U-dialogen in het onderwijs - vergroten gevoel van welbevinden en veiligheid bij leerlingen - Tussenrapportage

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "U-dialogen in het onderwijs - vergroten gevoel van welbevinden en veiligheid bij leerlingen - Tussenrapportage 2011-2012"

Transcriptie

1 U-dialogen in het onderwijs - vergroten gevoel van welbevinden en veiligheid bij leerlingen - Tussenrapportage APS: Monique Sanders, Alice Vlottes, Rosa Njoo en Ada van der Hoeven RUG: Femke Munniksma en René Veenstra

2 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1. Aanleiding project Inleiding Contact is de basis... 3 Hoofdstuk 2. Theory U De kracht van het contact Het U-model Gespreksvelden... 6 Hoofdstuk 3. Onderzoeksvragen... 8 Hoofdstuk 4. De U-Interventies... 9 Hoofdstuk 5. Methoden, resultaten en conclusies Kwantitatief onderzoek Kwalitatief onderzoek Eindconclusies Aanbevelingen

3 Hoofdstuk 1. Aanleiding project 1.1 Inleiding Leraren hebben de hele dag te maken met interactie met hun leerlingen. Die interacties gaan over het algemeen over de leerstof, gedrag en opdrachten. Zodra zich ingewikkeld of lastig gedrag voordoet in de klas, schatten leraren in een oogwenk de situatie in, wegen verschillende opties af en komen tot actie. Zij krijgen elke werkdag zoveel gedrag op zich af waarover zij beslissingen dienen te nemen, dat zij heel goed zijn (geworden) in het in actie komen. Veel interventies leiden tot het gewenste resultaat. Als de interventies niet leiden tot het gewenste resultaat, wordt er voor andere maatregelen gekozen. Een standaardoplossing, gebaseerd op routine en routes die in de school zijn afgesproken, is de verwijzing naar de teamleider of zorgcoördinator. Scheiding tussen zorg en veiligheid Een leerling met aanhoudende gedragsproblemen komt, zeker wanneer daarbij de veiligheid van anderen in het geding is, terecht in een traject van confronteren, corrigeren en sanctioneren. Als het gaat om veiligheid (bijvoorbeeld agressief gedrag) en het lukt het lerarenteam niet om het gedrag van de leerling te veranderen, dan loopt het vervolgtraject veel meer richting directieleden. De leerling met een hulpvraag komt terecht in een traject van aandacht en specifieke steun. De zorgsystemen in de meeste scholen zijn goed georganiseerd en opgebouwd. Bij zorgtrajecten heeft een leerling te maken met het intern zorgteam en/of het ZAT (Zorg Advies Team). Zodra problemen ingewikkelder worden, werken de bestaande routes niet altijd. De interventies helpen niet, het moeilijke/lastige gedrag blijft bestaan en het gevolg kan zijn dat het gevoel van veiligheid in de klas afneemt en dat de leraren hun handen vol (blijven) hebben aan deze leerlingen. De kwaliteit van het gesprek is de kern Veel moeilijke situaties met kinderen, pestgedrag of een onveilige sfeer blijken uiteindelijk niet op te lossen met (veiligheids)protocollen en door leerlingen buiten de klas om te helpen of te straffen. Er gaan steeds meer stemmen op om deze situaties in het primaire proces (dus in de les, met de docent) aan te pakken en op te lossen. Om Passend Onderwijs vorm te geven kiezen steeds meer scholen er voor om ook de 1 e en 2 e lijns zorg in de klas te organiseren. Er wordt verwacht dat de leraar, met alle hulp, zelf vaardiger wordt om het gesprek met de leerling aan te gaan. Over dat gesprek, tussen leerling en leraar, gaat dit onderzoek. 1.2 Contact is de basis Met het R&D-project 'Zorg en Veiligheid' wil het Ministerie van Onderwijs Cultuur & Wetenschappen de kwaliteit van het gesprek tussen leerlingen en leraar centraal stellen. Wij verwachten dat de mate waarin de leraar in staat is om een pedagogisch hoogwaardige relatie aan te gaan met leerlingen een cruciale factor is. De verwachting is dat door écht contact te maken met kinderen, de veiligheid op school toeneemt en het pestgedrag afneemt. 3

4 Hoofdstuk 2. Theory U 2.1 De kracht van het contact Veel leraren, maar ook schoolleiders of zorgprofessionals, weten niet altijd wat het beste is voor leerlingen waar ze een moeizaam contact mee hebben. Velen bekruipt regelmatig een gevoel van onvermogen. Alle zorgroutes zijn gelopen en de afspraken met ouders, mentoren en teamleiders zijn gemaakt en toch verbetert de kwaliteit van de relatie tussen leraar en leerling niet. Wegduiken of meespelen De kwaliteit van het gesprek staat centraal in dit project. En daarmee ook met de relatie. Moeilijke situaties vragen om een open houding van kind en leraar; een houding waarin ruimte en rust is om samen te leren en te ontdekken waar mogelijkheden en oplossingen liggen. Wie het aandurft om zich te bewegen naar 'de moeilijkheid' toe, in plaats van ervan weg te kijken, brengt een nieuwe dynamiek op gang. Dit onderzoek gaat over de tegenbeweging durven maken in het contact. Had de leraar eerder de neiging de oplossing zelf al voorhanden te hebben, nu wordt het tijd om eerst contact te maken met de situatie, met de leerling en met hemzelf. Dit vraagt van de leraar om de onzekerheid van het nietweten op te zoeken in plaats van hem te omzeilen. Professionele onzekerheid De verwachting is dat de 'professionele onzekerheid' waarmee de leraar dan het contact met de leerling aangaat, de relatie verzacht waardoor beiden, leraar en leerling, weer kunnen aanvoelen wat er leeft en speelt en samen nieuwe wegen kunnen bewandelen. Daarmee bewegen beiden in eerste instantie op een onzeker pad waar overleg nog geen vaststaande uitkomst heeft en de leraar zich als mens laat leiden door oplossingen die in contact met de leerling ontstaan. Voor docenten die over het algemeen gericht zijn op snelle analyses en snelle oplossingen is dit een spannende zoektocht. Het verdragen van het niet-weten en contact houden met de leerling, maar ook met jezelf, is een spannend proces. Dit contact betekent niet dat er geen grenzen worden aangegeven, integendeel. Het gaat erom dat de leraar bijvoorbeeld bij jongens erkent dat het een natuurlijk en dus gezond fenomeen is dat jongens grenzen opzoeken en er dus overheen zullen gaan. De leraar die in contact is met zichzelf geeft die grenzen aan. Als de leraar kan onderzoeken en tegelijk het contact kan houden met zijn leerlingen en zichzelf, is dit de sleutel om opnieuw van mens tot mens met elkaar in relatie te komen staan. 2.2 Het U-model De onderzoeksmethodiek is gebaseerd op het U-model. Het U-model is ontwikkeld door Otto Scharmer en uitgewerkt in het lijvige boek Theorie U. Dit model heeft zich in veel veranderkundige domeinen al bewezen, maar is binnen het onderwijs nog minder bekend. Deze methodiek kan medewerkers op school handvatten bieden om eerst de observerende fase (contact maken, oordelen opzij zetten, luisteren, analyseren) te doorlopen om vervolgens met de betrokkenen nieuwe oplossingen te ontwikkelen en tot actie over te gaan. Het U-model biedt hiermee mogelijkheden om leraren, zorgprofessionals en schoolleiding een groter potentieel aan oplossingen 4

5 aan te laten boren. Het U-model geeft handvatten om op verschillende niveaus contact te maken, gesprekken te voeren en te luisteren. Theorie U Theorie U biedt een werkmodel om de bestaande situaties en werkelijkheid op een andere manier te bezien. Het U-model is gebaseerd op verschillende fases die in een proces doorlopen worden. De eerste drie fases zijn achtereenvolgens gericht op een andere manier van kijken, voorbijgaan aan bestaande paradigma's en vooronderstellingen, en op zoek gaan naar het samenhangende geheel. De vierde fase is gericht op verandering van de bestaande situatie. Vanuit die transformatie worden de drie daaropvolgende fases uitgewerkt: een toekomst waarin geleerd is van dit proces en opnieuw op zoek gaan wordt naar oplossingen zoals die zich aandienen. Theorie U biedt een interessante visie op de werkelijkheid en een eclectisch perspectief op leren en verandering. Rotondedenken De meeste leertheorieën zijn gebaseerd op leren vanuit het verleden. Dit wordt de reactieve manier van leren genoemd, waarbij de wereld beschouwd wordt vanuit bekende beelden en perspectieven. Voor de voorkomende problemen heeft men eens een effectieve oplossing gevonden en de menselijke neiging is om steeds die oplossing te gebruiken. Dit heet ook wel: rotondedenken, omdat men door deze manier van handelen telkens weer op dezelfde plek terecht komt. Einstein had al het inzicht: Er is geen groter teken van krankzinnigheid dan telkens hetzelfde doen en dan denken dat er wat anders uitkomt. De mens is geneigd standaardoplossingen te vinden voor specifieke situaties en diskwalificeert andere interpretaties van de werkelijkheid en beperkt zich daarmee tot de werkelijkheid zoals hij die kent. 5

6 Blinde vlek Het onbewust inzetten van oplossingen, patronen en reacties vanuit het verleden zonder te onderzoeken of ze in de huidige werkelijkheid relevant en toepasbaar zijn, noemt Otto Scharmer in zijn boek Theorie U de 'blinde vlek'. Juist het op zoek gaan naar de 'blinde vlek' is op zoek gaan naar verandering. Otto Scharmer probeert een manier van luisteren te identificeren die het mogelijk maakt de blinde vlek waar te nemen. Het zien en ervaren van deze blinde vlek is essentieel in het in gang zetten van diepgaande veranderingen. Wat anders is dan de traditionele manier van kijken is het loslaten van 'wat je weet'. Anders gezegd:, ook al dient zich als vanzelf een bekende oplossing aan, toch is het van belang hier afstand van te nemen om andere mogelijkheden te onderzoeken. In dit onderzoek is dat de stap van denken naar doen onderzoeken, het herhalen van gewoontes en (standaard) oplossingen vervangen door het opnieuw bekijken van de situaties en daarover in gesprek gaan met leerlingen en andere betrokkenen. In het U-model wordt dat het proces van de niveaus van dieper leren genoemd. Het besef van bewustzijn en het op zoek gaan naar de diepere niveaus van leren zal het besef van de eigen bijdrage aan het grotere geheel en de oplossing doen toenemen. De processen die beschreven worden in het U- model zijn zowel van toepassing op individuele als op collectieve processen. 2.3 Gespreksvelden De interventie die karakteristiek is voor dit onderzoek, is die van het gesprek. In het U-model is het gesprek de belangrijkste en meest voor de hand liggende bron om met de ander en elkaar in contact te komen. De wijze waarop het gesprek gevoerd wordt heeft gevolgen voor de uitkomst ervan. Het veld van contact dat de leraar durft neer te zetten in zijn/haar relatie met de leerling, draagt bij aan de kwaliteit van die relatie en daarmee aan het gevoel van welbevinden bij de leerling en zijn/haar medeleerlingen. Gesprekken zijn de belangrijkste interactiebron in dit leven. De wijze waarop gesprekken worden gevoerd, zegt iets over de wijze waarop mensen de relatie aangaan met anderen. Een gesprek zegt iets over de kwaliteit van het intermenselijk contact. Vanuit Theorie U zijn er gesprekken op verschillende niveaus te voeren. Elk van die niveaus geeft een andere contactrelatie aan en een andere dynamiek. De vier gespreksvelden zijn: 1. Downloaden: het gesprek voeren vanuit de gedachte wat de ander wil horen zonder dat de gesprekspartnerzegt wat hij denkt/voelt Dit gesprek is een formele standaard waarbij men volgens bepaalde regels gegevens uitwisselt. De deelnemers praten aardig tegen elkaar. Zij zijn beleefd en gaan voorzichtig met elkaar om. Deelnemers zeggen niet echt tegen elkaar wat ze denken en voelen. Tijdens het luisteren vullen zij voor de ander in. 6

7 Het gesprek gaat uit van bestaande conventies en beleefdheidsregels. 2. Debat: het gesprek voeren vanuit wat de gespreksdeelnemer denkt Het kenmerk van dit gesprek is dat de deelnemers openlijk zeggen wat ze voelen en denken. De toon van het gesprek is er één van confrontatie. De deelnemers vereenzelvigen zich met hun standpunt. Er wordt geluisterd naar de ander, maar de ander is altijd de tegenhanger van het eigen perspectief. De deelnemers denken vooral in tegenstellingen. De regels worden ondergeschikt gemaakt aan het belang en onderwerp van het gesprek, dus dat betekent dat de deelnemers in het belang van het onderwerp de beleefdheid laten varen als dat nodig is. 3. Dialoog: het gesprek voeren vanuit wat beide gespreksdeelnemers nodig hebben Dit gesprek is gericht op het overbruggen van verschillende denkbeelden en zienswijzen van mensen. Durven veranderen van inzicht is één van de dingen die gebeuren tijden een dialoog. Deelnemers luisteren empathisch naar elkaar. Het eigen denkbeeld wordt als deel van het geheel gezien; evenals de oplossing die de deelnemers voorstaan. Het karakter van het gesprek is onderzoekend en hierdoor ontstaan nieuwe inzichten. 4. Presencing: spreken vanuit dat wat 'nieuw' is De deelnemers voeren het gesprek vanuit stilte en het continu in contact zijn met elkaar en daarin ontstaat wat nieuw is. Dit gesprek is eigenlijk geen gesprek maar een constant in contact zijn om met elkaar te onderzoeken en te ervaren waar een gezamenlijke toekomst is. Vanuit een onderlinge verbondenheid en een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid scheppen deelnemers nieuwe kaders voor de toekomst. Alle deelnemers nemen op gelijkwaardige wijze deel aan het gesprek. Zelfs hete hangijzers en beladen onderwerpen zijn geen taboe meer. Persoonlijke kwaliteit Naast de kwaliteit van het voeren van een gesprek is een belangrijk gegeven in dit onderzoek dat de relatie tussen leraar en leerling in de school een gezagsrelatie is. Juridisch gezien is de relatie niet gelijkwaardig. Bepalend voor het contact in het gesprek zijn de persoonlijke kwaliteiten van de leraar. Deze kwaliteiten zijn essentieel voor het gesprek. Vandaar dat het belangrijk is dat de leraar zich bewust is van de gespreksvelden en zijn rol hierin. In de training krijgen leraren een richtlijn in handen waarmee ze zowel hun eigen proces als de interactie tussen hen en de leerling leren benoemen. Daarnaast leren ze ruimer kijken; zij ervaren wat de ruimte van de oplossingen is en waar hun eigen 'blinde vlek' zich bevindt. 7

8 Hoofdstuk 3. Onderzoeksvragen Dit project wil de volgende vraag beantwoorden: In welke mate en hoe dragen de interventies (tools) op basis van het U-model bij aan (verhoogt) het gevoel van veiligheid én welbevinden in de klas volgens leerlingen en leraren? Dit is onder te verdelen in de volgende deelvragen: In welke mate voelen leerlingen en leraren zich veilig in de klas vóór de interventies? Wat is de mate van schoolwelbevinden van leerlingen en leraren vóór de interventies? In welke mate voelen leerlingen en leraren zich veilig in de klas na de interventies? Wat is de mate van schoolwelbevinden van leerlingen en leraren na de interventies? In welke mate is er sprake van een effect op gevoel van veiligheid én welbevinden bij leerlingen en leraren? In hoeverre en welke eventuele effecten zijn indirect/direct toe te schrijven aan (onderdelen van) het interventietraject? 8

9 Hoofdstuk 4. De U-Interventies Om helderheid te krijgen over de opzet van de interventies verdelen we de uitleg in 2 niveaus: 1. Leerlingniveau: wat merkten de leerlingen die meededen van de interventies 2. Docenten- en schoolniveau: wat was er voor nodig om de interventies op leerlingniveau voor elkaar te krijgen? Ad 1. Op leerlingniveau De leerlingen die meededen aan de interventies hadden 2 gesprekken van minuten met één van hun docenten. Voor de leerlingen waren dit willekeurige docenten uit hun docententeam. De docenten vroegen hen of ze mee wilden werken aan de gesprekken om henzelf beter te laten worden in gesprektechnieken en de relatie met de betreffende leerling te verbeteren/versterken. De docent droeg thema s aan waarover het gesprek ging, soms hadden docenten de leerlingen van tevoren gevraagd waarover de leerling graag wilde spreken. Deze gesprekken vonden plaats in de periode van december april Er waren bij deze gesprekken vreemden aanwezig (APS ers); zij waren in het gesprekken de coach van de docenten Ad 2. Op docenten- en schoolniveau Docenten deden vrijwillig mee aan het traject. Bij de start van het project wisten de docenten niet of ze aan de pilotgroep of controlegroep zouden deelnemen. De docenten werden per tweetal gekoppeld aan de onderzoeksklassen. Elke docent koos in de klas waarbij hij was ingedeeld drie leerlingen waarmee hij de relatie wilde verbeteren of versterken. Over deze leerlingen vulde hij een vragenlijst in over de sterkte van de relatie met deze leerlingen. Alle leerlingen van alle deelnemende klassen vulden een vragenlijst in over welbevinden en veiligheid. Na het invullen van de vragenlijsten door de leerlingen werden de klassen ingedeeld in pilotklassen en controleklassen (gematcht op welbevinden en veiligheid). De docenten die gekoppeld waren aan de betreffende klassen werden op deze manier automatisch ook ingedeeld in een pilot- en controlegroep. De ene helft mocht meedoen aan het traject, de andere niet. Het traject voor de pilotdocenten bestond uit: Een training van een dag over de U. Een gesprek van een half uur met elk van de drie gekozen leerlingen (in dec-jan) onder begeleiding van een coach. Er was een nabespreking na het gesprek. Wederom een gesprek van een half uur met elk van de drie gekozen leerlingen (in feb-mrt), wederom onder begeleiding van een coach. Een terugkombijeenkomst van alle deelnemende docenten van de twee scholen. Aan het eind van het traject hebben alle leerlingen van alle klassen en de docenten die meededen aan het traject wederom de vragenlijst ingevuld. Bij een aantal docenten en leerlingen is nog een interview afgenomen over de effecten en de relatie met de interventies. 9

10 Informatie over de scholen School 1: Jacobus Fruytier Scholengemeenschap Plaats: Uddel Schoolsoort: vmbo-havo-vwo (onderbouw) Aantal leerlingen op de locatie: ruim 600 Traject uitgevoerd in de volgende leerjaren/niveaus: 1 t/m 3 vmbo (lwoo t/m TL) Aantal deelnemende docenten: 16 Aantal deelnemende klassen: 8 School 2: CSV, Het Perron Plaats: Veenendaal Schoolsoort: praktijkonderwijs en vmbo Aantal leerlingen op de locatie: ruim 1000 Traject uitgevoerd in de volgende leerjaren/niveaus: 3 vmbo (B, K, GT) + praktijkonderwijs Aantal deelnemende docenten: 10 Aantal deelnemende klassen: 9 10

11 Hoofdstuk 5. Methoden, resultaten en conclusies Op twee manieren zijn er data verzameld om antwoord te krijgen op onze vraag: in welke mate en hoe dragen de interventies (tools) op basis van het U-model bij aan (verhoogt) het gevoel van veiligheid én welbevinden in de klas volgens leerlingen en leraren? 1. Kwantitatief m.b.v. leerlingen- en docentenvragenlijsten. Dit onderdeel is uitgevoerd door de RUG. 2. Kwalitatieve interviews bij leerlingen en docenten. 5.1 Kwantitatief onderzoek Voor het onderzoek zijn in oktober 2011 vragenlijsten afgenomen op drie scholen voor voortgezet onderwijs. Oktober 2011 vormde hiermee de voormeting voor de evaluatie van het effect van interventies met het U-model op het welbevinden en het veiligheidsgevoel van de scholieren. Gedurende de interventieperiode is één school afgevallen, waardoor de interventie uitgevoerd werd met scholieren van twee scholen: het Jacobus Fruytier College (Uddel) en Het Perron (Veenendaal). De interventies op deze scholen hebben plaatsgevonden in de periode maart-april. In mei kregen de scholen wederom vragenlijsten toegezonden. Deze tweede meting diende als nameting om het effect van de interventies met het U-model vast te stellen. Op het Jacobus Fruytier College hebben acht klassen meegedaan. Dit waren bij de voormeting in totaal 167 scholieren. Van deze 167 scholieren hebben 163 scholieren de vragenlijst daadwerkelijk ingevuld en teruggestuurd bij de voormeting. Van de 165 scholieren die mee konden doen aan de nameting hebben 148 scholieren een vragenlijst terug gestuurd. Op Het Perron hebben twaalf klassen meegedaan. In totaal ontvingen 232 scholieren een vragenlijst. 212 scholieren hebben een ingevulde vragenlijst teruggezonden bij de voormeting. Bij de nameting werden 219 vragenlijsten teruggestuurd. De gemiddelde leeftijd in de data is 15.2 (sd=1.1) en 43.3% is een meisje. Op basis van de teruggestuurde vragenlijsten zijn voor iedere klas som-scores berekend over het schoolwelbevinden, de prevalentie van pesten en de waardering die de leerlingen gaven aan de docenten. Door deze gemiddelde klassenscores samen te nemen ontstond een rangordening van klassen, lopend van een laag (negatief) gemiddeld klassenklimaat tot een hoog (positief) gemiddeld klassenklimaat. Vervolgens is uit iedere twee opvolgende klassen één klas ingeloot in de controleconditie en één klas ingeloot in de U-model conditie. Dit resulteerde in vier U-model klassen op het Jacobus Fruytier College en zes U-model klassen op Het Perron. Vervolgens zijn uit deze U-modelklassen enkele leerlingen geselecteerd waarmee de docenten door middel van de U-gesprekken de relatie wilden verbeteren. Op het Jacobus Fruytier College heeft dit geresulteerd in een selectie van 24 U-leerlingen (waarvan 1 leerling van school is gegaan) en op Het Perron heeft dit geresulteerd in zes U-leerlingen. Naast de dataverzameling bij leerlingen hebben de docenten ook een korte vragenlijst ingevuld. Deze vragenlijst ging over hoe docenten de relatie ervaren met enkele gekozen leerlingen. Van iedere klas werden ongeveer drie docenten benaderd en gevraagd met welke twee tot vier leerlingen ze de relatie wilden verbeteren. Over deze leerlingen hebben ze in november een vragenlijst ingevuld en in mei hebben ze dezelfde vragenlijst weer ingevuld. In totaal zijn er over 54 leerlingen een vragenlijst ingevuld bij zowel de voor- als nameting. Van deze 54 leerlingen hebben er 26 meegedaan aan de U- gesprekken, de andere 26 vormden de controlegroep. 11

12 Leerlingen vragenlijst Het invullen van de vragenlijsten gebeurde binnen een enkel lesuur in het klaslokaal. De vragenlijsten werden uitgedeeld en weer ingenomen door de betreffende docent. De vragenlijst bestond uit zes onderdelen: schoolwelbevinden, coping stijlen (i.e., omgaan met lastige situaties), sociale relaties met leeftijdsgenoten, pesten, relatie met de docenten en achtergrond kenmerken van de leerling. In de vragenlijst komen voornamelijk twee typen vragen voor. Ten eerste zijn dit stellingen waarbij scholieren aan moet geven in hoeverre ze het eens of oneens zijn met de stelling. Ten tweede zijn dit vragen over klasgenoten en docenten, waarbij klasgenoten of docenten gekozen moeten worden die het beste bij de vraag passen. De vragen in de vragenlijsten meten gezamenlijk verschillende theoretische concepten. De gemeten constructen worden hieronder besproken. School- en klasklimaat Het school- en klasklimaat is gemeten aan de hand van een schaal bestaande uit zeven items. De zeven items bestaan uit stellingen waarbij de scholieren aan moesten geven in hoeverre ze de stelling van toepassing vonden. De stellingen die gebruikt zijn in deze schaal zijn: de sfeer in de klas is goed; ik voel me veilig in de klas; het is in onze klas normaal om elkaar te helpen; ik ben tevreden met de sfeer op school; op school hoor ik erbij zoals ik ben; ik voel me op mijn gemak in de klas; ik word gerespecteerd op school. De antwoordschaal liep van 1= Nee, dat is niet zo tot 4=Ja, dat is altijd zo. Een verkorte versie van deze vragen is eerder gebruikt en valide gebleven (Kärnä et al., ) Van deze zeven items is een schaal gemaakt door de items bij elkaar op te tellen en daarvan het gemiddelde te nemen. Indien een scholier tenminste op drie van de zeven stellingen antwoord heeft gegeven is er een schaalscore berekend (T1α= 0.83 en T2α= 0.84). Academisch zelfconcept Het academisch zelfconcept bestaat uit twee onderdelen: gevoel van bekwaamheid en gevoel van autonomie. Het academisch zelfconcept is gemeten aan de hand van zeven stellingen waarbij de scholieren aan moesten geven in hoeverre ze het eens waren met de stellingen. De antwoordschaal liep van 1=Nee, dat is niet zo tot 4= Ja, dat is altijd zo. De zeven stellingen luidden: leren vind ik leuk; ik wil graag veel nieuwe dingen weten en leren; volgens mij doe ik het goed op school; ik denk dat ik een slimme leerling ben; ik kan mijn aandacht goed bij mijn werk houden; ik ben één van de beste leerlingen van mijn klas; ik kan zelfstandig werken, zonder dat ik steeds aanwijzingen krijg. Een verkorte versie van deze schaal is gebruikt in onderzoek van Kärnä et al. (2011). Het gemiddelde van de somscore van de zeven items is genomen om een schaalscore te berekenen (T1α= 0.76 en T2α= 0.82). Copingstijlen In de vragenlijst stonden 12 mogelijkheden over hoe de leerlingen omgaan met lastige situaties. De leerlingen werden gevraagd hoe vaak ze bepaald gedrag vertoonden. De antwoordcategorieën liepen van 1=nooit tot 4=vaak. Er worden vier verschillende copingstijlen onderscheiden: actieve coping, vermijdende coping, steunzoekende coping en afleidende coping. De gebruikte items komen uit het meetinstrument Children s Coping Strategies Checklist- Revision 1 (CCSR-1) (Center Prevention Research, 1 Bron waarin de vragen over schoolwelbevinden eerder is gebruikt: Kärna, A., Little, T. D., Voeten, M., Poskiparta, E., Kaljonen, A. en Salmivalli, C. (2011). A large-scale evaluation of the KiVa antibullying program: Grades 4-6. Child Development, 82, 1,

13 1999) 2. Een factoranalyse over de twaalf vragen bevestigt dat er vier factoren onderscheiden kunnen worden. In onderstaande tabel zijn de vier copingstijlen en bijhorende vragen gegroepeerd. De laatste kolom geeft de betrouwbaarheid van het meetinstrument weer. Tabel 1: Verschillende copingstijlen Stijl Vraag Betrouwbaarheid Actieve coping Probeerde ik zelf om het op te lossen T1 α= 0.62en T2 α=0.70 Zei ik tegen mezelf dat het wel weer goed zou komen Dacht ik na over waarom het is gebeurd Dacht ik na voordat ik iets aan het probleem deed Vermijdende coping Probeerde ik uit de buurt te blijven van het probleem T1 α=0.57 en T2 α=0.60 Vergat ik het gewoon Probeerde ik het te negeren Steunzoekende coping Vertelde ik aan mensen hoe ik me voelde over het T1 α=0.75 en T2 α=0.81 probleem Praatte ik met iemand die kon helpen met wat je moest doen Besprak ik met anderen hoe ik graag het probleem zou willen oplossen Afleidende coping Ging ik iets anders doen, zoals sporten, skaten of fietsen T1 r=0.39 en T2 r=0.42 Ging ik een videospel spelen, een boek lezen of muziek luisteren Bij T1 paste het item Probeerde ik zelf om het op te lossen minder goed in de actieve coping schaal: r<0.3. Pesten In de vragenlijst zijn diverse vragen opgenomen over pesten. Er zijn vier belangrijke vragen te onderscheiden. Ten eerste is er een vraag die de prevalentie van pesten meet. Na een uitleg over de definitie van pesten moesten de respondenten aangeven hoe vaak ze de afgelopen maanden gepest werden. De antwoordmogelijkheden liepen van 1=ik ben niet gepest tot 5= ik ben meerdere keren per week gepest. Een tweede vraag is waar het pesten zich voordoet. Hierbij konden de scholieren kiezen uit 10 locaties en hadden ze de mogelijkheid om zelf een locatie in te vullen indien de locatie waarop ze gepest werden niet in de lijst stonden. Ten derde werd er gevraagd wie diegenen waren door wie iemand gepest werd. Antwoordmogelijkheden bij deze vraag waren: klasgenoten, leerlingen uit andere klassen, klasgenoten maar ook door leerlingen uit andere klassen en geen leerlingen van deze school. Tenslotte is een vraag gesteld of de scholieren zelf wel eens pesten. De antwoordcategorieën liepen van 1= ik heb niet gepest tot 5=ik heb meerdere keren per week gepest. Netwerkvragen: beste vrienden, onaardig, pester, pestslachtoffer Voor het meten van de sociale relaties zijn peer nominaties gebruikt. Om de sociale relaties te meten is iedere leerling gevraagd aan te geven: Welke klasgenoten zijn je beste vrienden, welke klasgenoten vind je niet leuk, wie begint altijd met jou pesten, welke klasgenoten pest jij zelf wel eens?. Iedere leerling heeft een lijst met namen van alle klasgenoten gekregen. De leerling kon bij iedere vraag steeds de naam/namen van de leerlingen aanvinken die van toepassing waren bij de vraag. Op basis van deze vragen zijn indegrees berekend. Deze scores geven aan door hoeveel andere leerlingen een bepaalde leerling genomineerd werd voor iedere vraag. Tevens zijn hiervan 2 Center Prevention Research (1999). Manual for the children s coping strategies and the how I coped under pressure scale. Prevention Research Center. Arizona State University. Geraadpleegd 22 juli 2011 via: 13

14 proportiescores berekend door het aantal nominaties te delen door het aantal leerlingen in de klas. Heeft bijvoorbeeld leerling A een hoge score (indegree) op beste vrienden dan betekent dit dat deze persoon veel beste vrienden heeft in de klas. Heeft leerling B een hoge score op pester dan betekent dat de leerling veel nominaties heeft gekregen op de vraag Wie begint altijd met jou te pesten?. Relaties met docenten Iedere leerling kreeg acht vragen over de relatie met de docenten voorgelegd. De leerlingen kregen een lijst met de namen van de docenten waarvan ze les hadden en konden daarop docenten aanvinken die van toepassing waren bij de verschillende vragen. Dit waren vragen als: Welke docenten helpen jou als er iets is, welke docent kan jij echt vertrouwen, welke docent begrijpt jou goed?. Alvorens deze vragen geanalyseerd konden worden zijn nominatiescores berekend. Deze zijn berekend door voor iedere leerling te berekenen hoeveel docenten hij/zij nomineerde. Door het aantal nominaties te delen door het aantal docenten is een proportiescore berekend, waarbij hogere scores staan voor een positievere relatie met (meer)docenten. Bijvoorbeeld: heeft een leerling een hoge score op begrip dan betekent dit dat de leerling zich begrepen voelt door veel docenten. Daarnaast is ook de som van alle acht vragen genomen om iets algemeens te kunnen zeggen over de relatie die leerlingen met docenten hebben. Hierdoor is een nieuwe schaal gecreëerd die aangeeft hoe de leerling de relatie met de docenten in het algemeen beoordeelt. Deze schaal is intern consistent (T1α= 0.86 en T2α= 0.89). Docentenvragenlijst In de docenten vragenlijst zijn drie concepten gemeten: de mate van nabijheid, de mate van conflict, en algemene waardering die de docenten geven aan de relatie met de leerlingen. Het invullen van deze vragenlijst duurt bij drie leerlingen ongeveer 25 minuten. De vragen zijn grotendeels gebaseerd op een verkorte en vertaalde versie van de Student teacher Relationship Scale (STRS). Nabijheid De nabijheid met de leerling is gemeten door de docent vier stellingen voor te leggen. De docent moest aangeven in hoeverre hij de stelling van toepassing vond op een vijf-puntsschaal lopend van 1=zeker niet van toepassing tot 5=zeker van toepassing. De stellingen luidden: als deze leerling verdrietig is dan zoekt hij/zij troost bij mij; deze leerling vertelt me spontaan dingen over zichzelf; ik voel gemakkelijk aan wat deze leerling voelt; deze leerling spreekt vrijuit over gevoelens en ervaringen met mij. De schaal is intern consistent, wat duidt op een hoge betrouwbaarheid (T1α= 0.81 en T2α= 0.86). Conflict De mate van conflict met de leerling is gemeten aan de hand van vier stellingen. Ook hier kon de docent antwoorden op een vijf-puntsschaal lopend van 1=zeker niet van toepassing tot 5=zeker van toepassing. De volgende stellingen werden voorgelegd: deze leerling en ik lijken altijd te ruziën met elkaar; deze leerling wordt gemakkelijk kwaad op mij; deze leerling vindt dat ik hem/haar oneerlijk behandel; als deze leerling slecht gehumeurd is, weet ik dat het een lange en moeilijke dag wordt. Ook deze schaal is intern consistent (T1α=0.88 en 0.83 ). Relatie met leerling De relatie met de leerling is gemeten door vier vragen samen te nemen in een schaal. Deze vragen waren: hoe vaak voelt u zich bekwaam/competent door het gedrag van deze leerling in de klas? Hoe vaak voelt u zich kwaad/boos door het gedrag van deze leerling in de klas? Hoe vaak voelt u zich 14

Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success

Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success Leercentrum Nijmegen Oberon, november 2012 1 Inleiding Playing for Success heeft, naast het verhogen van de taal- en rekenprestaties van de

Nadere informatie

Rosa Njoo Femke Munniksma Monique Sanders Ada van der Hoeven Iris Meljes Birgit Telkamp. Schoolrapportage project U&ME - Groenhorst College

Rosa Njoo Femke Munniksma Monique Sanders Ada van der Hoeven Iris Meljes Birgit Telkamp. Schoolrapportage project U&ME - Groenhorst College Rosa Njoo Femke Munniksma Monique Sanders Ada van der Hoeven Iris Meljes Birgit Telkamp Schoolrapportage project U&ME - Groenhorst College Schoolrapportage project U&ME De impact van Theorie U-dialogen

Nadere informatie

Een Positieve Klas resultaten Duhamel College Den Bosch

Een Positieve Klas resultaten Duhamel College Den Bosch Een Positieve Klas resultaten Duhamel College Den Bosch Mentoren van Duhamel College Den Bosch (vmbo) hebben het programma Een Positieve Klas in het schooljaar 2011-2012 uitgevoerd met eerste en tweede

Nadere informatie

Arrangement 1 De Luisterthermometer

Arrangement 1 De Luisterthermometer Arrangement 1 De Luisterthermometer DEEL 2 De medewerker Naam: Organisatie: Manager: Datum: Luisterprincipe 2 Luisteren is geven 2.1 Gehoord zijn Je hebt de afgelopen weken vast een keer met je manager

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Dit proefschrift gaat over de invloed van inductieprogramma s op het welbevinden en de professionele ontwikkeling van beginnende docenten, en welke specifieke kenmerken van inductieprogramma s daarvoor

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek leerlingen. Produs Praktijkonderwijs

Tevredenheidsonderzoek leerlingen. Produs Praktijkonderwijs leerlingen Produs Praktijkonderwijs Juni 2013 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 1 Inleiding... 3 1.1 Kader... 3 1.2 Doelstelling tevredenheidsonderzoek... 3 1.3 Methode van onderzoek... 3 2 Onderzoek tevredenheid

Nadere informatie

Inhoud. Hallo!...5. Wie is wie? Even voorstellen...7. Wat is mijn PrOP? PrOP opstellen Doelen voor mijn PrOP...19

Inhoud. Hallo!...5. Wie is wie? Even voorstellen...7. Wat is mijn PrOP? PrOP opstellen Doelen voor mijn PrOP...19 Inhoud Hallo!...5 Wie is wie? Even voorstellen...7 Wat is mijn PrOP?...9 1 PrOP opstellen...11 2 Doelen voor mijn PrOP...19 Ik verander mijn P!...23 3 Leren van anderen: het sociogram...25 4 Omgaan met

Nadere informatie

HELP, IK WORD GEPEST, WAT NU????

HELP, IK WORD GEPEST, WAT NU???? HELP, IK WORD GEPEST, WAT NU???? In het kort Als je gepest wordt ga dan naar je mentor. Als je het moeilijk vindt je mentor in vertrouwen te nemen, ga dan naar je favoriete docent, juniormentor of de vertrouwenspersoon

Nadere informatie

De invloed van inductie programma's op beginnende leraren

De invloed van inductie programma's op beginnende leraren De invloed van inductie programma's op beginnende leraren Op basis van door NWO gefinancierd wetenschappelijk onderzoek heeft Chantal Kessels, Universiteit Leiden in 2010 het proefschrift 'The influence

Nadere informatie

Relaties. HDYO heeft meer informatie beschikbaar over de Ziekte van Huntington voor jongeren, ouders en professionals op onze website: www.hdyo.

Relaties. HDYO heeft meer informatie beschikbaar over de Ziekte van Huntington voor jongeren, ouders en professionals op onze website: www.hdyo. Relaties HDYO heeft meer informatie beschikbaar over de Ziekte van Huntington voor jongeren, ouders en professionals op onze website: www.hdyo.org Relaties kunnen een belangrijke rol spelen bij het omgaan

Nadere informatie

Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw

Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw Dit document beschrijft kort de bevindingen uit het onderzoek over biseksualiteit van het AmsterdamPinkPanel.

Nadere informatie

Effectmeting onder leerlingen en leraren 2014-2015

Effectmeting onder leerlingen en leraren 2014-2015 Effectmeting onder leerlingen en leraren 2014-2015 Gegevens meting leraren Respons : 45 leraren, 21 mannen & 24 vrouwen Scholen : Blariacum College (Venlo) Summa College (Eindhoven) Vakcollege Tilburg

Nadere informatie

Stellingen en normering leerlingvragenlijst

Stellingen en normering leerlingvragenlijst Stellingen en normering leerlingvragenlijst Expertsysteem ZIEN! voor het primair onderwijs 3.0 oktober 2014 ZIEN! is een product van, in samenwerking met ParnasSys ZIEN!PO leerlingvragenlijst 3.0 Stellingen

Nadere informatie

Leerlingtevredenheidsonderzoek

Leerlingtevredenheidsonderzoek Rapportage Leerlingtevredenheidsonderzoek De Meentschool - Afdeling SO In opdracht van Contactpersoon De Meentschool - Afdeling SO de heer A. Bosscher Utrecht, juni 2015 DUO Onderwijsonderzoek drs. Vincent

Nadere informatie

Enkele gegevens evens over jezelf en de school:

Enkele gegevens evens over jezelf en de school: VEILIGHEID VRAGENLIJST LEERLINGEN Een belangrijke taak voor de school is te zorgen dat leerlingen zich prettig en veilig voelen. Dat lukt niet altijd. Bijvoorbeeld, omdat er soms wordt gediscrimineerd

Nadere informatie

Verbindingsactietraining

Verbindingsactietraining Verbindingsactietraining Vaardigheden Open vragen stellen Luisteren Samenvatten Doorvragen Herformuleren Lichaamstaal laten zien Afkoelen Stappen Werkafspraken Vertellen Voelen Willen Samen Oplossen Afspraken

Nadere informatie

Protocol gedrag. Recht op veiligheid Iedere leerling heeft recht zich veilig te voelen in de klas en in de school.

Protocol gedrag. Recht op veiligheid Iedere leerling heeft recht zich veilig te voelen in de klas en in de school. Protocol gedrag Een goede school heeft geen pestprojecten nodig, of anders gezegd: doet dagelijks een pestproject, mits zij zich er steeds van bewust blijft welke processen in de groepsvorming een belangrijke

Nadere informatie

Afgesproken verdeling van de boeken over de groepen

Afgesproken verdeling van de boeken over de groepen DE KANJERTRAINING. Op de Jozefschool wordt er in alle groepen kanjertraining gegeven. Alle leerkrachten zijn gecertificeerd. Doel van de Kanjertraining? Deze werkwijze biedt lln. kapstokken aan om beter

Nadere informatie

6.2.1 Dealen met afleiding onderweg

6.2.1 Dealen met afleiding onderweg Stap 6: Deel 2 6.2.1 Dealen met afleiding onderweg In het tweede deel van jullie experiment ga je verder met het ondernemen van ACTies die je met de anderen hebt afgesproken te doen. Daarnaast krijg je

Nadere informatie

voor leerlingen Pesten op het werk VRAGEN EN OPDRACHTEN

voor leerlingen Pesten op het werk VRAGEN EN OPDRACHTEN voor leerlingen Pesten op het werk VRAGEN EN OPDRACHTEN Bladzijde 5 Waarom dit boekje? Lees de tekst goed. Beantwoord dan de onderstaande vragen. 1 Waar gaat het boekje over?... 2 Door wie kun je op het

Nadere informatie

Anti-pestprotocol. We werken samen aan een goede sfeer op school. Catharinaschool Wellerlooi

Anti-pestprotocol. We werken samen aan een goede sfeer op school. Catharinaschool Wellerlooi Anti-pestprotocol We werken samen aan een goede sfeer op school Catharinaschool Wellerlooi Inleiding De Catharinaschool wil haar kinderen een veilig pedagogisch klimaat bieden. Wij streven ernaar dat de

Nadere informatie

Resultaten zelfevaluatie Met Waalwijk School voor praktijkonderwijs

Resultaten zelfevaluatie Met Waalwijk School voor praktijkonderwijs Resultaten zelfevaluatie Met Waalwijk School voor praktijkonderwijs PrOZO! December 2008 Pagina 1/14 Pagina 2/14 INLEIDING De Met Waalwijk heeft een zelfevaluatie uitgevoerd in 2008, waarbij gebruik is

Nadere informatie

SCHOOLFEEDBACKRAPPORT ONDERZOEK WELBEVINDEN Bevraging van de leerlingen van het lager onderwijs

SCHOOLFEEDBACKRAPPORT ONDERZOEK WELBEVINDEN Bevraging van de leerlingen van het lager onderwijs SCHOOLFEEDBACKRAPPORT ONDERZOEK WELBEVINDEN Bevraging van de leerlingen van het lager onderwijs Aan de directeur, de leerkrachten en de leerlingen van het vierde, vijfde en zesde leerjaar van school 1

Nadere informatie

ADHD en lessen sociale competentie

ADHD en lessen sociale competentie ADHD en lessen sociale competentie Geeft u lessen sociale competentie én heeft u een of meer kinderen met ADHD in de klas, dan kunt u hier lezen waar deze leerlingen tegen aan kunnen lopen en hoe u hier

Nadere informatie

VIER EENVOUDIGE TAKTIEKEN OM LASTIGE COLLEGA S VOOR JE TE WINNEN

VIER EENVOUDIGE TAKTIEKEN OM LASTIGE COLLEGA S VOOR JE TE WINNEN E-BLOG VIER EENVOUDIGE TAKTIEKEN OM LASTIGE COLLEGA S VOOR JE TE WINNEN in samenwerken Je komt in je werk lastige mensen tegen in alle soorten en maten. Met deze vier verbluffend eenvoudige tactieken vallen

Nadere informatie

Preventie van pesten op basisscholen volgens de PRIMA antipestmethode

Preventie van pesten op basisscholen volgens de PRIMA antipestmethode Preventie van pesten op basisscholen volgens de PRIMA antipestmethode Auteurs: A. van Dorst, K. Wiefferink, E. Dusseldorp, F. Galindo Garre, M. Crone, Th. Paulussen; TNO, Leiden. Uit het in 2008 afgesloten

Nadere informatie

Wat het effect van een vraag is, hangt sterk af van het soort vraag. Hieronder volgen enkele soorten vragen, geïllustreerd met voorbeelden.

Wat het effect van een vraag is, hangt sterk af van het soort vraag. Hieronder volgen enkele soorten vragen, geïllustreerd met voorbeelden. Actief luisteren Om effectief te kunnen communiceren en de boodschap van een ander goed te begrijpen, is het belangrijk om de essentie te achterhalen. Je bent geneigd te denken dat je een ander wel begrijpt,

Nadere informatie

Samenvatting van de enquête over de screening (53 reacties)

Samenvatting van de enquête over de screening (53 reacties) Samenvatting van de enquête over de screening (53 reacties) Juni 2014 Wat is de leeftijd van je leerling? jonger dan 13 4 8 13 5 9 14 17 32 15 12 23 16 3 6 17 10 19 18 1 2 19 1 2 ouder dan 19 0 0 Is de

Nadere informatie

Samenvatting, conclusies en discussie

Samenvatting, conclusies en discussie Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit

Nadere informatie

EERLIJKE MENING: ANONIMITEIT: ONDERDELEN

EERLIJKE MENING: ANONIMITEIT: ONDERDELEN Deze vragenlijst sluit aan op de vragenlijst die je eerder hebt ingevuld over wetenschap en techniek in het basisonderwijs. Door de eerste en de tweede vragenlijst van een groep leerkrachten te vergelijken

Nadere informatie

JEUGDIGEN. Hulp na seksueel misbruik. vooruitkomen +

JEUGDIGEN. Hulp na seksueel misbruik. vooruitkomen + > vooruitkomen + Hulp na seksueel misbruik JEUGDIGEN Heb jij seksueel misbruik meegemaakt of iemand in jouw gezin, dan kan daarover praten helpen. Het kan voor jou erg verwarrend zijn hierover te praten,

Nadere informatie

3 november 2014. Onderzoek: Pesten

3 november 2014. Onderzoek: Pesten 3 november 2014 Onderzoek: Pesten 1 Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 30.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. De uitslag

Nadere informatie

Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou!

Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou! Hallo Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou Als je ouders uit elkaar zijn kan dat lastig en verdrietig zijn. Misschien ben je er boos over of denk je dat het jouw

Nadere informatie

Tevredenheid leerlingen Vmbo t Venster

Tevredenheid leerlingen Vmbo t Venster Via deze nieuwsbrief wil Quadraam, het schoolbestuur van Vmbo t Venster, alle betrokkenen inlichten over de resultaten van de enquête die gehouden is onder de leerlingen van Vmbo t Venster. Inhoud Aanpak

Nadere informatie

Leerlingtevredenheidsonderzoek De Kornalijn

Leerlingtevredenheidsonderzoek De Kornalijn De Kornalijn srapportage In opdracht van De Kornalijn december 2015 Dit rapport is opgesteld door DUO Onderwijsonderzoek in opdracht van De Kornalijn. DUO Onderwijsonderzoek drs. Vincent van Grinsven drs.

Nadere informatie

Terugkoppeling monitor subsidieregeling Versterking samenwerking lerarenopleidingen en scholen 2013-2016

Terugkoppeling monitor subsidieregeling Versterking samenwerking lerarenopleidingen en scholen 2013-2016 Terugkoppeling monitor subsidieregeling Versterking samenwerking lerarenopleidingen en scholen 2013-2016 Tussenmeting 2015 Portret samenwerkingsverband P029 Opdrachtgever: ministerie van OCW Utrecht, oktober

Nadere informatie

Het empathiequotiënt (eq)

Het empathiequotiënt (eq) Het empathiequotiënt (eq) Het empathiequotiënt (EQ) versie voor volwassenen Hoe moet deze vragenlijst ingevuld worden? In deze vragenlijst staan een aantal stellingen opgesomd. Lees elke stelling aandachtig

Nadere informatie

Sociaal netwerkadvies

Sociaal netwerkadvies Publicatiedatum: 06-08-205 Sociaal netwerkadvies Rapportage: 6 A Meting: KiVa Oktobermeting 204 In opdracht van: Contactgegevens: School ABC KiVa Grote Rozenstraat 3 972 TG Groningen 050 3639354 info@kivaschool.nl

Nadere informatie

De kwaliteit van educatieve activiteiten meten. Universiteitsmuseum Utrecht

De kwaliteit van educatieve activiteiten meten. Universiteitsmuseum Utrecht De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht Claudia de Graauw Bo Broers Januari 2015 1 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Onderzoek Leraren en pesten

Onderzoek Leraren en pesten Onderzoek Leraren en pesten 8 oktober 2015 Over het onderzoek Dit online onderzoek, in samenwerking met 7Days, werd gehouden van 29 september tot en met 6 oktober. Er deden 912 middelbare scholieren mee.

Nadere informatie

Wat je voelt is wat je denkt! De theorie van het rationeel denken

Wat je voelt is wat je denkt! De theorie van het rationeel denken Wat je voelt is wat je denkt! De theorie van het rationeel denken Mensen zoeken hulp omdat ze overhoop liggen met zichzelf of met anderen. Dit kan zich op verschillende manieren uiten. Sommige mensen worden

Nadere informatie

PESTPROTOCOL DE BOOG. Koudenhovenseweg Zuid 202 5641 AC Eindhoven T: 040-2811760 E: deboog@skpo.nl

PESTPROTOCOL DE BOOG. Koudenhovenseweg Zuid 202 5641 AC Eindhoven T: 040-2811760 E: deboog@skpo.nl PESTPROTOCOL DE BOOG Pestprotocol De Boog Dit pestprotocol heeft als doel voor De Boog: Alle kinderen moeten zich op school veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen. Door regels

Nadere informatie

3 Pesten is geen lolletje

3 Pesten is geen lolletje Na deze les kun je: het verschil tussen plagen en pesten noemen; jouw ervaringen met pesten vertellen; uitleggen hoe je pesten kunt stoppen; afspraken maken over pesten. 3 Pesten is geen lolletje Pesten

Nadere informatie

Opdracht Onderzoek in de opleiding Woensdag 15 februari 2012

Opdracht Onderzoek in de opleiding Woensdag 15 februari 2012 Opdracht Onderzoek in de opleiding Woensdag 15 februari 2012 Onderzoeksvraag: In hoeverre draagt mijn modelling bij tot kennisverbreding bij mijn studenten. Inleiding: Voor een lerarenopleider hoort het

Nadere informatie

HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL

HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL Stationsstraat 81 3370 Boutersem 016/73 34 29 www.godenotelaar.be email: directie.nobro@gmail.com bs.boutersem@gmail.com HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL 1. Het standpunt van de school: Pesten is geen

Nadere informatie

Pestactieplan Sint-Amandusschool. Anti-pestcontract op onze school

Pestactieplan Sint-Amandusschool. Anti-pestcontract op onze school Pestactieplan Sint-Amandusschool Anti-pestcontract op onze school Ik houd me aan de leefregels op onze school: Eerlijkheid bovenal! Agressie en geweld bannen we uit onze school! We tonen respect voor ieders

Nadere informatie

Theorieboek. leeftijd, dezelfde hobby, of ze houden van hetzelfde. Een vriend heeft iets voor je over,

Theorieboek. leeftijd, dezelfde hobby, of ze houden van hetzelfde. Een vriend heeft iets voor je over, 3F Wat is vriendschap? 1 Iedereen heeft vrienden, iedereen vindt het hebben van vrienden van groot belang. Maar als we proberen uit te leggen wat vriendschap precies is staan we al snel met de mond vol

Nadere informatie

Onderzoek Wel eens gepest?

Onderzoek Wel eens gepest? Onderzoek Wel eens gepest? 5 februari 2013 Over het onderzoek Aan dit online onderzoek, gehouden van 31 januari tot 05 februari 2013, deden 817 jongeren mee uit het 1V Jongerenpanel die aangeven op de

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Het aantal eerste en tweede generatie immigranten in Nederland is hoger dan ooit tevoren. Momenteel wonen er 3,2 miljoen immigranten in Nederland, dat is 19.7% van de totale

Nadere informatie

Sociaal netwerkadvies

Sociaal netwerkadvies Invuldatum vragenlijst: 27-11-2012 Publicatiedatum: Sociaal netwerkadvies Conceptrapportage klas KiVa testschool In opdracht van: Contactgegevens: Testschool Gijs Gijs Huitsing Grote Rozenstraat 31 9712

Nadere informatie

Vrienden kun je leren

Vrienden kun je leren Vrienden kun je leren Hallo! Wij zijn Reinder en Berber, en wij hebben de afgelopen maanden hard gewerkt om dit boekje te maken, speciaal voor jongeren met het syndroom van Asperger. Hieronder vind je

Nadere informatie

In gesprek gaan met ouders in verband met een vermoeden van kindermishandeling

In gesprek gaan met ouders in verband met een vermoeden van kindermishandeling In gesprek gaan met ouders in verband met een vermoeden van kindermishandeling 1. Aandachtspunten voor een gesprek met ouders i.v.m. een vermoeden van kindermishandeling: Als je je zorgen maakt over een

Nadere informatie

PESTEN OP SCHOOL ONDERZOEK STICHTING DE KINDERTELEFOON 19 SEPTEMBER 2016

PESTEN OP SCHOOL ONDERZOEK STICHTING DE KINDERTELEFOON 19 SEPTEMBER 2016 PESTEN OP SCHOOL ONDERZOEK STICHTING DE KINDERTELEFOON 19 SEPTEMBER 2016 Wil je iets meer vertellen over het pesten? Ik werd vanaf de brugklas gepest op de middelbare school. De leraren wisten het, ze

Nadere informatie

Ontdek je kracht voor de leerkracht

Ontdek je kracht voor de leerkracht Handleiding les 1 Ontdek je kracht voor de leerkracht Voor je ligt de handleiding voor de cursus Ontdek je kracht voor kinderen van groep 7/8. Waarom deze cursus? Om kinderen te leren beter in balans te

Nadere informatie

Bij pesten zijn er altijd 5 partijen: de pester, het slachtoffer, de grote zwijgende groep, de leerkrachten en de ouders.

Bij pesten zijn er altijd 5 partijen: de pester, het slachtoffer, de grote zwijgende groep, de leerkrachten en de ouders. Versie nov. 2012 Pestprotocol. Inclusief regels en afspraken binnen de school. Wat is pesten? Pesten betekent iemand op een gemene manier lastig vallen: bewust iemand kwetsen of kleineren. Het gebeurt

Nadere informatie

Tot een geloofsgesprek komen. I Ontmoeten

Tot een geloofsgesprek komen. I Ontmoeten Tot een geloofsgesprek komen I Ontmoeten Het geloofsgesprek vindt plaats in een ontmoeting. Allerlei soorten ontmoetingen. Soms kort en eenmalig, soms met mensen met wie je meer omgaat. Bij de ontmoeting

Nadere informatie

Evaluatierapport. Workshop. Bewust en positief omgaan met ADHD. Universiteit van Tilburg Forensische psychologie. 23 april 2010

Evaluatierapport. Workshop. Bewust en positief omgaan met ADHD. Universiteit van Tilburg Forensische psychologie. 23 april 2010 Evaluatierapport Workshop Bewust en positief omgaan met ADHD Universiteit van Tilburg Forensische psychologie 23 april 2010 Drs. Arno de Poorter (workshopleider) Drs. Anne van Hees (schrijver evaluatierapport)

Nadere informatie

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL KINDEREN LEKKER IN HUN VEL 1. Welkom wij zijn Karin Hallegraeff en Noelle van Delden van Praktijk IKKE Karin stelt zich voor en er komt een foto van Karin in beeld. Noelle stelt zich voor en er komt een

Nadere informatie

GIDS VOOR OUDERS. Zippy s Vrienden. Sociaal-emotioneel leren

GIDS VOOR OUDERS. Zippy s Vrienden. Sociaal-emotioneel leren GIDS VOOR OUDERS Zippy s Vrienden Sociaal-emotioneel leren PARTNERSHIP FOR Good mental health for children - for life www.zippysvrienden.nl Op onze website vindt u uitgebreide informatie over het Zippy

Nadere informatie

t Kompas School met de Bijbel Westbroek

t Kompas School met de Bijbel Westbroek t Kompas School met de Bijbel Westbroek Het protocol sociaal gedrag Het pestprotocol is een belangrijk onderdeel van het beleid van onze school. We hebben dan ook een protocol opgesteld dat op de hele

Nadere informatie

Evaluatierapport Gezond Eten en Bewegen

Evaluatierapport Gezond Eten en Bewegen Evaluatierapport Gezond Eten en Bewegen Inleiding Dit verslag is gebaseerd op 54 evaluatieformulieren die verzameld werden bij de 152 deelnemers aan de cursussen Gezond eten en bewegen (respons rate 35.5%)

Nadere informatie

Onderzoek De Lee & De Volder -> schriftelijke vragenlijst voor BaO (L4-5-6)

Onderzoek De Lee & De Volder -> schriftelijke vragenlijst voor BaO (L4-5-6) Online welbevindenvragenlijst met 28 stellingen Onderzoek De Lee & De Volder -> schriftelijke vragenlijst voor BaO (L4-5-6) - Leerlingen een stem geven bij de doorlichtingen en kwaliteitsbeleid - Zicht

Nadere informatie

Omgaan met gedrag op Basisschool De Bareel

Omgaan met gedrag op Basisschool De Bareel 1. Uitgangspunten gedrag Omgaan met gedrag op Basisschool De Bareel Schooljaar 2013 Inhoud 2. Preventief handelen om te komen tot gewenst gedrag 3. Interventies om te komen tot gewenst gedrag 4. Stappenplan

Nadere informatie

CONCEPT PESTPROTOCOL SBO DE BALANS

CONCEPT PESTPROTOCOL SBO DE BALANS CONCEPT PESTPROTOCOL SBO DE BALANS Reina Bos en Henk Versteeg 0 Inhoudsopgave: 1. Pesten op school: Hoe gaan wij er mee om? 2. Algemene voorwaarden 3. Hoe willen wij daar op De Balans mee omgaan? 4. Uitgangspunten

Nadere informatie

vragenlijst leerlingen

vragenlijst leerlingen vragenlijst leerlingen Uitslagen Vragenlijst CBS De Bernebrêge Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 3 Gegevens... 3 Schoolgegevens... 4 Periode van afname... 4 Aantal respondenten...

Nadere informatie

Werkbelevingsonderzoek 2013

Werkbelevingsonderzoek 2013 Werkbelevingsonderzoek 2013 voorbeeldrapport Den Haag, 17 september 2014 Ipso Facto beleidsonderzoek Raamweg 21, Postbus 82042, 2508EA Den Haag. Telefoon 070-3260456. Reg.K.v.K. Den Haag: 546.221.31. BTW-nummer:

Nadere informatie

Arrangement 1 De Luisterthermometer

Arrangement 1 De Luisterthermometer Arrangement 1 De Luisterthermometer DEEL 1 De manager Naam: Organisatie: Datum: Luisterprincipe 1 Luisteren begint met luisteren naar jezelf 1.1 Inventariseren van stemmen Vertel eens van een situatie

Nadere informatie

4. Wanneer pesten ondanks alle inspanningen toch weer de kop opsteekt, beschikt de school over een directe aanpak. (Zie verderop in dit protocol)

4. Wanneer pesten ondanks alle inspanningen toch weer de kop opsteekt, beschikt de school over een directe aanpak. (Zie verderop in dit protocol) ANTI PEST PROTOCOL Er gelden drie uitgangspunten: n 1. Wij gaan met respect met elkaar om. 2. Wij pesten niet. 3. Wij accepteren niet dat er gepest wordt. Pesten op school. Hoe gaan we hier mee om? Pesten

Nadere informatie

EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP. - eindrapport - dr. Marga de Weerd. Amsterdam, november 2009

EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP. - eindrapport - dr. Marga de Weerd. Amsterdam, november 2009 EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP - eindrapport - dr. Marga de Weerd Amsterdam, november 2009 Regioplan Beleidsonderzoek Nieuwezijds Voorburgwal 35 1012 RD Amsterdam Tel.: +31 (0)20-5315315

Nadere informatie

Anti-pestbeleid OBS De Schakel Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen

Anti-pestbeleid OBS De Schakel Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Anti-pestbeleid OBS De Schakel Dit ANTI-PESTBELEID heeft als doel: Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Door regels en afspraken

Nadere informatie

leerlingen sociale veiligheid

leerlingen sociale veiligheid Verslag vragenlijst voor leerlingen over sociale veiligheid juni 2011 OBS De Rolpaal Samenvatting Eens in de 2 jaar wordt er een vragenlijst afgenomen over de sociale veiligheid op school. Dit is in 2009

Nadere informatie

Leer hoe je effectiever kunt communiceren

Leer hoe je effectiever kunt communiceren Leer hoe je effectiever kunt communiceren De kracht van geweldloze communicatie Hoe vaak kom je in een gesprek terecht waarin je merkt dat je niet meer zegt wat je wilt zeggen; dat je iets doet wat de

Nadere informatie

Juni Inhoudsopgave

Juni Inhoudsopgave Pestprotocol 1 Juni 2010 Inhoudsopgave A. Pestprotocol B. Waarom een pestprotocol? C. Uitgangspunten D. Preventieve maatregelen E. Repressieve maatregelen F. De concrete pedagogische invulling Omwille

Nadere informatie

Protocol Goed gedrag is onze zorg. Onderdeel: Anti pestbeleid.

Protocol Goed gedrag is onze zorg. Onderdeel: Anti pestbeleid. Protocol Goed gedrag is onze zorg. Onderdeel: Anti pestbeleid. Een onderwijsprotocol tegen pesten houdt in dat door samenwerking het probleem van het pestgedrag bij kinderen wordt aangepakt. Hiermee willen

Nadere informatie

De volgende vragen gaan over jouw gevoel van veiligheid op school.

De volgende vragen gaan over jouw gevoel van veiligheid op school. Bureau Brekelmans heeft deze vragenlijst met zorg samengesteld. We zien dat de vragenlijst haar weg weet te vinden naar scholen die actief zoeken naar mogelijkheden om leerlingen te betrekken bij de veiligheid

Nadere informatie

informatiebrochure Faalangstreductie training (frt) Examenvreesreductie training (evt) Sociale vaardigheid training (sova)

informatiebrochure Faalangstreductie training (frt) Examenvreesreductie training (evt) Sociale vaardigheid training (sova) informatiebrochure Faalangstreductie training (frt) Examenvreesreductie training (evt) Sociale vaardigheid training (sova) Faalangstreductie training (frt) Wat is faalangst? Het zal je maar gebeuren..

Nadere informatie

Pestprotocol Versie maart 2015

Pestprotocol Versie maart 2015 Pestprotocol Versie maart 2015 Inleiding De Goudse Waarden heeft in de missie beschreven waar zij voor staat. In de missie staat dat De Goudse Waarden een scholengemeenschap is die herkenbaar wil zijn

Nadere informatie

Evaluatieverslag mindfulnesstraining

Evaluatieverslag mindfulnesstraining marijke markus spaarnestraat 37 2314 tm leiden Evaluatieverslag mindfulnesstraining 06 29288479 marijke.markus@freeler.nl www.inzichtinzicht.nl kvk 28109401 btw NL 079.44.295.B01 postbank 4898261 14 oktober

Nadere informatie

Annette Koops: Een dialoog in de klas

Annette Koops: Een dialoog in de klas Annette Koops: Een dialoog in de klas Als ondersteuning bij het houden van een dialoog vindt u hier een compilatie aan van Spreken is zilver, luisteren is goud : een handleiding voor het houden van een

Nadere informatie

IMPACTMETING VAN MONEYMATTERS

IMPACTMETING VAN MONEYMATTERS IMPACTMETING VAN MONEYMATTERS IMPACTMETING VAN MONEYMATTERS - eindrapport - Y. Bleeker MSc (Regioplan) dr. M. Witvliet (Regioplan) dr. N. Jungmann (Hogeschool Utrecht) Regioplan Jollemanhof 18 1019 GW

Nadere informatie

Index. 1. Voorwoord 2 2. Algemene Tips... 3 3. Gesprek 1.. 6 4. Gesprek 2.. 8

Index. 1. Voorwoord 2 2. Algemene Tips... 3 3. Gesprek 1.. 6 4. Gesprek 2.. 8 Index 1. Voorwoord 2 2. Algemene Tips... 3 3. Gesprek 1.. 6 4. Gesprek 2.. 8 1 1. Voorwoord Welkom bij deze handleiding. Deze handleiding is bedoeld als gids bij het identificeren van de kwaliteiten van

Nadere informatie

ASSERTIVITEIT. beter communiceren vanuit jezelf

ASSERTIVITEIT. beter communiceren vanuit jezelf ASSERTIVITEIT beter communiceren vanuit jezelf Een training van COMMUNICERENENZO Mensen zijn belangrijk. Resultaten ook Mensen zijn belangrijk en waardevol. Resultaten worden behaald dankzij mensen. Zij

Nadere informatie

schoolverlaters 2012-2013

schoolverlaters 2012-2013 schoolverlaters 20122013 Uitslagen Vragenlijst Samenwerkingsschool Emmaüs Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 3 Gegevens... 5 Schoolgegevens... 5 Periode van afname... 5 Aantal

Nadere informatie

Sollicitatiegesprekken volgens de STAR methode

Sollicitatiegesprekken volgens de STAR methode Sollicitatiegesprekken volgens de STAR methode Tijdens sollicitatiegesprekken wil je zo snel en zo goed mogelijk een kandidaat voor een openstaande functie selecteren. De STAR vragenmethode is een gedegen

Nadere informatie

Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 2012-2013

Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 2012-2013 Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 212-21 In academiejaar 212-21 namen 5 mantelzorgers en 5 studenten 1 ste bachelor verpleegkunde (Howest, Brugge) deel aan het project Mantelluisten.

Nadere informatie

Vragenlijst: Wat vind jij van je

Vragenlijst: Wat vind jij van je Deze vragenlijst is bedacht door leerlingen. Met deze vragenlijst kunnen leerlingen er zelf achter kunnen komen wat andere leerlingen van hun school vinden. De volgende onderwerpen komen langs: Sfeer op

Nadere informatie

Pestprotocol Christelijk Gymnasium Utrecht Versie 15 oktober 2014

Pestprotocol Christelijk Gymnasium Utrecht Versie 15 oktober 2014 Pestprotocol Christelijk Gymnasium Utrecht Versie 15 oktober 2014 Het pestprotocol vormt de verklaring van de vertegenwoordiging van de school en de ouders waarin is vastgelegd dat we pestgedrag op school

Nadere informatie

Solution focused tuning (SFT) instrument

Solution focused tuning (SFT) instrument Scoring mijn executieve functies Naam: Datum: Omcirkel het gekozen cijfer achter elk item. Tel de cijfers van de drie items van elke executieve functie bij elkaar en zet het aantal punten in het lichtblauwe

Nadere informatie

Dit document hoort bij de training voor mentoren blok 4 coachingsinstrumenten, leerstijlen.

Dit document hoort bij de training voor mentoren blok 4 coachingsinstrumenten, leerstijlen. Dit document hoort bij de training voor mentoren blok 4 coachingsinstrumenten, leerstijlen. Leerstijlentest van David Kolb Mensen, scholieren dus ook, verschillen nogal in de wijze waarop ze leren. Voor

Nadere informatie

Onderzoeksvraag Uitkomst

Onderzoeksvraag Uitkomst Hoe doe je onderzoek? Hoewel er veel leuke boeken zijn geschreven over het doen van onderzoek (zie voor een lijstje de pdf op deze site) leer je onderzoeken niet uit een boekje! Als je onderzoek wilt doen

Nadere informatie

1 Inleiding. 2 Pesten en plagen. 3 Aanpak van de school. 3.1 Preventieve maatregelen

1 Inleiding. 2 Pesten en plagen. 3 Aanpak van de school. 3.1 Preventieve maatregelen 1 Inleiding Pesten is een veelvoorkomend gedrag bij kinderen. Omdat wij het belangrijk vinden dat iedereen zich goed voelt op onze school, willen we het pesten preventief en concreet aanpakken. Daarom

Nadere informatie

Overall rapportage Vensters voor verantwoording Leerlingen

Overall rapportage Vensters voor verantwoording Leerlingen Overall rapportage Vensters voor verantwoording Leerlingen In opdracht van: Contactpersoon: COLLEGE HAGEVELD De heer K. Annema Utrecht, mei 2012 DUO ONDERWIJSONDERZOEK drs. Vincent van Grinsven drs. Madelon

Nadere informatie

Stap 6. Stap 6: Deel 1. Changes only take place through action Dalai Lama. Wat ga je doen?

Stap 6. Stap 6: Deel 1. Changes only take place through action Dalai Lama. Wat ga je doen? Stap 6. Changes only take place through action Dalai Lama Wat ga je doen? Jullie hebben een ACTiePlan voor het experiment gemaakt. Dat betekent dat je een nieuwe rol en andere ACTies gaat uitproberen dan

Nadere informatie

Reader Gespreksvoering

Reader Gespreksvoering Reader Gespreksvoering Achtergrondinformatie Soorten vragen Actief Luisteren Slecht nieuws Gesprek Fasen in het gesprek Soorten Vragen In een gesprek kun je verschillende soorten vragen stellen. Al je

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek. Rapportage over de tevredenheid van de jongeren die een programma volgen bij Prins Heerlijk.

Tevredenheidsonderzoek. Rapportage over de tevredenheid van de jongeren die een programma volgen bij Prins Heerlijk. Tevredenheidsonderzoek Rapportage over de tevredenheid van de jongeren die een programma volgen bij Prins Heerlijk. Stichting Buitengewoon leren & werken Prins Heerlijk Juni 2013 Stichting Buitengewoon

Nadere informatie

Beschrijving van de gegevens: hoeveel scholen en hoeveel leerlingen deden mee?

Beschrijving van de gegevens: hoeveel scholen en hoeveel leerlingen deden mee? Technische rapportage Leesmotivatie scholen van schoolbestuur Surplus Noord-Holland Afstudeerkring Begrijpend lezen 2011-2012, Inholland, Pabo-Alkmaar Marianne Boogaard en Yvonne van Rijk (Lectoraat Ontwikkelingsgericht

Nadere informatie

De Linde / Theo Thijssen. Anti-pestprotocol. Obs Drieborg

De Linde / Theo Thijssen. Anti-pestprotocol. Obs Drieborg De Linde / Theo Thijssen 2013 Anti-pestprotocol Obs Drieborg Inhoud: Inhoud blz. 1 Algemeen blz. 2 Pesten of plagen blz. 2 De signalen van het pesten blz. 3 Regels die gelden in alle groepen blz. 3 Aanpak

Nadere informatie

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten Bijlage 1: Methode In deze bijlage doen wij verslag van het tot stand komen van onze onderzoeksinstrumenten: de enquête en de interviews. Daarnaast beschrijven wij op welke manier wij de enquête hebben

Nadere informatie

Samenvatting. Interactie Informatiewaarde Werkrelevantie Totale waardering 8,6 8,7 8,7 8,6

Samenvatting. Interactie Informatiewaarde Werkrelevantie Totale waardering 8,6 8,7 8,7 8,6 Samenvatting Scores Interactie Informatiewaarde Werkrelevantie Totale waardering 8,6 8,7 8,7 8,6 Uit de opmerkingen van de deelnemers blijkt dat zij de training als leerzaam, interactief en praktijkgericht

Nadere informatie

Behandel een kind zoals die is, en het zal zo blijven. Behandel het kind zoals het kan zijn, en het zal zo worden.

Behandel een kind zoals die is, en het zal zo blijven. Behandel het kind zoals het kan zijn, en het zal zo worden. Het Kindgesprek. Behandel een kind zoals die is, en het zal zo blijven. Behandel het kind zoals het kan zijn, en het zal zo worden. 1 Inleiding. Door gesprekken met kinderen te voeren willen we de betrokkenheid

Nadere informatie