Niveau 5 competenties in de gehandicaptenzorg

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Niveau 5 competenties in de gehandicaptenzorg"

Transcriptie

1 Niveau 5 competenties in de gehandicaptenzorg Onderzoeksrapport Oktober 2008 Projectleider/onderzoeker: Carla van Slagmaat Docent/onderzoekers: Jacquie Buijs Ellen Grootoonk Student/onderzoekers: Eveline Huybrechts Susanne Jubels Werkvelddeskundige/onderzoeker: Sieka van Essen Eindredactie en onderzoeksbegeleiding: Trudy Dankers

2 Inhoudsopgave Voorwoord Maatschappelijke ontwikkelingen Initiatieven rond afstemming praktijk - onderwijs Onderzoeksopzet Vraagstelling Doelstelling Opzet en uitvoering van het onderzoek Populatie/ steekproef Methode Dataverzameling en uitvoering Analysemethode Begripsbepalingen Samenvatting van de resultaten Personeel Competenties Personeelsbeleid Diverse wensen Conclusies Functies en taken van de HBO-professional in de gehandicaptenzorg Competenties en competentiegebieden Beschouwing Aanbevelingen...28 Bronvermeldingen...30 Bijlage 1 Instellingen waar de respondenten werkzaam zijn en hun doelgroepen...33 Bijlage 2 Vragenlijst interview...34 Bijlage 3 Landelijk competentieprofiel, niveau 4 en Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 1

3 Voorwoord Voor u ligt de rapportage van een onderzoek naar een competentieprofiel van HBO-opgeleide professionals binnen de gehandicaptenzorg. Dit onderzoek is uitgevoerd onder instellingen voor gehandicaptenzorg binnen de provincie Utrecht. Aanleiding voor het onderzoek is enerzijds de toenemende behoefte aan HBO-opgeleide professionals, en anderzijds de onduidelijkheid die er bestaat over de rollen van de HBO professional in de organisatie, alsmede de voor deze rollen benodigde competenties. Kijkend naar de sector gehandicaptenzorg zien we een aantal maatschappelijke ontwikkelingen waaruit blijkt dat er een behoefte bestaat aan HBO-professionals binnen de gehandicaptenzorg. Ontwikkelingen zijn o.a. ontschotting van de sector, vermaatschappelijking van de zorg, ondersteuning van cliënten als burger en bij regie over eigen leven, en het bieden van ondersteuning bij participatie in de samenleving. Van organisaties en professionals wordt een groot innovatief vermogen verwacht. HBO opgeleiden zijn nodig om goed te kunnen anticiperen op deze ontwikkelingen. De HBO er moet vooral in staat zijn om zelfstandig te werken in (zeer) complexe situaties. Daarnaast moet een HBO er voldoende competenties bezitten ten behoeve van het coachen van andere medewerkers en stagiaires, het uitvoeren van (praktijkgericht) onderzoek en het opstellen en implementeren van verbeterplannen voor de praktijk. Competenties dienen gekoppeld te zijn aan functies en taken. Momenteel bestaat er onduidelijkheid over de precieze functie en taken van de HBO er. Daarmee is ook onduidelijk hoe deze professional moet worden opgeleid. De huidige HBO er Social Work (SPH, MWD, CMV, Creatieve Therapie, Pedagogiek) wordt relatief breed opgeleid terwijl het werkveld van de gehandicaptenzorg om een specifieker opgeleide HBO er vraagt. De opleiding wil goede professionals afleveren die in het werkveld aan de slag kunnen. Hiervoor is afstemming nodig tussen werkveld en opleiding. Voor de opleiding is het van belang om te weten hoe het functieprofiel van de HBO er in de gehandicaptenzorg eruit ziet en wat het werkveld in de nabije toekomst van dit profiel verwacht. Zowel landelijk als regionaal is helder beleid noodzakelijk om een goede afstemming tussen werkveld en opleiding te kunnen realiseren. De resultaten van dit onderzoek beogen een bijdrage te leveren aan dit beleid. De Hogeschool Utrecht (HU) heeft in 2006 in samenwerking met het werkveld de minor Lef en Liefde ontwikkeld, teneinde in te spelen op actuele ontwikkelingen en veranderingen in de gehandicaptensector. De instellingen in de provincie Utrecht hebben enthousiast gereageerd op dit initiatief. De eerste lichting studenten die deze minor heeft gevolgd is dit jaar afgestudeerd. In het kader van deze minor is een competentieprofiel voor de niveau-5 professional opgesteld, dat wij mede door middel van dit onderzoek willen toetsen en bijstellen. Als vervolg op deze minor zijn wij bezig een meerjarige leerroute gehandicaptenzorg te ontwikkelen, waar de minor een onderdeel van is. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 2

4 Om hogescholen een goede bijdrage te laten leveren aan het verbeteren van de kwaliteit van zorg, en om studenten af te leveren met een specifieke meerwaarde voor dit werkveld, is het noodzakelijk dat er continu een goede afstemming plaatsvindt tussen wat het werkveld verwacht van de HBO er en wat Hogescholen aanbieden in de opleidingen. Wij denken dat het gezien de huidige trends en ontwikkelingen, noodzakelijk is om kritisch te kijken naar de behoefte aan HBO-professionals en de wijze waarop deze kunnen worden ingezet binnen de gehandicaptenzorg. Door in samenwerking met het werkveld te kijken naar de huidige taken en functies kan er een discussie op gang komen over de HBO er binnen de instellingen. Door een juiste afstemming kunnen we in de toekomst, binnen het brede spectrum van de gehandicaptenzorg, kwalitatief betere zorg en dienstverlening realiseren. Jean Pierre Wilken Lector Participatie, Zorg en Ondersteuning Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 3

5 1. Maatschappelijke ontwikkelingen De beroepsuitoefening van de HBO-professional dient gezien te worden tegen de achtergrond van de huidige maatschappelijke ontwikkelingen. In een toekomstverkenning van het Verwey Jonker Instituut (2004) wordt een aantal ontwikkelingen op een rij gezet. 1 Maatschappelijke ontwikkelingen Verkleuring I: vergrijzing en ontgroening Verkleuring II: een meer diverse samenleving De risico s en het tempo van het moderne leven Inkrimpende verzorgingsstaat Toename eigen verantwoordelijkheid burgers Groeiende maatschappelijke betrokkenheid en inzet; toenemende mondigheid Meer vrije tijd De rol van politiek en media Beleidsontwikkelingen Verzakelijking Vraaggerichtheid Vermaatschappelijking Territoriale aanpak Integraal werken Maatschappelijke zorg als een bepalende trend Sociale kwesties Afnemende solidariteit tussen de generaties Minder tolerantie t.o.v. nieuwkomers en oudere migranten, tussen migrantengroepen onderling en t.o.v. de islam Grote groepen illegale bewoners in Nederland Discriminatie van groepen nieuwkomers Toenemend aantal alleenwonende ouderen en hulpbehoevenden zonder of met geringe mantelzorg Toenemende eenzaamheid c.q. sociaal isolement onder alleenstaande ouderen Tweedeling tussen digitalen en digibeten, of breder: tussen degenen die de acceleratie van de samenleving wel kunnen bijhouden en degenen die aan de kant blijven staan omdat ze er geen greep (meer) op hebben Iedereen wil graag eigen verantwoordelijkheid dragen, maar sommigen hebben daarbij hulp en ondersteuning nodig die niet (meer) bestaan Nog verder buiten de boot vallen van hen die niet voldoende in staat zijn eigen verantwoordelijkheid te nemen. 1 Vliet, K. van, Duyvendak, J.W., Boonstra, N. en Plemper, E. (2004). Toekomstverkenningen ten behoeve van een beroepenstructuur in zorg en welzijn. Utrecht: Verwey Jonker Instituut. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 4

6 De ontwikkeling van de civil society en daarmee het idee van het belang van sociaal leefbare wijken zal ertoe leiden dat in het werk van de professionals het accent meer en meer zal komen te liggen bij het ondersteunen van de actieve participatie van de mensen in de buurt (empowerment, zelfverantwoordelijkheid, sociale integratie). Initiatieven op kleine schaal (bijvoorbeeld straatactiviteiten) worden belangrijk geacht. Het zal niet langer gaan om het in stand houden van allerlei op zichzelf staande activiteiten, maar (ook) om het opbouwen van de samenleving met buurthuizen als middel (van residentieel naar ondersteuning midden in de samenleving en van individu naar groep). 2 Binnen woonwijken is er onder de burgers soms weerstand tegen de komst van een woonvorm voor mensen met een beperking binnen hun wijk. Daarnaast hebben ouders van kinderen met een (ernstige) beperking soms weerstand tegen het gaan wonen in een reguliere wijk. Indien hun kind altijd veilig op het terrein van een instelling heeft gewoond zien zij risico s als deze bescherming wegvalt. De professional zal in staat moeten zijn om hierin bruggen te bouwen en met diverse mensen tot overeenstemming te komen, waarbij de werkelijke vragen van cliënten centraal staan. 3 Op politiek en beleidsmatig gebied is de afgelopen jaren een aantal belangrijke veranderingen doorgevoerd in de zorg. Voorbeelden daarvan zijn onder andere: de wijziging van de AWBZ (Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten), de invoering van het persoonsgebonden budget (PGB), de invoering van de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning), de aanpassingen van de zorgverzekeringswet met de invoering van zorgzwaartepakketten. Voor de gehandicaptenzorg betekenen deze ontwikkelingen onder andere een verbreding van doelgroepen. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan de groep mensen met zowel een verstandelijke beperking als een lichamelijke beperking, of aan de groep met een psychiatrische achtergrond én een verstandelijke beperking. Door zowel sociale kwesties als beleidsontwikkelingen (o.a. meer vraaggericht werken) vindt ontschotting 4 van de zorg plaats. Ontschotting en verbreding van het zorgaanbod maken dat medewerkers op meerdere plekken binnen en buiten een organisatie inzetbaar moeten zijn. Dit kan bijvoorbeeld variëren van woonbegeleiding in de avond tot activiteitenbegeleiding overdag, maar het kan ook het leveren van thuiszorg en begeleiding zijn aan cliënten in een setting binnen Verpleging en Verzorging of binnen de Geestelijke gezondheidszorg. Door maatschappelijke ontwikkelingen ontstaat een verschuiving in de manier van denken over mensen met een beperking. We noemen: de toenemende eigen verantwoordelijkheid van burgers, de aandacht voor mantelzorg, de inkrimpende verzorgingsstaat en daarnaast beleidmatige ontwikkelingen als verzakelijking, maatschappelijke zorg en territoriale aanpak. In plaats van mensen weg te stoppen in de bossen wordt er nu van hen verwacht dat zij deelnemen aan en functioneren in de maatschappij en maximale regie over hun eigen leven hebben. Zij participeren en wonen in een normale wijk en hebben daarnaast waar mogelijk een baan. Wanneer dit niet mogelijk is, is omgekeerde participatie een optie. Hierbij worden voor normale burgers woningen gebouwd of openbare voorzieningen zoals winkels en cafés gerealiseerd op (voormalige) instellingsterreinen. Deze maatschappelijke ontwikkelingen vragen veel vernieuwing, flexibiliteit en verandering van de zorg Roelofs, M., Frietman, J.: Vraag en aanbod van Masters Social Work, Onderzoek naar het beroepscompetentieprofiel Master Social Work en de macrodoelmatigheid van de opleiding Professional Master Social Work, Eerde, M. van en Slagmaat, C. van (2008). Een beter beeld: hermeneutische cirkel als hulpmiddel om behoeften te inventariseren van mensen met een verstandelijke beperking. In: Regionale context in beeld, Werkdocument Opleidingsvraag Flevoland en omstreken, mei Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 5

7 Als gevolg hiervan wordt bij zorgaanbieders zelf (op instellingsniveau) een aantal ontwikkelingen zichtbaar: 5 o Schaalvergroting door fusies, zowel tussen intramurale instellingen onderling als tussen intra- en semi-murale instellingen. MEE- organisaties 'ontvlechten' zich om vorm te geven aan hun onafhankelijke positie, maar streven tegelijkertijd naar onderlinge fusie voor schaalvergroting. o Schaalverkleining in de feitelijke vormgeving van het zorgaanbod. Een van de drijfveren hierbij is het streven naar integratie van gehandicapten in de samenleving. o Het ontstaan van nieuwe, gespecialiseerde organisatievormen, zoals de Centra voor Consultatie en Expertise (CCE). Dit type organisatievormen is erop gericht adviezen te verstrekken over de ondersteuning van cliënten met een specifieke problematiek. o Ambulantisering van het aanbod. Dit sluit aan bij het streven om zo normaal mogelijk te wonen en de benodigde hulp aan huis te krijgen. De geboden hulp aan huis kan variëren van één of twee contacten per week tot elke dag intensieve thuishulp, crisisopvang aan huis of intensieve gedragskundige begeleiding. o Financiering via WMO en zorgzwaartepakketten. De WMO heeft als doel dat iedereen kan deelnemen aan de samenleving. Maar meedoen is niet voor iedereen even vanzelfsprekend. Ouderdom, handicap, sociaal-economische klasse of problemen in de thuissituatie kunnen hindernissen opwerpen om volop in de maatschappij te participeren. De WMO wil mensen in staat stellen om mee te doen, zodat mensen zichzelf beter kunnen redden. Als het iemand niet lukt om zelf ondersteuning te regelen, kan deze bij de gemeente terecht. De gemeente kan dan een vrijwilligersorganisatie of een professionele organisatie inschakelen voor de nodige ondersteuning. De gemeente is met de WMO verantwoordelijk voor de maatschappelijke ondersteuning. Elke gemeente bepaalt zelf hoe zij de maatschappelijke ondersteuning organiseert. De invoering van de WMO kan voor de huidige positie van de HBO er zowel een bedreiging als een kans vormen. Met deze wet is het namelijk nadrukkelijk de bedoeling dat mantelzorgers en vrijwilligers meer ondersteuning op zich nemen dan nu al het geval is. Een gevolg hiervan kan zijn dat zorg en ondersteuning de-professionaliseren. Recht op zorg dreigt afhankelijk te worden van buren, vrienden en familie. Die tendens van de-professionalisering is dan ook zichtbaar; er worden steeds vaker mensen ingezet uit een andere branche of zonder een sociaal-agogische opleiding. Het is van belang om uit te zoeken welke positie de sociaal-agogische HBO er hierin wél kan innemen, teneinde professionele ondersteuning van de mens met een beperking in deze maatschappij te optimaliseren. Dit zal met name een inzet zijn daar waar de maatschappelijke zorg ontoereikend is, bijvoorbeeld als er sprake is van complexe zorg- of ondersteuningsbehoeften. Ontwikkelingen die het niveau van de huidige sociaal agogische professionals overstijgen zijn bijvoorbeeld marktwerking, vraaggestuurd werken, innovatief werken, multidisciplinair werken, integraal werken, generalist én specialist zijn, multi-problematiek, toegenomen armoede, ontbreken van steun vanuit de netwerken van cliënten (sociale steun), bezuinigingen, het media-tijdperk (internet, televisie) en het belang van sociale integratie en het nemen van initiatieven op kleine schaal (bijvoorbeeld op straatniveau). Voor het omgaan met een bepaalde problematiek (bijvoorbeeld de omgang met zeer moeilijke doelgroepen) zijn specifieke competenties vereist. 5 Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sport (2004) Ontwikkelingen zorgaanbod, in: Brancherapport V.W.S., gehandicaptenzorg. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 6

8 Het lectoraat Participatie, Zorg en Ondersteuning, onderdeel van het Kenniscentrum Sociale Innovatie van de HU heeft de afgelopen jaren diverse onderzoeken uitgevoerd in de regio, te weten naar arbeidsparticipatie 6, sociale netwerken 7, vraag- en behoeftenverheldering 8, zorg en ondersteuning in de samenleving 9, allen gericht op mensen met een verstandelijk beperking. Deze onderzoeken geven inzicht in de professionele competenties die nodig zijn om innovaties in de gehandicaptenzorg handen en voeten te geven Dankers,T. (2005) Ik ga naar mijn werk, mogelijkheden voor arbeidsintegratie voor mensen met een verstandelijke handicap in de provincie Utrecht. Brettschneider, E. en Wilken, J.P. (2007) Hoezo een netwerk, Onderzoek naar de aandacht voor sociale netwerken in de verstandelijk gehandicaptenzorg. Visser,H. (2008) Vraagverheldering in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Wilken, J.P. (2007) Zorg en ondersteuning in de samenleving, voorwaarden voor succesvolle vermaatschappelijking van de gehandicaptenzorg. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 7

9 2. Initiatieven rond afstemming praktijk - onderwijs Er zijn de afgelopen jaren veel nieuwe ontwikkelingen ingezet in de gehandicaptenzorg. De vermaatschappelijking heeft geleid tot een verbreding van het aanbod van zorg en meer ambulant werk. De (geleidelijke) overstap naar vraaggestuurde zorg verandert de verhouding tussen cliënten en de werkers in de zorg. Het is daarom nodig om meer samenhang en afstemming aan te brengen tussen de kwalificatiestructuren van de opleidingen voor verplegers en verzorgers (V&V/ Verpleegkunde) en sociaal agogisch werkers (SPW/ SPH). Verder is er veel behoefte aan branchespecifieke verdieping. Het idee dat studenten voor alle sectoren gelijktijdig in gelijke mate kunnen worden gekwalificeerd werkt niet. Er moet een nieuw evenwicht worden gevonden binnen opleidingen tussen breed en smal opleiden." 10 De ABVAKABO/ FNV vindt dat de basis in het initieel onderwijs moet worden aangeboden, maar daar bovenop zou meer gespecialiseerd vervolgonderwijs moeten komen. Het is dan aan werkgevers om leerlingen tijdens en na hun opleiding goed toe te rusten op de specifieke situaties die zich voordoen binnen de betreffende instelling. De VGN pleit overigens ook niet voor een louter branchegerichte opleiding, maar om aanpassingen binnen de huidige onderwijsstructuur: differentiatie binnen de onderwijsstructuur aanbieden op de momenten dat die gewenst is om leerlingen zo goed mogelijk voor te bereiden op de praktijk. Onderwijs en de branche moeten samen aan goede ideeën werken voor het opleiden van goed inzetbare en gekwalificeerde beroepsbeoefenaren 11. In de afgelopen jaren zijn verschillende initiatieven gestart om onderwijs en werkveld beter op elkaar af te stemmen. Zo startte in 2003 het project Naar herkenbare competenties 12 dat in opdracht van de VGN en werknemersorganisaties in de gehandicaptenzorg uitgevoerd is door het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn (NIZW), in samenwerking met het Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt (KBA). Het doel hiervan was om de vraag van de instellingen naar het beroepsonderwijs te verhelderen en de afstemming tussen werkveld en opleidingen te verbeteren. Beter afgestemd onderwijs genereert professionals die competent hun taken kunnen uitvoeren en dus betere zorg kunnen verlenen. In navolging van dit project is in 2004 Doorlichten en verbeteren 13 gestart. In dit project hebben de gezamenlijke instellingen voor gehandicaptenzorg en het beroepsonderwijs op MBO- en HBO-niveau in de regio Arnhem-Nijmegen intensief samengewerkt aan het ontwikkelen van opleidingstrajecten. De resultaten hiervan zijn: instellingscompetentieprofielen voor medewerkers in het primaire proces, een regionaal competentieprofiel en een heldere opleidingsvraag en een verstevigde samenwerking tussen instellingen onderling op het gebied van opleiden. In de regio Utrecht is in januari 2005 het project Samen bouwen aan werken en leren gestart in opdracht van de ledenvergadering van de VGU (een vereniging van 23 organisaties voor gehandicaptenzorg in de provincie Utrecht) In: Nieuwsbrief Naar herkenbare competenties, eenmalige uitgave van het regionale overleg gehandicaptenzorg Arnhem- Nijmegen-Doetinchem-Tiel, in samenwerking met VGN, OVDB en Zorg aan Bod, (2005). In: Nieuwsbrief Naar herkenbare competenties, eenmalige uitgave van het regionale overleg gehandicaptenzorg Arnhem- Nijmegen-Doetinchem-Tiel, in samenwerking met VGN, OVDB en Zorg aan Bod, (2005). Projectplan Samen bouwen aan werken en leren, VGU, ROC s en Hogeschool, regio Utrecht (2005). Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 8

10 Het scholingsnetwerk van de VGU (opleidingsfunctionarissen van betrokken werkveldorganisaties) heeft de regionale opleidingsvraag in kaart gebracht - een programma van eisen waaraan de samenwerking met het beroepsonderwijs in de regio zou moeten voldoen - en een voorstel voor een plan van aanpak gemaakt. Er is door de diverse partijen een samenwerkingsconvenant ondertekend. In mei 2005 heeft het werkveld haar plannen in een beleidsconferentie voorgelegd aan vertegenwoordigers van het beroepsonderwijs MBO niveau 2, 3 en 4 en HBO, niveau 5, waar ook de HU deel van uit maakt. Voorliggend onderzoek is hiervan een deelproject. Vanuit het project Samen bouwen aan werken en leren vond in juni 2007 bij de HU een miniconferentie plaats. Aanleiding hiervoor was dat na twee jaren van samenwerking binnen het project nog onvoldoende duidelijkheid was verkregen over niveau-5 competenties in de gehandicaptenzorg. Op deze conferentie stond de vraag centraal: Wat vraagt de gehandicaptenzorg van HBOprofessionals?. Bij deze conferentie waren vertegenwoordigers uit het werkveld, het MBO- en het HBO-beroepsonderwijs aanwezig. Aan het eind van de conferentie werd o.a. de conclusie getrokken dat het onderscheid tussen niveau 4 en 5 nog niet helder genoeg was en dat dit nader onderzocht zou moeten worden. Dit was de directe aanleiding van het onderzoek waarvan u nu de resultaten leest. Eén van de resultaten van het project Samen bouwen aan werken en leren is de uitwerking van C- competenties van het landelijk competentieprofiel gehandicaptenzorg, waarin onderscheid wordt gemaakt tussen competenties op niveau 4 en op niveau 5. In één van de vragen in het voorliggende onderzoek wordt de vraag naar de relevantie van dit onderscheid voorgelegd aan de respondenten. Uitgangspunt in het Samen bouwen aan werken en leren traject zijn de zgn. strategische uitgangspunten, die aan de competenties ten grondslag liggen, zoals beschreven in het document Opleiding beroepskracht primair proces gehandicaptenzorg. 15 Deze zijn: Er wordt geleerd binnen de driehoek, leerling/student - school - praktijk. Er is sprake van een gedeelde verantwoordelijkheid. Ondernemerschap Professionaliteit. Zingeving Vakbekwaam. Resultaatgericht. Klantgericht Zonder volledig te willen zijn willen we hier tenslotte het project Competent op weg naar de toekomst van juni 2006 nog noemen. Hierin werkten organisaties uit het werkveld gehandicaptenzorg/ jeugdzorg (LVG) en het MBO- en HBO- beroepsonderwijs samen om de aansluiting werkveld en beroepsonderwijs te verbeteren. Het doel was de kwaliteit en inhoud van de beroepsopleidingen te optimaliseren én ervoor te zorgen dat er in en om de regio Flevoland voldoende goed opgeleide beroepskrachten zullen zijn en blijven. 15 Document en tussendocument opleiding beroepskracht primair proces gehandicaptenzorg, Samen bouwen aan werken en leren, VGU, ROC s en Hogeschool, (2006). Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 9

11 3. Onderzoeksopzet 3.1 Vraagstelling Een sluitend antwoord op de vraag hoe niveau 5-competenties in de gehandicaptenzorg precies invulling (kunnen) krijgen heeft zich nog niet uitgekristalliseerd. Zowel in het werkveld als in het onderwijs is er behoefte om deze vraag nader te onderzoeken. De resultaten van dit onderzoek kunnen worden geïmplementeerd in de te ontwikkelen afstudeerrichting Gehandicaptenzorg binnen de HU, een leerlijn in het 3 de en 4 de jaar. De vraagstelling voor het onderzoek is daarom ook tweeledig: Wat zijn de functies en taken van de HBO-professional in de gehandicaptenzorg? Wat zijn de competenties/competentiegebieden die hierbij horen? 3.2 Doelstelling De doelstelling van het onderzoek is: het leveren van een bijdrage aan de ontwikkeling van een (competentie)profiel voor de HBO-professional op niveau 5 binnen de gehandicaptenzorg. Het onderzoek geeft inzicht in de verwachtingen van instellingen in de gehandicaptenzorg in de regio Utrecht met betrekking tot de competenties van de toekomstige HBO-professional die werkzaam zal zijn binnen een van de instellingen. Middels dit onderzoek willen we ook het belang van functies op niveau 5 onder de aandacht brengen bij de Raden van Bestuur in de gehandicaptenzorg. Op basis van dit (competentie)profiel beoogt het Instituut voor Social Work van de HU een afstudeerrichting Gehandicaptenzorg te ontwikkelen, waarbij er een goede aansluiting dient te zijn met opleidingen op niveau 4 ( Samen bouwen aan werken en leren traject). 4. Opzet en uitvoering van het onderzoek 4.1 Populatie/ steekproef Het betreft een inventariserend en toetsend onderzoek onder instellingen voor gehandicaptenzorg in de provincie Utrecht naar de functies en taken van HBO-professionals binnen de gehandicaptenzorg nu en in de toekomst, en de daarmee samenhangende competenties. Het onderzoek werd uitgevoerd bij 10 organisaties die zorg bieden aan mensen met een beperking. De beperkingen waar cliënten in deze organisaties mee te maken hebben zijn divers: verstandelijke beperkingen, zintuiglijke beperkingen, lichamelijke beperkingen en psychiatrische problematiek (bijvoorbeeld normaal begaafde mensen met een aandoening in het autismespectrum). Er blijken veel cliënten te zijn met meervoudige problematiek, zoals cliënten met een verstandelijke beperking in combinatie met psychiatrische aandoeningen, gedragsproblemen, ouders met een verstandelijke beperking en kinderen. Voor het onderzoek hebben we gebruik gemaakt van een selecte steekproef. De keuze voor deze instellingen berust op het feit dat deze instellingen verbonden zijn aan de VGU (Vereniging Gehandicaptenzorg Utrecht). Daarnaast is ook een bewuste keuze gemaakt voor twee instellingen die geen deel uitmaken van de VGU, maar wel een toegevoegde waarde hebben voor het onderzoek, met name vanwege de omvang en positie op de markt. Criteria die geleid hebben tot de keuze van de instelling zijn: alle bij het onderzoek betrokken instellingen zijn werkzaam op het gebied van de zorg voor mensen met een beperking. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 10

12 Ze opereren alle in de regio Utrecht en hebben medewerkers in dienst die zijn opgeleid op niveau 5 (SPH, MWD, HBO-verpleegkundigen). De geïnterviewden zijn medewerkers op het gebied van personeel en organisatie, medewerkers die bekend zijn met scholing en deskundigheidsbevordering en leidinggevenden. In totaal hebben 28 functionarissen aan het onderzoek meegewerkt. Bij de geselecteerde instellingen zijn interviews gehouden in de vorm van een groepsgesprek. Hierbij waren de volgende functionarissen betrokken: Hoofd P&O Het hoofd P&O heeft zicht op het huidige personeelsbestand en het aantal HBO-opgeleiden dat binnen zijn instelling werkzaam is. Daarnaast heeft hij informatie over het functioneren van HBOopgeleiden en kan mogelijk aangeven wat de plaats en positie van HBO-opgeleiden binnen de instelling in de toekomst zal zijn. Hij is op de hoogte van de ontwikkelingen in de zorg en de daaruit voortvloeiende vraag naar personeel. Manager De manager heeft zicht op het functioneren van de HBO-opgeleide medewerker op de werkvloer. Hij weet over welke competenties HBO-opgeleiden beschikken, heeft zicht op ontwikkelingen in de zorg en kan informatie geven over de aansluiting van het onderwijs op de dagelijkse praktijk. Praktijkopleider De praktijkopleider is de verbindende factor tussen opleiding en praktijk. Hij heeft zicht op wat enerzijds de opleiding te bieden heeft en anderzijds wat de praktijk vraagt. Verder heeft hij zicht op de ontwikkelingen in de zorg en wat dat voor mogelijke aanpassingen vraagt in het aanbod van de opleidingen, in de door studenten te verwerven competenties. Bij het leggen van contacten met de instellingen en functionarissen hebben we gebruik gemaakt van het al bestaande netwerk van de HU. Een deel van de contactpersonen was ons al bekend via de VGU, omdat zij al eerder in gezamenlijke projecten participeerden. Waar nodig hebben we nieuwe contacten gelegd en daarbij gelet op affiniteit met het onderwerp en beschikbaarheid om mee te werken aan het interview en de daarvoor gevraagde voorbereiding. 4.2 Methode In dit onderzoek hebben we gekozen voor een kwalitatieve onderzoeksbenadering. Dit is een vorm van onderzoek die zich kenmerkt door het willen begrijpen van de onderzoeksvraag vanuit het insiders perspectief 16. Data werden verzameld middels een gedeeltelijk gestructureerd interview. Dit is een vorm van interviewen waarbij de onderwerpen die besproken moeten worden vaststaan en waarin een voorkeur voor een vraagvolgorde wordt aangegeven. Deze vorm van dataverzameling is passend binnen de keuze voor een kwalitatief onderzoek 17. Op deze manier verkregen we een goede aansluiting op het onderwerp. In ons onderzoek gaat het om een thema waar nog weinig onderzoek naar is gedaan en waarover weinig voorkennis bestaat. Van ons als onderzoekers vroeg dat daarom om een flexibele houding ten aanzien van hetgeen we in de interviews tegenkwamen. Dat gold met name voor meningen, discussies en interpretaties van respondenten en die van ons zelf. 4.3 Dataverzameling en uitvoering Naar aanleiding van het pilotinterview dat we hebben gehouden, hebben we gekozen voor groepsinterviews in plaats van interviews met individuele respondenten. Voordeel van een groepsinterview is dat je meer mensen tegelijk spreekt, waardoor het minder tijd kost. Een ander voordeel is ook dat sommige mensen juist door de meningen van anderen reacties geven die in een individueel gesprek niet aan de orde komen. 16 Michgelbrink, F. (2005). Praktijkgericht onderzoek in zorg en welzijn. 17 Baarda, D.B. (2005). Praktijkgericht onderzoek in zorg en welzijn. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 11

13 Nadeel is dat sommige mensen zich geremd kunnen voelen om te reageren en hun mening minder goed durven geven. Sociale wenselijkheid en angst kunnen een rol spelen. Verder vereist het van de gespreksleider de nodige vaardigheden om alle gesprekspartners voldoende aan bod te laten komen 18. De interviewers zijn onderzoekers die getraind zijn in het voeren van groepsgesprekken. Tijdens de afname van de interviews is niets gebleken van de in de literatuur genoemde nadelen. Wel bleek het voordeel dat het groepsinterview deelnemers uitnodigde tot discussie en verdieping. Voor dit onderzoek bleek het groepsinterview van toegevoegde waarde. Om de interne betrouwbaarheid van het onderzoek te waarborgen hebben we de interviews waar mogelijk woordelijk uitgewerkt. Hierdoor hebben wij onze eigen interpretaties buiten beschouwing gelaten. We hebben regelmatige afstemming tussen de leden van de projectgroep bereikt via de mail. De interviews zijn opgenomen met een digitale voice-recorder/cassettebandje. We hebben gebruik gemaakt van meerdere methoden: ondervraging en documentenanalyse, zoals taak en functieomschrijvingen. We hebben de interviews afgenomen met meerdere onderzoekers (tweetallen). Ter controle is de uitwerking van ieder interview naar de geïnterviewden gestuurd. Hierop zijn enkele aanvullingen of correcties gekomen, die we verwerkt hebben. Om de externe betrouwbaarheid van het onderzoek te waarborgen hebben we de status, positie en de rollen van de onderzoekers beschreven in het projectplan. Er is een verantwoording gegeven voor de gekozen respondenten. Tevens is er een verantwoording gegeven van de gekozen methoden en technieken. Om de interne validiteit van het onderzoek te waarborgen hebben we de onderzoeksopzet gevolgd. Er is gebruik gemaakt van een goed gestructureerde vragenlijst die recht deed aan de vraag- en doelstelling van het onderzoek. De respondenten kregen de gelegenheid om, waar nodig en wenselijk, specifieker op een onderwerp of thema in te gaan. Tevens is er feedback gevraagd van collega s buiten het project. Om de externe validiteit (overdraagbaarheid) van het onderzoek te waarborgen moeten de resultaten van het onderzoek bruikbaar en nuttig zijn. Op basis van o.a. de uit het onderzoek verkregen informatie kan een keuzeprogramma geschreven worden en kan de afstudeerriching gehandicaptenzorg voor de opleiding SPH nader invulling krijgen. De resultaten en de conclusies zijn hiermee overdraagbaar naar de praktijk. 4.4 Analysemethode Bij het analyseren van de verbatim uitgewerkte teksten van de interviews werden de voor het interview opgestelde vragen als labels gebruikt. De informatie werd dus geordend en geanalyseerd per vraag. De voor het interview geformuleerde vragen zijn relevant voor de beantwoording van de vraagstelling. Door ze als labels te gebruiken bij de analyse krijgen we een beeld van alle aspecten van de functies en taken van de HBO professional in de gehandicaptenzorg en van de daarbij behorende competenties. Een probleem bij de analyse was het aantal onbeantwoorde deelvragen bij vraag Met name de onbekendheid van een groot deel van de geïnterviewden met het competentieprofiel, zoals opgesteld voor de gehandicaptenzorg, en tijdgebrek voor het afnemen van de interviews maakten dat de beantwoording van vraag 12 in een aantal interviews onvolledig is gebleven. 18 Baarda, D.B. (2005). Praktijkgericht onderzoek in zorg en welzijn. 19 Zie Bijlage 2 Vragenlijst interview Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 12

14 4.5 Begripsbepalingen Hieronder geven we een nadere omschrijving van een aantal begrippen die in het kader van dit onderzoek van belang zijn. Een competentie is een begrip dat wordt gebruikt om de persoonsgebonden kennis, vaardigheden en beroepshouding uit te drukken die een beroepsbeoefenaar nodig heeft om het beroep te kunnen uitoefenen. 20 In dit rapport zullen we het naast competenties ook over competentiegebieden hebben. Hiermee bedoelen we gebieden, die de competentie enerzijds overschrijden en anderzijds verengen, omdat het binnen een bepaald competentiegebied meer kan gaan over b.v. attitude aspecten dan bv. vaardigheids- of kennisaspecten. Een kwalificatie is een begrip dat wordt gebruikt om kennis, vaardigheden en beroepshouding uit te drukken die een beroepsbeoefenaar nodig heeft om het beroep te kunnen uitoefenen. 21 Kerntaken zijn die taken die de essentie van het werk weergeven. Het gaat in feite om de harde kern van de werkzaamheden. 22 Kernopgaven zijn kritische situaties in het werk zoals problemen, dilemma s spanningsvelden, maar ook kansen, waarin van deze beroepskracht een aanpak en oplossing wordt verwacht. De kritische werksituaties maken het werk complexer en door ze te beschrijven, wordt duidelijk wat van een competente beroepskracht tijdens het uitvoeren van de kerntaken, nog meer wordt verwacht. 23 Iedere beroepskracht in zorg en welzijn moet beschikken over de volgende generieke competenties 24 : Contactueel en communicatief Vraag en oplossingsgericht Doel- en resultaatgericht Ondernemend en innovatief Inzichtelijk en verantwoord Professioneel en kwaliteitsgericht Daarnaast worden de vakspecifieke competenties genoemd. Deze zijn voor deze sector: C1 Competenties op het gebied van gezondheid en ziekte C2 Competenties op het gebied van de algemene dagelijks levensverrichtingen C3 Competenties op het gebied van opvang en opvoeden C4 Competenties op het gebied van pedagogische hulpverlening C5 Competenties op het gebied van informatie en advies C6 Competenties op het gebied van psychosociale hulpverlening C7 Competenties op het gebied van ondersteuning van participatie en burgerschap Primair proces: Onder primair proces verstaan we het proces waardoor het primaire doel van de organisatie wordt gerealiseerd, te weten zorg en dienstverlening aan mensen met een handicap Essen, G. van, Josten, E. en Meihuizen, H. (2004). Arbeid in zorg en welzijn. Integrerend OSA-rapport. Samenvatting, conclusies en aanbevelingen. 21 Ewijk, H. van e.a. (2007). Basisboek Social Work, blz. 127 en Arensbergen, C. en Liefhebber, S. (2005). Landelijk competentieprofiel beroepskrachten primair proces gehandicaptenzorg. 23 Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (2008). Concept landelijk competentieprofiel beroepskrachten niveau D, blz Vlaar, P. van e.a. (2005). Klaar voor de toekomst, blz Arensbergen, C. en Liefhebber, S. (2005). Landelijk competentieprofiel beroepskrachten primair proces gehandicaptenzorg. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 13

15 5. Samenvatting van de resultaten In deze rapportage is er voor gekozen de resultaten in samengevatte vorm weer te geven. Gedetailleerde informatie is op verzoek verkrijgbaar bij de auteurs. 5.1 Personeel Opleidingsniveau zorg/steunverlenend personeel Het opleidingsniveau van zorg- en steunverlenend personeel varieert van niveau 3-opgeleide medewerkers in de minder complexe zorg tot niveau 5-opgeleide medewerkers met mentortaken en complexe zorgtaken. Hierbij maken de meeste instellingen niet echt onderscheid tussen niveau 4- of 5-opgeleid personeel. Van niveau 4-opgeleid personeel hebben zij dezelfde verwachtingen voor wat betreft de inzet op complexe problematiek en mentortaken. In de ambulante zorg worden niveau 5- opgeleide medewerkers ingezet of niveau 4-opgeleide medewerkers met veel ervaring. De organisatie die uitsluitend ambulante zorg verleent heeft alleen niveau 5-opgeleide medewerkers in dienst. Een citaat van één de geïnterviewden: De EVB er (eerst verantwoordelijk begeleider) werkt met name in de ambulante en bijzondere zorg (LVG met psychiatrische en/ of gedragsproblemen). De EVB er heeft de regie t.a.v. zorgcontext rondom bepaalde cliënten, coacht ook andere begeleiders en is opgeleid op niveau 5. Bij alle organisaties hebben coördinatoren, leidinggevenden, clustermanagers en beleidsmakers een opleiding op HBO-niveau, de laatste twee vaak aangevuld met een VO- opleiding, master of wetenschappelijke opleiding. Percentage HBO personeel Van het aantal personeelsleden dat bij de onderzochte instellingen werkt, varieert het aantal medewerkers met een HBO-opleiding sterk. Uitersten worden gevormd door de instelling voor ambulante dienstverlening, die uitsluitend HBO ers in dienst heeft, en een instelling voor zorg aan mensen met een verstandelijke beperking die slechts 20% HBO ers in dienst heeft. Drie instellingen geven aan 30% tot 40% HBO-opgeleide medewerkers in dienst te hebben. Eén instelling 50% en één instelling 85%. De overige deelnemers aan het onderzoek hebben hier geen zicht op. Een citaat van één de geïnterviewden: Er zijn relatief veel medewerkers HBO-opgeleid. Deze medewerkers zijn echter niet altijd werkzaam in een HBO-functie. Functies binnen maatschappelijke ondersteuning zijn meer op HBO-niveau dan functies bij wonen. Specifieke taken en functies van HBO-personeel Specifieke taken en/of functies heeft de medewerker met een HBO-opleiding binnen de door ons onderzochte instellingen op het gebied van de uitvoering meestal niet. Wel is het zo dat over het algemeen in zeven van de negen instellingen medewerkers met EVB-taken en medewerkers in de ambulante zorg HBO-opgeleid zijn. Een citaat van één van de geïnterviewden: In de ambulante zorg moet de medewerker zelf de situatie inschatten, er is niemand die met je meekijkt van goh, had je nou niet beter om kunnen schakelen, of ik doe even met je mee want ik zie dit en dat, dat moet je echt allemaal zelf zien en bedenken. Dus je zit er in maar je moet er ook op afstand naar kunnen kijken. Het reflecteren op de situatie is daar veel belangrijker, dan in de semi- of intramurale setting. Je krijgt geen feedback. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 14

16 Ja, wel van je cliënt, maar verder niet. En dan gaat het hier niet om de makkelijkste cliënten dus dat vraagt behoorlijk wat extra. Daarnaast worden HBO ers ingezet voor de begeleiding van cliënten met complexe problematiek. Een citaat van één de geïnterviewden: Op onze high care-afdelingen, waar sprake is van forse structuurproblemen, werken we met HBO ers en MBO ers-plus. De methodieken die je toe kan passen, behorend bij specifieke doelgroepen, is echt wel iets waarvan je in ieder geval goed op de hoogte moet zijn. Ook het vinden van de weg naar instanties toe. Ambulante werkers die te maken hebben met bijvoorbeeld verslavingszorg of schuldhulpverlening, moeten wel binnen het totale pakket aan dienstverlening hun weg kunnen vinden. Dus dat is nog iets specifieker dan bij de meer reguliere ambulante dienstverlening. Twee instellingen geven aan niet zozeer naar opleidingsniveau, als wel naar kwaliteiten en wensen van medewerkers te kijken bij het aanstellen van medewerkers in een bepaalde functie op het gebied van de uitvoering. Specifieke taken op het gebied van de uitvoering zijn gekoppeld aan de functies. Zo behoort het tot de taken van een Eerst Verantwoordelijk Begeleider of Persoonlijk Begeleider om plannen te schrijven en deze mee uit te voeren, te prioriteren en contacten te onderhouden met het netwerk van de cliënt. Deze begeleider is hiermee tevens de organisator/coördinator van het hele proces rondom een cliënt. Functies in het middenkader worden op alle instellingen vervuld door medewerkers met een HBOopleiding. Zij zijn werkzaam in functies als integraal manager, leidinggevende, clustermanager, coördinator, senior-groepsleider, werkbegeleider en projectleider. Een citaat van één van de geïnterviewden: De coördinator stuurt een team aan, liefst op een coachende manier. Het hele regelwerk en wat daar allemaal bij hoort. Hij of zij kan delegeren natuurlijk, waarbij het wel fijn is wanneer je mensen hebt die de gedelegeerde taken kunnen uitvoeren. Het is een integraal manager, dus in feite van alle dingen zoals P&O, opleiding, financiën, budgetbeheer, hoe ziet je huis er uit, je team, bewonerszorg op de hoogte is, want dat valt er allemaal onder. Het is een veelomvattende klus. Dat is aan de ene kant een grote uitdaging en aan de andere kant soms een grote frustratie. Daarnaast zijn uitsluitend HBO ers (plus) en WO-opgeleiden werkzaam op het gebied van beleidsontwikkeling en kwaliteitszorg. Vier instellingen geven aan dat bij de uitvoering van kleine projecten HBO ers ingezet worden. Dat het ook HBO ers zijn die deze projecten ontwikkelen kwam uit de antwoorden niet naar voren. Over het geven van coaching en praktijkbegeleiding werd heel divers gedacht. Eén instelling vond dit de specifieke taak van de unitleiders, een andere instelling vond dat ook niveau 4-opgeleide medewerkers hun collega s moeten kunnen coachen. Naast de hierboven reeds genoemde functies zijn er ook nieuwe functies gecreëerd, zoals die van pedagogische gezinsbegeleider, zorgadviseur (die adviseert o.a. ten aanzien van zorgzwaartepakketten), jobcoach, trajectbegeleider, casemanager en intern opleider; deze werden genoemd als specifieke functies op HBO-niveau. Het gaat bij deze laatste groep om kleine aantallen van elke functie (minder dan 12 per instelling). Al deze functies hebben specifieke taken en vragen om specifieke competenties. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 15

17 De meerwaarde van HBO opgeleid personeel op micro-, meso- en macroniveau Op microniveau wordt het kunnen reflecteren vanuit de eigen visie en vanuit de visie van de organisatie als een belangrijke meerwaarde gezien. Men moet een helikopterview hebben en verantwoording kunnen nemen voor het eigen handelen. HBO-opgeleiden worden geacht goed methodisch te kunnen werken. Een citaat van één van de geïnterviewden: HBO ers die op de leefgroep werken, schrijven wat makkelijker en schakelen sneller tussen de verschillende niveaus. Ze zien sneller de verbanden. Zelfstandigheid, een pro-actieve houding, een groot verantwoordelijkheidsgevoel, zelfsturing en het kunnen volgen van procedures en procedures kunnen zien, worden ook als meerwaarde genoemd. Een citaat van één van de geïnterviewden: De HBO er is een denker, de MBO er is een doener. Ik verwacht van een HBO er meer daadkracht, meer draagkracht en body dan van een MBO er. Op mesoniveau bestaat de meerwaarde uit het samenwerkingsgericht werken en het kunnen schakelen tussen de verschillende niveaus. HBO ers zijn over het algemeen breder georiënteerd en meer betrokken bij beleid. Ze kunnen ook beter projectmatig werken. Ze zijn netwerkgericht, hebben een methodische achtergrond, kunnen dingen zelf overbrengen, ze kunnen coachen en weten gedrag te benoemen. De HBO er is onderzoeksgericht, kan kennis in de organisatie inbrengen, kan schakelen tussen de verschillende niveaus en kan het primaire proces vertalen naar begrijpbaar beleid en andersom. Van medewerkers op HBO-niveau wordt verwacht dat ze leiding kunnen geven aan commissies en overzicht hebben van wat er gebeurt, ook buiten de locatie. De HBO er onderscheidt zich door in complexe situaties mee te kunnen denken en daar de weerstanden te kunnen signaleren en te overbruggen. Een citaat van één de geïnterviewden: En in de aansturing is het ook veel meer dat je tegen mensen kan zeggen met niveau 5: dit is zo n beetje het resultaat wat het moet worden, zij vinden het zelf dan gewoon leuk om de weg er naar toe en de middelen enzovoort te vinden, zij maken zelf dat plan wel. Terwijl bij de andere niveaus moet je ze veel meer stapjesgewijs meenemen, voorkauwen af en toe. Dat bedoel ik absoluut niet denigrerend, maar in de zin van situationeel aansturen is dat een duidelijk verschil. Op macroniveau zijn het de HBO ers die op beleids- en staffuncties zitten. Ze zijn op de hoogte van wet- en regelgeving. HBO ers zijn sneller in staat maatschappelijke ontwikkelingen te vertalen naar de eigen werksituatie. Een citaat van één de geïnterviewden: Op macroniveau zien we geen meerwaarde, we krijgen niets terug, de studenten komen vooral halen, we missen de kritische blik. De meerwaarde van een HBO er in het primaire proces wordt op macroniveau niet goed zichtbaar, omdat we hier specifieke HBO ers plus of WO ers voor hebben. We verwachten ook niet dat niveau 5 zich hier mee bezig houdt. De functie/ beloningsschaal van HBO opgeleid personeel De beloningsschaal is gekoppeld aan de functie. Bij de instellingen varieert dit van schaal 35 tot 55 van de CAO Gehandicaptenzorg. Bij de instelling voor alleen ambulante dienstverlening is dit schaal Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 16

18 De visie van de organisatie en de betekenis daarvan voor het personeelsbeleid Alle instellingen stellen in hun visie de ontplooiing, empowerment, de kracht van de cliënt en het respect voor de cliënt centraal. In het verlengde hiervan hechten zij allen waarde aan geschoold en deskundig personeel. Aansluitend op de visie die zij hebben op de zorg voor hun cliënten geven alle instellingen aan belang te hechten aan een goed personeelsbeleid, waarin ook aandacht is voor de kwaliteiten en keuzes van medewerkers. Scholing maakt daar onderdeel van uit. Drie citaten van geïnterviewden: Wij zien graag mensen die initiatief en verantwoordelijkheid nemen voor de eigen ontwikkeling, die assertief zijn. Die kunnen plannen. Die kennis hebben van budgetten, b.v. weten wat een leeg bed kost. Die kennis hebben van financiering in de zorg, b.v. een brutonettoberekening kunnen maken. De manier waarop we zorg verlenen vraagt om een HBO-opleidingsniveau. In het werken met cliënten willen we naast de cliënt staan, in plaats van de alwetende hulpverlener te zijn die zorg overneemt. Empowerment wordt nagestreefd. De medewerker heeft de regie over keuzes die hij maakt in zijn werkzame leven. Dit trekt mensen aan die weten wat ze willen, die positief kritisch zijn. Wat vervolgens weer van invloed is op de organisatie: scherp blijven, invloed op de kwaliteit van zorg. De kwaliteit van mensen is van invloed op de kwaliteit van zorg. De inzet en kwaliteiten van het personeel worden beloond, waarbij dit niet alleen in geld wordt uitgedrukt. 5.2 Competenties Het onderscheid tussen niveau 4 en 5: terecht of onterecht In ons onderzoek hebben we gebruik gemaakt van het Landelijk competentieprofiel gehandicaptenzorg van het NIZW. Uit ons onderzoek bleek dat dit competentieprofiel in de praktijk niet altijd bekend is bij de respondenten en dat het niet veel gebruikt wordt. Er wordt meer met functie- en taakprofielen gewerkt, die gebaseerd zijn op het functiegebouw. Vragen naar de verschillende competentiegebieden leverde de volgende informatie op. Op het gebied van vraaggericht werken -competentiegebied A- geven alle organisaties aan dat er een onderscheid is tussen niveau -4 en niveau -5 competenties, waarbij opgemerkt wordt dat niveau-5 opgeleide medewerkers ingezet worden in complexere begeleidingssituaties. Communiceren en contact maken -competentiegebied B- waarbij de nadruk ligt op de cliënt en zijn context, het opbouwen van een netwerk, empowerment van de cliënt, het uitzetten en initiëren van nieuwe lijnen, werd door alle instellingen gezien als een HBO-competentie. In drie instellingen werd het ook van niveau 4-opgeleide medewerkers verwacht, maar gaf men aan dat niveau 5-opgeleiden dit beter kunnen. Zo werd ook het hanteren van methoden en technieken van communicatie een vereiste gevonden, waar zowel niveau-4 als niveau-5 opgeleide professionals mee kunnen werken, maar het introduceren van nieuwe communicatiestijlen werd wel weer gezien als iets waar een HBO er beter mee uit de voeten zou kunnen. Zes van de negen instellingen uit het onderzoek geven aan dat de HBO er op het gebied van gestructureerd, methodisch en kostenbewust werken -competentiegebied C- in staat is protocollen te ontwerpen en dat dit een HBO-competentie is. Eén instelling geeft aan dit ook een niveau 4- competentie te vinden, maar denkt dat de HBO er hier beter in is door beter taalgebruik en het beter aan kunnen brengen van structuur. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 17

19 Voor wat betreft het anticiperen op macro-ontwikkelingen, zoals de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) zijn eveneens zes instellingen het er over eens dat dit een HBO-competentie is. Eén instelling geeft aan dat als een niveau 4-opgeleide medewerker werkzaam is als EVB er, hij ook over deze competentie moet beschikken. Citaat van één van de geïnterviewden: Ik denk wel dat we van onze niveau 4-medewerkers verwachten dat zij signaleren, maar om dat signaal vervolgens handen en voeten te geven vind ik echt iets voor een HBO er. Als je kijkt naar wie de protocollen schrijft geldt hier hetzelfde voor, zeker als het om zorginhoudelijke aspecten gaat. De antwoorden op de competenties van competentiegebied D -omgaan met grenzen- laten zien dat het systeemgericht denken iets is waarvan de meeste instellingen vinden dat dit een HBOcompetentie is. Afstand nemen en reflecteren zijn bij het omgaan met grenzen belangrijke vaardigheden. Eén van de instellingen verwoordde het verschil hierin tussen niveau 4 en niveau 5 als volgt: MBO ers werken met het hart en HBO ers werken meer met het hoofd. Kennis van wet- en regelgeving -competentiegebied D- en het toepassen hiervan in de dagelijkse praktijk, werd door slechts één instelling gezien als niveau-4 competentie. Het ondersteunen van de cliënt op zijn verschillende leefgebieden -competentiegebied E- werd gezien als een competentiegebied, waar weinig tot geen onderscheid is tussen niveau 4- en niveau 5- opgeleiden. Ontwikkelingsgericht ondersteunen -competentiegebied F- werd door alle instellingen gezien als een niveau 5-competentie. Het coachen van medewerkers op complexe situaties werd door een instelling als collegiale consultatie benoemd en deze instelling vond dit ook voor niveau 4-opgeleide medewerkers een competentie. Competentiegebied G -regie en coördinatie- is een competentiegebied waarin het voeren van de regie over samenwerking met collega s, in dialoog met de cliënt tot een samenhangend aanbod komen en het tonen van initiatief in complexe situaties van belang zijn. De meerderheid van de respondenten zijn het erover eens dat dit niveau 5-competenties zijn. Werken als professional in een professionele organisatie -competentiegebied H- waarbij o.a. reflecteren op eigen handelen, actief op zoek gaan naar informatie, een bijdrage leveren aan de eigen ontwikkeling, maar ook meewerken aan kwaliteitsverbetering van de organisatie en innovaties belangrijke competenties zijn, werden gezien als HBO-competenties. Dit met de kanttekening dat MBO ers dit vaak kunnen op een ander niveau, op microniveau. Behoefte aan specifiek verpleegkundige competenties op HBO-niveau Het merendeel van de geïnterviewden gaf aan geen behoefte te hebben aan verpleegkundigen die op niveau 5 zijn opgeleid. Eén instelling zou gebruik willen maken van verpleegkundigen met SPHachtige competenties. Een andere instelling gaf aan hier wel behoefte aan te hebben, maar er nog geen zicht op te hebben hoe dat georganiseerd zou moeten worden en hoe breed dat dan zou moeten zijn. Meer specifieke competenties op HBO-niveau Competenties op het gebied van kennisverwerving wordt door verschillende instellingen van belang geacht. Dit wordt dan gezien als het hebben van een juiste attitude, een onderzoekende houding, waardoor reflecteren, samenwerken, omgaan met (heftige) emoties en stabiliteit meer tot de basiscompetenties behoren. Het gaat hier om competenties op het gebied van cliëntoverstijgende taken, projecten, coachen/begeleiden, netwerken en conceptueel denken. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 18

20 Eén instelling noemt specifieke competenties, waarin kennis over verschillende methodieken en benaderingswijzen voor de groep mensen met een lichte verstandelijke beperking (LVG). Een citaat van één de geïnterviewden: Ik pleit voor een specifiek minor LVG. LVG is een groot werkveld, dat steeds groter wordt. Er is heel veel vraag vanuit cliënten en dus ook naar scholing. Door verschillende instellingen wordt systeem- en netwerkgericht werken genoemd als een belangrijke te verwerven competentie. Hiermee wordt beoogd: het inbedden, implementeren en het waarborgen van dat netwerk. Een blijvende verandering, hoe zorg je er voor dat het nieuw aangeleerde gedrag, de nieuwe verworven kennis blijft werken, wat heb je nodig? Eén instelling noemt competenties op het gebied van het ondersteunen van cliënten met meervoudige (zintuiglijke) beperkingen als een toe te voegen competentie en het in de markt zetten van de op dit gebied verkregen expertise als een daarop aansluitende competentie. Er worden competenties op macro-niveau genoemd. Een citaat van één de geïnterviewden: Het kunnen vertalen van maatschappelijke ontwikkelingen en overheidsbeleid naar de eigen locatie en dit kunnen vertalen naar de werkvloer.. Ook worden specifieke competenties op het gebied van nieuwe functies genoemd, zoals die van casemanager, jobcoach, trajectbegeleider en zorgadviseur. Onderscheid HBO-opgeleid personeel en MBO-opgeleid personeel op verschillende punten. Alle geïnterviewden waren het er over eens dat de HBO er in staat is om te schakelen tussen micro-, meso-, en macroniveau, dat de HBO er zelfstandig kan werken en keuzes kan maken in (zeer) complexe situaties. Eén instelling was van mening dat een MBO er daartoe ook in staat moet zijn. Alle geïnterviewden waren het er over eens dat de HBO er netwerkgericht kan denken en handelen. Eén instelling merkt op dat HBO ers dit toch vaak nog lastig vinden. Zes instellingen geven aan dat HBO ers in staat zijn te schakelen tussen theorie en praktijk, waarbij gebruik wordt gemaakt van wetenschappelijke inzichten. Eén instelling merkt op dat de theoretische onderbouwing bij HBO ers nogal eens ontbreekt. Zeven instellingen geven aan dat HBO ers in staat zijn praktijkgericht onderzoek uit te voeren en hier methodisch verantwoord een relevant advies aan te koppelen. Drie instellingen geven aan dat de HBO er in staat is transparant te reflecteren. Drie instellingen geven aan dat dit niet specifiek voor de HBO er is, maar dat iedereen dat moet kunnen, ook de MBO er. Een instelling geeft aan dat de mate verschilt waarin gereflecteerd wordt: De HBO er onderscheidt zich door reflectie vanuit zichzelf, de context en de omgeving. Vijf instellingen geven aan dat de HBO er in staat is om collega-medewerkers te coachen/ begeleiden en voor hen een rolmodel te zijn. Eén instelling vindt dat MBO ers hiertoe ook in staat zijn. Eén instelling geeft geen antwoord op de vraag, omdat het begrip coachen niet helder is. Zes instellingen vinden dat de HBO er in staat is om maatschappelijke ontwikkelingen aan te kunnen sturen en implementeren binnen en/of vanuit de bestaande visie en methodieken. Eén instelling geeft aan dat HBO ers binnen deze instelling geen functies bekleden, waarin dit aan de orde is. Twee citaten als toevoeging aan bovenstaande, elk van één van de geïnterviewden. Het verschil zit niet in het primaire proces. Een MBO er op niveau 4 moet hetzelfde kunnen als een HBO er. In de praktijk merk je dat HBO ers uitgekeken raken binnen de functie van een persoonlijk begeleider. Intramuraal heb je eigenlijk geen HBO ers nodig, extramuraal wel, vanwege de complexe problematiek. Kenniscentrum Sociale Innovatie - Hogeschool Utrecht niveau 5 Competenties in de gehandicaptenzorg 19

Competentieprofiel. kaderlid LGB Beroepsinhoud Zorg

Competentieprofiel. kaderlid LGB Beroepsinhoud Zorg Competentieprofiel kaderlid LGB Beroepsinhoud Zorg Generieke Competenties... 2 Affiniteit met kaderlidmaatschap... 2 Sociale vaardigheden... 2 Communicatie... 2 Lerend vermogen... 3 Initiatiefrijk... 3

Nadere informatie

Beroepen zorg en welzijn

Beroepen zorg en welzijn Nieuwsbrief Beroepen zorg en welzijn Nummer 2, september 2004 Inhoud Expertmeetings waren succesvol! 2 Twee vragen aan Ben Hoogendam 3 Werk maken van je vak 4 Miranda van Laar meldde zich aan 4 Toekomstverkenning

Nadere informatie

Model Beroepsprofiel Cliëntondersteuner voor mensen met een beperking

Model Beroepsprofiel Cliëntondersteuner voor mensen met een beperking Model Beroepsprofiel Cliëntondersteuner voor mensen met een beperking Het doel van deze beschrijving is om enerzijds houvast te geven voor het borgen van de unieke expertise van de cliëntondersteuner voor

Nadere informatie

VISIE OP DAGBESTEDING EN WERK DICHTERBIJ

VISIE OP DAGBESTEDING EN WERK DICHTERBIJ VISIE OP DAGBESTEDING EN WERK DICHTERBIJ Visie Dichterbij: Dichterbij schept voorwaarden waardoor mensen met een verstandelijke beperking: - leven in een eigen netwerk temidden van anderen - een eigen

Nadere informatie

Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen

Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen Inhoud 1. Inleiding 2 De Wmo-werkplaats 2 Schets van de context 2 Ontwikkelde producten 3 2. Doel onderzoek

Nadere informatie

Workshop Introductie Wmo. Lesprogramma. Ontwikkelingen

Workshop Introductie Wmo. Lesprogramma. Ontwikkelingen Workshop Introductie Wmo Wmo-werkplaats Groningen-Drenthe 28 juni 2012 Lies Korevaar Lesprogramma Kennismaking en uitleg programma Wat is de Wmo? Doelen en uitgangspunten van de Wmo Uitwerking Wmo in de

Nadere informatie

Hogeschool Windesheim Zwolle Aandacht voor jeugdzorg en jeugd- en opvoedhulp in hbo-opleidingen en onderzoek.

Hogeschool Windesheim Zwolle Aandacht voor jeugdzorg en jeugd- en opvoedhulp in hbo-opleidingen en onderzoek. Hogeschool Windesheim Zwolle Aandacht voor jeugdzorg en jeugd- en opvoedhulp in hbo-opleidingen en onderzoek. WGV Oost Deventer, 20 maart 2013 Attie Valkenburg van Roon, projectleider Master Zorg voor

Nadere informatie

Team passend onderwijs wat is het, hoe werkt het?

Team passend onderwijs wat is het, hoe werkt het? Team passend onderwijs wat is het, hoe werkt het? werkgroep bundelen van expertise, 25 mei 2012 Aanleiding voor een team passend onderwijs Passend onderwijs betekent dat iedere leerling het onderwijs en

Nadere informatie

HANDREIKING VOOR (OPLEIDERS IN) DE GEHANDICAPTENZORG. Uitbreiding/verdieping van eindtermen V&V en SAW. Annelies Bannink

HANDREIKING VOOR (OPLEIDERS IN) DE GEHANDICAPTENZORG. Uitbreiding/verdieping van eindtermen V&V en SAW. Annelies Bannink HANDREIKING VOOR (OPLEIDERS IN) DE GEHANDICAPTENZORG Uitbreiding/verdieping van eindtermen V&V en SAW Auteurs: Neeske Bouwknegt Annelies Bannink Bunnik, januari 2004 HANDREIKING VOOR (OPLEIDERS IN) DE

Nadere informatie

Afgeronde onderzoeksprojecten Lectoraat Zorg voor Mensen met een Verstandelijke Beperking (periode 2008 2012)

Afgeronde onderzoeksprojecten Lectoraat Zorg voor Mensen met een Verstandelijke Beperking (periode 2008 2012) Afgeronde onderzoeksprojecten Lectoraat Zorg voor Mensen met een Verstandelijke Beperking (periode 2008 2012) In de periode 2008-2012 heeft het Lectoraat Zorg voor Mensen met een Verstandelijke Beperking

Nadere informatie

Zienn gaat verder. Jaarplan 2014

Zienn gaat verder. Jaarplan 2014 Zienn gaat verder Jaarplan 2014 Een verhaal heeft altijd meer kanten. Zeker de verhalen van de mensen voor wie Zienn er is. Wij kijken naar ál die kanten. Kijken verder. Vragen verder. Gaan verder. Zo

Nadere informatie

Samen kiezen voor verrijking

Samen kiezen voor verrijking Samen kiezen voor verrijking Hans Timmerman Senior Beleidsmedewerker VGN Gusta van der Zanden Sectordirecteur Deltion College Marjan Emck Onderwijskundige Summa College Wat gaat er veranderen Uitgangspunten

Nadere informatie

Opleiding: Eerst Verantwoordelijke Verzorgende met plus (EVV met plus)

Opleiding: Eerst Verantwoordelijke Verzorgende met plus (EVV met plus) Opleiding: Eerst Verantwoordelijke Verzorgende met plus (EVV met plus) De Eerst Verantwoordelijke Verzorgende (EVV er) is onmisbaar in de zorg en u wilt uw EVV er de juiste kennis en vaardigheden meegeven.

Nadere informatie

Plan voor een scholingsaanbod CJG: in en vanuit het CJG

Plan voor een scholingsaanbod CJG: in en vanuit het CJG Plan voor een scholings CJG: in en vanuit het CJG Uitgaan van de eigen kracht van ouders en kinderen, die eigen kracht samen versterken en daar waar nodig er op af en ondersteunen Het scholingsplan CJG

Nadere informatie

Ambtenaren / managers Ambtenaren die werken met moeilijk bereikbare groepen

Ambtenaren / managers Ambtenaren die werken met moeilijk bereikbare groepen Bijlage Overzicht Doelgroepen Overzicht Doelgroepen participerend in Wmo-werkplaatsen Wmo werkplaats Participerende doelgroepen praktijken Actieve burgers Actieve burgers Actieve buurtbewoners / managers

Nadere informatie

Betekenis voor beroepsonderwijs

Betekenis voor beroepsonderwijs Betekenis voor beroepsonderwijs Paul Vlaar Landelijk overleg Wmo-werkplaatsen Opbouw inleiding Transities sociale domein Wat zijn Wmo-werkplaatsen? Waar zitten werkplaatsen en wat doen zij? Urgentie van

Nadere informatie

A.J.E. de Veer, R. Verkaik & A.L. Francke. Stagiairs soms slecht voorbereid op praktijk. Zorgverleners over de aansluiting

A.J.E. de Veer, R. Verkaik & A.L. Francke. Stagiairs soms slecht voorbereid op praktijk. Zorgverleners over de aansluiting Deze factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (A.J.E. de Veer, R. Verkaik & A.L. Francke. Stagiairs soms slecht voorbereid op praktijk. Zorgverleners over de aansluiting

Nadere informatie

S TA G E S L I J N 5

S TA G E S L I J N 5 STAGES LIJN5 Wil jij stage lopen bij Lijn5? In de provincie Utrecht biedt Lijn5 behandeling en begeleiding aan kinderen en jongeren met én zonder licht verstandelijke beperking en hun gezin. Lijn5 beschikt

Nadere informatie

Instituut voor Sociale Opleidingen

Instituut voor Sociale Opleidingen Instituut voor Sociale Opleidingen Naar een nieuwe opleiding Social Work In september 2016 start Hogeschool Rotterdam met de nieuwe opleiding Social Work. Dit betekent dat eerstejaars studenten (die in

Nadere informatie

NIEUWSBRIEF. HBO-Verpleegkundige Gerontologie-Geriatrie. Een relevante actor in de toekomstige gezondheidszorg voor kwetsbare ouderen

NIEUWSBRIEF. HBO-Verpleegkundige Gerontologie-Geriatrie. Een relevante actor in de toekomstige gezondheidszorg voor kwetsbare ouderen NIEUWSBRIEF Een relevante actor in de toekomstige gezondheidszorg voor kwetsbare ouderen Samenvatting onderzoeksrapport HBO-Verpleegkundige Gerontologie-Geriatrie Rotterdam, 9 juni 2014 Dr. R.J.J. Gobbens,

Nadere informatie

Bedrijfsmaatschappelijk werker

Bedrijfsmaatschappelijk werker Bedrijfsmaatschappelijk werker Doel Verlenen van hulp aan werknemers met (dreigende) (psycho)sociale moeilijkheden, alsmede adviseren van leidinggevenden over (psycho)sociale vraagstukken, binnen het sociaal

Nadere informatie

Workshop Krimpcafe XL Maatwerk op lokaal niveau. Jaap Ikink. 12 juni 2014

Workshop Krimpcafe XL Maatwerk op lokaal niveau. Jaap Ikink. 12 juni 2014 Workshop Krimpcafe XL Maatwerk op lokaal niveau Jaap Ikink 12 juni 2014 Maatwerk voor Sociale Wijkteams Waarom sociale wijkteams? Uitdaging op lokaal niveau! Adviezen voor beleid?! Maatwerk voor Sociale

Nadere informatie

Strategisch bedrijfsplan 2013-2016. Het Algemeen Maatschappelijk Werk werkt voor mens en maatschappij

Strategisch bedrijfsplan 2013-2016. Het Algemeen Maatschappelijk Werk werkt voor mens en maatschappij Strategisch bedrijfsplan 2013-2016 Het Algemeen Maatschappelijk Werk werkt voor mens en maatschappij 1 2013-2016 Maatschappelijk werk beweegt zich van oudsher tussen de vragen van de lokale maatschappij

Nadere informatie

ZORG VOOR EEN GOEDE MANTEL Beleid Mantelzorg Waardeburgh

ZORG VOOR EEN GOEDE MANTEL Beleid Mantelzorg Waardeburgh ZORG VOOR EEN GOEDE MANTEL Beleid Mantelzorg Waardeburgh Opgesteld door: Bijlage: Albert Tahaparij Eveline Stehouwer Ellen van den Bosch Folder Mantelzorg Vastgesteld MT d.d. 10 september 2013 Opgesteld

Nadere informatie

ehealth binnen de thuiszorg van Noorderbreedte

ehealth binnen de thuiszorg van Noorderbreedte ehealth binnen de thuiszorg van Noorderbreedte De ontwikkeling van de ehealth-koffer Naam : Seline Kok en Marijke Kuipers School : Noordelijke Hogeschool Leeuwarden Opleiding : HBO-Verpleegkunde voltijd

Nadere informatie

Functieprofiel. Wat is het?

Functieprofiel. Wat is het? Functieprofiel Wat is het? Een functieprofiel is een omschrijving van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van een functie binnen een organisatie. Het zorgt ervoor dat discussies worden vermeden

Nadere informatie

Factsheet Veranderingen in de Zorg 2015 (AWBZ, LIZ, Zvw en Wmo):

Factsheet Veranderingen in de Zorg 2015 (AWBZ, LIZ, Zvw en Wmo): Factsheet Veranderingen in de Zorg 2015 (AWBZ, LIZ, Zvw en Wmo): Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ): Collectieve Volksverzekering voor ziektekostenrisico s, waarvoor je je niet individueel kunt

Nadere informatie

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden:

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Marco Snoek over de masteropleiding en de rollen van de LD Docenten De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Het intended curriculum : welke doelen worden

Nadere informatie

Kinderopvang Heyendael

Kinderopvang Heyendael Hoofdstuk: 5.5 (Personeel) Titel: Werkwijze en beleid tav stagiaires Procesbewaker: Praktijkopleider Bladzijden: 1 t/m 4 Kinderopvang Heyendael Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Soorten stageplekken 3. Organisatie

Nadere informatie

STAGEINSTELLINGEN ONDERZOEK HJO-JURISTEN ZUYD HOGESCHOOL. Geachte heer/mevrouw,

STAGEINSTELLINGEN ONDERZOEK HJO-JURISTEN ZUYD HOGESCHOOL. Geachte heer/mevrouw, STAGEINSTELLINGEN ONDERZOEK HJO-JURISTEN ZUYD HOGESCHOOL Geachte heer/mevrouw, De Hogere Juridische Opleiding (HJO) is ontstaan vanuit de voormalige opleiding Sociaal Juridische Dienstverlening (SJD).

Nadere informatie

De ene regio is de andere niet

De ene regio is de andere niet De ene regio is de andere niet Landelijke diversiteit van initiatieven ter versterking van de samen- werking tussen de gehandicaptenzorg en het regionale beroepsonderwijs Dit is het derde artikel in een

Nadere informatie

Vacaturemelding Stichting VluchtelingenWerk Oost Nederland. Leidinggevende aan Vrijwilligers (LaV) m/v

Vacaturemelding Stichting VluchtelingenWerk Oost Nederland. Leidinggevende aan Vrijwilligers (LaV) m/v Vacaturemelding Stichting VluchtelingenWerk Oost Nederland Informatie algemeen Het werkgebied van de Stichting VluchtelingenWerk Oost Nederland omvat de gemeenten binnen de provincies Gelderland en Overijssel

Nadere informatie

Vraag en aanbod van sociaal-agogisch personeel 2015-2019

Vraag en aanbod van sociaal-agogisch personeel 2015-2019 Toekomstverkenning voor de branche Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening Vraag en aanbod van sociaal-agogisch personeel 2015-2019 September 2015 Willem van der Windt Ineke Bloemendaal 1 1 Doel van

Nadere informatie

Stichting Expertisecenter Onderwijs Zorg Bonaire is op zoek naar een ervaren. Ambulant onderwijskundig begeleider (1 fte)

Stichting Expertisecenter Onderwijs Zorg Bonaire is op zoek naar een ervaren. Ambulant onderwijskundig begeleider (1 fte) VACATURE Stichting Expertisecenter Onderwijs Zorg Bonaire is op zoek naar een ervaren Ambulant onderwijskundig begeleider (1 fte) Stichting Expertisecenter Onderwijs Zorg Bonaire (EOZ) biedt zorg en begeleiding

Nadere informatie

Nieuwsbrief deelproject Opleidingen Mei 2008

Nieuwsbrief deelproject Opleidingen Mei 2008 Nieuwsbrief deelproject Opleidingen Mei 2008 Deze nieuwsbrief bevat de laatste ontwikkelingen over het deelproject Opleidingen en bestaat uit de onderwerpen: Gesignaleerde trends in de Jeugdzorg, Trends

Nadere informatie

we zijn in beeld VPTZ-ZU/ Hospice Nieuwegein

we zijn in beeld VPTZ-ZU/ Hospice Nieuwegein we zijn in beeld VPTZ-ZU/ Hospice Nieuwegein Beleid 2012-2013 Inleiding Dit beleidsstuk is geschreven om in beeld te brengen wat onze organisatie doet, waar we voor staan en waar we goed in zijn, hoe we

Nadere informatie

Veranderingen in de langdurige ondersteuning en zorg. Februari 2014

Veranderingen in de langdurige ondersteuning en zorg. Februari 2014 Veranderingen in de langdurige ondersteuning en zorg. Februari 2014 Van een klassieke verzorgingsstaat naar een participerende samenleving klonk het vanaf de troon op Prinsjesdag. Dat klinkt best mooi,

Nadere informatie

Ontwikkelingen. in zorg en welzijn. Wij houden daarbij onverkort vast aan de Koers 2010-2013,

Ontwikkelingen. in zorg en welzijn. Wij houden daarbij onverkort vast aan de Koers 2010-2013, KOERS 2014-2015 3 Het (zorg)landschap waarin wij opereren verandert ingrijpend. De kern hiervan is de Kanteling, wat inhoudt dat de eigen kracht van burgers over de hele breedte van de samenleving uitgangspunt

Nadere informatie

!7": ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING

!7: ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING !7": ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING )NKOOPBELEID,ANGDURIGE :ORG +LANTVERSIE Uitgangspunten en inkoopdoelen 2015 Verpleging en Verzorging (V&V) U hebt recht op langdurige zorg als dat nodig is. Denk aan

Nadere informatie

Excellente Leerkracht SBO, SO/VSO. Stichting Meerkring LC 11 Onderwijsproces -> Leraren 44343 43334 43 43 Marieke Kalisvaart

Excellente Leerkracht SBO, SO/VSO. Stichting Meerkring LC 11 Onderwijsproces -> Leraren 44343 43334 43 43 Marieke Kalisvaart Functie-informatie Functienaam Organisatie Letterschaal CAO Salarisschaal Werkterrein Kenmerkscores SPO-gecertificeerde Stichting Meerkring LC 11 Onderwijsproces -> Leraren 44343 43334 43 43 Marieke Kalisvaart

Nadere informatie

DE AANPAK VAN SOCIAAL ISOLEMENT. KNELPUNTEN EN DILEMMA S.

DE AANPAK VAN SOCIAAL ISOLEMENT. KNELPUNTEN EN DILEMMA S. DE AANPAK VAN SOCIAAL ISOLEMENT. KNELPUNTEN EN DILEMMA S. Presentatie DAK bijeenkomst 16 juni 2014 Dr. Marina Jonkers ONDERWERPEN Wat doet LESI? Aanpak sociaal isolement in gemeenten Beleidsurgentie en

Nadere informatie

Functiebeschrijving netwerk dementie regio Haaglanden

Functiebeschrijving netwerk dementie regio Haaglanden Functiebeschrijving netwerk dementie regio Haaglanden Inleiding De voor de cliënt en zijn omgeving zeer ingrijpende diagnose dementie roept veel vragen op over de ziekte en het verloop hiervan maar ook

Nadere informatie

Opleidingsprogramma De Wmo-professional

Opleidingsprogramma De Wmo-professional Kennis van de Overheid Opleidingsprogramma De Wmo-professional Gekanteld werken Leren gekanteld werken Het werk van de professional in de frontlinie van zorg en welzijn verandert ingrijpend. Niet helpen

Nadere informatie

Participatiewiel: een andere manier van kijken

Participatiewiel: een andere manier van kijken Participatiewiel: een andere manier van kijken Ideeën voor gebruik door activeerders en hun cliënten Participatiewiel: samenhang in beeld WWB Schuldhulpverlening Wajong / WIA / WW / WIJ AWBZ en zorgverzekeringswet

Nadere informatie

Academie voor Verpleegkunde Bachelor Nursing 2020

Academie voor Verpleegkunde Bachelor Nursing 2020 Academie voor Verpleegkunde Bachelor Nursing 2020 Aanleiding nieuw Beroepsprofiel Zorg met ingang van 2020 Grote fragmentatie van de zorg, beroepen en opleidingen (Kaljouw, 2015). meer dan 2400 verschillende

Nadere informatie

Inleiding. Doelen en uitgangspunten van het gemeentebestuur

Inleiding. Doelen en uitgangspunten van het gemeentebestuur Inleiding TRILL is een methodiek die de verantwoordelijkheden en de te leveren prestaties van betrokken partijen in kaart brengt. Zo moet de ambtenaar de beleidsdoelstellingen die door het gemeentebestuur

Nadere informatie

De weg naar zinvolle dagbesteding voor mensen met dementie. begeleidingsprogramma voor organisaties die zorg leveren aan mensen met dementie

De weg naar zinvolle dagbesteding voor mensen met dementie. begeleidingsprogramma voor organisaties die zorg leveren aan mensen met dementie De weg naar zinvolle dagbesteding voor mensen met dementie begeleidingsprogramma voor organisaties die zorg leveren aan mensen met dementie Context Het aanbieden van welzijn, dagbesteding of zingevingactiviteiten

Nadere informatie

VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL

VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL Inhoudsopgave: Voorwoord... 1 1. Visie: door KANTELING in BALANS...2 1.1 De kern: Eigen kracht en medeverantwoordelijkheid

Nadere informatie

Functieprofiel: Studentenconsultant Functiecode: 0402

Functieprofiel: Studentenconsultant Functiecode: 0402 Functieprofiel: Studentenconsultant Functiecode: 0402 Doel Voorlichten, adviseren, begeleiden, testen en trainen van studenten, alsmede waarborgen van de volledigheid, toegankelijkheid en actualiteit van

Nadere informatie

voor kleinschalig wonen in de ouderenzorg gebaseerd

voor kleinschalig wonen in de ouderenzorg gebaseerd Onderwijs voor kleinschalig wonen in de ouderenzorg Gebaseerd op Verzorgende-IG (niveau 3) en Medewerker Maatschappelijke (niveau 3) van 2011-2012 Een belangrijke ontwikkeling in de ouderenzorg is kleinschalig

Nadere informatie

Junior medewerker Bezwaar en Beroep

Junior medewerker Bezwaar en Beroep Kennis van de Overheid Junior medewerker Bezwaar en Beroep Talentprogramma voor jonge professionals Investeer in de toekomst van uw afdeling Junior talenten kunnen een bijzondere rol spelen bij de transformatie

Nadere informatie

SAMENSPEL FORMELE EN INFORMELE ZORG

SAMENSPEL FORMELE EN INFORMELE ZORG SAMENSPEL FORMELE EN INFORMELE ZORG Nieuwsbrief No 1 Mei 2013 Dit is de eerste nieuwsbrief van het project Samenspel Formele en Informele zorg van de Wmo werkplaatsutrecht. Op de site www.wmowerkplaatsutrecht.nl

Nadere informatie

Gehandicaptenzorg, woonbegeleiding, activiteitenbegeleiding, zorgcoördinatie.

Gehandicaptenzorg, woonbegeleiding, activiteitenbegeleiding, zorgcoördinatie. Specificaties Medewerker maatschappelijke zorg Titel: Soort: Werksituatie: Eindproduct: Kwaliteitszorg voor MZ Cursus Gehandicaptenzorg, woonbegeleiding, activiteitenbegeleiding, zorgcoördinatie. Een presentatie

Nadere informatie

Kwaliteitsvisie kinderopvang voor pedagogisch medewerkers en gastouders

Kwaliteitsvisie kinderopvang voor pedagogisch medewerkers en gastouders Kwaliteitsvisie kinderopvang voor pedagogisch medewerkers en gastouders Visie De pedagogische kwaliteiten van medewerkers bepalen voor een zeer groot deel de kwaliteit van de kinderopvang, passend bij

Nadere informatie

69 Zorgzwaartepakketten

69 Zorgzwaartepakketten DC 69 Zorgzwaartepakketten verstandelijk gehandicapten 1 Inleiding Cliënten die zorg in het kader van de Algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ) nodig hebben, kunnen aanspraak maken op een budget daarvoor.

Nadere informatie

Achtergrondinformatie geldstromen en wetten

Achtergrondinformatie geldstromen en wetten Achtergrondinformatie geldstromen en wetten Tot stand gekomen in het kader van het project RAAK-MKB Ontwerpen voor zorgverleners Auteurs Dr. F. Verhoeven; onderzoeker lectoraat Co-design (HU) Ing. K. Voortman-Overbeek;

Nadere informatie

TEAMNASCHOLING ERVARINGSGERICHTE PSYCHOSOCIALE HULPVERLENING WERKEN MET CLIËNTEN EN HUN RELATIONELE CONTEXT

TEAMNASCHOLING ERVARINGSGERICHTE PSYCHOSOCIALE HULPVERLENING WERKEN MET CLIËNTEN EN HUN RELATIONELE CONTEXT TEAMNASCHOLING ERVARINGSGERICHTE PSYCHOSOCIALE HULPVERLENING WERKEN MET CLIËNTEN EN HUN RELATIONELE CONTEXT HOE ZIET UW PRAKTIJK ERUIT? Veel cliënten zien hun probleem als een individueel probleem en komen

Nadere informatie

Onderzoek Passend Onderwijs

Onderzoek Passend Onderwijs Rapportage Onderzoek passend onderwijs In samenwerking met: Algemeen Dagblad Contactpersoon: Ellen van Gaalen Utrecht, augustus 2015 DUO Onderwijsonderzoek drs. Liesbeth van der Woud drs. Tanya Beliaeva

Nadere informatie

Interculturele managementcompetenties

Interculturele managementcompetenties Handreiking Interculturele managementcompetenties Handreiking voor (opleidings)managers in het hsao HO-raad, oktober 2012 Project intercultureel vakmanschap in het hsao Deelproject van het ZonMw programma

Nadere informatie

Participatieverslag Nieuw & Anders

Participatieverslag Nieuw & Anders Participatieverslag Nieuw & Anders Op 26 en 31 maart vonden twee bijeenkomsten plaats met de titel Nieuw & Anders plaats. Twee bijeenkomsten die druk bezocht werden door vrijwilligers, verenigingen en

Nadere informatie

Wmo-werkplaats Groningen-Drenthe 2009-2012. Overzicht. Aanleiding Wmo-werkplaatsen. Opzet, bevindingen en resultaten. Aanleiding Wmo-werkplaatsen

Wmo-werkplaats Groningen-Drenthe 2009-2012. Overzicht. Aanleiding Wmo-werkplaatsen. Opzet, bevindingen en resultaten. Aanleiding Wmo-werkplaatsen Wmo-werkplaats Groningen-Drenthe 2009-2012 Opzet, bevindingen en resultaten Lies Korevaar, lector Rehabilitatie Overzicht Aanleiding Wmo-werkplaatsen Opzet Wmo-werkplaats Groningen- Drenthe Activiteiten

Nadere informatie

Post HBO opleiding Jobcoach/Trajectbegeleider

Post HBO opleiding Jobcoach/Trajectbegeleider Post HBO opleiding Jobcoach/Trajectbegeleider Combo Emonomy Combo Emonomy heeft een lange historie en traditie in methodiekontwikkeling, onderzoek, opleiding, coaching en advies op het gebied van arbeidsontwikkeling,

Nadere informatie

Competentiematrix Master Pedagogiek

Competentiematrix Master Pedagogiek Competentiematrix Master Pedagogiek 1. Analyseren en interpreteren in staat is tot -onafhankelijke oordeelsvorming over gewenste en binnen de gegeven context haalbare pedagogische arrangementen; -analyse

Nadere informatie

Body of Knowledge. Kwalificatiedossier Verzorgende IG. Werkversie 0.1. 1/9 Verzorgende IG v0.1

Body of Knowledge. Kwalificatiedossier Verzorgende IG. Werkversie 0.1. 1/9 Verzorgende IG v0.1 Body of Knowledge Kwalificatiedossier Verzorgende IG Werkversie 0.1 1/9 Verzorgende IG v0.1 Inhoud 1 Verzorgende IG basis... 3 1.1 Zorgcontext... 3 1.2 Communicatie, coaching en begeleiding... 3 1.3 Functioneren

Nadere informatie

Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012

Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012 Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012 Zicht krijgen op duurzame inzetbaarheid en direct aan de slag met handvatten voor HR-professionals INHOUDSOPGAVE 1. Duurzame inzetbaarheid

Nadere informatie

Leerplaatsomschrijving. Adres: Zonnelaan 30-20

Leerplaatsomschrijving. Adres: Zonnelaan 30-20 Leerplaatsomschrijving Locatie/werkplek: Locatie Zonnelaan Adres: Zonnelaan 30-20 Postcode en woonplaats: 9742BM Groningen Vastgesteld: 1-12-2014 De cliënten Vanuit locatie Zonnelaan worden 70 cliënten

Nadere informatie

Professionalisering van docenten. Gerda Geerdink Studiedag Facta 24 maart 2015 Amersfoort

Professionalisering van docenten. Gerda Geerdink Studiedag Facta 24 maart 2015 Amersfoort Professionalisering van docenten Gerda Geerdink Studiedag Facta 24 maart 2015 Amersfoort Opbouw presentatie Welke docenten hebben we nodig? Professionalisering binnen de HAN Resultaten onderzoek naar vier

Nadere informatie

Werkend leren in de jeugdhulpverlening

Werkend leren in de jeugdhulpverlening Werkend leren in de jeugdhulpverlening en welzijnssector Nulmeting Samenvatting Een onderzoek in opdracht van Sectorfonds Welzijn Bernadette Holmes-Wijnker Jaap Bouwmeester B2796 Leiden, 1 oktober 2003

Nadere informatie

Lectoraten in het hbo: een nieuw fenomeen

Lectoraten in het hbo: een nieuw fenomeen 12 Onderzoek Lectoraten in het hbo: een nieuw fenomeen Kitty Kwakman 1 Inleiding Per 1 april 2002 ben ik werkzaam als lector bij de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Inmiddels zijn op vele Hogescholen

Nadere informatie

OPLOSSINGSGERICHT WERKEN MET JONGEREN MISSION POSSIBLE

OPLOSSINGSGERICHT WERKEN MET JONGEREN MISSION POSSIBLE OPLOSSINGSGERICHT WERKEN MET JONGEREN MISSION POSSIBLE OPEN INSCHRIJVING IN UTRECHT WAT IS MISSION POSSIBLE? Bent u geïnteresseerd te ontdekken waar de motivatie van jongeren ligt om hun problemen zelf

Nadere informatie

groepswerker/ begeleider (m/v) 24-30 uur. Voor onze locatie de Schuilplaats, 24-uurs zorg, zijn wij op zoek naar een:

groepswerker/ begeleider (m/v) 24-30 uur. Voor onze locatie de Schuilplaats, 24-uurs zorg, zijn wij op zoek naar een: Breng jij ons team op sterkte met je ervaring in de psychiatrie? (of: Werk je als professional in de psychiatrie en zou je wel meer met je geloof willen?) Voor onze locatie de Schuilplaats, 24-uurs zorg,

Nadere informatie

Profiel. Hoofd Beleid en Advies. 2 juni 2016. Opdrachtgever Stichting de Haagse Scholen

Profiel. Hoofd Beleid en Advies. 2 juni 2016. Opdrachtgever Stichting de Haagse Scholen Profiel Hoofd Beleid en Advies 2 juni 2016 Opdrachtgever Stichting de Haagse Scholen Voor meer informatie over de functie Jeannette van der Vorm, adviseur Leeuwendaal Telefoon (088) 00 868 00 Voor sollicitatie

Nadere informatie

LEOZ Generiek competentieprofiel leraar Passend Onderwijs: de ontwikkelscan

LEOZ Generiek competentieprofiel leraar Passend Onderwijs: de ontwikkelscan LEOZ Generiek competentieprofiel leraar Passend Onderwijs: de ontwikkelscan Juni 2013 Erica de Bruïne (Hogeschool Windesheim) Hans van Huijgevoort (Fontys OSO) Hettie Siemons (Hogeschool Utrecht, Seminarium

Nadere informatie

Sociaal Agogisch Werk

Sociaal Agogisch Werk Sociaal Agogisch Werk Het werkveld van de sociaal agogisch werker is heel breed. Zo kun je aan de slag bij bijvoorbeeld basisscholen, kinderdagverblijven en peuterspeelzalen, maar ook in club- en buurthuizen

Nadere informatie

Specialisten of generalisten? Bachelor of Master?

Specialisten of generalisten? Bachelor of Master? Presentatie, 9 december 2004 Specialisten of generalisten? Bachelor of Master? Dr. Marieke Schuurmans Zij studeerde Gezondheidswetenschappen, afstudeerrichting erplegingswetenschap, aan de Universiteit

Nadere informatie

Ervaringsdeskundigheid in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Petri Embregts

Ervaringsdeskundigheid in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Petri Embregts Ervaringsdeskundigheid in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking Petri Embregts Inhoud Waarom een kans in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking? Inzetbaarheid en effectiviteit

Nadere informatie

DD-NR Regelingen en voorzieningen CODE 9.2.3.5

DD-NR Regelingen en voorzieningen CODE 9.2.3.5 DD-NR Regelingen en voorzieningen CODE 9.2.3.5 Zorgleefplan brochure bronnen www.loc.nl, (LOC, zeggenschap in de zorg is de koepelorganisatie van de cliëntenraden van de sectoren verpleging en verzorging,

Nadere informatie

Goed werkgeverschap loont. Rob Gründemann (kenniscentrum sociale innovatie) Bijeenkomst personeelsgeleding CMR, 9 april 2008

Goed werkgeverschap loont. Rob Gründemann (kenniscentrum sociale innovatie) Bijeenkomst personeelsgeleding CMR, 9 april 2008 Goed werkgeverschap loont Rob Gründemann (kenniscentrum sociale innovatie) Bijeenkomst personeelsgeleding CMR, 9 april 2008 Opzet van de presentatie 1. Leeftijdsopbouw Hoger onderwijs 2. Ontwikkelingen

Nadere informatie

De spin in het web. Handreiking. voor werkers die direct. aan de slag willen met. de sociale netwerken van. mensen met verstandelijke

De spin in het web. Handreiking. voor werkers die direct. aan de slag willen met. de sociale netwerken van. mensen met verstandelijke De spin in het web Handreiking voor werkers die direct aan de slag willen met de sociale netwerken van mensen met verstandelijke beperkingen Anne Wibaut, Willy Calis Ad van Gennep Inleiding Wij hebben

Nadere informatie

Wiens verantwoordelijkheid is het eigenlijk. Mythen en feiten rond de informele steunstructuren

Wiens verantwoordelijkheid is het eigenlijk. Mythen en feiten rond de informele steunstructuren Wiens verantwoordelijkheid is het eigenlijk Mythen en feiten rond de informele steunstructuren Tot slot: Meer doelmatigheid van het professionele aanbod valt te verkrijgen door het kritisch doorlichten

Nadere informatie

Senior leiderschap en jong talent

Senior leiderschap en jong talent ONDERZOEK Senior leiderschap en jong talent Onderzoek naar een generatiekloof tussen leidinggevenden en jonge professionals. 2010 Upstream Consulting Drs. Dennis Boutkan Drs. Trudie Westen MSc. Jennifer

Nadere informatie

Actieplan Professionalisering Jeugdzorg: de resultaten

Actieplan Professionalisering Jeugdzorg: de resultaten Actieplan Professionalisering : de resultaten Professionele jeugdzorg met uitstekend opgeleide hulpverleners, een overzichtelijke beroepenstructuur, versterking van de beroepsregistratie, doordachte beroepsethiek

Nadere informatie

Onze visie op cliënten, medewerkers en organisatie vertrekt vanuit 6 waarden: Cliëntgestuurd, Integer, Inclusief, Open, Participatief, Professioneel.

Onze visie op cliënten, medewerkers en organisatie vertrekt vanuit 6 waarden: Cliëntgestuurd, Integer, Inclusief, Open, Participatief, Professioneel. missie en VISIE Het GielsBos wil een veilige en geborgen thuis bieden aan volwassenen en kinderen met een beperking. We bieden deze mensen en hun leefomgeving een brede ondersteuning vanuit ervaring en

Nadere informatie

Stichting Empowerment centre EVC

Stichting Empowerment centre EVC I N V E N T A R I S A T I E 1. Inleiding Een inventarisatie van EVC trajecten voor hoog opgeleide buitenlanders in Nederland 1.1. Aanleiding De Nuffic heeft de erkenning van verworven competenties (EVC)

Nadere informatie

Eindtermen vervolgopleiding intensive care verpleegkundige

Eindtermen vervolgopleiding intensive care verpleegkundige Eindtermen vervolgopleiding intensive care verpleegkundige De beschrijving van de eindtermen voor de vervolgopleiding tot intensive care verpleegkundige is ontleend aan het deskundigheidsgebied intensive

Nadere informatie

Verslag basiscursus Wmo d.d. 12 april 2013 LSR in (Utrecht)

Verslag basiscursus Wmo d.d. 12 april 2013 LSR in (Utrecht) Verslag basiscursus Wmo d.d. 12 april 2013 LSR in (Utrecht) De vier cursisten, die aanwezig waren, begonnen zich aan elkaar voor te stellen onder leiding van de cursusleidster. Van de vier cursisten waren

Nadere informatie

PVA Jaar 2. Stefan Timmer S1001410 Klas: CE 2b

PVA Jaar 2. Stefan Timmer S1001410 Klas: CE 2b PVA Jaar 2 Stefan Timmer S1001410 Klas: CE 2b Inhoudsopgave blz. Voorblad - Inhoudsopgave 2 Plan van aanpak tweede jaar 3-4 Bijlage 1: Algemene domeincompetenties 5-6 (wat heb ik geleerd) Bijlage 2: Belangrijkste

Nadere informatie

A.J.E. de Veer, R. Verkaik & A.L. Francke. Hoge verwachtingen over pas gediplomeerden. Utrecht: NIVEL, 2010

A.J.E. de Veer, R. Verkaik & A.L. Francke. Hoge verwachtingen over pas gediplomeerden. Utrecht: NIVEL, 2010 Deze factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (A.J.E. de Veer, R. Verkaik & A.L. Francke. Hoge verwachtingen over pas gediplomeerden. Utrecht: NIVEL, 2010) worden gebruikt.

Nadere informatie

Opleidingsprogramma het keukentafelgesprek

Opleidingsprogramma het keukentafelgesprek Kennis van de Overheid Opleidingsprogramma het keukentafelgesprek Zorg voor Zorgen dat! Leren gekanteld werken Het werk van de professional in de frontlinie van zorg en welzijn verandert ingrijpend. Niet

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 14 april 2014 Betreft Beroep en opleiding verpleegkundige

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 14 april 2014 Betreft Beroep en opleiding verpleegkundige > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Bijlage(n)

Nadere informatie

ECTS-fiche. Opleiding. Geïntegreerde competentieverwerving 2. Lestijden. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot

ECTS-fiche. Opleiding. Geïntegreerde competentieverwerving 2. Lestijden. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot ECTS-fiche 1. Identificatie Opleiding Module Code Lestijden Studiepunten Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot GMW Geïntegreerde competentieverwerving 2 AD2 40 n.v.t. 220 JA aanvragen

Nadere informatie

eflectietool Reflectietool Reflectietool Reflectietool Test jezelf op professioneel ondersteunen

eflectietool Reflectietool Reflectietool Reflectietool Test jezelf op professioneel ondersteunen eflectietool Reflectietool eflectietool Reflectietool eflectietool Reflectietool Test jezelf op professioneel ondersteunen Redactie: Marieke Haitsma en Corrie van Dam Eindredactie: afdeling communicatie

Nadere informatie

De paradox van de burger als uitgangspunt

De paradox van de burger als uitgangspunt GEMEENTE WINTERSWIJK De paradox van de burger als uitgangspunt De dialoog als methodiek Rhea M. Vincent 1-11-2013 In het nieuwe zorgstelsel staat de vraag van de burger centraal. De professional en de

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding... 3. Algemene gegevens... 4. Gevoel van veiligheid... 5. De mate waarin agressie voorkomt... 7. Omgaan met agressie...

Inhoud. Inleiding... 3. Algemene gegevens... 4. Gevoel van veiligheid... 5. De mate waarin agressie voorkomt... 7. Omgaan met agressie... Inhoud Inleiding... 3 Algemene gegevens... 4 Gevoel van veiligheid... 5 De mate waarin agressie voorkomt... 7 Omgaan met agressie... 8 Ontwikkeling van agressie... 11 Kwalitatieve analyse... 11 Conclusies...

Nadere informatie

Aan de slag met duurzame inzetbaarheid 3 november 2015

Aan de slag met duurzame inzetbaarheid 3 november 2015 Duurzame inzetbaarheid uitgangspunt personeelsbeleid Het voorstel is duurzame inzetbaarheid centraal te stellen in het personeelsbeleid om medewerkers van alle levensfasen optimaal inzetbaar te houden

Nadere informatie

Eindtermen voor de vervolgopleiding tot spoedeisende hulp verpleegkundige

Eindtermen voor de vervolgopleiding tot spoedeisende hulp verpleegkundige Eindtermen voor de vervolgopleiding tot spoedeisende hulp verpleegkundige De beschrijving van de eindtermen voor de vervolgopleiding tot spoedeisende hulp verpleegkundige is ontleend aan het deskundigheidsgebied

Nadere informatie

Ontwikkelingen. Cliënten van de AWBZ naar de Wmo. Mensen met beperkingen participeren in de wijk (en daar buiten)

Ontwikkelingen. Cliënten van de AWBZ naar de Wmo. Mensen met beperkingen participeren in de wijk (en daar buiten) Interdisciplinaire samenwerking: de T-shaped professional in relatie tot de participatie van burgers met ernstige en langdurige beperkingen Welzijn nieuwe stijl vraagt om onderwijs nieuwe stijl Ontwikkelingen

Nadere informatie