JIN 2013/73 Proefprocedure, Reikwijdte art. 2:403, Groepsvrijstelling, Preferentie, Voorrecht

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "JIN 2013/73 Proefprocedure, Reikwijdte art. 2:403, Groepsvrijstelling, Preferentie, Voorrecht"

Transcriptie

1 JIN 2013/73 Proefprocedure, Reikwijdte art. 2:403, Groepsvrijstelling, Preferentie, Voorrecht Wetsbepaling(en): BW Boek 2 Artikel 403, BW Boek 3 Artikel 278, BW Boek 3 Artikel 288 Ook gepubliceerd in: Overige referenties: JOR 2002/136 Fout! De hyperlinkverwijzing is ongeldig. Aflevering 2013 afl. 4 Rubriek College Ondernemingsrecht Rechtbank Midden-Nederland Datum 30 januari 2013 Rolnummer Rechter(s) Partijen Noot / HA ZA LJN BZ0334 mr. Verschoof mr. Frieling mr. Staal de publiekrechtelijke rechtspersoon zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen, gevestigd te Amsterdam, eiseres, advocaat mr. M.A.L.M. Willems te Amsterdam, tegen 1. mr. A.A.M. Deterink, wonende te Eindhoven, 2. mr. W.J.M. van Andel, wonende te Utrecht, in hun hoedanigheid van curatoren in het faillissement van Econcern NV verweerders, advocaat mr. C.R.E. ten Cate te Utrecht. Partijen zullen hierna UWV en de curatoren genoemd worden. J. van der Kraan Trefwoorden Proefprocedure, Reikwijdte art. 2:403, Groepsvrijstelling, Preferentie, Voorrecht Regelgeving BW Boek BW Boek BW Boek ; lid sub e RV - 25 WW - 66 ; lid 1 JIN 2013/73 Rechtbank Midden-Nederland, , / HA ZA , LJN BZ0334 Proefprocedure, Reikwijdte art. 2:403, Groepsvrijstelling, Preferentie, Voorrecht

2 »Samenvatting Het UWV subrogeert in de vorderingen die werknemers op Innogrow hebben. Op basis van de door de moeder gedeponeerde 403-verklaring spreekt het UWV tevens de moedervennootschap, Econcern, aan. Het UWV stelt dat de vordering op Econcern preferent is, evenals de vordering op Innogrow. Wat partijen verdeeld houdt, is het antwoord op de vraag of de preferentie die is verbonden aan de vordering van UWV op Innogrow, ook is verbonden aan de op de aansprakelijkheidsverklaring gebaseerde vordering van UWV op Econcern. De rechtbank beantwoordt deze vraag ontkennend. Volgens art. 3:278 BW ontstaan voorrechten slechts uit de wet. Art. 3:288 sub e BW geeft slechts, binnen zekere grenzen, een voorrecht aan vorderingen van werknemer op (het vermogen van) werkgever. Econcern geldt niet als werkgever van de werknemers in wier rechten UWV is gesubrogeerd, dat hebben partijen ook niet betoogd. Art. 2:403 BW verondersteld dat die bepaling in het onderhavige geval van toepassing zou zijn noch enige andere wetbepaling verbindt een voorrecht aan aansprakelijkheid die voortvloeit uit door een moedervennootschap ten behoeve van haar dochtervennootschap afgegeven aansprakelijkheidsverklaring. Of de hoofdelijke aansprakelijkheid van de moedervennootschap voortvloeit uit één verbintenis met als debiteuren de moeder- en de dochtervennootschap, zoals UWV stelt, of uit een zelfstandige verbintenis van de moedervennootschap die van die van de dochtervennootschap moet worden onderscheiden, zoals de curatoren stellen, maakt hiervoor niet uit. Het gaat er bij preferentie immers juist om of een vordering bevoorrecht is op (de executieopbrengst van) het vermogen van een bepaalde debiteur. Daarvan is geen sprake als de wet dat niet stipuleert, ook niet als men het aldus zou willen zien dat diezelfde vordering wel, op grond van de wet, bevoorrecht is op (de executieopbrengst van) het vermogen van een andere debiteur. Aan het voorgaande doet niet af, anders dan UWV stelt, dat de strekking van een op voet van art. 2:403 BW afgegeven aansprakelijkheidsverklaring is bescherming te bieden aan potentiële schuldeisers die ingevolge de toepassing van de in art. 2:403 BW gegeven vrijstelling, hun beslissing om al dan niet met de dochtermaatschappij te contracteren niet meer op de jaarstukken van de dochtervennootschap kunnen baseren (vlg. genoemd arrest Akzo Nobel/ING). Bedoelde bescherming heeft de wetgever geboden met niet meer dan de verplichting van de moedervennootschap zich hoofdelijk aansprakelijk te stellen voor de uit rechtshandelingen voortvloeiende schulden van de betreffende dochtervennootschap (naast de overige door art. 2:403 BW gestelde voorwaarden), niet tevens met een voorrecht op (de executieopbrengst van) het vermogen van de moedervennootschap indien de vordering op de dochtervennootschap bevoorrecht is. Deze bescherming zal in sommige gevallen effectief zijn en in andere niet, maar dat zou ook gelden wanneer op de aansprakelijkheidsverklaring gebaseerde vorderingen op de moedervennootschap wel naargelang de voorrang van de onderliggende vorderingen op de dochtervennootschap bevoorrecht zouden zijn. (In voorkomend geval zal een moedervennootschap immers wel verhaal bieden voor concurrente schuldeisers, in ander geval zelfs niet voor preferente schuldeisers.) Aan het voorgaande doet evenmin af, anders dan UWV stelt, de omstandigheid dat de aan de vrijstelling van art. 2:403 BW verbonden verplichting om een aansprakelijkheidsverklaring af te leggen, is gebaseerd op de vierde EG-richtlijn tot harmonisatie van het jaarrekeningenrecht (art /660/EEG), die het aldus formuleert dat de moedervennootschap zich moet hebben garant verklaard voor de door de dochtervennootschap aangegane verplichtingen. Uit die omschrijving valt immers niet af te

3 leiden dat de verbintenissen die voortvloeien uit de aansprakelijkheidsverklaring ook bevoorrecht (moeten) zijn indien de onderliggende vorderingen jegens de dochtervennootschap dat zijn. Een richtlijnconforme interpretatie van art. 2:403 BW noodzaakt dus niet tot iets anders dan hiervoor is overwogen. beslissing/besluit»uitspraak Rechtbank: 1. De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding - de conclusie van antwoord Vervolgens hebben partijen medegedeeld geen behoefte te hebben aan mondelinge behandeling of een nadere schriftelijke uitlating. Daarop is, ten slotte, vonnis bepaald. 2. De feiten 2.1. Op 11 november 2003 heeft Econcern NV (hierna: Econcern), destijds handelend onder de naam Econcern BV, op voet van artikel 2:403 lid 1 sub f van het Burgerlijk Wetboek (BW) een verklaring gedeponeerd, inhoudende dat zij zich, behoudens tussentijdse intrekking conform de wet, hoofdelijk aansprakelijk stelt voor uit rechtshandelingen voortvloeiende schulden van onder meer haar dochtermaatschappij Innogrow International BV (hierna: Innogrow) (hierna: de aansprakelijkheidsverklaring) Econcern is op 18 september 2009 failliet verklaard Innogrow is op 2 februari 2010 in staat van faillissement verklaard. UWV is op voet van artikel 66 lid 1 van de Werkloosheidswet (WW) getreden in loonaanspraken van werknemers van Innogrow op Innogrow tot een bedrag van ,92, welke vordering in het faillissement van Innogrow is bevoorrecht op voet van artikel 3:288 sub e BW jº 66 lid 1 WW jº 6:142 lid 1 BW. 3. Het geschil 3.1. UWV vordert erkenning van haar vordering van ,92 in het faillissement van Econcern, met inbegrip van het door haar geclaimde voorrecht op voet van artikel 3:288 sub e BW UWV legt aan deze vordering ten grondslag de aansprakelijkheid van Econcern voor de schuld van Innogrow aan UWV, op grond van de aansprakelijkheidsverklaring.

4 3.3. De curatoren hebben de vordering van UWV voorlopig erkend, met uitzondering van de geclaimde preferentie. In de onderhavige procedure concluderen zij overigens tot integrale afwijzing van het gevorderde, met veroordeling van UWV in de kosten Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4. De beoordeling 4.1. De curatoren hebben in de onderhavige procedure de vordering van UWV als ten minste concurrente vordering, niet gemotiveerd betwist. Weliswaar concluderen de curatoren ongeclausuleerd tot afwijzing van het gevorderde, maar die tot integrale afwijzing strekkende conclusie wordt niet gedragen door de door de curatoren aangedragen stellingen en verweren. Dit blijkt onder meer uit het volgende: - de mogelijkheid de curatoren laten zich hierover niet uit dat die conclusie slechts is getrokken omdat de curatoren menen dat de vordering van UWV reeds op de verificatievergadering (concurrent) is erkend (hierna, 4.6) en er dus slechts toe strekt dubbele erkenning te voorkomen; - de ongeclausuleerde stellingname van de curatoren in hun conclusie van antwoord dat zij de vordering van UWV in het faillissement van Econcern hebben erkend; - de omstandigheid dat zij de aansprakelijkheid van Econcern jegens UWV op grond van de aansprakelijkheidsverklaring als zodanig, geabstraheerd van de preferentiekwestie, in de onderhavige procedure op geen enkele wijze inhoudelijk hebben betwist De aansprakelijkheid op grond van een aansprakelijkheidsverklaring die is afgegeven in verband met de vrijstelling van artikel 2:403 BW, is niet rechtstreeks gebaseerd op de wet (artikel 2:403 BW) maar op de aansprakelijkheidsverklaring zelf (HR 28 juni 2002, LJN AE4663, JOR 2002, 136 (Akzo Nobel/ING)). Geen rechtsregel verbiedt dat een door een moedervennootschap ten behoeve van een dochtervennootschap afgegeven aansprakelijkheidsverklaring een verdergaande strekking heeft dan artikel 2:403 BW voorschrijft. De uitleg die UWV aan de aansprakelijkheidsverklaring heeft gegeven, te weten dat deze in het onderhavige geval mede strekt tot aanvaarding van aansprakelijkheid jegens UWV die op grond van artikel 66 lid 1 WW is getreden in de rechten van werknemers van Innogrow jegens Innogrow, is blijkens het voorgaande niet of ten minste niet gemotiveerd weersproken. Nu artikel 25 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering op dit punt geen toepassing claimt, heeft de rechtbank hierin dan niet te treden. De rechtbank dient er aldus vanuit te gaan dat UWV ten minste een concurrente vordering heeft in het faillissement van Econcern Wat partijen verdeeld houdt, is het antwoord op de vraag of de preferentie die is verbonden aan de vordering van UWV op Innogrow, ook is verbonden aan de op de aansprakelijkheidsverklaring gebaseerde vordering van UWV op Econcern. De rechtbank beantwoordt deze vraag ontkennend. Volgens artikel 3:278 BW ontstaan voorrechten slechts uit de wet. Artikel 3:288 sub e BW geeft slechts, binnen zekere grenzen, een voorrecht aan vorderingen van werknemer op (het vermogen van) werkgever. Econcern geldt niet als werkgever van de wernemers in wier rechten UWV is gesubrogeerd, dat hebben partijen ook niet betoogd. Artikel 2:403 BW verondersteld dat die bepaling in het onderhavige geval van toepassing zou zijn noch enige andere wetbepaling verbindt een voorrecht aan aansprakelijkheid die voortvloeit uit door een moedervennootschap ten

5 behoeve van haar dochtervennootschap afgegeven aansprakelijkheidsverklaring. Of de hoofdelijke aansprakelijkheid van de moedervennootschap voortvloeit uit één verbintenis met als debiteuren de moeder- en de dochtervennootschap, zoals UWV stelt, of uit een zelfstandige verbintenis van de moedervennootschap die van die van de dochtervennootschap moet worden onderscheiden, zoals de curatoren stellen, maakt hiervoor niet uit. Het gaat er bij preferentie immers juist om of een vordering bevoorrecht is op (de executieopbrengst van) het vermogen van een bepaalde debiteur. Daarvan is geen sprake als de wet dat niet stipuleert, ook niet als men het aldus zou willen zien dat diezelfde vordering wel, op grond van de wet, bevoorrecht is op (de executieopbrengst van) het vermogen van een andere debiteur Aan het voorgaande doet niet af, anders dan UWV stelt, dat de strekking van een op voet van artikel 2:403 BW afgegeven aansprakelijkheidsverklaring is bescherming te bieden aan potentiële schuldeisers die ingevolge de toepassing van de in artikel 2:403 BW gegeven vrijstelling, hun beslissing om al dan niet met de dochtermaatschappij te contracteren niet meer op de jaarstukken van de dochtervennootschap kunnen baseren (vlg. genoemd arrest Akzo Nobel/ING). Bedoelde bescherming heeft de wetgever geboden met niet meer dan de verplichting van de moedervennootschap zich hoofdelijk aansprakelijk te stellen voor de uit rechtshandelingen voortvloeiende schulden van de betreffende dochtervennootschap (naast de overige door artikel 2:403 BW gestelde voorwaarden), niet tevens met een voorrecht op (de executieopbrengst van) het vermogen van de moedervennootschap indien de vordering op de dochtervennootschap bevoorrecht is. Deze bescherming zal in sommige gevallen effectief zijn en in andere niet, maar dat zou ook gelden wanneer op de aansprakelijkheidsverklaring gebaseerde vorderingen op de moedervennootschap wel naar gelang de voorrang van de onderliggende vorderingen op de dochtervennootschap bevoorrecht zouden zijn. (In voorkomend geval zal een moedervennootschap immers wel verhaal beiden voor concurrente schuldeisers, in ander geval zelfs niet voor preferente schuldeisers.) 4.5. Aan het voorgaande doet evenmin af, anders dan UWV stelt, de omstandigheid dat de aan de vrijstelling van artikel 2:403 BW verbonden verplichting om een aansprakelijkheidsverklaring af te leggen, is gebaseerd op de vierde EG-richtlijn tot harmonisatie van het jaarrekeningenrecht (78/660/EEG) (artikel 57), die het aldus formuleert dat de moedervennootschap zich moet hebben garant verklaard voor de door de dochtervennootschap aangegane verplichtingen. Uit die omschrijving valt immers niet af te leiden dat de verbintenissen die voortvloeien uit de aansprakelijkheidsverklaring ook bevoorrecht (moeten) zijn indien de onderliggende vorderingen jegens de dochtervennootschap dat zijn. Een richtlijnconforme interpretatie van artikel 2:403 BW noodzaakt dus niet tot iets anders dan hiervoor is overwogen Uit het enkele door UWV overgelegde proces-verbaal van de verificatievergadering in het faillissement van Econcern van 13 december 2011, zonder de daarbij behorende bijlage 2 (lijsten van erkende schuldeisers), die geen van beide partijen heeft overgelegd, blijkt niet of de vordering van UWV daadwerkelijk (definitief) als ten minste concurrente vordering is erkend, en partijen laten zich hierover ook niet eenduidig uit. De rechtbank zal de vordering van UWV in de onderhavige procedure daarom (slechts) concurrent erkennen onder de voorwaarde dat die erkenning niet reeds ter gelegenheid van bedoelde verificatievergadering heeft plaatsgevonden UWV zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten van de curatoren worden begroot op 719,= ( 267,= vast recht en 452,= salaris advocaat).

6 5. De beslissing De rechtbank 5.1. erkent, voor zover erkenning niet reeds heeft plaatsgevonden op de verificatievergadering van 13 december 2011, de vordering van UWV in het faillissement van Econcern tot een bedrag van ,92 als concurrente vordering, 5.2. veroordeelt UWV in de proceskosten, aan de zijde van de curatoren tot op heden begroot op 719,=, 5.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 5.4. wijst het meer of anders gevorderde af.»annotatie 1.De relevante feiten voor het procesverloop 1.1 Econcern is de moedervennootschap van Innogrow. Innogrow is op basis van art. 2:403 BW (de groepsvrijstelling) vrijgesteld van de verplichting om haar volledige jaarverslag op te stellen en te publiceren. Innogrow kan derhalve volstaan met de publicatie van een beperkt jaarverslag. Conform de regeling van art. 2:403 BW heeft Econcern zich als moedervennootschap hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor de schulden die voortvloeien uit rechtshandelingen verricht door Innogrow (de temporele reikwijdte van de aansprakelijkheid zal hier buiten beschouwing worden gelaten). Doordat de schuldeisers van Innogrow de mogelijkheid hebben om Econcern aan te spreken, wordt het gebrek aan informatie, dat wordt veroorzaakt door het niet-publiceren van een volledig jaarverslag, gecompenseerd. Zo is de gedachte. 1.2 Econcern failleert op 18 september Innogrow failleert op 2 februari De werknemers van Innogrow hebben een loonvordering. Dit vorderingsrecht is versterkt met een recht van voorrecht, ex art. 3:288 sub e BW. Dit artikel bepaalt dat onder meer al hetgeen een werknemer over het lopende en het voorafgaande kalenderjaar in geld op grond van de arbeidsovereenkomst van zijn werkgever te vorderen heeft, bevoorrechte vorderingen zijn. Dit voorrecht geeft een voorrang tot verhaal op alle goederen van de werkgever. 2. Het voorrecht 2.1 Een recht van voorrecht dient niet te worden verward met het recht van voorrang, zoals pandhouders en hypotheekhouders hebben. Voor het onderscheid zie art. 3:278 en art. 2:279 BW. Voorrechten zijn echter geen zakelijke rechten. Voorrechten kunnen zowel op zaken als op vermogensrechten rusten, zie Asser, 3-VI* Zekerheidsrechten, p Een voorrecht is verbonden aan een bepaalde vordering. Zonder die vordering kan het voorrecht niet bestaan (art. 3:7 BW). Dit afhankelijke karakter maakt dat een voorrecht een nevenrecht is. Zie in dat kader ook art. 6:142 lid 1 BW; bij overgang van de vordering

7 verkrijgt de verkrijger ook het voorrecht. Voorrecht wordt in de literatuur voorts geduid als een persoonlijk recht waaraan een bepaalde vorm van voorrang is verbonden, zie Asser 3- VI* Zekerheidsrechten, p In onderhavige casus hebben de werknemers van Innogrow een voorrecht dat rust op alle goederen van Innogrow. De werknemers hoeven het aan hen toekomende voorrecht niet te gebruiken. De werknemers van Innogrow worden namelijk gecompenseerd door het UWV. 3. Compensatie van werknemers op grond van art. 66 WW 3.1 Art. 66 WW bepaalt in lid 1 dat wanneer het UWV een werknemer compenseert, de vorderingen van de werknemer op de werkgever overgaan op het UWV. Hoewel art. 66 lid 1 WW duidelijk aangeeft dat slechts het vorderingsrecht overgaat, wordt in de literatuur verdedigd dat er bij overgang van vorderingen, zoals bedoeld in art. 66 lid 1 WW, sprake is van subrogatie (zie o.a. R.M. Wibier, Overgang van vorderingen en schulden en afstand van vorderingen, nr. 36. Deventer: Kluwer 2009). Is sprake van subrogatie, dan gaat niet alleen het vorderingsrecht mee over, maar dan gaan ook de nevenrechten mee over (zie art. 6:142 BW). De beredenering dat sprake is van subrogatie is een logische beredenering, die volledig aansluit bij de tekst van art. 6:142 lid 1 BW. In dat kader is het wel opmerkelijk dat art. 66 WW lid 3 bepaalt dat de vorderingen van het UWV zoals bedoeld in het tweede lid (en dus niet in het eerste lid) zijn bevoorrecht op alle goederen van de werkgever. Hoewel algemeen wordt aanvaard dat het UWV het werknemersvoorrecht toekomt, zou in combinatie met de vaststelling dat het voorrecht een persoonlijk recht is, kunnen worden getwijfeld aan de vraag of het in beginsel aan de werknemers toekomende voorrecht ook aan het UWV toekomt. 3.2 In ieder geval kan worden geconcludeerd dat het UWV, na het voldoen van de vorderingen die de werknemers op Innogrow hadden, corresponderende vorderingen op Innogrow heeft. Ik ga er voor de verdere bespreking van deze casus van uit dat aan deze vorderingsrechten tevens het voorrecht als nevenrecht is verbonden, omdat het voorrecht op basis van subrogatie is overgegaan op het UWV (art. 6:142 BW). 3.3 Het UWV heeft een vordering op Innogrow, die is versterkt met een voorrecht. Daarnaast wenst het UWV ook moedervennootschap Econcern aan te spreken. Dit kan het UWV doen op basis van de 403-verklaring die Econcern deponeerde voor de schulden van haar vrijgestelde dochter Innogrow. 4. De vordering op Econcern 4.1 Niet is gebleken dat de werknemers Econcern zelf al hadden aangesproken. De werknemers hadden op basis van de 403-verklaring het wilsrecht om de moedervennootschap aan te spreken. Een eventueel vorderingsrecht van een werknemer op Econcern ontstaat zodra een werknemer Econcern aanspreekt op basis van de 403- verklaring. Is Econcern nog niet aangesproken, dan is nog geen vorderingsrecht op haar ontstaan, en is van de overgang van een vorderingsrecht op Econcern van de werknemers naar het UWV ook geen sprake (zie J. van der Kraan, De groepsvrijstelling op basis van art. 2:403 BW, par , Tilburg: Celsus juridische uitgeverij 2012 en de daar

8 aangehaalde literatuur. Anders: Rb. Midden-Nederland 30 januari 2013, «JOR» 2013/70 m.nt. E.A. van Dooren). 4.2 De vorderingen die het UWV heeft overgenomen, bestaan uit de loonvorderingen van de werknemers op Innogrow. Deze ontstonden reeds toen de werknemers recht hadden op de uitbetaling van het loon. De vorderingen zijn gebaseerd op de onderliggende arbeidsovereenkomsten. Deze vorderingen zijn niet gewijzigd of tenietgegaan. Op basis van subrogatie heeft het UWV de positie van de werknemers overgenomen. De subrogatie van de bestaande vorderingen op Innogrow vond plaats op basis van art. 66 lid 1 WW. Art. 66 lid 1 WW creëert echter geen nieuwe vorderingen, van vorderingen die zijn ontstaan op basis van de wet (art. 66 lid 1 WW) is dan ook geen sprake (anders: Rb. Midden- Nederland 30 januari 2013, «JOR» 2013/70 m.nt. E.A. van Dooren). 4.3 Op basis van de gedeponeerde 403-verklaring komt het UWV zelfstandig het wilsrecht toe om Econcern aan te spreken. Van overgang (of volgen) van het wilsrecht in de zin van art. 3:82 BW is geen sprake. Het zichzelf aansprakelijk stellen, wat Econcern heeft gedaan middels het deponeren van een 403-verklaring, is een ongerichte rechtshandeling, en daarmee net zo min (of meer) gericht tot de werknemers als tot het UWV. Het ontspringen van een nieuw zelfstandig wilsrecht op basis van de gedeponeerde 403-verklaring is in lijn met de opvatting van de Hoge Raad (HR 28 juni 2002, «JOR» 2002/136 m.nt. Bartman; A.G. de Neve, De concernvrijstelling: de 403-aansprakelijkheid volgens de Hoge Raad, TvI 2002, p ; J. van der Kraan, De groepsvrijstelling op basis van art. 2:403 BW, par , Tilburg: Celsus juridische uitgeverij 2012). 4.4 Het vorderingsrecht van het UWV op Econcern ontstaat daarmee na het faillissement op Econcern. Hoe dit zich verhoudt met het fixatiebeginsel is niet duidelijk. Alle rechten en plichten van de schuldeisers worden bepaald op de dag waarop de insolventieprocedure wordt geopend (zie N.J. Polak en M. Pannevis, Faillissementsrecht, par. 1.4, Deventer: Kluwer 2008). Zowel het wilsrecht om Econcern aan te spreken, als het vorderingsrecht dat op basis van de aansprakelijkstelling volgt, zijn rechten die pas na de dag waarop de insolventieprocedure van Econcern is geopend ontstaan. De vraag is in hoeverre de positie van het UWV als gefixeerd kan worden aangemerkt. De vraag die daarbij moet worden beantwoord, is of op de dag waarop de insolventieprocedure werd geopend al vaststond dat het UWV de vorderingen van de werknemers moest voldoen, en dat vaststond dat zij daarvoor Econcern kon aanspreken op basis van de destijds al gedeponeerde 403- verklaring. 4.5 In onderhavige casus hebben de curatoren de vordering van het UWV voorafgaand aan de procedure voorlopig erkend. In de procedure hebben de curatoren zich kennelijk alsnog op het standpunt gesteld dat de vordering in het geheel moest worden afgewezen, maar blijkens de uitspraak hebben de curatoren daarvoor geen toereikende stellingen en verweren aangedragen. 5. Vordering op Econcern versterkt met een voorrecht? 5.1 Hetgeen partijen in onderhavige casus met name verdeeld houdt, is de vraag of de vordering, die het UWV op basis van de 403-verklaring op de boedel van Econcern meent te hebben, en welke voorlopig door de curatoren is erkend, is versterkt met een voorrecht.

9 5.2 Ik betoogde reeds dat het vorderingsrecht op Econcern pas is ontstaan toen het UWV Econcern aansprak op basis van de 403-verklaring, en dat geen sprake is van een vorderingsrecht op Econcern dat is overgegaan. De vraag is of het aanspraak maken door Econcern ertoe leidt dat een (nieuw) voorrecht ontstaat. 5.3 Het voorrecht komt het UWV niet toe doordat er een overdracht of overgang van dat recht plaatsvindt. Op basis van art. 3:288 sub e BW dient een voorrecht te ontstaan voor het nieuwe vorderingsrecht dat het UWV verkrijgt op Econcern. Ik concludeer dat art. 3:288 sub e daarvoor geen ruimte biedt. Daarnaast geldt dat, wanneer de tekst van de gedeponeerde 403-verklaring aan de strikte minima voldoet om te kwalificeren als 403- verklaring, daarin slechts zal zijn opgenomen dat Econcern zich aansprakelijk stelt voor de schulden die voortvloeien uit rechtshandelingen van Innogrow. Een recht dat voortvloeit uit een voorrecht ziet op de positie van een schuldeiser, het creëert geen (extra) vordering en daarmee ook geen schuld. Laat staan een schuld waarvoor Econcern zich aansprakelijk heeft gesteld. De vordering op de vrijgestelde vennootschap is nu eenmaal niet dezelfde als de vordering op de moedervennootschap (in gelijke zin: Rechtbank Haarlem 28 juli 2010, «JOR» 2010/264. Anders: Rechtbank Haarlem 16 november 2005, «JOR» 2006/27). De beschermende gedachte achter de 403-verklaring ten spijt, concludeer ik dat de Rechtbank Midden-Nederland in hoofdlijnen op het juiste spoor zit en het UWV voor zover het zijn vordering op Econcern betreft geen voorrecht toekomt. J. van der Kraan, Banning N.V.

133. Preferentie en achterstelling in samenloop met de groepsvrijstelling

133. Preferentie en achterstelling in samenloop met de groepsvrijstelling 133. Preferentie en achterstelling in samenloop met de groepsvrijstelling van art. 2:403 BW Mr. J. van der Kraan In deze bijdrage wordt de samenloop van het groepsregime van art. 2:403 BW met preferentie

Nadere informatie

Rechtbank Midden-Nederland 30-01-2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ0341, (werkneemster/curatoren in het faillissement van Econcern)

Rechtbank Midden-Nederland 30-01-2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ0341, (werkneemster/curatoren in het faillissement van Econcern) commentaar op Rechtbank Midden-Nederland 30-01-2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ0341, (werkneemster/curatoren in het faillissement van Econcern) datum 12-03-2013 auteur J.P.H. Zwemmer Rechtbank Midden-Nederland

Nadere informatie

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ecli:nl:rbove...

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ecli:nl:rbove... Rechtspraak.nl Print uitspraak 1 of 5 071215 09:02 Zoekresultaat inzien document ECLI:NL:RBOVE:2013:1448 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecl Instantie Rechtbank Overijssel

Nadere informatie

Rechtspraak.nl - Print uitspraak

Rechtspraak.nl - Print uitspraak pagina 1 van 6 Zoekresultaat - inzien document ECLI:NL:RBAMS:2014:6139 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 13-08-2014 Datum publicatie 19-09-2014 Zaaknummer HA ZA 14-295 Rechtsgebieden Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2011:BP3927

ECLI:NL:RBROT:2011:BP3927 ECLI:NL:RBROT:2011:BP3927 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 05-01-2011 Datum publicatie 10-02-2011 Zaaknummer 332164 / HA ZA 09-1605 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

LJN: BV6124,Voorzieningenrechter Rechtbank Arnhem, Datum uitspraak: Datum publicatie:

LJN: BV6124,Voorzieningenrechter Rechtbank Arnhem, Datum uitspraak: Datum publicatie: LJN: BV6124,Voorzieningenrechter Rechtbank Arnhem, 225359 Datum uitspraak: 15-02-2012 Datum publicatie: Rechtsgebied: 17-02-2012 Handelszaak Soort procedure: Kort geding Inhoudsindicatie: In deze zaak

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNNE:2016:4508 Rechtbank Noord-Nederland Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer CV EXPL

ECLI:NL:RBNNE:2016:4508 Rechtbank Noord-Nederland Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer CV EXPL ECLI:NL:RBNNE:2016:4508 Instantie Rechtbank Noord-Nederland Datum uitspraak 06-09-2016 Datum publicatie 11-10-2016 Zaaknummer 4888855 CV EXPL 16-3386 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Op

Nadere informatie

ECLI:NL:RBARN:2010:BN9752

ECLI:NL:RBARN:2010:BN9752 ECLI:NL:RBARN:2010:BN9752 Instantie Rechtbank Arnhem Datum uitspraak 04-10-2010 Datum publicatie 07-10-2010 Zaaknummer 205064 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht Eerste aanleg

Nadere informatie

Honderbezitter aansprakelijk voor schade aangericht door hond aan hondenuitlaatster

Honderbezitter aansprakelijk voor schade aangericht door hond aan hondenuitlaatster Honderbezitter aansprakelijk voor schade aangericht door hond aan hondenuitlaatster LJN: BW9368, Rechtbank Amsterdam, 6 juni 2012 2. De feiten 2.1. [A] en [B] wonen tegenover elkaar in [plaats]. [C] woont

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2015:4468

ECLI:NL:RBROT:2015:4468 ECLI:NL:RBROT:2015:4468 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 24-06-2015 Datum publicatie 14-07-2015 Zaaknummer C-10-459512 - HA ZA 14-950 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBASS:2006:AY8841

ECLI:NL:RBASS:2006:AY8841 ECLI:NL:RBASS:2006:AY8841 Instantie Rechtbank Assen Datum uitspraak 25-09-2006 Datum publicatie 26-09-2006 Zaaknummer 58445 - KG ZA 06-182 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBHAA:2009:BI7758

ECLI:NL:RBHAA:2009:BI7758 ECLI:NL:RBHAA:2009:BI7758 Instantie Rechtbank Haarlem Datum uitspraak 12-05-2009 Datum publicatie 12-06-2009 Zaaknummer 156351 - KG ZA 09-197 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ6321

ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ6321 ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ6321 Instantie Rechtbank Utrecht Datum uitspraak 10-01-2007 Datum publicatie 17-01-2007 Zaaknummer 222545 / KG ZA 06-1184 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2016:1678

ECLI:NL:RBAMS:2016:1678 ECLI:NL:RBAMS:2016:1678 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 24-03-2016 Datum publicatie 29-03-2016 Zaaknummer KK EXPL 16-200 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBARN:2011:BP6133

ECLI:NL:RBARN:2011:BP6133 ECLI:NL:RBARN:2011:BP6133 Instantie Rechtbank Arnhem Datum uitspraak 16-02-2011 Datum publicatie 01-03-2011 Zaaknummer 186739 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht Eerste aanleg

Nadere informatie

ECLI:NL:GHDHA:2014:3834

ECLI:NL:GHDHA:2014:3834 ECLI:NL:GHDHA:2014:3834 Instantie Gerechtshof Den Haag Datum uitspraak 28-10-2014 Datum publicatie 27-11-2014 Zaaknummer 200.140.914/01 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNHO:2014:8414

ECLI:NL:RBNHO:2014:8414 ECLI:NL:RBNHO:2014:8414 Instantie Datum uitspraak 16-06-2014 Datum publicatie 13-11-2014 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 2896454 CV EXPL 14-830 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMID:2008:BD7099

ECLI:NL:RBMID:2008:BD7099 ECLI:NL:RBMID:2008:BD7099 Instantie Rechtbank Middelburg Datum uitspraak 09-07-2008 Datum publicatie 14-07-2008 Zaaknummer 57005/HA ZA 07-148 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2016:665

ECLI:NL:RBROT:2016:665 ECLI:NL:RBROT:2016:665 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 20012016 Datum publicatie 28012016 Zaaknummer C/10/473480 / HA ZA 15333 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

Wetsbepaling(en): Burgerlijk Wetboek Boek 1 BW BOEK 1 Artikel 88 Ook gepubliceerd in: ECLI:NL:RBMNE:2014:2221, RO 2014/64

Wetsbepaling(en): Burgerlijk Wetboek Boek 1 BW BOEK 1 Artikel 88 Ook gepubliceerd in: ECLI:NL:RBMNE:2014:2221, RO 2014/64 JOR 2014/307 Borgtochtovereenkomst, Uitzondering ex art. 1:88 lid 5 BW ook van toepassing op buitenlandse rechtspersoon, indien deze met Nederlandse vennootschap kan worden gelijkgesteld, Aangaan lening

Nadere informatie

ECLI:NL:RBARN:2010:BO4467

ECLI:NL:RBARN:2010:BO4467 ECLI:NL:RBARN:2010:BO4467 Instantie Rechtbank Arnhem Datum uitspraak 01-11-2010 Datum publicatie 19-11-2010 Zaaknummer 710236 VV Expl. 10-8085 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2015:5812

ECLI:NL:RBAMS:2015:5812 ECLI:NL:RBAMS:2015:5812 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 23-06-2015 Datum publicatie 04-09-2015 Zaaknummer CV EXPL 14-22777 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

EJEA ECLI:NL:RBMNE:2016:3152 Rechtbank Midden-Nederland Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer414169/KG ZA

EJEA ECLI:NL:RBMNE:2016:3152 Rechtbank Midden-Nederland Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer414169/KG ZA EJEA 16101 ECLI:NL:RBMNE:2016:3152 Rechtbank MiddenNederland Datum uitspraak17062016 Datum publicatie04072016 Zaaknummer414169/KG ZA 16314 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Kort geding Inhoudsindicatie

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOVE:2014:5578

ECLI:NL:RBOVE:2014:5578 ECLI:NL:RBOVE:2014:5578 Instantie Rechtbank Overijssel Datum uitspraak 17-09-2014 Datum publicatie 17-10-2014 Zaaknummer C/08/152582/ ha za 14-111 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

Vonnis in kort geding in de zaak met zaaknummer / rolnummer: 151558 / KG ZA 08-640 van

Vonnis in kort geding in de zaak met zaaknummer / rolnummer: 151558 / KG ZA 08-640 van Gemeente Haarlemmermeer Baan Kleef Aan DomJur 2008-432 Rechtbank Haarlem Zaak-/rolnummer: 151558 / KG ZA 08-640 en 151565 / KG ZA 08-641 Datum: 22 december 2008 Vonnis in kort geding in de zaak met zaaknummer

Nadere informatie

ECLI:NL:RBDHA:2017:4885

ECLI:NL:RBDHA:2017:4885 ECLI:NL:RBDHA:2017:4885 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 10052017 Datum publicatie 12052017 Zaaknummer C/09/504538 / HA ZA 16112 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Ondernemingsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2017:2309

ECLI:NL:RBLIM:2017:2309 ECLI:NL:RBLIM:2017:2309 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 15032017 Datum publicatie 16032017 Zaaknummer 5377597 cv 169148 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Arbeidsrecht Burgerlijk

Nadere informatie

zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 juli 2014

zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 juli 2014 arrest GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team II zaaknummer :200.140.465101 KG zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2017:5084

ECLI:NL:RBROT:2017:5084 ECLI:NL:RBROT:2017:5084 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 24-05-2017 Datum publicatie 03-07-2017 Zaaknummer C/10/511503 HA ZA 16-981 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBUTR:2007:BA4351

ECLI:NL:RBUTR:2007:BA4351 ECLI:NL:RBUTR:2007:BA4351 Instantie Rechtbank Utrecht Datum uitspraak 03-05-2007 Datum publicatie 03-05-2007 Zaaknummer 515624 AV EXPL 07-35 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBALM:2010:BN8235

ECLI:NL:RBALM:2010:BN8235 ECLI:NL:RBALM:2010:BN8235 Instantie Rechtbank Almelo Datum uitspraak 22-09-2010 Datum publicatie 24-09-2010 Zaaknummer 113824 / KG ZA 10-207 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Kort geding

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2017:3542

ECLI:NL:RBLIM:2017:3542 ECLI:NL:RBLIM:2017:3542 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 18-04-2017 Datum publicatie 21-04-2017 Zaaknummer 5832513 CV EXPL 17-2712 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Burgerlijk

Nadere informatie

ECLI:NL:GHSHE:2016:2505

ECLI:NL:GHSHE:2016:2505 ECLI:NL:GHSHE:2016:2505 Instantie Datum uitspraak 21-06-2016 Datum publicatie 24-04-2017 Zaaknummer Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie - Vindplaatsen Uitspraak Gerechtshof

Nadere informatie

ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ6219

ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ6219 ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ6219 Instantie Rechtbank Utrecht Datum uitspraak 15-07-2009 Datum publicatie 27-08-2009 Zaaknummer 259421 / HA ZA 08-2534 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOVE:2014:3241

ECLI:NL:RBOVE:2014:3241 ECLI:NL:RBOVE:2014:3241 Instantie Rechtbank Overijssel Datum uitspraak 05062014 Datum publicatie 16062014 Zaaknummer C/08/156166 / KG ZA 14182 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Kort geding

Nadere informatie

ECLI:NL:RBZLY:2011:BV2289

ECLI:NL:RBZLY:2011:BV2289 ECLI:NL:RBZLY:2011:BV2289 Instantie Datum uitspraak 07-12-2011 Datum publicatie 08-03-2012 Rechtbank Zwolle-Lelystad Zaaknummer 183834 / HZ ZA 11-422 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2014:7733

ECLI:NL:RBLIM:2014:7733 ECLI:NL:RBLIM:2014:7733 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 03-09-2014 Datum publicatie 20-11-2014 Zaaknummer 2502483 CV EXPL 13-4461 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2017:5985

ECLI:NL:RBAMS:2017:5985 ECLI:NL:RBAMS:2017:5985 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 18-08-2017 Datum publicatie 18-08-2017 Zaaknummer CV EXPL 17-2120 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ9384

ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ9384 ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ9384 Instantie Datum uitspraak 24-04-2013 Datum publicatie 03-05-2013 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Midden-Nederland 818166 UC EXPL 12-9177

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2013:8758

ECLI:NL:RBROT:2013:8758 ECLI:NL:RBROT:2013:8758 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 06-11-2013 Datum publicatie 07-11-2013 Zaaknummer C/10/416598 / HA ZA 13-90 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBHAA:2010:BN9920

ECLI:NL:RBHAA:2010:BN9920 ECLI:NL:RBHAA:2010:BN9920 Instantie Rechtbank Haarlem Datum uitspraak 23-09-2010 Datum publicatie 08-10-2010 Zaaknummer 171924 / KG ZA 10-360 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2016:3340

ECLI:NL:RBROT:2016:3340 ECLI:NL:RBROT:2016:3340 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 20042016 Datum publicatie 03052016 Zaaknummer 4878125 VV EXPL 1612 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Arbeidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBUTR:2009:BI6799

ECLI:NL:RBUTR:2009:BI6799 ECLI:NL:RBUTR:2009:BI6799 Instantie Rechtbank Utrecht Datum uitspraak 03-06-2009 Datum publicatie 05-06-2009 Zaaknummer 256615 / HA ZA 08-21443 juni 2009 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2016:4320

ECLI:NL:RBROT:2016:4320 ECLI:NL:RBROT:2016:4320 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 01-06-2016 Datum publicatie 09-06-2016 Zaaknummer C/10/491474 / HA ZA 15-1264 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie

Nadere informatie

Eiseres zal hierna [A] genoemd worden. Gedaagden zullen hierna ieder afzonderlijk [B] en [C], alsmede gezamenlijk [B] c.s. genoemd worden.

Eiseres zal hierna [A] genoemd worden. Gedaagden zullen hierna ieder afzonderlijk [B] en [C], alsmede gezamenlijk [B] c.s. genoemd worden. Rechtbank Amsterdam, 06 juni 2012; de hondenbezitter is aansprakelijk voor de letselschade van een vrouw die tijdens het uitlaten van de hond ten valt komt doordat de hond plotseling hard aan de lijn trok.

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2017:886

ECLI:NL:RBROT:2017:886 ECLI:NL:RBROT:2017:886 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 19-01-2017 Datum publicatie 03-02-2017 Zaaknummer C/10/518779 / KG ZA 17-53 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2016:199

ECLI:NL:RBAMS:2016:199 ECLI:NL:RBAMS:2016:199 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 20-01-2016 Datum publicatie 02-02-2016 Zaaknummer C/13/572226 / HA ZA 14-903 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Intellectueel-eigendomsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2017:8199

ECLI:NL:RBLIM:2017:8199 ECLI:NL:RBLIM:2017:8199 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 16082017 Datum publicatie 23082017 Zaaknummer C/03/239274 / KG ZA 17423 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Verbintenissenrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2016:229

ECLI:NL:RBROT:2016:229 ECLI:NL:RBROT:2016:229 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 06-01-2016 Datum publicatie 07-01-2016 Zaaknummer C/10/475943 / HA ZA 15-510 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2009:BJ2053

ECLI:NL:RBROT:2009:BJ2053 ECLI:NL:RBROT:2009:BJ2053 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 01-07-2009 Datum publicatie 09-07-2009 Zaaknummer 316131 / HA ZA 08-2408 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMID:2011:BR4744

ECLI:NL:RBMID:2011:BR4744 ECLI:NL:RBMID:2011:BR4744 Instantie Rechtbank Middelburg Datum uitspraak 09-02-2011 Datum publicatie 10-08-2011 Zaaknummer 75196 / HA ZA 10-466 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

Zoekresultaat inzien document. ECLI:NL:RBDHA:2016:5701 Permanente link: Uitspraak

Zoekresultaat inzien document. ECLI:NL:RBDHA:2016:5701 Permanente link: Uitspraak Zoekresultaat inzien document ECLI:NL:RBDHA:2016:5701 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/ Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 11 05 2016 Datum publicatie 30 05 2016 Zaaknummer C/09/491369

Nadere informatie

2.1. X leeft van een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand. Op deze uitkering worden de lopende huurbetalingen volledig ingehouden.

2.1. X leeft van een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand. Op deze uitkering worden de lopende huurbetalingen volledig ingehouden. beschikking RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Civiel recht kantonrechter zittinghoudende te Utrecht zaaknummer: 2534388 UE VERZ 13805 GD/4243 Beschikking van 13 december 2013 inzake X wonende te Arnhem,

Nadere informatie

zaaknummer / rolnummer: 371238 / KG ZA 10-891

zaaknummer / rolnummer: 371238 / KG ZA 10-891 vonnis RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 371238 / KG ZA 10-891 Vonnis in kort geding van 17 november 2010 in de zaak van 1. de vennootschap onder firma DIGI-D, gevestigd

Nadere informatie

pagina 1 van 5 ECLI:NL:RBDHA:2014:1019 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 29012014 Datum publicatie 12022014 Zaaknummer C09445041 HA ZA 13691 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNNE:2013:6272

ECLI:NL:RBNNE:2013:6272 ECLI:NL:RBNNE:2013:6272 Instantie Datum uitspraak 22-10-2013 Datum publicatie 20-11-2013 Rechtbank Noord-Nederland Zaaknummer 429507 - CV EXPL 13-2675 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie

Nadere informatie

"In naam des Konings!" vonnis. Team kanton en handelsrecht. Zittingsplaats Arnhem. zaaknummer I rolnummer: CI051278117 I KG ZA 15-67

In naam des Konings! vonnis. Team kanton en handelsrecht. Zittingsplaats Arnhem. zaaknummer I rolnummer: CI051278117 I KG ZA 15-67 vonnis "In naam des Konings!" RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaaknummer I rolnummer: CI051278117 I KG ZA 15-67 Vonnis in kort geding van in de zaak van de besloten

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2017:4009

ECLI:NL:RBROT:2017:4009 ECLI:NL:RBROT:2017:4009 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 23052017 Datum publicatie 30052017 Zaaknummer 5663098 VZ VERZ 17981 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Arbeidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOBR:2016:1526

ECLI:NL:RBOBR:2016:1526 ECLI:NL:RBOBR:2016:1526 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecli:nl:rbobr:2016:1526 Instantie Rechtbank Oost Brabant Datum uitspraak 09 03 2016 Datum publicatie 04 04 2016 Zaaknummer

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2010:BN8300

ECLI:NL:RBROT:2010:BN8300 ECLI:NL:RBROT:2010:BN8300 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 18-08-2010 Datum publicatie 24-09-2010 Zaaknummer 348503 / HA ZA 10-496 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLEE:2009:BJ8522

ECLI:NL:RBLEE:2009:BJ8522 ECLI:NL:RBLEE:2009:BJ8522 Instantie Rechtbank Leeuwarden Datum uitspraak 17-09-2009 Datum publicatie 24-09-2009 Zaaknummer 99339 / KG ZA 09-274 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMID:2008:BE0039

ECLI:NL:RBMID:2008:BE0039 ECLI:NL:RBMID:2008:BE0039 Instantie Rechtbank Middelburg Datum uitspraak 30-07-2008 Datum publicatie 13-08-2008 Zaaknummer 60993/HA ZA 08-23 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Partijen zullen hierna Stichting de Thuiskopie en [X] genoemd worden.

zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Partijen zullen hierna Stichting de Thuiskopie en [X] genoemd worden. vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel Zittingsplaats Den Haag zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Vonnis in incident van in de zaak van de stichting STICHTING DE THUISKOPIE, gevestigd te

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2017:3565

ECLI:NL:RBROT:2017:3565 ECLI:NL:RBROT:2017:3565 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 19-04-2017 Datum publicatie 10-05-2017 Zaaknummer C/10/507047 / HA ZA 16-758 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

vonnis in naam van de Koning 2. de stichting STICHTING WOONBEDRIJF IEDER1, gevestigd te Deventer, gedaagde, advocaat mr. F.A.M. Knüppe te Arnhem.

vonnis in naam van de Koning 2. de stichting STICHTING WOONBEDRIJF IEDER1, gevestigd te Deventer, gedaagde, advocaat mr. F.A.M. Knüppe te Arnhem. in naam van de Koning vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaaknummer I rolnummer: C/05/296700 I HA ZA 16-50 Vonnis van in de zaak van wonende te Bilthoven, gemeente

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2016:948

ECLI:NL:RBLIM:2016:948 ECLI:NL:RBLIM:2016:948 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 27-01-2016 Datum publicatie 04-02-2016 Zaaknummer C/03/207133 / HA ZA 15-320 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBZLY:2009:BL7181

ECLI:NL:RBZLY:2009:BL7181 ECLI:NL:RBZLY:2009:BL7181 Instantie Datum uitspraak 09-12-2009 Datum publicatie 26-05-2010 Rechtbank Zwolle-Lelystad Zaaknummer 156391 - HA ZA 09-495 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken

Nadere informatie

ECLI:NL:RBASS:2006:AX0491

ECLI:NL:RBASS:2006:AX0491 ECLI:NL:RBASS:2006:AX0491 Instantie Rechtbank Assen Datum uitspraak 26-04-2006 Datum publicatie 09-05-2006 Zaaknummer 17636 \ VV EXPL 06-17 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

http://zoeken.rechtspraak.nl/default.aspx

http://zoeken.rechtspraak.nl/default.aspx LJN: BR1312, Rechtbank Almelo, 120704 / KG ZA 11-114 Datum uitspraak: 11-07-2011 Datum publicatie: Rechtsgebied: 12-07-2011 Civiel overig Soort procedure: Kort geding Inhoudsindicatie: Vordering overdracht

Nadere informatie

vonnis In naam des Konings RECHTBANK AMSTERDAM Vonnis van 6 augustus 2014 1. De procedure Sector civiel recht

vonnis In naam des Konings RECHTBANK AMSTERDAM Vonnis van 6 augustus 2014 1. De procedure Sector civiel recht I vonnis In naam des Konings RECHTBANK AMSTERDAM Sector civiel recht zaaknummer I rolnummer: Cl131539507 I HA ZA 13-406 Vonnis van in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROE:2010:BM0725

ECLI:NL:RBROE:2010:BM0725 ECLI:NL:RBROE:2010:BM0725 Instantie Rechtbank Roermond Datum uitspraak 31-03-2010 Datum publicatie 12-04-2010 Zaaknummer 96531 / HA ZA 09-746 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2017:4418

ECLI:NL:RBLIM:2017:4418 ECLI:NL:RBLIM:2017:4418 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 04052017 Datum publicatie 15052017 Zaaknummer C/03/232895 / KG ZA 17112 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:1820

ECLI:NL:CRVB:2017:1820 ECLI:NL:CRVB:2017:1820 Instantie Datum uitspraak 17-05-2017 Datum publicatie 19-05-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/8607 WW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2017:2065

ECLI:NL:RBAMS:2017:2065 ECLI:NL:RBAMS:2017:2065 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 21-03-2017 Datum publicatie 31-03-2017 Zaaknummer KK EXPL 17-154 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2015:5262

ECLI:NL:RBROT:2015:5262 Rechtspraak.nl Print uitspraak pagina 1 van 5 2772015 ECLI:NL:RBROT:2015:5262 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 24072015 Datum publicatie 25072015 Zaaknummer 3437926 cv expl 1445430 Rechtsgebieden

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2017:3541

ECLI:NL:RBROT:2017:3541 ECLI:NL:RBROT:2017:3541 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 22-03-2017 Datum publicatie 10-05-2017 Zaaknummer C/10/504346 / HA ZA 16-609 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Eerste

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2017:3845

ECLI:NL:RBLIM:2017:3845 ECLI:NL:RBLIM:2017:3845 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 26042017 Datum publicatie 27042017 Zaaknummer 5494929 \ CV EXPL 1610633 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Verbintenissenrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2009:BI9844

ECLI:NL:RBROT:2009:BI9844 ECLI:NL:RBROT:2009:BI9844 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 20-05-2009 Datum publicatie 25-06-2009 Zaaknummer 315275 / HA ZA 08-2278 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2016:11367

ECLI:NL:RBLIM:2016:11367 ECLI:NL:RBLIM:2016:11367 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 28-12-2016 Datum publicatie 28-12-2016 Zaaknummer 5301757 CV EXPL 16-7546 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Arbeidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:GHAMS:2013:3271 Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer

ECLI:NL:GHAMS:2013:3271 Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer ECLI:NL:GHAMS:2013:3271 Instantie Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak 08-10-2013 Datum publicatie 06-01-2014 Zaaknummer 200.121.491-01 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie

Nadere informatie

De procedure wordt voor RITM mede behandeld door mr. M.D.R. Joppe, eveneens advocaat te Amsterdam.

De procedure wordt voor RITM mede behandeld door mr. M.D.R. Joppe, eveneens advocaat te Amsterdam. vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel Zittingsplaats Den Haag zaaknummer / rolnummer: C/09/458213 / HA ZA 14-90 Vonnis in incident van in de zaak van: de rechtspersoon naar vreemd recht RITM OKB ZOA, gevestigd

Nadere informatie

ECLI:NL:RBARN:2010:BM1303

ECLI:NL:RBARN:2010:BM1303 ECLI:NL:RBARN:2010:BM1303 Instantie Rechtbank Arnhem Datum uitspraak 14-04-2010 Datum publicatie 15-04-2010 Zaaknummer 198015 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht Kort geding

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMNE:2015:5675

ECLI:NL:RBMNE:2015:5675 ECLI:NL:RBMNE:2015:5675 Instantie Datum uitspraak 29-07-2015 Datum publicatie 03-08-2015 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Midden-Nederland 3947956 MC EXPL 15-2480

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROE:2006:AZ0669

ECLI:NL:RBROE:2006:AZ0669 ECLI:NL:RBROE:2006:AZ0669 Instantie Rechtbank Roermond Datum uitspraak 25-10-2006 Datum publicatie 25-10-2006 Zaaknummer 72759 / HA ZA 06-215 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2015:7740

ECLI:NL:RBROT:2015:7740 ECLI:NL:RBROT:2015:7740 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 15092015 Datum publicatie 02112015 Zaaknummer C/10/482640 / KG ZA 15882 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

Rechtbank Rotterdam 27 april 2011; pitbull bijt vierjarig kind in het gezicht. Smartengeld 7.000,00

Rechtbank Rotterdam 27 april 2011; pitbull bijt vierjarig kind in het gezicht. Smartengeld 7.000,00 Rechtbank Rotterdam 27 april 2011; pitbull bijt vierjarig kind in het gezicht. Smartengeld 7.000,00 Een jongetje van 4 jaar oud wordt door een pitbull terriër in het gezicht en in de arm gebeten. Zijn

Nadere informatie

ECLI:NL:RBZWB:2013:11284

ECLI:NL:RBZWB:2013:11284 ECLI:NL:RBZWB:2013:11284 Instantie Datum uitspraak 20-11-2013 Datum publicatie 09-09-2014 Rechtbank Zeeland-West-Brabant Zaaknummer C/12/85770 / HA ZA 12-259 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie

Nadere informatie

Rechtspraak.nl - Print uitspraak

Rechtspraak.nl - Print uitspraak pagina 1 van 6 Zoekresultaat - inzien document ECLI:NL:RBNHO:2015:6063 Permanente link: http://deeplink.rechtspraa Instantie Datum uitspraak 29-07-2015 Datum publicatie 26-08-2015 Rechtbank Noord-Holland

Nadere informatie

zaaknummer / rolnummer: 429233 / KG ZA 12-1139

zaaknummer / rolnummer: 429233 / KG ZA 12-1139 vonnis RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 429233 / KG ZA 12-1139 Vonnis in kort geding van in de zaak van X, h.o.d.n. PUBLIEC, wonende te Delft, eiseres, advocaat mr. O.R.

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMID:2012:BX7952

ECLI:NL:RBMID:2012:BX7952 ECLI:NL:RBMID:2012:BX7952 Instantie Rechtbank Middelburg Datum uitspraak 15-02-2012 Datum publicatie 21-09-2012 Zaaknummer 78552 / HA ZA 11-217 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:1692

ECLI:NL:CRVB:2017:1692 ECLI:NL:CRVB:2017:1692 Instantie Datum uitspraak 19-04-2017 Datum publicatie 10-05-2017 Zaaknummer Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/575

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2017:4300

ECLI:NL:RBGEL:2017:4300 ECLI:NL:RBGEL:2017:4300 Instantie Rechtbank Gelderland Datum uitspraak 09-08-2017 Datum publicatie 17-08-2017 Zaaknummer 57810247/CV VERZ 17-2894 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Eerste

Nadere informatie

ECLI:NL:RBHAA:2010:BO2401

ECLI:NL:RBHAA:2010:BO2401 ECLI:NL:RBHAA:2010:BO2401 Instantie Rechtbank Haarlem Datum uitspraak 15-09-2010 Datum publicatie 29-10-2010 Zaaknummer 127472 - HA ZA 06-1116 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2017:3261

ECLI:NL:RBROT:2017:3261 ECLI:NL:RBROT:2017:3261 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 19-04-2017 Datum publicatie 11-05-2017 Zaaknummer C/10/477928 / HA ZA 15-670 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2007:BB1240

ECLI:NL:RBROT:2007:BB1240 ECLI:NL:RBROT:2007:BB1240 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 20-06-2007 Datum publicatie 07-08-2007 Zaaknummer 266642 / HA ZA 06-2184 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

C/13/555974 / HA ZA 13-1827 28 oktober 2015 8 oordeel dat met deze uitingen sprake was van misleidende publieke berichtgeving. VEB en de stichting stellen dat door deze uitingen de gedupeerde beleggers

Nadere informatie

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND. Afdeling civielrecht Zittingsplaats Lelystad. zaaknummer / rolnummer: C/16/369978 / HL ZA 14-173

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND. Afdeling civielrecht Zittingsplaats Lelystad. zaaknummer / rolnummer: C/16/369978 / HL ZA 14-173 RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling civielrecht Zittingsplaats Lelystad zaaknummer / rolnummer: C/16/369978 / HL ZA 14-173 Vonnis van 25 februari 2015 in de zaak van maatschap [naam maatschap], gevestigd

Nadere informatie

ECLI:NL:RBARN:2006:AV7682

ECLI:NL:RBARN:2006:AV7682 ECLI:NL:RBARN:2006:AV7682 Instantie Rechtbank Arnhem Datum uitspraak 09-03-2006 Datum publicatie 30-03-2006 Zaaknummer AWB 05/4258 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Ambtenarenrecht Eerste

Nadere informatie

Essentie. Samenvatting

Essentie. Samenvatting RO 2013/46: Volstorting aandelen. Heeft volstorting van de aandelen als bedoeld in art. 2:191 BW plaatsgevonden nu het bedrag kort na oprichting aa... Klik hier om het document te openen in een browser

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2013:6267

ECLI:NL:RBAMS:2013:6267 ECLI:NL:RBAMS:2013:6267 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 11092013 Datum publicatie 27092013 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie C/13/539534 Civiel recht Eerste

Nadere informatie