Het bankgeheim doorbroken?

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Het bankgeheim doorbroken?"

Transcriptie

1 Het bankgeheim doorbroken? Het bankgeheim staat momenteel wereldwijd onder druk. In hoeverre speelt deze discussie binnen de Europese Unie en wat zijn de verwachtingen ten aanzien van het bankgeheim? EFS Post-master Directe Belastingen 2009 Tilburg, 6 mei 2009 mr. drs. B. Pijnaker 1/29

2 Hoofdstukindeling Hoofdstuk 1 Inleiding... 3 Hoofdstuk 2 Jurisprudentie Hof van Justitie EG waarin artikel 8 van de Bijstandsrichtlijn (77/799/EEG) aan de orde komt... 5 Hoofdstuk 3 Richtlijn van de Raad betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de belastingen COM 2009(29) Hoofdstuk 4 Het OESO modelverdrag en de OECD Agreement on Exchange of Information on Tax Matters Hoofdstuk 5 Richtlijn 2003/48/EG van de Raad betreffende belastingheffing op inkomsten uit spaargelden in de vorm van rentebetaling (Spaarrenterichtlijn) Hoofdstuk 6 Conclusies /29

3 Hoofdstuk 1 Inleiding De laatste tijd staan de kranten vol met artikelen over het al dan niet opheffen van het bankgeheim. De Nederlandse Staatssecretaris van Financiën, de heer De Jager, speelt hier handig op in door te zeggen dat hij verwacht snel informatie te krijgen van de landen die nu een bankgeheim kennen 1 en door daarnaast de maximale boete voor Nederlanders met zwart geld in het buitenland te verhogen van 100% naar 300%. Hoewel de heer De Jager met zijn opmerkingen wat hard van stapel lijkt te lopen, jaagt hij zeker Nederlanders schrik aan die nu toch maar kiezen voor een vrijwillige verbetering van hun belastingaangiften. De interesse voor dit paper is enerzijds voortgekomen uit enkele ervaringen binnen de belastingadviespraktijk waarin ik werkzaam ben en anderzijds uit jurisprudentie voor het Hof van Justitie EG (hierna: "HvJ EG") waarin het bankgeheim in combinatie met de Bijstandsrichtlijn (77/799/EEG) regelmatig als rechtvaardigingsgrond naar voren komt. Nadat de Europese Commissie op 2 februari jl. met een voorstel voor een nieuwe Bijstandsrichtlijn kwam, ben ik verder gaan onderzoeken welke jurisprudentie, richtlijnen en andere wet- en regelgeving in dit kader relevant zijn. Hierbij kwam bijvoorbeeld de vraag op wat de gevolgen van de recente ontwikkelingen in het kader van het uitwisselen van gegevens zijn op de overgangsperiode van Luxemburg, België en Oostenrijk onder de Spaarrenterichtlijn. In hoofdstuk 5 zal hier nader op worden ingegaan. Hoewel de discussie over het bankgeheim reeds in 2008 meer aandacht heeft gekregen, met name nadat de Duitse belastingdienst gegevens van bankrekeningen bij de Liechtensteinse LGT bank heeft gekocht van een ex-werknemer, is de discussie door de economische crisis verder aangewakkerd. Met name onder druk van een door de OESO uit te brengen aangepaste lijst van "tax havens" hebben veel landen in maart 2009 bekend gemaakt dat zij bereid zijn op korte termijn meer gegevens te gaan uitwisselen. De nieuwe lijst was oorspronkelijk ingedeeld in drie groepen (of beter gezegd lijsten). De zogenoemde witte lijst, welke jurisdicties bevat die de internationale belastingstandaard substantieel hebben geïmplementeerd. Een grijze lijst voor landen die zich verplicht hebben om de internationale belastingstandaard in te voeren, maar dit nog niet substantieel hebben gedaan. Tenslotte de zwarte lijst met jurisdicties die zich nog nergens toe verplicht hebben 2. Mede in verband met de recente ontwikkelingen rondom het bankgeheim, luidt mijn probleemstelling als volgt: Leidt de nieuw voorgestelde Bijstandsrichtlijn tot het afschaffen van het bankgeheim in Europa? Of zijn er andere ontwikkelingen die hier mogelijk meer invloed op hebben? Hieronder zal ik beginnen met het bespreken van enkele arresten van het HvJ EG waarin de vraag aan de orde kwam of het niet uitwisselen van gegevens op grond van artikel 8 van de huidige Bijstandsrichtlijn een rechtvaardigingsgrond kan vormen voor het niet toekennen van een fiscaal voordeel. Uit deze arresten volgt enerzijds tegen welke problemen lidstaten oplopen en anderzijds welke lijn het HvJ aanhoudt ten aanzien van het beroep op de rechtvaardigingsgrond. 1 Zie bijvoorbeeld Het Financieel Dagblad, 'Ik wil alle informatie over Nederlandse vermogens', 11 maart Tax Notes International, Highligts, 13 april 2009, bladzijde 103 t/m 107, Tax Havens Play Nice With OECD For Now, by Charles Gnaedinger, Randall Jackson, Kirsten A. Parillo and David D. Stewart. 3/29

4 Vervolgens zal ik ingaan op de voorgestelde Bijstandrichtlijn, die met name gericht lijkt tegen het bankgeheim. Hierna kijk ik naar de relevante bepalingen ten aanzien van de informatie-uitwisseling in het OESO Modelverdrag en de OECD Agreement over informatie-uitwisseling om ten slotte te kijken naar de gegevensuitwisseling in de Spaarrenterichtlijn. Ik zal afsluiten met een analyse van de behandelde onderwerpen en een antwoord formuleren op bovenstaande probleemstelling. 4/29

5 Hoofdstuk 2 Jurisprudentie Hof van Justitie EG waarin artikel 8 van de Bijstandsrichtlijn (77/799/EEG) aan de orde komt 2.1 Algemeen In dit hoofdstuk behandel ik een vijftal uitspraken van het HvJ EG waarin het niet kunnen controleren van de gegevens uit een ander land (bijvoorbeeld door een bankgeheim) in een ander land (zowel andere lidstaten als derde landen) door een lidstaat werd aangevoerd als rechtvaardigingsgrond. Uit deze arresten volgt ook dat lidstaten moeilijkheden hebben met het vergaren van informatie, als de andere (lid)staat deze gegevens niet wil of kan verstrekken in verband met het nationale bankgeheim. 2.2 Commissie tegen België C-300/ Korte samenvatting casus Op 28 januari 1992 heeft HvJ EG arrest gewezen in de zaak Commissie tegen België. De procedure zag op de aftrekbaarheid van premies voor aanvullende verzekeringen tegen ouderdom en vroegtijdige dood. België kende het systeem dat deze premies slechts aftrekbaar waren indien zij betaald werden aan een in België gevestigde onderneming of aan een Belgische inrichting van een buitenlandse verzekeringsmaatschappij. De Commissie was van mening dat deze beperking van de aftrekbaarheid onder andere in strijd was met de artikelen 48 en 59 EEG-verdrag (oud: thans artikelen 39 en 49 EG-verdrag). Het HvJ EG besliste dat de Belgische bepalingen niet in strijd waren met de artikelen 48 en 59 EEG-verdrag Doeltreffendheid fiscale controles Het HvJ EG merkt in r.o. 11 op dat een lidstaat een beroep kan doen op de richtlijn 77/799/EEG (hierna: "de Bijstandsrichtlijn") om na te gaan of in een andere lidstaat betalingen zijn verricht waarmee voor de juiste vaststelling van de inkomstenbelasting rekening gehouden zou moeten worden. De Belgische regering (zie r.o. 12) is van mening dat er in sommige lidstaten geen rechtsgrondslag bestaat op grond waarvan verzekeringsmaatschappijen verplicht zouden zijn de gegevens te verstrekken die noodzakelijk zijn voor de controle van de op grond van de op het grondgebied van die staten verrichtte betalingen. Het HvJ merkt in r.o. 13 op dat op basis van artikel 8 lid 1 van de Bijstandsrichtlijn de fiscale autoriteiten van lidstaten niet tot samenwerking verplicht zijn als hun wetgeving of administratieve praktijk de bevoegde autoriteit niet toestaat voor eigen doeleinden een onderzoek in te stellen of inlichtingen in te winnen. Dit kan echter de niet-aftrekbaarheid niet rechtvaardigen, omdat niets de Belgische belastingdienst belet de bewijzen aan de belanghebbende te vragen. Mocht belanghebbende de gegevens niet overleggen, dan kan de aftrek alsnog geweigerd worden Toepassing op bankgeheim Uit dit arrest volgt dat het een belanghebbende niet kan worden tegengeworpen dat een bepaalde lidstaat in haar nationale wetgeving geen regeling kent om informatie uit te wisselen. Van belang is echter dat het hier ging om een door belanghebbende geclaimd fiscaal voordeel, waardoor het ook logisch lijkt dat belanghebbende de bewijsstukken dient te overleggen. 5/29

6 De onderhavige situatie verschilt met die van bijvoorbeeld het niet doorgeven van banktegoeden. Immers, als een belanghebbende zijn tegoeden verzwijgt, zal hij (ten onrechte) geen belasting betalen. In die gevallen is het dus de belastingdienst van een bepaalde lidstaat die op zoek is naar informatie. 2.3 Skandia C-422/ Korte samenvatting casus Op 23 juni 2003 heeft het HvJ EG arrest gewezen in de zaak Skatteverket tegen Skandia. Skandia is een Zweedse werkgever, welke voor haar Zweedse werknemers een aanvullende pensioenverzekering wenst af te sluiten bij een Deense, Duitse of Engelse levensverzekeringsmaatschappij. Op basis van de Zweedse wetgeving zou Skandia pas een aftrek van de pensioenpremies krijgen op het moment dat de pensioenen daadwerkelijk zouden worden uitgekeerd. De vraag is of het EG recht zich ertegen verzet dat de Zweedse regels ertoe leiden dat deze verzekering onder omstandigheden ongunstiger is dan een Zweedse verzekering. Het HvJ EG beslist dat artikel 49 zich ertegen verzet dat een verzekering die bij een in een andere lidstaat gevestigde verzekeraar wordt afgesloten die aan alle nationale vereisten voldoet, behalve dat zij in Zweden gevestigd is, uit fiscaal oogpunt naar gelang van de omstandigheden van het geval ongunstiger wordt behandeld Doeltreffendheid fiscale controles De Zweedse en Deense regering stellen zich op het standpunt dat (onder andere) de Bijstandsrichtlijn onvoldoende mogelijkheden biedt om informatie te krijgen. Daarnaast stelt de Deense regering (onder andere) dat op vrijwillige basis verstrekken van informatie geen oplossing biedt voor de latere belastingheffing. De gedachte achter deze stelling is dat het belang van belastingplichtigen om de nationale belastingdienst juist en volledig van informatie te voorzien over ontvangen betalingen van een andere orde is dan het verstrekken van informatie als om een aftrekpost wordt verzocht. Er lijkt wel iets te zeggen voor deze stelling, omdat belastingplichtigen over het algemeen iets harder zullen lopen voor een aftrekpost dan wanneer er betaald moet worden. Het HvJ EG is in r.o. 41 echter zeer duidelijk: "Dit standpunt kan niet worden aanvaard." Verder wordt in r.o. 44 nog opgemerkt dat er middelen denkbaar zijn die de doeltreffendheid van de controle op de heffing van belasting minder beperken Toepassing op bankgeheim Deze procedure handelde niet over het verkrijgen van gegevens uit een land met een bankgeheim. Wel maakt het HvJ EG duidelijk dat de Bijstandsrichtlijn ook toegepast dient te worden op de "inkomstenkant" en niet alleen ziet op het niet toekennen van een fiscaal voordeel. 2.4 Commissie tegen Frankrijk C-334/ Korte samenvatting casus Het HvJ EG heeft op 4 maart 2004 arrest gewezen in de zaak Commissie tegen Frankrijk. Frankrijk kende een bevrijdende roerende voorheffing voor bepaalde rente- en beleggingsinkomsten welke in het algemeen lager was dan het anders in de inkomstenbelasting verschuldigde tarief. Deze bevrijdende roerende voorheffing gold echter alleen voor binnenlandse inkomsten. 6/29

7 Inkomsten uit het buitenland werden volledig van de bevrijdende roerende voorheffing uitgesloten en derhalve normaal in de Franse heffing betrokken. De Commissie was van mening dat deze beperking van de toepasbaarheid van de bevrijdende roerende voorheffing in strijd was met de artikelen 49 en 56 EG-verdrag. Het HvJ EG besliste dat de Franse regeling inderdaad in strijd was met de artikelen 49 en 56 van het EG-verdrag Doeltreffendheid fiscale controles Frankrijk betoogde dat zij moeiteloos bij de in Frankrijk gevestigde schuldenaars een fiscale controle kan uitoefenen en dat de belastingadministratie deze middelen niet heeft als de schuldenaar buiten Frankrijk is gevestigd. Dit probleem doet zich met name voor als de (onderneming van de) schuldenaar is gevestigd in een land dat een bankgeheim kent en waarvan de draagwijdte van de bestaande procedures op het gebied van de uitwisseling van gegevens beperkt is. Tevens is een controle bij de investeerder weliswaar mogelijk, maar zijn er weinig mogelijkheden om de overlegde gegevens te verifiëren en zou een dergelijke controle achteraf tevens voor de belastingsadministratie en de belastingplichtigen onevenredige lasten met zich meebrengen. De Advocaat-Generaal (hierna: de AG) Ruiz-Jarabo Colomer is in r.o. 36 van de conclusie bij dit arrest ingegaan op de mogelijke ondoeltreffendheid van de Bijstandsrichtlijn bij lidstaten die een bankgeheim kennen. De AG vindt dit om twee redenen niet relevant voor de door Frankrijk na te streven doelstellingen. Enerzijds wordt in artikel 8 lid 1 en 2 Bijstandsrichtlijn reeds voorzien in inlichtingen die niet medegedeeld hoeven te worden en heeft het HvJ EG in Commissie tegen België (C-300/90) bevestigd dat deze rechtsregels een instrument kunnen zijn voor fiscale controles. Anderzijds kan het niet kunnen controleren van de gegevens door Frankrijk er niet toe leiden dat buitenlandse inkomsten dan absoluut en algemeen buiten het Franse systeem worden gehouden. Immers, de gewenste gegevens kunnen bij de belastingplichtige worden opgevraagd. Het HvJ EG bevestigt in r.o. 32 haar eerdere uitspraak dat de onmogelijkheid om medewerking te krijgen van lidstaten met een bankgeheim, geen grond kan zijn om een fiscaal voordeel niet toe te passen op de in deze landen verkregen inkomsten Toepassing op bankgeheim In bovenstaande uitspraak wordt nog eens bevestigd dat een bankgeheim in een lidstaat, waardoor een andere lidstaat over geen/onvoldoende gegevens kan beschikken van een bepaalde instantie, er niet toe kan leiden dat een fiscaal voordeel geen toepassing vindt. Opgemerkt dient te worden dat ook in dit geval sprake is van een belastingplichtige die een beroep doet op een fiscaal voordeel. Verder merkt de AG op dat de gewenste gegevens ook van de belastingplichtige verkregen kunnen worden en dat het volledig niet mogelijk maken van een bevrijdende roerende voorheffing, omdat een controle niet (goed) mogelijk is, veel te ver gaat. 7/29

8 2.5. A C-101/ Korte samenvatting casus Op 18 december 2007 heeft het HvJ EG arrest gewezen in de zaak Skatteverket tegen A. A woont in Zweden en houdt aandelen in een in Zwitserland gevestigde vennootschap. Op basis van de Zweedse wetgeving behoren dividenden die bestaan uit een uitkering van aandelen in een dochtermaatschappij niet tot het belastbaar inkomen indien aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Een van de voorwaarden is dat de uitkerende vennootschap is gevestigd in Zweden, in de EER of een staat waarmee Zweden een belastingverdrag ter voorkoming van dubbele belasting heeft gesloten dat een bepaling over de uitwisseling van informatie bevat. Zweden heeft met Zwitserland een belastingverdrag gesloten, maar dit verdrag bevat geen uitdrukkelijke verdragsbepaling over de uitwisseling van informatie. De Zweedse belastingadministratie weigert om aan A een vrijstelling te verlenen van de belasting over de Zwitserse dividenden in de vorm van aandelen in een dochtermaatschappij. Het HvJ EG beslist dat de artikelen 56 en 58 zich er niet tegen verzetten dat de vrijstelling niet wordt verleend indien aan de vrijstelling voorwaarden zijn verbonden die enkel kunnen worden gecontroleerd door het verkrijgen van inlichtingen van de staat van vestiging van de uitkerende vennootschap Doeltreffendheid fiscale controles Belanghebbende en de Commissie hebben het HvJ EG aangedragen dat uit eerdere jurisprudentie volgt dat een lidstaat een fiscaal voordeel niet mag onthouden, omdat de andere lidstaat niet om informatie kan worden verzocht. Het HvJ erkent dit weliswaar, maar stelt tevens vast dat deze rechtspraak betrekking heeft op de vrijheden van verkeer binnen de Gemeenschap en dat deze niet integraal overgezet kunnen worden naar het kapitaalverkeer. Hiervoor worden twee hoofdargumenten gegeven. Ten eerste dat in de relatie met Zwitserland geen beroep worden gedaan op de Bijstandsrichtlijn, omdat deze niet geldt voor derde landen. Ten tweede dat binnen de EU harmonisatiemaatregelen zijn getroffen voor de boekhouding van vennootschappen, waardoor de mogelijkheid bestaat betrouwbare en controleerbare gegevens te verstrekken. Deze mogelijkheid is niet gegarandeerd bij vennootschappen in derde landen, omdat deze vennootschappen niet verplicht zijn deze maatregelen toe te passen. Vervolgens komt het HvJ EG tot de conclusie dat de toekenning van een fiscaal voordeel geweigerd mag worden als de naleving van de voorwaarden alleen kan worden gecontroleerd door het verkrijgen van informatie uit een derde land en deze met name vanwege het ontbreken van een verdragsverplichting hiertoe niet mogelijk blijkt Toepassing op bankgeheim Uit dit arrest blijkt dat het niet uitwisselen van gegevens door een derde land, bijvoorbeeld omdat het derde land een bankgeheim kent, onder omstandigheden ertoe kan leiden dat het niet toekennen van een fiscaal voordeel gerechtvaardigd kan zijn om de doeltreffendheid van de fiscale controles te waarborgen. 8/29

9 2.6. Persche C-318/ Korte samenvatting casus Op 27 januari 2009, heeft het HvJ EG arrest gewezen in de zaak Persche. De heer Persche had een gift in natura gedaan aan een in Portugal gevestigd bejaardentehuis/kindertehuis. Deze gift voerde de heer Persche in zijn Duitse aangifte inkomstenbelasting op als bijzondere uitgave. De Duitse belastingdienst accepteerde de aftrekpost niet, omdat (met name) de begiftigde niet in Duitsland was gevestigd. De heer Persche was van mening dat de niet-aftrekbaarheid in strijd was met de vrijheid van kapitaalverkeer. Het HvJ was van oordeel dat het in strijd met de vrijheid van kapitaalverkeer is om de aftrekbaarheid van dergelijke giften voor te behouden aan Duitse begiftigden, zonder dat de belastingplichtige de mogelijkheid krijgt om te bewijzen dat de buitenlandse instelling aan de voorwaarden voldoet Doeltreffendheid fiscale controles In r.o. 53, 54 en 60 wordt ingegaan op de mogelijkheid dat de belastingautoriteiten kunnen verlangen dat de belastingplichtige de vereiste bewijzen verstrekt. Indien een lidstaat het een belastingplichtige verbiedt om bewijzen te leveren, dan kan zij zich niet beroepen op de noodzaak om de doeltreffendheid van fiscale controles te waarborgen. R.o. 61 en verder gaan in op de Bijstandsrichtlijn. De belangrijkste overwegingen zal ik hierna in mijn eigen woorden kort weergeven, omdat deze een duidelijk beeld geven van de zienswijze van het HvJ EG met betrekking tot diverse aspecten van de informatie-uitwisseling op grond van de Bijstandsrichtlijn zowel in de relatie tot lidstaten, als in de relatie tot niet-lidstaten. * R.o. 61: Het HvJ EG merkt allereerst op dat de Bijstandsrichtlijn, ter voorkoming van belastingfraude, in de mogelijkheid voorziet voor nationale belastingdiensten om te verzoeken om inlichtingen die zij zelf niet kunnen verkrijgen. * R.o. 63: Nationale autoriteiten mogen steeds op basis van de eigen voorwaarden beoordelen of in een concrete situatie aan de gestelde voorwaarden wordt voldaan. * R.o. 64/65: Een lidstaat is niet verplicht om het in de Bijstandsrichtlijn beschreven mechanisme te hanteren als de door de belanghebbende verstrekte gegevens niet volstaan om te controleren of de begiftigde aan de nationale vereisten voldoet. * R.o. 66: Een lidstaat kan de toekenning van een fiscaal voordeel niet weigeren enkel omdat ze niet ter plekke kan nagaan of de in de andere lidstaat gevestigde instelling aan de nationale regels voldoet. * R.o. 69: Als (met name) door de beperkingen van de informatie-uitwisseling van artikel 8 Bijstandsrichtlijn de controle van de door de belastingplichtige verstrekte informatie moeilijk blijkt, dan belet dit niet de belastingautoriteiten de gevraagde aftrek te weigeren als de noodzakelijke bewijzen niet worden geleverd. 9/29

10 * R.o. 70: Indien een instelling in een derde land is gevestigd, dan hoeft een lidstaat een fiscaal voordeel in principe niet toe te kennen als het onmogelijk is om de nodige inlichtingen van dat land te krijgen. Met name als er geen verdragsverplichtingen zijn voor dat derde land om informatie te verstrekken Toepassing op bankgeheim Het HvJ EG geeft in deze uitspraak duidelijk aan dat belastingautoriteiten niet verplicht zijn om een bepaald fiscaal voordeel toe te kennen als de benodigde bewijzen niet worden geleverd en "..de controle van de door de belastingplichtige verstrekte informatie moeilijk blijkt, met name vanwege de in artikel 8 van de Richtlijn 77/799 neergelegde beperkingen van de informatie-uitwisseling..". Helaas is niet duidelijker vastgelegd wanneer de lidstaten een beroep op deze uitzondering kunnen doen. Goed voorstelbaar is immers dat een controle van de gegevens vrijwel altijd moeilijk blijkt in relatie met landen die een bankgeheim kennen. Het lijkt derhalve een discretionaire bevoegdheid van de belastingautoriteit te zijn, maar ik ga er wel vanuit dat er enige marginale toetsing zal moeten plaatsvinden en niet zomaar een beroep op deze uitzondering gedaan kan worden. Hoofdregel blijft echter dat de toekenning van een fiscaal voordeel niet enkel kan worden geweigerd, omdat niet ter plekke nagegaan kan worden of in de andere lidstaat aan de voorwaarden wordt voldaan. Voor derde landen legt het HvJ EG de lat hoger, door te bepalen dat er überhaupt een mogelijkheid moet zijn om informatie te verkrijgen uit het derde land. Dit in tegenstelling tot andere lidstaten, waarbij het door de belastingplichtige aanleveren van de benodigde bewijzen in principe voldoende is. 2.7 Conclusie Algemeen Uit bovenstaande arresten kunnen een aantal conclusies worden getrokken ten aanzien van het beroep op een "bankgeheim" in de andere (lid)staat als rechtvaardigingsgrond voor het niet toekennen van een fiscaal voordeel. Allereerst bespreek ik onder de conclusies voor het onthouden fiscaal voordeel bij aftrekpost binnen de EU, omdat dit de meest voorkomende situatie is in de besproken arresten. In deze situaties is het de belastingplichtige die verzoekt om een aftrekpost. Vervolgens wordt kort de situatie besproken waarin de belastingplichtige inkomen in een andere lidstaat moet opnemen in zijn eigen aangifte. Tenslotte komt kort aan bod de conclusie in relatie met derde landen Onthouden fiscaal voordeel bij aftrekpost binnen de EU Uit het arrest Persche (27 januari 2009, C-318/07) lijkt nog steeds dezelfde lijn uit het arrest Commissie tegen België (28 januari 1992, C-300/90) te worden gevolgd. De beperking van de informatie-uitwisseling van artikel 8 Bijstandsrichtlijn (bijvoorbeeld een "bankgeheim") in een andere lidstaat kan geen reden zijn om een fiscaal voordeel aan een belastingplichtige te onthouden, mits de belanghebbende de aan hem gevraagde gegevens verstrekt. Wel heeft het HvJ EG een ontsnappingsluik ingebouwd. Indien de controle van de door de belastingplichtige verstrekte gegevens moeilijk blijkt te zijn, met name door de beperkingen van de informatie-uitwisseling van artikel 8 Bijstandsrichtlijn, en hierdoor de noodzakelijke bewijzen niet worden geleverd, dan mag de gevraagde aftrek worden geweigerd. 10/29

11 De vraag is echter in hoeverre er een bewijslast op de belastingplichtige kan drukken. Stel nu de zaak Persche. Ik neem aan dat van de heer Persche verlangt mag worden dat hij door middel van bewijzen aan kan tonen dat de Portugese instelling, was de instelling in Duitsland gevestigd, aan de Duitse voorwaarden voor aftrek zou voldoen. Ik ga er echter van uit dat lidstaten de bewijslast niet zo ver kunnen opvoeren dat deze niet meer haalbaar is voor een belastingplichtige. Stel bijvoorbeeld dat de Duitse belastingdienst aan de heer Persche om een verklaring zou verzoeken van de Portugese belastingdienst, dat de Portugese instelling aan de Duitse regels voldoet. Een dergelijke verklaring zal voor de Persche niet (c.q. zeer moeilijk) kunnen worden verkregen en ik ga ervan uit dat een dergelijke eis te ver gaat Informeren belastingdienst over inkomen binnen de EU De zaak Skandia (23 juni 2003, C-422/01) ging ook om het niet toekennen van een afttrekpost (pensioenpremies), maar daarnaast kwam ook aan de orde de belastingheffing in de toekomst (over de pensioenen). De Deense regering nam het standpunt in dat een vrijwillige informatieverstrekking door belastingplichtigen ten aanzien van de inkomsten uit een andere lidstaat niet werkt en dat het zodoende gerechtvaardigd was de aftrekpost nu te weigeren. Dit standpunt werd door het HvJ EG verworpen. Uit het verwerpen van dit standpunt door het HvJ EG leid ik af dat ook in het geval van het aanhouden van banktegoeden (bijvoorbeeld spaarloon, bank sparen, etc) in een andere lidstaat dat een bankgeheim kent, dit niet zou moeten leiden tot het accepteren van de doeltreffendheid van fiscale controles als rechtvaardigingsgrond. Controle zou op een minder beperkende manier mogelijk moeten zijn Derde landen Voor derde landen is de conclusie ten aanzien van de informatie-uitwisseling duidelijk anders dan voor de informatie-uitwisseling tussen lidstaten. Als er geen informatie-uitwisseling is met het derde land en hierdoor de controle van gegevens niet mogelijk is, dan hoeft een fiscaal voordeel niet toegekend te worden. Het aanleveren van de benodigde bewijzen door de belastingplichtige voldoet per definitie niet. 11/29

12 Hoofdstuk 3 Richtlijn van de Raad betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de belastingen COM 2009(29) 3.1 Algemeen Op 2 februari 2009 heeft de Europese Commissie een voorstel ingediend voor een nieuwe Bijstandsrichtlijn (COM (2009) 29), die de huidige richtlijn (77/799/EEG) zou moeten vervangen. De heer Lasszlo Kovacs, Eurocommissaris voor Belastingen en Douane, merkte bij de conceptrichtlijn op dat het onaanvaardbaar is dat het bankgeheim in de ene lidstaat ervoor zorgt dat de andere lidstaat geen correcte aanslag op kan leggen aan zijn inwoners. Deze gedachte komt ook duidelijk terug in de conceptrichtlijn. De conceptrichtlijn bevat aanzienlijk meer artikelen, 29, dan de huidige Bijstandsrichtlijn dat "slechts" 13 artikelen kent. De conceptrichtlijn kent in de hoofdstukken 2 en 3 een uitgebreide uitwerking van de uitwisseling van inlichtingen en andere vormen van administratieve samenwerking, waarbij bijvoorbeeld ook regels gegeven zijn voor het op elkaars grondgebied uitoefenen van taken door belastingadministraties van andere lidstaten. In hoofdstuk 4 zijn de voorwaarden voor de administratieve samenwerking gegeven, waarbij onder andere de problematiek rond artikel 8 van de huidige Bijstandsrichtlijn aan de orde komt (bankgeheim) en er is een most favoured nation-clause opgenomen. In hoofdstuk 6 komt aan de orde hoe de uitwisseling dient plaats te vinden als gegevens van derde landen worden ontvangen en hoe gegevens die van andere lidstaten zijn verkregen doorgegeven kunnen worden aan derde landen. De geplande invoeringsdatum is 1 januari In het kader van dit paper zal ik in de paragrafen 3.3 t/m 3.6 de volgende artikelen in de conceptrichtlijn nader bespreken: - artikel 6 t/m 9 (Uitwisseling van gegevens); - artikel 16 en 17 (Bankgeheim); - artikel 18 (Most favoured nation); - artikel 23 (Uitwisseling van inlichtingen met derde landen). Eerst zal ik in artikel 3.2 kort de belangrijkste aandachtspunten van de huidige Bijstandsrichtlijn bespreken Huidige Bijstandsrichtlijn (77/799/EEG) De huidige Bijstandsrichtlijn dateert grotendeels uit 1977 en is geschreven in de toenmalige tijdsgeest. Hoewel er ook toen reeds een verdrag bestond waarin diverse vrijheden waren opgenomen, was de autonomie van de lidstaten nog aanzienlijk groter, de integratie geringer aanwezig en van een vrij verkeer was aanzienlijk minder sprake. In deze context dienen ook de diverse bepalingen gelezen te worden, zoals de uitwisseling van inlichtingen en de beperking hierop Inlichtingen op verzoek Uitgangspunt voor de inlichtingenuitwisseling in de huidige Bijstandsrichtlijn is de uitwisseling van gegevens op verzoek (artikel 2). Daarnaast is van belang dat het moet gaan om een bepaald geval. Er kan door de Nederlandse overheid dus niet worden gevraagd om de gegevens van alle personen met de Nederlandse nationaliteit, omdat dit geen (nader) bepaald geval is. 12/29

13 Wel is het mogelijk op bovengenoemde regel een uitzondering te maken voor bepaalde groepen van gevallen (artikel 3). Hiervoor is echter een overeenkomst tussen twee lidstaten vereist. Daarnaast kent artikel 4 een spontane uitwisseling van gegevens in een aantal beschreven situaties die met name zien op dreigend misbruik/fraude Begrenzing van de uitwisseling van inlichtingen In artikel 8 van de huidige Bijstandsrichtlijn wordt de uitwisseling van gegevens beperkt. Dit artikel luidt als volgt: Lid 1 "De bepalingen van deze richtlijn verplichten aangezochte lidstaten niet tot het instellen van een onderzoek of het verstrekken van inlichtingen wanneer de wetgeving of de bestuurlijke praktijk van de aangezochte lidstaat de bevoegde autoriteit van die lidstaat niet toestaat een zodanig onderzoek in te stellen of de gevraagde inlichtingen in te winnen." Lid 2 "Het verstrekken van inlichtingen kan worden geweigerd indien dit zou leiden tot de onthulling van een bedrijfs-, nijverheids-, handels- of beroepsgeheim of van een fabrieks- of handelswijze of van gegevens waarvan de onthulling in strijd zou zijn met de openbare orde." Lid 3 "De bevoegde autoriteit van een lidstaat kan weigeren informatie over te dragen wanneer de verzoekende lidstaat op feitelijke of juridische gronden niet in staat is gelijksoortige inlichtingen te verstrekken." Met name het huidige eerste lid zorgt ervoor dat informatie slechts beperkt wordt uitgewisseld. Als voorbeeld kan worden genoemd het bankgeheim zoals dat in Luxemburg geldt. Enerzijds is het banken en verzekeringsmaatschappijen op grond van dit bankgeheim niet toegestaan gegevens over hun cliënten openbaar maken (ook bijvoorbeeld niet aan een echtgenote). Anderzijds mag de belastingdienst geen gegevens bij banken en dergelijke opvragen met het doel deze te gebruiken voor de heffing van belastingen. Overigens wordt in het geval van serieuze belastingfraude wel meegewerkt aan het uitwisselen van gegevens Conclusie De huidige Bijstandsrichtlijn heeft een aantal duidelijke beperkingen in het uitwisselen van inlichtingen. In principe vindt uitwisseling van inlichtingen alleen plaats na een specifiek verzoek. Hierop bestaan uitzonderingen, maar dan moet het gaan om dreigend misbruik/fraude risico of lidstaten moeten afspraken hebben gemaakt voor bepaalde groepen. De uitwisseling wordt echter nog verder ingeperkt, omdat lidstaten niet voor de uitwisseling van gegevens hoeven zorg te dragen als zij op grond van hun nationale regels niet bevoegd zijn op te vragen. 3 Tax Notes International, 30 maart 2009, bladzijde 1176 Luxembourg s Bank Secrecy Explained, by Jean Schaffner 13/29

14 3.3 Artikelen 5 t/m 9 conceptrichtlijn De conceptrichtlijn kent in de artikelen 5 t/m 9 de regeling voor uitwisseling van inlichtingen. Hieronder zal ik nader ingaan op een aantal van deze artikelen Artikel 5 uitwisseling op verzoek In de huidige Bijstandsrichtlijn staat in artikel 2 dat uitwisseling van inlichtingen op verzoek plaatsvindt voor een bepaald geval. De vraag is of het nog steeds om een bepaald geval dient te gaan. Nu staat er dat er op verzoek verstrekt worden " inlichtingen die voor de heffing relevant kunnen zijn, met inbegrip van alle inlichtingen over een specifiek geval of specifieke gevallen." Hierin lees ik dat het niet meer om een specifiek geval hoeft te gaan. Onder de definities in artikel 3 staat bij "uitwisseling van inlichtingen op verzoek" echter dat hiermee bedoeld wordt "de uitwisseling van inlichtingen als reactie op een verzoek van de verzoekende lidstaat aan de aangezochte lidstaat met betrekking tot een specifiek geval". Het lijkt er dus op dat er ruimte zit tussen het verzoek van de lidstaat die voor een specifiek geval een vraag stelt en de informatie die de aangezochte lidstaat vervolgens geeft. Ofwel concreet, Nederland vermoedt dat de heer Pieterse een rekening heeft bij de A-Bank in Luxemburg en vraagt over de heer Pieterse gegevens aan Luxemburg. Moet ik het onderscheid zo lezen dat Luxemburg vervolgens aan Nederland niet alleen de gegevens van de heer Pieterse bij de A-Bank kan verstrekken, maar ook van alle andere inwoners van Nederland die bij de A-Bank een bankrekening hebben? Indien deze uitleg juist is, dan zou ook een inlichtingenverzoek voor een specifiek geval er dus toe kunnen leiden dat er een vorm van automatische uitwisseling plaatsvindt Artikel 7 conceptrichtlijn: Termijnen In de huidige Bijstandsrichtlijn (artikel 5) is geen harde termijn voor de verstrekking van gegevens gegeven. Gesteld is dat de uitwisseling "zo spoedig mogelijk" dient te gebeuren. Blijkbaar werkte deze open termijn niet en diende er hardere termijnen te worden gesteld. Deze zijn nu in artikel 7 opgenomen. In principe dient dit zo spoedig mogelijk te geschieden, doch uiterlijk binnen 6 maanden, indien de gegevens nog niet in het bezit van de aangezochte lidstaat zijn. Is dit wel het geval, dan zal uitwisseling binnen 1 maand dienen plaats te vinden. Een mijns inziens ambitieuze termijn Artikel 8 conceptrichtlijn: Automatische uitwisseling Dit artikel kan in potentie een zeer grote invloed gaan hebben. Over bijzondere categorieën van inkomen en vermogens zal namelijk een automatische uitwisseling gaan plaatsvinden (lid 1). Hierbij komt direct de vraag op wat dan precies de bijzondere categorieën zijn. Lid 2 bepaalt dat deze vastgesteld gaan worden door de Commissie, ofwel de lidstaten geven hier dus een stukje directe bevoegdheid af aan de Commissie, omdat zij zich aan de uitwisseling van inlichtingen zullen moeten gaan houden van de door de Commissie vastgestelde categorieën. Ook de bepalingen in lid 3 zijn zeer ruim geformuleerd. Zo dient (zie lid 3 onder a) al automatisch uitgewisseld te worden door een lidstaat, als de belastingheffing in de andere lidstaat geacht wordt plaats te vinden en door een inlichtingenverstrekking de doeltreffendheid van het controlesysteem van de andere lidstaat kan worden bevorderd. 14/29

15 Ik vraag mij af wanneer dit niet het geval zal zijn, ofwel, dit zou betekenen dat feitelijk informatie over alle inkomens- en vermogenscategorieën waarover een lidstaat niet (exclusief) zelf heft, uitgewisseld zullen moeten worden. Gaan we terug naar het eerdere voorbeeld, dan zal Luxemburg alle banktegoeden en rentebetalingen waar Nederlanders toe gerechtigd zijn, moeten doorgeven omdat Nederland heffingsbevoegdheid is. Verder zal ook een automatische uitwisseling moeten plaatsvinden als belasting wordt of kan worden ontdoken of ontweken. Het woord "kan" duidt erop dat ook mogelijke potentiële ontduikings- of ontwijkingsroutes tot de automatische uitwisseling moeten leiden. Verder is in bijvoorbeeld in Nederland het ontwijken van belastingheffing niet strafbaar, terwijl op basis van de conceptrichtlijn het opzetten van een fiscaal gunstigere structuur tot de automatische uitwisseling van inlichtingen zal gaan leiden. Weer even terug naar het voorbeeld. Luxemburg besluit nationaal een bronheffing te gaan inhouden op uitgekeerde rente die bij de aangifte terugontvangen wordt, hetgeen een financieringsnadeel oplevert. Derhalve wordt voorgesteld de stroom te leiden via een Antilliaanse vennootschap van de heer Pieterse. Indien de heer Pieterse zijn inkomsten netjes aangeeft, vindt geen ontduiking plaats maar ontwijking van (bron)belasting. Deze nieuwe structuur leidt dus tot een automatische uitwisseling. Hoe lang gaat deze uitwisseling door? Voor altijd? Hoe wordt verder beoordeeld of van een (mogelijke) ontduiking of ontwijking sprake is? Wordt hier een speciaal team per land voor opgericht, of worden alle situaties waarin bijvoorbeeld geen roerende voorheffing meer wordt ingehouden automatisch als "besmet" aangemerkt? Of wordt gewerkt met een blacklist van verboden handelingen? Voorlopig blijft het gissen. Het vierde lid gaat nog in op de afspraken over automatische gegevensuitwisseling in bilaterale en multilaterale overeenkomsten. Het afsluiten van dergelijke overeenkomsten zal door de betrokken lidstaten gemeld moeten worden aan de Commissie, welke deze overeenkomsten aan de andere lidstaten zal doorsturen. Hiermee wordt, naar ik aanneem, een vergaande transparantie getracht te bereiken Artikel 9 conceptrichtlijn; spontane uitwisseling Dit artikel luidt als volgt: " De bevoegde autoriteiten van de lidstaten kunnen in ieder geval spontaan alle in artikel 1 bedoelde inlichtingen die hun bekend zijn onderling uitwisselen, met name wanneer de belastingheffing wordt geacht plaats te vinden in de lidstaat die de inlichtingen ontvangt en wanneer de doeltreffendheid van het controlesysteem kan worden bevorderd dankzij de inlichtingen van de verstrekkende staat." Twee dingen vallen mij bij dit artikel op. Allereerst verwijst het eerste deel van dit artikel naar "alle in artikel 1 bedoelde inlichtingen", terwijl artikel 1 over het onderwerp handelt en het slechts over "de uitwisseling van bepaalde inlichtingen" heeft. Waarom is niet verwezen naar artikel 2 waarin het toepassingsbereik is gegeven? Daarnaast komt het tweede deel van deze bepaling (vanaf "met name ") overeen met de bepaling van artikel 8 lid 3 onder a. Zoals ik onder heb beschreven, heeft artikel 8 lid 3 onder a een zeer dwingend karakter en is het tweede gedeelte van artikel 9 mijns inziens dan ook een dode letter. Immers, deze gegevens dienen op grond van artikel 8 reeds automatisch uitgewisseld te worden, dus ik zie niet hoe dan nog aan artikel 9 toegekomen kan worden. 15/29

16 3.4 Artikel 16 en 17 conceptrichtlijn Artikel 16 verplichtingen Dit artikel bevat bepalingen die vergelijkbaar zijn met artikel 8 van de huidige Bijstandsrichtlijn. Het tweede lid van artikel 16 kent een bepaling die qua strekking gelijk is aan het eerste lid van artikel 8 van de huidige Bijstandsrichtlijn Artikel 17 grenzen De onvrede die er bestaat over de uitwerking van huidige Bijstandsrichtlijn heeft ertoe geleid dat in artikel 17 belangrijke grenzen zijn aangegeven van de gevolgen van artikel 16. Het eerste lid legt op lidstaten de plicht om hun eigen ambtenarenapparaat te gebruiken om de door de andere lidstaat gevraagde inlichtingen te verkrijgen, ook al heeft zij deze voor haar eigen belastingdoeleinden niet nodig. Veel belangrijker is het tweede lid. Dit artikellid luidt als volgt: "In geen geval worden de leden 2 en 4 van artikel 16 zodanig uitgelegd dat zij een aangezochte autoriteit van een lidstaat toestaan te weigeren inlichtingen te verstrekken over een persoon die voor belastingdoeleinden inwoner is van de lidstaat van de aangezochte autoriteit, uitsluitend omdat deze inlichtingen berusten bij een bank, een financiële instelling, een gevolmachtigde of een persoon die bij wijze van vertegenwoordiging of als vertrouwenspersoon optreedt, of omdat zij betrekking hebben op eigendomsbelangen in een persoon." Door deze bepaling wordt het "bankgeheim" doorbroken. Immers, een bankgeheim kan geen reden meer zijn om het verstrekken van informatie te weigeren. Passen we deze regel toe op het voorbeeld, dan zal Luxemburg, als Nederland hierom verzoekt, alle informatie over de bankrekening van de heer Pieterse bij de Luxemburgse A-Bank moeten verstrekken. Er kan geen beroep meer gedaan worden op een mogelijk bankgeheim. De bepaling lijkt zelfs veel verder te gaan dan alleen het uitwisselen van gegevens over bankrekeningen. Ook voor de in artikel 8 lid 3 onder a genoemde inkomens- en vermogenscategorieën waarover Nederland het heffingsrecht heeft en een uitwisseling van gegevens de doeltreffendheid van het Nederlandse controlesysteem kan bevorderen, zal het bankgeheim geen reden meer zijn om de gegevens niet te verstrekken. Deze bepaling doorbreekt daarom het bankgeheim binnen de Europese Unie. 3.5 Artikel 18 conceptrichtlijn: Verdergaande samenwerking Om er zeker van te zijn dat lidstaten met derde landen geen overeenkomsten sluiten die verder gaan dan de conceptrichtlijn, is het beginsel van de meest begunstigde natie (in het Engels Most Favoured Nation-clause) geïntroduceerd. De lidstaat zal deze verdergaande informatie-uitwisseling ook in de relatie met andere lidstaten moeten toepassen. 3.6 Artikel 23 conceptrichtlijn: Uitwisseling van inlichtingen met derde landen Om de transparantie en uitwisseling van gegevens nog breder te trekken, wordt middels dit artikel getracht om ook derde landen in de inlichtingenuitwisseling te betrekken. 16/29

17 Enerzijds wordt dit gedaan door van derde landen ontvangen informatie, indien juridisch mogelijk, ook aan andere lidstaten te verstrekken, indien deze gegevens voor hen van belang kunnen zijn of indien deze lidstaten hierom hebben verzocht. Tevens dienen lidstaten in toekomstige overeenkomsten met derde landen ervoor zorg te dragen dat er geen bepalingen worden opgenomen die zich tegen een dergelijke inlichtingenverstrekking verzetten. Anderzijds wordt in het tweede lid de situatie geregeld dat de op grond van de conceptrichtlijn ontvangen gegevens onder voorwaarden ook aan derde landen worden verstrekt. Onder andere is vereist dat het derde land zich ertoe heeft " verbonden de medewerking te verlenen die nodig is om bewijsmateriaal bijeen te brengen omtrent het ongeoorloofde karakter van verrichtingen die kennelijk in strijd zijn met of een inbreuk vormen op de belastingheffing." Onduidelijk is waaruit deze medewerking moet blijken. Neem bijvoorbeeld de Verenigde Staten die roepen dat het bankgeheim van met name Zwitserland opgeheven moet worden 4. Dit terwijl de Verenigde Staten en Zwitserland toch een verdrag hebben gesloten op basis waarvan onder omstandigheden gegevens uitgewisseld kunnen worden. Verder zijn volgens de Luxemburgse premier bepaalde Amerikaanse staten, zoals Delaware, juist te beschouwen als belastingparadijzen 5. Overigens heeft deze beschuldiging ook weer felle (Amerikaanse) reacties ontlokt. Uit deze discussies blijkt des te meer dat het moeilijk is om te bepalen waaruit de medewerking precies moet blijken 6. Het is dus moeilijk om precies te bepalen welk land waar precies zijn medewerking aan verleend. 3.7 Conclusie De conceptrichtlijn is in potentie zeer verstrekkend en zal zeker leiden tot het einde van het bankgeheim. Enerzijds is in artikel 17 expliciet opgenomen dat een bankgeheim geen reden mag zijn om verstrekken van inlichtingen te weigeren. Daarnaast dient op grond van artikel 8 al zeer snel een automatische uitwisseling van inlichtingen plaats te vinden. De vraag is echter of de voorgestelde datum van inwerkingtreding, 1 januari 2010, niet erg ambitieus is. Weliswaar heeft België aangekondigd haar bankgeheim sterk te versoepelen en hebben Luxemburg en Oostenrijk aangekondigd de OESO standaarden te gaan hanteren, de conceptrichtlijn gaat veel verder dan waartoe in ieder geval Luxemburg en Oostenrijk zich hebben verplicht. Verder heeft de conceptrichtlijn ook voor de andere lidstaten verstrekkende gevolgen, zie bijvoorbeeld artikel 8 op grond waarvan ook Nederland automatisch gegevens zal moeten gaan uitwisselen als van een belastingontwijkende constructie sprake is. Daarnaast dient de conceptrichtlijn met unanimiteit te worden aangenomen. Het is dan ook mijn verwachting dat er nog de nodige politieke steekspellen en/of aanpassingen zullen plaatsvinden, alvorens alle lidstaten met een dergelijk vergaande Bijstandrichtlijn akkoord zullen gaan. 4 Zie bijvoorbeeld NRC, Het gaat om miljard dollar zwart geld, 1 april 2009, bladzijde 14 5 Tax Notes International, 6 april 2009, bladzijde 13, Luxembourg PM Calls Out U.S. States as Tax Havens. 6 Zie bijboorbeeld Tax Notes International, Letter to the editor, 13 april 2009, bladzijde 108/109, U.S. States Respond to Tax Haven Label, Karen Setze, en Tax Notes International, Letter to the editor, 13 april 2009, bladzijde 147, Tax Haven Claim Overstated for U.S. States, Howard M. Liebman. 17/29

18 Hoofdstuk 4 Het OESO modelverdrag en de OECD Agreement on Exchange of Information on Tax Matters 4.1 Algemeen Bij de organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling (OESO, in het Engels OECD) zijn 30, voornamelijk Westerse, landen aangesloten 7. De OESO heeft vele publicaties op haar naam staan, waarvan voor fiscalisten de OESO Modelbelastingverdragen veruit het meest bekend zullen zijn. Het huidige OESO modelverdrag zal onder 4.2 artikel 26 worden besproken en onder 4.3 zal ingegaan worden op artikel 5 van de OECD Agreement on Exchange of Information on Tax Matters uit Beide artikelen zien op de uitwisseling van gegevens. 4.2 OESO Modelverdrag Algemeen De OESO heeft in 1963 zijn eerste modelbelastingverdrag uitgebracht. Dit verdrag is in 1977 vervangen voor een aangepaste versie, welke versie vervolgens diverse malen is gewijzigd. De meest recente update dateert uit juli Het OESO modelverdrag wordt internationaal gebruikt als uitgangspunt voor (delen van) nieuw te sluiten belastingverdragen. Daarnaast bevat het OESO modelverdrag een commentaar, waarin bepalingen in het belastingverdrag nader zijn uitgelegd. Dit commentaar wordt gebruikt voor de interpretatie en toepasbaarheid van bepaalde bepalingen in belastingverdragen. Tenslotte hebben sommige landen in het commentaar opmerkingen en/of voorbehouden bij de artikelen gemaakt Artikel 26 In artikel 26 van het OESO Modelverdrag is de uitwisseling van informatie geregeld. Met name relevant zijn de leden 1, 3 en Artikel 26 lid 1 Het eerste lid luidt als volgt: "The competent authorities of the Contracting States shall exchange such information as is foreseeably relevant for carrying out the provisions of this Convention or the administration or enforcement of the domestic laws concerning taxes of every kind and description imposed on behalf of the Contracting States, or of their political subdivisions or local authorities, insofar as the taxation thereunder is not contrary to the Convention. The exchange of information is not restricted by Article 1 and 2." Het eerste lid gaat uit van een zeer ruime uitwisseling van informatie. Het gaat om de informatie die "foreseeably" relevant is en de informatieuitwisseling geldt voor "taxes of every kind". Op grond van het eerste lid zouden dus mijns inziens alle banktegoeden, obligaties, dividenden, onroerende goederen etc. van niet-inwoners, alsmede de inkomsten hieruit, uitgewisseld dienen te worden /29

19 Het is echter niet de bedoeling dat er een "fishing expedition" gaat plaatsvinden of informatie wordt opgevraagd die niet relevant is 10. Hoe de uiteindelijke uitwisseling van gegevens door de betrokken staten wordt vormgegeven, op verzoek, automatisch en/of spontaan, zal onderdeel vormen van de onderlinge onderhandelingen Artikel 26 lid 3 Het derde lid perkt de reikwijdte van lid 1 en 2 in: "In no case shall the provisions of paragraphs 1 and 2 be construed so as to impose on a Contracting State the obligation: a. to carry out administrative measures at variance with the laws and administration practice of that or of the other Contracting State; b. to supply information which is not obtainable under the laws or in the normal course of the administration of that or of the other Contracting State; c. to supply information which would disclose any trade, business, industrial, commercial or professional secret or trade process, or information, the disclosure of which would be contrary to public policy (ordre public)." In het derde lid wordt de ruime bepaling van lid 1, alsmede lid 2, ingeperkt. In het kader van dit paper is met name relevant de inperking onder b. Een verdragsstaat is niet verplicht om informatie te overleggen die de staat die om de informatie verzoekt op basis van haar eigen wetgeving niet zou kunnen verkrijgen. Dit geldt ook als de verdragsstaat zelf op basis van haar nationale wetgeving niet de mogelijkheid heeft de informatie te verkrijgen (bijvoorbeeld door een bankgeheim) Artikel 26 lid 5 In 2005 is het vijfde lid toegevoegd: "In no case shall the provisions of paragraph 3 be construed to permit a Contracting State to decline to supply information solely because the information is held by a bank, other financial institution, nominee, or person acting in an agency or a fiduciary capacity or because it relates to ownership interest in a person." Lid vijf is een afzwakking van de inperking onder lid 3. De in lid 3 genoemde inperkingen op het verstrekken van informatie mogen er niet toe leiden dat de uitwisseling van gegevens enkel wordt geweigerd omdat deze zich bevindt bij een bank, etc. Ofwel, het enkele feit dat een land een bankgeheim kent, betekent niet dat informatie niet uitgewisseld hoeft te worden. Opvallend is dat in het commentaar bij dit artikellid 12 wordt opgemerkt dat de meerderheid van de OESO leden van mening is dat dergelijke gegevens ook voor het opnemen van het vijfde lid uitgewisseld dienden te worden. Oostenrijk, Zwitserland, Luxemburg en België hebben voorbehouden gemaakt bij met name het vijfde lid van dit artikel Zie ook artikel 5 van het commentaar bij Artikel 26 OESO Modelverdrag 11 Zie ook de artikelen 8 en 9 van het commentaar bij Artikel 26 OESO Modelverdrag 12 Zie artikel van het commentaar bij artikel 26 OESO Modelverdrag 13 Zie de artikelen 23 t/m 26 van het commentaar bij artikel 26 OESO Modelverdrag 19/29

20 4.2.3 Conclusie Op basis van het OESO Modelverdrag dient informatie te worden uitgewisseld die "foreseeably" relevant kan zijn voor de belastingheffing. In het commentaar bij dit artikel is duidelijk opgemerkt dat de uitwisseling niet mag leiden tot een "fishing expedition". Verder is van belang dat de uitwisseling van informatie niet enkel geweigerd mag worden omdat deze informatie zich bij een bank, etc. bevindt. Dit artikel biedt een goed uitgangspunt voor een betere uitwisseling van gegevens, maar over verschillende punten zal nog onderhandeld moeten worden, omdat de standaard tekst veel ruimte laat voor de staten. 4.3 OECD Agreement on Exchange of Information on Tax Matters Onder voorzitterschap van Malta en Nederland is door de OESO, in samenspraak met diverse niet- OESO landen zoals Aruba, Bermuda, Kaaiman Eilanden, Isle of Man en San Marino het OECD Agreement on Exchange of Information on Tax Matters (hierna: "de Overeenkomst") een model ontwikkeld om te komen tot een effectieve uitwisseling van gegevens in belastingprocedures. De Overeenkomst bevat zowel een voorbeeld van een multilateraal als een bilateraal model te sluiten model. Hieronder bespreek ik enkele interessante artikelen Artikel 5 In artikel 5 van de Overeenkomst is de uitwisseling van informatie op verzoek geregeld. Met name relevant zijn de leden 1, 3 en Artikel 5 lid 1 Het eerste lid luidt als volgt: "The competent authority of the requested Party shall provide upon request information for the purposes referred to in Article 1. Such information shall be exchanged without regard to whether the conduct being investigated would constitute a crime under the laws of the requested Party if such occurred in the requested Party." Het eerste lid sluit aan bij artikel 1, dat uitgaat van een zeer uitgebreide informatie-uitwisseling. De informatie-uitwisseling vindt plaats, zonder dat van belang is of de onderzochte gedraging onder de regels van het informatieverstrekkende land een strafbaar feit is Artikel 5 lid 3 Het derde lid gaat nader in op de vorm van de inlichtingen: "If specifically requested by the competent authority of an applicant Party, the competent authority of the requested Party shall provide information under this Article, to the extent allowable under domestic laws, in the form of depositions of witnesses and authentic copies of original documents." Mits onder het nationale recht van het informatieverstrekkende land mogelijk, worden op speciaal verzoek getuigenverklaringen en authentieke kopieën van originele documenten overlegd. 20/29

Jachtseizoen op zwartspaarders geopend

Jachtseizoen op zwartspaarders geopend Jachtseizoen op zwartspaarders geopend Het jachtseizoen op zwartspaarders is vol geopend. Inmiddels is gebleken dat het ministerie van Financiën geen enkel middel schuwt. Nu is zelfs bekend gemaakt dat

Nadere informatie

138 De Pensioenwereld in 2014

138 De Pensioenwereld in 2014 17 138 De Pensioenwereld in 2014 Beleggingen 139 EU-claims: geen grijs gedraaide plaat Auteurs: Susan Groot Koerkamp en Erwin Nijkeuter In de meeste Europese landen worden of werden buitenlandse pensioenfondsen

Nadere informatie

1/2. Staten-Generaal. Vergaderjaar 2009 2010. A/ Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

1/2. Staten-Generaal. Vergaderjaar 2009 2010. A/ Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN Staten-Generaal 1/2 Vergaderjaar 2009 2010 32 491 Protocol tot wijziging van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Barbados tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het

Nadere informatie

OVEREENKOMST IN DE VORM VAN EEN BRIEFWISSELING BETREFFENDE BELASTINGHEFFING OP INKOMSTEN UIT SPAARGELDEN EN DE VOORLOPIGE TOEPASSING ERVAN

OVEREENKOMST IN DE VORM VAN EEN BRIEFWISSELING BETREFFENDE BELASTINGHEFFING OP INKOMSTEN UIT SPAARGELDEN EN DE VOORLOPIGE TOEPASSING ERVAN 809 der Beilagen XXII. GP - Beschluss NR - Niederländischer Vertragstext (Normativer Teil) 1 von 16 OVEREENKOMST IN DE VORM VAN EEN BRIEFWISSELING BETREFFENDE BELASTINGHEFFING OP INKOMSTEN UIT SPAARGELDEN

Nadere informatie

Wijziging Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001

Wijziging Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Wijziging Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 1 Wijziging Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Directoraat-generaal voor Fiscale Zaken; directie Directe Belastingen Besluit 20 november 2007,

Nadere informatie

1. Wat is de inhoud van het akkoord dat de lidstaten op 24 maart 2014 hebben gesloten?

1. Wat is de inhoud van het akkoord dat de lidstaten op 24 maart 2014 hebben gesloten? RICHTLIJN BETREFFENDE BELASTINGHEFFING OP INKOMSTEN UIT SPAARGELDEN MEI 2014 Het duurde ruim zes jaar voordat de verschillende lidstaten van de Europese Unie het eens raakten over de lastige kwestie rond

Nadere informatie

OVEREENKOMST IN DE VORM VAN EEN BRIEFWISSELING BETREFFENDE BELASTINGHEFFING OP INKOMSTEN UIT SPAARGELDEN EN DE VOORLOPIGE TOEPASSING ERVAN

OVEREENKOMST IN DE VORM VAN EEN BRIEFWISSELING BETREFFENDE BELASTINGHEFFING OP INKOMSTEN UIT SPAARGELDEN EN DE VOORLOPIGE TOEPASSING ERVAN 808 der Beilagen XXII. GP - Staatsvertrag - Niederländischer Vertragstext (Normativer Teil) 1 von 14 OVEREENKOMST IN DE VORM VAN EEN BRIEFWISSELING BETREFFENDE BELASTINGHEFFING OP INKOMSTEN UIT SPAARGELDEN

Nadere informatie

Londen, 4 november 2004

Londen, 4 november 2004 Ref: lon-pa/031104/001 Londen, 4 november 2004 Mijnheer, Ik heb de eer te verwijzen naar de tekst van de voorgestelde Modelovereenkomst tussen de Regering van Anguilla en de Regering van het Koninkrijk

Nadere informatie

Zaak C-524/04. Test Claimants in the Thin Cap Group Litigation tegen Commissioners of Inland Revenue

Zaak C-524/04. Test Claimants in the Thin Cap Group Litigation tegen Commissioners of Inland Revenue Zaak C-524/04 Test Claimants in the Thin Cap Group Litigation tegen Commissioners of Inland Revenue [verzoek van de High Court of Justice (England & Wales), Chancery Division, om een prejudiciële beslissing]

Nadere informatie

Accountant moet op zijn tellen passen bij begeleiding inkeer van zijn cliënt

Accountant moet op zijn tellen passen bij begeleiding inkeer van zijn cliënt Accountant moet op zijn tellen passen bij begeleiding inkeer van zijn cliënt Het bankgeheim staat onder druk. Diverse staten, waaronder Zwitserland en Liechtenstein, verklaarden zich recent bereid om internationale

Nadere informatie

Vraag en Antwoord Common Reporting Standard en uw fiscale woon- of vestigingsplaats

Vraag en Antwoord Common Reporting Standard en uw fiscale woon- of vestigingsplaats Vraag en Antwoord Common Reporting Standard en uw fiscale woon- of vestigingsplaats Wat is de Common Reporting Standard (CRS)? De Nederlandse overheid werkt met veel landen samen om belastingontduiking

Nadere informatie

Belangrijk advies A-G bij Europees Hof over dividendbelasting op dividend aan moedervennootschap gevestigd op Curaçao

Belangrijk advies A-G bij Europees Hof over dividendbelasting op dividend aan moedervennootschap gevestigd op Curaçao Belangrijk advies A-G bij Europees Hof over dividendbelasting op dividend aan moedervennootschap gevestigd op Curaçao Recent heeft de advocaat-generaal bij het Europese Hof van Justitie in Luxemburg (HvJ)

Nadere informatie

Rapport. Datum: 27 mei 1998 Rapportnummer: 1998/191

Rapport. Datum: 27 mei 1998 Rapportnummer: 1998/191 Rapport Datum: 27 mei 1998 Rapportnummer: 1998/191 2 Klacht Op 26 januari 1998 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer B. te Bonn (Duitsland) met een klacht over een gedraging van

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 22561 29 april 2016 Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht 25 april 2016 nr. DGB 2016/1731M

Nadere informatie

Datum van inontvangstne ming : 24/05/2012

Datum van inontvangstne ming : 24/05/2012 Datum van inontvangstne ming : 24/05/2012 C-181/12-1 Zaak C-181/12 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 18 april 2012 Verwijzende rechter: Finanzgericht Düsseldorf (Duitsland) Datum

Nadere informatie

Bij die gelegenheid hebben zij akte genomen van de volgende eenzijdige verklaringen:

Bij die gelegenheid hebben zij akte genomen van de volgende eenzijdige verklaringen: PROCES-VERBAAL VAN ONDERTEKENING VAN HET VERDRAG BETREFFENDE DE TOETREDING VAN DE TSJECHISCHE REPUBLIEK, DE REPUBLIEK ESTLAND, DE REPUBLIEK CYPRUS, DE REPUBLIEK LETLAND, DE REPUBLIEK LITOUWEN, DE REPUBLIEK

Nadere informatie

Het bankgeheim in het fiscaal recht

Het bankgeheim in het fiscaal recht Het bankgeheim in het fiscaal recht Johan Speecke Advocaat A. Algemeen niet strafrechtelijk, enkel discretieplicht specifiek fiscaal kader B. Successierechten artikel 96 ev W.S. (incl bankkluis) (art 97

Nadere informatie

http://www.ndfr.nl/pgdocument/document.asp?sdocumentinfo=surl%3dfile%253a...

http://www.ndfr.nl/pgdocument/document.asp?sdocumentinfo=surl%3dfile%253a... Page 1 of 7 NTFR2010-1424 Huwelijk EU-recht en bilaterale verdragen; HvJ EU voorziet niet in een gemengde boedel! mr. L.J. de Heer mr. W.W. Monteiro vorig volgend 1. Inleiding Op 19 november 2009 heeft

Nadere informatie

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op:

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op: Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 juni 2002 (26.06) (OR. fr) PUBLIC 9893/02 Interinstitutioneel dossier: 2001/0111 (COD) LIMITE 211 MI 108 JAI 133 SOC 309 CODEC 752 BIJDRAGE VAN DE IDISCHE

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 28/05/2015

Datum van inontvangstneming : 28/05/2015 Datum van inontvangstneming : 28/05/2015 Vertaling C-176/15-1 Zaak C-176/15 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 20 april 2015 Verwijzende rechter: Tribunal de première instance

Nadere informatie

Samenvatting. Aanleiding voor het onderzoek

Samenvatting. Aanleiding voor het onderzoek Samenvatting Aanleiding voor het onderzoek Het nationale bestuursrecht is van oudsher verbonden met het territorialiteitsbeginsel. Volgens dat beginsel is een autoriteit alleen bevoegd op het grondgebied

Nadere informatie

Regeling met België inzake ontslaguitkeringen

Regeling met België inzake ontslaguitkeringen Regeling met België inzake ontslaguitkeringen Besluit 22-06-2006 nr CPP2006-1404 Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling. Sector Ontwerp. Aspectgebied Internationaal belastingrecht

Nadere informatie

Kort Nieuws. Met name uit Nederland

Kort Nieuws. Met name uit Nederland Kort Nieuws Met name uit Nederland Machtiging bij bezwaarprocedure is ook geldig in (hoger) beroep Hoge Raad,7 maart 2014 Het gaat hierbij om een bezwaar tegen een door de Gemeente vastgestelde WOZwaarde

Nadere informatie

Vrijwillige premie beroepspensioenregeling werknemer

Vrijwillige premie beroepspensioenregeling werknemer Vrijwillige premie beroepspensioenregeling werknemer Inleiding Dit memo bevat de argumenten voor de fiscale aftrek van de premie betreffende het vrijwillige gedeelte van een beroepspensioenregeling bij

Nadere informatie

De jacht van de fiscus op buitenlandse informatie Het hoe en wat van de inlichtingenverstrekking door Zwitserland, Luxemburg, Liechtenstein en België

De jacht van de fiscus op buitenlandse informatie Het hoe en wat van de inlichtingenverstrekking door Zwitserland, Luxemburg, Liechtenstein en België De jacht van de fiscus op buitenlandse informatie Het hoe en wat van de inlichtingenverstrekking door Zwitserland, Luxemburg, Liechtenstein en België Mevr. mr. A.M.E. Nuyens en mevr. mr. V. Ruijs Hertoghs

Nadere informatie

Het voorstel van rijkswet wordt als volgt gewijzigd: a. In onderdeel b, aanhef, wordt de komma aan het slot vervangen door een dubbele punt.

Het voorstel van rijkswet wordt als volgt gewijzigd: a. In onderdeel b, aanhef, wordt de komma aan het slot vervangen door een dubbele punt. 33 955 Regeling voor Nederland en Curaçao tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en een woonplaatsfictie

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 10/01/2014

Datum van inontvangstneming : 10/01/2014 Datum van inontvangstneming : 10/01/2014 Vertaling C-623/13-1 Zaak C-623/13 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 28 november 2013 Verwijzende rechter: Conseil d État (Frankrijk)

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESCHIKKING VAN DE

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST EN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST AF/EEE/BG/RO/DC/nl 1 BETREFFENDE DE TIJDIGE BEKRACHTIGING VAN DE OVEREENKOMST BETREFFENDE

Nadere informatie

Directe belastingen, Internationale inlichtingenuitwisseling; Italië. De staatssecretaris van Financiën maakt het volgende bekend.

Directe belastingen, Internationale inlichtingenuitwisseling; Italië. De staatssecretaris van Financiën maakt het volgende bekend. Directe belastingen, Internationale inlichtingenuitwisseling; Italië Directoraat-generaal Belastingdienst, Cluster Fiscaliteit Besluit van 21 augustus 2014, nr. DGB 2014-4524 M, De staatssecretaris van

Nadere informatie

64 der Beilagen XXIII. GP - Staatsvertrag - 37 Protokoll niederländisch (Normativer Teil) 1 von 9

64 der Beilagen XXIII. GP - Staatsvertrag - 37 Protokoll niederländisch (Normativer Teil) 1 von 9 64 der Beilagen XXIII. GP - Staatsvertrag - 37 Protokoll niederländisch (Normativer Teil) 1 von 9 PROCES-VERBAAL VAN ONDERTEKENING VAN HET VERDRAG BETREFFENDE DE TOETREDING VAN DE TSJECHISCHE REPUBLIEK,

Nadere informatie

AKKOORD TUSSEN HET KONINKRIJK BELGIE ANTIGUA EN BARBUDA INZAKE DE UITWISSELING VAN INLICHTINGEN MET BETREKKING TOT BELASTINGAANGELEGENHEDEN

AKKOORD TUSSEN HET KONINKRIJK BELGIE ANTIGUA EN BARBUDA INZAKE DE UITWISSELING VAN INLICHTINGEN MET BETREKKING TOT BELASTINGAANGELEGENHEDEN AKKOORD TUSSEN HET KONINKRIJK BELGIE EN ANTIGUA EN BARBUDA INZAKE DE UITWISSELING VAN INLICHTINGEN MET BETREKKING TOT BELASTINGAANGELEGENHEDEN AKKOORD TUSSEN HET KONINKRIJK BELGIE EN ANTIGUA EN BARBUDA

Nadere informatie

FAQ - TAX REFORM. 1. Hoe weet men of de drempel van de 20.020 aan roerende inkomsten overschreden wordt?

FAQ - TAX REFORM. 1. Hoe weet men of de drempel van de 20.020 aan roerende inkomsten overschreden wordt? FAQ - TAX REFORM 1. Hoe weet men of de drempel van de 20.020 aan roerende inkomsten overschreden wordt? Hiervoor moet men in twee stappen te werk gaan. In eerste instantie moeten de intresten op «staatsbons

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 38029 30 december 2014 Vennootschapsbelasting. Fiscale eenheid. Wijziging van het besluit van 14 december 2010, nr. DGB2010/4620M,

Nadere informatie

Onderwerp: Uitvoeringsregeling informatieverstrekking 2014. De directeur van de gemeenschappelijke regeling Cocensus ;

Onderwerp: Uitvoeringsregeling informatieverstrekking 2014. De directeur van de gemeenschappelijke regeling Cocensus ; Besluit 2013/D007 Onderwerp: Uitvoeringsregeling informatieverstrekking 2014. De directeur van de gemeenschappelijke regeling Cocensus ; gericht op de uitvoering van de werkzaamheden welke op grond van

Nadere informatie

Tax Alert Maart 2013. In deze editie:

Tax Alert Maart 2013. In deze editie: Tax Alert Maart 2013 RSM Nederland Lucas Janssen Kantoor Maastricht +31 (0)43 363 90 50 ljanssen@rsm-wmv.nl Koen Dekker Kantoor Eindhoven +31 (0)40 295 00 15 kdekker@rsm-wmv.nl RSM België Gert van den

Nadere informatie

!i2ji ]]] ]]] de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs

!i2ji ]]] ]]] de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs !i2ji ]]] ]]] de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs Commissie Wetsvoorstellen mr. drs. S.A.W.J. Strik voorzitter Commissie Wetsvoorstellen De Vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer der

Nadere informatie

ARREST VAN HET HOF (Zevende kamer) 11 september 2014 (*)

ARREST VAN HET HOF (Zevende kamer) 11 september 2014 (*) ARREST VAN HET HOF (Zevende kamer) 11 september 2014 (*) Prejudiciële verwijzing Inkomstenbelasting Wetgeving ter voorkoming van dubbele belasting Belasting van in een andere lidstaat dan de woonstaat

Nadere informatie

No.W06.15.0231/III 's-gravenhage, 21 augustus 2015

No.W06.15.0231/III 's-gravenhage, 21 augustus 2015 ... No.W06.15.0231/III 's-gravenhage, 21 augustus 2015 Bij Kabinetsmissive van 9 juli 2015, no.2015001243, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Financiën, mede namens de Minister van

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST 443 der Beilagen XXIII. GP - Staatsvertrag - 91 niederländische Erklärungen (Normativer Teil) 1 von 13 EN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE

Nadere informatie

JURISPRUDENTIE VAN HET HVJEG 1987 BLADZIJDEN 3611

JURISPRUDENTIE VAN HET HVJEG 1987 BLADZIJDEN 3611 JURISPRUDENTIE VAN HET HVJEG 1987 BLADZIJDEN 3611 ARREST VAN HET HOF (DERDE KAMER) VAN 24 SEPTEMBER 1987. BESTUUR VAN DE SOCIALE VERZEKERINGSBANK TEGEN J. A. DE RIJKE. VERZOEK OM EEN PREJUDICIELE BESLISSING,

Nadere informatie

1. Inleiding. 2. Uitgangspunt

1. Inleiding. 2. Uitgangspunt 1. Inleiding In het geval u overweegt een vakantiewoning aan te kopen gelegen in Parc Les Etoiles wilt u wellicht meer weten over de mogelijke gevolgen voor de belastingheffing met betrekking tot de aankoop

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 27 789 Modernisering Successiewetgeving Nr. 19 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

Rente-aftrekbeperkingen in internationale context. Fred de Hosson

Rente-aftrekbeperkingen in internationale context. Fred de Hosson Rente-aftrekbeperkingen in internationale context Fred de Hosson >>Ahead of Tax 2010 Rente-aftrekbeperkingen Nu: - thin cap regeling: art. 10d Vpb; - anti-uitholling: art. 10a Vpb; - fraus legisrechtspraak

Nadere informatie

KWADE TROUW VAN DE BELASTINGADVISEUR IN DE ZIN VAN ARTIKEL 16 AWR

KWADE TROUW VAN DE BELASTINGADVISEUR IN DE ZIN VAN ARTIKEL 16 AWR KWADE TROUW VAN DE BELASTINGADVISEUR IN DE ZIN VAN ARTIKEL 16 AWR Inleiding In artikel 16 AWR is bepaald dat een feit dat de inspecteur bekend was of redelijke wijs bekend had kunnen zijn geen grond voor

Nadere informatie

Checklist - Grensoverschrijdende arbeid

Checklist - Grensoverschrijdende arbeid Checklist - Grensoverschrijdende arbeid Grensoverschrijdende arbeid neemt steeds meer toe en heeft allerlei gevolgen voor de werknemer, zijn de gezinsleden en zijn werkgever(s). Bij het bepalen van de

Nadere informatie

Zaak A 2005/1 - Bovemij Verzekeringen N.V. / Benelux-Organisatie voor de Intellectuele Eigendom

Zaak A 2005/1 - Bovemij Verzekeringen N.V. / Benelux-Organisatie voor de Intellectuele Eigendom COUR DE JUSTICE BENELUX GERECHTSHOF ~ Zaak A 2005/1 - Bovemij Verzekeringen N.V. / Benelux-Organisatie voor de Intellectuele Eigendom Nadere conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda (stuk A 2005/1/13)

Nadere informatie

Fairness Tax lijst van nog hangende problemen

Fairness Tax lijst van nog hangende problemen Fairness Tax lijst van nog hangende problemen De problemen die rijzen door de wet van 30 juli 2013 kunnen in 4 categorieën worden gerangschikt: - gewenste bevestigingen - gewenste verduidelijkingen - gewenste

Nadere informatie

van harte welkom op deze informatieavond

van harte welkom op deze informatieavond De Rabobank en KroeseWevers heten u van harte welkom op deze informatieavond Hengelo, dinsdag 28 oktober 2014 KroeseWevers Belastingadviseurs BV Wie zijn wij 7 vestigingen 270 medewerkers German Desk -

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 33 985 Goedkeuring van het op 18 december 2013 te s-gravenhage tot stand gekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde

Nadere informatie

Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2010

Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2010 Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2010 Inleiding Participeren in het beleggingsobject Terra Vitalis kan gevolgen hebben voor uw belastingpositie

Nadere informatie

Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2009

Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2009 Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2009 Inleiding Participeren in het beleggingsobject Terra Vitalis kan gevolgen hebben voor uw belastingpositie

Nadere informatie

Voorwaarden PensioenBelegging

Voorwaarden PensioenBelegging 1 Algemeen en definities 1.1 De Voorwaarden PensioenBelegging zijn een aanvulling op de Voorwaarden. De Voorwaarden PensioenBelegging zijn uitsluitend van toepassing op de Participaties PensioenBelegging

Nadere informatie

Rapport. Rapport inzake een klacht over een gedraging van de Dienst Wegverkeer (RDW) uit Zoetermeer. Datum: Rapportnummer: 2011/097

Rapport. Rapport inzake een klacht over een gedraging van de Dienst Wegverkeer (RDW) uit Zoetermeer. Datum: Rapportnummer: 2011/097 Rapport Rapport inzake een klacht over een gedraging van de Dienst Wegverkeer (RDW) uit Zoetermeer. Datum: Rapportnummer: 2011/097 2 Klacht Verzoeker kan zijn Nederlandse rijbewijs in Spanje niet omwisselen

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Tiberghien Advocaten www.tiberghien.be Onderwerp Welke interesten en dividenden komen in aanmerking voor voordelen arrest Dijkman? Datum 3 december 2010 Copyright and disclaimer De inhoud van

Nadere informatie

No.W06.15.0073/III 's-gravenhage, 1 mei 2015

No.W06.15.0073/III 's-gravenhage, 1 mei 2015 ... No.W06.15.0073/III 's-gravenhage, 1 mei 2015 Bij Kabinetsmissive van 18 maart 2015, no.2015000453, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Financiën, bij de Afdeling advisering

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 24.11.2009 COM(2009)641 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij de Portugese Republiek wordt gemachtigd een maatregel toe

Nadere informatie

ACM Werkwijze geheimhoudingsprivilege advocaat 2014

ACM Werkwijze geheimhoudingsprivilege advocaat 2014 ACM Werkwijze geheimhoudingsprivilege advocaat 2014 Autoriteit Consument en Markt ; Gelet op de artikelen 5:17 en 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, de artikelen 51 en 89 van de Mededingingswet,

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 12, tweede lid, van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 12, tweede lid, van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers; STAATSCOURANT Nr. Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. 850 24 november 2008 Regeling van de Staatssecretaris van Justitie van 12 november 2008, nr. 5557004/08, houdende bepalingen

Nadere informatie

MEDEDELING AAN DE LEDEN

MEDEDELING AAN DE LEDEN EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie verzoekschriften 31.1.2014 MEDEDELING AAN DE LEDEN Betreft: Verzoekschrift 0256/2011, ingediend door Harry Nduka (Nigeriaanse nationaliteit), over zijn recht om in

Nadere informatie

WETTEN, DECRETEN, ORDONNANTIES EN VERORDENINGEN

WETTEN, DECRETEN, ORDONNANTIES EN VERORDENINGEN WETTEN, DECRETEN, ORDONNANTIES EN VERORDENINGEN FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN [C 2013/03281] 17 AUGUSTUS 2013. Wet houdende omzetting van richtlijn 2011/16/EU van de Raad van 16 februari 2011 betreffende

Nadere informatie

De Rechtbank te 's-gravenhage (nr. AWB 10/5062) heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep ongegrond verklaard.

De Rechtbank te 's-gravenhage (nr. AWB 10/5062) heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep ongegrond verklaard. 11 Oktober 2013 nr. 12/04012 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-gravenhage van 10 juli 2012, nr. BK-11/00544,

Nadere informatie

Vragen en antwoorden over fiscale partnerregeling en heffingskortingen

Vragen en antwoorden over fiscale partnerregeling en heffingskortingen Vragen en antwoorden over fiscale partnerregeling en heffingskortingen Dit document bevat vragen en antwoorden over de fiscale partnerregeling en de heffingskortingen. ib 801-1z*1fd INKOMSTENBELASTING

Nadere informatie

Rapport. Datum: 3 mei 2007 Rapportnummer: 2007/084

Rapport. Datum: 3 mei 2007 Rapportnummer: 2007/084 Rapport Datum: 3 mei 2007 Rapportnummer: 2007/084 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de Belastingdienst niet de hem bekende inkomensgegevens over het jaar 2005 heeft gebruikt als basis voor het bepalen

Nadere informatie

TWEEDE PROTOCOL TOT WIJZIGING VAN DE OVEREENKOMST TUSSEN DE REGERING VAN BELGIE DE REGERING VAN NIEUW-ZEELAND TOT HET VERMIJDEN VAN DUBBELE BELASTING

TWEEDE PROTOCOL TOT WIJZIGING VAN DE OVEREENKOMST TUSSEN DE REGERING VAN BELGIE DE REGERING VAN NIEUW-ZEELAND TOT HET VERMIJDEN VAN DUBBELE BELASTING TWEEDE PROTOCOL TOT WIJZIGING VAN DE OVEREENKOMST TUSSEN DE REGERING VAN BELGIE EN DE REGERING VAN NIEUW-ZEELAND TOT HET VERMIJDEN VAN DUBBELE BELASTING EN TOT HET VOORKOMEN VAN HET ONTGAAN VAN BELASTING

Nadere informatie

Kort Nieuws. Met name uit Nederland. Grensoverschrijdende inbreng in een BV: Eeuwigdurend geconserveerd bedrag mag Hoge Raad, 13 december 2013

Kort Nieuws. Met name uit Nederland. Grensoverschrijdende inbreng in een BV: Eeuwigdurend geconserveerd bedrag mag Hoge Raad, 13 december 2013 Kort Nieuws Met name uit Nederland Grensoverschrijdende inbreng in een BV: Eeuwigdurend geconserveerd bedrag mag Hoge Raad, 13 december 2013 De Nederlandse belastingwetgeving geeft de mogelijkheid om een

Nadere informatie

Leerlingenvervoer en btw Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan het Europese Hof van Justitie

Leerlingenvervoer en btw Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan het Europese Hof van Justitie Leerlingenvervoer en btw Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan het Europese Hof van Justitie In deze nieuwsbrief informeren wij u over de laatste ontwikkelingen inzake de procedures over btw en leerlingenvervoer.

Nadere informatie

BENELUX ~ A 2006/2/11 COUR DE JUSTICE GERECHTSHOF. ARREST van 19 maart 2007. Inzake METABOUW BOUWBEDRIJF B.V. tegen BELGISCHE STAAT

BENELUX ~ A 2006/2/11 COUR DE JUSTICE GERECHTSHOF. ARREST van 19 maart 2007. Inzake METABOUW BOUWBEDRIJF B.V. tegen BELGISCHE STAAT COUR DE JUSTICE BENELUX GERECHTSHOF ~ A 2006/2/11 ARREST van 19 maart 2007 Inzake METABOUW BOUWBEDRIJF B.V. tegen BELGISCHE STAAT Procestaal : Nederlands ARRET du 19 mars 2007 En cause METABOUW BOUWBEDRIJF

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 01/02/2013

Datum van inontvangstneming : 01/02/2013 Datum van inontvangstneming : 01/02/2013 Vertaling C-603/12-1 Zaak C-603/12 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 21 december 2012 Verwijzende rechter: Verwaltungsgericht Hannover

Nadere informatie

Beslissing ET 123563 van 19 december 2012 Nieuwe regels inzake opeisbaarheid van btw Overgangsbepalingen

Beslissing ET 123563 van 19 december 2012 Nieuwe regels inzake opeisbaarheid van btw Overgangsbepalingen Beslissing ET 123563 van 19 december 2012 Nieuwe regels inzake opeisbaarheid van btw Overgangsbepalingen De uitreiking van de factuur, vooraleer het belastbaar feit zich heeft voorgedaan, is geen oorzaak

Nadere informatie

Met het oog op een zo volledig mogelijke dienstverlening informeren wij u graag over het volgende:

Met het oog op een zo volledig mogelijke dienstverlening informeren wij u graag over het volgende: SUEZ ENVIRONNEMENT AANDEELHOUDERSCLUB C/O SUEZ-TRACTEBEL SA TROONPLEIN 1 (T530) 1000 BRUSSELS FAX +32 (0)2 510 75 46 WWW.SUEZ-ENVIRONNEMENT.COM Brussel, 7 april 2009 Mevrouw, mijnheer, Met het oog op een

Nadere informatie

Tax Havens creëren bedrog. 1 Door: mr. T. J. (Jan) van Koningsveld 2

Tax Havens creëren bedrog. 1 Door: mr. T. J. (Jan) van Koningsveld 2 Tax Havens creëren bedrog. 1 Door: mr. T. J. (Jan) van Koningsveld 2 1. Inleiding Momenteel is er een groeiende (internationale) aandacht voor belastingparadijzen, vooral tegen de achtergrond van de strijd

Nadere informatie

Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis?

Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis? Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis? Aan de hand van bepaalde transacties wordt binnen groepen van vennootschappen soms gepoogd om winsten te verschuiven naar de vennootschappen

Nadere informatie

De fiscale begrotingsmaatregelen van de regering Di Rupo I: invloed op uw beleggingen

De fiscale begrotingsmaatregelen van de regering Di Rupo I: invloed op uw beleggingen De fiscale begrotingsmaatregelen van de regering Di Rupo I: invloed op uw beleggingen Eind 2011 werd het begrotingsakkoord door de regering Di Rupo goedgekeurd. Een aantal van deze maatregelen hebben rechtstreeks

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 17 december 2003 (OR. en) 15621/03 Interinstitutioneel dossier: 2003/0179 (CNS) FISC 204 OC 811

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 17 december 2003 (OR. en) 15621/03 Interinstitutioneel dossier: 2003/0179 (CNS) FISC 204 OC 811 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 17 december 2003 (OR. en) 15621/03 Interinstitutioneel dossier: 2003/0179 (CNS) FISC 204 OC 811 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Voorstel voor een

Nadere informatie

31 mei 2012 z2012-00245

31 mei 2012 z2012-00245 De Staatssecretaris van Financiën Postbus 20201 2500 EE DEN HAAG 31 mei 2012 26 maart 2012 Adviesaanvraag inzake openbaarheid WOZwaarde Geachte, Bij brief van 22 maart 2012 verzoekt u, mede namens de Minister

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 10/06/2014

Datum van inontvangstneming : 10/06/2014 Datum van inontvangstneming : 10/06/2014 I' Hoge Raad der Nederlanden Derde Kamer w ~e' {J.J ::li "~.8 ;.l_~ ( E..::r,",'_ t"::) ('0",,1 l:'jt:: ~~ ~ )(, ::li oe i~..- ~ c:: L'..J Nr. 12/03718 28 maart

Nadere informatie

Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, titel III, hoofdstuk II, afdeling III, onderafdeling 4. Ondernemingen die investeren in een raamovereenkomst voor de productie van een audiovisueel werk Art. 194ter.

Nadere informatie

INHOUD. Voorwoord... v HOOFDSTUK 1 ALGEMENE INLEIDING... 1

INHOUD. Voorwoord... v HOOFDSTUK 1 ALGEMENE INLEIDING... 1 INHOUD Voorwoord................................................................. v HOOFDSTUK 1 ALGEMENE INLEIDING.................................................... 1 1. Oorzaak van internationale dubbele

Nadere informatie

Dispuut in de praktijk: leidt belastingfraude altijd tot (een vervolging voor) witwassen?

Dispuut in de praktijk: leidt belastingfraude altijd tot (een vervolging voor) witwassen? Dispuut in de praktijk: leidt belastingfraude altijd tot (een vervolging voor) witwassen? De Hoge Raad oordeelde op 7 oktober jl. dat gelden die door belastingontduiking zijn verkregen, kunnen worden aangemerkt

Nadere informatie

2014Z21984. Antwoord 1

2014Z21984. Antwoord 1 2014Z21984 Vragen van het lid Omtzigt (CDA) aan de staatssecretarissen van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Financiën over de pensioenmaximering op 100.000 en de verlaging van de opbouw, die bij

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET

TRACTATENBLAD VAN HET 12 (1974) Nr. 8 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2013 Nr. 7 A. TITEL Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Tsjechoslowaakse Socialistische Republiek tot het

Nadere informatie

Datum 1 juli 2010 Betreft Vragen van het lid Bashir over onduidelijkheid rond ontwijking van btwafdracht

Datum 1 juli 2010 Betreft Vragen van het lid Bashir over onduidelijkheid rond ontwijking van btwafdracht > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Uw brief (kenmerk) 23 april 2010 (2010Z07393) Bijlagen Datum 1 juli 2010 Betreft

Nadere informatie

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van 6.12.2012. over agressieve fiscale planning

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van 6.12.2012. over agressieve fiscale planning EUROPESE COMMISSIE Brussel, 6.12.2012 C(2012) 8806 final AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van 6.12.2012 over agressieve fiscale planning NL NL AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van 6.12.2012 over agressieve fiscale

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Informatie voor grensarbeiders

Inhoudsopgave. Informatie voor grensarbeiders Inhoudsopgave WERKEN IN TWEE LANDEN 2 Wonen in Nederland en werken buiten Nederland Waar verzekerd bij werken in twee landen Voorkom dubbele premiebetaling Werkgevers- en werknemersverklaring DE PROCEDURE

Nadere informatie

Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement

Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement Na de Kamer van volksvertegenwoordigers heeft gisteren ook de Senaat diverse fiscale

Nadere informatie

Instituut Financieel Management

Instituut Financieel Management FFEBLR0111 IB (niet-winst) Instituut Financieel Management Opdracht 1b (inleveren in week 3) De tekst van artikel 1.2 Wet IB is per 1 januari 2011 ingrijpend gewijzigd. Vanaf 2001 t/m 2010 luidde de tekst

Nadere informatie

Beantwoording Kamervragen over de pensioenmaximering op 100.000 en de verlaging van de opbouw

Beantwoording Kamervragen over de pensioenmaximering op 100.000 en de verlaging van de opbouw Beantwoording Kamervragen over de pensioenmaximering op 100.000 en de verlaging van de opbouw Het Tweede Kamerlid Omtzigt (CDA) heeft aan de staatssecretarissen Wiebes (Financiën) en Klijnsma (SZW) een

Nadere informatie

De Directeur-generaal Belastingdienst in Nederland en de Adjunct-administrateur-generaal van de belastingen in België,

De Directeur-generaal Belastingdienst in Nederland en de Adjunct-administrateur-generaal van de belastingen in België, TIJDELIJKE REGELING TUSSEN DE BEVOEGDE AUTORITEITEN VAN NEDERLAND EN BELGIE MET BETREKKING TOT EEN GRENSOVERSCHRIJDENDE SAMENWERKING INZAKE DE RECHTSTREEKSE UITWISSELING VAN FISCALE INLICHTINGEN. De Directeur-generaal

Nadere informatie

5 extra opgaven bij Europees Recht, een inleiding

5 extra opgaven bij Europees Recht, een inleiding 5 extra opgaven bij Europees Recht, een inleiding Opgave 1 (gebaseerd op zaak C-235/03) De vennootschap QDQ Media SA (hierna: QDQ Media ) heeft bij de rechtbank van Barcelona een verzoek ingediend tot

Nadere informatie

Uw buitenlands vermogen in het vizier!

Uw buitenlands vermogen in het vizier! Uw buitenlands vermogen in het vizier! Van gegevensuitwisseling tot de kaaimantaks en een mogelijkheid tot spontane rechtzetting DE BROECK VAN LAERE & PARTNERS Advocaten te Brussel, Gent en Antwerpen www.dvp-law.com

Nadere informatie

Dubbele winst bij verliezen Rechtpraak Hoge Raad biedt nieuwe kansen over de grens

Dubbele winst bij verliezen Rechtpraak Hoge Raad biedt nieuwe kansen over de grens Dubbele winst bij verliezen Rechtpraak Hoge Raad biedt nieuwe kansen over de grens Op 1 maart van dit jaar heeft de Nederlandse Hoge Raad een belangrijke uitspraak gedaan in een Nederbelgische situatie.

Nadere informatie

Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98. P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten

Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98. P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98 P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten (verzoek van het Kantongerecht te Nijmegen om een prejudiciële beslissing) Verplichte deelneming in

Nadere informatie

BIJLAGE. bij het. voorstel voor een besluit van de Raad

BIJLAGE. bij het. voorstel voor een besluit van de Raad EUROPESE COMMISSIE Brussel, 7.4.2015 COM(2015) 151 final ANNEX 1 BIJLAGE bij het voorstel voor een besluit van de Raad over de sluiting, namens de Europese Unie, van het wijzigingsprotocol bij de Overeenkomst

Nadere informatie

1. DOEL EN TOEPASSINGSBEREIK

1. DOEL EN TOEPASSINGSBEREIK EUROPESE COMMISSIE Directoraat-generaal Concurrentie Beleid en coördinatie inzake staatssteun Brussel, DG D(2004) COMMUNAUTAIRE KADERREGELING INZAKE STAATSSTEUN IN DE VORM VAN COMPENSATIES VOOR DE OPENBARE

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1998 1999 26 272 Wijziging van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 (aanpassing regime ter zake van de afkoop van verplichtingen tot alimentatie of tot verrekening

Nadere informatie

afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen.

afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen. Reactie op de brief van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) inzake het wetsvoorstel tot wijziging van Boek 7, titel 10, van het Burgerlijk Wetboek in verband met het limiteren van de hoogte van de

Nadere informatie

Notitie Fiscaal Verdragsbeleid 2011

Notitie Fiscaal Verdragsbeleid 2011 Notitie Fiscaal Verdragsbeleid 2011 Notitie Fiscaal Verdragsbeleid 2011 Inhoud Voorwoord 9 Lijst van afkortingen 11 1 Het verdragsbeleid op hoofdlijnen 13 1.1 Inleiding 13 1.2 Kerninzet 14 1.2.1 Hoofddoelen

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET. JAARGANG 1989 Nr. 96

TRACTATENBLAD VAN HET. JAARGANG 1989 Nr. 96 53 (1970) Nr. 5 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1989 Nr. 96 A. TITEL Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Finland betreffende het internationale

Nadere informatie