Waarom investeren jonge bedrijven?

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Waarom investeren jonge bedrijven?"

Transcriptie

1 Waarom investeren jonge bedrijven? De achtergronden bij het investeringsgedrag De achtste meting van het Jonge-bedrijvenpanel drs. R.A.J. Kerste drs. M.J. Overweel Zoetermeer, januari 2002

2 ISBN: Bestelnummer: A0111 Prijs: 20,- Dit onderzoek maakt deel uit van het Programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap, dat wordt gefinancierd door het Ministerie van Economische Zaken. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij EIM. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in artikelen, scripties en boeken is toegestaan mits de bron duidelijk wordt vermeld. Vermenigvuldigen en/of openbaarmaking in welke vorm ook, alsmede opslag in een retrieval system, is uitsluitend toegestaan na schriftelijke toestemming van EIM. EIM aanvaardt geen aansprakelijkheid voor drukfouten en/of andere onvolkomenheden. The responsibility for the contents of this report lies with EIM. Quoting of numbers and/or text as an explanation or support in papers, essays and books is permitted only when the source is clearly mentioned. No part of this publication may be copied and/or published in any form or by any means, or stored in a retrieval system, without the prior written permission of EIM. EIM does not accept responsibility for printing errors and/or other imperfections. 2

3 Inhoudsopgave Samenvatting 5 1 Inleiding Aanleiding Centrale vraag Aanpak Leeswijzer 9 2 Investeringen nader bekeken Investeringsbegrip Nationale investeringsontwikkelingen 13 3 Het investeringsgedrag Inleiding De investerende bedrijven De investeringsmiddelen De omvang van de investeringen Knelpunten bij het investeren De investeringsplannen van jonge bedrijven Samenvatting 28 4 De overwegingen achter het investeringsgedrag Inleiding Investeringsmotieven Investeringsdoelen Belang van de investeringen Investeringsstrategie Samenvatting 40 5 Slotbeschouwing Strategische achtergronden van investeringsgedrag Investeringen en groei Implicaties voor beleid 43 Bijlage I Verantwoording 45 3

4

5 Samenvatting Dit rapport gaat nader in op de gedragsaspecten van jonge bedrijven in het MKB bij het investeren. Het gaat hierbij om het in kaart brengen van de beweegredenen die de ondernemers van jonge bedrijven hebben bij het plegen van investeringen. Daarbij staat de volgende vraag centraal: Wat zijn de overwegingen achter het investeringsgedrag van jonge bedrijven in het MKB? Om de centrale vraag te beantwoorden, is in de eerste plaats het investeringsgedrag van de jonge bedrijven beschreven. Vervolgens is ingegaan op de beweegredenen achter het investeringsgedrag van de ondernemers. De gegevens hiervoor zijn verkregen aan de hand van een meting bij het Jonge-bedrijvenpanel van EIM. Investeringsgedrag Hoe ziet het investeringsgedrag van de jonge bedrijven er in een notendop uit? De meerderheid van de jonge bedrijven uit het panel heeft in het afgelopen jaar (periode zomer 2000 zomer 2001) geïnvesteerd. De grotere bedrijven (in personeelsleden) investeren vaker dan de kleinere bedrijven. Daarnaast investeren groeiende bedrijven (in omzet) vaker dan niet-groeiende bedrijven. De jonge bedrijven uit het panel investeren veelal in materiële activa, met name bedrijfsmiddelen. Als er geïnvesteerd wordt in immateriële activa, is dat in combinatie met materiële activa, en dan meestal in opleidingen. Bedrijven investeren relatief kleine bedragen en financieren de investeringen veelal met eigen middelen. De meeste ondernemers ervaren geen knelpunten bij het investeren. Betrekkelijk weinig ondernemers hebben plannen om in de toekomst te gaan investeren. De ondernemers met plannen willen hoofdzakelijk gaan investeren in bedrijfsmiddelen. Overwegingen bij het investeringsgedrag De beweegredenen bij het investeringsgedrag kunnen in vogelvlucht als volgt getypeerd worden. De jonge bedrijven investeren meestal ter vervanging. De overwegingen hierbij zijn doorgaans defensief. Investeringen in immateriële activa worden volgens zeggen uit offensieve overwegingen gedaan. Investeringen worden meestal verricht ter ondersteuning van de dagelijkse activiteiten. De investeringen zijn hiermee overwegend operationeel van aard. Continuïteit van de onderneming bepaalt het belang van investeringen. Ondernemers hebben vaak geen expliciete investeringsstrategie, en ook een bedrijfsstrategie is in veel gevallen niet aanwezig. Daarbij hebben ondernemers vaak wel een bewuste visie op de richting en ontwikkeling van het bedrijf. In dit geval maken ondernemers echter niet altijd de vertaling van de visie naar benodigde strategische, meer op de lange termijn gerichte investeringen. Ondernemers met een 5

6 visie of een impliciete bedrijfsstrategie zijn overigens vaak wel bewust en doordacht met investeringen bezig. Slechts weinigen zijn zich bewust van het belang van een langetermijnvisie; dit vindt zijn weerslag in het investeringsgedrag. Daarmee samenhangend: veel investeringen worden op ad-hocbasis genomen. De planhorizon is kort. Beleidsimplicaties Het beeld dat ontstaat bij het bestuderen van de overwegingen bij het investeringsgedrag van jonge bedrijven, geeft aanleiding tot suggesties voor beleid gericht op het stimuleren van groei van jonge bedrijven. Door het feit dat jonge bedrijven weinig vanuit strategisch oogpunt investeren, is het mogelijk dat groeipotentieel van deze bedrijven onbenut blijft. Er wordt meer geïnvesteerd ten behoeve van de dagelijkse activiteiten en minder in dienst van groei en ontwikkeling op de langere termijn. Als ondernemers gestimuleerd worden om meer strategisch te investeren, kunnen de jonge bedrijven wellicht meer groei realiseren. Daarbij is het van belang dat overheden en intermediairs bedrijven aanzetten tot en begeleiden bij het opzetten van een bedrijfsstrategie en een bijbehorende investeringsstrategie. Een investeringsstrategie kan pas effectief zijn als deze deel uitmaakt van een bedrijfsstrategie. 6

7 1 Inleiding 1.1 Aanleiding Startende bedrijven Ondernemingen in het midden- en kleinbedrijf (MKB) hebben een belangrijke invloed op de ontwikkeling van de economische groei en de werkgelegenheid. Het is dan ook een goed teken dat de afgelopen jaren het aantal starters jaarlijks is toegenomen. Van deze starters vallen echter nog veel bedrijven af. Het blijkt dat na 5 à 6 jaar nog maar 40 tot 50% van de startende bedrijven bestaat. De bedrijven die de startfase echter overleven, hebben een bestaansrecht opgebouwd en komen in een nieuwe fase van het ondernemerschap terecht: de (door)groeifase. Ondernemers gaan hun bedrijf uitbouwen, waarbij beslissingen moeten worden genomen over de groei van het bedrijf. Wil de ondernemer groeien, en zo ja op welke wijze? Jonge bedrijven De jonge bedrijven die in de groeifase terechtkomen, worden met veel ingrijpende veranderingen geconfronteerd. Dit geldt zowel voor de onderneming als de ondernemer. De onderneming moet professionaliseren, er moet vaak personeel aangenomen worden en er moeten investeringen gepleegd worden, externe financiering is nodig om groeiplannen te kunnen realiseren en er moeten veel belangrijke strategische keuzes voor de toekomst gemaakt worden. Daarbij verandert tevens de rol van de ondernemer. De ondernemer wordt minder pionier en meer manager. Investeringsgedrag van jonge bedrijven Voor de bedrijven die de startfase zijn doorgekomen, heeft het investeringsgedrag een belangrijke invloed op de groei van de onderneming. Om te kunnen groeien moet er in het bedrijf geïnvesteerd worden. De keuzes die de ondernemer maakt over de hoogte van de investeringen en de zaken waarin geïnvesteerd wordt, zijn bepalend voor de omvang en de richting van de groei van het bedrijf. Investeren is uiteraard ook van belang voor de bedrijven die de overlevingsfase doorgekomen zijn, maar niet willen of kunnen (door)groeien. Vaak moeten er toch vervangingsinvesteringen gepleegd worden of wordt groei van de onderneming juist belemmerd door knelpunten bij het investeren. Investeren in immateriële activa Gezien het belang van de huidige kenniseconomie worden investeringen in immateriële activa steeds belangrijker voor kleine en middelgrote bedrijven. Investeren in kennis en kennisontwikkeling bepalen het innovatievermogen van ondernemingen. In die zin spelen investeringen in immateriële activa ook een belangrijke rol bij het investeringsgedrag van jonge bedrijven in het MKB. Het is dan ook van belang het onderscheid tussen investeringen in materiële en immateriële activa te betrekken bij het investeringsgedrag van jonge bedrijven. 1.2 Centrale vraag Dit rapport gaat nader in op de gedragsaspecten van jonge bedrijven in het MKB bij het investeren. Het gaat hierbij om het in kaart brengen van de beweegredenen die de on- 7

8 dernemers van jonge bedrijven hebben bij het plegen van investeringen. Daarbij staat de volgende vraag centraal: Wat zijn de overwegingen achter het investeringsgedrag van jonge bedrijven in het MKB? Met het beantwoorden van de centrale vraag wordt een beter inzicht verkregen in de strategische achtergronden bij het investeringsgedrag: waarom investeren ondernemers, welke keuzes maken ondernemers, welke doelstellingen hanteren zij daarbij en hoe komen de investeringsplannen voor de toekomst tot stand? Om de ratio achter het investeringsgedrag te kunnen begrijpen, is echter in eerste instantie inzicht nodig in het investeringsgedrag van de jonge bedrijven zelf. Immers om de overwegingen achter het gedrag te kunnen beschrijven, moet eerst het gedrag zelf bekend zijn. In het rapport wordt niet alleen gekeken naar de bedrijven die groeien, maar ook naar de bedrijven die niet willen of niet kunnen groeien. Tevens wordt een onderscheid gemaakt in het investeringsgedrag met betrekking tot materiële en immateriële activa. Om de strategische aspecten van het investeringsgedrag van de jonge bedrijven in kaart te brengen, zal zowel ingegaan worden op de achtergronden van het huidige investeringsgedrag van jonge bedrijven als op de ontwikkeling van het investeringsgedrag door de jaren heen ( ). 1.3 Aanpak Jonge-bedrijvenpanel Het investeringsgedrag van jonge bedrijven en de strategische overwegingen daarbij kunnen in kaart gebracht worden middels de meting van het Jonge-bedrijvenpanel. Het Jonge-bedrijvenpanel bestaat uit ondernemers die in de eerste helft van 1994 met het bedrijf zijn gestart. Door de jaarlijkse metingen van het panel is het mogelijk de ontwikkelingen van de jonge bedrijven te volgen en inzicht te verkrijgen in de drijfveren, afwegingen en keuzes van de betreffende ondernemers. Het panel bevat hierdoor veel informatie over de verschillende aspecten van ondernemerschap. Bij de meting in 2001 is, behalve aan het gebruikelijke onderhoud van het panel 1, specifiek aandacht besteed aan investeringen. De deelnemers zijn door middel van een telefonische enquête benaderd. In de meting van 2001 hebben ruim 600 ondernemers deelgenomen. Hiervan waren 584 ondernemers nog actief met hun bedrijf. In de bijlage is een meer gedetailleerd overzicht opgenomen van de samenstelling van het panel in Voor de analyse van de ontwikkelingen in het investeringsgedrag sinds de start in 1994, zijn de gegevens naast elkaar gezet van de bedrijven die in 1994, 1996, 1998 en in 2001 deelgenomen hebben aan het Jonge-bedrijvenpanel. Op deze wijze is het mogelijk het investeringsgedrag van eenzelfde groep bedrijven in de genoemde jaren te vergelijken. Om het beeld van de overwegingen achter het investeringsgedrag te verdiepen, zijn aanvullend twaalf diepte-interviews gehouden met ondernemers uit het Jongebedrijvenpanel over het hoe en waarom van de investeringen. Het betreft hier bedrijven uit verschillende sectoren. De precieze sectorverdeling en de criteria voor de keuze 1 Dit zijn de algemene vragen die jaarlijks gesteld worden over de prestaties en ontwikkelingen van de ondernemingen uit het Jonge-bedrijvenpanel. 8

9 van de bedrijven zijn opgenomen in de bijlage. We danken de ondernemers die hebben deelgenomen aan de interviews voor hun medewerking. Ten slotte hebben een aantal mensen vanuit de beleidspraktijk het eindrapport meegelezen en becommentarieerd. Het gaat om mevr. Stol, dhr. Biessen en dhr. Waasdorp van het Ministerie van Economische Zaken. We danken deze mensen voor het meelezen en meedenken. 1.4 Leeswijzer In het rapport wordt ingegaan op het investeringsgedrag van jonge bedrijven en de strategische achtergrond bij dat gedrag. Hiervoor wordt in hoofdstuk 2 eerst gekeken naar het investeringsbegrip in het algemeen en de nationale ontwikkelingen van investeringsgedrag. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 ingezoomd op het investeringsgedrag van jonge ondernemingen in het MKB. De strategische overwegingen achter het investeringsgedrag van jonge bedrijven komen aan bod in hoofdstuk 4. Ten slotte is in hoofdstuk 5 een slotbeschouwing opgenomen. Hierin wordt een samenvattend overzicht van de strategische overwegingen achter het investeringsgedrag gegeven en er worden tevens enige aanzetten gegeven voor beleid gericht op stimulering van het strategisch investeringsgedrag van jonge bedrijven. 9

10

11 2 Investeringen nader bekeken In dit hoofdstuk wordt een introductie gegeven van het investeringsbegrip. Hiermee wordt het kader geschetst waarbinnen het investeringsgedrag van jonge bedrijven plaatsvindt. In de eerste paragraaf (2.1) komt de definitie van investeringen aan de orde en in paragraaf 2.2 wordt een beeld gegeven van de nationale investeringsontwikkelingen. 2.1 Investeringsbegrip Investeringen van belang voor economische ontwikkeling Investeringen zijn een belangrijke grootheid voor bedrijven. Investeringen bepalen de toekomstige productiemogelijkheden en daarmee (mede) de concurrentiepositie van een onderneming. Bedrijven investeren dus om hun voortbestaan te garanderen en toekomstige groei mogelijk te maken. Ook in de economie als geheel spelen investeringen een belangrijke rol. De investeringen door bedrijven bepalen de productiecapaciteit en de productiviteit van het bedrijfsleven. Verder komen door de investeringen (technologische) vernieuwingen bij bedrijven binnen. Dit versterkt het innovatieve karakter van het bedrijfsleven. Ten slotte hebben investeringen een belangrijke invloed in het ontstaan van conjunctuurcycli (het zogenaamde bestedingseffect) 1. Begripsvorming rondom investeren Investeren is een algemeen bekend begrip. Iedereen weet wel wat investeringen zijn. Hierdoor worden investeringen nogal eens in brede zin uitgelegd: alles waar een bedrijf geld aan uitgeeft is een investering. Vanuit een economische invalshoek wordt het investeringsbegrip doorgaans enger gedefinieerd. Zo worden in de Nationale Rekeningen investeringen opgevat als: alle geproduceerde goederen die langer dan een jaar worden gebruikt in het productieproces 2. Van belang bij investeringen is dat het gaat om goederen van een meer duurzaam nut voor het bedrijf. Op basis hiervan kan de volgende omschrijving van het begrip investeringen worden gehanteerd: De verwerving van producten waarvan het gebruik zich over meerdere productiegangen uitstrekt. Daarbij worden de investeringen veelal ingedeeld in vaste en vlottende activa. De vaste activa bestaan onder andere uit gebouwen, machines en transportmiddelen. Bij de vlottende activa gaat het om zaken als grondstoffen, voorraden en onderhanden werk. De investeringen in vaste activa kunnen worden ingedeeld in vervangings- en uitbreidingsinvesteringen. De uitbreidingsinvesteringen dienen om de kapitaalgoederenvoorraad te vergroten, terwijl vervangingsinvesteringen worden gepleegd om de door slijtage kleiner geworden kapitaalgoederenvoorraad weer op peil te brengen 3. 1 W. Vosselman, Investeringen in immateriële vaste activa door bedrijven, Economisch Statistische Berichten, vol. 77, afl. 3850, CBS, Nationale Rekeningen 2000, Voorburg/Heerlen, R. Schöndorff, J. Pleus en F. de Kam, Economie: 1500 termen van A tot Z, Het Spectrum, Utrecht,

12 Investeringen in immateriële activa steeds belangrijker Bij investeringen in vaste activa wordt traditioneel vooral gedacht aan de aanschaf van goederen, de tastbare, materiële activa. De laatste jaren neemt de aandacht voor investeren in kennis meer en meer toe. Het gaat dan om de uitgaven die gedaan worden om kennis te verkrijgen en ideeën te ontwikkelen en toe te passen in (nieuwe) producten. Zeker in de huidige kenniseconomie zorgen de immateriële, kennisgerelateerde activa voor concurrentievoordeel. Daarmee zijn investeringen in de niet-tastbare, immateriële vaste activa zeker zo belangrijk als die in materiële activa. Bedrijven kunnen investeren in verschillende soorten immateriële activa 1 : (technologische) kennis, waaronder: - R&D (product- en procesontwikkeling) - patenten en licenties - engineering en ontwerp marktbewerking en marktpositie, waaronder: - marktonderzoek - marktbewerking - productcertificering - klantenbestanden - marketing & reclame versterking van de (interne) organisatie, waaronder: - opleiding, training en andere investeringen in human resources - informatie-infrastructuur - organisatiestructuur - automatisering, het gaat dan met name om software. De verschillende soorten investeringen die hier zijn besproken, zijn weergegeven in figuur 1. figuur 1 onderverdeling investeringsbegrip Investeringen Materiële activa Vaste activa Immateriële activa Vlottende activa - grondstoffen - voorraden - onderhanden werk uitbreiding vervanging Bron: EIM, Naar: A. Bruins en J.M.P. de Kok, Het belang van immateriële investeringen, EIM, Zoetermeer,

13 Investeringen: perceptie versus definitie Uit de verdiepende gesprekken met enkele ondernemers uit het Jonge-bedrijvenpanel valt op dat ondernemers geen eenduidig beeld hebben over het begrip investeren. Ondernemers beschouwen zaken die volgens het investeringsbegrip uit de literatuur niet aangemerkt worden als investeringen toch als zodanig. Zo is voor een klusbedrijf de aanschaf van een boormachine een noodzakelijk hulpmiddel. De ondernemers ziet dit niet echt als een investering, hoewel het volgens definitie van investeringen wel als investering wordt beschouwd. Iets vergelijkbaars geldt voor bijvoorbeeld een interieurarchitect. Voor dit bedrijf is een lasergestuurde afstandsmeter een stuk handgereedschap en iets heel anders dan de server met vijf werkstations inclusief software die ze ook gekocht hadden. De server wordt gezien als een investeringsmiddel en de afstandsmeter niet. Verder worden voorraden door ondernemers in het MKB vaak ook niet als investering beschouwd. In dit geval ziet een ondernemer van een speelgoedwinkel de winkelvoorraad niet als investeringen, terwijl er toch continu voor meer dan ƒ aan kapitaal in is geïnvesteerd. 2.2 Nationale investeringsontwikkelingen Afgelopen jaren is fors geïnvesteerd door bedrijven Eind jaren negentig is door bedrijven fors geïnvesteerd in vaste activa. Zo zijn de investeringen van het totale bedrijfsleven in 1999 met 9,4% gegroeid ten opzichte van In 2000 heeft het particuliere bedrijfsleven voor 107,1 miljard gulden aan investeringen gepleegd. Het aandeel van het MKB bedraagt met 46,8 miljard zo n 44% 2. Ook in 2001 en 2002 blijft het investeringsvolume naar verwachting stijgen, hoewel de groei wel afzwakt. In 2001 nemen de investeringen van bedrijven met 4,25% toe. In 2002 is de investeringsgroei nog maar 3,5%. Zoals tabel 1 laat zien, geldt dit ook voor het MKB, hoewel de afzwakking van de groei daar iets minder is. De schaarste aan personeel en aanzienlijke loonstijgingen zijn in belangrijke mate verantwoordelijk voor de aanhoudende toename van de investeringen. De hoge loonstijgingen stimuleren bedrijven bijvoorbeeld tot het doen van arbeidsbesparende investeren. Daarnaast zorgen proces- en productvernieuwingen, vooral door de toepassing van ICT, voor een investeringsimpuls. Verder hebben onder andere het op peil blijven van de winstgevendheid van de marktsector en de daling van de rente tot gevolg dat de financiering van de investeringen in het algemeen geen grote problemen oplevert. De afzwakkende groei van de investeringen voor de komende jaren wordt bepaald door de vertraging in de productiegroei in tabel 1 ontwikkeling van de investeringen in vaste activa (mutaties in % per jaar) Totale investeringen particuliere bedrijven 6 4,25 3,5 Totale investeringen MKB 5,25 4,5 3,75 Bron: EIM, Kleinschalig Ondernemen, CPB, Centraal Economisch Plan, Voorburg/Heerlen, EIM, Kleinschalig Ondernemen 2001, Zoetermeer, CPB, Centraal Economisch Plan, Voorburg/Heerlen,

14 Het belang van het investeren in immateriële activa neemt toe In de laatste decennia zijn de uitgaven aan investeringen in immateriële activa in Nederland een steeds groter deel van de totale investeringen uit gaan maken. Zo hebben de investeringen in immateriële activa van bedrijven een sprong gemaakt van 8,4 miljard gulden in 1970 naar 28,9 miljard in Dit is een jaarlijkse toename van 8,5%, terwijl de gemiddelde jaarlijkse toename in deze periode van de investeringen in materiële activa 5,4% bedroeg 1. Recente cijfers van het CBS geven aan dat het belang van immateriële activa ook sinds 1990 alleen maar verder is toegenomen. Zoals tabel 2 laat zien, zijn de totale uitgaven aan immateriële activa (private en publieke sector) in 1997 ten opzichte van 1990 met 31% gestegen. tabel 2 totale investeringen in immateriële activa in Nederland in 1990 en van de private en publieke sector (in mld. gld., in index: 1990 = 100) mld. gld. index Totale investeringen in immateriële activa 51,1 60,8 63,1 66, Bron: CBS, Kennis en economie 2000, A. Bruins en J.M.P. de Kok, Het belang van immateriële investeringen, EIM, Zoetermeer,

15 3 Het investeringsgedrag 3.1 Inleiding Zoals in het inleidende hoofdstuk is gezegd, is het noodzakelijk eerst het investeringsgedrag op zich (het wat ) te beschrijven om vervolgens iets te kunnen zeggen over de overwegingen (het waarom ) achter dat gedrag. Het investeringsgedrag van bedrijven kan worden beschreven aan de hand van de verschillende indicatoren van het gedrag. Zoals weergegeven in figuur 2, komen de volgende indicatoren in de verschillende paragrafen van dit hoofdstuk aan bod. figuur 2 indicatoren van investeringsgedrag Investeringsgedrag Kenmerken investerende bedrijven ( 3.2) Investeringsplannen ( 3.6) Aard van investeringen ( 3.3) Omvang van investeringen ( 3.4) Knelpunten bij investeringen ( 3.5) Bron: EIM, Bedrijfskenmerken: welke bedrijven investeren en hoe zien deze bedrijven eruit? Aard van de investeringen: in welke activa investeren bedrijven, zowel materieel als immaterieel? Omvang van de investeringen: voor hoeveel geld wordt geïnvesteerd en hoe financieren bedrijven de investeringen? Knelpunten bij het investeren: ondervinden bedrijven problemen bij het investeren, en zo ja, welke dan? Investeringsintenties: welke plannen hebben ondernemers om in de toekomst te gaan investeren? In de enquête van het Jonge-bedrijvenpanel zijn deze indicatoren van investeringsgedrag aan de orde gekomen. Met de resultaten van de enquête kan het investeringsgedrag van de jonge bedrijven uit het panel dan ook in kaart worden gebracht. Om daarbij een beeld te krijgen van de ontwikkelingen in het investeringsgedrag van de jonge bedrijven zijn ook de eerdere metingen van het panel geanalyseerd. 3.2 De investerende bedrijven Meerderheid van de jonge bedrijven heeft geïnvesteerd Investeringsgedrag komt in eerste instantie tot uitdrukking in de vraag of ondernemers investeren of niet. Uit de meting van het Jonge-bedrijvenpanel blijkt dat 60% van de ondervraagde bedrijven het afgelopen jaar (zomer 2000-zomer 2001) heeft geïnvesteerd. Dit relatief hoge aandeel investerende bedrijven wordt wellicht veroorzaakt door 15

16 de hoogconjunctuur van de afgelopen jaren. Investeringen hebben namelijk een sterk cyclisch karakter: als het goed gaat, investeren bedrijven meer. Door de economische groei gaan bedrijven meer investeren, enerzijds omdat door de toegenomen vraag naar goederen en diensten meer capaciteit nodig is en anderzijds omdat bedrijven door hogere winsten meer middelen vrij kunnen maken om te investeren. Sinds de start in 1994 zijn jaarlijks meer bedrijven gaan investeren. In figuur 3 zijn de investeringspercentages van de bedrijven uit het panel weergegeven voor de jaren 1994, 1996, 1998 en In 1994 investeerde slechts 21% van de panelleden, terwijl in % van de jonge bedrijven heeft geïnvesteerd. figuur 3 investerende bedrijven sinds 1994 (in procenten) Bron: EIM, Jonge-bedrijvenpanel 1994, metingen 1994, 1996, 1998 en Er zijn overigens maar betrekkelijk weinig bedrijven uit het panel die in alle vier de jaren (1994, 1996, 1998 en 2001) investeerden; slechts 7% van de bedrijven deed dit. Daarentegen heeft 39% van de bedrijven slechts in één van de vier jaren investeringen gepleegd. In tabel 3 is de investeringsfrequentie sinds de start opgenomen. Blijkbaar is investeren voor de jonge bedrijven geen periodieke activiteit. tabel 3 investeringsfrequentie voor de jaren 1994, 1996, 1998 en 2001 Aantal jaren geïnvesteerd % bedrijven 1 jaar 39 2 jaren 37 3 jaren 17 4 jaren 7 Bron: EIM, Jonge-bedrijvenpanel 1994, meting Grotere bedrijven investeren vaker Een andere verklaring voor het hoge aandeel van 60% investerende bedrijven in de periode zomer 2000-zomer 2001, kan verband houden met de levensfase waarin de bedrijven zich bevinden. De ondernemingen zijn acht jaar actief en zijn veelal toe aan het vervangen van apparatuur en/of het aanpassen of uitbreiden van de bedrijfsruimte. Vooral bij de (door)groeiende bedrijven zal de noodzaak voor nieuwe investeringen groter zijn om de (voorgenomen) groei te kunnen realiseren. Zo zal voor deze bedrijven veelal de bedrijfsruimte die bij de start is betrokken niet meer voldoen. Dit geldt zeker voor de bedrijven met een toename van het aantal personeelsleden. 16

17 Het is dan ook niet verwonderlijk dat er naar verhouding meer bedrijven met personeel investeren dan bedrijven zonder personeel. Van de bedrijven die werknemers in dienst hebben, heeft 72% in de afgelopen 12 maanden geïnvesteerd. Bij de bedrijven zonder personeel ligt dit aandeel met 53% een stuk lager. Verder blijkt dat de grotere bedrijven ook relatief vaker investeren dan de kleinere bedrijven. Van de bedrijven met 10 tot 20 werknemers investeert 84% en van de bedrijven met 1 werknemer doet 62% dat. Groeiende bedrijven investeren vaker Zoals gezegd, zullen vooral de jonge bedrijven die verder (willen) groeien meer gaan investeren. Dit wordt bevestigd door de omzetgegevens van het panel. Van de bedrijven die in 2000 ten opzichte van 1999 een omzetstijging hebben gerealiseerd, heeft 71% in de periode zomer 2000-zomer 2001 geïnvesteerd. De bedrijven die in 2000 niet in omzet gegroeid zijn, hebben in 43% van de gevallen geïnvesteerd. Voor de bedrijven met een gedaalde omzet was dit aandeel 41%. Bedrijven met omzetgroei investeren dus vaker dan bedrijven die geen groei in omzet realiseren. Daarbij zijn investerende bedrijven ook positiever over toekomstige omzetgroei. De meerderheid van de bedrijven die het afgelopen jaar hebben geïnvesteerd, verwacht voor 2001 een omzetstijging te realiseren. Van de investerende bedrijven heeft 58% de verwachting dat de omzet in 2001 stijgt, terwijl 41% een gelijkblijvende of dalende omzet verwacht. Vooral de bedrijven in de groothandel en de dienstverlening investeren In tabel 4 is de verdeling van de investerende bedrijven over de sectoren weergegeven. De sectoren met relatief veel investerende bedrijven zijn de groothandel (70%) en de dienstverlenende sectoren. In de zakelijke en overige dienstverlening heeft 63% geïnvesteerd en in de overige dienstverlening 64%. In de dienstverlening wordt relatief vaker geïnvesteerd dan in de industrie en bouw, waar 54% van de bedrijven investeert. tabel 4 aandeel van de investerende bedrijven per sector (in procenten) Sector % investerende bedrijven Industrie en bouw 54 Groothandel 70 Detailhandel 49 Horeca/reparatie/vervoer 68 Zakelijke en financiële dienstverlening 63 Overige dienstverlening 64 Bron: EIM, Jonge-bedrijvenpanel 1994, meting De investeringsmiddelen Jonge ondernemers investeren vooral in bedrijfsmiddelen Aan de investerende ondernemers is gevraagd waarin zij hebben geïnvesteerd. Het investeringsmiddel dat verreweg het meest wordt genoemd is bedrijfsmiddelen. Zoals figuur 4 laat zien, heeft maar liefst 82% van de ondernemers hierin geïnvesteerd. De verdiepende gesprekken met enkele panelleden geven aan dat het bij investeringen in bedrijfsmiddelen om zeer verschillende en uiteenlopende zaken kan gaan. Zo investeert een groothandelsbedrijf in een geheel nieuw computernetwerk met diverse werkstations, terwijl een adviesbureau voor softwareontwikkeling in een nieuwe laserprinter investeert en een staalkabelhandel in machines om staalkabels te bewerken. Andere veel- 17

18 voorkomende investeringsmiddelen zijn huisvesting (door 24% van de ondernemers genoemd) en vervoermiddelen (door 28% genoemd). Bij de investeringen in huisvesting is het overigens niet zo dat al deze ondernemers in een nieuwe bedrijfsvestiging hebben geïnvesteerd. Het gaat bij investeren in huisvesting ook om investeringen in het bestaande pand, zoals verbouwingen en uitbreidingen. figuur 4 investeringsmiddelen in het afgelopen jaar (% genoemd door ondernemers, meerdere antwoorden mogelijk) bedrijfsmiddelen 82 vervoermiddelen 28 huisvesting 24 opleiding voorraden marktbewerking productontwikkeling Bron: EIM, Jonge-bedrijvenpanel 1994, meting De bedrijfsmiddelen zijn voor de ondernemers ook door de jaren heen het favoriete investeringsmiddel. Dit is af te lezen uit figuur 5, waar de ontwikkeling van de investeringsmiddelen voor de jaren 1996, 1998 en 2001 is weergegeven 1. Het aandeel ondernemers dat investeert in huisvesting, voorraden en vervoermiddelen blijft vanaf 1996 vrij constant rond de 25%. 1 In 1994 is overigens niet aan de deelnemers van het panel gevraagd waarin ze hebben geïnvesteerd. 18

19 figuur 5 investeringsmiddelen in 1996, 1998 en 2001 (% genoemd door ondernemers, meerdere antwoorden mogelijk) huisvesting bedrijfsmiddelen voorraden vervoermiddelen productontwikkeling marktbewerking/reclame opleidingen Bron: EIM, Jonge-bedrijvenpanel 1994, meting 1996, 1998 en Het blijkt overigens dat in % van de ondernemers slechts in één activum investeert (zie tabel 5). Daarbij zijn er relatief veel bedrijven met een hogere investeringsintensiteit 1, aangezien de overige 57% in meerdere activa investeert. 14% investeert zelfs in vier of meer verschillende activa. Als ondernemers investeren, doen ze dat blijkbaar in veel gevallen in meerdere zaken tegelijk. Hierbij zal het meestal gaan om complementaire investeringen. De uitbreiding van de bedrijfsruimte gaat bijvoorbeeld gepaard met investeringen in nieuwe machines. tabel 5 aantal verschillende activa waarin ondernemers hebben geïnvesteerd Aantal activa waarin bedrijven investeren Percentage ondernemers of meer 14 Bron: EIM, Jonge-bedrijvenpanel 1994, meting Investeringsintensiteit betekent in dit geval het aantal soorten activa waarin wordt geïnvesteerd. 19

20 Ondernemers investeren in immateriële activa Een belangrijke indeling van investeringen die in het vorige hoofdstuk al aan de orde is gekomen, is die in investeringen in materiële en immateriële activa. De investeringsmiddelen die vermeld zijn in figuur 4 kunnen ook onderverdeeld worden in materiële en immateriële activa. Huisvesting, bedrijfsmiddelen, voorraden en vervoermiddelen vallen onder de materiële activa. De investeringen in marktbewerking, productontwikkeling en opleidingen zijn van immateriële aard. Daarbij gaat het in geval van investeringen in marktbewerking om zaken als reclame en marketing. Zeker een derde van de ondernemers (33%) heeft aangegeven in immateriële activa te hebben geïnvesteerd. Van deze ondernemers heeft 64% geïnvesteerd in één immaterieel activum, bijvoorbeeld alleen in opleidingen. Daarnaast heeft 36% geïnvesteerd in een combinatie van immateriële activa. Deze bedrijven investeren dan niet alleen in de opleidingen, maar ook in productontwikkeling en/of marktbewerking. De bedrijven zijn met de tijd ook meer gaan investeren in immateriële activa. In 1996 gaf 20% van de ondernemers aan te hebben geïnvesteerd in immateriële activa, terwijl dit in % is. Wanneer de bedrijven ouder zijn, neemt de behoefte aan immateriele activa kennelijk toe. Zoals figuur 4 aangeeft, betreffen de investeringen in immateriële activa in de eerste plaats opleidingen (door 21% van de ondernemers genoemd). Verder hebben ondernemers in 18% van de gevallen in reclame en marketing geïnvesteerd en 10% in productontwikkeling. De investeringen in opleidingen stijgen vanaf 1996 gestaag en maken een relatief grote sprong in Het is aannemelijk dat de bedrijven in 2001 meer investeren in opleiding aangezien de jonge bedrijven zich vaker in een groeifase bevinden, meer personeel hebben en wellicht vaker nieuwe activiteiten ontplooien waarvoor opleiding noodzakelijk is. Ondernemers zijn meer gaan investeren in marktbewerking Opvallende ontwikkelingen zijn waar te nemen bij de investeringen in marktbewerking. In zowel 1996 als 2001 investeren relatief veel ondernemers in marktbewerking (16% resp. 18%), terwijl in 1998 maar 7,5% van de ondernemers hierin investeert. Een mogelijke verklaring is dat de ondernemers in de eerste jaren van de start flink hebben moeten investeren in het inwerken in een markt. Na enige jaren van ondernemen wordt deze noodzaak minder en daalt de behoefte om te investeren in marktbewerking. Als de ondernemers in een groeifase komen, wordt marktbewerking echter weer meer van belang en stijgen de investeringen hierin. Een ondernemer over investeren in marktbewerking: In het begin hebben we meer aan marketing gedaan dan nu, we gaan nu voor mondtot-mondreclame en aanbevelingen. Overigens is in de startfase investeren in reclame inderdaad gezien als investering, later is het folderen en flyers ronddelen meer onderdeel van de dagelijkse gang van zaken geworden. Investeringen in immateriële activa zijn complementair aan die in materiële activa Opvallend is dat praktisch alle bedrijven die investeren dat in ieder geval doen in materiële activa. Uit figuur 6 blijkt dat van deze bedrijven 66% alleen in materiële activa investeert en 34% zowel in materiële als in immateriële activa. 20

De Watersector Exportindex (WEX)

De Watersector Exportindex (WEX) De Watersector Exportindex (WEX) prognose 2006 drs. P. Gibcus drs. W.H.J. Verhoeven Zoetermeer, februari 2007 Dit onderzoek is gefinancierd door het programma Partners voor Water. De verantwoordelijkheid

Nadere informatie

De oudere starter in Nederland Quick Service

De oudere starter in Nederland Quick Service De oudere starter in Nederland Quick Service Heleen Stigter Zoetermeer, januari 2003 Dit onderzoek maakt deel uit van het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap, dat wordt gefinancierd door het Ministerie

Nadere informatie

Kunnen MKB-ondernemers de weg nog vinden? Veranderingen in de sociale zekerheid

Kunnen MKB-ondernemers de weg nog vinden? Veranderingen in de sociale zekerheid Kunnen MKB-ondernemers de weg nog vinden? Veranderingen in de sociale zekerheid Peter Brouwer Zoetermeer, april 2003 Dit onderzoek maakt deel uit van het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap, dat

Nadere informatie

Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid 1998-2012

Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid 1998-2012 Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid 1998-2012 drs. K.L. Bangma drs. A. Bruins drs. D. Snel drs. N. Timmermans Zoetermeer, 5 juli 2013 Rapportnummer : A201337 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek

Nadere informatie

De stand van Mediation in Nederland

De stand van Mediation in Nederland De stand van Mediation in Nederland drs. R.J.M. Vogels Zoetermeer, 17 november 2011 In opdracht van het Nederlands Mediation Instituut (NMI). De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus.

Nadere informatie

Personeelsmonitor Provincies. Benchmarkrapport Provincie Noord-Holland

Personeelsmonitor Provincies. Benchmarkrapport Provincie Noord-Holland Personeelsmonitor Provincies Benchmarkrapport Zoetermeer, oktober 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning

Nadere informatie

Conjunctuurpeiling BNA Voorjaar 2015

Conjunctuurpeiling BNA Voorjaar 2015 Conjunctuurpeiling BNA Voorjaar René Vogels Zoetermeer, 10 april De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in artikelen,

Nadere informatie

bedrijven Hoeveel jonge bedrijven hebben geïnvesteerd? Waarin hebben de bedrijven geïnvesteerd?

bedrijven Hoeveel jonge bedrijven hebben geïnvesteerd? Waarin hebben de bedrijven geïnvesteerd? Minirapportage: Het investeringsgedrag van jonge bedrijven inlichtingen: drs. A. Bruins datum: augustus 03 bestelnummer: M0306 Voor bedrijven die de startfase zijn doorgekomen - zogenaamde jonge bedrijven

Nadere informatie

Cliëntenaudit Bureau ABC

Cliëntenaudit Bureau ABC Cliëntenaudit Bureau ABC 2014 Zoetermeer 17 april 2015 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in artikelen, scripties

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT Tevredenheidsonderzoek 2011 Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van Universiteit van Amsterdam, INTT De verantwoordelijkheid voor de inhoud

Nadere informatie

Stemming onder ondernemers in het MKB

Stemming onder ondernemers in het MKB Stemming onder ondernemers in het MKB ISBN : 978-90-371-1130-9 Rapportnummer : A201424 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap (www.ondernemerschap.nl) Panteia

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv Tevredenheidsonderzoek 2011 Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van Studiecentrum Talen Eindhoven bv De verantwoordelijkheid voor de inhoud

Nadere informatie

Brancheonderzoek BNA. Conjunctuurmeting oktober 2012. Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst Bond van Nederlandse Architecten

Brancheonderzoek BNA. Conjunctuurmeting oktober 2012. Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst Bond van Nederlandse Architecten Brancheonderzoek BNA Conjunctuurmeting oktober 2012 Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst Bond van Nederlandse Architecten Jollemanhof 14 Postbus 19606 1000 GP Amsterdam T 020 555 36 66

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2012. Jobcoach organisatie Trace Daelzicht

Tevredenheidsonderzoek 2012. Jobcoach organisatie Trace Daelzicht Tevredenheidsonderzoek 2012 Jobcoach organisatie Trace Daelzicht Zoetermeer, maandag 4 februari 2013 In opdracht van Jobcoach organisatie Trace Daelzicht De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij

Nadere informatie

Uitgevoerd in opdracht van. Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2013 Provincies

Uitgevoerd in opdracht van. Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2013 Provincies Uitgevoerd in opdracht van Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2013 Provincies Zoetermeer, 17 september 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015 Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl Zoetermeer, vrijdag 13 november 2015 In opdracht van Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl De verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Belasting over de winst verdeeld naar sector en grootteklasse

Belasting over de winst verdeeld naar sector en grootteklasse Belasting over de winst verdeeld naar sector en grootteklasse Minirapportage ir. C.C. van de Graaff drs. W.H.J. Verhoeven drs. P. Vroonhof K. Bakker Zoetermeer, 18 september 2002 Dit onderzoek is uitgevoerd

Nadere informatie

Global Entrepreneurship Monitor 2002

Global Entrepreneurship Monitor 2002 Global Entrepreneurship Monitor 2002 Niels Bosma Zoetermeer, 14 november 2002 Dit onderzoek maakt deel uit van het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap, dat wordt gefinancierd door het Ministerie

Nadere informatie

Benchmark klanten Qredits

Benchmark klanten Qredits Benchmark klanten Qredits Lia Smit Zoetermeer, maart 2013 Rapportnummer: A201308 Dit onderzoek is mede gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap (www.ondernemerschap.nl). Voor alle

Nadere informatie

Innovatie in het MKB in Noord-Nederland

Innovatie in het MKB in Noord-Nederland Innovatie in het MKB in C10978 Petra Gibcus en Yvonne Prince Zoetermeer, 16 juli 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of

Nadere informatie

Is uw vereniging toekomstbestendig en voorbereid op de Generatie XYZ? Onderzoek onder branche- en beroepsorganisaties en verenigingen

Is uw vereniging toekomstbestendig en voorbereid op de Generatie XYZ? Onderzoek onder branche- en beroepsorganisaties en verenigingen Is uw vereniging toekomstbestendig en voorbereid op de Generatie XYZ? Onderzoek onder branche- en beroepsorganisaties en verenigingen Zoetermeer, 6 juni 2013 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek ROC De Leijgraaf

Tevredenheidsonderzoek ROC De Leijgraaf Tevredenheidsonderzoek 2015 ROC De Leijgraaf Zoetermeer, zondag 14 februari 2016 In opdracht van ROC De Leijgraaf De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

Effecten BTW-verandering op het. gedrag van consumenten in de. Schilders- en stukadoorsbranche. drs. K.L. Bangma drs. D. Snel

Effecten BTW-verandering op het. gedrag van consumenten in de. Schilders- en stukadoorsbranche. drs. K.L. Bangma drs. D. Snel Effecten BTW-verandering op het gedrag van consumenten in de Schilders- en stukadoorsbranche drs. K.L. Bangma drs. D. Snel Zoetermeer, 23 maart 2012 Dit onderzoek is gefinancierd door CNV Vakmensen, FNV

Nadere informatie

Bijdrage van buitenlandse werknemers aan innovatie in het MKB. drs. A. Bruins T. Span MSc drs. P. Gibcus

Bijdrage van buitenlandse werknemers aan innovatie in het MKB. drs. A. Bruins T. Span MSc drs. P. Gibcus Bijdrage van buitenlandse werknemers aan innovatie in het MKB drs. A. Bruins T. Span MSc drs. P. Gibcus Zoetermeer, december 2013 ISBN : 978-90-371-1096-8 Rapportnummer : A201363 Dit onderzoek is gefinancierd

Nadere informatie

MKB-ondernemers met oog voor de toekomst

MKB-ondernemers met oog voor de toekomst M200803 MKB-ondernemers met oog voor de toekomst Bedrijfsstrategieën in het MKB drs. M. Mooibroek Zoetermeer, juli 2008 MKB-ondernemers met oog voor de toekomst Ongeveer de helft van de MKB-ondernemers

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2015. AM Werk Reïntegratie BV

Tevredenheidsonderzoek 2015. AM Werk Reïntegratie BV Tevredenheidsonderzoek 2015 AM Werk Reïntegratie BV Zoetermeer, zondag 14 februari 2016 In opdracht van AM Werk Reïntegratie BV De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014. STE Languages

Tevredenheidsonderzoek 2014. STE Languages Tevredenheidsonderzoek 2014 STE Languages Zoetermeer, vrijdag 13 februari 2015 In opdracht van STE Languages De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten

Nadere informatie

Financieringsmonitor MKB Starters

Financieringsmonitor MKB Starters Financieringsmonitor MKB Starters Starters en gevestigd MKB vergeleken Pim van der Valk Lia Smit Zoetermeer, 19 januari 2010 Dit onderzoek is gefinancierd door Ministerie van Economische Zaken Programmaonderzoek

Nadere informatie

Financiering bij familiebedrijven

Financiering bij familiebedrijven Financiering bij familiebedrijven Ro Braaksma Zoetermeer, 23 september 2011 Dit onderzoek is gefinancierd door het Centrum van het Familiebedrijf. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij EIM.

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2015. Stap.nu Reïntegratie & Counseling

Tevredenheidsonderzoek 2015. Stap.nu Reïntegratie & Counseling Tevredenheidsonderzoek 2015 Stap.nu Reïntegratie & Counseling Zoetermeer, zaterdag 27 februari 2016 In opdracht van Stap.nu Reïntegratie & Counseling De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia.

Nadere informatie

Een eigen bedrijf is leuk!

Een eigen bedrijf is leuk! M200815 Een eigen bedrijf is leuk! Ervaringen van starters uit de jaren 1998-2000 drs. A. Bruins drs. D. Snel Zoetermeer, december 2008 2 Een eigen bedrijf is leuk! Een eigen bedrijf geeft ondernemers

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2013-2014. Stichting ActiefTalent

Tevredenheidsonderzoek 2013-2014. Stichting ActiefTalent Tevredenheidsonderzoek 2013-2014 Stichting ActiefTalent Zoetermeer, donderdag 21 mei 2015 In opdracht van Stichting ActiefTalent De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2015. Rijn IJssel, Educatie & Integratie

Tevredenheidsonderzoek 2015. Rijn IJssel, Educatie & Integratie Tevredenheidsonderzoek 2015 Rijn IJssel, Educatie & Integratie Zoetermeer, zaterdag 27 februari 2016 In opdracht van Rijn IJssel, Educatie & Integratie De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2011. BHP Groep Loopbaanadvisering

Tevredenheidsonderzoek 2011. BHP Groep Loopbaanadvisering Tevredenheidsonderzoek 2011 BHP Groep Loopbaanadvisering Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van BHP Groep Loopbaanadvisering De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia/Stratus.

Nadere informatie

Financieringsmonitor MKB

Financieringsmonitor MKB M200901 Financieringsmonitor MKB Eerste resultaten, december 2008 dr. J. Meijaard drs. W.D.M. van der Valk Zoetermeer, januari 2009 Dit onderzoek maakt deel uit van het programmaonderzoek MKB en Onderchap,

Nadere informatie

Evaluatie campagne Doe meer met Afval. mening betrokken gemeenten

Evaluatie campagne Doe meer met Afval. mening betrokken gemeenten Evaluatie campagne Doe meer met Afval mening betrokken gemeenten Zoetermeer, 10 maart 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting

Nadere informatie

Ondernemen in de kenniseconomie

Ondernemen in de kenniseconomie Minirapportage: Waarover en waar vragen jonge bedrijven advies? inlichtingen: drs. A. Bruins datum: 12-12-2003 bestelnr.: M200310 Kennis is in de loop de jaren een sleutelfactor voor economische groei

Nadere informatie

Vertrouwen in eigen bedrijf keldert Ondernemersvertrouwen door de jaren heen

Vertrouwen in eigen bedrijf keldert Ondernemersvertrouwen door de jaren heen Vertrouwen in eigen bedrijf keldert Ondernemersvertrouwen door de jaren heen Bram van der Linden Zoetermeer, december 2013 ISBN : 978-90-371-1107-1 Rapportnummer : A201373 Dit onderzoek is gefinancierd

Nadere informatie

Behoefte aan financiering in het MKB

Behoefte aan financiering in het MKB M200909 Behoefte aan financiering in het MKB Ontwikkelingen van december 2008 tot april 2009 Lia Smit Joris Meijaard Zoetermeer, 20 mei 2009 MKB iets minder pessimistisch over financiering Het algemene

Nadere informatie

VBO Woonindex. Vierde kwartaal 2008. drs. J.J.J. Donkers

VBO Woonindex. Vierde kwartaal 2008. drs. J.J.J. Donkers VBO Woonindex Vierde kwartaal 2008 drs. J.J.J. Donkers Zoetermeer, 7 januari 2009 In opdracht van VBO Makelaars. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

MKB investeert in kennis, juist nu!

MKB investeert in kennis, juist nu! M201016 MKB investeert in kennis, juist nu! drs. B. van der Linden drs. P. Gibcus Zoetermeer, september 2010 MKB investeert in kennis, juist nu! MKB-ondernemers blijven investeren in bedrijfsopleidingen,

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014-2015. Staatvandienst B.V.

Tevredenheidsonderzoek 2014-2015. Staatvandienst B.V. Tevredenheidsonderzoek 2014-2015 Staatvandienst B.V. Zoetermeer, donderdag 13 augustus 2015 In opdracht van Staatvandienst B.V. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van

Nadere informatie

Effecten invoering nieuwe ziektekostenstelsel 2006

Effecten invoering nieuwe ziektekostenstelsel 2006 Effecten invoering nieuwe ziektekostenstelsel 2006 Gevolgen voor de werkgeversbijdrage voor het MKB en het grootbedrijf M. Folkeringa P.J.M. Vroonhof Zoetermeer, 30 december 2003 Bestelnummer: M200311

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2013-2014. Coaching en Advisering

Tevredenheidsonderzoek 2013-2014. Coaching en Advisering Tevredenheidsonderzoek 2013-2014 Coaching en Advisering Zoetermeer, zondag 3 augustus 2014 In opdracht van Coaching en Advisering De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik

Nadere informatie

MKB Rating: smaakt naar meer Onderzoek naar bekendheid en gebruik van ratings door MKB-bedrijven

MKB Rating: smaakt naar meer Onderzoek naar bekendheid en gebruik van ratings door MKB-bedrijven MKB Rating: smaakt naar meer Onderzoek naar bekendheid en gebruik van ratings door MKB-bedrijven Lia Smit, Ro Braaksma, Pieter Fris Zoetermeer, december 2013 ISBN : 978-90-371-1108-8 Rapportnummer : A201374

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. P&M arbeidsreintegratie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. P&M arbeidsreintegratie Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015 P&M arbeidsreintegratie Zoetermeer, dinsdag 4 augustus 2015 In opdracht van P&M arbeidsreintegratie De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014-2015. Arbo Coaching B.V.

Tevredenheidsonderzoek 2014-2015. Arbo Coaching B.V. Tevredenheidsonderzoek 2014-2015 Arbo Coaching B.V. Zoetermeer, maandag 20 juli 2015 In opdracht van Arbo Coaching B.V. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014. SWA HR Diensten

Tevredenheidsonderzoek 2014. SWA HR Diensten Tevredenheidsonderzoek 2014 SWA HR Diensten Zoetermeer, vrijdag 13 februari 2015 In opdracht van SWA HR Diensten De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

Uitkomsten knelpuntenstudie

Uitkomsten knelpuntenstudie Uitkomsten knelpuntenstudie Heleen Stigter Maureen Lankhuizen Zoetermeer, september 2003 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij EIM. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2009. Plooi Coaching

Tevredenheidsonderzoek 2009. Plooi Coaching Tevredenheidsonderzoek 2009 Zoetermeer, 19 mei 2010 In opdracht van De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in

Nadere informatie

Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk

Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk M201210 Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk Arjan Ruis Zoetermeer, september 2012 Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk De leeftijd van de ondernemer blijkt

Nadere informatie

Starters zien door de wolken toch de zon

Starters zien door de wolken toch de zon M201206 Starters zien door de wolken toch de zon drs. A. Bruins Zoetermeer, mei 2012 Starters zien door de wolken toch de zon Enkele jaren nadat zij met een bedrijf zijn begonnen, en met enkele jaren financieel-economische

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2012 / 2013. Baanfit verzuim en re-integratie

Tevredenheidsonderzoek 2012 / 2013. Baanfit verzuim en re-integratie Tevredenheidsonderzoek 2012 / 2013 Baanfit verzuim en re-integratie Zoetermeer, zaterdag 20 juli 2013 In opdracht van Baanfit verzuim en re-integratie De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij

Nadere informatie

Second Opinion Achter de Lange Stallen

Second Opinion Achter de Lange Stallen Second Opinion Achter de Lange Stallen Henk J. Gianotten Capelle aan den IJssel, 5 februari 2013 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Henk Gianotten. Het gebruik van cijfers en/of teksten

Nadere informatie

De bijdrage van cohorten aan het niveau en de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit

De bijdrage van cohorten aan het niveau en de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit De bijdrage van cohorten aan het niveau en de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit Minirapportage drs. W.H.J Verhoeven dr. R.G.M. Kemp drs. H.H.M. Peeters Zoetermeer, 26 september 2002 Deze studie

Nadere informatie

M200704. Markt- en klantgerichtheid in het MKB. drs. S.C. Oudmaijer

M200704. Markt- en klantgerichtheid in het MKB. drs. S.C. Oudmaijer M200704 Markt- en klantgerichtheid in het MKB drs. S.C. Oudmaijer Zoetermeer, februari 2007 Markt- en klantgerichtheid in het MKB In de rapportage beschrijft EIM drie indicatoren om de klant- en marktgerichtheid

Nadere informatie

M200501 Ervaringen van startende ondernemers in hun eerste jaar

M200501 Ervaringen van startende ondernemers in hun eerste jaar M200501 Ervaringen van startende ondernemers in hun eerste jaar drs. A. Bruins Zoetermeer, juni 2005 Ervaringen van starters in het eerste jaar Na ruim een jaar bezig zijn met een nieuw bedrijf, zeggen

Nadere informatie

Algemeen beeld van het MKB in 2015

Algemeen beeld van het MKB in 2015 Algemeen beeld van het MKB in 2015 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap (www.ondernemerschap.nl) Drs. K.L. Bangma Drs. D. Snel Zoetermeer, 9 februari 2015 De

Nadere informatie

Monitor MKB Bouw & Infra 27 november 2013

Monitor MKB Bouw & Infra 27 november 2013 Monitor MKB Bouw & Infra 27 november 2013 Onderzoek uitgevoerd door Panteia / EIM in opdracht van Aannemersfederatie Nederland Bouw en Infra Monitor MKB Bouw & Infra 27 november 2013 Onderzoek uitgevoerd

Nadere informatie

Conjunctuurenquête Nederland

Conjunctuurenquête Nederland Nieuw: metingen op provinciaal niveau Conjunctuurenquête Nederland Rapport eerste kwartaal 212 Conjunctuurenquête Nederland I rapport eerste kwartaal 212 Inhoud rapportage COEN in het kort Economisch klimaat

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2009. Renga BV

Tevredenheidsonderzoek 2009. Renga BV Tevredenheidsonderzoek 2009 Zoetermeer, 1 juni 2010 In opdracht van De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in

Nadere informatie

MKB-ondernemer ziet zichzelf vooral als manager

MKB-ondernemer ziet zichzelf vooral als manager M201120 MKB-ondernemer ziet zichzelf vooral als manager drs. B van der Linden Zoetermeer, december 2011 MKB-ondernemer ziet zichzelf vooral als manager Ondernemers zijn te verdelen in managers, marktzoekers,

Nadere informatie

M200802. Vrouwen aan de start. Een vergelijking tussen vrouwelijke en mannelijke starters en hun bedrijven. drs. A. Bruins drs. D.

M200802. Vrouwen aan de start. Een vergelijking tussen vrouwelijke en mannelijke starters en hun bedrijven. drs. A. Bruins drs. D. M200802 Vrouwen aan de start Een vergelijking tussen vrouwelijke en mannelijke starters en hun bedrijven drs. A. Bruins drs. D. Snel Zoetermeer, juni 2008 2 Vrouwen aan de start Vrouwen vinden het starten

Nadere informatie

Werken in startende bedrijven

Werken in startende bedrijven M201211 Werken in startende bedrijven drs. A. Bruins Zoetermeer, september 2012 Werken in startende bedrijven De meeste startende ondernemers hebben geen personeel. Dat is zo bij de start met het bedrijf,

Nadere informatie

Minirapportage: M200211. Doelstellingen van startende ondernemers. Tijdbesteding van de ondernemer. Werknemers

Minirapportage: M200211. Doelstellingen van startende ondernemers. Tijdbesteding van de ondernemer. Werknemers Minirapportage: M200211 Doelstellingen van startende ondernemers Inlichtingen: drs. A. Bruins Datum: 17-09-2002 Het 'eigen baas zijn' is voor velen een belangrijk - en vaak het belangrijkste - motief om

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Loopbaankamer

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Loopbaankamer Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015 Loopbaankamer Zoetermeer, dinsdag 4 augustus 2015 In opdracht van Loopbaankamer De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

Samenwerken bij vernieuwing in de topsectoren

Samenwerken bij vernieuwing in de topsectoren Samenwerken bij vernieuwing in de topsectoren dr. Y.M. Prince Zoetermeer, februari 2014 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap (www.ondernemerschap.nl) ISBN 978-90-371-1112-5

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2015. Werkelijk B.V.

Tevredenheidsonderzoek 2015. Werkelijk B.V. Tevredenheidsonderzoek 2015 Werkelijk B.V. Zoetermeer, zondag 31 januari 2016 In opdracht van Werkelijk B.V. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014. Oog voor werk

Tevredenheidsonderzoek 2014. Oog voor werk Tevredenheidsonderzoek 2014 Oog voor werk Zoetermeer, vrijdag 30 januari 2015 In opdracht van Oog voor werk De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten

Nadere informatie

1.1 Inleiding 5 1.2 Octrooidata: een resultaatvorm van innovatie 5 1.3 Doel van het onderzoek 6 1.4 Werkwijze 6. 2 Octrooischets Noordwest-Holland 9

1.1 Inleiding 5 1.2 Octrooidata: een resultaatvorm van innovatie 5 1.3 Doel van het onderzoek 6 1.4 Werkwijze 6. 2 Octrooischets Noordwest-Holland 9 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap, KvK Noordwest-Holland en tien andere regionale KvK's. Het onderzoek is uitgevoerd door EIM in samenwerking NL Octrooicentrum.

Nadere informatie

M200608. Vooral anders. De kwaliteit van het personeel van de toekomst. Frans Pleijster

M200608. Vooral anders. De kwaliteit van het personeel van de toekomst. Frans Pleijster M200608 Vooral anders De kwaliteit van het personeel van de toekomst Frans Pleijster Zoetermeer, september 2006 De Werknemer van de toekomst Van alle ondernemingen in het midden- en kleinbedrijf verwacht

Nadere informatie

Minirapportage biomaterialen

Minirapportage biomaterialen Minirapportage biomaterialen Arnoud Muizer Zoetermeer, juni 2013 ISBN-nummer : 978-90-371-1067-8 Rapportnummer : A201325 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap

Nadere informatie

M200705. Werkgelegenheid bij startende bedrijven. drs. A. Bruins

M200705. Werkgelegenheid bij startende bedrijven. drs. A. Bruins M200705 Werkgelegenheid bij startende bedrijven drs. A. Bruins Zoetermeer, mei 2007 2 Werkgelegenheid bij startende bedrijven Van startende bedrijven wordt verwacht dat zij bijdragen aan nieuwe werkgelegenheid.

Nadere informatie

De grootste knelpunten van MKB- en technologiebedrijven

De grootste knelpunten van MKB- en technologiebedrijven M200805 De grootste knelpunten van MKB- en technologiebedrijven drs. N.G.L. Timmermans Zoetermeer, juli 2008 Administratieve lasten grootste knelpunt van MKB-bedrijven Veel overheidsbeleid ter stimulering

Nadere informatie

TRENDBEELD INVESTERINGEN IN GELDERLAND

TRENDBEELD INVESTERINGEN IN GELDERLAND TRENDBEELD INVESTERINGEN IN GELDERLAND De investeringen (inter)nationaal vergeleken De kapitaalgoederenvoorraad in een land of regio wordt geleidelijk opgebouwd door de jaarlijkse investeringen. De investeringen

Nadere informatie

M200616. De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB

M200616. De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB M200616 De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB dr. J.M.P. de Kok drs. J.M.J. Telussa Zoetermeer, december 2006 Prestatieverhogend HRM-systeem MKB-bedrijven met een zogeheten 'prestatieverhogend

Nadere informatie

Administratieve (over)last

Administratieve (over)last M200811 Administratieve (over)last Perceptie van MKB-ondernemers over verplichte administratieve handelingen J. Snoei Zoetermeer, november 2008 Administratieve lasten Het overgrote deel van de ondernemers

Nadere informatie

Van baan naar eigen baas

Van baan naar eigen baas M200912 Van baan naar eigen baas drs. A. Bruins Zoetermeer, juli 2009 Van baan naar eigen baas Ruim driekwart van de ondernemers die in de eerste helft van 2008 een bedrijf zijn gestart, werkte voordat

Nadere informatie

Stoppen binnen vijf jaar

Stoppen binnen vijf jaar M200720 Stoppen binnen vijf jaar Joris Meijaard Lex van Eck van der Sluijs Erik Stam Zoetermeer, november 2007 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij EIM bv. Het gebruik van cijfers en/of teksten

Nadere informatie

Veldwerkverslag. Vrouwen in besluitvormende posities. Dataverzameling

Veldwerkverslag. Vrouwen in besluitvormende posities. Dataverzameling Veldwerkverslag Vrouwen in besluitvormende posities Dataverzameling Zoetermeer, 24 juni 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting

Nadere informatie

MKB in regionaal perspectief 2006

MKB in regionaal perspectief 2006 MKB in regionaal perspectief 2006 Zoetermeer, juli 2006 ISBN: 90-371-0971-3 Bestelnummer: A200606 Prijs: 25,- Dit onderzoek maakt deel uit van het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap, dat wordt gefinancierd

Nadere informatie

Nieuwsbrief Zeeuwse arbeidsmarktmonitor Nummer 5: december 2015

Nieuwsbrief Zeeuwse arbeidsmarktmonitor Nummer 5: december 2015 Nieuwsbrief Zeeuwse arbeidsmarktmonitor Nummer : december 2 Zeeuwse ondernemers blijven gunstig gestemd Winstgevendheid bouwondernemers pas volgend jaar op peil Krapte aan personeel in sectoren ICT en

Nadere informatie

Concurrentie in het MKB Hoe concurrentie het MKB scherp houdt

Concurrentie in het MKB Hoe concurrentie het MKB scherp houdt Concurrentie in het MKB Hoe concurrentie het MKB scherp houdt drs. W.V.M. van Rijt-Veltman drs. J. Snoei Zoetermeer, maart 2013 Rapportnummer: A201313 Dit onderzoek is mede gefinancierd door het programmaonderzoek

Nadere informatie

Conjunctuurenquête voorjaar 2013

Conjunctuurenquête voorjaar 2013 Conjunctuurenquête voorjaar 2013 Vereniging FME-CWM, Zoetermeer, februari 2013 Kasper Buiting, beleidsadviseur Onderzoek en Economie www.fme.nl Vereniging FME-CWM, Zoetermeer, februari 2013 Alle rechten

Nadere informatie

Kredietverlening aan Nederlandse bedrijven loopt terug

Kredietverlening aan Nederlandse bedrijven loopt terug Het Nederlandse bedrijfsleven is in sterke mate afhankelijk van bancaire kredietverlening. De groei van de zakelijke kredietverlening is in de tweede helft van 28 vertraagd. Dit hangt grotendeels samen

Nadere informatie

R200912. Inzicht in bedrijven die hun eerste. werknemer aantrekken. Creëren van een dataset. Sjaak Vollebregt Wim Verhoeven

R200912. Inzicht in bedrijven die hun eerste. werknemer aantrekken. Creëren van een dataset. Sjaak Vollebregt Wim Verhoeven R200912 Inzicht in bedrijven die hun eerste werknemer aantrekken Creëren van een dataset Sjaak Vollebregt Wim Verhoeven Zoetermeer, juli 2009 Dit onderzoek maakt deel uit van het programmaonderzoek MKB

Nadere informatie

Corporate Venturing in het MKB

Corporate Venturing in het MKB M200920 Corporate Venturing in het MKB Ruimte voor vernieuwing, durf en kansen C. van Essen MSc Zoetermeer, 10 december 2009 Corporate venturing in het MKB Corporate venturing is onder grote, multinationale

Nadere informatie

Jonge ondernemingen in 2000. Henriëtte Hulshoff Richard Kerste Dick Snel

Jonge ondernemingen in 2000. Henriëtte Hulshoff Richard Kerste Dick Snel Jonge ondernemingen in 2000 Henriëtte Hulshoff Richard Kerste Dick Snel Zoetermeer, februari 2001 ISBN: 90-371-0807-5 Prijs: ƒ 60,- Bestelnummer: A0016 Dit onderzoek maakt deel uit van het Programmaonderzoek

Nadere informatie

Fact sheet. Ondernemerschap in Westpoort. Vestigingen en ondernemingen in Westpoort. Ondernemerschap in Westpoort. november 2011

Fact sheet. Ondernemerschap in Westpoort. Vestigingen en ondernemingen in Westpoort. Ondernemerschap in Westpoort. november 2011 Fact sheet november 211 Ondernemerschap in is het haven-, industrie- en kantorengebied aan de westkant van. Hoewel er in weinig ondernemingen te vinden zijn, zijn er veel personen werkzaam. Daarnaast kennen

Nadere informatie

Inzicht in de beveiligingssector

Inzicht in de beveiligingssector Inzicht in de beveiligingssector Position Paper ir. Carolien van der Graaff drs. Carla Melchior Zoetermeer, oktober 2005 Dit onderzoek is gefinancierd door het Verbond van Beveiligingsorganisaties (VvBO).

Nadere informatie

Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid

Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid M201207 Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid 1987-2010 drs. K.L. Bangma drs. A. Bruins Zoetermeer, mei 2012 Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid In de periode 1987-2010 is het aantal bedrijven per saldo

Nadere informatie

Financieringsmonitor MKB

Financieringsmonitor MKB Financieringsmonitor MKB Het financieringsklimaat van juli 2010. Resultaten van de halfjaarlijkse meting. Ro Braaksma Lia Smit Zoetermeer, 16 augustus 2010 Dit onderzoek is gefinancierd door Ministerie

Nadere informatie

M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB

M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB A.M.J. te Peele Zoetermeer, 24 december 2004 Beperkte groei werkgelegenheid MKB in 1999-2002 De werkgelegenheid in het MKB is in 2002 met 3% toegenomen

Nadere informatie

Stijging van export en exportkansen in industrie, diensten en groothandel

Stijging van export en exportkansen in industrie, diensten en groothandel M200515 Stijging van export en exportkansen in industrie, diensten en groothandel Exportthermometer drs. S.C. Oudmaijer Zoetermeer, januari 2006 Exportprestaties en exportpotentieel van de industrie, de

Nadere informatie

Wat drijft MKB-ondernemers?

Wat drijft MKB-ondernemers? Wat drijft MKB-ondernemers? Ontwikkeling doelstellingen 2004-2013 ISBN : 978-90-371-1109-5 Rapportnummer : A201403 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap (www.ondernemerschap.nl)

Nadere informatie

TA3290 Life-Cycle Modeling and Economic Evaluation 2009-2010

TA3290 Life-Cycle Modeling and Economic Evaluation 2009-2010 TA3290 Life-Cycle Modeling and Economic Evaluation 2009-2010 CiTG, minor Mining and Resource Engineering Economie college 1: Grip op Geldstromen Dr.ir. Gerard P.J. Dijkema Energy & Industry Group December

Nadere informatie

EIM onderdeel van Panteia

EIM onderdeel van Panteia EIM onderdeel van Panteia Monitor nieuw ondernemerschap 2006 Onderzoek voor Bedrijf & Beleid Monitor nieuw ondernemerschap 2006 Zoetermeer, 30 januari 2007 Dit onderzoek is gefinancierd door het Ministerie

Nadere informatie

grote ondernemingen nemingen in eerste kwartaal aal 2009

grote ondernemingen nemingen in eerste kwartaal aal 2009 08 Wisselende 0s signalen bij grote ondernemingen nemingen in eerste kwartaal aal 2009 Frank Bonger en Hen Pustjens Publicatiedatum CBS-website: 17 juli 2009 Den Haag/Heerlen Verklaring van tekens. = gegevens

Nadere informatie

COUNTRY PAYMENT REPORT 2015

COUNTRY PAYMENT REPORT 2015 COUNTRY PAYMENT REPORT 15 Het Country Payment Report is ontwikkeld door Intrum Justitia Intrum Justitia verzamelt informatie bij duizenden bedrijven in Europa en krijgt op die manier inzicht in het betalingsgedrag

Nadere informatie