Monitoring en evaluatie vsv-beleid

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Monitoring en evaluatie vsv-beleid"

Transcriptie

1 Monitoring en evaluatie vsv-beleid Jaarrapport 2014

2 Auteurs: Johan Bokdam, Inge van den Ende (Panteia) en Arie Gelderblom (SEOR) Zoetermeer, 7 juli 2015 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in artikelen, scripties en boeken is toegestaan mits de bron duidelijk wordt vermeld. Vermenigvuldigen en/of openbaarmaking in welke vorm ook, alsmede opslag in een retrieval system, is uitsluitend toegestaan na schriftelijke toestemming van Panteia. Panteia aanvaardt geen aansprakelijkheid voor drukfouten en/of andere onvolkomenheden. The responsibility for the contents of this report lies with Panteia. Quoting numbers or text in papers, essays and books is permitted only when the source is clearly mentioned. No part of this publication may be copied and/or published in any form or by any means, or stored in a retrieval system, without the prior written permission of Panteia. Panteia does not accept responsibility for printing errors and/or other imperfections.

3 Voorwoord In 2012 heeft het ministerie van OCW nieuwe regionale convenanten afgesloten waarin scholen en gemeenten in elk van de 39 RMC-regio s afspreken samen het aantal voortijdig schoolverlaters (vsv) verder terug te dringen. Om het inzicht in de relaties tussen beleid, ingezette middelen en de vsv-resultaten te vergroten, heeft het ministerie Panteia en SEOR gevraagd in de huidige convenantsperiode ( ) het vsv-beleid te monitoren en te evalueren. In dit laatste jaarrapport geven we de resultaten van het onderzoek naar de uitvoering en effectiviteit van het vsv-beleid in Daarbij bouwen we voort op de resultaten van eerdere jaren, zoals verantwoord in de jaarrapportages over 2012 en Daarnaast publiceren we een overkoepelende beleidsmatige samenvatting van de onderzoeksresultaten van de afgelopen drie jaar. Onze dank gaat uit naar alle betrokkenen die ook afgelopen jaar tijd hebben vrijgemaakt om hun ervaringen in de aanpak van voortijdig schoolverlaten te delen en door te praten over successen en moeilijkheden. Daardoor hebben we een rijk beeld gekregen van de breedte aan inspanningen die zowel door scholen als gemeenten de afgelopen jaren zijn geleverd. Dit onderzoek is de afgelopen jaren uitgevoerd door Inge van den Ende, Zosja Berdowski, Arie Gelderblom, Matthijs de Jong en Johan Bokdam. Bij de verschillende fasen van het onderzoek is ondersteuning geboden door een breder team bestaande uit José Gravesteijn, Paul de Hek, Jaap de Koning (vanuit SEOR), Roxanne de Vreede, Lennart de Ruig, Inge Harteveld (vanuit Panteia) en verschillende stagiairs. Tot slot willen we de stuurgroep bedanken voor hun inzet en deskundige begeleiding van het onderzoek. De stuurgroep bestond uit Lex Herweijer (SCP), Louise Elffers (UvA/MU), Dennis van Gessel (OCW, directie MBO), Frank Koster (OCW, directie MBO), Jeroen de Weeger (OCW, directie VO), Ted Reininga (OCW, directie kennis) en Marisa Cartier van Dissel (SZW). Johan Bokdam Projectleider Panteia 3

4

5 Managementsamenvatting 2014 Om het inzicht in de relaties tussen beleid, ingezette instrumenten en de vsvresultaten te vergroten, heeft het ministerie van OCW onderzoeksbureaus Panteia en SEOR gevraagd het vsv-beleid over de convenantsperiode te monitoren en te evalueren. Deze samenvatting geeft de bevindingen weer over het onderzoeksjaar Uitvoering en resultaten van de regionale vsv-aanpak De meeste vsv-maatregelen worden uitgevoerd zoals beoogd in de regionale maatregelenprogramma s Maatregelen worden wel vaak tussentijds uitgebreid of aangepast. In die zin is sprake van een lerende aanpak, waarbij de uitvoering constant wordt bijgestuurd. Dit kwam het vaakst voor bij de maatregelen die vallen onder de plusvoorziening, overgang vo-mbo en trajectbegeleiding naar werk. De beoogde aantallen potentiele vsv-ers die regio s per maatregel wilden bereiken, zijn vaak nog niet behaald. Het beoogde bereik is het vaakst behaald voor de plusvoorziening en de opvang voor dreigende uitvallers in het mbo. Voor deze twee maatregelen en andere maatregelen waarin regio s gebruik maken van coaches of tijdelijke opvangvoorzieningen kan het bereik ook onderbouwd worden met concrete cijfers. Daarnaast is het voor veel maatregelen lastig om te spreken over bereik in termen van concrete aantallen leerlingen of studenten. Voor preventieve maatregelen hanteren regio s meer indirecte criteria, zoals het bereiken van alle opleidingen, een gedeelde methodiek of het trainen van alle docenten. Bij dit soort activiteiten kunnen scholen zelden met zekerheid zeggen dat het beoogde aantal studenten wordt bereikt. Naast het bereik van potentiele vsv-ers heeft de regionale samenwerking vanuit het convenant geleidt tot urgentiegevoel bij alle betrokkenen voor het vsv-beleid, toename van de betrokkenheid van vo-scholen en tot verdere versterking van overlegstructuren, waardoor er onderling regelmatig contact is. Daarnaast is in sommige regio s de samenwerking uitgebreid naar of gecombineerd met verwante regionale beleidsthema s, zoals jeugdwerkloosheid of passend onderwijs. De kwaliteit van de regionale samenwerking is afhankelijk van de juiste personen, het functioneren en de positionering van de RMC-coördinator. Bij het ondertekenen van de nieuwe convenanten in 2012 is aandacht gevraagd voor een aantal beleidswijzigingen die het realiseren van de vsv-doelstellingen zouden kunnen bemoeilijken. Regio s verwachten ook nu nog negatieve effecten van de invoering van de referentieniveaus taal en rekenen op de uitval in mbo 2 en het vmbo. Ook door de invoering van de entreeopleiding verwachten de meeste regio s meer uitval in mbo 1 en 2, maar er zijn ook regio s die verwachten dat de entreeopleiding juist leidt tot minder uitval. De regio s zijn overwegend positief over de invoering van passend onderwijs, vanwege de mogelijkheden om ondersteuning zelf in de scholen te organiseren en om onderdelen van het vsv-beleid binnen de school te borgen. Tot slot heerste er eind 2014 nog veel onduidelijkheid over de decentralisatie van de jeugdzorg en de participatiewet, waar de gemeente een belangrijke rol in heeft. 5

6 Onderwijs en gemeenten zijn nog lang niet in alle regio s in gesprek hierover. Regio s waar onderwijs en gemeenten al met elkaar hierover gesproken hebben, zijn vaker positief over mogelijkheden om de aansluiting tussen onderwijs en (jeugd)zorg te verbeteren. Door vertraging in de uitvoering hebben de meeste van deze beleidsontwikkelingen nog geen invloed gehad op het aantal vsv-ers. Mbo-instellingen krijgen naar eigen zeggen wel al steeds vaker te maken met aanmeldingen van kwetsbare jongeren, omdat gemeenten onderwijs voor jongeren tot 27 jaar als voorliggende voorziening zien. Veel regio s vragen om een beleidsmatige ontschotting van rijksbeleid dat ingrijpt op de doelgroep kwetsbare jongeren, vaak op niveau 2. Regionale resultaten Het aandeel nieuwe vsv-ers is ook in het schooljaar weer verder gedaald, maar de doelen voor 2015 zijn vooral in het mbo nog niet gehaald. In de groepsgesprekken gaven de regio s ook aan bezorgd te zijn over deze doelgroepen mbo 1 en mbo 3 en 4. De direct zichtbare resultaten van de vsv-maatregelen kunnen betrokkenen uit de regio s gemakkelijk benoemen, zoals het aandeel jongeren dat na de plusvoorziening weer terugstroomt naar het onderwijs. Het uiteindelijke effect van de gekozen maatregelen op het verminderen van het aantal vsv-ers valt volgens veel regio s moeilijk aan te tonen. Dit vereist monitoring van gegevens over een langere periode, maar ook dan is het lastig om het effect van één maatregel op de schoolloopbanen van studenten te isoleren. Regio s stellen dat juist de combinatie van verschillende maatregelen leidt tot een daling van het aantal vsv-ers. Uit de kwantitatieve analyses naar de effectiviteit van regionale maatregelen blijkt dat het niveau van de uitval per doelgroep inderdaad beperkt te verklaren is door de verschillende accenten die zijn gelegd in de keuze van maatregelen. Het niveau van uitval per regio en doelgroep is bijna volledig te verklaren door populatiekenmerken, zoals het aandeel niet-westerse allochtonen. Wanneer dit aandeel als controlevariabele wordt meegenomen, is de resulterende verklaringskracht van de meeste beleidsvariabelen beperkt. De enige consequente relatie ligt er met de aanpak van verzuim en de versterking RMC-functie, welke minder gunstig scoort ten opzichte van andere maatregelen. Een mogelijk verklaring zou kunnen zijn dat het causaliteitsprobleem hier nog een rol speelt: regio s die hun beleid in 2012 nog het minste op orde hadden en een hoge uitval kenden, hebben hier nu relatief veel in geïnvesteerd. Ook voor loopbaanbegeleiding (LOB) bij mbo-1 en mbo-3 en 4 doet dit zich voor. Bij analyses naar de relatie tussen de daling van de uitval en regionale beleid valt allereerst de beperkte correlatie tussen de daling van de uitval van de verschillende doelgroepen binnen regio s op. Dit betekent dat een regio bij een bepaalde doelgroep relatief goed kan scoren en bij een andere groep minder goed. Verder geldt in deze analyse nog minder sterk dat maatregelen zich onderling onderscheiden. Daarnaast zijn voor enkele doelgroepen relaties gevonden tussen de (gerapporteerde) kwaliteit van de regionale samenwerking en de afname van vsv, maar deze relaties zijn niet robuust voor alle doelgroepen. 6

7 Instellingsgebonden aanpak De meeste roc s zijn al langere tijd bezig met het verminderen van VSV, waardoor ze met dit convenant vaak het staande beleid en maatregelen aanvullen of aanpassen. Aan het andere uiterste is een deel van de vakinstellingen pas nu met het tweede convenant daadwerkelijk betrokken bij de regionale aanpak en komt de aanpak van vsv binnen de instelling nu pas op gang. De aoc s zitten hier meestal tussenin. Veel instellingen maken geen apart vsv-beleid. Het vergroten van studiesucces en het verminderen van uitval is integraal onderdeel van de bedrijfsvoering, waarbij zowel vsv-middelen als reguliere bekostiging wordt gebruikt ter financiering. De meeste mbo-instellingen combineren meer aandacht voor kleinschaligheid en begeleiding in het reguliere onderwijs, met preventieve activiteiten zoals overdracht en intakegesprekken voor nieuwe studenten, een strenger verzuimbeleid en zicht op de studievoortgang door de slb-er. Dit wordt voor specifieke jongeren aangevuld met curatieve inzet van schoolmaatschappelijk werk, een RMC-medewerker op school en specifieke voorzieningen voor dreigende uitvallers en jongeren die meer zorg nodig hebben. Het mbo heeft met behulp van de vsv-middelen, vooral uit het vorige convenant, veel geïnvesteerd in het opzetten of verbeteren van zorg in en rond de school. Veel van deze zorg is in de vorige convenantsperiode uitgebreid of opgezet, maar ook nu wordt dit nog aangevuld. Volgens alle betrokkenen heeft deze inzet de afgelopen jaren veel bijgedragen aan de daling van vsv in het mbo. Het relatieve rendement van de onderscheiden maatregelen is echter moeilijk te bepalen. In de analyse is het bijvoorbeeld niet mogelijk onderscheid te maken tussen vsv-middelen en financiering vanuit de lumpsum. Beide financieringsbronnen worden ingezet om met name de zorg(structuur) voor leerlingen binnen mbo-instellingen te bekostigen. In de uitgevoerde analyses naar verschillen tussen instellingen verklaren de populatiekenmerken een belangrijk deel van de variatie in het niveau van uitval - net als op regionaal niveau. In vrijwel alle gevallen bleken de daarnaast opgenomen beleidsvariabelen niet significant meer bij te dragen dan andere maatregelen. Wel is er een significant verband tussen de waardering van studenten voor hun instelling en opleiding, zoals gemeten in de JOB-monitor en het niveau van vsv. Dit geldt ook voor de kwaliteitsoordelen door de onderwijsinspectie. Uit de analyse naar de samenhang tussen schoolbeleid en verschillen in de mate waarin instellingen vsv weten terug te brengen, zijn enkele significante verbanden gevonden, maar deze zijn sterk gevoelig voor het aandeel leerlingen in de sector landbouw. Het groene mbo heeft afgelopen jaar een relatief geringe afname van vsv gerealiseerd. Als we hiervoor corrigeren zien we twee maatregelen die relatief meer bijdragen aan het verminderen van vsv: de mogelijkheid voor tussentijdse instroom gedurende het hele jaar draagt bij aan een sterkere daling van vsv, en het is niet gunstig om de vsv-coördinator alleen de doelstellingen te laten opstellen. Blijkbaar is het gunstiger als vsv-doelen door anderen worden opgesteld (bijvoorbeeld binnen onderwijsteams). Ook de verklaringskracht van de kwaliteitsindicatoren vanuit de JOB-monitor, de onderwijsinspectie en de mate van leerling- of leerstofgerichtheid zijn sterk gevoelig voor de opname van de controlevariabele aandeel landbouw. Achtergrond hiervan is dat in het groene onderwijs de daling van vsv veel kleiner is en dat dit samengaat met relatief lage scores op de JOB-monitor en op de kwaliteitsindicatoren van de onderwijsinspectie. 7

8 Conclusie Het aantal voortijdig schoolverlaters neemt al jaren af. Daarmee is het ingezette beleid als succesvol te beschouwen. Voor het trekken van lessen en aanbevelingen, ook over het verhogen van de efficiëntie van het vsv-beleid, is het relevant om te weten door welke maatregelen de daling is veroorzaakt. In zijn algemeenheid leiden de uitgevoerde kwantitatieve analyses slechts tot weinig robuuste verbanden. Hierbij spelen een aantal factoren een rol. Ten eerste is sprake van een geringe variatie in gekozen beleidsmaatregelen tussen regio s en instellingen. Veel regio s hebben grotendeels dezelfde maatregelen gekozen en ook de vsv-aanpak van mbo-instellingen is op hoofdlijnen vaak gelijk. Ten tweede zijn achtergrondkenmerken van leerlingen dominant in het verklaren van het niveau van uitval. Bij de verklaring van de daling in vsv speelt het diffuse patroon hiervan ook een rol. Het regionale patroon van de daling is sterk verschillend per doelgroep en de daling verschilt afgelopen jaar sterk tussen het groen en niet-groen onderwijs. Op het niveau van de mbo-instelling zijn er twee maatregelen die relatief meer bijdragen aan het verminderen van vsv: de mogelijkheid voor tussentijdse instroom gedurende het hele jaar en het gezamenlijk op laten stellen van vsv-doelen door onderwijsteams. Ook is er een samenhang tussen de bredere kwaliteit van het onderwijs en de mate van vsv. Gezien de brede afname van vsv over de hele linie van regio s en instellingen, is het verder aannemelijk dat juist de beleidsmatige overeenkomsten tussen regio s en instellingen effectief zijn geweest, in samenhang met landelijke beleidselementen zoals de kwalificatieplicht, sturen op cijfers en de sturing op regionale samenwerking via de regionale convenanten. 8

9 Inhoudsopgave Voorwoord 3 Managementsamenvatting Beleidscontext doel en vraagstelling Aanval op uitval Doel van het onderzoek Doel -en vraagstelling Opzet van het onderzoek Regionale vsv-aanpak Trajectbegeleiding werk Opvang voor dreigende uitvallers in het mbo Overgang vo-mbo Verzuim en versterking RMC-functie in de school Pedagogisch klimaat versterken in de school Loopbaanoriëntatie en begeleiding (LOB) Plusvoorziening Conclusies regionale maatregelen Resultaten regionale samenwerking 35 3 Effectiviteit regionale vsv-aanpak Ontwikkeling vsv de cijfers Regio s over hun vsv-cijfers Regio s over effectiviteit maatregelen Analyse van verschillen Conclusies 48 4 Instellingsbeleid Onderwijskundige aanpak Preventieve maatregelen Curatieve maatregelen Analyse van verschillen Conclusies 62 5 Relevante beleidsontwikkelingen Referentieniveaus taal en rekenen Entreeopleiding Invoering passend onderwijs Decentralisatie van de jeugdzorg Uitkeringsbeleid gemeenten en participatiewet Overig beleidsmaatregelen Conclusies 70 6 Borging regionale vsv aanpak 73 Bijlage 1 Onderzoeksverantwoording kwantitatief 77 Bijlage 2 Toelichting variabelen in regressietabellen 83 9

10

11 1 Beleidscontext doel en vraagstelling Het vsv-beleid heeft zich de afgelopen periode sterk ontwikkeld. In dit hoofdstuk bespreken we de vormgeving van en overwegingen bij het vsv-beleid zoals dat in Nederland de afgelopen jaren is gevoerd. Daarna wordt doel en opzet van deze studie kort weergegeven. 1.1 Aanval op uitval Regionale aanpak Sinds 1995 voert de Nederlandse overheid een actief beleid ter bestrijding van het voortijdig schoolverlaten. Dit vsv-beleid is sindsdien steeds verder uitgebreid. Een eerste voorwaarde was het opzetten van een regionaal meld- en coördinatiefunctie (RMC) waardoor zicht kwam op het aantal voortijdige schoolverlaters dat niet meer leerplichtig was. De RMC-wetgeving verplicht scholen uitvallers tot 23 jaar aan de gemeente te melden en verplicht gemeenten deze voortijdig schoolverlaters te registreren. In elk van de 39 RMC-regio s moet een regionale contactgemeente ervoor zorgen dat voortijdig schoolverlaters begeleiding krijgen naar werk of terug naar onderwijs, zodat zij alsnog een startkwalificatie kunnen halen. De belangrijkste reden om te kiezen voor een regionale aanpak was volgens de minister gelegen in het feit dat de vsv-problematiek de grenzen van individuele gemeenten overstijgt. Niet alleen onderwijsinstellingen in het voortgezet, speciaal en middelbaar onderwijs hebben een regionale functie, maar dit geldt ook voor veel hulpverlenende organisaties. Leerlingen gaan bovendien lang niet altijd in de eigen gemeente naar school. 1 Regionale convenanten met gemeenten en scholen Al snel werd duidelijk dat er ook geïnvesteerd moest worden in het voorkomen van schooluitval. In de zomer van 2006 is het Rijk daarom gestart met het afsluiten van convenanten met gemeenten en scholen in de regio s met de meeste uitval. Daardoor hoefde men niet met elke partij afzonderlijk afspraken te maken. Door ondertekening verbinden partijen zich aan prestatiegerichte afspraken en financiële prikkels om schooluitval verder tegen te gaan. Het instrument convenant sloot aan bij de heersende trend van deregulering en autonomie. In de convenanten werd vooral benadrukt wat er moest gebeuren in eerste instantie een daling van vsv met 10% - maar niet op welke manier dit te bereiken. Elke regio kon een eigen aanpak bedenken en uitvoeren. In 2008 heeft de staatssecretaris van onderwijs de aanpak via convenanten verder uitgebreid naar alle 39 regio s. Na ondertekening van het convenant kwam subsidie beschikbaar voor regionaal afgestemde maatregelen en ontvangen scholen een financiële bonus als ze een bepaalde vermindering weten te halen. Extra geld voor scholen vo en mbo Als extra stimulans om de afspraken uit het convenant te halen stelde OCW sinds 2008 aanvullende subsidie beschikbaar voor preventieve onderwijsprogramma s in het vo en mbo. De onderwijsprogramma s richten zich onder andere op verzuimbeleid, loopbaanbegeleiding, zorg, de overgang van vmbo naar mbo, opvangklassen en meer instroommomenten in het mbo. 1 Tweede kamer. Memorie van toelichting. Vergaderjaar , nr

12 Specifiek voor de groep overbelaste jongeren hebben de ministeries van Jeugd en Gezin en OCW vanaf 2010 geld beschikbaar gesteld voor het opzetten of uitbreiden van plusvoorzieningen. Plusvoorzieningen zijn een uitbreiding van het (zorg)aanbod op scholen voor voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs, gericht op overbelaste jongeren van 12 tot 23 jaar. In de visie van het Rijk kenmerken plusvoorzieningen zich door kleinere onderwijsgroepen en snelle beschikbaarheid van zorgverlening, zoals schuldhulpverlening, verslavingszorg of woonbegeleiding. In de praktijk worden de middelen uit de regeling plusvoorziening ook ingezet voor het versterken van bestaand en generiek vsv-beleid en de zorgstructuur. Betrouwbare registraties en publieke cijfers Vrij lang ontbrak een volledig en actueel overzicht van het aantal voortijdig schoolverlaters. Door de invoering van het onderwijsnummer en een landelijke digitaal verzuimloket is sinds 2009 de registratie van schoolgaande leerlingen, verzuim en schooluitval sterk verbeterd. Het ministerie van Onderwijs ontsluit en gebruikt die verbeterde informatie als prikkel voor scholen en regio s. Jaarlijks publiceert het ministerie voor iedereen toegankelijke overzichten van schoolverlaters per school, gemeente en regio. Regio s en instellingen ontvangen ook maandelijkse rapportages met overzichten. Naast sturing op uitkomsten is er ook begeleiding beschikbaar. Sinds 2008 zet het ministerie accountmanagers in, die via informeren en begeleiden een schakel vormen tussen regio en rijk. Kwalificatieplicht Naast de convenanten heeft de minister in 2007 een kwalificatieplicht ingevoerd om leerlingen te stimuleren door te leren tot minimaal het niveau van een startkwalificatie. De volledige leerplicht duurt tot en met het schooljaar waarin de jongere zestien jaar wordt. Daar bovenop geldt sinds 2007 de kwalificatieplicht voor jongeren tot 18 jaar en die nog geen startkwalificatie (een diploma havo, vwo of mbo2) hebben behaald. vsv-beleid De oude regionale convenanten liepen met een verlengingsjaar af in Gezien de daling van het aantal nieuwe vsv-ers in die periode, werd besloten het beleid op hoofdlijnen voort te zetten. In vogelvlucht bestaat het huidige vsv-beleid uit de volgende elementen (voor een uitgebreider overzicht verwijzen we naar het jaarrapport 2012). Nieuw landelijk doel om het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters verder terug te brengen tot in Een nieuwe meetsystematiek voor nieuwe vsv-ers met procentuele normen voor zes doelgroepen in vo en mbo. Regionale convenanten met alle regio s. Alle regio s hebben een subsidieaanvraag ingediend met daarin een aantal maatregelen, die samen de regionale aanpak voortijdig schoolverlaten vormt voor de (school)jaren van 2012 tot medio Bundeling van subsidiestromen plusvoorziening en regionaal programma tot één subsidiestroom: de vsv-regiomiddelen. De subsidie gaat, net als nu, naar de contactschool, maar scholen en gemeenten moeten gezamenlijk tot een subsidieaanvraag voor drie jaar komen. Specifiek budget voor scholen: Individuele onderwijsinstellingen in VO en mbo blijven aanvullende middelen ontvangen. Deze kennen een vaste voet en een prestatiedeel dat is gerelateerd aan de nieuwe meetsystematiek. Specifiek budget voor gemeenten: Regionale contactgemeenten blijven een doelsubsidie ontvangen voor de uitvoering van de zogenaamde RMC-taken. 12

13 Het Rijk steunt de vsv-aanpak met in totaal circa 137 miljoen euro per jaar. Het ministerie van OCW stelt met de nieuwe convenanten voor de periode jaarlijks 67 miljoen euro subsidie beschikbaar voor regionale vsv-aanpak om voortijdig schoolverlaten terug te dringen en 58 miljoen euro voor prestatiesubsidies voor scholen en instellingen. Daarnaast ontvangen de RMC contactgemeenten jaarlijks 32 miljoen euro. Verder is er vanaf 2013 structureel 150 miljoen euro beschikbaar om schooluitval in het middelbaar beroepsonderwijs te bestrijden door intensivering van de onderwijstijd in het eerste jaar, intensieve begeleiding, loopbaanoriëntatie en coaching. figuur 1.1 Overzicht elementen vsv-beleid Ministerie van OCW VSV-beleid RMC-taken Regionale convenanten Reguliere bekostiging Kwalificatieplicht Voorlichting Ander (OCW) beleid RMC Deelnemende gemeenten Regionale Samenwerking: maatregelen en kwaliteit samenwerking Contact-school Vo-scholen Mbo-instellingen Schoolbeleid Kwaliteit Vsv-maatregelen Schoolbeleid Kwaliteit Vsv-maatregelen Jongeren vo en mbo jaar Netwerkpartners (arbeidsmarkt, zorg, veiligheid) Integraal jeugdbeleid jongerenloketten Bron: Panteia 13

14 1.2 Doel van het onderzoek Om het inzicht in de relaties tussen beleid, ingezette middelen en instrumenten en de vsv-resultaten te vergroten, heeft het ministerie van OCW onderzoeksbureaus Panteia en SEOR gevraagd in de huidige convenantsperiode ( ) het vsv-beleid te monitoren en te evalueren, met als doel het komen tot beleidsmatige aanbevelingen. De volgende twee hoofdvragen zijn daarbij leidend: 1. Hoe ziet het vsv-beleid er uit op landelijk, regionaal en instellingsniveau? 2. Wat zijn de verbanden tussen het landelijke en regionale vsv-beleid, de inzet van middelen en instrumenten en de vsv-resultaten op school-, instellings-, regionaal en landelijk niveau. Het doel is daarmee enerzijds het monitoren van de uitvoering van het vsv-beleid zoals dat in de regio s en door onderwijsinstellingen wordt uitgevoerd. Welke beleidsmatige keuzes maken regio s, op welke maatregelen zet men in, wat doen scholen om te voorkomen dat jongeren uitvallen en wat zijn daarbij knelpunten en succesfactoren? Anderzijds is het doel het evalueren van de effectiviteit van verschillende aanpakken. Waar komen verschillen in resultaten tussen regio s en instellingen vandaan, ook als wordt gecorrigeerd voor relevante achtergrondkenmerken? Wat zijn effectieve vormen van regionale samenwerking? Zijn er instrumenten die voor bepaalde doelgroepen structureel leiden tot betere resultaten? Het vsv-beleid opereert daarbij niet in een vacuüm, maar in samenhang met ander beleid dat zich vanuit verschillende departementen en gemeenten richt op o.a. het verbeteren van de onderwijskwaliteit, het verbeteren van de arbeidsmarktpositie van jongeren en op het versterken van de zorg aan jongeren, op school en daarbuiten. In het onderzoek is daarom ook aandacht voor de invloed van bestaande en geplande veranderingen op aanpalende beleidsterreinen. 1.3 Doel -en vraagstelling 2014 In dit rapport geven we de resultaten van het onderzoek naar de uitvoering van het vsv-beleid in 2014 weer. Daarbij bouwen we voort op de resultaten van de eerdere jaren, zoals verantwoord in de jaarrapportages over 2012 en Naast deze drie jaarrapportages geven we een overkoepelende beleidsmatige samenvatting van de onderzoeksresultaten. Voornaamste doel van het derde jaar van het monitoring en evaluatieonderzoek vsvbeleid is te kijken naar de opbrengsten van het vsv-beleid. Vanuit kwalitatief en kwantitatief oogpunt ligt de vraag voor welke interventies en aanpakken effectief zijn gebleken. Hieraan ligt een analyse van verschillen tussen regio s en instellingen ten grondslag. Ook gaan we in op de borging van het vsv-beleid in regionaal -en instellingsbeleid, relevante ontwikkelingen voor het vsv-beleid en aanbevelingen voor de regio s en het landelijk beleid. 2 Deze zijn beschikbaar op en op 14

15 In het onderzoek waren dit jaar de volgende onderzoeksvragen leidend: Uitvoering en resultaten van de regionale vsv-aanpak 1) In hoeverre verloopt de uitvoering van het beleid zoals beoogd, in hoeverre wordt er tussentijds bijgestuurd? 2) In hoeverre heeft het beleid de beoogde aantallen potentiële vsv-ers bereikt? 3) Tot welke overige resultaten heeft het beleid geleid? 4) Welke beleidsmatige ontwikkelingen hebben invloed op de vsv-resultaten binnen instellingen en regio s? Borging en wensen voor (na) de convenantsperiode 5) In hoeverre borgen de regio s vsv-maatregelen? 6) Welke wensen en verwachtingen hebben de regio s en instellingen t.a.v. de borging van regionale maatregelen voor (na) 2015? Instellingsgebonden aanpak 7) Hoe ziet het vsv-beleid er uit voor individuele mbo-instellingen? In hoeverre zijn er verschillen tussen en binnen instellingen in hun vsv-aanpak? Effectiviteit 8) Kwalitatief welke vsv-maatregelen zijn volgens betrokkenen effectief? Welke kwalitatieve factoren spelen een rol bij het behalen van de resultaten? 9) Kwantitatief - Wat zijn de verbanden tussen de verschillende onderdelen van het vsv-beleid en de (huidige en nieuwe) vsv-resultaten voor individuele mboinstellingen als op regionaal niveau? Zijn verschillen in resultaten op verschillende mbo-niveaus en in verschillende instellingen terug te leiden tot verschillen in de aanpak? Aanbevelingen 10) Wat zijn gezien de bovenstaande conclusies relevante aanbevelingen voor het landelijk beleid en voor de regio s in het blijvend versterken van de vsv-aanpak? 1.4 Opzet van het onderzoek 2014 Het onderzoek bestond in 2014 uit een (herhaalde) enquête, een ronde met groepsgesprekken met alle 39 regio s en een kwantitatieve analyse. Enquête instellingsbeleid mbo In het najaar van 2013 heeft het onderzoeksteam alle mbo-instellingen benaderd met een enquête over hun beleid dat invloed heeft kan hebben op vsv. Door gebrek aan deelname of beperkte deelname van sommige instellingen was het niet mogelijk om een betrouwbaar beeld te krijgen voor het hele mbo. Daarom zijn in het voorjaar van 2014 alle instellingen die nog niet of onvoldoende hadden meegewerkt nogmaals benaderd om deel te nemen en de enquête in te vullen. Dit heeft uiteindelijk geleid tot een respons van 183 vertegenwoordigers vanuit alle 67 ROC s, AOC s en vakinstellingen. 15

16 tabel 1.1 Respons mbo-enquête naar functie en sector Functie van de ROC AOC Vak N % respondent Coördinator, beleidsmdw % projectleider vsv (locatie) directeur % Teamleider of % afdelingsmanager Zorgcoördinator / % psycholoog Docent % College van Bestuur % Totaal % Bron: Panteia Ronde regionale gesprekken In het najaar van 2014 heeft het onderzoeksteam in alle 39 RMC-regio s groepsgesprekken gevoerd met de RMC-coördinator, de vsv-contactpersoon en een contactpersoon van de grootste vo-school of mbo-instelling. Bij een deel van de groepsgesprekken waren ook de accountmanagers vanuit OCW, meer vertegenwoordigers vanuit scholen of een beleidsmedewerker onderwijs vanuit de gemeente aanwezig. Het doel van de groepsgesprekken was kwalitatief inzicht te krijgen in de uitvoering en effecten van de regionale maatregelen. Hiervoor is in de gesprekken met de regio s gesproken over de uitvoering van de maatregelen: zijn deze uitgevoerd als beoogd, zijn er aanpassingen gedaan en waarom, is het beoogde bereik behaald?, wat zijn de effecten van de maatregelen en welke maatregelen worden geborgd? Uitgangspunt waren steeds de beschrijvingen van het regionale maatregelenprogramma uit Daarnaast hebben we de regio s gevraagd naar relevante beleidsontwikkelingen en contextfactoren die invloed hebben gehad of waarvan de regio effecten op het aantal uitvallers verwacht. Tot slot vroegen we de regio s naar hun tevredenheid over de voorlopige vsv-resultaten Verklarende analyse Tot slot heeft het onderzoeksteam na het beschikbaar komen van de meest recente vsv-tellingen (op basis van de oktobertelling 2014) in het voorjaar van 2015 in een aantal verklarende analyses gezocht naar verbanden tussen het gevoerde beleid, het niveau van en de verandering in de vsv, zowel op het niveau van regio s als instellingen. Zijn verschillen in resultaten voor doelgroepen, instellingen en regio s terug te leiden tot verschillen in de aanpak? Concreet zijn de volgende analyses uitgevoerd: 1. Cross-sectie analyse van het niveau van de vsv-uitval per regio in 2013, verklaard door beleid en populatiekenmerken. Omdat denkbaar is dat de onderscheiden beleidsvariabelen verschillend uitpakken voor verschillende doelgroepen, voeren we aparte analyses uit voor 4 doelgroepen: VO, mbo1, mbo2, mbo3/4. 2. Cross-sectie analyse van de ontwikkeling van het vsv-percentage per regio tussen 2012/ /14. Door het gebruik van deze jaren, kan worden gewerkt met de 3 De groepsgesprekken zijn het najaar van in september tot november gevoerd. Op dat moment waren de definitieve cijfers van nog niet bekend. 16

17 nieuwe meetsystematiek. Ook in deze analyses voeren we aparte analyses uit voor de 4 hierboven genoemde doelgroepen. 3. cross-sectie analyses voor mbo-instellingen, waarbij het niveau van de uitval in 2013/2014 en de daling van het aandeel voortijdig schoolverlaters tussen schooljaren 2012/13 en 2013/14 wordt herleid tot beleidsvariabelen en enkele populatiekenmerken. Bijlage 1 bevat een uitgebreidere verantwoording van de gekozen methodieken en opzet. 17

18

19 2 Regionale vsv-aanpak In 2012 hebben alle 39 RMC-regio s een regionaal maatregelenprogramma ingediend waarin de regionale aanpak om het aantal nieuwe vsv-ers verder te verminderen, is beschreven. In dit hoofdstuk geven we op basis van een analyse van de informatie uit de ronde groepsgesprekken en deels op basis van de resultaten vanuit de eerdere onderzoeksjaren antwoord op de volgende onderzoeksvragen: 1) In hoeverre verloopt de uitvoering van de regionale maatregelen zoals beoogd, in hoeverre wordt er tussentijds bijgestuurd? 2) In hoeverre heeft het beleid de beoogde aantallen potentiele vsv-ers bereikt? 3) Tot welke overige resultaten heeft het beleid geleid? Typering maatregelen Om een landelijk overzicht te kunnen geven van de uitvoering en resultaten van de regionale vsv-maatregelen hebben we de regionale maatregelen inhoudelijk geclusterd in zeven categorieën (zie tabel 2.1). Binnen deze categorieën hebben we een onderscheid gemaakt tussen maatregelen ter verbetering van het onderwijs, meer generieke maatregelen die voor alle leerlingen/studenten gelden (preventief) en maatregelen die erop gericht zijn dreigende uitvallers binnenboord te houden (curatief). Plusvoorzieningen hebben we als aparte categorie opgenomen, omdat alle regio s verplicht een plusvoorziening hebben opgenomen in hun aanvraag. Deze toedeling aan een beperkt aantal categorieën maakt het mogelijk om een landelijk beeld te schetsen en regio s op hoofdlijnen te vergelijken. In de praktijk bestaan veel maatregelen uit meerdere activiteiten, die onderling soms sterk verschillend zijn van karakter. Een aantal aanvragen bevat per maatregel één concrete activiteit. Andere regio s hebben een scala aan beleidsinstrumenten gezamenlijk gebundeld onder één maatregel. We hebben daarbij zoveel mogelijk de kern van een maatregel proberen in te delen. In de beschrijvingen van de maatregelen houden we rekening met de effecten van verschillende onderliggende activiteiten. tabel 2.1 Typering maatregelen regionale aanpak Type maatregel Curatieve maatregelen Trajectbegeleiding werk Opvang voor dreigende uitvallers in het mbo Preventieve maatregelen Overgang vo-mbo Verzuim & Versterking RMC-functie in de school Pedagogische klimaat versterken in de school Onderwijskwaliteit Aantal keer in aanvraag Verdeling over aantal regio s Loopbaanoriëntatie en Begeleiding (LOB) Plusvoorziening Bron: Panteia In de tabel is te zien dat sommige maatregelen vaker voorkomen dan het aantal regio s dat hiervoor een aanvraag heeft ingediend. Dit komt doordat sommige regio s voor verschillende doelgroepen of voor iedere subregio dezelfde type maatregel hebben ingediend. 19

20 Per type maatregel beginnen we in dit hoofdstuk allereerst met een beschrijving van de gekozen maatregelen. Vervolgens gaan we in op de uitvoering en de resultaten in termen van bereik. De beschrijvingen zijn geïllustreerd met concrete voorbeelden uit verschillende regio s. Tot slot vergelijken we de uitkomsten per type maatregel om overkoepelende conclusies te trekken en gaan we in op de overige resultaten. 2.1 Trajectbegeleiding werk Deze maatregel beoogt enerzijds te voorkomen dat jongeren die geen stage of leerwerkplek kunnen vinden of die plek (driegen te) verliezen, voortijdig schoolverlater worden. Daarnaast is het doel jongeren vanuit het onderwijs, na het behalen van hun diploma, te begeleiden in het vinden van een werkplek. De voornaamste doelgroep zijn alle studenten uit het mbo. Daarbinnen richten verschillende regio s zich specifiek op de BBL-ers en studenten van mbo 1/entreeopleiding. De BBL-ers omdat deze doelgroep door de krapte op de arbeidsmarkt moeilijk aan een leerwerkbaan komt die ze nodig hebben om dit type opleiding te mogen starten. Studenten die hun diploma voor mbo 1/entreeopleiding behalen worden vsv-er als ze geen diploma halen op niveau 2 of werk vinden voor minimaal 12 uur. Zowel het behalen van een mbo 2 diploma als het vinden van een baan blijkt in veel gevallen een lastige opgave. Om jongeren te helpen bij het vinden van een stage of leerwerkplek zetten veel regio s een jobcoach of een BBL-coach in. Deze coach is er om studenten te ondersteunen bij het vinden en behouden van de stage- of werkplek. In subregio Den Bosch is een specifieke coach ingezet voor extra begeleiding van studenten in techniekopleidingen. Deze begeleiding is persoonlijk, is erop gericht het netwerk van de student te vergroten, heeft aandacht voor de jongere bij het verliezen van zijn/haar stageplek en biedt hulp bij studiekeuzeproblematiek. Andere regio s hebben ingezet op een samenwerking met de gemeente of werkpleinen om met behulp van hun netwerk van werkgevers studenten te helpen. In Friesland Noord hebben de mbo-scholen zowel ingezet op een eigen netwerk als op jobcoaches die voor de drie regio s in Friesland BBL-plekken werven. Daarnaast zijn er een aantal regio s die activiteiten inzetten in het vo. Zo is in Groningen een checklist verspreid onder vo-decanen waarmee ze de geschiktheid van hun leerlingen voor een BBL-opleiding kunnen checken. In Friesland Oost ondersteunt de BBL-coach ook de vo-docent om zijn leerlingen voor te bereiden op de BBL of geven ze indien daarom gevraagd is leerlingen zelf voorlichting. Zuid-Holland Noord heeft een aanpak waarbij ze deelnemers die geen BBL-plek kunnen vinden of deze verliezen, begeleiden in de overgang naar BOL. Uitvoering Achttien regio s hebben een maatregel ingediend die onder de typering Trajectbegeleiding werk valt. In totaal gaat het om 19 maatregelen. Onderstaande tabel geeft een kort overzicht van de uitvoering op basis van de groepsgesprekken. Hierna volgt per onderdeel een inhoudelijke toelichting. 20

21 tabel 2.2 Uitvoering Trajectbegeleiding - werk Uitgevoerd als beoogd Ja Nee Deels Weet niet Niet vermeld 5 Uitgebreid of aangepast 7 12 Beoogd bereik behaald Bron: Panteia De maatregelen zijn in de meeste regio s uitgevoerd zoals in de aanvraag was opgenomen. Vier regio s hebben door de krappe arbeidsmarkt hun plan om bbl-ers aan een werkplek te helpen niet kunnen uitvoeren zoals beoogd. De regio s in Groningen hadden het idee om dit samen met werkpleinen op te pakken. Werkpleinen hebben door de situatie op de arbeidsmarkt hun handen vol aan het begeleiden van mensen naar werk. Zij hebben met meerdere doelgroepen te maken en geven geen prioriteit aan jongeren. Hierdoor ligt de maatregel stil en zoeken de regio s naar andere oplossingen, zoals het creëren van leerbanen op het eigen, bedrijven verleiden aan jobcarving te doen of proberen een eigen netwerk van bedrijven op te tuigen. Andere regio s pasten hun focus aan omdat onderzoek of uitvalcijfers uitwezen dat dit verstandiger was. Bereik Slechts vijf regio s geven aan dat het beoogde bereik is behaald. De meeste kunnen geen aantallen noemen maar geven aan dat alle docenten zijn gecoacht of dat de acties meer leerwerkplekken hebben opgeleverd. Friesland Oost kon wel aangeven dat hun BBL-coach naar schatting 200 mbo-studenten heeft begeleid. De coach is ook actief in het vo, voornamelijk om voorlichting te geven. Het is daarom voor het vo lastiger om het exacte bereik aan te geven, zie box 2.1. Box 2.1 BBL-coach RMC-regio 6 In de regio zijn 1,5 jaar geleden twee BBL-coaches aangesteld. De BBL-coaches werken bovenschools voor zowel het mbo (BOL en BBL) als het vo. Via het loopbaanloket worden jongeren doorverwezen naar een BBL-coach. In het mbo helpt de BBL-coach bij het zoeken naar een BBL -of stageplek. De BBL-coach is er ook om docenten te leren hoe ze jongeren beter kunnen voorbereiden op een BBL of stageplek door bijvoorbeeld sollicitaties te oefenen. In het vo speelt de BBL-coach een belangrijke rol in het keuzeproces. Hiervoor geeft de BBL-coach voorlichting (o.a. door beroepsvoorbereidende lessen) op de vo-scholen. Sommige jongeren willen graag gaan werken in plaats van naar school gaan. Vaak hebben deze leerlingen nog nooit van BBL gehoord. Decanen kunnen deze jongeren dan doorverwijzen naar de BBL-coach. De BBL-coaches zijn al langs de VO-scholen geweest en leerlingen worden door het VO al doorgestuurd. De directe resultaten van de maatregel op het aantal vsv-ers is lastig vast te stellen omdat het een preventieve aanpak is. De regio heeft het vermoeden dat ze het beoogde bereik uit de aanvraag makkelijk gaan bereiken. Naar schatting worden er zo rond de 200 leerlingen door de BBL-coach begeleid, maar of deze leerlingen daadwerkelijk hun diploma behalen, is nu nog niet te zeggen. 5 Niet vermeld is aangemaakt voor de groepsgesprekken waarin dit onderwerp of de maatregel niet aan bod is gekomen. 21

22 Regio s die het beoogde bereik niet hebben behaald, wijten dit aan de slechte situatie op de arbeidsmarkt. De aansluiting met de arbeidsmarkt blijkt lastiger dan veel regio s vooraf hadden gedacht. Een aantal regio s gaf aan dat naast scholen en gemeenten ook werkgevers meer verantwoordelijkheid voor het opleiden van jongeren op zich zouden moeten nemen. 2.2 Opvang voor dreigende uitvallers in het mbo De maatregelen onder deze typering zijn erop gericht te voorkomen dat potentiële schoolverlaters uitvallen in het mbo. Sommige regio s richten zich specifiek op mbo - ers die van opleiding willen switchen. Het overgrote deel biedt activiteiten voor alle potentiële uitvallers in het mbo. Binnen deze maatregel laten de activiteiten zich groeperen naar momenten in de mbo - opleiding: aan de start, als de student wil switchen van opleiding en gedurende de gehele looptijd. Vanaf het begin van de opleiding zijn er regio s die begeleiding op maat bieden aan individuele studenten die anders niet hun startkwalificatie zouden halen. In regio Haaglanden/Westland werkt iedere school samen met externe deskundigen om maatwerktrajecten voor hun studenten te verzorgen. De begeleiding varieert van deficiëntie-trajecten, gedragstrainingen en huiswerkbegeleiding tot een intensief loopbaantraject en tijdelijke plaatsing in een Rebound-voorziening. Voor jongeren die binnen het mbo van opleiding willen veranderen zijn er trajecten of klassen waarin ze de gelegenheid krijgen zich te heroriënteren op een nieuwe opleiding. Daarnaast zijn er loketten of teams die gedurende de gehele opleidingsduur actief zijn. Deze loketten of teams zijn niet alleen gericht op signalering van potentiële uitvallers maar beoordelen ook wat de juiste coachings -of begeleidingsvorm voor elke student is. Een enkele regio richt zich specifiek op de begeleiding van niveau 1 studenten naar werk of naar een niveau 2 opleiding. Tot slot zijn er een aantal regio s die flexibele instroommomenten in het mbo willen creëren zodat het switchen tussen opleidingen soepeler kan verlopen. Uitvoering In totaal hebben 12 RMC-regio s een maatregel in hun subsidieaanvraag voor opgenomen die wij typeren als Opvang voor dreigende uitvallers in het mbo. In onderstaande tabel geven we een overzicht van de antwoorden die wij op basis van de groepsgesprekken hebben gekwantificeerd. Daarna gaan we per onderdeel een inhoudelijke toelichting. tabel 2.3 Uitvoering Opvang voor dreigende uitvallers in het mbo Ja Nee Deels Weet niet Niet vermeld 6 Uitgevoerd als beoogd Uitgebreid of aangepast Beoogd bereik behaald Bron: Panteia Deze maatregel is door de meeste RMC-regio s uitgevoerd zoals in het maatregelenprogramma is beschreven. Slechts één regio geeft aan een 6 Niet vermeld is aangemaakt voor de groepsgesprekken waarin dit onderwerp of de maatregel niet aan bod is gekomen. 22

23 deel van de maatregel, namelijk het creëren van flexibele instroommomenten in het mbo, niet door te zetten. Het bleek lastig om dit in de bestaande structuren van beroepsopleidingen te organiseren. Omdat de regio van andere type maatregelen (o.a. LOB en de overgang vo-mbo) meer resultaten verwacht, is besloten zich daarop te richten. Twee regio s hebben voor de uitvoering van de maatregel een extra partij aangetrokken. Zuid-Holland Zuid heeft bijvoorbeeld iemand aangetrokken uit het bedrijfsleven omdat ze opmerkte dat het goed is mbo 1 studenten al tijdens hun studie kennis te laten maken met het bedrijfsleven. De grootste uitval bleek zich namelijk onder die doelgroep te concentreren. De andere regio wil een pilot opzetten waarin naast RMC/LP en werkpleinen ook zorgpartijen betrokken zijn om preventief jongeren te begeleiden en te coachen. Een derde regio heeft de start van het heroriëntatietraject aangepast. Hierdoor kan een school pas later in het jaar gebruik maken van de maatregel en worden scholen gedwongen om eerst zelf actie te ondernemen. Bereik Op de vraag of de maatregel het beoogde aantal potentiele vsv-ers heeft weten te bereiken, hebben vijf RMC-regio s een bevestigend antwoord gegeven. De onderbouwingen daarvan lopen nogal uiteen. Er zijn twee regio s die dit niet kunnen onderbouwen met cijfers maar wel zeer sterk de indruk hebben dat hun maatregel werkt. Het werkt omdat er een multidisciplinair team is ingezet dat de signalen van potentiële vsv-ers goed in de gaten houdt en direct op een passende manier reageert. Van de overige drie regio s hadden er twee precieze aantallen voorhanden. Bij de andere regio waren alle projectleiders tevreden over hun eigen activiteit. Deze regio verklaart het succes van de individuele activiteiten uit het feit dat als er aandacht voor iets is, het meestal tot een positief effect leidt. 2.3 Overgang vo-mbo Maatregelen gericht op de overgang vo-mbo zijn door bijna alle (33) RMC-regio s aangevraagd. In totaal komt de maatregel 38 keer voor 7. Binnen deze maatregel zetten alle regio s in op een correcte informatieoverdracht tussen vo en mbo, waarvoor veel het systeem intergrip gebruiken. Naast de registratie zetten zestien regio s in op begeleiding na of tijdens de overgang vo-mbo en veertien regio s focussen zich op activiteiten die ervoor moeten zorgen dat leerlingen een weloverwogen opleidingskeuze maken. Vlak voor de overgang vo-mbo proberen scholen aan te dringen op vervroegde inschrijvingen van vo-leerlingen voor een mbo-opleiding. Vo-docenten hebben veelal de taak inschrijvingen van hun examenleerlingen in intergrip te monitoren en daarna hun leerlingen te volgen tot aan het moment dat deze is aangekomen op het mbo. Voor leerlingen die zich in juni nog niet hebben ingeschreven op een mbo-school zijn er zomeracties, veelal georganiseerd in samenwerking met RMC/LP, met als doel leerlingen te stimuleren een opleidingskeuze te maken. De begeleiding van leerlingen tijdens de overgang concentreert zich op die leerlingen waarvan de vo-docent problemen tijdens de overgang verwacht. In een aantal regio s loopt deze begeleiding 7 Dit komt doordat sommige regio s meerdere maatregelen hebben ingediend die onder deze typering vallen. Daarnaast zijn er regio s die werken met subregio s en daarvoor aparte aanvragen indienen. 23

24 nog verder door in het mbo. Zo zijn er in Zuid-Holland-Oost leerlingbegeleiders die risico-leerlingen begeleiden tot aan het einde van het eerste jaar in het Mbo. Ondanks alle inspanningen zijn er altijd nog leerlingen die na de zomer niet aankomen op het mbo. Voor deze zogenoemde NO-showers zijn er in sommige regio s coaches beschikbaar. Naast de overstap zelf richten sommige regio s zich op preventieve activiteiten. Activiteiten onder deze maatregel overlappen met of sluiten aan op activiteiten die onder de typering loopbaanoriëntatie en begeleiding vallen. Het gaat om acties die erop gericht zijn leerlingen uit het voortgezet onderwijs voor te bereiden op de opleidingskeuze in het mbo. Dit zijn bijvoorbeeld meeloopdagen, oriëntatiedagen, LOB als vak in het vo en mbo-studenten die iets komen vertellen over het mbo. Om er zeker van te zijn dat de juiste keuze is gemaakt zetten diverse regio s in op een verbetering van de intake op het mbo. Dit houdt veelal in dat mbo-intakers gebruik maken van de leerling-informatie die het vo via bijvoorbeeld intergrip of het digitaal doorstroomdossier heeft doorgegeven. Tot slot zijn er regio s die als onderdeel van dit maatregelpakket zich inzetten voor switchers binnen het mbo, door middel van een doorstroomcoach of een schakelklas. Uitvoering In onderstaande tabel geven we een overzicht van de antwoorden die wij op basis van de groepsgesprekken hebben gekwantificeerd. Daarna gaan we per onderdeel in op de verklaringen die hiervoor zijn gegeven. tabel 2.4 Uitvoering 'overgang vo-mbo' Ja Nee Deels Weet niet Niet vermeld 8 Uitgevoerd als beoogd Uitgebreid of aangepast Beoogd bereik behaald Bron: Panteia De maatregelen gericht op de overgang vo-mbo zijn door de meeste regio s uitgevoerd zoals in de subsidieaanvraag van 2012 was beoogd. Elf RMC-regio s geven aan dat de uitvoering anders is verlopen. Dit heeft in veel gevallen te maken met een deelactiviteit die is stopgezet of achter ligt qua planning. Deze deelactiviteiten variëren van het invoeren van registratiesystemen tot deskundigheidstrainingen voor docenten. Soms is het stopgezet of heeft de activiteit vertraging opgelopen doordat scholen het niet oppakten of omdat scholen dit zelf al doen en er daarom geen vsv - middelen voor nodig zijn. Regio Rijnmond had bedacht schoolloopbaanteams in te zetten die jongeren kunnen begeleiden bij hun studiekeuze. In de praktijk bleek dat veel teams eerder fungeerden als hulpverlener dan als loopbaancoach. Daarnaast zijn er regio s die de maatregel uitvoeren als beoogd maar wel een koerswijziging of een activiteit aan de maatregel hebben toegevoegd. Een drietal regio s heeft de koers veranderd door van doelgroep te veranderen. Stedendriehoek had oorspronkelijk een indoorklas die bedoeld was voor ongediplomeerde voleerlingen die tussentijds wilden instromen in het mbo. Door de invoering van de entreeopleiding is de indoorklas alleen nog voor mbo-studenten die willen switchen 8 Niet vermeld is aangemaakt voor de groepsgesprekken waarin dit onderwerp of de maatregel niet aan bod is gekomen. 24

8 Samenvatting en conclusies

8 Samenvatting en conclusies 8 Samenvatting en conclusies In dit hoofdstuk vatten we aan de hand van de onderzoeksvragen de eerste bevindingen van het onderzoek samen, zoals die in dit jaarrapport 2012 zijn gepresenteerd. De conclusies

Nadere informatie

Personeelsmonitor Provincies. Benchmarkrapport Provincie Noord-Holland

Personeelsmonitor Provincies. Benchmarkrapport Provincie Noord-Holland Personeelsmonitor Provincies Benchmarkrapport Zoetermeer, oktober 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv Tevredenheidsonderzoek 2011 Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van Studiecentrum Talen Eindhoven bv De verantwoordelijkheid voor de inhoud

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT

Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT Tevredenheidsonderzoek 2011 Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van Universiteit van Amsterdam, INTT De verantwoordelijkheid voor de inhoud

Nadere informatie

De stand van Mediation in Nederland

De stand van Mediation in Nederland De stand van Mediation in Nederland drs. R.J.M. Vogels Zoetermeer, 17 november 2011 In opdracht van het Nederlands Mediation Instituut (NMI). De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus.

Nadere informatie

Cliëntenaudit Bureau ABC

Cliëntenaudit Bureau ABC Cliëntenaudit Bureau ABC 2014 Zoetermeer 17 april 2015 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in artikelen, scripties

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek ROC De Leijgraaf

Tevredenheidsonderzoek ROC De Leijgraaf Tevredenheidsonderzoek 2015 ROC De Leijgraaf Zoetermeer, zondag 14 februari 2016 In opdracht van ROC De Leijgraaf De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015 Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl Zoetermeer, vrijdag 13 november 2015 In opdracht van Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl De verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2012. Jobcoach organisatie Trace Daelzicht

Tevredenheidsonderzoek 2012. Jobcoach organisatie Trace Daelzicht Tevredenheidsonderzoek 2012 Jobcoach organisatie Trace Daelzicht Zoetermeer, maandag 4 februari 2013 In opdracht van Jobcoach organisatie Trace Daelzicht De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2015. AM Werk Reïntegratie BV

Tevredenheidsonderzoek 2015. AM Werk Reïntegratie BV Tevredenheidsonderzoek 2015 AM Werk Reïntegratie BV Zoetermeer, zondag 14 februari 2016 In opdracht van AM Werk Reïntegratie BV De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014. STE Languages

Tevredenheidsonderzoek 2014. STE Languages Tevredenheidsonderzoek 2014 STE Languages Zoetermeer, vrijdag 13 februari 2015 In opdracht van STE Languages De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten

Nadere informatie

Conjunctuurpeiling BNA Voorjaar 2015

Conjunctuurpeiling BNA Voorjaar 2015 Conjunctuurpeiling BNA Voorjaar René Vogels Zoetermeer, 10 april De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in artikelen,

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2015. Rijn IJssel, Educatie & Integratie

Tevredenheidsonderzoek 2015. Rijn IJssel, Educatie & Integratie Tevredenheidsonderzoek 2015 Rijn IJssel, Educatie & Integratie Zoetermeer, zaterdag 27 februari 2016 In opdracht van Rijn IJssel, Educatie & Integratie De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij

Nadere informatie

Uitgevoerd in opdracht van. Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2013 Provincies

Uitgevoerd in opdracht van. Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2013 Provincies Uitgevoerd in opdracht van Rapportage beoordelen en incidenteel belonen 2013 Provincies Zoetermeer, 17 september 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers

Nadere informatie

Handreiking voor het maken van een regionale analyse 2012-2015 betreffende het voorkomen van voortijdig schoolverlaten

Handreiking voor het maken van een regionale analyse 2012-2015 betreffende het voorkomen van voortijdig schoolverlaten Handreiking voor het maken van een regionale analyse 2012-2015 betreffende het voorkomen van voortijdig schoolverlaten Definitieve versie met voorlopige cijfers over schooljaar 2010-2011 Zonder een scherp

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2015. Stap.nu Reïntegratie & Counseling

Tevredenheidsonderzoek 2015. Stap.nu Reïntegratie & Counseling Tevredenheidsonderzoek 2015 Stap.nu Reïntegratie & Counseling Zoetermeer, zaterdag 27 februari 2016 In opdracht van Stap.nu Reïntegratie & Counseling De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia.

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2013-2014. Stichting ActiefTalent

Tevredenheidsonderzoek 2013-2014. Stichting ActiefTalent Tevredenheidsonderzoek 2013-2014 Stichting ActiefTalent Zoetermeer, donderdag 21 mei 2015 In opdracht van Stichting ActiefTalent De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van

Nadere informatie

De Watersector Exportindex (WEX)

De Watersector Exportindex (WEX) De Watersector Exportindex (WEX) prognose 2006 drs. P. Gibcus drs. W.H.J. Verhoeven Zoetermeer, februari 2007 Dit onderzoek is gefinancierd door het programma Partners voor Water. De verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Kunnen MKB-ondernemers de weg nog vinden? Veranderingen in de sociale zekerheid

Kunnen MKB-ondernemers de weg nog vinden? Veranderingen in de sociale zekerheid Kunnen MKB-ondernemers de weg nog vinden? Veranderingen in de sociale zekerheid Peter Brouwer Zoetermeer, april 2003 Dit onderzoek maakt deel uit van het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap, dat

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014-2015. Arbo Coaching B.V.

Tevredenheidsonderzoek 2014-2015. Arbo Coaching B.V. Tevredenheidsonderzoek 2014-2015 Arbo Coaching B.V. Zoetermeer, maandag 20 juli 2015 In opdracht van Arbo Coaching B.V. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2011. BHP Groep Loopbaanadvisering

Tevredenheidsonderzoek 2011. BHP Groep Loopbaanadvisering Tevredenheidsonderzoek 2011 BHP Groep Loopbaanadvisering Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van BHP Groep Loopbaanadvisering De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia/Stratus.

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2013-2014. Coaching en Advisering

Tevredenheidsonderzoek 2013-2014. Coaching en Advisering Tevredenheidsonderzoek 2013-2014 Coaching en Advisering Zoetermeer, zondag 3 augustus 2014 In opdracht van Coaching en Advisering De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014-2015. Staatvandienst B.V.

Tevredenheidsonderzoek 2014-2015. Staatvandienst B.V. Tevredenheidsonderzoek 2014-2015 Staatvandienst B.V. Zoetermeer, donderdag 13 augustus 2015 In opdracht van Staatvandienst B.V. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. P&M arbeidsreintegratie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. P&M arbeidsreintegratie Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015 P&M arbeidsreintegratie Zoetermeer, dinsdag 4 augustus 2015 In opdracht van P&M arbeidsreintegratie De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik

Nadere informatie

Evaluatie campagne Doe meer met Afval. mening betrokken gemeenten

Evaluatie campagne Doe meer met Afval. mening betrokken gemeenten Evaluatie campagne Doe meer met Afval mening betrokken gemeenten Zoetermeer, 10 maart 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting

Nadere informatie

VSV conferentie Zuid Holland Noord 2015

VSV conferentie Zuid Holland Noord 2015 VSV conferentie Zuid Holland Noord 2015 15:00 Programma Opening Wethouder onderwijs Frank de Wit Onderwijsaanbod MBO in de regio Oege de Jong & Ricardo Winter 15:20 16:10 17:10 17:30 Johan Goossens Cabaretier

Nadere informatie

Richting en resultaat voor de regio

Richting en resultaat voor de regio Richting en resultaat voor de regio visie en beleidsagenda voortijdig schoolverlaten 2010 2014 Zuid Holland Noord vastgesteld op 13 september 2010 door de regiegroep vsv Visie en beleidsagenda vsv 2010

Nadere informatie

BIJLAGE A BEHORENDE BIJ ARTIKEL 10 VAN DE REGELING REGIONALE AANPAK VSV EN PRESTATIESUBSIDIE VOOR HET VOORTGEZET ONDERWIJS

BIJLAGE A BEHORENDE BIJ ARTIKEL 10 VAN DE REGELING REGIONALE AANPAK VSV EN PRESTATIESUBSIDIE VOOR HET VOORTGEZET ONDERWIJS BIJLAGE A BEHORENDE BIJ ARTIKEL 10 VAN DE REGELING REGIONALE AANPAK VSV EN PRESTATIESUBSIDIE VOOR HET VOORTGEZET ONDERWIJS Aanvraagformulier Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten en prestatiesubsidie

Nadere informatie

RMC Noord-Kennemerland. Presentatie PORA 6 januari 2016

RMC Noord-Kennemerland. Presentatie PORA 6 januari 2016 Presentatie PORA 6 januari 2016 Regionale Meld- en Coördinatiefunctie Voorstellen Doel -functie Wanneer is er sprake van (dreigend) voortijdig schoolverlaten? -een jongere die nog geen 23 is én -niet in

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014. SWA HR Diensten

Tevredenheidsonderzoek 2014. SWA HR Diensten Tevredenheidsonderzoek 2014 SWA HR Diensten Zoetermeer, vrijdag 13 februari 2015 In opdracht van SWA HR Diensten De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

Achtergrondinformatie formatiemeter 2014

Achtergrondinformatie formatiemeter 2014 Achtergrondinformatie formatiemeter 2014 Aanleiding De formatierichtlijn leerplichtfunctie dateert uit 2007. Een aantal ontwikkelingen is aanleiding om de formatierichtlijn in 2013 tegen het licht te houden.

Nadere informatie

Preventieproject De Overstap 2015 April 2015

Preventieproject De Overstap 2015 April 2015 Preventieproject De Overstap 2015 April 2015 Gemeente Den Haag Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling Leerlingzaken Postbus 12 652 2500 DP Den Haag Bezoekadres: Spui 70, Den Haag Projectcoördinatoren

Nadere informatie

Traject van de toekomst

Traject van de toekomst Gebundelde kracht in een kansrijk MBO 10 januari 2013 Traject van de toekomst Bovenschoolse opvang Groningen Hans Everhardt Programmamanager VSV regiogelden Aanleiding Traject vd Toekomst Regionale analyse

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2012 / 2013. Baanfit verzuim en re-integratie

Tevredenheidsonderzoek 2012 / 2013. Baanfit verzuim en re-integratie Tevredenheidsonderzoek 2012 / 2013 Baanfit verzuim en re-integratie Zoetermeer, zaterdag 20 juli 2013 In opdracht van Baanfit verzuim en re-integratie De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij

Nadere informatie

Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk? Mirelda Kewal directie mbo november 2014

Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk? Mirelda Kewal directie mbo november 2014 Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk? Mirelda Kewal directie mbo november 2014 Agenda Agenda 1. Actieplan mbo 2. Oude niveau-1-opleidingen 3. Wat is er vernieuwd? 4. Samenwerking (en rol gemeente)

Nadere informatie

Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid 1998-2012

Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid 1998-2012 Bedrijvendynamiek en werkgelegenheid 1998-2012 drs. K.L. Bangma drs. A. Bruins drs. D. Snel drs. N. Timmermans Zoetermeer, 5 juli 2013 Rapportnummer : A201337 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek

Nadere informatie

Brancheonderzoek BNA. Conjunctuurmeting oktober 2012. Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst Bond van Nederlandse Architecten

Brancheonderzoek BNA. Conjunctuurmeting oktober 2012. Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst Bond van Nederlandse Architecten Brancheonderzoek BNA Conjunctuurmeting oktober 2012 Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst Bond van Nederlandse Architecten Jollemanhof 14 Postbus 19606 1000 GP Amsterdam T 020 555 36 66

Nadere informatie

Effecten BTW-verandering op het. gedrag van consumenten in de. Schilders- en stukadoorsbranche. drs. K.L. Bangma drs. D. Snel

Effecten BTW-verandering op het. gedrag van consumenten in de. Schilders- en stukadoorsbranche. drs. K.L. Bangma drs. D. Snel Effecten BTW-verandering op het gedrag van consumenten in de Schilders- en stukadoorsbranche drs. K.L. Bangma drs. D. Snel Zoetermeer, 23 maart 2012 Dit onderzoek is gefinancierd door CNV Vakmensen, FNV

Nadere informatie

RMC jaarverslag 2013-2014

RMC jaarverslag 2013-2014 RMC jaarverslag 2013-2014 RMC subregio Vallei Ede Renswoude Rhenen Scherpenzeel Veenendaal - Wageningen Aanpak verzuim en voortijdig schoolverlaten 18 23 jaar Inhoudsopgave 1. Samenvatting...3 2. Inleiding...4

Nadere informatie

RMC EN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN

RMC EN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN RMC EN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN Iedere jongere tussen de 12 en 23 jaar die het onderwijs verlaat zonder een startkwalificatie wordt aangemerkt als een Voortijdige Schoolverlater.

Nadere informatie

Agenda voor de Toekomst Aanval op de schooluitval 2015-2018. RMC regio Zuid-en Midden- Kennemerland

Agenda voor de Toekomst Aanval op de schooluitval 2015-2018. RMC regio Zuid-en Midden- Kennemerland Agenda voor de Toekomst Aanval op de schooluitval 2015-2018 RMC regio Zuid-en Midden- Kennemerland Gemeenschappelijke Regeling Schoolverzuim en VSV per 1 januari 2014 Organisatie Bestuurlijk: Leerplicht,

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2009. Plooi Coaching

Tevredenheidsonderzoek 2009. Plooi Coaching Tevredenheidsonderzoek 2009 Zoetermeer, 19 mei 2010 In opdracht van De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014. Oog voor werk

Tevredenheidsonderzoek 2014. Oog voor werk Tevredenheidsonderzoek 2014 Oog voor werk Zoetermeer, vrijdag 30 januari 2015 In opdracht van Oog voor werk De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten

Nadere informatie

De oudere starter in Nederland Quick Service

De oudere starter in Nederland Quick Service De oudere starter in Nederland Quick Service Heleen Stigter Zoetermeer, januari 2003 Dit onderzoek maakt deel uit van het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap, dat wordt gefinancierd door het Ministerie

Nadere informatie

CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio)

CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio) CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio) Convenant tussen de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de RMCcontactgemeente van de RMC-regio ( ) en onderstaande onderwijsinstellingen inzake het terugdringen

Nadere informatie

Aanval op de uitval. perspectief en actie

Aanval op de uitval. perspectief en actie Aanval op de uitval perspectief en actie Fatma wil fysiotherapeut worden. En dat kan ze ook. Maar ze heeft nog een wel een lange leerloopbaan te gaan. Er kan in die leerloopbaan van alles misgaan waardoor

Nadere informatie

Vaststellen verzuimprotocol Beroeps en Volwassenen Educatie

Vaststellen verzuimprotocol Beroeps en Volwassenen Educatie Openbaar Onderwerp Vaststellen verzuimprotocol Beroeps en Volwassenen Educatie Programma / Programmanummer Onderwijs / 1073 BW-nummer Portefeuillehouder R. Helmer-Englebert Samenvatting Om schooluitval

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Loopbaankamer

Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015. Loopbaankamer Tevredenheidsonderzoek 2014 / 2015 Loopbaankamer Zoetermeer, dinsdag 4 augustus 2015 In opdracht van Loopbaankamer De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

Entreeopleiding 30-9-2013. Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk?

Entreeopleiding 30-9-2013. Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk? Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk? Frank Koster directie BVE juni 2013 f.n.g.koster@minocw.nl Entreeopleiding Inhoud 1. Actieplan MBO 2. Welke problemen spelen op niveau-1? 3. Wat wordt er

Nadere informatie

Oplegvel Collegebesluit

Oplegvel Collegebesluit Oplegvel Collegebesluit Onderwerp Beleid en verdeling rijksmiddelen Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC)Voortijdig Schoolverlaten, kwalificatieplicht en aanvullend VSV beleid 2013 Portefeuille J.

Nadere informatie

tt 4 C"O Y tc.7 'tfçtj..--airl 7337V2 APELDOORN t.a.v. het college van bestuur INGEKo 4EN tl JA t. 20t5

tt 4 CO Y tc.7 'tfçtj..--airl 7337V2 APELDOORN t.a.v. het college van bestuur INGEKo 4EN tl JA t. 20t5 Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Stichting Regionaal Opleidingen Centrum AVENTUS 27DV Ln van de Mensenrechten 500 7337V2 APELDOORN t.a.v. het

Nadere informatie

RMC-effectrapportage 2008-2009

RMC-effectrapportage 2008-2009 RMC-effectrapportage 2008-2009 Regio 26 Datum 1-dec-09 0. Basisgegevens nummer RMC regio 26 naam RMC regio Zuid Holland Noord contactgegevens Naam RMC coördinator: F. de Lorme van Rossum adres: Postbus

Nadere informatie

~atwijk. o Intern advies nv! o Extern advies nvgt. Overeenkomstig het vcorstel besloten. 1 3 MRT 2012 Nr. 1S. Voorstel

~atwijk. o Intern advies nv! o Extern advies nvgt. Overeenkomstig het vcorstel besloten. 1 3 MRT 2012 Nr. 1S. Voorstel Voorstel ~atwijk Aan : Burgemeester en Wethouders Status : Openbaar / Ter besluitvorming Afdeling : Maatschappelijke zaken Medewerk(st)er Telefoonnummer : P.C.M. Jehee : 071 406 5632 PortefeuIllehouder

Nadere informatie

Focus op Vakmanschap. Heel wat voeten in de aarde Bas Derks, Ministerie van OCW

Focus op Vakmanschap. Heel wat voeten in de aarde Bas Derks, Ministerie van OCW Focus op Vakmanschap Heel wat voeten in de aarde Bas Derks, Ministerie van OCW Focus op Vakmanschap (FoV) in perspectief Inhoud/Kernpunten FoV en Regeerakkoord Onderwijstijd Entreeopleidingen Bekostiging

Nadere informatie

Experiment tegen schooluitval

Experiment tegen schooluitval Experiment tegen schooluitval De effecten van intensieve coaching Marc van der Steeg (CPB) Roel van Elk (CPB) Dinand Webbink (Erasmus Universiteit Rotterdam) Opzet presentatie 1. Aanleiding 2. De interventie

Nadere informatie

Innovatie in het MKB in Noord-Nederland

Innovatie in het MKB in Noord-Nederland Innovatie in het MKB in C10978 Petra Gibcus en Yvonne Prince Zoetermeer, 16 juli 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of

Nadere informatie

PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015

PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015 PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015 Betreft maatregel:coachvoorziening Activiteit: Uitvoerder/regie: ROC Mondriaan Reeds aanwezige documentatie: ingevulde format in aanvraag Contactgegevens

Nadere informatie

RMC beleidsplan Zuid-Holland Noord 2011-2014 Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland

RMC beleidsplan Zuid-Holland Noord 2011-2014 Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland RMC beleidsplan Zuid-Holland Noord 2011-2014 Concept Inleiding en wettelijk kader Sinds de oprichting van het Regionaal Bureau Leerplicht (RBL) in De doelgroep van de RMC-functie, zoals benoemd in de wet,

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2009. Renga BV

Tevredenheidsonderzoek 2009. Renga BV Tevredenheidsonderzoek 2009 Zoetermeer, 1 juni 2010 In opdracht van De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in

Nadere informatie

Den Haag Ons kenmerk Bijlagen

Den Haag Ons kenmerk Bijlagen De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Den Haag Ons kenmerk Bijlagen VSV/102150 5 Onderwerp Cijfers 2007-2008 Voortijdig Schoolverlaten Inleiding In 2005 hebben

Nadere informatie

Maatschappelijke Ontwikkeling Ingekomen stuk D17 (PA 4 september 2013) Beleidsontwikkeling. Datum uw brief

Maatschappelijke Ontwikkeling Ingekomen stuk D17 (PA 4 september 2013) Beleidsontwikkeling. Datum uw brief Ingekomen stuk D17 (PA 4 september 2013) Aan de Gemeenteraad van Nijmegen Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen Telefoon 14024 Telefax (024) 323 59 92 E-mail gemeente@nijmegen.nl Postadres Postbus 9105

Nadere informatie

Is uw vereniging toekomstbestendig en voorbereid op de Generatie XYZ? Onderzoek onder branche- en beroepsorganisaties en verenigingen

Is uw vereniging toekomstbestendig en voorbereid op de Generatie XYZ? Onderzoek onder branche- en beroepsorganisaties en verenigingen Is uw vereniging toekomstbestendig en voorbereid op de Generatie XYZ? Onderzoek onder branche- en beroepsorganisaties en verenigingen Zoetermeer, 6 juni 2013 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust

Nadere informatie

Denk alvast over de volgende vraag na:

Denk alvast over de volgende vraag na: Denk alvast over de volgende vraag na: Wat is uw beste schoolervaring als leerling/student? (dus toen u zelf nog in de schoolbank zat; welk vak, school, opleiding, docent etc) Jos Gipmans Manager Cursisten

Nadere informatie

Handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;

Handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie; Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van ( ), nr. ( ) houdende voorschriften inzake het terugdringen van het aantal voortijdig schoolverlaters in de studiejaren 2012-2013 tot en

Nadere informatie

PROTOCOL MELDING EN REGISTRATIE VOORTIJDIG SCHOOLVERLATERS REGIO ZUID-HOLLAND ZUID

PROTOCOL MELDING EN REGISTRATIE VOORTIJDIG SCHOOLVERLATERS REGIO ZUID-HOLLAND ZUID PROTOCOL MELDING EN REGISTRATIE VOORTIJDIG SCHOOLVERLATERS REGIO ZUID-HOLLAND ZUID Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Voorwoord 2 Hoofdstuk 1 Inleiding. 3 Hoofdstuk 2 Melding en registratie. 5 Bijlage 1 Stroomschema

Nadere informatie

SchoolWerkt-agenda 2015-2019 RMC regio Utrecht

SchoolWerkt-agenda 2015-2019 RMC regio Utrecht SchoolWerkt-agenda 2015-2019 RMC regio Utrecht Toelichtingsdocument Januari 2015 De SchoolWerkt-agenda geeft de kaders en de visie van de regionale aanpak voortijdig schoolverlaten (vsv) in RMC regio Utrecht

Nadere informatie

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013 Fact sheet nummer 5 maart 2013 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam Er zijn ruim 133.000 jongeren van 15 tot en met 26 jaar in Amsterdam (januari 2012). Met de meeste jongeren gaat het goed in het onderwijs

Nadere informatie

gfedcb Besluitenlijst d.d. d.d.

gfedcb Besluitenlijst d.d. d.d. Nota voor burgemeester en wethouders Onderwerp Eenheid/Cluster/Team RS/SI/MM versterking leerplicht 1- Notagegevens Notanummer 2007.35080 Datum 19-11-2007 Portefeuillehouder Weth. Adema 2- Bestuursorgaan

Nadere informatie

Bijdrage van buitenlandse werknemers aan innovatie in het MKB. drs. A. Bruins T. Span MSc drs. P. Gibcus

Bijdrage van buitenlandse werknemers aan innovatie in het MKB. drs. A. Bruins T. Span MSc drs. P. Gibcus Bijdrage van buitenlandse werknemers aan innovatie in het MKB drs. A. Bruins T. Span MSc drs. P. Gibcus Zoetermeer, december 2013 ISBN : 978-90-371-1096-8 Rapportnummer : A201363 Dit onderzoek is gefinancierd

Nadere informatie

Stemming onder ondernemers in het MKB

Stemming onder ondernemers in het MKB Stemming onder ondernemers in het MKB ISBN : 978-90-371-1130-9 Rapportnummer : A201424 Dit onderzoek is gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap (www.ondernemerschap.nl) Panteia

Nadere informatie

Meldpunt geen stage. Alleen ter besluitvorming door het College Actief informeren van de Raad. Collegevoorstel Openbaar. Onderwerp

Meldpunt geen stage. Alleen ter besluitvorming door het College Actief informeren van de Raad. Collegevoorstel Openbaar. Onderwerp Openbaar Onderwerp Meldpunt geen stage Programma Economie & Werk BW-nummer Portefeuillehouder T. Tankir Samenvatting Wij vinden het van groot belang dat alle jongeren in onze gemeente de kans krijgen zich

Nadere informatie

PROCEDURE VOROC 2013 RMC 28 REGIO HAAGLANDEN

PROCEDURE VOROC 2013 RMC 28 REGIO HAAGLANDEN n g Amsterdam over middelbaar beroepsonderwijs PROCEDURE VOROC 2013 RMC 28 REGIO HAAGLANDEN Inleiding De schoolbesturen van de vo en de mbo-scholen in de regio Haaglanden hechten er belang aan dat jongeren

Nadere informatie

Meer jongeren met diploma! Richtingen voor minder voortijdig schoolverlaten in Haaglanden 2012-2015

Meer jongeren met diploma! Richtingen voor minder voortijdig schoolverlaten in Haaglanden 2012-2015 Meer jongeren met diploma! Richtingen voor minder voortijdig schoolverlaten in Haaglanden 2012-2015 D E N N A L G A A H Regionale Meld- en Coördinatiefunctie RMC-regio Haaglanden/Westland 1 Inhoudsopgave

Nadere informatie

RMC. RMC Subregio Vallei Ede Renswoude Rhenen Scherpenzeel Veenendaal - Wageningen 2011-2012

RMC. RMC Subregio Vallei Ede Renswoude Rhenen Scherpenzeel Veenendaal - Wageningen 2011-2012 RMC RMC Subregio Vallei Ede Renswoude Rhenen Scherpenzeel Veenendaal - Wageningen 2011-2012 1 Inhoud 1. Samenvatting en conclusies 5 2. Inleiding 7 3. De RMC functie in de regio Vallei 9 3.1 Algemeen

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek 2015. Werkelijk B.V.

Tevredenheidsonderzoek 2015. Werkelijk B.V. Tevredenheidsonderzoek 2015 Werkelijk B.V. Zoetermeer, zondag 31 januari 2016 In opdracht van Werkelijk B.V. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Panteia. Het gebruik van cijfers en/of teksten

Nadere informatie

Landelijke doelstelling

Landelijke doelstelling 1 Landelijke doelstelling Op 9 augustus 2012 is per RMC-regio een convenant ondertekend. Voor RMC Oost Groningen (RMC regio1) is het convenant ondertekend door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en

Nadere informatie

De nieuwe opzet van de AKA/Entreeopleiding in hoofdpunten (meer op http://mbo15.nl/node/327)

De nieuwe opzet van de AKA/Entreeopleiding in hoofdpunten (meer op http://mbo15.nl/node/327) Memo Ongediplomeerde uitstroom vo / instroom mbo (2014) in Rijnmond Met ingang van 1 augustus 2014 worden nieuwe regels voor het mbo van kracht (voortvloeiend uit Focus op Vakmanschap). Voor de vo-scholen

Nadere informatie

FACTSHEET VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN 2013-2014 RMC-REGIO 026 ZUID-HOLLAND NOORD

FACTSHEET VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN 2013-2014 RMC-REGIO 026 ZUID-HOLLAND NOORD FACTSHEET VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN 0-04 ONTWIKKELING AANTAL VSV ERS Van de.9 onderwijsdeelnemers in de RMC-regio Zuid-Holland-Noord op oktober 0, stonden er 59 jongeren op oktober 04 niet ingeschreven

Nadere informatie

Protocol. Schoolverzuim 18+ ter voorkoming van voortijdig schoolverlaten

Protocol. Schoolverzuim 18+ ter voorkoming van voortijdig schoolverlaten Protocol Schoolverzuim 18+ ter voorkoming van voortijdig schoolverlaten mei 2014 1. Inleiding Verzuim is vaak een voorbode van voortijdig schooluitval. Door een goede verzuimregistratie, een preventief

Nadere informatie

VBO Woonindex. Vierde kwartaal 2008. drs. J.J.J. Donkers

VBO Woonindex. Vierde kwartaal 2008. drs. J.J.J. Donkers VBO Woonindex Vierde kwartaal 2008 drs. J.J.J. Donkers Zoetermeer, 7 januari 2009 In opdracht van VBO Makelaars. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Stratus. Het gebruik van cijfers en/of

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 8.3.3, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 8.3.3, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 17806 1 juli 2013 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 20 juni 2013, nr. BVE/508659, houdende

Nadere informatie

Zomeracties regio Zuidoost-Brabant 2012

Zomeracties regio Zuidoost-Brabant 2012 Zomeracties regio Zuidoost-Braant 2012 In de regio Zuidoost-Braant zijn 3 zomeracties in uitvoering genomen: Zomeractie (voor met uitval edreigde jongeren) innen het MBO 1. ROC Eindhoven 2. ROC Ter AA

Nadere informatie

Raadsinformatiebrief Nr. :

Raadsinformatiebrief Nr. : Raadsinformatiebrief Nr. : Reg.nr. : 12.0118 B&W verg. : 7-02-2012 Onderwerp:Jaarverslag leerplicht 2010-2011 1) Status In het licht van de actieve informatieplicht informeren wij U over de stand van zaken

Nadere informatie

Beantwoording vragen rondom in- en uitschrijving in het voortgezet onderwijs

Beantwoording vragen rondom in- en uitschrijving in het voortgezet onderwijs Beantwoording vragen rondom in- en uitschrijving in het voortgezet onderwijs Hoofdvraag Is artikel 10, eerste lid, Leerplichtwet 1969 (Lpw 1969), onverenigbaar met artikel 4 en 5 van het Bekostigingsbesluit

Nadere informatie

PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015

PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015 PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015 Betreft maatregel:2 Flexservice/flexopvang bij ROC s met specifieke inzet op mbo3 en 4 Activiteit:Maatwerk ondersteuning en begeleiding per locatie/team

Nadere informatie

Benchmark klanten Qredits

Benchmark klanten Qredits Benchmark klanten Qredits Lia Smit Zoetermeer, maart 2013 Rapportnummer: A201308 Dit onderzoek is mede gefinancierd door het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap (www.ondernemerschap.nl). Voor alle

Nadere informatie

Programma van maatregelen 2008 2009. Convenant Voortijdig schooluitval 2008 2011. RMC Regio 37 Zuidoost-Brabant

Programma van maatregelen 2008 2009. Convenant Voortijdig schooluitval 2008 2011. RMC Regio 37 Zuidoost-Brabant Programma van maatregelen 2008 2009 Convenant Voortijdig schooluitval 2008 2011 RMC Regio 37 Zuidoost-Brabant Overzicht programma van maatregelen 2008 en 2009 Convenant Voortijdig schooluitval 2008 2011

Nadere informatie

Bronnen en Berekeningswijze

Bronnen en Berekeningswijze voorlopige cijfers Convenantjaar 2012-2013 1 Bronnen en Berekeningswijze Het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters mag in 2016 nog maar maximaal 25.000 zijn. Voor de periode 2012-2015 zijn opnieuw prestatiegerichte

Nadere informatie

Regionale analyse 2012 2015 Voortijdig Schoolverlaten. RMC-regio 24 Noord-Kennemerland. C. Pouw

Regionale analyse 2012 2015 Voortijdig Schoolverlaten. RMC-regio 24 Noord-Kennemerland. C. Pouw Regionale analyse 2012 2015 Voortijdig Schoolverlaten RMC-regio 24 Noord-Kennemerland C. Pouw RMC-regio 24 Noord-Kennemerland Regionale analyse 2012 2015 Voortijdig Schoolverlaten Juni 2012 C. Pouw 2012

Nadere informatie

Maatwerk in het MBO. De kosten en baten van zorg in het MBO. Yasmine Hamdan, RebelGroup Advisory

Maatwerk in het MBO. De kosten en baten van zorg in het MBO. Yasmine Hamdan, RebelGroup Advisory Maatwerk in het MBO 17.11 2010 De kosten en baten van zorg in het MBO Yasmine Hamdan, RebelGroup Advisory Ask yourself : If I had only sixty seconds on the stage, what would I absolutely have to say to

Nadere informatie

Factsheets VSV. November 2005

Factsheets VSV. November 2005 Factsheets VSV November 2005 Reikwijdte en beperkingen van de cijfers In deze factsheets zijn de RMC-registraties en de Enquête beroepsbevolking twee belangrijke bronnen. Beide bieden zicht op de vsv-populatie.

Nadere informatie

Monitoringgesprek Flexservice/flexopvang ROC s woensdag 19 juni 2013

Monitoringgesprek Flexservice/flexopvang ROC s woensdag 19 juni 2013 Monitoringgesprek Flexservice/flexopvang ROC s woensdag 19 juni 2013 Aanwezig : ROC Mondriaan Tim Blom (hoofd Studie en Loopbaancentrum) Saskia Cornets de Groot (directeur Studie en Loopbaancentrum) ROC

Nadere informatie

Inleiding. 1. Resultaten: de daling zet zich voort. De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..

Inleiding. 1. Resultaten: de daling zet zich voort. De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA.. >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..DEN HAAG Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

MBO4YOU. Resultaten van MBO4YOU Waardering door de vo-scholen. September 2015 Chalini Doekhi

MBO4YOU. Resultaten van MBO4YOU Waardering door de vo-scholen. September 2015 Chalini Doekhi MBO4YOU Resultaten van MBO4YOU Waardering door de vo-scholen September 2015 Chalini Doekhi Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 1.1 Onderzoeksmethode... 3 2. Welke scholen doen mee aan MBO4YOU?... 4 3. Resultaten...

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT FLORIJN COLLEGE. Opleidingen Commercieel medewerker

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT FLORIJN COLLEGE. Opleidingen Commercieel medewerker RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT FLORIJN COLLEGE Opleidingen Commercieel medewerker Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport vastgesteld

Nadere informatie

Datum 2 december 2013 Brief Netwerk Ouderinitiatieven m.b.t. knelpunten passend onderwijs MBO

Datum 2 december 2013 Brief Netwerk Ouderinitiatieven m.b.t. knelpunten passend onderwijs MBO >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Beroepsonderwijs en Volwasseneneducatie IPC 2150 Rijnstraat 50 Den Haag

Nadere informatie

RMC Regio Rijnmond Jaarplan 2012

RMC Regio Rijnmond Jaarplan 2012 Agendapunt 16.2 RMC Regio Rijnmond Jaarplan 2012 Jaarplan RMC Regio Rijnmond Documentnaam en versie: 120126 Jaarplan 2012 c7 Akkoord DB RMC 14 december 2011 Geagendeerd ter vaststelling in Portefeuillehoudersoverleg

Nadere informatie

Jaarverslag leerplicht Schooljaar 2011-2012

Jaarverslag leerplicht Schooljaar 2011-2012 Jaarverslag leerplicht Schooljaar 2011-2012 Voorwoord 2 Behandelzaken 3 Tabellen & Grafieken 4 Toelichting cijfers jaarverslag 7 Trajectbureau Opleiding & Werk 8 Voorwoord De gemeente Soest wil dat alle

Nadere informatie

Leerplichtbeleid gemeente Tynaarlo Administratie van scholen en gemeente Leerplicht; verzuimmelding, vrijstelling

Leerplichtbeleid gemeente Tynaarlo Administratie van scholen en gemeente Leerplicht; verzuimmelding, vrijstelling Inleiding Hierbij bieden wij u het jaarverslag Leerplicht 2012-2013 aan, waarin verslag wordt uitgebracht over het uitgevoerde leerplichtbeleid over genoemd schooljaar. Leerplicht is een belangrijk middel

Nadere informatie