Syllabus artroscopiecursus 2: Basiscursus artroscopie van de knie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Syllabus artroscopiecursus 2: Basiscursus artroscopie van de knie"

Transcriptie

1 Syllabus artroscopiecursus 2: Basiscursus artroscopie van de knie Doel: Deze cursus beoogt met behulp van een anatomisch preparaat, de eerste artroscopische vaardigheden en weefsel gevoel te instrueren. En geeft de deelnemers uitgebreid de kans de artroscopische techniek en anatomie van de knie te leren Opbouw: De cursus is opgebouwd uit presentaties en twee hands on sessies. De presentaties behandelen: 1. Omgang met instrumenten en audiovisuele hulpmiddelen. 2. Portals en Techniek 3. Fysische diagnostiek en indicatie stelling 4. State of the art behandel opties. Hands on: Het eerste hands on gedeelte is een oefening met volwaardige artroscopie torens en instrumenten. Leerdoelen hierbij zijn: 1. Herkennen van anatomische landmarks 2. Maken van de juiste portals 3. Het goed hanteren van de scopische horizon en kijkrichting 4. Oefenen van stereotactiek 5. Aan de hand van de checklist uitvoeren van een diagnostische artroscopie zonder iatrogene schade te veroorzaken 6. Het veilig gebruiken van instrumenten en shaver 7. Verwijderen corpus liberum 8. Een eenvoudige partiele meniscectomie uitvoeren. In het tweede deel van het hands on gedeelte wordt, aan de hand van de dissectie van het preparaat, de relatie tussen artroscopisch handelen en de anatomie belicht.

2 INSTRUMENTEN EN AUDIOVISUELE MIDDELEN VOOR DE ARTROSCOPIE H van der Hoeven BEELDVORMING Voor de beeldvorming bij de artroscopische chirurgie zijn de volgende elementen nodig: 1. artroscoop 2. lichtbron en kabel 3. camera, monitor 4. beeldregistratie artroscoop Er zijn vele typen artroscopen beschikbaar, zowel wat betreft diameter, lenshoek en lengte. De gangbare diameters zijn 2,7 (voor pols, elleboog, enkel, subtalair MTP 1, etc) en 4,5 mm ( schouder, elleboog, heup, knie en enkel ). De 1,9 mm scoop is te fragiel gebleken en wordt voornamelijk gebruikt voor het kaakgewricht. De meest gebruikte lenshoek is 30. Daarnaast worden wel de scopen met een hoek van 0 resp. 70 gebruikt. Vooral de 70 scoop heeft voordelen als onder een wat meer scherpe hoek gekeken moet worden, zoals inspectie van de achterhoorn en de meniscus via de route langs de kruisbanden achter de knie. Als in de dagelijkse praktijk echter een camerahoes wordt gebruikt is het wisselen van de artroscoop lastig. Er worden 2 typen lenzen in artroscopen gebruikt: achromatische lenzen en staafvormige Lenzen, de laatste zijn langzamerhand de standaard lenzen voor artroscopen. De distale lens (het oculair) is van optisch glas van saffier vervaardigd. De arbeidsinspectie heeft in Nederland de Cidex als desinfectans voor instrumentarium op de O.K. alleen toegestaan onder strenge voorwaarden w.b. het afzuigen van de Cidex dampen. Waarschijnlijk zal over niet al te lange tijd de Cidex door de Inspectie van de Volks- Gezondheid eveneens worden afgekeurd omdat het instrumentarium door de Cidex ( glutaaraldehyde ) niet wordt gesteriliseerd. Vele ziekenhuizen zijn daarom al overgestapt op autoclaveerbare artroscopen. De industrie heeft hierop ingespeeld en in toenemende mate zijn autoclaveerbare artroscopen op de markt verschenen.

3 De belangrijkste verschillen met de niet-autoclaveerbare scopen zijn: het type lens: bij de autoclaveerbare worden saffieren lenzen gebruikt. De sealing van de lenzen: De niet autoclaveerbare lenzen: 0 ringen en cement De autoclaveerbare lenzen: laser of soldeer. Type oogstuk: bij de autoclaveerbare scopen wordt materiaal gebruikt wat bestand is tegen hoge temperaturen. Tot nu toe is gebleken, dat de levensduur van autoclaveerbare artroscopen beduidend korter is dan van niet autoclaveerbare scopen: de lichte transmissie neemt evenredig met het aantal malen steriliseren tamelijk snel af. Flexibele scopen zijn in de orthopedie nooit zo populair geworden; wellicht zouden ze in sommige gewrichten een toegevoegde waarde kunnen hebben, zoals in de heup of achter in de enkel. De miniscopen, ofwel office scopen zijn evenmin erg gepopulariseerd. de lichtbron en lichtkabel De huidige lichtbronnen produceren hogere licht intensiteit ( watt lichtbron) teneinde een helder beeld op de monitor te krijgen. Als er zonder camera gescopieerd wordt (direct kijken in de artroscoop) is minder fel licht noodzakelijk. De moderne lichtbronnen hebben in combinatie met het televisiesysteem (camera en monitor) een automatische lichtregeling. De lichtbron heeft geen eeuwige levensduur, met de tijd neemt de hoeveelheid lichtintensiteit af. Het oog past zich daarbij redelijk aan, het valt pas op als de printjes of videobeelden veel donkerder zijn. De lichtkabels zijn in 2 typen leverbaar: glasvezel kabel of vloeistofkabel. De laatste zijn kwalitatief veel beter en duurzamer doch ook vele malen duurder. Nadelen van de glasvezelkabel zijn: glasvezelbreuk door knikken van de kabel per 30 cm lichtkabel treedt er 8% lichtverlies op: een kabel van 2 meter geeft dus een lichtverlies van ongeveer 50%. Het is dus zinvol om regelmatig de kabels te testen op hoeveelheid functionerende glasvezels. Er zijn meerdere typen adapters tussen lichtkabel en artroscopen, afhankelijk van het type scoop. Deze adapters veroorzaken eveneens lichtverlies.

4 de camera Sinds de introductie van de camera is artroscopische chirurgie aanzienlijk gebruikersvriendelijker geworden: geen rugbelastende houdingen om door de scoop te kijken, de overige aanwezigen op de O.K. kunnen meekijken. Het onderwijs in de artroscopische chirurgie is daardoor ook beter mogelijk. Meestal is de camera een op zich zelfstaand instrument, dat bevestigd moet worden aan de artroscoop. Tegenwoordig worden beide onderdelen ook als een geheel geleverd, de zogenaamde videoscoop. Van de camera worden twee signalen doorgeleid: zwart/wit signaal verantwoordelijk voor: contour, contrast, signaal ruisverhouding kleur signaal In de oudere videosystemen (NTSC) worden beide signalen via 1 co-axiale kabel geleid, Waardoor er een mindere resolutie van het beeld ontstaat en tevens de kleurkwaliteit te wensen overliet, Het S-VHS systeem heeft de geleiding van beide signalen gescheiden via 2 co-axiale kabels, waardoor een helderder beeld en betere kleur reproductie ontstaat. Waar de meeste camera s tot op heden voorzien zijn van 1 chip bestaan de nieuwere camera s uit 3 chips. De chip of CCD(Charged Coupie Device) is de belangrijkste component van het videosysteem: het is een siliconenplaat, die lichtenergie omzet in elektrische energie. De chip is opgebouwd uit pixels (picture element), welke de energie absorberen en doorleiden. Er worden tegenwoordig camera s geproduceerd met een groot aantal pixels, doch als de monitor niet een dergelijk aantal pixels heeft is de waarde van een dergelijke camera weer betrekkelijk. De 3-chip camera wordt gebruikt in combinatie met net RGB systeem, waarbij elke kleur (rood, groen of blauw) via een eigen coaxiale kabel wordt geleid. Het nieuwste videosysteem is het Component Video Systeem, waarbij de 3 kleuren en het zwart wit signaal via een aparte coaxiale kabel worden geleid. TIPS: het is belangrijk te realiseren, dat de camera tijdens het gebruik zo gedraaid moet worden, dat er voortdurend een horizontaal beeld blijft bestaan. De artroscoop is het instrument, dat rondgedraaid kan worden om alle hoeken van het gezichtsveld te bekijken.

5 De beeldregistratie Verschillende mogelijkheden staan tot onze beschikking om de artroscopiebeelden vast te leggen: 35 mm foto camera In de beginfase van de artroscopie werd een fototoestel direct aangesloten op de artroscoop. Hoewel hiermee goede beelden werden verkregen, is de procedure, is de procedure bewerkelijk en wordt eigenlijk niet meer toegepast. Video Door tussen schakeling van een videorecorder tussen camera en monitor kunnen vrij eenvoudig videobeelden en eventueel ook geluid worden vastgelegd. Naast educatieve aspecten, en patiëntenvoorlichting zullen er in toenemende mate medico-legale redenen worden aangevoerd om de artroscopie beelden vast te leggen. De meeste camera s zijn tegenwoordig uitgerust met afstandsbediening, die facultatief kan worden gebruik voor de bediening van de video of microfoon. Videoprints Eveneens kan een videoprinter tussen de camera en monitor worden aangesloten, en kunnen van essentiële momenten tijdens de ingreep printjes worden gemaakt. Er is een groot aanbod op deze markt, waarbij niet altijd, dat duurder ook beter is. Hoewel de kwaliteit van de beelden niet zo goed is als de 35 mm dia s kunnen van deze beelden in het algemeen uitstekende dia s worden gemaakt voor presentatiedoeleinden. Computer beelden Analoge beelden, wat de gewone opnamebeelden zijn, kunnen worden omgezet in digitale beelden, waarna deze kunnen worden opgeslagen op diskettes. Ook op dit gebied gaan de ontwikkelingen snel. Het aantrekkelijke van dit systeem is, dat de beelden worden opgeslagen op diskette of harde schijf, kunnen worden aangepast en eventueel van tekst worden voorzien voordat er dia s van worden gemaakt. Met de huidige techniek kunnen met behulp van een portable computer en een LCD scherm de beelden van de diskette direct worden geprojecteerd. Via een modem zal het in de nabije toekomst mogelijk zijn beelden direct over te brengen naar een ander computer waar ook te wereld.dit geldt ook voor de videobeelden (DVD)

6 Gewrichtsdistensie Waar voorheen nog wel gas (C02) werd gebruikt om het gewricht te distenderen, wordt tegenwoordig bijna uitsluitend vocht gebruikt. Alternatieve spoelvloeistoffen zijn: - ringer lactaat (meest vriendelijk voor het kraakbeen) - glycine - fysiologisch zout (geeft bij intra-articulaire coagulantia wat meer zoutkristal neerslag) Facultatief kan adrenaline worden toegevoegd om bloedverlies te beperken. De voorgeschreven dosering is 1 mg (1000 U) per 3 liter. Vochttoediening dient via een toevoersysteem met ruime diameter plaats te vinden, teneinde van een voldoende flow verzekerd zijn. Bij voorkeur worden twee 3 literzakken gebruikt, met een Y-vormig toedieningssysteem, waarbij dan elke zak na elkaar gebruikt wordt om continuïteit in de vochttoevoer te garanderen. Tijdens de meeste artroscopische ingrepen wordt vocht toegediend via een aparte wijde canule, omdat de toevoer via dezelfde schacht als waarvoor de scoop wordt gebruikt gezien het kleine kaliber soms onvoldoende is. Voor een optimale beeldvorming is vochtinvoer op de plaats waarin het gewricht ook gekeken wordt vanzelfsprekend beter. Er zijn meerdere vormen van druk achter de vochttoevoer mogelijk: zwaartekracht: de zak wordt zo hoog mogelijk opgehangen: voor kleinere ingrepen goed bruikbaar, voor langer durende ingrepen lastig voor het OK-personeel. Zwaartekracht: met drukzak, eventueel drukpomp (tourniquet pomp). Een goedkoop alternatief voor de artroscopie pomp; de druk in het gewricht is echter minder goed te reguleren, in feite wordt de flow gereguleerd. artroscopie pomp: met de huidige pompen kan zowel de druk als de flow in het gewricht gereguleerd worden. Naast de toevoer dient ook aandacht te worden besteed aan de afvoer. Een adequaat afzuigsysteem, bij voorkeur met een of andere vloermat met afsluiting op een afzuigsysteem is handig. Instrumenten: Er zijn in de loop van de tijd vele instrumenten ontwikkeld om de artroscopische chirurgie mogelijk te maken:

7 Canules Deze worden gebruikt voor vocht toe- of afvoer of als entree voor de scoop c.q. instrumenten. Vooral bij een ruimere wekedelen mantel rondom het gewricht is het instrumenteren via een canule eenvoudiger. ER zijn zowel duurzame metalen als disposable plastic canules op de markt. Om een canule in een nieuwe portal te plaatsen kan een z.g. switch stick handig zijn. Tasthaak Een absoluut onmisbaar instrument voor intra-articulaire diagnostiek, verlengstuk van ons vingers en ogen.

8 Schaartjes en punches Er is een zeer groot aanbod van dergelijke instrumenten op de markt. De schaartjes zijn obsoleet geworden, vanwege de snelle slijtage, de ponstangetjes zijn mechanisch steviger. In de praktijk is een klein aantal meer dan voldoende, elke arthroscopist ontwikkeld in het algemeen zijn eigen voorkeur. Paktangen Een noodzakelijk instrument, zowel een kleine als grote zijn onmisbaar. Hapzuigtangen Voor de introductie van de shaver veel gebruikte instrumenten voor resectie van b.v. meniscus weefsel, met direct afzuigen daarvan. Zowel met een kleine als wel grote diameter beschikbaar. Elektrische hulpapparatuur: Shaver Sinds de introductie van de shaver is artroscopische chirurgie aanzienlijk efficiënter geworden, doch in een zeker opzicht moeilijker. Een niet adequaat gebruik van de shaver kan zeer veel schade berokkenen aan zowel ander instrumentarium, zoals de scoop als aan het gewricht, met name het kraakbeen. Voor kleine gewrichten is een mini shaver beschikbaar, veelal wordt de maxi shaver gebruikt voor de gangbare gewrichten. Bij de aanschaf van een shaver dient op de volgende modaliteiten gelet worden: - kracht - snelheid - handvoetbediening (met name het bedieningsgemak) - oscilleren (met name de omloopsnelheid) - eventueel connectie met pompbediening. Er wordt meestal een groot assortiment blades aangeboden; ook hierbij geldt dat met een klein aantal goed gewerkt kan worden: een full radius resector en een frees met varianten daarop naar ieders voorkeur zijn meestal voldoende. Naast de reusable zijn er disposable blades beschikbaar. In de praktijk is er niet veel verschil in kosten van beide typen. Coagulatie Er zijn speciale artroscopie tips beschikbaar voor de gangbare diathermia apparaten ( zoals Valley Lab ). De tips dienen goed

9 geïsoleerd te zijn, zodat er alleen een klein stukje metaal bloot is ( ongeveer 2 mm ). Laser Er is de laatste jaren veel ervaring opgedaan met laserappatuur. In de artroscopie is de Holmium-Yag de meeste toegepaste. De laser kan zowel als instrument gebruikt worden, bijvoorbeeld bij resectie van meniscus weefsel, als wel door zijn specifieke eigenschappen een toegevoegd waarde hebben, bijvoorbeeld de kapselschrompeling bij een hyperlax schouder gewricht of de aan de laser toegedichte mogelijkheid van kraakbeen regeneratie (beiden experiment). Gezien de hoge kosten en de geringe toegevoegde waarde nog geen standaard instrument. Recenter is het gebruik van radiofrequentie, waarbij met uni-of bipolaire probs weefsel wordt verhit tot 60º à 70º. Bij het verhitten van collageen, zoals bijvoorbeeld bij kapselschrompeling in de schouder, raken de dwarsverbindingen van deze collageenweefsels verloren waardoor het weefsel schrompelt. De klinische waarde van deze apparatuur moet nog worden bewezen. Bij de aanschaf van al deze mogelijke apparatuur geldt het adagium: TRY BEFORE YOU BUY En realiseer, dat bij de artroscopische chirurgie geldt dat, zonder dat er schade aan andere weefsels wordt toegebracht, het beeld en de pathologie bij elkaar gebracht dienen te worden. Geduld is daarbij een nuttige eigenschap. En tenslotte: CHIRURGIE VIA EEN KLEIN GAATJE IS NIET PER DEFINITIE KLEINE CHIRURGIE Literatuur: John B. McGinty, Editor. Operative Arthroscopy. 2nd edition. Lippincot-RavenPublishers, 1996 Lanny L. Johnson. Diagnostic and Surgical Arthrosopy of the Shoulder. Mosby, 1993

10 Portals en Techniek Ewoud van Arkel De artroscopie van de knie kan via meerdere methoden worden uitgevoerd. De techniek is acceptabel wanneer de intra-articulaire structuren grondig en betrouwbaar in beeld kunnen worden gebracht, zonder dat er iatrogene schade wordt aangebracht. Daarnaast moet de methode overdraagbaar en reproduceerbaar zijn. Algemeen De ingreep wordt bijvoorkeur onder algehele narcose of regionale anaesthesie uitgevoerd. De operatietafel moet geschikt zijn om met afhangend been te kunnen opereren. Nadat de patient anesthesie heeft gekregen en voordat met het desinfecteren wordt begonnen, behoort de knie stabiliteit te worden onderzocht. Soms kan bijvoorbeeld worden waargenomen dat ene extensie beperking verdwijnt nadat de anesthesie is gegeven. Een pivot shift die op de polikliniek niet op te wekken is kan onder anesthesie wel zichtbaar worden. Na het testen van de knie kan met het positioneren, desinfecteren en steriel afdekken worden begonnen. De vochttoevoer kan geschieden via "low or high flow" systemen. Bij een low flow systeem wordt de vloeistofzak (0,5-1,0 of 3,0 liter zak) tenminste 1 meter boven knie hoogte opgehangen. High flow systemen zijn; een vloeistofzak met drukzak of een artroscopie pomp. De artroscopie pomp is voor de routine artroscopie van de knie niet nodig. Als spoelvloeistof wordt fysiogisch zout. Ringers-oplossing kan ook worden gebruikt maar als dan een zogenaamd radiofrequency device wordt gebruik zal het RF device niet werken het heeft de zout ionen nodig voorgeleiding. Daarom heeft het als standaard gebruiken van fysiologisch zout de voorkeur. De operateur is verantwoordelijk voor de gebruikte spoelvloeistof. Controleer of de juist spoelvloeistof wordt gebruikt. Er is casuistiek beschreven waar per abuis chloorhexidine als spoelvloeistof werd gebruikt, met desastreuze gevolgen voor het gewrichtskraakbeen als gevolg. Ligging De patiënt ligt in rugligging met afhangend been, waarbij het been in een beenhouder is geplaatst. De beenhouder bevindt zich een handbreedte boven de patella, gemeten met gestrekt been. Voordat het been in de beenhouder wordt geplaatst, wordt de knie onder narcose getest. Daarna wordt de bloedleegteband hoog om het bovenbeen aangebracht. In verband met efficientie wordt het been bloedleeg gemaakt met het "condoom". Hierbij wordt het been in flexie

11 gehouden, om meer ruimte patellofemoraal te krijgen. De bloedleegteband wordt opgepompt tot 350 mmhg. Vochttoevoer Na bloedleegte, joderen en steriel afdekken wordt de vochttoevoer canule ingebracht. Er zijn canules waarbij de toe-en afvoer van de spoelvloeistof via de artroscopie canule loopt. Wanneer dit niet via de artroscopie canule kan, wordt superomediaal een canule ingebracht. Met gestrekt been wordt ter hoogte van de bovenpool van de patella superomediaal een steekincisie gemaakt. De canule met stompe trocar wordt gericht op de grens bovenpool patella / bursa superopatellaris. De middelvinger wordt gebruikt om af te steunen op het bovenbeen, om zo door schieten te voorkomen. Superomediaal heeft de voorkeur omdat er meer ruimte is en dus minder kans op iatrogene schade. Portals De superomediale portal is al besproken. Voor de routine knie artroscopie zijn nog nodig de anterolaterale en anteromediale toegang. Additionele toegangswegen kunnen nodig zijn voor het uitvoeren van een totale synovectomie, het verwijderen van een in de knieholte gelegen corpus liberum, voor het reseceren van een lastige achterhoorn laesie, of voor resectie van een mediale plica. Het gaat om de posteromediale-, posterolaterale-, superomediale-, en superolaterale toegang. Deze worden allemaal onder direct zicht met behulp van een naald en een steekincisie gemaakt. De transpatellaire portal, Gillquist methode, is alleen geindiceerd bij oude mensen met een bewezen corpus liberum. Verschillende portals voorzijde de ideale positie van de scoop

12 Techniek Anterolaterale portal De anterolaterale "soft spot" kan worden gepalpeerd met de knie in 35 flexie. Deze "soft spot" bevindt zich ± 1 cm boven de laterale gewrichtspleet en 0,5 cm lateraal van de patellapees. De juiste plaats bevindt zich dus iets distaal van de imaginaire horizontale lijn die van de onderpool van de patella kan worden getrokken. De portal wordt gemaakt met een mesje no 11 of 15. De incisie is horizontaal in de huidlijn. De steekrichting is richting het corpus Hoffa tussen ligamentum patellae en de condylen door, een hoek van ±45 vormend in het sagitale vlak. De richting van het mes kan naar de patellapees gericht zijn, of naar het gewrichtzijde gericht zijn. Mes richting patella pees kan de patellapees beschadigen. Mes richting gewricht kan kraakbeen schade veroorzaken. De horizontale incisie geeft een zeer goede cosmetische genezing. Een verticale steekincisie heeft meer nadelen dan de horizontale; grotere kans op doorsnijden nervus infrapatellaris, is loodrecht op de huidlijn met als gevolg minder fraaie wond genezing, mogelijke incisie voorhoorn van de meniscus en wederom iatrogene kraakbeen schade op de condylen. Na de horizontale incisie wordt de canule met stompe trocar ingebracht. In eerste instantie wordt de canule voor de condylen langs gestoken. De knie wordt dan gestrekt en de canule met stompe trocar wordt in de suprapatellaire ruimte gebracht. Ook bij deze handeling kan iatrogene kraakbeen schade ontstaan. Routine inspectie en kijkrichting Twee punten zijn essentieel bij het kijken in de knie. De kijkrichting is naar lateraal en de horizon, het tibiaplateau, moet horizontaal worden gehouden. Door de kijkrichting naar lateraal te houden kijk je altijd voor de scoop uit en door de horizon horizontaal te houden raak je de route niet kwijt. Hierdoor wordt iatrogene kraakbeenschade voorkomen! Ook is het belangrijk om tijdens het "wandelen" door de knie altijd dezelfde volgorde aangehouden. Dit voorkomt naast iatrogene schade ook dat bepaalde compartimenten in de knie worden overgeslagen, en dus een onvolledige inspectie van de knie en insufficiënte artroscopie plaats vindt.

13 Het kniegewricht wordt systematisch geïnspecteerd, waarbij de kijkrichting van de artroscoop steeds naar lateraal is. Op sommige plaatsen kan het nuttig zijn de kijkrichting te veranderen. Echter hierna wordt altijd weer teruggaan naar de laterale kijkrichting. Het kniegewricht kan in 4 compartimenten worden onderverdeeld; 1. (supra)patellair 2. mediale compartiment 3. intercondylair 4. laterale compartiment Ad1. Suprapatellair; Kijkrichting lateraal. Bij de inspectie van de bursa suprapatellaris letten op de suprapatellaire plica die de bursa soms bijna volledig kan afsluiten, letten op adhesies na voorgaande chirurgie, letten op het aspect van het synovium en op eventuele corpora libera. Het patellofemoraal gewricht wordt geïnspecteerd waarbij de knie tot 90 wordt geflecteerd, nadat eerst de scoop uit het patellofemorale gewricht wordt teruggetrokken, om het sporen van de patella in de trochlea te beoordelen. Ook wordt hierbij gelet op het kraakbeen van de trochlea. Nadat de knie weer is gestrekt wordt de kijkrichting gewijzigd, naar boven gericht, om de patella achterzijde te beoordelen. Met de kijkrichting weer naar lateraal wordt de trochlea en de laterale en mediale femurcondyl nogmaals geinspecteerd. Mediaal kan er een plica zichtbaar zijn. Dit is de plica parapatellaris of medialis, die vanuit de bursa suprapatellaris naar het corpus Hoffa loopt. Als er een grote plica aanwezig is wordt de knie geflecteerd om het sporen van de plica op de mediale condylrand te observeren. Ad.2 Mediale compartiment; met de knie in 30 tot 40 flexie en abductiestress wordt, met de kijkrichting naar lateraal, het mediale compartiment geïnspecteerd. Gelet wordt op het aspect van het kraakbeen van de femurcondyl en het tibiaplateau, naast inspectie van de meniscus. Ad.3 Intercondylair; Het zicht op de voorstekruisband kan worden onttrokken door de aanwezigheid van de infrapatellaire plica. Inspectie van de voorste- en achterstekruisband vindt plaats. Tevens wordt op de vorm van de notch gelet. Mediaal langs de kruisband kan de artroscoop tot in het achterste compartiment worden gebracht ter inspectie van de posteromediale knieholte. De kijkrichting kan nu naar boven worden gewijzigd, vervolgens naar mediaal en naar onder. Op deze wijze kan het verloop van de achterste kruisband worden gezien,

14 daarnaast is inspectie van het gehele mediale achterste kapsel en posteromediale meniscus hoek mogelijk. Nadat de artroscoop weer is teruggetrokken kan deze lateraal en intercondylair langs de kruisbanden worden gebracht, waarbij de kijkrichting kan worden gewijzigd, van boven, naar onder en mediaal. Op deze manier is inspectie van de posterolaterale knieholte mogelijk (corpora libera ed). Ad.4 Laterale compartiment; Inspectie van het kraakbeen van de femurcondyl, het tibiaplateau en de meniscus. De knie wordt in de zogenaamde "figure of four" positie gebracht met adductie stress. Inspectie van de recessus popliteus vindt plaats. Met de kijkrichting naar mediaal en lichte abductiestress en de knie in ±45 flexie kan de popliteuspees tot diep in de recessus popliteus worden gevolgd. Anteromediale portal Na de routine inspectie van het kniegewricht wordt de artroscoop voorlangs of boven in het mediale compartiment gebracht. De knie wordt zonder stress in ±40 flexie gebracht en 0,5 cm mediaal van de patellapees en ± 0,5 cm boven de mediale gewrichtsspleet wordt een naald ingebracht. Op deze manier kan de mediale toegang worden gelocaliseerd. De anteromediale portal is meer variabel en kan afhankelijk van de lokalisatie van de pathologie gevarieerd worden. Bij posteromediale pathologie ligt de anteromediale portal vlak boven de meniscus, terwijl bij posterolaterale pathologie de anteromediale portal enkele mm's meer naar proximaal ligt. De naald kan onder zicht worden gevolgd, waarmee gecontroleerd kan worden of de aanwezige pathologie ook daadwerkelijk kan worden bereikt. Na verwijdering van de naald worden een horizontale steekincisie onder direct zicht gemaakt (cave iatrogene kraakbeen schade). Daarna kan de stompe trocar worden ingebracht, gevolgd door de tasthaak, waarmee de intraarticulaire structuren kunnen worden gepalpeerd. De volgorde van palpatie is het zelfde als voor de routine-inspectie 1. (supra)patellair; adhesies, plica, kraakbeen van de patella en de trochlea. 2. Mediale compartiment; meniscus boven-, en onderzijde, kraakbeen femurcondyl en tibiaplateau. 3. Intercondylair; palpatie van de voorste en achterste kruisband. 4. Laterale compartiment; meniscus boven-, en onderzijde, kraakbeen femurcondyl en tibiaplateau, hiatus popliteus.

15 Artroscopische chirurgie Na de routine inspectie en palpatie met tasthaak kan artroscopische chirurgie plaats vinden. Het wisselen van portals mag en kan nuttig zijn wanneer je niet goed bij de laesie kan komen. De chirurgische ingreep kan hierdoor gemakkelijker worden uitgevoerd. Bijvoorbeeld bij een laterale meniscus achterhoorn laesie kan het gemakkelijker zijn om de artroscoop anteromediaal en het chirurgisch instrument anterolateraal in te brengen. Het instrument valt zodoende recht op het te verwijderen gedeelte. Het is beter van portal te wisselen dan iatrogene kraakbeen schade te veroorzaken! Hoe moet het niet! Als de artroscopie niet lukt blijf dan niet doorgaan, maar denk na waarom het niet lukt. Bijvoorbeeld wanneer je in het mediale compartiment kijk, maar abductiestress geeft dan zul je nooit goed zicht krijgen in het mediale compartiment omdat je het juist dichtdruk. Blijf je doorgaan dan zal zeker iatrogene kraakbeenschade ontstaan. Het zelfde geldt wanneer je in het laterale compartiment kijkt en adductiestress geeft. Een ander voorbeeld van hoe het niet moet is om instrumentarium te gebruiken dat niet bedoeld is voor artroscopisch werken. Soms wordt wel eens een mesje 11 gebruikt om de voorhoorn van een buckethandlelesie door te snijden. Hierbij kan het mes breken en los in de knie komen te liggen. De gevolgen zijn desastreus. Geef ook niet te veel adductiestress wanneer je in het mediale compartiment kijkt en je krijgt niet goed zicht op de achterhoorn. 1) je kan dan een mediale collaterale band ruptuur veroorzaken, 2) kijk of je portal niet te hoog of te laag is gemaakt. Is dat wel zo maak dan een nieuwe portal. Liever 1 steekgat meer dan iatrogene kraakbeenschade. Let ook op bij het wisselen van adductiestress naar abductiestress dat je bijvoorbeeld de tasthaak in de knie laat zitten net als de scoop., want als je wisselt van adductie naar abductiestress zal de huidportal ten opzichte van de kapselportal verschuiven. Heb je geen tasthaak door de gehele portal zitten dan lukt het niet op het instrument in te brengen vanwege de huidverschuiving tov het kapsel. Ken de apparatuur waar je mee werkt! Als er iets uitvalt moet je dit kunnen oplossen en niet afhankelijk zijn van zuster die op die dag toevallig afwezig is zeker niet als de patiënt onder spinaal is moet je zonder al te veel ophef de omloop kunnen instrueren wat zij moet doen om de procedure tot een goed einde te brengen.

16 Nabehandeling Bij beëindiging van de artroscopie wordt het gewricht schoongespoeld. Na spoelen wordt alle vloeistof uit de knie verwijderd. Er is discussie of het zinvol is om, als post-operative pijn bestrijding, lidocaine of marcaine in het kniegewricht achter te laten. Het is niet nodig om de wonden na artroscopie te hechten. (Dit geldt overigens niet voor een enkel artroscopie, waar het gewricht vlak onder de huid ligt en er een grote kans op fisteling bestaat, maar dit ter zijde). Wanneer de wonden groter zijn gemaakt bijvoorbeeld bij de verwijdering van een groot corpus liberum of een grote bucket handle laesie kan het nuttig zijn de wonden als nog te hechten of met Steristrips dicht te plakken. Na steriel afdekken van de wonden wordt een drukverband aangelegd. Bij het ontslaggesprek met de patiënt worden de bevindingen van de artroscopie verteld. Daarnaast kan worden uitgelegd dat de patiënt het been mag belasten en de knie mag bewegen op geleide van de pijn. Eventueel kan het tijdelijk gebruik( 3 a 4 dagen) van krukken worden geadviseerd. Als post-operative pijn bestrijding kan paracetamol of NSAIDS worden aangeraden. Een afspraak voor poliklinische controle wordt gemaakt, dagen postoperatief. Eventueel kan na deze poliklinische controle fysiotherapie worden voorgeschreven. Dit is overigens meestal niet nodig. Ten aanzien van werkhervatting geldt het volgende; 80% van de patiënten na een knie artroscopie is na 2 weken weer aan het werk. Wat kan er mis gaan? Algemene complicaties na een artroscopie van de knie zijn zeldzaam. De volgende complicaties zijn beschreven; anesthesie gerelateerde complicaties, hemartros, trombose / embolie vorming, arteria poplitea -, nervus peroneus -, en vena saphena magna letsel, compartiment syndroom, infectie, en wondpijn; met name bij de transplatellaire portal vandaar dat deze portal obsoleet is. Andere complicaties zijn o.a. aan het instrumentarium en de techniek gerelateerd; iatrogene kraakbeenschade bij introductie canule, trocar, mes of instrumenten, breuk van de canule, het mes of instrumenten en mes los in de knie. Een review artikel waarin alle complicaties van de artroscopie van de knie worden beschreven is gepubliceerd in de Britse JBJS 2002; 84- B: , auteur R. Allum. Dit artikel is een must als je met de artroscopie van de knie begint. In de paragraaf diagnostic errors wordt mn gewezen op het belang van goede anamnese en lichamelijk onderzoek en adequaat aanvullend

17 onderzoek. De MRI is een zeer effectieve, non-invasieve diagnostisch hulpmiddel. Een diagnostische artroscopie van de knie, een invasieve procedure met complicaties, is dan ook nog maar zelden geïndiceerd. Het artikel van Kim et al (Am J Sports Med 2002:30; ) beschrijft de neurovasculaire complicaties bij de artroscopie van de knie. Een andere must is het artikel van Ihara (clin orthop 1994;307; ). Hierin wordt de spontane genezing van meniscus letsels beschreven. Anatomie at risk At risk zijn nervus infrapatellaris, vena saphena magna, nervus peroneus en de arteria poplitea. Het artroscopieverslag Het operatieverslag van de artroscopie van de knie behoort te bestaan uit: 1) het testen van de knie onder narcose zodat de functionaliteit van de ligamentaire structuren rond de knie optimaal beoordeeld kunnen worden. 2) De namen van de personen die bij de procedure betrokken zijn. 3) De indicatie en de behandeling als samenvatting 4) Aan de hand van de checklist dienen alle intraarticulaire structuren te worden beschreven. Checklist intra-articulaire structuren (Supra)patellair - bursa suprapatellaris (corpora libera) - synovium - patella-achtervlak - condylaire loopvlak - "sporen" van de patella - plica suprapatellaris - parapatellaire of mediale plica Mediale compartiment - recessus medialis ( corpora libera) - mediale meniscus - tibiaplateau (kraakbeen) - femurcondyl (kraakbeen) Intercondylair - plica infrapatellaris - vorm notch - voorste kruisband

18 - achterste kruisband Laterale compartiment - laterale meniscus - hiatus popliteus en popliteus pees - tibiaplateau (kraakbeen) - femurcondyl (kraakbeen) - recessus popliteus (corpora libera) aanbevolen literatuur: McGinty, Operative Arthroscopy, 4 rd editon, Lippincott-Raven Publishers, Philadelphia,. Allum, R. Complications of arthroscopy of the knee. J Bone Joint Surg 84-B; 2002: Kim, T.K et al. Neurovascular complications of knee arthroscopy. Am J Sports Med 2002:30; Ihara, H. et al. Clin Orthop 1994;307;

19 INDICATIE, FYSISCHE DIAGNOSTIEK VAN DE KNIE M.P. Heijboer Acute knieklachten: Het belang van een goede anamnese bij het behandelen van acute knieklachten kan niet genoeg onderstreept worden. Als er sprake is geweest van een trauma kan uit de beschrijving van het ongevalmechanisme vaak al een vermoedelijke diagnose worden gesteld. Bijvoorbeeld: de iets te late bloktackle van de voetballer is haast onverbrekelijk verbonden met het mediaal collateraal bandletsel. De snelheid waarmee een intra-articulaire zwelling ontstaat, geeft aan of men te maken heeft met een hemartros of hydrops. Patellaluxaties met verscheuring van het mediale retinaculum en intra-articulaire fracturen leiden in het algemeen tot een sneller optredende hemartros dan de voorste kruisbandlaesie. Tijdens het ongeval kunnen krakende of scheurende geluiden worden gehoord. Bij het voorste kruisbandletsel gaat het vaak om een non-contactinjury, waarbij de meerderheid van de patiënten iets voelt knappen. De CBO consensus indicatie voor artroscopie bij acute knieklachten (1998) gaat uit van een indeling in ziektebeelden, waarbij de belangrijkste symptomen zijn: 1. Fractuursymptomen 2. Instabiliteit 3. Zwelling 4. Functiebeperking In 2010 worden er 2 nieuwe richtlijnen gepubliceerd: a. knie artroscopie indicatiestelling en behandeling b. de voorste kruisbandrecontructie. In deze richtlijnen zijn oa de indicatie voor aanvragen van MRI en fysiotherapie verwerkt. Artritis. Een acute bacteriële artritis kan binnen acht uur destructie van gewrichtskraakbeen veroorzaken. Het is dus zaak dit ziektebeeld snel te herkennen en te behandelen. Koorts, zwelling en een ernstige bewegingsbeperking met een soort defense musculaire, zijn de kenmerkende symptomen. Bij volwassenen heeft 50% van de patiënten een voorgeschiedenis met een doorgemaakte artritis of posttraumatische osteomyelitis. Als men een septische artritis vermoed (hoge BSE en CRP, leukocytose) is zonder vertraging een punctie geïndiceerd om bacteriologisch onderzoek te laten verrichten. Als door onderzoek van het punctaat de diagnose wordt

20 bevestigd, wordt gestart met intraveneuze toediening van antibiotica en moet het gewricht worden gespoeld of liever gezegd: ontlast. Dit geldt eens te meer bij onvoldoende reactie op de antibiotica en piekende (abces)temperatuur. De artroscoop kan daarbij een belangrijke rol spelen. In de differentiaaldiagnose van septische artritis staan de reactieve artritis (die optreedt bij het syndroom van Reiter en darminfecties, veroorzaakt door bijv. Shigella, Salmonella en Camptylobacter) en de jicht arthritis (die sprekend kan lijken op de septische artritis) hoog genoteerd. (Stutz G Gachter A, Diagnosis and stage related therapy of joint infections, Unfallchirurg 104(8) , 2001) Corpus librum. Een corpus librum veroorzaakt slotklachten en kan afkomstig zijn van een OD haard, een (osteo)chondrale fractuur (bijvoorbeeld na een patellaluxatie, synoviale chondromatosis of tuberculose). Anamnese, klinisch onderzoek en standaard Röntgenonderzoek leiden meestal tot de diagnose. Bij kraakbenige corpora libra kan men soms alleen op het verhaal van de patiënt afgaan en is artroscopie de enige methode om de diagnose te stellen en tegelijkertijd de behandeling uit te voeren. Grote corpora libera kunnen worden gevonden bij vergevorderde artrose en leiden tot bewegingsbeperking. Mediaal collateraal bandletsel. Het criterium om over geïsoleerde collaterale bandletsels te mogen spreken is de klinische bevinding, dat de kruisbanden intact zijn. In dat geval betreft het letsels met een gunstige prognose, die in de regel functioneel behandeld kunnen worden. Uit de anamnese kan vaak al opgemaakt worden, dat het gaat om een collateraal bandletsel. Het valgus- exorotatietrauma op de wintersport en de late bloktackle bij voetbal zijn de aanleiding voor een mediaal collateraal bandletsel. Er is nauwelijks of geen hydrops en de maximale drukpijn bevindt zich in het verloop van de mediale collaterale band. Bij de proximaal gelokaliseerde letsels is de bewegingsbeperking groter dan bij de distaal gelegen rupturen. De mediale gewrichtspleet is in de acute fase niet drukpijnlijk. In strekstand is de knie stabiel en in 30 graden flexie wordt speling gevonden, variërend van enkele millimeters tot meer dan een centimeter. Bij de graad 1 letsels, die meestal proximaal gelokaliseerd zijn is in 90 graden flexie geforceerde exorotatie zeer pijnlijk ter hoogte van de origo van de mediale collaterale band. Het is uitzonderlijk, dat een dergelijk letsel gepaard gaat met een meniscuslaesie. De prognose is gunstig.

21 (Lundberg M, Messner K, Long-term prognosis of isolated partial medial collateral ligament ruptures, The Am J Sports Med 24, , 1996) Kruisbandletsel. Bij voetbal, handbal en hockey komt het voorste kruisbandletsel veelvuldig voor. De anamnese is kenmerkend: niemand in de buurt, een remmende/draaiende beweging, een vaststaand onderbeen en een knap in de knie. Uiteraard zijn variaties op deze anamnese mogelijk. Er treedt vaak binnen enkele uren zwelling op. De test van Lachman is ook bij de pijnlijke knie altijd wel uit te voeren. Dat geldt uiteraard niet voor de pivot shift. Binnen de commissie Consensus artroscopie bij acute knieklachten is er veel discussie geweest over het nut van artroscopie bij een hemartros na een voorste kruisbandletsel. Niet zozeer over het stellen van de diagnose, waarvoor de artroscoop niet nodig is. Wel over de beoordeling en de behandeling van bijkomende letsels van menisci en kraakbeen. Vaak wordt voorbijgegaan aan het relatief gunstig natuurlijk beloop bij deze bijkomende letsels. Zo bestaat er een natuurlijke genezingstendens van bijvoorbeeld acute meniscusrupturen bij een vers voorste kruisbandletsel en hoeven niet alle overblijvende meniscusrupturen in de toekomst klachten te geven. (Ihara H et al, Acute torn meniscus combined with acute cruciate ligament injury, Clin Orth 307: , 1994) Ook bij een strekbeperking na een acute voorste kruisbandlaesie moet men niet te snel en lichtvaardig de indicatie tot een artroscopie stellen. Een periode van zes weken afwachten cq oefenen is gerechtvaardigd. Vaak ziet men de verende strekbeperking verbeteren. Daarnaast is er vanzelfsprekend nog de mogelijkheid aanvullende beeldvormende diagnostiek te verrichten m.b.v. MRI. Bij de chronische voorste kruisbandlaesie duidt een strekbeperking vaak wel op een meniscusruptuur. (Fowler PJ Lubliner JA, The predictive value of five clinical signs in the evaluation of meniscal pathology, Arthroscopy 5: , 1989) De geïsoleerde achterste kruisbandlaesie kan eveneens uit de anamnese vermoed worden, maar is soms in het acute stadium (door pijn en zwelling) niet bij klinisch onderzoek te vinden. Als een röntgenfoto een avulsiefragment van de tibia laat zien is reinsertie de behandeling van keuze via een achterste benadering. De klinische test om een achterste kruisbandlaesie aan te tonen is uiteraard de achterste schuiflade. Het natuurlijk beloop na een AKB

22 letsel is variabel, d.w.z. soms gunstig, soms leidend tot artrose van het patellofemorale en mediale compartiment. In tegenstelling tot de VKB ziet men soms enig natuurlijk herstel van stabiliteit na een AKB letsel. Het is niet duidelijk of behandeling, bijvoorbeeld 6 weken onbelast lopen, op dit herstel invloed heeft. Artroscopie is bij het geïsoleerde AKB letsel niet nodig. (Shelbourne KD, Davis TJ, Patel DV, The natural history of acute, isolated non operatively treated posterior cruciate ligament injuries, The Am J Sports Med 27, , 1999) Meniscusletsel. Alleen op klinische gronden is de diagnose meniscusletsel moeilijk te stellen. In het eenvoudigste geval betreft het een ingeklemde bucket handle ruptuur, die na opkomen uit hurkzit onder gekraak heeft geleid tot een slotstand. In dit geval zijn anamnese en klinisch onderzoek voldoende om tot een diagnose te komen en de Röntgenfoto dient alleen om een andere reden voor een acute slotstand, bijvoorbeeld een corpus liberum uit te sluiten. Een gescheurde meniscus kan tot klachten leiden, maar ook zonder symptomen te veroorzaken in de knie aanwezig zijn. Een klinische test met een voorspellende waarde voor de diagnose meniscusletsel is er niet, behoudens de test van McMurray en de verende strekbeperking. In de praktijk heeft men aan de test van McMurray echter niet veel. Drukpijn op de gewrichtspleet is een aspecifiek symptoom. Beeldvorming in de vorm van MRI (-artrografie) speelt derhalve bij de diagnose meniscusletsel nog steeds een belangrijke rol. Patellaluxatie. Patellaluxaties treden op bij geëxoroteerd gefixeerd onderbeen en quadricepscontractie. De anamnese is lang niet altijd duidelijk en als spontane repositie is opgetreden, wordt de patiënt op de EHBO gezien met alleen maar een intra-articulaire zwelling en pijn. Een patellaluxatie kan tot (osteo)chondraalletsels leiden, waarvan uiteindelijk slechts een klein gedeelte in aanmerking komt voor artoscopische verwijdering. Ook hier geldt dat alleen de patiënten met symptomen van corpora libera uiteindelijk operatief behandeld moeten worden. In zeldzame gevallen komen grotere fragmenten in aanmerking voor refixatie. Knieluxatie. Een knieluxatie is de meest ernstige vorm van gecombineerd bandletsel. De belangrijkste complicatie is arteriële beschadiging. De knie kan in alle richtingen luxeren en bij binnenkomst op een EHBO spontaan gereponeerd zijn. Behalve bij de zuiver voorste- of achterste luxaties, is er meestal een aanzienlijke instabiliteit in

23 varus/valgusrichting, ook met de knie in strekstand. Artroscopie is na een knieluxatie gecontraindiceerd. Tibiaplateaufracturen. Röntgenfoto s en de CT scan spelen een belangrijke rol bij diagnostiek en behandeling van plateaufracturen. Het stabiliteitsonderzoek is vaak alleen onder verdoving goed uit te voeren en heeft zelden consequenties voor de behandeling. De avulsie van de VKB uit de tibia wordt ten onrechte onder de eminentiafracturen beschreven. Chronische knieklachten. Bij het onderzoek in het kader van een chronisch knieprobleem worden de volgende discriminerende factoren gehanteerd: hydrops, atrofie, bewegingsbeperking, instabiliteit, meniscusprovocatietesten. Indien geen van deze discriminerende factoren aanwezig is of positief bevonden wordt, heeft een artroscopie in de regel weinig aanvullende waarde. In zekere zin geldt dat ook voor de Röntgenfoto, maar er zijn afwijkingen te bedenken, die bij klinisch onderzoek onopgemerkt kunnen blijven. Een bekend voorbeeld is de osteochondritis dissecans. Om onjuiste conclusies te voorkomen wordt bij patiënten met meer dan zes weken knieklachten ook indien men geen enkele afwijking bij de fysische diagnostiek vindt, conventioneel Röntgenonderzoek aangeraden. Patiënten met idiopatische retropatellaire chondropathie hebben een kenmerkend verhaal en bij klinisch onderzoek worden in de regel geen afwijkingen gevonden. Het mediale plicasyndroom is een zeldzame diagnose. Mediale en laterale compartimentsarthrose worden gekenmerkt door pijn ter hoogte van de gewrichtspleet, een varus of valgusstandsafwijking en startpijn. In wisselende mate wordt nachtelijke pijn aangegeven. Staande Röntgenfoto s geven de meeste informatie. De opbrengst zou groter zijn met de zgn.standing tunnelview. Bij de beoordeling van chronische instabiliteit van de knie verdient de pivot shift enige aandacht. De pivot shift test kan worden uitgevoerd van flexie naar extensie of andersom. In beide gevallen treedt een subluxatie en repositie op van het (laterale) tibiaplateau ten opzichte van het femur.

24 In volledige extensie en voorbij 40 graden flexie is de relatie tussen tibia en femur normaal. Subluxatie van de tibia naar voren treedt op tussen 10 en 20 graden flexie. Compressie van het laterale compartiment accentueert de test. De pivot shift wordt uitgevoerd met het onderbeen in endorotatie, neutraalstand en exorotatie. Op deze manier kan de test worden gegradeerd. Ook kan men onderscheid maken in een geleidelijke pivot shift (glide) of een abrupte bewegingsuitslag (jerk) Bij de reversed pivot shift subluxeert het laterale tibiaplateau naar dorsaal wanneer de gestrekte knie gebogen wordt onder enige valgusstress. Dit gebeurt bij ongeveer 30 graden flexie en is een test voor posterolaterale instabiliteit. (Covey D, Injuries of the posterolateral corner of the knee, current concepts review, J Bone Joint Surg Am 83-A, ,2001)

25 Artroscopie van de knie: State of the art & Indicatiestelling Daniel Saris De artroscopie van de knie heeft de laatste twee decennia een enorme ontwikkeling doorgemaakt van puur diagnostisch hulpmiddel naar geavanceerde operatietechniek. De ontwikkeling en verfijning van het chirurgische instrumentarium heeft in belangrijke mate ertoe bijgedragen dat het de meest frequent uitgevoerde orthopedische operatie is. Bij de eenvoudige artroscopische ingrepen (partiele meniscectomie) is vooral de verminderde morbiditeit een enorm voordeel in vergelijking tot die bij de open techniek. Zelfs bij de grotere ingrepen (VKB reconstructies, synovectomieen) is er sprake van een verminderde morbiditeit. De artroscopie is meer dan een trucje!! Er zijn specifieke vaardigheden nodig voor deze operatieve techniek. Het is geen alternatief voor een goede anamnese, een goed lichamelijk onderzoek en eventuele aanvullende diagnostiek. De artroscopist moet een volwaardige orthopedisch chirurg blijven en niet alleen een technicus worden. Er is een aantal, dat essentieel zijn voor het uiteindelijke resultaat: - De scopist dient op de hoogte te zijn van de verwachte pathologie en differentiaal diagnose, en deze ook in de knie te kunnen herkennen. - Deze opties en de daaruit voortvloeiende behandel strategie dient uitvoerig met de patiënt te zijn besproken - Na herkenning moet de juiste behandelstrategie gekozen worden - De portaalkeuze is van essentieel belang voor het uiteindelijke behandelresultaat. Een verkeerde portaal keuze maakt artroscopische behandeling vaak onmogelijk. Plica Synovialis Plicae zijn slechts zelden een oorzaak voor knie klachten. Een enkele keer komt een plica medialis wel bij jonge vrouwen voor en wordt dan klinisch verward met patellofemorale chondropathie, subluxatie van de patella of meniscus pathologie. Plica suprapatellaris komt bij cadaveronderzoek in wisselende vorm bij 89% van de knieën voor. Soms bevindt zich in deze plica een opening die een doorgang kan vormen voor een corpus liberum. Een enkele keer kan een dergelijke (in dat geval meestal verdikte) plica ook klinisch belangrijk zijn en een soort frictie syndroom op de mediale femurcondyl veroorzaken hetgeen vooral opvalt bij flexie van 90 graden.

26 Plica infrapatellaris is een mucosa plooi die evenwijdig loopt aan de voorste kruisband. Deze plica kan visualisatie van de VKB bemoeilijken. Ook kan de doorgang van het mediale naar het laterale compartiment bemoeilijkt worden. Plica medio patellaris komt in 18 tot 55% van de knieën voor en is meestal klinisch niet van belang. Een enkele keer kan deze plica met name na een trauma verdikt raken en wel klinisch significant zijn door impingenent over de mediale femurcondyl bij flexie van de knie. Dit kan dan leiden tot chondropathie. Bij artroscopie wordt dan deze chondropathie waargenomen en eventueel zelfs een duidelijke groeve in het kraakbeen van de mediale femurcondyl. Alleen in het geval van kraakbeen pathologie tgv deze plica is het verwijderen zinvol waarbij de plica dan volledig verwijderd dient te worden. Het routinematig verwijderen van een plica is onnodig. Apexitis Patellae In geval van persisterende pijn en krachtsvermindering bij therapie resistente apexitis patellae is het goed mogelijk een artroscopische nettoyage van apex te verrichten. Hierbij is van belang met name de overgang van de ossale punt van de apex naar het synoniem en onderliggende pees weefsel geduldig, maar ruim genoeg te verwijderen. In geval van preoperatief met echo of MRI aangetoonde degeneratie van de pees kan resectie van het aangedane gedeelte worden overwogen. Ellipsvormige excisie en zelfs het eventueel sluiten van het defect is scopisch goed mogelijk. Deze indicatie moet echter spaarzaam worden gesteld, aangezien nog slechts empirische ondersteuning met korte termijn follow-up beschikbaar is. Corpus liberum Corpora libra kunnen op vele plaatsen voorkomen. Een duidelijke oorzaak is niet altijd aantoonbaar. ( afgebroken exofyt, OD, synoviale chondromatose) Het altijd systematisch verrichten van de artroscopie kan voorkomen dat een deel van de knie niet wordt nagekeken en dus een eventueel corpus liberum wordt gemist. Lokalisaties kunnen zijn: de recessus suprapatellaris, achter een plica supra patellaris, de mediale of laterale gutter, in de posteromediale of posterolaterale hoek, onder de laterale meniscus, in de notch en dorsaal in de knie. Indien klinisch de verdenking bestaat op een corpus liberum dan moet de knie meermaals

27 systematisch worden gecontroleerd als het corpus liberum niet meteen wordt gevonden. Daarnaast is het van belang te beseffen dat ook als er een corpus liberum wordt gevonden er nog meerdere corpora libera aanwezig kunnen zijn. Soms moet een portaal groter gemaakt worden, of moet een andere locatie gekozen worden om een corpus liberum te kunnen verwijderen. Meniscuspathologie De meest voorkomende artroscopisch behandelde aandoening van de knie is het meniscus letsel. De artrotomie voor de behandeling van meniscuspathologie moet als obsoleet beschouwd worden. Groot voordeel van de artroscopische techniek is dat alleen het geruptureerde deel verwijderd kan worden of de meniscusruptuur gehecht kan worden. De meniscusrupturen kunnen ingedeeld worden in een aantal categorieën: - Verticaal en longit. (bucket handle) (45%) - Oblique (36%) - Degeneratief (12%) - Radiair (3%) - Horizontaal (3%) Negen en zestig procent van de meniscus rupturen bevindt zich mediaal, 24% lateraal en 7% bilateraal. Het merendeel van de rupturen is in de achterhoorn gelokaliseerd. De bucket handle ruptuur gaat vaak gepaard met een voorste kruisband ruptuur (60%). Dit is een gevolg van het feit dat bij een VKB ruptuur de mediale meniscus een belangrijke stabiliserende invloed heeft op ventrale translatie van de tibia. Er zijn heel aantal factoren die de keuze tussen verwijderen of hechten mede bepalen: - lokalisatie van de scheur - type ruptuur - kwaliteit van het weefsel - bestaansduur - leeftijd van de patiënt - stabiliteit van de knie

Syllabus arthroscopiecursus 2: Basiscursus arthroscopie van de knie

Syllabus arthroscopiecursus 2: Basiscursus arthroscopie van de knie Syllabus arthroscopiecursus 2: Basiscursus arthroscopie van de knie Doel: Deze cursus beoogt met behulp van een anatomisch preparaten, de eerste arthroscopische vaardigheden en weefsel gevoel bij het doen

Nadere informatie

Klinisch onderzoek van de knie en de schouder Ton van Loon

Klinisch onderzoek van de knie en de schouder Ton van Loon Klinisch onderzoek van de knie en de schouder Ton van Loon Inleiding De arthroscopische chirurgie heeft zich ontwikkeld tot een volwaardig subspecialisme. (1) Elke arthroscopische procedure wordt in principe

Nadere informatie

Klinisch uur orthopedie: de knie

Klinisch uur orthopedie: de knie Klinisch uur orthopedie: de knie (zinvol onderzoek door de huisarts ) Rob Ariës, orthopeed, Peter van der Lugt, Mariët Bosselaar, huisartsen Leerdoel Beter inzicht in differentiaal diagnostiek Beter inzicht

Nadere informatie

Aanpak van acute knieletsels in de eerste lijn. Dr. Bex Steven Huisarts/sportarts KSTVV Lotto-Belisol

Aanpak van acute knieletsels in de eerste lijn. Dr. Bex Steven Huisarts/sportarts KSTVV Lotto-Belisol Aanpak van acute knieletsels in de eerste lijn Dr. Bex Steven Huisarts/sportarts KSTVV Lotto-Belisol Anatomie Anatomie Anatomie Anatomie Algemeen Goede anamnese! ontstaansmechanisme van het letsel begrijpen

Nadere informatie

Heup- en kniepathologie: 1ste lijnsaanpak. Dr Mike Tengrootenhuysen

Heup- en kniepathologie: 1ste lijnsaanpak. Dr Mike Tengrootenhuysen Heup- en kniepathologie: 1ste lijnsaanpak Dr Mike Tengrootenhuysen Inleiding Heup Knie FAI Coxartrose Meniscusscheur Voorste kruisband Bursitis ruptuur Patellofemorale klachten Gonartose trochanterica

Nadere informatie

Posterolaterale hoek letsels

Posterolaterale hoek letsels Posterolaterale hoek letsels Dr. Peter Van Eygen 04-11-2014 CAMPUS HENRI SERRUYS Inleiding Vaak niet herkend J. Hughston: You may not have seen posterolateral corner injuries, I can assure you that they

Nadere informatie

Artroscopie, diagnose en behandeling van knieproblemen

Artroscopie, diagnose en behandeling van knieproblemen Artroscopie, diagnose en behandeling van knieproblemen ARTROSCOPIE, DIAGNOSE EN BEHANDELING VAN KNIEPROBLEMEN INLEIDING Uw orthopedisch chirurg heeft u een artroscopie van de knie geadviseerd. In deze

Nadere informatie

Behandeling. Haemarthros Behandeling

Behandeling. Haemarthros Behandeling 10-Chirurgie 4.5 01-06-2005 09:45 Pagina 69 69 4.5 Knieletsel P.A.M. Vierhout Het is zondagmiddag, het voetbalseizoen is begonnen. Een 22-jarige jongeman komt met een van pijn vertrokken gezicht bij de

Nadere informatie

De Knie. diagnostische testen. Mark Vongehr Fysiotherapeut/manueeltherapeut. presentatie knie 20-09-07 medisch centrum aarveld

De Knie. diagnostische testen. Mark Vongehr Fysiotherapeut/manueeltherapeut. presentatie knie 20-09-07 medisch centrum aarveld De Knie diagnostische testen Mark Vongehr Fysiotherapeut/manueeltherapeut Het blijkt, dat met de anamnese, lichamelijk onderzoek en röntgenfoto de diagnose van knieklachten in 83% van de gevallen correct

Nadere informatie

Diagnostiek Kliniek: anamnese: aard letsel (hoogenergetisch?), pre-existente afwijkingen, aard en tijdsduur zwelling, belastbaarheid

Diagnostiek Kliniek: anamnese: aard letsel (hoogenergetisch?), pre-existente afwijkingen, aard en tijdsduur zwelling, belastbaarheid T-III Acuut enkelletsel Inleiding Het inversietrauma van de enkel is met een geschatte incidentie van 425.000 gevallen per jaar in Nederland waarschijnlijk het meest voorkomende letsel van het bewegingsapparaat.

Nadere informatie

ONDERZOEK KNIE. Datum onderzoek... Naam onderzoeker. SENSIBILITEIT Tintelingen. nee / ja. Lokalisatie...bovenbeen / knie / onderbeen / voet. Hobby s.

ONDERZOEK KNIE. Datum onderzoek... Naam onderzoeker. SENSIBILITEIT Tintelingen. nee / ja. Lokalisatie...bovenbeen / knie / onderbeen / voet. Hobby s. Naam: Geb.datum: ONDERZOEK KNIE Datum onderzoek... Naam onderzoeker Beroep Hobby s.... Werkbelasting / houding. Sport.. Voorkeursbeen.links / rechts Klachten.links / rechts ANAMNESE Belangrijkste klachten...

Nadere informatie

CONSENSUS INDICATIE VOOR ARTROSCOPIE BIJ ACUTE KNIEKLACHTEN

CONSENSUS INDICATIE VOOR ARTROSCOPIE BIJ ACUTE KNIEKLACHTEN CONSENSUS INDICATIE VOOR ARTROSCOPIE BIJ ACUTE KNIEKLACHTEN ORGANISATIE: - Centraal Begeleidingsorgaan voor de Intercollegiale Toetsing - Nederlandse Vereniging voor Arthroscopie - Nederlandse Orthopaedische

Nadere informatie

De casus is bedoeld voor medisch studenten in de doctoraalfase van de opleiding.

De casus is bedoeld voor medisch studenten in de doctoraalfase van de opleiding. Casus 16L Fase A Titel Kniepijn Onderwerp Laesie mediale meniscus linker knie. Inhoudsdeskundige Dr. P.D.S. Dijkstra, orthopedisch chirurg Technisch verantwoordelijke Drs. S. Nadery Drs. E.M. Schoonderwaldt

Nadere informatie

CHAPTER 8. Samenvatting

CHAPTER 8. Samenvatting CHAPTER 8 Samenvatting Samenvatting 8. Samenvatting Hoofdstuk 1 is een algemene introductie. Doel van dit proefschrift is om de kosten en effectiviteit van magnetische resonantie (MR) te evalueren indien

Nadere informatie

Acute Knie en Enkel in de huisartsenprak3jk. Huisartsendag LangeLand ziekenhuis 19 april 2011

Acute Knie en Enkel in de huisartsenprak3jk. Huisartsendag LangeLand ziekenhuis 19 april 2011 Acute Knie en Enkel in de huisartsenprak3jk Huisartsendag LangeLand ziekenhuis 19 april 2011 De acute knie Knie: anatomie Knie: anamnese Tijds3p en aard trauma (mate inwerkend geweld, rota3e vs hyperextensie

Nadere informatie

Overbelastingsblessures van de knie. Beleid bij topsporters

Overbelastingsblessures van de knie. Beleid bij topsporters Overbelastingsblessures van de knie Beleid bij topsporters Lateraal Tractus ileotibialis frictie syndroom Degeneratieve laterale meniscuslaesie Strain/tendinopathie biceps femoris LCL-laesie Entrapment

Nadere informatie

Sport Specifieke Blessure Begeleiding

Sport Specifieke Blessure Begeleiding Sport Specifieke Blessure Begeleiding Week 8. Knierevalidatie Acute knie 300.000 knie letsels per jaar Aandoeningen contusie / distorsie hydrops heamartros meniscus kruisbanden / collaterale banden Acute

Nadere informatie

Beeldvorming bij acute knieletsels

Beeldvorming bij acute knieletsels Beeldvorming bij acute knieletsels Dr. Mattias Spaepen Dr S Verhamme, Dr R Visser, Dr G Vandenbosch, Dr M Palmers, Dr P Grouwels, Dr A Rappaport Radiologie, St-Trudo Ziekenhuis Beeldvorming bij acute knieletsels

Nadere informatie

KIJKOPERATIE IN EEN GEWRICHT ARTROSCOPIE

KIJKOPERATIE IN EEN GEWRICHT ARTROSCOPIE KIJKOPERATIE IN EEN GEWRICHT ARTROSCOPIE 17964 Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht van de gang van zaken rond een artroscopie (kijkoperatie) in verband met uw gewrichtsklachten. Wat is

Nadere informatie

Voorste kruisband reconstructie Het plaatsen van een nieuwe kruisband (donorpees)

Voorste kruisband reconstructie Het plaatsen van een nieuwe kruisband (donorpees) ORTHOPEDIE Voorste kruisband reconstructie Het plaatsen van een nieuwe kruisband (donorpees) Uw orthopedisch chirurg heeft u geadviseerd om de voorste kruisband van uw knie te vervangen en daarmee de stabiliteit

Nadere informatie

Verdraaiing (distorsie) van de knie

Verdraaiing (distorsie) van de knie Verdraaiing (distorsie) van de knie Verdraaiing (distorsie) van de knie Een blessure van de knie ontstaat vaak door een verdraaiing of andere onnatuurlijke beweging. Vaak wordt de knie al snel erg dik.

Nadere informatie

De kijkoperatie. (Artroscopie)

De kijkoperatie. (Artroscopie) De kijkoperatie (Artroscopie) De kijkoperatie Als u een aandoening in uw knie heeft, kan de orthopedisch chirurg een kijkoperatie adviseren. Met deze ingreep kan de diagnose vaak beter worden gesteld.

Nadere informatie

Knie Artrose. Saskia Wiersma- Tuinstra. Orthopedisch chirurg. www.rijnlandorthopedie.nl

Knie Artrose. Saskia Wiersma- Tuinstra. Orthopedisch chirurg. www.rijnlandorthopedie.nl Knie Artrose Saskia Wiersma- Tuinstra Orthopedisch chirurg 1 Inleiding q Artrose meest voorkomende gewrichtsaandoening in Nederland q Gonartrose meest voorkomende beroepsziekte aan de onderste extremiteit

Nadere informatie

Onderwijsmateriaal voor toetsgroepen

Onderwijsmateriaal voor toetsgroepen Traumatische knieproblemen: 1. Toelichting op de module 1 Deze module is gebaseerd op de NHG-Standaard van maart 2010. In de NHG-Standaard Traumatische knieproblemen worden aanbevelingen gedaan over het

Nadere informatie

Maatschap Orthopedie Zaans Medisch Centrum

Maatschap Orthopedie Zaans Medisch Centrum mini symposium voor verwijzers Maatschap Orthopedie Zaans Medisch Centrum Miguel Sewnath Even voorstellen Miguel Sewnath 5 jaar orthopedisch chirurg Opleiding OLVG/ UMCU Fellowship Trauma Engeland Vlietland

Nadere informatie

Casus 2. Vrouw van 22 jaar Zij is net afgestudeerd als kapster, sinds een half jaar werkzaam bij groot kappersbedrijf.

Casus 2. Vrouw van 22 jaar Zij is net afgestudeerd als kapster, sinds een half jaar werkzaam bij groot kappersbedrijf. Vrouw van 22 jaar Zij is net afgestudeerd als kapster, sinds een half jaar werkzaam bij groot kappersbedrijf. Klachten: Heeft knieklachten m.n. links al langere tijd, die nu zij aan het werk is zijn toegenomen.

Nadere informatie

KIJKOPERATIE IN EEN GEWRICHT ARTROSCOPIE- DOOR ORTHOPEDIE

KIJKOPERATIE IN EEN GEWRICHT ARTROSCOPIE- DOOR ORTHOPEDIE KIJKOPERATIE IN EEN GEWRICHT ARTROSCOPIE- DOOR ORTHOPEDIE Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht van de gang van zaken rond een artroscopie (kijkoperatie) in verband met uw gewrichtsklachten.

Nadere informatie

Luxaties van schouder elleboog en vingers. Compagnonscursus 2012

Luxaties van schouder elleboog en vingers. Compagnonscursus 2012 Luxaties van schouder elleboog en vingers Compagnonscursus 2012 De schouder - Epidemiologie Meest gedisloceerde gewricht: NL 2000/jaar op SEH 45% van alle luxaties betreffen schouder 44% in de leeftijdsgroep

Nadere informatie

Artroscopie van de knie. Kijkoperatie

Artroscopie van de knie. Kijkoperatie Artroscopie van de knie Kijkoperatie Inhoud Inleiding 3 De operatie 3 Waarom een artroscopie 3 Voordelen van de artroscopie 4 Mogelijke complicaties 4 Voorbereiding op de operatie 5 Opname 5 Na de operatie

Nadere informatie

Bewegingsapparaat knie algemeen

Bewegingsapparaat knie algemeen RozenbergSport.nl 2012 pagina 1 / 5 Inhoud Anatomie knie Knie algemeen Acute knie index Anatomie knie fabella kniekuil definitie accessoir stukje bot, bij iedereen in aanleg aanwezig, achter in de knie

Nadere informatie

Maatschap Orthopedie. Voorste kruisband reconstructie

Maatschap Orthopedie. Voorste kruisband reconstructie Maatschap Orthopedie Voorste kruisband reconstructie Algemeen Uw orthopedisch chirurg heeft geadviseerd om de voorste kruisband van uw knie te vervangen om daarmee de stabiliteit van de knie te verbeteren.

Nadere informatie

Knieblessure Anatomie van de knie meniscus kruisbanden

Knieblessure Anatomie van de knie meniscus kruisbanden ! Knieblessure De knie is het gewricht tussen het bovenbeen (het femur) en het scheenbeen (de tibia). Het kuitbeen (de fibula) begint onder het kniegewricht en ligt aan de buitenkant van het onderbeen.

Nadere informatie

De Knie en de Meniscus

De Knie en de Meniscus De Knie en de Meniscus Inhoudsopgave Meniscusoperaties... 1 De operatiedag... 3 Meniscusoperaties Meniscus operaties zijn de meest voorkomende ingrepen aan de knie. Door dagbehandeling en opereren via

Nadere informatie

Arthroscopie van de knie

Arthroscopie van de knie ORTHOPEDIE Arthroscopie van de knie Kijkoperatie van de knie Uw orthopedisch chirurg heeft u geadviseerd om een arthroscopie van de knie te ondergaan. In deze folder wordt u informatie gegeven over de

Nadere informatie

AANDOENINGEN VAN DE KNIE

AANDOENINGEN VAN DE KNIE AANDOENINGEN VAN DE KNIE In deze folder geeft het Ruwaard van Putten Ziekenhuis u algemene informatie over aandoeningen van de knie en de meest gebruikelijke behandelingen. Wij adviseren u deze informatie

Nadere informatie

Voorste kruisband reconstructie

Voorste kruisband reconstructie 00 Voorste kruisband reconstructie Het plaatsen van een nieuwe kruisband poli Orthopedie 1 Inleiding Uw orthopedisch chirurg heeft u geadviseerd om de voorste kruisband van uw knie te vervangen en daarmee

Nadere informatie

Afdeling Handchirurgie

Afdeling Handchirurgie Europees erkend Hand Trauma Centrum Medisch Protocol SL ligamentletsel v.1-04/2013 Het scapholunaire ligament (SL) kan geheel of gedeeltelijke scheuren bij een val op de uitgestrekte hand. Het kan een

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting

Samenvatting. Samenvatting Samenvatting De chirurgische reconstructie van een gescheurde voorste kruisband resulteert in een aanzienlijk betere klinische uitkomst dan de conservatieve behandeling van patiënten. Er blijft echter

Nadere informatie

arthroscopie (gewrichtsoperatie met behulp van een kleine videocamera)

arthroscopie (gewrichtsoperatie met behulp van een kleine videocamera) Arthroscopie arthroscopie (gewrichtsoperatie met behulp van een kleine videocamera) Bij een arthroscopie worden kleine afwijkingen in een gewricht onderzocht en tegelijkertijd behandeld. Het onderzoeken

Nadere informatie

Voorste kruisband reconstructie. Orthopedie

Voorste kruisband reconstructie. Orthopedie Voorste kruisband reconstructie Orthopedie Inhoudsopgave Inleiding 4 Klachten 5 Diagnose stellen 6 De operatie 6 Hamstring pezen techniek 7 Patellapees techniek 9 Na de operatie 10 Ontslag 11 Leefregels

Nadere informatie

Arthroscopie van de knie

Arthroscopie van de knie Orthopedie Arthroscopie van de knie Kijkoperatie in het kniegewricht De knie De knie is een groot gewricht. De botten van de knie zijn aan de binnenzijde bekleed met kraakbeen. Tussen het boven- en onderbeen

Nadere informatie

Arthroscopie: diagnose en behandeling van gewrichtsproblemen

Arthroscopie: diagnose en behandeling van gewrichtsproblemen Arthroscopie Arthroscopie: diagnose en behandeling van gewrichtsproblemen Uw orthopedisch chirurg heeft u geadviseerd om een arthroscopie van de knie te ondergaan. In deze folder wordt u informatie gegeven

Nadere informatie

Toetsstation. Knieklachten

Toetsstation. Knieklachten Toetsstation Knieklachten Alg lgeme mene gegevens Classificatiecode(s) L96, L31, L45 Doelstelling Toetsen of de kandidaat in staat is - de gegevens te verzamelen die nodig zijn voor de diagnostiek bij

Nadere informatie

Orthopedie. Voorste kruisband plastiek

Orthopedie. Voorste kruisband plastiek Orthopedie Voorste kruisband plastiek Inleiding Binnenkort wordt u geopereerd aan uw knie. Er wordt een voorste kruisband reconstructie verricht. In deze folder vindt u informatie over de voorste kruisband,

Nadere informatie

Fracturen en luxaties hand

Fracturen en luxaties hand Fracturen en luxaties hand phalanx fracturen hand veel voorkomende fracturen op EHBO indien verkeerde behandeling: aanzienlijk functieverlies kans op arbeidsongeschiktheid goede behandeling: anatomische

Nadere informatie

Kijkoperatie van de knie

Kijkoperatie van de knie Kijkoperatie van de knie Algemeen Uw behandelend specialist heeft u op de wachtlijst geplaatst voor een kijkoperatie van uw knie (arthroscopie). Deze folder geeft u informatie over deze behandeling en

Nadere informatie

Kijkoperatie van de knie

Kijkoperatie van de knie Orthopedie Kijkoperatie van de knie www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud Anatomie van de knie... 3 Waarom een artroscopie?... 4 Meniscusscheuren... 4 Symptomen van een meniscusscheur... 5 Onderzoek... 5 Behandeling...

Nadere informatie

Kan de fysiotherapeut acute knieletsels adequaat diagnosticeren?

Kan de fysiotherapeut acute knieletsels adequaat diagnosticeren? WWW.PHYSIOS.NL 4 PUNTEN KENNISTOETS Kan de fysiotherapeut acute knieletsels adequaat diagnosticeren? Frans Brooijmans, Leon Huiberts, Johan Hekking, Arno Lataster F.A.M. Brooijmans MSc, fysiotherapeut,

Nadere informatie

Investigatie van de knie. Dr. Frank Verheyden Heilig Hart Ziekenhuis Lier / Ortho-Clinic Lier

Investigatie van de knie. Dr. Frank Verheyden Heilig Hart Ziekenhuis Lier / Ortho-Clinic Lier Investigatie van de knie. Dr. Frank Verheyden Heilig Hart Ziekenhuis Lier / Ortho-Clinic Lier Redenen voor kniepijn. Med. comp. artrose KB lijden Gewrichtsmuis Condyl # jumpers knee AVN Plica Tricomp.

Nadere informatie

Rotator cuff scheur. De meeste scheuren treden op in de supraspinatus maar andere delen van de pees kunnen ook zijn aangedaan.

Rotator cuff scheur. De meeste scheuren treden op in de supraspinatus maar andere delen van de pees kunnen ook zijn aangedaan. Rotator Cuff Scheur Rotator cuff scheur Inleiding Een rotator cuff scheur is een vaak voorkomende oorzaak van pijn en ongemak in de schouder bij een volwassene. De rotator cuff bestaat uit 4 spieren en

Nadere informatie

Orthopedie. Artrotische knie / correctie kniestand. Afdeling: Onderwerp:

Orthopedie. Artrotische knie / correctie kniestand. Afdeling: Onderwerp: Afdeling: Onderwerp: Orthopedie Artrotische knie / correctie kniestand 1 Correctie van de kniestand (artrotische knie) Correctie van de kniestand Door slijtage (artrose) kan een afwijkende stand van uw

Nadere informatie

Hand en Polscentrum Delft

Hand en Polscentrum Delft Hand en Polscentrum Delft Michiel Schuringa, plastisch chirurg Mark de Vries, traumachirurg Gerald Kraan, orthopedisch chirurg Uit de kom, aan het werk? Vingerluxaties IP / DIP PIP MCP CMC Handletsels

Nadere informatie

Afdeling: Orthopedie. Onderwerp: Arthroscopie

Afdeling: Orthopedie. Onderwerp: Arthroscopie Afdeling: Orthopedie Onderwerp: Arthroscopie 1 www.ikazia.nl Arthroscopie 800209 / augustus 2014 Wat is arthroscopie Arthroscopie betekent in het gewricht kijken, meestal in de knie (soms ook in de schouder,

Nadere informatie

Arthroscopische subacromiale decompressie van de schouder (Neerplastiek) Inleiding

Arthroscopische subacromiale decompressie van de schouder (Neerplastiek) Inleiding Arthroscopische subacromiale decompressie van de schouder (Neerplastiek) Inleiding Uw behandelend arts heeft u geadviseerd om uw schouderklachten operatief te behandelen met behulp van een kijkoperatie

Nadere informatie

Refaja Ziekenhuis Stadskanaal. Instabiliteit van de schouder

Refaja Ziekenhuis Stadskanaal. Instabiliteit van de schouder Instabiliteit van de schouder INSTABILITEIT VAN DE SCHOUDER Inleiding De schouder is een zeer beweeglijk gewricht. De kom is klein en vlak en de kop relatief groot, zodat grote bewegingsuitslagen mogelijk

Nadere informatie

Orthopedie. Enkelprothese

Orthopedie. Enkelprothese Orthopedie Enkelprothese Inleiding Binnenkort wordt u geopereerd aan uw enkel. Er wordt een enkelprothese geplaatst. In deze folder vindt u informatie over de enkel, de aanleiding voor de operatie, de

Nadere informatie

Voorste kruisband reconstructie

Voorste kruisband reconstructie Voorste kruisband reconstructie De voorste kruisband Tijdens sporten of een ongelukkige beweging kan de voorste kruisband scheuren. Uw orthopedisch chirurg zal in veel gevallen adviseren de voorste kruisband

Nadere informatie

Correctie van de kniestand. (artrotische knie)

Correctie van de kniestand. (artrotische knie) Correctie van de kniestand (artrotische knie) Correctie van de kniestand Door slijtage (artrose) kan een afwijkende stand van uw knie ontstaan. Dit kan heel pijnlijk zijn. De orthopedisch chirurg kan u

Nadere informatie

Cuff Repair. Orthopedie. Operatie aan het schoudergewricht

Cuff Repair. Orthopedie. Operatie aan het schoudergewricht Orthopedie Cuff Repair Operatie aan het schoudergewricht Inleiding In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten tot een operatie aan uw schoudergewricht. Uw behandelend arts en de orthopedie-consulent

Nadere informatie

Schouderpathologie voorde huisarts

Schouderpathologie voorde huisarts Schouderpathologie voorde huisarts Linda Cervenka Ellen de Wit Ron Onstenk April 2012 Schouderklachten?? Nekklachten Radiculaire klachten CTS Infectieus Polymyalgia Schouder/POB klachten Gecombineerd Schouder

Nadere informatie

John Hermans. Imaging of the distal tibiofibular syndesmosis: anatomy in relation to radiological diagnosis

John Hermans. Imaging of the distal tibiofibular syndesmosis: anatomy in relation to radiological diagnosis John Hermans Imaging of the distal tibiofibular syndesmosis: anatomy in relation to radiological diagnosis Dit proefschrift gaat over het afbeelden van de syndesmose van de enkel, bij mensen die hun lichaam

Nadere informatie

Vooraanzicht van de knie:

Vooraanzicht van de knie: Een ander woord voor de knieschijf is patella. Luxatie betekent "uit de kom". Eigenlijk ligt de knieschijf niet in een kom maar in een geul (trochlea), een groeve die in de lengterichting verloopt in het

Nadere informatie

Voorste kruisband reconstructie

Voorste kruisband reconstructie Voorste kruisband reconstructie Techniek met kniepees Techniek met hamstrings Deze brochure is voor patiënten die in aanmerking komen voor een operatie ter vervanging van de voorste kruisband (reconstructie).

Nadere informatie

Peespathologie in de knie.

Peespathologie in de knie. Peespathologie in de knie. Dr. Frank Verheyden Heilig Hart Ziekenhuis Lier Peespathologie in de knie. Patellapeestendinitis. Tendinitis van de ganzevoet. Peespathologie in de knie. Patellapeestendinitis.

Nadere informatie

Kruisbandherstel d.m.v.

Kruisbandherstel d.m.v. Kruisbandherstel d.m.v. operatie Voorste kruisbandruptuur VKB-ruptuur) Vaak worden we geconfronteerd met een hond die plotseling of geleidelijk is gaan manken met een of beide achterbenen. Zeer frequent

Nadere informatie

Voorste kruisbandreconstructie

Voorste kruisbandreconstructie Voorste kruisbandreconstructie Orthopedie / Fysiotherapie Beter voor elkaar 2 Orthopedisch netwerk Ikazia Als u in het Ikazia Ziekenhuis geopereerd wordt aan de voorste kruisband, bent u verzekerd van

Nadere informatie

Artroscopisch hechten van de meniscus

Artroscopisch hechten van de meniscus Artroscopisch hechten van de meniscus Inhoud Inleiding 3 De operatie 3 Voordelen van de artroscopie 3 Na de operatie 3 De wondjes 4 Het ontslag 4 Leefregels na ontslag 4 Poliklinische controle 5 Vragen

Nadere informatie

De unicompartimentele knieprothese

De unicompartimentele knieprothese De unicompartimentele knieprothese Inhoud Inleiding 3 Het kniegewricht 3 Artrose knie 3 De operatie 4 Voordelen van een enkelzijdige knieprothese 4 Na de operatie 4 Bloedverdunnende injecties 4 Fyisotherapie

Nadere informatie

Orthopedie. Polsprothese

Orthopedie. Polsprothese Orthopedie Polsprothese Inleiding Binnenkort wordt u geopereerd aan uw pols. Er wordt een polsprothese geplaatst. In deze folder vindt u informatie over de pols, de aanleiding voor de operatie, de operatie,

Nadere informatie

Arthroscopie (kijkoperatie) van het kniegewricht

Arthroscopie (kijkoperatie) van het kniegewricht Arthroscopie (kijkoperatie) van het kniegewricht 1 Inhoud Inleiding 2 Waarom een arthroscopie van de knie? 2 Anesthesie (verdoving of narcose) 3 Voorbereiding thuis 4 De operatie 4 Na de operatie 4 Opnameduur

Nadere informatie

Gewrichten in beweging 14 maart WDH Breda

Gewrichten in beweging 14 maart WDH Breda Gewrichten in beweging 14 maart WDH Breda Anne van Vegchel SGA West-brabant CV 2000-2006 geneeskunde Utrecht 2007-2011 sportgeneeskunde Utrecht 2008-2012 clubarts eredivisieploeg handbal 2008-heden bondarts

Nadere informatie

INTERCOLLEGIALE TOETSING

INTERCOLLEGIALE TOETSING Aanwezig: Datum: dinsdag 18 maart 2014. Reden van komst Knieklachten rechts. INTERCOLLEGIALE TOETSING Anamnese Patiënt L, 48 jaar komt met verwijzing van huisarts naar polikliniek vanwege knieklachten

Nadere informatie

Voorste kruisband reconstructie Hamstrings techniek (Dagopname)

Voorste kruisband reconstructie Hamstrings techniek (Dagopname) 00 Voorste kruisband reconstructie Hamstrings techniek (Dagopname) poli Orthopedie 1 Inleiding Uw orthopedisch chirurg heeft u geadviseerd om een voorste kruisband reconstructie van uw knie te ondergaan

Nadere informatie

Arthroscopie van de elleboog

Arthroscopie van de elleboog Arthroscopie van de elleboog Kijkoperatie van de elleboog Orthopedie 5693p ORT.024/1008.CV..A Inleiding Uw behandelend arts heeft u een kijkoperatie (arthroscopie) van uw elleboog geadviseerd. Deze folder

Nadere informatie

Schouderprothese. Orthopedie. Oorzaken van de klachten. Artrose. Reuma. Fracturen. Onherstelbare rotator cuff-scheuren. Anatomie van de schouder

Schouderprothese. Orthopedie. Oorzaken van de klachten. Artrose. Reuma. Fracturen. Onherstelbare rotator cuff-scheuren. Anatomie van de schouder Orthopedie Schouderprothese Bij slijtage van de schouder kan het schoudergewricht worden vervangen door een prothese. Wat zijn de oorzaken van de klachten en welke soorten prothesen kunnen worden ingezet.

Nadere informatie

Botbreukoperatie afdeling Chirurgie

Botbreukoperatie afdeling Chirurgie Botbreukoperatie afdeling Chirurgie Albert Schweitzer ziekenhuis afdeling Chirurgie september 2013 pavo 0323 Inleiding In het menselijk lichaam zitten zeer veel verschillende botten, die op verschillende

Nadere informatie

Nog vragen? Artrose van de knie De knie Wat is een artrotische knie?

Nog vragen? Artrose van de knie De knie Wat is een artrotische knie? Artrose van de Knie Artrose van de knie Bij artrose van de knie is er sprake van slijtage. Er zijn drie vormen die het kniegewricht kunnen aantasten. In deze folder leest u over de mogelijkheden van een

Nadere informatie

De totale heupprothese

De totale heupprothese De totale heupprothese Bekken Heupkom Heupkop Heuphals Bovenbeen Figuur 1: De heup, vooraanzicht De heupprothese Als u een versleten heup heeft, kan dat erg pijnlijk zijn. In veel gevallen is pijn de voornaamste

Nadere informatie

Kijkoperatie van de knie (meniscus)

Kijkoperatie van de knie (meniscus) Kijkoperatie van de knie (meniscus) Informatie voor patiënten F0073-1011 juni 2013 Medisch Centrum Haaglanden www.mchaaglanden.nl MCH Antoniushove, Burgemeester Banninglaan 1 Postbus 411, 2260 AK Leidschendam

Nadere informatie

Vervangen buiten- of binnenband of achterste kruisband van de knie. Laterale/ mediale bandreconstructie of achterste kruisbandreconstructie

Vervangen buiten- of binnenband of achterste kruisband van de knie. Laterale/ mediale bandreconstructie of achterste kruisbandreconstructie Vervangen buiten- of binnenband of achterste kruisband van de knie Laterale/ mediale bandreconstructie of achterste kruisbandreconstructie Inhoud Inleiding 3 Mediale/laterale band 3 De operatie 3 Na de

Nadere informatie

Orthopedie. Voorste kruisband

Orthopedie. Voorste kruisband Orthopedie Voorste kruisband 1 Tijdens sporten of een ongelukkige beweging kan de voorste kruisband scheuren. Uw orthopedisch chirurg zal in veel gevallen adviseren de voorste kruisband te vervangen. In

Nadere informatie

INTERLINE Orthopedie 2014 oktober 2014 ACHTERGRONDEN BIJ DE CASUSSCHETSEN INCLUSIEF LEERDOELEN EN STELLINGEN

INTERLINE Orthopedie 2014 oktober 2014 ACHTERGRONDEN BIJ DE CASUSSCHETSEN INCLUSIEF LEERDOELEN EN STELLINGEN INTERLINE Orthopedie 2014 oktober 2014 ACHTERGRONDEN BIJ DE CASUSSCHETSEN INCLUSIEF LEERDOELEN EN STELLINGEN Inleiding Dit is het tweede Interlineprogramma Orthopedie, het eerste dateert uit 2002. Het

Nadere informatie

ARTHROSCOPIE VAN DE KNIE. Dr. Ameloot Ivan - Dr. Kegels Lore Dr. Van Asch Yves - Dr. Veldeman Guy

ARTHROSCOPIE VAN DE KNIE. Dr. Ameloot Ivan - Dr. Kegels Lore Dr. Van Asch Yves - Dr. Veldeman Guy ARTHROSCOPIE VAN DE KNIE Dr. Ameloot Ivan - Dr. Kegels Lore Dr. Van Asch Yves - Dr. Veldeman Guy Arthroscopie U krijgt binnenkort een kijkoperatie van de knie, een zogenaamde arthroscopie. Deze folder

Nadere informatie

Orthopedie. Arthroscopie van de enkel

Orthopedie. Arthroscopie van de enkel Orthopedie Arthroscopie van de enkel 1 Uw orthopedisch chirurg heeft u geadviseerd om een arthroscopie van de enkel te ondergaan. In deze brochure wordt u informatie gegeven over de mogelijkheden van een

Nadere informatie

Patiënteninformatie locatie Blaricum. Schouderinstabiliteit. Informatie over een schouder uit de kom en de mogelijke behandelingen

Patiënteninformatie locatie Blaricum. Schouderinstabiliteit. Informatie over een schouder uit de kom en de mogelijke behandelingen Patiënteninformatie locatie Blaricum Schouderinstabiliteit Informatie over een schouder uit de kom en de mogelijke behandelingen Schouderinstabiliteit Informatie over een schouder uit de kom en de mogelijke

Nadere informatie

Afdeling Handchirurgie

Afdeling Handchirurgie Europees erkend Hand Trauma Centrum Medisch Protocol PIP hyperextensie (volaire plaat) letsel v.2-07/2013 Het hyperextensie letsel van het PIP gewricht is de meest voorkomende luxatie in de hand. - Instabiliteit

Nadere informatie

4.6 Enkelletsel. Specifiek lichamelijk onderzoek. Specifieke anamnese. C.N. van Dijk

4.6 Enkelletsel. Specifiek lichamelijk onderzoek. Specifieke anamnese. C.N. van Dijk 11-Chirurgie 4.6 01-06-2005 09:43 Pagina 75 75 4.6 Enkelletsel C.N. van Dijk U bent huisarts. Op uw spreekuur verschijnt de heer De Boer, 34 jaar, die een dag tevoren tijdens een voetbalwedstrijd een trap

Nadere informatie

Vervangen buiten- of binnenband van de knie. Laterale of mediale bandreconstructie

Vervangen buiten- of binnenband van de knie. Laterale of mediale bandreconstructie Vervangen buiten- of binnenband van de knie Laterale of mediale bandreconstructie Inhoud Inleiding 3 Mediale/laterale band 3 De operatie 3 Na de operatie 4 Brace 4 Pijn 4 Fysiotherapie 4 De wond 5 Ontslag

Nadere informatie

Cascais 2015 Overeindse dagen

Cascais 2015 Overeindse dagen Cascais 2015 Overeindse dagen Robin van Kempen, orthopedisch chirurg Marijn van den Besselaar, orthopedisch chirurg Ralf Bollen, huisarts Son en Breugel Richtlijnen NHG en NOV Indicaties, diagnostiek,

Nadere informatie

Verplaatsen knieschijf pees en herstel binnenste knieschijfband bij voorste knie pijn en instabiliteit

Verplaatsen knieschijf pees en herstel binnenste knieschijfband bij voorste knie pijn en instabiliteit Verplaatsen knieschijf pees en herstel binnenste knieschijfband bij voorste knie pijn en instabiliteit Tuberositas transpositie en evt. Mediaal PatelloFemorale Ligament reconstructie Inhoud Inleiding 3

Nadere informatie

Ligamentair letsel kniegewricht

Ligamentair letsel kniegewricht Sport-Fysiotherapie R. de Vries en Medische Trainings Therapie Kerkweg 45a 4102 KR Zijderveld Telefoon 0345-642618 Fax 0345-641004 E-mail vriesfysio@planet.nl Internet www.fysiodevries.nl Ligamentair letsel

Nadere informatie

Achtergrond. capitatum lunatum. trapezoideum. duim scafoïd. pink. trapezium

Achtergrond. capitatum lunatum. trapezoideum. duim scafoïd. pink. trapezium Chapter 11 Samenvatting Achtergrond Het scafoïd (scaphoideum) is een van de 8 handwortelbeenderen en vormt de belangrijkste schakel tussen de hand en pols (Figuur 11.1). Scafoïdfracturen komen veel voor

Nadere informatie

Antwoordformulieren open vragen

Antwoordformulieren open vragen Antwoordformulieren open vragen Bloktoets : 5O07 Datum : 9 april 0 Aanvang : Studentnummer : Studentnaam :. 9 APRIL 0 Sint Radboud Een coronale doorsnede Een transversale doorsnede 9 APRIL 0 Sint Radboud.

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/35462 holds various files of this Leiden University dissertation.

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/35462 holds various files of this Leiden University dissertation. Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/35462 holds various files of this Leiden University dissertation. Author: Huétink, Kasper Title: Knee complaints and prognosis of osteoarthritis at 10 years

Nadere informatie

Verdiepingsmodule. Vaardigheid schouderonderzoek. Schoudersklachten: Vaardigheid schouderonderzoek. 1. Toelichting. 2. Doel, doelgroep en tijdsduur

Verdiepingsmodule. Vaardigheid schouderonderzoek. Schoudersklachten: Vaardigheid schouderonderzoek. 1. Toelichting. 2. Doel, doelgroep en tijdsduur Schoudersklachten: 1. Toelichting Deze verdiepingsmodule is gebaseerd op de NHG Standaard van oktober 2008 (tweede herziening). De anatomie van de schouder is globaal wel bekend bij de huisarts. Veelal

Nadere informatie

Voorste kruisband reconstructie

Voorste kruisband reconstructie Voorste kruisband reconstructie Inleiding Binnenkort wordt u geopereerd aan de knie. Hierbij zal de afgescheurde/beschadigde voorste kruisband worden vervangen. Hiervoor wordt een pees gebruikt die op

Nadere informatie

Orthopedie. Schouderprothese

Orthopedie. Schouderprothese Orthopedie Schouderprothese Inleiding Binnenkort wordt u geopereerd aan uw schouder. Er wordt een schouderprothese geplaatst. In deze folder vindt u informatie over het schoudergewricht, de aanleiding

Nadere informatie

PATIËNTEN INFORMATIE. Hallux rigidus. (artrose grote teen)

PATIËNTEN INFORMATIE. Hallux rigidus. (artrose grote teen) PATIËNTEN INFORMATIE Hallux rigidus (artrose grote teen) Door middel van deze informatiefolder wil het Maasstad Ziekenhuis u een overzicht geven van de klachten en de behandeling bij een hallux rigidus

Nadere informatie