ACADEMIEJAAR

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "ACADEMIEJAAR 2008 2009"

Transcriptie

1 ACADEMIEJAAR Masterproef voorgedragen tot het bekomen van de graad van Master in de bedrijfseconomie Jeroen Devriendt onder leiding van Prof. ir. Ludo Theunissen

2 Ondergetekende verklaart dat de inhoud van deze masterproef mag geraadpleegd en/of gereproduceerd worden, mits bronvermelding. Jeroen Devriendt

3 In een competitieve en sneller dan ooit evoluerende omgeving is een basis economische kennis zoals aangeboden in de opleiding tot Master in de Bedrijfseconomie, voor een jonge ingenieur architect als mezelf niet louter een meerwaarde, zij lijkt me een must. Meer dan ooit wordt men immers geacht in staat te zijn een oplossing aan te reiken voor specifieke uitdagingen en tegelijk het overzicht over de algemene werking van een project, afdeling of onderneming te bewaren. De bedrijfseconomische context van een onderneming of instelling lijkt mij dan ook een heel belangrijk aspect van dat overzicht. Hoewel de keuze voor een eindwerk binnen een eenjarige opleiding zeker niet vanzelfsprekend is, vind ik in financiële analyse een vakgebied dat op een buitengewoon heldere manier in staat lijkt het financieel DNA van een onderneming bloot te leggen. Het belang van dergelijke informatie moet hier niet herhaald worden. Dit, in combinatie met het feit dat ik deze materie ook gewoon boeiend vind, stuurde mij naar een eindwerk omtrent financiële analyse. Niet in het minst in het huidige, veranderde economische klimaat, waarin vele ondernemingen grote financiële uitdagingen wachten om hun activiteiten te kunnen voortzetten of uitbreiden, lijkt het mij van het grootste belang dat maatregelen genomen worden om de continuïteit te verzorgen en de welvaart van onze regio op peil te houden. De invoering van een aftrek voor risicokapitaal, beter bekend als de Notionele intrestaftrek, is zo n recente en veelbesproken maatregel. Of deze maatregel inderdaad ook daadwerkelijk sleutelt aan het financieel DNA van de Belgische ondernemingen, wil ik in dit werk onderzoeken. Uiteraard komt een masterproef als deze niet tot stand via louter individueel werk. Vandaar wil ik iedereen bedanken die zich tijdens de loop van dit academiejaar engageerde om een bijdrage te leveren. Volgende mensen dank ik daarbij in het bijzonder: Prof. ir. Ludo Theunissen, om mij warm te maken voor en op te leiden in financiële analyse en voor zijn wijze raad. Drieke, voor haar nimmer aflatende liefde en steun. Mijn ouders, voor al de kansen die zij mij geboden hebben. Jeroen Devriendt, mei 2009

4 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming i Inleiding... 1 Notionele intrestaftrek Een korte geschiedenis Technische Aspecten Wettekst Toepassingsvoorwaarden Correcties op het eigen vermogen Aftrekpercentage Summier schema Enkele kanttekeningen... 4 Impact op financiële analyse Uitgangspunten Impact op kapitaalstructuur Impact op financiële ratio s Gewone en uitgebreide cashflow Gemiddelde en operationele belastingen en operationeel brutoresultaat Dekking van de financiële kosten van het vreemd vermogen door het nettoresultaat na niet kaskosten, voor financiële kosten en na belastingen Dekking van het vreemd vermogen door de cashflow Nettorendabiliteit van het eigen vermogen na belastingen Brutorendabiliteit van het eigen vermogen na belastingen Graad van financiële hefboom Graad van totale hefboom Rendabiliteit van aandelen Aandeel van de belastingen en de toegevoegde winst in de toegevoegde waarde Samenvattende tabel Impact op falingspredictie Ooghe Verbaere modellen, 1982 OV Ooghe Joos Devos modellen, 1991 OJD SIM model, 2005 SIM05 en FiTo score... 22

5 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming ii 2.5. De impact van Notionele intrestaftrek op de financiële toestand van de Belgische ondernemingen Case studies Uitgangspunten Case Studies Duvel Moortgat Standaard Boekhandel Start People Matexi Macinotsh Intragroup Services Lessen uit de case studies Besluit Bibliografie A. Wet tot invoering van een aftrek voor risicokapitaal B. Berekeningstabel voorbeelden en grafieken C. Invloed van de verhouding EV not / EV D. Trade off effecten tussen k e en k d... 41

6 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming iii Tabel 1: Overzicht van de impact van Notionele intrestaftrek op financiële getallen en ratio's Tabel 2: Impact van Notionele intrestaftrek bij Duvel Moortgat Tabel 3: Impact van Notionele intrestaftrek bij Standaard Boekhandel Tabel 4: Impact van Notionele intrestaftrek bij Start People Tabel 5: Impact van Notionele intrestaftrek bij Matexi Tabel 6: Impact van Notionele intrestaftrek bij Macintosh Intragroup Services

7 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming iv Fig. 1: Earnings after taxes in relatie tot het aandeel eigen vermogen Fig. 2: De gewogen gemiddelde kapitaalkost in relatie tot het aandeel eigen vermogen... 8 Fig. 3: Het gemiddeld belastingtarief in relatie tot de nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen Fig. 4: Operationele belastingen in relatie tot het aandeel eigen vermogen Fig. 5: Dekking van de financiële kosten van het vreemd vermogen door het netto resultaat in relatie tot het aandeel eigen vermogen Fig. 6: Nettorendabiliteit eigen vermogen na belastingen in relatie tot het aandeel eigen vermogen Fig. 7: Nettorendabiliteit eigen vermogen na belastingen in relatie tot de nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen Fig. 8: Graad van financiële hefboom in relatie tot het aandeel eigen vermogen Fig 9: FKVV na belastingen en de meerwinst dankzij Notionele intrestaftrek in relatie tot het aandeel eigen vermogen Fig. 10: De Forbes Tax Misery index Fig. 11: Toepassing van Notionele intrestaftrek Fig. 12: Aanpassing eigen vermogen o.i.v. Notionele intrestaftrek Fig. 13: Boekwaarde van de verschillende ondernemingen in de case studies Fig. 14: Omzet van de verschillende ondernemingen in de case studies Fig. 15: Evolutie van het aandeel eigen vermogen van de niet financiële Belgische ondernemingen Fig. 16: Impact van de verhouding EV not / EV op de meerwinst dankzij Notionele intrestaftrek Fig 17: Trade off effect tussen intrestkosten en kosten van het eigen vermogen Fig 18: Gemiddelde gewogen kapitaalkost met in acht name van trade off effecten

8 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming v EAT EBIT EBT EV EV not FKVV GGKK k 0 k e k d KMO m NBB NI t t gem TA OLO VV W 0 Earnings After taxes ofte de winst of verlies van het boekjaar na belastingen Earnings Before Intrest and Taxes ofte het nettoresultaat voor FKVV voor belastingen Earnings Before Taxes ofte de winst of verlies van het boekjaar voor belastingen eigen vermogen Notioneel eigen vermogen financiële kosten van het vreemd vermogen gemiddelde gewogen kapitaalkost gemiddelde gewogen kapitaalkost kost van het eigen vermogen kost van schulden kleine of middelgrote onderneming Notionele intrestvoet Nationale Bank van België Notionele intrestaftrek vennootschapsbelastingvoet gemiddelde belastingvoet totaal actief obligation linéaire lineaire obligatie vreemd vermogen waarde van de onderneming

9 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 1 Dit eindwerk behandelt de impact van Notionele intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming. Het immers uitermate interessant om op theoretische wijze haar invloed op verwante disciplines na te gaan zodat men zich een beter beeld kan vormen over haar bedrijfseconomische reikwijdte. Want hoewel in het bijzonder in de populaire media reeds veel is gezegd en geschreven over Notionele Intrestaftrek, blijft er voldoende ruimte om haar impact op financiële analyse op een theoretische manier te bestuderen. Dit werk valt uiteen in drie grote delen. In een eerste fase wordt ter inleiding en situering een korte beschrijving gegeven van de maatregel zelf. Eerder dan een diepgaande analyse, streeft dit deel een relevantie na voor wat volgt in de daarop volgende hoofdstukken. In het kader van dit werk lijkt een uitvoerige bespreking immers overbodig. Vervolgens wordt op wiskundig wetenschappelijke basis nagegaan hoe de invoering van een aftrek voor risicokapitaal de bestaande wetmatigheden van de financiële analyse beïnvloedt. Hierbij wordt vooral de nadruk gelegd op ratioanalyse aangezien dit voor het systeem van de Belgische jaarrekening een uiterst handig en efficiënt middel blijkt om ondernemingen financieel door te lichten. Bovendien kan men in de ratio s eenduidig het effect van Notionele Intrestaftrek kwantificeren, wat de lezer toelaat snel en eenvoudig deze impact te integreren in de analyse van de jaarrekening. In derde instantie wordt een beperkte steekproef genomen om deze resultaten met de algemene bevindingen te vergelijken en kan zij ook als illustratie dienen om de hoger geschetste impact aan de hand van enkele reële voorbeelden te toetsen.

10 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 2 Op 22 juni 2005 wordt in de Kamer van Volksvertegenwoordigers het Wetsontwerp tot invoering van een belastingaftrek voor risicokapitaal goedgekeurd. De maatregel is erop gericht de discriminatie weg te werken tussen het gebruik van risicokapitaal en vreemd vermogen verkregen van derden. Met deze maatregel beoogt de regering een dubbel doel: enerzijds wordt dankzij een groter aandeel eigen vermogen een betere solvabiliteit nagestreefd, wat de faillissementsrisico s zou moeten doen dalen; anderzijds probeert België hiermee haar concurrentiepositie als investeringshaven te verstevigen. 1 Daarnaast kan de aftrek voor risicokapitaal ook een alternatief vormen voor de coördinatiecentra die eind 2010 definitief tot het verleden zullen behoren. Deze werden immers door de Europese Commissie verboden omdat zij illegale staatsteun zouden krijgen. Afgezien van enkele schuchtere pogingen in het buitenland, is deze maatregel op dit ogenblik enkel in België zo duidelijk in de wet ingeschreven en is zij dus uniek in de wereld, wat haar bijzonder interessant maakt om van nabij te bestuderen. Opgemerkt kan worden dat de invoering van de Notionele intrestaftrek gebeurde onder de regering Verhofstadt II, waarin het voor de socialistische coalitiepartner allicht nogal moeilijk lag een rechtstreekse lastenverlaging door te voeren. De wet kan dus ook gelezen worden als een middel om de Belgische ondernemingen alsnog een belastingkorting te gunnen. Dit doet echter niets af van haar intrinsieke waarde. Men kan zich wel ook de vraag stellen hoe Notionele intrestaftrek verschilt van een gewone verlaging van de vennootschapsbelastingvoet. In het verdere verloop van dit werk zullen eventuele gelijkenissen en verschillen verder onderzocht worden. 1 Deze doelen vallen na te lezen in het Wetsontwerp tot invoering van een belastingsaftrek voor risicokapitaal, Belgische Kamer van volksvertegenwoordigers, 11 mei 2005

11 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming Wettekst De toepassing van Notionele intrestaftrek trad in werking vanaf het aanslagjaar Zij behelst een fictieve intrest op het gecorrigeerd eigen vermogen van de onderneming, die dus een verlaging van de belastbare basis tot gevolg heeft. De wetgeving omtrent de aftrek voor risicokapitaal staat ingeschreven in de artikelen 205bis tot en met 205novies van het Wetboek Inkomstenbelastingen 2. In wat volgt worden kort de belangrijkste aspecten van de wet toegelicht. Voor een meer diepgaande studie van de verschillende technische aspecten van de toepassing van Notionele intrestaftrek, verwijzen we naar bestaande secundaire literatuur, zoals opgenomen in de literatuurlijst Toepassingsvoorwaarden De maatregel is enkel van toepassing op alle vennootschappen die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting of aan de belasting op de niet inwoners/vennootschappen, met uitzondering van deze die al een van het gemeen recht afwijkende belastingregeling genieten. 4 Hierop bestaan echter vijf uitzonderingen, zoals gedefinieerd in artikel 205octies van de wet. Zo zijn uitgesloten van de aftrek voor risicokapitaal: de erkende coördinatiecentra, de vestigingen in een reconversiezone zolang zij de fiscale voordelen genieten, de beleggingsvennootschappen met veranderlijk kapitaal BEVEK, met vast kapitaal BEVAK of in schuldvorderingen VBS, de coöperatieve participatievennootschappen en de zeescheepvaartvennootschappen Correcties op het eigen vermogen De Notionele intrestaftrek mag niet berekend worden op het volledige eigen vermogen van de onderneming. Onder andere om misbruiken of agressieve kapitaalstructuren tegen te gaan, dienen tien correcties te worden doorgevoerd. 5 Deze correcties leiden tot het Risicokapitaal of zoals wij het verder in dit werk zullen noemen: het Notionele Eigen Vermogen EV not. Eventuele wijzigingen van het Eigen Vermogen tijdens het boekjaar, mogen mee in rekening worden genomen om het aandeel Risicokapitaal te berekenen. Om misbruiken te voorkomen, dient dit echter pro rata temporis te gebeuren zodat men het Eigen Vermogen bijvoorbeeld niet kunstmatig kan verhogen kort voor de afsluitdatum van de boekhouding, om het dan bij aanvang van het nieuwe boekjaar weer te laten dalen. 2 De wettekst is opgenomen in bijlage A. 3 Zie Bibliografie. Voor een zeer duidelijke studie wordt verwezen naar Boerave C. e.a., 2006, De notionele intresten, Edi pro 4 Uit Wetsontwerp tot invoering van een belastingsaftrek voor risicokapitaal, Belgische Kamer van volksvertegenwoordigers, 11 mei Deze staan beschreven in artikel 205ter van de wettekst die is opgenomen in bijlage A

12 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming Aftrekpercentage Het tarief van de Notionele Intrest wordt vastgelegd op basis van de lineaire staatsobligaties OLO s op tien jaar, geldig in het voorlaatste boekjaar voor het aanslagjaar. Voor KMO s wordt dit getal nog met 0,5% vermeerderd. Zo bedroeg het aftrekpercentage in ,442%, voor het aanslagjaar 2010 zal dit al 4,473% bedragen. 6 Wettelijk werd een maximumpercentage vastgelegd van 6,5% en mag het tarief niet meer dan één procentpunt afwijken van het tarief geldend tijdens het vorige aanslagjaar Summier schema Hier wordt een schematische berekening gegeven van de verwerking van Notionele intrestaftrek. Earnings Before Intrests and Taxes EBIT Intrestkosten Earnings Before Taxes EBT Notionele intrest Belastbare basis EBT not Belastingen Notionele intrest Earnings After Taxes EAT Vandaag worden wij geconfronteerd met de financiële crisis, wat betekent dat bedrijven door strengere kredietvoorwaarden haast automatisch aangewezen zijn op een financiering met een groter aandeel eigen vermogen. Dit kan dus zorgen voor vertroebeling wat een van de initiële doelen betreft van de maatregel, met name een verbeterde solvabiliteit voor de Belgische ondernemingen. Diezelfde ondernemingen genieten nu dus wel extra van de Notionele intrestaftrek. 7 In wat volgt wordt geen macro economische of politieke evaluatie van de maatregel in se nagestreefd, maar wordt zij eerder als gegeven aanvaard. Uiteraard zal wel tegen het licht worden gehouden hoe en waar de Notionele intrestaftrek nog voor verbetering vatbaar kan zijn en wat de eventuele verschillen zijn met een gewone belastingverlaging, vooral dan met het oog op de methoden uit de financiële analyse. Op 19 februari 2009 werd een zaak aanhangig gemaakt bij diezelfde Europese Commissie die de wettigheid van Notionele intrestaftrek betwist. Zij zou immers indruisen tegen twee fundamentele Europese regels: het vrij verkeer van kapitaal en de vrijheid van vestiging. 8 De uitkomst van deze zaak zal niet bekend raken in de loop van dit werk, maar heeft uiteindelijk ook geen invloed op de impact op financiële analyse. 6 Uit NBB, 2009, balanscentrale, april Zie De Tijd, Meer Notionele intrest door financiële crisis, 31/10/2008, PBL 8 Zie De Tijd, Europa zet aanval in op notionele intrest, 19/02/2009, WVDV/KV

13 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 5 De impact van Notionele intrestaftrek op financiële analyse wordt hier uitgewerkt aan de hand van de meest courante methodes en ratio s zoals gedefinieerd in het Handboek financiële analyse van de onderneming Ooghe en van Wymeersch, 2006, een standaardwerk met praktisch bruikbare methoden, gebaseerd op theoretisch verantwoord en empirisch geverifieerd onderzoek. 9 De herwerking van de verschillende formules, noopt tot een duidelijke afspraak qua notatie. Wij volgen waar mogelijk de notatie zoals gedefinieerd in het Handboek financiële analyse van de onderneming, maar deze dient uiteraard aangevuld te worden. Hieronder worden kort enkele van de belangrijkste en meest gebruikte symbolen toegelicht. Zo werd reeds het herwerkte eigen vermogen als basis voor de Notionele intrestaftrek gedefinieerd als: Het aftrekpercentage, zoals besproken en berekend in 1.2.4, wordt gedefinieerd als: De vennootschapsbelastingvoet wordt gedefinieerd als: In wat volgt zal soms een voorbeeld en/of grafiek meegegeven worden ter illustratie. De data hiervan zijn deze uit de berekeningstabel die terug te vinden is in Bijlage B. 9 Zie Ooghe H. en van Wymeersch C., 2006, Handboek financiële analyse van de onderneming, Antwerpen, Intersentia

14 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 6 Indien men nu het in gegeven basisschema herneemt vindt men dat na introductie van Notionele intrestaftrek de Earnings After Taxes worden hervormd tot: 1 Hieruit blijkt dat de Earnings After Taxes dankzij Notionele intrestaftrek toenemen met een factor: Onderstaande grafiek toont het verschil tussen de Earnings After Taxes met of zonder Notionele intrestaftrek. Het voorbeeld hier uitgewerkt geldt voor een totaal actief van 100, een intrestkost van 6%, een belastingtarief van 34%, een nettoresultaat voor financiële kosten van het vreemd vermogen voor belastingen van 20 en een Notionele intrestvoet van 4%. Voor de eenvoud wordt verondersteld dat al het vreemd vermogen financiële schulden zijn en dat het Notioneel eigen vermogen gelijk is aan het eigen vermogen. Als bijlage B vindt men de berekeningstabel die werd gebruikt voor alle voorbeelden. In het verdere verloop van dit werk zal ook de vergelijking gemaakt worden met een rechtstreekse belastingkorting van 4% op de vennootschapsbelasting. Het is vrij eenvoudig in te zien dat een financiering met enkel vreemd vermogen geen belastingvoordeel oplevert, en dat naarmate meer eigen vermogen wordt aangehouden, het belastingvoordeel lineair toeneemt met. Een gewone belastingkorting levert een verschuiving 10 op van de EAT zonder NI. Notionele intrestaftrek levert meer voordeel op dan een gelijkaardige gewone belastingkorting indien het nettorendement van het gecorrigeerd eigen vermogen voor belastingen kleiner is dan 34%, de normale vennootschapsbelastingvoet ,00 14,00 Earnings After Taxes 13,00 12,00 11,00 10,00 EAT zonder NI EAT met NI EAT zonder NI 30% bel 9,00 8, aandeel eigen vermogen % Fig. 1: Earnings after taxes in relatie tot het aandeel eigen vermogen. 10 nemen toe met, wat dus zorgt voor een lineaire verschuiving. 11 % % 30% 34% 30% 34% 34% 4% 4% 34% 4% 34% 34% nettorendement EVnot vr. belastingen 34%. Het is duidelijk dat dit rendement bij gelijk blijvende EBT steeds kleiner wordt naarmate men meer eigen vermogen aanhoudt.

15 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 7 De optimale kapitaalstructuur is die combinatie van eigen vermogen en lange termijn vreemd vermogen die de gemiddelde kapitaalkost minimaliseert en de waarde van de onderneming maximaliseert. 12 De gewogen gemiddelde kapitaalkost van een onderneming bedraagt: 1 met: k0 gewogen gemiddelde kapitaalkost ke kost van het eigen vermogen vereist rendement door de aandeelhouders kd kost van de schulden zonder inkomstenbelasting Uit de studie van het theoretisch model van Modigliani en Miller 1958 blijkt dat de waarde van een onderneming lineair stijgt naarmate haar schuldgraad en dus haar aandeel vreemd vermogen stijgt. De reden hiervoor schuilt in het feit dat de intresten te betalen aan de schuldeisers, aftrekbaar zijn van het belastbaar inkomen. Het bekomen belastingvoordeel is dus gelijk aan: In theorie zou een onderneming dus haar waarde kunnen maximaliseren door een financiering met enkel financiële schulden. Uiteraard is dit weinig realistisch, rekening houdend met de grote risico s en de verhoogde kans op faling die dergelijke structuur met zich meebrengt. Zo zullen kredietleveranciers in principe een hogere intrestkost aanrekenen of zelfs een verdere financiering weigeren. Op een bepaald punt zal het belastingvoordeel door schuldfinanciering dus teniet gedaan worden door de zogenaamde faillissementskosten, die door de aandeelhouders worden gedragen. De optimale kapitaalstructuur wordt dan het punt waarop het voordeel van het lineair toenemend belastingvoordeel gelijk is aan het nadeel van de progressief toenemende faillissementskosten. Uiteindelijk zal de goedkoopste gemiddelde kapitaalkost zich voordoen bij een schuldgraad lager dan 100%. In wat volgt zal hier echter opnieuw abstractie van worden gemaakt. 13 Met de introductie van Notionele intrestaftrek wordt nu een korting verkregen op de kost van het eigen vermogen, analoog aan het belastingvoordeel op schuldfinanciering. Deze korting wordt enkel verkregen op het gecorrigeerd en dus niet het volledige eigen vermogen. De kost van het eigen vermogen onder invloed van Notionele intrestaftrek wordt dus: 12 Voor een meer uitvoerige bespreking van de impact van Notionele intrestaftrek op de kapitaalstructuur van de Belgische ondernemingen wordt verwezen naar Breesch D. en Vanhoebroeck K., De invloed van de notionele intrestaftrek op de kapitaalstructuur van Belgische ondernemingen, uit A&B, juli In bijlage D wordt dieper ingegaan op het effect van faillissementskosten op de kapitaalstructuur.

16 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 8 De gewogen gemiddelde kapitaalkost wordt dan becijferd als: Dit betekent dus dat de gemiddelde kapitaalkost afneemt met: Onderstaande grafiek toont vereenvoudigd deze impact. 14 De bovenste puntlijn toont wat de gemiddelde kapitaalkost zou zijn indien de financiële kosten van het vreemd vermogen niet aftrekbaar zouden zijn. De lichte volle lijn toont de situatie waar dit wel zo is. Merk op dat de korting dus groter wordt naarmate men meer met schuldfinanciering werkt. De introductie van Notionele intrestaftrek zorgt er voor dat er opnieuw een evenwicht is tussen financiering met eigen vermogen en vreemd vermogen voor wat de kapitaalkost betreft. Verder kan opgemerkt worden dat een verlaging van de vennootschapsbelastingvoet naar 30% leidt tot een hogere kapitaalkost, wat uiteraard het gevolg is van het verlaagd belastingvoordeel op het schuldkapitaal terwijl de kost van het eigen vermogen gelijk blijft. 10,00% gewogen gemiddelde kapitaalkost 9,00% 8,00% 7,00% 6,00% 5,00% 4,00% 3,00% k0 met NI k0 zonder NI k0 zonder NI bel 30% k0 zonder NI zonder bel voordeel aandeel eigen vermogen % Fig. 2: De gewogen gemiddelde kapitaalkost in relatie tot het aandeel eigen vermogen Volgens het Discounted Cashflow model wordt de waarde van een onderneming voor haar financiers gedefinieerd als: 1 met: W0 FCF waarde van de onderneming Free Cash Flow vrije operationele cashflow De waarde van de onderneming blijkt omgekeerd evenredig met de kapitaalkost. Gezien deze onder invloed van Notionele intrestaftrek afneemt, zal dus de waarde van de onderneming voor gelijk welke 14 In principe zouden we in de grafiek dus rekening moeten houden faillissementsrisico s en dus een variabele intrestkost, waardoor een volledige financiering met schuldkapitaal niet langer de goedkoopste GGKK oplevert. Het trade off effect tussen ke en kd wordt verder toegelicht in bijlage D.

17 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 9 financieringsstructuur hoger liggen met toepassing van Notionele intrestaftrek dan wanneer zij dit niet doet. Het verschil daalt echter naarmate het aandeel vreemd vermogen en dus de schuldgraad toeneemt. De studie van de financiële ratio s blijkt een gedegen instrument om een snelle maar vrij accurate doorlichting te maken van een onderneming aan de hand van de gegevens uit de jaarrekening. De verschillende soorten ratio s zijn van belang voor een of meer partijen. Zo zullen aandeelhouders vooral aandacht hebben voor rendabiliteit, zullen kredietverschaffers eerder geïnteresseerd zijn in solvabiliteit en liquiditeit en zal de maatschappij in haar geheel allicht het meest gediend zijn met de toegevoegde waarde die een onderneming voortbrengt. Daarnaast vormt ratioanalyse ook de basis voor falingspredictie, wat in een volgend hoofdstuk wordt besproken. In wat volgt worden enkel de Ooghe en Van Wymeersch ratio s besproken die onder invloed van Notionele intrestaftrek een kwalitatieve wijziging ondergaan. Dit betekent dat deze kengetallen wijzigen zonder dat een wijziging in het resultaat of de kapitaalstructuur wordt doorgevoerd. Uit het voorgaande kan men echter opmaken dat een onderneming er baat bij heeft haar kapitaalstructuur naar aanleiding van de invoering van Notionele intrestaftrek te hervormen en dus een hoger aandeel eigen vermogen aan te houden. Dit zou er dus in principe voor moeten zorgen dat enkele ratio s na ingrijpen een kwantitatieve wijzing ondergaan. Zo kan men bijvoorbeeld vermoeden dat de verhouding tussen vreemd vermogen en totaal vermogen, de schuldgraad, voor de Belgische ondernemingen gemiddeld zal afnemen. In het laatste hoofdstuk worden deze kwantitatieve wijzigingen aan de hand van een empirische studie van enkele ondernemingen van naderbij bekeken. Nu wordt dus eerst de kwalitatieve impact van Notionele intrestaftrek op ratioanalyse onderzocht Gewone en uitgebreide cashflow De positieve cashflow geeft de hoeveelheid financiële middelen of het vermogen aan die uit de werking tijdens de beschouwde periode is voortgevloeid en vertegenwoordigt dus de brutozelffinancieringsmarge voor winstuitkering van de onderneming. 15 Cashflow is dus een belangrijk begrip dat in tegenstelling tot winst of verlies die te maken hebben met rendabiliteit een maatstaf is voor de zelffinancieringsmogelijkheden van de onderneming. De uitgebreide cashflow breidt de gewone cashflow uit zodat nu alle niet kaskosten opgenomen worden in de berekening ervan: De invoering van Notionele intrestaftrek zorgt er voor dat de winst of verlies van het boekjaar toeneemt met een factor, maar heeft geen kwalitatieve verandering voor de niet kaskosten tot gevolg. 15 Definitie overgenomen uit: Ooghe H. en van Wymeersch C., 2006, Handboek financiële analyse van de onderneming, Antwerpen, Intersentia

18 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 10 We kunnen dus besluiten dat de uitgebreide cashflow en dus de zelffinancieringsmogelijkheid van de onderneming dankzij de maatregel toeneemt met: Verder blijkt uit het Discounted Cashflow Model dat de waarde van een onderneming recht evenredig is met de vrije operationele cashflows die zij genereert. Aangezien deze cashflows stijgen, zal dus ook de waarde van de onderneming toenemen. 16 Merk verder op dat een gewone belastingkorting een meercashflow oplevert gelijk aan de meerwinst van Gemiddelde en operationele belastingen en operationeel brutoresultaat De gemiddelde belastingvoet is een interessant mechanisme om te zien wat de reële belastingvoet is die gehanteerd werd op het resultaat van het boekjaar. Op sommige winstbestanddelen is immers geen belasting verschuldigd. De gemiddelde belastingvoet wordt dus gedefinieerd als: In bovenstaande formule zijn de belastingen op het resultaat uiteraard gelijk aan de belastingen op het resultaat zonder toepassing van Notionele intrestaftrek Uit eerdere overwegingen weten we dat de belastingen op het resultaat onder invloed van Notionele intrestaftrek afnemen met een factor. Dit betekent dus een verlaging van de gemiddelde belastingvoet met: 40% 35% 30% belastingtarief 25% 20% 15% 10% 5% 0% tarief vennootschapsbelasting feitelijk belastingtarief oiv NI 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% Nettorendabiliteit EV voor belastingen Fig. 3: Het gemiddeld belastingtarief in relatie tot de nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen Bovenstaande grafiek toont aan dat het gemiddeld belastingtarief onder invloed van Notionele intrestaftrek gevoelig afneemt met een verlaagd rendement op het eigen vermogen. 17 Merk op dat een verlaging van het vennootschapsbelastingtarief tot 30% hier opnieuw interessanter wordt dan Notionele 16 Dit betekent dus een dubbel positief effect dankzij Notionele intrestaftrek op de waarde van de onderneming want deze bleek ook al omgekeerd evenredig met de gemiddelde kapitaalkost. 17 Voor de eenvoud gaan we er hier van uit dat de gemiddelde belastingvoet zonder toepassing van Notionele intrestaftrek hier gelijk is aan de vennootschapsbelastingvoet.

19 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 11 intrestaftrek indien de nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen groter is dan 34%, de normale belastingvoet. 18 Verder dient ook opgemerkt te worden dat de definitie van enkel geldig is indien het nettoresultaat voor financiële kosten EBIT positief is en groter dan de financiële kosten van het vreemd vermogen gecombineerd met de Notionele intrestaftrek of de belastbare basis EBT not positief is. In de andere gevallen zijn immers geen belastingen verschuldigd. De verlaging van de gemiddelde belastingvoet heeft onder andere een invloed op de berekening van de operationele belastingen en dus op het operationeel brutoresultaat na belastingen, dat het brutoresultaat vertegenwoordigt dat voortvloeit uit de operaties van de onderneming zonder rekening te houden met de financieringswijze ervan. De operationele belastingen worden gedefinieerd als: Aangezien uit het voorgaande blijkt dat onder invloed van Notionele intrestaftrek de gemiddelde belastingvoet afneemt, kan men eenvoudig inzien dat dit zorgt voor een verlaging van de operationele belastingen met: 7,00 6,80 operationele belastingen 6,60 6,40 6,20 6,00 5,80 5,60 5,40 5,20 5, aandeel eigen vermogen % operationele belastingen met NI operationele belastingen zonder NI operationele belastingen zonder NI bel 30% Fig. 4: Operationele belastingen in relatie tot het aandeel eigen vermogen Bovenstaande grafiek laat de impact van Notionele intrestaftrek op de operationele belastingen duidelijk blijken: hoe hoger het aandeel eigen vermogen, hoe lager de operationele belastingen. Verder geldt ook hier het principe dat Notionele intrestaftrek interessanter is dan een gelijkaardige korting op de vennootschapsbelastingvoet indien de nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen kleiner 18 Gezien de afname van de belastingen op het resultaat met, is het eenvoudig in te zien dat de gemiddelde belastingvoet hier afneemt met %. Dit is uiteraard ook logisch.

20 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 12 is dan de gewone vennootschapsbelastingvoet. 19 Het operationeel brutoresultaat na belastingen wordt gedefinieerd als: Omdat het operationeel brutoresultaat voor belastingen de EBIT en de niet kaskosten omvat en Notionele intrestaftrek hier dus geen impact op heeft kan men gemakkelijk inzien dat het operationeel brutoresultaat na belastingen toeneemt met dezelfde factor waarmee de operationele belastingen afnemen Dekking van de financiële kosten van het vreemd vermogen door het nettoresultaat na niet kaskosten, voor financiële kosten en na belastingen Deze dekkingsratio laat ons toe na te gaan in hoeverre een onderneming in staat is de vaste financiële kosten van het vreemd vermogen te dragen. De dekking van de financiële kosten door het nettoresultaat wordt gedefinieerd als: Gezien de invloed van Notionele intrestaftrek op de gemiddelde belastingvoet, met een verlaging van de operationele belastingen tot gevolg, zal de teller van deze dekkingsratio toenemen met: Door Notionele intrestaftrek zal de dekking van de financiële kosten door het nettoresultaat dus toenemen met: Notionele intrestaftrek leidt dus tot een betere dekking van de financiële kosten van het vreemd vermogen en dus tot een betere solvabiliteitspositie, wat ook een van de initiële doelen was van de maatregel. 19 Zoals men kan opmaken uit de grafiek en uit eerdere berekeningen blijkt dus dat de nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen in dit voorbeeld kleiner is dan de vennootschapsbelastingvoet indien men voor minder dan de helft met eigen vermogen financiert.

21 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 13 40,00 35,00 dekking FKVV dor net. res. 30,00 25,00 20,00 15,00 10,00 5,00 0,00 dekking fkvv door net. res. met NI dekking fkvv door net. res. zonder NI aandeel eigen vermogen % Fig. 5: Dekking van de financiële kosten van het vreemd vermogen door het netto resultaat in relatie tot het aandeel eigen vermogen. Merk op dat uit bovenstaande grafiek duidelijk blijkt dat naarmate het aandeel eigen vermogen toeneemt, de dekkingsgraad en dus de solvabiliteitspositie gevoelig toeneemt, met of zonder Notionele intrestaftrek. De maatregel zorgt er hier dus enkel voor dat dit effect nog versterkt wordt. Men kan daarnaast echter ook opmerken dat een rechtstreekse korting op de vennootschapsbelasting helemaal geen impact heeft op deze dekkingsratio en de solvabiliteit van de onderneming dus niet verbetert. 20 Voorbeeld: Stel dat een onderneming zich financiert met 40 eigen vermogen en 60 financiële schulden. Als dan de rente 6% bedraagt, het nettoresultaat voor FKVV 20 is en indien men een vennootschapsbelasting aanhoudt van 34%, dan bedraagt de dekking van de financiële kosten van het vreemd vermogen door het nettoresultaat : % 34% % 5, % 60 6% 34% Met een Notionele intrestaftrek van 4% zal de dekkingsratio toenemen met: 40 4% 34% % 60 6% 60 6% 34% 0,28 Met een vennootschapsbelastingvoet van 30% wordt de dekkingsratio: % 30% % 5, % 60 6% 30% Dankzij Notionele intrestaftrek en al de rest gelijk blijvende, zal deze ratio in zijn geheel dus toenemen tot 5,84 en zullen de financiële kosten van het vreemd vermogen dus 5,84 keer in plaats van 5,56 keer gedekt zijn door het nettoresultaat. Een verlaagde vennootschapsbelastingvoet heeft hier dus geen impact Dekking van het vreemd vermogen door de cashflow De dekking van het vreemd vermogen door de cashflow bepaalt in welke mate de onderneming in staat is haar schulden terug te betalen uit de cashflow voor winstuitkering. De hieruit gedefinieerde dekkingsratio s vormen dan ook een goede indicator voor het financieel risico van de onderneming. We onderscheiden volgende ratio s: 20 Dit valt toe te schrijven aan het feit dat bij een verlaging van de vennootschapsbelastingvoet ook het belastingvoordeel op de FKVV afneemt.

22 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 14 a. Dekking van het totaal vreemd vermogen door de cashflow: b. Dekking van het vreemd vermogen op lange termijn door de cashflow: c. Dekking van de schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen door de cashflow: éé Deze ratio s worden allen op dezelfde manier kwalitatief beïnvloed door Notionele intrestaftrek. De uitgebreide cashflow neemt immers toe met en dit verhoogt de bovenstaande dekkingsgraden met deze factor weliswaar gedeeld door de bijhorende noemer. Notionele intrestaftrek heeft in deze dus een uitgesproken positieve impact op de solvabiliteit van de onderneming, zeker omdat dat de cashflowdekking van het vreemd vermogen een goede discriminator blijkt tussen falende en nietfalende ondernemingen. 21 Een vergelijkbare gewone belastingkorting zorgt hier ook voor een verbeterde dekking gezien de toename van de uitgebreide cashflow met een factor Nettorendabiliteit van het eigen vermogen na belastingen De nettorendabiliteit van het eigen vermogen na belastingen wordt gedefinieerd als: Vooral voor de aandeelhouders is deze ratio van groot belang aangezien zij het rendement op het geïnvesteerde vermogen weergeeft. Bovendien is deze interesse duidelijk het grootst op dat rendement na belastingen. De invloed van Notionele intrestaftrek op deze rendabiliteitratio is vrij eenvoudig te becijferen. Immers, zoals reeds hoger aangetoond wordt dankzij dit belastingvoordeel de winst of het verlies van het boekjaar na belastingen verhoogd met het voordeel verkregen dankzij diezelfde Notionele intrestaftrek. Na correcties in verband met Notionele intrest wordt de nettorendabiliteit van het eigen vermogen na belastingen dus : 1 Dit betekent een meerrendement op het eigen vermogen van: 21 Deze ratio komt onder andere letterlijk terug in het SIM 05 model, de uitgebreide cashflow wordt gehanteerd in het Ooghe Verbaere 2jaar voor faling model. De impact van Notionele intrestaftrek op falingspredictie wordt later in dit werk nog uitgebreider behandeld.

23 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 15 nettorendabiliteit eigen vermogen na belastingen 29,0% 27,0% 25,0% 23,0% 21,0% 19,0% aandeel eigen vermogen % Fig. 6: Nettorendabiliteit eigen vermogen na belastingen in relatie tot het aandeel eigen vermogen. nettorend EV na bel zonder NI nettorend EV na bel met NI nettorend EV na bel zonder NI bel 30% Indien de vergelijking wordt gemaakt met een gewone korting van m% op de vennootschapsbelasting, kan worden opgemerkt dan Notionele intrestaftrek een hoger rendement verschaft dan een gewone belastingkorting indien de nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen kleiner is dan de normale belastingvoet t. Dit valt terug te brengen tot het verschil in Earnings After Taxes in die twee gevallen. 35,0% Nettorend. eigen vermogen na belastingen 30,0% 25,0% 20,0% 15,0% 10,0% nettorend EV na bel zonder NI nettorend EV na bel met NI nettorend EV na bel zonder NI bel 30% 20,0% 25,0% 30,0% 35,0% 40,0% 45,0% 50,0% Fig. 7: Nettorendabiliteit eigen vermogen na belastingen in relatie tot de nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen. Voorbeeld: nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen Stel dat een onderneming zich financiert met 40 eigen vermogen en 60 vreemd vermogen in de vorm van financiële schulden. Als dan de rente 6% bedraagt, de EBIT 20 zijn en indien men een vennootschapsbelasting aanhoudt van 34%, dan bedraagt de nettorendabiliteit van het eigen vermogen na belastingen: % 1 34% 27,06% 40 Indien men een Notionele intrestaftrek aanhoudt van 4%, wordt dit: % 1 34% 40 4% 34% 28,42% 40 Indien men een vennootschapsbelasting aanhoudt van 30% wordt dit: % 1 30% 28,70% 40 De nettorendabiliteit van het eigen vermogen voor belastingen bedraagt in dit geval: % 41,00% 40

24 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming Brutorendabiliteit van het eigen vermogen na belastingen De brutorendabiliteit van het eigen vermogen kan gelezen worden als een aanvulling op de nettorendabiliteit van het eigen vermogen en is vooral van belang als de niet kaskosten een wezenlijk onderdeel gaan uitmaken van de totale kasstromen. Eerder dan een rendabiliteitsindicator, kan deze ratio dus ook eerder gezien worden als een maatstaf voor het zelffinancieringspotentieel van de onderneming. De brutorendabiliteit van het eigen vermogen na belastingen wordt gedefinieerd als: Ook hier is het duidelijk dat de noemer van deze ratio onder invloed van Notionele intrestaftrek stijgt met en dus de brutorendabiliteit met dezelfde factor toeneemt als de nettorendabiliteit. Bij een gewone belastingkorting van % neemt de teller toe met en stijgt de brutorendabiliteit dus ook op eenzelfde vergelijkbare manier als de nettorendabiliteit Graad van financiële hefboom De graad van financiële hefboom wordt gedefinieerd als: % % Dit kan verder uitgewerkt worden als: 1 1 Een lage graad van financiële hefboom betekent een klein financieel risico en is dus positief voor een onderneming. Uiteraard kan reeds vermoed worden dan door Notionele intrestaftrek hier een verschuiving zal optreden en ondernemingen zich dus minder snel met schulden zullen financieren. Hierna wordt de graad van financiële hefboom herwerkt als Notionele intrestaftrek wordt toegepast. % % De noemer van bovenstaande formule stijgt onder invloed van Notionele intrestaftrek met de bekende factor, wat leidt tot een daling van de graad van financiële hefboom. Gezien deze ook een maatstaf is voor de volatiliteit en dus ook het financieel risico van de onderneming, is de bijdrage van de Notionele intrestaftrek uiteraard een goede zaak. Verder kan men opmerken dat een gewone verlaging

25 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 17 van de vennootschapsbelasting geen impact heeft op de graad van financiële hefboom en dus geen risicoverlagend effect met zich mee brengt. 22 1,50 1,40 graad van financiële hefboom 1,30 1,20 1,10 1,00 0,90 graad fin hefb zonder NI graad fin hefb met NI 0, aandeel eigen vermogen % Fig. 8: Graad van financiële hefboom in relatie tot het aandeel eigen vermogen. Opmerkelijk is dat in dit voorbeeld de graad van financiële hefboom bij een bepaald aandeel hier ongeveer 75% eigen vermogen tot onder één zakt. Dit fenomeen treedt op indien: ,500 4,000 3,500 3,000 2,500 FKVV na bel 2,000 1,500 1,000 0,500 meerwinst met NI 0, aandeel eigen vermogen % Fig 9: FKVV na belastingen en de meerwinst dankzij Notionele intrestaftrek in relatie tot het aandeel eigen vermogen. Dus indien de meerwinst bekomen dankzij Notionele intrestaftrek groter is dan de financiële kosten van het vreemd vermogen na belastingen, is de graad van financiële hefboom gelegen tussen nul en één 23. Indien de meerwinst hoger ligt dan de financiële kosten na belastingen, zullen die EAT hoger liggen dan 22 Dit kan men rechtstreeks afleiden uit de formule: EBIT / EBT. Geen van deze twee factoren wordt immers beïnvloed door de vennootschapsbelastingvoet. 23 Zonder Notionele intrestaftrek is dit enkel mogelijk indien zowel EBIT als EBT negatief zijn en de EBT dus in absolute waarde groter dan de EBIT zijn. Merk verder op dat in dit voorbeeld geen rekening werd gehouden met trade off effecten tussen de schuldgraad en de intrestkost. Dit effect heeft echter geen invloed op het geconstateerde fenomeen.

26 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming 18 het nettoresultaat voor FKVV na belastingen. De meerwinst vergregen dankzij Notionele intrestaftrek zorgt dus eigenlijk voor een volledige dekking van de FKVV na belastingen: Bovenstaande ongelijkheid is zonder Notionele intrestaftrek uiteraard onmogelijk. Het is dus zo dan in deze situatie bij een bepaalde procentuele toename afname van de EBIT, er een kleinere procentuele toename afname van de EAT is. Dit zorgt voor een verbeterde veiligheid bij een dalend resultaat, maar hypothekeert dus ook enigszins de relatieve winstaangroei bij stijgende resultaten. Voorbeeld: Stel dat een onderneming zich financiert met 80 eigen vermogen en 20 financiële schulden. Als dan de intrestkost 6% bedraagt, het nettoresultaat voor FKVV 20 is en indien men een vennootschapsbelasting aanhoudt van 34%, bedraagt de graad van financiële hefboom: % 1,06 Indien men een vennootschapsbelastingvoet van 30% hanteert, blijft de graad van financiële hefboom: % 1,06 Indien men een Notionele intrestaftrek van 4% introduceert, wordt de graad van financiële hefboom: 1 34% % 1 34% 80 4% 34% 0,98 Merk op dat hier dus inderdaad geldt dat: 80 4% 34% 1 34% 20 6% Graad van totale hefboom De graad van totale hefboom wordt gedefinieerd als: ë Het mag rekening houdend met de impact van Notionele intrestaftrek op de graad van financiële hefboom niet verwonderlijk zijn dat er ook een kwalitatieve verandering zal optreden in de graad van totale hefboom. De graad van operationele hefboom wordt niet beïnvloed door Notionele intrestaftrek, dus de graad van totale hefboom daalt met dezelfde factor als de graad van financiële hefboom: Omdat de graad van totale hefboom een indicator is voor het totale risico van de onderneming zowel de operationele als de financiële risico s worden hier in rekening gebracht zorgt Notionele intrestaftrek logischerwijs dus eens te meer voor een verbeterde situatie.

27 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming Rendabiliteit van aandelen De winst per aandeel wordt gedefinieerd als: De cashflow per aandeel wordt gedefinieerd als: Zowel de winst of verlies van het boekjaar na belastingen als de uitgebreide cashflow nemen dankzij Notionele intrestaftrek toe met een factor. Dit levert een meerwinst en een meercashflow per aandeel op van: Ook een gewone belastingkorting zorgt voor een toename van de rendabiliteit van aandelen gezien de verhoogde cashflow. Uiteraard zijn deze ratio s zeer relatief aangezien een vergelijking tussen twee ondernemingen op basis van de winst of cashflow per aandeel helemaal geen betekenis heeft Aandeel van de belastingen en de toegevoegde winst in de toegevoegde waarde De bruto toegevoegde waarde wordt volgens het principe van oorsprong berekend als: Het aandeel van de belastingen en de toegevoegde winst in de toegevoegde waarde worden respectievelijk berekend als: ; Nu Notionele intrestaftrek bijdraagt tot een verlaging van de belastbare basis en dus van de belastingen, zal ook het aandeel van de belastingen in de toegevoegde waarde afnemen. Hoewel in de bruto toegevoegde waarde ook de belastingen zitten, zal deze niet dalen. Immers, de meerwinst die wordt verkregen via Notionele intrestaftrek betekent ook een grotere toegevoegde winst waardoor de totale bruto toegevoegde waarde van de onderneming gelijk blijft. Uiteraard is het vrij logisch dat er geen waarde verloren gaat. Verder zou dezelfde beweging merkbaar zijn bij een gewone belastingverlaging. 24 Het aantal aandelen dat ondernemingen aanhouden kan immers grondig verschillen.

28 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming Samenvattende tabel Hieronder is als samenvatting een tabel gegeven waar de kwalitatieve veranderingen van de beschouwde financiële ratio s worden opgesomd. Ter vergelijking wordt ook de kwalitatieve impact van een gewone belastingkorting weergegeven. Een betekent dat er geen kwalitatieve impact is. Gewone belastingkorting m% Notionele intrestaftrek m% EAT en gewone en uitgebreide cashflow kapitaalkost tgem Dekking FKVV door nettoresultaat voor FKVV na belastingen Dekking VV door cashflow Netto/bruto rendement EV na belastingen Graad van financiële hefboom Graad van totale hefboom 1 Winst en cashflow per aandeel Tabel 1: Overzicht van de kwalitatieve impact van Notionele intrestaftrek op financiële getallen en ratio's Merk op dat klaarblijkelijk de impact van een gewone belastingkorting veeleer afhankelijk is van het resultaat EBT terwijl het voordeel dankzij Notionele intrestaftrek eerder te maken heeft met de financiële structuur van een onderneming. Men kan daaruit afleiden dat Notionele intrestaftrek duurzamer is dan een vergelijkbare gewone belastingkorting. Een van de belangrijkste einddoelen van ratioanalyse, is het scheppen van een getrouw beeld van de financiële toestand van een onderneming. Dankzij dit beeld is men sneller in staat ondernemingen in moeilijkheden te identificeren, wat een aanzienlijke verlaging van de eventuele faillissementskosten met zich mee kan brengen. Deze identificatie gebeurt in financiële analyse vooral via modellen voor falingspredictie, die de onderneming een score geven op basis van de gewogen gemiddelden van enkele duidelijk discriminerende ratio s. Hierna wordt de impact van Notionele intrestaftrek op 3 van die modellen modellen bestudeerd. Notionele intrestaftrek zorgt er uiteraard niet voor dat deze modellen een kwalitatieve wijziging ondergaan. Wel wordt onderzocht of er financiële getallen of ratio s zijn opgenomen in deze modellen die onder invloed van Notionele intrestaftrek een kwalitatieve verandering ondergingen, en zoja, wat dan de impact is op de resultaten uit deze modellen.

29 Impact van Notionele Intrestaftrek op de financiële analyse van de onderneming Ooghe Verbaere modellen, 1982 OV82 De lineaire Ooghe Verbaere modellen blijken een van de meest accurate te zijn om ondernemingen als succesvol of falend te beschouwen Ooghe & Balcaen, Zij bestaan uit een discriminantscore die wordt toegekend op basis van gewogen gemiddelden van vijf eenvoudige maar sterk discriminerende ratio s. Er bestaat een algemeen model één tot drie jaar voor faling, en modellen voor ieder van die jaren individueel. met: D R1 Rm d0 d1 dm discriminantscore tussen en onafhankelijk veranderlijken of ratio s van het discriminantmodel constante term lineaire discriminantcoëfficiënten In het model twee jaar voor faling vinden we onder andere volgende ratio en wegingscoëfficiënt terug: 0,0738 Uit herinnert men zich dat de uitgebreide cashflow toeneemt met een factor. Men kan eenvoudig inzien dat onder invloed van Notionele intrestaftrek de discriminantscore twee jaar voor faling dus rechtstreeks toeneemt met een factor: 0,0738 Daarnaast kan men verwachten dat enkele ratio s onder invloed van Notionele intrestaftrek ook kwantitatief zullen toenemen: In het algemeen model één tot drie jaar en de modellen twee jaar en drie jaar voor faling vinden we o.a. volgende ratio en met wegingcoëfficiënt gelegen tussen 3,30 en 4,70 terug: In het model één jaar voor faling vinden we o.a. volgende ratio s en wegingcoëfficiënten terug: 10,0870 2,0318 Zoals aangeduid in het hoofdstuk over de impact van Notionele intrestaftrek op de kapitaalstructuur, verschuift de optimale kapitaalstructuur in de richting van een hoger aandeel eigen vermogen. Reserves en overgedragen winst vormen samen met het kapitaal normaal de belangrijkste componenten van

Inhoud. Lijst van tabellen... Lijst van figuren... Inleiding... HOOFDSTUK 1 FINANCIËLE ANALYSE: INLEIDING... 1

Inhoud. Lijst van tabellen... Lijst van figuren... Inleiding... HOOFDSTUK 1 FINANCIËLE ANALYSE: INLEIDING... 1 Lijst van tabellen... Lijst van figuren... Inleiding... xv xix xxi HOOFDSTUK 1 FINANCIËLE ANALYSE: INLEIDING... 1 1.1. Onderneming, toegevoegde waarde en belanghebbenden... 2 1.2. Rol van de financiële

Nadere informatie

Handboek financiële analyse van de onderneming

Handboek financiële analyse van de onderneming Handboek financiële analyse van de onderneming Theorie en toepassing op de jaarrekening Boekdeel 1 Prof. dr. Hubert OoGHE Emeritus buitengewoon hoogleraar aan de Vlerick Leuven Gent Management School en

Nadere informatie

Beleggen binnen of buiten de vennootschap!

Beleggen binnen of buiten de vennootschap! Beleggen binnen of buiten de vennootschap! Iven De Hoon BELEGGEN BINNEN OF BUITEN DE VENNOOTSCHAP 1. Beïnvloedt een belegging de vennootschapsbelasting?... 3 2. Beïnvloedt een belegging de notionele intrestaftrek?...

Nadere informatie

INHOUD. Lijst van tabellen... Lijst van figuren... Inleiding... xxi

INHOUD. Lijst van tabellen... Lijst van figuren... Inleiding... xxi INHOUD Voor een eerste kennismaking of een inleidende cursus kunnen de delen met * weggelaten worden. Lijst van tabellen.............................................. Lijst van figuren..............................................

Nadere informatie

De waarheid over de notionele intrestaftrek

De waarheid over de notionele intrestaftrek De waarheid over de notionele intrestaftrek Februari 2008 Wat is de notionele intrestaftrek? Notionele intrestaftrek, een moeilijke term voor een eenvoudig principe. Vennootschappen kunnen een bepaald

Nadere informatie

Inhoud WOORD VOORAF... 1 1. INLEIDING... 3

Inhoud WOORD VOORAF... 1 1. INLEIDING... 3 WOORD VOORAF.......................................................... 1 1. INLEIDING............................................................. 3 2. PUBLICATIEVERPLICHTINGEN...........................................

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2013/14 De boekhoudkundige verwerking van de uitgestelde belastingen bij gerealiseerde meerwaarden waarvoor de uitgestelde belastingregeling geldt en bij

Nadere informatie

Werkkapitaal, Equity cashflow, Entity cashflow en Discretionary Cashflow

Werkkapitaal, Equity cashflow, Entity cashflow en Discretionary Cashflow Werkkapitaal, Equity cashflow, Entity cashflow en Discretionary Cashflow Er is al heel wat gezegd en geschreven over het onderwerp Cash Flows. Wat ons blijft verbazen is hoe onvolledig deze publicaties

Nadere informatie

Inhoud WOORD VOORAF... 1 1. INLEIDING... 3

Inhoud WOORD VOORAF... 1 1. INLEIDING... 3 Inhoud WOORD VOORAF.......................................................... 1 1. INLEIDING............................................................. 3 2. PUBLICATIEVERPLICHTINGEN..........................................

Nadere informatie

Aanslagjaar 2015 - Inkomsten 2014

Aanslagjaar 2015 - Inkomsten 2014 EENDRACHT MAAKT MACHT Federale Overheidsdienst FINANCIEN NOTIONELE INTERESTAFTREK: uniek en innoverend belastingvoordeel in België Aanslagjaar 2015 - Inkomsten 2014 www.business.belgium.be 2 Inhoud 4 Waarover

Nadere informatie

Rentabiliteitsratio s

Rentabiliteitsratio s 18 Rentabiliteitsratio s Nu we de begrippen balans, resultatenrekening en kasstromentabel onder de knie hebben, kunnen we overgaan tot het meer interessante werk, nl. het onderzoek naar de performantie

Nadere informatie

SOLVABILITEIT SOLVABILITEIT

SOLVABILITEIT SOLVABILITEIT KDT Financiele analyse P04.01 1 SOLVABILITEIT KDT Financiele analyse P04.01 2 SOLVABILITEIT In hoeverre is een onderneming in staat haar financiële verplichtingen inzake intrestbetaling en schuldaflossing

Nadere informatie

Business Valuation : groeiend belang

Business Valuation : groeiend belang Business Valuation : groeiend belang Inleiding Vandaag de dag worden we steeds vaker geconfronteerd met de vraag hoeveel een onderneming waard is en of ze gelet op de huidige crisis financieel gezond is.

Nadere informatie

Hfst 6 : Solvabiliteit

Hfst 6 : Solvabiliteit Hfst 6 : Solvabiliteit De financiële draagkracht op LT wordt bekeken. Belangrijk voor de relatie tussen een onderneming en haar financiële instelling(en). 3 aspecten van solvabiliteit: 1. Statische solvabiliteit:

Nadere informatie

Uw bankier en verzekeraar. Notionele interestaftrek De fiscale beloning voor risicokapitaal

Uw bankier en verzekeraar. Notionele interestaftrek De fiscale beloning voor risicokapitaal Uw bankier en verzekeraar Notionele interestaftrek De fiscale beloning voor risicokapitaal Inhoud 1. Notionele interestaftrek: stimulerende maatregel voor ondernemerschap 3 2. Hoe werkt het? 4 3. Voorbeelden

Nadere informatie

RENTABILITEIT RENTABILITEIT. winst = continuïteit. = studie resultatenrekening = maakt onderneming voldoende winst?

RENTABILITEIT RENTABILITEIT. winst = continuïteit. = studie resultatenrekening = maakt onderneming voldoende winst? KDT Financiele analyse P05.01 1 RENTABILITEIT KDT Financiele analyse P05.01 2 RENTABILITEIT = studie resultatenrekening = maakt onderneming voldoende winst? winst = continuïteit 1 KDT Financiele analyse

Nadere informatie

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2013

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2013 Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM Rapport inzake de jaarrekening 2013 Inhoudsopgave Pagina Opdracht 1 Algemeen 1 Resultaten 1 Financiële positie 2 Kengetallen

Nadere informatie

Luca Pacioli. Portret van Luca Paciolis door Jacopo de Barbari, 1495. Luca Bartolomeo de Pacioli was een Italiaans wiskundige.

Luca Pacioli. Portret van Luca Paciolis door Jacopo de Barbari, 1495. Luca Bartolomeo de Pacioli was een Italiaans wiskundige. 33. Dubbele boekhouding. 33.1 Een beetje geschiedenis. De dubbele boekhouding werd uitgevonden door kooplieden uit Venetië en voor het eerst neergeschreven in 1494 door een Italiaanse monnik Luca Pacioli.

Nadere informatie

Meerwaarden op aandelen: Vindt u uw weg in de praktijk?

Meerwaarden op aandelen: Vindt u uw weg in de praktijk? Meerwaarden op aandelen: Vindt u uw weg in de praktijk? De programmawet van 27 december 2012 heeft een nieuwe belasting op meerwaarden op aandelen ingevoerd. Meer dan één jaar na de inwerkingtreding, blijven

Nadere informatie

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2014

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2014 Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM Rapport inzake de jaarrekening 2014 Inhoudsopgave Pagina Opdracht 1 Algemeen 1 Resultaten 1 Financiële positie 2 Kengetallen

Nadere informatie

DOSSIER N BUDGET/FEDCOM/2015/02 - Annexe 2.4. Balanscentrale. Ondernemingsdossier

DOSSIER N BUDGET/FEDCOM/2015/02 - Annexe 2.4. Balanscentrale. Ondernemingsdossier DOSSIER N BUDGET/FEDCOM/2015/02 - Annexe 2.4 Balanscentrale Ondernemingsdossier Beknopte handleiding Oktober 2008 Inleiding De Balanscentrale van de Nationale Bank van België (NBB) staat in voor de verspreiding

Nadere informatie

Prof. dr. Stijn Goeminne, Faculteit Economie & Bedrijfskunde, Universiteit Gent

Prof. dr. Stijn Goeminne, Faculteit Economie & Bedrijfskunde, Universiteit Gent De boekhoudkundige verwerking van uitgestelde belastingen bij gerealiseerde meerwaarden waarvoor de uitgestelde belastingregeling geldt en bij kapitaalsubsidies Prof. dr. Stijn Goeminne, Faculteit Economie

Nadere informatie

Oefenopgaven Hoofdstuk 8

Oefenopgaven Hoofdstuk 8 Oefenopgaven Hoofdstuk 8 Opgave 1 Hazelkoning Onderneming Hazelkoning NV heeft 7 jaar geleden een obligatielening uitgegeven met een oorspronkelijke looptijd van 30 jaar. De couponrente van de lening bedraagt

Nadere informatie

Geïntegreerd praktijkproject

Geïntegreerd praktijkproject 2BM Accountancy-Fiscaliteit CAMPUS Geel Geïntegreerd praktijkproject Jaarrekening & Vennootschapsbelasting opdracht Jochen Vervoort Vincent Keustermans Jeroen Julien Jasper De Kinderen Toon Van Herck Tom

Nadere informatie

Toepassen van Adjusted Present Value

Toepassen van Adjusted Present Value Toepassen van Adjusted Present Value Blz. 1 van 8 In deze bijdrage wordt ingegaan op het berekenen van economische waarde. Naast de bekende discounted cash flow (DCF) methode wordt ook wel gebruik gemaakt

Nadere informatie

Fairness Tax lijst van nog hangende problemen

Fairness Tax lijst van nog hangende problemen Fairness Tax lijst van nog hangende problemen De problemen die rijzen door de wet van 30 juli 2013 kunnen in 4 categorieën worden gerangschikt: - gewenste bevestigingen - gewenste verduidelijkingen - gewenste

Nadere informatie

Aftrek voor risicokapitaal

Aftrek voor risicokapitaal Opgave 275C 1/2 Benaming :............... Ondernemingsnummer :... Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen Aftrek voor risicokapitaal AANSLAGJAAR

Nadere informatie

onderneming : Algemene informatie Naam onderneming Ondernemingsvorm (maak een keuze uit de lijst) Minimum geplaatst kapitaal 18.

onderneming : Algemene informatie Naam onderneming Ondernemingsvorm (maak een keuze uit de lijst) Minimum geplaatst kapitaal 18. bij oprichting Algemene informatie Naam onderneming Ondernemingsvorm (maak een keuze uit de lijst) Minimum geplaatst kapitaal Kapitaal volgens oprichtingsstatuten Minimum inbreng in speciën jaar 1 18.550,00

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. Advies van 4 september 2013 1

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. Advies van 4 september 2013 1 COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2013/12 - Erkenning van de opbrengsten en kosten die overeenstemmen met interesten en royalty's, evenals de toewijzing van de resultaten in de vorm van

Nadere informatie

Onderneming en omgeving - Economisch gereedschap

Onderneming en omgeving - Economisch gereedschap Onderneming en omgeving - Economisch gereedschap 1 Rekenen met procenten, basispunten en procentpunten... 1 2 Werken met indexcijfers... 3 3 Grafieken maken en lezen... 5 4a Tweedegraads functie: de parabool...

Nadere informatie

Module 4 Inzicht in cijfers

Module 4 Inzicht in cijfers Geleerd in vorige presentaties Module 4 Inzicht in cijfers 1. Balans in detail 2. Kengetallen Les 4. Vergelijk je resultaten op 4 manieren + maak goede investeringsbeslissingen Les 4 Vergelijk je resultaten

Nadere informatie

We gaan de winstgevendheid van een onderneming analyseren. DOEL: - hoe verliezen oplossen? - financieren met VV vanuit rentabiliteitsstandpunt?

We gaan de winstgevendheid van een onderneming analyseren. DOEL: - hoe verliezen oplossen? - financieren met VV vanuit rentabiliteitsstandpunt? Hfst 7: Rentabiliteit We gaan de winstgevendheid van een onderneming analyseren. DOEL: - hoe verliezen oplossen? - financieren met VV vanuit rentabiliteitsstandpunt? Goede rentabiliteit heeft ook z n invloed

Nadere informatie

Keuzemogelijkheid tussen de notionele interestaftrek en de investeringsreserve Bespreking aan de hand van een voorbeeld

Keuzemogelijkheid tussen de notionele interestaftrek en de investeringsreserve Bespreking aan de hand van een voorbeeld Keuzemogelijkheid tussen de notionele interestaftrek en de investeringsreserve Bespreking aan de hand van een voorbeeld Inleiding Investeringsreserve We kennen de investeringsreserve die een vennootschap

Nadere informatie

Principe. Daarom heeft de wetgever 2 belangrijke beperkingen ingevoerd. Beperking 1: maximumstand rekening-courant

Principe. Daarom heeft de wetgever 2 belangrijke beperkingen ingevoerd. Beperking 1: maximumstand rekening-courant Welke interest mag u nu betalen op uw rekening-courant? Welke interest mag u nu betalen op uw rekening-courant?... Principe... Beperking 1: maximumstand rekening-courant... Een voorbeeld verduidelijkt

Nadere informatie

FINANCIËLE RAPPORTAGE FUNDEREND ONDERWIJS. Utrecht, november 2014

FINANCIËLE RAPPORTAGE FUNDEREND ONDERWIJS. Utrecht, november 2014 FINANCIËLE RAPPORTAGE FUNDEREND ONDERWIJS 2014 Utrecht, november 2014 INHOUD Inleiding 5 1 Basisonderwijs en speciaal basisonderwijs 7 2 Expertisecentra 10 3 Voortgezet onderwijs 12 4 Samenwerkingsverbanden

Nadere informatie

De gemiddelde vermogenskosten en optimale vermogensstructuur

De gemiddelde vermogenskosten en optimale vermogensstructuur Hoofdstuk 5 De gemiddelde vermogenskosten en optimale vermogensstructuur 5.1 Inleiding In de vorige hoofdstukken hebben we het vreemd vermogen en het eigen vermogen van een onderneming besproken. De partijen

Nadere informatie

Aanslagjaar 2013 - Inkomsten 2012

Aanslagjaar 2013 - Inkomsten 2012 EENDRACHT MAAKT MACHT Federale Overheidsdienst FINANCIEN NOTIONELE INTERESTAFTREK: uniek en innoverend belastingvoordeel in België Aanslagjaar 2013 - Inkomsten 2012 www.invest.belgium.be 2 Inhoud 4 Waarover

Nadere informatie

Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015

Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015 Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015 Het model van het aangifteformulier voor aj. 2015 is verschenen in het Belgisch Staatsblad

Nadere informatie

Financiële hefboomwerking

Financiële hefboomwerking 17 Financiële hefboomwerking Waarom gaan ondernemingen dan schulden aan, kan men zich terecht afvragen? Het antwoord ligt bij de kost van het alternatief. Schulden kosten aanzienlijk minder dan. Er werd

Nadere informatie

Duvel Moortgat : courante netto winst +16%

Duvel Moortgat : courante netto winst +16% 15 Maart 2000 Duvel Moortgat : courante netto winst +16% Markante feiten van 1999 Beursintroductie: Duvel Moortgat werd begin juni geïntroduceerd op de Beurs van Brussel. Participatie in Noord Amerikaanse

Nadere informatie

BUSINESS VALUATION UITWERKING TOPAAS B.V.

BUSINESS VALUATION UITWERKING TOPAAS B.V. BUSINESS VALUATION UITWERKING TOPAAS B.V. VERONDERSTELLINGEN Vraagprijs 2.500.000 (pand en inventaris). Inkomsten: In totaal 40 kamers; Bezetting kamers: T1 45%, T2 52%, T3 63%, vanaf T4 en verder 68%;

Nadere informatie

Uitwerking opgaven Brugboek 19.3, 19.5, 19.6 t/m 19.20 en 19.22

Uitwerking opgaven Brugboek 19.3, 19.5, 19.6 t/m 19.20 en 19.22 Uitwerking opgaven Brugboek 19.3, 19.5, 19.6 t/m 19.20 en 19.22 T/m 19.12 zijn activiteitskengetallen. Vanaf 19.13 Rentabiliteitskengetallen Opgave 19.3 A. Bereken de gemiddelde voorraad over 2013 Q1 1-1

Nadere informatie

FINANCIËLE SITUATIE EN EVOLUTIE VAN DE ONDERNEMING

FINANCIËLE SITUATIE EN EVOLUTIE VAN DE ONDERNEMING BEDRIJFSWETENSCHAPPEN Hoofdstuk 6: FINANCIËLE SITUATIE EN EVOLUTIE VAN DE ONDERNEMING Indeling: 1. Beschrijving van de ondernemingssituatie 2. Balansanalyse 3. Omloopsnelheid en -tijd Financiële analyse

Nadere informatie

Bedrijfseconomie. B-cluster BBBBEC2A.1

Bedrijfseconomie. B-cluster BBBBEC2A.1 Bedrijfseconomie B-cluster BBBBEC2A.1 Succes met leren Leuk dat je onze bundels hebt gedownload. Met deze bundels hopen we dat het leren een stuk makkelijker wordt. We proberen de beste samenvattingen

Nadere informatie

Fiscaliteit van beleggingen door een vennootschap. Jobert Van In 05/12/2013

Fiscaliteit van beleggingen door een vennootschap. Jobert Van In 05/12/2013 Fiscaliteit van beleggingen door een vennootschap Jobert Van In 05/12/2013 Fiscaliteit van beleggingen door een vennootschap 5 kernvragen 1. Welke impact heeft de RV? 2. Komt de toepassing van het Verlaagd

Nadere informatie

2. Wat is het fiscale voordeel?

2. Wat is het fiscale voordeel? 2. Wat is het fiscale voordeel? 2.1. verlaagd tarief behouden Bij twee van de voorwaarden om recht te hebben op het verlaagd tarief, is het kapitaal van belang. Het bedrag van het kapitaal kan van belang

Nadere informatie

Dossier regionale luchthavens. 0. Aanleiding:

Dossier regionale luchthavens. 0. Aanleiding: Dossier regionale luchthavens 0. Aanleiding: In 2004 presenteerde het Vlaams Forum Luchtvaart een rapport en aanbevelingen aan de Vlaamse regering over de luchtvaart in Vlaanderen [2]. Belangrijk onderdeel

Nadere informatie

Aanvulling Management en organisatie in Balans vwo in verband met de expliciteringen van de examencommissie

Aanvulling Management en organisatie in Balans vwo in verband met de expliciteringen van de examencommissie Aanvulling Management en organisatie in Balans vwo in verband met de expliciteringen van de examencommissie Eindterm: het noemen van de relevante belastingen bij de diverse rechtsvormen Je kunt - de relevante

Nadere informatie

Kredietverlening aan Vlaamse ondernemingen

Kredietverlening aan Vlaamse ondernemingen Kredietverlening aan Vlaamse ondernemingen Monitoring Rapport: Mei 212 Jan van Nispen Inleiding De start van de financiële crisis ligt nu al enkele jaren achter ons, maar in 211 voelden we nog steeds de

Nadere informatie

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)!

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Vragen aangeduid met een * toetsen in het bijzonder het inzicht en toepassingsvermogen. Deze vragenreeksen zijn vrij beschikbaar.

Nadere informatie

Financiële analyse. Les 3 Kengetallen. Opdracht voor volgende lesweek

Financiële analyse. Les 3 Kengetallen. Opdracht voor volgende lesweek Financiële analyse Les 3 Kengetallen Opdracht voor volgende lesweek 1. Ieder teamlid download de financiele gegevens en berekent voor zijn bedrijf uit elke categorie van kengetallen (liquiditeit, solvabiliteit,

Nadere informatie

Voor wat dividenduitkeringen uit vennootschappen betreft, zijn er verregaande wijzigingen aan het fiscaal regime dat die ondergaan.

Voor wat dividenduitkeringen uit vennootschappen betreft, zijn er verregaande wijzigingen aan het fiscaal regime dat die ondergaan. Beste klant, Voor wat dividenduitkeringen uit vennootschappen betreft, zijn er verregaande wijzigingen aan het fiscaal regime dat die ondergaan. 1. De belangrijkste wijziging betreft de roerende voorheffing

Nadere informatie

Financieel Management

Financieel Management Financieel Management Vorige week Introductie financieel management Investeringsplan, financieringsplan en exploitatiebegroting Balans Liquiditeitsbegroting (meer in week 6) Berekening inkomen en vermogen

Nadere informatie

BESTEMMING VAN HET RESULTAAT

BESTEMMING VAN HET RESULTAAT BEDRIJFSWETENSCHAPPEN Hoofdstuk 4: BESTEMMING VAN HET RESULTAAT Indeling: 1. Juridische aspecten 2. Boekhoudkundige verwerking 3. Gevolgen voor de financiële structuur van de onderneming Bestemming resultaat

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Moore Stephens Informatief 148 www.moorestephens.be Onderwerp Welke interest mag u nu betalen op uw rekening-courant? Datum 24 september 2014 Copyright and disclaimer De inhoud van dit document

Nadere informatie

Die reserves kan men al dan niet uitkeren (= dividenduitkering) tegen een gunstig tarief (zie tabel hieronder).

Die reserves kan men al dan niet uitkeren (= dividenduitkering) tegen een gunstig tarief (zie tabel hieronder). Beste Vanaf aanslagjaar 2015 (vanaf boekjaar per kalenderjaar 31/12/2014) kunnen liquidatiereserves in de vennootschap worden aangelegd tijdens de resultaatbestemming. Dit betekent dat een kleine vennootschap

Nadere informatie

DCFA themabijeenkomst

DCFA themabijeenkomst DCFA themabijeenkomst 25 april 2013 Waarderen in crisistijd José de Wit RA RV Programma Introductie Prijs / waarde Invloed crisis op waarderen? Valkuilen bij waarderen Prijs Transactie onderhandelen over

Nadere informatie

Kredietverlening aan Vlaamse ondernemingen

Kredietverlening aan Vlaamse ondernemingen Kredietverlening aan Vlaamse ondernemingen Monitoring Rapport: Januari 2012 Jan van Nispen Inleiding Sinds 2008 zijn woorden zoals crisis, financieringsproblemen, waarborgen en bailouts niet meer uit de

Nadere informatie

Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement

Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement Na de Kamer van volksvertegenwoordigers heeft gisteren ook de Senaat diverse fiscale

Nadere informatie

Grote vennootschappen wat zijn de gevolgen

Grote vennootschappen wat zijn de gevolgen Grote vennootschappen wat zijn de gevolgen Inhoudsopgave Sociaal... Fiscaal... Het onderscheid tussen kleine en grote vennootschappen wordt gemaakt op basis... De fiscale voordelen van een kleine vennootschappen

Nadere informatie

Agenda. Wie is De Hooge Waerder?

Agenda. Wie is De Hooge Waerder? 1 Agenda 1. Wie is De Hooge Waerder? 2. Wat is mijn bedrijf waard? 3. Is uw bedrijf verkoopklaar? Vestigingen Wie is De Hooge Waerder? 2 Wie is De Hooge Waerder? Divisies: op alle vestigingen zijn alle

Nadere informatie

De meest frequente Engelse waarderingstermen toegelicht

De meest frequente Engelse waarderingstermen toegelicht De meest frequente Engelse waarderingstermen toegelicht In publicaties betreffende waarderingen van ondernemingen worden we vaak geconfronteerd met diverse Engelse termen, al dan niet eenvoudig te plaatsen

Nadere informatie

Ratioanalyse 2011. Lotus Bakeries

Ratioanalyse 2011. Lotus Bakeries Ratioanalyse 211 Lotus Bakeries Kerncijfers Eigen vermogen 4.6.774, 39.42.233, 41.138.39, 31.919.68, 27.23.119, 4 4 3 3 2 2 1 1 Berekening: 1/1 Omzet 148.47.79, 138.119.71, 141.838.84, 146.339.94, 123.196.137,

Nadere informatie

Ratioanalyse 2010. Lotus Bakeries

Ratioanalyse 2010. Lotus Bakeries Ratioanalyse 21 Lotus Bakeries Kerncijfers Eigen vermogen 39.42.233, 41.138.39, 31.919.68, 27.23.119, 27.78.737, 4 4 3 3 2 2 1 1 Berekening: 1/1 Omzet 138.119.71, 141.838.84, 146.339.94, 123.196.137, 114.962.163,

Nadere informatie

Hoe kan u het balans management van uw onderneming optimaliseren?

Hoe kan u het balans management van uw onderneming optimaliseren? Company NV Hoe kan u het balans management van uw onderneming optimaliseren? Hasselt 16/10/2013 2013 Deloitte Fiduciaire Contactgegevens Voor inlichtingen met betrekking tot dit document, kunt u terecht

Nadere informatie

VERSLAG AAN DE KONING

VERSLAG AAN DE KONING VERSLAG AAN DE KONING Sire, Het besluit dat wij de eer hebben aan de handtekening van Uwe Majesteit voor te leggen regelt de uitvoering van de wet van 24 maart 2003 tot wijziging van de wet van 12 juni

Nadere informatie

JAARVERSLAG 2014 2011 EV HAARLEM. Haarlem, 7 april 2015 - 1 - STICHTING DE WERELD KINDERTHEATER Gasthuisvest 47

JAARVERSLAG 2014 2011 EV HAARLEM. Haarlem, 7 april 2015 - 1 - STICHTING DE WERELD KINDERTHEATER Gasthuisvest 47 JAARVERSLAG 2014 STICHTING DE WERELD KINDERTHEATER Gasthuisvest 47 2011 EV HAARLEM Haarlem, 7 april 2015-1 - INHOUDSOPGAVE Pagina RAPPORT 1 Opdracht 3 2 Resultaat 4 3 Financiële positie 5 4 Kengetallen

Nadere informatie

Gelden onttrekken aan de vennootschap. Een aantal mogelijkheden.

Gelden onttrekken aan de vennootschap. Een aantal mogelijkheden. Gelden onttrekken aan de vennootschap. Een aantal mogelijkheden. Iven De Hoon Gelden onttrekken aan de vennootschap : een aantal mogelijkheden Een vennootschap wordt opgericht vanuit verschillende verwachtingen.

Nadere informatie

De reële effecten van de notionele interestaftrek

De reële effecten van de notionele interestaftrek UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE ACADEMIEJAAR 2013 2014 De reële effecten van de notionele interestaftrek Masterproef voorgedragen tot het bekomen van de graad van Master of Science

Nadere informatie

I. INLEIDING. http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments&i...

I. INLEIDING. http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments&i... Page 1 of 12 Home > Circulaire AAFisc Nr. 13/2014 (nr. Ci.RH.421/630.788) dd. 03.04.2014 Algemene Administratie van de Fiscaliteit - Operationele Expertise en Ondersteuning Dienst VENB Vennootschapsbelasting/Belasting

Nadere informatie

1 november 2011 Examenhal (18:30 21:30)

1 november 2011 Examenhal (18:30 21:30) Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen Naam: Studentnummer: Tentamen Financiering voor Vastgoedkunde Antwoordsuggesties 1 november 2011 Examenhal (18:30 21:30) Omcirkel het meest juiste antwoord bij de Multiple

Nadere informatie

Kenmerkende gegevens DE 1. Ondernemingsdossier BE 0999.999.999 Brussel, 31 mei 2013. Balanscentrale. Ondernemingsnummer 0999.999.

Kenmerkende gegevens DE 1. Ondernemingsdossier BE 0999.999.999 Brussel, 31 mei 2013. Balanscentrale. Ondernemingsnummer 0999.999. Balanscentrale de Berlaimontlaan 14 BE-1000 Brussel Tel. +32 2 221 30 01 Fax + 32 2 221 32 66 helpdesk.ba@nbb.be www.nbb.be ondernemingsnummer: 0203.201.340 RPR Brussel Ondernemingsdossier BE 0999.999.999

Nadere informatie

DIVIDEND Wanneer moet u een dividend toekennen? Wanneer mag u geen dividend toekennen? Wanneer fiscaal gezien een goede keuze?

DIVIDEND Wanneer moet u een dividend toekennen? Wanneer mag u geen dividend toekennen? Wanneer fiscaal gezien een goede keuze? Binnenkort moet u op de jaarvergadering een bestemming geven aan de winst voor boekjaar 2014. U kunt die winst uitkeren als dividend of tantième of ze reserveren. Wanneer is een bepaalde winstbestemming

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Moore Stephens Verschelden www.moorestephens.be Onderwerp De investeringsreserve: terug van nooit weggeweest Datum 11 mei 2012 Copyright and disclaimer De inhoud van dit document kan onderworpen

Nadere informatie

(de Vennootschap ) BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 582 VAN HET WETBOEK VAN VENNOOTSCHAPPEN

(de Vennootschap ) BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 582 VAN HET WETBOEK VAN VENNOOTSCHAPPEN DECEUNINCK Naamloze vennootschap die een openbaar beroep doet of heeft gedaan op het spaarwezen 8800 Roeselare, Brugsesteenweg 374 Btw BE 0405.548.486 RPR Kortrijk (de Vennootschap ) BIJZONDER VERSLAG

Nadere informatie

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Verschillende factoren bepalen het aantal arbeidsongevallen. Sommige van die factoren zijn meetbaar. Denken we daarbij

Nadere informatie

HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO

HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO HOGE RAAD VOOR DE ZELFSTANDIGEN EN DE KMO N KMO beleid - BVBA Starter A04 Brussel, 22.10.2009 MH/MG/JDH ADVIES OP EIGEN INITIATIEF over EEN WETSONTWERP TOT WIJZIGING VAN HET WETBOEK VAN VENNOOTSCHAPPEN

Nadere informatie

VASTGOED EN VENNOOTSCHAP AANKOOP VAN VASTGOED DOOR DE VENNOOTSCHAP

VASTGOED EN VENNOOTSCHAP AANKOOP VAN VASTGOED DOOR DE VENNOOTSCHAP VASTGOED EN VENNOOTSCHAP AANKOOP VAN VASTGOED DOOR DE VENNOOTSCHAP Iven De Hoon VASTGOED EN VENNOOTSCHAP 2 INLEIDING 2 DE AANKOOP DOOR DE VENNOOTSCHAP 3 VOOR- EN NADELEN VAN EEN ONROEREND GOED IN EEN VENNOOTSCHAP

Nadere informatie

Kostprijs van een zichtrekening in België Analyse voor de periode 2008 tot 2011

Kostprijs van een zichtrekening in België Analyse voor de periode 2008 tot 2011 Kostprijs van een zichtrekening in België Analyse voor de periode 2008 tot 2011 1 2 De voorwaarden scheppen voor een competitieve, duurzame en evenwichtige werking van de goederen- en Inhoud 1. Achtergrond

Nadere informatie

Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur

Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Dit examen bestaat uit 8 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 30 meerkeuzevragen (maximaal

Nadere informatie

VERSLAG VAN DE COMMISSARIS R0403 UITGIFTE VAN AANDELEN ZONDER VERMELDING VAN NOMINALE WAARDE BENEDEN FRACTIEWAARDE

VERSLAG VAN DE COMMISSARIS R0403 UITGIFTE VAN AANDELEN ZONDER VERMELDING VAN NOMINALE WAARDE BENEDEN FRACTIEWAARDE VERSLAG VAN DE COMMISSARIS R0403 UITGIFTE VAN AANDELEN ZONDER VERMELDING VAN NOMINALE WAARDE BENEDEN FRACTIEWAARDE IN KADER VAN ARTIKEL 582 VAN HET WETBOEK VAN VENNOOTSCHAPPEN 4ENERGY INVEST NV GEVESTIGD

Nadere informatie

TOELICHTEND INFORMATIEMEMORANDUM

TOELICHTEND INFORMATIEMEMORANDUM TOELICHTEND INFORMATIEMEMORANDUM met betrekking tot de Gecombineerde Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders (de"vergadering") van Insinger de Beaufort Umbrella Fund N.V. (de "Vennootschap")

Nadere informatie

Jaarbericht. Weller Vastgoed Ontwikkeling Secundus BV

Jaarbericht. Weller Vastgoed Ontwikkeling Secundus BV Jaarbericht Weller Vastgoed Ontwikkeling Secundus BV 2014 Inhoudsopgave 1. Algemeen 2 2. Jaarrekening 3 2.1 Balans per 31-12-2014 (voor winstbestemming) 3 2.2 Winst en verliesrekening over 2014 4 2.3 Kasstroomoverzicht

Nadere informatie

Nieuwe gewaarborgde rentevoeten voor de pensioenplannen die afgesloten worden door een onderneming Vragen & Antwoorden

Nieuwe gewaarborgde rentevoeten voor de pensioenplannen die afgesloten worden door een onderneming Vragen & Antwoorden Nieuwe gewaarborgde rentevoeten voor de pensioenplannen die afgesloten worden door een onderneming Vragen & Antwoorden Employee Benefits Institute 1. Welke zijn de nieuwe rentevoeten die AXA Belgium waarborgt

Nadere informatie

Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt

Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt 1 Aanpak analyse van de loterijmarkt 1. In het kader van de voorgenomen fusie tussen SENS (o.a. Staatsloterij en Miljoenenspel) en SNS

Nadere informatie

BROCHURE. De waarheid over de notionele intrestaftrek

BROCHURE. De waarheid over de notionele intrestaftrek BROCHURE De waarheid over de notionele intrestaftrek Februari 2008 Woord vooraf Men kan de stijgende inflatie en aantasting van de koopkracht van de werknemers en de uitkeringsgerechtigden niet meer negeren.

Nadere informatie

Exposure vanuit optieposities

Exposure vanuit optieposities Exposure vanuit optieposities ABN AMRO is continue bezig haar dienstverlening op het gebied van beleggen te verbeteren. Eén van die verbeteringen betreft de vaststelling van de zogenaamde exposure (blootstelling)

Nadere informatie

Vennootschapsbelastingtarief 2013 2012. Tarief voor belastbaar bedrag t/m 200.000 20% 20% Tarief over het meerdere 25% 25%

Vennootschapsbelastingtarief 2013 2012. Tarief voor belastbaar bedrag t/m 200.000 20% 20% Tarief over het meerdere 25% 25% Houd grip op de fiscale risico s als uw bv een stamrecht- of pensioensverplichting is aangegaan Fiscale spelregels 2013 voor uw bv Enkele belangrijke actualiteiten voor het ondernemen in de bv voor u op

Nadere informatie

Om een zo duidelijk mogelijk verslag te maken, hebben we de examenvragen onderverdeeld in 4 categorieën.

Om een zo duidelijk mogelijk verslag te maken, hebben we de examenvragen onderverdeeld in 4 categorieën. Beste leerling, Dit document bevat het examenverslag van het vak M&O vwo, eerste tijdvak (2014). In dit examenverslag proberen we zo goed mogelijk antwoord te geven op de volgende vraag: In hoeverre was

Nadere informatie

Berekening van de belasting

Berekening van de belasting Berekening van de belasting Gewoon stelsel van aanslag Afzonderlijke aanslagen Berekening van de belasting HOOFDSTUK III : BEREKENING VAN DE BELASTING Art. 215-219bis Afdeling I : Gewoon stelsel van aanslag

Nadere informatie

DE NOTIONELE INTERESTAFTREK

DE NOTIONELE INTERESTAFTREK DE NOTIONELE INTERESTAFTREK Jan VERHOEYE Docent Hogeschool Gent Gastprofessor Universiteit Gent Lid Commissie voor Boekhoudkundige Normen Lid Supervisory Board EFRAG MEERWAARDEN De verwezenlijkte meerwaarde

Nadere informatie

Wanneer gaat het fout met de financieringshefboom?

Wanneer gaat het fout met de financieringshefboom? Wanneer gaat het fout met de financieringshefboom? In tijden dat de verwachtingen voor toekomstige vrije geldstromen ieder jaar uitkomen werkt de financieringshefboom in het voordeel van de eigen vermogen

Nadere informatie

INHOUD. Beknopte biografie van de auteurs. HOOFDSTUK 1 Draagwijdte van het financieel beheer 1. HOOFDSTUK 2 Inleiding tot de jaarrekening 19

INHOUD. Beknopte biografie van de auteurs. HOOFDSTUK 1 Draagwijdte van het financieel beheer 1. HOOFDSTUK 2 Inleiding tot de jaarrekening 19 INHOUD Beknopte biografie van de auteurs v HOOFDSTUK 1 Draagwijdte van het financieel beheer 1 1.1. Het financieringsvraagstuk 1 1.2. Draagwijdte, organisatie en stijgend belang van de financiële functie

Nadere informatie

TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage

TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage TRANSPARANTE EN UNIFORME FISCALITEIT OP DE WAARDE DIE ONDERNEMERS CREËREN VIA HUN VENNOOTSCHAP Anonieme bijdrage De lage vennootschapsbelasting voor ondernemingen laat bedrijven toe om winst te maken.

Nadere informatie

Fundamentele analyse per aandeel (Bron: Reuters)

Fundamentele analyse per aandeel (Bron: Reuters) Fundamentele analyse per aandeel (Bron: Reuters) Deze informatie is afkomstig van derden in de zin van artikel 24.8 en 24.9 van de Algemene Voorwaarden van BinckBank en is dus niet afkomstig van BinckBank.

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR OEKHOUDKUNDIGE NORMEN CN advies 2009/11 De boekhoudkundige verwerking van partiële splitsingen Advies van 16 september 2009 Trefwoorden Partiële splitsing Inhoudsopgave I. INLEIDING II.

Nadere informatie

De financie le toestand van de Vlaamse OCMW s: analyse van de meerjarenplannen 2014-2019

De financie le toestand van de Vlaamse OCMW s: analyse van de meerjarenplannen 2014-2019 De financie le toestand van de Vlaamse OCMW s: analyse van de meerjarenplannen 2014-2019 1. Inleiding Sinds het boekjaar 2014 werken alle Vlaamse OCMW s, net als de andere lokale besturen (gemeenten, provincies,

Nadere informatie

Financieel Management

Financieel Management Financieel Management Beoordeling financieel Financiële kengetallen Activiteitskengetallen Rentabiliteitskengetallen Liquiditeitskengetallen Solvabiliteitskengetallen Productiviteitskengetallen Beleggingskengetallen

Nadere informatie

Alternatieve financiële prestatie-indicatoren. Toezicht Kwaliteit Accountantscontrole & Verslaggeving

Alternatieve financiële prestatie-indicatoren. Toezicht Kwaliteit Accountantscontrole & Verslaggeving Alternatieve financiële prestatie-indicatoren Toezicht Kwaliteit Accountantscontrole & Verslaggeving April 2014 Inhoudsopgave 1 Conclusie en samenvatting 4 2 Doelstellingen, onderzoeksopzet en definiëring

Nadere informatie

PERSNOTA. Het fiscaal resultaat zal worden vastgesteld op basis van een percentage (0,55%) op de omzet die werd behaald uit de diamanthandel.

PERSNOTA. Het fiscaal resultaat zal worden vastgesteld op basis van een percentage (0,55%) op de omzet die werd behaald uit de diamanthandel. Kabinet Minister van Financiën PERSNOTA Onderwerp Fiscale maatregelen Programmawet Datum Ministerraad 21.05.2015 Bankentaks Onze samenleving heeft de voorbije jaren heel wat inspanningen gedaan om de financiële

Nadere informatie