Vakbijlage Kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Vakbijlage Kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen"

Transcriptie

1 Vakbijlage Kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen Inhoudsopgave 2. Inleiding 1. De vakbijlage algemeen 2. Inleiding 3. Verloop van het onderzoek Monstername Onderzoeksmethode Technieken Interpretatie en conclusie 4. Meetonzekerheid 5. Lijst van gebruikte termen 6. Bron- en literatuurverwijzingen 1. De vakbijlage algemeen De afdeling Verdovende Middelen van het NFI voert verschillende typen onderzoek uit. De belangrijkste zijn: Identificatie van middelen die vermeld staan op één van de lijsten behorende bij de Opiumwet en de Wet voorkoming misbruik chemicaliën (Wvmc); Aantonen van sporen van drugs in of op allerlei sporendragers; Kwantitatief onderzoek; Vergelijkend onderzoek; Onderzoek naar de illegale fabricage van drugs. Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) kent een groot aantal onderzoekstypen. Normaal gesproken gaat elk onderzoeksrapport van het NFI vergezeld van een vakbijlage. Deze dient als toelichting op het onderzoek en heeft een zuiver informatief karakter. De vakbijlage geeft weer hoe en met welke technieken en hulpmiddelen een dergelijk onderzoek over het algemeen plaatsvindt. Achterin de vakbijlage is een verklarende woordenlijst opgenomen. Een overzicht van bron- en literatuurverwijzingen sluit het geheel af. Deze vakbijlage gaat nader in op kwantitatief onderzoek. De Opiumwet bevat geen bepalingen over de zuiverheid van middelen: een kilo is een kilo, ongeacht het gehalte van de bewuste substantie in een preparaat. Toch kan de aanvrager van het onderzoek niet alleen geïnteresseerd zijn in de identificatie van een stof, maar ook in de concentratie of dosering van het middel. Denk bijvoorbeeld aan de zuiverheid van poeders of de dosering in tabletten in geval van een slachtoffer. Ook als drugs zijn opgelost in vloeistoffen of geïmpregneerd in textiel kan de totale hoeveelheid verdovend middel van belang zijn. Voor het gehalte aan verdovend middel kan worden bepaald, moet de te onderzoeken stof zijn geïdentificeerd (zie de vakbijlage Identificatie van verdovende middelen).

2 3. Verloop van het onderzoek 3.1 Monstername De criteria voor het aanleveren van monsters van verdovende middelen liggen vast in de Forensisch Technische norm : Monsterneming uit verpakkingseenheden verdovende middelen t.b.v. laboratoriumonderzoek. In deze norm staat beschreven hoe monsters genomen dienen te worden voor identificatie. In de meeste gevallen zijn deze monsters eveneens geschikt voor gehaltebepalingen. Soms is het voor een onderzoek van belang om het gehalte én de totale hoeveelheid van een drug in bijvoorbeeld een partij vloeistoffen of textiel te bepalen. Dan kan de onderzoeker niet uit de voeten met alleen een monster, maar heeft hij de hele partij nodig. Vaste substanties en inhomogene vloeistoffen waarin het gehalte aan verdovend middel moet worden vastgesteld, worden eerst gehomogeniseerd. Bij geïmpregneerd textiel kan dit niet. Onderzoek aan textiel gebeurt door daar minimaal vier monsters uit te knippen, waarvan vervolgens het gemiddelde gehalte bepaald wordt. Onderzoek op de afdeling Verdovende Middelen heeft uitgewezen dat deze werkwijze een goed beeld geeft van het gehalte aan verdovend middel in textiel. placemat of het frame van een koffer is gemaakt. Een ander voorbeeld is een mengsel van brokjes cocaïne tussen gemalen pinda s als ware het bedoeld om pindasaus van te maken. Voor al deze materialen wordt per zaak een onderzoeksplan opgesteld. Hierin staat beschreven hoe het onderzoek zal plaatsvinden. 3.2 Onderzoeksmethode Uitvoering Het principe van het bepalen van het gehalte aan verdovend middel is het vergelijken van een monster met een referentiestof waarvan het gehalte bekend is. Meestal gaat dit om een stof van farmaceutische kwaliteit, bijvoorbeeld cocaïne met een vastgestelde zuiverheid van 99,9%. Eerst wordt van deze referentiestof een reeks verschillende hoeveelheden nauwkeurig afgewogen. Ook van het te onderzoeken monster wegen de onderzoekers nauwkeurig een hoeveelheid af. Zowel het monster als het referentiemateriaal worden vervolgens op dezelfde manier klaargemaakt voor analyse. Hierbij worden oplossingen verkregen die worden geanalyseerd met behulp van een onderzoekstechniek, bijvoorbeeld gaschromatografie met vlamionisatiedetector (GC-FID). Daaruit volgen meetwaarden: de instrumentele respons. De meetwaarden van de referentiereeks vertalen de onderzoekers samen met de bijbehorende gewichten in een zogenoemde kalibratielijn. De instrumentele respons is rechtevenredig met de hoeveelheid afgewogen stof. Met behulp van deze kalibratielijn en de meetwaarden wordt tenslotte het gehalte verdovend middel in het monster berekend. Deze berekeningen vinden volledig geautomatiseerd plaats. Figuur 1. Een voorbeeld van gesmokkelde cocaïne in oplossing Naast bovengenoemde voorbeelden (een verdovend middel opgelost in een vloeistof of geïmpregneerd in textiel) wordt regelmatig ander materiaal aangeboden. Soms zijn verdovende middelen verwerkt in kunststof of rubber waarvan bijvoorbeeld een Vakbijlage kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen Juli

3 respons Y 4.0 4, , , , ,0 respons 1.5 1,5 y 1.0 1, ,5 Kalibratielijn 0,111x - 0,0177 y = 0,111x - 0, , Rekenvoorbeeld Vier afgewogen verschillende hoeveelheden van de referentiestof cocaïne geven na analyse een kalibratielijn, weergegeven in Figuur 2, met de formule: y = 0,111 x - 0,0177. Daarbij is y de respons en x de afgewogen hoeveelheid. Van monster A wordt 30,0 mg afgewogen. Na analyse bedraagt de respons 2,46. Met behulp van de kalibratielijn wordt de hoeveelheid cocaïne (in mg) uitgerekend. Een respons van 2,46 komt overeen met (2,46 +0,0177) / 0,111 = 22,3 mg cocaïne. Het gehalte aan cocaïne bedraagt 22,3 / 30,0 * 100% = 74,4 %. 3.3 Technieken hoeveelheid x (mg) x (mg) Figuur 2. Kalibratielijn van de cocaïne referentiestof die de kolom verlaten doorheen geleid. Daar verbranden ze, waarbij zich ionen vormen. Die laten een kleine elektrische stroom tussen de elektroden lopen. De sterkte van deze stroom is evenredig met de hoeveelheid van de component die de kolom verlaat. Een computer registreert dit en vormt een grafiek van de stroomsterkte tegen de tijd. Deze grafiek, met pieken, heet een chromatogram. De oppervlakte van de pieken wordt automatisch berekend en is een maat voor de hoeveelheid van elke component in het monster. Vloeistofchromatografie Net als gaschromatografie is ook vloeistofchromatografie een scheidingstechniek. Het werkt volgens hetzelfde principe, alleen bestaat de mobiele fase niet uit een gas, maar uit een vloeistof. De gebruikte detector is vaak een UVdetector. Die stuurt een bundel licht met een bepaalde golflengte door de monsteroplossing. De te detecteren component absorbeert een deel van het licht, waardoor de intensiteit van de lichtbundel afneemt. Het verschil tussen de lichtintensiteit in de oplossing mét en zonder component wordt door de detector gemeten en omgezet in een signaal: de respons. Voor het uitvoeren van gehaltebepalingen bestaan verschillende onderzoekstechnieken. Voorbeelden van veel toegepaste technieken, zowel algemeen als binnen het NFI, zijn gaschromatografie met een vlamionisatiedetector (GC/FID) en vloeistofchromatografie (HPLC). Gaschromatografie Gaschromatografie is een scheidingstechniek. Scheiding berust op de verdeling van de afzonderlijke componenten in een monster over een vaste fase (een capillaire kolom) en een mobiele fase (een gas). Het te onderzoeken monster wordt in de gasfase gebracht en de componenten daarin worden onder andere gescheiden op grond van hun kookpunt. Een uitgebreide beschrijving hiervan staat in de vakbijlage Identificatie van verdovende middelen. Figuur 3. Afgewogen hoeveelheden monstermateriaal voor een gehaltebepaling Vlamionisatiedetector Een vlamionisatiedetector is een veelgebruikte detector voor organische verbindingen. In de detector brandt een waterstofvlammetje tussen twee elektroden. Hier worden de componenten Vakbijlage kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen Juli

4 Tabel 1. Voorbeelden van een aantal zouten van verdovende middelen met hun theoretisch base gehalte. Verdovend middel Zout van Percentage als zout Percentage als base Amfetaminesulfaat Amfetamine en zwavelzuur Cocaïnehydrochloride Cocaïne en zoutzuur Heroïnehydrochloride Heroïne en zoutzuur MDMA-fosfaat MDMA en fosforzuur MDMA-hydrochloride MDMA en zoutzuur Zouten en basen 3.4 Interpretatie en conclusie Een voorbeeld van een rapportage van kwantitatief onderzoek naar verdovende middelen kan zijn: Het gehalte aan heroïne in het monster bedraagt circa 34% (berekend als de base). Maar wat betekent dit eigenlijk? circa 34% Berekende gehaltes worden niet altijd gerapporteerd met cijfers achter de komma. Is voor het onderzoek alleen het totale gewicht van het verdovende middel van belang, dan bevat het gerapporteerde percentage geen decimaal. Maar bij vergelijkende onderzoeken waarin de onderzoekers de (in)homogeniteit van een partij willen beschrijven, worden de gehaltes nauwkeuriger gerapporteerd namelijk met één decimaal. Verdovende middelen worden aangeduid met een naam (heroïne) of een afkorting (MDMA). In de praktijk komen ze in verschillende fysische en chemische vormen voor. De relevante vormen die worden gerapporteerd bij kwantitatieve bepalingen, zijn zouten en basen. De zoutvorm is het resultaat van de reactie van een zuur en een base. Daardoor veranderen de eigenschappen van de stof. Een duidelijk voorbeeld is MDMA. De base van MDMA is een vloeistof en daardoor niet geschikt voor verwerking in een tablet. Door de stof te koppelen aan zoutzuur wordt het een poeder en kan het wel worden verwerkt in tabletten. Een ander voorbeeld van verandering van stofeigenschappen is de oplosbaarheid. Zouten zijn bijvoorbeeld, in tegenstelling tot basen, vaak oplosbaar in water. Dat maakt ze geschikter voor bepaalde toepassingen. Bij berekeningen van de gehaltes aan verdovende middelen wordt niet tussentijds afgerond. Aan het eind van de berekening wordt wel afgerond, meestal betekent dit een afronding naar beneden (de gunstigste waarde voor de verdachte). De toevoeging circa benadrukt dat er altijd een onzekerheid in de meetwaarde zit. (Zie 5. Meetonzekerheid) (berekend als de base) Rapportages van kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen vermelden niet alleen het gevonden gehalte. Zij beschrijven ook de vorm waarin dat gehalte is berekend: in dit geval de base (zie kader). Bij gehaltebepalingen stelt de onderzoeker altijd de vorm van het verdovende middel vast. Die vorm is van invloed op het gehalte. De zoutvorm van een verdovend middel is zwaarder dan de basevorm omdat er aan de base een zuur is gekoppeld. Het gehalte berekend als base is dus altijd lager dan het gehalte berekend als zout. Tabel 1 geeft van een aantal zouten hun theoretische gehalte als base. De afdeling Verdovende Middelen rapporteert de vorm waarin het verdovende middel is aangetroffen. Bestaat daar twijfel over, dan wordt in het rapport gekozen voor de base. De Opiumwet maakt geen onderscheid tussen basen en zouten. Vakbijlage kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen Juli

5 4. Meetonzekerheid Resultaten uit kwantitatief chemisch onderzoek zijn niet perfect. Bij elke stap in dit proces, van het afwegen tot de uiteindelijke meting, ontstaan kleine afwijkingen. De term meetonzekerheid geeft deze imperfectie weer. De afdeling Verdovende Middelen kent de meetonzekerheid van standaardbepalingen van poeders met cocaïne, heroïne, amfetamine en MDMA. Ook heeft de afdeling onderzoek gedaan naar de meetonzekerheid in vloeistoffen en textiel. Deze meetwaarden gelden onder specifieke omstandigheden en voor een bepaalde periode. Daarom worden ze periodiek bepaald en (eventueel) aangepast. De meetonzekerheid van de gehaltebepaling van cocaïne in poeders bijvoorbeeld - de meest voorkomende kwantitatieve bepaling - is voor 2009 vastgesteld op 3,7% met een betrouwbaarheid van 95% 1. Voor cocaïne geïmpregneerd in een spijkerbroek bedraagt de meetonzekerheid 4,9%. Het voorbeeld van monster A met een gehalte van 74,4% heeft een meetonzekerheid van relatief 3,7%. Dit betekent dat het werkelijke gehalte met een betrouwbaarheid van 95% tussen 71,6 en 77,2% ligt. 6. Bronvermelding / literatuur T.A. Gough, The Analysis of Drugs of Abuse, Wiley, Chicestr, 1991, chapter 2: The Use of Gas Chromatography for the Detection of Abused Drugs. A.C. Moffat et al., Clarke s Analysis of Drugs and Poisons (third edition), London, Pharmaceutical Press, European Network of forensic science institutes (ENFSI), drugs working group, Guidelines on representative drug sampling, Lijst van gebruikte termen Instrumentele respons De meetwaarde die het instrument geeft na analyse van een gemeten stof. Vaak betreft dit een concentratie Lineaire regressie Een algemeen toegepaste techniek voor kalibratie. Uitgangspunt is dat een variabele y afhangt van een variabele x volgens een lineair model. Homogeniseren Een mengsel van verschillende substanties mengen, zó, dat deze substanties gelijk over het geheel zijn verdeeld. 1 Dit is een, binnen de statistiek, veel gebruikt betrouwbaarheidspercentage. Zie voor verdere informatie over deze aanname het door de ENFSI uitgebrachte boekje over representatieve monstername pag. 30, 31 (bronvermelding/literatuur). Vakbijlage kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen Juli

6 Contactgegevens Voor algemene vragen kunt u contact opnemen met de Frontoffice van het NFI, telefoon (070) Voor inhoudelijke vragen kunt u contact opnemen afdeling Verdovende Middelen (VM), telefoon (070) Nederlands Forensisch Instituut Postadres Postbus AA DEN HAAG Bezoekadres Laan van Ypenburg GB DEN HAAG Vakbijlage kwantitatief onderzoek aan verdovende middelen Juli

Vakbijlage Identificatie van verdovende middelen

Vakbijlage Identificatie van verdovende middelen Vakbijlage Identificatie van verdovende middelen Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. De vakbijlage algemeen Inleiding in het vakgebied Verloop van het onderzoek Technieken Resultaten, interpretatie en

Nadere informatie

NFiDENT. De vakbijlage algemeen VAKBIJLAGE. 1. De vakbijlage algemeen. Inleiding Beschrijving van het proces van NFiDENT

NFiDENT. De vakbijlage algemeen VAKBIJLAGE. 1. De vakbijlage algemeen. Inleiding Beschrijving van het proces van NFiDENT VAKBIJLAGE NFiDENT Inhoudsopgave 1. De vakbijlage algemeen 2. Inleiding 3. Beschrijving van het proces van NFiDENT 3.1. 3.2. 3.3. 3.4. Politie NFI OM Schematische weergave NFiDENT-proces en regulier proces

Nadere informatie

Meten en Maken 1. Toets Harris 26-04-2010

Meten en Maken 1. Toets Harris 26-04-2010 Meten en Maken 1 Toets Harris 26-04-2010 Deze toets bestaat uit vier opgaven die even zwaar tellen. De vier opgaven bestaan allemaal uit deelvragen. Maak elke opgave op een apart antwoordblad. Dit maakt

Nadere informatie

BEPALING VAN LASALOCID-NATRIUM IN DIERENVOEDERS (HPLC)

BEPALING VAN LASALOCID-NATRIUM IN DIERENVOEDERS (HPLC) Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Bestuur Laboratoria I-MET-FLVVT-005 I-MET-FLVVT-005 BEPALING VAN LASALOCID-NATRIUM IN DIERENVOEDERS (HPLC) Versie 04 Datum van toepassing 2014-01-27

Nadere informatie

Registratie-eisen en toetsingsprocedure Verdovende Middelen analyse en interpretatie 005.1. Versie 1.0 (April 2011)

Registratie-eisen en toetsingsprocedure Verdovende Middelen analyse en interpretatie 005.1. Versie 1.0 (April 2011) 005.1 Versie 1.0 (April 2011) Registratie-eisen en toetsingsprocedure Verdovende Middelen analyse en interpretatie De kwaliteitseisen geformuleerd in het tweede lid van artikel 12 van het Besluit register

Nadere informatie

5 Water, het begrip ph

5 Water, het begrip ph 5 Water, het begrip ph 5.1 Water Waterstofchloride is een sterk zuur, het reageert als volgt met water: HCI(g) + H 2 0(I) Cl (aq) + H 3 O + (aq) z b Hierbij reageert water als base. Ammoniak is een zwakke

Nadere informatie

Bepaling van concentratie nitriet in een monster met een. spectrofotometer

Bepaling van concentratie nitriet in een monster met een. spectrofotometer Handleiding Spectrofotometer 118085 Bepaling van concentratie nitriet in een monster met een spectrofotometer 118085 1. Inleiding Achtergrond informatie spectrofotometrie. Als een oplossing gekleurd is,

Nadere informatie

2 Concentratie in oplossingen

2 Concentratie in oplossingen 2 Concentratie in oplossingen 2.1 Concentratiebegrippen gehalte Er zijn veel manieren om de samenstelling van een mengsel op te geven. De samenstelling van voedingsmiddelen staat op de verpakking vermeld.

Nadere informatie

Bloedalcoholen bepaling met GC-FID op een apolaire kolom

Bloedalcoholen bepaling met GC-FID op een apolaire kolom Bloedalcoholen bepaling met GC-FID op een apolaire kolom E Olijslager en R Langen Klinisch Farmaceutisch Laboratorium TweeSteden ziekenhuis Dr. Deelenlaan 5, 5042 AD Tiiburg. EOlyslager@zamb.tsz.nl Inleiding

Nadere informatie

Opgave 1. Opgave 2. b En bij een verbruik van 10 ml? Dan wordt de procentuele onnauwkeurigheid 2 x zo groot: 0,03 / 20 x 100% = 0,3% Opgave 3

Opgave 1. Opgave 2. b En bij een verbruik van 10 ml? Dan wordt de procentuele onnauwkeurigheid 2 x zo groot: 0,03 / 20 x 100% = 0,3% Opgave 3 Hoofdstuk 13 Titratieberekeningen bladzijde 1 Opgave 1 Wat is het theoretisch eindpunt? Het theoretisch eindpunt is het titratievolume waarbij de bedoelde reactie precies is afgelopen. En wat is dan het

Nadere informatie

Significante cijfers en meetonzekerheid

Significante cijfers en meetonzekerheid Inhoud Significante cijfers en meetonzekerheid... 2 Significante cijfers... 2 Wetenschappelijke notatie... 3 Meetonzekerheid... 3 Significante cijfers en meetonzekerheid... 4 Opgaven... 5 Opgave 1... 5

Nadere informatie

Organische koolstoffen C x. (continue FID) H y. Periodieke metingen. Deze code van goede meetpraktijk beschrijft de toegepaste

Organische koolstoffen C x. (continue FID) H y. Periodieke metingen. Deze code van goede meetpraktijk beschrijft de toegepaste Code van goede meetpraktijk van de VKL (Vereniging Kwaliteit Luchtmetingen) Wat doet de VKL? De Vereniging Kwaliteit Luchtmetingen (VKL) heeft ten doel, binnen de kaders van de Europese en Nationale wet-

Nadere informatie

OEFENSET 2006_1 OPGAVEN

OEFENSET 2006_1 OPGAVEN EFENSET 2006_1 PGAVEN werk: Evelien Veltman (secretaresse) Instituut voor eerplanontwikkeling Postbus 2041/7500 CA Enschede Telefoon: (053)4840339 privé: P.A.M. de Groot Kamperzand 1/1274 HK Huizen Telefoon:

Nadere informatie

Geschikt voor grote monsteraantallen

Geschikt voor grote monsteraantallen ELISA (mg eiwit/kg) immunologische test PCR Flowcytometrische methoden (niet het eiwit zelf maar het DNA wordt gedetecteerd, moleculairbiologische test), DNA kwantitatieve analytische methode Specifieke

Nadere informatie

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, drs. M.J. van Rijn

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, drs. M.J. van Rijn Besluit houdende wijziging van lijst I, behorende bij de Opiumwet, in verband met plaatsing op deze lijst van hasjiesj en hennep met een gehalte aan tetrahydrocannabinol (THC) van 15 procent of meer. Daartoe

Nadere informatie

De analyse van verboden kleurstoffen in kruiden en specerijen door middel van een LC-MS/MS methode

De analyse van verboden kleurstoffen in kruiden en specerijen door middel van een LC-MS/MS methode De analyse van verboden kleurstoffen in kruiden en specerijen door middel van een LC-MS/MS methode Voedsel en Waren Autoriteit Laboratorium Regio Zuid ZD 06 B 410 en ZD 07 1260 Februari 2008 1 1. Inleiding

Nadere informatie

inbreng en heeft als gevolg minder scaling (kalkafzetting in de vorm van calciumcarbonaat).

inbreng en heeft als gevolg minder scaling (kalkafzetting in de vorm van calciumcarbonaat). Mest verwerken Dierlijke mest is vaak vloeibaar en bevat onder andere ammoniak en ammoniumzouten. Men kan uit deze drijfmest ammoniumsulfaat maken dat als meststof kan dienen. Omdat de prijs van kunstmest

Nadere informatie

ZOUTGEHALTESENSOR BT78i

ZOUTGEHALTESENSOR BT78i ZOUTGEHALTESENSOR BT78i GEBRUIKERSHANDLEIDING CENTRUM VOOR MICROCOMPUTER APPLICATIES http://www.cma-science.nl Korte beschrijving De Zoutgehaltesensor BT78i meet het zoutgehalte in een oplossing in het

Nadere informatie

Membrane Interface Probe

Membrane Interface Probe Membrane Interface Probe Met de Membrane Interface Probe (MIP) worden verontreinigingen met vluchtinge (gehalogeneerde) organische verbindingen (VOC s) gescreend. De combinatie van de standaard sondeerconus

Nadere informatie

Oefenopgaven ANALYSETECHNIEKEN

Oefenopgaven ANALYSETECHNIEKEN Oefenopgaven ANALYSETECHNIEKEN vwo Massaspectrometrie en IR-spectrometrie OPGAVE 1 MTBE is een stof die aan benzine wordt toegevoegd voor een betere verbranding (de klopvastheid wordt vergroot). Door middel

Nadere informatie

Basiskennis en Basisvaardigheden II (245)

Basiskennis en Basisvaardigheden II (245) ASISKENNIS EN ASISVAARDIGHEDEN II 245 asiskennis en asisvaardigheden II (245) SCHEIKUNDE 245.01 De kandidaat kan de belangrijkste scheikundige en natuurkundige verschijnselen onderscheiden. 245.02 De kan

Nadere informatie

A COMPANY OF HASKONING NEDERLAND BV MILIEU. Een ad-hoc Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau (MTR) voor aluminium in oppervlaktewater. 26 april 2002 RIZA

A COMPANY OF HASKONING NEDERLAND BV MILIEU. Een ad-hoc Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau (MTR) voor aluminium in oppervlaktewater. 26 april 2002 RIZA A COMPANY OF HASKONING NEDERLAND BV MILIEU Een ad-hoc Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau (MTR) voor aluminium in oppervlaktewater 26 april 2002 RIZA A COMPANY OF HASKONING NEDERLAND BV MILIEU Barbarossastraat

Nadere informatie

SEH-behandelingen naar aanleiding van GHBgebruik

SEH-behandelingen naar aanleiding van GHBgebruik SEH-behandelingen naar aanleiding van GHBgebruik H. Valkenberg Uitgegeven door Stichting Consument en Veiligheid Postbus 75169 1070 AD Amsterdam Maart 2012 Bij de samenstelling van deze publicatie is de

Nadere informatie

Eindexamen scheikunde havo 2001-II

Eindexamen scheikunde havo 2001-II Eindexamen scheikunde havo 00-II 4 Antwoordmodel Energievoorziening in de ruimte et (uiteenvallen van de Pu-38 atomen) levert energie dus het is een exotherm proces. er komt energie vrij aantal protonen:

Nadere informatie

Naam: Klas Practicum elektriciteit: I-U-diagram van lampje Nodig: spanningsbron, schuifweerstand (30 Ω), gloeilampje, V- en A-meter, 6 snoeren

Naam: Klas Practicum elektriciteit: I-U-diagram van lampje Nodig: spanningsbron, schuifweerstand (30 Ω), gloeilampje, V- en A-meter, 6 snoeren Naam: Klas Practicum elektriciteit: I-U-diagram van lampje Nodig: spanningsbron, schuifweerstand (30 Ω), gloeilampje, V- en A-meter, 6 snoeren Schakeling In de hiernaast afgebeelde schakeling kan de spanning

Nadere informatie

Samenvatting Zure gassen zijn veelvuldig aanwezig in verschillende concentraties in industriële gassen. Deze moeten vaak verwijderd worden vanwege corrosie preventie, operationele, economische en/of milieu

Nadere informatie

Gaschromatografie in de klas Frans Killian, ISW havo/vwo Naaldwijk, franskillian@hotmail.com

Gaschromatografie in de klas Frans Killian, ISW havo/vwo Naaldwijk, franskillian@hotmail.com Gaschromatografie in de klas Frans Killian, ISW havo/vwo Naaldwijk, franskillian@hotmail.com Waarom Gaschromatografie? Leerlingen die het voortgezet onderwijs verlaten denken vaak dat de analisten in een

Nadere informatie

CENTRALE COMMISSIE VOORTENTAMEN SCHEIKUNDE TENTAMEN SCHEIKUNDE. datum : donderdag 29 juli 2010

CENTRALE COMMISSIE VOORTENTAMEN SCHEIKUNDE TENTAMEN SCHEIKUNDE. datum : donderdag 29 juli 2010 CENTRALE COMMISSIE VOORTENTAMEN SCHEIKUNDE TENTAMEN SCHEIKUNDE datum : donderdag 29 juli 2010 tijd : 14.00 tot 17.00 uur aantal opgaven : 6 Iedere opgave dient op een afzonderlijk vel te worden gemaakt

Nadere informatie

Tentamen Chemische Analysemethoden. 25 oktober 2006 (14.00-17.00) Deel 2 Open boek (voor 78 punten) Beschikbare tijd: 140 minuten

Tentamen Chemische Analysemethoden. 25 oktober 2006 (14.00-17.00) Deel 2 Open boek (voor 78 punten) Beschikbare tijd: 140 minuten Tentamen Chemische Analysemethoden 25 oktober 2006 (14.00-17.00) Deel 2 Open boek (voor 78 punten) Beschikbare tijd: 140 minuten Vraag 1 Rekenen in de chemische analyse (18 punten) 1,1 Uit ruime ervaring

Nadere informatie

5-1 Moleculen en atomen

5-1 Moleculen en atomen 5-1 Moleculen en atomen Vraag 1. Uit hoeveel soorten moleculen bestaat een zuivere stof? Vraag 2. Wat is een molecuul? Vraag 3. Wat is een atoom? Vraag 4. Van welke heb je er het meeste: moleculen of atomen?

Nadere informatie

Vergisting van eendenmest

Vergisting van eendenmest Lettinga Associates Foundation for environmental protection and resource conservation Vergisting van eendenmest Opdrachtgever: WUR Animal Sciences Group Fridtjof de Buisonjé Datum: 3 oktober 2008 Lettinga

Nadere informatie

Meten en Monitoren. Weet wat je meet. Startsymposium Expertisecentrum PFOS. Virtualisatie project Omegam Eline Klooster.

Meten en Monitoren. Weet wat je meet. Startsymposium Expertisecentrum PFOS. Virtualisatie project Omegam Eline Klooster. Meten en Monitoren Weet wat je meet Inhoud presentatie Omegam Laboratoria Proces ontwikkelen analyse methoden De analyse /PFOA Prestatiekenmerken /PFOA bij Omegam De praktijk : Weet wat je meet Omegam

Nadere informatie

T2: Verbranden en Ontleden, De snelheid van een reactie en Verbindingen en elementen

T2: Verbranden en Ontleden, De snelheid van een reactie en Verbindingen en elementen T2: Verbranden en Ontleden, De snelheid van een reactie en Verbindingen en elementen 2008 Voorbeeld toets dinsdag 29 februari 60 minuten NASK 2, 2(3) VMBO-TGK, DEEL B. H5: VERBRANDEN EN ONTLEDEN 3(4) VMBO-TGK,

Nadere informatie

Foutenberekeningen Allround-laboranten

Foutenberekeningen Allround-laboranten Allround-laboranten Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE... 2 LEERDOELEN :... 3 1. INLEIDING.... 4 2. DE ABSOLUTE FOUT... 5 3. DE KOW-METHODE... 6 4. DE RELATIEVE FOUT... 6 5. GROOTHEDEN VERMENIGVULDIGEN EN DELEN....

Nadere informatie

De grafiek van een lineair verband is altijd een rechte lijn.

De grafiek van een lineair verband is altijd een rechte lijn. Verbanden Als er tussen twee variabelen x en y een verband bestaat kunnen we dat op meerdere manieren vastleggen: door een vergelijking, door een grafiek of door een tabel. Stel dat het verband tussen

Nadere informatie

Bepaling van de elektrische geleidbaarheid

Bepaling van de elektrische geleidbaarheid Bepaling van de elektrische geleidbaarheid april 2006 Pagina 1 van 8 WAC/III/A/004 INHOUD 1 TOEPASSINGSGEBIED... 3 2 DEFINITIES... 3 2.1 SPECIFIEKE GELEIDBAARHEID, ELEKTRISCHE GELEIDBAARHEID (γ)... 3 2.2

Nadere informatie

ANORGANISCHE ANALYSEMETHODEN/WATER GELEIDBAARHEID

ANORGANISCHE ANALYSEMETHODEN/WATER GELEIDBAARHEID 1 TOEPASSINGSGEBIED GELEIDBAARHEID Deze procedure beschrijft de bepaling van de elektrische geleidbaarheid in water (bijvoorbeeld grondwater, eluaten, ). De beschreven methode is bruikbaar voor alle types

Nadere informatie

Practicum algemeen. 1 Diagrammen maken 2 Lineair verband en evenredig verband 3 Het schrijven van een verslag

Practicum algemeen. 1 Diagrammen maken 2 Lineair verband en evenredig verband 3 Het schrijven van een verslag Practicum algemeen 1 Diagrammen maken 2 Lineair verband en evenredig verband 3 Het schrijven van een verslag 1 Diagrammen maken Onafhankelijke grootheid en afhankelijke grootheid In veel experimenten wordt

Nadere informatie

Beoordelingskader. Verdovende Middelen (005.00) 005.01 Vergelijkend onderzoek 005.02 Productieproces onderzoek

Beoordelingskader. Verdovende Middelen (005.00) 005.01 Vergelijkend onderzoek 005.02 Productieproces onderzoek Beoordelingskader Verdovende Middelen (005.00) 005.01 Vergelijkend onderzoek 005.02 Productieproces onderzoek Versie 2.0 Datum vaststelling document: 26 juni 2014 Inwerkingtredingsdatum: 1 november 2014

Nadere informatie

Zelfs zuiver water geleidt in zeer kleine mate elektrische stroom en dus wijst dit op de aanwezigheid van geladen deeltjes.

Zelfs zuiver water geleidt in zeer kleine mate elektrische stroom en dus wijst dit op de aanwezigheid van geladen deeltjes. Cursus Chemie 4-1 Hoofdstuk 4: CHEMISCH EVENWICHT 1. DE STERKTE VAN ZUREN EN BASEN Als HCl in water opgelost wordt dan bekomen we een oplossing die bijna geen enkele covalente HCl meer bevat. In de reactievergelijking

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/32149 holds various files of this Leiden University dissertation.

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/32149 holds various files of this Leiden University dissertation. Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/32149 holds various files of this Leiden University dissertation. Author: Renema, Jelmer Jan Title: The physics of nanowire superconducting single-photon

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 35778 20 december 2013 Regeling van de Minister van Veiligheid en Justitie van 9 december 2013, nr. 458764, houdende wijziging

Nadere informatie

Eindexamen natuurkunde/scheikunde 2 vmbo gl/tl 2010 - II

Eindexamen natuurkunde/scheikunde 2 vmbo gl/tl 2010 - II Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. Aardolie 1 C 2 B 3 C Tinnen lepels 4 maximumscore 2 Fe 3+ 1 S 2 1 5 B 6 maximumscore 3 2 Sn + O 2 2 SnO Sn en O

Nadere informatie

HPLC- UV- screening: geharmoniseerde analysemethode voor efficiënte waterkwaliteitsbewaking

HPLC- UV- screening: geharmoniseerde analysemethode voor efficiënte waterkwaliteitsbewaking HPLC- UV- screening: geharmoniseerde analysemethode voor efficiënte waterkwaliteitsbewaking Annemieke Kolkman (KWR), Erik Emke (KWR), Gerard Stroomberg (Rijkswaterstaat), Henk Ketelaars (Evides) Bij een

Nadere informatie

Diervoeders - Bepaling van sulfadimidine-na - HPLC. RSVnr A0148, DAMcode 0800302, editie nr. 4, 07-07-94; Bijlagen zijn niet bijgevoegd.

Diervoeders - Bepaling van sulfadimidine-na - HPLC. RSVnr A0148, DAMcode 0800302, editie nr. 4, 07-07-94; Bijlagen zijn niet bijgevoegd. Stofnaam Type methode Te onderzoeken in Minimum bepaalbaarheidsgrens Herhaalbaarheid Reproduceer-baarheid Categorie Titel Sulfadimidine-natrium HPLC Mengvoeders 20 mg/kg 7 % bij 200-600 mg/kg 1,5-2 x herhaalbaarheid

Nadere informatie

Scheikunde SE2. Hoofdstuk 8

Scheikunde SE2. Hoofdstuk 8 Scheikunde SE2 Hoofdstuk 8 Paragraaf 2 Indicatoren: stoffen waarmee je kunt bepalen of een oplossing zuur of basisch is. Zuur: als een oplossing een ph heeft van minder dan 7. Basisch: als een oplossing

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/19049 holds various files of this Leiden University dissertation.

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/19049 holds various files of this Leiden University dissertation. Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/19049 holds various files of this Leiden University dissertation. Author: Lindenburg, Petrus Wilhelmus Title: New electromigration-driven enrichment techniques

Nadere informatie

3.1. 1. In een reactieschema staan de beginstoffen en de reactieproducten van een chemische reactie.

3.1. 1. In een reactieschema staan de beginstoffen en de reactieproducten van een chemische reactie. 3.1 1. In een reactieschema staan de beginstoffen en de reactieproducten van een chemische reactie. 2. De pijl in een reactieschema (bijvoorbeeld: A + B C) betekent: - A en B reageren tot C of - Er vindt

Nadere informatie

OEFENOPGAVEN VWO ZUREN EN BASEN + ph-berekeningen

OEFENOPGAVEN VWO ZUREN EN BASEN + ph-berekeningen OEFENOPGAVEN VWO ZUREN EN BASEN + ph-berekeningen OPGAVE 1 01 Bereken hoeveel mmol HCOOH is opgelost in 40 ml HCOOH oplossing met ph = 3,60. 02 Bereken ph van 0,300 M NaF oplossing. 03 Bereken hoeveel

Nadere informatie

Eindexamen vmbo gl/tl nask2 2011 - I

Eindexamen vmbo gl/tl nask2 2011 - I Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één scorepunt toegekend. Chemische geesten 1 B 2 maximumscore 1 zoutzuur Wanneer het antwoord 'waterstofchloride-oplossing' is gegeven,

Nadere informatie

5.4 ph van oplossingen van zwakke zuren of zwakke basen

5.4 ph van oplossingen van zwakke zuren of zwakke basen Opmerking: We gaan ervan uit, dat bij het mengen van oplossingen geen volumecontractie optreedt. Bij verdunde oplossingen is die veronderstelling gerechtvaardigd. 5.4 ph van oplossingen van zwakke zuren

Nadere informatie

Toets HAVO 4 Chemie Hfdst. 2 Schatkamer aarde

Toets HAVO 4 Chemie Hfdst. 2 Schatkamer aarde Toets HAVO 4 Chemie Hfdst. 2 Schatkamer aarde Opgave 1 Op het etiket van een pot pindakaas staat als een van de ingrediënten magnesium genoemd. Scheikundig is dit niet juist. Pindakaas bevat geen magnesium

Nadere informatie

Biotransformatie en toxiciteit van

Biotransformatie en toxiciteit van Biotransformatie en toxiciteit van paracetamol 062 1 Biotransformatie en toxiciteit van paracetamol Inleiding Paracetamol is het farmacologisch actieve bestanddeel van een groot aantal vrij en op recept

Nadere informatie

Praktijk voorbeeld arbo

Praktijk voorbeeld arbo Praktijk voorbeeld arbo Presentatie over het gebruik van botcement op de OK als praktijkvoorbeeld arbo binnen ziekenhuizen, 12 juni 2014 Bijeenkomst van de Contactgroep Gezondheid en Chemie (CGC) en de

Nadere informatie

Bijlage 6 Model voor de rapportage, behorend bij artikel 3.73. Jaarlijks voor 1 mei inleveren, lees voor invullen eerst de toelichting.

Bijlage 6 Model voor de rapportage, behorend bij artikel 3.73. Jaarlijks voor 1 mei inleveren, lees voor invullen eerst de toelichting. BIJLAGE BIJ ARTIKEL I, ONDERDEEL J, VAN DE REGELING VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU VAN (6.0.202), NR. IENM/BSK-202/7597, TOT WIJZIGING VAN DE REGELING ALGEMENE REGELS VOOR INRICHTINGEN

Nadere informatie

UITWERKING TOELICHTING OP DE ANTWOORDEN VAN HET EXAMEN 2001-I VAK: SCHEIKUNDE 1,2 EXAMEN: 2001-I

UITWERKING TOELICHTING OP DE ANTWOORDEN VAN HET EXAMEN 2001-I VAK: SCHEIKUNDE 1,2 EXAMEN: 2001-I UITWERKING TOELICHTING OP DE ANTWOORDEN VAN HET EXAMEN 2001-I VAK: SCHEIKUNDE 1,2 NIVEAU: VWO EXAMEN: 2001-I De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen.

Nadere informatie

Meetmethoden en meetfrequenties per luchtwasser

Meetmethoden en meetfrequenties per luchtwasser Pagina 1 van 2, EV-01417 Rapport nummer :EV-01417 Datum : 18-04-2014 Betreft : Rendementsmetingen van ammoniak bij een biologische luchtwasser (85%) Opdrachtgever : Ormira BV, De heer van Balkom Opdrachtomschrijving

Nadere informatie

natuurkunde Compex natuurkunde 1,2 Compex

natuurkunde Compex natuurkunde 1,2 Compex Examen HAVO 2010 tijdvak 1 vrijdag 28 mei totale examentijd 3 uur tevens oud programma natuurkunde Compex natuurkunde 1,2 Compex Vragen 1 tot en met 14 In dit deel van het examen staan vragen waarbij de

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 1. Inleiding pag. 2. 2010 door: P. Rensen-Grabijn, Opleidingsadviseur. 2. Procenten pag. 3

Inhoudsopgave. 1. Inleiding pag. 2. 2010 door: P. Rensen-Grabijn, Opleidingsadviseur. 2. Procenten pag. 3 Inhoudsopgave Alle hoofdstukken beginnen met een stukje uitleg gevolgd door een voorbeeld som. Elk hoofdstuk wordt vervolgens afgesloten met een aantal oefen opgaven. 1. Inleiding pag. 2 2010 door: P.

Nadere informatie

Versie 03 Datum van toepassing 2014-04-28

Versie 03 Datum van toepassing 2014-04-28 Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Bestuur Laboratoria I-MET-FLVVT-055 I-MET-FLVVT-055 BEPALING VAN RUW VET IN DIERENVOEDERS Versie 03 Datum van toepassing 2014-04-28 Opgesteld

Nadere informatie

Proefopstelling Tekening van je opstelling en beschrijving van de uitvoering van de proef.

Proefopstelling Tekening van je opstelling en beschrijving van de uitvoering van de proef. Practicum 1: Meetonzekerheid in slingertijd Practicum uitgevoerd door: R.H.M. Willems Hoe nauwkeurig is een meting? Onderzoeksvragen Hoe groot is de slingertijd van een 70 cm lange slinger? Waardoor wordt

Nadere informatie

Foutenberekeningen. Inhoudsopgave

Foutenberekeningen. Inhoudsopgave Inhoudsopgave Leerdoelen :... 3 1. Inleiding.... 4 2. De absolute fout... 5 3. De KOW-methode... 7 4. Grootheden optellen of aftrekken.... 8 5. De relatieve fout...10 6. grootheden vermenigvuldigen en

Nadere informatie

OEFENTOETS Zuren en basen 5 VWO

OEFENTOETS Zuren en basen 5 VWO OEFENTOETS Zuren en basen 5 VWO Gesloten vragen 1. Carolien wil de zuurgraad van een oplossing onderzoeken met twee verschillende zuur-baseindicatoren en neemt hierbij het volgende waar: I de oplossing

Nadere informatie

Oefenopgaven CHEMISCHE INDUSTRIE

Oefenopgaven CHEMISCHE INDUSTRIE Oefenopgaven CEMISCE INDUSTRIE havo OPGAVE 1 Een bereidingswijze van fosfor, P 4, kan men als volgt weergeven: Ca 3 (PO 4 ) 2 + SiO 2 + C P 4 + CO + CaSiO 3 01 Neem bovenstaande reactievergelijking over

Nadere informatie

Basiskennis en Basisvaardigheden IV (404)

Basiskennis en Basisvaardigheden IV (404) ASISKENNIS EN ASISVAARDIGHEDEN IV 404 asiskennis en asisvaardigheden IV (404) SCHEIKUNDE 404.01 De kandidaat kan het scheiden van mengsels in verschillende zuivere stoffen 404.02 De kandidaat kan de opbouw

Nadere informatie

OPDRACHTKAART. Thema: Multimedia/IT. Audio 4. Digitaliseren MM-02-10-01

OPDRACHTKAART. Thema: Multimedia/IT. Audio 4. Digitaliseren MM-02-10-01 OPDRACHTKAART MM-02-10-01 Digitaliseren Voorkennis: Je hebt Multimedia-opdrachten 1 tot en met 3 en audio-opdracht 1 t/m 3 (MM-02-03 t/m MM-02-09) afgerond. Intro: Geluid dat wij horen is een analoog signaal.

Nadere informatie

6.0 Elektriciteit 1 www.natuurkundecompact.nl

6.0 Elektriciteit 1 www.natuurkundecompact.nl 6.0 Elektriciteit 1 www.natuurkundecompact.nl 6.1 a Stroomkring b Geleiders en isolatoren 6.2 Chemische spanningsbron 6.3 a Schakelingen b Schakelingen (Crocodile) 6.4 a Stroom meten (Crocodile) b Schakelingen

Nadere informatie

REKENVOORBEELDEN. http://www.emis.vito.be Ministerieel besluit van 14 mei 2007 --- Belgisch Staatsblad van 06 juli 2007 1 PRESTATIEKENMERKEN

REKENVOORBEELDEN. http://www.emis.vito.be Ministerieel besluit van 14 mei 2007 --- Belgisch Staatsblad van 06 juli 2007 1 PRESTATIEKENMERKEN 1 PRESTATIEKENMERKEN 1.1 Bepaling van PCB s in olie met GC-MS REKENVOORBEELDEN Bepalingsmethode: verdunning van olie in hexaan, zuivering op gecombineerde zure silica/basische silica, DMSO/hexaan partitie,

Nadere informatie

Check Je Kamer Rapportage 2014

Check Je Kamer Rapportage 2014 Check Je Kamer Rapportage 2014 Kwantitatieve analyse van de studentenwoningmarkt April 2015 Dit is een uitgave van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb). Voor vragen of extra informatie kan gemaild worden

Nadere informatie

Examen HAVO. wiskunde B (pilot) tijdvak 2 woensdag 20 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen HAVO. wiskunde B (pilot) tijdvak 2 woensdag 20 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Eamen HAV 0 tijdvak woensdag 0 juni 3.30-6.30 uur wiskunde B (pilot) Bij dit eamen hoort een uitwerkbijlage.. Dit eamen bestaat uit 0 vragen. Voor dit eamen zijn maimaal 8 punten te behalen. Voor elk vraagnummer

Nadere informatie

SEMESTER 1, BLOK B SIMULATIE

SEMESTER 1, BLOK B SIMULATIE INLEIDING In deze workshop gaan we met behulp van Excel een simulatie uitvoeren die betrekking heeft op chemische omzettingen en het schoonspoelen van een reactorsysteem. We bekijken dan wat er gebeurt

Nadere informatie

Oefenvraagstukken 4 VWO Hoofdstuk 6 antwoordmodel

Oefenvraagstukken 4 VWO Hoofdstuk 6 antwoordmodel efenvraagstukken 4 VW oofdstuk 6 antwoordmodel Een 0 D komt overeen met 7,1 mg a 2+ per liter water. 1 In 0,5 liter water is 58,3 mg a 2+ opgelost. oeveel 0 D is dit? Per L opgelost: 2 x 58,3 mg a 2+ =

Nadere informatie

Organische vracht continue on-line bewaken. Peter-Jan van Oene, 8 november 2011, nieuwegein

Organische vracht continue on-line bewaken. Peter-Jan van Oene, 8 november 2011, nieuwegein Organische vracht continue on-line bewaken Peter-Jan van Oene, 8 november 2011, nieuwegein Waardeketen Organische stoffen TOC/CZV correlatie Inhoud Afvalwater karakteristiek zuivel-industrie Redenen om

Nadere informatie

σ = 1 λ 3,00 μm is: 3,00 x 10-4 cm σ = 1 cm / 3,00 x 10-4 cm= 3,33 10 3 cm -1

σ = 1 λ 3,00 μm is: 3,00 x 10-4 cm σ = 1 cm / 3,00 x 10-4 cm= 3,33 10 3 cm -1 Hoofdstuk 7 Analytische spectrometrie bladzijde 1 Opgave 1 Oranje en groen licht vallen op een prisma (onder dezelfde hoek en in dezelfde richting). Welke kleur wordt het sterkst gebroken? Hoe korter de

Nadere informatie

b In plaats van een CN-kolom gebruikt men een C-18-kolom. Stationaire fase minder polair: retentietijd langer.

b In plaats van een CN-kolom gebruikt men een C-18-kolom. Stationaire fase minder polair: retentietijd langer. Hoofdstuk 20 Hoge druk vloeistofhromatografie (HPLC) bladzijde 1 pgave 1 In welke volgorde elueren de onderstaande omponenten bij normal phase? a otaanzuur C 7H 15CH langste apolaire staart: alkyl met

Nadere informatie

OVER PH: HET METEN VAN PH IS NIET MOEILIJK, MAAR ER IS VEEL ONBEGRIP OVER DEZE METING. DAAROM: DE ANTWOORDEN OP UW VERZAMELDE VRAGEN.

OVER PH: HET METEN VAN PH IS NIET MOEILIJK, MAAR ER IS VEEL ONBEGRIP OVER DEZE METING. DAAROM: DE ANTWOORDEN OP UW VERZAMELDE VRAGEN. FREQUENTLY ASKED QUESTIONS OVER PH: HET METEN VAN PH IS NIET MOEILIJK, MAAR ER IS VEEL ONBEGRIP OVER DEZE METING. DAAROM: DE ANTWOORDEN OP UW VERZAMELDE VRAGEN. ---------------------------------------------

Nadere informatie

Oefentoets zuren en basen havo

Oefentoets zuren en basen havo Oefentoets zuren en basen havo Opgave 1 Melk en yoghurt Zweedse voedingswetenschappers hebben in 2014 bij meer dan 10000 mensen onderzocht of melk en melkproducten gezond zijn. Het doel van het onderzoek

Nadere informatie

Condensatie- en kooklijn van een binair systeem

Condensatie- en kooklijn van een binair systeem Condensatie- en kooklijn van een binair systeem Stijn Bettens 13 december 2010 1 Inhoudsopgave 1 Praktisch gedeelte 3 1.1 stappenplan...................................... 4 1.2 TIPS..........................................

Nadere informatie

Theorie GC. http://www.nano2.nl/theoriegc.pdf versie: 050515 2005 Frans Killian

Theorie GC. http://www.nano2.nl/theoriegc.pdf versie: 050515 2005 Frans Killian Theorie GC http://www.nano2.nl/theoriegc.pdf versie: 050515 2005 Frans Killian INHOUD blz. 1 Chromatografie 2 2 Vloeistofchromatografie 2 3 Gaschromatografie 2 4 De opbouw van de gaschromatograaf 3 5 De

Nadere informatie

Woudschoten Werkgroep Biodiesel. Wim Buijs, Jet-Net DSM Nederland, TU Delft Jacob Kappe, Oranje Nassau College Zoetermeer Mark de Niet, TU Delft

Woudschoten Werkgroep Biodiesel. Wim Buijs, Jet-Net DSM Nederland, TU Delft Jacob Kappe, Oranje Nassau College Zoetermeer Mark de Niet, TU Delft Woudschoten Werkgroep Biodiesel Wim Buijs, Jet-Net DSM Nederland, TU Delft Jacob Kappe, ranje Nassau College Zoetermeer Mark de Niet, TU Delft verzicht Werkgroep 1. Biodiesel op het NC (Jacob Kappe; zie

Nadere informatie

De grafiek van een lineair verband is altijd een rechte lijn.

De grafiek van een lineair verband is altijd een rechte lijn. 2. Verbanden Verbanden Als er tussen twee variabelen x en y een verband bestaat kunnen we dat op meerdere manieren vastleggen: door een vergelijking, door een grafiek of door een tabel. Stel dat het verband

Nadere informatie

Eindexamen vwo natuurkunde 2013-I

Eindexamen vwo natuurkunde 2013-I Opgave 2 Stad van de Zon De nieuwbouwwijk Stad van de Zon in Heerhugowaard dankt zijn naam aan het grote aantal zonnepanelen dat geïnstalleerd is. Deze kunnen samen een piekvermogen van 3,75 MW leveren.

Nadere informatie

Inleiding. 2. Vraagstelling. Advies expertgroep middelen. geweld

Inleiding. 2. Vraagstelling. Advies expertgroep middelen. geweld Advies expertgroep middelen Bijeenkomst 12 december 2012, 12.30-16.00 uur Nederlands Forensisch Instituut, Den Haag en geweld Datum 5 februari 2013 Ons kenmerk 1. Inleiding In maart 2011 heeft de Minister

Nadere informatie

EHBO & EDS Grootschalige publieksevenementen. Ronald van Litsenburg Directeur/Eigenaar Event Medical Service BV Ambulanceverpleegkundige

EHBO & EDS Grootschalige publieksevenementen. Ronald van Litsenburg Directeur/Eigenaar Event Medical Service BV Ambulanceverpleegkundige EHBO & EDS Grootschalige publieksevenementen Ronald van Litsenburg Directeur/Eigenaar Event Medical Service BV Ambulanceverpleegkundige Het belang van de keten! Informatie en Monitoring Systeem (DIMS)

Nadere informatie

Verzadigingsindex of Langelier index

Verzadigingsindex of Langelier index Verzadigingsindex of Langelier index Water dat gebruikt wordt om het zwembad te vullen en het suppletiewater is gewoonlijk leidingwater met een constante en bekende samenstelling. Door toevoeging van chemische

Nadere informatie

Lichtsnelheid. 1 Inleiding. VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding

Lichtsnelheid. 1 Inleiding. VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding Lichtsnelheid 1 Inleiding De voortplantingsnelheid c van elektromagnetische golven (of: de lichtsnelheid) in vacuüm is internationaal vastgesteld

Nadere informatie

validatie in de klinisch farmaceutische analyse nader bekeken t.b.v. HPLC.

validatie in de klinisch farmaceutische analyse nader bekeken t.b.v. HPLC. validatie in de klinisch farmaceutische analyse nader bekeken t.b.v. HPLC. Ziekenhuis Rijnstate Laboratorium Apotheek Sjaak Melchers Wagnerlaan 55 Postbus 9555 9800 TA Arnhem Bij het opzetten van een kwaliteitssysteem

Nadere informatie

Uitgewerkte oefeningen

Uitgewerkte oefeningen Uitgewerkte oefeningen Rekenen met procenten en evenredigheden Oefening Een patiënt had vorig jaar een cholesterol van 60 mg/dl. Een jaar later is zijn cholesterol met 5% toegenomen. Wat is zijn cholesterol

Nadere informatie

SE voorbeeldtoets 5HAVO antwoordmodel

SE voorbeeldtoets 5HAVO antwoordmodel SE voorbeeldtoets 5AV antwoordmodel Stikstof Zwaar stikstofgas bestaat uit stikstofmoleculen waarin uitsluitend stikstofatomen voorkomen met massagetal 15. 2p 1 oeveel protonen en hoeveel neutronen bevat

Nadere informatie

The Color of X-rays. Spectral Computed Tomography Using Energy Sensitive Pixel Detectors E.J. Schioppa

The Color of X-rays. Spectral Computed Tomography Using Energy Sensitive Pixel Detectors E.J. Schioppa The Color of X-rays. Spectral Computed Tomography Using Energy Sensitive Pixel Detectors E.J. Schioppa Samenvatting Het netvlies van het oog is niet gevoelig voor deze straling: het oog dat vlak voor het

Nadere informatie

De kwantitatieve bepaling van op actieve kool geadsorbeerde glycolethers met GC-MS

De kwantitatieve bepaling van op actieve kool geadsorbeerde glycolethers met GC-MS Compendium voor de monsterneming, meting en analyse van lucht De kwantitatieve bepaling van op actieve kool geadsorbeerde glycolethers met GC-MS Versie maart 2012 LUC/IV/003 INHOUD Inhoud 1 Toepassingsgebied

Nadere informatie

VALIDATIERAPPORT RAPPORT DE VALIDATION

VALIDATIERAPPORT RAPPORT DE VALIDATION VALIDATIERAPPORT RAPPORT DE VALIDATION Analysemethode Méthode d analyse Techniek Technique Matrix / matrixgroep Matrice / Groupe de matrices Datum laatste aanpassing / Date du dernière adaption MET-FLVVT-096

Nadere informatie

BUFFEROPLOSSINGEN. Inleiding

BUFFEROPLOSSINGEN. Inleiding BUFFEROPLOSSINGEN Inleiding Zowel in de analytische chemie als in de biochemie is het van belang de ph van een oplossing te regelen. Denk bijvoorbeeld aan een complexometrische titratie met behulp van

Nadere informatie

Zware metalen en Hg. Deze code van goede meetpraktijk beschrijft de toegepaste. werkwijze bij de monsterneming van de totale emissie van

Zware metalen en Hg. Deze code van goede meetpraktijk beschrijft de toegepaste. werkwijze bij de monsterneming van de totale emissie van Code van goede meetpraktijk van de VKL Wat doet de VKL? De Vereniging Kwaliteit Luchtmetingen (VKL) heeft ten doel, binnen de kaders van de Europese en Nationale wet- en regelgeving, een concrete bijdrage

Nadere informatie

What s in the experiment bag? Enkele experimenten om met het materiaal van de kit uit te voeren

What s in the experiment bag? Enkele experimenten om met het materiaal van de kit uit te voeren What s in the experiment bag? In de experimenteerkit vind je : - Een laseraanwijzer (violet, 405 nm) zonder batterij (gebruik 2 AAA batterijen), de pluspool naar de bodem richten - een diffractierooster

Nadere informatie

Bepaling van het Biochemisch Zuurstofverbruik (BZV) in oppervlaktewater

Bepaling van het Biochemisch Zuurstofverbruik (BZV) in oppervlaktewater Bepaling van het Biochemisch Zuurstofverbruik (BZV) in oppervlaktewater april 2005 One Cue Systems Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt zonder schriftelijke toestemming

Nadere informatie

GMP+ Feed Safety Assurance scheme. Dioxine-monitoring in leghennen(opfok)voeders

GMP+ Feed Safety Assurance scheme. Dioxine-monitoring in leghennen(opfok)voeders GMP+ Feed Safety Assurance scheme Dioxine-monitoring in leghennen(opfok)voeders GMP+ BCN-NL2 BCN NL2 NL B.V. Alle rechten voorbehouden. De informatie uit deze publicatie mag worden geraadpleegd op het

Nadere informatie