met andere faculteiten, waaronder De zwaartepunten worden voor langere tussen faculteiten en CvB vastgelegd. De kansrijker maken bij een Vernieu-

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "met andere faculteiten, waaronder De zwaartepunten worden voor langere tussen faculteiten en CvB vastgelegd. De kansrijker maken bij een Vernieu-"

Transcriptie

1 december Zwaartepunten, speerpunten, thema s en topsectoren 4 Nieuws 5 Onderwijs 5 Onderzoek 7 Column OR 8 De Openbaring 9 P&O-nieuws 9 Promoties 9 Bijzondere Collecties 10 Boek in beeld 14 De glinsterende geest 18 SPUI25 19 Uit de bibliotheek 20 Grenzeloze wetenschappen Faculteit der Geesteswetenschappen Nieuwsbrief 144 Zwaartepunten, speerpunten, thema s en topsectoren Landelijk, universitair en facultair: de organisatie van onderzoek is in beweging. Waar staan deze termen voor, wat zijn de achterliggende gedachten en wat betekenen deze ontwikkelingen voor de FGw? Een korte verkenning van nieuwe terreinen, deels nog braakliggend, deels in volle ontwikkeling. De onderzoekszwaartepunten zijn een Cultureel erfgoed en identiteit, Culturele initiatief van het College van Bestuur van de transformaties en globalisering, en Brain and UvA. Om onderzoek te laten floreren zijn Cognition. Het laatste is een samenwerkingsverband met andere faculteiten, waaronder naast breedte en massa ook specialisatie en focus nodig, zo stelt het UvA instellingsplan FMG en FNWI, en is al wel in 2008 volledig Leren excelleren. Om die gedachte vorm te van start gegaan. De drie zijn sterke clusters geven zijn in 2008 universiteitsbreed vijftien waar veel van het FGw-onderzoek onder past. zwaartepunten geformuleerd, gericht op De zwaartepunten worden voor langere wetenschappelijke excellentie en bedoeld om tijd ingesteld en worden geëvalueerd door het de UvA op specifieke gebieden een zichtbare CvB. De zwaartepunten moeten zichtbaar rol in de internationale academische wereld te worden in publiciteit en internationale laten spelen. De UvA wil extra investeren in contacten. In de Kernafspraken wordt dit excellentie door onderzoekscapaciteit en tussen faculteiten en CvB vastgelegd. De geldstromen naar deze gebieden te verleggen. context van een zwaartepunt kan subsidieaanvragen kansrijker maken bij een Vernieu- Dit geldt zowel op facultair als op universitair niveau, waar via een korting op de facultaire wingsimpulsproject van NWO of een budgetten een centraal fonds werd ingesteld ERC-subsidie. voor additionele financiering van de zwaartepunten. Onderzoeksprogrammering: focus, massa, Bij de FGw werd de uitwerking in 2009 onderwijs uitgesteld vanwege bezuinigingen en najaar Focus en massa zijn sleutelbegrippen bij alle 2010 weer opgepakt. De FGw heeft drie vormen van onderzoekprogrammering. Hoe onderzoekszwaartepunten gedefinieerd: kleiner de massa, des te beperkter de focus: Amsterdam in de zeventiende eeuw geeft een andere massa dan Nederland na Hierin maakt de faculteit strategische keuzes, in nauw overleg met de directeuren van de betrokken onderzoekinstituten en de trekkers van de zwaartepunten. De gewenste omvang is immers niet van meet af aan gedefinieerd. Het begrip Erfgoed kan in termen van focus nauwer of ruimer worden opgevat: de introductie van het begrip immaterieel erfgoed zorgt er bijvoorbeeld voor dat de focus en daarmee de massa worden verruimd. Kleine focus met grote massa past niet bij een onderwijsgestuurde onderneming als onze faculteit: onderzoek is bij ons een afgeleide van het onderwijs, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de FNWI. Veel studenten Italiaans levert bijvoorbeeld navenant veel ud s Italiaans op en daarmee onderzoek op het gebied van de (Italiaanse) taal- en letterkunde. Een sterke toename van het aantal studenten Culturele informatiewetenschap heeft een heel ander effect. Een onderzoekdirecteur kan daarom niet vrij een programma kiezen: de verdeling van personeel over vakgebieden wordt in zekere zin bepaald door onderwijs. Dit betekent overigens geenszins dat de onderzoeksorganisatie

2 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 2 Brain and Cognitive Science onmachtig is, integendeel: de onderzoekinstituten programmeren, bundelen, ordenen, en bewaken en verhogen de kwaliteit: onderzoek is te sturen, maar focus en massa hebben we niet geheel zelf in de hand. Organisatie en financiën van zwaartepunten Zwaartepunten zijn inhoudelijke bundelingen, geen organisatie-eenheden naast onderzoekinstituten en departementen. Zwaartepunten zijn dan ook uitdrukkelijk niet van onderzoekinstituten. Het zijn als het ware productieeenheden. De trekkers Jeroen de Kloet (Globalisering) en Frans Blom (Erfgoed) besturen niet, maar bewerkstelligen inhoudelijke cohesie en bevorderen activiteiten. Het onderzoek is in de FGw georganiseerd in vier onderzoekinstituten, met daarbinnen programma s, projecten of onderzoeksgroepen. De ondersteunende organisatie van het onderzoek is hieraan opgehangen. De zwaartepunten hangen hier als het ware boven: Erfgoed en Globalisering worden inhoudelijk beide gevoed uit ICG en ASCA samen, Brain and Cognition wordt gevoed uit het terrein van ACLC en ILLC samen. Brain and Cognition valt onder een veel groter geheel, namelijk het Cognitive Science Center Amsterdam, waarvan prof. Gerard Kerkhof (FMG/Psychologie) de directeur is. Door de grotere interfacultaire structuur is dit zwaartepunt anders georganiseerd. Van FGw spelen Kees Hengeveld, Henkjan Honing en Anne Baker bijvoorbeeld daar een rol in. De universitaire financieringsregeling voor de onderzoekszwaartepunten loopt sinds Vanaf dat jaar worden de facultaire budgetten vijf jaar lang jaarlijks met een paar procent afgeroomd. Dat geld wordt in twee porties van 3,5 ton jaarlijks weer toegekend aan onderzoekszwaartepunten in een vrije competitie op basis van een aanvraag. De derde ronde van deze competitie is onlangs afgerond. In het eerste jaar is de aanvraag van Brain and Cognition gehonoreerd, maar andere aanvragen van de FGw (Erfgoed in 2010, Erfgoed en Globalisering in 2011) zijn niet gehonoreerd. Bij onze faculteit bestaat de indruk dat we inherent minder kans hebben in deze competitie. Niet alleen omdat we minder Akademiehoogleraren, VICI-laureaten en Spinozisten hebben - die zwaar meetellen bij de beoordeling van de aanvragen - maar ook omdat FGw-plannen relatief kwetsbaar zijn en resultaten minder concreet zichtbaar lijken. De inrichting van een kenniscentrum geeft nu eenmaal een ander resultaat dan een groot project rond een nieuwe telescoop of onderzoek naar de ontwikkeling van tandheelkundige materialen of technieken. Zo bezien lijkt deze universitaire competitie op een NWO-procedure zonder segmentatie in verschillende gebieden. Maatschappelijke vraagstukken meer bepalend voor de onderzoeksagenda Zwaartepunten hebben binnen de faculteit echter ook betekenis zonder universitaire honorering van de aanvragen: het zijn immers bundelingen van bestaand onderzoek. Gouden Eeuw zit in de kern van het zwaartepunt Erfgoed en het onderzoek gaat gewoon door, los van additionele universitaire financiering. De faculteit stimuleert de zwaartepunten bovendien, mede dankzij de tijdelijk gunstige financiële situatie. Vorig jaar is besloten om - naast bestaande formatie - voor elk van de drie zwaartepunten een voltijdse profileringshoogleraar aan te stellen voor vijf jaar; daarnaast 1 fte aan academische trekkracht in de vorm van trekkers en programmaleiders; en tot slot een substantieel bedrag voor overige lasten. Vervolgens werd eerder in 2011 besloten voor de zwaartepunten elk een postdoc voor twee jaar aan te trekken, die naast onderzoek tot taak heeft een aanvraag te schrijven. Met die laatste opdracht is er een optie voor vervolg gecreëerd. Deze drie postdocs gingen in september aan de slag. In het najaar van 2011 is besloten vanwege de financiële ruimte nog eens per zwaartepunt twee postdocs voor twee jaar aan te trekken. In totaal betekent Cultural Heritage and Identity dat nu drie postdocs per zwaartepunt extra, die binnen het zwaartepunt een boek of serie artikelen schrijven en een onderzoeksaanvraag bij NWO of ERC. Daarnaast trekt de FGw per zwaartepunt twee aparte promovendi aan en 1 uhd voor vier jaar. Samen met de meer algemene investering in trekkers en organisatie, is dit een serieuze injectie. Speerpunten: facultair initiatief Het CvB heeft besloten het aantal zwaartepunten te beperken (vijftien in totaal, maximaal drie per faculteit), maar de FGw wil meer dan bestaande krachten bundelen. We willen ons bijvoorbeeld intensief en zichtbaar bezighouden met Digital Humanities, een terrein dat zich door de bestaande zwaartepunten heen beweegt. Daarom is in 2011 het begrip speerpunt geïntroduceerd, om een gebied aan te duiden dat de faculteit zelf extra wil stimuleren. Er zijn vooralsnog drie speerpunten bij de FGw geformuleerd: Digital Humanities, Creative Industry en the Language blueprint. Prof. dr. Rens Bod is als profileringshoogleraar aangesteld op het terrein van Digital Humanities, een gebied waarop ook de KNAW zich richt. Net als Digital Humanities is Creative Industry een nieuw gebied en misschien ook eerder een benadering, een matrixachtig terrein, een nieuw perspectief op onderzoek. Beide gebieden zijn sterk op de buitenwereld gericht. Naast institutionele partners als de VU, de Koninklijke Bibliotheek, de HvA, het Stedelijk Museum en de KNAW wordt samengewerkt met grote en kleine bedrijven als IBM, Mediamatic, de Waag society, enz. De speerpunten zijn zich nu aan het uitkristalliseren. Hun positie tegenover elkaar, tegenover de zwaartepunten en het veld

3 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 3 Cultural Transformations and Globalisation worden ontwikkeld. Voor de speerpunten is in 2010 geld gereserveerd, een soort seed money om deel te nemen aan bestaande initiatieven of om initiatieven op gang te brengen. Binnenkort wordt in samenwerking met genoemde partners een aantal innovatieve projecten gestart, die naast een academisch product en een onderzoeksaanvraag ook een research-based deliverable gaan opleveren voor de externe partners. Landelijk: topsectoren en NWO? Een van de aanbevelingen van het rapport Veerman (Differentiëren in drievoud omwille van kwaliteit en verscheidenheid in het hoger onderwijs, april 2010) is dat universiteiten zich tegenover elkaar en tegenover de buitenwereld sterker moeten profileren en een eigen identiteit moeten uitdragen. Ook de instituten van NWO en KNAW zullen een actieve rol spelen in het proces van profilering van het wetenschappelijk kennislandschap. Februari 2011 is het nieuwe bedrijfslevenbeleid aan de Tweede Kamer aangeboden. De hoofdlijnen daarvan zijn een sectorale aanpak met meer vraagsturing door het bedrijfsleven, met minder specifieke subsidies, meer generieke lastenverlichting en meer ruimte voor ondernemers. Er zijn negen topsectoren aangewezen: agrofood, tuinbouw, high tech, energie, logistiek, creatieve industrie, life sciences, chemie en water. Per sector is een topteam ingesteld, met ook een boegbeeld uit de wetenschap, dat tot taak heeft om een samenhangend plan voor hun sector op te stellen, waaronder een kennis- en onderzoeksagenda. In de Bedrijfslevenbrief van de minister is sprake van een inzet van 350 miljoen euro van NWO en KNAW voor topsectoren uit bestaande budgetten. NWO steunt de keuze voor de negen topsectoren, met de kanttekening dat er naast economisch beleid een bredere behoefte is aan vernieuwende wetenschap, zowel voor vrij onderzoek als voor (andere) maatschappelijke vraagstukken. NWO heeft gewezen op het belang van de maatschappij- en gedragswetenschappen en geesteswetenschappen voor een succesvolle aanpak van de topsectoren. Het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen heeft ingebracht dat alle topsectoren baat zouden hebben bij een integratie van geesteswetenschappelijke invalshoeken in hun agenda s; geesteswetenschappers hebben aan vrijwel al deze gebieden iets bij te dragen. Het gebiedsbestuur ziet er ook een uitnodiging in aan onderzoekers om meer te denken vanuit maatschappelijke vraagstellingen en het opstellen van samenhangende onderzoeksagenda s. Voor alle thematische onderzoeksprogramma s gold overigens al dat de maatschappelijke vraag het startpunt is voor de opstelling van wetenschappelijk vernieuwende onderzoeksprogramma s. NWO start het thema Samenleven onder spanning, waarin onderzoek zal plaatsvinden naar wat mensen verbindt en wat mensen scheidt. Dat kan vanuit verschillende perspectieven: identiteit en identiteitsvorming, taal en meertaligheid, religie, burgerschap, cultuur en erfgoed. Dit NWO-thema zal worden vormgegeven door geesteswetenschappen, in samenwerking met maatschappijen gedragswetenschappen, exacte, chemische en technische wetenschappen en WOTRO. Het NWO-gebied geesteswetenschappen participeert daarnaast in een aantal andere NWO-thema s. Creatieve industrie is van nature een geesteswetenschappelijk onderzoeksterrein. NWO en de rectoren discussiëren nog over de definitie van de topsectoren: valt onderzoek naar marskramers, rederijkers of uitgevers ook onder Creatieve industrie? Universitaire thema s en hun rol in profilering In de strategische agenda Kwaliteit in Verscheidenheid is opgenomen dat het kabinet de komende kabinetsperiode wil benutten om samen met de universiteiten te komen tot een verdere profilering van het onderzoekslandschap. Elke universiteit moet een onderzoeksprofiel kiezen en daarnaast de samenwerking aangaan met andere universiteiten, met onderzoeksinstellingen en met bedrijven. Het is ook de bedoeling dat de universiteiten bijdragen aan de economische topsectoren en maatschappelijke grote vraagstukken. Van de universiteiten wordt daarom verwacht dat zij hun onderzoek gezamenlijk doorlichten en een overzicht opstellen van hun sterktes. Op basis daarvan moet de VSNU in 2012 voostellen doen voor verdergaande profilering in het onderzoek, die uiterlijk 2015 geïmplementeerd moet zijn. Daarbij moet er een goede balans zijn tussen onderwijsgebonden onderzoek, fundamenteel onderzoek en onderzoek dat wordt gedreven door economische en maatschappelijke vragen. Profilering in het onderzoek moet gepaard gaan met keuzes in het aanbod van promotieopleidingen en researchmasters. Profilering UvA met zeven inhoudelijke thema s In het verlengde hiervan heeft de rector van de UvA zeven inhoudelijke thema s beschreven en uitvoerig besproken met de decanen en andere hoofdrolspelers. Deze thema s bewegen zich langs de lijnen van de landelijke topsectoren. De basis ligt in de onderzoekszwaartepunten en loopt dwars door en over de organisatorische indeling van faculteiten heen. Een van de thema s is bijvoorbeeld Communication, Language and Information, een thema dat valt in de onderzoeksterreinen van Cultuurwetenschappen, Media en cultuur, Sociologie, Communicatiewetenschap, Psychologie, Politicologie, Geneeskunde en Informatica. Van elk van de thema s is de relatie geïnventariseerd met de zwaartepunten, disciplines, wetenschappelijke en maatschappelijke instellingen, het bedrijfsleven, bachelor en masters, topgebieden en grote maatschappelijke vraagstukken (grand challenges). Bij elk thema worden ook namen van belangrijke onderzoekers genoemd en de regionale inbedding. Onze faculteit is naast Communication, Language and Information sterk vertegenwoordigd in het thema Globalization, Identity, Inequality and the Urban environment. Verder leveren de geesteswetenschappen belangrijke (ethische, historische, filosofische) invalshoeken bij thema s als International Rule of Law, Cognition and Neuroscience, Human Health en Sustainable world. Via de thema s zoekt de UvA aansluiting bij de topsectoren, die een gevolg zijn van zowel het rapport van de commissie Veerman als van kabinetsbeleid. Mas Fopma en Hotze Mulder

4 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 4 Nieuws Naar Office 2010: 13 en 14 december Op 13 en 14 december wordt Office 2010 geïnstalleerd op alle UvAwerkplekken met Windows van FGw-medewerkers. De installatie vindt automatisch en s nachts plaats. Medewerkers kunnen direct daarna aan de slag. Het uiterlijk van Office 2010 verschilt sterk van dat van Office Naar verwachting zullen medewerkers enige tijd nodig hebben om te wennen aan de nieuwe programma s. In de week voor de overgang en in de week van de overgang worden er presentaties georganiseerd waarin de belangrijkste verschillen tussen Office 2010 en Office 2003 worden behandeld. Locatie, data en tijden worden op de medewerkersite van de FGw gepubliceerd. Daarnaast zal de FGw cursussen voor Office 2010 verzorgen in het voorjaar. De wensen worden eerst geïnventariseerd via een online vragenlijst die op staat. De faculteit heeft in het P.C. Hoofthuis een testruimte ingericht om te testen of zelfgemaakte macro s, sjablonen en databases blijven werken na de overgang. Voor een afspraak om gebruik te maken van deze ruimte kan een mail verstuurd worden naar Medewerkers die een laptop gebruiken, moeten de installatie zelf voltooien. Op het serviceplein voor medewerkers staan instructies. Meer informatie over de overgang naar Office 2010: uvawerkplek/office2010.cfm Nieuwjaarsborrel: 10 januari Alle medewerkers van de Faculteit der Geesteswetenschappen zijn van harte uitgenodigd voor de feestelijke Nieuwjaarsborrel in het vernieuwde Scheepvaartmuseum op dinsdag 10 januari De borrel vindt plaats van tot uur in de kamers van De Ruyter en Van Heemskerck met zicht op het VOC-schip en het IJ. Om uur luidt Jan Willem van Henten (waarnemend decaan) het nieuwe jaar in met een gezamenlijke toast. Tijdens de borrel kunnen medewerkers op eigen gelegenheid het museum ontdekken of deelnemen aan een rondleiding (± half uur) door vijf eeuwen Maritieme geschiedenis van Michiel van Groesen en Djoeke van Netten (Geschiedenis). Beiden zijn verbonden aan het Scheepvaartmuseum (Dr Ernst Crone fellowship) en het Centrum voor de Studie van de Gouden Eeuw, waardoor zij veel bijzonderheden over deze belangrijke periode kunnen vertellen. Aanmelden voor de rondleiding kan tot 9 januari 2012 via: fgw-nieuwjaarsborrel Nieuw UvAweb: FGw Het project vernieuwing UvAweb heeft de ontwikkeling van een nieuwe website voor de Universiteit van Amsterdam tot doel. De communicatievisie en de uitgangspunten zijn gepresenteerd op een brede bijeenkomst in februari In de eerste fase wordt de website voor externe en corporate doelgroepen onder handen genomen. In de tweede fase zijn de interne doelgroepen studenten en medewerkers aan de beurt. Najaar 2012 worden de nieuwe externe sites gelanceerd. Voor de werkzaamheden bij de FGw is een projectteam samengesteld (Eduard Lampe, Geert Thijs en Mas Fopma, met de laatste als lokaal projectcoördinator). Deze maanden is het projectteam doende de navigatie (en content) van de externe sites van de FGw aan te passen aan de navigatiestructuur, zoals die universiteitsbreed is afgestemd. In de nieuwe navigatiestructuur wordt gestreefd naar meer uniformiteit om de transparantie te vergroten: sites van faculteiten, onderzoeks instituten, graduate schools en opleidingen krijgen een vergelijkbare structuur. Nadat het projectteam in samenwerking met de organisatieonderdelen van de FGw de nieuwe navigatiestructuur voor de sites heeft uitgewerkt, worden de huidige sites omgezet naar die nieuwe structuur. Zo wordt de overgang naar een nieuw UvAweb losgekoppeld van de overgang naar een nieuw systeem. Meer informatie over het nieuwe UvAweb: Van der Toorn hoogleraar Godsdienst en Maatschappij Dr. Karel van der Toorn (1956) is benoemd tot faculteitshoogleraar Godsdienst en Maatschappij aan de FGw. Hij zal zich in onderwijs en onderzoek richten op het vormgeven van het programma Religieuze minderheden en de spelregels van de moderne democratie. Van der Toorn legde op 4 juli 2011 zijn functie neer als voorzitter van het College van Bestuur van de UvA en de Hogeschool van Amsterdam. Aftrap vaardighedenprogramma promovendi Voor de nieuwe promovendi van de Graduate School for Humanities is er sinds dit academische jaar een deels verplicht en deels optioneel onderwijsprogramma op het gebied van vaardigheden. Op donderdagmiddag 27 oktober was voor de vijfendertig eerstejaars promovendi de eerste bijeenkomst van de verplichte cursus Loopbaanoriëntatie, met inleidingen door Jan Willem van Henten, Tamara van Kessel, Jelle Koopmans en Christoph Lindner. Jan Willem van Henten, waarnemend decaan van de FGw, opende de bijeenkomst. Hij vertelde de promovendi dat de Graduate School een onderwijsprogramma met skills courses had geïntroduceerd om hen naast hun promotie-onderzoek te laten werken aan hun carrièreontwikkeling. Een vervolgcarrière is zowel binnen als buiten de academia mogelijk. Deze eerste middag concentreerde zich op een vervolg binnen academia. Christoph Lindner, hoogleraar Engelstalige letterkunde, hield bijvoorbeeld een presentatie onder de titel How to get published. Onder het motto Publiceren is geen mysterie vertelde hij dat er zeker twee of drie wetenschappelijke artikelen naast een proefschrift moeten worden gepubliceerd voor een wetenschappelijke carrière. Twee van zijn strategische tips: bekijk de publicatiecarrière van succesvolle wetenschappers en zet zo hoog mogelijk in bij het aanbieden aan vaktijdschriften. In het geval van afwijzing kan dan desnoods nog worden afgedaald op de wetenschappelijke tijdschriftenladder. Deze eerste bijeenkomst had ook een sociale component door de aanwezigheid van bijna alle eerstejaars promovendi en de afsluitende borrel. Meer informatie over het vaardighedenonderwijs van de GSH: gsh-nl-promovendi.

5 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 5 Onderwijs Logische analyse kreeg Onderwijsprijs FGw 2011 Katrin Schulz kreeg de Onderwijsprijs FGw 2011 voor het bachelorvak Logische analyse. Schulz: Ik bied studenten een transparante structuur en maak duidelijke afspraken zodat ze weten wat er van ze wordt verwacht. Om studenten hard te laten werken, moet je veel toetsen, op verschillende manieren. Dat wat je toetst moet je hen eerst leren, en je moet duidelijk maken dat het relevant is voor hun studie. Bij het ontwikkelen van vaardigheden is het zeer belangrijk dat je meteen sterke toepassingen geeft, zo ziet een student wat je ermee kunt. Ik maak werk van hun feedback, zodat ze weten dat hun mening echt telt. De studenten geven ook feedback op elkaar en dragen zo medeverantwoordelijkheid. Presentaties bespreek ik meteen na afloop en ook op huiswerk en papers krijgen zij snel feedback. Verder mogen ze aan het eind van de cursus stemmen welk onderwerp we gaan uitdiepen. Ze kunnen met al hun vragen op mijn spreekuur komen, dat vinden ze heel prettig. Ik wil binnen twee weken hun namen kennen, want als je ze direct kunt aanspreken houd je tempo in het college en het vergroot de betrokkenheid. In grote werkgroepen vraag ik studenten naast hun naam naar een voorwerp dat met hen te maken heeft. Zo tekende een studente een keer een boterhammetje en ik weet nog steeds haar naam. Bij de kleinere werkgroepen laat ik de studenten twee aan twee tien minuten met elkaar praten en vervolgens stellen zij hun gesprekspartner voor aan de anderen. Ik vind het erg leuk om met voorwerpen een onverwachte draai aan mijn colleges te geven. Zo legde ik een moeilijke redenering uit door een koffiekopje te laten vallen; de studenten vergeten die redenering nu echt niet meer. De 1500 die ik won, wil ik besteden aan automatische toetsing. Nu wordt personeel voornamelijk afgerekend op hun onderzoek. Daarom ontbreekt het aan motivatie om in onderwijs te investeren. Het zou beter zijn om docenten een perspectief te bieden op basis van de kwaliteit van hun onderwijs en hun bestuurlijke inspanningen. Nufficprijs voor Fien Vermeulen Het Nuffic reikt jaarlijks een prijs uit voor het beste stageverslag van een student die naar het buitenland is geweest met een Erasmusbeurs. Dit jaar is de prijs toegekend aan Fien Vermeulen, student Taal en communicatie. Zij liep van juni t/m augustus 2011 stage bij BCN Checkpoint in Barcelona. De prijs, een bedrag van 1000, wordt op 29 november uitgereikt door Dymph van den Boom, rector van de UvA. De prijsuitreiking vindt plaats tijdens een bijeenkomst voor UvA-studenten die in het tweede semester voor studie naar het buitenland gaan. Onderzoek Personal Metis en de onderzoeksvisitatie Sinds 20 september j.l. is het tabblad Publicaties op de medewerkerspagina s openbaar en voor iedereen toegankelijk. Dit tabblad wordt met behulp van PROMAS automatisch gegenereerd op basis van de publicaties die in Metis zijn geregistreerd. Het is van belang dat medewerkers hun volledige onderzoeksoutput via Personal Metis registreren. Temeer omdat bij de onderzoeksvisitatie in 2012 de gegevens over publicaties en andere producten van wetenschappelijke activiteit uitsluitend aan Metis worden ontleend. Op dit moment is ongeveer een kwart van de onderzoeksoutput over 2011 in Metis vastgelegd. Medewerkers wordt verzocht om alle producten van wetenschappelijke activiteit voor 1 januari 2012 via Personal Metis in te voeren. Op de onderzoekspagina van de FGw zijn Tips en Tricks te vinden voor de invoer. Voor assistentie kunnen medewerkers zich ook wenden tot de FGw Metiscontactpersoon die op verzoek een hands-on instructie kan geven. Tips en Tricks over Personal Metis: Uitslag docentpromovendi Sinds 2006 kent de FGw de regeling voor docentpromovendi, in oktober is de tweede ronde voor 2011 afgerond. De selectiecommissie - bestaande uit prof. dr. Kees Hengeveld, prof. dr. Irene Zwiep en prof. dr. Christoph Lindner - ontving veertien aanvragen voor promotietijd van zittende docenten. De commissie oordeelde dat vijf van deze aanvragen in aanmerking komen voor de gevraagde promotietijd. Het betreft de volgende aanvragers/projecten: n Mw. Mirjam Prenger, De geboorte van televisiejournalistiek in Nederland: Actualiteitenrubrieken in de jaren 50 en 60. n Mw. Antonia Mazel, Food rules: Politics and pleasure in food manifestos. n Mw. Carmen Lie Lahuerta, Fix your vowels: The perception and production of Spanish vowels by Dutch learners. n Mw. Roos van der Zwaard, The effect of technology on task-based interaction: negotiation of meaning in synchronous computer-mediated communication. n Mw. Elisabetta Materassi, Metaphor in academic discourse: a study of metaphoric language and L2 learning. n Dhr. Jacky Visser, A computational extension of the pragma-dialectical theory of argumentation: Medical shared decision-making support systems. De in totaal benodigde fte voor deze projecten overschreed de beschikbare 6.8 fte. Het Faculteitsbestuur heeft op advies van de selectiecommissie besloten nog 3,2 mensjaren extra ter beschikking te stellen. Regeling voorbereiding onderzoeksaanvragen De Regeling voorbereiding onderzoeksaanvragen is voor de 2e ronde op een paar punten aangepast (mensen die langer dan 10 jaar geleden gepromoveerd zijn hoeven hun dissertatie niet meer mee te sturen en bij groepsaanvragen moet van alle aanvragers een CV worden meegestuurd, e.d.). De deadline voor aanvragen in deze ronde is 1 maart 2012, uur. Meer informatie is te verkrijgen bij Hotze Mulder, hoofd Onderzoek De volledige regeling is in het Nederlands en Engels te vinden op:

6 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 6 Furnée gedetacheerd, deeltijdhoogleraar aan de Open Universiteit Dr. Jan Hein Furnée, ud Nieuwste geschiedenis, is per 1 september jl. benoemd als deeltijd hoogleraar geschiedenis aan de Open Universiteit (0,2 fte). In deze functie zal hij zich, gedetacheerd vanuit de UvA, richten op de begeleiding van buitenpromovendi en de herinrichting van de master Kunst- en Cultuurwetenschappen. Subsidie voor Jaap Kamps Dr. ir. Jaap Kamps, universitair docent Mediastudies, kreeg van NWO voor het onderzoeksproject Web Archives Retrieval Tools (WebART) een subsidie toegekend van euro. De subsidie is verleend door de stuurgroep van CATCH (Continuous Access to Cultural Heritage), bestaande uit leden van het NWO Gebiedsbestuur Exacte Wetenschappen en vertegenwoordiging vanuit het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen. Het multidisciplinaire project wordt uitgevoerd bij het ILLC, in samenwerking met het Koninklijke Bibliotheek. Van de subsidie worden onder andere een promovendus, een postdoc en een programmeur bekostigd. Twee subsidies projecten Berger The Rothschild Foundation Europe heeft twee subsidies toegekend aan Shlomo Berger, hoogleraar Jiddische taal en cultuur, in het bijzonder in Nederland (vanwege de Stichting Menasseh ben Israel Instituut). n Voor het onderzoeksproject The Jewish Mind: Jewish rituals and cognitive science of religion een bijdrage van pond sterling die aangewend zal worden voor de postdocpositie van dr. Tamas Biro in n Daarnaast een subsidie van pond sterling voor het onderzoeksproject An Analyitcal Inventory of Yiddish Sources of the Amsterdam Ashkenazi Jewish Community. Hiervoor is een postdoc aangesteld. Subsidie internationaliseringsproject Damen Het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen heeft aan dr. Mario Damen, docent Geschiedenis (ICG), een subsidie toegekend voor het internationaliseringsproject getiteld Political representation: communities, ideas and institutions in Europe (c.1200-c.1650). De bijdrage van euro is verleend voor het bekostigen van onder andere wetenschappelijke bijeenkomsten, publicatiebijdragen en uitwisseling van onderzoekers. Subsidie voor Hengeveld Aan Kees Hengeveld, hoogleraar Algemene taalwetenschap (ACLC), is subsidie toegekend voor het onderzoeksproject When what and where fall into place: the ontological status of place in Lokono. Het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen van het NWO heeft deze subsidie verleend in het kader van het onderzoeksprogramma Promoties in de Geesteswetenschappen. De subsidie bestaat uit een bedrag van euro en voorziet in de personele kosten van een aio voor de duur van het promotieonderzoek. Subsidie Van Sas Het Regieorgaan en het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen hebben besloten subsidie toe te kennen voor het onderzoeksproject The historical Republic. Historical and political thought in the late eighteenthcentury Dutch Republic in het kader van het onderzoeksprogramma Promoties in de Geesteswetenschappen ( euro). De subsidie voorziet in de kosten van een promotieonderzoek met als promotor Niek van Sas, hoogleraar Geschiedenis na 1750, (ICG). Oktober 2011 is het onderzoeksproject van start gegaan. Subsidie Theuws Frans Theuws, hoogleraar Historische archeologie van Europa benoorden de Alpen (ICG), heeft van het Gebieds bestuur Geesteswetenschappen van NWO een subsidie van euro toegekend gekregen voor het onderzoeksproject In touch with the dead. A study of early medieval reopened graves. De subsidie is verleend in het kader van het onderzoeksprogramma Promoties in de Geesteswetenschappen en voorziet in de kosten van een promotieonderzoek. Subsidie voor deelprojecten van programma Universiteit Leiden De UvA heeft een subsidie toegekend gekregen voor deelprojecten binnen het programma van de Universiteit Leiden, Eurasian empires: integration processes and indentity formations. A comparative program. Prof. dr. J.F.J. Duindam van het Instituut Geschiedenis van de Universiteit Leiden heeft de subsidie voor het gehele programma aangevraagd en deze wordt verleend door het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen van NWO, in het kader van het subsidie instrument Horizon. De subsidie voor het gehele programma bedraagt ruim euro. De twee deelprojecten die bij het ICG worden uitgevoerd zijn The Tsar s servant. Tatar Elites in Muscovite Russia 1450s-1700 en The esthetics of the sultanate. Mamluk royal image and the legitimization of Bahrï rule in Egypt and Syria, De subsidie die de UvA ontvangt, is voor de aanstelling van twee aio s die vier jaar aan de deelprojecten werken (ruim euro). Subsidie Honing De CATCH-stuurgroep (bestaande uit leden van NWO Gebiedsbestuur Exacte Wetenschappen en vertegenwoordiging vanuit het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen) heeft een subsidie toegekend voor het project Cognition Guided Interoperability between Collections of musical Heritage. Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met het Meertens Instituut, het Nederlandse Instituut voor Beeld en Geluid en de Nederlandse Publieke Omroep. De subsidie betreft de kosten voor de aanstelling van een

7 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 7 postdoc (drie jaar) ( ). Henkjan Honing, hoogleraar Muziekcognitie (ILLC), wordt de promotor. Subsidie en NIAS fellowship Van der Laarse Rob van der Laarse (Departement Kunst, cultuur en religie) ontving een NWO subsidie van euro voor het onderzoeksproject Terrorscapes in Terrorscapes in Postwar Europe. Transnational Memory of Totalitarian Terror and Genocide. Het project maakt deel uit van de samen door hem en Frank van Vree geïnitieerde NWO onderzoekslijn Dynamics of Memory. The Netherlands in the Second World War. Het betreft een gezamenlijke aanvraag vanuit de Universiteit van Amsterdam, de Vrije Universiteit Amsterdam, Universiteit Leiden, Universiteit Maastricht, en het NIOD, in samenwerking met de herinneringscentra Vught en Westerbork, en Stichting Paradox (Mondriaan). Het project wordt uitgevoerd aan het onderzoeksinstituut CLUE aan de VU, waar Van der Laarse is aangesteld als Westerborkhoogleraar Erfgoed van de oorlog. Door de KNAW is aan Van der Laarse bovendien voor het eerste semester van een NIAS fellowship en een theme group subsidie toegekend. Hij zal hiertoe als co-leader van de onderzoeksgroep Terrorscapes vanuit de UvA worden gedetacheerd naar het NIAS. Naar verwachting zullen bij beide NWO en NIAS projecten gedurende twee jaar circa 15 Nederlandse en buitenlandse onderzoekers worden aangesteld. Als startpunt van dit programma organiseerde Van der Laarse op 28 november de Museums and Memorials Working Group conferentie Terrorscapes: the Holocaust as contested memory als onderdeel van de intergouvernementele ITF conferentie The Uses, Abuses and Misuses of the Holocaust paradigm in het Vredespaleis te Den Haag, en de aansluitende NIAS workshop Terrorscapes. Transnational Memory in Postwar Europe van 29 november op het NIAS in Wassenaar. Column OR Stapelgekke weken Top, top, top. Hoe over de top moeten we gaan willen we als UvA hoger, steeds hoger, blijven scoren op nationale en internationale rankings? Die vraag is niet retorisch. Het is onze opdracht en hoogste ambitie om de wereldtop te halen. Niet voor de hoofdprijs, maar gewoon om te kunnen blijven draaien. En door te draaien. De affaire rond de ex gerenommeerde prof. dr. Stapel laat zien hoe doorgedraaid we al zijn. Hoe is het mogelijk, vraagt een buitenstaander zich af. Wie binnen een universitaire context werkt verbaast zich minder. De werkdruk is hoog, en loopbanen hangen af van de (schijn van) excellentie. Het lezen van publicaties van collega s schuift dan naar achteren, en tijd om deze op bronnen te controleren neemt bijna niemand. De afgelopen weken stonden in het teken van het tweede Nieuwe Generatie Offensief. Negen vacatures voor aanstormend talent. Met tegen de vijftig serieuze sollicitaties per vacature een hele kluif voor de leden van de commissies. En voor de kandidaten. De eisen logen er niet om. Een opeenstapeling van excellentie criteria: excellent als onderzoeker, excellent als docent, excellent in het aantrekken van geld & excellent in de kunst van de valorisatie van kennis. Bewezen of in potentie. Bij voorkeur allebei. Je moet bijna wel liegen om serieus te worden genomen. Vast onderdeel van de procedures zijn inmiddels de proefcolleges, onze eigen Idols. Als OR hadden we ons verspreid onder het gehoor van die proefcolleges. De samengevatte uitkomst van deze audit is dat het circus niet zuiver om onderwijskwaliteiten draait. Neem alleen al de conclusie van een college dat qua presentatie evident het zwakst was: Deze kandidaat was het sterkst qua inhoud. Mag ik het zo samenvatten? Over het belang van het aantrekken van talent valt niet te twisten. Wel over de beste manier om de grootste talenten te spotten, binnen te halen en aan ons te binden. Misschien is het een eerste stap om niet alles in één te willen: niet elk talent excelleert op alle fronten. En om ook eens vooral op uitzonderlijk onderwijstalent talent mensen te trekken. En te binden. Op basis van bewezen kwaliteiten zou je een vollere aanstelling moeten kunnen krijgen, of een vaste als je op een tijdelijk contract zit. Excelleren op onderwijsgebied biedt nu geen enkel loopbaanperspectief. Het komende academische jaar moeten we het bijvoorbeeld zonder een als docent van het jaar genomineerde zittende collega doen. Bij gebrek aan voldoende publicaties is hem na 15 (!) jaar van tijdelijke aanstellingen de wacht aangezegd. Niet bij gebrek aan talent. Deze docent is cum laude gepromoveerd. Sindsdien heeft hij een 0, 6 aanstelling als docent met 0,0 tijd voor onderzoek. Stapel!

8 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 8 De Openbaring Bod herleest Panini Elke maand (her)leest een geestesweten schapper een belangrijk werk voor het eigen vakgebied. Belangrijk omdat het toonaangevend of baan brekend was, een grote discussie opleverde, omdat het werk alom erkend is in de canon of juist voor de recensent persoonlijk een openbaring betekende. Wie leest er voor zijn plezier een grammaticaboek? De Ashtadhyayi ( Acht boeken ) van de Indiase taalkundige Panini (ca. 500 v. Chr.) is niet zo maar een grammatica. Het is een van de meest invloedrijke werken uit de geesteswetenschappen, dat afgelopen juni in herdruk verscheen. De Ashtadhyayi bevat de oudst bekende zoektocht naar een volledig regelsysteem voor een natuurlijke taal, in casu het Sanskriet. Panini s onderliggende idee is dat met een eindig aantal regels een in principe oneindig aantal zinnen kan worden beschreven. Toen Panini s werk in de 19 e eeuw in Europa bekend werd, heeft het niet alleen de Europese taalkunde diepgaand beïnvloed (Schlegel, Bopp, De Saussure), maar tevens de zoektocht naar grammatica s in andere geesteswetenschappen in gang gezet - van muziek (Schenker) en literatuur (Propp) tot film (Metz). Hoewel maar weinig geesteswetenschappers zich tegenwoordig zullen beroepen op Panini - op sommige taalkundigen na - waart zijn geest dankzij Ferdinand de Saussure in alle disciplines rond. Nadat (de sanskritist) De Saussure in 1916 het paniniaanse idee van formalisering van taalfeiten op de agenda had gezet, werd het gedachtegoed van het structuralisme razendsnel verspreid. Panini s begrippen als het foneem, het morfeem en structurele gelaagdheid werden in hernieuwde vorm gretig overgenomen door taalkundigen zoals Jacobson en Bloomfield. Vervolgens waaide de structuralistische aanpak over naar vrijwel alle andere humaniora en zelfs naar de sociale wetenschappen, van literatuurwetenschap tot filmwetenschap en van sociologie tot antropologie. Ook de soms felle reacties op het structuralisme, zoals het latere poststructuralisme en deconstructivisme, tonen Panini s lange schaduw - om niet te spreken van Panini s invloed op Noam Chomsky die hem zijn geestelijke vader noemt. De paniniaanse notie van een complexe, gelaagde structuur van een verhaal, een muziekstuk, een kunstwerk, een theaterstuk of een film is niet meer weg te denken uit de humaniora. Een geestesuiting zoals een roman of een muziekstuk bestaat uit constituerende delen die in steeds kleinere samenhangende eenheden kunnen worden onderverdeeld tot men bij de basiseenheden aankomt zoals fonemen in taal, noten in muziek of scènes in film. Zelfs de geschiedenis zou volgens sommige (Annales-)historici in structuren zijn te vatten via conjuncturen tot de basale evenementen. Deze notie van structuren is ook door de poststructuralistische geesteswetenschappen overgenomen: ze worden alleen nog complexer. Een mooi voorbeeld hiervan is het rizomatische patroon van Deleuze en Guattari waarbij gelaagde structuren ook weer onderling kunnen zijn verbonden, zoals in een website, maar ook in een complex verhaal. Kortom, het is Panini s gedachtegoed dat ons geesteswetenschappers allen verbindt, zoals ik in De Vergeten Wetenschappen heb betoogd. Maar hoe staat het met de leesbaarheid van deze 922 pagina s tellende grammatica? Voor de formeel geïnteresseerde lezer is Panini het opperste genot. En men hoeft het Sanskriet niet eens machtig te zijn: de vertaling van Srisa Chandra Vasu is door de begeleidende commentaren uiterst toegankelijk. Elke geesteswetenschapper zou er wel iets van zijn of haar gading in kunnen vinden. Zolang men er maar plezier in schept om kunst, taal, muziek, theater, film of nieuwe media te zien als een gelaagde structuur, en daarbij de structuur van taal als inspiratie te nemen. Zelf vind ik het het leukst om de Ashtadhyayi op een willekeurige pagina open te slaan en bijvoorbeeld een uiteenzetting te krijgen over de ellips, ofwel het weglaten. De ellips komt niet alleen voor in taal maar ook in andere geestesuitingen zoals kunst, muziek, poëzie, theater en film. Kunnen de talige regels voor ellips iets zeggen over het ellips-verschijnsel in andere uitingen? Volgens sommige geestes- en cognitiewetenschappers, zoals Fred Lerdahl en Ray Jackendoff, lijken de onderliggende patronen van ellips in taal in alles op elisie in muziek. Hun inzichten zijn weliswaar controversieel maar uiterst fascinerend. Het toont opnieuw Panini s niet aflatende actualiteit. De Ashtadhyayi blijft de meest inspirerende bron voor alle geesteswetenschappen. Panini. The Ashtadhyayi - Translated into English by Srisa Chandra Vasu, Nabu Press, 2011 (herdruk van 1923). Rens Bod is hoogleraar Computationele en Digitale Geesteswetenschappen.

9 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 9 P&O-nieuws In dienst mw. Joëlle Terburg BA, student-assistent departement Neerlandistiek, in dienst Promotor: mw. prof. dr. Marita Mathijsen - Verkooijen Locatie: Aula, aanvang: uur per november 2011 (aanvulling eerdere Nieuwsbrief) dhr. Wouter Capitain BA, student-assistent departement KRC mw. Ivana Cerovecki MA, tutoraatscoördinator GARS dhr. Marco den Herder, medewerker onderwijsadministratie departement Mediastudies dhr. Sjoerd Keulen, promovendus ICG / cg Geschiedenis mw. Flora Lysen MA, onderzoeksmedewerker departement Mediastudies dhr. Eugen Popa BA, student-assistent cg Taalbeheersing, argumentatietheorie en retorica dhr. Johan Rheeder MA, webredacteur Engels, Onderwijs en Communicatie mw. Wendy Beers BA, student-assistent departement Neerlandistiek mw. Gaby Zijlstra BA, secretaresse departement GARS per januari 2012 dhr. prof. dr. Charles Jeurgens, universitair docent cg Mediastudies dhr. Niels Kerssens MA, promovendus ASCA / cg Mediastudies dhr. Kasper van Kooten MA, promovendus ICG / cg Europese studies Uit dienst per november 2011 mw. Martine van Haperen MA, onderwijs-/onderzoeksmedewerker departement GARS, in dienst dhr. Niels Hoogendoorn BA, studentassistent departement KRC, in dienst dhr. Jeremy Jongepier, ondersteuner ICT afdeling ICT, in dienst dhr. Sjoerd Keulen, onderwijs-/onderzoeksmedewerker departement GARS, in dienst mw. drs. Sandra Kloosterman, medewerker arbeidsvoorwaarden, Personeel en Organisatie, in dienst dhr. Jelmer Scheringa BA, student-assistent cg Archeologie, in dienst mw. Nina van der Voet BA, studentassistent cg Archeologie, in dienst mw. Linda van der Wende BA, studentassistent cg Geschiedenis, in dienst mw. Claudia Zeller, student-assistent cg Nederlandse letterkunde, in dienst per december 2011 dhr. mr. Olivier Nyirubugara, promovendus ICG / cg Mediastudies, in dienst per januari 2012 dhr. drs. Pepijn Brandon, promovendus ICG / cg Geschiedenis, in dienst mw. prof. Anne van Grevenstein - Kruse, hoogleraar cg Conservering en restauratie, in dienst dhr. prof. dr. Wim Honselaar, universitair hoofddocent cg Slavische talen en culturen, in dienst mw. drs. Lara Mazurski, docent 4 cg Literatuurwetenschap, in dienst dhr. Jelle Wever, beheerder ICT afdeling ICT, in dienst Promoties 2 december Promotie: mw.m. Poulaki (Maria), departement Mediastudies, ASCA Titel: Before or Beyond Narrative? Promotor: dhr. prof. dr. Thomas Elsaesser Locatie: Agnietenkapel, aanvang uur 6 december Promotie: mw. A. Noël de Tilly (Ariane), departement Mediastudies, ASCA Titel: Scripting Artworks: Studying the Socialization of Editioned Video and Film Installations Promotor: mw. prof. dr. José van Dijck Locatie: Agnietenkapel, aanvang uur 14 december Promotie: dhr. G. Borensztajn (Gideon), departement Wijsbegeerte, ILLC Titel: The neural basis of structure in language. Bridging the gap between symbolic and connectionist models of language processing Promotor: dhr. prof. dr. Rens Bod, dhr. prof. dr. Yde Venema Locatie: Agnietenkapel, aanvang: uur 15 december Promotie: mw. F. Petiet (Francien), departement Neerlandistiek, ICG Titel: Een voldingend bewijs van ware vaderlandsliefde De creatie van literair erfgoed in Nederland, Bijzondere Collecties Tentoonstelling: De ontdekking van de mens. Anatomie verbeeld T/m 15 januari De geschiedenis van de anatomie verbeeld aan de hand van eeuwenoude boeken, prenten en preparaten uit de medische erfgoedcollecties. Tentoonstelling: The printed book: a visual history 8 februari t/m 13 mei Een overzicht van bijzonder vormgegeven boeken van de middeleeuwen tot nu. Als een canon van meer dan 500 jaar westerse boekvormgeving toont deze tentoonstelling het gedrukte boek in al zijn verschijningsvormen. Overdracht collectie sinterklaaspapier Donderdag 1 december, uur, Museumcafé Sinterklaas zelf draagt de verzameling sinterklaaspapier van Prof. dr. J.C. Zadoks over aan de Bijzondere Collecties. Boekensalon Hella S. Haasse Donderdag 8 december, uur, Museumcafé Over het oeuvre van de onlangs overleden schrijfster Hella S. Haasse. Centraal staat de vraag hoe een auteur van historische romans omgaat met de geschiedenis. Met o.a. Patricia de Groot, Aleid Truijens en Herman Beliën. Boekensalon Cultural Emergency in Conflict and Disaster Donderdag 19 januari, uur, Museumcafé Over het baanbrekende eerste handboek over culturele noodhulp uitgegeven door NAi en vormgegeven door Irma Boom. Met Irma Boom, Marieke Sanders en Els van der Plas. I.s.m. Prins Claus Fonds voor cultuur en ontwikkeling. Boekensalon The Printed Book Donderdag 23 februari, uur, Museumcafé Letter & Boek, met Gerrit Noordzij en Peter Verheul.

10 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 0 b o e k i n b e e l d i n b o e k i n b e e l d De publicaties in deze rubriek zijn de afgelopen periode toegestuurd aan de redactie van de Nieuwsbrief. Toegezonden boeken worden bewaard tot de eerstvolgende facultaire Boekenborrel, waar de boeken worden tentoongesteld. Boekenborrels vinden enkele malen per jaar plaats ter ere van de auteurs. Na de Boekenborrel worden de daar getoonde publicaties geretourneerd aan de eigenaars. Recentelijk verschenen publicaties van de hand van wetenschappers of studenten van de faculteit kunnen worden opgestuurd t.a.v. de redactie van de Nieuwsbrief, Spuistraat 210 (kamer 1.04), 1012 VT Amsterdam. Een beschrijving van een ingezonden boek, waarin in maximaal 100 woorden voor niet-vakgenoten wordt aangegeven waar het boek over gaat, en wat het belang of het bijzondere van het boek is, kan worden gestuurd aan: In aanmerking voor deze rubriek komen boeken die via een officieel erkende uitgeverij zijn verschenen. Ook dissertaties van medewerkers van de faculteit die langs officiële kanalen in boekvorm zijn verschenen, kunnen worden ingezonden. Syllabi komen niet in aanmerking. Lingua: Movement and Word Order in Bantu Leston Chandler Buell, Kristina Riedel en Jenneke van der Wal (red.) Elsevier B.V., 2011 Lingua is gericht op de algemene linguïstiek. In dit nummer schreven de drie gastredacteuren Riedel, Van der Wal en Buell het openingsartikel over de vraag naar wat de Bantoetalen aan ons begrip over de relatie tussen de woordvolgorde en zinstructuren kan toevoegen. In het artikel Zulu ngani why : postverbal and yet in CP van Leston Chandler Buell aandacht voor waarom - zinnen in Zoeloe en hun specifieke grammaticale eigenschappen. Ook in andere talen gedragen waarom - vragen zich anders dan andere vragen, wat uitgebreid is gedocumenteerd. Buell s artikel voegt een nieuwe taalfamilie toe aan de talen die een afwijkende structuur kennen voor waarom -zinnen. Leston Chandler Buell is postdoc onderzoeker bij Taalwetenschap. Amsterdam. Een geschiedenis Peter Jan Knegtmans Boom: Amsterdam, 2011 Amsterdam. Een geschiedenis - een synthese van de tussen 2004 en 2007 in vijf banden verschenen Geschiedenis van Amsterdam - probeert te achterhalen hoe in de stad een idee van samenhang werd bewaard. Het geeft een beeld van een samenleving die lang van patronagenetwerken en wederzijdse afhankelijkheid aan elkaar hing en waar soms de geleidelijk oplopende ontevredenheid in bittere opstandigheid uitbarstte. Een dynamische stad die nietsontziend haar eigenbelang kon najagen, die soms tot afhankelijkheid werd gedwongen of zich afwachtend opstelde, die in Nederland groot was maar internationaal klein bleef, en die op haar omgeving neerkeek en het niet opmerkte als die omgeving zich van haar afwendde. Peter Jan Knegtmans is onderzoeker bij Geschiedenis. Deutsche Kunst in New York. Vermittler - Kunstsammler - Ausstellungsmacher, Gregor Langfeld Reimer-Verlag: Berlijn, 2011 Deutsche Kunst in New York beschrijft het abrupte canoniseringproces van de moderne Duitse kunst in de VS: op welke wijze bemiddelaars en instituties in de New Yorkse kunstwereld en in Harvard bepaalde stromingen en kunstenaars in de canon opnamen en andere marginaliseerden, hoe deze kunst werd gerecipieerd, verzameld en beoordeeld. Het Museum of Modern Art, het Guggenheim, maar ook kunstverzamelaars en curatoren speelden in dit proces een belangrijke rol, evenals politieke en ideologische beweegredenen tijdens het nationaalsocialisme en de Koude Oorlog. Gregor Langfeld is docent Kunstgeschiedenis.

11 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 1 b o e k i n b e e l d i n b o e k i n b e e l d Thi timit lof. (vi + 504p.) El Pincel y el féniz: pintura y Staat van verzuiling. Over een Constantinopel, een mozaïek Guus Kroonen, Erika Langbroek, literatura en la obra de lope de Nederlandse mythe van de Byzantijnse metropool Harry Perridon, Annelies vega carpio Peter van Dam In de serie Mededelingen en Roeleveld (red.) Antonio Sánchez Jiménez Wereldbibliotheek: Amsterdam, Verhandelingen van het Voor- Rodopi: Amsterdam/ Iberoamericana, aziatisch-egyptisch genootschap New York, 2011 Op 4 september werd Arend Quak ter gelegenheid van zijn 65e verjaardag het Festschrift Thi timit lof aangeboden. In deze bundel staan een 28-tal artikelen (in het Engels, Duits, Nederlands, en Zweeds) op de diverse gebieden waar Arend Quak zich in zijn wetenschappelijk leven mee heeft beziggehouden: de runologie (6 bijdragen), de taalkunde van de Oud-Germaanse dialecten, de etymologie van de Germaanse woordenschat (16 bijdragen) en de filologie (6 bijdragen). Harry Perridon is uhd Duitse en Scandinavische talen en culturen. Poëzie en de schilderkunst gingen hand in hand tijdens de Spaanse gouden eeuw. De meeste Spaanse schrijvers beroemden zich op hun bekwaamheid als connaisseurs van de schilderkunst of zelfs als schilders. De beste illustratie hiervoor vinden we in de toneelschrijver en dichter Lope de Vega ( ), die, als we zijn tijdgenoten moeten geloven, altijd het gezelschap zocht van schilders. Dit boek onderzoekt het gebruik van de rijkelijke referenties van Lope de Vega naar de schilderkunst om op zijn eigen kunstvorm (literatuur) te reflecteren en de meest nijpende problemen van zijn beroep en zijn tijd te overpeinzen. Antonio Sánchez Jiménez is ud Romaanse taal en cultuur. In Staat van verzuiling ontmaskert historicus Peter van Dam het beeld dat met de begrippen verzuiling en ontzuiling van Nederland is geschetst als een misleidende mythe. Nederland was niet zo verdeeld en statisch, ook niet zo uniek als vaak wordt gedacht. Bovendien brak het land in de jaren zestig niet radicaal met het eigen verleden. De beschrijving van de Nederlandse geschiedenis aan de hand van de termen verzuiling en ontzuiling blijkt een karikatuur op te leveren. De analyse van hun ontstaan, gebruik en actuele betekenis die Van Dam presenteert, biedt daarentegen wel een verrassend perspectief op de Nederlandse geschiedenis. Peter van Dam is docent Geschiedenis. Ex Oriente Lux nr. 36 Diederik Burgersdijk en Willemijn Waal (red.) Ex Oriente Lux: Leiden, 2011 Constantinopel, een mozaïek van de Byzantijnse metropool biedt een overzicht van de rijke en veelzijdige cultuur van de stad aan de Bosporus vanaf de stichting tot de komst van de Ottomanen. Constantinopel, hoofdstad van het Byzantijnse rijk, heeft in kunsthistorisch, religieus en letterkundig opzicht een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van de Europese cultuur. Vele bijdragen in de bundel handelen over het landschap, het stratenplan, de gebouwen, kerken en mozaïeken die herinneren aan de antieke en middeleeuwse cultuur in de stad van Constantijn. Daarbij komt ook de receptie van de oude stad in de Ottomaanse tijd ruimschoots aan bod. Diederik Burgersdijk is gastonderzoeker bij Griekse en Latijnse talen en culturen.

12 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 2 b o e k i n b e e l d i n b o e k i n b e e l d Het Leven in Stukken Gedrukt tot Amsterdam. The Parallax View Anna Bijns van Antwerpen Oğuz Atay Amsterdamse prentmakers en Marcus Krause, Arno Meteling, Herman Pleij Margreet Dorleijn en Hanneke uitgevers in de Gouden Eeuw Markus Stauff (red.) Prometheus/ Bert Bakker: van der Heijden (vert.) E. Kolfin en J. van Veen (red.) Wilhelm Fink Verlag: München, Amsterdam, 2011 Atheneum - Polak & Van Gennep: Amsterdam, 2011 Deze roman met cultstatus in Turkije is nu voor het eerst vertaald. Het boek gold als onvertaalbaar door de diversiteit aan registers en tekstgenres die erin voorkomen. Het boek verscheen in Turkije in 1971 en geldt als dé roman die het modernisme introduceerde in een Turkije waar de literaire traditie tot dan toe voornamelijk sociaalrealistisch werk had voortgebracht. Daarnaast is de roman ook grappig; en interessant voor lezers met belangstelling voor taalbeleid, taalplanning en taal in het algemeen: de verwarring die de Turks-Republikeinse taalhervormingen van 1928 teweegbrachten bij de bevolking die van de ene dag op de andere geacht werd de woordenschat volledig te herzien komt uitgebreid aan bod. Margreet Dorleijn is ud Taalwetenschap. Waanders Uitgevers: Zwolle/ Museum Het Rembrandthuis: Amsterdam, 2011 In de 17de eeuw groeide Amsterdam uit tot een van de belangrijkste productiecentra voor prenten in Europa. Sterke concurrentie tussen uitgevers veroorzaakte grote dynamiek op de kunstmarkt. Uitgevers van losse prenten, cartografisch materiaal en geïllustreerde boeken kwamen steeds weer met nieuwe producten en ontwikkelden strategieën voor een goede concurrentiepositie. Dit boek presenteert hun handelen en beschrijft daarmee de vroege en diffuse ontwikkeling van dit nieuwe beroep, dat maatschappelijk destijds bijzonder belangrijk was. De publicatie begeleidde een tentoonstelling in Museum Het Rembrandthuis. Boek en tentoonstelling zijn opgedragen aan prof. dr. Eric Jan Sluijter bij diens emeritaat. Elmer Kolfin is universitair docent Kunstgeschiedenis Samenzweringstheorieën worden vaak als hersenschimmen van paranoïde mensen afgedaan die beweren dat onder de oppervlakte van de moderne samenleving een kleine groep mensen aan de touwtjes trekt. In het boek The Parallax View wordt onderzocht in hoeverre samenzweringstheorieën een productief deel van onze cultuur uitmaken, bijvoorbeeld vanwege hun narratieve kracht in literatuur en film. Verder worden samenzweringstheorieën in het boek behandeld als een vorm van kennisproductie die kenmerkend is voor onze mediacultuur. Men is immers altijd bezig nieuwe manieren te ontwikkelen waarop je mediaboodschappen kan ontcijferen en waarop je de onzichtbare verbanden in een netwerkmaatschappij zou kunnen ontrafelen. Markus Stauff is ud Mediastudies. Nooit is er in de Nederlandse taal hartstochtelijker over de liefde geschreven dan door Anna Bijns. En nooit heeft iemand zwaarder gescholden op ketters of venijniger de spot gedreven met huwelijk en gezin. Tot aan haar dood op 82-jarige leeftijd gaf zij onverschrokken commentaar op alles wat er in het roerige Antwerpen van de zestiende eeuw voorviel. Daarbij trok ze zich nimmer iets aan van repressies door de stedelijke overheid of de kerk. Tevens bleef de vurige draad van bedrogen liefde en hartstocht branden in de harde verwijten aan haar verdwenen vriend en de schaamteloze smeekbeden om weer terug te keren. Herman Pleij is emeritus hoogleraar Historische Nederlandse letterkunde.

13 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 3 b o e k i n b e e l d i n b o e k i n b e e l d 80 s dilemma. Nederland in de Michel Houellebecq à la Une Le Malaise existentiel dans le Europe in the World. EU jaren tachtig Murielle Lucie Clément en roman de l extrême Geopolitics and the making of Jouke Turpijn Sabine van Wesemael [red.] contemporain European Space Bert Bakker: Amsterdam, 2011 Rodopi: Amsterdam, 2011 Murielle Lucie Clément en Luiza Bialasiewicz (red.) Waar in de jaren zeventig iedereen met veel lawaai kon meedoen, namen in de jaren tachtig slechts enkele bestuurders de beslissingen en hadden kiezers en politiek zich van het publieke leven afgewend. 80 s dilemma onderzoekt hoe deze transformatie zich voltrok en wat zij betekende. Het boek slaat een brug tussen de publieke herinnering aan de jaren tachtig en de politieke en culturele geschiedenis van de Lage Landen. De beeldvorming van de jaren tachtig is zo sterk dat ze de analyse van het recente verleden in de weg staat en verkeerde oordelen vormt over het punt waar Nederland zich nu bevindt. In dit boek geeft Jouke Turpijn een alternatief. Jouke Turpijn is ud Geschiedenis. Michel Houellebecq à la Une is een congresbundel gewijd aan het werk van Michel Houellebecq. Het betreft een verzameling artikelen over de receptie van de romans in het buitenland, de vermeende invloed van auteurs als Ajar, Céline en Camus en de door de auteur vaak aangehaalde filosoof Schopenhauer, over de verwijzingen naar passages uit de Bijbel, de maatschappijvisie van de Franse auteur, zijn esthetica en zijn poëzie. Sabine van Wesemael is ud Romaanse taal en cultuur. Sabine van Wesemael [red.] Ëditions Universitaires Européennes: Saarbrücken, 2011 Deze congresbundel bevat een verzameling artikelen over hedendaagse Franse romans waarin een existentiële crisis centraal staat. Artikelen over Michel Houellebecq, Patrick Modiano, Florian Zeller, Andreï Makine, Annie Ernaux, le Clézio, Echenoz en het werk van andere hedendaagse auteurs die de psychologische, sociale en filosofische dimensie van een existentiële crisis verbeelden. Sabine van Wesemael is ud Romaanse taal en cultuur. Ashgate: Farnham, 2011 Dit boek biedt een innovatieve bijdrage aan het debat over de hedendaagse Europese geopolitiek door nieuwe politieke geografieën en geografische verbeeldingen te traceren die opkomen en mogelijk gemaakt zijn door de acties van de EU in het internationale speelveld. De analyse baseert zich op casestudies van de Noordpool tot aan Oost- Afrika. Het Europese grenzenbeleid speelt een belangrijke rol in verschillende bijdragen waarin de nadruk wordt gelegd op de verschillende manieren waarop de grenspolitiek van de EU de Europese ruimte actief (her)schept. Luiza Bialasiewicz is ud Europese Studies.

14 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 4 De glinsterende geest Wetenschap wordt bedreven binnen de muren van de universiteit, de vruchten van de wetenschap mogen gelukkig ook daarbuiten worden geplukt. Wetenschappers, ook die van de Faculteit der Geesteswetenschappen, zijn regelmatig in het nieuws. Omdat hun onderzoek interessante en soms direct toepasbare resultaten heeft opgeleverd, of om vanuit hun expertise actuele ontwikkelingen te becommentariëren. Deze rubriek biedt een (onvolledig) overzicht van berichten in en optredens voor de media. De redactie roept alle geesteswetenschappers op zelf melding te maken van nieuwsberichten en mediaoptredens via Bedreigde talen Moderne archeologie en sociologie De Brazilaanse televisiezender RPTV besteedde op 11 augustus aandacht aan bedreigde talen. Dit naar aanleiding van een publiekslezing hierover van van Kees Hengeveld, hoogleraar Algemene taalwetenschap in het bijzonder de theoretische linguïstiek. Hengeveld gaf een lezing in het wetenschapsmuseum in São Jose do Rio Preto (Brazilië). Dit thema is bijzonder relevant in de Braziliaanse context, omdat in dit land 190 inheemse talen worden gesproken die vermoedelijk over 50 jaar uitgestorven zullen zijn. Omdat deze talen een uitsluitend orale traditie kennen, verdwijnt met het uitsterven van deze talen ook de culturele en historische kennis over de betrokken volkeren. Het interview (in het Portugees) kan worden bekeken op: Ethnolinguïstisch veldwerk In de Märkische Allgemeine Zeitung van 6 oktober bericht over het vierdaagse seminar van Kulturstiftung Sibirien in Fürstenberg. Vermaarde etnologen en linguïsten kwamen bijeen om te praten over de uitstervende talen van Siberische volkeren. In de Sovjettijd werden nomadenkinderen bij hun ouders weggehaald en aan het communistisch onderwijssysteem onderworpen, waardoor de ouders hun taal en gebruiken niet meer aan hun kinderen konden doorgeven. Nu wordt er alles aan gedaan deze vorm van eigen identiteit weer terug te winnen. Om die reden is de Kulturstiftung Sibierien door antropoloog Erich Kasten (www.kulturstiftung-sibirien.de) in het leven geroepen. Ook Cecilia Odé, gastonderzoeker bij Taalwetenschap, was bij het seminar aanwezig. Odé en collega s Erich Kasten en Alexandra Lavrillier gaan regelmatig naar gebieden in Noord-Oost Siberië op ethnolinguïstisch veldwerk. Zij interviewen sprekers van de uitstervende talen en vertalen hun teksten in het Engels of Russisch, ook voor onderwijsdoeleinden. Volgens Odé moet er haast gemaakt worden, omdat alleen zeer oude mensen de uitstervende talen nog beheersen. In het septembernummer van City + State aandacht voor een praktijkonderzoek door Reinder Rustema, docent Mediastudies, tijdens zijn verblijf in Zakynthos, Griekenland. Rustema heeft gedurende twee weken om de dag een half uur lang opruimwerkzaamheden verricht als bijdrage aan de maatschappij. Niet alleen de omstanders dachten dat hij een archeoloog was, in de praktijk was het ook een vorm van archeologie. Zo vond Rustema frisdrankflesjes die niet meer te koop zijn. Zeven vuilniszakken afval verzamelde Rustema in de omgeving van het oude ziekenhuis; van drinkflessen en cigaretten tot aan röntgenfoto s en medicijnen. Uit de interventie blijk dat bepaalde stukken in de stad niet alleen amper bezocht worden door de gemeentelijke schoonmaakdienst, maar zelfs volledig worden overgeslagen. Dit is volgens Rustema een serieus probleem aangezien The Broken Window Theory uit de sociologie ons leert dat wanneer hun omgeving verwaarloosd wordt, mensen ook zelf hun omgeving zullen verwaarlozen. Kettervreetster, viswijf, pain in the ass In het Reformatorisch Dagblad van 8 oktober een recensie van Anna Bijns van Antwerpen en in De Morgen van 2 november een interview met Herman Pleij, emeritus hoogleraar Historische Nederlandse letterkunde, naar aanleiding van deze recente publicatie. Het geboortehuis van Anna Bijns ( ) op de Antwerpse Grote Markt staat te verkommeren. Onbegrijpelijk, vindt Herman Pleij: Bijns hoort uitdrukkelijk in het rijtje van grote auteurs als Elsschot en Van Ostaijen. Niemand heeft in onze taal hartstochtelijker

15 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 5 over de wereldse liefde geschreven en zo vernuftig en venijnig op rijm gescholden. De taal die Bijns in haar subtiel gestructureerde verzen hanteerde, kostte hem flink wat studie. Voor het stadsbestuur en zijn gedoogpolitiek was Anna a pain in the ass. Ze riep hel en verdoemenis af over de luthersen, terwijl de belangrijkste buitenlandse kooplieden, de Duitsers, protestantse sympathieën hadden. Haar vernuftige refreinen, waarin ze de luthersen en hun boeken als een viswijf naar de brandstapel wenste, werden publiekelijk vertolkt. Laat meisjes kiezen voor fotografe en monteuse In het NRC Handelsblad van 21 oktober een artikel van Ingrid van Alphen, ud Taalwetenschap, waarin zij pleit voor het differentiatiemodel waarin de vrouwelijke en de mannelijke vorm van een beroep consequent naast elkaar gehanteerd worden. In 1981 werd in het kader van de Wet Gelijke Behandeling de discussie gestart over de gelijke behandeling van vrouwen op linguïstisch niveau. Het betrof de keuze om beroepsbenamingen - doorgaans uitsluitend in de mannelijke vorm gesteld - hetzij gedifferentieerd op te nemen in een register hetzij zogenaamd geneutraliseerd. Op 22 maart 1983 lagen beide voorstellen in de Tweede Kamer. Echter, tot een daadwerkelijke keuze voor differentiatie- of neutralisatiestandpunt is het nooit gekomen. Pas na het naast elkaar gebruiken van vrouwelijke en mannelijke beroepsnamen kan er sprake zijn van enige sekseneutraliteit. Dat dit gepaard moet gaan met een verandering van de niet linguïstische werkelijkheid is buiten kijf. En als dan eindelijk een vrouw de leiding heeft over een of ander bolwerk, noem haar dan directrice. En wanneer zij werkzaam is in de techniek, noem haar dan monteuse, aldus Van Alphen. Help! Mijn zusje wordt vermist! In De Pers van 25 oktober aandacht voor het feit dat Sandra van Oostende op Facebook de vermissing en overlijden van haar zusje Jennefer aankondigde en een dader aanwees: haar ex. Miljoenen mensen lazen mee. Dat Sandra van Oostende met haar zorgen om haar zusje op Facebook is gegaan verbaast Martijn de Waal, docent Mediastudies, niet. Ik zie het als een noodkreet. Mensen kunnen zich op Facebook een imago aanmeten, zegt hij. En dat doen ze ook, zeker jonge mensen. Wat ze zich nog te weinig realiseren, is: met hoeveel mensen ze díe informatie delen. In het gewone leven pas je je gedrag voortdurend aan aan de situatie waar je in zit. In de collegezaal ben je anders dan bij je oma. Maar op internet mis je de informatie uit je omgeving en dan kan het opeens totaal ongepast blijken te zijn wat je doet. Reinder Rustema, docent Mediastudies, denkt ook dat Van Oostende zich niet gerealiseerd heeft hoeveel mensen naar haar pagina op Facebook konden kijken. In het algemeen zijn mensen niet gewend aan veel aandacht. Ze dromen er wel van - vandaar de populariteit van reality shows - maar ze hebben er geen ervaring mee. Miljoenenpubliek? Volkomen abstract. Totaal onvoorstelbaar. Van Oostende, denkt hij, zal geschrokken zijn van wat ze heeft geopenbaard. De hoge prijs van een leven In het Nederlands Dagblad van 19 oktober aandacht voor de uitruil van Gilad Shalit tegenover 1027 Palestijnse gevangenen. Is het ene mensenleven net zoveel waard als ruim duizend andere? Objectief gezien betaalt Israël een erg hoge prijs, zegt Bart Wallet, postdoc onderzoeker Mediastudies. Maar het gaat nu eenmaal om een scheef conflict. Het aantal Arabische gevangenen in Israël is veel groter dan andersom. Op dit moment overheerst in Israël de vreugde over de vrijlating van Shalit, maar er is ook kritiek op de deal. Zeker als je kijkt naar wat sommige vrijgelaten gevangenen hebben gedaan. Je mag hopen dat zij er niet aan denken hun daad te herhalen. De vraag andersom is ook mogelijk: kunnen Palestijnen gelukkig zijn met het feit dat één Joods mensenleven wordt betaald met 1027 Palestijnse? Die vraag blijft bij mij ook hangen, zegt Wallet. Als ik leider van Hamas was, zou ik daar een dubbel gevoel bij hebben. Maar deze deal wordt in de Palestijnse samenleving vooral bekeken door het raamwerk van bezetting en de strijd daartegen. Dan overheerst toch het gevoel dat de machtige bezetter op de knieën is gedwongen. Herinnering aan de oorlog vervaagt voorlopig niet In het Reformatorisch Dagblad van 26 oktober en Nederlands Dagblad van 28 oktober aandacht voor het proefschrift Dat nooit meer. De nasleep van de Tweede Wereldoorlog in Nederland van Chris van der Heijden waar hij op 28 oktober bij Geschiedenis promoveerde. De conclusie uit Dat Nooit meer luidt dat de collectieve herinnering aan de oorlog nog altijd groot is, dat de oorlog nog veelvuldig als argument wordt gebruikt, en dat de verbeelding van en de geschiedschrijving over

16 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 6 de oorlog bloeien. De grote lijn in de omgang met de oorlog is de drang om herhaling te voorkomen. Vandaar de titel van het boek: Dat nooit meer. Van der Heijden laat zien hoe de naoorlogse geschiedenis van Nederland werd gevormd door de herinnering aan de oorlog. Hij beschrijft tientallen affaires waarin de oorlog een rol speelde en hij laat zien dat de oorlog steeds meer mensen beroerde naarmate hij langer geleden was. Zolang de oorlog in één adem wordt genoemd met volkerenmoord, zal hij niet uit het collectieve geheugen verdwijnen, meent Van der Heijden. Het proefschrift van Van der Heijden heeft veel reacties opgeroepen. Naar aanleiding van de kritiek die Dienke Hondius in De Groene Amsterdammer op 2 november op het proefschrift uitte ontstond er een polemiek tussen Hondius en Van der Heijden. In het NRC Handelsblad van 4 november een weergave daarvan. Geschiedenis Nederland op de kaart gezet In Trouw van 12 oktober aandacht voor de uitgave van een bijzondere, nieuwe Bosatlas waarin de geschiedenis van Nederland letterlijk op de kaart is gezet. De prehistorie tot en met de hedendaagse geschiedenis is vastgelegd in 250 verhalen waarbij meer dan 1500 kaarten zijn gemaakt. Vier jaar waren tientallen medewerkers en externe deskundigen bezig om de grote lijnen van de vaderlandse geschiedenis vast te leggen in een consistente reeks kaarten. Hoogleraar Historische Nederlandse letterkunde Herman Pleij vergelijkt de atlas met de manier waarop hij in de jaren veertig op de lagere school geschiedenisles kreeg. Wij hadden de zekerheid dat we iets wisten, we hadden bagage. Dat gaf een rituele saamhorigheid en een gemeenschappelijk referentiekader waarop we konden terugvallen. De Bosatlas geeft greep op de enorme erfschat van onze geschiedenis. In veertien hoofdstukken komt de geschiedenis van Nederland chronologisch aan bod. Elk hoofdstuk begint met een actuele luchtfoto en een tijdbalk van de beschreven periode. Thema s worden in twee pagina s behandeld, met nooit meer dan 20 procent tekst. Dé Joodse gemeenschap in Nederland In het Reformatorisch Dagblad van 21 oktober en Trouw van 9 november aandacht voor het onderzoek Herinnering en Herleving: Geschiedenis van de Joden in Nederland na 1945 van Bart Wallet, postdoconderzoeker Mediastusies, waarin de diversiteit van het Joodse leven in Nederland in kaart wordt gebracht. Het eerste thema in zijn onderzoek is de identiteit van Nederlands Joden. Wallet: Tot halverwege de jaren zeventig bestond er een relatief sterke collectieve identiteit, veelal gedefinieerd door rabbijnen. Na die tijd vormen mensen steeds meer hun eigen idee van wat het betekent om Joods te zijn. Ander aandachtsgebied in het onderzoek is de veranderende manier waarop en de mate waarin het geloof wordt beleden sinds 1945 en de invloed van Amerikaanse en Israëlische Joodse gemeenschappen op het Joodse leven in Nederland. Wallet onderzoekt daarnaast, onder meer, wie de Joodse gemeenschap of gemeenschappen sinds de Tweede Wereldoorlog in het openbare leven hebben vertegenwoordigd. Wallet noemt zijn onderzoek een uniek project. Eerder werden al wel deelonderzoeken uitgevoerd naar oorlogspleegkinderen, de terugkeer van Joden na de Tweede Wereldoorlog en de liberaal-joodse geschiedenis, maar een overkoepelend werk was er nog niet. Onheilsprofeet voorspelt opnieuw einde van de wereld In NU.nl van 22 oktober bericht over de voorspelling van eindtijdprofeet Harold Camping dat de wereld op 21 oktober zal vergaan. Na twee eerdere voorspellingen weet hij nu echt zeker dat aan dit aardse leven een einde komt. De 90-jarige Camping, eigenaar van radiostation Family Radio, trok eerder dit jaar veel media-aandacht met een eerdere voorspelling. Gerard Wiegers, hoogleraar Religiestudies, beschouwt Camping als één van de vele eindtijdprofeten. Hij heeft binnen de christelijke wereld een bijzondere positie, omdat hij eigenaar is van een radiostation en zich heeft losgemaakt van de gevestigde kerken, vertelt Wiegers. Camping beschouwt de Bijbel letterlijk als Gods Woord. In die zin is hij een fundamentalist. Volgens Wiegers is de meest interessante vraag op dit moment hoe het komt dat eindtijdvoorspellingen in de ene periode vaker voorkomen dan in een andere periode. Vaak treden er allerlei maatschappelijke veranderingen op, waardoor groepen gelovigen het gevoel hebben dat er een ingrijpen van God nodig is. Waarom blijven vooral domme liedjes eindeloos in je hoofd zitten? Op de website van Dagblad De Pers beantwoorden vooraanstaande wetenschappers vragen van lezers. Op 25 oktober gaf Henkjan Honing, hoogleraar Muziekcognitie, antwoord op de vraag waarom domme liedjes eindeloos in ons hoofd zitten. Echt begrepen is het nog niet. Anders konden we wel een computerprogramma maken dat liedjes componeert die

17 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 7 gegarandeerd uren in je hoofd rondzingen. [..] Wel weten we dat muziekfragmenten die plotsklaps en veelal ongevraagd in je hoofd schieten - een oorwurm (of cognitive itch) genoemd - twee kenmerken hebben: een eenvoudige, vaak overbekende muzikale structuur en een verrassende of onverwachte wending (een hook). Onderzoekers zijn er echter nog niet uit welke structurele aspecten een muziekfragment tot een potentiële oorwurm maken, maar wel dat je het liedje eerder of vaker gehoord moet hebben, en dat stemming en een laag aandachtsniveau factoren zijn die bijdragen aan het ontstaan van een oorwurm. Jammer genoeg overkomt het ons meestal bij liedjes die we nogal irritant vinden. Lam Gods moet opnieuw schitteren In het Nederlands Dagblad van 26 oktober en De Morgen van 3 november bericht over de restauratie van het wereldberoemde Gents altaarstuk (1432). Begin december valt de beslissing in het restauratiedossier van het wereldberoemde Gentse altaarstuk, het meesterwerk van de gebroeders Jan en Hubert van Eyck. Zeker is dat de restauratie vijf jaar zal duren en het publiek alles zal kunnen volgen. Na wetenschappelijk onderzoek is men tot de conclusie gekomen dat het Lam Gods nog in betrekkelijk goede staat verkeerd. Adviseur van de restauratie Anne van Grevenstein, hoogleraar Praktijk van conservering en restauratie: Het eikenhout van de panelen waarop de gebroeders Van Eyck schilderden is in zeer goede staat. Als je beseft wat er met het Lam Gods allemaal gebeurd is, is het een mirakel dat het nog bestaat. Er is besloten de vernislaag te verwijderen. Van Grevenstein: Om die vernis te verwijderen en de noodzakelijke restauraties uit te voeren, zullen vier fulltime restauratoren zo n vijf jaar nodig hebben. De restauratie gebeurt in drie fasen, waardoor steeds twee derde van het Lam Gods te zien blijft. Betrek wetenschap vroegtijdig bij serious game In Zorgvisie van 28 oktober aandacht voor serious gaming. Om serious gaming van de grond te krijgen, is het belangrijk de wetenschap zo vroeg mogelijk te betrekken bij de ontwikkeling van een spel. Dat betoogde onderzoekster Pamela Kato tijdens het evenement Games for Health Europe op 24 oktober in Amsterdam. David Nieborg, gastonderzoeker Mediastudies, vindt ook dat ontwikkelaars van serious games moeten afkijken van de entertainment- gamesindustrie. Hij noemt als voorbeeld grote games als Battlefield 3 en Call of Duty Modern Warfare 3. Ontwikkelaars van deze spellen verzinnen constant nieuwe games en als een game blijkt te werken, begint het franchisen: elk jaar een nieuw deel, elk kwartaal nieuwe content. Zo blijven de mensen gebonden aan het product. Binnenkort introduceren ze zelfs lidmaatschap, waardoor gamers nog meer gebonden zijn aan het product. Dat is iets wat in de serious gaming nog niet wordt gedaan. Die mensen hebben veel kennis over serious games, maar het ontbreekt hun nog aan een goed business model. Grieks referendum Tatiana Markaki, docent Nieuwgriekse taal en cultuur, is uitgebreid in het nieuws geweest naar aanleiding van het Grieks referendum. In een interview voor de NOS Radio 1 journaal en het ANP (beide 1 november) en in het Algemeen Dagblad van 3 november geeft Markaki toelichting op de achtergronden van het aangekondigde Grieks referendum.waarom was G. Papandreou gedwongen om een referendum aan te kondigen? Wat is het effect van de voortdurende draconische bezuinigingen op het Griekse volk? Hoe (on)waarschijnlijk was het doorgaan van een referendum? Het verzet tegen de bezuinigingen in Griekenland is aldus Markaki in het Algemeen Dagblad zo groot, dat premier Papandreou geen andere keus had dan een referendum uit te schrijven. Markaki: De mensen zijn vooral boos, omdat de bezuinigingen zo oneerlijk terechtkomen. Het geld moet van de Europese Unie zo snel mogelijk worden binnengehaald. Dus worden gemakkelijke oplossingen gekozen: de btw omhoog, lagere salarissen en pensioenen en hogere belasting op loon. Dat raakt de midden- en lage inkomens. Rijken en ondernemers, die het meest aan belastingontduiking doen, ontspringen de dans. Want belastingontduiking is veel moeilijker aan te pakken. De Griekse fiscus is nog grotendeels niet geautomatiseerd! Romeinse schatten overleven geweld Libië In Het Parool van 1 november een uitgebreid verslag van Joris Kila, promovendus Algemene Cultuurwetenschappen, over zijn reis naar Libië waar hij zich heeft ingezet voor de bescherming van cultureel erfgoed. Sinds tien jaar reist Kila naar conflictgebieden in Macedonië, Irak, Egypte en nu ook Libië namens Blue Shield en de internationale militaire cultural resourceswerkgroep IMCuRWG, twee organisaties die zich inzetten voor de bescherming van cultureel erfgoed. Het doel: zo snel mogelijk inventariseren hoe het cultureel erfgoed de roerige machtswisseling is doorgekomen. Die taak ligt bij Unesco, maar in zulke bureaucratische apparaten moet eerst alles door een tiental commissies waar alles drie keer besproken wordt. Dan is het eigenlijk al te laat. Kila promoveert begin volgend jaar op een proefschrift over het nationale en

18 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 8 SPUI25 internationale beheer van cultureel erfgoed in tijden van gewapende conflicten, wat in de praktijk vies tegenvalt, constateert hij. Als de oorlog uitbreekt, heeft de bescherming van oudheidkundige schatten niet de hoogste prioriteit, toch is erfgoed een belangrijk bindend middel in een verder verdeeld land, zegt Kila. Hij schat dat door een eerdere actie van Blue Shield, IMCuRWG en een aantal internationale wetenschappelijke experts in Libië een hoop schade bespaard is gebleven. Oorlogsgames in strijd verwikkeld In de Volkskrant van 7 november bericht over de uitgave van nieuwe games en de marktstrategie hierachter. Naar verwachting brengen het nieuwste oorlogsspel van uitgever Activision en de nieuwste titel van Electronic Arts samen in acht weken 1 miljard euro op. Om die reden trekken Activision en Electronic Arts, de nummer 1 en nummer 2 van de wereld, ieder meer dan 70 miljoen euro uit voor reclame en marketing en bevestigen daarmee een trend in de gamesindustrie, zegt de Amsterdamse mediawetenschapper David Nieborg, gastonderzoeker Mediastudies. Die trend luidt: minder, maar groter en beter. Zo groot is het marketinggeweld rond deze twee games, dat concurrenten de introductie van hun schietspellen hebben opgeschort. Daar komt bij dat de kosten voor de ontwikkeling van games drastisch zijn gestegen door de introductie van de nieuwe generatie spelcomputers, zoals de PlayStation 3 en de Xbox 360. Nieborg: Dan wil je als uitgever wel zeker weten dat je die kosten eruit krijgt. Ook de consument vermijdt risico s. Voor een vervolg kiezen is een veilige keuze. Dit alles leidt tot een verschraling van het aanbod. Eretekeningen Lorentz zoek In NRC Handelsblad van 11 november Anne Kox aan het woord, bijzonder hoogleraar Geschiedenis van de natuurkunde in het algemeen en de geschiedenis van de natuurkunde in Nederland in de periode in het bijzonder (vanwege de Stichting Pieter Zeemanfonds). Kox vond informatie over de roof van erfstukken van Hendrik Lorentz ( ) en Jacob van Lennep ( ). Het was puur toeval, zegt Anne Kox. Hij neusde wat rond op internet en stuitte op de inventaris. Zo las hij, tot zijn verbazing, dat de gouden Nobelpenning van Lorentz, diens tekens bij het Grootkruis van de Orde van Oranje-Nassau, de medaille van l Ordre National de la Légion d honneur en nog tien andere eretekens verdwenen zijn. Mijn mond viel open, zegt Kox, nog steeds verontwaardigd. De klunzigheid die ervan afstraalt. Het gaat om de spullen van een van de belangrijkste, en misschien wel dé belangrijkste Nederlandse wetenschapper ooit. Lorentz is vermoedelijk ook de meest gedecoreerde Nederlandse wetenschapper. Maar nagenoeg al zijn decoraties zijn verdwenen uit de kluis in het Trippenhuis van de KNAW. KNAW-archivaris Joeri Meijer stelde eerder dit jaar een inventaris op die de vermissing vermeldt. Tijdens het kerstdiner voor oud-medewerkers vorig jaar hoorde Meijer dat die verdwijning al in de jaren tachtig bij een kluiscontrole ontdekt was. Bijzondere Lezing: prof. dr. Rudi te Velde In samenwerking met de Faculteit der Geesteswetenschappen Ruim honderd jaar katholieke presentie aan de UvA: nuttig of overbodig? Tijdens deze lezing vertelt prof. dr. Rudi te Velde over de geschiedenis van de Radboudleerstoel aan de UvA en geeft hij zijn visie op deze leerstoel. Donderdag 1 december, uur Rassenrellen bestaan niet Over vrouwenhandel, hoofddoeken, boerka s en loverboys wordt veel gesproken in het politieke en journalistieke debat, terwijl andere onderwerpen onderbelicht blijven. Rellen, die regelmatig plaatsvinden in het uitgaanscircuit, is zo n onderbelicht onderwerp. Waarom? Hierover Marlou Schrover aan het woord, hoogleraar Migratierecht (RUL). Donderdag 1 december, uur Harry Mulisch: de schrijver. Deel 5 In zes bijeenkomsten analyseert Mulischkenner Marita Mathijsen zijn oeuvre, vanaf de vroegste werken tot de laatste, inclusief de nog niet gepubliceerde uit de nalatenschap. Vandaag, deel 5: het scheppingsexperiment. Vrijdag 2 december, uur Onzekerheid troef. Het betwiste gezag van de wetenschap Wetenschappelijke kennis is omstreden. In Onzekerheid troef. Het betwiste gezag van de wetenschap (VanGennep, 2011) worden actuele kwesties (o.a. over vaccinatie, klimaat, economie, voedsel) op dit punt geanalyseerd. Robbert Dijkgraaf (KNAW) reageert. Discussie o.l.v. Maarten Huygen (NRC Handelsblad) met de auteurs, Dijstelbloem, Hagendijk, Mol, De Vries, Boumans en anderen. Woensdag 7 december, uur KNAW Tweegesprek: over kunst en armoede Hoe houden gedreven kunstenaars zich staande? Hans Abbing en Paul Dikker gaan met elkaar in gesprek over het spanningsveld tussen armoede en kunst. Gespreksleider is Wim Brands. Donderdag 8 december, uur

19 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 1 9 Necros - over het dode lichaam, materialisme, empiricisme en vitalisme In deze lezing bepleit Ewa Domanska een hernieuwde bewuste omgang met de lichamen van de doden, zonder deze af te wijzen of te verheerlijken. Zij plaatst dit binnen de zogeheten dead body studies, en bepleit nieuwe interpretatiekaders en theoretische verschuivingen ten aanzien van de dood, de tijd en het verleden. Donderdag 8 december, uur Harry Mulisch: de schrijver. Deel 6 In zes bijeenkomsten analyseert Mulischkenner Marita Mathijsen zijn oeuvre, vanaf de vroegste werken tot de laatste, inclusief de nog niet gepubliceerde uit de nalatenschap. Vandaag, deel 6: de thema s, vaste personages en onvoltooide werken. Vrijdag 9 december, uur Boekpresentatie Roel Janssen: Wellink aan het woord Bij zijn afscheid als president van De Nederlandsche Bank op 1 juli verschijnt Wellink aan het woord, de financiële memoires van Nout Wellink over zijn presidentschap van DNB. In zeven interviews met journalist Roel Janssen vertelt hij openhartig over het gevoerde beleid. Janssen en Wellink gaan deze avond in discussie. Maandag 12 december, uur Stand van de wetenschap: met Bernard en Mirjam van Praag In de lezing- en debatreeks Stand van de Wetenschap presenteren duo s van UvAwetenschappers samen de stand van zaken op hun vakgebied. Twee wetenschappers die hun vakgebied delen en een generatie schelen, houden ieder een minicollege en gaan vervolgens in gesprek over hun discipline. Vader en dochter Van Praag over hun vakgebied, de economie. Maandag 12 december, uur Religie als noodzakelijke illusie? Lezing in de multidisciplinaire programmareeks Actueel, Avontuurlijk, Aangrijpend (AAA) van het Koninklijk Concertgebouworkest. Onder het thema Illusies onderzoekt Rudi te Velde de opvattingen over religie als illusie. Woensdag 14 december, uur Boekpresentatie: Perfect Worlds. Utopian Fiction in China and the West Perfect Worlds (Douwe Fokkema) biedt een uitgebreide historische analyse van utopische verhalen in de Chinese en Euro- Amerikaanse traditie. Ter gelegenheid van de presentatie zal er een paneldiscussie zijn over de internationale literatuur. Vrijdag 16 december 2011, uur Uit de bibliotheek Open Access Weken Van 24 tot en met 28 oktober vond wereldwijd de jaarlijkse Open Access week plaats. In Nederland werd daar nog een tweede week aan vastgeknoopt, van 31 oktober tot en met 4 november. Lag nationaal in de eerste week de focus op Open Access en onderzoek, in de tweede week was er volop aandacht voor Open Access en onderwijs. Bij de UvA is er vooral aandacht gevraagd voor het toekomstvast archiveren van onderzoeksdata, onder het motto Red de data. Mogelijkheden tot het (laten) archiveren van onderzoeksdata zijn er inmiddels volop, bijvoorbeeld in het Electronic Archiving SYstem (EASY) van DANS of via de dienst FLUOR die aan UvACommunities is gekoppeld. Tevens is het mogelijk om individuele datasets te archiveren via Personal Metis. Personal Metis kan dus niet alleen gebruikt worden om publicaties te registreren, maar ook om bijbehorende datasets te uploaden zodat deze naast de publicatie zelf open access aangeboden kunnen worden. Open Access weken: open2011/ Open Access bij de UvA: Times Literary Supplement Historical Archive Sinds kort biedt de UB het historische archief van Times Literary Supplement (voor de jaren 1902 tot en met 2006) digitaal aan. De mogelijkheden om te zoeken of te bladeren zijn zo uitgebreid dat de gedrukte jaargangen eigenlijk alleen nog nostalgische waarde hebben. Er kan gezocht worden op schrijver van het artikel, auteur, vertaler of onderwerp van het gerecenseerde boek, illustrator, uitgever, enz., en de zoekactie kan ingeperkt worden op jaar en op publicatiesoort (recensie van een boek, tentoonstelling, redactioneel commentaar, advertentie, enz.). Het resultaat is een goed leesbare scan van de oorspronkelijke krant, waarvan de vergrotingsfactor zelf ingesteld kan worden. Het bestand heeft alleen één bezwaar: het is zo verleidelijk dat je voordat je het weet uren verder bent. TLS: V?func=native-link&resource=AMS03294 Informatie over nieuwe digitale bestanden is altijd terug te vinden via de website van de bibliotheek of in de Digitale Bibliotheek (Zoeken naar Databases, klik vervolgens op Nieuw). Via het formulier voor aanschafsuggesties op de website van de bibliotheek kunnen aanvragen ingediend worden voor nieuwe digitale bestanden (of boeken of tijdschriften), maar medewerkers kunnen daarvoor natuurlijk ook bij hun vakreferent terecht. Website bibliotheek:

20 n i e u w s b r i e f F a c u l t e i t d e r G e e s t e s w e t e n s c h a p p e n 2 0 De Nieuwsbrief Geesteswetenschappen is een uitgave van het Dagelijks Bestuur van de Grenzeloze wetenschappen Faculteit der Geesteswetenschappen. Nr. 144, december 2011 Grenzeloze wetenschappen was het thema van de facultaire opening van het academisch jaar. In dit nummer aandacht voor Annemarie Doornbos die op 8 september promoveerde op een onderzoek naar de romanschrijfster Geertruida Bosboom-Toussaint ( ). Tijdens haar promotieonderzoek werkte zij ook als docent Nederlands aan het Gymnasium Apeldoorn. Wat zijn haar ervaringen als buitenpromovendus? En waarom een onderzoek naar Bosboom-Toussaint? Archief Eindredactie Mas Fopma Lotte Batelaan (student-assistent) tel Verspreiding en abonnementen Deadline kopij voor Nieuwsbrief januari 2012 Vormgeving Foto s Eduard Lampe Doornbos: Steeds minder lezers weten Bosboom-Toussaint te plaatsen als belangrijke auteur uit de negentiende eeuw. Haar romans, met name Het Huis Lauernesse (1840) en Majoor Frans (1875), werden ooit gelezen op school. Tegenwoordig wordt Toussaint nauwelijks meer genoemd in de literatuurmethodes, al heeft ze een plaats in de canon: ze wordt gezien als traditioneel auteur van (historisch) werk met een sterk christelijke inslag. Niet boeiend dus. Maar volgens mij is het werk van Toussaint verrassend onconventioneel en zeker de moeite waard om te lezen - ook vandaag de dag. Door oog te hebben voor de manier waarop hiërarchische tegenstellingen in de tekst zelf ondermijnd worden, kun je als lezer op het spoor komen van elementen die de manifeste stellingname van een literair werk aantasten. Door een narratologische analyse kwam ik tegenstrijdigheden op het spoor, die ik vervolgens als uitgangspunt nam voor een tegendraadse lezing, waarbij je de codes loslaat die de tekst als vanzelfsprekend veronderstelt. Zo ontdekte ik dat in De Graaf van Devonshire (1837) de metaforiek strijdig is met de karakterisering van de titelfiguur Courtenay als held. De manier waarop Courtenay getypeerd is, blijkt niet in overeenstemming met (een aantal van) zijn daden. Door dit veranderde beeld van de historische Courtenay krijgt de situatie van de (soms fictionele) vrouwen om hem heen een accent. Zo blijkt uit De Graaf van Devonshire dat Toussaint op geraffineerde wijze een subversieve laag aanbrengt in de metaforiek, waardoor zij zich aan de oppervlakte conformeert aan de contemporaine cultuur, maar voor een goed verstaander de aandacht vestigt op de sekseverhoudingen. Ditzelfde is aan te tonen in andere aspecten van haar historische romans. De plot, de structuur, de stijl, de sekserepresentaties, zelfs het genre als zodanig, worden ingezet om aandacht te vestigen op de positie van vrouwen. Een nieuwe Toussaint Doornbos werkte bij aanvang van haar promotieonderzoek fulltime in het onderwijs, als docent Nederlands en coördinator bovenbouw op het Gymnasium Apeldoorn. Doornbos: De masterclass Promoveren na of naast het werk was de directe aanleiding om te starten met mijn onderzoek. Dat er ruimte is voor onderzoek dat geen directe maatschappelijke of economische winst oplevert, was voor mij een aangename ontdekking. Mijn latere promotor, Marita Mathijsen-Verkooijen, (emeritus hoogleraar Moderne Nederlandse letterkunde) stimuleerde de cursisten een onderzoeksvoorstel te formuleren en gaf mij, in een reactie op dat eerste voorstel, het vertrouwen dat er toekomst in zat. Die stimulans en dat vertrouwen zijn heel belangrijk, juist voor buitenpromovendi die de universitaire wereld immers meestal allang hebben verlaten. Dat is ook de reden dat contacten met andere buitenpromovendi zo motiverend zijn, je kunt profiteren van elkaars ervaringen. De combinatie van een baan in het onderwijs en onderzoek is voor mij een goede gebleken. Omdat ik als coördinator bovenbouw zo bezig was met beleid en organisatie en vooral dit laatste de overhand had, wilde ik erg graag ergens louter inhoudelijk mee bezig zijn en mijn creativiteit aanboren. De narratologische analyses leverden nogal eens bijzondere vondsten op, die in een tegendraadse lezing leidden tot een geheel nieuwe interpretatie, en zulke verrassende bevindingen maakten me steeds gedrevener. Voor een wetenschappelijke carrière is het waarschijnlijk wat laat, maar het blijft wel kriebelen. Hoe kan ik de nieuwe Toussaint onder de aandacht brengen van een bredere groep lezers, of belangstelling wekken voor de combinatie van narratologische analyse en tegendraads lezen? In 2012 is het tweehonderd jaar geleden dat Toussaint geboren werd, een mooi moment om aandacht aan haar te besteden in de vorm van artikelen, een biografie of een geannoteerde uitgave van een van haar romans. Misschien komt het er wel van. Lotte Batelaan 11475

kennis over publiceren

kennis over publiceren de jonge akademie kennis over publiceren publicatietradities in de wetenschap advies kennis over publiceren voetregel 1 2012 De Jonge Akademie Sommige rechten zijn voorbehouden / Some rights reserved Voor

Nadere informatie

10 jaar Grundtvig in Nederland

10 jaar Grundtvig in Nederland 10 jaar Grundtvig in Nederland Verworvenheden en perspectieven europees platform internationaliseren in onderwijs Inhoud Colofon 2011 Europees Platform - internationaliseren in onderwijs Kennemerplein

Nadere informatie

Vereniging van Nederlandse

Vereniging van Nederlandse Tenure track een goed instrument voor talentmanagement? Inventarisatie van de risico s en kansen van tenure track voor de werving, binding en loopbaanbegeleiding van wetenschappelijk talent op de Nederlandse

Nadere informatie

NATIONALE KENNISAGENDA VOOR HET MUSEALE VELD

NATIONALE KENNISAGENDA VOOR HET MUSEALE VELD NATIONALE KENNISAGENDA VOOR HET MUSEALE VELD Nationale Kennisagenda voor het Museale Veld Colofon Redactie: Anne Versloot Beeldredactie: Karen te Brake-Baldock Vormgeving: CreaBea, Amersfoort Druk: Drukkerij

Nadere informatie

Van Bijsterveldt wenst deelnemers succes

Van Bijsterveldt wenst deelnemers succes Dit is een uitgave van Eerst de Klas Maart 2010 EERST DE klas Verderop in deze krant: 2 3 De eerste week voor de klas. Maak kennis met de deelnemers! Wat is Eerst de Klas? 6 7 Lerarenopleiding. Leiderschapsprogramma.

Nadere informatie

Door de bomen het bos. Met tekstbijdragen van: Koos Baas Albert Boekhorst Jan Karmiggelt Dirk van der Veen Maarten van Veen Iwan Wopereis

Door de bomen het bos. Met tekstbijdragen van: Koos Baas Albert Boekhorst Jan Karmiggelt Dirk van der Veen Maarten van Veen Iwan Wopereis Met tekstbijdragen van: Koos Baas Albert Boekhorst Jan Karmiggelt Dirk van der Veen Maarten van Veen Iwan Wopereis Onder redactie van: Maarten van Veen Door de bomen het bos Informatievaardigheden in het

Nadere informatie

Alfa en Gamma stralen Valorisatiebeleid voor de Alfa- en Gammawetenschappen

Alfa en Gamma stralen Valorisatiebeleid voor de Alfa- en Gammawetenschappen 70 Alfa en Gamma stralen Valorisatiebeleid voor de Alfa- en Gammawetenschappen maart 2007 Colofon Vormgeving: Junior beeldvorming - Zoetermeer Druk: Quantes - Rijswijk Maart 2007 ISBN 978 90 77005 38 5

Nadere informatie

Evaluatie Centres of Entrepreneurship

Evaluatie Centres of Entrepreneurship Evaluatie Centres of Entrepreneurship 1 Evaluatie Centres of Entrepreneurship Evaluatiecommissie Centres of Entrepreneurship prof. dr. M. van der Steen dr. M.J.M. van den Berg H.C.W. Verhoeven-van Lierop

Nadere informatie

Noorda, voorzitter van de VSNU, aankijkt tegen Eerst de Klas, en hoe scholen en bedrijven het programma ervaren.

Noorda, voorzitter van de VSNU, aankijkt tegen Eerst de Klas, en hoe scholen en bedrijven het programma ervaren. Width shield: 20 mm Overlap: 0,05 mm Dit is een uitgave van Eerst de Klas December 2010 EERST DE klas Verderop in deze krant: 2 3 Stimulans voor onderwijs. Terugblik op het eerste jaar met Els Pelzer.

Nadere informatie

Hoe stimuleer je excellentie in het hoger onderwijs?

Hoe stimuleer je excellentie in het hoger onderwijs? Hoe stimuleer je excellentie in het hoger onderwijs? > Een initiatief van AcademicTransfer en Battle of Concepts Inspiratiebundel Gebaseerd op 98 voorstellen van studenten en pas afgestudeerden met 79

Nadere informatie

EEN ANDERE BAAN VOOR ÉÉN DAG. Zes evenementen waarbij medewerkers voor één dag kennismaken met ander werk en een andere organisatie

EEN ANDERE BAAN VOOR ÉÉN DAG. Zes evenementen waarbij medewerkers voor één dag kennismaken met ander werk en een andere organisatie EEN ANDERE BAAN VOOR ÉÉN DAG Zes evenementen waarbij medewerkers voor één dag kennismaken met ander werk en een andere organisatie DRENTHE EN DE WEEK VAN DE MOBILITEIT Met de twaalf deelnemende organisaties

Nadere informatie

Een goede basis. Advies van de Commissie Kennisbasis Pabo

Een goede basis. Advies van de Commissie Kennisbasis Pabo Een goede basis Advies van de Commissie Kennisbasis Pabo 1 2 Inhoudsopgave Voorwoord 4 Deel A Adviezen 5 1 Opdracht 6 2 Aanpak 8 3 Probleemstelling 9 4 Oplossingsrichting 11 5 Herziening van de kennisbases

Nadere informatie

Maak werk van geschiedenis

Maak werk van geschiedenis Maak werk van geschiedenis Oriëntatiegids voor historici op de arbeidsmarkt Marc Kruyswijk en Arjan Verweij eindredactie: Febe van der Wardt stichting Historisch Platform oorspronkelijke uitgave: 1998

Nadere informatie

Advies. Weloverwogen gebruik van Engels in het hoger onderwijs

Advies. Weloverwogen gebruik van Engels in het hoger onderwijs Advies Weloverwogen gebruik van Engels in het hoger onderwijs Weloverwogen gebruik van Engels in het hoger onderwijs Colofon De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, opgericht in 1919. De

Nadere informatie

Nummer 4 december 2011

Nummer 4 december 2011 OnderwijsInnovatie Nummer 4 december 2011 Vocabulaires voor het zoeken, maken en delen van digitaal leermateriaal Slim automatiseren draagt bij aan onderwijskwaliteit Selectie aan de poort: zinvol of onzin?

Nadere informatie

Advies bezuiniging cultuur 2013-2016. Noodgedwongen keuzen

Advies bezuiniging cultuur 2013-2016. Noodgedwongen keuzen Advies bezuiniging cultuur 2013-2016 Noodgedwongen keuzen 2 Inhoudsopgave Samenvatting advies 4 Vooraf 11 Uitgangspunten 13 Criteria 13 Rol van rijksoverheid, fondsen en andere overheden 16 Cultureel ondernemerschap

Nadere informatie

Tien STAPPEN VOOR. José Andringa Lidwien Reyn

Tien STAPPEN VOOR. José Andringa Lidwien Reyn Tien STAPPEN VOOR EEN SUCCESVOLLE Community of Practice José Andringa Lidwien Reyn TIEN STAPPEN VOOR EEN SUCCESVOLLE Community of Practice José Andringa Lidwien Reyn ISBN/EAN: 978-90-5748-096-6 2014 Rijksdienst

Nadere informatie

Scherp aan de wind! Adviesraad voor het Wetenschaps- en Technologiebeleid. Handvat voor een Europese strategie voor Nederlandse (top)sectoren.

Scherp aan de wind! Adviesraad voor het Wetenschaps- en Technologiebeleid. Handvat voor een Europese strategie voor Nederlandse (top)sectoren. Scherp aan de wind! Handvat voor een Europese strategie voor Nederlandse (top)sectoren advies 77 Adviesraad voor het Wetenschaps- en Technologiebeleid De Adviesraad voor het Wetenschaps- en Technologiebeleid

Nadere informatie

CULTUUREDUCATIE OP NIVEAU

CULTUUREDUCATIE OP NIVEAU CULTUUREDUCATIE OP NIVEAU De rol van het schoolbestuur in beleid en praktijk Kees Admiraal, Maaike Haas en Cas Himmelreich Inhoud 5 Voorwoord 7 Inleiding 7 De vergeten laag 8 Wat is cultuureducatie? 11

Nadere informatie

[WE ZIJN GEEN LANGSTUDEERDERS OMDAT WE LUI ZIJN]

[WE ZIJN GEEN LANGSTUDEERDERS OMDAT WE LUI ZIJN] 2013 Universiteit Utrecht Faculteit Geesteswetenschappen Riva Godfried Irfaanah Pahladsingh Een onderzoek in het kader van het G5-project: In de wieg gelegd voor de wetenschap? Begeleider: Jan D. ten Thije

Nadere informatie

Je moet echt een wil hebben, anders ga je het niet redden

Je moet echt een wil hebben, anders ga je het niet redden Je moet echt een wil hebben, anders ga je het niet redden Eindrapport van een verkennend onderzoek naar de succesvolle (her)instroom van langdurig werklozen in reguliere arbeid voor Gemeente Breda Lectoraat

Nadere informatie

Op weg naar een duurzame sportvereniging

Op weg naar een duurzame sportvereniging Op weg naar een duurzame sportvereniging 1 Inhoud Inleiding... 4 De fasen op een rij... 10 1. Dromen... 11 1.1 Het begint met een droom... 11 1.2 Mandaat van bestuur en leden... 12 1.3 Wijs verantwoordelijke(n)

Nadere informatie

TOA. Lessen uit een ontdekkingsreis

TOA. Lessen uit een ontdekkingsreis TOA Lessen uit een ontdekkingsreis Inhoud Voorwoord 4 Jan Kamminga, voorzitter Taskforce TOA 01 Toa heeft geesten rijp gemaakt voor Topsectorenbeleid 8 Pieter Waasdorp 02 Laatste schakel in ketenaanpak

Nadere informatie

kinderen en Investeren in het publiek van de toekomst

kinderen en Investeren in het publiek van de toekomst kinderen en Investeren in het publiek van de toekomst Coverbeeld: Scholieren tijdens de les Tinten en Tonen in de tentoonstelling Fishing van Imi Knoebel, Gemeentemuseum Den Haag. Foto: Najib Nafid. Voorwoord

Nadere informatie

VEILIGHEID DOOR SAMENWERKEN BUURT- BEMIDDELING IN PERSPECTIEF. Een praktijkevaluatie

VEILIGHEID DOOR SAMENWERKEN BUURT- BEMIDDELING IN PERSPECTIEF. Een praktijkevaluatie VEILIGHEID DOOR SAMENWERKEN BUURT- BEMIDDELING IN PERSPECTIEF Een praktijkevaluatie VEILIGHEID DOOR SAMENWERKEN pagina 2/103 BUURTBEMIDDELING IN PERSPECTIEF Een praktijkevaluatie Onderzoekers: Mariëlle

Nadere informatie

Onderzoek dat verschil maakt. Onderwijs> Worstelen met kansrijk gezakten. Kitty Nijmeijer> Verkiezingen > Weet jij al wat je stemt?

Onderzoek dat verschil maakt. Onderwijs> Worstelen met kansrijk gezakten. Kitty Nijmeijer> Verkiezingen > Weet jij al wat je stemt? www.utnieuws.nl Onafhankelijk magazine van de Universiteit Twente jaargang 04 - nummer 2 - maart 2014 ACTUEEL EN ONAFHANKELIJK Kitty Nijmeijer> Onderzoek dat verschil maakt Onderwijs> Worstelen met kansrijk

Nadere informatie

Staren we ons blind op MOOC s?

Staren we ons blind op MOOC s? transfer vakblad over internationalisering in het hoger onderwijs Staren we ons blind op MOOC s? 4 jaargang 21 februari 2014 living labs zetten hogescholen internationaal op de kaart universiteitsraad

Nadere informatie

Lerarenagenda 2013-2020: de leraar maakt het verschil

Lerarenagenda 2013-2020: de leraar maakt het verschil Lerarenagenda 2013-2020: de leraar maakt het verschil Inhoud Wat zijn de uitdagingen voor leraren en lerarenopleidingen tot 2020? 4 De lerarenagenda 6 1. Hogere kennis- en geschiktheidseisen aan aankomende

Nadere informatie

Van voornemens naar voorsprong: Kennis moet circuleren

Van voornemens naar voorsprong: Kennis moet circuleren Nederland Ondernemend Innovatieland Innovatieplatform Van voornemens naar voorsprong: Kennis moet circuleren 1 Van voornemens naar voorsprong: Kennis moet circuleren 2 3 Voorwoord Van voornemens naar

Nadere informatie