De geschiedenis, Van Laarhoven

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De geschiedenis, Van Laarhoven"

Transcriptie

1 De geschiedenis, Van Laarhoven Digitale versie Wim van Laarhoven Junior te s-hertogenbosch juli e auteur Ad Laarhoven te Helmond september 1984

2 Genealogische Verhandeling Over de geschiedenis van het geslacht Van Laerhoven de Loon op Zand tak Dit boek is deel 5 van de 9 delen Deel 1. Mei 1976 Breda Deel 2. Augustus 1978 Tilburg Deel 3. Mei 1981 Udenhout Deel 4. December 1981 Oirschot Deel 5. September 1984 Loon op Zand Deel 6. Deel 7. Deel 8. Deel 9. Deel 10. De Finale De finale is gewijd aan de vroegere geschiedenis voordat de opeenvolging van zijtakken ontstonden die zoals in deel 1 tot en met deel 9 beschreven zijn. In ieder deel komt daar een klein stukje geschiedenis aan vooraf om optimaal op de hoogte te zijn van onze vroegere voorouders. Veel plezier met dit kostbare document van u familienaam. Ad Laarhoven en Wim van Laarhoven Junior II

3 Inhoudsopgave 1. Voorwoord Pag. IV 2. Proloog Pag. VII 3. Cultuurhistorisch overzicht en maatschappijstructuur tot ± 700 Pag. XI 4. Cultuurhistorisch overzicht en maatschappijstructuur na ± 700 Pag. XIV 5. Geschiedkundige verhandeling over Taxandria Pag. XX 6. Geschiedkundige tafel met jaartallen over Taxandria Pag. XXIII 7. Gedetailleerde staatkundige geschiedenis van Taxandria Pag. XXIV 8. Naamgeving (algemeen) Pag. XXXIII 9. Onze geslachtsnaam. Van Laerhoven Ontstaan en de verklaring Pag. XXXVII 10. Het geslachtswapen Pag. XLIV 11. Economische ontwikkeling na 1000 a.d.(geld en cijnzen) Pag. XLVII 12. Wij van Laerhoven`s. Uitgebreid onderzoek naar ons Pag. LII 13. Verklaring bij de stamboomoverzichten Pag. LVIII 14. Literatuurlijst Pag. LXI 15. Overzicht van de verspreiding van het geslacht Pag. LXII 16. Gedetailleerde stamboomoverzichten met persoonsbeschrijving Document II * Document II* is de digitale stamboom creatie van Wim van Laarhoven voltooid in in het digitale bestand Stamboom van Laarhoven 2. III

4 Voorwoord. Bij de uitgifte van deel V van de stamboom van het geslacht Van Laerhoven is er van de zijde van de schrijver / onderzoeker de behoefte om nog enige toelichting en nadere informatie te verschaffen over dit deel V en de voortgang van het totale werk. Op de eerste plaats is de verschijningsdatum van dit deel wat later geworden als oorspronkelijk de bedoeling is geweest. Er zijn dan ook enige toelichtingen mijnerzijds noodzakelijk om de samenstelling van dit deel V en de samenhang met de delen I en II te verduidelijken. Bij de oorspronkelijke uitgave van deel II Tilburg werd een deel Loon op Zand vermeld omdat toen reeds 1978 duidelijk was uit de, toen aanwezige gegevens dat er een directe samenhang was tussen de takken II en V. Achteraf is gebleken uit het latere onderzoek dat deze samenhang er inderdaad was maar dat de aansluiting daar weergegeven toch niet helemaal correct was en de gegevens over loon op Zand onvoldoende waren uitgewerkt. Dit gedeelte werd daarom bij een latere herziening van deel II dan ook weggelaten en is thans volledig in deel V verwerkt. Door een foutieve beoordeling mijnerzijds wegens onvoldoende kennis van het totaal der samenhang van de stamboom werd bij de uitgifte van deel I Breda een stuk stamboom in dit werk opgenomen 1976, waarvan later bekend is geworden dat dit in loon op Zand thuishoorde (de zogenoemde 1.5 tak van deel I). De betreffende naamgenoten zijn hiervan door mij allen op de hoogte gesteld. Ook deze wijziging werd thans in dit deel aangebracht en ik bied alsnog me excuses aan voor de destijds gemaakte vergissing. Maar beter ten halve gekeerd als ten hele gedwaald. Ook was er al lange tijd nog een andere sub-tak bekend in West-Brabant waarvan de aansluiting pas ongeveer twee jaar geleden werd gevonden en waarvan is gebleken dat deze ook in deel I Breda thuishoort. Tevens is ook van deze tak inmiddels de aansluiting op het oudste gedeelte gevonden. Het is daarom ook de bedoeling medio 1985 een herziene uitgave van deel I te laten verschijnen. De uitwerking van de sub-tak s-hertogenbosch is een zéér tijdrovende bezigheid geweest mede waardoor de publicatie van dit deel moest worden uitgesteld. Het totale werk is thans, na precies 35 jaren van intensief werken zover gevorderd dat het einde in zicht komt. Dit betekent echter ook weer niet dat dit al binnen 1 á 2 jaar het geval zal zijn, want deel VI Hilvarenbeek zal zeker nog anderhalf á twee jaar werk vergen voor dit ook voor publicatie gereed komt. Daar het protocollenonderzoek van Oisterwijk over de periode een schat aan gegevens heeft opgeleverd waardoor de definitieve aansluitingen van de takken I, II, III en V zijn vastgelegd, is thans met vrij grote zekerheid aan te nemen dat deel IV Oirschot via Moergestel zijn aansluiting zal vinden in Hilvarenbeek. Tevens zal in dit deel de aansluiting van de sub-takken Mierlo / Leende en Kalmthout aan de orde komen. Ook deze sub-takken lopen terug tot medio, eind 1600 maar zijn alleen niet zo uitgebreid voor wat betreft het aantal personen dat daar deel van uitmaakt. Het protocollenonderzoek heeft het laatste jaar wat gestagneerd vanwege persoonlijke omstandigheden van de Heer P. De Lange die hierin een leeuwenaandeel levert. IV

5 Sinds kort is hij echter weer begonnen en de verwachting is dat binnen één jaar de protocollen van Hilvarenbeek, Oirschot, Mierlo en Tilburg zullen worden doorgenomen voor de betrokken perioden voor het onderzoek. Als sluitstuk zullen dan daarna Oisterwijk ver de periode 1419 / 1490 nog worden afgewerkt. Of daarna nog tijd en geld beschikbaar zal zijn om de Bossche protocollen van vóór 1419 door te nemen moet dan bekeken worden deze lopen terug tot 1319 en zijn de oudste particuliere gegevens van Brabant. De algemene tekst van deel V is geheel opnieuw herschreven en volledig aangepast aan de uitkomsten van het totale onderzoek van dit moment. Dit was noodzakelijk daar de laatste vijf jaar zoveel nieuwe kennis over onze voorouders en de geschiedenis van Brabant tot ons is gekomen dat dit beslist diende te gebeuren om een juiste weergave te kunnen zijn van het geheel aan kennis dat ons thans te beschikking staat. Evenals in vorige delen een woord van dank aan allen die mij op welke wijze ook, behulpzaam zijn met het bijeen brengen van het omvangrijke materiaal om onze gezamenlijke kennis weer verder te verrijken en de uitgifte van de boeken mogelijk te maken. Naast de Heer P. De Lange wil ik dan graag vermelden het Rijksarchief in s-hertogenbosch en de streek en gemeente archivarissen waar ik al die jaren zoveel medewerking heb ondervonden. Maar vooral ook u, naamgenoten voor de enthousiaste wijze waarop u allen op mijn oproep tot het verstrekken van persoonlijke gegevens reageert en mij allerlei detailinformaties verschaft waardoor het mij mogelijk wordt gemaakt een hoofdstuk als; Wij de van Laerhoven`s te schrijven. Dit enthousiasme is voor mij steeds de drijvende kracht om daarvoor dit werk tijdens mijn leven te voldoen. Er zal echter nog wel een jaar of zeven nodig zijn om dit te kunnen doen. And last but no least een bijzonder woord van dank aan mijn broer Wim in Canada voor zijn financiële steun want zonder dat was het protocollen onderzoek nooit mogelijk geweest. Na de uitgifte van deel VI Hilvarenbeek omstreeks eind 1986 zal er dan omstreeks 1988 nog een deel VII Finale verschijnen (de elektronische auteur vermeldt nu dat de Finale het 10 e deel is geworden en dat na dit deel V er nog vier delen zijn uitgebracht). Met daarin opgenomen een volledige stamboom vanaf 1300 tot 1700 met vermelding van alle aansluitingen der takken die reeds in boekvorm zijn vastgelegd. Deze stamboom zal dan een periode van bijna 700 jaar weergeven in ongeveer 25 generaties, volledig uitgewerkt. Bij vorige edities heb ik steeds gepoogd een relatie te leggen tussen het verschijnen van één deel van het werk en een speciaal aspect vanuit het totale werk. Zo was deel I opgedragen aan de mannen van ons geslacht, deel II aan de moeders, deel III aan onze kinderen en deel IV aan onze jonge generatie. Ik heb dit thans losgelaten daar ik van mening ben dat de boodschap, die ik meen te moeten doorgeven, middels dit werk thans duidelijk genoeg is weergegeven o.a. in het hoofdstuk Wij van Laerhoven`s. Ik zie dit werk steeds meer als een opdracht die ik heb mogen, maar ook heb moeten doen. Als een geestelijk appél aan ons geslacht om de culturele waarden en de geestelijke verworvenheden van zeven eeuwen pioniers en voortrekkers te zijn geweest vanuit een ver verleden niet verloren te laten gaan maar integendeel in stand te houden en uit te dragen in deze tijd van algemene verloedering en vervlakking van de geestelijke moraal en weerbaarheid. Ik ben mij ervan bewust dat dit voor enkelen onder u misschien een uitdaging is. Stel u gerust; ik voel mij geen hoge priester of profeet, slechts simpel een roepende in de woestijn. V

6 Als zodanig vertrouw ik er ook op dat u het kunt en wilt aanvaarden in een grote openheid en verbondenheid door het bloed. Lees het boek aandachtig en laat zien aan andere naamgenoten die het nog niet hebben en dan wens ik u vele uren van interessante leerstof en houd ik mij aanbevolen voor uw op of aanmerkingen. Helmond, september De schrijver. VI

7 Proloog (Episode uit het boek; De stem van het bloed). Geschiedenis van het geslacht van de Laerhof. Regner had wat rondgelopen om de hofstede, hier eens loerend, dan weer zittend ergens op een steen of een boomstronk. Waar was hij? Hij keek om zich heen en achter zich zag hij op naar de hofstede, voor zich keek hij uit over de buurtschap met zijn huizen, schuren en akkers en weilanden. Dit was zijn wereld waarover hij altijd had uitgekeken maar nu was er iets vreemds aan, iets ongewoons, iets dreigends. Overal om zich heen hoorde hij geluid, gesuis, langzaam aanzwellend, langzaam naderbij komend. Wat was er aan de hand met het bos? Het leek wel of het van alle kanten op hem af kwam, of het leefde, of het liep. De bomen bogen op en neer met steeds dreigender lawaai. Het leek wel of alles zich bewoog en van zijn plaats kwam. Waren de bossen aan de wandel? Overal kraakte het hout en de wind geselde de takken. Er klonk gedreun uit het bos dat langzaam aanzwol en alles overstemde. Dieren zag hij, tientallen, honderden; hij hoorde ze aankomen van alle kanten, dreunend en daverend en de aarde trilde. Ze kwamen naderbij, naast en achter elkaar rug na rug, rij na rij, alles vertredend, het bos plattrappend, aangolvend als een zee. Grote beren, wrede wolven, loerende vossen en stampende ossen. Steeds dichterbij kwamen zij, honderden, duizenden; dreigend en beklemmend. De lucht werd zwart van haviken, arenden en allerlei soorten roofvogels, zachtjes aan suizend op breedwiekende vleugelslag met de scherpe snavels dreigend vooruit klaar om op hun prooi te vallen. En van alle kanten zag hij uit het bos mensen op de buurtschap aansluipen. Roversbenden, de wapenen dreigend geheven. Zwerversvolk dat om de huizen gluurde; volk waar vroeger jacht op werd gemaakt, het wemelde ervan, overal. En vanaf de heuvels achter Bosrode kwamen nog weer andere mensen aansluipen; de bewoners van de woonstreek. Zij verscholen zich achter bosjes en in kuilen maar hij zag ze duidelijk. Ze praatten mompelend en dreigend. Van alle kanten kwamen ze naderbij sluipen; het dreigende gevaar van alle tijden. Een ring van vijandschap en haat trokken zij om hem heen, nader en nader kwamen zij. Regner huiverde en voelde zich krachteloos, niet tot weerstand in staat. Alléén stond hij daar tegenover het gevaar en de dreiging die altijd om hem was geweest. Duidelijk nu zag hij de fonkelende ogen der dieren en hun geopende, bloederige muilen. De gluiperige blikken der mensen met hun handen als gekromde klauwen. Dan, plotseling hoorde hij iets achter zich. Er kraakte iets achter hem en iets raakte hem aan en ging vlak langs hem heen. Neen, als het ware dwars dóór hem heen gleed een rij van mannen, geluidloos, de een na de ander, gewapend met speer en schild, bijl en zwaard. Er waren erbij die donker waren en ernstig zoals Waltharis was geweest. Andere waren lichter van huid met blonde haren en helblauwe ogen, zoals hijzelf was maar met een barse glimlach om de mond. Groot van bouw en schouders waren zij en de blond harige waren soepel van lichaam en bewogen zich onhoorbaar. Rustig en zonder haast vormden zij een kring rondom hem en de hofstede en maakten zich gereed voor de strijd. De mannen van zijn geslacht. Dieren en mensen vervaagden en het lawaai en gedreun zwakte af tot een zwak gefluister in de bomen. Lang stonden de mannen daar aan de rand van de heuvel waarop hij stond en waarop de hofstede lag, roerloos, als een levende muur tegenover alle aanstormende haat en geweld. VII

8 Dan verscheurt een oorverdovende klap de stilte. De aarde beeft en de lucht trilt en vuur vlamt op als een blauwe gloed boven de hofstede, de buurtschap en het bos. Toen werd alles stil. Alleen een ruisend geluid, als van regen, glijdt over de eindeloze verten van de bossen. Vlakbij de hofstede stond een eeuwenoude, knoestige en hoge eik. Hoelang hij daar al stond wist niemand maar, volgens zeggen, was hij ouder dan de hofstede zelf. Volgens overlevering had hij de eerste bewoners reeds tot schuilplaats gediend en zijn wortels waren diep in de grond verankerd. Als een reus stond hij daar, uitkijkend over de hofstede en de buurtschap, als een teken van kracht en sterkte. De legende vertelde verder dat, als er iets met de eik gebeurde, dit een kwaad teken zou zijn voor de bewoners van de Laerhof. Nu was het gebeurd; De bliksem had de kruin van de enorme boom getroffen en een groot gedeelte was daarvan afgeslagen dat met donderend geweld naar beneden was gekomen. Uit wirwar van takken en bladeren komt een man tevoorschijn gekropen. Het is Regner. Zoals gewoonlijk had hij beschutting gezocht onder de grote boom op de nadering van het slechte weer en had daar, terwijl het onweer overtrok, in verwarde dromen en visioenen gestaan totdat de bliksem insloeg en hem wekte. Donder en weerlicht hadden hem gewekt en voor het eerst in lange tijd was hij weer helder wakker. Hij streek met de handen over de ogen en staarde verbaasd naar de enorme hoop van takken. Die waren dáár toch voordien nooit geweest? Zo kroop hij uit de warboel en keek om zich heen. Ja, daar verderop stond de hofstede. Was hij nu wakker of droomde hij nog steeds en hij dacht na over alles wat hij, zo even nog, als in een droom had gezien. Hij trok aan zijn haren en kneep in zijn neus, betastte de takken en de bladeren en zag dat alles echt was. De bladeren roken fris en zagen er groen en gezond uit. Hij liep wat verder weg en, op enige afstand, keek hij omhoog naar de eik en een blik van schrik en afgrijzen kwam op zijn gezicht. Duidelijk zag hij nu dat de eik niet meer zo hoog was als voorheen en een snelle blik naar omlaag verklaarde hem wat er gebeurd moest zijn. Op enkele plaatsen kon hij de schroeisporen nog zien waar de bliksem de boom had getroffen. De bliksem was wel vlakbij hem ingeslagen En de grote eik had schade geleden Maar hij was niet gehéél vernietigd. Duidelijker kon Gods antwoord op zijn vragen toch niet geweest zijn. Het regende nog steeds hard maar Regner stond nog steeds op dezelfde plaats. Tot op zijn huid was hij nat maar hij voelde het niet. Hij staarde voor zich uit over de hofstede en de buurtschap alsof hij ze nu pas voor de eerste keer zag en zelfs nu, in wakende toestand, stond zijn droom hem weer helder voor de geest. De wind suizelde zachtjes door het bedaard geworden bos en drupten de laatste droppels weg van bladeren en takken en het was drukkend stil na het onweer. Dan brak het wolkendek vaneen en de zon, reeds ver gedaald in het westen, zond zijn laatste stralen over het bos en de buurtschap en staken scherp af. Alles had diepte en verte en leek toch onwerkelijk tegen de achtergrond van licht en donker. In het zuiden was, over het woud, de zachte glans van een regenboog te zien. Regner`s ogen, die voor alles lange tijd blind waren geweest, keken wijd en vol verwondering naar dit prachtige schouwspel en op dat moment viel een gouden zonnestraal op hem en zette hem in volle gloed. Alsof de hemel hem een teken gaf van een nieuw verbond strekte hij de rug en ging zijn hoofd, dat zolang benedenwaarts was gericht, omhoog en hij voelde zich als herboren. Zachtjes rommelde het aftrekkende onweer nog in de verte over de zuidelijke bossen. Regner was naar binnen gegaan en had droge kleren aangetrokken en was al lopend, terechtgekomen in de grote oude kamer. VIII

9 Nadat hij de ramen had geopend om de frisse lucht binnen te laten was hij daar aan de grote tafel gaan zitten en, nog in gedachten, keek hij uit over de buurtschap en de verre bossen. Hij dacht na over de droom en de inslag in de oude eik en begreep thans pas ten volle wat de betekenis moest zijn. Het geslacht, gesymboliseerd in de oude eik, was geslagen en gehavend maar nog steeds bestond het, met de wortels diep verankert in de oude grond. Geslagen, gebeukt, verschroeid en afgeknot kon hij worden maar niet vernietigd, want steeds opnieuw zou de oude stam uitschieten, zolang er nog maar leven was. Zo was het altoos gegaan de eeuwen door. Steeds als er een lid van zijn geslacht ter aarde was gedaald had hij de toorts doorgegeven om hem brandende te houden. Nu hadden Waltharis, zijn goede broeder, en zijn lieve kleine jongen hem de toorts overhandigt toen zij omkwamen en hij moest die nu verder dragen en zorgen dat hij hem ook weer kon doorgeven, door de eeuwen heen. En dat was ook de bedoeling van de droom geweest. Hij Regner, hij stond niet alleen. Hij, de drager van de toorts, van het leven, werd gedragen door zijn ganse voorgeslacht. Zij waren bij hem, Hij was product en onderdeel samen van die onverbrekelijke keten die voerde naar de eeuwigheid. Duidelijk zag hij nu ook zijn verantwoordelijkheid tegenover zijn geslacht de hofstede en de buurtschap. Dáár lag zijn taak, zijn leven Het leven. Dit doorgeven dat was zijn opdracht, op hem kwam het nu aan. Plotseling rechtte hij zijn hoofd en kwam overeind. Een woord schoot hem in de gedachte dat zijn vader zo vaak trachtte te gebruiken. Het woord mannenplicht. Dat woord wekte plotseling zoveel herinneringen aan zijn vader bij hem op. Hij had daarmee bedoeld dat het plicht was te zorgen en te werken opdat men zelf en de zijnen veiliger in het leven zou staan. Maar ook had hij daarmee bedoeld dat men niet zou vloeken en goddeloze woorden moest gebruiken. Dat men eerbied en respect moest hebben voor zijn ouders, eerbied voor het leven en alles wat om je heen was, leefde en groeide. Dat men het onderscheid moest kennen tussen hetgeen van jouw was en datgene wat van een ander was en dat men niet moest handelen in toorn maar bedachtzaam te werk moest gaan. Dat alles ging door hem heen als hij terugdacht aan de gezegden en opvattingen van zijn vader en dat deze zich daaraan ook had gehouden. Zijn vader had dit alles waarschijnlijk ook weer gehoord van zijn vader en die weer van de zijne. De oude zelfbewustheid, die zijn geslacht zo eigen was, doorstroomde Regner weer. Maar dan dacht hij weer diep na over waar dan eigenlijk het woord wraak thuishoorde. Zeker was het zo dat sedert onheugelijke tijden het woord wraak óók onder de mannenplicht thuishoorde. Immers de oude verhalen, die Waltharis en hem zo vaak verteld waren, eindigden altijd met de fiere woorden; en geen hunner ligt ongewroken in zijn graf. Er waren daaronder verhalen geweest van bloedwraak en zijn hart had dan overgelopen van trots op zijn koene en stoutmoedige voorvaders. Was dat dan allemaal niet goed geweest? Hij dacht er diep over na en begreep het niet. Werd er dan ook niet gezegd dat men zijn voorouders moest vereren en dan paste het toch niet hen nu ter verantwoording te roepen. Maar had zijn vader ook niet verteld dat er, al weer lang geleden, mannen waren gekomen uit het zuiden met lange baarden en mantels die kruizen droegen. En die hadden verteld dat de tijd van de oude Goden voorbij was en dat zij een nieuwe God kwamen brengen. Een god die niet meer wilde dat mensen elkaar doodmaakten ook niet uit bloedwraak. Want die God zou zelf wraak nemen als mensen elkaar verkeerd bejegenden. Nou, Regner was wel van mening dat die God dan nog heel wat te doen had als hij alles zo eens goed bekeek IX

10 Want eigenlijk was er door die nieuwe God toch niet veel veranderd in vergelijking met de oude goden. Nog lang zat hij hierover na te denken maar telkens kwam hij toch weer terug op dat mannenplicht Het was al donker geworden toen hij eindelijk meende te begrijpen wat het allemaal inhield. Plicht was niet in elke tijd hetzelfde, het veranderde wanneer ook de tijd veranderde. Daarom hadden zijn voorouders anders kunnen handelen als hij nu zou moeten doen. In die oude tijden was het nodig geweest zich te weren tegen wilde dieren en kwaadwillende mensen. Zij waren van verre landen naar hier gekomen en hadden zich hier voorgoed gevestigd maar anderen wilde dat niet. Daarvoor hadden zij moeten vechten en moeten verdedigen wat zij zelf hadden opgebouwd. Thans hadden zij iets bereikt. Zij hadden zichzelf status en aanzien verworven. Er moest nu rekening met hen gehouden worden en velen waren zelfs nog bang voor hen. Zijn voorouders hadden het moeilijke werk moeten doen, zij hadden de hofstede opgebouwd tot wat zij nu was en dat was gegaan ten koste van zweet en bloed. Hij moest het nu echter in stand houden en bewaren en daarvoor zouden andere regels gaan gelden. Langzaam daalde de avond en daarmede ook vrede in Regner`s hart. Hij had zijn strijd gestreden. Een nieuwe taak wachtte hem. X

11 Cultuurhistorisch overzicht en maatschappijstructuur tot ± 700 Om na te gaan langs welke wegen de ontwikkeling van een geslacht zich heeft bewogen dienen wij ons eerst bezig te houden met een algemeen inzicht te krijgen over de eerste volkeren en hun maatschappelijke opbouw, aan de landstreek waar zij hebben gewoond. De oudst bekende bewoners in Zuid Nederland en noordelijk België waren Germaanse stammen (Nerviërs-Menapiërs en Eburonen). Verenigd in zogenaamde Kultus verbanden. Dit waren groepen van personen met een gezamenlijk leefpatroon bestaande uit jacht en visvangst en die daarnaast ook enige landbouw bedreven. Hun voornaamste bezit en bezigheid was echter veeteelt en het bezit van vee. Het waren grotendeels Nomaden die nog geen vaste woonplaatsen hadden. Dit is de tijd van de zogenaamde Oerboeren, levend in een vrije, gelijkberechtigde sibbe en in grote familie verbanden. De vader, patriarch, oefent de huisheerlijke macht uit over vrouw, kinderen en vrij en ten dele vrij huispersoneel, die tevens beschermingsmacht is en tot het familieverband beperkt blijft. Zo`n familieverband kon, wat aantal personen betreft, variëren van vijftig tot vierhonderd personen. Dit noemde men dan een sibbe. Een aantal van deze sibben tezamen vormden dan een stam of volk. Het aantal personen binnen een stam kon variëren van vijf tot dertigduizend man. Deze periode speelt zich af van omstreeks het begin van onze jaartelling tot ongeveer 400 A.D. In deze tijd ontwikkelt zich reeds een politiek onderscheid terwijl zich ook reeds klassen beginnen te vormen zoals nobiles, ingenui, servi en liberti. De benamingen zijn Romeins daar de oudste bronnen over de Germanen in onze streken komen uit Romeinse bronnen te weten Tacitus in zijn werk Germania. Ook de naam Germanen is Romeins en zou betekenen de Brullers dit vanwege hun krijgsgeschreeuw als zij ten aanval gingen. Er ontwikkelen zich twee hoofdklassen te weten; 1) De onvrijen (Latijns Servi ) groep van kleine boeren die onder een vrije heerboer werken, zoals de Romeinse coloni. Zij hebben de verplichting tot het leveren van koren, vee en kleding aan de heer. Zij zijn echter wel personen geen zaak of bezit, zoals dit bij de Romeinen het geval was. De heer blijkt in zijn verhouding tot de Servus (meervoud van servi) niemand boven zich te hebben. Er is geen staatsgezag boven hem, hij is absoluut heerser, hij kan straffen en zelfs doden. 2) De Vrijen (Latijns nobiles, ingenui ). Ingenui wordt gebruikt voor alle vrijen in de ruimste zin maar ook in enge zin, namelijk alle vrijen die geen nobiles zijn. Deze nobiles worden door de Tacitus ook wel principes genoemd. Princeps (hiervan is ons latere woord prins afgeleid) zijn betekent; A: bezit van gevolg hebben B: bezit van (groot) grondgebied C: bezit van borgh of hof XI

12 De principes vormen de hoogste bevolkingsklassen. (de Germanen noemden deze mensen zelf aterlinge waaruit later ons woord edelling is ontstaan). De voornaamste onder hem wordt soms koning genoemd. Deze vegetatiekoning heeft echter geen absoluut gezag. Hij is slechts eerste onder gelijken. Geen dwang door wapenen maar een vrijwillige status daar zij, de ingenui en nobiles, immers geen onderdanen zijn. Zij volgen hem uit vrije keuze uit respect voor persoonlijkheid of capaciteiten. Ook de principes hebben geen bevelsmacht over anderen vrijen alhoewel zij wel de voornaamste rol spelen op de volksvergadering (Ding-Thing). Op deze vergadering heeft iedere vrije echter een eigen stem en beslist mee. Elke vrije beslist voor zichzelf en zijn familie welke weg zij zullen volgen. Zij kunnen zich dan ook, naar eigen keuze, aansluiten bij een aanvoerder (dit noemt men gevolgschap). Vraag is nu echter; hoe ontstaat dan toch heerschappij over vrijen? Hiervoor zijn twee redenen mogelijk geweest; 1) vrijen, die niet tot zelfhandhaving en bescherming van eigen huisgemeenschap in staat zijn geweest bijvoorbeeld, in militaire noodsituaties, en hun toevlucht namen tot een sterkere vrije die over een goede vluchtburg beschikte, werden daardoor sterk afhankelijk. 2) Door vrijwillige zelf onder ordening van een vrije onder een heer tot het gezamenlijke nastreven van bepaalde doelen. Automatisch waren deze heren dan vaak ook geestelijk en lichamelijk sterken en mannen van aanzien en rijkdom. Hij kon de, rondom hem, verzamelde niet als zijn onderdanen beschouwen. Hij werd gehoorzaamd uit respect. Ten tijde van de grote volksverhuizingen worden deze vikingachtige adelsheren met hun talrijk gevolg de basis van nieuwe stamverbanden. Comitatus noemt Tacitus zo`n gewapende schare; de voornaamste eigenschap hiervan was trouw aan hun aanvoerder. Zij trekken op krijgstocht om nieuw grondgebied te veroveren en bij geslaagde ondernemingen, laten zij zich in het nieuw veroverde gebied neer en koloniseren het. Het succes van zulk een oorlogsleider (Germaanse Hertog) kon zo groot zijn dat hij uitgroeide tot een heerkoning, dit ter onderscheiding van de oude volks of vegetatiekoning. Aan het gevolg van vrije mannen wordt het veroverde land uitgedeeld die dit dan onmiddellijk van de vorst ontvangen als beloning voor trouw. Ook komt groepsvestiging voor met de gehele familie. Een krijgerboer wordt aangesteld over een nederzetting (Latijns Villa ), de principes over meerdere nederzettingen en grotere landsdelen. Maar elk sticht een nieuwe huisgemeenschap die de naam ontvangt van de vrije heerboer. Hier ligt het begin van de zogenaamde Heim-Hof-Curtis namen (zie hierover verder in het hoofdstuk naamsverklaring ). De principes groeien uit tot grote heren (Graven), de vrije heerboer tot landadel op hun hof. De hertogkoning blijft de belangrijkste onder de principes. Wel volgt er een voortdurend touwtrekken tussen de Hertog die zijn macht wil vergroten en de principes adel die zijn macht willen beknotten ten gunste van zichzelf als persoon zowel als groep. Steeds hebben zich machtscrisis voorgedaan die allen hun oorsprong vinden in deze fundamentele tegenstelling. De vrije huisheerboer is namelijk bezitter van ODAL (Germaans AL-OD). Dit betekent van geslacht op geslacht eigen geërfd bezit (Allodium). Van adel (stelling) is hij die het recht heeft op zulk een bezit en daarover de privé soevereiniteit uitoefent; XII

13 Die over dit bezit geen cijns behoeft te betalen en in zijn bezit aan niemand behoeft te gehoorzamen. Deze situatie is ontstaan onder Chlodowech (Clovis), een Frankische Hertog die een zegevierende heerkoning werd. Vanwege zijn geluk en kwaliteiten volgden zijn krijgers hem, want hij voerde hen tot de overwinning en daarmede tot landbezit (rijkdom). Toen de titel echter met hem erfelijk werd en zijn opvolgers onbekwame legeraanvoerders bleken te zijn, wilde de krijgers deze niet lang meer volgen, en zag men om naar andere Hertogen, die zij vonden in de Hofmeyers (het geslacht der Carolingen). Maar ook bij dezen verliep het op dezelfde wijze. Met het wegvallen van een sterk gecentraliseerd gezag aan het einde van de 10 e eeuw begint het Feodale tijdperk. Een periode van ongeveer vierhonderd jaar waarin de leuze hoogtij zou vieren; GEEN LAND ZONDER HEER. Noot; Hertog afgeleid van herizogo (Germaans) heer = leger. Zoog = trok. Hij die het leger trok, die voorop ging, de aanvoerder. In het begin gebeurde dit slechts voor één veldtocht. Men plaatste hem op het schild en zo werd hij omhooggeheven in de volksvergadering zodat iedereen hem kon zien en wist wie hij volgens moest. Pas later werd de titel erfelijk. XIII

14 Cultuurhistorisch overzicht en maatschappijstructuur vanaf ± 700 De vroege bevolkingen van Taxandria zijn ruige, weinig geciviliseerde volken geweest. Deze culturen zijn tijdens en na de grote volksverhuizingen praktisch geheel verdwenen. Met de Franken kwam er een nieuwe cultuur die een hoofdzakelijke Germaanse inslag had, maar vermengd werd met gallo Romeinse invloeden. Livinus, die omstreeks 654 A.D. Taxandria bereisde, schildert de bewoners af als zijnde dieven en rovers, die elkaar als honden verscheuren en voor geen moord terug deinzen. Pippijn van Landen, Hofmeyer van Austrasië doet de eerste geloofspredikers naar Taxandria komen en beschermt hen. Het waren kloosterlingen van St. Benedictus (omstreeks 650 A.D.). De dochter van Pippijn, St. Geertrui, die van haar vader de landstreek Strijen heeft ontvangen nodigt de monniken Amandus en Eligius uit het christendom te komen prediken in die streek. Lambertus, bisschop van Tongeren, won Taxandria voor het christendom. Op uitnodiging van Pippijn van Herstal, de machtige Hofmeyer der Franken, verschenen Willibrord en zijn gezellen die verder naar het noorden trokken (Katwijk en Utrecht) maar die ook vele kerken in het Brabantse land heeft ingewijd, onder andere te Bakel, Alphen en Oss. Uit het zogenaamde testament van Willibrord zou moeten blijken dat Brabant toen een geheel Frankisch karakter had. Alle schenkingen aan de kerk gedaan waren afkomstig van Franken. Willibrord werd wel eens de stichter van de Brabantse boerenstand genoemd. Dit kwam voort uit het feit dat gedoopte onvrijen, overeenkomstig de leer van het Christendom, horigen werden. Want de kerk kende geen slavernij. De gronden die door schenkingen in het bezit van de kerk waren gekomen werden onder deze horigen verdeeld. De opbrengst was voor de horige en deze moest daarvoor een jaarcijns aan het klooster betalen. Op deze wijze is de belasting der kerkelijke tienden ontstaan. De gemiddelde grootte van een boerenhof was ongeveer vijftien hectare en werd genoemd een mansus of hova. De bewoners waren dus geen bezitters maar pachters. Of hieruit nu mag worden afgeleid dat dit stelsel het begin van de (noord) Brabantse boerenstand is geworden mag ernstig worden betwijfeld omdat deze eerste kolonisatie in Taxandria gedurende grotendeels verloren is gegaan. Pas de tweede kolonisatie, die gedurende de tweede helft der 10 e eeuw is begonnen, heeft de definitieve ontginning van Noord Brabant tot gevolg gehad. Onder het bewind van Karel de Grote leerde Taxandria de orde kennen die deze keizer aan west Europa heeft geschonken. Via de kerkelijke organisatie werd de burgerlijke opgezet. Taxandria was een aartsdiaconaat van het bisdom Luik. Het was verdeeld in vier aartspriesterschappen of dekenaten ter wille van Hilvarenbeek, Cuyk, Woensel en Beringen. Elk kreeg een graaf ter besturing. Elk dekenaat werd weer in vier districten verdeeld waarover een meier werd aangesteld. Het land van Heusden en Altena was ingedeeld onder de graaf van Teisterbant (deze gouw lag ten noorden van de Maas). In het westen bestonden de ambten van Strijen en Schelde (Mansuarie). De kweekplaats was de, door Willibrord, gestichte abdij van Eternach en later die van Lorch. Uit die strijd worden al namen genoemd van dorpen of nederzettingen langs de Maas en de Mark zoals Empel, Orthen, Rosmalen, Herpen, Maren, Engelen, Heusden, Hout-Baerle en Castelre. XIV

15 Waar een kerk was werd ook onderwijs gegeven. Dit was de steun van de nieuwe cultuur die de landslieden aan hun plaatsen bond, hen de arbeid leerde en hun de veiligheid bracht met de verbreiding der Christelijke zeden. Maar omstreeks 850 vielen de Noormannen ook Taxandria binnen en verwoestten daar alle verworvenheden van veel moeizame arbeid door de Christelijke Monniken. Ongeregelde benden kwamen langs de Maas Brabant binnen, staken kerken en kloosters in brand, plunderde wat er te halen viel en verdreven of vermoordden de geestelijke leiders. Eerst tegen het jaar 1067 verdwenen zij uit deze streken. Nazaten bleven onder de bevolking achter. Natuurlijke gesteldheid; Het landschap was ruig en woest, meestal overdekt met dichte bossen. Waar de bossen werden gekapt ontstonden de heidevelden. De grond was zanderig en schraal. De kuststreek was een waterrijk weidegebied slechts gescheiden van de zee door een begroeide zandwal, die echter op verschillende plaatsen was doorbroken en waardoor rivieren uitwaterden in zee. Achter de kustlanden lagen vaak grote, moerasachtige gebieden. Het gebied ten oosten van de huidige lijn Antwerpen Geertruidenberg was één groot bosgebied dat op sommige plaatsen doorliep tot de Maas en de Moesel. Schelde en Maas, met hun talrijke zijriviertjes stroomden traag door dit ruige land. Aangezien beiden regenrivieren zijn, was in de zomer de waterstand laag. Maar `s winters, als de regen viel, overstroomden deze rivieren hun uitgebreide kustdelta ze omzettend in vruchtbaar land. Door deze regelmatige overstromingen was deze delta voortdurend in beweging mede doordat de zee hier stukken wegspoelde en ze elders weer terugbracht. Tussen de rivieren Schelde en Maas was een verbindingsrivier, de Striene genaamd. De rivier liep ongeveer ter plaatse waar thans het vaste land van de provincie Noord-Brabant overgaat in het eilandengebied van Zeeland. Deze rivier is, als rivier, verdwenen bij de grote vloed van 1421 toen de grote of Hollandse Waard bijna volledig werd weggevaagd. Het huidige Biesbosch gebied is daar nog het laatste overblijfsel van. Het klimaat was, vooral `s winters, hard en guur. Hevige stormen teisterden de kusten die nog onbeschermd waren en vaak werden hele stukken door de zee meegenomen. Veel regenval maakte de grond moerassig doordat er niet voldoende afwatering was. De eerste ontginning; ( A.D.) De veeteelt is ouder dan de landbouw. Ten tijde van de eerste beschavingen waren er reeds kudden voor wol, vlees en zuivel. De kudden werden in het vrije veld geweid door herders. Deze waren zwervende. Wanneer een stuk grond is afgegraasd trok men verder. Dit noemt men Nomade Pastorale Veeteelt. Toen in latere tijden elke stam of gemeenschap een vaste woonplaats kreeg, ontstonden daar, de eerste vormen van landbouw. De weide werd een vaste herdgang rondom de nederzetting. Het vee bleef de zomer door in de weide, eventueel onder toezicht van herders. `s winters werd het op een overdekte plaats ondergebracht. (geschut). Dit noemt men Sedentaire Pastorale Veeteelt. XV

16 Na de in bezitneming van het land door de Franken werd dit verdeeld onder de krijgers. Het was toen nog onontgonnen bos en heideland. Door de vaste vestigingsplaatsen ontstond de behoefte aan de verbouwing van de meest elementaire levensbehoeften en voedingsmiddelen en hier ligt dan, voor deze streken, het begin van de landbouw. Deze ontwikkeling verliep in twee stadia ter wille van; A) HET VELDKRUIDBEDRIJF: de vruchten tieren op de humus die in de ontgonnen oerbodem ligt opgehoopt. B) HET MESTBEDRIJF: hier zijn reeds vaste landerijen waarvan de vruchtbaarheid kunstmatig op peil wordt gehouden door bemesting. Wij kennen dan verschillende soorten van bemesting; 1. Stromest; wat het land opbrengt ontvangt het weer terug als mest. 2. Weidemest; beer van mensen en dieren. 3. De herdgang; stro en weidemest van de gemeenschappelijke dorpskouters. 4. Het euselbedrijf; dezelfde verwerking. 5. Het driesbedrijf; dat is een deel van het winnende land dat gedurende een bepaalde tijd braak ligt als vogelweide. Men werkte in de meeste bedrijven met het drieslagstelsel d.w.z. 1 e jaar; tarwe en rogge (voor de mensen) 2 e jaar; rogge, gerst en haver (voor het vee) 3 e jaar; braakligging De bossen werden vaak als weidegebied gebruikt vooral voor varkens. De heide voor schapen. Na de verdeling der gronden door de Frankische vorsten aan hun krijgers wordt hiermede de grondslag gelegd van het feodale land en grondbezit. Hier vormt zich dan de eerste private weide. Rondom de boerengemeenschap lag het winnende land. Het lag als een eiland temidden der woeste gronden welke nog grotendeels bedekt waren met bossen, welke hier en daar open plekken vertoonden waar kruid en heestergewas groeiden. Op deze plaatsen werd het vee geweid. In deze weiden had iedere gemeenschap zijn eigen herdgang, een gebied woeste grond dus dat hij ongestoord bezat en gebruikte. Deze herdgangen waren afgebakend vaak door natuurlijke grenzen zoals beek of woudrand, elders door merkwaardige stenen, bomen of palen. Deze herdgangen zijn zéér oud maar na de grote landontginningen van de tweede ontginning zijn zij verdwenen. Alleen de onvruchtbare gedeelten bleven liggen, de dries of laer. De tweede ontginning; (1150 heden) Na de periode van de invallen der Noormannen was het noordelijke gedeelte van Taxandria, dat voor die tijd toch al niet zo dicht bevolkt was, grotendeels leeggelopen. De bevolking was naar het zuiden weggetrokken waar betere bescherming was en daardoor betere bestaansmogelijkheden (periode van ). Maar alles wat er voordien al was geweest was verdwenen, de nederzettingen vervallen en vergaan, de weiden weer overwoekerd en de bossen hadden hun oude plaats weer ingenomen. Alleen oostelijk Brabant vanaf de lijn Cuyk- Oederode-Oirschot-Alphen was in ontwikkeling langzaam verdergegaan. De eerste stoot tot deze tweede ontginning werd ingeluid door de monniken van de kloosterorde van Premonstreit. Deze orde was opgericht door St. Norbertus en deze stichtte zijn eerste klooster te Premontré in noordoost Frankrijk in de buurt van Laon. XVI

17 Omstreeks 1130 wordt er door deze orde een klooster gesticht te Antwerpen, de later bekend geworden Sint Michielsabdij. Deze orde vooral heeft zich zeer ingezet voor de ontginning van woeste gronden in Taxandria. Al vrij spoedig daarna werd te Tongerloo een nieuwe abdij gesticht en van hieruit is het echte ontginningswerk begonnen. Later werden daar nog de kloosters van Averbode en Postel aan toegevoegd. Maar niet alleen de kloosters namen de ontginning der woeste gronden ter hand. Ook particulieren deden volop mee in het ontginningswerk. Deze private ontginningen zijn niet alleen verricht door de nog schaarse autochtone bevolking die nog in de streek was blijven wonen maar ook door nieuw gevestigde pioniers. Zo ontstond er een gemêleerde bevolking van autochtonen met vaak nog zeer oud allodiaal bezit, nieuwkomers die door ontginning een privaat bezit verwerven en pachters op eigendommen van kloosters. Maatschappelijke opbouw De Frankische nederzetting bestond uit een vrije heer - boer met zijn gehele familie die op zijn hof ( sala ) woonde. Daaromheen woonde het huispersoneel dat meestal uit horigen en lijfeigenen bestond. Omdat hij een vrij man was oefende hij op zijn bezit de privé alleenheerschappij uit. Hij had maar één verplichting tegenover de keizer en dat was de gevolgplicht. Dit betekende dat als de keizer ten oorlog trok hij zich met zijn personeel ter beschikking moest stellen. In het grensgebied van Nederland en België zijn enkele van deze oude nederzettingen opgegraven (onder andere te Dommelen ten zuiden van Eindhoven.). De nederzettingen van de tweede ontginning ontstaan op een geheel andere wijze. In de meeste gevallen wonen de boeren bijeen in kleine gehuchten, vaak niet meer dan vijf of zes families bijeen. Dit noemde men een AKKERDORP. De boerderijen (hofsteden) staan er op hun erven rond een driehoekig veld dat verschillende namen draagt; biest, opstal, heuvel, plaatse of dries. Deze plaatse is een driehoekig grasveld meestal omzoomd met afrastering van een beukenhaag. Aan elk der drie hoeken is een weg naar buiten die door een hekwerk afgesloten kan worden. In het midden is een kuil gevuld met water. Het grasveld heeft de functie van verzamelplaats voor het vee als het `s avonds aan huis wordt gehouden. De waterkuil dient dan als drenkplaats voor het vee. Verder wordt de kuil gebruikt ingeval van brand. Het eigen waterverbruik komt uit een waterput op elk erf afzonderlijk. Elke hofstede heeft achter de eigen bewoning een akker voor verbouw van graan. De veeweiden liggen meestal wat verder van huis. Elke morgen wordt het vee door het verwijderen van een der afsluithekken naar de veeweiden gebracht. De weg waarlangs dit gebeurde heette de dreef, een benaming die zelfs thans nog vaak voorkomt. `s avonds werd het vee weer naar huis gehaald om zoveel mogelijk mest te kunnen produceren. Want deze mest had men hard nodig om de schrale zandgronden te kunnen bemesten. Dit produceren van mest gebeurde volgens de z.g. potstalmethode. De plaatse met bomen en drenkkuil was gemeenschappelijk bezit van de kleine gemeenschap: de gemeynt. De plaatse werd uitgekozen op de hogere gronden niet ver van de beek, maar daar, waar in die hogere gronden een ondiepe laagte voorkwam. Daar had men het minst last van overstromingen en men was steeds voorzien van water in de drenkkuil en de putten. De bouwpercelen lagen achter de huizen rondom het dorp en de beemden langs de beek waren zeer geschikt als thuisweiden voor het vee. XVII

18 De aanleg van het akkerdorp begon met de ontginning van de huispercelen; de hof en aan gelag. Deze waren blokvormig en ongeveer 1½ á 2 hectare groot. Ze waren afgesloten door een heg om het vee te verhinderen in de akker te komen. Daarna begon men met de uitbreiding van het bouwland. Dit werd ontgonnen op de hogere gronden die verder van de beek aflagen. Hiervoor gebruikte men een keerploeg getrokken door ossen. Deze ploeg was moeilijk wendbaar én door zijn eigen logheid én door de onhandelbaarheid van de ossen. Bovendien kon de ploeg de grond maar naar één zijde keren. Men wilde dus het aantal wendingen van de ploeg zoveel mogelijk beperken en dat kon alleen door zeer lange en smalle percelen aan te leggen. Aan de lengte van de voor werd paal en perk gesteld door de trekkracht van de ossen. Deze wenste namelijk hoogstens vijfhonderd meter in één ruk de ploeg te trekken. Deze percelen noemde men langrepelakkers. De te bebouwen akkers werden bemest met stalmest volgens de potstalmethode. Dit hield in dat het vee `s avonds en in de winter werd gehouden in een uitgediepte ruimte; de potstal. In de uitgediepte ruimte werden heideplaggen gestrooid. Het vee trapte de plaggen uiteen en vermengde die met beer. Als de meststapel in de stal te hoog werd reed men die op het land ter bemesting der akkers. Met deze plaggenmest kwam elk jaar wat zand, dat in de plaggen zat, op de akkers terecht. In de loop der eeuwen zijn op deze wijze de bouwlanden aanzienlijk opgehoogd, soms wel tot een meter toe. Hoe dikker de laag hoe ouder vaak de akker. Men noemt deze, door de mens opgebrachte zandlaag plaggendek. Deze laag is sterk humushoudend en zwart van kleur. Uit deze gehuchten zijn in Brabant de meeste latere dorpen ontstaan. We kennen in Brabant verschillende soorten dorpen zoals; Het BAANDORP; Zo genoemd omdat het langs een handelsroute lag en een taak kreeg als pleisterplaats. Daar men meer parkeerruimte nodig had werd de plaatse aan de korte zijde vergroot waardoor een ovaal plein ontstond. Op het nieuwe deel vestigden zich herbergen en ontstonden werkplaatsen voor handwerklieden. ( smid wagenmaker leerbewerker). Voorbeelden van een baandorp zijn Eersel en Luyksgestel. Het HOEVEAKKERDORP Na 1100 ontstonden, geheel geïsoleerd in bos of heide liggend, hofsteden. Het waren ontginningen van rijke particulieren. In verband met hun geïsoleerde ligging werden deze hofsteden ook wel Einzelhöfe genoemd. Daar waar de bodemgesteldheid slechts kleine, vaak verspreid liggende terreinen opleverde om tot bouwland ontgonnen te worden, lagen deze hofsteden niet in gehuchten bijeen maar als eilanden in de onontgonnen heide of het bos. Toen de ontginning langzamerhand groot genoeg werd trad er een verdubbeling op. Naast de huispercelen van de oorspronkelijke hofstede, en daarvan gescheiden door een landweg, ontstond het erf van een tweede hofstede. Door meervoudige verdubbeling ontstond op den duur uit de Einzelhof een nederzetting van meerdere boerenhofsteden. Akkers, beemden en gemeynt zijn aanwezig, echter de plaatse ontbreekt. Het DOMEINAKKERDORP Uit een domein (Frankische Sala) kon door een hoeve splitsing van de herenhoeve en de pachthoeven (tenures) gemakkelijk een agglomeratie van gehuchten ontstaan. XVIII

19 De herenhoeve groeide uit tot het hoofddorp, sommige tenures tot gehuchten. Bij deze vorm zijn kerndorp en periferie even oud. De hoofdlandschapselementen zijn hetzelfde als bij het akkerdorp. Het TIENDAKKERDORP Toen in de kempen het christendom vaste voet kreeg en de parochies werden ingericht was in het algemeen niet mogelijk dat één akkerdorp één kerk kon onderhouden. Hierdoor werd het mogelijk dat vier of vijf akkerdorpen gezamenlijk één kerk kregen. Deze werd in het midden der deelnemende dorpen gebouwd zodat elk gehucht even ver van de kerk verwijderd was. Rond de kerk ontstond een nieuwe nederzetting. De kern was jong, de periferie ouder. De naam ontstond door de binding van de agrarische gemeenschap met de parochie via de tiendheffing. Het KRANSAKKERDORP Uitgangspunt is een akkerdorp dat een akkercomplex in segmentvorm had ontwikkeld. Plaatsgebrek en de grote afstand tot de verste akkers leidde er toe dat, bij splitsing van hoeven, de nieuwe hoeven aan de buitenkant van het akkercomplex werden gebouwd. Langs de rand van het akkercomplex ontstond zodoende een krans van nieuwe gehuchten. De bouwpercelen werden zo verdeeld dat de hoeven aan de plaatse de binnenakkers kregen toebedeeld en de hoeven aan de kransnederzettingen de buitenakkers. De kern is oud, de periferie is jong. De HOFSTEDE boerderij De heersende hofstede vorm in de middeleeuwen is de zogenaamde meerledige hof. Deze bestaat uit een hoofdgebouw (woonstalhuis) met daarom heen gegroepeerde schuren, schop, bakhuis en bijgebouwen. Indien het een Einzelhof was werd hij vaak omgeven door een gracht of een aarden wal met palissade van boomstammen. Zeker in de vroege middeleeuwen was dit noodzakelijk daar er geen centraal gezag was die voor de bescherming kon zorgdragen. Men moest dus zichzelf kunnen verdedigen tegen eventueel rondtrekkende roverbenden. Vaak leefde hier de gehele familie bijeen met hun dienstvolk. Deze vrije boeren, allodiale grondbezitters, stelden zich echter regelmatig, met eigen paarduitrusting en mannen ter beschikking van hun heer ter ondersteuning op zijn veldtochten. Zij worden ook wel Milites genoemd. Onder invloed van de groeiende macht van de Hertog (12 e en 13 e eeuw) moesten zij hun aanvankelijk allodiaal bezit opgeven en werden zij cijnsplichtig aan de Hertog. Zo`n buitengoed werd een ridderlijke curtis genoemd en de mensen die er woonden cijnsplichtige leenmannen (homines feodales ducis). In deze tijd speelt het leven zich grotendeels af op deze ridderhofsteden en de daaromheen liggende buurtschappen. De opkomst der steden is dan, althans voor deze gewesten, pas begonnen. XIX

20 Geschiedkundige Verhandeling over Taxandria. De streek waar ons geslacht is ontstaan. De landstreek Taxandria werd als volgt gesitueerd; ten noorden en ten oosten begrenst door de rivier de Maas, ten zuiden door de rivieren Demer en Dyle en ten westen door de rivier de Striene. Deze rivier is verdwenen bij de St. Elisabethvloed van 1421 en liep ongeveer gelijk met de huidige westgrens van de provincie Noord Brabant. De naam is afkomstig van het Latijn en werd door de Romeinen aan deze streek gegeven. Het is een afleiding van het Latijnse woord Taxus hetgeen betekent fijne mast of dennenboom. Het is dus het land der dennenbomen. De bewoners werden naar deze naam Taxanders genoemd. Zelf noemen zij zich Arborichen (Arbor = Latijns voor boom). De Arborichen zijn van Germaanse afkomst en komen van de oostzijde van de Rijn. Zij verdrijven daar wonende Menapiërs over de Schelde naar Vlaanderen. Dit alles vind plaats omstreeks drie a vierhonderd A.D. Door samenvoeging van de Arborichen met enkele andere Germaanse stammen die van over de Rijn naar het westen zijn gekomen (Sicamberen Bructeren Tencteren) ontstaat daaruit een nieuw Germaans volk; De Franken. De eerste die deze streek vermeld is Caesar. Hij noemt de streek; poelachtig woeste bossen, zandig en schraal. Ook Strabo, die kort na Caesar leefde spreekt in de zelfde trend over deze streek. Verder zijn er de vele reisbeschrijvingen uit de vroege en late middeleeuwen waarin wordt gesproken over grote, haast ondoordringbare bossen die zelfs doorliepen tot Gent en Brugge. De oudste nederzettingsnamen zijn dan ook voor het overgrote deel samengesteld uit de twee belangrijkste hoofdbestanddelen die er ter plaatste voorkwamen, namelijk water (beek), broek en moer (meir) en hout. Voor dit laatste werden vele toponiemen gebruikt zoals holt-laer-lo-forst of vorst. Laer is een meer algemene benaming voor houtrijke plaats met veel water. Bodemgesteldheid; er komt in het gehele gebied veel leemlagen voor op een oerbodem van zand. Deze leemlagen zijn slecht waterdoorlatend waardoor poelen plassen en vennen zijn ontstaan. Bovendien zijn door de Kimbrische vloed (omstreeks 100 v. Christus) grote delen van de duinenwal in Zeeland weggeslagen en vele tientallen kilometers landinwaarts neergesmeten. Hier door zijn o.a. de Loonse en de Drunense duinen, de zandgronden bij Rijen en in Noordwest België ontstaan. Waar de bossen tot dicht langs de kust stonden werden deze door de vloed weggemaaid en in de loop der eeuwen onder moer en veen bedolven. Dit verschijnsel heeft men bij het ontginnen der moeren ten westen van Zundert kunnen waarnemen. Reeds uit 1560 zijn geschriften bekend (Joannes Goropius Becanus) waarin wordt vermeld dat uit deze moeren hele rijen bomen van 25 meter lang zijn opgegraven en alle liggend in west oost richting. Onder de Franken werd met de eerste kolonisatie begonnen maar hiervan is weinig terecht gekomen. Slechte bossen veel moerassen en veel zand. Slechts in de enkele rivierdalen was wat veeteelt mogelijk. Het overgrote deel van het Frankische volk trok dan ook verder naar het zuiden, naar de rijke bössgronden van Brabant en Haspengouw. Behoudens een smalle bewoningstrook langs de zuidoever van de Maas, waar goede weidegronden waren, bleef Taxandria een grotendeels leeg land in de vroege middeleeuwen. XX

14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur.

14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur. Psalmen Psalm 78 1 Een lied van Asaf. De lessen van het verleden Luister allemaal naar mijn woorden. Luister goed, want ik wil jullie iets leren. 2 Wijze woorden wil ik spreken, wijze woorden over het

Nadere informatie

Toetsvragen Geschiedenis Toelatingstoets Pabo. Tijdvak 3 Toetsvragen

Toetsvragen Geschiedenis Toelatingstoets Pabo. Tijdvak 3 Toetsvragen Tijdvak 3 Toetsvragen 1 Op veel afbeeldingen wordt de Romeinse keizer Constantijn als een heilige afgebeeld met een stralenkrans om zijn hoofd. Welke reden was er om Constantijn als christelijke heilige

Nadere informatie

Tijd van monniken en ridders (500 100) 3.1 Leenheren en leenmannen (500 100) (500 100) Plundering Rome door Alarik in 410, tekening uit de 20 e eeuw

Tijd van monniken en ridders (500 100) 3.1 Leenheren en leenmannen (500 100) (500 100) Plundering Rome door Alarik in 410, tekening uit de 20 e eeuw 3.1 Leenheren en nen 3.1 Leenheren en nen Gallië was rond 450 n. Chr. al meer dan 4 eeuwen (sinds Caesar) onder Romeins bestuur en een sterk geromaniseerd gebied, cultuur, bestuur, economie, taal en geloof

Nadere informatie

Project Prehistorie, Grieken en Romeinen ABC

Project Prehistorie, Grieken en Romeinen ABC Project Prehistorie, Grieken en Romeinen ABC Week 1ABC: Algemeen Info: Prehistorie De geschiedenis in Nederland begint al heel lang geleden. Lang voordat de Romeinen in Nederland kwamen, waren er al mensen.

Nadere informatie

Het lam. Arna van Deelen

Het lam. Arna van Deelen Het lam Arna van Deelen Hij leunde vermoeid op zijn staf, starend over de eindeloze velden. De kudde lag verspreid onder de bomen, die op deze tijd van de dag voor wat schaduw zorgden. Hij legde zijn hand

Nadere informatie

Thors eik, die naam kennen we hier in de omgeving. Thors eik, dat werd zo n 1400 jaar geleden iets anders geschreven. Thornspiic oftewel Doornspijk

Thors eik, die naam kennen we hier in de omgeving. Thors eik, dat werd zo n 1400 jaar geleden iets anders geschreven. Thornspiic oftewel Doornspijk Na de grote volksverhuizing woonden hier andere stammen dan ervoor. Nu wonen de Franken, Friezen en Saksen hier. Andere stammen dus, maar één ding hebben ze gemeen: het heidendom heerst. Ze geloven in

Nadere informatie

Info plus Het leenstelsel

Info plus Het leenstelsel Project Middeleeuwen F- verrijking week 1 Info plus Het leenstelsel Inleiding De Middeleeuwen betekent letterlijk de tussentijd. Deze naam is pas later aan deze periode in de geschiedenis gegeven. De naam

Nadere informatie

Geschiedenisproefwerk groep 7 Hoofdstuk 5 Een nieuwe wereld: Amerika

Geschiedenisproefwerk groep 7 Hoofdstuk 5 Een nieuwe wereld: Amerika Geschiedenisproefwerk groep 7 Hoofdstuk 5 Een nieuwe wereld: Amerika In het vroegere Amerika woonden Indianenstammen. Columbus ontdekte dit land van de Indianen in 1492. Het waren de Azteken, de Inca s

Nadere informatie

Verhaal: Jozef en Maria

Verhaal: Jozef en Maria Verhaal: Jozef en Maria Er was eens een vrouw, Maria. Maria was een heel gewone jonge vrouw, net zo gewoon als jij en ik. Toch had God haar uitgekozen om iets heel belangrijks te doen. Iets wat de hele

Nadere informatie

Spreekbeurt en werkstuk over. Ridders. Door: Oscar Zuethoff

Spreekbeurt en werkstuk over. Ridders. Door: Oscar Zuethoff Spreekbeurt en werkstuk over Ridders Door: Oscar Zuethoff Mei 2007 Inleiding Waarom houd ik een spreekbeurt over de ridders en de riddertijd? Toen ik klein was wilde ik altijd al een ridder zijn. Ik vind

Nadere informatie

Tijdwijzer. Het begin. Voor en na Christus

Tijdwijzer. Het begin. Voor en na Christus 138 Tijdwijzer Het begin Op deze tijdbalk past niet de hele geschiedenis van de mens. Er lopen namelijk al zo n 100.000 jaar mensen rond op aarde. Eigenlijk zou er dus nog 95.000 jaar bij moeten op de

Nadere informatie

In het oude Rome De stad Rome

In het oude Rome De stad Rome In het oude Rome De stad Rome In het oude Rome De stad Rome is héél oud. De stad bestaat al meer dan tweeduizend jaar. Rome was de hoofdstad van het grote Romeinse rijk. De mensen die naar Rome kwamen,

Nadere informatie

L ang geleden zag de Achterhoek er. De geschiedenis van Doetinchem, Wehl en Gaanderen

L ang geleden zag de Achterhoek er. De geschiedenis van Doetinchem, Wehl en Gaanderen Vuurstenen werktuigen steentijd [Stadsmuseum] L ang geleden zag de Achterhoek er heel anders uit dan tegenwoordig. Er waren uitgestrekte heidevelden, moerassen en veel bossen. Kortom, een ruig en onherbergzaam

Nadere informatie

Analyseschema Tacitus Jaarboeken. Bron: Tacitus, P.C., Jaarboeken, vert. J.W. Meijer (Baarn 1990)

Analyseschema Tacitus Jaarboeken. Bron: Tacitus, P.C., Jaarboeken, vert. J.W. Meijer (Baarn 1990) Analyseschema Tacitus Jaarboeken Bron: Tacitus, P.C., Jaarboeken, vert. J.W. Meijer (Baarn 1990) Inhoudsopgave Religie blz. 3 Priesters blz. 3 Offeren blz. 3 Goden blz. 3 Overige blz. 3 Oorlog blz. 4-5

Nadere informatie

Examen Geschiedenis. Geef de 7 tijdsvakken: Mintiens Quintin

Examen Geschiedenis. Geef de 7 tijdsvakken: Mintiens Quintin Examen Geschiedenis Geef de 7 tijdsvakken: Prehistorie :... 3500 v.c Stroomculturen : 3500 v.c 800 v.c Klassieke Oudheid : 800 v.c 500 n.c Middeleeuwen : 500 n.c 1450 n.c Nieuwe tijd : 1450 n.c 1750 n.c

Nadere informatie

Dagboek Sebastiaan Matte

Dagboek Sebastiaan Matte Vraag 1 van 12 Dagboek Sebastiaan Matte Uit het dagboek van Sebastiaan Matte: "Ik ben vandaag bij een hagenpreek geweest, in de duinen bij Overveen. Wel duizend mensen uit de stad waren bij elkaar gekomen

Nadere informatie

LES 10. Sluipaanval. Doe Lees 1 Samuël 24.

LES 10. Sluipaanval. Doe Lees 1 Samuël 24. LES Sluipaanval Ben je wel eens gepest? Is er iemand die altijd vervelend tegen jou doet? Heb je ooit geprobeerd om die persoon terug te pakken? (Zie 1 Samuël 24; Patriarchen en Profeten, blz. 603-615)

Nadere informatie

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken http://spreekbeurten.info

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken http://spreekbeurten.info Kastelen De eerste kastelen De eerste kastelen werden tussen 800 en 1000 na Christus gebouwd. In die tijd maakten de Noormannen de kusten van Europa onveilig: ze plunderden dorpen en boerderijen. De mensen

Nadere informatie

Tijd van monniken en ridders (500 100 n. Chr.) 3.3 Christendom in Europa. De verspreiding van het christendom in geheel Europa.

Tijd van monniken en ridders (500 100 n. Chr.) 3.3 Christendom in Europa. De verspreiding van het christendom in geheel Europa. 391 n Chr Onder keizer Theodosius wordt het christendom de staatsgodsdienst in Romeinse Rijk 496 n Chr De Frankische koning Clovis en vele andere Franken bekeren zich tot het christendom Wat waren de belangrijkste

Nadere informatie

Geschiedenis kwartet Tijd van jagers en boeren

Geschiedenis kwartet Tijd van jagers en boeren Geschiedenis kwartet jagers en boeren jagers en boeren jagers en boeren Reusachtige stenen die door mensen op elkaar gelegd zijn. Zo maakten ze een begraafplaats. * Hunebedden * Drenthe * Trechterbekers

Nadere informatie

Verhalen uit een ander rijk

Verhalen uit een ander rijk Verhalen uit een ander rijk Ana-Magdalena Zainea www.anderssamen.nl www.ana-magdalena.nl Titel: Verhalen uit een ander rijk Auteur: Ana-Magdalena Zainea Correctie: Bart Renaer en Dorien Ruben Illustraties

Nadere informatie

Romeinen. Romeinen. Germanen

Romeinen. Romeinen. Germanen Romeinen Romeinen Grieken en Romeinen lijken op elkaar qua levensstijl. Het Romeinse rijk is ontstaan in Rome (753 v. Chr.). De Romeinen kwamen 50 v. Chr. naar Nederland. De Romeinen hebben het Latijns

Nadere informatie

LEZEN. Terpentijd - 1500

LEZEN. Terpentijd - 1500 1 LEZEN Terpentijd - 1500 Friesland bestaat eigenlijk uit drie delen: de klei, het veen en het zand. De eerste boeren woonden op het zand (De Wouden en Gaasterland). Hun aardewerk in de vorm van trechters

Nadere informatie

Kastelen in Nederland

Kastelen in Nederland Kastelen in Nederland J In ons land staan veel kastelen. Meer dan honderd. De meeste van die kastelen staan in het water. Bijvoorbeeld midden in een meer of een heel grote vijver. Als er geen water was,

Nadere informatie

DE STANDENMAATSCHAPPIJ

DE STANDENMAATSCHAPPIJ DE STANDENMAATSCHAPPIJ 1)DE DRIE STANDEN Een bisschop schets de ideale samenleving De menselijke wet onderscheidt naast de geestelijk stand nog twee andere standen. De edelman en de onvrijen worden niet

Nadere informatie

Analyseschema Tacitus Het leven van Agricola

Analyseschema Tacitus Het leven van Agricola Analyseschema Tacitus Het leven van Agricola Bron: Tacitus, P.C., Het leven van Agricola en de Germanen, vert. Vincent Hunink (Amsterdam 2000) (Voor online versie, zie: http://www.let.ru.nl/v.hunink/documents/tac_agr_germ_nl.pdf

Nadere informatie

De steentijd Jagers en verzamelaars

De steentijd Jagers en verzamelaars De steentijd Jagers en verzamelaars De prehistorie is de geschiedenis van de mensheid voordat mensen konden lezen en schrijven. We hebben uit de prehistorie daarom geen boeken, dagboeken of andere geschreven

Nadere informatie

EEN PRINS WORDT EEN HERDER

EEN PRINS WORDT EEN HERDER Bijbel voor Kinderen presenteert EEN PRINS WORDT EEN HERDER Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: M. Maillot en Lazarus Aangepast door: E. Frischbutter en Sarah S. Vertaald door: Erna van Barneveld

Nadere informatie

KINDEREN VAN HET LICHT

KINDEREN VAN HET LICHT KINDEREN VAN HET LICHT Verteller: Het gebeurde in een donkere nacht, heel lang geleden, dat er herders in het veld waren, die de wacht hielden over hun schapen. Zij stonden net wat met elkaar te praten,

Nadere informatie

GROOT-BRITTANNIË en zeeklimaat

GROOT-BRITTANNIË en zeeklimaat Naam GROOT-BRITTANNIË en zeeklimaat Groot Brittannië Groot-Brittannië is Schotland, Engeland en Wales samen. Engeland is het grootst van Groot-Brittannië en Wales het kleinst. Engeland heeft meer dan 46

Nadere informatie

Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel

Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel Willibrord Willibrord werd geboren als zoon van pas bekeerde ouders en werd als zevenjarige jongen door zijn vader Wilgis toevertrouwd aan het klooster van Ripon nabij

Nadere informatie

Beknopte historische geografie van Oosterhout en Den Hout

Beknopte historische geografie van Oosterhout en Den Hout Titel: Beknopte historische geografie van Oosterhout en Den Hout Inleiding Oosterhout, strategisch gelegen tussen de A27, de A59 en de A16 heeft al een lange geschiedenis. Thans een bruisende stad met

Nadere informatie

Oerboeren in de Friese Wouden.

Oerboeren in de Friese Wouden. Stichting IJstijdenmuseum Buitenpost. www.ijstijdenmuseum.nl. Oerboeren in de Friese Wouden. Het grootste deel van de geschiedenis van ons mensen ligt in de prehistorie. Met prehistorie duiden we een tijd

Nadere informatie

Deze (autarkisch agrarische samenleving) veranderde in de tijd van steden en staten (11 e en 12 e eeuw).wat waren de Oorzaken?

Deze (autarkisch agrarische samenleving) veranderde in de tijd van steden en staten (11 e en 12 e eeuw).wat waren de Oorzaken? Onderzoeksvraag; Waar en waardoor konden in de Tijd van Steden en Staten, oude steden weer tot bloei komen en nieuwe steden ontstaan? In vroege middeleeuwen was er sprake van een agrarische samenleving

Nadere informatie

weetje weetje weetje weetje weetje weetje weetje

weetje weetje weetje weetje weetje weetje weetje Een processie is een godsdienstige plechtigheid in de vorm van een optocht van geestelijken en gelovigen. Een processie zorgt voor een gevoel van samen horen omdat ze mensen verenigt. 1 4 Rond Sint-Macharius

Nadere informatie

LES 2. De reus en de steen. Sabbat

LES 2. De reus en de steen. Sabbat Sabbat Doe Leer de powertext. De reus en de steen Denk aan een keer toen je gestuurd werd voor een speciale booodschap. Was het iets dat graag wilde doen of had je er geen zin in? Liep het heel anders

Nadere informatie

Deze (autarkisch agrarische samenleving) veranderde in de tijd van steden en staten (11 e en 12 e eeuw).wat waren de Oorzaken?

Deze (autarkisch agrarische samenleving) veranderde in de tijd van steden en staten (11 e en 12 e eeuw).wat waren de Oorzaken? Onderzoeksvraag; Waar en waardoor konden in de Tijd van Steden en Staten, oude steden weer tot bloei komen en nieuwe steden ontstaan? In vroege middeleeuwen was er sprake van een agrarische samenleving

Nadere informatie

DE GEBOORTE VAN JEZUS

DE GEBOORTE VAN JEZUS Bijbel voor Kinderen presenteert DE GEBOORTE VAN JEZUS Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: M. Maillot Aangepast door: E. Frischbutter en Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd door:

Nadere informatie

Lesbrief. Dijken. Kijken naar dijken. www.wshd.nl/lerenoverwater. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta

Lesbrief. Dijken. Kijken naar dijken. www.wshd.nl/lerenoverwater. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta Lesbrief Dijken Kijken naar dijken www.wshd.nl/lerenoverwater Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta Kijken naar dijken Zonder de duinen en de dijken zou jij hier niet kunnen wonen: bijna de

Nadere informatie

Welke plaag moesten zij aankondigen; wanneer zou de vijfde plaag een feit worden en had Gods volk last van deze plaag?

Welke plaag moesten zij aankondigen; wanneer zou de vijfde plaag een feit worden en had Gods volk last van deze plaag? De overige plagen in Egypte. Welke plaag moesten zij aankondigen; wanneer zou de vijfde plaag een feit worden en had Gods volk last van deze plaag? Genesis 9:2-5 2 Want als u hun weigert te laten gaan

Nadere informatie

Opwindende ontdekkingen in oud-oosterhout! Wo uter is

Opwindende ontdekkingen in oud-oosterhout! Wo uter is rcheobode Opwindende ontdekkingen in oud-oosterhout! Wo uter is archeoloog. Hij hoort bij de groep archeologen die nu aan het opgraven is in Oosterhout in het gebied Vrachelen. Daar wordt over een jaar

Nadere informatie

Kinderdienst: Helden Over David en Goliath.

Kinderdienst: Helden Over David en Goliath. Kinderdienst: Helden Over David en Goliath. Voor de dienst: *Wat is dat, dat is Goliath *Trek je wapenrusting aan *Ik volg de Heer *Groot en machtig zijt Gij 387 *Van A tot Z 241 opwekking voor kids Welkom

Nadere informatie

Voor Cootje. de vuurtoren

Voor Cootje. de vuurtoren Voor Cootje de vuurtoren De Koos Meinderts vuurtoren Lemniscaat & Annette Fienieg Nederlandse rechten Lemniscaat b.v. Rotterdam 2007 isbn 978 90 5637 909 4 Tekst: Koos Meinderts, 2007 Illustraties: Annette

Nadere informatie

Ontdek het verborgen verleden van Schokland

Ontdek het verborgen verleden van Schokland Ontdek het verborgen verleden van Schokland Methodelink bij het lespakket Archeoroute Schokland De culturen en landschappen op Schokland vormen een veelzijdig onderwerp voor uw les in de groepen 6, 7 en

Nadere informatie

Wat zegt de Bijbel over Noach?

Wat zegt de Bijbel over Noach? De Zondvloed. Wat zegt de Bijbel over Noach? Genesis 6:9, laatste deel Noach was een rechtvaardig, oprecht man onder zijn tijdgenoten. Noach wandelde met God. Temidden van dit voortschrijdend verderf deden

Nadere informatie

Thema: Slag om de Schelde en de invloed op het Nieuwe land.

Thema: Slag om de Schelde en de invloed op het Nieuwe land. Thema: Slag om de Schelde en de invloed op het Nieuwe land. Op 6 juni 1944 is het D Day, dat wordt nog steeds gevierd want het is het begin van de bevrijding van West Europa. Eigenlijk betekent D Day de

Nadere informatie

Tijd van monniken en ridders (500 100) 3.2 Hofstelsel en horigen. (500 100)

Tijd van monniken en ridders (500 100) 3.2 Hofstelsel en horigen. (500 100) Gevolgen ineenstorting van het West Romeinse rijk in West Europa: 1. de eenheid van bestuur verdwijnt 2. de geldeconomie verdwijnt grotendeels. 3. steden raken in verval en verschrompelen tot kleine nederzettingen

Nadere informatie

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken http://spreekbeurten.info

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken http://spreekbeurten.info De Chinese Muur 1. Voorwoord. 2. Wat is de Chinese Muur? 3. Waar ligt de Chinese Muur? 4. Waarom bouwden de Chinezen de Chinese Muur? 5. Hoe bouwden de Chinezen de Chinese Muur? 6. Hoe lang en hoe groot

Nadere informatie

LES 4. Handelingen 12:1-19; Van Jeruzalem tot Rome: Verlost uit de gevangenis blz.109-116

LES 4. Handelingen 12:1-19; Van Jeruzalem tot Rome: Verlost uit de gevangenis blz.109-116 LES 4 Handelingen 12:1-19; Van Jeruzalem tot Rome: Verlost uit de gevangenis blz.109-116 De boodschap God hoort en verhoort onze gebeden voor elkaar. Leertekst: Terwijl Petrus onder zware bewaking zat

Nadere informatie

OPGRAVING BEST-AARLE AFGEROND

OPGRAVING BEST-AARLE AFGEROND OPGRAVING BEST-AARLE AFGEROND In het najaar van 2011 en de lente van 2012 deed een team archeologen van Archeologisch Onderzoek Leiden (Archol bv) en Diachron UvA bv opgravingen in Aarle in de gemeente

Nadere informatie

3000 jaar historie van Best-Aarle opgegraven

3000 jaar historie van Best-Aarle opgegraven Locatie: Best en Aarle Periode: NEO, BRONS, IJZ, ROM, XME, NT Complextype: ELA, GC, GVX, IX, IPER, NX, NHP, XXX. Soort onderzoek: opgraving Jaartal onderzoek:2011 en 2012 Datum vondst:2011 en 2012 Uitvoerder:

Nadere informatie

Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden

Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden zijn ouders hem, maar alle andere konijntjes noemden

Nadere informatie

Leerlingen hand-out stadswandeling Amsterdam

Leerlingen hand-out stadswandeling Amsterdam Leerlingen handout stadswandeling Amsterdam Groep 1: de Surp Hoki Armeens Apostolische kerk Adres: Kromboomsloot 22, Amsterdam Namen leerlingen: In deze handout staat alle informatie die je nodig hebt

Nadere informatie

Karel de Grote Koning van het Frankische Rijk

Karel de Grote Koning van het Frankische Rijk Karel de Grote Koning van het Frankische Rijk Eén van de bekendste koningen uit de Middeleeuwen is Karel de Grote. Hij leeft zo'n 1300 jaar geleden, waar hij koning is van het Frankische rijk. Dat rijk

Nadere informatie

De Middeleeuwen het leven in de middeleeuwen

De Middeleeuwen het leven in de middeleeuwen De Middeleeuwen het leven in de middeleeuwen Na de val van het Romeinse rijk begonnen de Middeleeuwen. Ze noemde deze periode de Middeleeuwen, omdat het de periode was van 1000 jaren tussen het beschaafde

Nadere informatie

Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te

Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te kijken...4 De mensenmenigte opende zich in het midden...5 Toen

Nadere informatie

Naam: FLORIS DE VIJFDE

Naam: FLORIS DE VIJFDE Naam: FLORIS DE VIJFDE Floris V leefde van 1256 tot 1296. Hij was een graaf, een edelman. Nederland zag er in de tijd van Floris V heel anders uit dan nu. Er woonden weinig mensen. Verschillende edelen

Nadere informatie

Welkom op deze vierde studie avond

Welkom op deze vierde studie avond DANIEL DE ZEVENTIG WEKEN Welkom op deze vierde studie avond Zoeklicht Seminar 70Jaarweken van Daniel 12/12/2014 70JW.1: 1 Profetie over de 70 jaarweken van Dan. 9:24-27 Over Israel en Jeruzalem Rechterstoel

Nadere informatie

6Plekjes met voelbare historie

6Plekjes met voelbare historie 6Plekjes met voelbare historie Waterwegen hebben in heel veel belangrijke gebeurtenissen in de geschiedenis een rol gespeeld. Voor aanval en verdediging tijdens oorlogen, voor het vervoer van goederen

Nadere informatie

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Filips II In 1566, meer dan vierhonderd jaar geleden, zijn veel mensen boos. Er is onrust in de Nederlanden. Er zijn spanningen over het geloof, veel mensen

Nadere informatie

Doel: Na deze opdracht weet je meer over het leven en de gebruiken van de Vikingen

Doel: Na deze opdracht weet je meer over het leven en de gebruiken van de Vikingen Thema: Van A tot Z Geschiedenis Tijd van monniken en ridders Vikingen Moeilijkheid: *** Tijdsduur: *** Juf Nelly De Vikingen komen Doel: Na deze opdracht weet je meer over het leven en de gebruiken van

Nadere informatie

De jongen weet dat hij niet in slaap moet vallen. Want dan zullen dieven zijn spullen stelen. Ook al is het nog zo weinig wat hij heeft.

De jongen weet dat hij niet in slaap moet vallen. Want dan zullen dieven zijn spullen stelen. Ook al is het nog zo weinig wat hij heeft. In Kanton, China Op de hoek van twee nauwe straatjes zit een jongen. Het is een scheepsjongen, dat zie je aan zijn kleren. Hij heeft een halflange broek aan, een wijde bloes en blote voeten. Hij leunt

Nadere informatie

GODS BELOFTE AAN ABRAHAM

GODS BELOFTE AAN ABRAHAM Bijbel voor Kinderen presenteert GODS BELOFTE AAN ABRAHAM Geschreven door: E. Duncan Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: M. Maillot en Tammy S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd

Nadere informatie

Een andere mogelijke betekenis is dat het zou gaan over een verheffing naast de Zenne

Een andere mogelijke betekenis is dat het zou gaan over een verheffing naast de Zenne Heffen: Verklaring naam Heffen: Eerste maal vermelding in 1088 Heffena = Heffe en A Wil zeggen bezinksel en water Mogelijke betekenis: modderbeek of moerasgebied Een andere mogelijke betekenis is dat het

Nadere informatie

3e Statie: Jezus valt voor de 1e maal onder het kruis.

3e Statie: Jezus valt voor de 1e maal onder het kruis. 1e Statie: Jezus wordt ter dood veroordeeld. De eerste plaats waar Jezus stil stond op de kruisweg, was het paleis van de Romeinse landvoogd Pontius Pilatus. De joodse leiders wilden Jezus uit de weg ruimen.

Nadere informatie

een zee Volksverhuizingen Het Romeinse Rijk is heel rijk. Veel volkeren willen een deel van die rijkdom.

een zee Volksverhuizingen Het Romeinse Rijk is heel rijk. Veel volkeren willen een deel van die rijkdom. Werkblad 7 Ω De Franken Ω Les : De volksverhuizingen Volksverhuizingen Het Romeinse Rijk is heel rijk. Veel volkeren willen een deel van die rijkdom. Het wordt steeds moeilijker om de grenzen van het grote

Nadere informatie

rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005

rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005 rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005 Provided by Fanart Central. http://www.fanart-central.net/stories/user/fightgirl91/21803/rijm Chapter 1 - rijm 2 1 - rijm Gepaard

Nadere informatie

Ontdekking. Dorestad teruggevonden

Ontdekking. Dorestad teruggevonden Dorestad teruggevonden Ontdekking Het vroegmiddeleeuwse Dorestad verdween na de negende eeuw van de kaart. Pas rond 1840 werd de stad teruggevonden, bij toeval. Kort daarna deed het RMO opgravingen en

Nadere informatie

G E S C H I E D E N I S - A A N T E K E N I N G E N H 1 / 2 / 3

G E S C H I E D E N I S - A A N T E K E N I N G E N H 1 / 2 / 3 G E S C H I E D E N I S - A A N T E K E N I N G E N H 1 / 2 / 3 HOOFDSTUK 1 PARAGRAAF 1 Weg van de mensheid: - Staat in Afrika - Van daaruit Verspreiding over de rest van de wereld - Mens behoort tot de

Nadere informatie

Naam: Waar woon jij? Vraag 1b. Waarom wonen veel mensen in Kenia in een hut? Vraag 1a. In wat voor soort huis woon jij?

Naam: Waar woon jij? Vraag 1b. Waarom wonen veel mensen in Kenia in een hut? Vraag 1a. In wat voor soort huis woon jij? Naam: Waar woon jij? Wonen over de hele wereld Heb jij wel eens in een tent gewoond? Waarschijnlijk niet. In de vakantie is het leuk. Maar voor altijd? Toch zijn er mensen op de wereld die altijd in een

Nadere informatie

Hunebedden de steentijd

Hunebedden de steentijd Deze les hoort bij het prentenboek Het grote bouwwerk, geschreven door Rian Visser in de serie Terugblikken van Uitgeverij Delubas. Met tekeningen van Irene Goede. Doel: leerlingen bekend maken met hunebedden

Nadere informatie

k a s t e l e n i n n e d e r l a n d

k a s t e l e n i n n e d e r l a n d k a s t e e l Inhoudsopgave k a s t e l e n i n n e d e r l a n d Wat is een kasteel? Blz. 2-3 Ringwalburchten Blz. 4 Motteburchten Blz. 5 Ronde Waterburchten Blz. 6 Vierhoekige Waterburchten Blz. 7 Woon-

Nadere informatie

* Musical. Spelers: David

* Musical. Spelers: David David * Musical Musical over het leven van David: 1. David bij de schapen 2. David wordt tot koning gezalfd 3. David komt bij Saul aan het hof 4. David en Goliath 5. David op de vlucht voor Saul 6. David

Nadere informatie

zondag 13 maart 2016 in het Kruispunt

zondag 13 maart 2016 in het Kruispunt zondag 13 maart 2016 in het Kruispunt lezing oude testament (lector) Jesaja 58, 1-10 lied Liedboek 537, 1. 2. Zo spreekt de Heer die ons... lezing nieuwe testament (lector) Lukas 20, 9-19 lied Liedboek

Nadere informatie

Ankie. het meisje uit de bossen van Karoetsja. Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin. blad 1

Ankie. het meisje uit de bossen van Karoetsja. Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin. blad 1 Ankie het meisje uit de bossen van Karoetsja Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin blad 1 In een ver land, wel duizend kilometer hier vandaan, woonde Angelina. Haar moeder noemde

Nadere informatie

Wie kreeg van God de ingeving om de Filistijnen een lesje te leren?

Wie kreeg van God de ingeving om de Filistijnen een lesje te leren? Jonathan verslaat met de hulp van God de Filistijnen. Wie kreeg van God de ingeving om de Filistijnen een lesje te leren? 1 Samuel 14:1, eerste deel 1 Op een dag gebeurde het dat Jonathan, de zoon van

Nadere informatie

1 Vinden de andere flamingo s mij een vreemde vogel? Dat moeten ze dan maar zelf weten. Misschien hebben ze wel gelijk. Het is ook raar, een flamingo die jaloers is op een mens. En ook nog op een paard.

Nadere informatie

Enkele opmerkingen naar aanleiding van een bijschrift over kasteel Crayenstein.

Enkele opmerkingen naar aanleiding van een bijschrift over kasteel Crayenstein. Enkele opmerkingen naar aanleiding van een bijschrift over kasteel Crayenstein. Uit: C. Baardman, Leo J. Leeuwis, M.A. Timmermans, Langs Merwede en Giessen (Den Haag 1961) Op de zuidelijke oever van de

Nadere informatie

LES 11. Respect tonen of een lesje leren? Sabbat

LES 11. Respect tonen of een lesje leren? Sabbat LES Respect tonen of een lesje leren? Heb je ooit het gevoel dat je niet respectvol of eerlijk werd behandeld? Behandel jij anderen altijd op die manier? Omdat we allemaal Gods kinderen zijn, moeten we

Nadere informatie

Lesbrief. watersnoodramp. 1 februari 1953. www.wshd.nl/1953. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta

Lesbrief. watersnoodramp. 1 februari 1953. www.wshd.nl/1953. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta Lesbrief watersnoodramp 1 februari 1953 www.wshd.nl/1953 Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta 1 februari 1953 Op zaterdagmiddag 31 januari 1953 stak een hevige wind op. Die wind groeide s nachts

Nadere informatie

Numeri 16 : 3. dia 1. ze woonden dichtbij elkaar Korach, Datan en Abiram (en On) ook al kwamen ze uit twee verschillende stammen

Numeri 16 : 3. dia 1. ze woonden dichtbij elkaar Korach, Datan en Abiram (en On) ook al kwamen ze uit twee verschillende stammen Numeri 16 : 3 ze woonden dichtbij elkaar Korach, Datan en Abiram (en On) ook al kwamen ze uit twee verschillende stammen dia 1 Korach hoorde bij de stam Levi nader bepaald: bij de nakomelingen van Kehat

Nadere informatie

Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen

Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen De ezel van Bethlehem Naar een verhaal van Jacques Elan Bewerkt door Koos Stenger Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen over iets wat er met me gebeurd is. Het

Nadere informatie

Welke boom stond midden in het hof en welke plannen had satan?

Welke boom stond midden in het hof en welke plannen had satan? Welke boom stond midden in het hof en welke plannen had satan? Genesis 2:8-10 8 Ook plantte de HEERE God een hof in Eden, in het oosten, en Hij plaatste daar de mens, die Hij gevormd had. 9 En de HEERE

Nadere informatie

De Romeinen. Wie waren de Romeinen?

De Romeinen. Wie waren de Romeinen? De Romeinen Wie waren de Romeinen? Lang voor de Romeinen naar ons land kwamen, woonden ze in een kleine staat rond de stad Rome. Vanaf 500 voor Christus begonnen de Romeinen met gebiedsuitbreiding. Als

Nadere informatie

EEN FAVORIETE ZOON WORDT EEN SLAAF

EEN FAVORIETE ZOON WORDT EEN SLAAF Bijbel voor Kinderen presenteert EEN FAVORIETE ZOON WORDT EEN SLAAF Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: M. Kerr en Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul

Nadere informatie

Noord-Nederlandse gewesten. Smeekschift

Noord-Nederlandse gewesten. Smeekschift Habsburgs gezag Vanaf dat moment stonden de zuidelijke Nederlanden onder Habsburgs gezag. Noord-Nederlandse gewesten Door vererving en verovering vielen vanaf dat moment ook alle Noord- Nederlandse gewesten

Nadere informatie

Bijbel voor Kinderen. presenteert JACOB DE BEDRIEGER

Bijbel voor Kinderen. presenteert JACOB DE BEDRIEGER Bijbel voor Kinderen presenteert JACOB DE BEDRIEGER Geschreven door: E. Duncan Hughes Illustraties door: M. Maillot en Lazarus Aangepast door: M. Kerr en Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd

Nadere informatie

Tussen koppensnellers en krokodillen

Tussen koppensnellers en krokodillen Tussen koppensnellers en krokodillen Eerste druk, mei 2012 2012 Karien van Ditzhuijzen Illustraties en coverontwerp: Anneke van de Langkruis isbn: 978-90-484-2392-7 nur: 282 Uitgever: Free Musketeers,

Nadere informatie

Voorwoord. Rome en de Romeinen

Voorwoord. Rome en de Romeinen Voorwoord Rome en de Romeinen Dit verhaal speelt in Rome, ongeveer 2000 jaar geleden. Rome was toen een rijke stad, met prachtige gebouwen. Zoals paleizen voor de keizers, voor de Senaat en voor de grote

Nadere informatie

Naam: De Romeinen. Vraag 1. De Romeinen hebben veel gebouwd. Noem vijf verschillende toepassingen. pagina 1 van 6

Naam: De Romeinen. Vraag 1. De Romeinen hebben veel gebouwd. Noem vijf verschillende toepassingen. pagina 1 van 6 Naam: De Romeinen De Romeinse bouwkunst. De Romeinen behoren tot de beste bouwers uit de geschiedenis. Ze bouwden tempels, riolen, waterleidingen, wegen, kanalen, huizen, aquaducten, havens, bruggen en

Nadere informatie

Kinderliedboekje Inhoudsopgave

Kinderliedboekje Inhoudsopgave Kinderliedboekje Inhoudsopgave Jezus is de goede herder...2 Hoor de vogels zingen weer...2 Dank U voor deze nieuwe morgen...3 Jezus is geboren...4 Zit je deur nog op slot...4 Dank U voor uw liefde Heer...4

Nadere informatie

OOGGETUIGE. Johannes 20:30-31

OOGGETUIGE. Johannes 20:30-31 1 januari OOGGETUIGE Johannes 20:30-31 Een nieuw jaar ligt voor ons. Wat er gaat komen, weten we niet. Al heb je waarschijnlijk mooie plannen gemaakt. Misschien heb je goede voornemens. Om elke dag uit

Nadere informatie

Op welke wijze kreeg Mozes een les in geloof dat hij door God is aangewezen Gods volk te leiden?

Op welke wijze kreeg Mozes een les in geloof dat hij door God is aangewezen Gods volk te leiden? De wonderen van God. Op welke wijze kreeg Mozes een les in geloof dat hij door God is aangewezen Gods volk te leiden? Exodus 4:1-3 1 Toen antwoordde Mozes en zei: Maar zie, zij zullen mij niet geloven

Nadere informatie

DE LATE MIDDELEEUWEN (1300-1555)

DE LATE MIDDELEEUWEN (1300-1555) DE LATE MIDDELEEUWEN (1300-1555) Deel 1: 1305-1354 De groei van de macht van het volk en het uitbreken van de Hoekse en Kabeljouwse twisten. In deze periode zien we de macht van de graafschappen en hertogdommen

Nadere informatie

Paasviering 2014. Vandaag sluiten we het project Schatzoekers af en vieren we het feest van de opstanding.

Paasviering 2014. Vandaag sluiten we het project Schatzoekers af en vieren we het feest van de opstanding. Welkom Vandaag sluiten we het project Schatzoekers af en vieren we het feest van de opstanding. Gebed (groep 6) Lieve God, we zijn hier bij elkaar gekomen om Pasen te vieren het feest van de opstanding

Nadere informatie

Geelzucht. Toen pakte een vrouw mijn arm. Ze nam me mee naar de binnenplaats van het huis. Naast de deur van de binnenplaats was een kraan.

Geelzucht. Toen pakte een vrouw mijn arm. Ze nam me mee naar de binnenplaats van het huis. Naast de deur van de binnenplaats was een kraan. Geelzucht Toen ik 15 was, kreeg ik geelzucht. De ziekte begon in de herfst en duurde tot het voorjaar. Ik voelde me eerst steeds ellendiger worden. Maar in januari ging het beter. Mijn moeder zette een

Nadere informatie

Er was eens een heel groot bos. Met bomen en bloemen. En heel veel verschillende dieren. Aan de rand van dat bos woonde, in een grot, een draakje. Dat draakje had de mooiste grot van iedereen. Lekker vochtig

Nadere informatie

De schaapskudde Een educatief programma voor groep 5 en 6 Handleiding Deel 3 Locatie Hoog-Buurlo

De schaapskudde Een educatief programma voor groep 5 en 6 Handleiding Deel 3 Locatie Hoog-Buurlo De schaapskudde Een educatief programma voor groep 5 en 6 Handleiding Deel 3 Locatie Hoog-Buurlo Inhoudsopgave Deel 3: De schaapskudde van Hoog-Buurlo 1. Aanmeldgegevens 2. Achtergrondinformatie Hoog-Buurlo

Nadere informatie

Jij en jouw diepste drijfveren

Jij en jouw diepste drijfveren Jij en jouw diepste drijfveren blok E - nivo 2 - avond 7 Tijd Wat gaan we doen 19.00 Mentorkwartiertje 19.15 Terugkoppeling en intro 19.25 Bijbelstudie 19.35 Catechismus 19.45 Bijbelstudie Matteus 22 19.55

Nadere informatie