Eindassessment. DAG 4 / DAV 4 / VO 2 Studiejaar

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Eindassessment. DAG 4 / DAV 4 / VO 2 Studiejaar"

Transcriptie

1 INSTITUUT THEO THIJSSEN Eindassessment DAG 4 / DAV 4 / VO 2 Studiejaar Osiriscodes: DAG ITT-UTRECHT DAG ITT-AMERSFOORT DAV ITT-UTRECHT VO ITT-UTRECHT OTR4- AFS03-14 OTR4- AFS03-14 OTR4- AFS03-14 OTC-B-VOAFS

2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave Inleiding Verantwoording Doel Dublin-descriptoren: HBO-niveau Stage Afstudeerstage: twee fasen Voorwaarden om kunnen te starten met de afstudeerfase van je stage Stage: focus op startbekwaamheid Het eindassessment Inleiding Ingangseis eindassessment Opbouw Beoordeling door twee assessoren Portfolio Inleiding Reflectie op eigen professionele ontwikkeling en professioneel werkconcept Bewijzen op startbekwaam niveau Video-opname met onderbouwing Voorwaardelijke documenten Presentatie Criteriumgericht interview Hoe word je beoordeeld? Organisatie, tijdpad en betrokkenen Bijlagen Bijlage 1: Statusformulier assessmentportfolio Startbekwaam ITT Bijlage 2: Beoordelingsformulier Eindassessment Instituut Theo Thijssen 2015/ Bijlage 3: Beoordelingskader (rubric) eindassessment Bijlage 4: Kerntaken en bekwaamheidsniveaus Bijlage 5: Toelichting op startbekwame bewijzen Bijlage 6: Feedbackformulier startbekwaam bewijs Bijlage 7: Feedbackformulier bewijs Wetenschap en Technologie Bijlage 8: Authenticiteitsverklaring Bijlage 9: Inleverformat (sjabloon)

3 1. Inleiding De toetsing van het laatste semester van de opleiding Leerkracht Basisonderwijs aan de HU Pabo te Utrecht en Amersfoort omvat 30 EC, onderverdeeld in drie componenten: 1. Planning en verantwoording afstudeerstage 5 EC 2. Praktijkonderzoek 10 EC 3. Eindassessment 15 EC Deze handleiding betreft het laatste onderdeel: het Eindassessment. In deze handleiding lees je wat dit onderdeel inhoudt, wie er bij betrokken zijn en hoe je dit onderdeel afrondt. Het beoordelingsformulier van dit onderdeel is als bijlage 2 opgenomen. explicitering van de beoordelingscriteria (rubric). 2. Verantwoording 2.1 Doel Het doel van het eindassessment is om na te gaan of je de vijf kerntaken zoals deze zijn verwoord in het opleidingsprofiel van ITT uitvoert op startbekwaam niveau én of jij je ontwikkeling en handelen in de praktijk kunt verantwoorden aan de hand van je professioneel werkconcept. 2.2 Dublin-descriptoren: HBO-niveau Met het eindassessment wordt getoetst of je op HBO-niveau functioneert. Het HBO-niveau is vertaald in de Dublin-descriptoren (DD)*, die op Europees niveau zijn vastgelegd. Voor deze onderwijseenheid gaat het om de volgende Dublin-descriptoren: De student: - reflecteert op de eigen professionele ontwikkeling (DD leervaardigheden) - formuleert een eigen onderwijsvisie en professioneel werkconcept (DD toepassen kennis en inzicht, communicatie en leervaardigheden) - functioneert op startbekwaam niveau in de praktijk (DD toepassen kennis en inzicht) - bewijst in het portfolio alle kerntaken op startbekwaam niveau (DD toepassen kennis en inzicht, communicatie en leervaardigheden) - presenteert tijdens het eindassessment zichzelf als startbekwaam leerkracht basisonderwijs (DD communicatie) *Zie voor een overzicht van de Dublin-descriptoren de handleiding: Afstudeerfase ITT Totaaloverzicht. 3. Stage 3.1 Afstudeerstage: twee fasen In dit laatste semester werk je toe naar het zelfstandig uit kunnen oefenen van het beroep van leerkracht basisonderwijs. Voor je eindassessment verzamel je bewijslast voor je functioneren op startbekwaam niveau binnen de vijf kerntaken. Dat doe je voor een deel in de praktijk tijdens je stage. De stage in het laatste semester van je opleiding kent twee fasen: de oriëntatiefase In deze fase bereid je je voor op de afstudeerstage. Je leert je groep en school kennen en verdiept je in de leerstof van je groep. Ook bepaal je leerdoelen om (in de volgende fase) te kunnen aantonen dat je een startbekwaam niveau hebt behaald op de vijf kerntaken. Ook bepaal je je onderzoeksonderwerp -en opzet. Deze fase duurt (minimaal) 18 stagedagen voor DAG-studenten en (minimaal) 10 stagedagen voor DEELTIJD-studenten. de afstudeerfase Deze fase omvat 30 stagedagen, waarvan je minimaal 20 dagen groepsverantwoordelijkheid draagt. Tijdens de 20 dagen voer je o.a. de planning uit die je in AFS1 hebt gemaakt, laat je zien dat je groepsverantwoordelijkheid kunt dragen en in de praktijk op startbekwaam niveau functioneert. Dat mondt uit in een praktijkbeoordeling. 3

4 3.2 Voorwaarden om kunnen te starten met de afstudeerfase van je stage Er zijn verschillende voorwaarden om te kunnen starten met de afstudeerfase van minimaal 20 dagen groepsverantwoordelijkheid. Zo lang niet aan de voorwaarden is voldaan zit je dus in de oriëntatiefase (wél kan al verder gewerkt worden aan het afstudeeronderzoek AFS02). De voorwaarden zijn: A. Je voldoet aan de ingangseisen conform de studiegids 2015/2016: je hebt je propedeuse behaald, hebt 110 EC uit Hoofdfase 1+2 gehaald (hier telt de minor dus niet in mee) en hebt alle stages (inclusief reflectieverslagen) uit de voorafgaande jaren met minimaal een voldoende afgesloten. B. Je praktijkopleider en instituutsopleider hebben verklaard dat je je oriëntatiefase met goed gevolg hebt afgerond. C. Het onderdeel Planning en verantwoording afstudeerstage (AFS01) is door een examinator met minimaal voldoende beoordeeld. 3.3 Stage: focus op startbekwaamheid Zorg ervoor dat je in je stage heel gericht werkt aan je eigen ontwikkeling én daarbij in de gaten houdt of je voldoende bewijsmateriaal verzamelt voor je eindassessment. Dat betekent waarschijnlijk dat je in de praktijk regelmatig een pas op de plaats maakt en nagaat aan welke kern- en deeltaken je extra aandacht moet besteden, welke bronnen je bij je handelen in de praktijk wilt betrekken of op welke producten je bijvoorbeeld feedback van anderen wilt krijgen. De beste voorbereiding op je eindassessment vindt dus voorafgaand aan en tijdens je afstudeerstage plaats, niet pas na afloop! Een Persoonlijk OntwikkelingsPlan (POP) kan je daar goed bij helpen; uiteraard stel je zo n POP regelmatig bij. Voor het onderdeel AFS01 (Planning en verantwoording afstudeerstage) heb je een POP opgesteld, waarin je al vooruit kijkt naar het eindassessment. 4. Het eindassessment 4.1 Inleiding Het eindassessment is de laatste toets van je opleiding. Het is dé toets waarin je aantoont klaar te zijn voor het HBO-diploma leraar basisonderwijs. Alle overige studieonderdelen moeten op dat moment behaald zijn. Ook je praktijkbeoordeling (via het eindgesprek met de instituutsopleider op de stageschool) moet dan voldoende zijn. Het gaat in het eindassessment niet alleen om je functioneren in de praktijk, maar onder andere ook om je professionele ontwikkeling, je kwaliteiten, het kunnen verbinden van praktijk en theorie op HBO-niveau én datgene waar je voor staat (je professioneel werkconcept). 4.2 Ingangseis eindassessment Alle overige onderdelen van de studie moeten behaald zijn en de praktijkbeoordeling (via het eindgesprek met de instituutsopleider op de stageschool) moet voldoende zijn afgerond. Wordt hier niet aan voldaan, dan kun je niet deelnemen aan het eindassessment. Er is één uitzondering: als voor het afstudeeronderzoek AFS02 wél je onderzoeksopzet maar nog niet je onderzoeksverslag met een voldoende is beoordeeld, kun je toch al deelnemen aan het eindassessment (beschreven in het erratum op de studiegids , Opbouw Het eindassessment bestaat uit drie onderdelen, die alle drie bijdragen aan de beoordeling: een digitaal portfolio (dat je voorafgaande aan je assessment instuurt) een (korte) presentatie (van max. 10 minuten) en aansluitend: een criteriumgericht interview (van max. 35 minuten). 4

5 Het digitaal portfolio stel je vooraf op en stuur je op naar de assessoren: het is een verzameling beschrijvingen en bewijzen waarmee je kunt aantonen aan de beoordelingscriteria te voldoen. De presentatie en het criteriumgericht interview (gesprek) vinden plaats op de opleiding en vormen de feitelijke afronding van je opleiding (= toetsdatum in Osiris). De presentatie en het interview worden voor jou als één moment geroosterd. In de volgende hoofdstukken worden deze onderdelen verder beschreven. Verdiep je ook in het beoordelingsformulier (bijlage 2); daar zie je terug dat portfolio logischerwijs vermeld staat als mogelijkheid om je startbekwaam niveau aan te tonen, maar dat je ook in je presentatie en criteriumgericht interview aanvullend bewijs kunt leveren om je startbekwaam niveau aan te tonen. 4.4 Beoordeling door twee assessoren De beoordeling vindt plaats door twee assessoren. In de regel gaat het om: één instituutsassessor (vanuit de opleiding) en één praktijkassessor (vanuit het werkveld). Beide gecertificeerde assessoren hebben een gelijk gewicht in de beoordeling. De instituutsassessor noteert het resultaat in Osiris. 5. Portfolio Wat hoort er allemaal in je portfolio? In je portfolio zitten de volgende onderdelen: 1. Inleiding 2. Reflectie op eigen ontwikkeling en professioneel werkconcept 3. Bewijzen op startbekwaam niveau, 4. Een (link naar) een video-opname waarin je op startbekwaam niveau aan het werk bent in een praktijksituatie 5. Voorwaardelijke documenten Hieronder volgt een beschrijving van elk van deze onderdelen. 5.1 Inleiding In de inleiding stel je jezelf voor (max. 500 woorden). A. Je vermeldt in ieder geval de volgende gegevens: je volledige naam, klas en studentnummer de naam van je SLB-er in welke groep(en) je je afstudeerstage hebt gelopen naam en adres van de school waar je je afstudeerstage hebt gelopen de naam van je praktijkopleider in welke periode je de groepsverantwoordelijkheid hebt gedragen B. Bedenk dat je jezelf in een inleiding kunt neerzetten : door iets over jezelf te beschrijven, zoals buiten de context van de opleiding opgedane ervaringen die hebben bijgedragen aan je ontwikkeling. Dit kan bijdragen aan het aantonen van je startbekwaam niveau. C. Uitnodigend is ook om (kort) te beschrijven waar jij het meest trots op bent als het gaat over jouw ontwikkeling in deze laatste fase van je studie. 5

6 5.2 Reflectie op eigen professionele ontwikkeling en professioneel werkconcept Het volgende onderdeel in je portfolio heet reflectie op eigen ontwikkeling en professioneel werkconcept. In het beoordelingsformulier zijn daarvoor de volgende beoordelingscriteria opgenomen: 1. De student beschrijft zijn eigen professionele ontwikkeling (tijdens studie en inductiefase) aan de hand van een analyse van zijn POP, Scorionrapportages en praktijkverslag. 2. De student expliciteert zijn professioneel werkconcept vanuit een beschrijving van zijn normatieve professionaliteit, zijn visie op onderwijs en het professioneel handelen dat daaruit voortvloeit. De visie op onderwijs is zowel generiek als voor tenminste vier leergebieden uitgewerkt. Hieronder vind je een toelichting op de verschillende onderdelen. Eigen professionele ontwikkeling (max woorden) In de afgelopen jaren heb je geleerd om professionele leerdoelen op te stellen en ben je opgeleid om met een onderzoekende houding het werkveld in te gaan. Hiermee heb je je eigen leren gestuurd (in het onderdeel AFS01: planning en verantwoording afstudeerstage heb je bijvoorbeeld eigen professionele leerdoelen opgenomen), heb je geleerd om theorie aan het handelen in de praktijk te verbinden (dat laat je zien in AFS03: eindassessment) en heb je geleerd om praktijkproblemen op onderzoeksmatige wijze te benaderen (zoals in het onderdeel AFS03: praktijkonderzoek). In dit deel van je portfolio kijk je terug op deze leerdoelen en evalueer en reflecteer je hierop. Tevens kijk je ook vooruit welke belangrijke ontwikkelpunten jij voor jezelf ziet als startende leerkracht. Daarnaast reflecteer je op je onderzoekende houding. Leg hierbij de koppeling met je visie op onderwijs en je professioneel werkconcept. Hierbij verwijs je naar bewijzen in je portfolio die laten zien dat jij je ontwikkeld hebt binnen de door jou gestelde leerdoelen. Hieronder volgt een aantal aspecten die je opneemt in de beschrijving van je eigen professionele ontwikkeling. Neem daarbij steeds de feedback die je van anderen hebt gekregen (bijvoorbeeld via Scorionrapportages en beoordelingen) mee. A. Beschrijf in grote lijnen je professionele ontwikkeling in de afgelopen jaren en benoem hierbij de belangrijkste leerdoelen. B. Aan welke eigen leerdoelen heb je in je afstudeerstage gewerkt? Zorg voor evaluaties op de leerdoelen en reflecties op kritische situaties binnen je stage. C. Geef vanuit een sterkte/zwakte analyse aan welke belangrijke ontwikkelpunten jij voor jezelf ziet als startende leerkracht in de nabije toekomst. D. Schrijf een kritische reflectie over je onderzoekende houding, waarin je verschillende aspecten van kerntaak 5 aan bod laat komen. Hiermee laat je zien welke aspecten van kerntaak 5 je al goed in de vingers hebt en waar vooral nog ontwikkelpunten voor je liggen. Zie voor een beschrijving van de kern- en deeltaken bijlage 4. NB richt je niet alleen op de meest rechter kolom (startbekwaam). De meest rechter kolom is een uitbreiding van de voorgaande kolommen en omvat dus ook de vaardigheden die in eerdere kolommen genoemd worden. Denk bij kerntaak 5 bijvoorbeeld aan: Zich verdiepen in beschikbare kennis uit evaluatie en onderzoek (opleidingsbekwaam). Analyseren en beoordelen van informatie op kwaliteit (basisbekwaam). Eigen handelen systematisch onderzoeken en evalueren (gevorderd bekwaam). Deelnemen aan processen van collectief leren in de school (gevorderd bekwaam) Relaties leggen tussen praktijk, theorie / kennis en eigen visie en handelen (gevorderd bekwaam). Onderzoek doen naar het effect van een nieuwe aanpak (startbekwaam). Met zelf ontwikkelde kennis bijdragen aan de kennisontwikkeling op de school (startbekwaam). De visie en werkwijze van de school systematisch analyseren en deze op constructieve wijze verbinden met het persoonlijk werkconcept (startbekwaam). Ook kun je je ervaringen in het doen van praktijkonderzoek (AFS02) hierin verwerken. 6

7 Professioneel werkconcept (max woorden) In je planning en verantwoording afstudeerstage (AFS01) heb je beschreven vanuit welk professioneel werkconcept jij handelt. Je professioneel werkconcept komt voort vanuit je normatieve professionaliteit en visie op onderwijs (hieronder wordt dat verder toegelicht): wat voor leerkracht wil jij zijn, waar sta jij voor? Welke visie op onderwijs spreekt jou aan? Welke bronnen inspireren jou? Wat is daarvan zichtbaar (geworden) in je afstudeerstage? In dit deel van je portfolio maak je expliciet vanuit welk professioneel werkconcept je handelt als startbekwaam leerkracht. Hieronder volgt een aantal aspecten die je beschrijft. Onderbouw je beschrijving met behulp van theoretische bronnen. Maak je professioneel werkconcept zichtbaar door waar mogelijk concreet te benoemen wat daar in je huidige handelen van zichtbaar is (verwijs naar bewijzen) en beschrijf welke leerkracht je over enkele jaren wilt zijn. Je maakt je professioneel werkconcept concreet door je handelen in de praktijk te beschrijven, maar ook door te letten op consistentie. Verwijs dus naar bewijzen in je portfolio, die aantonen dat jouw handelen, visie op onderwijs en normatieve professionaliteit in overeenstemming zijn met elkaar. A. Welke inzichten in jouw normatieve professionaliteit spelen een rol in jouw handelen? Onder normatieve professionaliteit wordt verstaan dat je je bewust bent/wordt vanuit welke (persoonlijke) waarden en drijfveren je als leerkracht handelt. Dit ga je onder andere onderzoeken tijdens SLBbijeenkomsten in jaar 4, waarin vragen aan bod komen als: Hoe zie ik mezelf als leerkracht? Vanuit welke waarden handel ik als leerkracht? Hoe zie ik in mijn visie deze waarden en drijfveren terug? Vanuit welke motieven kies ik voor dit beroep? Wat betekent dat voor mijn relatie met kinderen (en anderen) en mijn taakopvatting? En welke waarden zou ik nog meer in mijn dagelijks handelen terug willen laten komen en aandacht geven? B. Welke pedagogische uitgangspunten vind je belangrijk, waar zijn die op gebaseerd en hoe komen deze terug in je onderwijs? Hoe kom jij tegemoet aan de basisbehoeften van de kinderen? (Verwijs hierbij bijvoorbeeld naar concrete bewijzen voor kerntaak 1) C. Welke didactische uitgangspunten vind je belangrijk, waar zijn die op gebaseerd en hoe komen deze terug in je onderwijs? Wanneer kies je voor welke didactische aanpak (meer leerkrachtgestuurd, gedeeld of leerlinggestuurd)? Beschrijf dit voor tenminste vier leergebieden en onderbouw dit vanuit vakspecifieke theoretische bronnen. (Verwijs hierbij naar concrete bewijzen vanuit de leergebieden en kerntaken 2 en 3) D. Welke organisatorische uitgangspunten vind je belangrijk, waar zijn die op gebaseerd en hoe komen deze terug in je onderwijs? Hoe richt je de leeromgeving in, hoe draag je samen (met kinderen, collega s, ouders) zorg voor de leeromgeving, welke groeperingsvorm(en) heeft je voorkeur (bv. heterogeen/homogeen)? (Verwijs hierbij bijvoorbeeld naar concrete bewijzen voor kerntaken 2 en 3) E. Op welke wijze wil jij de ontwikkeling van kinderen volgen, hoe rapporteer je dat, naar wie (kinderen, ouders, collega s, IB-er, directie, inspectie) en waarom op die manier? (Verwijs hierbij bijvoorbeeld naar concrete bewijzen voor kerntaken 2, 3 en 4) F. Hoe wil jij samenwerken binnen en buiten de school? Met wie, waarom? (verwijs hierbij bijvoorbeeld naar concrete bewijzen voor kerntaak 4) G. Op welke punten zou jij je, na de opleiding, verder willen verdiepen (professionalisering, leven lang leren )? (verwijs hierbij bijvoorbeeld naar je document eigen professionele ontwikkeling ) 7

8 5.3 Bewijzen op startbekwaam niveau Het volgende onderdeel in je portfolio heet bewijzen op startbekwaam niveau. In het beoordelingsformulier zijn daarvoor de volgende voorwaardelijke beoordelingscriteria opgenomen: C. In het assessment (portfolio en/of presentatie en/of interview) zijn voor elk van de kerntaken 1 t/m 4 minimaal 2 verschillende bewijzen getoond. In een matrix of schema geeft de student aan welke bewijzen in het portfolio voor welke kerntaken worden ingezet. D. De bewijsstukken zijn gevarieerd (tenminste uit de volgende vak- en vormingsgebieden: onderwijskunde en pedagogiek taal rekenen wereldoriëntatie kunstvakken In minimaal één bewijs is ICT op startbekwaam niveau aanwezig. In minimaal één bewijs is Wetenschap en Technologie expliciet verwerkt E. De student heeft op de bewijsstukken feedback gevraagd aan anderen (praktijkopleider of IB-er of medestudent of vakdocent etc.) en aantoonbaar de ontvangen feedback verwerkt. De bewijzen vormen de kern van je portfolio: hiermee maak je je concrete handelen in de praktijk zichtbaar en laat je zien van welke theoretische basis je daarbij gebruikmaakt. In bijlage 5 vind je het document toelichting op startbekwame bewijzen waarin wordt uitgelegd wat een bewijs op startbekwaam niveau inhoudt, hoeveel en welke je dient op te nemen in je portfolio en hoe je er feedback op kunt krijgen. Naast een goede spreiding van bewijzen is het ook goed om te zorgen voor een goede onderlinge samenhang en consistentie. Dat betreft ook de samenhang met het gedeelte reflectie op eigen ontwikkeling en professioneel werkconcept. Beschrijf dus hoe een bewijs zich verhoudt tot jouw professioneel werkconcept. Het komt natuurlijk consistent over als je in je professioneel werkconcept beschrijft dat je een groot voorstander bent van coöperatief leren en je in verschillende bewijzen laat zien dat je coöperatieve werkvormen hebt toegepast. Of dat je in je sterkte-/zwakteanalyse van je POP een leerdoel rondom het samenwerken met ouders hebt geformuleerd en je in je bewijzen laat zien hoe je vanuit jouw visie op ouderbetrokkenheid de communicatie met ouders in jouw afstudeerstage hebt vormgegeven. 5.4 Video-opname met onderbouwing Een verplicht onderdeel van het portfolio is een video-opname waarop jij te zien bent terwijl je in een praktijksituatie op startbekwaam niveau bezig bent. De opname kan bijvoorbeeld een onderwijsactiviteit in je stageklas, een oudergesprek, een teamvergadering of -presentatie betreffen. De video-opname bestaat uit één of meerdere fragmenten met een totale speelduur van maximaal vijf minuten. De video maakt deel uit van je bewijsvoering: de opname zet je in om een bewijs te ondersteunen of als illustratie van wat je beschrijft. Dat kun je doen rondom één van de kerntaken, maar bijvoorbeeld ook om je professioneel werkconcept of je professionele ontwikkeling te illustreren. De video-opname (of een gedeelte daarvan) kan worden vertoond en toegelicht tijdens je presentatie. Bij de video-opname moet je een duidelijke onderbouwing geven. Beschrijf wat er op de video te zien is en verantwoord waarom je juist dit fragment/deze fragmenten gekozen hebt. Bijvoorbeeld : een beschrijving van het gekozen fragment/ de gekozen fragmenten; - om wat voor praktijksituatie(s) gaat het? - welke deeltaak van een kerntaak betreft het? - welk concreet gedrag is waar te nemen op de video? - wat wil je hiermee aantonen? 8

9 een reflectie op het gekozen fragment. Geef aan waar je tevreden over bent en wat er anders/beter had gekund; een verantwoording van het gekozen videofragment vanuit jouw ontwikkeling als leraar en/of je professioneel werkconcept. Tips voor het maken van de video-opname Bedenk van te voren goed wat je wilt laten zien in de video. Het handigst is om meerdere activiteiten/situaties te laten opnemen, omdat je dan daaruit specifieke fragmenten kan selecteren, die aantonen dat je de kerntaken op startbekwaam niveau uitoefent. Denk in een praktijksituatie goed na over het camerastandpunt: ben jij goed in beeld en zijn degenen met wie je op dat moment werkt (leerlingen, collega s, ouders) ook in beeld? Is de interactie tussen jou en de anderen zichtbaar? 5.5 Voorwaardelijke documenten Voeg de volgende voorwaardelijke documenten toe aan je portfolio: Naam Wie heb je daarvoor nodig? I Statusformulier: zie bijlage 1 SLB-er II Authenticiteitsverklaring: zie bijlage 8 - III IV V Uitdraai studievoortgangsoverzicht uit Osiris. Dit is een bewijs van toelaatbaarheid tot het eindgesprek, waaruit blijkt dat alle onderdelen van de studie zijn afgerond. Beide Scorionrapportages (als PDF) van de eindstage: (afronding oriëntatiefase en afronding afstudeerstage), ingevuld door student en PO er. Door instituutsopleider ondertekende praktijkbeoordeling van de afstudeerstage. - Praktijkopleider Instituutsopleider 6. Presentatie Je geeft een presentatie (van maximaal 10 minuten) om op pakkende wijze te laten zien waar jij voor staat. Het gaat er niet om je portfolio samen te vatten of bewijzen die je daarin hebt opgenomen te verwoorden. Wel heb je de mogelijkheid om onderdelen die niet in je portfolio aan bod komen te laten zien. Je bent vrij in je keuze voor welk onderwerp dat is en ook in de vorm van de presentatie. Tijdens deze presentatie kun je gebruikmaken van (een deel van) je video-opname. Let op: ga niet over de tijd heen. Na 10 minuten zullen de assessoren overgaan naar het volgende onderdeel. Oefen dus vooraf en neem indien gewenst een klokje mee. Na de presentatie zullen de assessoren je vragen de ruimte even te verlaten, zodat ze kunnen overleggen welke vragen ze in het criteriumgericht interview (CGI) aan de orde willen laten komen. Verdiep je ook in het beoordelingsformulier (bijlage 2); daar zie je terug dat presentatie apart vermeld staat als mogelijkheid om je startbekwaam niveau aan te tonen. 9

10 7. Criteriumgericht interview Na je presentatie vindt het eindgesprek plaats in de vorm van een criteriumgericht interview (CGI). Het CGI is bedoeld om verdiepende vragen te stellen zodat gecheckt en vastgesteld kan worden of je de kerntaken op startbekwaam niveau uitvoert. Het biedt de assessoren de mogelijkheid om navraag te doen naar kerntaken waarover ze nog niet voldoende informatie hebben verkregen bij het lezen van het portfolio en het bekijken van de presentatie. Ook zullen ze aanvullende vragen stellen om te kunnen bepalen welke beoordeling het meest van passend is. Het interview duurt maximaal 35 minuten. Zorg dat je je goed voorbereidt op mogelijke vragen (dit komt ook tijdens de laatste SLB-bijeenkomsten aan bod) en maak voor jezelf helder welke aanvullende informatie jij zeker aan bod wilt laten komen. Het kan gebeuren dat je bij het beantwoorden van een vraag wordt onderbroken en van gespreksonderwerp wordt gewisseld, bijvoorbeeld als de assessoren al voldoende informatie over een bepaald onderwerp van je hebben ontvangen. Aan het eind van het interview krijg je nog kort gelegenheid eventueel aanvullende antwoorden te geven. De assessoren zullen je na het CGI verzoeken de ruimte te verlaten om zich te beraden op de beoordeling. Tijdsverloop en aandachtspunten: Aanvangstijdstip Duur 0:00 0:10 10 VOORSTELLEN EN VOORBEREIDING RUIMTE Instituutsassessor heet praktijkassessor en student welkom. Student krijgt toegang tot de gespreksruimte om zijn presentatie klaar te zetten. Apparatuur (beeld, geluid) wordt op functioneren gecontroleerd. Beide assessoren installeren hun materialen en bepalen tafelschikking. Procedure en tijdpad worden kort toegelicht. 0:10 0:20 10 PRESENTATIE Student presenteert in maximaal 10 minuten. 0:20 0:40 20 BEOORDELING EN AFSTEMMING Student trekt zich terug. Assessoren stemmen onderling vragen voor het CGI af 0:40 1:15 35 CGI Het CGI duurt maximaal 35 minuten. 1:15 1:35 20 BEOORDELING EN AFSTEMMING Student trekt zich terug. Assessoren maken individueel aantekeningen, wisselen deze uit en vullen samen het beoordelingsformulier in. Het eindcijfer wordt in gezamenlijk overleg bepaald volgens het aantal behaalde punten (zie cesuur voorpagina). * 1:35 1:45 10 TOELICHTING BEOORDELING De beoordeling wordt aan de student toegelicht. De student plaatst zijn handtekening voor gezien. 1:45 - AFSLUITING ( na afloop) Instituutsassessor doet administratieve afhandeling Verdiep je ook in het beoordelingsformulier (bijlage 2); daar zie je terug dat het criteriumgericht interview apart vermeld staat als mogelijkheid om je startbekwaam niveau aan te tonen. 10

11 8. Hoe word je beoordeeld? De twee assessoren hanteren het beoordelingsformulier zoals opgenomen in bijlage 2. Na je presentatie en het criteriumgericht interview zullen de assessoren je vragen de ruimte te verlaten en vullen ze het beoordelingsformulier in, op basis van de aantekenformulieren die ze hebben ingevuld. Ze komen tot een eindoordeel dat gebaseerd is op je portfolio, je presentatie en het criteriumgericht interview. Wanneer ze het hierover eens zijn, word je teruggeroepen en krijg je de beoordeling te horen. Deze wordt mondeling toegelicht door de assessoren. Je krijgt dan de gelegenheid om een reactie op de uitslag te geven. De uitslag wordt door de interne assessor verwerkt in Osiris, met de datum van het gesprek als toetsdatum. Aangezien het om het laatste onderdeel van je opleiding gaat, is dat bij een voldoende resultaat dan tevens je afstudeerdatum. In de beoordelingsprocedure is ook beschreven dat een derde assessor wordt geraadpleegd als de twee assessoren het niet met elkaar eens zijn. 9. Organisatie, tijdpad en betrokkenen Waar moet je aan denken en wat moet je regelen voor het assessmentgesprek? Schrijf je in voor de juiste periode waarin jij je eindassessment wilt laten plaatsvinden. De uiterste inschrijfdata vind je in de studiegids en op HUbl. Voer voorafgaand aan je eindassessment een statusgesprek (zie formulier in bijlage 1) met je SLB-er. Samen ga je na of alle voorwaardelijke onderdelen in je portfolio zijn opgenomen. Zo niet, dan mag je niet op voor het eindassessment. Na inschrijving krijg je de namen van de assessoren te horen. Je moet je digitaal portfolio aan beide assessoren insturen. Check je portfolio vóórdat je het verstuurt nog een keer op volledigheid en kwaliteit. Je kunt hiervoor het beoordelingsformulier en explicitering beoordelingscriteria gebruiken, dat je vindt in deze handleiding. De exacte tijden waarop het assessment plaatsvindt en wanneer je het portfolio moet insturen worden tijdig bekend gemaakt. Voor verdere informatie verwijzen we je naar de jaar 4 pagina op HUbl (o.a. FAQ). Je eerste aanspreekpunt voor vragen is je SLB-er. Afronding SLB = statusgesprek Tijdens het laatste gesprek met je SLB-er wordt vastgesteld dat je op kunt gaan voor het assessment. De SLBer vult de checklist uit bijlage 1 in, waarbij alle voorwaardelijke stukken worden afgetekend. Insturen portfolio Je digitaal portfolio verstuur je door een beoordelingsverzoek op te sturen aan beide assessoren. Je hoort tijdig wie dat zijn. Beoordeling Je krijgt aansluitend op het CGI de beoordeling te horen, tenzij de assessoren het niet eens zijn over de beoordeling. In dat geval zal een derde assessor geraadpleegd worden en wordt een oplossing op maat gezocht met deze derde assessor. 11

12 10. Bijlagen Bijlage 1 : Statusformulier Bijlage 2 : Beoordelingsformulier eindassessment Bijlage 3 : Beoordelingskaders eindassessment Bijlage 4 : Kerntaken en bekwaamheidsniveaus Bijlage 5 : Toelichting op startbekwame bewijzen Bijlage 6 : Feedbackformulier startbekwaam bewijs Bijlage 7 : Feedbackformulier bewijs Wetenschap & Technologie Bijlage 8 : Authenticiteitsverklaring Bijlage 9 : Inleverformat (sjabloon) 12

13 Bijlage 1: Statusformulier assessmentportfolio Startbekwaam ITT Naam student Klas Studentnummer SLB-er Datum In het statusgesprek bekijkt de SLB-er samen met de student het assessmentportfolio van de student. Hij kijkt of alle elementen aanwezig zijn. De aanwezigheid van onderstaande zaken is voorwaardelijk voor deelname aan het eindassessment. Formulieren aanwezig Authenticiteitsverklaring ja nee Uitdraai studievoortgangsoverzicht uit Osiris: alle onderdelen van de studie zijn afgerond. ja nee Beide Scorionrapportages (PDF) van de eindstage: (afronding oriëntatiefase en afronding eindstage) ja nee Door instituutsopleider ondertekende praktijkbeoordeling van de eindstage ja nee Reflectie op je eigen professionele ontwikkeling en professioneel werkconcept De student beschrijft zijn eigen professionele ontwikkeling (tijdens studie en inductiefase) aan de hand van een analyse van zijn POP, Scorionrapportages en praktijkverslag. De student explicieert zijn professioneel werkconcept vanuit een beschrijving van zijn normatieve professionaliteit, zijn visie op onderwijs en het professioneel handelen dat daaruit voortvloeit. De visie op onderwijs is zowel generiek als voor tenminste vier leergebieden uitgewerkt. aanwezig ja nee ja nee Bewijzen van kerntaken Voor elk van de volgende kerntaken zijn twee bewijzen aanwezig (omcirkelen): Leergebieden: Er is bewijs aanwezig voor: onderwijskunde & pedagogiek taal rekenen-wiskunde wereldoriëntatie kunstvakken ICT (kan geïntegreerd binnen ander vakgebied aan bod komen) Wetenschap en technologie (kan geïntegreerd binnen ander vakgebied aan bod komen) Conclusie: De student voldoet aan de voorwaardelijke eisen om op assessment te gaan ja nee Handtekening student: Handtekening SLB-er: Dit formulier toevoegen aan je assessmentportfolio. 13

14 Bijlage 2: Beoordelingsformulier Eindassessment Instituut Theo Thijssen 2015/2016 AFS03-15 ec Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam Leerkracht Basisonderwijs (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview (CGI)) Naam student: Naam instituutsassessor: Datum: Studentnummer: ITT-A / ITT-U (markeer keuze) DAG / DAV / VO (markeer keuze) Naam praktijkassessor: Naam SLB-er: EINDBEOORDELING Beoordeling in cijfer (5, 6, 7, 8, 9 of 10) Eindcijfer voor de student: Cesuur: Bij één 0 score is het cijfer een 5 Bij 6 punten: 6 Bij 7-8 punten: 7 Bij 9-10 punten: 8 Bij 11 punten: 9 Bij 12 punten : 10 Toelichting bij eindoordeel door assessoren: Handtekening instituutsassessor: Handtekening praktijkassessor: Handtekening student: 14

15 VOORWAARDEN VOOR BEOORDELING A. De student voldoet aan de voorwaarden voor deelname aan het eindassessment. door SLB-er ondertekend statusformulier uitdraai Osiris dat alle studieonderdelen behaald zijn (evt. behalve onderzoeksverslag) beide Scorion-rapportages (als PDF) van de afstudeerstage door instituutsopleider ondertekende praktijkbeoordeling van de eindstage B. De student beschrijft expliciet: eigen professionele ontwikkeling tijdens en na de opleiding professioneel werkconcept, waaronder normatieve professionaliteit, visie op onderwijs en visie op tenminste vier leergebieden C. In het assessment (portfolio en/of presentatie en/of interview) zijn voor elk van de kerntaken 1 t/m 4 minimaal twee verschillende bewijzen getoond. In een matrix of schema geeft de student aan welke bewijzen in het portfolio voor welke kerntaken worden ingezet. D. De bewijsstukken zijn gevarieerd: minimaal zijn op startbekwaam niveau bewijzen aanwezig voor: onderwijskunde & pedagogiek taal rekenen-wiskunde wereldoriëntatie kunstvakken ICT (kan geïntegreerd binnen ander vakgebied aan bod komen) wetenschap en technologie (kan geïntegreerd binnen ander vakgebied aan bod komen) E. De student heeft op de bewijsstukken feedback gevraagd aan anderen (praktijkopleider of IBer of medestudent of vakdocent etc.) en aantoonbaar de ontvangen feedback verwerkt. F. Het portfolio voldoet aan de eisen zoals geformuleerd in de Checklist goed geschreven zoals opgenomen in de schrijfwijzer ITT. ja/nee toelichting: 15

16 BEOORDELING REFLECTIE OP EIGEN PROFESSIONELE ONTWIKKELING EN PROFESSIONEEL WERKCONCEPT A. De student beschrijft zijn eigen professionele ontwikkeling (tijdens studie en inductiefase) aan de hand van een analyse van zijn POP, Scorionrapportages en praktijkverslag. 0 / 1 / 2 toelichting: B. De student expliciteert zijn professioneel werkconcept vanuit een beschrijving van zijn normatieve professionaliteit, zijn visie op onderwijs en het professioneel handelen dat daaruit voortvloeit. De visie op onderwijs is zowel generiek als voor tenminste vier leergebieden uitgewerkt. BEOORDELING KERNTAKEN STARTBEKWAAM 0 / 1 / 2 toelichting: C. Kerntaak 1: Pedagogisch adequaat handelen D. Kerntaak 2: voorbereiden en evalueren van onderwijs E. Kerntaak 3: Uitvoeren van onderwijs en begeleiding F. Kerntaak 4 Communiceren en samenwerken TOTAAL (A+B+C+D+E+F) 16

17 Bijlage 3: Beoordelingskader (rubric) eindassessment In het eindassessment moeten onderstaande onderdelen minimaal met een voldoende worden afgerond. Onvoldoende 0 punten Matig 0 punten Voldoende 1 punt Goed 2 punten A. De student beschrijft zijn eigen professionele ontwikkeling (tijdens studie en inductiefase) aan de hand van een analyse van zijn POP, Scorionrapportages en praktijkverslag. B. De student expliciteert zijn professioneel werkconcept vanuit een beschrijving van zijn normatieve professionaliteit, zijn visie op onderwijs en het professioneel handelen dat daaruit voortvloeit. De visie op onderwijs is zowel generiek als voor tenminste vier leergebieden uitgewerkt. De student legt geen verband tussen ontvangen feedback en zijn professionele ontwikkeling. Of: De student evalueert de leerdoelen opgesteld voor de afstudeerstage niet. Of: De student geeft geen reflectie op kritische situaties in zijn professionele ontwikkeling. Of: De student formuleert geen ontwikkelpunten voor zichzelf als startende leerkracht. Of: Student heeft geen onderzoekende houding aangetoond in relatie met kerntaak 5 Of: Student heeft geen kritische reflectie geschreven op zijn onderzoekende houding. De student maakt zijn professioneel werkconcept niet zichtbaar. Of: De student maakt geen gebruik van relevante bronnen. De student maakt niet goed duidelijk hoe ontvangen feedback zijn professionele ontwikkeling heeft beïnvloed. Of: De student evalueert de leerdoelen opgesteld voor de afstudeerstage, maar formuleert van daaruit geen nieuwe ontwikkelpunten. Of: De student geeft reflecties op kritische situaties, maar beschrijft niet wat die betekenen voor zijn professionele ontwikkeling. Of: Student beschrijft zijn onderzoekende houding maar legt geen verbanden met zijn afstudeerstage of eerder opgedane kennis. Of: student beschrijft zijn onderzoekende houding maar reflecteert daar niet op. De student beschrijft zijn professioneel werkconcept, maar maakt weinig gebruik van bronnen en/of gebruikt weinig relevante bronnen. Of: Het professioneel werkconcept is weinig concreet uitgewerkt. Of: Het professioneel werkconcept is weinig consistent met andere onderdelen in het portfolio. De student legt verbanden tussen ontvangen feedback en zijn professionele ontwikkeling. En: De student evalueert de leerdoelen opgesteld voor de afstudeerstage. En: De student geeft reflecties op kritische situaties in zijn professionele ontwikkeling En: De student kan op basis van het voorgaande nieuwe doelen formuleren voor zichzelf als startende leerkracht. En: Student beschrijft zijn onderzoekende houding, reflecteert daarop en laat zien hoe deze tot stand is gekomen uit eigen ervaringen en inzichten opgedaan in de praktijk. De student maakt zijn professioneel werkconcept zichtbaar door een beschrijving te geven van zijn visie op onderwijs en zijn normatieve professionaliteit. En: De student laat zien dat zijn professioneel werkconcept tot stand is gekomen uit eigen ervaringen en inzichten, opgedaan in de praktijk, en theoretische bronnen die een relevante, actuele waarde hebben. En: De student licht toe hoe zijn professioneel werkconcept vorm krijgt in zijn handelen aan de hand van bewijzen. En: De visie op goed onderwijs en de visie op de leergebieden zijn over het algemeen consistent met elkaar. Zie voldoende, met daarbij: De student legt verbanden tussen ontvangen feedback en zijn professionele ontwikkeling en kan dit koppelen aan zijn professioneel werkconcept. En: De student beschrijft concreet op welke wijze zijn onderzoekende houding tot uiting komt in zijn handelen als startende leerkracht. Zie voldoende, met daarbij: De student licht expliciet toe hoe zijn professioneel werkconcept voortkomt uit zijn visie op onderwijs en zijn normatieve professionaliteit. Deze samenhang is consistent en kritisch beredeneerd. 17

18 Kerntaken 1 tot en met 4 op startbekwaam niveau De ontwikkelde bekwaamheden worden aangetoond vanuit gebeurtenissen, situaties, processen, ervaringen. In het eindassessment moeten de kerntaken 1 tot en met 4 minimaal met een voldoende worden afgerond Onvoldoende 0 punten Matig 0 punten Voldoende 1 punt Goed 2 punten (Beschrijven) (Toepassen en evalueren) (Creëren en transfer) De student beschrijft de gebeurtenis, situatie, ervaring of het proces, maar een theoretische onderbouwing en verantwoording van het handelen ontbreekt. Of: Een theoretische verantwoording van het eigen handelen ontbreekt. Of: De eigen ontwikkeling blijft onderbelicht (er zijn geen leerdoelen geformuleerd) en er is geen evaluatie van het eigen handelen. De student beschrijft de gebeurtenis, situatie, ervaring of het proces gebruikmakend van theorie, maar de theorie is niet relevant en/of niet logisch toegepast. Of: Er is weinig samenhang tussen de voorbereiding op en evaluatie van het eigen handelen en de inzet van theorie. Het is onduidelijk hoe de inzet van theorie het eigen handelen heeft beïnvloed, vooraf en achteraf. De student beschrijft de gebeurtenis, situatie, ervaring of het proces, gebruikmakend van relevante theorie. En: De student geeft aan hoe theorie het eigen handelen heeft beïnvloed bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van onderwijsactiviteiten. Zie voldoende, met daarbij: De student zet de opgedane leerervaringen om in een verbeterslag die concreet is uitgewerkt in een nieuwe of andere situatie (transfer). Daarbij onderbouwt de student met relevante theorie welke aanpassingen voor de nieuwe of andere situatie noodzakelijk waren.. Voorbeelden: Voorbeelden: Voorbeelden: Voorbeelden: De student voert een bewijs op over de begeleiding van een groep zwakke rekenaars, zonder diagnose van de problemen en zonder raadplegen van passende didactische aanpakken. De student voert interventies uit gericht op het verbeteren van het pedagogisch klimaat, zonder zich te verdiepen in relevante bronnen. De student gaat wel in op de meerwaarde voor de leerlingen van een bepaalde aanpak, maar reflecteert niet op zijn eigen leerdoelen en opbrengsten voor zichzelf. De student geeft geen blijk van hoe het vooraf opgestelde POP een rol heeft gespeeld tijdens de afstudeerstage. De student voert een groepsplan over spelling op als bewijs. Hij gaat daarbij wel in op de vaktheorie over spelling en baseert zich op de methode, maar betrekt er geen theorie over handelingsgericht werken bij. Onderwijsbehoeften zijn vrijwel uitsluitend vakinhoudelijk geformuleerd. In het CGI geeft de student weinig blijk van de keuzemogelijkheden die hij heeft bij bijvoorbeeld clustering van leerlingen en de inzet van materialen buiten de methode om. De student voert wel theorie op, maar het is onduidelijk waarom die theorie is gekozen vanuit de beschreven situatie. Theorie wordt genoemd en beschreven, maar een koppeling aan het eigen handelen ontbreekt / het is onduidelijk hoe de theorie het eigen handelen heeft beïnvloed. De student zet een lessenreeks voor wereldoriëntatie op. De student formuleert doelen, relateert die aan eindtermen en maakt een kritische vergelijking met de methode. Hij verdiept zich in vakdidactische en organisatorische aspecten van de lessenreeks, vanuit relevante bronnen. Bij tussenevaluaties en na afloop van de lessenreeks reflecteert de student op de behaalde doelen, de gehanteerde werkwijzen en koppelt die opnieuw aan de theorie. Van daaruit formuleert hij leerpunten voor een vervolgactiviteit. De student brengt voor rekenen-wiskunde de onderwijsbehoeften van individuele leerlingen binnen zijn groep in beeld. Hij baseert zich daarbij op didactische en pedagogische bronnen. Waar nodig maakt hij gebruik van extra diagnostische en didactische materialen buiten de methode om, en kan vanuit theorie onderbouwen waarom hij daarvoor heeft gekozen. De student heeft een groepsplan rekenen-wiskunde uitgevoerd. Na afloop worden de gestelde doelen en de gehanteerde werkwijzen (waaronder clustering van leerlingen, gekozen werkvormen en materialen) kritisch geëvalueerd. Op grond van de evaluatie actualiseert de student het eerder gemaakte groepsoverzicht en formuleert aandachtspunten voor een nieuw groepsplan. De student heeft een groepsplan voor taal uitgevoerd. Op grond van een kritische evaluatie formuleert de student aandachtspunten voor een groepsplan voor een ander vak, bijvoorbeeld rekenen-wiskunde. Daarbij geeft hij duidelijk aan welke elementen van een groepsplan voor taal overdraagbaar zijn naar de nieuwe situatie, en welke niet. 18

19 Bijlage 4: Kerntaken en bekwaamheidsniveaus De context In onderstaand schema staat de opbouw van de opleiding weergegeven. Voor elke fase van de opleiding (opleidingsbekwaam, basisbekwaam, gevorderd bekwaam en startbekwaam) is de context beschreven waarbinnen de student zijn vakbekwaamheid ontwikkelt. Opleidingsbekwaam (jaar 1) Basisbekwaam (jaar 2) Gevorderd bekwaam (jaar 3) Startbekwaam (jaar 4) De student ontwikkelt theorie met kleine t door handelen in de beroepssituatie. De student valt onder de verantwoordelijkheid van de praktijkbegeleider en krijgt directe begeleiding van de SLB-er. De student is inzetbaar voor losse kortdurende activiteiten. De student treedt zowel stimulerend als leidend op. De student scherpt theorieën met een kleine t aan theorieën met een grote T (verantwoording ook vanuit literatuur en modellen). De student valt onder gedeelde verantwoordelijkheid van de praktijkbegeleider en begeleiding van de SLB-er. De student geeft een dagdeel les. De student treedt stimulerend en (bege)leidend op. De student toetst het eigen handelen aan theorie. De student wordt gecoacht door de praktijkbegeleider en de SLB-er. De student verzorgt enkele aaneengesloten dagen de lessen. De student treedt stimulerend, leidend en begeleidend op. De student toetst het eigen handelen aan theorie. De student wordt gecoacht door de praktijkbegeleider en de SLB-er. De student verzorgt gehele dagen de lessen. De student treedt stimulerend, leidend en begeleidend op. Kerntaken als beoordelingskader De kennis en didactiek van de basisschoolvakken zijn de bouwstenen van het initiële curriculum van de opleidingsvarianten van Instituut Theo Thijssen. Het opleidingsprofiel van ITT is uitgewerkt in kern- en deeltaken van de leerkracht basisonderwijs. Voor elke fase van de opleiding (opleidingsbekwaam, basisbekwaam, gevorderd bekwaam en startbekwaam) zijn deze kern- en deeltaken beschreven. In een concentrische opbouw nemen de mate van diepgang, complexiteit en de reikwijdte van de kernen per opleidingsfase toe. De kernen en invulling per fase staan voor ITT vast als gezamenlijk curriculum- en beoordelingskader. De vijf kerntaken zijn: Kerntaak 1: pedagogisch adequaat handelen; Kerntaak 2: professioneel voorbereiden en evalueren van onderwijsactiviteiten; Kerntaak 3: professioneel uitvoeren van onderwijsactiviteiten en volgen en begeleiden van kinderen; Kerntaak 4: communiceren en samenwerken met collega s en anderen; Kerntaak 5: werken aan professionele ontwikkeling. Op de volgende pagina s staan deze kerntaken met deeltaken beschreven, per fase van de opleiding. Voor het eindassessment is de meest rechter kolom het uitgangspunt. 19

20 Opleidingsprofiel ITT met Kerntaken- en deeltaken in de verschillende fasen van de opleiding. Kerntaak 1 Pedagogisch adequaat handelen 1. Kennis hebben van hoe kinderen kunnen leren, zich ontwikkelen en gedragen (K). 2. Aandacht en zorg hebben voor kinderen en daarbij tegemoet komen aan hun basisbehoeften. 3. Een veilig leef- en leerklimaat creëren door duidelijk te zijn over gedragsregels en afspraken. 4. Goede omgang en samenwerking bevorderen en adequaat hanteren van groepsprocessen en de dynamiek daarin. Opbouwen en onderhouden van een ondersteunende relatie met kinderen, leiding geven aan de groep en zorgen voor een goed en pedagogisch adequaat leerklimaat Fase 1, opleidingsbekwaam Fase 2, basisbekwaam Fase 3, gevorderd bekwaam Fase 4, startbekwaam Kennen van het verloop van Herkennen van het niveau van Herkennen van gedrags-, leer- en (zie fase 3) cognitieve, sociaal-emotionele, cognitieve, sociaal-emotionele, ontwikkelings-problemen en morele en motorische morele en motorische leerprocessen mogelijkheden tot groei bij leerprocessen en ontwikkeling en ontwikkeling bij kinderen. kinderen. bij kinderen. Kennen van (fasen in) Herkennen van (fasen in) Herkennen van complexe groepsprocessen en groepsprocessen en van passende groepsprocessen en van leiderschapsstijlen. leiderschapsstijlen. passende leiderschapsstijlen. Contact maken met kinderen, empathisch reageren en een relatie met hen opbouwen. Kinderen aanmoedigen en effectieve complimenten geven. Ruimte geven aan kinderen en reageren op hun ideeën en inbreng. Leiding nemen binnen de groep en afspraken maken met kinderen. Geldende klassenregels herhalen, kinderen aanspreken en het gewenste gedrag positief waarderen. Groepsprocessen, rollen en sociale verhoudingen en de dynamiek hierin herkennen in de groep. Concrete verwachtingen uitspreken over samenwerking en positieve omgang met elkaar. Conflicten tussen kinderen signaleren en erop reageren. Empathisch reageren op kinderen, hen ondersteunen en aanmoedigen. Effectieve feedback geven aan kinderen en deze constructief formuleren. Kinderen uitnodigen om hun eigen ideeën in te brengen. Leiding geven aan de groep en onderlinge verwachtingen uitwisselen. Klassenregels bespreekbaar maken, duidelijke verwachtingen uitspreken en deze consequent hanteren. Geldende schoolregels consequent hanteren binnen en buiten de klas. Groepsprocessen, rollen en sociale verhoudingen (waaronder pestgedrag) bespreken met kinderen. Met kinderen bespreken hoe samenwerking en positieve omgang met elkaar kan verbeteren. Interveniëren bij conflicten tussen kinderen en deze met hen bespreken. Kinderen ondersteunen op sociaal-emotioneel en moreel gebied en herkennen van signaalgedrag. Responsief communiceren en hoge en realistische verwachtingen uitspreken. Ideeën en inbreng van kinderen een plek geven in de lesactiviteiten. Leiding geven aan de groep en tegemoet komen aan verschillen tussen kinderen. Kinderen betrekken bij het hanteren en eventueel aanpassen van de klassenregels. School- en klassenregels verbinden en positief en consequent hanteren. Groepsprocessen, rollen en sociale verhoudingen (o.a. pestgedrag) met kinderen bespreken en verbeteren. Kinderen concreet ondersteunen bij het samenwerken en positief omgaan met elkaar. Interveniëren bij conflicten en kinderen ondersteunen bij het oplossen ervan. Planmatig passende sociaalemotionele en morele ondersteuning bieden. Planmatig responsief handelen. Ideeën en inbreng van kinderen een plek geven in het onderwijs en de klas. (zie fase 3) School- en klassenregels zo nodig in het team aan de orde stellen en afstemmen. Groepsprocessen, rollen en sociale verhoudingen (o.a. pestgedrag) bij kinderen planmatig verbeteren. Planmatig ondersteunen bij het aanleren van samenwerking. Waar nodig bij conflicten contact opnemen met collega s en ouders. 20

21 5. Zich bewust zijn van en een open houding hebben bij diversiteit en dit bij de kinderen bevorderen. Vriendelijk en constructief reageren op alle kinderen in de groep. Het goede voorbeeld geven in het rekening houden met elkaar. Een open houding laten zien ten aanzien van diversiteit en interculturaliteit. Onderkennen van de invloed van de eigen cultuur op het eigen handelen. Met kinderen bespreken hoe zij rekening kunnen houden met elkaar. Vanuit een open houding diversiteit en interculturaliteit met kinderen bespreken. Herkennen van vooroordelen bij zichzelf en bij kinderen en hier grenzen aan stellen. Kinderen betrekken bij het creëren van een klimaat van rekening houden met elkaar. Verschillen in opvattingen en gedrag met kinderen bespreken en waarderen. Bespreken van waarden en normen gericht op respect voor elkaar. Planmatig creëren van een respectvolle sfeer in de klas samen met de kinderen. Verbinding leggen tussen thuisen schoolcultuur Waardenontwikkeling, ethisch handelen en moreel gedrag van kinderen stimuleren. Kerntaak 2 Professioneel voorbereiden en evalueren van onderwijsactiviteiten 1. Beheersen van de kennis en vaardigheden in het basisschoolcurriculum (K) 2. Per schoolvak beschikken over een stevige vakdidactische kennisbasis (K) Fase 1, Opleidingsbekwaam Kennismaken met de stof en vaardigheden van het basisschoolcurriculum. Ontwikkelen van basiskennis over vakspecifieke leerstofopbouw. Kennen van vakspecifieke instructie en werkvormen. Fase 2, Basisbekwaam Volledig beheersen van de stof wat betreft kennis en vaardigheden. Herkennen van vakspecifieke leerstofopbouw in methodes. Kennen en herkennen van vakspecifieke leerinstructie en werkvormen, ook vanuit de vakdidactische kennis. Inzicht hebben in mogelijkheden tot het verbinden van lesdoelen van verschillende vakken. Fase 3, Gevorderd bekwaam Boven de stof staan en doorgaande leerlijnen kennen en herkennen. Herkennen van vakspecifieke leerstofopbouw en de cruciale momenten daarin, in verschillende methodes. Kennen en herkennen van vakspecifieke instructie en werkvormen, ook bij specifieke leerproblemen. (Her)kennen van specifieke mogelijkheden om lesdoelen en werkvormen in diverse vakken te combineren. (Her)kennen van vakspecifieke leerproblemen en mogelijkheden voor differentiatie. Fase 4, Startbekwaam Nieuwe ontwikkelingen signaleren en in lessen opnemen. De doorgaande lijn van de school kennen. Beschikken over gespecialiseerde vakdidactische kennis. Relateren van vakdidactiek aan beschikbare kennis en het persoonlijk werkconcept 21

Beoordelingsprocedure Eindassessment 2014-2015

Beoordelingsprocedure Eindassessment 2014-2015 Beoordelingsprocedure Eindassessment Dagopleiding (DAG) Dag-/avondopleiding (DAV) Verkorte opleiding (VO) 2014-2015 Voor assessoren HU PABO - Instituut Theo Thijssen 1 Inhoud Inhoud Inhoud... 2 Inleiding...

Nadere informatie

Beoordelingsprocedure Eindassessment

Beoordelingsprocedure Eindassessment Beoordelingsprocedure Eindassessment Dagopleiding (DAG) Dag-/avondopleiding (DAV) Verkorte opleiding (VO) 2015-2016 Voor assessoren HU PABO - Instituut Theo Thijssen Wijzigingen t.o.v. versie 2014-2015

Nadere informatie

INSTITUUT THEO THIJSSEN. Afstudeerfase ITT Totaaloverzicht. DAG/DAV 4/VO 2 Studiejaar

INSTITUUT THEO THIJSSEN. Afstudeerfase ITT Totaaloverzicht. DAG/DAV 4/VO 2 Studiejaar INSTITUUT THEO THIJSSEN Afstudeerfase ITT Totaaloverzicht DAG/DAV 4/VO 2 Studiejaar 2013-2014 1 Inhoud Inleiding... 3 Verantwoording... 4 Verantwoording Afstudeerfase in schema: Matrix competenties/dublin

Nadere informatie

Planning en verantwoording Afstudeerstage DAG/DAV 4/VO 2. Studiejaar

Planning en verantwoording Afstudeerstage DAG/DAV 4/VO 2. Studiejaar INSTITUUT THEO THIJSSEN Planning en verantwoording Afstudeerstage DAG/DAV 4/VO 2 Studiejaar 2015-2016 Osiriscodes: DAG ITT-UTRECHT/ DAG ITT-AMERSFOORT DAV ITT-UTRECHT VO ITT-UTRECHT OTR4-AFS01-14 OTC-B-VOAFS31-14

Nadere informatie

Hieronder wordt de procedure voor de beoordeling van de bekwaamheid van de student in de beroepspraktijk kort weergegeven.

Hieronder wordt de procedure voor de beoordeling van de bekwaamheid van de student in de beroepspraktijk kort weergegeven. Procedure en criteria voor het beoordelen van studenten in de beroepspraktijk Hieronder wordt de procedure voor de beoordeling van de bekwaamheid van de student in de beroepspraktijk kort weergegeven.

Nadere informatie

Opleidingsprofiel Instituut Theo Thijssen - Kerntaken- en deeltaken in de verschillende fasen van de opleiding

Opleidingsprofiel Instituut Theo Thijssen - Kerntaken- en deeltaken in de verschillende fasen van de opleiding Opleidingsprofiel Instituut Theo Thijssen - Kerntaken- en deeltaken in de verschillende fasen van de opleiding Kerntaak 1 Pedagogisch adequaat handelen 1. Kennis hebben van hoe kinderen kunnen leren, zich

Nadere informatie

Planning en verantwoording Afstudeerstage DAG/DAV 4/VO 2. Studiejaar

Planning en verantwoording Afstudeerstage DAG/DAV 4/VO 2. Studiejaar INSTITUUT THEO THIJSSEN Planning en verantwoording Afstudeerstage DAG/DAV 4/VO 2 Studiejaar 2016-2017 Osiriscodes: DAG ITT-UTRECHT DAG ITT-AMERSFOORT DAV ITT-UTRECHT VO ITT-UTRECHT OTO4-AFST1-16 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Eindassessment. DAG/DAV 4/VO 2 Studiejaar 2013-2014

Eindassessment. DAG/DAV 4/VO 2 Studiejaar 2013-2014 INSTITUUT THEO THIJSSEN Eindassessment DAG/DAV 4/VO 2 Studiejaar 2013-2014 Osiriscodes: DAG ITT-UTRECHT DAG ITT-AMERSFOORT DAV ITT-UTRECHT VO ITT-UTRECHT OTC-B-DGAFS03-13 OTF-B-DGAFS53-13 OTA-B-DVAFS13-13

Nadere informatie

Handleiding Assessment Startbekwaamheid

Handleiding Assessment Startbekwaamheid Handleiding Assessment Startbekwaamheid Hoofdfase 3, ALO Opleiding Academie voor Lichamelijke Opvoeding Bachelor of Sport and Physical Education Domein Bewegen, Sport en Voeding Februari 2013 Inhoud Introductie

Nadere informatie

Ontwikkelingsverslag Minor Teaching Abroad

Ontwikkelingsverslag Minor Teaching Abroad Ontwikkelingsverslag Minor Teaching Abroad In dit document beschrijf je zo concreet mogelijk jouw ontwikkeling op de vijf kerntaken gedurende de stage in het buitenland. Elke kerntaak onderbouw je met

Nadere informatie

ten behoeve van het beoordelingsportfolio Startbekwaamheid Hoofdfase 3, ALO

ten behoeve van het beoordelingsportfolio Startbekwaamheid Hoofdfase 3, ALO Zelfevaluatie ten behoeve van het beoordelingsportfolio Startbekwaamheid Hoofdfase 3, AL pleiding Academie voor Lichamelijke pvoeding Februari 2013 Zelfevaluatie ten behoeve van het beoordelingsportfolio

Nadere informatie

Errata Studiegids. Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Deeltijd

Errata Studiegids. Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Deeltijd Errata Studiegids Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Deeltijd 2015-2016 Inhoudsopgave 1 Algemeen 3 2 Errata 4 2.1 Afstuderen (paragraaf 2.5.6)... 4 2.2 HU Onderwijsrooster (paragraaf 6.1)... 4 2.3

Nadere informatie

Toelichting Startbekwaamheidsgesprek voor opleidings- en werkveldexaminatoren

Toelichting Startbekwaamheidsgesprek voor opleidings- en werkveldexaminatoren Toelichting Startbekwaamheidsgesprek voor opleidings- en werkveldexaminatoren Dit document is bedoeld om de opleidings- en werkveldexaminatoren te informeren over de achtergronden van het Startbekwaamheidsgesprek.

Nadere informatie

kempelscan P2-fase Studentversie

kempelscan P2-fase Studentversie kempelscan P2-fase Studentversie Pedagogische competentie Kern 2.1 Pedagogisch competent Pedagogisch handelen Je draagt bij aan een veilige leef- en leeromgeving in de groep O M V G Je bent consistent

Nadere informatie

Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview)

Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview) Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview) Student: Opleidingsassessor: Studentnummer:. Veldassessor:. Datum: Een startbekwaam

Nadere informatie

Beroepsproduct Project Wetenschap en technologie op de basisschool

Beroepsproduct Project Wetenschap en technologie op de basisschool Beroepsproduct Project Wetenschap en technologie op de basisschool In dit beroepsproduct ontwerp je onderwijs op het gebied van Wetenschap en technologie voor de basisschool. Uitgangspunt bij je onderwijsontwerp

Nadere informatie

Informatie werkplekleren

Informatie werkplekleren Informatie werkplekleren Pabo Venlo 2014-2015 Inhoudsopgave Inleiding Blz. 3 Stagedagen Blz. 4 Stageweken Blz. 4 Jaaroverzicht 2014-2015 Blz. 5 Opleidingsprogramma Blz. 6 Propedeusefase Hoofdfase Afstudeerfase

Nadere informatie

Handleiding Coaching/stagereflectie

Handleiding Coaching/stagereflectie Fontys Hogeschool Pedagogiek Coaching/Intervisie Minor Forensische Orthopedagogiek 2013-2014 Studiejaar 3 Handleiding Coaching/stagereflectie Voor studenten voltijd Minor Forensische Orthopedagogiek Studiejaar

Nadere informatie

INFORMATIEBIJEENKOMST CURRICULUM INSTITUUT HU PABO THEO THIJSSEN. Presentatie t.b.v. opleidingsscholen 14 en 21 september 2016

INFORMATIEBIJEENKOMST CURRICULUM INSTITUUT HU PABO THEO THIJSSEN. Presentatie t.b.v. opleidingsscholen 14 en 21 september 2016 INFORMATIEBIJEENKOMST CURRICULUM INSTITUUT HU PABO THEO THIJSSEN Presentatie t.b.v. opleidingsscholen 14 en 21 september 2016 Welkom Samen opleiden van studenten vraagt een nauwe samenwerking tussen de

Nadere informatie

Errata Studiegids. Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Voltijd

Errata Studiegids. Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Voltijd Errata Studiegids Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Voltijd 2015-2016 Inhoudsopgave 1 Algemeen 3 2 Errata 4 2.1 Afstuderen (paragraaf 2.5.6)... 4 2.2 HU Onderwijsrooster (paragraaf 6.1)... 4 2.3

Nadere informatie

kempelscan K1-fase Eerste semester

kempelscan K1-fase Eerste semester kempelscan K1-fase Eerste semester Kempelscan K1-fase eerste semester 1/6 Didactische competentie Kern 3.1 Didactisch competent Adaptief omgaan met leerlijnen De student bereidt systematisch lessen/leeractiviteiten

Nadere informatie

Beoordelingsformulier Verslag Vakprofilering Geschiedenis Code: OTR3-PRWT1-15 EC: 5

Beoordelingsformulier Verslag Vakprofilering Geschiedenis Code: OTR3-PRWT1-15 EC: 5 Beoordelingsformulier 3.1.2 Verslag Vakprofilering Geschiedenis 2015-2016 Code: OTR3-PRWT1-15 EC: 5 Studentnaam: Klas: Beoordelaar Studentnummer: Datum: KERN- EN DEELTAKEN DIE HOREN BIJ DEZE TOETS: 2.1,

Nadere informatie

Voorwoord Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning

Voorwoord Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning Voorwoord Voor u ligt een proeve van bekwaamheid voor de opleiding Helpende Zorg & Welzijn, niveau 2, voor de kerntaak 1: Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning Deze proeve sluit

Nadere informatie

EXAMEN KEUZEDEEL VERRIJKING LEERVAARDIGHEDEN Code: K INFORMATIE VOOR DE BEOORDELAAR

EXAMEN KEUZEDEEL VERRIJKING LEERVAARDIGHEDEN Code: K INFORMATIE VOOR DE BEOORDELAAR EXAMEN KEUZEDEEL VERRIJKING LEERVAARDIGHEDEN Code: K0440 3. INFORMATIE VOOR DE BEOORDELAAR Versie 1.1 31.10.2016 INHOUD Inleiding... 3 Het examen... 3 Cesuur... 3 Afronding... 4 BIJLAGEN... 5 BIJLAGE 1a

Nadere informatie

EXAMEN KEUZEDEEL VERRIJKING LEERVAARDIGHEDEN Code: K INFORMATIE VOOR DE STUDENT

EXAMEN KEUZEDEEL VERRIJKING LEERVAARDIGHEDEN Code: K INFORMATIE VOOR DE STUDENT EXAMEN KEUZEDEEL VERRIJKING LEERVAARDIGHEDEN Code: K0440 2. INFORMATIE VOOR DE STUDENT Versie 1.0 31.05.2016 Informatie Deze informatie is voor jou omdat je examen gaat doen in het keuzedeel Verrijking

Nadere informatie

Beoordelingsrapport Studie en Werk 1B - voltijd

Beoordelingsrapport Studie en Werk 1B - voltijd Beoordelingsrapport Studie en Werk 1B - voltijd 2016-2017 Inleiding: Bij Studie en Werk 1B word je beoordeeld op je leerproces én je functioneren als (aankomend) docent op je leerwerkplek. De beoordeling

Nadere informatie

Stappenplan Ontdekken van de Wereld

Stappenplan Ontdekken van de Wereld Stappenplan 2.1.2 Ontdekken van de Wereld In dit document lees je wat het beroepsproduct bij de onderwijseenheid Ontdekken van de Wereld inhoudt en volgens welke stappen je er aan kunt werken. Inleiding

Nadere informatie

Bekwaamheidseisen leraar primair onderwijs

Bekwaamheidseisen leraar primair onderwijs Bekwaamheidseisen leraar primair onderwijs Uit: Besluit van 16 maart 2017 tot wijziging van het Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel en het Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel BES in verband

Nadere informatie

SW-B-K1-W2 (C) Maakt een plan van aanpak. Oefenopdracht C Niveau 4 Crebo: Cohort: Geldig vanaf

SW-B-K1-W2 (C) Maakt een plan van aanpak. Oefenopdracht C Niveau 4 Crebo: Cohort: Geldig vanaf SW-B-K1-W2 (C) Maakt een plan van aanpak Oefenopdracht C Niveau 4 Crebo: 23185 Cohort: Geldig vanaf 01-08-2015 Colofon * Daar waar hij staat, wordt ook zij bedoeld en omgekeerd. * Waar cliënt staat, kan

Nadere informatie

Opleiding Verzorgende IG PROEVE

Opleiding Verzorgende IG PROEVE Opleiding Verzorgende IG PROEVE Uitleg Albeda College Branche Gezondheidszorg Kwalificatieniveau 3 Cohort: 2015-2016 Crebocode: 95530 Februari 2015 Naam student: Proeve Cohort 2012-2013 verzorgende IG

Nadere informatie

Bijlage 7 Opdracht Bekwaamheidsproef 2 (studentenmateriaal)

Bijlage 7 Opdracht Bekwaamheidsproef 2 (studentenmateriaal) Bijlage 7 Opdracht Bekwaamheidsproef 2 (studentenmateriaal) Inleiding Gedurende de studie zijn er een aantal momenten waarin je moet aantonen in hoeverre je de competenties voor het beroep van leraar beheerst.

Nadere informatie

Beoordelingsformulier Eindassessment Instituut Theo Thijssen 2013/2014

Beoordelingsformulier Eindassessment Instituut Theo Thijssen 2013/2014 Beoordelingsformulier Eindassessment Instituut Theo Thijssen 2013/2014 [AFS03/13/33/53] 15 ec Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam Leerkracht Basisonderwijs (op grond van portfolio, presentatie

Nadere informatie

TOEGEPASTE PSYCHOLOGIE Praktijk 8 Deeltijd

TOEGEPASTE PSYCHOLOGIE Praktijk 8 Deeltijd TOEGEPASTE PSYCHOLOGIE Praktijk 8 Deeltijd Titel vak: Praktijk 8 Kwartaal: 4 Voltijd/deeltijd: Deeltijd Studiejaar: 2 Datum versie: April 2013 ECTS: 5 Assessoren: Vakcoördinator: Caroline Zijlstra, Chris

Nadere informatie

Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht

Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht Naam: School: Daltoncursus voor leerkrachten Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht Inleiding: De verantwoordelijkheden van de leerkracht zijn samen te vatten door vier beroepsrollen te

Nadere informatie

Programma van toetsing

Programma van toetsing Programma van toetsing Inleiding In samenwerking met onderwijskundige experts hebben we ons programma van toetsing ontworpen. Het programma van toetsing is gevarieerd en bevat naast kennistoetsen en beoordelingen

Nadere informatie

De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk

De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk Op de HBOV van de Hogeschool Leiden wordt sinds het studiejaar 2013-2014 gewerkt met CBP s, Competentie Beoordelingen in de Praktijk. Gedachte hierachter is, dat

Nadere informatie

WORKSHOP: Wat zijn uw eigen competenties?

WORKSHOP: Wat zijn uw eigen competenties? LOGO-congres 15 juni 2012 Onderwijsvernieuwing met Ambitie en Passie WORKSHOP: Wat zijn uw eigen competenties? Theo Bouman & Valerie Hoogendoorn Opleidingsinstituut PPO Groningen 1 Doel Feeling te krijgen

Nadere informatie

Breidt netwerk min of meer bij toeval uit. Verneemt bij bedrijven wensen voor nieuwe

Breidt netwerk min of meer bij toeval uit. Verneemt bij bedrijven wensen voor nieuwe Accountmanager Accountmanager onderhoudt relaties met bedrijven en organisaties met het doel voor praktijkleren binnen te halen. Hij kan nagaan welke bedrijven hebben, doet voorstellen voor bij bedrijven

Nadere informatie

Opdrachten bij hoofdstuk 1

Opdrachten bij hoofdstuk 1 Opdrachten bij hoofdstuk 1 1.1 Het portfolio op jouw opleiding Ga na met welke portfolio s er binnen jouw pabo gewerkt wordt. Probeer in handboeken en studiegidsen van je opleiding omschrijvingen van het

Nadere informatie

Competentievenster 2015

Competentievenster 2015 Windesheim zet kennis in werking Competentievenster 2015 TWEEDEGRAADS LERARENOPLEIDING WINDESHEIM Inleiding 3 Het competentievenster van de tweedegraads lerarenopleidingen van Hogeschool Windesheim vormt

Nadere informatie

Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid. Leg het fundament. Crebonummer Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL

Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid. Leg het fundament. Crebonummer Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid Leg het fundament Crebonummer 91370 Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL EXAMENBANK PROVE2MOVE 1 e herziene druk: november 2013 ISBN:

Nadere informatie

Zelfevaluatie. Inleiding:

Zelfevaluatie. Inleiding: Sabine Waal Zelfevaluatie Inleiding: In dit document heb ik uit geschreven wat mijn huidige niveau is en waar ik mij al zoal in ontwikkeld heb ten opzichte van de zeven competenties. Elke competentie heb

Nadere informatie

SWOT-ANALYSE. 1 Interpersoonlijk competent. 1.1 Eisen. 1.2 Mijn ontwikkelpunten. 1.3 Mijn leerdoelen

SWOT-ANALYSE. 1 Interpersoonlijk competent. 1.1 Eisen. 1.2 Mijn ontwikkelpunten. 1.3 Mijn leerdoelen SWOT-ANALYSE Met een SWOT-analyse breng ik mijn sterke en zwakke punten in kaart. Deze punten heb ik vervolgens in verband gebracht met de competenties van en leraar en heb ik beschreven wat dit betekent

Nadere informatie

Interpersoonlijk competent

Interpersoonlijk competent Inhoudsopgave Inhoudsopgave...0 Inleiding...1 Interpersoonlijk competent...2 Pedagogisch competent...3 Vakinhoudelijk & didactisch competent...4 Organisatorisch competent...5 Competent in samenwerken met

Nadere informatie

Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid. Leg het fundament. Crebonummer 91370. Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL

Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid. Leg het fundament. Crebonummer 91370. Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid Leg het fundament Crebonummer 91370 Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL EXAMENBANK PROVE2MOVE 2 Inhoudsopgave Inleiding 3 Opdrachten

Nadere informatie

Opleiding Verzorgende IG PROEVE

Opleiding Verzorgende IG PROEVE Opleiding Verzorgende IG PROEVE Albeda College Branche Gezondheidszorg Kwalificatieniveau 3 Cohort: 2012 2013 Crebocode: 94830 en 95530 Naam student: Proeve Cohort 2012-2013 verzorgende IG Inhoudsopgave

Nadere informatie

Competentiemeter docent beroepsonderwijs

Competentiemeter docent beroepsonderwijs Competentiemeter docent beroepsonderwijs De beschrijving van de competenties in deze competentiemeter is gebaseerd op: - de bekwaamheidseisen uit de Algemene Maatregel van Bestuur als uitwerking van de

Nadere informatie

1 De leraar creëert een veilig pedagogisch klimaat

1 De leraar creëert een veilig pedagogisch klimaat KIJKWIJZER PEDAGOGISCH-DIDACTISCH HANDELEN IN DE KLAS School : Vakgebied : Leerkracht : Datum : Groep : Observant : 1 De leraar creëert een veilig pedagogisch klimaat (SBL competenties 1 en 2) 1.1* is

Nadere informatie

Handleiding Mbo-hbo doorstroomassessment jij en het hbo ..een succesvolle combinatie?

Handleiding Mbo-hbo doorstroomassessment jij en het hbo ..een succesvolle combinatie? Handleiding jij en het hbo..een succesvolle combinatie? Inhoudsopgave Leeswijzer 3 Inleiding 4 1. Het portfolio 5 1.1 Kwaliteitseisen 5 1.2 Samenstelling van het portfolio 5 1.3 Inleveren portfolio 6 1.4

Nadere informatie

Aansluiting op kern- en deeltaken

Aansluiting op kern- en deeltaken GLVF Implementatie In studiejaar 2016-2017 zullen alle studenten leren lesgeven met de GLVF. Enkele aanpassingen in de GLVF formulieren: Aansluiting op kern- en deeltaken; Aantallen GLVF per semester;

Nadere informatie

Vrijstelling op grond van praktijkervaring binnen de bacheloropleiding Milieunatuurwetenschappen

Vrijstelling op grond van praktijkervaring binnen de bacheloropleiding Milieunatuurwetenschappen Vrijstelling op grond van praktijkervaring binnen de bacheloropleiding Milieunatuurwetenschappen Het doel van vrijstelling op grond van praktijkervaring is om vast te stellen welke cursussen uit de bacheloropleiding

Nadere informatie

Beoordeling werkplekleren jaar 2 DEELTIJD

Beoordeling werkplekleren jaar 2 DEELTIJD Beoordeling werkplekleren jaar 2 DEELTIJD eindbeoordeling WPL-2 Hogeschool van Amsterdam Onderwijs en Opvoeding tweedegraads lerarenopleidingen datum: 2 april 2015 naam student: Peter Lakeman studentnr.

Nadere informatie

COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT

COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT DE SBL competenties COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leef- en werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Verantwoording gebruik leerlijnen

Verantwoording gebruik leerlijnen Verantwoording gebruik leerlijnen In de praktijk blijkt dat er onder de deelnemers van Samenscholing.nu die direct met elkaar te maken hebben behoefte bestaat om de ontwikkeling van de beroepsvaardigheden

Nadere informatie

Proeve van Bekwaamheid. kerntaak 2. Uitvoeren van taken ten behoeve van het jongerenwerk, de organisatie en het beroep

Proeve van Bekwaamheid. kerntaak 2. Uitvoeren van taken ten behoeve van het jongerenwerk, de organisatie en het beroep Proeve van Bekwaamheid kerntaak 2 Uitvoeren van taken ten behoeve van het jongerenwerk, de organisatie en het beroep ROC van Amsterdam,augustus 2007 Voorwoord Voor u ligt een proeve van bekwaamheid voor

Nadere informatie

Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 2

Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 2 PVB 2.3 Assisteren bij activiteiten Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 2 Inleiding Om het door Stichting NSA en NOC*NSF erkende diploma Leider Sportieve Recreatie niveau 2 te behalen,

Nadere informatie

Handleiding Portfolio assessment UvA-docenten

Handleiding Portfolio assessment UvA-docenten Handleiding Portfolio assessment UvA-docenten najaar 2005 Inleiding In het assessment UvA-docent wordt vastgesteld welke competenties van het docentschap door u al verworven zijn en welke onderdelen nog

Nadere informatie

Proeve van Bekwaamheid. Terugblikken en vooruitkijken (3) Crebonummer 93500. Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL

Proeve van Bekwaamheid. Terugblikken en vooruitkijken (3) Crebonummer 93500. Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL Proeve van Bekwaamheid Terugblikken en vooruitkijken (3) Crebonummer 93500 Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL EXAMENBANK PROVE2MOVE Kwalificatiedossier 2012-2013 2 Inhoudsopgave

Nadere informatie

BPV-praktijkboek. Arbeidsmarktgekwalificeerd assistent

BPV-praktijkboek. Arbeidsmarktgekwalificeerd assistent BPV-praktijkboek Arbeidsmarktgekwalificeerd assistent Crebocode 90440, dossier 2013-2014 Bedrijfsnaam :. Naam Student : Cohort :.. Wat is een BPV werkboek Dit BPV werkboek maakt onderdeel uit van de Opleiding

Nadere informatie

Technisch gesproken reken ik daarop. Taal, techniek en rekenen-wiskunde bij jonge kinderen.

Technisch gesproken reken ik daarop. Taal, techniek en rekenen-wiskunde bij jonge kinderen. Technisch gesproken reken ik daarop. Taal, techniek en rekenen-wiskunde bij jonge kinderen. In dit document lees je wat het beroepsproduct Technisch gesproken reken ik daarop inhoudt. De vakken rekenen-wiskunde,

Nadere informatie

Bijlage 2-9. Richtlijnen voor de prestatie

Bijlage 2-9. Richtlijnen voor de prestatie Bijlage 2-9 Richtlijnen voor de prestatie Inleiding Tijdens de stage leveren studenten in feite voortdurend prestaties. Ze doen dingen die (nog) geen dagelijkse routine zijn, waar wilskracht en overtuiging

Nadere informatie

van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen

van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 / De kern en inhoud als uitgangspunt... 4 1.1 de kern... 4 1.2 de inhoud... 5 Hoofdstuk 2

Nadere informatie

Proeve van Bekwaamheid. Terugblikken en vooruitkijken (1) Crebonummer: 93500. Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL

Proeve van Bekwaamheid. Terugblikken en vooruitkijken (1) Crebonummer: 93500. Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL Proeve van Bekwaamheid Terugblikken en vooruitkijken (1) Crebonummer: 93500 Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL EXAMENBANK PROVE2MOVE Kwalificatiedossier 2012-2013 SBL Juli 2012 2

Nadere informatie

Toelichting LIO-bekwaamheidsgesprek voor (opleidings)examinatoren

Toelichting LIO-bekwaamheidsgesprek voor (opleidings)examinatoren Toelichting LIO-bekwaamheidsgesprek voor (opleidings)examinatoren Dit document is bedoeld om de opleidingsexaminatoren te informeren over de achtergronden van het LIObekwaamheidsgesprek. Ingegaan wordt

Nadere informatie

Proeve van Bekwaamheid. Onderzoeken en presenteren. Crebonummer 93500. Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL

Proeve van Bekwaamheid. Onderzoeken en presenteren. Crebonummer 93500. Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL Proeve van Bekwaamheid Onderzoeken en presenteren Crebonummer 93500 Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL EXAMENBANK PROVE2MOVE Kwalificatiedossier 2012-2013 Inhoudsopgave Inleiding

Nadere informatie

COMPETENTIETOETSEN DOMEIN APPLIED SCIENCE ANTOINETTE VAN BERKEL HOGESCHOOL VAN AMSTERDAM 23 MAART 2017

COMPETENTIETOETSEN DOMEIN APPLIED SCIENCE ANTOINETTE VAN BERKEL HOGESCHOOL VAN AMSTERDAM 23 MAART 2017 COMPETENTIETOETSEN DOMEIN APPLIED SCIENCE ANTOINETTE VAN BERKEL HOGESCHOOL VAN AMSTERDAM 23 MAART 2017 1 DOCENTEN AAN HET WOORD Wat is adequaat bewijs om competenties aan te tonen? Hoe kom ik tot een intersubjectief

Nadere informatie

Portfolio vrijstellingsverzoek op grond van praktijkervaring

Portfolio vrijstellingsverzoek op grond van praktijkervaring Vrijstelling op grond van praktijkervaring binnen de bacheloropleiding Rechtsgeleerdheid Door relevante praktijkervaring ontstaat voor u de mogelijkheid vrijstelling te krijgen voor maximaal 5 modulen

Nadere informatie

Taakbekwaam onderbouw. Anouk Bluemink Vr2B Datum: 16 december 2013 SLB er: Wineke Blom & Agnes Hartman

Taakbekwaam onderbouw. Anouk Bluemink Vr2B Datum: 16 december 2013 SLB er: Wineke Blom & Agnes Hartman Taakbekwaam onderbouw Anouk Bluemink Vr2B Datum: 16 december 2013 SLB er: Wineke Blom & Agnes Hartman Daltonbasisschool de Leer, Hengelo (Gld) Ria Menting Groep 3 Intern opleider: Miriam Pasman Beoordelaar:

Nadere informatie

beheerst de volgende vaardigheden, kan deze onderwijzen en vaardigheden

beheerst de volgende vaardigheden, kan deze onderwijzen en vaardigheden Checklist vakdidactisch Kennisbasis Biologie Voor het begin van de 3 e jaars stage vullen de studenten deze checklist in. De studenten formuleren leerdoelen die aansluiten op de uitkomst van deze list.

Nadere informatie

1 Interpersoonlijk competent

1 Interpersoonlijk competent 1 Interpersoonlijk competent De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leefen werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid van de leraar primair onderwijs en

Nadere informatie

Handleiding Nivometing SVMNIVO Kandidaat SCVM

Handleiding Nivometing SVMNIVO Kandidaat SCVM Handleiding Nivometing SVMNIVO Kandidaat SCVM Contactgegevens: Laatst bijgewerkt: 29 februari 2012 1 SVMNIVO Postbus 774 3430 AT Nieuwegein Tel. 030-60 230 60 Fax. 030-60 370 32 info@svmnivo.nl www.svmnivo.nl

Nadere informatie

Vrijstelling op grond van praktijkervaring binnen de bacheloropleiding Psychologie

Vrijstelling op grond van praktijkervaring binnen de bacheloropleiding Psychologie Vrijstelling op grond van praktijkervaring binnen de bacheloropleiding Psychologie Een vrijstelling op basis van praktijkervaring is alleen mogelijk voor vier cursussen uit de bacheloropleiding, te weten

Nadere informatie

Kennismakingsgesprek

Kennismakingsgesprek Bijlage 3 Feedbackformulier voor de PRAKTIJK BEGELEIDER N3 Pedagogiek voltijd (2016-2017) Toelichting: Kennismakingsgesprek Bij de kennismaking is het belangrijk om vast te stellen dat de stagplek een

Nadere informatie

Gespreksdocument Inleiding Doel Werkwijze

Gespreksdocument Inleiding Doel Werkwijze Gespreksdocument Inleiding Het portfolio is gevuld met bewijslast voor de behaalde competenties op het gevraagde niveau Het laatste studiepunt wordt behaald met het schrijven van het gespreksdocument.

Nadere informatie

BBL-4, topklinisch traject RdGG Pagina 1 van 5 Persoonlijke ontwikkeling Reflecteren

BBL-4, topklinisch traject RdGG Pagina 1 van 5 Persoonlijke ontwikkeling Reflecteren BBL-4, topklinisch traject RdGG Pagina 1 van 5 Inleiding en leerdoelen Reflectie is de weerkaatsing van licht in bijvoorbeeld een spiegel. Reflectie zoals je dat in deze opdracht zult leren is eigenlijk

Nadere informatie

STARTERSBLOKKEN - XPECT PRIMAIR OMGAAN MET VERSCHILLEN TUSSEN LEERLINGEN VERDIEPING

STARTERSBLOKKEN - XPECT PRIMAIR OMGAAN MET VERSCHILLEN TUSSEN LEERLINGEN VERDIEPING STARTERSBLOKKEN - XPECT PRIMAIR OMGAAN MET VERSCHILLEN TUSSEN LEERLINGEN VERDIEPING Versie 4.0 (07-11-2017) DOELSTELLINGEN De startersblokken van Xpect Primair zijn speciaal ontwikkeld voor jou als leerkracht

Nadere informatie

Rapport Docent i360. Angela Rondhuis

Rapport Docent i360. Angela Rondhuis Rapport Docent i360 Naam Angela Rondhuis Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het

Nadere informatie

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding Inleiding Het LEOZ (Landelijk Expertisecentrum Onderwijs en Zorg) is een samenwerkingsproject van: Fontys Hogescholen, Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg,

Nadere informatie

Lesvoorbereidingsformulier Fontys Hogeschool Kind en Educatie, Pabo Eindhoven Bron: Didactisch model van Gelder. Student(e) Klas Stageschool Plaats

Lesvoorbereidingsformulier Fontys Hogeschool Kind en Educatie, Pabo Eindhoven Bron: Didactisch model van Gelder. Student(e) Klas Stageschool Plaats Lesvoorbereidingsformulier Fontys Hogeschool Kind en Educatie, Pabo Eindhoven Bron: Didactisch model van Gelder Student(e) Klas Stageschool Plaats Mentor Datum Groep Aantal lln Vak- vormingsgebied: beeldende

Nadere informatie

Een toetsprogramma om van te leren. Platform leren van toetsen 2 juni 2017 Wendy Peeters en Nienke Zijlstra

Een toetsprogramma om van te leren. Platform leren van toetsen 2 juni 2017 Wendy Peeters en Nienke Zijlstra Een toetsprogramma om van te leren Platform leren van toetsen 2 juni 2017 Wendy Peeters en Nienke Zijlstra Even voorstellen.. Wendy Peeters Nienke Zijlstra Uitgangspunten en doel sessie Uitgangspunten:

Nadere informatie

competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan

competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Samenwerken Omgevingsgericht/samenwerken Reflectie en zelfontwikkeling competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Competentieprofiel stichting Het Driespan, (V)SO

Nadere informatie

Proeve van Bekwaamheid. Begeleiden. Crebonummer: Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL NIET KOPIËREN EXAMENBANK PROVE2MOVE

Proeve van Bekwaamheid. Begeleiden. Crebonummer: Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL NIET KOPIËREN EXAMENBANK PROVE2MOVE Proeve van Bekwaamheid Begeleiden Crebonummer: 93500 Opleiding Onderwijsassistent Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL EXAMENBANK PROVE2MOVE 2 Inhoudsopgave Inleiding 6 Opdracht 6 Beoordelingsformulier: Opdracht

Nadere informatie

Toetsregeling Professionaliteit

Toetsregeling Professionaliteit Toetsregeling Professionaliteit Bacheloropleidingen Geneeskunde en Biomedische Wetenschappen Radboudumc Propedeuse Deze regeling is van kracht vanaf 31 augustus 2015. 1) Begripsbepaling Professionaliteit

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ BASISSCHOOL MISTE CORLE Plaats : Winterswijk BRIN-nummer : 18ZG Onderzoek uitgevoerd op : 3 november 2009 Rapport vastgesteld te Zwolle op 30 maart 2010 HB 2811938/9

Nadere informatie

Rapport Docent i360. Test Kandidaat

Rapport Docent i360. Test Kandidaat Rapport Docent i360 Naam Test Kandidaat Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het

Nadere informatie

Dit portfolio is eigendom van: Naam: Adres: Postcode en woonplaats: Telefoon: Naam studieloopbaanbegeleider: Telefoon:

Dit portfolio is eigendom van: Naam: Adres: Postcode en woonplaats: Telefoon:   Naam studieloopbaanbegeleider: Telefoon: Dit portfolio is eigendom van: Naam: Adres: Postcode en woonplaats: Telefoon: E-mail: ------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Naam studieloopbaanbegeleider:

Nadere informatie

Handleiding EVC-procedure

Handleiding EVC-procedure Handleiding EVC-procedure Informatie voor de kandidaat VAPRO Basisoperator VAPRO A VAPRO B VAPRO C december 2007 Inhoud 1 Inleiding...3 2 De EVC-procedure...4 2.1 Afnemen van een quick scan...4 2.2 Verzamelen

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning 83 5.1 Leerdoelen en persoonlijke doelen 84 5.2 Het ontwerpen van het leerproces 87 5.3 Planning in de tijd 89

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning 83 5.1 Leerdoelen en persoonlijke doelen 84 5.2 Het ontwerpen van het leerproces 87 5.3 Planning in de tijd 89 Inhoud Inleiding 9 1 Zelfsturend leren 13 1.1 Zelfsturing 13 1.2 Leren 16 1.3 Leeractiviteiten 19 1.4 Sturingsactiviteiten 22 1.5 Aspecten van zelfsturing 25 1.6 Leerproces vastleggen 30 2 Oriëntatie op

Nadere informatie

Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 3

Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 3 PVB 3.3 Organiseren van activiteiten Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 3 Inleiding Om het door Stichting NSA en NOC*NS erkende diploma Leider Sportieve Recreatie niveau 3 te behalen,

Nadere informatie

Nul- en voortgangsmeting met voorwaardelijke opdrachten Commercie niveau 3

Nul- en voortgangsmeting met voorwaardelijke opdrachten Commercie niveau 3 Nul- en voortgangsmeting met voorwaardelijke opdrachten Commercie niveau 3 Basisdeel - Kerntaak 1 Onderzoekt de markt en doet voorstellen voor commercieel beleid deelnemer bedrijf praktijkopleider school

Nadere informatie

Pedagogisch Didactisch Getuigschrift

Pedagogisch Didactisch Getuigschrift HOGESCHOOL ROTTERDAM Pedagogisch didactisch getuigschrift Pedagogisch Didactisch Getuigschrift Handleiding voor de coach Instituut voor Lerarenopleidingen Versie 24.11.16 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 3

Nadere informatie

Eindreflectie. Taakbekwaam bovenbouw. Anouk Bluemink Vr2B Datum: 21 mei 2014 SLB er: Agnes Hartman

Eindreflectie. Taakbekwaam bovenbouw. Anouk Bluemink Vr2B Datum: 21 mei 2014 SLB er: Agnes Hartman Eindreflectie Taakbekwaam bovenbouw Anouk Bluemink Vr2B Datum: 21 mei 2014 SLB er: Agnes Hartman OBS Jan Ligthart, Zelhem Mieke van den Berg Groep 8b Intern opleider: Marc Neerhof Stage: Het afgelopen

Nadere informatie

BEKWAAMHEIDSEISEN leraren VO met niveau-indicatoren jaar 3

BEKWAAMHEIDSEISEN leraren VO met niveau-indicatoren jaar 3 BEKWAAMHEIDSEISEN leraren VO met niveau-indicatoren jaar 3 1. INTERPERSOONLIJK COMPETENT De leraar die interpersoonlijk competent is, geeft op een goede manier leiding aan leerlingen (individueel en in

Nadere informatie

Persoonlijk ontwikkelingsplan (POP)

Persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) Portfolio-opdracht 1 O 2 Persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) De Handelsroute Uitgeverij Sarphati Niveau Keuzedeel Kwalificatie Dossierdatum 2 Ondernemend gedrag Niveau 2-dossiers Kerntaak en werkproces

Nadere informatie

Inleiding... 2. 1 Het beroepsgericht examen... 3. 1.1 Het uitvoeren van kwalificerende beroepsprestaties... 3

Inleiding... 2. 1 Het beroepsgericht examen... 3. 1.1 Het uitvoeren van kwalificerende beroepsprestaties... 3 1 Het beroepsgericht examen Handleiding voor de student Inhoud Inleiding... 2 1 Het beroepsgericht examen... 3 1.1 Het uitvoeren van kwalificerende beroepsprestaties... 3 1.2 Het maken van een verantwoordingsverslag...

Nadere informatie

Doordacht lesgeven bij sterk rekenonderwijs

Doordacht lesgeven bij sterk rekenonderwijs PLG Interne begeleiders 26 november 2009 Berber Klein & Henk Logtenberg Doordacht lesgeven bij sterk rekenonderwijs PLG Rekenspecialisten De AGENDA 1. Ervaringen uitwisselen Gebruik maken van elkaars ervaringen

Nadere informatie

Programma van toetsing

Programma van toetsing Programma van toetsing Programma van toetsing Versie 1.1 Con Amore B.V. Inleiding In samenwerking met onderwijskundige experts hebben we een nieuw programma van toetsing ontworpen. We zijn afgestapt van

Nadere informatie

Beoordelingsformulier leerkracht Meerkring

Beoordelingsformulier leerkracht Meerkring Beoordelingsformulier leerkracht Meerkring Ervaren leerkracht Datum beoordeling: Naam medewerker: Beoordelaar: School: Gewerkt wordt met een driepuntsschaal: 1 = beneden gestelde eisen 2 = voldoet aan

Nadere informatie

Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD

Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD Bekwaamheidseisen docenten LD vmbo en havo/vwo. (tekst: Wet op de beroepen in het onderwijs en Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel / 2006). 1. Zeven

Nadere informatie

Nr. HANDLEIDING PORTFOLIO GROEPSLESDOCENT INFORMATIE VOOR DE CURSIST / EXAMENKANDIDAAT

Nr. HANDLEIDING PORTFOLIO GROEPSLESDOCENT INFORMATIE VOOR DE CURSIST / EXAMENKANDIDAAT Nr. HANDLEIDING PORTFOLIO GROEPSLESDOCENT INFORMATIE VOOR DE CURSIST / EXAMENKANDIDAAT Stappenplan Proeve van Bekwaamheid Fit!vak Groepslesdocent Portfolio Groepslesdocent Fit!vak Deelopdrachten 1: Het

Nadere informatie