Het hoger beroep De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Het hoger beroep De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld."

Transcriptie

1 ECLI:NL:GHARL:2015:6878 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: Datum publicatie: Zaaknummer: Formele relaties: Eerste aanleg: ECLI:NL:RBGEL:2014:7747, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Hoger beroep Vindplaatsen: Rechtspraak.nl Uitspraak Afdeling strafrecht Parketnummer: Uitspraak d.d.: 18 september 2015 TEGENSPRAAK Promis Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Gelderland van 15 december 2014 met parketnummer in de strafzaak tegen [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [1982], thans verblijvende in [detentieadres]. Het hoger beroep De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 21 augustus 2015 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw, mr. H.J. Scholten, naar voren is gebracht. Het vonnis waarvan beroep Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen, omdat het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen.

2 De tenlastelegging Aan verdachte is tenlastegelegd dat: 1 hij op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 30 maart 2014 tot en met 4 juli 2014 te [plaats] en/of elders in Nederland, (lid 3, onder 1 ) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal (telkens), een ander, te weten, [slachtoffer 1] telkens door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met een andere feitelijkheid, door afpersing, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie, (sub 1 ) - heeft geworven en/of gehuisvest en/of opgenomen en/of vervoerd en/of overgebracht met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 1] en/of (sub 4 ) - heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder die omstandigheden enige handelingen heeft ondernomen waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer 1] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van arbeid of diensten en/of (sub 6 ) telkens opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van [slachtoffer 1] en/of (sub 9 ) - heeft gedwongen dan wel bewogen verdachte en/of verdachte(s) mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van haar, [slachtoffer 1], seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling immers heeft/is verdachte en/of diens mededader(s) (telkens) (terwijl die [slachtoffer 1] de Nederlandse taal niet machtig is en/of schulden had en/of schulden kreeg) - die [slachtoffer 1] beloofd werk te regelen in Nederland en/of - de reiskosten voor die [slachtoffer 1] voorgeschoten en/of - die [slachtoffer 1] gezegd dat zij nog meer schulden had en/of - die [slachtoffer 1] gehuisvest en/of - die [slachtoffer 1] kranten laten verkopen en/of - die [slachtoffer 1] in de prostitutie laten werken en/of - die [slachtoffer 1] naar haar werkplaats vervoerd en/of - die [slachtoffer 1] mishandeld en/of bedreigd en/of - naaktfoto's van die [slachtoffer 1] gemaakt en/of - de telefoon van die [slachtoffer 1] kapot gegooid en/of

3 - die [slachtoffer 1] vastgebonden en/of - het door die [slachtoffer 1] verdiende geld afgenomen en/of - die [slachtoffer 1] laten betalen voor de huisvesting en/of het vervoeren; door welke feiten en omstandigheden voor voornoemde [slachtoffer 1] een (afhankelijkheids)situatie is ontstaan waaraan zij zich niet heeft kunnen onttrekken en/of ten gevolge waarvan zij geen weerstand aan verdachte en/of diens mededader(s) heeft kunnen bieden; 2 hij op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 30 maart 2014 tot en met 4 juli 2014 te [plaats] en/of elders in Nederland, (lid 3, onder 1 ) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal (telkens), een ander, te weten, [slachtoffer 2] telkens door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid, door afpersing, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie, (sub 1 ) - heeft geworven en/of gehuisvest en/of opgenomen en/of vervoerd en/of overgebracht met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 2] en/of (sub 4 ) - heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder die omstandigheden enige handelingen heeft ondernomen waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer 2] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van arbeid of diensten en/of (sub 6 ) telkens opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van [slachtoffer 2], immers heeft/is verdachte en/of diens mededader(s) (telkens) (terwijl die [slachtoffer 2] de Nederlandse taal niet machtig is en/of schulden had en/of schulden kreeg) - die [slachtoffer 2] beloofd werk te regelen in Nederland en/of - de reiskosten voor die [slachtoffer 2] voorgeschoten en/of - die [slachtoffer 2] gezegd dat hij nog meer schulden had en/of - die [slachtoffer 2] gehuisvest en/of - die [slachtoffer 2] kranten laten verkopen en/of - die [slachtoffer 2] naar zijn werkplaats vervoerd en/of - die [slachtoffer 2] mishandeld en/of bedreigd en/of - het door die [slachtoffer 2] verdiende geld afgenomen en/of - die [slachtoffer 2] laten betalen voor de huisvesting en/of het vervoeren;

4 door welke feiten en omstandigheden voor voornoemde [slachtoffer 2] een (afhankelijkheids)situatie is ontstaan waaraan hij zich niet heeft kunnen onttrekken en/of ten gevolge waarvan hij geen weerstand aan verdachte en/of diens mededader(s) heeft kunnen bieden; 3 hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en met 4 juli 2014 te [plaats] en/of elders in Nederland, terwijl ten aanzien van verdachte bij vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Zutphen van 13 april 2011 de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing was verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten die zijn schuldeiser(s) jegens de boedel konden doen gelden, (een) bate(n) niet heeft verantwoord, immers heeft hij, verdachte, - de inkomsten uit de verkoop van kranten en/of - de inkomsten uit kamerverhuur en/of - de inkomsten uit vervoer en/of - de inkomsten uit prostitutiewerkzaamheden, niet opgegeven aan en/of verzwegen voor zijn bewindvoerder. Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Vrijspraak ter zake van het onder 3 tenlastegelegde De advocaat-generaal heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring ter zake van het onder 3 tenlastegelegde. De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder 3 tenlastegelegde, nu verdachte geen oogmerk heeft gehad op de bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers. Het hof heeft op grond van wettige bewijsmiddelen niet de overtuiging bekomen dat verdachte de in de tenlastelegging genoemde inkomsten niet bij zijn bewindvoerder heeft gemeld ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers en spreekt verdachte daarom vrij van het onder 3 tenlastegelegde. Het hof overweegt daartoe het volgende. Uit het dossier volgt dat verdachte tot 11 april 2014 in de schuldsaneringsregeling zat en [slachtoffer 1] op 29 maart 2014 naar Nederland kwam. Zij verbleef vanaf die datum in de woning van de verdachte en zij zou verdachte hiervoor 10 euro per dag betalen. Verder blijkt uit het dossier dat [slachtoffer 1] op 31 maart 2014 met de straatkrantenverkoop begon, maar onduidelijk is of verdachte in de periode tot 11 april 2014 een gedeelte van de verdiensten van [slachtoffer 1] heeft ontvangen. Gebleken is immers dat [slachtoffer 1] de eerste tijd met de verkoop van de straatkranten weinig verdiende, zij kort na haar aankomst

5 50 euro overmaakte naar een familielid in Roemenië en zij bovendien de afspraak met [medeverdachte] had de reiskosten terug te betalen die [medeverdachte] had voorgeschoten. Voor zover de vergoeding van 10 euro per dag aan verdachte voor het verblijf in zijn huis als inkomsten kunnen worden beschouwd, blijkt onvoldoende uit het dossier dat verdachte deze inkomsten niet gemeld heeft ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers. Bewijsoverwegingen ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde Inleiding Het hof geeft onderstaand eerst een overzicht van de relevante bewijsmiddelen, waarvan de redengevende onderdelen voor het bewijs worden gebruikt. Vervolgens wordt de beoordeling door het hof van de tenlastelegging besproken. De advocaat-generaal heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde. De raadsvrouw heeft betoogd dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder 1 en 2 tenlastegelegde. Daartoe heeft de raadsvrouw -kort gezegd- naar voren gebracht dat er onvoldoende bewijs voorhanden is om vast te kunnen stellen dat sprake is geweest van uitbuiting van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. Het hof is van oordeel dat hetgeen door de raadsvrouw naar voren is gebracht, wordt weersproken door de bewijsmiddelen en de beoordeling daarvan door het hof, zoals hieronder wordt weergegeven. Bewijsmiddelen 1 1. Het proces-verbaal van bevindingen (op 4 juli 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van aangeefster [slachtoffer 1] : Ik woon bij [verdachte] (het hof begrijpt: verdachte) en [medeverdachte] (het hof begrijpt: medeverdachte [medeverdachte] ) in [plaats]. Op 30 juni jl. was ik precies drie maanden in Nederland. [medeverdachte] heeft in Roemenië, in de plaats [plaats], een huis laten bouwen. Mijn partner is afkomstig uit [plaats] en heeft in haar huis gewerkt. [medeverdachte] heeft aan mij gevraagd of ik naar Nederland wilde komen om extra geld te verdienen. Dit wilde ik. [medeverdachte] heeft er ook voor gezorgd dat mijn partner naar Nederland kon komen. [verdachte] heeft haar hiermee geholpen. [verdachte] is de partner van [medeverdachte]. De reiskosten van mijn partner bedroegen volgens [verdachte] 100 euro. Mijn partner is sinds twee weken hier in Nederland. Mijn partner en ik wonen van begin af aan bij [verdachte] en [medeverdachte] in. Ik slaap met mijn partner op de zolder op een matras. Hiervoor betalen wij 20 euro per nacht. Daarnaast moeten wij extra geld betalen wanneer [verdachte] ons naar een plek brengt waar wij kranten kunnen verkopen. Wij betalen hiervoor per rit 10 euro. Met de krantenverkoop verdien ik per dag tussen de 15 en 45 euro. Tussen uur en uur kwam [medeverdachte] altijd langs om geld op te halen. Ik bedoel daarmee het geld dat ik verdiend had met de krantenverkoop. Volgens [medeverdachte] had mijn partner

6 een restschuld van 750 euro, want zij vond dat mijn partner in Roemenië zijn werk niet afgemaakt had. Hiermee bedoel ik zijn werkzaamheden aan het huis van [medeverdachte]. Mijn man heeft inderdaad aan de woning van [medeverdachte] gewerkt. Ik betaalde zijn schuld met het geld dat ik met de krantenverkoop verdiende. Wij worden in de gaten gehouden. Ik mag niet zelfstandig naar de wc, roken of iets anders doen. Mijn man is ook door [verdachte] geslagen. Hij had een dikke lip. Ik vroeg hoe dit gebeurd was en hij vertelde dat [verdachte] dit gedaan had. [medeverdachte] wilde dat ik mijn restschuld van 120 euro zo snel mogelijk ging betalen. Een maand geleden heeft [verdachte] mijn telefoon kapot gemaakt. Daarom heb ik helemaal geen contact meer met mijn kinderen en familie in Roemenië. Tevens hebben zij mijn ID-kaart afgepakt, zodat ik geen geld kan storten naar Roemenië. Ongeveer anderhalve maand geleden was ik bij de AH kranten aan het verkopen. Omstreeks uur kwam [medeverdachte] naar mij toe om mijn opbrengst op te halen. Ik had toen 12 euro op zak. [medeverdachte] vond dit te weinig en pakte mij vast en vroeg waarom ik zo weinig verdiende. Hierna is [verdachte] op verzoek van [medeverdachte] naar de AH gekomen. Ik ben achterin de auto van [verdachte] gaan zitten. [verdachte] pakte een mes en wilde dit tegen mijn keel zetten. Ik wilde zodoende zo snel mogelijk mijn schulden afbetalen. Ik stemde in om in de prostitutie te gaan werken. De klant betaalde mij 75 euro. Hiervan gaf ik 50 euro aan [verdachte] om mijn schulden af te lossen. Ook moest ik [verdachte] 25 euro aan benzinekosten betalen, dus zelf kreeg ik niets. Klanten die [verdachte] kenden, betaalden [verdachte] het geld. Klanten die [verdachte] niet kenden, betaalden aan mij. [verdachte] was altijd in de buurt en wachtte mij op op een parkeerplaats. [verdachte] was in het begin alleen met mij toen wij naar de klanten gingen. Later kwam [medeverdachte] ook wel eens met ons mee. Ik heb in totaal twee tot drie weken in de prostitutie gewerkt. Toen [verdachte] vandaag aangehouden werd, schreeuwde hij dat ik mijn mond moest houden, anders zou hij mij wel pakken Het proces-verbaal van verhoor (op 15 juli 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [slachtoffer 1] : U toont mij een foto van [medeverdachte]. Ik kan u vertellen dat dat inderdaad de [medeverdachte] is die ik bedoel. Zij is een rotwijf. Tijdens één van de gesprekken met [medeverdachte] heb ik haar gevraagd of zij aan [verdachte] wilde vragen of ik ook naar Nederland mocht komen. Ik heb toen [verdachte] aan de lijn gehad. Hij vertelde dat ik naar Nederland mocht komen, maar dat ik 10 euro per nacht moest betalen om bij hem te kunnen wonen. Ik ben zaterdag 29 maart 2014 naar Nederland gekomen. Ongeveer een maand geleden gaf [medeverdachte] aan dat [verdachte] mijn telefoon wilde hebben. Ik heb mijn telefoon toen aan [medeverdachte] gegeven. Ik hoorde een hard geluid toen zij naar beneden liep. Het klonk alsof er iets kapot gegooid werd. [verdachte] kwam naar boven en gooide mijn kapotte telefoon op de grond. [verdachte] had de dag daarvoor tegen mij gezegd dat hij het vermoeden had dat ik geld uitgaf aan het bellen naar Roemenië. Twee of drie weken nadat ik in Nederland was aangekomen, heeft [medeverdachte] mijn ID-kaart afgepakt. [verdachte] had dat aan [medeverdachte] gevraagd. [verdachte] dacht namelijk dat ik geld naar Roemenië stuurde. Ongeveer drie weken na mijn aankomst in Nederland ben ik in de prostitutie gaan werken. Op een gegeven moment was ik aan het douchen. [medeverdachte] wilde toen dat ik de deur van de badkamer opende. Ik heb de deur voor haar geopend. Zij deed de deur toen op slot. Ik was helemaal ingezeept en was naakt.

7 [medeverdachte] heeft toen foto s van mij genomen terwijl ik naakt was. Ik heb toen gevraagd waarom ze foto s van mij nam en ik heb aangegeven dat ik dat niet wilde. Daarna ben ik naar boven gelopen en [medeverdachte] liep mee. [medeverdachte] zei dat ik languit op het matras moest gaan liggen. Ik was toen naakt en toen heeft [medeverdachte] weer foto s genomen. Ik moest toen huilen. Ik moest ook gaan staan van [medeverdachte] en verschillende poses aannemen. Ik begreep dat ze de foto s op internet wilde zetten zodat ik in de prostitutie kon werken. Ik heb gezegd dat ik het niet wilde. Ik was namelijk heel erg bang. Een paar dagen daarvoor vond [medeverdachte] dat ik te weinig had verdiend met kranten verkopen. [medeverdachte] gaf mij toen een duw in mijn rug en een klap op mijn hoofd. Bij het maken van de foto s durfde ik niets te doen, omdat ik bang was voor de gevolgen. Een keer heb ik mijn man telefonisch verteld dat [verdachte] en [medeverdachte] mijn ID-kaart hadden afgepakt. [verdachte] had de telefoon op de luidspreker gezet. Mijn man vroeg of ik soms gegijzeld werd. Ik zei hem dat ik niet wist waarom ze mijn ID-kaart hadden afgepakt. Ik heb toen gezegd dat dit misschien was omdat ik nog een schuld had bij [verdachte] en [medeverdachte]. [medeverdachte] heeft mij toen aan mijn haren naar de slaapkamer van [verdachte] en [medeverdachte] getrokken. Ook heeft ze me geslagen op mijn hoofd. Dit deed pijn. Ze heeft mij ook geschopt waar ze me maar raken kon. Ook heeft ze mij gestompt met haar vuisten. Dit deed mij heel veel pijn. Op een later moment moest ik van [medeverdachte] naar de woonkamer. Ik moest daar op mijn knieën gaan zitten en toen heeft [medeverdachte] mijn benen en mijn polsen aan elkaar gebonden. [verdachte] vroeg toen aan haar waarom ze dat deed en toen hoorde ik [medeverdachte] zeggen dat ik dan zou zien wat gijzelen betekent. Nadat ze mij vastgebonden had, vertelde ze mij dat ik nu pas wist wat gijzelen was. Ik had pijn in mijn benen en polsen. Ik had dorst en was bang. Ik durfde niks te doen omdat zij groter en sterker waren en met zijn tweeën waren. Ik dacht dat ik helemaal alleen was. Ik kon nergens heen. Ik kende hier niemand. [medeverdachte] had mij eerder verteld dat de politie ook niks voor mij kon doen. [verdachte] had namelijk een goede advocaat en ook kende hij de politie. Ik voelde mij eenzaam, verlaten en geïsoleerd. Ik was steeds bang en gestrest. Dit was allemaal de aanleiding dat ik niets durfde te doen tegen het maken van de foto s. [verdachte] zou mijn kinderen naar Nederland halen om geld te verdienen als ik niet genoeg geld zou verdienen. Dat wilde ik niet. [verdachte] heeft gedreigd mij en mijn kinderen te vermoorden. Doordat ik mijn man een keer met een bloedneus zag, werd ik nog banger. Hij was namelijk ook mishandeld. De foto s zijn gemaakt met de telefoon van [verdachte]. [medeverdachte] vertelde mij dat de telefoon van [verdachte] was. [verdachte] had mijn foto s op internet gezet. Ik vertelde dat ik dat niet wilde. [medeverdachte] vertelde mij toen dat het niet uitmaakte wat ik wilde. Tussen uur en uur vertelde [medeverdachte] mij dat ik mij moest aankleden omdat [verdachte] al een klant voor mij had. Ik werd door [verdachte] naar de klant gebracht. Ik voelde mij toen niet goed. Ik kende de persoon niet. Ik was bang wat er zou gebeuren. Ik wist niet wat die man wel of niet zou kunnen doen. Ik schaamde mij dat ik het met een onbekende moest doen. Ik voelde ook walging. [verdachte] wachtte in de auto tot ik klaar was. Voor zover ik weet werden de afspraken via internet gemaakt. Ik heb drie weken in de prostitutie gewerkt. De eerste week ben ik door [verdachte] drie keer naar een klant gebracht. De tweede week ben ik in twee dagen bij vijf klanten geweest. Eén dag had ik twee klanten en één dag drie klanten. Ik vertelde toen dat ik niet zoveel klanten op één dag wilde hebben. [verdachte] zei dat ik gewoon moest gaan, want hij zou me niet naar één klant op

8 een dag brengen als het er ook meer konden zijn en dat [medeverdachte] immers haar geld moest terugkrijgen. Met het geld bedoelde [verdachte] de schuld die ik bij hen zou hebben. [medeverdachte] heeft mij één keer 50 euro gegeven zodat ik dit naar mijn dochter kon sturen. [medeverdachte] had mij even mijn ID-kaart gegeven zodat ik het geld over kon maken. Daarna moest ik mijn ID-kaart weer aan haar teruggeven. Wanneer [medeverdachte] geld naar haar ouders stuurde, moest ik altijd mee naar het postkantoor in de Primera in [plaats]. Ik kreeg mijn ID-kaart dan terug en dan moest ik geld sturen naar de familie van [medeverdachte] onder mijn naam. Na het overmaken van het geld moest ik mijn ID-kaart weer aan haar teruggeven. Op die 50 euro na is er geen geld naar mijn familie gestuurd. In de derde week had ik vier klanten. Ik gebruikte niet altijd condooms. Ik heb vier klanten gehad zonder condoom. [verdachte] had afspraken gemaakt op het internet met de klant. Ik moest doen wat de klanten wilden van [verdachte]. Vier klanten wilden geen condoom. Ik gebaarde naar de klanten dat ik een condoom wilde gebruiken. Zij schudden dan nee. Van [verdachte] en [medeverdachte] kreeg ik geen condooms verstrekt. Ik vond het nooit leuk. Als ik het zonder condoom deed, was ik bang dat ik een ziekte zou krijgen. Ik was bang. Ook was ik bang wat [verdachte] zou doen. [verdachte] had mij namelijk verteld dat ik moest doen wat de klant wilde, omdat ik anders met hem te maken zou krijgen. Ik was bang dat hij mij zou slaan als hij zijn geld niet zou krijgen. Eén klant woont bij de Jumbo in [plaats]. Dit is een klant die [verdachte] kent. Een andere klant woont dicht bij het station in [plaats]. [medeverdachte] kent deze klant van het kranten verkopen. De klant had haar gevraagd of ze iemand wist met wie hij seks zou kunnen hebben. [medeverdachte] belde mij toen ik kranten aan het verkopen was en zei dat ik met de trein naar haar toe moest komen. Ik had de telefoon bij me die [verdachte] later kapot heeft gegooid. Als het nog vroeg op de dag was, moest ik na de klant weer kranten verkopen. Ik heb in Roemenië nooit in de prostitutie gewerkt. Ik wil dat [medeverdachte] en [verdachte] vervolgd worden omdat ze mij in de prostitutie hebben laten werken en omdat ze mijn geld hebben afgepakt Het proces-verbaal van verhoor (op 17 juli 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [slachtoffer 1] : Ik spreek en versta Roemeens, Oekraïens en Russisch. Ik heb met mijn huidige man [slachtoffer 2] een stuk bouwgrond en wij willen daar samen een huis op bouwen. Ik ben naar Nederland gekomen om geld te verdienen. Ik wist via de familie van [medeverdachte] dat ik voor de verkoop van kranten naar Nederland ging. Voordat ik uit Roemenië vertrok, heb ik telefonisch met [medeverdachte] afgesproken dat zij de reiskosten van 120 euro zou betalen. Ik zou dit bedrag in Nederland terugbetalen. Ik wist niet wat ik ging verdienen in Nederland. Ik wist wel dat ik 10 euro per nacht moest betalen voor de huur. [verdachte] en [medeverdachte] hebben mij verteld dat ik de opbrengst van de kranten zelf mocht houden. Op zondag 30 maart 2014 heeft [medeverdachte] mij de kranten gegeven. De eerste dag kreeg ik 20 kranten van [medeverdachte]. Ik moest [verdachte] 15 euro betalen voor het ophalen van de kranten. Toen mijn man [slachtoffer 2] en de oom van [medeverdachte] genaamd [getuige] kwamen, moesten wij 10 euro per persoon betalen voor het ophalen van de kranten. De kosten werden gedeeld door het aantal verkopers. Ik zou de kranten terugbetalen nadat ik deze had verkocht. [medeverdachte] heeft mij verteld dat ik naast de schuld van 120 euro voor de reis ook een schuld had van 100 euro voor de kranten. Ik heb het niet bijgehouden omdat was afgesproken met [verdachte] en [medeverdachte] dat ik de

9 opbrengst van de kranten mocht houden, nadat ik de schuld van 220 euro had afgelost. Feitelijk heb ik nooit geld ontvangen voor de verkoop van de kranten. Ik moest dagelijks alle opbrengsten van de kranten afgeven aan [verdachte] en [medeverdachte]. Ik heb eenmalig een bedrag van 50 euro overgemaakt naar mijn dochter. [medeverdachte] vertelde mij dat dit de eerste en laatste keer zou zijn dat ik geld kreeg. Ik had mijn man [slachtoffer 2] ( [slachtoffer 2] ) gebeld om hem uit te leggen wat de werkelijke situatie met betrekking tot het geld en de schulden in Nederland was. Ik begreep zelf niet waarom ik nog een schuld zou hebben. Ik had het bedrag van 220 euro (de kosten voor de reis en de kranten) afgelost en voor zover ik wist, had ik geen andere schulden. Later heeft [medeverdachte] mij verteld dat mijn man een schuld van 750 euro bij haar had in verband met de bouw van haar woning in Roemenië. De bouw was niet afgerond door mijn man en volgens [medeverdachte] waren de kosten 750 euro. Volgens [medeverdachte] moest ik het bedrag van 750 euro samen met mijn man terugbetalen. Eigenlijk was er helemaal geen sprake van een schuld. Mijn man en ik hadden allebei geen schuld bij [medeverdachte] of [verdachte]. Het bedrag van 750 euro was bepaald door [medeverdachte]. Mijn man reageerde hierop door te vertellen dat hij voor niets zou hebben gewerkt. [medeverdachte] pakte daarna één van haar slippers. Zij pakte mijn man vast bij zijn T-shirt en zij sloeg mijn man enkele keren met haar slipper. Zij zei daarbij: Geen commentaar en jij betaalt mij gewoon terug. Ik heb gezien dat [medeverdachte] mijn man op zijn gezicht en op zijn schouder heeft geraakt met haar slipper. Wij moesten gaan werken om de schuld terug te betalen, anders zouden wij grotere problemen krijgen. Ik ben op 29 maart 2014 met een minibus vanuit Roemenië naar Nederland gekomen. [medeverdachte] betaalde de chauffeur 120 euro bij mijn aankomst bij de woning van [verdachte] en [medeverdachte] in [plaats]. Op maandag 31 maart 2014 ben ik als krantenverkoopster gaan werken. Ik heb de eerste drie dagen bij de Albert Heijn in [plaats] de Huet gewerkt. [verdachte] heeft mij met zijn auto naar deze Albert Heijn gebracht. De eerste dag ging [medeverdachte] mee. Ik heb haar gevraagd wat ik moest doen. Ik moest de krant voor mij houden. Het enige wat ik moest zeggen was: Hallo, hallo. [verdachte] ging de kranten ophalen. Van [verdachte] kreeg ik een badge die ik moest dragen op de kleding tijdens de verkoop van de kranten. [verdachte] bracht [medeverdachte] met de auto naar de winkel en [medeverdachte] kwam het geld (de opbrengst van mijn krantenverkoop) bij mij ophalen terwijl [verdachte] in de auto bleef wachten. Zij kwamen tweemaal per dag geld ophalen. Ik werkte van maandag tot en met zaterdag van uur tot à uur. Ik werkte iedere dag, ongeacht het weer. Ik had geen pauzes. Ik mocht alleen naar de wc. Ik mocht niets eten of drinken. [medeverdachte] en [verdachte] kwamen een paar keer per dag, zonder dat ik het wist, controleren of ik wel op mijn plaats stond. Ik was alleen op zondag vrij. Als ik ergens naartoe wilde gaan, moest ik dat tegen [verdachte] en [medeverdachte] vertellen. Er waren ook dagen dat ik van [medeverdachte] en [verdachte] gewoon echt niet weg mocht. Nadat mijn telefoon was vernield, was er geen contact meer mogelijk tussen mij en mijn familie in Roemenië. Ik heb nooit iets voor mijzelf gekocht, want ik had geen geld. Ik voel me uitgebuit door [verdachte] en [medeverdachte] Het proces-verbaal van verhoor (op 5 juli 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [slachtoffer 2] : Ik ben bouwvakker van beroep. Ik heb in de herfst van vorig jaar opdrachten gekregen van een man met de naam [grootvader medeverdachte]. [grootvader medeverdachte] is de

10 grootvader van [medeverdachte]. Op een gegeven moment was [grootvader medeverdachte] s geld op. Ik had inmiddels een ander klusje en ik gaf aan dat ik dat ging doen en als hij geld had dat ik zijn huis af kon maken na dat andere klusje. [grootvader medeverdachte] belde mij op en eiste dat ik moest komen werken. [grootvader medeverdachte] had telefonisch contact gehad met [medeverdachte] en die was niet blij. Uiteindelijk heb ik voor al het werk wat ik heb verricht in plaats van euro, maar 650 euro betaald gekregen. Tijdens de gesprekken met [medeverdachte] over de bouw beloofde [medeverdachte] mijn echtgenote dat zij mee kon komen naar Nederland om geld te verdienen. Mijn vrouw en ik hebben een terrein en willen daar een huis bouwen in Roemenië. Wij konden dus op deze manier geld verdienen in Nederland om ons huis te kunnen bouwen. Mijn echtgenote is daarom drie-en-een-halve maand geleden naar Nederland vertrokken. Zij verbleef bij [medeverdachte]. Ik heb vervolgens twee-en-een-halve maand geen contact met mijn vrouw gehad. Mijn vrouw heet [slachtoffer 1] ( [slachtoffer 1] ). Ik kreeg geen contact met haar. Toen ik contact kreeg met [medeverdachte] bleek dat de telefoon van [slachtoffer 1] kapot was. Later bleek dat de telefoon van mijn echtgenote kapot gemaakt was door [verdachte], de persoon waarmee [medeverdachte] samenwoonde. Later heb ik op de zolder van de woning van [verdachte] en [medeverdachte] de telefoon en simkaart kapot in een zakje gezien. Ik kreeg bijna geen contact met mijn echtgenote of [medeverdachte]. Ik ben bij [grootvader medeverdachte] gaan wachten tot [medeverdachte] belde. Ik heb toen twee minuten met [slachtoffer 1] kunnen praten. Dat moest op de luidspreker. Een andere keer had ik [medeverdachte] weer aan de telefoon en zij vertelde mij dat mijn echtgenote nog schulden had. Ik snapte dit niet omdat mijn echtgenote had verteld dat ze al geld terug had betaald. In de telefoongesprekken hoorde ik dat [verdachte] boos was op [slachtoffer 1], omdat zij te weinig geld verdiende. [verdachte] heeft haar ID-kaart afgenomen. [verdachte] had ook de telefoon van mijn echtgenote kapot gemaakt. [medeverdachte] zei dat [slachtoffer 1] niet met mij aan de telefoon wilde komen. Later hoorde ik van [slachtoffer 1] in Nederland dat dit niet waar was. In het laatste telefoongesprek met [medeverdachte] heb ik aangegeven dat ik wilde dat [slachtoffer 1] terug kwam naar huis. [medeverdachte] gaf aan dat dit niet kon omdat [slachtoffer 1] nog schulden had. [medeverdachte] vertelde dat [slachtoffer 1] slecht kranten verkocht. [medeverdachte] stelde mij voor om ook naar Nederland te komen en in hun huis te verblijven, zodat ik kon helpen het geld terug te verdienen en om langer te verblijven om meer geld te verdienen in Nederland. Dit stelde [medeverdachte] voor in overleg met [verdachte]. [medeverdachte] gaf aan dat [verdachte] het geld zou betalen voor de reis. Ik ben op een donderdag vertrokken. De oom van [medeverdachte] ging ook mee. Ik ben vrijdag twee weken geleden in Nederland aangekomen. De zaterdag daarna was ik al kranten aan het verkopen. [verdachte] pakte een stuk papier en legde mij uit dat ik hem euro moest betalen, omdat ik mijn werkzaamheden bij [grootvader medeverdachte] niet had afgemaakt. Uiteindelijk kwam [verdachte] tot de conclusie dat er nog 750 euro betaald moest worden voor het niet afmaken van de bouw van de woning en 100 euro voor de reis naar Nederland. In totaal moest ik van [verdachte] 850 euro betalen. [verdachte] zei dat het misschien niet eerlijk was, maar dat het de wens van [medeverdachte] was. Ze hadden kranten voor mij gekocht. [verdachte] schreef op een stuk papier wat ik moest zeggen en hoeveel ik voor de kranten moest vragen. Ik moest de tekst maar de hele nacht uit mijn hoofd leren. Ik gaf aan [medeverdachte] aan dat het onmogelijk was dat ik hun geld moest betalen. Toen kreeg ik

11 door dat het allemaal met voorbedachte raad was. Ik had door dat mijn echtgenote al het geld aan [medeverdachte] en [verdachte] had gegeven en dat ze mij naar Nederland gehaald hadden om nog meer geld aan ons te verdienen. Ik besefte dat mij verzetten tegen [medeverdachte] onmogelijk is, omdat zij een monster is. [medeverdachte] nam mijn IDkaart af. Deze heb ik een paar dagen geleden teruggekregen. Aan mij werd uitgelegd wat ik met de kranten moest doen. [verdachte] heeft mij naar een dorp gebracht. [verdachte] vertelde mij dat ik 10 euro per dag moest betalen voor het wonen in zijn woning en 5 euro voor het brengen naar de plaats om de krantjes te verkopen. Als ik meer dan die 15 euro verdiend had, moest ik dit ook aan hem geven omdat ik nog een schuld had van 850 euro. Op het moment dat ik alles terug had betaald, zou ik terug mogen naar Roemenië. Ik kende de taal niet en had mijn gedachten niet op een rij. Op een dag had ik 12 euro verdiend. [verdachte] hoorde dat ik maar 12 euro verdiend had. Hij werd daarop boos en begon te schreeuwen. Ik moest maar doorwerken en op straat blijven in de nacht omdat ik onvoldoende geld had verdiend om in zijn woning te verblijven. Ik stapte toen in de auto bij [verdachte]. [verdachte] gaf aan dat ik mij niet druk moest maken omdat hij wel andere oplossingen had. Hij zou mij naar de mannen brengen en [slachtoffer 1] moest werken als prostituee. Ik was erg geschrokken en durfde niet te reageren. Ik denk dat [verdachte] tot alles in staat is. Gisteren tijdens de aanhouding was ik zo bang dat ik, maar ook mijn vrouw, het bijna in de broek deden van angst. Ik zou wel willen vertrekken, maar wij hadden totaal geen geld. Twee keer per dag werden wij gecontroleerd door [verdachte] en [medeverdachte] of wij geen geld achterhielden. s Avonds moesten wij ons helemaal uitkleden totdat we naakt waren. Zo konden [verdachte] en [medeverdachte] controleren of wij geen geld achterhielden. Een keer kwam er een vrouw bij mij die mij 20 euro cadeau gaf voor mijn kinderen. Dat geld was een cadeau. Tien minuten daarna kwamen [medeverdachte] en [verdachte] met de oom van [medeverdachte]. [verdachte] vroeg hoe het ging met de verkoop van kranten. Ik gaf antwoord, maar dacht daarbij niet aan het cadeau. Toen ik het geld uit mijn zakken haalde, zat daar ook het biljet van 20 euro bij. Ik zag dat het briefje van 20 euro gecontroleerd werd. Ik zag dat [medeverdachte] een foto op haar telefoon had van het serienummer van het briefje van 20 euro. Toen wist ik dat het een controle was. Ze controleerden mij overal. Ik mocht niet eten voor de winkel. Ze keken zelfs in mijn schoenen of ik geen geld achterhield. We mochten alleen de eerste week eten en drinken gebruiken. We mochten dan maar 1 euro besteden van het krantengeld. Tijdens de tweede week kregen we van [medeverdachte] een brood en twee patés en dat moesten we verdelen en daar moesten we de hele week mee doen. In de ochtend kregen wij niets te eten. In de avond mochten wij niet naar buiten. Op dezelfde dag als het voorval met het biljet van 20 euro is er nog iets gebeurd. Ik merkte dat [verdachte] erg zenuwachtig werd. Hij reed een secundaire weg op. Dit was een kiezelweg langs een kanaal. [verdachte] heeft mij uit de auto gezet. Vervolgens is [verdachte] uitgestapt en heeft hij mij twee keer geschopt en drie keer in mijn gezicht geslagen. Daardoor had ik mijn rechteroog blauw. Mijn neus bloedde. De schoppen waren op mijn bekken en in mijn ribben. [verdachte] vertelde mij dat ik had gerookt en dat dit niet mocht. Ik kreeg in de auto een tissue zodat er geen bloed in de auto zou komen. [medeverdachte] en haar oom waren ook aanwezig bij dit voorval. Onderweg naar huis zijn we gestopt bij een Jumbo. [medeverdachte] heeft daar een zak diepvriesdoperwten gekocht om als kompres tegen mijn neus te houden. [verdachte] zei elke ochtend tegen mij: minimaal 30 euro. Ik hoorde dat [slachtoffer 1] de eerste maand

12 kranten had verkocht. Daarna had [medeverdachte] gefilmd toen [slachtoffer 1] naakt onder de douche vandaan kwam. Ze hebben het vervolgens op internet gezet. Mijn vrouw heeft in de prostitutie gewerkt. Zondag na het tweede conflict riep [verdachte] [slachtoffer 1] bij hem op de kamer. [verdachte] zei tegen [slachtoffer 1] dat hij een klant had waar zij twee keer per week kon schoonmaken. [slachtoffer 1] zei dat ze snel moest gaan douchen. Gisteren hoorde ik dat dit geen klant voor het schoonmaken was, maar voor prostitutie via internet. Mijn echtgenote vertelde mij letterlijk dat zij om zes uur bij een klant moest zijn voor seks. [medeverdachte] s oom heet [getuige]. [verdachte] bracht ons als chauffeur naar de plek om de kranten te verkopen. [medeverdachte] ging soms ook mee. Ook [getuige] verkocht kranten. Iedereen werd naar een ander dorp gebracht. Een keer had ik 20 euro verdiend. [verdachte] gaf aan dat het voor hem niet opschoot. Hij zei tegen mij dat ik geluk had dat mijn vrouw zo lelijk was. Hij zei dat hij mij anders op zolder had vastgebonden en voor mijn ogen orale seks zou hebben met mijn vrouw. Ik heb voor 116 kranten 120 euro moeten betalen aan [verdachte] en [medeverdachte] voor het kopen van de kranten. Ook moesten wij één keer in de week 10 euro per persoon betalen voor het halen van de kranten. Wij moesten de kranten zelf kopen en de opbrengst ging naar [verdachte]. Ik had nooit de indruk dat ik van mijn schuld af kon komen. Het is een vicieuze cirkel. Afgelopen dinsdag zei [medeverdachte] dat ik op haar bestelling moest gaan stelen als ik niet genoeg kranten verkocht. Gisteren werd ik naar de COOP gebracht en mijn vrouw naar de Albert Heijn in dezelfde plaats. Ik zag het niet meer zitten. Mijn vrouw was inmiddels erg vermagerd. [verdachte] had tegen mij gezegd dat hij mij zou vermoorden als ik bij de politie zou komen. Ik besloot om naar de winkel te gaan waar mijn vrouw kranten stond te verkopen. Ik gaf aan om samen weg te gaan. Het was ongeveer uur en [verdachte] en [medeverdachte] zouden het eerste geld komen halen. Mijn vrouw zei tegen mij dat ik mij in het park moest verstoppen omdat [verdachte] mij niet mocht zien, omdat ik bij de COOP moest zijn. Ik heb mij ongeveer een half uur in het park verstopt. Mijn vrouw gaf haar geld aan [verdachte]. [verdachte] was eerst bij de COOP geweest en ik was daar niet meer. Mijn vrouw heeft mij opgezocht en wij zijn verschillende straten ingelopen om de politie tegen te komen. [verdachte] had bij de Albert Heijn tegen mijn vrouw gezegd dat hij mij af zou maken als ik niet bij de COOP was als hij mij eenmaal zou vinden. Wij zagen [verdachte] in de auto langsrijden. Wij waren heel bang dat [verdachte] ons zou zien. Wij zagen een politieagent op een motor langsrijden. Ik heb hem verteld wat er gebeurd was. Toen ik met de politieagent aan het praten was, zag ik dat [verdachte] en [medeverdachte] in de auto langs kwamen. [verdachte] en [medeverdachte] zeiden allebei dat als wij iets verkeerds zouden zeggen, dat [verdachte] naar Roemenië zou komen en hij zijn eigen wet zou toepassen. Dat was niet de eerste keer dat [verdachte] ons bedreigd heeft. Hij dreigde mijn oudste dochter ook in de prostitutie te laten werken. Er kwamen vervolgens meer politieagenten bij. [verdachte] werd geboeid en werd meegenomen. Ook [medeverdachte] werd meegenomen door de politie. [verdachte] en [medeverdachte] hebben ons met zoete woorden verleid om naar Nederland te komen en hebben het vervolgens een hel laten worden Het proces-verbaal van verhoor (op 15 juli 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [slachtoffer 2] :

13 Het was nog erger dan in een gevangenis. In de avond kregen we ook heel weinig te eten. We waren helemaal kapot. [verdachte] dreigde dat wij niet naar de politie moesten gaan. Dat zei hij bijna iedere dag. Hij heeft mij ook op allerlei andere manieren bedreigd. Ik was bang voor [verdachte] als persoon. Hij straalde macht uit. Voordat ik naar Nederland kwam, had ik goed contact met [verdachte]. In Nederland veranderde alles. Als ik niet genoeg had verdiend, dreigde [verdachte] dat ik dan eventueel in de bosjes moest gaan slapen. De term geproduceerd wordt in Roemenië vaak gebruikt voor prostituees die dan werken en geld maken. [verdachte] werd dagelijks kwaad. Ik had niet de moed om iets terug te zeggen. [medeverdachte] heeft aan mijn vrouw duidelijk gemaakt dat ze hoe dan ook moet produceren om van haar schuld af te komen en dat zij geen spelletje kan spelen met [verdachte]. Op zijn computer ontving [verdachte] verzoeken. [verdachte] maakte ook de afspraken. Hij haalde mijn vrouw op. Zij moest zich douchen en werd daarna naar een klant gereden. Mijn vrouw vertelde mij dat zij ongeveer 12 of 13 contacten heeft gehad. Als de klant een kennis was van [verdachte] betaalde de klant vooraf aan [verdachte] in de auto. Anders betaalde de klant aan mijn vrouw en moest mijn vrouw het verdiende geld later aan [verdachte] afgeven. Mijn vrouw kreeg zelf niets voor de door haar verleende seksuele diensten, want zij moest de schulden aflossen. [medeverdachte] belde mij ongeveer anderhalve maand geleden. [medeverdachte] vertelde mij toen dat ik in Nederland 50 tot 60 euro per dag kon verdienen met de verkoop van kranten. [medeverdachte] vertelde dat ik naar Nederland moest komen. Ik zou kranten krijgen en [medeverdachte] zou mij vertellen hoe ik de kranten moest verkopen. Er zijn geen afspraken gemaakt met betrekking tot de verdiensten. Het enige wat ik wist is dat ik 5 euro per nacht voor het verblijf in Nederland moest betalen. Later bleek dit 10 euro per persoon per nacht te zijn. Op zaterdag en zondag was het zelfs 20 euro per persoon per nacht. Voor dit bedrag sliepen wij samen op één matras op de betonnen vloer van de zolder in de woning van [verdachte]. Wij moesten 75 cent per krant betalen. Ook moesten wij [verdachte] ieder 10 euro betalen voor het ophalen van de kranten. Wij werden s ochtends rond uur naar de supermarkt gebracht en s avonds tussen en uur werden wij opgehaald. In die tijd stond ik dan voor een supermarkt om kranten te verkopen. Wij hadden geen pauzes. Dit was verboden. Alle opbrengsten uit de verkoop van de kranten hebben wij moeten afstaan aan [verdachte] en [medeverdachte] Het proces-verbaal van verhoor (op 6 juli 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van verdachte: Ik ken de twee personen die aangifte tegen mij hebben gedaan als [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. De echte namen zijn iets van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] en [slachtoffer 2], iets in die geest Het proces-verbaal van verhoor (op 27 augustus 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van verdachte: [slachtoffer 1] kwam met een busje naar Nederland. U vraagt mij hoe de werkdag van de krantenverkoper eruit ziet. Als ik er langs kom, breng ik ze weg. De supermarkten hebben het telefoonnummer van mij voor als er problemen zijn. Ze spreken de taal niet. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] zijn de eerste burgermensen die alleen Roemeens spreken. De kranten werden verkocht door [slachtoffer 1] ( [slachtoffer 1] ), [slachtoffer 2], [medeverdachte] en

14 [getuige], de oom van [medeverdachte]. [slachtoffer 2] is uiteindelijk met een busje naar Nederland gekomen. [getuige] kwam samen met [slachtoffer 2] naar Nederland. Het klopt dat ik mijn moeder heb gebruikt om de integriteit van [slachtoffer 2] te testen door middel van een bankbiljet van 20 euro. Ik heb mijn moeder verteld waarom ik dit wilde doen. Ik had het serienummer opgeschreven van het bankbiljet en ik had er een foto van gemaakt. [medeverdachte] en mijn moeder waren daarbij aanwezig. Ik vermoedde dat [slachtoffer 2] geld achterhield. Op deze manier heb ik dat kunnen bewijzen. Ik heb hem ermee geconfronteerd en hoopte dat hij het niet meer zou doen Het proces-verbaal van verhoor (op 27 augustus 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van verdachte: [medeverdachte] heeft de foto s van [slachtoffer 1] gemaakt. Ik sloeg de foto s op op mijn laptop. [medeverdachte] heeft foto s gemaakt in onze badkamer. Ik maak inderdaad gebruik van het adres [ adres verdachte]. Ik heb [slachtoffer 1] naar de klanten gebracht. Ik had al langer een account op de sekssite. De eerste keer dat ik zelf een echte advertentie heb aangemaakt, was de advertentie voor [slachtoffer 1]. Klanten voor de advertentie van [slachtoffer 1] konden reageren via het adres [ adres verdachte]. Ik heb de correspondentie via dat adres gevoerd met de klanten. Ik bracht [slachtoffer 1] met mijn VW Passat naar de klant. De prijs was 75 euro per klant. Soms belde ik aan bij de klant omdat [slachtoffer 1] geen Nederlands sprak. Ik heb dit enkele weken gedaan. U houdt mij voor dat mevrouw [slachtoffer 1] een woning aan de [adres] te [plaats] heeft aangewezen als een woning waar zij als prostituee naartoe is gebracht. Dat is inderdaad een klant van [slachtoffer 1] geweest. Ik heb daarover mailcontact gehad met de klant. De klant heette volgens mij [naam klant]. U toont mij het verkeer tussen getuige [naam klant] ( [ adres klant] ) en het adres [ adres verdachte]. Die mails herken ik. Dat zijn de mails waarin ik contact heb gehad met de klant van [slachtoffer 1] Het proces-verbaal van verhoor (op 28 augustus 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van verdachte: U houdt mij de foto s voor waarop is te zien dat [slachtoffer 1] vastgebonden is aan handen en voeten. Ik was boven in mijn woning en ging naar beneden en zag daar inderdaad [slachtoffer 1] geknield en vastgebonden op de grond. Ik begreep van [medeverdachte] dat zij dat had gedaan. Ze had dit gedaan omdat [slachtoffer 1] naar Roemenië had gebeld en verteld had dat ze vastgehouden werd. Omdat [medeverdachte] het er niet mee eens was, heeft ze [slachtoffer 1] laten merken wat echt vastzitten is. Ik heb dat allemaal opgenomen Het proces-verbaal van verhoor (op 28 augustus 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van verdachte: [medeverdachte] is de eindverantwoordelijke. Ik ben er wel bij betrokken geweest. Het was [medeverdachte] s plan om [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] naar Nederland te halen. Ook de bedreigingen en intimidaties waren haar idee. Het doel van de bedreigingen en intimidaties was ook om het bedrag van 850 euro zo snel mogelijk terug te laten betalen

15 door [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] hadden een schuld bij [medeverdachte]. Dat is de schuld van 850 euro vermeld op het overzicht dat u mij gisteren heeft laten zien De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van de rechtbank Arnhem op 1 december 2014, inhoudende -zakelijk weergegeven-: Het klopt dat ik heb geholpen met de prostitutiesites. [medeverdachte] heeft de naaktfoto s van [slachtoffer 1] gemaakt. [slachtoffer 1] heeft meerdere klanten gehad. De afstand tussen mijn woning en de dichtstbijzijnde plek waar kranten worden verkocht, is 500 meter. Als ik die kant op moest, kon ik ze met de auto meenemen. Ik ontken niet dat ik heb gefilmd. Ik begon daarmee op het moment dat [slachtoffer 1] vast zat Het proces-verbaal van verhoor (op 27 augustus 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [medeverdachte] : Toen ik werd aangehouden, woonden [verdachte], het kind van [verdachte], [getuige], [slachtoffer 2], [slachtoffer 1] en ik op de [adres] te [plaats]. U toont mij foto s van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. Dat zijn [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. [slachtoffer 1] verkocht kranten in [plaats] de Huet. [slachtoffer 2] heeft een paar keer krantjes verkocht bij de COOP. De moeder van [verdachte] is naar de plaats gegaan waar [slachtoffer 2] kranten verkocht in Terborg. Zij kocht een krant van [slachtoffer 2] en zij betaalde hem met een briefje van 20 euro. [verdachte] stond te kijken zonder dat [slachtoffer 2] hem zag. Toen [slachtoffer 2] thuis kwam, vroeg [verdachte] of hij kranten had verkocht. [slachtoffer 2] antwoordde dat hij geen kranten had verkocht. De moeder van [verdachte] gaf [verdachte] het serienummer van het biljet van 20 euro. Ik heb met mijn eigen ogen gezien dat [verdachte] [slachtoffer 2] sloeg. Dat deed hij vanuit de auto. Wij reden ergens naartoe en opeens ging [verdachte] [slachtoffer 2] slaan. [verdachte] sloeg hem met zijn vuist op zijn gezicht. Er kwam bloed uit [slachtoffer 2] s neus. Wij zijn toen naar de Jumbo gegaan. [getuige] en ik hebben boodschappen gedaan waarna we naar huis zijn gereden. [verdachte] heeft [getuige] geld gegeven om doperwtjes uit de diepvries te kopen, want hij was bang dat [slachtoffer 2] blauwe plekken zou krijgen Het proces-verbaal van verhoor (op 28 augustus 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [medeverdachte] : U laat mij een deel van het videofilmpje met de naam [bestandsnaam] horen en vraagt mij wie ik hier hoor praten. Ik hoor [slachtoffer 1], [verdachte] en mijzelf praten Het proces-verbaal van verhoor (op 5 september 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [medeverdachte] : U houdt mij voor dat uit het audiofragment blijkt dat ik heb gezegd dat ik [slachtoffer 1] vastgebonden heb. Ik heb haar vastgebonden. Ik heb het gedaan om haar een lesje te leren. Mijn opa heeft euro aan [slachtoffer 2] gegeven en euro aan [slachtoffer 1]. Dat was haar schuld bij mijn opa. [tante medeverdachte] is mijn tante. Zij is de vrouw van mijn oom [getuige] Het proces-verbaal van verhoor (op 4 augustus 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [getuige] :

16 Ik heb [verdachte] omstreeks 2009 of 2010 leren kennen. Sinds die tijd woon ik bij [verdachte] en [medeverdachte] als ik in Nederland ben. [slachtoffer 2] heeft een paar keer een klap gekregen van [verdachte]. Ik ben samen met [slachtoffer 2] naar Nederland gereisd. Wij zijn bij [verdachte] thuis afgezet in [plaats]. [verdachte] heeft 100 euro voor [slachtoffer 2] betaald. Mijn vrouw heet [tante medeverdachte]. [medeverdachte] is mijn nicht. De anderen waren bang voor [verdachte]. Ik heb zelf gezien dat [slachtoffer 2] zich moest uitkleden en dat [verdachte] alles doorzocht voor geld. [verdachte] gebruikt de vrouw van [slachtoffer 2] als prostituee. Hij bracht haar naar klanten. [verdachte] heeft mij op zijn laptop naaktfoto s van [slachtoffer 1] laten zien. Ik heb ook een advertentie gezien. Ik heb eens gezien dat [verdachte] [slachtoffer 1] met de auto wegbracht. [verdachte] vertelde mij dan dat hij haar weer naar een klant had gebracht. Ik heb twee keer gezien dat [verdachte] [slachtoffer 1] wegbracht. [slachtoffer 1] is de vrouw van [slachtoffer 2]. [slachtoffer 1] heet eigenlijk [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] heet [slachtoffer 2]. Ik was een keer met [slachtoffer 2] kranten aan het verkopen. Ik werd door [verdachte] met de auto opgehaald en zag dat [slachtoffer 2] ook in de auto zat. Wij hebben toen [medeverdachte] opgehaald bij de Albert Heijn. Daarna reed [verdachte] naar een plek onder de snelweg. [verdachte] heeft [slachtoffer 2] toen mishandeld omdat [slachtoffer 2] nog schulden had en sigaretten had gekocht. Ik zat met [slachtoffer 2] in de auto. [verdachte] stopte en stapte uit. Hij liep naar [slachtoffer 2] toe en trok hem uit de auto. Ik heb gezien dat [verdachte] met zijn vuist in het gezicht van [slachtoffer 2] sloeg. Ze stonden toen buiten de auto. [medeverdachte] en ik zaten nog in de auto. Ik zag gelijk dat er bloed uit de neus van [slachtoffer 2] kwam. Ik heb ook gezien dat [verdachte] [slachtoffer 2] ging schoppen. Daarna zag ik dat [verdachte] [slachtoffer 2] hielp om in de auto te stappen. We zijn daarna naar de Jumbo gereden. Ik moest diepvriesdoperwten kopen om op de neus van [slachtoffer 2] te zetten. [verdachte] vertrouwde [slachtoffer 2] niet en controleerde hem met het geld wat hij verdiende en wat hij aan [verdachte] af moest geven. Eenmaal heeft [verdachte] zijn moeder gebruikt om [slachtoffer 2] te controleren. De moeder van [verdachte] had [slachtoffer 2] 20 euro gegeven toen hij kranten aan het verkopen was. [verdachte] had het serienummer van dat bankbiljet genoteerd. Later heeft [verdachte] [slachtoffer 2] opgehaald en mee naar huis genomen. Daar heeft [verdachte] aan [slachtoffer 2] gevraagd hoeveel geld hij die dag had verdiend. [slachtoffer 2] heeft toen gezegd dat hij 7 of 8 euro verdiend had. Vervolgens heeft [verdachte] [slachtoffer 2] gecontroleerd en het biljet van 20 euro gevonden. [verdachte] heeft toen gezegd dat [slachtoffer 2] liegt en dat hij [slachtoffer 2] nu ook in elkaar kon slaan Het proces-verbaal van bevindingen, inhoudende -zakelijk weergegeven- het relaas van verbalisant: Op 4 juli 2014 kreeg ik een melding dat een brandweerman door twee Roemeense personen was aangesproken die volkomen in paniek waren. Ik zag deze twee personen uit de struiken komen en naar mij zwaaien. Aan hun gedrag zag ik dat ze angstig waren. De twee personen keken steeds om zich heen en kwamen dicht bij mij staan. De man gaf mij een Roemeense identiteitskaart. Ik zag dat de man [slachtoffer 2] was. Middels een tolk begreep ik dat de twee Roemeense personen gegijzeld, bedreigd en mishandeld waren en dat zij verplicht waren om kranten te verkopen en dat zij het geld moesten afgeven. Ik hoorde de tolk ook

17 zeggen dat de identiteitskaart van de vrouw was afgenomen. Ik hoorde dat ze graag naar het politiebureau wilden gaan om aangifte te doen. Ik vroeg de Roemeense personen of zij wisten in welk voertuig de verdachte zou rijden. Zij zeiden dat het een grijze Volkswagen Passat betrof. Op een gegeven moment zag ik dat ze naar een rij met auto s wezen. Ik zag een Volkswagen Passat over de kruising rijden waar wij stonden. De Roemeense personen werden erg bang. Ik zag dat in de auto de mij ambtshalve bekende [verdachte] zat. Naast [verdachte] zat een vrouw in de auto. [verdachte] en de vrouw stapten uit en begonnen direct in een voor mij onbekende taal te schreeuwen richting de twee Roemeense personen. De twee Roemeense personen kwamen achter mij staan. [verdachte] wees naar beide Roemenen en riep wat in een voor mij onverstaanbare taal. Ik zag aan de reactie van de Roemenen dat ze hiervan onder de indruk waren. Zij deden een stap achteruit en maakten zich klein. Kennelijk voelden zij zich erg bedreigd door [verdachte]. Op dat moment kwamen collega s [naam] en [naam] ter plaatse. Wij besloten [verdachte] en de vrouw aan te houden Het proces-verbaal van bevindingen, inhoudende -zakelijk weergegeven- het relaas van verbalisant: Op zondag 6 juli 2014 bevond ik mij in de woning aan de [adres] te [plaats]. Uit de verklaringen van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bleek dat zij verbleven en woonden op de zolderkamer van deze woning. Ik ben naar de zolderkamer van deze woning gegaan. Ik zag dat de zolder nagenoeg leeg was. De wanden waren kaal. De vloer was van kaal beton. Op de grond lag één eenpersoonsmatras met één dekbed en één kussen Het proces-verbaal van verhoor (op 5 augustus 2014), inhoudende -zakelijk weergegeven- de verklaring van [naam klant] : Mijn adres is: [ adres klant]. Het contact met de prostituee vond plaats bij mij thuis aan de [adres] te [plaats]. Ik ben met haar in contact gekomen via een advertentie op de erotische site [naam website]. Ik heb seks met die vrouw gehad zonder condoom. De man die haar bracht was Nederlands. Ik heb aan die man nog gevraagd of het zonder condoom kon. Dat was geen probleem. In de mailwisseling is dit ook besproken. De communicatie met betrekking tot het in contact komen met de prostituee is via de mail gegaan. Toen ik seks had met de prostituee, bleef de man bij mij in de tuin achter de poort wachten. Ik moest het bedrag vooraf aan die man betalen. Ik heb precies 75 euro aan die man betaald Een schriftelijk bescheid, te weten een uitdraai van wisselingen tussen [ adres klant] ( [naam klant] ) en [ adres verdachte], inhoudende -zakelijk weergegeven-: From: [ adres klant]. To: [ adres verdachte]. Date: Wed, 28 May :29:33. In de advertentie stond dat alles ook zonder condoom mogelijk was? En is het mogelijk om meer dan 1x klaar te komen?

18 En in haar klaarkomen, is dat een probleem? From: [ adres verdachte]. To: [ adres klant]. Date: Wed, 28 May :30:52. Ja dat is mogelijk alleen ze slikt niet. U kunt haar helemaal gebruiken zoals u wilt, voor 75 euro blijft ze een uur de uwe ;) From: [ adres klant]. To: [ adres verdachte]. Date: Wed, 28 May :34:49. Ok, dan wil ik een afspraak met haar, alleen heb ik 1 verzoek, in verband met de buurt zou de dame in normale kleding kunnen komen? En komt u bij mij aan de deur om af te rekenen of reken ik met de dame af? Mijn adres is: [adres] [postcode] [plaats]. From: [ adres verdachte]. To: [ adres klant]. Date: Wed, 28 May :37:19. Ik zal haar vertellen in normale casual kleding te komen, ik breng haar aan de deur dan kunt u met mij afrekenen, de dame gaat met u mee, u doet u ding zal ik maar zeggen en een uurtje later laat u haar uit en pik ik haar weer op met de auto. From: [ adres klant]. To: [ adres verdachte]. Date: Wed 2 Jul :44:33. Fijn om te horen dat de dame weer beschikbaar is, zou het mogelijk zijn dat ik vannacht om 12 uur de dame voor een uur zou kunnen gebruiken? 75 euro was de prijs toch? En is alles nog mogelijk? Anaal, seks zonder condoom? Het adres is [adres]. Jullie zijn er al eens geweest.

19 From: [ adres verdachte]. To: [ adres klant]. Date: Wed, 2 Jul :53:03. Ja hoor dat is geen probleem 75 euro klopt. From: [ adres verdachte]. To: [ adres klant]. Date: Wed, 2 Jul :12:51. Overigens een vraagje ik krijg klachten over het pijpwerk van haar de een zegt dat ze er niets van kan en een ander vind het geweldig Wat is je mening daarover? Het proces-verbaal van bevindingen, inhoudende -zakelijk weergegeven- het relaas van verbalisanten: Op vrijdag 11 juli 2014 heb ik onderzoek gedaan naar de inhoud van de laptop die op 6 juli 2014 in beslag is genomen in de woning van verdachte [verdachte] aan de [adres] te [plaats]. Map: windows/xxx/ [slachtoffer 1] In deze map zag ik, verbalisant [naam], 59 foto s. Op deze foto s zag ik een vrouw naakt onder de douche staan. Daarnaast zag ik 36 foto s waarop ik zag dat dezelfde vrouw achterover naakt op een bed lag, waarbij zij soms haar benen gespreid heeft en soms haar vagina met haar handen gespreid houdt. Daarnaast zag ik foto s waarbij de vrouw haar borsten vasthoudt en optilt. Ik, verbalisant [naam], herkende de vrouw als [slachtoffer 1]. Ik herkende bovendien de locatie waar de foto s zijn genomen. Dat is op de [adres] te [plaats]. Map: users/g/documents In deze directory zag ik een videobestand met de naam [bestandsnaam]. [slachtoffer 1] is de bijnaam die verdachte [verdachte] conform zijn eigen verklaringen gaf aan [slachtoffer 1]. Het is een video van 50 minuten. Op de video zag ik de eerste 5 seconden beeld, waarna het beeld zwart werd terwijl de geluidsopname wel doorging. Ik hoorde een gesprek tussen een man en twee of mogelijk drie vrouwen. Het gesprek werd gevoerd in een mij onbekende taal. Op 1.15 minuten na het begin van de video zag ik gedurende 10 seconden beeld. Ik zag de mij ambtshalve bekende [medeverdachte] aan een eetkamertafel zitten. Het gesprek tussen de drie of vier personen duurde voort tot het einde van de video Het proces-verbaal van bevindingen, inhoudende -zakelijk weergegeven- het relaas van verbalisant: Op zondag 6 juli 2014 werd er uit de fouillering van verdachte [verdachte] een mobiele telefoon van het merk Apple, type iphone in beslag genomen. Uit onderzoek naar de inhoud van deze mobiele telefoon bleek dat er via deze mobiele telefoon verbinding is geweest met de website en dat er naar deze website foto s waren geüpload. Er werden 17 albums met foto s aangeleverd. Bij alle albums werd gebruik gemaakt van het IP-adres [IP-adres] (dit betreft het IP-adres van [adres] te [plaats] ).

20 Bijlage afbeeldingen 7 t/m 11: Afbeeldingen van aangeefster [slachtoffer 1] waarbij zij met haar handen en vermoedelijk ook bij haar voeten is vastgebonden en op de grond zit. Ik herken de ruimte waarin aangeefster [slachtoffer 1] zit als zijnde de woonkamer van de woning [adres] te [plaats] Een schriftelijk bescheid, te weten een vertaling van het te horen gesprek in het bestand [bestandsnaam], inhoudende -zakelijk weergegeven-: [medeverdachte] : Weet je waarom je hier bent? Wat heb jij gedaan dat je dit is overkomen vertel me wat er met je is gebeurd dat je vastgebonden bent, dat je in deze toestand ben [medeverdachte] : Met wie heb je net gebeld? Wie mocht je bellen? NNvrouw: Met [slachtoffer 2]. [medeverdachte] : Wat zei je tegen hem over mij? Waarom hebben wij ruzie? Waarom ben je nu vastgebonden? Waarvoor heb ik dit met je gedaan? NNvrouw: Ik heb mijn ID-kaart niet bij me, omdat ik een schuld heb. NNman: Ik nam haar ID-kaart. [medeverdachte] : Vertel me, waarom ben je hier vastgebonden? NNman: Van mij was ze niet zo makkelijk af. [medeverdachte] : Dit moet je onthouden. Weet je wat ik met je zou willen doen? Maar ik kan het niet over mijn hart brengen, God houdt me tegen ik zou je willen wurgen vrouw NNman: Van mij was ze niet ontkomen. NNman: Nee, zeg het tegen haar. Heb ze haar lesje geleerd of moeten we ze de hele dag vastbinden. [medeverdachte] : Is het tot je doorgedrongen? Hm? [medeverdachte] : Maar luister wat ze tegen de man zei ik zei tegen haar: Ik laat je met je man praten, dat je zegt: Het gaat goed met mij stuur het geld naar [medeverdachte] dat ik haar afbetaal. NNman: [ntv] AlQaida. [lacht] [slachtoffer 1] : Ik zei dat [verdachte] mij met de auto weg heeft gebracht en van daar breng jij mij met de fiets. [medeverdachte] : [verdachte] heeft je met de auto weggebracht en [verdachte] brengt je niet meer met de auto en ik breng je op de fiets en je betaalt mij 10 euro. [slachtoffer 1] : Hij vroeg aan mij hoeveel huur ik betaal ik zei 10 euro. [medeverdachte] : Voor 10 euro heb ik mijn rug beschadigd om je naar de winkel te brengen en dat had je niet moeten zeggen dat je mij het geld geeft jij gaf mij de schuld terug NNman: Luister ik ben 32 jaar ik heb mensen die ik in elkaar wil rammen om woorden die zij 15 tot 20 geleden hebben gezegd, ik vergeet geen woord wat denkt ze wel, dat ze van mij af is? Als ze naar Roemenië gaat wat denk je, ben je van me af? NNman: Kun je nagaan ik wilde haar kleden naar de schoonheidssalon brengen, zodat ze goed uitziet en voor ons verdient NNman: Ik wil mijn investering terug.

Het hoger beroep De officier van justitie heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Het hoger beroep De officier van justitie heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld. ECLI:NL:GHARL:2015:7181 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 25-09-2015 Datum publicatie: 25-09-2015 Zaaknummer: 21-004143-14 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Hoger

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2013:4611

ECLI:NL:GHARL:2013:4611 ECLI:NL:GHARL:2013:4611 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Uitspraak Afdeling strafrecht Parketnummer: 24-002670-09 Uitspraak d.d.: 1 juli 2013 TEGENSPRAAK Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2014:7746

ECLI:NL:RBGEL:2014:7746 ECLI:NL:RBGEL:2014:7746 Instantie: Rechtbank Gelderland Datum uitspraak: 15-12-2014 Datum publicatie: 15-12-2014 Zaaknummer: 05/780072-14 Rechtsgebieden: Strafrecht en internationaal publiekrecht Bijzondere

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2015:2577

ECLI:NL:GHARL:2015:2577 ECLI:NL:GHARL:2015:2577 Uitspraak Arrest GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN Strafrecht Parketnummer: 21-008157-13 Datum uitspraak: 9 april 2015 Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken gewezen

Nadere informatie

ECLI:NL:RBZUT:2011:BT8884

ECLI:NL:RBZUT:2011:BT8884 ECLI:NL:RBZUT:2011:BT8884 Instantie Rechtbank Zutphen Datum uitspraak 21-10-2011 Datum publicatie 21-10-2011 Zaaknummer 06/940112-11 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2013:4039

ECLI:NL:RBGEL:2013:4039 ECLI:NL:RBGEL:2013:4039 Uitspraak RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Zutphen Meervoudige kamer Parketnummer: [jw.sys.1.verdachte_1_parketnummer]05/860948-13 Uitspraak d.d. 22 oktober 2013

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2014:9415

ECLI:NL:GHARL:2014:9415 ECLI:NL:GHARL:2014:9415 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 04-12-2014 Datum publicatie: 17-12-2014 Zaaknummer: 21-005927-13 Formele relaties Eerste aanleg: ECLI:NL:RBGEL:2013:CA2936

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOVE:2015:3340

ECLI:NL:RBOVE:2015:3340 ECLI:NL:RBOVE:2015:3340 Instantie: Rechtbank Overijssel Datum uitspraak: 09-07-2015 Datum publicatie: 13-07-2015 Zaaknummer: 08.963556-14 (LP) Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2014:9416

ECLI:NL:GHARL:2014:9416 ECLI:NL:GHARL:2014:9416 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 04-12-2014 Datum publicatie: 17-12-2014 Zaaknummer: 21-005710-13 Formele relaties: Eerste aanleg: ECLI:NL:RBGEL:2013:1485

Nadere informatie

Uitspraak ECLI:NL:GHAMS:2012:BV9608

Uitspraak ECLI:NL:GHAMS:2012:BV9608 ECLI:NL:GHAMS:2012:BV9608 Instantie Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak 19-03-2012 Datum publicatie 21-03-2012 Zaaknummer 23-004614-10 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2014:10095

ECLI:NL:GHARL:2014:10095 ECLI:NL:GHARL:2014:10095 Instantie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak 23-12-2014 Datum publicatie 13-01-2015 Zaaknummer 21-006205-13 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep

Nadere informatie

ECLI:NL:GHSGR:2011:BR4575

ECLI:NL:GHSGR:2011:BR4575 ECLI:NL:GHSGR:2011:BR4575 Instantie Gerechtshof 's-gravenhage Datum uitspraak 09-08-2011 Datum publicatie 10-08-2011 Zaaknummer 22-000623-11 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLEE:2011:BQ4976

ECLI:NL:RBLEE:2011:BQ4976 ECLI:NL:RBLEE:2011:BQ4976 Instantie Rechtbank Leeuwarden Datum uitspraak 17-05-2011 Datum publicatie 18-05-2011 Zaaknummer 17/880032-11 VON Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2013:1486

ECLI:NL:RBGEL:2013:1486 ECLI:NL:RBGEL:2013:1486 Uitspraak RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Arnhem Promis II Parketnummer : 05/900959-12 Datum zitting : 24 juni 2013 Datum uitspraak : 08 juli 2013 TEGENSPRAAK

Nadere informatie

ECLI:NL:RBALK:2010:BN9788

ECLI:NL:RBALK:2010:BN9788 ECLI:NL:RBALK:2010:BN9788 Rechtbank Alkmaar Datum uitspraak: 07-10-2010 Datum publicatie: 08-10-2010 Zaaknummer: 14.810141-07 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARN:2010:BO2994

ECLI:NL:GHARN:2010:BO2994 ECLI:NL:GHARN:2010:BO2994 Instantie Gerechtshof Arnhem Datum uitspraak 19-10-2010 Datum publicatie 05-11-2010 Zaaknummer 21-004191-08 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2014:2715

ECLI:NL:RBROT:2014:2715 ECLI:NL:RBROT:2014:2715 Uitspraak Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak: 09-04-2014 Datum publicatie: 09-04-2014 Zaaknummer: 10/750175-11 Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken,

Nadere informatie

Strafprocesrecht Bijzondere kenmerken: Hoger beroep Wetsverwijzingen: Wetboek van Strafrecht 197a, geldigheid: 2014-05-11

Strafprocesrecht Bijzondere kenmerken: Hoger beroep Wetsverwijzingen: Wetboek van Strafrecht 197a, geldigheid: 2014-05-11 ECLI:NL:GHSHE:2015:3566 Instantie: Gerechtshof 's-hertogenbosch Datum uitspraak: 16-09-2015 Datum publicatie: 17-09-2015 Zaaknummer: 20-002514-14 Rechtsgebieden: Materieel strafrecht Strafprocesrecht Bijzondere

Nadere informatie

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken ECLI:NL:GHARL:2014:6274 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 08-08-2014 Datum publicatie: 08-08-2014 Zaaknummer: 21-008722-13 Formele relaties: Eerste aanleg: ECLI:NL:RBMNE:2013:5594,

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2015:3608

ECLI:NL:GHARL:2015:3608 ECLI:NL:GHARL:2015:3608 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 22-05-2015 Datum publicatie: 22-05-2015 Zaaknummer: 21-001887-14 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Hoger

Nadere informatie

ECLI:NL:GHDHA:2014:3959

ECLI:NL:GHDHA:2014:3959 ECLI:NL:GHDHA:2014:3959 Instantie: Gerechtshof Den Haag Datum uitspraak: 09-12-2014 Datum publicatie: 09-12-2014 Zaaknummer: 2200224312 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Hoger beroep Uitspraak

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2014:2223

ECLI:NL:GHARL:2014:2223 ECLI:NL:GHARL:2014:2223 Uitspraak PROMIS Zaaknummer: ks 21-000815-13 Parketnummer: 21-000815-13 Uitspraak: 18 maart 2014 TEGENSPRAAK Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Verkort arrest van de meervoudige kamer

Nadere informatie

arrest GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Leeuwarden Afdeling strafrecht Parketnummer: 24-001118-12 Uitspraak d.d.: 6 juni 2013 TEGENSPRAAK

arrest GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Leeuwarden Afdeling strafrecht Parketnummer: 24-001118-12 Uitspraak d.d.: 6 juni 2013 TEGENSPRAAK arrest GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Leeuwarden Afdeling strafrecht Parketnummer: 24-001118-12 Uitspraak d.d.: 6 juni 2013 TEGENSPRAAK Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken gewezen op

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2013:9800

ECLI:NL:GHARL:2013:9800 ECLI:NL:GHARL:2013:9800 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 20-12-2013 Datum publicatie: 24-12-2013 Zaaknummer: 21-001567-12 Formele relaties: Eerste aanleg: ECLI:NL:RBARN:2012:BW3216,

Nadere informatie

Het hoger beroep De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Het hoger beroep De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld. ECLI:NL:GHARL:2015:8966 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 25-11-2015 Datum publicatie: 31-12-2015 Zaaknummer: 21-004324-15 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Hoger

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2014:5910

ECLI:NL:GHARL:2014:5910 ECLI:NL:GHARL:2014:5910 Uitspraak Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Afdeling strafrecht Parketnummer: 21-008836-13 Uitspraak d.d.: 24 juli 2014 TEGENSPRAAK Promis Verkort arrest van de meervoudige kamer voor

Nadere informatie

Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken ECLI:NL:GHARL:2013:4608 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Uitspraak Afdeling strafrecht Parketnummer: 24-001704-12 Uitspraak d.d.: 28 juni 2013 TEGENSPRAAK Promis Verkort arrest van de meervoudige kamer voor

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNHO:2015:1805

ECLI:NL:RBNHO:2015:1805 ECLI:NL:RBNHO:2015:1805 Uitspraak Vonnis RECHTBANK NOORD-HOLLAND, LOCATIE HAARLEM Strafrecht Datum uitspraak : 10 maart 2015 Parketnummer: 15/840083-08 (ontneming) Vonnis ex artikel 36e van het Wetboek

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2014:7911

ECLI:NL:RBAMS:2014:7911 ECLI:NL:RBAMS:2014:7911 Instantie: Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak: 21-11-2014 Datum publicatie: 06-01-2015 Zaaknummer: 13-730021-13 Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg- meervoudig Uitspraak Vonnis

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMNE:2015:5690

ECLI:NL:RBMNE:2015:5690 ECLI:NL:RBMNE:2015:5690 Instantie: Rechtbank Midden-Nederland Datum uitspraak: 14-07-2015 Datum publicatie: 17-08-2015 Zaaknummer: 16-994267-14 (P) Rechtsgebieden: Strafrecht Uitspraak RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Nadere informatie

ECLI:NL:RBZUT:2012:BX4177

ECLI:NL:RBZUT:2012:BX4177 ECLI:NL:RBZUT:2012:BX4177 Instantie Rechtbank Zutphen Datum uitspraak 26-06-2012 Datum publicatie 10-08-2012 Zaaknummer 06-950414-10 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2013:3276

ECLI:NL:RBGEL:2013:3276 ECLI:NL:RBGEL:2013:3276 Uitspraak RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Arnhem Promis II Parketnummer : 05/860748-13, 05/780065-13 Data zittingen : 1 juli 2013, 9 september 2013 Datum uitspraak

Nadere informatie

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken ECLI:NL:GHARL:2013:7269 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Uitspraak Afdeling strafrecht Parketnummer: 21-003804-12 Uitspraak d.d.: 27 september 2013 TEGENSPRAAK Promis Arrest van de meervoudige kamer voor

Nadere informatie

vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 20 februari 2014 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 20 februari 2014 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte ECLI:NL:RBNNE:2014:830 RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling strafrecht Locatie Groningen parketnummer 18/850452-13 vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 20 februari 2014

Nadere informatie

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ECLI:NL:GHDHA:2015:80 Uitspraak Rolnummer: 22-002584-14 Parketnummers: 10-750263-13, 22-003524-12 (TUL) en 22-004272-11 (TUL) Datum uitspraak: 27 januari 2015 TEGENSPRAAK Gerechtshof Den Haag meervoudige

Nadere informatie

ECLI:NL:GHSGR:2010:BN3621

ECLI:NL:GHSGR:2010:BN3621 ECLI:NL:GHSGR:2010:BN3621 Instantie: Gerechtshof 's-gravenhage Datum uitspraak: 26-04-2010 Datum publicatie: 10-08-2010 Zaaknummer: 22-003619-08 em 22-003108-07 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken

Nadere informatie

http://zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx

http://zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx LJN: BK6789, Gerechtshof 's-gravenhage, 22-000700-08 Datum uitspraak: Datum publicatie: Rechtsgebied: 16-12-2009 16-12-2009 Straf Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Computercriminaliteit.

Nadere informatie

Vonnis van de rechtbank Limburg, meervoudige kamer voor strafzaken,

Vonnis van de rechtbank Limburg, meervoudige kamer voor strafzaken, ECLI:NL:RBLIM:2013:5859 Uitspraak RECHTBANK Limburg Zittingsplaats Maastricht Strafrecht Parketnummer : 03/993017-11 Datum uitspraak : 17 september 2013 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Limburg, meervoudige

Nadere informatie

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen. geboren te [geboorteplaats] (Hongarije) op [geboortedatum],

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen. geboren te [geboorteplaats] (Hongarije) op [geboortedatum], ECLI:NL:RBAMS:2014:7040 Instantie: Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak: 10-09-2014 Datum publicatie: 30-10-2014 Zaaknummer: 13/730023-13 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg -

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2014:9417

ECLI:NL:GHARL:2014:9417 ECLI:NL:GHARL:2014:9417 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 04-12-2014 Datum publicatie: 17-12-2014 Zaaknummer: 21-007629-13 Formele relaties: Eerste aanleg: ECLI:NL:RBGEL:2013:3276,

Nadere informatie

ECLI:NL:HR:2016:554. Uitspraak

ECLI:NL:HR:2016:554. Uitspraak ECLI:NL:HR:2016:554 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 05-04-2016 Datum publicatie 05-04-2016 Zaaknummer 15/00430 Formele relaties In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2014:9416, bekrachtiging/bevestiging.

Nadere informatie

Zoekresultaat - inzien document. ECLI:NL:RBOBR:2015:5776 Permanente link: Uitspraak. Rechtbank Oost-Brabant

Zoekresultaat - inzien document. ECLI:NL:RBOBR:2015:5776 Permanente link: Uitspraak. Rechtbank Oost-Brabant Zoekresultaat - inzien document ECLI:NL:RBOBR:2015:5776 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ec Instantie Datum uitspraak 07-10-2015 Datum publicatie 07-10-2015 Rechtbank Oost-Brabant

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNHO:2013:14050. 1 Tenlastelegging. Uitspraak. Rechtbank Noord-Holland

ECLI:NL:RBNHO:2013:14050. 1 Tenlastelegging. Uitspraak. Rechtbank Noord-Holland ECLI:NL:RBNHO:2013:14050 Rechtbank Noord-Holland Datum uitspraak: 24-12-2013 Datum publicatie: 25-06-2014 Zaaknummer: 15/740698-13 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2013:CA0294

ECLI:NL:RBLIM:2013:CA0294 ECLI:NL:RBLIM:2013:CA0294 Instantie: Rechtbank Limburg Datum uitspraak: 07-05-2013 Datum publicatie: 16-05-2013 Zaaknummer: 03-700208-11 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg -

Nadere informatie

ECLI:NL:RBALK:2011:BU8346

ECLI:NL:RBALK:2011:BU8346 ECLI:NL:RBALK:2011:BU8346 Instantie Rechtbank Alkmaar Datum uitspraak 08-12-2011 Datum publicatie 15-12-2011 Zaaknummer 14.810161-11 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2014:6938

ECLI:NL:GHARL:2014:6938 ECLI:NL:GHARL:2014:6938 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 09-09-2014 Datum publicatie: 11-09-2014 Zaaknummer: 21-000531-14 Formele relaties: Eerste aanleg: ECLI:NL:RBOVE:2014:213,

Nadere informatie

ECLI:NL:GHDHA:2015:1394 Instantie Gerechtshof Den Haag Datum uitspraak: 29-04-2015 Datum publicatie: 05-06-2015 Zaaknummer: 2200338612

ECLI:NL:GHDHA:2015:1394 Instantie Gerechtshof Den Haag Datum uitspraak: 29-04-2015 Datum publicatie: 05-06-2015 Zaaknummer: 2200338612 ECLI:NL:GHDHA:2015:1394 Instantie Gerechtshof Den Haag Datum uitspraak: 29-04-2015 Datum publicatie: 05-06-2015 Zaaknummer: 2200338612 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Hoger beroep Uitspraak

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2014:2187

ECLI:NL:RBGEL:2014:2187 ECLI:NL:RBGEL:2014:2187 Uitspraak Rechtbank Gelderland Datum uitspraak: 31-03-2014 Datum publicatie: 01-04-2014 Zaaknummer: 05/861632-13 Vonnis van de meervoudige kamer in de zaak van de officier van justitie

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2013:1485 RECHTBANK GELDERLAND. Uitspraak. Team strafrecht. Zittingsplaats Zutphen. Meervoudige kamer

ECLI:NL:RBGEL:2013:1485 RECHTBANK GELDERLAND. Uitspraak. Team strafrecht. Zittingsplaats Zutphen. Meervoudige kamer ECLI:NL:RBGEL:2013:1485 Uitspraak RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Zutphen Meervoudige kamer Parketnummer: [jw.sys.1.verdachte_1_parketnummer]06/850783-12 Uitspraak d.d. 4 juni 2013

Nadere informatie

ECLI:NL:RBMNE:2013:7844

ECLI:NL:RBMNE:2013:7844 ECLI:NL:RBMNE:2013:7844 Instantie: Rechtbank Midden-Nederland Datum uitspraak: 12-09-2013 Datum publicatie: 01-05-2014 Zaaknummer: 16/800236-12 (P) vonnis van de meervoudige strafkamer van 12 september

Nadere informatie

ECLI:NL:GHSHE:2010:BN7215

ECLI:NL:GHSHE:2010:BN7215 ECLI:NL:GHSHE:2010:BN7215 Gerechtshof s-hertogenbosch Datum uitspraak: 17-09-2010 Datum publicatie: 17-09-2010 Zaaknummer: 20-003936-09 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Uitspraak

Nadere informatie

ECLI:NL:HR:2013:1157. 1 Geding in cassatie. 2 Beoordeling van het eerste middel. 3 Beoordeling van het derde middel. Uitspraak.

ECLI:NL:HR:2013:1157. 1 Geding in cassatie. 2 Beoordeling van het eerste middel. 3 Beoordeling van het derde middel. Uitspraak. ECLI:NL:HR:2013:1157 Uitspraak 12 november 2013 Strafkamer nr. 11/04366 P Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam

Nadere informatie

ECLI:NL:RBZUT:2012:BX4164

ECLI:NL:RBZUT:2012:BX4164 ECLI:NL:RBZUT:2012:BX4164 Instantie Rechtbank Zutphen Datum uitspraak 25-06-2012 Datum publicatie 10-08-2012 Zaaknummer 06-580321-09 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:GHSGR:2010:BO2794

ECLI:NL:GHSGR:2010:BO2794 ECLI:NL:GHSGR:2010:BO2794 Gerechtshof 's-gravenhage Datum uitspraak 30-06-2010 Datum publicatie 03-11-2010 Zaaknummer 22-001563-09 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Uitspraak

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGRO:2010:BO8125

ECLI:NL:RBGRO:2010:BO8125 ECLI:NL:RBGRO:2010:BO8125 Instantie: Rechtbank Groningen Datum uitspraak: 16-12-2010 Datum publicatie: 21-12-2010 Zaaknummer:18/670215-10 op tegenspraak raadsman: mr. M.C. van Linde van de rechtbank Groningen,

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2014:327

ECLI:NL:RBAMS:2014:327 ECLI:NL:RBAMS:2014:327 Uitspraak RECHTBANK AMSTERDAM VONNIS Parketnummer: 13/708083-12 (Promis) Datum uitspraak: 9 januari 2014 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak

Nadere informatie

ECLI:NL:RBZLY:2012:BY7662. Uitspraak. Instantie: Rechtbank Zwolle- Lelystad Datum uitspraak: 14-12- 2012 Datum publicatie: 03-01- 2013

ECLI:NL:RBZLY:2012:BY7662. Uitspraak. Instantie: Rechtbank Zwolle- Lelystad Datum uitspraak: 14-12- 2012 Datum publicatie: 03-01- 2013 ECLI:NL:RBZLY:2012:BY7662 Instantie: Rechtbank Zwolle- Lelystad Datum uitspraak: 14-12- 2012 Datum publicatie: 03-01- 2013 Zaaknummer: 07/663278-10 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste

Nadere informatie

ECLI:NL:GHAMS:2012:BV1281

ECLI:NL:GHAMS:2012:BV1281 ECLI:NL:GHAMS:2012:BV1281 Instantie Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak 18-01-2012 Datum publicatie 18-01-2012 Zaaknummer 23-004113-10 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie

Nadere informatie

vonnis van de meervoudige strafkamer van 12 november 2013

vonnis van de meervoudige strafkamer van 12 november 2013 ECLI:NL:RBMNE:2013:5594 Uitspraak RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Strafrecht Zittingslocatie Utrecht Parketnummer: 16/711877-11 (P) vonnis van de meervoudige strafkamer van 12 november 2013 in de strafzaak

Nadere informatie

ECLI:NL:GHDHA:2015:2221 Instantie Gerechtshof Den Haag Datum uitspraak 18-08-2015 Datum publicatie 18-08-2015 Zaaknummer 22-002511-14 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerkenhoger beroep Inhoudsindicatie

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2015:4965

ECLI:NL:RBLIM:2015:4965 ECLI:NL:RBLIM:2015:4965 Instantie: Rechtbank Limburg Datum uitspraak: 12-06-2015 Datum publicatie: 12-06-2015 Zaaknummer: 03/720885-15 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2014:594

ECLI:NL:RBGEL:2014:594 ECLI:NL:RBGEL:2014:594 Instantie Rechtbank Gelderland Datum uitspraak 03-02-2014 Datum publicatie 03-02-2014 Zaaknummer 05/860183-13 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNNE:2014:3655

ECLI:NL:RBNNE:2014:3655 ECLI:NL:RBNNE:2014:3655 Uitspraak RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling Strafrecht Locatie Groningen Parketnummer 18/670295-10 Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 24 juli

Nadere informatie

ECLI:NL:RBUTR:2011:BU4709

ECLI:NL:RBUTR:2011:BU4709 ECLI:NL:RBUTR:2011:BU4709 Instantie Rechtbank Utrecht Datum uitspraak 11-11-2011 Datum publicatie 16-11-2011 Zaaknummer 16/600971-10 [P] Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2013:CA3399

ECLI:NL:RBAMS:2013:CA3399 ECLI:NL:RBAMS:2013:CA3399 Uitspraak RECHTBANK AMSTERDAM VONNIS Parketnummer: 13/666293-10 Datum uitspraak: 17 juni 2013 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen

Nadere informatie

CLI:NL:RBMNE:2014:6501

CLI:NL:RBMNE:2014:6501 CLI:NL:RBMNE:2014:6501 Instantie: Rechtbank Midden-Nederland Datum uitspraak: 09-12-2014 Datum publicatie: 09-12-2014 Zaaknummer: 16/711877-11 (ontneming) Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken:

Nadere informatie

ECLI:NL:RBARN:2012:BW5491

ECLI:NL:RBARN:2012:BW5491 ECLI:NL:RBARN:2012:BW5491 Instantie Rechtbank Arnhem Datum uitspraak 11-05-2012 Datum publicatie 11-05-2012 Zaaknummer 05/900088-11 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ5633

ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ5633 ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ5633 Instantie Gerechtshof 's-hertogenbosch Datum uitspraak 13-05-2011 Datum publicatie 23-05-2011 Zaaknummer 20-000686-09 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep

Nadere informatie

ECLI:NL:GHDHA:2015:642

ECLI:NL:GHDHA:2015:642 ECLI:NL:GHDHA:2015:642 Uitspraak Arrest GERECHTSHOF DEN HAAG Strafrecht Datum uitspraak: 10 februari 2015 Parketnummer: 09-767176-13 Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2015:2905

ECLI:NL:GHARL:2015:2905 ECLI:NL:GHARL:2015:2905 Instantie Datum uitspraak 22 04 2015 Datum publicatie 22 04 2015 Zaaknummer 21 004181 13 Rechtsgebieden Gerechtshof Arnhem Leeuwarden Strafrecht Bijzondere kenmerkenhoger beroep

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNNE:2013:3919

ECLI:NL:RBNNE:2013:3919 ECLI:NL:RBNNE:2013:3919 Instantie Rechtbank Noord-Nederland Datum uitspraak 25-06-2013 Datum publicatie 01-11-2013 Zaaknummer 17-924162-11 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg -

Nadere informatie

ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ2356

ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ2356 ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ2356 Instantie Gerechtshof Leeuwarden Datum uitspraak 22-04-2011 Datum publicatie 27-04-2011 Zaaknummer 24-000037-11 Formele relaties Eerste aanleg: ECLI:NL:RBLEE:2010:BO9043, Meerdere

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2015:1423

ECLI:NL:RBAMS:2015:1423 ECLI:NL:RBAMS:2015:1423 Uitspraak Vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Strafrecht Datum uitspraak: 4 februari 2015 Parketnummer: 13/693020-12 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak

Nadere informatie

ECLI:NL:RBHAA:2011:BR2756

ECLI:NL:RBHAA:2011:BR2756 ECLI:NL:RBHAA:2011:BR2756 Instantie Rechtbank Haarlem Datum uitspraak 21-07-2011 Datum publicatie 22-07-2011 Zaaknummer 15/700887-10 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBDHA:2014:9621

ECLI:NL:RBDHA:2014:9621 ECLI:NL:RBDHA:2014:9621 Uitspraak Rechtbank DEN HAAG Strafrecht Meervoudige kamer Parketnummer: 09/767176-13 Datum uitspraak: 5 augustus 2014 (Vonnis) De rechtbank Den Haag, rechtdoende in strafzaken,

Nadere informatie

ECLI:NL:RBSGR:2012:BX0466

ECLI:NL:RBSGR:2012:BX0466 ECLI:NL:RBSGR:2012:BX0466 Instantie Rechtbank 's-gravenhage Datum uitspraak 29-06-2012 Datum publicatie 12-07-2012 Zaaknummer 09/754259-10 en 09/650023-12 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2014:3151

ECLI:NL:RBAMS:2014:3151 ECLI:NL:RBAMS:2014:3151 Uitspraak RECHTBANK AMSTERDAM VONNIS Parketnummers: 13/73000613 (Promis) en 23/00655307 (TUL) Datum uitspraak: 4 juni 2014 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer,

Nadere informatie

ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ3556

ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ3556 ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ3556 Instantie Gerechtshof Leeuward Datum uitspraak 04-05-2011 Datum publicatie 04-05-2011 Zaaknummer 24-000830-08 Formele relaties Eerste aanleg: ECLI:NL:RBGRO:2008:BC6525, (Gedeeltelijke)

Nadere informatie

ONDERZOEK OP DE TERECHTZITTING Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 15 oktober 2015.

ONDERZOEK OP DE TERECHTZITTING Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 15 oktober 2015. ECLI:NL:RBROT:2015:7773 Instantie: Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak: 29-10-2015 Datum publicatie: 02-11-2015 Zaaknummer: 11/870399-12.ov Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg

Nadere informatie

ECLI:NL:RBARN:2012:BW3216

ECLI:NL:RBARN:2012:BW3216 ECLI:NL:RBARN:2012:BW3216 Instantie Rechtbank Arnhem Datum uitspraak 04-04-2012 Datum publicatie 25-04-2012 Zaaknummer 05/900880-10 Formele relaties Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2013:9800, Meerdere afhandelingswijzen

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2015:2047

ECLI:NL:GHARL:2015:2047 ECLI:NL:GHARL:2015:2047 Uitspraak Arrest GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN Strafrecht Datum uitspraak: 20 maart 2015 Parketnummer: 21-002919-12 ONTNEMINGSZAAK Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

Nadere informatie

Bert staat op een ladder. En trekt aan de planten die groeien in de dakgoot. Hij verstopt de luidspreker en het stopcontact achter de planten.

Bert staat op een ladder. En trekt aan de planten die groeien in de dakgoot. Hij verstopt de luidspreker en het stopcontact achter de planten. Helaas Wanneer besloot Bert om Lizzy te vermoorden? Vreemd. Hij herinnert zich het niet precies. Het was in ieder geval toen Lizzy dat wijf leerde kennen. Dat idiote wijf met haar rare verhalen. Bert staat

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2014:7940

ECLI:NL:RBGEL:2014:7940 ECLI:NL:RBGEL:2014:7940 Instantie: Rechtbank Gelderland Datum uitspraak: 22-12-2014 Datum publicatie: 22-12-2014 Zaaknummer: 05/780066-13 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg

Nadere informatie

ECLI:NL:RBHAA:2011:BP5814

ECLI:NL:RBHAA:2011:BP5814 ECLI:NL:RBHAA:2011:BP5814 Instantie Rechtbank Haarlem Datum uitspraak 14-02-2011 Datum publicatie 25-02-2011 Zaaknummer 15/740813-09 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2013:CA3525

ECLI:NL:RBGEL:2013:CA3525 ECLI:NL:RBGEL:2013:CA3525 Instantie: Rechtbank Gelderland Datum uitspraak: 12-06- 2013 Datum publicatie: 18-06- 2013 Zaaknummer: 06/850903-12 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg

Nadere informatie

ECLI:NL:HR:2015:940. Uitspraak. Arrest HOGE RAAD DER NEDERLANDEN. Strafrecht. Zaaknummer: 13/06358. Datum uitspraak: 14 april 2015

ECLI:NL:HR:2015:940. Uitspraak. Arrest HOGE RAAD DER NEDERLANDEN. Strafrecht. Zaaknummer: 13/06358. Datum uitspraak: 14 april 2015 ECLI:NL:HR:2015:940 Uitspraak Arrest HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Strafrecht Zaaknummer: 13/06358 Datum uitspraak: 14 april 2015 Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARN:2011:BQ9793

ECLI:NL:GHARN:2011:BQ9793 ECLI:NL:GHARN:2011:BQ9793 Instantie Gerechtshof Arnhem Datum uitspraak 29-06-2011 Datum publicatie 29-06-2011 Zaaknummer 24-001259-08 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARN:2012:BY2909

ECLI:NL:GHARN:2012:BY2909 ECLI:NL:GHARN:2012:BY2909 Instantie Gerechtshof Arnhem Datum uitspraak 13 11 2012 Datum publicatie 13 11 2012 Zaaknummer 21 004435 11 Formele relaties Rechtsgebieden Eerste aanleg: ECLI:NL:RBALM:2011:BU2994,

Nadere informatie

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. C. Eenhoorn, advocaat te Groningen.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. C. Eenhoorn, advocaat te Groningen. ECLI:NL:RBNNE:2014:992 Uitspraak RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling strafrecht Locatie Groningen parketnummer 18/850215-13 vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 27 februari

Nadere informatie

ECLI:NL:RBALK:2012:BV2848

ECLI:NL:RBALK:2012:BV2848 ECLI:NL:RBALK:2012:BV2848 Instantie Rechtbank Alkmaar Datum uitspraak 03-02-2012 Datum publicatie 06-02-2012 Zaaknummer 14.810312-07 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBHAA:2010:BO8985

ECLI:NL:RBHAA:2010:BO8985 ECLI:NL:RBHAA:2010:BO8985 Instantie: Rechtbank Haarlem Datum uitspraak: 08-12-2010 Datum publicatie: 27-12-2010 Zaaknummer: 15/700445-10 en 15/761544-08 (tul) Rechtsgebieden: Strafrecht Tegenspraak Strafvonnis

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2013:CA3415

ECLI:NL:RBAMS:2013:CA3415 ECLI:NL:RBAMS:2013:CA3415 Uitspraak RECHTBANK AMSTERDAM VONNIS Parketnummer: 13/708136-11 Datum uitspraak: 17 juni 2013 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen

Nadere informatie

LJN: AV7271, Rechtbank Alkmaar, 14.810593-05 en 15.630200-05 (tul)

LJN: AV7271, Rechtbank Alkmaar, 14.810593-05 en 15.630200-05 (tul) LJN: AV7271, Rechtbank Alkmaar, 14.810593-05 en 15.630200-05 (tul) Datum uitspraak: 14-03-2006 Datum publicatie: 28-03-2006 Rechtsgebied: Straf Soort procedure: Eerste aanleg - meervoudig Inhoudsindicatie:

Nadere informatie

Rapport. Datum: 8 augustus 2007 Rapportnummer: 2007/162

Rapport. Datum: 8 augustus 2007 Rapportnummer: 2007/162 Rapport Datum: 8 augustus 2007 Rapportnummer: 2007/162 2 Klacht Verzoeker klaagt over de wijze waarop ambtenaren van het regionale politiekorps Utrecht op 6 mei 2006 hebben gereageerd op zijn verzoek om

Nadere informatie

Rapport. Rapport naar aanleiding van een klacht over de politiechef van de regionale eenheid Noord- Nederland.

Rapport. Rapport naar aanleiding van een klacht over de politiechef van de regionale eenheid Noord- Nederland. Een extra stap Rapport Rapport naar aanleiding van een klacht over de politiechef van de regionale eenheid Noord- Nederland. Datum: 16 april 2015 Rapportnummer: 2015/076 2 Klacht Verzoeker klaagt erover

Nadere informatie

geboren te [geboorteplaats] (Roemenië) op [geboortejaar] 1967,

geboren te [geboorteplaats] (Roemenië) op [geboortejaar] 1967, ECLI:NL:GHDHA:2014:1625 Uitspraak PROMIS Rolnummer: 22-002605-12 Parketnummer: 10-603057-06 Datum uitspraak: 13 mei 2014 TEGENSPRAAK Gerechtshof D Haag meervoudige kamer voor strafzak Arrest gewez op het

Nadere informatie

Een Berbers dorp. Mijn zussen en ik mochten van mijn vader naar school. Meestal mochten alleen jongens naar school.

Een Berbers dorp. Mijn zussen en ik mochten van mijn vader naar school. Meestal mochten alleen jongens naar school. Een Berbers dorp Ik ben geboren en opgegroeid in het noorden van Marokko. In een buitenwijk van de stad Nador. Iedereen kent elkaar en altijd kun je bij de mensen binnenlopen. Als er feest is, viert het

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2014:9146

ECLI:NL:GHARL:2014:9146 ECLI:NL:GHARL:2014:9146 Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak: 27-11-2014 Datum publicatie: 27-11-2014 Zaaknummer: ks 21-007425-13 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Hoger

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2014:3640 VONNIS. Rechtbank Gelderland. Datum uitspraak: 10-06-2014 Datum publicatie: 11-06-2014 Zaaknummer: 06/850954-12

ECLI:NL:RBGEL:2014:3640 VONNIS. Rechtbank Gelderland. Datum uitspraak: 10-06-2014 Datum publicatie: 11-06-2014 Zaaknummer: 06/850954-12 ECLI:NL:RBGEL:2014:3640 Rechtbank Gelderland Datum uitspraak: 10-06-2014 Datum publicatie: 11-06-2014 Zaaknummer: 06/850954-12 Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie

ECLI:NL:RBUTR:2012:BW2290

ECLI:NL:RBUTR:2012:BW2290 ECLI:NL:RBUTR:2012:BW2290 Instantie Rechtbank Utrecht Datum uitspraak 06-04-2012 Datum publicatie 13-04-2012 Zaaknummer 16-600658-11 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig

Nadere informatie