Van parentiarchie naar Vadertje Staat

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Van parentiarchie naar Vadertje Staat"

Transcriptie

1 Artikelen is als universitair docent in het recht verbonden aan de vakgroep Internationaal recht van de Rijksuniversiteit Limburg. Over 't verwekken, mishandelen en beschermen van kinderen* Van parentiarchie naar Vadertje Staat 'Naar de natuur kan de mens als het zijne beschouwen: zijn leven - wel te verstaan niet om het te vernietigen maar om het te beschermen -, zijn lichaam, zijn ledematen, zijn goede naam, zijn eer, zijn vrijheid om binnen de grenzen van het fatsoen te doen en te laten wat hij wil.' Hugo de Groot 1 Er zijn vrouwen die zo graag zwanger willen worden dat zij - om te voorkomen dat de biologische vader zich met hun leven gaat bemoeien, uit bezorgdheid over het welzijn van hun wettige echtgenoot of om welke andere legitieme reden ook - grijpen naar het zaad van de anonieme donor. Zij nemen het risico hun kind te beschadigen door het op te laten groeien met een Gezinsgeheim dat, zoals alle gezinsgeheimen, ziekmakend is en vroeg of laat toch 'uitkomt'. 2 Bovendien frustreren zij het recht van kun kind to know (...) his or herparents (art. 7 Kinderverdrag). 3 Er zijn ook vrouwen die zwanger zijn, daar niet voor gekozen hebben, maar wie het inzicht of de kracht ontbreekt zich te laten aborteren. Zij nemen het risico hun kind te beschadigen door het op te laten groeien onder moeilijke gezinsomstandigheden, stellen het bloot aan het risico van (emotionele) verwaarlozing of (psychische) mishandeling door henzelf of hun eventuele partner. 4 Zij schenden niet alleen hun 'Pflicht keine ungewollten Kinder in die Welt zu setzen,' maar maken bovendien inbreuk op het recht van het kind ter wereld te komen en op te groeien in an atmosphere of happiness, love and understanding. 5 Uiteraard geldt het bovenstaande óók voor de medeplichtige al of niet mannelijke partner. In dit verband is het goed te wijzen op art. 18 Kinderverdrag, 6 dat de verdragspartijen met zoveel woorden op het hart drukt alles in het werk te stellen om het beginsel dat beide ouders de verantwoordelijkheid dragen voor de verzorging en opvoeding van hun kind, te verwezenlijken.? Wat kan en mag Vadertje Staat, en wat zou hij moeten mogen, ten aanzien van de zo vurig gewenst en de ongewenst zwangere vrouwen hierboven. Want het is duidelijk dat ook ten aanzien van het recht op procreatie voorkomen beter is dan genezen. (Zo er bij het beschadigde kind nog iets te genezen valt.) 8 Het eerste geval is van een geheel andere orde dan het tweede. Juridisch gesproken is het, dunkt mij, bovendien niet zo'n moeilijk probleem. Maak door middel van wetgeving een eind aan de anonieme donor. Doorbreek desnoods het zaadmonopolie van de (mannelijke) medische macht. Geef elk kind het recht zijn afstammingsgegevens op te vragen bij de spermabank. Het tweede geval ligt aanmerkelijk gecompliceerder. De staat moet kinderen tegen hun eigen ouders beschermen (art. 3 ECRM, art. 19 Kinderverdrag), maar geldt dat ook voor het nog niet geboren kind dat de moeder ondanks alles (alcohol-, heroïne-, nicotine-verslaving, verslaving aan een mishandelende of anderszins destructieve partner, 9 eigen psychiatrische problematiek, zoals een niet verwerkt incest-verleden, enzovoorts, enzovoorts) geboren wil laten worden? Patri- en parentiarchie * De tekst van dit artikel is afgesloten op 22 mei Matthijs de Blois wijdt in zijn Leidse proefschrift {Het recht op de persoonlijke integriteit in het internationale recht) een paragraaf aan ongeborenen, 10 NEMESIS

2 waarin hij de vele in het geding zijnde rechten en belangen van vrouw en vrucht evenwel tot een gepostuleerd recht op leven van de ongeborene reduceert, en dat op een wijze die helaas ook op juridische gronden ernstig kan worden bekritiseerd. 11 Onlangs nam L.E. Kalkman-Bogerd het, in wat breder perspectief, onder de titel: 'Dwang op zwangere vrouw ten behoeve van de ongeboren vrucht toelaatbaar? ' 12 (ogenschijnlijk) op voor de zwangere vrouw. Reeds eerder bogen (onder anderen) R.M. Schoonenberg ('Een recht van het ongeboren kind op adequate prenatale zorg en medische behandeling?') 13 en M.L.C.C. de Bruijn-Lückers ('Baas in eigen buik en de grondrechten') 14 zich over deze problematiek, waarbij zij het (ogenschijnlijk) meer opnamen voor de ongeboren vrucht. 15 Waarom overtuigen de argumenten van Kalkman-Bogerd, Schoonenberg en De Bruijn-Lückers mij uiteindelijk niet? Op hun beschrijvingen van het geldende recht valt waarschijnlijk weinig af te dingen. Maar hun meer of minder expliciete premissen leiden tot conclusies die, hoe sympathiek op het eerste gezicht ten aanzien van vrouw of vrucht ook, feitelijk teleurstellen. Het komt mij voor dat hun uitgangspositie (kort gezegd: heeft de ongeboren vrucht rechten tegenover de zwangere vrouw en zo ja, welke c.q. in hoeverre?) niet alleen niet erg vruchtbaar is maar ook niet zonder gevaar. Wie stelt: de vrucht heeft geen rechten, punt (zoals Kalkman-Bogerd), 16 loopt het risico door de ontwikkelingen in de medische technologie en de gezondheidszorg te worden achterhaald, en aldus de juridische boot te missen; wie stelt (zoals Schoonenberg en De Bruijn-Lückers): 17 de vrucht heeft wel rechten, loopt het risico door anti-abortus activisten op sleeptouw te worden genomen (zo men al niet zelf in de abortus-valkuil zit) 18 dan wel de medische boot in te gaan, om vervolgens vast te lopen in een oeverloze discussie over botsende (grondrechten en casuïstische belangenafwegingen. Naar mijn mening kan aan de in het geding zijnde belangen evenwel geen recht worden gedaan zonder een vooropgestelde visie op de positie van vrouwen en kinderen in een sexistische en 'pedagogistische' 19 samenleving. Het lijkt erop alsof we ons hier op een terrein bevinden (zoals dat tot voor kort ook gold voor het kernwapenprobleem) waarin óók juristen de ideologische fase niet kunnen overslaan om direct tot hun orde van de dag, het toepassen van regeltjes en het verfijnen van procedures, over te gaan. Terecht wordt in het Harvard-stuk in Nemesis 1990/6 ('Conflicterende rechten; Moederschap, verbondenheid en overheid') 20 een poging ondernomen om de juridische discussie op een ander plan te tillen. Voor een deel vond ik in dat stuk de redenen voor mijn onvrede verwoord. Om met de auteur(s) van dat artikel te spreken: Kalkman-Bogerd c.s. blijven steken in het (conflicterende) rechten-vertoog. Voor een deel, want om de discussie boven dit rechten-niveau uit te tillen is niet alleen een scherp oog nodig voor sexehiërarchie en patriarchie, 21 maar ook voor de volwassene/ouder-kind hiërarchie, voor, zoals Verhellen dat noemt, het adulto-centrisme, voor, zoals ik het zelf liever aanduid, de parentiarchie. 22 Uitgangspunt is dan dat kinderen - als de meest afhankelijke en machteloze partij, waarbij zelfs de misselijkste machtsverschillen die in onze 'beschaafde' samenleving tussen mannen en vrouwen bestaan, nog verbleken - er recht op hebben gewenst ter wereld te komen, recht hebben op nestwarmte, veiligheid en geborgenheid. De schade aan henzelf en aan de maatschappij als hun dat niet kan worden geboden, gaat elk voorstellingsvermogen te boven. Tegen die achtergrond zijn abortus-debatten en rechten-vertogen schijngevechten. Kinderen en survivors Uiteraard betekent dit niet dat we de positie van vrouwen en kinderen, waar al eeuwenlang het zwaarste geschut van taal, staat en recht overheen walst, niet juridisch zouden moeten of kunnen vertalen. We zullen alleen een ander juridisch uitgangspunt dan het traditionele (vrucht-)rechten-vertoog moeten kiezen. Voorop zou dienen te staan de - in wezen activistische - vraag: hoe zit het met de aansprakelijkheid (schadeplichtigheid) van ouders en/of de staat wanneer een kind of een survivor (dat wil zeggen een meerderjarig voormalig slachtoffer van fysieke, psychische en/of sexuele kindermishandeling) 23 kan aantonen mishandeld of verwaarloosd te zijn door zijn ouder(s) en dat die mishandeling of verwaarlozing al vóór de geboorte begonnen is? Zo in het huidige recht al niet een rechtsgrond voor een dergelijke actie te vinden is (art BWjuncto art. 3 ECRM 24 ), 25 dan is die naar mijn mening zeker te vinden in het toekomstig recht, 26 wanneer Nederland eenmaal partij is bij het Kinderverdrag, en wel op basis van (de before birth-clansvae 21 in verband met) de artt. 3,6,18,19 en 39 van dat Verdrag. 2» Het Kinderverdrag belooft een verder vertrek van patrien parentiarchie. 29 In deze bijdrage wil ik betogen - vanuit een zo breed mogelijke, zij het noodzakelijkerwijs summier geschetste visie op de rechten van het kind - dat een vrucht, door de letterlijke verwevenheid met het leven van de vrouw, 30 weliswaar geen rechtssubject is maar dat dat niet betekent dat de vrouw en haar partner geen plichten hebben tegenover de staat, die immers aansprakelijk is tegenover kinderen en survivors voor elke schending van zijn (toekomstige) rechtsplicht ex art. 19 (plus prenatale clausule) Kinderverdrag. Voorwaarde is dan wel dat zowel art. 18 als art. 19 in ons land volledig zijn geïmplementeerd. Van een dergelijke implementatie tekenen zich op dit moment evenwel hooguit vage contouren af. Daarnaast wil ik in deze bijdrage - bij wijze van een korte adempauze - nog even stilstaan bij het probleem van de anonieme donor. Omdat ik mijn juridische 'oplossing' voor dat probleem hierboven al heb onthuld, zal ik de motivering daarvan alleen door middel van twee wat langere citaten aangeven, waarin ik mijn visie op de rechten van het kind op dit punt kernachtig vond verwoord. De draad van het betoog vervolgens weer oppakkend zal ik en passant, dat wil niet zeggen terloops, maar vanuit de onlosmakelijke verbondenheid ervan met mijn ideeën over het onderwerp van deze bijdrage, mijn kijk op het abortus-vraagstuk nader belichten nr 3

3 Alvorens een profiel te schetsen van een mogelijke juridische vertaling van de machteloze en afhankelijke positie van het kind, wil ik nu eerst de toon daarvoor zetten aan de hand van de pool kindermishandeling - het belang van het kind. Kindermishandeling en het belang van het kind 'Het probleem van deze tijd is niet de vervaging van normen en waarden, maar het verlies van de maat der dingen. Als ik zie wat er in ziekenhuizen allemaal gedaan wordt om met hi-tech technieken en geneeskunstjes allerlei soorten kinderen in leven te houden, en als ik zie dat er om mij heen dagelijks in principe gezonde kinderen min of meer moedwillig in elkaar geschopt, getrapt en geslagen worden, vernederd, genegeerd, geïsoleerd en afgewezen worden, seksueel misbruikt en gecorrumpeerd worden...' Zo verzucht jeugdarts Ben Rensen in zijn boek Kindermishandeling: voor het leven beschadigd? 1 In een minder schrijnende context dan die van een arts werkzaam bij een grootstedelijke schoolartsendienst, merkt Dorien Pessers op: 32 'Een van de belangrijkste beginselen van onze rechtsorde wordt in deze hele discussie over de economische emancipatie van de vrouw buiten beeld gelaten, namelijk het belang van het kind.' Ik kan die discussie niet voldoende overzien om dit te kunnen beamen. Maar zou tegen de achtergrond van wat Rensen dagelijks meemaakt, het belang van het kind niet hèt belangrijkste beginsel van onze rechtsorde moeten zijn? En anders op zijn minst het recht van het kind op bescherming tegen zijn eigen ouders? Jonge kinderen zijn niet alleen totaal afhankelijk van hun ouders, zij hebben - om redenen die Alice Miller zo overtuigend heeft verwoord 33 - ook onvoorstelbaar sterke loyaliteitsgevoelens voor hun ouders. 34 Zij zijn daardoor de meest kwetsbare, maar tegelijk de minst door het recht beschermde groep. Hun positie tegenover mishandelende ouders is onmetelijk zwakker dan die van arbeiders tegenover hun bazen in de hoogtijdagen van het kapitalisme. Zij zijn te jong om te spreken of zich te organiseren, te zwak om iets terug te doen, te weerloos om te begrijpen wat er met hen gebeurt. En de staat die hen zou moeten beschermen, heeft daartoe noch het menselijk apparaat, 35 noch het juridisch instrumentarium, zoals meldingsplicht 36 of geschiktheidsonderzoek van ouders, 37 noch de politieke wil om zaken als arbeidstijdverkorting, ouderschapsverlof, 38 pleegzorg, hulpverlening, kinderopvang en wat dies meer zij, serieus aan te pakken, uit te breiden, te verbeteren. Tegelijk is het bijna onmogelijk zich een voorstelling te maken van de onmacht van ouders en de misbruik van hun almacht die zij vanuit die onmacht maken, hun nood èn de wreedheden die zij aan hun kinderen begaan. De cijfers liegen er niet om. Slechts een fractie ervan komt terecht bij de Bureaus Vertrouwensarts. 39 Op die onmacht, die hen tot hardvochtige of ongeschikte ouders maakt, kan ik hier niet ingaan. Om die almacht kan geen enkele discussie waarin het belang van het kind in het geding is, heen. Profiel Ik schets nu eerst een profiel van een mogelijke juridische vertaling van de positie van het kind alvorens tot vrouw en vrucht terug te keren. Omdat ik in kort bestek veel overhoop wil halen, doe ik dit aan de hand van enkele trefwoorden, waaronder een aantal aspecten meer of minder worden uitgewerkt. Kern De kern van de zaak is dat we iets zullen moeten ondernemen wettelijk, juridisch tegen de vrijwel onbeperkte macht van ouders over hun jonge kinderen binnen de beslotenheid van het gezin en tegen het praktisch ongecontroleerde recht op gezinsvorming. Geen frontale aanval op het ouderschap en dus op art. 12 ECRM, maar een substantiële beperking van dat recht, door aanvullende nationale wetten, met het oog op de rechten van kinderen en de plicht van de staat die rechten ook tegenover de eigen ouders van het kind te waarborgen. Vroeger (nog niet eens zo heel lang geleden) kon een man met zijn vrouw doen en laten wat hij wilde, nu kunnen nog steeds ouders met hun kinderen doen en laten wat ze willen. Zoals - mede dankzij het feminisme - (sommige) mannen wat beschaafder en humaner (meer mens) zijn geworden (en natuurlijk staan we pas aan het begin van dat civiliseringsproces), zo zullen ook ouders, en zal dus de maatschappij, ten opzichte van kinderen beschaafder en humaner, menselijker, moeten worden. Uitgangspunt Uitgangspunt voor ouderschap is daarbij dat ouders geen onbeperkt recht op kinderen hebben, en dat ouderschap met zich brengt de verplichting controle en begeleiding door de staat toe te staan. Ouderschap dient daarbij te worden getoetst aan het criterium dat kinderen er niet zijn om de emotionele (laat staan de sexuele) behoeften van hun ouders (vaders) te bevredigen, maar dat ouders beschikbaar dienen te zijn om de behoeften van hun kinderen te bevredigen, daartoe over voldoende tijd en emotionele rijpheid (psychische gezondheid) dienen te beschikken. Op de staat rust de verplichting te waarborgen - door middel van ouderschapsverloven, ouderschapssubsidies, ouderschapscursussen, ouderschapsonderzoek, 40 kinderopvang, vorming en voorlichting en wat dies meer zij dat dit criterium een reële inhoud krijgt. Bovendien zullen met het oog op art. 18 Kinderverdrag (wettelijke en) beleidsmaatregelen ter bevordering van de werkgelegenheid van vrouwen, arbeidstijdverkorting (vijfurige werkdag), kinderopvang, ouderschaps-/vaderschapsverlof (gedurende de eerste vier levensjaren van hun kind zouden beide partners gezamenlijk in beginsel continu beschikbaar moeten kunnen zijn) en dergelijke meer, doch ook op het punt van voorlichting en vorming van jongens en mannen, meisjes en vrouwen noodzakelijk zijn. Juridisering en demedicalisering: de meldplicht Om het uitgangspunt nog anders te formuleren: het ouderschap zal moeten worden omringd met meer waarborgen, meer verplichtingen en meer deskundig- 10 NEMESIS

4 heid. Er zal sprake moeten zijn van een meer verantwoord ouderschap: het 'krijgen' c.q. 'nemen' van kinderen kan en mag geen vanzelfsprekendheid (meer) zijn, de vrijblijvendheid bij de opvoeding van kinderen evenmin. En dat betekent onvermijdelijk een verdere juridisering van het gezin, van de relatie ouder-kind. Een juridisering ook, en dus de-medicalisering, van de hulpverlening aan het kind: elders 41 heb ik de invoering van een meldplicht bepleit, met alles wat daaraan vastzit. Eén aspect daarvan is dat de vrijblijvendheid die inherent is aan de monopoloïde machtspositie van de medische professie, wordt teruggedrongen. Echter, met of zonder meldplicht, het uitgangspunt blijft: meer wettelijk verankerde waarborgen voor kinderen en minder juridische vrijblijvendheid voor ouders en hulpverleners. Strafrecht en strafrechtsbeleid Daarnaast zal ook aan de straffeloosheid van ouderlijke excessen een halt moeten worden toegeroepen, in het bijzonder door verbetering van de samenwerking tussen justitie en hulpverlening. Het strafrecht dient te fungeren enerzijds als instrument voor het aan- en inscherpen van maatschappelijke waarden en normen, anderzijds als hulpmiddel voor hulpverleners, als 'breekijzer' om pathologische gezinnen binnen te komen en als 'stok achter de deur' om vaders/daders tot het nemen van verantwoordelijkheid te brengen, wat van cruciaal belang is voor het verwerkingsproces van het slachtoffer. 42 Daarnaast is wellicht ook verbetering en aanvulling van de strafwetgeving en het voeren van een strakker strafrechtsbeleid geboden. Met andere woorden: strafrecht en strafrechtsbeleid zullen enerzijds moeten worden verscherpt, anderzijds - door samenwerking en netwerkontwikkeling 43 - ondergeschikt moeten worden gemaakt aan, althans in dienst worden gesteld van de hulpverlening aan slachtoffers, gezinsleden èn daders. Ook dit zal moeten gebeuren vanuit een consequente visie op de rechten van het kind: 'Solange Kinder nicht die normalen Menschenrechte haben, kann man sie straflos grausam behandeln, ohne eine Bufie, und innen das als Liebe verkaufen. >44 Juridisering als eis van beschaving Gezien vanuit het jonge kind is het gezin een totale institutie. Juridisering, dat wil zeggen rechtswaarborgen en rechtsbescherming, is de enige remedie tegen willekeur en machtsmisbruik in alle totale instituties. 45 Dat gold en geldt voor de relatie werkgever - werknemer, voor de relatie corporatie/verhuurder - huurder, ziekenhuis/verpleeghuis/inrichting/arts - patiënt, voor de gevangenis, voor de relatie manvrouw in en buiten het huwelijk, waarom zou het dan niet gelden voor de relatie ouder-kind? Het juridiseren van totale instituties is een dwingende eis van beschaving: ook binnen het gezin moet het recht als schokbreker kunnen functioneren. 46 Hoeksteen Een meer verantwoord ouderschap zie ik dan ook als de hoeksteen van een sociale orde die het individuele 'evenwicht tussen zelfbeheersing en zelfvervulling' (in de woorden van Norbert Elias) 47 beter helpt bewaken en bewaren, zodat wij mensen allengs menselijker, en dat wil zeggen androgyner, 48 met elkaar om kunnen gaan, wij als volwassenen allengs leren meer respect te hebben voor het kind in ons en de kinderen om ons. Preventie: reorganisatie van loon- en zorgarbeid Het (internationale) recht verplicht evenwel niet alleen tot bestrijding maar ook tot voorkoming van (sexuele) kindermishandeling. Hoezeer van juridisering van het gezin en de hulpverlening ook een preventieve werking zal uitgaan, zij is daartoe niet toereikend. In dit verband is de staat (met name als het gaat om sexueel misbruik van kinderen) naar mijn mening onder meer verplicht - krachtens geldend (en toekomstig) internationaal recht - een preventiebeleid te voeren gericht op het doorbreken van sexerolstereotypen, en dus in het bijzonder gericht aan mannen en jongens. Aangezien het overgrote merendeel van de incestplegers man is (ten opzichte van meisjes zelfs 99%), en een heel groot gedeelte van de slachtoffers vrouw (circa drie van de vier), is het voor de hand liggend dat de structurele machtsverschillen tussen mannen en vrouwen ook bij sexueel geweld tegen kinderen een rol spelen. 49 Een deugdelijk preventiebeleid zal zich dus niet alleen op de extreme en feitelijke machtsverschillen tussen ouders en kinderen moeten richten, doch ook op de structurele en vaak subtiele machtsverschillen (zelfs in de 'omgekeerde' variant van de zielige, 'machteloze' dochterverkrachter) tussen mannen en vrouwen. Een reële aanpak van deze machtsverschillen impliceert evenwel - in de woorden van Dorien Pessers 50 - 'een verregaande reorganisatie van de loonen zorgarbeid.' Juridische uitwerking De juridische uitwerking van al deze aspecten, een combinatie van 'rechten,' zorg, hulp en bescherming voor het kind, zal zeker niet eenvoudig zijn. Maar het voorbeeld van het arbeidsrecht geeft de burger(es) moed. In de woorden van K. Raes: 51 'De combinatie van beschermings- en zorgzaamheidsverhoudingen met rechtsverhoudingen is problematisch, maar niet onmogelijk. Ook het arbeidsrecht is uiteindelijk gegroeid uit de erkenning van de fundamentele machtsongelijkheid in de verhouding tussen werknemer en werkgever; ook hier werden beschermingsmaatregelen in een juridisch statuut gegoten. Dit geeft ons ook meteen zicht op de implicaties van [een] dergelijke combinatie, [namelijk] het overschrijden van de scherpe grens tussen publieken privaatrecht en de ontwikkeling van een semi-publiekrechtelijk statuut binnen verhoudingen die in wezen privaatrechtelijk blijven.' Uithuisplaatsing, echtscheiding en het recht van het kind op gezinsleven Uit het recht van het kind op (eerbiediging van zijn) gezinsleven (art. 8 ECRM) kan niet - zoals door Crombag/Elzinga gesuggereerd 52 - een (tijdelijk) verbod op echtscheiding worden afgeleid: het recht op gezinsleven houdt in een recht op een zinnig en 1992 nr 3 11

5 zindelijk gezinsleven, niet een recht op een gezinsleven dat die naam niet (meer) verdient, niet een recht op een nest, maar een recht op nestwarmte. Ter verwerkelijking van dat recht kan het noodzakelijk zijn dat de ouders uit elkaar gaan. 53 Met andere woorden: het recht van het kind op gezinsleven houdt in een recht op uithuisplaatsing van één van de ouders c.q. op echtscheiding van de ouders, 54 en in het ergste geval op uithuisplaatsing van beide ouders of van het kind en zijn plaatsing in een pleeggezin. Als één van de ouders het kind emotioneel of sexueel misbruikt of fysiek mishandelt, is de uithuisplaatsing van die ouder geïndiceerd indien de andere partner, die het kind kan en wil beschermen, verzorgen en opvoeden, niet van de misbruikende/mishandelende partner wil scheiden. Indien er sprake is van een gezinssysteem dat een bedreiging vormt voor de gezonde ontwikkeling (van de persoonlijkheid) van het kind, waarvoor beide ouders verantwoordelijk zijn (los van de individuele 'schuldvraag'), dan impliceert het recht van het kind op een (zinnig en zindelijk) gezinsleven dat het uit huis wordt gehaald. Indien er tussen de ouders spanningen bestaan die de draaglast van het kind te boven (dreigen te) gaan, en die ouders kunnen of willen niet scheiden, of zijn geen van beiden tot het ouderschap geroepen, zodat hun ook geen kans kan en mag worden gegund betere ouders te worden, dan heeft het kind het recht uit die bedreigende situatie te worden weggehaald, zodat het alsnog de kans krijgt zich op een gezonde wijze te ontwikkelen. Vrouw en vrucht: de anonieme donor Na deze - noodzakelijkerwijs schematische - trefwoorden-parade, waarmee ik heb beoogd een aanzet te geven voor een emancipatoir kinderrechtenvertoog, keer ik nu terug naar het eigenlijke onderwerp: (recht en hulp voor) vrouw en vrucht. Aangezien baarmoedernijd - blijkens de boeiende cultuurpsychologische en (wijsgerig) antropologische beschouwingen van Fokke Sierksma 55 en de op meisjes en vrouwen geprojecteerde penisnijd van Freud 56 - een oeroud en diep wortelend fenomeen is, ben ik bijna verplicht voorop te stellen dat ik in het hierna volgende als man mijn mening ten beste geef over zaken die mij op zijn minst wezensvreemd zijn. Door middel van twee wat langere citaten sta ik nu eerst stil bij het probleem van de anonieme spermadonor (c.q. de anonieme verwekking door middel van eicel-donatie of 'baarmoederprostitutie' 57 waarvoor mutatis mutandis hetzelfde geldt). Ik onderbreek daarmee - bij wijze van intermezzo - de lijn van mijn betoog om onder de abortus-banier de draad weer op te pakken. Allereerst laat ik hier uitvoerig M. Rutgers van der Loeff aan het woord: 58 'In haar interessante artikel 'KI in de USA en in Nederland" (FJR 1988 afl. 2) concludeert Mevr[ouw] Broekhuijsen-Molenaar dat zij vóór handhaving van strikte anonimiteit is [ten aanzien van] KI met sperma van een ander dan de echtgenoot van de moeder. Schrijfster is er dus voor dat een redelijk groot aantal kinderen de mogelijkheid wordt onthouden iets aan de weet te komen omtrent hun biologische vader. Het komt mij voor dat de gemiddelde jeugdige het daar vroeg of laat erg moeilijk mee zal krijgen. Hoe moeilijk is niet door juristen te overzien maar wel door gekwalificeerde psychiaters en psychologen in te schatten. Ouders die een kind willen dat zij met deze problematiek belasten, denken in de eerste plaats aan hun eigen wensen en maken, aldus handelende, zich schuldig aan een vorm van misbruik van de ouderlijke macht; en dat op zodanige wijze dat hun ontzetting uit die ouderlijke macht in overweging zou kunnen worden genomen. De vrees van Mevr[ouw] Broekhuijsen dat het doorbreken van die anonimiteit de KI-markt zal doen instorten, roept bij mij de vraag op wat de karakter-structuur is van mannen die met hun sperma kinderen geboren willen laten worden met wier bestaan zij nooit willen worden geconfronteerd. [Een vraag die men wellicht kan stellen met betrekking tot de mannen die hun vrouw alleen met anoniem sperma willen laten insemineren, JW]. Mevrfouw] Broekhuijsen vreest voor de emotionele stress die zo'n confrontatie voor hen en hun gezin zou oproepen, maar is de emotionele stress die door die anonimiteit geheel onschuldig bij hun kinderen wordt opgeroepen, niet véél erger? Degene die als donor die stress niet aan wil, zie van zijn donorschap af. Tegen wettelijke aanspraken op alimentatie en erfenis van zijn nageslacht dient de donor uiteraard wel volledig te worden beschermd. (...) Concluderend acht ik het anonieme donorschap iets dat moet worden verboden, al moet [het] duidelijk zijn dat alleen het kind het recht heeft om te weten wie zijn biologische vader is. Zijn wettige ouders of anderen komt dat recht zeker niet toe.' Dan Miek de Langen. Zij merkt in haar preadvies voor de NJV 59 op dat 'het de voorkeur verdient om in het afstammingsrecht uit te gaan van het waarheidsbeginsel' en dat 'de waarheid haar rechten heeft'; zij vervolgt: 'Dat wil ook zeggen dat zoveel mogeüjk voorkomen dient te worden dat deze identiteit niet te achterhalen valt, zoals bij inseminatie met zaad van anonieme donoren of- bij andere voortplantingstechnieken waarbij de afkomst in het duister blijft. Zorgelijk is dat de regering - evenals vele auteurs en instanties, vooral uit de medische hoek dit recht van het kind niet laat prevaleren en kinderen op wil zadelen met twee soorten donoren: bekende en anonieme, alsof een kind kan kiezen of het door middel van zaad van een al of niet anonieme donor verwekt wil worden. De privacybescherming van de donor en de verwachting dat er bij opheffing van de anonimiteit minder donoren beschikbaar zullen zijn, kunnen toch niet als serieuze argumenten beschouwd worden? Er kan niet van een evenwichtige afweging van belangen gesproken worden, wanneer aan een recht van een donor, die een bewuste keuze kan maken, meer waarde wordt gehecht dan aan het recht van het produkt van dit alles: het kind, dat niet eens zou mogen weten van wie het afstamt.' Zij besluit haar preadvies aldus: 60 'Geconstateerd moet ten slotte worden, dat mede onder invloed van art. 8 E[C]RM ouders kinderen steeds meer als eigendom en als consumptiegoed zijn 12 NEMESIS

6 gaan beschouwen. Ouders beroepen zich soms al op een recht om kinderen te krijgen. En als dat niet op een natuurlijke wijze lukt, dan moet dat via een medische vorm van kinderen krijgen of via een juridische vorm, namelijk via adoptie. Ook kunnen zij al een kind bestellen en het vervolgens weer weigeren als het produkt niet aanstaat.' Ik heb aan dit alles weinig toe te voegen. Bovendien heb ik mijn (eenvoudige) juridische 'oplossing' al aan het begin van dit artikel aangegeven. 61 Vrouw en vrucht: abortus, recht en hulp Wel wil ik hier uitvoeriger ingaan op de abortusproblematiek. Het toekennen van rechten aan de vrucht vindt immers wel zijn meest ongerijmde climax in het postulaat van een recht op leven van de ongeborene. Naar mijn mening is de ongeborene geen rechtssubject, drager van rechten (en plichten). 62 Het recht op abortus van de vrouw, zelfs als er sprake zou zijn van wat Beatrijs Ritsema waarschijnlijk bedoelt met 'abortus-egoïsme', 63 behoort - met alle procedures en waarborgen die de nationale wetgever daarbij wil bedenken 64 - te gelden tot het moment dat de vrucht kind wordt, dat wil zeggen: ter wereld komt, de moeder verlaat. Een late abortus is gruwelijk, maar niets is gruwelijker dan de zielemoord op een ongewenst kind. Wel heeft de staat de plicht de zwangere vrouw die geen abortus wil, die ook geen afstand wil doen, 65 maar die door ziekte of gedrag een onaanvaardbaar risico vormt voor de overlevings- en ontplooiingskansen van haar kind, te helpen, bij te staan, en indien noodzakelijk ter verantwoording te roepen, desnoods door middel van dwang, met alle rechtsbescherming die aan elke overheidsdwang gepaard gaat en, zeker waar het recht op lichamelijke integriteit, zelfbeschikking en privacy in het geding is, behoort te gaan. Zo zou het moeten zijn als het zo zou kunnen worden geregeld. Dat wil zeggen: hulp voorop, dwang in noodsituaties. Maar pas wanneer de rechten van kinderen net zo vanzelfsprekend zijn gewaarborgd als de rechten van werknemers, huurders en andere afhankelijke en kwetsbare groepen, zal de maatschappij zover zijn dat zij vrouwen niet aan haar lot overlaat met de vreselijke beslissingen over leven en dood van haar vrucht, of de zware verantwoordelijkheid voor verzorging en opvoeding van haar kind. Met andere woorden: de staat heeft naar mijn mening geen rechtens te honoreren (demografisch, religieus, ethisch of om het even welk ander) belang bij het leven van de vrucht, maar wel de plicht alles in het werk te stellen dat een kind zoveel mogelijk in materieel en psychisch gezonde omstandigheden ter wereld komt en kan opgroeien. 66 Slechts vanuit dat uitgangspunt kunnen eventuele dwangmaatregelen worden gerechtvaardigd. In dit verband is het nuttig te wijzen op de ooit door de International Humanist and Ethical Union bepleite bepaling: 'every child has a right to be born a wanted child' (elk kind heeft het recht gewenst ter wereld te komen). 67 Mij dunkt dat een dergelijk recht in elk geval de plicht van de staat impliceert abortus niet alleen formeel maar ook materieel mogelijk te maken. Ik besef dat een dergelijke rechtsopvatting ver verwijderd is van die van een De Blois 68 of een zonder blikken of blozen zijn koningschap onderbrekende Boudewijn. 69 Traditioneel-patriarchale en conservatief-religieuze opvattingen spelen in de abortus-discussie nog steeds een grote rol. Dergelijke culturele of religieuze opvattingen kunnen er debet aan zijn dat een vrouw niet de juiste afweging kan maken tussen twee kwaden: het doden van het ongeboren leven en het op de wereld zetten van een ongewenst kind terwijl er geen waarborgen zijn dat het - bijvoorbeeld door afstand - in de eerste vreselijk kwetsbare levensjaren kan opgroeien in een sfeer van warmte, geborgenheid en veiligheid. Naar mijn overtuiging is het laatste het grootste kwaad. Helaas gaat onze cultuur nog steeds gebukt onder een erfenis van vrouwenhaat die met name in de katholieke moraaltheologie tot gruwelijke excessen als het abortusverbod en zelfs het in de Canoniekrechtelijke Codex vastgelegde hanteren van de intra-uteriene doopspuit heeft geleid. 70 Voor antiabortus extremisten vormen zij een dankbaar handvat om hun onbewuste zelfhaat - denkelijk voortvloeiend uit eigen verdrongen of onverwerkt ongewenst, mishandeld of (affectief) verwaarloosd zijn te projecteren op vrouwen die de moed hebben hun handen vuil te maken om een groter kwaad te vermijden. 71 Maar inmiddels heeft de intra-uteriene doopspuit van de 'zwarte rokken' plaats gemaakt voor de intra-uteriene injectienaald van de 'witte jassen.' En worden vanuit die (masculiene) hoek welwillende aanslagen op het zelfbeschikkingsrecht van de (zwangere) vrouw gepleegd. Als het dan om aanstaande moeders gaat die noch op het moederschap zijn voorbereid, noch daar bewust voor hebben gekozen, terwijl zij zelf, met of zonder partner, in ellendige omstandigheden verkeren waar maar liever niemand zich mee bemoeit, dan zou men bijna hopen dat hun kindje ten gevolge van de gedwongen intra-uteriene behandeling met een of ander oligofreen syndroom ter wereld kwam, zodat het van de ouderlijke ellende geen weet krijgt. Waarmee ik maar wil zeggen dat een discussie vrouw versus vrucht niet alleen juridisch een doodgeboren kindje is maar ook een medisch monstrum wanneer wordt geabstraheerd van de (overlevings- en) ontplooiingskansen van het kind. Vrouw en vrucht: preventie en interventie Een ongeboren kind (vrucht) heeft, zoals gezegd, geen rechten. Daartoe is de vrucht letterlijk te verweven met het leven van de vrouw. (Hooguit zou men het een dwingende eis van beschaving kunnen noemen dat een samenleving late abortussen niet toestaat, en daarom de staat opdraagt vrouwen die de abortus van een levensvatbare of zelfs bijna voldragen vrucht zouden wensen, voor te stellen tegen een bepaalde schadeloosstelling de zwangerschap toch 'uit te zingen' en het kind aan de staat af te staan.) Dat wil niet zeggen dat de vrouw tegenover het eenmaal geboren kind geen verantwoording verschuldigd is over haar gedrag tijdens de zwanger nr 3 13

7 schap. Noch dat aanstaande vaders en moeders geen burgerplichten hebben tegenover de staat, wiens rechtsplicht het is kindermishandeling te bestrijden èn te voorkomen. Een geboren kind heeft recht op bescherming tegen mishandeling en (affectieve) verwaarlozing door ouders of opvoeders. De staat is verplicht het deze bescherming te verlenen. Hieruit vloeit voort de rechtsplicht kindermishandeling zoveel mogelijk te voorkomen. Preventie omvat de plicht van de staat tot zorg, hulp en bijstand aan de zwangere vrouw die deze behoeft. Mocht een zwangere vrouw - door welke tragische oorzaken of omstandigheden ook - deze zorg, hulp en bijstand weigeren terwijl er ernstige aanwijzingen bestaan dat daardoor een ongewenst of beschadigd kind ter wereld komt c.q. dat kind in een beschadigende omgeving zal opgroeien, dan rust op de staat de plicht tot interventie. Deze interventie zou naar mijn mening 'idealiter,' dat wil zeggen in een 'ideale' wereld (ik kom daarop nog terug), dienen in te houden: het aanbieden van en begeleiden bij en na abortus of afstand of, als de vrouw geen abortus of afstand wenst, het aanstellen van een curator ventris, of liever 'vruchtvoogdes', 72 die de vrouw tot aan de bevalling begeleidt en eventueel - dat wil zeggen als zij en de zwangere vrouw het niet eens worden over een ten behoeve van de vrucht gewenste of noodzakelijke medische ingreep, medicatie of gezondere levensstijl, afkick-therapie of ander behandelingsprogramma - (medische of therapeutische) dwangmaatregelen kan uitlokken bij de kinderrechter (die dan uiteraard moet beoordelen of deze in de gegeven omstandigheden zinvol en uitvoerbaar zijn). 73 Mocht na de bevalling het gevaar voor het kind niet zijn geweken, dan volgt een normale maatregel van kinderbescherming, dat wil zeggen de benoeming van een gezinsvoogd(es), de uithuisplaatsing van de zuigeling, of indien het gevaar voor het kind voornamelijk gelegen is in de mishandelende of anderszins destructieve partner van de moeder, diens uithuisplaatsing. 74 Een vrouw die een abortus wenst, moet deze in alle gevallen kunnen krijgen, hoewel bij een levensvatbare vrucht haar uitdrukkelijk de mogelijkheid van afstand na de bevalling als het mindere kwaad moet worden voorgehouden. Evenwel: de instelling van het instituut van de vruchtvoogdes zou een ongerijmdheid zijn, zolang de staat de post-natale mishandeling niet serieuzer aanpakt dan thans het geval is. Na en naast patriarchie zal ook parentiarchie moeten worden bestreden. De rechten van ouders zullen - met het oog op de extreem afhankelijke en machteloze positie van (jonge) kinderen - aanmerkelijk moeten worden beknot vóór we zelfs maar kunnen denken aan een wettelijke regeling ter beperking van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere vrouw. Pas in het kader van een dergelijke fundamentele beknotting ter voorkoming en bestrijding van kindermishandeling kan zo'n wettelijke regeling tot stand komen. Daarnaast zullen er veel strengere eisen aan hulpverlening en kinderbescherming gesteld moeten worden. Niet alleen in de zin dat zij met meer rechtswaarborgen en rechtsbescherming moeten worden omkleed om te voorkomen dat hun toegenomen bevoegdheden tot nieuwe totale instituties zullen leiden, maar ook wat betreft de deskundigheid en androgyniteit van medewerkers. Rigide, niet-androgyne mensen zijn naar mijn mening als hulpverleners en kinderbeschermers ten enenmale ongeschikt. De schade die geparentificeerde hulpverleners, dat wil zeggen professionele krachten die (om met Marlieke de Jonge te spreken) 75 onder het kopje hulpverlening hun eigen problemen in andermans leven trachten' op te lossen,' aanrichten, is onvoorstelbaar. In een 'ideale' wereld, waar we naar moeten streven al zal die nooit bestaan, is voor hen net zo min plaats in de hulpverlening als er voor mishandelende vaders en moeders plaats is in het gezin. Voorlopig zullen we het echter moeten doen met het basale juridische gegeven dat survivors hun ouders en/of de staat ook voor prenatale mishandeling aansprakelijk kunnen houden en in toenemende mate, naar ik hoop: want anders zal er nooit wat veranderen, ook voor de rechter aansprakelijk zullen stellen. Tot slot Wellicht zijn mijn voorstellen voor een 'ideale' wereld, een post-patri- en parentiarchaal Utopia waarin geen ongewenste kinderen hoeven te worden geboren, waarin ook heel jonge kinderen tegen hun ouders kunnen worden beschermd en waarin de rechten van kinderen kunnen worden getoetst en afgedwongen, voor velen een ('paternalistisch') schrikbeeld. Laten zij met hun ideeën en hun idealen naar voren komen. Aan één overtuiging laat ik echter niet tornen: net zomin als de emancipatie van de arbeider, van de vrouw, van de zwarte in de Verenigde Staten, van de Arabier of Afrikaan en de Arabische en Afrikaanse vrouw, die als meisje de meest gruwelijke vormen van sexuele kindermishandeling en verminking, clitoridectomie en infibulatie, 76 heeft moeten ondergaan, is óók die van het kind in Europa, en hopelijk ooit ook in de rest van de wereld, niet tegen te houden. Het juridisch denken daarover staat nog in de kinderschoenen. En naarmate dat denken vordert, zal ik misschien veel moeten terugnemen van wat ik nu heb beweerd. Mijn bedoeling is dan ook meer vragen op te roepen dan antwoorden te geven. Ook al zijn mijn formuleringen soms stelliger dan met zo'n bedoeling in overeenstemming schijnt. In elk geval is het niet mijn bedoeling Nemesis aan te roepen tegen wie er anders over denkt. Maar misschien wel tegen degenen die de discussie uit de weg willen gaan. En wie hebben daarbij meer belang dan 'dwaze vaders' en zich in de vanzelfsprekendheid van hun comfortabele posities badende mannen? In een recent boek stelt Ladan: 77 'Wij weten maar al te goed dat het ideale gezin niet bestaat, zeker niet voor kinderen. Kinderen worden in gezinnen vaak mishandeld, gekleineerd en geschoffeerd als wezens zonder rechten. Het lijkt echter of deze wetenschap niet alleen tot verontwaardiging leidt, maar het ook gemakkelijker maakt om lijdzaam toe te zien hoe het gezin vervalt en in zekere zin aan het kind ontnomen wordt. (...) 14 NEMESIS

8 Het bijna vanzelfsprekend voorbijgaan aan de betekenis van het gezin komt nog het meest uitgesproken naar voren in de geringe status die wordt toegekend aan de verzorging en opvoeding van kinderen. Niet alleen vrouwen zijn hiervan vaak de dupe, ook het belang van kinderen komt gemakkelijk in het geding, zoals blijkt in de discussie over kinderopvang.' En Laurence H. Tribe merkt op: 78 'What can explain the growing interest in protection of the fetus at a time when child abuse prosecutions are still undertaken only in the most extreme and unusual circumstances and when the already born child is left to fend for itself in the 'free world'? What is the meaning of this fixation on the responsibility of the pregnant woman? Part of the explanation may well be that society is not really treating pregnant women as 'parents' of 'unborn' children but rather is trying to exert a kind of power over women who happen to be pregnant that it does not wish to exert over parents in general.' Het zij daarom nogmaals benadrukt dat pas als art. 18 en 19 van het Kinderverdrag volledig zijn geïmplementeerd, dat wil zeggen Vadertje Staat zich eindelijk sterk gaat maken voor de rechten van kinderen en de voorkoming en bestrijding van kindermishandeling alsook voor een drastische herverdeling van loon- en zorgarbeid en een verregaande 'professionalisering' (deskundigheidsbevordering) en androgynisering van de kinderbescherming (en in het bijzonder de gezinsvoogdij), 79 art. 19 in prenatale zin kan worden opgerekt. En dan met alle procedures en waarborgen waarmee de beperking van fundamentele grondrechten als het recht op lichamelijke integriteit, zelfbeschikking en privacy gepaard hoort te gaan. Noten 1. Of in het oorspronkelijke Latijn (Hugo Grotius, De jure belli acpacis, 1625, :1): 'Natura homini suum est vita, non quidem ad perdendum, sed ad custodiendum, corpus, membra, fama, honor, actiones propriae.' De vertaling is ontleend aan R. Feenstra (Vergelding en vergoeding, Deventer 1982, pag. 37; curs. JW): 'Naar de natuur kan de mens als het zijne beschouwen: zijn leven - wel te verstaan niet om het te vernietigen maar om het te beschermen -, zijn lichaam, zijn ledematen, zijn goede naam, zijn eer, zijn vrijheid om [binnen de grenzen van het fatsoen, JW; Feenstra en/of Margreet Ahsmann - uit het Voorwoord blijkt niet ondubbelzinnig wie van beiden de (hoofd)vertaler is - heeft/hebben de dubbele betekenis van het woord propriae (zowel 'eigen' als 'juist, gepast') niet verdisconteerd] te doen en te laten wat hij wil.' Wat proprium, gepast, is, verwijst in mijn opvatting niet naar burgermansfatsoen maar naar fatsoen in de zin van empathie en integriteit. Overigens hangt Hugo de Groot in zijn Inleidinge (1631) - in een paragraaf (1.3.8) die G.G. Oly ('De bijl aan de wortel,' NJB 1988, pag , op pag. 1012, derde kol. bovenaan) rekent tot 'de schokkendste teksten uit de Nederlandse rechtsliteratuur' - een soort sappenleer aan op grond waarvan hij de vrouw inferieur acht: 'Daer en boven alzoo doorgaens der wijven geslacht, als kouder ende vochtiger, minder bequaemheid heeft tot zaken, verstand vereisschende, als 't geslacht der mannen, zoo is het mannelick gheslacht genoegzaem aengeboren eenige opperheid over de wijven.' (curs. JW) R. KnuBmann laat in zijn De man, een vergissing der natuur, Utrecht/Antwerpen 1983, pag , juist zien dat de man 1 procent meer bloed (8 procent tegen de vrouw 7 procent) heeft, dus 'vochtiger' is, en een minder gunstige warmtehuishouding heeft, dus 'kouder' is. 2. Vergelijk met betrekking tot de schadelijkheid van ('gesloten') gezinsgeheimen L. Pincus, Chr. Dare, Gezinsgeheimen; Achtergronden van persoonlijke betrekkingen en individueel gedrag, Rotterdam Zie voorts R.A.C. Hoksbergen, 'Problematiek anoniem donorschap vraagt opnieuw om bezinning,' Adoptie Centrum van de Sociale Faculteit, Universiteit Utrecht, nog niet gepubliceerd, en de daar vermelde literatuur (waaronder A. Baran, R. Pannor, Lethal secrets; Parents, children, donors, and experts speak out, New York 1989). Zie ook de literatuur vermeld in noot Art. 7, lid 1 van het VN-Verdrag inzake de rechten van het kind (New York 1989, in werking getreden op 2 september 1990, door Nederland ondertekend op 26 januari 1990, maar nog niet geratificeerd), hier aangehaald als Kinderverdrag, luidt: 'The child shall be registered immediately after birth and shall have the right from birth to a name, the right to acquire a nationality and, as far as possible, the right to know and be cared for by his or her parents.' De tekst van het Verdrag is opgenomen in: Rechten van de mens in verdragen, verklaringen, resoluties, Ars Aequi Libri - Rechten van de Mens - 3, Nijmegen 1990 (derde druk), pag Hij is ook te vinden in het Tractatenblad 1990, 46. Zie met betrekking tot dit Verdrag Proceedings of the American Society of International Law 1989, pag ('United Nations Convention on the Rights of the Child'); Human Rights Quarterly 1990/1, pag ('Symposium: UN Convention on children's rights'); Nordic Journal of International Law 1989/1, pag (special issue); Walter H. Bennett Jr., 'A critique of the emerging Convention on the Rights of the Child,' in: Cornell International Law Journal 1987/1, pag. 1-64; CynthiaPrice Cohen, 4. Met betrekking tot de (correlatie ongewenste kinderen/psychisch mishandelde kinderen vergelijk K. Kooijman, 'Psychische kindermishandeling; thema's uit onderzoek,' VKMagazine 1990/1, pag , op pag. 12/13.Howard A. Davidson (eds.), Children's rights in America: UN Convention on the Rights of the Child compared with United States law, American Bar Association, Center on Children and the Law; Defense for Children International-USA, 1990; voor Nederland: Astrid J.M. Delissen, 'De rechten van het kind: na 10 jaar voorbereiding nu bij verdrag geregeld,'njcm-bulletin 1990, pag Van belang is in dit verband ook art. 8 Kinderverdrag (kort gezegd: de verplichting van de staat de afstammingsgegevens van een kind te beschermen en zo nodig te achterhalen). Zie hierover J.E. Doek, 'Het recht van het kind op identiteit,' in: P.C.Th.M. van Eeuwijk, J.H.A. van Loon (red.), Identiteitsproblemen bij adoptiekinderen, Amsterdam/Lisse 1989, pag Vergelijk voorts mijn bijdrage in het NJB van 26 mei 1990 ('Het VN-Kinderverdrag en het recht op abortus'), pag , op pag. 777 noot Emest Borneman merkt in zijn boek Das Geschlechtsleben des Kindes; Beitrdge zur Kinderanalyse und Sexualpddologie, München 1985, Taschenbuch-ed. 1988, pag. 132/133, op: 'So hat es sich beispielsweise gezeigt, dab die wachsende Anzahl von unehelichen Frühschwangerschaften und vorehelichen Abtreibungen im Jugendalter keineswegs das Produkt mangelnder Kenntnis der Verhütungsmittel ist, sondern das Resultat mangelnder Achtung vor dem Gebot, dab Kinder 1992 nr 3 15

9 erwünscht seien und nicht als Abfallprodukte des Koitus gezeugt werden sollten. Nicht die Kenntnis der Verhütungsmittel ist wichtig, sondern das BewuBtsein der Pflicht, keine ungewollten Kinder in die Welt zu setzen.' De zesde preambulaire overweging van het Kinderverdrag luidt: 'Recognizing that the child, for the Ml and harmonious development of his or her personality, should grow up in a family environment, in an atmosphere of happiness, love and understanding (...).' Los van wat onder een 'family environment' moet worden verstaan (ik zou het hooguit willen opvatten als een afwijzing van staatsopvoeding; anders: Crombag/Elzinga, zie noot 52 en 53), is het fundamentele recht van het kind op geluk (ik zou liever spreken van warmte), liefde en begrip voor wat de daarmee corresponderende ouderlijke plichten betreft, vertaald in art. 18, lid 1, tweede en derde volzin (zie noot 7). 6. Art. 18, lid 1, eerste volzin, luidt: 'States Parties shall use their best efforts to ensure recognition of the principle that both parents have common responsibilities for the upbringing and development of the child.' Naar mijn mening is de staat verplicht deze gedeelde en gezamenlijke verantwoordelijkheid uit te strekken tot de prenatale periode, en wel op grond van de beruchte bef ore as well as after birth-clsasaie in de preambule van het Verdrag: 'Bearing in mind that, as indicated in the Declaration of the Rights of the Child adopted by the General Assembly on 20 November 1959, 'the child, by reason of his physical and mental immaturity, needs special safeguards and care, including appropriate legal protection, before as well as after birth' (...).' Let wel: de clausule heeft op zich - als preambulaire overweging - geen rechtskracht. Zij geeft echter wel een aanwijzing voor de (eventuele prenatale) interpretatie van de verdragsbepalingen. Dat dat (blijkens de travawc préparatoires) evenwel niet geldt met betrekking tot art. 1 (en daarmee art. 6, lid 1) Kinderverdrag, heb ik al betoogd in mijn bijdrage genoemd in noot 3 i.f. (zie ook hieronder noot 16,17, 68 en 69). 7. Gezien het belang van artikel 18 geef ik het hier in zijn geheel weer: '1. States Parties shall use their best efforts to ensure recognition of the principle that both parents have common responsibilities for the upbringing and development of the child. Parents or, as the case may be, legal guardians, have the primary responsibility for the upbringing and development of the child. The best interest of the child will be their basic concern. 2. For the purpose of guaranteeing and promoting the rights set forth in the present Convention, States Parties shall render appropriate assistance to parents and legal guardians in the performance of their child-rearing responsibilities and shall ensure the development of institutions, facilities and services for the care of children. 3. States Parties shall take all appropriate measures to ensure that children of working parents have the right to benefit from child care services and facilities for which they are eligible.' 8. Ik ben hierover overigens minder pessimistisch dan Ben Rensen met de titel van zijn boek (Kindermishandeling: voor het leven beschadigd, zie noot 31) suggereert. Afhankelijk van protectieve factoren als veerkracht, intelligentie, een 'stille getuige' - zoals Alice Miller dat noemt, vergelijk bijvoorbeeld haar De gemeden sleutel; De kindertijd en onze cultuur, Houten 1989; vergelijk voorts H. Groenendaal e.a. (red.), Protectieve factoren in de ontwikkeling van kinderen en adolescenten, Lisse 1987; M.M.J. van Ooyen-Houben, E.G.M.J. Berben, 'Protectieve factoren; Een paradigmatische ommezwaai of nieuwe kleren van de keizer?' Justitiële Verkenningen 1988/8, pag ; R. Vuyk, Opgroeien onder moeilijke gezinsomstandigheden, Amersfoort/Leuven 1987 (tweede druk); A.-M. Den Haan, M. Kavelaars, Preventie van seksueel misbruik van kinderen, deel 1, LOP (Landelijk Ondersteuningspunt Preventie), Utrecht [1988] - en dergelijke meer kunnen er, zolang er geen persoonlijkheidsstoornissen (vergelijk in dit verband E. Griez, Beknopte psychiatrie, Assen/Maastricht 1990, pag. 155) of erger (maar zelfs dan) zijn ontstaan, nog heel veel zaken, zij het na veel rouwarbeid, pijn en verdriet, op hun pootjes terecht komen, mits de survivors (zie hieronder noot 23 i.f.) tijdig hulp durven te zoeken. 9. Met betrekking tot deze zogenaamde partner-verslaving (ofwel 'love-addiction') merkt P.C. Kuiper op: '(...) het kan niet worden ontkend dat mensen in giftigheid ten opzichte van de ander soms niet onderdoen voor alcohol en heroïne.' (Nieuwe neurosenleer, Deventer 1984 (achtste druk), pag. 217.) Overigens is heroïne geen gif (het lichaam maakt zelf opiaten, zogenaamde endogene morfinen of endorfinen, aan), wat alcohol en nicotine wel zijn. Zie hierover J.H. van Epen, Drugverslaving en alcoholisme; Diagnostiek en behandeling, Amsterdam/Brussel 1983 (derde druk), pag , , en 300 e.v., alsook pag Vergelijk ook J. Cullberg, Moderne psychiatrie, Baarn [1990] (tweede druk), pag ('De behoefte aan regressie, rite en roes'), alsmede mijn bijdrage in DD 1984, pag ('Heroïne, mythen en juristen'). Overigens kan er van partner-verslaving sprake zijn in (wederzijds) symbiotische of zelfs kannibalistische relaties, doch ook in, in psychische zin, sado-masochistische relaties, waarbij het morele masochisme van de ene partner als het ware het emotionele sadisme van de andere oproept: relaties 'waaraan,' aldus Kuiper (a.w., pag. 190), 'gewoonlijk veel beleefd wordt - never a dull moment -, weliswaar voornamelijk ellende.' (Zie ook noot 34 i.f. en 54.) 10. Amsterdam/Haarlem 1988, pag Zie hierover mijn bijdrage genoemd in noot 3 i.f, op pag. 778 r.k. 11. En dat ook is: voor een buitengewoon kritische bespreking op dit punt zie Th. van Boven in Netherlands International Law Review 1990, pag , op pag (vergelijk ook de bespreking van C. Flinterman in Leiden Journal of International Law 1990, pag , op pag. 106). Zie met betrekking tot de relatie internationaal recht/kinderverdragabortus de conclusie van Ph. Alston, hiema noot (67 en) Tijdschrift voor Gezondheidsrecht december 1990, pag In: M. de Langen e.a. (red.), Kinderen en recht, Arnhem/Deventer 1989, pag NJCM-Bulletin 1986, pag Zie ook H.JJ. Leenen, 'De gezondheidsrechtelijke status van het embryo in vivo en in vitro; wetenschappelijk onderzoek op en de medische behandeling van embryo's,' FJR 1985, pag (met een reactie van De Bruijn-Lückers, FJR 1986, pag ); W. Hammerstein-Schoonderwoerd, 'De foetus, een toekomstige patiënt?' NJB 1987, pag (voor reacties, met naschrift, zie NJB 1987, pag , en - met een reactie van Schoonenberg , pag ). Zie voorts Leenens Handboek gezondheidsrecht [deel 1]; Rechten van mensen in de gezondheidszorg, Alphen aan den Rijn 1988 (tweede druk), pag , en ; LD. de Beaufort, 'Kind, hoe gaat het met je? Een gesprek over zwangeren en ongeborenen tussen recht en ethiek,' en B. Sluyters, 'Civielrechtelijke aansprakelijkheid voor medische fouten voor de geboorte,' in: J.K.M. Gevers, J.H. Hubben 16 NEMESIS

10 (red.), Grenzen aan de zorg; zorgen aan de grens; Liber amicorwnprof. dr. HJJ. Leenen, Alphen aan den Rijn 1990, respectievelijk pag en , op pag ('Kinderbescherming vóór de geboorte?') 16. Zij concludeert (t.a.p., noot 12, pag. 513) dat het haar 'niet gerechtvaardigd [lijkt] een wettelijke regeling tot stand te brengen die dwang op zwangere vrouwen toelaatbaar maakt in andere gevallen dan in een voor de levensvatbare vrucht levensbedreigende situatie, waarvoor artikel 2 EVRM waarschijnlijk een basis kan bieden.' Dat laatste lijkt mij onwaarschijnlijk: het recht op leven van art. 2 ECRM (c.q. art. 6 IVBPR of art. 6, lid 1 Kinderverdrag) verdraagt zich naar mijn mening onder geen enkele omstandigheid met het recht op abortus van de vrouw. Wel zou in de extreme situatie die zij schetst, een beroep op art. 3 ECRM (c.q. art. 7 IVBPR) in het licht van art. 19 (plus clausule) Kinderverdrag kunnen worden gedaan, gesteld dat de zwangere vrouw noch voor abortus noch voor afstand zou opteren, en het risico zou bestaan dat er daardoor een ongewenst of beschadigd kind werd geboren. (Hieronder wordt dit nader uitgewerkt.) Zie met betrekking tot de (postnatale) betekenis van art. 2 ECRM P. van Dijk, GJ.H. van Hoof, De Europese Conventie in theorie en praktijk, Ars Aequi Libri, Nijmegen 1990 (derde druk), pag Schoonenberg (a.w., noot 13, pag. 38) kent het ongeboren kind - tenzij dit voor de vrouw gevaar voor haar leven of gezondheid zou opleveren - 'een recht op adequate prenatale zorg en prenatale behandeling' toe. Zij meent, met een beroep op Struycken, 'een prenatale zorgplicht van de zwangere vrouw' af te kunnen leiden uit art. 1:245, lid 2 BW (a.w., pag. 33), terwijl Leenen (t.a.p., noot 15, pag. 199) stelt: 'De zorgtaak van de zwangere vrouw kan analoog worden afgeleid uit de zorgplicht die ouders ten opzichte van het kind na de geboorte hebben (art. [l:]82e.v.enart. [l:]392e.v.bw).'het BW kent echter geen before W/tA-clausule (zie noot 6). 18. Zo concludeert De Bruijn-Lückers (t.a.p., noot 14, pag. 610/611): 'Ook bij abortus zal men niet lichtvaardig aan de grondrechten van het ongeboren kind voorbij kunnen gaan. (...) De slogan 'baas in eigen buik' gaat voorbij aan de grondrechten van het ongeboren kind.' 19. De term 'pedagogisme' zou ik willen introduceren wegens de verwijzing naar Millers 'zwarte pedagogie': Alice Miller, In den beginne was er opvoeding, Bussum 1983, pag Kritisch ten aanzien van dit boek: A. Gruen, Verraad aan het zelf; Een pleidooi voor autonomie, s.l. 1987, pag. 62. Gruen verwijt Miller dat ze 'geen onderscheid [maakt] tussen aanpassing die het verzet dient, en aanpassing die tot slechtheid leidt.' Daardoor zou ze de gevoelige lijdende mens en de onechte (psychopathische) mens over één kam scheren. Hij concludeert: 'Slechtheid therapeutisch wegduiden doet afbreuk aan de werkelijkheid.' Vergelijk ook Tonja van Rijthoven, 'Alice Miller en de verheerlijking van het kind,' Maandblad Geestelijke volksgezondheid 1984, pag. 3-14; Anneke van Baaien en Marijke Ekelschot, Tegennatuurlijk, Amsterdam 1985, pag : 'Alice Miller en de opvoeding.' Zelf ben ik van mening dat veel van de kritiek op Miller berust op het misverstand dat (vanuit iemands jeugd) willen verklaren en willen begrijpen zou neerkomen op (actuele gestoordheid en zelfs slechtheid) rechtvaardigen en goedpraten: quod non. Zie met betrekking tot de 'zwarte pedagogie' ook R. Görtzen, 'Onderdrukking en bevrijding van het kind,' in: B. Spiecker e.a. (red.), Theoretische pedagogiek, Meppel/Amsterdam 1982, pag , op pag. 153/154, en Frans Hiddema, Bruine terreur door zwarte pedagogie; Psychoanalytische aspecten van Hitlers racistische nazidom, Rotterdam Zie voorts Görtzens Weg met de opvoeding, Meppel/Amsterdam Nemesis 1990, pag ; vertaling door Chrisje Brandts van 'Rethinking (m)otherhood: feminist theory and state regulation of pregnancy,' in: Harvard Law Review 1990/6, pag De laatste term is van Van Maarseveen ('Rechtstheorie en vrouwen: patriarchie als juridisch concept,' NJB 1984, pag ; vergelijk ook het verslag van Louise Mulder, 'Vrouw en staatsrecht,'njb 1984, pag , op pag. 236 l.k.). 22. E. Verhellen, 'De Conventie voor de rechten van het kind; Een strategische stap naar respectvolle omgang met kinderen,' in: dez. e.a. (red.), Rechten van kinderen, Antwerpen/Arnhem 1989, pag. 1-32, op pag. 4. Verhellen omschrijft zijn adulto-centrisme als 'het overtrokken egocentrisme van de volwassene.' Afgezien van het feit dat 'egocentrisme' en 'volwassen' naar mijn mening een contradictio in terminis c.q. in adiecto is, zou ik liever de term parentiarchie (of parentiarchaat, bijvoeglijk parentiarchaal) c.q. parento-centrisme (of eventueel de 'Griekse' variant goneuo-centrisme) hanteren, en deze omschrijven als de (cultureel bepaalde en structureel verankerde) dominante machtspositie van ouders ten opzichte van kinderen. De eveneens door Verhellen gebezigde term macho-denken (t.a.p.) zou 'consequenter' vervangen kunnen worden door andro-centrisme, dat ik zou willen omschrijven als de (cultureel bepaalde en structureel verankerde) dominante machtspositie van mannen ten opzichte van vrouwen (= patriarchie). Goneuo- en andro-centrisme, parentiarchie en patriarchie, zijn dan de equivalenten van de ook wel gebezigde begrippen maatschappelijke gezins- c.q. sexe-ideologie. De uitwassen van deze ideologieën zijn dan respectievelijk het pedagogisme (zie noot 19) en het sexisme. 23. Voor alle duidelijkheid geef ik hier de definitie weer die de Bureaus Vertrouwensarts (BVA's) ter zake van kindermishandeling hanteren: 'Kindermishandeling is elke vorm van lichamelijke en/of emotionele geweldpleging of verwaarlozing, die kinderen niet door toeval of per ongeluk, doch door toedoen of nalaten van ouders of andere verzorgers overkomt en waarbij geestelijke en/of lichamelijke schade of afwijkingen ontstaan dan wel dreigen te ontstaan.' (Overgenomen uit: Marian Roelofs, 'Ernstige of minder ernstige kindermishandeling? De opvattingen van de Bureaus Vertrouwensartsen,' in: Maandblad Geestelijke volksgezondheid 1991/1, pag , op pag. 18.) Vergelijk ook de nagenoeg gelijkluidende definitie van W. Langeland e.a., Kindermishandeling: van signaal naar hulp I; Signaleren en melden, NcGv, Utrecht 1990, pag. 6. Hieronder valt ook sexuele kindermishandeling ofwel 'incest,' zoals het gangbare eufemisme luidt sinds deze volksziekte door de publieke opinie is 'ontdekt.' Als definitie hiervan zou ik willen beproeven: sexuele kindermishandeling is de psychische (en eventueel fysieke) mishandeling van kinderen (meestal meisjes) en jeugdigen onder de zestien jaar door hun ouders of opvoeders (meestal vaders/vaderfiguren) of andere verwanten (familieleden of huisgenoten, meestal broers of ooms, opa's, neven of zwagers) door middel van sexuele gedragingen ter bevrediging van de (emotionele en) sexuele behoeften van voornamelijk mannen, en waarvoor bepalend c.q. mede-bepalend zijn de machtsverschillen tussen ouders en kinderen en tussen mannen en vrouwen alsook de fundamentele sexuele hypocrisie (het sexuele taboe) in 1992 nr 3 17

11 onze cultuur. Bij vader-dochter incest komt daar als extra belastende/beschadigende factor bij dat de normale ouderkind relatie wordt doorbroken en het kind 'partner' van de dader wordt. Deze definitie geeft aan dat preventie gericht moet zijn op de emancipatie van kinderen (steun aan de kinderrechtenbeweging) en vrouwen (steun aan de vrouwenbeweging) alsmede op het creëren van een behalve kind- en vrouw- ook lustvriendelijke samenleving. Dat laatste impliceert dat lustvriendelijke 'sexuele voorlichting' een verplicht vak op alle (openbare en bijzondere) lagere en middelbare scholen zou dienen te worden. In de kern betreft het hier evenwel een cultureel probleem, en het is natuurlijk naïef te verwachten dat men de hypocrisie in sexualibus kan bestrijden zolang de hypocrisie in religiosibus èn in politicis voortduurt respectievelijk hoogtij viert. In de definitie van Langeland c.s. (t.a.p.) wordt - in navolging van Draijer - het aspect van de machtsverschillen geconcretiseerd door te spreken van sexuele contacten 'tegen de zin van het kind of zonder dat het kind, ten gevolge van het gebruik van lichamelijk of relationeel overwicht of ten gevolge van het gevoelsmatig onder druk zetten, het gevoel heeft de seksuele contacten te kunnen weigeren of zich eraan te kunnen onttrekken.' Vergelijk voor het belang van de feministische 'ontdekking' en probleemdefinitie van incest Rineke van Daalen, 'Aantekeningen over kindermishandeling en incest,' in: G. Hekma e.a. (red.), Het verlies van de onschuld; Seksualiteit in Nederland, Groningen 1990, pag In tegenstelling tot ïncest-survivors hebben de (soul) survivors van andere vormen van kindermishandeling (waartoe ik mezelf reken) zich nog niet of nauwelijks gemanifesteerd, laat staan een slachtofferbeweging in het leven geroepen: 'verwerkingsproblemen zijn op een maatschappelijk niveau niet aan de orde gesteld.' (Van Daalen, a.w., pag. 164.) 24. Voor een nadere analyse van art. 3 ECRM zie Van Dijk/Van Hoof, a.w., noot 16, pag , in het bijzonder op pag Zie in dit verband ook J.E. Doek, 'Meldingsplicht, ja of nee?' In: H. Baartman e.a., Incest en hulpverlening, Amersfoort/Leuven 1990, pag , op pag De Bruijn-Lückers wijst erop (t.a.p., noot 14, pag. 609) dat in de VS wrongful life-acties van kinderen tegen ouders afstuiten op de 'interfamiliale [sic, bedoeld zal zijn: intrafamiliale, JW] immuniteit.' Dus op patriarchale en parentiarchale (zie noot 22) machtsprivileges. Zelf verwoordt zij dat anders: 'een actie van het kind tegen de ouders verstoort de gezinsverhouding.' De omgekeerde wereld, lijkt me. De gezinsverhouding is verstoord (zo niet gestoord), en omwille van rechtsherstel en misschien zelfs om een hulpvraag van de ouders (die er zonder confrontatie zeker niet komt) te bewerkstelligen, komt het kind/de survivor in actie. Het recht kan hier een gezond(makend)e functie vervullen. Vergelijk ook H.C.F. Schoordijk, 'Wrongful life acties en het belang van het kind,' in: Met het oog op het belang van het kind, Deventer 1988, pag , op pag ; H.J.J. Leenen, a.w. (Handboek), noot 15, pag ; R.M. Schoonenberg, 'Zijn 'wrongful birth' en 'wrongful life' acties naar Nederlands recht toelaatbaar?' In: J.K.M. Gevers en H.J.J. Leenen (red.), Rechtsvragen rond voortplanting en erfelijkheid, Serie Gezondheidsrecht 19, Deventer 1986, pag Ik zal niet ingaan op de mogelijke betekenis van het feit dat Nederland het Kinderverdrag, dat reeds in werking is getreden, heeft ondertekend en mitsdien ex art. 18 Weens Verdragenverdrag gehouden is zin en strekking van het Verdrag te eerbiedigen, althans niets te ondernemen wat de betekenis en bedoeling van het Verdrag zou ondermijnen (vergelijk daarover mijn 'Recht en rechter in de 'dyas politica',' in: Sociale advocatuur en de rechten van de mens, Ars Aequi Libri, Nijmegen 1989, pag , op pag. 124). 27. Zie voor de mogelijke (prenatale) juridische betekenis van deze clausule noot Art. 3, lid 2 luidt: 'States Parties undertake to ensure the child such protection and care as is necessary for nis or her well-being, taking into account the rights and duties of his or her parents, legal guardians, or other individuals legally responsible for him or her, and, to this end, shall take all appropriate legislative and administrative measures.' Art. 6, lid 2 luidt: 'States Parties shall ensure to the maximum extent possible the survival and development of the child.' (Voor art. 18 zie noot 7.) Art. 19 luidt: '1. States Parties shall take all appropriate legislative, administrative, social and educational measures to protect the child from all forms of physical or mental violence, injury or abuse, neglect or negligent treatment, maltreatment or exploitation, including sexual abuse, while in the care of parent(s), legal guardian(s) or any other person who has the care of the child. 2. Such protective measures should, as appropriate, include effective procedures for the establishment of social programmes to provide necessary support for the child and for those who have the care of the child, as well as for other forms of prevention and for identification, reporting, referral, investigation, treatment, and follow-up of instances of child maltreatment described heretofore, and, as appropriate, for judicial involvement.' Art. 39 luidt: 'States Parties shall take all appropriate measures to promote physical and psychological recovery and social reintegration of a child victim of: any form of neglect, exploitation, or abuse; torture or any other form of cruel, inhuman or degrading treatment or punishment; or armed conflicts. Such recovery and reintegration shall take place in an environment which fosters the health, self-respect and dignity of the child.' 29. Vergelijk bijvoorbeeld ook M. Jupp, 'The UN Convention on the Rights of the Child: an opportunity for advocates,' Human Rights Quarterly 1990, pag , op pag. 136: 'The Convention departs from the old, paternalistic attitude (...) toward an approach which recognizes the basic needs of every child as fundamental human rights recognized under international law.' 30. Waarmee niet beweerd is dat de vrucht een 'orgaan' is zoals andere organen. Leenen (t.a.p., noot 15, pag ) spreekt in dit verband van een zelfstandiger status, de status nascendi, die door de reflexwerking van de geboorte weliswaar niet tot rechtssubjectiviteit maar wel tot (een progressieve) beschermwaardigheid leidt. 31. Utrecht 1990, pag (Zie ook noot 8, 36 en 39.) Vergelijk met betrekking tot de kindermishandelingsproblematiek ook H. Baartman, 'Kindermishandeling en botsende belangen,' in: J.B. Weenink (red.), Het belang van het kind in het geding; Over opvoeding en kinderbescherming, Amsterdam 1990, pag Tamara Trotman, Kornelie Vos, 'Het recht op hoor en wederhoor wordt nergens meer geschonden dan binnen de traditionele rechtswetenschap; interview met Dorien Pessers,' Ars Aequi 1991/1, pag , op pag. 32 l.k. Met betrekking tot 'het belang van het kind' merkte Pessers al weer vier jaar geleden op: 'Het belang van het kind is een van 18 NEMESIS

12 de beschaafdste, maar blijkens de praktijk ook een van de meest hypocriete beginselen van het recht.' Dat zij de laatste zal zijn om ten aanzien van dit beginsel de kwetsbare positie van de vrouw over het hoofd te zien, moge blijken uit het vervolg: 'Het belang van het kind is in beginsel gediend met een vader, wiens betekenis voor het kind zal toenemen naar mate hij substantiëler bij de verzorging van het kind is betrokken. Het ligt daarom voor de hand de verzorging van het kind als uitgangspunt te nemen voor de regeling van ouderrechten. Indien ouders deze verzorging daadwerkelijk delen, en dus ook de risico's voor kinderverzorging en voor het betaalde-arbeidsperspectief delen, kunnen ook ouderrechten worden gedeeld. In de huidige praktijk zal het echter erop neerkomen dat moeders, als primair verantwoordelijken voor de verzorging van kinderen, als eersten voor ouderrechten in aanmerking behoren te komen.' (Dorien Pessers, 'Vaderrechten, moederrechten, verzorgersrechten,' redactioneel Nemesis 1987, pag. 1-2, op pag. 1; curs. DR) 33. Zie haar boeken Het drama van het begaafde kind; Een studie over het narcisme (Duits origineel [1979], Nederlandse vertaling 1981); In den beginne was er opvoeding (1980, 1983); Gij zult niet merken; Tachtig jaar psychoanalyse (1981, 1983); Een kindertijd in beeld; 66 aquarellen en een essay (1985, 1986); Zelfkennis in ballingschap; De verdringing van de kindertijd, tot welke prijs? (1988, 1989); De gemeden sleutel; De kindertijd en onze cultuur (1988, 1989); De muur van zwijgen; De waarheid van de feiten (1990, 1990). Voor kritiek op Miller zie noot 19. Vergelijk ook Els Nieskens, 'Ivan B. Nagy, M.D.' [Nagy uit te spreken als: Nodjz, JW], in: Inspiratie ver gezocht: De aanpak van de incestproblematiek in Amerika, LCCI (Landelijk Coördinatie Centrum Incest), Utrecht [1987], dl. 2, pag ; A. van Heusden, E.-M. van den Eerenbeemt, Ivan Boszormenyi-Nagy en zijn visie op individuele en gezinstherapie; Balans in beweging, Haarlem 1988 (derde druk); A. Onderwaater, De onverbrekelijke band tussen ouders en kinderen; Over de denkbeelden van Ivan Boszormenyi-Nagy en Helm Stierlin, Amsterdam/Lisse 1988; M. van Soest, Andermans ziel; Psychotherapeuten over zichzelf en hun vak, Amsterdam 1989, pag ('EIse-Marie van den Eerenbeemt: 'Ik zeg wel eens: hoe slechter de ouders, hoe loyaler het kind'.') 34. Vergelijk ook S. Dijkstra, F. Swets-Gronert, Dilemma's rond kindermishandeling; Een verkennend onderzoek naar signalering en melding, NcGv, Utrecht 1989, die terecht opmerken (op pag. 19): 'Door enkelen wordt nader ingegaan op de loyaliteit van (mishandelde) kinderen jegens hun ouders, die in geval van kindermishandeling soms zowel uiterst sterk als zeer destructief kan zijn voor het kind. 'Hoe rottiger de ouders, des te loyaler is het kind.' Men dient kinderen tegen de gevolgen van dit soort loyaliteit jegens hun ouders te beschermen. Dit kan echter een dilemma in de hulpverlening opleveren, aangezien de kinderen zelf ook, of juist als ze daar aan ten onder dreigen te gaan, in veel gevallen blijven kiezen voor de ouders.' De hulpverleners zullen daarom de verantwoordelijkheden die het kind tegenover zijn ouders ervaart, de zorg van het kind voor zijn mishandelende ouders, moeten overnemen en het kind daarin gerust moeten stellen, anders zal de hulpverlening voor het kind falen. Een andere oplossing van het dilemma is er niet. De hulpverlener zal in het belang van het kind (tijdelijk, voor zoveel en zo lang nodig) ook vóór de mishandelende ouders moeten kiezen, hoe onorthodox en paradoxaal dat ook mag klinken. Het leeggezogen kind kan pas bijtanken als het loyaliteitsgat wordt gestopt, en dat kan niet gestopt worden door de band met de mishandelende ouders te ontkennen of te negeren, maar op zijn minst te aanvaarden als een noodzakelijk en hopelijk tijdelijk kwaad. Gebeurt dit niet, dan valt latere verslaving aan een destructieve partner bijna te voorspellen. 35. Dat wil zeggen een voldoende bemensde en op deskundige en menselijke hulp toegespitste Kinderbescherming. De nota Justitiële jeugdbescherming: met recht in beweging (het antwoord van Kosto op de rapporten van de commissies Gijsbers en Vliegenthart) van 19 december 1990 (kamerstukken , nrs. 1-2; voor het laatste rapport, Rechtzetten, zie kamerstukken , nrs. 1-2) geeft wel enkele aanzetten in de goede richting, maar van een structurele uitbouw en verbetering zoals ik die noodzakelijk acht, is geen sprake. 36. Vergeüjk hierover mijn 'Ouderbescherming en kinderbescherming: wordt het geen tijd voor een meldplicht?' in het NJB van 15 september 1990, pag In de Beleidsbrief kindermishandeling van D'Ancona, Simons en Kosto (aangeboden op 4 december nog net voor Sinterklaas -, kamerstukken , nrs. 1-2, op pag. 18) wordt een meldingsplicht afgewezen. Begrijpelijk als men kijkt naar het schamele bedrag dat wordt uitgetrokken om het recht van het kind op tijdige en effectieve hulpverlening beter te waarborgen (in totaal 2,6 miljoen, zie pag. 31). Een meldingsplicht met alle annexe waarborgen en rechten voor kinderen en ouders vandien kost, gezien de onvoorstelbare aantallen mishandelde kinderen (zie alleen al voor de incest-cijfers genoemd artikel op pag ), waarvan nu slechts een fractie bij de Bureaus Vertrouwensarts wordt gemeld, natuurlijk een veelvoud van die fooi. (Vergelijk ook Ben Rensen, 37. Zoals ingevolge de Wet van 8 december 1988, houdende regelen inzake de opneming in Nederland van buitenlandse pleegkinderen met het oog op adoptie (Wet opneming buitenlandse pleegkinderen), Stb. 1988,566 en het Besluit van 4 juli 1989, houdende vaststelling van het Besluit opneming buitenlandse pleegkinderen en wijziging van het Uitvoeringsbesluit Kinderbescherming, Stb. 1989, 262 (beide in werking getreden op 15 juli 1989). Kindermishandeling: voor het leven beschadigd, Utrecht 1990, pag. 54 e.v., en zie noot 39.) 38. Zie voor een kritische bespreking van de Wet ouderschapsverlof Margriet Adema en Helene Wüst, 'Ouderschapsverlof,' Nemesis 1991/1, pag Ben Rensen (zie noot 36) sprak in een radio-debat met mij over de invoering van de meldplicht (uitgezonden door de NOS op 18 december 1990), uitgaande van een (internationaal) percentage van 3 procent mishandelde kinderen per jaar op 3,3 miljoen kinderen in Nederland, van gevallen van kindermishandeling per jaar, waarvan er circa gemeld worden bij de BVA's: het topje van de ijsberg, naar zijn zeggen. Vergelijk met betrekking tot prevalentie en incidentie van kindermishandeling ook S. Dijkstra, F. Swets-Gronert, a.w. (noot 34), pag. 3-4, Zie voorts H. Baartman, t.a.p., noot 31, op pag Of dit zo ver kan gaan dat de overheid 'potentiële partners' gaat 'screenen op risicoproducerend gedrag,' zoals dat (blijkens een verslag van J. Vogel in Vrijspraak van juli 1990, pag. 3) - '[t]en einde vrouwenmishandeling te voorkomen' - is bepleit door de directeur van het Instituut voor Psychotrauma, C, Steinmetz, laat ik hier in het midden. 41. Zie noot 36. Naar mijn mening is het onvermijdelijk dat we, wellicht al in de nabije toekomst, uitkomen bij een meidcode en een hulpverleningsprotocol, al mag je die in Nederland waarschijnlijk geen meldplicht noemen. 42. En uiteraard ter voorkoming van recidive. Zie in dit 1992 nr 3 19

13 verband Jos Frenken en Bram van Stolk, Behandeling van incestplegers; Een model voor behandeling in justitieel kader, Roelof Haveman, Joel Staffeleu, Daders van seksueel geweld: straffen of behandelen; Een onderzoek naar de meningen over en ervaringen met ambulante therapeutische behandeling in een justitieel kader van daders van seksueel geweld, beide: Houten/Antwerpen 1990; Roelof Haveman, 'Straffende behandeling voor plegers van zedendelicten,' Proces 1991, pag ; J.J. Drenth, 'Straffende hulpverlening: een contradictio in terminis,' met weerwoord van Haveman: 'Straffende behandeling: van het kind en het badwater,' Proces 1991, pag respectievelijk ; Justitiële Verkenningen 1991/2, 'Dwang in behandeling' (zie in het bijzonder de bijdragen van R.A.R. Bullens, 'Ambulante behandeling van seksuele delinquenten binnen een verplichtend justitieel kader,' en J.CJ. Boutellier, 'Stoornis en delict; Een gesprek over psychiatrie en recht met prof. dr. A.W.M. Mooij,' respectievelijk pag en ). Vergelijk ook R. Mentink, 'Riagg en reclassering Den Haag: Samen ten strijde tegen incest,' Vrijspraak 1991/1, pag Vergelijk in dit verband Annemiek Meinen, Handleiding Beter werken door samenwerken in de hulpverlening bij seksueel geweld, Stichting tegen Seksueel Geweld, Utrecht 1989; alsook S. Dijkstra e.a., Kindermishandeling: van signaal naar hulp II; Hulpverlenen en samenwerken, NcGv, Utrecht 1990, pag Alice Miller, interview Der Spiegel 27 augustus 1990, pag en 212, op pag. 208 r.k Vergelijk F.H.L. Beyaert, 'Strafwetgeving en de crime passionnel, dodingen in het gezin en toch weer de vader,' in: A. Ladan e.a. (red.), De betekenis van de vader; Psychoanalytische visies op het vaderschap, Meppel/Amsterdam 1985, pag , op pag Vergelijk ook pag. 102: 'Met uitzondering van de politie en militaire organisaties is het gezin wellicht de meest gewelddadige sociale groep in onze samenleving (...). Dit gegeven zien wij niet graag onder ogen. Uit onderzoek weten we dat verhoudingsgewijs incest het misdrijf is waarvan het kleinste percentage, namelijk 1 procent, aan het licht komt (...). We weten ook dat de mishandelde kinderen pas 'ontdekt' werden toen in medische vakbladen over de hele wereld publikaties over het 'battered child syndrom' verschenen waren.' 46. Vergelijk P. Levi, zoals aangehaald door C.J.M. Schuyt, 'Metaforen voor het leven,' De Volkskrant 29 augustus 1990, pag Aangehaald door J. Goudsblom, 'Bij de dood van Norbert Elias,' Vrij Nederland 18 augustus 1990, pag. 12, 6e kol. i.f. 48. Vergelijk het pleidooi van Bernadette de Wit ('Tragische tweedeling,' De Volkskrant van 16 februari 1991, pag. 21) voor een 'uitgekiende combinatie van het gelijkheids- en het verschilperspectief: 'De wereld zou er heel wat leuker op worden als de mensen wat androgyner waren.' (Zie voor androgynofobe excessen als clitoridectomie noot 76.) 49. Bovendien komt incest 'meer voor in gezinnen die er traditionele opvattingen over de rol van de seksen en een rigide seksuele moraal op na h[ou]den.' (H. Kooijman, bespreking van het proefschrift van Nel Draijer, Seksuele traumatisering in de jeugd; Gevolgen op lange termijn van seksueel misbruik van meisjes door verwanten, diss. VU Amsterdam, Amsterdam 1990, in het Zaterdags Boekenbijvoegsel van NRC-Handelsblad \m 16 februari 1991.) 50. 'Objectieve rechtvaardiging,' Nemesis 1990, pag , op pag. 152 r.k. 51. K. Raes, 'Het kind als homo juridicus; verrechterlijking [lees: verrechtelijking, JW] en emancipatie,' in: E. Verhellen e.a. (red.), Rechten van kinderen, Antwerpen/Arnhem 1989, pag , op pag. 89/ H.F.M. Crombag, W.E. Elzinga, 'Niet waar de kinderen bij zijn,' in: K. Blankman, L.C.M. Stegmann (red.), Het recht of het belang van het kind, Assen/Maastricht 1989, pag De wil daar dit over opmerken. Het recht op echtscheiding is 'een verworven recht dat buiten discussie staat' (a.w., pag. 6), omdat een 'tijdelijk verbod op echtscheiding voor ouders van jonge kinderen' (a.w., pag. 13) - net zoals een verbod op abortus - niet in 'het belang van het kind' kan zijn. Het is immers zeer de vraag of ouders niet juist door niet te scheiden 'de rechten van weerloze kinderen achteloos schenden' (pag. 13 i.f.): 'Zo zijn er aanwijzingen dat chronische ruzies in het gezin/huwelijk meer stress veroorzaken dan de scheiding.' (J.A. Jenner, 'Beknopte handleiding bij de Diagnostische Criteria van de DSM-JJI-R,' bespreking in Maandblad Geestelijke volksgezondheid 1990, pag , op pag. 321 r.k.) 53. De goedbedoelde voorstellen van Crombag en Elzinga kunnen, vrees ik, gemakkelijk worden misbruikt om vrouwen met hun kinderen te chanteren toch maar bij hun 'vent' te blijven. Een beetje zoals bij (sommige) islamieten: 'De islam zegt dat mannen en vrouwen elkaar aanvullen. Hij zegt dat de kinderen de dupe zijn van echtscheidingen; dat zij een leven lang met een trauma zullen rondlopen.' (M. Ayachi, Marokkaans consul, aangehaald in De Volkskrant van 3 maart 1990, pag. 6, onder de kop: 'Rede consul en vice-consul zwijgend en angstig aangehoord op vrouwenbijeenkomst: 'Gescheiden Marokkaanse vrouw is als een huis zonder deur'.') De boodschap is duidelijk: mannen hebben het recht hun vrouw(en) te verstoten, maar een (mishandelde) vrouw die haar man/dader verlaat, bezorgt haar kinderen een trauma! De conclusie van Crombag/Elzinga: 'De klakkeloze wijze waarop thans sommige ouders voorrang lijken te geven aan eigen recht of wens, draagt sporen in zich van het recht van de sterkste' (a.w., pag. 13) dient niet op het recht op echtscheiding te worden toegepast, maar op het 'recht op kinderen.' (Vergelijk ook K. Blankman, 'Verslag studiedag 'Het recht of het belang van het kind',' FJR 1990, pag , op pag. 54 r.k.) 54. Dat laatste wil ik overigens niet bepleiten, niet alleen omdat het een zeer ernstige (en in feite ongeoorloofde) beperking is van de vrijheid van partners/ouders, maar ook omdat een verplichting tot niet-samenwonen na echtscheiding uiteraard niet is te handhaven. Een dergelijke verplichting is wel heel gemakkelijk te ontduiken als de partners toch bij elkaar willen kruipen, bijvoorbeeld omdat zij aan elkaar verslaafd zijn (symbiotische of emotioneel sado-masochistische c.q. kannibalistische relaties) of anderszins (gewoon) van elkaar houden. Hetzelfde geldt natuurlijk voor een scheidingsverbod: ouders die van elkaar afwillen, kunnen ook uit elkaar gaan als zij (voorlopig) niet wettelijk kunnen scheiden. En om wel wettelijk te kunnen scheiden, kunnen zij tal van Grote Leugens bedenken, want een absoluut (ongeclausuleerd) scheidingsverbod bepleit niemand. Indien ook een uithuisplaatsing van één van de ouders niet te handhaven blijkt (bijvoorbeeld omdat de andere partner geen medewerking kan of wil verlenen aan het uit huis blijven van de misbruikende partner), is uiteraard eveneens uithuisplaatsing van het kind geïndiceerd. 55. Fokke Sierksma, Religie, sexualiteit en agressie; Een cultuurpsychologische bijdrage tot de verklaring van de spanning tussen de sexen, Groningen (Vergelijk in dit verband ook het wat luchtigere maar niet minder leerzame 20 NEMESIS

14 werkje van Rainer RnuBmann, aangehaald in noot 1.) Zie ook noot Behalve Hugo de Groot (zie noot 1) verdient ook Sigmund Freud (en in navolging van hem Nancy Chodorow) 'een veeg uit de pan': 'De niet aflatende stroom van publicaties over incestgevallen, waarbij de vader zijn dochter, vaak met (stilzwijgende) instemming van de moeder, sexueel misbruikt en Massons ontdekking dat Freud wist dat de meeste van zijn vrouwelijke patiënten sexueel waren misbruikt door hun vader, hebben natuurlijk belangrijke consequenties voor de psycho-analytische theorie. Mijns inziens moet op grond hiervan Freuds veronderstelling dat de libidineuze impulsen uitgaan van de kinderen en niet van de ouders, worden afgewezen. Het is onwaarschijnlijk dat de sexualiteit van kinderen is gericht op volwassenen. Wanneer er al sprake is van een sexuele geladenheid van de relatie tussen ouders en kinderen, dan zal het initiatief daartoe zijn gekomen van de ouders. (...) Volgens [Chodorow] heeft de zoon werkelijk een sexueel verlangen naar zijn moeder en de dochter naar haar vader. Gezien de leeftijd van de kinderen in de oedipale fase (drie jaar), gezien Massons ontdekking en gezien de talrijke gevallen van incest die bekend zijn geworden, ben ik daarvan geenszins overtuigd. Ik acht het veel waarschijnlijker dat kinderen bij hun ouders niet meer zoeken dan bescherming, geborgenheid en een liefde die niet sexueel geladen is. Op grond daarvan is het uiterst twijfelachtig of het concept van het oedipus-complex, de veronderstelling dat kinderen rond het derde of vierde levensjaar een sexueel verlangen krijgen naar de ouder van het tegengestelde geslacht, in de vorm die Chodorow er in navolging van Freud aan geeft, kan worden gehandhaafd.' (CJ.C. Rutenfrans, Criminaliteit en sexe; Een verklaring voor de verschillen in het criminele gedrag van vrouwen en mannen, diss. Nijmegen, Arnhem 1989, pag. 151; curs. CR.) José Rijnaarts, Dochters van Lat; Over [vader-dochter] incest, Amsterdam [1989/]1987, pag. 67 e.v., spreekt in dit verband van 'het verraad van Freud.' Zie (onder meer met betrekking tot Nancy Chodorow) ook de belangwekkende lezing van Gerda van Dijk, 'De man als minnaar,' Opzij september 1989, pag De term is van M.E. Pellikaan-Engel, 'Baarmoederprostitutie ligt op de loer,' NRC-Handelsblad 4 december 1989, pag 'De anonieme donor,' FJR 1988, pag M. de Langen, 'De betekenis van artikel 8 EVRM voor het familierecht' [Preadvies NJV], Handelingen Nederlandse Juristen-Vereniging [Artikel 8 ECRM], Zwolle 1990, pag , op pag. 104/105 respectievelijk 107/ A.w., pag Een verwant geluid laat Germaine Greer horen in haar Het lot van de vrouw; De politiek van de menselijke vruchtbaarheid, Amsterdam 1984, pag. 109: 'Waarom zouden vrouwen met een onvruchtbare echtgenoot niet bevrucht worden door de broers van haar man of waarom zouden onvruchtbare vrouwen niet beter hun zusters een kind voor hen laten krijgen in plaats van zelf vervelende en dure operaties te ondergaan? De enige verklaring hiervoor is de moderne neurose die van kinderen krijgen een egocentrische bezigheid maakt die vooral versterkend werkt op het narcisme van de betrokken individuen.' 61. Zie over deze problematiek ook Juliette Zipper, "vaders bij de buis,' in: Petra de Vries (red.), Aan het hoofd van de tafel, Amsterdam 1988, pag (op pag. 96: 'Dit is geen pleidooi voor het verborgen houden van De Waarheid voor kinderen, maar een relativering van de soms wat overtrokken nadruk op het belang van de kennis van de afstamming en het 'op zoek zijn naar je vader'.') Dez., 'What else is new? Reproductive technologies and custody politics,' in: Carol Smart, Selma Sevenhuijsen (eds.), Child custody and politics of gender, London/New York 1989, pag Voorts: HJ.J. Leenen, a.w. {Handboek), noot 15, pag ; S. van de Goor, 'Recht op afstammingsvoorlichting: plicht tot openheid,' FJR 1988, pag (vervolg: 'Kunstmatige voortplantingstechnieken geïntegreerd in het wetsvoorstel afstammingsrecht 1988?' FJR 1989, pag ); J.S. Reinders, W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd, J.E. Doek, Kunstmatige voortplanting; Recht en ethiek, Publikaties van de Rechtskundige Afdeling vanhetthijmgenootschap 14, Zwolle 1989; K. O'Donovan, ' A right to know one's parentage?' en E. Haimes, "Secrecy': what can artificial reproduction learn from adoption?' International Journal oflaw and the Family 1988, pag. 27^5, respectievelijk Vergelijk ook het standpunt van Korthals Altes: 'Een fundamenteel recht om te weten van wie men rechtstreeks afstamt, is niet in onze Grondwet neergelegd en maakt evenmin deel uit van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden of van het [Internationaal Verdrag inzake burgerlijke; de vertaling burgerrechten is mijns inziens onjuist omdat dat synoniem is met politieke rechten, JW] en politieke rechten. Het is evenmin zo dat het Europese Hof voor de rechten van de mens te Straatsburg een dergelijk recht uit enig artikel van het eerstgenoemde verdrag heeft afgeleid. Wij zouden daarom niet willen spreken van een fundamenteel of publiekrechtelijk recht op afstammingsgegevens.' (Antwoord kamervragen 1988/1989, Aanhangsel Handelingen, nr. 790, NJB 1989, pag , op pag ) 62. Leenen (t.a.p., noot 15, pag. 194/195) formuleert dit aldus: 'Door de geboorte treedt de mens als drager van subjectieve rechten in de rechtsgemeenschap. Ook al is er biologisch weinig verschil tussen de foetus een dag vóór de geboorte en het kind na de geboorte, juridisch is dat verschil er wel.' 63. 'Wensbaby's,' NRC-Handelsblad 28 september 1989, pag 'Zelfs een abortus die onder de zwaarste indicatie in het vroegst mogelijke stadium ondergaan wordt, is niet iets om luchthartig over te doen. Er blijft altijd een residu aan schuldgevoel of spijt, waar desondanks mee te leven valt, omdat het besluit onder eigen verantwoordelijkheid werd genomen.' (Beatrijs Ritsema, t.a.p., hiervoor noot 63.) 65. Zoals Sigrid: 'Drugsverslaafde Sigrid over liefde: 'Als ik een egoïst was, had ik m'n kind gehouden',' De Limburger van 2 februari 1991 (serie: 'Verdoofd bestaan.') 66. Het gaat dan om zaken als prenatale materiële, medische en psychische zorg, begeleiding en voorlichting, alsook behandelingsprogramma's in geval van verslaving aan drugs of een destructieve partner of andere psychische aandoeningen. In dit verband kan worden gewezen op de artikelen 6 en 24 van het Kinderverdrag. Art. 6, lid 2 Kinderverdrag luidt: 'States Parties shall ensure to the maximum extent possible the survival and development of the child.' (Zie met betrekking tot deze bepaling ook mijn bijdrage genoemd in noot 3 i.f., op pag. 776 en pag. 777 noot 7.) Art. 24, lid 2, aanhef en sub d en f, luidt voor zover hier van belang: 'States Parties (...) shall take appropriate measures: (d) To ensure appropriate pre- and post-natal health care for mothers; 1992 nr 3 21

15 (f) To develop preventive health care, guidance for parents and family planning education and services.' 67. Zie Ph. Alston, 'The unbom child and abortion under the Draft Convention on the rights of the child,' Human Rights Quarterly 1990, pag , op pag Zie noot 10 en 11. Overigens zijn aan het internationale recht geen argumenten tegen abortus te ontlenen. Alston concludeert (t.a.p., noot 67, pag. 161): 'Thus, while there is no basis for asserting that the notion that human rights inhere in the unborn child has been authoritatively rejected by international human rights law, there has been a consistent pattern of avoiding any explicit recognition of such rights, thereby leaving the matter to be dealt with outside the international legal framework.' En (op pag. 177/178): 'Thus, proponents of formal legal recognition of the right to life of the unborn child could invoke the relevant preambular [before birth -, JW] paragraph in order to confirm the fact that the Convention [on the Rights of the Child, JW] does not prohibit measures aimed at outlawing abortion. Equally, however, it is clear that neither the text of the Convention itself, nor any of the relevant circumstances surrounding its adoption, lend support, either of a legal or other nature, to the suggestion that the Convention requires legislation to recognize and protect the right to lifeof thefetus.' En hij vervolgt: 'In sum, therefore, on the issue of the status of the unbom child, the Convention conforms with existing international human rights law. While recognizing that the fetus is deserving of appropriate protection, its right to life per se is not recognized. Moreover, the rights of the mother (including those to life, mental and physical health, and privacy) recognized by a wide range of other international human rights treaties, are fully preserved by the savings clause contained in Article 41 of the Convention.' Dit laatste lijkt mij - zelfs met betrekking tot de minderjarige moeder - onjuist (hoewel Delissen, t.a.p., noot 3, pag. 573 i.f, hem hierin volgt). Een savings clause vermag veel te sauveren, maar een clausule die bestaande rechten onaangetast beoogt te laten, zou ook het ontstaan van nieuwe rechten onmogelijk maken. De versterking van de rechtspositie van het kind betekent welhaast per definitie dat de over- of almachtspositie van ouders, derden en de staat wordt beteugeld, dus dat er rechten worden aangetast. Een savings clause die de rechten van moeders en anderen onverlet laat, zou in strijd zijn met de zin en strekking van het verdrag, zou de bedoeling ervan miskennen en alle betekenis eraan ontnemen. Iets dergelijks laat zich echter ook niet uit art. 41 aflezen. Art. 41 beoogt alleen te verzekeren dat met een beroep op het Kinderverdrag de rechten van kinderen die in het nationale of internationale recht zijn verankerd, niet kunnen worden omlaaggeschroefd, met andere woorden dat ten behoeve van de zwaksten de sterkste rechten gelden. Art. 41 luidt: 'Nothing in the present Convention shall affect any provisions which are more conducive to the realization of the rights of the child and which may be contained in: (a) The law of a State Party; or (b) International law in force for that State.' Ik zal hier niet opnieuw betogen dat het recht van de (meerder- of minderjarige) 'moeder' (lees: zwangere vrouw/meisje) op abortus ook vanuit de optiek van de rechten van kinderen een sterker recht is, zodat zelfs als het Kinderverdrag abortus zou verbieden - quod non -, het nationale recht op abortus voorgaat. 69. De Belgische koning Boudewijn beriep zich eind 1989 in zijn kerstboodschap op 'de dertig jaar oude VN-Verklaring van de Rechten van het Kind. 'Het kind heeft als gevolg van zijn geestelijke en lichamelijke onvolwassenheid speciale bescherming nodig, speciale zorg, waaronder de juiste wettelijke bescherming zowel voor als na de geboorte,' stelde het staatshoofd.' (De Volkskrant 5 april 1990). Hij koos daarmee partij in de abortuskwestie, doch niemand kon toen vermoeden dat dit een vooraankondiging was van zijn 'vrijwillige koningschapsonderbreking' {De Morgen, aangehaald in De Volkskrant van 6 april 1990) enkele maanden later. Op 20 november 1989, een maand vóór zijn kerstboodschap en precies op de dertigste verjaardag van de VN-Verklaring, was evenwel al het VN-Kinderverdrag door de Algemene Vergadering aanvaard, waarin de door Boudewijn aangehaalde passage is overgenomen (zie noot 6). 70. Zie over deze zaken het onthullende boek van Karlheinz Deschner, De Kerk en haar kruis, Amsterdam 1978; en vergelijk mijn 'Christelijke moraal jaar' in >e vrije gedachte van oktober 1981, pag Germaine Greer (a.w., noot 60, pag. 226) spreekt in dit verband van een 'wettische' interesse. Zonder Boudewijn een extremist te willen noemen, acht ik zijn actie wel een extreme illustratie van wat Greer (t.a.p.) als volgt aan de kaak heeft gesteld: 'Katholieke tegenstanders van het 'baas in eigen buik'-idee (...) zijn niet in staat of niet genegen de moraliteit te begrijpen van acties van het individu dat tot de conclusie kwam dat zij geen andere keus had. Hun interesse ligt voornamelijk op het wettische vlak, want zij concentreren zich op het tegenhouden van adequate abortus-voorzieningen en niet op de zielen van hen die proberen zo verantwoordelijk en gewetensvol mogelijk te leven. Het probleem bij het gekonkel van de katholieke lobby tegen abortus is niet dat deze kwezelachtig of fanatiek is, maar lichtzinnig.' Openlijk extremistisch is de Stichting Michael, Red het leven, waarvan een aantal 'leden' van de Haagse rechtbankpresident een straatverbod kregen opgelegd. Zie voor deze uitspraak met noot van Reiner de Winter NJCM-Bulletin 1991, pag Helaas gaat De Winter in zijn (ten aanzien van de president) kritische noot volledig voorbij aan het psychisch terroristische karakter van 'meningsuitingen' in de vorm van het tonen van plastic foetussen aan vrouwen bij de ingang van een abortuskliniek (zie pag. 133/134). 72. Vergelijk art. 1:284 BW. Volgens Kalkman-Bogerd (t.a.p., noot 12, pag. 508/509) behartigt de curator ventris, na het overlijden van de echtgenoot, alleen de vermogensrechtelijke belangen van de vrucht. Ch. Petit stelt, aldus Schoonenberg (a.w., noot 13, pag. 32/33), dat de curator ventris 'dient te waken tegen afdrijving van de vrucht.' Wat daarvan zij, ik heb hier uiteraard een geheel andersoortig instituut op het oog en spreek daarom in het vervolg van 'vruchtvoogdes.' (Zou de zwangere vrouw een mannelijke curator verkiezen, dan ware 'buikbaas' wellicht een adequatere vertaling.) 73. Iets soortgelijks wordt bepleit door B. Sluyters, t.a.p., noot 15, pag Kritiek hierop kwam van J. Klomp ('Lichamelijke integriteit van zwangere vrouwen,' Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 1991, pag. 157), die zich aansluit bij Kalkman-Bogerd (zie noot 12) en bovendien - terecht - de prognostische deskundigheid van artsen relativeert. Vergelijk voorts Carol Smart, Feminism and the power of law, London/New York 1989, Chapter 5, 'Law, power, and women's bodies,' pag , die als volgt (op pag. 102) de 'foetal rights movement' ontmaskert: 'The foetal rights movement is not designed to remove the problems of poverty, ill health, or addiction, it is part of an attempt to regulate the bodies of pregnant women. lts focus on individual activities rather than, 22 NEMESIS

16 for example, wide scale pollution by powerful industries, or the lack of adequate benefits to poor mothers, reveals that it is a mechanism of regulation and not a solution to the problem of disability.' 74. Te vorderen door de Raad voor de Kinderbescherming, de gezinsvoogd(es) of derden die zich het belang van het kind aantrekken, ex 1401 BW zolang er op dit punt geen wettelijke regeling is. Vergelijk de scriptie van Gerda A. Docter-Kleijkamp, De dader het huis uit? Civiel- en strafrechtelijke reakties na melding van seksueel misbruik van kinderen binnen het gezin, Utrecht, april Zie haar reactie in Maandblad Geestelijke volksgezondheid 1991, pag , op pag. 541 l.k. 76. Voor het laatste nieuws van dit (naderend) front zie Liesbeth Schouten, 'Vrouwenbesnijdenis ook in Nederland?' Onze Wereld maart 1991, pag NRC-Handelsblad van 9 maart 1991 bericht (op pag. 5) dat in Frankrijk ouders wegens de besnijdenis van hun dochter tot drie jaar gevangenisstraf, waarvan twee voorwaardelijk, zijn veroordeeld. De vrouw die de 'operaties' uitvoerde, kreeg vijf jaar. Volgens een bericht in De Volkskrant van 14 maart 1991 (op pag. 6) wil het Centrum Gezondheidszorg Vluchtelingen een onderzoek beginnen naar besnijdenispraktijken bij Somalische vrouwen in Nederland. Overigens heeft Nederland door het Kinderverdrag te ondertekenen zich al in principe gecommitteerd deze 'traditional practices' (zie art. 24, lid 3) te bestrijden. Na ratificatie is het verplicht daartoe alles in het werk te stellen (vergelijk noot 26). Voor literatuur over dit onderwerp zie onder meer: F.J.H. Wong Lun Hing, 'Clitoridectomie,' Sextant juli/augustus 1969 (!), pag ; Diana E.H. Russell, Nicole van de Ven, Misdaden tegen de vrouw; Tribunaal Brussel 1976, Amsterdam 1977, pag ('Kastratie van vrouwen: clitoridectomie, excisie en inf[i]bulatie'); Nawal El Saadawi, De gesluierde Eva; Vrouwen in de Arabische wereld, ed. Leuven 1981, pag ; Debbie Taylor, 'Vrouwen: een analyse,' in: Vrouwen - wereldwijd, Amsterdam 1985, pag , op pag. 71/72; Angela Davis, 'Seks - Egypte,' a.w., pag , op pag. 370/371; Kay Boulware-Miller, 'Vrouwenbesnijdenis,' Nemesis 1988, pag ; Alison T. Slack, 'Female circumcision: a critical appraisal,' Human Rights Quarterly 1988, pag ; Roei Burgier, 'Arts-feministe Nahit Toubia waarschuwt hulpverleners: 'Vrouwenbesnijdenis als losstaande kwestie, ik ben het zat',' Overzicht oktober 1989, pag. 5-9; Henri van Nispen, 'De moeizame strijd tegen een traditioneel taboe,' en Liesbeth Schouten, 'Taaie tradities: 'Wij willen niet zijn als geiten',' Onze Wereld februari 1990, pag ; M. Reyners, 'Alleen positieverbetering van vrouwen kan excessen van besnijdenis tegengaan,' Internationale samenwerking maart 1990, pag Overigens lijkt mij het woord circumcision (besnijdenis) voor deze verminking volstrekt misplaatst. Terecht spreken Russell/Van de Ven van 'de vernietiging van onze seksualiteit.' Wong Lun Hing merkt op: 'Door het uitsnijden van de clitoris uit het vrouwenlichaam worden de vrouwen gevaarloos voor de mannen.' Voor de achterliggende mannelijke 'castratieangst,' vergelijk F. Sierksma, a.w., noot 55, pag (de angst voor de vagina dentata [penis captivatus: pag. 184] en de 'verslindende Moeder'), pag. 89 (castratieangst en onzekerheid met betrekking tot de eigen geslachtelijkheid), pag. 211/212 (womb-envy [baarmoedernijd]). Alice Miller merkt op (Zelfkennis in ballingschap, Houten 1989, pag , op pag. 118): 'Er leven momenteel vierenzeventig miljoen vrouwen die als kind verminkt zijn aan de clitoris. De afschuwelijke motivering luidde onder meer dat de vrouw geen lust hoorde te voelen bij de geslachtsdaad.' Zij citeert uitvoerig D. Morris, die stelt (a.w., op pag. 120): 'Het gevolg hiervan is dat het seksuele genot voor deze vrouwen uiterst beperkt wordt, wat wel de verborgen bedoeling kan zijn. Een neveneffect is een groot aantal doden en ernstige ziekten door de onhygiënische omstandigheden waaronder de operatie plaatsvindt (...).' Vergelijk ook het bericht in NRC-Handelsblad van 7 augustus 1989, pag. 1 en 4, onder de kop: 'Veel meisjes in Egypte overleven besnijdenis niet; Besnijdenis eist 1300 levens.' Het bericht betreft een onderzoeksrapport waarin 'het moedwillige zwijgen' van de gezondheidsautoriteiten 'waar het vrouwelijke besnijdenis betreft,' aan de kaak wordt gesteld. Iets van de achterliggende 'androgynofobie' blijke uit het volgende citaat (t.a.p., pag. 4): 'De vrouwelijke ziel van de man zit in de voorhuid en de mannelijke ziel van de vrouw in de clitoris. Vandaar dat die weggesneden moeten worden zodat een man honderd procent man, een vrouw honderd procent vrouw kan zijn.' De pathologische christelijke vrouwenhaat blijke uit dit citaat (t.a.p.): 'De koptische paus S. liet een tijd geleden in een interview weten vrouwelijke besnijdenis nuttig te vinden omdat het bij vrouwen "deugdzaamheid en kuisheid teweegbrengt, twee bij uitstek christelijke plichten".' Aldus worden ook in het christendom misdaden tegen de vrouw gerechtvaardigd. 77. A. Ladan, 'Inleiding,' in: dez. (red.), Kind en gezin; Psychoanalytische visies, Meppel/Amsterdam 1990, pag. 7-9, op pag. 7 en Laurence H. Tribe, Abortion: the clash ofabsolutes, New York/London 1990, pag. 236/ Vergelijk J.E. Doek, 'Een andere tussenbalans,' redactioneel ('editorial') FJR 1991, pag. 97.

Het conceptwetsvoorstel lesbisch ouderschap onder de loep

Het conceptwetsvoorstel lesbisch ouderschap onder de loep Het conceptwetsvoorstel lesbisch ouderschap onder de loep Machteld Vonk Inleiding Eindelijk is het zover: de regering is gekomen met een conceptwetsvoorstel om het ouderschap van lesbische paren te regelen.

Nadere informatie

Families onder druk. Huiselijk geweld binnen Marokkaanse en Turkse gezinnen. Drs. Ibrahim Yerden. Probleemstelling

Families onder druk. Huiselijk geweld binnen Marokkaanse en Turkse gezinnen. Drs. Ibrahim Yerden. Probleemstelling Families onder druk Huiselijk geweld binnen Marokkaanse en Turkse gezinnen Drs. Ibrahim Yerden Probleemstelling Hoe gaan Marokkaanse en Turkse gezinsleden, zowel slachtoffers als plegers om met huiselijk

Nadere informatie

Minderjarigheid in het recht

Minderjarigheid in het recht Minderjarigheid in het recht Minderjarigen zijn personen onder de 18 jaar, tenzij voor hun 18e levensjaar huwelijk, geregistreerd partnerschap (GP) of meerderjarigverklaring van moeder van 16/17 jr Twee

Nadere informatie

Welkom. Pedagogische verwaarlozing anno 2013. Het Kind Eerst (juni 2013) www.hetkindeerst.nl

Welkom. Pedagogische verwaarlozing anno 2013. Het Kind Eerst (juni 2013) www.hetkindeerst.nl Welkom Pedagogische verwaarlozing anno 2013 Bron: Haren de Krant d.d. 22 april 2010 1 2 Het Kind Eerst (juni 2013) www.hetkindeerst.nl Vraagstelling n.a.v. twitterbericht d.d. 12-06-2013 van Chris Klomp

Nadere informatie

De rechten van het kind als moreel, juridisch en politiek kompas voor de verhouding tussen kinderen, ouders en overheid

De rechten van het kind als moreel, juridisch en politiek kompas voor de verhouding tussen kinderen, ouders en overheid De rechten van het kind als moreel, juridisch en politiek kompas voor de verhouding tussen kinderen, ouders en overheid Jan Willems Maastricht 31 mei 2005 Het voor alle kinderen in de wereld na te streven

Nadere informatie

18-04- 2010. Wat moeten adop1eouders meer hebben dan goed genoeg ouderschap? Een aantal belangrijke factoren voor goed verlopende adoptie

18-04- 2010. Wat moeten adop1eouders meer hebben dan goed genoeg ouderschap? Een aantal belangrijke factoren voor goed verlopende adoptie Wat moeten adop1eouders meer hebben dan goed genoeg ouderschap? Gera ter Meulen adoc@fsw.leidenuniv.nl Een aantal belangrijke factoren voor goed verlopende adoptie Een goede voorbereiding van adoptieouders

Nadere informatie

Handboek gezondheidsrecht

Handboek gezondheidsrecht Handboek gezondheidsrecht Deell Rechten van mensen in de gezondheidszorg Vijfde.geheel herziene druk Prof. dr. H.J.J. Leenen t Prof. mr.j.k.m.gevers Prof. mr. J. Legemaate Bohn Stafleu van Loghum Houten

Nadere informatie

Richtlijn JGZ-richtlijn Kindermishandeling

Richtlijn JGZ-richtlijn Kindermishandeling Richtlijn JGZ-richtlijn Kindermishandeling 2. Gevolgen van kindermishandeling voor kind en omgeving De emotionele, lichamelijke en intellectuele ontwikkeling van een kind berust op genetische mogelijkheden

Nadere informatie

RESULTATEN VRAGENLIJST ROZE OUDERSCHAP

RESULTATEN VRAGENLIJST ROZE OUDERSCHAP RESULTATEN VRAGENLIJST ROZE OUDERSCHAP Deze vragenlijst is opgesteld en uitgezet door Stichting Meer dan Gewenst in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam t.b.v. de Europese Verkiezingen op 22

Nadere informatie

Dierenmishandeling in gezinnen

Dierenmishandeling in gezinnen Dierenmishandeling in gezinnen Prof.dr. Marie-Jose Enders-Slegers, Leerstoel Antrozoologie, Faculteit Psychologie Stichting Cirkel van Geweld, Werkgroep Dierenpleegzorg marie-jose.enders@ou.nl Link - letter

Nadere informatie

Kindspoor Fier Fryslân

Kindspoor Fier Fryslân Kindspoor Fier Fryslân Het kind centraal stellen Denken vanuit het perspectief van het kind Fier Fryslân is een expertise- en behandelcentrum op het terrein van geweld in afhankelijkheids- relaties 1 Wij

Nadere informatie

Rapport (verkort) Naar aanleiding van de feitelijke uithuisplaatsing van een zesjarige jongen.

Rapport (verkort) Naar aanleiding van de feitelijke uithuisplaatsing van een zesjarige jongen. Rapport (verkort) Naar aanleiding van de feitelijke uithuisplaatsing van een zesjarige jongen. Oordeel De Kinderombudsman is van mening dat Bureau Jeugdzorg Noord-Brabant vestiging Oss en de politie Oost-Brabant

Nadere informatie

Literatuur 145. Het Nederlands Jeugdinstituut: kennis over jeugd en opvoeding 173

Literatuur 145. Het Nederlands Jeugdinstituut: kennis over jeugd en opvoeding 173 Inhoud Inleiding 7 Deel 1: Theorie 1. Kindermishandeling in het kort 13 1.1 Inleiding 13 1.2 Aard en omvang 13 1.3 Het ontstaan van mishandeling en verwaarlozing 18 1.4 Gevolgen van kindermishandeling

Nadere informatie

HUMAN RIGHTS. Alternative Approaches?

HUMAN RIGHTS. Alternative Approaches? HUMAN RIGHTS Alternative Approaches? Utrecht, 3 april 2008 Peter van Krieken Toegang tot het loket Artseneed - artsenleed Samenleving v. individu 1ste generatie v. 2e generatie rechten China EVRM General

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 31 015 Kindermishandeling Nr. 82 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den

Nadere informatie

Verdrag over de rechten van het kind

Verdrag over de rechten van het kind Verdrag over de rechten van het kind Een verdrag is een afspraak tussen landen. Op 20 november 1989 is in New York het Verdrag over de Rechten van het Kind gesloten. Dit Verdrag is een afspraak tussen

Nadere informatie

Adoptie van kinderen door paren van gelijk geslacht

Adoptie van kinderen door paren van gelijk geslacht Advies Adoptie van kinderen door paren van gelijk geslacht Commissie Justitie, Kamer van Volksvertegenwoordigers Wetsvoorstel tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek teneinde adoptie door koppels van

Nadere informatie

Informatie voor gezinnen over Jeugdbescherming

Informatie voor gezinnen over Jeugdbescherming Informatie voor gezinnen over Jeugdbescherming Wat is Jeugdbescherming? Jeugdbescherming heette vroeger Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam. Wij dragen bij aan de bescherming van kinderen en daardoor

Nadere informatie

Drang en dwang in de zorg aan verslaafde zwangere vrouwen in het belang van het toekomstige kind. Een ethische handreiking

Drang en dwang in de zorg aan verslaafde zwangere vrouwen in het belang van het toekomstige kind. Een ethische handreiking Drang en dwang in de zorg aan verslaafde zwangere vrouwen in het belang van het toekomstige kind Een ethische handreiking J.Boonekamp W. Dondorp R. Berghmans G. de Wert Universiteit Maastricht/CAPHRI Juni

Nadere informatie

VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND (IRVK)

VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND (IRVK) VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND (IRVK) Artikel 3 IRVK 1. Bij alle maatregelen betreffende kinderen, ongeacht of deze worden genomen door openbare of particuliere instellingen voor maatschappelijk

Nadere informatie

Gedwongen anticonceptie bij verstandelijk beperkten

Gedwongen anticonceptie bij verstandelijk beperkten Gedwongen anticonceptie bij verstandelijk beperkten Is een regeling betreffende gedwongen anticonceptie in strijd met artikel 8 en artikel 12 EVRM of kan het belang van het ongeboren kind een inbreuk op

Nadere informatie

Samenvatting. De foetus als patiënt?

Samenvatting. De foetus als patiënt? Samenvatting Sinds de Gezondheidsraad in 1990 advies uitbracht over invasieve diagnostiek en behandeling van de foetus hebben zich op dit terrein belangrijke ontwikkelingen voorgedaan, vooral door het

Nadere informatie

UNIVERSELE VERKLARING van de RECHTEN van de MENS: De 30 artikelen:

UNIVERSELE VERKLARING van de RECHTEN van de MENS: De 30 artikelen: UNIVERSELE VERKLARING van de RECHTEN van de MENS: De 30 artikelen: Artikel 1 Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten, en behoren

Nadere informatie

Directe Hulp bij Huiselijk. U staat er niet alleen voor!

Directe Hulp bij Huiselijk. U staat er niet alleen voor! Directe Hulp bij Huiselijk Geweld U staat er niet alleen voor! U krijgt hulp Wat nu? U bent in contact geweest met de politie of u heeft zelf om hulp gevraagd. Daarom krijgt u nu Directe Hulp bij Huiselijk

Nadere informatie

12/4/2014. Het belang van een eigen keuze: óók voor (toekomstige) ouders met een verstandelijke beperking

12/4/2014. Het belang van een eigen keuze: óók voor (toekomstige) ouders met een verstandelijke beperking pagina 1 4 december 2014 pagina 2 Het belang van een eigen keuze: óók voor (toekomstige) ouders met een verstandelijke beperking Drs. M. (Marja) W. Hodes ASVZ Capelle a/d IJssel VU Amsterdam Oktober 2014

Nadere informatie

Ouder van mijn ouders Van helpen en ondersteunen tot gedwongen hulp en gezagsbeëindiging. Nijkerk, Opstandingskerk. 25 mei 2016

Ouder van mijn ouders Van helpen en ondersteunen tot gedwongen hulp en gezagsbeëindiging. Nijkerk, Opstandingskerk. 25 mei 2016 Ouder van mijn ouders Van helpen en ondersteunen tot gedwongen hulp en gezagsbeëindiging Nijkerk, Opstandingskerk 25 mei 2016 Prof.mr. Paul Vlaardingerbroek Cijfers Jaarlijks worden ca. 119.000 kinderen

Nadere informatie

INTERNATIONAAL VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND. Artikel 1 Definitie van het kind Ieder mens jonger dan achttien jaar is een kind.

INTERNATIONAAL VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND. Artikel 1 Definitie van het kind Ieder mens jonger dan achttien jaar is een kind. INTERNATIONAAL VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND Artikel 1 Definitie van het kind Ieder mens jonger dan achttien jaar is een kind. Artikel 2 Non-discriminatie Alle rechten gelden voor alle kinderen,

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord 11 Voorwoord bij de Nederlandse editie 15 Voorwoord van de vertalers 17

Inhoud. Voorwoord 11 Voorwoord bij de Nederlandse editie 15 Voorwoord van de vertalers 17 Inhoud Voorwoord 11 Voorwoord bij de Nederlandse editie 15 Voorwoord van de vertalers 17 1 Vroegkinderlijk trauma en het 'opstellen van het verlangen' (Franz Ruppert) 19 1.1 Meergenerationele psychotraumatologie

Nadere informatie

S e v e n P h o t o s f o r O A S E. K r i j n d e K o n i n g

S e v e n P h o t o s f o r O A S E. K r i j n d e K o n i n g S e v e n P h o t o s f o r O A S E K r i j n d e K o n i n g Even with the most fundamental of truths, we can have big questions. And especially truths that at first sight are concrete, tangible and proven

Nadere informatie

De wens een goede moeder te zijn

De wens een goede moeder te zijn De wens een goede moeder te zijn welke impact hebben de ethische bedenkingen van vrouwen op hun keuzes voor prenatale testen? Dr. E. Garcia 12-12-2013 In search of good motherhood How prenatal screening

Nadere informatie

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling HZ. Gelet op het Besluit verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling;

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling HZ. Gelet op het Besluit verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling; Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling HZ Het college van bestuur van de Stichting HZ University of Applied Sciences; Gelet op het Besluit verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling;

Nadere informatie

Gehoord de gerechten adviseert de Raad u als volgt. 1

Gehoord de gerechten adviseert de Raad u als volgt. 1 De Minister van Justitie Postbus 20301 2500 EH DEN HAAG Afdeling Ontwikkeling bezoekadres Kneuterdijk 1 2514 EM Den Haag Correspondentieadres Postbus 90613 2509 LP Den Haag datum 2 maart 2010 doorkiesnummer

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP DEN HAAG Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Geweld tegen vrouwen vanuit internationaal perspectief. Ineke Boerefijn College voor de Rechten van de Mens

Geweld tegen vrouwen vanuit internationaal perspectief. Ineke Boerefijn College voor de Rechten van de Mens Geweld tegen vrouwen vanuit internationaal perspectief Ineke Boerefijn College voor de Rechten van de Mens Belangrijkste ontwikkelingen sinds1993: Mensenrechten breed VN Comités Algemene aanbevelingen

Nadere informatie

Stelselwijziging & Jeugdzorg

Stelselwijziging & Jeugdzorg Stelselwijziging & Jeugdzorg Summersymposium 9 juni 2016 Henrique Sachse Arts M&G, jeugdarts, vertrouwensarts 1 Disclosure belangen spreker (potentiële) belangenverstrengeling Geen Voor bijeenkomst mogelijk

Nadere informatie

Br. dr. René Stockman, Broeder van Liefde

Br. dr. René Stockman, Broeder van Liefde Inleiding 3 april 1990 is voor mij een historische datum, want toen werd in België de legalisering van abortus goedgekeurd. Koning Boudewijn trad voor 1 dag af omdat hij vanuit zijn geweten deze wet niet

Nadere informatie

Kindermishandeling: samen zorgen voor veiligheid en herstel

Kindermishandeling: samen zorgen voor veiligheid en herstel Kindermishandeling: samen zorgen voor veiligheid en herstel Kristof Desair Vertrouwenscentrum Kindermishandeling Vlaams-Brabant Kindermishandeling Waarom doen we iets aan kindermishandeling? Wanneer moeten

Nadere informatie

Gerechtelijke Jeugdbijstand in hoogdringende gevallen. Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gelijke Kansen.

Gerechtelijke Jeugdbijstand in hoogdringende gevallen. Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gelijke Kansen. Advies Gerechtelijke Jeugdbijstand in hoogdringende gevallen Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gelijke Kansen. Voorstel van decreet houdende wijziging van de decreten inzake bijzondere jeugdbijstand,

Nadere informatie

PROTOCOL. School en echtscheiding 2013-2017

PROTOCOL. School en echtscheiding 2013-2017 PROTOCOL School en echtscheiding 2013-2017 De Malelande Juttepeergaarde 2 3824 BE Amerfoort 033-4564410 malelande@kpoa.nl Inleiding Dit protocol is geschreven om ouders en leerkrachten een handreiking

Nadere informatie

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Inhoudsopgave Overeenkomst meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling 2 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling 3 Toelichting meldcode huiselijk

Nadere informatie

Tijd rijp voor verplichte scheidingsbemiddeling

Tijd rijp voor verplichte scheidingsbemiddeling Tijd rijp voor verplichte scheidingsbemiddeling Nieuwsbrief NGR 14.03.03 De Nederlandse Gezinsraad (NGR) constateert dat er een breed maatschappelijk draagvlak is voor verplichte scheidingsbemiddeling.

Nadere informatie

Wat te doen bij kindermishandeling en/of huiselijk geweld

Wat te doen bij kindermishandeling en/of huiselijk geweld Wat te doen bij kindermishandeling en/of huiselijk geweld Als er binnen Stad & Esch een vermoeden bestaat van kindermishandeling en/of huiselijk geweld, dan zal Stad & Esch handelen in de volgende stappen:

Nadere informatie

Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie

Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie De Kinderombudsman Position paper kleinkinderen en omgang na scheiding 1 april 2015 Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie Inleiding De Kinderombudsman is door

Nadere informatie

Sociale omgeving. 1. Kindermishandeling

Sociale omgeving. 1. Kindermishandeling 1. Kindermishandeling Kindermishandeling is 'elke vorm van voor een minderjarige bedreigende of gewelddadige interactie van fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen ten opzichte

Nadere informatie

Protocol Ongewenste Omgangsvormen. Van. De Banketgroep. en haar dochtervennootschappen

Protocol Ongewenste Omgangsvormen. Van. De Banketgroep. en haar dochtervennootschappen Protocol Ongewenste Omgangsvormen Van De Banketgroep en haar dochtervennootschappen van toepassing vanaf 1 december 2013 Inleiding De Banketgroep wil ongewenste omgangsvormen zoals seksuele intimidatie,

Nadere informatie

De betekenis van publieke belangen voor het personen- en familierecht: de erkenning van polygame huwelijken. Katharina Boele-Woelki

De betekenis van publieke belangen voor het personen- en familierecht: de erkenning van polygame huwelijken. Katharina Boele-Woelki De betekenis van publieke belangen voor het personen- en familierecht: de erkenning van polygame huwelijken Katharina Boele-Woelki De Irakese tolk Terugtrekking van Deense troepen uit Irak Irakese tolk

Nadere informatie

Overzicht van roze ouderschapsvormen Gezag en juridisch ouderschap

Overzicht van roze ouderschapsvormen Gezag en juridisch ouderschap Versie 1.4, 20 juni 2015 Overzicht van roze ouderschapsvormen ezag en juridisch ouderschap uni 2015 Dit werk valt onder een Crea>ve Commons Naamsvermelding- NietCommercieel- elijkdelen 4.0 Interna>onaal-

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 7. Deel 1

Inhoud. Inleiding 7. Deel 1 Inhoud Inleiding 7 Deel 1 1 Niet-functionerende ouders 15 2 Het ongewenste kind 21 3 Dominante ouders 27 4 Parentificatie 35 5 Symbiotische ouders 41 6 Emotionele mishandeling 49 7 Lichamelijke mishandeling

Nadere informatie

2010D02442. Lijst van vragen totaal

2010D02442. Lijst van vragen totaal 2010D02442 Lijst van vragen totaal 1 In hoeverre heeft de staatssecretaris jongerenorganisaties betrokken bij de totstandkoming en uitvoering van haar beleid? 2 Welke verband ligt er tussen de brief over

Nadere informatie

Hoofdstuk 1. namelijk afschuwelijke dingen! Daders zijn soms zo creatief en geslepen, daar kunnen we ons maar amper een voorstelling bij maken.

Hoofdstuk 1. namelijk afschuwelijke dingen! Daders zijn soms zo creatief en geslepen, daar kunnen we ons maar amper een voorstelling bij maken. Hoofdstuk 1 Het beestje bij de naam Wat gebeurt er precies? In dit hoofdstuk wil ik graag stilstaan bij geweld en misbruik en wat het precies is. We hebben hier allemaal onze eigen ideeën over. Schelden,

Nadere informatie

Rechtbank Maastricht Sector Bestuursrecht Postbus 1988 6201 BZ Maastricht PER TELEFAX: (043) 343 76 21

Rechtbank Maastricht Sector Bestuursrecht Postbus 1988 6201 BZ Maastricht PER TELEFAX: (043) 343 76 21 Rechtbank Maastricht Sector Bestuursrecht Postbus 1988 6201 BZ Maastricht PER TELEFAX: (043) 343 76 21 Tilburg, 9 maart 2011 Ons kenmerk: T90/Eversteijn Uw kenmerk: Betreft:Dhr. J.P. Eversteijn BEROEPSCHRIFT

Nadere informatie

Samen eenzaam. Frida den Hollander

Samen eenzaam. Frida den Hollander Samen eenzaam Samen eenzaam Frida den Hollander Tweede editie Schrijver: Frida den Hollander Coverontwerp: Koos den Hollander Correctie: Koos den Hollander ISBN:9789402122442 Inhoud Inleiding 1 Ik ben

Nadere informatie

Gew. bij S.B. 1983 no. 104.

Gew. bij S.B. 1983 no. 104. WET van 24 november 1975, tot regeling van het Surinamerschap en het Ingezetenschap (S.B.1975 no.4), gelijk zij luidt na de daarin aangebrachte wijzigingen bij S.B. 1983 no. 104, S.B. 1984 no. 55, S.B.

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1998 1999 26 673 Wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek (adoptie door personen van hetzelfde geslacht) B ADVIES RAAD VAN STATE EN NADER RAPPORT

Nadere informatie

EU keurt nieuw Programma veiliger internet goed: 55 miljoen euro om het internet veiliger te maken voor kinderen

EU keurt nieuw Programma veiliger internet goed: 55 miljoen euro om het internet veiliger te maken voor kinderen IP/8/899 Brussel, 9 december 8 EU keurt nieuw Programma veiliger internet goed: miljoen euro om het internet veiliger te maken voor kinderen Vanaf januari 9 zal de EU een nieuw programma voor een veiliger

Nadere informatie

Alleen als uw kind zich veilig voelt, kan het worden wie het is

Alleen als uw kind zich veilig voelt, kan het worden wie het is Beste ouders en verzorgers. Voor de vakantie zijn we begonnen met een aanpak om het op en rond onze school voor kinderen nog veiliger te maken. Nu, na de vakantie, pakken we de draad met veel élan weer

Nadere informatie

Young boys behind bars. An ethnographic study of violence and care in South Africa H. Sauls

Young boys behind bars. An ethnographic study of violence and care in South Africa H. Sauls Young boys behind bars. An ethnographic study of violence and care in South Africa H. Sauls Samenvatting Dit proefschrift is het resultaat van een etnografische studie van jonge jongens in Zuid Afrika

Nadere informatie

Uitgebreide omschrijving van het programma 09.30-10.00 uur: Binnenkomst, koffie en thee.

Uitgebreide omschrijving van het programma 09.30-10.00 uur: Binnenkomst, koffie en thee. Uitgebreide omschrijving van het programma 09.30-10.00 uur: Binnenkomst, koffie en thee. 10.00-10.15 uur: Welkom en inleiding. 10.15-11.15 uur: Een ander geluid als het gaat om gezin en relatie 1. Wat

Nadere informatie

Actuarieel Risicotaxatie Instrument voor Jeugdbescherming (ARIJ) Mirte Forrer, gedragsdeskundige Stefanie Meijs, senior gezinsmanager

Actuarieel Risicotaxatie Instrument voor Jeugdbescherming (ARIJ) Mirte Forrer, gedragsdeskundige Stefanie Meijs, senior gezinsmanager Actuarieel Risicotaxatie Instrument voor Jeugdbescherming (ARIJ) Mirte Forrer, gedragsdeskundige Stefanie Meijs, senior gezinsmanager Jeugdbescherming Ieder kind veilig Intensief Systeemgericht Casemanagement

Nadere informatie

Advies. Discreet bevallen. datum 16-02-2009. volgnr. 2008-2009/02

Advies. Discreet bevallen. datum 16-02-2009. volgnr. 2008-2009/02 datum volgnr. 16-02-2009 2008-2009/02 Advies Discreet bevallen Wetsvoorstel betreffende de discrete bevalling, Parl.St. Senaat 2008-2009, nr. 4-1138/1. Kinderrechtencommissariaat Leuvenseweg 86 1000 Brussel

Nadere informatie

Advies over juridische consequenties verlenging/overschrijding vastgelegde normtijden voor opkomst van de brandweer

Advies over juridische consequenties verlenging/overschrijding vastgelegde normtijden voor opkomst van de brandweer Advies over juridische consequenties verlenging/overschrijding vastgelegde normtijden voor opkomst van de brandweer 14 februari 2011 A.M. Hol, Universiteit Utrecht 1 Vraagstelling: Heeft overschrijding

Nadere informatie

Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid. Ontwerpaanbeveling voor de tweede lezing Astrid Lulling (PE439.879v01-00)

Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid. Ontwerpaanbeveling voor de tweede lezing Astrid Lulling (PE439.879v01-00) EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid 2008/0192(COD) 12.4.2010 AMENDEMENTEN 15-34 Ontwerpaanbeveling voor de tweede lezing Astrid Lulling (PE439.879v01-00) Beginsel

Nadere informatie

Understanding and being understood begins with speaking Dutch

Understanding and being understood begins with speaking Dutch Understanding and being understood begins with speaking Dutch Begrijpen en begrepen worden begint met het spreken van de Nederlandse taal The Dutch language links us all Wat leest u in deze folder? 1.

Nadere informatie

Het recht van de ouders vindt zijn begrenzing in het welzijn van de kinderen

Het recht van de ouders vindt zijn begrenzing in het welzijn van de kinderen Het recht van de ouders vindt zijn begrenzing in het welzijn van de kinderen door J. J. L. ten Brink Inleiding 'toen kwam opeens die vrouw... die wou mij hebben... die sloeg mama in haar gezicht... die

Nadere informatie

Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN

Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN UITGAVE VAN UNICEF NEDERLAND Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN 2 Kinderrechtenverdrag voor kinderen en jongeren Waarom? Alle kinderen in de hele

Nadere informatie

1 Triage aan de voordeur op basis van de binnengekomen melding

1 Triage aan de voordeur op basis van de binnengekomen melding TRIAGE-INSTRUMENT VEILIG THUIS 0.6 - WERKDOCUMENT (voor de instructie zie de handleiding van het triage-instrument) 1 Triage aan de voordeur op basis van de binnengekomen melding Beschrijf de zorg die

Nadere informatie

Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN

Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN UITGAVE VAN UNICEF NEDERLAND Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN 2 Waarom? Alle kinderen in de hele wereld hebben rechten. Jij dus ook. Omdat jij

Nadere informatie

Dit seminar zal ons, de vandaag hier aanwezige sectoren, leiden in het exploreren van de inmiddels wereldwijd bekende Eigen Kracht.

Dit seminar zal ons, de vandaag hier aanwezige sectoren, leiden in het exploreren van de inmiddels wereldwijd bekende Eigen Kracht. Speech ter gelegenheid van Seminar Eigen Kracht / Forsa Propio 3 september 2015 Integrale aanpak vanuit een heldere visie Dit seminar gaat over Eigen Kracht. Welke associaties roept Eigen Kracht eigenlijk

Nadere informatie

Gezinsinterventie Gezinsgesprekken voor gezinnen waarbij de ouder psychische problemen heeft

Gezinsinterventie Gezinsgesprekken voor gezinnen waarbij de ouder psychische problemen heeft Gezinsinterventie Gezinsgesprekken voor gezinnen waarbij de ouder psychische problemen heeft Inhoudsopgave Klik op het onderwerp om verder te lezen. Zorgen en vragen 1 Gezinsinterventie 2 Tien praktische

Nadere informatie

Logopedie en Kindermishandeling. Toelichting op de Meldcode en het Stappenplan

Logopedie en Kindermishandeling. Toelichting op de Meldcode en het Stappenplan Logopedie en Kindermishandeling Toelichting op de Meldcode en het Stappenplan Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie (NVLF) Juni 2009 Inleiding Omgaan met (vermoedens van) kindermishandeling

Nadere informatie

Instrument Risicotaxatie Seksueel grensoverschrijdend gedrag

Instrument Risicotaxatie Seksueel grensoverschrijdend gedrag Instrument Risicotaxatie Seksueel grensoverschrijdend gedrag Naam jeugdige: Geboortedatum: Sekse jeugdige: Man Vrouw Datum van invullen: Ingevuld door: Over dit instrument Dit instrument is een hulpmiddel

Nadere informatie

Onderlegger Licht Diagnostisch Instrument tbv bepaling van het gezinsprofiel. 1. Psychische en/of psychiatrische problemen van de ouder(s)

Onderlegger Licht Diagnostisch Instrument tbv bepaling van het gezinsprofiel. 1. Psychische en/of psychiatrische problemen van de ouder(s) A. Ouderfactoren: gegeven het feit dat de interventies van de gezinscoach en de nazorgwerker gericht zijn op gedragsverandering van de gezinsleden, is het zinvol om de factoren te herkennen die (mede)

Nadere informatie

No.W03.12.0197/II 's-gravenhage, 16 juli 2012

No.W03.12.0197/II 's-gravenhage, 16 juli 2012 ... No.W03.12.0197/II 's-gravenhage, 16 juli 2012 Bij Kabinetsmissive van 18 juni 2012, no.12.001344, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Veiligheid en Justitie, bij de Afdeling advisering

Nadere informatie

Medical ethics & genomics Current legal framework and FAQ. Eline Bunnik Genomic Resequencing in Medical Diagnostics 24 September 2015

Medical ethics & genomics Current legal framework and FAQ. Eline Bunnik Genomic Resequencing in Medical Diagnostics 24 September 2015 Medical ethics & genomics Current legal framework and FAQ Eline Bunnik Genomic Resequencing in Medical Diagnostics 24 September 2015 First of all: NGS is here NGS is becoming a standard diagnostic tool

Nadere informatie

HELLAS-GLANA beleidsnotitie klachten

HELLAS-GLANA beleidsnotitie klachten HELLAS-GLANA beleidsnotitie klachten 1. Inhoud 2. Inleiding 1. Inhoud 2. Inleiding 3. Intentie van het beleid op het gebied van klachten 4. Uitvoering beleid 5. Implementatie 6. Bijlage 1 Gemeenschappelijke

Nadere informatie

Aanpak kindermishandeling en huiselijk geweld

Aanpak kindermishandeling en huiselijk geweld Op de Aanpak kindermishandeling en huiselijk geweld in de huisartsenzorg De aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld is een complex thema. Omdat het gaat om een kwetsbare groep patiënten en ingewikkelde

Nadere informatie

Versie 1.0 19 april 2005. Cliëntroute Bureau Jeugdzorg Onderzoek Advies- en Meldpunt Kinderbescherming

Versie 1.0 19 april 2005. Cliëntroute Bureau Jeugdzorg Onderzoek Advies- en Meldpunt Kinderbescherming Versie 1.0 19 april 2005 Cliëntroute Bureau Jeugdzorg Onderzoek Advies- en Meldpunt Kinderbescherming Inleiding Vanaf 1 januari 2005 zijn de Advies- en Meldpunten Kindermishandeling (AMK) een onderdeel

Nadere informatie

Het normatieve, het subjectieve en het objectieve.

Het normatieve, het subjectieve en het objectieve. Wat is een ethisch dilemma? Het normatieve, het subjectieve en het objectieve. Wat is een ethisch dilemma? Dilemma s s, issue s s en problemen. Casus. Di Drie bedreigingen bd i van het moreel bewustzijn.

Nadere informatie

Samenvatting. Adviesvragen

Samenvatting. Adviesvragen Samenvatting Adviesvragen Een deel van de mensen die kampen met ernstige en langdurige psychiatrische problemen heeft geen contact met de hulpverlening. Bij hen is geregeld sprake van acute nood. Desondanks

Nadere informatie

CM01-025 Utrecht, 23 oktober 2001. Betreft: implementatie Richtlijn 2001/55 inzake tijdelijke bescherming van ontheemden

CM01-025 Utrecht, 23 oktober 2001. Betreft: implementatie Richtlijn 2001/55 inzake tijdelijke bescherming van ontheemden Permanente commissie Secretariaat van deskundigen in internationaal vreemdelingen-, telefoon 31 (30) 297 42 14/43 28 telefax 31 (30) 296 00 50 e-mail cie.meijers@forum.nl postbus 201, 3500 AE Utrecht/Nederland

Nadere informatie

Ministerie van Infrastructuur en Milieu t.a.v. de Minister mw. drs. Melanie Schultz van Haegen-Maas Geesteranus Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag

Ministerie van Infrastructuur en Milieu t.a.v. de Minister mw. drs. Melanie Schultz van Haegen-Maas Geesteranus Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Ministerie van Infrastructuur en Milieu t.a.v. de Minister mw. drs. Melanie Schultz van Haegen-Maas Geesteranus Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag DATUM BETREFT 3 december 2014 Ministeriele Regeling in strijd

Nadere informatie

Regeling Vertrouwenspersonen Leerlingen

Regeling Vertrouwenspersonen Leerlingen Regeling Vertrouwenspersonen Leerlingen Preambule Op grond van Arbo-wet en de CAO Voortgezet Onderwijs heeft de werkgever de plicht om beleid te voeren dat is gericht tegen seksuele intimidatie, pesten,

Nadere informatie

Beleid 'onvrijwillige zorg' Vrijheidsbeperking binnen Lang Verblijf. woonzorg en dagbesteding

Beleid 'onvrijwillige zorg' Vrijheidsbeperking binnen Lang Verblijf. woonzorg en dagbesteding Beleid 'onvrijwillige zorg' Vrijheidsbeperking binnen Lang Verblijf woonzorg en dagbesteding 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Wanneer wordt onvrijwillige zorg toegepast? 4 3. De wetgeving 5 3.1 Wet bijzondere

Nadere informatie

Datum Gemeentelijke opvang illegalen 1 juli 2014 Ons kenmerk 2014/0162/LK/LvdH/IS

Datum Gemeentelijke opvang illegalen 1 juli 2014 Ons kenmerk 2014/0162/LK/LvdH/IS Zijne Excellentie mr. F. Teeven Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie Postbus 20301 2500 EX DEN HAAG Onderwerp Datum Gemeentelijke opvang illegalen 1 juli 2014 Ons kenmerk 2014/0162/LK/LvdH/IS Zeer

Nadere informatie

prevalentie prevalentie kindermishandeling is een factor 10 hoger dan wat bij instanties wordt gemeld USA/Canada/UK (Lancet 2009)

prevalentie prevalentie kindermishandeling is een factor 10 hoger dan wat bij instanties wordt gemeld USA/Canada/UK (Lancet 2009) prevalentie prevalentie kindermishandeling is een factor 10 hoger dan wat bij instanties wordt gemeld USA/Canada/UK (Lancet 2009) 1 OudersOnline in beklaagden bank bij Consultatiebureau s 2 Meldcode of

Nadere informatie

China. Het Eénkindbeleid

China. Het Eénkindbeleid Het Eénkindbeleid Paragraaf 1 Eénkindbeleid In deze les gaan we een inleiding geven over het onderwerp éénkindbeleid in China. Hierbij behandelen we de algemene zaken. Wat is de geschiedenis, waarom hebben

Nadere informatie

: Gerard Spong : 4 juni 2014. Wijziging verzekeringswet

: Gerard Spong : 4 juni 2014. Wijziging verzekeringswet van datum woorden : Gerard Spong : 4 juni 2014 : 1345 Wijziging verzekeringswet 1. De minister van Volksgezondheid heeft het voornemen geuit art. 13 Zorgverzekeringswet te wijzigen. De wijziging komt er

Nadere informatie

Regeling Vertrouwenspersonen. Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs

Regeling Vertrouwenspersonen. Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs Regeling Vertrouwenspersonen Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs Preambule Steeds meer scholen gaan over tot het inschakelen van één of meerdere vertrouwenspersonen. Op grond van Arbo-wet en de CAO

Nadere informatie

Ouderenmis(be)handeling. Zwijgen biedt geen uitkomst

Ouderenmis(be)handeling. Zwijgen biedt geen uitkomst Ouderenmis(be)handeling Zwijgen biedt geen uitkomst Wat is ouderenmis(be)handeling? Definitie Onder mishandeling van een ouder persoon (iemand vanaf 55 jaar) verstaan we al het handelen of nalaten van

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Ong e pland. zwanger Onverwacht? Ongewenst? Wat nu?

Ong e pland. zwanger Onverwacht? Ongewenst? Wat nu? Ong e pland zwanger Onverwacht? Ongewenst? Wat nu? Alles over ongeplande zwangerschap Fara, luister- en informatiepunt rond zwangerschapskeuze tel. 016 38 69 50 www.faranet.be met Xtra voor jongeren LUNA

Nadere informatie

Ong e pland. zwanger Onverwacht? Ongewenst? Wat nu?

Ong e pland. zwanger Onverwacht? Ongewenst? Wat nu? Ong e pland zwanger Onverwacht? Ongewenst? Wat nu? Alles over ongeplande zwangerschap Fara, luister- en informatiepunt rond zwangerschapskeuze tel. 016 38 69 50 www.faranet.be met Xtra voor jongeren LUNA

Nadere informatie

Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities

Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities De Twaalf Tradities zijn voor de groep wat de stappen zijn voor het individu. De tradities helpen om het programma van herstel levend en succesvol

Nadere informatie

1. Hoe staat u in het algemeen tegenover de mogelijkheid voor een zwangere vrouw om abortus te laten plegen? U bent. Voorstander Tegenstander

1. Hoe staat u in het algemeen tegenover de mogelijkheid voor een zwangere vrouw om abortus te laten plegen? U bent. Voorstander Tegenstander Eerste uitwerking resultaten abortusonderzoek TNS-Nipo (02-03-2016) 1. Hoe staat u in het algemeen tegenover de mogelijkheid voor een zwangere vrouw om abortus te laten plegen? U bent 7 7 24 14 48 sterk

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den

Nadere informatie

Als opvoeden een probleem is

Als opvoeden een probleem is Als opvoeden een probleem is Inhoud 3 > Als opvoeden een probleem is 3 > De Raad voor de Kinderbescherming 5 > Maakt u zich zorgen over een kind? 6 > De rol van de Raad 10 > Maatregelen van Kinderbescherming

Nadere informatie

BEGINSELEN VAN EUROPEES FAMILIERECHT BETREFFENDE OUDERLIJKE VERANTWOORDELIJKHEID

BEGINSELEN VAN EUROPEES FAMILIERECHT BETREFFENDE OUDERLIJKE VERANTWOORDELIJKHEID BEGINSELEN VAN EUROPEES FAMILIERECHT BETREFFENDE OUDERLIJKE VERANTWOORDELIJKHEID PREAMBULE Erkennende dat ondanks de bestaande verschillen in de nationale familierechten er evenwel een toenemende convergentie

Nadere informatie

Scholen herdenken vermoorde leraar

Scholen herdenken vermoorde leraar ANALYSE MAATSCHAPPELIJK VRAAGSTUK: ZINLOOS GEWELD tekst 26 NOS-nieuws van 16 januari 2004: Scholen herdenken vermoorde leraar Scholen in het hele land hebben om 11.00 uur één minuut stilte in acht genomen

Nadere informatie

2011D04279 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL

2011D04279 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL 2011D04279 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL 1 De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) noemt het opvallend dat het aantal abortussen vanaf 20 weken is toegenomen en veronderstelt dat dit verband houdt met de

Nadere informatie