Ze blijven komen, maar waar blijven ze? MOE-migratie als beheersbare ontwikkeling

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Ze blijven komen, maar waar blijven ze? MOE-migratie als beheersbare ontwikkeling"

Transcriptie

1 MOE-migratie als beheersbare ontwikkeling Haagse Hogeschool: Sen-G Man Begeleiding Leefbaar Rotterdam: drs. Marianne van den Anker Rotterdam, september 2007 maart 2008

2 2

3 Voorwoord In het kader van mijn studie Bestuurskunde aan de Haagse Hogeschool heb ik in opdracht van Leefbaar Rotterdam dit verslag geschreven. Gedurende een stageperiode van zes maanden heb ik onder begeleiding van mijn stagebegeleider een onderzoek verricht naar de problematiek rondom de komst van Midden- en Oost-Europese arbeidsmigranten. In het bijzonder en voor het gemak wordt in dit verslag meerdere malen de Poolse bevolking in Rotterdam aangeduid. Voor Poolse arbeidsmigranten geldt geen streng grenscontrolebeleid, en zijn werkvergunningen niet meer nodig. Vandaar dat zij een bijzondere plek hebben in dit onderzoek, maar dit onderzoek strekt zich verder uit naar de MOE-migranten in algemene zin. Dit onderzoeksrapport is bestemd voor Leefbaar Rotterdam. Binnen het politieke besluitvormingsproces kan dit rapport gebruikt worden als achtergrond, basis of uitgangspunt voor het innemen van een politieke positie en het (bij)sturen van beleid. Tenslotte wil ik graag de fractie van Leefbaar Rotterdam bedanken voor de leerzame periode. In het bijzonder dank ik Marianne van den Anker voor haar begeleiding en haar gedetailleerde commentaar, Maarten Struyvenberg voor zijn dagelijkse begeleiding op het fractiekantoor en mijn docent Wim Ronner dank ik voor zijn opbouwende kritiek. Sen-G Man Rotterdam, maart

4 Voorwoord begeleider Het onderzoek dat Sen-G Man in opdracht van Leefbaar Rotterdam heeft uitgevoerd naar de gevolgen van de komst van MOE-migranten in Rotterdam, heeft geresulteerd in een uitputtende beschrijving en analyse van een actueel politiek-maatschappelijk vraagstuk. Dat serieus rekening gehouden dient te worden met permanente immigratie van MOE-migranten, is inmiddels, ook blijkens dit onderzoek, een vaststaand feit. Leefbaar Rotterdam wil deze immigratie niet tegenhouden, maar wil dat maatregelen worden getroffen om de ontwikkeling beheersbaar te houden. Dit vraagt om een overheid die leiderschap toont, een overheid die anticipeert en een overheid die algemene belangen en leefbaarheid stelt boven het eigenbelang van andere spelers en van de overheid zelf. De toestroom van MOE-migranten en de permanente vestiging van een deel van deze mensen legt een druk op de lokale gemeenschap (leefbaarheid, sociale cohesie), een claim op voorzieningen (woningen, onderwijs, gezondheidszorg, uitkeringen, inburgering, etc.) en vraagt om extra inzet van van-huis-uit schaarse instrumenten (bijvoorbeeld bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving). De tot nu toe ondernomen acties van het Rotterdamse stadsbestuur, waar Leefbaar Rotterdam meerdere malen op heeft aangedrongen en waartoe Leefbaar Rotterdam in de gemeenteraad met succes concrete voorstellen heeft gedaan, blijven steken in papier. De lijst met beloftes, toezeggingen en nog uit te voeren moties is aanzienlijk. De resultaten van de onderhandelingen met het Rijk (Polentop december 2007) vindt Leefbaar Rotterdam mager. Leefbaar Rotterdam gaat het Rotterdamse stadsbestuur houden aan het nakomen van gemaakte afspraken en wil dat alle pijlen op de uitvoering van die plannen worden gericht. De uitvoering blijft op dit moment verontrustend achter bij de praktijk. Verder gaat Leefbaar Rotterdam concrete eisen stellen aan het lange termijnbeleid van de gemeente Rotterdam. Voorts streeft Leefbaar Rotterdam naar een beheersbare instroom en immigratie van MOE-landers met als doel de positieve kanten van arbeidsmigratie te verstevigen en de negatieve aspecten in te dammen. Alle voorstellen en aanbevelingen uit dit onderzoek gaan wat Leefbaar Rotterdam betreft dus deel uitmaken van het lange(re) termijn beleid van de gemeente Rotterdam. Leefbaar Rotterdam dankt Sen-G Man voor haar enthousiasme, collegialiteit en inzet van het afgelopen half jaar. Nieuwsgierig, betrokken en met een groot doorzettingsvermogen heeft Sen-G zich naar onze volle tevredenheid ingezet voor ons en voor dit onderzoek. Marianne van den Anker Leefbaar Rotterdam 4

5 Inhoudsopgave Voorwoord... 3 Voorwoord begeleider... 4 Afkortingenlijst... 6 Samenvatting en aanbevelingen Inleiding Deel I: Werken Tekort aan arbeidskrachten Inzet op de arbeidsmarkt Recht op sociale voorzieningen Deel II: Verblijf Huisvesting Integratie Onderwijs Verslavings- en gezondheidszorg Deel III: Eindconclusie Bronnenlijst Bijlage 1 Overzicht gesprekspartners Bijlage 2 Introductiebrief voor geïnterviewde MOE-landers Bijlage 3 Vragenlijst MOE-landers

6 Afkortingenlijst CIL CWI EU FIOD GBA IOM IVI JOS MOE NEN NUG SKIA SoZaWe TWV UG VAR VIA VNG Wav ZZP Centraal Inburgeringsloket Centrum voor Werk en Inkomen Europese Unie Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst Gemeentelijke Basisadministratie Internationale Organisatie voor Migratie Illegale verblijfsinrichtingen Jeugd, Onderwijs en Samenleving Midden- en Oost-Europeanen Nederlandse Norm Niet-Uitkeringsgerechtigden Stichting Keurmerk Internationale Betrekkingen Sociale Zaken en Werkgelegenheid Tewerkstellingsvergunning Uitkeringsgerechtigden Verklaring Arbeidsrelaties Vereniging Internationale Arbeidsbemiddelaars Vereniging van Nederlandse Gemeenten Wet arbeid vreemdelingen Zelfstandige Zonder Personeel 6

7 Samenvatting en aanbevelingen De komst van een grote groep arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa (MOE) heeft de afgelopen jaren geleid tot een maatschappelijk en politiek vraagstuk in onze Nederlandse samenleving. Het kabinet heeft inmiddels kenbaar gemaakt dat het van belang is om de juiste aandacht te schenken aan deze snelgroeiende nieuwe groep arbeidsmigranten. Een aantal gemeenten heeft de problemen die deze groep migranten met zich meebrengt, op het gebied van huisvesting en arbeidsmarkt, aangekaart en hiermee een signaal afgegeven aan het Rijk. Het kabinet dat eerst alleen het belang van de Nederlandse arbeidsmarkt voorop stelde binnen de EU context van het vrije verkeer van werknemers, ziet inmiddels ook dat deze komst van Midden- en Oost- Europese werknemers leidt tot problemen en overlast, slechte huisvesting, malafide bemiddelingsactiviteiten door uitzendbureaus en op de lange termijn druk zal leggen op de woningvoorraad, samenleving, het onderwijs en de gezondheidszorg. Uit dit onderzoek blijkt dat er aanvullende afspraken gemaakt moeten worden tussen het Rijk, gemeenten, werkgevers en de uitzendbranche over het oplossen van de problemen die zich voordoen in de huisvesting, inburgering, informatiewisseling en zaken die met werk te maken hebben. De huisvestingsproblematiek is het gevolg van een zwak beleid vanuit de overheid. Toen de grenzen voor de jongste EU-lidstaten nog beperkt open waren en er dus voor hen nog geen volledige mogelijkheid was om deel te nemen aan het vrije verkeer van werknemers binnen Europa, werd in Nederland te weinig rekening gehouden met de ontwikkelingen die hebben geleid tot de huidige situatie. Men ging er toen van uit dat arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa wel weer terug zouden keren omdat tijdelijke arbeid niet zou leiden tot langdurig verblijf in Nederland. Door de blijvende vraag naar tijdelijke arbeid op de huidige arbeidsmarkt kent het werknemersverkeer tussen Nederland en Oost-Europa een flinke stijging. Werknemers uit landen waar de lonen gemiddeld een stuk lager liggen dan het minimumloon zoals wij dat hier in Nederland hanteren, reizen af naar landen waar arbeid hogere tarieven kent. Het gevolg is dat we op de lange termijn, als in de toekomst de Nederlandse arbeidsmarkt inzakt of als de vraag naar MOE-arbeiders daalt, er kans is dat deze groep mensen aanspraak gaat doen op uitkeringen bij de Nederlandse sociale dienst. De totale kosten op de lange termijn zullen dan waarschijnlijk hoger zijn dan we op dit moment kennen. Belangrijk is dat de Europese wetgeving arbeidsmigratie binnen Europa toelaat en het vrije werknemersverkeer hierdoor weinig beperkingen meer heeft. De kern van het probleem ligt niet zozeer bij migrerende arbeidskrachten die de kans krijgen om in een ander Europees land arbeid te verrichten tegen hogere arbeidslonen. Vaak zijn zij een welkome aanvulling op de krappe arbeidsmarkt. Voor een groot deel ligt het probleem bij de huisvestings- en werksituatie waarin migrerende arbeidskrachten uit Midden- en Oost- Europa terechtkomen. Verschillende belangen zijn er de oorzaak van dat ongewenste situaties ontstaan zoals uitbuiting en illegale overbewoning. Zulke situaties verdienen extra aandacht van zowel de lokale overheid als van het Rijk. De gemeente Rotterdam heeft een aanpak die op korte termijn resultaat moet opleveren. De huidige maatregelen zijn voor een groot deel gericht op de huisvestings- en sociale problematiek van MOElanders. In december 2007 organiseerde de gemeente Rotterdam een bestuurdersconferentie over de komst van tijdelijke arbeidskrachten uit Midden- en Oost-Europa (MOE-landers). De Rotterdamse Wethouder Wonen heeft de MOE-landers-problematiek in Rotterdam uiteengezet en samen met bestuurders van andere gemeenten ervaringen uitgewisseld. Oplossingen met betrekking tot huisvesting, werkgelegenheid, veiligheid, volksgezondheid, inburgering en onderwijs werden vastgelegd in afspraken. Van het Rijk wordt gevraagd om actiever op te treden en om de gemaakte afspraken tussen gemeenten mogelijk te maken door wettechnische zaken die de uitvoering belemmeren op te lossen. Vooral van Poolse arbeidskrachten die nu zonder beperkingen in Nederland mogen werken wordt verwacht dat zij een nieuwe migratiebevolking gaan vormen waaraan aandacht geschonken dient te worden. Het is zaak om vroegtijdig in te grijpen om verdere verblijfsproblemen tegen te gaan. In het verleden ging men er ook van uit dat gastarbeiders vanzelf weer zouden vertrekken. Toen de Marokkaanse en Turkse gastarbeiders massaal naar Nederland kwamen en arbeid verrichtten die toen van tijdelijke aard was, werd geen rekening gehouden met het feit dat een groot deel niet meer terugkeerde. In de huidige samenleving zijn de gevolgen van die denkfout zichtbaar. Partners en kinderen kwamen naar Nederland en gezinnen herenigden. Door een gebrek aan een visie op lange 7

8 termijn toentertijd hebben de ontwikkelingen van migrantengroepen in Nederland de vrije loop gekregen. Vooral in de grote steden zijn de nadelige gevolgen terug te zien in overlast, criminaliteit en een gebrek aan sociale cohesie. In het kader van dit onderzoek is een inventarisatie gemaakt van de huidige maatregelen en dit heeft het volgende opgeleverd: Wat doet de gemeente Rotterdam al op korte termijn? Inzet van interventieteams De gemeentelijke interventieteams hebben meerdere taken. In het kader van de handhavingtaak waarbij opsporing, signalering en opvolging de boventoon voeren, gaan de interventieteams op huisbezoek op basis van bijvoorbeeld binnengekomen meldingen van buurtbewoners die overlast hebben van mogelijk overlastgevende of overbewoonde panden. Deze maatregel is reactief van aard. Spreiding Het spreidingsbeleid is er op gericht om te voorkomen dat concentraties van groepen arbeidsmigranten ontstaan in de zwakkere wijken. Verloedering van woonwijken krijgt als gevolg hiervan minder kans. Deze maatregel bestaat uit het spreiden van MOE-landers over Rotterdam en ook randgemeenten moeten MOE-landers gaan huisvesten. Alijda-aanpak Hoewel de Alijda-aanpak niet ontstaan is als antwoord op overbewoning door Oost-Europese arbeidsmigranten, wordt deze aanpak wel gebruikt in het kader van de MOE-migranten. De Alijdaaanpak moet leiden tot een verbetering van woonsituaties. Het doel van deze maatregel is om uitbuiting en illegale overbewoning in Rotterdam geen kans te geven. Instrumenten binnen deze aanpak zijn onder andere het (mogelijk) aankopen van panden van malafide eigenaren en het strafrechtelijk en bestuursrechtelijk vervolgen van huisjesmelkers. Partners van de gemeente in de Alijda-aanpak zijn onder meer de politie, het OM, de FIOD en de Belastingdienst. Wat zou de gemeente Rotterdam op de korte termijn nog moeten doen? Hieronder volgt een opsomming van de toezeggingen van College van B&W en een overzicht van aangenomen moties die het Rotterdamse stadsbestuur moet gaan uitvoeren, maar waar nu nog op wordt gewacht: Langetermijnvisie Aan het College is een integrale langetermijnvisie gevraagd aangaande de huisvesting en werkgelegenheid van MOE-landers in Rotterdam, inclusief de benodigde bijdrage van het Rijk. Hierin moet uitvoerig worden omschreven hoe de gemeente Rotterdam de problematiek rondom de komst van MOE-landers denkt op te lossen. De presentatie wordt verwacht in het eerste kwartaal van Halfjaarlijkse rapportage Het College heeft met de gemeenteraad afgesproken dat elk half jaar een rapport verschijnt over huisvesting, werkgelegenheid en aanspraak van MOE-landers op sociale voorzieningen. Actuele situaties worden in kaart gebracht opdat tijdig beleid ontwikkeld en uitgevoerd kan worden. Financieel kostenplaatje Het College brengt in het kader van de huisvesting en werkgelegenheid van MOE-landers de kosten en opbrengsten van arbeidsmigratie voor de stad in kaart. Verblijfsinrichtingen / wijziging gebruiksbesluit Om te voorkomen dat arbeidsmigranten ondergebracht worden in illegale verblijfsinrichtingen (IVI) wil de gemeente Rotterdam het huidige gebruiksbesluit wijzigen waarin staat dat twee personen met verschillende achternamen in een woning mogen wonen. Rotterdam wil dat gemeenten de mogelijkheid krijgen om wijken te kunnen aanwijzen waar vier mensen met verschillende achternamen in een woning mogen wonen. 8

9 Voorlichtingcampagnes Door middel van campagnes die gericht zijn op MOE-landers die in eigen land en die in Nederland verblijven worden de rechten en plichten en het gewenste gedrag bekend gemaakt. MOEarbeidskrachten zijn in de huidige situatie niet op de hoogte van de Nederlandse rechten en plichten die betrekking hebben op werken en wonen. Ook gedragsregels, als het gaat om probleemwijken en overlast, worden door voorlichting kenbaar gemaakt. Mensen uit bijstand aan het werk De gemeente moet werkgevers stimuleren om werkloze uitkeringsgerechtigden eerst in te zetten op vacatures die nu ingevuld worden door MOE-landers. Scherpe controle op ZZP ers Het College van B&W heeft aangegeven de groei van het aantal Zelfstandigen Zonder Personeel (ZZP) in de gaten te houden en te controleren op naleving van regels. Vaak zijn de opgegeven woonadressen die bij de Kamer van Koophandel bekend zijn ongeldig. Aangenomen moties: Steunpunt MOE-landers Klachten en overlastmeldingen die te maken hebben met MOE-landers kunnen gemeld worden bij een speciaal opgerichte meldpunt. Bewoners, werknemers en MOE-landers kunnen gebruik maken van dit eerstelijns meldpunt. De gemeenteraad heeft een motie aangenomen waarin het College verzocht wordt om het initiatief te nemen voor een meldpunt speciaal voor MOE-landers en Rotterdammers die overlast ondervinden. Actief spreidingsbeleid Ter voorkoming van concentraties MOE-landers in de zwakke wijken van Rotterdam dient het College een actief spreidingsbeleid te voeren waarbij het aanbod van woningen voor arbeidskrachten uit MOElanden over de regio verspreid wordt. Controle adressen vergunningsplichtigen De gemeente dient sluitende afspraken te maken met het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI) op het gebied van controle van woonadressen. Indien nodig gemeentelijke interventieteams hierop inzetten. Ook zal de Raad elk kwartaal geïnformeerd worden over aanvragen en controles van werkvergunningen. De gemeente Rotterdam heeft lokaal de verantwoordelijkheid voor de effecten van gewijzigde Europese regelgeving. Het is noodzakelijk om tijdig beleid te ontwikkelen voor de langere termijn om niet nogmaals dezelfde fouten te maken. Er is extra inspanning nodig van betrokken partijen voor het ontwikkelen en uitvoeren van een structurele aanpak van de problematiek. Met het oog op het beleid dat op lange termijn zal moeten leiden tot positieve integratie in de Nederlandse samenleving en om het werknemersverkeer via legale kanalen te laten lopen, zal rekening gehouden moeten worden met de terreinen: huisvesting, werkgelegenheid, integratie, veiligheid, volksgezondheid en onderwijs. Met name op het gebied van huisvesting is een goede samenwerking tussen de gemeente, werkgevers, uitzendbureaus, woningcorporaties en particuliere huursector een absolute noodzaak. In Rotterdam is sprake van een spreiding van huisvesting over de stad, dat ook geldt ter voorkoming van het vormen van concentraties MOE-landers in bepaalde wijken. Om deze toestroom in goede banen te leiden is een lange termijn visie nodig en de benodigde bijdrage van het Rijk. Het Rotterdamse College zal in het eerste kwartaal van 2008 een integrale lange termijn visie over MOE-landers uitbrengen. In afwachting van de nog te komen lange termijn visie brengt dit onderzoek de verschillende belangengroepen in kaart om een helder beeld te krijgen van de hele situatie rondom de MOE-problematiek. Aanbevelingen: Hoe zou het beleid op lange termijn er uit moeten zien? Regels handhaven en controleren 9

10 Bestaande huur- en huisvestingswetten en -regels streng blijven handhaven door meer en scherpere controles uit te voeren op illegale bewoning in de particuliere huursector. Oost-Europese werknemers worden vaak in meer dan het toegestane aantal in één woning gehuisvest. Huisvesting door particuliere markt Huisvesting van MOE-migranten aan de particuliere markt overlaten. Dit is nog geen ingenomen standpunt van het Rotterdamse College, maar hiervoor is wel een breed politiek draagvlak. Gezien de bestaande wachtlijsten huisvesting voor Oost-Europeanen door woningcorporaties, die publiek gefinancierd worden, niet op prijs gesteld. Quotum MOE-landers Het instellen van een quotum voor een maximaal aantal Oost-Europeanen dat in Rotterdam mag komen wonen. Hiermee kan Rotterdam grip krijgen op de (grote) toestroom MOE-landers die massaal naar de stad toetrekken. Een aanzienlijk deel van deze migranten woont in Rotterdam, maar werkt buiten de stad. Toezicht en controle uitzendbureaus Meer toezicht en controle op de uitzendbranche waarbij extra controle wordt verricht naar GBAregistratie, regeling van huisvesting en de werkwijze van arbeidsbemiddeling. Met name de nietgecertificeerde uitzendbureaus strenger gecontroleerd te worden op malafide praktijken. Het doel van deze maatregel is om het legale deel van de uitzendbranche te vergroten en het illegale deel zo veel mogelijk weg te werken. Meer bevoegdheden interventieteams Gemeentelijke interventieteams een actievere opsporingsbevoegdheid toekennen door ook hen op te leiden tot buitengewoon opsporingsambtenaren (boa). Daarmee kunnen ook de gemeentelijke interventieteams meer en betere controles uitvoeren op het gebied van huisvesting. Extra politiecapaciteit Op dit moment legt de komst van MOE-landers een extra beslag op de capaciteit van politie en justitie. Ander werk blijft hierdoor liggen, terwijl er al een hoop werk voor deze partijen ligt. Politie en justitie dienen gecompenseerd te worden voor de huidige extra inspanningen en over voldoende mankracht in de toekomst te beschikken. Een extra maatschappelijk probleem ligt op de loer. De Roemenen en Bulgaren die, zonder tegenbericht in 2011 zullen komen, zijn afkomstig uit landen waar veel sprake is van corruptie en waar de georganiseerde criminaliteit diepe sporen heeft getrokken in de maatschappij. In het kader van de corrupte situatie in die landen dient rekening gehouden te worden met de toestroom van criminelen. Een scherper toezicht en handhaving door politie en het OM is geboden. In Italie heeft men recent moeten ingrijpen met extra en steviger politieoptreden vanwege de criminaliteit en overlast door mensen uit Oost-Europa. Afspraken inburgering Het is noodzakelijk om afspraken te maken over inburgering. Op dit moment voelen de meeste werkgevers niet de morele en financiële verantwoordelijkheid om de MOE-migranten die zij naar Nederland halen te ondersteunen bij het leren van de taal en inburgering. Het zou goed zijn als werkgevers deze morele en financiële verantwoordelijkheid wel aanvaarden en krijgen, waarbij de focus in eerste instantie komt te liggen op het leren van de (werkgerelateerde) Nederlandse taal. Mensen die naar Nederland komen zijn in principe zelf verantwoordelijk voor het leren van de taal en daar zouden immigranten ook op aangesproken moeten worden. Nu kan dit alleen maar op morele gronden omdat de EU-afspraken niet toelaten dat EU-ingezetenen onder de inburgeringsplicht vallen. Financiering extra schakelklassen door Rijksoverheid Kinderen die in Nederland verblijven moeten naar school. De universele rechten van het kind dienen gerespecteerd en uitgevoerd te worden. Er dient dus geïnvesteerd te worden in extra schakelklassen om in de toekomst problemen met taalachterstanden te voorkomen. Kinderen afkomstig uit MOElanden verdienen deze extra aandacht om taal- en leerproblemen in de toekomst te beperken. Dit kan aangepakt worden door het aanbieden van speciale programma s. De financiële middelen die hiervoor nodig zijn, kunnen niet afgewenteld worden op een gemeente. De verheid dient gemeenten hierin tegemoet te komen. 10

11 Greencard-systeem Invoeren van een greencard-systeem binnen Europa zodat Europeanen alleen recht hebben op een langer verblijf dan drie maanden indien zij arbeid verrichten in een ander Europees land. Als er geen sprake is van arbeidsinvulling dan zouden zij gebruik moeten maken van de voorzieningen in eigen land. Dit systeem zou door het Rijk gepleit moeten worden in overeenstemming met alle EU-landen. Draaiboek nieuwe arbeidsmigranten Ontwerp een draaiboek dat gericht is op de komst van nieuwe migranten, met daarin heldere en concrete taakbeschrijvingen van alle actoren en instellingen die te maken hebben met de toestroom van Europese arbeidskrachten in Rotterdam. De boodschap is Rotterdam niet tegen het werknemersverkeer is, maar wel tegen de slecht geregelde situaties waarin nieuwe migranten terecht komen. Het huisvestingsbeleid en de verblijfsregels moeten aangescherpt worden en vragen om een extra inspanning om te voorkomen dat negatieve gevolgen, zoals criminaliteit, aantasting van het leefgenot en negatieve stadsbeelden, op lange termijn zullen plaatsvinden of uitbreiden. Permanente immigranten koppelen aan vrijwilligers Het al bestaande programma Welkom in Rotterdam dat in de vorige periode door wethouder Pastors is geïntroduceerd kan ingezet worden om de immigranten die zich permanent gaan vestigen wegwijs te maken in de Rotterdamse samenleving. De hierboven beschreven aanbevelingen zijn gebaseerd op een intensief onderzoek van een half jaar. Alle aanbevelingen dienen in samenhang te worden bezien en uitgevoerd. De uitdaging waar de Rotterdamse samenleving voor staat is een diversiteit aan effectieve, uitvoerbare en uitgevoerde maatregelen te treffen die de positieve kanten van MOE-migratie versterken en de negatieve kanten indammen. Kortom: MOE-migratie als beheersbare ontwikkeling! 11

12 1. Inleiding Het opheffen van de beperkingen per 1 mei 2007 heeft niet geleid tot een extra stijging van het aantal arbeidsmigranten uit de betreffende Midden- en Oost- Europese landen. 1 De verdringing op de arbeidsmarkt lijkt zeer beperkt (Minister Donner) Aanleiding Arbeidsmigratie uit Midden- en Oost-Europese landen is de afgelopen jaren flink gestegen. Sinds de afschaffing van strenge grenscontroles en werkvergunningen voor Polen is het aantal Poolse migranten gegroeid. Vanuit het perspectief van de gemeente Rotterdam zijn er twee invalshoeken van waaruit deze migratie bezien kan worden. Deze twee invalshoeken vinden we tevens terug in het politieke en maatschappelijke debat over de komst en de consequenties van de Midden- en Oost- Europese (MOE) migranten. In de eerste plaats is er een economische invalshoek op metaniveau. Wil Nederland haar concurrentiepositie behouden en willen individuele bedrijven in de arbeidsintensieve en dienstverlenende sector kunnen blijven voortbestaan dan is het van belang dat het personeelbestand tijdelijk of duurzaam kan worden uitgebreid en aangevuld met werknemers uit de MOE-landen. Bij deze invalshoek hoort ook dat migratie binnen EU-landen steeds vaker voor zal komen en zal normaliseren en dat arbeids- en kennismigratie een optimale match is tussen MOE-migranten en het bedrijfsleven. De aanhangers van deze invalshoek zijn positief gestemd over de ontwikkeling dat steeds meer MOE-landers in Nederland komen werken. Minister Donner acht het zelfs noodzakelijk en vindt dit een vanzelfsprekend gevolg van de afspraken die binnen de Europese Unie zijn gemaakt over het vrije werknemersverkeer. Deze economische invalshoek op metaniveau kent ook een andere zijde, namelijk dat er in de ontvangende landen werklozen in de bijstand zitten en dat een actief beleid nodig is om deze mensen aan het werk te laten gaan. Verschillende EU-landen gaan daar op een verschillende manier mee om. Zo heeft Duitsland er voor gekozen om de arbeidsmarkt tot 2011 voor Poolse en andere werknemers uit andere nieuwe lidstaten gesloten te houden. Duitsland had al tot 2009 beperkingen gesteld aan het vrije verkeer van Oost-Europese werknemers. We hebben nog steeds meer dan drie miljoen werklozen, aldus de Duitse minister voor Arbeid, Olaf Scholz. Met dit argument onderbouwt de Duitse minister waarom het wat Duitsland betreft niet goed is om de arbeidsmarkt geheel open te stellen. 2 Duitsland heeft de juridische mogelijkheid om dit standpunt in te nemen omdat binnen de Europese Unie is afgesproken dat de West-Europese landen hun arbeidsmarkt pas in 2011 volledig moeten openstellen. 3 Leefbaar Rotterdam (LR) heeft in het Rotterdamse debat aandacht gevraagd voor de verdringing op de arbeidsmarkt door de komst van een grote groep arbeidsmigranten uit Polen en andere MOElanden. LR vindt dat de vacatures waar nu MOE-landers op ingezet worden eerst door Nederlandse werkloze uitkeringsgerechtigden moeten worden ingevuld. De inzet van goedkope(re) MOE-landers die harder, langer en beter werken voor een lager tarief is vooral van doorslaggevend belang voor werkgevers. Als Nederlandse werkgevers hun arbeidskrachten uit Oost-Europa blijven inzetten op Nederlandse vacatures, dan zal het wegwerken van de mensen uit de bijstand geremd worden. De komst van werknemers uit Oost-Europa wordt in het huidige politiek-maatschappelijke debat niet alleen bekeken vanuit een economische invalshoek, maar ook vanuit een sociaal oogpunt. Deze invalshoek is op microniveau, op het niveau van een stad of gemeente. Binnen deze sociale invalshoek staan vooral aspecten centraal die zichtbaar en voelbaar zijn in de gemeenschap waar de MOE-landers werken, wonen en leven. In Rotterdam wonen, leven en werken relatief veel MOElanders. Burgers die last ondervinden vragen extra aandacht van de gemeente. Zij zien negatieve gevolgen. 1 Brief van de Minister Donner van SoZaWe aan de Tweede Kamer, kamerstuk /29 407/nr Duitsland beperkt arbeidsinstroom, NRC Handelsblad, 22 februari In veel West-Europese landen, waaronder ook Nederland, gaan er in de politiek geluiden op om voor de Roemenen en Bulgaren ook die datum uit te stellen. 12

13 Sommige burgers van Rotterdam zien en ervaren dat de komst van de MOE-migranten gepaard gaat met excessen en onbedoelde en onvoorziene effecten. Er zijn te veel concentraties van te veel MOEmigranten in bepaalde delen van de stad waar geluidoverlast, dronkenschap en vechtpartijen er samen voor zorgen dat het leefgenot wordt aangetast. En de MOE-migranten zorgen voor een extra druk op huisvesting en werkgelegenheid en op lange termijn zal steeds meer aanspraak op sociale voorzieningen gemaakt worden. Woningcorporaties kampen met een wachtlijst voor woningzoekenden in de huursector. Deze druk wordt door de komst van arbeidsmigranten versterkt. Volgens politieke bevindingen mogen migranten geen voorkeur krijgen op het gebied van wonen. Om Rotterdammers die al langer op de wachtlijst staan niet te benadelen door de komst van deze groep arbeiders, zal de particuliere verhuursector zijn dienst moeten doen. Hierbij mag niet uitgesloten worden dat malafide verhuurders op de loer liggen. Hierbij is sprake van financiële uitbuiting en illegale verblijfsinrichtingen waarbij veel meer personen in een woning gehuisvest worden dan wettelijk wordt toegestaan. De problematiek die hieruit voortvloeit zijn o.a. geluidsoverlast, gevoel van ontheemdheid bij buurtbewoners en negatieve publiciteit. Toen per 1 mei 2007 de grenzen open gingen voor de Polen en zij niet langer over een tewerkstellingsvergunning hoefden te beschikken om in Nederland aan de slag te kunnen gaan, was in Rotterdam het politieke debat al maanden bezig. Vooral Leefbaar Rotterdam heeft vanaf het allereerste begin aangegeven dat: 4 er veel meer Polen zouden komen dan was voorzien; deze Polen zouden blijven vanwege de aantrekkelijke perspectieven (uitkering na half jaar, zicht op definitief verblijf, hoge(re) lonen dan in thuisland, betere woon- en verblijffaciliteiten dan in thuisland, etc.); deze Polen de druk zouden vergroten op de (illegale) huizenmarkt; deze Polen het risico lopen uitgebuit te worden (huisjesmelkers, werkgevers, etc.); deze Polen zich zouden gaan vestigen in wijken waar toch al een grote maatschappelijke druk op rust; deze Polen voor overlast zouden gaan zorgen; veel Polen werk zouden komen verrichten dat werkloze Nederlanders ook zouden kunnen uitvoeren en dat dus eerst ingezet zou moeten worden op het leegmaken van de bakken bij de Sociale dienst. Het Rotterdamse stadsbestuur heeft samen met en in navolging van het kabinet lange tijd de ogen gesloten voor deze ontwikkelingen. Het zou allemaal meevallen en het was juist goed voor Rotterdam omdat vacatures opgevuld konden worden. 5 Men dacht dat extra maatregelen niet nodig waren. Meldingen van overlast, onderzoeken door politie en justitie, signalen van burgers en observaties van interventieteams hebben er voor gezorgd dat het politieke debat is aangescherpt. Inmiddels is vriend en vijand het er over eens dat breder, intenser en integraler moet worden gekeken naar de komst en het verblijf van de Polen in Rotterdam, niet in de laatste plaats omdat de Roemenen en Bulgaren ook deze kant op komen. Het College van B&W 6 heeft in een brief van 16 oktober 2007 aangegeven dat extra maatregelen genomen moesten worden. In die brief werd echter ook vermeld dat zich toen inmiddels meer dan Polen hadden ingeschreven als inwoner van Rotterdam. Het bovenstaande vormt de aanleiding voor dit onderzoek. 4 Marco Pastors heeft in een brief aan het College van B&W verzocht om met oplossingen te komen voor de komst van Oost- Europeanen in Rotterdam. 5 Zowel landelijk als lokaal dachten diverse bestuurders aan het begin aan een positieve bijdrage aan de arbeidsmarkt en pas in een later stadium, toen de problemen zichtbaar werden, zagen bestuurders in dat extra maatregelen hard nodig waren. 6 Brief van het College van B&W aan de gemeenteraad, 16 oktober, Raadsstuk

14 Doelstelling Dit onderzoek zoomt in op de werkgelegenheid en het verblijf van arbeiders uit MOE-landen die in Rotterdam gevestigd zijn en richt zich op beleid dat op korte en lange termijn gevoerd zou moeten worden. Met het oog op langdurig of permanent verblijf in Nederland wordt aandacht besteed aan de ontwikkelingen, het overheidsbeleid en de toekomst van MOE-landers in Rotterdam. De komst van MOE-migranten heeft, zoals hiervoor is beschreven, aantoonbare gevolgen voor de samenleving. Het is noodzakelijk om als overheid hierop te anticiperen en zoveel mogelijk informatie te verzamelen over welke kanten het op lange termijn op kan gaan en om informatie te verzamelen over op welke terreinen er extra maatregelen getroffen moeten worden. Leefbaar Rotterdam heeft mij gevraagd om de maatregelen in kaart te brengen die op korte termijn zijn genomen. Dit alles in het kader van het lange termijn beleid dat het College van B&W van de gemeente Rotterdam in het eerste kwartaal van 2008 zal presenteren. De resultaten van dit onderzoek kunnen gebruikt worden om dit langetermijnbeleid mede vorm te geven. De uitdrukking L histoire se repete is qua inspiratie leidend geweest. Beleidsmakers en politici dienen beleidsmaatregelen te nemen om de komst en het mogelijke verblijf van de MOE-landers in goede banen te leiden en op lange termijn zoveel mogelijk rekening te houden met de mogelijke consequenties voor de samenleving. Alle signalen en waarschuwingen uit de samenleving dienen zo goed mogelijk in kaart gebracht te worden om te voorkomen dat de geschiedenis zich herhaalt. Het als onwenselijk beschouwen dat de geschiedenis zich herhaalt, wijst uit dat de overheid haar lerende vermogen toont bij vergelijkbare vraagstukken. Inhoudelijk wordt verwezen naar de overeenkomsten met de komst met die van de gastarbeiders in de vorige eeuw die zich in Nederland tegen alle verwachtingen in blijvend gingen vestigen. In de huidige samenleving is het integratieprobleem zichtbaar door cultuurverschillen. Het vorige kabinet sprak over waarden en normen die betrekking hebben op acceptatie en waardering in de Nederlandse maatschappij. Het huidige thema van het kabinet luidt: samen werken, samen leven. Er wordt nog steeds geprobeerd om bruggen te bouwen tussen verschillen in de samenleving. Met het oog op permanent verblijf van een grote groep MOEmigranten in Rotterdam heeft de Wethouder Wonen en Ruimtelijke Ordening op verzoek van onder andere Leefbaar Rotterdam toegezegd dat in het eerste kwartaal van 2008 ook een langetermijnvisie op het MOE-beleid gepresenteerd zal worden. Het doel van dit onderzoek is om erachter te komen hoe het huidige overheidsbeleid op korte termijn inspeelt op de groei van het aantal arbeidsmigranten uit MOE-landen in Rotterdam. Dit beleid op de korte termijn wordt geanalyseerd en vervolgens worden er aanbevelingen geformuleerd ter verbetering van het beleid op korte termijn. Onderzoeksvraag De centrale vraag in dit onderzoek luidt als volgt: Wat beoogt het huidige korte termijn beleid op de groei van MOE ers in Rotterdam en hoe zou het beleid op de lange termijn ontwikkeld moeten worden om de ontwikkelingen rondom MOE-migratie te beheersen? Hoofdstukindeling Het inleidende hoofdstuk bevat de inleiding en de onderzoeksopzet. Hierop volgt een hoofdstuk over migratie en de komst van migranten in het algemeen. Het rapport bevat vervolgens twee delen: werken en verblijf. In deel I ligt de nadruk op werk. Dit is in drie hoofdstukken onderverdeeld. Hoofdstuk 2 gaat in op het tekort aan arbeidskrachten. Hierin wordt aandacht besteed aan malafide en bonafide praktijken door uitzendbureaus die bemiddelen in werk en verantwoordelijk zijn voor goede huisvesting. In hoofdstuk 3 wordt aandacht besteed aan de inzet van MOE-migranten op de Nederlandse arbeidsmarkt in relatie tot de nog grote aantallen uitkeringsgerechtigden in Nederland. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de rechten die MOE'ers opbouwen op sociale voorzieningen, waarmee een claim op de toekomst wordt gelegd. 14

15 In deel II van het rapport ligt de nadruk op het verblijf van arbeidsmigranten afkomstig uit MOE-landen. Hoofdstuk 5 gaat in op de huisvestingsproblematiek en de veiligheid/leefbaarheid in Rotterdamse wijken waar de problematiek het meest voorkomt. Ook illegale huisvesting komt hier aan de orde. In hoofdstuk 6 wordt stilgestaan bij de integratie van MOE-landers die ook tot burgers van de EU behoren. In hoofdstuk 7 wordt aandacht besteed aan het onderwijs van een nieuwe groep kinderen. Hoofdstuk 8 gaat kort in op de verslavings- en gezondheidszorg voor MOE-landers. Alle hoofdstukken worden afgesloten met een tussenconclusie. Tot slot wordt het rapport afgesloten met een eindconclusie. Onderzoeksmethode Voor dit onderzoek zijn verschillende bronnen geraadpleegd en bestudeerd. In een half jaar tijd is naast bestudering van diverse open bronnen, literatuur en beleidsstukken, ook gebruik gemaakt van kwalitatieve informatie door middel van interviews met verschillende actoren die te maken hebben MOE-migratie. Daarnaast zijn de bevindingen van dit onderzoek gebaseerd op een korte stage bij Bureau Frontline, het bijwonen van raadsvergaderingen en interviewgesprekken met diverse gemeentelijke en andere instanties. Tevens zijn de bevindingen gebaseerd op interviews met MOElanders zelf. Migratie De komst van arbeidsmigranten in het algemeen en MOE-migranten in het bijzonder wordt in dit hoofdstuk in een theoretisch en historisch perspectief geplaatst. In de theorie en geschiedenis is veel bekend over migratie en wordt gesproken over verschillende migratiecategorieën. Het oorspronkelijke migratiemotief van arbeidsmigranten is werken. De aanwezigheid van werkgelegenheid in Nederland maakt het aantrekkelijk voor migranten, in dit geval uit o.a. Oost-Europa waar de economische ontwikkeling nog minder sterk vooruit gaat dan hier in Nederland. Met het vooruitzicht op tijdelijk verblijf in een ander land werd de term gastarbeiders gebruikt in de jaren vijftig, zestig en zeventig. Migratie kent een onderscheid tussen insiders en outsiders 7 en het beleid dat daarop gericht is, wordt gevormd door diverse ambtenaren, politici, juristen en anderen die betrokken zijn bij de complexe praktijk van het migratieproces. 8 Er spelen hierbij diverse belangen die het proces en de acceptatie bij verschillende belangengroepen moeizaam kunnen laten verlopen. Na de Tweede Wereldoorlog braken moeilijke jaren aan. In de jaren vijftig groeide de economie in Nederland. Net als de omringende landen leidde de economische groei tot ernstige tekorten op de arbeidsmarkt. Arbeidsmigranten uit het Middellandse Zeegebied kwamen als gastarbeiders naar Nederland. Door middel van wervingsovereenkomsten tussen de ontvangende landen en de landen van herkomst werden selecties van werk en verblijf van de arbeidsmigranten gemaakt. Migranten verbleven tijdelijk in Nederland en gaven zelf ook aan dat hun voorkeur uitging naar aan een tijdelijk verblijf. Buitenlandse arbeiders bestonden in het beginstadium vooral uit Italianen en Spanjaarden. Zij keerden na een verloop van tijd terug naar het land van herkomst, toen de economie in eigen land weer begon aan te trekken. Vervolgens werd de groep gastarbeiders gevuld door steeds meer Turkse en Marokkaanse arbeidsmigranten. Deze groepen mensen migreerden naar Nederland om in een korte tijd zoveel mogelijk geld te verdienen en vervolgens het gespaarde geld mee terug te nemen naar hun eigen land. Toen in de jaren zeventig de Nederlandse economie getroffen werd door economische crises, verscherpte de Nederlandse regering het arbeidsmigratiebeleid. De toelating van arbeidsmigranten werd stopgezet. Met name de Turkse en Marokkaanse gastarbeiders die al in Nederland waren besloten om zich voor een onbeperkte tijd in Nederland te vestigen. In de huidige samenleving is af te leiden dat veel gastarbeiders hun leven in Nederland hebben voortgezet en hun gezinnen hier naar toe lieten overkomen (gezinshereniging). Een deel van hen is een gezin gaan vormen in 7 Vreemdelingen die om toegang vragen maar door beleidsmakers de toegang geweigerd kunnen worden. Buitenstaanders/outsiders zijn de mensen wie de toegang geweigerd wordt, insiders zijn de mensen wie toegang niet wordt geweigerd en zich dus legaal binnen de grenzen bevinden. Dit stelt Saskia Bonjour in een artikel (2007) over beleidsvorming op het gebied van gezinsmigratie in Nederland van de jaren 50 tot heden. 8 Migrantenstudies, 2007, nr. 1: Saskia Bonjour, Gezin en Grens, p.4. 15

16 Nederland. Gezinsmigratie was in de jaren vijftig en zestig nog zelden een debatonderwerp in de Eerste en Tweede Kamer. 9 Toekomstperspectief Polen Tabel 1 Toestroom Bulgaren, Roemenen en Polen in Nederland Bron: Centraal Plan Bureau In tabel 1 zien we de weergave van een sterke toename van Bulgaren, Roemenen en Polen in Nederland. Poolse arbeidskrachten vormen de grootste groep. In 2007 is de groei aanzienlijk gestegen door de versoepeling van het werknemersverkeer van de jongste EU-lidstaten. In dat jaar voorspelde de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in een halfjaarlijkse rapportage dat de Nederlandse economie oververhit zou raken. Er zou meer vraag naar producten zijn dan er in werkelijkheid geproduceerd kan worden en Nederlandse werkgevers zullen buiten de grenzen zoeken naar goedkope werknemers. Volgens Corpeleijn (2007) vormen de economische situatie en de werkloosheid niet voldoende factoren om de groei van het aantal werknemers uit MOE-landen in Nederland te verklaren. Ook de situatie van werkloze uitkeringsgerechtigden spelen een rol bij de toename van arbeidsmigranten. Het kleine verschil tussen uit uitkeringsgeld en het minimumloon vormt geen aantrekkelijk voordeel voor mensen in de bijstand. Emmer en Obdeijn (1998, p. 17) stellen dat de geschiedenis leert dat migratie niet te stoppen valt zolang rijkdom en vrijheid geconcentreerd zijn in een deel van de wereld, en armoede en onderdrukking in een ander deel. Zij veronderstellen dat migratie zal ophouden zodra alle tegenstellingen in de wereld zijn opgeheven. Polen probeert op dit moment de eigen economie aan te laten trekken. Het feit dat veel Polen vertrekken uit eigen land leidt tot een ongewenst tekort aan eigen Poolse werknemers. De regering probeert emigratie wegens economische redenen minder aantrekkelijk te maken door de lonen te verhogen. Daarnaast wordt een lokmiddel ingezet om Poolse burgers die wegens arbeidsmigratie naar een ander land vertrokken zijn, terug te laten keren naar Polen. Dit doet de Poolse regering door remigrerende Polen geen inkomstenbelasting in Polen meer te laten betalen. Deze maatregel geldt voor alle Polen die legaal in één van de EU-lidstaten hebben gewerkt. 10 Ook om een andere reden is het voor de Poolse regering van belang dat Poolse werknemers weer terugkeren naar hun eigen land. De opgedane werkervaring, de gelegde contacten en in sommige gevallen de genoten opleiding kunnen nuttig ingezet worden voor de toekomst van de Poolse economie. Dit voert niet direct de boventoon maar het komt in steeds meer publicaties terug. Het gevolg van deze maatregelen is dat een deel van de arbeiders terug zal keren naar Polen. Met name de ouderen waarvan familie en gezin in Polen wonen zullen sneller terugkeren. De reden is dat zij verder geen toekomstperspectieven zien wanneer gekozen wordt om arbeid in een vreemd land te blijven verrichten. Dit blijkt uit verschillende gesprekken met MOE-werknemers waarvan hun kinderen ook meeverhuisd zijn naar Nederland. De kans dat vooral jongere Poolse arbeiders zich permanent in Nederland zullen vestigen is groot. Dat komt omdat de toekomst er vaak rooskleuriger uitziet voor de jongere generatie. De mogelijkheid om 9 Migrantenstudies, 2007, nr. 1: Saskia Bonjour, Gezin en Grens, p In november 2007 werd dit gepubliceerd in de media. De nieuwe regering Tusk wilt met dit lokmiddel de werknemers uit het buitenland weghalen. 16

17 binnen de EU vrij te reizen, wonen en werken maakt het voor hen onaantrekkelijk om te remigreren Zij hebben vaak (nog) geen gezinnen die hen aan Polen bindt. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) zullen niet alle Oost-Europese immigranten zich permanent in Nederland vestigen. Van de Poolse immigranten uit 2004 is tot en met 2006 bijna een kwart weer teruggekeerd. Remigratie is dus nog gering. Als we naar het aantal Nederlandse werkloze uitkeringsgerechtigden kijken dan zou het toekomstperspectief voor Polen niet zo groot moeten zijn. Het is immers landelijk, maar ook lokaal beleid om de Nederlandse werklozen eerst aan het werk te zetten. De gemeente Rotterdam heeft als speerpunt in hun lokale beleid dat werkloze Rotterdammers eerst ingezet zouden moeten worden op vacatures waar nu MOE-landers het werk doen. Vacatures in de schoonmaak, de horeca, de tuinbouw, de vleesverwerkende industrie en de (wegen)bouw zijn de meest voorkomende sectoren waarin MOE-landers werkzaam zijn in Nederland. In die sectoren zijn Poolse en andere MOEwerknemers nog steeds aantrekkelijk voor werkgevers door de lage tarieven en het arbeidsethos van arbeidsmigranten. Er zijn pogingen gedaan om Nederlandse uitkeringsgerechtigden in te zetten op deze openstaande vacatures. Kenmerkend voor deze functies is dat het arbeidsintensieve functies betreft waar minder hoog opgeleiden of niet-opgeleiden voor nodig zijn. De diverse pogingen om op deze functies Nederlandse uitkeringsgerechtigden te plaatsen hebben tot nu toe weinig succes gekend. In Rotterdam zijn nog steeds veel uitkeringsgerechtigden die geen arbeid verrichten. Gezien de aard van de functies, waarvoor vaak geen opleiding nodig is, kunnen zij makkelijk op deze openstaande vacatures ingezet worden. Volgens de politiek, met name Leefbaar Rotterdam, is het zaak om uitkeringsgerechtigden uit de bijstand te halen en hen op de banen te zetten die momenteel ingevuld worden door MOE-landers. In de praktijk gebeurt dat niet. De mislukking van de verschillende pogingen kunnen verklaard worden door: 1) Het kleine verschil tussen arbeidsloon en uitkeringsgeld (armoedeval); 2) de geringe interesse in laagbetaalde banen die als het vuile werk worden ervaren; 3) te weinig druk vanuit de sociale dienst. Hierop volgt dat werkgevers massaal op zoek zijn naar arbeiders uit andere landen die genoegen nemen met het minimumloon in sectoren zoals de bouw. De loonverschillen tussen Nederland en Polen maken het aantrekkelijk voor Poolse arbeiders. Actoren en hun belangen Door de belangen en de houding van de diverse betrokkenen inzichtelijk te maken kan verklaard worden waarom in de praktijk vaak niet gebeurt wat theoretisch in kaart wordt gebracht. Voor de onderstaande analyse geldt dat deze tot stand is gekomen door bestudering van beleidsstukken, krantenberichten, opiniestukken, vraaggesprekken en observatie. MOE-migratie kent verschillende actoren met ieder hun eigen belang. Vanuit een bestuurskundig invalshoek is het relevant om de verschillende belangengroepen inzichtelijk te maken om hiermee inzicht en begrip te creëren over welke motieven een rol spelen binnen de MOE-problematiek. Het gedrag van iedere actor wordt bepaald door het eigen belang. Het gedrag of de belangen van alle actoren binnen het beleidsveld resulteert niet in een situatie waarbij het algemeen maatschappelijk belang gediend is. Het bewaken en richting geven aan dit maatschappelijk belang is wat van (de Rotterdamse) politiek en bestuurders verwacht mag worden. Voor de Rotterdamse situatie wordt hieronder ingegaan op de belangen, houding en opvattingen van de arbeidsmigranten zelf, de werkgevers, Rotterdamse uitkeringsgerechtigden, de uitzendbureaus en de gemeente. Arbeidsmigranten Het belang van werknemers uit MOE-landen is dat ze relatief veel geld verdienen in korte tijd bij Nederlandse werkgevers. Europese regelgeving maakt het werknemersverkeer binnen Europa mogelijk. Nu ook de jongste EU-lidstaten uit Midden- en Oost-Europa, waar de economie nog geen sterke concurrentiepositie kent, mogen deelnemen aan het vrije verkeer van werknemers, zien veel arbeidsmigranten uit die landen de kans om in andere lidstaten meer geld te verdienen dan in eigen land. Men verlangt naar goedkope huisvesting opdat zo min mogelijk geld wordt uitgegeven aan een onderkomen en meer geld wordt overgehouden voor andere doeleinden zoals privésituaties in eigen land. Het besef van uitbuiting door werkgevers of arbeidsbemiddelaars is vaak gering door een gebrek aan kennis van en informatie over arbeids- en huisvestingsregelgeving. 17

18 Werkgevers Werkgevers geven de voorkeur aan buitenlandse werknemers omdat zij belang hebben bij relatief goedkope arbeidskrachten die hard werken. Hierdoor kunnen ondernemingen goedkoper produceren en een betere concurrentiepositie verkrijgen. Vooral in de arbeidsintensieve branche is er veel vraag naar laaggeschoolde arbeiders. Het vinden van goedkoop personeel is vaak moeilijk. Verder kampt Nederland met het probleem dat vakmanschap niet voorhanden is, waardoor deze uit het buitenland moet worden aangetrokken. Ook de dienstverlenende sector kent een tekort aan kwalitatief goede werknemers, waardoor werkgevers zich verder oriënteren op de buitenlandse markt van arbeidskrachten. Op dit moment kampt niet alleen het bedrijfsleven, maar ook de semi-publieke dienstverlening in Nederland met een tekort aan werknemers waardoor deze zich in navolging van andere landen steeds verder openstelt voor MOE-landers. 11 Uitzendbureaus Arbeidsbemiddelaars zijn in veel gevallen onmisbaar voor buitenlandse arbeidskrachten en Nederlandse werkgevers. Uitzendbureaus hebben geldelijk belang bij de komst van MOE-werknemers en doelen op maximale bemiddeling om het werkaanbod in Nederlandse arbeidsmarkt op te vullen. Zij bemiddelen tussen arbeidsmigranten en werkgevers en zorgen ervoor dat buitenlands arbeidspotentieel bij Nederlandse werkgevers aan de slag kan. Uitzendbureaus werken zo efficiënt mogelijk en dragen de verantwoordelijkheid voor de huisvesting van werknemers. Het is van belang dat werknemers bij elkaar op een vast adres wonen, zodat ze met meerderen tegelijk opgehaald kunnen worden en om vervoerd te worden naar de arbeidsplaats. Gemeente De gemeente heeft te maken met een sociale problematiek in de zwakke wijken. Een deel van de MOE-landers werkt buiten de stad, maar woont in Rotterdam. Het verloederen van stadswijken heeft geen enkel belang voor de gemeente en heeft nadelige gevolgen voor de omwonende burger. Voor een deel heeft de komst van MOE-landers voor de stad een economisch belang. Op moeilijk vervulbare vacatures kunnen Oost-Europese werknemers ingezet worden. Ter voorkoming van verdringing op de arbeidsmarkt, dienen gemeenten het belang van een eerlijke arbeidsmarkt voorop te stellen. Het belang voor de stad Rotterdam is bovendien om de behaalde resultaten in hotspotgebieden veilig te stellen. Het woon- en leefgenot mogen niet aangetast worden. Conclusie Verschillende groepen belanghebbenden hangen met elkaar samen binnen de MOE-problematiek. We spreken over actoren die afhankelijk zijn van elkaar zodat de arbeidsmarkt kan worden toegetreden door MOE-migranten. In de eerste plaats maakt de EU-wetgeving het werknemersverkeer ook mogelijk voor de jongste EU-lidstaten uit Midden- en Oost-Europa. De beperkingen voor grensoverschrijdende arbeid en huisvesting worden steeds meer versoepeld en voor Polen is sinds mei 2007 geen sprake meer van een grensbeperking. Nederlandse werkgevers hoeven voor Poolse arbeidskrachten geen werkvergunningen meer aan te vragen. Deze groep arbeidsmigranten beweegt zich legaal op de Europese arbeidsmarkt en geniet van alle rechten en plichten zoals in ieder Europees land gelden. Deze vrijheidsbeweging is gunstig en vooral in het belang van burgers uit landen waar de lonen in vergelijking met bijvoorbeeld Nederland lager zijn. Met het oog op hogere salarissen reizen arbeidsmigranten af naar landen waar vraag is naar buitenlandse arbeidskrachten die op tijdelijke vacatures ingezet willen en kunnen worden. Er bestaat dus een verband tussen Nederlandse werkgevers en buitenlandse arbeidskrachten. Door de economische groei in Nederland is de vraag naar arbeid gestegen. Nederlandse werkgevers zoeken buiten de grenzen naar beschikbare en goedkope werknemers. Het inzetten van goedkope arbeidskrachten is van belang voor ondernemingen om hun concurrentiepositie te behouden. Door zo min mogelijk te investeren in arbeidslonen zal de winst van een onderneming stijgen. Ook is er sprake van toenemende concurrentie waarbij bedrijven hun producten zo goedkoop mogelijk aanbieden. Efficiëntie is voor werkgevers het sleutelwoord voor profijt. 11 In Oostenrijk werken veel Oost-Europeanen onder erbarmelijke omstandigheden zonder dat andere belanghebbenden en verantwoordelijken zich daar iets van aantrekken. Zo blijkt uit het artikel Een particuliere verpleegster voor 1,20 euro per uur van 22 februari

19 19

20 Deel I: Werken 2. Tekort aan arbeidskrachten Arbeidsmigranten leveren een belangrijke bijdrage aan de groei van de Nederlandse economie. Vooral de industriële sector kent een tekort aan arbeidskrachten. Daar waar gevraagd wordt naar lager geschoold personeel, zetten bedrijven arbeidsmigranten in afkomstig uit landen waar de lonen een stuk lager liggen dan het wettelijke minimumloon in Nederland. Dit hoofdstuk gaat in op de structurele vraag naar (tijdelijke) arbeid op de Nederlandse arbeidsmarkt. Hoe komt het dat Nederlandse bedrijven massaal arbeidsmigranten inzetten? En waarom spreekt men over tekorten aan arbeidskrachten als we in Nederland een groot aantal werkloze uitkeringsgerechtigden hebben? Verder wordt aandacht besteed aan arbeidsbemiddelaars die werkgevers helpen om de vraag naar arbeidskrachten zo goed mogelijk op te vullen. Arbeidsmarkt Vooral in de industriële sector blijft de vraag naar ongeschoolde of lager opgeleide arbeiders bestaan. Deze onderkant van de arbeidsmarkt kent een structureel tekort aan goedkope arbeidskrachten. Bij een groeiende economie is er veel werkaanbod. Nederlandse bedrijven proberen hun concurrentiepositie te behouden door de arbeidslonen laag te houden. Vaak kiezen werkgevers voor relatief goedkope arbeidskrachten die moeilijk te vinden zijn. Vooral in de volgende sectoren is de vraag naar goedkope en tijdelijke arbeidskrachten in Nederland groot: de land- en tuinbouw, de vleessector, de transportsector en de zakelijke dienstverlening. Zoals veel West-Europese landen is Nederland sinds de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog een industriële markt geworden. Veel banen in de industriële sector werden vooral ingevuld door lager opgeleide werknemers en het tekort werd vooral in de vorige eeuw opgevuld door arbeidsmigranten. Arbeidsmigratie speelt een belangrijke rol op de arbeidsmarkt. Door de komst van de kenniseconomie 12 en de daarbij behorende globalisering is er een daling van het aanbod van werknemers in de low qualified occupations. Lager geschoold of ongeschoold arbeid worden steeds meer uitgevoerd door buitenlandse arbeidskrachten. Verder kennen bedrijven structurele tekorten aan gekwalificeerd technisch personeel. De instroom van jongeren in bèta- en technische opleidingen is al jarenlang te laag. 13 Arbeidskrachten uit Oost-Europa zijn relatief goedkoper dan Nederlandse uitkeringsgerechtigden. Ten eerste heeft dat te maken met de lage lonen die in Oost-Europa gelden. MOE-landers verdienen in Nederland relatief gezien meer dan ze in hun eigen land zouden verdienen. Op de tweede plaats gaan Nederlandse uitkeringsgerechtigden bij aanvaarding van werk er financieel op achteruit: bepaalde belastingen worden dan niet meer kwijtgescholden en zij verliezen bepaalde extra voorzieningen zoals vergoedingen voor de aanschaf van huishoudelijke apparatuur uit de Bijzondere Bijstand. Toetreden arbeidsmarkt (Tijdelijke) arbeidsmigranten in Nederland zijn voornamelijk afkomstig uit Midden- en Oost-Europa: Estland, Letland, Litouwen, Slowakije, Hongarije, Tsjechië, Polen, Slovenië, Bulgarije en Roemenië. Werkgevers die MOE-werknemers in dienst nemen, worden onder de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) verantwoordelijk gesteld voor hun werknemers. Het aanvragen van een tewerkstellingsvergunning (TWV) is één van de voorwaarden om werknemers zonder een Nederlands paspoort aan het werk te stellen, met uitzondering van Polen. Alleen voor Polen geldt dat werkgevers sinds 2007 geen TWV meer hoeven aan te vragen. Voor arbeidsmigranten uit de overige MOE-landen geldt de aanvraag voor een TWV nog wel. Het aantal TWV s groeit jaarlijks; in 2004 werd het aantal zelfs verdubbeld. 14 Uit de Evaluatie van werknemersverkeer MOE-landen (2005) blijkt dat veruit de meeste TWV s aan migranten uit MOE-landen werden afgegeven voor lager geschoolde en tijdelijke functies. Onderzoeksinstelling Ecorys heeft een schatting gemaakt van het aantal te verwachten MOE ers in Nederland na maart Zij schatte de omvang tussen de en de MOE-migranten die jaarlijks zullen instromen. Volgens het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zou 12 Odé (1996) beschrijft in zijn proefschrift Hedendaagse internationale migratie gericht op de Nederlandse arbeidsmarkt o.a. de reden van arbeidsmigratie en het aanbod van laag opgeleide banen in de arbeidsmarkt. 13 VNO-NCQ (juli 2004) schetst in de nota Nederland moet actiever de toekomstige arbeidsmarkt in 2010 waarin voorstellen worden gedaan voor intensivering van het arbeidsmarktbeleid op diverse terreinen. 14 Evaluatie werknemersverkeer MOE-landen, AM/AMI/05/29313, 20 mei

Ze blijven komen, maar blijven ze?

Ze blijven komen, maar blijven ze? EMBARGO TOT DINSDAG 18 MAART 10:00 UUR Ze blijven komen, maar blijven ze? MOE-migratie als beheersbare ontwikkeling Haagse Hogeschool: Sen-G Man Begeleiding Leefbaar Rotterdam: drs. Marianne van den Anker

Nadere informatie

Ze blijven komen, maar waar blijven ze? MOE-migratie als beheersbare ontwikkeling

Ze blijven komen, maar waar blijven ze? MOE-migratie als beheersbare ontwikkeling Leefbaar Rotterdam Standpunten en input voor politieke besluitvorming n.a.v. Ze blijven komen, maar waar blijven ze? MOE-migratie als beheersbare ontwikkeling Rotterdam, 18 maart 2008 Leefbaar Rotterdam

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 29 407 Vrij verkeer werknemers uit de nieuwe EU lidstaten Nr. 129 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter

Nadere informatie

Immigratie uit Midden- en Oost-Europese (MOE-) landen

Immigratie uit Midden- en Oost-Europese (MOE-) landen November 2011 ugu Immigratie uit Midden- en Oost-Europese (MOE-) landen In Leiden wonen ca. 2.550 mensen uit de MOE-landen, waarvan 1.900 van de eerste generatie. Dit is percentueel iets meer dan in Nederland.

Nadere informatie

Opgave 3 Arbeidsmigratie in goede banen

Opgave 3 Arbeidsmigratie in goede banen Opgave 3 Arbeidsmigratie in goede banen Bij deze opgave horen de teksten 4 en 5 en tabel 3 uit het bronnenboekje. Inleiding In 2004 trad een aantal landen uit Midden- en Oost-Europa, zoals Hongarije en

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

Enquête gemeenten & EU-migranten

Enquête gemeenten & EU-migranten Enquête gemeenten & EU-migranten Gemeenten hebben sinds een paar jaar steeds meer te maken met de instroom van migranten uit Midden-, Oost- en Zuid-Europese landen. Dit stelt gemeenten voor nieuwe uitdagingen,

Nadere informatie

Oost-Europese arbeidsmigranten

Oost-Europese arbeidsmigranten Oost-Europese arbeidsmigranten CONCEPT Project: 878 In opdracht van: Dienst Wonen Hester Booi Jeroen Slot Weesperstraat 79 Postbus 658 118 VN Amsterdam 1 AR Amsterdam Telefoon 2 527 9474 Fax 2 527 9595

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Telefoon

Nadere informatie

aan zet Leendert Koning, projectleider MOE-landers, ministerie van BZK

aan zet Leendert Koning, projectleider MOE-landers, ministerie van BZK Huisvesting MOElanders: Haaglanden aan zet Leendert Koning, projectleider MOE-landers, ministerie van BZK Inhoud van de presentatie - achtergrond en context - Verantwoordelijkheden - Huisvesting en woonoverlast

Nadere informatie

Enquête gemeenten & EU-migranten

Enquête gemeenten & EU-migranten Enquête gemeenten & EU-migranten Gemeenten hebben sinds een paar jaar steeds meer te maken met de instroom van migranten uit Midden-, Oost- en Zuid-Europese landen. Dit stelt gemeenten voor nieuwe uitdagingen,

Nadere informatie

De feiten: arbeidsmigratie door de jaren heen

De feiten: arbeidsmigratie door de jaren heen De feiten: arbeidsmigratie door de jaren heen Jeannette Schoorl Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) Den Haag NIDI/NVD/CBS Seminar arbeidsmigratie 30 maart 2011 Onderwerpen Historische

Nadere informatie

CBS-berichten: Arbeidsmigratie naar en uit Nederland

CBS-berichten: Arbeidsmigratie naar en uit Nederland André Corpeleijn* Inleiding Arbeidsmigratie is de laatste tien jaar weer in de belangstelling gekomen. De uitbreiding van de Europese Unie en de komst van Oost-Europese werknemers naar Nederland hebben

Nadere informatie

Wat wil Nederland bereiken in Europa? Het immigratie- en asielbeleid

Wat wil Nederland bereiken in Europa? Het immigratie- en asielbeleid Wat wil Nederland bereiken in Europa? Het immigratie- en asielbeleid Tijd rijp voor nieuw evenwicht In vergelijking met veel landen is de Europese Unie (EU) veilig en welvarend. De Europese Unie is dan

Nadere informatie

Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid M.J.W. Struijvenberg (Leefbaar Rotterdam) over bijstand EU-onderdanen.

Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid M.J.W. Struijvenberg (Leefbaar Rotterdam) over bijstand EU-onderdanen. Rotterdam, 4 juni 2013. Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid M.J.W. Struijvenberg (Leefbaar Rotterdam) over bijstand EU-onderdanen. Aan de Gemeenteraad. Op 6 mei 2013 stelde

Nadere informatie

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, (M. Rutte)

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, (M. Rutte) Wijziging van de Wet arbeid vreemdelingen in verband met de werving van arbeidsaanbod uit landen van buiten de Europese Economische Ruimte op een bij convenant overeengekomen wijze Memorie van antwoord

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 29 407 Vrij verkeer werknemers uit de nieuwe EU lidstaten Nr. 198 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter

Nadere informatie

Samenvatting. De belangrijkste bevindingen per migratietype

Samenvatting. De belangrijkste bevindingen per migratietype Samenvatting In deze studie is voor de belangrijkste migratietypen (arbeid, gezin, studie en asiel) een overzicht gemaakt van de omvang, de verdeling over de herkomstlanden en de demografische samenstelling

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 4 februari 2014 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter,

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 4 februari 2014 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter, > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP DEN HAAG T 070 340 79 11 F 070 340 78

Nadere informatie

Emigrerende Nederlander heeft nooit heel erge haast

Emigrerende Nederlander heeft nooit heel erge haast Tekst 4 Emigrerende Nederlander heeft nooit heel erge haast 5 10 15 20 25 30 35 40 (1) Postbodes gezocht. Standplaats: Reykjavik. Vereist: een goede conditie. Kennis van de IJslandse taal niet nodig. Zomaar

Nadere informatie

Huisvesting voor tijdelijke arbeidsmigranten.

Huisvesting voor tijdelijke arbeidsmigranten. Huisvesting voor tijdelijke arbeidsmigranten. Aanleiding Veel ondernemers in de land- en tuinbouw maken gebruik van tijdelijke arbeidsmigranten. Ondernemers zijn verantwoordelijk voor een goede huisvesting

Nadere informatie

Stichting Vrienden van Paulus

Stichting Vrienden van Paulus Verslag rondetafelgesprek mogelijke opvang vluchtelingen 23 februari 2016 23 februari 2016 kwamen in de avond verschillende individuele insprekers, belangenvertegenwoordigers en professionals van onder

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

Seizoensarbeiders of migranten?

Seizoensarbeiders of migranten? - FACTSHEET POLEN - Seizoensarbeiders of migranten? Samenvatting In Nederland zijn waarschijnlijk zo n 150.000 Oost-Europese arbeiders. 80% van deze groep bestaat uit Polen. In Hollands Midden en Haaglanden

Nadere informatie

gemeente Eindhoven InitiatiefvoorstelHoorzitting woningsplitsing en kamerbewoning

gemeente Eindhoven InitiatiefvoorstelHoorzitting woningsplitsing en kamerbewoning gemeente Eindhoven Griffie gemeenteraad Raadsnummer 11R4247 Inboeknummer Dossiernummer InitiatiefvoorstelHoorzitting woningsplitsing en kamerbewoning Inleiding De vele negatieve signalen die uit de stad

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2013 2014 33 623 Wijziging van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag in verband met het van toepassing verklaren van die wet op nader bepaalde overeenkomsten

Nadere informatie

Discriminatie van MOE-landers

Discriminatie van MOE-landers - FACTSHEET MOE-LANDERS - Discriminatie van MOE-landers Samenvatting De MOE-landers vormen een bevolkingsgroep die in Nederland de afgelopen jaren behoorlijk in omvang is toegenomen. Met MOE-landers worden

Nadere informatie

Actieplan. Actieplan Stop uitbuiting Oost-Europese werknemers Hans Spekman, PvdA Fractie Tweede Kamer

Actieplan. Actieplan Stop uitbuiting Oost-Europese werknemers Hans Spekman, PvdA Fractie Tweede Kamer Actieplan Actieplan Stop uitbuiting Oost-Europese werknemers Hans Spekman, PvdA Fractie Tweede Kamer Actieplan Stop uitbuiting Oost-Europese werknemers Op de Nederlandse arbeidsmarkt zijn tienduizenden

Nadere informatie

Project KOMPAS. Interventieproject huisvesting Moe-landers West Friesland

Project KOMPAS. Interventieproject huisvesting Moe-landers West Friesland Project KOMPAS Interventieproject huisvesting Moe-landers West Friesland initiatief van de negen West-Friese gemeenten Aanleiding project veel arbeidsmigranten in West-Friesland illegale huisvestingvormen

Nadere informatie

Arbeidsmigranten uit Roemenie en Bulgarije

Arbeidsmigranten uit Roemenie en Bulgarije Arbeidsmigranten uit Roemenie en Bulgarije Godfried Engbersen (Erasmus Universiteit Rotterdam) Praktijkcongres Huisvesting en inburgering van arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa, Utrecht 9 december

Nadere informatie

Enquête gemeenten & EU-migranten

Enquête gemeenten & EU-migranten Enquête gemeenten & EU-migranten Gemeenten hebben sinds een paar jaar steeds meer te maken met de instroom van migranten uit Midden-, Oost- en Zuid-Europese landen. Dit stelt gemeenten voor nieuwe uitdagingen,

Nadere informatie

Actieplan PvdA gemeenteraadsfractie Den Haag. Lobke Zandstra en Susan Cohen Jehoram

Actieplan PvdA gemeenteraadsfractie Den Haag. Lobke Zandstra en Susan Cohen Jehoram RIS151289_04-jan-2008 Polen in Den Haag Actieplan PvdA gemeenteraadsfractie Den Haag Lobke Zandstra en Susan Cohen Jehoram en Esten, Letten, Litouwers, Slowaken, Hongaren, Tsjechen, Slovenen, Bulgaren

Nadere informatie

maatschappijwetenschappen (pilot) Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift opgenomen.

maatschappijwetenschappen (pilot) Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift opgenomen. Examen HAVO 2014 tijdvak 1 donderdag 22 mei 9.00-12.00 uur maatschappijwetenschappen (pilot) Bij dit examen hoort een bijlage. Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 29 407 Vrij verkeer werknemers uit de nieuwe EU lidstaten Nr. 136 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter

Nadere informatie

Synthese onderzoek onder gemeenten en onderzoek EU-migranten

Synthese onderzoek onder gemeenten en onderzoek EU-migranten Synthese onderzoek onder gemeenten en onderzoek EU-migranten In 2015 heeft het Verwey-Jonker Instituut binnen Kennisplatform Integratie & Samenleving twee onderzoeken uitgevoerd met als onderwerp recente

Nadere informatie

Overzicht veel voorkomende bezwaargronden inzake overtreding Wet arbeid vreemdelingen (Wav)

Overzicht veel voorkomende bezwaargronden inzake overtreding Wet arbeid vreemdelingen (Wav) Overzicht veel voorkomende bezwaargronden inzake overtreding Wet arbeid vreemdelingen (Wav) De Inspectie SZW werkt aan eerlijk, gezond en veilig werk en bestaanszekerheid voor iedereen 2 Overzicht veel

Nadere informatie

Kamervragen van de leden Fritsma en Van Dijck (PVV)

Kamervragen van de leden Fritsma en Van Dijck (PVV) De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Telefoon (070) 333 44 44 Fax (070) 333 40 33

Nadere informatie

AMSTERDAMMERS AAN HET WERK. Gemeentelijk werk voor tenminste het minimumloon

AMSTERDAMMERS AAN HET WERK. Gemeentelijk werk voor tenminste het minimumloon AMSTERDAMMERS AAN HET WERK Gemeentelijk werk voor tenminste het minimumloon 1 Samenvatting De weg uit armoede is werk. De vraag hoe mensen weer aan het werk geholpen kunnen worden is actueel. De flinke

Nadere informatie

Kort verblijf in Charlois Een einde aan overbevolkte slaappanden

Kort verblijf in Charlois Een einde aan overbevolkte slaappanden Kort verblijf in Charlois Een einde aan overbevolkte slaappanden Bert Oostdijk BK6U112: Ontwerpstrategieën voorprobleemwijken Overbewoning in Charlois Wijkbewoners ondervinden overlast door overbewoning

Nadere informatie

Polen in Nederland hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52467

Polen in Nederland hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52467 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 30 April 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/52467 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n)

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n) Raadsinformatiebrief (openbaar) gemeente Maassluis Aan de leden van de gemeenteraad in Maassluis Postbus 55 3140 AB Maassluis T 010-593 1931 E gemeente@maassluis.nl I www.maassluis.nl ons kenmerk 2010-4748

Nadere informatie

Vraag 1: Kent u de berichtgeving over het stijgende aantal asielaanvragen van Kosovaren in Nederland? 1)

Vraag 1: Kent u de berichtgeving over het stijgende aantal asielaanvragen van Kosovaren in Nederland? 1) Datum 26 augustus 2015 Onderwer p Antwoorden Kamervragen over het stijgende aantal asielaanvragen van Kosovaren in Nederland Directoraat-Generaal Vreemdelingenzaken Directie Migratiebeleid Asiel, Opvang

Nadere informatie

Bijlage VMBO-GL en TL

Bijlage VMBO-GL en TL Bijlage VMBO-GL en TL 2011 tijdvak 2 maatschappijleer 2 CSE GL en TL Tekstboekje GT-0323-a-11-2-b Analyse maatschappelijk vraagstuk: jeugdwerkloosheid tekst 1 FNV vreest enorme stijging werkloosheid jongeren

Nadere informatie

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Directie Algemeen Arbeidsmarktbeleid Nr.AAM/ASAM/02/1400 Nader rapport inzake het voorstel van wet tot wijziging van de Wet arbeid vreemdelingen in verband

Nadere informatie

Eindexamen maatschappijleer 2 vmbo gl/tl 2005 - II

Eindexamen maatschappijleer 2 vmbo gl/tl 2005 - II Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. DE MULTICULTURELE SAMENLEVING tekst 1 Het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) werd opgeheven op 26 juli 1950. In maart en

Nadere informatie

NO DRUGS. Plan van aanpak drugsproblematiek

NO DRUGS. Plan van aanpak drugsproblematiek NO DRUGS Plan van aanpak drugsproblematiek Inleiding De gemeenten Bergen op Zoom en Roosendaal hebben het voornemen hun coffeeshops in 2009 te sluiten. Dit kan leiden tot negatieve effecten voor de illegale

Nadere informatie

Embargo t/m woensdag 16 december 2015, 11.00 uur. Publicatie Policy Brief Geen tijd verliezen. Van opvang naar integratie van asielmigranten

Embargo t/m woensdag 16 december 2015, 11.00 uur. Publicatie Policy Brief Geen tijd verliezen. Van opvang naar integratie van asielmigranten Persbericht Sociaal Cultureel Planbureau (SCP), Wetechappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), Wetechappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) Embargo t/m woedag 16 december 2015, 11.00 uur

Nadere informatie

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker Samen Sterker Werk > flexibelere arbeidsmarkt > verminderen bureaucratie > betere kansen voor startende (jonge) ondernemers Werk Algemeen Op dit moment hebben mensen die langs de kant staan te weinig kans

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 29 544 Arbeidsmarktbeleid Nr. 578 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

B en W-nummer 15.0379; besluit d.d. 12-5-2015. Onderwerp

B en W-nummer 15.0379; besluit d.d. 12-5-2015. Onderwerp B en W-nummer 15.0379; besluit d.d. 12-5-2015 Onderwerp Beantwoording van schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van het raadslid A. Van den Boogaard (PvdA) inzake Arbeidsparticipatie

Nadere informatie

Onverwachte en moeilijk beheersbare instroom van personen uit Midden- en Oost-Europa in steden van de Benelux en aangrenzende regio s

Onverwachte en moeilijk beheersbare instroom van personen uit Midden- en Oost-Europa in steden van de Benelux en aangrenzende regio s Onverwachte en moeilijk beheersbare instroom van personen uit Midden- en Oost-Europa in steden van de Benelux en aangrenzende regio s Memorandum of Understanding De Ministers, bevoegd voor het stedelijk

Nadere informatie

Initiatiefvoorstel. Strengere aanpak bijstandsfraude

Initiatiefvoorstel. Strengere aanpak bijstandsfraude Initiatiefvoorstel Strengere aanpak bijstandsfraude Gemeenteraadsfractie Rotterdam Maarten van de Donk 29 oktober 2013 Inleiding Wie kan werken, hoort niet van een uitkering afhankelijk te zijn. Wie buiten

Nadere informatie

Oost-Europese arbeidsmigranten

Oost-Europese arbeidsmigranten Oost-Europese arbeidsmigranten Project: 878 In opdracht van: Dienst Wonen Hester Booi Jeroen Slot Weesperstraat 79 Postbus 658 118 VN Amsterdam 1 AR Amsterdam Telefoon 2 527 9474 Fax 2 527 9595 H.Booi@os.amsterdam.nl

Nadere informatie

Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Castricum 2015

Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Castricum 2015 Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Castricum 2015 De raad van de gemeente Castricum; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 oktober [nummer]; gelet op

Nadere informatie

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 januari 2015;

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 januari 2015; Gemeenteraad Onderwerp: Volgnummer 2015-09 Regionaal beleidskader Participatiewet en verordeningen Dienst/afdeling SMO De raad van de gemeente Oss; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van

Nadere informatie

Opiniepeiling: Polen thuis in Nederland?

Opiniepeiling: Polen thuis in Nederland? Marnixkade 109 Postbus 15262 1001 MG Amsterdam E moti@motivaction.nl T +31 (0)20 589 83 83 F +31 (0)20 589 83 00 W www.motivaction.nl Opiniepeiling: Polen thuis in Nederland? Meningen van Polen in Nederland

Nadere informatie

Convenant UWV-IND GVVA voor Aziatische keuken

Convenant UWV-IND GVVA voor Aziatische keuken Convenant UWV-IND GVVA voor Aziatische keuken Minister SZW kijkt of hij convenant aanvaardt Tijdelijk geen toets op beschikbaar aanbod in NL/EU Voorwaarde is opleiden in Aziatische keuken van NL-aanbod

Nadere informatie

Bed-voor-Bed Regeling - voor huisvesting van arbeidsmigranten

Bed-voor-Bed Regeling - voor huisvesting van arbeidsmigranten Bed-voor-Bed Regeling - voor huisvesting van arbeidsmigranten De Bed-voor-Bedregeling is onderdeel van de nationale intentieverklaring voor huisvesting van arbeidsmigranten. Door ondertekening van deze

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal,

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, Initiatiefnota Aanpakken van huisjesmelkers: pak de huizen af Brief van de leden Depla en Veenendaal Den Haag, 13 juni 2005 Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, Hierbij bieden wij

Nadere informatie

Onderwerp Beantwoording vragen raadskamer over het rapport Evaluatie Bestuurlijke Arrangementen Antillianengemeenten 2005-2008

Onderwerp Beantwoording vragen raadskamer over het rapport Evaluatie Bestuurlijke Arrangementen Antillianengemeenten 2005-2008 Collegevoorstel Openbaar Onderwerp Beantwoording vragen raadskamer over het rapport Evaluatie Bestuurlijke Arrangementen Antillianengemeenten 2005-2008 Programma / Programmanummer Integratie & Emancipatie

Nadere informatie

Immigranten en werknemers uit de Europese Unie in Nederland

Immigranten en werknemers uit de Europese Unie in Nederland Bevolkingstrends 2013 Immigranten en werknemers uit de Europese Unie in Nederland Dit artikel is gebaseerd op de cijfers van februari 2013. Er is inmiddels een nieuwe update beschikbaar met de meest recente

Nadere informatie

Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015

Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015 Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015 Definitieve versie 30-10-2014 Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015 De raad van de gemeente Montferland; Gelezen het

Nadere informatie

10 onmisbare vaardigheden voor. de ambtenaar van de toekomst. 10 vaardigheden. Netwerken. Presenteren. Argumenteren 10. Verbinden.

10 onmisbare vaardigheden voor. de ambtenaar van de toekomst. 10 vaardigheden. Netwerken. Presenteren. Argumenteren 10. Verbinden. 10 vaardigheden 3 Netwerken 7 Presenteren 1 Argumenteren 10 Verbinden Beïnvloeden 4 Onderhandelen Onderzoeken Oplossingen zoeken voor partijen wil betrekken bij het dat u over de juiste capaciteiten beschikt

Nadere informatie

Eindexamen maatschappijleer vwo 2003-II

Eindexamen maatschappijleer vwo 2003-II Opgave 1 Armoede en werk 1 Het proefschrift bespreekt de effecten van het door twee achtereenvolgende kabinetten-kok gevoerde werkgelegenheidsbeleid. / De titel van het proefschrift heeft betrekking op

Nadere informatie

Het lot van de bewoner als gevolg van een verkeerde eigenaar onderzoekt naar een beleidsstrategie voor de probleemwijk Oud-Charlois

Het lot van de bewoner als gevolg van een verkeerde eigenaar onderzoekt naar een beleidsstrategie voor de probleemwijk Oud-Charlois Het lot van de bewoner als gevolg van een verkeerde eigenaar onderzoekt naar een beleidsstrategie voor de probleemwijk Oud-Charlois Daan Meijners De problemen die ontstaan bij vastgoed als gevolg van een

Nadere informatie

Verordening tegenprestatie participatiewet 2015 Documentnummer INT-14-13314

Verordening tegenprestatie participatiewet 2015 Documentnummer INT-14-13314 Verordening tegenprestatie participatiewet 2015 Documentnummer INT-14-13314 VERORDENING TEGENPRESTATIE PARTICIPATIEWET 2015 GEMEENTE BEVERWIJK De raad van de gemeente Beverwijk; gelet op artikel 8a, eerste

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 29 407 Vrij verkeer werknemers uit de nieuwe EU lidstaten Nr. 195 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE EN DE MINISTER VAN SOCIALE

Nadere informatie

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014 Nummer 6 juni 2014 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014 Factsheet Ondanks eerste tekenen dat de economie weer aantrekt blijft de werkloosheid. Negen procent van de Amsterdamse beroepsbevolking is werkloos

Nadere informatie

Buitenlandse arbeidskrachten en vraag en aanbod op de arbeidsmarkt van Curaçao.

Buitenlandse arbeidskrachten en vraag en aanbod op de arbeidsmarkt van Curaçao. Buitenlandse arbeidskrachten en vraag en aanbod op de arbeidsmarkt van Curaçao. Zaida Lake Inleiding Via de media zijn de laatste tijd discussies gaande omtrent de plaats die de buitenlandse arbeidskrachten

Nadere informatie

Aan de raad AGENDAPUNT 3. Doetinchem, 10 december 2008. Beleidsplan Re-integratiebeleid 2009-2011

Aan de raad AGENDAPUNT 3. Doetinchem, 10 december 2008. Beleidsplan Re-integratiebeleid 2009-2011 Aan de raad AGENDAPUNT 3 Beleidsplan Re-integratiebeleid 2009-2011 Voorstel: 1. De kaders uit het beleidsplan 'Werken werkt!' vaststellen, zijnde: a. als doelstellingen: - het bevorderen van de mogelijkheden

Nadere informatie

VERORDENING TEGENPRESTATIE PARTICIPATIEWET GEMEENTE ASSEN 2015

VERORDENING TEGENPRESTATIE PARTICIPATIEWET GEMEENTE ASSEN 2015 VERORDENING TEGENPRESTATIE PARTICIPATIEWET GEMEENTE ASSEN 2015 Wetstechnische informatie 1. Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie gemeente Officiële naam regeling Verordening tegenprestatie participatiewet

Nadere informatie

Toelichting op het voorstel

Toelichting op het voorstel Besluit De huidige DATO-regeling (Dakloze Asielzoekers; Tijdelijke Opvang) uit te breiden voor de duur van maximaal 2 jaar met als doel tijdelijke opvang te bieden aan: - Zwolse asielzoekers die geen recht

Nadere informatie

5.1 Wie is er werkloos?

5.1 Wie is er werkloos? 5.1 Wie is er werkloos? Volgens het CBS behoren mensen tot de werkloze beroepsbevolking als ze een leeftijd hebben van 15 tot en met 64 jaar, minder dan 12 uur werken, actief op zoek zijn naar betaald

Nadere informatie

Vacatures in de industrie 1

Vacatures in de industrie 1 Vacatures in de industrie 1 Martje Roessingh 2 De laatste jaren is het aantal vacatures sterk toegenomen. Daarentegen is in de periode 1995-2000 het aantal geregistreerde werklozen grofweg gehalveerd.

Nadere informatie

Aanvullende subsidie Bed, bad en brood 2015

Aanvullende subsidie Bed, bad en brood 2015 Openbaar Onderwerp Aanvullende subsidie Bed, bad en brood 2015 Programma Zorg & Welzijn BW-nummer Portefeuillehouder B. Frings Samenvatting Vanaf 1 januari 2015 hebben we een bed, bad en broodvoorziening

Nadere informatie

CAO voorlichting en handhaving in de uitzendbranche

CAO voorlichting en handhaving in de uitzendbranche CAO-vragen? Neem contact op met de SNCU! SNCU Postbus 9438 3007 AK Rotterdam Telefoon algemeen: 0180-642-530 Fax: 0180-642-539 E-mail: info@sncu.nl Helpdesk: 0800-7008 (gratis) www.sncu.nl www.meldenhelpt.nl

Nadere informatie

Je bent niet van ons - Ga toch naar je eigen land terug. Opzet

Je bent niet van ons - Ga toch naar je eigen land terug. Opzet Je bent niet van ons - Ga toch naar je eigen land terug NRV 9 november 2011 Opzet 1. migratiecijfers; migratiedoelen 2. spanning mensenrechten en eigenbelang 3. vluchtelingen en vluchtelingenbeleid 4.

Nadere informatie

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker Samen Sterker Samenleven > niet gelijk, maar gelijkwaardig > aantrekkelijke, ecologische woonstad > iedereen een eerlijke kans op de arbeidsmarkt Samenleven Mensen zijn niet allemaal gelijk, maar wel gelijkwaardig.

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Parnassusplein 5 T 070 333

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

2. Het beleid ten aanzien van ontheffing van de arbeidsverplichting wijzigen en aan

2. Het beleid ten aanzien van ontheffing van de arbeidsverplichting wijzigen en aan Aan de gemeenteraad 26 juni 2007 Onderwerp: Ontheffingen arbeidsverplichting WWB 1. Voorstel 1. Het beleid ten aanzien van ontheffing van de arbeidsverplichting wijzigen en aan alleenstaande ouders met

Nadere informatie

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie gemeente Heerhugowaard Officiële naam regeling verordening tegenprestatie gemeente Heerhugowaard 2015 Citeertitel Verordening Tegenprestatie

Nadere informatie

Verordening tegenprestatie Participatiewet en IOAW / IOAZ Krimpen aan den IJssel 2015

Verordening tegenprestatie Participatiewet en IOAW / IOAZ Krimpen aan den IJssel 2015 Verordening tegenprestatie Participatiewet en IOAW / IOAZ Krimpen aan den IJssel 2015 De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel; Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

Nadere informatie

Bijlage 2 Analyse van het Belgische meldingssyteem Limosa

Bijlage 2 Analyse van het Belgische meldingssyteem Limosa Bijlage 2 Analyse van het Belgische meldingssyteem Limosa Inleiding In de kabinetsbrief van 18 november 2011 1 is, naar aanleiding van een verzoek van de commissie- Lura, toegezegd te onderzoeken in hoeverre

Nadere informatie

Rotterdamwet in de Westwijk. De buurt op slot voor minima

Rotterdamwet in de Westwijk. De buurt op slot voor minima Rotterdamwet in de Westwijk De buurt op slot voor minima Buurt enquête SP-Vlaardingen, versie 1.0 15 december 2015 Vlaardingen, 15 december 2015 Inleiding Op 3 november 2015 stelde het college van burgemeester

Nadere informatie

Centrum voor Onderzoek en Statistiek. Bouwstenen voor beleid

Centrum voor Onderzoek en Statistiek. Bouwstenen voor beleid Centrum voor Onderzoek en Statistiek Bouwstenen voor beleid Foto: Daarzijn Het COS blijft in beweging Uw informatiebehoefte is ons uitgangspunt. Heel vaak horen we: Het COS, dat is toch het CBS van Rotterdam?

Nadere informatie

SOCIAAL PERSPECTIEF. sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020

SOCIAAL PERSPECTIEF. sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 SOCIAAL PERSPECTIEF sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 SOCIAAL PERSPECTIEF sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 De sociale ambitie: Zaanstad manifesteert zich binnen de metropoolregio Amsterdam

Nadere informatie

Wat doet de Inspectie SZW?

Wat doet de Inspectie SZW? Wat doet de Inspectie SZW? 2 Wat doet de Inspectie SZW? 1 Organisatie Nieuwe Inspectie SZW per 1 januari 2012 Op 1 januari 2012 is de Inspectie SZW van start gegaan. De Inspectie SZW voegt de organisaties

Nadere informatie

Examen HAVO. Maatschappijleer (nieuwe stijl en oude stijl)

Examen HAVO. Maatschappijleer (nieuwe stijl en oude stijl) Maatschappijleer (nieuwe stijl en oude stijl) Examen HAVO Vragenboekje Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Maandag 28 mei 13.30 16.30 uur 20 01 Voor dit examen zijn maximaal 90 punten te behalen;

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Voorwoord / 9. Inleiding / 11

Inhoudsopgave. Voorwoord / 9. Inleiding / 11 Inhoudsopgave Voorwoord / 9 Inleiding / 11 1 Het toepasselijke recht op de internationale arbeidsovereenkomst / 13 1.1 Inleiding / 13 1.2 Rome I-Verordening en het EVO-Verdrag / 13 1.3 Arbeidsovereenkomst

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 17 050 Misbruik en oneigenlijk gebruik op het gebied van belastingen, sociale zekerheid en subsidies Nr. 385 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE

Nadere informatie

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker Samen Sterker Internationalisering > wegnemen barrières grensoverschrijdend vervoer > werken waar je wilt > meer innovatie over de grenzen heen Internationalisering Maastricht is de meest internationale

Nadere informatie

Datum 21 november 2014 Betreft Kamervragen over de integratie van vluchtelingen naar aanleiding van de Integratiebarometer van Vluchtelingenwerk

Datum 21 november 2014 Betreft Kamervragen over de integratie van vluchtelingen naar aanleiding van de Integratiebarometer van Vluchtelingenwerk > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

EERLIJK DELEN, KRACHTEN BUNDELEN EN NIEMAND AAN DE KANT IN VENLO

EERLIJK DELEN, KRACHTEN BUNDELEN EN NIEMAND AAN DE KANT IN VENLO EERLIJK DELEN, KRACHTEN BUNDELEN EN NIEMAND AAN DE KANT IN VENLO 29 juni 2011 1 / 5 Kadernota 2012-2015 PvdA Venlo 29 juni 2011 Eerlijk delen, krachten bundelen en niemand aan de kant in Venlo. Bezuinigen

Nadere informatie

Arbeidsmigratie en verschuivingen op de arbeidsmarkt

Arbeidsmigratie en verschuivingen op de arbeidsmarkt Arbeidsmigratie en verschuivingen op de arbeidsmarkt Uitkomsten kwantitatieve analyse 28 juni 2014 www.seo.nl - e.berkhout@seo.nl - +31 20 525 1630 Inhoud 1. verschuiving in herkomst werknemers naar herkomst

Nadere informatie

Bij deze bieden wij u de resultaten aan van het onderzoek naar de eerste effecten van de decentralisaties in de gemeente Barneveld.

Bij deze bieden wij u de resultaten aan van het onderzoek naar de eerste effecten van de decentralisaties in de gemeente Barneveld. rriercoj Gemeenteraad Barneveld Postbus 63 3770 AB BARNEVELD Barneveld, 27 augustus 2015 f Ons kenmerk: Ö^OOJcfc Behandelend ambtenaar: I.M.T. Spoor Doorkiesnummer: 0342-495 830 Uw brief van: Bijlage(n):

Nadere informatie