Lesbrief CBS, inflatie en indexcijfers

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Lesbrief CBS, inflatie en indexcijfers"

Transcriptie

1 2COLLEGE RUIVEN Lesrief CBS, inflatie en indexijfers Consumptie PSB en JKH Deze lesrief geeft extra informatie over CBS, inflatie en indexijfers die je nodig het voor je PTA-toetsen en eindexamen. De lesrief is onderdeel van exameneenheid: Consumptie.

2 CBS, inflatie en indexijfers ij Pinode 5e ed. Hoofdstuk 1 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllaus EC/V1.5/Verrijkingsstof Het lijkt wel of alles steeds duurder wordt, verzuhten mensen geregeld. En ja, dat klopt. De meeste goederen en diensten stijgen geregeld in prijs. Maar er zijn ook produten waarvan de prijs daalt. Hoeveel duurder of goedkoper alles wordt, is iets wat het CBS onderzoekt. In de loop van de tijd kunnen lonen stijgen of dalen. Datzelfde geldt voor de prijzen van goederen en diensten. Ook elastingtarieven van de overheid veranderen. Als je dit soort stijgingen en dalingen in proenten uitdrukt, kun je de veranderingen eter met elkaar vergelijken. Hieronder staat hoe je een stijging of daling in proenten erekent. Berekening Verandering in % = vershil oud 100 Vooreeld Stijging: Vorig jaar kreeg je 6 zakgeld, nu krijg je 8,50. (8,50 6) = 41, ,7% gestegen. Daling: Deze maand spaar je 11, vorige maand 14,50. (14,50 11) 14, = 24, ,1% gedaald. 1 R Siets verdient per maand. Begin septemer krijgt hij te horen dat hij een loonsverhoging krijgt. Vanaf 1 januari verdient Siets per maand. Reken uit met hoeveel proent zijn loon stijgt... 2 R a Je inkomsten zijn dit jaar gemiddeld 84 per maand. Vorig jaar was dat 74 per maand. Bereken met hoeveel proent je inkomsten gestegen zijn. Vorig jaar gaf je gemiddeld 63 per maand uit. Nu geef je gemiddeld 72 per maand uit. Bereken met hoeveel proent je uitgaven gestegen zijn. Kies de juiste antwoorden: in euro s zijn je inkomsten meer / minder gestegen dan je uitgaven en in proenten zijn je inkomsten meer / minder gestegen dan je uitgaven. d Kies het juiste antwoord: Als je veranderingen met elkaar wilt vergelijken, kijk je vooral naar de verandering in euro s / in proenten.

3 Prijsstijgingen en veranderingen van je inkomen heen gevolgen voor je koopkraht. Je koopkraht is de hoeveelheid goederen en diensten die je met je inkomen kunt kopen. Als je loon in proenten meer stijgt dan de prijzen, neemt je koopkraht toe. Als je koopkraht stijgt, kun je in meer ehoeften voorzien. Je welvaart neemt in dat geval dus toe. 3 R In welk geval stijgt je koopkraht? A Je inkomen stijgt met 1,5% en de prijzen stijgen met 2%. B Je inkomen lijft gelijk en de prijzen stijgen met 1,5%. C Je inkomen daalt met 1% en de prijzen lijven gelijk. D Je inkomen daalt met 0,5% en de prijzen dalen met 1%. Koopkrahtstijging Koopkrahtdaling Loon Koopkraht + 2% Koopkraht - 1% Prijzen + 5% Prijzen Loon + 5% + 3% + 4% 4 Wordt je koopkraht in de volgende gevallen positief of negatief eïnvloed? a De premie die je moet etalen voor je zorgverzekering stijgt harder dan je loon. Je loon stijgt met 2%, de kosten voor gas en elektra dalen met 5%. De regering kondigt forse elastingverhogingen aan. d Je loon lijft gelijk, maar de prijzen dalen met 1%.

4 Wil je een goed eeld krijgen van de prijsstijgingen, dan moet je alle prijsveranderingen weten. In ons land wordt dit onderzoht door het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek). Het CBS verzamelt allerlei informatie, onder andere over eonomishe veranderingen. Zo onderzoekt het CBS iedere maand hoeveel de prijzen stijgen of dalen. Met die gegevens erekent het CBS de hoogte van de inflatie. Inflatie is een algemene stijging van de prijzen. Het gevolg van inflatie is dat je voor hetzelfde edrag minder kunt kopen. Het geld wordt dan dus minder waard. Als je inkomen gelijk lijft, daalt door inflatie je koopkraht. Het omgekeerde van inflatie is deflatie. Bij deflatie is er een algemene prijsdaling. 5 De grootouders van Jelle ontvangen een pensioenuitkering als inkomen. Hun pensioen is de laatste jaren niet gestegen. Er was wel een klein eetje inflatie. Welk gevolg had dit voor hun koopkraht?. 6 R In een epaald jaar is er 2% inflatie. De vakonden willen dat de koopkraht van de werknemers met 1% stijgt. Met hoeveel proent moet het loon dan stijgen?.. 7 In het nieuws hoor je dat het CBS de komende jaren deflatie verwaht. Jij het op de ank een aardig edrag aan spaargeld. a Leg uit waarom de kans groot is dat je nu proeert je grote uitgaven nog een tijdje uit te stellen. Welk gevolg heeft het voor winkeliers en farikanten als de meeste onsumenten hetzelfde doen als jij? Hoe je koopkraht zih ontwikkelt, hangt af van de veranderingen van lonen en prijzen. Die veranderingen kun je gemakkelijk vergelijken als er indexijfers geruikt worden. Een indexijfer laat een proentuele verandering zien ten opzihte van een afgesproken periode. Die afgesproken periode noem je het asisjaar. De gegevens in het asisjaar krijgen altijd het indexijfer 100. Er is ijvooreeld afgesproken dat 2010 het asisjaar is. Als de lonen sinds 2010 met 8% gestegen zijn, wordt het indexijfer van de lonen 108. Je kunt dit dan vergelijken met het indexijfer van de prijzen. Als dat 106 is, weet je dat de prijzen sinds 2010 met 6% zijn gestegen. Je onlusie is dan dat de koopkraht is toegenomen.

5 8 Hiernaast staat een lijndiagram met de ontwikkeling van lonen en prijzen. Dezelfde gegevens staan in onderstaande tael. a Welk jaar is het asisjaar? In welk jaar stegen de lonen niet ten opzihte van het jaar ervoor? In welke jaren was er inflatie? En wanneer was er deflatie? Ontwikkeling lonen en prijzen jaar lonen prijzen 9 Geruik het lijndiagram en/of de tael hiernaast. a Wanneer was de koopkraht groter dan in 2010? Waaraan kun je dat zien in het lijndiagram? Wanneer was de koopkraht even groot als in 2010? Waaraan kun je dat zien? jaar indexijfer lonen indexijfer prijzen Wanneer was de koopkraht kleiner dan in 2010? Waaraan kun je dat zien? Indexijfers kun je zelf ook erekenen, ijvooreeld met een verhoudingstael. Of je geruikt de volgende formule: Berekening Indexijfer = nieuw getal getal asisjaar 100 Vooreeld In het asisjaar was de prijs van een liter enzine 1,71. Drie jaar later was de prijs 1,84. Het nieuwe indexijfer is 1,84 1, = 107,6.

6 10 R a In het asisjaar was het minimumloon 1.407,60. Vijf jaar later was dat 1.501,80. Bereken het indexijfer van het minimumloon voor dat jaar. Laat met de formule vershil oud 100 zien hoeveel proent het minimumloon steeg in deze vijf jaar. 11 R Bekijk onderstaand overziht van de prijs van snijloemen. a Reken voor elk jaar het indexijfer uit is het asisjaar. Rond de indexijfers af op helen. 2010: : : : : : :... Hoeveel proent waren de prijzen in 2016 hoger dan in 2010? Prijsontwikkeling snijloemen jaar prijs in 4,20 4,28 4,40 4,54 4,49 4,60 4,75 12 R Bloemenkweker Roosjens etaalde zijn personeel in 2010 gemiddeld loon per maand. In 2016 etaalt hij gemiddeld aan loon. a Laat met een erekening zien of de lonen meer of minder zijn gestegen dan de prijs van snijloemen. Leg uit of dit voor Roosjens een gunstige ontwikkeling is of niet.

7 13 R Hieronder staat in een tael de ontwikkeling van lonen en prijzen. Maak daarnaast een lijndiagram van deze gegevens. - Teken de lijn die de lonen weergeeft met lauw, de lijn van de prijzen met rood. - Maak een legenda. - Zet oven de grafiek een opshrift waar de grafiek over gaat. Ontwikkeling lonen en prijzen jaar indexijfer lonen indexijfer prijzen Om te onthouden CBS Indexijfer Inflatie Koopkraht Centraal Bureau voor de Statistiek. Het CBS verzamelt allerlei informatie, onder andere over eonomishe veranderingen. Getal dat een proentuele verandering laat zien ten opzihte van een afgesproken periode, het asisjaar. Een algemene stijging van de prijzen. Het omgekeerde is deflatie: een algemene prijsdaling. De hoeveelheid goederen en diensten die je met je inkomen kunt kopen.

Groei of krimp? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 7 en 4K Hoofdstuk 5 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/K/5A: 2

Groei of krimp? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 7 en 4K Hoofdstuk 5 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/K/5A: 2 Groei of krimp? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 7 en 4K Hoofdstuk 5 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/K/5A: 2 Als je moet kiezen welk plaatje je op je cijferlijst zou willen hebben,

Nadere informatie

Hoe wordt inflatie berekend? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 1 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V1/5.1

Hoe wordt inflatie berekend? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 1 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V1/5.1 Hoe wordt inflatie berekend? bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 1 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V1/5.1 Als je in de examenklas van het vmbo zit, woon je waarschijnlijk nog thuis.

Nadere informatie

Voeg altijd berekeningen toe. Vergeet niet te verklaren, motiveren als daar om wordt gevraagd.

Voeg altijd berekeningen toe. Vergeet niet te verklaren, motiveren als daar om wordt gevraagd. h5 e 1p oefentoets 1e periode (versie 1p) lad 1 van 5 Voeg altijd erekeningen toe. Vergeet niet te verklaren, motiveren als daar om wordt gevraagd. Opgave 1 Duurzame welvaart is de mate waarin men (een

Nadere informatie

EERSTE AFGELEIDE TWEEDE AFGELEIDE

EERSTE AFGELEIDE TWEEDE AFGELEIDE Lesrief EERSTE AFGELEIDE etreme waarden raaklijn normaal TWEEDE AFGELEIDE uigpunten 6/7Np GGHM03 Inleiding Met ehulp van de grafische rekenmachine kun je snel zien of de grafiek daalt of stijgt. Het horizontaal

Nadere informatie

Examen HAVO. Economie 1

Examen HAVO. Economie 1 Economie 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 21 juni 13.30 16.00 uur 20 00 Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor elk vraagnummer is aangegeven hoeveel punten met een goed

Nadere informatie

CPI = 122,5 Wat zegt dit? Hoe bereken je dit? Categorieën Aandeel Prijsstijging Optelling. Voeding 40% 10% Kleding 35% -5% Overig 0 CPI 102,25

CPI = 122,5 Wat zegt dit? Hoe bereken je dit? Categorieën Aandeel Prijsstijging Optelling. Voeding 40% 10% Kleding 35% -5% Overig 0 CPI 102,25 CPI = 122,5 Wat zegt dit? Hoe bereken je dit? Categorieën Aandeel Prijsstijging Optelling Voeding 40% 10% Kleding 35% -5% Overig 0 CPI 102,25 ConsumentenPrijsIndexcijfer Consumenten Prijsindexcijfer in

Nadere informatie

Hoofdstuk 5 - Tabellen, grafieken, formules

Hoofdstuk 5 - Tabellen, grafieken, formules Hoofdstuk 5 - Taellen, grafieken, formules ladzijde 130 V-1a d De grafieken van de grond en de luht vertonen veel grotere temperatuurshommelingen dan de grafiek van het water. De grafiek van de grond omdat

Nadere informatie

Uw koopkracht in de toekomst

Uw koopkracht in de toekomst Een goed gesprek over Uw koopkracht in de toekomst Nadenken over de toekomst. Dat is wat ons kantoor dagelijks doet. De toekomst van u, en die van de andere relaties van ons kantoor. De ene keer gaat het

Nadere informatie

Eindexamen economie 1 havo 2000-I

Eindexamen economie 1 havo 2000-I Opgave 1 Meer mensen aan de slag Het terugdringen van de werkloosheid is in veel landen een belangrijke doelstelling van de overheid. Om dat doel te bereiken, streeft de overheid meestal naar groei van

Nadere informatie

Taak 1 en 2 De Balans deel 1

Taak 1 en 2 De Balans deel 1 Taak 1 en 2 De Balans deel 1 Naam leerling Klas Datum Voor welk edrijf ga je werken? Shop4@11 is een groothandel in Utreht. De eigenaar, meneer Bos, is direteur van het edrijf. De groothandel verkoopt

Nadere informatie

Markt en overheid bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V/1: 7 en 8

Markt en overheid bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V/1: 7 en 8 Markt en overheid bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 aanvullend lesmateriaal n.a.v. vernieuwde syllabus EC/V/1: 7 en 8 De markt, marktsector en particuliere sector het zijn alle drie benamingen die

Nadere informatie

CPI Statistisch Bulletin, februari 2017

CPI Statistisch Bulletin, februari 2017 CPI Statistisch Bulletin, februari 2017 Willemstad, April 2017 Consumentenprijzen Curaçao: februari 2017 Prijzen 0,6 procent hoger dan in de maand januari 2017; Inflatie per februari 2017 is 0,2 procent

Nadere informatie

Vaardigheden. bladzijde 52. deel van 240 = 96 en 3 deel = 144. deel = ( 11 : 25 ) 2110 = 928, 40 euro en. deel = ( 14 : 25 ) 2110 = 1181,60 euro

Vaardigheden. bladzijde 52. deel van 240 = 96 en 3 deel = 144. deel = ( 11 : 25 ) 2110 = 928, 40 euro en. deel = ( 14 : 25 ) 2110 = 1181,60 euro Vaardigheden ladzijde 5 a 7 f 8 0 g 8 0,96 h 9 d 9 i 0 e 8 j a 7,5 e 8 5 6 f 6 g 5, 0, = 0, 3 3 9 d 9 h = = =, 5 3a 8, = 3, 88 euro a 6, 365 = 58 dagen 6 3, = 3568, gram Drie dagen is 7 uur, dus 0, 7 =

Nadere informatie

Remediëringstaak: Vraag en aanbod

Remediëringstaak: Vraag en aanbod Remediëringstaak: Vraag en aanbod Oefening 1: a. Stijging olieprijs blijft beperkt. Je moet een grafiek tekenen waarin je je aanbod naar links laat verschuiven (aanbod daalt) (wegens pijpleidingen die

Nadere informatie

4.t Wie is toch die overheid?

4.t Wie is toch die overheid? Doet de overheid eonomishe zaken? 4 Laat het maar aan 'de markt' over! 1 a Vorig jaar heeft zij een nieuwe verzekering afgesloten. Zij wil nu niet weer alle verzekeringsvoorwaarden vergelij ken. De ouders

Nadere informatie

Hoofdstuk 6: Kan de overheid dat regelen?

Hoofdstuk 6: Kan de overheid dat regelen? Pinode 5 de editie, GT 4 antwoorden leeroek Hoofdstuk 6: Kan de overheid dat regelen? Weer naar shool. a Leerpliht geldt voor kinderen tot en met het leerjaar waarin zij 16 jaar worden. Na het laatste

Nadere informatie

CPI Statistisch Bulletin, maart 2017

CPI Statistisch Bulletin, maart 2017 CPI Statistisch Bulletin, maart 2017 Willemstad, mei 2017 Consumentenprijzen Curaçao: maart 2017 Prijzen 0,2 procent lager dan in de maand februari 2017; Inflatie per maart 2017 is 0,4 procent Het consumentenprijsindexcijfer

Nadere informatie

Markt en overheid - uitwerkingen bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6

Markt en overheid - uitwerkingen bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 Markt en overheid - uitwerkingen bij Pincode 5e ed. 4GT Hoofdstuk 5 en 6 1 Nog niet zo lang geleden had je als boer te maken met een melkquotum. Een melkquotum betekent dat je een maximale hoeveelheid

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv Hoofdstuk - Meer variaelen ladzijde V-a Omdat het water met onstante snelheid uit de ak stroomt en de ak ilindervormig is, is de afname van de hoogte van de waterstand per tijdseenheid onstant. De hoogte

Nadere informatie

De kosten van duurzame productiemiddelen

De kosten van duurzame productiemiddelen 4 hoofdstuk De kosten van duurzame produtiemiddelen 4.1 B 4.2 D 4.3 C 4.4 A 4.5 A 20.000 1,10 4 = 88.000 Afgerond naar oven is dit 4 mahines met een apaiteit van 100.000 stuks per jaar. 4.6 D Op deze korte

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv 4 Voorkennis V-a k = 8t+ 4 Het edrijf rekent 4 euro voorrijkosten. De shoorsteenveger werkt 4 minuten en dat zijn kwartieren. Als de shoorsteenveger 4 minuten ezig is geweest, kost het 8 + 4= 99 euro.

Nadere informatie

CPI Statistisch Bulletin, januari 2017

CPI Statistisch Bulletin, januari 2017 CPI Statistisch Bulletin, januari 2017 Willemstad, Maart 2017 Consumentenprijzen Curaçao: januari 2017 Prijzen 0,5 procent hoger dan in de maand december 2016; Inflatie 0,0 procent Het consumentenprijsindexcijfer

Nadere informatie

de Wageningse Methode Antwoorden H23 VERBANDEN VWO 1

de Wageningse Methode Antwoorden H23 VERBANDEN VWO 1 H23 VERBANDEN VWO 23.0 INTRO d t + 00 h = 9 e 00t + h = 900 f a - De oven- en ondergrens van de aeroe zone: ij 5 jaar tussen 43 en 75. 2 2 iggen en 44 hanen of 7 iggen en 5 hanen 23. VERBANDEN IN DE PRAKTIJK

Nadere informatie

Examen HAVO. economie. tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. economie. tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2010 tijdvak 2 woensdag 23 juni 13.30-16.00 uur economie tevens oud programma economie 1,2 Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 27 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

1. Leg uit dat het sparen door gezinnen een voorbeeld is van ruilen in de tijd. 2. Leg uit waarom investeren door bedrijven als ruilen over de tijd beschouwd kan worden. 3. Wat is intertemporele substitutie?

Nadere informatie

Antwoorden Lesbrief Waar voor je geld

Antwoorden Lesbrief Waar voor je geld Antwoorden Lesbrief Waar voor je geld Deze lesbrief (derde druk, 2015) is een uitgave van De Nederlandse Bank en tot stand gekomen met medewerking van Gerrit Gorter en Han van Spanje (VECON). 1. Prijzen

Nadere informatie

De mate waarin de gevraagde hoeveelheid van een product(qv) gevoelig is voor een verandering van de prijs van het product (p).

De mate waarin de gevraagde hoeveelheid van een product(qv) gevoelig is voor een verandering van de prijs van het product (p). 1. Prijselasticiteit van de vraag De mate waarin de gevraagde hoeveelheid van een product(qv) gevoelig is voor een verandering van de prijs van het product (p). %-verandering gevraagde hoeveelheid (gevolg)

Nadere informatie

Domein Markt. Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit. vwo Frans Etman

Domein Markt. Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit. vwo Frans Etman Domein Markt Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit vwo Frans Etman Opgave 1 Opgave 2 1.Lees in de grafiek af hoe hoog de totale omzet (TO) en de totale kosten (TK) is bij een afzet van 3 producten,

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv Voorkennis V-1a Voor de kosten in euro s vermenigvuldig je het aantal gehuurde dvd s met 1,50 en tel je er vervolgens de eenmalige kosten van 6 euro voor het pasje ij op. Dat kost 6 + 1,50 20 = 6 + 30

Nadere informatie

1.1 Hoe betaal jij? Inkomsten of uitgaven? Een dagje Parijs. 1 a Bijvoorbeeld: Zeheeft er het geld niet voor ofze heeft dat bedrag er niet voor over.

1.1 Hoe betaal jij? Inkomsten of uitgaven? Een dagje Parijs. 1 a Bijvoorbeeld: Zeheeft er het geld niet voor ofze heeft dat bedrag er niet voor over. Inkomsten of uitgaven? I Een dagje Parijs 1 a Bijvooreeld: Zeheeft er het geld niet voor ofze heeft dat edrag er niet voor over. ZeWijgt van haar ouders geen toestemming om mee te gaan. Eigen antwoord,

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 - Functies en de rekenmachine

Hoofdstuk 1 - Functies en de rekenmachine Hoofdstuk 1 - Funties en de rekenmahine ladzijde 1 V-1a Bij A hoort een kwadratish verand, want de toename van de toename is steeds 4. Bij B hoort een lineair verand, de toename is steeds 5. Bij C hoort

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 - Functies en de rekenmachine

Hoofdstuk 1 - Functies en de rekenmachine Hoofdstuk 1 - Funties en de rekenmahine ladzijde 1 V-1a Bij A hoort een kwadratish verand, want de toename van de toename is steeds. Bij B hoort een lineair verand, de toename is steeds 5. Bij C hoort

Nadere informatie

Domein GTST havo. 1) Gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland; of anders geformuleerd: (C + I + O + E M)

Domein GTST havo. 1) Gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland; of anders geformuleerd: (C + I + O + E M) 1) Geef de omschrijving van trendmatige groei. 2) Wat houdt conjunctuurgolf in? 3) Noem 5 conjunctuurindicatoren. 4) Leg uit waarom bij hoogconjunctuur de bedrijfswinsten zullen stijgen. 5) Leg uit waarom

Nadere informatie

CPI Statistisch Bulletin, december 2016

CPI Statistisch Bulletin, december 2016 CPI Statistisch Bulletin, december 2016 Willemstad, februari 2017 Consumentenprijzen Curaçao december 2016 Prijzen 0,2 procent hoger vergeleken met november;inflatie 2016 is 0,0 procent H et consumentenprijsindexcijfer

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv 4 Voorkennis V-1 a De oörinaten zijn A( 2, 1), B(2, 3) en C(5, 4 Qw ). V-2 a Per stap van 1 naar rehts gaat e lijn Qw omhoog. Vanuit C ga je 7 stappen naar rehts en us 7 Qw = 3 Qw omhoog. Omat 4 Qw + 3

Nadere informatie

De potten kunnen in Egypte goedkoper gemaakt worden dan in Nederland (doordat de lonen in Egypte lager zijn).

De potten kunnen in Egypte goedkoper gemaakt worden dan in Nederland (doordat de lonen in Egypte lager zijn). Pinode 5 de editie, GT 4 antwoorden leeroek Hoofdstuk 8: Hoe groot is jouw wereld? Made in Holland? a De potten kunnen in Egypte goedkoper gemaakt worden dan in Nederland (doordat de lonen in Egypte lager

Nadere informatie

H23 VERBANDEN havo de Wageningse Methode 1

H23 VERBANDEN havo de Wageningse Methode 1 H23 VERBANDEN havo 23.0 INTRO a - de oven- en ondergrens van de aeroe zone. 2 Op plaats 503 23. VERBANDEN IN DE PRAKTIJK 3 a km t 0 6 2 5 8 36 a 0 2 5 6 2 d k = 30 t + 0 e k = 30 t + 20 f Zie assenstelsel

Nadere informatie

Kleurpagina vraagkaartjes beginner Ruilen over de tijd Quiz. Deze pagina 2 keer printen daarna op de achterkant de vraagkaartjes Ruilen over de tijd

Kleurpagina vraagkaartjes beginner Ruilen over de tijd Quiz. Deze pagina 2 keer printen daarna op de achterkant de vraagkaartjes Ruilen over de tijd Kleurpagina vraagkaartjes beginner Ruilen over de tijd Quiz. Deze pagina 2 keer printen daarna op de achterkant de vraagkaartjes Ruilen over de tijd quiz beginner printen en uitsnijden of knippen. Bijlage

Nadere informatie

Hoofdstuk 7 Exponentiële formules

Hoofdstuk 7 Exponentiële formules Opstap Mahten en proenten O-a 3 5 3 3 3 3 3 43 3 78 ( 5) 4 5 5 5 5 65 d 6 ( ) 5 6 9 O- Jak heeft het goede antwoord, want de 6 staat niet tussen haakjes. O-3a 7 4 4 g 7 3 5 7 ( ) 5 48 83 h 3 4 3 9 8 4

Nadere informatie

Bijdrage aan en impact op de inflatie

Bijdrage aan en impact op de inflatie Paper Bijdrage aan en impact op de inflatie Jan Walschots Februari 2016 CBS 2014 Scientific Paper 1 Inhoud 1. Inleiding 3 2. De CBS methode om bijdragen te berekenen 3 3. De Eurostat methode om impacts

Nadere informatie

Prijzen stabiel vergeleken met november; inflatie 2015 is -0,5 procent

Prijzen stabiel vergeleken met november; inflatie 2015 is -0,5 procent Centraal Bureau voor de Statistiek Inlichtingen: (+599 9) 461 1031 fax 461 1696 Adres: Fort Amsterdam z/n E-mail: info@cbs.cw Website: www.cbs.cw Persbericht Willemstad, 10 februari 2016 Consumentenprijzen

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv Voorkennis V-a Het edrijf rekent 35 euro voorrijkosten. 3t+ 35 = k Als de monteur 7 uur ezig is kost het 3 7 + 35 = 75 euro. d 3t + 35 = 7 3t = 3 t = 5, De monteur is,5 uur of uur en kwartier ezig geweest.

Nadere informatie

Domein Markt. Uitwerking. Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit. Frans Etman

Domein Markt. Uitwerking. Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit. Frans Etman Domein Markt Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit Uitwerking vwo Frans Etman Opgave 1 Opgave 2 1.Lees in de grafiek af hoe hoog de totale omzet (TO) en de totale kosten (TK) is bij een afzet

Nadere informatie

Antwoorden stencils OPGAVE 1 11.313 pond. (36,41%) 1,48 miljard als het BNP in procenten harder is gestegen dan het bedrag in ponden in procenten

Antwoorden stencils OPGAVE 1 11.313 pond. (36,41%) 1,48 miljard als het BNP in procenten harder is gestegen dan het bedrag in ponden in procenten Antwoorden stencils OPGAVE 1 1. Nominaal Inkomen 1996 = 25,34 miljard pond x 1,536 = 38,92224 miljard pond Bevolkingsomvang 1996 = 3.340.000 x 1,03 = 3.440.200 Nominaal Inkomen per hoofd = 38,92224 miljard

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 - Functies en de rekenmachine

Hoofdstuk 1 - Functies en de rekenmachine Hoofdstuk 1 - Funties en de rekenmahine ladzijde 1 V-1a Bij A hoort een kwadratish verand, want de toename van de toename is steeds 4. Bij B hoort een lineair verand, de toename is steeds 5. Bij C hoort

Nadere informatie

Lesbrief Vraag en Aanbod 1 e druk

Lesbrief Vraag en Aanbod 1 e druk Hoofdstuk 1 1.6 C Markten 1.7 a. De prijzen zijn gestegen. Bij een gelijk volume (= afzet) leidt dit tot een omzetgroei. b. Indexcijfer volume (afzet): 105, indexcijfer prijs: 97,1. 97,1 105 = 101,96.

Nadere informatie

Ruilen over de tijd (havo)

Ruilen over de tijd (havo) 1. Leg uit dat het sparen door gezinnen een voorbeeld is van ruilen in de tijd. 2. Leg uit waarom investeren door bedrijven als ruilen over de tijd beschouwd kan worden. 3. Wat is intertemporele substitutie?

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 Voorbeelden van een juist antwoord zijn: kosten van politie-inzet

Nadere informatie

2009 Noordhoff Uitgevers bv Groningen/Houten

2009 Noordhoff Uitgevers bv Groningen/Houten Paragraaf a 36,5 = 8,50 = 9 5 = 45 000 0, = 999.9 5 0 4 = 5 4 0 = 0 = 40 4 4 d 000 : 0, = 0.000 : = 0.000 e 44 : 6 = 07 : 3 = 0 : 3 3 : 3 = 70 = 69 f 0% van 550 = deel van 550 = 0. 5 Je het de keus: één

Nadere informatie

Keuzemenu - Wiskunde en economie

Keuzemenu - Wiskunde en economie 1a a Keuzemenu - Wiskunde en eonomie ladzijde 6 TK( 00) GTK( 00) = = 300 = 71 euro per ezoeker 00 00 TK( 600) 800 = = 71, 33 euro per ezoeker 600 600 TK( 800) 9 00 GTK( 800) = = = 7 euro per ezoeker 800

Nadere informatie

Boek: 4 Hoofdstuk 3: kies je voor zeker?

Boek: 4 Hoofdstuk 3: kies je voor zeker? Pincode 5 de editie, GT 4 antwoorden leeroek Boek: 4 Hoofdstuk 3: kies je voor zeker? De verzekering dekt de schade. a De reisverzekering dekt de schade. pinpas -, contant geld 200, moiele telefoon 100

Nadere informatie

Domein E: Ruilen over de tijd. fransetman.nl

Domein E: Ruilen over de tijd. fransetman.nl Domein E: Ruilen over de tijd Rente : prijs van tijd Nu lenen: een lagere rente Nu sparen: een hogere rente Individuele prijs van tijd: het ongemak dat je ervaart Algemene prijs van tijd: de rente die

Nadere informatie

Thema: Vergelijkingen vmbo-kgt12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Thema: Vergelijkingen vmbo-kgt12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 12 August 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Weadres http://maken.wikiwijs.nl/57110 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van

Nadere informatie

Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel

Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel Klas 4m2 Economie Leerling instructie Koehandel Mollers Inleiding spel koehandel De komende 5 lessen gaan we aan de slag met het spel koehandel. Dit spel speel je met maximaal 5 personen. Met deze vijf

Nadere informatie

Toeslagverlening. Versie

Toeslagverlening. Versie Toeslagverlening Versie 25-02-2016 Versie 25-02-2016 Toeslagverlening (indexatie) Waarom toeslagverlening? Toeslag is een manier om te zorgen dat de pensioenen hun koopkracht behouden. Toeslag wordt ook

Nadere informatie

Eindexamen economie havo II

Eindexamen economie havo II Opgave 1 Buitenland en overheid in de kringloop In de economische wetenschap wordt gebruikgemaakt van modellen. Een kringloopschema is een model waarmee een vereenvoudigd beeld van de economie van een

Nadere informatie

Hoofdstuk 3 - Statistiek

Hoofdstuk 3 - Statistiek V-a Voorkennis Bij de rehter tael is het zinvol een lijndiagram te tekenen, want daar zit een ontwikkeling in de tijd in. De linker tael estaat uit los van elkaar staande merken en typen. aantal auto s

Nadere informatie

13 Het vreemd vermogen

13 Het vreemd vermogen 13 Het vreemd vermogen hoofdstuk 13.1 C 13.2 A 13.3 D 13.4 C 13.5 C 13.6 C 13.7 A 13.8 B 13.9 B 50 50 1.050 + + = 1.013,74 1,045 1,045² 1,045³ 13.10 C 13.11 B De oligaties heen een rentenadeel ten opzihte

Nadere informatie

Het opstellen van een lineaire formule.

Het opstellen van een lineaire formule. Het opstellen van een lineaire formule. Gegeven is onderstaande lineaire grafiek (lijn b). Van deze grafiek willen wij de lineaire formule weten. Met deze formule kunnen we gaan rekenen. Je kan geen lineaire

Nadere informatie

Eindexamen economie havo I

Eindexamen economie havo I Opgave 1 Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. 1 Voorbeeld van een juiste berekening: 47,5 27,5 100% = 72,73% 27,5

Nadere informatie

Toeslagverlening. Versie

Toeslagverlening. Versie Toeslagverlening Versie 23-02-2017 Versie 23-02-2017 Toeslagverlening Waarom toeslagverlening? Toeslag is een manier om te zorgen dat de pensioenen hun koopkracht behouden. Toeslag wordt ook wel indexatie

Nadere informatie

V2.1 Eerlijk verdeeld?

V2.1 Eerlijk verdeeld? Wie verdient wt? v2 Mkt geld gelukkig? L Voor je sisehoeften zols eten, woonruimte en kleding en je l guw dit edrg kwijt. Bedenk mr eens wt de mndhuur is. En hoeveel etl je voor vste lsten 1s gs, liht

Nadere informatie

Persbericht. Prijzen industrie hoger door dure aardolie. Centraal Bureau voor de Statistiek

Persbericht. Prijzen industrie hoger door dure aardolie. Centraal Bureau voor de Statistiek Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB00-148 30 juni 2000 9.30 uur Prijzen industrie hoger door dure aardolie Het prijsniveau van Nederlandse industriële producten ligt in mei van dit jaar 2,2%

Nadere informatie

In 5 dagen was je totale reistijd naar school 175 minuten, je gemiddelde reistijd is dan 175: 5 = 35 min per dag.

In 5 dagen was je totale reistijd naar school 175 minuten, je gemiddelde reistijd is dan 175: 5 = 35 min per dag. Kans en Statistiek Voorbeeld 1 Je moet tijdens een spel met een dobbelsteen gooien. Alles hoger dan 5 is goed. Hoeveel % kans heb je om hoger dan 5 te gooien? Rond je antwoord af op een heel getal. Van

Nadere informatie

Wat is een index? Een index is een vergelijking in de vorm van een tabel of grafiek van een willekeurig volume (bijvoorbeeld BBP, werkloosheid,

Wat is een index? Een index is een vergelijking in de vorm van een tabel of grafiek van een willekeurig volume (bijvoorbeeld BBP, werkloosheid, Wat is een index? Een index is een vergelijking in de vorm van een tabel of grafiek van een willekeurig volume (bijvoorbeeld BBP, werkloosheid, etc), over een bepaalde periode. Het volume van het vergelijkingsmoment

Nadere informatie

Steeds meer vijftigers financieel kwetsbaar

Steeds meer vijftigers financieel kwetsbaar Maart 215 stijgt naar 91 punten Steeds meer vijftigers financieel kwetsbaar De is in het eerste kwartaal van 215 gestegen van 88 naar 91 punten. Veel huishoudens kijken positiever vooruit en verwachten

Nadere informatie

Bestedingspakket gepensioneerden erden meest in prijs gestegen

Bestedingspakket gepensioneerden erden meest in prijs gestegen 08 Bestedingspakket et gepensioneerden erden meest in prijs gestegen Karlijn Bakker Publicatiedatum CBS-website: 17 april 2009 Den Haag/Heerlen Verklaring van tekens. = gegevens ontbreken * = voorlopig

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv Voorkennis V-a Van lijn k is het hellingsgetal en het startgetal en e formule is = +. Van lijn l is het hellingsgetal en het startgetal en e formule is = +. Van lijn m is het hellingsgetal en het startgetal

Nadere informatie

Toeslagverlening. Versie

Toeslagverlening. Versie Toeslagverlening Versie 07-10-2016 Versie 07-10-2016 Toeslagverlening (indexatie) Waarom toeslagverlening? Toeslag is een manier om te zorgen dat de pensioenen hun koopkracht behouden. Toeslag wordt ook

Nadere informatie

9e editie. Moderne wiskunde. Uitwerkingen Op stap naar 4 havo. Dick Bos

9e editie. Moderne wiskunde. Uitwerkingen Op stap naar 4 havo. Dick Bos 9e editie Moderne wiskunde Uitwerkingen Op stap naar 4 havo Dik Bos Inhoud Hoofdstuk Getallen 000 - Rekenen met reuken 000 - Deimale getallen, proenten en fator 000-3 Kwadraten 000-4 Wortels 000-5 Mahten

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv Extra oefening - Basis B- Van ABC is de asis BC = en de hoogte AD =. De oppervlakte van ABC is : = 9. Van KLM is de asis KM = 5 + 9 = en de hoogte NL. B-a KN = 5 NL = KL = 5 + 69 NL = = De oppervlakte

Nadere informatie

Als de lonen dalen, dalen de loonkosten voor de producent. Hetgeen kan betekenen dat de producent niet overgaat tot mechanisatie/automatisering.

Als de lonen dalen, dalen de loonkosten voor de producent. Hetgeen kan betekenen dat de producent niet overgaat tot mechanisatie/automatisering. Top 100 vragen. De antwoorden! 1 Als de lonen stijgen, stijgen de productiekosten. De producent rekent de hogere productiekosten door in de eindprijs. Daardoor daalt de vraag naar producten. De productie

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv Voorkennis V-1a Om het edrag in euro s te erekenen vermenigvuldig je het aantal kwh met 0,08 en tel je er vervolgens 14 ij op. De formule is dus verruik 0,08 + 14 = edrag. De formule ij tarief A kun je

Nadere informatie

Examen HAVO. economie. tijdvak 1 woensdag 16 mei 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. economie. tijdvak 1 woensdag 16 mei 13.30-16.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2012 tijdvak 1 woensdag 16 mei 13.30-16.00 uur oud programma economie Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 28 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 60 punten te behalen.

Nadere informatie

De rente stijgt: welke gevolgen heeft dat voor u?

De rente stijgt: welke gevolgen heeft dat voor u? De rente stijgt: welke gevolgen heeft dat voor u? Onafhankelijke informatie voor consumenten Wat is renterisico? Als u geld nodig heeft, kunt u een lening afsluiten. U moet het geleende geld wel terugbetalen.

Nadere informatie

ALGEMENE ECONOMIE /03

ALGEMENE ECONOMIE /03 HBO Algemene economie Raymond Reinhardt 3R Business Development raymond.reinhardt@3r-bdc.com 3R 1 M Productiefactoren: alle middelen die gebruikt worden bij het produceren: NOKIA: natuur, ondernemen, kapitaal,

Nadere informatie

Crisis in de EU docentenhandleiding

Crisis in de EU docentenhandleiding Crisis in de EU docentenhandleiding In deze les vergelijken leerlingen de economische situatie van verschillende EU-leden met elkaar. Daarbij maken zij gebruik van de interactieve kaart en grafiek Economische

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv Hoofstuk 6 - Nieuwe grafieken Hoofstuk 6 - Nieuwe grafieken Voorkennis V-a Van lijn k is het hellingsgetal en het startgetal en e formule is = +. Van lijn l is het hellingsgetal en het startgetal en e

Nadere informatie

Functies. Verdieping. 6N-3p 2010-2011 gghm

Functies. Verdieping. 6N-3p 2010-2011 gghm Functies Verdieping 6N-p 010-011 gghm Standaardfuncties Hieronder is telkens een standaard functie gegeven. Maak steeds een schets van de ijehorende grafiek. Je mag de GRM hierij geruiken. Y f ( x) x X

Nadere informatie

Remediëringstaak: Vraag en aanbod

Remediëringstaak: Vraag en aanbod Remediëringstaak: Vraag en aanbod 1. Studeer opnieuw de leerstof van vraag en aanbod in. Tracht steeds zeer inzichtelijk te studeren: ga na dat je alle redeneringen die we in de klas / cursus maakten snapt.

Nadere informatie

Valutamarkt. fransetman.nl

Valutamarkt. fransetman.nl euro in dollar wisselkoers Wisselkoers (ontstaat op valutamarkt) Waarde van een munt uitgedrukt in een andere munt Waardoor kan de vraag naar en het aanbod van veranderen? De wisselkoers van de euro in

Nadere informatie

CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch

CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch Afdeling Onderzoek & Statistiek Maart 2013 2 Samenvatting In deze monitor staat de CO2-uitstoot beschreven in de gemeente s-hertogenbosch. Een gebruikelijke manier om de

Nadere informatie

DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD. Module 4 Nu en later

DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD. Module 4 Nu en later DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD Module 4 Nu en later Inflatie Definitie: stijging van het algemeen prijspeil Gevolgen van inflatie koopkracht neemt af Verslechtering internationale concurrentiepositie Bij

Nadere informatie

Eindexamen economie havo I

Eindexamen economie havo I Beoordelingsmodel Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 maximumscore 2 Een antwoord waaruit blijkt dat

Nadere informatie

Oefentoets Klas: havo 3 / vwo 3

Oefentoets Klas: havo 3 / vwo 3 Oefentoets Klas: havo 3 / vwo 3 Vak: economie Toets over: h1 en h2 Lesbrief: kopen en werken Hulpmiddelen: gewone rekenmachine DEZE OEFENTOETS BESTAAT UIT 8 OPGAVEN! Opgave 1 Begrippen 1 Noem alle productiefactoren

Nadere informatie

Vraag 1: PRIJSVORMING

Vraag 1: PRIJSVORMING Naam:.. Datum: 03/12/2013 Klas:... Klasnummer: Vak: SEI Leerkracht: K. Wambeke Opdrachtenbundel ( /20) Vraag 1: PRIJSVORMING Een "mp3-speler" wil wel iedereen maar tegen welke prijs? Los hierover de volgende

Nadere informatie

Hoofdstuk 3: kies je voor zeker?

Hoofdstuk 3: kies je voor zeker? Pinode 5 de editie, GT 4 antwoorden leeroek Hoofdstuk 3: kies je voor zeker? De verzekering dekt de shade. a De reisverzekering dekt de shade. Shadelaim: Pinpas - Contant geld 200,00 Moiele telefoon 100,00

Nadere informatie

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Inflatie daalt in juli tot 1,1 procent. Huurstijging gemiddeld 3,1 procent

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Inflatie daalt in juli tot 1,1 procent. Huurstijging gemiddeld 3,1 procent Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB04-121 5 augustus 2004 9.30 uur Inflatie daalt in juli tot 1,1 procent De inflatie is in juli 2004 uitgekomen op 1,1 procent. Dat is 0,3 procentpunt lager

Nadere informatie

1 Inleiding. Wanneer ga jij met pensioen Versie: 4 17-07-2015 Pagina: 3 van 7

1 Inleiding. Wanneer ga jij met pensioen Versie: 4 17-07-2015 Pagina: 3 van 7 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 3 2 AOW-gerechtigde leeftijd... 4 2.1 Algemeen... 4 2.2 Verhoging van 65 naar 67... 4 2.3 Verdere verhoging op basis van de levensverwachting... 4 3 Pensioenleeftijd... 6 3.1

Nadere informatie

Koopkracht en inflatie vmbo12

Koopkracht en inflatie vmbo12 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres VO-content 19 juni 2017 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/62156 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet.

Nadere informatie

Mogelijke examenvragen DEEL II

Mogelijke examenvragen DEEL II Mogelijke examenvragen DEEL II 1. Geef aan tot welke gezinsfunctie volgende voorbeelden behoren. a. Een moeder troost haar zoontje van 5 jaar die een enge nachtmerrie had. b. Een gezin op vakantie in Griekenland

Nadere informatie

Examen HAVO. Economie 1 (nieuwe stijl)

Examen HAVO. Economie 1 (nieuwe stijl) Economie 1 (nieuwe stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 18 mei 13.30 16.00 uur 20 01 Voor dit examen zijn maximaal 63 punten te behalen; het examen bestaat uit 34 vragen.

Nadere informatie

5. Lineaire verbanden.

5. Lineaire verbanden. Uitwerkingen opgaven hoofdstuk 5 versie 15 5. Lineaire veranden. Opgave 5.1 Recht evenredig lineair verand F (N) 1 9 8 Uitrekking van een veer a = F 9 k = 37,5 x 4 = 7 6 5 4 F 9 N N k = = = 37,5 x 4 cm

Nadere informatie

Keuzeonderwerp. Keynesiaans model. Gesloten /open economie zonder/met overheid met arbeidsmarkt. fransetman.nl

Keuzeonderwerp. Keynesiaans model. Gesloten /open economie zonder/met overheid met arbeidsmarkt. fransetman.nl Keuzeonderwerp Keynesiaans model Gesloten /open economie zonder/met overheid met arbeidsmarkt Vraag op de goederenmarkt Alleen gezinnen en bedrijven kopen op de goederenmarkt. C = 0,6 Y Aa = 4 mln mensen

Nadere informatie

H23 VERBANDEN vwo de Wageningse Methode 1

H23 VERBANDEN vwo de Wageningse Methode 1 H23 VERBANDEN vwo f 23.0 INTRO 1 a - De oven- en ondergrens van de aeroe zone. 2 2 iggen en 44 hanen of 7 iggen en 15 hanen 23.1 VERBANDEN IN DE PRAKTIJK 3 a 4 km t 0 6 12 15 18 36 a 0 2 4 5 6 12 6 a 25

Nadere informatie

Khaqani Academy, versie 1.0 rev. mei 2016 Uitgave Khaqani Academy 2016

Khaqani Academy, versie 1.0 rev. mei 2016 Uitgave Khaqani Academy 2016 Khaqani Aademy, versie.0 rev. mei 206 Uitgave Khaqani Aademy 206 Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen in welke vorm dan ook zonder toestemming van de rehtheenden. Voor informatie kunt u zih wenden

Nadere informatie

Indexcijfers. - We rekenen volumes van allerlei zaken om naar procenten - We vergelijken vervolgens die cijfers om conclusies te trekken

Indexcijfers. - We rekenen volumes van allerlei zaken om naar procenten - We vergelijken vervolgens die cijfers om conclusies te trekken Wat is een? Binnen de economie vergelijken we vaak procentuele ontwikkelingen. Die ontwikkelingen zijn in geld uitgedrukt soms lastig te doorzien. Zo wordt de economische groei van een land uitgedrukt

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend.

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. Bankzaken 1 maximumscore 1 Voorbeeld van een juiste verklaring: De inflatie van 1,6% is een gemiddelde waarin de

Nadere informatie

Koopkracht en inflatie vmbo12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Koopkracht en inflatie vmbo12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 25 July 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/62156 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie