Zaaknummer : CBHO 2014/165 Rechter(s) : mrs. Olivier, Scholten-Hinloopen en Verheij Datum uitspraak : 14 januari 2015 Partijen : appellant en CBE

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Zaaknummer : CBHO 2014/165 Rechter(s) : mrs. Olivier, Scholten-Hinloopen en Verheij Datum uitspraak : 14 januari 2015 Partijen : appellant en CBE"

Transcriptie

1 Zaaknummer : CBHO 2014/165 Rechter(s) : mrs. Olivier, Scholten-Hinloopen en Verheij Datum uitspraak : 14 januari 2015 Partijen : appellant en CBE Hogeschool Utrecht Trefwoorden : aanvullend tentamen accreditatie actualiteitswaarde actuele kennis en vaardigheden algemeen pardon belangenafweging, beleidswijziging competenties deeltijdstudent geldigheidsduur gezondheidssituatie maximale geldigheidsduur persoonlijke omstandigheden studieloopbaanbegeleider studieplan studieresultaten verlenging geldigheid vervangend tentamen Artikelen : WHW: artikel 7.13 Onderwijs- en Examenregeling HU Bacheloropleidingen : artikel 28 Studiegids Bacheloropleiding Integrale Veiligheidskunde : paragraaf Uitspraak : ongegrond Hoofdoverwegingen : Het CBE heeft naar het oordeel van het College in hetgeen appellant heeft aangevoerd terecht geen aanleiding gezien de weigering van de examencommissie de geldigheid van de door hem behaalde studieresultaten te verlengen niet in stand te laten. Op grond van artikel 7.13, tweede lid, sub k, van de WHW heeft de Hogeschool Utrecht sinds het studiejaar in de OER opgenomen dat de geldigheidsduur van studieresultaten zes jaar bedraagt, tenzij in de studiegids een afwijkende termijn is vermeld. Paragraaf van de Studiegids bevat geen afwijkende termijn. Naar aanleiding van deze wijziging van de OER in het studiejaar heeft de examencommissie voor dat studiejaar de te vervallen studieresultaten van alle studenten, waaronder appellant, verlengd met één jaar. Vervolgens is die geldigheid op verzoek van appellant bij beslissing van 11 juli 2012 nogmaals met één jaar verlengd op basis van een verklaring van de decaan. Daarbij is rekening gehouden met de gezondheidssituatie van appellant en het uitgangspunt dat hij op korte termijn zou afstuderen. In die beslissing is expliciet vermeld dat de verlenging slechts eenmaal zou plaatsvinden. Appellant wist op dat moment dus al dat een extra verlenging niet mogelijk zou zijn. Met het CBE is het College verder van oordeel dat het niet onredelijk kan worden geacht dat de examencommissie als beleid hanteert dat uitsluitend de actualiteitswaarde van reeds behaalde vakken een rol speelt bij de beoordeling van een verzoek om verlenging van de geldigheid daarvan. Dit in verband met de maatschappelijke taak van een opleiding om ervoor te zorgen dat studenten die afstuderen over actuele kennis en vaardigheden beschikken. Wat betreft het curriculum van de opleiding Integrale Veiligheidskunde, heeft het CBE toegelicht dat dit de laatste jaren grondig is vernieuwd in verband met een interne audit die heeft plaatsgevonden ten behoeve van de accreditatie in De examencommissie heeft de actualiteitswaarde van de vakken waarvan appellant om verlenging van de geldigheid heeft verzocht onderzocht en is tot de conclusie

2 gekomen dat een groot deel daarvan niet langer de vereiste actualiteitswaarde heeft. Het CBE heeft met juistheid overwogen dat de examencommissie voldoende heeft aangetoond dat de meeste van de door appellant behaalde vakken waarvan de geldigheid vervalt niet meer actueel zijn en dat het nogmaals verlengen van de geldigheid van die vakken, terwijl de geldigheid al tweemaal is verlengd met één jaar, niet verantwoord kan worden geacht. De stelling van appellant dat hij uitsluitend nog zijn scriptie dient af te ronden en zijn ingeleverde scriptie aantoont dat hij over de door de opleiding vereiste competenties beschikt, biedt geen grond voor een ander oordeel. Indien hij zijn scriptie afrondt, betekent dit niet zonder meer dat hij over de vereiste competenties beschikt en de actualiteitswaarde van eerder afgeronde cursussen wel is aangetoond. De competenties worden gedurende de gehele opleiding getoetst en niet uitsluitend tijdens het afsluitende afstudeergedeelte. Wat betreft zijn ingeleverde scriptie, geldt dat die door de Afstudeercommissie is afgewezen op een groot aantal punten. Dat, naar appellant verder heeft gesteld, de actualiteit van zijn kennis onder meer blijkt uit de binnen de deeltijdopleiding uitgevoerde opdrachten in het werkveld en zijn jarenlange werkervaring, geldt dat bij de beoordeling van de actualiteitswaarde het niet om de actualiteit van zijn kennis gaat, maar om de actualiteit van de tot het examenprogramma behorende cursussen. Het CBE heeft voorts uiteengezet dat over de wijziging van de regelgeving en het beleid betreffende de verlenging van studieresultaten veelvuldig is gecommuniceerd met studenten en tevens dat de geldigheidsduur en de wijze waarop wordt omgegaan met verzoeken om verlenging van de geldigheid van studieresultaten zijn beschreven in de OER en de Studiegids. Met het CBE is het College van oordeel dat appellant dan ook niet kan worden gevolgd in zijn standpunt dat hij ten onrechte niet op de hoogte is gesteld van de wijziging in de regelgeving en het beleid. Dat het beleid is gewijzigd gedurende de tijd dat appellant zijn opleiding volgt, biedt geen grond voor het oordeel dat de beslissing van het CBE niet in stand kan blijven. Het kan niet onredelijk worden geacht dat beleid in de loop van de jaren wijzigt. Daarnaast vindt een inschrijving door een student telkens voor één jaar plaats en worden de OER en de Studiegids ieder jaar opnieuw vastgesteld. Het ligt op de weg van een student om zich van de inhoud daarvan op de hoogte te stellen voordat hij zich inschrijft. Bovendien is de examencommissie naar aanleiding van de gewijzigde regelgeving alle studenten van de opleiding tegemoet gekomen door voor iedereen in het studiejaar de geldigheid van te vervallen studieresultaten met een jaar te verlengen. Het betoog faalt. Uitspraak in de zaak tussen: [naam], wonende te [woonplaats], appellant, en het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder. 1. Procesverloop Bij beslissing van 13 januari 2014 heeft de examencommissie van het Instituut voor Veiligheid van de Hogeschool Utrecht het bezwaar van appellant tegen de afwijzing op 9 oktober 2013 van zijn verzoek om verlenging van de geldigheid van zijn studieresultaten ongegrond verklaard en die afwijzing in stand gelaten. Bij beslissing van 20 juni 2014 heeft het CBE het daartegen door appellant ingediende beroep ongegrond verklaard.

3 Tegen deze beslissing heeft appellant bij brief, bij het College ingekomen op 15 augustus 2014, beroep ingesteld. De gronden van beroep zijn aangevuld bij brief van 16 september Het CBE heeft een verweerschrift ingediend. Appellant heeft een nader stuk ingediend. Het College heeft de zaak ter zitting behandeld op 4 december 2014, waar appellant, bijgestaan door mr. A.R. van Tilburg, en het CBE, vertegenwoordigd door mr. M. Riezebos, en M.S.J. Geelhoed MCM, voorzitter van de examencommissie, zijn verschenen. 2. Overwegingen 2.1 Ingevolge artikel 7.13, eerste lid, van de Wet op het Hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (hierna: de WHW) stelt het instellingsbestuur voor elke door de instelling aangeboden opleiding of groep van opleidingen een onderwijs- en examenregeling vast. Ingevolge het tweede lid, aanhef en onder k, worden in de onderwijs- en examenregeling, onverminderd het overigens in deze wet ter zake bepaalde, per opleiding of groep van opleidingen de geldende procedures en rechten en plichten vastgelegd met betrekking tot het onderwijs en de examens. Daaronder wordt ten minste begrepen, waar nodig, de geldigheidsduur van met goed gevolg afgelegde tentamens, behoudens de bevoegdheid van de examencommissie de geldigheidsduur te verlengen. Ingevolge artikel 28, zevende lid, van de Onderwijs- en Examenregeling HU Bacheloropleidingen (hierna: de OER) zijn resultaten van tentamens, deeltentamens, stages en praktische oefeningen gedurende zes jaar geldig, tenzij in de studiegids een afwijkende termijn is vermeld. Op verzoek van de student kan de examencommissie de geldigheidsduur verlengen, dan wel een aanvullend of vervangend tentamen opleggen in geval de geldigheidsduur van een tentamen is verstreken. Resultaten van een met goed gevolg afgelegde propedeutisch examen en van een met goed gevolg afgelegd Associate degree zijn onbeperkt geldig. Ingevolge paragraaf van de Studiegids Bacheloropleiding Integrale Veiligheidskunde (hierna: de Studiegids), voor zover van belang, zijn de resultaten van tentamens, deeltentamens, stages, praktische oefeningen en van afgegeven vrijstellingen zes jaar geldig. Als de geldigheidsduur is verstreken kan de student de examencommissie verzoeken deze geldigheidsduur te verlengen op grond van de actualiteitswaarde dan wel een aanvullend of vervangend tentamen op te leggen. Resultaten van een met goed gevolg afgelegd propedeutisch examen en van een met goed gevolg afgelegd Associate degree zijn onbeperkt geldig. Voorts is in paragraaf van de Studiegids vermeld dat de student verlenging kan aanvragen indien hij: - zicht heeft op het afronden van de studie binnen één studiejaar. Verlenging wordt namelijk verleend voor maximaal 1 jaar. De geldigheidsduur kan in beginsel niet nogmaals verlengd worden; en - het studieplan van de student is geaccordeerd en ondertekend door de studieloopbaanbegeleider. Dit plan is opgemaakt conform het format in de studiehandleiding SLB. Verder vermeldt paragraaf van de Studiegids dat van cursussen die inhoudelijk niet verouderen of gelijkwaardig blijven qua competenties de resultaten worden verlengd. Bij IVK zijn dat Praktijktijd jaar 2 en Praktijktijd jaar 3. De Examencommissie heeft als uitgangspunt bij het beoordelen van verzoeken tot het verlengen van de geldigheidsduur de actualiteitswaarde van de voor het behaalde resultaat getentamineerde stof. Dit betekent dat de examencommissie de inhoud van de cursus van het toenmalige behaalde resultaat vergelijkt met de inhoud van een cursus die daarmee nu overeenkomt. Persoonlijke omstandigheden die geleid hebben tot studievertraging, worden niet meegewogen bij de beoordeling van de geldigheidsduur. 2.2 Appellant is in 2003 gestart met de opleiding Integrale Veiligheidskunde in deeltijd en heeft in 2004 zijn propedeuse behaald. In de studiejaren en stond appellant wel als student ingeschreven, maar heeft hij door gezondheidsproblemen geen onderwijs gevolgd en evenmin studieresultaten behaald. Met ingang van het studiejaar is in de OER opgenomen dat studieresultaten zes jaar geldig zijn. In dat studiejaar is de geldigheid van de studieresultaten van appellant met een jaar verlengd op grond van een algemeen pardon dat voor alle studenten gold. In 2012 heeft appellant samen met zijn studieloopbaanbegeleider een

4 studieplanning gemaakt met het oog om nog in het studiejaar af te studeren. Daartoe diende hij de cursus managementvaardigheden, het raamwerk en de scriptie af te ronden. Vervolgens is de geldigheid van zijn studieresultaten nogmaals met een jaar verlengd in verband met zijn gezondheidssituatie en het feit dat er uitzicht was op afstuderen op korte termijn. In 2012 heeft appellant vervolgens een ongeval gehad waardoor zijn medische situatie verslechterde. In april 2013 heeft appellant een aangepaste opdracht voor het vak managementvaardigheden afgerond en dat vak behaald. In mei 2013 is het raamwerk eveneens goedgekeurd en is appellant gestart met het schrijven van zijn scriptie. In augustus 2013 heeft de Afstudeercommissie de door appellant ingeleverde scriptie afgekeurd. Naar aanleiding daarvan heeft appellant op 4 september 2013 een verzoek om verlenging van de geldigheid van zijn studieresultaten ingediend bij de examencommissie. De examencommissie heeft dit verzoek afgewezen. Aan die beslissing heeft de examencommissie ten grondslag gelegd dat de stof van de vakken waar het verzoek op zag niet meer actueel was als bedoeld in paragraaf van de Studiegids en de geldigheid reeds eerder is verlengd. 2.3 Appellant betoogt dat het CBE ondanks het bestaan van bijzondere omstandigheden, waaronder begrepen zijn medische gesteldheid, ten onrechte heeft geoordeeld dat de examencommissie zijn verzoek om verlenging van de geldigheid van de door hem behaalde studieresultaten in redelijkheid heeft mogen afwijzen. Hiertoe voert appellant aan dat uit artikel 28, zevende lid, van de OER niet blijkt dat voor een verlenging een maximale termijn geldt en evenmin dat een verlenging niet vaker dan één keer mogelijk is. De tekst van artikel 28, zevende lid, van de OER geeft de examencommissie beleidsvrijheid om rekening te houden met bijzondere gevallen, aldus appellant. Volgens hem volgt ook uit paragraaf van de Studiegids dat een verlenging van de geldigheid van de studieresultaten met meer dan een jaar niet is uitgesloten, er ruimte is voor een belangenafweging en niet uitsluitend de actualiteitswaarde van de te vervallen vakken een rol hoeft te spelen. Verder stelt appellant dat het CBE heeft miskend dat de spelregels ten onrechte tijdens het spel zijn veranderd, omdat pas sinds het studiejaar het gewijzigde beleid uit de Studiegids geldt op grond waarvan bijzondere omstandigheden niet langer worden meegewogen bij de beoordeling van een verzoek om verlenging van de geldigheid van studieresultaten, maar uitsluitend de actualiteitswaarde van de vakken waarvan de geldigheid vervalt. In dit verband wijst appellant er op dat hij in het studiejaar juist in verband met zijn medische gesteldheid toestemming heeft gekregen om een vervangende opdracht voor het vak managementvaardigheden thuis uit te voeren. Het is onredelijk om nu ineens geen rekening meer te houden met de gezondheidsproblemen die hij heeft gehad, aldus appellant. Ook stelt hij dat het CBE ten onrechte ervan uitgaat dat hij voor een derde keer om verlenging van de geldigheid van zijn studieresultaten heeft gevraagd, nu hij voor de eerste keer op 13 juni 2012 een verzoek heeft ingediend om verlenging van de geldigheidsduur en zijn tweede verzoek thans aan de orde is. Voorts voert appellant aan dat hij reeds 232 van de 240 te behalen studiepunten heeft behaald, hij uitsluitend nog zijn scriptie dient af te ronden en het CBE heeft miskend dat het daarom ook onredelijk is dat zijn verzoek om verlenging van zijn studieresultaten is afgewezen. In dit verband brengt hij naar voren dat hij de door hem in de zomer van 2013 ingeleverde scriptie grotendeels zonder begeleiding heeft gemaakt, omdat zijn afstudeerbegeleider hem alleen in periode A van studiejaar wilde begeleiden als hij op de daarvoor vastgestelde data in Utrecht zou komen. Daartoe was hij door zijn gezondheidssituatie echter niet in staat, aldus appellant. Volgens hem bewijst zijn ingeleverde scriptie verder dat hij voldoet aan de eindkwalificaties van de opleiding Integrale Veiligheidskunde, nu zijn scriptie over het door de Amsterdamse politie gevoerde personeelsbeleid ter bevordering van etnische diversiteit de kranten heeft gehaald en er ook belangstelling voor was vanuit de Europese Commissie. Appellant betoogt voorts dat het CBE heeft miskend dat de kennis en kunde van deeltijdstudenten, anders dan bij voltijdstudenten, niet veroudert, omdat zij gedurende hun studie verplicht zijn werkzaamheden te verrichten in het veiligheidsdomein. Dit juist met het doel om de opgedane kennis en vaardigheden op peil te houden en om adequaat te kunnen functioneren. Wat betreft het argument van de examencommissie dat het curriculum van de opleiding sinds 2008 grondig is gewijzigd, stelt appellant dat hij daar ten onrechte niet van op de hoogte is gesteld en evenmin van de mogelijke gevolgen daarvan op het moment dat hij zijn studie na een lange periode van ziekte wilde afronden in Volgens hem had hij daar op gewezen moeten worden op het moment dat hij samen met de studieloopbaanbegeleider een studieplan opstelde, met name omdat de opleiding op de hoogte was van zijn gezondheidssituatie Het CBE heeft naar het oordeel van het College in hetgeen appellant heeft aangevoerd terecht geen aanleiding gezien de weigering van de examencommissie de geldigheid van de door hem behaalde studieresultaten te verlengen niet in stand te laten. Op grond van artikel 7.13, tweede lid, sub k, van de WHW heeft de Hogeschool Utrecht sinds het studiejaar in de OER opgenomen dat de geldigheidsduur van studieresultaten zes jaar bedraagt, tenzij in de

5 studiegids een afwijkende termijn is vermeld. Paragraaf van de Studiegids bevat geen afwijkende termijn. Naar aanleiding van deze wijziging van de OER in het studiejaar heeft de examencommissie voor dat studiejaar de te vervallen studieresultaten van alle studenten, waaronder appellant, verlengd met één jaar. Vervolgens is die geldigheid op verzoek van appellant bij beslissing van 11 juli 2012 nogmaals met één jaar verlengd op basis van een verklaring van de decaan. Daarbij is rekening gehouden met de gezondheidssituatie van appellant en het uitgangspunt dat hij op korte termijn zou afstuderen. In die beslissing is expliciet vermeld dat de verlenging slechts eenmaal zou plaatsvinden. Appellant wist op dat moment dus al dat een extra verlenging niet mogelijk zou zijn. Met het CBE is het College verder van oordeel dat het niet onredelijk kan worden geacht dat de examencommissie als beleid hanteert dat uitsluitend de actualiteitswaarde van reeds behaalde vakken een rol speelt bij de beoordeling van een verzoek om verlenging van de geldigheid daarvan. Dit in verband met de maatschappelijke taak van een opleiding om ervoor te zorgen dat studenten die afstuderen over actuele kennis en vaardigheden beschikken. Wat betreft het curriculum van de opleiding Integrale Veiligheidskunde, heeft het CBE toegelicht dat dit de laatste jaren grondig is vernieuwd in verband met een interne audit die heeft plaatsgevonden ten behoeve van de accreditatie in De examencommissie heeft de actualiteitswaarde van de vakken waarvan appellant om verlenging van de geldigheid heeft verzocht onderzocht en is tot de conclusie gekomen dat een groot deel daarvan niet langer de vereiste actualiteitswaarde heeft. Het CBE heeft met juistheid overwogen dat de examencommissie voldoende heeft aangetoond dat de meeste van de door appellant behaalde vakken waarvan de geldigheid vervalt niet meer actueel zijn en dat het nogmaals verlengen van de geldigheid van die vakken, terwijl de geldigheid al tweemaal is verlengd met één jaar, niet verantwoord kan worden geacht. De stelling van appellant dat hij uitsluitend nog zijn scriptie dient af te ronden en zijn ingeleverde scriptie aantoont dat hij over de door de opleiding vereiste competenties beschikt, biedt geen grond voor een ander oordeel. Indien hij zijn scriptie afrondt, betekent dit niet zonder meer dat hij over de vereiste competenties beschikt en de actualiteitswaarde van eerder afgeronde cursussen wel is aangetoond. De competenties worden gedurende de gehele opleiding getoetst en niet uitsluitend tijdens het afsluitende afstudeergedeelte. Wat betreft zijn ingeleverde scriptie, geldt dat die door de Afstudeercommissie is afgewezen op een groot aantal punten. Dat, naar appellant verder heeft gesteld, de actualiteit van zijn kennis onder meer blijkt uit de binnen de deeltijdopleiding uitgevoerde opdrachten in het werkveld en zijn jarenlange werkervaring, geldt dat bij de beoordeling van de actualiteitswaarde het niet om de actualiteit van zijn kennis gaat, maar om de actualiteit van de tot het examenprogramma behorende cursussen. Het CBE heeft voorts uiteengezet dat over de wijziging van de regelgeving en het beleid betreffende de verlenging van studieresultaten veelvuldig is gecommuniceerd met studenten en tevens dat de geldigheidsduur en de wijze waarop wordt omgegaan met verzoeken om verlenging van de geldigheid van studieresultaten zijn beschreven in de OER en de Studiegids. Met het CBE is het College van oordeel dat appellant dan ook niet kan worden gevolgd in zijn standpunt dat hij ten onrechte niet op de hoogte is gesteld van de wijziging in de regelgeving en het beleid. Dat het beleid is gewijzigd gedurende de tijd dat appellant zijn opleiding volgt, biedt geen grond voor het oordeel dat de beslissing van het CBE niet in stand kan blijven. Het kan niet onredelijk worden geacht dat beleid in de loop van de jaren wijzigt. Daarnaast vindt een inschrijving door een student telkens voor één jaar plaats en worden de OER en de Studiegids ieder jaar opnieuw vastgesteld. Het ligt op de weg van een student om zich van de inhoud daarvan op de hoogte te stellen voordat hij zich inschrijft. Bovendien is de examencommissie naar aanleiding van de gewijzigde regelgeving alle studenten van de opleiding tegemoet gekomen door voor iedereen in het studiejaar de geldigheid van te vervallen studieresultaten met een jaar te verlengen. Het betoog faalt. 2.4 Het beroep is ongegrond. 2.5 Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. 3. Beslissing Het College Rechtdoende: verklaart het beroep ongegrond.

het College van Beroep voor de Examens van de Universiteit van Amsterdam (hierna: CBE), verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de Universiteit van Amsterdam (hierna: CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/085 Rechter(s) : mrs. Nijenhof, Olivier, Borman Datum uitspraak : 5 november 2013 Partijen : Appellant tegen CBE Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : Bevoegdheid examencommissie,

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/068 Rechter(s) : mrs. Nijenhof, Olivier, Borman Datum uitspraak : 6 november 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Hogeschool Utrecht Trefwoorden : Beleidsvrijheid, in stand laten rechtsgevolgen,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/089 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 18 augustus 2015 Partijen : Appellante en CBE Erasmus Universiteit Rotterdam

Zaaknummer : CBHO 2015/089 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 18 augustus 2015 Partijen : Appellante en CBE Erasmus Universiteit Rotterdam Zaaknummer : CBHO 2015/089 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 18 augustus 2015 Partijen : Appellante en CBE Erasmus Universiteit Rotterdam Trefwoorden : bindend negatief studieadvies compensatieregeling

Nadere informatie

Zaaknummer : 2013/261

Zaaknummer : 2013/261 Zaaknummer : 2013/261 Rechter[s] : mr. Troostwijk Datum uitspraak : 27 maart 2014 Partijen : Appellante tegen CBE De Haagse Hogeschool Trefwoorden : Begeleiding, BNSA, gelijkheidsbeginsel, [extra]herkansing,

Nadere informatie

Zaaknummer : 2013/207 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juli 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden :

Zaaknummer : 2013/207 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juli 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : Zaaknummer : 2013/207 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juli 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : NBSA, causaal verband, herkansing, persoonlijke omstandigheden,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/254 Rechter(s) : mr. B.K. Olivier Datum uitspraak : 13 januari 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland

Zaaknummer : CBHO 2015/254 Rechter(s) : mr. B.K. Olivier Datum uitspraak : 13 januari 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland Zaaknummer : CBHO 2015/254 Rechter(s) : mr. B.K. Olivier Datum uitspraak : 13 januari 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden : bewijsmiddelen bindend negatief studieadvies BNSA

Nadere informatie

Bij beslissing van 28 augustus 2013 heeft de examencommissie van de opleiding Informatica appellant een negatief bindend studieadvies gegeven.

Bij beslissing van 28 augustus 2013 heeft de examencommissie van de opleiding Informatica appellant een negatief bindend studieadvies gegeven. Zaaknummer : CBHO 2014/045 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 23 juni 2014 Partijen : Appellant tegen Hogeschool Leiden Trefwoorden : Bijzondere omstandigheden, duale opleiding NBSA, negatief bindend

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2014/060 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juni 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden

Zaaknummer : CBHO 2014/060 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juni 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden Zaaknummer : CBHO 2014/060 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juni 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : NBSA, causaal verband, persoonlijke omstandigheden,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2016/180.5 Rechter(s) : mr. Streefkerk Datum uitspraak : 2 november 2016 Partijen : appellant en CBE Hogeschool Inholland

Zaaknummer : CBHO 2016/180.5 Rechter(s) : mr. Streefkerk Datum uitspraak : 2 november 2016 Partijen : appellant en CBE Hogeschool Inholland Zaaknummer : CBHO 2016/180.5 Rechter(s) : mr. Streefkerk Datum uitspraak : 2 november 2016 Partijen : appellant en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden : Ad-programma bijzondere omstandigheden bindend

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (hierna: het CBE), verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (hierna: het CBE), verweerder. Zaaknummer : CBHO 2014/272 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 17 juli 2015 Partijen : Appellante en CBE Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Trefwoorden : afwijzing bezwaarprocedure bindend negatief

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de Haagse Hogeschool (hierna: het CBE), verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de Haagse Hogeschool (hierna: het CBE), verweerder. Zaaknummer : CBHO 2015/293 en 2015/293.1 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 12 januari 2016 Partijen : Appellant en Haagse Hogeschool Trefwoorden : bindend negatief studieadvies BNSA duidelijkheid

Nadere informatie

Bij beslissing van 9 juli 2014 heeft het CBE het door appellante daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Bij beslissing van 9 juli 2014 heeft het CBE het door appellante daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Zaaknummer : 2014/125.5 Rechter(s) : mrs. Olivier, Lubberdink en Kleijn Datum uitspraak : 8 oktober 2014 Partijen : Appellante tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : Bindend studieadvies, BNSA,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2013/233 Rechter(s) : mr. Lubberdink Datum uitspraak : 13 juni 2014 Partijen : Appellant tegen de Hogeschool Inholland Trefwoorden

Zaaknummer : CBHO 2013/233 Rechter(s) : mr. Lubberdink Datum uitspraak : 13 juni 2014 Partijen : Appellant tegen de Hogeschool Inholland Trefwoorden Zaaknummer : CBHO 2013/233 Rechter(s) : mr. Lubberdink Datum uitspraak : 13 juni 2014 Partijen : Appellant tegen de Hogeschool Inholland Trefwoorden : Afwijzing, bindend negatief studieadvies, BNSA, herkansing

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/001/CBE en 2014/001.1

Zaaknummer : 2014/001/CBE en 2014/001.1 Zaaknummer : 2014/001/CBE en 2014/001.1 Rechter(s) : mr. Nijenhof Datum uitspraak : 27 februari 2014 Partijen : Verzoeker tegen CBE Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Trefwoorden : [duur] Bindend negatief

Nadere informatie

het college van beroep voor de examens van Fontys Hogescholen (hierna: CBE), verweerder.

het college van beroep voor de examens van Fontys Hogescholen (hierna: CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/041 Rechter(s) : mrs. Olivier, Troostwijk, Scholten-Hinloopen Datum uitspraak : 12 juni 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Fontys Hogescholen Trefwoorden : Beoordeling, bindend negatief

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de HZ University of Applied Sciences, gevestigd te Vlissingen, verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de HZ University of Applied Sciences, gevestigd te Vlissingen, verweerder. Zaaknummer : 2014/232A en 232B Rechter[s] : mrs. Nijenhof, Van der Spoel, Hoogvliet Datum uitspraak : 25 maart 2015 Partijen : Appellant en CBE Hogeschool Zeeland Trefwoorden : Bindend negatief studieadvies

Nadere informatie

het college van beroep voor de examens van de Saxion Hogeschool (hierna: CBE), verweerder.

het college van beroep voor de examens van de Saxion Hogeschool (hierna: CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/079 Rechter(s) : mrs. Loeb, De Rijke-Maas, Borman Datum uitspraak : 21 augustus 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Saxion Hogeschool Trefwoorden : [tijdig]aanvoeren gronden, deficiëntie,

Nadere informatie

Zaaknummer : 2013/129

Zaaknummer : 2013/129 Zaaknummer : 2013/129 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 13 november 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : Bindend negatief studieadvies, finale geschillenbeslechting,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/247.5 Rechter(s) : mrs. Borman, Lubberdink en Streefkerk Datum uitspraak : 6 juni 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool

Zaaknummer : CBHO 2015/247.5 Rechter(s) : mrs. Borman, Lubberdink en Streefkerk Datum uitspraak : 6 juni 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Zaaknummer : CBHO 2015/247.5 Rechter(s) : mrs. Borman, Lubberdink en Streefkerk Datum uitspraak : 6 juni 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Utrecht Trefwoorden : beroepspraktijk bijzondere omstandigheden

Nadere informatie

het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam (hierna: het college van bestuur), verweerder.

het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam (hierna: het college van bestuur), verweerder. Zaaknummer : 2012/016 Rechter(s) : mrs. Olivier, Mollee, Kleijn Datum uitspraak : 12 juni 2012 Partijen : Appellant tegen Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : Bijzondere omstandigheden, gelijkheidsbeginsel,

Nadere informatie

het college van beroep voor de examens van De Haagse Hogeschool (hierna: het CBE), verweerder.

het college van beroep voor de examens van De Haagse Hogeschool (hierna: het CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/268 Rechter(s) : mr. Troostwijk Datum uitspraak : 17 april 2014 Partijen : Appellante tegen het CBE van De Haagse Hogeschool Trefwoorden : NBSA, negatief bindend studieadvies, Osiris,

Nadere informatie

Zaaknummer : 2012/220 en 220.1

Zaaknummer : 2012/220 en 220.1 Zaaknummer : 2012/220 en 220.1 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 3 december 2012 Partijen : Appellant tegen NHTV internationale hogeschool Breda Trefwoorden : Begeleiding student, bindend negatief

Nadere informatie

3 oktober 2012 heeft plaatsgevonden, leidt niet tot een ander oordeel.

3 oktober 2012 heeft plaatsgevonden, leidt niet tot een ander oordeel. Zaaknummer : 2013/073 Rechter(s) : mrs. Loeb, Troostwijk, Van der Spoel Datum uitspraak : 7 oktober 2013 Partijen : Appellante tegen Rijksuniversiteit Groningen Trefwoorden : Aanmelding, afstudeertijdstip,

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/204 en 204.1

Zaaknummer : 2014/204 en 204.1 Zaaknummer : 2014/204 en 204.1 Rechter(s) : mr. Nijenhof Datum uitspraak : 28 december 2014 Partijen : Appellant en Radboud Universiteit Nijmegen Trefwoorden : Aanmaning ter voldoening Betalingsverplichting

Nadere informatie

Zaaknummer : 2013/020 en 020.1

Zaaknummer : 2013/020 en 020.1 Zaaknummer : 2013/020 en 020.1 Rechter(s) : mr. Troostwijk Datum uitspraak : 23 april 2013 Partijen : Verzoekster tegen Vrije Universiteit Amsterdam Trefwoorden : Bijzondere omstandigheden, [instellings]collegegeld,

Nadere informatie

Uitspraak in de zaak tussen: [naam], wonende te [woonplaats], appellant,

Uitspraak in de zaak tussen: [naam], wonende te [woonplaats], appellant, Zaaknummer : 2014/005 Rechter(s) : mrs. Nijenhof, Lubberdink en Van der Spoel Datum uitspraak : 11 juni 2014 Partijen : Appellant tegen Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : Beoordeling tentamen, deskundigheid,

Nadere informatie

Uitspraak in de zaak tussen: [naam], wonende te [woonplaats], appellante,

Uitspraak in de zaak tussen: [naam], wonende te [woonplaats], appellante, Zaaknummer : CBHO 2015/262 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 19 januari 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden : Ad-programma advies bijzondere omstandigheden bindend

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/059 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 2 maart 2016 Partijen : appellant en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden :

Zaaknummer : CBHO 2015/059 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 2 maart 2016 Partijen : appellant en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden : Zaaknummer : CBHO 2015/059 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 2 maart 2016 Partijen : appellant en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden : bindend negatief studieadvies causaal verband deeltijdstudent

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/069 Rechter(s) : mr. Nijenhof. Datum uitspraak : 23 juli 2014 Partijen : Appellante tegen het CBE van de Hogeschool Rotterdam

Zaaknummer : 2014/069 Rechter(s) : mr. Nijenhof. Datum uitspraak : 23 juli 2014 Partijen : Appellante tegen het CBE van de Hogeschool Rotterdam Zaaknummer : 2014/069 Rechter(s) : mr. Nijenhof. Datum uitspraak : 23 juli 2014 Partijen : Appellante tegen het CBE van de Hogeschool Rotterdam Trefwoorden : Assessment, kennen en kunnen, stage Artikelen

Nadere informatie

het college van bestuur van de Vrije Universiteit van Amsterdam, verweerder.

het college van bestuur van de Vrije Universiteit van Amsterdam, verweerder. Zaaknummer : 2013/010 Rechter(s) : mrs. Loeb, Olivier, Van der Spoel, Datum uitspraak : 25 juni 2013 Partijen : Appellant tegen Vrije Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : [instellings-]collegegeld,

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/159 en Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 17 oktober 2014 Partijen : Verzoekster tegen Hogeschool voor de Kunsten

Zaaknummer : 2014/159 en Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 17 oktober 2014 Partijen : Verzoekster tegen Hogeschool voor de Kunsten Zaaknummer : 2014/159 en 159.1 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 17 oktober 2014 Partijen : Verzoekster tegen Hogeschool voor de Kunsten Utrecht Trefwoorden : Beoordeling, kennen en kunnen, onverwijlde

Nadere informatie

Bij beslissing van 14 april 2013 heeft het college van bestuur het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij beslissing van 14 april 2013 heeft het college van bestuur het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Zaaknummer : 2013/091 Rechter(s) : mrs. Nijenhof, Olivier, Borman Datum uitspraak : 9 oktober 2013 Partijen : Appellant tegen Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : Bestuursakkoord collegegeld tweede

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/145

Zaaknummer : 2014/145 Zaaknummer : 2014/145 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 10 december 2014 Partijen : Appellant en CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : (schriftelijk) advies studentendecaan, bindend negatief

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/150 : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam

Zaaknummer : 2014/150 : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam Zaaknummer : 2014/150 Rechter(s) : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 Partijen : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam Trefwoorden : Bevoegdheid College Bekostiging

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 3 2 1 2

U I T S P R A A K 1 3 2 1 2 U I T S P R A A K 1 3 2 1 2 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen de Examencommissie Propedeuse van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 0 7 5 8 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van de heer XXX, appellant tegen het College van Bestuur, verweerder 1. Ontstaan en loop

Nadere informatie

Zaaknummers : 2011/019 en 019.1

Zaaknummers : 2011/019 en 019.1 Zaaknummers : 2011/019 en 019.1 Rechter : mr. Nijenhof Datum uitspraak : 14 februari 2011 Partijen : Appellante tegen Rijksuniversiteit Groningen Trefwoorden : CRIHO, differentiatie instellingscollegegeld,

Nadere informatie

het college van beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder.

het college van beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder. Zaaknummer : 2014/186 Rechter[s] : mrs. Olivier, Scholten-Hinloopen, Verheij Datum uitspraak : 4 februari 2015 Partijen : Appellant en CBE Examens van de Hogeschool Utrecht Trefwoorden : Stage Toezeggingen

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/033 Rechter(s) : mrs. Olivier, Lubberdink en Troostwijk Datum uitspraak : 7 augustus 2015 Partijen : Appellant en

Zaaknummer : CBHO 2015/033 Rechter(s) : mrs. Olivier, Lubberdink en Troostwijk Datum uitspraak : 7 augustus 2015 Partijen : Appellant en Zaaknummer : CBHO 2015/033 Rechter(s) : mrs. Olivier, Lubberdink en Troostwijk Datum uitspraak : 7 augustus 2015 Partijen : Appellant en Rijksuniversiteit Groningen Trefwoorden : EU/EER nationaliteit gelijkheidsbeginsel

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4 1 6 3

U I T S P R A A K 1 4 1 6 3 U I T S P R A A K 1 4 1 6 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen het Bestuur van de Faculteit Geesteswetenschappen, verweerder

Nadere informatie

Uitspraak in de zaak tussen: [naam], wonende te [woonplaats], appellant, het College van Beroep voor de Examens van Hogeschool Inholland, verweerder.

Uitspraak in de zaak tussen: [naam], wonende te [woonplaats], appellant, het College van Beroep voor de Examens van Hogeschool Inholland, verweerder. Zaaknummer : CBHO 2016/098 Rechter(s) : mr. Streefkerk Datum uitspraak : 19 augustus 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden : advies bindend negatief studieadvies causaal verband

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/038 Rechter(s) : mr. Kleijn Datum uitspraak : 28 juli 2014 Partijen : Appellant tegen het CvB van Hogeschool van Amsterdam

Zaaknummer : 2014/038 Rechter(s) : mr. Kleijn Datum uitspraak : 28 juli 2014 Partijen : Appellant tegen het CvB van Hogeschool van Amsterdam Zaaknummer : 2014/038 Rechter(s) : mr. Kleijn Datum uitspraak : 28 juli 2014 Partijen : Appellant tegen het CvB van Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : Afstuderen, beëindiging inschrijving, bericht

Nadere informatie

U I T S P R A A K 10 136

U I T S P R A A K 10 136 U I T S P R A A K 10 136 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen de Examencommissie Bachelor Rechtsgeleerdheid, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 0-1 2 2 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen Bachelor Examencommissie Instituut Politieke Wetenschappen,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2016/074 Rechter(s) : mr. Streefkerk Datum uitspraak : 10 oktober 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland

Zaaknummer : CBHO 2016/074 Rechter(s) : mr. Streefkerk Datum uitspraak : 10 oktober 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland Zaaknummer : CBHO 2016/074 Rechter(s) : mr. Streefkerk Datum uitspraak : 10 oktober 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden : bindend negatief studieadvies causaal verband eerstejaarsprogramma

Nadere informatie

Uitspraak in de zaak tussen: [naam appellant], wonende te [naam woonplaats], appellant,

Uitspraak in de zaak tussen: [naam appellant], wonende te [naam woonplaats], appellant, Zaaknummer: 2009/025 Rechter(s): mrs. Nijenhof, Lubberdink, Borman Datum uitspraak: 19 oktober 2009 Partijen: Appellant tegen Technische Universiteit Delft Trefwoorden: Erkenning bijzondere omstandigheden,

Nadere informatie

ECLI:NL:RVS:2015:3340

ECLI:NL:RVS:2015:3340 ECLI:NL:RVS:2015:3340 Instantie Raad van State Datum uitspraak 04-11-2015 Datum publicatie 04-11-2015 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie 201410637/1/A3 Bestuursrecht Hoger

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 5-147 Rapenburg 70 Postbus 9500 2300 RA Leiden T 071 527 81 18 van het College van beroep van de Universiteit Leiden inzake het beroep van de [naam], appellant tegen het Bestuur der

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 3 2 3 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam en woonplaats apellant], appellant tegen examinator Politiek en Politieke Wetenschap,

Nadere informatie

het college van bestuur van de Universiteit Leiden, gevestigd te Leiden, verweerder.

het college van bestuur van de Universiteit Leiden, gevestigd te Leiden, verweerder. Zaaknummer: 2008/008 Rechter(s): mrs. Loeb, Lubberdink, Mollee Datum uitspraak: 20 juni 2008 Partijen: appellant tegen college van bestuur van de Universiteit Leiden Trefwoorden: Bijzondere omstandigheden,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/047 Rechter(s) : mrs. Olivier, Scholten-Hinloopen en Verheij Datum uitspraak : 7 augustus 2015 Partijen : Appellant en

Zaaknummer : CBHO 2015/047 Rechter(s) : mrs. Olivier, Scholten-Hinloopen en Verheij Datum uitspraak : 7 augustus 2015 Partijen : Appellant en Zaaknummer : CBHO 2015/047 Rechter(s) : mrs. Olivier, Scholten-Hinloopen en Verheij Datum uitspraak : 7 augustus 2015 Partijen : Appellant en Juridische Hogeschool Avans - Fontys Trefwoorden : beoordeling

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2014/302 Rechter(s) : mrs. Borman, Troostwijk en Kleijn Datum uitspraak : 23 september 2015 Partijen : Appellant en Hogeschool van

Zaaknummer : CBHO 2014/302 Rechter(s) : mrs. Borman, Troostwijk en Kleijn Datum uitspraak : 23 september 2015 Partijen : Appellant en Hogeschool van Zaaknummer : CBHO 2014/302 Rechter(s) : mrs. Borman, Troostwijk en Kleijn Datum uitspraak : 23 september 2015 Partijen : Appellant en Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : aanmelden bekostiging belangenafweging

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 0-1 37 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen de Examencommissie Bachelor Rechtsgeleerdheid, verweerder 1.

Nadere informatie

het college van bestuur van de Hogeschool van Amsterdam (hierna: de hogeschool), verweerder.

het college van bestuur van de Hogeschool van Amsterdam (hierna: de hogeschool), verweerder. Zaaknummer : 2013/249 Rechter(s) : mrs. Troostwijk, Lubberdink, Borman Datum uitspraak : 9 mei 2014 Partijen : Appellant tegen CvB Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : Bedreigingsgevaar, belangenafweging,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 0 9 1 0 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen de Examencommissie propedeuse Rechtsgeleerdheid, verweerster

Nadere informatie

Het College van beroep voor de examens aan de Universiteit Utrecht (hierna: het College) heeft de volgende uitspraak gedaan op het beroep van:

Het College van beroep voor de examens aan de Universiteit Utrecht (hierna: het College) heeft de volgende uitspraak gedaan op het beroep van: CBE, Postbus 80125, 3508 TC Utrecht College van Beroep voor de Examens ex artikel 7.60 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Bezoekadres Heidelberglaan 8, Utrecht UITSPRAAK Ons

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 3 1 5 4

U I T S P R A A K 1 3 1 5 4 U I T S P R A A K 1 3 1 5 4 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het Bestuur van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4 0 4 9

U I T S P R A A K 1 4 0 4 9 U I T S P R A A K 1 4 0 4 9 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen de Examencommissie Bachelor Fiscaal Recht, verweerder 1.

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 2 1 1 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het Bestuur van de Faculteit Wiskunde & Natuurwetenschappen

Nadere informatie

Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden

Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden Trefwoorden: Algemeen verbindend voorschrift,

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 1 0 8 8

U I T S P R A A K 1 1 0 8 8 U I T S P R A A K 1 1 0 8 8 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX appellante tegen de Examencommissie propedeuse Rechtsgeleerdheid, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 5 1 6 3 van het College van beroep van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen de Examencommissie van de opleiding Bestuurskunde, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 3 1 3 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het Bestuur van de Faculteit Sociale Wetenschappen, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K 12 0 9 6

U I T S P R A A K 12 0 9 6 U I T S P R A A K 12 0 9 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het Faculteitsbestuur Rechtsgeleerdheid, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

Verweerder heeft op 7 november 1995 een verweerschrift ingediend.

Verweerder heeft op 7 november 1995 een verweerschrift ingediend. Zaaknummer: 1995/147 Rechter(s): mrs. Loeb, Martens, dr Brommer Datum uitspraak: 4 maart 1996 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Rijksuniversiteit Groningen Trefwoorden: Fatale datum, bekendmaking

Nadere informatie

Uitspraak in de zaak tussen:

Uitspraak in de zaak tussen: Zaaknummer: 1995/120 Rechter(s): mrs. Olivier, Nijenhof, Hingst Datum uitspraak: 15 december 1995 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Katholieke Universiteit Nijmegen Trefwoorden: Beoordelingsmaatstaf,

Nadere informatie

25 oktober 2016 Beroep [appellant] negatief bindend studieadvies

25 oktober 2016 Beroep [appellant] negatief bindend studieadvies CBE, Postbus 80125, 3508 TC Utrecht College van Beroep voor de Examens ex artikel 7.60 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Bezoekadres Heidelberglaan 8, Utrecht UITSPRAAK Ons

Nadere informatie

Verweerder heeft op 20 september 1995 desverzocht nog een stuk in het geding gebracht.

Verweerder heeft op 20 september 1995 desverzocht nog een stuk in het geding gebracht. Zaaknummer: 1995/122 Rechter(s): mrs. Olivier, Nijenhof, Hingst Datum uitspraak: 15 december 1995 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Katholieke Universiteit Nijmegen Trefwoorden: Motiveringsbeginselen,

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4-3 0 5

U I T S P R A A K 1 4-3 0 5 U I T S P R A A K 1 4-3 0 5 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellante tegen het Bestuur van de Faculteit Campus Den Haag, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 3-0 87

U I T S P R A A K 1 3-0 87 U I T S P R A A K 1 3-0 87 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep XXX, appellant tegen het Bestuur van de Faculteit der Geesteswetenschappen, verweerder

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/104 Rechter(s) : mrs. Olivier, Van der Spoel en Verheij Datum uitspraak : 5 november 2015 Partijen : Appellante en

Zaaknummer : CBHO 2015/104 Rechter(s) : mrs. Olivier, Van der Spoel en Verheij Datum uitspraak : 5 november 2015 Partijen : Appellante en Zaaknummer : CBHO 2015/104 Rechter(s) : mrs. Olivier, Van der Spoel en Verheij Datum uitspraak : 5 november 2015 Partijen : Appellante en Universiteit Maastricht Trefwoorden : algemeen verbindend voorschrift

Nadere informatie

Uitspraak in de zaak tussen:

Uitspraak in de zaak tussen: Zaaknummer: 1996/165 Rechter(s): mrs. Loeb, Martens, Hingst Datum uitspraak: 22 november 1996 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Hogeschool Eindhoven Trefwoorden: Vrijstellingen, zorgvuldige

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 4 0 1 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam en woonplaats], appellant tegen de Facultaire Examencommissie van de Faculteit

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 1-0 2 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van xxx, appellante tegen de Examencommissie Instituut Bestuurskunde, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/228 : mrs. Nijenhof, Borman, Verheij Datum uitspraak : 4 februari 2015 : Appellant en CBE Hogeschool Rotterdam

Zaaknummer : 2014/228 : mrs. Nijenhof, Borman, Verheij Datum uitspraak : 4 februari 2015 : Appellant en CBE Hogeschool Rotterdam Zaaknummer : 2014/228 Rechter[s] : mrs. Nijenhof, Borman, Verheij Datum uitspraak : 4 februari 2015 Partijen : Appellant en CBE Hogeschool Rotterdam Trefwoorden : [tentamen] Fraude [tentamen] Inschrijving

Nadere informatie

U I T S P R A A K 07 73

U I T S P R A A K 07 73 U I T S P R A A K 07 73 van het College van Beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het College van Bestuur, verweerder 1. Ontstaan en loop van het

Nadere informatie

X wonende te Y, appellant, tegen het college van bestuur van de Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans verweerder,

X wonende te Y, appellant, tegen het college van bestuur van de Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans verweerder, Zaaknummer: 1995/155 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 21 december 1995 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans Trefwoorden: Auditor, inschrijving,

Nadere informatie

Uitspraak 201405096/1/A2

Uitspraak 201405096/1/A2 Uitspraak 201405096/1/A2 Datum van uitspraak: Tegen: Proceduresoort: Rechtsgebied: 201405096/1/A2. Datum uitspraak: 21 januari 2015 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK woensdag 21 januari 2015 Uitspraak op het

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2016/024 Rechter(s) : mrs. Lubberdink, Streefkerk en Drop Datum uitspraak : 4 juli 2016 Partijen : Appellante en CBE ArtEZ

Zaaknummer : CBHO 2016/024 Rechter(s) : mrs. Lubberdink, Streefkerk en Drop Datum uitspraak : 4 juli 2016 Partijen : Appellante en CBE ArtEZ Zaaknummer : CBHO 2016/024 Rechter(s) : mrs. Lubberdink, Streefkerk en Drop Datum uitspraak : 4 juli 2016 Partijen : Appellante en CBE ArtEZ Hogeschool voorde Kunsten Trefwoorden : diploma dwangsom fraude

Nadere informatie

Het College van Beroep voor de Examens van de Radboud Universiteit Nijmegen doet hierbij uitspraak inzake het beroep van:...

Het College van Beroep voor de Examens van de Radboud Universiteit Nijmegen doet hierbij uitspraak inzake het beroep van:... UITSPRAAK Het College van Beroep voor de Examens van de Radboud Universiteit Nijmegen doet hierbij uitspraak inzake het beroep van:... appellant tegen de beslissing van de examencommissie Rechtsgeleerdheid

Nadere informatie

Uitspraak in de zaak van:

Uitspraak in de zaak van: Zaaknummer: 2004/075 Rechter(s): mrs. Martens, Lubberdink, Borman Datumuitspraak: 11 februari 2005 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Hogeschool INHOLLAND Trefwoorden: Certificaten, inherente

Nadere informatie

Vertrouwensbeginsel, terugwerkende kracht Artikelen: WHW art lid 1,3 en 4, Uitvoeringsbesluit WHW art. 2.1 en 2.2 lid 1, Awb art.

Vertrouwensbeginsel, terugwerkende kracht Artikelen: WHW art lid 1,3 en 4, Uitvoeringsbesluit WHW art. 2.1 en 2.2 lid 1, Awb art. Zaaknummer: 1997/209 Rechter(s): mrs. Loeb, Martens, Nijenhof Datum uitspraak: 14 januari 1998 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Rijksuniversiteit Trefwoorden: Vertrouwensbeginsel, terugwerkende

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 5 1 0 5

U I T S P R A A K 1 5 1 0 5 U I T S P R A A K 1 5 1 0 5 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen de Bestuursraad van het ICLON, verweerder 1. Ontstaan en

Nadere informatie

het college van bestuur van de Universiteit Maastricht, gevestigd te Maastricht, verweerder.

het college van bestuur van de Universiteit Maastricht, gevestigd te Maastricht, verweerder. Zaaknummer : 2010/071 Rechter(s) : mrs. Mollee, Borman, Kleijn Datum uitspraak : 8 augustus 2011 Partijen : Appellant tegen Universiteit Maastricht Trefwoorden : Algemeen verbindend voorschrift, [instellings]collegegeld,

Nadere informatie

Decentrale selectie, deficiëntie vooropleiding, numerus fixus opleiding, toelating eerste cursusjaar, vertrouwensbeginsel

Decentrale selectie, deficiëntie vooropleiding, numerus fixus opleiding, toelating eerste cursusjaar, vertrouwensbeginsel Nr. CBHO 2000/18 (mrs. Martens, Mollee, Borman) 24 juli 2000 Decentrale selectie, deficiëntie vooropleiding, numerus fixus opleiding, toelating eerste cursusjaar, vertrouwensbeginsel WHW art. 7.53[oud],

Nadere informatie

vanstate /1/V6. Datum uitspraak: 28 maart 2012 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

vanstate /1/V6. Datum uitspraak: 28 maart 2012 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Raad vanstate 201108441/1/V6. Datum uitspraak: 28 maart 2012 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak na vereenvoudigde behandeling (artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) op het

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4 0 6 6

U I T S P R A A K 1 4 0 6 6 U I T S P R A A K 1 4 0 6 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellante tegen het Bestuur van de Faculteit der Geneeskunde, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 2 1 1 0 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen de Raad van Bestuur van het Leids Universitair Medisch Centrum,

Nadere informatie

Errata Studiegids. Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Deeltijd

Errata Studiegids. Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Deeltijd Errata Studiegids Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs Deeltijd 2015-2016 Inhoudsopgave 1 Algemeen 3 2 Errata 4 2.1 Afstuderen (paragraaf 2.5.6)... 4 2.2 HU Onderwijsrooster (paragraaf 6.1)... 4 2.3

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 4-1 0 4 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam en woonplaats], appellante tegen [naam], verweerder 1. Ontstaan en loop van

Nadere informatie

het college van bestuur van de Leidse Hogeschool, verweerder, gemachtigde: mw. mr C.F. Mewe, werkzaam bij de centrale diensten van de hogeschool

het college van bestuur van de Leidse Hogeschool, verweerder, gemachtigde: mw. mr C.F. Mewe, werkzaam bij de centrale diensten van de hogeschool Zaaknummer: 1994/103 Rechter(s): mrs. Loeb, Hingst, Olivier, Datum uitspraak: 8 december 1994 Partijen: Appellant tegen Leidse Hogeschool Trefwoorden: Auditor, terugwerkende kracht, eerbiedigende werking,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 1-1 5 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen de Examencommissie Propedeuse Rechtsgeleerdheid, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 0 9-1 2 1 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van mevrouw XXX te Leiden, appellante tegen de het bestuur van de Faculteit der Geneeskunde,

Nadere informatie

het college van burgemeester en wethouders van Son en Breugel proceduresoort Eerste aanleg - meervoudig rechtsgebied Kamer 2 - Milieu - Overige

het college van burgemeester en wethouders van Son en Breugel proceduresoort Eerste aanleg - meervoudig rechtsgebied Kamer 2 - Milieu - Overige Essentie uitspraak: Een bedrijfswoning moet een functionele binding hebben met het bedrijf. Dat moet in de milieuvergunning zijn geregeld. Het bestemmingsplan moet de functie bedrijfswoning vervolgens

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 10-0 3 0 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen de Examencommissie Japanese Studies, verweerster 1. Ontstaan

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 0 7 0 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van de XXX, appellant tegen XXX als examinator voor het vak Encyclopedie van de Rechtswetenschap,

Nadere informatie

COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS

COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS Uitspraak inzake het beroep d.d. 10 februari 2012, ontvangen op 14 februari 2012, aangevuld op 15 februari 2012, van X, hierna te noemen appellant, tegen het besluit

Nadere informatie

Uitspraak /1/A1

Uitspraak /1/A1 pagina 1 van 5 Uitspraak 201506029/1/A1 Datum van uitspraak: woensdag 14 september 2016 Tegen: het college van burgemeester en wethouders van Utrechtse Heuvelrug Proceduresoort: Hoger beroep Rechtsgebied:

Nadere informatie

COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS. Uitspraak van het College van Beroep voor de Examens van Tilburg University

COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS. Uitspraak van het College van Beroep voor de Examens van Tilburg University COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS Uitspraak van het College van Beroep voor de Examens van Tilburg University in de zaak tussen mevrouw X, appellante en de examencommissie van de Tilburg Law School, verweerster

Nadere informatie

ECLI:NL:RVS:2012:BY1711

ECLI:NL:RVS:2012:BY1711 ECLI:NL:RVS:2012:BY1711 Instantie Raad van State Datum uitspraak 31-10-2012 Datum publicatie 31-10-2012 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie 201201986/1/A3 Bestuursrecht Hoger

Nadere informatie