= 152 W. De warmtestroom door de plaat

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "= 152 W. De warmtestroom door de plaat"

Transcriptie

1 K2 Biofysi Gezon sporten vwo Uitwerkingen sisoek K2.1 INTRODUCTIE 1 [W] Experiment: Meten n je lihm 2 [W] Het menselijk lihm in e ntuurkune 3 [W] Experiment: Krht, snelhei en spieren 4 [W] Voorkennistest 5 Wr of niet wr? Wr Niet wr: Als e resulterene krht op een voorwerp nul is, eweegt het voorwerp met onstnte snelhei of lijft het stil stn. Niet wr: Als je met onstnte snelhei fietst is jouw spierkrht even groot ls e luhtweerstn en e rolweerstn smen. Niet wr: In een vloeistof vint het meeste wrmtetrnsport plts oor stroming, mr er is ook nog een klein eetje geleiing. e Wr 6 F n = F z = m g = 80 9,81 = 785 N F w,r = r F n = 0, = 667 = 6, N. v = 40 = 11,1 m/s 3,6 F w,l = k v 2 = 0,23 11,1 2 = 28 N. F vw = F tegen = F w,r + F w,l = = 695 = 7, N. Bij e strt zl e luhtweerstn nog nul zijn, us is e voorwrtse krht groter n e tegenwerkene krhten en zl e snelhei toenemen. Nrmte e snelhei vn e fietser stijgt neemt e luhtweerstn toe en us wort e nettokrht stees kleiner, wroor e snelhei stees lngzmer zl toenemen. 7 De wrmtestroom oor het hout is te erekenen met e wrmtegeleiingsoëffiiënt vn het hout: λ hout = 0,4 W/(K m). Verer gelt t: A = 1,5 1,3 = 1,95 m 2, = 0,050 m en T = 21,0 8,0 = 13,0 C. Dit geeft P = λ A T 13,0 = 0,4 1,95 = 203 = 2 0, W. Voor het gls gelt t = 0,0050 m en λ gls = 0,03 W/(K m) us P = λ A T = 0,03 1,95 13,0 = 152 W. De wrmtestroom oor e plt 0,0050 hout is us = 51 = W groter n oor het gls. Oriënttie: De hoeveelhei wrmte ie noig is voor het opwrmen vn e plt hout is te erekenen met e soortelijke wrmte vn het hout: = 1880 J/(kg K). Hiervoor is e mss vn het hout noig, ie te erekenen is met e ihthei vn het hout: ρ = 1 kg/m 3. Bereken rvoor eerste het volume vn het hout. Uitwerking: V = 1,5 1,3 0,050 = 0,0975 m 3 = 97,5 m 3 m = ρ V = 1 97,5 = 97,5 kg. T = 13,0 C Q = m T = ,5 13,0 = 2, J = 2 MJ. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 1 vn 20

2 K2.2 WAARNEMEN EN REAGEREN 8 [W] Experiment: Retietij 9 [W] Experiment: Hrtslg en emhling 10 [W] Experiment: Stroomsnelhei vn het loe 11 [W] Experiment: Cfeïne 12 Wr of niet wr? Wr Niet wr: Het lihm heeft vijf vershillene zintuigen. Wr Niet wr: Een voetller geruikt ook zijn gehoor, ijvooreel om het fluitje vn e sheisrehter te horen. e Niet wr: Celkernen vn zenuwellen ie signlen vn zintuigen en reeptoren oorgeven zitten versprei oor het lihm. f Wr g Niet wr: Signlen ie vi het zenuwstelsel woren verstuur zijn elektrish of hemish vn r. h Niet wr: Het lihm verstuurt signlen vi zenuwen en oor hormonen in e loesomloop te rengen. i Niet wr: De loesomloop zorgt ervoor t overl in het lihm zuurstof, voeingsstoffen, fvlstoffen, hormonen en wrmte komen. j Wr 13 Liht, gelui, geur, smk, tempertuur en ruk 14 Zuurstofgehlte, hoeveelhei fvlstoffen, lihmstempertuur 15 Vi zenuwen of vi hormonen 16 Niet elk signl heeft een retie noig en ls elk signl oorgegeven wort krijg je te veel prikkels oor. De ruk op je hui vn e kleing ie je rgt wort niet oorgegeven. 17 De retie vi het zenuwstelsel is sneller, zo kn er meteen geregeer woren op e extr zuurstofehoefte vn e spieren oor het hrt sneller te lten kloppen. Om e voeingsstoffen ie het hrt uit het loe hlt n te vullen moet er een signl nr meerere plekken in het lihm gestuur woren, ovenien hoeft it niet heel snel te geeuren, us gt it het este met hormonen vi e loestroom. 18 Jij geleit n e stroom vn je hn vi je romp nr je voeten. De stroom loopt n ook oor je hrt en kn r het hrtritme ernstig verstoren. 19 De spiereweging ie noig is om te sporten moet meteen gelever woren, het opsln vn voesel heeft miner hst en rvoor moeten ook meerere orgnen tief woren ie mkkelijker vi hormonen zijn n te sturen. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 2 vn 20

3 20 Bij toenme vn e hrtslgfrequentie neemt e oorloeing toe en stijgt e tempertuur in een spier. Ook het zuurstofgehlte neemt n toe. Door e toenme vn e oorloeing woren e hormonen sneller vereel over e loen us is het effet vn hormonen groter. 21 [W] Experiment: Reflexen 22 [W] Experiment: Retietij versus reflextij 23 [W] Experiment: Aemvolume 24 Eigen ntwoor vn e leerling 25 Bij een reflex gt het signl vi e kortste route vn e reeptor nr je spieren, nmelijk vi je ruggenmerg meteen weer terug. Zor iets je wimpers rkt sluit je je ogen. Een reflex is zo snel om je te eshermen tegen gevr en mogelijke eshigingen vn je lihm. 26 Wr of niet wr? Niet wr: Een prikkel wort oor een zenuwel oorgegeven oort N + - en K + - ionen oor e elwn ewegen. Niet wr: Bij een reflex stuurt het entrle zenuwstelsel vi het ruggenmerg iret e spieren n. Niet wr: De positieve pool vn e spnning in een zenuwel ligt innen e zenuwel. Wr e Wr f Niet wr: De mximle wre vn e tiepotentil is onfhnkelijk vn e sterkte vn e prikkel. 27 Geel/groen en ornje woren voorl oor e groene kegeltjes geeteteer, us e kleurreeptor groen werkt hier niet goe. 28 Stfjes regeren ij een veel lgere lihtintensiteit en oen het rom nog erg goe ij shemer of ls het onker is, ners zou je s nhts niets zien en overl tegenn lopen. 29 Er zijn vershillene reeptoren voor vershillene frequenties ie lleml een eigen gevoeligheisrempel heen. 30 Het hrt De getrine sporter heeft een grotere hrtspier ie met meer krht het loe oor e eren kn pompen. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 3 vn 20

4 31 Bij een grotere zuurstofehoefte neemt niet lleen het emvolume toe mr nemen je longen ook meer zuurstof uit e luht op. Het vern tussen zuurstofehoefte en emvolume is us niet evenreig. De nvoer vn voeingsstoffen in een spier hngt f vn e hrtslgfrequentie en e onentrtie voeingsstoffen. Het vern tussen e hrtslgfrequentie en e nvoer vn voeingsstoffen kn roor niet evenreig zijn. Het vermogen hngt f vn e hoeveelhei loe ie het hrt per minuut kn ronpompen en e hoeveelhei zuurstof ie e longen kunnen opnemen. Het vermogen zl us niet evenreig met e emhlingsfrequentie zijn. De spierkrht is evenreig met het ntl spiervezels nst elkr. 32 V mn = m 9 L = = 5605 ml = 5,6 L. V vrouw = m 11 L = = 4732 ml = 4,7 L us 5,6 4,7 = 0,9 L meer. Een hrtslg in rust mk slgen per minuut. Bij 45 slgen/min: = 2790 ml = 2,8 L en ij 70 slgen/min = 4340 ml = 4,3 L 2,8L tot 4,3 L. Het mximl ntl hrtslgen per minuut is: 220 leeftij (in jren) = = 203. Dus = ml = 13 L ml e 0,45 min = 27 s ml/min f Bij 65 slgen per minuut wort er rongepompt: = 4030 ml/min. Dt is per g 4, = 5803 L. Het ntl keren t l het loe vn Sner wort rongepompt is us 5803 = 1,0 5, De fstn ie e prikkel moet fleggen is ij Niels, ie in zijn teen wort geprikt, veel groter n ij Mxim. Dt sheelt ongeveer 1,50 m. Het signl gt met ongeveer 120 m/s oor een zenuwel us het tijsvershil is ongeveer t = s = 1,50 = 0,0125 s. Er is v 120 us vershil in retietij mr t is met een gewone stopwth niet te meten. 34 e De onentrtie ntriumionen is uiten e el 10 x zo groot ls innen in e el, us zullen ntriumionen e el in komen ls e ntriumknlen geopen zijn. Er eweegt positieve ling (e ntriumionen) vn uiten e el nr innen in e el, zot e innenknt vn e el miner negtief wort en e memrnspnning in e rihting vn 0 gt. De onentrtie kliumionen is innen in e el 30 x zo groot ls uiten e el us zullen kliumionen e el uitgn ls e kliumknlen geopen zijn. De spnning in e el is negtief ten opzihte vn ruiten. De positieve ntriumionen woren oor ie negtieve ling ngetrokken. Dt is niet zo voor e positieve kliumionen: eze moeten tegen het potentilvershil in nr e positieve uitenknt vn e el stromen. De ntriumionen en kliumionen moeten n een tiepotentil tegen het onentrtievershil in ewegen en t kost energie. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 4 vn 20

5 f U = k T [ln(c q uiten ) ln(c innen )] met k = 1, J/K, T = 37 C = 310 K en q = 1, C. Voor e ntriumionen is C uiten = 0,150 mol/l en C innen = 0,015 mol/l U N = 1, , [ln(0,150) ln(0,015)] = 0,0616 V = 62 mv g Voor e kliumionen is C uiten = 0,005 mol/l en C innen = 0,150 mol/l U K = 1, [ln(0,005) ln(0,150)] = 0,00909 V = 91 1, mv. h Het gemiele vn eie spnningen is U rust = = 15 mv en in figuur 17 2 is te zien t e rustspnning ron e -84 mv zit. Het lijkt us t het versimpele moel: klium en ntrium eplen in gelijke mte e rustspnning, niet tot e wrgenomen rustspnning leit. Behlve e invloe vn e spnningen speelt ook e geleirhei vn eie ionen een rol. i Als e onentrtie ntriumionen in en uiten e el n elkr gelijk is, n is U N = 0 mv en ls er niets is verner n e onentrtie vn e kliumionen is U K = 91 mv. De gemiele spnning is n U tiepotentil = 91+0 = 46 mv. Bij een 2 tiepotentil gt e spnning vn negtief kortstonig nr positief. Dit komt niet overeen met een vernering vn -15 mv nr -46 mv, us het versimpele moel kn e piek in e tiepotentil niet verklren. 35 We shtten e lengte vn e springer op 1,8 meter en in een zenuwel is v = 120 m/s us t = s = 1,8 = 0,015 s = 15 ms. v ms is voor lle mensen lnger n het signl noig heeft om vi e zenuwen vn e oren nr e ijeenspier te komen, us het is mogelijk om n het fluitsignl te strten en toh een vlse strt toegewezen te krijgen. 36 [W] Elektrishe geleiing vn het hrt K2.3 VOEDINGSSTOFFEN EN BEWEGEN 37 [W] Experiment: Vn welke ftoren is het vermogen fhnkelijk? 38 [W] Experiment: Armpje rukken 39 [W] Experiment: Vern tussen vermogen en hrtfrequentie 40 Wr of niet wr? Wr Niet wr: Als een spier veel wort geruikt, woren er extr spiervezels ngemkt oor het lihm. Wr Wr e Wr f Niet wr: Als je snel vn huis nr shool loopt is je spierkrht groter en us verriht je meer rei n wnneer je lngzm loopt. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 5 vn 20

6 g h i j Niet wr: Als je snel vn huis nr shool loopt is e rei groter en e tij korter, us is je vermogen groter n wnneer je lngzm loopt. Niet wr: je hrtslgfrequentie wort oor meer ftoren eïnvloet zols stress en hormonen. Een toenme vn je hrtslgfrequentie hoeft us geen toenme vn je vermogen te etekenen. Wr Niet wr: Inemen oe je oort je met je spieren je longvolume groter mkt. De tmosferishe luhtruk zorgt er vervolgens voor t luht je longen in stroomt. 41 Met ijvooreel lleen je ieps kun je wel je rm uigen, mr n het ontspnnen vn je ieps is er geen krht ie je rm weer kn strekken. 42 De mrthonloper heeft e meeste rei verriht, wnt eze heeft een veel lngere fstn gelopen. De sprinter h het grootste vermogen, wnt eze heeft in heel korte tij e rei verriht, e mrthonloper heeft veel lnger gen over het verrihten vn e rei. De sprinter heeft e meeste spiervezels wnt eze moet veel meer krht leveren. De mrthonloper heeft e meeste voeingsstoffen in e spieren opgeslgen omt hij geurene lnge tij zuurstof en voeingsstoffen nr e spieren moet toevoeren. 43 Bij eie soorten oping wort ervoor gezorg t het loe meer zuurstof nr e spieren kn trnsporteren. Door e extr roe loeellen in het loe kn e visositeit vn het loe toenemen en n kunnen loestolsels ontstn en t kn weer een hersen- of hrtinfrt veroorzken. 44 In het hoger gelegen Zwitserln is e zuurstofonentrtie in e luht lger. Je lihm regeert hierop oor meer roe loelihmpjes n te mken. Als je n een week weer op zeeniveu gt sporten zorgen e extr roe loelihmpjes in je loe voor een eter zuurstoftrnsport. Tiet en e ergen vn Nepl zijn r veel te hoog voor. Dn zit er zo weinig zuurstof in e luht t je niet goe meer kunt trinen. Als je je teveel inspnt in het hooggeergte lukt het je lihm niet om voloene zuurstof nr je spieren, orgnen en hersenen te vervoeren en roor kun je uiten westen rken. 45 [W] Experiment: Longvolume fhnkelijk vn vershillene ftoren 46 [W] Experiment: Spierkrht vergelijken 47 Eigen ntwoor vn e leerling 48 De wielrenner met het zwr verzet zette e meeste krht tijens het fietsen. De wielrenners verrihtten lleei evenveel rei. De wielrenner met het zwr verzet h het grootste vermogen. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 6 vn 20

7 Met een kleiner verzet g je zuiniger met je energie om, je sprt je krhten (e tij is immers voor eie wielrenners gelijk). 49 De snellere lopers heen meer luhtweerstn, us het vermogen vn e snellere lopers is groter n het vermogen vn e lngzme lopers. De tegenwerkene krhten hngen lleen f vn e snelhei. Dus leveren lopers C en D het meeste vermogen en lopers A en B miner vermogen. Bij rei speelt e tij geen rol. Alleen e luhtweerstn eplt hoeveel rei er is verriht. Dus leveren lopers C en D meer rei en lopers A en B miner rei. Als ezelfe rei wort gelever in miner pssen etekent it t je hrer moet fzetten en rn opnieuw krht moet zetten om e grote ps te mken. Dus grote pssen kosten meer krht. Drnst leveren e snelle lopers meer rei, us moeten ie ook meer krht zetten. De volgore is us C D A B. 50 Bij het zwemmen zl het grootste geeelte met onstnte snelhei woren gezwommen. Dt etekent t e spierkrht net zo groot is ls e tegenwerkene krht vn het wter. Deze tegenwerkene (wrijvings-)krht is evenreig met het kwrt vn e snelhei, us etekent een tweeml zo grote spierkrht een miner n tweeml zo grote snelhei. 51 Door e sterke fzuiging zoner nvoer vn verse luht zl e luhtihthei lger woren (e luht wort ijler ). Bovenien zullen lle mensen in het stion e zuurstof uit e luht verruiken. Hieroor zl er miner zuurstof in e luht nwezig zijn en it kn ervoor zorgen t e sporter slehter presteert. Nee, t heeft geen zin wnt het zl niet lukken om e zuurstofonentrtie rmee hoger te mken n e zuurstofonentrtie in e gewone verse luht ie n innen stroomt. 52 Voor e gewihtheffer gt het om e hoeveelhei spiervezels en e grootte vn e eweging ie e spieren mken. Om veel krht uit te kunnen oefenen heeft het lihm vn e gewihtheffer veel extr spiervezels ngemkt. Bovenien hoeven e spieren vn een kleine gewihtheffer zih miner te verkorten. 53 De hoogte h is ls volgt te erekenen: h = = 79 m, us het zwrtepunt eweegt tijens het lopen h = = 16 m omhoog. De rei ie e eenspieren moeten verrihten is e toenme vn e zwrteenergie: W = E z = m g h = 80 9,81 0,16 = 1, J. Dn is h = = 60 m h = = 25 m W = m g h = 80 9,81 0,25 = 1, J. Bij grotere stppen moeten e enen 1,9 = 1,5 x zoveel rei verrihten per stp, 1,3 mr het ntl enoige stppen is ij grote stppen 100 = 167 en ij kleine 0,60 stppen is t = 200. Dus het ntl stppen is = 1,2 x zo klein. Het 0, renement is us het grootst ij kleine stppen. 54 P = W t = F s t = F s = F v. t ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 7 vn 20

8 F w,luht = k p luht v 2 en ij onstnte snelhei is e krht vn e wielrenner gelijk n e luhtweerstn us invullen in P = F v geeft: P = F w,luht v = k p luht v 2 v = k p luht v 3. Voor Neerln gelt: P = 200 W en v = 35 km/h = 9,72 m/s. Invullen in P = k p luht v 3 geeft: 200 = k p luht 9,72 3 k p luht = 0,217. In Mexio is e luhtruk nog mr 74% vn e luhtruk in Neerln, en het vermogen vn e wielrenner is 91% vn het vermogen in Neerln, us: 0, = 0,74 0,217 v 3 v = 10,4 m/s = 37,5 km/h. 55 Het renement vn e spieren is 20% à 25%, invullen in η = W E in geeft E in = W = 3,0 = 15 MJ η 0,20 en E in = 3,0 = 12 MJ. 0,25 Het loe moet 12 tot 15 MJ n e spieren leveren. Oriënttie: Gluose heeft een verrningswre r m = 28, J/mol (Bins tel 56) en een molire mss M = 6 12, , ,00 = 180,16 g/mol (geruik hiervoor e toommss s vn e losse tomen uit Bins tel 99). Met ehulp vn E h = r m m M is n te erekenen hoeveel gluose wort omgezet. Uitwerking: m = E h M = ,16 = 768 g r m 28, en m = ,16 = , g. Er wort 7, tot 9, grm gluose in zijn spieren omgezet. Als er ij e verrning vn vet per grm twee keer zoveel energie vrijkomt, is er twee keer zo weinig vn noig. De mrthonloper is n floop 3, tot 4, grm vet kwijt. 56 E = = 3, J. Het renement vn e spieren is 20% à 25% W = η E in = 0,20 3, = 6, J en W = 0,25 3, = 8, J. Er wort us 68 tot 85 kj nuttig omgezet in rei. De rei wort omgezet in hoogte-energie: W = m g h h = W = 6, ,5 104 = 86,6 m en h = = 108,3 m. m g 80 9, ,81 Krel kn 87 tot 1, m omhoog met e energie vn eze mrs. 86,6 108,3 = 481 en = 0,18 0, Dt zijn 4,8 102 tot 6, treen. 57 Anole steroïen en groeihormonen versterken e groei vn e spieren en eïnvloeen zo iret e krht en het vermogen vn e sporter. 58 De voorste sporter heeft veel meer spieren. Anole steroïen of groeihormonen. EPO of loeoping zot het lihm lngurig voloene zuurstof n e spieren kn lijven leveren. Dit kun je niet n e fietser zien. 59 Anole steroïen of groeihormonen, om meer spieren te krijgen. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 8 vn 20

9 EPO zot e spieren tijens e mrthon voloene zuurstof krijgen. 60 Cfeïne is niet shelijk voor e gezonhei en ook niet in strij met e Spirit of sport. Alohol is in strij met e Spirit of sport en het levert in het verkeer extr risio s op. Vnwege het extr verkeersrisio stt het lleen op e opinglijst voor gemotoriseere sporten. Wee is shelijk voor e gezonhei en in strij met e Spirit of sport. 61 [W] Experiment: Retiesnelhei eïnvloeen K2.4 WARMTEHUISHOUDING 62 [W] Experiment: Huitempertuur 63 [W] Experiment: Gevoelstempertuur 64 Wr of niet wr? Niet wr: Een sporter rkt e meeste wrmte kwijt oor vermping en zweten (ehlve een zwemmer). Wr Wr Wr e Niet wr: Een sporter kn op vijf vershillene mnieren wrmte kwijtrken: oor geleiing, stroming, strling, vermping en emhling. f Niet wr: Ook ls je niet zweet kn er wter vn je hui vermpen. g Wr h Wr i Niet wr: Een gezon lihm kn e tempertuur in het lihm onstnt houen. 65 Bij het lozen stroomt er meer loe iht oner e hui wroor je meer wrmte verliest oor strling. Het wrmteverlies hiervn is zo gering t je hiervn niet onerkoel zl rken. 66 In e winter zie je t je wrmte verliest n e wolkjes wtermp ie je uitemt. De ingeeme luht wort in e longen wrmer en vohtiger. Bij het uitemen koelt eze vohtige wrme luht f. De wtermp onenseert rij. De wolkjes estn us uit geonenseere wtermp. 67 De grootheen ie een lihm onstnt hout zijn oner nere: lihmstempertuur, loeruk, suikerspiegel, zuurstofgehlte in het loe, hoeveelhei fvlstoffen en zuurgr. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 9 vn 20

10 68 Wrmteverlies oor geleiing is e winter groter n in e zomer, omt het tempertuurvershil tussen e luht en e hui groter is. Wrmteverlies oor stroming is in e zomer groter n in e winter, omt je in e winter je hui het fgeekt met kleing zot er geen koue luht lngs je hui kn stromen. Wrmteverlies oor strling is in e zomer groter n in e winter. Je het het vker wrm wroor er meer loe vlk oner e hui stroomt zot je meer wrmte uitstrlt. Wrmteverlies oor vermping is in e zomer groter n in e winter, omt je in e zomer meer zweet. Wrmteverlies oor emhling is in e winter groter n in e zomer omt er een groter tempertuurvershil is tussen e ingeeme luht en e longen. 69 Bij zwemmen is wrmteverlies oor geleiing en stroming groter n ij hrlopen. Bij zwemmen is wrmteverlies oor strling en vermping kleiner n ij hrlopen. Wrmteverlies oor emhling zl ij eie sporten gelijk zijn. 70 [W] Experiment: Afkoeling vn e hui 71 [W] Experiment: Meten vohtgehlte vn in- en uitgeeme luht 72 e f g h i j Bij innenkomst voelt e omgeving wrm n. De elngrijkste mnier vn wrmteverlies is strling. N het omkleen voelt e omgeving kou n. De elngrijkste mnier vn wrmteverlies is geleiing. Als je net het zwem ingesprongen ent voelt het wter kou n. De elngrijkste mnier vn wrmteverlies is stroming. Als je hr oor het zwemt voelt het wter niet meer kou n omt je zelf meer wrmte proueert. De elngrijkste vorm vn wrmteverlies is stroming. Als je nr uiten ent gezwommen voelt e uitenluht kou n. De elngrijkste vorm vn wrmteverlies is emhling. Als je uiten uit het zwem klimt voelt het uiten erg kou. De elngrijkste vorm vn wrmteverlies is vermping. Als je oner e ouhe stt voelt het ouhewter wrm n. De elngrijkste vorm vn wrmteverlies is vermping. Als je vn e ouhe nr e kleeruimte loopt voelt e omgeving kou n. De elngrijkste vorm vn wrmteverlies is vermping. Als je je net het fgeroog in e kleekmer voelt e omgeving kou n. De elngrijkste vorm vn wrmteverlies is geleiing. Als je met je winterjs e kleekmer uitloopt voelt e omgeving wrm n. De elngrijkste vorm vn wrmteverlies is strling. 73 De tempertuur vn je hui stijgt, us zl je meer wrmte uitstrlen en ook het wrmteverlies oor geleiing zl toenemen. Als je veel eweegt ij het sporten zl het wrmteverlies oor stroming ook toenemen en oor het toenemen vn je emhlingsfrequentie zl ook het wrmteverlies oor emhling toenemen. En zor je gt zweten neemt ook het wrmteverlies oor vermping toe. 74 De lihmstempertuur vn e loper zl stijgen. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 10 vn 20

11 De tempertuur vn e hui neemt toe wroor het wrmteverlies oor strling, geleiing en stroming toeneemt. Door het toenemen vn e tempertuur in e longen en e emhlingsfrequentie neemt het wrmteverlies oor emhling ook toe. Het wrmteverlies oor vermping neemt f omt e loper niet genoeg zweet meer kn proueren. De loper moet nog 2 km fleggen. Stel t hij t op een lg looptempo vn 6 km/uur oet, n oet hij r 20 minuten over. Hij kn 210 W wrmte niet kwijt, us proueert totl = 2, J wrmte. De soortelijke wrmte vn wter (hieruit estt het grootste geeelte vn het lihm) is 4, J/(kg K). Bij een mss vn 70 kg zl zijn tempertuurstijging zijn: T = 2, ,2 103 = 0,9 C. Zijn tempertuur ws l gestegen tijens het lopen tot ongeveer 39 C us hij zl e finish wrshijnlijk wel hlen, hij heeft n een lihmstempertuur vn 40 C. 75 Eigen ntwoor vn e leerling 76 De wrmteproutie is evenreig met e mss. Een grotere eer heeft een grotere mss en zl us evenreig meer wrmte proueren. Voor het strlingsvermogen gelt t P = σ A T hui 4 en voor e grootte vn het huioppervlk (vn een mens): A = 0,202 m 0,425 l 0,725. Een eer met een twee keer zo grote mss zl een 2 1/3 = 1,26 keer zo grote lengte heen. Het huioppervlk zl 2 0,425 1,26 0,725 = 1,6 keer zo groot zijn. Dus het huioppervlk en rmee ook het strlingsvermogen nemen miner n evenreig toe met e mss. De grotere eer zl us meer wrmte proueren en it miner snel verliezen oor strling, wroor hij zihzelf eter op tempertuur kn houen in het Artish geie. 77 Wrmtetrnsport oor strling (en ook stroming en geleiing) is hieroor groter, omt e huioppervlkte groter is. 78 In Neerln vriest het mr weinig en is het zeer zelen eneen e -20 C. Bij zwre inspnning he je volgens het kleingvies ps ij -25 C en kouer kleing uit e groep keep wrm noig. Bij toenemene inspnning stijgt e lihmstempertuur. Het vershil met e omgevingstempertuur wort n groter en us neemt het wrmtetrnsport oor stroming en geleiing toe. 79 N het sporten is e lihmstempertuur hoger en zijn e sporters ezweet. De sporters verliezen n snel veel wrmte. Wrmteverliezen oor strling, stroming, geleiing en vermping vormen een gevr voor fkoelen. Wrmteverlies oor vermping is ná het sporten wel groot mr vóór het sporten niet. Vlk ná een grote inspnning is het gevr voor onerkoeling groter omt e spieren n geen wrmte meer proueren mr e uitenknt vn het lihm is nog wel erg wrm wroor e sporter snel fkoelt. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 11 vn 20

12 80 De lngere sporter zl meer wrmte verliezen n e kortere sporter. An e formule voor e huioppervlkte A = 0,202 m 0,425 l 0,725 is te zien n e lengte vn e sporter een grotere invloe heeft op e oppervlkte n e mss. De sporters vn 1,90 m zullen us meer wrmte verliezen n e sporters vn 1,70 m. Mr e zwrere sporters zullen meer wrmte proueren n e lihtere sporters. De wrmteproutie is evenreig met e mss, terwijl het wrmteverlies iets miner n evenreig met e lengte is. De verhouingen vn e mss s zijn: = 1,14 en = 1,13. De verhouing vn e = 1,11. In verhouing neemt e lengte us miner toe n e mss en lengtes is 1,90 1,70 ovenien is het wrmteverlies miner n evenreig met e lengte. Dt etekent t sporter D e meeste wrmte proueert en eze wrmte in verhouing tot sporter A en C miner snel verliest. Hij hoeft zih het minst wrmt te kleen. Sporter B en C proueren evenveel wrmte, us zl sporter C zih wrmer moeten kleen. Sporter A proueert e minste wrmte en moet zih us het wrmst kleen. De volgore is us (eginnen ij e ikst geklee sporter): A C B D. 81 Alleen het wrmteverlies oor zweten zl stijgen ij een tempertuurstijging, us t is lijn IV. Het wrmteverlies oor strling hngt niet f vn e omgevingstempertuur, us t is lijn III. Het wrmteverlies oor emhling en oor geleiing zl len ij een hogere tempertuur omt het tempertuurvershil tussen het lihm en e omgeving kleiner wort. Lijn I is een rehte lijn, eze is evenreig met het tempertuurvershil met e omgeving en hoort us ij het wrmteverlies oor geleiing. Lijn II zl het wrmteverlies oor emhling zijn, eze hngt niet lleen f vn het tempertuurvershil met e omgeving, mr ook vn e reltieve luhtvohtighei. Punt A is het snijpunt vn lijn I met e lijn wr het wrmteverlies 0 is. Dt is wnneer het tempertuurvershil met e omgeving 0 is. Dit is ij e lihmstempertuur vn 37 C. Als het wrmteverlies negtief is etekent it t het lihm oor e omgeving wort opgewrm. Dt is zo ls e omgeving wrmer is n 37 C. 82 De sporters zijn l een tij n het sporten, us is hun wrmteproutie gelijk n hun wrmtefgifte nr uiten. Uit e tel vn figuur 35 lijkt t e gemiele wrmteproutie vn e 4 sporters is: Sporter A: lopen met 7 km/h, m = 80 kg, wrmteproutie 232 W/m 2, sporter B: lopen met 10 km/h, m = 80 kg, wrmteproutie 580 W/m 2, sporter C: fietsen met 20 km/h, m = 80 kg, wrmteproutie 220 W/m 2, sporter D: fietsen met 40 km/h, m = 90 kg, wrmteproutie 700 W/m 2. Sporter A, B en C heen ezelfe mss, us zl sporter B het meeste wrmte verliezen, n A en vervolgens C. Sporter D heeft een grotere wrmteproutie n e nere sporters en ovenien is zijn mss ook nog groter wroor zijn wrmteproutie (en wrmtefgifte) nog groter zl zijn. De juiste volgore is us (eginnen met e sporter ie e meeste wrmte per seone verliest: D B A C. 83 Gevoelstempertuur hngt smen met e winsnelhei. De lngsstromene luht koelt het lihm f, het gt hier us om wrmteverlies oor stroming. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 12 vn 20

13 84 De regen vlt uit e hogere luhtlgen us is nog kouer n e luht. Door e regen g je nog meer wrmte verliezen oor vermping. De gevoelstempertuur wort us lger ij neerslg. Oner e 0 C is er geen regen mr sneeuw. De sneeuw lijft op je kleing liggen en vermpt niet us heeft geen invloe op e gevoelstempertuur. 85 Het zwrte lok soreert meer wrmtestrling vn e zon terwijl het witte lok meer strling zl weerktsen. Het zwrte lok zl rom wrmer zijn n het witte lok. Het zwrte lok heeft e hoogste tempertuur en zl us het grootste uitgestrle vermogen heen De vermpingswrmte vn wter is w = 2, J/kg, us e wrmte ie e mrthonloper is kwijtgerkt oor het vermpen vn zweet is Q zweten = w m = 2, ,0 = 9, J = 9,0 MJ. De gelopen tij is t = = 1, s, us is e gemiele snelhei vn e mrthonloper v gem = s = = 2,79 m s = 10 t 1, km/h. Volgens e tel in figuur 35 is e wrmteproutie n P pro = 580 W/m 2. De huioppervlkte vn een gemiele mn is A = 1,8 m 2, us is e totle fgevoere wrmte Q totl = P wrmte A t = 580 1,8 1, = 1, J = 15,8 MJ. De loper is us 9,0 100% = 57% vn e fgevoere wrmte kwijtgerkt oor 15,8 zweten. 4 Het wrmteverlies oor strling is te erekenen met P strling = σ A T hui wrij σ e onstnte vn Boltzmn is: σ = 5, W/(m 2 K 4 ), A weer e huioppervlkte en T e huitempertuur: T = 37 C = = 310 K. P strling = 5, , = 9, W. De totle hoeveelhei uitgestrle wrmte is us Q strling = P strling t = 9, , = 1, J = 14,3 MJ. Er is 15,8 MJ wrmte geproueer, wrvn 9,0 MJ kwijtgerkt is oor zweet us er zl miner n 14,3 MJ wrmte zijn kwijtgerkt oor strling. Het is zeker goe mogelijk t lle overige wrmte oor strling is kwijtgerkt. 20% vn e geruikte energie is omgezet in rei, us is 80% vn e geruikte energie e fgevoere wrmte. De fgevoere wrmte is Q totl = 1, J, us is e rei W = 20 1, = 3, J = 3,9 MJ. e W = F gem s F gem = W s = 3, = 94 N. De huioppervlkte is te erekenen met: A = 0,202 m 0,425 l 0,725. Pul: A = 0, ,425 1,80 0,725 = 1,927 = 1,9 m 2 en Quinten: A = 0, ,425 1,70 0,725 = 1,849 = 1,8 m 2. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 13 vn 20

14 De mss vn het wter t Pul is kwijtgerkt is m = ρ V = 0,998 0,400 = 0,399 kg. De wrmte ie Pul rmee kwijtrkt is te erekenen met Q zweten = w m = 2, ,399 = 9, J. Pul fietst met een snelhei vn 40 km/h, us volgens e tel vn figuur 35 is P wrmte = 700 W/m 2. De gefietste fstn is 65 km, us r oen ze t = s = 65 km = 1,625 h = 5,85 v 40 km/h 103 s over. De totle fgevoere wrmte is n: Q totl = P wrmte A t = 700 1,927 5, = 7, J. Pul rkt us 9, , % = 11% vn zijn wrmte vi zweten kwijt. 4 Het wrmteverlies oor strling is te erekenen met P strling = σ A T hui wrij σ e onstnte vn Boltzmn is: σ = 5, W/(m 2 K 4 ), A weer e huioppervlkte en T e huitempertuur: T = 37 C = = 310 K P strling = 5, , = 1, W. De totle hoeveelhei uitgestrle wrmte is: Q strling = P strling t = 1, , = 5, J. Pul rkt us 5, , % = 75% vn zijn wrmte kwijt oor strling. Bij ezelfe mss en inspnning zl Quinten evenveel wrmte proueren, mr e huioppervlkte vn Quinten is kleiner. Het wrmteverlies oor strling is evenreig kleiner en rom zl Quinten meer moeten zweten om ezelfe hoeveelhei wrmte f te kunnen voeren ls Pul. Quinten zl us meer voht kwijtrken tijens it ronje fietsen. 88 De wrmte ie Feron per minuut kwijtrkt n het opwrmen vn e ingeeme luht is te erekenen met: Q luht = m T. Hierij is e soortelijke wrmte vn e luht: luht = 1, J/(kg K). De mss is te erekenen met m = ρ V wrij ρ luht = 1,293 kg/m 3. Het volume luht t per minuut wort ingeem is V = 8 3,0 = 24 L = m 3. De mss vn e luht is: m = 1, = 3, kg Q luht = 1, , (30 17) = 4, J. De hoeveelhei wtermp ie e ingeeme luht evt is f te lezen in punt A vn figuur 45: 8,5 g/m 3. Bij 30 C kn e uitgeeme luht volgens figuur 45 mximl 27 g/m 3 wtermp evtten. Bij een reltieve luhtvohtighei vn 90% evt e luht us 0,90 27 = 24,3 g/m 3 wter. Er is us 24,3 8,5 = 15,8 g/m 3 wter vermpt. Feron emt per minuut m 3 luht in, us vermpt er per minuut 15, = 0,379 g wter. De energie ie t kost is Q vermpen = w m = 2, , = 857 = 8, J. Q emhling = Q luht + Q vermpen = 4, , = 1, J. Volgens e tel in figuur 35 is e wrmteproutie ij slpen P wrmte = 46 W/m 2. De huioppervlkte vn een gemiele vrouw is A = 1,6 m 2, us is e totle fgevoere wrmte Q totl = P wrmte A t = 46 1,6 60 = 4, J. Feron rkt us 1, , % = 29% vn hr wrmte kwijt oor hr emhling. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 14 vn 20

15 Als Feron in een tentje slpt is T = 30 5 = 25 C Q luht = 1, , = 7, J. Bij 15 C kn e uitgeeme luht volgens figuur 45 mximl 5,8 g/m 3 wtermp evtten. Bij een reltieve luhtvohtighei vn 85% evt e luht us 0,85 5,8 = 4,9 g/m 3 wter. Er zl us 24,3 4,9 = 19,4 g/m 3 wter vermpen. Dt is per minuut 19, = 0,466 g wter. De energie ie t kost is Q vermpen = w m = 2, , = 1, J. Q emhling = Q luht + Q vermpen = 7, , = 1, J. Feron rkt ij eze tempertuur us 1, , % = 41% vn hr wrmte kwijt oor hr emhling. 89 Een mens heeft een lngwerpige vorm, us ls e sporter tweeml zo lng zou zijn, n zou zijn oppervlkte ook ijn tweeml zo groot zijn. Als e mss vn e sporter tweeml zo groot is, n zl voorl e omvng (ronom) vn e sporter groter zijn en roor wort zijn oppervlkte niet tweeml zo groot mr veel miner n t. De oppervlkte zl us sneller stijgen met e lengte n met e mss vn e sporter. 90 Oriënttie: Er moeten eerst een ntl nnmes gemkt woren: De hrloper heeft een snelhei vn 10 km/h, us volgens e tel in figuur 35 proueert hij 580 W/m 2, het is een mn met een huioppervlkte vn 1,8 m 2 en een mss vn 70 kg en hij rkt oververhit ls zijn tempertuur gestegen is nr 40 C. Bereken hoeveel wrmte e hrloper proueert. Bij stilstn is het wrmteverlies 81 W/m 2. Het vershil tussen het geproueere vermogen en het wrmteverlies is het vermogen P opwrm wrmee e hrloper opwrmt. Met ehulp vn e soortelijke wrmte vn e mens vn 3,5 kj/(kg K) is uit te rekenen hoeveel wrmte Q noig is om op te wrmen vn 37 C nr 42 C. Zo is tenslotte e tij uit t uit te rekenen oor eze wrmte Q te elen oor P opwrm. Uitwerking: P wrmte = 580 1,8 = 1, W en P verlies = 81 1,8 = 1, W. De hrloper zl us opwrmen met P opwrm = 1, , = 8, J/s. De wrmte ie noig is om e tempertuur vn e hrloper te lten stijgen nr 40 C is: Q = m T = 3, (40 37) = 7, J Q t = = 7, = 8,18 P opwrm 8, s = 14 min. 91 Voor het opwrmen vn 1 L wter is noig: Q = m T = 4, ,0 37 = 1, J = 0,15 MJ. Norml verrn je ongeveer 10 MJ per g, us je zult wel heel veel ijswter moeten rinken om op eze mnier f te vllen. 92 Bij roge luht is e wrmtegeleiingsoëffiiënt ie vn luht, us W m -1 K -1, zie Bins tel 12. Bij 100% reltieve luhtvohtighei (t is verzige luht) is e wrmtegeleiingsoëffiiënt vn e luht gelijk n ie vn wter: 0,60 W m -1 K -1, zie Bins tel 11. Bij 50% reltieve luhtvohtighei zl e wrmtegeleiingsoëffiiënt 0,30 W m -1 K -1 zijn. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 15 vn 20

16 Door e vermping vn het wter is e reltieve luhtvohtighei vlk oven en in het shirt ehoorlijk hoog, misshien wel 50%. De wrmtegeleiingsoëffiiënt vn eze luht is n ook veel groter wroor e persoon met het ntte shirt veel sneller fkoelt. 93 Oriënttie: Door sorptie vn e wtermp wort het wrmteverlies oor geleiing ngevul. Dit wrmteverlies oor geleiing is te erekenen met ehulp vn P geleiing = λ A T. Nu moeten eerst een ntl nnmes woren gemkt: De wrmtegeleiingsoëffiiënt vn e stof vn e js is gelijk n e wrmtegeleiingsoëffiiënt vn luht: λ = W m 1 K 1. We gn voor e js uit vn een oppervlkte A = 1 m 2 en een ikte = 5 m. Het tempertuurvershil is 1 gr. De totle hoeveelhei wrmte ie wort gesoreer is n te erekenen met Q = P geleiing t wrij t = 15 min. Uitwerking: P geleiing = ,05 = 0,48 W Q = 0, = 432 J = 0,4 kj. 94 Extrpoleer e grfiek tot n nm en mk vervolgens een inshtting vn e oppervlkte oner e grfiek tussen 8000 en nm. Het gevrge perentge is e oppervlkte oner e grfiek tussen 8000 en nm geeel oor e oppervlkte oner e totle grfiek. Dit is ongeveer 8%. = λ f f = 3, us f = = 4 λ Hz en f = 3, = 2, Hz. Het frequentiegeie vn eze infrroe strling is 2, tot Hz. 95 (is er niet) K2.5 AFSLUITING 96 Eigen ntwoor vn e leerling ( en ) 97 e Grootheen ie een rol spelen ij homeostse in het menselijk lihm zijn lihmstempertuur, loeruk, suikerspiegel, zuurstofgehlte in het loe, hoeveelhei fvlstoffen, zuurgr. Grootheen ie e mens met zijn zintuigen kn wrnemen zijn liht, gelui, tempertuur, geur, smk, ruk. Een zintuig estt uit zintuigellen ie prikkels vn uiten kunnen wrnemen en oorgeven. Een reeptor is een el ie speifieke informtie innen het lihm wrneemt. Een reeptor is us eigenlijk een zintuigel voor innen in het lihm. Grootheen ie reeptoren in het menselijk lihm kunnen wrnemen zijn houing, zuurstofgehlte in het loe, hoeveelhei fvlstoffen en lihmstempertuur. Alle elkernen vn zenuwen ie spieren nsturen evinen zih in het entrle zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg). ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 16 vn 20

17 f De enrieten vn e zenuwel ontvngen het signl en geven het vi het ellihm n het xon oor. Het xon is een zeer lnge uitloper ie tot in het entrle zenuwstelsel reikt. Dr wort het signl oorgegeven n nere zenuwellen en verer versprei. De zenuwel ie ls retie e spier nstuurt ligt ook met zijn elkern in het entrle zenuwstelsel. Het signl loopt weer vi het xon tot n e synps ij e spieren. g De onentrtie vn ntriumionen is uiten e el groter n innen in e el, terwijl e onentrtie vn kliumionen uiten e el kleiner is n innen in e el. In een rustsitutie ontstt er zo een spnning vn -90 mv over e wn vn e zenuwel. Als eze rustsitutie oor een prikkel wort verstoor gn er in e elwn kleine knltjes open wroor e ntriumionen nr innen zullen gn. Hieroor wort e memrnpotentil eerst miner negtief en zelfs positief. Er ontstt een spnningspuls, e tiepotentil. Door eze positieve spnning gn e knltjes voor ntriumionen iht en openen e knltjes voor e kliumionen wroor kliumionen e el uit gn. Hieroor gt e memrnpotentil weer terug nr e negtieve wre vn -90 mv. h De rie funties vn e loestroom zijn het trnsporteren vn zuurstof, voeingsstoffen en fvlstoffen, het verspreien vn hormonen oor het lihm en het regelen vn e tempertuur vn het lihm. i Een vershil tussen zenuwen en hormonen is t zenuwen vi elektrishe signlen werken terwijl hormonen met hemishe signlen werken. Een overeenkomst tussen zenuwen en hormonen is t ze lleei signlen trnsporteren. j De zuurstofehoefte is een mt voor e inspnning. Mr er is geen eenuiig vern tussen zuurstofehoefte en emhlingsfrequentie omt je, ls je meer zuurstof noig het, ook ieper gt emhlen en ls het zuurstofgehlte in je loe lg is nemen je longen ook meer zuurstof op uit e luht. De hrtfrequentie is een etere mt voor e zuurstofehoefte, wnt eze hngt iret f vn e ehoefte n voeingsstoffen en zuurstof in het lihm. k Een reflex is veel sneller n een gewone retie op een prikkel, omt niet eerst een signl nr e hersenen hoeft te gn: er wort iret geregeer. l Tussen e spierkrht en het ntl spierellen is een evenreig vern. m De energie uit voeingsstoffen wort oor spieren omgezet in wrmte en rei. n Het menselijk lihm verliest zijn wrmte oor geleiing, stroming, strling, vermping en emhling. o De strlingswrmte ie het lihm uitstrlt is evenreig met e viere mht vn e tempertuur (in Kelvin) vn e uitstrlene hui. p Als e wrmtelns niet in evenwiht is zl e tempertuur vn het menselijk lihm stijgen of len wroor het lihm oververhit of onerkoel rkt. q Als iemn intensief gt sporten zl het lihm e volgene mtregelen treffen: Meer loe vlk oner e hui lten stromen, om zo het wrmteverlies oor strling, geleiing en stroming te verhogen, en (meer) trnspirtie, om zo het wrmteverlies oor zweten te verhogen. r Wrmteverlies oor geleiing hngt voorl f vn het vershil in tempertuur vn e hui en e omgevingstempertuur, terwijl wrmteverlies oor stroming voorl fhngt vn e fvoer vn e wrmte, us vn e luhtstroming om het lihm. 98 Bloeoping is een mnier om e zuurstofvoorziening vn e spieren te vereteren. Dt is voorl vn elng ij uursporters en heeft weinig zin ij sprinters. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 17 vn 20

18 99 De nole steroïen zorgen voor een toenme vn e spiermss, us e sporter zl iner hrer kunnen lopen. De sporter moet wel hr lijven trinen omt ners e spierellen woren fgeroken. Bij gelijke inspnning krijgt e sporter us een oneerlijk vooreel. Oriënttie: Bereken eerst het energieverlies met η = W, wrij η = 23% en W = P t met E h P = 260 W en t = 3 h = 1, s. Bereken vervolgens hoeveel grm gluose hiervoor moet woren verrn met E h = r m m. De strutuurformule vn gluose is volgens Bins tel 66B: CH12O6. M Met ehulp vn Bins tel 99 is n e molire mss te erekenen. De verrningswre vn gluose is r m = 28, J/mol (Bins tel 56). Uitwerking: W = 260 1, = 2, J E h = W = 2, = 1, J. η 0,23 M = 6 12, , ,00 = 180,156 g/mol. m = E h M = 1, ,156 = 7, r m 28, g. Het renement vn e spieren is 23%, us wort 100% - 23% = 77% vn zijn energie omgezet in wrmte. De wrmteproutie is us P wrmte = = 870 W Q = P wrmte t = 870 1, = 9, J = 9,4 MJ. Als 50% vn e geproueere wrmte wort fgevoer oor zweet, n is Q zweet = 0,50 Q = 0,50 9, = 4, J. Voor vermping gelt t Q zweet = v m, wrij v e vermpingswre vn wter is: v = 2, J/kg (Bins tel 11) m = Q zweet = 4,7 106 v 2, = 2,1 kg. Als nu ijn lle wrmte wort fgegeven oor zweet terwijl t vorig jr e helft vn e wrmte ws, zl er nu us twee keer zoveel zweet geproueer woren. De wielrenner zl us 2,1 kg extr zweet proueren en moet 2,1 L extr wter rinken tijens e re Volgens e tel in figuur 35 is e wrmteproutie ij rustig hrlopen (7 km/h) 232 W/m 2. De huioppervlkte vn e wielrenner is A = 0,202 m 0,425 l 0,725 = 0, ,425 1,70 0,725 = 1,81 m 2. Dus P wrmte = 232 1,81 = 419 W. De wrmte ie in één uur wort geproueer is us Q = P wrmte t = = 1, J. Om een onstnte inwenige tempertuur te ehouen moet Fin eze wrmte ook weer fvoeren, us moet hij 1,5 MJ wrmte fvoeren in it uur. Het renement vn e spieren is 20%, us wort 100% - 20% = 80% vn zijn energie omgezet in wrmte. Het gemiele nuttige vermogen is us P nut = = 1, W. De wrmte ie in 5 minuten wort geproueer is Q = P wrmte t = = 1, J. De toenme vn e lihmstempertuur is te erekenen met Q = m T met = 3,5 J/(kg K) T = Q = 1, = 0,51 C. m 3,5 70 ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 18 vn 20

19 e Als Fin egint met hrlopen zl zijn emhlingsfrequentie stijgen en zl hij op en uur stees ieper gn emhlen. Hieroor stijgt e wrmtefgifte oor emhlen. Tijens het hrlopen stijgt e tempertuur vn Fin. Zijn wrmtefgifte oor strling, stroming en geleiing zullen hieroor toenemen. Op een gegeven moment gt Fin zweten en komt er ook wrmtefgifte oor zweten ij. Als je rustig gt wnelen neemt e wrmtefgifte oor emhlen f. Je tempertuur lt us ook je wrmtefgifte oor strling, stroming en geleiing zullen fnemen. Mr je lihm is nog stees ezweet us e wrmtefgifte oor zweten zl nog niet zo snel fnemen. Je proueert wel miner wrmte, us je krijgt het kou. 101 U C = k T [ln(c q uiten ) ln(c innen )] met k = 1, J/K, T = 37 C = 310 K. Omt het liumion tweewrig is (C 2+ ) is q twee keer zo groot: q = 2 1, = 3, C. Voor e liumionen is C uiten = 0,150 mol/l en C innen = 0,015 mol/l U C = 1, [ln( ) ln( )] = 0,132 V = 132 mv. 3, Als we er vnuit gn t e rustspnning het gemiele is vn U C en U K (wt in werkelijkhei niet juist is), n kunnen we U K ls volgt erekenen: U rust = U C+U K U 2 K = 2 U rust U C = 2 ( 80) 132 = 292 mv. Voor e kliumionen gelt: U K = k T [ln(c q uiten ) ln(c innen )] 0,292 = 1, ln (C uiten ) 1, (C innen ) ln (C uiten ) = 10,9 (C innen ) (C uiten ) = (C innen ) e 10,9 = 1, (C innen ) = 1 = 5,5 (C uiten ) 1, De onentrtie kliumionen is us innen e zenuwel groter n uiten e zenuwel in e rustsitutie. Wrshijnlijk zijn it meer kliumionen wnt eze zijn eenwrig terwijl liumionen tweewrig zijn Het loevolume vn een gemiele mn is 5 L, us 0, % = 10%. Met 10% miner loe is er een merkr slehter trnsport vn zuurstof en fvlstoffen, us kunnen je spieren miner goe funtioneren. W = E z = m g h = 68 9, = 9, = 9, J. De rei per trptree is W tree = 9, = 125 = 1, J. 745 Jo loopt e trppen in 6 min en 51,4 s, t is ,4 = 411,4 s P = W = 9, = 227 = 2,3 t 411,4 102 W. In e opgve is weggevllen t e eelnemers in totl 1471 meter fleggen. De gemiele spierkrht vn Jo is n te erekenen met W = F spier s F spier = W = 9, = 63 N. s 1471 e P strling = σ A T hui 4 wrij σ = 5, W/(m 2 K 4 ), T hui = = 310 K en A = 0,202 m 0,425 l 0,725 = 0, ,425 1,75 0,725 = 1,82 m 2 P strling = 5, , = 9, W Q strling = P strling t = 9, ,4 = 3, J = 0,39 MJ. 5 ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 19 vn 20

20 f g Oriënttie: Jo rkt ij het emhlen wrmte kwijt n het opwrmen vn e luht vn 18 C nr 30 C, en hij rkt wrmte kwijt n het vermpen vn het wter, omt e luhtvohtighei vn e uitgeeme luht hoger is n ie vn e ingeeme luht. De wrmte ie Jo kwijtrkt n het opwrmen vn e luht is te erekenen met Q verwrmen = luht m T met = 1, J/(kg C) en m = ρ V wrij ρ luht = 1,293 kg/m 3 (zie ook tel 12 vn Bins). De wrmte ie Jo kwijtrkt oort e uitgeeme luht vohtiger is n e ingeeme luht is te erekenen oor n e hn vn e tel in figuur 50 te eplen hoeveel wtermp e ingeeme en e uitgeeme luht evtten en it in te vullen in Q vermpen = w m met w = 2, J/kg (zie Bins tel 12). Tenslotte is: Q zweten = Q verwrmen + Q vermpen. Uitwerking: T = = 12 C en V = 4,7 L = 4, m 3 m = 1,293 4, = 6, kg Q verwrmen = 1, , = 72,9 J. Uit e tel in figuur 50 is oor interpoltie te eplen t er ij 18 C mximl (17,3 12,8) = 15, 5 g wtermp in één m3 luht zit. Bij een reltieve luhtvohtighei vn 50% zit er us 0,50 15,5 = 7,8 g/m 3 wter in e luht. Bij 30 C is f te lezen t er mximl 30,3 g wtermp per m 3 in e luht zit. Bij een reltieve luhtvohtighei vn 90% zit er us 0,90 30,3 = 27,3 g/m 3 wter in e luht. Er is us 27,3 7,8 = 19,5 g/m 3 vermpt. Bij een longinhou vn 4,7 L is e mss vn het vermpte wter m = 19,5 4, = 9, g Q vermpen = 2, , = 2, J. Q zweten = Q verwrmen + Q vermpen = 72,9 + 2, = 2, J = 21 kj per emhling. 178 slgen per minuut en 60 ml per slg, geurene 6 minuten en 51,4 s. Dn is er us 178 0,060 (6 + 51,4 ) = 73,2 = 73 L. 60 h V mn = m 9 L = ,75 = 5506 ml = 5,5 L. 73,2 i = 13 keer. 5, e f g De rolwrijvingskrht, e luhtwrijvingskrht en e omponent vn e zwrtekrht in e rihting vn e helling. De omponent vn e zwrtekrht in e rihting vn e helling zorgt voor een extr tegenwerkene krht wroor e zuurstofehoefte vn e wielrenner extr groot is. Door e lge luhtruk wort e luht miner hr nr innen geuw oort het vershil tussen e ruk vn e uitenluht en e luhtruk in je uitgezette longen n kleiner is. Bovenien is e luht ijler en evt us miner zuurstof per m 3. Hieroor krijg je per emhling miner zuurstof innen. Het vooreel is t e luhtweerstn lger is, wnt eze is evenreig met e ihthei vn e luht. Het vooreel vn e lge luhtweerstn hngt f vn e snelhei vn e wielrenner, wnt e luhtweerstn is kwrtish evenreig met e snelhei. Als e wielrenner een steile erg op rijt zl zijn snelhei erg lg zijn. Een hooggelegen wielern ligt vlk zot e zwrtekrht geen rol speelt. Bij het ergop rijen zl e snelhei zo lg zijn t het vooreel vn e lge luhtweerstn niet opweegt tegen e extr zuurstofehoefte vn e wielrenner en het neel vn e lge luhtruk ij e emhling. ThiemeMeulenhoff v CONCEPT Pgin 20 vn 20

K4 Menselijk lichaam. Uitwerkingen basisboek. Gezond sporten havo K4.1 INTRODUCTIE. = 11,1 m/s 3,6 F w,l = k v 2 = 0,23 11,1 2 = 28 N.

K4 Menselijk lichaam. Uitwerkingen basisboek. Gezond sporten havo K4.1 INTRODUCTIE. = 11,1 m/s 3,6 F w,l = k v 2 = 0,23 11,1 2 = 28 N. K4 Menselijk lihm Gezon sporten hvo Uitwerkingen sisoek K4.1 INTRODUCTIE 1 [W] Experiment: Meten n je lihm 2 [W] Het menselijk lihm in e ntuurkune 3 [W] Experiment: Krht, snelhei en spieren 4 [W] Voorkennistest

Nadere informatie

De oppervlakte van de rechthoek uit de vorige opgave hangt van dezelfde variabelen af.

De oppervlakte van de rechthoek uit de vorige opgave hangt van dezelfde variabelen af. Opgve 1 Vn twee korte en twee lnge luifers is een rehthoek geleg. Omt je geen fmetingen weet hngt e omtrek vn eze rehthoek f vn twee vrielen, nmelijk lengtekorteluif er en lengtelngeluif er. Welke formule

Nadere informatie

9 Sport en verkeer. Uitwerkingen basisboek. Arbeid, energie en vermogen vwo 9.1 INTRODUCTIE. = g 9,8 0,9. 9.2 ENERGIE VOOR BEWEGEN

9 Sport en verkeer. Uitwerkingen basisboek. Arbeid, energie en vermogen vwo 9.1 INTRODUCTIE. = g 9,8 0,9. 9.2 ENERGIE VOOR BEWEGEN 9 Sport en verkeer Arei, energie en vermogen vwo Uitwerkingen sisoek 9.1 INTRODUCTIE 1 [W] Voorkennistest 2 De snelhei is onstnt, e resulterene krht is nul, us e luhtweerstn is even groot ls e zwrtekrht.

Nadere informatie

Het maakt bij een lamp niet uit vanaf welke kant de stroom komt, dus als je de spanningsbron omdraait brandt de lamp ook.

Het maakt bij een lamp niet uit vanaf welke kant de stroom komt, dus als je de spanningsbron omdraait brandt de lamp ook. 1 Elektriiteit Elektrishe shkelingen en energiegeruik Hvo Uitwerkingen sisoek 11 INTRODUCTIE 1 [W] Sluipgeruik vn elektrishe pprten 2 [W] Spnningsronnen 3 [W] Experiment: Sttishe elektriiteit 4 Wr of niet

Nadere informatie

3 Materialen. Uitwerkingen basisboek. Eigenschappen en deeltjesmodellen VWO 3.1 INTRODUCTIE. ThiemeMeulenhoff bv CONCEPTVERSIE Pagina 1 van 25

3 Materialen. Uitwerkingen basisboek. Eigenschappen en deeltjesmodellen VWO 3.1 INTRODUCTIE. ThiemeMeulenhoff bv CONCEPTVERSIE Pagina 1 van 25 3 Mterilen Eigenshppen en eeltjesmoellen VWO Uitwerkingen sisoek 31 INTRODUCTIE 1 [W] Experiment: Stoffen en wrmte 2 [W] Voorkennistest 1 Wr 2 Niet wr: Een zuivere stof estt (meestl) niet uit moleulen,

Nadere informatie

Inhoudsmaten. Verkennen. Uitleg. Opgave 1. Dit is een kubus met ribben van 1 m lengte. Hoeveel bedraagt de inhoud ervan?

Inhoudsmaten. Verkennen. Uitleg. Opgave 1. Dit is een kubus met ribben van 1 m lengte. Hoeveel bedraagt de inhoud ervan? Inhousmten Verkennen Opgve 1 Dit is een kuus met rien vn 1 m lengte. Hoeveel ergt e inhou ervn? Kun je e nm kuieke meter ls eenhei vn inhou verklren? In hoeveel kleinere kuussen is eze kuieke meter vereel?

Nadere informatie

Opgave 1 Je ziet hier twee driehoeken op een cm-rooster. Beide driehoeken zijn omgeven door eenzelfde

Opgave 1 Je ziet hier twee driehoeken op een cm-rooster. Beide driehoeken zijn omgeven door eenzelfde Oppervlkte vn riehoeken Verkennen Opgve 1 Je ziet hier twee riehoeken op een m-rooster. Beie riehoeken zijn omgeven oor eenzelfe rehthoek. nme: Imges/hv-me7-e1-t01.jpg file: Imges/hv-me7-e1-t01.jpg Hoeveel

Nadere informatie

Route H. Deze route start achter de grote volière.

Route H. Deze route start achter de grote volière. Route H 1 Deze route strt hter e grote volière. Uilen Uilen zijn roofvogels ie 's nhts jgen. Hun ogen kunnen vn het minste liht nog geruik mken. De slgpennen heen een frnjehtige uitenrn. Welk vooreel heen

Nadere informatie

Handleiding voor het maken van Papierarchitectuur, PA.

Handleiding voor het maken van Papierarchitectuur, PA. Hnleiing voor het mken vn Ppierrhitetuur, PA. Inleiing PA is het mken vn 3D ojeten uit een plt stuk ppier of krton. Eerst wort een ontwerp gemkt op ppier of krton. Door het snijen en vouwen vn het ontwerp

Nadere informatie

5 Straling en gezondheid

5 Straling en gezondheid 5 Strling en gezonhei Ioniserene strling Hvo Uitwerkingen sisoek 51 INTRODUCTIE 1 [W] Toepssingen en risio 2 [W] Atoomouw 3 [W] Voorkennistest 4 Wr of niet wr? Niet wr: Een negtief gelen ion heeft ltij

Nadere informatie

VOORTPLANTING BIJ DE MENS

VOORTPLANTING BIJ DE MENS VOORTPLANTING BIJ DE MENS Vruhtrhei O: 5/ Lees het krntenrtikel Onvruhtrhei stijgt. Bentwoor rn e vrgen. Afeeling 5/ Het ntl ehtpren met klhten over onvruhtrhei neemt toe. Welke twee oorzken noemt het

Nadere informatie

Niet waar: Ook glanzende oppervlakken zoals een glimmende auto kunnen als spiegel gebruikt worden.

Niet waar: Ook glanzende oppervlakken zoals een glimmende auto kunnen als spiegel gebruikt worden. K1 Opti Lihteelen Hvo Uitwerkingen sisoek K1.1 INTRODUCTIE 1 [W] Experiment: Spiegels en spiegeleelen 2 [W] Voorkennistest 3 Wr of niet wr? e f Wr Niet wr: Ook glnzene oppervlkken zols een glimmene uto

Nadere informatie

1a Een hoeveelheid stof kan maar op één manier veranderen. Hoe?

1a Een hoeveelheid stof kan maar op één manier veranderen. Hoe? Oefenopgven over Stoffen en Mterilen Uitwerking en ntwoord op elke opgve stt n de ltste opgve. Gegevens kunnen worden opgezoht in de tellen hterin. Als de zwrteftor niet vermeld is mg je 9,81 N/kg nemen.

Nadere informatie

CAT B1.1.4 0607 / Cursusafhankelijke toets

CAT B1.1.4 0607 / Cursusafhankelijke toets Oefentoets CAT B1.1.4 0607 / Cursusfhnkelijke toets Cursus Cursus 1.1.4 Ziektegerg Cursusoörintoren r. M. Klein en r. E.H. Collette Oefentoets: 28 vrgen met ntwooren 1 Met e term noieptie wort eoel. het

Nadere informatie

De route van de Bush start bij de ingang. Je kunt onderstaand kaartje gebruiken. Begin bij nr 1.

De route van de Bush start bij de ingang. Je kunt onderstaand kaartje gebruiken. Begin bij nr 1. Route ush, eel 1 e route vn e ush strt ij e ingng. Je kunt onerstn krtje geruiken. egin ij nr 1. 1 Tropische plnten In het tropisch regenwou heen plnten het soms zwr te veruren. Veel plnten ezitten giftige

Nadere informatie

7 Muziek en telecommunicatie

7 Muziek en telecommunicatie 7 Muziek en teleommunitie Trillingen en golven vwo Uitwerkingen sisoek 7.1 INTRODUCTIE 1 [W] Hoe kun je tij meten met trillingen? 2 [W] Experiment: Registrtie vn gelui 3 [W] Voorkennistest 4 In 120 ms

Nadere informatie

Wiskunde voor 3 havo. deel 2. Versie 2013. Samensteller

Wiskunde voor 3 havo. deel 2. Versie 2013. Samensteller Wiskune voor 3 hvo eel 2 Versie 2013 Smensteller 2013 Het uteursreht op it lesmteril erust ij Stihting Mth4All. Mth4All is erhlve e rehtheene zols eoel in e hieroner vermele retive ommons lientie. Het

Nadere informatie

Hoe komt het dat elk organisme bepaalde kenmerken heeft? Waar ligt de informatie voor alle erfelijke kenmerken in elk organisme opgesla gen?.

Hoe komt het dat elk organisme bepaalde kenmerken heeft? Waar ligt de informatie voor alle erfelijke kenmerken in elk organisme opgesla gen?. ERFELIJKHEID 1 N i e t l l e m l h e t z e l f e 2 G e n o t y p e e n f e n o t y p e O: 17/1 Hoe komt het t elk orgnisme eple kenmerken heeft? O: 17/2 Wr ligt e informtie voor lle erfelijke kenmerken

Nadere informatie

Wat kun je met prestatieindicatoren?

Wat kun je met prestatieindicatoren? Een uitgve vn het Lnelijk Pltform GGz Wt kun je met presttieinitoren? Hnreiking voor liëntenen fmilieren, liënten- en fmilieorgnisties in e Geestelijke Gezonheiszorg en Verslvingszorg Mrt 2008 Wt zijn

Nadere informatie

Wiskunde voor 3 havo. deel 1. Versie 2013. Samensteller

Wiskunde voor 3 havo. deel 1. Versie 2013. Samensteller Wiskune voor 3 hvo eel 1 Versie 2013 Smensteller 2013 Het uteursreht op it lesmteril erust ij Stihting Mth4All. Mth4All is erhlve e rehtheene zols eoel in e hieroner vermele retive ommons lientie. Het

Nadere informatie

Ajodakt. Rekenen. Grote getallen. Hoofdrekenen. Hoofdrekenen groep 8 Optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Colofon. Zelfstandig werken

Ajodakt. Rekenen. Grote getallen. Hoofdrekenen. Hoofdrekenen groep 8 Optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Colofon. Zelfstandig werken Ajokt Hoofrekenen Grote getllen Rekenen Hoofrekenen groep 8 Optellen, ftrekken, vermenigvuligen en elen Colofon Vormgeving Vn Wermeskerken, Apeloorn innenwerk Ziner, Utreht omslg Antwooren Opmk PrePressMeiPrtners,

Nadere informatie

Wiskunde B voor 4/5 havo

Wiskunde B voor 4/5 havo Wiskune B voor 4/5 hvo Deel 1 Versie 2013 Smensteller 2013 Het uteursreht op it lesmteril erust ij Stihting Mth4All. Mth4All is erhlve e rehtheene zols eoel in e hieroner vermele retive ommons lientie.

Nadere informatie

Vlakdak. Taurox Afschot. Technisch productblad PRODUCTOMSCHRIJVING TOEPASSING

Vlakdak. Taurox Afschot. Technisch productblad PRODUCTOMSCHRIJVING TOEPASSING PRODUCTOMSCHRIJVING Op fshot gezge rukvste kisoltieplt vn steenwol met veretere elooprheispresttie. Geïntegreere hre toplg oor geptenteere Dul Density proutietehnologie. TOEPASSING Turox Afshot toepsr

Nadere informatie

CAT B2.1.5 0809 / Cursusafhankelijke toets

CAT B2.1.5 0809 / Cursusafhankelijke toets Oefentoets CAT B2.1.5 0809 / Cursusfhnkelijke toets Cursus B2.1.5 Prktijkursus gezonheiszorg Cursusoörintor Dr. L. Hennemn / Dr. M.B.M. Soethout Oefentoets met 50 MC vrgen MET ntwooren 1 Welke veronerstelling

Nadere informatie

JOB-monitor 2014 Vragenlijst

JOB-monitor 2014 Vragenlijst JOB-monitor 2014 Vrgenlijst (n testen met mo-stuenten) JOB in smenwerking met ReserhNe 2013 JOB. Geen vn e mterilen ie onereel uitmken vn e JOB-monitor 2014 mogen zoner voorfgne shriftelijke toestemming

Nadere informatie

Bijlage 1 - Technisch Reglement SVAR 2015

Bijlage 1 - Technisch Reglement SVAR 2015 . Bol-Pijl. Het ol-pijl systeem wort sins jr en g geruikt in rlly s. Het is e eoeling t u ngekomen op e wegsitutie ie hoort ij e fstn (vet ngegeven in km en ursief in mijlen) e lngste route rijt vn e ol

Nadere informatie

CAT B2.1.5 0708 / Cursusafhankelijke toets

CAT B2.1.5 0708 / Cursusafhankelijke toets Oefentoets CAT B2.1.5 0708 / Cursusfhnkelijke toets Cursus B2.1.5 Prktijkursus gezonheiszorg Cursusoörintor Dr. L. Hennemn / Dr. M.B.M. Soethout Oefentoets met 50 MC vrgen MET ntwooren 1 Welke veronerstelling

Nadere informatie

WOONHUISWAARDEMETER. Toelichting. 1 Algemeen

WOONHUISWAARDEMETER. Toelichting. 1 Algemeen WOONHUISWRMTR Toelihting 1 lgemeen lgemeen eze woonhuiswre-methoe is geseer op het type woning en e inhou en e kwliteit vn e ouwelen. ij e erekening vn e inhou vn e woning moet eveneens e inhou vn e nwezige

Nadere informatie

Route F - Desert. kangoeroerat

Route F - Desert. kangoeroerat Route F - Desert Voor deze route, moet je eerst nr de Bush. Dr moet je even zoeken nr de tunnel die nr de Desert leidt. Geruik onderstnd krtje voor de Desert. Begin ij nummer 1. 1 Kngoeroertten Kngoeroertten

Nadere informatie

Van woord tot tekst. Antwoordformulier Bij het onderdeel Argumenteren

Van woord tot tekst. Antwoordformulier Bij het onderdeel Argumenteren Vn woor tot tekst Antwoorformulier Bij het onereel Argumenteren 1 Wt is het impliiete (verzwegen) rgument in onerstne reeneringen? Iemn ie jrenlng een positie heeft geh met veel evoegheen en invloe kn

Nadere informatie

CAT B2.2.3 0708 / Cursusafhankelijke toets B2.2.3 0708 Ouder worden prof. dr. M.W. Ribbe / Drs. A.A. Meiboom

CAT B2.2.3 0708 / Cursusafhankelijke toets B2.2.3 0708 Ouder worden prof. dr. M.W. Ribbe / Drs. A.A. Meiboom Oefentoets met ntwooren Cursus Cursusoörintor CAT B2.2.3 0708 / Cursusfhnkelijke toets B2.2.3 0708 Ouer woren prof. r. M.W. Rie / Drs. A.A. Meioom 1 Wrn kn e toenemene prevlentie vn hronishe ziekten ij

Nadere informatie

10 Zonnestelsel en heelal

10 Zonnestelsel en heelal 10 Zonnestelsel en heell Cikeln en gvittiekht vwo Uitwekingen sisoek 10.1 INRODUCIE 1 [W] Bewegingen in het zonnestelsel 2 [W] Kht en eweging 3 [W] Aei en enegie 4 [W] Expeiment: Bohten nemen 5 [W] Computesimultie:

Nadere informatie

Lucht in je longen. Streep de foute woorden door. Hoe komt lucht in je longen? Zet een cirkel om de dieren met longen.

Lucht in je longen. Streep de foute woorden door. Hoe komt lucht in je longen? Zet een cirkel om de dieren met longen. 9 Luht in je longen Hoe komt luht in je longen? = longen = middenrif Kleur op de tekening de volgende onderdelen: Streep de foute woorden door. Ons lihm heeft zuurstof / kooldioxide nodig. Bij het indemen

Nadere informatie

Auteurs: Renaud, De Keijzer isbn: 978-90-01-78886-5

Auteurs: Renaud, De Keijzer isbn: 978-90-01-78886-5 Hoofstuk 11 Opgve 1 An Het Finnieele Dgl vn zterg 16 pril 2011 zijn onerstne optienoteringen ontleen: Klsse Cll/Put Serie (flooptum) Uitoefenprijs Slotkoers Looptij Rente jrsis ING Cll April 2011 8,60

Nadere informatie

Ajodakt. Rekenen. Breuken. Breuken groep 8. Colofon. Zelfstandig werken. Antwoorden. Rekenen. Groep 8

Ajodakt. Rekenen. Breuken. Breuken groep 8. Colofon. Zelfstandig werken. Antwoorden. Rekenen. Groep 8 Ajokt Rekenen Breuken Breuken groep Colofon Vormgeving Ziner, Utreht omslg Vn Wermeskerken, Apeloorn innenwerk Antwooren Opmk PrePressMeiPrtners, Wolveg ũžěăŭƚ ŵăăŭƚ ĚĞĞů Ƶŝƚ ǀĂŶ ŚŝĞŵĞDĞƵůĞŶŚŽī ĞůĨƐƚĂŶĚŝŐ

Nadere informatie

De route van de Ocean start in de Bush. Volg de bordjes naar de Ocean. De vragen staan in chronologische volgorde.

De route van de Ocean start in de Bush. Volg de bordjes naar de Ocean. De vragen staan in chronologische volgorde. Route L - Oen 1 De route vn de Oen strt in de Bush. Volg de ordjes nr de Oen. De vrgen stn in hronologishe volgorde. Kwllen Dt er lngs de Nederlndse kust kwllen voorkomen, is lgemeen ekend. De oorkwl kun

Nadere informatie

Ajodakt. Rekenen. Cijferen. Cijferen groep 6. Colofon. Optellen, a rekken en vermenigvuldigen. Zelfstandig werken. Antwoorden. Rekenen.

Ajodakt. Rekenen. Cijferen. Cijferen groep 6. Colofon. Optellen, a rekken en vermenigvuldigen. Zelfstandig werken. Antwoorden. Rekenen. Cijferen Optellen, rekken en vermenigvuligen Ajokt Colofon Rekenen Cijferen groep Auteurs Mrjnne vn Gmeren Cokky Stolze ThiemeMeulenhoff ontwikkelt leermielen voor Primir Onerwijs, Voortgezet Onerwijs,

Nadere informatie

Terrasverwarmer met RTS

Terrasverwarmer met RTS Terrsverwrmer met RTS Instlltiehnleiing Terrsverwrmer met RTS Wit rt.nr. 80876 Terrsverwrmer met RTS Zilver rt.nr. 80 Terrsverwrmer met RTS ntriet rt.nr. 80 Terrsverwrmer met RTS Inhousopgve Pgin enkt

Nadere informatie

Wiskunde voor 2 vwo. Deel 1. Versie 2013. Samensteller

Wiskunde voor 2 vwo. Deel 1. Versie 2013. Samensteller Wiskune voor 2 vwo Deel 1 Versie 2013 Smensteller 2013 Het uteursreht op it lesmteril erust ij Stihting Mth4All. Mth4All is erhlve e rehtheene zols eoel in e hieroner vermele retive ommons lientie. Het

Nadere informatie

Wiskunde A voor 4/5 havo

Wiskunde A voor 4/5 havo Wiskune A voor 4/5 hvo Deel 1 Versie 2013 Smensteller 2013 Het uteursreht op it lesmteril erust ij Stihting Mth4All. Mth4All is erhlve e rehtheene zols eoel in e hieroner vermele retive ommons lientie.

Nadere informatie

Om welke reden heeft een kwak relatief grote ogen?

Om welke reden heeft een kwak relatief grote ogen? Route K - Volière en fznterie Strt ij de volière; de vrgen 1 t/m 6 gn over een ntl grote Europese vogels. De vrgen over de ndere dieren vn deze route hoeven niet in de juiste volgorde te stn. Dt komt omdt

Nadere informatie

Nakomelingen van rendieren kunnen een paar uur na de geboorte al met de kudde meerennen. Zijn rendieren nestvlieders of nestblijvers?

Nakomelingen van rendieren kunnen een paar uur na de geboorte al met de kudde meerennen. Zijn rendieren nestvlieders of nestblijvers? Route A 1 Bosrendieren en korstmossen Rendieren zijn de enige herten wrvn zowel mnnetjes ls vrouwtjes een gewei drgen. Vroeger dcht men dt het gewei geruikt werd om sneeuw weg te schuiven zodt ze ij het

Nadere informatie

Adiameris. Beleggingsstrategie

Adiameris. Beleggingsstrategie Aimeris Beleggingsstrtegie B Aimeris Intekenformuliernr. Beleggingsstrtegie (in te vullen oor Privte Estte Life) Nm vn e eheerer 1. Beleggersprofiel De onerstne informtie stelt Privte Estte Life in stt

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv 4 Voorkennis V-1 a De oörinaten zijn A( 2, 1), B(2, 3) en C(5, 4 Qw ). V-2 a Per stap van 1 naar rehts gaat e lijn Qw omhoog. Vanuit C ga je 7 stappen naar rehts en us 7 Qw = 3 Qw omhoog. Omat 4 Qw + 3

Nadere informatie

Opdrachten bij hoofdstuk 3

Opdrachten bij hoofdstuk 3 Oprhten ij hoofstuk 3 3.1 Het verzmelen vn informtie Deze oprht leert je informtie te verzmelen. Verzmel informtie over een epl onerwerp. Geruik rij vershillene ronnen. Vergelijk je ronnen en seleteer

Nadere informatie

HOOFDSTUK 1 BASISBEGRIPPEN

HOOFDSTUK 1 BASISBEGRIPPEN I - 1 HOOFDSTUK 1 BASISBEGRIPPEN 1.1. Het egrip krcht 1.1.1. Definitie vn krcht Een stoffelijk punt is een punt wrn een zekere mss toegekend wordt. Dit punt is meestl de voorstellende vn een lichm. Zo

Nadere informatie

Getallenverzamelingen

Getallenverzamelingen Getllenverzmelingen Getllenverzmelingen Ntuurlijke getllen Het getlegrip heeft zih wrshijnlijk ontwikkeld op een wijze die overeenkomt met de mnier wrop u zelf de getllen geleerd het. De sis is het tellen.

Nadere informatie

Werkkaarten GIGO 1184 Elektriciteit Set

Werkkaarten GIGO 1184 Elektriciteit Set Werkkrten GIGO 1184 Elektriiteit Set PMOT 2006 1 Informtie voor de leerkrht Elektriiteit is één vn de ndhtsgeieden ij de nieuwe kerndoelen voor ntuur en tehniek: 42 De leerlingen leren onderzoek doen n

Nadere informatie

Oefentoets CAT B1.2.1 06-07 / Cursusafhankelijke toets

Oefentoets CAT B1.2.1 06-07 / Cursusafhankelijke toets Oefentoets CAT B1.2.1 06-07 / Cursusfhnkelijke toets Cursus Cursus 1.2.1 Homeostse Cursusoörintor r. A.M.W. vn Dm / r. D.P.Veermn Antl vrgen met ntwooren: 49 1 Welk symptoom pst NIET ij een (vroege fse

Nadere informatie

Algemene voorwaarden bij een accreditatieaanvraag van bij- of nascholing (januari 2013)

Algemene voorwaarden bij een accreditatieaanvraag van bij- of nascholing (januari 2013) Algemene voorwren ij een reittienvrg vn ij- of nsholing (jnuri 2013) An o komen: 1. Anvrgtermijn. 2. Digitle en/of ppieren nvrg. 3. Mogelijkhei tot het stellen vn nvullene eisen. 4. In te sturen informtie,

Nadere informatie

6.0 INTRO. 1 a Bekijk de sommen hiernaast en ga na of ze kloppen. 1 2 0 3 = 2 2 3 1 4 = 2 3 4 2 5 = 2 4 5 3 6 = 2 5 6 4 7 = 2...

6.0 INTRO. 1 a Bekijk de sommen hiernaast en ga na of ze kloppen. 1 2 0 3 = 2 2 3 1 4 = 2 3 4 2 5 = 2 4 5 3 6 = 2 5 6 4 7 = 2... 113 6.0 INTRO 1 Bekijk de sommen hiernst en g n of ze kloppen. Schrijf de twee volgende sommen uit de rij op en controleer of deze ook ls uitkomst 2 heen. c Schrijf twee sommen op die veel verder in de

Nadere informatie

C 1 C 2 C 3 C 4. les 1 en 2. 2 blok 5. Reken uit. a. Maak sommen bij de plaatjes. Reken ze uit op een blaadje.

C 1 C 2 C 3 C 4. les 1 en 2. 2 blok 5. Reken uit. a. Maak sommen bij de plaatjes. Reken ze uit op een blaadje. lok les en C 7 7 9 6 8 7 9 0 6 0 0 6 0 0 0 8 0 0 0 0 0 0 0 0 6 0 8 7 8 8 C Mk sommen ij e pltjes. Reken ze uit op een lje. Het p is m ree en 6 m lng. De som is 6 m = m. Een gls limone kost,. De som is,

Nadere informatie

Welke van de volgende beweringen over de kromme snavel is of welke zijn juist voor jonge flamingo's? Maak het hokje met een juiste bewering zwart.

Welke van de volgende beweringen over de kromme snavel is of welke zijn juist voor jonge flamingo's? Maak het hokje met een juiste bewering zwart. Route I 1 Flmingo's Flmingo's zeven met hun kromme snvel voedsel uit het wter. Jonge flmingo's heen een rehte snvel. De jonge dieren zeven niet zelf voedsel uit het wter, mr worden door de ouders gevoerd.

Nadere informatie

INTERVIEWEN 1 SITUATIE

INTERVIEWEN 1 SITUATIE INTERVIEWEN drs. W. Bontenl 1 SITUATIE Een interview vlt te omshrijven ls een gesprek tussen één of meerdere personen - de interviewers - en een ndere persoon (of diverse nderen) - de geïnterviewden -

Nadere informatie

Oplossen van een vergelijking van de vorm ax 3 + bx 2 + cx + d =0

Oplossen van een vergelijking van de vorm ax 3 + bx 2 + cx + d =0 CARDANO S METHODE (oor ng. P.H. Stkker) Olossen vn een vergeljkng vn e vorm x x x 0 Verse: 8 fe. 00 PDF rete wt fftor trl verson www.fftor.om LET OP ER ZULLEN NOG ENKELE VOORBEELDEN LATER WORDEN TOEGEVOEGD

Nadere informatie

7 Bij het bevriezen van het water komt warmte vrij, die wordt afgestaan aan de bloesem (en de lucht).

7 Bij het bevriezen van het water komt warmte vrij, die wordt afgestaan aan de bloesem (en de lucht). K3 Arde en klimt Stromingen in de rde, de tmosfeer en de oenen hvo Uitwerkingen sisoek (N.B. dit is de oneptversie voor de snelle leerlingen, die nog niet geontroleerd is) K3.1 INTRODUCTIE 1 [W] Experiment:

Nadere informatie

6.4 Rekenen met evenwichtsreacties

6.4 Rekenen met evenwichtsreacties 6.4 Rekenen met evenwihtsreties An de hnd vn een reeks vooreelden zullen we het rekenwerk ehndelen n evenwihtsreties. Vooreeld 6.2 We estuderen het gsevenwiht: A(g) + B(g) C(g) + D(g) In een ruimte vn

Nadere informatie

De tijdens de training aangeboden ski-imitaties gebruiken we zowel als middel maar ook als doel.

De tijdens de training aangeboden ski-imitaties gebruiken we zowel als middel maar ook als doel. 15 Ski-eroics Hoofdstuk 15, Pgin 1 vn 5 15.1 Inleiding Het is elngrijk om SneeuwFit triningen gevrieerd te houden. Proeer het nod vn ctiviteiten zo verschillend mogelijk te houden. Een vooreeld hiervn

Nadere informatie

Ajodakt. Rekenen. Verhaaltjessommen. Verhaaltjessommen groep 8. Colofon. Zelfstandig werken. Antwoorden. Rekenen. Groep 8

Ajodakt. Rekenen. Verhaaltjessommen. Verhaaltjessommen groep 8. Colofon. Zelfstandig werken. Antwoorden. Rekenen. Groep 8 Verhltjessommen Ajokt Colofon Rekenen Verhltjessommen groep 8 Auteurs Mrjnne vn Gmeren Cokky Stolze ThiemeMeulenhoff ontwikkelt leermielen voor Primir Onerwijs, Voortgezet Onerwijs, Beroepsonerwijs en

Nadere informatie

Medicatie HOOFDSTUK. Bloeddrukcontrole

Medicatie HOOFDSTUK. Bloeddrukcontrole UNIT 4 Meditie HOOFDSTUK 4 Bloeddrukontrole Dit projet werd gefinnierd met de steun vn de Europese Commissie. De verntwoordelijkheid voor deze pulitie ligt uitsluitend ij de uteur; de Commissie kn niet

Nadere informatie

V2.1 Eerlijk verdeeld?

V2.1 Eerlijk verdeeld? Wie verdient wt? v2 Mkt geld gelukkig? L Voor je sisehoeften zols eten, woonruimte en kleding en je l guw dit edrg kwijt. Bedenk mr eens wt de mndhuur is. En hoeveel etl je voor vste lsten 1s gs, liht

Nadere informatie

Noordhoff Uitgevers bv

Noordhoff Uitgevers bv Hoofstuk 6 - Nieuwe grafieken Hoofstuk 6 - Nieuwe grafieken Voorkennis V-a Van lijn k is het hellingsgetal en het startgetal en e formule is = +. Van lijn l is het hellingsgetal en het startgetal en e

Nadere informatie

Zelfstudie practicum 1

Zelfstudie practicum 1 Zelfstudie prtium 1 1.8 Gegeven is de volgende expressie:. () Geef de wrheidstel vn deze expressie. () Minimliseer de gegeven expressie. () Geef een poort implementtie vn de expressie vn onderdeel ().

Nadere informatie

5 Straling en gezondheid

5 Straling en gezondheid 5 Strling en gezondheid Ioniserende strling VWO Uitwerkingen sisoek 51 INTRODUCTIE 1 [W] Toepssingen en risio 2 [W] Atoomouw 3 Wr of niet wr? Niet wr: Een negtief gelden ion heeft ltijd meer elektronen

Nadere informatie

Route J. Een gier heeft naar verhouding een lange nek. Wat is het voordeel hiervan? vale gier

Route J. Een gier heeft naar verhouding een lange nek. Wat is het voordeel hiervan? vale gier Route J 1 Vle gieren Over het lgemeen zijn gieren niet bepld de meest geliefde dieren. Hun kle kop en hls en hun gedrg zijn dr vk de oorzk vn. Welke reden kun je bedenken voor het feit dt op de kop en

Nadere informatie

j. géén relatie: 4 en 5 zijn geen geordende paren (ook geen geordende ééntallen).

j. géén relatie: 4 en 5 zijn geen geordende paren (ook geen geordende ééntallen). inire reltie mg leeg zijn!) g. inire reltie (= een verzmeling georene pren). mogelijke Crtesishe prouten zijn: IN IN, IN IR, IR IN, IR IR,(uitleg: een inire reltie mg leeg zijn! En e lege verzmeling is

Nadere informatie

11.1 Straling van sterren

11.1 Straling van sterren . Straling van sterren Opgave a De afstan ie het liht in een jaar aflegt, ereken je met e formule voor e snelhei. Geruik hierij e nauwkeurige waare voor e omlooptij van e aare om e in BINAS tael. s = v

Nadere informatie

a _ 196 + 3 (15 ( 2) 4 ) = 14 + 3 (15 + 2 4 ) = 14 + 3 (15 + 16) = 14 + 3 31 = 14 + 93 = 107 10 5 + 1 = 51 25 5 + 1 = 126

a _ 196 + 3 (15 ( 2) 4 ) = 14 + 3 (15 + 2 4 ) = 14 + 3 (15 + 16) = 14 + 3 31 = 14 + 93 = 107 10 5 + 1 = 51 25 5 + 1 = 126 = 1 + (1 : 3) 1 = 1 + 1 = Mk met e getllen 3, 1, 1, 1 het getl...................................................................................................................................................................................

Nadere informatie

CAT B1.1.3 0708 / Cursusafhankelijke toets

CAT B1.1.3 0708 / Cursusafhankelijke toets Oefentoets CAT B1.1.3 0708 / Cursusfhnkelijke toets Cursus Cursusoörintor Cursus B1.1.3 Metole systemen Prof.r. G. Krl / r. W.J. vn er Lrse 1 U komt Kls, een ou-klsgenoot tegen. Hij is sins zijn stuie

Nadere informatie

Model van de asynchrone machine

Model van de asynchrone machine Moel vn e synhrone mhine 06-053 mo 5 ril 006 Phse to Phse BV trehtseweg 30 Postbs 00 6800 AC Arnhem T: 06 35 3700 F: 06 35 3709 www.hsetohse.nl 06-053 mo INHOD Inleiing... 3 Moel... 3 3 Imlementtie...6

Nadere informatie

Aanvulling Oefenboek rijbewijs B 20 e druk

Aanvulling Oefenboek rijbewijs B 20 e druk rijshoolservie Anvulling Oefenoek rijewijs B 20 e druk Nr nleiding vn reties vnuit de mrkt zijn we vn mening dt enkele vrgen ngesherpt of vereterd moeten worden. In deze nvulling stn vrgen en ntwoorden

Nadere informatie

Spiegelen, verschuiven en draaien in het vlak

Spiegelen, verschuiven en draaien in het vlak 2 Spiegelen, vershuiven en drien in het vlk it kun je l 1 de iddelloodlijn vn een lijnstuk herkennen en tekenen 2 een hoek eten en tekenen 3 de issetrie vn een hoek herkennen en tekenen 4 de oördint vn

Nadere informatie

Moderne wiskunde: berekenen zwaartepunt vwo B

Moderne wiskunde: berekenen zwaartepunt vwo B Moderne wiskunde: erekenen zwrtepunt vwo B In de edities 7 en 8 ws er in de slotdelen vn VWO B ruimte genomen voor een prgrf over het erekenen vn een zwrtepunt. In de negende editie is er voor gekozen

Nadere informatie

Auteur: Robert Westra isbn: 978-90-01-81419-9

Auteur: Robert Westra isbn: 978-90-01-81419-9 Auteur: Roert Westr isn: 978-90-01-81419-9 www.rehtvoororgnisties.noorhoff.nl 2012 Noorhoff Uitgevers v Hoofstuk 5 5.1 De nere l ehnele hoofstukken uit it oek ie ook vn toepssing zijn op e nv en op e v

Nadere informatie

NEVAC examen Elementaire Vacuümtechniek Vrijdag 11 april 2003, 14:00-16:30 uur. Vraagstuk 1 (EV-03-1) (25 punten)

NEVAC examen Elementaire Vacuümtechniek Vrijdag 11 april 2003, 14:00-16:30 uur. Vraagstuk 1 (EV-03-1) (25 punten) NEVAC xmn Elmntir Vuümthnik Vrijg 11 pril 2003, 14:00-16:30 uur Vrgstuk 1 (EV-03-1) (25 puntn) En vuümsystm wort gëvur mt n olivrij pompsystm, t stt uit n voorvuümpomp n n turomolulirpomp. D pompsnlhi

Nadere informatie

Wat is goed voor een mooie, gezonde huid? Kruis de goede antwoorden aan. weinig slaap. buitenlucht goede voeding. ontspanning veel fruit eten

Wat is goed voor een mooie, gezonde huid? Kruis de goede antwoorden aan. weinig slaap. buitenlucht goede voeding. ontspanning veel fruit eten DE HUID 1 Bouw en functie O: 12/1 Wt is goed voor een mooie, gezonde huid? Kruis de goede ntwoorden n. weinig slp uitenlucht goede voeding ontspnning veel fruit eten innen zitten ptt met myonise eten in

Nadere informatie

1.3 Wortels. x x 36 6 = x = 1.5 Breuken. teller teller noemer noemer. Delen: vermenigvuldig met het omgekeerde.

1.3 Wortels. x x 36 6 = x = 1.5 Breuken. teller teller noemer noemer. Delen: vermenigvuldig met het omgekeerde. Voorereidende opgven Stoomursus Tips: Mk de volgende opgven het liefst voorin in één vn de A4-shriften die je gt geruiken tijdens de ursus. Als een som niet lukt, werk hem dn uit tot wr je kunt en g verder

Nadere informatie

Lekker puzzelen en lekker met taal bezig zijn. Puzzel mee! Ria van Adrichem Leonie van de Wetering. jaargang 1 2006/2007. serie 7

Lekker puzzelen en lekker met taal bezig zijn. Puzzel mee! Ria van Adrichem Leonie van de Wetering. jaargang 1 2006/2007. serie 7 Lekker puzzelen en lekker met tl bezg zjn R vn Archem Leone vn e Weterng jrgng 00/00 sere Vormgevng Hen Kreulen jrgng, 00/00, sere 00 Nets ut eze utgve mg gekopeer woren zoner utrukkeljke toestemmng vn

Nadere informatie

Wiskunde voor 1 havo/vwo

Wiskunde voor 1 havo/vwo Wiskune voor 1 hvo/vwo Deel 1 Versie 2013 Smensteller 2013 Het uteursreht op it lesmteril erust ij Stihting Mth4All. Mth4All is erhlve e rehtheene zols eoel in e hieroner vermele retive ommons lientie.

Nadere informatie

8 Kostenverbijzondering (I)

8 Kostenverbijzondering (I) 8 Kostenverijzondering (I) V8.8 Speelgoedfriknt Autoys BV heeft onlngs de Jolls Joye ontwikkeld: een plsti speelgoeduto voor peuters in de leeftijdstegorie vn twee tot vijf jr. De produtie voor 2009 wordt

Nadere informatie

Voorbereidende opgaven Kerstvakantiecursus

Voorbereidende opgaven Kerstvakantiecursus Voorbereidende opgven Kerstvkntiecursus Tips: Mk de volgende opgven het liefst voorin in één vn de A4-schriften die je gt gebruiken tijdens de cursus. Als een som niet lukt, kijk dn even in het beknopt

Nadere informatie

K4 Relativiteitstheorie

K4 Relativiteitstheorie K4 Reltiviteitstheorie Ruimtetijd vwo Uitwerkingen bsisboek K4. INTRODUCTIE 2 3 De golflengte vn rdiostrling is groter dn die vn liht. b Uit λ f volgt dt de frequentie vn de fotonen vn rdiostrling lger

Nadere informatie

opgaven formele structuren procesalgebra

opgaven formele structuren procesalgebra opgven formele struturen proeslger Opgve 1. (opgve 3.3.7 op p.97 vn het ditt 2005) Een mier moet vn links voor onder nr rehts hter oven op een kuus, met ties (rehts), (hter), en (oven). Uitwerking vn opgve

Nadere informatie

Hoofdstuk 8 Beslissen onder risico en onzekerheid

Hoofdstuk 8 Beslissen onder risico en onzekerheid Hoofdstuk 8 Beslissen onder risico en onzekerheid 8.5 Tectronis Tectronis, een friknt vn elektronic, kn vn een nder edrijf een éénjrige licentie verkrijgen voor de fricge vn product A, B of C. Deze producten

Nadere informatie

Antwoorden 4 havo 3 Stedelijke gebieden

Antwoorden 4 havo 3 Stedelijke gebieden Antwooren 4 hvo 3 Steelijke geieen 1 Free runners run free 1 2 Eigen ntwoor. Er is nu een sportshool. Er is geen etlge, us voor winkel is het niet erg geshikt. Een iosoop of fé kn ook, het is een ijzonere

Nadere informatie

Handreiking voor zij-instroom in de zuivelindustrie

Handreiking voor zij-instroom in de zuivelindustrie Hndreiking voor zij-instroom in de zuivelindustrie Inleiding In het projet zij-instroom, onderdeel vn het progrmm Areidsmrkt & Opleiding Zuivelindustrie, is in de periode 2011-2012 onderzoek gedn nr mogelijkheden

Nadere informatie

Waaruit zou je kunnen afleiden dat het bewegen van de staart iets te maken kan hebben met een soort van communicatie naar soortgenoten?

Waaruit zou je kunnen afleiden dat het bewegen van de staart iets te maken kan hebben met een soort van communicatie naar soortgenoten? Route C 1 Bluwe duikers Omdt lleen de mnnetjes kleine hoorntjes heen, zijn ze goed vn de vrouwtjes te ondersheiden. Een vrouwtje zorgt smen met het mnnetje voor de jongen. In hun territorium willen deze

Nadere informatie

15 Financiële reorganisatie

15 Financiële reorganisatie 15 Finaniële reorganisatie hoofstuk 15.1 A 15.2 C 15.3 A 15.4 B 15.5 C 15.6 D 15.7 D 15.8 A 15.9 C 15.10 D 15.11 B 3.000.000 + 4.000.000 3.000.000 = 4.000.000 15.12 C 15.13 C ((3.000 + 2.000 4.000) / 3.000)

Nadere informatie

Bewerkingen met eentermen en veeltermen

Bewerkingen met eentermen en veeltermen 5 Bewerkingen met eentermen en veeltermen Dit kun je l 1 werken met letters ls onekenden, ls vernderlijken en om te verlgemenen 2 een tel mken ij een situtie 3 de fsprken over lettervormen toepssen 4 oppervlkteformules

Nadere informatie

Examen VWO. wiskunde B (pilot) tijdvak 1 woensdag 16 mei 13.30-16.30 uur

Examen VWO. wiskunde B (pilot) tijdvak 1 woensdag 16 mei 13.30-16.30 uur Emen VW 0 tijdvk woensdg 6 mei 3.30-6.30 uur wiskunde B (pilot) Dit emen bestt uit 5 vrgen. Voor dit emen zijn miml 83 punten te behlen. Voor elk vrgnummer stt hoeveel punten met een goed ntwoord behld

Nadere informatie

Blok 3 - Vaardigheden

Blok 3 - Vaardigheden Moerne wiskune 9e eitie Havo A eel Blok 3 - Vaarigheen lazije 19 1a 1, 3 3000 = 8900 = 8310, 0, 07 000000 = 8000 = 810, 300 1700 = 6870000 = 6910, 8 0, 000 0, 007 = 0, 000001 = 1, 10 6 e 6344, 1 781, 98

Nadere informatie

Werkloosheid, armoede, schooluitval en criminaliteit. Er zal veel belastinggeld nodig zijn om al die problemen op te lossen.

Werkloosheid, armoede, schooluitval en criminaliteit. Er zal veel belastinggeld nodig zijn om al die problemen op te lossen. vk Mtshppijleer them Multiulturele smenleving onderwerp Het multiulturele drm vn P. Sheffer ntwoorden ij de vrgen over het rtikel kls Hvo 5 dtum jnuri 2014 1 2 3 4 5 6 7 8 De vrg hoe de slehte werk-, woon-

Nadere informatie

In dit hoofdstuk introduceren we de hoofdrolspelers van het college: eindige automaten.

In dit hoofdstuk introduceren we de hoofdrolspelers van het college: eindige automaten. 9 2 Eindige utomten In dit hoofdstuk introduceren we de hoofdrolspelers vn het college: eindige utomten. 2.1 Deterministische eindige utomten We eginnen met een vooreeld. Vooreeld 2.1 Beschouw het volgende

Nadere informatie

Oefentoets Metabole systemen cursus 2010-2011

Oefentoets Metabole systemen cursus 2010-2011 Oefentoets Metole systemen ursus 2010-2011 1 De meest effetieve meimenteuze ehneling vn refluxziekte is:. remmen vn e mgzuurprouktie. inen vn het mgzuur. evoreren vn e mgontleiging. lokle injetie vn e

Nadere informatie

4.1 Optische eigenschappen

4.1 Optische eigenschappen 4. Optische eigenschappen Opgave a De auto heeft een kleinere massa. Kunststof is flexiel: je krijgt niet gemakkelijk een euk. De auto roest niet. De kunststoffen moeten tegen e hoge temperaturen in e

Nadere informatie

Hoofdstuk 12B - Breuken en functies

Hoofdstuk 12B - Breuken en functies Hoofstuk B - Breuken en funties Voorkennis V-a g V-a h 0 0 i 9 j 0 0 0 9 0 9 e k 0 f l 9 9 Elk stukje wort : 0 0, meter. a 0 0 0 00 L 0, 0, 0,0 0,0 0,0 De lengte van elk stukje wort an twee keer zo klein.

Nadere informatie

Inhoud eindtoets. Eindtoets. Opgaven. Terugkoppeling. Antwoorden op de vragen. Context van informatica

Inhoud eindtoets. Eindtoets. Opgaven. Terugkoppeling. Antwoorden op de vragen. Context van informatica Inhou eintoets Context vn informti Eintoets Opgven Terugkoppeling Antwooren op e vrgen 142 Eintoets Eintoets De eintoets is eoel ls grmeter om te eplen of u klr ent voor het tentmen. Drvoor is het essentieel

Nadere informatie

Onafhankelijk van a. f snijdt de x-as in punt A ( , 0) Voor elke positieve waarde van a is een functie f. gegeven door F ( x) = x e ax.

Onafhankelijk van a. f snijdt de x-as in punt A ( , 0) Voor elke positieve waarde van a is een functie f. gegeven door F ( x) = x e ax. Onfhnkelijk vn Voor elke positieve wrde vn is een functie f gegeven door f ( x) = (1 x) e x en een functie F gegeven door F ( x) = x e x. De functie 3p 1 Toon dit n. F is een primitieve functie vn f. De

Nadere informatie