studiejaar 2015-2016

Voorlopige opgave lotingstudies HBO Studiejaar 2015-2016 Accountancy Hogeschool Utrecht 120 voltijd Accountancy Hogeschool van Amsterdam 150 voltijd 100 2x 16 maart 2015 Ad Eventmanager Hogeschool Utrecht 130 voltijd 100 3x 15 maart 2015 Ad Operationeel Sportmanagement

Nadere informatie

Subsector maatschappelijke hulp en dienstverlening

Subsector maatschappelijke hulp en dienstverlening Subsector maatschappelijke hulp en dienstverlening Samenvatting... Grootste subsector... Gemiddeld meer studenten per opleiding... 3 Weinig instroom in relatief veel deeltijdopleidingen... 3 Mbo-instroom

Nadere informatie

AANTAL AANMELDINGEN BACHELOR STUDIEJAAR: 2014 VOLGNUMMER: 22 WEEK: 10

AANTAL AANMELDINGEN BACHELOR STUDIEJAAR: 2014 VOLGNUMMER: 22 WEEK: 10 AANTAL AANMELDINGEN BACHELOR Sector (gewogen) Opleiding Opl.vorm ECONOMIE 50645 - B Bedrijfskunde Voltijd 163-109 - - - - 81 85 - - - 50950 - B Economie en Bedrijfseconomie Voltijd 428-153 341-351 - 41

Nadere informatie

Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt

Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 1999- ROA Colofon Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA). Niets uit deze uitgave mag op enige manier worden verveelvoudigd zonder voorafgaande

Nadere informatie

Rapportage Concurrerende Studies

Rapportage Concurrerende Studies Rapportage Concurrerende Studies www.qompas.nl 2012-2013 Surrounded by Talent Inleiding Wat zijn de tien meest bekeken studies van havisten/ vwo ers die naar de studie Tandheelkunde hebben gekeken? Met

Nadere informatie

Instroom hbo afgenomen maar forse groei aantal gediplomeerden

Instroom hbo afgenomen maar forse groei aantal gediplomeerden Instroom hbo afgenomen maar forse groei aantal gediplomeerden Groei bij gezondheidszorg, aantal studenten in het hbo stabiliseert, aandeel allochtonen blijft groeien, 5% groei in diploma s, aantal Ad-studenten

Nadere informatie

OPEN DAGEN HBO 2011. Naam school Datum Info/evt. aanmelden. 18.00-21.00 uur. 18.00-21.00 uur. Woensdag 15 juni. Dinsdag 14 juni: 14.

OPEN DAGEN HBO 2011. Naam school Datum Info/evt. aanmelden. 18.00-21.00 uur. 18.00-21.00 uur. Woensdag 15 juni. Dinsdag 14 juni: 14. NIEUWSBRIEF LOB-BUREAU HAVO 30 mei 2010 OPEN DAGEN HBO 2011 Naam school Datum Info/evt. aanmelden AVANS Breda 18.00-21.00 uur www.avans.nl www.avansopen.nl AVANS Den Bosch 18.00-21.00 uur www.avansopen.nl

Nadere informatie

AANTAL AANMELDINGEN BACHELOR STUDIEJAAR: 2014 VOLGNUMMER: 23 WEEK: 11

AANTAL AANMELDINGEN BACHELOR STUDIEJAAR: 2014 VOLGNUMMER: 23 WEEK: 11 AANTAL AANMELDINGEN BACHELOR Sector (gewogen) Opleiding Opl.vorm ECONOMIE 50645 - B Bedrijfskunde Voltijd 182-121 - - - - 91 93 - - - 50950 - B Economie en Bedrijfseconomie Voltijd 459-170 357-384 - 47

Nadere informatie

Factsheet persbericht

Factsheet persbericht Factsheet persbericht Studenten: meer werken noodzaak door hogere studiekosten 13 januari 2011 Inleiding Van november 2010 tot begin januari 2011 hield Zoekbijbaan.nl het Nationale Bijbanen Onderzoek.

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 39147 10 november 2015 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 2 november 2015, nr. 825853,

Nadere informatie

Overzicht fixusopleidingen met selectie. Hogescholen. d.d. 17 november Opleidingscode Studiejaar Opleidingsomschrijving Instelling

Overzicht fixusopleidingen met selectie. Hogescholen. d.d. 17 november Opleidingscode Studiejaar Opleidingsomschrijving Instelling Overzicht fixusopleidingen met selectie Hogescholen Studiejaar Opleidingsomschrijving Instelling Opleidingsvorm Capaciteit 30016 2017 B Advanced Business Creation Avans Hogeschool voltijd 160 3 34397 2017

Nadere informatie

Waarom ga je dat doen volgend jaar?

Waarom ga je dat doen volgend jaar? Waarom ga je dat doen volgend jaar? Susanne de Haar, Marlien Douma, Jan-Willem Kalhorn, Michiel Tolboom, Lotte Bonsel Begeleider: Marja ter Wal Inleiding Aan het einde van de middelbare school komt voor

Nadere informatie

FNV Vakantiewerk onderzoek 2013

FNV Vakantiewerk onderzoek 2013 FNV Vakantiewerk onderzoek 2013 Datum: 31 Mei 2013 Opdrachtgever: FNV Jong Onderzoeksbureau: YoungVotes TM (DVJ Insights) Contactpersoon FNV Jong: Esther de Jong, Kim Cornelissen Contactpersoon YoungVotes:

Nadere informatie

Ouder(s)/verzorger(s) van leerlingen uit havo-3 en vwo-3. Goirle, 26 mei 2016. Uw kenmerk : : LOB-HV-1516-363/DIN/PUF/spe

Ouder(s)/verzorger(s) van leerlingen uit havo-3 en vwo-3. Goirle, 26 mei 2016. Uw kenmerk : : LOB-HV-1516-363/DIN/PUF/spe Ouder(s)/verzorger(s) van leerlingen uit havo-3 en vwo-3 Goirle, 26 mei 2016 Uw kenmerk : Ons kenmerk Onderwerp : LOB-HV-1516-363/DIN/PUF/spe : studievoorlichtingsavond 2 juni2016 Geachte heer/mevrouw,

Nadere informatie