Cardiff-verslag 2001 Pagina 0 HERVORMING VAN PRODUCTEN-, DIENSTEN- EN KAPITAALMARKTEN BELGISCH VERSLAG VOOR DE EUROPESE UNIE

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Cardiff-verslag 2001 Pagina 0 HERVORMING VAN PRODUCTEN-, DIENSTEN- EN KAPITAALMARKTEN BELGISCH VERSLAG VOOR DE EUROPESE UNIE"

Transcriptie

1 Cardiff-verslag 2001 Pagina 0 HERVORMING VAN PRODUCTEN-, DIENSTEN- EN KAPITAALMARKTEN BELGISCH VERSLAG VOOR DE EUROPESE UNIE NOVEMBER 2001

2 Cardiff-verslag 2001 Pagina 1 CARDIFF-VERSLAG 2001 I. BELGISCHE PRIORITEITEN VOOR MARKTHERVORMINGEN Zoals veel Europese economieën kent de Belgische economie thans een groeivertraging, nadat in 2000 een zeer sterke expansie werd opgetekend (+4%). De gebeurtenissen van september kunnen zelfs de tot dan toe verwachte groeivertraging in de hand werken, vermits de economische groei in België grotendeels afhankelijk is van de wereldhandel. In deze nieuwe context dienen twee vragen te worden gesteld : Werken de Europese markten goed genoeg om de weerslag van zo n externe schok op te vangen? Is de Europese economie sterk genoeg om baat te vinden bij interne groeibronnen? Voor de Belgische economie moet de aandacht worden gevestigd op een aantal positieve gegevens die erop wijzen dat de potentiële groei toeneemt en dat het concurrentievermogen van de Belgische economie de jongste jaren verbeterd is. Die ontwikkelingen blijken uit een analyse van de oorzaken van de groei tijdens de jaren negentig. Tabel 1 toont dat de versnelling van de groei in de tweede helft vooral te danken is aan de toename van de arbeid en een verhoging van de groei van de totale factorproductiviteit (TFP). Dit betekent enerzijds dat de werkgelegenheidscijfers sterk toenamen om de snellere groei te ondersteunen en anderzijds dat innovatie en technische vooruitgang (zoals ICT) tot een betere aanwending van de productiefactoren leidden. Een gezond macro-economisch landschap en beter functionerende markten droegen bij tot deze periode van sterke conjuncturele groei. Tabel 1 : Recente groeicijfers Europa 15 België Reëel jaarlijks 1,0 2,0 1,1 2,2 BBP Gewerkte uren -1,0 0,5-0,5 0,8 Arbeidsproductiviteit 2,0 1,5 1,6 1,4 per uur Toename van 0,95 0,6 0,9 0,25 de kapitaalvoorraad TFP 1,05 0,9 0,7 1,15 Bron : Europese Commissie, Vooreerst is de macro-economische context vrij gezond. Het inflatiepercentage steeg, zowel door de hogere olie- en voedselprijzen als door de ontwaarding van de euro, doch de onderliggende inflatie blijft beperkt. Voor de eerste maal in de jongste veertig jaar waren de nationale rekeningen lichtjes positief in 2000 en zij zouden in evenwicht moeten komen in 2001 en 2002, wat een belangrijke prestatie is op macro-economisch vlak. Tijdens de komende vier jaar zal de interne groei worden gestimuleerd door de impact van de fiscale hervormingen op de koopkracht van de gezinnen. De hervorming van de persoonlijke inkomensbelastingen die geleidelijk zal worden toegepast (op de inkomsten van ) zorgt voor een aanzienlijke daling van de belastingen. Verder lijkt de potentiële groei erop vooruit te gaan, mede door een betere werking van de markten zoals blijkt uit een constante integratie in de internationale markten, een aanzienlijke toename van de werkgelegenheid tijdens de jongste jaren en een sterke aangroei van de bedrijfsinvesteringen. Dat neemt niet weg dat er nog veel vooruitgang moet worden geboekt op een aantal gebieden : O&O en innovatie moeten worden versterkt in de bedrijfswereld;

3 Cardiff-verslag 2001 Pagina 2 de verspreiding van ICT moet op een snel tempo worden voortgezet om de kloof met onze Europese partners te overbruggen; de hervorming van de overheidssector is lang niet voltooid en de prijzen blijven buitensporig in de niet-betoelaagde sectoren; administratieve hervormingen. A. DOELTREFFENDHEID VAN DE MARKTEN : STERKE EN ZWAKKE PUNTEN VAN DE BELGISCHE ECONOMIE 1. Naar een verdere integratie in de EU De Belgische economie integreert zich steeds meer in de rest van Europa, in het bijzonder in onze drie buurlanden. De handelsintegratie gaat verder, zoals blijkt uit figuur 1. In 2000 vertegenwoordigde de handel binnen de EU (invoer + uitvoer /2) 56,1% van het BBP. De buitenlandse directe investeringen (zowel binnenkomende als uitgaande) groeien eveneens aan. Beide waren goed voor meer dan 40% van de reële BBK 1 in 1998, vergeleken bij minder dan 20% in Beschikbare cijfers voor België in 1999 en 2000 bevestigen de snelle expansie van buitenlandse directe investeringen tijdens de jongste jaren. Figuur 1: Handelsintegratie Belgium intra EU extra EU European Union (X+M)/2xBBP Bron : Eurostat, Comext De gevolgen zijn enerzijds dat de Belgische prijsniveaus over het algemeen dicht bij het Europees gemiddelde liggen en anderzijds dat zowel de conjuncturele tendensen als de organisatie van de handelssector binnen Europa steeds meer onderling afhankelijk zijn. Betere resultaten zouden dan kunnen worden bereikt als de voorwaarden voor vraag en aanbod binnen Europa gunstig zijn. 2. Snel stijgende tewerkstellings- en activiteitsgraad Het Cardiff-verslag 2000 heeft de nadruk gelegd op de zwakheid van de tewerkstellings- en activiteitsgraad in België, vooral voor de jongste (15-24-jarigen) en oudste (50-64-jarigen) bevolkingsgroepen. Er werden twee soorten maatregelen genomen om de activiteitsgraad jaarlijks met 1% te doen stijgen. Ten eerste werd de belasting op arbeid verminderd om zo meer mensen op de arbeidsmarkt te krijgen en de arbeidskosten voor werkgevers te verminderen. Ten tweede werd een specifiek beleid gevoerd om jonge en oude mensen aan te moedigen op een succesvolle manier toe te treden tot de arbeidsmarkt of om te blijven. 1 Bruto Binnenlandse Kapitaalvorming 2 Bron: UNCTAD World Investment Report 2000, 2001.

4 Cardiff-verslag 2001 Pagina 3 Tabel 2 : Activiteitsgraad en tewerkstellingsgraad Eur 15 België Activiteitsgraad 68,0 68,9 63,2 65,2 +2,0 Werkloosheid in % van 7,0 5,8 5,9 4,3-1,6 bev jaar Tewerkstellingsgraad jaar 61,0 63,1 57,3 60,9 +3, jaar 37,5 39,9 26,0 30,3 +4, jaar 75,4 77,6 76,8 81,0 +4, jaar 47,7 49,4 36,7 39,2 +2,5 Bron : New Cronos - LFS (Arbeidskrachten Survey) Volgens de cijfers in tabel 2 werd deze doelstelling bereikt in 2000 en werd ze stevig ondersteund door een sterke conjuncturele groei. Er moet worden beklemtoond dat deze belangrijke stijging van de tewerkstellingsgraad verdeeld is over alle leeftijdscategorieën. De meest spectaculaire evolutie is echter de stijgende tewerkstelling in de jongste bevolkingsgroep. 3. Sterke stijging van de investeringen leidt tot hoger productiepotentieel Sedert 1995 nemen de investeringen in de Europese economie opmerkelijk toe, wat zorgt voor een stijging van de investeringsgraad van 19,8% tot bijna 21,5%. Dit is nogmaals een aanwijzing dat de toename van de Europese economie diep geworteld zit in het verbeteren van binnenlandse grondbeginselen, wat onder meer het gevolg is van efficiëntere arbeids- en productmarkten. Zoals blijkt uit figuur 2 is de stijging van de investeringen in België nogal aanzienlijk. De investeringsgraad bereikte 21,7% in 2000, een veel hoger niveau dan begin jaren 90. Figuur 2 : Investeringsgraad (in % van het BBP) % of GDP 22 21, , , ,5 Bron : New Cronos, Eurostat EU 15 Belgium Nieuw materieel is de meest gebruikelijke manier om nieuwe technologieën in bedrijven, vooral in KMO s, te verspreiden en te integreren. De investeringsgolf tijdens de tweede helft van de jaren 90 droeg waarschijnlijk veel bij tot de verbetering van processen en producten en tot de stijging van het productiepotentieel van de Europese economieën, door het bevorderen van een sterkere, niet-inflatoire groei. ICT is tegenwoordig één van de meest krachtige manieren om productieprocessen te verbeteren. Zowel in België als in de meeste Europese landen stegen de investeringen in ICT veel sneller dan de totale investeringen tijdens de jongste jaren. In 1995 waren de investeringen in ICT in België goed voor 10% van de totale niet-residentiële investeringen. Men schat dat ze in 2000 dicht bij de 14% liggen. De investeringen in ICT liggen nu boven de 2,2% van het BBP, vergeleken bij 1,5% in Deze gegevens zijn uitgedrukt in waarde, wat betekent dat de reële groei nog groter is.

5 Cardiff-verslag 2001 Pagina 4 4. en meer gebruik van ICT? Het Cardiff-verslag van vorig jaar verduidelijkte dat België ten opzichte van de andere Europese landen onderaan de ladder staat voor wat ICT-gebruik betreft. De situatie is nu wat aan het verbeteren: België is ergens in het midden gerangschikt tussen de Europese landen, maar ligt nog steeds ver achter de Scandinavische landen, Nederland en het VK. Figuur 3: Uitgaven voor informatietechnologie in % van het BBP EU15 BE DE FR NL Bron : Eurostat New Cronos Over het algemeen blijven de uitgaven voor ICT in % van het BBP net onder het Europese gemiddelde (cf. figuur 3). Volgens verscheidene bronnen gaat de verspreiding van ICT in de Belgische gezinnen er goed op vooruit, hoewel de evolutie in de bedrijven trager verloopt. In 2000 bleef het relatieve aantal bedrijfspc s lager dan het Europese gemiddelde en de penetratie van e-commerce leek moeilijker. Zoals blijkt uit de Europe-maatstaven voor 2002 (sept. 2001), is de penetratiegraad van breedband in België momenteel een van de hoogste in Europa (16% van alle aansluitingen en groeicijfers van 53% per kwartaal en 500% op jaarbasis. De cijfers bevatten zowel kabel- als ADSL-aansluitingen). Tabel 3 : ICT-indicatoren België EU Duitsland Frankrijk NL Aant. PC s per 1000 inw. (2000) 402, ,6 369,4 468,3 Aant. bedrijfspc s per werknemers (199) Aant. Internetgebruikers per ,1 33, ,1 75,3 inw. (2000) B2C e-commerce in % kleinhandel 0,16 n.v.t. 0,3 0,14 0,34 (1999) % verkoop via het internet in de 1,97 n.v.t. 2,31 1,62 3,01 bedrijfssector 1999 % KMO s dat via het internet 13 n.v.t verkoopt 2001 Secure web servers per 1 mln 26,2 44,2 45,8 21,9 34,2 inw.(2000) Bronnen : IMD, EITO, OESO Doeltreffende financiële markten, een sterk innoverend vermogen, goed opgeleide werkkrachten en geen overmatige administratieve last worden erkend als belangrijke structurele factoren om de nieuwe economie en de bedrijfsconcurrentie aan te moedigen. De Belgische financiële markten doen het goed omdat grote vooruitgang is geboekt op het vlak van vernieuwing, onderwijs en administratieve lasten. 4 De vergelijking betreft de volgende landen: Be (België), De (Duitsland), Fr (Frankrijk), Nl (Nederland).

6 Cardiff-verslag 2001 Pagina 5 5. Innovatiecapaciteit neemt toe, maar dan vooral in enkele grote bedrijven Gemeten op basis van het aandeel van O&O in de uitgaven van de bedrijven, nam de innovatiecapaciteit van in België gevestigde bedrijven toe in de tweede helft van de jaren negentig. Het O&O-aandeel voor de bedrijven bereikte naar schatting 1,42 % van het BBP in 1999, vergeleken met 1,23 % in De reële groei overschreed jaarlijks 6%. Niettemin ligt het O&O-aandeel in de Belgische bedrijven ver achter op de VS, Finland en Duitsland. De uitgaven voor O&O lijken geconcentreerd te zitten in een klein aantal sectoren en in een handvol grote bedrijven. Volgens een Europees onderzoek dat in de tweede helft van de jaren negentig werd uitgevoerd, lijkt het aantal innoverende firma's naar verhouding laag in de Belgische industrie : 34% vergeleken met 51% in de EU. Het opleidingsniveau van de arbeidskrachten draagt beduidend bij tot de innovatiecapaciteit van een land. De toestand in België is contrastrijk : vergeleken met het Europese gemiddelde hebben verhoudingsgewijs minder mensen een getuigschrift hoger middelbaar, maar volgden meer mensen hoger onderwijs. Wanneer men echter kijkt naar het aantal studenten dat hoger onderwijs volgt in een gespecialiseerde wetenschappelijke richting, dan blijkt België ver verwijderd van het Europese gemiddelde. In België heeft de laag opgeleide bevolkingscategorie een overaandeel in de actieve leeftijdsgroep. Globaal bekeken haalde ongeveer 39% van de leeftijdsgroep 25 tot 59 jaar geen hoger middelbaar, terwijl dit voor Europa gemiddeld minder dan 35% is. Een onvoldoende scholingsniveau is een van de grootste problemen waarmee werklozen te kampen hebben, vooral wanneer het om het oudere gedeelte van de bevolking gaat. Voor de categorie jaar laten de cijfers een veel hoger scholingsniveau zien: 37,4% had een diploma hoger onderwijs in Tabel 4 : Bevolking volgens leeftijdscategorie en behaald opleidingsniveau - % voor 2000 EU België Geen hoger secundair onderwijs 25,9% 34,4% 24,0% 39,1% Hoger secundair onderwijs 49,1% 43,5% 38,5% 32,3% Hoger onderwijs 25,1% 22,1% 37,4% 28,6% Bron : New Cronos, Eurostat 6. Administratieve lasten nog steeds te zwaar In 1998 werden de administratieve lasten van de bedrijven op 2,2% van het BBP geschat, vergelijkbaar met het cijfer van talrijke OESO-landen. Volgens een nieuw onderzoek uitgevoerd in 2000 bedraagt dat cijfer 2,6%. Ook al kunnen de twee resultaten niet direct met elkaar vergeleken worden, toch laat de nieuwe schatting evenmin vermoeden dat de administratieve lasten in de afgelopen twee jaar werden verlicht. Het onderzoek spitst zich voornamelijk toe op administratieve lasten in verband met tewerkstelling, fiscale verplichtingen en milieuwetgeving. Er wordt geen rekening gehouden met de stappen die nodig zijn om een bedrijf op te richten of zich als zelfstandige te vestigen, en dat zijn er in België heel wat. Het aantal dossiers dat in dit geval moet worden samengesteld, is een van de hoogste in Europa. Uit gegevens van DG Ondernemingen blijkt dat men in België 32 werkdagen nodig heeft om een bedrijf te laten registreren, wat meer is dan in de meeste Europese landen. Er worden momenteel grote inspanningen geleverd om de administratieve lasten te verminderen. De situatie zou de komende maanden moeten verbeteren (zie blz. 10). 7. Verbeterde toestand op financiële markten In 2000 bereikte de kapitaalomzet op de Belgische aandelenmarkten (figuur 4) bijna 3% van het BBP, d.i. een van de hoogste cijfers in Europa (het Europees gemiddelde wordt sterk beïnvloed door de

7 Cardiff-verslag 2001 Pagina 6 Nederlandse prestatie, die 15% van het BBP benadert). Ondertussen steeg het risicokapitaal bestemd voor beginfazen (figuur 5) verder in % van het BBP. De goede prestaties op de aandelenmarkten kunnen te danken zijn aan het groeiend aantal marktoperatoren (zoals pensioen- of beleggingsfondsen), wat tot gunstigere financiële omstandigheden kan leiden. Zoals in het gedeelte over de financiële markten aangetoond wordt, zijn de transactiekosten blijkbaar gedaald dankzij een grotere efficiëntie. Een betere dienstverlening van de banken op het vlak van investment banking kan ook tot de gestegen vraag bijgedragen hebben. Figuur 4 : Kapitaalomzet op aandelenmarkten in % van het BBP BE DE FR UK EU Bron: Internationale Federatie van Effectenbeurzen (IFE). Figuur 5 : Risicokapitaal - Beginfazen (in % van het BBP) BE DE FR NL EU Bron: Europese Vereniging voor Risicodragend Kapitaal. 8. Prijsvoordelen voor consumenten na hervormingen nutssector blijven vooralsnog beperkt a. Telecommunicatie Volgens de recentste beschikbare internationale cijfers (zie tabel 5) werd de Belgische telecommunicatiesector in 2000 nog steeds gekenmerkt door gemiddeld 5 zeer hoge prijzen in alle segmenten van de vaste telefonie, terwijl de prijzen voor mobiele communicatie laag waren ten opzichte van andere landen. De gezinnen en bedrijven betaalden voor vaste telefonie nog steeds 25% tot 50% meer dan in de buurlanden (met inbegrip van internationale gesprekken en oproepen naar mobiele netwerken). De kloof met de gemiddelde prijzen in Europa is vergeleken met 1998 aanmerkelijk groter geworden. 5 Deze prijzen weerspiegelen de aantrekkelijkste voorwaarden van de markt niet.

8 Cardiff-verslag 2001 Pagina 7 Tabel 5 : Gesprekskosten 2000 België EU F D NL Samengestelde korf van privégesprekken* 641,9 515,4 498,9 508,5 437,3 USD op basis van de KKP 6 - Totaal bedrag in Samengestelde korf van zakelijke 1476,8 1092,1 1076, ,9 gesprekken* - Totaal bedrag in USD op basis van de KKP Korf van mobiele gesprekskosten 298,8 318, ,9 278 voor consumenten - Totaal bedrag in USD op basis van de KKP Korf van kosten voor nationale gesprekken via geleasde lijn voor 1,5/2,0 Mbits/s - In USD op basis van de KKP Bron: OESO, EG * inclusief internationale gesprekken en oproepen naar mobiele netwerken Niettemin verbeterden de prijscondities afgelopen jaar aanzienlijk nadat tijdens de eerste acht maanden van 2001 gemiddeld een aanzienlijke prijsdaling werd vastgesteld voor telefoon- en faxdiensten (9,2% vergeleken met de vorige periode). De daling lijkt vooral danken te zijn aan tariefverlagingen die de dominante operator eind vorig jaar in de meest competitieve segmenten van de markt toepaste. De kosten voor internet-aansluitingen daalden in 2000 bovendien met 37%. Figuur 6: Geharmoniseerd indexcijfer der consumptieprijzen voor communicatie (1996=100) (jaarbasis) (1-8) EU15 BE DE FR NL Bron : Eurostat (New Cronos) De prijsdalingen zullen wellicht aanhouden, aangezien zich momenteel positieve veranderingen voordoen : ten eerste werden, na maatregelen van de regulator, de interconnectieprijzen verlaagd voor het mobiele netwerk (-21%) alsook voor het vaste netwerk (ongeveer -20% volgens de tijd), en ten tweede introduceerde de betrokken operator per 1 juli een nieuwe tariefstructuur voor geleasde lijnen in die nu door de wetgever wordt bestudeerd. b. Elektriciteit en gas De liberalisering van de energiemarkten is aan de gang, maar komt traag vooruit. De elektriciteitsprijzen voor gemiddelde gebruikers (zowel gezinnen als industriële gebruikers) bleven de laatste drie jaar min of meer stabiel. Een gedeelte van de toegepaste prijsverminderingen ging teniet door toegenomen productiekosten als gevolg van hogere gasprijzen. Aardgas is (samen met kernenergie) een van de belangrijkste bronnen voor de opwekking van elektriciteit in België. 6 Koopkrachtpariteit

9 Cardiff-verslag 2001 Pagina 8 De Belgische prijzen voor openbare distributie liggen relatief hoog vergeleken met die van de omringende landen. Zoals in een recent WEFA-verslag 7 wordt gesuggereerd, zou dit vooral te verklaren zijn door een groot aandeel van kernenergie samen met hoge kapitaalkosten (passend voor een privé-bedrijf), wat leidt tot hoge opwekkingskosten. Ook het gebrek aan concurrentie lijkt de potentiële invloed van lagere Duitse prijzen op de Belgische markt te beperken. Voor de consumenten liggen de Belgische tarieven gemiddeld 10% tot 20% hoger dan in Nederland, Duitsland of het VK (zie tabel 6). Dat geldt voor alle soorten consumenten, behalve voor consumenten met een groot huishoudelijk verbruik tegen nachttarief. Figuur 7 : Elektriciteit : prijzen voor openbare distributie (BEF cts/kwh aangepast naar 30kV) BEF cts/kwh st Jan 1st July 0 BE DE FR UK NL Bron: WEFA - DAFSA Tabel 6: Elektriciteitsprijzen : Huishoudelijke eindverbruikers/10kva 3500 kwh 1300 kwh 's nachts - BTW exclusief - sept 2000 België F NL D VK Index ,3 76,3 84,0 91,5 Prijswijziging mei-september 3,4% 0% 0,1% -1,2% 18,1%* 2000 Bron: WEFA-DAFSA * sterk beïnvloed door de evolutie van de wisselkoersen Vorig jaar werden maatregelen genomen om het tarief voor vaste elektriciteitsverbruikers te verlagen (totale factuur naar schatting 0,2 miljard euro lager) en zo in 2002 prijsverschillen met de omringende landen te verminderen alsook het verschil tussen de tarieven van de kleinste en van de grootste verbruikers te verkleinen. Tussen januari 1999 en januari 2001 nam de verhouding tussen de hoogste en de laagste prijs af van 2,5 tot 2,1 voor gezinnen en van 3,6 tot 2,9 voor industriële verbruikers. Zo daalden bij de industriële gebruikers de prijzen voor de kleinste verbruikers in de loop van de laatste twee jaar met 14% terwijl de prijzen voor de grootste verbruikers met 6% toenamen. Deze door Eurostat gepubliceerde tarieven geven niet de prijzen weer die deze grote verbruikers momenteel zouden kunnen verkrijgen. Op de aardgasmarkt, die volledig op invoer is aangewezen, is er door de liberalisering voor de meeste verbruikers van aardgas niets veranderd (het marktaandeel van nieuwe gasleveranciers vertegenwoordigt minder dan 5% van het aanbod). Men stelde aanzienlijke prijsstijgingen vast, die in België groter waren dan in alle omringende landen behalve Duitsland. De aardgasprijzen voor de gezinnen stegen in België tussen januari 1999 en januari 2001 met ongeveer 45%. In de meeste omringende landen bedroeg deze stijging ongeveer 10% en het EU-gemiddelde bedroeg minder dan 30%. De aardgasprijzen voor de industrie stegen in dezelfde periode met 80% in België, tegenover een stijging van ongeveer 70% voor Frankrijk, Nederland en het EU-gemiddelde. In België is de grensprijs een van de belangrijkste elementen in de totale verbruikersprijs voor gas. Hij werd sterk beïnvloed door de stijgende beweging van de olieprijzen. 7 Vergelijking van elektriciteitsprijzen in geselecteerde Europese landen - WEFA-DAFSA mei en september 2000.

10 Cardiff-verslag 2001 Pagina 9 Figuur 8 : Gasprijzen in euro per gigajoule voor de gemiddelde gezinsverbruiker (83,7 GJ) exclusief BTW en taksen BE DE FR NL UK EU15 Bron : Eurostat

11 Cardiff-verslag 2001 Pagina 10 B. BELGISCHE PRIORITEITEN VOOR MARKTHERVORMINGEN 1. Verdere inspanningen om de tewerkstellingsgraad te verhogen De inspanningen van vorig jaar om de doelstellingen van de Europese Raad te halen, zullen worden voortgezet op het vlak van tewerkstellingsbeleid, op fiscaal vlak en op het vlak van opleiding en onderwijs. De inspanningen zullen gericht worden op de jonge en oude leeftijdscategorieën van de actieve bevolking, waar het werkgelegenheidscijfer veel lager ligt dan in de omringende landen, en op de groep van laaggeschoolden. Wat het tewerkstellingsbeleid betreft, zorgt de wet van 5 september 2001 voor specifieke maatregelen om het tewerkstellingscijfer van de oudere groepen van de actieve bevolking te verhogen. Ondertussen nam de Regering maatregelen om de belangrijkste obstakels voor arbeidsmobiliteit weg te werken en de arbeidsmarktflexibiliteit te verbeteren (voor meer details, zie bijlage 5). Er werden specifieke maatregelen genomen om de band tussen werk en levensomstandigheden (verkorte werktijd, opleidingsfaciliteiten) te verbeteren en oudere werknemers aan te moedigen om op de arbeidsmarkt te blijven (met financiële stimulansen voor het aanwerven van oudere werknemers, een outplacement-procedure voor mensen die hun job verliezen, speciale werktijdverkortingen enz.). Er komen betere fiscale maatregelen: In 2002 wordt er 0,25 miljard euro extra uitgetrokken om de bijdragen voor sociale zekerheid te verminderen, met de klemtoon op jonge mensen en werknemers van meer dan 50 jaar. De hervorming van de inkomstenbelastingen zal een grote invloed hebben op de inkomens van 2002 en zal de last van de belasting op arbeid verlichten: de "crisisbelasting" gaat verder omlaag, de marginale belastingdruk wordt beperkt, er zullen meer beroepskosten kunnen afgetrokken worden, en er komt een terugbetaalbaar belastingkrediet voor lage inkomens. Beter geschoolde arbeidskrachten zijn, zoals gezegd, van doorslaggevend belang voor de Belgische arbeidsmarkt. Volgens LFS nam in België 8,3% van de actieve bevolking deel aan bijscholingscursussen, terwijl dat cijfer voor Nederland, Zweden, Denemarken, of het VK bijna 20% bedraagt. De sociale partners hebben besloten aanzienlijk meer middelen ter beschikking te stellen voor permanente opleiding, die in 1999 een aandeel van 1,3% in de loonkosten had. In 2004 zou de "onderwijsinvestering" 1,9% van de loonkosten moeten uitmaken. Eind 2002 zou deze reeds de 1,6% moeten benaderen. Er worden zowel op federaal als op gewestelijk vlak initiatieven genomen om het activiteitspercentage van de oudere werknemers te verhogen, bijscholing te stimuleren en mobiliteit te bevorderen. Zo startte de Vlaamse Regering een specifiek actieprogramma om firma's ertoe aan te zetten procedures uit te werken voor het opnemen van oudere werknemers. De Waalse Regering breidde het aantal bevoegdheidscentra uit om bijscholingsprogramma's binnen ieders bereik te brengen. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest creëerde centra voor beroepsreferenties. De mobiliteit van werklozen is een thema waaraan door de drie Gewesten tegelijk wordt gewerkt met het oog op de bestaande regionale verschillen. De Gewesten zijn erg actief op het vlak van bijscholing en permanente vorming, zowel voor werkenden als voor werklozen. 2. Een beter ondernemingsklimaat Het aantrekken van meer buitenlandse investeerders en het stimuleren van de ondernemingszin en van de ontwikkeling van KMO's zijn twee van de topprioriteiten van de Regering. Drie soorten maatregelen zullen tot een verbetering van het ondernemingsklimaat bijdragen.

12 Cardiff-verslag 2001 Pagina 11 Ten eerste kondigde de Regering op 9 oktober een aanzienlijke verlaging van de bedrijfsbelasting aan. De basisvoet wordt verlaagd van 39% naar 33%, een peil dat vergelijkbaar is met wat door de meeste EU-partners wordt toegepast. De hervorming zal in begrotingstermen neutraal zijn, aangezien tegelijk het belastingstelsel wordt vereenvoudigd en bepaalde uitkeringen wegvallen. Bovendien wordt het reglementeringsstelsel hervormd naar Nederlands voorbeeld. Reglementeringsprocedures zullen voor alle ondernemingen opengesteld worden en onder controle van het Parlement staan. Door de publicatie van alle akkoorden wordt transparantie gewaarborgd. De specifieke belastingvoet voor KMO's (met een winst van minder dan euro) wordt verlaagd naar 24,25%, vergeleken met 28% nu. Ten tweede moet administratieve vereenvoudiging de rapportering voor firma's beduidend vergemakkelijken. De volgende initiatieven staan de komende maanden op de agenda: De elektronische BTW-aangifte zou voor eind dit jaar mogelijk moeten zijn. Ook de elektronische tewerkstellingsaangifte is voor eind 2001 gepland. De installatie van een "Universele-berichtgevingssysteem" waarmee alle gegevens over bedrijven worden samengebracht, die dan voor alle ministeries beschikbaar zullen zijn, wordt voor eind 2001 verwacht. Op 1 januari 2002 zal een belangrijke stap gezet worden in de richting van een vereenvoudiging van administratieve procedures. Op die dag gaat het E-government platform van start (zie pagina 14 voor meer details over E-government implementatie). De Belgische Regering heeft ook besloten de vele bestaande (momenteel negentien) tewerkstellingsprogramma's te rationaliseren die de werkgevers recht geven op verminderde sociale bijdragen. Al deze plannen zullen worden geharmoniseerd en geïntegreerd. De vermindering zal ook automatisch worden toegekend, zonder specifieke aanvraag van de werkgevers. Tot slot worden op federaal en gewestelijk vlak talrijke initiatieven genomen om KMO's te ondersteunen die (1) het menselijk kapitaal en de management-capaciteiten verbeteren, (2) de ondernemingszin versterken, (3) innovatie stimuleren, (4) de toegang tot oprichtings- en vooral risicokapitaal vergemakkelijken. 3. Kwaliteitsverbetering van de overheidsdiensten Een andere prioriteit van de Federale Regering is de modernisering van de openbare besturen. Na de goedkeuring van de reeds in het vorige verslag beschreven hervormingsbeginselen door de Regering in april 2000 begon de tenuitvoerlegging ervan. Tijdens de laatste maanden van 2000 werden de basisprincipes van de nieuwe benadering van het human resources management vastgelegd. De nieuwe algemene structuur van de federale overheid werd bepaald : dezelfde voor alle afdelingen van openbare diensten. Begin 2001 keurde de Regering het mandaatsysteem voor leidinggevende ambtenaren goed. Op dat ogenblik ging de modernisering van een eerste groep afdelingen binnen de nieuwe overheidsdiensten van start, wat het begin betekende van de praktische uitvoering van de hervorming. Een van de hervormingsbeginselen is het creëren van een nieuwe band tussen de politiek en de administratie door de omvang van de ministeriële kabinetten aanzienlijk te beperken. Dit zou eind 2004 verwezenlijkt moeten zijn. De Eerste Minister, de Minister van Ambtenarenzaken en Modernisering van de Openbare Besturen en de Minister van Begroting hebben dit principe reeds in de praktijk gebracht. Er werd een wervingscampagne voor leidinggevende ambtenaren gestart die gericht was op zowel interne als externe mensen. De aan de gang zijnde selectieprocedures hebben reeds topmanagers van twee overheidsdiensten - de diensten van de Eerste Minister en ICT - voortgebracht. Na zijn aanstelling zal elke topmanager zijn overheidsdienst hervormen, parallel met de uitvoering van e-governmentprojecten.

13 Cardiff-verslag 2001 Pagina Een betere milieubescherming door middel van een adequaat economisch beleid Verscheidene fiscale maatregelen en precieze reglementeringen werden aangewend sinds de uitvoering van het Nationaal CO2-programma in Bijlage 1 verduidelijkt de vele verschillende daartoe gebruikte instrumenten en hun impact op milieu- en fiscaal vlak. Voor het eind van 2001 wordt de goedkeuring van een Nationaal Klimaatplan verwacht. Dit Plan zal de te nemen maatregelen bepalen voor de verwezenlijking van het Belgische aandeel in de overeenkomst over de gedeelde Europese verplichting inzake de beperking van de uitstoot van gassen (-7,5% onder het niveau van 1990 voor de periode ). De Gewesten hebben hun actieplannen daaromtrent reeds ontwikkeld. Verschillende maatregelen werden voorgesteld, zoals bijvoorbeeld meer economische steun voor milieubeschermende investeringen of een beperking van het energieverbruik. Momenteel zijn er twee milieuvriendelijke maatregelen in voorbereiding, in het bijzonder met betrekking tot de luchtkwaliteit. Deze zullen van kracht worden in 2002: Om het gebruik van minder vervuilende voertuigen aan te moedigen, zal de belasting op de inverkeerstelling worden verminderd voor voertuigen die op LPG rijden en auto's die conform de Europese norm Euro 4 zijn. Ook zal deze belasting worden verhoogd voor bepaalde types zeer vervuilende tweedehandswagens. De jaarlijkse verkeersbelasting zal worden afgestemd op de graad van vervuilende uitstoot. Daarenboven heeft de Regering beslist vanaf 5 november 2001 de accijns van minerale oliën aan te passen aan het zwavelgehalte. De recente hervorming van de personenbelasting bevat tevens een ecologische ondertoon. Naast verschillende maatregelen ter bevordering van een duurzame mobiliteit door het pendelgedrag te wijzigen zal een belastingvermindering worden toegestaan voor belastingbetalers die bepaalde energiebesparende investeringen verwezenlijken. Tot slot maakte de Regering recent bekend dat de komende maanden een wetsvoorstel zal worden ingediend inzake de ontmanteling van kerncentrales die ouder zijn dan 40 jaar.

14 Cardiff-verslag 2001 Pagina 13 II. EVALUATIE VAN DE WERKING VAN DE MARKT EN DE STRUCTURELE HERVORMINGEN A. PRODUCTMARKTEN 1. Openstelling van nieuwe markten voor mededinging en stimulering van economische integratie a. Aanpassing van het wettelijke en administratieve kader i. Uitvoering van richtlijnen betreffende de eenheidsmarkt Tussen mei 2000 en mei 2001 daalde de omzettingsachterstand van België van 3,1% tot 2,4%. Maar na de in 2000 geboekte vooruitgang, voornamelijk in de afname van laattijdige omzettingen, is het aantal richtlijnen met vertraging niet opmerkelijk afgenomen. Het laatste verslag van de commissaris bevoegd voor de coördinatie van omzettingen, dat de toestand op 22 juni 2001 weergeeft, spreekt van 123 overtredingen (41 gevallen van laattijdige omzetting en 82 betwiste gevallen). In 2000 werden reeds een aantal maatregelen ten uitvoer gebracht om het omzettingsproces te verbeteren. De versterking van logistieke steun voor omzetting werd voortgezet in 2001, waarbij een betere communicatie en een informatieverspreiding tussen de betrokken actoren bijzondere aandacht kregen, met name door het creëren van een centrale databank. Deze inspanningen moeten in de komende maanden ongetwijfeld zorgen voor een vermindering van de omzettingsachterstand. 2. Overheidsbeleidslijnen die de werking van de markt beïnvloeden a. Mededingingsbeleid Twee soorten autoriteiten zijn belast met mededingingstoezicht: de Raad voor de Mededinging die een transversale bevoegdheid uitoefent en een groep sectorale regulerende autoriteiten die specifieke markten controleren. De Regering is van plan de betrekkingen tussen de Raad voor de Mededinging en de sectorale regulerende autoriteiten voor het eind van dit jaar te formaliseren. De hervorming beoogt een versterking van de samenhang binnen het regulerende kader. Vooreerst moeten de regulerende rol en het toezicht op alle niveaus worden gescheiden. Ten tweede dienen de betrekkingen tussen de mededingingsautoriteiten en de diverse sectorale regulerende instanties beter georganiseerd te zijn, terwijl de procedures efficiënter moeten worden opgezet. De Raad voor de Mededinging is een administratief en onafhankelijk rechtscollege met beslissingsbevoegdheid op het gebied van beperkende mededingingspraktijken en toelaatbaarheid van concentraties. De Raad is tevens een adviesorgaan voor algemene vraagstukken inzake mededingingsbeleid. Het orgaan is samengesteld uit 20 leden waarvan 4 voltijdse (voorzitter, vice-voorzitter en twee andere). Een Afdeling Mededinging met een recent versterkte staf (42 voltijdse medewerkers) voert onderzoeken uit en waakt over de uitvoering van beslissingen. Het toezicht op financiële dienstenmarkten wordt uitgeoefend door drie autoriteiten: de Commissie voor het Bank- en Financiewezen, de Nationale Bank en de Controledienst voor de Verzekeringen. Momenteel staat een hervorming van deze structuur ter discussie (zie deel II.B.) Daarvoor werd op federaal vlak een onafhankelijke regulator voor energiemarkten opgericht (de CREG). In de post- en telecommunicatiesector is de regulering nog steeds gecontroleerd door een met de Minister van Telecommunicatie verbonden structuur

15 Cardiff-verslag 2001 Pagina 14 (het BIPT), maar de Regering heeft een akkoord bereikt om een echt onafhankelijke structuur op te zetten. De geplande hervorming van het spoor-en luchtvervoer houdt eveneens de oprichting van een specifiek regulerend orgaan in dat belast is met het toezicht op transportsectoren. b. Staatssteun Tijdens de periode bedroeg de Belgische staatssteun gemiddeld 1,4% van het BBP, dit is iets hoger dan het EU-gemiddelde (1,2% van het BBP). Twee derde van de Belgische staatssteun gaat naar de transportsector, vooral de spoorwegen (0,9% van het BBP, tegen een EU-gemiddelde van 0,4%). Wanneer men de steun aan de landbouw- en transportsector uitsluit, beloopt de Belgische staatssteun dus slechts 0,4 % van het BBP, vergeleken bij het EU-gemiddelde van 0,6%. Sedert de periode daalde de gemiddelde staatssteun (exclusief de steun voor de landbouwen transportsector) met 15%, van 946,5 miljoen euro voor de periode tot 800,4 miljoen euro voor Het grootste deel van de overheidssteun voor de industrie- en dienstensector is gericht op horizontale doelstellingen (0,3% van het BBP): onderzoek en ontwikkeling, milieu, KMO's, handel, energiebesparing,...), terwijl het aandeel van de regionale steun 0,1% van het BBP vertegenwoordigt. Horizontale steun wordt hoofdzakelijk door de regio's gecontroleerd. In 2000 voerde Wallonië een onderzoek uit naar de impact van economische steun aan bedrijven. Dit moet leiden tot een herziening van de toewijzingscriteria evenals een herziening van de administratieve procedure. Figuur 9 : Staatssteun in % van het BBP (gemiddelde ) 1,60 State aid in % of the GDP (mean ) 1,43 1,40 1,20 1,21 Belgium European Union 1,00 0,80 0,60 0,59 0,40 0,36 0,20 0,26 0,18 0,10 0,22 0,00 Totaal Totaal-landbouw-vervoer Horizontal objectives Regional aid Bron : Negende rapport over staatssteun in de EU - COM(2001)403 c. Belastingvraagstukken die een invloed hebben op productmarkten Drie belangrijke kwesties die in het eerste deel worden vermeld, zijn: De recent geplande hervorming inzake vennootschapsbelasting. Het uitdiepen van het beleid betreffende de vermindering van de socialezekerheidsbijdragen. Een milieubewust belastingsysteem dat de luchtkwaliteit verbetert, de afvalberg doet afnemen en de mobiliteit bevordert. d. Overheidsopdrachten Sinds vorig jaar worden grote inspanningen geleverd om aanbestedingsprocedures te vereenvoudigen en de nodige infrastructuur te ontwikkelen voor het sluiten van overheidscontracten langs elektronische weg. Ongeveer 30 % van de overheidsopdrachten worden reeds openbaar gemaakt, wat aanzienlijk hoger is dan in de meeste Europese landen.

16 Cardiff-verslag 2001 Pagina 15

17 Cardiff-verslag /01/02 Pagina 16 Figuur 10: Aantal bekendgemaakte overheidsopdrachten t.o.v. het totale aantal overheidsopdrachten Bron : DG Markt, Eurostat e. Administratieve vereenvoudiging en ondernemerschap Door de interne en externe betrekkingen van overheden radicaal te wijzigen maakt ICT het mogelijk beleidsvoering en openbaredienstverlening te optimaliseren. De aanwending van deze technologieën bij overheidsactiviteiten - doorgaans e-government genoemd - is een essentiële stap voor de verbetering van de bedrijfswereld. E-government houdt niet alleen de ontwikkeling van een adequaat technologisch kader in, maar ook een drastische structurele reorganisatie van overheidsinstanties. Daarom lopen deze twee operaties parallel. De ontwikkeling van de technische middelen werd toevertrouwd aan de nieuwe horizontale overheidsdiensten: FEDICT. De voornaamste elementen van deze ingewikkelde, in opbouw zijnde infrastructuur zijn : De invoering van een snel, beveiligd netwerk voor elektronische gegevensuitwisseling tussen overheidsdiensten (naar het model van het reeds bestaande netwerk tussen de socialezekerheidsdiensten) en een "Universal Messaging Engine" voor het beheer van die gegevensuitwisseling. De ontwikkeling van twee elektronische portalen één voor de ondernemingen en één voor de burgers die de geïntegreerde toegang tot administratieve informatie, procedures en diensten mogelijk maken. De ontwikkeling van een uniek identificatiesysteem voor elke entiteit (ondernemingen en burgers). De ontwikkeling van infrastructuur voor elektronische handtekeningen. De Gewesten implementeren eveneens hun eigen e-governmentstrategieën. Ze hebben reeds eigen portaalsites ontwikkeld die informatie verschaffen over hun diensten en downloadbare sollicitatiebrieven. Er worden voortdurend inspanningen geleverd om de samenwerking te verbeteren en de interactiviteit te verhogen. Die projecten zijn gebaseerd op de technische middelen ontwikkeld op federaal niveau. Op 16

18 Cardiff-verslag /01/02 Pagina 17 basis van een samenwerkingsakkoord worden de Gewesten en de Gemeenschappen betrokken bij de uitwerking van een technisch e-governmentplatform. Dit belangrijke achtergrondwerk zal weldra voor de eerste tastbare resultaten zorgen. Hoewel een volledig elektronisch aanbod van overheidsdiensten slechts op 1 januari 2003 beschikbaar zal zijn, zal het e- governmentplatform reeds bepaalde online-procedures mogelijk maken in het begin van 2002 (zie I.B). Naast dit omvangrijke structurele vereenvoudigingsproject hebben de federale besturen zich de laatste twee jaar meer toegelegd op doelgerichte vereenvoudigingsprojecten, gecoördineerd door de Federale Dienst voor de Administratieve Vereenvoudiging. Vijfentwintig van deze projecten werden reeds uitgevoerd (zie bijlage 5 voor details). Er worden tevens verschillende initiatieven bestudeerd om het ontwerp van regulerende en administratieve teksten te verbeteren. Alle nieuwe belasting- en socialezekerheidsformulieren zullen worden onderzocht door een centrale dienst die gespecialiseerd is in leesbaarheid. Alle ambtenaren zullen een leesbaarheidsvorming moeten volgen en de burgers zullen worden aangemoedigd om voorstellen te doen in verband met administratieve formulieren. De verbetering van de bedrijfswereld is tevens één van de doelstellingen van de fiscale en regulerende maatregelen, die de Regering onlangs aankondigde en die in Deel I worden voorgesteld. Tot slot dienen verschillende geplande procedure-aanpassingen te worden vermeld die worden aangewend in geval van bedrijfsinsolventie (gerechtelijk akkoord en bankroet). Het gerechtelijk akkoord zal toegankelijker worden gemaakt voor kleine firma's en vertrouwelijker worden. De negatieve gevolgen van bankroet zullen worden beperkt voor zover er geen ernstige beheersfout wordt aangetoond. 3. Voorzieningen en netwerkindustrieën (zie bijlage 2 voor details) a. De telecommunicatiemarkt Volgens officiële gegevens, gepubliceerd door internationale organisaties, bleven de prijzen voor telecommunicatiediensten in 2000 gevoelig hoger in België dan in de rest van Europa. Toch moeten verschillende positieve veranderingen in 2001 worden aangestipt: de telefoon- en faxprijzen daalden; kosten voor internetaansluitingen werden verlaagd en tarieven voor onderlinge verbinding tussen mobiele en vaste telefoontoestellen vertonen een dalende trend (cf. I.A). Wat de openstelling van de markten betreft, dienen er drie belangrijke gebeurtenissen te worden onderstreept die op ruime schaal zullen bijdragen tot de openstelling van de markt voor nieuwe operatoren. Vooreerst werd een akkoord bereikt over het ontbundelen van de lokale toegang: sinds mei 2001 is de toegang tot de "laatste km" voor nieuwe operatoren opengesteld. Niettemin blijft het aantal ontbundelde lijnen tot nu toe zeer laag. Het BIPT/IBPT zet dan ook een begeleidingsproces op via het bevorderen van de gemakkelijkste manieren voor colocatieruimtes, zoals de comingling (alternatieve operatoren mogen aan de dominante operator vragen waar diens apparatuur staat om ADSL aan te bieden en daar hun eigen toestellen naast plaatsen). De draadloze lokale toegang vormt een interessant alternatief voor het vaste netwerk. Tijdens de eerste negen maanden van 2001 werden er vijf nationale vergunningen verleend. Een tweede proces werd gestart voor de toekenning van drie extra vergunningen, daar er blijkbaar niet aan de vraag werd voldaan. Om de ontwikkeling van die technologie in België aan te moedigen, werd meer capaciteit vrijgemaakt op het 17

19 Cardiff-verslag /01/02 Pagina 18 nationale frequentieplan: het koninklijk besluit van 16 juli 2001 verleent de machtiging om die nieuwe capaciteiten te gebruiken voor het draadloze aansluitnetwerk. In maart 2001 werden er drie vergunningen toegekend voor de derde generatie mobiele telefoons. Elk van de operatoren betaalde een toegangsprijs van 150 miljoen euro. De markt van de mobiele communicatie wordt steeds toegankelijker: 55% van de markt is in handen van Belgacom Mobile en zijn aandeel is snel gedaald, terwijl de andere twee operatoren het overblijvende deel van de markt delen. Zoals vermeld zijn de prijsvoorwaarden op die markt veel gunstiger voor de Belgische consumenten. Zoals het verslag van verleden jaar reeds in grote lijnen weergaf, is de rol van de nationale regulator zeer belangrijk en moeilijk in een open markt die gedomineerd wordt door een historische operator. De regulerende overheid zal worden hervormd. De huidige structuur zal drastisch worden veranderd. De voorbereiding van de wetgeving zal worden overgeheveld naar de Regering, terwijl de regulerende autoriteiten zullen worden belast met de follow-up van het beleid, de aanbevelingen aan de politieke autoriteiten en de controle van de markten. De onafhankelijkheid ervan ten opzichte van de overheid en van de sector zal worden gegarandeerd en de daartoe aan te wenden middelen, voornamelijk personeel, zullen worden uitgebreid. b. De energiesector Zoals vermeld in het Cardiff-verslag van verleden jaar werd de openstelling van energiemarkten opgevoerd, vergeleken met de voorzieningen van de wet van 1999 betreffende de organisatie van de energiemarkten. Wat elektriciteit betreft, werden de aanvaardbaarheidsdrempels herzien en werd de timing versneld. De recentste voorwaarden bepaald op federaal niveau zijn de volgende: Alle eindgebruikers met een elektriciteitsverbruik van 20 GWh of meer komen nu in aanmerking; Eindgebruikers met een elektriciteitsverbruik van 10 GWh of meer zullen uiterlijk op in aanmerking komen; Alle verbruikers zullen op 1 januari 2007 vrij kunnen kiezen. In België zijn de gewestregeringen belast met het beleid inzake elektriciteitsdistributie ( 70 kv) en met de bevordering van duurzame energie. De Gewesten hebben eveneens hun eigen kalender bepaald voor de openstelling van de markt voor elektriciteitsverdeling (zie bijlage 2). De op regionaal niveau bepaalde drempels stroken niet volledig met de federale. Momenteel verloopt de liberalisering vlugger in de gewesten dan op federaal niveau, maar hun respectieve kalenders zouden moeten samenvallen nu de liberalisering een feit is. De voorwaarden voor een meer open en competitieve markt worden stap voor stap tot stand gebracht (zie bijlage 2). Niettemin zijn de resultaten van de liberalisering tot nu toe maar in beperkte mate zichtbaar. Electrabel en SPE, die 96% van de Belgische elektriciteitsmarkt bevoorraadden, verloren verschillende grote verbruikers, die ten minste 3% van de totale markt of 10% van de beschikbare markt vertegenwoordigen. De prijzen betaald door in aanmerking komende verbruikers zijn tot nu toe niet gekend. Voor andere verbruikers worden de prijzen bepaald via de toepassing van een dubbel systeem: de meerkostenregels, gebaseerd op de reële productiekosten met inbegrip van een distributiemarge, en de regels inzake prijslimieten, opgesteld om de kloof met de buurlanden te dichten. 18

20 Cardiff-verslag /01/02 Pagina 19 In de nabije toekomst zal de marktstructuur een verandering ondergaan: buitenlandse elektriciteitsmaatschappijen zullen onafhankelijke elektriciteitscentrales bouwen op het Belgische grondgebied en zelfstandige elektriciteitsproducenten zullen verschijnen. Alle recent genomen beslissingen zullen binnenkort op de juiste manier moeten worden geïmplementeerd. Een van de belangrijkste punten om het welslagen van de liberalisering te waarborgen, zal bestaan in de efficiëntie en de doorzichtigheid van de vervoerskosten en distributiemarges. Op 8 oktober werd een belangrijke stap gezet toen de Regering de onafhankelijke transportoperator benoemde. De gemeenten en Electrabel/SPE zullen de nieuwe operator elk voor 30% in handen hebben; de overblijvende 40% zal voorlopig in het bezit zijn van Electrabel en dan binnen twee jaar op de beurs worden verkocht. Ook op regionaal niveau is de ontbundeling bezig: het beheer van het distributienetwerk en de productie- en verkoopactiviteiten zullen wettelijk worden gesplitst. Regulatoren zijn sinds verschillende maanden operationeel. Een van hun voornaamste taken zal erin bestaan de commerciële voorwaarden voor transport en distributie te onderzoeken en goed te keuren. De federale en regionale wetten legden de overheidsdiensten vastgelegd drie verplichtingen op: bescherming van het leefmilieu, bescherming van verbruikers met een laag inkomen en bevoorradingszekerheid. Wat betreft de eerste verplichting, werden er maatregelen genomen voor het opmaken van groene certificaten om de bevoorrading van "groene" elektriciteit verder te ontwikkelen. Met dit systeem moet het aandeel van de elektriciteitsverkoop afkomstig van hernieuwbare energie door de elektriciteitsverdelers worden verhoogd (8% in 2010 in Wallonië (3% in 2004), 5% in Vlaanderen, 6% op federaal niveau). Wat betreft de tweede verplichting, werd op federaal niveau beslist het sociaal tarief voor personen met een laag inkomen uit te breiden en vaste tarieven voor gezinnen progressief af te schaffen. Op regionaal niveau wordt er gewerkt aan een beleid om een minimumbevoorrading aan de gezinnen te waarborgen. De bevoorradingszekerheid kan worden bereikt door een toenemende liquiditeit van de geliberaliseerde markt, de invoering van indicatieve stelsels op lange termijn voor de elektriciteits- en de gassector en de opvoering van de energiebesparing, de hernieuwbare energie en de cogeneratie (warmtekracht). Verschillende maatregelen zijn op dit gebied reeds geïmplementeerd of moeten nog tot uitvoering worden gebracht en de Belgische wetgeving moet worden gewijzigd wat betreft de organisatie van de elektriciteitssector om de cogeneratie te bevorderen. In juli 2001 werd de gaswet geamendeerd om de aanvaardbaarheidsdrempels te verlagen tot 5 miljoen kubieke meter per jaar (voordien 25 miljoen kubieke meter). 58% procent van de totale markt komt nu in aanmerking. Alle verbruikers zullen reeds in oktober 2006, in plaats van in oktober 2010, een vrije keuze kunnen maken. Niettemin blijven de veranderingen op de gasmarkt zeer beperkt. Nieuwkomers leveren minder dan 5% van het in aanmerking komende volume. Potentiële nieuwe leveranciers nemen een voorzichtige houding aan omdat belangrijke elementen voor de toegang tot het netwerk (tarieven, vervoervergunningen, ) en voorwaarden voor de levering aan mogelijke verbruikers (leveringsvergunningen) nog steeds ontbreken. Een andere reden voor de trage openstelling van de markt is te wijten aan het feit dat een aantal mogelijke gaskopers gebonden zijn aan contracten op halflange termijn met de huidige operator. Onmiddellijke prijseffecten ingevolge het liberaliseringproces kunnen enkel worden verwacht voor verbruikers die hun leverancier vrij kunnen kiezen en niet gebonden zijn aan contracten op halflange termijn. Voor deze verbruikersgroep worden echter geen prijsstatistieken gepubliceerd. De prijzen voor andere grote verbruikers worden hoofdzakelijk bepaald door de grensprijs, terwijl de grensprijs en de distributie- en kleinhandelskosten voor de gewone verbruiker nagenoeg even belangrijk zijn. Daar contracten op lange termijn de gasleveringsportefeuille verder zullen domineren om de zekerheid van de gasleveringen te waarborgen, wordt niet verwacht dat het liberaliseringproces een grote 19

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU?

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Als gevolg van de wereldwijde economische en financiële crisis heeft de EU met een laag investeringsniveau te kampen. Alleen met gezamenlijke gecoördineerde

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen

Instituut voor de nationale rekeningen Instituut voor de nationale rekeningen 2015-02-17 Links: Publicatie BelgoStat Online Algemene informatie Broos herstel in 2013 na krimp in 2012 in Brussel en Wallonië; verdere groeivertraging in 2013 in

Nadere informatie

Perscommuniqué. Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de Belgische economie

Perscommuniqué. Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de Belgische economie Federaal Planbureau Economische analyses en vooruitzichten Perscommuniqué Brussel, 15 september 2000 Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de

Nadere informatie

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 28 oktober 67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk Tegen 2020 moet 75% van de Europeanen van 20 tot en met 64 jaar aan het werk zijn.

Nadere informatie

Regionale economische vooruitzichten 2014-2019

Regionale economische vooruitzichten 2014-2019 2014/6 Regionale economische vooruitzichten 2014-2019 Dirk Hoorelbeke D/2014/3241/218 Samenvatting Dit artikel geeft een bondig overzicht van enkele resultaten uit de nieuwe Regionale economische vooruitzichten

Nadere informatie

1. Samenvatting. 2. De Belgische energiemarkt. 2.1 Liberalisering van de energiemarkt

1. Samenvatting. 2. De Belgische energiemarkt. 2.1 Liberalisering van de energiemarkt PERSDOSSIER Inhoud 1. Samenvatting... 2 2. De Belgische energiemarkt... 2 3. Hoe maakt Poweo het verschil?... 3 4. Poweo: meest competitieve elektriciteitsaanbod in Wallonië volgens Test-Aankoop... 4 5.

Nadere informatie

Deze nota bevat ook een planning voor de verdere behandeling van dit dossier in de aanloop naar de zitting van de Raad TTE (8-9 juni 2006).

Deze nota bevat ook een planning voor de verdere behandeling van dit dossier in de aanloop naar de zitting van de Raad TTE (8-9 juni 2006). RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 24 februari 2006 (16.03) (OR. en) 6682/06 ENER 61 NOTA Betreft: Werking van de interne energiemarkt - Ontwerp-conclusies van de Raad De delegaties treffen in bijlage

Nadere informatie

Fiche 3: tewerkstelling

Fiche 3: tewerkstelling ECONOMISCHE POSITIONERING VAN DE FARMACEUTISCHE INDUSTRIE Fiche 3: tewerkstelling In de sector werken meer dan 29.400 personen; het volume van de tewerkstelling stijgt met een constant ritme van 3,7 %,

Nadere informatie

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin ruime zin in België, Duitsland, Frankrijk en Nederland in 2014 Directie Statistieken, Begroting en Studies stat@rva.be Inhoudstafel: 1

Nadere informatie

Moedige overheden. Stille kampioenen = ondernemingen. Gewone helden = burgers

Moedige overheden. Stille kampioenen = ondernemingen. Gewone helden = burgers Moedige overheden Stille kampioenen = ondernemingen Gewone helden = burgers Vaststellingen Onze welvaart kalft af Welvaartscreatie Arbeidsparticipatie Werktijd Productiviteit BBP Capita 15-65 Bevolking

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 24 september 2015

PERSBERICHT Brussel, 24 september 2015 PERSBERICHT Brussel, 24 september 2015 Lichte daling werkloosheid Arbeidsmarktcijfers tweede kwartaal 2015 De werkloosheidgraad gemeten volgens de definities van het Internationaal Arbeidsbureau daalde

Nadere informatie

van 28 februari 2006

van 28 februari 2006 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Persmededeling

Nadere informatie

Autoprijzen: ondanks prijsconvergentie blijft kopen in buitenland vaak nog interessant

Autoprijzen: ondanks prijsconvergentie blijft kopen in buitenland vaak nog interessant IP/04/285 Brussel, 2 maart 2004 Autoprijzen: ondanks prijsconvergentie blijft kopen in buitenland vaak nog interessant Het jongste verslag over autoprijzen toont aan dat op alle markten de prijsconvergentie

Nadere informatie

Boordtabel van het concurrentievermogen van de Belgische economie. juni 2015

Boordtabel van het concurrentievermogen van de Belgische economie. juni 2015 Boordtabel van het concurrentievermogen van de Belgische economie juni 2015 Executive summary In een economisch klimaat dat wordt gekenmerkt door de mondialisering en door een exponentiële groei van de

Nadere informatie

Persconferentie «Ecobouw stimuleren» 8 februari 2007 Toespraak van Evelyne Huytebroeck

Persconferentie «Ecobouw stimuleren» 8 februari 2007 Toespraak van Evelyne Huytebroeck Persconferentie «Ecobouw stimuleren» 8 februari 2007 Toespraak van Evelyne Huytebroeck De potentiële verbetering van de energie- en milieuprestaties van gebouwen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is

Nadere informatie

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST 4 de kwartaal 2012 + Januari 2013 Inleiding Hoewel de CREG (de federale regulator) bevoegd is voor de tarieven, publiceert

Nadere informatie

02/02/2001. 1. Aanwijzing van Belgacom Mobile NV als operator met een sterke marktpositie

02/02/2001. 1. Aanwijzing van Belgacom Mobile NV als operator met een sterke marktpositie ADVIES VAN HET BIPT OVER DE AANWIJZING VAN BELGACOM MOBILE NV ALS OPERATOR MET EEN STERKE POSITIE OP DE MARKT VOOR OPENBARE MOBIELE TELECOMMUNICATIENETWERKEN EN OP DE NATIONALE MARKT VOOR INTERCONNECTIE

Nadere informatie

De FOD Economie publiceert zijn Barometer van de informatiemaatschappij 2013

De FOD Economie publiceert zijn Barometer van de informatiemaatschappij 2013 De FOD Economie publiceert zijn Barometer van de informatiemaatschappij 2013 Brussel, 25 juni 2013 De FOD Economie publiceert jaarlijks een globale barometer van de informatiemaatschappij. De resultaten

Nadere informatie

Evolutie van het sociaal elektriciteitstarief op de residentiële markt

Evolutie van het sociaal elektriciteitstarief op de residentiële markt Evolutie van het sociaal elektriciteitstarief op de residentiële markt December 0 Het doel van dit document bestaat erin de evolutie van de prijs van de elektriciteit verkocht aan de beschermde klanten

Nadere informatie

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN Referentiescenario De WETO-studie (World Energy, Technology and climate policy Outlook 2030) bevat een referentiescenario

Nadere informatie

Zelfs met hoge energieprijzen op de internationale markten kan de stijging van de eindfactuur van de Belgische verbruiker worden ongedaan gemaakt

Zelfs met hoge energieprijzen op de internationale markten kan de stijging van de eindfactuur van de Belgische verbruiker worden ongedaan gemaakt Persbericht Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. 02/289.76.11 Fax 02/289.76.09 18 januari 2008 Zelfs met hoge energieprijzen op de internationale

Nadere informatie

INDICATIEVE VERGELIJKING VAN DE TARIEVEN VOOR DE OVERBRENGING VAN AARDGAS VAN FLUXYS NV EN VERSCHEIDENE EUROPESE OPERATOREN

INDICATIEVE VERGELIJKING VAN DE TARIEVEN VOOR DE OVERBRENGING VAN AARDGAS VAN FLUXYS NV EN VERSCHEIDENE EUROPESE OPERATOREN Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. 02/289.76.11 Fax 02/289.76.99 PERSCONFERENTIE Brussel - 5 april 2002 INDICATIEVE VERGELIJKING VAN

Nadere informatie

Rijksbelastingen 0n verdubbeld en vergroend

Rijksbelastingen 0n verdubbeld en vergroend 08 Rijksbelastingen 0n verdubbeld en vergroend Laurens Cazander Publicatiedatum CBS-website: 3 februari 2009 Den Haag/Heerlen, 2009 Verklaring van tekens. = gegevens ontbreken * = voorlopig cijfer x =

Nadere informatie

Goede ICT-prestaties voor België volgens de Barometer van de Informatiemaatschappij 2015

Goede ICT-prestaties voor België volgens de Barometer van de Informatiemaatschappij 2015 Goede ICT-prestaties voor België volgens de Barometer van de Informatiemaatschappij 2015 Brussel, 16 juli 2015 De editie 2015 van de jaarlijkse Barometer van de Informatiemaatschappij kunt u nu raadplegen.

Nadere informatie

ONS ENGAGEMENT VOOR UW TOEKOMST ONTCIJFERD

ONS ENGAGEMENT VOOR UW TOEKOMST ONTCIJFERD ONS ENGAGEMENT VOOR UW TOEKOMST ONTCIJFERD UW TOEKOMST ONTCIJFERD we creëren sociale welvaart met vier bouwstenen 1 meer jobs 2 stijgende koopkracht 3 sociale zekerheid voor iedereen 4 een toekomst voor

Nadere informatie

Hoe heeft de sociale zekerheid de crisis doorstaan?

Hoe heeft de sociale zekerheid de crisis doorstaan? Hoe heeft de sociale zekerheid de crisis doorstaan? Hoe heeft de sociale zekerheid de economische crisis van 2009 en 2012 doorstaan? Die twee jaar bedraagt de economische groei respectievelijk -2,8% en

Nadere informatie

R A P P O R T Nr. 87 --------------------------------

R A P P O R T Nr. 87 -------------------------------- R A P P O R T Nr. 87 -------------------------------- Europese kaderovereenkomst betreffende inclusieve arbeidsmarkten Eindevaluatie van de Belgische sociale partners ------------------------ 15.07.2014

Nadere informatie

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen -

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen - De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn l - Uitdagingen & oplossingen - DG Energie 22 juni 2011 ENERGIEVOORZIENING NOG AFHANKELIJKER VAN IMPORT Te verwachten scenario gebaseerd op cijfers in 2009 in % OLIE

Nadere informatie

Samenvatting voor beleidsmakers

Samenvatting voor beleidsmakers Road book towards a nuclear-free Belgium. How to phase out nuclear electricity production in Belgium? rapport door Alex Polfliet, Zero Emissions Solutions, in opdracht van Greenpeace Belgium Samenvatting

Nadere informatie

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST 1 ste kwartaal 2012 Inleiding Hoewel de CREG (de federale regulator) bevoegd is voor de tarieven, is het Brugel die sinds

Nadere informatie

van 31 augustus 2006

van 31 augustus 2006 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Persmededeling

Nadere informatie

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST 3 de kwartaal 2012 Inleiding Hoewel de CREG (de federale regulator) bevoegd is voor de tarieven, publiceert Brugel elk

Nadere informatie

technisch verslag CRB 2012-1603

technisch verslag CRB 2012-1603 technisch verslag CRB 2012-1603 CRB 2012-1603 DEF CM/V/CVC/SDh Technisch verslag van het secretariaat over de maximale beschikbare marges voor de loonkostenontwikkeling 21 december 2012 2 CRB 2012-1603

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 Werkgelegenheid stabiel, werkloosheid opnieuw in stijgende lijn Arbeidsmarktcijfers derde kwartaal 2013 Na het licht herstel van de arbeidsmarkt in het tweede kwartaal

Nadere informatie

Opleidings- en begeleidingscheques

Opleidings- en begeleidingscheques Opleidings- en begeleidingscheques De Maatregel Om werknemers ertoe aan te zetten een leven lang te leren, draagt de Vlaamse overheid financieel een steentje bij. Sinds september 2003 1 kunnen werknemers

Nadere informatie

Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid?

Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid? vbo-analyse Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid? September 2014 I Raf Van Bulck 39,2% II Aandeel van de netto toegevoegde waarde gegenereerd door bedrijven dat naar

Nadere informatie

Advies van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 7 oktober 2003

Advies van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 7 oktober 2003 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Advies

Nadere informatie

Liberalisering van de energiemarkten. Algemene context. Dag 1:

Liberalisering van de energiemarkten. Algemene context. Dag 1: Liberalisering van de energiemarkten Algemene context Dag 1: Agenda van de opleiding I. Energieprijzen II. Institutionele context van de energie in België III. Organisatie van de elektriciteit- en gasmarkt

Nadere informatie

De Belgische farmaceutische industrie in een internationale context

De Belgische farmaceutische industrie in een internationale context As % of total European pharmaceutical industry De Belgische farmaceutische industrie in een internationale context Terwijl België slechts 2,6 % vertegenwoordigt van het Europees BBP, heeft de farmaceutische

Nadere informatie

PLAN VOOR ULTRASNEL INTERNET IN BELGIË 2015-2020

PLAN VOOR ULTRASNEL INTERNET IN BELGIË 2015-2020 PLAN VOOR ULTRASNEL INTERNET IN BELGIË 2015-2020 België speelt momenteel een voortrekkersrol in het uitrollen van nieuwe technologieën voor ultrasnel internet. De Belgische overheid moet er alles aan doen

Nadere informatie

CIJFERS EN INFORMATIE

CIJFERS EN INFORMATIE BVBO vzw Beroepsvereniging van Bewakingsondernemingen Jan Bogemansstraat 249 B - 178 Wemmel T (+32) 2 462 7 73 F (+32) 2 46 14 31 secretariat@i-b-s.be www.apeg-bvbo.be 2 VOORWOORD De Beroepsvereniging

Nadere informatie

Een regionale opsplitsing van de sociale balansen

Een regionale opsplitsing van de sociale balansen Een regionale opsplitsing van de sociale balansen Nationale Bank van België (2004). De sociale balans 2003, Economisch Tijdschrift 4-2004. Voor het eerst heeft de Nationale Bank van België de sociale balansen

Nadere informatie

De waarheid over de notionele intrestaftrek

De waarheid over de notionele intrestaftrek De waarheid over de notionele intrestaftrek Februari 2008 Wat is de notionele intrestaftrek? Notionele intrestaftrek, een moeilijke term voor een eenvoudig principe. Vennootschappen kunnen een bepaald

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 7 november 2014

PERSBERICHT Brussel, 7 november 2014 01/2010 05/2010 09/2010 01/2011 05/2011 09/2011 01/2012 05/2012 09/2012 01/2013 05/2013 09/2013 01/2014 05/2014 09/2014 Inflatie (%) PERSBERICHT Brussel, 7 november 2014 Geharmoniseerde consumptieprijsindex

Nadere informatie

Staatssteun nr. N 14/2002 - België Belgische federale steunregeling ten behoeve van hernieuwbare energiebronnen

Staatssteun nr. N 14/2002 - België Belgische federale steunregeling ten behoeve van hernieuwbare energiebronnen EUROPESE COMMISSIE Brussel, 02.08.2002 C(2002)2904 fin. Betreft: Staatssteun nr. N 14/2002 - België Belgische federale steunregeling ten behoeve van hernieuwbare energiebronnen Excellentie, Bij schrijven

Nadere informatie

De overheid geeft (te)veel uit? Weet u hoeveel

De overheid geeft (te)veel uit? Weet u hoeveel Page 1 of 6 Gepubliceerd op DeWereldMorgen.be (http://www.dewereldmorgen.be) De overheid geeft (te)veel uit? Weet u hoeveel en aan wat? door Phi-Rana di, 2013-11-12 15:45 Phi-Rana Er wordt vaak gezegd

Nadere informatie

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST 3de kwartaal 2011 Inleiding Hoewel de CREG (de federale regulator) bevoegd is voor de tarieven, publiceert Brugel sinds

Nadere informatie

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST 4 de kwartaal 2011 Inleiding Hoewel de CREG (de federale regulator) bevoegd is voor de tarieven, publiceert Brugel sinds

Nadere informatie

West-Vlaanderen performant in tewerkstelling kansengroepen

West-Vlaanderen performant in tewerkstelling kansengroepen Werkt 2, 2007 performant in tewerkstelling kansengroepen Ilse Van Houtteghem Coördinator sociale economie, POM presteert goed op gebied van de tewerkstelling van kansengroepen. Dit blijkt uit de pas verschenen

Nadere informatie

CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch

CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch Afdeling Onderzoek & Statistiek Maart 2013 2 Samenvatting In deze monitor staat de CO2-uitstoot beschreven in de gemeente s-hertogenbosch. Een gebruikelijke manier om de

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

ADVIES DIENST REGULERING

ADVIES DIENST REGULERING DIENST REGULERING ADVIES DR-20060228-42 betreffende Het voorstel van uitbreiding van het nachttarief tot het weekend voor netgebruikers die zijn aangesloten op het laagspanningsnet vanaf 1 januari 2007

Nadere informatie

Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013)

Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) 1 Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) 1. Arbeidsmarktstatus van de bevolking van 15 jaar en ouder in 1983 en 2013 De Belgische bevolking van

Nadere informatie

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST OBSERVATORIUM VAN DE GAS- EN ELEKTRICITEITSPRIJZEN BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST Periode februari - juni 2013 Inleiding Bedoeling is om de overheid informatie te verstrekken over de evolutie van de elektriciteits-

Nadere informatie

Gepubliceerd. CRB evalueert interprofessioneel akkoord 2003-2004. Arbeidsmarktbeleid. Inhoud van het Technisch Verslag 2003

Gepubliceerd. CRB evalueert interprofessioneel akkoord 2003-2004. Arbeidsmarktbeleid. Inhoud van het Technisch Verslag 2003 Gepubliceerd Arbeidsmarktbeleid CRB evalueert interprofessioneel akkoord 2003-2004 CRB (2003).. Brussel: CRB, CRB 2003/1000 CCR 11. De ontwikkeling van de uurloonkosten en de werkgelegenheid loopt volgens

Nadere informatie

Eindexamen economie 1 havo 2000-I

Eindexamen economie 1 havo 2000-I Opgave 1 Meer mensen aan de slag Het terugdringen van de werkloosheid is in veel landen een belangrijke doelstelling van de overheid. Om dat doel te bereiken, streeft de overheid meestal naar groei van

Nadere informatie

Agenda VREG VLAAMSE REGULATOR VAN DE ELEKTRICITEITS- EN GASMARKT P 1

Agenda VREG VLAAMSE REGULATOR VAN DE ELEKTRICITEITS- EN GASMARKT P 1 Agenda Samenstelling energiefactuur Wat zijn distributienettarieven? Tariefbevoegdheid Tariefmethodologie Vergelijking distributienettarieven Redenen evolutie, landschap netbeheer en transmissienettarieven

Nadere informatie

De FOD Economie informeert u! De innovatiepremie. Een creatieve werknemer belonen? Ja! Dankzij de fiscale vrijstelling van de innovatiepremies

De FOD Economie informeert u! De innovatiepremie. Een creatieve werknemer belonen? Ja! Dankzij de fiscale vrijstelling van de innovatiepremies De FOD Economie informeert u! De innovatiepremie Een creatieve werknemer belonen? Ja! Dankzij de fiscale vrijstelling van de innovatiepremies De innovatiepremie Een creatieve werknemer belonen? Ja! Dankzij

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 vwo 2006-II

Eindexamen economie 1-2 vwo 2006-II 4 Beoordelingsmodel Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 Een voorbeeld van een juiste berekening

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 33 000 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2012 Nr. 229 BRIEF

Nadere informatie

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft.

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft. ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 8 november 2006 1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft.

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 Voorbeelden van een juist antwoord zijn: kosten van politie-inzet

Nadere informatie

Januari 2013. Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren?

Januari 2013. Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren? Januari 2013 Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren? Analyse uitgevoerd voor het Observatorium Krediet en Schuldenlast Duvivier

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming EUROPEES PARLEMENT 2004 2009 Commissie interne markt en consumentenbescherming 9.11.2007 WERKDOCUMENT over het voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 11 december 2015

PERSBERICHT Brussel, 11 december 2015 PERSBERICHT Brussel, 11 december 2015 Geharmoniseerde consumptieprijsindex - november 2015 De Belgische inflatie volgens de Europees geharmoniseerde consumptieprijsindex stijgt in november naar 1,4%, ten

Nadere informatie

Impact van de Russische boycot op de prijzen en de uitvoer van bepaalde landbouwproducten

Impact van de Russische boycot op de prijzen en de uitvoer van bepaalde landbouwproducten Impact van de Russische boycot op de prijzen en de uitvoer van bepaalde landbouwproducten FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie Algemene Directie Economische Analyses en Internationale Economie

Nadere informatie

Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 2010 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks

Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 2010 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks ANNEX Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 21 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks 1. Deelname voor- en vroegschoolse educatie (VVE) De Nederlandse waarde voor

Nadere informatie

Commissie publiceert Groenboek over aanvullende pensioenen in de interne markt

Commissie publiceert Groenboek over aanvullende pensioenen in de interne markt IP/97/507 Brussel, 10 juni 1997 Commissie publiceert Groenboek over aanvullende pensioenen in de interne markt De Europese Commissie heeft haar goedkeuring gehecht aan een Groenboek over aanvullende pensioenen

Nadere informatie

Voorstelling van BRUGEL over de werking van de vrijgemaakte elektriciteits- en gasmarkt

Voorstelling van BRUGEL over de werking van de vrijgemaakte elektriciteits- en gasmarkt Voorstelling van BRUGEL over de werking van de vrijgemaakte elektriciteits- en gasmarkt Marie-Pierre Fauconnier, Voorzitster van de Raad van bestuur 29/09/2008 Presentatie parlement 30 sept. 2008 1 Voorstelling

Nadere informatie

Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie

Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie 6 December 2002 Advies van het BIPT inzake het marktonderzoek in de context van de SMP bepaling op de markt van de huurlijnen. BIPT - Astrotoren

Nadere informatie

Vergelijking van de prijzen op de vrijgemaakte elektriciteitsmarkten met die welke vóór de vrijmaking werden toegepast. Huishoudelijke klanten

Vergelijking van de prijzen op de vrijgemaakte elektriciteitsmarkten met die welke vóór de vrijmaking werden toegepast. Huishoudelijke klanten Vergelijking van de prijzen op de vrijgemaakte elektriciteitsmarkten met die welke vóór de vrijmaking werden toegepast Huishoudelijke klanten Maart 2008 Waarschuwing : Het doel van dit document bestaat

Nadere informatie

INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE. Studie in opdracht van Fevia

INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE. Studie in opdracht van Fevia INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE Studie in opdracht van Fevia Inhoudstafel Algemene context transport voeding Enquête voedingsindustrie Directe

Nadere informatie

Lesbrief Verdienen en uitgeven 2 e druk

Lesbrief Verdienen en uitgeven 2 e druk Hoofdstuk 1. Inkomen verdienen 1.22 1.23 1.24 1.25 1.26 1.27 1.28 1.29 1.30 1.31 1.32 1.33 1.34 D A C C A D B A D D B C D 1.35 a. 1.000.000 425.000 350.000 40.000 10.000 30.000 = 145.000. b. 1.000.000

Nadere informatie

Domein GTST havo. 1) Gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland; of anders geformuleerd: (C + I + O + E M)

Domein GTST havo. 1) Gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland; of anders geformuleerd: (C + I + O + E M) 1) Geef de omschrijving van trendmatige groei. 2) Wat houdt conjunctuurgolf in? 3) Noem 5 conjunctuurindicatoren. 4) Leg uit waarom bij hoogconjunctuur de bedrijfswinsten zullen stijgen. 5) Leg uit waarom

Nadere informatie

Goede ICT-prestaties voor België, blijkt uit de Barometer van de informatiemaatschappij 2014

Goede ICT-prestaties voor België, blijkt uit de Barometer van de informatiemaatschappij 2014 Goede ICT-prestaties voor België, blijkt uit de Barometer van de informatiemaatschappij 2014 Brussel, 10 september 2014 De FOD Economie publiceert vandaag zijn jaarlijkse Barometer van de Informatiemaatschappij.

Nadere informatie

Marktontwikkelingen varkenssector

Marktontwikkelingen varkenssector Marktontwikkelingen varkenssector 1. Inleiding In de deze nota wordt ingegaan op de marktontwikkelingen in de varkenssector in Nederland en de Europese Unie. Waar mogelijk wordt vooruitgeblikt op de te

Nadere informatie

ADVIES. 19 december 2013

ADVIES. 19 december 2013 ADVIES Ontwerp van ordonnantie tot wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en van de ordonnantie van 1

Nadere informatie

ENERGIEPRIJZEN VAN ELEKTRICITEIT EN AARDGAS VOOR KMO S EN ZELFSTANDIGEN PER LEVERANCIER EN PER PRODUCT

ENERGIEPRIJZEN VAN ELEKTRICITEIT EN AARDGAS VOOR KMO S EN ZELFSTANDIGEN PER LEVERANCIER EN PER PRODUCT ENERGIEPRIJZEN VAN ELEKTRICITEIT EN AARDGAS VOOR KMO S EN ZELFSTANDIGEN PER LEVERANCIER EN PER PRODUCT - - - overzicht jongste 6 maanden met vergelijking tov duurste/goedkoopste product op de Belgische

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 13 mei 2015

PERSBERICHT Brussel, 13 mei 2015 01/2010 05/2010 09/2010 01/2011 05/2011 09/2011 01/2012 05/2012 09/2012 01/2013 05/2013 09/2013 01/2014 05/2014 09/2014 01/2015 Inflatie (%) PERSBERICHT Brussel, 13 mei 2015 Geharmoniseerde consumptieprijsindex

Nadere informatie

CIRIEC. 29 november 2007. Unbundling in de Sector gas en elektriciteit in België : middel of objectief

CIRIEC. 29 november 2007. Unbundling in de Sector gas en elektriciteit in België : middel of objectief CIRIEC 29 november 2007 Unbundling in de Sector gas en elektriciteit in België : middel of objectief Als we in België over Unbundling en over concurrentie spreken in de sector gas en elektriciteit, denken

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013

PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013 PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013 Meer 55-plussers aan het werk Arbeidsmarktcijfers eerste kwartaal 2013 66,7% van de 20- tot 64-jarigen is aan het werk. Dat percentage daalt licht in vergelijking met

Nadere informatie

Meeruitgaven in 2005 t.o.v. 1996 voor vrouwelijke 60-plussers als gevolg van de pensioenhervorming in 1996

Meeruitgaven in 2005 t.o.v. 1996 voor vrouwelijke 60-plussers als gevolg van de pensioenhervorming in 1996 Meeruitgaven in 2005 t.o.v. 1996 voor vrouwelijke 60-plussers als gevolg van de pensioenhervorming in 1996 Inleiding Bij de pensioenhervorming van 1996 werd besloten de pensioenleeftijd van vrouwen in

Nadere informatie

DE PERFECTE STORM Hoe de economische crisis de wereld overviel en vooral: hoe we eruit geraken Gert Peersman & Koen Schoors Universiteit Gent

DE PERFECTE STORM Hoe de economische crisis de wereld overviel en vooral: hoe we eruit geraken Gert Peersman & Koen Schoors Universiteit Gent DE PERFECTE STORM Hoe de economische crisis de wereld overviel en vooral: hoe we eruit geraken Gert Peersman & Koen Schoors Universiteit Gent 1 2 De Perfecte Storm Samenloop van drie crisissen die economische

Nadere informatie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie Productiviteit, concurrentiekracht en economische ontwikkeling Concurrentiekracht wordt vaak beschouwd als een indicatie voor succes of mislukking van economisch beleid. Letterlijk verwijst het begrip

Nadere informatie

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Feiten en cijfers Hebben laaggeschoolden een hoger risico om in armoede te belanden? Ja. Laagopgeleiden hebben het vaak

Nadere informatie

Kernenergie in de Belgische energiemix

Kernenergie in de Belgische energiemix Kernenergie in de Belgische energiemix 1. Bevoorradingszekerheid De energie-afhankelijkheid van België is hoger dan het Europees gemiddelde. Zo bedroeg het percentage energie-afhankelijkheid van België

Nadere informatie

5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek

5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek 5. Verkrijgen en toekennen van de Belgische nationaliteit 1 5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek Sinds het ontstaan van het Koninkrijk stijgt het aantal vreemdelingen dat Belg wordt

Nadere informatie

PAKKET ENERGIE-UNIE BIJLAGE STAPPENPLAN VOOR DE ENERGIE-UNIE. bij de

PAKKET ENERGIE-UNIE BIJLAGE STAPPENPLAN VOOR DE ENERGIE-UNIE. bij de EUROPESE COMMISSIE Brussel, 25.2.2015 COM(2015) 80 final ANNEX 1 PAKKET ENERGIE-UNIE BIJLAGE STAPPENPLAN VOOR DE ENERGIE-UNIE bij de MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET

Nadere informatie

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Tweede halfjaar 2012

Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Tweede halfjaar 2012 Trendrapportage Marktwerking en Consumentenvertrouwen in de energiemarkt Tweede halfjaar 2012 Inhoud Inleiding en leeswijzer... 4 1 Tevredenheid en vertrouwen van de consument... 5 2 Tevredenheid over

Nadere informatie

ONTSLAGSTATISTIEK. Jaarrapportage 2004

ONTSLAGSTATISTIEK. Jaarrapportage 2004 ONTSLAGSTATISTIEK Jaarrapportage 2004 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Directie Arbeidsverhoudingen mei 2005 Inleiding Een arbeidsovereenkomst kan op verschillende wijzen eindigen. De gegevens

Nadere informatie

Digitale (r)evolutie in België anno 2009

Digitale (r)evolutie in België anno 2009 ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 9 februari Digitale (r)evolutie in België anno 9 De digitale revolutie zet zich steeds verder door in België: 71% van de huishoudens in

Nadere informatie

Jaarverslag Herplaatsingsfonds. 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding

Jaarverslag Herplaatsingsfonds. 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding Jaarverslag Herplaatsingsfonds 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding Het Herplaatsingsfonds financiert de outplacementbegeleiding van alle ontslagen werknemers tewerkgesteld in bedrijven in het Vlaamse

Nadere informatie

STUDIE (F)050908-CDC-455

STUDIE (F)050908-CDC-455 Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. : 02/289.76.11 Fax : 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS STUDIE

Nadere informatie

Een stand van zaken van ICT in België in 2012

Een stand van zaken van ICT in België in 2012 Een stand van zaken van ICT in België in 2012 Brussel, 20 november 2012 De FOD Economie geeft elk jaar een globale barometer van de informatie- en telecommunicatiemaatschappij uit. Dit persbericht geeft

Nadere informatie

KONINKLIJK BESLUIT VAN 24 APRIL 2014 TOT VASTSTELLING VAN DE MINIMALE INHOUD

KONINKLIJK BESLUIT VAN 24 APRIL 2014 TOT VASTSTELLING VAN DE MINIMALE INHOUD KONINKLIJK BESLUIT VAN 24 APRIL 2014 TOT VASTSTELLING VAN DE MINIMALE INHOUD EN DE STRUCTUUR VAN HET MEERJARENBELEIDSPLAN VAN DE HULPVERLENINGSZONES. (B.S. 12.09.2014) Gelet op de wet van 15 mei 2007 betreffende

Nadere informatie

Statistisch Bulletin. Jaargang 71 2015 13

Statistisch Bulletin. Jaargang 71 2015 13 Statistisch Bulletin Jaargang 71 2015 13 26 maart 2015 Inhoud 1. Arbeid en sociale zekerheid 3 CBS: Werkloosheid gedaald door afname beroepsbevolking 3 Werkloze beroepsbevolking 1) 5 2. Inkomen en bestedingen

Nadere informatie

P E R S B E R I C H T. De jaarlijkse conjunctuurnota van DEXIA noteert een recordgroei van de investeringen met 6,6%

P E R S B E R I C H T. De jaarlijkse conjunctuurnota van DEXIA noteert een recordgroei van de investeringen met 6,6% P E R S B E R I C H T Dexia N.V., Rogierplein 11, B-1210 Brussel / 1, Passerelle des Reflets, Paris-La Défense 2, F-92919 La Défense Cedex Rekeningnr. : 068-2113620-17 - RPR Brussel BTW BE 0458.548.296.

Nadere informatie

Zorgondersteuning vzw

Zorgondersteuning vzw Zorgondersteuning vzw Congres Zorg Voor meer met Minder Zorgondersteuning vzw 1 Stijgende Noordzeespiegel door de vergrijzing 1/4 1/5 1/2 Quo vadis, België? p.11 Het Belgische piramidespel Demografische

Nadere informatie

Gelet op de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, inzonderheid op artikel 15;

Gelet op de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, inzonderheid op artikel 15; SCSZ/07/043 1 BERAADSLAGING NR. 07/015 VAN 27 MAART 2007 MET BETREKKING TOT DE MEDEDELING VAN PERSOONSGEGEVENS BETREFFENDE GEDETACHEERDE WERKNEMERS, ZELFSTANDIGEN EN STAGIAIRS AAN DE RIJKSDIENST VOOR SOCIALE

Nadere informatie