Niet minder maar op maat Resultaten van de oefenweek Variabele Voertuigbezetting VRU in Zweden

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Niet minder maar op maat Resultaten van de oefenweek Variabele Voertuigbezetting VRU in Zweden"

Transcriptie

1 Niet minder maar op maat Resultaten van de oefenweek Variabele Voertuigbezetting VRU in Zweden 1

2 2

3 Colofon Project uitgevoerd door: Contactpersonen: Titel: Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV) Nederlandse Vereniging voor Brandweerzorg en Rampenbestrijding (NVBR) J. Hazeleger (VRU) K. Groenewegen (NIFV) L. Groenewegen (NVBR) Niet minder maar op maat Resultaten van de oefenweek variabele voertuigbezetting VRU in Zweden Datum: 13 februari 2012 Status: Definitief Versie: 1.0 Projectnummer: 431N1033 Auteurs: Review: Foto s: drs. K. Groenewegen-ter Morsche, NIFV dhr. N.J.A. Post, VRU, projectsecretaris Dr.ir. J.G. Post (hoofd onderzoek NIFV) Ing. J. Hazeleger MCDm (projectleider oefenweek VRU) Dhr. L. Groenewegen (projectleider landelijke project variabele voertuigbezetting NVBR) Dhr. F. van Krieken (projectsecretaris landelijk project variabele voertuigbezetting NVBR) Dhr. H.W. Jansen, VRU 3

4 Figuur 1. Deelnemers en oefen- en onderzoeksstaf variabele voertuigbezettingsweek Zweden 4

5 Voorwoord Voor u ligt het rapport over de in week gehouden oefenweek Variabele Voertuigbezetting (VVB). Dit rapport is tot stand gekomen uit een samenwerking tussen de Veiligheidsregio Utrecht (VRU), de Nederlandse Vereniging voor Brandweer en Rampenbestrijding (NVBR) en het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV). Binnen de VRU is uitvoering gegeven aan het project VVB, onder andere door het organiseren van een oefenweek variabele voertuigbezetting in Zweden. De NVBR heeft van deze gelegenheid gebruik gemaakt om het NIFV opdracht te geven data te verzamelen voor het parapluproject Variabele Voertuigbezetting. De VRU en het NIFV hebben deze rapportage opgesteld, waarbij de aanbevelingen enerzijds het vertrekpunt zijn voor de overige deelprojecten van VVB binnen de VRU, en anderzijds worden meegenomen door de NVBR bij het maken van de eindrapportage. Door gebruik te maken van de uitkomsten van eerdere onderzoeken binnen het brandweerveld en het werken vanuit de gedachte Van, voor en door de brandweer hebben wij het vertrouwen met de uitkomsten van dit project een positieve bijdrage te leveren aan het delen van kennis en ervaringen op het gebied van variabele voertuigbezetting met alle regio s. Wij danken alle deelnemers aan de oefenweek voor hun open houding en de bereidheid om met ons deze ontwikkeling door te maken. Ook danken wij de medewerkers van het oefencentrum MSA in Revinge voor hun flexibiliteit en bereidwilligheid om deze oefenweek variabele voertuigbezetting mogelijk te maken. Terugkijkend was het een geslaagde en leerzame oefenweek, met veelbelovende resultaten. Daarnaast wordt er zeer positief teruggekeken op de onderlinge samenwerking tussen de drie organisaties. Wij wensen u veel leesplezier. Utrecht, 13 februari 2012 Jan Hazeleger Lucien Groenewegen Karin Groenewegen Projectleider Oefenweek Projectleider Landelijk Leider Onderzoeksteam Variabele Voertuigbezetting Project Variabele (NIFV) (VRU) Voertuigbezetting (NVBR) 5

6 6

7 Samenvatting De oefenweek Variabele Voertuigbezetting in Zweden is een gezamenlijk project van Veiligheidsregio Utrecht (VRU), de Nederlandse Vereniging voor Brandweer en Rampenbestrijding (NVBR) en het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV). Nadat bij de VRU het initiatief was ontstaan voor het organiseren van een oefenweek op het gebied van Variabele Voertuigbezetting heeft de NVBR hierbij aangehaakt en het NIFV gevraagd om tijdens deze week onderzoek te verrichten. Uitdrukkelijk moet worden opgemerkt dat het uitgangspunt van het project en de VRU is dat optreden met variabele voertuigbezetting geen vermindering van de slagkracht tot gevolg mag hebben, maar dat uitrukken op maat moet gebeuren. Dit betekent dat waar er tot op heden bijvoorbeeld 6 stralen nodig waren, met dito bemensing, dit ook in de toekomst met variabele voertuigbezetting het geval blijft. De insteek van de VRU is dat variabele voertuigbezetting een andere logistieke benadering van het brandweeroptreden is. Omdat het onderzoek in een reguliere oefenweek diende plaats te vinden heeft er geen puur wetenschappelijk onderzoek plaats kunnen vinden. De onderzoeksresultaten dienen dan ook te worden bezien binnen de opzet en gekozen scenario s van het onderzoek, en kunnen daarom niet veralgemeniseerd worden. Wel zijn leerervaringen opgedaan die ook voor andere regio s relevant kunnen zijn. Tijdens de oefenweek in Zweden zijn alleen zogenaamde relevante prio 1 uitrukken meegenomen, dat wil zeggen incidenten waarbij daadwerkelijk sprake is van brand en/of slachtoffers. Alle uitrukken waarbij geen tijdsdruk is, de prio 2 uitrukken en de dienstverleningen, zijn buiten beschouwing gelaten. Ook de kleine uitrukken, die vermoedelijk eenvoudig met een variabele bezetting uitgevoerd konden worden, zijn niet meegenomen. Enkelvoudige inzetten Tijdens de oefenweek is onderzocht naar hoe enkelvoudige inzetten ( kleine brand ) verliepen met verschillende variabele bezettingen in relatie tot een reguliere TS-6 bezetting. De geteste variabele bezettingen zijn 2+4, 4+2 en 4+4. De effectiviteit van de inzetten was lastig vast te stellen. Wel kan worden opgemerkt dat de meeste scenario s met alle bezettingen binnen de vastgestelde oefentijd konden worden uitgevoerd. Ten aanzien van veiligheid hebben daadwerkelijke gevaarlijke situaties of onverantwoorde beslissingen waardoor ingrijpen nodig was, zich bij alle onderzochte bezettingen niet voorgedaan tijdens de oefenweek. Ook was er sprake van een zeer grote mate van alertheid op veiligheid. Ten aanzien van coördinatie wordt in alle variabele bezetting onderling tijdens het aanrijden vaak al afgestemd en wordt er een taakverdeling gemaakt. Wel zijn zaken als benoeming van voertuigen en roepnummers een aandachtspunt. De deelnemers zijn ten aanzien van variabele bezetting te spreken over de snelheid, en dat er al beeldvorming en afstemming tijdens het aanrijden tussen de eenheden kan plaatsvond. Men is minder te spreken over de slagkracht, met name bij 2+4 en 4+2, het gebrek aan ervaring met het systeem, communicatieproblemen als gevolg van de variabele bezetting en de druk die, met name bij de SIE-2 van bezetting 2+4 gevoeld wordt ten aanzien van het publiek. Op het gebied van de beleefde fysieke belasting wordt geen verschil gevonden tussen de reguliere en de variabele bezettingen. 7

8 De bezetting 4+4 werd als meest positieve variabele bezetting ervaren. Voordelen hierbij waren volgens de deelnemers dat men zich op één taak kon richten, en dat de bevelvoerder slechts één team aan hoefde te sturen. Bij de bezetting TS-6 is men het meest positief. Qua beleving van de deelnemers is men bij de bezetting 2+4 het minst positief over uitgevoerde taken, veiligheid tijdens de verkenning, effectiviteit van de inzet en de totale inzet. Zo wordt slagkracht gemist, is er gebrek aan back-up en maken de deelnemers zich zorgen over de mogelijke druk van het publiek om toch naar binnen te gaan. Ook bij de bezetting 4+2 wordt de eerste slagkracht gemist. Opgeschaalde inzetten Ook is onderzocht hoe opgeschaalde inzetten ( middelbrand en grote brand ) met variabele bezetting (middelbrand 3x TS-4; grote brand 3x TS-4 en 1x TS-6) zich tot reguliere bezettingen verhielden. Qua veiligheid zijn er geen knelpunten waargenomen. Qua span of control valt op dat tijdens de inzetten met 3x TS-4 er relatief veel brandweermensen buiten waren, immers er waren 3 chauffeurs en 3 bevelvoerders. Hierdoor werd soms binnen slagkracht gemist, terwijl er soms buiten mensen waren die niet of nauwelijks een taak hadden. In de opgeschaalde situaties zijn roepnummers, portofoonkanalen etcetera bij variabele bezettingen een aandachtspunt. Er is tijdens de inzetten in een aantal gevallen sprake geweest van het uitruilen van manschappen, zodat de manschappen van de 3e TS-4 gebruikt werden voor aanvulling van de andere eenheden. De derde bevelvoerder en chauffeur hadden in dat geval meestal geen taak, hoewel soms de bevelvoerder werd ingezet als veiligheidsman. Ook is gediscussieerd of men de bevelvoerder en chauffeur(s) zonder taak wel of niet als manschap naar binnen zou mogen en kunnen sturen. De ervaringen ten aanzien van het uitruilen zijn wisselend. Afhankelijk van het scenario en de indeling in inzetvakken werkte het wel of niet. Uit het belevingsonderzoek blijkt dat voor vrijwel alle aspecten de deelnemers inzetten met 2x TS-6 hogere cijfers geven dan in de bezetting 3x TS-4. Als voordelen van de variabele bezetting werden de indeling van de inzetvakken en de snelheid genoemd, als nadelen de onduidelijkheid ten aanzien van portofoonkanalen en de onrust die het uitruilen van de manschappen soms veroorzaakte. Bij beide typen bezettingen werd opgemerkt dat men slagkracht tekort kwam. In beleefde fysieke belasting wordt geen verschil gevonden. De oefenleiding en de deelnemers concluderen na afloop van de oefeningen dat het de voorkeur heeft om bij een variabele bezetting na 2x TS-4 op te schalen met TS-6-en. Een inzet van 3x TS-4 is het beleefde maximum voor de variabele bezetting, waarna volgens hen altijd dient te worden opgeschaald met TS-6-en. OMS-uitrukken Een derde onderzoeksvraag ging in op wat de consequenties zijn van verschillende bezettingen en bepakkingen bij een tweepersoonsvoertuig speciaal voor uitrukken naar een automatische brandalarm. Hierbij is getest met of zonder bevelvoerder en met of zonder ademlucht en blusmiddel. In de geteste scenario s werden twee personen (bevelvoerder/manschap of manschap/manschap, met of zonder blusmiddelen en ademlucht) naar een OMS-melding gestuurd, waarbij na aankomst duidelijk werd dat er sprake was van daadwerkelijk brand met één of meerdere slachtoffers. Bij alle ingezette deelnemers is een grote mate van alertheid ten aanzien van veiligheid waargenomen. Verder valt op dat in geen enkele van de 16 inzetten een daadwerkelijke 8

9 bluspoging is uitgevoerd door de bemanning van het OMS-voertuig voor aankomst van de tankautospuit. Bij de inzet van een bevelvoerder op het OMS-voertuig wordt het nader bericht veel sneller gegeven. Daarnaast is er een duidelijke rolverdeling en handelt de bevelvoerder vanuit zijn opleiding en ervaring. Ook is er in een aantal gevallen sprake geweest van een compleet inzetplan van de bevelvoerder van de OMS, dat uitgevoerd werd zodra de tankautospuit ter plaatse kwam. Daarnaast geeft een aantal bevelvoerders van de nakomende tankautospuit aan het prettig te vinden dat er een bevelvoerder aanwezig is, vanwege zijn/haar manier van denken, communicatie en de mogelijkheid een inzetplan te maken. Wel is bij een bevelvoerder op het OMS-voertuig afstemming nodig met de bevelvoerder van de tankautospuit over wie de leiding heeft. Voor de bemanning geeft tweederde de voorkeur aan een bevelvoerder op het OMS-voertuig, eenderde heeft een voorkeur voor twee manschappen. Ten aanzien van het uitrukken met of zonder middelen valt op dat de vuurhaard met middelen vaker gevonden wordt, maar dat zonder middelen in deze scenario s de slachtoffers eerder buiten waren. Een verklaring hiervoor is dat de bemanning met middelen veelal eerst ging omhangen, en bemanning zonder middelen veelal eerst achter de deur keek. In een aantal gevallen besloot de bemanning zonder middelen niet naar binnen te gaan. Na aankomst van de tankautospuit kon de OMS-bemanning zonder middelen geen inzet doen wegens gebrek aan bijvoorbeeld een helm en een bluspak. De bemanning van de inzetten met middelen is meer tevreden over de inzet dan de bemanning bij inzetten zonder middelen. Zeker zonder middelen voelt men zich veelal gefrustreerd en onthand, en maakt men zich zorgen over druk of agressie van het publiek om te handelen. Een zeer ruime meerderheid van 84% geeft de voorkeur aan het uitrusten van het OMS-voertuig met middelen, als deze zou worden ingevoerd. Tenslotte moet aangegeven worden dat onder de deelnemers het draagvlak voor een OMS-voertuig laag is, waarbij men opmerkt dat in preventieve zin het voorkomen van loze meldingen een betere oplossing is. Visie op variabele voertuigbezetting van de deelnemers Tenslotte is onderzocht in hoeverre de visie van de deelnemers op variabele voertuigbezetting veranderd is door de oefenweek. Samengevat zijn de deelnemers in het geheel genomen na de oefenweek positiever over variabele voertuigbezetting. Zo denken zij na de oefenweek vaker dat de kwaliteit van de brandweer met variabele voertuigbezetting verbeterd kan worden, en minder vaak dat het een bezuinigingsmaatregel is. Verder vindt 82% na de oefenweek dat variabele voertuigbezetting prima kan, mits de slagkracht niet verandert. De deelnemers zien de meeste meerwaarde voor variabele voertuigbezetting voor opkomsttijd en effectiviteit. Ook ten aanzien van inzettijd, kwaliteit en veiligheid is men positiever dan aan het begin van de week. Dit laat onverlet dat na de oefenweek nog steeds een substantieel deel van de deelnemers variabele voertuigbezetting qua kwaliteit (30%) en veiligheid (41%) slechter vindt dan TS-6, hoewel de groep die vindt dat beide bezettingen even goed zijn groter is. Men is positiever geworden over variabele voertuigbezetting in het algemeen, en TS-4 in het bijzonder. Het cijfer voor het SIE/SIV/OMS-voertuig was vooraf al laag, en is na de oefenweek nog verder afgenomen. Over het algemeen is de oefenweek als nuttig ervaren voor het omgaan met variabele voertuigbezetting en innovatieve blusmiddelen, en voor het trainen van algemene basisvaardigheden. Overige leerervaringen Tenslotte zijn overige leerervaringen geformuleerd door de deelnemers: 9

10 De oefenweek werd als nuttig ervaren voor het leren omgaan met variabele voertuigbezetting. Communicatie, zowel in de preparatie als in de repressieve fase, is bij variabele voertuigbezetting extra van belang. Variabele voertuigbezetting kan worden gebruikt om knelpunten op te lossen, bijvoorbeeld ten aanzien van vrijwilligersposten. Wel dient er een reden te zijn om variabele voertuigbezetting in te voeren: het is een middel, geen doel op zich. Er moet duidelijk vastgelegd worden wat wel en niet gedaan kan en mag worden met een variabele bezetting. Er zijn nieuwe werkafspraken nodig bij invoering van variabele voertuigbezetting, bijvoorbeeld ten aanzien van opschaling, roepnummers en namen van voertuigen. De resultaten van de oefenweek moeten bezien blijven binnen de context: het gaat alleen over de oefenweek, waar sprake is van de veiligheid van een oefencentrum, slechts een beperkt aantal scenario s en waar geen sprake is van echte noodsituaties. Samengevat komen de deelnemers, de onderzoekers van het NIFV en oefenleiding van de VRU op basis van de gemeten resultaten, de ingevulde vragenlijsten, de evaluatiegesprekken en de terugkomavond tot de volgende conclusie: Variabele voertuigbezetting kan, mits dit goed wordt ingevuld. Daarbij moet niet getornd worden aan slagkracht. Het gaat dus om uitrukken op maat. Bij de variabele bezettingen in enkelvoudige inzetten is bij de inzet van 4+4 het meeste gevoel, en bij 2+4 het minste. In opgeschaalde situaties is het beleefde maximum 3 x TS-4, en nog liever 2x TS-4, waarna verder opgeschaald moet worden met tankautospuiten met TS- 6-en. Voor het OMS-voertuig is niet veel draagvlak, maar áls het wordt ingevoerd, dan geniet het vanuit repressief oogpunt de voorkeur om het OMS-voertuig uit te voeren met een met bevelvoerder en met middelen. Ten aanzien van invoering van variabele voertuigbezetting zijn nieuwe werkafspraken noodzakelijk. Op basis van deze conclusies zal de VRU verder werken in drie deelprojecten om opleidings- en oefenaspecten in kaart te brengen, om een visie op uitrusting, materieel en logistiek te ontwikkelen en de noodzakelijke uitrukprotocollen en meldkamerprocessen op te stellen. In het rapport wordt aanbevolen om nader onderzoek te doen naar de invloed van opkomst- en aanrijdtijd en aanvullend praktijkonderzoek naar variabele voertuigbezetting uit te voeren. De NVBR zal de gegevens uit dit project gebruiken voor het delen van kennis en ervaringen met alle regio s en zal de aanbevelingen meenemen in de eindrapportage Variabele Voertuigbezetting. 10

11 11

12 12

13 Inhoud 1 Inleiding Achtergrond Aanleiding Onderzoeksvragen Uitgangspunten voor het onderzoek Afbakening Leeswijzer 17 2 Variabele voertuigbezetting in de Veiligheidsregio Utrecht Doelstellingen en werkwijze Positionering 20 3 Opzet van de oefenweek in Zweden Doelstelling en voorbereiding Programma van de week Deelnemers aan de oefenweek Oefen- en onderzoeksstaf Inzet van innovatie technieken en voertuigen Veiligheid tijdens de oefenweek Afbakening en voorbehouden Significantietoetsen Onderzoek naar objectieve en subjectieve variabelen Opbouw onderzoek Enkelvoudige inzetten Opgeschaalde inzetten Bezetting en bepakking van het OMS-voertuig Visie op variabele voertuigbezetting 37 4 Analyse van de resultaten Enkelvoudige inzetten Opgeschaalde inzetten OMS-voertuig met verschillende bezettingen Visie van de deelnemers op variabele voertuigbezetting Overige leerervaringen 71 5 Conclusies Aanbevelingen Aanbevelingen voor deelprojecten VRU Suggesties voor vervolgonderzoek 81 Literatuurlijst 83 Bijlage: Opmerkingen uit de eindevaluatie vrijdagavond in de oefenweek 85 13

14 14

15 1 Inleiding In Nederland lopen momenteel diverse initiatieven om de standaardbezetting binnen de brandweer flexibeler vorm te geven. Zo worden er pilots uitgevoerd in diverse regio s en worden praktijkinzetten met en zonder variabele voertuigbezetting beoordeeld. Ook in de VRU is men bezig met het onderwerp variabele voertuigbezetting. 1.1 Achtergrond Het project Variabele Voertuigbezetting maakt binnen de VRU onderdeel uit van het project Veiligheidszorg op Maat. Dit project kent een doorlooptijd van ongeveer anderhalf jaar, waarbij gewerkt wordt met zogenaamde plateaus. Elk plateau leidt tot een besluitvormingsmoment. In plateau 2 van het projectplan worden de repressieve resultaten en de knelpunten in het dekkingsplan geanalyseerd, gewogen en opgelost, met als gereedschap de te ontwikkelen toolbox, waarin onder andere community safety en uitrukken op maat worden opgenomen. Variabele voertuigbezetting is een bouwsteen voor uitrukken op maat. Binnen de VRU is door een aantal districten ervaring opgedaan op het gebied van variabele voertuigbezetting. Bij de vrijwillige posten in District Utrecht en de Post Soesterberg van het District Eemland wordt gewerkt met een TS4. In Amersfoort is door middel van een pilot ervaring opgedaan met TS4. De opgedane ervaring is gedeeld met de NVBR. 1.2 Aanleiding In aanloop naar het project Variabele Voertuigbezetting is binnen de VRU het idee ontstaan te gaan trainen met variabele voertuigbezetting in Zweden. Op landelijk niveau is de NVBR trekker van het project Variabele Voertuigbezetting, waarin kennis uit afzonderlijke regionale initiatieven gebundeld en gedeeld wordt met alle regio s. Zo worden er in het eindrapport variabele voertuigbezetting door Brandweer Apeldoorn (van Putten en Hagelstein, 2011), op basis van ervaringen met variabele voertuigbezetting tijdens daadwerkelijke incidenten de volgende aanbevelingen gedaan: - Vergaar aanvullende kennis over brandbestrijdingstactieken en technieken in relatie tot afwijkende bezettingen - Doe meer onderzoek naar bezettingsvariaties - Breng ook voor maatgevende incidenten in kaart wat de mogelijkheden zijn van variabele bezettingen ten opzichte van de reguliere bezetting De NVBR heeft aangegeven tijdens de oefenweek data te willen verzamelen en heeft het NIFV gevraagd dit uit te voeren. In het voortraject is gebleken dat samenwerking tussen de partijen ten aanzien van de opzet en uitvoering van de oefenweek voor alle partijen meerwaarde kon hebben. Medewerkers van de NVBR en het NIFV zijn opgenomen in het projectteam van de VRU dat de oefenweek heeft voorbereid. 15

16 1.3 Onderzoeksvragen In het project is de volgende hoofdvraag gesteld: Welke mogelijkheden en onmogelijkheden, kansen en knelpunten ten aanzien van variabele voertuigbezetting worden er tijdens de oefenweek in Zweden ervaren? De hoofdvraag is opgesplitst in de volgende onderzoeksvragen: 1. Hoe verlopen de enkelvoudige inzetten 1 met variabele voertuigbezettingen qua effectiviteit, veiligheid en beleving in verhouding tot de standaardbezetting? 2. Hoe verhouden de opgeschaalde inzetten met een reguliere bezetting zich tot opgeschaalde inzetten met een variabele bezetting qua veiligheid, span of control en beleving? 3. Als een OMS-voertuig 2 bij daadwerkelijke branden als gevolg van een automatische melding wordt ingezet, wat zijn dan de consequenties van het uitvoeren van het OMS-voertuig met of zonder bevelvoerder en met of zonder middelen qua mogelijkheden en onmogelijkheden, kansen, knelpunten en beleving? 4. Wat is de invloed van een oefenweek op de visie op variabele voertuigbezetting van de deelnemers? 5. Welke overige leerervaringen vloeien voort uit de oefenweek variabele voertuigbezetting in Zweden? De begrippen in de onderzoeksvragen en de uitwerking ervan zijn in hoofdstuk 4 nader uitgewerkt. 1.4 Uitgangspunten voor het onderzoek Om het onderzoek zo wetenschappelijk als mogelijk binnen het bestaande oefenprogramma uit te kunnen voeren, zijn drie uitgangspunten gehanteerd: 1. Er is tijdens de testen gewerkt met identieke scenario s per object, zodat iedere variatie in bezetting op hetzelfde scenario en pand getest werd. 2. Er zijn nulmetingen uitgevoerd met reguliere bezettingen om deze te kunnen vergelijken met de onderzochte variabele bezettingen. 3. De variabele bezettingen zijn meerdere keren getest om zo de invloed van een toevalsfactor te verkleinen en de data bruikbaar te maken voor een vergelijking. 1 Enkelvoudige inzetten zijn inzetten waarbij niet is opgeschaald, de zogenaamde kleine brandscenario s. In de enkelvoudige inzetten kwamen bezettingen van tenminste 6 personen in variabele samenstellingen ter plaatse. De geteste combinaties zijn met een bezetting van 2+4, 4+2, 4+4 en 6 personen. 2 Een OMS-voertuig is een klein voertuig dat met een beperkte bezetting uitrukt naar een automatisch brandalarm, met als voornaamste doel beeldvorming en verkenning. In de regio Utrecht wordt nagedacht over de mogelijke invoering van een OMS-voertuig. 16

17 1.5 Afbakening Het project had tot doel, om tijdens een oefenweek in Revinge in Zweden, ervaringen op te doen met variabele voertuigbezetting en hierbij mogelijkheden, onmogelijkheden, kansen en knelpunten te ervaren. Het is uitdrukkelijk niet het doel van dit project om antwoord te geven op de vragen of variabele voertuigbezetting ingevoerd zou moeten worden en welke vorm van variabele bezetting daadwerkelijk beter of slechter is. Uitdrukkelijk moet worden opgemerkt dat het uitgangspunt van het project en de VRU is dat optreden met variabele voertuigbezetting geen vermindering van de slagkracht tot gevolg mag hebben, maar dat uitrukken op maat moet gebeuren. Dit betekent dat waar er tot op heden bijvoorbeeld 6 stralen nodig waren, met dito bemensing, dit ook in de toekomst met variabele voertuigbezetting het geval blijft. De insteek van de VRU is dat variabele voertuigbezetting een andere logistieke benadering van het brandweeroptreden is. In de oefenweek zijn alleen relevante prio1-uitrukken in de scenario s opgenomen, met daadwerkelijk brand en veelal slachtoffers. De gekozen scenario s zijn geen representatieve afspiegeling van alle brandweerinzetten in de dagelijkse praktijk. Dit wordt in hoofdstuk 2 nader toegelicht. De weergegeven resultaten hebben uitsluitend betrekking op de beoefende scenario s tijdens de oefenweek in deze setting en met deze deelnemergroep. Tenslotte moet worden opgemerkt dat het voorliggende gezamenlijke project een combinatie was van oefenen en het uitvoeren van onderzoek. Daar waar deze doelstellingen met elkaar conflicteerden, is gekozen voor een compromis wat in sommige situaties beperkingen had voor het uitvoeren van de oefening of het onderzoek. 1.6 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de inbedding van variabele voertuigbezetting bij de VRU. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de opzet van de week, het oefenprogramma en het onderzoek. Vervolgens worden in hoofdstuk 4 de onderzoeksresultaten beschreven. Verder wordt in hoofdstuk 5 en 6 antwoord gegeven op de onderzoeksvragen en worden aanbevelingen geformuleerd door de VRU en het NIFV. Deze aanbevelingen zal de NVBR meenemen bij het maken van de eindrapportage van het landelijk parapluproject variabele voertuigbezetting. De NVBR zal in deze eindrapportage eigen aanbevelingen formuleren, gebaseerd op alle relevante input uit het land. 17

18 18

19 2 Variabele voertuigbezetting in de Veiligheidsregio Utrecht 2.1 Doelstellingen en werkwijze Binnen het project Variabele voertuigbezetting van de VRU zijn de volgende doelstellingen geformuleerd: Een praktijkgericht onderzoek doen naar de mogelijkheden van variabele voertuigbezetting. Dit koppelen aan; o Technische innovatie van materieel en materiaal. o Oefen- en opleidingssystematiek variabele voertuigbezetting. o Repressieve processen en protocollen. Met als eindproduct een menukaart waarin de gebruiksmogelijkheden van variabele voertuigbezetting beschreven is. Het project is opgedeeld in deelprojecten. In figuur 2 is de organisatie van het project weergegeven. DT MT-VZ OR Project Variabele Voertuigbezetting Project OMS Utrecht Projectleider Hans van Geest Project secretaris Niek Post Projectleider Charles van Nimwegen Deelprojectleider Jan Hazeleger Deelprojectleider Pieter van Leersum Deelprojectleider Lex Tillart Deelprojectleider Han den Hartog Secretaris Albert Patist Secretaris Niek Post Secretaris Niek Post Secretaris Niek Post Secretaris Niek Post Zwedenweek Opleiden, Trainen, Oefenen Uitrusting, Materieel en Logistiek Team Ondersteuning Repressie Figuur 2. Projectorganogram VRU variabele voertuigbezetting In navolging van de oefenweek worden opgedane ervaringen verwerkt in de verschillende deelprojecten. Als eindproduct van het project VVB wordt een menukaart variabele voertuigbezetting opgeleverd, met informatie over opleiden en oefenen, materieel en materiaal en de benodigde repressieve protocollen. De afronding van het project is gepland in het einde van maart

20 2.2 Positionering Het Besluit en de Wet op de veiligheidsregio s geeft een standaardbezetting van 6 mensen op de tankautospuit, met de mogelijkheid gemotiveerd af te wijken. Het afwijkingsartikel kent 3 aspecten; 1. Veiligheid van de burger 2. Veiligheid en gezondheid van het brandweerpersoneel 3. Doelmatigheid en efficiëntie Op basis van de aanwezige risico s moet binnen de VRU de benodigde slagkracht bepaald worden waarbij het doel is: Niet minder slagkracht, maar uitrukken op maat. Figuur 3 geeft aan in welke frequentie volgens een onderzoek in Zuid-Limburg (SAVE, 2009) incidenten voorkomen. Uiteraard is de verdeling van de incidenttypes afhankelijk van de regionale risicokenmerken. Of een dergelijke verdeling ook voor de VRU geldt is niet vastgesteld. Overzicht van incident types OMS A2 OMS A1 OMS Nacontrole PAC-melding Binnenbrand nacontrole Autobrand Buitenbrand Containerbrand Dienstverlening Tilassistentie Gevaarlijke Stoffen Beknel.Pers.Auto Binnenbrand BinnenbrandMiddel Grote Brand BuitenbrandMiddel Ongeval hulp algemeen aanrijding letsel Duikongeval Rest Figuur 3. Frequentie incidenttypes (bron: SAVE, 2009) Van belang is dat in het onderzoek in Zuid-Limburg de relevante prio 1 uitrukken, de incidenten waarbij daadwerkelijk sprake is van brand en/of slachtoffers, ongeveer 15%(aangegeven met een ) betreffen van het totaal. Tijdens de oefenweek in Zweden zijn alleen incidenten uit deze categorie beoefend. Alle uitrukken waarbij geen tijdsdruk is, de prio 2 uitrukken en de dienstverleningen zijn buiten beschouwing gelaten. Ook de kleine uitrukken, die vermoedelijk eenvoudig met een variabele bezetting uitgevoerd konden worden, zoals een kleine buitenbrand, een containerbrand en een loze OMS-melding, zijn niet meegenomen. De reden hiervoor is dat enerzijds de scenariomogelijkheden van de oefenweek optimaal benut moesten worden en anderzijds dat gezocht is naar aandachtspunten, mogelijkheden en 20

21 onmogelijkheden bij incidenten waarbij de grenzen ten aanzien van slagkracht en gelijktijdigheid werden opgezocht. Opgemerkt moet worden dat er gekozen is voor kleine brandscenario s die dicht tegen het middelbrandniveau aanzaten. Hetzelfde geldt voor de opgeschaalde inzetten. Het regionale project onderzoekt de mogelijkheden en de consequenties van het optreden met een variabele bezetting van en voor de bezetting op een brandweervoertuig, zonder daarbij in te leveren op de benodigde slagkracht. Er zijn diverse voertuigcombinaties ingezet op de verschillende scenario s. Denk hierbij aan gebouwbranden en vloeistofbranden. Ook is een hulpverleningsoefening georganiseerd. In hoofdstuk 3 wordt nader ingegaan op de opzet van de oefenweek. Figuur 4. Enkele inzetten tijdens de oefenweek 21

22 22

23 3 Opzet van de oefenweek in Zweden In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de voorbereiding, opzet en uitvoering van de oefenweek en de opzet en uitvoering van het onderzoek. 3.1 Doelstelling en voorbereiding Er is een deelprojectplan opgesteld voor de uitvoering van de oefenweek. De volgende doelstellingen van het project zijn hierin opgenomen: Het vormgeven van de oefenweek Variabele Voertuigbezetting op het oefencentrum in Zweden; Analyseren van en rapporteren over de oefenresultaten; Evaluatie en rapportage van de oefenweek. De projectgroep, bestaande uit medewerkers van de VRU, het NIFV en de NVBR is in voorbereiding op de week diverse malen bijeen geweest. In de voorbereidende bijeenkomsten is gezamenlijk de opzet van de week bepaald en is vorm gegeven aan de scenario s en de wijze van registreren. De oefenweek VVB is gebaseerd op het programma van een standaard VRU oefenweek in Zweden, waarbij de deelnemers realistisch getraind worden en daarover een beoordeling ontvangen. Vooraf zijn oefenkaarten geselecteerd die tijdens de oefenweek beoefend werden. Naast het uitvoeren van het onderzoek zijn de deelnemers daarom ook daadwerkelijk beoordeeld op hun repressieve vaardigheden. Ter voorbereiding op de oefenweek zijn de deelnemers geselecteerd. Daarnaast is er een voorbereidingsdag gehouden op oefencentrum Crailo, waarbij de deelnemers kennis konden maken met variabele voertuigbezetting, innovatieve blusmiddelen en de oefenen onderzoeksstaf. Tevens is op deze dag de opzet en uitvoering van de oefenweek besproken en zijn logistieke afspraken gemaakt. 3.2 Programma van de week De oefenweek startte op zondagavond met een briefing en het invullen van een vragenlijst over de visie van de deelnemer op variabele voertuigbezetting. Het programma op maandag bestond voornamelijk uit het oefenen met innovatieve blussystemen, demonstraties en het oefenen van basisbrandbestrijdingstechnieken. Tijdens de eerste dag is nog niet met variabele bezettingen gewerkt en zijn geen metingen verricht. Op dinsdag is gestart met enkelvoudige inzetten, waarbij iedere groep 8 enkelvoudige inzetten met verschillende variabele bezettingen heeft uitgevoerd. Hierbij zijn metingen verricht. Dinsdagavond was er een ingelaste HV-oefening om te oefenen met innovatieve hulpverleningsgereedschappen. Hiervan zijn geen resultaten vastgelegd. Op woensdagochtend zijn nogmaals 4 enkelvoudige inzetten per ploeg uitgevoerd, en in de middag volgden er voor iedere ploeg twee middelbrandoefeningen, waarvan wederom de resultaten werden geregistreerd. Donderdagochtend werden ook twee middelbrandoefeningen per ploeg uitgevoerd. In de middag zijn drie groepen ingezet voor een scenario grote brand, de vierde groep is ingezet voor de OMS-testen. Op vrijdagochtend volgde eenzelfde programma als op donderdagmiddag, maar dan met andere ploegen. 23

Inzet met accent op brandbestrijding. Oefening

Inzet met accent op brandbestrijding. Oefening 700 Inzet met accent op brandbestrijding Oefening Doel Basisbrandweerzorg, eventueel met specialisme(n) Brandbestrijding Minimaal twee TS-en, OVD, eventueel ondersteunende voertuigen Frequentie: minimaal

Nadere informatie

Plan van Aanpak. Onderzoek Zeer grote brand aan de Herenweg 6 te Houten op 25 juli 2015

Plan van Aanpak. Onderzoek Zeer grote brand aan de Herenweg 6 te Houten op 25 juli 2015 Plan van Aanpak Onderzoek Zeer grote brand aan de Herenweg 6 te Houten op 25 juli 2015 Inspectie Veiligheid en Justitie 7 september 2015 1. Inleiding Aanleiding Op zaterdag 25 juli 2015, omstreeks 15:40

Nadere informatie

MOED brandweer VNOG T.b.v. de 22 gemeenteraden

MOED brandweer VNOG T.b.v. de 22 gemeenteraden MOED brandweer VNOG T.b.v. de 22 gemeenteraden ü Aanleiding MOED ü Algemene informatie brandweer in de veiligheidsregio ü Inhoud MOED ü Samenvatting uitspraken algemeen bestuur 1. Aanleiding MOED De wereld

Nadere informatie

uitrukprocedure 6 + 6 versie 1.0 Nieuwe uitruk procedure per 9 januari 2012

uitrukprocedure 6 + 6 versie 1.0 Nieuwe uitruk procedure per 9 januari 2012 Nieuwe uitruk procedure per 9 januari 2012 Per 9 januari starten we een pilot om uit te rukken met 6 personen verdeeld over 2 (meerdere) voertuigen. De onderstaande inzet voorstellen zijn nader uitgewerkt

Nadere informatie

Kosten en opbrengst OMS. Resultaten onderzoek naar de kosten en opbrengst van het OMS in de regio Twente

Kosten en opbrengst OMS. Resultaten onderzoek naar de kosten en opbrengst van het OMS in de regio Twente Kosten en opbrengst OMS Resultaten onderzoek naar de kosten en opbrengst van het OMS in de regio Twente Inhoud Aanleiding onderzoek Cijfers OMS Twente Instrument kosten-baten analyse Maatschappelijke kosten

Nadere informatie

Analyse GMS-gegevens. 1. Inleiding. 2. Methode

Analyse GMS-gegevens. 1. Inleiding. 2. Methode Analyse GMS-gegevens 1. Inleiding Het doel van deze studie is te onderzoeken of op basis van meldkamergegevens meer inzicht kan worden gekregen over hoe vaak door de brandweer wordt uitgerukt, de redenen

Nadere informatie

AGENDAPUNT 2015.02.16/08

AGENDAPUNT 2015.02.16/08 AGENDAPUNT 2015.02.16/08 Voorstel voor de vergadering van: het algemeen bestuur Datum vergadering: 16 februari 2015 Onderwerp: Portefeuillehouder: Indiener: AED Mevrouw mr. R.G. Westerlaken-Loos en de

Nadere informatie

3.1 Fase 1: Takenpakket en competentieniveau vaststellen. Afbeelding 3.1 Takenpakket en competentieniveau vaststellen

3.1 Fase 1: Takenpakket en competentieniveau vaststellen. Afbeelding 3.1 Takenpakket en competentieniveau vaststellen 3. Oefensystematiek De systematiek van deze Leidraad Oefenen is gebaseerd op een periodieke oefencyclus (zie hoofdstuk 2), die uit zeven fasen bestaat. De uitkomsten van de laatste fase vormen de input

Nadere informatie

- Ingekomen stuk D6 (PA 28 november 2012) Ons kenmerk 12.0019570. Datum uw brief

- Ingekomen stuk D6 (PA 28 november 2012) Ons kenmerk 12.0019570. Datum uw brief - Ingekomen stuk D6 (PA 28 november 2012) Aan de Gemeenteraad van Nijmegen Prof. Bellefroidstraat 11 6525 AG Nijmegen Telefoon 024 329 75 99 Telefax 024 329 75 05 E-mail info@brandweer.nijmegen.nl Postadres

Nadere informatie

Geachte leden van de vaste Kamercommissie Veiligheid & Justitie,

Geachte leden van de vaste Kamercommissie Veiligheid & Justitie, Tweede Kamer der Staten-Generaal Ter attentie van de Vaste Kamercommissie Veiligheid en Justitie Postbus 20018 2500 EA Den Haag Datum : 3 december 2014 Onderwerp : Landelijk kader uitruk op maat Geachte

Nadere informatie

Elementaire oefening. Oefenkaart 102D: Levensreddend handelen 2 202D 302E. Opdracht A t/m D

Elementaire oefening. Oefenkaart 102D: Levensreddend handelen 2 202D 302E. Opdracht A t/m D Elementaire oefening Oefenkaart 102D: Levensreddend handelen 2 202D 302E Opdracht A t/m D Draaiboek : 102D-DB02 Datum : 20-8-2007 Locatie : Kantoor Emmalaan Inhoud Opmerking [LMB1]: Deze inhoudsopgave

Nadere informatie

Afbakening Het onderzoek richt zich op de fatale woningbranden in 2011. De niet-fatale woningbranden zijn in het onderzoek niet meegenomen.

Afbakening Het onderzoek richt zich op de fatale woningbranden in 2011. De niet-fatale woningbranden zijn in het onderzoek niet meegenomen. Fatale woningbranden 2011 Managementsamenvatting Het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV) heeft onderzoek verricht naar de oorzaken, omstandigheden en het verloop van woningbranden met dodelijke

Nadere informatie

Brandweer Sliedrecht Draaiboek brand- en ontruimingsoefening ASZ Sliedrecht 26-10-2010

Brandweer Sliedrecht Draaiboek brand- en ontruimingsoefening ASZ Sliedrecht 26-10-2010 Draaiboek brand- en ontruimingsoefening ASZ Sliedrecht 26-10-2010 Referentie oefenkaart / lesbrieven Oefenkaart(en) Manschappen Oefenkaarten: L103 : Gevaren bij repressief optreden 105-A : Verkenning 105-B

Nadere informatie

Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid

Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid Functie verkenner (gevaarlijke stoffen) werkzaam bij de brandweer De Brandweeracademie is onderdeel van het Instituut Fysieke Veiligheid 2 Branchestandaard blijvende

Nadere informatie

Oefenkaart 103D - Handladders en schoorsteengereedschap. 113C - Op hoogte werken

Oefenkaart 103D - Handladders en schoorsteengereedschap. 113C - Op hoogte werken Elementaire oefening Oefenkaart 103D - Handladders en schoorsteengereedschap (opdracht A) 113C - Op hoogte werken Draaiboek : 103D-DB02 Datum : Locatie : Inhoud Inhoud... 2 Vooraf... 3 1. Doelgroep en

Nadere informatie

Brandbestrijding voertuigen, vaartuigen en vliegtuigen. Oefening

Brandbestrijding voertuigen, vaartuigen en vliegtuigen. Oefening Brandbestrijding voertuigen, vaartuigen en vliegtuigen Oefening Doel Basisbrandweerzorg Brandbestrijding Ploeg; manschappen, manschap b(optioneel) en bevelvoerder Frequentie: minimaal 2 keer een oefenkaart

Nadere informatie

Brandbestrijding voertuigen, vaartuigen en vliegtuigen. Oefening

Brandbestrijding voertuigen, vaartuigen en vliegtuigen. Oefening Brandbestrijding voertuigen, vaartuigen en vliegtuigen Oefening Doel Basisbrandweerzorg Brandbestrijding en bevelvoerder (ploeg) Frequentie: minimaal 2 keer een oefenkaart uit serie 500 per oefencyclus

Nadere informatie

15 januari 2016. Onderzoek: Gevolgen reorganisatie brandweer

15 januari 2016. Onderzoek: Gevolgen reorganisatie brandweer 15 januari 2016 Onderzoek: Gevolgen reorganisatie brandweer Gevolgen reorganisatie brandweer 18 januari 2016 Over dit onderzoek Het online onderzoek is uitgevoerd door de redactie van het EenVandaag Opiniepanel

Nadere informatie

Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2013-2014

Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2013-2014 Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2013-2014 In 2011 en 2012 heeft het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) onderzoek uitgevoerd naar voorrangsvoertuigen. Sinds 2013 wordt

Nadere informatie

Beperkt OGS Manschappen en bevelvoerder (ploeg) Frequentie: minimaal 1 keer per oefencyclus. waarbij een gevaarlijke stof vrijkomt.

Beperkt OGS Manschappen en bevelvoerder (ploeg) Frequentie: minimaal 1 keer per oefencyclus. waarbij een gevaarlijke stof vrijkomt. Verkeersongeval waarbij gevaarlijke stoffen vrijkomen Oefening Doel Beginsituatie Samenstelling oefenstaf Mogelijke opdrachten Hulpmiddelen Specifieke aandachtspunten voor veiligheid en milieu Specifieke

Nadere informatie

Rapportage onderzoeksproject Genieten aan tafel Een toegepast onderzoek naar maaltijdbeleving in verpleeghuizen

Rapportage onderzoeksproject Genieten aan tafel Een toegepast onderzoek naar maaltijdbeleving in verpleeghuizen Rapportage onderzoeksproject Genieten aan tafel Een toegepast onderzoek naar maaltijdbeleving in verpleeghuizen De samenvatting van de interventie Genieten aan tafel die in zorginstellingen is uitgevoerd,

Nadere informatie

Normenkader kwaliteit en het bijbehorende dashboard inclusief de financiële consequenties

Normenkader kwaliteit en het bijbehorende dashboard inclusief de financiële consequenties Bijlage 1 Normenkader kwaliteit en het bijbehorende dashboard inclusief de financiële consequenties Inleiding Het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant heeft, in het kader van

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR BRANDWEERDUIKER

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR BRANDWEERDUIKER KWALIFICATIEPROFIEL VOOR BRANDWEERDUIKER werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 16 juli 2009 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het Project

Nadere informatie

Evaluatie bedrijfsopvangteam 2011 Je staat er niet alleen voor

Evaluatie bedrijfsopvangteam 2011 Je staat er niet alleen voor Evaluatie bedrijfsopvangteam 2011 Je staat er niet alleen voor Datum 18 mei 2011 Steller E. Koning Afdeling C&R Versie 1.3 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Evaluatie... 4 2.1 Populatie... 4 2.2 Bekendheid

Nadere informatie

In de beantwoording hieronder is de indeling van de brief van de VBV aangehouden.

In de beantwoording hieronder is de indeling van de brief van de VBV aangehouden. In deze factsheet wordt puntsgewijs ingegaan op de diverse onderwerpen welke door de Vakvereniging Brandweer Vrijwilligers (VBV) in hun schrijven van 7 juli 2015 zijn aangedragen ten aanzien van het project

Nadere informatie

Uitruk op maat. Rapportage over het project Variabele voertuigbezetting. NVBR Nederlandse Vereniging voor Brandweerzorg en Rampenbestrijding

Uitruk op maat. Rapportage over het project Variabele voertuigbezetting. NVBR Nederlandse Vereniging voor Brandweerzorg en Rampenbestrijding Uitruk op maat Rapportage over het project Variabele voertuigbezetting NVBR Nederlandse Vereniging voor Brandweerzorg en Rampenbestrijding Uitruk op maat Rapportage over het project Variabele voertuigbezetting

Nadere informatie

Elementaire oefening. Oefenkaart 102D Levensreddend handelen 2 202E 302E. Datum : Locatie :

Elementaire oefening. Oefenkaart 102D Levensreddend handelen 2 202E 302E. Datum : Locatie : Elementaire oefening Oefenkaart 102D Levensreddend handelen 2 202E 302E Opdracht A t/m D Datum : Locatie : Inhoud Inhoud... 2 Vooraf... 3 1. Doelgroep en beginsituatie... 3 Doelgroep... 3 Beginsituatie...

Nadere informatie

Brandbestrijding bedrijfsgebouwen. Oefening

Brandbestrijding bedrijfsgebouwen. Oefening 503 Brandbestrijding bedrijfsgebouwen Oefening Doel Basisbrandweerzorg Brandbestrijding en bevelvoerder (ploeg) Frequentie: minimaal 2 keer een oefenkaart uit serie 500 per oefencyclus Algemeen doel De

Nadere informatie

Effecten van cliëntondersteuning. Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten

Effecten van cliëntondersteuning. Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten Effecten van cliëntondersteuning Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten MEE Nederland, 4 februari 2014 1. Inleiding In deze samenvatting beschrijven

Nadere informatie

Ferwert, 28 mei 2013.

Ferwert, 28 mei 2013. AAN: de raad van de gemeente Ferwerderadiel Sector : I Nr. : 15/36.13 Onderwerp : Brandrisicoprofiel Veiligheidsregio Fryslân Ferwert, 28 mei 2013. 1. Inleiding Op 1 oktober 2010 is de Wet veiligheidsregio

Nadere informatie

Vragen D66 Het lijkt D66 belangrijk dat er keuzemogelijkheden zijn. Dat lijkt nu niet het geval.

Vragen D66 Het lijkt D66 belangrijk dat er keuzemogelijkheden zijn. Dat lijkt nu niet het geval. TECHNISCHE VRAGEN Onderwerp : Brandweer Hollands Midden, raad 16 juni 2014 Vraagsteller: verschillende fracties Datum : 6 juni 2014 COMMISSIEADVIES Behandeld in commissievergadering: BM 2 juni 2014 Raadsvergadering

Nadere informatie

Resultaten Evaluatie Pilot Bloeddrukmeting Augustus 2015

Resultaten Evaluatie Pilot Bloeddrukmeting Augustus 2015 Resultaten Evaluatie Pilot Bloeddrukmeting Augustus 2015 Achtergrond In september 2014 is GGD Noord- en Oost-Gelderland gestart met de implementatie van de landelijke JGZrichtlijn Overgewicht. Het NCJ

Nadere informatie

Oefenkaart 102A Toegang forceren tot een pand

Oefenkaart 102A Toegang forceren tot een pand Elementaire oefening Oefenkaart 102A Toegang forceren tot een pand Opdracht A en B Draaiboek : 102A-DB01 Datum : Locatie : Inhoud Elementaire oefening... 1 Inhoud... 2 Vooraf... 3 1. Doelgroep en beginsituatie...

Nadere informatie

Naam: Draaiboek decentrale implementatie PAUW en Tridion

Naam: Draaiboek decentrale implementatie PAUW en Tridion Programma Aanpak Universitaire Website (PAUW) Draaiboek decentrale implementatie PAUW en Tridion Inleiding In het kader van het Programma Aanpak Universitaire Website (PAUW) is afgesproken dat alle decentrale

Nadere informatie

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving Onderzoeksopzet Marktonderzoek Klantbeleving Utrecht, september 2009 1. Inleiding De beleving van de klant ten opzichte van dienstverlening wordt een steeds belangrijker onderwerp in het ontwikkelen van

Nadere informatie

Grootschalig Watertransport

Grootschalig Watertransport Grootschalig Watertransport Brandweer Midden- en West-Brabant Versie 1.1, juni 2009 1 Naam: Brandweer Midden- en West-Brabant Versie: 1.1 Datum: juni 2009 Opsteller: afdeling operationele voorbereiding,

Nadere informatie

Beperkt OGS Manschappen en bevelvoerder (ploeg) Frequentie: minimaal 1 keer per oefencyclus

Beperkt OGS Manschappen en bevelvoerder (ploeg) Frequentie: minimaal 1 keer per oefencyclus Ongeval met gevaarlijke stoffen bij stationaire Oefening Doel Basisbrandweerzorg Beperkt OGS en bevelvoerder (ploeg) Frequentie: minimaal 1 keer per oefencyclus Algemeen doel De ploeg voert veilig en effectief

Nadere informatie

Concept-raadsvoorstel. Onderwerp: Brandrisicoprofiel veiligheidsregio Fryslân. Aan: de Raad

Concept-raadsvoorstel. Onderwerp: Brandrisicoprofiel veiligheidsregio Fryslân. Aan: de Raad Concept-raadsvoorstel Plaats X, Datum X Onderwerp: Brandrisicoprofiel veiligheidsregio Fryslân Aan: de Raad 1. Inleiding Op 1 oktober 2010 is de Wet veiligheidsregio s (Wvr) met het daaraan gekoppelde

Nadere informatie

Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2014-2015

Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2014-2015 Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2014-2015 In 2011 en 2012 heeft het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) onderzoek uitgevoerd naar voorrangsvoertuigen. Sinds 2013 wordt

Nadere informatie

Specialisten van de VRU. Waterongevallenbestrijding en brandweerduiken

Specialisten van de VRU. Waterongevallenbestrijding en brandweerduiken Specialisten van de VRU Waterongevallenbestrijding en brandweerduiken Het grootste deel van het brandweerwerk speelt zich af op het land, maar de brandweer heeft ook een natte specialisatie: waterongevallenbestrijding.

Nadere informatie

Rapport Fatale Woningbranden 2011 en Rapport Fatale woningbranden 2003 en 2008 t/m 2011: een vergelijking 1

Rapport Fatale Woningbranden 2011 en Rapport Fatale woningbranden 2003 en 2008 t/m 2011: een vergelijking 1 29517 Veiligheidsregio s 30821 Nationale Veiligheid Nr. 62 Brief van de minister van Veiligheid en Justitie Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 5 juli 2012 Met deze brief

Nadere informatie

Oefenkaart 102A Toegang forceren tot een pand

Oefenkaart 102A Toegang forceren tot een pand Elementaire oefening Oefenkaart 102A Toegang forceren tot een pand Opdracht A en B Draaiboek : 102A-DB01 Datum : Locatie : NVBR/NIFV - Bron: Veiligheidsregio Zuidoost Brabant 102A-DB01 - Juli 2007 2 Inhoud

Nadere informatie

Nieuwe brandweervoertuigen voorzien van Druk Lucht Schuim systeem (DLS)

Nieuwe brandweervoertuigen voorzien van Druk Lucht Schuim systeem (DLS) Raadsvoorstel Bevoegdheid Raad Vergadering Gemeenteraad Oirschot Vergaderdatum: 30 juni 2009 Registratienummer: 2009/28 Agendapunt nummer: 7 Onderwerp Nieuwe brandweervoertuigen voorzien van Druk Lucht

Nadere informatie

Begroting 2015. V Ą Vėiligheidsregio. ^ Drenthe

Begroting 2015. V Ą Vėiligheidsregio. ^ Drenthe Begroting 215 V Ą Vėiligheidsregio ^ Drenthe VOORWOORD Dit is d e t w e e d e b e g r o t i n g v a n V e i l i g h e i d s r e g i o D r e n t h e ( V R D ). Hierin is h e t v o l i e d i g e b u d g

Nadere informatie

Specialistengroep WTS 806

Specialistengroep WTS 806 Specialistengroep 806 Brand Ploeg Frequentie: minimaal 1 x per jaar per opdracht : De specialistengroep kan op een veilige wijze onder tijdsdruk diverse watertransportsystemen (met name 1000 en/of 2500)

Nadere informatie

Evaluatie. Pilot TS4. Brandweer. Alkmaar

Evaluatie. Pilot TS4. Brandweer. Alkmaar Evaluatie Pilot TS4 Brandweer Alkmaar 1 Voorwoord Met de Pilot TS4 (tankautospuit met een 4 persoonsbezetting) is gedurende het jaar 2011 onderzocht of een doelmatige en doeltreffende brandweerzorg in

Nadere informatie

VAARDIGHEIDSTOETS 2015 1 e gewestelijke

VAARDIGHEIDSTOETS 2015 1 e gewestelijke VAARDIGHEIDSTOETS 2015 1 e gewestelijke DATUM: 23 mei 2015 PLAATS: Bladel-Hapert KLASSE: 112 ALGEMEEN BRANDWEER WEDSTRIJD COMITE Voorwoord Hoofd Brandweerzorg De brandweerorganisatie is aan verandering

Nadere informatie

Multidisciplinair Opleiden en Oefenen

Multidisciplinair Opleiden en Oefenen Toetsingskader en positiebepalingssystematiek (definitieve versie) Inhoudsopgave Inleiding. Verdeling in oordeel, hoofdonderwerpen, onderwerpen, hoofd- en subaspecten. Banden voor positiebepaling. Prestatieniveaus.

Nadere informatie

2. Wat zijn per sector/doelgroep de algemene inzichten ten aanzien van de inhoud van de continuïteitsplannen?

2. Wat zijn per sector/doelgroep de algemene inzichten ten aanzien van de inhoud van de continuïteitsplannen? Samenvatting Aanleiding en onderzoeksvragen ICT en elektriciteit spelen een steeds grotere rol bij het dagelijks functioneren van de maatschappij. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie (hierna: Ministerie

Nadere informatie

Asbestincidenten Zijn brandweermensen asbestwerkers?

Asbestincidenten Zijn brandweermensen asbestwerkers? Asbestincidenten Zijn brandweermensen asbestwerkers? Jetty Middelkoop AGS BAA Waarom heeft I-SZW aandacht voor de brandweer? Melding uit Rotterdam Rijnmond over onverantwoord omgaan met asbest door de

Nadere informatie

b Anders, namelijk: op verzoek van bestuurlijke werkgroep toekomstvisie gemeente Eindhoven Raadsinformatiebrief Betreft Toekomstvisie Brandweerzorg 3

b Anders, namelijk: op verzoek van bestuurlijke werkgroep toekomstvisie gemeente Eindhoven Raadsinformatiebrief Betreft Toekomstvisie Brandweerzorg 3 gemeente Eindhoven Inboeknummer 14bst00846 Dossiernummer 14.21.104 20 mei 2014 Raadsinformatiebrief Betreft Toekomstvisie Brandweerzorg 3 Inleiding Sinds het najaar van 2013 werkt in opdracht van het Algemeen

Nadere informatie

Gezondheid, Welzijn & Technologie

Gezondheid, Welzijn & Technologie Kenniscentrum Gezondheid, Welzijn & Technologie Wmo werkplaats Twente, fase 2 Praktijk 2: Bundeling van diensten op het gebied van welzijn, informele zorg en formele zorg Toegang tot de Wmo Evaluatierapport

Nadere informatie

Bij deze bieden wij u de resultaten aan van het onderzoek naar de eerste effecten van de decentralisaties in de gemeente Barneveld.

Bij deze bieden wij u de resultaten aan van het onderzoek naar de eerste effecten van de decentralisaties in de gemeente Barneveld. rriercoj Gemeenteraad Barneveld Postbus 63 3770 AB BARNEVELD Barneveld, 27 augustus 2015 f Ons kenmerk: Ö^OOJcfc Behandelend ambtenaar: I.M.T. Spoor Doorkiesnummer: 0342-495 830 Uw brief van: Bijlage(n):

Nadere informatie

EVALUATIE BASISBRANDWEERZORG. Waarom leren van uitrukken?

EVALUATIE BASISBRANDWEERZORG. Waarom leren van uitrukken? DEEL 1 Waarom leren van uitrukken? S.Posthumus Brw. Nijkerk Optreden brandweer houdt risico s in : - bij repressie - bij (realistisch) oefenen - het gaat daarbij met name om het risico van het oplopen

Nadere informatie

Bijlage 2: Klachten regelement Klachten regelement Autstekend

Bijlage 2: Klachten regelement Klachten regelement Autstekend Bijlage 2: Klachten regelement Klachten regelement Autstekend 1 Inhoud 1. Doelstelling... 3 2. Verantwoordelijkheden... 3 3. Beschrijving procedure... 3 3.1 Interne klachten... 4 3.2.Vertrouwenspersoon...

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Samenvatting (Summary in Dutch) Achtergrond Het millenniumdoel (2000-2015) Education for All (EFA, onderwijs voor alle kinderen) heeft in ontwikkelingslanden veel losgemaakt. Het

Nadere informatie

Organisatie: Kinderdagverblijf Beerengoed Contactpersoon: Mevr. Schelberg. Het betrof een aangekondigde ontruimingsoefening.

Organisatie: Kinderdagverblijf Beerengoed Contactpersoon: Mevr. Schelberg. Het betrof een aangekondigde ontruimingsoefening. Evaluatie formulier ontruimen Organisatie: Kinderdagverblijf Beerengoed Contactpersoon: Mevr. Schelberg vpt-efo.001.doc Datum: 14 10 2013 Korte omschrijving van de situatie: Betrof een rookontwikkeling

Nadere informatie

Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid

Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid Functie voertuigbediener werkzaam bij de brandweer De Brandweeracademie is onderdeel van het Instituut Fysieke Veiligheid. 2 Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid

Nadere informatie

De zorg is onze passie, verbeteren ons vak. Productive Ward

De zorg is onze passie, verbeteren ons vak. Productive Ward Productive Ward Verbeter de kwaliteit, veiligheid en doelmatigheid van uw zorg door reductie van verspilling Brochure Productive Ward CBO 2012 CBO, Postbus 20064, 3502 LB UTRECHT Alle rechten voorbehouden.

Nadere informatie

Specialisten van de VRU. Hoogtereddingsteam: voor redden op hoogte én diepte

Specialisten van de VRU. Hoogtereddingsteam: voor redden op hoogte én diepte Specialisten van de VRU Hoogtereddingsteam: voor redden op hoogte én diepte Nederland gaat de lucht in. Figuurlijk althans. De druk op de beschikbare ruimte wordt steeds groter en dus wordt er steeds hoger

Nadere informatie

Vliegtuigbrandbestrijding. Oefening

Vliegtuigbrandbestrijding. Oefening Oefening Doel Specialisme Specialistische brandbestrijding Ploeg: manschappen, manschap b (optioneel) en bevelvoerder Frequentie: korpsspecifiek Algemeen doel De ploeg voert veilig en effectief een inzet

Nadere informatie

Een raamwerk voor het effectief evalueren van crisisoefeningen

Een raamwerk voor het effectief evalueren van crisisoefeningen Een raamwerk voor het effectief evalueren van crisisoefeningen Samenvatting Drs. Bertruke Wein Drs. Rob Willems 2013 Radboud Universiteit Nijmegen/ITS Samenvatting Evaluaties van crisisoefeningen vanaf

Nadere informatie

Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Chauffeur

Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Chauffeur Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Chauffeur Versie 0.1 Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Chauffeur In dit document wordt een beschrijving op hoofdlijnen

Nadere informatie

Rotterdam-Rijnmond. NVBR bijeenkomst 07.03.12. Jan Boonekamp

Rotterdam-Rijnmond. NVBR bijeenkomst 07.03.12. Jan Boonekamp Rotterdam-Rijnmond NVBR bijeenkomst 07.03.12 Jan Boonekamp Hoe het begon. Maart 2009 Uitgangspunten: - RR was sedert 1 januari 2008 geregionaliseerd - We waren klaar om onze organisatie verder te ontwikkelen

Nadere informatie

Eva Trajectbegeleiding

Eva Trajectbegeleiding RAPPORT CLIËNTAUDIT 2012 / 2013 BLIK op WERK KEURMERK 1 Inhoudsopgave 2 Bevindingen 2.1 Algemeen 2.2 Voortraject inzicht in aanpak 2.3 Uitvoering 2.4 Begeleiding 2.5 Afronding 2.6 Communicatie en bereikbaarheid

Nadere informatie

Hoe kan ik Inspectieview gebruiken in mijn toezichtproces?

Hoe kan ik Inspectieview gebruiken in mijn toezichtproces? Hoe kan ik Inspectieview gebruiken in mijn toezichtproces? Versie 1.0 Datum 2 april 2014 Status Definitief Colofon ILT Ministerie van Infrastructuur en Milieu Koningskade 4 Den Haag Auteur ir. R. van Dorp

Nadere informatie

De nazorg van pleegzorg voor pleegouders

De nazorg van pleegzorg voor pleegouders 2014 Onderzoek en Innovatie Projectresultaat Dit onderzoek is verricht ten behoeve van het studieonderdeel Onderzoek &innovatie van de opleiding Pedagogiek aan de HAN te Nijmegen De nazorg van pleegzorg

Nadere informatie

SECTORWERKSTUK 2013-2014

SECTORWERKSTUK 2013-2014 SECTORWERKSTUK 2013-2014 1 HET SECTORWERKSTUK Het sectorwerkstuk is een verplicht onderdeel voor alle leerlingen uit het Mavo. Het maken van een sectorwerkstuk is een manier waarop je, als eindexamenkandidaat,

Nadere informatie

Visie op crisismanagement in de zorgsector en de toegevoegde waarde van een Integraal Crisisplan. All hazard voorbereid zijn (1 van 3)

Visie op crisismanagement in de zorgsector en de toegevoegde waarde van een Integraal Crisisplan. All hazard voorbereid zijn (1 van 3) Visie op crisismanagement in de zorgsector en de toegevoegde waarde van een Integraal Crisisplan All hazard voorbereid zijn (1 van 3) Versie 1.0 11 november 2014 Voorwoord Zorginstellingen zijn vanuit

Nadere informatie

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR datum vergadering 17 juni 2010 auteur Daniëlle Vollering telefoon 033-43 46 133 e-mail dvollering@wve.nl afdeling Staf behandelend bestuurder drs. J.M.P. Moons onderwerp agendapunt Uitkomst en benutting

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPERATIONELE VOORBEREIDING

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPERATIONELE VOORBEREIDING KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPERATIONELE VOORBEREIDING werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 5 maart 2009 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten

Nadere informatie

Onderwerp: Risico inventarisatie project rwzi Utrecht Nummer: 604438. Dit onderwerp wordt geagendeerd ter kennisneming ter consultering ter advisering

Onderwerp: Risico inventarisatie project rwzi Utrecht Nummer: 604438. Dit onderwerp wordt geagendeerd ter kennisneming ter consultering ter advisering COLLEGE VAN DIJKGRAAF EN HOOGHEEMRADEN COMMISSIE BMZ ALGEMEEN BESTUUR Agendapunt 9A Onderwerp: Risico inventarisatie project rwzi Utrecht Nummer: 604438 In D&H: 22-01-2013 Steller: Drs. J.L.P.A. Dankaart

Nadere informatie

Het Loopbaanlab brengt onderwijsprofessionals in beweging

Het Loopbaanlab brengt onderwijsprofessionals in beweging Oktober 2015 Het Loopbaanlab brengt onderwijsprofessionals in beweging Uitkomsten van meerjarig onderzoek naar de effecten van het Loopbaanlab Leestijd 8 minuten Hoe blijf ik in beweging? De kwaliteit

Nadere informatie

Klanttevredenheidsonderzoek. Right Management Nederland B.V.

Klanttevredenheidsonderzoek. Right Management Nederland B.V. Klanttevredenheidsonderzoek Right Management Nederland B.V. 1-4-2016 Inhoudsopgave A. Cedeo-erkenning B. Klanttevredenheidsonderzoek Opdrachtgevers C. Conclusie Cedeo 2016 Right Management Nederland B.V.

Nadere informatie

TELINSTRUCTIE REEËN IN UTRECHT. Wie? Wat? Waar? Projectteam Faunatellingen i.s.m. de Utrechtse Wildbeheereenheden

TELINSTRUCTIE REEËN IN UTRECHT. Wie? Wat? Waar? Projectteam Faunatellingen i.s.m. de Utrechtse Wildbeheereenheden TELINSTRUCTIE Wie? REEËN Wat? IN UTRECHT Waar? Projectteam Faunatellingen i.s.m. de Utrechtse Wildbeheereenheden januari 2013 INTRODUCTIE Voor u ligt de telinstructie reeën zoals tot stand gekomen in

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPLEIDEN EN OEFENEN

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPLEIDEN EN OEFENEN KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPLEIDEN EN OEFENEN werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 5 maart 2009 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten

Nadere informatie

Monitor en klachten meldpunt Sociaal Domein

Monitor en klachten meldpunt Sociaal Domein Monitor en klachten meldpunt Sociaal Domein De ingekochte individuele maatwerkvoorzieningen en de gemeentelijke dienstverlening worden gemeten op hun kwaliteit. Wat zijn de eerste bevindingen? Alice van

Nadere informatie

De SYSQA dienst auditing. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V.

De SYSQA dienst auditing. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. De SYSQA dienst auditing Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 8 Inhoudsopgave 1 INLEIDING... 3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 VERSIEBEHEER... 3

Nadere informatie

Projectplan Uitruk op Maat

Projectplan Uitruk op Maat Projectplan Uitruk op Maat Versie: 1.1 Status: definitief Vastgesteld in het Regionaal Overleg Repressie (ROR) d.d. 1 september 2010 Colofon Uitgave Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost Auteur(s) J.A.A. Janssen

Nadere informatie

Onderzoek klanttevredenheid Proces klachtbehandeling 2011... Antidiscriminatievoorziening Limburg

Onderzoek klanttevredenheid Proces klachtbehandeling 2011... Antidiscriminatievoorziening Limburg Proces klachtbehandeling 2011................................................................... Antidiscriminatievoorziening Limburg Mei 2012...................................................................

Nadere informatie

Experiment TS-4 Brunssum

Experiment TS-4 Brunssum Experiment TS-4 Brunssum (beleidsregels en uitvoeringsafspraken) Brandweer Parkstad-Limburg Versie 4.0 12 april 2007 Stafsectie Projecten & Beleid Ing. R.E. van der Valk MCDm 1 Inleiding/aanleiding Als

Nadere informatie

Managementgame Het Nieuwe Werken

Managementgame Het Nieuwe Werken Resultaten Managementgame Het Nieuwe Werken www.managementgamehetnieuwewerken.nl Leren door horen en zien, maar vooral doen en ervaren! MANAGEMENT GAME HET NIEUWE WERKEN Inleiding Think too Organisatieadviseurs

Nadere informatie

Traject Tilburg. Aanvragers: Gemeente Tilburg. Adviseur: Monique Postma, Alleato, CMO-net

Traject Tilburg. Aanvragers: Gemeente Tilburg. Adviseur: Monique Postma, Alleato, CMO-net Traject Tilburg Aanvragers: Gemeente Tilburg Adviseur: Monique Postma, Alleato, CMO-net Opgave: Beantwoorde ondersteuningsvraag In Tilburg is het traject Welzijn Nieuwe Stijl onderdeel van een groter programma

Nadere informatie

Samenwerken aan Brandveiligheid

Samenwerken aan Brandveiligheid Gemeente Leiderdorp Gemeente Leiderdorp Wie zijn wij als Brandweer Hollands Midden? Wat mag u van ons verwachten en hoe zijn we aan elkaar verbonden? Samenwerken aan Brandveiligheid Missie Brandweer Hollands

Nadere informatie

Ministerie van Veiligheid en Justitie

Ministerie van Veiligheid en Justitie Ministerie van Veiligheid en Justitie > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Het Veiligheidsberaad t.a.v. de voorzitter mw. G. Faber Postbus 7010 6801 HA ARNHEM Minister van Veiligheid en Justitie

Nadere informatie

Waarom PPMO? Periodiek Preventief Medisch Onderzoek voor repressief brandweerpersoneel

Waarom PPMO? Periodiek Preventief Medisch Onderzoek voor repressief brandweerpersoneel Waarom PPMO? CAO-afspraak: individuele monitoring i.p.v. leeftijdsgrens voor werken in repressieve functie Behoefte aan eenduidige keuringen en testen Bijzondere karakter van brandweerman of vrouw maakt

Nadere informatie

NB: Dit voorstel is op 28 augustus 2008 besproken in het overleg van de pilotregio s. De uitkomsten van dit overleg zijn in de notitie verwerkt.

NB: Dit voorstel is op 28 augustus 2008 besproken in het overleg van de pilotregio s. De uitkomsten van dit overleg zijn in de notitie verwerkt. Herziening Leerwerkplekopdrachten Manschap a Aanleiding voor de herziening In de pilot die in vier regio s (Den Haag, Zuid-Holland-Zuid, Zuid-Oost Noord-Brabant en Twente) is uitgevoerd naar het werkend

Nadere informatie

Teams algemeen Voortgang aanbevelingen/acties komend uit de Memo Leermomenten Moerdijk VRZ

Teams algemeen Voortgang aanbevelingen/acties komend uit de Memo Leermomenten Moerdijk VRZ 12-dec-11 Brw Leerarena Veiligheid personeel: Leidinggevenden dienen te zorgen voor persoonlijke bewustwording van de eigen veiligheid en gezondheid bij ingezet personeel en het toezien op naleving van

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR OEFENCOORDINATOR

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR OEFENCOORDINATOR KWALIFICATIEPROFIEL VOOR OEFENCOORDINATOR werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 10 juli 2008 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het Project

Nadere informatie

NVB BHV Opleidersdag Presentatie Jan den Berk. Voeg hier het organisatie onderdeel in. Doel van deze presentatie. Agenda

NVB BHV Opleidersdag Presentatie Jan den Berk. Voeg hier het organisatie onderdeel in. Doel van deze presentatie. Agenda Jan van den Berk Rabobank Nederland BCM Facility Management Juni 2014 Doel van deze presentatie Inzicht geven in de wijze waarop Rabobank Nederland invulling heeft gegeven aan de BHV-organisatie met de

Nadere informatie

Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid bedrijfsbrandweer manschap optionele richting technische hulpverlening

Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid bedrijfsbrandweer manschap optionele richting technische hulpverlening Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid bedrijfsbrandweer manschap optionele richting technische hulpverlening Versie 1.0 Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Bedrijfsbrandweer

Nadere informatie

Bijlagenboek. Processen Bevolkingszorg

Bijlagenboek. Processen Bevolkingszorg Bijlagenboek Processen Bevolkingszorg Dit bijlagenboek is voor het laatst herzien op : 10-12-2013 Colofon Format: Bureau Bevolkingszorg Actualisatie: Bureau Bevolkingszorg Versie geschiedenis: Versiedatum

Nadere informatie

Aflegsysteem brandbestrijding

Aflegsysteem brandbestrijding Aflegsysteem brandbestrijding De door de ploeg te verrichten handelingen die tot doel hebben de juiste blusmiddelen volgens de juiste tactiek en techniek op de brandhaard aan te brengen 1976 Doelstellingen

Nadere informatie

Handleiding RoosterGenerator

Handleiding RoosterGenerator Inleiding Handleiding RoosterGenerator, deel II Handleiding RoosterGenerator Deel II: Aan de slag met RoosterGenerator De module RoosterGenerator is bedoeld als aanvulling op het maken van een competitie

Nadere informatie

WAT IS DE FOCUS VAN JE WENS TOT VERBETERING BEHOEFTE BEPALEN INNOVATIEVERKENNER AANLEIDING ACHTERGROND INNOVATIEVRAAG

WAT IS DE FOCUS VAN JE WENS TOT VERBETERING BEHOEFTE BEPALEN INNOVATIEVERKENNER AANLEIDING ACHTERGROND INNOVATIEVRAAG WAT IS DE FOCUS VAN JE WENS TOT VERBETERING BEHOEFTE BEPALEN INNOVATIEVERKENNER AANLEIDING ACHTERGROND INNOVATIEVRAAG WAT IS HET PROBLEEM ACHTER HET PROBLEEM BEHOEFTE BEPALEN 5X WAAROM PROBLEEMSTELLING:

Nadere informatie

Actuele informatie over wegwerkzaamheden binnen handbereik!

Actuele informatie over wegwerkzaamheden binnen handbereik! Actuele informatie over wegwerkzaamheden binnen handbereik! Helène van der Poel Nationale Databank Wegverkeersgegevens (NDW) Sharon Schoppema Provincie Noord-Holland Wim Smittenaar Nationale Databank Wegverkeersgegevens

Nadere informatie

Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V.

Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V. Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V. Opdrachtgever: Uitvoerder: Plaats: Versie: Fictivia B.V. Junior Consult Groningen Fictief 1 Inhoudsopgave Inleiding 3 Directieoverzicht 4 Leiderschap.7

Nadere informatie

Tussenevaluatie nieuw rooster op de Jan Vermeerschool

Tussenevaluatie nieuw rooster op de Jan Vermeerschool - concept - Tussenevaluatie nieuw rooster op de Jan Vermeerschool Onderzoeksrapportage ouders, leerkrachten en kinderen HCO, drs. Désirée van der Heijden-Herber Februari 2011 Inhoud 1. Aanleiding en opdracht

Nadere informatie

Plan van aanpak Onderzoek Kwaliteit Brandweerzorg 2015

Plan van aanpak Onderzoek Kwaliteit Brandweerzorg 2015 Plan van aanpak Onderzoek Kwaliteit Brandweerzorg 2015 Februari 2015 Inhoudsopgave 1 Inleiding en aanleiding onderzoek... 3 1.1 Inleiding... 3 1.2 Aanleiding... 3 1.3 Scope van het onderzoek... 4 2 Doel-

Nadere informatie

Evaluatie Back to Basics: De Nieuwe Koers

Evaluatie Back to Basics: De Nieuwe Koers Evaluatie Back to Basics: De Nieuwe Koers nderzoek uitgevoerd in opdracht van: Gemeente Goirle DIMENSUS beleidsonderzoek April 2012 Projectnummer 488 Het onderzoek De gemeente Goirle is eind april 2010

Nadere informatie