Inhoudsopgave. Inhoudsopgave...2 Inleiding...6. Deel 1 Methodiek...9

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Inhoudsopgave. Inhoudsopgave...2 Inleiding...6. Deel 1 Methodiek...9"

Transcriptie

1 Train de Trainer

2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave...2 Inleiding...6 Deel 1 Methodiek...9 Introductie...10 Visie...11 Uitgangspunten...14 Onderwijs als middel...16 Hoe kan een conflict een doel zijn?...18 Deel 2 Afhankelijkheidsproblematiek...20 Inleiding...21 De geschiedenis van het opium gebruik...21 Het junkiesyndroom Opiaten craving. (Trek) Alcohol Een vergelijking tussen alcohol en heroïne Gokverslaving...34 Verslavingszorg...37 Bijlage 1 John Bowlby en Mary Ainsworth Het hechtingsgedragssysteem Verschillen in kwaliteit van de hechting Het kind...47 Bijlage 2 RET-jezelf...48 Deel 3 Intervisie...51 Theorie Wat betekent methodische werkbegeleiding? (MWB) Voorwaarden voor een intervisie (MWB) bijeenkomst Randvoorwaarden De indeling van de MWB bijeenkomst

3 1.5 De incidenten methode...54 Praktijk Het kiezen van een incident De checklist Het werken met de checklist Het uitgebreid vertellen van een incident Het bedenken van vragen aan de incidentinbrenger Het vragen stellen door de groep aan de incidentinbrenger Zoeken naar eigen rol en aandeel Adviesronde Evaluatie...64 Deel 4 Mentale- en fysieke weerbaarheid...66 Inleiding...67 Agressie Wat is agressief/ gewelddadig gedrag? Wat is angst? Overdracht en tegenoverdracht...72 Mentale weerbaarheid...75 Het crisisontwikkelingsmodel...78 Fysieke weerbaarheid...87 Deel 5 Communiceren met deelnemers Hoofdstuk 1. Communicatie met deelnemers Inleiding Wat is communicatie? Communicatie procesmodel Hoofdstuk 2. Deelnemers en communicatie Inleiding Deelnemers maken een (onbewuste) selectie Schema contactleggen deelnemer Schema contactleggen deelnemer niet aflopend een periode NTCC Hoofdstuk 3 Neutraal-Transparant-Conflictgericht-Communiceren Inleiding Communicatiepatronen Transactionele analyse (Berne en Watzlawick) De spelen van Berne Hoofdstuk 4. Stimulus-Respons-Consequentie

4 4.1 Skinner en Stimulus-Respons-Consequentie Het S-R-C en praktijk Methodisch handelen en S-R-C Deel 6 Persoonlijkheidsstoornissen Hoofdstuk 1. Schizofrenie, cijfers en feiten De cijfers en feiten Onderzoek Schene (1993) Enquête Ypsilon Utrecht/Amersfoort (1995) Onderzoek bureau Veldkamp (1995) Proefschrift Yolanda Nijssen, AMC (juni 2000) Onderzoek Jean-Paul Selten (augustus 2001) Multidisciplinaire richtlijn schizofrenie (maart 2005) Overige onderzoeken Philippe Delespaul, Universiteit Limburg in het boek Diagnose schizofrenie Beroemdheden met schizofrenie Hoofdstuk 2. Wat is schizofrenie? Oorzaak. behandeling en gevolgen De oorzaak De psychotische periode en daarna Hoe herkent u schizofrenie? Behandeling De gevolgen Uitgangspunten Crisissituaties Angst Dag en nacht ritme Gelegenheid geven tot praten Hoofdstuk 3. Borderline persoonlijkheidsstoornis (BPS) Bianca Diagnostische criteria voor de Borderline persoonlijkheidsstoornis (DSM-IV) Toelichting Mogelijke oorzaken factoren Hoofdstuk 4. Antisociale persoonlijkheidsstoornis (ASPS) John Diagnostische criteria voor de antisociale persoonlijkheidsstoornis 4

5 (DSM-IV) Toelichting Risicofactoren Hoofdstuk 5. Theatrale persoonlijkheidsstoornis (TPS) Veronica Diagnostische criteria voor de theatrale persoonlijkheidsstoornis (DSM-IV) Toelichting Risicofactoren Hoofdstuk 6. Narcistische persoonlijkheidsstoornis (NPS) Hans Diagnostische criteria voor de narcistische persoonlijkheidsstoornis (DSM-IV) Toelichting

6 Inleiding Het beeld dat een dak- of thuisloze zichzelf in die situatie heeft gebracht omdat hij of zij min of meer bewust kiest om niet deel te willen nemen aan het reguliere maatschappelijke leven of die keuze zelfs maakt vanuit romantische overwegingen, kan in deze tijd geplaatst met de huidige ervaringen en feiten, onmogelijk nog overeind worden gehouden. De situatie waarin de meeste dak -en thuisloze verkeren is schrijnend te noemen en verdiend veel gerichte (methodische) zorg en aandacht. Om te kunnen werken aan positieverbetering heeft een begeleider twee ingrediënten nodig: Hij of zij moet het enerzijds een aantrekkelijk idee vinden zich te begeven tussen de dak- en thuislozen en Anderzijds beschikken over zowel deskundig- als bekwaamheid op het gebied van gedragsbeïnvloeding. Daarnaast heeft de begeleider naast de verantwoordelijkheid in concrete zin en betekenis te werken aan positieverbetering van de dak- en thuisloze ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid richting de directe en indirecte omgeving. Die maatschappelijke verantwoordelijkheid bestaat o.a uit: Het werken aan veranderingen in het denken en beeldvorming (vooroordelen) over dak- en thuislozen. Omdat veel dak- en thuislozen niet alleen maar problemen hebben, maar tevens kampen met problematieken, maken al deze onderdelen tezamen de uitdaging voor de begeleiders om succesvol te kunnen zijn in het werk tot een complex geheel. Het vraagt met andere woorden een om een ingewikkeld scala aan vaardigheden, die met alle respect voor alle begeleiders die dagelijks werken met deze doelgroep, niet zomaar aan komen waaien met ervaring. Ervaring die niet wordt ondersteund door training, feiten, kennis en theorie, leidt zelden tot iets bruikbaars maar leidt eerder tot het vastlopen van personen, systemen en/ of organisaties. De wens en het talent uit de voeten te kunnen met leden van deze doelgroep is iets dat zich niet of nauwelijks laat trainen. Het dient latent aanwezig te zijn en kan dan hoogstens worden gecultiveerd tot een gericht methodisch geheel. 6

7 Dat laatste laat zich wel trainen en om aan die vraag tegemoet te komen heeft het Albeda College proberen in te spelen op de wens van de begeleiders en de organisatie van het CvD. In het trainen van vaardigheden is gekozen voor een hiërarchische opbouw omdat o.i het een niet zonder het ander kan ontwikkelen. Daarbij komen de volgende onderdelen aan de orde: Ontwikkelen en vaststellen van een methodiek Kennis van afhankelijkheid Intervisie training gericht op de methodiek Fysieke- maar vooral ook mentale weerbaarheid Doelgericht en methodisch communiceren met deelnemers Persoonlijkheidsstoornissen Gezien alle factoren die een rol spelen in het bestaan van de dak- en thuisloze, een flinke hoeveelheid aan verschillende organisaties (netwerken) en de beperkte invloed die geldt voor de begeleider op alle factoren, maakt het uiterst belangrijk om een integrale methodische werkwijze te creëren die vervolgens door een ieder die betrokkenheid heeft met de deelnemer gedragen wordt. Alleen een consequente aanpak creëert en vergroot een kans op succes. Wij zijn in aanvang van uitgegaan dat de belangen van de deelnemer niet altijd direct stroken met die van de begeleiders. De discrepantie ontstaat door de vaak korte termijn behoeften van de deelnemer en het gegeven dat werkelijke en duurzame verandering slechts tot stand komt door niet alleen de problemen op te helpen lossen maar tevens te werken aan een structurele gedragsverandering waardoor de kans op terugval ernstig wordt verkleind, daarmee de doelen op lange termijn van de begeleider. Om al het voorgaande te ondersteunen is ontwikkelend het transparant neutraal confronterend onderwijs (NTCO) voor de deelnemers, en het transparant neutraal confronterend communiceren (NTCC) voor de begeleiders. In één zin betekend de laatste zoveel als: Transparant neutraal confronterend communiceren, betekent helder communiceren op een wijze die ontdaan is van elke lading maar wel aanspoort tot naar binnen gekeerd denken en handelen en beoogt een vergroting van zelfredzaamheid. Al het volgende is gericht op het vorm en inhoud geven aan deze definitie. 7

8 In de volgende onderdelen van dit boek worden de modules weergegeven welke de cursus Train de Trainer bevatten. Alle medewerkers van Home Sweet Home (docenten, personal coaches en werkmeester) hebben de afgelopen periode deze cursus doorlopen. Dit heeft bijgedragen aan een consequente benadering van de deelnemers van Home Sweet Home, de weg naar werk voor dak en thuislozen in Rotterdam. Albeda College 8

9 Deel 1 Methodiek 9

10 Introductie Naast regulier onderwijs, komt het steeds vaker voor dat er op projectbasis kansen geboden worden voor mensen die niet makkelijk in te passen zijn binnen het reguliere onderwijs. Dat moeilijk in kunnen passen heeft niet te maken met ontbrekende cognitieve capaciteiten maar meer met het ontbreken van sociaal-maatschappelijke vaardigheden. Met dat uitgangspunt in het achterhoofd betekent dit voor docenten een verandering in het denken en werken. Namelijk waar onderwijs doorgaans het doel is, wordt nu de persoonlijke vorming van de deelnemers het doel en het onderwijs een middel. Deelnemers hebben vaker geprobeerd deel te nemen aan reguliere trajecten. Scholing, wonen, arbeid, steeds gaat het mis omdat iets wordt aangeboden in praktische zin. Wel een huis, maar er wordt niet geleerd wat je moet met eenzaamheid. Wel een baan, maar er wordt niet geleerd hoe je je dient verhouden tot anderen binnen sociale structuren. Het traject dat het Albeda is aangegaan met het CVD Home Sweet Home probeert juist die valkuilen op te zoeken. Ook dat betekent een verschuiving in het werken en denken van docenten. Daar waar binnen het reguliere onderwijs conflicten meestal worden vermeden, dienen ze nu juist te worden opgezocht. Transparant neutraal confronterend onderwijs, betekent helder communiceren op een wijze die ontdaan is van elke lading maar wel aanspoort tot naar binnen gekeerd denken en handelen en beoogt een vergroting van zelfredzaamheid. Op zich een prachtige zin maar hoe creëer je voortdurend conflicten zonder te belanden in escalaties? Wat volgt is een visie en handvaten die een ondersteuning kunnen betekenen in het werken met de doelgroep. Gebruik makend van de methodiek, transparant neutral confronterend onderwijs, heeft het Albeda College de doelgroep van het project Home Sweet Home lesgegeven. Deze methodiek wordt tevens toepast door personal coaches en werkmeesters. Dit onderdeel is een weergave van de methodiek transparant neutral confronterend onderwijs Voor dat ik je veel leesplezier toewens, wil ik nog toevoegen dat er nog veel ruimte is voor aanvullingen en opmerkingen. Bij deze is een ieder dus van harte uitgenodigd om hardop mee te denken. Albeda Rotterdam 10

11 Visie De deelnemers van het project HSH (Home Sweet Home) kenmerken zich door een sterke overlevingsdrang. In de drang tot overleven wordt door de deelnemers geen onderscheid meer gemaakt tussen situaties waarin het overlevingsmechanisme gepast of ongepast is. gedrag voortkomend uit de opvatting dat alle gedrag geoorloofd is zolang het drugs of het effect van drugs oplevert. (Zie Junkiesyndroom van Epen / Noorlander) Concreet betekent dit dat de deelnemer er op is gericht zijn behoeften te (laten) bevredigen op momenten dat het voor de deelnemer nodig is. Daarbij zal hij geen of weinig oog hebben voor de mogelijkheden en gevoelens van anderen. ( Als je nu niet doet wat ik nodig heb, ben je tegen mij! ) Dit gedrag moet niet primair worden gezien als een negatieve factor, immers op straat betekent dit gedrag de enige manier om een persoonlijk territorium te kunnen ervaren waarbinnen een (bescheiden) vorm van autonomie mogelijk is. Het ontbreken van eerste en dagelijkse basisbehoeften als vanzelfsprekendheid, levert de basis voor een voortdurende interne spanning, die vervolgens bijdraagt aan het centraal zetten van het ik in elke situatie. Zoals gezegd moet dit gedrag vanuit de beginsituatie worden uitgelegd als een vorm van intelligent handelen en met respect worden bejegend. Het intelligent handelen zit in het feit dat de deelnemers in staat zijn (soms vele jaren) onder hoge druk in een mentaal en fysiek gevaarlijke omgeving te overleven. Het respect voor de noodzaak van dit gedrag moet aan de basis liggen van de samenwerking met deze doelgroep. Door aan de ene kant ruimte te bieden voor de actuele realiteitsbeleving van de deelnemers (die realiteit is: Als ik niet aanval wordt ik aangevallen! ) (negatieve draagkracht/ draaglast verhouding), kan aan de andere kant ruimte ontstaan voor het opdoen van ervaring in het beïnvloeden van situaties door het maken van keuzen. Door corrigerende leerervaringen ontstaat een nieuw realiteitsbesef. (die realiteit kan zijn: Ik kan onderscheid maken tussen levensbedreigende en niet levensbedreigende situaties en dus kan ik mijn reacties daarop afstemmen! ) (positieve draagkracht/ draaglast verhouding). 11

12 Het respect, zoals eerder genoemd, dient nimmer gezien te worden als vrijbrief voor de deelnemer om niets meer te hoeven. Begrip en respect zijn in deze niet gelijk aan de begrippen tolerantie en acceptatie. De gevoelens van de deelnemers zijn altijd wel acceptabel en te tolereren maar het gaat om de manier waarop zij die gevoelens delen met de omgeving. De contacten die deelnemers doorgaans hebben met hun omgeving zijn economisch van aard. Jij hebt iets wat ik nodig heb en dus gaan we met elkaar om! Het delen van huis en haard met lotgenoten gebeurt ook vaak om die reden. Maar door de economische drijfveer vindt er nauwelijks hechting plaats m.b.t. het aangaan van (intieme) relaties. (zie bijlage Bolwby/ Ainsworth) Relaties worden zonder pardon (teleurgesteld) verbroken wanneer de economie ten nadele uitvalt van de deelnemers. De deelnemers zullen (onbewust of bewust) op dezelfde manier een relatie aan proberen te gaan met docenten. De deelnemers voelen allen een sterke drang naar aansluiting en deelname aan het maatschappelijke leven. Het probleem lijkt niet zozeer de omgeving te zijn als wel de deelnemer zelf. Zij zijn vaak in meerdere situaties in staat gebleken deelname te realiseren. Een huis, werk en inkomen blijken op termijn altijd weer te regelen, echter het instant houden van een dergelijke situatie mislukt keer op keer. De deelnemers zelf hebben daarover het idee dat vooral externe factoren debet zijn aan het mislukken van de zoveelste poging. Voor de deelnemers is het uiterst interessant om de docent mee te krijgen in het benaderen van problemen vanuit externe factoren. (externe factoren = machteloosheid). Het kweekt empathie en stimuleert de docent zich in te spannen voor de deelnemer. Hoewel er soms externe factoren een rol spelen moet toch steeds helder worden voorgespiegeld dat: niemand kan ontsnappen aan die realiteit; zij er in feite op gericht zijn oude ontsnappingsroutes te perfectioneren of nieuwe te ontwerpen. Hoewel er niet per definitie van uit moet worden gegaan dat dit proces zich bewust afspeelt, blijft het resultaat het zelfde. Doelen worden niet of zelden blijvend gerealiseerd. 12

13 Respect tonen vanuit begrip en de gevolgen ondersteunen in de vorm van slechts praktische hulp, betekent dat je dit hardnekkige denksysteem niet alleen doet standhouden maar in de kern verergert. Bijvoorbeeld: Deelnemer: Ik zoek een huis. Hulpverlener: Kom we gaan een huis zoeken! (2 maanden erna) Deelnemer: Ze hebben me uit mijn huis gezet, wat nu? Hulpverlener: Ik bel wel even rond! Een oude hulpverleners valkuil die met de beste bedoelingen enorme schade teweeg brengt. Het spanningsveld speelt zich af tussen enerzijds het begrijpen van de enorme veldslag die elke dag moet worden geleverd en de eenzaamheid die daar uit voortvloeit, en anderzijds benadrukken dat ondanks het voorgaande de bevrijding van deze cirkel ligt in het bewust worden, dat niet de slachtofferrol centraal moet staan maar de gevolgen van keuzes die gemaakt worden door de deelnemers zelf(daderrol). Het laatste wordt inhoudelijk belicht in de bijlage, onderdeel RET jezelf van Jan Verhulst. Met het besef dat niet de stimulus gedrag bepaalt maar de (persoonlijke) respons, komt de verantwoordelijkheid terug binnen het bereik van de deelnemer en ontstaat er ruimte voor autonomie. 13

14 Uitgangspunten 1. Docenten experimenteren. Docenten, durven vanuit deskundig- en bekwaamheid in overleg, te experimenteren met het toepassen van interventietechnieken. Het experimenteren, gebeurt puur vanuit methodische overwegingen. 2. Onderwijs als middel. Misschien wel het belangrijkste uitgangspunt is dat de trainer zich moet doordringen van het feit dat nimmer het onderwijs het doel mag worden binnen de training. Het is een middel dat dynamiek genereert d.m.v. rollenspelen die overeenkomt met het dagelijkse gedrag van de deelnemer. Waardoor binnen een veilige omgeving mogelijkheden ontstaan om te leren. 3. De docent kent spelletjes. De docent is op de hoogte van de spelletjes die (onbewust of bewust) worden gespeeld om weg te blijven van de confrontatie met het zelf (zie onderdeel Junkiesyndroom). 4. Transparante communicatie. Met de deelnemer wordt transparant gecommuniceerd over doelen en methodieken. Er is geen dubbele agenda. Wel zijn uiteraard communicatie technieken geoorloofd in de vorm van vragenpatronen die kunnen leiden tot momenten van inzicht. 5. Neutraal reflecteren. Het gedrag van deelnemers kunnen allerlei gevoelens oproepen zoals angst, chantage, splitting enzovoorts. Deze gevoelens dienen direct op neutrale wijze te worden terug gegeven aan de deelnemer, om de deelnemer in staat te stellen te leren ervaren welke gevolgen zijn/haar gedrag hebben op de omgeving. 6. Docent is middel. Gelijk hebben is nooit het zelfde aan gelijk krijgen. De wijze van beargumentering en de gevoelsbeleving daarbij bepaald de waarde. Zo is de docent zelf ook steeds een middel en dient zich zo beschikbaar te stellen. Deelnemers moeten leren handelen in het rijtje voelen, denken en handelen vanuit assertiviteit. Subassertiviteit en agressie zijn begrippen die qua gedrag niet aanvaardbaar zijn. 14

15 7. De deelnemer is verantwoordelijk. De deelnemer heeft altijd een keuze en is en blijft verantwoordelijk voor het eigen handelen en gedrag. 8. Splitting. Een deelnemer zal proberen de docent voor zich te winnen en gebruikt daarvoor de spelletjes. Een die in de bijlage niet genoemd wordt is splitting. Voor een deelnemer is het reuze handig wanneer een docent verondersteld hem wel te begrijpen terwijl de andere docenten dat niet doen. Zo is er altijd iemand voor hem aan het werk ook als hij zelf niet aanwezig is. Voor de docenten geldt: 1. er is nooit sprake van exclusief contact en 2. zij zijn zich ervan bewust dat deelnemers relaties aangaan op basis van economie. 9. Gesprekken wel, discussies niet. De docent nodigt consequent het hebben van gesprekken uit en wijst consequent het hebben van discussies af. Bij elke interventie van deze aard legt de docent transparant en neutraal confronterend uit waarom het een wel goed voelt en het ander niet. De docent is daarbij in staat zijn/ haar eigen gevoelsbelevingen terug te geven aan de deelnemer. (zie uitgangspunt 6) 10. Hitteprojectielen worden niet gevolgd. Deelnemers klagen soms dat zij werkelijk geen keuzes hebben. Ik mag alleen meedoen op jou manier! Dergelijke uitspraken vallen onder het kopje taal als hitteprojectiel. Daarmee wordt bedoeld dat de docent wordt afgeleid van het daadwerkelijke onderwerp ( ik weet niet hoe ik mee moet doen! ) en zich richt op de afleiding. Een voorbeeld daarvan is: Docent: Ben je werkelijk aan het zoeken naar een oplossing, of ben je bezig de zaken zo ingewikkeld te maken dat je niets meer hoeft? Deelnemer: Maar meneer ik heb u toch verteld dat het slecht gaat met mijn moeder! In dit voorbeeld zet de deelnemer de docent voor een lastig gevoelsdilemma. Niet reageren op de situatie van de moeder is wel erg koud, het onderwerp aansnijden in zulke moeilijke tijden wel heel dwingerig, e.e.a. laten liggen voelt ook niet goed enzovoorts. Het is aan de docent om dit te doorzien, te benoemen en terug te geven aan de deelnemer. 15

16 Onderwijs als middel De visie op de doelgroep geeft een beeld van de huidige situatie van de deelnemers en een aantal voorstellen over waar de docent op alert dient te blijven. De uitgangspunten zijn ter ondersteuning bedoeld en kunnen worden gezien als gereedschappen tijdens het methodisch handelen. Met de keuze dat onderwijs een middel wordt en geen doel op zich, kan een gevolg daarvan zijn dat de interventies van de docenten een therapeutisch karakter krijgen. Immers is de opzet de deelnemers te helpen vormen tot individuen, die na het volgen van de training zich staande kunnen houden in allerlei systemen zoals wonen, scholing, arbeid enzovoorts. Toch moet het therapeutische karakter zo veel mogelijk vermeden worden. De training is geen therapie in de traditionele betekenis van het woord maar moet eerder benaderd worden als een praktische cognitieve vorming. Bijvoorbeeld: Ik doe het altijd zo, gevolgd door de vraag, heeft dat het gewenste gevolg?. Door de achtergrond van de deelnemers, en eventuele oorzaken die daar liggen in relatie tot de problemen in het heden, geen rol te laten spelen tijdens de training, wordt het mogelijk los van het therapeutische karakter te werken. De deelnemer heeft soms weinig inzicht over het eigen handelen. Het falen van initiatieven wordt meestal veroorzaakt door externe factoren, althans zo is de beleving in het algemeen. Om die reden zal de deelnemer bijvoorbeeld eerder de vraag stellen: Kunt u mij leren solliciteren? en niet de vraag: Kunt u mij leren mijzelf beter te verhouden tot autoriteiten? Voor de docent levert dit soort momenten interessante keuzen op. Beide problemen zijn in dit voorbeeld aan de hand: 1. de deelnemer weet niet hoe hij moet solliciteren en 2. de deelnemer is niet in staat zich te verhouden tot autoriteiten. Binnen het reguliere onderwijs zou een logische keuze zijn, wij leiden mensen op door ze kennis aan te bieden, wat mensen doen met die kennis is niet de verantwoordelijkheid van de school. Nu echter dient de vraag centraal te staan: Is de deelnemer toe aan het ontvangen van de kennis of moet er eerst nog iets anders worden beïnvloed in het denken/ handelen van de deelnemer? 16

17 Voordat de docent inspeelt op een concrete vraag, zal steeds eerst het antwoord op de voorgaande vraag moeten worden beantwoord. Dit zou je conflictgericht onderwijs kunnen noemen. Waarbij het opzoeken van het conflict het doel is en het onderwijs een middel om de conflicten te kunnen veroorzaken. 17

18 Hoe kan een conflict een doel zijn? Het woord conflict moet niet in verband worden gebracht met het woord escalatie. Het doel mag natuurlijk nooit zijn dat er escalaties ontstaan. Het conflict moet meer worden gezien als een neutraal gegeven dat zonder positieve of negatieve lading wordt aangeboden. Praktijkvoorbeeld: Deelnemer: Ik ga stoppen met drinken, want ik heb een baan gevonden! Docent: Mooie intentie. (Het woord intentie is bewust gekozen om te zien of er sprake is van een weloverwogen keuze of een zoveelste naïeve poging.) Deelnemer: Het is geen intentie, ik ga echt stoppen! (de deelnemer reageert enigszins allergisch op het woord intentie en legt de nadruk op stoppen, inhoudelijk blijft het stil) Docent: Is dit de eerste keer dat je dat probeert? (begin van een vragenreeks die moet leiden tot het conflictmoment) Deelnemer: Nee, maar de vorige keren speelde er allerlei problemen en dat is nu niet zo. (de deelnemer geeft antwoord op een vraag die niet wordt gesteld, het falen ligt buiten zichzelf, het waren de problemen niet hij zelf. Het is belangrijk dit stilzwijgend te signaleren omdat de deelnemer het conflict met antwoorden zelf dient op te zoeken) Docent: Wat gebeurt er lichamelijk met je wanneer je stopt? Deelnemer: Huh? (dit zijn vaak maniertjes om niet te hoeven antwoorden, de docent gaat hierop niet in omdat de deelnemer het werk moet leveren) Docent: Ja dat zal wel een moeilijke vraag zijn voor je. Deelnemer: Nou euh, dan word ik ziek en ik ga heel erg trillen! Docent: Hoe lang duurt dat? Deelnemer: Ben ik wel een tijdje mee zoet. Docent: En hoe ga je dat combineren met je nieuwe baan? (aangekomen bij de kern van het probleem, wat is nu werkelijk de oorzaak de cliënt of de externe oorzaken?) Deelnemer: Nou euh, dat lukt mij echt wel hoor! Docent: Tja, ik vroeg niet of je dat kunt, ik vroeg hoe ga je dat doen? (de deelnemer heeft negen van tien keer geen concreet plan of mensen waarop is terug te vallen. Dit moment kan het conflict worden geïntroduceerd) 18

19 Of het conflict wel of niet wordt ingebracht door de docent, hangt van een aantal factoren af. Zo is de draagkracht/draaglast verhouding van de deelnemer cruciaal (1). Ook speelt mee of er steun en aansluiting is vanuit de overige groepsleden (2). Verder is het van belang dat de betrokken docenten elkaar goed aanvoelen en een duidelijke rol kiezen (3). 1. De draagkracht/draaglast verhouding kan worden gemeten door de deelnemer tijdens het vragenpatroon steeds goed te blijven observeren. Bijvoorbeeld door niet te reageren op de Huh? van de deelnemer in het voorbeeld en een grap te plaatsen met een confronterend ondertoontje kan twee reacties op roepen. De deelnemer herkent de bedoeling van die interventie en moet zelf even lachen omdat hij herkent wat er gebeurt. Dan is sprake van draagkracht en kan worden doorgegaan. Of de deelnemer begint grote weerstand te vertonen en valt bijvoorbeeld de docent aan op zijn/haar gedrag. In dit geval is er sprake van draaglast en moet worden gestopt met het conflictgericht handelen. 2. Tijdens het vragenpatroon gericht op een groepslid, ontstaat soms herkenning bij de overige groepsleden. Zij beginnen dan aan te sluiten bij het onderwerp met eigen voorbeelden of spannen zich in de hoofdpersoon te helpen komen tot inzicht. In het geval van het voorbeeld bij 1, zullen ook zij het grapje oppikken en mee lachen. In dat geval geeft de groep aan genoeg draagkracht te hebben voor het conflict. Echter soms beginnen groepsleden het onderwerp veilig te maken door algemeen te praten, of beschermen zij de het betrokken groepslid door zich ook te keren tegen de docent. In het laatste geval dient gestopt te worden met het zoeken naar het conflictmoment. Er is dan sprake van draaglast onder de groepsleden. 3. De beide docenten dienen een rolverdeling te hebben. De een gaat het proces aan en de ander verkent het landschap. De docent die het proces aangaat pleegt de interventies met de deelnemer en de groep. De andere docent doet dat slechts wanneer er tekenen worden gesignaleerd van draaglast. Op dat moment moet er de mogelijkheid zijn om van rol te wisselen. Overname van het proces moet nooit gebeuren als het niet echt noodzakelijk is. 19

20 Deel 2 Afhankelijkheidsproblematiek 20

21 Inleiding Als iemand de uitwerking van een drug waardeert, zal hij geneigd zijn het middel regelmatig te gaan gebruiken. Zo kan het gebruik van een drug of een ander genotsmiddel tot een gewoonte worden. Een gewoonte is een gedragspatroon dat regelmatig wordt herhaald maar waarmee men met weinig moeite of moeiteloos kan stoppen. Soms wordt een gewoonte een overheersend onderdeel van het gedrag. Men spreekt dan van verslaving. Verslaving heeft twee belangrijke kanten: de lichamelijke afhankelijkheid en de geestelijke afhankelijkheid. De lichamelijke afhankelijkheid betekent dat het gebruik van de drug verandering in werking van bepaalde lichaamscellen heeft veroorzaakt, zodat deze cellen de stof missen als die niet meer wordt gebruikt. Dat missen leidt tot onaangename gewaarwordingen die men ontwenningsverschijnselen noemt. Vaak treedt tolerantie op voor het gebruik van een drug. Dat betekent dat een steeds grotere hoeveelheid moet worden genomen om hetzelfde effect te verkrijgen. De geestelijke afhankelijkheid van het gebruik van de betreffende stof maakt dat deze de eerste plaats inneemt in het leven van de gebruiker. Alle andere dingen die voor hem belangrijk zijn, moeten daarvoor wijken Bij het niet gebruiken van een stof treedt een onweerstaanbaar verlangen op. De gebruiker is letterlijk de slaaf geworden van een verslavende stof. De geschiedenis van het opium gebruik Een van de oudste historische bronnen die de papaver als slaapwekkend en bedwelmend middel vermeldt is een tekst in spijkerschrift op een Soemerisch kleitafeltje van circa 3500 voor Christus, aldus J..H. van Epen in zijn boek Drugs verslaving en alcoholisme. Ook in het oude Egypte was opium bekend, uit de vertalingen van de beroemde papyrusrollen van Ebert blijkt dat opium in het oude Egypte op grote schaal gebruikt werd. De papaver was in het oude Griekenland speciaal toegewijd aan Thanatos de god van de dood en zijn broer Hypnos, de god van de slaap en aan diens zoon Morfeus, de god van de dromen. De termen hypnotica en morfine die heden ten dagen nog in gebruik zijn, zijn afgeleid van de namen van de goden Hypnos en Morfeus. De Grieken, die meenden dat de slaap een geschenk was van de goden, hadden de gewoonte beelden van deze goden te omhangen met kransen van papavers. De Arabieren namen de gewoonte van het opiumgebruik over van de Egyptenaren. In de vroege middeleeuwen werd opium als medicament op grote schaal voorgeschreven door 21

22 Arabische medici. Avicenna was de beroemdste en een van de grootste geleerde van die tijd. Hij heeft veel bij gedragen aan de introductie van dit geneesmiddel bij Europese artsen. Wonderwel overleed Avicenna zelf in het jaar 1037 na Christus aan een opium vergiftiging. In Europa werd vanaf de twaalfde eeuw in toenemende mate gebruik gemaakt van opium als medicament. Het werd het essentiële bestanddeel van talrijke geneeskrachtige dranken en aftreksels uit die tijd. Er was vrijwel geen ziekte waarbij opium niet heilzaam werd geacht. De beroemde Paracelsus, die leefde van 1493 tot 1541, maakte enorme propaganda voor het gebruik van opium inde medische praktijk. Hij noemde deze stof: de steen van de onsterfelijkheid en men zegt dat waar hij ook ging, hij altijd opium bij zich had. Als men spreekt over opium gebruik in de historie, dan denkt vrijwel iedereen direct ten onrechte aan China. Naar alle waarschijnlijkheid werd de papaver tot diep in de negentiende eeuw in China slechts als sieraad geteeld. De import van opium van elders was toen door de Chinese regering verboden. Dit verbod gaf aanleiding tot de eerste opium oorlog ( ) Groot-Brittannië trachtte succesvol met geweld de Chinese havens open te breken voor de opium uit de Engelse kolonie India. Niet zo heel lang na deze oorlog waren er miljoenen verslaafden in China. Pas vanaf 1853 werd opium ook in China zelf geproduceerd. Het gebruik van opium als genotsmiddel in Europa dateert vanaf het einde van de achttiende eeuw (J.H. van Epen). In deze tijd verspreidde de gewoonte met name in Engeland zich snel, dit naar alle waarschijnlijkheid op grond van de relaties die Engeland had met zijn kolonie India. In het boek Confessions of an English opium eater, geschreven door De Quincey ( ) manifesteerde zich volgens De Quincey het gebruik van opium zich in alle lagen van de bevolking. Hij noemt in zijn boek diverse beroemdheden uit die tijd, die verslaafd waren aan opium, onder andere: parlementsleden, hoog geplaatste geestelijken, graven, ministers, en beroemde schrijvers. Ook de lagere sociale klasse maakte graag gebruik van de opium. De Apothekers, bij wie De Quincey regelmatig zijn portie opium kwam halen, klaagden dat het aantal klanten dat om opium kwam hand over hand toenam. De Apothekers maakten vooral op zaterdagen grote hoeveelheden pillen klaar om aan de vraag voor het weekeinde te kunnen voldoen. Steeds meer arbeiders maakten gebruik van de opium. Door hun lage lonen verdiende zij te weinig om bier of gin te kunnen kopen. Als zij konden kiezen tussen alcohol of opium gaven de meeste de voorkeur aan opium. Het gebruik van opium leverde overigens in die tijd niet zo erg veel problemen op; de drug was goedkoop en niet, zoals heden ten dagen, illegaal. Met andere woorden, de gebruiker geraakte niet zo snel in de criminele sfeer. Verder veroorzaakte opium geen beschadigingen van organen of weefsels van het lichaam, terwijl ook agressie onder invloed van alcohol, niet voorkwam. Toch waren er in die tijd enkele medici die 22

23 waarschuwden voor de mogelijke gevolgen van overmatig gebruik van opium. Dit was onder andere Awsiter, apotheker van het ziekenhuis in Greenwich. In tegenstelling tot Engeland, waar opium gewoonlijk werd gegeten of gedronken, werd de stof in Frankrijk gerookt. De Fransen hadden de rook gewoonte overgenomen van het verre oosten; met name de Chinezen hadden het roken van opium geïntroduceerd. Tschaudu of rook opium is een min of meer plastische substantie, waarvan ruwe opium het hoofdbestanddeel is. Deze tschaudu wordt, zoals dit heet, geschoven. Naar alle waarschijnlijkheid hebben zeelieden deze gewoonte vanuit het Verre Oosten naar Frankrijk overgebracht. Rond 1840 waren in Parijs en in de havensteden, zoals Le Havre, Bordeaux en Marseille diverse opiumkitten. Tot diep in de twintigste eeuw is in Frankrijk het schuiven van opium een traditie gebleven, getuige onder andere de opmerkingen Jean Cocteau in zijn beroemde dagboek schreef. In Marseille bij de Anamieten schuift men met een rook gerei, dat geschikt is om de politie op een dwaalspoor te brengen (men maakte onder andere gebruik van een gasbuis, een doorboord monsterflesje likeur en hoedenspelden). In de negentiende eeuw is het scheikundigen gelukt om een aantal zuivere stoffen uit ruwe opium af te scheiden, men noemt deze stoffen alkaloïden. De belangrijkste van deze stoffen was morfine. Dit krachtige pijnstillende middel werd omstreeks 1805 door sarturner uit de ruwe opium geïsoleerd. In 1898 heeft de Duitse scheikundige Praser uit morfine, heroïne bereid. Aanvankelijk was men over deze stof bijzonder enthousiast; het bleek in de praktijk een bijzonder krachtig en efficiënt pijnstillend middel te zijn. Helaas heeft men aanvankelijk gedacht dat heroïne in het geheel niet verslavend zou werken. Het tegendeel bleek waar (J.H.v Epen) ; met name in de Verenigde Staten zijn vanaf 1915 talloze mensen aan deze stof verslaafd geraakt. Niet alleen de ontdekking van heroïne maar ook de uitvinding van de injectienaald, is van belang geweest bij de snelle uitbreiding van de verslaving aan opiaten. Door onderhuidse injecties dan wel injecties in de ader werd het mogelijk de stof veel sneller in de bloedbaan te brengen, dan mogelijk was door het middel te roken of te eten. Het is juist de injectie methode, die bij opiatengebruikers een dergelijke enorme schade heeft aangericht. In Nederland bestonden er van oudsher enkele opiumhaarden: het Binnentantammerkwartier in Amsterdam en Katendrecht in Rotterdam. Aanvankelijk ging het hoofdzakelijk om Chinezen, evenals een gering aantal aan opium verslaafde prostituees en anderen. De Chinezen schoven de opium, de andere categorie gebruikers losten veelal plakjes opium op in hete koffie. Bij de opkomst van het drugsprobleem in Nederland ging een aantal marihuana-, hasj-, LSD- en speedgebruikers ertoe over bij de chinezen plakjes opium te kopen. De prijs van opium was in die tijd laag, hoewel opium gebruik duurder was dan het gebruik van cannabisproducten: met een plak opium van tien gulden deed 23

24 men een dag, voor een tientje stuf was men een week lang stoned. Een aantal speedgebruikers die zich de gewoonte van het intraveneus drugsgebruik hadden aangewend, gingen plakjes opium oplossen en spuiten. Bij gebruikers die dagelijks opium spoten, werden wel na het stoppen ontwenningsverschijnselen gesignaleerd, hoewel dit nog betrekkelijk zelden voorkwam. Gedurende de periode van de plakjes opium baarde het opium gebruik de hulpverlening nauwelijks zorgen. De problemen die zich voordeden met drugsgebruikers waren de problemen rond de flippende tripmiddelen gebruikers, evenals de problemen van agressie, psychose, lichamelijke uitputting bij speedgebruikers. In 1972 verscheen de heroïne op het toneel. Er wordt verondersteld dat Chinezen uit Hong Kong en Singapore, verenigt in triades, hun kans schoon zagen en het gebruik van heroïne op grote schaal begonnen te pushen. Opvallend was, dat de prijs van heroïne in Nederland aanvankelijk zeer laag was. Heroïne was voor zover niet gratis of vrijwel gratis verkrijgbaar, goedkoper dan cannabisproducten, tripmiddelen, speed en opium. Desondanks deze lage prijzen konden de dealers en pushers aanvankelijk hun koopwaar nauwelijks kwijt aan gebruikers: Over het algemeen was de jeugd in Nederland goed voorgelicht over het verschil tussen soft en hard drugs. Het duurde echter niet lang of de meeste opiumspuiters gingen heroïne proberen en het zelfde was het geval met de meeste gebruikers uit de toenmalige speed- en LSD scène. Binnen enkele jaren had de heroïne in ons land het gebruik van vrijwel alle illegale drugs (behalve cannabisproducten) grotendeels verdrongen, cocaïne word pas omstreeks halverwege de jaren tachtig steeds belangrijker. Gedurende vele jaren is het opiatengebruik, met name het intraveneus heroïnegebruik, het belangrijkste drugprobleem in ons land geweest. De belangrijkste verandering is de afname van het intraveneuze gebruik geweest. Terwijl in de laatste helft van de jaren zeventig en in de eerste helft van de jaren tachtig er vrijwel uitsluitend intraveneuze gebruikers werden opgenomen in afkickcentra en therapeutische gemeenschappen, neemt sedertdien het aantal shotters met het jaar af. De laatste tijd zijn intraveneuze gebruikers bepaald een uitzondering. Het chinezen als toedieningsmethodiek heeft het shotten grotendeels verdrongen. Intraveneuze gebruikers hadden achttien tot drieëntwintig jaar geleden een hoge status in de verslaafdenwereld, vandaag de dag worden spuiters eerder als paria s beschouwd: mensen die over zo weinig geld beschikken, dat zij nog slechts door gevaarlijke injecties (AIDS, Hepatitis, HIV) ervoor moeten zorgen dat zij niet voortdurend met onthoudingziekte rondlopen. Shotten: het zichzelf toedienen van opiaten door middel van intraveneuze injecties Chinezen: manier waarop heroïne wordt toegediend, de drug wordt op een zilverpapiertje verhit en de dikke witte heroïnedampen worden door middel van een kartonnen koker geïnhaleerd. 24

25 Het junkiesyndroom J.H. van Epen karakteriseert het junkiesyndroom door liegen, stelen, manipuleren en gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel. Samengevat als: het behandelen van de medemens als gebruiksvoorwerp. Els Noorlander die onder andere als psychiater werkzaam is in de TBS- kliniek de Kijvelanden, omschrijft in haar syllabus gedrag van heroïnegebruikers die in de basis beroeps opleiding (BBO) voor Penitentiair inrichtingswerker wordt gebruikt, het junkiesyndroom als: gedrag voortkomend uit de opvatting dat alle gedrag geoorloofd is zolang het drugs of het equivalent daarvan oplevert. We omschrijven hieronder een aantal kenmerken van het junkiesyndroom, daarbij willen we opmerken dat lang niet alle verslaafden ook alle aspecten van het syndroom vertonen. Liegen: De objectieve waarheid lijkt soms zo weinig voor de verslaafden te betekenen, dat zij zelf niet meer door hebben dat zij liegen. In ieder menselijk contact vertellen zij datgene wat in hun situatie het beste lijkt uit te komen ook al staat er volstrekt niets belangrijks op het spel. Crimineel gedrag: De verslaafde heeft geld nodig en is dus crimineel. Dat is maar ten dele waar. Minstens de helft van de criminele verslaafden had al strafbare feiten. Gepleegd voor het begin van de verslaving. Zoals ook prostitutie nogal eens voor de verslaving uitgaat en niet altijd erop volgt. Is men eenmaal aan een dure drug verslaafd, dan wordt crimineel gedrag nog belangrijker, want de drempel om er toe te komen was vaak al niet te hoog. Manipuleren: Het uitspelen van mensen tegen elkaar, dreigen met agressie of suïcide, chantage etc. Niet alleen als er grote belangen op het spel staan maar soms ook om de onbenulligste kleinigheden. Gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel: Alle eigen verantwoordelijkheid wordt bij de ander gelegd door de verslaafde. Mislukt de afkick, dan is het de schuld van alles en iedereen, behalve van de verslaafde. Heeft iemand een bevredigende dosis methadon maar zit er op financieel, sociaal of relationeel gebied iets fout, dan is iedereen schuldig behalve de verslaafde zelf. De manier waarop bijvoorbeeld kinderen worden mishandeld, verwaarloosd en /of misbruikt, tart soms elke beschrijving. Maar gaat er iets mis met het 25

26 kind of wordt er ingegrepen door de raad van kinderbescherming, dan is alles en iedereen hiervoor verantwoordelijk, behalve de verslaafde ouder. Spelletjes: Levin en Stevens beschreven in: Games addicts play, enkele van de spelletjes die verslaafden met hun medemens plegen te spelen. Daaronder vallen onder andere : het Ik ben zo zielig spelletje, het U bent de enige die mij kan helpen spelletje, het Ik ben vreselijk gevaarlijk spelletje, het U bent verantwoordelijk voor mijn welzijn spelletje en als laatste het Wij intellectuelen onder elkaar spelletje. Het karakteristieke van dit verschijnsel bij het junkiesyndroom is dat dergelijke spelletjes elkaar afwisselen met tussen pozen van enkele minuten. Het verschijnsel wordt in de drugshulpverlening ook wel het laatjes open trekken genoemd. Men ziet als het ware de verslaafde het laatje zieligheid opentrekken daar een aantal toepasselijke uitspraken uitnemen, deze op tafel leggen en bij het uitblijven van het gewenste effect, het laatje weer dicht doen en bijvoorbeeld het laatje agressie opentrekken. Een schijnbaar indrukwekkend acteertalent: In situaties waar sympathievol naar allerlei grieven geluisterd wordt, werkt de verslaafde zichzelf op tot een diep gekwetst en gegriefd mens. Een half uur later in een situatie waarvoor dergelijke verhalen geen gehoor is, haalt hij zijn schouders op over dezelfde situaties en praat er verder niet over. Beide handelingen verricht hij zonder diepe emotie. Men komt er pas veel later achter dat het indrukwekkende verhaal alle werkelijkheidsgrond mist. Een onvermogen tot het waarnemen van verbale boodschappen: Taal heeft bij de verslaafde de functie mensen ergens toe te bewegen. Dit verschijnsel is vaak moeilijk zichtbaar omdat veel verslaafden op het eerste gezicht verbaal zeer begaafd zijn. Echter het passieve taal gebruik schiet vaak ernstig tekort. Dit leidt in de hulpverlening tot ernstige problemen. Iedere hulpverlener kent de verhalen van de verslaafden die ergens zomaar uitgegooid werden en die bij navraag tot in den treuren gewaarschuwd waren. Ook kent iedere hulpverlener het verschijnsel van tijdens lange gesprekken zorgvuldig gemaakte afspraken, die de verslaafde zich na enkele weken niet meer kan herinneren. Het verschijnsel wekt bij hulpverleners veel boosheid op. Het is heel vervelend om later terug te horen dat jij diegene was die geen tijd wilde besteden aan een bepaalde verslaafde, terwijl je in jou eigen herinnering daar vele uren mee bezig geweest bent. Het verschijnsel wordt over het algemeen ervaren als moedwillige manipulatie van de verslaafde. Els Noorlander is van mening dat dit ten onrechte als zodanig ervaren wordt, verslaafden die zeer serieus bezig zijn met een afkick in groepsverband, blijven heel lang bezig met laatjes opentrekken dit als reactie op verbale communicatie, in plaats van echte emoties en bijhorende reacties. Dit is geen onwil maar onvermogen. Op de een af andere manier is bij deze mensen een onvermogen ontstaan tot het op een reële manier passief gebruik maken van taal. 26

27 Inadequate tijdsbeleving: Het verleden is soms warrig, de toekomstbeelden gespeend van iedere realiteit. Volgende week is een begrip dat niet als zodanig beleefd wordt. Tijdsindeling in de toekomst is er een van morgen, misschien overmorgen maar dan houdt het ook op. Alles speelt zich in het nu af. Egocentriciteit: Wurmser haalt een uitspraak van Nyswander aan: De verslaafde vindt zichzelf zo mateloos interessant dat hij eigenlijk vindt dat de psychiater hem zou moeten betalen voor het voorrecht hem te mogen behandelen. Superioriteitsgevoelens: Vooral in het stadium van volop drugsgebruik is dit heel duidelijk. Op zulke momenten maakt de verslaafde ook vaak plannen om af te gaan kicken. Voor zijn gevoel is op dat moment voor hem niets onmogelijk, ook een afkick niet. Een neiging tot het magisch denken: Deze verslaafden ervaren hun omgeving niet als iets waar zij op een reële manier invloed op kunnen hebben. Hun ideeën over het hanteren van problemen en de werking van hun drug, zijn vaak magisch gekleurd. Er moet een wonder gebeuren ; Als iemand maar eens echt wou helpen ; Als er maar gratis heroïne zou zijn ; Als er maar eens een almachtig medicijn werd uitgevonden etc. Erg pijnlijk hierbij zijn de grote redders kwaliteiten die aan het krijgen van kinderen verbonden zijn. Van een eigen kind wordt een pijnloze afkick en een eeuwigdurend geluk verwacht met desastreuze gevolgen. Dit zijn zo een aantal kenmerken van het junkiesyndroom. Wellicht ten overvloede: agressie op zich is geen kant van het junkiesyndroom. Wel het dreigen en manipuleren hiermee. Over het algemeen zijn heroïnegebruikers niet agressief tenzij ze voor de verandering wat cocaïne of amfetamine gebruik hebben. Ondanks de grote aantallen verslaafden die met dit syndroom door de hulpverlening gezien worden, is er geen sprake van dat iedere heroïnegebruiker dit syndroom in ernstige mate zou vertonen. In de hulpverlening ziet men over het algemeen die mensen die vastgelopen zijn en in de moeilijkheden zijn geraakt. Dit is een negatieve selectie van de groep bestaande heroïnegebruikers. Daarvan ziet de psychiatrie dan nog vaak diegene die in de categorale drugshulpverlening niet kunnen of willen functioneren, dat is meestal een tweede negatieve selectie. Bovendien bevindt een hulpverlener, psychiater of niet, zich meestal in de positie dat de verslaafde verwacht, iets van hem of haar los te kunnen krijgen wat een grotere kans geeft op het ten toon spreiden van een of meerder aspecten van het junkiesyndroom. Ook kan de mate waarin het syndroom zich uit sterk verschillen. Langdurig ernstig verslaafden vertonen soms een mild junkiesyndroom. Kort verslaafden soms een ernstig. Verslaafden op een hoge methadondosering die geen opiaat craving (zie 1) vertonen, gaan soms ongelofelijk ver in hun junkiesyndroom om 27

28 hun zin te krijgen over futiliteiten. Anderen daarentegen trekken in een ernstig onthoudingsbeeld nog een grens wat hun gedragingen betreft. Bijvoorbeeld Je pleegt wel een winkeldiefstal maar je besteelt je eigen ouders niet. Wat het junkiesyndroom betreft is ook de populatie die met de hulpverlening in aanraking komt alles behalve een eenheidsworst. 1 Opiaten craving. (Trek) Verslaafden die een of meerdere aspecten van het junkiesyndroom vertonen, roepen over het algemeen een van de twee volgende reacties op: 1. Een verslaafde is een lastpak die we weer zo snel mogelijk moeten zien kwijt te raken. 2. Een verslaafde is zo vreselijk tragisch, dat alle mogelijke moeite gedaan moet worden om hem koste wat het kost te helpen. Beide benaderingen zijn non-productief. De eerste helpt de verslaafde niet verder en de tweede kost een gigantische hoeveelheid tijd en energie zonder veel meer dan eindeloze frustraties op te leveren. Een geschikte tussenweg kan worden gevonden naar mate men meer begrijpt van het mechanisme van het junkiesyndroom en van de oorzaken ervan. Zo ontstaat de vraag Waaruit is de verslaving ontstaan? Wurmser beschrijft vier niveaus van oorzaken, (voor het eerst door Freud omschreven) die wat duidelijkheid kunnen scheppen in het ontstaan van verslavingen. Om verslaafd te worden is nodig: 1. Een voedingsbodem van persoonlijkheidsproblemen, op zich niet in staat om een verslaving te veroorzaken maar wel noodzakelijk wil een later ingezaaide verslaving kunnen ontstaan. 2. Een actuele intropsychische nood waar de drug een oplossing voor biedt. 3. De algemene sociale situatie. Het vervagen van normen en waarden, onzekerheid over de toekomst, werkeloosheid, geld gebrek en dergelijke. Geen daarvan veroorzaakt op zich verslaving maar allen vergroten zij de kans daarop. 4. De aanwezigheid van de drugs en de pressie van uit de directe omgeving (vrienden). Deze factor verschijnt het laatst. Het zet bij verschijnen de verslaving in gang mits de factoren 1 en 2 aanwezig zijn en 3 bij voorkeur. Wurmser wijst erop dat factoren 3 en 4 goed zichtbaar zijn en meestal aangrijpingspunt zijn voor onderzoek en behandeling in tegen stelling tot factoren 1 en 2. 28

29 Een zeer belangrijke factor in de ontwikkeling van het junkiesyndroom, is de factor die van Epen, de algebra van de behoefte noemt. Nu hebben we het over heroïne. De drug waarbij het junkiesyndroom in de grootste mate wordt waargenomen. De reden daarvan is dat bij heroïne de componenten die de algebrasom van behoefte uitmaken stuk voor stuk de grootste zijn. Men zou kunnen zeggen dat de mate van deviant gedrag afhankelijk is van de som van de volgende factoren: prijs mate van illegaliteit snelheid van tolerantie ontwikkeling snelheid waarmee het effect verdwijnt de mate van psychische afhankelijkheid de mate van lichamelijke afhankelijkheid De som komt bij geen enkele andere drug zo hoog uit als bij heroïne. De korte werking en de ernstige onthoudingsverschijnselen maken echter het verkrijgen van de stof op dat moment in de belevingswereld van de verslaafde een absolute noodzaak. De illegaliteit zorgt dan nog voor een groot aantal bijkomende problemen. Deze rekensom gaat echter ook op in andere situaties dan alleen die van de drugsverslaving. Een ernstige vorm van junkiesyndroom is ook beschreven bij alcoholisten tijdens de drooglegging in de Verenigde Staten maar ook in oorlogsomstandigheden en bij hongersnoden schijnt het gedrag omschreven te zijn. Ook bij primitieve gemeenschappen die in korte tijd in ernstig sociaal- economische nood komen te verkeren, komt het junkiesyndroom voor. 2 Alcohol Ongetwijfeld is alcohol de meest gebruikte psychotrope drug ter wereld (J.H. van Epen), losgezien van tabak en koffie. De schade in termen van lichamelijke ziekte, psychiatrische aandoeningen, agressieve delicten, verkeersongevallen, destructieve stoornissen in de intermenselijke relatie, is enorm. Wanneer iemand dagelijkse behoeften heeft aan een bepaalde dosis alcohol, kan men spreken van alcoholisme. Alcoholisme is een algemeen bekend begrip. Volgens van Epen is het niet reëel om te spreken in termen van wit (geheel onthouder) en zwart (de extreem chronische alcoholist ). Van Epen is van mening de termen wit en zwart geen moreel waarde oordeel vellen. Van Epen stelt wanneer er sprake is van vloeiende overgangen het pas zin heeft om over alcoholisme te spreken. Alcoholisme is als begrip nog relatief jong. In de leerboeken van de negentiende eeuw werd het begrip alcoholisme nergens aangetroffen. Uit het werk van de auteurs uit die tijd met Kraepelin voorop, blijkt nergens dat alcoholisme op zich als een ziekte gezien werd. Alcoholisme werd veel meer gezien als een slechte gewoonte, 29

Transparant Neutraal Confronterend Onderwijs Methodiek en lesmateriaal. Met een vak naar onderdak

Transparant Neutraal Confronterend Onderwijs Methodiek en lesmateriaal. Met een vak naar onderdak Transparant Neutraal Confronterend Onderwijs Methodiek en lesmateriaal Met een vak naar onderdak Inhoudsopgave Inhoudsopgave...2 Voorwoord...5 Deel 1 Methodiek Transparant neutraal confronterend onderwijs...7

Nadere informatie

De Week gaat van start met de Breingeindag op maandag 26 maart 2012 in t Veerhuis te Nieuwegein.

De Week gaat van start met de Breingeindag op maandag 26 maart 2012 in t Veerhuis te Nieuwegein. Op zoek naar waardevolle contacten De werkgroep Week van de Psychiatrie organiseert van 26 tot en met 31 maart 2012 de 38e Week van de Psychiatrie. Het thema van de Week van de Psychiatrie 2012 is Contact

Nadere informatie

Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie. Welkom. iri Kruit Voorlichting en training

Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie. Welkom. iri Kruit Voorlichting en training Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie Welkom Docent: Siri Kruit s.r.kruit@hr.nl 1 Huiswerkopdracht : Programma les 2 Theorie basis informatie Cannabis -presentatie Voorlichtingsmateriaal -nabespreken

Nadere informatie

Achtergronden. De verslaving. Controleverlies

Achtergronden. De verslaving. Controleverlies Achtergronden We beschouwen verslaving vandaag als een ziekte. Door veranderingen in de hersenen zijn verslaafden niet goed in staat om hun innamegedrag onder controle te houden. Een verslaafde drinker

Nadere informatie

J.H. van Epen De drugs van de wereld de wereld drugs. 2e herziene druk

J.H. van Epen De drugs van de wereld de wereld drugs. 2e herziene druk J.H. van Epen De drugs van de wereld de wereld van de drugs 2e herziene druk Samsom Stafleu Alphen aan den Rijn/Brussel 1988 Woord vooraf 1 Algemene gezichtspunten 1.1 Definitie van het begrip drug 1.2

Nadere informatie

bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1

bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1 Datum: 31/10/2013 Auteur: Kris De Groof Versie: def Herkomst: Methodisch kader Aan de Slag Doel: Bestemming: Handelingskader 1712 bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1 1. Mogelijke introductie

Nadere informatie

Bewust Omgaan met een Verslaving

Bewust Omgaan met een Verslaving Bewust Omgaan met een Verslaving Dit stuk biedt enkele handvatten om bewust te leren omgaan met je verslaving. Misschien denk je op dit punt wel dat je er niet mee om wil léren gaan, maar dat je er gewoon

Nadere informatie

Psychisch of Psychiatrie? 12-06-2012

Psychisch of Psychiatrie? 12-06-2012 Wat is een psychische stoornis? Een psychische stoornis is een patroon van denken, voelen en gedrag dat binnen de geldende cultuur ongebruikelijk is. Het patroon veroorzaakt last bij de persoon zelf en/of

Nadere informatie

Inleiding. Bron: Nationale Drugsmonitor Jaarbericht 2007. Uitgave van Trimbosinstituut

Inleiding. Bron: Nationale Drugsmonitor Jaarbericht 2007. Uitgave van Trimbosinstituut : Alcohol, roken en drugs Inleiding In onze maatschappij zijn het gebruik van alcohol en andere drugs heel gewoon geworden roken en het drinken van alcoholische dranken gebeurt op recepties, feestjes,

Nadere informatie

Mijn hersenletsel. Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting:

Mijn hersenletsel. Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Toelichting: Mijn hersenletsel Ik heb moeite met het vasthouden of verdelen van mijn aandacht. Ik ben snel afgeleid. Ik heb moeite om alles bij te houden/de wereld gaat zo snel. Ik heb moeite met flexibiliteit en veranderingen.

Nadere informatie

Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg

Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg Informatie voor cliënten Cliënten en geestelijke gezondheidszorg Slachtoffers van mensenhandel hebben vaak nare dingen meegemaakt. Ze zijn geschokt

Nadere informatie

Verslaving. Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over verslaving. Als iemand niet meer zonder... kan

Verslaving. Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over verslaving. Als iemand niet meer zonder... kan ggz voor doven & slechthorenden Verslaving Als iemand niet meer zonder... kan Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over verslaving Herkent u dit? Veel mensen gebruiken soms

Nadere informatie

Cursusoverzicht Context 2014 Zaanstreek Waterland

Cursusoverzicht Context 2014 Zaanstreek Waterland Cursusoverzicht Context 2014 Zaanstreek Waterland Kinderen 5-12 jaar KOPP/KVO Doe-praatgroep (8-12 jaar). Een vader of moeder met problemen Als je vader of moeder een psychisch of verslavingsprobleem heeft

Nadere informatie

Training Omgaan met Agressie en Geweld

Training Omgaan met Agressie en Geweld Training Omgaan met Agressie en Geweld 2011 Inleiding In veel beroepen worden werknemers geconfronteerd met grensoverschrijdend gedrag, waaronder agressie. Agressie wordt door medewerkers over het algemeen

Nadere informatie

Borderline. Als gevoelens en gedrag snel veranderen. Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over borderline

Borderline. Als gevoelens en gedrag snel veranderen. Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over borderline ggz voor doven & slechthorenden Borderline Als gevoelens en gedrag snel veranderen Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over borderline Herkent u dit? Bij iedereen gaat wel

Nadere informatie

Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie. Welkom. iri Kruit Voorlichting en training

Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie. Welkom. iri Kruit Voorlichting en training Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie Welkom Docent: Siri Kruit s.r.kruit@hr.nl 1 Huiswerkopdracht : Programma les 2 Theorie basis informatie Cannabis -presentatie Voorlichtingsmateriaal -nabespreken

Nadere informatie

WERKBOEK Loopbaanbegeleiding

WERKBOEK Loopbaanbegeleiding WERKBOEK Loopbaanbegeleiding DOELEN STRATEGIEËN JE CV STERKTES EN ZWAKTES VAARDIGHEDEN SOLLICITATIE BRIEF SOLLICITATIE GESPREK LEREN OMGAAN MET STRESS KOM OP VOOR JEZELF LEREN OMGAAN MET CONFLICTEN Waarom

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Over Dingerdis Customer Care. Inleiding. 1. Situaties die weerstand oproepen. 2. Zes veel voorkomende vormen van weerstand

Inhoudsopgave. Over Dingerdis Customer Care. Inleiding. 1. Situaties die weerstand oproepen. 2. Zes veel voorkomende vormen van weerstand Ronald Dingerdis Inhoudsopgave Over Dingerdis Customer Care Inleiding 1. Situaties die weerstand oproepen 2. Zes veel voorkomende vormen van weerstand 3. Omgaan met weerstand van anderen 4. Omgaan met

Nadere informatie

Praktisch Mentaliseren

Praktisch Mentaliseren Praktisch Mentaliseren Gieke Free SPV Mary Kwint GZ-psycholoog FACT 4 persoonlijkheidsstoornissen Indeling Oefening Definitie Hechting Modi van functioneren Videofragmenten Mentaliserende interventies

Nadere informatie

LVB en verslaving nu en in de toekomst

LVB en verslaving nu en in de toekomst LVB en verslaving nu en in de toekomst Joanneke van der Nagel Psychiater Tactus Inhoud Middelengebruik en LVB Signaleren en bespreken Zorgmogelijkheden LVG en Verslaving QUIZZZ Alcohol is schadelijker

Nadere informatie

Persoonlijkheidsstoornissen Kortdurend Behandelaanbod

Persoonlijkheidsstoornissen Kortdurend Behandelaanbod Persoonlijkheidsstoornissen Kortdurend Behandelaanbod U bent niet de enige Een op de tien Nederlanders heeft te maken met een persoonlijkheidsstoornis of heeft trekken hiervan. De Riagg Maastricht is gespecialiseerd

Nadere informatie

Annette Koops: Een dialoog in de klas

Annette Koops: Een dialoog in de klas Annette Koops: Een dialoog in de klas Als ondersteuning bij het houden van een dialoog vindt u hier een compilatie aan van Spreken is zilver, luisteren is goud : een handleiding voor het houden van een

Nadere informatie

Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities

Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities De Twaalf Tradities zijn voor de groep wat de stappen zijn voor het individu. De tradities helpen om het programma van herstel levend en succesvol

Nadere informatie

Inleiding 2. Wie is Christine? 4. Tip 1: Houd het doel van feedback voor ogen 5. Tip 2: Richt feedback op gedrag, niet op de persoon 6

Inleiding 2. Wie is Christine? 4. Tip 1: Houd het doel van feedback voor ogen 5. Tip 2: Richt feedback op gedrag, niet op de persoon 6 Inhoudsopgave Inleiding 2 Wie is Christine? 4 Tip 1: Houd het doel van feedback voor ogen 5 Tip 2: Richt feedback op gedrag, niet op de persoon 6 Tip 3: Geef feedback over uw waarneming en vermijd interpretaties

Nadere informatie

FAALANGST DE BAAS! TRAINING 1. faalangst. de baas! training. www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl

FAALANGST DE BAAS! TRAINING 1. faalangst. de baas! training. www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl FAALANGST DE BAAS! TRAINING 1 faalangst de baas! training www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl 2 KINDERPRAKTIJK LANDSMEER FAALANGST DE BAAS! TRAINING 3 faalangst de Baas! training

Nadere informatie

Ondersteuning en ondersteuningsplan.

Ondersteuning en ondersteuningsplan. Definitieve versie. Mei 2011. Emoties en hersenletsel horen bij elkaar. Het hebben van niet aangeboren hersenletsel roept emoties op. Emoties als woede, verdriet en angst. Cliënten van de Mantelmeeuw moeten

Nadere informatie

CoachWijzer Houvast bij het vormgeven van effectieve begeleiding

CoachWijzer Houvast bij het vormgeven van effectieve begeleiding Houvast bij het vormgeven van effectieve begeleiding Naam: Datum: Bert van Rossum 9 december 2013 Inhoudsopgave Inleiding... De uitslag van Bert van Rossum... Toelichting coach- en begeleidingsvoorkeur...

Nadere informatie

Gedwongen opname en verslaving Dr Anne Van Duyse - De Sleutel en PC Sint Jan Baptist

Gedwongen opname en verslaving Dr Anne Van Duyse - De Sleutel en PC Sint Jan Baptist Gedwongen opname en verslaving Dr Anne Van Duyse - De Sleutel en PC Sint Jan Baptist Deel 1: Wet op de gedwongen opname Deel 2: problematisch middelengebruik Toetsing van de wet bij verslaving Geesteszieke

Nadere informatie

Bespreken van situaties

Bespreken van situaties Bespreken van situaties U heeft met de leerlingen de website over alcohol, roken en drugs doorlopen. Dit zijn onderwerpen die leerlingen bezighouden en waar ze onderling over praten. Toch is het goed om

Nadere informatie

Voorkómen van huiselijk geweld

Voorkómen van huiselijk geweld Voorkómen van huiselijk geweld hoe profiteren we van wetenschappelijke kennis? Nico van Oosten senior adviseur Huiselijk en Seksueel Geweld Movisie There is nothing more practical than a good theory (Kurt

Nadere informatie

Overzicht Groepsaanbod. Mindfulness Chronische pijn Instapgroep Kerngroep SOVA Weerbaarheid Angst en depressie

Overzicht Groepsaanbod. Mindfulness Chronische pijn Instapgroep Kerngroep SOVA Weerbaarheid Angst en depressie Overzicht Groepsaanbod Mindfulness Chronische pijn Instapgroep Kerngroep SOVA Weerbaarheid Angst en depressie Waarom een groep of cursus? Waarom in een groep? Het kan zijn dat je het zelf prettiger vindt

Nadere informatie

Brijder Verslavingszorg Hoofddorp

Brijder Verslavingszorg Hoofddorp Ons Team Ons team is zeer divers. We bestaan uit het secretariaat, psychologen, maatschappelijk werkers, sociaal psychiatrisch verpleegkundigen, cognitief gedragstherapeutisch werkers, ervaringsdeskundigen,

Nadere informatie

Het belang van evaluatieve feedback is het beste te illustreren met behulp van het zogenaamde Johari Window: bekend aan mijzelf.

Het belang van evaluatieve feedback is het beste te illustreren met behulp van het zogenaamde Johari Window: bekend aan mijzelf. EVALUATIEVE FEEDBACK 8 Zoals al eerder gesteld kan de term feedback twee betekenissen hebben. Naast een directe reactie op wat iemand communiceert, wordt er ook wel een evaluatie van iemands gedrag en

Nadere informatie

Geweldloosheid en veiligheid

Geweldloosheid en veiligheid Geweldloosheid en veiligheid Missie van Levenslust Geweldloosheid en veiligheid zijn kernwoorden in ons beleid. We willen onze kinderen en jongeren het belang van een geweldloze wijze van handelen bijbrengen

Nadere informatie

Geweld in huis raakt kinderen. Informatie en advies voor ouders. huiselijkgeweldwb.nl 0900 126 26 26. 5 cent per minuut

Geweld in huis raakt kinderen. Informatie en advies voor ouders. huiselijkgeweldwb.nl 0900 126 26 26. 5 cent per minuut Geweld in huis raakt kinderen Informatie en advies voor ouders Grafisch ontwerp: Ontwerpstudio 2 MAAL EE Bij huiselijk geweld tussen (ex-)partners worden kinderen vaak over het hoofd gezien. Toch hebben

Nadere informatie

Psychiatrie. Therapieprogramma. www.catharinaziekenhuis.nl

Psychiatrie. Therapieprogramma. www.catharinaziekenhuis.nl Psychiatrie Therapieprogramma www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud Het therapieprogramma... 3 Waarom groepstherapie?... 3 De groepsindeling... 4 De observatiegroep... 4 De behandelgroep... 4 Werkwijze therapeuten...

Nadere informatie

Jaargang 2 nummer 1 16 dec 2010

Jaargang 2 nummer 1 16 dec 2010 Jaargang 2 nummer 1 16 dec 2010 Inhoudsopgave: Inleiding Minisymposium LVG en Verslaving De belangrijkste problemen volgens hulpverleners De ervaringen van cliënten De ervaringen van verwanten Vervolgstappen

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord 7. Nawoord 171 Over de auteur 175 Literatuur 177 Register 179

Inhoud. Voorwoord 7. Nawoord 171 Over de auteur 175 Literatuur 177 Register 179 Inhoud Voorwoord 7 1 Hoe word je seksverslaafd? 13 2 Wie is gevoelig voor seksverslaving? 29 3 Het ontstaan van de verslaving 53 4 Seksverslaving, wissels en vat 73 5 Seksverslaving en de relatie 97 6

Nadere informatie

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL KINDEREN LEKKER IN HUN VEL 1. Welkom wij zijn Karin Hallegraeff en Noelle van Delden van Praktijk IKKE Karin stelt zich voor en er komt een foto van Karin in beeld. Noelle stelt zich voor en er komt een

Nadere informatie

De wereld beleven, een hele belevenis

De wereld beleven, een hele belevenis De wereld beleven, een hele belevenis Rensje Plantinga www.ronzebons.nl mei 2011 2 De wereld beleven, een hele belevenis. De Ronzebons, mei 2011 De wereld beleven. In de gezondheidszog in zijn algemeenheid

Nadere informatie

Iemand steunen bij het stoppen met drank, drugs, pillen en gokken

Iemand steunen bij het stoppen met drank, drugs, pillen en gokken Iemand steunen bij het stoppen met drank, drugs, pillen en gokken V.U.: Frieda Matthys, Vereniging voor Alcohol- en andere Drugproblemen vzw, VAD, Vanderlindenstraat 15, 1030 Brussel - april 2012 (herziene

Nadere informatie

WAAR KAN IK HULP VINDEN? Informatie over geestelijke gezondheidsproblemen

WAAR KAN IK HULP VINDEN? Informatie over geestelijke gezondheidsproblemen WAAR KAN IK HULP VINDEN? Informatie over geestelijke gezondheidsproblemen Tekst: Aziza Sbiti & Cha-Hsuan Liu Colofon: Deze brochure is totstandgekomen met hulp van het Inspraak Orgaan Chinezen. De inhoud

Nadere informatie

Schizofrenie en comorbide verslaving

Schizofrenie en comorbide verslaving Schizofrenie en comorbide verslaving Wilma Reesink GGZ Verpleegkundig Specialist GGNet Apeldoorn Workshopindeling: 1. Stellingen bespreken aan de hand van het Lagerhuismodel met doel: kennis testen, dilemma

Nadere informatie

. "I am not what happened to me. I am what I choose to become."

. I am not what happened to me. I am what I choose to become. VERGEVING EN ZELFBEELD. "I am not what happened to me. I am what I choose to become." IS DEZE WORKSHOP IETS VOOR MIJ? Vaak denkt men bij vergeving aan mensen, die iets vreselijks is aangedaan of zelf een

Nadere informatie

Masteropleiding Counseling & Coaching Enneagram en TA

Masteropleiding Counseling & Coaching Enneagram en TA Masteropleiding Counseling & Coaching Enneagram en TA Zoek je een coachopleiding die jou op een praktische, effectieve en diepgaande manier helpt de kern te raken? En wil je voorbereid zijn op de valkuilen

Nadere informatie

[PILOT] Aan de slag met de Hoofdzaken Ster

[PILOT] Aan de slag met de Hoofdzaken Ster [PILOT] Aan de slag met de Hoofdzaken Ster! Hoofdzaken Ster Copyright EffectenSter BV 2014 Hoofdzaken Ster SOCIALE VAARDIGHEDEN VERSLAVING DOELEN EN MOTIVATIE 10 9 8 10 9 8 7 6 4 3 2 1 7 6 4 3 2 1 10 9

Nadere informatie

2013-2017. Huiswerkbeleid

2013-2017. Huiswerkbeleid 01-017 Huiswerkbeleid Inhoudsopgave Beschrijving doelgroep Visie op onderwijs Basisvisie Leerinhouden/Activiteiten De voor- en nadelen van het geven van huiswerk Voordelen Nadelen Richtlijnen voor het

Nadere informatie

2010 Marco Honkoop NLP coaching & training

2010 Marco Honkoop NLP coaching & training 2010 Marco Honkoop NLP coaching & training Introductie Dit ebook is gemaakt voor mensen die meer geluk in hun leven kunnen gebruiken. We kennen allemaal wel van die momenten dat het even tegen zit. Voor

Nadere informatie

Het probleem is dat pesten soms wordt afgedaan als plagerij of als een onschuldig spelletje.

Het probleem is dat pesten soms wordt afgedaan als plagerij of als een onschuldig spelletje. 1-1. HET PROBLEEM Pesten en plagen worden vaak door elkaar gehaald! Het probleem is dat pesten soms wordt afgedaan als plagerij of als een onschuldig spelletje. Als je gepest bent, heb je ervaren dat pesten

Nadere informatie

HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL

HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL Stationsstraat 81 3370 Boutersem 016/73 34 29 www.godenotelaar.be email: directie.nobro@gmail.com bs.boutersem@gmail.com HET ANTI-PEST-BELEID VAN ONZE SCHOOL 1. Het standpunt van de school: Pesten is geen

Nadere informatie

Van verslaving naar herstel!

Van verslaving naar herstel! Van verslaving naar herstel! Eerste druk, 2013 2013 Anita Van Besauw isbn: 9789048429356 nur: 340 Uitgever: Free Musketeers, Zoetermeer www.freemusketeers.nl Hoewel aan de totstandkoming van deze uitgave

Nadere informatie

Systems-Centered Training door Lotte Paans

Systems-Centered Training door Lotte Paans Systems-Centered Training door Lotte Paans De workshop is ervaringsgericht van opzet, opdat je aan den lijve ondervindt wat het effect van de werkwijze is. Een wezenlijk onderdeel van Systems-Centered

Nadere informatie

leven met vermoeidheid omgaan met de gevolgen van een beroerte

leven met vermoeidheid omgaan met de gevolgen van een beroerte leven met vermoeidheid omgaan met de gevolgen van een beroerte CVA Cerebro Vasculair Accident is de medische term voor een ongeluk in de vaten van de hersenen. In het dagelijks taalgebruik heet een CVA

Nadere informatie

ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK. Achternaam. Cliëntnummer. Naam interviewer

ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK. Achternaam. Cliëntnummer. Naam interviewer ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK Achternaam bij vrouwelijke cliënten meisjesnaam Geboortedatum Cliëntnummer Datum interview d d m m d d m m 1. Naam interviewer 2. 3. Interview is niet volledig afgenomen want:

Nadere informatie

De Rode en Blauwe Loper Utrecht

De Rode en Blauwe Loper Utrecht De Rode en Blauwe Loper Utrecht Korte karakteristiek De Rode en Blauwe Loper bieden laagdrempelige ontmoeting aan bewoners in Overvecht met verschillende achtergronden. Voor de groep mensen met een psychische

Nadere informatie

Vermoeidheid bij MPD

Vermoeidheid bij MPD Vermoeidheid bij MPD Landelijke contactmiddag MPD Stichting, 10-10-2009 -van Wijlen Psycho-oncologisch therapeut Centrum Amarant Toon Hermans Huis Amersfoort Welke verschijnselen? Gevoelens van totale

Nadere informatie

Motiverende gespreksvoering

Motiverende gespreksvoering Motiverende gespreksvoering Naam Saskia Glorie Student nr. 500643719 SLB-er Yvonne Wijdeven Stageplaats Brijder verslavingszorg Den Helder Stagebegeleider Karin Vos Periode 04 september 2013 01 februari

Nadere informatie

Het veerkrachtig handelen van de hulpverlener bij feedback

Het veerkrachtig handelen van de hulpverlener bij feedback Het veerkrachtig handelen van de hulpverlener bij feedback Ayse Dogan OPZ Geel- 6 Dec. 2012 Verloop Korte inleiding Reflectie- oefening Handvatten in veerkrachtig handelen bij feedback Tot slot Reflectie-

Nadere informatie

Iedere belastbaarheid kent zijn grens.

Iedere belastbaarheid kent zijn grens. IMPRINT (INGRIFTING) Gevoelens hoe sterk ze ook gevoeld worden in het moment van nu zijn vaak misleidend. Wat je nu ervaart is vaker dan je denkt van oude oorsprong. Hoe dat kan en hoe je daar oplossingen

Nadere informatie

Training. Vergaderen

Training. Vergaderen Training Vergaderen Halide Temel 1-5-2014 Inhoudsopgave Inleiding 3 Doelen 4 Deelnemers 4 Werkvormen 4 Programma 4 Voorstellen & introductie 5 Opdracht Luciferspel 6 Theorie 7 Opdracht - Vergaderen 12

Nadere informatie

Hoe Zeker Ben Ik Van Mijn Relatie

Hoe Zeker Ben Ik Van Mijn Relatie Hoe Zeker Ben Ik Van Mijn Relatie Weet jij in welke opzichten jij en je partner een prima relatie hebben en in welke opzichten je nog wat kunt verbeteren? Na het doen van de test en het lezen van de resultaten,

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding... 3. Algemene gegevens... 4. Gevoel van veiligheid... 5. De mate waarin agressie voorkomt... 7. Omgaan met agressie...

Inhoud. Inleiding... 3. Algemene gegevens... 4. Gevoel van veiligheid... 5. De mate waarin agressie voorkomt... 7. Omgaan met agressie... Inhoud Inleiding... 3 Algemene gegevens... 4 Gevoel van veiligheid... 5 De mate waarin agressie voorkomt... 7 Omgaan met agressie... 8 Ontwikkeling van agressie... 11 Kwalitatieve analyse... 11 Conclusies...

Nadere informatie

Masteropleiding Counseling & Coaching Enneagram en TA

Masteropleiding Counseling & Coaching Enneagram en TA Masteropleiding Counseling & Coaching Enneagram en TA Zoek je een coachopleiding die jou op een praktische, effectieve en diepgaande manier helpt de kern te raken? En wil je voorbereid zijn op de valkuilen

Nadere informatie

To blow or not to. blow? Inhoud. Informatiebrochure over cannabisgebruik bij een psychose. Inleiding. 1. Een psychose. 2. Cannabis

To blow or not to. blow? Inhoud. Informatiebrochure over cannabisgebruik bij een psychose. Inleiding. 1. Een psychose. 2. Cannabis Inhoud To blow or not to Inleiding 1. Een psychose blow? Informatiebrochure over cannabisgebruik bij een psychose 2. Cannabis 3. Risico op een psychose door cannabisgebruik 4. Redenen om cannabis te gebruiken

Nadere informatie

P. de Beurs, psychiater en adviseur voor de IGZ

P. de Beurs, psychiater en adviseur voor de IGZ P. de Beurs, psychiater en adviseur voor de IGZ Dilemma s bij risicotaxatie Risicotaxatie is een nieuw en modieus thema in de GGZ Veilige zorg is een illusie Hoe veiliger de zorg, hoe minder vrijheid voor

Nadere informatie

DE NO BLAME-METHODE VOORAF

DE NO BLAME-METHODE VOORAF DE NO BLAME-METHODE VOORAF Omdat mijn school probeert te werken met de No Blame-Methode heb ik deze hier in kaart gebracht. Het is een manier om met kinderen in gesprek te gaan en zo ook de waarheid te

Nadere informatie

Dé 14 fundamentele stappen naar geluk

Dé 14 fundamentele stappen naar geluk Dé 14 fundamentele stappen naar geluk Van de Amerikaanse psycholoog Michael W. Fordyce 1. Wees actief en ondernemend. Gelukkige mensen halen meer uit het leven omdat ze er meer in stoppen. Blijf niet op

Nadere informatie

AGRESSIE. Basis emoties. Basis emoties. Agressie - sociologisch. Agressie - biologisch. Agressie en psychiatrie 16-3-2014

AGRESSIE. Basis emoties. Basis emoties. Agressie - sociologisch. Agressie - biologisch. Agressie en psychiatrie 16-3-2014 Basis emoties AGRESSIE en psychiatrische stoornissen Angst Verdriet Boosheid Verbazing Plezier Walging Paul Ekman Basis emoties Psychofysiologische reactie op een prikkel Stereotype patroon van motoriek,

Nadere informatie

Mijn naam is Susanne Meijer, Guasha / Massage Therapeut en Psychosociaal therapeut, wonende in Bergen op Zoom.

Mijn naam is Susanne Meijer, Guasha / Massage Therapeut en Psychosociaal therapeut, wonende in Bergen op Zoom. Even voorstellen Graag wil ik me aan u voorstellen Mijn naam is Susanne Meijer, Guasha / Massage Therapeut en Psychosociaal therapeut, wonende in Bergen op Zoom. Voordat ik aan mijn praktijk begon heb

Nadere informatie

Leer uw kind De Ondergoedregel.

Leer uw kind De Ondergoedregel. 1. Leer uw kind De Ondergoedregel. Ongeveer één op de vijf kinderen is slachtoffer van seksueel geweld, waaronder seksueel misbruik. U kunt helpen voorkomen dat het uw kind overkomt. Leer uw kind De Ondergoedregel.

Nadere informatie

WIL JE MINDER BLOWEN?

WIL JE MINDER BLOWEN? WIL JE MINDER BLOWEN? Uitgave van Stichting Be Aware Maart 2015 Ik wil minderen. Je vindt dat je teveel wiet/hasj of cannabis rookt. Je beseft dat je hierdoor minder goed functioneert: je huiswerk lijdt

Nadere informatie

Reacties van ouders. 105 Tips voor ouders

Reacties van ouders. 105 Tips voor ouders 8 TIPS VOOR OUDERS Ouders kost het vaak al moeite om het gedrag van een normale adolescent te begrijpen. Dus omgaan met een kind dat zichzelf verwondt, is dan zeker erg moeilijk en verwarrend. In eerste

Nadere informatie

13 Acquisitietips. AngelCoaching. Coaching en training voor de creatieve sector www.angelcoaching.nl

13 Acquisitietips. AngelCoaching. Coaching en training voor de creatieve sector www.angelcoaching.nl 13 Acquisitietips AngelCoaching Coaching en training voor de creatieve sector Tip 1 Wat voor product/dienst ga je aanbieden? Maak een keuze, niemand kan alles! Tip 1 Veel ondernemers zijn gezegend met

Nadere informatie

Gatekeeper training. 08-10- 2014 workshop Trainer: Gerrie Hendriks

Gatekeeper training. 08-10- 2014 workshop Trainer: Gerrie Hendriks Gatekeeper training 08-10- 2014 workshop Trainer: Gerrie Hendriks Gatekeepers Jullie gaan deuren openen naar hulp voor mensen die gevaar lopen zichzelf wat aan te doen waarom 1600 suïcides per jaar waarvan

Nadere informatie

Verslaving is een chronische ziekte

Verslaving is een chronische ziekte Familiefolder Je naaste heeft een belangrijke eerste stap gezet naar een leven zonder middelengebruik. Hij/zij is in behandeling gegaan om te leren hoe hij/zij dit doel kan bereiken. In 4 weken leert je

Nadere informatie

PERSOONLIJKHEIDSSTOORNIS

PERSOONLIJKHEIDSSTOORNIS PERSOONLIJKHEIDSSTOORNIS PATIËNTENINFORMATIE ALGEMEEN Wat is een persoonlijkheidsstoornis? Ieder mens heeft een persoonlijkheid. Een persoonlijkheid is de optelsom van hoe u als persoon bent, hoe u zich

Nadere informatie

Afgesproken verdeling van de boeken over de groepen

Afgesproken verdeling van de boeken over de groepen DE KANJERTRAINING. Op de Jozefschool wordt er in alle groepen kanjertraining gegeven. Alle leerkrachten zijn gecertificeerd. Doel van de Kanjertraining? Deze werkwijze biedt lln. kapstokken aan om beter

Nadere informatie

Achtergrondinformatie opdracht 3, module 5, les 9

Achtergrondinformatie opdracht 3, module 5, les 9 Achtergrondinformatie opdracht 3, module 5, les 9 Roken alcohol en drugs Roken, alcohol en drugs zijn schrikbeelden voor veel ouders. Dit geldt voor allochtone ouders én Nederlandse ouders. Sommige kinderen

Nadere informatie

Wat het effect van een vraag is, hangt sterk af van het soort vraag. Hieronder volgen enkele soorten vragen, geïllustreerd met voorbeelden.

Wat het effect van een vraag is, hangt sterk af van het soort vraag. Hieronder volgen enkele soorten vragen, geïllustreerd met voorbeelden. Actief luisteren Om effectief te kunnen communiceren en de boodschap van een ander goed te begrijpen, is het belangrijk om de essentie te achterhalen. Je bent geneigd te denken dat je een ander wel begrijpt,

Nadere informatie

Huiswerk week 5. Formele oefeningen

Huiswerk week 5. Formele oefeningen Huiswerk week 5 Formele oefeningen 1. Dagelijks ca. 45 minuten oefenen. De ene dag de zit- of loopmeditatie en de andere dag de staande yoga-oefeningen. Meditatie betekent oefenen met de zijnmodus. Toelaten

Nadere informatie

Ik wil dood suïcidaliteit

Ik wil dood suïcidaliteit Ik wil dood suïcidaliteit bij jongeren Mark De Bock Anneleen Franssens Annelies Kog Klinisch psychologen en orthopedagogen, psychotherapeuten UKJA Waar of niet waar? De meeste zelfmoorden gebeuren impulsief

Nadere informatie

Verbindingsactietraining

Verbindingsactietraining Verbindingsactietraining Vaardigheden Open vragen stellen Luisteren Samenvatten Doorvragen Herformuleren Lichaamstaal laten zien Afkoelen Stappen Werkafspraken Vertellen Voelen Willen Samen Oplossen Afspraken

Nadere informatie

25-9-2014. Door Machteld Muller & Linda Stoutjesdijk www.phorosadvies.nl 06-10508273/06-12987505

25-9-2014. Door Machteld Muller & Linda Stoutjesdijk www.phorosadvies.nl 06-10508273/06-12987505 Door Machteld Muller & Linda Stoutjesdijk www.phorosadvies.nl 06-10508273/06-12987505 Lichamelijk: pijn, fysieke beperkingen, afweging behandeling vs bijwerkingen Angst en onzekerheid: verloop ziekte,

Nadere informatie

Introductie van het programma; naar een nieuw perspectief na kanker. Sessie 1 Omgaan met kanker; een ander perspectief op leven

Introductie van het programma; naar een nieuw perspectief na kanker. Sessie 1 Omgaan met kanker; een ander perspectief op leven 1 Voorwoord Introductie van het programma; naar een nieuw perspectief na kanker Sessie 1 Omgaan met kanker; een ander perspectief op leven Sessie 2 Het lichaam als ankerpunt; rusten in jezelf Sessie 3

Nadere informatie

Omgaan met onaangepast gedrag in het Sociaal Raadsliedenwerk en Schuldhulpverlening. Sjaak Boon www.bureauboon.nl

Omgaan met onaangepast gedrag in het Sociaal Raadsliedenwerk en Schuldhulpverlening. Sjaak Boon www.bureauboon.nl Omgaan met onaangepast gedrag in het Sociaal Raadsliedenwerk en Schuldhulpverlening Sjaak Boon www.bureauboon.nl Sombere stemming Verminderde interesse in activiteiten Duidelijke gewichtsvermindering Slecht

Nadere informatie

LEEFREGELS EN IK-BEN OPVATTINGEN HERKENNEN

LEEFREGELS EN IK-BEN OPVATTINGEN HERKENNEN In deze huiswerkopdracht wordt uitgelegd wat leefregels en ik-ben-opvattingen zijn en het belang ervan bij het doorbreken van gewoontepatronen. Een voorbeeld van Marjolijn illustreert hoe leefregels en

Nadere informatie

speciaal onderwijs lesbrief drugs UITGAVE: STICHTING VOORKOM! T (030) 637 31 44 E-MAIL: STICHTING@VOORKOM.NL WWW.VOORKOM.NL

speciaal onderwijs lesbrief drugs UITGAVE: STICHTING VOORKOM! T (030) 637 31 44 E-MAIL: STICHTING@VOORKOM.NL WWW.VOORKOM.NL speciaal onderwijs UITGAVE: STICHTING VOORKOM! T (030) 637 31 44 E-MAIL: STICHTING@VOORKOM.NL WWW.VOORKOM.NL inhoud LES 1: KENNISMAKING MET DRUGS 3 SOORTEN DRUGS 3 WAT DOEN DRUGS? 4 VERSLAAFD AAN DRUGS

Nadere informatie

Drijfveren. Een belangrijke (on)bewuste drijfveer is dat ZELF beter wil zijn dan de ANDER

Drijfveren. Een belangrijke (on)bewuste drijfveer is dat ZELF beter wil zijn dan de ANDER Inleiding Kennis over het tot stand komen van gedrag Bewustwording van de invloed van ons eigen gedrag op onze omgeving? Ervaren wat JIJ kan doen om je eigen gedrag en dat van anderen te verbeteren Drijfveren

Nadere informatie

Door Machteld Muller & Linda Stoutjesdijk www.phorosadvies.nl 06-10508273/06-12987505

Door Machteld Muller & Linda Stoutjesdijk www.phorosadvies.nl 06-10508273/06-12987505 Door Machteld Muller & Linda Stoutjesdijk www.phorosadvies.nl 06-10508273/06-12987505 Lichamelijk: pijn, fysieke beperkingen, afweging behandeling vs bijwerkingen Angst en onzekerheid: verloop ziekte,

Nadere informatie

Omgaan met Borderline

Omgaan met Borderline PAOG 26 maart 2013 Maastricht Borderline 50 jaar geleden: de cliënt: reddeloos de hulpverlener: radeloos de situatie: hopeloos Borderline nu: De best behandelbare persoonlijkheidsstoornis Persoonlijkheidsstoornissen

Nadere informatie

De training Vechtkunst Play with Power

De training Vechtkunst Play with Power De training Vechtkunst Play with Power Wat houdt deze training concreet in? In de training Vechtkunst Play with Power onderzoek je op een fysieke manier hoe je je onder spanning gedraagt. Je gaat na zorgvuldige

Nadere informatie

Wij zijn Kai & Charis van de Super Student en wij geven studenten zin in de toekomst.

Wij zijn Kai & Charis van de Super Student en wij geven studenten zin in de toekomst. Hallo, Wij zijn Kai & Charis van de Super Student en wij geven studenten zin in de toekomst. Dat is namelijk helemaal niet zo makkelijk. Veel studenten weten nog niet precies wat ze willen en hoe ze dat

Nadere informatie

Informatie en advies voor ouders

Informatie en advies voor ouders Geweld in huis raakt kinderen Informatie en advies voor ouders 1 2 Wist u dat de gevolgen van het zien of horen van geweld in het gezin net zo groot zijn als zelf geslagen worden? Ook als het geweld gestopt

Nadere informatie

1 Inleiding 11. 2 Wat is er met me aan de hand? 15. Typerend beeld 16 Kenmerken 18 Diagnostiek 30 Hoe vaak komt het voor? 35 Samenvatting 37

1 Inleiding 11. 2 Wat is er met me aan de hand? 15. Typerend beeld 16 Kenmerken 18 Diagnostiek 30 Hoe vaak komt het voor? 35 Samenvatting 37 Leven met een antisoc stoornis.qxd 07-03-06 09:27 Pagina 7 Inhoud Voorwoord 1 Inleiding 11 2 Wat is er met me aan de hand? 15 Typerend beeld 16 Kenmerken 18 Diagnostiek 30 Hoe vaak komt het voor? 35 Samenvatting

Nadere informatie

11 Omgaan met verbale agressie

11 Omgaan met verbale agressie 11 Omgaan met verbale agressie AGRESSIE Praktijkinformatie Welke vormen zijn er? Hoe buig je opkomende verbale agressie om? Hoe en wanneer stel je je grens? EN Omgaan met verbale agressie Tip 1 Herken

Nadere informatie

Bertha Middendorp MIGRAINE. De oorzaak van jouw migraine en Leer in 6 weken je pijn te beheersen tijdens een aanval

Bertha Middendorp MIGRAINE. De oorzaak van jouw migraine en Leer in 6 weken je pijn te beheersen tijdens een aanval Bertha Middendorp MIGRAINE De oorzaak van jouw migraine en Leer in 6 weken je pijn te beheersen tijdens een aanval Inhoud Deel 1 12 Inleiding 15 Mijn migraine 21 Hypnose 26 Verhalen uit de praktijk Deel

Nadere informatie

De maakbaarheid van het leven

De maakbaarheid van het leven Opvoeding in beeld De maakbaarheid van het leven Recht op een goede liefdesrelatie Voldoende inkomen Aantrekkelijke en zich goed ontwikkelende kinderen Bevredigend werk Vakanties en leuke vrienden Probleem

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 1. Uitgangspunten blz. 1.1 Doel van het beleidsplan 3 1.2 Inhoud van het beleidsplan 3. 2. Beginsituatie 4. 3. De gewenste situatie 5

Inhoudsopgave. 1. Uitgangspunten blz. 1.1 Doel van het beleidsplan 3 1.2 Inhoud van het beleidsplan 3. 2. Beginsituatie 4. 3. De gewenste situatie 5 Beleidsplan sociaal-emotionele ontwikkeling O.B.S. de Zoeker Maart 2012 Inhoudsopgave 1. Uitgangspunten blz. 1.1 Doel van het beleidsplan 3 1.2 Inhoud van het beleidsplan 3 2. Beginsituatie 4 3. De gewenste

Nadere informatie

Voel jij wat ik bedoel? www.psysense.be 17/5/2008

Voel jij wat ik bedoel? www.psysense.be 17/5/2008 Voel jij wat ik bedoel? www.psysense.be 17/5/2008 Gevoel en emoties / definitie Emoties: in biologische zin: affectieve reacties. Prikkeling van dit systeem geeft aanleiding tot allerlei lichamelijke reacties.

Nadere informatie

Laat de jongeren de test conflictstijlen maken (zie bijlage 1). Naar aanleiding van de uitslag ga je in gesprek.

Laat de jongeren de test conflictstijlen maken (zie bijlage 1). Naar aanleiding van de uitslag ga je in gesprek. Conflicten hanteren Tijd: verdelen over twee bijeenkomsten. Bijeenkomst 1 Laat de jongeren de test conflictstijlen maken (zie bijlage 1). Naar aanleiding van de uitslag ga je in gesprek. De uitkomst van

Nadere informatie