Implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte"

Transcriptie

1 Implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte Afstudeeropdracht Auteur Chris Hamelink Opleiding Communicatiesystemen WMS Opdrachtgever Rixt Froentjes namens Kenniscentrum NoorderRuimte Datum 1 Juni 2015

2 Implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte Auteur Chris Hamelink Klas Opleiding Vak Opdrachtgever CSV4C Communicatiesystemen WMS Afstudeeropdracht Rixt Froentjes namens Kenniscentrum NoorderRuimte Datum 1 Juni 2015, Groningen

3 Voorwoord Dit verslag is tot stand gekomen naar aanleiding van gesprekken met mevrouw Froentjes van Kenniscentrum NoorderRuimte. In het kader van deze afstudeeropdracht zal voor NoorderRuimte een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media worden geschreven. Voordat het implementatieplan geschreven wordt moet er onderzoek gedaan worden naar verschillende onderwerpen als implementatie, communicatiestrategieën en sociale media. Dit alles wordt gedaan in dit verslag. Chris Hamelink 2

4 Verklarende woordenlijst In dit verslag komt een aantal woorden en uitdrukkingen aan bod die als vakjargon kunnen worden gezien. Hieronder volgt een korte lijst met een uitleg van het woord. Sociale media Tweet Post Hashtag Avatar Interactie Account In dit rapport zal de term sociale media zich beperken tot media die op een desktop en op een smartphone gebruikt kunnen worden. Een tweet is een bericht op Twitter Een tweet mag niet meer dan 140 tekens hebben. Een post is een bericht dat op een sociaal medium geplaatst wordt. Zie ook Tweet. Een hashtag is een soort thema dat je bij een post of tweet vermeldt. Men kan zoeken op een hashtag, (bijvoorbeeld #scriptie) dan vindt men alle posts of tweets vinden met die hashtag. Een avatar is een profielafbeelding. Voor een professionele account is dat vaak het logo van een bedrijf. Voor een persoonlijke account is dat vaak een foto van de eigenaar. Interactie is het geven en krijgen van reacties, likes en andere feedback. Een account is een profiel. Voor veel sites is een account nodig om die specifieke site te gebruiken. Actieve gebruiker Een actieve gebruiker is een gebruiker die in de afgelopen dertig dagen actief is geweest op het medium waar die gebruiker een actieve gebruiker is. Tag Like Delen of sharen Content Trending Een tag is het noemen van een persoon of bedrijf in een bericht. De genoemde account krijgt daarover meestal een bericht. Een like is een knop op Facebook die aangeklikt kan worden als iemand een bericht leuk vindt. Hiervoor is een account nodig. Het delen van posts betekent dat die doorgestuurd worden naar vrienden of dat die opnieuw geplaatst worden op het profiel van degene die de deelactie doet. Content is inhoud van een post op sociale media. Dat kan tekst, foto s, video s of muziek zijn. Een post moet goede content hebben om succesvol te zijn. Trending gaat over hashtags die op dat moment populair zijn. Als een hashtag trending is betekent het dat er veel mensen tweets over schrijven. Chris Hamelink 3

5 Samenvatting Dit verslag bevat een onderzoek naar sociale media, hoe die gebruikt worden en hoe NoorderRuimte daarmee haar doelstelling om de naamsbekendheid te vergroten en het werven van klanten kan vergemakkelijken kan behalen. NoorderRuimte is een kenniscentrum van de Hanze. Sinds kort is NoorderRuimte actief op Twitter, waar veel positieve reacties op zijn geweest, onder andere van het CVB. Om die reden kwam de vraag vanuit NoorderRuimte om een implementatieplan voor sociale media op te laten stellen. In dat plan moeten bepaalde sociale media voor implementatie worden uitgekozen, waarna de implementatie moet worden beschreven. Om dit plan op te kunnen stellen is er een aantal stappen doorlopen. Allereerst is onderzoek gedaan naar de beschikbare sociale media, en welke geschikt zouden kunnen zijn voor NoorderRuimte. De media zijn individueel geanalyseerd aan de hand van het honingraatmodel van Kietzmann, Hermkens, McCarthy, en Silvestre. Hiermee kan worden vastgesteld voor welke doeleinden een medium gebruikt kan worden. Daarnaast is gelet op gebruikersaantal en of de doelgroep al dan niet actief is op dat bepaalde medium. Hieruit zijn Facebook, Twitter, YouTube, Google+ en LinkedIn geselecteerd als media die NoorderRuimte zou moeten gaan gebruiken om de doelstelling te behalen. Er is ook gekeken naar wat de onderdelen zijn van een succesvol implementatieplan en welke onderdelen voor NoorderRuimte onmisbaar zijn. Wat naar voren kwam was vooral dat er een eigenaar van de media moet zijn die er alles aan moet doen om de interactie met de doelgroep op sociale media aan te gaan. De kosten, planning en het inhuren van een manager voor de sociale media zijn voor NoorderRuimte minder van belang. Aan de hand van de social scorecard die door Ralph van der Pauw is opgesteld, is een klein aantal van de concurrenten/collega's van NoorderRuimte onderzocht. De vragenlijst richt zich op elf karakteristieken waarmee een beeld geschapen kan worden van hoe een organisatie zich op sociale media profileert. Deze elf karakteristieken zijn de volgende: Authenticiteit In hoeverre de pagina's lijken alsof ze van NoorderRuimte zijn Relevantie In hoeverre de content relevant is voor de doelgroep Empathie In hoeverre de organisatie medeleven betoont op sociale media Genereus In hoeverre de organisatie bijvoorbeeld bedankt voor deelacties of reacties Snelheid Hoe snel een organisatie reageert op kritiek of complimenten Behulpzaamheid Hoe ver een organisatie gaat om behulpzaam te zijn Originaliteit In hoeverre de organisatie haar eigen content plaatst Informeel In hoeverre de organisatie informeel is in haar reacties Volhoudend In hoeverre de organisatie volhoudend is, en of er lange stiltes vallen Taalgebruik Of er op de pagina's van de organisatie correct Nederlands gebezigd wordt Inspirerend In hoeverre de organisatie inspirerende content plaatst KAW Architecten, TAUW, RDM Centre of Expertise en Roeg en Roem zijn aan de hand van een vragenlijst die zich richt op de bovenstaande elf karakteristieken onder de loep genomen. De meest belangrijke bevinding was dat Twitter door alle bedrijven met succes werd ingezet, terwijl de andere media achterbleven. Chris Hamelink 4

6 De karakteristieken die in de vragenlijst zijn gebruikt zijn van groot belang bij het succesvol gebruiken van sociale media. Het is ook om die reden dat het implementatieplan met die karakteristieken in het achterhoofd is geschreven. Het implementatieplan dat als eerste concept is geschreven is voorgelegd aan een aantal medewerkers van NoorderRuimte, en twee experts op het gebied van sociale media. Over dat concept is een semi-gestructureerd interview gehouden met elk van hen. De klanten van NoorderRuimte zijn algemener over sociale media bevraagd, voornamelijk over hoe en op welk medium zij benaderd zouden willen worden. Over het algemeen waren de reacties op het implementatieplan positief. De grootste kritiek van de medewerkers van NoorderRuimte was dat het nog niet concreet genoeg was. Er kwam de vraag om een concrete checklist van acties die NoorderRuimte moet uitvoeren voor er op een goede manier gebruik gemaakt kan worden van sociale media. De experts waren het erover eens dat het ontbreken van een onderzoek naar tools een groot gemis was. Om die reden is er een kort hoofdstuk over tools toegevoegd. Er waren al ontelbare onderzoeken gedaan naar verschillende tools voor sociale media. Bij vrijwel elke test kwam HootSuite daar als beste uit, omdat er meerdere media op beheerd kunnen worden, en omdat het meer geschikt is voor bedrijven die hun sociale media met een tool gebruiken. Een ander aandachtspunt dat uit de interviews naar voren kwam was dat er simpelweg te veel media geselecteerd waren. Om de interactie aan te kunnen gaan op vijf media moet veel content geplaatst worden. Bovendien moeten de accounts onderhouden worden. Omdat het YouTubekanaal van NoorderRuimte een kleine rol speelt, en de Google+ account nog niet is aangemaakt is besloten om die te schrappen uit het plan. Het feit dat Google+ een relatief weinig gebruikt medium is speelt daarin ook mee. De uiteindelijke aanbevelingen die in het implementatieplan gedaan worden zijn de volgende: Maak gebruik van Facebook, Twitter en LinkedIn. Verwijder de pagina's die niet gebruikt zullen worden Zorg dat de eindverantwoordelijke de sociale media goed onderhoudt. Probeer content altijd relevant te houden. Probeer zoveel mogelijk met foto's of andere media te posten. Zoek altijd de interactie op Bedank anderen voor reacties en deelacties. Behalve deze aanbevelingen is er een checklist van 12 punten toegevoegd. Enkele voorbeelden van punten die op de checklist staan zijn het downloaden van HootSuite, het incorporeren van de sociale media in de traditionele media en zorg dat er aanvullende informatie over NoorderRuimte te vinden is op de sociale media. Chris Hamelink 5

7 Contents Voorwoord... 2 Verklarende woordenlijst... 3 Samenvatting... 4 Contents Inleiding Projectkader Over NoorderRuimte Aanleiding Doelstelling Centrale Vragen Huidige situatie Gewenste situatie Onderzoeksobjecten Theoretisch kader Onderzoeksmodel Veranderingen in het onderzoeksmodel Strategie en methodologie Beschikbare sociale media Facebook Twitter Google LinkedIn YouTube Instagram Pinterest Andere media Conclusies over de beschikbare sociale media Theorie implementatie van sociale media Drie-eenheid van sociale media Meten is weten Implementatie in conventionele media Kosten van implementatie en het voeren van de mediastrategie Eigenaar van de sociale media Het maken en beheren van sociale media Het inhuren van een sociale media manager Gevaren bij de implementatie van sociale media Conclusies over implementatie van sociale media Chris Hamelink 6

8 5 Theorie Communicatiestrategieën Conclusies over communicatiestrategieën Concurrentieanalyse Bevindingen en conclusies over de concurrentie Tools Concept implementatieplan (verkorte versie*) Twitter Stappenplan Interviewmethodiek Interviewresultaten Conclusies en aanbevelingen Verbeterd implementatieplan Algemene aandachtspunten Checklist voor implementatie HootSuite Twitter Facebook LinkedIn Stappenplan Bronnen Bijlagen Social Scorecard NoorderRuimte Social Scorecard Roeg en Roem Social Scorecard Tauw Nederland Social Scorecard RDM Centre of Expertise Social Scorecard KAW Architecten Social Scorecard Interviewvragen Experts Interviewvragen Klanten Interviewvragen Medewerkers Transcriptie interview met Erwin de Beer Transcriptie interview met Ellen van Hegelsom Transcriptie Interview met Rixt Froentjes Transcriptie interview met Mirjam Post Transcriptie interview met Philip Broeksma Transcriptie Interview met Saskia Wiepkema Transcriptie interview met Jeroen de Groot Transcriptie interview met Wouter Oosterveld Chris Hamelink 7

9 13.18 Transcriptie interview met Marco Verbeek Transcriptie interview met Sijo Dijkstra Transcriptie interview met Ad Rutgers Concept implementatieplan Communicatiestrategie/implementatieplan Twitter Facebook Linkedin Youtube Google Onderzoeksopzet Voorwoord Inleiding Organisatie Projectkader Fase interventiecyclus en doelstelling Theoretisch Kader Onderzoeksmodel en centrale vragen Onderzoeksstrategie en methodologie Planning en haalbaarheid Literatuurlijst Bijlage: Organogram Hanzehogeschool Chris Hamelink 8

10 1 Inleiding Dit verslag bevat het onderzoek dat gedaan is door Chris Hamelink voor NoorderRuimte. Het verslag wordt in een aantal hoofdstukken uiteengezet. Het doel van het onderzoek was het bijdragen aan het opstellen van een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte. In dit verslag worden verschillende sociale media geanalyseerd aan de hand van het honingraatmodel dat beschreven is in theorie van Kietzmann, Hermkens, McCarthy, en Silvestre. Na de analyse wordt ingegaan op theorie over implementatie van (sociale) media-oplossingen. Vervolgens wordt ingegaan op theorie over communicatiestrategieën en hoe de concurrentie gebruikt maakt van sociale media, waarna de communicatiestrategie voor sociale media voor NoorderRuimte wordt gepresenteerd. Dit rapport is gemaakt in opdracht van Rixt Froentjes, communicatiemedewerkster van NoorderRuimte. Vanuit NoorderRuimte kwam de vraag om een communicatiestrategie voor sociale media. NoorderRuimte wil zich duidelijker profileren als professionele organisatie en laten zien dat het meerwaarde heeft voor overheden, bedrijfsleven en particulieren. Het onderzoek zal zich beperken tot sociale media die zowel op een desktop als op een telefoon gebruikt kunnen worden. Dat betekent dat bijvoorbeeld Whatsapp, Snapchat en Kik afvallen. Daarnaast is ervoor gekozen om alleen media te onderzoeken die een gebruikersaantal hebben dat groot genoeg is omdat anders de kosten qua manuren niet opwegen tegen het aantal geïnteresseerde lezers. Chris Hamelink 9

11 2 Projectkader 2.1 Over NoorderRuimte NoorderRuimte is één van de zes kenniscentra binnen de Hanzehogeschool. Het kenniscentrum doet onderzoek en koppelt afstudeerstudenten aan vraagstukken. De studenten voeren dan als werknemer van NoorderRuimte onderzoek uit voor een klant van NoorderRuimte. De projecten waar NoorderRuimte aan meewerkt zijn vooral in de categorieën natuur en ruimtelijke ordening. Er is een aantal projecten en bedrijven waar NoorderRuimte het vaste kenniscentrum is, zoals Holwerd aan Zee en Groningen Airport Eelde. NoorderRuimte wil graag meer en beter gebruik maken van sociale media, om daarmee naamsbekendheid en klanten te verwerven. NoorderRuimte maakt op dit moment weinig gebruik van sociale media. NoorderRuimte heeft de behoefte aan een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media uitgesproken. De missie van NoorderRuimte (NoorderRuimte, 2010, p.6) is de volgende: "Het Kenniscentrum ontwikkelt en deelt kennis over ruimtelijke vraagstukken in Noord-Nederland vanuit het perspectief people- planet -profit. Lectoren, docenten en studenten doen samen met het werkveld multidisciplinair onderzoek op basis van vragen uit de praktijk." De visie (NoorderRuimte, 2010, p.6) luidt: Het Kenniscentrum wil doorgroeien tot dé plek voor de inhoudelijke kennis over de relatie tussen ruimtelijke concepten en waardering bij gebiedsontwikkeling in Nederland 2.2 Aanleiding Sinds enige tijd wordt enigszins succesvol Twitter ingezet voor het delen van alle dingen omtrent het kenniscentrum. Doordat hier veelal positief op werd gereageerd door externen kwam de vraag vanuit NoorderRuimte of er ook mogelijkheden liggen bij andere sociale media om die op eenzelfde manier te gebruiken. Er is bij NoorderRuimte veel kennis en expertise aanwezig over verschillende onderwerpen. Met deze kennis kan NoorderRuimte een meerwaarde zijn voor haar omgeving, zo lang dit op een interessante manier wordt gedeeld. NoorderRuimte wil zich profileren als een betrouwbare en professionele onderzoekspartner voor overheden, bedrijven en particulieren. Om dit te realiseren wil NoorderRuimte een implementatieplan hebben om op die manier de sociale media beter in te kunnen zetten. Door het delen van de kennis en expertise hoopt NoorderRuimte de naamsbekendheid van het kenniscentrum te vergroten en nieuwe klanten aan te sporen contact op te nemen om daarmee een onderzoek te kunnen beginnen. Chris Hamelink 10

12 2.3 Doelstelling De doelstelling van dit onderzoek is om een bijdrage te leveren aan het implementeren van verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte. Deze verbeteringen moeten de naamsbekendheid van NoorderRuimte vergroten en het werven van klanten vergemakkelijken. De focus van dit onderzoek zal liggen op het beoordelen van een aantal verschillende sociale media op hun sterkten en zwakten, het analyseren van de concurrenten van NoorderRuimte in hun gebruik van sociale media en het aandragen van concrete verbeterpunten voor het gebruik van sociale media. De doelstelling zal worden bereikt door na het theoretisch onderzoek een conceptimplementatieplan op te stellen en die te toetsen bij de verschillende onderzoeksobjecten. 2.4 Centrale Vragen 1: Wat is er vanuit de theorie en vooronderzoek bekend over gebruik en implementatie van sociale media voor een organisatie als NoorderRuimte? 1.1. Wat zegt de theorie over sociale media voor bedrijven als NoorderRuimte? 1.2. Welke sociale media zijn beschikbaar en wat zegt de theorie over het gebruik van sociale media? 1.3. Op welke manier maakt de concurrentie van NoorderRuimte gebruik van sociale media en welke lessen kunnen daaruit worden geleerd voor NoorderRuimte 1.4. Waar moet op gelet worden bij de implementatie van sociale media, en aan welke randvoorwaarden moet worden voldaan? 2: Wat zijn de bevindingen van de medewerkers en de experts over het concept van het implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte? 1.1. Wat zijn de bevindingen van de medewerkers van NoorderRuimte over het conceptimplementatieplan voor de sociale media? 1.2. Wat zijn de bevindingen van de experts over het concept-implementatieplan voor de sociale media? 3: Wat leert ons de vergelijking van de bevindingen van de experts, de medewerkers van NoorderRuimte en de klanten van NoorderRuimte over de conceptstrategie met het oog op het bijdragen aan het ontwikkelen en verbeteren van een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media binnen NoorderRuimte? 2.5 Huidige situatie Op dit moment worden sociale media bij NoorderRuimte niet of niet op de juiste manier benut. Er is een account op Twitter waar regelmatig op getweet wordt. Er zijn tenminste twee pagina s op Facebook die de naam van NoorderRuimte dragen, net als op LinkedIn. Op YouTube heeft NoorderRuimte ook een kanaal. Vanuit NoorderRuimte kwam de vraag om een implementatieplan op te stellen met een strategie waarin beschreven staat hoe de sociale media opgezet kan worden. Dat wil zeggen dat er een analyse van de beschikbare media moet komen, waarna een aanbeveling gedaan kan worden over welke media er gebruikt moeten worden en hoe die media gebruikt moeten worden. Het Hoofddoel van het implementatieplan en de communicatiestrategie is het vergroten van de naamsbekendheid en het vergemakkelijken van het werven van nieuwe klanten. Chris Hamelink 11

13 2.6 Gewenste situatie NoorderRuimte wil zich profileren als een professionele onderzoekspartner voor bedrijven, overheden en particulieren. Omdat het binnen de organisatie opviel dat het gebruik van Twitter tot positieve reacties heeft geleid, is NoorderRuimte van mening dat er ook andere sociale media ingezet kunnen worden om de naamsbekendheid te vergroten en het werven van nieuwe klanten te vergemakkelijken. Chris Hamelink 12

14 2.7 Onderzoeksobjecten Een onderzoeksobject is datgene waarop het onderzoek wordt uitgevoerd en waarop de uiteindelijke aanbevelingen betrekking hebben. In dit onderzoek worden drie onderzoeksobjecten onderscheiden. 1. Experts op het gebied van sociale media 2. Medewerkers van kenniscentrum NoorderRuimte 3. Klanten/relaties van kenniscentrum NoorderRuimte Daarnaast worden verschillende sociale media onderzocht en de activiteit van concurrenten op de vetgedrukte media: - Facebook - Twitter - Google+ - LinkedIn - YouTube - Instagram - Pinterest - Roeg en Roem - Tauw - KAW Architecten - RDM Centre of expertise 2.8 Theoretisch kader Omdat aan de hand van praktische ervaring met sociale media en in het werkveld het concept zal worden getest, spreken we hier van een casestudy. Een casestudy begint in dit geval met theorie maar wordt getoetst met onderzoeksobjecten die praktische ervaring hebben met het onderwerp. (Verschuur & Doorewaard, 2007) In dit onderzoek is gebruik gemaakt van theorieën over de volgende onderwerpen: - Theorie over beschikbare sociale media - Theorie over implementatie van sociale media - Theorie over communicatiestrategieën - Theorie over tools De drie eerstgenoemde theorieën zijn bewust gekozen omdat deze een bijdrage zouden kunnen leveren aan het opstellen van een concept-implementatieplan dat getoetst kan worden bij de onderzoeksobjecten. Theorie over tools werd naar aanleiding van de interviews onderzocht omdat meerdere malen werd aangegeven dat het een belangrijk punt zou kunnen zijn. Theorie over beschikbare sociale media gaat over de media zelf en hoe deze geanlyseerd kunnen worden. In dit onderzoek wordt gebruik gemaakt van het honingraatmodel van Kietzmann e.a. Vervolgens wordt aan de hand van theorieën over de implementatie van sociale media onderzocht hoe de sociale media in gebruik kunnen worden genomen. Aan de hand van theorie over communicatiestrategieën zal een korte communicatiestrategie worden opgesteld. Daarna wordt onderzocht welke tools geschikt zijn voor gebruik binnen NoorderRuimte om het gebruik van sociale media gemakkelijker te maken. Chris Hamelink 13

15 2.9 Onderzoeksmodel A B C D Theorie Tools Medewerkers NoorderRuimte Analyse Theorie sociale media Theorie communicatiestrategieen sociale media Conceptimplementatieplan Sociale Media Analyse Aangepast implementatieplan Sociale Media Analyse concurrentie Klanten NoorderRuimte Analyse Theorie Implementatie Experts Fase A omvat het bestuderen van theorieën over de verschillende onderwerpen, en het doen van een kort vooronderzoek naar de achtergronden van de opdracht en het probleem. Dit zal leiden tot een conceptplan voor de implementatie van verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte. Dit is gebaseerd op vier theoretische kaders. 1) Theorie Tools In deze categorie valt alle theorie omtrent de tools die men kan gebruiken voor het beheren van sociale media. 2) Theorie sociale media in deze categorie valt alle theorie omtrent de media en op welke manier deze geanalyseerd kunnen worden. 3) Theorie Communicatiestrategieën van sociale media Theorieën over het maken van communicatiestrategieën en het voeren van goede sociale media zullen binnen deze categorie vallen. 4) Analyse van de concurrenten van NoorderRuimte Er zijn verschillende concurrenten van NoorderRuimte actief op sociale media. Er worden theorieën gezocht en gebruikt om de concurrentie te analyseren en eventuele lessen te leren voor het implementatieplan van NoorderRuimte. 5) Theorie implementatie In deze categorie valt theorie over het implementeren van sociale media in een organisatie. Chris Hamelink 14

16 In fase B wordt het concept-implementatieplan voorgelegd aan de onderzoeksobjecten. In een semi-gestructureerd interview. In fase C worden de resultaten van de interviews geanalyseerd, waarna in fase D het eindproduct wordt aangepast aan de hand van de resultaten Veranderingen in het onderzoeksmodel Het onderzoeksmodel is veranderd ten opzichte van het onderzoeksmodel dat is voorgesteld in de onderzoeksopzet (Bijlage ). Het onderdeel vooronderzoek in fase A is geschrapt, omdat dit niet meer bleek te zijn dan het duidelijk krijgen van de opdracht zoals mevrouw Froentjes die voor zich zag. In de plaats van het vooronderzoek is een onderzoek gekomen naar de theorieën over tools, naar aanleiding van verbeterpunten die in de interviews werden genoemd Strategie en methodologie Het bepalen van het onderzoeksmateriaal is cruciaal bij het afbakenen van een onderzoeksontwerp. Onderzoeksmateriaal betekent informatiebronnen. Het onderzoeksmateriaal wordt hieronder beschreven en er wordt toegelicht hoe informatie uit deze bronnen wordt vergaard. Personen De categorie personen bestaat onder andere uit experts op het gebied van sociale media. Door middel van een semi-gestructureerd interview zal met behulp van een aantal vragen informatie worden gewonnen over sociale media in het algemeen, en doelgericht met betrekking op het concept-implementatieplan. Een ander onderdeel van deze categorie zijn de medewerkers van bureau NoorderRuimte. Onder de medewerkers vallen ook twee junior-medewerkers die hun afstudeerscriptie bij NoorderRuimte schrijven. Deze zullen ook ondervraagd worden naar de haalbaarheid en de compleetheid van het concept-implementatieplan. Als laatste worden klanten van NoorderRuimte bevraagd. Deze worden niet over het conceptimplementatieplan bevraagd, maar slechts over NoorderRuimte, hun indruk van NoorderRuimte en hoe zij door NoorderRuimte benaderd zouden willen worden. Media Omdat het in dit onderzoek vooral gaat over een digitale omgeving, zal een aanzienlijk deel van het onderzoek in deze categorie online gebeuren. Dit gebeurt door observatie en analyse van weblogs, artikelen en berichten. Werkelijkheid In de categorie werkelijkheid vallen de sociale media zelf. Door een analyse van de media en hoe deze gebruikt worden te doen kan een betere strategie voor de implementatie van sociale media worden geschreven. Dit is voornamelijk door observatie. Literatuur De laatste categorie bestaat uit literatuur. Dit gaat om wetenschappelijke artikelen en boeken. De literatuur zal geanalyseerd worden en de bevindingen zullen worden toegepast op het conceptimplementatieplan. Chris Hamelink 15

17 3 Beschikbare sociale media In dit hoofdstuk wordt een aantal sociale media uitgelicht en onderzocht met als doel een geschikt medium of media te vinden voor NoorderRuimte. Bij elk medium worden enkele feiten weergegeven, zoals wanneer het medium is opgericht en hoeveel gebruikers er zijn. Vervolgens wordt er een korte beschrijving gegeven van het medium en waar het veelal voor wordt gebruikt. Bij elk medium komt een honingraat te staan met daarin een waardering van in hoeverre het medium past bij de zeven bouwstenen van sociale media die in 2011 door Kietzmann, Hermkens, McCarthy, en Silvestre zijn opgesteld. Deze zeven bouwstenen worden weergegeven in een honingraat. Het is niet zo dat een medium bij alle bouwstenen een goede waardering moet krijgen, maar ze sluiten elkaar ook niet uit. De meeste media zijn gefocust op drie á vier onderdelen. De honingraat op deze pagina geeft in het kort aan wat de verschillende categorieën betekenen. Hieronder zal nog iets verder over de bouwstenen worden uitgewijd om de lezer een duidelijker beeld van de analyse te geven. De honingraat zal ingevuld worden aan de hand van ervaring en observatie. De functies zullen per media worden onderzocht om te ontdekken op welke manier deze bijdragen aan de bepaalde bouwstenen in de honingraat. Het honingraatmodel is voor deze analyse gekozen omdat het overzichtelijk weergeeft welk medium waarvoor geschikt is. Door de simpele visuele opzet is het in één oogopslag duidelijk waar een medium goed scoort, en waar niet. Bovendien is het artikel waarin het model wordt geïntroduceerd al bijna duizend keer geciteerd, onder andere ook in de artikelen over de andere theorieën die in dit onderzoek gebruikt worden. Figuur 1 Het Honingraatmodel waarmee de sociale media in dit onderzoek geanalyseerd worden Identiteit gaat over wat men kan zien van wie NoorderRuimte is, waar het is, wie er werkt, wat het doet, waar het actief is enzovoort. Hele persoonlijke informatie. Conversaties gaat over hoeveel conversaties er kunnen plaatsvinden. Veel media zijn hier direct op gericht omdat dat het sociale deel van dit alles is. Of de conversaties relevant zijn is ook van belang. Chris Hamelink 16

18 Delen gaat over hoeveel informatie, video's, foto's en andere media er gedeeld wordt door de gebruikers. Dit is vaak wat mensen verbindt. Beschikbaarheid gaat over waar men te vinden is, in de echte of virtuele wereld. Het gaat dan om beschikbaarheid voor interactie, bijvoorbeeld door een online/offline status te laten zien. Relaties gaat over in hoeverre gebruikers relaties aangaan en hoe ze dat laten zien. Een gesprek met een medegebruiker, een like of in een groep met anderen zijn hier voorbeelden van. Reputatie gaat over de betrouwbaarheid van een medium. Dit is bijvoorbeeld af te lezen aan de accountnaam of het aantal likes en/of volgers een account of pagina heeft. Groepen gaat over het managen van contacten en vrienden. Bijvoorbeeld of men per groep kan instellen welke voorrechten die moet hebben, of wat een groep wel of niet kan zien. Afbeelding 2: De ingevulde honingraten van YouTube en Facebook van drie jaar geleden Elk medium zal aan de hand van deze honingraat onder de loep genomen worden, en de individuele kwaliteiten worden op die manier onderzocht. Dit is van groot belang voor het maken van de communicatiestrategie aan de hand van de 4 C's. De 4 C's worden verder behandeld bij de theorie over communicatiestrategieën. In het artikel van Kietzmann, Hermkens, McCarthy, en Silvestre zijn al een paar media onder de loep genomen met de Honingraat. Daarvan staan hier onder twee voorbeelden, een honingraat van Facebook en één van YouTube. Het is echter ruim drie jaar geleden dat deze analyses gemaakt zijn. Er is dan ook voor gekozen om deze media opnieuw te analyseren. In de afbeelding hierboven is te zien welke resultaten YouTube en Facebook destijds in de honingraat hebben gekregen. Vooral bij Facebook zou de honingraat er tegenwoordig anders uit zien. Waar beschikbaarheid (presence) nu lichtgrijs is, zou die tegenwoordig (en misschien specifiek in Nederland) wit zijn. De dagen dat men zodra men over een drempel stapt incheckt op Facebook zijn voorbij. Het delen (sharing) van media wordt via Facebook alleen maar groter. Niet meer kan alleen naar YouTube filmpjes gelinkt worden, Facebook heeft nu ook een videospeler. Op deze manier zullen alle media geanalyseerd worden. Chris Hamelink 17

19 3.1 Facebook Gebruikersaantallen: 890 miljoen gebruikers per dag wereldwijd 1.39 miljard gebruikers per maand wereldwijd (Facebook, 2015) 9,34 miljoen Nederlandse gebruikers 6,6 Miljoen dagelijks (Marketingfacts, 2015) Opgericht: Logo 1: Facebook 4 Februari 2004 als Thefacebook. Sinds 2006 mag iedereen boven de 13 een account aanmaken. Omschrijving: Facebook is een sociaal netwerk waar mensen een profielpagina kunnen aanmaken. Op deze pagina's kunnen foto's, video's, muziek, links en andere dingen gedeeld worden. Op een veelal dezelfde manier kan een pagina worden aangemaakt voor een bedrijf. Verdienmodel: Advertenties. De advertenties worden specifiek gericht op de gebruiker door de likes te analyseren en bijpassende advertenties te geven. Wordt gebruikt voor: Het delen van video s, foto s, gedachten en ervaringen. Sommige mensen plaatsen werkelijk alles op Facebook. Het delen van posts van anderen is ook een groot onderdeel van het gebruik van dit medium. Met name posts van grappige pagina s worden vaak geshared. Daarnaast komen alle media eigenlijk samen op Facebook, met integratie van onder andere YouTube, Twitter en Vine. Beoordeling van Facebook De honingraat van Facebook is de honingraat die het meeste grijs in zich heeft. Facebook heeft zich de laatste jaren ontwikkeld als een alleskunner op het gebied van sociale media. Omdat er integratie is van (bijna) alle andere sociale in Facebook lijkt daar ook geen verandering in te komen. Nog steeds is Facebook vooral geschikt om relaties mee te beheren. Er is mogelijkheid tot conversatie en het scheppen van een identiteit, hoewel dat vaak binnen verschillende groepen wordt gehouden. Beschikbaarheid speelt een steeds kleinere rol. Behalve als men op vakantie gaat laat men de wereld niet meer weten waar de persoon op dat moment is. Ook door bedrijven wordt dit vaak vergeten of achterwege gelaten. Afbeelding 3: De ingevulde honingraat van Facebook Chris Hamelink 18

20 3.2 Twitter Gebruikersaantallen: 500 miljoen gebruikers wereldwijd 284 miljoen actieve gebruikers (Twitter, 2015) 2,8 miljoen Nederlandse gebruikers 1 miljoen dagelijkse gebruikers (Marketingfacts, 2015) Opgericht: Maart 2006 Logo 2: Twitter Omschrijving: Gebruikers kunnen tweets plaatsen. Een tweet is een bericht van niet meer dan 140 tekens. De tweets krijgen een onderwerp door hashtags(#) te gebruiken. Een hashtag, bijvoorbeeld #Twitter kan vervolgens worden opgezocht in de zoekbalk waarna alle tweets met die hashtag worden weergegeven. Verdienmodel: Twitter verdient geld door advertenties en door tegen betaling tweets, accounts of hashtags te promoten. Wordt gebruikt voor: Het plaatsen van berichten of foto s met daarin vaak een gedachte of een opmerking. Vanwege het kleine aantal tekens dat gebruikt mag worden zijn de berichten kort en kunnen ze snel worden getypt en verstuurd. Het livetweeten van een gebeurtenis is dan ook een fenomeen, er wordt tijdens de gebeurtenis bij elke noemenswaardige update een tweet gepost. Beoordeling van Twitter Twitter heeft als grootste focus het conversatievakje. Omdat er op tweets gereageerd kan worden, gedeeld, als favoriet kunnen worden toegevoegd is de engagement groot. Het aangaan van relaties, het delen van content en het creëren van een eigen identiteit zijn ook van belang op Twitter. De reputatie van een gebruiker is op Twitter vooral af te lezen aan het aantal volgers dat een account heeft. Hoe meer volgers, hoe meer mensen een tweet op hun homepagina zien, en hoe groter de kans dat het dus geretweet (gedeeld) zal worden. Het aanmaken van groepen en het aangeven van locaties of bezigheden is op Twitter minder een trend, behalve als het op grote evenementen gaat of dingen die op dat moment trending zijn. Afbeelding 4: De ingevulde honingraat van Twitter Chris Hamelink 19

21 3.3 Google+ Gebruikersaantallen: 2,2 miljard gebruikers wereldwijd 540 miljoen actieve gebruikers (Google, 2015) 3,9 miljoen Nederlandse gebruikers 1,3 miljoen dagelijkse gebruikers (Marketingfacts, 2015) Opgericht: Logo 3: Google+ 28 juni 2011 Omschrijving: Google+ werd eerst omschreven als een sociaal netwerk. Sindsdien heeft Google die definitie veranderd naar een sociale laag tussen Google-services. Het aantal actieve gebruikers is naar de strikte definitie van het woord misschien 540 miljoen, maar in werkelijkheid ligt die volgens verschillende bronnen een stuk lager. Het feit dat YouTube-reacties of het plaatsen van een video of YouTube telt als een actie op Google+ is daarvan de hoofdoorzaak. Verdienmodel: Google verdient geld met het aanbieden van advertenties op hun zoekmachine. Google+ is hierop een uitbreiding. Er kan bijvoorbeeld bij een advertentie op Google staan: Your friend +1ed this company. Dit verhoogt de conversieaantallen voor Google. Bedrijven met een Google+ account staan ook hoger in de zoekmachine van Google. Wordt gebruikt voor: Search Engine Optimization en het plaatsen van YouTube-comments. Omdat men geen comments kan plaatsen zonder het aanmaken van een Google+ account is dit voor veel mensen de reden dit te doen. Pagina s die gelinkt zijn met een Google+-account komen ook hoger in de lijst van de welbekende zoekmachine. Google+ wordt vaak gezien als een dood sociaal netwerk omdat er heel weinig activiteit op is. Beoordeling van Google+ Google+ heeft het onderdeel groepen donkergrijs gekleurd gekregen. Bij Google+ kan men contacten indelen in kringen. Een kring kan bijvoorbeeld gemaakt worden voor collega s, familie en vrienden. Berichten en content kunnen gedeeld worden met één of meerdere kringen. Het delen van content en het voeren van content zijn lichtgrijs vanwege de integratie met YouTube. Omdat het delen van filmpjes en het toevoegen van commentaar bij deze filmpjes de grootste functies zin van dit medium. Beschikbaarheid, Relaties en Reputatie zijn wit omdat Google+ weinig sociaal gebruikt wordt. Afbeelding 5: De ingevulde honingraat van Google+ Chris Hamelink 20

22 3.4 LinkedIn Gebruikersaantallen: 364 miljoen gebruikers wereldwijd 178 miljoen actieve gebruikers (LinkedIn, 2015) 3,8 miljoen Nederlandse gebruikers 400,000 dagelijkse gebruikers (Marketingfacts, 2015) Opgericht: Logo 4: LinkedIn 5 mei 2003 Omschrijving: LinkedIn is gericht op bedrijven en professionals. Gebruikers kunnen hun werkervaring en werkplekken bijhouden, alsmede collega's en opleidingen toevoegen. Verdienmodel: Bedrijven kunnen LinkedIn betalen om hun content te sponsoren en te verspreiden onder de gebruikers. Wordt gebruikt voor: Het bijhouden van een CV, werkgeschiedenis en referenties. Bedrijven kunnen hun werknemers toevoegen aan hun pagina, alsmede hun goedkeuring uitspreken over andere bedrijven of de werknemers zelf. Ook worden sommige vacatures gepost op LinkedIn, waardoor mensen kunnen reageren op vacatures door het insturen van hun CV. Beoordeling van LinkedIn LinkedIn gaat om het presenteren van de gebruiker. Een gebruiker kan op LinkedIn laten zien waar die persoon heeft gewerkt, wat voor functies en welke werkzaamheden. Daarnaast worden ook naam, leeftijd en opleiding vermeldt. Het bijhouden van relaties kan door mensen als connectie toe te voegen en ze aan te bevelen. Hoe meer aanbevelingen, hoe beter de reputatie van een gebruiker. Het opleidingsniveau en de vorige functies zijn ook belangrijk voor de reputatie van een gebruiker. Beschikbaarheid, Delen, Conversaties en Groepen zijn wit gelaten omdat LinkedIn vooral wordt gebruikt voor zakelijke doeleinden. Afbeelding 6: De ingevulde honingraat van LinkedIn Chris Hamelink 21

23 3.5 YouTube Gebruikersaantallen: meer dan 1 miljard gebruikers (YouTube, 2015) 6,8 miljoen Nederlandse gebruikers 1,3 miljoen dagelijkse gebruikers (Marketingfacts, 2015) Opgericht: Logo 5: YouTube 14 februari 2005 Omschrijving: Een website om video's op te delen. Er is soms discussie of YouTube in de categorie sociale media valt. Omdat het mogelijk is om vrienden toe te voegen, user generated content te delen en reacties te geven wordt het in dit onderzoek wel tot die categorie gerekend. Verdienmodel: Voor sommige video's worden advertenties afgespeeld. Naast de video's worden ook advertenties weergegeven. Daarnaast kunnen bedrijven hun content sponsoren zodat het hoger in de zoekresultaten of op de homepage van YouTube wordt weergegeven. Wordt gebruikt voor: Het delen van video s. De video s zijn zeer verschillend, van een opname die mama bij een kinderfeest heeft gemaakt tot een review van een samuraizwaard. Bijna alle content is geaccepteerd op YouTube. De filmpjes die op YouTube worden geplaatst worden vaak via andere media geboost. Door een filmpje te linken in een Facebook- of Twitterbericht zullen veel meer mensen het filmpje zien. Beoordeling van YouTube Bij YouTube draait het om het delen van content, filmpjes om precies te zijn. Veel gebruikers plaatsen filmpjes zodat ze opgeslagen zijn op het internet en daardoor altijd toegankelijk. Bovendien worden filmpjes bekeken en gedeeld met anderen via andere sociale media. Het voeren van conversaties is een mogelijkheid op YouTube. Er kunnen persoonlijke berichten worden gestuurd, comments worden geplaatst en videoreacties gegeven worden. Als laatste is de reputatie van een gebruiker van belang. Hoe mee abonnees en likes hoe beter. Afbeelding 7: De ingevulde honingraat van YouTube Chris Hamelink 22

24 3.6 Instagram Gebruikersaantallen: 300 miljoen actieve gebruikers (Instagram, 2015) 1,8 miljoen Nederlandse gebruikers 722 duizend dagelijkse gebruikers (Marketingfacts, 2015) Opgericht: 6 oktober 2010 Omschrijving: Logo 6: Instagram Een app om foto s mee te delen. Er kan geen post worden geplaatst zonder er een foto bij te plaatsen. De foto is het belangrijkste deel van de post, en de onderstaande tekst (caption) is slechts ter ondersteuning. Verdienmodel: Sommige accounts worden gepromoot per gebruiker aan de hand van gezochte trefwoorden of hashtags. Facebook gebruikt eenzelfde systeem waarbij de advertenties worden gekoppeld aan de trefwoorden die gezocht worden, en alleen te zien zijn voor mensen die relevante trefwoorden hebben gebruikt. Wordt gebruikt voor: Het plaatsen van foto s met een kort onderschrift. In het sociale deel van sociale media betekent dit dat het vooral selfies zijn, maar sommige accounthouders worden betaald om producten op hun account te promoten. Door een account met veel volgers een post te laten maken over De nieuwe nagellak die ik van merk X heb gekregen! zullen veel mensen dit zien en hun mening geven. Voorwaarde is dat de foto van goede kwaliteit is en dat het product niet in een kwaad daglicht wordt gesteld. Beoordeling van Instagram Instagram is een echte content community. Er kunnen geen posts gemaakt worden zonder een foto te plaatsen, waardoor Delen een donkere kleur heeft. Reputatie heeft ook een donkergrijze kleur gekregen omdat het aantal volgers de indicatie is van het succes van een account. Identiteit heeft een lichtgrijze kleur gekregen omdat Instagram bij persoonlijke accounts vooral wordt gebruikt om selfies te maken. Sommige bedrijven weten hun marketing via Instagram te doen, maar een voorwaarde is dan zeker een fysiek product. Conversaties, Beschikbaarheid, Relaties en Groepen zijn wit omdat deze simpelweg niet van belang zijn op Instagram. Het delen van foto s is het hoofddoel. Afbeelding 8: De ingevulde honingraat van Instagram Chris Hamelink 23

25 3.7 Pinterest Gebruikersaantallen: 70 miljoen gebruikers wereldwijd 25 miljoen actieve gebruikers (Semiocast, 2013) 1,6 miljoen Nederlandse gebruikers 261 duizend dagelijkse gebruikers (Marketingfacts, 2015) Opgericht: Logo 7: Pinterest Maart 2010 Omschrijving: Een medium om producten en dingetjes mee te delen. Er wordt een foto van een product of object geplaatst door de maker, waarna die gepind kan worden. Het moet een beetje lijken op een prikbord, waarbij elke foto die gepind wordt alshetware aan het prikbord van de gebruiker gehangen wordt. Het grootste deel van de gebruikers is vrouw. Verdienmodel: Sommige accounts worden gepromoot per gebruiker aan de hand van gezochte trefwoorden of hashtags. Bedrijven hebben hun eigen board (prikbord) waar ze hun producten op kunnen pinnen. Gebruikers van Pinterest worden naar deze pagina's verwezen door pagina s die passen bij hun pins te suggereren. Wordt gebruikt voor: Het delen van producten, recepten en doe-het-zelf projecten. Er kunnen via Pinterest ook producten gekocht en verkocht worden. Veel mensen gebruiken het als inspiratie voor dingen die ze zelf kunnen maken. Beoordeling van Pinterest Bij Pinterest gaat het ook om het Delen. Meestal gaat het om producten of recepten. Op Pinterest moet bij een pin een foto geplaatst worden. Op Pinterest worden dingen die de gebruiker leuk vindt op een prikbord gepind. Gebruikers die dezelfde interesses hebben kunnen de prikborden dan volgen en (als de instellingen dat toelaten) dingen toevoegen aan dat prikbord. In essentie zijn dit groepen. Er kan met contacten geconverseerd worden via persoonlijke berichten. Beschikbaarheid, Relaties, Identiteit en Reputatie zijn minder belangrijk omdat het gaat om de dingen die gepind zijn. Door wie is onbelangrijk. Afbeelding 9: De ingevulde honingraat van Pinterest Chris Hamelink 24

26 3.8 Andere media Er is een aantal andere media dat zou kunnen vallen onder sociale media. Hierbij kan gedacht worden aan Vine, WeChat, Foursquare en SnapChat. Deze zijn om verschillende redenen weggelaten. In het geval van Vine gaat het allereerst om een nog té nieuw medium. Vines zijn filmpjes van zes seconden die op de app loopen, dat wil zeggen dat ze constant door spelen. Vine is een nieuw concept van Twitter waar vooral grappige sketches op gedaan worden. Er is een aantal bedrijven dat hun (fysieke) producten op deze manier adverteert, maar voor een bedrijf als NoorderRuimte is dat ontzettend lastig. Een ander punt is dat Vine in Nederland nog geen groot succes is. Media zoals SnapChat en andere mobiele applicaties zouden volgens sommigen wel onder de noemer sociale media vallen. In dit geval is SnapChat buiten beschouwing gelaten omdat het medium meer is bedoeld voor persoonlijke berichten, op eenzelfde manier als Whatsapp en Kik. Het enige verschil met deze pure berichtenapps is dat Snapchat een foto verplicht. Bovendien zijn deze media niet geschikt om berichten naar een groter publiek te versturen. Andere media die niet genoemd zijn, zijn simpelweg niet groot of relevant genoeg om onderzocht te worden. Een medium moet groot genoeg zijn in Nederland om ingezet te kunnen worden voor om de doeleinden van NoorderRuimte te bereiken. 3.9 Conclusies over de beschikbare sociale media De eerste conclusie die getrokken kan worden is welke media afvallen. Uit het onderzoek naar de verschillende media zal het implementatieplan zich toespitsen op vijf van de zeven media. Deze media zijn Facebook, Twitter, LinkedIn, YouTube en Google+. Instagram en Pinterest vallen af om twee redenen. Er moét altijd een foto bij de berichten geplaatst worden. Daarnaast is het zo dat de gebruikersaantallen kleiner zijn dan die van de andere media. Als laatste geldt dat de doelgroep niet aanwezig is op deze media. De overige vijf media (Facebook, Twitter, LinkedIn, Youtube en Google+.) zullen verder worden uitgewerkt en onderzocht. Deze media zijn geschikt geacht omdat de mogelijkheid tot interactie met de doelgroep aanwezig is, en omdat er op een volwassen en professionele manier gebruikt gemaakt kan worden van deze media, of omdat ze op een andere manier van meerwaarde kunnen zijn voor NoorderRuimte. Chris Hamelink 25

27 4 Theorie implementatie van sociale media Bij het implementeren van verbeteringen in het gebruik van sociale media zijn er verschillende aandachtspunten. Het gaat dan om dingen die heel logisch lijken, zoals mensen en hardware, maar ook om dingen als verantwoordelijkheid voor interacties en toestemming om berichten te plaatsen. In dit hoofdstuk worden een aantal punten waar Lon Safko in The Social Media Bible (2010) veel aandacht aan besteedt behandeld. 4.1 Drie-eenheid van sociale media In The Social Media Bible (2010) heeft Lon Safko het over de Social Media Trinity (p ) ofwel de drie-eenheid van sociale media. De drie onderdelen zijn Blogs, Microblogs en sociale media. Alle drie zijn ze van belang voor het voeren van effectieve sociale media communicatie. Het eerste onderdeel, Blogs, wordt door NoorderRuimte al gedaan. Op de site van NoorderRuimte wordt trouw door de communicatiemedewerkster geblogd over alles wat zich in en om NoorderRuimte afspeelt. Microbloggen (in feite Twitter) wordt door NoorderRuimte ook al gedaan. Met enige regelmaat worden tweets geplaatst, maar ook geretweet. Bij de tweets staan vaak leuke foto s die laten zien hoe medewerkers van NoorderRuimte iets doen dat in de tweet wordt genoemd. Als laatste onderdeel van de drie-eenheid worden sociale netwerken genoemd. In het geval van NoorderRuimte gaat het hier om Facebook en LinkedIn. Facebook is nog compleet nieuw voor NoorderRuimte, maar op LinkedIn zijn al wat stappen gezet. Er wordt om de zoveel tijd iets geplaatst, maar niet zo vaak als op de nieuwsblog op de site van NoorderRuimte. 4.2 Meten is weten Voor sociale media en de meeste andere dingen in het leven geldt de spreuk meten is weten nog altijd. Het meten van alles wat bezoekers doen op een pagina is een belangrijk gereedschap in het voeren van sociale media. Als alles geïmplementeerd is moet het ook geëvalueerd worden. Als men weet wie er op de pagina komt kan men de berichten daarop aanpassen. Jonge mannen kunnen immers op andere manieren bereikt worden dan oude vrouwen. In het geval van sociale media is het meten minder moeilijk dan het kan lijken. In sommige media, zoals Facebook, zitten al meetinstrumenten. Men kan het aantal bezoekers zien, likes, comments, shares, leeftijdscategorieën, locaties en meer. Voor Twitter kunnen verschillende tools gebruikt worden. Met bepaalde tools kan bijgehouden worden hoe vaak NoorderRuimte genoemd wordt, of er hashtags zijn die relevant zijn voor NoorderRuimte, en of er retweets of reacties zijn op de tweets van NoorderRuimte. (Zie hiervoor ook hoofdstuk 7) Op de site van NoorderRuimte waar ook de nieuwsblog op staat zou Google Analytics ingezet kunnen worden. Google Analytics is een gratis dienst van Google waarmee het webverkeer op websites gemeten kan worden. Dit kan door een stukje code in de site van NoorderRuimte te zetten en vervolgens naar de site van Google Analytics te gaan. (Safko, 2010) Chris Hamelink 26

28 4.3 Implementatie in conventionele media Door de online media te adverteren op zo veel mogelijk manieren wordt het bereik vergroot en komen zo veel mogelijk mensen in gelegenheid de online media van NoorderRuimte te ontdekken. Bovendien gaat het in veel van deze suggesties om mensen die al contact met NoorderRuimte hebben of dat zouden willen. Enkele suggesties van Lon Safko uit zijn boek (2010) voor het adverteren van de online media zijn: - De website, Twitter, Facebook en andere media op het briefpapier en enveloppen - De website, Twitter, Facebook en andere media in de handtekening onder s - De website, Twitter, Facebook en andere media op visitekaartjes - De website, Twitter, Facebook en andere media in presentaties die gegeven worden - De website, Twitter, Facebook of andere media in de wachtmuziek of voic 4.4 Kosten van implementatie en het voeren van de mediastrategie Betreffende de kosten is er goed nieuws, namelijk dat er geen nieuwe hardware hoeft aangeschaft te worden. Dat betekent dat de computers (of telefoons) van de medewerkers geschikt zijn om op de online media te posten. Het medium waarop wordt uitgezonden is belangrijk. Zo zijn tweets geschikter om on-the-go een bericht online te zetten, om daarna op de nieuwsblog een uitgebreidere post te plaatsen waar op de Facebookpagina naar gelinkt kan worden. De grootste kostenpost voor de strategie is de tijdsinvestering die gedaan moet worden, en die valt alleszins mee. Omdat er toch al met enige regelmaat berichten op de nieuwsblog van NoorderRuimte worden geplaatst kan daar gemakkelijk naar gelinkt worden op andere media. Tijdens presentaties of meetings kan desgewenst een foto en een bijpassend bericht getweet worden. 4.5 Eigenaar van de sociale media Wie de posts op de nieuwsblog schrijft is (mits die persoon natuurlijk verstand van zaken heeft) niet zo belangrijk. Een post moet goed te lezen zijn en geen spelfouten hebben, en wat erin staat moet natuurlijk relevant en de waarheid zijn. Hetzelfde geldt voor de sociale media. Het is niet zo moeilijk om een kort berichtje te schrijven en naar de nieuwsblog te linken. Wat wél van groot belang is, is wie de eventuele vragen beantwoordt. Als er bij een bericht, op welk medium dan ook, een vraag komt moet die zo snel mogelijk beantwoordt worden. Omdat de verschillende medewerkers van NoorderRuimte verschillende expertisegebieden hebben, zal de ene medewerker geschikter zijn om een bepaalde vraag te beantwoorden dan de ander. De eigenaar /beheerder van de sociale media hoeft dus niet per definitie degene te zijn die alle vragen beantwoordt. Verder is het goed om vast te stellen wanneer er geëscaleerd moet worden. Als er een vraag wordt gesteld die te complex is om via sociale media te beantwoorden kan ervoor worden gekozen om in plaats daarvan te bellen of een ontmoeting te maken. Ook hier moet per keer gekozen worden welke medewerker daarvoor het meest geschikt is. De meest logische manier om dit in te richten is om de persoon die de nieuwsblogs schrijft (of alleen op de site zet) in eerste instantie ook de andere media te laten beheren. Chris Hamelink 27

29 4.6 Het maken en beheren van sociale media Een onderdeel van het implementeren van sociale media is het maken van de benodigde accounts op de gekozen sociale media. De accounts moeten zo goed als mogelijk voldoen aan de karakteristieken van Koch (2010) die ook in de vragenlijst worden gebruikt. Als de accounts zijn aangemaakt moeten die ingericht en onderhouden worden. De accounts moeten er netjes en geloofwaardig uitzien, maar een ander ontzettend belangrijk punt is het maken van connecties. Laat zien aan anderen dat er een account is aangemaakt op een medium. Like de pagina van een ander, deel iets, post iets, trek de aandacht. Zonder anderen om sociaal mee te zijn, kan een medium immers ook niet sociaal zijn. (Folger, 2013) Het aanmaken van een account betekent niet dat een organisatie daarmee actief is op sociale media. Het beheren van een account betekent constante vernieuwing met content, connecties, vrienden en partners. Het is van levensbelang dat er constant gezocht wordt naar trends en accounts waaraan een organisatie zich kan koppelen. (Beatty, 2015) Het kan ook zo zijn dat er ontwikkelingen plaatsvinden in de organisatie. Bijvoorbeeld bij het ontslag van een persoon moet ervoor gezorgd worden dat die persoon ook geen toegang meer heeft tot de sociale media. Het kan immers een grote impact hebben als een ex-medewerker ervoor kiest de goede naam van een bedrijf door het slijk te halen door zich voor te doen als een medewerker en een aanstootgevend bericht plaatst. 4.7 Het inhuren van een sociale media manager Als laatste komt in de theorie vaak naar voren dat het inhuren van een persoon die de sociale media beheert en managet een grote aanwinst voor een bedrijf kan zijn. Deze theorieën zijn vaak geschreven voor bedrijven met een ander bedrijfsproces, en een groter aantal werknemers, klanten en filialen. (Folger, 2013) Het grote voordeel van het inhuren van een persoon die zich alleen bezig houdt met de sociale media is dat men zeker weet dat er geen mogelijkheid tot interactie verloren gaat door het niet tijden bekijken van de sociale media. Bovendien mag er vanuit worden gegaan dat de persoon die ingehuurd wordt een expert is op het gebied van sociale media. Het inhuren van een manager wordt aangeraden door Folger (2013) als: - Het managen van sociale media meer dan drie uur van de dag inneemt - Er geen tijd meer is voor andere werkgerelateerde taken - Sociale media een afleiding is die de productiviteit beïnvloedt - Sociale media niet meer leuk zijn Als vuistregels zijn de bovenstaande aanbevelingen goed. Het zijn echter geen wetten, zeker omdat bijvoorbeeld een communicatiemedewerker van een bedrijf best meer dan drie uur per dag aan communicatie op sociale media mag besteden. Bovendien werkt iemand die de sociale media managet in principe niet mee met het primaire bedrijfsproces, terwijl het wel een extra full-time employee is die betaald moet worden. Chris Hamelink 28

30 4.8 Gevaren bij de implementatie van sociale media Hét grootste gevaar dat vaak terugkomt in de literatuur is het lekken van vertrouwelijke informatie door medewerkers. Dat kan moedwillig door iemand met kwaad in de zin, maar vaak gebeurt dit per ongeluk door een bericht openbaar te plaatsen in plaats van afgeschermd, of een bericht naar de verkeerde persoon te sturen. Een ander gevaar is de tijdverspilling die het toestaan van sociale media op de werkvloer met zich meebrengt. Er bestaat een kans dat medewerkers zich, in plaats van te werken, op sociale media hun tijd verdoen met zaken die niets met NoorderRuimte te maken hebben. Als laatste kan één medewerker het gehele bedrijf in miskrediet brengen door een bericht te plaatsen dat niet relevant is, niet gepast of aanstootgevend. Berichten hoeven niet áltijd relevant te zijn aan de bedrijfsvoering, maar bijvoorbeeld uitgesproken politieke uitingen horen niet thuis op een pagina van een bedrijf als NoorderRuimte. Bij de implementatie van sociale media is het dus van groot belang dat de medewerkers te vertrouwen zijn met de inloggegevens. (Jefferson III, 2012) Het is een goed idee om persoonlijke accounts en de account van NoorderRuimte goed gescheiden te houden, bijvoorbeeld door voor de ene een andere app te gebruiken dan de andere. Dit verkleint de kans dat er per ongeluk een persoonlijke tweet op de persoonlijke pagina van NoorderRuimte komt te staan. 4.9 Conclusies over implementatie van sociale media Het implementeren van sociale media vereist speciale aandacht. Omdat het, zeker voor NoorderRuimte, om een nieuw medium gaat worden er een aantal aandachtspunten die in het speciaal over sociale media gaan uitgelicht. Veel bedrijven gebruiken hun sociale media alleen om hun nieuwsartikelen te pushen. De concurrentieanalyse in hoofdstuk 6 van dit rapport geeft dat ook weer. In het boek van Lon Safko (2010) worden blogs ook tot sociale media gerekend. In dit rapport is ervoor gekozen om dat niet te doen, hoewel ze een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de voering van de sociale media. Het kan niet de énige manier zijn waarmee op sociale media wordt gepost, maar het moet zeker een manier zijn. De sociale netwerken en microblogs die door NoorderRuimte gebruikt worden moeten in de conventionele media geadverteerd worden. Op deze manier worden de klanten van NoorderRuimte er meer mee geconfronteerd. Er moet een persoon aangesteld worden die eigenaar van de media is. De eigenaar is verantwoordelijk voor de content die geplaatst wordt op sociale media, maar ook voor zaken als tools en advertentiecampagnes. Als er door NoorderRuimte in sociale media financieel geïnvesteerd wordt is dat ook het initiatief en op aanraden van de eigenaar. Als laatste moet worden overwogen wie er toegang krijgt tot sociale media, niet alleen die van NoorderRuimte. Het kan tot tijdverspilling leiden of tot het lekken van vertrouwelijke informatie. Chris Hamelink 29

31 5 Theorie Communicatiestrategieën Uit onderzoek naar theorieën over communicatiestrategieën is een aantal zaken naar voren gekomen die van belang kunnen zijn bij het schrijven van een strategie voor sociale media voor NoorderRuimte. Als theorieën zijn voor dit onderzoeksgebied de aanbevelingen van Kaplan & Haenlein (2010) en de inzichten van Kietzmann, Hermkens, McCarthy, en Silvestre. (2011) gebruikt. In de beide artikelen wordt de nadruk gelegd op het sociaal zijn. Het voeren van een beleid op sociale media moet passen bij een traditioneel mediabeleid, maar op een eigen manier gevoerd worden. Waar er op traditionele media geen mogelijkheid is om direct te reageren, is die er op sociale media wel. Daar moet slim maar voorzichtig mee omgegaan worden. Kietzmann, Hermkens, McCarthy en Silvestre hebben het in hun artikel (2011) over de 4 C's voor het maken van een strategie voor sociale media. De 4 C's staan voor cognize, congruity, curate, en chase. Cognize Zoek uit wat er om de gebruiker heen gebeurt. Welke omgevingsfactoren er zijn, wat de concurrentie is, welke media er beschikbaar zijn. Curate Bepaal hoe vaak er gereageerd moet worden, en door wie. Zorg dat de personen die de media managen kunnen helpen met vragen of problemen. Cognize Congruity Maak een strategie die past bij de doelen van het bedrijf, alsmede de functionaliteiten van het gekozen medium Chase Wees actief in het zoeken van onderwerpen waar het bedrijf bij kan helpen, en zorg dat de geholpen personen ook daadwerkelijk tevreden zijn met de oplossing. Het onderzoek naar de sociale media zelf is afgerond. Welke media er beschikbaar zijn is een van de omgevingsfactoren, het onderzoeken in hoeverre de concurrentie al actief is op sociale media wordt in het volgende hoofdstuk afgerond. Het uitzoeken van de factoren die meespelen in de omgeving van NoorderRuimte is dus al grotendeels gebeurd. Congruity De strategie die gekozen wordt moet passen bij de doelen van de organisatie. Voor NoorderRuimte is dit het vergroten van de naamsbekendheid en de vergemakkelijking van het het werven van klanten. Er moet dus per medium bepaald worden hoe die gebruikt wordt om dat doel te bereiken. Elk medium heeft immers sterke en zwakke punten. Met de strategie moet altijd geprobeerd worden de consument blij te maken. De consument kiest er immers voor om de pagina van NoorderRuimte wel of niet te volgen. Met conversaties kan het vertrouwen van de consument worden gewonnen. Overigens is het niet te verwachten dat een klant per ongeluk bij de pagina s van NoorderRuimte komt. Een onderdeel van de strategie is dan ook om de media te adverteren op andere plaatsen. Chris Hamelink 30

32 Curate Curate betekent beheer. NoorderRuimte is eigenaar van haar eigen content en interacties op sociale media, en moet die dus ook goed beheren. Een ander onderdeel van de strategie moet zijn dat er bepaald wordt wie er reageert en wanneer. NoorderRuimte moet proberen daar mensen voor te vinden die interesse hebben in het gebabbel op de sociale media, daarnaar kan luisteren en er op een goede manier op kan reageren. De personen die gekozen worden om deze taak te vervullen moeten ook de autoriteit hebben een probleem zo goed mogelijk op te lossen, in plaats van slechts sympathie te tonen. De juiste persoon op het juiste medium kan soms meer doen dan honderd reclamecampagnes. Chase Achterhaal wat voor informatie er op sociale media gegeven wordt over de organisatie, of het nou waar is of niet. De informatie die gegeven wordt moet in de gaten gehouden worden zodat erop gereageerd kan worden. Door te bedanken voor goede berichten en leugens te ontkrachten kan een organisatie sympathiek overkomen. Het kan soms beter zijn om geen aandacht te besteden aan leugens en roddels en ze vanzelf uit te laten sterven. Voor een organisatie als NoorderRuimte zal dit naar alle waarschijnlijkheid nog geen probleem worden binnen afzienbare tijd. Interactie In het artikel van Lindberg-Repo en Gronroos (2003) wordt aan de hand van het volgende model laten zien hoe relaties tussen bedrijven en klanten kunnen worden onderhouden en versterkt door het gebruik media media. Dit is goed toepasbaar op sociale media, juist door de mogelijkheid tot interactie met de consument. Afbeelding 10: Hoe communicatie werkt volgens Lindberg-Repo en Grönroos Een relatie tussen een bedrijf en een klant via media begint bij een geplande communicatie-uiting van een bedrijf. Dit kan een folder zijn, een reclame op tv of radio, een billboard of spandoek. In het kader van sociale media gaat het hier vooral over een posts die geplaatst worden vanuit het bedrijf zelf, dus niet als reactie op iemand anders. Wat er in die post staat maakt in eerste instantie niet veel uit. Het kan een tekstbericht zijn, een foto, een filmpje, een artikel of een van de vele andere mogelijkheden waarop een bedrijf een uiting kan maken op sociale media. Chris Hamelink 31

33 Een uiting die vanuit het bedrijf zelf komt heeft een laag niveau van interactie. Er wordt immers alleen gezonden en in eerste instantie niet gereageerd op een ander of op reacties van de doelgroep. In de tweede fase, waar het contact aan de orde komt is dat wel zo. Er kan door een klant gereageerd worden op de uiting van NoorderRuimte, en daarop kan weer gereageerd worden door NoorderRuimte zelf. In de derde fase van een communicatierelatie is er een hoog niveau van interactiviteit. Dat wil zeggen dat er onderling interactie is over het product, de ervaringen en meningen. Een verhoogd interactieniveau leidt in bijna alle gevallen tot een verhoogde kans dat een blijvend contact wordt gelegd. Onderlinge communicatie kan zeker voor een organisatie als NoorderRuimte een grote meerwaarde zijn in het doen van onderzoek en het uitvinden van behoeften van bewoners of andere stakeholders. Door de drie fasen te doorlopen kunnen stappen worden gezet in een blijvende relatie die meerwaarde heeft voor zowel de organisatie als de doelgroep en stakeholders. Nadat de drie stappen zijn doorlopen komt er meestal vanzelf op de een of andere manier feedback van de ontvangers van de berichten. Die feedback kan gebruikt worden bij het beginnen bij de eerste fase. Zo blijft een bedrijf constant de drie fasen doorlopen, waarna er met de feedback uit de derde fase weer bij de eerste fase begonnen kan worden. Traditioneel is communicatie in de eerste fase, de geplande communicatie, het meest formeel. Elke keer dat er een fase omhoog wordt gegaan, wordt de communicatie minder formeel en de interactie groter. Het is makkelijker om empathisch over te komen als er op een meer informele toon wordt gesproken met de doelgroep, omdat die dan meer het idee heeft dat er met een persoon geconverseerd wordt in plaats van met een bedrijf. Hierbij reflecteren de acties van de persoon die een conversatie heeft met een consument op het bedrijf, waardoor een persoonlijke relatie met iemand die de sociale media beheert kan leiden tot een relatie met het bedrijf. Leidraad Communicatieplan In het document Leidraad Communicatieplan (2010) staat in een aantal stappen beschreven hoe een communicatieplan geschreven moet worden, en wat de inhoud ervan moet zijn. De aanbevolen hoofdstukken zijn de volgende: - Inleiding met daarin achtergronden en gewenste resultaten - Afbakening waar in staat wat wel en wat niet gaat gebeuren, en welke gevolgen er zijn - Doelstelling waarin staat wat er veranderd moet worden en wat het gewenste resultaat is - Doelgroepen waarin staat wie de doelgroepen zijn en hoe die benaderd moeten worden - Boodschap waarin staat wat de boodschap van het plan moet zijn - Strategie waarin staat hoe de boodschap verkondigd moet worden - Middelen waarin staat beschreven welke middelen er nodig zijn - Planning waarin staat welke veranderingen wanneer moeten plaatsvinden - Budget waarin staat wat de kosten zijn van de te nemen maatregelen Sommige hoofdstukken zullen voor NoorderRuimte belangrijker zijn dan anderen. Omdat het gaat om een relatief klein bedrijf, en de veranderingen die moeten worden doorgevoerd geen grote impact zullen hebben op de bedrijfsprocessen, zal een strakke en compleet uitgewerkte planning voor NoorderRuimte minder belangrijk zijn. De boodschap, doelgroepen en strategie zullen wel van belang zijn omdat deze alles te maken hebben met de daadwerkelijke berichten die uitgezonden moeten worden op de sociale media van NoorderRuimte. Chris Hamelink 32

34 5.1 Conclusies over communicatiestrategieën Hoewel het eindproduct van dit onderzoek een implementatieplan is wordt er ook aandacht gegeven aan onderdelen die normaal gesproken in een communicatiestrategie te vinden zijn, omdat daar door de opdrachtgeefster om gevraagd is. Om die reden is er ook onderzoek gedaan naar communicatiestrategieën. De meest belangrijke bevinding in dit hoofdstuk is de waarde van interactie. De interactie maakt het verschil tussen een contact en een connectie. Er moet in het implementatieplan dan ook altijd op de interactie worden aangestuurd. Een communicatiestrategie gaat niet alleen om het zenden van berichten en zelfs niet alleen om het reageren op berichten van anderen. Het zoeken van nieuwe mensen waarmee een connectie kwan worden gemaakt is een integraal onderdeel van een communicatiestrategie. Als NoorderRuimte actief wordt op sociale media, met name wanneer het gaat over onderwerpen waar NoorderRuimte zich mee bezig houdt, kan NoorderRuimte zich laten zien aan de juiste mensen. De mensen die over de onderzoeksonderwerpen van NoorderRuimte posten behoren naar alle waarschijnlijkheid tot de groep mensen die NoorderRuimte met haar berichten wil bereiken. Een aantal onderdelen normaliter wel in een communicatiestrategie voorkomen zal in het implementatieplan voor NoorderRuimte niet terugkomen. Het gaat met name om de planning en het budget. De maatregelen die voorgesteld worden in het plan zullen vrijwel direct implementeerbaar zijn, zonder dat daar kosten aan zijn verbonden voor NoorderRuimte. Als laatste moet er in het implementatieplan aandacht zijn voor het beheer van de sociale media. Er moet een beheerder aangewezen worden die de eindverantwoordelijke is voor de berichten die op de sociale media worden geplaatst. De beheerder moet de accounts in de gaten houden en reageren op de berichten die door anderen geplaatst worden, vooral als dat reacties zijn op berichten van NoorderRuimte zelf. Chris Hamelink 33

35 6 Concurrentieanalyse Om te bepalen welke strategie effectief is voor (een bedrijf als) NoorderRuimte kunnen we kijken naar de manier waarop concurrenten van NoorderRuimte hun sociale media inzetten. In een eerder hoofdstuk zijn de sociale media al beoordeeld op hun sterke en zwakke punten met behulp van de honingraat. In dit hoofdstuk zullen enkele concurrenten van NoorderRuimte worden onderzocht en beoordeeld. In de analyse worden de volgende organisaties geanalyseerd: Tauw, Roeg en Roem, RDM Centre of Expertise en het KAW. Deze organisaties zijn gekozen omdat ze aangedragen werden als concurrentie door het Kenniscentrum. Bovendien zijn deze organisaties allemaal gevestigd of actief in Noord-Nederland. Roem en Roem In 2008 is Roeg en Roem opgezet door KAW en Nijestee. Roeg en Roem is een kennis- en activiteitenplatform voor dorps- en wijkvernieuwing. Roeg en Roem houdt voorziet in kennisuitwisseling. Er wordt tijdens de activiteiten nagedacht over onderwerpen die gerelateerd zijn aan wonen en leven, met een zware focus op Groningen. (Roeg en Roem, 2015) Tauw Tauw is een Europees advies- en ingenieursbureau met een sterke positie in milieuadvies en de duurzame ontwikkeling van de leefomgeving. Tauw is een groot bedrijf, met meer dan 1000 medewerkers in zes verschillende Europese landen. Tauw houdt zich bezig met het beïnvloeden van onze leefomgeving op een positieve manier, waar mensen dat vaak negatief doen. (Tauw, 2015) RDM Centre of Expertise RDM COE is een centrum voor het bevorderen van kennis en kunde op het gebied van het bouwen van een toekomstbestendige Rotterdamse haven en stad. Een onderdeel van hun expertise is ook Duurzaam Bouwen & Gebiedsontwikkeling. Er wordt door RDM nagedacht over oplossingen om de haven van Rotterdam milieuvriendelijker te maken op alle gebieden. (RDM Centre of Expertise, 2015) KAW Architecten KAW is een architectenbureau met zo n 50 medewerkers. De ambitie van KAW is om stedelijke, ruimtelijke en sociale vernieuwing vooruit helpen. KAW is volgens hun website begonnen als een bureau dat kraakpanden legaliseerde. Dat is een doel waar veel visie en ideeën voor nodig zijn. KAW heeft altijd de eindgebruiker in gedachten. Projecten moeten mooi, betaalbaar en milieuvriendelijk zijn. (KAW, 2015) Chris Hamelink 34

36 De analyse van deze concurrenten zal gedaan worden aan de hand van een deel van de vragenlijst die opgesteld is door Ralph van der Pauw (2011). De gebruikte vragenlijst is te vinden in de bijlagen als Bijlage De analyse door middel van Klout en Peerindex wordt achterwege gelaten omdat deze simpelweg niet te vinden zijn. NoorderRuimte en de andere bedrijven die geanalyseerd worden zijn niet aangesloten bij deze diensten. De vragenlijst is door Ralph van der Pauw (2011) opgesteld aan de hand van karakteristieken die communicatie op sociale media volgens Koch (2010) moet hebben. Koch heeft 13 karakteristieken opgesteld die in de vragenlijst aan de hand van 11 punten worden onderzocht. De voorbeeldlijst en de ingevulde lijsten zijn in de bijlagen te vinden. Het plan om Google+ in deze analyse ook een plaats te geven is niet doorgegaan. Dat heeft twee oorzaken gehad. De eerste is dat NoorderRuimte, Roeg en Roem en RDM Centre Of Expertise geen Google+ account hebben. De tweede reden is dat KAW architecten en Tauw gezamenlijk 3 volgers hebben en op beide pagina s nog geen enkele post is gemaakt. De bedrijven krijgen hun score op de verschillende onderdelen in sterren toegekend.het maximum aantal sterren dat op een categorie behaald kan worden is vijf. Na het bekijken van de sociale media media worden de sterren toegekend in de 11 vershillende categorieën. Deze 11 punten zien er als volgt uit: Authenticiteit De sociale media van een bedrijf moeten er betrouwbaar en authentiek uitzien. Dit laat zich zien door de logo s en de huisstijl van een bedrijf ook op sociale media te gebruiken. Daarnaast zal een website van een bedrijf doorverwijzen naar de sociale media van dat bedrijf. NoorderRuimte doet dit voor het grootste gedeelte prima, en hetzelfde geldt voor de andere bedrijven in de analyse. Het grootste gedeelte is het gebruik van het logo als de avatar en het kiezen van een geschikte bannerafbeelding. Als er daarna nog de tijd wordt genomen om de sociale media op de normale website te vermelden is dit al voldoende toegepast. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte Roeg en Roem Tauw RDM COE KAW architecten Relevantie De relevantie geeft aan in hoeverre de organisatie relevant is voor haar netwerk. Als de organisatie niet relevant zou zijn, zou het netwerk immers geen reden hebben de organisatie te volgen. De content moet aansluiten op het werkveld, en het helpt als content uit het werkveld, van andere bedrijven, gedeeld wordt. Daarnaast helpt het als er inhoudelijk wordt gereageerd op anderen en op vragen en opmerkingen van anderen. Chris Hamelink 35

37 Het plaatsen van relevante content gaat over het algemeen ook goed. Het linken naar artikelen op de website of nieuwsberichten op andere websites, samen met het delen van andere relevante tweets of uitingen op sociale media is voor de meeste bedrijven genoeg om een goede indruk te maken op sociale media met betrekking tot dit karakteristiek. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte Roeg en Roem Tauw RDM COE KAW architecten Empathie Dit karakteristiek geeft aan hoeveel empathie de organisatie toont als anderen met een vraag of opmerking bij de organisatie komen. Het tonen van medeleven en laten zien dat de klant begrepen wordt is belangrijk. Daarnaast moet alsnog inhoudelijk op de vraag of opmerking ingegaan worden. Waar NoorderRuimte en de andere organisaties de fout in gaan is dat er eigenlijk geen interactie is met de achterban, waardoor er ook geen empathie getoond kan worden. Roeg en Roem doet dit goed door af en toe vragen te stellen en te reageren op andere mensen. Dit laat zien dat de organisatie geeft om de mensen die de account volgen. Bovendien is er door het maken van een groep op LinkedIn (in plaats van een bedrijfspagina) veel meer ruimte voor discussie en interactie. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte Roeg en Roem - Tauw RDM COE - KAW architecten - - Genereus Hoe genereus een organisatie is kan worden afgelezen aan het aantal keren dat een organisatie content van anderen deelt en de namen van andere accounts deelt. Het liken van pagina s op Facebook en het aanraden van het volgen van anderen speelt hier ook in mee. NoorderRuimte doet dit al vrij aardig. Er worden vaak namen genoemd in Tweets en artikelen van bronnen buiten NoorderRuimte gedeeld op Facebook. Door medewerkers met hun Eigen account te laten posten kan een account ook genereuzer over komen. Soms is het echter alsnog verstandig om met de autoriteit van een bedrijfsaccount te spreken. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte - - Roeg en Roem - Tauw RDM COE - KAW architecten Chris Hamelink 36

38 Snelheid De snelheid van een organisatie gaat specifiek over hoe snel een organisatie inspeelt op trends, maar op vragen van anderen. Als een persoon dagenlang moet wachten op een antwoord op een simpele vraag had die persoon beter kunnen bellen. Als dat zou gebeuren werd in dat geval de sociale media niet effectief ingezet. Ook het delen van relevant nieuws moet snel gebeuren, niemand zit immers te wachten op oud nieuws. Omdat er op de sociale media van NoorderRuimte zo weinig interactie is, doet het bij dit karakteristiek niet mee. Roeg en Roem scoort wederom hoog. Roeg en Roem reageert snel, deelt de juiste posts op het juiste moment en er wordt wordt gereageerd op LinkedIn. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte Roeg en Roem - Tauw RDM COE KAW architecten Behulpzaamheid De behulpzaamheid van een organisatie geeft aan in hoeverre een organisatie bereid is om het probleem van een ander op te lossen. Een doorverwijzing naar een ander of de beslissing om te bellen zijn hier voorbeelden van. Een ander belangrijk ding is of de organisatie proactief is in het vinden van problemen. Sommige mensen klagen tegen hun volgers zonder de naam van de organisatie concreet te noemen. Het is belangrijk hier zoveel mogelijk op in te spelen. Roeg en Roem scoort wederom hoog. Dit heeft een hele simpele reden, namelijk dat Roeg en Roem de enige organisatie is die daadwerkelijk reageert op sociale media. Toch doen ze het goed, fouten worden toegegeven en verbeterd en vragen van de achterban worden beantwoordt. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte Roeg en Roem - Tauw - RDM COE - KAW architecten Originaliteit De originaliteit van content is van groot belang op sociale media. Alles wordt razendsnel gedeeld, en het is voor mensen die een account volgen niet fijn om meerdere keren hetzelfde (oude) bericht op hun pagina te zien te krijgen, omdat een bedrijf onoriginele content plaatst. De content moet ook op de verschillende media anders gepresenteerd worden. NoorderRuimte scoort vrij laag op dit punt, vanwege het feit dat er eigenlijk alleen nieuwsberichten van de website worden gepusht. Twitter is daarop de uitzondering, waar ook tweets van anderen worden geretweet en foto s van projecten worden geplaatst. Over het algemeen is hier overal ruimte voor verbetering. De meeste organisaties zien sociale media nog te veel als een manier om hun conventionele media te pushen. Chris Hamelink 37

39 Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte Roeg en Roem - Tauw RDM COE KAW architecten Informeel Sociale media zijn de ideale plek voor een bedrijf om iets minder formeel en zakelijk te zijn. Maak het aantrekkelijk om de sociale media van een bedrijf te volgen door ook eens een grapje te maken of de mensen die de account volgen bij een bericht te betrekken. Tot op zekere hoogte moet een bedrijf op sociale media informeel kunnen zijn. NoorderRuimte kan redelijk meekomen in deze categorie. Er wordt op Facebook en LinkedIn nog te veel gefocust op alleen het laten zien van de artikelen op de website. Er worden hier en daar wat foto s geplaatst, maar daar blijft het bij. Als men ergens trots op is mag dat gezien worden. Gebruik uitroeptekens, en betrek het publiek bij de onderwerpen door vragen te stellen. Door iets te vragen engageert men het publiek, wat de mogelijkheid biedt om bijna alle andere karakteristieken ook te verbeteren. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte - Roeg en Roem - Tauw RDM COE - KAW architecten Volhoudend De volhoudendheid van een organisatie is te zien aan hoe vaak er content geplaatst wordt, of de organisatie lange perioden van inactiviteit zijn en in hoeverre het delen van content gespreid wordt. Bij sommige bedrijven wordt op een bepaalde dag in de week alle sociale media bijgewerkt, waardoor mensen die de account volgen een stortvloed van berichten op hun pagina krijgen. Er moet voldoende content geplaatst worden, maar dat moet wel over de week verspreidt worden. Qua volhoudendheid scoort NoorderRuimte laag Dit is vooral omdat er weinig content geplaatst wordt. De accounts van NoorderRuimte zijn al vrij oud, maar nog weinig gebruikt. Tauw scoort op dit punt het hoogste. Door Tauw wordt verreweg het meeste gedeeld. Echter is het in de weekenden ook bij Tauw bijna helemaal stil. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte Roeg en Roem Tauw RDM COE KAW architecten Taalgebruik Chris Hamelink 38

40 Dat de communicatie informeel mag verlopen betekent niet dat men spelling- en grammaticaregels mag vergeten. De posts moeten netjes getypt zijn en vakjargon wordt aangemoedigd. Ook hier is het van belang om niet te veel vakjargon te gebruiken, maar er vanuit gaande dat de achterban de account volgt vanwege interesse in het vakgebied kan het goed zijn voor het imago en de professionele uitstraling van een organisatie. Over het algemeen scoort iedereen op dit punt goed. De organisaties bezigen allemaal correct Nederlands, zoals dat van professionals verwacht mag worden. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte - Roeg en Roem - Tauw RDM COE - KAW architecten Inspirerend Een organisatie, zeker in een branche als waar NoorderRuimte zich in bevindt, moet de achterban inspireren. Dit kan door ideeën en visies te verspreiden op de sociale media, maar vooral door vragen te stellen waar mensen over na moeten denken. Alle andere karakteristieken komen hier in zekere zin in samen. Als aan alle andere karakteristieken wordt voldaan, zal dit niet moeilijk zijn. Inspiratie geeft NoorderRuimte weinig. Dit is vooral omdat de content die door NoorderRuimte gedeeld wordt allemaal feiten zijn. Er wordt niets gevraagd, waar bijvoorbeeld Roeg en Roem dat wel doet. Vragen stellen zet mensen aan het denken. Bovendien kan daarmee inspiratie opgedaan worden door de organisatie zelf, door nieuwe ideeën die van de achterban komen. Facebook Twitter LinkedIn YouTube NoorderRuimte Roeg en Roem - Tauw RDM COE KAW architecten Chris Hamelink 39

41 6.1 Bevindingen en conclusies over de concurrentie Wat in een oogopslag opvalt is dat YouTube bij bijna alle bedrijven in bijna alle categorieën consequent laag scoort. Dat is in zekere zin logisch, omdat de organisaties die in deze analyse voorkomen geen filmmakers zijn. Er zal af en toe een promotie- of reclamefilmpje geplaatst worden die vervolgens op de andere media gedeeld wordt. Dat is ook het hoofddoel van het gebruik van YouTube als medium. Filmpjes die op YouTube gezet worden kunnen op alle andere media gedeeld worden. Daardoor is het veel makkelijker om een filmpje op YouTube te zetten en dat drie keer te delen dan op elk medium apart een filmpje te uploaden en dat op de pagina te zetten. LinkedIn scoort ook consequent lager dan de andere media. Dit is omdat LinkedIn een heel zakelijk netwerk is. Het gaat bij LinkedIn om het bijhouden van relaties, collega s en werkervaring. Daarom geldt bijvoorbeeld het karakteristiek Informeel minder voor dit medium. Ook wordt hier minder op gepost omdat het publiek simpelweg kleiner is. Twitter is bij bijna alle bedrijven het hoogst scorende medium. Bijna elk bedrijf post dagelijks op Twitter en deelt berichten, artikelen en beelden. Over het algemeen zijn de Twitter accounts ook de grootste accounts, twee bedrijven hebben meer dan 1000 volgers en de andere twee hebben er meer dan Hier loopt NoorderRuimte logischerwijs nog op achter, maar dat is vooral omdat de account van NoorderRuimte een stuk jonger is dan de andere accounts. Facebook wordt in bijna alle gevallen alleen gebruikt om nieuwsberichten van de website van het bedrijf te pushen. Dit is een hele achterhaalde manier van het gebruiken van Facebook, aangezien hier ook veel meer mogelijkheden liggen qua interactie met de achterban. Er wordt vrijwel nooit iets gedeeld of andere pagina s geliked, simpelweg omdat er te weinig aandacht aan besteedt wordt. Wat voor alle media geldt is dat er meer vragen gesteld moeten worden. Hoe meer er om de mening van de achterban wordt gevraagd, hoe beter. De mensen die een account volgen kunnen zich zo betrokken voelen bij wat er gaande is in het bedrijf en meehelpen met het bedenken van oplossingen van de problemen waar het bedrijf in de praktijk tegenaan loopt. Chris Hamelink 40

42 7 Tools Voor de meeste sociale media zijn tools beschikbaar om ze beter te kunnen managen. Het is echter zo dat de meeste sociale media prima zijn bij te houden met alleen de website van dat medium. Soms bieden Tools handige functies die op de website van het medium niet beschikbaar zijn, zoals bij Twitter. Twitter verandert snel, en heeft daarom in vergelijking met de andere media meer aan een tool. Met een tool zijn tweets van andere accounts beter bij te houden en kunnen tweets van NoorderRuimte voor een later tijdstip ingepland worden. Voor Twitter zijn dan ook veruit de meeste tools beschikbaar. Met een zoekopdracht op internet wordt al snel duidelijk hoeveel mogelijkheden er zijn. Er worden lijsten van meer dan 50 tools opgesteld met voor- en nadelen, functies en de mening van de auteurs. De beschikbare tools zijn divers. Bijna elke tool heeft een specialiteit. Er zijn tools om te bekijken wat de beste hashtags zijn, wie een populaire account heeft of om een account mee te beheren. Twee tools komen in bijna alle lijsten naar voren, omdat deze het meest veelzijdig en het meest gebruikt zijn. Deze twee tools zijn HootSuite en TweetDeck. (TopTenReviews, 2014) Juist omdat deze twee tools zo veelzijdig zijn, en ook veruit de meest populaire tools voor Twitter, beperkt dit hoofdstuk zich tot een korte analyse van onderzoek en afwegingen die al door anderen zijn gemaakt. De tools zijn al meerdere malen onderzocht en doorgemeten door verschillende mensen met verschillende doeleinden. Tweetdeck is een applicatie die door Twitter zelf is ontwikkeld, HootSuite is een applicatie van een externe partij. Beide applicaties bieden de mogelijkheid om meerdere feeds op een beeldscherm weer te geven. Door een feed op te zetten met bijvoorbeeld een hashtag (bijvoorbeeld #NoorderRuimte) kunnen alle tweets worden weergegeven die met die tag geplaatst zijn. Er kunnen ook feeds van accounts worden opgezet, waarmee alle interessante accounts in een feed te zien zijn. (Tweetdeck, HootSuite, 2015.) Over het algemeen hebben HootSuite en TweetDeck veelal dezelfde functies, die allemaal erg handig zijn bij het beheren van sociale media. Het grote verschil tussen HootSuite en Tweetdeck is dat HootSuite een betaalde versie heeft. Voor bedrijven biedt HootSuite meer, vooral omdat HootSuite de mogelijkheid geeft om meerdere accounts te beheren vanuit een programma. Voor meer dan vijf accounts moet echter betaald worden. (Ramsey, Clark, Paris, 2014) Een ander voordeel is dat HootSuite in de browser gebruikt kan worden. TweetDeck is daarentegen gebouwd op Adobe AIR, wat veel meer computerkracht nodig heeft. HootSuite en Tweetdeck zijn wel allebei beschikbaar voor mobiele telefoons. (Clark, 2013) Het uiteindelijke oordeel van alle tests is echter unaniem. Hoewel beide dashboards prima te gebruiken zijn en vrijwel hetzelfde werken, biedt HootSuite meer, zelfs de gratis versie. De betaalde versie krijgt al helemaal alle lof, maar dat is voor NoorderRuimte eerst nog niet nodig. Mocht daar later nog wel voor gekozen worden, kan dat snel gebeuren als HootSuite al in gebruik is. (Clark, Paris, Ramsey, Moreau) Chris Hamelink 41

43 8 Concept implementatieplan (verkorte versie*) Naar aanleiding van het gedane onderzoek worden in dit hoofdstuk een aantal aanbevelingen gedaan voor de implementatie van verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte. Eerst worden er een aantal algemene aandachtspunten genoemd waarna ingegaan wordt op de individuele media. Het eerste aandachtspunt is de eigenaar van sociale media. In dit rapport is al meerdere keren naar voren gekomen dat het een meerwaarde kan hebben als de verschillende experts van NoorderRuimte toegang hebben tot de bedrijfsaccount van NoorderRuimte. Zo kunnen zij zelf reageren op vragen op opmerkingen die onder hun expertise vallen. Dit maakt het echter niet onmogelijk of ongewenst om een eindverantwoordelijke te hebben voor de media. Als er door iemand een nieuwsbericht op de site van NoorderRuimte geplaatst wordt kan de eindverantwoordelijke het bericht doorlezen om te kijken of het een geschikt bericht is voor de pagina van NoorderRuimte. Hierbij moet gelet worden op de 11 aandachtspunten die in de vragenlijst naar voren kwamen. De eindverantwoordelijke voor de sociale media zal ook degene moeten zijn die de pagina s beheert. Dat wil zeggen dat die persoon in de gaten houdt of er vragen of opmerkingen zijn en daarop te reageren of die door te sturen naar de persoon met de meeste expertise op dat gebied. Het beheren van de sociale media moet niet onderschat worden. Dit is een ontzettend belangrijke bezigheid die ook tijd kost. Dat betekent dat de persoon die dit op zich neemt daar ook de tijd voor moet nemen, het kan niet langer iets zijn dat even gedaan moet worden als er wat tijd over is. Vervolgens moeten door de conventionele media een bijdrage geleverd worden aan het pushen van sociale media. In dit geval vallen , website en postverkeer ook onder conventionele media. Zorg dat in een ieders handtekening een link naar de website, Facebook, Twitter en LinkedIn staat. Op de website moet ook naar deze media gelinkt worden, en op de sociale media moet terug naar de website gelinkt worden. Het derde aandachtspunt is om de gebruikers meer te betrekken bij posts op sociale media. De nieuwsartikelen mogen gepusht worden op sociale media, maar probeer de doelgroepen daarbij te betrekken, en probeer af en toe iets anders te plaatsen dan een nieuwsbericht. Vragen stellen aan de doelgroepen is hierbij van groot belang. Door vragen te stellen en vragen te beantwoorden voldoen de accounts meer aan de karakteristieken empathie en genereus. Behalve het voldoen aan twee karakteristieken in een vragenlijst zal dit zorgen voor meer interactie met de doelgroep. Er moet bij elk medium gebruikt gemaakt worden van de functies die dat medium biedt. Op Facebook kan men bijvoorbeeld posts plannen en evenementen aanmaken. Het voordeel van een evenement is dat als mensen ervoor kiezen om bij het evenement aanwezig te zijn, al hun vrienden dat kunnen zien in de tijdlijn. Het laatste aandachtspunt is nazorg. Na het plaatsen van een bericht vindt er hopelijk discussie of een andere vorm van interactie met de doelgroepen plaats. Interactie kan alleen bestaan als die voortgezet wordt. Een reactie op een bericht van NoorderRuimte is op zich nog geen interactie totdat NoorderRuimte bedankt voor de reactie, antwoord geeft op een vraag of om verduidelijking vraagt. Empathie en informaliteit zijn daarbij van belang om de drempel om te reageren zo laag mogelijk te maken voor de doelgroepen. (In de verkorte versie staat allen Twitter beschreven. De volledige versie staat in blijage 12.21) Chris Hamelink 42

44 Chris Hamelink 43

45 8.1 Twitter Het gebruik van Twitter is van alle sociale media van NoorderRuimte het meest waardevol. Er wordt al regelmatig getweet en uit reacties van collega's en omgeving blijkt dat dat gewenst is. NoorderRuimte retweet ook regelmatig berichten van andere accounts. Daar kan nog op uitgebreid worden door te reageren op de berichten van anderen. Zorg dat er daadwerkelijke interactie is. Een andere manier op de Twitter van NoorderRuimte nog verder te verbeteren is om meer mensen te volgen en daarmee interactie te hebben. Door via de accounts die nu al door NoorderRuimte worden gevolgd naar andere accounts te gaan, bijvoorbeeld naar accounts die in tweets getagd zijn, kunnen op een gemakkelijke manier nieuwe accounts worden gevonden die soms relevante berichten plaatsen, waar op gereageerd kan worden of die geretweet kunnen worden. Er moeten soms ook tweets door NoorderRuimte zelf gemaakt worden. Het volgende stappenplan kan gebruikt worden bij het maken van tweets. Stap 1. Content Content is king. Zorg dat de post een toegevoegde waarde heeft voor de lezer. Als er tijdens een lunchpresentatie een uitspraak wordt gedaan als De Hanzehogeschool heeft de beste toiletvoorzieningen van Nederland kan die meteen worden overgenomen en geplaatst worden. Er kan ook alléén een vraag gesteld worden, of een juist een combinatie van een stelling en vraag. Een emotie bij de lezer opwekken is ook een meerwaarde! Stap 2. Foto Foto's kunnen een grote meerwaarde hebben voor een tweet, maar zijn niet verplicht. Bedenk of er over het onderwerp een foto geplaatst kan worden, en of die meerwaarde heeft. Bij een lunchlezing kan bijvoorbeeld een foto van de presentator geplaatst worden. Probeer te zorgen dat de foto interessant is door bijvoorbeeld een relevante of grappige slide op de achtergrond te hebben. Stap 3. Taggen en delen Tag de mensen of organisaties in de tweet! Voor NoorderRuimte een vaak voorkomende tag zijn. Tag accounts alleen als ze relevant zijn voor de tweet of er interesse voor hebben. Retweet ook tweets van andere accounts. Stap 4. Tijdstip Bedenk van tevoren wanneer er waarover getweet moet worden. Als het om een open evenement gaat waar iedereen welkom is moet dat van tevoren aangekondigd worden. Geef mensen de tijd om te reageren. Bij een lunchlezing kan bijvoorbeeld anderhalf uur van tevoren getweet worden over het onderwerp en de spreker, in plaats van 5 minuten na het begin. Het kan ook beter zijn om tijdens normale pauzes te tweeten. Net voor de lunch kan een goed tijdstip zijn, zodat mensen die tijdens hun pauze op Twitter kijken de tweet zien. Bovendien kunnen mensen het ná de pauze dan ook nog als redelijk nieuwe tweet zien. Stap 5. Posten Als aan alle voorwaarden wordt voldaan kan een bericht geplaatst worden. Dit geldt voor de bovengenoemde stappen, maar ook voor de elf kenmerken uit de vragenlijst. Ga na of het bericht interessant is, of het relevant is, in correct Nederlands en of het bericht een meerwaarde heeft voor de doelgroepen. Chris Hamelink 44

46 8.2 Stappenplan Chris Hamelink 45

47 9 Interviewmethodiek Het implementatieplan wordt als gebruikerstest voorgelegd aan een aantal testpersonen. Door het plan te testen kunnen bepaalde groepen hun mening en feedback geven op het plan. De expertinterviews worden gehouden op de Hanze. Er worden twee experts geïnterviewd, Erwin de Beer en Ellen van Hegelsom. De geselecteerde experts zijn gekozen omdat deze veel ervaring hebben met het voeren van sociale media. Bovendien zijn ze bekend met NoorderRuimte. Beide experts gebruiken sociale media persoonlijk en professioneel. Meneer de Beer is werkzaam bij het project Hanze 2.0 en regelt daar de zaken omtrent sociale media. Mevrouw van Hegelsom is beheerder en eindverantwoordelijke voor de sociale media van de Hanze. Daarnaast worden er interviews gehouden met werknemers van NoorderRuimte. De medewerkers worden immers vertegenwoordigd op de sociale media. Het is daarom van belang dat zij achter het plan staan en zich willen inzetten om het uit te voeren. De medewerkers die geïnterviewd zullen worden zijn Rixt Froentjes (communicatiemedewerkster), Saskia Wiepkema (managementsecretaresse), Mirjam Post (coördinator), en Philip Broeksma van het project Living Lap Eelde. Een andere groep die geïnterviewd zal worden is studenten. Er is voor gekozen om deze groep klein te houden. De studenten zijn allemaal van de Hanze. Hoewel ze van verschillende opleidingen zijn, zullen ze veelal hetzelfde doel voor ogen hebben: afstuderen. De studenten worden als juniormedewerkers in NoorderRuimte opgenomen, wat de reden is dat de studenten dezelfde vragen hebben gekregen als de medewerkers. Als laatste worden er interviews gehouden met klanten van NoorderRuimte. Dit is immers de doelgroep die op de berichten van NoorderRuimte zou moeten lezen, er op reageren en er van zou moeten leren of op een andere manier meerwaarde moeten ondervinden. De klanten zullen niet direct ondervraagd worden over het implementatieplan, maar in plaats daarvan over de manier waarop zij benaderd en aangesproken willen worden door NoorderRuimte, en wat voor content ze zouden willen zien. De interviews die worden afgenomen zullen semi-gestructureerd zijn. Er is van tevoren een lijst opgesteld met vragen die beantwoord moeten worden, maar het gesprek wordt niet afgekapt als het afdwaalt, waardoor het iets minder formeel en geforceerd is. Op deze manier wordt het meer een gesprek en in mindere mate een vragenvuur. De bedoeling is echter wel dat alle vragen nog beantwoordt worden. De interviewvragen (Bijlagen 13.7,13.8 en 13.9) zijn voortgekomen uit de gebruikte theorieën. De theorieën geven bepaalde inzichten en suggesties wat betreft het gebruik van sociale media, die in de praktijk misschien anders liggen. Om dat te toetsen zijn er vragen gesteld over de geselecteerde media, of die geschikt zijn voor NoorderRuimte en de doelgroep, en of het plan zelf geschikt is voor nieuwe gebruikers van sociale media. De interviews zijn op locatie afgenomen. Dat wil zeggen in de Hanzehogeschool en op de verschillende locaties van klanten. Er is gekozen om de geselecteerde personen te interviewen omdat deze personen de doelgroepen het beste vertegenwoordigen. De verschillende medewerkers die geïnterviewd zijn, zouden de meest aangewezen personen zijn om op sociale media actief te zijn. De studenten en klanten zijn vooral geïnterviewd om erachter te komen op welke manier NoorderRuimte zich op sociale media moet profileren. Bovendien was het van belang uit te vinden hoe veel content de studenten en klanten van NoorderRuimte willen zien, en wat voor content. De interviews worden opgenomen met een recorder. Chris Hamelink 46

48 Bij het selecteren van de kandidaten voor de interviews is dus gebruik gemaakt van theoretical sampling. (Patton, 2001) Dat betekent dat de mensen geselecteerd zijn op de waarschijnlijkheid dat ze iets van waarde kunnen bijdragen aan dit onderzoek. Het is hierom dat er elf en geen twaalf mensen zijn geïnterviewd. Na een telefoongesprek met één van de kandidaten (een klant) is naar voren gekomen dat deze geen geschikte kandidaat was. Deze persoon gebruikte geen sociale media en had er ook geen interesse voor. 9.1 Interviewresultaten De vragen die in de grafieken worden weergegeven zijn gesloten. In de praktijk bleek dat de antwoorden vaak niet zo simpel waren. Onder elke grafiek staat een korte uitleg waarin staat beschreven wat er aan toe werd gevoegd. Aan het einde van dit hoofdstuk wordt een overzicht gemaakt van de verbeterpunten die door de ondervraagden werden aangedragen. Is het implementatieplan duidelijk? Ja Nee Grotendeels Grafiek 1: Antwoorden op de vraag Dit was één van de eerste vragen die tijdens de interviews gesteld werd. Of het plan duidelijk is of niet kan op meerdere manieren worden opgevat, waardoor dit ook een vraag is die in drie categorieën is opgedeeld. Over het algemeen was iedereen positief over het plan. De verbeterpunten qua duidelijkheid die naar voren kwamen gingen vooral over waar de verschillende media voor gebruikt moesten worden. Dat wil zeggen dat er volgens de ondervraagden bij elk medium een klein stukje moet staan waarin staat beschreven waar dat medium het beste voor gebruikt kan worden. Er was ook nog de suggestie om de analyse- en adviesonderdelen van het concept beter te splitsen, omdat dat nog door elkaar liep. Chris Hamelink 47

49 Zijn alle elementen die u in dit plan verwacht aanwezig? 3 5 Ja Nee Grafiek 2: Antwoorden op de vraag Bij deze vraag kwam vooral naar voren dat er een onderdeel over het beheer mist. De ondervraagden vroegen zich af wie er op de sociale media van NoorderRuimte zou mogen posten, en wie daarvoor de eindverantwoordelijke zou worden. Door de experts werd meteen gedacht aan tools. Zonder tools was het volgens hen onmogelijk om op een goede manier de sociale media te implementeren en te beheren. Het is dan ook om die reden dat dat onderzoeksgebied later nog is toegevoegd. Als laatste kwam de vraag om een heel concreet stappenplan naar voren. Een lijst van acties die NoorderRuimte moet uitvoeren voordat de sociale media in gebruik genomen kunnen worden. Bijvoorbeeld om de Facebook-pagina's die niet gebruikt worden te laten verwijderen, of het installeren van HootSuite. Is het implementatieplan geschikt voor leken? 1 7 Ja Nee Grafiek 3: Antwoorden op de vraag Over het algemeen vond iedereen dat het implementatieplan geschikt was voor leken. De persoon die op deze vraag nee heeft gezegd had het voornamelijk moeite met bepaalde termen die in het implementatieplan geschreven staan. Hieruit is afgeleid de verklarende woordenlijst nog duidelijker gemaakt moet worden. Chris Hamelink 48

50 Is het implementatieplan haalbaar? 2 Ja 6 Nee Grafiek 4: Antwoorden op de vraag De haalbaarheid was een interessante vraag. De medewerkers van NoorderRuimte waren allen van mening dat het implementeren van de sociale media volgens het geschreven implementatieplan volstrekt haalbaar was. De experts waren het daar niet mee eens. Het struikelpunt voor de experts was het grote aantal media dat in het implementatieplan beschreven staat. Er zijn veel voorbeelden van bedrijven die vele malen groter zijn dan NoorderRuimte, maar die slechts drie verschillende sociale media gebruiken voor hun online marketing. Om deze reden is besloten om twee media uit het implementatieplan te schrappen, Google+ en YouTube. Er werd door de experts gevraagd of deze media écht nodig zijn, en of er interactie met de doelgroep op deze media kan plaatsvinden. Omdat het antwoord op die vragen nee of nauwelijks is, is besloten YouTube en Google+ achterwege te laten. Bent u het eens met de gegeven adviezen? 3 5 Ja Nee Grafiek 5 Antwoorden op de vraag Deze vraag heeft veelal hetzelfde resultaat als de vorige vraag, om dezelfde reden. De grootste klacht is dat er té veel media geselecteerd zijn, waardoor het lastig wordt voor één persoon om de sociale media te beheren.de antwoorden die op deze vraag gegeven werden zijn interessant omdat de jongste ondervraagden van mening waren de sociale media met dit implementatieplan wel te kunnen beheren. De oudere ondervraagden, ook de experts, waren van mening dat het met dit plan niet zou kunnen. Chris Hamelink 49

51 Zou u hiermee de sociale media van NoorderRuimte kunnen beheren? Ja Nee Grafiek 6 Antwoorden op de vraag De grootste reden voor de personen die zeiden de sociale media hier niet mee te kunnen beheren was dat er niet duidelijk in het plan stond wanneer er op welk medium gepost moet worden, en dat er niet met een concreet en duidelijk actieplan wordt weergegeven wat er moet worden ondernomen voordat de sociale media met succes kunnen worden ingezet. Hieronder volgt een lijst met concrete dingen die in de interviews naar voren zijn gekomen. De verklarende woordenlijst moet verbeterd worden. Er moet een plan komen met vastgestelde momenten wanneer er gepost kan worden. Er moet een stappenplan komen om de media van NoorderRuimte te implementeren, waarin concrete acties staan beschreven. In het implementatieplan moeten de analyse en de aanbevelingen gesplitst worden. In het implementatieplan moeten de verschillende media met elkaar vergeleken en tegen elkaar afgewogen worden. In het implementatieplan moet een aanbeveling voor een tool gedaan worden. Er moet in het implementatieplan meer op interactie met de doelgroepen gestuurd worden. Het aantal media is te groot. Er moet een aantal media afvallen. In het implementatieplan moet aandacht komen voor het beheer van de sociale media. Er moet een manier gevonden worden om de expertise van NoorderRuimte naar de sociale media te krijgen. Zorg dat de connecties op sociale media gemaakt worden met de doelgroepen. Adverteer de sociale media beter via conventionele media. Maak duidelijk wie een bericht op de sociale media van NoorderRuimte zet. Geef informatie over NoorderRuimte op sociale media. Verduidelijk hoe een pagina geloofwaardig gemaakt kan worden. Gebruik de evenemententool van Facebook Bij de interviews met de klanten van NoorderRuimte viel het op dat alle ondervraagden zeiden geïnteresseerd te zijn in resultaten uit andere onderzoekslijnen, terwijl geen van allen echt op de hoogte was van wat die onderzoekslijnen zijn. Het uitwisselen van kennis en resultaten werd als een absolute meerwaarde gezien voor NoorderRuimte, zeker ook met het ook op het gebruik van sociale media. Chris Hamelink 50

52 10 Conclusies en aanbevelingen Het behalen van het a-deel van de doelstelling, namelijk een advies te schrijven voor een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media media om daarmee de naamsbekendheid te vergroten en de werving van klanten te vergemakkelijken, is gelukt. De grootste bevinding uit dit onderzoek is dat er vrijwel altijd op interactie moet worden aangestuurd. De persoon die als eindverantwoordelijke voor de sociale media (Rixt Froentjes) is aangesteld moet de kwaliteit van de berichten op de sociale media waarborgen. Uit de analyse van de sociale media is gebleken dat Instagram en Pinterest voor NoorderRuimte geen geschikte media zijn, omdat het media zijn die weinig voor professionele doeleinden gebruikt worden, tenzij er een fysiek product te promoten is. Daarnaast is het zo dat de doelgroepen niet te bereiken zijn via deze media. Het is om die reden dat in het concept-implementatieplan de vijf andere media zijn opgenomen: Facebook, Twitter, LinkedIn, YouTube en Google+. Voor die media is het conceptimplementatieplan geschreven. Facebook heeft een hoog gebruikersaantal en kan gebruikt worden om groepen te beheren en evenementen te plannen. Via Facebook kan NoorderRuimte vooral de volgers op de hoogte houden van wat er gebeurt binnen het bureau. Daarnaast kunnen klanten op de hoogte gehouden worden van hun eigen onderzoekslijn en die van anderen. Via Twitter kan het meeste aangestuurd worden op interactie, en moet ook door NoorderRuimte zelf de interactie aangegaan worden. Ook de concurrenten van NoorderRuimte gebruiken twitter extensief. Door HootSuite in te zetten kan NoorderRuimte orde aanbrengen in de duizenden tweets die dagelijks geplaatst worden. Door het maken van verschillende feeds waarin het over verschillende onderwerpen gaat kan doelgericht gereageerd worden op tweets van anderen. LinkedIn kan door NoorderRuimte vooral worden ingezet om het netwerk op te bouwen en te onderhouden. Door klanten en contacten te vragen om NoorderRuimte aan te bevelen kan NoorderRuimte een grotere geloofwaardigheid krijgen als kenniscentrum. Tijdens de interviews kwam naar voren dat het managen van sociale media lastig is zonder gebruik te maken van tools. Daarom is een hoofdstuk toegevoegd waarin onderzocht wordt welke tools er beschikbaar zijn en welke NoorderRuimte moet gebruiken. Hootsuite werd aanbevolen vanwege de veelzijdigheid, brede ondersteuning en omdat alle media ermee beheerd kunnen worden. Ook bleek dat vijf media een groot aantal is voor een klein bedrijf als NoorderRuimte. Tijdens het interview met Ellen van Hegelsom, die de sociale media van de Hanzehogeschool beheert, kwam naar voren dat het YouTube kanaal van de Hanzehogeschool gebruikt mag worden voor video's van NoorderRuimte. Google+ heeft nog steeds voordelen voor search engine optimization maar minder voor interactie, waar de sociale media in dit plan eigenlijk voor bedoeld zijn. Daarom is ervoor gekozen om Google+ en YouTube voorlopig uit het implementatieplan te schrappen. Een aantal andere aandachtspunten van de ondervraagden in de interviews zijn ook dorogevoerd in de eindversie. In de eindversie van het implementatieplan staat ook een checklist met een aantal punten die uitgevoerd moeten worden voordat de implementatie van sociale media binnen NoorderRuimte een succes kan zijn. Een voorbeeld van een onderdeel van de checklist is ervoor te zorgen dat er één pagina van NoorderRuimte is op de verschillende media Chris Hamelink 51

53 Daarnaast is ervoor gekozen om de individuele stappenplannen per medium weg te halen, en in plaats daarvan een paar aandachtspunten neer te zetten die specifiek voor dat medium gelden. Een algemeen stappenplan staat immers ook in het laatste hoofdstuk. Dat stappenplan kan voor elk medium gebruikt worden.. Het stappenplan is behalve een paar kleine toevoegingen voor het grootste deel identiek aan het stappenplan uit het concept. Over het algemeen waren de ondervraagden lovend over de strategie. Behalve de bovengenoemde verbeterpunten waren ze het eens met de gegeven adviezen. De verbeterpunten die door de ondervraagden werden aangegeven zijn veelal doorgevoerd in het uiteindelijke implementatieplan. Chris Hamelink 52

54 11 Verbeterd implementatieplan Implementatieplan voor sociale media Voor Kenniscentrum NoorderRuimte Door Chris Hamelink Versie 1 Juni 2015 Chris Hamelink 53

55 11.1 Algemene aandachtspunten Naar aanleiding van het gedane onderzoek worden in dit implementatieplan een aantal aanbevelingen gedaan voor de implementatie van verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte. Eerst worden er een aantal algemene aandachtspunten genoemd waarna ingegaan wordt op de individuele media. Het eerste aandachtspunt is de eigenaar van sociale media. In dit rapport is al meerdere keren naar voren gekomen dat het een meerwaarde kan hebben als de verschillende experts van NoorderRuimte toegang hebben tot de bedrijfsaccount van NoorderRuimte. Zo kunnen zij zelf reageren op vragen op opmerkingen die onder hun expertise vallen. Dit maakt het echter niet onmogelijk of ongewenst om een eindverantwoordelijke te hebben voor de media. Als er door iemand een bericht geplaatst wordt kan de eindverantwoordelijke het bericht doorlezen om te kijken of het een geschikt bericht is voor de pagina van NoorderRuimte. De meest geschikte eindverantwoordelijke is Rixt Froentjes. Zorg er ook voor dat de medewerkers van NoorderRuimte op de hoogte zijn van dit plan, en bereid zijn om mee te werken aan het succesvol maken van het gebruik van sociale media. Dit kan bijvoorbeeld gedaan worden door een wekelijkse te sturen met daarin de vraag wat eventueel van waarde zou kunnen zijn voor sociale media, of tijdens vergaderingen aandacht te besteden aan sociale media. Het derde aandachtspunt is om de gebruikers meer te betrekken bij posts op sociale media. De nieuwsartikelen mogen gepusht worden op sociale media, maar probeer de doelgroepen daarbij te betrekken, en probeer af en toe iets anders te plaatsen dan een nieuwsbericht. Vragen stellen aan de doelgroepen is hierbij van groot belang. Door vragen te stellen en vragen te beantwoorden voldoen de accounts meer aan de karakteristieken empathie en genereus. Behalve het voldoen aan twee karakteristieken in een vragenlijst zal dit zorgen voor meer interactie met de doelgroep. Het laatste aandachtspunt is nazorg. Na het plaatsen van een bericht vindt er hopelijk discussie of een andere vorm van interactie met de doelgroepen plaats. Interactie kan alleen bestaan als die voortgezet wordt. Een reactie op een bericht van NoorderRuimte is op zich nog geen interactie totdat NoorderRuimte bedankt voor de reactie, antwoord geeft op een vraag of om verduidelijking vraagt. Empathie en informaliteit zijn daarbij van belang om de drempel om te reageren zo laag mogelijk te maken voor de doelgroepen. Chris Hamelink 54

56 11.2 Checklist voor implementatie Verwijder de Facebookpagina's die niet de officiële pagina zijn. Verwijder de pagina's op LinkedIn die niet de officiële pagina zijn. Verwijder het YouTube kanaal. Verander de profielafbeelding van de verschillende media naar het logo van NoorderRuimte. Zorg voor aanvullende informatie: adres, website, achtergrondinformatie, etc. Zorg dat medewerkers de pagina's van NoorderRuimte volgen en liken. Volg accounts van anderen. Zorg dat medewerkers van NoorderRuimte de sociale media in hun handtekening hebben. Incorporeer sociale media in andere conventionele media: visitekaartjes, posters, briefpapier en enveloppen. Zorg dat de sociale media via de website van NoorderRuimte te vinden zijn. Installeer HootSuite en zorg voor geordende feeds. Print het stappenplan uit dit implementatieplan uit, hang het op en gebruik het! Chris Hamelink 55

57 11.3 HootSuite Het installeren van HootSuite is in een mum van tijd gebeurd. Hieronder staat in korte stappen beschreven op welke manier dat kan gebeuren. HootSuite geeft zelf ook aanwijzingen voor hoe HootSuite in gebruik moet worden genomen, maar die zijn in het Engels. Het kan dus zo zijn dat er een kleine overlap is tussen de stappen die hieronder beschreven staan en de stappen die door HootSuite zelf op de site ook worden uitgelegd. 1. Ga naar 2. Klik op Create a new account! 3. Voer de gegevens in. Voor NoorderRuimte kan in plaats van een naam de bedrijfsnaam gebruikt worden. 4. Er wordt een korte uitleg gegeven over Hootsuite. Volg de stappen over het invoegen van nieuwe media en het aanmaken van streams. 5. Zodra de uitleg over is kunnen de sociale media worden toegevoegd. Voeg Twitter, LinkedIn en Facebook toe. HootSuite mag overal toestemming voor krijgen. Het toevoegen van nieuwe media gebeurt door de gebruikersnaam en het wachtwoord voor dat specifieke medium in te voeren. Daarna kan alles via HootSuite geregeld worden. 6. Maak streams. Op Twitter kan dat aan de hand van maximaal 3 keywords. Een voorbeeld voor een stream voor NoorderRuimte kan zijn NoorderRuimte, Hanze en Kenniscentrum. Op eenzelfde manier kunnen streams voor Facebook en LinkedIn worden aangemaakt, bijvoorbeeld van de timeline op Facebook. In afbeelding 1 zijn in het rode vak de media te zien. Met de knoppen in het groene vak kunt u direct streams toevoegen, of in het blauwe vak kunt u andere categorieën kiezen. 7. Als de streams zijn gemaakt en toegevoegd aan HootSuite kunnen de berichten over NoorderRuimte en het werkveld gemakkelijk worden bijgehouden. Bovenaan de pagina kunnen ook berichten worden geplaatst en ingepland worden. Chris Hamelink 56

58 11.4 Twitter Het gebruik van Twitter is van alle sociale media van NoorderRuimte het meest waardevol. Er wordt al regelmatig getweet en uit reacties van collega's en omgeving blijkt dat dat gewenst is. NoorderRuimte retweet ook regelmatig berichten van andere accounts. Daar kan nog op uitgebreid worden door te reageren op de berichten van anderen. Zorg dat er daadwerkelijke interactie is. Een andere manier op de Twitter van NoorderRuimte nog verder te verbeteren is om meer mensen te volgen en daarmee interactie te hebben. Door via de accounts die nu al door NoorderRuimte worden gevolgd naar andere accounts te gaan, bijvoorbeeld naar accounts die in tweets getagd zijn, kunnen op een gemakkelijke manier nieuwe accounts worden gevonden die soms relevante berichten plaatsen, waar op gereageerd kan worden of die geretweet kunnen worden. Probeer bij het posten op Twitter vragen te stellen en te beantwoorden. Behalve dat een bericht de lezer moet voorzien van informatie, moet de interactie altijd gestimuleerd worden. Dit kan ook door foto's te plaatsen of links te delen. Het delen van een foto of een link moet altijd gebeuren met een korte begeleidende tekst. Bij tweets moet eigenlijk altijd getagd worden, of een #hashtag worden toegevoegd aan de tweet. Dit zodat de persoon weet dat er een tweet geplaatst is die voor diegene interessant is, en de hashtag zodat de tweet makkelijker gevonden kan worden. Begin een tweet nooit met omdat dan alleen die persoon de tweet te zien krijgt. Als laatste is het netjes om te bedanken voor retweets en reacties. Door te bedanken voor reacties en retweets kunnen de personen die de reactie geven ook zien dat NoorderRuimte het gelezen heeft en er eventueel aandacht aan heeft besteedt, ook al is de reactie alleen maar Leuk!. Voordat de tweet geplaatst wordt moeten de volgende vragen beantwoordt worden. Gaat de tweet ergens over? Kan er een foto, link of video bij geplaatst worden? Heeft dit meerwaarde voor de lezers? Moeten of #hashtags genoemd worden? Kan er een vraag worden gesteld? Wanneer en hoe vaak moet er gepost worden? Zo vaak als nodig is. Als er een noemenswaardige ontwikkeling is Een dag en een uur voordat er iets plaatsvindt, bijvoorbeeld een gastcollege. Chris Hamelink 57

59 11.5 Facebook Facebook wordt door de geanalyseerde bedrijven gebruikt om artikelen te pushen. Op Facebook kan men ook heel goed posts delen of reageren op posts van anderen. Vraag aan de doelgroepen en medewerkers of ze de Facebookpagina van NoorderRuimte liken en volgen. Als iemand een post van NoorderRuimte liket of deelt kunnen alle vrienden van die persoon dat zien. Dat geeft weer meer exposure en dus mogelijkheden om de naamsbekendheid te vergroten. Wat opvalt aan de Facebookpagina is dat de avatar niet het logo van NoorderRuimte is. Dit is een gemiste kans. De huidige foto doet af aan de geloofwaardigheid van de pagina. De huidige foto, een groep mensen die aan het werk is aan een poster, heeft alleen waarde voor mensen die weten dat dit in het kantoor van NoorderRuimte plaatsvindt of dat de mensen in de foto medewerkers van NoorderRuimte zijn. De foto zal dus veranderd moeten worden in een foto van het logo van NoorderRuimte, die gek genoeg al wel op de Facebookpagina staat maar nog nergens voor gebruikt wordt. Op Facebook moet altijd met een foto of een link gepost worden. Hierop zijn geen uitzonderingen. Door een foto of een link toe te voegen aan een post wordt de post simpelweg een stuk groter op de tijdlijn. Hierdoor duurt het langer om er langs te scrollen, waardoor de kans groter wordt dat de post gezien wordt. Bovendien trekken beelden meer de aandacht dan alleen tekst. Ook op Facebook geldt dat de interactie altijd gestimuleerd moet worden. Ook hier kunnen vragen gesteld worden om dat op gang te brengen. Daarnaast is het netjes om te bedanken voor shares en reacties. Bij een post op Facebook moeten de volgende vragen worden beantwoordt: Gaat de post ergens over? Heeft dit meerwaarde voor de lezers? Wat voor foto, link of video moet er bij deze post geplaatst worden? Moeten er mensen getagd worden in deze post? Kan er een vraag worden gesteld? Wanneer en hoe vaak moet er gepost worden? Maximaal twee keer per dag. Minimaal ééns per week. Tenzij er iets belangrijks is. Als er een noemenswaardige ontwikkeling is Een week en een dag voordat er iets plaatsvindt, bijvoorbeeld een gastcollege. Chris Hamelink 58

60 11.6 LinkedIn LinkedIn is van nature een minder actief netwerk dan Facebook en Twitter. Het gebruik van de geanalyseerde bedrijven reflecteert dit ook, er wordt namelijk een stuk minder vaak gepost op LinkedIn dan op de andere media. Opzich is dit geen probleem. Het gaat bij LinkedIn dan ook meer om het aanwezig zijn dan een constante bijdrage leveren. Het pushen van nieuwsartikelen op sociale media is over het algemeen geen goede manier om sociale media te gebruiken. Op LinkedIn is dat juist niet zo. Het pushen van nieuwsartikelen is verreweg de meest voorkomende strategie op LinkedIn, en lijkt ook waarvoor de meeste mensen op LinkedIn zitten. Een ander groot onderdeel van LinkedIn is, omdat het een medium is dat gaat over het opbouwen van een professioneel netwerk, dat er vacatures geplaatst kunnen worden waar mensen makkelijk op kunnen reageren. Het gebeurt niet vaak dat NoorderRuimte nieuwe full time employees zoekt, maar de afstudeerstages kunnen hier ook op worden aangeboden. Het kan gemakkelijk zijn om vacatures en aanmeldingen bij te houden via LinkedIn. Voor LinkedIn kan het beste alles behalve de bedrijfspagina verwijderd worden. Hoewel interactie op LinkedIn nog steeds een rol kan spelen, is deze aanzienlijk kleiner dan bij Facebook en Twitter. Op LinkedIn gaat het meer over de identiteit van NoorderRuimte, onder andere ook door de medewerkers en partners duidelijk te maken. Posten op LinkedIn kan met een lagere frequentie, en mag een zakelijke ondertoon hebben. Dat betekent dat het geen probleem is als er een tijdje geen nieuwe berichten worden geplaatst. Af en toe moet er een korte update komen over wat er gaande is binnen NoorderRuimte. Het moet echter wel zo zijn dat er snel gereageerd moet worden op berichten van andere mensen. Bij een post op LinkedIn moeten de volgende vragen worden beantwoordt: Gaat de post ergens over? Heeft dit bericht meerwaarde voor de lezers, en komt het het imago van NoorderRuimte ten goede? Kan er een bestand, een foto of een link bij het bericht geplaatst worden? Kan er een vraag worden gesteld? Wanneer en hoe vaak moet er gepost worden? Maximaal twee keer per dag. Minimaal ééns per maand. Tenzij er iets belangrijks is. Als er een noemenswaardige ontwikkeling is Voordat er een netwerkbijeenkomst of borrel is. Geef mensen de tijd om te reageren. Chris Hamelink 59

61 11.7 Stappenplan Chris Hamelink 60

62 12 Bronnen Hieronder volgt een vermelding van de gebruikte literatuur. 13 Qualities of a Good Social Media Voice. (2010, August 3). Retrieved April 28, 2015, from About Twitter, Inc. About. (n.d.). Retrieved April 28, 2015, from https://about.twitter.com/company About Us LinkedIn Newsroom. (n.d.). Retrieved April 28, 2015, from https://press.linkedin.com/about-linkedin Beatty, J. (2015, April 7). Social Media: Steps to Implementing a Small Business Social Media Strategy. Retrieved April 29, 2015, from Bond, D. (2011) Demystifying Social Media. CoastDigital, Retrieved April 8, 2015 from Clark, T. (2013, April 13). TweetDeck VS HootSuite: Which Twitter Client is The Best Marketing Tool - Taylor Clark's Internet Marketing & Social Media Blog. Retrieved May 12, 2015, from Company Info Facebook Newsroom. (n.d.). Retrieved April 26, 2015, from https://newsroom.fb.com/company-info/ Dit is KAW visie en missie KAW architecten en adviseurs. (2015). Retrieved April 28, 2015, from Doorewaard, H., & Verschuren, P. (2009). Het ontwerpen van een onderzoek (4th ed.). Den Haag: Boom Uitgevers. Eindversie Duurzame Haven Visie. (n.d.). Retrieved April 23, 2015, from Facebook. (n.d.). Retrieved April 23, 2015, from Folger, J. (2013, March 19). Implementing A Small Business Social Media Strategy: Maintain Your Profiles Investopedia. Retrieved April 29, 2015, from Het gebruik van Facebook, Twitter, Pinterest, Tumblr en Instagram in (2015, January 20). Retrieved April 25, 2015, from HootSuite. (n.d.). Retrieved May 12, 2015, from https://hootsuite.com/ Instagram. (n.d.). Retrieved April 23, 2015, from Jefferson III, C., & Traughber, S. (2012, March 16). Social Media in Business: How Social Media Can Help Small Businesses And Non-profit organizations. Retrieved April 20, 2015, from Kaplan, A., & Haenlein, M. (2010). Users of the world, unite! The challenges and opportunities of Social Media. ScienceDirect, 53(1), Retrieved March 5, 2015, from dc7c&pid=1-s2.0-s main.pdf Kietzmann, J., Hermkens, K., McCarthy, I., & Silvestre, B. (2011). Social media? Get serious! Understanding the functional building blocks of social media. Business Horizon, 54(3), Retrieved March 6, 2015, from aab0f6c&acdnat= _d07b65bba3923a8d88223d13d8795ca9 Krumm, J. (2008). User Generated Content. Pervasive Computing, Retrieved March 4, 2015, from Chris Hamelink 61

63 Leidraad Communicatieplan. (2010). Retrieved April 28, 2015, from Lindberg-Repo, K., & Grönroos, C. (2004, April 12). Conceptualising communications strategy from a relational perspective. Retrieved April 21, 2015, from Lovett, J., & Owyang, J. (2010, April 21). Social marketing Analytics: A New Framework For Measuring Results in Social Media. Retrieved April 24, 2015, from Marktaandelen sociale netwerken Marketingfacts Stats Dashboard. (2014, December 1). Retrieved April 26, 2015, from Moreau, E. (n.d.). TweetDeck vs. HootSuite: Which is Better? Retrieved May 12, 2015, from NoorderRuimte. (2010). Waarde(n)volle Ruimte! Strategisch Plan Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling NoorderRuimte. Retrieved March 6, 2015, from https://www.hanze.nl/assets/kcnoorderruimte/documents/public/mjsp1014website.pdf One account. All of Google. (n.d.). Retrieved April 23, 2015, from Over Ons. (2015). Retrieved April 25, 2015, from Over Tauw. (2015). Retrieved April 28, 2015, from Paris, C. (2014, May 28). Hootsuite vs. Tweetdeck: Which Social Media Manager is Best For You? Retrieved May 12, 2015, from https://blog.udemy.com/hootsuite-vs-tweetdeck/ Pauw, R. (2011). Scriptiedocumenten. Retrieved May 23, 2015, from \ Pauw, R. (2011) Social media optimization: Een theorietische benadering van de effectiviteit van Capgemini s socil marketing strategie. Retrieved May 10, 2015, from ubject%3asociale+media&filter=untokenized.dc.creator%3apauw%2c+ralph+van+der&query= Patton. (2001). Theory-based or Theoretical Sampling. Retrieved May 27, 2015, from Pinterest. (n.d.). Retrieved April 23, 2015, from Ramsey, R. (2013, May 30). Battle of the Dashboards: TweetDeck vs. HootSuite. Retrieved May 12, 2015, from RDM Centre of Expertise. (2015). Retrieved April 28, 2015, from Safko, L., & Brake, D. (2010). Part III: Strategy: Chapters In The social media bible: Tactics, tools, and strategies for business success (2nd ed., pp ). Hoboken, N.J.: John Wiley & Sons. Semiocast: Pinterest now has 70 million users and is steadily gaining momentum outside the US. (2013, July 10). Retrieved May 12, 2015, from million-users-and-is-steadily-gaining-momentum-outside-the-us/ Social media in Nederland 2015: Jongeren haken af van Facebook en Twitter. (2015, February 2). Retrieved April 22, 2015, from TweetDeck About. (n.d.). Retrieved May 12, 2015, from https://about.twitter.com/products/tweetdeck Twitter. (n.d.). Retrieved April 23, 2015, from Chris Hamelink 62

64 Twitter Client Review 2015 Best Twitter Client for Social Dashboard Windows Twitter Client - TopTenREVIEWS. (2014, August 1). Retrieved May 11, 2015, from Michaelidou, N. Usage, barriers and measurement of social media marketing: An exploratory investigation of small and medium B2B brands. (2011, October 1). Retrieved April 21, 2015, from Wat is VACpunt wonen? (n.d.). Retrieved April 23, 2015, from World's Largest Professional Network LinkedIn. (n.d.). Retrieved April 23, 2015, from YouTube. (n.d.). Retrieved April 28, 2015, from Chris Hamelink 63

65 13 Bijlagen 13.1 Social Scorecard NoorderRuimte Volgers Volgend Content/week Tweets Twitter ~ Likes Content/week Facebook 20 3 Abonnees Video Views Content/week Video s YouTube Volgers Betaald profiel LinkedIn 112 Nee Deze gegevens zijn op 23 april 2015 van de respectievelijke websites overgenomen. Authentiek Toelichting: Kenniscentrum NoorderRuimte gebruikt op Facebook, Twitter en LinkedIn de corporate huisstijl. Naar de Facebook- en Twitterpagina worden op de website van NoorderRuimte verwezen door middel van knoppen. De Twitter- en Facebookpagina verwijzen op hun beurt weer door naar de website van NoorderRuimte. De knop op de website van NoorderRuimte die naar het YouTube-kanaal zou moeten verwijzen, verwijst in plaats daarvan naar het kanaal van de Hanze. NoorderRuimte heeft wel een kanaal, maar daar is een jaar geleden voor het laatst een video op geplaatst. Een avatar of bannerafbeelding heeft het kanaal van NoorderRuimte niet. Op het YouTube kanaal staat ook geen verwijzing naar de website of andere media. De updates zijn op alle media zakelijk en gerelateerd aan het werk dat NoorderRuimte doet. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Relevantie Toelichting: Op de Twitterpagina van NoorderRuimte worden met enige regelmaat berichten geplaatst of berichten van anderen geretweet. Voor het kleine aantal volgers dat NoorderRuimte heeft worden de Tweets naar verhouding vaak geretweet, vaak in elk geval een of twee keer. De berichten die geplaatst worden hebben soms een foto. Tot heden is er niet gereageerd op Tweets. Op Facebook is NoorderRuimte nog niet lang actief. Er is een klein aantal posts gemaakt (minder dan vijftien) die overigens wel relevant zijn en te maken hebben met NoorderRuimte. Er wordt niet gelinkt naar artikelen op de website. Op LinkedIn gebeurt bijna hetzelfde als op Facebook. Om de zoveel tijd wordt een nieuw bericht geplaatst maar er zijn meestal weinig reacties op de berichten. Op YouTube zijn twee video s geplaatst die een jaar geleden relevant waren. Chris Hamelink 64

66 Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Empathie Toelichting: Er wordt op de accounts van NoorderRuimte niet gereageerd op anderen, simpelweg omdat daar niet om gevraagd wordt. Wel wordt er af en toe iets gedeeld of geretweet. Er is dus geen of weinig sprake van empathie, vooral omdat daar nog geen mogelijkheid toe is geweest. Facebook: - Twitter: - LinkedIn: - YouTube: - Genereus Toelichting: NoorderRuimte is vrij genereus. Er wordt op Twitter regelmatig een bericht gedeeld of een naam genoemd van een andere gebruiker. Bovendien worden tweets die relevant zijn geretweet. NoorderRuimte bedankt anderen niet voor het retweeten. NoorderRuimte volgt een klein aantal accounts.(87) Hier kan nog veel verbetering in komen. Op Facebook gebeurt hetzelfde. Relevante artikelen of berichten worden gedeeld, maar er kunnen nog veel pagina s geliked worden. Op YouTube en LinkedIn is van deze karakteristiek weinig te zien. Facebook: Twitter: LinkedIn: - YouTube: - Snelheid Toelichting: De berichten die door NoorderRuimte worden geplaatst zijn over het algemeen actueel. Er zijn nog geen reacties geweest op posts van NoorderRuimte, dus van een (snelle of langzame) responstijd is geen sprake. Facebook: - Twitter: - LinkedIn: - YouTube: - Behulpzaam Toelichting: Deze karakteristiek is (nog) niet van toepassing op de sociale media van NoorderRuimte. Facebook: - Twitter: - LinkedIn: - YouTube: - Origineel Toelichting: NoorderRuimte is weinig origineel in haar content. De content die op de website geplaatst wordt, wordt op de sociale media gerecycled. Het meest originele medium van NoorderRuimte is Twitter. Hier wordt vaker gepost dan op de andere media. Ook wordt hier soms gepost over dingen die geen artikel hebben op de website. Op Facebook wordt weinig originele content geplaatst. Wel worden foto s geüpload die tijdens projecten of ontmoetingen zijn gemaakt. Op LinkedIn wordt af en toe een nieuwsbrief over een van de projecten van NoorderRuimte geplaatst. Afgezien van die nieuwsbrief wordt er weinig tot geen content geplaatst. Op YouTube Chris Hamelink 65

67 is al een jaar geen activiteit meer geweest. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Informeel Toelichting: NoorderRuimte communiceert op Twitter op een vrij informele manier met haar doelgroep. De posts bevatten uitroeptekens en citaten. Op Facebook is de communicatie een stuk formeler. De posts op Facebook zijn vaak artikelen die op de website of elders geplaatst zijn. De begeleidende stukjes tekst zijn kort en feitelijk. Op LinkedIn worden weinig berichten geplaatst, maar de berichten die geplaatst worden zijn heel formeel. Ze verwijzen door naar een nieuwsbrief of een artikel, bevatten enkel feiten en proberen zo veel mogelijk informatie in een kort bericht te proppen. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Volhoudend Toelichting: NoorderRuimte is niet zo volhoudend. Er wordt met enige regelmaat content geplaatst op de sociale media, maar in het weekend wordt niets geplaatst. Bovendien kunnen er een aantal dagen voorbij gaan voordat de media weer worden geüpdatet. YouTube en LinkedIn zijn in deze categorie veruit de slechtste, deze worden het minst geüpdatet. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Taalgebruik Toelichting: Op alle media van NoorderRuimte wordt correct Nederlands gesproken en worden soms vaktermen gebruikt. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Inspirerend Toelichting: NoorderRuimte deelt haar visie op de onderwerpen waar ze onderzoek naar doet. Er is echter weinig sprake van uitdaging of call-to-action, en er worden geen reacties uitgelokt. Dit is ook te zien aan het ontbreken van reacties of comments. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 66

68 Social Scorecard Roeg en Roem Volgers Volgend Content/week Tweets Twitter ~ Likes Content/week Facebook 129 ~4 Abonnees Views Content/week Video s YouTube Volgers Betaald profiel LinkedIn 90 Nee Authentiek Toelichting: Op alle media heeft Roeg en Roem het logo als avatar. Daarnaast wordt er op alle media behalve YouTube naar de website van Roeg en Roem verwezen. Op de website van Roeg en Roem wordt naar de Twitter en Facebook verwezen, maar de LinkedIn knop gaat naar een groep in plaats van een bedrijfspagina. De groep heeft een stuk meer volgers, zo'n 640. Deze groep is ook volledig in de huisstijl van Roeg en Roem. Op Facebook en Twitter heeft Roeg en Roem een bannerafbeelding die in de huisstijl past, met laarsafdrukken in paars en oranje zoals de rest van het logo. Op YouTube is er geen banner ingesteld. De laatste activiteit op YouTube was dan ook zes maanden geleden. Al met al doen de sociale media van Roeg en Roem authentiek aan en is er geen twijfel over mogelijk dat het om accounts van dit bedrijf gaat, hoewel er op LinkedIn en YouTube nog ruimte voor verbetering is. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Relevantie Toelichting: Roeg en Roem plaatst relevante berichten op haar sociale media. De content sluit goed aan bij het werkveld van de organisatie. Roeg en Roem deelt ook regelmatig content van het netwerk en reageert op vragen en opmerkingen. De meeste berichten van Roeg en Roem op Facebook krijgen één of twee likes, en worden soms gedeeld. Ook op Twitter worden de tweets soms geretweet. De artikelen die op de website geplaatst staan worden ook op de sociale media gedeeld. Op YouTube wordt niet vaak genoeg gepost om hier een uitspraak over te kunnen doen. Op de LinkedIn groep wordt gereageerd op de content van Roeg en Roem, op de bedrijfspagina gebeurt helemaal niets. Hoewel het een opmerkelijke aanpak is werkt hij wel, omdat Roeg en Roem het enige bedrijf is dat op deze manier LinkedIn benut. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 67

69 Empathie Toelichting: De Facebookpagina van Roeg en Roem wordt vooral gebruikt om te zenden over artikelen die op de site staan. Er wordt soms door anderen op de pagina gepost maar voor zover dat te zien is wordt daar niet op gereageerd. Er worden over het algemeen geen reacties of comments bij de berichten van Roeg en Roem geplaatst. Op de Twitterpagina wordt soms gereageerd op tweets van Roeg en Roem. Als er vragen worden gesteld wordt daarop gereageerd. Op LinkedIn is er ook genoeg ruimte voor discussie die daar ook plaatsvindt. Op YouTube is niet gereageerd op de geplaatste video's. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Genereus Toelichting: Op de Twitter van Roeg en Roem wordt vrij vaak de naam genoemd van een partij waar Roeg en Roem mee te maken heeft. Er worden vaak dingen geretweet van anderen die relevant zijn voor Roeg en Roem. Er wordt gereageerd en bedankt voor reacties. Op Facebook wordt vaak gepost en er zijn andere pagina's geliked door Roeg en Roem. Roeg en Roem reageert soms ook op de eigen posts. Op Facebook wordt geen content van anderen gedeeld. Op LinkedIn wordt door medewerkers van Roeg en Roem onder hun eigen voor- en achternaam gepost. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Snelheid Toelichting: Er wordt gereageerd op comments of reacties van mensen. Op Twitter wordt op een goede manier gereageerd op correcties als er een fout in de posts wordt gemaakt. Er wordt vaak geretweet en gedeeld op Facebook. De reacties op LinkedIn zijn iets langzamer maar komen er uiteindelijk wel. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Behulpzaam Toelichting: De behulpzaamheid van Roeg en Roem is redelijk groot. Vanwege het feit dat Roeg en Roem ingaat op vragen en opmerkingen die door mensen gemaakt worden op de verschillende media is dat te zien. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Origineel Toelichting: De originaliteit van Roeg en Roem laat nog te wensen over. De sociale media die door Roeg en Roem worden ingezet worden vooral gebruikt om nieuwsberichten en artikelen te pushen die ook al op alle andere sociale media staan. Chris Hamelink 68

70 De Twitter is wederom het meest origineel. De Facebook pagina is het minst origineel, omdat hier dus slechts de nieuwsberichten worden aangeboden. Op LinkedIn gaat Roeg en Roem de dialoog aan, wat de originaliteit bevordert. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Informeel Toelichting: Roeg en Roem is in de voering van de sociale media vrij informeel. Mensen worden aangesproken wanneer ze een vraag stellen, en op LinkedIn gebruiken medewerkers van Roeg en Roem hun eigen naam om berichten te plaatsen. Op Facebook worden soms nieuwe teamleden voorgesteld aan de volgers. Er worden veel uitroeptekens gebruikt en vragen gesteld waar aangemoedigd wordt erop te reageren. Dit gebeurt weinig, maar toch. Op Twitter geldt hetzelfde. De Tweets zijn informeel en enthousiast, stellen vragen aan de lezers en hebben wederom veel uitroeptekens. Vragen worden aangemoedigd en beantwoord door Roeg en Roem. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Volhoudend Toelichting: Roeg en Roem plaatst vrij regelmatig nieuwe content. Op Facebook zo eens in de drie dagen, wat niet heel veel is. In de weekenden is het op alle sociale media stil. De content die gepost wordt, wordt meestal op alle media in elk geval één keer geplaatst. Op Twitter wordt meerdere keren per dag iets geplaatst. Echter is het ook hier in het weekend stil. Verder wordt er veel geretweet. LinkedIn is het langzaamste medium, zoals bij de meeste bedrijven. Hier wordt eens in de paar dagen iets geplaatst. Op YouTube wordt amper content geplaatst. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Taalgebruik Toelichting: Roeg en Roem gebruikt in hun berichten nette taal met correcte grammatica en en zonder spelfouten. Vakjargon wordt niet vaak gebruikt. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Inspirerend Toelichting: Roeg en Roem zet aan tot nadenken met haar posts. Er worden vaak vragen gesteld en de lezers worden uitgedaagd om mee te denken met bepaalde problemen. Er worden veel nieuwe ideeën gedeeld. Chris Hamelink 69

71 Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Social Scorecard Tauw Nederland Volgers Volgend Content/week Tweets Twitter 3, ~8.7 2,270 Likes Content/week Facebook 209 ~3.25 Abonnees Views Content/week Video s YouTube ~3 7 Volgers Betaald profiel LinkedIn 3,446 Nee Deze gegevens zijn op 23 april 2015 van de respectievelijke websites overgenomen. Authentiek Toelichting: De Twitter account gebruikt (een foto met een hele lage resolutie van) het logo van Tauw. Ook de banner is van Tauw. Er staat een verwijzing op de pagina naar de website van Tauw en in de berichten wordt de website ook regelmatig genoemd. De Facebook pagina gebruikt dezelfde afbeelding van het logo als de Twitter, het zij met een iets hogere resolutie. De bannerafbeelding is ook hetzelfde. Ook op LinkedIn en YouTube wordt de huisstijl van Tauw toegepast. Alle profielen van Tauw doen authentiek aan. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Relevantie Toelichting: berichten van Tauw zijn op Twitter altijd gerelateerd, met hier en daar een link naar een vacature om bij Tauw te werken. Er worden veel posts gedeeld die allemaal relevant zijn aan het werk dat Tauw doet. De meeste berichten van Tauw worden een keer geretweet. Op Facebook zijn de posts ook relevant. Ook hier worden berichten gedeeld die voor Tauw van belang zijn, meestal over projecten waar Tauw een bijdrage aan heeft geleverd. De berichten worden meestal een keer gedeeld en gemiddeld zo n drie keer geliked. Op LinkedIn plaatst Tauw vacatures en nieuwsitems over Tauw. Deze worden vaker geliked dan die op Facebook. Op YouTube plaatst Tauw sinds twee maanden video s, allemaal relevant en conform de huisstijl. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Empathie Toelichting: Tauw lijkt alleen te zenden. Er zijn geen reacties op berichten op de sociale media. Er wordt niet bedankt voor het noemen van de naam. Vragen worden meestal door anderen beantwoordt. Chris Hamelink 70

72 Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Genereus Toelichting: Op de Twitter van Tauw worden bijna nooit namen genoemd, behalve die van Tauw zelf. Daar wordt niet voor bedankt of op gereageerd. De rest van de sociale media worden op dezelfde manier gevoerd. De enige uitzondering is dat op Facebook een aantal pagina s geliked worden. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Snelheid Toelichting: De pagina s van Tauw worden regelmatig geüpdatet. Er wordt meerdere malen per dag getweet, bijna dagelijks op Facebook gepost en net iets minder vaak op LinkedIn. Op YouTube wordt de laatste twee maanden wekelijks gepost. Daarbij moet vermeldt worden dat de account al sinds 2008 bestaat maar tot twee maanden geleden niet gebruikt is. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Behulpzaam Toelichting: Hoewel er hier en daar heel soms vragen gesteld worden gaat Tauw niet in gesprek. Ze reageert niet op tweets en laat anderen die ook in berichten zijn genoemd de vraag beantwoorden. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Origineel Toelichting: Tauw is weinig origineel in het gebruik van de sociale media. De Twitter is het meest origineel, waar meestal meerdere Tweets per dag uitgezonden worden. De links naar artikelen of onderwerpen waar Tauw aan meewerkt worden ook op Facebook en LinkedIn geplaatst. De filmpjes die op YouTube worden geplaatst zijn vooral voor promotiedoeleinden. Sommige filmpjes bevatten alleen beelden en copyrightvrije muziek die YouTube gratis aanbiedt. De content is wel origineel maar in dit genre springt het er niet uit. De LinkedIn pagina ziet er netjes uit wordt goed onderhouden maar bevat geen originele content of iets dat opvalt. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Informeel Toelichting: Tauw is heel duidelijk een business to business organisatie. De taal is altijd zakelijk en relevant. Alle posts hebben hetzelfde doel, het verbeteren van het imago van Tauw. Er wordt alleen gepost over wat Tauw heeft bereikt en wat voor banen het biedt. Gesprekken met klanten of andere bedrijven worden niet zichtbaar aangegaan. Alle media Chris Hamelink 71

73 worden puur zakelijk ingezet, en dat stralen ze ook uit. Alles is strak en in de huisstijl van Tauw. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Volhoudend Toelichting: Tauw is volhoudend aanwezig. Er wordt vaak nieuwe content geplaatst op werkdagen. In het weekend is er geen activiteit op de pagina, behalve de wekelijkse retweet dat Bouwkennis Weekly uit is. Op Facebook geldt hetzelfde. In het weekend geen activiteit maar op werkdagen bijna dagelijks een update. Op LinkedIn is dit minder frequent en op YouTube nog minder frequent, maar dat is te verwachten. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Taalgebruik Toelichting: Alle berichten van Tauw worden in correct Nederlands geplaatst. De meeste berichten bevatten vakjargon. De video s op YouTube zijn soms in het Nederlands en soms in het Engels. Meestal is de gesproken tekst Nederlands en de geschreven tekst Engels. Er worden geen ondertitels bij de video s geplaatst. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Inspirerend Toelichting: Tauw deelt op sociale media alleen dingen waar Tauw direct mee te maken heeft. Soms komt de visie om duurzaamheid in alles te verbeteren daarin naar voren. Het publiek wordt op geen enkele manier uitgenodigd om te reageren op wat Tauw op de online media plaatst. Er zijn dan ook bijna geen likes, comments of andere reacties op de berichten van Tauw. Het YouTube-kanaal wordt soms gebruikt om kennis te delen, reclame te maken voor ideeën en er is een filmpje over de jaarcijfers. Omdat de ideeën in het teken van duurzaamheid staan wordt in de filmpjes een kleine nadruk gelegd op haar visies. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 72

74 13.4 Social Scorecard RDM Centre of Expertise Volgers Volgend Content/week Tweets Twitter 1, Likes Content/week Facebook 326 ~2 Abonnees Views Content/week Video s YouTube 26 20,037 ~ Volgers Betaald profiel LinkedIn 482 Nee Deze gegevens zijn op 24 april 2015 van de respectievelijke websites overgenomen. Authentiek Toelichting: RDM komt authentiek over in het gebruik van haar accounts op sociale media. Alle accounts hebben een afbeelding van het logo als avatar en delen dezelfde bannerafbeelding. Voor zover mogelijk gaat de huisstijl door in de sociale media. Op de sociale media word altijd terugverwezen naar de website van RDM. Op de website wordt verwezen naar de Twitter in de sidebar, naar YouTube en LinkedIn in de vorm van buttons onderaan de pagina, en Facebook wordt vreemd genoeg overgeslagen. RDM post over projecten waar het aan meewerkt en deelt posts van accounts uit het netwerk die relevant zijn voor RDM. Al met al komen de accounts zeer authentiek over. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Relevantie Toelichting: Wat opvalt aan de Twitter van RDM is dat er geen gebruik wordt gemaakt van hashtags. Er worden veel namen genoemd van andere accounts, maar geen onderwerpen door middel van Tweets. De content die gedeeld wordt is bestaat volledig uit bedrijfsgerelateerd nieuws. Er wordt op Facebook amper geliked en niet gedeeld. Op Twitter worden de berichten van RDM soms geretweet. Op LinkedIn is er meer sprake van interactie, waar er hier en daar een reactie onder een artikel staat. Op YouTube staan filmpjes van nieuws over het bedrijf. Er zijn nog geen reacties geplaatst. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 73

75 Empathie Toelichting: Er zijn nog weinig momenten geweest waarop deze karakteristiek naar voren is gekomen. Er is weinig tot geen interactie tussen RDM en het netwerk, ook omdat daar niet om gevraagd wordt door RDM. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Genereus Toelichting: De Twitter en Facebook fungeren vooral als nieuwskanaal. Er is behalve het noemen van de namen op Twitter en het retweeten geen sprake van genereusiteit. Op andere media is het zelfs nog minder, omdat daar ook geen berichten gedeeld worden. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Snelheid Toelichting: Er zijn nog weinig tot geen mogelijkheden geweest om deze karakteristiek te onderscheiden. Facebook: - Twitter: - LinkedIn: - YouTube: - Behulpzaam Toelichting: Ook deze karakteristiek kan wordt niet gezien in de sociale media van RDM, simpelweg omdat er geen vragen gesteld worden of problemen aangedragen worden. Dit komt echter ook doordat de sociale media als traditionele media behandeld worden en slechts gebruikt worden om nieuwsberichten te pushen. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Origineel Toelichting: De content die door RDM wordt geplaatst is op zich origineel. De content wordt vaak wel gepost op alle media, op dezelfde manier. Er wordt gelinkt naar een artikel met een korte begeleidende tekst. De Twitter is zoals meestal het meest origineel vanwege de restrictie op het aantal karakters dat geplaatst mag worden. Dat zegt eigenlijk niet zo veel, in de praktijk betekent het dat de artikelen nog steeds met dezelfde begeleidende tekst worden geplaatst, ze zijn slechts een stuk ingekort. Er worden op Twitter wel vaak namen genoemd en foto s en video s geplaatst. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 74

76 Informeel Toelichting: RDM is vrij formeel in de berichtgeving op sociale media. Er worden geen comments of reacties geplaatst, behalve op LinkedIn. Dit zijn echter vooral opmerkingen als Leuk! en Prachtig!. Voor de rest is de berichtgeving van RDM formeel en gaat het alleen over bedrijfsgerelateerde zaken. Soms worden er berichten geretweet die iets bijdragen aan de informaliteit van de Twitterpagina Er worden nooit vragen gesteld of uitroeptekens gebruikt. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Volhoudend Toelichting: RDM tweet dagelijks maar is tijdens de weekenden inactief. Er worden vaak foto s en video s bij de tweets geplaatst. Facebook en LinkedIn zijn minder actief. Het lijkt alsof de beheerder van de Facebookpagina af en toe een moment heeft dat hij of zij denkt: Oh ja, we hebben een Facebook!. Vervolgens worden er op een dag meerdere berichten geplaatst. Op LinkedIn gaat dat beter, waar om de zoveel tijd iets geplaatst wordt. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Taalgebruik Toelichting: Het taalgebruik van RDM is op alle media correct en zakelijk. Er zijn weinig momenten dat er vragen worden gesteld of dat er uitroeptekens gebruikt worden. Voor zover dat te zien is worden er nergens spellingsfouten gemaakt. Waar nodig wordt gebruik gemaakt van vakjargon, maar dat gebeurt niet vaak. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: - Inspirerend Toelichting: RDM is weinig inspirerend via haar sociale media. Er wordt weinig gepraat over ideeën of visies. Vrijwel alle berichten gaan over producten of projecten, waardoor de sociale media heel productgeoriënteerd overkomt. Dat is op zich niet zo erg, er wordt alleen te weinig gedaan om het netwerk te betrekken bij het product. YouTube is de uitzondering in dit geval, er staan een aantal lessen en lezingen op het kanaal wat een stuk meer inspiratie oplevert en het verspreiden van ideeën ten goede komt. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 75

77 13.5 Social Scorecard KAW Architecten Volgers Volgend Content/week Tweets Twitter ~2 1,101 Likes Content/week Facebook Abonnees Views Content/week Video s YouTube 28 25,727 ~0,2 41 Volgers Betaald profiel LinkedIn 811 Nee Authentiek Toelichting: KAW komt authentiek over in het gebruik van de sociale media. Alle media hebben het logo van KAW als avatar, en de bannerafbeeldingen zijn verschillende foto s die te maken hebben met de werkzaamheden die KAW verricht. Alles sociale media verwijzen terug naar de website van KAW, maar de website zelf verwijst alleen naar de Twitterpagina door middel van een Twitterfeed. Er zijn knoppen in de sidebar die naar de andere sociale media verwijzen, maar die zijn niet heel duidelijk. KAW plaatst veel tweets en gebruikt daarin de juiste hashtags. Bovendien worden dingen geretweet en namen genoemd van andere accounts. Op Facebook worden alleen de eigen posts geplaatst. De meeste dingen worden <5 keer geliked en 1-3 keer gedeeld. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Relevantie Toelichting: KAW plaatst relevante artikelen die altijd te maken hebben met het werkveld. Er gaat veel over duurzaamheid, ontwerpen die door KAW gemaakt zijn en over prijzen en awards die met het werkveld te maken hebben. Er wordt regelmatig geretweet, en soms zelfs vragen gesteld aan het netwerk. Op Facebook worden alleen werkgerelateerde artikelen gedeeld. Op LinkedIn geldt hetzelfde. Op YouTube wordt ook voor het grootste deel relevante content geplaatst, behalve een lipdub. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Empathie Toelichting: Er zijn weinig mogelijkheden voor empathie geweest voor KAW. Soms gebeurt het dat KAW bij naam genoemd wordt door een andere account. Daar wordt niet op gereageerd, en er wordt ook niet bedankt voor retweets of shares op Facebook. Facebook: Twitter: LinkedIn: - YouTube: - Chris Hamelink 76

78 Genereus Toelichting: KAW deelt op Twitter en Facebook soms dingen uit haar netwerk, maar alleen als die voor KAW zelf van belang zijn. Er wordt door KAW niet bedankt voor het noemen van de naam, en ook niet bedankt voor het geven van antwoorden op vragen die door KAW gesteld worden. Op Facebook liket KAW geen andere pagina s. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Snelheid Toelichting: Deze karakteristiek is weinig van toepassing op de sociale media van KAW. Wat geplaatst wordt is relevant, maar er wordt over alle media gezien niet vaak gepost. Er wordt niet gereageerd op dingen, behalve door af en toe te retweeten. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Behulpzaam Toelichting: Deze karakteristiek is heel weinig van toepassing op de sociale media van KAW. Er wordt geen dialoog aangegaan en er wordt geen reactie gegeven op vragen of opmerkingen. Facebook: - Twitter: LinkedIn: - YouTube: - Origineel Toelichting: De content die door KAW geplaatst wordt is op zich origineel. Meestal gaat het om het delen van artikelen die op de website geplaatst zijn. KAW gebruikt het logo op al haar pagina s, maar is het enige bedrijf in deze analyse die voor elk medium een andere bannerafbeelding heeft. Alle bannerafbeeldingen die gebruikt worden, worden ook gebruikt op de gewone site van KAW. Daar veranderen de banners om de zoveel tijd zodat ze allemaal te zien zijn. Op het YouTube kanaal staan een aantal originele filmpjes, bijvoorbeeld de lipdub en een aantal timelapses. De overige video s zijn interviews, reclamemateriaal en de presentaties van projecten en plannen. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 77

79 Informeel Toelichting: KAW communiceert op Twitter op een passende manier met haar doelgroep. Er wordt redelijk veel informeel gepraat met veel leestekens. Verder worden er naar verhouding veel hashtags gebruikt en worden er vaak namen genoemd van andere accounts. Op Facebook en LinkedIn wordt een stuk formeler gecommuniceerd en gaat het vooral over de artikelen die daar geplaatst worden. YouTube is wat dit betreft een mix van beide, de lipdub is totaal informeel, terwijl de reclame- en promofilmpjes juist heel formeel zijn. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Volhoudend Toelichting: Er wordt door KAW niet heel vaak gepost op sociale media. Er zijn veel periodes van inactiviteit op de media. YouTube is hier het beste voorbeeld van, maar de Twitter, die traditioneel het meest actief is, wordt ook niet vaak geüpdatet. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Taalgebruik Toelichting: KAW spreekt altijd correct Nederlands in de posts op sociale media, en er worden geen spelfouten gemaakt in de berichten die door KAW geplaatst worden. Er wordt soms vakjargon gebruik dat goed te begrijpen is door de doelgroep. Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Inspirerend Toelichting: KAW plaatst soms inspirerende berichten. Er worden vragen gesteld of retorisch gevraagd naar de mening of denkwijze van de lezers, vooral om in de lezers zelf een reactie uit te lokken. Ideeën over duurzaamheid worden verspreidt door het delen van de artikelen die op de website van KAW te lezen zijn en door het retweeten van andere berichten over dit onderwerp. -Is de organisatie inspirerend via haar sociale netwerken? -Verspreidt de organisatie nieuwe visies en ideeën? -Wordt er door de doelgroep op deze visies en ideeën ingespeeld? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 78

80 13.6 Social Scorecard Twitter Volgers Volgend Content/week Tweets Facebook Likes Content/week YouTube Abonnees Views Content/week Video s LinkedIn Volgers Betaald profiel Authentiek Toelichting: - In hoeverre komt de organisatie betrouwbaar over op het sociaal netwerk? - Hanteert de organisatie de corporate huisstijl bij de social accounts (vormgeving/avatar)? - In hoeverre bindt de organisatie zich met de corporate website (links/verwijzingen)? - Communiceert de organisatie op een open en transparante wijze? - Gedraagt de organisatie zich verantwoordelijk op het sociale netwerk? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Relevantie Toelichting: -In hoeverre is de organisatie relevant voor haar sociaal netwerk? -Sluit de content aan bij het werkveld van de organisatie? -Wordt de content door het netwerk van de organisatie gedeeld? -Wordt er inhoudelijk op de content gereageerd? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Empathie Toelichting: -In hoeverre wordt er empathie door de organisatie gehanteerd? -Toont de organisatie medeleven wanneer dit mogelijk is? -Plaatst de organisatie zich op dezelfde golflengte? -Is er sprake van empathie in het beantwoorden van vragen? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Genereus Toelichting: -In hoeverre is de organisatie genereus via haar social accounts? -Deelt de organisatie content van haar netwerk? -Gebruikt de organisatie naamsvermeldingen van andere accounts in haar berichten? Chris Hamelink 79

81 -Raadt de organisatie het volgen van andere accounts aan? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Snelheid Toelichting: -In hoeverre is de organisatie snel in het reageren op vragen en opmerkingen? -In hoeverre reageert de organisatie snel op (negatieve) mediaberichten, events, enz.? -Publiceert de organisatie scoops? -Raadt de organisatie het volgen van andere accounts aan? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Behulpzaam Toelichting: -In hoeverre is de organisatie behulpzaam via haar sociale netwerken? -In hoeverre helpt de organisatie bij het oplossen van vragen? -Verwijst de organisatie door naar een afdeling/telefoonnr./ of proberen ze zelf te helpen? -Zoekt de organisatie ook proactief naar problemen om deze op te lossen? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Origineel Toelichting: -In hoeverre is de organisatie origineel op haar sociale netwerken? -Verspreidt de organisatie originele content? -Doet de organisatie moeite om zich van soortgelijke concurrenten te onderscheiden? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Informeel Toelichting: -Communiceert de organisatie informeel met haar doelgroep? -Zijn er momenten dat de organisatie een formele tone of voice hanteert? -Bakent de organisatie alles af in haar content of laat deze ruimte voor reacties en vragen? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Volhoudend Toelichting: -Is de organisatie volhoudend in de communicatie via social media? -Zijn er periodes van inactiviteit in de communicatie van de organisatie in social media? -Is er sprake van een continue spreiding van content via de social accounts van de organisatie? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 80

82 Taalgebruik Toelichting: -Hanteert de organisatie correcte grammatica en taalgebruik binnen social media? -Is er sprake van regelmatige spellingsfouten? -Wordt er gebruik gemaakt vak vakjargon dat aansluit op de doelgroep? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Inspirerend Toelichting: -Is de organisatie inspirerend via haar sociale netwerken? -Verspreidt de organisatie nieuwe visies en ideeën? -Wordt er door de doelgroep op deze visies en ideeën ingespeeld? Facebook: Twitter: LinkedIn: YouTube: Chris Hamelink 81

83 13.7 Interviewvragen Experts Over de implementatie Naam/functie/ervaring met sociale media Zijn alle elementen aanwezig? Is het duidelijk? Is het uitvoerbaar en haalbaar? Wat is cruciaal voor implementatie van sociale media? Wat is iets dat vaak over het hoofd wordt gezien bij implementatie (of voering) van sociale media? Over de media Zijn alle elementen aanwezig? Bent u het eens met de gegeven adviezen? Kunnen de media met dit plan optimaal gebruikt worden? Is het geschikt voor leken? Zijn er dingen over het hoofd gezien? Wat is uw mening over het stappenplan? 13.8 Interviewvragen Klanten Hoe lang werkt u al samen met NoorderRuimte? Kunt u uw algemene indruk over NoorderRuimte vertellen? Wat wilt u graag zien van NoorderRuimte? Welke media gebruikt u? Wanneer gebruikt u deze? Zou u geïnteresseerd zijn in content die gaat over de andere onderzoekslijnen? Gebruikt u sociale media professioneel en zakelijk? Zou u reageren op sociale media op berichten? Denkt u dat sociale media een meerwaarde kunnen hebben voor NoorderRuimte, en hoe? Op wat voor manier zou NoorderRuimte zich moeten profileren? 13.9 Interviewvragen Medewerkers Over de implementatie Naam/functie Zijn alle elementen aanwezig? Is het duidelijk? Is het uitvoerbaar en haalbaar? Zou u persoonlijk hiermee de sociale media kunnen beheren? Wat verwacht u van NoorderRuimte op sociale media? Wat verwachten klanten van NoorderRuimte op sociale media? Bent u bereid een bijdrage te leveren aan de sociale media? Over de media Zijn alle elementen aanwezig? Bent u het eens met de gegeven adviezen? Kunnen de media met dit plan optimaal gebruikt worden? Is het geschikt voor leken? Hoe moet NoorderRuimte zich profileren en hoe kan dat het beste gedaan worden? Zijn er dingen over het hoofd gezien? Zijn er dingen die u anders zou doen? Wat is uw mening over het stappenplan? Chris Hamelink 82

84 13.10 Transcriptie interview met Erwin de Beer Projectmanager/Scrummaster Hanze 2.0. Oprichter van het social media lab. Wat vindt u van het plan? Als geheel vindt ik het een heel goed verhaal. Aan het eind in het stappenplan geef je ook aan Content is king, daar ben ik het absoluut helemaal mee eens. Ook wat je over de verschillende kanalen zegt snijdt ook allemaal hout, dat klopt allemaal. Het enige vindt ik als geheel, als je dit als advies uit gaat brengen aan het kenniscentrum, dan maak je het te groot. Kenniscentrum NoorderRuimte is zoals alle kenniscentra van de Hanze niet zo groot. Om al die kanalen hier gevuld te houden met informatie en ook om op een goede manier te interacteren met mensen denk ik dat ze bij NoorderRuimte niet voldoende mankracht hebben om al die kanalen op die manier in de lucht te houden. Behalve dit zou ik dus echt een advies willen toevoegen van maak een keuze. Begin met één kanaal en kies uit deze beschrijving wat voor hun dan het meest logische kanaal is om mee te starten. Als dat een keer goed loopt, voeg er dan misschien één, een tweede of heel misschien een derde kanaal aan toe en houdt het daarbij. Wat zou het eerste zijn wat u zou schrappen? Het idee hiervan is dat ze alle kanalen die hierin genoemd zijn gaan gebruiken. Daar ken ik NoorderRuimte denk ik niet goed genoeg voor. Wat wil NoorderRuimte met hun sociale media? Het doel is om de naamsbekendheid te vergroten en de werving van klanten en relaties te vergemakkelijken. Naamsbekendheid bij..? Welke doelgroep? Die doelgroep is heel breed. Het gaat om bedrijven met een vraagstuk in de ruimtelijke sfeer of natuurdingen. Ook overheden en ook mensen willen ze hierbij helpen, dus het is ontzettend breed. Dan is mijn eerste advies aan het kenniscentrum, niet aan jou, specificeer je doelgroep, verklein je doelgroep. NoorderRuimte is gewoon te klein om een hele grote en diverse doelgroep te bedienen. De Hanzehogeschool zelf is daar te klein voor. Philips is daar te klein voor. Microsoft is daar... nou, misschien nét groot genoeg voor. Dat zijn nogal grote uitspraken, hoe komt u daar bij? Als je kijkt naar een organisatie als KLM bijvoorbeeld. KLM is denk ik het allerbeste voorbeeld van een bedrijf in Nederland die z'n sociale media goed inzet. Wat gebruiken zij? Ze gebruiken Facebook, Twitter en LinkedIn. That's it. Zij zorgen ervoor dat ze 24 uur per dag, 7 dagen per week binnen een uur en meestal sneller, antwoord geven op een vraag die in één van die kanalen gesteld is. Drie kanalen, vierentwintig uur per dag, zeven dagen in de week monitoren. Hoeveel mensen heb je daar voor nodig? Full time? En die moeten ook nog eens in het weekend willen werken. Chris Hamelink 83

85 En kennis van zaken hebben. En zeker het brede publiek gooit bij nacht en ontij en in het weekend en elk moment dan ook dingen op Twitter. Als dat dingen zijn voor NoorderRuimte en als NoorderRuimte het echt goed wil doen, het publiek verwacht dat ze daar snel antwoord op krijgen. En snel op Zaterdag is óók snel snel, binnen één, twee uur ofzo. Als je dat niet waar kunt maken gebruik dan dat kanaal niet. Als je het niet waar kunt maken om met het brede publiek te interacteren, ga het dan ook alsjeblieft niet doen. Wat heeft NoorderRuimte met het totale publiek? Het is een onderzoekscentrum, een kenniscentrum. Het gaat om potentiële kennis, het brede publiek doet niets met die kennis. Het is geen product dat interessant is voor het brede publiek... denk ik. Een onderzoeksgroep kan wél het brede publiek zijn, maar dan moet je het op een andere manier doen. Wat voor manier zou dat dan zijn? Dan moet je goed na gaan denken of je überhaupt de sociale media in wilt zetten als onderzoekskanaal. Als je dat dan doet, maak dan duidelijk dat je feedback vraagt aan het publiek maar dat je niet gaat interacteren met je onderzoekgroep. De meeste onderzoekers nemen een enquête af, of ze vragen mensen, of ze doen interviews en that's it. Tijdens zo'n interview heb je wel interactie, maar daarna niet meer. Dan is het hooguit zo dat iemand aan het eind ook nog het onderzoeksverslag krijgt. Dat is dus een hele andere benadering van het publiek dan een commerciële organisatie als KLM. Die moet het van het brede publiek hebben, die moeten stoelen van hun kopen. Dus wat betreft de haalbaarheid, is het in z'n huidige vorm niet haalbaar. Niet haalbaar. Dan kom ik nog terug op die vraag die ik eerder stelde als u daar een uitspraak over wilt doen, wat zou u snijden. Dan kom je dus terug op wat willen ze er nou precies mee. Ik wil ze in elk geval adviseren om niet het brede publiek in z'n algemeenheid te proberen te bereiken. Als je onderzoek wil doen met het brede publiek denk ik dat Facebook daar toch wel het meest geschikt voor is. Bijvoorbeeld Twitter is beperkt tot korte berichtjes, en zeker daar verwachten mensen een hoop interactie. Op Facebook kun je nog als je op enige vorm van interactie wilt proberen aan te sturen dat meer mensen op berichten gaan reageren. Dan ontstaat er een groepje uit het publiek die op Facebook met elkaar aan het discussiëren is over een onderwerp dat interessant voor NoorderRuimte. Als je dat op gang weet te brengen kun je daar ook een hele hoop data en onderzoeksgegevens uit halen. En op Facebook heb je gewoon veel meer mogelijkheden dan op Twitter om iets met je posts te doen. Een eenvoudige poll, bestanden toevoegen als je dat wilt, foto's, plaatjes kan je allemaal toevoegen. En ik denk dat Facebook ook intensiever gebruikt wordt door het publiek dan Twitter. Er zijn meer gebruikers, ook meer actieve gebruikers, maar op Facebook is het natuurlijk wel veel sneller zo dat als je lekker berichtjes aan het plaatsen bent dat het dan een overload wordt voor de mensen die jou volgen omdat dan de hele feed volstaat met berichten van NoorderRuimte, terwijl dat bij Twitter veel minder snel zo is. Chris Hamelink 84

86 Ja, maar je moet sowieso zorgen als organisatie dat je niet de overhand gaat voeren. Het is een sociaal medium, in de kroeg ben je ook niet de enige die aan het woord is. Dus voor het publiek Facebook, zou ik dan zeggen. Voor de professionele wereld zou ik aan LinkedIn denken. Het is wel interessant dat u dan, naar mijn idee tenminste, Twitter eerst een beetje wegschuift. Terwijl dat juist het medium waar NoorderRuimte en Ellen trouwens ook het meest enthousiast over waren. Van Ellen kan ik me dat goed voorstellen. Bij NoorderRuimte niet zo. Twitter is een prima medium voor de directe interactie. Ellen wil graag directe interactie met dan wel studenten van de Hanzehogeschool, potentiële studenten, medewerkers enzovoort. Zij zorgt ervoor dat in elk geval als zij aan het werk is, dat berichten die over de Hanze naar voren komen of berichten die over de Hanze gesteld worden, dat die snel en adequaat beantwoordt worden. Ze treedt in continue interactie met het publiek. Wil NoorderRuimte dat ook? Daar probeer ik wel op aan te sturen, omdat ik denk dat dat de meest efficiënte, de slimste en de leukste manier is om te zorgen dat NoorderRuimte gezien wordt, en dat mensen zoiets hebben van Hee, NoorderRuimte die doet wat, die zegt wat. In plaats van alleen maar dingen te zenden, dat ze ook daarover interactie willen aangaan. Waarover dan? Wat doet NoorderRuimte? De onderzoeken die zijn doen. Ik krijg een beetje het idee dat u het vooral ziet als een manier om onderzoeksobjecten te werven. Dat is een manier ja. Hoe ik dat zie is dat ze meer hun onderzoek adverteren zeg maar. Dat zij daarop laten zien wat ze aan het doen zijn. Wat wil het publiek daarmee? Waarom zou het publiek daarin geïnteresseerd zijn? Omdat het gaat over de indeling van dorpen, om aardbevingen hier in Groningen, eigenlijk allemaal zaken die de mensen wel aangaan. En het gaat om onderzoek, in eerste instantie. Onderzoek over zaken in de woonomgeving, in de leefomgeving. Volgens mij is het publiek wel geïnteresseerd in de leefomgeving maar niet in onderzoek naar hun leefomgeving. Dat staat veel te ver van hun bed. Het gemiddelde publiek, en nou moet ik uitkijken met wat ik precies ga zeggen, heeft een ontwikkelingsniveau MBO, misschien MBO+. Die hebben geen idee wat onderzoek doen is. Waarom zou je daarmee in directe interactie gaan? Waarom zou je aan hun willen vertellen wat jij aan het doen bent voor onderzoek? Nee, dat zou ik niet doen. Wat je doet aan onderzoek, dat vertel je aan andere onderzoekers, en organisaties die belang hebben bij de resultaten van het onderzoek. Overheden, de NAM, waterschappen. Die hebben straks belang bij het echte onderzoeksresultaat. Het brede publiek, ik weet weet niet eens of ze geïnteresseerd zijn dat er onderzoek gedaan wordt, ze willen resultaten zien. Ze willen dat die aardbevingen ophouden, dat het landschap mooier wordt of beter gestructureerd, minder gestructureerd of whatever. Als je gaat vertellen Ja, daar gaan we onderzoek naar doen. dan vragen ze onmiddellijk wanneer is het klaar? Morgen, of overmorgen? en dan moet je zeggen Chris Hamelink 85

87 Nee, over drie jaar. En dat willen ze niet. Dat begrijpen ze niet. Ik zou er dus als NoorderRuimte niet voor kiezen om het brede publiek uitgebreid te informeren over je onderzoek. Wél individuen die daarin geïnteresseerd zijn. Maar die vinden dat wel. Als je LinkedIn gebruikt, als je kanalen gebruikt die openbaar zijn. Maar vooral gericht op overheden, op organisaties enzovoort, dan vindt het geïnteresseerde publiek, die echt iets wil weten over het onderzoek, die vinden die kanalen ook wel. Je kunt best Facebook of Twitter ook gebruiken om mensen te vertellen als je echt wilt weten wat we doen, met alle details enzo kun je ons vinden op LinkedIn ofzo. Dus, in het kort. Die doelgroep is gewoon te groot. Volgens mij wel. Dat dan daarover. Zijn er verder dingen die opvielen? Even kijken hoor, wat me volgens mij opviel is je schrijft in elk geval heel veel over content, dat is king, ja. Maar interactie? Dat zie ik er eigenlijk in elk geval niet uit springen. Misschien dat het er wel in staat, het is al weer even geleden dat ik het doorgelezen heb. Het allereerste doel van sociale media is dat het een sociaal kanaal is. Dat je op zoek bent naar interactie. Naar mijn idee heb ik het erin staan, maar als u dat zegt dan moet ik dat meenemen. Misschien dat het erin staat, maar het springt er niet uit. Misschien dat je er nog een apart kopje van kunt maken. En als ik er zo doorheen blader, als ik bijvoorbeeld kijk naar Twitter.. De kopjes die ik zie is Content, taggen en delen, tijdstip, posten. Ik zie geen stap x, interactie. Oh ja, die staat wel in het stappenplan. Dan heeft u helemaal gelijk, dat is ook zo. Dan moet dat er nog bij. In het stappenplan staat het inderdaad wel, jij hebt het nazorg genoemd. Ik zou het interactie noemen. Nou, dat neem ik ook mee. Bij NoorderRuimte is er een Facebookpagina, er is een LinkedIn pagina, en een YouTube pagina, en Twitter wordt gebruikt. Dus Twitter wordt gewoon met enige regelmaat gebruikt. Wat is nou in jouw mening cruciaal bij het inzetten en inbrengen van die nieuwe sociale media in een organisatie? Misschien wat hints, tips, do's en don'ts? Ja het op gang brengen van interactie, dat is het toch. Ze gebruiken al veel kanalen. Wat denk ik een hele belangrijke stap is om eens te gaan evalueren, kijken en monitoren is hoeveel interactie daar nou eigenlijk optreedt. Dat begint bij hoeveel volgers er eigenlijk zijn op een kanaal, ook als dat aantal groot is; doen ze iets? Veel volgers is één, maar je mag hopen dat ze je berichtjes zien. Waarschijnlijk zien ze ze niet. Dat is eigenlijk het tweede; probeer er eens achter te komen hoeveel berichtjes er eigenlijk gezien worden door je volgers. Ik weet niet of daar eigenlijk metingen voor zijn. Wat je gewoon heel direct kunt zien is hoeveel interactie vindt er nou eigenlijk plaats op een bepaald kanaal. Het is allemaal nog heel nieuw. Het staat allemaal nog in de kinderschoenen, daarom hebben ze dat ook aan mij gevraagd. Dat komt hier nog niet zoveel naar voren, maar wat je al zei, sociale media met echt sociaal gebruikt worden. Goed, denk je dat ik iets over het hoofd heb Chris Hamelink 86

88 gezien? Als ik er zo eens doorheen blader dan vind ik wel dat je het vrij technisch benadert. Wat laat je zien, foto's, hoe doe je dat met taggen.. Het waarom ontbreekt eigenlijk een beetje. Dat is misschien wel de allerbelangrijkste. Daar zijn we ook al een beetje mee begonnen in dit interview. Waarom wil Kenniscentrum NoorderRuimte sociale media gebruiken? En ook van elke individuele post kan je dat natuurlijk vragen. Moet dat misschien wel. Ja, ken je de Golden Circle van Simon Sinek? Een YouTube filmpje, staat ook veel van op internet als je de juiste zoektermen gebruikt. Hij heeft een TED talk op YouTube staan waarin hij uitlegt wat de golden circle is. Dat begint met waarom. Hij trekt onder andere een vergelijking tussen Apple en Dell. Dell maakt goede computers en worden wel gekocht, maar als iemand vraagt Noem eens een goed bekend computermerk dan roept niemand Dell. Als je dat vraagt roepen heel veel mensen Apple. Het verschil tussen Apple en Dell is dat Dell zegt Wij maken goede computers. Koop er 'ns een. Apple begint aan de andere kant en vraagt zich af waarom zijn wij in de wereld? Ze zeggen dan To challenge the world in everything we do. Een groot aantal klanten vindt dat een geweldige boodschap. De wereld uitdagen, dat zou ik ook wel willen. En hoe doet Apple dat dan, door goede computers te maken en die ook nog eens gebruiksvriendelijk zijn en er goed uitzien. Veel meer op emotie eigenlijk. Apple begint dus met duidelijk te krijgen waarom. En hoe realiseren we dat waarom en hoe doen we dat dan. Maar we maken ook nog Computers, en ook nog iphones, en ook nog een aantal andere apparaten. Naar mijn idee is dat ook cruciaal het voeren van sociale media, om niet gewoon feiten te spuien maar emoties op te wekken,. En omdat dat interactie kan geven. Precies. En dat... Ik wil niet zeggen dat lukt je alleen, maar dat lukt beter als je doordrongen bent van waarom. Waarom is NoorderRuimte op de wereld. En dan niet om achtendertig dingen te doen, maar één of twee. Als iedereen bij NoorderRuimte hetzelfde beeld heeft, en daar kunnen ze best heel lang over stoeien hoor, maar dat is het allerbelangrijkste. Een uitspraak als To challenge the world in everything we do is natuurlijk een gigantische uitspraak waar alles onder valt. Als je dan zegt NoorderRuimte is er om onderzoek te doen, is dat nog steeds te breed? Wat voor onderzoek dan? NoorderRuimte is er om de leefomgeving in Nederland supermooi te maken. Zoiets. Heel emotioneel ook. Met zo'n boodschap zou je misschien nog wél het brede publiek kunnen bereiken. Maar dan zul je het ook moeten laten zien. Dan moet je niet zeggen dat we de wereld supermooi maken over drie jaar, als we de onderzoeksresultaten hebben. Dan zul je er ook in moeten investeren. En risico durven nemen. Zeker als je het wilt laten zien. Traditioneel is de basis van onderzoek dat Chris Hamelink 87

89 je een onderzoek doet van een aantal jaren, daar komen resultaten uit, dat leidt tot een adviesrapport wat met een beetje pech in de onderste lade van het provinciebestuur belandt. Het duurt heel erg lang eer zo'n onderzoek tot daadwerkelijk zichtbare resultaten voor het algemene publiek leidt. Het kán wel, maar dan moet je risico's nemen. Dan moet je op basis van onvoldoende onderzoeksresultaten uitspraken doen, en zorgen dat die omgezet worden in zichtbare acties. Ik zit even naar mijn vragen te kijken, dit is heel nuttig al. Ik ben heel blij met u als interviewkandidaat. Zijn alle elementen in dit plan aanwezig? Daarmee bedoel ik alles wat zij nodig hebben. Als ik dit aan een baby zou geven, zou die dan de sociale media voor NoorderRuimte kunnen doen? Ik zou het niet aan een baby geven. Ik zou het ook niet aan een gemiddelde secretaresse geven ofzo. Die kunnen dat namelijk niet. Om op deze manier het brede publiek maar ook de onderzoekswereld te bereiken moet je begrijpen wat die mensen drijft en interesseert. Een secretaresse zal nooit kunnen begrijpen wat een onderzoeker drijft. Een andere onderzoeker kan begrijpen wat een onderzoeker drijft. Bijvoorbeeld de lectoren zelf acht u daarvoor geschikt? Ik weet niet of dat erin staat, maar op een sociaal medium gaan mensen er vanuit dat ze in interactie treden met personen en niet met een organisatie. Maak dat op één of andere manier duidelijk in de sociale media. Ellen doet dat door ^Ellen achter elke post te zetten Dat is de meest gebruikelijke manier. Het kan ook net andersom dat een lector vanuit z'n eigen persoonlijke Facebookpagina of Twitter dingen over NoorderRuimte schrijft, maar dan moet hij ervoor zorgen dat het duidelijk is dat hij onderdeel is van NoorderRuimte. Bijvoorbeeld door ^NoorderRuimte erachter te zetten. Dan wordt het ook veel makkelijker om met de juiste mensen in contact te komen. Een onderzoeker, een lector zal dan min of meer in contact met andere onderzoekers, want hij spreekt de taal van de onderzoeker. Iemand die dat niet begrijpt,of niet leuk vindt, of dat niet aanspreekt, die ziet zo'n berichtje misschien langskomen maar zal er niet op reageren. Dat is niet voor mij bedoeld, begrijp ik niet, niet interessant. Omgekeerd kan een secretaresse in tegenstelling tot inhoudelijke dingen wel posten over dingen die NoorderRuimte doet. Maar dan moet NoorderRuimte niet hopen dat ze daarmee het brede publiek zullen bereiken. Misschien wel de buurvrouw van die secretaresse. Om het brede publiek te bereiken moet je mensen vinden die het brede publiek begrijpen. Communicatiemensen, marketingmensen, die hebben daar kijk op. Die begrijpen dat veel beter ook in de breedte. Even kijken wat ik nog meer heb.. misschien iets dat vaak over het hoofd wordt gezien bij implementatie of voering? Misschien nog wat hele praktische tips, do's en don'ts? Van Ellen had ik bijvoorbeeld gehoord dat je nooit een tweet met moet beginnen omdat hij anders naar die persoon gaat. Klopt, dat is een hele praktische. Heel praktisch op Facebook vindt ik dat als je mensen noemt op Facebook, als je dat standaard doet dan moet je mijn naam Erwin intypen, dan komt daar Erwin de Chris Hamelink 88

90 Beer te staan en dan moet je daarop klikken. Ik lees dan een bericht Beste Erwin de Beer, bladiebla. Of Hoi Erwin de Beer, leuk dat we elkaar gezien hebben. Ik verwacht te lezen Hoi Erwin, leuk dat we elkaar gezien hebben. Dat kan je doen op Facebook door de achternaam weg te halen, dan blijft dat tagje staan op de voornaam en dat leest gewoon veel prettiger. Gebruik een dashboard. Het staat hier nog niet in. Misschien mag ik dat ook nog niet vertellen maar ik ben bezig met nog een hoofdstukje over tools, en ik ga aanraden om HootSuite te gaan gebruiken. Dat lijkt me een hele goede. Ellen zei over die applicaties van derde partijen dat die dan op Facebook voor negatieve impact op de Edgerank zorgen. Maar ze zei ook dat dat zeg maar een beetje controversieel is en dat de meningen daarover verdeeld zijn. Hoe die Edgerank op Facebook in elkaar zit dat weet niemand echt. Ik denk dat Facebook dat ook bewust zo geheim mogelijk houdt. Ze zullen het ook vast regelmatig veranderen. Het is natuurlijk wel te achterhalen door er goed onderzoek naar te doen en te kijken en te experimenteren enzovoort. Daar zou ik me niet te druk om maken. Een Dashboard geeft je gewoon overzicht. Dat is het belangrijkste. Dat het er makkelijker van wordt om berichtjes te plaatsen, ja, okee. Dat is ook zo. Maar je kunt je berichtjes nog net zo goed op Twitter of Facebook zelf blijven plaatsen. Juist met een tool als HootSuite kun je verschillende kanalen bij elkaar brengen. Dan kun je zien hier gebeurt dat, daar gebeurt dat. Is er interactie of zijn er juist hele grote verschillen. Dat kun je daar heel goed mee zien. Wat heel vaak over het hoofd wordt gezien is de afschuwelijk enorme ruis op sociale media tegenwoordig. Toen ik ermee begon met 7000 mensen in Nederland was het hartstikke leuk. Ik had geen contact met alle 7000, maar de mensen die ik contact mee had, die ik volgde en die mij volgde, de rest van die 7000 zat eigenlijk maar één stap tussen. Als je 500 of 300 mensen volgt, die ieder ook 300 volgen heb je er al veel meer dan die Berichten, vragen, opmerkingen enzovoort die waren binnen no-time in dat hele netwerk bekend. Daar werd ook op gereageerd vanuit het hele netwerk. Toen was het nog leuk. Toen kwam in 2010 de grote boom, in 2009 waren we er al bang voor. Toen werd op Twitter heel veel gepraat over dat het groter begint te worden, dat het mainstream begint te worden, willen we dat wel? Tegenhouden kun je het natuurlijk niet, maar hoe zou dat gaan? Tegenwoordig is er zo ontzettend veel berichtgeving op Twitter dat elk bericht gewoon verloren gaat in de ruis. In die zin, verwacht er niet te veel van. Op Twitter is het lastig, op Facebook is het makkelijker, maar bouw echt een netwerk. Als je op Facebook bent maak dan een Facebook groep waar mensen lid van kunnen worden. Maak hem wel open, er hoeft niet gekeurd te worden of ze lid mogen worden. Dan krijg je de mensen die echt geïnteresseerd zijn in NoorderRuimte. Dat praat een stuk makkelijker. Als je daar een publieksgroep hebt opgebouwd van een paar honderd tot een paar duizend man dan heb je een groep waar je wat aan hebt. Waar je wat mee kunt. Die je berichtjes ook willen lezen en dat leuk en interessant vinden. Ga daarbij ook bewust op zoek naar mensen. Als je een actieve groep wilt, begin dan eens met twintig mensen te zoeken waarvan je vrijwel zeker weet dat ze actief zullen zijn. Nodig die bewust Chris Hamelink 89

91 uit, vertel ze ook duidelijk waarom je hen hebt gekozen, waarom je die groep hebt. Als er twintig mensen zijn die inderdaad met elkaar op Facebook praten over NoorderRuimte is het voor nummer éénentwintig heel makkelijk om te zeggen Hee! Hier gebeurt wat! Hier kletsen mensen met elkaar! Dit is leuk, dit is gezellig, dit is sociaal! Laat ik eens meedoen! Terwijl als je begint aan het opbouwen van een netwerk waar eigenlijk geen activiteit is en je hebt binnen no-time 300 mensen in je groep die alle 300 niets doen kan je groep nog wel groeien, maar ze doen allemaal niets. Dan heb je er niets aan. Probeer je directe groep relatief klein te houden, een paar honderd, misschien duizend mensen ofzo. Besef ook dat die mensen in het echte leven weer contacten hebben met een hele hoop anderen. Het is niet perse nodig om heel Noord-Nederland lid te maken van een Facebookgroep omdat je graag informatie wilt hebben van alle bewoners van Noord-Nederland. Als je er een paar honderd hebt en de juiste vragen stelt komt dat vanzelf. En wat vindt je omgeving ervan? Dan gaan ze wel even naar de buurman van wat vind jij er eigenlijk van? Of in de kroeg, of het sportveld of wat dan ook. En dan een dag later staat er Ik heb gehoord vanmiddag tijdens het voetballen dat... Duidelijk, perfect. Ik lees nog even alle vragen voor, als u nog wat heeft toe te voegen dan springt u maar in. Volgens mij heb ik over al die onderdelen wel mijn mening gegeven. Met is het geschikt voor leken bedoel je of het geschikt is voor alle mensen van NoorderRuimte? Ja, en mensen die eigenlijk nooit wat met sociale media doen. Dat laatste per definitie is het antwoord daarop Nee. Dat kan niet. Mensen die nooit wat op sociale media doen, laat die alsjeblieft niet de sociale media van NoorderRuimte gebruiken om te leren hoe ze nou eigenlijk met sociale media om moeten gaan. Hoe zouden ze dat dan wel moeten doen? Cursussen en trainingen? Ja, of gewoon veel doen. Maar dan wel op een ander kanaal. Op hun eigen kanaal. Ik ken eigenlijk niemand die met sociale media is begonnen vanuit z'n beroep. Die succesvol met sociale media is begonnen. Eigenlijk iedereen die ik ken is ermee begonnen vanuit persoonlijke interesse. Dat kan wel beroepsmatige persoonlijke interesse zijn, of hobbymatige persoonlijke interesse, maar het moet persoonlijke interesse zijn. Een intrinsieke drang om dat kanaal te leren kennen. Mensen die dat niet hebben, die zoiets hebben van Sociale media, wat is dat eigenlijk? Daar mot ik niets van hebben. laat die maar. Nou, dan als u verder nog aanmerkingen, opmerkingen, iets anders heeft dan hoor ik dat graag nu. Nee, volgens mij niet. Dan zet ik de recorders uit. Hartelijk dank voor uw tijd en medewerking Transcriptie interview met Ellen van Hegelsom Sociale media van de Hanze Wat vond je van het plan in zijn algemeenheid, wat is je eerste indruk? Chris Hamelink 90

92 Mijn eerste indruk was dat het goed in elkaar zat, Volgens mij is het echt iets waar een kenniscentrum wat aan heeft. Ik hoorde net dat dit als stuk voor je afstuderen gaat zijn, ik neem aan dat je dan nog wel bezig gaat met theoretisch kader; niet dit plan? nee, er zit een heel onderzoek achter en dit is wat ik uiteindelijk aan NoorderRuimte wil geven, met een heel onderzoek erachter natuurlijk, maar dit wordt wat ze gaan lezen en gebruiken. Ik had als eerste als algemene opmerking over sociale media, echt oprecht, ik vond dat je al heel veel benut had en beschreven, dus dat vond ik heel goed hoe dat erin zat. Het zijn redelijk kleine dingetjes die ik heb aan te merken. Voornamelijk gaat het om het beheer, dat is het belangrijkste. Daar kan nog wel een stukje over in het voorwoord. Denk erover na en maak keuzes over hoe je het wilt, wat je wilt en hoe je het gaat doen zeg maar. Dat is wat je heel veel ziet, ga maar eens heel enthousiast iets opzetten en dan is het na vier week dood en dat is zonde. Dat is wel een goede toevoeging denk ik. Ook kan je eventueel adviezen voor tools doen die ze kunnen gebruiken. Zelf gebruik ik bijvoorbeeld HootSuite voor Twitter. Voornamelijk ook om wat orde te scheppen in de chaos die Twitter heet. Bijvoorbeeld door het aanmaken van lijsten om mensen te volgen zodat ze echt een overzicht hebben. Ik heb ook keywords waar ik op zoek. Ik weet niet of je tijd hebt om het in te richten, maar dan hebben zij een standaard plan waarmee ze kunnen gaan werken. Voor personen als ze dat hebben wordt het voeren van sociale media ineens meer tastbaar, makkelijker. Voor dat soort tooling werkt bijvoorbeeld het doorplaatsen op Twitter heel goed, maar door het logaritme van Facebook en LinkedIn doe ik dat op die sites zelf. Dat is omdat het er anders vaak lelijk uitziet of invloed heeft op je EdgeRank. Facebook werkt namelijk met een systeem aan de achterkant waarmee zij voor jou bepalen wat voor jou interessant is. Dat gaat vooral over hoe laat je online bent, hoeveel vrienden je hebt, welke pagina's je liket, of je op vind ik leuk hebt geklikt bij bepaalde berichten, of je online bent als ik iets post, dat zijn allemaal factoren die ermee te maken hebben of jij het berichtje van mij op pagina ziet, en dat heet EdgeRank. Als je dus vanuit een ander platform op Facebook post zeggen ze dat je dan nog steeds minder bereik hebt door EdgeRank. Daarom zeg ik altijd dat je op Facebook gewoon via Facebook moet plaatsen. Ze zeggen dat het tegenwoordig wat minder is maar het zijn toch boeven bij Facebook. Misschien dat nog het wel leuk is om toe te voegen per medium hoe frequent er gepost moet worden. Dat is een beetje een dingetje, dat haakt in een beetje op de tools omdat NoorderRuimte maar een klein bureau is, lang niet zo groot als de Hanze, dus ik verwacht eerlijk gezegd ook niet dat er dagelijks gepost gaat worden. Ik denk dat dat gewoon heel veel is voor een bedrijf als NoorderRuimte. Zou je dan nog steeds zeggen dat bijvoorbeeld een HootSuite dan nuttig is voor hen? Ja. we lopen zo wel even naar mijn bureau dan kan ik je even laten zien wat ik daarmee bedoel. Het gaat voornamelijk over het inrichten daarvan, voor het overzicht. Het gaat niet zozeer om de frequentie maar het gaat om overzicht. Ja, want jij hebt feeds die je gewoon kan bijhouden Als je dat overzicht kan creëren, dat is eigenlijk wat ik heel erg merk aan opleidingen, aan schools, aan kenniscentra, als zij het makkelijk een beetje een overzichtje hebben. Want je hebt het Chris Hamelink 91

93 helemaal perfect verwoord met taggen, met delen, ik denk dat zij er heel veel aan kunnen hebben als je het makkelijk maakt omdat ze er dan veel meer mee kunnen. Volg ook andere accounts voor content. Op Facebook kan dat natuurlijk en ook op Twitter. Dan hoef je niet altijd alles zelf te verzinnen. We hadden het al over frequentie, ik denk dat het nog wel goed is om toe te voegen, misschien een apart hoofdstukje met bijeenkomsten. Als je een bijeenkomst hebt is het leuk om daar een fotoserie van op Facebook te plaatsen. Als je een bijeenkomst hebt dan is het leuk om continu daar wat updates over te verzenden via Twitter, wat je ook al zei. Maar je doet niet continu wat op Facebook. Dat is wel goed om even te vermelden, dat Facebook prima is om één of twee keer per dag iets over te posten, maar op Twitter mag je best doorgaan. Het hoeft niet, maar het mag wel. Wat voor hun zichtbaarheid nog heel goed is bijvoorbeeld als zij actief naar congressen gaan, ze hebben een bepaalde publiciteitsnoodzaak, laten we het zo maar noemen, vanuit de subsidies die zij krijgen om ook zichtbaar te zijn bij de congressen waar ze aan deelnemen. Bij die congressen worden ook vaak hashtags gebruik, wat natuurlijk handig is. Ik zou daar nog een hoofdstukje over toevoegen bij Twitter en hoe ze daarop kunnen inhaken. Als ze ergens zijn of als er een bepaald onderwerp is waar zij expertise in hebben, dat ze bijvoorbeeld ooit een keer ergens een bericht hebben geplaatst over bijvoorbeeld aardbevingen zoals nu in Nepal. Hoe kan het dan dat in Nepal nu zo'n grote aardbeving is, en hoe zit dat eigenlijk in Nederland? Nou weet ik wel dat dat met ondergrond te maken heeft maar zo kan je ook gaan nadenken over hoe groot je het wilt doen. Bijvoorbeeld ook een blog voor de lectoraten met echte inhoud zou ook een interessante toevoeging zijn, voornamelijk voor de inhoud. Met HootSuite en tegenwoordig ook met Facebook kan je tegenwoordig ook inplannen, dat is misschien ook wel een goede voor hen. Heb je een communicatiemedewerker die er maar één dag mee bezig is, als je wel content hebt die je weet dat gaat komen, plaats dat dan gewoon en plan het in zodat het niet allemaal tegelijk komt. Experimenteer ook met tijden, wat handig is. Ik ben er zelf ook nog niet over uit, maar over het algemeen is twee uur 's middags niet de beste tijd dat de meeste mensen op Facebook zitten, maar in de avond dan weer wel. Ik plaats ook wel eens iets om 8 uur 's ochtends omdat mensen dan in de bus zitten. dan checken ze dat net even. Het is een beetje goed geluk... Het is ook een onderbuikgevoel. Ga je echt iets inhoudelijks posten, de meeste mensen zijn aan het werk zeg maar, dus dat kan je beter in de avond posten omdat er best wel veel professionals zijn die in de avond naar hun sociale media kijken. Ik heb daar wel onderzoek naar gedaan wat dan de beste tijd is maar dat blijft een beetje.. Dat blijft gissen. Dat kun je ook vanuit mij aangeven als je nog een quote erbij wil, iedereen zegt altijd doe onderzoek maar het slaat eigenlijk nergens op. Het is gewoon echt boerenverstand, wat jíj denkt dat goed is. Ik snap wel dat om twee uur 's middags niet veel mensen op hun Facebook zitten. Dat is wel heel verfrissend dat je zegt dat het gewoon boerenverstand is omdat ik al die literatuur lees, dikke boeken worden erover geschreven door experts die allemaal zeggen hoe laat, hoe veel, dan is het wel verfrissend om het tegenovergestelde te horen. Chris Hamelink 92

94 Dat is eigenlijk wel een beetje waar ik altijd tegenaan loop, dat ik denk van jongens, we doen allemaal wel heel stoer... Op een gegeven moment heb je het over het doorlinken van Twitter naar Facebook, ik ben daar zelf echt een ontiechelijke niet-fan van. okee? We hadden het al over onderbuikgevoel en dat allerlei mensen die al die onderzoeken hebben en dat ik zei dat je onderbuikgevoel daar meer over zegt. Ik heb dat hiermee ook. Twitter heeft gewoon een hele andere tone of voice, en Twitter en LinkedIn ook. Je kan wel hetzelfde bericht doen, maar ik zou niet standaard alles doorlinken. Dat ziet er altijd heel raar uit vindt ik. Je moet gewoon nadenken over welk instrument je waarvoor kan inzetten. Nou ja, wat je misschien nog kan toevoegen per kanaal is welke doelgroepen heeft het, wat wil je ermee bereiken of in elk geval dat zij erover na gaan denken, of dat je met hun in gesprek daarover gaat. Je zegt dat Twitter het meest waardevol is, waarom is dat het meest waardevol? Ik merk dat heel veel in bepaalde kringen Twitter het meest waardevolle medium is, omdat het open is en omdat ik daar het meest kan luisteren. Maar als je vraagt of studenten op Twitter zitten zijn dat er bizar weinig. Dus als studenten jouw doelgroep is, dan is Twitter niet jouw meest waardevolle medium. Ik weet niet of dat de doelgroep is van NoorderRuimte... Wil je met partners uit het werkveld, ja dan is Twitter inderdaad heel nuttig. Maar als je dat daaraan koppelt wordt het volgens mij nog sterker. Twitter, Hootsuite en hashtags hebben we nu gehad. Bij Facebook had ik nog dat je misschien het evenementenstukje nog kan toelichten. Dat kan natuurlijk nog vooral voor wat ze allemaal organiseren. Als er evenementen op Facebook worden aangemaakt en mensen gaan daarheen zien al hun vrienden dat ook dus die evenemententool heeft veel voordelen binnen de hogeschool die als extra kunnen worden gezien. Dat is misschien nog wel een leuk kopje om toe te voegen. Ja en eigenlijk mag op Facebook bijna niet zonder foto, maar dat staat er wel in. Dat kan ook in een link of een video is ook prima. Eigenlijk één zin, ik doe dat nooit. Ik wou zeggen dat doe ik nog wel eens bij een storing, maar dan doe ik nog steeds een plaatje erbij. Ja, dan heb je een zinnetje en dat verdwijnt heel snel op zo'n feed En echt lappen lappen lappen tekst kan ook niet. Op sociale media moet het kort en krachtig met een linkje naar de website als mensen meer willen weten.. waar dan wel lappen tekst mogen staan. Op LinkedIn moet je heel duidelijk weten wat NoorderRuimte wilt. Is het een bedrijfspagina, is het een groep, willen ze interactie, en moet het op LinkedIn? Dat is ook nog maar de vraag. Zo'n groep kan ik me heel goed voorstellen dat het een goed netwerk is. Leuk, maar misschien zijn er ook wel andere groepen waar mensen veel actiever zijn dan in de NoorderRuimte groep, dus moet je dan niet gaan kijken of NoorderRuimte in die andere groep kan, of alleen de lectoren. Dat zie je wel vaker. We willen als hogeschool ook heel vaak allemaal ons eigen dingetje, maar wat willen we daar dan in? Wat goed is op LinkedIn is dat de mensen die daar werkzaam zijn dat ze in hun persoonlijke profiel duidelijk hebben staan dat ze verbonden zijn aan het kenniscentrum Chris Hamelink 93

95 NoorderRuimte. Ik vraag het me namelijk altijd heel erg af of LinkedIn wel nodig is. We hebben bijvoorbeeld de corporate social media wel op LinkedIn, dus je zou wel kunnen zeggen dat je af en toe dat gebruikt om wat informatie naar buiten te brengen, bijvoorbeeld met vacatures wordt dat al gedaan. Het is echt belangrijk om af te wegen of je dat wel wil doen. Als het dood is, waarom zou je het dan in leven willen houden? Of zou je juist mensen willen activeren om via hun persoonlijke netwerk meer in te zetten en dat je af en toe zegt van Goh, we willen een bericht op LinkedIn. Dat je de Lectoren of de onderzoekers vraagt om dat op hun eigen LinkedIn te zetten. Zij zijn ook ambassadeurs van NoorderRuimte. Dat is iets waar je over na zou kunnen gaan denken. Ik merk ook dat LinkedIn in het laatste jaar veel interactiever is geworden. Je merkt dat het veel mooier is geworden en makkelijker, ook tussen personen zelf, dat merk ik wel. Volgens mij zei je dat niet. Het is ook een beetje een idee dat ik erbij heb. Ik heb vijf andere bedrijven/concurrenten/collega's van NoorderRuimte bekeken, en al hun LinkedIn pagina's waren gewoon steevast morsdood. Daar haal ik dat dan een beetje vandaan. Het hangt en staat weer met content. Dat is dus uiteindelijk wat je ook op LinkedIn ziet. Ik denk dat er heel veel kansen wel zijn met LinkedIn, maar wederom, het moet wel weer gemanaged worden, je moet mensen triggeren, in discussie gaan... Wat dat betreft, je kan je eigenlijk wel afvragen of je op LinkedIn niet beter met je lectoren en professionals die daar juist op aangeven dat zij voor NoorderRuimte werken. De interactiemogelijkheden zijn wel steeds groter aan het worden, ook in je timeline wel. YouTube heb ik eigenlijk precies hetzelfde over. Moet dat nou eigenlijk in een eigen kanaal, beheer enzo, er is een corporate kanaal van de Hanzehogeschool.. Waar NoorderRuimte eventueel van gebruik zou mogen maken, okee. En wat ga je allemaal voor filmpjes op je eigen account zetten..? Er staan drie filmpjes op en dat kanaal is 5 jaar oud ofzo. Het kan best wel nuttig zijn, als je dat wilt, dat is prima. Misschien heb je wel een opdracht, ze hebben een hartstikke grote leerwerkomgeving, dus dat studenten een filmpje moeten opleveren als product, ik zeg maar wat. Dat is prima, maar dan kan je dat ook hierin schrijven. Het is niet goed, het is niet fout, maar maak die afweging. Ik denk dat goed is om ook naar NoorderRuimte aan te geven. Het is niet goed, het is niet fout, maar denk erover na wat je ermee doet. Dat is ook wel weer nieuwe informatie. Het is natuurlijk heel logisch als je erover nadenkt dat zij hun filmpjes gewoon bij de Hanze kunnen onderbrengen, maar daar had ik nog helemaal niet over nagedacht. Nou, Google+. Set and Forget, eigenlijk ook wat ik dacht. Je kan nog denken of je het moet willen. Ik dacht altijd dat ik het ging doen maar het doorplaatsen, ja... Het kost ook weer tijd. Maar ja, je kan er wel weer beter in de zoekresultaten uitkomen, dat is wel weer een ding. Je zou eventueel een aantal zaken die je echt heel belangrijk vindt op Google+ zetten, omdat je dan weer beter komt in de zoekresultaten. Chris Hamelink 94

96 En dan zou je nog over twee kunnen nadenken wat ik al aangaf, een blog eventueel en Instagram. Het is maar net welke doelgroep je hebt. Wil je meer gericht op studenten, nou ja dan is Instagram wel weer een middel wat je in kan gaan zetten. Ik heb Instagram in mijn onderzoek meegenomen en omdat de doelgroep er eigenlijk niet op actief is, het is eigenlijk business to business dus ik heb ervoor gekozen om dat niet te doen. Dan moet je dat ook zo zeggen en benoemen, dat is goed voor de sterkte van je dossier. Ik heb dat hier niet gedaan, maar dat staat in het onderzoek wel. Ik heb nog anderen onderzocht zoals Pinterest en nog een. Snapchat, kik en Whatsapp bijvoorbeeld niet. Ik heb ook nog Vine onderzocht, maar dat is ook niet echt geschikt Dat is heel goed dat je daar keuzes is maakt met je doelen. Waarom doe je dingen? Dat is gewoon heel erg belangrijk. Maar echt, het zag er goed uit. Ik ben echt ontzettend blij om dat te horen. Ik was wel een beetje benauwd dat je zou zeggen van nou.. wat ik hier nou mee moet? Dat je een waslijst aan dingen zou opnoemen maar dit is perfect. Beter had ik niet kunnen bedenken. Dan benader ik het vanuit de praktijk hé, het theoretische gedeelte moet goed zijn voor je afstuderen en wat heel verstandig is om aan te geven, dat ligt ook in je implementatieplan, het is heel belangrijk om zo simpel mogelijk te beginnen, anders gebeurt het niet. Niet te abstracte plannen, maar heel concreet. Wellicht dat je nog wat uit kan leggen over Hashtags, je verbaast je over wat mensen niet weten. Dat is echt zo. Ik had gister weer heerlijk een Facebookpagina met iemand aangemaakt en mensen die snappen dat gewoon niet. Het is vaak als ik ga praten dan denk ik eigenlijk...maar wat vertel ik nou? En de mensen die zeggen dan daarna van oh, kan dat allemaal?. Jij bent ook de professional, jij zit daarin. Dat is wel grappig om te zien hoe je daarmee omgaat. Het is soms lastig om daarin verder te kijken omdat je alles al weet. Je hebt het over hashtags en een reply, je plakt dit erbij, dat erbij. Soms is het heel goed om even met een leek te gaan zitten en dat uit te leggen. Op een gegeven moment ben ik met mijn moeder een presentatie gaan voorbereiden die niets van sociale media weet om alles daaruit te halen. Wat nog een goede is om op te nemen, wat iedereen con-ti-nu fout doet, is om niet te beginnen met Dus vandaag expositie xxx.... Dan ziet Twitter het als een reply of een direct berichtje aan de Hanze en dan wordt hij niet gezien door al je volgers. Als je dus begint met een woord, en dat gaat echt heel vaak fout. Dat zijn echt tips waar je ook wel op kan scoren denk ik en waar je ook weer mee helpt. Dat ga ik sowieso in dat stappenplan zetten als Twitter top tip ofzo. Ik blijf het de meeste mensen vertellen. Na een halfjaar wederom mailen, en wederom mailen. En iedereen denkt ook gewoon oh ja, dat is ook wel logisch. en het is ook logisch. wat vond je van het stappenplan helemaal achterin, daar was ik nog wel benieuwd naar dat plaatje. Ik had al in mijn hoofd om dat op A3 uit te printen, aan de muur hangen en gaan. We hebben het niet gehad over een content planning, dat is ook wel wat mensen aangeven handig te vinden. Wat je heel vaak merkt is dat ook binnen kenniscentra is dat de Chris Hamelink 95

97 communicatiemedewerker die moet het doen, maar de inhoud zit allemaal bij lectoren. Misschien dat je daarin misschien ook een adviesje kan schrijven. Hoe zorg je nou dat je de informatie van die personen krijgt. Is dat door standaard even elke week een mailtje te sturen, van wat gaan jullie deze week doen, wat is jullie agenda en wat is interessant om op sociale media te plaatsen? Of ik zeg maar wat, wordt het een standaardpunt op de vergadering? Dat is ook een beetje om het in je gedachtegoed te krijgen. Na een halfjaar zit het er wel in maar omdat de meeste mensen het niet in hun dagelijkse standaard hebben zie je veel dat er over dingen van eergisteren wordt gepost. Dat moet je echt misschien even van tevoren afstemmen. Welke bijeenkomsten zijn we deze week, wat posten we daarover? Jij bent bij die bijeenkomst deze week, stuur even via Whatsapp een foto dan kunnen we dat op Twitter zetten. Dat soort tips zijn ook nog wel handig. Misschien dat je nog wat meer kunt zeggen over bijvoorbeeld de maatschappelijke discussie met de bepaalde thema's van NoorderRuimte dat ze daarover ook gaan inspelen, maar ik denk dat het verder wel goed is. Misschien nog wat visuals eraan toevoegen maar dat staat er in principe ook al wel. Een foto zegt meer dan duizend woorden, dat is gewoon echt zo. Dat is ook wel wat hier staat. Ik vind het lastig Even kijken of ik al mijn vragen zo'n beetje gesteld heb.. Wat nog wel goed is... ik merk bijvoorbeeld dat je steeds meer mensen... okee ik heb nu twee dingen. Één dat steeds minder mensen geneigd zijn om te liken of een reactie te geven. Mensen scrollen steeds vaker door hun tijdlijn en dat betekent dus niet dat ze het niet gezien hebben of niet leuk vinden, maar ze zijn minder bereid om te zeggen dat ze het leuk vinden. Tenzij het echt een foto is van een poes in een tas ofzo. Inhoudelijke dingen die ze op zich wel willen weten liken ze toch steeds minder. Je moet niet alleen je daarop doodstaren Het gaat ook erom dat ze je zien en dat ze het weten Ja, een beetje die zichtbaarheid aan geven. Het betekent dus niet dat als je niet 20 keer geretweet bent dat je niet gezien bent. Dat was één, en deelacties, like, like share & win dat doen we allemaal niet bij de Hanze want dat mag allemaal niet. Dat wou ik ook nog aan je vragen, ik had het al aan Evanya gevraagd, of ik de communicatiestrategie, richtlijnen, iets, ja iets vanuit de Hanze wat over de sociale media gaat van NoorderRuimte of ik dat mag hebben of bekijken, omdat ik daar gewoon niets van weet. Dat soort dingen hebben we eigenlijk niet.. Als het er niet is dan is het er niet, maar ik dacht dat dat er wel zou zijn We hebben het wel, maar het is gewoon sterk verouderd. Maar alles is nu toch bij één persoon, dus dan doe je veel met je onderbuik. We hebben wel een online marketingstrategie. Ik ben nu toevallig ook bezig met een studie dus ik zit ook te denken om dat richting corporate social media te doen. Het zit allemaal meer in mijn hoofd dan dat het op papier staat eerlijk gezegd. Anders moet ik nog even kijken of we een document hebben waar je echt wat aan hebt, maar ik vraag het me af. Nou, dan ontzettend bedankt. Het was voor mij heel nuttig Transcriptie Interview met Rixt Froentjes Communicatiemedewerkster bureau NoorderRuimte Chris Hamelink 96

98 Wat vond je van hoofdstuk 1, van hoe ik de implementatie heb beschreven? Ik denk dat je een aantal hele goed punten hebt genoemd. Dat het belangrijk is dat er een eindverantwoordelijke is maar dat ook andere experts zoals collega's ook toegang moeten hebben tot de accounts. Dus ik kan me hier wel in vinden. Ook dat alles te ondersteunen is door andere media zoals de s of op de website met een link. Ik zie veel dingen die ik leuk vind om te lezen. Bijvoorbeeld ook om vragen te stellen aan de doelgroep om interactie op gang te brengen. Dat doen we nog niet vaak. Meestal melden we iets van wat we doen met een foto erbij, en dan liken mensen dat. Ik zie er wel wat in dat we wat prikkelender een stelling of een vraag kunnen stellen. En ja, het bedanken van mensen. Dat gebeurt eigenlijk ook niet heel vaak. Dat is natuurlijk ook omdat we er nog vrij weinig mee doen. Ik heb het idee dat Twitter nu echt een beetje los komt en dat werkt dan ook wel. Daar krijg je dan ook wel steeds meer met mensen. In die zin ja, vind ik deze algemene dingen die je noemt die belangrijk zijn wel zinvol. Wat ik in het hele stuk nog een beetje mist is een stukje over de media ten opzichte van elkaar. Wat is nou geschikt om waarvoor te gebruiken, ondersteunt het een het ander, op die manier. Hoe bedoel je precies, wat waarvoor te gebruiken is? Je hebt bijvoorbeeld iets wat nieuws is, of waar je iets mee wilt. Wat gebruik je dan voor Twitter, wat gebruik je voor je Facebook, welke keuze je maakt voor welk medium. Dat vind ik ook een belangrijke. Ik weet niet of ik daar in het plan op in ben gegaan. Mijn insteek is dat de nieuwsberichten en de berichtgeving zoals die nu gebeurt vanuit NoorderRuimte dat die op de website blijft, dus dat die berichten op de website komen en daarnaar linken op de sociale media. Bij die link moet je natuurlijk een stukje begeleidende tekst zetten. Ik zou er nog iets in zetten van welk medium waarvoor heel geschikt is. Wat voor type medium het is en waar je het dus het beste voor kunt inzetten. Wanneer zet je Twitter in, wanneer zet je Facebook in? Bijvoorbeeld bij evenementen kan je een Facebook-evenement aanmaken, en als mensen zeggen dat ze erheen gaan zien al hun vrienden dat op hun tijdlijn, Die-en-die gaat naar een evenement van NoorderRuimte. Tijdens zo'n evenement zou je dan kunnen gaan livetweeten. Ik zou nog wel iets meer over het gebruik van de media erin willen zien. Gewoon even heel globaal. Zit het plan logisch in elkaar? Er zit een onderverdeling in, in de verschillende media die je hebt. Dus in die zin is het logisch en het stappenplan geldt voor de verschillende onderdelen. De conclusie die je in 1.6 trekt (het stappenplan) is mij ook helder. Dus ik vind het wel een logische opbouw. Eerst iets algemeens. Ik zou er dus nog aan toevoegen nogmaals, je doet een aantal aanbevelingen hier, zo van hoe moet je het implementeren. Ik zou er nog even aan toe willen voegen dat je ingaat op de volgende Chris Hamelink 97

99 sociale media: Twitter, Facebook, LinkedIn, et cetera En dan even heel kort dat wordt daarvoor gebruikt en dat daarvoor. En dan de hoofdstukken zoals je ze nu hebt ingedeeld, dus ik vind dat wel logisch. Maakt het je iets uit of NoorderRuimte bijvoorbeeld op Google+ of YouTube een account heeft, en dat die geloofwaardig is? Bijvoorbeeld YouTube, ik weet dat ontzettend veel mensen YouTube gebruiken, en ik zelf ook wel dus daar kan ik me wel wat bij voorstellen. We moeten daar dan wel echt energie in steken, hoe we dat gaan doen en hoe het eruit komt te zien, en vervolgens wat we ermee gaan doen. Ik merk nu al bijvoorbeeld dat het Twitteren, het moet A) in je systeem komen te zitten dat je Twittert, en het is best wel arbeidsintensief. Sommige mensen zeggen van Oh, dat doe je even, maar zeker in het begin moet je erom denken om een foto te maken, om het overal aan te linken... Dat gaat alleen nog maar meer worden Ja, dus ik kan me voorstellen hoe meer wij doen, hoe meer werk het is. Als we het doen moeten we het wel goed doen. Bijvoorbeeld die Facebookpagina die aangemaakt is, die is alleen nog maar aangemaakt en er staan een paar foto's op. Nou, hartstikke leuk, maar we moeten nog wel steeds zorgen dat het ook up-to-date blijft en dat we er regelmatig iets op doen. En met de website hebben we al zoveel werk aan, en die is ontzettend overzichtelijk en goed. Het is wel zo dat de website blijft zoals hij is, dat is eigenlijk een beetje een blog waar je met de rest van je sociale media naartoe stuurt om daar je verkeer naartoe te leiden. Het gaat eigenlijk vooral gewoon om hoe je dat doet, en hoe je de begeleidende teksten daarbij schrijft. Wat denk jij precies dat de klanten en de doelgroep verwachten van NoorderRuimte? Wat willen die zien? Die willen de activiteiten die wij doen zien, via de sociale media. Die willen ook iets weten over wat voor mening wij hebben over bepaalde dingen, hoe wij ergens over denken en ermee bezig zijn. Het is een breed iets. Het is én informeren en attenderen op dingen, maar ook over activiteiten die wij doen. Zo van Dan doen wij dat, je bent van harte welkom. Bijvoorbeeld binnenkort hebben we het minisymposium, dat vind ik dan echt iets om ook te melden bij mensen. Voor opdrachtgevers, voor andere studenten, voor die brede doelgroep. Dus vertellen wat wij doen en onze mening over dingen meer melden en dat we gezien worden als een professionele partij. Wat denk jij dat wij moeten plaatsen? Ik denk dat je inderdaad moet laten zien wat je doet, en vooral die mening geven vind ik een hele goede. Juist omdat het een mogelijkheid geeft tot interactie op de sociale media. Die interactie, dat is waarvoor je sociale media doet, anders is het gewoon media. Die interactie moet gewoon aangegaan worden. Voor de rest, die artikelen, dat die gepusht worden dat is prima, maar dat kan niet de enige bezigheid zijn. Dat wordt heel saai. Daar zit gewoon niemand op te wachten. Om dat te lezen is leuk, als je dat alleen maar ziet.. ja. Dus we zullen een vorm moeten vinden om mensen meer te triggeren en mensen meer nieuwsgierig te maken naar NoorderRuimte, maar ook dat de onderzoekers en lectoren hun mening kunnen geven op dingen. Als bijvoorbeeld in een artikel over een actualiteit een mening wordt gegeven dat dat besproken kan worden. Is het allemaal haalbaar denk je? Dat de lectoren ook meewerken, of dat zeg maar iedereen toegang krijgt tot de media, of dat iedereen een bijdrage levert? Chris Hamelink 98

100 Nou iedereen weet ik niet, maar ik denk wel dat lectoren en onderzoekers dat het voor hun heel belangrijk is dat ze dat wel doen. Het is een medium wat helemaal van vandaag de dag is en veel gebruikt wordt. Je ziet dus ook dat een aantal mensen het al wel doet. Bijvoorbeeld Floris van de lectoren is redelijk actief daarop. Dat werkt wel. Anderen zijn nog een beetje huiverig. Die willen wel, vergeten het ook vaak. Het zit nog niet zo in het systeem. Ik denk dat dat het ook is, en dat er ook nog wat angst is voor de nieuwigheid. Wat moet ik er nou opzetten, hoe doe ik dat nou? We hebben ook al een keer een soort training daarin gehad. Dat maakt wel dat mensen zeggen dat ze er wel wat mee willen. Ik moet dat ook goed stimuleren bij mensen. Ik ben nu zelf ook bij NoorderRuimte begonnen, en het slaat wel aan. Iedereen die ziet het. Het College van Bestuur is er heel enthousiast over, Marketing en Communicatie is er heel enthousiast over. We moeten wel op deze weg blijven. Jullie zijn wel een van de of het eerste kenniscentrum die dat ook doen. Ik heb even snel rondgekeken op de site naar de verschillende kenniscentra. Ik vind dat wij nog steeds niet heel actief zijn hoor, wij kunnen er nog veel meer mee doen. Maar weet je wat het ook is? Het is ook een tijdsinvestering. Als ik zie wat ik hier allemaal al doe, dan denk ik Oh jongens, dat er ook nog allemaal bij? Ik was laatst aan het Twitteren en ik zei tegen Liesbeth, ik mag wel een urenuitbreiding hebben, wat is dit intensief! Je moet er ook even voor gaan zitten en er de tijd voor nemen. Ja, en dat gaat alleen maar meer worden. Zeker als je ook nog de andere media op je neemt en dan met name Facebook omdat er op de rest eigenlijk niet zo heel veel gebeurt, én omdat je die interactie moet gaan uitlokken en gaan opzoeken kan het wel tijd gaan kosten. Is dat een probleem? Ik denk wel dat dat een probleem is, als ik heel eerlijk ben. Met mijn huidige workload is dat zeker een probleem. Zou je er iemand voor aannemen? Nou, er iemand voor aannemen dat weet ik niet. Je moet dan wel iemand hebben die hier ook is dan in elk geval, die alles mee krijgt. Ik denk wel dat ik daar de aangewezen persoon ben om dat nog meer te gaan doen. Alleen ik moet wel eens even kijken hoe. Ik heb nu twee en een halve dag voor het kenniscentrum en dat is al met al heel druk. Daar moet alles in gebeuren. Dus zoals het nu is kan het er niet allemaal bij, als we dat ook nog allemaal uitdagend en prikkelend willen doen. Dat is wel een beetje het doel natuurlijk. Ja, want dat is ook wat we willen. Maar goed, de lectoren kunnen daar ook hun bijdrage in doen. Die zitten natuurlijk ook met hun beperkte tijd. Weet je wanneer ik denk dat het gaat werken? Zoals de Twitter daar ben ik nu wel enthousiast over, omdat ik zie dat het werkt. Dan ben je ook bereid om daarin te investeren. Ja, de Twitter moet ook het hoofdmedium blijven om daar vooral de interactie op te gaan hebben. Met uiteindelijk het doel om meer mensen naar de site te lokken eigenlijk, en om ze een beetje een beeld te geven van wie NoorderRuimte is, om het doel van vergroting van de Chris Hamelink 99

101 naamsbekendheid en de werving te bereiken. Ik vind het.. Ik wil niet zeggen zorgwekkend ofzo, maar die tijdnood is een beetje nieuws. Als jij dat niet zelf kan doen allemaal, denk je dan dat de lectoren of de managementsecretaresse dat oppakken? Nee. En Saskia moet dat ook helemaal niet doen, dat geloof ik niet. Saskia kan wel ondersteunen door iets er op te zetten bijvoorbeeld, maar die kunnen we niet gaan belasten met prikkelende leuke dingen te doen op sociale media, nee. Ik vindt dat de lectoren, de onderzoekers en dat ik dat moet doen. Ik wil dat ook wel graag doen, ik heb nog meer handvatten daarvoor nodig. Wat dat betreft zie ik ook wel dat hier weer aanwijzingen in zitten van hé, daar kan ik iets mee. Ik moet daar ook de ruimte voor nemen en maken. Dat is wat er moet gebeuren. In dat kader, wat vind je dan van het stappenplan? Ja, het stappenplan is eigenlijk een beschrijving van hoe je sociale media moet inzetten. In die zin is het misschien niet heel veel nieuws. We moeten kijken hoe we dat binnen NoorderRuimte gaan doen, dus die vertaalslag naar NoorderRuimte die moeten we maken, zo van wat betekent dat nou. We moeten aan het eind ook kijken van goh. Bijvoorbeeld als jij iets zegt over Iedereen moet in z'n handtekening een verwijzing hebben naar de sociale media en de website, dat zijn hele concrete dingen die we zo op kunnen pakken. De toegang tot de sociale media en daarin mensen een beetje trainen en meenemen van hoe het allemaal werkt en wat voor gebruik ze ervoor kunnen maken, dat moet ook geïmplementeerd worden. Je wilt dat eigenlijk ook concreter zien? Hoe zie je dat voor je? Ik zou dat wel concreter willen zien. Ik zie hier zelf al van jongens dit is voor een deel beschrijven en een aantal aanbevelingen zitten hierin. Die aanbevelingen zou ik graag in bullets of in punten willen zien. Dit, dit en dit moet er gebeuren om succesvol met sociale media om te gaan. En dat zit er nu nog niet in. Bijvoorbeeld over de mensen daarin opvoeden, meenemen en ondersteunen en dergelijke, ik denk dat dat nodig is. Was jij van plan om dat in jouw eindstuk mee te nemen? Die dingen zijn uit het onderzoek wel naar voren gekomen natuurlijk, dat je dat in je e- mail moet zetten en dat je ook even van je icoontjes op de posters zet, dat soort hele concrete dingen. Dat staat wel in het onderzoeksverslag. Ik zou het even concreet. Ik zou het echt concreet zo van, hé, je loopt hier nu een tijdje bij NoorderRuimte rond, je hebt je onderzoek gedaan, dat is voor een deel ook beschrijvend van hoe doe je het? Hoe zet je de media in? Wat ik nog heel graag eraan toegevoegd wil hebben is wanneer zet je welk medium in en welke stappen gaat NoorderRuimte concreet zetten om meer sociale media succesvol in te zetten. Wat moeten ze dan doen? Duidelijk. Dat zou ik nog graag willen. Kun je daar wat mee? Ja. Dat is heel nuttig. Dat is best gemakkelijk eigenlijk, het kost maar even om het op een rijtje te zetten. Dan heb ik er namelijk ook wat aan. Snap je dat dat het allerbelangrijkste is? Dit is voor een deel ook een beschrijving van hoe je dingen erop zet, wat belangrijk is, doe er een foto bij en dergelijke. Wat jij noemt, in mijn beleving is dat de eerste stap. Een beetje zoals je computer Chris Hamelink 100

102 opstarten aan het begin van de werkdag. Dat is voor hier, als je het nog niet hebt Chris, dan kun je gaan beschrijven waar je het voor inzet, het moet praktisch ook voor ons iets opleveren. Ik wil graag weten wat er nog voor nodig is om te zorgen dat het echt goed gaat werken ook? En nu noemen we eigenlijk al een heel aantal dingen waarvan jij zegt dat is voor mij heel logisch wel. Misschien omdat jij er zo in zit. Ik denk dat we daar nog naar moeten kijken, want je koppelt het immers wel aan NoorderRuimte. Communicatiestrategie/implementatie plan voor NoorderRuimte, waar is je implementatieplan? In dit stuk, waar zit dat? Dat is dit. (Hoofdstuk 1). Wie de eigenaar wordt, hoe je het gebruikt, hoe je het adverteert, hoe je de posts interessant maakt en dat je zorgt voor de nazorg. Qua implementatie bijvoorbeeld kosten of manuren of een hele strakke planning, dat is gewoon gewoon minder of niet van toepassing. Ik kan dat er zelf ook gaan uit halen of dat eraan toevoegen, maar voor mij en voor ons hier is het van belang om te kijken wat er nou moet gebeuren om het succesvol te laten verlopen. Dat is niet alleen Stap 1: Content, foto, taggen en delen, dit en dat. Daar voorafgaand is het al een houding, een bewustzijn. Dat is voor jou een normaal uitgangspunt, maar voor ons is dat niet zo. Als je dat nog kan toevoegen dat zou heel mooi zijn. Zijn er verder nog op- of aanmerkingen, dingen die je opvallen? Even qua opbouw, ik neem aan dat het in jouw stuk zal het natuurlijk veel uitgebreider zijn dan dit is.. Opzich deze communicatiestrategie/implementatieplan niet. Het onderzoek dat eraan vooraf gaat is natuurlijk wel ellenlang. Oké Goed. Als er iets praktisch toepasbaars voor NoorderRuimte nog aan toegevoegd wordt zou ik dat fijn vinden. Kan ik hieruit opmaken dat je het een beetje kort vindt, of dat je het té kort vindt, of dat je nog iets anders mist? Ik zit even te zoeken naar wat ik dan nog zoek. Misschien zoek ik nog wel een elementairder, basaler, stappenplan om tot goede sociale media te komen. Ik weet het niet, misschien her en der nog iets concreter, de stappen die gezet moeten worden. Daar liep ik in het maken ook een beetje tegenaan, dat het lastig is om het héél concreet te maken. Dat is omdat de doelgroep heel groot is, de posts zijn heel verschillend, ze kunnen bijvoorbeeld over een onderzoek gaan of over een lunchmeeting, of een symposium. Het is niet zo dat je alleen maar nieuwsberichten post. Nergens zie ik van wáár NoorderRuimte dat dan kan posten. Je zegt nu een symposium, maar je noemt niet van wáár dat geplaatst kan worden. Nóem dat. Wat zijn nou geschikte dingen om te posten en hoe doe je dat? Wat is daarvoor nodig? Dit is voor een deel een algemeen plan, gewoon beschrijvend hoe sociale media werkt, Terwijl ik op zoek ben naar hoe het gaat werken voor NoorderRuimte. Dat ik met het onderzoek in mijn hand kan zeggen van Jongens, zo gaan we het doen. Stap één, dit gaan we doen. Stap twee, dat gaan we doen. Dat het echt een implementatieplan wordt wat je kunt toepassen. Snap je wat ik bedoel? Kun je daar nog wat mee? Chris Hamelink 101

103 Volgens mij heb jij het allemaal in je hoofd en is het voor jou een kwestie van opschrijven. Schrijf het gewoon even op. Daar zit ik op te wachten. Snap je wat ik zoek? Dat heb ik aan het begin ook al gezegd, ik wil graag iets wat praktisch toepasbaar is voor NoorderRuimte. Dan moet jij je er dus ook van bewust zijn dat het meer is dan alleen van wat is belangrijk, dat het een interessante post is, dat er een foto bij staat, dat je af en toe even retweet, Nee... het gaat erom wat kansen zijn voor NoorderRuimte. Hoe doe je dat. Hoe doen we dat. Wat is er voor nodig om überhaupt dit goed op te zetten. Dat je dus die mensen meekrijgt en enthousiasmeert. Dat hoort volgens mij ook bij een implementatieplan. Bewustzijn kweken. Dat mis ik ook hierin. Hierin mis ik bijvoorbeeld gewoon al dat er genoemd wordt dat het bewustzijn nog niet zo groot is, dus dáár moeten we iets aan doen. Ja? Als je dat nog doet náást wat er ligt, denk ik dat er het een waardevol iets oplevert. Jij kent NoorderRuimte nu een beetje. Jij hebt het in je hoofd. Schrijf het nog op. Ja? Ja, lijkt me goed. Heb je verder nog vragen? Volgens mij heb ik al mijn vragen wel zo'n beetje beantwoord gekregen. Dus als jij nog iets te zeggen hebt of toe te voegen is daar nu de kans voor. Nee, nou ik hoop dat je je erin kunt vinden. Dat je er nog iets mee kunt. Ja, ik had er nog helemaal nog niet zo naar gekeken, dus wat dat betreft was het heel nuttig voor mij. Dan zet ik de recorder uit, dank je. Chris Hamelink 102

104 13.13 Transcriptie interview met Mirjam Post Coördinator van BNR = de professionele leeromgeving van het kenniscentrum. Wat vond je ervan, wat is je algemene indruk van het stuk dat je hebt gelezen? Het valt me op dat ik aan de ene kant een vorm van advies lees, en analyse door elkaar. Dat is hier ook beschreven. Bij LinkedIn doe je eigenlijk een analyse, en bij Facebook ook een beetje. Maar hier, bijvoorbeeld bij Twitter, doe je dat niet. Of tenminste, minder. En dat is voor jou...? Wat handig is, is dat je eerst een analyse maakt van wat is er en hoe ziet dat eruit? Dat je op basis van je eigen ervaring of theorieën of eigen ervaring of kennis een advies doet over hoe wij het beter kunnen doen. Dat loopt een beetje door elkaar bij jou lees ik. Bij de ene is het wat helderder aanwezig dan de ander, bij deze twijfel ik een beetje, volgens mij is dit een beetje meer advies en hier is het duidelijk een deel analyse en advies, LinkedIn is ook meer advies, YouTube is advies. Als het gaat om de structuur van het document zou ik daar iets op gaan letten. Zo van hé, eerst wat gebruiken we allemaal, hoe ziet dat eruit en hoe zou jouw advies zijn om dat te verbeteren, en waarom adviseer je ons dat. Dat is dan je onderzoeksdeel. Is het een probleem of een minpunt dat er eerst een stuk analyse is, of is dat juist goed? Dat had ik nog niet helemaal begrepen. Je doet het een beetje door elkaar, dat is wat ik lees. En dat is wat ik zou splitsen. Eerst de analyse van wat hebben we, en dan adviseren. En dat kan je per item doen. Bij Twitter bijvoorbeeld, wat is er, hoe gebruiken ze het en hoe zouden ze het moeten gebruiken. Of je doet eerst alle sociale media laten zien wat ze allemaal al doen, en dan vervolgens van alle sociale media vertellen wat ze eigenlijk zouden moeten doen. Het is een beetje een splitsing van meningen en feiten om een goed onderzoek neer te zetten. Dat is wat het meest gebruikelijk is. Dat klinkt heel logisch. Je hoeft er in die zin niets nieuws van te maken, maar gewoon het splitsen van de teksten en het opnieuw structureren. Is het wel duidelijk verder? Een paar dingen, maar dat ligt aan mij, is mij niet helemaal duidelijk. Het eigenaarschap, daar kom je niet heel erg meer op terug vindt ik, of niet heel duidelijk meer op terug. Wie zou nou eigenaar moeten zijn, dat zou ook in je advies moeten zitten. Wie is volgens jou de meest aangewezen persoon om eigenaar te zijn van al die dingen. Daar geloof ik ook heel erg in. Als iedereen het moet doen dan doet niemand het, en als één persoon er verantwoordelijk is dan gaat het makkelijker. Maar die moet er dan ook de tijd voor krijgen want het is een tijdrovend iets vind ik altijd. En wat is dit, een avatar? Ja, een avatar. Ik zag je het omcirkelen. Dat is eentje voor in de verklarende woordenlijst dan. Dat is zeg maar je profielafbeelding. Ik ken natuurlijk wel die film, maar ik wist niet dat dat zo heette. En dat we niet het logo van NoorderRuimte op Facebook hebben, wat hebben we dan erop staan? Chris Hamelink 103

105 Op Facebook, dat was een foto van één of andere vergadering van een projectgroep, een aantal mensen die ik eigenlijk ook niet ken, dus ik vond dat ook een beetje raar. Het is inmiddels een tijdje geleden, dus misschien is het niet meer actueel. En misschien even hé, dit is dan echt vakjargon dat avatar, je hebt het over push en pull, pushberichten en dan nog eentje. Posts, op zich zijn het hele heldere dingen, máár, je hebt ook lezers die het net weer niet weten. Dus doe even Jip en Janneke, alsof het van nul af aan uitgelegd moet worden zou ik even doen. Dat verklaart het wat meer. Dus het is wel duidelijk, wat erin staat behalve de termen? Dat is mooi. Kan jij er wat mee? Zou jij hiermee succesvol sociale media kunnen gebruiken, voor NoorderRuimte? Ik denk dat het voor mij, maar dat ligt aan mijn positie, zou er nog een stap tussen moeten zitten. In sommige gevallen heb ik gewoon nog instructie nodig. In sommige gevallen zou ik nog meer een plan nodig hebben, bij wijze van spreken een soort stappenplan. Hé, we hebben dan nieuws, iets, we hebben iets te melden, en dat je dan een keuze hebt van dan kan je dát, dát of dát doen, of alle drie tegelijk of alle vier tegelijk. Je doet het hier wél. Soms kies je heel bewust ervoor om alleen iets op Twitter te doen. Soms doe je alleen iets op Facebook. Soms doe je alleen iets op LinkedIn. Wanneer maak je nou welke keuzen? Dát advies. Dat mis ik. Daar zou ik tegenaan hangen. Wanneer is het het slimste om wat op welk moment te zetten, en daar heb je eigenlijk, daar hangt eigenlijk een soort communicatieplan aan ten grondslag. Wat zijn nou wijsheden, wat zijn momenten waarop je kan posten? Dat kan wat mij betreft heel ver gaan. Als jullie hier nou zitten hé, vijf maanden. Er is een begin, dat is leuk om iets over te melden. Dan heb je op een gegeven moment afspraken gemaakt over het plan van aanpak, en dan heb je een check of je op de goede weg bent, en een eindpresentatie, dat is het minisymposium. Ik zet het nou even zoals ik het zou willen hebben. Wat je hier doet is eigenlijk een valideringstraject. Dat valideringstraject geeft aan dat je met regelmaat afstemt met je opdrachtgever of de buitenwereld Kijk, dit zijn we aan het doen. Hebben jullie nog suggesties, aanvullingen, tips? Dus eigenlijk wat jij nu ook doet, aan het eind tast je af met een aantal mensen van, doe je het goed? En dat, zou wat mij betreft, ook structureel in ons programma ingebouwd moeten worden. Dat we structureel niet één-op-één bijeenkomsten hebben, maar ook grotere bijeenkomsten. Bijvoorbeeld ook het minisymposium, jij hebt het nog nooit meegemaakt, maar dat is heel groots. Daar maken we dan ook een feestje van. Maar deze tussentijdse bijeenkomsten kan je bijvoorbeeld ook leuk aankleden, met een spreker, dat je mensen 's middags opdrachten geeft, of tijd om te praten, met meerdere opdrachtgevers of met begeleiders, enzovoort. Dus dit is eigenlijk een soort evenementenplan, van nou, dat gaan we allemaal doen, en daar hangt die communicatie aan vast. Dat je dat van tevoren structureert. Het is minder eenvoudig dan dat je zou denken. Je kan natuurlijk elk willekeurig voorval gaan twitteren, maar er moet ook een gedachte achter zitten wat de momenten zijn wat de momenten zijn wanneer we naar buiten willen komen. Je zegt dus eigenlijk dat het de moeite waard moet zijn om te zeggen. Juist, en dat zeg jij ook volgens mij, hé? Content is king. Het moet wel ergens over gaan. En wat is dat dan? En wat wil je? Waar wil je je mee profileren? Dat is zo lastig om in zo'n plan te zeggen, omdat je niet kan zeggen van, Oh, je moet nu posten van; ik heb een interview met Chris. Ik weet niet van iedereen wat er de hele dag gebeurt, wat er gaande is. Daarom heb ik het juist zo algemeen gezegd, zodat degene die dat Chris Hamelink 104

106 beheert kan beoordelen van dít is noemenswaardig, en dít niet. Maar jij denkt dat dat lastig is om te bepalen? Dat hangt ook weer af van de organisatiestructuur. Als je dan één iemand hebt die daar verantwoordelijk voor is, je hebt bijvoorbeeld Rixt, onze communicatiemedewerker, heeft ook nog een andere taak, maar die is ook dat. Dan kan je zeggen, okee, alles wat dat betreft ligt bij haar, en ze heeft daar ook tijd en ruimte voor, ja dan kan je het aan iemand z'n eigen beoordeling overlaten. Maar dan nog zou ik zeggen, maak er wel een plan van. Wat wil je eigenlijk nou allemaal naar buiten brengen? En hoe wil je ons dan neerzetten, en hoe wil je onszelf positioneren? Dat is wel van belang. Kan je concreet een voorbeeld noemen van wat je dan zou willen zien in zo'n plan? Een beetje dit. Van okee, ik noem nou één voorbeeld. Dit gaat dan om jullie, als juniormedewerkers, wat zijn nou gezette momenten waarop wij naar buiten kunnen treden via sociale media? Dat zijn er een aantal. Bijeenkomsten waarvan ik zeg, dat moet in elk geval. Ik loop hier een beetje vooruit op de feiten, we hebben een introductie en we hebben dat eindverhaal. Maar die middelste twee bijeenkomsten hebben we nog niet zo georganiseerd. Het plan zou dus moeten bevatten, van wat zijn nou de vaste evenementen waar je over wilt posten. Je wilt dan de sociale gebruiken om dat op te zetten, of wil je de sociale media gebruiken om dat te adverteren? Om dat te adverteren, dat laatste. Niet om het op te zetten. En om te adverteren en om daar de volgende keer weer profijt van te hebben. Dat moet wel ergens een oogst opleveren, zulke dingen. Dat is eigenlijk wat ik.. Maar ik weet niet, dat zal ongetwijfeld.. je zegt communicatiestrategie/implementatiestrategie, hier hangt volgens mij nog wat boven. Jij doet het nu heel erg op de sociale media, en hoe je dat moet doen, wat het precies is, maar er hangt nog boven, een plan van hoe we ons willen profileren. Hoe willen we ons in de wereld brengen, hoe willen we ons positioneren? Moet niet dat niet juist heel erg specifiek gemaakt zijn voor sociale media? Hoe jij je wilt profileren? Ik bedoel daarmee, denk je dat je je altijd op alle media en op alle plekken hetzelfde moet profileren? Je bedoelt dat er verschil kan zitten tussen hoe je op LinkedIn dat doet, of op Twitter? Ik denk dat het in de basis hetzelfde is, de grondgedachte moet hetzelfde zijn vind ik. Ik vind wel dat er een soort van basis moet zijn van hoe willen we naar buiten treden. Wat is die basis dan? Die staat in ons visiedocument van ons kenniscentrum, daar kan je hem in vinden. Dus een zakelijke, professionele partner... Iets met kennisdeling, onze vier thema's die we hebben als kenniscentrum, dat gaat dus om de gebouwde omgeving, dat staat centraal. We hebben als thema aardbevingen, en we hebben als thema... ik ga hem even snel pakken. Dit is eigenlijk waar het om draait. Dit is de kern van het kenniscentrum. Dan hebben we het over krimp, klimaatverandering, aardbevingen en gezondheid en welzijn. Dat zijn de thema's van het Chris Hamelink 105

107 kenniscentrum. Daaromheen zitten een aantal lectoren, en dit zijn eigenlijk de programmalijnen die we binnen bureau NoorderRuimte hanteren. Dit is dus de basis, hier draait het om. Soms zullen we dus hierover rapporteren, soms daarover. Soms gaat het over Holwerd aan zee, of Groningen Airport Eelde, het varieert natuurlijk ook wat je naar buiten wilt brengen. Dit is de essentie en wat we hierin willen doen is maatschappelijke vraagstukken beantwoorden, kennis delen en op basis daarvan iets toevoegen aan de maatschappij. Door onderzoek te doen hopen we dat we de mensen wat verder brengen eigenlijk. Dat is toegepast onderzoek. Die meerwaarde voor de maatschappij, kan je dat uitdragen via sociale media denk je? Ja, daar kan je het wel zichtbaar maken denk je. Hoe zie je dat voor je? Bijvoorbeeld die week van het lege gebouw. Dat heeft te maken met krimp en gezondheid en welzijn. Dat is een heel mooi voorbeeld over hoe je héél toegepast een stukje onderzoek uitvoert, in een week weliswaar, maar je bent bezig geweest met onderzoek. Dat is van meerwaarde omdat we daarover hebben bericht, omdat we dat hebben laten zien. We hebben laten zien wat wij doen, we hebben laten zien wat je kan met zo'n gebouw, wat er mogelijk voor nieuwe plannen zijn. Het mes snijdt aan meerdere kanten. Dat is dus een hele mooie om te laten zien hoe je bezig bent met je thema's, hoe je bezig bent met kennisdeling, en heel specifiek toegepast op één gebouw. Dat is volgens mij een mooi voorbeeld van hoe je het zou kunnen doet. Je gaat niet algemene berichten verspreiden, juist over evenementen of over bijeenkomsten of over speciale gelegenheden. Mag ik dan zeggen dat jij denkt dat sociale media alleen maar, puur en strikt zakelijk moet zijn? Dat is een goede vraag die je stelt. Nee, dat vind ik niet. Maar dat verschilt dan ook per soort vind ik. Op Twitter mag je ook wel emotie denk ik juist om vorm eraan te geven denk ik, Facebook is al iets meer gereguleerd, dan kan je iets meer richting de zakelijke kant alweer doen. LinkedIn sowieso vind ik. En YouTube ja, daar kan je ook wel heel erg de emotionele belevingskant in zitten. Dit is meer voor mij een methode om te communiceren met elkaar. In elk geval, het verschilt per sociaal medium, hoe je dat doet. Wat je ermee zou kunnen doen. Maar het is wel een goede vraag, of het alleen puur zakelijk moet zijn, of ook emotionele lading hebben, of belevingskant erbij. Bijvoorbeeld of je meningen kan delen, of dat je eigenlijk alleen maar onderzoeksresultaten en keiharde cijfers moet delen. Wat denk je dat zeg maar klanten, relaties, waar zitten die op te wachten? Nou, via sociale media denk ik een soort attentiewaarde die je meegeeft. Van Hallo, dit doen wij. Gewoon berichtgeving eigenlijk? Berichtgeving. Ik denk dat onze materie waar we mee bezig zijn vraagt meer dan alleen maar een berichtje op Twitter. Er zit natuurlijk heel veel onderzoek achter. Het feit dat we laten weten wat we doen is denk ik het allerbelangrijkste in dit geval. Als mensen meer mensen willen weten zullen mensen moeten langskomen of contact opnemen. Kijk, je kan niet een heel onderzoeksrapport kenbaar maken via Twitter, dat doe je niet. Als je er meer over wilt weten moet je contact zoeken. Dan moet je het onderzoeksrapport lezen. Zie jij sociale media wel als een volwassen Chris Hamelink 106

108 genoege manier om met NoorderRuimte in gesprek te gaan bijvoorbeeld over de resultaten? Of zeg je van nee, ze moeten langskomen, ze moeten bellen? Dat ligt eraan natuurlijk op welk niveau. Je kunt natuurlijk heel kort een aantal onderzoekresultaten twitteren, maar wil je het volledige rapport laten zien, of het daarover hebben, hoe ben je tot deze conclusies gekomen, dat doe je niet via Twitter. Dat kan niet. Nee. Dat denk ik niet. Of het is mijn gebrek aan kennis hoor. Hoe zie je dat voor je dan, door een link te leggen, door het rapport eraan te koppelen? Hoe ik dat voor me zie is dat sociale media sociaal moeten zijn. Sociale media moeten sociaal zijn, dus probeer het ook sociaal te gebruiken en de juiste interactie te stimuleren. Dat kan bijvoorbeeld door in een twitterberichtje te zeggen van Aardbevingen in Groningen 10% zwaarder dan vorig jaar, met een linkje naar een rapport of de website. Dat daarmee dan mensen gaan zeggen van Die stomme NAM ook!, of zoiets. Ja, dan link je het dus ook met de volledige informatie. De attentiewaarde zit hem inderdaad even in het benoemen van één of twee conclusies. Ja, dat je een beetje misschien die sensatie opzoekt. Dat is waar mensen op zitten te wachten. Je wilt een reactie uitlokken. Is dat dan precies bij alle vijf die je benoemt hetzelfde? Of zie je daar onderscheid in. Het voorbeeld wat je nu noemt vind ik typisch Twitter Facebook ook enigszins nog. Geldt op zich ook voor Facebook. Voor LinkedIn heb ik dat eigenlijk ook gezegd. Voor YouTube en Google+ is het eigenlijk.. Google+ is gewoon echt bedoeld om mijns inziens die artikelen daarop te zetten zodat mensen kunnen zien van Oh, ze hebben een Google+ pagina. Niemand vindt dat verder interessant, voor zover ik weet. Ik denk dat juist de focus wel moet liggen op Twitter en Facebook, omdat daar de meeste kans is op interactie, omdat daar de meeste mogelijkheden liggen. Juist die interactie is heel erg van belang voor ons vindt ik. De kans dat je hier achter de ramen mooi onderzoek gaat doen maar vergeet wat de buitenwereld doet of vindt is wel groot. Je moet dat wel constant in de gaten houden, dus ik vind het van groot belang dat we dat ook doen. Dat we het laten zien, en niet alleen laten zien maar dan ook in gesprek gaan met. Op sociale media? Dat is wel een beetje een ommekeer van wat je zonet zei. Nou, de attentiewaarde is natuurlijk van belang, eerst laten zien wat je doet en vervolgens kan men daarop reageren, en kun je erover in gesprek gaan. En wat ik eigenlijk eerst zei, is het op gesprek gaan doe je niet op sociale media, maar dan ontmoet je elkaar ofzo. Misschien is dat wel wat ouderwets, dat je zegt dat kan ook gewoon via sociale media. Dat was mijn eerste reactie, van okee, dan gaan we elkaar ontmoeten. Dat hoeft misschien niet altijd zo. Ja, dat kan. Bedankt voor het nieuwe inzicht. Graag gedaan! Zou jij zelf op sociale media gesprekken willen aangaan met bijvoorbeeld nieuwe bedrijven waar je onderzoekslijnen mee wilt openen? Ik zou het wel willen, maar ik vind het ook wel wat eng. Eng in de zin, maar dat is mijn persoonlijke ding, stel nou iemand reageert vrij heftig op iets, op die aardbevingen ofzo. Ik kan primair heel erg reageren vanuit mijn tenen, zo zit ik in elkaar. Maar dan schrijf ik misschien niet altijd de beste Chris Hamelink 107

109 reactie. Daarom zou ik zeggen, ik zou dat een beetje eng vinden. Daarom moet je mij ook geen eigenaar maken van zulke dingen. Je bent bang om dat fout te doen ook. Ja, en dat is misschien een onterechte angst. Je hebt bijvoorbeeld net met Rixt gesproken, Rixt en ik zitten naast elkaar, we doen veel dezelfde dingen. Maar zij denkt altijd na in die corporate identity gedachte. Dat doe ik veel minder. Ik ben veel meer van, ik gooi het op tafel, weet je? Uiteindelijk in tweede reactie denk ik er heel goed over na. Ik ben heel erg van strategische visie enzo, maar ik kan heel erg uit mijn tenen reageren. Dan ben ik niet de juiste persoon omdat te doen, denk ik. Dat gevoel heb ik, ik vind het eng. Daarom moet je mij niet op Twitter hebben. Ik doe heel dapper, ik retweet alles van Rixt. Lekker veilig! Dat doe ik heel goed. Daarom zeg ik ook, dat eigenaarschap mag je van mij helemaal bovenaan zetten, dik onderstreept, er moet iemand verantwoordelijk voor zijn. En wat nou als Rixt verantwoordelijk is voor jouw posts? Als jij op de account van NoorderRuimte mag posten, en Rixt is de eindverantwoordelijke, wat zou je daar van vinden? Oftewel zij dirigeert wat ik erop zet? Of dat ik het aan haar moet vragen? Hoe zie je dat? Dat als jij iets erop zet, wat het ook mag zijn, jij zet een berichtje erop, je mag dat gewoon plaatsen, je bent geen klein kind. Maar als Rixt het later leest, of er komt een reactie op, dat Rixt de eerste persoon is die dat ziet of die daar wat over vindt. Dat mag van mij, daar kan je alleen maar van leren denk ik. Je kan dat dan wel sturen. Maar wel willen op sommige dingen gewoon zo reageren, en op sommigen reageren we zo. Dat lijkt me ook goed, om daar samen een soort cultuur in aan te brengen. Ik zou zelf ook best wel wat willen posten. Ik ben bang dat als iedereen dat gaat doen, dat je dat zo'n uiteenlopend palet krijgt, en dat we dat dus niet helder krijgen wat wij doen. Die identiteit is al zo moeilijk om neer te zetten. Als we dat allemaal doen wordt het volgens mij heel ingewikkeld. Maar had jij dat niet zo gezien? Wil je niet juist uitdragen dat NoorderRuimte zo divers is? Of dat jullie zoveel doen? Ja, dat wil ik ook. Alleen, vind ik het ook van belang dat mensen het wel snappen natuurlijk. Het zijn natuurlijk hele diverse thema's, het zijn hele diverse programmalijnen, nog meer dan dat. We hebben het kenniscentrum, we hebben bureau NoorderRuimte, hoe zit dat allemaal in elkaar. We hebben gisteren een bijeenkomst gehad van het CVB, ons eigen CVB snapt niet hoe het in elkaar zit. We hebben daar nog wel een slag te slaan om dat goed te doen. Help me even, wat valt er niet aan te snappen? Een voorbeeld ervan is bijvoorbeeld of wij ons profileren naar buiten als bureau NoorderRuimte, of Kenniscentrum NoorderRuimte? Bureau NoorderRuimte is een onderdeel van het kenniscentrum NoorderRuimte. Dat is eigenlijk de afdeling met junior-medewerkers We hebben allerlei medewerkers, maar de junior-medewerkers zijn gecentreerd in bureau NoorderRuimte. Soms komen wij in het nieuws als bureau NoorderRuimte, soms ook als het kenniscentrum. Welk naampje geef je er dan aan. Dat ziet iedereen anders. En ook nog wat is dan het verschil tussen het kenniscentrum en de school SABC, we hebben veel dezelfde onderwerpen. Het is soms heel lastig Chris Hamelink 108

110 om jezelf dan goed neer te zetten. Jij ziet dan de sociale media als een vergroting van het probleem? Dat het daardoor nog lastiger wordt? Nee, ik vind het leuk dat je dit zo bovenaan zet, Content is King, het gaat om de inhoud. Dat is het allerbelangrijkste. Je kunt zeggen van nou, wij communiceren over deze thema's in de basis. Maar je wilt eigenlijk ook wel dat mensen op een gegeven moment de credits wel geven aan het kenniscentrum. Wij zijn wel afhankelijk van allerlei geldstromen. We zijn toch afhankelijk van financiering. Als we niet zichtbaar zijn krijgen we ook geen geld meer, bij wijze van spreken. Dat is ons belang. Maar sociale media is toch juist de uitgelezen mogelijkheid om jezelf naar buiten te brengen? Maar is het dan altijd duidelijk dat het om ons gaat, of roepen we alleen maar wat over aardbevingen? Of over dat wij heel veel aandacht besteden daaraan? De keuzes die je daarin maakt zijn heel belangrijk. Hoe doe je het, wat vertel je en hoe profileer je jezelf. Ik vind dat wel cruciaal, om een goede focus te krijgen dat je weet dat wij dat doen. De berichten, als er een bericht gepost moet worden op een account, die NoorderRuimte heet, of kenniscentrum NoorderRuimte.. Dan is dat toch duidelijk? Omdat ons logo erbij staat? Ja, en omdat je naam eraan verbonden is. Dat klinkt misschien een beetje aanvallend? Nee hoor, je vraagt maar. Misschien heb ik ook wel een ouderwetse angst daarvoor. Ik ben opgegroeid in een tijd dat die corporate identity heel belangrijk was, ik heb ook gewerkt in bedrijven waar daar heel veel aandacht aan besteed werd. Misschien is dat ook wel een ongegronde angst, en kijk jij daar met een hele andere blik naar. Dat vind ik wel interessant, dat is ook goed om over na te denken, jij krijgt nu mijn eerste reactie. Maar daar ben ik ook naar op zoek. Wat jij dus eigenlijk zegt is dat als je een tweet post met jullie logo erop, en het gaat over aardbevingen, of over krimp, of over een week van het lege gebouw, dat maakt niets uit. Dat is wat jullie doen. Dat is wat jij zegt eigenlijk? Ja, eigenlijk wel. Zou daar niet het gevaar aan zitten van, wat doen die lui nou eigenlijk? We kunnen hier geen soep meer van koken. Soms dit, soms dit en soms dat. Dan is het heel belangrijk dat je een beschrijving hebt bij je account. Het is naar mijn idee niet vaak zo dat mensen alleen naar je berichten gaan kijken, maar dat ze zeggen van Hee, wie zegt dat nou?, en dat ze even op je naam klikken. En dan zien ze dat het kenniscentrum onderzoek doet in deze vier categorieën bijvoorbeeld. En staat dat in jouw advies..? Dus daar hebben we er nog ééntje. Chris Hamelink 109

111 Zo komen we wel ergens! Ik schrijf het wel even op. Achtergrondinfo noem ik dat. Die avatar bijvoorbeeld ook, dat is een stukje geloofwaardigheid. Ja maar dat is van belang. Dan kan je inderdaad allerlei leuke dingen die je doet, hoe divers ze ook lijken, kan je dan zo posten daarop. Dus om jouw angsten weg te nemen moeten ze zorgen dat de accounts van NoorderRuimte er uitzien alsof ze ook van NoorderRuimte zijn. Juist. Dat die identiteit wel op die manier bewaakt wordt. Dat kan dus inderdaad door ergens die achtergrondinformatie, dat kan door bijvoorbeeld ook wel een beetje in welke stijl er gepost wordt. De GeenStijl site heeft zijn eigen stijl voor communiceren, ik vind dat wij een eigen manier moeten hebben. Die stijl moet je wel om denken. De inhoud kan dan wel heel divers zijn. De herkenbaarheid is wel van belang. Zijn we het daar al over eens. Nou zitten we al een tijdje te praten, ben je nou nog steeds bang om een berichtje te plaatsen, of denk je dat het wel meevalt? Wat ik nog wel lastig vindt en wat je ook zei, dat ik het nog wel lastig vindt wanneer je nou welke gebruikt. Daarover zou ik nog wel advies van jou willen. Dus wanneer, welke sociale media. Daar kan je volgens mij wel verschillende afwegingen in maken. Je kan wel zeggen dat je eentje gebruikt voor alles, maar het is wel handig dat je bijvoorbeeld LinkedIn gebruikt voor mensen die hier geweest zijn, dat je die gebruikt voor je netwerk en je connecties. Die zie ik daar heel erg voor. Ik zou dat toch wel heel specifiek daar willen houden dan. Maar doe daar een advies over. Ik vind het toch wel heel grappig dat jij er toch heel anders naar kijkt dan ik. Ik ben heel benieuwd hoe je dat dan zou verwoorden. Dan hadden we het uiterlijk en de professionaliteit ervan, zijn er nog andere dingen die je wilt zeggen? Waarvan je zegt Dat weet ik niet, of ik me daaraan ga wagen, of dat je niet weet of dat verstandig is? Ik denk dat we dat net wel verwoord hebben hé, je moet altijd ervoor waken dat je jezelf niet neerzet op een manier die je niet wilt. We zijn natuurlijk een kennisinstituut, dat betekent niet dat je alleen maar meningen rond kan spreiden. Je moet wel gefundeerde zaken melden, dat zit hem allemaal daar een beetje in. Volgens mij hebben we dat al zo'n beetje genoemd. Dat is wel de stijl van communiceren, welke uiting kies je. Oké, dan kijk ik nog even naar mijn vragen of ik alles zo'n beetje gehad heb... Wat zijn jouw bronnen? Je hebt die ongetwijfeld gebruikt, die zitten hier niet bij..? Nee hier niet bij, dit is een onderdeel van mijn onderzoeksrapport. Ik heb zoveel bronnen gebruikt. Nee okee, maar ik zie ze hier niet. Dit is zeg maar het eindhoofdstuk/ conclusies, dit haal ik gewoon uit de rest van mijn rapport. Daarom staan er ook geen bronnen bij. Chris Hamelink 110

112 Heel kort door de bocht die achtergrondinfo, die lees ik nog niet in jouw advies. En die keuzen van wanneer zou je wat adviseren om in te zetten. We hebben het gehad over wat je per se wilt communiceren, dat er natuurlijk allemaal leuke, spannende dingen sowieso gebeuren, maar je kan natuurlijk een plan maken van wat je in zo'n plan in zo'n halfjaar, of een jaar zichtbaar wilt maken. Daar zou je bijvoorbeeld ook nog eens met Rixt over kunnen praten. Wat zijn de evenementen die je in elk geval wilt posten. Als je dat vooraf kan zeggen en je kan daar rekening mee houden dan scheelt dat een hoop gedoe. Andere opmerkingen, mededelingen, vragen? Nee, volgens mij niet. Schiet me niets te binnen in elk geval. Dan doe ik hem uit. Dank je voor je tijd Transcriptie interview met Philip Broeksma Coördinator project Living Lap Eelde Wat ik niet zag waren de elf aandachtspunten in de vragenlijst. Die vragenlijst heb ik natuurlijk nooit gehad, of wel? Nee, die heeft u nooit gehad. Die vragenlijst, daarmee heb ik de sociale media van de andere bedrijven geanalyseerd, van de concullega's. Die elf karakteristieken zijn bijvoorbeeld hoe authentiek iets lijkt, hoe snel er gereageerd wordt op van alles. Elf van dat soort dingen. Ik kan me er wel wat bij voorstellen hoor. Dat mist u nog? Er werd naar verwezen. Het is natuurlijk een onderdeel van een groter geheel. Voor de uiteindelijke lezer zal het uiteindelijk wel duidelijk zijn. De bedoeling is wel dat dit een op zich staand document wordt. Dus dat iemand die alleen dit leest, dat die het nog steeds zou vatten. Dan zou je dat even in een bijlage moeten doen. Dat is dan een tip. Zijn er behalve die elf karakteristieken nog dingen die opvielen, die niet goed in elkaar zitten, die misten, of die juist wel goed in elkaar zitten? Je maakt hier een lijst, ik houd van lijstjes. Twitter, YouTube, Google+. Dat heet dan sociale media. Maar het begrip sociale media is wel iets dat aan verandering onderhevig is. Je hebt Pinterest, Tumblr, Flicker en allerlei andere dingen en met een beetje goede wil zou je dat ook sociale media kunnen noemen. Dat is natuurlijk een vaag, een niet afgebakend geheel. Dat ontwikkelt zich nog. Telegram, Whatsapp zou je nog kunnen noemen. Zo zeg maar. Dit is een keus die je maakt, de sociale media die misschien relevant zijn. Ik hou van complete lijstjes, en dan Pinterest doen we niet, Tumblr doen we ook niet, YouTube doen we weer wél, zeg maar zo. Dat je je verhoudt aan een totaallijst. Maar die totaallijst die is er niet. Dan heb je misschien wel 500 apps, platformen die dan tot sociale media gerekend kunnen worden. Kun je daar iets over zeggen, je hebt dus een selectie gemaakt? Ja, ik heb in mijn onderzoek ook meerde media onderzocht. Meer dan hier naar voren Chris Hamelink 111

113 komt en dus ook Pinterest. Behalve deze vijf heb ik Pinterest en Instagram en volgens mij Vine nog bekeken. Ik heb mezelf ook afgebakend tot media die op meer dan alleen mobiele telefoon beschikbaar zijn. Daar valt Whatsapp al mee af, Snapchat valt al af, noem maar op. Het moet natuurlijk zo zijn dat het publiek aanwezig is op dat medium. Ik heb, ik niet nu niet precies zeggen wat de redenatie daarachter was, uitgevonden dat bijvoorbeeld Pinterest waar je alleen met foto's dingen kan plaatsen, misschien niet een hele handige is voor NoorderRuimte. Die keuze is al wel gemaakt. Dat staat niet zo duidelijk hierin. Eén van de dingen je ook zegt is dat een traditioneel medium is. Dat hadden we twintig jaar geleden ook niet gezegd Mijn kinderen zeggen wel eens dat voor bejaarden is. Nou, mijn moeder is bejaard, en voor haar is het een compleet nieuwe wereld. Hier is het dus oud nieuws, e- mail. Hyves is ook oud nieuws. Zo verandert dat ook weer. Wie weet gaat Facebook dezelfde kant op in verband met een wijziging in de privacy policy, of dat het overgenomen wordt door andere bedrijven. Dat zijn verschuivende begrippen. Dat is een hele logische. Even een soort verandering van wat ik onder sociale media versta dus, en waarom. En ook als we over vijf jaar naar jouw verhaal kijken, vijf jaar is helemaal niet zo lang, dan kijken we naar jouw verhaal en zeggen we Oh, ja, Facebook! Weet je nog?. Zoals we dat nu over Hyves doen. Dat zit er dik in. Ik zie het wel gebeuren hoor. Misschien niet met Facebook, maar het is een mogelijkheid. Je zou het bijvoorbeeld over een strategie kunnen hebben, en dan vijf jaar vooruit kijken. Dan moet er ook iets generieks in zitten, los van of het nou Facebook, YouTube of Twitter wordt. Iets generieks in de zin van dat je moet zorgen dat je op de hoogte bent van ontwikkelingen, van mediagebruik, social media gebruik. Maak elk jaar of elke twee jaar een analyse van waar je potentiële publiek op zit. Zeg maar ook generiek. En de hit over vijf jaar die weten we nog niet. Het is wel van belang dat we over een paar jaar eens kijken wat de hit gaat worden. Dat we onze Hyves-account toch maar eens gaan opheffen. Die zullen we wel nooit gehad hebben hoor, maar toch. Denkt u dat zo'n document of zelfs delen van dit document, denkt u dat die nog relevant zijn over vijf jaar? Relevant zouden kunnen zijn over vijf jaar? Ik denk dat als je kijkt naar het lijstje wat je hebt, dat er dan wel een ander lijstje uit zal voortkomen. Dit is de lijst van nu, die moet dan een lijst van die tijd zijn. Wat we nu zien is dat ze soms een zachte dood sterven. Snapchat, gaat dat nou doorbreken of niet? Whatsapp is alleen op een mobiele telefoon, dus daar kijken we niet naar. Maar wie weet is een Whatsappgroep over drie over vier jaar helemaal hét. En dus een mobiele telefoon, of een tablet, of een mobiele telefoon ís een PC, zeg maar zo. Pc's worden toch steeds minder verkocht. Ik denk dus dat het generieke, analyseer waar je klanten, je stakeholders waar die zich ook kunnen bevinden. Ik denk dat dat misschien wel de generieke winst is van zoiets. Wat we vroeger deden was met papier. Op een gegeven moment deden we ook een website. Misschien dat we wel te lang zijn blijven hangen in papier, toen kwam die website. Dat we misschien als organisatie niet de neiging hebben om mee te bewegen. Dat besef moet er zijn, dat we steeds moeten meebewegen. Van dat gedrukte papier. Vroeger als er een bijeenkomst was, pakten we een envelop, papier en een postzegel erop, dan stuurden we naar honderd of duizend mensen zo'n brief. Dat doen we écht niet meer. In een paar jaar tijd is dat helemaal veranderd. Dat je nu de alertheid hebt. Over twee jaar zien we dat weer. Jij Chris Hamelink 112

114 bekijkt nu de situatie van wat is nu relevant. Het besef dat er winst kan zijn dat er winst kan zijn hiermee. Dat besef is er wel, dat sluimert wel, maar de mensen die hier werken die werken hier een aantal jaren. Ik ben in de vijftig, ik heb wel kinderen in die leeftijd, pubers. Ik volg dan een beetje wat zij doen, maar ik weet niet wat alle anderen doen. Ik weet niet wat twintigers doen, en ik weet niet wat dertigers doen. Dat is wel goed om daar even naar te kijken. U heeft het dan over meegaan met de tijd, meegaan met de nieuwe media. Is dat nou echt heel belangrijk, dat je meteen zodra er iets nieuws is, dat je daar dan op zit? Dat je daar te vinden bent? Ik denk het niet. Ik denk dat als er nieuwe communicatiekanalen, laten we het zo maar even noemen, ontstaan, dat je je daartoe moet verhouden. Je moet a) weten dat ze er zijn, en verder moet je bereid zijn een analyse te maken van in hoeverre dat voor jouw organisatie, voor NoorderRuimte van belang kan zijn en hoe je daar op een slimme, handige manier mee om kunt gaan, en wat de mogelijkheden zijn. Ik ben maar een eenvoudig man. Snapchat komt dan voorbij, moet je daar nou iets mee of niet? En Pinterest ook. Nou kan ik dat allemaal wel gaan uitzoeken, wat nou de meerwaarde is van Pinterest, of van Facebook. Maar het kan zo zijn dat het een ontwikkeling is die van voorbijgaande aard is, waar ik eigenlijk niets aan heb. Ik heb een Facebook, en een van de voordelen van Facebook is dat het een kritische massa heeft. Heel veel mensen zitten erop. Hyves stierf een zachte dood omdat mensen niet meer op Hyves zaten. Dan moet je daar niet meer bij zitten natuurlijk. Je moet niet per se naar een grote, maar naar de stijgende. Het stijgende platform. Facebook, dáár moest je naartoe. Geen Hyves meer. Als Facebook z'n maximum bereikt heeft wordt het ook overgenomen. Als je ouders op Facebook zitten, dat is natuurlijk een veeg teken. Dan komen mensen met nieuwe platformen. Om dat bij te houden, die tientallen dingen die er zijn, ik ga dat niet doen. Dat kan ik je wel vertellen. Het risico is te groot dat het allemaal niets wordt. Je moet je er wel toe verhouden, en als het wel wat is. Je hoeft niet in de kopgroep te zitten en als eerste erbij te zitten, maar je moet ook niet achterin het peloton gaan hangen. Dat als iedereen het doet, dat jij het ook gaat doen. Ik denk dat onze plek voorin het peloton is. Niet in de kopgroep, dat kost misschien te veel geld en tijd. Maar je moet wel een beetje vooraan in het peloton zitten denk ik. Zeker als je een kennisinstelling bent zoals de Hanzehogeschool. Vernieuwend, innovatief, experimenteel, dat zijn termen die bij Living Lap horen. Een experiment mag wel eens mislukken natuurlijk. Zeker voor de Hanze zal een groot deel van de doelgroep, voornamelijk studenten laten we maar zeggen, die zal ook op de nieuwste media het meest actief zijn. En ook het meest bereid zijn om dat op te nemen. Ja, onze marketing houdt dat goed in de gaten. Maar het kenniscentrum, bij ons gaat het ook over beterschap als onderzoeksgroepen, wereldwijd van wat mij betreft. Ondernemingen zoek ik er ook bij. Dat gaat niet alleen om studenten. Dat zijn ook mensen zoals ik, die niet zoveel op Facebook kijken. Ik weet gewoon niet hoe actief ze daarmee zijn. Als ik als Living Lap als innovatief en experimenteel te boek wil staan, en dat wil ik, kan ik natuurlijk niet met papieren krantjes aan komen zetten. Niet zonder ook een goede aanwezigheid op Facebook te hebben. Daar zit wat in. Hoe ziet u dat voor u, die aanwezigheid op Facebook? Heeft u daar een beeld van? Nee, eigenlijk helemaal niet. Ik denk eigenlijk weer aan een website. Een website of een community waar in mensen berichten en documenten kunnen plaatsen. Kennis kunnen nemen van wat anderen gedaan hebben. Aankondigingen van nieuwe evenementen lezen en dergelijke. Eerder een website dan een Facebook. Met Facebook zit je weer vast aan het format wat Facebook Chris Hamelink 113

115 wil, en dat is misschien niet precies wat ik wil. Misschien ook wel. Als iemand een presentatie geeft met een powerpoint, pleur maar op de website. Iedereen kan er dan bij. Dat is mijn manier van denken. Misschien zeg jij oh, een website. Dat is oud nieuws. In elk geval een community waar, dat is natuurlijk de belofte van het internet, dat het tijd- en plaatsonafhankelijk is. Dat moet ik gewoon hebben. Ziet u er wat in om dingen die te maken hebben met de Living Lap, dingen die over dat project gaan, om die op de Facebookpagina van NoorderRuimte te zetten bijvoorbeeld, of een ander medium? Denkt u dat bijvoorbeeld de andere klanten of relaties van NoorderRuimte daar behoefte aan zouden hebben, om te weten wat er in uw project gaande is terwijl het niet hun project is? Ja, alles kan. Het gaat om netwerken, maar als je als privépersoon nog gaat netwerken of naar zo'n netwerkborrel gaat. Je hebt contact met andere mensen, en wat je vaak merkt dat je op een gegeven moment bij elkaar komt voor een bepaald doel. Je weet wat je bij elkaar kan verwachten, zoals wij nu bij elkaar zijn. Misschien ontdek je in het gesprek ook iets bij die ander waarvan je niet wist dat het er was, waar je misschien ook niet naar op zoek was, maar dat het misschien een belletje doet rinkelen elders. Of een ander project waar je mee bezig bent, iets waar je mee bezig bent. Misschien wonen je ouders om de hoek bij Vliegveld Eelde, of zijn je ouders lid van een vereniging die iets met Eelde te maken heeft. Misschien ken je iemand die in een bedrijf werkt wat zonnepanelen levert, terwijl het een project van Eelde zou kunnen zijn. Terwijl je naar het éne op zoek bent, kun je iets ánders vinden. Dat onverwachte, het vinden van iets waarnaar je niet op zoek bent, zou je ook moet faciliteren. Dat is ook een kenmerk van Living Lap, het elkaar ontmoeten en wat je verwacht bij elkaar, wat je weet wat je bij de ander kunt verwachten maar ook wat je niet bij de ander kunt verwachten. Als het gaat over Krimp, of aardbevingen, of healthy ageing, of wat dan ook. Dan kan je misschien bij Living Lap ook zien van Hee, daar gaan ze met zonnepanelen bezig! Wacht eens, dat is iets anders waar ik mee bezig ben. Laat ik eens contact zoeken!. Of dan gaat het over een kunstbionale, en dat je daar ook onverwacht voor open staat. Dus dat je op sociale media de kennis die in het éne project is voortgekomen dat je die deelt met de andere mensen die dat misschien willen lezen. Daar zit wel meerwaarde in volgens u? Een leergemeenschap noemde ik het net. Dat heeft vanuit onderzoek ook een houding van nieuwsgierigheid. Dat zijn van nature mensen die breed geïnteresseerd zijn. Dat gaat van zonnepanelen tot krimp en aardbevingen. Alles wat we hier doen. Dat is natuurlijk ook al weer mooi. We hebben elke donderdag in principe een lunchlezing, dan gaat het ook over elk onderwerp wat maar aan de orde kan zijn. Ik vind dat heel vaak heel interessant. Het gaat over hier. Ook als ik er niet naar op zoek ben, vind ik dat wel interessant. Hoe gaat het nou in de binnenstad van Delfzijl? En hoe gaat het met Holwerd aan Zee? En hoe gaat het met aardbevingen? Totaal verschillende onderwerpen, maar wel heel interessant. Kunt u nog wat zeggen over de manier waarop NoorderRuimte zich zou moeten profileren op de sociale media? Dus wat voor tone of voice ze moeten gebruiken in hun berichtgeving op sociale media? Wat bedoel je met tone of voice? Of dat héél professioneel moet zijn, super zakelijk, of heel erg informeel. Met turbotaal of zoiets. Dat soort dingen. Chris Hamelink 114

116 Geen van beide. Als ik moet neigen zou ik het laatste niet doen. We zijn wel een professionele organisatie. Maar het mag wel enthousiasme uitstralen. We zijn trots. Heel zakelijk hoeft ook weer niet, en ik denk ook niet dat Twitter daar geschikt voor is. Kort, het mag zakelijk zijn maar dat is iets heel anders dan saai. Het mag interessant en enthousiasmerend zijn. Ik denk dat dat van belang is. Tegelijkertijd als je enthousiast bent over alles, is daarmee alles ook weer éénvormig. Als alles een prioriteit is, is uiteindelijk niets een prioriteit. Dat algemeen over de sociale media. Heeft u over het plan nog dingen te zeggen? Is alles aanwezig? Is het duidelijk? Vindt u het uitvoerbaar, haalbaar? Dat denk ik wel ja. Ik denk dat je een verschil moet maken tussen als je ermee begint. Je zegt ook er bijvoorbeeld een fysiotherapeut in Marokko is (die een pagina van LinkedIn beheert), heel bizar. Die begint er dan ineens mee. Dat is dan nieuw, dan is er enthousiasme. En dan klaar. De laatste post is dan van 2011 ofzo. Niet alleen Content is King, maar ook dat Klaar? Integendeel!. Dat is ook een goeie. Het doorgaan, dat je dus een structuur hebt, een verantwoordelijkheid. Dus niet het opzetten van zo'n Facebook, zo'n website of een twitteraccount. Maar dat je de bereidheid hebt dat je ermee doorgaat. Je moet het bijhouden. Dat laatste zie je bij meer websites, bij meer initiatieven Het initiatief is natuurlijk het leuke, allemaal nieuw, leuk en spannend. Hoe gaat dat allemaal? Daar heb je ook een ander slag mensen voor nodig om een website op te zetten. Maar een website bij te houden, te ondersteunen en te vernieuwen, dat is een ander chapiter Verder vond ik het wel grappig bij Klaar? Integendeel! Het leukste begint nu, op het moment dat je het bericht geplaatst hebt denk je dat je klaar bent, maar het leukste komt nog. Dat vond ik wel grappig geformuleerd. Zo wil je het eigenlijk wel. Dan komen de reacties. Daarom vond ik het ook wel leuk dat u zei dat de tone of voice enerzijds wel zakelijk moet zijn, het gaat om een bedrijf hier. Maar dat het ook enthousiast moet zijn. Ik denk dat als je ergens enthousiast over bent, ik denk dat dat een goede manier is om interactie op te wekken. Om dat uit te lokken. Dat kan iets oproepen. Als je een post stuurt van Oh, wij komen ook!, als je een uitnodiging stuurt. Maar als je te popiejopie doet, dat het studenten ook afschrikt. Dat als je in je taalgebruik te formeel bent schrikt dat af, dan denken mensen dat het voor oude mensen is. Je moet jezelf wel serieus nemen natuurlijk, als serieuze onderzoeksorganisatie. Onderzoek doen kan ook gewoon heel erg leuk zijn, en dat mag je ook best wel uitstralen. Ik zit even te kijken of ik verder nog vragen heb. Is het concreet genoeg? Als ik dit hier zou laten en ik zou nu weglopen en zeggen dat u nu de sociale media voor NoorderRuimte moet doen, met alles wat erbij hoort. Zou dit dan genoeg zijn? Zou u hiermee uit de voeten kunnen? Zo heb ik het eigenlijk niet gelezen. Ik denk wel dat als ik het zo zie, een groot aandachtspunt bij YouTube is bijvoorbeeld de bannerafbeelding. Daar geef je het advies, maar eigenlijk geef je een soort analyse. Dat het niet voor elkaar is. Die kinesistherapeut uit Marokko, dat is niet goed. Wat je zou kunnen doen is die adviezen.. je hebt hier een stappenplan. Zeg gewoon: Doe dit, doe dit, doe dit. Bij YouTube, vervang de bannerafbeelding. Benoem iemand die regelmatig filmpjes uploadt. Benoem iemand die eens in de week de reacties monitort. Tik, tik, tik. Dus hele concrete bulletpoints van wat je moet doen. Daar ben ik wel van, lul er maar niet omheen. Wat moet ik doen? Eigenlijk zou dat advies zijn. Omdat je anders een advies krijgt van dit is niet goed, dat is niet goed. Die Kinesistherapeut in Marokko, dat moet eigenlijk anders. Nee, je zegt dan: Sluit die pagina!. Dat doe je ook wel een Chris Hamelink 115

117 beetje. Zeg dat we ons moeten concentreren op de Nederlandse pagina. Punt. Doe daar het volgende. Eerst doe je dit, dan doe je dat, enzovoort. Ik denk ook dat je advies moet zijn richting de organisatie. Laat het indalen in de staande organisatie. Dat er iemand van wakker ligt, dat die de opdracht heeft om alle sociale media bij te houden wat er op staat, en het te managen, te monitoren, te beheren. ook. Dat het een beetje eigen wordt binnen NoorderRuimte, dat het meer vaste koek wordt Ja, dan leg je het neer bij iemand, bij Rixt ofzo. Die is daar heel erg druk mee. Maar dan ben ik er nog. Ik heb een Facebookaccount, maar daar doe ik niet heel veel mee. Dat is een privéaccount. Hoe betrek je de rest erbij. Ik ben kwartiermaker van Living Lap. Ik kan het wel doen, maar ik ga niet met een Facebookpagina aan de gang. Ik heb geen Twitteraccount bijvoorbeeld. Hoe zou je nou ervoor kunnen zorgen dat ook de periferie, ook de mensen die wel stakeholders zijn aan de kant het kenniscentrum, ook gebruik gaan maken van sociale media en ook posten. Rixt gaat niet de posts verzinnen. Die weet niet welk nieuwtje er is. Ik weet de nieuwtjes, ik weet wat interessant is. Je kunt hier zo'n bord hebben waar alle twitterberichtjes op het moment dat ze binnenkomen op verschijnen. Of de Facebookpagina permanent op zo'n scherm hebben. Of op de openingspagina zou je een makkelijke link naar de Facebookpagina maken, of dat je de twitterberichtjes voorbij ziet komen, ik noem maar wat. Dat alle filmpjes ook op YouTube geplaatst worden. Dat niet alleen Rixt daar voor verantwoordelijk is, maar ook mij bevraagt van hé, dat filmpje, die powerpointpresentatie, hier d'rmee! Dan zetten we dat ergens op. Zou u dan ook zelf bereid zijn om dingen op Twitter te zetten? U zegt dat u geen Twitter, dus daarom gebruik ik juist dat als voorbeeld. Zou ik ertoe bereid zijn, ik zou het wel lastig vinden. Ik zou wel een zakelijke twitteraccount kunnen aanmaken. Wat logischer is, is dat je een kenniscentrum twitteraccount zou moeten hebben, dat hebben we misschien ook wel. Dat Rixt of wie dan ook regelmatig aandacht geeft aan of er wel of geen twitterbare berichtjes zijn. Wat gaan we wel of niet twitteren. Er is een vergadering geweest, of een lunchlezing. Dat we er even bij stilstaan of we erover gaan twitteren. Ik heb jaren in de gemeenteraad gezeten, ik was ook wethouder hiervoor. Tijdens de vergaderingen was er ook een subvergadering tussen die raadsleden, die zaten ook allemaal te twitteren. Die twitteren ook naar elkaar toe over een motie ofzo. Dan komen er ook foto's. Als je dan zo'n subvergadering hebt, tijdens een vergadering van half 8 tot 11. Daar heb je ook zo'n programmaatje voor, dat je al die berichten met dezelfde hashtags samenvat. Hoe heet dat ook alweer? Dat kan TweetDeck zijn, dat kan HootSuite zijn, daar zijn heel veel programma's voor. Dat deed iemand dan. Dan had je zo'n heel verhaal, dat bekeek ik dan wel eens. De subvergadering, de pseudovergadering die ook nog plaatsvond Dan kan je precies zien waar het op elk moment over ging. Als iedereen dan de goede hashtag gebruikt, bijvoorbeeld #KCNR, dan krijg je alle berichten. Bijvoorbeeld tijdens een lunchlezing of tijdens de excursie die morgen is. Op dat soort moment zou dat ideaal zijn. Vooral die excursie is natuurlijk een twittergoudmijn. Tien, twintig, dertig tweets, nu zijn we hier, superinteressant, lezing van dit, fotootje erbij. Die mogelijkheden zijn er, dan ben je ook meer zichtbaar. Nou, dan loop ik mijn vragen nog even na. Haalbaar, concreet genoeg, duidelijk... Dan Chris Hamelink 116

118 heb ik al mijn vragen beantwoordt gekregen. Als u verder nog dingen toe te voegen heeft dan mag dat nu. Ik geloof het niet. Ik heb al wat dingen gezegd. LinkedIn, ik denk dat het karakter van LinkedIn ook nog gaat veranderen, anders dan wat het nu is. Meer als concurrent van Facebook, of misschien neemt Facebook LinkedIn wel over. Nee, ik denk dat ik het wel gezegd heb. Het zou mooi zijn als we over vijf jaar naar jouw scriptie kijken. Dat er een heel aantal dingen wel zijn veranderd, maar dat die kern nog steeds geldig is. Die kern moet dan ook generiek zijn. Dat het nog steeds valide is. Dus niet alleen op die platformen zelf, maar op iets wat daar generiek boven hangt. Wat daar achter zit. Misschien hebben we het de afgelopen honderden jaren wel zo makkelijk hebben gehad met papier als proven technology. Maar ook daar, een kopietje maken met een stencil heette dat dan, ik de jaren 70 kwamen die kopieermachines Nu is dat de gewoonste zaak van de wereld. Nu is dat al zo gewoon dat we het niet eens meer afdrukken, dat we het op de ipad bekijken. Zo ontwikkelt zich dat. Met papier was het altijd goed, je pakte een papier en een envelop, en dan kwam het altijd wel bij iemand terecht. Dat zegt u nu, maar dat is ook niet altijd zo natuurlijk. Hé, de datum moet rechtsboven staan, de rest moet aan de linkerkant staan, daar zitten ook allemaal regels aan. Op een gegeven moment wordt dat heel eigen en moet je een brief schrijven en doe je dat even. Dan verstuur je hem en is het klaar. Dat is er ook met sociale media. Daar zijn ook bepaalde dingen die je wél moet doen of dingen die je juist niet moet doen. Ik denk dat het zaak is om dat er een beetje in te krijgen hier. Dat het eigen wordt. Dat is ook zo, ja. Maar goed, dat heeft natuurlijk jarenlang stilgestaan, met papier was het heel makkelijk natuurlijk. Daar waren we wat veranderen, maar van stencilen tot kopiëren, dat was allemaal heel beperkt. Maar goed, er waren grote groepen mensen, ik hoor daar ook bij, die het wel lekker vinden om dingen op papier te hebben. Even een krabbeltje erbij, nou kijk naar jezelf. Je maakt aantekeningen op papier. Dat had ook op de ipad kunnen zijn, met een pennetje. Maar goed, je neemt het dan weer wel op. Ja, dat is ook om dit (aantekeningen) zoveel mogelijk te beperken. Goed, ik ga de recorder uitzetten. Hartelijk dank voor uw tijd Transcriptie Interview met Saskia Wiepkema Managementassistente van NoorderRuimte Wat vond je ervan? Wat is je eerste indruk? Wat valt je op, wat valt je tegen? Van wat je hebt opgesteld, of gewoon de website? Van alles wat hierin staat. Ik vond het wel een heel goed opgesteld document moet ik zeggen. We gebruiken nog niet alles zoals jij dat ook oppert volgens mij. Dat is ook de toekomstvisie hopelijk. Ik heb het hier ook nog helemaal niet met Rixt over gehad. Ik ben ik ook wel benieuwd wat zij hiervan vindt, maar dat weet jij wel natuurlijk. Chris Hamelink 117

119 Rixt die is al een beetje aan het Twitteren, en die is daar zelf helemaal blij mee. Volgens mij is dat ook heel goed. Dat we Twitteren nu ook. Ze zegt er wel over dat ze heel veel positieve reacties krijgt. We doen dat nog niet zo heel erg lang, dus dat is wel een goede ontwikkeling lijkt me. Maar verder, ja, LinkedIn stond inderdaad ook nog iets over in. Dat is volgens mij niet helemaal de bedoeling dat er voor het laatst vorig jaar iets op geplaatst was. Ja, dat zou goed kunnen. Er wordt over het KKNN op LinkedIn alleen geplaatst, die nieuwsbrief die volgens mij één keer in de maand komen of kwamen. Die staan daar op, maar voor de rest volgens mij niet zo veel. Ja, het KKNN, het Kennisnetwerk Krimp Noord-Nederland. En ja, wat Google+ nou is dat zegt mij eerlijk gezegd niet zo veel, daar hoor ik nooit iemand over eerlijk gezegd. Google+ is een sociaal netwerk van Google, het wordt ook eigenlijk bijna niet gebruikt. De enige reden dat ik voorstel om daar een account op aan te maken is dat bedrijven die hun website linken aan geen Google+ account hoger in de zoekfunctie van Google komen. Dan wordt je dus sneller gevonden. Als ze dan zoeken op onderzoek bijvoorbeeld. Als ze zoeken op NoorderRuimte is het logisch dat jullie gevonden worden, maar met als je zoekt op onderzoek is de kans groter dat jullie gevonden worden. Ja, precies. Maar ja, verder.. Jij bent natuurlijk druk met dit onderzoek bezig, dus ja, is het misschien niet allemaal te veel als je én Twitter, én Facebook, én LinkedIn, én Google+, én YouTube allemaal gebruikt, ik weet het niet. Nou ja, ik manage het niet zelf natuurlijk Is het bij te houden hé? Voor één communicatiemedewerkster en één ondersteuner, of moet je dan echt apart iemand aannemen die zich volledig daarop focust... Dat is het dus ja. Rixt die zei al dat ze al gauw daar een uur per dag mee bezig is, en dat is op zich veel natuurlijk op acht uur. Maar ja, hopelijk wordt dat alleen maar meer, omdat je de sociale media, als je dat zeg maar goed wilt gebruiken, is het juist van belang om de interactie op te zoeken en ook aan te gaan en juist langer bezig bent door erop te praten. Wat zie voor je van wat er op sociale media gepost moet worden door NoorderRuimte? Heb je daar zelf een beeld van? Goed ja, met name natuurlijk alles wat je doet, wat dan natuurlijk relevant is voor de buitenwereld, van Hee, wat leuk dat ze dat doen, of als we straks een symposium hebben met jullie, met de junioren en de lectoren om te laten zien wat we allemaal hebben gedaan het afgelopen semester, dat wil je gewoon aan de buitenwereld laten zien. Dat soort dingen. Met die opening waar ik zelf toevallig ook bij was, van Groningen Airport Eelde, dat is volgens mij ook op de radio geweest met Han de Ruiter, het CVB lid. Dat wil je volgens mij wel gewoon laten zien ook, dan moet je dat ook doen en communiceren. Zo zie ik dat een beetje. Is dat een beetje wat je Chris Hamelink 118

120 bedoelt? Ja, eigenlijk wel ja. Als je dit allemaal leest, als je dit voor je hebt, zou je hiermee zelf de sociale media kunnen runnen denk je? Ik in mijn huidige taakomschrijving... Nou ja, als je niets anders te doen had de hele dag, zou je dat hiermee kunnen doen, in theorie? Je bedoelt echt van wat je doet, en het bijhouden op sociale media? En dat je namens NoorderRuimte erop zet wat je doet, met deze mensen, zo gaat dat, Het zou natuurlijk een onderdeel ook van de functie van een managementassistente kunnen zijn, in samenwerking met de communicatiemedewerkster. Dat is ook al een beetje wat we doen natuurlijk, maar nog niet zo uitgebreid natuurlijk. Misschien zou dat kunnen, ja. Ik bedoel of dit plan genoeg houvast geeft voor jou om daar zelfverzekerd in te zijn, dat je denkt Ik kan dit, ik doe wat nuttigs hiermee. Ja, dat denk ik wel ja. Zeker, goede houvast wat je hier beschreven hebt, ja. Ook gewoon waar het voor is, wat belangrijk is. Dus ja, dat is wel een goede leidraad lijkt me. Nou, mooi. Wat vind je van het stappenplan dat achterin zit? Ja daar heb je in ook echt beschreven volgens mij wat je hier voor allemaal hebt gezegd. Ja, het is wat algemener omdat in mijn hoofd wil ik dat op A3 formaat hier ergens uitgeprint in het kantoor opgehangen hebben zodat iedereen het ziet. Dat iedereen ook voor z'n eigen Twitter en voor NoorderRuimte kan posten. Dat iedereen die een toevoeging of een meerwaarde kan geven aan de sociale media, dat daar een mogelijkheid voor is. Dus als er een lector of een expert op een bepaald gebied is, dat als die iets wil zeggen, dat daar dan de mogelijkheid voor is en dat niet alleen Rixt dat kan doen. Maar dat ze dat bij Rixt kunnen aangeven dat ze iets hebben? Ook, maar ook dat ze daarin vrij worden gelaten dat zelf gewoon mogen doen. Dat ze toegang hebben tot de accounts. Ooh, zo bedoel je. Dat ze dat wel zelf gewoon kunnen posten. En wel dat Rixt de eindverantwoordelijke is. Want als iets op Twitter staat, dan staat het er ook gelijk op. Het is niet een soort concept wat je dan plaatst. Ja, en het moet natuurlijk ook bijgehouden worden. Het is zo dat als je iets plaatst, dat je interactie wilt. Dat in de ideale situatie mensen erop reageren. Als er mensen op reageren en Chris Hamelink 119

121 niemand hier ziet dat, schiet je daar niets mee op. Is dit allemaal een beetje duidelijk? Ik vind het duidelijk, ja, zeker, ja. Ik denk dat je er inderdaad ook niet te veel op moet zetten, en er staat heel veel tekst op dan gaat niet iedereen dat lezen, omdat iedereen toch druk is. Er hangt nu natuurlijk nog niet zoveel, dus grijp je kans! Nu nog niet nee, dus dit zou het ideale moment zijn om dit op te plakken ja. Ja maar, met die plaatjes, posten, nazorg, ja, duidelijk. Dat je het ook zo scheef onder elkaar hebt gezet, dat het allemaal zo op onder elkaar staat. Dat trekt wel de aandacht lijkt mij ook, ja. En het is heel duidelijk wat hier staat lijkt mij. Positief, daar ben ik blij om. Zijn er dingen die ik misschien over het hoofd heb gezien, of dingen die jij anders zou doen? Ja, volgens mij heb je in elk geval alle sociale media wel genoemd ook. Wat je ermee kan, waar je op moet letten. Wat dat betreft zou ik zo nu niet weten van dit ben je echt vergeten, nee. Is het geschikt voor leken vind je? Dat als ze deze handleiding lezen dat ze het snappen? Het idee is dat het voor iedereen is, dat iedereen in principe hiermee kan posten. Het lijkt me wel ja. Ja, ik heb er eigenlijk weinig aan toe te voegen. Ik vind het wel heel helder beschreven eerlijk gezegd, ja. Dit is onderdeel van jouw afstudeerverslag? Van je scriptie. Ja, dit zijn de eindresultaten eigenlijk. Dit is mijn advies van hoe moeten jullie dat nou gaan doen, hoe moeten jullie de sociale media gaan implementeren. Van Rixt kreeg ik bijvoorbeeld al te horen dat het concreter moet. Ze wil gewoon bulletpoints hebben van een actieplan. Bijvoorbeeld maak de profielafbeelding het logo van NoorderRuimte, zoek er een goede achtergrondafbeelding bij, zet er een beschrijving bij, dat soort dingen. Oh ja, zo. Dat zou je nog kunnen uitbreiden natuurlijk. Zij werkt daar ook mee natuurlijk. Voor leken is het wel hoe concreter hoe beter, maar het moet ook niet zo'n boekwerk worden want dan gaat het ook niemand het lezen. Een pagina met de bulletpoints zou natuurlijk een goed toevoeging zijn. Als het maar overzichtelijk blijft lijkt mij. Dat is het. Nou, als je verder nog op- of aanmerkingen heb dan hoor ik die graag. Ik zal het zo nog even weer doornemen want ik heb het gisteren wel gelezen, ik vond het heel helder. Als ik nog toevoegingen heb dan laat ik het je zeker weten. Is goed, dat was hem dan al. Dankjewel Transcriptie interview met Jeroen de Groot Juniormedewerker bij NoorderRuimte Chris Hamelink 120

122 Heb je al eens op de sociale media van NoorderRuimte gekeken? Jazeker. Zo nu en dan heb je dan wel berichten over evenementen, bijvoorbeeld met de week van het lege gebouw, had je een aantal foto's erop en filmpjes. Ik vind het dan omdat ik er ook aan mee heb gedaan om er even op te kijken hoe dat allemaal is gebeurd, wat ik precies heb gedaan. Kan je dan even laten zien, wat voor mooie bouwwerken je hebt gecreëerd. Zou je erop kijken als je niet medewerker was? Als ik geen medewerker was en ik had geen connectie met NoorderRuimte heb ik niet echt een reden om daarheen te kijken. Hoe denk jij dat NoorderRuimte op een goede manier hun doelgroep, en daarmee bedoel ik bedrijven en instanties om onderzoek voor te doen, hoe zouden ze die via sociale media kunnen bereiken en activeren? Je zou het haast kunnen doen met de onderzoeken zelf. De onderzoeken zijn vaak al met bedrijven zelf, dus je zou ze eigenlijk daarbij moeten betrekken om ze te bij het hele NoorderRuimte gebeuren te betrekken. Om vrienden te maken en te communiceren over wat er gaande is binnen NoorderRuimte. Dan betrek je die bedrijven en weten ze wat er bij NoorderRuimte gebeurt, en dan weet NoorderRuimte wat er bij hen gebeurt. Als zij dan leuke projecten hebben kan je studenten erbij betrekken en andersom. En daar krijg je ook heel veel recentere informatie. Dat je niet alleen maar achterliggende dingen hebt waar misschien helemaal geen vraag naar is. In z'n algemeenheid, wat vindt je van het plan? Ik vind het op zich een goed plan. Ik vind vooral dat bij de Facebook pagina dat er maar één moet overblijven die helder is. Hier staat ook iets in over dat je veel foto's moet gebruiken bij Twitter en andere berichten, en ik vindt dat goed. Ik ben zelf best visueel ingesteld en als ik alleen een berichtje zie dan heb ik niet zoiets van oh, dat wil ik allemaal gaan lezen. Als je een foto ziet heb je direct zoiets van Dat ziet er interessant uit, dat wil ik wel lezen. Dan kan er misschien een linkje in staan naar de site, dat vind ik veel handiger. Wat vind je van het stappenplan achterin? Sowieso het begin is belangrijk. Je moet goede inhoud hebben, anders heb je niets. Het moeten ook geen onzinnige posts zijn. Sharen en taggen is op zich ook logisch. Maar dat gaat vanzelf wel als het een leuke post is. Mensen vinden het dan leuk en willen het dan delen aan hun vrienden. Zo zorg je toch voor de bekendheid ervan. Ik vind het een praktische aanpak. Dat is volgens mij ook een beetje hoe de meeste bedrijven het ook doen. Is er iets dat je mist of waarvan je zegt dat ik er nog even naar moet kijken, in z'n algemeenheid, qua sociale media? Richting de student of bedrijven, of maakt het niet uit? Want voordat ik bij NoorderRuimte zat ben ik nog nooit met NoorderRuimte in aanraking gekomen. Sinds ik hier aan het afstuderen ben ken ik het pas. Dan kun je wel nagaan hoe weinig daar contact in is, terwijl ze wel in hetzelfde gebouw zit waar ik altijd langs loop. Dat kan wel beter. Misschien is het ook al alleen meer borden en posters om daarmee bekendheid te creëren. Misschien ook door mails naar studenten. Voor de bedrijven is het een wat lastiger verhaal denk ik. Dat zit in een heel ander vak dan hier. Chris Hamelink 121

123 Denk je dat bijvoorbeeld als de Hanzeaccounts, de Twitter of Facebook, als die een soort shoutout doet naar NoorderRuimte, dat dat alleen nuttig is voor studenten? Nou, ik denk wel vooral studenten. Ook voor NoorderRuimte zelf natuurlijk omdat zij studenten nodig hebben om te overleven. Ik denk dat het wel nuttig is, daar komt het op neer. Is het plan denk je concreet genoeg? Ja, wat ik zo heb gelezen allemaal is wel helder. Wat je moet doen en niet moet doen staat er wel goed bij. Dat je de LinkedIn ook beter moet gebruiken, omdat daar ook twee van waren. Eén Nederlandse en een Engelstalige. Dat je één krijgt waar je iedereen bij betrekt, en dat iedereen van NoorderRuimte daar lid van moet worden. Als ik dit aan jou zou geven zou je de sociale media van NoorderRuimte wel in je eentje kunnen runnen? Ik denk het wel, in elk geval wel een goed opzet. Ik ben niet zo'n manager in sociale media, maar je komt hiermee wel een heel eind in wat je wel en wat je niet moet doen. Zoals dat logo, dat is wel heel helder eigenlijk. Dat ze dat dan niet hebben vind ik dan ook een beetje apart. Daarover, kan je eens een paar dingen noemen waar jij naar kijkt als je een Facebookpagina van een bedrijf bekijkt. Waar zoek je naar om te zeggen dat dit van dit bedrijf is en niet van een willekeurig persoon die zich voordoet als het bedrijf. Sowieso wie er allemaal kan posten. Vrienden van die pagina, of dat mensen zijn die bij het bedrijf zitten en aan het werk zijn, of ze daarmee aan het werk zijn. Ook alle posts, je kan al snel zien of dat zinnige posts zijn of dingen die van internet geplukt zijn. Als je een Google Maps streetview foto erop zet die van internet is geplukt dan zie je dat gauw genoeg. Als wat je wat foto's erop zet met een mooi onderschrift van wat er is gebeurt dan denk je al gauw van dit is leuk, hier zijn ze mee bezig geweest. Heb je voor de rest nog opmerkingen, aanmerkingen, vragen, onduidelijkheden..? Sowieso dat ze iedereen er meer bij moeten betrekken vanaf het begin. Dat hoorde ik eerder ook al. Dat lijkt me wel handig, dan weet je in elk geval wie er allemaal bij zit en wie niet. Je hebt ook al kleine dingetjes als Whatsapp. Dat staat er dan nog wel een beetje buiten, maar lang niet iedereen is erbij betrokken en dat is eigenlijk slecht. Misschien ook een soort muur met alle foto's van de junior-medewerkers en ook iedereen die meedoet, en natuurlijk wat iedereen doet. Het zou mooi zijn als je kan zien op de Facebook pagina wat alle projecten zijn. Dat is wel een beetje waarvoor NoorderRuimte er is. Dat zou mooi zijn want dan kan je even gauw kijken wie waarmee bezig is en waar je meer over wilt weten, maar dat kan nu niet. Dat iedereen misschien een a4tje schrijft met wat foto's erbij dat daar dan af en toe over wordt gepost. Een soort informatie-ding zeg maar. Of een paar personen zelf. Dat bijvoorbeeld Mirjam zelf een stukje schrijft over wat ze doet. Bij mijn stage deden ze dat ook. Daar werd ook door de persoon die daar over de social media ging gevraagd of ze om de twee weken een stukje wilden schrijven, over wat heeft die persoon die dag heeft gedaan. Daar werd dan heel luchtig over geschreven en dat is op zich wel leuk om te lezen Transcriptie interview met Wouter Oosterveld Juniormedewerker bij NoorderRuimte Chris Hamelink 122

124 Wat vind je van dit plan? Ik weet wel wat te zeggen over Facebook bijvoorbeeld, de Facebookpagina van bureau NoorderRuimte. Ik heb voordat ik bij bureau NoorderRuimte kwam ook gezocht op Facebook naar de pagina van NoorderRuimte die ze ook al hadden. Wat me direct opviel was eigenlijk dat er niet echt iets op werd vermeldt. Dat het eigenlijk een beetje een kale pagina was. Wat zou je verwachten op de Facebookpagina van NoorderRuimte? Bijvoorbeeld foto's van evenementen die ze zeg maar organiseren, bijvoorbeeld de week van het lege gebouw. Dat soort dingen. Bijvoorbeeld wanneer zo'n minisymposium is, dat daar foto's van komen, de opening van de nieuwe locaties, dat daar ook foto's van zijn en dat je dat kan zien op internet. Dat de persoon die op de pagina komt ook een betere indruk krijgt van wat bureau NoorderRuimte nou precies inhoudt. En daarnaast wat ik hier ook een beetje in las, is het belangrijk om bij elke vorm media binnen NoorderRuimte, bijvoorbeeld LinkedIn of Facebook of wat er nog meer is, YouTube pagina, dat je op Facebook bijvoorbeeld ziet dat er ook een LinkedIn is, dat je dat kan zien en daarnaar doorverwijst. Dat is ook belangrijk denk ik. Ik denk dat het ook gewoon heel goed is om een plek te hebben waar je gewoon een soort agenda hebt waar je kan zien wat belangrijke data zijn voor NoorderRuimte, voor mensen die bij NoorderRuimte zitten zowel als mensen die nog niet bij NoorderRuimte zitten. Bijvoorbeeld een sollicitatieronde om bij NoorderRuimte te komen. Is het allemaal duidelijk? Zijn er dingen onduidelijk, jou niet duidelijk in het plan? Over het plan zelf, nee. Dat is wat mij betreft wel duidelijk. Als ik dit aan jou geef en ik zou weglopen zou jij dan de sociale media voor NoorderRuimte kunnen runnen denk je? Ik denk dat je al wel een heel eind komt. Maar of het alles is aan promotie.. dat weet ik niet. En daar bedoel ik eigenlijk mee te zeggen dat er misschien meerdere mogelijkheden zijn om te communiceren naar de buitenwereld behalve deze manieren. Jij focust je waarschijnlijk heel erg op communicatiemanieren via computers enzo? Het gaat hier alleen om sociale media, dus geen posters en zelfs niet de gewone website. Die laat ik buiten beschouwing. Ik denk dat je ten eerste een heel goed overzicht hebt van de manieren die je allemaal hebt, ik had nog helemaal niet gedacht aan een YouTube kanaal. Ik vind het conceptueel model (stappenplan) wel heel duidelijk omdat je het ook visualiseert. Dat maakt het eigenlijk direct duidelijk. Hoe denk je dat NoorderRuimte zich moet profileren en hoe denk je dat NoorderRuimte zich moet laten zien op sociale media. Bijvoorbeeld alleen maar hun onderzoeksresultaten posten en die nieuwsartikelen, of de hele tijd alleen maar leuke memes posten, of alles wat er tussenin zit? Je wilt natuurlijk de sociale media gebruiken om mensen naar bureau NoorderRuimte toe te lokken. Ik denk dat je vooral ook de leukere punten van bureau NoorderRuimte en ook de Chris Hamelink 123

125 voordelen van NoorderRuimte, dat het belangrijk is dat je die vooral laat zien. Dat je bijvoorbeeld ook Honors kan afstuderen bij NoorderRuimte, of dat je multidisciplinair samenwerkt en dat soort dingen. Dat is heel erg inhoudelijk. En ook heel erg gericht op studenten, om studenten te werven. Hoe moet NoorderRuimte zich profileren voor bedrijven? Eigenlijk zou je moeten willen dat de bedrijven waar NoorderRuimte al mee samenwerkt dat die inderdaad op de een of andere manier hun Facebook linken aan die van NoorderRuimte. Dan zie je meteen wie erbij zit, wat ze bieden, bij wel project. Dat zou je eigenlijk moeten hebben. Ik denk dat dat ook een meerwaarde voor die bedrijven is en niet alleen voor NoorderRuimte. Dus dat je zorgt dat de bedrijven NoorderRuimte liken en dat NoorderRuimte die bedrijven liket? Ja, en ook dan die bedrijven dan misschien ook meer linken naar NoorderRuimte op hun website, maar dat is misschien een beetje vergezocht. Is het uitvoerbaar en haalbaar? Ik denk dat het sowieso uitvoerbaar en haalbaar zijn. Naar mijn idee zijn het vrij concrete stappen die gezet moeten worden. Wanneer je moet herplaatsen en dat soort dingen. Dat is wel vrij duidelijk. Is het geschikt voor leken? Zou iemand die nog nooit met sociale media gewerkt heeft hiermee uit de voeten kunnen? Ik denk dat hij zou snappen wat je bedoelt, maar je moet natuurlijk wel weten waar alle knoppen zitten om ergens te komen. Je kunt ook bepaalde berichten omhoog kan plaatsen of.. dat had ik volgens mij gelezen. Toen dacht ik van ja, dat moet je inderdaad maar net weten. Dan moet je al een keer een pagina hebben aangemaakt voordat je dat weet. Dat je posts kan plannen? Nee, dat was het niet. Ik weet het niet precies. Maar je moet wel enigszins een keer Facebook hebben gebruikt denk ik, maar als je het nog nooit hebt gebruikt en je verdiept je er even een halfuurtje in is Facebook goed te gebruiken bijvoorbeeld. Zijn er dingen die jij denkt die over het hoofd zijn gezien, misschien wel mogelijkheden, kansen..? Nee, tenzij ze geld willen betalen. Dan kunnen ze mensen laten liken en heel snel aan bekendheid komen maar ik denk niet dat dat de bedoeling is. Het is nu ook bijvoorbeeld dat jij wilt dat wij lid worden van die pagina, maar toen wij bij NoorderRuimte kwamen is nooit die link gelegd naar een Facebookpagina. Het is al zo dat eigenlijk de mensen die bij NoorderRuimte zitten niet uitgenodigd worden en die weten niet eens dat er een Facebookpagina is, laat staan dat andere mensen dat weten. Ik denk dat als ik NoorderRuimte like, dan zien mensen op mijn tijdlijn dat ik dat heb geliked. Het moet allemaal wel via-via komen. Ik denk dat dat niet een moeilijke stap is om mensen die bij bureau NoorderRuimte te laten liken. Dus voor je een groter publiek kan bereiken moet je eerst intern de boel op orde hebben. Chris Hamelink 124

126 Ja, het gaat via-via. Het is natuurlijk wel zo dat het niet een hele grote doelgroep heeft. Het zijn vooral studenten van de Hanze. Misschien via de pagina van de Hanze, de nieuwspagina van de Hanze dat je daar ook iets mee doet ofzo. Dat werkt ook wel goed, dat ziet toch iedereen als ze inloggen op de computer. Ja, om dat een beetje bij de Hanze te pushen is ook wel slim. Heb je verder nog iets te zeggen? Je moet de interesse wekken inderdaad. Mensen nieuwsgierig maken. Ik denk dat dat heel belangrijk is. Voor de rest is het me duidelijk Transcriptie interview met Marco Verbeek Werkt met NoorderRuimte aan Holwerd Aan Zee NoorderRuimte zit op Facebook, Twitter en YouTube toch? En LinkedIn. Oh, dat staat niet op de site. Er zijn drie pagina's pop Facebook uit m'n hoofd, twee op LinkedIn, één op YouTube en dus één op Twitter. De meeste worden niet gebruikt, behalve de Twitter eigenlijk. Dat is al het eerste punt wat eigenlijk even anders moet. Dat is de vraag natuurlijk, of daar behoefte aan is. Inderdaad, als die behoefte er dan is, wat er dan op zou moeten komen. En communiceren studenten via de sociale media over de voortgang van projecten, of dat ze dat überhaupt willen doen, of gaat dat alleen via de eigen pagina? Onderling gebeurt dat wel. Maar niet zichtbaar voor de buitenwereld. En ook niet richting opdrachtgevers op contactpersonen denk ik. Bewust? Ik denk het wel eigenlijk Een beetje zoals whatsappen. Dat doe je eigenlijk niet, vind ik. Naar je meerderen dan. Maar goed, vanuit Holwerd aan zee, daar zijn nu een aantal studenten mee bezig. Ik zou er geen bezwaar tegen hebben als ze via sociale media kenbaar maken dat ze daarmee bezig zijn, wat de onderzoeksvragen zijn. Je kan ook de omgeving erbij betrekken om vragen te stellen, dat is vrij makkelijk. Maak het interessant. Voor ons zou dat natuurlijk ook goede reclame zijn. Als je het dan terugkoppelt als er resultaten zijn, wordt er wat mee gedaan... Heeft Holwerd aan Zee een pagina? Chris Hamelink 125

127 We zijn al zichtbaar op Facebook voornamelijk, we hebben een eigen YouTube kanaal. En Twitter. Dat gaat vooral via de werkgroepleden maar het heeft ook een eigen Twitter. LinkedIn doen we weinig tot niets mee. We hebben nog een Instagram account maar die is nog niet actief. Dat is nog even een stap verder, dat we daar mee om moeten gaan. Voornamelijk Twitter en Facebook en YouTube. bezig? En er is dus een Facebookgroep waar mensen op kunnen? Of zijn jullie als personen Nee, er is een eigen pagina voor Holwerd aan Zee. Dat is wel nice, want als je elkaar gaat liken en als je wat dingen gaat uitwisselen en elkaars berichten gaat delen, is een heel goed begin. We hebben ook een eigen site, holwerdaanzee.nl. De sociale media zijn daarop ook geïntegreerd. Het zou leuk zijn als je daarop natuurlijk ook ziet wat er gebeurt per project. Dus als er studenten bezig zijn zou je het via de sociale media en de website zichtbaar kunnen maken voor de buitenwereld, dat er studenten mee bezig zijn. Dat de mensen in de lokale omgeving of verder die studenten kunnen helpen. Dat kan heel waardevol zijn. Of er ook behoefte is, dat weet ik niet. Dat zou kunnen. Als u dat uitspreekt, dan is er behoefte naar natuurlijk. Ik kan het me voorstellen dat dat er wel is. Dat zou wel een goede zijn. Vaak gebeuren interviews natuurlijk op locatie, maar dit is ook al een middel om tot vragen te komen, of antwoord op vragen. Dat kan en/en zijn. Als dat een kort vraagje is gaat dat natuurlijk heel snel. Dat is natuurlijk zo omdat jij bij Holwerd aan Zee zit. Als je heel eerlijk bent, maakt het je dan iets uit wat voor andere projecten NoorderRuimte heeft? Of ik het interessant vindt dat er meerdere projecten zijn? Als er koppelingen zijn wil ik dat graag weten. Als dezelfde onderwerpen worden behandeld wat ook in ons project zit, zouden we daarvan kunnen leren. Wel deels natuurlijk, leefbaarheid, duurzaamheid, dat soort dingen. Dat is een beetje een bovenhangend thema in alle onderzoeken. Er wordt bijvoorbeeld ook heel veel gedaan bij Groningen Airport Eelde. Daar zouden waarschijnlijk ook dingen over op komen te staan. Ik zou dat interessant vinden. Kijk, Airport Eelde weet ik niet wat voor onderzoek dat is, of waar dat zich op richt, maar als dat over bezoekersstromen gaat wat daar binnen komt, dat kan wel interessant zijn. Dat is een uitkomst meer. Ze doen daar om het vliegveld onderzoek. Dus in de hele directe omgeving naar de groenvoorziening maar dus ook leegstaande gebouwen, krimp. Dat soort dingen wel. Chris Hamelink 126

128 Daar kun je dingen uit halen wat wij weer makkelijk toe kunnen passen. Of waar misschien ook een student mee bezig is, of waar misschien een vervolg op is. Of dat die student hier een vervolgstudie doet met kennis die daar al is vergaard. Dat kan je dus ook gebruiken. Dat is eigenlijk nog niet, die kennisdeling richting jou? Ik zou dat niet weten. De samenwerking is ook nog pril. Hoe lang is die nu? Dit is de eerste groep studenten. De bedoeling is dat het meerdere jaren worden. Dat we nog heel veel samen gaan doen. Dat hangt er een beetje van af. Sociale media is natuurlijk één en al communicatie. Het moet ook een dialoog zijn in plaats van een monoloog. Het wordt vaak een monoloog. Ik probeer dat te stimuleren. Als jij zou zeggen dat het je niets interesseert of er iets op komt kunnen we het net zo goed niet plaatsen. Tenminste, voor jou dan. Om die interactie te stimuleren is waar het om draait. Anders kan je net zo goed een folder uitdelen. Zou je ook bereid zijn om te reageren op posts, om dingen te delen? Ja zeker. Ik praat vanuit de werkgroep hoor. De een is wat fanatieker dan de ander. We hebben er één iemand bij die reageert overal wel op, die zou daar ook ongetwijfeld op reageren. Het is toevallig ook degene die heel veel met onderwijs heeft dus dat is ook wel leuk. Nou, goed. Dat daarover dan. Kan je mij iets zeggen over wat voor beeld je bij NoorderRuimte hebt? Wat voor organisatie het is? Hé, om maar iets te noemen, vind je het een hele zakelijke organisatie ofzo? Oh, op die manier. Nee, ik vind het wel een organisatie die zeer benaderbaar is, en die ook meedenkt in oplossingen op onze onderzoeksvragen. Vaak kun je iets verder nadenken over eventuele koppelingen in de toekomst Dat kan op projectonderdelen zijn, of processen, of het opzetten van een gezamenlijk iets. Daar denken ze wel heel erg in mee. Dat vind ik zelf wel heel prettig. Dat is niet vanuit de studenten van de club die eraan zit. Ja, maar zij worden ook waarschijnlijk de mensen die dan de berichtgeving doen via de sociale media. Ik wil niet zeggen dat de studenten niet te vertrouwen zijn, maar omdat het niet de vaste groep is die daar werkt. Op projectbasis natuurlijk wel. Het is wel de groep studenten die heel actief is op sociale media. Actiever dan de anderen. Dat is wel zo. Hoe ik dat zie is dan meer dat de studenten dan ook op eenzelfde manier reageren in plaats van onder de naam NoorderRuimte berichten plaatsen. Je hebt eerst communicatie vanuit het bureau NoorderRuimte. Dat moet natuurlijk ook gelijk lopen voor alle projecten. Hoe vaak denk je dat er iets te melden zou kunnen zijn vanuit Holwerd aan zee? Gericht op NoorderRuimte, dat hangt er ook van af hoe intensief de samenwerking met het aantal Chris Hamelink 127

129 studenten is. Als er één onderzoek loopt heeft het een start en een einde, maar als er meerde lopen, dan loopt dat achtereenvolgend. Dan is er ook meer over te melden. Bijvoorbeeld het Neptune project, dat is een project van een week met de NHL. Toen is er de week van tevoren behoorlijk berichten gemaakt via Twitter Dat was een monoloog hoor, geen dialoog. Dat is perfect natuurlijk voor dat soort dingen. Voor bijvoorbeeld evenementen heb je dat ook niet echt nodig. Dat is ook meer zo van Kijk, we hebben een evenement, kom even kijken. Maar als je bijvoorbeeld iets wil weten van wat de mensen van Holwerd ergens van vinden, dan kan je dat gewoon vragen natuurlijk. Dan stimuleer je de dialoog veel meer. Ik zit even na te denken, omdat ik de andere mensen die ik heb gevraagd, experts bijvoorbeeld en de medewerkers, die leg ik gewoon het plan voor dat ik klaar heb. Dan vraag ik wat vind je er van. Dat kan nu natuurlijk niet. Ik weet niet hoeveel nuttigs daarover gezegd kan worden als je niet bij NoorderRuimte werkt of geen expert bent op dat gebied. Daarom focus ik me zoveel op wat jij zou willen zien en wat je daarvan zou vinden. Wat dat betreft hoeft het ook niet een heel lang interview te worden. Zou jij persoonlijk de Facebook en Twitter gaan volgen? Als NoorderRuimte daar actief op wordt, zou je die dan gaan volgen? Opzich als het actueel is wel. Het is vaak zo als je pagina's bekijkt of de communicatiestroom bekijkt en er is weinig tot niets te melden dan haak je af denk ik. Als er continu wordt geprikkeld of uitgedaagd en je wordt betrokken is het natuurlijk een ander verhaal. Als je wordt betrokken, als je een dialoog aangaat, en dat kan ook rechtstreeks, dan wordt het interessant. Een beetje afbakenen. Het is wel heel fijn dat ik hoor dat je die vraag naar dialoog al uitspreekt, dat het prikkelend moet zijn, dat is al wel fijn. Daar kan ik wel wat mee. Als je vanuit jezelf denkt dat je ook een heel eind komt hoor. Dat is ook wel zo, maar het moet onderbouwd zijn en er moeten mensen naar gevraagd worden. Ik denk totdat het in de praktijk wordt gebracht, tot er echt iets gepost gaat worden waarvan jij of anderen zeggen dat het wel of niet leuk is, denk ik dat het hier ook een beetje bij gaat blijven. Wie denk jij dat media moet bijhouden? Degene die jouw platform moet voeden, als die van een bepaalde generatie is die niet groot is geworden met sociale media, dus in hun jongere jaren gebruikten geen sociale media. Als dat je voedingsbron is gaat dat waarschijnlijk niets worden. De generatie van nu, die opgegroeid is met sociale media, waarvan dat in hun leven gewoon een onderdeel is, die communiceren veel makkelijker. Die geven veel meer voeding aan je platform. Die oudere generatie die geeft geen voeding aan het platform. Die doet dat anders. Die mailt, die belt. Vanuit jouw beleving heeft het dus wél heel veel nut of meerwaarde om bijvoorbeeld de studenten te laten posten? Dat is dan je voedingsbron denk ik. Ik denk niet dat je de generatie die het aanstuurt kan veranderen daarin. Die zal heel erg actief zijn in een week als er een project is, en daarna stopt het dan. Hoe betrek je de generatie die actief is met sociale media bij jouw platform. Maak het platform ook voor hun misschien interessant. Het is ook maar net hoe je het platform inricht. Het platform is meer dan een website bijvoorbeeld. Zeker met sociale media, de naam zegt het al, het móet sociaal zijn. Chris Hamelink 128

130 Het is voor de buitenwereld ook goed om te zien hoe NoorderRuimte bezig. Er zitten ook heel veel mensen die studenten sponsoren, ouders bijvoorbeeld, dan is het leuk dat het zichtbaar is wat ze doen. Dan heb je die zichtbaarheid meer. Dat het niet alleen de directe omgeving van de onderzoeksgebieden is, maar ook de omgeving van studenten, medewerkers. Dat zorgt ook voor voeding voor de onderzoeksgebieden. Het is vaak veel breder. Hoe mee je zichtbaar bent, hoe interessanter dat je bent. En hoe meer interessant je bent, hoe meer geld je ook vaak krijgt. Bijvoorbeeld van subsidies of bedrijven. Die moeten immers ook het nut van NoorderRuimte zien. NoorderRuimte werkt ook met bedrijven, dus als je aanwezig bent dan helpt dat wel. Dus als je interviews doet, ik noem maar wat, studenten vanuit NoorderRuimte is het leuk dat het bedrijfsleven dat ook een beetje kent, of dat een beetje kan gaan volgen wat er gebeurt. Of ze misschien erbij willen horen, bij die community. Dan krijg je al een beetje meer een denktank achtig platform. Ja, maar het hoeft niet per se in een hokje. Dat is ook wel zo, om er toch een beetje een naam aan te kunnen geven. Het nadeel als je er een naam aan wilt geven is dat je het meteen ook vaak afbakent. En je moet je afvragen of dat handig als. Als jij daar naartoe wilt dan kan dat natuurlijk. Alles hangt wel af van de voeding daar naartoe. Wat is ervoor nodig. Als die voeding niet toereikend is om dat te vervullen dan creëer je je eigen problemen al. Dat weet je vooraf. Dat zie je misschien ook in je referentiemateriaal, dat het bij anderen soms stokt. Dat is misschien interessant om te onderzoeken wat daaraan ten grondslag ligt, en hoe je dat om kan draaien. Wat ervoor nodig is om het in leven te houden. Ik bedenk maar wat hoor. Dit zijn compleet nieuwe inzichten eigenlijk, omdat de bedrijven die ik dan heb onderzocht, die babbelen wel een beetje door, maar daar is ook geen interactie verder. Dus het gaat op zich niet dood, maar dat is ook alleen omdat het constant in leven wordt gehouden door dat bedrijf. Maar vanuit de omgeving geeft niemand er wat om. Het is de kunst om binnen zo'n platform alle belangen te vertegenwoordigen. Er moet voor iedereen wat te halen zijn, dat maakt het interessant. Zeker voor een bedrijf, als er niets te halen is dan haken ze snel af. Maak het ook voor hun interessant, en ook voor studenten van NoorderRuimte. Nou, bedankt. Dan zet ik hem weer uit Transcriptie interview met Sijo Dijkstra Werkt samen met NoorderRuimte en Drents Landschap Hoelang hebt u al contact met NoorderRuimte? Met Maarten zo vanaf Een jaar of vijf. Bent u zelf actief op sociale media? Chris Hamelink 129

131 Het houdt bij Whatsapp op. Nu ben ik ongeschikt zeker? Krijg u s, of blijft u op een andere manier op de hoogte? Het belangrijkste contact dat ik heb met NoorderRuimte is met Maarten Vieveen en Tineke van der Schoor. Dat gaat voornamelijk via de mail, telefoon of Whatsapp een keer, van waar ben je nu, in welk lokaal? Maar voornamelijk via de mail. En in gesprek. Waar gaat de samenwerking precies om? Wij houden ons hier bezig met monumenten en met herbestemming voor monumenten. In het kader van herbestemming krijgen we eigenlijk ook altijd te maken met energiebesparende maatregelen. Wat wij dan onder de categorie DuMo, duurzame monumentenzorg schuiven. In dat opzicht hebben we toen in 2010 ongeveer contact gekregen met volgens mij was dat Maarten. Bij het eerste contact ben ik niet zelf geweest, met NoorderRuimte, met de Hanzehogeschool. Om eens te kijken of we op het gebied van duurzame monumentenzorg iets voor elkaar kunnen betekenen. Bijvoorbeeld door onderzoek van jullie kant, bijvoorbeeld het inzetten van studenten bij stageprojecten of bij andere dingen. Er komen hier ook regelmatig studenten die hier onderzoek doen? Dat is dan naar aanleiding van. Wij hebben met de drie noordelijke steunpunten een soort samenwerkingsverband opgericht, kenniscentrum werkbestemming Noord, met Groningen, Friesland en Drenthe. Daar hangt ook een website aan vast. Die website is er eigenlijk voor bedoeld om op het gebied van herbestemming vraag en aanbod bij elkaar te brengen. In die zin krijgen we vragen binnen van mensen die een bepaald zoeken, of mensen die een bepaald pand in de aanbieding hebben. Die eraf willen. Op die manier proberen wij dan vraag en aanbod bij elkaar te brengen. Dat is één kant, we hebben ook nog een adviserende rol tegenover de gemeenten en provincies. Tegenover het rijk wat minder adviseren, maar die zijn er toch altijd wel bij betrokken. We hebben wel veel rijksmonumenten. Wat voor rol speelt NoorderRuimte daarin dan? In die zin, dat we bezig zijn met... Hoe moet ik dat uitleggen, dit is iets dat in de afgelopen vijf jaar zo is gegroeid. Volgens mij hebben wij in eerste instantie contact met Maarten gekregen, volgens mij ook in het verband met een soort afstudeeropdracht waar wij vanuit Drents Betoog hebben meegekeken bij zijn scriptie. Dat was ongeveer het verhaal. Maarten die gaat verder richting onderzoek zeg maar. Als promovendus. In dat kader hebben we contact met hem gehad. Bijvoorbeeld op dit moment heb ik regelmatig overleg met Maarten en ook wel Tineke van der Schoor. En nog een oud-collega van mij die nu nog bij Libau werkt. Dat gaat er dan voornamelijk over het traject waar we nu mee bezig zijn. Dat gaat bottom-up. Hoe betrek je eigenaren van monumenten bij zaken rond duurzame monumentenzorg die hun pand betreffen? Heel veel dingen worden vanuit de overheid van boven opgelegd. De overheid denkt vaak dat zij weten wat goed voor iedereen is. Wij zijn zelf behoorlijk gelieerd aan de provincie, dus ik weet wel hoe dat gaat. Wij vinden het wel interessant om te kijken wat die eigenaren nou eigenlijk willen. Waar hebben die behoefte aan? Wat de overheid adviseert, wat die wil, of oplegt door regelingen, is dat wel Chris Hamelink 130

132 waar die mensen op zitten te wachten? Zo'n soort traject hebben we ingezet. Aan de andere kant willen we kijken naar het isoleren van een monument. Je kan er voor een kapitaal aan technische maatregelen in steken om het klimaat te beheersen, maar is dat wel nodig? Een gebouw op zich heeft weinig behoefte aan isolerende maatregelen. Als je naar monumenten kijkt, écht oude monumenten, die staan er al een paar honderd jaar. Dankzij het feit dat ze nooit geïsoleerd zijn. Dan kan de wind erdoor, dan tocht het wat. Wij kijken aan de ene kant wat men wil met een gebouw, wat voor functie het moet krijgen. Aan de andere kant, wie gebruikt het gebouw en hoe gaan die ermee om? Wat is het gedrag van de mensen die het gebouw gebruiken? Enerzijds om te wonen, anderzijds om in te werken. Is het altijd wel nodig om alles dicht te maken, kun je sommige ruimten gewoon onverwarmd laten, of een klein beetje verwarmen, en dan de ruimte die je wel gebruikt meer verwarmen. Is het soms handig om gewoon een dikke trui aan te trekken, moet je in de winter altijd in je T-shirt binnen zitten? Dat soort vragen, daar is de rijksdienst voor cultureel erfgoed ook op haar manier mee bezig. Dat zijn van die dingen rond duurzame monumentenzorg. Niet alleen hoe je met je monumenten omgaat, maar ook hoe je ze gebruikt. Dat zijn dingen die we gewoon eens bespreken en proberen uit te zetten in een project. En aan de andere kant ook als wij met een groot project bezig gaan, er moet onderzoek gepleegd worden. Op wat voor manier kunnen we dan studenten van de Hanze daarbij betrekken? Dan leren die er ook van. Dus er wordt wel altijd wat naar gezocht om studenten erbij te betrekken? Absoluut. Wat ik hoor is heel veel duurzaamheid, gebouwen beschermen enzo. Dat is op zich heel interessant ook voor heel veel andere projecten van NoorderRuimte, omdat die ook wel eigenlijk daarmee te maken hebben. Alle projecten hebben wel wat te maken met duurzaamheid en gebouwen enzo. Wat dat betreft als er dingen gevonden in het onderzoek dat studenten voor júllie doen, en ze delen dat met de andere projectlijnen, op wat voor manier dan ook, zou dat voor de andere projectlijnen heel interessant zijn naar mijn idee. Zou u ook interesse hebben in dingen die uit andere projecten voortkomen, al is het alleen maar eens op te lezen wat waar gebeurt, en dan misschien iets nuttigs te vinden? Zeker. Waar wij ons mee bezig houden, voornamelijk met monumenten, daar komen een heleboel dingen bij elkaar. Je hebt aan de ene kant bouwhistorisch onderzoek, volgens mij doen jullie dat ook. Daar worden ook wel eens studenten voor ingezet, meer in het kader van een haalbaarheidsstudie herbestemming. Daar zit ook altijd het gedeelte bouwhistorie bij, daar moet je gewoon rekening mee houden. Dat is een gegeven. Op zo'n manier komen daar vaak heel veel dingen bij elkaar, en inderdaad energiebesparende maatregelen, opwekking misschien, zonnepanelen zijn ook hartstikke hot, maar waar leg je die neer op een monument? Liever niet in het zicht op het dak. Dat zijn allemaal van die vragen die heel interessant zijn. Als je daar als student mee bezig bent, wij kijken er op een bepaalde manier naar. Ik denk dat wij op bepaalde momenten ook wel een beetje een kokervisie hebben. We proberen onze blik wel te verbreden, maar vooral een jonge frisse blik van studenten vind ik altijd wel heel welkom, om dat soort dingen ook mee te nemen. Soms zeg je dat iets niet mogelijk is, of dat je het gewoon niet wilt, maar die ideeën zijn altijd welkom. In die zin is het mooi om over die grenzen van die vastgestelde richtingen te kijken en er af en toe eens iets mee te doen. Ik zou dat Chris Hamelink 131

133 wel op prijs stellen. Gebeurt dat al een beetje? Op een manier? Nou, waar ik mee bezig ben nog niet. Wij richten ons te veel op die paar dingen waar wij mee bezig zijn. Dat heeft ook met tijd te maken hoor. Onze tijd is beperkt. Ik krijg gelukkig wat om dat netwerk ook wat te onderhouden, waar dan de Hanze ook bij zit, en NoorderRuimte. Maar goed, je focust je toch voornamelijk op de dingen waar je dan echt mee bezig bent. Ik wil heel graag een soort digitale tool hebben voor op de website. Wat ik net vertelde van hoe ga je zelf met je monument, maar sowieso met je gebouw om. Hoe kijk je daar tegenaan? Het is meer om mensen bewust te maken. Juist op het gebied van die bewustwording zou ik heel graag een tooltje willen voor op de website, vanuit de provinciale monumenten of onze eigen website van het steunpunt erfgoed. Iets wat mensen met een paar muisklikken kunnen invullen, waar dan uit komt Weet je wel dat er andere manieren zijn om met je gebouw om te gaan? Trek eens een trui aan! Dat soort simpele dingen om bij die mensen eens de klik te krijgen van kijk eens bewust naar hoe je je gebouw gebruikt. Je kunt wel de boel gaan isoleren, dan gaat je energieverbruik waarschijnlijk naar beneden. Maar, aan de andere kant, als je dan zeg maar die trui in de kast laat liggen en de thermostaat tóch wat hoger zet, omdat je toch bespaart... dan heeft het geen nut. Alles is relatief. Op zo'n manier kijken we ernaar. De bewustwording van burgers en eigenaren hoort daar ook bij. Zo'n tooltje wil ik dan dus daarvoor. Dat heb ik ook bij Tineke en Maarten neergelegd. Toen zei Tineke ook, Wij doen dat niet, dat doen anderen!. Dat weet jij waarschijnlijk beter wie dat doet. Dat zou mijn opleiding inderdaad kunnen doen. Toen heb ik dus aan haar gevraagd van wil je dat verband eens leggen en eens kijken hoe we elkaar kunnen helpen zeg maar. We vinden altijd wel iets om over die grenzen heen te gaan. Ik zit eens na te denken, omdat ik heel erg in de sociale media zit probeer ik te bedenken hoe je dat zou kunnen doen.. Als je echt de harde cijfers daarover hebt ofzo, of onderzoeken of een artikel, kun je dat natuurlijk ook gewoon als een bericht erop zetten. Hee, wil je zoveel procent energie besparen?, dat willen mensen wel. Ik heb het ook zeg maar bij Tineke neergelegd. Een collega van mij heeft ooit eens voor een informatiepanel een lijst gemaakt van vragen. Vragen aan eigenaren van monumenten. Kijk eens naar je eigen gedrag, als je dat invult. Zo'n lijst wil ik er eigenlijk graag op hebben. Aan de andere kant zei ik dat als jullie vanuit NoorderRuimte je onderzoek willen doen, je wilt die gegevens hebben waar je iets mee kunt, je hebt contact ook met bedrijven. Om die zaak eens wat te onderbouwen met cijfers kun je ook vragen stellen waarmee je bepaalde cijfers boven water krijgt. Op zo'n manier denk ik dat het niet alleen om mijn vragenlijstje, mijn bewustwording gaat, dan kun je vanuit NoorderRuimte ook weer iets met die cijfers doen. Dat is gewoon een kwestie van die vragen aanpassen, dat je die bepaalde dingen die je graag wilt weten, dat je die boven water kunt krijgen. Hoe meer mensen natuurlijk reageren, hoe betrouwbaarder je cijfers worden. Opzich is het wel grappig, omdat als je zo'n vragenlijst online zet is het heel snel ingevuld. Vooral als het een kwestie is van ja of nee. Zo wil ik hem wel laten maken ja. Chris Hamelink 132

134 Als je zoiets aanbiedt, inderdaad op een website en dat adverteert via sociale media, zeker bij de klanten en relaties van NoorderRuimte, denk ik dat je heel snel heel veel mensen hebt die dat invullen. Dat heeft natuurlijk heel veel te maken met de mensen met wie NoorderRuimte samenwerkt, waar hun expertise in is, waar die onderzoeken over gaan. Je kunt het ook trapsgewijs doen zeg maar. Aan de ene kant zal NoorderRuimte meer aan de cijfers hebben. Aan de andere kant willen wij ook graag bepaalde dingen weten. Niet dat wij helemaal geen cijfers willen weten, het gaat niet alleen om bewustwording. Wij leveren ook een bepaalde vorm van bepaalde dienstverlening. We worden voor onze adviestaken gesubsidieerd door de provincie. We moeten voor een deel ook via betaalde dienstverlening ook voor inkomsten zorgen. Zo is het tegenwoordig, want de overheid doet niet alles meer. Wij verrichten ook wel haalbaarheidsstudies voor monumenten voornamelijk. Het is heel vaak zo dat als mensen bezig zijn met het verduurzamen van hun gebouw, in ons geval een monument, dan zitten ze er of over te denken om het energieverbruik naar beneden te brengen door zonnepanelen of isolerende maatregelen, of ze willen gaan herbestemmen. Als je een gebouw gaat herbestemmen wordt het van buiten opgeknapt, dat is het monumentale deel. Van binnen binnen wordt het vaak zoveel mogelijk gestript om de nieuwe functie erin onder te brengen. Als de boel dan toch kaal is ben je gek om niet te gaan isoleren. Dat zijn eigenlijk de twee momenten waarbij dit in beeld komt. Goed, grappig. Werkt u alleen met Maarten en Tineke samen eigenlijk? Voornamelijk wel. En eventuele studenten die zij dan onder hun hoede hebben? Ik heb zelf heel weinig met studenten van doen. Dat zijn dan weer andere mensen? Wat ik net vertelde van dat als studenten in beeld komen is het vaak in het kader van een herbestemming, dat ze dan een onderzoek doen. We hebben in Veenhuizen wel haalbaarheidsstudies gedaan. Ik weet dat daar naderhand ook studenten mee bezig zijn geweest. Voor een deel hebben die een beetje hetzelfde gedaan als wij. Dat geeft niet, ze hebben geweldig mooie maquettes gemaakt, en zaken technisch veel meer doorberekend. Wat wij doorberekenen in een haalbaarheidsstudie heeft te maken met de exploitatie, en niet met hoeveel energie je kunt besparen. Niet met dat technische gedeelte zeg maar. Een aantal jaren geleden hebben we dat samen met NoorderRuimte voor de kerk in Borger gedaan. Dat is een hele oude Romaanse kerk. Daar zit nu een cultuurpodium Van Slag in, die organiseren van alles op het gebied van cultuur. Die hadden een enorm hoog energieverbruik. De gemeente heeft er nog een tijdje in gezeten. Die ruimte was eigenlijk niet te exploiteren door het hoge energiegebruik. Toen hebben we met NoorderRuimte en een installatiebureau ernaar gekeken, ieder vanuit zijn eigen perspectief. Wij met het perspectief van hoe je met een cultuurhistorisch object omgaat. We hebben samen gekeken hoe we dat het beste aan konden pakken. Dat zijn projecten die we dan samen doen, en waarschijnlijk ook projecten waar studenten bij ingeschakeld worden. Maar die zie ik dan meestal niet. Chris Hamelink 133

135 Wat voor indruk heeft u van NoorderRuimte? Hoe ziet u NoorderRuimte als een bedrijf? Zou u bijvoorbeeld zeggen dat NoorderRuimte heel zakelijk is, of juist heel informeel, of een tussenweg? Nou ja, dan moet ik me beperken. Dan is NoorderRuimte de mensen met wie ik te maken heb. Maar vooral heel wetenschappelijk. Meer wetenschappelijk dan zakelijk. En hoe is dat? Op een gegeven moment, en nou zeg ik het een beetje oneerbiedig, dat hoef je niet letterlijk zo op te schrijven, dan komt er een moment voor mij dat ik zeg niet meer lullen maar poetsen. Nou gaan we aan de slag. Dan houden we op met onderzoeken en alles van alle kanten te bekijken en nou gaan we ook wat doen. Nou weet ik, dat is inherent aan een school, en aan zeg maar de wetenschappelijke richting. In die zin vind ik NoorderRuimte meer wetenschappelijk dan zakelijk. Aan de andere kant vind ik het wel weer heel mooi dat ze ook contacten met bedrijven hebben, en op die manier ook een heel netwerk hebben. Dat ze ook innovatieve dingen die uit bedrijven komen, dat ze daar ook mee bezig zijn. Dat vind ik een mooie kant. zijn? Zou u zeggen dat NoorderRuimte een vriendelijke organisatie is, dat ze aanspreekbaar Ja, absoluut. Voor mij in elk geval wel. Ja, in die zin ook hebben ze niet zoveel met kantoortijden, ik vind dat wel heel prettig. Zou u met NoorderRuimte als hoofdreden actief op sociale media willen worden? Ja, dat is voor mij een lastige vraag. Privé heb ik er geen behoefte aan, dan heb ik mijn eigen wegen om mensen te bereiken. Vanuit mijn werk zou ik denken van, alleen maar als ik er iets aan heb. Maar dat staat voor mij los van NoorderRuimte. Ik ken natuurlijk ook organisaties waar wij mee te maken hebben, zo gauw ik iets met hen heb overlegd dan staat het op Twitter, weet je? Dan denk ik van, ja... Wie zit daar op te wachten? Maar goed, dat ben ik. Ik ben wat dat betreft een ouwe lul. Er zijn dus een heleboel mensen die daar blijkbaar op zitten te wachten. Zo'n organisatie heeft heel veel volgers, mensen houden dat bij. U ziet daar de meerwaarde niet zo van in? Nou, voor mijn werk niet. Ik denk van ja, je gooit met sociale media iets in de hele grote groep. Zo kijk ik er tegenaan tenminste. Het rendement dat moet je dan weer afwachten. Als je iets wilt, en je wilt echt mensen bereiken, dan kun je naar mijn idee veel beter gericht een groep benaderen. Dat kan ook wel via sociale media natuurlijk. Zoals LinkedIn, en met groepen, dan ben je toch gerichter bezig dan met Twitter of Facebook. Wat is voor u dan rendement op zo'n post? Wanneer zou u zeggen van nou, nu is het nuttig, dat ik iets geplaatst heb? Dat hangt ook van de respons af. Niet van de hoeveelheid, maar van de inhoudelijke respons zeg maar. Ik zou dat alleen doen als ik ergens ook een inhoudelijke reactie op zou willen hebben. Waar ik dan weer iets mee kan. Maar dat, weet je, het is ook een beetje inherent aan het soort werk wat wij doen. Wat wij doen is heel veel één-op-één. Monumentenzorg is heel erg maatwerk. Je hebt Chris Hamelink 134

136 met heel veel verschillende eigenaren te maken, en met het beleid, wet- en regelgeving daaromheen allemaal. Dus dat is heel veel. Het zijn heel veel één-op-één contacten, persoonlijke contacten. Veel minder voor grote groepen zeg maar. Ik probeer via de website wel reacties te krijgen. Ik heb dus ook een website speciaal voor provinciale monumenten. Die groep is nog niet zo heel erg lang aangewezen. Die mensen moeten er nog heel erg aan wennen dat ze monument zijn, sommigen zijn onvrijwillig monumenteneigenaar geworden zeg maar. Ik zou het het mooiste vinden als dat een soort platform van provinciale monumenteneigenaren zou worden, maar ik krijg die mensen er heel moeilijk bij. En ik weet ook niet of dat nou een groep is die je met sociale media zou kunnen bereiken. Dat komt misschien ook omdat ik er eigenlijk helemaal niet mee werk. Misschien is dat wel een hele interessante zijweg. De vraag die ik dan onmiddellijk moet stellen is, ligt het aan die mensen of ligt het aan de manier waarop zij benaderd worden? En de manier waarop ze benaderd worden bedoel ik dan niet per se mee het medium, maar hoe dat medium gebruikt wordt. Omdat dat hét verschil is tussen wél of geen reactie, en wél of geen interactie. Hoe bedoel je dat precies? Dat is gewoon nieuwsgierigheid hoor. Ik ben heel benieuwd hoe je daar tegenaan kijkt. Ik denk dat het niet heel g uitmaakt wat voor doelgroep het is en hoe die eruit ziet, mits die actief op het medium dat door u wordt ingezet. Als u het bericht maar interessant genoeg maakt. Dan komen die reacties wel. Dat kan zijn door een emotie op te wekken, of door een vraag te stellen, misschien wel een hele boute uitspraak te doen misschien helemaal niet eens waar is. Dat idee krijg ik ook een beetje van u. U zegt ook van Ja, sociale media, ja. Ik weet niet of ik dat wel zou gebruiken als daar geen rendement aan zit. En rendement is naar mijn idee heel veel dat mensen weten wie je bent, en dat ze een beetje sympathie krijgen voor de organisatie, en dat ze eventueel zouden willen helpen in de toekomst. Wat natuurlijk voor u geldt, maar ook voor NoorderRuimte. Ja, daar heb je ook gelijk in. Wij proberen dat ook wel, maar als wij monumenteneigenaren benaderen doen we dat meestal door een persoonlijke brief. Dan weten we zeker dat die aankomt. Meestal maak ik die zelf. Ik heb vanaf 1983, zo oud ben ik alweer, heb ik bij de provincie gewerkt, tot Ik heb een gruwelijke hekel aan ambtelijke taal, dat kan ik niet luchten of zien. Zo gauw ik iets ambtelijks ergens zie opgeschreven, wil ik dat in jip-en-janneke taal. Dan wil ik daar gewoon normale taal van maken. In die zin vind ik het ook leuk om er dan af en toe iets prikkelends tussendoor te gooien van Jongens, reageer maar!. Maar tot nu toe is het een groep gebleken die er moeilijk bij te krijgen is. Zo gauw mensen er persoonlijk mee te maken krijgen, ze willen onderhoud plegen aan een huis, ze willen een lening of subsidie, dan zijn ze er wel. Dan is het geen enkel probleem. Daar zijn wij ook voor. Wij zijn niet voor de massa. In die zin snap ik wat je bedoelt. Ik denk niet dat ik die groep monumenteneigenaren via sociale media kan benaderen... misschien denk jij daar heel anders over. Met dat ik het zeg denk ik eigenlijk van ja, waar baseer ik dat op? Ik werk er zelf immers niet mee. Of ik ze via Facebook of Twitter zou kunnen mobiliseren. Dat zou kunnen. Ik vind het in die zin wel leuk. Dat bedoel ik ook, je hebt af en toe ook gewoon andere mensen nodig om gewoon anders tegen dingen aan te kijken. Leuk dat u dat zegt ook, dat vind ik wel grappig ook. Wat ik me nog heel erg afvroeg is of Chris Hamelink 135

137 er hier in de organisatie nog door iemand anders sociale media wordt gebruikt, gevoerd? Bij Drents landschap wel. Wij zitten hier nu nog maar een paar week. We huren hier eigenlijk dit kantoor. Dus jullie zijn ook apart van Drents landschap? Ja, op papier wel. In de praktijk loopt het iets meer door elkaar heen, omdat we ook raakvlakken hebben. We zitten hier natuurlijk niet voor niets, niet op een eilandje ofzo. Formeel zijn wij gewoon een onafhankelijke entiteit die hier een kantoor heeft. Maar ik weet dat Drents landschap veel meer doet met Facebook en volgens mij ook met Twitter. Die organiseren heel veel dingen, die ook voor iedereen toegankelijk zijn. Er gaat hier volgens mij iedere week ook wel een persbericht uit, én naar de krant, en via andere kanalen. Dus daar gebeurt het wel. Wij zijn nu op dit moment nog heel erg bezig om ons Steunpunt Erfgoed Drenthe te settelen. Hier aan de stationsstraat, daar zaten we met 27 mensen. Bij Libau in Groningen zaten we nog met 9 en nu zitten we nog maar met twee. Dus ja, dat is voor ons wel een enorme overgang. Dus we concentreren ons nu voornamelijk op de core business. We proberen de zaken een beetje op poten te krijgen nu. Het heeft ook met de periode te maken. Maar goed, dat doet er niet aan af dat we niets met sociale media doen. Maar als je het nu omdraait hé, zoals jij er tegenaan kijkt, je weet nu een beetje van wat wij hier doen, waar we af en toe een beetje mee worstelen. Zou NoorderRuimte in die zin voor ons iets kunnen betekenen? Ik moet zeggen dat ik niet helemaal op de hoogte ben van wat iedereen doet, maar ik denk dat ik met 95% zekerheid kan zeggen dat er iets moet zijn wat nu onderzocht wordt, wat voor jullie ook nuttig is. Er wordt onderzoek gedaan naar gezondheid en ouder worden, en gezond ouder worden, naar duurzaamheid, aardbevingen, aardbevingsbestendigheid, ik denk dat dat gewoon heel veel te maken heeft met gebouwen in het algemeen. Aangezien dat ook een beetje is waar jullie je zaken in doen, moet daar wel iets in zijn. Dat moet wel. Er gaat ook veel over zonnepanelen naar mijn idee, het kan haast niet anders. En op het gebied van waar jij je mee bezig houdt? Waar je nu voor komt dan? Zouden we nog wat van NoorderRuimte kunnen leren? Op dit moment niet, omdat de hele reden dat ik ingeschakeld ben is dat de sociale media nog niet gebruikt worden. Zij zien dat als kansen die door hen gemist worden op dit moment. Daarom ben ik er mee bezig. Dus zij onderkennen het al wel, en ik nog niet? Ja, maar het is ook zo dat als u zegt dat die monumenteneigenaren, dat die gesprekken één-op-één zijn, ik ga er dan vanuit dat die mensen meestal wat ouder zijn, dat die- Nou, dat hoeft niet. Ik heb nu een paar monumenteneigenaren die zijn begin twintig. Die hebben een óf een monument vanuit de familie in bezit, of ze hebben een monument gekocht, en ze willen daar een bedrijf in starten. Ik heb nu heel veel contact met twee jongelui die in Bovensmilde een oude school hebben gekocht, en die zitten allebei in de zorg. Ze hebben een mooi zorgconcept wat bedacht wat ze in die school kunnen gaan uitvoeren. Het zijn lang niet allemaal oude mensen dus, juist niet zou ik zeggen. Ja, ik wordt zelf steeds ouder, dus de eigenaren worden steeds jonger! Zo werkt dat gewoon. Chris Hamelink 136

138 Daar ging ik dan vanuit. Dat zou ook een van mijn redenaties zijn van ja, inderdaad, die doelgroep is misschien minder toegankelijk op Facebook of op alle sociale media. Die waar ik het nu over heb vast niet. Want die andere die zit in het onderwijs, je maakt mij niet wijs dat die niets van Facebook weet. Dat moet wel dan ja. Ik vindt het wel leuk dat u ook vraagt hoe NoorderRuimte dan voor jullie van meerwaarde zijn. Ik zoek altijd die dwarsverbanden, dat is ook waarom ik nu contact heb met NoorderRuimte, je probeert wat voor elkaar te betekenen. Je steekt er allebei tijd in, dus het zou mooi zijn als je door zo'n samenwerking iets nieuws van de grond kan krijgen, of iets een extra boost kan geven. Dat is ook wat ik probeer te stimuleren in hun gebruik van sociale media, dat ze ook de kennis gaan delen, met mensen in gesprek gaan, dat die interactie er ook komt. Wat dat betreft zou u ook eigenlijk dé doelgroep zijn die bereikt zou moeten worden via de sociale media. Het enige nadeel natuurlijk, dat u geen sociale media gebruikt! Dat is het dus, gewoon mensen zoals u vertellen wat NoorderRuimte doet, wat NoorderRuimte voor anderen doet, en hoe dat samen kan komen. Ik denk wel dat als een samenwerkingspartner, zoals ik NoorderRuimte dan toch ook wel zie, als die daar heel veel gebruik van zou maken, misschien voel je jezelf dan op een gegeven moment ook wel genoodzaakt of dat je er gewoon enthousiast voor moet maken om dat dan ook te gaan doen. Maar weet je, daar kan ik gewoon eerlijk over zijn, ik heb wel een smartphone hier liggen, en die gebruik ik om te bellen en voor het nieuws en weet ik wat allemaal, maar ik moet er niet aan denken dat als ik ergens mee bezig ben om elke keer weer een tweet daarover te versturen. Ik vind zelf dat ik daar geen tijd voor heb, dat is het ook. Dat hoeft ook natuurlijk niet per se Als u alleen wilt lezen wat andere mensen te zeggen hebben, dat kan ook. Als u alleen zoiets heeft van Oh, NoorderRuimte zegt weer wat, even kijken wat ze zeggen., dan hoeft u niet perse te reageren, dan hoeft u niet perse te twitteren. Ja, dan zou ik dat wel bijhouden. Als NoorderRuimte zeg maar bijvoorbeeld via Twitter of wat dan ook berichten zou verspreiden, dan zou ik dat wel gaan bijhouden. Dat zou voor mij een reden zijn om het wel te gaan gebruiken. Maar ik zou niet gaan twitteren. Tenminste, zoals het nu lijkt. Ik wil wel die informatie hebben. Aan de andere kant wil je af en toe ook informatie kwijt, en nu doen we dat heel gericht. Maar goed, dat verandert ook wel weer. Misschien daardoor. Je weet het niet. Nou, dat vind ik ook wel weer heel leuk eigenlijk. Ik zit nog even te kijken wat ik nog meer kan vragen, wat ik nog moet weten. Volgens mij heb ik de meeste dingen al wel. Volgens mij ben ik wel uitgevraagd, als u nog toevoegingen heeft dan mag dat. Ik zit ineens te denken, ik heb nu twee mensen van NoorderRuimte genoemd, maar in het gebied waar wij ons bewegen dan kom je natuurlijk ook regelmatig andere mensen tegen, zoals Jan Veuger kom je dan wel eens tegen en hoe heet die andere lector, die mevrouw... Die gaat ook over duurzaamheid en dergelijke. Die kom je dan hier en daar ook wel weer tegen. Daar heb je dan ook wel weer gesprekken mee. Het is wel breder. Maar goed, ik vind het gewoon heel leuk om op deze manier ook zeg maar informatie te krijgen van een wetenschappelijke onderzoeksinstelling die af en toe toch wel weer leuke ideeën heeft, en dingen waar we iets mee kunnen. En ik vind het aan de andere kant leuk dat we kunnen helpen met stageplekken en projecten. Ik vind het waardevol dat je dat zo uitwisselt. Chris Hamelink 137

139 Ja, daar is het ook voor uiteindelijk. En nu gaat het nog mondeling, misschien gaat het straks op een andere manier. Wie weet! Nou, als dat het is dan zet ik hem uit. Bedankt voor uw tijd. Chris Hamelink 138

140 13.20 Transcriptie interview met Ad Rutgers Werkt samen met NoorderRuimte in verband met monumentale gebouwen. Ik denk dat er veel mensen zijn die kenniscentrum NoorderRuimte niet kennen. Ik ken het omdat ik een keer een project heb gedaan met NoorderRuimte, met Maarten Vieveen. Ik denk dat andere mensen het niet kennen, want ze doen niet aan marketing. Dat doen ze in Noord-Nederland sowieso slecht. - Voor welk project hebt u contact gehad met NoorderRuimte? Dat is al even geleden zegt u? Ja, energetische maatregelen in monumentale gebouwen. Daar hebben we een project in gedraaid, middels een RAAK subsidie. Dat is een paar jaar geleden gestart. Volgens mij hadden we vorig jaar de eindrapportage. - Juist, dus dat heeft een tijdje doorgelopen. Ja, en dit jaar ook nog wel een bijeenkomst bijgewoond, maar vorig jaar was volgens mij de sluiting. - Ja, dus af en toe een beetje contact. Er is nog steeds contact, ik kom Maarten dan nog wel eens tegen op bijeenkomsten. Dat komt ook doordat ik wel geïnteresseerd ben in de bouw in brede zin. Ook de marketing rondom de bouw. Energetische maatregelen is ook iets dat speelt. De laatste tijd ook hier in dit gebied de aardbevingen, en de schade daaromtrent speelt ook mee, dat zal ook wel bij de Hanze spelen. Misschien zit daar ook wel iemand van kenniscentrum NoorderRuimte. - Aardbevingen is een van de onderzoekslijnen, dus wat dat betreft is dat wel interessant waarschijnlijk. Gebruikt u zelf sociale media? Ja. Nog niet zo heel lang, actief althans. Ik Twitter nu wel meer, en LinkedIn gebruik ik al heel lang. Facebook een tijdje ook, maar ik vond eerlijk gezegd dat daar zoveel onzin voorbijkwam, daar ben ik mee opgehouden. Twitter en LinkedIn zijn eigenlijk de twee die ik wel actief gebruik voor bedrijven ook. - Wie volgt u zoal? Waar gaat het dan over? Dat is heel breed. Mijn werk is in positieve zin verbinden. Dus commerciële contacten leggen tussen bedrijven, kennisinstituten en de overheid, en burgers niettevergeten. Daar waar mogelijk. Voor een aantal bedrijven in het bijzonder omdat ik daarvoor werk, zeg maar. Daarnaast ben ik erg geïnteresseerd in allerlei beleidsterreinen waar op dit moment in Nederland eigenlijk een kanteling plaatsvindt. Dat kan dus ook de zorg zijn. Dat kan over smart regions gaan, big data, wat we daar allemaal mee kunnen met elkaar. Het kan over gezond, biologisch, lokaal voedsel gaan, dat vind ik ook erg interessant. Daar ben ik ook met een project mee bezig. - Als ik dat zo hoor vindt u alles wel interessant. Ja, ik vind heel veel dingen interessant. Dat heeft inderdaad te maken met de tijdgeest waar we in leven. Ik zie dat we met elkaar dingen anders moeten doen. Dit land is wel een heel luxe land Chris Hamelink 139

141 geworden in de afgelopen tientallen jaren. Met al die luxe denk ik wel dat we het zicht op de goede gezondheid van onze planeet wat kwijtgeraakt zijn, en doorgeschoten zijn in allerlei enorme verdienmodellen. Economie is eigenlijk het enige wat zo onderhand telt. Gelukkig zie ik nu van onderop een stroom komen. Dat zit ook sterk bij studenten merk ik. Zeker dat project over voedsel waar ik mee bezig ben, maar ook energie. Er zit wel een ontwikkeling van onderop, met name dat we gaan veranderen met elkaar, en dat we open staan voor andere manieren van met elkaar omgaan. Meer sociaal. Je zou haast kunnen zeggen terug naar vroeger. Iemand waar ik veel van gelezen heb, die ik ook wel volg is Jan Rogmans. Marjan Minnesma, misschien dat je die wel kent. Dan zitten we in de hoek van dat kantelen. Dat vind ik heel interessant. Er ontstaan ook spanningsvelden met dat kantelen, daar heb ik ook regelmatig mee te maken. Die spanningsvelden zullen ook nodig zijn om op een gegeven moment van oude bestaande systemen af te komen en de nieuwe een betere kans te geven. Dat is de drive bij mij om open te staan voor veel input van buitenaf. Dan heeft een dag natuurlijk maar een beperkt aantal uren, ik moet ook af en toe slapen. Dat proberen we dan ook nog goed te doen. Dat gaat wel eens mis. Maar ja, daar zit de drive. Zeer zeker. - Als ik dat zo hoor, kan NoorderRuimte daarin helpen. Heel veel dingen die u noemt passen binnen de onderzoekslijnen die er al zijn bij NoorderRuimte. En die onderderzoekslijnen die er al zijn kunnen ook een aanvulling zijn op uw interesses. Zou u dat willen, dat zien van NoorderRuimte? Zou u het leuk vinden oom door NoorderRuimte op de hoogte gehouden te worden van wat zij doen? - Kunt u mij iets vertellen van hoe u dat dan voor u ziet, benaderd worden door NoorderRuimte? Dat mag van alles zijn, wat u maar wilt. Dan begin ik met iets dat ik zelf graag doe. Daarom groei ik ook zo. Ik denk dat jullie er verstandig aan doen om naast sociale media, jullie hebben al een enorm bestand aan mensen en relaties in allerlei branches, ik zou regelmatig een netwerkborrel met een leuk thema organiseren. Dat kan prima op de Zernikecampus Je bent er niet uniek in, er zijn meer instanties die het doen, maar ik denk dat het juist voor de Hanze heel mooi zou zijn als je daar zou beginnen. Dat acht ik een hele wezenlijke. Er worden heus wel door het kenniscentrum door het jaar heen ook bijeenkomsten georganiseerd, maar probeer gewoon nog meer je werkelijke belangrijke strategische partners en je doelgroep zodanig te betrekken, doe dat gewoon een keer in de maand ofzo, ik zeg maar wat. Het moet wel georganiseerd worden natuurlijk. Het hoeft niet altijd op de campus. Als je een thema hebt ga je naar een bedrijf, en dan laat je die een presentatie doen. Dat wil ik hier ook wel doen. Ik ga ook voor dit bedrijf naar meerdere van onze opdrachtgevers toe, samen met onze fabrikanten. Ik doe dat ook samen met onze fabrikanten, en verenigingen van bedrijventerreinen waar we lid van zijn op dezelfde manier. Zo zou je dat perfect kunnen doen volgens mij, voor kenniscentrum NoorderRuimte. Ik ben ook aangesloten bij NoorderStroom. Ook een hele leuke club. Die mensen zijn met de ruimtelijke ordening bezig, met name in het buitengebied in de provincie Groningen. Die gaan ook overal naartoe en bespreken daar mogelijkheden tot herontwikkeling, en alles wat daarbij komt. Ook een diverse groep mensen die op die netwerkbijeenkomsten bij elkaar komt. Dat zou ook een hele mooie zijn. Uit die groep zijn er ook een heleboel mensen die naar ik inschat ook heel graag met kenniscentrum NoorderRuimte toch nog iets meer contact zouden willen hebben. - Als ik het goed begrijp zou u de sociale media veel meer zien als een middel om persoonlijke contacten te stimuleren. Ja, ik ben wel persoonlijk. Het kan zijn dat ik daardoor van de oude stempel ben, het is maar hoe je Chris Hamelink 140

142 het wilt zien. Ik zeg het maar zoals ik het zelf wil zien. Het persoonlijke contact is toch het beste dat werkt. Alleen maar heel kort ergens over twitteren, dat is goed voor als die personen al in jouw netwerk zitten, dan weten ze precies waar je het over hebt. Ik denk niet dat je daarmee direct je eigen instituut vereniging/corporatie, hoe je het maar wilt noemen, dat je die daar direct weer extra mee laat groeien. Ik vind het meer een ondersteuning voor mensen die elkaar daarnaast ook regelmatig live zien en spreken. Dan heb je iets meer tijd voor elkaar. In het persoonlijke ontstaat ook een warmer contact, meer voor de lange termijn als dat je dat met sociale media doet. Ik kan altijd maar kijken wanneer ik wil, dat kan s avonds op de bank of s ochtends vroeg ik bed, ik noem maar wat. Dat is natuurlijk ook goed. Ik zou zeggen en/en. Als ondersteuning. - U praat er een beetje over alsof u niet in het netwerk van NoorderRuimte zit, en alsof u de posts van NoorderRuimte niet zou begrijpen. Dat geldt voor mij persoonlijk denk ik niet, dat ik er zo over spreek is meer dat ik je op gang wil helpen in de richting waarvan ik denk dat die goed is. Als jullie daar onderzoek naar doen, dat jullie dat willen verstevigen, dan zou ik daar een warm pleitbezorger voor willen zijn. Voor mijzelf sprekend, ik weet dat het kenniscentrum NoorderRuimte bestaat. Dat weet ik al jaren. Dus als ik iets wil weten vanuit het kenniscentrum weet ik ook wie ik daarvoor moet benaderen. In de persoonlijke sfeer Maarten, en als ik op de site kijk kan ik daarover ook wel van alles vinden. - Dus u ziet de meerwaarde van het delen van onderzoeksresultaten niet zo? Dat zou denk ik voor andere mensen, in de zin van als je dat digitaal doet, dat dat voor een ander type mens, of een mens die zijn dag anders indeelt dan dat ik doe, wel heel goed zou kunnen werken. Maar voor mij zelf gesproken, ik lees al enorm veel, omdat ik breed geïnteresseerd ben. Ik zal niet altijd de tijd hebben om onderzoeken uitputtend te bestuderen in die zin. Dus nee, dan zou ik toch wel willen aangeven dat het mooi is dat je een grote database hebt waar van alles over onderzoek in staat, maar ik zou een warm contact willen hebben met een groep mensen die ook met beide benen midden in het werkveld staan. Dat maakt het voor mij interessant. Ik zou het ook heel leuk vinden, en misschien gebeurt dat al wel bij het kenniscentrum, dat er verbanden gelegd worden, crossectoraal noemen ze dat. Misschien doen jullie dat al wel, maar daar zou ik nog wel iets meer aandacht voor willen hebben. Ik zie dat bij veel, vooral ook bij de overheid, ik weet niet hoe dat is op scholen, dat weet je misschien zelf beter. Vanuit de overheid zie ik nog wel dat er vanuit een bepaald hokje gedacht wordt, of geredeneerd. Er wordt niet gekeken in oplossingen die elkaars terreinen versterken. Daar zouden wellicht toch studenten van de Hanze middels ook het kenniscentrum een positieve rol in kunnen spelen. - Dus het uitwisselen van resultaten uit het ene onderzoek naar het andere, en daar meerwaarde voor elkaar in geven. Zou sociale media daar een goede manier voor zijn? Om dat daarmee te doen? Ik denk het wel. Ik denk dat er heel veel mensen net als jij en ik toch wel rondlopen met allerlei ideeën Hee, waarom doen we in dit land dit niet zus of zo, of waarom voegen we dat er dan niet bij? weet je wel, zo. Maar dat die mensen zeg maar zichzelf daarover nu nog niet uiten. Want als mensen daar geen tijd voor hebben omdat ze dagelijks geleefd worden door hun dagelijkse bezigheden, er dan misschien s avonds wel de tijd voor hebben om in een blog die dwarsverbanden wel te leggen en daar ook om mee te reageren. - Om ook op de dingen die NoorderRuimte zou zeggen te reageren? Ja, bijvoorbeeld. Chris Hamelink 141

143 - Is dat een meerwaarde? Ja, ik denk wel dat dat een meerwaarde is omdat, nogmaals zoals ik zonet al aangaf, ik zie veel actoren. Ik ben een groot voorstander van ketensamenwerking. Omdat je als je het hebt over problemen in onze maatschappij hebt praat je eigenlijk ook over een keten waarin verschillende actoren werkzaam zijn, denk maar aan degene die ik net zei, overheid, bedrijfsleven, kenniscentrum en burgers, die vier partijen hebben eigenlijk allemaal enerzins hun eigen belang en anderzijds een gezamenlijk belang. Dat kan pas bij elkaar komen als je daar openlijk met z n allen over praat. Het zij rechtstreeks, het zij via sociale media. - Zou u zelf reageren of mening geven, delen? Ja, dat doe ik veelvuldig. Nogmaals, ik lees veel. Wat ik net aangaf, zeer geïnteresseerd in het kantelproces in ons land, en ik reageer dan ook op verschrikkelijk veel blogs. Ik ben ook sociaal geïnteresseerd vanuit mijn achtergrond. Ik heb vijftien jaar bij de politie gewerkt in allerlei functies, voordat ik commercieel het bedrijfsleven in ben gegaan. Ik ben geïnteresseerd in de mens en wat de mens allemaal beroert. Beide. - De sociale media die u gebruikt, op wat voor manier gebruikt u die? Persoonlijk, of zakelijk, of beide? - Wat is uw algemene indruk van NoorderRuimte? Hoe ziet u NoorderRuimte als organisatie? Het mag ook wel weer heel algemeen. Het is een lastige, want zo goed ken ik in die zin de organisatie ook niet. Ik heb wel een aantal keer bij Maarten op kantoor gezeten, ik zie dan een aantal mensen en allemaal boeken en rapporten liggen, en ik merk dat er hard gewerkt wordt, en dat er best veel gebeurt. Dat kan ik me ook voorstellen want het is een grote school met veel leerlingen. Er gebeurt in Noord-Nederland ook genoeg op het gebied van dat bouwen, aardbevingen, krimp hebben we. NoorderRuimte bemoeit zich ook met krimp, dat is ook een dossier. Nou ja, als je dat allemaal bij elkaar optelt dan ga ik ervan uit dat, en nogmaals ook met mijn eigen ervaring dat ik daar gezeten heb, dat daar een actieve club bezig is met dat kenniscentrum. Ik weet niet of ze zich ook nog bemoeien het subsidies binnenhalen vanuit Europa? - Een groot deel van hun financiering komt daar vandaan. Daar moeten ze het ook wel een beetje van hebben. Begrijpelijk. Veel activiteiten zullen ook gericht zijn op innovatief werken en denken, daar zijn vooral de Europese subsidies voor bedoeld. Ik denk dat de Hanze dan daarin haar wegen wel weet te vinden. Nogmaals, laten we daar met elkaar zorgen dat we een voorsprong houden met elkaar, en als we de jeugd, ik ben natuurlijk iets ouder, ik voel me niet oud maar ik ben iets ouder, als we de jeugd weten te interesseren voor de problematiek zoals die op dit moment is in ons land en de oplossingen die daarvoor moeten worden gevonden, dan vind ik het wel interessant om te weten wat de jongere generatie zien als oplossingen voor problemen die we nu hebben. Daarin kan het kenniscentrum een belangrijke rol vervullen. - U noemde eerder al die netwerkborrels als voorbeeld, kunt u nog een ander voorbeeld geven van hoe u dat zou doen? Hoe de jeugd en nieuwe mensen daarvoor Chris Hamelink 142

144 geïnteresseerd kunnen raken? Wat je nog zou kunnen doen daarnaast is bedrijfsbezoeken Laat ik zeggen wat ook interessant is, is om het veld in te gaan en daar naar toe te gaan waar de problemen zijn. Ik merk dat ook in de projecten, en het project waar ik zelf in mee heb gedraaid, energetische maatregelen in monumentale gebouwen. Daarmee hebben we natuurlijk een heel aantal monumentale panden bezocht, en zijn er ook vragen gesteld door eigenaren van de panden aan de onderzoeksgroep. Daar zijn samen met actoren uit het bedrijfsleven hele professionele oplossingen aangedragen aan de eigenaren. Daar zou ik adviseren om daarmee door te gaan. Dan ben je echt heel actief aan het doen. Volgens mij is dat ook leuk, ook voor de jongere generatie die zich aan het oriënteren is op van alles en nog wat, om heel concreet te gaan doen. Al pratend weten we inmiddels natuurlijk heel veel wat er mis gaat, en wat er nog beter zou kunnen. Laten we dat dan gaan doen. - Ik moet het toch vragen, specifiek via sociale media dan? Heeft u daar een idee van hoe u daar op die manier benaderd wil worden? Ja, als ik zie hoe ik het zelf doe, ik moet dan maar even uit mijn eigen ervaring putten. Ik ben nu veel aan het twitteren voor het Dokkumer lokaaltje, stichting NFLS wil met behoud van cultuurhistorie herbeleving in het buitengebied op een voormalige spoorbaan organiseren, in dit geval in Friesland. Het verbindingsproces maar zeker ook het kantelproces in de richting van vastgeroeste ideeën die er bij mensen heersen, geven dat je eigenlijk heel scherp moet gaan twitteren. Dus dat je ook een mening moet durven poneren, om ook een reactie terug te krijgen uit diegene die jouw volgen op Twitter. Dus dat zou kenniscentrum ook moeten durven en willen en kunnen doen, althans daar zou ik toe oproepen, om wel te prikkelen. Als je alleen maar een fotootje erop wilt plaatsen van wat je gedaan hebt, of een rapport wilt vermelden dat je gemaakt hebt, ik weet het niet. Dat lijkt mij uiterst saai. En ik denk dat heel veel mensen daar heel snel op uitgekeken zijn, en dan stoppen een dergelijk bedrijf actief te volgen. - Dus het moet prikkelend zijn Zo je wilt revolutionair. - Dat is nog wel een grote stap verder, en dus emoties, het moet een beetje tot de emotie spreken als ik dat goed begrijp. Voor mij wel, ik zou graag zien dat we in dit land meer, ik ben een gevoelsmens, dus dat we naast onze ratio ook de ruimte geven voor de emoties van mensen. Die kom ik ook wel veel tegen hoor, ook op sociale media wel in blogs. Daar zie je dat de emoties regelmatig hoog oplopen. We zitten in een interessant tijdperk. Er veranderen sowieso dingen. Het lijkt er wel eens op dat mensen op die manier ook los komen. En daar ben ik blij om. Ik denk dat we te lang alles op een verstandelijke manier benaderd hebben. - En nu kan iedereen zich gewoon uitspreken en overal zijn mening over geven, wat tot verhitte debatten kan lijden. Ja, zeer plezierig, want dat geeft de ruimte om je emoties ook kwijt te kunnen. - Mits de mensen daarvoor openstaan natuurlijk. Zeker. Ik zie soms ook ongenuanceerde reacties terugkomen, of beledigende reacties terugkomen. Dus er zijn ook grenzen, en die worden ook daar in het tekstuele ook overschreden en kunnen Chris Hamelink 143

145 mensen ook toch wel gekwetst raken. Dat zijn wel misschien weer de scherpe kantjes van dat digitale tijdperk, en de openheid die sociale media met zich mee brengen. Daarom weer ook dat persoonlijke contact, dan heb je toch vaak iets meer tijd met mensen als je het hebt over netwerken, en dan kun je op gedachten en ideeën ook meer nuanceren. - Dan weet je ook meer wat je aan elkaar hebt, wat je van elkaar kan verwachten. Dan zie je lichaamstaal, als mensen iets uitspreken. En die lichaamstaal zul je niet zien, tenzij het filmpjes zijn op YouTube, dan wel. Anders dan in een Twitterbericht Tekst is soms ook nog zomaar voor twee verschillende uitleggingen vatbaar. - Dat was een hele waardevolle toevoeging voor mij. Het zijn maar korte interviews eigenlijk, ik heb mijn vragen al wel zo n beetje beantwoordt gekregen. Als u verder nog vragen of toevoegingen hebt hoor ik die graag. Ik laat me graag uitnodigen voor de eerstvolgende netwerkborrel. Zoals mijn collega al zei, ik groei met de dag. Ik kom graag een biertje drinken en een hapje eten, en mijn collega zal dan ook graag meekomen. We zitten tenslotte in dezelfde branche. Hij is een beetje aan het lijnen maar dat gaat vanzelf weer over. - Goed, als er anders nog toevoegingen zijn die u te zeggen heeft Dan meld ik mij. - Dan zet ik de recorder uit. Dank u wel voor uw tijd. Chris Hamelink 144

146 13.21 Concept implementatieplan Concept implementatieplan Voor Kenniscentrum NoorderRuimte Door Chris Hamelink Chris Hamelink 145

147 Communicatiestrategie/implementatieplan Naar aanleiding van het gedane onderzoek worden in dit hoofdstuk een aantal aanbevelingen gedaan voor de implementatie van verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte. Eerst worden er een aantal algemene aandachtspunten genoemd waarna ingegaan wordt op de individuele media. Het eerste aandachtspunt is de eigenaar van sociale media. In dit rapport is al meerdere keren naar voren gekomen dat het een meerwaarde kan hebben als de verschillende experts van NoorderRuimte toegang hebben tot de bedrijfsaccount van NoorderRuimte. Zo kunnen zij zelf reageren op vragen op opmerkingen die onder hun expertise vallen. Dit maakt het echter niet onmogelijk of ongewenst om een eindverantwoordelijke te hebben voor de media. Als er door iemand een bericht geplaatst wordt kan de eindverantwoordelijke het bericht doorlezen om te kijken of het een geschikt bericht is voor de pagina van NoorderRuimte. Hierbij moet gelet worden op de 11 aandachtspunten die in de vragenlijst naar voren kwamen. Vervolgens moeten door de conventionele media een bijdrage geleverd worden aan het pushen van sociale media. In dit geval vallen , website en postverkeer ook onder conventionele media. Zorg dat in een ieders handtekening een link naar de website, Facebook, Twitter en LinkedIn staat. Op de website moet ook naar deze media gelinkt worden, en op de sociale media moet terug naar de website gelinkt worden. Het derde aandachtspunt is om de gebruikers meer te betrekken bij posts op sociale media. De nieuwsartikelen mogen gepusht worden op sociale media, maar probeer de doelgroepen daarbij te betrekken, en probeer af en toe iets anders te plaatsen dan een nieuwsbericht. Vragen stellen aan de doelgroepen is hierbij van groot belang. Door vragen te stellen en vragen te beantwoorden voldoen de accounts meer aan de karakteristieken empathie en genereus. Behalve het voldoen aan twee karakteristieken in een vragenlijst zal dit zorgen voor meer interactie met de doelgroep. Het laatste aandachtspunt is nazorg. Na het plaatsen van een bericht vindt er hopelijk discussie of een andere vorm van interactie met de doelgroepen plaats. Interactie kan alleen bestaan als die voortgezet wordt. Een reactie op een bericht van NoorderRuimte is op zich nog geen interactie totdat NoorderRuimte bedankt voor de reactie, antwoord geeft op een vraag of om verduidelijking vraagt. Empathie en informaliteit zijn daarbij van belang om de drempel om te reageren zo laag mogelijk te maken voor de doelgroepen. Chris Hamelink 146

148 Twitter Het gebruik van Twitter is van alle sociale media van NoorderRuimte het meest waardevol. Er wordt al regelmatig getweet en uit reacties van collega's en omgeving blijkt dat dat gewenst is. NoorderRuimte retweet ook regelmatig berichten van andere accounts. Daar kan nog op uitgebreid worden door te reageren op de berichten van anderen. Zorg dat er daadwerkelijke interactie is. Een andere manier op de Twitter van NoorderRuimte nog verder te verbeteren is om meer mensen te volgen en daarmee interactie te hebben. Door via de accounts die nu al door NoorderRuimte worden gevolgd naar andere accounts te gaan, bijvoorbeeld naar accounts die in tweets getagd zijn, kunnen op een gemakkelijke manier nieuwe accounts worden gevonden die soms relevante berichten plaatsen, waar op gereageerd kan worden of die geretweet kunnen worden. Er moeten soms ook tweets door NoorderRuimte zelf gemaakt worden. Het volgende stappenplan kan gebruikt worden bij het maken van tweets. Stap 1. Content Content is king. Zorg dat de post een toegevoegde waarde heeft voor de lezer. Als er tijdens een lunchpresentatie een uitspraak wordt gedaan als De Hanzehogeschool heeft de beste toiletvoorzieningen van Nederland kan die meteen worden overgenomen en geplaatst worden. Er kan ook alléén een vraag gesteld worden, of een juist een combinatie van een stelling en vraag. Een emotie bij de lezer opwekken is ook een meerwaarde! Stap 2. Foto Foto's kunnen een grote meerwaarde hebben voor een tweet, maar zijn niet verplicht. Bedenk of er over het onderwerp een foto geplaatst kan worden, en of die meerwaarde heeft. Bij een lunchlezing kan bijvoorbeeld een foto van de presentator geplaatst worden. Probeer te zorgen dat de foto interessant is door bijvoorde beeld een relevante of grappige slide op de achtergrond te hebben. Stap 3. Taggen en delen Tag de mensen of organisaties in de tweet! Voor NoorderRuimte een vaak voorkomende tag zijn. Tag accounts alleen als ze relevant zijn voor de tweet of er interesse voor hebben. Retweet ook tweets van andere accounts. Stap 4. Tijdstip Bedenk van tevoren wanneer er waarover getweet moet worden. Als het om een open evenement gaat waar iedereen welkom is moet dat van tevoren aangekondigd worden. Geef mensen de tijd om te reageren. Bij een lunchlezing kan bijvoorbeeld anderhalf uur van tevoren getweet worden over het onderwerp en de spreker, in plaats van 5 minuten na het begin. Het kan ook beter zijn om tijdens normale pauzes te tweeten. Net voor de lunch kan een goed tijdstip zijn, zodat mensen die tijdens hun pauze op Twitter kijken de tweet zien. Bovendien kunnen mensen het ná de pauze dan ook nog als redelijk nieuwe tweet zien. Stap 5. Posten Als aan alle voorwaarden wordt voldaan kan een bericht geplaatst worden. Dit geldt voor de bovengenoemde stappen, maar ook voor de elf kenmerken uit de vragenlijst. Ga na of het bericht interessant is, of het relevant is, in correct Nederlands en of het bericht een meerwaarde heeft voor de doelgroepen. Facebook wordt door de geanalyseerde bedrijven gebruikt om artikelen te pushen. Op Facebook kan men ook heel goed posts delen of reageren op posts van anderen. Vraag aan de doelgroepen en medewerkers of ze de Facebookpagina van NoorderRuimte liken en volgen. Als iemand een post van NoorderRuimte liket of deelt kunnen alle vrienden van die persoon dat zien. Dat geeft weer meer exposure en dus mogelijkheden om de naamsbekendheid te vergroten. Chris Hamelink 147

149 Facebook Wat opvalt aan de Facebookpagina is dat de avatar niet het logo van NoorderRuimte is. Dit is een gemiste kans. De huidige foto doet af aan de geloofwaardigheid van de pagina. De huidige foto, een groep mensen die aan het werk is aan een poster, heeft alleen waarde voor mensen die weten dat dit in het kantoor van NoorderRuimte plaatsvindt of dat de mensen in de foto medewerkers van NoorderRuimte zijn. De foto zal dus veranderd moeten worden in een foto van het logo van NoorderRuimte, die gek genoeg al wel op de Facebookpagina staat maar nog nergens voor gebruikt wordt. Stap 1. Content Content is king. Zorg dat de post een toegevoegde waarde heeft voor de lezer. Op Facebook kunnen ook tweets gedeeld worden. Als er bij de tweet een foto is geplaatst zou er op Facebook staan in een post staan: NoorderRuimte posted a photo on Twitter. Op deze manier trekt het de aandacht. Bovendien worden de media op deze manier gecombineerd. Tekstberichten op Facebook vallen minder op. Een aanrader is dan ook om een link, foto, video of een post van iemand anders te delen. Zo krijgt een post iets meer body. Stap 2. Foto Een foto spreekt meer dan duizend worden, zeker op sociale media. Als de foto meerwaarde biedt of als er niets anders gedeeld wordt in een post is het een goed idee om een foto te plaatsen, mits deze natuurlijk relevant is. Als er geen foto gemaakt of gevonden kan worden, kan er ook een plaatje met daarin tekst of iets anders bij een post gevoegd worden. Stap 3. Verzin een onderschrift Zorg dat de foto een pakkend onderschrift heeft. Stel ook bij foto's vragen zodat interactie wordt gestimuleerd op alle mogelijke manieren. Stap 4. Taggen en delen Tag de accounts van andere bedrijven of personen zodat deze kunnen zien dat ze genoemd worden. Er is niets mis mee om een berichtje te sturen naar de getagde personen of bedrijven om te vragen of ze de post van NoorderRuimte kunnen delen. Stap 5. Tijdstip Op Facebook geldt hetzelfde als voor Twitter. Wees op tijd met het plaatsen van berichten en zorg dat de content relevant is. Als er vandaag iets gebeurt, post er dan vandaag over, terwijl de gebeurtenis nog aan de gang is. Uitnodigingen voor dingen die de volgende dag plaatsvinden kunnen het beste in de namiddag geplaatst worden, zodat mensen 's avonds een beslissing kunnen nemen. Stap 6. Posten Als aan alle bovenstaande voorwaarden wordt voldaan, en de post ook aan de elf karakteristieken uit de vragenlijst voldoet kan het bericht geplaatst worden. Na het posten kan nog een bericht naar de getagde personen of bedrijven gestuurd worden. Houd ook in de gaten of er reacties komen op een post Linkedin LinkedIn is van nature een minder actief netwerk dan Facebook en Twitter. Het gebruik van de geanalyseerde bedrijven reflecteert dit ook, er wordt namelijk een stuk minder vaak gepost op LinkedIn dan op de andere media. Opzich is dit geen probleem. Het gaat bij LinkedIn dan ook meer om het aanwezig zijn dan een constante bijdrage leveren. Chris Hamelink 148

150 Het pushen van nieuwsartikelen op Facebook is geen goede manier om sociale media te gebruiken. Er zijn veel bedrijven die het beter doen. Op LinkedIn is dat juist niet zo. Het pushen van nieuwsartikelen is verreweg de meest voorkomende strategie op LinkedIn, en lijkt ook waarvoor de meeste mensen op LinkedIn zitten. Een ander groot onderdeel van LinkedIn is, omdat het een medium is dat gaat over het opbouwen van een professioneel netwerk, dat er vacatures geplaatst kunnen worden waar mensen makkelijk op kunnen reageren. Het gebeurt niet vaak dat NoorderRuimte nieuwe full time employees zoekt, maar de afstudeerstages kunnen hier ook op worden aangeboden. Het kan gemakkelijk zijn om vacatures en aanmeldingen bij te houden via LinkedIn. Het stappenplan voor LinkedIn is een stuk simpeler in opzet dan van de andere media, simpelweg omdat de drang naar aandacht veel minder is. Het komt erop neer dat er alleen artikelen van de website geplaatst hoeven te worden. De artikelen moeten wel een pakkende titel en omschrijving krijgen voordat ze gepost worden. Er bestaat al een groep die de naam NoorderRuimte draagt, die ook beheerd wordt door medewerkers van NoorderRuimte. Die zou ingezet kunnen worden om de dialoog aan te gaan. Er is minder mogelijkheid tot dialoog op LinkedIn vanwege het kleinere aantal leden dan op de andere media, maar de kwaliteit zal hoger zijn. Er is echter al een jaar niet meer op gepost. Tenzij deze groep door NoorderRuimte zelf ingezet zal worden om de dialoog aan te gaan is de kans klein dat deze groep gaat opleven. Een mogelijkheid is dan ook dat de groep verwijderd wordt. Iets anders dat opvalt op LinkedIn is dat er twee bedrijven zijn op LinkedIn die allebei te vinden zijn als men zoekt naar Kenniscentrum NoorderRuimte. Ze gebruiken allebei het logo van NoorderRuimte en verwijzen allebei naar de website van NoorderRuimte. Op het eerste gezicht is het enige verschil dat de ene pagina de omschrijving (die overigens wel klopt) in het Engels heeft, de andere in het Nederlands. De Nederlandse pagina actiever en heeft meer 112 volgers en 24 medewerkers. De Engelse pagina heeft 29 volgers en 1 medewerker. Het opmerkelijkste van dit alles is nog dat de enige medewerker Kinesistherapeute uit Marokko is. 2 Pagina's voor NoorderRuimte is één meer dan nodig is. Het advies is dan ook om degene met de minste volgers te (laten) sluiten Youtube YouTube heeft van alle sociale media het minste aandacht nodig. Omdat het bij YouTube heel duidelijk gaat om een content community waar content gedeeld wordt, is het simpelweg niet mogelijk om deel te nemen zonder content te plaatsen, afgezien van reacties op video's. Bij alle geanalyseerde bedrijven is het zo dat er géén reacties op de video's zijn gegeven. Het is niet zo dat NoorderRuimte hierin anders moet zijn. Het gebruik van video's heeft voor alle geanalyseerde bedrijven, inclusief NoorderRuimte, een ondersteunende functie. De video's zelf zijn eigenlijk nooit waar het om draait. De video's die op YouTube geplaatst worden zullen dan ook vooral nuttig zijn om vervolgens op andere media te delen. Op die andere media, zoals Facebook en Twitter, kan wel gereageerd worden op de video's. Het is ook niet zo dat NoorderRuimte video's moet gaan maken om die te kunnen plaatsen op de sociale netwerken. Als er videobeelden gemaakt worden kunnen die op YouTube gezet worden, Chris Hamelink 149

151 maar het hoeft niet actief opgezocht te worden. Het grootste aandachtspunt bij YouTube is om de bannerafbeelding aan te passen, om de authenticiteit te vergroten. Mochten er in de toekomst video's geplaatst worden moeten die voorzien worden van een goed titel, een korte beschrijving, tags en eventueel annotaties of ondertiteling Google+ De aandachtspunten voor Google+ kunnen het beste worden omschreven als set and forget. Dat wil zeggen dat daadwerkelijke activiteit op Google+ niet van groot belang is voor de naamsbekendheid of werving, maar dat het andere indirecte voordelen kan hebben, en dat er daarom een account aangemaakt moet worden. Bij het aanmaken van de account moet rekening gehouden worden dat er het liefst wel een aantal vrienden of volgers toegevoegd moeten worden. Bovendien moet het creëren van de account op dezelfde manier gebeuren als bij alle andere media. Alle velden moeten naar waarheid worden ingevuld en er moet zo veel mogelijk informatie gegeven worden. De avatar en bannerafbeelding moeten gerelateerd zijn aan NoorderRuimte. Wat het posten op Google+ betreft kan er geknipt en geplakt worden van LinkedIn. Als de nieuwsberichten om de zoveel tijd geplaatst worden is dat relevante content voor op de pagina, en weet Google dat de account niet inactief is. Dat er geen reacties of interacties op de pagina zijn maakt niet uit, dat is immers niet waarvoor de pagina is aangemaakt. Chris Hamelink 150

152 Chris Hamelink 151

153 13.22 Onderzoeksopzet Onderzoeksopzet Sociale media NoorderRuimte Auteur Chris Hamelink Opleiding Communicatiesystemen WMS Opdrachtgever Rixt Froentjes namens Kenniscentrum NoorderRuimte Datum Chris Hamelink 152

154 Onderzoeksopzet Sociale media NoorderRuimte Auteur Chris Hamelink Klas Opleiding Vak Opdrachtgever CSV4C Communicatiesystemen WMS Afstudeeropdracht Rixt Froentjes namens Kenniscentrum NoorderRuimte Datum , Groningen Chris Hamelink 153

155 Voorwoord Dit verslag is een onderzoeksopzet voor de afstudeeropdracht die ik, Chris Hamelink, ga doen voor kenniscentrum NoorderRuimte. Door het maken van deze opdracht hoop ik de opleiding Communicatiesystemen met een major in Web & Mobile services af te ronden. Deze opdracht bestaat uit het doen van een onderzoek naar de mogelijkheden voor sociale media voor NoorderRuimte, met als doel de naamsbekendheid te vergroten en de werving van nieuwe klanten te vergemakkelijken. Voorwoord... 2 Verklarende woordenlijst... 3 Samenvatting... 4 Contents Inleiding Projectkader Over NoorderRuimte Aanleiding Doelstelling Centrale Vragen Huidige situatie Gewenste situatie Onderzoeksobjecten Theoretisch kader Onderzoeksmodel Veranderingen in het onderzoeksmodel Strategie en methodologie Beschikbare sociale media Facebook Twitter Google LinkedIn YouTube Instagram Pinterest Andere media Conclusies over de beschikbare sociale media Theorie implementatie van sociale media Drie-eenheid van sociale media Chris Hamelink 154

156 4.2 Meten is weten Implementatie in conventionele media Kosten van implementatie en het voeren van de mediastrategie Eigenaar van de sociale media Het maken en beheren van sociale media Het inhuren van een sociale media manager Gevaren bij de implementatie van sociale media Conclusies over implementatie van sociale media Theorie Communicatiestrategieën Conclusies over communicatiestrategieën Concurrentieanalyse Bevindingen en conclusies over de concurrentie Tools Concept implementatieplan (verkorte versie*) Twitter Stappenplan Interviewmethodiek Interviewresultaten Conclusies en aanbevelingen Verbeterd implementatieplan Algemene aandachtspunten Checklist voor implementatie HootSuite Twitter Facebook LinkedIn Stappenplan Bronnen Bijlagen Social Scorecard NoorderRuimte Social Scorecard Roeg en Roem Social Scorecard Tauw Nederland Social Scorecard RDM Centre of Expertise Social Scorecard KAW Architecten Social Scorecard Interviewvragen Experts Interviewvragen Klanten Interviewvragen Medewerkers Chris Hamelink 155

157 13.10 Transcriptie interview met Erwin de Beer Transcriptie interview met Ellen van Hegelsom Transcriptie Interview met Rixt Froentjes Transcriptie interview met Mirjam Post Transcriptie interview met Philip Broeksma Transcriptie Interview met Saskia Wiepkema Transcriptie interview met Jeroen de Groot Transcriptie interview met Wouter Oosterveld Transcriptie interview met Marco Verbeek Transcriptie interview met Sijo Dijkstra Transcriptie interview met Ad Rutgers Concept implementatieplan Communicatiestrategie/implementatieplan Twitter Facebook Linkedin Youtube Google Onderzoeksopzet Voorwoord Inleiding Organisatie Projectkader Fase interventiecyclus en doelstelling Fase Interventiecyclus Doelstelling Theoretisch Kader Sociale media Het gebruik Communicatiestrategieën van sociale media Analyse van concurrenten van NoorderRuimte Implementatie Onderzoeksmodel en centrale vragen Onderzoeksmodel Centrale vragen Onderzoeksstrategie en methodologie Onderzoeksstrategie Onderzoeksmethodologie Chris Hamelink 156

158 Planning en haalbaarheid Literatuurlijst Bijlage: Organogram Hanzehogeschool Chris Hamelink 157

159 Inleiding De doelstelling van deze opdracht is het opstellen van een implementatieplan waarmee NoorderRuimte verbeteringen in hun gebruik van sociale media kan implementeren om de naamsbekendheid en werving van klanten te verbeteren. Een probleem van NoorderRuimte is dat er geen strategie is voor sociale media. Er wordt sowieso weinig gebruik gemaakt wordt gemaakt van sociale media. Sinds kort is er een account op Facebook aangemaakt, maar die is nog niet gebuikt. Sinds twee maanden is NoorderRuimte actief op Twitter. Daar zijn intern al veel goede reacties op geweest. Behalve dat wordt er geen gebruik gemaakt van sociale media. Deze opzet voor een onderzoek is voor NoorderRuimte, en er wordt dieper ingegaan op hun probleem met het ontbreken van sociale media. Ook wordt een vooruitblik gegeven op het onderzoek dat gedaan zal worden en hoe dat uitgevoerd gaat worden. Deze onderzoeksopzet gaat over het onderzoek dat moet gaan gebeuren in deze periode. Onderdeel hiervan is een onderzoek naar theorie over verschillende onderwerpen als sociale media, communicatiestrategieën en best practices. Hierin wordt beschreven op welke manieren de informatie verzameld en verwerkt zal worden, en hoe dat zal leiden tot het eindproduct: een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van de sociale media. Allereerst wordt de organisatie beschreven, wat NoorderRuimte is en wat het doet. Daarna zal het probleem beschreven worden in het projectkader. Daarna komen de doelstelling en de interventiecyclus aan bod. Het theoretisch kader gaat over de verschillende theoretische gebieden die onderzocht moeten worden. Aan de hand daarvan de centrale vragen en het onderzoeksmodel, waarna de onderzoeksstrategie uiteengezet wordt. 1

160 Organisatie NoorderRuimte is één van de zes kenniscentra binnen de Hanzehogeschool (zie bijlage 1: organogram van de Hanzehogeschool) die onder andere afstudeerstudenten koppelt aan bedrijven met een afstudeeropdracht. Het kenniscentrum heeft een samenwerking met de schools Architectuur, Bouwkunde & Civiele Techniek, Vastgoed & Makelaardij, Human Technology en Facility Management. Van deze schools komen de meeste studenten. De projecten waar NoorderRuimte aan meewerkt zijn vooral in de categorieën natuur en ruimtelijke ordening. Er zijn een aantal projecten en bedrijven waar NoorderRuimte het vaste kenniscentrum is, zoals Holwerd aan Zee en Groningen Airport Eelde. Het organogram van NoorderRuimte ziet er als volgt uit (afbeelding 1). Aan de linkerkant is het het onderzoekende deel te zien. De rechterkant verzorgt interne, externe communicatie en communicatie en verbindt de hogeschool met het kenniscentrum. De stuurgroep bepaalt de strategie en activiteiten van het kenniscentrum, en bewaakt de kwaliteit en voortgang daarvan. Afbeelding 1: Organogram van NoorderRuimte (NoorderRuimte, 2010, p.11) Waar NoorderRuimte binnen de Hanze valt is te zien in Bijlage 1, het organogram van de Hanzehogeschool. De missie van NoorderRuimte (NoorderRuimte, 2010, p.6) is de volgende: "Het Kenniscentrum ontwikkelt en deelt kennis over ruimtelijke vraagstukken in Noord-Nederland vanuit het perspectief people- planet -profit. Lectoren, docenten en studenten doen samen met het werkveld multidisciplinair onderzoek op basis van vragen uit de praktijk." 2

161 De visie (NoorderRuimte, 2010, p.6) luidt: Het Kenniscentrum wil doorgroeien tot dé plek voor de inhoudelijke kennis over de relatie tussen ruimtelijke concepten en waardering bij gebiedsontwikkeling in Nederland De strategie van het Kenniscentrum (NoorderRuimte, 2010, p.11) wordt vormgegeven via drie thema s: 1. Kennisontwikkeling in vier onderzoekslijnen Leefomgeving Dit onderzoeksgebied gaat over waar mensen leven en wat ze in hun omgeving hebben, in de vorm van voorzieningen, winkels en recreatie. Werklandschappen Dit onderzoeksgebied gaat over waar bedrijven zich vestigen en wat zij in hun omgeving hebben. Klimaatbewuste kustverdediging en landinrichting Dit onderzoeksgebied gaat over manieren om zo klimaatbewust mogelijk te leven terwijl onze gewoonten zo min mogelijk verstoord worden. Duurzaam bouwen Dit onderzoeksgebied gaat over het elimineren van gebruik van fossiele brandstoffen door onze gebouwen zélf energie te laten opwekken. 2. Verhogen meerwaarde voor de beroepspraktijk en maatschappij De activiteiten van het kenniscentrum worden gezien als dienstverlening. NoorderRuimte wil deze dienstverlening verbeteren door gerichter klanten te identificeren, meer samen te werken met de doelgroep en de internationale oriëntatie te vergroten. Bovendien blijft kennis actief (publicaties, presentaties, masterclasses) en passief(internet) gedeeld worden. 3. Verbeteren inbedding in het onderwijs NoorderRuimte werkt al nauw samen met een twaalftal opleidingen. Deze samenwerking is in de afgelopen jaren versterkt. De inbedding in het onderwijs richt zich daarnaast op het eerder betrekken van studenten bij onderzoek, wat in samenwerking met de betrokken opleidingen moet worden gerealiseerd. Een verbetering van de communicatie met de buitenwereld over de onderzoeksgebieden en expertises van NoorderRuimte zou een voordeel zijn bij het verbeteren van de naamsbekendheid. Als de beoogde doelgroep weet dat NoorderRuimte een kenniscentrum is dat professionaliteit uitstraalt, en weet wat het precies doet, wordt het waarschijnlijk makkelijker om NoorderRuimte te benaderen voor een onderzoeksopdracht. De doelgroep die NoorderRuimte probeert te bereiken is groot. De doelgroep bestaat uit onder andere bedrijven, particulieren en overheden, zolang deze een onderzoeksvoorstel hebben met betrekking tot ruimtelijke vraagstukken. Het kenniscentrum doet onderzoek voor of in opdracht van deze groepen, voor het grootste deel binnen Noord-Nederland. 3

162 Projectkader 3.1: Huidige situatie De opdrachtgever voor dit onderzoek is Rixt Froentjes namens kenniscentrum NoorderRuimte. In een normale situatie doen afstudeerders een onderzoek bij een klant van NoorderRuimte. Een klant levert een onderzoeksonderwerp en NoorderRuimte koppelt daar een afstudeerder aan. Dit jaar zijn er zo'n vijftig studenten die bij NoorderRuimte onderzoek doen. Dit onderzoek is anders dan van de andere studenten omdat dit onderzoek voor NoorderRuimte zelf is, in plaats van voor een klant van NoorderRuimte. Het probleem van NoorderRuimte is dat er een te lage naamsbekendheid is, waardoor de toestroom van nieuwe relaties te klein is. Vanuit NoorderRuimte kwam de vraag om een strategie voor sociale media, om daarmee een stuk extra naamsbekendheid en exposure te krijgen. Sinds kort is er een Facebookpagina van NoorderRuimte. Hoewel de account is aangemaakt zijn er nog geen posts geplaatst. Op 2 maart 2015 heeft de pagina vijf likes. NoorderRuimte wil afstudeerders, klanten en relaties via sociale media informeren over NoorderRuimte, met als doel de werving en naamsbekendheid te verbeteren. Twitter wordt sinds kort ook gebruikt. Binnen de Hanzehogeschool is daar al positief op gereageerd. Met enige regelmaat staat NoorderRuimte in de krant of op internet. Op zich is dit al een stuk extra exposure, maar er blijven mogelijkheden liggen doordat de artikelen niet verder gedeeld kunnen worden. Bovendien gaan de artikelen alleen naar de mensen die bijvoorbeeld geabonneerd zijn op die specifieke krant, of die specifieke website lezen. NoorderRuimte wil een strategie hebben waardoor ze deze artikelen via sociale media kan delen, en ook (intern) nieuws en onderzoeksresultaten onder de aandacht kan brengen. Binnen de Hanzehogeschool gelden bepaalde communicatieregels en -normen. Deze moeten aangehouden worden, ook op sociale media. Deze kunnen beperkend zijn voor het gebruik en de content van de sociale media. 3.2: Gewenste situatie Er zijn verschillende sociale media die voor NoorderRuimte een bijdrage kunnen leveren aan de werving en het vergroten van de naamsbekendheid. Het grootste medium is Facebook, waar de eerste stap ook al is gezet door een account aan te maken. Andere mogelijkheden liggen bij LinkedIn. Omdat NoorderRuimte een (afstudeer)bedrijf is, is de doorstroom van Juniorwerknemers (afstudeerders) groot. Door via LinkedIn vast te leggen wie er gewerkt heeft bij NoorderRuimte, kan NoorderRuimte zich profileren als een interessant afstudeerbedrijf, alleen al door het grote aantal mensen wat er elk jaar afstudeert. Via vrienden van vrienden kunnen op die manier nog meer mensen bereikt worden. Daarnaast kan er nog gekeken worden naar hoe de Twitter doelgerichter ingezet kan worden. De doelgroep moet beter bewust zijn van wat NoorderRuimte doet en wat NoorderRuimte voor de doelgroep kan betekenen. De bedrijven, overheden en particulieren die eventueel gebaat zijn bij een onderzoek van NoorderRuimte moeten natuurlijk wel van het kenniscentrum gehoord hebben. 4

163 Het implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media dat voor NoorderRuimte gemaakt moet worden is gefocust op het vergroten van naamsbekendheid en de werving van nieuwe relaties. Er moet onderzocht worden welke sociale media het meest geschikt zijn om deze doelen te bereiken, en op welke manier ze dan ingezet moeten worden. Na het literatuuronderzoek moet het implementatieplan getoetst worden door een aantal medewerkers van NoorderRuimte te interviewen en hun feedback te implementeren. Het eindproduct (het aangepaste implementatieplan voor verbetering van het gebruik van sociale media) bevat een analyse van de beschikbare media, de sterkten en zwakten van de betreffende media, wie te benaderen is via de betreffende media en hoe. Ook bevat het een analyse van de concurrentie, en wordt er beschreven welke investeringen er gemaakt moeten worden om het implementatieplan uit te voeren. Als laatste wordt er een stappenplan opgesteld waarin staat hoe, wat, waar, wanneer, en voor wie te posten. Op welke manier kan NoorderRuimte het meest effectief het gebruik van sociale media verbeteren? Fase interventiecyclus en doelstelling Fase Interventiecyclus De interventiecyclus wordt beschreven in het boek van Verschuur en Doorewaard (2009, p.31-46) Probleemanalyse Tijdens een gesprek met mevrouw Froentjes over het probleem voor NoorderRuimte kwam naar voren dat er mogelijkheden blijven liggen op het gebied van naamsbekendheid en werving doordat geen er gebruik wordt gemaakt van sociale media. Diagnose Het probleem ontstaat doordat er geen aandacht is voor sociale media. Er wordt vooral gefocust op traditionelere media, zoals een nieuwsblog op de website. Ontwerp Een bijdrage aan een oplossing van het probleem kan worden geleverd door een onderzoek te doen naar manieren waarop een bijdrage geleverd kan worden aan het schrijven van een strategie voor het gebruik van sociale media. Verandering Wanneer het aangepaste implementatieplan voor verbetering in het gebruik van sociale media wordt opgeleverd moet er een verandering plaatsvinden in de voering van de sociale media. NoorderRuimte kan dan volgens de strategie berichten plaatsen op de gekozen sociale media. Evaluatie De evaluatie van het implementatieplan hangt nog af van de definition of done. Als de strategie bijdraagt aan het vergroten van de naamsbekendheid en het werven van klanten is het een succes. In welke mate moet nog vastgesteld worden. Dit onderzoek speelt zich dus af in de ontwerpfase. De geschetste problemen zijn erkend en herkend in de probleemanalyse. Daarnaast zijn de oorzaken en achtergronden van het probleem duidelijk beschreven in de diagnose. De volgende fase is de ontwerpfase, waarvoor een concept implementatieplan wordt opgesteld. Deze zal worden getest met medewerkers en klanten van NoorderRuimte en experts Doelstelling Het onderzoek gaat over het schrijven van een implementatieplan voor verbeteringen in het 5

164 gebruik van sociale media voor NoorderRuimte. Met dit plan moet NoorderRuimte de naamsbekendheid kunnen vergroten en meer klanten werven om afstudeeronderzoeken voor te doen, Het hoofddoel van dit onderzoek is om een advies te geven voor het schrijven van een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van de sociale media van NoorderRuimte om daarmee de naamsbekendheid te vergroten, de werving van klanten te vergemakkelijken. Door ten eerste vooronderzoek te doen naar de behoeften van de doelgroepen, alsmede literatuuronderzoek te doen naar theorie omtrent onderwerpen als welke sociale media inzetbaar zijn en hoe die gebruikt moeten worden. Bovendien wordt er gekeken naar de concurrentie en hoe die sociale media inzet. Met deze kennis zal een conceptplan opgesteld worden die getoetst wordt. De resultaten worden geanalyseerd om een doelgerichte en op maat gemaakt implementatieplan voor sociale media op te stellen. 6

165 Theoretisch Kader Het theoretisch onderzoek zal zich toespitsen op twee gebieden: Beschikbare sociale media en de communicatiestrategieën binnen sociale media. Daarnaast worden de concurrenten van NoorderRuimte geanalyseerd aan de hand van de onderstaande richtlijnen. Op deze manier kan worden achterhaald met welke media en hoe het doel om de naamsbekendheid en werving te verbeteren gerealiseerd kan worden. Om te bepalen welke sociale media NoorderRuimte zou moeten gebruiken is dit onderzoek gedaan met de adviezen van Kaplan & Haenlein (2010 p ) in het achterhoofd. In hun artikel hebben ze tien aandachtspunten opgesteld, waarvan vijf over media en vijf over sociaal zijn. Het gaat hier immers om sociale media, en deze moeten dus ook sociaal gebruikt worden. De punten zijn als volgt: Kies zorgvuldig Er zijn ontzettend veel sociale media. Kies degene(n) waar de doelgroep actief op is. Kies het medium, of maak een eigen medium Als bekend is waar de doelgroep op actief is kan men zich daarbij voegen of een eigen medium maken. Dit punt is voor NoorderRuimte het minst interessant. Zorg dat de activiteiten hetzelfde doel hebben en combineer ze De activiteiten mogen elkaar nooit tegenwerken. Combineer het ene medium met het andere door posts te delen of te boosten. Integreer het in het mediaplan Sociale media zijn nog steeds media. Adverteer sociale media op traditionele wijze en andersom. Voor iedereen toegankelijk Zorg dat de pagina toegankelijk is voor iedereen, inclusief (misschien zelfs in het bijzonder) voor medewerkers. Voor het sociale gedeelte: Wees actief Relaties vormen kost tijd en inspanning. Investeer dus in sociale media. Wees interessant Zorg dat het de geplaatste berichten interessant zijn. Wees nederig Interactie en kritiek zijn van levensbelang op sociale media. Laat gebruikers meepraten. Wees onprofessioneel Fouten maken mag. Hoewel een strategie handig is, laat zien dat er mensen achter het bedrijf zitten. Wees eerlijk Als er gelogen wordt, komt men er gegarandeerd achter. 7

166 Sociale media Bedrijfsvoering op sociale media is voor veel bedrijven een lastig punt. De doelgroep bereiken en activeren is en blijft lastig. Van belang is dat de juiste media worden gekozen om de juiste content te kunnen delen. Dit onderwerp gaat over de verschillende beschikbare media, alsmede de manieren waarop die gebruikt kunnen worden : Beschikbare media Voor NoorderRuimte zijn er verschillende mogelijkheden om op sociale media actief te worden. Enkele voorbeelden zijn Facebook, Twitter, Instagram, YouTube en LinkedIn. Volgens A. Kaplan en M. Haenlein (2010, p.66) moet sociale media ook sociaal gebruikt worden door bedrijven: Find out what they would like to hear; what they would like to talk about; what they might find interesting, enjoyable, and valuable. Then, develop and post content that fits those expectations. De voor- en nadelen van elk medium spelen dus een grote rol in het bepalen welke media er gebruikt kunnen worden binnen NoorderRuimte. Het vergroten van de naamsbekendheid en het verbeteren van de werving van relaties kan natuurlijk op verschillende manieren. Van belang is echter dat er met een zo klein mogelijke inspanning zoveel mogelijk relaties bereikt en geactiveerd worden. Om erachter te komen hoe het grootste resultaat geboekt kan worden moeten de media onderzocht worden. Hier zal een analyse van de media gemaakt worden en een afweging van de sterkten en zwakten Het gebruik Nadat is uitgezocht wat de sterkten en zwaktes zijn van elk medium kan worden onderzocht hoe die tot het voordeel van NoorderRuimte gebruikt kunnen worden. Het gaat op sociale media om de uitwisseling van User Generated Content. User Generated Content betekent door de gebruiker gemaakte inhoud. Dat kan zijn in de vorm van berichten, plaatjes, filmpjes en audiobestanden. Hoe deze content eruit moet zien hangt af van de doelgroep. Sommige media zijn meer geschikt voor een bepaald soort content. Zo is Instagram (alleen) geschikt voor foto's, Twitter vooral voor teskstberichten en YouTube (alleen) voor filmpjes. Welk medium het meest geschikt is voor gebruik binnen NoorderRuimte hangt dus af van de content en ook de doelgroep. Het type content dat geplaatst wordt moet afhankelijk zijn van de doelgroep. Foto s en video s zijn leuk als datgene wat je laat zien ook interessant is om naar te kijken, enzovoort. Bovendien moet de content relevant zijn voor NoorderRuimte. Grappige plaatjes en video s zijn leuk om naar te kijken, maar men kan zich afvragen of de pagina van NoorderRuimte daarvoor geschikt is. 8

167 Communicatiestrategieën van sociale media Het gebruik van sociale media verandert met de dag. De veranderingen die deze media hebben doorgemaakt bieden mogelijkheden voor bedrijven. Dit werd in 2011 al opgemerkt door Kietzmann, Hermkens, McCarthy en Silvestre. In hun artikel hebben ze het over de verschillende sociale media en hoe die strategisch moeten worden ingezet door bedrijven om de doelgroep te benaderen. Communication about brands happens, with or without permission of the firms in question. It is now up to firms to decide if they want to get serious about social media and participate in this communication, or continue to ignore it. Both have a tremendous impact. Hier wordt onderzocht hoe de geselecteerde media strategisch ingezet kunnen worden om de doelen van NoorderRuimte te bereiken. Het is van belang om te weten welke onderdelen in een communicatiestrategie voor sociale media aanwezig moeten zijn, voordat een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van de sociale media van NoorderRuimte geschreven wordt. Volgens de checklist van Kaplan en Haenlein moet er actief en interessant gepost worden, en moet men onprofessioneel zijn. Onderzocht moet worden waar de lijn ligt van onprofessioneel en té onprofessioneel, en welke voorbeelden hiervan te vinden zijn. Daarnaast moet uitgezocht worden wat het strategisch inzetten van sociale media nou eigenlijk betekent. Een voorbeeld hiervan is welke factoren invloed hebben op het succes van een communicatiestrategie, en welke verschillen er per medium zijn. Hoe de sociale media op traditionele wijze gepromoot kunnen worden en hoe de verschillende media gecombineerd kunnen worden om het effect van posts te verbeteren zijn andere belangrijke vraagstukken Analyse van concurrenten van NoorderRuimte Het gebruik van sociale media door concurrenten van NoorderRuimte zal ook onderzocht worden aan de hand van de tien adviezen van Kaplan & Haenlein die aan het begin van het vorige hoofdstuk genoemd zijn. Dit valt niet in de categorie theoretisch onderzoek, hoewel de theorie alsnog een belangrijke plaats zal hebben in dit deel van het onderzoek. Aan de hand van theorieën, richtlijnen, de best practices en regels zal het gebruik van sociale media door de concurrentie worden gemeten. De tien adviezen kunnen het beste gekarakteriseerd worden als richtlijnen in plaats van regels. Als een concurrent van NoorderRuimte niet voldoet aan een richtlijn die gesteld is door Kaplan & Haenlein kan men zich afvragen of het voor NoorderRuimte wél van belang is. Aan de andere kant kan het betekenen dat er juist te winnen valt op dit gebied, en daarmee een voorsprong op de concurrentie behaald kan worden. De concurrenten moeten per medium geanalyseerd worden. Het kan zo zijn dat een bedrijf zich op het ene medium anders voordoet dan op het andere. Daarnaast moet er gekeken worden naar berichten die op verschillende media worden geplaatst, in dezelfde of verschillende vorm. 9

168 Het gebruik van sociale media en het linken van die media moet onderzocht worden. Dit kan van groot belang zijn in het succesvolle gebruik van sociale media, door tweets op facebook te promoten, over YouTube video's te tweeten enzovoort. Als de concurrenten van NoorderRuimte hier al stappen hebben gezet die effectief blijken kunnen die worden opgenomen in het implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte zelf Implementatie Darren Bond zegt in zijn artikel Demystifying Social Media (2011) dat er verschillende punten zijn waar in de implementatie aandacht aan moet worden besteedt. Voorbeelden hiervan zijn: Het bepalen van wie de verantwoordelijkheid voor sociale media op zich neemt. Soms is het handiger om dat door één persoon te laten doen, soms meerdere, soms iedereen. Welke media gekozen worden om actief op te zijn, en hoeveel accounts er moeten zijn op de gekozen media. Wanneer er geëscaleerd moet worden, bijvoorbeeld door van een chat een telefoongesprek of een bezoek te maken. De meetbaarheid van bepaalde dingen. Er moeten criteria vastgesteld worden waaraan kan worden gemeten of het handelen Alle dingen die niet direct sociale media zijn of daarmee te maken hebben vallen onder de categorie implementatie. Denk daarbij aan mensen, hardware, tijd en geld. Ze zouden omschreven kunnen worden als de randvoorwaarden. Daarnaast gaat het ook om wat er moet gebeuren tijdens het voeren van activiteit op sociale media. Hierbij kan men denken aan wie het doet en hoe het uiteindelijk gemeten kan worden. 10

169 Onderzoeksmodel en centrale vragen Onderzoeksmodel A B C D Vooronderzoek Medewerkers NoorderRuimte Theorie sociale media Theorie strategieën sociale media Analyse concurrentie Conceptimplementatieplan Sociale Media Klanten NoorderRuimte Analyse Analyse Analyse Aangepast implementatieplan Sociale Media Implementatie Experts Het onderzoeksmodel is opgedeeld in verschillende fasen. In fase A wordt er vooronderzoek gedaan naar de behoeften van de doelgroep en de context waarin het project uitgevoerd moet worden. De doelgroep is heel breed omdat NoorderRuimte te maken heeft met veel verschillende bedrijven en instanties. Ook komen in fase A de theorieën over de sociale media zelf aan bod, de functies, sterktes, zwaktes en mogelijkheden. Verder worden strategieën van sociale media onderzocht. Als laatste worden de concurrenten van NoorderRuimte onderzocht. Door te onderzoeken hoe deze sociale media gebruiken en hoe succesvol de concurrentie daarmee is kunnen belangrijke dingen geleerd worden die toegepast kunnen worden op het implementatieplan van NoorderRuimte. Fase B bestaat uit het opstellen van een concept-implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media. Dit concept wordt in fase drie getoetst met de medewerkers van NoorderRuimte. Deze medewerkers zullen worden ondervraagd in een semi-gestructureerd interview aan de hand van een vragenlijst die van tevoren is opgesteld. Enkele klanten van NoorderRuimte zullen op dezelfde manier worden ondervraagd, waarna het implementatieplan voor verbetering van het gebruik van sociale media zal worden voorgelegd aan experts. In fase C worden de resultaten van de tests geanalyseerd. De overeenkomsten en verschillen in de resultaten worden in kaart gebracht. Met deze kennis en testresultaten kan in fase D een aangepast implementatieplan voor verbetering in het gebruik van sociale media opgesteld worden. (Verschuur & Doorewaard, 2009, p.67-72) 11

170 Centrale vragen 1: Wat is er vanuit de theorie en vooronderzoek bekend over gebruik en implementatie van sociale media voor een organisatie als NoorderRuimte? 1.1. Wat zegt de theorie over sociale media voor bedrijven als NoorderRuimte? 1.2. Welke sociale media zijn beschikbaar en wat zegt de theorie over het gebruik van sociale media? 1.3. Op welke manier maakt de concurrentie van NoorderRuimte gebruik van sociale media en welke lessen kunnen daaruit worden geleerd voor NoorderRuimte? 1.4. Waar moet op gelet worden bij de implementatie van sociale media, en aan welke randvoorwaarden moet worden voldaan? 2: Wat zijn de bevindingen van de medewerkers en de experts over het concept van het implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte? 2.1. Wat zijn de bevindingen van de medewerkers van NoorderRuimte over het concept implementatieplan voor de sociale media? 2.2. Wat zijn de bevindingen van de experts over het concept implementatieplan voor de sociale media? 3: Wat leert ons de vergelijking van de bevindingen van de experts, de medewerkers van NoorderRuimte en de klanten van NoorderRuimte over de conceptstrategie met het oog op het bijdragen aan het ontwikkelen en verbeteren van een implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media binnen NoorderRuimte? Onderzoeksstrategie en methodologie Onderzoeksstrategie Het onderzoek dat naar dit onderwerp gedaan moet worden is een ontwerpgericht onderzoek. Het literatuuronderzoek is deskresearch. Deskresearch houdt in dat er naar gegevens wordt gezocht die relevant zijn voor het onderzoek, in dit geval via internet of boeken. Deze gegevens worden geanalyseerd in het onderzoek. Deze manier van onderzoek is geschikt voor onderwerpen waar al eerder onderzoek naar is gedaan. De bronnen moeten worden getrianguleerd om voldoende diepgang te krijgen en de betrouwbaarheid te bevestigen. Het deskresearch wordt voortgezet in de analyse van de sociale media van concurrenten van NoorderRuimte. Ook dit is voorbereidend op het opstellen van het implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media voor NoorderRuimte. Hieruit kunnen belangrijke bevindingen komen die het literatuuronderzoek kunnen koppelen aan de werkelijkheid. Dit onderzoek wordt een enkelvoudige casestudy. Het concept van het implementatieplan voor verbeteringen in het gebruik van sociale media wordt voorgelegd aan een aantal testpersonen met wie een semi-gestructureerd interview wordt afgenomen. De interviews zullen naar alle waarschijnlijkheid plaatsvinden op locatie, in het kantoor van NoorderRuimte of ergens anders in de Hanzehogeschool. De interviews zullen één-op- één afgenomen worden. Daarnaast worden de interviews gefilmd zodat er beeld én geluid is van de ontmoetingen. 12

171 De onderzoeksobjecten zijn medewerkers van NoorderRuimte, klanten van NoorderRuimte en experts. Er is bewust gekozen om de medewerkers te bevragen omdat deze het bedrijf goed kennen en zeer betrokken zijn bij de opdrachtgevers en de onderwerpen. De medewerkers zijn meestal de verbinding tussen de opdrachtgevers en studenten die het daadwerkelijke onderzoek doen. Hierdoor weten ze van hoe opdrachtgevers benaderd willen worden. De klanten van NoordeRuimte worden ondervraagd omdat zij de belangrijkste doelgroep zijn van de berichten die op sociale media worden geplaatst. Het is van groot belang uit te vinden wat klanten van NoorderRuimte vinden, wat de sterktes en zwaktes zijn en hoe daarmee om moet worden gegaan. Daarnaast worden experts bevraagd over het implementatieplan in het algemeen, wat er beter kan en wat er nog mist. Dit is het empirische deel van het onderzoek. Het gaat hier om kwalitatief onderzoek Onderzoeksmethodologie Er is een aantal onderwerpen dat onderzocht moeten worden. Er staat online al genoeg informatie om over het gebruik en de best practices binnen sociale media een literatuuronderzoek te doen. Daarnaast moeten er een aantal documenten van de Hanzehogeschool gebruikt worden, bijvoorbeeld de communicatiestrategie die aldaar gehanteerd wordt. Idealiter wordt dit aangevuld met boeken. Vervolgens wordt er onderzocht op welke manier de concurrentie gebruik maakt van sociale media. Er zal op elk medium apart worden gekeken naar de verschillende aspecten van bedrijfsvoering op sociale media. Na het doen van het literatuuronderzoek en de analyse moet er concept gemaakt worden op papier. Deze zal worden voorgelegd aan in totaal zo n tien personen; vier medewerkers van NoorderRuimte, vier klanten en twee experts. Met de informatie die daaruit komt zal het gemakkelijker zijn een idee te krijgen van de verwachtingen en verbeterpunten die doorgevoerd kunnen worden. Er is specifiek gekozen om semi-gestructureerde interviews af te nemen om op die manier zo veel mogelijk feedback te krijgen van de onderzoeksobjecten. Omdat er geen specifieke vragen gesteld zullen worden is het aan de onderzoeksobjecten om hun mening te geven over wat zij belangrijk vinden. De interviews zullen gaan over de verschillende onderdelen van het eindproduct: Of de onderzoeksobjecten het eens zijn met de gekozen media; de voorgestelde inzet van die media; de sterkten en zwakten en als laatste het stappenplan. Nadat de individuele interviews zijn afgerond zal, als dat nodig wordt geacht, een groepsinterview worden afgenomen. In dit groepsinterview zullen alle testpersonen reageren op elkaars feedback en de manier waarop die is geïmplementeerd. Dit omdat er zo veel als mogelijk methodentriangulatie moet zijn. Er is bewust gekozen voor een mix van field- en deskresearch. Op deze manier kunnen de geleerde dingen uit het vooronderzoek en literatuuronderzoek gemakkelijk getoetst worden met de uiteindelijke ontvanger van de berichten die gepost zullen worden door NoorderRuimte. 13

172 Planning en haalbaarheid Hieronder volgt de planning van deze afstudeeropdracht. Mits deze planning aangehouden wordt moet er voldoende tijd zijn om dit onderzoek tot een goed einde te brengen. De grootste invloedsfactor is de beschikbaarheid van de onderzoeksobjecten. Als deze niet beschikbaar zijn in de daarvoor ingeplande weken (13,14,15) zou dat een probleem opleveren in de planning. Mede daardoor is een ruime planning aangehouden voor de interviews met de onderzoeksobjecten. 14

18 december 2012. Social Media Onderzoek. MKB Nederland

18 december 2012. Social Media Onderzoek. MKB Nederland 18 december 2012 Social Media Onderzoek MKB Nederland 1. Inleiding Er wordt al jaren veel gesproken en geschreven over social media. Niet alleen in kranten en tijdschriften, maar ook op tv en het internet.

Nadere informatie

Social media checklist

Social media checklist Social media checklist In 15 minuten klaar om klanten te benaderen Sociale media audit? Elk bedrijf weet wel dat ze iets met sociale media moeten doen en hebben daarom ook (toen ze wat tijd over hadden)

Nadere informatie

Wat is het en wat kun je ermee. Gerard Drent Drasco Webdiensten

Wat is het en wat kun je ermee. Gerard Drent Drasco Webdiensten Wat is het en wat kun je ermee Gerard Drent Drasco Webdiensten Wie ben ik? Gerard Drent Eigenaar van Drasco Webdiensten Maak websites voor het MKB en kleine ondernemers Ondersteuning Social Media Organiseer

Nadere informatie

Social Media whitepaper

Social Media whitepaper Social Media Social Media whitepaper 1. Inleiding 3 2. Social Media Platforms 4 3. Contentstrategie 6 4. Planning 7 5. Adverteren 8 6. Tools 9 7. Hulp nodig? 10 2 Inleiding Dit document is met grote zorgvuldigheid

Nadere informatie

Social Media, de basis

Social Media, de basis 1 Social Media, de basis Inhoud Doelstellingen Social Media Vormen van Social Media Tools social media Eigenschappen van de doelgroep Trends en ontwikkelingen Astrid Schiepers, www.donnadioggi.nl 2 Waarom

Nadere informatie

Vrijwilligers en social media

Vrijwilligers en social media Inspiratiesessie Welkom! Introductie Agenda voor vandaag Vrijwilligers & social media De cijfers Facebook LinkedIn De verschillen In de praktijk Randvoorwaarden Ken uzelf! Thema s Vacaturetekst Vrijwilligers

Nadere informatie

Waarom dit e-book. De vele mogelijkheden van LinkedIn zal in dit e-book uitgebreid uitgelegd worden. Ik wens je veel leesplezier!

Waarom dit e-book. De vele mogelijkheden van LinkedIn zal in dit e-book uitgebreid uitgelegd worden. Ik wens je veel leesplezier! Waarom dit e-book Breng jezelf en je bedrijf onder de aandacht bij LinkedIn. LinkedIn is voor iedereen die zichzelf, product of dienst en bedrijf onder de aandacht wilt brengen. Met dit e-book laat ik

Nadere informatie

Workshop Werk vinden met Social Media. WiFi-netwerk: COLOR BC Wachtwoord: akvt33rx

Workshop Werk vinden met Social Media. WiFi-netwerk: COLOR BC Wachtwoord: akvt33rx Workshop Werk vinden met Social Media WiFi-netwerk: COLOR BC Wachtwoord: akvt33rx Programma 13.00 Start 13.15 Wat is Social Media Waarom is Social Media belangrijk bij het vinden van een baan? 13.30 Linkedin

Nadere informatie

LIVE PERFORMANCE. Bijlage Onderzoek Social Media. Sander van de Rijt PTTM22

LIVE PERFORMANCE. Bijlage Onderzoek Social Media. Sander van de Rijt PTTM22 LIVE PERFORMANCE Bijlage Onderzoek Social Media Sander van de Rijt PTTM22 Inhoudsopgave Social Media onderzoek Heesakkers & Daniels bestrating 3 Wat is social media? 3 Voor- en nadelen social media 3 Voordelen

Nadere informatie

Frans de Hoyer GW Management. E-Mail Marketing (mysterye-mail) E-Mailnieuwsbrief Social media voor de Automotive. De wereld is veranderd

Frans de Hoyer GW Management. E-Mail Marketing (mysterye-mail) E-Mailnieuwsbrief Social media voor de Automotive. De wereld is veranderd Frans de Hoyer GW Management E-Mail Marketing (mysterye-mail) E-Mailnieuwsbrief Social media voor de Automotive De wereld is veranderd 1 We kopen online We plaatsen alles online 2 Dit onderdeel valt ineens

Nadere informatie

LinkedIn als marketingtool gebruiken, zo doet u dat!

LinkedIn als marketingtool gebruiken, zo doet u dat! LinkedIn als marketingtool gebruiken, zo doet u dat! Social media en content marketing gaan tegenwoordig hand in hand. Waar Facebook veel gebruikt wordt voor B2C-marketing, is LinkedIn juist meer geschikt

Nadere informatie

Onderwerp: Social Media Naam: Anton Simion : V4A & Job Vaarhorst : V4B Docent: I. van Uden

Onderwerp: Social Media Naam: Anton Simion : V4A & Job Vaarhorst : V4B Docent: I. van Uden http://www.appsmaken.nl/wp- content/uploads/socialmedia_intro.jpg Onderwerp: Social Media Naam: Anton Simion : V4A & Job Vaarhorst : V4B Docent: I. van Uden 2 Inhoudsopgave - Voorwoord - Inleiding - Deelvragen

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 2 Danique Beeks Student Advanced Business Creation Stage JH Business Promotions

Inhoudsopgave. 2 Danique Beeks Student Advanced Business Creation Stage JH Business Promotions Onderzoeksopzet Danique Beeks Studentnummer: 2054232 Advanced Business Creation Stagebedrijf: JH Busines Promotions Bedrijfsbegeleider: John van den Heuvel Datum: 12 September 2013 Inhoudsopgave Inleiding

Nadere informatie

12-1-2015 SOCIAL MEDIA PLAN NETIDENTITY. MySuperfood Priscilla

12-1-2015 SOCIAL MEDIA PLAN NETIDENTITY. MySuperfood Priscilla 12-1-2015 NETIDENTITY SOCIAL MEDIA PLAN MySuperfood Priscilla Inhoud Je bedrijf in één zin... 3 Wat wordt er over je gezegd?... 3 Formuleer de doelstellingen... 3 Analyse zoekresultaten... 3 Analyseer

Nadere informatie

Bedrijven die wegblijven van social media missen belangrijke opportuniteiten. Via sociale media kan je namelijk connecteren met je klanten, je kan

Bedrijven die wegblijven van social media missen belangrijke opportuniteiten. Via sociale media kan je namelijk connecteren met je klanten, je kan 1 2 3 Bedrijven die wegblijven van social media missen belangrijke opportuniteiten. Via sociale media kan je namelijk connecteren met je klanten, je kan het inzetten om een wow service aan te bieden, je

Nadere informatie

BLOGGIN. De relatie tussen MKB-moderetailers en modebloggers - succes ligt op de loer

BLOGGIN. De relatie tussen MKB-moderetailers en modebloggers - succes ligt op de loer BLOGGIN De relatie tussen MKB-moderetailers en modebloggers - succes ligt op de loer IN VIER STAPPEN NAAR SUCCES De komst van social media en de daarbijhorende blogs heeft het marketingcommunicatielandschap

Nadere informatie

LinkedIn. Voor Utrechtse initiatieven die bekender willen worden

LinkedIn. Voor Utrechtse initiatieven die bekender willen worden LinkedIn Voor Utrechtse initiatieven die bekender willen worden Deze informatie is opgesteld door Team 2015 Utrecht om Utrechtse initiatieven te ondersteunen bij hun PR. We verwelkomen het gebruik van

Nadere informatie

Aan de slag met Social Media

Aan de slag met Social Media Welkom Aan de slag met Social Media Programma * Kennismaken * Social Media ontwikkelingen * Netwerken * Succesverhalen * Personal Branding * Het begin * LinkedIn * Twitter * Facebook * Communiceren * Richtlijnen

Nadere informatie

Blog handleiding voor de Groenteman

Blog handleiding voor de Groenteman Blog handleiding voor de Groenteman In deze speciale bloggers handleiding voor de groenteman leest u informatie over wat dit sociale medium precies inhoudt en hoe u als groente en/of fruitspecialist een

Nadere informatie

Online Marketing. Door: Annika Woud ONLINE MARKETING

Online Marketing. Door: Annika Woud ONLINE MARKETING Online Marketing Door: Annika Woud 1 Inhoudsopgaven 1 Wat is online marketing? 2 Hoe pas je online marketing toe op een website? Hoe pas je het toe? SEO Domeinnaam HTML Google Analytics Advertenties op

Nadere informatie

Sporthuis/GoSport Roy Schungel 1570046

Sporthuis/GoSport Roy Schungel 1570046 Sporthuis/GoSport 1570046 Document Informatie Versie Datum Status Aanpassingen Getroffen pagina s 1.0 20-06-2013 Definitief Colofon Soort document: Versie: 1.0 Afstudeerscriptie Opdrachtgever: Opdrachtgever:

Nadere informatie

Check je sociale media

Check je sociale media Check je sociale media Succesvol zakelijk communiceren via sociale netwerken Heidi Aalbrecht Eric Tiggeler Pyter Wagenaar Sdu Uitgevers, Den Haag 5 Inhoud 1 Inleiding Wat zijn sociale media en wat kun

Nadere informatie

WORKSHOP. Het inrichten van een Search-vriendelijk YouTube kanaal. Copyright 2012, iprospect, Inc. All rights reserved.

WORKSHOP. Het inrichten van een Search-vriendelijk YouTube kanaal. Copyright 2012, iprospect, Inc. All rights reserved. WORKSHOP Het inrichten van een Search-vriendelijk YouTube kanaal EVEN VOORSTELLEN E: suzanne.jansen@iprospect.com PROGRAMMA» Waarom online video?» Waarom YouTube?» Waarom video search optimalisatie?» Hoe

Nadere informatie

31-10-2012. Agenda WIE IS WEBMONNIK.NL? WIE IS WEBMONNIK.NL? Wat gaan we doen? WIE IS WEBMONNIK.NL?

31-10-2012. Agenda WIE IS WEBMONNIK.NL? WIE IS WEBMONNIK.NL? Wat gaan we doen? WIE IS WEBMONNIK.NL? WIE IS WEBMONNIK.NL? Eigenaar online marketingbureau Webmonnik.nl Online marketeer Auteur en trainer Doel: bedrijven succesvoller maken met behulp van online marketing Zowel strategisch als operationeel

Nadere informatie

30 Facebook Tips Voor Meer Bezoekers, Klanten & Omzet!

30 Facebook Tips Voor Meer Bezoekers, Klanten & Omzet! 30 Facebook Tips Voor Meer Bezoekers, Klanten & Omzet! Auteur: Copyright 2011, Alle rechten voorbehouden www.tomdehaan.nl 1 Voordat je de tips gaat lezen Dit ebook is een verzameling van tips voor je Facebook

Nadere informatie

Hyves handleiding voor de Groenteman

Hyves handleiding voor de Groenteman Hyves handleiding voor de Groenteman In deze speciale Hyves handleiding voor de groenteman leest u informatie over wat dit sociale medium precies inhoudt en hoe u als groente en/of fruitspecialist Hyves

Nadere informatie

Whitepaper. 10 manieren om e-mailmarketing en social media te integreren

Whitepaper. 10 manieren om e-mailmarketing en social media te integreren Whitepaper 10 manieren om e-mailmarketing en social media te integreren 10 manieren om e-mailmarketing en social media te integreren Als jouw organisatie e-mail en social media behandelt als twee parallelle

Nadere informatie

Checklist: Facebookpagina

Checklist: Facebookpagina Checklist: Facebookpagina De Facebookpagina checklist Met plezier bieden we u deze Facebook Checklist aan. De Facebook Checklist geeft u inzicht in de mogelijkheden die Facebook biedt voor uw bedrijf.

Nadere informatie

Aan de slag met. Facebook. en Twitter!

Aan de slag met. Facebook. en Twitter! Aan de slag met Facebook en Twitter! Social media Social Media is een verzamelnaam voor alle online toepassingen waarmee het mogelijk is om informatie te delen. Dit kan in tekst (nieuws, artikelen), geluid

Nadere informatie

Etiquette op social media voor een goede persoonlijke online dialoog

Etiquette op social media voor een goede persoonlijke online dialoog Etiquette op social media voor een goede persoonlijke online dialoog voor de (zelfstandig) professional Wat doe je wel en niet op: Online Strategie *beta* Etiquette op social media voor een goede persoonlijke

Nadere informatie

Alzheimer Nederland en sociale media

Alzheimer Nederland en sociale media Alzheimer Nederland en sociale media Het gebruik van sociale netwerksites heeft de afgelopen jaren een stevige vlucht genomen. Bijna iedere Nederlander die online actief is, is verbonden aan één of meer

Nadere informatie

I.Bolluijt@hva.nl Isa_Hva (TWITTER) DLWO.DEM.HVA.NL

I.Bolluijt@hva.nl Isa_Hva (TWITTER) DLWO.DEM.HVA.NL I.Bolluijt@hva.nl Isa_Hva (TWITTER) DLWO.DEM.HVA.NL IN DE HANDLEIDING De colleges De puntenverdeling De opdrachten (3 = totaal eindcijfer) Gastsprekers Om en Om college s met Leontine Van Geffen BRONNEN

Nadere informatie

Social Media Marketing

Social Media Marketing Social Media Marketing Get Social But, How? And Where? Tom Zoethout KvK Netwerkevent 23 nov 09 2 1 Moet je sociaal meedoen op het internet? 3 Social Media Marketing Quiz Wat weet ik eigenlijk al over Social

Nadere informatie

Pedl. Campagne Plan. Arnoud Ching Wai Hirad Luc

Pedl. Campagne Plan. Arnoud Ching Wai Hirad Luc Pedl Campagne Plan Arnoud Ching Wai Hirad Luc Ivo INHOUDSOPGAVE inleiding 1 2 ons concept wie we zijn 3 4 kanalen analyse 5 6 strategieën doelstellingen 7 1 INLEIDING Onvoldoende beweging Onvoldoende lichamelijke

Nadere informatie

Hoe maak ik een Twitter-account aan?

Hoe maak ik een Twitter-account aan? Hoe maak ik een Twitter-account aan? 1. Ga naar www.twitter.nl. Klik eerst onderaan de pagina op Nederlands en de site verschijnt in onze eigen taal. Klik vervolgens op de knop Registreren. De aanmeldprocedure

Nadere informatie

Wat is Pinterest? Hier volgt een stappenplan om aan snel en efficiënt de slag te kunnen gaan met Pinterest.

Wat is Pinterest? Hier volgt een stappenplan om aan snel en efficiënt de slag te kunnen gaan met Pinterest. Handleiding Inhoud Wat is Pinterest?... 3 Stap 1: maak een account... 4 Stap 2: Maak je profiel compleet... 4 Stap 3: Maak een bord... 4 Stap 4: start met pinnen... 6 Zelf uploaden... 7 Pinner volgen...

Nadere informatie

Hoe Jij Via Social Media, Meer Leads En Klanten Krijgt.

Hoe Jij Via Social Media, Meer Leads En Klanten Krijgt. Hoe Jij Via Social Media, Meer Leads En Klanten Krijgt. Hoe$Krijg$Je$Meer$Zichtbaarheid$Via$Social$Media Inhoudsopgave Introductie! 3 Welke Sociale Netwerken?! 6 Twitter! 7 Facebook! 10 Linkedin! 12 Youtube!

Nadere informatie

Heerlijk Wonen marketing

Heerlijk Wonen marketing Heerlijk Wonen marketing Succesvol toepassen van online marketing Lambert van der Plas - Adyta Wat doet Adyta? Adyta adviseert, assisteert en dirigeert online marketing strategieën voor kleine tot middelgrote

Nadere informatie

Social media workshop

Social media workshop Social media workshop Doel van vandaag: Een introductie, wat is social media. Verdieping binnen een Facebook fanpage. Wat is Social Media Social media zijn communicatiekanalen op internet waarop informatie,

Nadere informatie

Contact opnemen: www.pithmedia.nl info@pithmedia.nl. 50 tips voor uw webwinkel!

Contact opnemen: www.pithmedia.nl info@pithmedia.nl. 50 tips voor uw webwinkel! Contact opnemen: www.pithmedia.nl info@pithmedia.nl 50 tips voor uw webwinkel! Inhoudsopgave 1. Webshop / layout... 4 2. Goede menu structuur... 4 3. USP s zichtbaar... 4 4. Een perfecte homepage?... 4

Nadere informatie

Snel van start met Twitter?

Snel van start met Twitter? Handleiding Snel van start met Twitter? Tweet, retweet en hashtag?!? Welkom op Twitter, waar nieuws uit niet meer dan 140 tekens bestaat. Volg de stap voor stap uitleg over hoe je deelt en volgt op dit

Nadere informatie

Praktische Social Media Tips 8 december 2011

Praktische Social Media Tips 8 december 2011 Praktische Social Media Tips 8 december 2011 Leon Tindemans Wie ben ik? Time To Market Leon Tindemans Oktober 2010 Herwijnen @TTMCommunicatie in/ttmcommunicatie user/ttmcommunicatie 1 Diverse klanten Al

Nadere informatie

Checklist website bouwen

Checklist website bouwen Checklist website bouwen Je wilt een website voor je bedrijf. Of de bestaande website veranderen. Een website laten maken, vraagt tijd en aandacht van je. Er zijn veel mogelijkheden en je moet in het proces

Nadere informatie

Nu jullie. Wie van jullie is er privé actief op social media? Wie heeft er bedrijfsmatig al ervaringen met het inzetten van

Nu jullie. Wie van jullie is er privé actief op social media? Wie heeft er bedrijfsmatig al ervaringen met het inzetten van Even voorstellen Ilse Klaarenbeek Online marketeer Prins Petfoods & EduPet (collega Lorenzo voor Lifestyle for pets) Verantwoordelijk voor social media, website, nieuwsbrieven en online marketingcampagnes

Nadere informatie

Online Marketing voor Siertelers. De meerwaarde van social media Inzicht in de Consument 29 juni 2015

Online Marketing voor Siertelers. De meerwaarde van social media Inzicht in de Consument 29 juni 2015 Online Marketing voor Siertelers De meerwaarde van social media Inzicht in de Consument 29 juni 2015 Arnold Wittkamp (1973) 1988-2000 Van zaterdaghulp naar Filiaalmanager Singel Bloemenmarkt Amsterdam

Nadere informatie

DE ONMISBARE HANDLEIDING VOOR SOCIAL MEDIA DEEL 1

DE ONMISBARE HANDLEIDING VOOR SOCIAL MEDIA DEEL 1 DE ONMISBARE HANDLEIDING VOOR SOCIAL MEDIA DEEL 1 Als saloneigenaar heb je veel aan je hoofd en de marketingactiviteiten van je salon zijn belangrijk. Deze handleiding toont hoe eenvoudig het kan zijn

Nadere informatie

Social Mediaprotocol

Social Mediaprotocol Social Mediaprotocol Versie: februari 2014 Voorgenomen besluit : maart 2014 Behandeld in MR : juni 2014 Inhoudsopgave Inleiding... 3 1 Social media... 4 1.1 Algemeen... 4 1.2 Inzet social media op het

Nadere informatie

Slimmer Acquisitie van Passie naar Winst in 1 jaar. 28 tips. GRATIS bezoekers naar je site zonder Google? www.slimmeracquisitie.nl

Slimmer Acquisitie van Passie naar Winst in 1 jaar. 28 tips. GRATIS bezoekers naar je site zonder Google? www.slimmeracquisitie.nl 28 tips GRATIS bezoekers naar je site zonder Google? Hieronder geef ik je een aantal van mijn slimmer acquisitie praktijken die goed werken. De tips hebben niets te maken met SEO, oftewel beter gevonden

Nadere informatie

Meer volgers en likes op Instagram

Meer volgers en likes op Instagram Cre@ctiv Webdesign, digitale marketing & grafisch ontwerp Meer volgers en likes op Instagram Industrieweg 3 3001 Haasrode (Heverlee) +32 16 40 75 65 +32 472 33 64 98 info@creactivmarketing.com Inleiding

Nadere informatie

INLEIDING My community Het kiezen van een geschikt platform Twitter Facebook Conclusie Facebook pagina en Facebook groep Facebook pagina

INLEIDING My community Het kiezen van een geschikt platform Twitter Facebook Conclusie Facebook pagina en Facebook groep Facebook pagina 2 INLEIDING My community 4 Het kiezen van een geschikt platform 4 Twitter 4 Facebook 5 Conclusie 5 Facebook pagina en Facebook groep Facebook pagina 5 Facebook groep 6 Verschillen tussen Facebook pagina

Nadere informatie

Zo ondersteun je jouw business met Facebook

Zo ondersteun je jouw business met Facebook Zo ondersteun je jouw business met Facebook Een goed begin is het halve resultaat! Graag willen wij je laten profiteren van enkele eenvoudige stappen die je kunt zetten, zodat jouw activiteiten op Facebook

Nadere informatie

@jeroennieuwstad. www.think-online.nl

@jeroennieuwstad. www.think-online.nl @jeroennieuwstad www.think-online.nl Waarde (onkopieerbare unieke toegevoegde waarde) WAAROM een website, social media of online campagne? WIE wil je bereiken? Welke interesses of behoefte heeft je doelgroep?

Nadere informatie

Social media en monitoring een handleiding voor startende groepen. Wit Communicatieadviseurs

Social media en monitoring een handleiding voor startende groepen. Wit Communicatieadviseurs Social media en monitoring een handleiding voor startende groepen Wit Communicatieadviseurs Wat is monitoring? Het zoeken naar gesprekken die relevant zijn voor jouw onderwerp, om een vinger aan de pols

Nadere informatie

Uitgangspunten Crossretail

Uitgangspunten Crossretail Uitgangspunten Crossretail Crossretail is geen kant en klare succesoplossing. U bent mede verantwoordelijk voor het slagen hiervan. Vandaag proberen wij u handvatten aan te reiken om dit te bewerkstelligen.

Nadere informatie

Nieuw relatiemanagement / SCRM

Nieuw relatiemanagement / SCRM Nieuw relatiemanagement / SCRM Deze opdracht betreft de analyse van een bedrijf/organisatie (naar eigen keuze) in relatie tot nieuw relatiemanagement, SCRM. Ik heb gekozen voor het jong bedrijf Stampix

Nadere informatie

Succesvol dankzij internet

Succesvol dankzij internet Succesvol dankzij internet Gratis workshop voor Ondernemend Roombeek Enschede 24-4-2012 Jorik Heins Deze presentatie komt online beschikbaar op www.marketingman.nl/presentatie Vanavond Wat is een goede

Nadere informatie

Ook de weg kwijt in Online Marketing?

Ook de weg kwijt in Online Marketing? Ook de weg kwijt in Online Marketing? Welke sociale media zijn zinvol voor mijn bedrijf? Hoe blijf ik up-to-date? aanpassing 15-03-2015 Wat zijn sociale media? Sociale media is een verzamelbegrip voor

Nadere informatie

Facebook voor beginners: aan de slag met een Facebook Bedrijvenpagina.

Facebook voor beginners: aan de slag met een Facebook Bedrijvenpagina. Facebook voor beginners: aan de slag met een Facebook Bedrijvenpagina. Auteur: Alle rechten voorbehouden 2012 Inhoud Introductie... 3 Wat is een bedrijvenpagina eigenlijk?... 4 Het aanmaken van een Facebook

Nadere informatie

Inbound Marketing Expertise

Inbound Marketing Expertise Sagamore Inbound Marketing Expertise Content- en Social Media Plan Template Sagamore 1-12 Content en Social Media plan Het stappenplan 1. Identificeer de contentparels 2. Doel van de boodschap vaststellen

Nadere informatie

Om Facebook, Twitter, Instagram en LinkedIn zakelijk goed te kunnen inzetten, organiseren wij de onderstaande 3 workshops.

Om Facebook, Twitter, Instagram en LinkedIn zakelijk goed te kunnen inzetten, organiseren wij de onderstaande 3 workshops. Social media zijn niet meer weg te denken in de huidige wereld. De ontwikkelingen gaan razend snel en de mogelijkheden zijn onbegrensd. We hebben allemaal wel een Facebook, Twitter of Linkedin account.

Nadere informatie

Werkplan social media

Werkplan social media Werkplan social media Soorten Social media voor sportverenigingen Facebook, de mogelijkheden: Officieel is het niet toegestaan om onder de 13 jaar een Facebook account aan te maken. Maar in de praktijk

Nadere informatie

Clixmaster Studio & Social Media / Communities

Clixmaster Studio & Social Media / Communities 1/23 Clixmaster Studio & Social Media / Communities Version management Based on Clixmaster Studio R.5.2 Date Version Changed 16/02/2010 1.0 Final R5.1 16/04/2010 1.1 Revision R5.1 19/04/2010 1.2 Optimized

Nadere informatie

Aan de slag met social media voor jouw praktijk

Aan de slag met social media voor jouw praktijk Aan de slag met social media voor jouw praktijk Social media zijn online platformen, waarbij de gebruikers de inhoud verzorgen. Kenmerken zijn laagdrempelig, interactie en delen. Gebruik het in je bedrijf

Nadere informatie

Woord vooraf. Deze handleiding geeft je inzichten in hoe SEO werkt en wat je moet doen om resultaat te behalen.

Woord vooraf. Deze handleiding geeft je inzichten in hoe SEO werkt en wat je moet doen om resultaat te behalen. Woord vooraf Een goede zoekmachine optimalisatie strategie gaat uit van een langere termijn commitment. SEO (search engine optimization) is niet iets wat je zomaar kunt implementeren. Er is een duidelijke

Nadere informatie

C. Social Media Beleid in enkele stappen

C. Social Media Beleid in enkele stappen C. Social Media Beleid in enkele stappen 1. Stel doelen op! Je bent nu klaar met het instellen van Facebook en Twitter. Om jezelf een duidelijk beeld te stellen van wat je wilt bereiken met je Social Media

Nadere informatie

Zo doet u mee aan de campagne via social media

Zo doet u mee aan de campagne via social media Zo doet u mee aan de campagne via social media Heel veel praktijken hebben een eigen website, Facebookpagina, LinkedIn-profiel, Twitter-kanaal of YouTube. Maakt u ook gebruik van social media? Met al die

Nadere informatie

Hoe bouw ik een goede website?

Hoe bouw ik een goede website? Hoe bouw ik een goede website? Inleiding Stel, u heeft een eigen bedrijf en u wilt een website. U hebt gezien dat u zelf een site kunt bouwen met behulp van gratis tools die sommige providers aanbieden.

Nadere informatie

welkom SOCIAL MEDIA WORKSHOP

welkom SOCIAL MEDIA WORKSHOP welkom SOCIAL MEDIA WORKSHOP EVEN VOORSTELLEN. WIE? NICOLE ADRIAENS EVENTORGANISATOR SOLOPRENEUR SOCIAL MEDIA FREAK BEDRIJF? BIZZIBEE EVENTS BIZZIBEE SOCIAL MEDIA BIZZIBEE BUSINESS SUPPORT WAT DOE IK?

Nadere informatie

GO SOCIAL! Het e-boek en de uitgeverij als sociaal netwerk.

GO SOCIAL! Het e-boek en de uitgeverij als sociaal netwerk. GO SOCIAL! Het e-boek en de uitgeverij als sociaal netwerk. Wie zijn wij? Overcommunicatief Social Media Fanatic Shop-a-holic Boekenwurm Heeft identieke tweelingzus Marketing Manager E- communicatie en

Nadere informatie

Social Media zakelijk gebruiken

Social Media zakelijk gebruiken Social Media zakelijk gebruiken KENNISSESSIE 7 NOVEMBER 20 13 Welkom SMO2 Agenda 14.00 Ontvangst 14.15 Introductie 14.35 Social media in de praktijk: Dirkzwager advocaten en notarissen Zytec International

Nadere informatie

10 FACEBOOK TIPS VOOR BEDRIJVEN

10 FACEBOOK TIPS VOOR BEDRIJVEN 10 FACEBOOK TIPS VOOR BEDRIJVEN Introductie Social media wordt steeds vaker door bedrijven gebruikt om beter contact met hun klanten te krijgen en uiteindelijk meer inkomsten te realiseren. Facebook is

Nadere informatie

SOCIAL MEDIA: : WAAR STA IK? START DOOR MARJA HORSTMAN - MEER MET ONLINE

SOCIAL MEDIA: : WAAR STA IK? START DOOR MARJA HORSTMAN - MEER MET ONLINE : : WAAR STA IK? START : : WAAR STA IK? BEN JE AL BEKEND MET SOCIAL MEDIA? : : WAAR STA IK? BEN JE ZELFVERZEKERD IN HET GEBRUIKEN VAN SOCIAL MEDIA VOOR JOUW BEDRIJF? 1 DE SOCIAL MEDIA BASIS BEGINNEN MET

Nadere informatie

Jongeren & Nieuwe Media Dag van de opvoeder

Jongeren & Nieuwe Media Dag van de opvoeder Jongeren & Nieuwe Media Dag van de opvoeder 04-02-2014 Goedemorgen! Mediaraven? Mediaraven vzw grijptde kansen van digitale mediamét kinderen, jongeren en het brede jeugdwerk. Met onze ervaringen expertisecreëren

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 1 van 11

Inhoudsopgave. 1 van 11 Inhoudsopgave Leerlingen werven was nog nooit zo makkelijk... 2 Hoe komen we aan meer leerlingen? 2 Door wie wordt de schoolkeuze beïnvloed?. 2 Door wat wordt de schoolkeuze beïnvloed?...2 Hoe komen ouders

Nadere informatie

Beginnen met sociale media. E-learning Week van de Acupunctuur

Beginnen met sociale media. E-learning Week van de Acupunctuur Beginnen met sociale media E-learning Week van de Acupunctuur Inhoudsopgave 1) Over sociale media 2) Waarom sociale media? 3) Beginnen met Facebook en Twitter 4) Inspiratie 5) Sociale mediaplan maken 1)

Nadere informatie

77 De. facts & figures. het bereik van ons portfolio staat

77 De. facts & figures. het bereik van ons portfolio staat Hot Pink Media blijft zich als online blogger/influencers netwerk met een bereik van 8,6 miljoen per maand continue ontwikkelen. Met de lancering van het mannenlabel & ons travel channel verbreed Hot Pink

Nadere informatie

Sociale Media voor iedereen. Seniorentraining Utrecht Mei 2014

Sociale Media voor iedereen. Seniorentraining Utrecht Mei 2014 Sociale Media voor iedereen Seniorentraining Utrecht Mei 2014 Programma Van Tot Agenda 10:00 10:30 Voorbereiding training en zaal (/apparatuur) 10:30 11:00 Ontvangst Samsung trainers 11:00 11:30 Ontvangst

Nadere informatie

10 Toetsen en bijsturen

10 Toetsen en bijsturen 10 Toetsen en bijsturen 1. Je Pinterest doelen halen Je Pinterest strategie is succesvol als hij ervoor zorgt dat je je Pinterest doelen behaalt. De enige manier om te ontdekken of dat zo is, is door te

Nadere informatie

LinkedIn handleiding voor de Groenteman

LinkedIn handleiding voor de Groenteman LinkedIn handleiding voor de Groenteman In deze speciale LinkedIn handleiding voor de groenteman leest u informatie wat dit sociale medium precies inhoudt en hoe u als groente en/of fruitspecialist LinkedIn

Nadere informatie

PRdesQ info sheet. De razendsnel veranderende wereld van communicatie, PR en marketing eist een andere manier van werken om succesvol te kunnen zijn.

PRdesQ info sheet. De razendsnel veranderende wereld van communicatie, PR en marketing eist een andere manier van werken om succesvol te kunnen zijn. PRdesQ is ontstaan uit frustratie. Wij konden geen online gereedschap vinden die tegen een faire prijs gebruikmaakt van de moderne PR mogelijkheden. De razendsnel veranderende wereld van communicatie,

Nadere informatie

Hoe moet ik mij aanmelden bij Twitter? Overtuigd van het feit dat Twitter voor u als molenaar veel kan betekenen? Tijd om een account aan te maken

Hoe moet ik mij aanmelden bij Twitter? Overtuigd van het feit dat Twitter voor u als molenaar veel kan betekenen? Tijd om een account aan te maken Waarom Twitter inzetten? Laat je volgers weten waar je molen mee bezig is en waar ze jouw molen voor kunnen inschakelen. Zoek de interactie met je volgers. Vraag ze om raad, ervaringen met jouw bedrijf

Nadere informatie

Mediawijsheid: digitaal aan de slag in het onderwijs!

Mediawijsheid: digitaal aan de slag in het onderwijs! Mediawijsheid: digitaal aan de slag in het onderwijs! Informatie avond over mediawijsheid/sociale media op school Media zijn voor kinderen en jongeren de gewoonste zaak van de wereld. Ze nemen informatie

Nadere informatie

WORKSHOP. Adverteren binnen sociale media: het samenstellen van de optimale mix. Copyright 2012, iprospect, Inc. All rights reserved.

WORKSHOP. Adverteren binnen sociale media: het samenstellen van de optimale mix. Copyright 2012, iprospect, Inc. All rights reserved. WORKSHOP Adverteren binnen sociale media: het samenstellen van de optimale mix EVEN VOORSTELLEN E rob.de.bruyn@iprospect.com Fb www.facebook.com/robbruyn T @robbruyn In www.linkedin.com/in/robdebruyn AGENDA»

Nadere informatie

ZAKELIJK TWITTEREN KUN JE GEBRUIKEN VOOR VERSCHILLENDE DOELEN.

ZAKELIJK TWITTEREN KUN JE GEBRUIKEN VOOR VERSCHILLENDE DOELEN. ZAKELIJK TWITTEREN KUN JE GEBRUIKEN VOOR VERSCHILLENDE DOELEN. In de eerste plaats om in contact te komen met anderen met dezelfde interesses. Twitter is erg geschikt om snel met elkaar van gedachten te

Nadere informatie

(VIDEO) Review ZEEF Wat is ZEEF en wat kan je hiermee?

(VIDEO) Review ZEEF Wat is ZEEF en wat kan je hiermee? Inhoud Inleiding Voor Wie is ZEEF? Wat kan ik op ZEEF vinden? Hoe werkt ZEEF voor een bezoeker? Hoe werkt ZEEF voor een expert? Voordelen ZEEF Nadelen ZEEF Conclusie ZEEF Eigen ervaringen met ZEEF Bronnen

Nadere informatie

Adviesrapport online reputatiemanagement, geschreven door Lars Martens

Adviesrapport online reputatiemanagement, geschreven door Lars Martens Adviesrapport online reputatiemanagement, geschreven door Lars Martens Inleiding: Elke organisatie heeft een interne en externe reputatie. Elk bedrijf dient het internet te monitoren op publiciteit rondom

Nadere informatie

TravelNext LOBKE ELBERS @LOBKEELBERS

TravelNext LOBKE ELBERS @LOBKEELBERS TravelNext LOBKE ELBERS @LOBKEELBERS Intro Lobke Elbers @lobkeelbers lobke@travelnext.nl Community manager Content schrijver Online marketing Blogger Kansenzoeker Samenwerker Gastdocent NHTV Nijmegen www.travelnext.nl

Nadere informatie

Het Online Marketingplan. Het Social Media Plan als onderdeel van het Marketing Plan

Het Online Marketingplan. Het Social Media Plan als onderdeel van het Marketing Plan Het Online Marketingplan Het Social Media Plan als onderdeel van het Marketing Plan 1 Wil je een online marketingplan voor jouw organisatie beschrijven? In dit document vind je de opzet voor zo n plan.

Nadere informatie

Veel leesplezier gewenst! Met ondernemende groet, Bram van Dam Student Small Business & Retail Management. 30 mei 2012.

Veel leesplezier gewenst! Met ondernemende groet, Bram van Dam Student Small Business & Retail Management. 30 mei 2012. return on investment marketing viral sociale behoeftes Doelgroep Social Media Voor de kleine ondernemer Voorwoord Na veel over social media te hebben gelezen, verschillende presentaties te hebben bijgewoond

Nadere informatie

Volgens Nederland. Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea. 15 november 2012. Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz

Volgens Nederland. Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea. 15 november 2012. Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz Volgens Nederland Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea 15 november 2012 Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz Achtergrond Volgens Nederland Nederland kent een aantal belangrijke maatschappelijke

Nadere informatie

Deelnemers... 8. Marketing & organisatie... 11. Online marketing in de praktijk... 15. Kennis & belang van online marketing... 26

Deelnemers... 8. Marketing & organisatie... 11. Online marketing in de praktijk... 15. Kennis & belang van online marketing... 26 Deelnemers... 8 Sectoren... 8 Functies... 9 Grootte van de zorginstellingen... 0 Marketing & organisatie... Medewerkers... Budgetten voor online marketing... 2 Online marketing in de praktijk... 5 Toepassing

Nadere informatie

Social media. Anna Van Meensel

Social media. Anna Van Meensel Social media Anna Van Meensel Hi! Welkom. Anna Van Meensel - Producer nieuwe media - Projectmanager webbureau - Digitale media bij VLAM - Brussel Wie zijn jullie? Doelstelling workshop Inleiding social

Nadere informatie

How to use Social Media in events

How to use Social Media in events Michael Vromans Http://www.linkedin.com/pub/michael-vromans/12/99a/618 "We are a creative agency & digital production company and we love to build custom products that last" Liefdevol producten maken die

Nadere informatie

KBP Relatiedag. Digitale trends en ondernemen met Social Media. 17 september 2015

KBP Relatiedag. Digitale trends en ondernemen met Social Media. 17 september 2015 KBP Relatiedag Digitale trends en ondernemen met Social Media 17 september 2015 FACEBOOK LINKEDIN TWITTER OPLEIDING EVENTS ONLINE CAMPAGNES EVENTS Social Media Training & Advies Social Media Expert Businesscoach

Nadere informatie

www.necker.nl http://www.slideshare.net/neckervannaem GEBRUIK VAN SOCIAL MEDIA IN CAMPAGNETIJD

www.necker.nl http://www.slideshare.net/neckervannaem GEBRUIK VAN SOCIAL MEDIA IN CAMPAGNETIJD www.necker.nl http://www.slideshare.net/neckervannaem GEBRUIK VAN SOCIAL MEDIA IN CAMPAGNETIJD Programma van vanavond 1. Waar wilt u social media voor gebruiken? 2. Hoe krijgt u meer volgers? 3. Hoe kunt

Nadere informatie

Hoe gebruikt u Google, Bloggen en Social Media om online goed gevonden te worden?

Hoe gebruikt u Google, Bloggen en Social Media om online goed gevonden te worden? Webinar Social Media Marketing Hoe gebruikt u Google, Bloggen en Social Media om online goed gevonden te worden? Bram van Ast TeamForce Online Marketing Solutions Bazoon Marketing Services Welkom en Introductie

Nadere informatie

9 redenen waarom jouw website geen klanten oplevert.

9 redenen waarom jouw website geen klanten oplevert. 9 redenen waarom jouw website geen klanten oplevert. Introductie Een goed ingerichte website met een goed uitgevoerde marketingstrategie is het ideale marketing tool voor ondernemers. Een goede website

Nadere informatie

Zet u Social Media recruitment in voor uw wervingstraject?

Zet u Social Media recruitment in voor uw wervingstraject? Zet u Social Media recruitment in voor uw wervingstraject? Facebook pagina LinkedIn bedrijfspagina Google+ pagina Social Media Totaalpakket Uw eigen Facebook Uitgebreide service- en Cover image. bedrijfsgegevens.

Nadere informatie