Financiële positie MBO-scholen: tijdig inspelen op nieuwe ontwikkelingen noodzakelijk

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Financiële positie MBO-scholen: tijdig inspelen op nieuwe ontwikkelingen noodzakelijk"

Transcriptie

1 Financiële positie MBO-scholen: tijdig inspelen op nieuwe ontwikkelingen noodzakelijk Inzichten uit de financiële benchmark MBO Sectorresultaten verslagjaar 2015 Oktober 2016

2

3 Inhoud Vooraf 5 Samenvatting 6 Financiële kengetallen sector Rentabiliteit van 1,1% naar 4,1%, kwaliteitsgelden pas laat beschikbaar 8 Aantal scholen met negatief rendement neemt af, maar signaal blijft 9 Solvabiliteit licht gestegen 10 Liquiditeit blijft gestaag toenemen, aantal scholen met te lage liquiditeit niet gedaald 11 Nadere analyse financiële kengetallen Combinatie van financiële kengetallen biedt genuanceerder inzicht 13 Kengetallen naar type school: verschuivingen in rentabiliteit 14 Financiële kentallen naar omvang school 15 Kosten en baten Aantal studenten als basis voor bekostiging daalt met 1,0% 17 Baten in 2015 over de hele linie gestegen, stijgende trend in aandeel personeelskosten 18 Formatiegroei onderwijspersoneel in sector 19 In 2015 meer personeel per student beschikbaar 20 Salariskosten per fte gestegen 21 Huisvestingskosten per m 2 gestegen 22 ICT-kosten gemiddeld 5,4% 24 Bijlagen Bijlage A: Begripsomschrijvingen en aantal deelnemers aan financiële benchmark 26 Bijlage B: Onderzoeksverantwoording 27 Bijlage C: Financiële positionering mbo-scholen 28 Foto s in dit rapport zijn van het Friesland College Fotografe: Maartje Roos 3

4 4

5 Vooraf De financiële benchmark van de MBO Raad is een van de onderdelen van de Benchmark middelbaar beroepsonderwijs. Deze brede benchmark laat de verschillende prestatiegebieden van de sector zien: de financiële prestaties, het studiesucces, de mening van de studenten over het onderwijs en de mening van medewerkers over hun werkgever. De inzichten uit de benchmark stellen de scholen in staat zich met andere scholen te vergelijken en zich te verbeteren. Meer informatie vindt u op Deze rapportage gaat in op de resultaten van de financiële benchmark op sectorniveau. Het is de elfde maal dat de MBO Raad deze benchmark uitvoert. Bijna alle mbo-scholen nemen jaarlijks aan de benchmark deel. Deze elfde benchmark, over verslagjaar 2015, laat gemiddeld genomen een financieel gezonde sector zien. Zowel de gemiddelde rentabiliteit als de solvabiliteit en liquiditeit zijn toegenomen en stellen de sector in staat om aan de financiële verplichtingen te voldoen en te investeren in onder meer verdere verbetering van de kwaliteit van het onderwijs. Toch geeft de benchmark ook signalen die tot alertheid oproepen. Zo zijn er ondanks de toegenomen gemiddelde rentabiliteit scholen die verlies lijden. Enkele scholen al meerdere jaren achter elkaar. Daarnaast wordt de rentabiliteit vertekend door de middelen voor kwaliteitsafspraken die zodanig laat in het verslagjaar beschikbaar zijn gekomen dat volledige besteding niet meer in 2015 heeft plaats gevonden. De liquiditeit van een aantal scholen is beneden het niveau dat de financiële sector als minimumeis voor het verstrekken van leningen hanteert. Voor een (gelukkig beperkt) aantal scholen geldt dat zowel rentabiliteit, solvabiliteit als liquiditeit onvoldoende op orde zijn. Het is hierbij zaak de vinger aan de pols te houden, zodat de onderwijskwaliteit niet onnodig aangetast wordt. In de tweede plaats is in de nabije toekomst een omslag ophanden. Het aantal studenten daalt MBO-breed (er zijn wel regionale verschillen), en dit zal onherroepelijk leiden tot minder inkomsten voor de sector. Het is zaak om daarop tijdig in te spelen met het inkrimpen van formatie en huisvesting. Op dit moment is dat nog niet zichtbaar. Verder moet worden bedacht dat de toegenomen rentabiliteit in 2015 tijdelijk is, omdat de beschikbaar gekomen kwaliteitsmiddelen 1 in dat jaar niet volledig zijn besteed. In 2016 moet dat wel het geval zijn, en dan zal het effect op de rentabiliteit dus niet langer zichtbaar zijn. Daarnaast is gebleken dat de toename van het onderwijzend en direct onderwijsondersteunend personeel relatief laat in het jaar heeft plaatsgevonden. Deze toename zal in 2016 na-ijlen omdat de stijging dan voor het hele jaar geldt. Ook hier geldt: vinger aan de pols was een jaar waarin de scholen opnieuw hebben ingezet op verbetering van het primair proces door meer middelen vrij te maken voor onderwijspersoneel. Dit heeft er in 2015 toe geleid dat het aantal leerlingen per docent in is afgenomen. Het algemene beeld van de MBO-sector is een genuanceerd beeld dat voorbij gaat aan de grote differentiatie tussen de (soorten) scholen, welke onder meer beïnvloed wordt door de wijze waarop de rijksbijdrage over de sector wordt verdeeld. Genoemde differentiatie is in deze sectorrapportage zichtbaar als grote spreiding in diverse figuren. 1 In 2015 was dat investeringsbudget kwaliteitsplannen 163, 5 mln en investeringsbudget excellentiegelden 24 mln. Zie Staatscourant 16 december MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

6 Samenvatting Het positief financieel resultaat in de sector is in 2015 uitgekomen op gemiddeld 4,1% (percentage van de totale baten). Dat is het hoogste resultaat in de afgelopen zes jaar, maar daarbij moet worden bedacht dat pas laat in 2015 duidelijk werd hoe hoog het bedrag aan extra (kwaliteits) middelen zou zijn. Dat gold ook voor enkele andere subsidies. De scholen hebben deze bedragen in 2015 slechts gedeeltelijk kunnen besteden, bovendien maken ze onderdeel uit van meerjarige plannen. In 2015 hebben 7 scholen (10,9%) ondanks de gemiddelde stijging van de rentabiliteit verlies gemaakt. Drie daarvan hebben twee of meer jaar achtereen verlies gemaakt. De gemiddelde solvabiliteit - mogelijkheid te voldoen aan langetermijnverplichtingen - is licht gestegen, van 52,5% naar 53,7%. Dat betekent sectorbreed een solvabiliteit die voldoende hoog is om tegenslagen op te vangen. De huisvestigingslasten per vierkante meter zijn gestegen van 120 naar 125. De ICT-kosten zijn nauwelijks gewijzigd. Het aantal studenten in absolute zin is gedaald. In 2015 daalde voor het eerst ook het aantal studenten waarop de bekostiging van het mbo is gebaseerd. In dit aantal wordt een weging toegepast voor voltijd- en deeltijdstudenten. De gewogen daling bedraagt 1,0%. Door de groei van de formatie en de daling van het aantal studenten is het aantal studenten per fte personeel afgenomen. Uitgedrukt in formatie onderwijzend en onderwijsondersteunend personeel per gewogen student een afname van 16,5 naar 15,3. De gemiddelde liquiditeit - mogelijkheid te voldoen aan kortetermijnverplichtingen - is licht gestegen van 1,4 naar 1,5. Daarmee is de sector gemiddeld in staat om aan de kortlopende verplichtingen te voldoen, maar er zijn scholen met een liquiditeit die daarbij achterblijft. Vijftien scholen hebben een liquiditeit die lager is dan de 0,7 die de financiële sector veelal hanteert als minimum voor het verstrekken van leningen. De sector besteedt ook in 2015 meer middelen aan het primair proces. Het aandeel personeelskosten binnen de totale kosten is gestegen en daarbinnen het aandeel kosten voor het onderwijzend en direct onderwijsondersteunend personeel (van 82,6% naar 83,1%). De formatie onderwijzend en direct onderwijsondersteunend personeel is met 11,8% gegroeid. Nieuw personeel is relatief laat in 2015 aangenomen en hebben de personeelslasten derhalve gedeeltelijk belast. In 2016 zal deze toename de personeelskosten het volledige jaar belasten. Tabel 1: Samenvatting kengetallen Kengetal Mutatie Rentabiliteit 1,1% 4,1% 3,0 procentpunt Aantal scholen met negatief rendement 17,7% 10,9% - 6,8 procentpunt Solvabiliteit 52,5% 53,7% 1,2 procentpunt Liquiditeit 1,44 1,54 0,1 Aandeel onderwijzend plus direct onderwijsondersteunend personeel in personeelslasten 82,6% 83,1% 0,5 procentpunt Rijksbijdrage Aantal studenten gewogen voor leerweg Aantal gewogen studenten per fte onderwijzend personeel 16,5 15,3-1,2 Bron: Benchmark MBO 2014 en

7 Financiële kengetallen sector Rentabiliteit: van 1,1% naar 4,1% Solvabiliteit: van 52,5% naar 53,7% Liquiditeit: van 1,44 naar 1,54 3 scholen met meerjarig negatief resultaat

8 Rentabiliteit van 1,1% naar 4,1%, kwaliteitsgelden pas laat beschikbaar De rentabiliteit van de mbo-scholen 2 in 2015 is gemiddeld 4,1% en daarmee de hoogste in de afgelopen zes jaar. Dit relatief hoge percentage wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt door het proces rond de toekenning van de zogeheten kwaliteitsgelden bedoeld om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Omdat pas laat in het jaar bekend werd om welk bedrag het zou gaan, hebben lang niet alle scholen in 2015 het geld (volledig) besteed. Besteding staat in dat geval op het programma voor Voor de zogeheten Randstadmixsubsidie geldt hetzelfde. Begroot was een rentabiliteit van 1,7%, in lijn met de 1,1% van De begrote rentabiliteit 2015 van 1,7% wijkt af van de 4,1% gerealiseerde rentabiliteit. Over het algemeen passen de scholen bij de inschatting van de baten en lasten in het begrotingsproces het voorzichtigheidsprincipe toe. Voor 2016 tot en met 2018 worden resultaten begroot van respectievelijk 0,8%, 1,0% en 0,9% van de totale baten. Dit lijkt een voorzichtige raming zoals in feite de afgelopen jaren ook het geval was. In de ramingen zal hebben meegespeeld dat vanaf volgend jaar de daling van het aantal studenten zal doorwerken in de rijksbijdrage. In 2015 heeft 85,3% van de scholen een hoger resultaat gerealiseerd dan begroot. Dit wordt deelt veroorzaakt door het feit dat bij het opstellen van de begroting nog niet bekend was hoeveel kwaliteitsmiddelen beschikbaar zouden komen. Bij 10 scholen was het verschil tussen begroot en gerealiseerd resultaat 5 procentpunt of meer. Figuur 1: Ontwikkeling rentabiliteit en begrote rentabiliteit % 4% 3% 2% 1% 0% 1,0% ,2% 2011 n=61 Rentabiliteit Bron: Benchmark MBO ,4% 2012 n=60 2,3% 0,5% 2013 n=63 Begroting/raming Figuur 2: Rentabiliteit per school % 10% 5% 1,1% ,1% 1,7% 2015 Aandeel NOA 0,8% ,0% ,9% 2018 n=60 Tabel 2: Verschil gerealiseerde en begrote rentabiliteit 2015 Aantal instellingen 2015 Percentage instellingen 2015 Meer dan 5 procentpunt hoger dan begroot 10 16,4% 2,5 tot 5 procentpunt hoger dan begroot 14 23,0% 1 tot 2,5 procentpunt hoger dan begroot 21 34,4% 0 tot 1 procentpunt hoger dan begroot 7 11,5% 0 tot 1 procentpunt lager dan begroot 3 4,9% 1 tot 2,5 procentpunt lager dan begroot 4 6,6% 2,5 tot 5 procentpunt lager dan begroot 1 1,6% Meer dan 5 procentpunt lager dan begroot 1 1,6% % Bron: Benchmark MBO 2015 In figuur 2 is de rentabiliteit van alle scholen weergegeven. De rentabiliteit varieert tussen -10,6% en +17,6%. Vorig jaar was dat de spreiding groter, maar dit kwam door het sterk negatieve resultaat van ROC Leiden. Exclusief dit effect varieerde het resultaat in 2014 van -5,6% tot +11,4%. De verschillen tussen de scholen zijn in 2015 in vergelijking daarmee toegenomen, wellicht door wijziging in het allocatiemodel. 0% -5% -10% -15% ROC AOC Vakschool Gemiddelde 2015: 4,1% Bron: Benchmark MBO Onder rentabiliteit wordt in deze benchmark verstaan: het resultaat ten opzichte van de totale baten. 8

9 Aantal scholen met negatief rendement neemt af, maar signaal blijft Mede door het relatief hoge resultaat over 2015 is het aantal scholen met een negatief rendement afgenomen tot 7, het laagste aantal in zes jaar. Ook de gemiddelde rentabiliteit van de scholen die verlies lijden is verbeterd: van -8,3% in 2014 tot -3,0% in Wordt echter de negatieve rentabiliteit van het ROC Leiden in 2014 buiten beschouwing gelaten, dan bedraagt de gemiddelde negatieve rentabiliteit van de scholen die 2014 in verlies lijden -2,1% en daarmee is er in 2015 geen sprake meer van een verbetering. Er blijft een aantal scholen dat het financieel moeilijk heeft, zeker als we rekening houden met het gedeeltelijk besteden van de kwaliteitsgelden. Dit is een uitdrukkelijk signaal aan de sector. In het verlengde van de afname van het aantal verlieslijdende scholen in 2015, is ook het aantal scholen met een meerjarig negatief resultaat gedaald. Er zijn nu drie scholen die ondanks de gemiddelde stijging van de rentabiliteit - twee jaar achtereen verlies maken. Twee daarvan lijden nu drie jaar achtereen verlies. Een (meerjarig) negatief resultaat hoeft niet direct een probleem te zijn als de financiële positie van de school voldoende stevig is, maar ook hier is alertheid geboden. Uitgedrukt in euro s bedraagt het positieve resultaat van de sector over ,4 miljoen. Een toename ten opzichte van 2014, veroorzaakt door de al genoemde situatie rond de kwaliteitsmiddelen. Het resultaat is opgebouwd uit 185,6 miljoen positief resultaat en 7,2 miljoen negatief resultaat. Tabel 3: Negatieve rentabiliteit Jaar Scholen met negatieve rentabiliteit Totaal aantal Aantal scholen Gemiddelde rentabiliteit Percentage scholen scholen ,6% 10,9% ,3% 17,7% ,9% 19,0% ,1% 35,0% ,3% 36,1% ,7% 30,6% 62 Bron: Benchmark MBO Tabel 4: Meerjarig negatieve rentabiliteit Jaar Scholen met negatieve rentabiliteit Totaal aantal Aantal scholen Gemiddelde rentabiliteit Percentage scholen scholen 2014 en ,0% 4,8% t/m ,8% 3,2% t/m ,8% 3,2% t/m ,0% 0,0% 58 0 Bron: Benchmark MBO Tabel 5: Opbouw resultaat 2015 Resultaat 2015 Totaal aantal scholen Totale resultaat Resultaat positief Resultaat negatief Bron: Benchmark MBO 2015 Tabel 6: Omvang sectorresultaat Jaar Totale omvang resultaat Totaal aantal scholen (in miljoenen euro s) , , , , , ,9 62 Bron: Benchmark MBO scholen hebben deelgenomen aan de financiële benchmark over 2015, maar twee daarvan zijn nieuw opgericht, zodat geen cijfers over 2014 aanwezig zijn. MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

10 Solvabiliteit licht gestegen De solvabiliteit 4 vertoont al enkele jaren een licht stijgende lijn, en deze is ook in 2015 zichtbaar. De solvabiliteit stijgt van 52,5% in 2014 naar 53,7% in De stijging in 2015 is te zien als een uitvloeisel van het feit dat de kwaliteitsmiddelen beschikbaar zijn gekomen maar nog slechts gedeeltelijk zijn besteed. Daarnaast zien we dat het vreemd vermogen is afgenomen. Figuur 3: Ontwikkeling solvabiliteit % 50% 49,6% 48,8% 50,8% 51,5% 52,5% 40% 30% 20% 53,7% 10% 0% n= n= n= Solvabiliteit Bron: Benchmark MBO Figuur 4: Solvabiliteit per mbo-school 2015 De spreiding van de solvabiliteit is weergegeven in figuur 4. Net als in 2014 is ROC Leiden de enige school met een negatieve solvabiliteit. Voor het overige voldoet de solvabiliteit van alle scholen aan de minimumeis die banken gewoonlijk stellen bij het verstrekken van leningen (20%). De hoogste solvabiliteit is 93,9%. 100% 50% 0% -50% -100% -150% ROC AOC Vakschool Gemiddelde 2015: 53,7% Bron: Benchmark MBO 2015 Figuur 5: Ontwikkeling vreemd vermogen in miljoenen euro s In de verhouding tussen vreemd en eigen vermogen in de sector is een dalende trend te zien: het percentage vreemd vermogen neemt sinds 2013 af. Scholen lossen leningen af als dit mogelijk is, en financieren zoveel mogelijk investeringen met eigen middelen n= n= n= Onder solvabiliteit wordt in de benchmark verstaan: het eigen vermogen exclusief voorzieningen ten opzichte van het totale vermogen. Vreemd vermogen Bron: Benchmark MBO

11 Liquiditeit blijft gestaag toenemen, aantal scholen met te lage liquiditeit niet gedaald In 2015 is de liquiditeit 5 toegenomen van 1,4 naar 1,5. Daarmee zijn de scholen gemiddeld goed in staat om aan hun kortlopende verplichtingen te voldoen. De stijging zal mede veroorzaakt zijn door de late toekenning van de kwaliteitsmiddelen. De vraag is dus hoe de liquiditeit zich zal ontwikkelen als deze middelen in 2016 geheel besteed zullen zijn. Figuur 6: Ontwikkeling liquiditeit ,6 1,4 1,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 1,2 1,3 1,2 1,4 1,4 1, n= n= n= Liquiditeit Bron: Benchmark MBO De liquiditeit varieert van 0,1 tot 5,4. Een liquiditeit van minder dan 1 is op zich hanteerbaar als de school scherp stuurt op de liquide middelen. Banken hanteren echter voor het verstrekken van leningen een minimum van 0,7. Ondanks de beschikbaar gekomen en nog niet bestede kwaliteitsmiddelen zijn er in 2015 zijn er vijftien scholen met een liquiditeit van minder dan 0,7. Dat is evenveel als in Weliswaar is gemiddeld in de sector de liquiditeit dus goed op orde, maar de liquiditeit is scheef verdeeld (zie figuur 7) en we zien dat er scholen de liquiditeit niet op orde is. Figuur 7: Liquiditeit per mbo-school ROC AOC Vakschool Gemiddelde 2015: 1,5% Bron: Benchmark MBO De liquiditeit is de mate waarin de mboscholen aan hun verplichtingen op korte termijn kunnen voldoen (vlottende activa gedeeld door kortlopende schulden). MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

12 Nadere analyse financiële kengetallen 52 scholen vanuit meerdere perspectieven financieel gezond 1 school in de gevarenzone Rentabiliteit AOC s gedaald Omvang school minder van invloed op rentabiliteit

13 Combinatie van financiële kengetallen biedt genuanceerder inzicht Om de financiële duurzaamheid goed te kunnen overzien, is het zinvol om de kengetallen rentabiliteit, solvabiliteit en liquiditeit te combineren. Dit biedt inzicht in de vraag hoeveel scholen financieel duurzaam gezond zijn en hoeveel in de gevarenzone verkeren. Conform de vorige jaren is bij het beantwoorden van deze vraag uitgegaan van de signaleringsgrenzen die het ministerie van OCW voor de financiële kengetallen hanteert: een rentabiliteit van minimaal 0% gemiddeld over de afgelopen drie jaar (de periode van drie jaar borgt dat incidentele schommelingen het beeld niet te zeer beïnvloeden); een solvabiliteit inclusief voorzieningen tussen de 30% en 60%; een liquiditeit van minimaal 0,5. In de figuur hieronder ziet u het resultaat van de berekening. Elke bol stelt een mbo-school voor. In de figuur zijn de grenzen voor de rentabiliteit en liquiditeit ingetekend. De scholen beneden de horizontale grens hebben een negatieve rentabiliteit, de scholen links van de verticale grens een liquiditeit van minder dan 0,5. De omvang van de bol geeft de omvang van de solvabiliteit weer. Scholen met een solvabiliteit boven de 60% zijn grijs gekleurd, scholen met een solvabiliteit beneden de 30% rood en scholen met een solvabiliteit binnen deze grenzen groen. De scholen in het kwadrant rechtsboven zijn vanuit de drie perspectieven rentabiliteit, solvabiliteit en liquiditeit in 2015 financieel gezond volgens de grenzen van OCW. Dit zijn er 22, dat is 34,4% van het totaal. Dat lijkt weinig, maar een deel van de scholen valt buiten de signaleringsgrenzen vanwege een solvabiliteit van meer dan 60%. Het ministerie heeft deze grens gesteld uit maatschappelijke overwegingen, maar als vanuit het perspectief van financiële duurzaamheid deze grens buiten beschouwing wordt gelaten, is het aantal financieel duurzaam gezonde scholen 52, dat is 81,3%. Eén school verkeert in de gevarenzone (het kwadrant linksonder met een solvabiliteit van minder dan 30%) omdat deze aan geen van de drie eisen voldoet. Een signaal om de vinger aan de pols te blijven houden. Figuur 8: Financiële positionering mbo-scholen 2015 met signaleringsgrenzen OCW 12% 10% 8% Gemiddelde rentabiliteit % 4% 2% 0% -2% -4% Solvabiliteit inclusief voorzieningen > 60% 30% - 60% < 30% -6% -8% Liquiditeit: 0,1 Rentabiliteit:- 24,1% Solvabiliteit: -89,2% -10% Liquiditeit n =64 Bron: Benchmark MBO MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

14 Kengetallen naar type school: verschuivingen in rentabiliteit De rentabiliteit varieert per type school (ROC, AOC en vakschool). Dat is ook in de afgelopen jaren het geval, maar in 2015 valt de verschuiving tussen ROC s en AOC s op. De hogere rentabiliteit van ROC s is mede te danken aan het feit dat de rentabiliteit van ROC Leiden sterk is verbeterd. De daling van de rentabiliteit in de AOC s is toe te schrijven aan het feit dat voor de AOC s een deel van de kosten die voortvloeiden uit het loonruimteakkoord, niet zijn vergoed. De rentabiliteit van de AOC s is in 2015 met 0,5% mager te noemen. De rentabiliteit van de vakscholen is opnieuw gestegen en bedraagt in ,3%. Figuur 9: Rentabiliteit per type school ,5% 0,0% 2011 n=61 3,2% 0,8% 0,9% 0,3% 0,3% 2012 n=60 ROC AOC Vakschool 2,6% 2,5% 2013 n=63 0,2% 1,1% ,3% 4,3% 0,5% ,3% Bron: Benchmark MBO De solvabiliteit van de drie schooltypen groeit naar elkaar toe. In 2015 is de solvabiliteit van de ROC s gestegen van 48,5% in 2014 naar 50,5% in De solvabiliteit van AOC s is gedaald van 63,6% naar 60,2% en de solvabiliteit van vakscholen is licht gestegen van 59,5% naar 60,0%. Figuur 10: Solvabiliteit ROC s, AOC s en vakscholen % 63% 64% 60% 61% 60% 60% 58% 56% 58% 58% 60% 60% 57% 50% 46% 46% 48% 48% 45% 40% 20% 0% n= n= n= ROC AOC Vakschool Bron: Benchmark MBO Ook de liquiditeit van de drie schooltypen is naar elkaar toegegroeid. Ten opzichte van 2014 is een stijging van de liquiditeit van ROC s zichtbaar (van 1,3 naar 1,4). Dit geldt ook voor de AOC s (van 1,2 naar 1,3). De liquiditeit van vakscholen is afgenomen van 2,3 naar 2,2. Figuur 11: Liquiditeit ROC s, AOC s en vakscholen ,5 2,2 2,2 2,1 2,1 2,0 1,5 1,3 1,3 1,1 1,1 1,1 1,0 1,0 0,9 0,8 0,7 1,2 2,3 2,2 1,4 1,3 0,5 0, n= n= n= ROC AOC Vakschool Bron: Benchmark MBO

15 Financiële kentallen naar omvang school De rentabiliteit in de kleinere scholen is het hoogst. Scholen met een omzet tussen 61 en 90 miljoen kennen de laagste rentabiliteit. Toch zijn over de jaren heen enkele trends zichtbaar. Om deze goed te kunnen duiden, hebben wij een vergelijking gemaakt waarin steeds de gemiddelde rentabiliteit van de laatste drie jaar is berekend, zodat incidentele resultaten het beeld niet te zeer vertroebelen. De trend laat onder meer zien dat de rentabiliteit in scholen met een omzet tussen 61 en 90 miljoen in geen enkel jaar boven de 1,4% uitkomt, en dat de grootste scholen weliswaar te maken hebben met een wat wisselende rentabiliteit, maar zich toch blijvend hersteld lijken te hebben van het negatieve resultaat in Figuur 12: Driejaarsrentabiliteit per grootteklasse % 4% 3% 2% 1% 0% -1% 0,5% 2,2% 1,4% 2012 n=63-0,7% 0-30 miljoen miljoen miljoen miljoen Bron: Benchmark MBO ,1% 2,1% 0,1% 0,6% 2013 n=63 3,5% 3,0% 0,1% ,6% 3,8% 3,4% 0,8% ,1% De stijging van de solvabiliteit in de sector geldt voor alle grootteklassen behalve de klasse tussen 60 en 90 miljoen. Daar is een forse daling te zien van 49,8% naar 39,8%. Figuur 13: Solvabiliteit per grootteklasse % 60% 60% 59% 57% 55% 56% 56% 52% 53% 53% 52% 53% 53% 52% 50% 50% 50% 46% 45% 46% 46% 45% 45% 41% 42% 40% 40% 30% 20% 10% 0% n= n= n= miljoen miljoen miljoen miljoen Bron: Benchmark MBO De ontwikkeling van de liquiditeit vertoont een beeld dat vergelijkbaar is met de ontwikkeling van de solvabiliteit: een stijging voor alle grootteklassen behalve de klasse tussen 60 en 90 miljoen. Daar is een lichte daling te zien van 1,0 naar 0,9. Figuur 14: Liquiditeit per grootteklasse ,5 2,0 1,8 1,9 1,9 1,8 1,6 1,7 1,5 1,5 1,5 1,9 1,7 2,1 1,9 1,0 0,9 0,7 0,7 0,8 0,9 1,0 1,0 0,9 0,9 0,9 0,9 1,2 0,5 0, n= n= n= miljoen miljoen miljoen miljoen Bron: Benchmark MBO MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

16 Kosten en baten Aantal gewogen studenten als basis voor bekostiging voor het eerst gedaald (-1,0%) Totale baten stijgen met 9,2% Toename formatie onderwijzend en onderwijsondersteunend personeel met 11,8% Huisvestingskosten per m2 gestegen van 120 naar 125 ICT-kosten nauwelijks gewijzigd

17 Aantal studenten als basis voor bekostiging daalt met 1,0% Het aantal studenten in het mbo daalt. Dat geldt in absolute zin, maar dit jaar voor het eerst is er ook sprake van een daling van het aantal studenten dat de basis vormt voor de bekostiging van de scholen. Bij de berekening van dit aantal wordt een weging toegepast op basis van het aantal studenten in voltijd en in deeltijd. Het aantal studenten is in 2015 ten opzichte van 2014 gedaald met 1,73%. Net als in voorgaande jaren is het aantal studenten dat een beroepsbegeleidende leerweg (BBL) volgt, gedaald. De daling lijkt echter in vergelijking met voorgaande jaren af te vlakken; nadere analyse leert dat het aantal BBL-studenten op niveau 3 en 4 zich stabiliseert. Het aantal studenten dat de beroepsopleidende leerweg (BOL) in deeltijd volgt, is eveneens opnieuw gedaald. Er zijn slechts 187 studenten die per 1 oktober 2015 deze leerweg volgden. Voor het eerst is ook het aantal studenten dat de BOL in voltijd volgt, gedaald. Deze daling is met 0,14% gering, maar wel een kentering ten opzichte van vorige jaren, toen nog sprake was een van substitutie-effect: studenten kozen in verband met de economische crisis vaker voor een voltijdstudie en daarnaast is een verklaring dat de bekostiging van BOL deeltijd is afgeschaft. Van het totale aantal studenten in het mbo volgt in ,3% een BBL, 0,05% een deeltijd-bol en 79,7% een voltijd-bol. Het aantal studenten dat de basis vormt voor bekostiging, is met 1,03% gedaald. In 2017 zal deze daling worden verwerkt in de rijksbijdrage; deze wordt namelijk gebaseerd op het aantal studenten twee jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar. Vanaf dat jaar moeten scholen dus rekening houden met een dalende rijksbijdrage. Tabel 7: Ontwikkeling aantal studenten (absoluut) Aantal studenten Mutatie t.o.v Per Per Per Per Per Aantal Percentage BBL ,84% BOL deeltijd ,1% BOL voltijd ,14% Totaal ,73% Bron: Benchmark MBO Tabel 8: Ontwikkeling gewogen aantal studenten Aantal gewogen studenten Mutatie t.o.v Per Per Per Per Per Aantal Percentage Totaal ,03% Bron: Benchmark MBO Figuur 15: Ontwikkeling aantal studenten per leerweg absoluut en totaal gewogen Per Per Per Per Per BBL BOL voltijd BOL deeltijd Totaal gewogen aantal deelnemers Bron: Benchmark MBO MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

18 Baten in 2015 over de hele linie gestegen, stijgende trend in aandeel personeelskosten In 2015 is de rijksbijdrage voor het beroepsonderwijs met 8,1% gestegen. De stijging is mede het gevolg van de inzet van kwaliteitsgelden en andere subsidies, die niet aan het aantal studenten zijn gekoppeld. De rijksbijdrage voor het voortgezet onderwijs (voor de mbo-scholen die ook voortgezet onderwijs bieden) is met 5,0% gestegen. Opvallend is ook de stijging van de overige baten met 19,2%; de overige baten vormen gemiddeld 12,0% van de totale baten in Tot de overige baten behoren ook de baten uit contract- en educatieactiviteiten. Deze zijn in 2015 opnieuw gedaald, en wel met 7,0%, van 219 tot 204 miljoen. Ook als de rijksbijdrage wordt uitgedrukt in een bedrag per student (gewogen naar voltijd en deeltijd) is een stijging zichtbaar. De bijdrage per gewogen student verschilt per school, onder meer afhankelijk van het type school, de aangeboden opleidingen en de historische ontwikkeling van het aantal studenten. De rijksbijdrage per gewogen student bedraag gemiddeld 9.184,20 en varieert van 7.555,70 tot ,00. Tabel 9: Ontwikkelingen rijksbijdragen gebaseerd op 62 scholen, in miljoenen euro s Rijksbijdrage Mutatie 2015 ten opzichte van 2014 Baten % Rijksbijdragen beroepsonderwijs ,1% Rijksbijdragen voortgezet onderwijs ,3% Overige baten* ,9% Totale baten ,5% Bron: Benchmark MBO Figuur 16: Ontwikkeling kostenstructuur De kostenstructuur van het mbo is al jarenlang stabiel. Toch is over het geheel een toename te zien van het aandeel personeelskosten. Dat is ook in 2015 het geval: het aandeel is toegenomen van in 69,8% in 2014 tot 70,7% in 2015: een toename van 0,9%. 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 13,3% 13,2% 12,9% 13,2% 12,5% 6,7% 6,2% 6,3% 6,5% 6,3% 7,0% 7,5% 7,6% 7,3% 6,7% 3,6% 4,1% 3,5% 3,3% 3,8% 69,3% 69,0% 69,7% 69,8% 70,7% 2011 n= n=60 Personeelskosten Huisvestingskosten 2013 n=63 Afschrijvingen Overige personeelskosten Overige kosten Bron: Benchmark MBO

19 Formatiegroei onderwijspersoneel in sector In het vorige hoofdstuk kwam naar voren dat in 2015 het aandeel personeelskosten in de totale kosten van het mbo is toegenomen. Binnen het totaal van de personeelskosten is het aandeel kosten van onderwijzend personeel gestegen van 68,7% naar 69,4%. Het aandeel direct onderwijsondersteunend personeel is iets gedaald, van 13,9% naar 13,6%. Samengenomen een toename van 0,4%. Het aandeel fte indirect onderwijsondersteunend personeel is afgenomen, evenals het aandeel kosten van directie en management. Net als in voorgaande jaren kan daaruit worden afgeleid dat de sector inzet op het primaire proces en dat de overhead daarmee daalt. Figuur 17: Ontwikkeling opbouw personeelslasten % 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 68,5% 68,3% 68,7% 68,7% 69,4% 12,8% 13,6% 13,6% 13,9% 13,6% 14,1% 13,8% 13,7% 13,7% 13,4% 4,7% 4,3% 4,0% 3,8% 3,6% n=61 n=60 n=63 Onderwijzend personeel Bron: Benchmark MBO Direct onderwijsondersteunend personeel Indirect onderwijsondersteunend personeel Directie en management Uitgedrukt in formatieontwikkeling is het aantal fte onderwijzend en direct onderwijs ondersteunend personeel met 11,8% gegroeid tussen 2014 en Ook het aantal fte indirect onderwijsondersteunend personeel en directie/ management is gegroeid, maar met een veel lager percentage: 2,9%. Daardoor is de span of control van directie en management toegenomen. De totale formatiegroei in het mbo bedraagt 10,0%, een forse groei. Evenals vorig jaar is de groei in die zin opvallend, dat naar verwachting binnen enkele jaren een krimp nodig zal zijn op grond van het dalende aantal studenten en de verkorting van de studieduur. Bekend is dat een aantal scholen anticipeert op de verdere uitstroom van oudere medewerkers door de formatie tijdelijk te verhogen met nieuwe instromers. Daarmee wordt een naadloze overgang bevorderd en tevens een impuls gegeven aan de kwaliteit van het onderwijs. Er is ruimte gecreëerd voor kwaliteitsprojecten zoals de ontwikkeling van nieuw lesmateriaal. In de kosten zien we de formatiegroei nog niet volledig weergegeven doordat formatie relatief laat in 2015 is aangenomen. De opbouw van de personeelskosten verschilt per type school. Bij de AOC s is het aandeel onderwijzend personeel met 75,0% hoger dan in andere schooltypen. Bij de ROC s is het aandeel kosten voor directie en management met 3,6% lager dan bij de AOC s (3,8%) en vakscholen (4,5%). In grote scholen is het aandeel kosten voor directie en management lager dan in kleine scholen: 3,7% versus 5,0%. Tabel 10: Ontwikkeling formatiekosten in miljoenen euro s Formatiekosten Mutatie 2015 ten opzichte van 2014 Functiegroepen Procentueel Onderwijzend en direct onderwijsondersteunend personeel ,8% Indirect onderwijsondersteunend personeel en directie/management ,9% Totaal ,0% Bron: Benchmark MBO MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

20 In 2015 meer personeel per student beschikbaar Door de toename van het aantal fte onderwijzend en direct onderwijsondersteunend personeel en de afname van het aantal studenten is het aantal fte per student gestegen Opnieuw een signaal van inzet op het primair proces. Figuur 18: Spreiding aantal gewogen studenten per fte onderwijzend en direct onderwijsondersteunend personeel In figuur 18 is het aantal gewogen studenten per fte onderwijzend plus direct onderwijsondersteunend weergegeven. Met gewogen wordt bedoeld dat rekening is gehouden met de leerweg van de student. Het aantal gewogen studenten per fte is in 2015 gemiddeld 12,8; in 2014 was dat 13,6. Het aantal gewogen studenten varieert fors, te weten van 8,8 tot 15,5, een uitschieter naar beneden buiten beschouwing gelaten. Ook binnen de verschillende schooltypes is de spreiding groot ROC AOC Bron: Benchmark MBO 2015 Vakschool Gemiddelde 2015: 12,8 20

21 Salariskosten per fte gestegen Zoals mag worden verwacht bij een formatiegroei zijn ook de personeelskosten gestegen, en wel met 7,2%. Dat is dus minder dan de groei van het aantal fte. Dit kan worden verklaard door de relatief grote uitstroom van medewerkers die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt, en instroom van jongere medewerkers. Figuur 19: Ontwikkelingen salariskosten per fte De salariskosten per fte zijn in 2015 met 1,4% gestegen. Oorzaken zijn de cao-afspraken, maar ook vergrijzing van de formatie of beleidskeuzes ten aanzien van salariëring n= n= n= Bron: Benchmark MBO In 2015 liggen de salariskosten per fte bij AOC s en ROC s op hetzelfde niveau met respectievelijk en De kosten bij ROC s liggen daar met iets onder. Dit al jarenlang het beeld. In 2015 liggen voor het eerst de salariskosten per fte in de kleinste scholen het hoogst ( ). Daarbij moet worden bedacht dat deze categorie grotendeels bestaat uit vakscholen. Figuur 20: Salariskosten per fte per type school n= n= n= ROC AOC Vakschool Bron: Benchmark MBO Figuur 21: Salariskosten per fte per grootteklasse n= n= n= miljoen miljoen miljoen miljoen Bron: Benchmark MBO MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

22 Huisvestingskosten per m 2 gestegen In de kostenstructuur van het mbo is het aandeel huisvestingkosten met 6,5% stabiel gebleven. Echter, het aantal vierkante meter is gedaald met De kosten 6 per vierkante meter zijn dus gestegen, en wel van 120 in 2013 via 119 in 2014 naar 125 in 2015 (van eerdere jaren zijn geen vergelijkingscijfers beschikbaar). Dat is een stijging van 4,2%. Binnen de huisvestingskosten zijn de onderhoudskosten gestegen, mogelijk vanwege aanpassingen ten behoeve van het toenemend gebruik van moderne technologieën in het onderwijs. De rentelasten zijn gedaald. De huisvestingskosten per vierkante meter lopen per school sterk uiteen: van 68 tot 275. Figuur 22: Spreiding huisvestingskosten per vierkante meter ROC 11 AOC Bron: Benchmark MBO 2015 Vakschool Gemiddelde 2015: In 2015 zijn de kosten per vierkante meter in een aantal scholen fors toe- of afgenomen. Een grote stijging kan zich bijvoorbeeld voordoen als een pand met verlies moet worden verkocht of als huurcontracten moeten worden afgekocht. Figuur 23: Mutatie huisvestingskosten per vierkante meter ROC AOC Vakschool Gemiddelde mutatie: 0,8% Bron: Benchmark MBO 2014 en 2015 Het aantal vierkante meters per gewogen student is gestegen van 8,8 naar 9,2. Dit kan een signaal zijn dat de sector nog voor een opgave staat als het gaat om het aanpassen van de huisvesting aan het dalende aantal studenten. Figuur 24: Aantal vierkante meters per gewogen student ,3 9,2 9,2 9,1 9,1 9,0 8,9 8,9 8,8 8,8 8,7 9,0 8, n= n= n= Huisvestingskosten inclusief afschrijvingen en vastgoedgerelateerde rentekosten. m2 per gewogen deelnemer Bron: Benchmark MBO

23 Voor een flexibel huisvestingsbeleid kan het van belang zijn of de huisvesting wordt gehuurd of in eigendom is. Evenals in 2014 is in ,2% in eigendom. Vooral onder AOC s is het percentage vastgoed in eigendom hoog. Drie scholen hebben geen vastgoed in eigendom, evenveel als in Figuur 25: Aandeel vierkante meters in eigendom 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% ROC AOC Gemiddelde 2015: 81,2% Vakschool Bron: Benchmark MBO MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

24 ICT-kosten gemiddeld 5,4% Voor het derde jaar achtereen zijn in de benchmark ook de ICT-kosten meegenomen. Per school bedragen de ICT-kosten gemiddeld 3,6 miljoen zowel in 2015 als in Omdat in 2015 meer scholen in de analyse konden worden meegenomen, is het totaalbedrag in tabel 11 voor 2015 hoger. De sector heeft in ,4 miljoen aan ICT uitgegeven. Tabel 11: Opbouw ICT-kosten 2013 tot en met 2015 in miljoenen euro s Totale kosten 2013 (n = 59) Totale kosten 2014 (n = 61) Totale kosten 2015 (n = 64) Personele ICT-kosten (inclusief detacheringen) 62,7 67,4 70,5 Inhuur en uitbesteding 17,3 19,9 24,0 Hardware 19,7 16,1 12,8 Softwarekosten 38,5 40,7 47,4 Datacommunicatie 11,3 12,7 13,6 Telefonie 11,2 9,5 9,9 Organisatiekosten 6,5 4,7 3,1 Afschrijvingen ICT en telefonie 51,2 48,2 52,1 Totale ICT-kosten 218,2 219,3 233,4 Bron: Benchmark MBO Door de daling van het aantal studenten stegen de ICT-kosten per student in 2015 ten opzichte van Rekening houdend met de weging voor deeltijd en voltijd stegen de kosten van 472 tot 495, maar in 2013 lag het niveau met 504 nog iets hoger. Tabel 12: Kengetallen ICT Kengetal/indicator ICT-kosten per gewogen mbo-student Aandeel ICT-kosten in totale kosten Aandeel van de totale formatiekosten dat aan ICT wordt besteed Bron: Benchmark MBO Sectorgemiddelde 2013 Sectorgemiddelde 2014 Sectorgemiddelde ,6% 5,4% 5,3% 2,8% 2,9% 3,0% Gemiddeld gaf de sector 5,4% van de totale kosten uit aan ICT, met een spreiding van 1,2% tot 9,7%. Figuur 26: ICT-kosten als aandeel in de totale kosten % 10% 8% 6% 4% 2% 0% ROC AOC Vakschool Gemiddelde: 5,4% Bron: Benchmark MBO

25 Bijlagen

26 Bijlage A: Begripsomschrijvingen en aantal deelnemers aan financiële benchmark Tabel A-1: Begripsomschrijving Begrip Omschrijving Rentabiliteit Solvabiliteit Liquiditeit Signaleringsgrenzen Vierkante meters Bron: Benchmark MBO Het resultaat van de gewone bedrijfsvoering als percentage van de baten van de gewone bedrijfsvoering; omvat resultaat mbo, educatie, contractactiviteiten en andere diensten Het eigen vermogen als percentage van het totale vermogen Vlottende activa gedeeld door de kortlopende schulden (current ratio) Grenzen die het ministerie van OCW dan wel financiële instellingen (waaronder banken) hanteren voor de risicobepaling. De grenzen van de financiële instellingen zijn gebaseerd op gesprekken met enkele financiële instellingen In relatie tot huisvestingskosten: vierkante meters beschikbaar voor het onderwijsproces of ter ondersteuning daarvan Tabel A-2: Aantal aan de benchmark deelnemende scholen per type Type school ROC AOC Vakschool Totaal Bron: Benchmark MBO Tabel A-3: Aantal aan de benchmark deelnemende scholen per grootteklasse Grootteklasse in rijksbijdrage per jaar Klasse S: minder dan 30 miljoen Klasse M: tussen 30 en 60 miljoen Klasse L: tussen 60 en 90 miljoen Klasse XL: meer dan 90 miljoen Totaal Bron: Benchmark MBO In de benchmark MBO 2015 zijn van 64 scholen de gegevens ontvangen, in In 2015 namen met uitzondering van Onderwijsgroep Noord en de STC-Group alle Nederlandse mbo-scholen deel aan de benchmark. Het aantal scholen in klasse XL is toegenomen in De namen van de deelnemende scholen zijn opgenomen in de figuren in bijlage C. 26

27 Bijlage B: Onderzoeksverantwoording De financiële benchmark MBO wordt door PwC uitgevoerd in opdracht van en in nauwe samenwerking met de MBO Raad. PwC maakt gebruik van gegevens uit het Elektronisch Financieel Jaarverslag (EFJ), door de scholen aangeleverd via het XBRL Onderwijs Portaal OCW / DUO. Deze gegevens worden aangevuld door de scholen die aan de benchmark deelnemen en via een uploadsysteem aangeleverd bij PwC. De gegevens die in de benchmark zijn gebruikt, zijn door PwC gevalideerd maar er is geen accountantscontrole uitgevoerd. De scholen blijven verantwoordelijk voor de kwaliteit van de aan PwC aangeleverde gegevens. De gevalideerde gegevens zijn door PwC verwerkt tot spiegelrapportages voor de individuele scholen en tot het sectorbeeld in deze rapportage. De conclusies in dit sectorrapport zijn in samenwerking met de MBO Raad tot stand gekomen. De financiële benchmark is zoveel mogelijk toegespitst op het mbo. Eventuele andere activiteiten van de instellingen zijn buiten beschouwing gebleven, behalve als de kengetallen niet uit te splitsen waren. Dit is het geval bij de rentabiliteit, solvabiliteit en liquiditeit; deze kengetallen hebben dan ook betrekking op de gehele instelling. Om tot een toerekening van kosten aan het mbo te komen, hebben de scholen zelf de kosten van het onderwijzend personeel gesplitst. De andere personeelskosten zijn door PwC toegerekend op basis van het aandeel mbo in de rijksbijdrage van de instelling. De sectorcijfers in dit rapport zijn tenzij anders vermeld - de ongewogen gemiddelden van alle aan de benchmark deelnemende scholen. De scores van de scholen zijn dus bij elkaar opgeteld en gedeeld door 64, zonder rekening te houden met de omvang van de school. Die keuze is gemaakt omdat het in de benchmark gaat om de prestaties van de school, ongeacht de omvang. Indien absolute aantallen (zoals de hoogte van de rijksbijdrage) over meerdere jaren zijn vergeleken, is de vergelijking gebaseerd op het aantal scholen dat in alle betreffende jaren aan de benchmark heeft deelgenomen. Dit is gedaan om te voorkomen dat mutaties moeten worden toegeschreven aan een verschil in aantallen scholen. Daar waar in het rapport een verschil wordt benoemd, wordt gedoeld op een statistische significantie bij een betrouwbaarheidsniveau van 95%. Dit betekent dat de kans dat het verschil op toeval berust kleiner is dan 5%. Figuur B-1: Schematische opbouw kosten Totaal instellingen Middelbaar beroepsonderwijs Voortgezet onderwijs/vmbo Educatie Contractonderwijs Personeelskosten onderwijzend personeel Personeelskosten onderwijzend personeel Personeelskosten onderwijzend personeel Personeelskosten onderwijzend personeel Personeelskosten ondersteunende diensten Afschrijvingen Huisvestingskosten Overige kosten Bron: Benchmark MBO MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

28 Bijlage C: Financiële positionering mbo-scholen Tabel C-1: Rentabiliteit 2015 Gemiddelde =4,1% Grafisch Lyceum Rotterdam ROC Rivor Hout- en Meubileringscollege SG De Rooi Pannen ROC Gilde Opleidingen Leidse Instrumentmakersschool ROC Menso Alting SintLucas ROC Flevoland ROC TerAA Deltion College MBO Utrecht Hoornbeeck College ROC Midden Nederland Helicon Opleidingen ROC Nova College Cibap Grafisch Lyceum Utrecht MBO Amersfoort ROC van Amsterdam Scalda Nimeto Landstede ROC De Leijgraaf ROC Kop van Noord-Holland Regio College Koning Willem ICollege ROC Horizon College Zadkine ROC Aventus Albeda College AOC Groenhorst College Friesland College Leeuwenborgh Opleidingen Mediacollege Amsterdam ROC Friese Poort Graafschap College AOC De Groene Welle Drenthe College AOC Terra SOMA College Da Vinci College ROC West-Brabant Noorderpoort ROC ID College ROC Rijn IJssel Summa College AOC Clusius College AOC Oost ROC Arcus College Lentiz Alfa-college ROC van Twente Wellantcollege ROC Mondriaan ROC Nijmegen SVO Opleidingen ROC Tilburg Citaverde College ROC Top ROC Leiden ROC A12 Nordwin College Edudelta OWG -15% -10% -5% Rentabiliteit 0% 5% 10% 15% 20% n = 64 instellingen Bron: Benchmark MBO

29 Tabel C-2: Solvabiliteit 2015 Gemiddelde =53,7% Grafisch Lyceum Rotterdam SG De Rooi Pannen ROC Arcus College Hout- en Meubileringscollege ROC A12 AOC Oost ROC Friese Poort SintLucas Citaverde College Grafisch Lyceum Utrecht Graafschap College ROC Nova College ROC Rivor ROC Rijn IJssel Helicon Opleidingen Koning Willem ICollege Regio College SVO Opleidingen ROC Kop van Noord-Holland ROC Menso Alting Edudelta OWG ROC Mondriaan Summa College AOC De Groene Welle ROC TerAA AOC Terra ROC Tilburg Nordwin College AOC Clusius College ROC Horizon College ROC De Leijgraaf SOMA College Leeuwenborgh Opleidingen Solvabiliteit ROC West-Brabant Wellantcollege ROC Aventus Nimeto Friesland College Scalda Drenthe College ROC Gilde Opleidingen Hoornbeeck College ROC van Twente ROC Midden Nederland Deltion College Da Vinci College Mediacollege Amsterdam MBO Utrecht Lentiz ROC Top ROC ID College Albeda College ROC Flevoland AOC Groenhorst College MBO Amersfoort ROC Nijmegen Alfa-college Cibap ROC van Amsterdam Noorderpoort Landstede Zadkine Leidse Instrumentmakersschool ROC Leiden -150% -100% -50% 0% 50% 100% 150% Bron: Benchmark MBO 2015 n = 64 instellingen Het gemiddelde van 53,7% is een ongewogen gemiddelde, waarin de omvang van de instelling niet meeweegt. MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

30 Tabel C-3: Liquiditeit 2015 Bron: Benchmark MBO 2015 ROC Menso Alting ROC A12 Grafisch Lyceum Utrecht Grafisch Lyceum Rotterdam ROC Rivor Graafschap College MBO Utrecht SintLucas SVO Opleidingen AOC Oost Helicon Opleidingen Regio College SOMA College ROC Nova College ROC Kop van Noord-Holland Mediacollege Amsterdam ROC Flevoland Leidse Instrumentmakersschool Citaverde College ROC De Leijgraaf ROC Arcus College ROC Friese Poort AOC DeGroene Welle ROC Tilburg Koning Willem ICollege ROC TerAA Summa College ROC Midden Nederland Deltion College ROC Top MBOAmersfoort SG De Rooi Pannen Lentiz ROC Aventus Cibap AOC Terra ROC West-Brabant ROC Rijn IJssel ROC van Twente Alfa-college Nimeto Hout- en Meubileringscollege ROC Gilde Opleidingen Zadkine ROC van Amsterdam Albeda College AOC Groenhorst College Leeuwenborgh Opleidingen Drenthe College Noorderpoort Da Vinci College Friesland College Nordwin College Scalda Edudelta OWG ROC Horizon College ROC Nijmegen Landstede Wellantcollege AOC Clusius College ROC Mondriaan Hoornbeeck College ROC ID College ROC Leiden Gemiddelde =1,5 Liquiditeit n = 64 instellingen Het gemiddelde van 1,5 is een ongewogen gemiddelde, waarin de omvang van de instelling niet meeweegt. 30

31 Tabel C-4: Personeelskosten ten opzichte van de totale lasten van de instelling in 2015 Bron: Benchmark MBO 2015 Lentiz Friesland College Leeuwenborgh Opleidingen Citaverde College ROC Friese Poort ROC Menso Alting AOC Clusius College ROC Rijn IJssel Nordwin College ROC Mondriaan ROC Nijmegen Hoornbeeck College ROC ID College ROC Tilburg ROC Rivor Helicon Opleidingen ROC Nova College Wellantcollege Summa College ROC Midden Nederland Leidse Instrumentmakersschool Da Vinci College Graafschap College ROC De Leijgraaf AOC Groenhorst College ROC Horizon College Alfa-college Grafisch Lyceum Utrecht ROC van Twente Koning Willem I College Albeda College ROC Top Drenthe College Scalda Edudelta OWG Gemiddelde =73,5% Personeelskosten ROC West-Brabant ROC Aventus ROC van Amsterdam Zadkine ROC Gilde Opleidingen ROC TerAA ROC Kop van Noord-Holland SintLucas ROC A12 Mediacollege Amsterdam ROC Arcus College Hout- en Meubileringscollege SVO Opleidingen ROC Leiden Noorderpoort Cibap Regio College Grafisch Lyceum Rotterdam Landstede AOC Oost Deltion College MBO Amersfoort AOC De Groene Welle ROC Flevoland MBO Utrecht SG De Rooi Pannen AOC Terra Nimeto SOMA College 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% n = 64 instellingen Het gemiddelde van 73,5% is een ongewogen gemiddelde, waarin de omvang van de instelling niet meeweegt. Het gemiddelde van 70,7%, genoemd in de hoofdtekst van het rapport, is gewogen. MBO Raad Inzichten uit de financiële benchmark MBO

32 Tabel C-5: Personeelskosten onderwijzend personeel ten opzichte van de totale personeelskosten beroepsonderwijs in 2015 Gemiddelde =70,1% Bron: Benchmark MBO 2015 Lentiz Hoornbeeck College AOC Groenhorst College AOC Terra Citaverde College ROC Kop van Noord-Holland AOC Clusius College SG De Rooi Pannen AOC De Groene Welle Deltion College Wellantcollege ROC Tilburg Hout- en Meubileringscollege Graafschap College AOC Oost ROC Menso Alting Friesland College Nordwin College ROC Leiden SintLucas ROC van Twente MBO Amersfoort ROC West-Brabant ROC Friese Poort ROC Aventus Nimeto ROC Gilde Opleidingen ROC Flevoland ROC Mondriaan Landstede ROC Top Leidse Instrumentmakersschool Cibap Mediacollege Amsterdam Grafisch Lyceum Rotterdam ROC van Amsterdam ROC Rivor ROC ID College Leeuwenborgh Opleidingen MBO Utrecht ROC De Leijgraaf Helicon Opleidingen Edudelta OWG Summa College ROC Arcus College Regio College Albeda College Koning Willem ICollege ROC Midden Nederland ROC Nijmegen Alfa-college Drenthe College Da Vinci College Scalda Zadkine Grafisch Lyceum Utrecht ROC Horizon College ROC A12 ROC Rijn IJssel SOMA College ROC Nova College ROC TerAA Noorderpoort SVO Opleidingen Kosten onderwijzend personeel 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% n = 64 instellingen Het gemiddelde van 70,1% is een ongewogen gemiddelde, waarin de omvang van de instelling niet meeweegt. Het gemiddelde van 69,4%, genoemd in de hoofdtekst van het rapport, is gewogen. 32

Vierde benchmark middelbaar beroepsonderwijs. Financiële prestaties MBO-instellingen voor het vierde achtereenvolgende jaar gebenchmarkt

Vierde benchmark middelbaar beroepsonderwijs. Financiële prestaties MBO-instellingen voor het vierde achtereenvolgende jaar gebenchmarkt Vierde benchmark middelbaar beroepsonderwijs Financiële prestaties MBO-instellingen voor het vierde achtereenvolgende jaar gebenchmarkt Vierde benchmark middelbaar beroepsonderwijs Financiële prestaties

Nadere informatie

Studenttevredenheid grote/kleine scholen

Studenttevredenheid grote/kleine scholen Woerden, 10 december 2015 Doorkiesnummer: 0348-753570 Onderwerp: De menselijke maat in het mbo Correspondentieadres: Postbus 2051, 3440 DB Woerden Geachte leden van de Vaste Kamercommissie OCW, Geachte

Nadere informatie

Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter?

Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter? Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter? Onderzoek naar het Twittergebruik door -, - en -instellingen Gemeten door Coosto over het studiejaar 2014/2015 Daphne Nonahal 1. Een stand van zaken In dit

Nadere informatie

Sector Handel en ondernemerschap

Sector Handel en ondernemerschap Sector Handel en ondernemerschap Doelmatigheidsrapportage maart 2013 Sector Handel en ondernemerschap Leeswijzer Inleiding Feiten en cijfers, gelegitimeerd door onderwijs en bedrijfsleven, zijn essentieel

Nadere informatie

Ontwikkeling aantal leerlingen Reclame, Presentatie en Communicatie 2013/2014 Statistisch jaaroverzicht deel 1

Ontwikkeling aantal leerlingen Reclame, Presentatie en Communicatie 2013/2014 Statistisch jaaroverzicht deel 1 R eclame, P resentatie en C ommunicatie Ontwikkeling aantal leerlingen Reclame, Presentatie en Communicatie 2013/2014 Statistisch jaaroverzicht deel 1 Datum: februari 2014 Auteur: Sanne Saalbrink Colofon

Nadere informatie

ONDERZOEKSBERICHT. Mbo-studenten in Kenteq-kwalificaties 2005-2012 (globale analyse)

ONDERZOEKSBERICHT. Mbo-studenten in Kenteq-kwalificaties 2005-2012 (globale analyse) Mbo-studenten in Kenteq-kwalificaties 25-212 (globale analyse) Hoeveel mbo-studenten staan er dit schooljaar ingeschreven in Kenteqkwalificaties? En hoe ontwikkelt het aantal mbo-deelnemers zich sinds

Nadere informatie

Ontwikkeling aantal leerlingen en gediplomeerden Reclame, Presentatie en Communicatie 2014 RECLAME, PRESENTATIE EN COMMUNICATIE

Ontwikkeling aantal leerlingen en gediplomeerden Reclame, Presentatie en Communicatie 2014 RECLAME, PRESENTATIE EN COMMUNICATIE RECLAME, PRESENTATIE EN COMMUNICATIE Ontwikkeling aantal leerlingen en gediplomeerden Reclame, Presentatie en Communicatie 2014 Statistisch jaaroverzicht deel 1 en 2 Datum: 4 december 2014 Colofon Savantis

Nadere informatie

Leerlingcijfers 2014/2015

Leerlingcijfers 2014/2015 SCHILDEREN EN ONDERHOUD Leerlingcijfers 2014/2015 Sector Schilderen en onderhoud Datum: 24 februari 2015 Auteur: Savantis Colofon Savantis is het kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven voor de sectoren

Nadere informatie

DOELMATIGHEIDS-ATLAS. Doelmatig opleiden in de Motorvoertuigen- en Tweewielerbranche 2015

DOELMATIGHEIDS-ATLAS. Doelmatig opleiden in de Motorvoertuigen- en Tweewielerbranche 2015 DOELMATIGHEIDS-ATLAS Doelmatig opleiden in de Motorvoertuigen- en Tweewielerbranche 5 WAT IS DOELMATIG OPLEIDEN? Doelmatig opleiden maakt onderdeel uit van het zo effectief en efficiënt mogelijk bereiken

Nadere informatie

SCHILDEREN EN ONDERHOUD. Gediplomeerden. Sector Schilderen en Onderhoud. Datum: maart 2015 Auteur: Savantis

SCHILDEREN EN ONDERHOUD. Gediplomeerden. Sector Schilderen en Onderhoud. Datum: maart 2015 Auteur: Savantis SCHILDEREN EN ONDERHOUD Gediplomeerden Sector Schilderen en Onderhoud Datum: maart 2015 Auteur: Savantis Colofon Savantis is het kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven voor de sectoren Schilderen

Nadere informatie

Doorstroom naar het mbo in de regio Haaglanden 2011-2012

Doorstroom naar het mbo in de regio Haaglanden 2011-2012 Doorstroom naar het mbo in de regio Haaglanden - Spirityou, januari . Inleiding.. Doorstromers naar het mbo In het schooljaar - in de regio Haaglanden zijn 9 leerlingen doorgestroomd naar het mbo. Uit

Nadere informatie

Resultaten steekproef themaonderzoek onderwijstijd 2011 Instelling Opleiding oordeel eindoordeel na verbetering Albeda College ICT medewerker

Resultaten steekproef themaonderzoek onderwijstijd 2011 Instelling Opleiding oordeel eindoordeel na verbetering Albeda College ICT medewerker Resultaten steekproef themaonderzoek onderwijstijd 2011 Albeda College ICT medewerker (medewerker ICT) voldoende Albeda College Sport en bewegen (Sport en bewegingsleider) onvoldoende voldoende Landstede

Nadere informatie

Overzicht examenresultaten per onderwijsinstelling van 1 januari 2013 tot en met 30 juni 2013

Overzicht examenresultaten per onderwijsinstelling van 1 januari 2013 tot en met 30 juni 2013 Toelichting op de slagingspercentages per onderwijsinstelling Hieronder treft u de slagingspercentages en gemiddelde s aan voor de examenonderdelen van Beveiliger per onderwijsinstelling. Deze onderwijsinstellingen

Nadere informatie

Opleidingen hout en meubel 2014-2015. Een selectie van data van DUO 1-10-14

Opleidingen hout en meubel 2014-2015. Een selectie van data van DUO 1-10-14 Opleidingen hout en meubel 2014-2015 Een selectie van data van DUO 1-10-14 23 maart 2015 Onderwijsdeelname 2014-2015 Jaarlijks ontvangt SH&M via SBB in februari de onderwijsdata van DUO. Het betreft de

Nadere informatie

FINANCIËLE RAPPORTAGE FUNDEREND ONDERWIJS. Utrecht, november 2014

FINANCIËLE RAPPORTAGE FUNDEREND ONDERWIJS. Utrecht, november 2014 FINANCIËLE RAPPORTAGE FUNDEREND ONDERWIJS 2014 Utrecht, november 2014 INHOUD Inleiding 5 1 Basisonderwijs en speciaal basisonderwijs 7 2 Expertisecentra 10 3 Voortgezet onderwijs 12 4 Samenwerkingsverbanden

Nadere informatie

SCHOOLVERLATERSONDERZOEK Onderzoek onder studenten die uw instelling in schooljaar 2013/2014 met een diploma hebben verlaten

SCHOOLVERLATERSONDERZOEK Onderzoek onder studenten die uw instelling in schooljaar 2013/2014 met een diploma hebben verlaten Schoolverlatersonderzoek MBO Inzicht in het extern rendement Gericht werken aan kwaliteitsbeleid SCHOOLVERLATERSONDERZOEK Onderzoek onder studenten die uw instelling in schooljaar 2013/2014 met een diploma

Nadere informatie

Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter?

Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter? Hoe scoren onderwijsinstellingen op Twitter? Onderzoek naar het Twittergebruik door -, - en -instellingen Gemeten door Coosto over het studiejaar 2014/2015 Daphne Nonahal 1. Een stand van zaken In dit

Nadere informatie

Positionering informatiebeveiliging en privacy (enquête)

Positionering informatiebeveiliging en privacy (enquête) Positionering informatiebeveiliging en privacy (enquête) IBPDOC13 Verantwoording Met dank aan: Deelnemers enquête uit de mbo sector. Willem Karssenberg (sambo-ict) voor het ontwerpen en beheren van de

Nadere informatie

Instroom onderwijs 2011 Oost-Nederland, MBO en HBO

Instroom onderwijs 2011 Oost-Nederland, MBO en HBO onderwijs 211 Oost-Nederland, MBO en HBO Inhoudsopgave Inleiding 3 Korte cijfermatige analyse van de inventarisatie 4 MBO BOL en BBL niveau 1 t/m 4 5 MBO V&V en Welzijn niveau 3 en 4 6 MBO BOL niveau 1

Nadere informatie

Overzicht examenresultaten per onderwijsinstelling van 1 januari 2012 tot en met 30 juni 2012

Overzicht examenresultaten per onderwijsinstelling van 1 januari 2012 tot en met 30 juni 2012 Toelichting op de slagingspercentages per onderwijsinstelling Hieronder treft u de slagingspercentages en gemiddelde s aan voor de examenonderdelen van Beveiliger per onderwijsinstelling. Deze onderwijsinstellingen

Nadere informatie

Instroom onderwijs 2012-2013 Oost-Nederland, mbo en hbo

Instroom onderwijs 2012-2013 Oost-Nederland, mbo en hbo Instroom onderwijs 212-213 Oost-Nederland, mbo en hbo Inhoudsopgave Inleiding 3 Korte cijfermatige analyse van de inventarisatie 4 Mbo BOL en BBL niveau 1 t/m 4 5 Mbo V&V en Welzijn niveau 3 en 4 6 Mbo

Nadere informatie

Financiën (VO) RSG Magister Alvinus

Financiën (VO) RSG Magister Alvinus Financiën (VO) 2012 Dit rapport over de financiën van het bestuur toont detailinformatie over de kengetallen en verdeling van de lasten. Er wordt een trend van vijf jaar getoond en een vergelijking gemaakt

Nadere informatie

Statistisch jaaroverzicht Schoonmaak en Glazenwassen 2011/2012

Statistisch jaaroverzicht Schoonmaak en Glazenwassen 2011/2012 Statistisch jaaroverzicht Schoonmaak en Glazenwassen 2011/2012 Datum: oktober 2012 Auteur: Theo Mos Phuong Pham Sanne Saalbrink Colofon Savantis is een kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven voor

Nadere informatie

SCHOONMAAK EN GLAZENWASSEN. Leerlingcijfers. Sector Schoonmaak en Glazenwassen. Datum: 16 februari 2015 Auteur: Savantis

SCHOONMAAK EN GLAZENWASSEN. Leerlingcijfers. Sector Schoonmaak en Glazenwassen. Datum: 16 februari 2015 Auteur: Savantis SCHOONMAAK EN GLAZENWASSEN Leerlingcijfers Sector Schoonmaak en Glazenwassen Datum: 16 februari 2015 Auteur: Savantis Colofon Savantis is het kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven voor de sectoren

Nadere informatie

Verantwoording Beschrijvingen van Examentaken en Scan Examentaken

Verantwoording Beschrijvingen van Examentaken en Scan Examentaken Verantwoording Beschrijvingen van Examentaken en Scan Examentaken 1 Wat is het doel van het opstellen van BET s en SET? De waarde van een mbo-diploma moet onbetwist zijn. Het vertrouwen van de arbeidsmarkt

Nadere informatie

Schoolverlatersonderzoek MBO. Onderzoek onder studenten die uw instelling in schooljaar 2014/2015 met een diploma hebben verlaten.

Schoolverlatersonderzoek MBO. Onderzoek onder studenten die uw instelling in schooljaar 2014/2015 met een diploma hebben verlaten. Schoolverlatersonderzoek MBO BO Onderzoek onder studenten die uw instelling in schooljaar 2014/2015 met een diploma hebben verlaten. Inleiding Sinds 1995 voeren wij jaarlijks voor ROC s, AOC s en vakscholen

Nadere informatie

Hoe scoren onderwijsinstellingen op social? Onderzoek naar het gebruik van Twitter onder MBO-, HBO- en WO-instellingen.

Hoe scoren onderwijsinstellingen op social? Onderzoek naar het gebruik van Twitter onder MBO-, HBO- en WO-instellingen. Hoe scoren onderwijsinstellingen op social? Onderzoek naar het gebruik van Twitter onder -, - en -instellingen. Over Coosto Coosto levert oplossingen voor social media monitoring en webcare. Je krijgt

Nadere informatie

Bijlage. Nieuwe voortijdig schoolverlaters. VSV-brief 2012. Convenantjaar 2010-2011 Voorlopige cijfers. www.aanvalopschooluitval.

Bijlage. Nieuwe voortijdig schoolverlaters. VSV-brief 2012. Convenantjaar 2010-2011 Voorlopige cijfers. www.aanvalopschooluitval. Bijlage VSV-brief 2012 Nieuwe voortijdig schoolverlaters Convenantjaar 2010-2011 Voorlopige cijfers www.aanvalopschooluitval.nl 32 31 33 28 26 34 25 27 24 23 21 22 19 29 15 30 Overzicht RMC-regio s Nederland

Nadere informatie

Statistisch jaaroverzicht Reclame, Presentatie en Communicatie 2011/2012

Statistisch jaaroverzicht Reclame, Presentatie en Communicatie 2011/2012 Statistisch jaaroverzicht Reclame, Presentatie en Communicatie 2011/2012 Datum: oktober 2012 Auteur: Theo Mos Phuong Pham Sanne Saalbrink Colofon Savantis is een kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven

Nadere informatie

Impressie ICT Benchmark BVE 2010 Vergelijken en leren door benchmarking van ICT-kosten

Impressie ICT Benchmark BVE 2010 Vergelijken en leren door benchmarking van ICT-kosten Impressie ICT Benchmark BVE 2010 Vergelijken en leren door benchmarking van ICT-kosten Impressie ICT Benchmark BVE 2010 Vergelijken en leren door benchmarking van ICT-kosten Deze impressie is geschreven

Nadere informatie

Onderstaand treft u de balans aan per 31 december 2014. Na de balans volgt een korte toelichting op de belangrijkste wijzigingen in de balans.

Onderstaand treft u de balans aan per 31 december 2014. Na de balans volgt een korte toelichting op de belangrijkste wijzigingen in de balans. FINANCIEEL BELEID Financiële positie op balansdatum Onderstaand treft u de balans aan per 31 december 2014. Na de balans volgt een korte toelichting op de belangrijkste wijzigingen in de balans. Activa

Nadere informatie

Leerlingcijfers 2014/2015

Leerlingcijfers 2014/2015 AFBOUW Leerlingcijfers 2014/2015 Sector Afbouw Datum: 24 februari 2015 Auteur: Savantis Colofon Savantis is het kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven voor de sectoren Schilderen en Onderhoud; Afbouw;

Nadere informatie

Analyse ontwikkeling leerlingaantallen

Analyse ontwikkeling leerlingaantallen Analyse ontwikkeling leerlingaantallen Naar aanleiding van de 1 oktobertelling 2014 heeft VGS Adivio weer een korte analyse uitgevoerd waarbij onderzocht is in hoeverre de leerlingaantallen onderhevig

Nadere informatie

Inventarisatie derivaten (actualisatie) bij onderwijsinstellingen in het mbo

Inventarisatie derivaten (actualisatie) bij onderwijsinstellingen in het mbo Inventarisatie derivaten (actualisatie) bij onderwijsinstellingen in het mbo Oktober 2014 Pagina 2 van 21 Samenvatting De onderwijsinspectie heeft eind 2012 een onderzoek uitgevoerd naar het bezit van

Nadere informatie

Servicedocument. Voor het opnemen van een continuïteitsparagraaf in het. Geïntegreerd Jaardocument 2013 en verder

Servicedocument. Voor het opnemen van een continuïteitsparagraaf in het. Geïntegreerd Jaardocument 2013 en verder Servicedocument Voor het opnemen van een continuïteitsparagraaf in het Geïntegreerd Jaardocument 2013 en verder MBO Raad maart 2014 Inleiding Voor u ligt het servicedocument voor het opnemen van een continuïteitsparagraaf

Nadere informatie

tot meer vraag naar EVC? Inventarisatie onder EVC-aanbieders

tot meer vraag naar EVC? Inventarisatie onder EVC-aanbieders Leidt de economische recessie tot meer vraag naar EVC? Inventarisatie onder EVC-aanbieders Inleiding Onder EVC-aanbieders is door het Kenniscentrum EVC een korte enquête uitgezet met als doel te inventariseren

Nadere informatie

Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten BENCHMARK BVE 2011. Sparrenheuvel 32, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 info@mxi.nl www.mxi.

Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten BENCHMARK BVE 2011. Sparrenheuvel 32, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 info@mxi.nl www.mxi. Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten met IMPRESSIE andere instellingen ICT BENCHMARK BVE 2011 Sparrenheuvel 32, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 info@mxi.nl www.mxi.nl Inhoudsopgave 1 Managementsamenvatting

Nadere informatie

Bijlage. Nieuwe voortijdig schoolverlaters. VSV-brief 2014. Convenantjaar 2012-2013 Voorlopige cijfers. www.vsvverkenner.nl

Bijlage. Nieuwe voortijdig schoolverlaters. VSV-brief 2014. Convenantjaar 2012-2013 Voorlopige cijfers. www.vsvverkenner.nl Bijlage VSV-brief 2014 Nieuwe voortijdig schoolverlaters Convenantjaar 2012-2013 Voorlopige cijfers www.vsvverkenner.nl 32 31 33 28 26 34 25 27 24 23 21 22 19 29 15 30 Overzicht RMC-regio s Nederland Bron:

Nadere informatie

Infrastructuur landsdeel Noordvleugel. 5 hogescholen met bètatechniek 3 universiteiten Jet-Net: 31 scholen en 15

Infrastructuur landsdeel Noordvleugel. 5 hogescholen met bètatechniek 3 universiteiten Jet-Net: 31 scholen en 15 Facts & Figures 2 Deel II LANDSDEEL NOORDvleugel In het Techniekpact Noordvleugel hebben de provincies Noord-Holland, Flevoland en Utrecht hun bestaande techniek-, human capital- en economische agenda

Nadere informatie

Toelichting bij de onderwijs- en arbeidsmarktgegevens Doktersassistent

Toelichting bij de onderwijs- en arbeidsmarktgegevens Doktersassistent Toelichting bij de onderwijs- en arbeidsmarktgegevens Doktersassistent Afdeling Marktinformatie en Analyse September 2010 Aanleiding Het project Arbeidsmarktonderzoek Doktersassistent (deelproject 1) heeft

Nadere informatie

zuidwest Infrastructuur landsdeel Zuidwest 6 hogescholen met bètatechniek 3 universiteiten Jet-Net: 53 scholen en 17

zuidwest Infrastructuur landsdeel Zuidwest 6 hogescholen met bètatechniek 3 universiteiten Jet-Net: 53 scholen en 17 LANDSDEEL zuidwest De regio West-Brabant is samen met de provincies Zeeland en Zuid-Holland verenigd in het landsdeel Zuidwest. In de Techniekpact-samenwerking op landsdeelniveau verbinden de zes subregio

Nadere informatie

Jaarverslag 2013. Oktober 2014

Jaarverslag 2013. Oktober 2014 Jaarverslag 2013 Oktober 2014 Voorwoord Een bewogen jaar In 2013 kregen we het bericht dat de wettelijke taken van de kenniscentra worden gecentraliseerd binnen SBB. Helaas betekende dit voor Examenwerk

Nadere informatie

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011 IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011 Sparrenheuvel, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 offertebureau@mxi.nl www.mxi.nl Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Zevende ronde ICT Benchmark Gemeenten 2011 3 1.2 Waarom

Nadere informatie

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Een analyse van de huisartsenregistratie over de

Nadere informatie

Statistisch Jaaroverzicht. Sector Reclame, Presentatie en Communicatie. Auteur: Sanne Saalbrink

Statistisch Jaaroverzicht. Sector Reclame, Presentatie en Communicatie. Auteur: Sanne Saalbrink Statistisch Jaaroverzicht Sector Reclame, Presentatie en Communicatie 2013 Datum: December 2013 Auteur: Sanne Saalbrink Colofon Savantis is een kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven voor de sectoren

Nadere informatie

RMC Factsheet. RMC Regio 30 Zuid-Holland-Zuid

RMC Factsheet. RMC Regio 30 Zuid-Holland-Zuid RMC Regio 30 Zuid-Holland-Zuid RMC Factsheet Convenantjaar 2013-2014 Nieuwe voortijdige schoolverlaters Definitieve cijfers - versie 1 Uitgave: november 2015 RMC regio 30 : Zuid-Holland-Zuid Dit document

Nadere informatie

Bijlage. Nieuwe voortijdig schoolverlaters. VSV-brief 2014. Convenantjaar 2012-2013 Voorlopige cijfers. www.vsvverkenner.nl

Bijlage. Nieuwe voortijdig schoolverlaters. VSV-brief 2014. Convenantjaar 2012-2013 Voorlopige cijfers. www.vsvverkenner.nl Bijlage VSV-brief 2014 Nieuwe voortijdig schoolverlaters Convenantjaar 2012-2013 Voorlopige cijfers www.vsvverkenner.nl 32 31 33 28 26 34 25 27 24 23 21 22 19 29 15 30 Overzicht RMC-regio s Nederland Bron:

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN FINANCIEEL CONTINUITEITSTOEZICHT

RAPPORT VAN BEVINDINGEN FINANCIEEL CONTINUITEITSTOEZICHT RAPPORT VAN BEVINDINGEN FINANCIEEL CONTINUITEITSTOEZICHT bij de Stichting Hogeschool Utrecht Plaats : Utrecht Bestuursnummer : 40516 Onderzoeksnummer : 277404 Periode onderzoek : Juli 2014 Datum vaststelling

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op de artikelen 2 en 4 van de Wet overige OCW-subsidies;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op de artikelen 2 en 4 van de Wet overige OCW-subsidies; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 30694 5 november 2013 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 26 oktober 2013, nr. 530669, houdende

Nadere informatie

Figuur 1: Ontwikkeling aantal leerlingen Figuur 2: Ontwikkeling aantal leerlingen 2009-2013 1 (index: 2009 = 100) 2014-2019 (index: 2014 = 100)

Figuur 1: Ontwikkeling aantal leerlingen Figuur 2: Ontwikkeling aantal leerlingen 2009-2013 1 (index: 2009 = 100) 2014-2019 (index: 2014 = 100) Het aantal leerlingen in het basisonderwijs is tussen 2010 en 2014 gedaald. In de provincie Limburg nam het aantal leerlingen in deze periode het sterkst af. In het voortgezet onderwijs is het aantal leerlingen

Nadere informatie

Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013

Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 drs. W. van Ooij MarktMonitor Januari 2015 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 . Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013

Nadere informatie

ICT Benchmark Gemeenten 2009 Een impressie

ICT Benchmark Gemeenten 2009 Een impressie ICT Benchmark Gemeenten 2009 Een impressie ICT Benchmark Gemeenten 2009 Een impressie Deze rapportage is bedoeld om de lezer een indruk te geven van de resultaten die de ICT Benchmark Gemeenten oplevert

Nadere informatie

Impressie ICT Benchmark GGZ 2012 Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten met andere GGZ-instellingen

Impressie ICT Benchmark GGZ 2012 Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten met andere GGZ-instellingen Impressie ICT Benchmark GGZ 2012 Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten met andere GGZ-instellingen Impressie ICT Benchmark GGZ 2012 Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten

Nadere informatie

FINANCIEEL ECONOMISCH VERSLAG

FINANCIEEL ECONOMISCH VERSLAG OVERZICHT JAARVERSLAG 2014 FINANCIEEL ECONOMISCH VERSLAG Voor de overzichtelijkheid zijn in het jaarverslag 2014 uitsluitend de kerncijfers en de balans en de winst- en verliesrekening opgenomen. De gegevens

Nadere informatie

Impressie Benchmark Medische Technologie 2013

Impressie Benchmark Medische Technologie 2013 Impressie Benchmark Medische Technologie 2013 Impressie Benchmark Medische Technologie 2013 Inzicht in prestaties door benchmarking van kosten en kwaliteit van medische technologie met andere ziekenhuizen.

Nadere informatie

Agnes Kant, Tweede-Kamerlid Jessica van Ruitenburg, medewerker Tweede-Kamerfractie

Agnes Kant, Tweede-Kamerlid Jessica van Ruitenburg, medewerker Tweede-Kamerfractie ZORGELIJKE STAGES Een onderzoek naar tekorten in stages in Zorg en Welzijn Agnes Kant, Tweede-Kamerlid Jessica van Ruitenburg, medewerker Tweede-Kamerfractie ZORGELIJKE STAGES Een onderzoek naar tekorten

Nadere informatie

Verzuimcijfers 2010 sector Gemeenten

Verzuimcijfers 2010 sector Gemeenten Verzuimcijfers 00 sector Gemeenten A+O fonds Gemeenten, april 0 Ziekteverzuim bij gemeenten daalt licht tot, procent in 00 Het ziekte van gemeenten is in 00 licht gedaald tot, procent. Ten opzichte van

Nadere informatie

Infrastructuur landsdeel Noord. 4 Centres of expertise (penvoerders)

Infrastructuur landsdeel Noord. 4 Centres of expertise (penvoerders) LANDSDEEL NOORD Het landsdeel Noord, bestaande uit de provincies Groningen, Friesland en Drenthe, heeft het Techniekpact regionaal vertaald in de Techniekagenda Noord Nederland. In de noordelijke provincies

Nadere informatie

SALDO COLLECTIEF PERSONEEL -673.000 (VERSCHIL REALISATIE T.O.V. BEGROTING) EXPLOITATIE NAAR SALDI SALDO COLLECTIEF HUISVESTING 150.

SALDO COLLECTIEF PERSONEEL -673.000 (VERSCHIL REALISATIE T.O.V. BEGROTING) EXPLOITATIE NAAR SALDI SALDO COLLECTIEF HUISVESTING 150. K KENGETALLEN 8 81 EXPLOITATIE NAAR SALDI Het exploitatieresultaat bedraagt positief 1.315. (begroot: negatief 2.672.) ten opzichte van positief 4.196. vorig jaar en is als volgt opgebouwd. Saldo bedrijfsvoering:

Nadere informatie

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2010

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2010 IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2010 Sparrenheuvel 32, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 offertebureau@mxi.nl www.mxi.nl Inhoudsopgave 1 Stijging van ICT-kosten per medewerker 3 2 De uitkomsten van de ICT-benchmark

Nadere informatie

6 Zeven jaar ICT Benchmark Woningcorporaties

6 Zeven jaar ICT Benchmark Woningcorporaties 6 Zeven jaar ICT Benchmark Woningcorporaties Een aanzet tot trendanalyse Ies van Rij en Patrick van Eekeren In 2008 is voor de zevende keer de jaarlijkse ICT Benchmark Woningcorporaties (wtco) uitgevoerd.

Nadere informatie

Inhoudelijke rapportage School ex 2010

Inhoudelijke rapportage School ex 2010 Inhoudelijke rapportage School ex 2010 Voortbouwend op de succesvolle actie School ex 2009 hebben de mbo-instellingen, gecoördineerd door de MBO Raad en in het kader van het Actieplan Jeugdwerkloosheid,

Nadere informatie

Kengetallen ECABO Bijlage bij jaarverslag 2010

Kengetallen ECABO Bijlage bij jaarverslag 2010 Kengetallen ECABO Bijlage bij jaarverslag 2010 Aantal erkende leerbedrijven in ARTUS 46.269* Aantal geregistreerde leerplaatsen 83.412 Aantal deelnemers ECABO 2009-2010 85.667 Aantal BOL-deelnemers 76.307

Nadere informatie

Ontwikkelingen op de agrarische grondmarkt tot 1 juli 2004.

Ontwikkelingen op de agrarische grondmarkt tot 1 juli 2004. Ontwikkelingen op de agrarische grondmarkt tot 1 juli 2004. 1 In deze notitie wordt een beeld geschetst van de ontwikkelingen op de agrarische grondmarkt over de periode vanaf 1 januari tot 1 juli 2004.

Nadere informatie

Benchmark Onderwijs 2011 Regio Noord, Oost en Midden. Benchmark 2011 Onderwijsinstellingen Sector-rapportage Noord, Oost en Midden Nederland

Benchmark Onderwijs 2011 Regio Noord, Oost en Midden. Benchmark 2011 Onderwijsinstellingen Sector-rapportage Noord, Oost en Midden Nederland Benchmark Onderwijs 2011 Regio Noord, Oost en Midden Benchmark 2011 Onderwijsinstellingen Sector-rapportage Noord, Oost en Midden Nederland Voorwoord Toezicht en verantwoording worden voor instellingen

Nadere informatie

ONDERZOEK OMVANG FINANCIËLE BUFFER. Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen 4512378/41613

ONDERZOEK OMVANG FINANCIËLE BUFFER. Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen 4512378/41613 ONDERZOEK OMVANG FINANCIËLE BUFFER Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen 4512378/41613 Utrecht, maart 2015 Voorwoord Dit rapport bevat de resultaten van het onderzoek naar de omvang van de financiële

Nadere informatie

voorwoord Beste lezer, De Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB) presenteert met trots het JOB-monitorrapport 2014!

voorwoord Beste lezer, De Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB) presenteert met trots het JOB-monitorrapport 2014! voorwoord Beste lezer, De Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB) presenteert met trots het JOB-monitorrapport 2014! Voor de achtste keer hebben mbo-studenten de mogelijkheid gehad om de eigen instelling

Nadere informatie

RMC Regio 29 Rijnmond. RMC Factsheet. Convenantjaar 2012-2013 Nieuwe voortijdige schoolverlaters Definitieve cijfers Uitgave: oktober 2014

RMC Regio 29 Rijnmond. RMC Factsheet. Convenantjaar 2012-2013 Nieuwe voortijdige schoolverlaters Definitieve cijfers Uitgave: oktober 2014 RMC Regio 29 Rijnmond RMC Factsheet Convenantjaar 2012-2013 Nieuwe voortijdige schoolverlaters Definitieve cijfers Uitgave: oktober 2014 RMC regio 29 : Rijnmond Dit document bevat gedetailleerde cijferinformatie

Nadere informatie

index Technocentrum Kwantitatieve regioanalyse technisch beroepsonderwijs Provincie Noord-Brabant

index Technocentrum Kwantitatieve regioanalyse technisch beroepsonderwijs Provincie Noord-Brabant index Technocentrum Kwantitatieve regioanalyse technisch beroepsonderwijs Provincie Noord-Brabant Inhoudsopgave 1. Mbo Techniek... 3 1.1 Deelnemers mbo techniek... 3 1.1.1 Onderwijsinstellingen... 3 1.1.2

Nadere informatie

job-monitor 2014 Het grootste studententevredenheidsonderzoek van Nederland!

job-monitor 2014 Het grootste studententevredenheidsonderzoek van Nederland! job-monitor 2014 Het grootste studententevredenheidsonderzoek van Nederland! job-monitor 2014 Het grootste studententevredenheidsonderzoek van Nederland! voorwoord Beste lezer, De Jongeren Organisatie

Nadere informatie

Follow-up School ex 2009

Follow-up School ex 2009 Follow-up School ex 2009 Het School ex programma heeft een impuls gegeven aan alumnibeleid en inspanningen van mboinstellingen om, veelal met regionale partners, te zorgen dat jongeren na hun diplomering

Nadere informatie

FINANCIEEL CONTINUÏTEITSTOEZICHT. Bij Vereniging Scholen der Evangelische Broedergemeente te Zeist

FINANCIEEL CONTINUÏTEITSTOEZICHT. Bij Vereniging Scholen der Evangelische Broedergemeente te Zeist RAPPORT VAN BEVINDINGEN DEFINITIEF FINANCIEEL CONTINUÏTEITSTOEZICHT Bij Vereniging Scholen der Evangelische Broedergemeente te Zeist Plaats : Utrecht Bestuursnummer : 29577 Onderzoeksnummer : 282182 Edocs

Nadere informatie

Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2012

Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2012 Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2012 Oktober 2013 Samenvatting Provinciebreed wordt er in 2012 met 91% van de medewerkers een planningsgesprek gevoerd, met 81% een voortgangsgesprek en met

Nadere informatie

Impressie ICT Benchmark Gemeenten 2012 Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten met andere gemeenten

Impressie ICT Benchmark Gemeenten 2012 Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten met andere gemeenten Impressie ICT Benchmark Gemeenten 2012 Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten met andere gemeenten Impressie ICT Benchmark Gemeenten 2012 Inzicht in prestaties door benchmarking van ICT-kosten

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

Direct aan het werk? 52% Gemiddelde werkweek 35 Bruto uurloon 9,00 Oordeel: nuttig diploma? 7,1 Baankans tot 2016 matig

Direct aan het werk? 52% Gemiddelde werkweek 35 Bruto uurloon 9,00 Oordeel: nuttig diploma? 7,1 Baankans tot 2016 matig De horeca is een mooi, maar zwaar vak. Aan de ene kant maak je smakelijke gerechten, sta je beleefd de gasten te woord en zorg je elke dag weer voor een goede sfeer. Aan de andere kant moet je hard werken

Nadere informatie

Resultaten ICT Benchmark BVE 2009 Een impressie

Resultaten ICT Benchmark BVE 2009 Een impressie Resultaten ICT Benchmark BVE 2009 Een impressie Resultaten ICT Benchmark BVE 2009 Een impressie Deze rapportage is bedoeld om de lezer een indruk te geven van de resultaten die de benchmark levert. Dit

Nadere informatie

JOB-monitor 2012. Studenttevredenheid in het mbo

JOB-monitor 2012. Studenttevredenheid in het mbo JOB-monitor 2012 Studenttevredenheid in het mbo Onderzoek in opdracht van de Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs Froukje Wartenbergh-Cras Joyce Bendig-Jacobs Danny Brukx ResearchNed juni 2012 2012 ResearchNed

Nadere informatie

Benieuwd naar andere producten en diensten? Vraag naar de binnendienst van GOC. 16,3%

Benieuwd naar andere producten en diensten? Vraag naar de binnendienst van GOC. 16,3% in cijfers Inleiding Binnen de creatieve industrie vormt de branche een belangrijke speler. Sterk in ontwikkeling en in staat over grenzen heen te gaan en tot nieuwe uitdagingen te komen. Een interessante

Nadere informatie

JOB-MONITOR 2012 STUDENTTEVREDENHEID IN HET MBO

JOB-MONITOR 2012 STUDENTTEVREDENHEID IN HET MBO JOB-MONITOR 2012 STUDENTTEVREDENHEID IN HET MBO JOB-MONITOR 2012 STUDENTTEVREDENHEID IN HET MBO VOORWOORD Beste lezer, Voor u ligt het kersverse JOB-monitorrapport van 2012. Voor de zevende keer op rij

Nadere informatie

Arbeidsmarkt DA regio Noord (LHV-kringen Groningen, Friesland, Drenthe en Zwolle/Flevoland)

Arbeidsmarkt DA regio Noord (LHV-kringen Groningen, Friesland, Drenthe en Zwolle/Flevoland) Arbeidsmarkt DA regio Noord (LHV-kringen Groningen, Friesland, Drenthe en Zwolle/Flevoland) Tabel 1 Aantal en ontwikkeling van % vacatures in Noord en in Nederland. peilmomenten okt-13 jun-13 mrt-13 okt-12

Nadere informatie

53% 47% 51% 54% 54% 53% 49% 0% 25% 50% 75% 100% zeer moeilijk moeilijk komt net rond gemakkelijk zeer gemakkelijk

53% 47% 51% 54% 54% 53% 49% 0% 25% 50% 75% 100% zeer moeilijk moeilijk komt net rond gemakkelijk zeer gemakkelijk 30 FINANCIËLE SITUATIE In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de financiële situatie van de Leidse burgers. In de enquête wordt onder andere gevraagd hoe moeilijk of gemakkelijk men rond kan komen met het

Nadere informatie

2013 in het kort SAMENVATTING VAN HET JAARVERSLAG

2013 in het kort SAMENVATTING VAN HET JAARVERSLAG 2013 in het kort SAMENVATTING VAN HET JAARVERSLAG 1 Toelichting op het jaarverslag In het Jaarverslag 2013 legt het pensioenfonds uitgebreid verantwoording af over de ontwikkelingen, besluiten en gebeurtenissen

Nadere informatie

Brief op Maat. MeanderOmnium Benchmark MOgroep 2012. Brief op Maat, Benchmark MOgroep 2012, over 2011 v121002

Brief op Maat. MeanderOmnium Benchmark MOgroep 2012. Brief op Maat, Benchmark MOgroep 2012, over 2011 v121002 Brief op Maat Benchmark MOgroep 2012 Brief op Maat, Benchmark MOgroep 2012, over v121002 Lidnummer MOgroep: ZEI010 ZEIST Pagina 1 / 27 -Brief op Maat MOgroep 2012 - Inhoudsopgave Inleiding 3 Typering 4

Nadere informatie

RMC Regio 23 Kop van Noord-Holland. RMC Factsheet. Convenantjaar 2013-2014 Nieuwe voortijdige schoolverlaters Voorlopige cijfers Uitgave: maart 2015

RMC Regio 23 Kop van Noord-Holland. RMC Factsheet. Convenantjaar 2013-2014 Nieuwe voortijdige schoolverlaters Voorlopige cijfers Uitgave: maart 2015 RMC Regio 23 Kop van Noord-Holland RMC Factsheet Convenantjaar 2013-2014 Nieuwe voortijdige schoolverlaters Voorlopige cijfers Uitgave: maart 2015 RMC regio 23 : Kop van Noord-Holland Dit document bevat

Nadere informatie

RMC Factsheet. RMC Regio 23 Kop van Noord-Holland

RMC Factsheet. RMC Regio 23 Kop van Noord-Holland RMC Regio 23 Kop van Noord-Holland RMC Factsheet Convenantjaar 2013-2014 Nieuwe voortijdige schoolverlaters Definitieve cijfers - versie 1 Uitgave: november 2015 RMC regio 23 : Kop van Noord-Holland Dit

Nadere informatie

JAARVERSLAGENANALYSE 2014 SECTORRAPPORT GEHANDICAPTENZORG

JAARVERSLAGENANALYSE 2014 SECTORRAPPORT GEHANDICAPTENZORG JAARVERSLAGENANALYSE 2014 SECTORRAPPORT GEHANDICAPTENZORG Een analyse van de financiële positie, uitgaven, capaciteit en productie van zorgorganisaties actief in de gehandicaptenzorg augustus 2015 Intrakoop,

Nadere informatie

Financieel economisch verslag

Financieel economisch verslag OVERZICHT JAARVERSLAG 2013 Financieel economisch verslag Voor de overzichtelijkheid zijn in het jaarverslag 2013 uitsluitend de kerncijfers en de balans en de winst- en verliesrekening opgenomen. De gegevens

Nadere informatie

Bestuur van instellingen in het middelbaar beroepsonderwijs Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.

Bestuur van instellingen in het middelbaar beroepsonderwijs Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid. cëi > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Bestuur van instellingen in het middelbaar beroepsonderwijs Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl Contactpersoon J.A.W.

Nadere informatie

Stichting Hope of the Nations M.F. Lodewijk Hogeweg 16D 8278 BC Kamperveen

Stichting Hope of the Nations M.F. Lodewijk Hogeweg 16D 8278 BC Kamperveen M.F. Lodewijk Hogeweg 16D 8278 BC Kamperveen INHOUDSOPGAVE Pagina Rapportage 3 Voorwoord 4 Resultaten 5 Financiële positie 7 Jaarstukken 2011 Jaarrekening 9 Balans per 31 december 2011 10 Winst-en-verliesrekening

Nadere informatie

Kwartaalrapportage Arbeidsmarkt Breda 2009

Kwartaalrapportage Arbeidsmarkt Breda 2009 Kwartaalrapportage Arbeidsmarkt Breda 2009 Economische krimp in 2009 Aantal vacatures sterk gedaald Werkloosheid in Breda stijgt me 14% Bredase bijstand daalt minimaal Bijstand onder jongeren sterk gestegen

Nadere informatie

Het ieck programma, Distributie en Toegang

Het ieck programma, Distributie en Toegang Het ieck programma, Distributie en Toegang Een publiek private samenwerking tussen scholen, leveranciers en Kennisnet H-P Köhler Kennisnet René Visser, Da Vinci Jannes Hessels, GEU en EduActief Inhoud

Nadere informatie

KWANTITATIEVE REGIOANALYSE TECHNISCH BEROEPSONDERWIJS

KWANTITATIEVE REGIOANALYSE TECHNISCH BEROEPSONDERWIJS - editie 2007 KWANTITATIEVE REGIOANALYSE TECHNISCH BEROEPSONDERWIJS REGIO MIDDEN- EN WEST-BRABANT - Samenvatting - Een initiatief van index Technocentrum Midden- en West-Brabant index Technocentrum Mozartlaan

Nadere informatie

Impressie resultaten ICT Benchmark GGZ 2014 VERBETEREN DOOR TE VERGELIJKEN

Impressie resultaten ICT Benchmark GGZ 2014 VERBETEREN DOOR TE VERGELIJKEN Impressie resultaten ICT Benchmark GGZ 2014 VERBETEREN DOOR TE VERGELIJKEN Project 113333 Versie 00-01 / 12 januari 2015 IMPRESSIE ICT BENCHMARK GGZ 2014 Voor u ligt de impressie van de ICT Benchmark GGZ

Nadere informatie

Rapportage benchmark ziekteverzuim SW-sector, 2007

Rapportage benchmark ziekteverzuim SW-sector, 2007 Rapportage benchmark ziekteverzuim SW-sector, 2007 24-06-2008, Bussum Etienne Lemmens, Orbis Inleiding Vergelijking Respons Regionale spreiding In de CAO voor de sector SW is opgenomen dat de verzuimbenchmark,

Nadere informatie

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009 FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 29 Groei van werkloosheid onder zet door! In het 2 e kwartaal van 29 groeide de werkloosheid onder (niet-westers)

Nadere informatie

Rapportage Vergelijkend Onderzoek naar Ziekteverzuim SW-sector 2003

Rapportage Vergelijkend Onderzoek naar Ziekteverzuim SW-sector 2003 Rapportage Vergelijkend Onderzoek naar Ziekteverzuim SW-sector 2003 Inleiding In het arboconvenant Sociale Werkvoorziening is bepaald dat jaarlijks een vergelijkend onderzoek naar de hoogte van het ziekteverzuim

Nadere informatie

Opvallend in deze figuur is het grote aantal bedrijven met een vergunning voor exact 340 stuks melkvee (200 melkkoeien en 140 stuks jongvee).

Opvallend in deze figuur is het grote aantal bedrijven met een vergunning voor exact 340 stuks melkvee (200 melkkoeien en 140 stuks jongvee). Ontwikkeling melkveebedrijven in Utrecht, Gelderland en Brabant Analyse van mogelijke groei van melkveebedrijven op basis van gegevens van CBS en provincies Het CBS inventariseert jaarlijks de feitelijk

Nadere informatie

Personeelsmonitor 2011 Samenvatting

Personeelsmonitor 2011 Samenvatting Jaarlijks brengt het A+O fonds Gemeenten de Personeelsmonitor uit. Dit rapport geeft de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van HRM en arbeidsmarktontwikkelingen bij gemeenten weer. In deze samenvatting

Nadere informatie

Centraal Bureau voor de Statistiek

Centraal Bureau voor de Statistiek Centraal Bureau voor de Statistiek Uitgaven van bedrijven aan beroepspraktijkvorming sinds 1995 verdrievoudigd Uitgaven bpv vooral aan mbo ers De totale uitgaven in 211 van leerbedrijven aan beroepspraktijkvorming

Nadere informatie