Coöperaties in de ambulante woonzorg voor volwassen personen met een mentale beperking

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Coöperaties in de ambulante woonzorg voor volwassen personen met een mentale beperking"

Transcriptie

1 Academiejaar Coöperaties in de ambulante woonzorg voor volwassen personen met een mentale beperking Kansen, knelpunten en randvoorwaarden Eindverhandeling ingediend door Karine Ruttens voor het behalen van het bachelordiploma in het sociaal werk

2

3 Woord vooraf Onze verzorgingsstaat zoals we die kenden lijkt een nieuw tijdperk in te slaan. Enerzijds zien we een decentralisatie van de overheidstaken waarbij meer en meer een beroep wordt gedaan op de eigen kracht en zin voor initiatief van burgers en waarbij alles zoveel mogelijk lokaal wordt georganiseerd. Dit gegeven vraagt om meer samenwerking tussen bestaande organisaties en burgers. Anderzijds staan deze organisaties meer en meer onder druk en zien we een toenemende concurrentie voor schaarse overheidsmiddelen tussen organisaties die het financieel met steeds minder moeten doen. Hoe zouden we samen meer kunnen bereiken met minder middelen en hoe kunnen we de zorg zo dicht mogelijk in en met mensen in hun eigen buurt organiseren? Vanuit mijn eigen werkcontext in een dienst beschermd wonen merken we op dat het lokaal organiseren van woon/zorgvoorzieningen een meerwaarde kan betekenen naar begeleiding toe. Zoals de situatie nu is, worden cliënten uit hun onmiddellijke omgeving gehaald en haast aan eender welke vrijgekomen plaats in de provincie toegewezen. Het netwerk dat personen met een beperking hadden, verliezen ze en daarmee ook de bijhorende informele zorg en mantelzorg. Eenmaal toegekomen op hun nieuwe woonplaats dienen begeleiders opnieuw werk te maken van het uitbouwen van een netwerk voor de cliënt. Maar het gaat nog verder. Vanaf het moment dat cliënten meer zorg nodig hebben worden ze opnieuw verhuisd naar een meer op hun behoefte afgestemde leefgroep. Daar waar we een visie willen hanteren van vraaggestuurd werken, eigen initiatief bevorderen, volwaardig burgerschap, emancipatorisch werken en zorg in eigen regie, blijkt hier in de praktijk voorlopig weinig van over te blijven. Net die doelgroep die verandering als moeilijk kan ervaren, is het meest onderhevig aan het verhuizen van plaats tot plaats waar een aanbod kan passen bij de bestaande nood. Levenslang wonen op eenzelfde plaats zou een belangrijke kwalitatieve meerwaarde kunnen betekenen, ook naar inclusie toe. Daarnaast zien we dat wachtlijsten in de zorgsector blijven aangroeien en kunnen we niet blijven veronderstellen dat bestaande traditionele voorzieningen deze vraag kunnen invullen. Er dient zich een andere manier van denken aan. Het intramurale denken moet plaats ruimen voor een extramuraal denken. Naast de voorzieningen zouden we nieuwe kaders moeten creëren die mogelijkheden bieden aan personen die zelf (met begeleiding van ouders, familie, voogden of begeleiders) hun leven in eigen regie willen nemen. Een paternalistische houding van de overheid zal personen enkel afhankelijk maken en in een afwachtende houding plaatsen in plaats van hun eigen initiatief te bevorderen. Bij het maken van dit eindwerk wordt een periode van mijn leven afgesloten, die de basis vormt voor een nieuwe toekomst. Een ideaal moment om mijn erkentelijkheid uit te drukken ten aanzien van een aantal mensen die mij in de loop der jaren en in het bijzonder bij het tot stand komen van dit eindwerk gesteund hebben. Een eindwerk maak je met de hulp van anderen en vandaar dat allereerst mijn dank uitgaat naar mijn praktijklector en begeleider Véronique Debeys voor haar steun en motivatie, Jan Van Passel voor zijn inzichten in de bredere context van het gekozen onderwerp en Wim Van Opstal die me de voorbije maanden voortdurend kritisch en gefocust hield, me steeds te woord stond vanuit zijn expertise in de wereld van coöperaties en me bijstuurde met het nodige geduld. Aansluitend wil ik Nancy Bleys, Sandra Rosvelds, Willy Verbeeck, Lieve Jacobs en Agnes Rombauts bedanken voor de interviews en natuurlijk ook mijn collega s op Borgerstein voor hun steun en motivatie doorheen de hele opleiding. i

4 De Sociale Hogeschool van Heverlee mag natuurlijk ook niet ontbreken. Elke docent en medestudent heeft onmiskenbaar, gedurende mijn opleiding, een invloed gehad op mijn ontwikkeling en ontplooiing als student maar zeker ook als mens. Zonder de hulp van mijn familie had dit eindwerk niet tot stand kunnen komen. Hun morele steun op moeilijke momenten maar ook praktische hulp zoals oppas voor mijn zoontje is niet onopgemerkt voorbij gegaan. Daarbij vergeet ik zeker niet al de momenten dat Jonathan zijn mama heeft moeten missen. Ik hoop met deze opleiding dan ook een waardevolle bijdrage te kunnen leveren aan zijn toekomst. "The sea is dangerous and its storms terrible, but these obstacles have never been sufficient reason to remain ashore... Unlike the mediocre, intrepid spirits seek victory over those things that seem impossible... It is with an iron will that they embark on the most daring of all endeavors... to meet the shadowy future without fear and conquer the unknown." Ferdinand Magellan, Explorer (c. 1520) Ik hou vooral van deze tekst omdat het de klemtoon legt op innerlijke kracht en doorzettingsvermogen. Het is van tel voor iedereen die iets nieuws wil beginnen. Nieuwe denkpistes uitwerken en innovatieve projecten tot realisatie kunnen brengen beoogt dat je je strijdvaardig en vol wilskracht kan inzetten om dag na dag vol te houden. Het gaat meestal om kleine groepen, enkele mensen die samen de strijd aangaan om verandering tot stand te brengen. Karine Ruttens Augustus 2012 ii

5 Inhoudsopgave WOORD VOORAF... I INHOUDSOPGAVE... III INLEIDING COÖPERATIES EN WOONZORG COÖPERATIES Wat zijn coöperaties? Waarom bestaan coöperaties? Juridisch kader Coöperaties in zorg WOONZORG Begripsverduidelijking Vormen van woonzorg De klassieke financiering van wonen en zorg Financiering van zorg via persoonlijke budgetten WOONZORGCOÖPERATIES Voorbeelden uit het buitenland Woonzorgcoöperaties in ons land KANSEN VOOR COÖPERATIEVE WOONZORG DE COÖPERATIE ALS HEFBOOM VOOR CAPACITEITSUITBREIDING Hefboom voor eigen vermogen Hefboom voor vreemd vermogen Minder bureaucratie SCHAALVOORDELEN Schaalvoordelen door samenaankoop van zorg Schaalvoordelen door samenwerking tussen voorzieningen Schaalvoordelen en solidariteit Schaalvoordelen, diversiteit en inclusief werken KANSEN VOOR VRAAGGESTUURD WERKEN KANSEN VOOR INCLUSIEF WONEN DE COÖPERATIE EN ECONOMISCHE ACTIVITEITEN KNELPUNTEN BIJ COÖPERATIEVE WOONZORG BELEIDSMATIG KADER NIET KLAAR Erkenningen en subsidies Fiscale behandeling FINANCIERING VAN DE ZORG Dubbele organisatiestructuur Combineren van zorgbudgetten BETAALBAARHEID EN TOEGANKELIJKHEID DE PRIJS VAN RISICOKAPITAAL Argumenten pro dividenden Argumenten contra dividenden ROLVERWARRING EN ROLAFBAKENING Rolverwarring bij gebruikers-vennoten Rolafbakening bij vrijwilligers-vennoten iii

6 3.6 TRADITIES DOORBREKEN RANDVOORWAARDEN VOOR COÖPERATIEVE WOONZORG DUIDELIJKE ROL EN VERANTWOORDELIJKHEID VAN DE OVERHEID ZORG VOOR EEN VOLWASSEN TOEPASSING VAN HET VSO-STATUUT VERDERE UITWERKING KADER VOOR VRAAGGESTUURDE ZORG KWALITEIT, BETAALBAARHEID EN TOEGANKELIJKHEID VRIJWAREN ZORG VOOR GOEDE AFSTEMMING MET BELEID SOCIALE HUISVESTING ZORG VOOR GOEDE AFSTEMMING MET CRZ EN ZORGINSPECTIE VERSPREIDEN EN FACILITEREN VAN INTERESSANTE BUSINESS MODELLEN CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN AANBEVELINGEN VOOR INITIATIEFNEMERS Zorg voor een duidelijke governance structuur Investeer in een duidelijke visie Denk cliëntgericht en vraaggestuurd Werk samen tussen zorg en wonen, maar baken kerntaken duidelijk af Ga op zoek naar goede voorbeelden en investeer in kennisopbouw AANBEVELINGEN VOOR HET BELEID Overdenk subsidiëring en/of participatie vanuit de overheid Zorg voor een verfijning van de werking van de CRZ Maak persoonlijke zorgbudgetten coöperatief combineerbaar Zorg voor een visie op het VSO-statuut Werk een toekomstgerichte visie uit rond vastgoed voor personen met een handicap BIBLIOGRAFIE SCHRIFTELIJKE BRONNEN GERAADPLEEGDE WEBSITES LIJST VAN BEVRAAGDE PERSONEN BIJLAGE BIJLAGE iv

7 Inleiding De wachtlijsten voor wonen en zorg in de gehandicaptensector zijn lang. Volgens de laatste cijfers van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) staan er in Vlaanderen personen met een beperking op de wachtlijst voor een dringende zorgvraag. Dit zijn er meer dan vorig jaar (VAPH, 2011). Ondertussen zijn (of 31,71%) van deze zorgvragen ouder dan twee jaar. Daarnaast stijgt de vraag naar ambulante woonvormen binnen de sector onder invloed van huidige tendensen als het vraaggestuurd werken en inclusief wonen. Volwassenen met een mentale beperking wensen immers meer en meer een ambulante woonvorm en ook ouders en familie zien dit als een manier van volwaardig leven (Lambreghts, 2010). Ook in het Vlaams Regeerakkoord wordt een vraaggestuurde ondersteuning voor personen met een beperking ingeschreven: De ondersteuning wordt vraaggestuurd georganiseerd. De verdere ontwikkelingen in de sector personen worden geleid door het richtsnoer van een zo groot mogelijke zelfsturing bij de bepaling van de ondersteuning van en voor personen met een handicap. (p. 63) In de conceptnota van juli 2010 Perspectief 2020: nieuw ondersteuningsbeleid voor personen met een handicap van Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen spreekt men van: Zoveel mogelijk gewoon in de samenleving en zo weinig mogelijk uitzonderlijk en afzonderlijk. Duidelijke ambities in deze conceptnota: tegen 2020 wil men een zorggarantie voor die mensen in de doelgroep met de grootste ondersteuningsnood. Helaas beschikken onze verschillende beleidsniveaus over minder en minder budgettaire mogelijkheden om een antwoord te geven op deze zorgvragen. Het is in die context dat ik de mogelijkheid om woonzorg op een andere manier te organiseren, namelijk door middel van een coöperatie, wens te onderzoeken. Gezien het feit dat het Vlaamse zorglandschap historisch een typisch VZW-landschap is, betekenen coöperaties binnen de zorgsector immers een innovatie waarrond nog heel wat beleidsmatig werk te verrichten valt. In afwachting daarvan keurden de Vlaamse regering en het Europees Sociaal fonds (ESF), al twee rondes met projectvoorstellen goed waarbij pilootprojecten op zoek gaan naar blauwdrukken voor coöperatief ondernemen in verschillende beleidsdomeinen waar de Vlaamse Regering voor bevoegd is. Drie van deze pilootprojecten: Autiwoonzorg, Huis Biloba en Onafhankelijk Leven, hebben betrekking op coöperatieve woonzorg. Het beleid en het werkveld zijn nog volop in verkenning naar de kansen en knelpunten van coöperaties in de woonzorg. Met dit eindwerk wil ik een bijdrage leveren aan deze verkenning en dan specifiek voor de ambulante woonzorg voor volwassenen met een mentale beperking. Mijn centrale onderzoeksvraag luidt: in welke mate en op welke wijze kunnen coöperaties een duurzaam instrument zijn binnen ambulante woonzorg voor volwassenen met een mentale beperking? Het is een verkenning van kansen en knelpunten en geeft een overzicht van randvoorwaarden voor het werkveld als het beleid. Voorafgaand heb ik me eerst verdiept in een literatuurstudie naar coöperaties en zorg in het algemeen en specifiek naar coöperatieve woonzorg. Daarbij ben ik op zoek gegaan naar voorbeelden uit binnen- en buitenland waaruit we meer kunnen leren over de positieve en negatieve kanten van 1

8 coöperatieve woonzorg. Nadien werden diepte-interviews afgenomen bij respondenten uit werkveld en beleid om inzicht te krijgen in de wenselijkheid, de haalbaarheid, het draagvlak, de knelpunten en de kansen van coöperaties binnen deze (deel)sector 1. Daarbij komen zowel vraagstukken op micro-niveau (de voorziening) als op meso- (de sector) en macro-niveau (onze verzorgingsstaat) aan bod. Dit eindwerk is als volgt opgebouwd. Ik start met een conceptueel kader waarbij ik de lezer een inleiding geef in coöperaties enerzijds en woonzorg anderzijds. In hoofdstuk 2 belicht ik de kansen die kunnen ontstaan wanneer we coöperaties introduceren in woonzorg. Vervolgens bespreek ik in hoofdstuk 3 de knelpunten die daarbij optreden of kunnen optreden. De inzichten uit de literatuur en uit de gesprekken die ik gevoerd heb, leiden de lezer verder langs hoofdstuk 4 waar ik enkele randvoorwaarden bespreek om te kunnen komen tot een coöperatieve woonzorg. Tot slot confronteer ik deze inzichten met mijn visie op coöperatieve woonzorg in conclusies, aanbevelingen en suggesties voor verder onderzoek. 1 De lijst met bevraagde personen werd opgenomen in bronvermelding: lijst van bevraagde personen 2

9 1 Coöperaties en woonzorg Het is de bedoeling dat ik in dit eerste hoofdstuk een inleiding geef tot de belangrijkste concepten die ik in dit eindwerk hanteer. Daarbij bespreek ik achtereenvolgens wat coöperaties zijn en wat de rol en betekenis van coöperaties in de zorgsector is en kan zijn. Daarna geef ik een overzicht van woonzorg, gevolgd door een inleiding in wat woonzorgcoöperaties zijn, met voorbeelden uit binnen- en buitenland. 1.1 Coöperaties Wat zijn coöperaties? Gebaseerd op de definitie van de International Co-operative Alliance (ICA) definiëren we een coöperatie als een autonome organisatie van personen die zich vrijwillig verenigen om hun gemeenschappelijke economische, sociale en culturele behoeften en ambities te behartigen door middel van een onderneming waarvan ze samen eigenaar zijn en die ze democratisch controleren (Van Opstal, 2012). Een coöperatie is dus een onderneming die zich richt op een gemeenschappelijk doel. Het doel is niet om winst te maken maar wel om oplossingen te vinden voor een gemeenschappelijk probleem waarvoor samenwerking noodzakelijk is. Op die manier is een coöperatieve onderneming een instrument voor haar leden-vennoten (van Dijk & Klep, 2005). Aandeelhouders treden vrijwillig toe en hun verwachtingen of ambities liggen bij het kopen of verkopen van goederen en/of diensten via de coöperatie. Het gaat dus over een economische activiteit waarbij er een duidelijke dubbele identiteit is van de aandeelhouder vermits hij zowel investeerder als gebruiker is (Van Opstal, Gijselinckx & Develtere, 2008). Deze dubbele identiteit kan een meerwaarde voor de coöperatie betekenen vermits deze stakeholders gemotiveerd en betrokken zijn. Dit nodigt elk van hen uit tot participatie en innovatie. Vandaar dat coöperaties nuttig kunnen zijn om marktfalingen op te vangen, schaalvoordelen te realiseren en/of te zorgen voor lokale en maatschappelijke verankering. Deze lokale verankering kan men realiseren door op lokaal vlak personen zoals buurtbewoners of plaatselijke organisaties aan te trekken als mede-eigenaar. Dit zorgt voor een bijkomende garantie dat de visie en missie van de coöperatie gehandhaafd blijven (Van Opstal, 2011). Volgens het referentiekader van de internationale coöperatieve beweging, vertolkt door de ICA, vertrekt coöperatief ondernemen van gedeelde waarden en principes. De 7 coöperatieve principes zijn voornamelijk een normatief kader, een leidraad om inspiratie uit te putten (Van Opstal, Gijselinckx & Develtere, 2008). Ze luiden als volgt: 1. Vrijwillig en open lidmaatschap 2. Democratische controle door de leden 3. Economische participatie door de leden 4. Autonomie en onafhankelijkheid 5. Onderwijs, vorming en informatieverstrekking 6. Coöperatie tussen coöperaties 7. Aandacht voor de gemeenschap 3

10 Wanneer we gaan zien hoe coöperaties zich organiseren, onderscheiden Van Opstal, Gijselinckx & Develtere (2008) vier verschillende types waarbij de leden-vennoten telkens een andere rol spelen: Consumentencoöperatie: In een consumentencoöperatie zijn de leden-vennoten tegelijk ook klant van de coöperatie. Consumentencoöperaties worden opgericht om in groep goederen en/of diensten aan te kopen om zo een sterkere onderhandelingspositie te verkrijgen. Voorbeelden hiervan zijn Selexion en Acco. Werknemerscoöperatie: In een werknemerscoöperatie zijn de leden-vennoten tegelijk ook de werknemer van de coöperatie. Volgens Defourny, Adam & Simon (2002) en Van Opstal, Gijselinckx & Develtere (2008) zijn daar in België weinig voorbeelden van te vinden. Producentencoöperatie: In een producentencoöperatie verkopen de leden-vennoten hun goederen via de coöperatie om zo een sterkere onderhandelingspositie te bekomen of een eerlijke prijs voor hun producten te verkrijgen. Bij producentencoöperaties zijn de ledenvennoten tegelijk ook leverancier. Voorbeelden hiervan zijn Milcobel (zuivelcoöperatie) en de Mechelse Veilingen (groenten en fruit). Multistakeholdercoöperatie: In een multistakeholdercoöperatie ligt eigenaarschap en zeggenschap in handen van verschillende stakeholders bij de activiteiten die ze uitoefenen. De aandeelhouders zijn divers en kunnen zowel verenigingen en gebruikers als werknemers, leveranciers of lokale besturen. De leden/vennoten hebben dus verschillende rollen. Een voorbeeld van een multistakeholdercoöperatie is Inclusie Invest, dat zowel particulieren als VZW s als aandeelhouders heeft. De rechten en plichten, maar ook de prijs van de aandelen zijn daarbij anders voor de verschillende soorten stakeholders-vennoten (Jacobs & Van Opstal, 2011; Van Opstal, 2011) Waarom bestaan coöperaties? Historische roots Overal doorheen de geschiedenis zien we coöperaties ontstaan daar waar we collectief een probleem vaststellen, daar waar de markt faalt of waar een individu alleen niet voldoende mogelijkheden heeft om goederen of diensten aan te kopen. Het ontstaan en de groei van de coöperatieve beweging hangt dus nauw samen met maatschappelijke verhoudingen (Defourny, Simon & Adam, 2002). Deze verhoudingen waren halverwege de 19e eeuw uit evenwicht gegroeid. De opkomende industrialisatie veroorzaakte veel sociale mistoestanden. Uitgebuit door hun werkgevers leefden ze onder schrijnende omstandigheden, met lange werkdagen, lage lonen, geen sociale voorzieningen, kinderarbeid, slechte huisvesting, enz. Onder een groot deel van de bevolking heerste grote armoede. Daarnaast pasten veel werkgevers methoden toe om arbeiders aan hun fabriek te binden door vb. gedwongen aankoop van levensmiddelen bij de fabriekswinkel en kredietverlening. 4

11 Van bij het begin van de Industriële Revolutie waren er verlichte ondernemers en maatschappelijke groeperingen die zich het lot van de arbeidersklasse aantrokken en pogingen ondernamen om er verandering in te brengen. Zo ontstond in het Verenigd Koninkrijk er een coöperatieve winkel, "The Rochdale Society of Equitable Pioneers", opgericht in augustus Door samenaankoop kon deze consumentencoöperatie lagere prijzen vragen voor levensmiddelen. De winsten van deze coöperatie werden op het einde van het jaar opnieuw uitgekeerd aan de leden-vennoten naargelang de totale waarde van de aankopen die ze deden bij de coöperatie. We noemen dit een ristorno (van Dijk & Klep, 2005). In Duitsland zijn het Hermann Schultze- Delitzsch en Wilhelm Friedrich Raiffeisen die rond dezelfde periode elk een spaar- en kredietcoöperatie oprichtten. Hun drijfveer was een verbetering teweegbrengen voor landbouwers, handelaars en winkeliers die in armoedige omstandigheden moesten werken omdat ze geen toegang tot kredieten hadden. Later breidde de kredietmogelijkheden ook verder uit naar bredere lagen van de bevolking. Zo kwamen brede coöperatieve banken en spaarkassen tot stand, zoals Cera, BACOB, Landbouwkrediet en het Nederlandse Rabobank (van Dijk & Klep, 2005; Van Opstal, Gijselinckx & Develtere, 2008) Sociale en economische logica In principe ligt de focus van de aandeelhouders in de eerste plaats bij hun hoedanigheid als gebruiker van de coöperatie. De coöperatie is immers een instrument dat hen in hun behoeften kan bevredigen en is dus niet in hoofdzaak gericht op het uitkeren van dividenden. Het spreekt voor zich dat aandeelhouders vanuit deze context zich sterk betrokken voelen bij de vooruitgang van hun coöperatie. Aandeelhouders nemen deel aan het beleid en de besluitvorming en hebben in principe gelijk stemrecht. Coöperatieve aandeelhouders hebben er alle baat bij om hun coöperatieve onderneming van dichtbij op te volgen opdat deze aansluit bij hun behoeften. Dit zorgt voor lokale verankering op sociaal vlak maar tevens op financieel vlak. Je kan bijvoorbeeld windmolens of coöperatieve woonvoorzieningen niet zomaar gaan verplaatsen en evenmin gaan aandeelhouders wegtrekken, zoals we soms in ondernemingen zien die in handen zijn van zogenaamde externe investeerders, aangezien ze naast investeerder ook gebruiker zijn. Binnen coöperaties wordt het gebruiksrecht van de diensten van de coöperatie immers vaak gekoppeld aan het hebben van coöperatieve aandelen en vice versa (Leys & Van Opstal, 2009). Nog een mogelijk voordeel van coöperatief werken is dat het kostenbesparend kan werken door het creëren van schaalvoordelen. Deze schaalvoordelen kunnen bijvoorbeeld behaald worden door samenaankoop van materiaal, grondstoffen, handelsgoederen, enz. Samenaankoop zorgt voor meer onderhandelingsmacht bij de leden. Schaalvoordelen kunnen ook betekenen dat er een gemeenschappelijk gebruik is van infrastructuur of administratie waardoor meer financiële middelen vrijkomen om te investeren in uitbreiding of innovatie (Van Opstal, 2010). Door schaalvoordelen kunnen coöperaties ook een toegang tot de markt openen of vereenvoudigen. Kleine ondernemingen die zich gaan verenigen, en toch hun zelfstandigheid behouden, kunnen door hun goederen en diensten samen te brengen in concurrentie gaan met grote bedrijven waar ze individueel niet tegen opgewassen zijn (van Dijk & Klep, 2005). Ten aanzien van VZW s hebben coöperaties een aantal voordelen. Zo mogen coöperatieve ondernemingen aandelen uitschrijven om kapitaal te vergaren, mogen ze deze aandelen vergoeden met dividenden en kunnen ze als handelaar optreden daar waar een VZW dit in principe slechts als nevenactiviteit mag (Coates & Van Opstal, 2009 en 2010). 5

12 Coöperaties waren in het verleden ook al vaak een oplossing wanneer de markt geen antwoorden kon bieden voor bepaalde noden (van Dijk & Klep, 2005). Dit valt voor wanneer private investeerders te weinig winst maken en de overheid onvoldoende mogelijkheden bezit om aan noden te voldoen van burgers. Westerdahl & Westlund (1998) noemen dit ook wel de vacuümhypothese. Vanuit dit vacuüm of gebrek aan oplossingen voor bepaalde noden kunnen burgers zich geroepen voelen om zelf de verantwoordelijkheden op zich te nemen, zich actief gaan verenigen om samen antwoorden te vinden op noodzakelijke behoeften. Westerdahl & Westlund (1998) spreken van een invloedshypothese waarbij ze er vanuit gaan dat burgers zelf op zoek gaan naar oplossingen voor behoeften die ze ondervinden en waarvoor geen draagkracht bestaat vanuit de markt of de overheid. Betrokkenen gaan zich verenigen met eenzelfde gemeenschappelijk doel. Een voorbeeld hiervan is Ecopower CVBA, dat invloed wil uitoefenen door zelf coöperatief aandelenkapitaal te investeren in groene stroom. Ecopower is een erkende coöperatieve vennootschap die elke burger de kans geeft om te investeren in de productie van hernieuwbare energie en rationeel energiegebruik. Ze doet dit door zelf projecten te ontwikkelen, maar ook door te investeren in projecten die door anderen ontwikkeld worden: door lokale initiatiefgroepen, lokale coöperaties, gemeentebesturen en privébedrijven Juridisch kader Ons Belgisch rechtssysteem kent in grote lijnen twee soorten coöperatieve vennootschappen: een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (CVBA) en een coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid (CVOA). De basisregels zijn voor beide vormen dezelfde maar voor de CVBA heeft de wetgever, omwille van de beperkte aansprakelijkheid, strengere regels uitgewerkt. We bespreken beide rechtsvormen en vergelijken deze met de vereniging zonder winstoogmerk (VZW), omdat die traditioneel het meest gebruikt wordt in de zorgsector. We vermelden ook de vennootschap met sociaal oogmerk (VSO), een juridisch kader dat aan een vennootschap gekoppeld kan worden waardoor deze bepaalde kenmerken van een VZW krijgt De CVOA en de CVBA Een CVOA is een vennootschapsvorm met onbeperkte en hoofdelijke aansprakelijkheid. Met onbeperkte aansprakelijkheid wordt bedoeld dat elke vennoot kan aangesproken worden voor de schulden van de vennootschap. Hoofdelijke aansprakelijkheid houdt in dat de integrale schuld individueel bij elke vennoot kan gehaald worden. In een CVBA is de aansprakelijkheid van de vennoten beperkt tot wat ze inbrengen. Een CVBA vereist in tegenstelling tot een CVOA een notariële akte en een minimum kapitaal (Coates & Van Opstal, 2009). Het kapitaal in een CVBA bestaat uit een vast en een veranderlijk gedeelte. Dit veranderlijke gedeelte laat net toe dat toe- en uittreding van leden probleemloos kan verlopen zonder dat men statuten moet wijzigen omdat het kapitaal wijzigt. Het kapitaal kan dus toenemen door dat bestaande vennoten aandelen bijkopen of nieuwe vennoten toetreden. Het kapitaal neemt af wanneer bestaande vennoten hun aandelen terug verkopen en bestaande vennoten uittreden of uitgesloten worden (CoopConsult, 2010). Door je in te schrijven op één of meerdere aandelen bij de oprichting van een CVBA of CVOA, wordt je vennoot. Als nieuwe vennoot kan je toetreden door je in te schrijven op aandelen die het vaste of het variabele deel van het kapitaal verhogen. Als vennoot kan je de eerste zes maanden van het boekjaar aandelen terugnemen tenzij dit statutair beperkt werd om plots verlies aan kapitaal te voorkomen. Je kan in diezelfde periode als vennoot ook vrijwillig uittreden of opnieuw aandelen bijnemen en ook dit recht wordt 6

13 statutair geregeld. Naast vrijwillige uittreding kan een vennoot ook gedwongen worden om uit te treden (bv. in geval van overlijden) maar hij kan ook uitgesloten worden op grond van wat bepaald werd in de statuten (CoopConsult, 2010) In principe krijgen vennoten die de vennootschap verlaten het ingelegde (of nominale) bedrag terug van hun aandeel, maar ook hier kan statutair een andere berekeningswijze worden vastgelegd. Hoe dan ook moet er steeds rekening worden gehouden in de opmaak van de statuten met een evenwicht tussen wat aantrekkelijk is voor een aandeelhouder en de veiligheid van de coöperatie. Zo kan je aandeelhouders niet terugbetalen met kapitaal dat ondertussen werd geïnvesteerd in bijvoorbeeld gebouwen. De statuten kunnen echter zodanig opgemaakt worden dat aandeelhouders die hun aandeel willen verkopen een vastgelegd aantal jaren moeten wachten op hun terugbetaling of dat bijvoorbeeld maximum tien procent van het geïnvesteerde kapitaal in één jaar kan worden opgevraagd (CoopConsult, 2010). Het stemrecht binnen de algemene vergadering wordt bepaald in de statuten. Aandelen zonder stemrecht zijn niet toegelaten. Er zijn verschillende mogelijkheden om stemrecht aan aandelen te koppelen. Standaard voorziet de wetgever het principe één aandeel, één stem. In haar statuten kunnen de CVOA en de CVBA hier echter van afwijken door het principe één vennoot, één stem, of tussenvormen zoals een beperking van het stemrecht tot bv. maximaal 20% per vennoot in te voeren (Coates & Van Opstal, 2009). Binnen een coöperatie is het mogelijk om een onderscheid te maken tussen verschillende soorten vennoten. Dit vertaalt zich in de creatie van verschillende soorten aandelen, bv. A, B, C en D aandelen. Deze verwijzen dan telkens naar andere ledencategorieën, zoals bv. stichtende leden, gebruikers, externe investeerders, werkende leden, enz. Het bestaan van verschillende soorten aandelen maakt het mogelijk om verschillende rechten en plichten te verlenen per ledencategorie. Ook de waarde van een aandeel kan verschillen afhankelijk van het soort aandeel (bv per A-aandeel en 250 per B- aandeel) (Van Opstal, 2011). Een coöperatieve vennootschap kan bij de FOD Economie een erkenning aanvragen voor de Nationale Raad voor de Coöperatie (NRC). Dat betekent dat de FOD Economie bevestigt dat de coöperatie voldoet aan een aantal voorwaarden die geïnspireerd zijn door de coöperatieve principes van de ICA. Deze voorwaarden zijn de volgende 2 : de vennootschap heeft als doel in de behoeften van haar vennoten te voorzien, de toetreding tot de vennootschap is vrij, de vennoten-klanten genieten van ristorno's, alle vennoten hebben dezelfde rechten en verplichtingen, de stemming op de Algemene Vergadering is democratisch, de beheerders en commissarissen worden door de Algemene Vergadering benoemd, bij winst kunnen de vennoten maximaal 6 % op hun kapitaalsinbreng krijgen, de beheerders en commissarissen worden niet bezoldigd. 2 7

14 Coöperaties die erkend zijn voor de NRC genieten van een aantal voordelen (Van Opstal, 2012): Ze genieten van een versoepeling van de prospectusplicht bij het ophalen van kapitaal bij het grote publiek. Deze versoepeling betekend inhoudelijk dat het maximale bedrag dat je kan ophalen bij het publiek, zonder dat een prospectus noodzakelijk is, veel hoger ligt. Tot euro volgens Artikelen 17 en 18 van de wet van 16 juni 2006 op de openbare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toelating van beleggingsinstrumenten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt. Dit geeft duidelijk een voordeel in administratieve rompslomp. Het dividend dat ze uitkeren is voor een matig bedrag (180 ), vrijgesteld van belastingen voor de erkende coöperatie zowel als voor de vennoot. Bestuurders die hun voornaamste activiteit wijden aan het dagelijkse beheer of de dagelijkse leiding van een erkende coöperatie, kunnen het sociaal statuut van werknemer aannemen met de daarbij horende sociale lasten. Eind 2010 waren er in België 505 slechts erkende coöperaties op een totaal van coöperatieve vennootschappen. Dit betekent volgens Van Opstal (2012) dat de Nationale Raad voor de Coöperatie nog heel wat potentieel heeft om zich beter kenbaar te maken, maar ook dat lang niet alle coöperatieve vennootschappen in België werken als een coöperatie zoals bedoeld door de ICA. Dit kan een bewuste keuze zijn vermits sommige grote aandeelhouders liever meer zeggenschap behouden of wanneer ze wel dividenden willen uitkeren die hoger liggen van 6% van het ingebrachte kapitaal De VZW Een VZW is een vereniging zonder winstoogmerk. De leden van een VZW mogen geen voordelen ontvangen die vanuit haar activiteiten voortkomen. Dat wil niet zeggen dat een vereniging zonder winstoogmerk geen winst mag maken bij de uitvoering van haar maatschappelijke doel. Ze mag deze winst niet uitkeren aan de leden van de vereniging. Dergelijke winsten mogen enkel gebruikt worden voor de realisatie van haar maatschappelijk doel (Coates, 2008). In tegenstelling tot de CVBA en CVOA is een VZW geen vennootschap, waardoor het dus ook geen aandelenkapitaal kan aantrekken. Een VZW mag wel giften ontvangen. Elk lid van de algemene vergadering heeft één stem (Coates, 2008). Een verschil tussen een coöperatie en een VZW is dat een VZW geen winst mag uitkeren en geen aandelenkapitaal heeft. De ingebrachte middelen kunnen niet teruggevorderd worden. Verder kan een VZW nooit als handelaar beschouwd worden, terwijl dit wel het geval is in een coöperatie (Coates, 2008). In tabel 1 geven we de voornaamste gelijkenissen en verschillen weer tussen een CVBA, een CVOA en een VZW. 8

15 Tabel 1 Gelijkenissen en verschillen tussen de VZW, CVBA en CVOA VZW CVBA CVOA Registratieverplichting Onderhandse akte Notariële akte Onderhandse akte Minimumkapitaal Geen minimumkapitaal vereist (6.150 voor VSO) Geen minimumkapitaal vereist Financieel plan bij oprichting Faillietverklaring mogelijk Niet vereist Vereist Niet vereist Neen Ja Ja Soorten aandelen Geen aandelen Op naam Statutair bepaald Op naam Statutair bepaald Overdraagbaarheid aandelen Geen aandelen Beperkte overdracht (statutair bepaald) Beperkte overdracht (statutair bepaald) Dividendbeperking Geen dividend mogelijk Geen beperking max. 6% indien erkend voor NRC Geen beperking max. 6% indien erkend voor NRC Beperkte aansprakelijkheid Voor leden, niet voor bestuurders Ja Neen Bron: Coates & Van Opstal, De Vennootschap met Sociaal Oogmerk (VSO) Een VSO is een vennootschap die geen vermogensvoordelen voor haar vennoten nastreeft, maar een sociaal doel heeft. De VSO is geen aparte vennootschapsvorm, zoals de NV, de BVBA en de CVBA, maar is een rechtslabel dat toegevoegd aan een vennootschapsvorm. Op die manier spreken we van een NV-SO, een BVBA-SO, een CVBA-SO, enz. In feite is het de bedoeling om een mogelijkheid te creëren waarbij organisaties met een sociaal doel ook handel mogen drijven en aandelenkapitaal kunnen aantrekken (Coates & Van Opstal, 2010). Om dit statuut te mogen dragen, moet een vennootschap aan een aantal eisen voldoen. (Dujardin, Mertens & Van Opstal, 2008): De statuten voorzien dat vennoten geen of slechts een beperkt vermogensvoordeel mogen nastreven; Sociale doelen dienen expliciet omschreven te worden en de activiteiten dienen overeenkomstig het doel te zijn. Statuten bepalen wat er met de winst zal gebeuren; Een beperking van stemrecht op de Algemene Vergadering. Niemand heeft meer dan 10% van het stemrecht. Indien een personeelslid vennoot is wordt dit maximum 20%; Wanneer de vennootschap een beperkt dividend uitkeert aan haar vennoten dan mag dit niet meer zijn dan de door de NRC vastgelegde maximale rentevoet (van momenteel 6%); Jaarlijkse verslaggeving over de realisatie van de sociale doelen van de vennootschap; 9

16 Bepalen hoe personeelsleden na één jaar de mogelijkheid krijgen om vennoot te worden; Bepalen hoe een ex-personeelslid kan uittreden als vennoot; De bestemming bepalen van datgene dat overblijft na vereffening, rekening houdend met het feit dat deze bestemming een gelijkaardig doel moet dienen dan de vennootschap. Eind 2010 waren er in België 541 vennootschappen met sociaal oogmerk (Van Opstal, 2012). Maar liefst 78% hiervan waren coöperatieve vennootschappen. Volgens Dujardin, Mertens & Van Opstal (2008) is dit te wijten aan het feit dat het VSO-statuut overeenkomsten vertoont met de erkenningvoorwaarden voor de NRC en met het coöperatieve gedachtegoed. Maar door het aannemen van dit statuut kunnen coöperaties die het VSO-statuut aannemen ook rekenen op een gunstige regeling voor het minimum kapitaal (zie tabel 1) (Coates & Van Opstal, 2010). De voordelen van het VSO-statuut zijn eerder beperkt. Vennootschappen met sociaal oogmerk die een erkenning aanvragen bij de FOD Economie genieten eveneens van een vrijstelling op de roerende voorheffing tot 180, maar dit kan alleen indien de VSO actief is in een beperkt aantal sectoren (waaronder de zorgsector) en er statutair bepaald werd dat geen dividenden uitgekeerd mogen worden. In dat laatste geval (geen dividenduitkering) kan de VSO ook, net als de VZW, genieten van de rechtspersonenbelasting terwijl het in alle andere gevallen ook onder de vennootschapsbelasting valt (Walbers, 2011) Coöperaties in zorg We kunnen ons de vraag stellen waarom coöperaties interessant zouden kunnen zijn voor de zorgsector. Klassiek komen we ze in ons land immers tegen in de landbouw, de financiële sector en de klein- en groothandel maar niet in de door VZW s gedomineerde zorgsector. Van Opstal (2008), Van Opstal & Gijselinckx (2008), Van Opstal (2011), Jacobs & Van Opstal (2011) en Jacobs (2011) halen volgende voordelen aan voor coöperaties in de zorgsector: Net zoals buiten de zorgsector, kan een samenwerking van voorzieningen via coöperaties zorgen voor schaalvoordelen. Samenaankoop of een gemeenschappelijk gebruik van infrastructuur kunnen leiden tot kostenbeparingen. Schaalvoordelen zijn bijvoorbeeld een reden waarom de mutualiteiten in ons land destijds coöperatieve apotheken opgericht hebben die vandaag nog steeds bestaan (bv. Multipharma en Escapo). Gebruikers die hun zorgnood niet of onvoldoende ingevuld zien door de overheid of de markt kunnen samen een coöperatie opstarten om deze zorg zelf te organiseren of in te kopen. Dit sluit aan bij de vacuümhypothese die ik eerder vermeld heb (Westerdahl & Westlund, 1998). Dit vacuüm kan ontstaan door een gebrek aan voldoende overheidsfinanciën, maar bv. ook in afgelegen gebieden waar weinig voorzieningen voorhanden zijn. Een marktvacuüm kan ook ontstaan voor zorgbehoevenden die in het bestaande zorgaanbod hun gading niet vinden omdat hun zorgnoden onvoldoende aansluiten bij het klassieke aanbod. Deze zorgbehoevenden, of hun familieleden, kunnen dan samen een zorgcoöperatie oprichten en zorg inkopen (bv. Autiwoonzorg wenst dit te doen voor personen met een autismespectrumstoornis). 10

17 Zorgcoöperaties kunnen ook opgericht worden door zorgverstrekkers (dokters, paramedici, verplegend en verzorgend personeel, opvoeders, ) die hun eigen voorziening in het leven willen roepen en daar zeggenschap en controle over willen. Een voorbeeld hiervan zijn coöperatieve huisartsenpraktijken. Zorgcoöperaties kunnen ook een antwoord zijn op een toenemende commercialisering binnen de sector. Wanneer de coöperatie in handen is van haar gebruikers of de vertegenwoordigers daarvan (familie, patiëntenverenigingen, ) is de garantie op een kwalitatieve zorg immers beter ingedekt dan wanneer de coöperatie in handen is van een buitenlandse beursgenoteerde investeringsmaatschappij waarvan de aandeelhouders zich niet bekommeren om de gebruikerswaarde van hun aandeel maar alleen op de financiële waarde ervan. Om dit te illustreren geef ik drie voorbeelden van coöperaties in de zorgsector: Autiwoonzorg, het Biloba huis en Inclusie Invest. Deze laatste twee voorbeelden worden verderop meer uitvoerig besproken. Voorbeeld 1 Autiwoonzorg VZW Autiwoonzorg is een vereniging die zelfstandig wonen voor normaalbegaafde personen met autisme wil faciliteren. Deze doelstelling is gegroeid vanuit de zorg van ouders voor de toekomst van hun volwassen kinderen. Het is hun betrachting de oprichting van een coöperatieve te realiseren waarbinnen verschillende lokale woonzorg entiteiten samenwerken. Het doel van dit pilootproject is om personen met autisme de kans te geven in min of meerdere mate eigenaar te worden van een woning en de zorg zo autonoom en onafhankelijk mogelijk te organiseren. Op korte termijn is het hun betrachting een inloophuis in Hasselt en Leuven te organiseren. Dit inloophuis heeft de bedoeling laagdrempelig te werken naar personen met autisme door een ontmoetingsruimte te creëren waar personen met autisme en hun omgeving (maar ook andere geïnteresseerden) informatie kunnen opdoen en vorming kunnen verkrijgen. Verder in de toekomst wil Autiwoonzorg door het oprichten van een coöperatie betaalbare woningen realiseren die aangepast zijn aan de noden van personen met autisme. Bron: interview met Lieve Jacobs en Voorbeeld 2 Het Biloba huis Dit coöperatieve project wil voorzien in woongelegenheid voor senioren, een solidaire leefruimte voor de bewoners en een onthaalruimte voor de multiculturele buurt waarin het gelegen is (Schaarbeek). Het project wordt uitgevoerd in de schoot van een in 2008 opgerichte coöperatie, E.MM.A CVBA SO. Leden van deze coöperatie zijn EVA vzw, Aksent vzw en het Maison Médicale du Nord. Bron: en Van Opstal (2011) 11

18 Voorbeeld 3 Inclusie Invest Inclusie Invest is een coöperatieve vennootschap met sociaal oogmerk dat middelen wil ophalen bij de bevolking om te investeren in woningen voor personen met een beperking. Deze middelen willen ze ophalen bij drie soorten aandeelhouders: natuurlijke personen (bv. ouders, vrienden of familieleden van personen met een beperking), rechtspersonen (bv. kerkfabrieken en sociale bewegingen) en openbare instellingen rechtspersonen actief in de sector van personen met een beperking. Bestaande voorzieningen kunnen vervolgens bouwprojecten indienen bij Inclusie Invest, dat als eigenaar zal investeren in huisvesting voor de cliënten van deze voorzieningen. Op deze manier moet niet elke voorziening zelf als bouwheer optreden en wachten op subsidies om te kunnen bouwen. Bron: interview met Willy Verbeeck, Jacobs (2011) en 1.2 Woonzorg De term 'woonzorg' omvat twee zaken: wonen en zorg. Vandaag kennen we diverse vormen van woonzorg, zoals woonzorg voor ouderen en woonzorg voor personen met een handicap. Het basisidee bestaat erin een geïntegreerd kader te bieden waar wonen en zorg onafhankelijk van elkaar afgestemd kunnen worden op de noden van de betrokkene. Concepten als levenslang wonen en vraaggestuurde zorg liggen mee aan de basis van deze evolutie. Ik licht hier ook de financiering van de woonzorg in Vlaanderen kort toe Begripsverduidelijking Vraagsturing De belangstelling voor vraagsturing als sturingsmechanisme is in de laatste decennia sterk toegenomen toch bestaat er geen eenduidigheid wat betreft de invulling ervan. In de literatuur worden allerhande definities gehanteerd voor vraagsturing of vraaggestuurde zorg (Rijckmans et al., 2002) maar centraal in alle definities blijven het zelfbeschikkingsrecht en de keuzevrijheid van de zorgvrager. Bij vraagsturing kan de zorgvrager zelf bepalen welke zorg het best beantwoordt aan zijn of haar individuele noden. Geregeld kom je in de literatuur de termen vraaggestuurde zorg en vraaggerichte zorg als synoniemen tegen, maar toch is er volgens Rijckmans, et al. (2002) een fundamenteel onderscheid tussen de beide. Bij vraaggericht werken wordt de zorg afgestemd op de noden van de zorgvrager, maar de uiteindelijke controle blijft in handen van de organisatie die deze zorg aanbiedt. De controle bij vraagsturing gaat hierbij verder vermits de zorgvrager de volledige controle behoudt (Maes, et al. 2001). Hoe dan ook, er zijn verschillende vormen van vraagsturing in de praktijk en die zijn afhankelijk van hoeveel controle de zorgvrager krijgt voor de eigen regie van zijn zorg en de mate van ondersteuning van zijn organisatie (Caldwell, 2006). Volgens ervaringen die Caldwell heeft met directe financiering, bij personen met een mentale beperking, besluit hij dat dit een middel is dat maximale vraagsturing kan realiseren (Caldwell, 2007). Maar er wordt in de literatuur ook opgemerkt dat er een gevaar bestaat wanneer het overheidstoezicht op persoonsgebonden budgetten wegvalt. Er wordt gevreesd voor de kwaliteit van de ondersteuning en de veiligheid van de 12

19 budgethouders, vooral bij de meest kwetsbare groepen zoals personen met een verstandelijke beperking (Carlson et al., 2007). In de studie van Caldwell & Heller (2003), maar ook in de studie van Feinberg & Whitlatch (1998), werd aangetoond dat meer controle hebben over de eigen zorgregie geassocieerd werd met een grotere tevredenheid ten opzichte van de controlegroep en werden er opmerkelijk minder zorgtekorten gerapporteerd. Het is van vitaal belang dat de mogelijkheid om controle over het eigen leven te nemen en een waardig leven te leiden, wordt gezien als een recht en niet als een privilege verleend door welwillende diensten (Carmichael & Brown, 2002, p. 807) Levenslang wonen Met 'levenslang wonen' wil de Vlaamse overheid duurzaam wonen in Vlaanderen promoten. Kenmerken van een levenslange woning omvatten toegankelijkheid, veiligheid en voldoende comfort. Meestal denkt men pas achteraf dat mensen ouder worden, langdurig of chronisch ziek kunnen worden of gehandicapt kunnen zijn. Zo houdt pas sinds kort 'levenslang wonen' ook rekening met het feit dat men ouder wordt chronisch ziek kan worden of fysiek een beperking kan krijgen. Vanuit deze context worden nieuwe woningen ontworpen. Het gaat dus over aanpasbare woningen die als het ware flexibel kunnen meegroeien met de noden die een bewoner gedurende zijn hele leven heeft. Maar breder in zijn context omvat het levenslang wonen ook de omgeving van de woning, de buurt, Hiermee bedoelt men de toegankelijkheid en bereikbaarheid van bepaalde voorzieningen maar ook de mogelijkheid om een openbare ruimte te creëren waar een divers publiek welkom is. Er is een groeiende belangstelling naar het stabiliseren en flexibiliseren van wonen en het mobiliseren maar ook vermaatschappelijken van zorg. De Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen (VMSW) deed mee in een projectoproep rond levenslang wonen en besloot om enkele woningen uit te werken in 2000 volgens de toenmalige principes, vooropgesteld door het Platform Wonen van Ouderen (PWO). (www.meegroeiwonen.info) Vormen van woonzorg In de ouderenzorg regelt het woonzorgdecreet (13 maart 2009) de erkenning en financiering van de residentiële ouderenzorg in Vlaanderen. Samen met het thuiszorgdecreet (14 juli 1998) wordt het geheel aan woon/zorgvoorzieningen voor ouderen wettelijk gekaderd. Zo hebben we vandaag de dag in de ouderenzorg woonzorgcentra (de vroegere rustoorden), assistentiewoningen (de vroegere serviceflats), aanleunwoningen (of kangoeroewoningen) en regelingen voor groepswonen, zorgwonen en clusterwonen (Departement WVG, 2011). Een bespreking van deze woonzorgvormen brengt me echter buiten de afbakening van dit eindwerk. In wat volgt gaan we dieper in op woonzorgvormen voor volwassen personen met een handicap. Daarbij maken we eerst een onderscheid tussen residentiële en semiresidentiële voorzieningen enerzijds en ambulante voorzieningen anderzijds. Daarnaast voorziet de Vlaamse Gemeenschap ondersteuning bij woningaanpassingen zodat personen met een handicap (langer) bij hun ouders of brussen (broers of zussen) kunnen blijven wonen. Residentiële opvang in de gehandicaptensector is in feite een opvang in een tehuis dat 24 uur op 24 opvang biedt, in principe 7 dagen op 7 en het hele jaar door met continue begeleiding. De voorzieningen ontvangen subsidies in de vorm van een dagprijs en de 13

20 cliënten betalen een financiële bijdrage. Voorbeelden van zulke voorzieningen zijn tehuizen voor niet-werkenden en tehuizen voor werkenden. In de huidige sfeer van vraaggestuurd werken en inspraak vanwege de cliënt wordt er meer gewerkt aan ambulante opvang. Ambulante diensten bieden begeleiding aan mensen in hun thuisomgeving. De personen met een handicap (of hun families) staan daarbij zelf in voor hun woon- en leefkosten. De zorg wordt wel mee gefinancierd vanuit de overheid. Deze zorg kan dan bestaan uit begeleiding bij de dag- en weekplanning, uit hulp bij de activiteiten van het dagelijks leven (ADL) of uit psychosociale ondersteuning. We zetten nu een aantal van deze ambulante en semi-residentiële woonvormen voor volwassen personen met een mentale handicap op één lijn, in orde van grote zelfstandigheid (en een beperkte ondersteuning) tot maximale ondersteuning (en dus minder zelfstandigheid) Wonen onder Particulier In deze ambulante vorm van woonzorg, ook wel WOP genoemd, wonen personen met een handicap in hun eigen huis met begeleiding. Een particulier of vrijwilliger voorziet in hulp/begeleiding door wekelijks langs te gaan. Er worden dan samen zaken aangepakt die de WOP er minder goed alleen kan, maar er worden evengoed activiteiten samen gepland. Het gaat hier om een langdurig engagement (VAPH,2007) Begeleid wonen In een dienst begeleid wonen biedt een begeleider begeleiding op zowel psychosociaal vlak als bij de dagdagelijkse activiteiten. De nadruk van de begeleiding is individueel aangepast en de nadruk van begeleiding kan meer op het ene of op het andere vlak worden gelegd rekening houdend met een gemiddelde van 1 uur begeleiding per week. Hoe de begeleiding wordt ingevuld in de praktijk wordt vastgelegd in een begeleidingsplan. Deze begeleiding is ambulant. De woning kan een eigen woning zijn of een huurhuis waar één of meerder personen samen wonen. De begeleiding kan geboden worden voor max. 4 personen in één huis. De cliënten staan zelf in voor woon- en leefkosten (VAPH, 2007) Beschermd wonen Wanneer de begeleiding in een begeleid wonen onvoldoende is maar men wel zelfstandig wil wonen, dan is een dienst voor beschermd wonen een mogelijke oplossing. Hier richt men zich tot een publiek dat een lichte tot matige mentale beperking heeft. Cliënten krijgen ondersteuning op vlak van de organisatie van het huishouden, psychosociaal, budgettair- en administratief vlak. Voor de dagbesteding zorgt de begeleiding. Deze dagbesteding kan gaan over werken in beschutte werkplaatsen, begeleid werken, arbeidszorgateliers of het ergo-ateliers. In de praktijk wonen personen met een licht tot matige mentale beperking vaak samen in een huis of appartement in de nabijheid van de voorziening. Er is een oproepbare permanentie voor zowel overdag als s nachts. De cliënten staan zelf in voor woon- en leefkosten (VAPH, 2007) Geïntegreerd wonen Wanneer door het ouder worden meer ondersteuning nodig is of wanneer de begeleiding in een dienst beschermd wonen onvoldoende is dan is geïntegreerd wonen een 14

21 mogelijkheid. De zorgbehoefte van deze cliënten is zwaarder (cliënten van tehuizen nietwerkenden en zelfs van het type nursing). De begeleidingsvorm geïntegreerd wonen is dan ook intensiever. Cliënten leven in een gewone woonomgeving, in kleine geïntegreerde wooneenheden van max. 10 personen. De voorziening staat in voor de zorg, de begeleiding en de eventuele dagbesteding. De cliënten staan zelf in voor woonen leefkosten. (VAPH, 2007) De klassieke financiering van wonen en zorg In de huidige ambulante zorg is het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) verantwoordelijk voor de financiering van de diensten. Het VAPH reikt werkingssubsidies (dit omvat werkingskosten en personeelskosten) en investeringssubsidies uit. Ieder kwartaal ontvangen de door het VAPH erkende VZW s een voorschot op hun werkingssubsidies. Deze werkingssubsidies veranderen naargelang de soort ambulante dienst. Zo ontvangt een dienst voor beschermd wonen jaarlijks per begeleide persoon 631,95 voor de woonbegeleiding. Wanneer de dienst ook dagbesteding aanbiedt, dan krijgt deze hiervoor 778,29 per persoon. Een dienst voor geïntegreerd wonen ontvangt jaarlijks een bepaald bedrag per persoon met een handicap. Op 1 januari 2008 bedroeg dit 1.977,31 per persoon. (VAPH, financiering) De personeelssubsidies verlopen via een prefinanciering. Zo ontvangt elke ambulante dienst per kwartaal 24% van de vermoedelijke jaarsubsidie. Het uiteindelijke saldo wordt slechts uitbetaald na de indiening van het financieel verslag volgens een opgelegd model. De berekening van de subsidies voor personeelskosten kan teruggevonden worden op Wanneer we spreken over de ambulante hulpverlening is er ook sprake van een eigen bijdrage van de persoon met een handicap die verschillend is al naargelang de woonvorm. Voor een dienst beschermd wonen betekent dit dat ze (op voorwaarde dat er dagbesteding wordt aangeboden) een bijdrage aan de persoon met een handicap mogen vragen van maximum 7,04 als de dienst ook een warme maaltijd aanbiedt, zoniet mag de bijdrage 3,57 bedragen. De cliënten moeten wel zelf instaan voor hun levensonderhoud. Voor een dienst geïntegreerd wonen spreken we dan over bedragen van respectievelijk 7,83 en 3,71. Het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden (VIPA) verleent financiële steun aan welzijns- en gezondheidsvoorzieningen die infrastructuurwerken willen uitvoeren. Ze doen niet enkel aan de financiering van de infrastructuur maar ze zorgen ook voor de coördinatie, sturing en regie van de infrastructuur. Ze vallen onder het beleidsdomein van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin (WVG) van de Vlaamse Gemeenschap Financiering van zorg via persoonlijke budgetten In 2001 ging het PAB (persoonlijk assistentie budget) van start. Later, op 1 september 2008 startten het VAPH en toenmalig Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Steven Vanackere, het PGB-experiment. Deze twee systemen betekenen een evolutie in de zorg omdat personen met een handicap meer keuzevrijheid en vraaggestuurde ondersteuning verkrijgen, maar ook veel administratie en budgetzorgen. Ook voor de voorzieningen is het een nieuwe uitdaging om met deze alternatieve financieringen om te gaan en te zien hoe ze kunnen inspelen op de nieuwe manier van financiering. Wat het personeel betreft is het nog wat uitkijken welke impact deze financiering kan hebben op het loon en de werkzekerheid. Vraaggestuurde zorg heeft niet enkel een impact op de taakinvulling maar ook op de werkomstandigheden van de begeleider. (Perspectief 2020, 2010) 15

Infobrochure projectdragerschap (versie 2.3)

Infobrochure projectdragerschap (versie 2.3) Infobrochure projectdragerschap (versie 2.3) Samen de kansen vergroten om inclusief en betaalbaar te kunnen wonen waar ondersteuning kan geboden worden! Veilig investeren met respect! www.inclusieinvest.be

Nadere informatie

Projectoproep Inclusie Invest (Versie 2.2)

Projectoproep Inclusie Invest (Versie 2.2) Projectoproep Inclusie Invest (Versie 2.2) Samen de kansen vergroten om inclusief en betaalbaar te kunnen wonen waar ondersteuning kan geboden worden! Veilig investeren met respect! www.inclusieinvest.be

Nadere informatie

Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk?

Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk? Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk? Casus: Het Hinkelspel cvba Kenmerken Opgericht in 1982 Multistakeholder coöperatie > 2 miljoen euro omzet in 2013 > 70 vennoten We blijven

Nadere informatie

www.inclusieinvest.be Investeer mee in ontroerend goed

www.inclusieinvest.be Investeer mee in ontroerend goed www.inclusieinvest.be Investeer mee in ontroerend goed Overheid kan niet voldoen aan woningnood gehandicapten. De Standaard, 1 maart 2011 Wat is het probleem? Met een beperking. En een beperkt budget.

Nadere informatie

Samen investeren in hernieuwbare energie. Daan Creupelandt Dirk Vansintjan

Samen investeren in hernieuwbare energie. Daan Creupelandt Dirk Vansintjan Samen investeren in hernieuwbare energie Daan Creupelandt Dirk Vansintjan Even opwarmen Wie kent Ecopower? Zijn er coöperanten? Zijn er klanten? 2 Overzicht 1. Ecopower 2. Coöperatief ondernemen 3. REScoop.eu

Nadere informatie

Coöperatief ondernemen binnen sociale economie

Coöperatief ondernemen binnen sociale economie Coöperatief ondernemen binnen sociale economie Sociale economie De toekomst uitgedaagd Hannes.Hollebecq@coopburo.be 05/11/2014 Coopburo, de coöperatieve dienstverlener van Cera met 3 opdrachten: 1. Advisering

Nadere informatie

INCLUSIE INVEST cvba-so. Coöperatieve Vennootschap met Beperkte Aansprakelijkheid met Sociaal Oogmerk. Veilig investeren met respect!

INCLUSIE INVEST cvba-so. Coöperatieve Vennootschap met Beperkte Aansprakelijkheid met Sociaal Oogmerk. Veilig investeren met respect! INCLUSIE INVEST cvba-so Coöperatieve Vennootschap met Beperkte Aansprakelijkheid met Sociaal Oogmerk Veilig investeren met respect! Maatschappelijke zetel : Breugelweg 200 3900 OverpeltOndernemingsnummer

Nadere informatie

Cocreatie of coöperatie? Lieve Jacobs

Cocreatie of coöperatie? Lieve Jacobs Cocreatie of coöperatie? Lieve Jacobs Nota Deze presentatie is voor persoonlijk gebruik van de deelnemers. Ze is onvolledig zonder de mondelinge toelichting van de auteur. Coopburo advies en begeleiding,

Nadere informatie

HET COÖPERATIEF FINANCIEREN EN BEHEREN VAN ZORGVASTGOED

HET COÖPERATIEF FINANCIEREN EN BEHEREN VAN ZORGVASTGOED HET COÖPERATIEF FINANCIEREN EN BEHEREN VAN ZORGVASTGOED Kansen, knelpunten en aanbevelingen Wim VAN OPSTAL en Karine RUTTENS 1 Het coöperatieve model kent de jongste jaren opnieuw een verhoogde aandacht

Nadere informatie

Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk?

Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk? Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk? Casus: Choco cvba Kenmerken Opgericht in 2002 Coöperatie van werkers 3.308.054 euro omzet in 2013 11 Vennoten Bij Choco zijn de 7 principes

Nadere informatie

Coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (cv/cvba)

Coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (cv/cvba) Coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (cv/cvba) Omschrijving van de coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (cv/cvba) Cvba is de afkorting van coöperatieve vennootschap

Nadere informatie

NATUURLIJK PERSOON VENNOOTSCHAP - VERENIGING

NATUURLIJK PERSOON VENNOOTSCHAP - VERENIGING NATUURLIJK PERSOON VENNOOTSCHAP - VERENIGING 1. Inleiding Als men een onderneming opstart kan men dit doen als natuurlijk persoon, onder vorm van een vennootschap of via een vereniging. 2. Definities -

Nadere informatie

HOE INNOVATIEF SAMENWERKEN VORMGEVEN?

HOE INNOVATIEF SAMENWERKEN VORMGEVEN? HOE INNOVATIEF SAMENWERKEN VORMGEVEN? De kunst van innovatie Lieve Jacobs 15 juni 2010 CoopConsult is een initiatief van Op de agenda vandaag...... NIET Een hapklare handleiding voor concrete samenwerking

Nadere informatie

Wat is coöperatief ondernemen?

Wat is coöperatief ondernemen? DE REVIVAL VAN DE COÖPERATIE (3) Wat is coöperatief ondernemen? Lieve Jacobs & Wim Van Opstal De discussie van wat een echte coöperatie is en hoort te zijn, is haast zo oud als de coöperatieve beweging

Nadere informatie

infonota Ondernemingsvormen De eenmanszaak De vennootschap

infonota Ondernemingsvormen De eenmanszaak De vennootschap Ondernemingsvormen De eenmanszaak De eenmanszaak is een ondernemingsvorm waarbij de onderneming wordt opgericht door een natuurlijk persoon (oprichter). De éénmanszaak wordt ook wel 'onderneming natuurlijk

Nadere informatie

Vennootschapsvormen en de daaraan gekoppelde keuzes, en risico s. Bruno De Vuyst. VUB Starterseminarie 18 oktober 2007 NV: 61.500.

Vennootschapsvormen en de daaraan gekoppelde keuzes, en risico s. Bruno De Vuyst. VUB Starterseminarie 18 oktober 2007 NV: 61.500. MARX VAN RANST VERMEERSCH & PARTNERS The LAW FIRM that WORKS Vennootschapsvormen en de daaraan gekoppelde keuzes, en risico s VUB Starterseminarie 18 oktober 2007 Bruno De Vuyst MVV&P - 2007 Vereist aantal

Nadere informatie

EURO BOOKS ONLINE - Digitaal bladeren in juridische uitgaven. Uitgave 2013. C.I.P. Koninklijke Bibliotheek Albert I NUR 820 I.S.B.N.

EURO BOOKS ONLINE - Digitaal bladeren in juridische uitgaven. Uitgave 2013. C.I.P. Koninklijke Bibliotheek Albert I NUR 820 I.S.B.N. EURO BOOKS ONLINE - Digitaal bladeren in juridische uitgaven Uitgave 2013 C.I.P. Koninklijke Bibliotheek Albert I NUR 820 I.S.B.N. 2013 by Euro Books Uitgegeven door Euro Trans Lloyd Kaleshoek 8 8340 Damme

Nadere informatie

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op dd mm yyyy;

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op dd mm yyyy; Informatief 2009/043 - bijlage Ontwerpbesluit van de Vlaamse Regering houdende de wijze van subsidiëring door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap van de opvang van personen met een handicap

Nadere informatie

Evoluties binnen zorgvernieuwing

Evoluties binnen zorgvernieuwing Evoluties binnen zorgvernieuwing 9 januari 2014 JOS THEUNIS AFDELINGSHOOFD ZORG VAPH Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap 1 Multifunctionele centra (MFC) en Flexibel Aanbod Meerderjarigen (FAM)

Nadere informatie

Implementatie van en transitie naar PVF. Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin

Implementatie van en transitie naar PVF. Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Implementatie van en transitie naar PVF Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin 1 VAPH 2015 84.624 mensen die een inkomensvervangende tegemoetkoming en/of een integratietegemoetkoming

Nadere informatie

8. Vergelijking tussen verschillende vennootschapsvormen. Hierbij de verschillende afkortingen :

8. Vergelijking tussen verschillende vennootschapsvormen. Hierbij de verschillende afkortingen : 8. Vergelijking tussen verschillende vennootschapsvormen. Hierbij de verschillende afkortingen : EVBA = EENMANSVENNOOTSCHAP MET BEPERKTE AANSPRAKELIJKHEID BVBA = BESLOTEN VENNOOTSCHAP MET BEPERKTE AANSPRAKELIJKHEID

Nadere informatie

Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk?

Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk? Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk? Casus: Ecopower cvba Kenmerken Opgericht in 1991 Consumentencoöperatie 25,7 miljoen euro omzet in 2013 Bijna 50.000 vennoten De ICAprincipes

Nadere informatie

NOTA AAN DE VLAAMSE REGERING

NOTA AAN DE VLAAMSE REGERING DE VLAAMSE MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN NOTA AAN DE VLAAMSE REGERING Betreft: - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 februari 2010

Nadere informatie

Zorg in het huis in de straat COLLOQUIUM - 10-02-2014

Zorg in het huis in de straat COLLOQUIUM - 10-02-2014 Zorg in het huis in de straat COLLOQUIUM - 10-02-2014 Ontwikkeling van een kleinschalig woonzorg project voor senioren EVA - Ontwikkelingsorganisatie in de solidaire economie - Via de projecten die EVA

Nadere informatie

GGZ-NHN. IPS Trajectbegeleiding/herstelgericht werken Oprichten coöperaties Afstemming P&O en IPS

GGZ-NHN. IPS Trajectbegeleiding/herstelgericht werken Oprichten coöperaties Afstemming P&O en IPS GGZ-NHN IPS Trajectbegeleiding/herstelgericht werken Oprichten coöperaties Afstemming P&O en IPS Even voorstellen Ingrid Vermeulen: Manager P&O Connie van Breugel: IPS Trajectbegeleider bij het Centrum

Nadere informatie

Wonenbij SDW. SDW ondersteunt mensen met een handicap.

Wonenbij SDW. SDW ondersteunt mensen met een handicap. Wonenbij SDW SDW ondersteunt mensen met een handicap. Wat kan SDW voor u betekenen? Iedereen in West-Brabant met een verstandelijke beperking kan terecht bij SDW voor ondersteuning op het gebied van wonen,

Nadere informatie

Coöperatieve antwoorden op woningnood in Vlaanderen Input voor Rondetafel Vlaamse Bouwmeester, Brussel, 29 juni 2012 Design Charles & Ray Eames - Hang it all Vitra Dr. HIVA-K.U.Leuven Definitie van coöperatief

Nadere informatie

Feitelijke vereniging of VZW? Een overzicht

Feitelijke vereniging of VZW? Een overzicht Feitelijke vereniging of VZW? Een overzicht Ouders die zich willen engageren in de school van hun kind verenigen zich vaak in een ouderraad, oudervereniging, oudercomité. Verschillende begrippen die meestal

Nadere informatie

TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage

TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage De lage vennootschapsbelasting voor ondernemingen laat bedrijven toe om winst te maken.

Nadere informatie

Uittreksel uit het verslag van de algemene vergadering van 11 april 2008. Art. 1. De vereniging zonder winstoogmerk draagt als naam Zevenbunder.

Uittreksel uit het verslag van de algemene vergadering van 11 april 2008. Art. 1. De vereniging zonder winstoogmerk draagt als naam Zevenbunder. vzw Zevenbunder, NIEUWE STATUTEN Uittreksel uit het verslag van de algemene vergadering van 11 april 2008 De statuten van de vzw worden gewijzigd door de volledige vervanging van de teksten, zoals gepubliceerd

Nadere informatie

2. Wat is het fiscale voordeel?

2. Wat is het fiscale voordeel? 2. Wat is het fiscale voordeel? 2.1. verlaagd tarief behouden Bij twee van de voorwaarden om recht te hebben op het verlaagd tarief, is het kapitaal van belang. Het bedrag van het kapitaal kan van belang

Nadere informatie

Bondgenoten vinden en houden Lut Gailly. Vroeger box2box

Bondgenoten vinden en houden Lut Gailly. Vroeger box2box Bondgenoten vinden en houden Lut Gailly Vroeger box2box Wie Hoe het begon Jasper is een sociaal dier Dromen op parkings (van school, gemeenschappelijke activiteiten) Eerste gesprekken met voorzieningen

Nadere informatie

Alternatieve financiering: een duurzaam alternatief?

Alternatieve financiering: een duurzaam alternatief? Alternatieve financiering: een duurzaam alternatief? Kansen en valkuilen voor coöperatief ondernemen @WimVanOpstal @lieve_jacobs 27 mei 2013 Alternatieve financiering technieken meetinstrumenten aandachtspunten

Nadere informatie

Les 5: Sociaal ondernemen

Les 5: Sociaal ondernemen Les 5: Sociaal ondernemen praktisch theoretisch Vakken Nederlands, Moraalleer, Cultuurwetenschappen, Economie, Godsdienst, Maatschappelijke Vorming, Project Algemene Vakken. Doelstellingen en eindtermen

Nadere informatie

2.1. Definitie... 2 2.2. Alleen aandelen?... 2 2.3 Alleen inkopen?... 2 2.4. Alleen bestaande aandelen?... 3 2.5. Alleen in eigen naam?...

2.1. Definitie... 2 2.2. Alleen aandelen?... 2 2.3 Alleen inkopen?... 2 2.4. Alleen bestaande aandelen?... 3 2.5. Alleen in eigen naam?... Inhoudstafel Deel 1 - Inkoop van eigen aandelen 1. Inleiding... 1 2. Wat is een verkrijging van eigen aandelen?... 2 2.1. Definitie... 2 2.2. Alleen aandelen?... 2 2.3 Alleen inkopen?... 2 2.4. Alleen

Nadere informatie

België - Vlaanderen. Alle Vlamingen zijn betrokken. Pijlers van het Vlaams zorgen ouderenbeleid. Vermaatschappelijking van zorg 29-11-13

België - Vlaanderen. Alle Vlamingen zijn betrokken. Pijlers van het Vlaams zorgen ouderenbeleid. Vermaatschappelijking van zorg 29-11-13 België - Vlaanderen Dementievriendelijke gemeenschap Landelijk Congres - Moderne Dementiezorg Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin 25 november 2013 Alle Vlamingen zijn betrokken

Nadere informatie

vzw OpWeg Infobrochure rechtstreeks toegankelijke hulp

vzw OpWeg Infobrochure rechtstreeks toegankelijke hulp vzw OpWeg Infobrochure rechtstreeks toegankelijke hulp 1 WIE ZIJN WIJ vzw OpWeg is een ambulante dienst voor volwassenen met een beperking, erkend en gesubsidieerd door het Vlaams Agentschap voor Personen

Nadere informatie

Coöperaties in zorg. Een verkenning van vraagstukken en goede praktijken in binnen- en buitenland. EFRO project 563 02.04.

Coöperaties in zorg. Een verkenning van vraagstukken en goede praktijken in binnen- en buitenland. EFRO project 563 02.04. Coöperaties in zorg Een verkenning van vraagstukken en goede praktijken in binnen- en buitenland EFRO project 563 02.04 Wim Van Opstal Mei 2011 Inhoudsopgave INLEIDING 1 1. COÖPERATIES IN ZORG 2 1.1 COÖPERATIES...

Nadere informatie

Alternatieve en innoverende vormen van huisvesting, dienstverlening en zorg voor ouderen: een algemene inleiding

Alternatieve en innoverende vormen van huisvesting, dienstverlening en zorg voor ouderen: een algemene inleiding Opvangmogelijkheden in de zorg Alternatieve en innoverende vormen van huisvesting, dienstverlening en zorg voor ouderen: een algemene inleiding Rebekka Verniest Departement Onderzoek en Ontwikkeling Landsbond

Nadere informatie

Focusgroep - Symbiosis. Welkom

Focusgroep - Symbiosis. Welkom Focusgroep - Symbiosis Welkom Tips & Tricks Waarom? Kunnen we een warme woonvorm vinden, waarnaar mensen met plezier uitkijken voor hun 2 e levenshelft en hun (veelal té grote) woning overlaten aan volgende

Nadere informatie

Werken via een vennootschap voor dummies Mirjam Vermaut, Erkend boekhouder fiscalist Licentiaat T.E.W. Zetelend lid Nationale Raad BIBF

Werken via een vennootschap voor dummies Mirjam Vermaut, Erkend boekhouder fiscalist Licentiaat T.E.W. Zetelend lid Nationale Raad BIBF voor dummies Mirjam Vermaut, Erkend boekhouder fiscalist Licentiaat T.E.W. Zetelend lid Nationale Raad BIBF 1. OPRICHTING VENNOOTSCHAP ARGUMENTEN PRO S & CONTRA S 2. VENNOOTSCHAPSVORMEN 1. oprichting vennootschap:

Nadere informatie

Alternatieve projectfinanciering

Alternatieve projectfinanciering Alternatieve projectfinanciering 2 december 2013 Peter Van Heukelom Eric Van Herzele Financiering: algemeen Eigen middelen: Beperkt aanwezig Kostprijs Fiscaal Overheidssteun/subsidies: VIPA Serviceflats

Nadere informatie

Meer dan 1 miljoen extra voor vrijwilligers zorgsector

Meer dan 1 miljoen extra voor vrijwilligers zorgsector Kabinet Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin 4 maart 2011 Meer dan 1 miljoen extra voor vrijwilligers zorgsector Jo Vandeurzen: Vrijwilligers zullen almaar onmisbaarder blijken

Nadere informatie

Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk?

Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk? Hoe vertalen Belgische coöperaties de ICA-principes in de praktijk? Casus: Q-bus cvba Kenmerken Opgericht in 2001 Coöperatie van werkers 760.000 euro omzet in 2013 8 Vennoten Het echte eigen vermogen van

Nadere informatie

In de communicatie naar onze inwoners wordt er steeds gesproken over een woonzorgcampus.

In de communicatie naar onze inwoners wordt er steeds gesproken over een woonzorgcampus. Inhoud Situering... 2 Wat is een woonzorgcampus?... 2 Woonzorg of toch assistentiewoningen?... 2 Kernvraag indien woonzorgcampus... 4 Voorgeschiedenis... 4 Huidige Stand van zaken... 4 Toekomst... 4 Kernvraag

Nadere informatie

Bijlage 2 Bedrijfsplan GovUnited. [Separaat bijgevoegd]

Bijlage 2 Bedrijfsplan GovUnited. [Separaat bijgevoegd] Bijlage 2 Bedrijfsplan GovUnited [Separaat bijgevoegd] Bijlage 3 Rechtsvormen Inleiding De keuze voor een juridische vorm van een zelfstandige samenwerkingsorganisatie kent diverse afwegingen. Ze verschillen

Nadere informatie

Bouwstenen. coöperatief ondernemen in Vlaanderen

Bouwstenen. coöperatief ondernemen in Vlaanderen Bouwstenen voor coöperatief ondernemen in Vlaanderen auteurs: Wim Van Opstal, Astrid Coates & Imran Uddin met medewerking van: Hannes Hollebecq, Lieve Jacobs & Kathleen Van den Broeck VOORWOORD Wie samenwerkt,

Nadere informatie

Voor wat dividenduitkeringen uit vennootschappen betreft, zijn er verregaande wijzigingen aan het fiscaal regime dat die ondergaan.

Voor wat dividenduitkeringen uit vennootschappen betreft, zijn er verregaande wijzigingen aan het fiscaal regime dat die ondergaan. Beste klant, Voor wat dividenduitkeringen uit vennootschappen betreft, zijn er verregaande wijzigingen aan het fiscaal regime dat die ondergaan. 1. De belangrijkste wijziging betreft de roerende voorheffing

Nadere informatie

PERSOONSVOLGENDE FINANCIERING

PERSOONSVOLGENDE FINANCIERING PERSOONSVOLGENDE FINANCIERING personen met beperking DOMINIEK SAVIO INSTITUUT VZW KOOLSKAMPSTRAAT 24 8830 GITS 2016 DOMINIEK SAVIO INSTITUUT VZW INLEIDING We zijn op weg naar een belangrijke verandering

Nadere informatie

Die reserves kan men al dan niet uitkeren (= dividenduitkering) tegen een gunstig tarief (zie tabel hieronder).

Die reserves kan men al dan niet uitkeren (= dividenduitkering) tegen een gunstig tarief (zie tabel hieronder). Beste Vanaf aanslagjaar 2015 (vanaf boekjaar per kalenderjaar 31/12/2014) kunnen liquidatiereserves in de vennootschap worden aangelegd tijdens de resultaatbestemming. Dit betekent dat een kleine vennootschap

Nadere informatie

BESTEMMING VAN HET RESULTAAT

BESTEMMING VAN HET RESULTAAT BEDRIJFSWETENSCHAPPEN Hoofdstuk 4: BESTEMMING VAN HET RESULTAAT Indeling: 1. Juridische aspecten 2. Boekhoudkundige verwerking 3. Gevolgen voor de financiële structuur van de onderneming Bestemming resultaat

Nadere informatie

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

HUISHOUDELIJK REGLEMENT Oikocredit-be coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid met een sociaal oogmerk Huidevettersstraat 165 1000 Brussel Ondernemingsnummer: RPR Antwerpen 0427.441.386 HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Nadere informatie

DIVIDEND Wanneer moet u een dividend toekennen? Wanneer mag u geen dividend toekennen? Wanneer fiscaal gezien een goede keuze?

DIVIDEND Wanneer moet u een dividend toekennen? Wanneer mag u geen dividend toekennen? Wanneer fiscaal gezien een goede keuze? Binnenkort moet u op de jaarvergadering een bestemming geven aan de winst voor boekjaar 2014. U kunt die winst uitkeren als dividend of tantième of ze reserveren. Wanneer is een bepaalde winstbestemming

Nadere informatie

Decreet van 20 december 2013 tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 22 december 2000 betreffende de amateurkunsten

Decreet van 20 december 2013 tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 22 december 2000 betreffende de amateurkunsten Decreet van 20 december 2013 tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 22 december 2000 betreffende de amateurkunsten Datum 20/12/2013 Art. 1. Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.

Nadere informatie

Hoofdstuk 9. Rechtsvormen. Voorbeelden: Eenmanszaak Vennootschap Onder Firma Besloten vennootschap Naamloze vennootschap Vereniging Stichting

Hoofdstuk 9. Rechtsvormen. Voorbeelden: Eenmanszaak Vennootschap Onder Firma Besloten vennootschap Naamloze vennootschap Vereniging Stichting www.jooplengkeek.nl Rechtsvormen Voorbeelden: Eenmanszaak Vennootschap Onder Firma Besloten vennootschap Naamloze vennootschap Vereniging Stichting 1 Rechtsvormen Natuurlijk persoon Een mens met rechten

Nadere informatie

Subsidiëring Investerings- en Ontwikkelingsmaatschappij voor Noord-Nederland ten behoeve van de Drentse Participatie Maatschappij

Subsidiëring Investerings- en Ontwikkelingsmaatschappij voor Noord-Nederland ten behoeve van de Drentse Participatie Maatschappij 2004-98 Subsidiëring Investerings- en Ontwikkelingsmaatschappij voor Noord-Nederland ten behoeve van de Drentse Participatie Maatschappij Voorgestelde behandeling: - Statencommissie Bestuur, Financiën

Nadere informatie

Tax shelter voor startende ondernemingen

Tax shelter voor startende ondernemingen Newsflash Tax shelter voor startende ondernemingen Via de tax shelter wil de Federale overheid natuurlijke personen fiscaal aanmoedigen om risicokapitaal te verschaffen aan startende ondernemingen binnen

Nadere informatie

Waarom geen woningen bouwen. zoals Ecopower stroom verkoopt?

Waarom geen woningen bouwen. zoals Ecopower stroom verkoopt? Waarom geen woningen bouwen zoals Ecopower stroom verkoopt? Betaalbaar en duurzaam wonen Peter Van Cleemput Teammanager Lokaal Woonbeleid IGEMO Intergemeentelijk project Wonen langs Dijle en Nete Aanleiding

Nadere informatie

Basisbeginselen : Brusselse ecologische economische en sociale cooperatieve. Contact

Basisbeginselen : Brusselse ecologische economische en sociale cooperatieve. Contact Brusselse ecologische economische en sociale cooperatieve BEES Coop is een project voor een coöperatieve, participatieve en niet commerciële supermarkt. Het iniatief wordt gedragen door burgers die een

Nadere informatie

HANDLEIDING START-UP PLAN

HANDLEIDING START-UP PLAN HANDLEIDING START-UP PLAN HANDLEIDING START-UP PLAN Dit document geeft informatie aan ondernemers, investeerders en burgers die interesse hebben voor het Start-up Plan. Deze handleiding moet samen met

Nadere informatie

Een vennootschap heeft wat wij noemen RECHTSPERSOONLIJKHEID.

Een vennootschap heeft wat wij noemen RECHTSPERSOONLIJKHEID. 8.VENNOOTSCHAPPEN 8.1.NATUURLIJKE PERSOON en RECHTSPERSOON Vooraleer wij over vennootschappen spreken moeten wij het onderscheid kennen tussen een natuurlijke persoon en een rechtspersoon. Een natuurlijke

Nadere informatie

Gecoördineerde tekst:

Gecoördineerde tekst: Gecoördineerde tekst: Decreet van 27 oktober 1998 houdende de erkenning en subsidiëring van organisaties voor volkscultuur en de oprichting van het Vlaams Centrum voor Volkscultuur (B.S.22-12-1998) Decreet

Nadere informatie

Oostnieuwkerke, juni 2011. Geachte mevrouw, geachte heer,

Oostnieuwkerke, juni 2011. Geachte mevrouw, geachte heer, Oostnieuwkerke, juni 2011 Geachte mevrouw, geachte heer, Sinds 1978 voorziet Kerckstede vzw begeleiding, huisvesting en dagbesteding aan volwassen personen met een matige tot ernstige mentale handicap.

Nadere informatie

ENKELE MOGELIJKHEDEN OM NOG TE GENIETEN VAN VERLAAGDE ROERENDE VOORHEFFING

ENKELE MOGELIJKHEDEN OM NOG TE GENIETEN VAN VERLAAGDE ROERENDE VOORHEFFING Editie 19 september 2013. ENKELE MOGELIJKHEDEN OM NOG TE GENIETEN VAN VERLAAGDE ROERENDE VOORHEFFING Inleiding Dividenden worden sinds 01.01.2012 uitgekeerd aan 25% roerende voorheffing. Ook het tarief

Nadere informatie

Samenwerkingen die werken

Samenwerkingen die werken Samenwerkingen die werken Marianne Haverkamp De Dag van de Zelfstandige 20 maart 2013 Even voorstellen Marianne Haverkamp Civiel jurist 6 jaar adviesbureau (diverse samenwerkingsvormen) 6 jaar overheid:

Nadere informatie

KPMG Meijburg & Co ABCD. Invoering van de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht

KPMG Meijburg & Co ABCD. Invoering van de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht Invoering van de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht Op 12 juni 2012 heeft de Eerste Kamer de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht en de Invoeringswet vereenvoudiging en flexibilisering

Nadere informatie

HANDLEIDING START-UP PLAN

HANDLEIDING START-UP PLAN HANDLEIDING START-UP PLAN HANDLEIDING START-UP PLAN Dit document geeft informatie aan ondernemers, investeerders en burgers die interesse hebben voor het Start-up Plan. Deze handleiding moet samen met

Nadere informatie

Informatie over het aanbod van aandelen van De Landgenoten 01/05/2015-30/04/2016

Informatie over het aanbod van aandelen van De Landgenoten 01/05/2015-30/04/2016 Informatie over het aanbod van aandelen van De Landgenoten 01/05/2015-30/04/2016 (Dit infodossier dateert van 23/03/2015. Alle voorgaande infodossiers vervallen bij deze.) www.delandgenoten.be Infodossier

Nadere informatie

College NV en BV; Aandelen

College NV en BV; Aandelen College NV en BV; Aandelen Mr. K. Frielink Universiteit van de Nederlandse Antillen Dinsdag 23 februari 2010 van 19.00-20.30 uur NV en BV - inleiding 1. De NV is een RP met een of meer op naam of aan toonder

Nadere informatie

RECHTSPERSOON VOOR HET WOONINITIATIEF IN BLADEL.

RECHTSPERSOON VOOR HET WOONINITIATIEF IN BLADEL. RECHTSPERSOON VOOR HET WOONINITIATIEF IN BLADEL. Inleiding In ons land kennen we 16 miljoen mensen, die allerlei dingen kunnen doen, zoals boodschappen doen, een huis huren of kopen, werken en nog veel

Nadere informatie

Het belang van rechtstreekse burgerparticipatie in windprojecten

Het belang van rechtstreekse burgerparticipatie in windprojecten Het belang van rechtstreekse burgerparticipatie in windprojecten 1 Rechtstreekse burgerparticipatie betekent dat je eigenaar wordt van de windturbines én van de geproduceerde groene stroom. Daarmee neem

Nadere informatie

JAARRAPPORT 2011. Oyens & Van Eeghen Beheer B.V. Zuidplein 124 1077 XV AMSTERDAM

JAARRAPPORT 2011. Oyens & Van Eeghen Beheer B.V. Zuidplein 124 1077 XV AMSTERDAM JAARRAPPORT 2011 Oyens & Van Eeghen Beheer B.V. Zuidplein 124 1077 XV AMSTERDAM Vastgesteld door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders d.d. 30 mei 2012. INHOUD 1 INLEIDING 2 JAARREKENING 3 OVERIGE

Nadere informatie

Functies die toegang geven tot Private Search (lezen, wijzigen, mandaat geven)

Functies die toegang geven tot Private Search (lezen, wijzigen, mandaat geven) Functies die toegang geven tot Private Search (lezen, wijzigen, mandaat geven) Ondernemingen- natuurlijk persoon Oprichter van de onderneming- natuurlijk persoon Wettelijke vertegenwoordiger van de oprichter

Nadere informatie

Informatiebundel voor aandeelhouders van Collectief Goed cvba-so

Informatiebundel voor aandeelhouders van Collectief Goed cvba-so 1 Informatiebundel voor aandeelhouders van Collectief Goed cvba-so 1. Informatiegegevens Officiële naam Vestigingsplaats en rechtsvorm Collectief Goed cvba-so Rechtsvorm: Coöperatieve vennootschap met

Nadere informatie

Hoofdstuk 5 Ondernemingsrecht

Hoofdstuk 5 Ondernemingsrecht Hoofdstuk 5 Ondernemingsrecht Paragraaf 5.1 1. Ondernemingsrecht a. Wat is economisch en juridisch gezien het verschil in benadering bij de diverse ondernemersvormen? b. Waartoe dient het ondernemingsrecht?

Nadere informatie

Rapport sluiting verzorgingshuizen

Rapport sluiting verzorgingshuizen Rapport sluiting verzorgingshuizen ActiZ is een ondernemende branchevereniging die haar leden faciliteert om een gezonde onderneming te kunnen exploiteren die hoogwaardige zorg en ondersteuning biedt.

Nadere informatie

Bisconceptnota. Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen

Bisconceptnota. Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen DE VLAAMSE MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Bisconceptnota Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen 1. Situering 1.1. Vlaams Regeerakkoord

Nadere informatie

ABN AMRO Investment Management B.V. Jaarrekening 2013

ABN AMRO Investment Management B.V. Jaarrekening 2013 Jaarrekening 2013 Pagina 1 van 12 INHOUD Pagina Directieverslag 3 Balans per 31 december 2013 4 Winst- en verliesrekening 2013 5 Toelichting algemeen 6 Toelichting op de balans per 31 december 2013 8 Toelichting

Nadere informatie

Aangeboden door Wouter Devloo tel 0484 187434 www.boekhouder.be B&A Advies bvba

Aangeboden door Wouter Devloo tel 0484 187434 www.boekhouder.be B&A Advies bvba cic KAN IK EEN STARTERSBVBA OPRICHTEN? Het wordt voor jonge starters steeds moeilijker om een eigen onderneming op te richten. De kapitaalinbreng wordt beschouwd als een te hoge drempel om de stap naar

Nadere informatie

Standpunt GRIP over: verhogen minimumloon PAB-assistenten

Standpunt GRIP over: verhogen minimumloon PAB-assistenten Standpunt GRIP over: verhogen minimumloon PAB-assistenten 1. Waar gaat het over? 11 juli 2013 De overheid maakt op vraag van de vakbonden plannen om voor PABassistenten het minimumloon van de voorzieningen

Nadere informatie

Op weg naar een bestuursmodel met een ledenraad. Rabobank Ridderkerk Midden-IJsselmonde. Een bank die anders is. Gezocht: leden met een mening

Op weg naar een bestuursmodel met een ledenraad. Rabobank Ridderkerk Midden-IJsselmonde. Een bank die anders is. Gezocht: leden met een mening Rabobank Ridderkerk Midden-IJsselmonde Een bank die anders is Gezocht: leden met een mening Op weg naar een bestuursmodel met een ledenraad Rabobank. Een bank met ideeën. Een bank die anders is Rabobank

Nadere informatie

Juridische aspecten van samenwerking tussen organisaties. @AstridCoates EMK vormingsaanbod 18 november 2013

Juridische aspecten van samenwerking tussen organisaties. @AstridCoates EMK vormingsaanbod 18 november 2013 Juridische aspecten van samenwerking tussen organisaties @AstridCoates EMK vormingsaanbod 18 november 2013 Samenwerkingsverbanden? Functionele samenwerkingsverbanden Structurele samenwerkingsverbanden

Nadere informatie

Praktijkvoorbeelden van Coöperatieven in Nederland

Praktijkvoorbeelden van Coöperatieven in Nederland Praktijkvoorbeelden van Coöperatieven in Nederland Coöperatief Seminarie Brussel Februari 2014 Wilbert van den Bosch Grote Diversiteit NL Coops 1 Coöperatieve organisatie Ledenzeggenschap Geen aandeelhouders

Nadere informatie

Wensen en ideeën over Wonen met Welzijn en Zorg vanuit cliëntenperspectief in de regio Eemland: een Quick Scan

Wensen en ideeën over Wonen met Welzijn en Zorg vanuit cliëntenperspectief in de regio Eemland: een Quick Scan Wensen en ideeën over Wonen met Welzijn en Zorg vanuit cliëntenperspectief in de regio Eemland: een Quick Scan Een wensen- en ideeënlijst vanuit cliëntenperspectief als leidraad voor de samenwerkende gemeenten

Nadere informatie

Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen

Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen Conceptnota Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen 1. Situering Deze conceptnota heeft tot doel om, binnen de contouren van het Vlaams Regeerakkoord

Nadere informatie

Vennootschappen in de sociale economie: een statistisch profiel

Vennootschappen in de sociale economie: een statistisch profiel Deze e-note werd gerealiseerd door de Chaire Cera en Entrepreneuriat et Management en Economie Sociale in samenwerking met het Cera Steunpunt Coöperatief Ondernemen. Chaire Cera «Entrepreneuriat et Management

Nadere informatie

Factsheet vorm MSB: maatschap - coöperatie - BV

Factsheet vorm MSB: maatschap - coöperatie - BV Factsheet vorm MSB: maatschap - coöperatie - BV 1. Inleiding De OMS werkt modellen uit om een handreiking te bieden aan medisch specialisten vrij beroepsbeoefenaren bij hun veranderende positie met de

Nadere informatie

FAQ Wettelijke subrogatie cumulverbod

FAQ Wettelijke subrogatie cumulverbod FAQ Wettelijke subrogatie cumulverbod 1 Algemene vragen Vraag 1: Mijn handicap komt (deels) door een ongeval of een medische fout. Een tegenpartij moet mijn kosten vergoeden. Kan ik nog een tussenkomst

Nadere informatie

Community Land Trust. Wonen op gemeenschapsgrond

Community Land Trust. Wonen op gemeenschapsgrond Community Land Trust Wonen op gemeenschapsgrond Filmpje CLT 1. Wat is een CLT? Community Land Trust definitie: een verenigingsvorm die een (gemeenschaps)gronden verwerft, ontwikkelt en beheert ambitie:

Nadere informatie

Zin in ondernemen? Kies voor de Starters-bvba en ga van start met slechts 1 euro!

Zin in ondernemen? Kies voor de Starters-bvba en ga van start met slechts 1 euro! Zin in ondernemen? Kies voor de Starters-bvba en ga van start met slechts 1 euro! De StarterS-bvba: mooie kansen voor ambitieuze ondernemers U hebt beslist om uw eerste onderneming uit de grond te stampen?

Nadere informatie

OUDERCRÈCHES: HET VOORDEEL VAN DE THUISMATCH

OUDERCRÈCHES: HET VOORDEEL VAN DE THUISMATCH OUDERCRÈCHES: HET VOORDEEL VAN DE THUISMATCH Een interview met Lieve Jacobs en Ellen Rutgeerts Stéphanie DE SMET 1 2012 is door de Verenigde Naties uitgeroepen tot het Internationaal Jaar van de Coöperaties.

Nadere informatie

Arbeid biedt een maatschappelijke meerwaarde ten opzichte van inactiviteit. 3

Arbeid biedt een maatschappelijke meerwaarde ten opzichte van inactiviteit. 3 17 SOCIALE ECONOMIE 18 Sociale economie Iedereen heeft recht op een job, ook de mensen die steeds weer door de mazen van het net vallen. De groep werkzoekenden die vaak om persoonlijke en/of maatschappelijke

Nadere informatie

Startnotitie nota mantelzorg en vrijwilligerswerk Hellevoetsluis 2015

Startnotitie nota mantelzorg en vrijwilligerswerk Hellevoetsluis 2015 Startnotitie nota mantelzorg en vrijwilligerswerk Hellevoetsluis 2015 Datum: maart 2015 Afdeling: Samenlevingszaken In- en aanleiding Voor u ligt de startnotitie voor de aankomende beleidsnota van de gemeente

Nadere informatie

Aandachtspunten t.a.v. de PROVINCIES. 2. Mobiliteit Ouderen willen zich overal kunnen verplaatsen, ook bij beperking van de persoonlijke mobiliteit.

Aandachtspunten t.a.v. de PROVINCIES. 2. Mobiliteit Ouderen willen zich overal kunnen verplaatsen, ook bij beperking van de persoonlijke mobiliteit. OOK Vlaams OUDEREN OVERLEG KOMITEE vzw - Vlaamse OUDERENRAAD Aandachtspunten t.a.v. de PROVINCIES 1. Informatie en communicatie Ouderen willen de diensten en taken van de provincie beter kennen. 2. Mobiliteit

Nadere informatie

Werken bij lokale besturen in Leuven

Werken bij lokale besturen in Leuven Werken bij lokale besturen in Leuven Stad Leuven Saskia De Beucker, afdelingshoofd Personeelsbeleid OCMW Leuven Sabrina Roosen, deskundige HRM 26 maart 2015 Korte kennismaking Stad Leuven 1194 personeelsleden

Nadere informatie

Vergelijkende matrix vennootschapsvormen (Stibbe-rapport: Onderzoek naar de financieel-juridische aspecten van een Energie Conversie Park)

Vergelijkende matrix vennootschapsvormen (Stibbe-rapport: Onderzoek naar de financieel-juridische aspecten van een Energie Conversie Park) Vergelijkende matrix vennootschapsvormen (Stibbe-rapport: Onderzoek naar de financieel-juridische aspecten van een Energie Conversie Park) NV BVBA CVBA ESV Notariële akte vereist voor oprichting? Ja Ja

Nadere informatie

FAQ : de hulpverleningszones vanaf 2014

FAQ : de hulpverleningszones vanaf 2014 FAQ : de hulpverleningszones vanaf 2014 Inhoud Algemene informatie... 2 Wat zullen de prezones in 2014 worden?... 2 Zal de wet van 31/12/1963 betreffende de civiele bescherming nog van toepassing zijn

Nadere informatie

Een bv was nog nooit zo interessant Hoe overstappen naar een flex-bv u nieuwe kansen biedt. WHITEPAPER

Een bv was nog nooit zo interessant Hoe overstappen naar een flex-bv u nieuwe kansen biedt. WHITEPAPER Een bv was nog nooit zo interessant Hoe overstappen naar een flex-bv u nieuwe kansen biedt. WHITEPAPER Gemaakt door: info@tavernemeun.nl www.tavernemeun.nl 0318-518810 Introductie van de flex-bv Per 1

Nadere informatie

In deze presentatie: 1.Waarom een coöperatie? 2.Meer weten? 3.Hulp nodig? 4.Het Vlaams actieplan coöperatief ondernemen 5.Oproep pilootprojecten

In deze presentatie: 1.Waarom een coöperatie? 2.Meer weten? 3.Hulp nodig? 4.Het Vlaams actieplan coöperatief ondernemen 5.Oproep pilootprojecten In deze presentatie: 1.Waarom een coöperatie? 2.Meer weten? 3.Hulp nodig? 4.Het Vlaams actieplan coöperatief ondernemen 5.Oproep pilootprojecten Waarom een coöperatie? Co operative enterprises build a

Nadere informatie

Naar de kern. Thema 1: De kern van het ondernemen ...

Naar de kern. Thema 1: De kern van het ondernemen ... Thema 1: De kern van het ondernemen overheid klanten leveranciers leefomgeving onderneming werknemers... mede-eigenaars drukkingsgroepen en actiecomités U Ondernemen doet iemand in de eerste plaats uit

Nadere informatie