Toetredingsdrempels kleinverbruikersmarkt energie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Toetredingsdrempels kleinverbruikersmarkt energie"

Transcriptie

1 Toetredingsdrempels kleinverbruikersmarkt energie

2

3 Amsterdam, oktober 2007 In opdracht van NMa/DTe Toetredingsdrempels kleinverbruikersmarkt energie Barbara Baarsma Simon Bremer Michiel de Nooij Joost Poort Roetersstraat WB Amsterdam - T (+31) F (+31) ABN-AMRO Postbank KvK Amsterdam BTW B02

4 De wetenschap dat het goed is SEO Economisch Onderzoek doet onafhankelijk toegepast onderzoek in opdracht van overheid en bedrijfsleven. Ons onderzoek helpt onze opdrachtgevers bij het nemen van beslissingen. SEO Economisch Onderzoek is gelieerd aan de Universiteit van Amsterdam. Dat geeft ons zicht op de nieuwste wetenschappelijke methoden. We hebben geen winstoogmerk en investeren continu in het intellectueel kapitaal van de medewerkers via promotietrajecten, het uitbrengen van wetenschappelijke publicaties, kennisnetwerken en congresbezoek. SEO-rapport nr ISBN Copyright 2007 SEO Economisch Onderzoek Amsterdam. Alle rechten voorbehouden. Het is geoorloofd gegevens uit dit rapport te gebruiken in artikelen en dergelijke, mits daarbij de bron duidelijk en nauwkeurig wordt vermeld.

5 TOETREDINGSDREMPELS KLEINVERBRUIKERSMARKT ENERGIE Inhoudsopgave Samenvatting... i 1 Inleiding Onderzoeksvraag en afbakening Onderzoeksvraag en -aanpak Afbakening Kleinverbruikers Toetreders Afwegingskader toetredingsdrempels Drempels op de energiemarkt De energiemarkt Toetredingsdrempels Drempels samenhangend met de leveringsmarkt Leveranciers onderling De relatie met klanten Drempels samenhangend met de distributienetten Interactie tussen leverancier en netbeheerder Geïntegreerdheid van netbeheerder en sommige leveranciers Drempels samenhangend met de transmissie- netten Drempels samenhangend met de productie Problemen aan de inkoopmarkt Gedeeltelijke verticale integratie tussen productie en levering Overige drempels De markt als geheel is relatief complex Wetgeving en regelgeving vanuit de politiek en NMa/DTe Concluderend: van bruto naar netto lijst Bruto lijst Prioritering: van bruto naar netto lijst Tot slot...46 Bijlage A Bijlage B Referenties...47 Overzicht gesprekspartners...49

6

7 TOETREDINGSDREMPELS KLEINVERBRUIKERSMARKT ENERGIE i Samenvatting Toetreding en de mogelijkheid om te groeien zijn belangrijk voor goede marktwerking. NMa/DTe heeft signalen ontvangen dat er barrières zijn om toe te treden dan wel om door te groeien. De toezichthouder heeft SEO Economisch Onderzoek gevraagd te onderzoeken welke toetredingsdrempels van belang zijn en om nadere toezichtactiviteit vragen. Dit rapport doet verslag van dat onderzoek. In het kader hiervan zijn meer dan 20 gesprekken met marktpartijen en stakeholders gehouden. Uit de interviews kwam een heel divers beeld naar voren: er zijn zeer veel toetredingsbarrières, waarvan veel barrières niet door iedereen of slechts door een of enkele partijen worden genoemd en andere barrières wel breed worden gedragen door marktpartijen. Deels komen deze verschillen door verschillen in de omvang en aard van het bedrijf; deels komen deze verschillen door verschillen in marktbenadering en managementvaardigheden. Ondanks deze veelzijdigheid in percepties kan een aantal algemeen geldende conclusies worden getrokken. Hoofdstuk 4 beschrijft alle toetredingsdrempels. Per type toetreder is aangegeven hoe belangrijk een bepaalde drempel wordt geacht. Hierbij zijn vier soorten toetreders onderscheiden: (i) namelijk starters (zo zijn Oxxio en Greenchoice begonnen) variërend van greenfield starter tot de starters met stevige financiering, (ii) in Nederland actieve producenten (Electrabel en E.on zijn hier tot ze een Nederlandse leverancier overnamen een voorbeeld van), (iii) een al in Nederland actieve leverancier die buiten de eigen regio klanten gaat werven (Essent, Nuon en Eneco) of een leverancier die zich op een ander segment richt (bijvoorbeeld eerst alleen grootverbruikers, maar nu ook kleinverbruikers), en (iv) tot slot buitenlandse leveranciers of producenten die in Nederland willen toetreden. Per effect en per type toetreder is aangegeven hoe groot het effect is: dit varieert van 0 (geen toetredingsdrempel) tot +++ (erg grote drempel). De geïnterviewde leveranciers binnen een categorie verschillen soms van mening over hoe groot het effect van een toetredingsdrempel is. Grote verschillen van mening binnen een type toetreders zijn weer gegeven met /, met aan weerszijden de ondergrens respectievelijk de bovengrens van de ervaren ernst. Zo geven sommige starters aan dat de trage levering van de meetgegevens door de netbeheerder een grote toetredingsdrempel is, echter er zijn ook starters die dit niet als een toetredingsdrempel ervaren: in tabel 4.2 is dit weergegeven met 0/++. Niet alleen verschillen de toetredingsdrempels naar de mate waarin ze hinderlijk zijn voor toetreders. Ook verschillen de drempels naar hoe eenvoudig ze op te lossen zijn, en sommige drempels dragen bij aan de borging van een bepaald publiek belang. Om van alle gepercipieerde drempels te komen naar een lijst met toetredingsdrempels die economisch gezien zijn te kwalificeren als toetredingsdrempel en die de NMa/DTe mogelijk zou moeten aanpakken, hebben we voor de verdere besluitvorming in hoofdstuk 3 een toetsingskader ontwikkeld, dat bestaat uit de volgende drie vragen: 1. Is de drempel het gevolg van het gedrag van andere partijen op de markt of aanpalende markten, of van wet- of regelgeving? 2. Is de drempel een effectieve manier om een publiek belang op de energiemarkt te borgen? 3. Zijn de maatschappelijke kosten van opheffen van de drempel kleiner dan de maatschappelijke baten?

8 ii Als de eerste vraag positief en de tweede negatief wordt beantwoord dan is het meestal verstandig om een barrière aan te pakken. Ook als alle drie de vragen positief beantwoord worden dan is het verstandig om een barrière aan te pakken. Om dit goed te kunnen doen, zal per knelpunt naar de alternatieven gekeken moeten worden. Dat laatste is hier slechts indicatief gedaan. Als het antwoord op de eerste vraag luidt dat de toetredingsdrempel een gevolg is van een structuurkenmerk dan is het niet verstandig voor de DTe om deze aan te pakken. De NMa zal bij de fusiecontrole (door de Directie concentratiecontrole) echter wel rekening dienen te houden met toetredingbarrières ten gevolge van structuurkenmerken. Per toetredingsdrempel is nagegaan wat de ernst van de drempel is, wat het antwoord op de drie vragen van het afwegingskader is en tot slot wordt de vraag beantwoord of er actie geboden is. Daarmee is de slag van bruto naar netto lijst gemaakt. Deze slag is soms noodzakelijkerwijze ruw omdat het in dit onderzoek primair draait om welke toetredingsdrempels ervaren worden. Het beantwoorden van de vraag of ingrijpen gewenst is hangt onder andere af van welke (beleids)maatregelen mogelijk zijn. Omdat de maatregelen niet in detail zijn uitgewerkt is de slag van bruto naar netto soms niet te maken. De belangrijkste drempels die in eerste instantie aandacht zouden moeten krijgen van NMa/DTe zijn: De overstapaversie of desinteresse van de klant is een stevige toetredingsdrempel, omdat dat het lastig maakt voor toetreders en groeiers om klanten binnen te halen. Dit heeft te maken met het low interest karakter van energie, met de geringe (gepercipieerde) prijsverschillen en met de (afnemende) angst voor administratieve overstapproblemen. Deze overstapaversie is deels een structuurkenmerk en als zodanig niet te beïnvloeden. Deels is het echter ook een gevolg van gedrag en wetgeving. De kwaliteit van de informatie voor de klant maakt het voor toetreders lastig om beloond te worden voor een goed en onderscheidend aanbod. Hierbij gaat het niet om de informatie van de aanbieder zelf, maar op de informatie van zijn concurrenten; de prijs en voorwaarden van aanbieders zijn vaak lastig te vergelijken voor de consument en ook de prijsvergelijkingsites geven niet altijd een betrouwbaar beeld. Rond de interactie van de distributienetten spelen een aantal problemen rond de levering van de meetgegevens en rond de reclame die de netbedrijven voor hun leveranciers maken (en de verwarring die uit de naamstelling volgt). Deze problemen zijn bekend en er wordt al actie op ondernomen (de DTe onderzoekt de gang van zaken rond de meetgegevens, er worden slimme meters geïntroduceerd, en de geïntegreerde bedrijven worden gesplitst). Gezien het belang dat sommige starters hieraan hechten, is het verstandig dat de DTe nagaat of het mogelijk is de effecten hiervan naar voren te halen. Bij de transmissienetten speelt een aantal problemen met de wijze van tarifering. Bij de elektriciteitsnetten is de onbalans te duur, hetgeen vooral in het nadeel van de kleine partijen is. Bij de gastransmissie wordt de voorspelfout per exitpunt afgerekend. Hoe kleiner de afname hoe groter de relatieve fout. Ook is niet duidelijk of deze wijze van tarifering aansluit bij de kosten. Veel kleine leveranciers geven aan de positie en het gedrag van Gasterra als zeer problematisch te ervaren. Gasterra eist grote garanties en wil niet minder dan 50 miljoen m 3 leveren. Dit is voor een starter onmogelijk. Een toetreder met een grote buitenlandse moeder heeft geen moeite met een garantstelling zoals Gasterra die eist. Verder is het moeilijk of

9 SAMENVATTING iii onmogelijk gas buiten Gasterra te krijgen, hierdoor heeft iedereen dezelfde voorwaarden en is het lastig om op slimmere inkoop dan de concurrent te concurreren. Doordat het niet mogelijk of slechts beperkt mogelijk is om op prijs te concurreren, is het immers moeilijker om klanten bij andere partijen weg te trekken. Niet uit te sluiten valt dat er wel buiten Gasterra om aan gas te komen valt. In dat geval duidt de klacht van de kleine afnemers met betrekking tot de positie van Gasterra op een informatieprobleem: toetreders komen er dan te moeilijk achter wat hun alternatieven op de gasmarkt zijn. De geconcentreerde groothandelsmarkt, waarbij een deel van de producenten verticaal geïntegreerd is hetgeen mogelijk tot een lage marge leidt, is een van de lastiger drempels om aan te pakken, echter vanwege het belang dat een deel van de gesprekspartners hieraan hecht is deze toch opgenomen. Ook de wet- en regelgeving zorgt voor relatief grote barrières. Het kost veel tijd om aan alle regels en informatieverzoeken te voldoen. Deels zijn dit vaste kosten die niet afhangen van de omvang van een bedrijf; dit impliceert dat de nalevingskosten voor de kleine bedrijven per klant hoger zijn dan voor de grote bedrijven. Verder beperkt de regelgeving het gedrag van de bedrijven. Hierdoor is het moeilijker voor een bedrijf om zich te onderscheiden van andere bedrijven. Overigens is deze regelgeving vaak ingegeven vanuit het oogpunt van consumentenbescherming en om het vertrouwen in de energiemarkt te herstellen. Kosten die voorvloeien uit sectorale afspraken en marktinstituties (als NEDU/EDSN) worden nu zodanig verrekend dat dit zorgt voor schaalvoordelen. Dit creëert een extra toetredingsdrempel waarvoor geen logische reden lijkt te zijn. Deze netto lijst bevat die toetredingsbarrières die relatief eenvoudig aan te pakken zijn en die tevens een substantiële baat hebben voor toetreders. Andere drempels zijn gezien hun impact ook aantrekkelijk om aan te pakken. Voor een inschatting of dit inderdaad maatschappelijk aantrekkelijk is, zijn gedetailleerde gegevens nodig van met name NMa/DTe over beschikbare capaciteit en de praktische mogelijkheden om drempels aan te passen. Zo is het slechten van toetredingsbarrières op de groothandelsmarkt gas belangrijk,, maar hangt de mate waarin dit kan af van de beschikbare capaciteit bij NMa/DTe, en de mogelijkheden die er zijn om meer aanbieders van gas te krijgen (veel gasvelden zijn door middel van concessie reeds vergeven). Vanwege de onduidelijkheid wat mogelijk is, zijn deze toetredingsdrempels daarom niet opgenomen in de netto lijst. Tot slot: toetreden is lastig, maar niet onmogelijk. Dat blijkt uit het feit dat er nog steeds partijen geïnteresseerd zijn in een leveringsvergunning en beginnen als leverancier. Of er nu veel toetreders zijn is lastig te zeggen, omdat niet duidelijk is hoeveel toetreders er in een goed functionerende markt toetreden. Gezien het feit dat levering geen grote groeimarkt is, is het niet te verwachten dat dit er jaarlijks enkele zullen zijn. Toetreden lijkt dus nog steeds relatief makkelijk, echter het doorgroeien naar een substantieel marktaandeel lijkt lastig of economisch onaantrekkelijk gezien de over het algemeen kleine marktaandelen van de toetreders.

10

11 TOETREDINGSDREMPELS KLEINVERBRUIKERSMARKT ENERGIE 1 1 Inleiding Er bestaan potentiële drempels die het succes van nieuwe spelers in de markt kunnen bemoeilijken. Sommige drempels ontstaan als het gevolg van een normale werking van de markt (zoals b.v. schaalvergroting), andere vinden hun grondslag in andere factoren (zoals b.v. het gedrag van andere spelers op de markt of administratieve lasten). DTe ontvangt regelmatig signalen over toetredingsdrempels, maar heeft op dit moment nog onvoldoende inzicht in deze drempels. Directie Toezicht Energie (2006), Een markt (z)onder spanning : Marktmonitor, ontwikkeling van de Nederlandse kleinverbruikersmarkt voor Elektriciteit en Gas, januari 2006 juni 2006, Menno van Liere, Bas Postema en Mark te Velthuis, Den Haag, oktober, p. 15. Vanaf 1998 is de Nederlandse energiemarkt in verschillende stappen geliberaliseerd. Voortschrijdend inzicht over marktwerking, ontwikkelingen in de elektriciteitsmarkt en de Europese Richtlijn hebben ertoe geleid dat in 1998 een nieuwe Elektriciteitswet werd geïntroduceerd. In deze wet werd expliciet gekozen voor meer marktwerking. Dit is geïntroduceerd door onder andere het beëindigen van het overleg tussen de producenten (in de SEP), de oprichting van een sectorspecifieke toezichthouder (de Directie Toezicht Energie van de NMa; NMa/DTe), het gefaseerd introduceren van de vrijheid om zelf een leverancier te kiezen, en het bevorderen van toetreding van producenten en leveranciers. In 2000 is ook een nieuwe Gaswet in werking getreden die als doel had de werking van de gasmarkt te verbeteren. De Gaswet regelt de introductie van concurrentie bij de levering van gas en de toegang tot de gasnetten met het oog op het transport van dat gas. Net als bij elektriciteit is ook bij gas het doel om een verschuiving te krijgen van een sterk door het aanbod gestuurde naar een primair vraaggestuurde structuur. Mede door deze nieuwe wetgeving zijn de elektriciteits- en gasmarkt de laatste jaren sterk veranderd. De elektriciteitsmarkt liep daarbij lange tijd wat betreft de liberalisering voor op de gasmarkt, mede omdat de liberalisering daar eerder is gestart. In de zomer van 2004 is nog de Interventie en Implementatiewet (I&I wet) aangenomen met diverse regels om de markt bij te sturen. Laatste stap van de liberalisering was het vrijmaken van de kleinverbruikersmarkt voor gas en elektriciteit op 1 juli 2004 (de markt voor groene stroom was per 1 januari 2001 reeds vrij). Voor juli 2004 hadden kleinverbruikers geen keuzevrijheid; zij waren gebonden aan de regionale distributiebedrijven die tevens verantwoordelijk waren voor de levering. Een geliberaliseerde markt heeft de gewenste effecten (lagere prijzen, toegenomen productdifferentiatie, transparantie) indien er voldoende dynamiek op de vrijgemaakte markt ontstaat: nieuwe partijen die (dreigen) toe (te) treden en afnemers die (dreigen) over (te) stappen. Een van de voorwaarden voor het economisch ideaal van volkomen vrije mededinging is vrije toetreding en uittreding. Als er wel toetredingsbarrières zijn, kunnen bestaande bedrijven hun prijs langdurig boven het (lange termijn) minimum gemiddelde kostenniveau houden. Uittredingsbarrières maken dat bedrijven die verlies lijden de markt niet meteen verlaten, maar toch actief blijven. Hierdoor zou de prijs langdurig onder de (lange termijn) minimum gemiddelde kosten komen te liggen. Toetreders, ook al zijn dat kleine partijen, kunnen daarnaast een innovatieve impuls geven aan de zittende garde. Het zijn immers juist de bedrijven met

12 2 HOOFDSTUK 1 nieuwe producten en processen die toetreden. Door toetreding te blokkeren of te belemmeren verslechtert dan ook niet alleen de statische (allocatieve) efficiëntie, maar tevens de dynamische efficiëntie van de energiemarkt. In de geliberaliseerde energiemarkt is het van extra belang dat nieuwe spelers (gemakkelijk) kunnen toetreden en op een gelijk speelveld terechtkomen. Dit komt terug in de Elektriciteitswet 1998 (artikel 5, lid 2). De toezichthouder monitort in hoeverre de elektriciteit- en gasmarkt nietdiscriminatoir zijn en gekenmerkt worden door daadwerkelijke mededinging en doeltreffende marktwerking. In de NMa-agenda voor 2007 is deze toezichtactiviteit nader uitgewerkt (p. 12): Ook brengt de NMa in kaart wat de toetredingsdrempels zijn voor bedrijven tot de consumentenmarkt en probeert deze zoveel mogelijk weg te nemen. [...] Ten slotte is voor de groothandelsmarkten het versterken van de werking van de gasmarkt belangrijk, onder meer door het wegnemen van toetredingsbarrières en het waarborgen van een gezond investeringsklimaat. Het citaat waarmee deze inleiding begon geeft echter aan dat NMa/DTe op dit moment nog onvolledig zicht heeft op de mate waarin drempels (in de ogen van marktpartijen) daadwerkelijk een belemmerende rol spelen en op de hoogte en het (financiële) effect van deze drempels. Om dit zicht te verkrijgen heeft NMa/DTe aan SEO Economisch Onderzoek opdracht gegeven de toetredingsdrempels naar de kleinverbruikersmarkten van gas en elektriciteit te onderzoeken. Deze rapportage doet verslag van dit onderzoek en is als volgt opgebouwd. Hoofdstuk 2 beschrijft de onderzoeksvraag en -aanpak en bakent het onderzoeksonderwerp af. In hoofdstuk 3 geven we op basis van de economische theorie een kader op basis waarvan kan worden bekeken of de door marktpartijen gepercipieerde drempels economisch gezien toetredingsdrempels zijn. Hoofdstuk 4 geeft de door marktpartijen gepercipieerde drempels en onze duiding daarvan. Tot slot bevat hoofdstuk 5 de conclusies, waarbij we van de bruto lijst met door de marktpartijen gepercipieerde drempels tot een lijst met toetredingsdrempels komen die om actie van NMa/DTe vragen (netto lijst). Bijlage A bevat een referentielijst en bijlage B geeft de namen van de organisaties en personen die in het kader van dit onderzoek zijn geïnterviewd.

13 TOETREDINGSDREMPELS KLEINVERBRUIKERSMARKT ENERGIE 3 2 Onderzoeksvraag en afbakening In dit hoofdstuk beschrijven we de onderzoeksvraag en -aanpak in paragraaf 2.1. Paragraaf 2.2 geeft de afbakening van het onderzoeksonderwerp. 2.1 Onderzoeksvraag en -aanpak Dit rapport doet verslag van een onderzoek naar toetredingdrempels op de kleinverbruikersmarkten voor gas en elektriciteit en beantwoordt de volgende vragen: Wat zijn voor nieuwe leveranciers de drempels die toetreding tot de kleinverbruikersmarkt voor energie en succesvolle operatie op lange termijn op die markt bemoeilijken? Hoe verstoren deze drempels de kansen van nieuwkomers? Wat is de (financiële) impact van deze drempels? Kan en moet NMa/DTe actie ondernemen om de drempel te verlagen? Om mogelijke toetredingsdrempels in kaart te brengen is gebruik gemaakt van desk research, literatuuronderzoek en percepties van marktpartijen en stakeholders. Ten behoeve van dit onderzoek zijn meer dan twintig interviews afgenomen met spelers in de energiemarkt (zie bijlage B). Er is gesproken met partijen die sinds de liberalisering succesvol zijn toegetreden, maar ook met partijen die zijn afgehaakt en met de gevestigde partijen (incumbents). Deze gesprekken dienden ervoor te zorgen dat de door marktpartijen ervaren en gepercipieerde toetredingsdrempels aan het licht zouden komen. Teneinde praktische inzichten te leveren op basis waarvan NMa/DTe concreet en gericht haar toezichtactiviteiten kan vormgeven, is mede op basis van literatuuronderzoek en economische analyse een afwegingskader ontwikkeld. Dit kader dient om te analyseren hoe vanuit economisch perspectief tegen deze gepercipieerde drempels aangekeken moet worden, en in welke gevallen NMa/DTe actie zou moeten ondernemen om deze drempels aan te pakken. Het onderzoek doet evenwel geen aanbevelingen over de vorm en invulling van deze toezichtactiviteiten. Op basis van het literatuuronderzoek en de interviews wordt een bruto lijst met drempels opgesteld. Door deze drempels vervolgens met behulp van het afwegingskader te analyseren dit is gezien de omvang en duur van het onderzoek slechts op hoofdlijnen mogelijk wordt duidelijk welke drempels in economische zin als toetredingsdrempel geduid kunnen worden. Er resulteert dan een netto lijst met toetredingsdrempels. Deze laatste stap dient om een prioritering aan te geven 2.2 Afbakening Hoewel de onderzoeksvraag primair gericht is op de kleinverbruikersmarkt (zie paragraaf 2.2.1), zullen aanpalende markten (zoals levering aan grootverbruikers, de groothandel, productie en transport van energie) ook beschouwd worden voor zover zij van invloed zijn op de toetredingsmogelijkheden op de kleinverbruikersmarkt. Paragraaf gaat in op toetreders.

14 4 HOOFDSTUK Kleinverbruikers Zoals reeds is aangegeven, staat in dit onderzoek de markt voor kleinverbruikers centraal. De regulering van de energiesector is gedifferentieerd naar afnemerscategorieën en voor elke categorie zijn regels vastgelegd die het best bij de betreffende klanten passen. Een veel voorkomende indeling is die in klein- en grootverbruikers. Binnen de categorie kleinverbruikers kan weer onderscheid worden gemaakt tussen particuliere klanten en zakelijke klanten. Bij elektriciteit is de indeling als volgt: Grootverbruikers: groter dan 2 MW (megawatt); Middelgrote verbruikers: groter dan 3 keer 80 Ampère maar kleiner dan 2 MW; Kleinverbruikers (huishoudens/klein zakelijke afnemers): minder dan 3 keer 80 Ampère. Bij gas wordt gekeken naar het volume dat in een jaar is afgenomen en is de indeling als volgt: Grootverbruikers: meer dan 10 miljoen m 3 (kubieke meter); Middelgrote verbruikers: meer dan 1 miljoen en minder dan 10 miljoen m 3 ; Kleine grootverbruikers: meer dan m 3 en minder dan 1 miljoen m 3 ; Kleinverbruikers (huishoudens/klein zakelijke afnemers): minder dan m Toetreders Tot 2001 was toetreding tot de kleinverbruikersmarkt niet mogelijk. De belevering van kleinverbruikers was volledig in handen van de regionale distributiebedrijven. Op 1 januari 2001 kwam daar verandering in en werd de markt voor duurzaam opgewekte elektriciteit opengesteld: kleinverbruikers die wilden kiezen voor groene stroom konden deze stroom voortaan afnemen bij alternatieve aanbieders. Zij konden overstappen van de regionale aanbieder naar een andere partij. Sinds juli 2004 kunnen kleinverbruikers ook overstappen van grijze stroom. Toetreding heeft dus kunnen plaatsvinden in twee fasen. Nieuwe aanbieders van groene stroom konden in 2001, ruim 6½ jaar geleden de markt betreden; nieuwe aanbieders van gas en grijze stroom konden ongeveer drie jaar geleden aan de slag. Van de toetreders die de afgelopen jaren op de elektriciteitsmarkt of op de gasmarkt zijn toegetreden, hebben slechts twee een marktaandeel van meer dan 1% verworven (Oxxio en Greenchoice). 1 Andere spelers hebben vooralsnog slechts een zeer klein marktaandeel weten te verwerven, terwijl enkele spelers zich reeds uit de markt hebben teruggetrokken. In de marktmonitor die NMa/DTe in oktober 2006 publiceerde, is te zien dat: het marktaandeel van nieuwe toetreders vanaf het begin van de volledige liberalisering (juli 2004) tot het zevende kwartaal na liberalisering nauwelijks is toegenomen: de veroverde marktposities zijn al in de periode tot stand gekomen toen er nog een belastingvoordeel op groene energie bestond. In het afgelopen halfjaar is het aandeel van nieuwe toetreders op de Nederlandse kleinverbruikersmarkt wel flink toegenomen als 1 De marktaandelen in dit rapport zijn gebaseerd op openbare bronnen en berekeningen op basis daarvan door SEO Economisch Onderzoek. Hierbij gebruikte bronnen zijn EnergieNed (2005), de websites van de diverse leveranciers en diverse krantenartikelen.

15 ONDERZOEKSVRAAG EN AFBAKENING 5 gevolg van overnames van enkele incumbents door buitenlandse partijen (niet-organische groei). (p. 8). 2 Het is gezien de beperkte (groei van) marktaandelen van toetreders van groot belang om niet alleen naar de toetreding tot de markt te kijken, maar ook te onderzoeken waarom het voor deze partijen kennelijk moeilijk is om als zij zich eenmaal op de markt bevinden marktaandeel te verkrijgen. Tevens is het van belang niet uitsluitend te kijken naar de toetreders die sinds 2001 of 2004 (of nog korter) op de markt actief zijn. Voorts kan het leerzaam zijn te kijken naar de spelers die zich hebben teruggetrokken van de markt, of die serieuze plannen hebben gehad toe te treden tot de markt, maar deze plannen uiteindelijk niet hebben verwezenlijkt. Het is immers zeer goed mogelijk dat dit de partijen zijn die het meest te maken hebben gehad met toetredingsdrempels. Tot slot kan het ook nuttig zijn te kijken naar de marktpositie die de gevestigde partijen (zoals Nuon, Eneco en Essent) buiten hun netwerkregio hebben verworven sinds de liberalisering. Weliswaar zijn deze partijen geen toetreders op de kleinverbruikersmarkt, maar bij het werven van voorheen gebonden afnemers van andere partijen, ervaren zij ten dele dezelfde belemmeringen als de toetreders. Als zodanig vormen de incumbents dus een interessante controlegroep, omdat zij buiten hun oude thuisregio te maken hebben met slechts een beperkt deel van de toetredingsdrempels. 2 Denk hierbij aan de overname van NRE door het Duitse E.on, van Oxxio door het Britse Centrica en van Intergas Energie door het Deense Dong en de overnames van het Belgische Electrabel in Nederland.

16

17 TOETREDINGSDREMPELS KLEINVERBRUIKERSMARKT ENERGIE 7 3 Afwegingskader toetredingsdrempels Net zoals NMa/DTe in de marktmonitor van de Nederlandse kleinverbruikersmarkt van oktober 2006 doet, verstaat dit onderzoek onder (potentiële) toetredingsdrempels zowel obstakels voor nieuwe spelers bij het toetreden tot de energiemarkt, als obstakels die partijen die al zijn toegetreden tegenkomen als zij voet aan de grond willen krijgen en hun marktaandeel uit willen breiden. In de literatuur wordt wel gesproken van barriers of entry en barriers of expansion. Toetredingsdrempels zijn er in verschillende soorten. In de eerste plaats kunnen ze een structuurkenmerk van een markt zijn. Daarbij valt bijvoorbeeld te denken aan schaalvoordelen die tot gevolg hebben dat kleinschalige toetreders met hogere gemiddelde kosten kampen. Ook overstapkosten die samenhangen met de aard van een product (bijvoorbeeld bij ervaringsgoederen) kunnen een structuurkenmerk van een markt zijn. Ten tweede kunnen toetredingsdrempels samenhangen met het (strategisch) gedrag van de partijen die reeds op de markt actief zijn. Voorbeelden zijn agressieve marketing, prijszettingstrategieën of het bemoeilijken van toegang tot transport- en distributiekanalen. Ook het moedwillig verhogen van overstapkosten bijvoorbeeld door het introduceren van nodeloos ingewikkelde opzeg- of overstapprocedures is een gedraging die een toetredingsdrempel kan opwerpen. In de derde plaats kunnen toetredingsdrempels voortvloeien uit de institutionele omgeving. Wet- en regelgeving, bijvoorbeeld met betrekking tot registraties en garanties kunnen het voor partijen moeilijker maken de markt te betreden. Ook onzekerheid over toekomstige regels kan een barrière vormen voor toetreders. Volgens de zogeheten Chicago School (met bijvoorbeeld Richard Posner en George Stigler) dient het overheidsbeleid en het beleid van toezichthouders met name gericht te zijn op het verlagen van toetredingsdrempels. De mededinging kan versterkt worden door de drempels voor toetreders met nieuwe producten te verlagen of door de kosten voor consumenten om van het ene naar het ander product over te stappen (switching costs) te verlagen. Overigens zijn toetredingsdrempels volgens de Chicago School niet altijd een teken van inefficiëntie. Dat is alleen dan het geval als de barrières worden gecreëerd door de overheid. Markten werken immers zo goed dat in de loop van de tijd alleen toetredingsbarrières blijven bestaan die berusten op een efficiëntievoordeel. Mededinging leidt volgens deze gedachtegang tot een uitdunning van de markt omdat alleen de sterksten de bedrijven die tegen de laagst mogelijke kosten produceren overleven. Volgens de Chicago School is marktconcentratie dus het gevolg van het afvallen van minder efficiënte bedrijven. Een (tijdelijk) klein aantal aanbieders is dan ook niet per definitie verkeerd. Dergelijke oligopoliesituaties zijn immers gebaseerd op een efficiëntievoordeel (dat groter is dan het deadweight loss van een oligopolie). Een oligopoloïde markt die niet op een kostenvoordeel berust, is geen lang leven beschoren doordat bedrijven zullen toetreden die met lagere productiekosten de markt zullen veroveren. Tegenover deze ideeën van de Chicago School staan die van de Harvard School (met prominente namen zoals Edward Mason en Joe Bain). De Harvard School gelooft niet in volkomen, maar wel in effectieve mededinging. Een belangrijk verschil van mening betreft de rol van

18 8 HOOFDSTUK 3 toetredingsbarrières. Volgens de Harvard School leiden toetredingsbarrières wel degelijk tot inefficiënties. Met betrekking tot het hiervoor gemaakte onderscheid tussen structurele drempels, drempels als gevolg van marktgedrag en institutionele drempels, impliceert de redenering volgens de Chicago School dat alleen de laatste categorie drempels door de overheid dient te worden aangepakt. Strategisch gedrag van inefficiënte bedrijven zal efficiëntere toetreders op termijn immers niet buiten de markt houden. Deze redenering lijkt echter voorbij te gaan aan zaken zoals padafhankelijkheid en de dimensie tijd: wanneer partijen bijvoorbeeld vanuit een voormalig wettelijk monopolie een stevige positie hebben verworven, is het wel degelijk mogelijk dat zij met hun gedrag drempels opwerpen die efficiëntere toetreders, op zijn minst een tijd lang, belemmeren of ontmoedigen. Het spreekt voor zich dat deze situatie zeer wel op de Nederlandse energiemarkten van toepassing kan zijn. Daarom wordt in dit rapport de bredere invalshoek van Bain et al. gehanteerd. Bain was een van de eersten die een analyse van toetredingsbarrières schreef. 3 Als het meest efficiënte bedrijf van alle potentiële toetreders niet kan toetreden en dit bedrijf efficiënter is dan de zittende bedrijven, spreekt Bain van een toetredingsbarrière. In feite ziet Bain elk kostenvoordeel dat de incumbent ten opzichte van een nieuwkomer heeft als een toetredingsbarrière. 4 Niet alleen institutionele toetredingsdrempels zijn daarom in principe onwenselijk, maar ook drempels die het gevolg zijn van marktgedrag, wanneer dit ertoe leidt dat efficiëntere partijen buiten de markt worden gehouden door of ten gunste van inefficiëntere partijen. Toch zal in de praktijk niet iedere drempel geslecht kunnen worden die op grond van deze criteria in principe onwenselijk is. Een institutionele drempel kan bijvoorbeeld een efficiënte en effectieve manier zijn om andere publieke belangen dan toetreding te borgen, zoals leveringszekerheid. Tevens kan het elimineren van een drempel hogere maatschappelijke kosten met zich meebrengen dan het aan baten oplevert. De kosten voor de toezichthouder om de drempel te slechten en toe te zien op de naleving daarvan kunnen bijvoorbeeld hoog zijn, evenals de administratieve lasten of andere economische gevolgen bij andere marktpartijen. Als het saldo van de kosten en de baten van het elimineren van een drempel negatief is, is ingrijpen vanuit welvaartstheoretisch oogpunt niet gewenst. Dat is zeker het geval wanneer geen sprake lijkt te zijn van strategisch marktgedrag door de partijen bij de wie de kosten terechtkomen. Om een evident voorbeeld te noemen: schaalvoordelen en synergievoordelen van zittende partijen kunnen door nieuwkomers worden ervaren als een toetredingsdrempel, maar een maatregel die het level playing field tracht te herstellen door alle partijen deze schaal- en synergievoordelen te ontnemen, is vanuit welvaartstheoretisch perspectief over het algemeen ongewenst. 3 Bain, J.S. (1956), Barriers to new competition, Cambridge MA: Harvard University Press. 4 De Chicago School stelt daar tegenover dat een toetredingsbarrière een kostenpost is die bij het betreden van de markt betaald moet worden, maar die een incumbent reeds betaald heeft (Stigler, G.J. (1968). Barriers to Entry, Economics of Scale and Firm Size. In: Irwin, R.D.: The Organization of Industry. Homewood, Illinois). Dit verschil lijkt klein, maar is het niet. Volgens Bain zijn schaalvoordelen een toetredingsbarrière, maar voor Stigler geldt dat niet (omdat een toetreder dezelfde lage kosten kan bewerkstelligen als de incumbent als hij (na verloop van tijd) een vergelijkbaar volume heeft opgebouwd). In beide tradities worden de hoge, verzonken kosten die zijn verbonden met het opbouwen van een netwerk of centrale, een toetredingsbarrière.

19 AFWEGINGSKADER TOETREDINGSDREMPELS 9 In dit rapport wordt daarom het afwegingskader uit figuur 3.1 gehanteerd bij het beoordelen of een drempel dient te worden aangepakt of niet. Bij dit schema zijn twee kanttekeningen op zijn plaats. Ten eerste zal de DTe toetredingsdrempels die het gevolg zijn van de structuur niet aanpakken. De NMa zal bij de fusiecontrole (door de Directie concentratiecontrole) echter wel rekening dienen te houden met toetredingbarrières ten gevolge van structuurkenmerken. Ten tweede is met name de derde stap nogal bewerkelijk indien inderdaad alle maatschappelijke kosten en baten van het opheffen van de drempel in kaart worden gebracht. Omdat het in het bestek van dit onderzoek niet mogelijk is om een dergelijke kosten-batenanalyse uit te voeren zullen we ons noodgedwongen beperken tot de hoofdlijnen. Figuur 3.1: Afwegingskader voor ingrijpen bij toetredingsdrempel Is de drempel het gevolg van het gedrag van andere partijen op de markt of aanpalende markten, of van wet- of regelgeving? nee Drempel is een structuurkenmerk van de markt: niet aanpakken ja Is de drempel een effectieve manier om een publiek belang op de energiemarkt te borgen? nee Drempel aanpakken ja Efficiëntie: Zijn de maatschappelijke kosten van opheffen van de drempel lager dan de maatschappelijke baten? nee Drempel niet aanpakken ja Actie ondernemen om drempel te verlagen of te elimineren Bron: SEO Economisch Onderzoek In twee gevallen kan het welvaartsverhogend zijn om een drempel aan te pakken. Ten eerste is dat het geval als de drempel het gevolg is van het gedrag van andere partijen of van wetgeving (eerste vraag positief beantwoord), als de drempel geen effectief middel is om een publiek belang op de energiemarkt te borgen (tweede vraag positief beantwoord), en het goedkoper is om de drempel op te heffen dan deze te laten bestaan (derde vraag positief beantwoord). Ook als de drempel die geen structuurkenmerk is (eerste vraag positief beantwoord) en het een effectief middel is om een publiek belang te borgen (de tweede vraag negatief beantwoord), dan is het verstandig om de drempel aan te pakken. 5 5 Een uitzondering geldt voor kleine drempels die geen publiek belang realiseren. Het kan zijn dat het opruimen van de drempel meer kost dan dat de drempel aan kosten veroorzaakt, bijvoorbeeld als om de drempel aan te pakken een zware politieke en juridische procedure doorlopen moet worden.

20

Aanbevelingen bij het rapport Drempelvrees?

Aanbevelingen bij het rapport Drempelvrees? Aanbevelingen bij het rapport Drempelvrees? Amsterdam, januari 2008 In opdracht van het Ministerie van Financiën Aanbevelingen bij het rapport Drempelvrees? Aanbevelingen naar aanleiding van de conclusies

Nadere informatie

Ongezien, onverkocht?

Ongezien, onverkocht? Ongezien, onverkocht? Amsterdam, maart 2012 In opdracht van VBO Makelaar Ongezien, onverkocht? Funda en concurrentie op de markt voor woningmakelaardij Marco Kerste Barbara Baarsma Nicole Rosenboom Peter

Nadere informatie

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Tweede halfjaar 2012

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Tweede halfjaar 2012 Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Tweede halfjaar 2012 Inhoud Inleiding en leeswijzer... 4 1 Tevredenheid en vertrouwen van de consument... 5 2 Tevredenheid over

Nadere informatie

Uitgebreide samenvatting

Uitgebreide samenvatting Uitgebreide samenvatting Bereik van het onderzoek De Nederlandse minister van Economische Zaken heeft een voorstel gedaan om het huidig toegepaste systeem van juridische splitsing van energiedistributiebedrijven

Nadere informatie

Leeswijzer Tarievencode Elektriciteit

Leeswijzer Tarievencode Elektriciteit Leeswijzer Tarievencode Elektriciteit Doel leeswijzer TarievenCode... 2 Aansluittarieven (hoofdstuk 2 TarievenCode)... 2 2. Twee soorten aansluittarieven... 2 2.. Eenmalig aansluittarief afhankelijk van

Nadere informatie

Advies van de commissie van economische deskundigen over de CPB studie Economisch optimale waterveiligheid in het IJsselmeergebied *

Advies van de commissie van economische deskundigen over de CPB studie Economisch optimale waterveiligheid in het IJsselmeergebied * Advies van de commissie van economische deskundigen over de CPB studie Economisch optimale waterveiligheid in het IJsselmeergebied * Amsterdam, januari 2014 In opdracht van Ministerie van Infrastructuur

Nadere informatie

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt. Eerste halfjaar 2013

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt. Eerste halfjaar 2013 Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Eerste halfjaar 2013 Den Haag, november 2013 Samenvatting Meer actieve consumenten Voor het tweede jaar op rij stijgt het aantal

Nadere informatie

Het Vijfkrachtenmodel van Porter

Het Vijfkrachtenmodel van Porter Het Vijfkrachtenmodel van Porter (een concurrentieanalyse en de mate van concurrentie binnen een bedrijfstak) 1 Het Vijfkrachtenmodel van Porter Het vijfkrachtenmodel is een strategisch model wat de aantrekkelijkheid

Nadere informatie

Schadevoorziening bij brand- en bouwveiligheid

Schadevoorziening bij brand- en bouwveiligheid Schadevoorziening bij brand- en bouwveiligheid Amsterdam, september 2013 In opdracht van WODC Schadevoorziening bij brand- en bouwveiligheid Een evenwichtig systeem? Bert Hof en Nicole Rosenboom Roetersstraat

Nadere informatie

Energie Rapport Stand van zaken op de consumentenmarkt Eerste halfjaar 2011

Energie Rapport Stand van zaken op de consumentenmarkt Eerste halfjaar 2011 Energie Rapport Stand van zaken op de consumentenmarkt Eerste halfjaar 2011 Energiekamer Nederlandse Mededingingsautoriteit Den Haag, september 2011 Inhoud Inleiding en leeswijzer...3 1 Vraag naar producten...

Nadere informatie

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Datum Uw kenmerk Ons kenmerk Bijlage(n) 8 september 2003 ME/EM/3051226 1 Onderwerp Besluit tot verlenging termijn beschermde afnemer Gaswet en Elektriciteitswet 1998 E-en G-wet.mbo Besluit van, tot verlenging

Nadere informatie

www.consumind.nl Februari 2012

www.consumind.nl Februari 2012 www.consumind.nl Februari 2012 Dit informatiepakket bevat de volgende onderdelen: Achtergrond en algemene informatie energiemarkt. Vast of variabel energiecontract? De meest gestelde vragen bij overstappen.

Nadere informatie

Pagina 1/6. Speerpunten 2013 Autoriteit Consument & Markt

Pagina 1/6. Speerpunten 2013 Autoriteit Consument & Markt Speerpunten 2013 Autoriteit Consument & Markt De Autoriteit Consument & Markt (ACM) bevordert kansen en keuzes voor bedrijven en consumenten. Kansen voor innovatie, nieuwe producten, diensten en aanbieders.

Nadere informatie

Energieprijsvergelijkers

Energieprijsvergelijkers Energieprijsvergelijkers Onderzoek naar de kwaliteit van vergelijkingssites voor elektriciteit en gas op het internet Den Haag, april 2006 Projectteam: drs. B.W. Postema drs. M.M. van Liere mr. D.F.J.M.

Nadere informatie

Stand van zaken op de energiemarkt

Stand van zaken op de energiemarkt Stand van zaken op de energiemarkt Onderzoek energiemarkt consumenten Rapportage kerncijfers Eerste halfjaar 13 Majka van Doorn, research consultant Thijs Hendrix, senior research consultant 11 13 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Stand van zaken op de energiemarkt

Stand van zaken op de energiemarkt Stand van zaken op de energiemarkt Onderzoek energiemarkt consumenten Rapportage kerncijfers Tweede halfjaar 12 Majka van Doorn, research consultant Thijs Hendrix, senior research consultant 14 uari 13

Nadere informatie

Een markt (z)onder spanning

Een markt (z)onder spanning Een markt (z)onder spanning Marktmonitor, ontwikkeling van de Nederlandse kleinverbruikersmarkt voor Elektriciteit en Gas januari 2006 juni 2006 Directie Toezicht Energie Den Haag, oktober 06 Menno van

Nadere informatie

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt. Tweede halfjaar 2014

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt. Tweede halfjaar 2014 Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Tweede halfjaar 2014 Den Haag, april 2015 Samenvatting Meer overstappers, met een grote intentie om nogmaals over te stappen In

Nadere informatie

1 Inleiding. GasTerra B.V. is de rechtsopvolger van de voormalige handelstak van de N.V. Nederlandse Gasunie.

1 Inleiding. GasTerra B.V. is de rechtsopvolger van de voormalige handelstak van de N.V. Nederlandse Gasunie. 1 Inleiding De NMa heeft onderzoek verricht naar de hoogte van de aardgasprijzen op de Nederlandse groothandelsmarkt, onder meer naar aanleiding van klachten van tuinbouworganisaties over de tarieven van

Nadere informatie

Onderzoek. Wie is de grootste producent van duurzame elektriciteit in Nederland 2012. Auteur: C. J. Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent

Onderzoek. Wie is de grootste producent van duurzame elektriciteit in Nederland 2012. Auteur: C. J. Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent Onderzoek Wie is de grootste producent van duurzame elektriciteit in Nederland 2012 Auteur: C. J. Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent Datum: 9 september 2013 Vragen of reacties kunt u sturen

Nadere informatie

Energieprijsvergelijkers

Energieprijsvergelijkers Energieprijsvergelijkers Vervolgonderzoek naar de kwaliteit van vergelijkingssites voor elektriciteit en gas Den Haag, augustus 2005 Projectteam: drs. B.W. Postema drs. L.J. Groenhuijse drs. L.M. van den

Nadere informatie

Betreft Beantwoording vragen van het lid Spies (CDA) over energieprijzen en - contractsvoorwaarden voor consumenten

Betreft Beantwoording vragen van het lid Spies (CDA) over energieprijzen en - contractsvoorwaarden voor consumenten > Retouradres Postbus 20101 2500 EC Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA 's-gravenhage Directoraat-generaal voor Bezuidenhoutseweg 30 Postbus 20101 2500 EC

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader

BESLUIT. I. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft; 101698-12 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste

Nadere informatie

Reguleren is balanceren

Reguleren is balanceren De energieketen Reguleren is balanceren afnemers netbeheerders producenten efficiëntie betaalbaarheid betrouwbaarheid milieuvriendelijkheid Te bespreken reguleringsmaatregelen Onderdeel energieketen Type

Nadere informatie

Tarievenonderzoek energie

Tarievenonderzoek energie 2013 Tarievenonderzoek energie Vereniging de Vastelastenbond Onderzoek naar het verschil in tarieven voor onbepaalde tijd (slaperstarieven) in de energiemarkt Vereniging de Vastelastenbond 21-5-2013 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Stand van zaken op de energiemarkt

Stand van zaken op de energiemarkt Stand van zaken op de energiemarkt Onderzoek energiemarkt consumenten Rapportage kerncijfers Tweede halfjaar 13 Majka van Doorn, research consultant Thijs Hendrix, senior research consultant il 14 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Inkoopgedrag van het MKB in geliberaliseerde markten

Inkoopgedrag van het MKB in geliberaliseerde markten M200602 Inkoopgedrag van het MKB in geliberaliseerde markten Betere kwaliteiten en lagere prijzen in geliberaliseerde markten? drs. P.Th. van der Zeijden Zoetermeer, mei 2006 Inkoopgedrag van het MKB

Nadere informatie

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt. Eerste halfjaar 2014

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt. Eerste halfjaar 2014 Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Eerste halfjaar 2014 Den Haag, november 2014 Samenvatting Mispercepties over de energiemarkt zorgt voor afhakers Consumenten die

Nadere informatie

De kleur van stroom: de milieukwaliteit van in Nederland geleverde elektriciteit

De kleur van stroom: de milieukwaliteit van in Nederland geleverde elektriciteit De kleur van stroom: de milieukwaliteit van in geleverde elektriciteit Feiten en conclusies uit de notitie van ECN Beleidsstudies Sinds 1999 is de se elektriciteitsmarkt gedeeltelijk geliberaliseerd. In

Nadere informatie

Datum 17 januari 2014 Betreft Beantwoording vragen over het opstellen van nota's en meterstanden voor energie en water

Datum 17 januari 2014 Betreft Beantwoording vragen over het opstellen van nota's en meterstanden voor energie en water > Retouradres Postbus 20401 2500 EK Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA 's-gravenhage Directoraat-generaal Bezoekadres Bezuidenhoutseweg 73 2594 AC Den Haag

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt

Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt Den Haag, 27 november 2000 Aan de leden en de plv. leden van de Vaste Commissie voor Economische Zaken HERZIENE VERSIE I.V.M. TOEVOEGEN STEMVERHOUDING

Nadere informatie

Opbouw van huidige en toekomstige energieprijzen

Opbouw van huidige en toekomstige energieprijzen ECN Beleidsstudies ENERGIE MARKT TRENDS 2001 Energieprijzen Opbouw van huidige en toekomstige energieprijzen Fieke Rijkers Opbouw van huidige en toekomstige energieprijzen De eindverbruikersprijzen voor

Nadere informatie

BESLUIT. Juridisch kader

BESLUIT. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101759_19-6 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

Trendrapportage Markt. arktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt. Tweede halfjaar 2011

Trendrapportage Markt. arktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt. Tweede halfjaar 2011 Trendrapportage Markt arktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Tweede halfjaar 2011 Energiekamer Nederlandse Mededingingsautoriteit Den Haag, maart 2012 Inhoud Inleiding en leeswijzer...3

Nadere informatie

Antwoordmodel. Meerkeuzevragen (40 punten) Aan dit antwoordmodel kunnen geen rechten worden ontleend.

Antwoordmodel. Meerkeuzevragen (40 punten) Aan dit antwoordmodel kunnen geen rechten worden ontleend. Antwoordmodel Aan dit antwoordmodel kunnen geen rechten worden ontleend. Meerkeuzevragen (40 punten) Vraag Antwoord Oosterhaven, J. A. (2010). ICT-strategie en -organisatie. Den Haag: SDU. ISBN: 978901222870

Nadere informatie

Evaluatie Elektriciteitswet 1998 en Gaswet Eindrapport. Den Haag, November 2006

Evaluatie Elektriciteitswet 1998 en Gaswet Eindrapport. Den Haag, November 2006 Eindrapport Den Haag, November 2006 Samenvatting De Directie Toezicht Energie van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (hierna: NMa/DTe) heeft op grond van haar wettelijke taak de Elektriciteitswet 1998

Nadere informatie

Monitor Financiële Sector:

Monitor Financiële Sector: Nederlandse Mededingingsautoriteit Monitor Financiële Sector: Notitie bij Sectorstudie Vastgoedfinanciering, SEO Economisch Onderzoek oktober 2011 Nederlandse Mededingingsautoriteit Postbus 16326 2500

Nadere informatie

Wat betekenen de SDE+, Salderen, en postcoderoos voor de netbeheerder?

Wat betekenen de SDE+, Salderen, en postcoderoos voor de netbeheerder? Wat betekenen de SDE+, Salderen, en postcoderoos voor de netbeheerder? Enexis: Wij brengen energie waar mensen licht en warmte nodig hebben. Enexis: Een rijke historie IJsselmij Frigem EGD Ruil verzorgingsgebied

Nadere informatie

Salderingsoverzicht 18-12-2012

Salderingsoverzicht 18-12-2012 Salderingsoverzicht 18-12-2012 Salderingsoverzicht Particulieren Door zelf zonne-energie op te wekken bespaart u op uw energierekening. Uw stroomtarief is opgebouwd uit een kaal leveringstarief, energiebelasting

Nadere informatie

Directie Toezicht Energie (DTe)

Directie Toezicht Energie (DTe) Directie Toezicht Energie (DTe) Aan Ministerie van Economische Zaken T.a.v. de heer mr. L.J. Brinkhorst Postbus 20101 2500 EC Den Haag Datum Uw kenmerk Ons kenmerk Bijlage(n) 102238/1.B999 Rapport Frontier

Nadere informatie

BUDGETENERGIE MEEST VOORDELIGE AANBIEDER

BUDGETENERGIE MEEST VOORDELIGE AANBIEDER NATIONAAL BESPAARONDERZOEK ENERGIE NOVEMBER 2013 BespaarWijzer.nl Conclusies Nederlandse huishoudens kunnen gemiddeld 283 per jaar besparen op de energiekosten Veel consumenten hebben nog een traditionele

Nadere informatie

Marktmonitor Nederlandse kleinverbruikersmarkt voor elektriciteit en gas. juli 2007 juni 2008

Marktmonitor Nederlandse kleinverbruikersmarkt voor elektriciteit en gas. juli 2007 juni 2008 Marktmonitor Nederlandse kleinverbruikersmarkt voor elektriciteit en gas juli 2007 juni 2008 Energiekamer van de Nederlandse Mededingingsautoriteit Den Haag, Januari 2009 Energiekamer - 1 / 44 - Inhoudsopgave

Nadere informatie

ALGEMENE INFORMATIE SALDEREN SOLAR2020. Uw Specialist in Zonnepaneelsystemen.NL

ALGEMENE INFORMATIE SALDEREN SOLAR2020. Uw Specialist in Zonnepaneelsystemen.NL ALGEMENE INFORMATIE SALDEREN SOLAR2020 Salderingsoverzicht Particulieren Door zelf zonne-energie op te wekken bespaart u op uw energierekening. Uw stroomtarief is opgebouwd uit een kaal leveringstarief,

Nadere informatie

Samenvatting ... 7 Samenvatting

Samenvatting ... 7 Samenvatting Samenvatting... Concurrentie Zeehavens beconcurreren elkaar om lading en omzet. In beginsel is dat vanuit economisch perspectief een gezond uitgangspunt. Concurrentie leidt in goed werkende markten tot

Nadere informatie

Slimme communicatie onder hoogspanning

Slimme communicatie onder hoogspanning Tekst: Peter Zwetsloot Beeld: Giuseppe Toppers Slimme communicatie onder hoogspanning Op dit moment zijn er in de vrije markt voor gas en elektriciteit belangrijke ontwikkelingen. Zo wordt op 1 augustus

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 28 665 Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 ten behoeve van de stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie Nr. 41 BRIEF

Nadere informatie

Interpretatie Eletriciteitswet 1998 art. 1 lid 2

Interpretatie Eletriciteitswet 1998 art. 1 lid 2 Interpretatie Eletriciteitswet 1998 art. 1 lid 2 In het laatste kwartaal van 2011 hebben gemeenten, provincies en waterschappen een brief ontvangen van hun netbeheerder betreffende artikel 1, tweede lid,

Nadere informatie

ǫ P a g 1 in / 5 a Juni 2016

ǫ P a g 1 in / 5 a Juni 2016 Pagina 1/5 Juni 2016 Introductie De Autoriteit Consument en Markt (ACM) bevordert kansen en keuzes voor bedrijven en consumenten. ACM verbetert concurrentie door te vechten tegen oneerlijke concurrentie

Nadere informatie

Rapportage Consumentenmarkt

Rapportage Consumentenmarkt Rapportage Consumentenmarkt Elektriciteit en gas Eerste helft 2015 Informatie in deze rapportage is afkomstig van energieleveranciers en van het consumentenonderzoek dat de ACM laat doen in juni en december

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

REGULERINGSCOMMISSIE VOOR ENERGIE IN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

REGULERINGSCOMMISSIE VOOR ENERGIE IN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST REGULERINGSCOMMISSIE VOOR ENERGIE IN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST ADVIES (BRUGEL-ADVIES-20130722-175) betreffende het verslag van de distributienetbeheerder SIBELGA over de niet-discriminerende praktijken

Nadere informatie

Evaluatie Elektriciteitswet 1998 en Gaswet

Evaluatie Elektriciteitswet 1998 en Gaswet Evaluatie Elektriciteitswet 1998 en Gaswet Deelonderzoek 1: Economische analyse Deelonderzoek 2: Kwantificering baten en lasten Eindrapport Opdrachtgever: Directie Toezicht Energie (DTe) ECORYS Nederland

Nadere informatie

Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie

Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie 6 December 2002 Advies van het BIPT inzake het marktonderzoek in de context van de SMP bepaling op de markt van de huurlijnen. BIPT - Astrotoren

Nadere informatie

Marktmonitor Nederlandse kleinverbruikersmarkt voor elektriciteit en gas. juli 2007 juni 2008

Marktmonitor Nederlandse kleinverbruikersmarkt voor elektriciteit en gas. juli 2007 juni 2008 Marktmonitor Nederlandse kleinverbruikersmarkt voor elektriciteit en gas juli 2007 juni 2008 Energiekamer van de Nederlandse Mededingingsautoriteit Den Haag, Januari 2009 Energiekamer - 1 / 44 - Inhoudsopgave

Nadere informatie

Startnotitie. Procedure vervreemding aandelen Essent. 1 Context

Startnotitie. Procedure vervreemding aandelen Essent. 1 Context Startnotitie 1 Context Op 1 juli 2008 is het groepsverbod uit de Wet Onafhankelijk Netbeheer (WON) in werking getreden. Als gevolg daarvan dient het beheer en eigendom van energienetwerken en de productie

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1999 2000 26 463 Regels omtrent het transport en de levering van gas (Gaswet) Nr. 95 DERDE NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen 4 april 2000 Het voorstel van wet

Nadere informatie

Beleidsregel Redelijke Opzegvergoedingen Vergunninghouders

Beleidsregel Redelijke Opzegvergoedingen Vergunninghouders Beleidsregel Redelijke Opzegvergoedingen Vergunninghouders Den Haag, maart 2005 Dienst uitvoering en toezicht Energie Pagina 1 van 11 PROJECTNAAM: REDELIJKE OPZEGVERGOEDINGEN (ROVER) PROJECTNUMMER: 101948-30

Nadere informatie

BECO Energievergelijker & OverstapService

BECO Energievergelijker & OverstapService BECO Energievergelijker & OverstapService 4 februari 2014 samenstelling: werkgroep productie & financiën Waarom de overstapservice? De BECO gaat voor duurzame energie Het doel is om uiteindelijk zelf energie

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 31 374 Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet ter verbetering van de werking van de elektriciteits- en gasmarkt Nr. 35 BRIEF VAN

Nadere informatie

Samenvatting hypothekenonderzoek

Samenvatting hypothekenonderzoek Samenvatting hypothekenonderzoek De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) heeft in 2011 onderzoek uitgevoerd naar de manier waarop hypotheekverstrekkers met elkaar concurreren op de Nederlandse hypotheekmarkt.

Nadere informatie

Inleiding ADVIES. Nederlandse Mededingingsautoriteit

Inleiding ADVIES. Nederlandse Mededingingsautoriteit Nederlandse Mededingingsautoriteit ADVIES Advies van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, als bedoeld in artikel 20e, derde lid, van de Elektriciteitswet 1998. Zaaknummer: 104152/15

Nadere informatie

NATIONAAL ENERGIEFORUM 2007 FINANCIEEL-ECONOMISCHE GEVOLGEN VAN NETWERKSPLITSING

NATIONAAL ENERGIEFORUM 2007 FINANCIEEL-ECONOMISCHE GEVOLGEN VAN NETWERKSPLITSING NATIONAAL ENERGIEFORUM 2007 Splitsingsdebat, Hilton Amsterdam, 21 November 2007 Aan de Vooravond van de Splitsing van Netten FINANCIEEL-ECONOMISCHE GEVOLGEN VAN NETWERKSPLITSING Prof Dr Hans J.G.A. van

Nadere informatie

Auteur: C J Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent

Auteur: C J Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent Onderzoek: Wie is de grootste producent van duurzame elektriciteit in Nederland 2013 Auteur: C J Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent Datum: 22 augustus 2014 Vragen of reacties kunt u sturen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 621 Regels met betrekking tot de productie, het transport en de levering van elektriciteit (Elektriciteitswet...) Nr. 8 NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen

Nadere informatie

Ministerie van Financiën t.a.v. Minister J. Dijsselbloem Postbus 20201 2500 EE Den Haag

Ministerie van Financiën t.a.v. Minister J. Dijsselbloem Postbus 20201 2500 EE Den Haag Ministerie van Financiën t.a.v. Minister J. Dijsselbloem Postbus 20201 2500 EE Den Haag Datum 1/5 Geachte heer Dijsselbloem, Vereniging Eigen Huis dringt er bij het Kabinet op aan om snel stappen te zetten

Nadere informatie

Memo. Informatienotitie stand van zaken aandeelhouderschap Eneco, Inleiding

Memo. Informatienotitie stand van zaken aandeelhouderschap Eneco, Inleiding Centrale Staf Bestuurlijke processturing Doorkiesnummers: Telefoon 015 2602545 Aan College van B & W Van S. Bolten Afschrift aan Memo Datum 04-11-2008 Opsteller M.R.Ram Bijlage Onderwerp Stand van zaken

Nadere informatie

Drs. A. Reitsma T +31 70 31 42 442 M +31 6 23 52 98 51 E b.reitsma@vfn.nl

Drs. A. Reitsma T +31 70 31 42 442 M +31 6 23 52 98 51 E b.reitsma@vfn.nl Autoriteit Consument & Markt t.a.v. Dhr. Dr. B.M. Overvest Postbus 16326 2500 BH Den Haag Drs. A. Reitsma T +31 70 31 42 442 M +31 6 23 52 98 51 E b.reitsma@vfn.nl Datum: 4 november 2013 Betreft: Onderzoek

Nadere informatie

trends en ervaringen

trends en ervaringen 5 "ntwi''elingen op de energiemar't in het 3uitenland trends en ervaringen 1 "ondiale trends van marktmacht naar staatsmacht "e sterk gestegen vraag en onvoldoende 0itbreiding van de prod04tie- 4apa4iteit

Nadere informatie

Bemiddeling van overeenkomsten tot levering van groene stroom en bosgecompenseerd gas

Bemiddeling van overeenkomsten tot levering van groene stroom en bosgecompenseerd gas Partnerovereenkomst Bemiddeling van overeenkomsten tot levering van groene stroom en bosgecompenseerd gas PARTIJEN: En 1. Coöperatie Energiefabriek013 handelend onder de naam Coöperatie Energiefabriek013,

Nadere informatie

Samenvatting. Kort overzicht. Kartels

Samenvatting. Kort overzicht. Kartels Samenvatting Kort overzicht Dit proefschrift gaat over de economische theorie van kartels. Er is sprake van een kartel wanneer een aantal bedrijven, expliciet of stilzwijgend, afspreekt om de prijs te

Nadere informatie

certificeert duurzame energie

certificeert duurzame energie certificeert duurzame energie Met het certificeren van duurzame energie voorzien we deze energieproductie van een echtheidscertificaat. Dit draagt wezenlijk bij aan het goed functioneren van de groeneenergiemarkt.

Nadere informatie

BESLUIT. Juridisch kader

BESLUIT. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101759_12-5 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

CONCLUSIES EN SAMENVATTING

CONCLUSIES EN SAMENVATTING Nederlandse Mededingingsautoriteit CONCLUSIES EN SAMENVATTING Onderzoeksrapport inzake de winsten van energiebedrijven Nummer 102362 / 93 Betreft zaaknr. 102362 / Onderzoek Winst Energiebedrijven Datum:

Nadere informatie

Energie inkopen in de zorg: keuzes maken

Energie inkopen in de zorg: keuzes maken Energie inkopen in de zorg: keuzes maken Het inkopen van energie is complex. Sinds de liberalisering van de energiemarkt is niets doen eigenlijk geen optie; afnemers moeten zelf actief zijn op de energiemarkt

Nadere informatie

Wat is het product noodvermogen? Hoe wordt er gecontracteerd?

Wat is het product noodvermogen? Hoe wordt er gecontracteerd? Noodvermogen Noodvermogen Deze brochure geeft u uitgebreide informatie over de werking van noodvermogen binnen TenneT. Daarnaast geeft het een beeld aan (potentiele) leveranciers van noodvermogen over

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101758_13-4 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d,

Nadere informatie

Reactie op SEO-studie naar welvaartseffecten van splitsing energiebedrijven

Reactie op SEO-studie naar welvaartseffecten van splitsing energiebedrijven CPB Notitie Datum : 6 juli 2006 Aan : Ministerie van Economische Zaken Reactie op SEO-studie naar welvaartseffecten van splitsing energiebedrijven 1 Inleiding Op 5 juli 2006 heeft SEO, in opdracht van

Nadere informatie

Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse

Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse Sytze Rienstra en Jan van Donkelaar, 15 januari 2010 Er is de laatste tijd bij de beoordeling van projecten voor de binnenvaart veel discussie over

Nadere informatie

Misbruik van een economische machtspositie

Misbruik van een economische machtspositie Mededingingswet Misbruik van een economische machtspositie Nederlandse Mededingingsautoriteit Mededingingswet Misbruik van een economische machtspositie De Mededingingswet stelt regels ten aanzien van:

Nadere informatie

De ontwikkeling van de elektriciteits- en aardgasmarkten in België

De ontwikkeling van de elektriciteits- en aardgasmarkten in België De ontwikkeling van de elektriciteits- en aardgasmarkten in België Jaar 2004 Marktstatistieken www.creg.be www.cwape.be www.ibgebim.be www.vreg.be 1/11 I. MARKTAANDELEN VAN DE ACTIEVE AARDGASLEVERANCIERS

Nadere informatie

Energie van ons allemaal

Energie van ons allemaal VNO-NCW Themabijeenkomst Energietransitie Michael Fraats Trianel Energie B.V. 28 November 2011 1 Energie van ons allemaal 30-11-2011 2 Energie van ons allemaal is de essentie van Trianel Energie: Gericht

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: 101647/ Betreft: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste

Nadere informatie

Energieprijzen in vergelijk

Energieprijzen in vergelijk CE CE Oplossingen voor Oplossingen milieu, economie voor milieu, en technologie economie en technologie Oude Delft 180 Oude Delft 180 611 HH Delft 611 HH Delft tel: tel: 015 015 150 150 150 150 fax: fax:

Nadere informatie

Geothermie. traditioneel energiebedrijf?

Geothermie. traditioneel energiebedrijf? 31 maart 2010 T&A Survey Congres Geothermie Duurzame bron voor een traditioneel energiebedrijf? Hugo Buis Agenda Duurzame visie & ambities Waarom kiest Eneco voor Geothermie? Stand van zaken Markten Pro

Nadere informatie

Capaciteitsplan. ONS Netbeheer BV 30-11-2000

Capaciteitsplan. ONS Netbeheer BV 30-11-2000 Capaciteitsplan ONS Netbeheer BV 2001 2007 30-11-2000 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Visie 3. Modellen 3.1. Model 1 Belasting, invoeden en uitwisselen in knooppunten bij verschillende transportscenario's

Nadere informatie

Besluit van de Autoriteit Consument en Markt (hierna: ACM) als bedoeld in artikel 81e, tweede lid van de Gaswet.

Besluit van de Autoriteit Consument en Markt (hierna: ACM) als bedoeld in artikel 81e, tweede lid van de Gaswet. Ons kenmerk: ACM/DE/2015/207112 Zaaknummer: 15.0656.52 Besluit van de Autoriteit Consument en Markt (hierna: ACM) als bedoeld in artikel 81e, tweede lid van de Gaswet. 1 Inleiding 1. Met dit besluit geeft

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) 15528/02 ADD 1 ENER 315 CODEC 1640 ONTWERP-MOTIVERING VAN DE RAAD Betreft: Gemeenschappelijk

Nadere informatie

94% betaalt te veel Hoe Nederland na de liberalisatie reageert op de nieuwe aanbieders op de Nederlandse energiemarkt

94% betaalt te veel Hoe Nederland na de liberalisatie reageert op de nieuwe aanbieders op de Nederlandse energiemarkt 94% betaalt te veel Hoe Nederland na de liberalisatie reageert op de nieuwe aanbieders op de Nederlandse energiemarkt Drs. Maurice de Hond (www.peil.nl) Mei 2009 1 Inleiding Bij alle producten of diensten

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 29 372 Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet ter uitvoering van richtlijn nr. 2003/54/EG, (PbEG L 176), verordening nr. 1228/2003

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 32 813 Kabinetsaanpak Klimaatbeleid op weg naar 2020 Nr. 54 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der

Nadere informatie

ENERGIE- LEVERANCIERS

ENERGIE- LEVERANCIERS ENERGIE- LEVERANCIERS APRIL 2013 Pagina 1 van 38 Inhoudsopgave Bladzijde 3 Inleiding 5 Conclusies 6 Algemene tevredenheid 7 Tevredenheid per categorie 13 Imago energieleveranciers 19 Overstappen 22 Verkooppraktijken

Nadere informatie

Datum 19 december 2013 Betreft Beantwoording vragen Vastrecht bij productie- en leveranciersbedrijven van energie

Datum 19 december 2013 Betreft Beantwoording vragen Vastrecht bij productie- en leveranciersbedrijven van energie > Retouradres Postbus 20401 2500 EK Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA s-gravenhage Directoraat-generaal Bezoekadres Bezuidenhoutseweg 73 2594 AC Den Haag

Nadere informatie

De ontwikkeling van de elektriciteits- en aardgasmarkten in België

De ontwikkeling van de elektriciteits- en aardgasmarkten in België De ontwikkeling van de elektriciteits- en aardgasmarkten in België Jaar 2006 Marktstatistieken www.creg.be www.cwape.be www.brugel.be www.vreg.be 1/11 I. MARKTAANDELEN VAN DE ACTIEVE ELEKTRICITEITSLEVERANCIERS

Nadere informatie

Stand van zaken splitsing energiebedrijven het groepsverbod nader beschouwd

Stand van zaken splitsing energiebedrijven het groepsverbod nader beschouwd schap eming Stand van zaken splitsing energiebedrijven het groepsverbod nader beschouwd Inleiding Op 21 november 2006 is het wetsvoorstel tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 (de E-wet) en van de

Nadere informatie

Salderingsoverzicht 2012 Inventarisatie van het beleid omtrent salderen en terugleveren van zonnestroom in de Nederlandse energiemarkt

Salderingsoverzicht 2012 Inventarisatie van het beleid omtrent salderen en terugleveren van zonnestroom in de Nederlandse energiemarkt Salderingsoverzicht 2012 Inventarisatie van het beleid omtrent salderen en terugleveren van zonnestroom in de Nederlandse energiemarkt Stichting Zonne-energie Wageningen Rogier Coenraads Frank Zegers Juli

Nadere informatie

Het Slimme energienet..zx ronde 25 januari 2015

Het Slimme energienet..zx ronde 25 januari 2015 Het Slimme energienet..zx ronde 25 januari 2015 De laatste tijd worden we overspoeld door marketing verhalen over de slimme meter en het slimme energienet. Men stelt dat met de komst van de slimme meter

Nadere informatie

ENERGIE IN EIGEN HAND

ENERGIE IN EIGEN HAND Zonne-energie voor bedrijven? ENERGIE IN EIGEN HAND De Stichting Beheer Bedrijvenpark Merm, heeft een onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor bedrijven om d.m.v. aanbrengen van zonnepanelen op het

Nadere informatie

Liander N.V. Factsheet Kwaliteit 2011 Regionaal Netbeheer Elektriciteitsnetten & Gastransportnetten. Inleiding

Liander N.V. Factsheet Kwaliteit 2011 Regionaal Netbeheer Elektriciteitsnetten & Gastransportnetten. Inleiding Factsheet Kwaliteit 211: N.V. Factsheet Kwaliteit 211 Regionaal Netbeheer Elektriciteitsnetten & Gastransportnetten N.V. De gegevens in de grafieken in dit document zijn gebaseerd op de gegevens die de

Nadere informatie

Is uw organisatie grootverbruiker van gas en/of elektriciteit? In deze brochure vindt u belangrijke informatie voor uw aansluiting. www.dnwg.

Is uw organisatie grootverbruiker van gas en/of elektriciteit? In deze brochure vindt u belangrijke informatie voor uw aansluiting. www.dnwg. Is uw organisatie grootverbruiker van gas en/of elektriciteit? In deze brochure vindt u belangrijke informatie voor uw aansluiting www.dnwg.nl Wanneer wordt u aangemerkt als grootverbruiker? U valt in

Nadere informatie

Rood staan op particuliere betaalrekeningen Visie van ACM op het rapport van CEG: Rood staan op particuliere betaalrekeningen Onderzoek naar

Rood staan op particuliere betaalrekeningen Visie van ACM op het rapport van CEG: Rood staan op particuliere betaalrekeningen Onderzoek naar Rood staan op particuliere betaalrekeningen Visie van ACM op het rapport van CEG: Rood staan op particuliere betaalrekeningen Onderzoek naar marktmacht Monitor Financiële Sector Autoriteit Consument &

Nadere informatie