PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 22 november 2002 (04.12) (OR. en) 14477/02 LIMITE ELARG 379

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 22 november 2002 (04.12) (OR. en) 14477/02 LIMITE ELARG 379"

Transcriptie

1 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 22 november 2002 (04.12) (OR. en) PUBLIC 14477/02 LIMITE ELARG 379 NOTA I-PUNT van: de Groep uitbreiding d.d.: 22 november 2002 aan: het Comité van permanente vertegenwoordigers Betreft: UITBREIDING Voorbereiding van de volgende vergadering van de toetredingsconferentie met Polen = Hoofdstuk 22: Milieu 1. Ter voorbereiding van bovengenoemde vergadering van de toetredingsconferentie heeft de Groep uitbreiding overeenstemming bereikt over een ontwerp van het gemeenschappelijk standpunt van de Europese Unie over milieu. 2. Overeenkomstig de interne regelingen voor de onderhandelingen (doc. 5361/00) wordt het Comité van permanente vertegenwoordigers derhalve verzocht, het gemeenschappelijk standpunt te bepalen als vervat in de bijlage. Nadat het Comité van permanente vertegenwoordigers overeenstemming heeft bereikt, zal het gemeenschappelijk standpunt van de EU vóór de volgende vergadering van de toetredingsconferentie ter beschikking van Polen worden gesteld /02 ass/il/dm 1 DG E I NL

2 CONFERENTIE OVER DE TOETREDING TOT DE EUROPESE UNIE - POLEN - BIJLAGE ONTWERP GEMEENSCHAPPELIJK STANDPUNT VAN DE EUROPESE UNIE (vervangt doc /01 CONF-PL 95/01) Hoofdstuk 22: Milieu Dit standpunt van de Europese Unie is gebaseerd op haar algemene standpunt ten aanzien van de toetredingsconferentie met Polen (doc. CONF-PL 2/98) en is onderworpen aan de door de conferentie goedgekeurde onderhandelingsbeginselen (doc. CONF-PL 6/98), te weten: "- een standpunt dat een partij ten aanzien van een hoofdstuk van de onderhandelingen inneemt, loopt geenszins vooruit op het standpunt van die partij ten aanzien van andere hoofdstukken; - akkoorden - ook deelakkoorden - die tijdens de onderhandelingen over achtereenvolgens te behandelen hoofdstukken worden bereikt, kunnen pas als definitief worden aangemerkt wanneer een algeheel akkoord is bereikt.". De EU onderstreept dat het voor Polen van belang is dat het zowel de Europa-overeenkomst als het Partnerschap voor toetreding, die de fundamentele elementen van de versterkte pretoetredingsstrategie vormen, naleeft. De EU wijst erop dat alle nieuwe investeringen volgens de conclusies van de Raad van 24 september 1998 over toetredingsstrategieën op milieugebied in overeenstemming moeten zijn met het milieu-acquis. De EU onderstreept dat de omzetting van het milieu-acquis in het nationale recht en de uitvoering ervan belangrijke taken zijn die prioriteit moeten krijgen. De omzetting in het nationale recht moet uiterlijk bij de toetreding voltooid zijn. De hoogste prioriteit moet verleend worden aan de kaderwetgeving van de Gemeenschap (inclusief toegang tot informatie en milieu-effectbeoordeling) en aan maatregelen in verband met internationale verdragen waarbij de Gemeenschap partij is. Deze maatregelen moeten zo spoedig mogelijk volledig worden uitgevoerd, zodat de daaruit voortvloeiende sectorale wetgeving daarop kan worden afgestemd /02 ass/il/dm 2 BIJLAGE DG E I NL

3 Parallel daaraan moet spoedig aandacht worden geschonken aan met het bedrijfsleven verband houdende wetgeving, vermindering van de wereldwijde en grensoverschrijdende verontreiniging, en de wetgeving inzake natuurbescherming (gericht op het behoud van de biodiversiteit). Bij het overnemen van het acquis moeten ook de elementen die van invloed zijn op de werking van de interne markt prioriteit krijgen, waaronder volledige naleving van productnormen. Er moeten uitvoeringsplannen per richtlijn met tijdschema's en termijnen worden opgesteld, met inbegrip van financieringsstrategieën en plannen voor het aantrekken van openbare en particuliere investeringen in infrastructuur en technologie. Met de uitvoering van deze plannen moet onmiddellijk een begin worden gemaakt. De EU benadrukt tevens dat spoedig aandacht moet worden geschonken aan het opbouwen van een sterke en goed toegeruste administratie voor de toepassing en handhaving van het milieu-acquis. Voorts wordt Polen verzocht overeenkomstig artikel 6 van het EG-Verdrag te bezien hoe spoedige toepassing van het beginsel van integratie van de eisen inzake milieubescherming in andere beleidssectoren kan worden verwezenlijkt als bijdrage tot duurzame ontwikkeling, overeenkomstig de conclusies van de Europese Raad van Göteborg. De EU herinnert eraan dat Polen in zijn standpunten CONF-PL 39/00, 53/00, 40/01, 46/01, 44/02 + ADD 1, 68/02, 69/02 ADD1 REV1 en 80/02 het op 30 juni 2002 voor hoofdstuk 22 geldende acquis aanvaardt, dat het verzoekt om enkele overgangsmaatregelen en dat het een voorbehoud maakt bij Besluit 2002/215/EG van de Raad inzake de sluiting van de vierde wijziging van het Protocol van Montreal betreffende stoffen die de ozonlaag afbreken. De Europese Unie neemt nota van de aanvullende informatie van Polen (CONF-PL 9/01, 10/01, 40/01, 46/01, 55/01, 71/01, 78/01, 81/01, 83/01, 84/01, 88/01, 89/01, 92/01 en 87/02). De EU neemt nota van de vorderingen van Polen met betrekking tot dit hoofdstuk. Het heeft met name het tijdschema voor de omzetting verder verduidelijkt, uitvoeringsplannen opgesteld en de verzoeken om overgangsmaatregelen in aantal en draagwijdte beperkt. Als algemeen antwoord op de resterende verzoeken van Polen om overgangsperioden, herinnert de EU aan haar algemene standpunt dat overgangsmaatregelen een uitzondering zijn, in tijd en omvang beperkt zijn en vergezeld moeten gaan van een plan met duidelijk omschreven toepassingsfasen. Zij mogen niet een wijziging van de regels of het beleid van de Unie inhouden, de goede werking daarvan verstoren of tot ernstige concurrentieverstoring leiden. Zij moeten vergezeld gaan van een plan met duidelijk omschreven fasen voor de toepassing van het acquis, dat gebaseerd is op een plan voor inzet en financiering van middelen, met vermelding van de financieringsbronnen en op een algemeen plan voor institutionele ontwikkeling. De Europese Unie neemt nota van het tijdschema van Polen voor de omzetting van het milieuacquis zoals geschetst in zijn onderhandelingsstandpunt. De EU dringt er bij Polen op aan de hand te houden aan dit schema zodat het grootste deel van het acquis ruim vóór de vermoedelijke toetredingsdatum omgezet zal zijn en er nog enige tijd voor het waarborgen van de effectieve uitvoering overblijft. Voorts neemt de EU akte van de bevestiging door Polen van het feit dat de uitvoering van het milieuacquis een speciale vergroting van de administratieve capaciteit vergt /02 ass/il/dm 3 BIJLAGE DG E I NL

4 Horizontale wetgeving De EU neemt nota van de toezegging van Polen in verband met de omzetting en de uitvoering van Richtlijn 85/337/EEG betreffende de milieueffectbeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten. De EU neemt met name nota van het feit dat de bijlagen I en II van deze richtlijn, zoals gewijzigd bij Richtlijn 97/11/EG, volledig zullen worden omgezet door middel van een nationale verordening. Ten aanzien van de rapportageperiodes die bij Richtlijn 91/692/EEG gestandaardiseerd zijn, neemt de EU nota van de bevestiging van Polen dat het voor de periode vanaf de datum van toetreding aan alle rapportagevereisten zal voldoen, en dat het voor de respectieve periodes vóór de toetreding vrijwillig de beschikbare informatie zal verstrekken. De EU neemt nota van de door Polen verstrekte informatie in verband met Beschikking 1999/296/EG inzake de bewaking van en de rapportage over de uitstoot van CO 2 en andere broeikasgassen, en memoreert dat Polen op het moment van toetreding een beperkingsstrategie en een nationaal programma met gegevens over emissies, beleid en getroffen maatregelen, alsook emissieprognoses dient voor te leggen. Luchtkwaliteit De EU is ingenomen met het feit dat Polen zijn verzoek om overgangsmaatregelen in verband met Richtlijn 98/70/EG betreffende de kwaliteit van benzine en dieselbrandstof heeft ingetrokken, en neemt nota van de aanvullende informatie, met inbegrip van het uitvoeringsplan. Wat betreft Richtlijn 1999/32/EG betreffende een vermindering van het zwavelgehalte van bepaalde vloeibare brandstoffen, neemt de EU nota van het verzoek van Polen om overgangsmaatregelen, tot en met 31 december 2006, met betrekking tot de vereisten van artikel 3, lid 1, alsmede van de door Polen verstrekte motivering van dat verzoek, met name van de mededeling dat 80% van de in het land gebruikte zware stookolie momenteel meer dan 1% zwavel bevat, dat de vereiste investeringen naar schatting 1,5 miljard euro zouden bedragen en dat een verbod op stookolie met een hoger zwavelgehalte binnen de in de richtlijn gestelde termijn, de kosten van energieopwekking zou doen toenemen. Volgens de EU kan, gezien de normale termijn voor de ingebruikname en installatie van de uit hoofde van artikel 3, lid 1, vereiste faciliteiten al voor 31 december 2006 aan de vereisten worden voldaan. Rekening houdend met het feit dat het verzoek zware stookolie betreft die voornamelijk wordt gebruikt voor verwarming in kleine en middelgrote installaties, en dat Polen zich vanaf het tijdstip van toetreding zal houden aan het maximale zwavelgehalte voor gasolie, overeenkomstig artikel 4, lid 1, alsmede aan de rapportagevereisten van artikel 7, die ook zullen gelden voor de kwaliteit van gedurende de overgangsperiode gebruikte zware stookolie, kan de EU het verzoek van Polen echter inwilligen. De EU neemt evenwel akte van het feit dat volgens het door Polen ingediende uitvoeringsplan de noodzakelijke investeringen in de raffinaderij van Glimar voor 31 december 2004 zullen zijn voltooid. De EU neemt er derhalve nota van dat met ingang van 1 januari 2005 van deze raffinaderij op Pools grondgebied geen zware stookolie met een zwavelgehalte van meer dan 1 massaprocent meer zal worden gebruikt. Voorts onderstreept de EU dat de investeringen die noodzakelijk zijn voor de inachtneming van artikel 3, lid 1, van de richtlijn, los staan van een meer algemene herstructurering van de raffinaderijen en van het tijdsschema voor de voltooiing daarvan. De EU onderstreept dat er tijdig maatregelen getroffen moeten worden om zo spoedig mogelijk aan de grenswaarden van de richtlijn te voldoen, teneinde het grensoverschrijdende, verzurende effect van het gebruik van brandstoffen met een hoog zwavelgehalte te verminderen /02 ass/il/dm 4 BIJLAGE DG E I NL

5 De EU neemt nota van de nadere motivering van het Poolse verzoek in verband met Richtlijn 94/63/EG betreffende de beheersing van de uitstoot van vluchtige organische stoffen (VOS) als gevolg van de opslag van benzine en de distributie van benzine vanaf terminals naar benzinestations. De EU is van mening dat het verzoek in tijd en reikwijdte voldoende beperkt is, en dat inwilliging van het verzoek vermoedelijk niet tot ernstige concurrentievervalsing zal leiden gezien de investeringen die nodig zijn om aan de normen van de richtlijn te voldoen. De EU kan derhalve akkoord gaan met de gevraagde overgangsmaatregel, namelijk dat bij het laden en lossen in terminals met een debiet van meer dan ton per jaar, uiterlijk op 31 december 2004 zal worden voldaan aan de voorschriften van artikel 4, lid 2, onder b), terwijl op andere installaties de voorschriften van de artikelen 3 t/m 6 van de richtlijn uiterlijk op 31 december 2005 volledig toepasselijk zullen zijn. De EU beklemtoont dat deze overgangsmaatregelen alleen voor bestaande installaties gelden. Met betrekking tot Richtlijn 1999/30/EG betreffende grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, zwevende deeltjes en lood in de lucht, benadrukt de EU dat tijdig de luchtkwaliteit beoordeeld, en relevante zones of agglomeraties aangewezen moeten worden, zodat op de datum van toetreding, respectievelijk de in de richtlijn vermelde data, aan de grenswaarden van die richtlijn kan worden voldaan. Met betrekking tot Richtlijn 2001/81/EG inzake nationale emissieplafonds voor bepaalde luchtverontreinigende stoffen, neemt de EU nota van de bevestiging van Polen dat het zijn verbintenissen uit hoofde van de protocollen van Oslo en Göteborg bij het Verdrag betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand, zal nakomen. De EU onderstreept dat Polen zal moeten voldoen aan de vereisten van Richtlijn 2001/81/EG, waaronder de herziening van de richtlijn, die in 2004 voor de Gemeenschap als geheel moet worden voltooid. De technische aanpassingen die in het toetredingsverdrag moeten worden ingevoegd, laten derhalve de herziening van 2004 onverlet. Afvalbeheer De EU reageert instemmend op het feit dat Polen zijn verzoek om een overgangsperiode met betrekking tot Richtlijn 75/442/EEG betreffende afvalstoffen heeft ingetrokken, en neemt nota van de verstrekte informatie. De EU neemt er nota van dat de Afvalwet, die de grondslag biedt voor een volledige omzetting van de richtlijn, nu is aangenomen. Daarnaast neemt de EU er nota van dat Polen op 29 oktober 2002 een nationaal afvalbeheersplan heeft aangenomen dat in overeenstemming is met de bepalingen van artikel 7 van de richtlijn. De EU constateert dat Polen thans maatregelen neemt voor het opzetten van een geïntegreerd en toereikend netwerk van verwerkingsinstallaties overeenkomstig artikel 5 van de richtlijn. Deze maatregelen zullen verder gemonitord moeten worden in het licht van het definitieve uitvoeringsplan voor Richtlijn 1999/31/EG betreffende het storten van afvalstoffen. Voorts onderstreept de EU dat alle vergunningsprocedures overeenkomstig Richtlijn 75/442/EEG uiterlijk op het tijdstip van toetreding geïmplementeerd moeten zijn. Ten slotte spoort de EU de bevoegde autoriteiten in Polen aan om alle maatregelen te treffen die nodig zijn om illegaal storten van afval uiterlijk op het moment van toetreding een halt toe te roepen /02 ass/il/dm 5 BIJLAGE DG E I NL

6 Wat betreft Richtlijn 91/689/EEG inzake gevaarlijke afvalstoffen, verheugt het de EU dat Polen zijn verzoek heeft ingetrokken. De EU er nota van dat Polen op 29 oktober 2002 een nationaal afvalbeheersplan heeft aangenomen dat in overeenstemming is met de bepalingen van artikel 6 van de richtlijn. De EU neemt er met name nota van dat Polen uiterlijk op 31 december 2002 uitvoering zal geven aan de eis dat verschillende categorieën gevaarlijke afvalstoffen van elkaar gescheiden worden gehouden en dat gevaarlijke afvalstoffen gescheiden worden gehouden van niet-gevaarlijke afvalstoffen (artikel 2 van de richtlijn), aan de voorschriften in verband met speciale vergunningen voor bedrijven of ondernemingen die hun afvalstoffen in eigen beheer verwijderen (artikel 3 van de richtlijn) en aan de voorschriften betreffende de controle op de bedrijven en ondernemingen door de bevoegde autoriteiten (artikel 4 van de richtlijn). De opstelling en de uitvoering van het afvalbeheersplan zal verder gemonitord moeten worden in het licht van het definitieve uitvoeringsplan voor Richtlijn 1999/31/EG betreffende het storten van afvalstoffen. De EU constateert met tevredenheid dat Polen zijn verzoek in het kader van Richtlijn 75/439/EEG betreffende afgewerkte olie heeft ingetrokken. De EU neemt nota van de verstrekte informatie, waaronder het uitvoeringsplan, volgens hetwelk: - voor de coördinatie van het beheer van afgewerkte olie in het hele land zijn in 2001 drie "terugwinningsorganisaties" voor afgewerkte olie zijn ingesteld, overeenkomstig de wet betreffende de verplichtingen van ondernemingen inzake het beheer van bepaalde afvalstoffen en betreffende heffingen op producten en retourpremies van de wet betreffende afvalstoffen en de wet betreffende de verplichtingen van ondernemingen inzake het beheer van bepaalde afvalstoffen en betreffende heffingen op producten en retourpremies voorschriften omvatten betreffende de inzameling, terugwinning en verwijdering van afgewerkte olie. Alle ondernemingen die op dit gebied actief zijn, moeten aan deze voorschriften voldoen; - De wet betreffende de verplichtingen van ondernemingen inzake het beheer van bepaalde afvalstoffen en betreffende heffingen op producten en retourpremies van 2001 alle belangrijke actoren verplichtingen oplegt voor de organisatie van een geïntegreerd inzamelingsnetwerk. - voor 31 december 2002 de organisatie van een geïntegreerd netwerk van ondernemingen die afgewerkte olie verwerken rond zal zijn. De EU neemt nota van de streefcijfers die Polen voor terugwinning en recycling van afgewerkte olie heeft vastgesteld (tegen 2006: 50% terugwinning en 25% recycling), en van de geplande economische instrumenten voor de verwezenlijking van deze streefcijfers. Met betrekking tot Richtlijn 94/62/EG betreffende verpakking en verpakkingsafval, is de EU ingenomen met de intrekking van het Poolse verzoek om overgangsmaatregelen ten aanzien van artikel 11 inzake de concentraties van zware metalen in verpakkingen. De EU neemt nota van de door Polen verstrekte aanvullende informatie over de uitvoering van de richtlijn, met name van de mededeling dat de bestaande wetgeving de grondslag biedt voor het bereiken van de terugwinningsen recyclingsdoelstellingen uit hoofde van de richtlijn, en dat de financiële structuren voor het terugwinnings- en recyclingsysteem zijn ingesteld bij de wet betreffende de verplichtingen van ondernemingen inzake het beheer van bepaalde afvalstoffen en betreffende heffingen op producten en retourpremies, de wet op verpakking en verpakkingsafval (beide zijn op 1 januari 2002 in werking getreden), en de wet op de milieubescherming (die op 1 oktober 2001 in werking is getreden). De EU neemt ook nota van het feit dat vraagstukken op het gebied van verpakkingen en het beheer van verpakkingsafval in het nationale plan voor afvalbeheer en in de plannen op lagere ambtelijke niveaus zullen worden opgenomen /02 ass/il/dm 6 BIJLAGE DG E I NL

7 De EU neemt er voorts nota van dat de recyclingdoelstelling van 15% voor papier eind 2002 bereikt zal zijn, dat wil zeggen dat het Poolse verzoek om overgangsmaatregelen in het kader van artikel 6 van Richtlijn 94/62/EG betrekking heeft op zowel het recyclingpercentage van 15% voor kunststof, glas en metaal, als op het totale terugwinnings- en recyclingpercentage. De EU is van mening dat het verzoek beperkt is in tijd en reikwijdte, en dat het, naar het zich laat aanzien, niet tot ernstige concurrentieverstoringen zal leiden, gelet op de investeringen die vereist zijn voor het bereiken van de terugwinnings- en recyclingdoelstellingen. Aangezien Polen voor de toepassing van de richtlijn ook een plan met duidelijk omschreven fases heeft ingediend, kan de EU instemmen met overgangsmaatregelen voor de recyclingstreefcijfers, en wel tot en met 31 december 2003 voor glas, tot en met 31 december 2005 voor kunststof en metaal, tot en met 31 december 2005 voor het totale recyclingpercentage en tot en met 31 december 2007 voor het totale terugwinningspercentage, overeenkomstig de stijgende lijn in de door Polen gepresenteerde terugwinnings- en recyclingpercentages (zie bijlage I). De EU neemt nota van het feit dat Polen in verband met Richtlijn 1999/31/EG betreffende het storten van afvalstoffen, verzoekt om een overgangsperiode tot 1 juli 2012 voor stortplaatsen voor stedelijk afval wat betreft artikel 14, onder c), en bijlage I, punten 2, 3, 4 en 6 van de richtlijn, d.w.z. voor de voorschriften inzake water- en percolaatbeheer, bodem- en waterbescherming, gasbeheersing en stabiliteit. De EU neemt er nota van dat het Poolse verzoek geen betrekking heeft op de voorschriften inzake het storten van gevaarlijke afvalstoffen (artikel 14, onder d)) en geen industrieel afval omvat. Voorts neemt de EU er nota van dat Polen ter beperking van de reikwijdte van het verzoek en van de negatieve gevolgen voor het milieu, zodra het is toegetreden de nodige maatregelen zal treffen om te kunnen voldoen aan de algemene eisen van artikel 4 van Richtlijn 75/442/EEG betreffende afvalstoffen. De EU is van mening dat het verzoek van Polen, gezien de benodigde investeringen en de vereiste aanlooptijd voor de aanleg van nieuwe stortplaatsen, voldoende beperkt lijkt in tijd en reikwijdte. Mede rekening houdend met het door Polen verstrekte uitvoeringsplan, kan de EU akkoord gaan met een overgangsperiode tot 1 juli 2012 voor de toepassing van artikel 14, onder c), en bijlage I, punten 2, 3, 4 en 6, van de richtlijn met betrekking tot ongevaarlijk stedelijk afval dat op bestaande stortplaatsen is gestort, overeenkomstig de tussentijdse streefcijfers in bijlage 1 bis bij dit standpunt. De EU onderstreept dat, voor een effectieve uitvoering van de richtlijn binnen de overeengekomen termijn, de autoriteiten op de diverse bestuurlijke niveaus hun planning en activiteiten dienen te coördineren. De EU neemt er in dit verband nota van dat de overheden op districtsniveau ("powiat") uiterlijk op 31 december 2003 plannen voor afvalbeheer zullen aannemen die specifieke programma's zullen omvatten voor de sluiting en verbetering van stortplaatsen voor 31 december 2012, alsmede voor de aanleg van nieuwe stortplaatsen voor 31 december De EU neemt nota van de bevestiging van Polen dat het deze informatie aan de Commissie zal verstrekken en verwacht dat dit na 31 december 2003 binnen 3 maanden zal gebeuren /02 ass/il/dm 7 BIJLAGE DG E I NL

8 Het door Polen verstrekte uitvoeringsplan bevat de tussentijdse jaarlijkse streefcijfers voor afval dat naar stortplaatsen gaat die aan de voorschriften voldoen. Vanaf het eerste jaar na de toetreding zal uiterlijk in juni van elk jaar een verslag aan de Commissie worden toegezonden over de geleidelijke uitvoering van de richtlijn en het nakomen van de tussentijdse streefcijfers. De EU onderstreept voorts dat alle stortplaatsen waarvoor geen overgangsperiode geldt, op de in de richtlijn vermelde data aan alle voorschriften van Richtlijn 99/31/EG moeten voldoen. Voorts onderstreept de EU dat voor een individuele stortplaats uitsluitend van bepaalde voorschriften van bijlage I van de richtlijn kan worden afgeweken, indien een specifieke risicobeoordeling voor de volledige stortplaats aantoont dat een afwijking van de voorschriften geen mogelijk gevaar inhoudt voor bodem, grondwater of oppervlaktewater. Bovendien kunnen besluiten om van de voorschriften af te wijken uitsluitend door de bevoegde overheid worden genomen en moeten die besluiten gemotiveerd zijn. Tenslotte merkt de EU op dat Polen overeenkomstig artikel 5, lid 2, het verwezenlijken van de in artikel 5, lid 2, onder a), b) en c), genoemde doelstellingen met ten hoogste vier jaar zal mogen uitstellen. De EU neemt nota van het Poolse verzoek om tot en met 31 december 2012 de overbrenging van bepaalde soorten afvalstoffen uit hoofde van Verordening (EEG) nr. 259/93 betreffende toezicht en controle op de overbrenging van afvalstoffen binnen, naar en uit de Europese Gemeenschap, te beperken door de in artikel 4 van die verordening bedoelde bezwaren te laten gelden voor de overbrenging van afvalstoffen voor terugwinning. De EU neemt er ook nota van dat Polen bereid is om de duur van de overgangsperiode zo kort mogelijk te houden (CONF-PL 55/01). Overbrenging van glas, papier, kunststof en gebruikte banden voor terugwinningsdoeleinden De EU neemt nota van de door Polen aangevoerde argumenten, met name het feit dat de prijzen van gescheiden afval thans betrekkelijk hoog zijn, dat gescheiden afvalinzameling zowel als afvalscheiding nog ontwikkeld moeten worden, dat de huidige capaciteit van de afvalterugwinningsbedrijven ontoereikend is en dat de invoer van afvalstoffen voor terugwinning het derhalve moeilijker zou maken de in Richtlijn 94/62/EG betreffende verpakking en verpakkingsafval vastgestelde streefcijfers voor terugwinning en recycling te halen. De EU kan derhalve voor een periode tot en met 31 december 2007 instemmen met het Poolse verzoek betreffende glas, papier, kunststof en gebruikte banden. Tot en met die datum worden de bevoegde autoriteiten in kennis gesteld van de overbrenging van deze afvalstoffen door middel van het in artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 259/93 voorgeschreven begeleidend document en mag artikel 4 worden toegepast. Voor kunststof is de EU evenwel bereid na te gaan of deze periode na de toetreding niet kan worden verlengd tot uiterlijk 31 december 2012, overeenkomstig de procedure van artikel 18 van Richtlijn 75/442/EEG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 91/156/EEG. De EU onderstreept dat vanaf het tijdstip van toetreding de desbetreffende bepalingen van de verordening van toepassing zullen zijn op alle overige afvalstoffen van de groene lijst /02 ass/il/dm 8 BIJLAGE DG E I NL

9 Overbrenging van bepaalde soorten afvalstoffen van de oranje lijst voor terugwinningsdoeleinden Met betrekking tot het Poolse verzoek om tot en met 31 december 2012 artikel 4 van Verordening (EEG) nr. 259/93 toe te passen op de overbrenging van bepaalde soorten afvalstoffen voor terugwinningsdoeleinden, beklemtoont de EU dat artikel 7 van deze verordening de bevoegde autoriteiten van bestemming, verzending en doorvoer de mogelijkheid biedt om bezwaar te maken tegen de overbrenging, onder meer indien de verhouding tussen de wel en niet nuttig toe te passen afvalstoffen, de nuttige toepassing uit economisch en milieutechnisch oogpunt niet rechtvaardigt. Ter vergemakkelijking van de geleidelijke uitvoering van Richtlijn 1999/31/EG betreffende het storten van afvalstoffen kan de EU echter tot en met 31 december 2007 akkoord gaan met het Poolse verzoek betreffende afvalstoffen van de oranje lijst, zoals omschreven in bijlage 2 bij dit standpunt. Tot en met die datum worden de bevoegde autoriteiten in kennis gesteld van de overbrenging van deze afvalstoffen door middel van het in artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 259/93 voorgeschreven begeleidend document en mag artikel 4 worden toegepast. De EU is evenwel bereid na te gaan of deze periode na de toetreding niet kan worden verlengd tot uiterlijk 31 december 2012, overeenkomstig de procedure van artikel 18 van Richtlijn 75/442/EEG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 91/156/EEG. De EU onderstreept dat vanaf het tijdstip van toetreding de bepalingen van de verordening van toepassing zullen zijn op alle overige afvalstoffen van de oranje lijst. Overbrenging van afvalstoffen van de rode lijst en van "niet op de lijsten opgenomen afvalstoffen" voor terugwinningsdoeleinden De EU is van mening dat tot en met 31 december 2012 ook de overbrenging van zeer gevaarlijke afvalstoffen, m.a.w. afvalstoffen van de rode lijst en afvalstoffen die niet zijn opgenomen in bijlagen II, III en IV van Verordening (EEG) nr. 259/93 ("niet op de lijsten opgenomen afvalstoffen"), moet worden gecontroleerd volgens de procedures voor de overbrenging voor verwijderingsdoeleinden, zulks om de geleidelijke uitvoering van Richtlijn 1999/31/EG te waarborgen. Tot en met die datum moeten de bevoegde autoriteiten van de overbrenging van deze afvalstoffen in kennis gesteld worden door middel van het in artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 259/93 voorgeschreven begeleidend document, en mag artikel 4 worden toegepast. Overbrenging van afvalstoffen voor terugwinning in installaties die niet met het acquis stroken Voorzover er overgangsmaatregelen worden overeengekomen met betrekking tot installaties voor de terugwinning van afval, is de EU van mening dat er tot het einde van deze overgangsperiode geen ingevoerd afval mag worden teruggewonnen in deze installaties. Om die reden moet artikel 4 van Verordening (EEG) nr. 259/93 worden toegepast op de overbrenging van afvalstoffen voor terugwinning op alle locaties waarvoor een overgangsperiode geldt, met inbegrip van afvalstoffen die zijn opgenomen in bijlagen II, III en IV van de verordening, en afvalstoffen die daarin niet zijn opgenomen ("afvalstoffen buiten de lijst"). Overbrenging van afvalstoffen voor verwijderingsdoeleinden De EU neemt er nota van dat Polen met het oog op de geleidelijke uitvoering van Richtlijn 1999/31/EG betreffende het storten van afvalstoffen, de invoer van afvalstoffen naar verwijderingsinstallaties zal verbieden /02 ass/il/dm 9 BIJLAGE DG E I NL

10 Overbrenging van andere afvalstoffen De bevoegde autoriteiten moeten in kennis worden gesteld van de overbrenging van alle overige afvalstoffen door middel van het in artikel 6, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 259/93 voorgeschreven begeleidend document, waarbij voor de overbrenging van afvalstoffen voor terugwinning tot en met 31 december 2012 de toepassing van artikel 6, lid 1, wordt toegestaan. De EU neemt er nota van dat Polen bovenstaande overwegingen betreffende de overbrenging van afvalstoffen (Verordening (EEG) nr. 259/93) uitdrukkelijk heeft aanvaard (zie CONF-PL 89/01). Wat betreft Richtlijn 91/157/EEG inzake batterijen neemt de EU er nota van dat de wet betreffende afvalstoffen en de wet betreffende de verplichtingen van ondernemingen inzake het beheer van bepaalde afvalstoffen en betreffende heffingen op producten en retourpremies, die beide op 1 januari 2002 in werking zijn getreden, de basis vormen voor de uitvoering van de richtlijn. Wat betreft Richtlijn 96/59/EG betreffende de verwijdering van PCB's en PCT's, neemt de EU nota van het door Polen verstrekte uitvoeringsplan, en met name van de aankondiging dat Polen zijn institutionele structuren verder heeft versterkt, en dat het voor 31 december 2002 de inventaris van PCB's en PCT's bevattende apparaten zal opmaken. De EU neemt tevens nota van de aankondiging dat er voor 31 december 2003 plannen zullen worden opgesteld voor het reinigen en/of verwijderen van de geïnventariseerde apparaten en de PCB's die deze bevatten. Waterkwaliteit De EU neemt nota van de door Polen verstrekte informatie met betrekking tot het verzoek om overgangsmaatregelen voor de uitvoering van Richtlijn 91/271/EEG inzake de behandeling van stedelijk afvalwater. De EU is ingenomen met het feit dat Polen zijn gehele grondgebied kwetsbaar heeft verklaard. De EU neemt er nota van dat Polen kiest voor uitvoering overeenkomstig artikel 5, lid 4, van de richtlijn, d.w.z. dat de eisen van de richtlijn voor afzonderlijke installaties niet hoeven te worden toegepast in kwetsbare gebieden, indien kan worden aangetoond dat het minimpercentage van de vermindering van de totale vracht voor alle stedelijke waterzuiveringsinstallaties in dat gebied ten minste 75 % voor totaal fosfor en ten minste 75 % voor totaal stikstof bedraagt. Ook neemt de EU nota van de bevestiging door Polen (CONF-PL 89/01) dat de volgende tussentijdse streefcijfers of equivalente streefcijfers zullen worden bereikt: uiterlijk op 31 december 2005 worden 674 van alle agglomeraties, met een totaal inwonerequivalent (i.e.) van , d.w.z. 68,8% van de totale biologisch afbreekbare vracht, overeenkomstig de richtlijn behandeld; uiterlijk op 31 december 2010 worden 1069 van alle agglomeraties, met een totaal i.e. van , d.w.z. 86,0% van de totale biologisch afbreekbare vracht, overeenkomstig de richtlijn behandeld; uiterlijk op 31 december 2013 worden nog eens 96 agglomeraties, met een totaal i.e. van , d.w.z. 5,1% van de totale biologisch afbreekbare vracht, overeenkomstig de richtlijn behandeld. Uiteindelijk zullen uiterlijk op 31 december 2015 alle 1479 agglomeraties, met een totaal i.e. van , d.w.z. 100% van de totale biologisch afbreekbare vracht, overeenkomstig de richtlijn worden behandeld /02 ass/il/dm 10 BIJLAGE DG E I NL

11 Na zorgvuldige bestudering van het Poolse verzoek acht de EU het in tijd en reikwijdte voldoende beperkt en kan zij derhalve instemmen met de gevraagde overgangsmaatregel. Wat betreft industrieel afvalwater dat op de openbare riolering wordt geloosd (artikel 11 van Richtlijn 91/271/EEG), benadrukt de EU dat alle lozingen van deze aard vanaf het moment van toetreding dienen te stroken met de bepalingen van bijlage 1, deel C, van de richtlijn. Voor biologisch afbreekbaar industrieel afvalwater van installaties van bepaalde bedrijfstakken, dat niet via stedelijke waterzuiveringsinstallaties wordt geloosd (artikel 13 van de richtlijn), kan de EU akkoord gaan met een overgangsperiode tot en met 31 december 2010, zoals door Polen is gespecificeerd in tabel 5 van addendum 1 bij CONF-PL 55/01. Met betrekking tot Richtlijn 91/676/EEG inzake verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen neemt de EU er nota van dat Polen zijn verzoek om een overgangsperiode heeft ingetrokken en dat het voornemens is kwetsbare gebieden aan te wijzen waar aan een aantal bijzondere voorwaarden wordt voldaan. De EU wijst erop dat deze gebieden aangewezen moeten worden op basis van de criteria van bijlage I bij de richtlijn. Op basis van de door Polen verstrekte informatie met betrekking tot de eutrofiëring van zijn watervoorraden, verzoekt de EU Polen om een breed scala van kwetsbare gebieden aan te wijzen. De EU neemt er nota van dat de regionale instanties voor waterbeheer in Polen de opdracht hebben gekregen om de grenzen van de kwetsbare gebieden uiterlijk eind 2002 af te bakenen en dat overeenkomstig de specifieke bepalingen van de waterwet, de formele aanwijzing van voornoemde gebieden eind 2003 afgerond moet zijn. De EU onderstreept dat nu actieprogramma's moeten worden opgesteld die dan op het tijdstip van toetreding kunnen worden uitgevoerd. De uitvoering van het programma kan te gelegener tijd na de toetreding worden afgesloten, met dien verstande dat de verplichte maatregelen van het actieprogramma vanaf de toetreding van toepassing zijn op nieuwe of vernieuwde veestapels. De EU neemt er nota van dat Polen vasthoudt aan zijn verzoek om overgangsmaatregelen met betrekking tot Richtlijn 76/464/EEG inzake de lozing van gevaarlijke stoffen in oppervlaktewater, dat ook van toepassing is op alle dochterrichtlijnen: 82/176/EEG, 83/513/EEG, 84/491/EEG en 86/280/EEG, gewijzigd bij 88/374/EEG en 90/415/EEG. De EU neemt nota van de bevestiging door Polen van het volgende: - op het tijdstip van toetreding zal volledige implementatie bereikt zijn voor hexachloorcyclohexaan, DDT, aldrin, dieldrin, endrin en isodrin (CONF-PL 83/01); - alle lozingen van de resterende lijst I-stoffen zijn toegestaan, de vergunningen zijn herzien en er wordt onverwijld begonnen met de herziening van de vergunningen voor de vastgestelde 180 grote installaties (CONF-PL 89/01); - het watercontrolesysteem zal volledig in overeenstemming zijn gebracht met de eisen van de richtlijnen (CONF-PL 89/01) /02 ass/il/dm 11 BIJLAGE DG E I NL

12 Op grond van deze informatie kan de EU voor de periode tot en met 31 december 2007 instemmen met de gevraagde overgangsmaatregelen. Met betrekking tot lijst II-stoffen neemt de EU er nota van dat Polen op het tijdstip van toetreding programma's ter vermindering van de verontreiniging zal vaststellen, dat die programma's een juridisch bindende uitvoeringstermijn zullen omvatten van ten hoogste zes jaar na vaststelling, en dat zij daarnaast kwaliteitsdoelstellingen, emissienormen voor lijst II-stoffen, andere noodzakelijke beperkingsmaatregelen, en controlebepalingen zullen bevatten. De EU neemt nota van de bevestiging door Polen (in CONF-PL 89/01) dat het na voltooiing van de vereiste inventarisaties zijn uitvoeringsprogramma zal aanpassen en aan de Commissie zal voorleggen. De EU reageert instemmend op de intrekking van het Poolse verzoek met betrekking tot Richtlijn 75/440/EEG betreffende de vereiste kwaliteit van het oppervlaktewater dat is bestemd voor de productie van drinkwater. De EU neemt er nota van dat Polen voor 31 december 2001 op basis van de parameters van de richtlijn een complete beoordeling heeft verricht van de kwaliteit van het oppervlaktewater, en zal bepalen welke investeringen nodig zijn om de kwaliteit van water beneden de categorie A 3 te verbeteren. De EU neemt er tevens nota van dat Polen overeenkomstig het bepaalde in de richtlijn voor 31 december 2002 een systeem zal opzetten voor de controle van water dat is bestemd voor de productie van drinkwater. Voorts neemt de EU er nota van dat vanaf de toetreding in Polen de kwaliteit van water dat voor de productie van drinkwater wordt gebruikt, bij de onttrekking ten minste overeenkomt met categorie A 3, en dat er na de inwerkingtreding van de waterwet gedetailleerde programma's ter verbetering van de kwaliteit van voor de productie van drinkwater bestemd oppervlaktewater worden opgesteld. De EU neemt er nota van dat Polen Richtlijn 98/83/EG betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water vanaf de toetreding volledig zal uitvoeren. De EU neemt nota van het alomvattend uitvoeringsprogramma van Polen, met vermelding van de concrete maatregelen om te bereiken dat aan alle parameters en aan de criteria voor controle bij de kraan wordt voldaan (CONF-PL 87/02). De EU wijst Polen erop dat het bij de uitvoering van het acquis op het gebied van water rekening dient te houden met Richtlijn 2000/60/EG tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid. De EU beklemtoont dat de bijdrage van de provinciale fondsen (wojwodship funds) voor milieubescherming noodzakelijk is voor de financiering van investeringen voor controle en onderhoud. Natuurbescherming De EU neemt nota van de bevestiging door Polen dat het vanaf de toetreding de in artikel 6, leden 2, 3 en 4, van Richtlijn 92/43/EEG inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna bedoelde bescherming, zal toepassen op alle gebieden die zijn opgenomen op de lijst van gebieden die ervoor in aanmerking komen om tot een gebied van communautair belang te worden verklaard, alsmede op alle gebieden die uit hoofde van Richtlijn 79/409/EEG inzake het behoud van de vogelstand als speciale beschermingszones zijn aangewezen. In dit verband wijst de EU op het belang van uitvoering van de maatregelen die vereist zijn voor de opstelling van de lijst van gebieden voor het Natura 2000-netwerk /02 ass/il/dm 12 BIJLAGE DG E I NL

13 Wanneer de bestudering van de wetenschappelijke gegevens voltooid is, zal de EU in een latere onderhandelingsfase en in het licht van de in de toetredingsakte aan te brengen technische aanpassingen op dit onderwerp terugkomen. Met betrekking tot Richtlijn 87/22/EG betreffende het houden van wilde dieren in dierentuinen neemt de EU nota van het uitvoeringsplan van Polen (CONF-PL 87/02). Bestrijding van industriële verontreiniging en risicobeheersing De EU is ingenomen met het besluit van Polen om zijn verzoek in verband met "nieuwe" installaties in het kader van Richtlijn 96/61/EG inzake geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging, in te trekken. De EU neemt nota van de bevestiging van Polen dat alle "nieuwe" installaties vanaf de toetreding zullen functioneren overeenkomstig de in de richtlijn gestelde eis. De EU neemt nota van de mededeling van Polen dat per oktober 2007 voor alle bestaande installaties geïntegreerde vergunningen zullen worden afgegeven. De EU neemt er nota van dat het Poolse verzoek betrekking heeft op: - gemeentelijke verwarmingsinstallaties met een nominaal thermisch vermogen van 50 tot 300 MW (CONF-PL 78/01 en 84/01); - stortplaatsen voor stedelijk afval waar per dag 10 tot 20 ton afval binnenkomt (CONF-PL 78/01 en 84/01); - de 157 installaties die zijn vermeld in CONF-PL 88/01. De EU neemt nota van de door Polen afgelegde verklaring dat het geen grensoverschrijdende gevolgen voor het milieu verwacht. De EU onderstreept het belang van deze richtlijn voor de milieubescherming en de interne markt. Na zorgvuldige bestudering van de door Polen verstrekte informatie is de EU met name van mening dat het Poolse verzoek voldoende beperkt is in tijd (tot en met 31 december 2010). De EU kan akkoord gaan met de gevraagde overgangsmaatregelen voor 235 installaties, waaronder gemeentelijke verwarmingsinstallaties met een nominaal thermisch vermogen van 50 tot 300 MW en stortplaatsen voor stedelijk afval waar per dag 10 tot 20 ton afval binnenkomt (zie bijlage 3) /02 ass/il/dm 13 BIJLAGE DG E I NL

14 Wat andere "bestaande" installaties betreft, is de EU verheugd over het feit dat Polen de reikwijdte van haar verzoek aanzienlijk heeft ingeperkt tot 66 specifieke installaties (CONF-PL 87/02, ter vervanging van CONF-PL 88/01), en neemt zij nota van de uitgebreide informatie van Polen over deze installaties. De EU kan derhalve instemmen met overgangsmaatregelen, voor de periode tot uiterlijk 31 december 2010, voor de hierboven bedoelde 66 installaties (zie bijlage 4 bij dit standpunt). De EU beklemtoont dat voor alle installaties waarop de overgangsmaatregelen betrekking hebben, de volgende voorwaarden zullen gelden: voor 30 oktober 2007 zullen er volledig gecoördineerde vergunningen worden afgegeven met afzonderlijk bindende tijdschema's voor het verwezenlijken van volledige naleving; vanaf 30 oktober 2007 zullen de in artikel 3 van Richtlijn 96/61/EG bedoelde algemene beginselen inzake de fundamentele verplichtingen van de exploitant in acht worden genomen; er zal naar behoren rekening worden gehouden met afvalverwerking en -verwijdering in deze installaties. Ten slotte wijst de EU erop dat alle bestaande installaties waarvoor de overgangsmaatregelen niet gelden, met ingang van 30 oktober 2007 overeenkomstig de uit hoofde van de richtlijn afgegeven vergunningen moeten functioneren. Wat betreft Richtlijn 88/609/EEG inzake grote stookinstallaties is de EU ingenomen met het feit dat Polen zijn verzoek heeft ingetrokken, en neemt zij er nota van dat er voor installaties waarvoor na 1 juli 1987 een bouwvergunning werd afgegeven en die voor 29 maart 1990 in bedrijf zijn gesteld, emissiegrenswaarden zullen worden vastgesteld die in overeenstemming zijn met de grenswaarden in de richtlijn. Met betrekking tot Richtlijn 2001/80/EEG van de Raad van 24 november 1988 inzake beperking van de emissies van bepaalde verontreinigende stoffen in de lucht door grote stookinstallaties neemt de EU nota van het verzoek van Polen om overgangsregelingen: - tot en met 31 december 2015 wat betreft de emissiegrenswaarden voor SO 2 ; - tot en met 31 december 2020 voor NOx-emissies van bepaalde centrales voor openbare energievoorziening en van bepaalde warmtekrachtcentrales voor industriële doeleinden (de voorschriften zijn van toepassing met ingang van 1 januari 2016); - tot en met 31 december 2022 voor NOx-emissies van bepaalde warmtekrachtcentrales voor openbare energievoorziening en van bepaalde warmtecentrales voor openbare energievoorziening (de voorschriften zijn van toepassing met ingang van 1 januari 2016); - tot en met 31 december 2017 voor stofemissies van stedelijke warmtecentrales /02 ass/il/dm 14 BIJLAGE DG E I NL

15 De EU neemt tevens nota van de motiveringen van dit verzoek, in het bijzonder de huidige uitzonderlijke structuur van de voorziening in primaire brandstoffen (97% van de elektrische energie wordt gegenereerd door verbranding van steenkool en bruinkool), de aspecten inzake voorzieningszekerheid en de macro-economische en sociale gevolgen van de vervanging van een derde van de huidige energieopwekkingscapaciteit. De EU neemt er nota van dat ingevolge het verzoek van Polen 80% van het thermisch vermogen tegen eind 2008 zou voldoen aan de voorschriften inzake SO 2 -emissies, en 98% aan de voorschriften voor stofemissies. 76% van het vermogen zou niet in overeenstemming zijn met de emissiegrenswaarden voor NOx-emissies die volgens de richtlijn vanaf 1 januari 2016 van toepassing zullen zijn. De EU neemt er voorts nota van dat Polen bij de toetreding zal beslissen over het al dan niet toepassen van een nationaal emissiereductieplan overeenkomstig artikel 4, lid 6, van de richtlijn. In dit verband onderstreept de EU dat een dergelijk emissiereductieplan voor de datum van toetreding aan de Commissie moet worden meegedeeld. Na grondige bestudering van het verzoek van Polen is de EU van oordeel dat de verlangde overgangsmaatregel qua tijd en reikwijdte voldoende beperkt is, dat de noodzakelijke investeringskosten hoog zijn en in de tijd moeten worden gespreid, dat het verzoek gezien de gedane, af te schrijven investeringen en de nodige toekomstige investeringen, niet zal leiden tot enige concurrentiedistorsie van betekenis op de interne markt, en dat het verzoek wordt geschraagd door een plan met duidelijke etappes voor de toepassing van het acquis. Gelet op wat voorafgaat, kan de EU instemmen met een overgangsperiode: - tot en met 31 december 2015 voor SO 2 -emissies van de in bijlage 5 vermelde centrales en overeenkomstig de tussentijdse streefcijfers in bijlage 5 en bijlage 6 bij dit standpunt die in het toetredingsverdrag moeten worden opgenomen (artikel 4, lid 3, bijlage III, deel A, en bijlage IV, deel A); - tot en met 31 december 2017 voor NOx-emissies van de in bijlage 5 vermelde centrales en overeenkomstig de tussentijdse streefcijfers in bijlage 6 bij dit standpunt die in het toetredingsverdrag moeten worden opgenomen (artikel 4, lid 3, bijlage V, deel A, voorschriften van toepassing vanaf 1 januari 2016 voor centrales > 500 MWth); - tot en met 31 december 2017 voor stofemissies van stedelijke warmtecentrales die worden gespecificeerd in bijlage 5 bij dit standpunt (artikel 4, lid 3, bijlage VII, deel A). De EU herinnert eraan dat de Commissie overeenkomstig artikel 4, lid 7, van Richtlijn 2001/80/EG, uiterlijk op 31 december 2004 het Europees Parlement en de Raad een verslag zal voorleggen met een beoordeling van onder meer de noodzaak van verdere maatregelen, en dat dit verslag indien nodig vergezeld zal gaan van voorstellen ter zake, met inachtneming van Richtlijn 96/61/EG /02 ass/il/dm 15 BIJLAGE DG E I NL

16 Voorts eist de EU dat Polen uiterlijk op 1 januari 2008 en vervolgens uiterlijk op 1 januari 2012 een bijgewerkt plan indient, vergezeld van een investeringsplan, voor de geleidelijke aanpassing van de overblijvende niet aan de voorschriften beantwoordende centrales, met duidelijk omschreven stappen voor de toepassing van het acquis. Beide plannen moeten zorgen voor een verdere reductie van de emissies overeenkomstig de tussentijdse streefcijfers in bijlage 6 bij dit standpunt. Zij moeten streven naar SO 2 -emissies van minder dan 400 kiloton in 2010 en 300 kiloton in Indien de Commissie, gelet op in het bijzonder de milieueffecten en de noodzaak om de concurrentieverstoringen op de interne markt als gevolg van de overgangsmaatregelen te beperken, van oordeel is dat deze plannen onvoldoende zijn om deze doelstellingen te halen, brengt zij Polen daarvan op de hoogte. Binnen de daaropvolgende drie maanden verstrekt Polen informatie over alle maatregelen die het heeft genomen om deze doelstellingen te beperken. Indien de Commissie daarna, in overleg met de lidstaten, van oordeel is dat deze maatregelen onvoldoende zijn om deze doelstellingen te halen, start zij een procedure wegens het niet nakomen van verplichtingen overeenkomstig artikel 226 van het EG-Verdrag. De EU onderstreept dat deze overgangsregelingen niets afdoen aan de verplichting van Polen om de voorschriften inzake de luchtkwaliteit zoals vastgelegd in het Gemeenschapsrecht (Richtlijn 96/62/EG inzake de beoordeling en het beheer van de luchtkwaliteit en de dochterrichtlijnen daarvan) volledig toe te passen, noch aan de verplichtingen van Polen inzake de IPPC-richtlijn 96/61/EG. Verder neemt de EU er nota van dat het wellicht nodig is om vrijwaringsmechanismen zoals de wederkerigheidsclausule van Richtlijn 96/92/EG toe te passen om eventuele concurrentiedistorsies te beperken. De EU is ingenomen met het Poolse besluit tot intrekking van zijn verzoek om een overgangsperiode tot en met 31 december 2010 met betrekking tot Richtlijn 1999/13/EG inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen ten gevolge van het gebruik van organische oplosmiddelen bij bepaalde werkzaamheden en in installaties, en met het feit dat Polen heeft toegezegd ervoor te zullen zorgen dat bestaande installaties voor 31 oktober 2007 conform zullen zijn (CONF- PL 89/01). De EU is namelijk van mening dat volledige uitvoering van deze richtlijn van belang is voor de volksgezondheid, het milieu en het functioneren van de interne markt. De EU merkt op dat de bevoegde autoriteit voor afzonderlijke installaties uitzonderingen kan maken onder de in artikel 5, lid 3, van de richtlijn gestelde voorwaarden. Voorts neemt de EU nota van de bevestiging van Polen dat nieuwe installaties, zoals die in de richtlijn zijn omschreven, vanaf de toetreding met het acquis zullen stroken (CONF-PL 89/01) /02 ass/il/dm 16 BIJLAGE DG E I NL

17 Chemicaliën en genetisch gemodificeerde organismen Op basis van de verstrekte informatie is de EU van mening dat de Poolse institutionele structuur en administratieve en personele middelen voor het nakomen van de verplichtingen van de bevoegde autoriteiten en de aangewezen autoriteiten krachtens de richtlijnen en verordeningen in de sector chemicaliën, verder versterkt moeten worden. Dienovereenkomstig neemt de EU nota van de bevestiging van Polen dat het voor 31 januari 2003 de Commissie gedetailleerde informatie en een concreet programma zal verstrekken voor de verwezenlijking van de vereiste institutionele, administratieve en personele middelen in de sector chemicaliën (CONF-PL 89/01). Er zij opgemerkt dat het grootste deel van het acquis inzake chemische stoffen productgerelateerd is en derhalve relevant is voor de werking van de interne markt. De EU zal toezien op de vorderingen van de Poolse uitvoeringsinspanningen die onontbeerlijk zijn in de sector chemicaliën. De EU is verheugd over het feit dat Polen zijn verzoek om overgangsmaatregelen met betrekking tot Verordening (EG) nr. 2037/2000 betreffende de ozonlaag afbrekende stoffen heeft ingetrokken, en dat het heeft bevestigd alle noodzakelijke maatregelen te zullen treffen om vanaf de toetreding aan de verordening te voldoen (CONF-PL 89/01). Nucleaire veiligheid en stralingsbescherming De EU memoreert het algemene standpunt van de EU en het belang van de doelstelling van een hoog niveau van nucleaire veiligheid en milieubescherming. De EU is verheugd over de intrekking door Polen van zijn verzoek met betrekking tot artikel 7 van Richtlijn 97/43/Euratom betreffende de bescherming van personen tegen de gevaren van ioniserende straling in verband met medische blootstelling. Na zorgvuldige bestudering, is de EU van mening dat het Poolse verzoek om volledige toepassing van artikel 8 van deze richtlijn tot en met 31 december 2006, voldoende beperkt in tijd en reikwijdte is, en dat het niet lijkt te leiden tot aanzienlijke concurrentieverstoringen in de interne markt, omdat de betrokken apparatuur niet buiten Polen op de EU-markt mag worden gebracht. De EU kan het verzoek derhalve inwilligen. * * * 14477/02 ass/il/dm 17 BIJLAGE DG E I NL

PUBLIC LIMITE L CO FERE TIE OVER DE TOETREDI G TOT DE EUROPESE U IE IJSLA D. Brussel, 13 oktober 2011 (17.10) (OR. en) AD 46/11 LIMITE CO F-IS 19

PUBLIC LIMITE L CO FERE TIE OVER DE TOETREDI G TOT DE EUROPESE U IE IJSLA D. Brussel, 13 oktober 2011 (17.10) (OR. en) AD 46/11 LIMITE CO F-IS 19 eil UE CO FERE TIE OVER DE TOETREDI G TOT DE EUROPESE U IE IJSLA D Brussel, 13 oktober 2011 (17.10) (OR. en) PUBLIC AD 46/11 LIMITE CO F-IS 19 TOETREDI GSDOCUME T Betreft: GEMEENSCHAPPELIJK STANDPUNT VAN

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 19 april 2006 (24.04) (OR. en) 8478/06 LIMITE VISA 109 FRONT 80 COMIX 383. NOTA het secretariaat-generaal

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 19 april 2006 (24.04) (OR. en) 8478/06 LIMITE VISA 109 FRONT 80 COMIX 383. NOTA het secretariaat-generaal Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 19 april 2006 (24.04) (OR. en) PUBLIC 8478/06 LIMITE VISA 109 FRONT 80 COMIX 383 NOTA van: aan: vorig doc. Betreft: het secretariaat-generaal de Raad 8277/06

Nadere informatie

Geconsolideerde TEKST

Geconsolideerde TEKST NL Geconsolideerde TEKST samengesteld door het CONSLEG-systeem van het Bureau voor officiële publicaties der Europese Gemeenschappen CONSLEG: 2002D0994 03/02/2003 Aantal bladzijden: 5 < Bureau voor officiële

Nadere informatie

15414/14 van/mak/sv 1 DG D 2A

15414/14 van/mak/sv 1 DG D 2A Raad van de Europese Unie Brussel, 20 november 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2012/0360 (COD) 15414/14 JUSTCIV 285 EJUSTICE 109 CODEC 2225 NOTA van: aan: het voorzitterschap het Comité van

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument D015695/01.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument D015695/01. RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 19 september 2011 (21.09) (OR. en) 14391/11 E V 685 I GEKOME DOCUME T van: de Europese Commissie ingekomen: 14 september 2011 aan: het secretariaat-generaal van de Raad

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 24 september 2002 (04.10) (OR. en) 12275/02 LIMITE ELARG 278

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 24 september 2002 (04.10) (OR. en) 12275/02 LIMITE ELARG 278 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 24 september 2002 (04.10) (OR. en) PUBLIC 12275/02 LIMITE ELARG 278 NOTA I-PUNT van: de Groep uitbreiding d.d.: 24 september 2002 aan: het Comité van permanente

Nadere informatie

Het Europees Parlement en het Economisch en Sociaal Comité hebben respectievelijk op 20 april 1994 en op 30 juni 1993 advies uitgebracht.

Het Europees Parlement en het Economisch en Sociaal Comité hebben respectievelijk op 20 april 1994 en op 30 juni 1993 advies uitgebracht. Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 9 november 2004 (16.11) (OR. en) PUBLIC 14287/04 Interinstitutioneel dossier: 1992/0449/B (COD) LIMITE SOC 523 CODEC 1208 VERSLAG van: de Groep sociale vraagstukken

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 29.11.2007 COM(2007) 761 definitief 2007/0266 (ACC) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD over het standpunt van de Gemeenschap in het Gemengd Comité EG-Faeröer

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 mei 2006 (26.06) (OR. fr) 8693/06 ADD 1 PV/CONS 22 AGRI 146 PECHE 119

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 mei 2006 (26.06) (OR. fr) 8693/06 ADD 1 PV/CONS 22 AGRI 146 PECHE 119 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 mei 2006 (26.06) (OR. fr) 8693/06 ADD 1 PV/CONS 22 AGRI 146 PECHE 119 ADDENDUM bij de ONTWERP-NOTULEN 1 Betreft: 2724e zitting van de Raad van de Europese Unie (LANDBOUW

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) 15528/02 ADD 1 ENER 315 CODEC 1640 ONTWERP-MOTIVERING VAN DE RAAD Betreft: Gemeenschappelijk

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) PUBLIC 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Beschikking van de Raad betreffende de

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 juni 2002 (07.06) (OR. en) 9487/02 LIMITE ELARG 193

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 juni 2002 (07.06) (OR. en) 9487/02 LIMITE ELARG 193 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 juni 2002 (07.06) (OR. en) PUBLIC 9487/02 LIMITE ELARG 193 INLEIDENDE NOTA van: Secretariaat-generaal van de Raad op: 5 juni 2002 aan: het Comité van permanente

Nadere informatie

COMMISSIE BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

COMMISSIE BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE bron : http://www.emis.vito.be Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen dd. 14-12-1999 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB L 321 van 14/12/99 COMMISSIE BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie VOORLOPIGE VERSIE 2003/0119(COD) 21 oktober 2003 ONTWERPADVIES van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 16.5.2001 COM(2001) 261 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij Denemarken wordt gemachtigd om overeenkomstig de procedure van artikel

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 29.4.2003 COM(2003) 219 definitief 2003/0084 (COD) Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 2002/96/EG

Nadere informatie

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 26.3.2012 COM(2012) 136 final 2012/0066 (COD)C7-0133/12 Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van [...] tot wijziging van Richtlijn 2006/66/EG inzake

Nadere informatie

23.3.2011 Publicatieblad van de Europese Unie L 77/25

23.3.2011 Publicatieblad van de Europese Unie L 77/25 23.3.2011 Publicatieblad van de Europese Unie L 77/25 VERORDENING (EU) Nr. 284/2011 VAN DE COMMISSIE van 22 maart 2011 tot vaststelling van specifieke voorwaarden en gedetailleerde procedures voor de invoer

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2013/0371 (COD) 7105/15 BEGELEIDENDE NOTA van: ingekomen: 10 maart 2015 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: ENV 162 MI 162

Nadere informatie

De meeste delegaties steunden de compromistekst en onderstreepten daarbij hun bereidheid om te streven naar een akkoord bij de eerste lezing.

De meeste delegaties steunden de compromistekst en onderstreepten daarbij hun bereidheid om te streven naar een akkoord bij de eerste lezing. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 25 april 2001 (04.05) (OR. en) 7725/01 Interinstitutioneel dossier: 2000/0211 (COD) LIMITE ENT 55 ENV 166 CODEC 319 RESULTAAT BESPREKINGEN van: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

- Politiek akkoord over een gemeenschappelijk standpunt

- Politiek akkoord over een gemeenschappelijk standpunt RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 juni 2000 (16.06) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 1999/0158 (COD) 9410/00 ADD 1 LIMITE DENLEG 40 CODEC 453 ADDENDUM BIJ DE NOTA I-PUNT van: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 02/10/2015

Datum van inontvangstneming : 02/10/2015 Datum van inontvangstneming : 02/10/2015 Vertaling C-460/15-1 Zaak C-460/15 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 28 augustus 2015 Verwijzende rechter: Verwaltungsgericht Berlin (Duitsland)

Nadere informatie

Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I

Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I P7_TA(200)0052 Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 0 maart 200 over het voorstel voor een richtlijn van het

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 3 februari 2010 Betreft: Voorstel

Nadere informatie

gezien de mededeling van de Commissie (COM(2002) 431 C5-0573/2002),

gezien de mededeling van de Commissie (COM(2002) 431 C5-0573/2002), P5_TA(2003)0486 Belasting van personenauto s in de Europese Unie Resolutie van het Europees Parlement over de mededeling van de Commissie inzake belasting van personenauto s in de Europese Unie (COM(2002)

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 november 2008 (OR. en) 15311/08 E V 781 MAR 199 MED 76

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 november 2008 (OR. en) 15311/08 E V 781 MAR 199 MED 76 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 18 november 2008 (OR. en) 15311/08 E V 781 MAR 199 MED 76 WETGEVI GSBESLUITE E A DERE I STRUME TE Betreft: BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de ondertekening, namens de

Nadere informatie

13395/2/01 REV 2 ADD 1 gys/hb/dm 1 DG I

13395/2/01 REV 2 ADD 1 gys/hb/dm 1 DG I RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 december 2001 (08.01) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2000/0227 (COD) 13395/2/01 REV 2 ADD 1 ENV 528 CODEC 1098 Betreft: Gemeenschappelijk standpunt van de Raad

Nadere informatie

RICHTLIJN 2013/56/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

RICHTLIJN 2013/56/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD 10.12.2013 Publicatieblad van de Europese Unie L 329/5 RICHTLIJN 2013/56/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 20 november 2013 tot wijziging van Richtlijn 2006/66/EG van het Europees Parlement

Nadere informatie

1. Punt 43: Samenwerking in het kader van een gezamenlijk team waarbij functionarissen van Europol betrokken zijn

1. Punt 43: Samenwerking in het kader van een gezamenlijk team waarbij functionarissen van Europol betrokken zijn RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 april 2000 (17.04) (OR. en) 7316/00 LIMITE EUROPOL 4 NOTA van: Europol aan: de Groep Europol nr. vorig doc.: 5845/00 EUROPOL 1 + ADD 1 + ADD 2 + ADD 3 Betreft: Artikel

Nadere informatie

ADVIES VAN DE COMMISSIE. van 8.10.2012

ADVIES VAN DE COMMISSIE. van 8.10.2012 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 8.10.2012 C(2012) 7142 final ADVIES VAN DE COMMISSIE van 8.10.2012 overeenkomstig artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 714/2009 en artikel 10, lid 6, van Richtlijn 2009/72/EG

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 maart 2006 (29.03) (OR. en) 7813/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0037 (CNS)

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 maart 2006 (29.03) (OR. en) 7813/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0037 (CNS) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 maart 2006 (29.03) (OR. en) 7813/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0037 (CNS) N 20 CORDROGUE 27 FISC 45 BUDGET 13 SAN 71 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 14 maart

Nadere informatie

Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik

Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 17 november 1999 (OR. en) 12545/1/99 REV 1 LIMITE SAN 171 Betreft : Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik DG I CONCLUSIES VAN DE RAAD

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194 VERSLAG van: het Comité van permanente vertegenwoordigers (1e deel) aan: de Raad EPSCO Nr. vorig doc.: 9081/08

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESCHIKKING VAN DE

Nadere informatie

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van (datum), nr., Directie Wetgeving en Juridische Zaken;

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van (datum), nr., Directie Wetgeving en Juridische Zaken; WIJ BEATRIX, BIJ DE GRATIE GODS, KONINGIN DER NEDERLANDEN, PRINSES VAN ORANJE- NASSAU, ENZ. ENZ. ENZ. Besluit van... houdende regels inzake diervoeders (Besluit diervoeders 2012) Besluit van Op de voordracht

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 maart 2002 (18.03) (OR. fr) 7244/02. Interinstitutioneel dossier: 2002/0068 (ACC) LIMITE UD 17

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 maart 2002 (18.03) (OR. fr) 7244/02. Interinstitutioneel dossier: 2002/0068 (ACC) LIMITE UD 17 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 15 maart 2002 (18.03) (OR. fr) PUBLIC Interinstitutioneel dossier: 2002/0068 (ACC) 7244/02 LIMITE UD 17 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Sylvain BISARRE, directeur

Nadere informatie

4. Het voorzitterschap verzoekt de Raad derhalve de ontwerp-conclusies in bijlage dezes aan te nemen.

4. Het voorzitterschap verzoekt de Raad derhalve de ontwerp-conclusies in bijlage dezes aan te nemen. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 17 maart 2008 7150/1/08 REV 1 (de,nl,da,el,pt,sv,cs,et,lt,mt,sl) AGRI 62 AGRISTR 8 AGRIORG 21 VERSLAG van: het Speciaal Comité landbouw d.d.: 10 maart 2008 aan: de Raad

Nadere informatie

PUBLIC LIMITE L CO FERE TIE OVER DE TOETREDI G TOT DE EUROPESE U IE - TURKIJE - Brussel, 12 juni 2008 (16.06) (OR. en) AD 17/08 LIMITE CO F-TR 6

PUBLIC LIMITE L CO FERE TIE OVER DE TOETREDI G TOT DE EUROPESE U IE - TURKIJE - Brussel, 12 juni 2008 (16.06) (OR. en) AD 17/08 LIMITE CO F-TR 6 eil UE CO FERE TIE OVER DE TOETREDI G TOT DE EUROPESE U IE - TURKIJE - Brussel, 12 juni 2008 (16.06) (OR. en) PUBLIC AD 17/08 LIMITE CO F-TR 6 TOETREDI GSDOCUME T Betreft: GEMEENSCHAPPELIJK STANDPUNT VAN

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Sylvain BISARRE, directeur bij

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE. van 7.4.2009

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE. van 7.4.2009 NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 7.4.2009 C(2009) 2560 definitief BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 7.4.2009 betreffende de kennisgeving van Nederland inzake uitstel van het tijdstip

Nadere informatie

10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD)

10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 8 juli 2003 (14.07) (OR. en) 10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD) CODEC 891 JUR 273 ENV 362 MI 157 IND 96 ENER 204 NOTA van: aan: Betreft: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

ONDERHANDELINGEN OVER DE TOETREDING VAN BULGARIJE EN ROEMENIË TOT DE EUROPESE UNIE

ONDERHANDELINGEN OVER DE TOETREDING VAN BULGARIJE EN ROEMENIË TOT DE EUROPESE UNIE ONDERHANDELINGEN OVER DE TOETREDING VAN BULGARIJE EN ROEMENIË TOT DE EUROPESE UNIE Brussel, 31 maart 2005 (OR. en) AA 23/2/05 REV 2 TOETREDINGSVERDRAG: SLOTAKTE ONTWERP VAN WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE

Nadere informatie

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op:

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op: Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 juni 2002 (26.06) (OR. fr) PUBLIC 9893/02 Interinstitutioneel dossier: 2001/0111 (COD) LIMITE 211 MI 108 JAI 133 SOC 309 CODEC 752 BIJDRAGE VAN DE IDISCHE

Nadere informatie

Toelichting bij de procedure voor de bouw van een 2 de kerncentrale te Borssele (Nederland)

Toelichting bij de procedure voor de bouw van een 2 de kerncentrale te Borssele (Nederland) 21 september 2009 Toelichting bij de procedure voor de bouw van een 2 de kerncentrale te Borssele (Nederland) Inleiding In een gezamenlijke brief van 17 september 2008 aan de Nederlandse Tweede Kamer hebben

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT C6-0114/2007. Gemeenschappelijk standpunt. Zittingsdocument 2006/0018(COD) 24/04/2007

EUROPEES PARLEMENT C6-0114/2007. Gemeenschappelijk standpunt. Zittingsdocument 2006/0018(COD) 24/04/2007 EUROPEES PARLEMENT 2004 ««««««««««««Zittingsdocument 2009 C6-0114/2007 2006/0018(COD) 24/04/2007 Gemeenschappelijk standpunt Gemeenschappelijk standpunt door de Raad vastgesteld op 19 april 2007 met het

Nadere informatie

BEGELEIDENDE NOTA Betreft: Monetaire overeenkomst tussen de Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap, en de Republiek San Marino

BEGELEIDENDE NOTA Betreft: Monetaire overeenkomst tussen de Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap, en de Republiek San Marino RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 juli 2001 (09.07) (OR. it) 10622/01 UEM 71 ECOFIN 193 BEGELEIDENDE NOTA Betreft: Monetaire overeenkomst tussen de Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap,

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 juli 2006 (27.07) (OR. en) 12036/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0121 (AVC)

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 juli 2006 (27.07) (OR. en) 12036/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0121 (AVC) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 juli 2006 (27.07) (OR. en) 12036/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0121 (AVC) CH 39 SOC 374 MI 157 ETS 16 SERVICES 35 ELARG 86 VOORSTEL van: de Europese Commissie

Nadere informatie

Voor de delegaties gaat hierbij de ontwerp-verordening zoals deze er na de vergadering van de Groep visa van 20 februari 2003 uitziet.

Voor de delegaties gaat hierbij de ontwerp-verordening zoals deze er na de vergadering van de Groep visa van 20 februari 2003 uitziet. Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 februari 2003 (10.03) (OR. en) PUBLIC 6614/03 Interinstitutioneel dossier: 2003/0027 (CNS) LIMITE VISA 35 COMIX 117 NOTA van: aan: nr. Comv.: Betreft: het

Nadere informatie

(Voor de EER relevante tekst)

(Voor de EER relevante tekst) 6.5.2015 L 115/11 RICHTLIJN (EU) 2015/720 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 29 april 2015 tot wijziging van Richtlijn 94/62/EG betreffende de vermindering van het verbruik van lichte plastic draagtassen

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 16 november 2007 (16.11) (OR. en) 15314/07 Interinstitutioneel dossier: 2007/0244 (CNS) LIMITE AGRILEG 171

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 16 november 2007 (16.11) (OR. en) 15314/07 Interinstitutioneel dossier: 2007/0244 (CNS) LIMITE AGRILEG 171 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 16 november 2007 (16.11) (OR. en) PUBLIC 15314/07 Interinstitutioneel dossier: 2007/0244 (CNS) LIMITE AGRILEG 171 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET

Nadere informatie

BIJLAGE V. Technische bepalingen inzake stookinstallaties. Deel 1. Emissiegrenswaarden voor de in artikel 32, lid 2, bedoelde stookinstallaties

BIJLAGE V. Technische bepalingen inzake stookinstallaties. Deel 1. Emissiegrenswaarden voor de in artikel 32, lid 2, bedoelde stookinstallaties BIJLAGE V Technische bepalingen inzake stookinstallaties Deel 1 Emissiegrenswaarden voor de in artikel 32, lid 2, bedoelde stookinstallaties 1. Alle emissiegrenswaarden worden berekend bij een temperatuur

Nadere informatie

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn 98/49/EG van de Raad van 29 juni 1998 betreffende de bescherming van de rechten op aanvullend pensioen van werknemers en zelfstandigen

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2004 (03.06) (OR. en) 9919/04. Interinstitutioneel dossier: 2004/0109 (COD) 2004/0110 (COD)

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2004 (03.06) (OR. en) 9919/04. Interinstitutioneel dossier: 2004/0109 (COD) 2004/0110 (COD) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 28 mei 2004 (03.06) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2004/0109 (COD) 2004/0110 (COD) 9919/04 ENER 150 CODEC 780 NOTA van: aan: nr. Comv.: Betreft: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

PUBLIC. Brussel, 24 oktober 2008 (30.10) (OR. fr) RAAD VA DE EUROPESE U IE 14625/08. Interinstitutioneel dossier: 2008/0058 (C S) 2008/0059 (C S)

PUBLIC. Brussel, 24 oktober 2008 (30.10) (OR. fr) RAAD VA DE EUROPESE U IE 14625/08. Interinstitutioneel dossier: 2008/0058 (C S) 2008/0059 (C S) Conseil UE PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 24 oktober 2008 (30.10) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0058 (C S) 2008/0059 (C S) 14625/08 LIMITE FISC 138 OTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap

Nadere informatie

VERORDENINGEN. (Voor de EER relevante tekst)

VERORDENINGEN. (Voor de EER relevante tekst) L 125/10 VERORDENINGEN VERORDENING (EU) 2015/786 VAN DE COMMISSIE van 19 mei 2015 tot vaststelling van criteria voor de aanvaardbaarheid van zuiveringsprocedés die worden toegepast op producten die bedoeld

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2001) 1331 def. COD 2000/0136.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2001) 1331 def. COD 2000/0136. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 september 2001 (07.09) (OR. fr) 11646/01 Interinstitutioneel dossier: 2000/0136 (COD) ENT 177 ENV 425 CODEC 485 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Bernhard ZEPTER, adjunct-secretaris-generaal

Nadere informatie

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Publicatieblad Nr. L 225 van 12/08/1998 blz. 0016-0021 DE RAAD VAN

Nadere informatie

21.10.2015 A8-0249/139. Door de Commissie voorgestelde tekst

21.10.2015 A8-0249/139. Door de Commissie voorgestelde tekst 21.10.2015 A8-0249/139 139 Jens Rohde e.a. Artikel 4 lid 1 1. De lidstaten beperken op zijn minst hun jaarlijkse antropogene emissies van zwaveldioxide (SO2), stikstofoxiden (NOx), vluchtige organische

Nadere informatie

EUROPEES PARLEME T EUROPESE U IE 97/0155 (COD) PE-CO S 3608/99 C4-0172/99 ECO 106 UD 43 CODEC 147

EUROPEES PARLEME T EUROPESE U IE 97/0155 (COD) PE-CO S 3608/99 C4-0172/99 ECO 106 UD 43 CODEC 147 EUROPEES PARLEME T DE RAAD EUROPESE U IE Brussel, 8 april 1999 97/0155 (COD) PE-CO S 3608/99 C4-0172/99 ECO 106 UD 43 CODEC 147 VERORDE I G (EG) r. /99 VA HET EUROPEES PARLEME T E DE RAAD TOT WIJZIGI G

Nadere informatie

VERORDENINGEN. 16.6.2009 Publicatieblad van de Europese Unie L 152/1

VERORDENINGEN. 16.6.2009 Publicatieblad van de Europese Unie L 152/1 16.6.2009 Publicatieblad van de Europese Unie L 152/1 I (Besluiten op grond van het EG- en het Euratom-Verdrag waarvan publicatie verplicht is) VERORDENINGEN VERORDENING (EG) Nr. 469/2009 VAN HET EUROPEES

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg

Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg Afspraken tussen de Staatssecretaris van Economische Zaken en de Minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport over de wijze

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD NL NL NL EUROPESE COMMISSIE Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD Brussel, 19.4.2010 COM(2010)153 definitief 2010/0083 (NLE) betreffende de Overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 3 september 2001 (13.09) (OR. it) 11551/01 UEM 73 ECOFIN 228

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 3 september 2001 (13.09) (OR. it) 11551/01 UEM 73 ECOFIN 228 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 3 september 2001 (13.09) (OR. it) 11551/01 UEM 73 ECOFIN 228 INGEKOMEN DOCUMENT Betreft: monetaire overeenkomst tussen de Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap,

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 10 februari 2006 (OR. fr) 5828/06 AGRIORG 17 OC 100

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 10 februari 2006 (OR. fr) 5828/06 AGRIORG 17 OC 100 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 10 februari 2006 (OR. fr) 5828/06 AGRIORG 17 OC 100 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESCHIKKING VAN DE RAAD tot verlenging van de geldigheidsduur

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 20 maart 2009 (OR. en) 7850/09 Interinstitutioneel dossier: 2009/0041 (C S) PECHE 74

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 20 maart 2009 (OR. en) 7850/09 Interinstitutioneel dossier: 2009/0041 (C S) PECHE 74 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 20 maart 2009 (OR. en) 7850/09 Interinstitutioneel dossier: 2009/0041 (C S) PECHE 74 VOORSTEL van: de Europese Commissie d.d.: 19 maart 2009 Betreft: Voorstel voor een

Nadere informatie

Voor de delegaties gaan in bijlage dezes de ontwerp-conclusies van de Raad, waarover een akkoord is bereikt in de Groep sociale vraagstukken.

Voor de delegaties gaan in bijlage dezes de ontwerp-conclusies van de Raad, waarover een akkoord is bereikt in de Groep sociale vraagstukken. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 februari 2011 (16.02) (OR. en) 6196/1/11 REV 1 SOC 99 COMPET 34 VERSLAG van: de Groep sociale vraagstukken aan: het Comité van permanente vertegenwoordigers (1e deel)

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 4 november 2003 (07.11) (OR. it) 14286/03 LIMITE VISA 180 COMIX 662

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 4 november 2003 (07.11) (OR. it) 14286/03 LIMITE VISA 180 COMIX 662 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 4 november 2003 (07.11) (OR. it) PUBLIC 14286/03 LIMITE VISA 180 COMIX 662 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep visa Ontwerp-beschikking van

Nadere informatie

Deze nota bevat ook een planning voor de verdere behandeling van dit dossier in de aanloop naar de zitting van de Raad TTE (8-9 juni 2006).

Deze nota bevat ook een planning voor de verdere behandeling van dit dossier in de aanloop naar de zitting van de Raad TTE (8-9 juni 2006). RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 24 februari 2006 (16.03) (OR. en) 6682/06 ENER 61 NOTA Betreft: Werking van de interne energiemarkt - Ontwerp-conclusies van de Raad De delegaties treffen in bijlage

Nadere informatie

8. Groenboek van de Commissie: PVC en het milieu

8. Groenboek van de Commissie: PVC en het milieu C 21 E/112 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen NL 24.1.2002 8. Groenboek van de Commissie: PVC en het milieu A5-0092/2001 Resolutie van het Europees Parlement over het Groenboek van de Commissie:

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 oktober 2004 (07.10) 12561/04 LIMITE EUROJUST 78

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 oktober 2004 (07.10) 12561/04 LIMITE EUROJUST 78 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 oktober 2004 (07.10) PUBLIC 12561/04 LIMITE EUROJUST 78 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de delegaties Ontwerp-conclusies van de Raad over een

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 24 april 2009 (30.04) (OR. fr) 6094/1/09 REV 1 LIMITE JUSTCIV 32 CO SOM 21

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 24 april 2009 (30.04) (OR. fr) 6094/1/09 REV 1 LIMITE JUSTCIV 32 CO SOM 21 Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 24 april 2009 (30.04) (OR. fr) PUBLIC 6094//09 REV LIMITE JUSTCIV 32 CO SOM 2 OTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Comité burgerlijk recht (overeenkomsten)

Nadere informatie

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 bron : http://www.emis.vito.be Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen dd. 27-06-2000 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 Gewijzigd voorstel voor een beschikking

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 september 2005 (07.09) (OR. en) 11522/05 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 september 2005 (07.09) (OR. en) 11522/05 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 september 2005 (07.09) (OR. en) PUBLIC 11522/05 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE JUSTCIV 150 CODEC 660 NOTA van: het voorzitterschap aan:

Nadere informatie

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 4.11.2013 COM(2013) 761 final 2013/0371 (COD) Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 94/62/EG betreffende verpakking en

Nadere informatie

Over de passage tussen haken op de bladzijden 2-3 is nog geen overeenstemming bereikt.

Over de passage tussen haken op de bladzijden 2-3 is nog geen overeenstemming bereikt. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 19 november 2003 (21.11) (OR. en) 15014/03 ECOFIN 353 FIN 519 RELEX 437 NOTA van: aan: Betreft: het secretariaat-generaal van de Raad het Coreper/de RAAD Ontwerp-verslag

Nadere informatie

EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING. INTERPRETATIENOTA Nr. 2015-01

EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING. INTERPRETATIENOTA Nr. 2015-01 EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING Directoraat I. Landbouwwetgeving en procedures I.1. Landbouwwetgeving; vereenvoudiging Datum van verspreiding 8.7.2015 INTERPRETATIENOTA

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 4.5.2015 COM(2015) 186 final 2015/0097 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in het Gemengd Comité van de

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 14.3.2003 COM(2003) 114 definitief 2003/0050 (CNS) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de statistische gegevens die moeten worden gebruikt

Nadere informatie

Veiligheid en BBT/BREF. Annelies Faelens Departement LNE Afdeling Milieuvergunningen

Veiligheid en BBT/BREF. Annelies Faelens Departement LNE Afdeling Milieuvergunningen Veiligheid en BBT/BREF Annelies Faelens Departement LNE Afdeling Milieuvergunningen Inhoud 1. Richtlijn Industriële Emissies 2. BBT s en BREF s 3. Richtsnoeren voor het opstellen van BREF s 4. Veiligheid

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol

Samenwerkingsprotocol Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit Stichting Reclame Code 1 Samenwerkingsprotocol tussen de Consumentenautoriteit en de Stichting Reclame Code Partijen: 1. De Staatssecretaris van Economische

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Gewijzigd voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Gewijzigd voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 8.7.2004 COM(2004) 468 definitief 2003/0091 (CNS) Gewijzigd voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 77/388/EEG wat betreft

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 16 maart 2004 (OR. fr) 6967/04 LIMITE AVIATION 56 AELE 3 OC 189

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 16 maart 2004 (OR. fr) 6967/04 LIMITE AVIATION 56 AELE 3 OC 189 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 16 maart 2004 (OR. fr) PUBLIC 6967/04 LIMITE AVIATION 56 AELE 3 OC 189 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Besluit van de Raad inzake een standpunt

Nadere informatie

(Voor de EER relevante tekst)

(Voor de EER relevante tekst) L 144/27 VERORDENING (EU) 2016/863 VAN DE COMMISSIE van 31 mei 2016 tot wijziging van de bijlagen VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 25 januari 2016 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 25 januari 2016 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 25 januari 2016 (OR. en) 5513/16 AVIATION 7 BEGELEIDENDE NOTA van: de Europese Commissie ingekomen: 22 januari 2016 aan: Nr. Comdoc.: D042244/03 Betreft: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument D011014/02

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument D011014/02 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 18 oktober 2010 (19.10) (OR. en) 15164/10 AGRILEG 135 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 16 september 2008 Betreft: Voorstel voor een Verordening (EG)

Nadere informatie

NOTA VAN WIJZIGING. Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd: Artikel I, onderdeel D, komt te luiden: Artikel 54, tweede lid, komt te luiden:

NOTA VAN WIJZIGING. Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd: Artikel I, onderdeel D, komt te luiden: Artikel 54, tweede lid, komt te luiden: 29 448 Wijziging van de Flora- en faunawet in verband met de verruiming van de mogelijkheden tot beheer en schadebestrijding van beschermde inheemse diersoorten NOTA VAN WIJZIGING Het voorstel van wet

Nadere informatie

13740/1/00 REV 1 ADD 1 die/jel/nj 1 DG J

13740/1/00 REV 1 ADD 1 die/jel/nj 1 DG J RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 februari 2001 (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2000/0157 (COD) 13740/1/00 REV 1 ADD 1 LIMITE SOC 455 FIN 492 CODEC 915 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1 BEGELEIDENDE NOTA van: de heer V. SKOURIS, Voorzitter van het Hof van Justitie d.d.: 4 februari 2008 aan: de heer

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5157/02 STUP 3

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5157/02 STUP 3 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5157/02 STUP 3 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep Drugshandel Ontwerp-conclusies van de Raad betreffende de noodzaak

Nadere informatie

?? NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21

?? NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Comité van permanente vertegenwoordigers / de Raad Verslag over de stand

Nadere informatie

BIJLAGE. bij het. Voorstel voor een besluit van de Raad

BIJLAGE. bij het. Voorstel voor een besluit van de Raad EUROPESE COMMISSIE Brussel, 5.3.2015 COM(2015) 103 final ANNEX 1 BIJLAGE bij het Voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst tussen de Europese Unie en de Verenigde

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 juni 2000 (30.06) (OR. fr) 9639/00 LIMITE EUROPOL 18

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 juni 2000 (30.06) (OR. fr) 9639/00 LIMITE EUROPOL 18 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 juni 2000 (30.06) (OR. fr) 9639/00 LIMITE EUROPOL 18 NOTA van: het toekomstige Franse voorzitterschap aan: de Groep Europol nr. vorig doc.: 7370/00 EUROPOL 6 Betreft:

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 november 2005 (02.12) (OR. en) 14116/05 LIMITE AGRILEG 166

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 november 2005 (02.12) (OR. en) 14116/05 LIMITE AGRILEG 166 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 21 november 2005 (02.12) (OR. en) PUBLIC 14116/05 LIMITE AGRILEG 166 ZITTINGSDOCUMENT van: het voorzitterschap aan: de Groep hoofden van de veterinaire diensten

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST EN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST AF/EEE/BG/RO/DC/nl 1 BETREFFENDE DE TIJDIGE BEKRACHTIGING VAN DE OVEREENKOMST BETREFFENDE

Nadere informatie

6074/15 pro/adw/mt 1 DG B 3A

6074/15 pro/adw/mt 1 DG B 3A Raad van de Europese Unie Brussel, 16 februari 2015 (OR. en) 6074/15 Interinstitutioneel dossier: 2014/0258 (NLE) SOC 55 EMPL 21 MIGR 5 JAI 78 NOTA van: het secretariaat-generaal van de Raad aan: het Comité

Nadere informatie

Richtlijn 85/577/EEG van de Raad van 20 december 1985 betreffende de bescherming van de consument bij buiten verkoopruimten gesloten overeenkomsten

Richtlijn 85/577/EEG van de Raad van 20 december 1985 betreffende de bescherming van de consument bij buiten verkoopruimten gesloten overeenkomsten Richtlijn 85/577/EEG van de Raad van 20 december 1985 betreffende de bescherming van de consument bij buiten verkoopruimten gesloten overeenkomsten Publicatieblad Nr. L 372 van 31/12/1985 blz. 0031-0033

Nadere informatie

BIJLAGEN. bij het voorstel. voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

BIJLAGEN. bij het voorstel. voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 18.12.2013 COM(2013) 919 final ANNEXES 1 to 4 BIJLAGEN bij het voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD inzake de beperking van de emissies van bepaalde

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 oktober 2000 (20.10) (OR. en) 11951/00 LIMITE ELARG 142

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 oktober 2000 (20.10) (OR. en) 11951/00 LIMITE ELARG 142 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 oktober 2000 (20.10) (OR. en) 11951/00 LIMITE ELARG 142 NOTA I-PUNT van: de Groep uitbreiding d.d.: 29 september 2000 aan: het Comité van permanente vertegenwoordigers

Nadere informatie

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 9.8.2012 COM(2012) 449 final 2012/0217 (COD)C7-0215/12 Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de toekenning van tariefcontingenten voor

Nadere informatie