AKKERLAND. Telers gaan creatief om

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "AKKERLAND. Telers gaan creatief om"

Transcriptie

1 AKKERLAND TEELTVOORSCHRRIFTEN Tijdschrift voor de Nederlandse Akkerbouw - maart 2009 Nog meer aandacht voor gewasbescherming Telers gaan creatief om Maar liefst negentig met teeltvoorschriften onderzoeksprojecten per jaar! Teeltvoorschriften 2009 Sector bepaalt zelf programma praktijkonderzoek Op de bres voor kleine teelten Valse meeldauw vrij verklaring plantuien Betrouwbare en actuele marktinformatie

2 Colofon AKKERLAND Tekst Egbert Jonkheer, Janet Beekman, Bibi van den Dijck, Ben Kimmann, Bert Waterink, Mirjam Kortekaas, Erik Greve, Arjan Kuijstermans, David Kasse, Fred Klein Redactie Frits Kremer, Edwin van Wolferen, Ben Kimmann, Erica de Bruin, Bibi van den Dijck Eindredactie Bibi van den Dijck Fotografie Jan Willem Houweling, Egbert Jonkheer, Fons van Binsbergen, Henk Oosterhuis, Harma Drenth, Bibi van den Dijck, Roelof Stroetinga, Wim van Vossen, HLB, Agrifirm, PPO, WUR Ontwerp Adrenos Design Drukwerk Deckers Snoeck N.V. Oplage stuks Uitgave Productschap Akkerbouw Stadhoudersplantsoen LS Den Haag Copyright Productschap Akkerbouw, maart 2009 Overname toegestaan met bronvermelding. Akkerland is een initiatief van het Productschap Akkerbouw. De redactie stelt zich niet aansprakelijk voor schade, van welke aard dan ook, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op bedoelde informatie. De verzending van Akkerland is gebaseerd op adresgegevens van landbouwtelling Het is dus mogelijk dat u Akkerland ten onrechte krijgt. Excuses daarvoor. Voorwoord Voor u ligt Akkerland, het nieuwe magazine van het Productschap Akkerbouw, dat u vanuit de Commissie Teeltaangelegenheden wordt aangeboden en vanaf nu de bekende jaarlijkse Akkerbouwmailing zal vervangen. U zult zich misschien afvragen waarom? In het verleden ontving u van ons elk jaar een pakket folders en nieuwsbrieven. Met Akkerland is dit verleden tijd. We bieden de informatie die u als teler nodig hebt op toegankelijke wijze gebundeld aan, zodat u niet meer hoeft te zoeken waar u dat ene foldertje nou ook alweer gelaten had. In deze eerste Akkerland vindt u ook het gezicht van de Commissie Teeltaangelegenheden (CT), al jarenlang het platform van en voor de primaire sector. De sectorvertegenwoordigers geven in Akkerland over de verschillende onderwerpen hun mening of visie. Naast nieuws over de teeltvoorschriften, markt- en prijsinformatie en een overzicht van wat er op stapel staat op onderzoeks- en gewasbeschermingsgebied, treft u in dit magazine tevens een aantal interviews aan met de verschillende beleidsmedewerkers van het Productschap Akkerbouw. Ondanks de grote verscheidenheid aan onderwerpen en de verschillende rollen die medewerkers en bestuurders vervullen hebben we maar één missie: we zijn er voor u en we werken voor u. Vanzelfsprekend zijn we ook benieuwd naar uw reactie op Akkerland (liefst per Akkerland is natuurlijk ook digitaal beschikbaar op Daar kunt u onder de knop Teelt bovendien de meest actuele informatie vinden over onderzoek, promotie, (teelt)voorschriften, gewasbeschermings- en milieuprojecten, veiligheid- en hygiëneregels (certificering) én marktinformatie. We wensen u veel leesplezier. Th. A.M. Meijer Voorzitter Productschap Akkerbouw J. Haanstra Voorzitter Commissie Teeltaangelegenheden Inhoudsopgave Productschap Akkerbouw: van en voor de sector 3 Teeltvoorschriften 4 Gewasbescherming 11 Onderzoek en innovatie 15 Markt- en prijsinformatie 24 Akkerbouw brengt land tot leven 27 Ontzie jezelf met tillen van zware lasten 28 Kostenoverzicht Commissie Teeltaangelegenheden 29 Commissie Teeltaangelegenheden 30 Het PA Ondernemerspanel 31 2 A K K E R L A N D M A A R T

3 AKKERBOUWNIEUWS Matthé Elema, secretaris van het Productschap Akkerbouw Productschap Akkerbouw: van en voor de sector Het Productschap Akkerbouw (PA) is een publiekrechtelijk bedrijfslichaam dat is ingesteld voor het totale akkerbouwbedrijfsleven, te beginnen bij de sector uitgangsmateriaal tot en met de detailhandel in (verwerkte) akkerbouwproducten. De teelt vormt een belangrijke schakel in de akkerbouwketen. Matthé Elema is secretaris van PA. Elema: Om gericht aandacht aan de teelt te kunnen besteden is binnen PA de commissie teeltaangelegenheden actief. In deze commissie hebben zitting vertegenwoordigers van de vakgroep akkerbouw van LTO-Nederland, de Nederlandse Akkerbouwvakbond en FNV-Bondgenoten en CNV-Bedrijvenbond. Deze commissie stuurt de op de teelt gerichte activiteiten van PA aan. Deze activiteiten worden gezamenlijk gefinancierd. Bestuurder CT Joris Baecke (NAJK): Voor jonge ondernemers in de akkerbouw die pas aan het begin staan van hun carrière zijn collectieve investeringen in het fundament van de sector bijzonder belangrijk. Door betrokkenheid bij de Commissie Teeltaangelegenheden vertegenwoordigen wij de toekomstvisie van de volgende generatie. Wanneer bescherming van de markt afneemt is het steeds belangrijker dat wij ons als akkerbouwsector kunnen blijven onderscheiden door duurzaamheid en kwaliteit. Het onderzoek, de marktinformatie, de teeltvoorschriften en projecten gefinancierd door het PA dragen bij aan ons onderscheidend vermogen. Iedere akkerbouwer betaalt via heffingen mee aan de werkzaamheden die voor de akkerbouwsector worden verricht. Met een deel van dit geld wordt de eigen organisatie gefinancierd. Het overgrote deel wordt besteed aan activiteiten die in het belang zijn van de totale sector zoals onderzoek, teeltvoorschriften, akkerbouw-pr, en speciale projecten. Of wij dit goed doen, is aan de akkerbouwers zelf om te beoordelen, zegt Elema. Wij leggen daar graag verantwoording over af en proberen telers zo actief mogelijk bij ons werk te betrekken. Interactief beleid De eerste stap hiertoe is vorig jaar gezet, toen het Productschap Granen, Zaden en Peulvruchten en de sectorale activiteiten van het HPA werden samengevoegd in het Productschap Akkerbouw (PA). Elema: Door met één gezicht naar buiten te treden, is het zichtbaarder geworden wat wij doen. Bedrijven hebben met één loket te maken. Matthé Elema, secretaris van het Productschap Akkerbouw Ook in de eigen organisatie zijn de lijnen korter geworden waardoor we doelmatiger en kostenbewuster kunnen opereren. Een andere verandering is dat we werken aan professionelere communicatie. Dat verlangt de overheid en dat verlangen ondernemers, en dat is ook terecht. Als één organisatie is dat eenvoudiger. Daarbij heeft het PA zich tot doel gesteld om telers directer te betrekken bij het totstandkomen van beleid. Via de diverse commissies en werkgroepen van het Productschap is nu vooral de georganiseerde achterban van brancheorganisaties vertegenwoordigd. Elema: Die brancheorganisaties doen hun werk uitstekend, maar parallel aan dit overlegcircuit willen we dit jaar ook van start met ondernemerspanels. Dit houdt in dat we telers rechtstreeks benaderen om hun mening te geven over het werk dat wij doen, zodat we interactiever tot beleid komen. We zijn er tenslotte voor iedere teler. A K K E R L A N D M A A R T

4 TEELTVOORSCHRIFTEN Ben Kimmann en Bert Waterink Akkerbouwers voor akkerbouwers Ze mogen dan midden in Den Haag zitten, bij Ben Kimmann en Bert Waterink stroomt akkerbouwersbloed door de aderen. Hun boerenkomaf komt ze goed van pas bij het beheer van de portefeuille Teeltaangelegenheden, waarin een groot aantal onderwerpen zit die raken aan de dagelijkse praktijk van de akkerbouwer. Om er maar eens een paar te noemen: phytophthora, valse meeldauw, de spuitkeuring, certificering, marktinformatie, bodemgebonden ziekten en quarantaineorganismen. Bert Waterink In overleg met vertegenwoordigers uit de sector werken zij aan praktische oplossingen voor knelpunten en problemen. Bijvoorbeeld in de vorm van teeltvoorschriften. Verder zijn ze betrokken bij afgeleide activiteiten, zoals het Masterplan Phytophthora en het voedselveiligheidsschema VVAK. Regels maken die de sector zelf wil. Dat klinkt eenvoudig, maar niet iedereen heeft dezelfde belangen. De kunst is om een vorm te vinden waar zoveel mogelijk telers achter staan. De handhaving van de regels is daarbij een belangrijk middel maar niet heilig. Kimmann: Denk aan de situatie rond phytophthora en valse meeldauw in Zuidelijk Flevoland, waar biologische en gangbare telers dichtbij elkaar zitten, en waar de spanning in jaren met hoge ziektedruk zeer hoog kan oplopen. Dan kun je wel regels hebben, maar de vraag is: hoe handhaaf je die in zo n situatie? We zijn met de telers in overleg gegaan, om met begrip voor elkaars situatie naar het doel te kijken, namelijk de besmetting verminderen door bronnen aan te pakken. Dat heeft geleid tot maatwerk, een systeem van zelfhandhaving. Die opzet werkt alleen dankzij de enorme inspanning van de betreffende telers, om er gezamenlijk uit te komen. Zij informeren elkaar bijvoorbeeld over vroege haarden zodat iedereen tijdig zijn maatregelen kan nemen. Ben Kimmann Goede landbouwpraktijk In de meeste gevallen is een teeltvoorschrift niet meer dan het vastleggen van wat goede landbouwpraktijk genoemd kan worden. Ondernemers die hun zaken goed op orde hebben, voldoen bijna automatisch aan de eisen. Toch is handhaving nodig. Zo blijkt de aloude wilde-haververordening de laatste jaren weer heel actueel. Op diverse plaatsen in Nederland duikt het hardnekkige onkruid op. Het productschap krijgt elk jaar meldingen uit de Portlandpolder bij Rotterdam, het stroomgebied van de Hunze in Drenthe en het traject van de Betuwelijn rond Gendt/Haalderen (Gld). Waterink: Vooral waar flink grond wordt verzet, kan wilde haver plotseling weer de kop opsteken. Het zaad overleeft namelijk jarenlang in de grond. Omdat we dit onkruid zo goed als kwijt waren, is de aandacht voor de bestrijding verslapt. Dat moet anders, want in de zaaizaadteelt leidt één wilde-haverplant al tot afkeuring. De belangrijkste drijfveer van Kimmann en Waterink is dat ze iets kunnen betekenen voor telers, in een sector die ze na aan het hart ligt. Ze benadrukken: Wij zijn geen ambtenaren. Wij zitten hier uiteindelijk op verzoek van de telers. Schroom daarom niet om ons te mailen of te bellen als u vragen heeft over de dingen die wij doen voor u! 4 A K K E R L A N D M A A R T

5 Teeltvoorschriften TEELTVOORSCHRIFTEN TEELTVOORSCHRIFTEN WRATZIEKTE A K K E R L A N D M A A R T Jaarlijks worden op basis van zowel bestaande als nieuwe onderzoeksgegevens de lijsten met toegestane rassen in de verschillende preventiegebieden (zie kaart: A, B, C en 5 kerngebieden) aangevuld. Hieronder zijn per lijst de toegevoegde rassen vermeld. Deze rassen mogen met ingang van 2009 worden geteeld. De volledige lijsten en uitvergrotingen van de gebieden kunt u vinden op nl/teelt/wratziekte. Lijst O Deze lijst bevat de toegestane aardappelrassen voor de consumptieteelt (min. cijfer 6) en NAK-teelt (min. cijfer 5) in gebied A en de zetmeelteelt (incl. TBM) (min. cijfer 6) in gebied A en B. De volgende rassen worden aan de lijst toegevoegd: Daarnaast zijn de cijfers van de volgende rassen aangepast: Dinky (van 8 naar 9) en Nomade (van 8 naar 7). Lijst D Deze lijst bevat de toegestane aardappelrassen voor Door wratziekte aangetaste aardappelknollen alle teelten in gebied C. De volgende rassen worden aan de lijst toegevoegd. (zie tabel lijst D) Daarnaast zijn de cijfers van de volgende rassen aangepast: Alwara (van 7 naar 10), Ballys (van 8 naar 9) en Panda (van 7 naar 10). Rasnaam Astra is gewijzigd in Jazmin. Toevoeging Lijst O Resistentieniveau van aardappelrassen tegen fysio 2/6 (G1/O1) (10= (volledig) resistent, 9-8= hoog veldresistent, 7= matig veldresistent, 6-5 matig vatbaar) Amanda Amorosa Leandra* Aviron* Amyla Mustang Merano Messina* Rumba Nectar Milano* Rudolph Regina* * in onderzoek bij de Raad voor plantenrassen voor toelating en/of kwekersrecht Lijst T Deze lijst bevat de toegestane aardappelrassen voor de zetmeelteelt (incl. TBM) in de 5 kerngebieden (bij Veendam, Ter Apel, Foxel, Barger Compascuum en Mantinge). Het ras Merano (cijfer 9) wordt aan de lijst toegevoegd. Toevoeging Lijst D Resistentieniveau van aardappelrassen tegen fysio 1 (D1) (10= (volledig) resistent, 9-8= hoog veldresistent, 7= matig veldresistent, 6 matig vatbaar) 10 9 Aviron* Eurobeta Joker Maria Sarah* Rumba Plasuno Bafana* Ewelina Lambada Monarch* Salsa* Batavia Festival* Leonardo* Naturo* Stratos* Chanel* Fioretta Ludmilla Perline* Dione* Golf Manitou Prima* Energie* Grandeur* Margit Profit* * in onderzoek bij de Raad voor plantenrassen voor toelating en/of kwekersrecht 5

6 Belangrijk Als een door u gewenst ras niet is vermeld in de lijst(en), dan kunt u de status opvragen bij Bert Waterink ( ) en vernemen of, en zo ja welke mogelijkheden er zijn om het ras toegelaten te krijgen. Naast de raskeuze is een goede bedrijfshygiëne erg belangrijk in de strijd tegen wratziekte, maar ook bij andere ziekten en plagen zoals aardappelmoeheid, wilde haver, knolcyperus, ringrot, phytophthora en chitwoodi. AARDAPPELMOEHEID Op percelen mogen aardappelen worden geteeld als er in de voorafgaande twee jaren geen aardappelen hebben gestaan (1:3 vruchtwisselingsvoorschrift). Uitgezonderd is de consumptie- en zetmeelaardappelteelt in het NO zand- en dalgrondgebied ( gebied A op de kaart bij knolcyperus). Onder bepaalde voorwaarden mag 1:1 of 1:2 worden geteeld. Dit kan door deelname aan de vroegrooiregeling (oogst vóór 1, 10 of 20 juli) of door een ontheffing. Ontheffingen kunnen worden 6 A K K E R L A N D M A A R T

7 TEELTVOORSCHRIFTEN Bestuurder CT Theo Koekkoek (LTO Nederland): Het productschap heeft regels voor problemen in de aardappelteelt (wratziekte, phytophthora en AM) en de verplichting om goedgekeurd pootgoed te gebruiken. Deze regels zijn nodig om de aardappelteelt in Nederland te behouden. Als de akkerbouw het wil, worden de regels aangepast. Voorbeelden zijn de zogenoemde ATR vermeerdering voor consumptieaardappeltelers en de vijf kerngebieden (i.v.m. wratziekte) in NO-Nederland. aanvraagformulieren, toelichtingen en éénmalige incasso (ad. 150,- per aanvraag/perceel) vindt u op Deze kunt u ook bestellen bij de NAK ( ). KNOLCYPERUS Op percelen die besmet zijn met dit lastige onkruid worden teeltverboden afgekondigd voor alle akkeren tuinbouwgewassen en is uitroeiing verplicht. Het is dus zaak om een besmetting met knolcyperus te voorkomen, of zo spoedig mogelijk te bestrijden. Lees meer hierover in de bijgevoegde folder. Voor een lijst met gemeenten waar reeds knolcyperus is aangetroffen en de meest recente bestrijdingsadviezen zie Zelfgemaakte pootmachine van de gebr. Schuiling te Minnertsga voor aardappel als vanggewas verkregen bij oud grasland (>8 jaar), herindeling van het bedrijf, ruilverkaveling, praktijkonderzoek, inplant of rooien van een boomgaard, onttrekking aan agrarisch gebruik en de teelt van aardappel als vanggewas. Vraag een ontheffing tijdig aan (3 á 4 weken voor het poten én uiterlijk 1 mei). Deelname aan de vroegrooiregeling is mogelijk tot 15 juni. De GOEDGEKEURD POOTGOED Om de verspreiding van ziekten en plagen via het pootgoed te minimaliseren geldt de verplichting om gebruik te maken van goedgekeurd (gecertificeerd) pootgoed. Dit kan aangekocht of zelf vermeerderd NAK-pootgoed zijn of eigen vermeerderd pootgoed onder het TBM- of ATR -regime. Het merendeel van de zetmeelaardappeltelers vermeerderd onder TBM en 273 consumptieaardappeltelers hebben in 2008 vermeerderd onder ATR (2007: 247). De keuring voor vermeerdering onder ATR kunt u aanvragen bij de NAK in Emmeloord. Voor het perceel is geen AM vrijverklaring vereist, maar er gelden wel twee voorwaarden. Zo mag op het bedrijf geen reguliere NAK-pootgoedteelt plaatsvinden en moet de vermeerdering en het gebruik van het pootgoed (de consumptieteelt) plaatsvinden binnen 25 km van het bedrijf. Indien niet aan deze voorwaarden wordt voldaan, mag het perceel niet ter keuring bij de NAK worden aangeboden. Voor de TBM vermeerdering geldt dat alleen zetmeelrassen mogen worden gebruikt die opgenomen zijn in de PA verordening, te weten: Achilles Axion Karnico Pallina Signum Albas Belita Katinka Plasandes Smaragd Allure Benno Vrizo Kuba Plasent Sofista Astarte Euroflora Markant Plasstärcke Starga Aurora Euronova Melanie Plasuno Stefano Avarna Eurotango Menco Realist Valiant Avaya Festien Merano Robény Vebebe Aveka Florijn Mercator Savona Vebeca Aventra Kantara Mercury Scarlet Vebesta Averia Karakter Nomade Seresta Vectra Merano en Kuba zijn toegevoegd en mogen in 2009 voor TBM-vermeerdering worden gebruikt. A K K E R L A N D M A A R T

8 TEELTVOORSCHRIFTEN SPUITKEURING Voor het effectief en met minimale milieubelasting inzetten van gewasbeschermingsmiddelen is een goed onderhouden en goed afgestelde veldspuit vereist. Om hieraan bij te dragen zijn akkerbouwers en derden, zoals loonwerkers, verplicht om volveldspuiten periodiek (eens in de drie jaar) te laten keuren. De tekst van de verordening is in 2008 aangepast. Voor de telers verandert er inhoudelijk niets. De keuring is vergelijkbaar met een APK-keuring voor auto s. In 2008 zijn er ruim 3300 veldspuiten van drie jaar en ouder gekeurd. Jaarlijks blijkt dat ongeveer de helft van de machines in aangeboden toestand direct goedgekeurd wordt en de andere helft na herstel van twee tot drie punten die niet helemaal in orde zijn. Het gaat daarbij meestal om lekkage (al of niet onder druk), spuitboom (te ver doorhangen en te veel speling in de scharnieren) en verstopte doppen. Meestal kunnen deze punten gemakkelijk zelf worden gecontroleerd en zo nodig hersteld. De belangrijkste aandachtspunten zijn in het groene kader geplaatst. (Volledige tekst uit folder is te vinden onder klik op veldspuit en download folder ). Voor alle informatie over dit voorschrift kunt u terecht op www. productschapakkerbouw.nl/teelt/spuitkeuring. Voordat u naar de keuring gaat: Om de keuring compleet, veilig en efficiënt uit te kunnen voeren dient de aangeboden machine aan onderstaande voorwaarden van SKL te voldoen. Als dit niet het geval is dan kan de machine geweigerd worden. Meest geconstateerde gebreken De meeste gebreken in de afgelopen 6 jaar zijn geconstateerd bij onderstaande onderdelen. De eis waaraan ze moeten voldoen is ernaast vermeld: De machine moet in- en uitwendig goed schoon zijn Aandachtspunten/tips: Vul de tank gedeeltelijk met water Voeg een schoonmaakmiddel toe; keuze schoonmaakmiddel hangt af van de gewasbeschermingsmiddelen die gebruikt zijn: -groeistoffen: 250 gram soda per 100 liter water -oliehoudende middelen: Teepol of afwasmiddel -hardnekkige middelenresten: Primaclean Zorg dat het gehele systeem goed wordt doorgespoeld en dat de filters ook schoon zijn. -Besteed extra aandacht aan het reinigen van doppen en filters -Reiniging van spuitdoppen doe het goed! Staalborstels en andere harde voorwerpen zijn uit den boze! Houd de onschuldig uitziende doppenborstel weg van kinderen -Blijf zelf in de frisse lucht als u de tank inwendig borstelt Uitwendig reinigen met een gematigde druk (15-20 bar), met warm water en schoonmaakmiddel. Een borstel heeft meer effect en is aangenamer dan reinigen met een hogedrukspuit en koud water! Houdt tijdens het reinigen de regels van het Lozingenbesluit in acht De machine moet veilig zijn om aan te werken (denk om aftakasafscherming) De machine moet compleet zijn (denk om de vulzeef) Alle doppensets die bij de machine horen moeten worden getest Voorafgaand aan de keuring wordt door het keuringsstation een keuringsopdracht ingevuld om de afspraken m.b.t. de keuring vast te leggen. Onderdeel Kwaliteit v.d. boom Bevestiging leiding, slangen, dophouders en spuitdoppen Slangen Dophouders en spuit doppen Dopafstand Dopafsluiters Lekvrij tijdens werking èn bij stilstand Filters en zeven Manometer Aflezing schaalverdeling max. toegestane afwijking (onnauwkeurigheid): Verdeling van spuitvloeistof Totaal spuitbeeld Spuitbeeld per dop Eis Recht en max. 10 cm doorhangen. Onbeweeglijk vast gemonteerd en niet lekkend. Moeten vast zitten en mogen niet geknikt zijn; geen insnijdingen door slangklemmen; wapening intact, dus geen opgezwollen slangdelen bij het onder druk staan. Dezelfde stand in horizontale en verticale vlak, spleetdoppen met hoekverdraaiing moeten alle in dezelfde stand staan; meervoudige dophouders moeten goed voelbare arreteringen (aanslagpunten) hebben. Alle op dezelfde afstand; een afwijking van 2 cm onderling is toelaatbaar. Deze eis geldt ook bij de draaipunten van de boom. Niet nadruppelen. Tot de maximaal toegestane druk of 10 bar mag nergens lekkage optreden of breuk ontstaan. Aanwezig, schoon èn functioneel! Van 1-5 bar in 0,2 bar, van 5-10 bar in 1,0 bar. 0,4 bar. Maximaal toegestane afwijking per 10 cm +/- 15% van gemiddelde. Geen slangen, draden of beschermbeugels in het spuitbeeld. Geen straaltjes in het spuitbeeld, een gelijkbenige driehoek vormend en een rustig spuitbeeld. 8 A K K E R L A N D M A A R T

9 TEELTVOORSCHRIFTEN VALSE MEELDAUW IN UIEN. AANPAK BRONNEN AANGE- SCHERPT De handhaving van de verplichte bestrijding van valse meeldauw in uien is in het afgelopen seizoen geen probleem geweest. Er hoefde geen enkele gele (waarschuwing) of rode kaart (tuchtrecht) getrokken te worden door de toezichthouder. De (weers)omstandigheden waren over het algemeen ongunstig voor de ontwikkeling en verspreiding van valse meeldauw. Er zijn wel een aantal infectiehaarden aangetroffen maar in geen enkel geval betrof het een strafbare haard. De handhaving (gele en rode kaartensysteem) van de bestrijdingsplicht wordt in 2009 weer uitgevoerd door keurmeesters van de Bloembollenkeuringsdienst (BKD), onder verantwoordelijkheid van BQ Support als toezichthouder van het Productschap Akkerbouw. Naast de actieve controle is ook het meldsysteem operationeel. U kunt uienafvalhopen en valse meeldauwhaarden melden bij het Meldpunt valse meeldauw. Meldpunt valse meeldauw Tel : Fax : Om te bereiken dat de teelt zo schoon mogelijk begint (= valse meeldauwvrij uitgangsmateriaal) is door de vertegenwoordigers van de sector in de PA werkgroep valse meeldauw (gangbare en biologische teelt, handel) afgesproken dat het eerstejaars uitgangsmateriaal met ingang van oogst 2009 bij de veldkeuring vrij moet zijn bevonden van valse meeldauw, of (als wel valse meeldauw is geconstateerd) na een warmwaterbehandeling vrij zijn van de ziekte. Om dit te bereiken wordt de huidige bestrijdingsplicht aangescherpt. Naast de bestaande afdekplicht voor afvalhopen en de bestrijdingsplicht voor ziektehaarden mag de teler van tweedejaars plantuitjes in 2010 geen uitgangsmateriaal (eerstejaars plantuitjes) meer gebruiken zonder een daarbij behorend beoordelingsrapport van Naktuinbouw waaruit blijkt dat bij de veldkeuring vlak voor de oogst (in 2009) of bij de nacontrole van het eerstejaars uitgangsmateriaal geen valse meeldauw is geconstateerd (valse meeldauwvrij verklaring). Het al of niet vóórkomen van valse meeldauw in eerstejaars plantuitjes is al onderdeel van het huidige keuringsprotocol van Naktuinbouw. Een tweedejaars plantuienteler mag met ingang van 2010 dus alleen eerstejaars uitgangsmateriaal met een bijbehorende valse meeldauwvrij verklaring gebruiken. Alle informatie over de verplichte bestrijding van valse meeldauw kunt u vinden op www. productschapakkerbouw.nl/teelt/valse-meeldauw Daarnaast stuurt de PA werkgroep het door PA gefinancierde en door PPO uitgevoerde project beheersing van valse meelduw in uien aan. Dit project richt zich vooral op de volgende onderwerpen: Opheldering optreden bolbesmetting Een snelle en effectieve detectietoets van valse meeldauw in plantuien Effectiviteit van warmtebehandeling van besmette uien Effectiviteit van diverse biologische spuitmiddelen op valse meeldauw De rol van oosporen en de overleving van de ziekte in aangetast plantmateriaal. Zie voor de onderzoeksresultaten PHYTOPHTHORA In aardappelseizoen 2008 was, in tegenstelling tot 2007, de phytophthoradruk relatief gering. Dit kwam vanzelfsprekend ook tot uiting in de handhaving van de verplichte phytophthorabestrijding. Het aantal gele kaarten (waarschuwing) voor strafbare haarden was fors minder dan in het jaar daarvoor en er zijn geen rode kaarten (tuchtrecht) uitgedeeld. Van de bekende spanning tussen bio en gangbaar rond de oogstperiode was het afgelopen seizoen ook vrijwel geen sprake. Resultaat van de jaarlijkse evaluatie (door de telersvertegenwoordigers) is dat in 2009 de regels voor de verplichte Phytophthorabestrijding (verordening) onveranderd blijven en dat de in 2008 uitgebreide controles op afvalhopen worden voortgezet. Vooral aardappelaf- Door phytophthora aangetaste aardappelplant Bestuurder CT Jakob Bartelds (LTO Nederland): Voorkomen is beter dan genezen en een gewaarschuwd mens telt voor twee. Dat geldt bij uitstek voor de strategie om Phytophthora te beheersen. Het stapelen van maatregelen om de ziekte onder de duim te houden en erop toezien dat ze uitgevoerd worden werkt. Het gele en rode kaartensysteem bij de handhaving van de teeltvoorschriften (afdekplicht afvalhopen en verplichte aanpak van ziektebronnen) en de phytophthora-alarmering zijn een prima manier om het doel, het aanpakken van de ziektebron, te bereiken. Tegelijkertijd moeten we er alles aan doen om de onderzoeksresultaten (Parapluplan Phytophthora) m.b.t. een optimale inzet van resistente rassen en gewasbeschermingsmiddelen zo snel mogelijk bij de praktijk te krijgen (Masterplan Phytophthora). De telers zitten hierbij zelf aan het stuur. A K K E R L A N D M A A R T

10 TEELTVOORSCHRIFTEN Bestuurder CT Chrit Wolfhagen (LTO Nederland): De nieuwe erosieverordening is een grote uitdaging voor de akkerbouwers in Zuid-Limburg. Het ploegen moet vervangen worden door nietkerende grondbewerking (NKG) en dat is niet eenvoudig. Zelf passen wij NKG al meerdere jaren toe en onze ervaringen zijn positief: het is energiebesparend, goed voor het bodemleven en het absorptievermogen wordt verhoogd waardoor minder erosie ontstaat, terwijl de opbrengsten in de toekomst toe zullen nemen. Voor meer informatie over de teeltvoorschriften: Algemeen: Coëxistentie: Matthé Elema tel Spuitkeuring, reiniging verpakkingen, Phytophthora en valse meeldauw: Ben Kimmann tel , Alle andere teeltvoorschriften: Bert Waterink tel valhopen en aardappelopslagplanten willen in de praktijk nog wel eens aan de aandacht ontsnappen. Ondanks de uitgebreide controle is het aantal gele kaarten (waarschuwing) voor onafgedekte afvalhopen iets afgenomen. Er werd in vrijwel alle gevallen onmiddellijk actie ondernomen waardoor het aantal rode kaarten (tuchtrecht) beperkt bleef tot drie. De handhaving (gele en rode kaartensysteem in het kader van het Masterplan Phytophthora) van de bestrijdingsplicht wordt in 2009 wederom uitgevoerd door de NAK als toezichthouder van het Productschap Akkerbouw. Naast de actieve controle blijft ook het meldsysteem operationeel. U kunt aardappelafvalhopen, phytophthorahaarden en aardappelopslag melden bij het NAK Meldpunt Phytopophthora. NAK Meldpunt Phytophthora Tel : Alle aardappeltelers ontvangen binnenkort de jaarlijkse Phytophthora-info van het Masterplan Phytophthora. Hierin zal de bestrijdingsstrategie 2009 centraal staan. Meer informatie hierover kunt u vinden op www. productschapakkerbouw.nl/teelt/gewasbesphytophtora. Voor onderzoeksresultaten zie OVERIGE TEELTVOORSCHRIFTEN Naast de genoemde teeltvoorschriften gelden nog andere teeltvoorschriften van het PA. Deze hebben betrekking op: Bodemerosie. In Zuid-Limburg gelden met ingang van 1 januari 2009 nieuwe regels voor het landgebruik (akker- en tuinbouw) om erosie door regenwater te voorkomen. De ondernemers in het gebied hebben een brochure ontvangen met daarin de nieuwe regels; Bietenvergeling. In bepaalde gebieden gelden regels voor de opslag van suiker-/voederbieten en zaadbietenteelt, om (de verspreiding van) deze ziekte tegen te gaan; Wilde haver. Wilde haver moet verwijderd en vernietigd worden vóór het zaad uitvalt, doch vóór 1 juli in Zuid-Nederland en 15 juli in Noord- Nederland. Ziet u nadien nog wilde haver, meldt het dan bij Bert Waterink, ; Coëxistentie. Er zijn regels opgesteld waaraan moet worden voldaan bij de teelt van genetisch gemodificeerde planten/gewassen. De regels zijn (nog) niet van kracht. Reiniging verpakkingen gewasbeschermingsmiddelen. Als verpakkingen van gewasbeschermingsmiddelen direct nadat deze zijn geleegd op een voorgeschreven manier en met voorgeschreven apparatuur gereinigd worden vallen ze onder de categorie bedrijfsafval (en geen klein chemisch afval) mits dat op het etiket is vermeld. Na reiniging mag de verpakking minder dan 0,01% residu bevatten. In 2009 wordt waarschijnlijk een internationale standaard (ISO) van kracht m.b.t. algemene eisen en prestatielimieten voor de fustreiniger op de veldspuit. Binnen deze norm ligt de nadruk vooral op de prestatie die het apparaat moet leveren en niet op de exacte afmetingen. De residunorm blijft gelijk (0,01%). De ISO norm is vooral van belang voor constructeurs en fabrikanten. TUCHTRECHT Overtredingen van de teeltvoorschriften worden tuchtrechtelijk gehandhaafd. Het tuchtgerecht bestaat uit een onafhankelijk rechtsgeleerde voorzitter en 7 leden (akkerbouwers), van wie er 2 per zitting aanwezig zijn. Het secretariaat is in handen van het Instituut Agrarisch Recht (IAR) in Wageningen. Bij overtredingen worden geldboetes opgelegd, maar het tuchtgerecht kan ook besluiten tot openbaarmaking van de uitspraak of onder verscherpte controle stellen van het bedrijf op kosten van de betrokkene, of een berisping. De wettelijk vastgelegde maximale geldboete per overtreding is sinds 26 maart ,- (v.h ,-). Als het wederrechtelijk genoten voordeel echter meer is dan 1.850,- (v.h ,-), dan is de maximale boete ,- (v.h ,-). In 2008 zijn door het tuchtgerecht in 35 zaken (2007: 66) tegen 31 telers (2007: 59) uitspraken gedaan. Dit betreft zaken uit 2007 en Overtredingen werden begaan bij de regels rond knolcyperus (13), wilde haver (11), Phytophthora (8), aardappelmoeheid (2) en goedgekeurd pootgoed (1). Het tuchtgerecht heeft in 29 zaken boetes opgelegd, variërend van 200,- voorwaardelijk tot bijna 6.200,- onvoorwaardelijk. In vijf gevallen werd door de teler tegen de uitspraak verzet aangetekend, waarna de zaak opnieuw door het tuchtrecht wordt behandeld. Na behandeling van vier (van de vijf) verzetzaken is in één geval de oorspronkelijke boete omgezet in een voorwaardelijk boete en zijn de overige drie ongewijzigd. De vijfde verzetzaak wordt in 2009 behandeld. In vier gevallen werd door de teler beroep ingesteld bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb), het hoogste rechtscollege. Eén teler trok het beroep kort voor de zitting in, één uitspraak van het tuchtgerecht werd door het CBb bevestigd en één werd vernietigd. Het vierde beroep wordt in 2009 behandeld. 10 A K K E R L A N D M A A R T

11 ewasbescherming GEWASBESCHERMING Nog meer aandacht voor gewasbescherming Veldspuit met luchtondersteuning in aardappelen In dit overzicht worden de resultaten van het door het Productschap Akkerbouw gefinancierde project Effectief middelenpakket weergegeven. Doel is om een effectief gewasbeschermingsmiddelenpakket voor de akkerbouw beschikbaar te krijgen dan wel te behouden, zodat een rendabele teelt mogelijk blijft. Extra aandacht wordt besteed aan de kleine toepassingen, omdat daar door de gewasbeschermingindustrie minder in wordt geïnvesteerd. Inmiddels is het project weer voor twee jaar verlengd en zelfs uitgebreid. Met ingang van 2009 zal er meer tijd besteed worden aan gewasbescherming. Herprioritering Ook het afgelopen jaar was de herprioriteringslijst een groot punt van zorg voor de land- en tuinbouw en voor de gewasbeschermingindustrie. Als gevolg van een uitspraak van het College voor Beroep Bedrijfsleven (CBB) dreigden 800 middelen op deze lijst hun toelating te verliezen, omdat zij onvoldoende beoordeeld zouden zijn. Het Ctgb heeft daarom in opdracht van de minister een herbeoordeling uitgevoerd. In 2008 is duidelijk geworden dat tot 14 juni 2009 volgens oud etiket mag worden gewerkt. Knelpunten die zijn ontstaan in het herprioriteringsproces, worden daar waar mogelijk door het PA opgelost. Voor een aantal middelen loopt echter nog een bezwaarschrift. Europese wetgeving De Europese beoordeling van werkzame stoffen vordert langzaam maar gestaag. Alle stoffen, zowel bestaande als nieuwe, die nog niet Europees beoordeeld zijn, moesten uiterlijk 2008 beoordeeld worden en definitief op een positieve lijst (de zogenaamde Annex 1) worden geplaatst. Als een stof niet Annex 1 wordt geplaatst, moeten ook alle nationale toelatingen worden ingetrokken. Als de stof wél op Annex 1 wordt geplaatst, moeten in de volgende jaren de nationale toelatingen/ formuleringen van de middelen met die stof worden vernieuwd (Annex 3 dossiers). Echter niet voor alle stoffen bleek 2008 haalbaar, de beoordeling loopt nog door tot A K K E R L A N D M A A R T

12 GEWASBESCHERMING naar verwachting begin Daarnaast zijn een aantal stoffen door de fabrikant vrijwillig teruggetrokken. Hierdoor is het na 1 januari 2009 niet meer mogelijk uitbreidingen aan te vragen, tot 31 december Dit heeft geresulteerd in een aantal toelatingen voor Dringend Vereiste Gewasbeschermingsmiddelen, die niet voor één maar voor twee jaar zijn afgegeven (2009 en 2010). Hiermee wordt voorkomen dat er in 2010 geen oplossingen voor deze knelpunten beschikbaar zijn. Daarnaast wordt binnen het Europees Parlement en de Europese Commissie gewerkt aan een nieuwe verordening, waarbij een deel van de werkzame stoffen komt te vervallen. In 2008 is duidelijk geworden dat naar schatting ca. 7% van de middelen zullen verdwijnen. Met financiering van onder andere het PA is een impactanalyse opgesteld, waarin is doorgerekend wat de gevolgen zijn van de verschillende scenario s die momenteel in het kader van de Europese wetgeving besproken worden. Voor de akkerbouwsector is gekeken naar de teelten consumptieaardappelen, pootaardappelen, zaaiui en wintertarwe. Met behulp van deze impactanalyse kon een actieve lobby in Brussel worden ondersteund, waardoor de schade met betrekking tot het verdwijnen van middelen binnen de perken blijft. Positieve punten uit de verordening zijn de zonale toelatingen en de stimulansen voor kleine toepassingen. GEREALISEERDE EN NOG LOPENDE UIT- BREIDINGEN AKKERBOUW Een vereenvoudigde uitbreiding (voorheen derdenuitbreiding) kan door het PA (in samenwerking met de toelatinghouder) worden aangevraagd. Hiermee kunnen teelten opgenomen worden op een bestaand etiket van een bestaand middel en kan op deze manier gezorgd worden voor een uitbreiding van het aantal beschikbare middelen. In het gele kader hiernaast zijn de door het PA aangevraagde vereenvoudigde uitbreidingen terug te vinden. Daarnaast zijn een aantal middelen (op verzoek van het PA) door de toelatingshouder zelf uitgebreid. Een belangrijk middel voor de graszaadteelt is ethofumesaat. Door intensieve lobby is de toelating voor Engels en Italiaans raaigras nog net voor de herfsttoepassing 2008 weer hersteld. Aan toelating voor andere graszaadsoorten wordt nog gewerkt. Door middel van een knelpuntaanvraag kan een Dringend Vereist Gewasbeschermingsmiddel (DVG) worden aangevraagd. Het gaat hierbij om een tijdelijke (jaarlijkse) toelating in beperkte vorm. In het groene kader is terug te vinden welke middelen in 2008 zijn vrijgesteld. Akkerbouwgewassen Middelen welke met behulp van een vereenvoudigde uitbreiding zijn toegelaten of nog in aanvraag zijn: Centium 360 CS is toegelaten als herbicide in blauwmaanzaad, koolzaad, witte lupinen, raketblad en een aantal vollegrondsgroentengewassen. Herbicide in cichorei, meekrap, raketblad en aspergeplantgoed. Deze aanvraag is ingediend, toelating wordt snel verwacht. De toelating van Sencor WG in consumptie- en zetmeelaardappelen is op verzoek vanuit onder ander het project effectief middelenpakket in januari 2008 ook naar pootaardappelen uitgebreid. Schimmelziekten in karwij. Van de twee aanvragen voor fungiciden tegen verbruining is er inmiddels één gerealiseerd. Signum is toegelaten in de teelten karwij, crambe en graszoden. Het andere middel is samen met een aantal groentegewassen aangevraagd. Deze aanvraag loopt nog. Er wordt gewerkt aan reguliere toelatingen voor een middel tegen emelten in bieten, met ondersteuning vanuit het Fonds Kleine Toepassingen (FKT). Voor drie middelen tegen onkruid in vlas (tegen met name varkensgras en ten behoeve van voor-opkomst bestrijding) is financiering aangevraagd bij het FKT voor toelatingsaanvragen, voor twee is dat toegekend. De aanvragen worden voorbereid. Schimmelziekten in vlas. De toelatingsaanvraag voor één middel loopt. Tevens loopt in samenwerking met België aanvullend onderzoek naar de effectiviteit en de toelatingsmogelijkheden van diverse andere fungiciden. Melganzevoet in cichorei. Er is een aanvraag voor financiering vanuit het FKT in voorbereiding. Onkruid in raketblad en meekrap. Aanvragen voor een tweetal herbiciden zijn in voorbereiding. De toelatingshouders werken actief aan het dossier dat nodig is om de aanvraag in te kunnen dienen. Toepassingen voor de behandeling van sclerotinia in karwij, blauwmaanzaad, koolzaad, erwten en bonen, is per 1 januari 2008 komen te vervallen. Alternatieven zijn bekeken en er is een financieringsaanvraag lopende bij het FKT. Onkruiden in oregano bestemd voor de productie van etherische oliën. Voor een tweetal middelen is geld van het FKT vrijgemaakt, de aanvraag loopt vast op de vraag om residu-gegevens. Hier wordt nog aan gewerkt. GEREALISEERDE EN LOPENDE UITBREI- DINGEN VOLLEGRONDSGROENTEN LTO Nederland werkt met financiering van het Productschap Tuinbouw aan een effectief middelenpakket voor vollegrondsgroenten. In 2008 zijn Akkerbouwgewassen Middelen die in 2008 zijn vrijgesteld m.b.v. een Dringend Vereiste Toelating: Emelten in suikerbieten: Talstar Onkruid in raketblad: Titus Onkruid in meekrap: Lontrel Onkruiden in oregano: Goltix Emelten in grasland: Talstar Koolzaadglanskever in koolzaad: Talstar Slakken in wintergranen, graszaad en koolzaad: Caragoal GR en Brabant Slakkendood 12 A K K E R L A N D M A A R T

13 GEWASBESCHERMING diverse inspanningen verricht en resultaten behaald voor de akkerbouwmatig geteelde vollegrondsgroenten. In het gele kader op de volgende bladzijde is terug te vinden welke aanvragen nog lopen of zijn toegekend. Nieuwe kleine gewassen Met enige regelmaat nemen nieuwe (vertegenwoordigers van) telers(groepen) contact op om te vragen of het PA behulpzaam kan zijn bij het oplossen van knelpunten in de gewasbescherming en/of toelating van middelen. Zo zijn er in 2008 contacten geweest met telers/vertegenwoordigers van onder andere graszoden en zilveruien. De graszodentelers hebben aansluiting gezocht bij de activiteiten van het PA. De Nederlandse Golf Federatie houdt zich ook bezig met het realiseren van toelatingen en daarmee kan worden samengewerkt bij aanvragen voor golfbanen respectievelijk graszaadteelt, grasland, graszoden etc. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Monique Bijlaard, tel , Cichoreiproefveld jong gewas op zandgrond Akkerbouwmatig geteelde vollegrondsgroenten Middelen welke met behulp van een vereenvoudigde uitbreiding zijn toegelaten of nog in aanvraag zijn: Herbicide in schorseneren. In 2008 is toelatingsonderzoek opgestart voor de toelating van een herbicide in schorseneren. Dit onderzoek is in samenwerking en afstemming met België en Frankrijk. Door Frankrijk wordt ook een gedeelte van het benodigde onderzoek uitgevoerd. Fungicide. Midden 2008 is een vereenvoudigde uitbreiding aangevraagd voor een aantal kleine vollegrondsgroenten gewassen, waaronder rode biet, boerenkool, koolraap en knolraap. In deze aanvraag is ook vlas opgenomen. Middelen die zijn vrijgesteld m.b.v. een Dringend Vereiste Toelating: Sclerotinia in bonen. In 2008 is Switch toegekend als DVG. Trips in prei. Voor de bestrijding van trips in prei was in 2008 voor het vijfde jaar op rij Mesurol 500 SC beschikbaar in de preiteelt. Dimethoaat. Eind 2007 is de toelating van dimethoaat in alle groente gewassen ingetrokken. Tot 14 juni 2009 is opgebruik van dimethoaat in de vollegrondsgroenten nog mogelijk. Voor diverse gewassen waaronder de teelt van wortel is het wegvallen van dimethoaat een groot probleem. De bestrijding van wortelvlieg is aangemeld en erkend als knelpunt. Samen met de eigenaar van dimethoaat wordt gewerkt aan de beschikbaarheid van dimethoaat na 14 juni Spruitkool. In 2008 waren drie middelen als dringend vereiste toelatingen beschikbaar. Dit waren Admire OTEQ, Brabant slakkendood en Caragoal. A K K E R L A N D M A A R T

14 GEWASBESCHERMING Op de bres voor kleine teelten Mirjam Kortekaas (r) draagt gewasbeschermingstaken over aan Monique Bijlaard (l) in gevaar mogen komen. Zo bestaat er een verkorte aanvraagprocedure en is er een fonds gekomen voor toelatingen in de kleine teelten. Dit Fonds Kleine Toepassingen wordt door de sector zelf gevuld, waarna de overheid het bedrag verdubbelt. Door aangescherpt milieubeleid hebben telers de afgelopen jaren heel wat gewasbeschermingsmiddelen zien verdwijnen. Op zichzelf is dat geen slechte ontwikkeling, want de akkerbouw wil zo schoon mogelijk produceren. Maar het pakket middelen is zo smal geworden, dat het voortbestaan van teelten gevaar loopt. Om de knelpunten op te lossen of liever nog: voor te zijn heeft iedere plantaardige sector zijn eigen Coördinator Effectief Middelenpakket (CEMP), die de toelatingssituatie voortdurend in de gaten houdt en nieuwe aanvragen helpt voorbereiden. Voor de akkerbouw is dat Monique Bijlaard, die deze taak dit jaar overneemt van Mirjam Kortekaas. Naast aanvragen voor middelen, ondersteunt het Productschap Akkerbouw lobby-activiteiten van LTO in Brussel, onder andere door mee te betalen aan de impactanalyse. A K K E R L A N D Samen bekijken we per toepassing: wat kan wel en wat kan niet? A K K E R L A N D In het convenant gewasbescherming hebben de plantaardige sectoren met de overheid afspraken gemaakt over duurzame gewasbescherming. Onderdeel van die afspraken is dat teelten niet nodeloos Fonds Kleine Toepassingen De CEMP s stellen ieder jaar een lijst op van middelen waaraan telers dringend behoefte hebben. Met deze prioriteitenlijst schuiven zij aan tafel bij de fabrikanten. Kortekaas: Samen bekijken we per toepassing: wat kan wel en wat kan niet? Als we geluk hebben, zijn de fabrikanten zelf al bezig met een toelating of werken zij aan een alternatief middel. Maar kleine gewassen vallen snel buiten de boot omdat de fabrikanten de kosten van het toelatingsonderzoek niet kunnen terugverdienen. Met geld uit het Fonds Kleine Toepassingen lukt het soms alsnog om een bepaalde toepassing op het etiket te krijgen. Voorwaarde is wel dat de fabrikant de aanvraag ondersteunt; zij zijn immers dossierhouder. Momenteel wordt onder andere gewerkt aan een fungicide in blauwmaanzaad en een herbicide in cichorei. In noodgevallen kan de akkerbouwsector rechtstreeks aankloppen bij de toelatingsinstanties. Die kunnen besluiten om middelen via een dringend vereiste toelating tijdelijk toe te staan. Het gaat dan om bekende middelen die via de vereenvoudigde procedure worden behandeld. Volgens deze regeling kregen akkerbouwers het afgelopen seizoen bijvoorbeeld weer de beschikking over slakkenbestrijdingsmiddelen op basis van metaldehyde en over Talstar, dat in het voorjaar was toegestaan voor de bestrijding van emelten in suikerbieten. Ook voor de kleine gewassen biedt de regeling mogelijkheden. Kortekaas werkte afgelopen jaar onder meer aan de toelating van herbiciden in raketblad en meekrap. De taken van Kortekaas worden dit jaar overgenomen door Monique Bijlaard. Het aantal uren voor de middelencoördinator is uitgebreid. 14 A K K E R L A N D M A A R T

15 nderzoeksblok ONDERZOEKSBLOK KENNIS EN INNOVATIE ennis en innovatie Phytophthoraproefveld op het PPO-AGV te Lelystad Maar liefst negentig onderzoeksprojecten per jaar! Jaarlijks voert het Productschap Akkerbouw in samenwerking met organisaties als Wageningen UR, IRS, DLV Plant, HLB en regionale proefboerderijen om en nabij de negentig onderzoeksprojecten uit. Deze projecten zijn zeer divers van aard. Hun karakter loopt uiteen van korte bureaustudies via teeltkundig en fundamenteel onderzoek, tot concrete voorlichtingsproducten. Om u een beeld te geven van dit brede pakket, worden in onderstaand overzicht de resultaten van enkele van deze projecten kort vermeld. Bureaustudie Impact nieuwe EU-gewasbeschermingsverordening Uit inschattingen van experts blijkt dat een nieuwe EU-gewasbeschermingsverordening voor Nederland grote economische gevolgen zal hebben. Doordat er in bepaalde gevallen nauwelijks gewasbeschermingsmiddelen overblijven, is voor sommige gewassen een saldoderving van meer dan 50% te verwachten als direct effect. Dit maakt deze teelten in Nederland onrendabel en heeft extreme gevolgen voor de productie en internationale handel in deze gewassen. Bestuurder CT Ben Hasselo (LTO Nederland): De ervaringen met aanbesteding van onderzoek en kennisverspreiding zijn tot nu toe goed. Het maakt het programmeringsproces transparanter, houdt de kennisinstellingen scherp en leidt tot een goede prijs-kwaliteitverhouding. Dit onderwerp is stevig onder de aandacht van de politiek gebracht, wat er mede toe heeft geleid dat de gevolgen van de nieuwe regelgeving beperkt zijn gebleven. A K K E R L A N D M A A R T

16 ONDERZOEKSBLOK KENNIS EN INNOVATIE Bureaustudie Opbrengst- en gehalteverschillen tussen cichoreipercelen Cichoreiverwerker Sensus verzamelt met een enquete, I-top genaamd, gegevens van cichoreipercelen. De gegevens van de jaren 2003 tot en met 2006, over uiteindelijk meer dan percelen, zijn doorgerekend om de belangrijkste oorzaken voor verschillen in opbrengst en inulinegehalte tussen percelen te achterhalen. De lengte van de groeiperiode en het plantaantal bleken de belangrijkste factoren te zijn. Reden voor het PA om in 2009 veldonderzoek te laten starten naar mogelijkheden om de voorjaarsgroei te verbeteren en te versnellen via een kleinere rijafstand, behandeling van het cichoreizaad en het optimaal geven van water bij of na zaai. Bestuurder CT Upt Hiddema (LTO Nederland): Proefveld groenbemesters Veldonderzoek Rassenonderzoek diverse gewassen Samen met kwekers en de verwerkende industrie wordt vergelijkend rassenonderzoek uitgevoerd in wintertarwe, zomertarwe, zomergerst, triticale, vezelvlas, groenbemesters, suikerbieten, cichorei, korrelmaïs, ccm en mks. Op basis van de resultaten van dit onderzoek worden de Aanbevelende rassenlijst voor akkerbouwgewassen, rassenbulletins en vakbladartikelen geschreven. Veldonderzoek Praktische haalbaarheid van biologische grondontsmetting Bij dit veldonderzoek werd de praktische haalbaarheid van biologische grondontsmetting uitgetest op een perceel met zware klei (55% afslibbaar) en besmet met het stengelaaltje. Groene gerst en van elders aangevoerd gras werd ingewerkt met een roterende spitmachine en vervolgens afgedekt met verlijmde plastic folie. Uit dit onderzoek bleek dat de aanvoer van organisch materiaal lastig is, evenals de verdeling over het perceel. Door de ongelijkheid van het kleiperceel ontstaan er scheurtjes in de folie. De eerste stukken folie lieten al na drie weken los, waardoor de gewenste afdekperiode van zes weken niet gerealiseerd kon worden. Deze simpele proef maakt duidelijk dat de verlijming van de folie eerst verbeterd moet worden. De website is een belangrijke informatiebron voor vele akkerbouwgewassen. Het Productschap Akkerbouw is hiermee een goede virtuele weg ingeslagen. Als gebruiker kunt u kritisch reageren, zodat zaken kunnen worden aangepast voor een nog praktischer gebruik. Fundamenteel onderzoek Erwinia-vrije pootaardappelteelt, een uitdaging! In dit project wordt geprobeerd meer inzicht te krijgen in de wijze waarop pootgoed besmet raakt. Ook probeert men effectieve strategieën te ontwikkelen waarmee de problemen beheerst kunnen worden. In de periode is er veel werk verzet in verschillende richtingen, onder meer naar de vraag waar de beginbesmetting vandaan komt, wat de invloed van loofdodingsmethode en bewaring is en of chemische ontsmetting van product of machines mogelijkheden biedt. Het project heeft veel informatie opgeleverd, maar helaas nog geen concrete nieuwe oplossingen van de problematiek. Het onderzoek is dermate belangrijk voor de pootaardappelsector dat het in de periode 2009 tot en met 2012 wordt voortgezet. Overzicht projecten Een overzicht van alle projecten kunt u vinden op onze website De resultaten van het onderzoek zijn ook te vinden op en worden vaak ook nog opgenomen in de landelijke en regionale vakbladen. Ook kunt u contact opnemen met Erik Greve, tel , 16 A K K E R L A N D M A A R T

17 ONDERZOEKSBLOK KENNIS EN INNOVATIE Erik Greve: Jaarlijks 3,2 miljoen euro voor onderzoek Sector bepaalt zelf programmering praktijkonderzoek Via de PA-heffing wordt al tien jaar onderzoek gefinancierd dat bijdraagt aan praktijkgerichte oplossingen voor de akkerbouwsector. Elk jaar inventariseren we onderzoekswensen vanuit de praktijk. Dat levert circa 125 ideeën op, waarvan er zo n 15 tot 20 leiden tot een onderzoeksvoorstel, zegt Erik Greve, onderzoekscoördinator van het PA, die benadrukt dat de sector zelf invulling geeft aan het onderzoek. Proefveldspuit op op het PPO-AGV te Lelystad Vanaf 1997 timmert het Productschap Akkerbouw aan de weg met de ontwikkeling en uitvoering van een jaarlijks onderzoeksprogramma om knelpunten in de akkerbouwsector op te lossen. In 2008 besteedde het PA namens de achterban 3,2 miljoen euro aan onderzoek en kennisverspreiding. Het gaat om boerengeld en dat willen we zo goed mogelijk besteden ten gunste van de sector. Daarom kan ook iedereen zijn onderzoekswens bij het PA inleveren, stelt Greve. Wij krijgen vragen binnen van telers, studieclubs, handel en industrie, voorlichters en onderzoekers. In sommige regio s worden bijeenkomsten belegd met relevante partijen om goede ideeën boven water te krijgen. De onderzoekswensen worden eerst door vijf regionale programmeringsgroepen beoordeeld. Telers, adviseurs en het bedrijfsleven geven prioriteiten aan en samen met de onderzoekscoördinator een pre-advies. De wensen worden vooral beoordeeld op het belang voor de sector en of onderzoek kan bijdragen aan een oplossing van het vraagstuk. Uiteraard wordt ook goed afgewogen wat de uitvoering van specifieke onderzoekswensen kost en wat het kan opleveren. De landelijke gewaswerkgroepen met telers en andere betrokkenen besluiten welke wensen worden uitgewerkt tot projectideeën, die worden aanbesteed. De Commissie Teeltaangelegenheden van het PA beslist uiteindelijk over de definitieve invulling van het onderzoeksprogramma. Gezonde concurrentie De onderzoeksopdrachten worden uitgewerkt in een bestek waarop vooraf geselecteerde kennisinstellingen kunnen inschrijven. In 2008 waren dat PPO, Erik Greve, onderzoekscoördinator van PA IRS, HLB, DLV Plant, SPNA, Rusthoeve, Louis Bolk Instituut, NMI en Proeftuin Zwaagdijk. Sinds twee jaar wordt het onderzoek aanbesteed en is de koppeling met de vaste kennisorganisatie Praktijkonderzoek Plant & Omgeving (PPO) losgelaten. Een gezonde concurrentie tussen kennisinstellingen leidt tot een goede prijs-kwaliteitverhouding. De verschillen tussen offertes kunnen erg groot zijn. We kunnen het geld maar één keer investeren en daarbij streven we naar een zo goed mogelijk resultaat. Voor elk project volgen gemiddeld drie inschrijvingen. De betreffende landelijke werkgroep maakt een keuze op basis van tien criteria, waarbij kwaliteitsaspecten even zwaar wegen als kostenaspecten. Naast de onderbouwing en de omvang van de kosten en de eigen bijdrage in de kosten, letten we op de kwaliteit van het aangeboden onderzoeksvoorstel en het uitvoeringsplan en de kwaliteit van het in te zetten team. Voor een groot aantal projecten wordt co-financiering geëist. Met kweekbedrijven maken we bijvoorbeeld meerjarige afspraken over 50% co-financiering van rassenonderzoek. Als projecten zijn afgerond, zorgt de opdrachtnemer voor een verslag van de resultaten. De resultaten worden verspreid via via vakbladen, demonstraties, open dagen, lezingen en via voorlichting, handel en industrie. A K K E R L A N D M A A R T

18 ONDERZOEKSBLOK KENNIS EN INNOVATIE David Kasse is nauw betrokken bij organisatie rassenproeven: Hoe krijgt de teler het beste ras? Of het nou in printvorm is of digitaal, iedere akkerbouwer is vertrouwd met de aanbevelende rassenlijst voor akkerbouwgewassen. David Kasse speelt een belangrijke rol bij de totstandkoming van deze lijst. Als secretaris van de Commissie Samenstelling Rassenlijst en lid van de Raad voor Plantenrassen, is hij nauw betrokken bij de organisatie van de rassenproeven. Daarnaast is David binnen het productschap verantwoordelijk voor de landbouwzaaizadensector en voor vlas en hennep. Hoe moet het onderzoek worden uitgevoerd, wie dragen bij aan de financiering en uiteindelijk: welke rassen komen er op de lijst? Dat is een verantwoordelijke taak, aangezien er jaarlijks ongeveer 1 miljoen euro gemoeid is met het rassenonderzoek. Dit bedrag wordt bijeengebracht door kweekbedrijven, telers en de verwerkende industrie, die het belangrijk vinden dat er objectieve cijfers beschikbaar zijn. Vanzelfsprekend is het collectieve cultuur- en gebruikswaardeonderzoek (CGO) niet. Kasse: Op dit moment is het zo dat het CGO voor akkerbouwgewassen wettelijk verplicht is voor een periode van twee jaar. Omdat dit te weinig is voor een goede aanbeveling hebben we met z n allen afgesproken dat we er een derde jaar aan vastplakken. De kosten van dit derde jaar, maar ook van de eerste twee jaar van het onderzoek, komen voor rekening van het bedrijfsleven. De Nederlandse overheid vindt een wettelijk voorgeschreven CGO niet meer van deze tijd. De opvatting is dat op dit punt de markt zijn werk moet doen. Op dit moment worden in Brussel de regels voor de handel in zaaizaad geëvalueerd. Het bedrijfsleven is over het algemeen redelijk tevreden, ook met het wettelijk voorgeschreven CGO. Ook de overheden van de meeste lidstaten denken daar zo over, daarom verwacht ik niet dat de wettelijk basis voor het onderzoek zal verdwijnen. Spannende vraag is nu: blijf je het er als sector over eens dat het gezamenlijk gefinancierde CGO dé manier is om de beste rassen bij de boer te krijgen? Goede cijfers op de rassenlijst zijn het vertrekpunt voor de succesvolle introductie van een nieuw ras A K K E R L A N D A K K E R L A N D David Kasse over de rassenlijst voor akkerbouwgewassen Kleine gewassen Tot nu toe wordt die vraag voor de meeste landbouwgewassen positief beantwoord. Alleen voor aardappelen is het CGO tot twee jaar teruggebracht. In de aanbevelende rassenlijst worden de aardappelen daarom niet meer genoemd. Voor de andere gewassen geldt dat een aanbeveling op de rassenlijst heel belangrijk is. Je ziet het ook terug in de advertenties van de zaaizaadbedrijven; goede cijfers op de rassenlijst zijn het vertrekpunt voor de succesvolle introductie van een nieuw ras, aldus Kasse. Voor sommige kleine landbouwgewassen vindt er niet ieder jaar rassenonderzoek plaats. Dit is afhankelijk van de wensen van het bedrijfsleven. Wat dat betreft hebben we als productschap een belangrijke rol. We zijn het platform voor het bedrijfsleven. Als de wil er is om collectief onderzoek te doen, dan kunnen we dat realiseren. Ook voor kleinere gewassen zoals vlas, cichorei en groenbemesters. 18 A K K E R L A N D M A A R T

19 ONDERZOEKSBLOK KENNIS EN INNOVATIE Geschikte rassen voor de Nederlandse landbouw Rassenonderzoek is bedoeld om in het grote aanbod van nieuwe rassen van landbouwgewassen juist die rassen op te sporen die geschikt zijn voor de Nederlandse landbouw. Het gaat in dit onderzoek om de cultuur- en de gebruikswaarde, met andere woorden: om de eigenschappen die belangrijk zijn voor de teler - denk hier bijvoorbeeld aan ziektegevoeligheid, opbrengst - en eigenschappen die belangrijk zijn voor de verwerker of de eindgebruiker, zoals het suikergehalte van bieten, het vezelgehalte van vlas of de brouwkwaliteit van gerst. Rassenproefveld uien Door het onderzoek collectief te organiseren, krijgt de boer de objectieve informatie die nodig is om het ras te kiezen dat voor zijn omstandigheden het beste is. Vanwege het grote belang van een juiste rassenkeuze ligt aan het rassenonderzoek voor landbouwgewassen dat in de EU wordt uitgevoerd ook een wettelijke basis ten grondslag. Zaaizaad of pootgoed van een ras mag alleen in de handel komen als het ras het rassenonderzoek in één van de lidstaten met goede resultaten heeft afgesloten. Rassenonderzoek in Nederland In Nederland wordt aan het rassenonderzoek invulling gegeven door middel van een samenwerkingsverband tussen overheid en bedrijfsleven, waarin de overheid enkele jaren geleden overigens wel een stapje terug heeft gedaan. De uitgave van de Aanbevelende Rassenlijst voor Landbouwgewassen, een boekje dat jaarlijks verschijnt, gebeurt nu volledig onder verantwoording van het landbouwbedrijfsleven. Hiervoor is de Commissie Samenstelling Aanbevelende Rassenlijst (CSAR) opgericht. Daarin werken LTO-Nederland, Plantum NL, de organisatie van de zaaizaadbranche en het Productschap Akkerbouw samen. Adrie Bossers, akkerbouwer te Langeweg, heeft als teler namens LTO-Nederland zitting in de Commissie. Aad van Elsen, directeur van Plantum NL vertegenwoordigt de kwekers. Voorzitter is Matthé Elema, secretaris van het Productschap Akkerbouw. De Commissie Samenstelling Aanbevelende Ras- senlijst beslist formeel over de samenstelling van de rassenlijst. Deskundigen uit het bedrijfsleven bereiden de beslissingen inhoudelijk voor. Dit gebeurt in zeven gewaswerkgroepen. Met het rassenonderzoek is jaarlijks circa 1 miljoen euro gemoeid. Kweekbedrijven, telers en soms ook de verwerkende industrie, brengen dit bedrag bijeen. De bijdrage van telers komt uit de akkerbouwheffingen van het Productschap Akkerbouw. De Aanbevelende Rassenlijst geeft informatie over de rassen van de belangrijkste landbouwgewassen. Dit gebeurt op basis van driejarig onderzoek. De eerste twee jaar van dit onderzoek zijn wettelijk voorgeschreven, het derde jaar is nodig om een aanbeveling te kunnen doen die gestoeld is op voldoende cijfermateriaal. Er is één uitzondering: de aardappel. Ook voor dit gewas wordt rassenonderzoek uitgevoerd, maar dat onderzoek duurt slechts twee jaar. Om die reden vind je in de Aanbevelende Rassenlijst dan ook geen aanbevelingen van aardappelrassen. Wat nog meer? Behalve dat er jaarlijks een Aanbevelende Rassenlijst uitkomt, wordt ook tussentijds informatie over nieuwe rassen verspreid. Dit gebeurt in persberichten, waarin per gewas bekend gemaakt wordt welke rassen worden aanbevolen. Deze persberichten zijn te vinden op Daarnaast verschijnen er rassenbulletins waarin ook informatie is opgenomen over de rassen die nog in onderzoek zijn. Deze bulletins zijn te vinden op Ook voor uien vindt er collectief rassenonderzoek plaats. Dit gebeurt geheel op vrijwillige basis, omdat uien tot de groentegewassen wordt gerekend. Voor groenten geldt in de EU geen wettelijke verplichting tot rassenonderzoek. Omdat er bij uientelers behoefte is aan objectieve informatie over uienrassen, participeert het productschap ook in de financiering van rassenonderzoek voor dit gewas. Onlangs zijn er, onder meer op verzoek van het productschap, afspraken gemaakt om het rassenonderzoek voor uien zo veel mogelijk te bundelen, zodat er één aanbevelende lijst van uienrassen komt. Voor meer informatie kunt contact opnemen met David Kasse, tel , A K K E R L A N D M A A R T

20 ONDERZOEKSBLOK KENNIS EN INNOVATIE Volgens Arjan Kuijstermans kan de aansluiting tussen theorie en praktijk beter Het Actieplan gaat gestaag door Het Actieplan Aaltjesbeheersing is in 2005 gestart vanuit de wens van de sector om aaltjesproblemen aan te pakken. Steeds meer percelen raakten besmet met aaltjes, aldus Kuijstermans. Oorzaken hiervan waren onder meer klimaatverandering, de daarmee gepaard gaande langere groeiseizoenen, het intensievere gebruik van de bodem met krappere rotaties, uitwisseling van percelen en de regeling die grondontsmetting nog slechts één maal in de vijf jaar toestaat. Het Actieplan heeft inmiddels veel bereikt, maar we zijn er nog lang niet. In 2009 staat ons dus weer een hoop te doen. Peen met schade van Melo Hapla Zo heeft de Aaltjesadviescommissie (AAC) van het Actieplan zich tot doel gesteld komend jaar samen met de laboratoria meer lijn te brengen in de wijze waarop zij uitslagen van aaltjesonderzoek terugkoppelen naar de teler. Kuijstermans: Elk laboratorium doet dit nu op zijn eigen manier. Het is voor telers en adviseurs lastig om de verschillende uitslagen te interpreteren. In die onderzoeksuitslagen moet meer uniformiteit komen. Als teler wil je weten: heb ik te veel aaltjes op mijn perceel, of niet? Als je de onderzoeksuitslag die je terugkrijgt van het lab niet juist kunt interpreteren, dan heb je nog geen antwoord op die vraag. Om de uitslag goed te kunnen interpreteren, moet je weten wat de schadedrempel is, maar die drempel verschilt per aaltje en per gewas. Nog lang niet van elk aaltje kennen we de precieze schadedrempel, of verschillen de meningen daarover, zegt Kuijstermans. Hierin moet meer lijn komen. In de brochure Schadewijzer is hier een begin mee gemaakt voor vrijlevende- en wortelknobbelaaltjes. A K K E R L A N D Het is voor telers en adviseurs lastig om de verschillende uitslagen te interpreteren A K K E R L A N D Bedoeling is dat daar een vervolg op komt voor meer aaltjes, met extra informatie over waar die schadedrempels nu liggen en welke factoren daarop van invloed zijn. Zo kun je aan de hand van de Arjan Kuijstermans, beleidsmedewerker onderzoek monsteruitslag de schaderisico s zo goed mogelijk inschatten. Van theorie naar praktijk Ander doel van het Actieplan is de doorstroom van onderzoeksresultaten naar de praktijk te bevorderen. Kuijstermans: Nu is de aansluiting tussen theorie en praktijk vaak niet optimaal, dat is jammer. Aangezien adviseurs de schakel vormen tussen onderzoekers en telers, is er voor gekozen ze twee keer per jaar samen te brengen met de onderzoekers in de Kenniskring Topadviseurs. Elke keer worden er dan één of meerdere aaltjes bij de kop gevat. De vraag hoe interpreteren we de beschikbare kennis over aaltjes met elkaar en hoe komen we daarmee tot de beste adviezen? zal telkens centraal staan. De onderzoekers praten de adviseurs bij, en de adviseurs koppelen de informatie die ze uit de praktijk hebben verkregen weer terug naar de onderzoekers. Het Actieplan gaat in 2009 gestaag door op de ingeslagen weg. Planning is om meer samen te gaan werken met de sectoren vollegrondsgroenten en bollen, aldus Kuijstermans. Verder gaan we natuurlijk gewoon door met onderzoek en het publiceren van praktische folders voor de telers. 20 A K K E R L A N D M A A R T

Pootgoedvermeerdering zetmeelaardappelen

Pootgoedvermeerdering zetmeelaardappelen Pootgoedvermeerdering zetmeelaardappelen Project in opdracht van HPA Ing. K.H. Wijnholds en Ir. J.A. Booij Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Akkerbouw, Groene

Nadere informatie

Gewasbeschermingsplan 2011

Gewasbeschermingsplan 2011 Gewasbeschermingsplan 2011 Bedrijfsnaam + naam Adres Postcode Woonplaats Telefoon Wie voert spuitwerkzaamheden uit? Mob. Telefoon in eigen beheer Fax door derden / loonwerk E-mail 1. Gewassen Ha Ha Conservenerwten

Nadere informatie

Precisiesysteem verdelgt aardappelplanten in bietenveld

Precisiesysteem verdelgt aardappelplanten in bietenveld Om besmetting met Phytophthora te voorkomen Precisiesysteem verdelgt aardappelplanten in bietenveld Een winderige dag in juni 2009. Op een weggetje tussen bietenvelden bij Wageningen staan ongeveer twintig

Nadere informatie

Stomp 400 SC. BASF Nederland B. V., Divisie Agro WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT. Toelatingsnummer 10766 N W.22 Productgroep: herbicide Formulering:

Stomp 400 SC. BASF Nederland B. V., Divisie Agro WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT. Toelatingsnummer 10766 N W.22 Productgroep: herbicide Formulering: Stomp 400 SC Toelatingsnummer 10766 N W.22 Productgroep: herbicide Formulering: suspensie concentraat Werkzame stof: 400 g/l pendimethalin Verpakking: 10 x 1 l en 2 x 10 l Gevarenaanduidingen: WAARSCHUWING

Nadere informatie

Consultancy duurzaam gebruik van meeldauwmiddelen

Consultancy duurzaam gebruik van meeldauwmiddelen Consultancy duurzaam gebruik van meeldauwmiddelen DLV Plant Postbus 7001 6700 CA Wageningen Agro Business Park 65 6708 PV Wageningen T 0317 49 15 78 F 0317 46 04 00 In opdracht van: Begeleidende groep

Nadere informatie

RAPPORT. Gevoeligheid van aardappelrassen voor schade door stengelaaltje (Ditylenchus dipsaci) Ing. Egbert Schepel

RAPPORT. Gevoeligheid van aardappelrassen voor schade door stengelaaltje (Ditylenchus dipsaci) Ing. Egbert Schepel RAPPORT Gevoeligheid van aardappelrassen voor schade door stengelaaltje (Ditylenchus dipsaci) Ing. Egbert Schepel rapport 711 project 9071 december 2010 RAPPORT titel Gevoeligheid van aardappelrassen voor

Nadere informatie

ONTWERP. Verordening van het Productschap Akkerbouw van 2009, houdende vaststelling bestemmingsheffing

ONTWERP. Verordening van het Productschap Akkerbouw van 2009, houdende vaststelling bestemmingsheffing VERGADERING : BESTUUR DATUM : 13 NOVEMBER 2008 AGENDAPUNT : 10 BIJLAGE : 26 Lett: AF no. JBA ONTWERP HEFFINGSVERORDENING PA INLANDS GRAAN 2009 Verordening van het Productschap Akkerbouw van 2009, houdende

Nadere informatie

400 g/l pendimethalin

400 g/l pendimethalin Stomp 400 SC Toelatingsnummer 10766 N W.14 Productgroep: herbicide Formulering: suspensie concentraat Werkzame stof: 400 g/l pendimethalin N: Milieugevaarlijk Waarschuwingszinnen: 50/53 Zeer vergiftig

Nadere informatie

Bijlage A. Stikstofgebruiksnormen behorende bij artikel 28 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet

Bijlage A. Stikstofgebruiksnormen behorende bij artikel 28 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet Bijlage A. Stikstofgebruiksnormen behorende bij artikel 28 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet Gewas Klei Zand/löss en Veen 2006 2007 2008 2009 2006 2007 2008 2009 Grasland (kg N per ha per jaar)

Nadere informatie

Inhoudsopgave PA jaarverslag 2009 2

Inhoudsopgave PA jaarverslag 2009 2 20 09 J a a r v e r s l a g Jaarverslag 2009 Inhoudsopgave 2 Inhoudsopgave Voorwoord 5 Organisatie 7 Missie en doelstellingen 7 Code goed bestuur product- en bedrijfschappen 8 Communicatie 9 Bedrijfsvoering

Nadere informatie

Jaarverslag 2010. Secretariaat tuchtgerechten Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie. Instituut voor Agrarisch Recht Postbus 245 6700 AE WAGENINGEN

Jaarverslag 2010. Secretariaat tuchtgerechten Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie. Instituut voor Agrarisch Recht Postbus 245 6700 AE WAGENINGEN Jaarverslag 2010 Secretariaat tuchtgerechten Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie Instituut voor Agrarisch Recht Postbus 245 6700 AE WAGENINGEN Voorwoord Voor u ligt het jaarverslag 2010 van het secretariaat

Nadere informatie

1. Discussie loopt vast: partijen wijzen naar elkaar, de argumenten naar zichzelf

1. Discussie loopt vast: partijen wijzen naar elkaar, de argumenten naar zichzelf Hoe trek je een discussie vlot? van zorgen naar veranderbare situaties in de Phytophthora case Wat doe je als partijen met elkaar in gesprek proberen te komen maar het lukt niet echt, of er komt niets

Nadere informatie

Schadewijzer. Vrijlevende- en wortelknobbelaaltjes in de akkerbouw

Schadewijzer. Vrijlevende- en wortelknobbelaaltjes in de akkerbouw Schadewijzer Vrijlevende- en wortelknobbelaaltjes in de akkerbouw Inhoudsopgave: 1. Inleiding schadedrempels... 2 2. Verschillende vormen van schade... 2 3. Factoren die van invloed zijn op schade... 3

Nadere informatie

Veelgestelde vragen Digitale aangifte pootaardappelen

Veelgestelde vragen Digitale aangifte pootaardappelen In het aangifteprogramma bevindt zich ook een uitgebreide Handleiding. (Klik hieronder met uw linker muisknop op een categorie/vraag) Veelgestelde vragen over stap 1 Voorregistratie stammen Veelgestelde

Nadere informatie

DE KEURING VAN POOTAARDAPPELEN

DE KEURING VAN POOTAARDAPPELEN DE KEURING VAN POOTAARDAPPELEN De omstandigheden in Nederland, zoals klimaat en grondsoort, zijn zeer geschikt voor het telen van pootaardappelen. Daarnaast is het vakmanschap van de Nederlandse telers

Nadere informatie

SPNA SPNA. Laboratorium. Directzaai. Directzaai 12-1-2011. Minimale grondbewerking in het Oldambt Ervaringen SPNA 2003 2010

SPNA SPNA. Laboratorium. Directzaai. Directzaai 12-1-2011. Minimale grondbewerking in het Oldambt Ervaringen SPNA 2003 2010 12-1-211 SPNA Stichting Proefboerderijen Noordelijke Akkerbouw: 12-1-211 Minimale grondbewerking in het Oldambt Ervaringen SPNA 23 21 Masterclass Niet-Kerende Grondbewerking Jaap van t Westeinde www.spna.nl

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 15391 4 juni 2014 Besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken, van 21 mei 2014, nr. 14087404, houdende tijdelijke

Nadere informatie

Jaarrekening 2009. - concept - Productschap Akkerbouw Stadhoudersplantsoen 12 2517 JL Den Haag Telefoon 070 370 87 08 www.productschapakkerbouw.

Jaarrekening 2009. - concept - Productschap Akkerbouw Stadhoudersplantsoen 12 2517 JL Den Haag Telefoon 070 370 87 08 www.productschapakkerbouw. - concept - Jaarrekening 2009 Productschap Akkerbouw Stadhoudersplantsoen 12 2517 JL Den Haag Telefoon 070 370 87 08 www.productschapakkerbouw.nl EG.N.10.09a 1 A.2 MANAGEMENTSAMENVATTING Resultaten op

Nadere informatie

In de Pers.. Gewasbeschermingsmiddelen

In de Pers.. Gewasbeschermingsmiddelen In de Pers Landbouwbeurs Noord en Centraal Nederland Residu problematiek kwaliteitsverbetering in peen Aaldrik Venhuizen In de Pers.. Gewasbeschermingsmiddelen Media: LANDBOUW-GIF! Paracelsus (1493-1541)

Nadere informatie

Memorandum of Understanding inzake de totstandkoming binnen Nederland van een Expert Centre voor Speciality Crops

Memorandum of Understanding inzake de totstandkoming binnen Nederland van een Expert Centre voor Speciality Crops Memorandum of Understanding inzake de totstandkoming binnen Nederland van een Expert Centre voor Speciality Crops Met dit Memorandum geven de genoemde partijen aan een Expert Centre voor Speciality Crops

Nadere informatie

Reglement Fonds Kleine Toepassingen (versie: 3.0)

Reglement Fonds Kleine Toepassingen (versie: 3.0) Reglement Fonds Kleine Toepassingen (versie: 3.0) Artikel 1. Definities: In dit reglement wordt verstaan onder: 1.1. Stichting: Stichting Kleine Toepassingen Gewasbeschermingsmiddelen, welke onder meer

Nadere informatie

Van generiek mestbeleid naar individuele verantwoordelijkheid. Harry Kager LTO Nederland

Van generiek mestbeleid naar individuele verantwoordelijkheid. Harry Kager LTO Nederland Van generiek mestbeleid naar individuele verantwoordelijkheid Harry Kager LTO Nederland Mestbeleid: schaken op vele borden Mestbeleid Nitraatrichtlijn leidend, daarnaast Kaderrichtlijn Water, Periodieke

Nadere informatie

PCC HYGIËNEPROTOCOL RINGROT 2.2 RICHTLIJNEN CENTRALE VERWERKER

PCC HYGIËNEPROTOCOL RINGROT 2.2 RICHTLIJNEN CENTRALE VERWERKER Pagina 1 van 6 PCC HYGIËNEPROTOCOL RINGROT 2.2 RICHTLIJNEN CENTRALE VERWERKER Deze code is opgesteld door de Pootaardappel Contact Commissie (PCC = samenwerkingsverband LTO-NAO). Hoewel deze code met de

Nadere informatie

Toelichting op onze. op de keuringstarieven

Toelichting op onze. op de keuringstarieven Toelichting op onze keuringstarieven Naktuinbouw stuurt aan geregistreerde bedrijven gedurende het jaar diverse typen facturen die betrekking hebben op keuringswerkzaamheden. Dit varieert onder meer van

Nadere informatie

PCC HYGIËNEPROTOCOL RINGROT 2.2 RICHTLIJNEN POOTGOEDTELER

PCC HYGIËNEPROTOCOL RINGROT 2.2 RICHTLIJNEN POOTGOEDTELER Pagina 1 van 10 PCC HYGIËNEPROTOCOL RINGROT 2.2 RICHTLIJNEN POOTGOEDTELER Deze code is opgesteld door de Pootaardappel Contact Commissie (PCC = samenwerkingsverband LTO-NAO). Hoewel deze code met de grootst

Nadere informatie

Boxer WG en aanbevelingen, 10701 N W.10 bij etiketinstructie versie 10

Boxer WG en aanbevelingen, 10701 N W.10 bij etiketinstructie versie 10 Boxer WG en aanbevelingen, 10701 N W.10 bij etiketinstructie versie 10 Wettelijk Gebruiksvoorschrift Toegestaan is uitsluitend het professionele gebruik als onkruidbestrijdingsmiddel in de volgende sgebieden

Nadere informatie

Reken af met duist in stappen

Reken af met duist in stappen Reken af met duist in stappen Zo blijft resistente duist beheersbaar Duist is een lastig onkruid in wintertarwe. Dat komt met name doordat het een directe concurrent is voor het gewas. Het ontneemt voedsel

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. De Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. De Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 6208 28 maart 2012 Besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van 21 maart 2012, nr.

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Voorwoord 7

Inhoudsopgave. Voorwoord 7 Jaarverslag 2008 Inhoudsopgave Voorwoord 7 Organisatie 9 Missie en doelstelingen 9 Code goed bestuur product- en bedrijfschappen 10 Communicatie 11 Bedrijfsvoering 12 Aanbesteding 12 Samenloop van heffingen

Nadere informatie

Gewasbeschermingsplan 2011

Gewasbeschermingsplan 2011 Preventie Gewas: Logboek 1. Grondgebonden ziekten / plagen. 2. Goed uitgangsmateriaal. 3. Rassenkeuze. 4. Bedrijfshygiëne Afdekken afvalhopen Reinigen machines 5. Aaltjes beheersstrategie. 6. Vrucht- en

Nadere informatie

GEÏNTEGREERDE TEKST (juli 2013) HEFFINGSVERORDENING PA FONDS CONSUMPTIEAARDAPPELEN 2009

GEÏNTEGREERDE TEKST (juli 2013) HEFFINGSVERORDENING PA FONDS CONSUMPTIEAARDAPPELEN 2009 GEÏNTEGREERDE TEKST (juli 2013) HEFFINGSVERORDENING PA FONDS CONSUMPTIEAARDAPPELEN 2009 Verordening van het productschap Akkerbouw van 13 november 2008 houdende vaststelling bestemmingsheffing ten behoeve

Nadere informatie

Knelpuntenrapportage nieuwe teelten

Knelpuntenrapportage nieuwe teelten Knelpuntenrapportage nieuwe teelten Rapportage van de Afzet- en Teeltknelpunten bij a) Langwerpige radicchio, b) Grootbladige spinazie, c) Salatrio, d) Wortelpeterselie C. van Wijk PPO-agv, Lelystad Praktijkonderzoek

Nadere informatie

HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN

HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN De toelating van het gewasbeschermingsmiddel wordt op basis van de volgende artikelen gewijzigd: Artikel 31, 44, 45 en 75 Verordening

Nadere informatie

Veel gestelde vragen melding grondontsmetting 28-10-2013

Veel gestelde vragen melding grondontsmetting 28-10-2013 Veel gestelde vragen melding grondontsmetting 28-10-2013 Hoe melden 1. Wat heb ik nodig om een grondontsmetting te melden? Het meldingsformulier grondontsmetting en een kaart. Beide kunt u telefonisch

Nadere informatie

Biedt de nieuwe GLB kansen voor voedergewassen? L.Tjoonk Kennisontwikkelaar ruwvoerteelt

Biedt de nieuwe GLB kansen voor voedergewassen? L.Tjoonk Kennisontwikkelaar ruwvoerteelt Biedt de nieuwe GLB kansen voor voedergewassen? L.Tjoonk Kennisontwikkelaar ruwvoerteelt Hervorming Gemeenschappelijk Europees Landbouwbeleid Toeslagrechten 2014 Betalingsrechten 2015 Nationale invulling

Nadere informatie

Preventie. 27 januari 2015

Preventie. 27 januari 2015 Preventie 27 januari 2015 Daarom 2 Agenda 3 Wat doet Aa en Maas? Wat is wat? Regelgeving Wat meten wij? Waar kan het fout gaan? Overig Samen aanpakken Oppervlakte beheergebied: 161.000 ha Aantal inwoners:

Nadere informatie

Workshop Voorjaarsproblemen

Workshop Voorjaarsproblemen Workshop Voorjaarsproblemen Hoe stel ik de juiste diagnose? Bram Hanse, Peter Wilting, Ellen van Oorschot en Marco Bom Valthermond, 24 juni 2015 Workshop Korte uitleg: hoe stel ik de juiste diagnose? Aan

Nadere informatie

Inhoudsopgave PA jaarverslag 2012 2

Inhoudsopgave PA jaarverslag 2012 2 Jaarverslag 2012 Inhoudsopgave 2 Inhoudsopgave Voorwoord 5 Organisatie 7 Activiteiten 17 Landbouwbeleid 47 Arbeid en arbeidsomstandigheden 51 Financiën 57 Bestuurlijk organogram 65 Overzicht leden bestuur

Nadere informatie

AANWIJZING AL-01 INTERNATIONAAL VERVOER ZAAIZAAD 2015

AANWIJZING AL-01 INTERNATIONAAL VERVOER ZAAIZAAD 2015 NWIJZING L-01 INTERNTIONL VERVOER ZIZD 015 De vaste commissie voor zaaizaden heeft de volgende aanwijzingen voor internationaal vervoer van zaaizaad vastgesteld. De aanwijzingen zijn per hoofdstuk als

Nadere informatie

Bedrijfsbegeleiding bij M. chitwoodi besmetting in Noord-Holland

Bedrijfsbegeleiding bij M. chitwoodi besmetting in Noord-Holland Bedrijfsbegeleiding bij M. chitwoodi besmetting in Noord-Holland Auteurs: G. W. Korthals & J.H.M. Visser Praktijkonderzoek Plant & Omgeving December 2008 Projectnummer: 32 500609 00 Dit project maakt deel

Nadere informatie

Green Deal groene gewasbescherming

Green Deal groene gewasbescherming Green Deal groene gewasbescherming Jacobijn van Etten Projectleider Green Deal Ctgb Coördinator biologische middelen 11 juni 2015 Inhoud Vergroening Begrippen Doelstelling Green Deal Werkwijze Resultaten

Nadere informatie

Vanggewas aardappel in de praktijk 2006

Vanggewas aardappel in de praktijk 2006 Vanggewas aardappel in de praktijk 2006 J. Hoek 1, F. Prins 2 1 Praktijkonderzoek Plant & Omgeving 2 Agrifirm December 2006 Projectnummer: 3250056900 Dit project maakt deel uit van het Actieplan Aaltjes-beheersing,

Nadere informatie

Gewasbeschermingsmonitor

Gewasbeschermingsmonitor Gewasbeschermingsmonitor 1. Bedrijfsgegevens en Bouwplan: Jaar Perceel Ras Bedrijf Gewas Maat Adres Zaai / plantdatum Hoeveelheid Postcode Teeltfrequentie Bodemanalyse aanwezig Woonplaats Voorvrucht Aaltjesanalyse

Nadere informatie

Akkerland. Productschap Akkerbouw: platform voor de keten

Akkerland. Productschap Akkerbouw: platform voor de keten Tijdschrift voor de Nederlandse Akkerbouw Akkerland 2010 12 Diversiteit leidt tot veerkracht 15 Masterplan mineralenmanagement 20 Regels valse meeldauw aangescherpt 27 Toekomst voor plantaardige eiwitten

Nadere informatie

Certificering Voedsel- en Voederveiligheid in de Nederlandse akkerbouw. ir. ing. A. (Bert) Waterink 24 november 2014

Certificering Voedsel- en Voederveiligheid in de Nederlandse akkerbouw. ir. ing. A. (Bert) Waterink 24 november 2014 Certificering Voedsel- en Voederveiligheid in de Nederlandse akkerbouw ir. ing. A. (Bert) Waterink 24 november 2014 Inleiding Waarom certificering Welke certificatieschema s Dekkingsgraden VVAK systeem

Nadere informatie

BASIS en Bodemkwaliteit op zandgrond:

BASIS en Bodemkwaliteit op zandgrond: BASIS en Bodemkwaliteit op zandgrond: Zoektocht naar een duurzaam bodembeheer op klei en zand Programma Bodem 5 juni 2012, Janjo de Haan en Derk van Balen Systeemonderzoek Ontwikkeling van strategieën

Nadere informatie

Productschap Akkerbouw Stadhoudersplantsoen 12 2517 JL Den Haag Telefoon 070 3708708 www.productschapakkerbouw.nl

Productschap Akkerbouw Stadhoudersplantsoen 12 2517 JL Den Haag Telefoon 070 3708708 www.productschapakkerbouw.nl Productschap Akkerbouw Stadhoudersplantsoen 12 2517 JL Den Haag Telefoon 070 3708708 www.productschapakkerbouw.nl Herziene begroting 2010 Begroting 2011 INHOUDSOPGAVE A. Algemene inleiding en managementsamenvatting

Nadere informatie

AANWIJZING ZZ-02 VERVOER, OPSLAG EN BEMONSTERING VAN ZAAIZADEN OOGST 2014

AANWIJZING ZZ-02 VERVOER, OPSLAG EN BEMONSTERING VAN ZAAIZADEN OOGST 2014 AANWIJZING ZZ-02 VERVOER, OPSLAG EN BEMONSTERING VAN ZAAIZADEN OOGST 2014 De vaste commissie voor zaaizaden heeft voor het vervoer, de opslag en de bemonstering van zaaizaden de volgende aanwijzingen vastgesteld.

Nadere informatie

Groenbemesters 2015-2016. Een vruchtbare investering

Groenbemesters 2015-2016. Een vruchtbare investering Groenbemesters 2015-2016 Een vruchtbare investering Beste akkerbouwer, Gezondheid, structuur en een goed bodemleven van de bodem verbeteren de opbrengst van teeltgewassen en hiermee ook uw bedrijfsresultaat.

Nadere informatie

Productschap Tuinbouw kennisknooppunt platform overheid op maat van de tuinbouw

Productschap Tuinbouw kennisknooppunt platform overheid op maat van de tuinbouw Productschap Tuinbouw kennisknooppunt platform overheid op maat van de tuinbouw Productschap Tuinbouw 30.000 ondernemingen De Nederlandse tuinbouw- en groensector bestaat uit een kleine 30.000 ondernemingen

Nadere informatie

inagro Code van goede praktijk bodembescherming advies organische koolstofgehalte en zuurtegraad ONDERZOEK & ADVIES IN LAND- & TUINBOUW

inagro Code van goede praktijk bodembescherming advies organische koolstofgehalte en zuurtegraad ONDERZOEK & ADVIES IN LAND- & TUINBOUW inagro ONDERZOEK & ADVIES IN LAND- & TUINBOUW Code van goede praktijk bodembescherming advies gehalte en zuurtegraad 2 Toelichting resultaten MTR_versie 2011 ORGANISCHE KOOLSTOF Organische stof en in de

Nadere informatie

DOPERWT vergelijking efficiëntie fungiciden tegen valse meeldauw

DOPERWT vergelijking efficiëntie fungiciden tegen valse meeldauw DOPERWT vergelijking efficiëntie fungiciden tegen valse meeldauw Vergelijking van de efficiëntie van fungiciden tegen valse meeldauw in groene erwt - eigen onderzoek 1 Efficiëntie van middelen tegen valse

Nadere informatie

5.2.4 Rhizoctonia. 5.2.4.3 De ziekte. In deze paragraaf wordt verwezen naar foto s. Deze kunt u vinden op de website als bijlage bij 5.2.4.

5.2.4 Rhizoctonia. 5.2.4.3 De ziekte. In deze paragraaf wordt verwezen naar foto s. Deze kunt u vinden op de website als bijlage bij 5.2.4. 5.2.4 Rhizoctonia AUTEUR EN CONTACTPERSOON: HANS SCHNEIDER De bodemschimmel Rhizoctonia solani veroorzaakt wortelbrand en wortelrot in suikerbieten. Bij zware aantasting gaan hele percelen verloren. Rotte

Nadere informatie

Spirit Fungicide Werkzame stof: Aard van het preparaat: Resistentiecode: Scan voor gebruik Toelatingsnummer: 13168N Toelatingshouder: Productname

Spirit Fungicide Werkzame stof: Aard van het preparaat: Resistentiecode: Scan voor gebruik Toelatingsnummer: 13168N Toelatingshouder: Productname Spirit Bescherming tegen onder andere vuur tijdens de groei en bloei Fungicide Werkt preventief en curatief door de combinatie van 2 actieve stoffen Ter bestrijding van schimmels in diverse teelten zoals

Nadere informatie

Raseigenschappen biologische aardappelen. Vermeerdering Biologisch Uitgangsmateriaal (VBU) KW0826 Door: Douwe Werkman

Raseigenschappen biologische aardappelen. Vermeerdering Biologisch Uitgangsmateriaal (VBU) KW0826 Door: Douwe Werkman Raseigenschappen biologische aardappelen. Vermeerdering Biologisch Uitgangsmateriaal (VBU) KW0826 Door: Douwe Werkman Inleiding In opdracht van VBU (Vermeerdering Biologisch Uitgangsmateriaal) werd in

Nadere informatie

Rol adviseur cruciaal in toekomstige (behoud van) bloembollenteelt. Agrodis 20 november 2014 Jan Bouwman Manager Duurzaamheid & Stewardship

Rol adviseur cruciaal in toekomstige (behoud van) bloembollenteelt. Agrodis 20 november 2014 Jan Bouwman Manager Duurzaamheid & Stewardship Rol adviseur cruciaal in toekomstige (behoud van) bloembollenteelt Agrodis 20 november 2014 Jan Bouwman Manager Duurzaamheid & Stewardship Zonale toelatings proces EU (Her) registratie dossier Syngenta

Nadere informatie

STICHTING VELDLEEUWERIK

STICHTING VELDLEEUWERIK TEGEARRE DJOERSAAM STICHTING VELDLEEUWERIK Stichting Veldleeuwerik is een uniek samenwerkingsverband tussen telers en verwerkende bedrijven om actief duurzame akkerbouw en -productie te stimuleren. Niet

Nadere informatie

Bestuurskamer. Wij Beatrix,.. 1 Begripsbepalingen

Bestuurskamer. Wij Beatrix,.. 1 Begripsbepalingen Bestuurskamer Ontwerp- Besluit van (datum) houdende de instelling van een hoofdbedrijfschap voor ondernemingen op het gebied van de groothandel en het bedrijf van tussenpersoon in akker- en tuinbouwproducten

Nadere informatie

AKkerbouw. VVAK: : voedsel- en voederveiligheid akkerbouw VVAK. HPA Certificeringsoverleg ir. ing. A. (Bert) Waterink

AKkerbouw. VVAK: : voedsel- en voederveiligheid akkerbouw VVAK. HPA Certificeringsoverleg ir. ing. A. (Bert) Waterink VV VVAK AKkerbouw VVAK: : voedsel- en voederveiligheid akkerbouw HPA Certificeringsoverleg ir. ing. A. (Bert) Waterink Vegaplan.be seminarie 14 november 2007 Inleiding Voorgeschiedenis (laatste 10 jaar)

Nadere informatie

- Wanneer u o rganicxseeds voor het eerst gebruikt: de postcode van uw bedrijf

- Wanneer u o rganicxseeds voor het eerst gebruikt: de postcode van uw bedrijf Instructies bij het gebruik van de databank: organicxseeds De Belgische organicxseeds databank bestaat in de drie officiële talen. Als u de Nederlandstalige versie van organicxseeds wil gebruiken moet

Nadere informatie

Gewas Plaag/ziekte Opmerkingen CEMP n.a.v. dit knelpunt Prioriteit sector 2014. Knelpuntenlijst Glasgroente

Gewas Plaag/ziekte Opmerkingen CEMP n.a.v. dit knelpunt Prioriteit sector 2014. Knelpuntenlijst Glasgroente Index ECSC knelpunt nummer Gewas Plaag/ziekte Opmerkingen CEMP n.a.v. dit knelpunt Prioriteit sector 04 07 Andijvie Pythium, phytophthora Andijvie Luis Door wegval Decis en Plenum te smal middelepakket.

Nadere informatie

Aan de slag met erosie

Aan de slag met erosie Aan de slag met erosie Ploegloze grondbewerking in beweging 2004-2006 Ing. J.G.M. Paauw Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Business-unit Akkerbouw, Groene Ruimte en Vollegrondsgroente PPO nr. 325115105

Nadere informatie

SKL keuring veld- en boomgaardspuiten en normen NEN-EN 13790-1 en 2.

SKL keuring veld- en boomgaardspuiten en normen NEN-EN 13790-1 en 2. keuring veld- en boomgaardspuiten en normen NEN-EN 13790-1 en 2. Inleiding In juli 2003 is de Europese standaard voor de keuring van gebruikte veld- en boomgaardspuiten officieel vastgesteld. (NEN EN-13790-1

Nadere informatie

Handleiding 2014 voor Unitip online Unitip extern module

Handleiding 2014 voor Unitip online Unitip extern module Handleiding 2014 voor Unitip online Unitip extern module Bestemd voor: Gebruikers die Online teeltgegevens invoeren in Agrovision. Inleiding: Met deze handleiding wordt u stap voor stap door het programma

Nadere informatie

Nieuw Kyleo MaxCel Rizolex 500 SC

Nieuw Kyleo MaxCel Rizolex 500 SC Nieuw Kyleo MaxCel Rizolex 500 SC Producten 2015 Amid-Thin W Vruchtdunningsmiddel in fruit Spuitpoeder 8 % 1-naftylacetamide Erkenningsnummer: 6011P/B Verpakking: 12 x 1 kg > > In appelbomen. Beta-Sure

Nadere informatie

Rijpaden, een systeem voor duurzaam bodembeheer

Rijpaden, een systeem voor duurzaam bodembeheer Inhoud Rijpaden, een systeem voor duurzaam bodembeheer Bert Vermeulen Ervaringen met rijpadenteelt op kleigrond Bodemvriendelijk oogsten in rijpadenteelt Actueel: minder grondbewerken in rijpadenteelt

Nadere informatie

Vergroening van de landbouw: hoe maken we stappen/ hoe maken we sprongen? Jolanda Wijsmuller, BCS

Vergroening van de landbouw: hoe maken we stappen/ hoe maken we sprongen? Jolanda Wijsmuller, BCS Vergroening van de landbouw: hoe maken we stappen/ hoe maken we sprongen? Jolanda Wijsmuller, BCS Markt trends Vraag naar veilig en duurzaam geteeld voedsel Sterkere focus op voedselkwaliteit en gezonde

Nadere informatie

landbouw en natuurlijke omgeving 2011 plantenteelt gesloten teelten CSPE KB minitoets bij opdracht 3

landbouw en natuurlijke omgeving 2011 plantenteelt gesloten teelten CSPE KB minitoets bij opdracht 3 landbouw en natuurlijke omgeving 2011 plantenteelt gesloten teelten CSPE KB minitoets bij opdracht 3 variant a Naam kandidaat Kandidaatnummer Meerkeuzevragen Omcirkel het goede antwoord (voorbeeld 1).

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) PUBLIC 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Beschikking van de Raad betreffende de

Nadere informatie

Onderzoeksverslag. Mechanische onkruidbestrijding in de mengteelt van tarwe en veldboon

Onderzoeksverslag. Mechanische onkruidbestrijding in de mengteelt van tarwe en veldboon Onderzoeksverslag Mechanische onkruidbestrijding in de mengteelt van tarwe en veldboon Titelblad Auteur: Marina de Rooij, Albert Ruben Ekkelenkamp, Michiel Sinkgraven Titel: Onderzoeksverslag Ondertitel:

Nadere informatie

Seminarie Vegaplan.be

Seminarie Vegaplan.be Seminarie Vegaplan.be Brussel, 14 november 2007 Willy Kusters 1 Grensoverschrijdende voedselveiligheid VKL-certificatieschema Stichting Pro act Wat is VKL Positionering / opbouw / werking Doelgroep Stand

Nadere informatie

Onderzoeksvoorstellen 2013. Onderzoeksvoorstellen 2013. Volledige beschrijvingen. Volledige beschrijvingen. na landelijk overleg. na landelijk overleg

Onderzoeksvoorstellen 2013. Onderzoeksvoorstellen 2013. Volledige beschrijvingen. Volledige beschrijvingen. na landelijk overleg. na landelijk overleg Onderzoeksvoorstellen 2013 Onderzoeksvoorstellen 2013 Volledige beschrijvingen na landelijk overleg Volledige beschrijvingen na landelijk overleg mei 2012 COLOFON Uitgave: Productschap Akkerbouw Redactie:

Nadere informatie

Genetisch gewijzigde aardappelen ter bestrijding van de aardappelziekte. met de medewerking van

Genetisch gewijzigde aardappelen ter bestrijding van de aardappelziekte. met de medewerking van Genetisch gewijzigde aardappelen ter bestrijding van de aardappelziekte met de medewerking van De aardappelziekte De aardappelziekte wordt veroorzaakt door Phytophthora infestans, een schimmelachtig organisme.

Nadere informatie

gehoord de Commissie voor bollen, knollen en wortelstokken van bloemgewassen, d.d. 13 februari 2007;

gehoord de Commissie voor bollen, knollen en wortelstokken van bloemgewassen, d.d. 13 februari 2007; Verordening PT heffing bestrijding Ditylenchus dipsaci oogstjaar 2007 Besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw van 27 maart 2007, houdende de vaststelling van aan telers van bloembollen op

Nadere informatie

Bedrijfskaart. Biodiverse Bloembollenteelt

Bedrijfskaart. Biodiverse Bloembollenteelt 1 DOEL De gezondheid en productie van uw gewassen hangt af van zowel techniek als van een natuurlijk evenwicht. U werkt immers met levend materiaal. In de praktijk gaat om het verzorgen van het bodemleven,

Nadere informatie

Boerenexperiment No 4 aanvulling

Boerenexperiment No 4 aanvulling Boerenexperiment No 4 aanvulling Aardappels op zware grond, aanvulling op rapport Aanvulling en Resultaten en ervaringen van de groenbemestervelden op zware klei, najaar 2012 Achtergrond De toepassing

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 18289 2 juli 2014 Besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken 24 juni 2014 nr. 14099747, houdende tijdelijke

Nadere informatie

1 Bent u bekend met het artikel problemen met buxus en mogelijke vervangers?

1 Bent u bekend met het artikel problemen met buxus en mogelijke vervangers? > Retouradres Postbus 20401 2500 EK DEN HAAG De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Prins Clauslaan 8 2595 AJ DEN HAAG Postbus 20401 2500 EK DEN HAAG www.rijksoverheid.nl/eleni

Nadere informatie

7-OI 3 o 80S a. Dit. fci _0 1 innierkrngen Afgedaan d.d.

7-OI 3 o 80S a. Dit. fci _0 1 innierkrngen Afgedaan d.d. 13 PRODUCTSCHAP AKKERBOUW t e j ::c >. Productschap \]f Tuinbouw r en Overmaas 2 2 AUG. 2013 7-OI 3 o 80S a WRO De heer H. Winteraecken Postbus 185 6130 AD SITTARD Dit LcÜu, Lee fci _0 1 innierkrngen Afgedaan

Nadere informatie

7-1-2009. Kennis- en InformatieCentrum Kleinfruit. Heino van Doornspeek stand van zaken januari 2009

7-1-2009. Kennis- en InformatieCentrum Kleinfruit. Heino van Doornspeek stand van zaken januari 2009 Heino van Doornspeek stand van zaken januari 2009 Doelen & uitgangspunten: Ontwikkelen vitaal en centraal kennissysteem met meerwaarde voor (houtig) kleinfruitsector Goede kennisontwikkeling en -doorstroming

Nadere informatie

KENNISBUNDEL. Biologische aardappelen. Mei 2013 ZIEKTEN EN PLAGEN / INSECTEN. www.dlvplant.nl TEELTTECHNISCHE ASPECTEN LOOFDODEN

KENNISBUNDEL. Biologische aardappelen. Mei 2013 ZIEKTEN EN PLAGEN / INSECTEN. www.dlvplant.nl TEELTTECHNISCHE ASPECTEN LOOFDODEN KENNISBUNDEL Biologische aardappelen Mei 2013 TEELTTECHNISCHE ASPECTEN LOOFDODEN ZIEKTEN EN PLAGEN / VIRUSZIEKTEN ZIEKTEN EN PLAGEN / PHYTOPHTHORA INFESTANS ZIEKTEN EN PLAGEN / RHIZOCTONIA SOLANI DE SMAAK

Nadere informatie

Begin op tijd met schimmelbestrijding in uien! Nieuw: Olympus

Begin op tijd met schimmelbestrijding in uien! Nieuw: Olympus Begin op tijd met schimmelbestrijding in uien! Nieuw: Olympus Vroeg beginnen is eerder winnen Uw uien verdienen de beste bescherming. Daarom is het de hoogste tijd voor een middel dat al vroeg in het groeiseizoen

Nadere informatie

Hulpmiddelen voor aanpakken ziekten en plagen

Hulpmiddelen voor aanpakken ziekten en plagen IRS Van Konijnenburgweg 24 4611 HL Bergen op Zoom The Netherlands e-mail: raaijmakers@irs.nl http://www.irs.nl Hulpmiddelen voor aanpakken Elma Raaijmakers, Bram Hanse en Peter Wilting Checklist suikerbieten

Nadere informatie

FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU

FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU DG Dier, Plant en Voeding (DG4) DIENST GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN MESTSTOFFEN SYNGENTA CROP PROTECTION N.V. POSTBUS

Nadere informatie

Equivalente maatregelen bemesting open teelten Voorstel ingediend door LTO en NAV bij het Ministerie van Economische Zaken

Equivalente maatregelen bemesting open teelten Voorstel ingediend door LTO en NAV bij het Ministerie van Economische Zaken Equivalente maatregelen bemesting open teelten Voorstel ingediend door LTO en NAV bij het Ministerie van Economische Zaken De voorgestelde equivalente maatregelen open teelten zijn: A. Opbrengstafhankelijke

Nadere informatie

Nieuwsbrief april 2014

Nieuwsbrief april 2014 Nieuwsbrief april 2014 In deze nieuwsbrief 1. Expert Centre boekt resultaten met projecten 2. Prioriteiten 2014: groen en geïntegreerd 3. Overzicht resultaten Fonds 2009-2013 4. Stand van zaken Fonds IV

Nadere informatie

Ecologisch moestuinieren

Ecologisch moestuinieren Ecologisch moestuinieren Handleiding 2008 Deze handleiding beschrijft kort de basisprincipes van ecologisch moestuinieren en illustreert deze met voorbeelden uit het moestuincomplex op het CNME-terrein.

Nadere informatie

Uitvoeringsrichtlijn Soort-Crocus

Uitvoeringsrichtlijn Soort-Crocus Het bestuur van de Stichting Bloembollenkeuringsdienst (BKD), gelet op richtlijn 98/56/EG, artikel 9 van het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de toelichting behorende bij de Landbouwkwaliteitsregeling

Nadere informatie

TV DE SCHAKEL CROP ONLINE - PERCEELREGISTRATIE VIA INTERNET

TV DE SCHAKEL CROP ONLINE - PERCEELREGISTRATIE VIA INTERNET Algemeen Met CROP online kunt u uw teeltregistratie bijhouden en direkt beschikbaar stellen aan TV DE SCHAKEL. Als u geen managementsysteem op de eigen computer heeft en/of de gegevens daarmee niet op

Nadere informatie

landbouw en natuurlijke omgeving 2010 plantenteelt open teelten CSPE BB minitoets bij opdracht 19

landbouw en natuurlijke omgeving 2010 plantenteelt open teelten CSPE BB minitoets bij opdracht 19 landbouw en natuurlijke omgeving 2010 plantenteelt open teelten CSPE BB minitoets bij opdracht 19 variant a Naam kandidaat Kandidaatnummer Meerkeuzevragen Omcirkel het goede antwoord (voorbeeld 1). Geef

Nadere informatie

Meer en beter gras van Eigen land met onze nieuwe graslandverzorgingsmachine

Meer en beter gras van Eigen land met onze nieuwe graslandverzorgingsmachine Nieuwsbrief nr.1 maart 2015 Technieken en wetgeving veranderen continu. Middels de nieuwsbrief gaan we proberen u een aantal keer per jaar op de hoogte te houden van de actualiteiten en nieuwe ontwikkelingen

Nadere informatie

AANWIJZING ZZ-13 ERKENNING VAN CERTIFICERING DOOR BEDRIJVEN 2015-2016

AANWIJZING ZZ-13 ERKENNING VAN CERTIFICERING DOOR BEDRIJVEN 2015-2016 AANWIJZING ZZ-13 ERKENNING VAN CERTIFICERING DOOR BEDRIJVEN 2015-2016 De vaste commissie voor zaaizaden heeft de volgende aanwijzingen vastgesteld voor de erkenning van certificering door bedrijven. De

Nadere informatie

Functionele AgroBiodiversiteit (FAB) voor natuurlijke plaagbeheersing

Functionele AgroBiodiversiteit (FAB) voor natuurlijke plaagbeheersing Functionele AgroBiodiversiteit (FAB) voor natuurlijke plaagbeheersing Marian Vlaswinkel Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Sector Akkerbouw, Groene Ruimte en Vollegrondsgroenten (PPO-AGV) 22 oktober 2010

Nadere informatie

KBI Accreditatiereglement voor de Centrale Opleidings- en Examencommissie

KBI Accreditatiereglement voor de Centrale Opleidings- en Examencommissie K ruisplein 25 3 014 D B Rot terdam Postbus 8 57 3000 AW Rotterdam T 010 20 6 65 5 0 F 010 213 03 8 4 info @ kbi.nl w w w. kbi.nl KBI Accreditatiereglement voor de Centrale Opleidings- en Examencommissie

Nadere informatie

BIO BASED ECONOMY WERKT!

BIO BASED ECONOMY WERKT! DEDER alternatief oliehoudend gewas Nieuwe bron van hoogwaardige olie BIO BASED ECONOMY WERKT! GROENE GRONDSTOFFEN Inhoudsstoffen INLEIDING Deder (Camelina Sativa L.), of ook wel huttentut, vals vlas of

Nadere informatie

CONTROLE EN CERTIFICERING VAN IPM

CONTROLE EN CERTIFICERING VAN IPM CONTROLE EN CERTIFICERING VAN IPM Om na te gaan of de professionele gebruiker van gewasbeschermingsmiddelen voldoet aan de toepassing van de richtlijnen, werd een checklist opgesteld waarbij snel nagegaan

Nadere informatie

Themadag granen 2016. CGO: rassenonderzoek in nieuw perspectief. Ton Wouda commercieel manager akkerbouw Limagrain Nederland

Themadag granen 2016. CGO: rassenonderzoek in nieuw perspectief. Ton Wouda commercieel manager akkerbouw Limagrain Nederland Themadag granen 2016 CGO: rassenonderzoek in nieuw perspectief Ton Wouda commercieel manager akkerbouw Limagrain Nederland Wintertarwe-areaal 2016 in hectare Gemiddelde tarweopbrengst ton/hectare Tarwe-oogst

Nadere informatie

HOOFDLIJNENAKKOORD WATERZUIVERING IN DE GLASTUINBOUW

HOOFDLIJNENAKKOORD WATERZUIVERING IN DE GLASTUINBOUW HOOFDLIJNENAKKOORD WATERZUIVERING IN DE GLASTUINBOUW LTO Glaskracht Nederland, Nederlandse Stichting voor Fytofarmacie (Nefyto), Unie van Waterschappen (UvW), Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG),

Nadere informatie

MLHD onkruidbestrijding in suikerbieten. ing. K.H. Wijnholds en ing.h.w.g. Floot, PAV-NNO

MLHD onkruidbestrijding in suikerbieten. ing. K.H. Wijnholds en ing.h.w.g. Floot, PAV-NNO MLHD onkruidbestrijding in suikerbieten Door: ing. K.H. Wijnholds en ing.h.w.g. Floot, PAV-NNO Inleiding MLHD betekent Minimum Letale Herbicide Dosering. De MLHD-methode stelt akkerbouwers in staat om

Nadere informatie

Handboek snijmaïs. 1 Inleiding 1.1 Herkomst en introductie maïs... 7 1.2 Arealen... 7 1.3 Rasontwikkelingen... 8 1.4 Gebruiksvormen van maïs...

Handboek snijmaïs. 1 Inleiding 1.1 Herkomst en introductie maïs... 7 1.2 Arealen... 7 1.3 Rasontwikkelingen... 8 1.4 Gebruiksvormen van maïs... 1 Inleiding 1.1 Herkomst en introductie maïs... 7 1.2 Arealen... 7 1.3 Rasontwikkelingen... 8 1.4 Gebruiksvormen van maïs... 10 6 1 Inleiding Na gras is snijmaïs het belangrijkste gewas voor de melkveehouderij.

Nadere informatie