Die zoeken we op! Beschermde planten en dieren in beeld

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Die zoeken we op! Beschermde planten en dieren in beeld"

Transcriptie

1 Die zoeken we op! Beschermde planten en dieren in beeld

2 Die zoeken we op! Beschermde planten en dieren in beeld

3 Voorwoord Voor u ligt Die zoeken we op! Dit boekje geeft een overzicht van de plant- en diersoorten die beschermd zijn volgens de Flora- en faunawet en die aanwezig kunnen zijn in het natte en droge beheergebied van Rijkswaterstaat. Enerzijds hebben we dus een wettelijke verplichting om bij de uitvoering van werkzaamheden rekening te houden met deze soorten maar anderzijds komen ze daar juist voor dankzij ons huidige beheer en onderhoud. Hierdoor treffen we op veel plekken langs wegen en vaarwegen heel veel mooie natuur aan waarvan dagelijks veel mensen genieten op weg naar hun werk of in hun vrije tijd. Daar zijn we trots op. Als organisatie, die duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen hoog in het vaandel heeft, nemen we graag onze verantwoordelijkheid om dit moois te behouden. RWS ers die buiten aan het werk zijn zullen daarom zorgvuldig te werk gaan, waarbij beschermde soorten zo min mogelijk worden verstoord of vernietigd. Niet van iedereen mag worden verwacht dat de soorten die wettelijke bescherming genieten worden herkend. Om de herkenning van beschermde soorten in het beheergebied van Rijkswaterstaat te vereenvoudigen, met als doel er vervolgens ook zorgvuldig mee om te gaan, is dit boekje samengesteld. Ik hoop dat de projectleiders van Rijkswaterstaat die de nieuwe werken of het onderhoud voorbereiden, de aannemers die het werk uitvoeren en de toezichthouders en toetsers die op het werk toezien deze gids gaan gebruiken om meer te weten te komen over de flora en fauna en daarmee enthousiast worden voor hun bescherming. Als onbekend onbemind maakt, dan maakt bekend hopelijk bemind!. Joost Backx en Rutger Sluik, Expertisecentrum Natuurwetgeving Rijkswaterstaat Die zoeken we op!

4 Inleiding Rijkswaterstaat heeft bij de uitvoering van de primaire taken te maken met natuur en natuurwetgeving. Grote delen van het beheergebied van Rijkswaterstaat herbergen beschermde plant- en diersoorten zoals de grijze zeehond in de Waddenzee, maar ook de bokkenorchis langs de A2 bij Eijsden. De wet die flora en fauna in Nederland beschermt, de Flora- en faunawet (Ff-wet), geldt voor heel Nederland en dus ook voor het gehele beheergebied van Rijkswaterstaat! Bij de uitvoering van ons beheer en onderhoud en andere activiteiten moeten we dan ook altijd rekening houden met de beschermde natuur. Dit is echter nog niet altijd een vanzelfsprekendheid. Door middel van dit boekje met de naam Die zoeken we op! biedt het Expertisecentrum Natuurwetgeving een hulpmiddel aan om zowel vanachter het bureau als in het veld beschermde plantenen dierensoorten te leren herkennen. Hiermee denken wij bij te dragen aan het verkleinen van de risico s bij de uitvoering van onze primaire taken. De Flora- en faunawet (Ff-wet) en de Natuurbeschermingswet (Nb-wet) Om de natuur in Nederland te beschermen zijn er twee wetten in het leven geroepen. De Ff-wet beschermt de in het wild voorkomende planten en dieren. Binnen de Ff-wet hebben een aantal soorten een speciale status gekregen waardoor deze extra streng beschermd zijn. Ze staan in de zogenaamde tabel 2 en 3 van de Ff-wet. Naast de strikte bescherming van deze soorten kent de Ff-wet het begrip algemene zorgplicht voor alle in het wild voorkomende planten en diersoorten. Om een eerste indruk te krijgen van de beschermde soorten die in de beheergebieden van Rijkswaterstaat voorkomen, is een inventarisatie uitgevoerd op basis van beschikbare gegevens. Op basis daarvan is een selectie gemaakt van alleen de tabel 2 en 3 soorten (inclusief vogels) die binnen de beheergebieden kunnen voorkomen. In dit boekje zijn alleen die tabel 2 en 3 soorten opgenomen die in het verleden in het beheergebied van Rijkswaterstaat zijn aangetroffen of waarvan het zeer aannemelijk is dat ze hier aanwezig zijn. Naast de Ff-wet is er nog de Natuurbeschermingswet (Nb-wet). De Nb-wet is sinds 1998 van kracht en beschermt 166 specifiek aangewezen natuurgebieden (zogenaamde Natura 2000-gebieden). Rijkswaterstaat en de Flora- en faunawet Bij activiteiten in zowel het droge als natte beheergebied van Rijkswaterstaat kunnen medewerkers op verschillende manieren met de Ff-wet te maken krijgen. Dit geldt voor districtsmedewerkers, toetsers, toezichthouders of omgevingsmanagers, maar ook voor aannemers die in opdracht van Rijkswaterstaat werken. Rijkswaterstaat werkt als uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Verkeer & Waterstaat onder andere aan de bescherming van mens en dier tegen overstromingen, aan de kwaliteit en kwantiteit van water voor allerlei gebruikers en aan een vlotte en veilige doorstroming van het verkeer in ons land (zowel op het rijkswegennet als op het netwerk van de rijkswateren). Rijkswaterstaat verricht regelmatig werkzaamheden die aanwezige planten en dieren kunnen verstoren of beschadigen (o.a. bermbeheer, baggeren, aanlegprojecten). Veel verschillende collega s hebben daarom met de Ff-wet te maken. Die zoeken we op!

5 Door bij de uitvoering van onze primaire taken binnen de kaders van de Ff-wet te werken voorkomen we onnodige vertragingen, financiële risico s en imagoschade met als bijkomend voordeel dat we natuurvriendelijk en ecologisch verantwoord werken en bijdragen aan de instandhouding en verbetering van de natuur. Gedragscode Rijkswaterstaat: Als alternatief voor het aanvragen van een ontheffing in het kader van de Ff-wet heeft het Expertisecentrum Natuurwetgeving RWS een gedragscode opgesteld. Met deze gedragscode hoeft minder frequent een ontheffing te worden aangevraagd wat administratieve lastenverlichting met zich meebrengt, besparing van de proceduretijd oplevert en de uitvoeringsrisico s verkleint. In de gedragscode is aangegeven op welke wijze Rijkswaterstaat omgaat met beschermde soorten planten en dieren en de te nemen beschermende maatregelen. Ter ondersteuning is een intern toetsingskader gemaakt. Dit toetsingskader, beschikbaar als kennissysteem op de intranetsite van het Expertisecentrum Natuurwetgeving, geeft een concrete en praktijkgerichte uiwerking van de beschermende maatregelen zoals deze op hoofdlijnen staan opgenomen in de gedragscode. Doel Het doel van dit boekje is meerledig. Soortenkennis en soortenherkenning vormen een goede basis bij zowel de voorbereiding als de uitvoering van onze werkzaamheden. Het Expertisecentrum Natuurwetgeving is er dan ook van overtuigd dat onbekend onbemind maakt. Met dit boekje leer je de soorten herkennen en bovendien laat het zien dat veel beschermde dier- en plantensoorten mede afhankelijk zijn van de gebieden waar Rijkswaterstaat beheer en werken uitvoert. Zorgvuldige maatregelen helpen deze biodiversiteit te behouden en te versterken! En dat is iets waar iedere Rijkswaterstater trots op mag zijn! En los van het werk is de natuur natuurlijk gewoon iets om van te genieten, zowel voor ons Rijkswaterstaters als voor het publiek en de gebruikers! Leeswijzer Het boekje is opgedeeld in hoofdstukken per soortgroep (zoogdieren, vaatplanten, etc). De soortgroepen zijn eenvoudig te vinden door de tabbladen. Achter elk tabblad bevindt zich een overzicht van de habitatvoorkeuren van alle soorten binnen die soortgroep: in welke leefomgeving (habitat) voelt de soort zich thuis? Tevens is er informatie opgenomen over de gevoeligheid van de betreffende soortgroep in relatie tot specifieke werkzaamheden. Achter in het boekje is een verklarende woordenlijst opgenomen en een verwijzing naar informatiebronnen waar bijvoorbeeld aanvullende informatie te vinden is over de Ff-wet en de Gedragscode van Rijkswaterstaat. Met dit boekje Die zoeken we op! hopen we dat het eenvoudiger wordt om vooraf, maar ook ter plekke, te bepalen of je met beschermde soorten te maken hebt. Als ervan uit gegaan mag worden dat een beschermde soort zich in het gebied bevindt, dan is het noodzakelijk om contact op te nemen met de regionale contactpersoon Natuurwetgeving, ecoloog of ecologische medewerker van de eigen dienst. Het Expertisecentrum Natuurwetgeving wenst u veel lees- en leerplezier! Die zoeken we op!

6 Zoogdieren Zoogdieren

7 Zoogdieren zoogdieren Verschillende werkzaamheden kunnen een negatief effect hebben op zoogdieren. Frequent maaibeheer kan foerageergebieden aantasten, het afmaaien of rooien van vegetatie kan zorgen voor het verdwijnen van nestmaterialen. Naast werkzaamheden kunnen factoren als bijvoorbeeld watervervuiling ook een negatief effect hebben op zoogdieren. Veel zoogdieren zijn ook gevoelig voor het doorsnijden van habitats waardoor leefgebieden versnipperd worden.vleermuizen, dassen en andere marterachtigen zijn voorbeelden van soorten die gevoelig zijn voor de verlichting van werkterreinen. Veel vleermuizen vliegen s nachts terug naar hun nestplaats om te zogen. Het licht heeft een negatieve invloed tijdens hun voedseljachten. Ook de betreding van bijvoorbeeld dassenburchten, bij onderhoud aan vegetatiestructuren, veroorzaakt overlast voor de dieren. Tijdelijke verdrogingeffecten door bemaling kunnen een negatief effect hebben op soorten die in nattere milieus leven, zoals waterspitsmuizen en noordse woelmuizen. Een klein aantal soorten kan geluidsbelasting als negatief ervaren. Dit geldt met name voor dassen, steenmarters en boommarters. Veel zeezoogdiersoorten zijn gevoelig voor bevissing, onderwatergeluid, onderwatertrillingen en (water)vervuiling.

8 Habitatvoorkeur zoogdieren Zee Rivier- en beekdalen Sloten Meren Baardvleermuis 10 Bever 11 Boommarter 12 Bosvleermuis 13 Bruinvis 14 Das 15 Rode eekhoorn 16 Franjestaart 17 Gewone dolfijn 18 Gewone dwergvleermuis 19 Gewone grootoorvleermuis 20 Gewone zeehond 21 Grijze zeehond 22 Laatvlieger 23 Meervleermuis 24 Ruige dwergvleermuis 25 Noordse woelmuis 26 Europese otter (Visotter) 27 Poelen en vennen Oevers en rietruigten Moeras en natte graslanden Droge graslanden Heggen en struwelen Bossen Bomen Muren en gebouwen Bebouwde kom paginanummer Die zoeken we op!

9 Habitatvoorkeur zoogdieren Zee Rivier- en beekdalen Sloten Meren Rosse vleermuis 28 Steenmarter 29 Tuimelaar 30 Tweekleurige vleermuis 31 Waterspitsmuis 32 Watervleermuis 33 Witflankdolfijn 34 Witsnuitdolfijn 35 Poelen en vennen Oevers en rietruigten Moeras en natte graslanden Droge graslanden Heggen en struwelen Bossen Bomen Muren en gebouwen Bebouwde kom paginanummer Die zoeken we op!

10 Baardvleermuis Myotis mystacinus Tabel 3: bijlage IV HR - De vachtkleur van de baardvleermuis is variabel. De rug is geel- tot grauwbruin, de buik licht bruingrijs en de ondervacht bruinzwart. Jonge dieren zijn donkerder en grijzer. De snuit is bruin tot zwart, de oren en onderarmen donkerbruin tot zwart. De soort heeft een rechte priemvormige tragus, vrij smalle vleugels en kleine voeten. Deze vleermuis is lastig te onderscheiden van Brandts vleermuis. Tijdens de winterslaap is de soort goed herkenbaar aan de donkere snuit en de kleine achtervoeten. De baardvleermuis is een vrij zeldzame soort, maar vrij algemeen in de winterverblijven in Zuid-Limburg. Biotoopvoorkeur De soort heeft een voorkeur voor bosachtige en soms ook voor open landschappen. Hij jaagt boven paden, open plaatsen en bosranden en soms boven water, met een gelijkmatige, snelle vlucht. De baardvleermuis vliegt volgens een vlak traject, met uitvallen naar beneden. Ook jaagt hij tussen de boomkruinen, op twintig meter hoogte. Zomerkolonies komen voor in holle bomen of achter loszittende boomschors en in gebouwen (nauwe ruimtes en zolders). De jachtplaatsen liggen vaak binnen een straal van een kilometer van een kolonieplaats. Baardvleermuizen overwinteren op relatief koude plaatsen: in grotten, groeven, forten, ondergrondse kelders en bunkers. Gedrag en levenscyclus Baardvleermuizen vliegen binnen een half uur na zonsondergang uit. De jachtvlucht duurt de hele nacht. Regelmatig rusten ze, hangend aan een boomstam of tak. Kraamkolonies bevatten tot honderd dieren. De vrouwtjes krijgen jaarlijks een jong rond half juni. Vijf weken later kunnen de jongen vliegen. Paring vindt met name plaats in het najaar, soms tijdens een onderbreking van de winterslaap. Gemiddeld worden baardvleermuizen 3,5 jaar oud. De soort is gevoelig voor de vernietiging van bosbiotoop, verwijdering van holle bomen, onderbreking van vliegroutes, verlichting van donkere begroeide wegen, afsluiting van invliegopeningen en vernietiging van vaste rust- en verblijfplaatsen. 10 Die zoeken we op!

11 Bever Castor fiber Tabel 3: bijlage IV HR Gevoelig De bever heeft een kop-romplengte tot 100 cm en is daarmee het grootste knaagdier van Europa. De staart is 37 cm lang en 16,5 cm breed. Bij de aanzet is de staart rond, naar achteren toe wordt hij afgeplat. De vachtkleur varieert van grijsbruin tot donkerbruin. De poten hebben zwemvliezen. Bevers komen vooral voor in waterrijke gebieden: zowel langs grote rivieren als langs de natuurlijk meanderende zijriviertjes hiervan. De meeste populaties in Nederland zijn uitgezet. Uitzondering hierop is Limburg, waar de bevers afkomstig zijn uit het Eifelgebied en de Ardennen. Biotoopvoorkeur De soort komt voor in bossen langs beken en rivieren, langs oude beddingen, bij meren en ook in open landschap en moerassen. Ook komen ze voor in watergangen waar bomen op de rand van het water aanwezig zijn. Bevers hebben geen voorkeur voor stromend of stilstaand water, maar ze prefereren geen naaldbomen. Gedrag en levenscyclus Bevers bouwen burchten in zelf gegraven gangen in hoge oevers of ze maken burchten van takken. Burchten zijn tot 2 m hoog en hebben een diameter tot 10 m. De ingang in de oeverholen is altijd onder water en de nestkamer ligt ongeveer 20 cm boven waterpeil. In beken met een variërend waterpeil leggen bevers soms dammen en kanalen aan. Bij het omknagen van bomen maken ze de bekende zandlopervormige inkeping. De bever is vooral s nachts actief en leeft solitair of in kleine families. De voortplantingsperiode is van januari tot maart. Na 3,5 maand worden één tot vijf jongen geboren. Wanneer bevers opgeschrikt worden, slaan ze met hun staart hard op het water. Als ze van het water naar het land gaan, laat de staart een opvallend sleepspoor na. De soort is vooral gevoelig voor een tekort aan gevarieerd voedsel. Recreatiedruk heeft nauwelijks effect. Die zoeken we op! 11

12 Boommarter Martes martes Tabel 3: bijlage 1 AMvB Kwetsbaar De boommarter is tot 56 cm lang. Hij heeft een chocoladebruine vacht met een roomgele keelvlek (kleur ondervacht). De lange volle staart kan wel 28 cm worden. De soort verschilt van de steenmarter door de langere, bredere oren en de kleur van de keelvlek, die bij de steenmarter wit is. Mannetjes zijn groter dan vrouwtjes. De soort komt voor op de Veluwe en in kleine aantallen op de Utrechtse Heuvelrug, in de Fries- Drentse Wouden, in Noordwest-Overijssel en in Oost-Twente. Incidentele vondsten komen uit Noord-Holland en Noord-Brabant. In Limburg zijn geen populaties. Biotoopvoorkeur Volwassen boommarters leven in gemengde bossen en naaldwouden. Overdag komen ze niet buiten het bos en mijden ze open plekken in het woud. Boommarters hebben in hun woongebied meerdere holen in holle bomen. Ook gebruiken ze het nest van de rode eekhoorn en soms duivennesten. Daarnaast zijn nestkasten en rotsspleten geschikte verblijven. Gedrag en levenscyclus Boommarters zijn solitair en weinig territoriaal. Mannetjes en vrouwtjes leven in aangrenzende territoria. Hun terrein bakenen ze af met geurstoffen en uitwerpselen op opvallende plaatsen. Boommarters zijn voornamelijk actief in de schemering of s nachts. Boommarters zijn carnivoren. Ze jagen op rode eekhoorns en op kleinere zoogdieren, zoals muizen en konijnen. In de lente en de zomer jagen ze ook op vogels en amfibieën, met name kikkers. Aan het eind van de zomer zijn ook keverachtigen, bessen en paddenstoelen belangrijke voedselbronnen. Daarnaast is de boommarter een aaseter, vooral in de winter. De paartijd is in juli en augustus. De jongen (één tot zes) worden in april en mei geboren. De soort is afhankelijk van oude, holle bomen en bomen met holtes. De boommarter is dan ook zeer gevoelig voor boskap. Tevens is de boommarter gevoelig voor het verdwijnen van heggen die gebruikt worden als dekking tijdens het verplaatsen over grote afstanden. 12 Die zoeken we op!

13 Bosvleermuis Nyctalus leisleri Tabel 3: bijlage IV HR - Bosvleermuizen lijken op rosse vleermuizen. De onderarmlengte van de bosvleermuis is echter kleiner, de haartoppen zijn lichter gekleurd dan de basis en de vleugels naar verhouding iets breder. De bosvleermuis heeft een lange tweekleurige vacht: roodbruin aan de bovenzijde, gelig bruin aan de onderzijde. De huid aan de onderzijde van de vliegarm is grotendeels behaard. Snuit, oren en vleugels zijn bruin. In Nederland is de soort zeldzaam tot zeer zeldzaam. Er zijn slechts enkele verspreide waarnemingen. Biotoopvoorkeur De bosvleermuis jaagt in uiteenlopende gebieden waar voldoende insecten zijn. Hij jaagt bij voorkeur op open plaatsen in het bos, boven water en rond lantaarnpalen. Bosvleermuizen huizen vooral in bomen, maar ook in gebouwen (in Engeland en Ierland). Ook kan men ze aantreffen in vleermuiskasten. De winterslaap brengen ze door in gebouwen of dikke holle bomen. Gedrag en levenscyclus Bosvleermuizen vliegen vanaf tien minuten na zonsondergang uit. De soort is wendbaarder dan de rosse vleermuis, maar vliegt minder hoog en minder snel. Bosvleermuizen trekken regelmatig over grote afstanden, tot 810 km. Kraamkolonies bestaan uit twintig tot vijftig dieren. Bij kolonies in gebouwen kan het aantal oplopen tot enkele honderden. De vrouwtjes krijgen elk jaar één of twee jongen, die vanaf midden juni geboren worden. In augustus en september hebben mannetjes territoriale hangplaatsen. Van daaruit lokken ze vrouwtjes om te paren. De soort is gevoelig voor vernietiging van bosbiotoop, verwijdering van holle bomen, verlichting van donkere begroeide wegen (vliegroutes) en vernietiging van vaste rust- en verblijfplaatsen. Die zoeken we op! 13

14 Bruinvis Phocoena phocoena Tabel 3: bijlage IV HR Bedreigd De bruinvis wordt hooguit 1,50 m lang en is daarmee de kleinste walvisachtige in de Europese wateren. Bruinvissen zijn vrij plomp en hebben een stompe, afgeronde kop, zonder uitstekende snuit. De rug is donkergrijs tot zwart en gaat via een vlekkerige of egaalgrijze flank over in een witte buik. Het staartstuk is helemaal zwart. Kenmerkend voor de bruinvis is de kleine, driehoekige, brede rugvin, die niet naar achteren gebogen is. De rugvin staat midden op de rug. De flippers zijn donker, kort en afgerond. Van de flippers naar de mondhoek loopt een smalle donkere streep. Bij het ademhalen komt de bruinvis enkele keren achter elkaar in korte boogjes met de rug boven water. Door overbevissing en vervuiling komt de bruinvis op de zuidelijke Noordzee minder voor dan vroeger. De laatste jaren neemt het aantal toe. In het najaar lijkt er een trek te zijn naar onze kustwateren. Hier worden ze tot in maart redelijk frequent waargenomen vanaf de kust. Biotoopvoorkeur De bruinvis leeft voornamelijk in ondiep water. Van alle walvisachtigen zwemt hij met meest de rivieren op. Gedrag en levenscyclus Bruinvissen leven solitair, in paren of kleine groepen van drie tot vijf dieren. Soms jagen ze gezamenlijk. Het zijn rustige zwemmers die zelden uit het water springen. Ze mijden de nabijheid van schepen. De paartijd is om de een à twee jaar in de zomer, tussen juni en september. De soort is gevoelig voor bevissing met netten, overbevissing, (water)vervuiling, onderwatergeluid en onderwatertrillingen. 14 Die zoeken we op!

15 Das Meles meles Tabel 3: bijlage 1 AMvB - Dassen zijn zwaargebouwde, gedrongen dieren met korte poten en een borstelige, korte, brede staart. Over de witte kop lopen van achteren naar voren brede, zwarte strepen. De rug en de flanken zijn zwartgrijs, de poten en de onderzijde zwart en de staart is peper-en-zoutkleurig. Dassen zijn s nachts actief en bijzonder schuw. De aanwezigheid van dassen is vooral vast te stellen door de typische burchten en vaste wissels. Dassen komen versnipperd voor in alle oostelijke provincies, Utrecht, Zuidwest-Friesland en het Gooi. Het zwaartepunt ligt op de Veluwe en in Zuid-Gelderland, Oost-Noord-Brabant en Noord-, Midden-, en Zuid-Limburg. De Nederlandse populatie telt circa dieren. Biotoopvoorkeur De soort heeft een voorkeur voor kleinschalige, agrarische landschappen met bosjes en lijnvormige landschapselementen (hagen, houtwallen), hellingen in bosranden, graften en oude bestaande gangen. Als voedselbron prefereert de das regenwormen. Grasland en water zijn altijd op bereikbare afstand. Het grondwater moet ten minste 1,5 m onder maaiveld staan maar dit kan in het voedselgebied hoger staan. Gedrag en levenscyclus Dassen leven in familiegroepen en zijn zeer honkvast. Bij herhaalde verstoring of voedselschaarste trekken ze weg of planten ze zich niet meer voort. De paartijd is in de vroege lente, maar ook in de zomer. Jongen worden in de eerste drie weken van februari geboren. Vanaf juni neemt het vrouwtje de jongen mee het veld in. In de winter zijn ze minder actief en verblijven ze vaak in de directe omgeving van de burcht. Dassen zijn zeer gevoelig voor verstoring door menselijke activiteiten, biotoopvernietiging, versnippering van het landschap, de aanleg, verharding en verbreding van wegen en stadsuitbreidingen. De afgelopen 20 jaar heeft een spectaculaire groei plaatsgevonden. Die zoeken we op! 15

16 Rode eekhoorn Sciurus vulgaris - De rug van de rode eekhoorn heeft een variabele kleur: van rood, geeloranje, kastanje- of donkerbruin tot zwartbruin. De rug is scherp afgescheiden van de witte buik. Jonge dieren zijn vaak roder. Rode eekhoorns hebben grote ogen en op de oren zitten opvallende pluimen, die ontbreken in zomer en herfst. Jonge dieren hebben deze pluimen niet. De rode eekhoorn heeft een lange pluimstaart en lange tenen, met lange nagels. De rode eekhoorn komt vooral voor in de oostelijke provincies, Midden-Nederland en de duinstreken van Noord- en Zuid-Holland. Op de Waddeneilanden komt hij niet voor. Biotoopvoorkeur De soort komt voor in naald- of gemengd bos, maar ook in loofbos in boszomen met hoogopgaand struweel, in houtwallen, tuinen en parken in bosrijke omgevingen. Vanwege het voedselaanbod (rijpe boomzaden, zoals dennenappels) is de leeftijd van bos belangrijker dan de samenstelling. Optimale leefgebieden zijn tussen de 2 en 50 ha groot. Gedrag en levenscyclus Rode eekhoorns maken meerdere bolvormige nesten van diverse materialen: blad, takjes, bast, gras, wol en mos. Ze maken hun nesten in de boomkroon of in een takvork tegen de stam. De soort is overdag actief, in de winter slechts enkele uren per dag. Van december tot februari en in mei en juni plant de rode eekhoorn zich voort. Typische vraatresten zijn afgekloven dennenappels. Daarnaast eten de eekhoorns hazelnoten, beukennootjes, eikels, esdoornzaden, tamme kastanjes, blad, bosvruchten, paddenstoelen, maar ook insecten en vogeleieren. De soort is gevoelig voor biotoopvernietiging. Het kappen van bomen met holtes en scheuren kan schadelijk zijn, net als het weghalen van zoomvegetatie. Ze zijn ook gevoelig voor de vernietiging van nesten tijdens de periode van begin november tot september en het kappen van bomen in februari en maart. In die periode worden al jongen geboren. Ook de versnippering van leefgebieden en verbindende elementen tot maximaal 100 m is schadelijk. 16 Die zoeken we op!

17 Franjestaart Myotis nattereri Tabel 3: bijlage IV HR Kwetsbaar De franjestaart is een vleermuis met een rossige grijsbruine rug. De buik is licht beige tot licht grijswit en spierwit in de winter. De snuit is roze en de soort heeft vrij lange oren die aan de bovenzijde gekruld zijn. De oren zijn altijd tweekleurig (donker aan de basis en rossig aan de punten). Opvallend in de winter zijn de witte halvemaanvormige strepen aan de oorbasis. Franjestaarten hebben brede vleugels. In Nederland is het een tamelijk zeldzame soort, maar plaatselijk kan hij in grote hoeveelheden voorkomen. Het aantal dieren lijkt toe te nemen, zo blijkt uit het groeiende aantal waargenomen overwinterende exemplaren. Sinds 1980 is vooral een toename zichtbaar in de Zuid-Limburgse kalksteengroeves. Biotoopvoorkeur Franjestaarten komen vooral voor in bosrijke gebieden. Typische jachtplaatsen zijn kleine beken, bosvijvers en oude boomlanen. Dankzij de brede vleugels zijn ze zeer wendbaar, maar meestal vliegen ze vrij langzaam. De soort jaagt vooral in boomkruinen en tussen boomtakken. Franjestaarten wonen in bomen, en soms in gebouwen. De winterslaap brengen ze door in grotten, groeven en kelders. Gedrag en levenscyclus Franjestaarten vliegen ruim een half uur na zonsondergang uit. Kraamkolonies bestaan uit twintig tot tachtig dieren, die regelmatig wisselen van verblijfplaats. De jongen worden tussen half juni en half juli geboren. Na drie tot vier weken kunnen ze zelf vliegen en na zes weken zijn ze zelfstandig. De paring vindt plaats in het najaar of in de winter. De soort is gevoelig voor de vernietiging van bosbiotoop, de verwijdering van holle bomen, onderbreking van vliegroutes, verlichting van donkere begroeide wegen, afsluiting van invliegopeningen in gebouwen en de vernietiging van vaste rust- en verblijfplaatsen. Die zoeken we op! 17

18 Gewone dolfijn Delphinus delphis Tabel 3: bijlage IV HR - De gewone dolfijn is slank gebouwd. Hij heeft een lange donkere snuit en is 1,5 tot 2,6 m lang. De rugkleur varieert van zwart tot bruinzwart en gaat via een perzikkleurige tot okergele zone op de flank over in de crèmekleurige tot witte buik. Op de rugvin is de overgang van de donkere rug naar de lichte flank scherp, onder de rugvin loopt het zwart in een punt recht naar beneden uit en op het staartstuk bevindt zich een lichte plek. Vanaf de flippers naar de onderkaak en vanaf het oog naar de bek lopen donkere strepen. De flippers zijn grijs tot wit. De rugvin is klein en naar achteren gebogen en zit midden op de rug. In kleur varieert de rugvin van zwart met meestal een lichte plek in het centrum tot wit met donkere randen. De gewone dolfijn komt over de hele wereld voor, maar wordt in Nederland zelden gezien, op zee iets vaker dan vanaf de kust. Eind september 2002 is echter een springlevend exemplaar in de Westerschelde terechtgekomen. Biotoopvoorkeur De gewone dolfijn leeft bij voorkeur in diep water, ver van kusten. Zijn voorkeur gaat uit naar plekken waar opwelling optreedt (op continentaal plat). Gedrag en levenscyclus Gewone dolfijnen leven meestal in groepen van tien tot twintig dieren, maar ook in grotere aantallen. De soort is snel zwemmend. Ze springen vaak helemaal uit het water en zwemmen vaak mee met schepen. Ze paren in het voor- en najaar en het vrouwtje werpt normaal één enkel jong. Jongen worden meestal geboren tussen juni en september. De gewone dolfijn is gevoelig voor bevissing met (drijf)netten (makreelvisserij), overbevissing, (water)vervuiling, onderwatergeluid en onderwatertrillingen. 18 Die zoeken we op!

19 Gewone dwergvleermuis Pipistrellus pipstrellus Tabel 3: bijlage IV HR - De gewone dwergvleermuis is de kleinste vleermuissoort van Nederland en heeft vrij smalle vleugels. De vachtkleur varieert van geelbruin tot donkerbruin, maar is meestal roodbruin. Hij heeft een lichte buik, die geler of grijzer is dan de rug. Snuit, oren en vleugels zijn donker- tot zwartbruin. De oren zijn kort en driehoekig en de tragus heeft een afgeronde punt. De soort komt zeer algemeen voor, behalve in Noord-Groningen. Biotoopvoorkeur Gewone dwergvleermuizen komen voor in tuinen, parken, bossen, open water, rond lantaarnpalen en boven weilanden en akkers. Verblijfplaatsen zijn te vinden in bebouwing: met name in spouwmuren, maar ook vaak onder nokpannen en dakspanten. Kraamkolonies kunnen tot 400 dieren groot zijn. De soort overwintert in bebouwing, maar ook in grotten en scheuren. Gedrag en levenscyclus Gewone dwergvleermuizen vliegen kort voor zonsondergang uit. Jachtvluchten duren de hele nacht; in de ochtendschemering keren de vleermuizen terug naar hun verblijfplaatsen. Door deze uit- en invliegperioden zijn kolonies erg eenvoudig op te sporen. De vrouwtjes krijgen een tot twee jongen per jaar, die doorgaans eind juni geboren worden. Wanneer jonge dieren uitvliegen, kunnen kolonies enige overlast bezorgen, doordat jongen soms op ongewenste plaatsen in huizen terechtkomen (bijvoorbeeld in woonkamers of slaapkamers). In de periode van juli tot september hebben mannetjes territoriale hangplaatsen, vaak in grotere groepen bij elkaar in een gebied. De baltsperiode is van augustus tot september. Gewone dwergvleermuizen lijken weinig gevoelig voor menselijke ingrepen. De meeste impact heeft de vernietiging van vaste rust- en verblijfplaatsen. Dit geldt met name voor kraamverblijven en baltsplekken. De gewone dwergvleermuis is wel gevoelig voor lichtverstoring. Die zoeken we op! 19

20 Gewone grootoorvleermuis Plecotus auritus Tabel 3: bijlage IV HR - Gewone grootoorvleermuizen zijn vooral herkenbaar aan de bijzonder lange oren, die wel 4 cm lang kunnen worden. Tijdens de winterslaap schuift de vleermuis zijn oren onder de vleugels. Alleen de tragus is zichtbaar in die periode. Bij gewone grootoorvleermuizen is de tragus eenkleurig. De vleermuizen hebben een kastanjebruine rug en een bruingrijze tot lichtgrijze buik. De snuit is roze tot bruin, de neusgaten zijn groot. In Nederland is de soort vrij zeldzaam tot vrij algemeen. Biotoopvoorkeur Gewone grootoorvleermuizen hebben geen specifieke biotoopvoorkeur. Tijdens de vlucht zijn ze erg beweeglijk. Grootoorvleermuizen vliegen snel en met korte lussen. Ze nemen hun prooidieren mee naar hangplekken en eten ze daar op. Door de aanwezigheid van vleugels van nachtvlinders en chitineschilden van insecten zijn deze hangplekken goed te vinden. De soort heeft een relatief klein leefoppervlak: de vleermuis vliegt doorgaans niet ver tussen verblijfplek en foerageergebied. Zomerkolonies zijn te vinden op (kerk)zolders, kelders, vleermuiskasten en holle bomen. De soort overwintert met name in bunkers, ijskelders, grotten en bebouwing. Gedrag en levenscyclus Gewone grootoorvleermuizen vliegen zo n veertig minuten na zonsondergang uit, voor een lange jachtvlucht. Pas laat in de ochtend rond zonsopgang of erna keren ze terug op hun verblijfplaats. Kraamkolonies bestaan doorgaans uit vijf tot dertig vrouwtjes. De jongen worden in de tweede helft van juni geboren en vliegen na vier weken zelf. De grootste impact heeft de vernietiging van vaste rust- en verblijfplaatsen en bestaande beplanting. De gewone grootoorvleermuis is gevoelig voor verlichting. 20 Die zoeken we op!

ONDERZOEK NAAR DE WATERVLEERMUIS IN DE OPSTALLEN VAN HET: SIEGERPARK. Projectnummer : 30.06.03 Datum : 07 juni 2010

ONDERZOEK NAAR DE WATERVLEERMUIS IN DE OPSTALLEN VAN HET: SIEGERPARK. Projectnummer : 30.06.03 Datum : 07 juni 2010 ONDERZOEK NAAR DE WATERVLEERMUIS IN DE OPSTALLEN VAN HET: SIEGERPARK Projectnummer : 30.06.03 Datum : 07 juni 2010 Onderzoek naar de Watervleermuis 1 Inhoudsopgave 1 ALGEMEEN 1.1 Watervleermuis algemeen

Nadere informatie

Vleermuizen in Nederland

Vleermuizen in Nederland Vleermuizen in Nederland 1 Inhoud Watervleermuis (Myotis daubentonii)... 3 Meervleermuis (Myotis dasycneme)... 5 Baardvleermuis (Myotis mystacinus)... 7 Brandts vleermuis (Myotis brandtii)... 9 Franjestaartvleermuis

Nadere informatie

VERENIGING VOOR ZOOGDIERKUNDE EN ZOOGDIERBESCHERMING Oude Kraan 8, 6811 LJ Arnhem, tel. 026-3705318, fax 026-3704038, email: zoogdier@vzz.

VERENIGING VOOR ZOOGDIERKUNDE EN ZOOGDIERBESCHERMING Oude Kraan 8, 6811 LJ Arnhem, tel. 026-3705318, fax 026-3704038, email: zoogdier@vzz. VERENIGING VOOR ZOOGDIERKUNDE EN ZOOGDIERBESCHERMING Oude Kraan 8, 6811 LJ Arnhem, tel. 026-3705318, fax 026-3704038, email: zoogdier@vzz.nl >> Concept januari 2005

Nadere informatie

Flora- en faunascan voor de bouw van een woning aan de Bolenbergweg te Belfeld

Flora- en faunascan voor de bouw van een woning aan de Bolenbergweg te Belfeld Tegelseweg 3 5951 GK Belfeld Tel: 077-4642999 www.faunaconsult.nl info@faunaconsult.nl Faunaconsult KvK Venlo 09116138 De heer J. Bruekers Bolenbergweg 18 5951 AZ Belfeld Flora- en faunascan voor de bouw

Nadere informatie

Notitie flora en fauna

Notitie flora en fauna Notitie flora en fauna Titel/locatie Projectnummer: 6306 Datum: 11-6-2013 Opgesteld: Rosalie Heins Gemeente Baarn is voornemens om op de locatie van de huidige gemeentewerf een nieuwe brede school ontwikkelen.

Nadere informatie

Vogels van riet en ruigte. Baardman Panurus biarmicus

Vogels van riet en ruigte. Baardman Panurus biarmicus Groen: Werkzaamheden mogelijk. Oranje: Werkzaamheden mogelijk: ja, mits na overleg met ecoloog en eventuele mitigerende maatregelen. Rood: Werkzaamheden mogelijk: nee, tenzij toestemming van de ecoloog

Nadere informatie

Werkatlas verspreiding zoogdieren in Zuid-Holland 2000-2008

Werkatlas verspreiding zoogdieren in Zuid-Holland 2000-2008 Werkatlas verspreiding zoogdieren in Zuid-Holland 2000-2008 K. Mostert en J. Willemsen Stichting Zoogdierenwerkgroep Zuid-Holland Delft, 1 december 2008 Werkatlas verspreiding zoogdieren in Zuid-Holland

Nadere informatie

DE GEWONE ZEEHOND. Huiler

DE GEWONE ZEEHOND. Huiler DE GEWONE ZEEHOND Huiler Je gelooft het bijna niet als je in die mooie zwarte ogen kijkt, maar een gewone zeehond is een echt roofdier. Zijn scherpe tanden en gestroomlijnde lichaam zijn perfect voor het

Nadere informatie

DE MARTERACHTIGEN DE BOOMMARTER

DE MARTERACHTIGEN DE BOOMMARTER DE MARTERACHTIGEN DE BOOMMARTER (Martes martes) De boommarter lijkt goed op de steenmarter. De totale lengte van de ram ligt tussen de 75 en 80 cm. De moer is wat kleiner. Heeft ongeveer dezelfde bruine

Nadere informatie

Flora- en faunawet. Gedragscode Bestendig beheer groenvoorziening

Flora- en faunawet. Gedragscode Bestendig beheer groenvoorziening Flora- en faunawet De Flora- en faunawet (Ffwet) is in april 2002 in werking getreden. De wet beschermt alle in het wild levende flora en fauna in Nederland. Bij het uitvoeren van werkzaamheden moet altijd

Nadere informatie

Vale vleermuis (Myotis myotis) H Status. 2. Kenschets. Habitatrichtlijn Bijlage II (inwerkingtreding 1994).

Vale vleermuis (Myotis myotis) H Status. 2. Kenschets. Habitatrichtlijn Bijlage II (inwerkingtreding 1994). Dit profiel dient gelezen, geïnterpreteerd en gebruikt te worden in combinatie met de leeswijzer, waarin de noodzakelijke uitleg van de verschillende paragrafen vermeld is. Vale vleermuis (Myotis myotis)

Nadere informatie

memo datum: 28 maart 2012

memo datum: 28 maart 2012 memo aan: van: Buro SRO Laneco datum: 28 maart 2012 betreft: Quick scan flora en fauna Politiebureau Schoonhoven 1 Inleiding Op de locatie van het voormalige politiebureau te Schoonhoven is de nieuwbouw

Nadere informatie

Wezels en marterachtigen

Wezels en marterachtigen 7 Kleine roofdieren Verschillende kleine roofdieren kunnen nuttig zijn in de bestrijding van kleine knaagdieren. Denken we aan de marterachtigen (muiswezel, hermelijn, steenmarter, boommarter, bunzing

Nadere informatie

Dassensporen versie 23-09-2010

Dassensporen versie 23-09-2010 Dassensporen versie 23-09-2010 Deze hand-out is gemaakt ter begeleiding van een veldexcursie. Doel is het kunnen herkennen en duiden van dassensporen. Voor meer informatie over de biologie en ecologie

Nadere informatie

Mogelijke knelpunten beschermde zoogdieren bij verbreding A13 en aanleg bypass A13/A16. J.R. Regelink

Mogelijke knelpunten beschermde zoogdieren bij verbreding A13 en aanleg bypass A13/A16. J.R. Regelink Mogelijke knelpunten beschermde zoogdieren bij verbreding A13 en aanleg bypass A13/A16 J.R. Regelink Oktober 2007 Rapport van de Zoogdiervereniging VZZ In opdracht van Nieuwland Advies Mogelijke knelpunten

Nadere informatie

Quick scan Ecologie Tunnel Leijenseweg Gemeente De Bilt

Quick scan Ecologie Tunnel Leijenseweg Gemeente De Bilt Quick scan Ecologie Tunnel Leijenseweg Gemeente De Bilt CONCEPT Omgevingsdienst Regio Utrecht juli 2012 kenmerk/ opgesteld door beoordeeld door Ronald Jansen Dagmar Storm INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding...

Nadere informatie

De Heikikker De Heikikker

De Heikikker De Heikikker De Heikikker Brabant Water beheert 2200 hectare grond waarvan 1500 hectare natuurgebied. Hiermee zijn wij een van de grootgrondbezitters in Noord-Brabant. In deze natuurgebieden liggen ook de waterwingebieden

Nadere informatie

Resultaten veldbezoek vleermuizen en vogels Hotels van Oranje te Noordwijk

Resultaten veldbezoek vleermuizen en vogels Hotels van Oranje te Noordwijk Resultaten veldbezoek vleermuizen en vogels Hotels van Oranje te Noordwijk 9 maart 015 Aanleiding Er is het voornemen voor de renovatie, (gedeeltelijke)vervanging en nieuw- en uitbouw van de Hotels van

Nadere informatie

Vleermuizen. in onze omgeving

Vleermuizen. in onze omgeving Vleermuizen in onze omgeving De meeste mensen komen nooit in aanraking met vleermuizen Toch kan het gebeuren dat een vleermuis uw huis als tijdelijke verblijfplaats kiest of per ongeluk in uw kamer terechtkomt.

Nadere informatie

Aanvullend vleermuisonderzoek restaurant Castellum Novum in De Meern

Aanvullend vleermuisonderzoek restaurant Castellum Novum in De Meern Aanvullend vleermuisonderzoek restaurant Castellum Novum in De Meern Toetsing in het kader van de Flora- en faunawet Datum: 08-11-2008 Auteur: A.H. Tuitert Opdrachtgever: Aveco de Bondt Kenmerk: vlm2008/10

Nadere informatie

Bosbroedende vogelsoorten

Bosbroedende vogelsoorten Groen: Werkzaamheden mogelijk. Oranje: Werkzaamheden mogelijk: ja, mits na overleg met ecoloog en eventuele mitigerende maatregelen. Rood: Werkzaamheden mogelijk: nee, tenzij toestemming van de ecoloog

Nadere informatie

17 maart 2011 BR10.302-GML-F01 Briefrapportage nader onderzoek naar vleermuizen in spouwmuren binnen de planlocatie Medossestraat.

17 maart 2011 BR10.302-GML-F01 Briefrapportage nader onderzoek naar vleermuizen in spouwmuren binnen de planlocatie Medossestraat. Milieutechniek Rouwmaat Groenlo BV t.a.v. de heer N. Looman Postbus 74 7140 AB Groenlo Hamabest BV Postbus 676 7400 AR Deventer Rostockstraat 12A Deventer Tel. 0570-638 181 Fax. 0570-608 272 info@hamabest.nl

Nadere informatie

Notitie aanvullend onderzoek BIC te Eindhoven

Notitie aanvullend onderzoek BIC te Eindhoven Ecologica BV Rondven 22 6026 PX Maarheeze 0495-46 20 70 0495-46 20 79 info@ecologica.eu www.ecologica.eu Gemeente Eindhoven t.a.v. I. Schouten Postbus 90150 5600 RB Eindhoven Datum: 26 oktober 2015 Behandeld

Nadere informatie

Huismus- en vleermuisinventarisatie op planlocatie de Marke III te Hengevelde

Huismus- en vleermuisinventarisatie op planlocatie de Marke III te Hengevelde Huismus- en vleermuisinventarisatie op planlocatie de Marke III te Hengevelde In opdracht van: SAB BV Oktober 2013 Huismus- en vleermuisinventarisatie op planlocatie de Marke III te Hengevelde Colofon:

Nadere informatie

Zoogdieren die voorkomen op De Pan.

Zoogdieren die voorkomen op De Pan. Zoogdieren die voorkomen op De Pan. Zoogdieren (Mammalia) vormen een klasse van warmbloedige, meestal levendbarende chordadieren die hun jongen zogen met borstvoeding. Ze zijn deel van de Amniota en zijn

Nadere informatie

Eindrapport BESCHERMDE SOORTEN TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND FIETSPAD BERNHARDSTRAAT TE RUCPHEN

Eindrapport BESCHERMDE SOORTEN TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND FIETSPAD BERNHARDSTRAAT TE RUCPHEN Eindrapport BESCHERMDE SOORTEN TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND FIETSPAD BERNHARDSTRAAT TE RUCPHEN Eindrapport BESCHERMDE SOORTEN TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND FIETSPAD BERNHARDSTRAAT TE RUCPHEN rapportnr.

Nadere informatie

Ruimtelijke ontwikkelingen en de Flora- en faunawet

Ruimtelijke ontwikkelingen en de Flora- en faunawet Ruimtelijke ontwikkelingen en de Flora- en faunawet Inleiding Praktisch overal in Nederland komen beschermde soorten flora en fauna voor. Bekende voorbeelden zijn de aanwezigheid van rugstreeppadden op

Nadere informatie

Vleermuizen & vogels Pr. Steynstraat e.o. te Velsen

Vleermuizen & vogels Pr. Steynstraat e.o. te Velsen Vleermuizen & vogels Pr. Steynstraat e.o. te Velsen Vleermuizen & vogels Pr. Steynstraat e.o. te Velsen Auteur P.J.H. van der Linden Opdrachtgever Projectnummer Ingen RBOI 11.027 augustus 2011 foto omslag

Nadere informatie

Beheerplan bijzondere natuurwaarden Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein Samenvatting

Beheerplan bijzondere natuurwaarden Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein Samenvatting Beheerplan bijzondere natuurwaarden Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein Samenvatting Samenvatting van het beheerplan 2012-2017 een bijdrage aan het Europese programma Natura 2000 Het beheerplan is

Nadere informatie

Gevlederde Vrienden. Vleermuizen in en om het huis

Gevlederde Vrienden. Vleermuizen in en om het huis Gevlederde Vrienden Vleermuizen in en om het huis Nu de zomer in aantocht is en het terrasjesweer begint, zal je op mooie zomeravonden tegen valavond thuis de acrobatische toeren kunnen bewonderen van

Nadere informatie

-Rooien van het aanwezige sierplantsoen en enkele acacia s en zomereiken. -Transportbewegingen van mensen en voertuigen en aanvoer van materieel

-Rooien van het aanwezige sierplantsoen en enkele acacia s en zomereiken. -Transportbewegingen van mensen en voertuigen en aanvoer van materieel Zwolle, 25 oktober Henk Hunneman Natuuronderzoek pompstation Wageningen Aanleiding Vitens is voornemens om op de locatie van productiebedrijf Wageningen het huidige drinkwaterreservoir te vervangen door

Nadere informatie

Briefrapport. Globale ligging plangebied. AANLEIDING EN METHODE. De heer E.J. Overbeek. datum: 16 september 2011. quick scan flora en fauna

Briefrapport. Globale ligging plangebied. AANLEIDING EN METHODE. De heer E.J. Overbeek. datum: 16 september 2011. quick scan flora en fauna Briefrapport aan: van: ons kenmerk.: De heer E.J. Overbeek SAB RIJS/110253 datum: 16 september 2011 betreft: quick scan flora en fauna AANLEIDING EN METHODE In Diepenheim (gemeente Hof van Twente, provincie

Nadere informatie

Gewervelden zijn dieren met een inwendig skelet en een wervelkolom. Dit skelet is meestal van botten gemaakt.

Gewervelden zijn dieren met een inwendig skelet en een wervelkolom. Dit skelet is meestal van botten gemaakt. Gewervelden Gewervelden zijn dieren met een inwendig skelet en een wervelkolom. Dit skelet is meestal van botten gemaakt. Voorbeeld bij een kikker: Determinatietabel Gewervelden: 1 Heeft het dier kieuwen?

Nadere informatie

Mitigatie en compensatieplan rugstreeppad

Mitigatie en compensatieplan rugstreeppad Mitigatie en compensatieplan rugstreeppad Mitigatie en compensatieplan rugstreeppad Auteur Opdrachtgever Projectnummer Ingen foto omslag T. Ursinus In den Eng Investment 11.148 december 2011 Voortplantingswater

Nadere informatie

GEWONE ZEEHOND. Huiler

GEWONE ZEEHOND. Huiler GEWONE ZEEHOND Huiler Je zou het bijna niet geloven, maar een gewone zeehond is een echt roofdier! De zeehond is met zijn gestroomlijnde lichaam, speciale neus en handige snorharen helemaal aangepast op

Nadere informatie

Opdrachten Jaar van de Bever voor groep 3,4,5 van de basisschool

Opdrachten Jaar van de Bever voor groep 3,4,5 van de basisschool Opdrachten Jaar van de Bever voor groep 3,4,5 van de basisschool 2012 is het jaar van de bever. Vroeger kwam de bever in een groot deel van Nederland voor, maar er kwamen er steeds minder. De bevers werden

Nadere informatie

www.natuurindewijk.nl

www.natuurindewijk.nl OPHANG- EN PLAATSINGSINSTRUCTIE Gefeliciteerd met Uw nestkast verblijfkast bijenhotel! Fijn dat U mee wilt werken aan het project. In de stad zijn er voor gebouw bewonende dieren steeds minder mogelijkheden

Nadere informatie

Quickscan natuuronderzoek en aanvullende rapportage verbouwing monumentaalpand Lammerinkweg 102 Enschede

Quickscan natuuronderzoek en aanvullende rapportage verbouwing monumentaalpand Lammerinkweg 102 Enschede Quickscan natuuronderzoek en aanvullende rapportage verbouwing monumentaalpand Lammerinkweg 102 Enschede Een inventarisatie van beschermde flora en fauna Enschede 2 December 2010 Rapportnummer 0123 Projectnummer

Nadere informatie

Natuurtoets. Fort Oranje 27. Woerden

Natuurtoets. Fort Oranje 27. Woerden Natuurtoets Fort Oranje 27 Woerden 19 augustus 2013 ZOON ECOLOGIE Colofon Titel Natuurtoets Fort Oranje 27 Woerden Opdrachtgever mro Uitvoerder ZOON ECOLOGIE Auteur C.P.M. Zoon Datum 19 augustus 2013 ZOON

Nadere informatie

Een (t)huis voor vleermuizen. Waar kunnen ze zich verschuilen

Een (t)huis voor vleermuizen. Waar kunnen ze zich verschuilen Een (t)huis voor vleermuizen Waar kunnen ze zich verschuilen Aantal soorten Vlaanderen kent zo n 21 soorten vleermuizen waarvan slechts enkelen geregeld in gebouwen voorkomen. Meestal gaat dit om de gewone

Nadere informatie

Winterslaap. Met filmpjes, werkblad en puzzels. groep 5/6. uitgave januari 2013

Winterslaap. Met filmpjes, werkblad en puzzels. groep 5/6. uitgave januari 2013 uitgave januari 2013 Winterslaap Met filmpjes, werkblad en puzzels groep 5/6 inhoud blz. Inleiding 3 1. Wat is een winterslaap? 4 2. Lage hartslag 5 3. Lage temperatuur 6 4. Winterrust 7 5. Winterslapers

Nadere informatie

Waterlanders : op weg met Sam de salamander. Poelenproject Herzele ter uitbreiding van de amfibieënpopulatie met als kernsoort de kamsalamander.

Waterlanders : op weg met Sam de salamander. Poelenproject Herzele ter uitbreiding van de amfibieënpopulatie met als kernsoort de kamsalamander. Waterlanders : op weg met Sam de salamander Poelenproject Herzele ter uitbreiding van de amfibieënpopulatie met als kernsoort de kamsalamander. 1 De kamsalamander... Hallo, Ik ben Sam, de salamander met

Nadere informatie

Boombroedende vogelsoorten. Europese kanarie Serinus serinus

Boombroedende vogelsoorten. Europese kanarie Serinus serinus Groen: Werkzaamheden mogelijk. Oranje: Werkzaamheden mogelijk: ja, mits na overleg met ecoloog en eventuele mitigerende maatregelen. Rood: Werkzaamheden mogelijk: nee, tenzij toestemming van de ecoloog

Nadere informatie

Koloniebroedende pioniers. Dwergmeeuw Larus minutus

Koloniebroedende pioniers. Dwergmeeuw Larus minutus Groen: Werkzaamheden mogelijk. Oranje: Werkzaamheden mogelijk: ja, mits na overleg met ecoloog en eventuele mitigerende maatregelen. Rood: Werkzaamheden mogelijk: nee, tenzij toestemming van de ecoloog

Nadere informatie

Vleermuizen binnen de planlocatie wijk Lombok te Eerbeek

Vleermuizen binnen de planlocatie wijk Lombok te Eerbeek Vleermuizen binnen de planlocatie wijk Lombok te Eerbeek 1 Status uitgave: definitief Rapport nr.: 2008.45 Datum uitgave: oktober 2008 Titel Vleermuizen binnen de planlocatie wijk Lombok te Eerbeek Subtitel:

Nadere informatie

: QuickScan Flora & Fauna Meijelseweg 60a te Beringe, gemeente Peel en Maas

: QuickScan Flora & Fauna Meijelseweg 60a te Beringe, gemeente Peel en Maas Advies : QuickScan Flora & Fauna Meijelseweg 60a te Beringe, gemeente Peel en Maas Datum : 14 januari 2014 Opdrachtgever : De heer L.P.G. Oudenhoven Projectnummer : 211x05418 Opgesteld door : Ineke Kroes

Nadere informatie

Nader onderzoek Vleermuizen, huismus en steenmarter Ingen

Nader onderzoek Vleermuizen, huismus en steenmarter Ingen Nader onderzoek Vleermuizen, huismus en steenmarter Ingen Arnhem, 13 september 2010 Colofon Titel Subtitel : Nader onderzoek vleermuizen, huismus en steenmarter : Ingen Projectnummer : 90.158 Datum : 13

Nadere informatie

Inleiding In het najaar worden de dagen steeds korter en de nachten steeds langer. Kun je je voorstellen dat je in de maand november naar bed gaat?

Inleiding In het najaar worden de dagen steeds korter en de nachten steeds langer. Kun je je voorstellen dat je in de maand november naar bed gaat? Inleiding In het najaar worden de dagen steeds korter en de nachten steeds langer. Kun je je voorstellen dat je in de maand november naar bed gaat? Je valt in een diepe slaap en wordt in maart pas weer

Nadere informatie

Vervolgonderzoek flora en fauna

Vervolgonderzoek flora en fauna Bijlage 4 Vervolgonderzoek flora en fauna Rho adviseurs voor leefruimte 053100.19264.00 Eindrapport VLEERMUIZEN EN HUISMUSSEN TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND EEN NIEUWBOUWLOCATIE VAN EEN SCHOOL AAN DE

Nadere informatie

Richtlijn voor het beheer van bomen in relatie tot vleermuizen in vier stadsparken te Voorburg

Richtlijn voor het beheer van bomen in relatie tot vleermuizen in vier stadsparken te Voorburg Richtlijn voor het beheer van bomen in relatie tot vleermuizen in vier stadsparken te Voorburg Peter Twisk Maart 2007 Rapport van de Zoogdiervereniging VZZ i.s.m. Stichting Zoogdierenwerkgroep Zuid-Holland

Nadere informatie

Concept rapport VLEERMUIZEN EN BROEDVOGELS TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND GODELINDEHOF TE NIEUW-LOOSDRECHT

Concept rapport VLEERMUIZEN EN BROEDVOGELS TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND GODELINDEHOF TE NIEUW-LOOSDRECHT Concept rapport VLEERMUIZEN EN BROEDVOGELS TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND GODELINDEHOF TE NIEUW-LOOSDRECHT Concept rapport VLEERMUIZEN EN BROEDVOGELS TER PLAATSTE VAN EN DIRECT ROND GODELINDEHOF TE NIEUW-LOOSDRECHT

Nadere informatie

Eindrapport HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN EN VOGELS IN EN DIRECT ROND ACHTERVELD TE LEUSDEN

Eindrapport HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN EN VOGELS IN EN DIRECT ROND ACHTERVELD TE LEUSDEN Eindrapport HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN EN VOGELS IN EN DIRECT ROND ACHTERVELD TE LEUSDEN Eindrapport HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN EN VOGELS IN EN DIRECT ROND ACHTERVELD TE LEUSDEN rapportnr. 2010.1112

Nadere informatie

Eindrapport HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN EN BROEDVOGELS IN HET VOORMALIGE POLITIEBUREAU EN GEMEENTEHUIS VAN DE LIER

Eindrapport HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN EN BROEDVOGELS IN HET VOORMALIGE POLITIEBUREAU EN GEMEENTEHUIS VAN DE LIER Eindrapport HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN EN BROEDVOGELS IN HET VOORMALIGE POLITIEBUREAU EN GEMEENTEHUIS VAN DE LIER Eindrapport HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN EN BROEDVOGELS IN HET VOORMALIGE POLITIEBUREAU

Nadere informatie

Notitie vleermuisonderzoek herinrichting centrum Best

Notitie vleermuisonderzoek herinrichting centrum Best Ecologica BV Rondven 22 6026 PX Maarheeze tel: 0495 46 20 70 fax: 0495 46 20 79 info@ecologica.eu www.ecologica.eu Gemeente Best T.a.v. J. Crommentuijn Postbus 50 5680 AB Best Datum: 25 oktober 2011 Behandeld

Nadere informatie

WERKBLAD OPDRACHTEN. Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen. 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen

WERKBLAD OPDRACHTEN. Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen. 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen Dassenwerk WERKBLAD OPDRACHTEN Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen 1. Waar ben je? Je gaat een onderzoek doen in een klein gebied van Nationaal

Nadere informatie

Quickscan DWL-De esch

Quickscan DWL-De esch Quickscan DWL-De esch Implementatie Flora- en faunawet, Verkenning ecologische waarden Datum 17 augustus 2006 Versie definitief Opdrachtgever ing. Hugo de Groot Paraaf Opdrachtgever: Opsteller M. Kaptein

Nadere informatie

SPREEKBEURT WITLIPBOOMKIKKER

SPREEKBEURT WITLIPBOOMKIKKER SPREEKBEURT WITLIPBOOMKIKKER l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n AMFIBIEËN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN WE HEBBEN DE BELANGRIJKSTE INFORMATIE OVER DE WITLIPBOOMKIKKER

Nadere informatie

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken http://spreekbeurten.info

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken http://spreekbeurten.info Eend Inleiding Ik hou mijn werkstuk over eenden omdat ik het leuke dieren vind en ik wil er wat over leren. Dit wil ik er over weten: Wat doen eenden de hele dag? Wat eten eenden? Wat voor soorten eenden

Nadere informatie

Monitoring vleermuiskasten voormalige MOB complexen Schaijk en Heesch 2015

Monitoring vleermuiskasten voormalige MOB complexen Schaijk en Heesch 2015 Monitoring vleermuiskasten voormalige MOB complexen Schaijk en Heesch 2015 Foto voorblad: Aktie om "even" water in de vleermuiskelder te brengen foto Henk de Wit Henk de Wit Hoofdstukken 1 Inleiding 2

Nadere informatie

Determinatie van vleermuizen ten behoeve van het meetnet Zoldertellingen Vleermuizen. R. Janssen, J.R. Regelink & J. Buys

Determinatie van vleermuizen ten behoeve van het meetnet Zoldertellingen Vleermuizen. R. Janssen, J.R. Regelink & J. Buys Determinatie van vleermuizen ten behoeve van het meetnet Zoldertellingen Vleermuizen R. Janssen, J.R. Regelink & J. Buys Colofon Samenstelling: René Janssen, Johannes Regelink & Jan Buys Redactie: Hans

Nadere informatie

Dieren in de vrije natuur in het Park Berg en Bos door Henk Otto

Dieren in de vrije natuur in het Park Berg en Bos door Henk Otto Dieren in de vrije natuur in het Park Berg en Bos door Henk Otto Ter voorbereiding van de toekomstplannen voor het Park Berg en Bos is in opdracht van de gemeente Apenheul een natuurtoets uitgevoerd. Een

Nadere informatie

Rapport vleermuisonderzoek Voormalige boomkwekerij Kuijer BAARN

Rapport vleermuisonderzoek Voormalige boomkwekerij Kuijer BAARN Hans Hartvelt Ecologisch advies Lijsterbeslaan 7, 6721 CW Bennekom Tel. 0318-430898 Fax. 0318-430661 E-mail: h.hartvelt@euronet.nl K.v.K.: 09102190 Rapport vleermuisonderzoek Voormalige boomkwekerij Kuijer

Nadere informatie

Eindrapportage HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN AAN DE MAATWEG 1 TE AMERSFOORT

Eindrapportage HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN AAN DE MAATWEG 1 TE AMERSFOORT Eindrapportage HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN AAN DE MAATWEG 1 TE AMERSFOORT Eindrapportage HET VOORKOMEN VAN VLEERMUIZEN AAN DE MAATWEG 1 TE AMERSFOORT rapportnr. 2011.1247 september 2011 In opdracht van:

Nadere informatie

Nader onderzoek naar vleermuizen Nieuw Graswijk te Assen

Nader onderzoek naar vleermuizen Nieuw Graswijk te Assen Nader onderzoek naar vleermuizen Nieuw Graswijk te Assen Nader onderzoek naar vleermuizen Nieuw Graswijk te Assen Inhoud Rapport en bijlagen 21 juli 2010 Projectnummer 015.36.02.71.00 I n h o u d s o

Nadere informatie

AANVULLEND ONDERZOEK WINTERVERBLIJFPLAATSEN VLEERMUIZEN LOCATIE OORDT, VRIEZENVEEN

AANVULLEND ONDERZOEK WINTERVERBLIJFPLAATSEN VLEERMUIZEN LOCATIE OORDT, VRIEZENVEEN AANVULLEND ONDERZOEK WINTERVERBLIJFPLAATSEN VLEERMUIZEN LOCATIE OORDT, VRIEZENVEEN GEMEENTE TWENTERAND 25 januari 2010 B01035/OF0/002/700613/jbp Inhoud 1 Inleiding 3 1.1 Aanleiding 3 1.2 Plangebied 3 1.3

Nadere informatie

Effecten revitalisatie oude meander Lunterse Beek op de aanwezige dassen

Effecten revitalisatie oude meander Lunterse Beek op de aanwezige dassen Effecten revitalisatie oude meander Lunterse Beek op de aanwezige dassen Verslag opgesteld door Stichting Das&Boom in opdracht van het Waterschap Vallei en Veluwe Beek-Ubbergen, maart 2013 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Flora en fauna. Flora

Flora en fauna. Flora Flora en fauna Flora De bomen in Australië zijn het hele jaar groen. Niet altijd het mooie groen zoals bij ons, maar meer het grijze groen. Zoals de eucalyptus, waarvan de meeste soorten nooit hun bladeren

Nadere informatie

Quickscan. Een. Projectnummer 018. Opdrachtgever. Opdrachtnemer. Scholtenhagenweg 10

Quickscan. Een. Projectnummer 018. Opdrachtgever. Opdrachtnemer. Scholtenhagenweg 10 Quickscan natuuronderzoek ivm bestemmingsplan en ontwikkelingen Bellersweg 13 Hengelo Een inventarisatie van beschermde flora en fauna Haaksbergen 9 juli 2013 Rapportnummer 0128 Projectnummer 018 Opdrachtgever

Nadere informatie

Meervleermuis (Myotis dasycneme) H1318. 1. Status: 2. Kenschets. Habitatrichtlijn Bijlage II (inwerkingtreding 1994)

Meervleermuis (Myotis dasycneme) H1318. 1. Status: 2. Kenschets. Habitatrichtlijn Bijlage II (inwerkingtreding 1994) Dit profiel dient gelezen, geïnterpreteerd en gebruikt te worden in combinatie met de leeswijzer, waarin de noodzakelijke uitleg van de verschillende paragrafen vermeld is. Meervleermuis (Myotis dasycneme)

Nadere informatie

Nieuwe bedrijfslocaties

Nieuwe bedrijfslocaties E c o l o g i s c h e i n v e n t a r i s a t i e Om de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan Midwolda-Nieuwlandseweg Arts/Rulo te toetsen, is een ecologische inventarisatie uitgevoerd. Tevens is gekeken

Nadere informatie

Beschermde planten en dieren in Zuid-Holland

Beschermde planten en dieren in Zuid-Holland Beschermde planten en dieren in Zuid-Holland De verspreiding van de Europese Habitatrichtlijnsoorten in kaart Januari 2004 Beschermde planten en dieren in Zuid-Holland De verspreiding van de Europese Habitatrichtlijnsoorten

Nadere informatie

Ingekorven vleermuis (Myotis emarginatus) H1321. 1. Status: 2. Kenschets. Habitatrichtlijn Bijlage II (inwerkingtreding 1994)

Ingekorven vleermuis (Myotis emarginatus) H1321. 1. Status: 2. Kenschets. Habitatrichtlijn Bijlage II (inwerkingtreding 1994) Profielen Habitatsoorten, versie 1 september 2008 Dit profiel dient gelezen, geïnterpreteerd en gebruikt te worden in combinatie met de leeswijzer, waarin de noodzakelijke uitleg van de verschillende paragrafen

Nadere informatie

Vleermuis in huis? Wat voor dieren zijn vleermuizen?

Vleermuis in huis? Wat voor dieren zijn vleermuizen? Vleermuis in huis? Vleermuizen duiken met enige regelmaat op in huizen en andere gebouwen. Dat leidt soms tot problemen. Bovendien zijn het wettelijk beschermde dieren, die niet zomaar verjaagd mogen worden.

Nadere informatie

Eindrapport VLEERMUIZEN IN EN ROND STADSDEELHART ANKLAAR TE APELDOORN

Eindrapport VLEERMUIZEN IN EN ROND STADSDEELHART ANKLAAR TE APELDOORN Eindrapport VLEERMUIZEN IN EN ROND STADSDEELHART ANKLAAR TE APELDOORN Eindrapport VLEERMUIZEN IN EN ROND STADSDEELHART ANKLAAR TE APELDOORN Rapportnr. 2009.1005 Januari 2010 In opdracht van: Gemeente Apeldoorn

Nadere informatie

Ecologisch onderzoek ten behoeve van het bestemmingsplan voor een terrein ten zuiden van Harmelen

Ecologisch onderzoek ten behoeve van het bestemmingsplan voor een terrein ten zuiden van Harmelen Ecologisch onderzoek ten behoeve van het bestemmingsplan voor een terrein ten zuiden van Harmelen - notitie - Oktober 2010 W 511 Natuur-Wetenschappelijk Centrum Noorderelsweg 4a 3329 KH Dordrecht 078-6213921

Nadere informatie

Welke uilen en roofvogels zijn dat?

Welke uilen en roofvogels zijn dat? . Welke uilen en roofvogels zijn dat? De vogels zijn volgens de kleurcode onderverdeeld in de volgende groepen: Uilen 10 Valken 30 Overige roofvogels 46 Extra: Vliegsilhouet van de belangrijkste soorten

Nadere informatie

Eindrapport VLEERMUIZEN EN HUISMUSSEN TER PLAATSE VAN EN DIRECT ROND HET HATTEMS DEEL VAN BEDRIJVENTERREIN H2O

Eindrapport VLEERMUIZEN EN HUISMUSSEN TER PLAATSE VAN EN DIRECT ROND HET HATTEMS DEEL VAN BEDRIJVENTERREIN H2O Eindrapport VLEERMUIZEN EN HUISMUSSEN TER PLAATSE VAN EN DIRECT ROND HET HATTEMS DEEL VAN BEDRIJVENTERREIN H2O Eindrapport VLEERMUIZEN EN HUISMUSSEN TER PLAATSE VAN EN DIRECT ROND HET HATTEMS DEEL VAN

Nadere informatie

Rapport Lelystad, oktober 2010 J.C. Nagel

Rapport Lelystad, oktober 2010 J.C. Nagel Rapport Lelystad, oktober 2010 J.C. Nagel Quickscan Flora en faunawet Stuurboord 10 te Dronten Samenvatting Van de Flora en faunawet soorten, behorende tot bijlage 2 en 3, is de gewone dwergvleermuis,

Nadere informatie

Notitie veldbezoek Middelweg 12 te Moordrecht

Notitie veldbezoek Middelweg 12 te Moordrecht NOTITIE R. Stout Middelweg 12 2841 LA Moordrecht DATUM: 16 april 2012 ONS KENMERK: 12-200/12.01680/DirSt UW KENMERK: Gunning 22-03-2012 AUTEUR: PROJECTLEIDER: STATUS: ing. K.D. van Straalen drs. I. Hille

Nadere informatie

Briefrapport Flora en fauna

Briefrapport Flora en fauna Briefrapport Flora en fauna aan: van: ons kenmerk: Verkerk Vastgoed B.V. SAB (contactpersoon dhr. E. de Bos / dhr. S. van der Zon) DBOS/ZON/130474 datum: 19 februari 2014 betreft: Quick scan flora en fauna

Nadere informatie

DE HUMBOLDT PINGUÏN. Een levend kostuum

DE HUMBOLDT PINGUÏN. Een levend kostuum DE HUMBOLDT PINGUÏN Een levend kostuum Er zijn verschillende soorten pinguïns. Die verschillen maar weinig van elkaar. Ze hebben immers allemaal een donkere rug en een witte buik. Toch zie je, als je goed

Nadere informatie

Word ook actief voor onze zoogdieren!

Word ook actief voor onze zoogdieren! ZOOGDIERVERENIGING ZOEKT VRIJWILLIGERS Word ook actief voor onze zoogdieren! Gezocht: haas, konijn, ree, vos, egel en eekhoorn, bijzondere muizen zoals de hazelmuizen, bevers, bunzingen en boommarters

Nadere informatie

VIER MODELLEN. Bouwstenen. Een meer uitgebreide beschrijving van de bouwstenen en informatie over het beheer vindt u in de bijlage.

VIER MODELLEN. Bouwstenen. Een meer uitgebreide beschrijving van de bouwstenen en informatie over het beheer vindt u in de bijlage. 2 VIER MODELLEN In dit hoofdstuk beschrijven we vier verschillende inrichtingsmodellen: Kleinschalig landschap, Moeraszone, Nat kralensnoer en Droog kralensnoer. In extra informatiepagina s geven we aan

Nadere informatie

Hoofdstuk 1: Veldkenmerken en voorkomen 3. Hoofdstuk 2: Voedsel en vijanden 4. Hoofdstuk 3: Voortplanting en verwanten 6

Hoofdstuk 1: Veldkenmerken en voorkomen 3. Hoofdstuk 2: Voedsel en vijanden 4. Hoofdstuk 3: Voortplanting en verwanten 6 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Literatuurlijst 1 Inleiding 2 Hoofdstuk 1: Veldkenmerken en voorkomen 3 Hoofdstuk 2: Voedsel en vijanden 4 Hoofdstuk 3: Voortplanting en verwanten 6 Hoofdstuk 4: Verzorging

Nadere informatie

DBI1410.P103/projectnummer Milieuadvies Bodem en Ecologie Buys Ballotweg in De Bilt

DBI1410.P103/projectnummer Milieuadvies Bodem en Ecologie Buys Ballotweg in De Bilt MILIEUADVIES aan t.a.v. opsteller Gemeente De Bilt W. Zweverink D. Storm telefoon 088 022 50 00 datum 17 juli 2014 kenmerk onderwerp DBI1410.P103/projectnummer Milieuadvies Bodem en Ecologie Buys Ballotweg

Nadere informatie

Aanvullend onderzoek beschermde soorten Wilhelminastraat e.o. Vianen

Aanvullend onderzoek beschermde soorten Wilhelminastraat e.o. Vianen Aanvullend onderzoek beschermde soorten Wilhelminastraat e.o. Vianen 17 juli 2013 ZOON ECOLOGIE Colofon Titel Aanvullend onderzoek beschermde soorten Wilhelminastraat e.o. Vianen Opdrachtgever mro Uitvoerder

Nadere informatie

Omgevingscheck De Del te Rozendaal. categorie 5 nesten: koolmees, pimpelmees, grauwe vliegenvanger, boomklever, boomkruiper en grote bonte specht

Omgevingscheck De Del te Rozendaal. categorie 5 nesten: koolmees, pimpelmees, grauwe vliegenvanger, boomklever, boomkruiper en grote bonte specht Omgevingscheck De Del te Rozendaal categorie 5 nesten: koolmees, pimpelmees, grauwe vliegenvanger, boomklever, boomkruiper en grote bonte specht Omgevingscheck De Del te Rozendaal categorie 5 nesten: koolmees,

Nadere informatie

Afdoend onderzoek ecologie Kanaaldijk 63 te Watergang

Afdoend onderzoek ecologie Kanaaldijk 63 te Watergang Afdoend onderzoek ecologie Kanaaldijk 63 te Watergang Afdoend onderzoek ecologie Kanaaldijk 63 te Watergang Auteur Opdrachtgever Projectnummer Ingen foto omslag P.J.H. van der Linden Buro Vijn 11.035 november

Nadere informatie

Notitie vleermuisvriendelijke verlichting Klooster Bethanië te Venlo

Notitie vleermuisvriendelijke verlichting Klooster Bethanië te Venlo Notitie vleermuisvriendelijke verlichting Klooster Bethanië te Venlo Projectgegevens Uitgevoerd door: Ruimte voor Advies BV Project: Klooster Bethanië Offertenr.: N.V.T. Betreft: Vleermuisvriendelijke

Nadere informatie

Quick scan ecologie; Amsterdam Willem de Zwijgerlaan 334-338

Quick scan ecologie; Amsterdam Willem de Zwijgerlaan 334-338 Quick scan ecologie; Amsterdam Willem de Zwijgerlaan 334-338 Quick scan ecologie: Amsterdam Willem de Zwijgerlaan 334-338 Auteur Opdrachtgever Projectnummer Ingen foto omslag P.J.H. van der Linden 12.138

Nadere informatie

Ordito t.a.v. dhr. F.A. Jiskoot Postbus 94 5126 ZH GILZE

Ordito t.a.v. dhr. F.A. Jiskoot Postbus 94 5126 ZH GILZE Ordito t.a.v. dhr. F.A. Jiskoot Postbus 94 5126 ZH GILZE Roermond : 11 januari 2012 Ons kenmerk : AM11215 Betreft : Vleermuizen- en vogelnestenonderzoek locatie Tom Rook te Gouderak (aangepaste rapportage)

Nadere informatie

Ontdek de eekhoorn. Ontdek de eekhoorn!

Ontdek de eekhoorn. Ontdek de eekhoorn! Rode Eekhoorn foto: Maaike Plomp Ontdek de eekhoorn! Ontdek de eekhoorn bestaat uit verschillende onderdelen. Deze zijn ook los van elkaar te gebruiken in de klas, de Buitenschoolse Opvang of elders. De

Nadere informatie

Vleermuizen-, vogel- en eekhoornonderzoek Woonbos Bergeijk. Gemeente Bergeijk

Vleermuizen-, vogel- en eekhoornonderzoek Woonbos Bergeijk. Gemeente Bergeijk Vleermuizen-, vogel- en eekhoornonderzoek Woonbos Bergeijk Vleermuizen-, vogel- en eekhoornonderzoek Woonbos Bergeijk Datum: 17 februari 2011 Projectgegevens: NAT01-BEG00048-02B Postbus 435 5240 AK Rosmalen

Nadere informatie

Wild van Zoogdieren. Laat je inspireren Richard Witte info@nozos.nl

Wild van Zoogdieren. Laat je inspireren Richard Witte info@nozos.nl Wild van Zoogdieren Laat je inspireren Richard Witte info@nozos.nl Kenmerken zoogdieren Zoogdieren zijn warmbloedige gewervelde dieren. Zoogdieren hebben een lichaamsbedekking die bestaat uit haren. Inwendige

Nadere informatie

Onderzoek naar broedvogels en vleermuizen in het plangebied Zwijssen te Tilburg

Onderzoek naar broedvogels en vleermuizen in het plangebied Zwijssen te Tilburg Onderzoek naar broedvogels en vleermuizen in het plangebied Zwijssen te Tilburg Opdrachtgever: SDK Vastgoed B.V. September 2010 Antonie van Diemenstraat 20 5018 CW Tilburg 013-5802237 Eac@home.nl Pagina

Nadere informatie

Bureauonderzoek natuurwaarden wijzigingsplan Boekenrode

Bureauonderzoek natuurwaarden wijzigingsplan Boekenrode Bureauonderzoek natuurwaarden wijzigingsplan Boekenrode Natuurwaardenkaart Voor het inventariseren van de natuurwaarden van Heemstede zijn in het rapport Natuurwaardenkaart van Heemstede Waardering van

Nadere informatie

geodesie landschapsarchitectuur civiele techniek

geodesie landschapsarchitectuur civiele techniek Memo geodesie landschapsarchitectuur civiele techniek Aan Dhr. T. Gremmen, gemeente Helmond Van Mw. E. Thomas Betreft Vleermuisonderzoek Goorloopzone te Helmond Datum 2 november 2011 1 Aanleiding In 2010

Nadere informatie

Winterslaap. groep 5/6

Winterslaap. groep 5/6 Winterslaap groep 5/6 inhoud blz. Inleiding 3 1. Wat is een winterslaap? 4 2. Lage hartslag 5 3. Lage temperatuur 6 4. Winterrust 7 5. Winterslapers 8 Werkblad winterslaap 15 Schrijf je eigen e-boek 16

Nadere informatie

WOLF. Huilend roofdier

WOLF. Huilend roofdier WOLF Huilend roofdier Wolven hebben vaak een hele slechte naam. Denk maar eens aan de wolf in het verhaal van Roodkapje, die haar oma heeft opgegeten. Of Midas de wolf, die tevergeefs op de drie biggetjes

Nadere informatie