Speciale editie OVSG JAARVERSLAG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Speciale editie OVSG JAARVERSLAG 2008-2009"

Transcriptie

1 België - Belgique P.B Brussel X 1/1873 Tijdschrift voor het Gemeentelijk Onderwijs Een uitgave van het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap vzw Ravensteingalerij 3 bus 7, 1000 Brussel De gemeente maakt school Jaargang 9, nummer 2 december, januari, februari Speciale editie OVSG JAARVERSLAG P Afgiftekantoor Brussel X 1000 Brussel Verschijnt vier keer per jaar (september december maart juni)

2 colofon inhoud jaarverslag edito [Bij de foto] Dit nummer van Imago is meteen ons jaarverslag voor schooljaar Géén volledig overzicht van al onze activiteiten, maar een weergave aan de hand van interviews, foto s en artikels van een aantal dossiers en projecten. Op blz. 25 leest u een interview met de directeur van CVO Elishout. Dit centrum voor volwassenenonderwijs biedt ook een opleiding fotografie aan. Leraar fotografie Pieter Heremans maakte deze foto van een cursist in actie. Algemeen beleid Onthaal en aanvangsbegeleiding van nieuwe medewerkers, blz. 4 Welk onthaal voorziet OVSG voor onze nieuwe collega s? Kleuteronderwijs Pedagogische begeleiding Aan de slag met woordenschat en schooltaal in de kleuterklas, blz Basisonderwijs juridisch-administratief Ingewikkeld personeelsstatuut doet veel vragen rijzen, blz We deden een steekproef van 500 telefonische vragen die we kregen op de dienst juridisch-administratieve ondersteuning. Welke vragen krijgen we het meest? OVSG Algemeen Stedelijk en gemeentelijk onderwijs van Aalst tot Zwevegem, blz CLB Protocollering van diagnostiek, blz Een kwaliteitsvolle en gestandaardiseerde diagnostiek is een goede zaak voor kinderen met specifieke onderwijsbehoeften. Deeltijds kunstonderwijs Diversiteit van doelgroepen in de academie, blz Met welke partners kan het DKO samenwerken en welke nieuwe doelgroepen kan het aanspreken? Koepelbeleid belangenbehartiging Een nieuw decreet over de kwaliteit van onderwijs, blz. 32 Pedagogisch beleid OVSG Diverse thema s, één pedagogische aanpak, blz Verantwoordelijke uitgever Patriek Delbaere algemeen directeur OVSG Ravensteingalerij 3 bus Brussel tel fax Redactiecoördinatie Anne Berckmoes Eindredactie Frans Van Besien en Anne Berckmoes Met medewerking van Katrien Schryvers, Patriek Delbaere, Marina Vermeir, Anne Berckmoes, Michel Vanhee, Anja Vanhove, Bernadette Degeest, Jan Degreef, Liesbeth Van den Broeck, An Budts, Steven De Laet, Yolande Schulpen, Jean-Marie Neven, An Buckinckx, Johan Vandenbranden, Bavo Van Soom, Philippe Vanderschaeghe, Bob Loisen, Soetkin Bauwens, Lies Peeters, Jurgen Bal Foto cover Pieter Heremans, leraar fotografie CVO Elishout Anderlecht Foto s Rudi De Jonghe, Michel Wieczerniak, CVO Elishout, Anderlecht, Basisschool t Kompas, Duffel, Basisschool Alberreke, Antwerpen Vormgeving MWdesign Drukwerk Claes Printing Edito Onderwijs heeft steden en gemeenten nodig blz. 3 Het onderwijs staat voor belangrijke uitdagingen. Tegelijk bevinden we ons in een periode van besparingen. Een memorandum voor het stedelijk en gemeentelijk onderwijs, blz. 5 Basisonderwijs - Mondelinge taalvaardigheid: analyse van de OVSGtoets, blz. 6-8 Hoe is het gesteld met de mondelinge taalvaardigheid van onze leerlingen? Basisonderwijs Ontwikkelingsdienst Kwaliteitszorg doet uw school groeien, blz Basisonderwijs onderwijspraktijk Een gestructureerd zorgbeleid uitbouwen, blz Twee basisscholen in Antwerpen lieten zich inspireren door Handelingsgericht werken om een zorgbeleid voor de school uit te bouwen. Ze voelden zich gesteund door de nascholing en van OVSG. Basisonderwijs Handelingsgericht werken raakt verspreid, blz. 21 Secundair onderwijs Een bedrijfsstage verrijkt de klaspraktijk, blz De dienst secundair onderwijs, blz. 24 Volwassenenonderwijs Ondersteuning voor de directeur verlicht complexe opdracht, blz Koepelbeleid OVSG Auteursrechten, een nooit eindigend verhaal, blz Koepelbeleid belangenbehartiging Van een algemene naar een gedifferentieerde doorlichting, blz. 33 De dienst koepelbeleid, blz. 33 Imago wordt vanaf nu gedrukt op papier met het FSC-logo. FSC (Forest Stewardship Council) is een onafhankelijke organisatie die toezicht houdt op het verantwoord beheer van bossen in de wereld. FSC streeft naar een milieuverantwoord, sociaal gunstig en economisch leefbaar beheer van bossen. Het papier van dit tijdschrift is dus het product van een goed beheerd bos. Onderwijs heeft steden en gemeenten nodig In ons memorandum voor de nieuwe Vlaamse regering brachten we vorig schooljaar de belangrijkste vragen en verwachtingen samen van steden en gemeenten die onderwijs inrichten. Onder de titel Onderwijs heeft steden en gemeenten nodig vroegen we respect voor de gemeente als inrichter van onderwijs en als regisseur van het flankerend onderwijsbeleid. We hadden het hierbij over onderwijs als hefboom voor gelijke kansen, over de noodzaak aan gedragen en duurzame vernieuwing, over onderwijs en kwaliteit. Ook vroegen we dat de gemeente de noodzakelijke middelen en meer autonomie zou krijgen om een modern personeelsbeleid te voeren en dat in de toekomst zuinig wordt omgegaan met de vloed aan regelgeving die op besturen en scholen afkomt. Een jaar later blijven de uitdagingen brandend actueel en daarbij komt dat we ons in een totaal andere financiële context bevinden. Er moet bespaard worden, en elke euro die in het onderwijs bespaard moet worden is er eigenlijk één te veel. Onderwijs gaat immers over de toekomst van jongeren en volwassenen, over hun mogelijkheden om door te stromen naar de arbeidsmarkt en zich waar te maken in de maatschappij. In de eerste plaats is onderwijs een hefboom om gelijke kansen te creëren voor iedereen. Een gelijkekansenbeleid moet gevoerd worden op verschillende beleidsterreinen: huisvesting, inburgering, kansarmoedebestrijding, onderwijs en vorming, tewerkstelling. De gemeente kan een cruciale rol spelen om hieraan buurtgericht te werken. De lokale overheid, met de verschillende gemeentediensten en het OCMW, is het meest aangewezen om een lokaal sociaal beleid te voeren en aan te sturen. Het flankerend onderwijsbeleid geeft de gemeente de mogelijkheid om zo n beleid te voeren. Een tweede uitdaging bestaat erin om voldoende gemotiveerde en gekwalificeerde leerkrachten aan te trekken, te begeleiden en in het onderwijs te houden. Het feit dat het mentorschap in de besparingen meteen sneuvelt is een slecht signaal dat in het veld moeilijk begrepen wordt en dat is logisch. Tenslotte was het mentorschap bedoeld om beginnende leerkrachten te begeleiden en hen door goede coaching in het onderwijs te houden. We kijken dan ook uit naar het debat dat over de loopbaan van de leraar gevoerd zal worden. Alle elementen moeten hierbij tegen het licht gehouden worden: de opleiding en nascholing, de start van de loopbaan, de mogelijkheid voor zij-instromers om in het onderwijs aan de slag te gaan... In het programmadecreet 2010 wordt niet bespaard op de middelen voor schoolgebouwen op zich, maar ze worden niet geïndexeerd. De minister beloofde anderzijds om een bijkomende inhaaloperatie scholenbouw op te starten. Nog steeds, ondanks alle DBFM-plannen sinds het decreet op de inhaaloperatie scholenbouw in 2006, moet een school die een nieuw gebouw wil optrekken 6 à 7 jaar wachten vooraleer ze kan beginnen. Als het over een lagere school gaat, dan is dus al een hele schoolpopulatie weer van de banken verdwenen, vooraleer er sowieso iets gebeurt. Het wachten duurt te lang, net zoals ook de opstart van de inhaaloperatie scholenbouw veel te veel tijd in beslag neemt. Wanneer zullen onze besturen eindelijk de eerste steen kunnen leggen? Het is hoog tijd. Ten slotte is er de financiering van het onderwijs. Beschikt ons onderwijs over voldoende middelen om zijn taak te vervullen? Door de inhaalbeweging tijdens de vorige legislatuur, zijn de werkingsmiddelen gestegen en eerlijker over de netten verdeeld. Daar staat tegenover dat onderwijs voor de gemeente eigenlijk altijd maar duurder wordt. Zo vraagt het uitwerken van een lokaal flankerend onderwijsbeleid bijkomende middelen. Door de verplichte maximumfactuur is de bijdrage die aan ouders gevraagd kan worden beperkt. Ook dat kan ertoe leiden dat de rekening voor het schoolbestuur hoger oploopt. Bij de evaluatie van de maximumfactuur willen steden en gemeenten in elk geval de ervaringen uit het veld ter sprake brengen. Besparen is niet minder gaan doen, maar de dingen anders aanpakken, stelt onze nieuwe minister. Voor die andere aanpak doen steden en gemeenten graag suggesties, steeds met als doelstelling democratisch, kwaliteitsvol en zorgzaam onderwijs voor iedereen. Katrien Schryvers Voorzitter van de Raad van Bestuur van OVSG 2 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

3 algemeen beleid OVSG OVSG algemeen beleid In het schooljaar mochten we 20 nieuwe medewerkers verwelkomen. Wie start op 1 september kan rekenen op een uitgebreid onthaal. Maar ook voor wie in de loop van het schooljaar bij OVSG aan de slag gaat, proberen we een goede start te verzorgen. Het onthaal begint al vóór de eerste werkdag. De medewerkers van de logistieke dienst zorgen voor een goed uitgeruste werkplek of het nodige materiaal voor een thuiswerker. De personeelsdienst stuurt fiches over de arbeidsvoorwaarden naar de toekomstige medewerkers. Op de eerste werkdag is er een uitgebreid onthaalmoment. Medewerkers van de personeelsdienst stellen de organisatie voor, overlopen de arbeidsvoorwaarden en leggen een aantal praktische afspraken uit. In de onthaalbrochure kan iedereen alle info lezen. Elke nieuwe medewerker krijgt ook een rondleiding. Een tocht door de lange gang vol nieuwe gezichten zorgt meestal voor een zucht met de opmerking dit onthoud ik nooit op het einde. Maar deze rondleiding zorgt er wel voor dat de vele anciens in het huis een eerste contact hebben met de nieuwe collega s. En wie een gezicht vergeten is, kan op zoek gaan in het Wie-is-wieboekje. Hierin krijgt elke naam een gezicht en men vindt erin ook hoe men de medewerkers kan bereiken. Op de ICT-dienst krijgen medewerkers de noodzakelijke informatie om met de interne en externe communicatiekanalen aan de slag te gaan. Om de nieuwe medewerkers niet totaal te overdonderen op hun eerste werkdag, plannen we een tweede moment waarin meer De hele groep medewerkers van OVSG in juni 2009 te gast in Gent. Onthaal en aanvangsbegeleiding van nieuwe medewerkers Vanzelfsprekend maakt ook een organisatie als OVSG werk van het onthaal en de ondersteuning van nieuwe medewerkers. Bij OVSG werken we met verschillende diensten samen om dit zo goed mogelijk te organiseren. Op welk onthaal en welke aanvangsbegeleiding kunnen nieuwe collega s rekenen? informatie wordt gegeven. De communicatieverantwoordelijke licht afspraken toe over o.a. huisstijl, gebruik van sjablonen en communicatiekanalen. In het documentatiecentrum vernemen medewerkers hoe boeken en tijdschriften kunnen aangekocht, ontleend of opgezocht worden. Afspraken over de functioneringscyclus worden verduidelijkt door de HRM-verantwoordelijke. Aan de slag in het team Naast deze algemene introductie zorgt elke leidinggevende in zijn dienst voor een verdere inwijding. Dirk Engels, leidinggevende van de dienst pedagogische ondersteuning basisonderwijs, kreeg vorig jaar vier nieuwe mensen in een team van vijftien. Vaak komen zij recht uit de klas. Ze gaan aan de slag als nascholer over diverse thema s voor scholen en schoolteams. Hij licht even toe hoe hij nieuwe medewerkers probeert wegwijs te maken in hun nieuwe functie. Voor elke nieuwe medewerker wordt een peter of meter aangeduid. Deze meer ervaren nascholer kan de nieuwkomer praktische informatie geven en hem ook wegwijs maken in inhoudelijke thema s. De secretariaatsmedewerkers leggen het administratieve verwerkingssysteem van de nascholing uit. Zelf maak ik duidelijk wat we verwachten door samen met de medewerker een functiekaart op te maken. Wanneer de nieuwe medewerker enkele maanden in dienst is, komt er een functioneringsgesprek. Pedagogisch personeel krijgt een uitgebreide aanvangsbegeleiding via inhoudelijke vormingen en werkgroepen. Vanuit de HRM-dienst krijgen nieuwe pedagogische medewerkers in de loop van oktober twee dagen Terwijl in heel wat onderwijsdossiers nog in onderhandeling waren, begonnen we ook al te denken aan een nieuwe legislatuur. Zoals zo vele organisaties - ergens lazen we het nieuwe woord memoranda-tsunami - stelde OVSG een memorandum op met wensen en verwachtingen voor de Vlaamse partijen in de aanloop naar de Vlaamse verkiezingen van juni Hoe gingen we daarbij te werk? Eén van de sterke punten van OVSG is ons goed gestructureerd netwerk met vele platformen voor overleg op zowat alle echelons in het onderwijs. Op directeurenplatforms, overlegmomenten met vertegenwoordigers van gemeentelijke onderwijsdiensten en op interne vergaderingen verzamelden we de aandachtspunten die in deze tekst niet vorming over communicatietheorieën en begeleidingmethodieken. Tegelijkertijd leren nieuwe medewerkers van verschillende diensten elkaar iets beter kennen en krijgen ze een beter zicht op de diversiteit van de organisatie. Zo groeien nieuwe medewerkers stap voor stap in hun job. In de loop van het schooljaar wordt ook voor coaching in de praktijk gezorgd, door de leidinggevende, door collega s, door de HRM-verantwoordelijke of door een externe coach. Op intervisie- of supervisiemomenten krijgen beginnende medewerkers de kans hun vragen te bespreken. Medewerkers onthalen en begeleiden in hun eerste werkjaar is arbeidsintensief. Vooral als in een dienst verschillende nieuwe medewerkers tegelijk starten, vraagt dit een extra inspanning van de leidinggevende en de collega s om die goed te ondersteunen. Maar deze ondersteuning is essentieel om mochten ontbreken. Zo kwamen voor elk onderwijsniveau en voor elk van onze doelgroepen specifieke vragen naar boven. De directie maakte een weloverwogen selectie in overleg met de bestuurders. We brachten alles onder in een gestructureerde tekst onder de titel Onderwijs heeft steden en gemeenten nodig. Op 20 januari werd het memorandum goedgekeurd door de Raad van Bestuur van OVSG en vanaf dat moment konden we het communiceren aan de politieke partijen, aan de pers, aan het brede publiek. Het schooljaar was al voorbij toen de nieuwe minister bekend werd. Het memorandum blijft evenwel ons ijkpunt voor de bepaling van standpunten voor het onderwijsbeleid van Anne Berckmoes en Leen Dekelver onthalen nieuwe collega Inge Daems (midden).. nieuwkomers goed te laten ingroeien in hun functie en in de organisatie zodat ze in contacten met klanten en leden kwaliteitsvol werk kunnen afleveren. beleidsmedewerker HRM Een memorandum voor het stedelijk en gemeentelijk onderwijs Platform kansenbeleid Directeurenplatforms BaO Directeurenplatform SO Raad van bestuur OVSG Beleidsraad OVSG Directeurenplatform DKO Directeurenplatform VO de komende jaren. Een aantal van onze vragen en voorstellen werkten we intussen uit in technische fiches. Zo wordt duidelijk wat de uitvoering van onze voorstellen zou kosten en wat er voorts nog de gevolgen van zijn. De beleidsnota van minister Pascal Smet hielden we eveneens tegen het licht van ons Memorandum. Een aantal van onze vragen vonden we erin terug, bv. de vraag naar middelen en omkadering voor het kleuteronderwijs, een sterke regierol voor de gemeente in het kader van het flankerend onderwijsbeleid Andere vinden we fragmentarisch of helemaal niet terug. Er blijft dus werk aan de winkel. communicatie Mandaathoudersoverleg CLB Platform diensthoofden onderwijs 4 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

4 basisonderwijs basisonderwijs Mondelinge taalvaardigheid in het basisonderwijs Analyse van de OVSG-toets 2009 Elk jaar opnieuw nemen meer scholen deel aan de OVSG-toetsen voor het einde van het basisonderwijs. Vorig schooljaar telden we 694 scholen, dit betekent bijna leerlingen van het zesde leerjaar. In de analyse van de resultaten focuste de groep pedagogisch adviseurs basisonderwijs dit jaar op mondelinge taalvaardigheid. Van deze 694 scholen waren er 465 stedelijke en gemeentelijke scholen. Voor ons net betekent dit dat 95 % van de stedelijke en gemeentelijke scholen deelneemt aan deze toets. Een steeds toenemend aantal deelnemers uit andere netten maakt de stijging compleet. school vulden deze enquête in. Globaal geven leraren, via hoge scores, aan dat ze vertrouwen hebben in hun onderwijs in mondelinge taalvaardigheden. Een aantal stellingen geven echter ook een verdeelde score weer. Samengevat komt het erop neer dat een aantal leraren verwoordt dat ze niet systematisch aandacht besteden aan metacommunicatieve vaardigheden zoals functionaliteit, doel, verschillende delen van de taak en de publieksafstand. Hardop denken en reflectie op de spreek- en luistertaak zijn eveneens geen algemene verworvenheden. geen strategie kunnen verwoorden. We leiden hieruit af dat onderwijs dat inzet op het aanleren van woordverklaringstrategieën rendeert. De hoofdgedachte bepalen is niet zo gemakkelijk. Enkele leerlingen geven aan dat ze dat niet kennen uit de klas. Andere leerlingen verwoorden handige strategieën. Gezien het resultaat op deze vraag, lijkt deze vaardigheid ons een aandachtspunt. In functionele situaties probeer je de hoofdgedachte te bepalen. Functioneel betekent in deze situatie dat het bepalen van de hoofdgedachte nuttig is voor de kinderen. Overzicht aantal deelnemende scholen Spreken en luisteren De adviseurs basisonderwijs analyseren telkens een bepaald aspect van de toets. In 2009 was dat mondelinge taalvaardigheid. Wat zijn de bevindingen voor spreken en luisteren in het basisonderwijs in onze scholen? Om de mondelinge taalvaardigheid in kaart te brengen, deden we vier deelonderzoeken. We hielden een enquête bij leraren basisonderwijs over hoe ze omgaan met luisteren en spreken. Daarnaast analyseerden we de fouten van de luistertoets 2009 voor 11 scholen in Vlaanderen en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG). Ten derde gingen we in gesprek met ruim 100 zesdeklassers: we vroegen hen naar hun aanpakgedrag bij de toets luisteren en naar hun perceptie van luister- en spreeklessen op school. Ten slotte hielden we rekening met de reacties van leerkrachten op de eindproef spreken en luisteren. Enquête bij leraren basisonderwijs De enquête bij leraren stelden we op met als uitgangspunt een uit de vakliteratuur geselecteerde reeks kwaliteitsvolle elementen van onderwijs in mondelinge taalvaardigheid: 1. voldoende onderwijstijd uittrekken voor spreken en luisteren; 2. zorgen voor een positief en veilig klimaat; 3. functionele taken aanbieden; 4. interactie bevorderen; 5. de instructie over de aanpak verzorgen; 6. ondersteuning en hulp bij de taak bieden; 7. aandacht voor de communicatieve context van de spreek- en luistertaken; 8. reflectie op proces en product; 9. aandacht voor basisvaardigheden zoals: articulatie, concentratie, geluiden lokaliseren en discrimineren, auditieve analyse en synthese, geheugen...; 10. aandacht voor het fonologisch en fonemisch bewustzijn; 11. intentioneel werken aan woordenschat; 12. interactief en vertellend voorlezen; 13. aandacht voor spreken en luisteren in andere leergebieden. Deze kwaliteitsvolle kenmerken werden geformuleerd in de vorm van stellingen die door de leraren werden beoordeeld. 281 leraren uit de kleuterschool en 596 leraren uit de lagere Voor de praktische proeven van de toets knutselen de leerlingen van t Kompas in Duffel een kamishibai (Japans verteltheater) in elkaar en daarna gaan ze ermee vertellen aan de kleuters. Zo wordt techiek gekoppeld aan mondelinge taalvaardigheid. Foutenanalyse van de luistertoets 2009 Als we onze bevindingen groeperen per tekstsoort, dan stellen we het volgende vast. Met instructies kunnen onze kinderen in de toets 2009 goed aan de slag. School- en studieteksten lijken, op basis van de vragen van 2009, moeilijker voor hen. Vermoedelijk heeft dat te maken met het feit dat deze vaardigheden vaak bij begrijpend lezen worden geoefend en minder met auditief materiaal. De hoofdgedachte bepalen blijkt ook relatief moeilijk. Met reclame kunnen de leerlingen globaal genomen behoorlijk overweg. De bedoeling van de zender achterhalen is dan weer niet evident. Dit wordt ook nog bevestigd door de gesprekken met leerlingen zelf. Gesprekken met zesdeklassers Een opmerkelijke vaststelling was dat de kinderen over het algemeen goed kunnen verwoorden hoe ze tot een juist antwoord komen. We vinden dit opmerkelijk omdat dit bij de vorige onderzoeken bij de OVSG-toets vaak niet het geval was. Bovendien blijkt er een duidelijk verband tussen de oplossingsstrategie verwoorden en het juiste antwoord geven. Met andere woorden: kinderen die foutief antwoorden op de vragen, hanteren ook erg vaak geen of een foutieve oplossingsstrategie. Wat stelden we verder nog vast in de gesprekken? Kinderen kunnen relevante strategieën verwoorden om de tekstsoort te bepalen. De kinderen die een juist antwoord geven, verwoorden ook relevante strategieën. Ook hier valt op dat kinderen die een foutief antwoord geven, In de gesprekken met kinderen valt op dat ze best overweg kunnen met reclame. Het mechanisme van reclame kunnen ze echter nog onvoldoende benoemen. Als het gaat over reclameteksten, trekken we enkele opvallende conclusies. Kinderen met een hoge score kunnen goed verwoorden wie radiospots maakt en waarom men dat doet. Kinderen met een lagere score kunnen dat opvallend minder goed. Ze denken dat de radio zelf deze berichten maakt. Bovendien maken ze niet echt het verschil tussen informeren en werven. De meeste kinderen vinden reclame op televisie best leuk. Ze vinden dat reclame hen informeert over nieuwe dingen. Ze willen reclame ook niet verbieden tijdens kinderprogramma s. Het is gemakkelijk om naar het toilet te gaan, iets te drinken te nemen zonder dat ze iets missen van het programma dat ze bekijken. Veel kinderen maken wel de nuance dat reclame niet verboden moet worden, maar té veel reclame vinden ze niet goed. Uit de gesprekken valt het ons op dat kinderen best overweg kunnen met reclame. De resultaten op de toets waren ook relatief goed. Toch blijft het belangrijk om in de klas met kinderen te reflecteren op het verschil tussen informeren en werven. Heel wat kinderen interpreteren reclameboodschappen als informatieboodschappen. Reclame geeft inderdaad voor een stuk informatie, maar doet veel meer dan dat. En dat mechanisme kunnen de meeste kinderen nog onvoldoende benoemen. Kinderen denken dat ze niet veel luister- en spreeklessen krijgen. Ofwel is dat zo, ofwel herkennen ze de lessen luisteren en spreken onvoldoende. Eigenlijk staat dit in contrast met de uitspraken van de leraren in onze enquête. Bij de vragen om goede tips te geven over goed luisteren, kunnen we ons niet van de indruk ontdoen dat luisteren beperkt is tot afspelen van een cd terwijl de kinderen een 6 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

5 basisonderwijs kleuteronderwijs blad hebben en in een toetssituatie vragen oplossen over wat ze horen. Kinderen formuleren allemaal basisvaardigheden als geconcentreerd luisteren. Bij de vragen om goede tips te geven over goed spreken, formuleren kinderen basisvaardigheden zoals duidelijk articuleren, tempo en oogcontact samen met vaardigheden die te maken hebben met het houden van een spreekbeurt zoals goed leren thuis, de tekst niet opzeggen maar het eerder vertellend brengen We kunnen ons dan ook niet van de indruk ontdoen dat spreken beperkt is tot mooi spreken en het houden van een spreekbeurt. Opmerkelijk was het gesprek met enkele kinderen die slechts enkele jaren gebruikmaken van het Vlaamse onderwijs. Zij formuleren opvallend andere tips dan de andere leerlingen. Hun antwoorden zijn vooral geïnspireerd door het onder de knie krijgen van de Nederlandse taal. Conclusies Als we bovenstaande resultaten van eigen onderzoek leggen naast de resultaten van ander recent onderzoek (zie Didactische reader bij de OVSG-toets 2009) naar mondelinge taalvaardigheid, kunnen we enkele conclusies formuleren. 1. Luisteren en spreken worden veel geoefend in de school. Dit gebeurt vaak informeel (zonder dat er expliciete doelen worden geformuleerd). Door de hoeveelheid oefening verwerven kinderen heel wat mondelinge vaardigheden. 2. Reflectie op het spreken en luisteren en het inoefenen van strategieën is geen systematische verworvenheid in het onderwijs. 3. Voor het aanbieden van taken binnen luister- en spreekonderwijs blijken vaak dezelfde didactische werkvormen gebruikt te worden. De variatie neemt af hoe ouder de kinderen worden. 4. Kansengroepen scoren negatief. 5. Luisteren en spreken worden vaak als afzonderlijk deelgebied geoefend. Gesprekstechnieken die deze vormen combineren komen weinig aan bod. Het luik gespreksvaardigheden uit het leerplan spreken is o.i. weinig bekend. Nochtans is deze interactie heel belangrijk. Uit Nederlands onderzoek blijkt o.a. dat iemand overtuigen, samen een beslissing nemen, ook voor leerlingen van het zesde leerjaar geen evidente vaardigheden zijn. diensthoofd basisonderwijs t Kompas, Duffel Aan de slag met woordenschat en schooltaal in de kleuterklas Een rijke woordenschat blijkt een belangrijk aspect te zijn van de taalontwikkeling. In bijna alle vakgebieden op school speelt woordenschat een doorslaggevende rol. Het ene kind stapt de kleuterschool binnen met een rijke woordenschat, een andere kleuter moet het met heel wat minder stellen. Leerkrachten kunnen door een sterke klemtoon te leggen op woordenschat de kloof tussen taalrijk en taalarm helpen dichten. Voldoende reden om er bewust aandacht en tijd aan te besteden, en liefst zo vroeg mogelijk. Voor scholen die in het kader van het project tweedelijnsondersteuning kleuterparticipatie (2KP) begeleid worden, is dit niet nieuw. 112 basisscholen konden vorig schooljaar al proeven van woordenschatverwerving op schooloverstijgende vormingen die werden gegeven in alle 2KP-regio s. Tijdens deze vorming ondervonden leraren aan den lijve hoe belangrijk woordenschat is als onmisbare bouwsteen van taalvaardigheid. We startten met het voorlezen van een verhaal dat gedeeltelijk uit onbestaande woorden was opgebouwd. Uit onderzoek blijkt immers dat je 90 % van de woorden in een tekst moet kennen, wil je écht begrijpen waar het over gaat. Als dat niet het geval is, gaat de inhoud aan de toehoorder voorbij. Toch is dit realiteit voor heel wat kleuters. Geen taal, geen inhoud In klassituaties gebeurt wel eens het volgende. De leerkracht vertelt een verhaal en nadien stelt zij of hij vragen om te achterhalen of de kleuters het begrepen hebben. De kleuters antwoorden op de reproductieve vragen, maar door een te oppervlakkige woordkennis kunnen ze de inhoud niet ten volle vatten. Ze genieten van het voorleesmoment vanwege de gezelligheid, de mimiek van de juf, de mooie prenten maar het brengt hun weinig bij. Ze leren geen taal, ze leren geen inhoud. Een spijtige zaak, zeker als je bedenkt dat verhalen vertellen en voorlezen een belangrijke plaats innemen in het werken aan de taalontwikkeling in de kleuterklas. Grotere taalvaardigheid, grotere kennis van de wereld In deze vorming kozen we voor een prentenboek als werkvorm om bewust aandacht te besteden aan woordenschatverwerving. We hanteerden hierbij het win-winmodel, dat gebaseerd is op de viertaktstrategie van Marianne Verhallen 1. Vier stappen bewust inzetten op woordenschat. Niet elk boek leent zich daartoe. Bij de keuze van het boek hou je rekening met de voorkennis van je kleuters en de moeilijkheidsgraad van de tekst. Een verhaal waar te veel onbekende woorden in staan is niet geschikt om aan woordenschatverwerving te werken, evenmin als een te gemakkelijk boek. Wij kozen als illustratie voor het boekje Nieuwe laarzen van Guido van Genechten, een heel eenvoudig boek voor de jongste kleuters, waar toch een aantal woorden in voorkomen die niet door alle kleuters gekend zijn. Vervolgens selecteer je de woorden uit het boek waar je expliciet rond gaat werken. Dit blijkt in de praktijk best wel moeilijk te zijn. Welke woorden zijn belangrijk genoeg om je kostbare onderwijstijd aan te besteden? Hiervoor zijn in de literatuur een aantal belangrijke selectiecriteria beschreven die als richtlijn dienen (zie kader). Wij focusten in het voorbeeld op rennen, spatten, klimmen, schoppen en de laarzen. KIJKWIJZER BIJ HET SELECTEREN VAN WOORDEN WEL SELECTEREN woorden die voor een deel van de leerlingen onbekend zijn functionele woorden,d.w.z. woorden die vaker voorkomen in de talige context waarmee leerlingen te maken hebben woorden die passen in de context van de activiteit woorden die verwijzen naar concrete handelingen in de thuissituatie, zoals afwassen, bakken woorden die verwijzen naar objecten die je moet zien functioneren om ze te leren gebruiken vb. rem, fototoestel woorden die nuttig zijn op school: groeien, smelten, meer, wegen zelfstandige naamwoorden met de gepaste lidwoorden werkwoorden, bijvoeglijke naamwoorden, bijwoorden en telwoorden vaste woordcombinaties zoals stijf van angst, aan de slag gaan maximum 8 à 10 woorden per activiteit NIET SELECTEREN hoog-frequente functiewoorden, zoals met en zich (uitzondering voor de lidwoorden) algemene woorden zoals gaan, doen en kunnen woorden die eenvoudig met een plaatje verduidelijkt kunnen worden synoniemen, binnen één activiteit woorden die qua vorm op elkaar lijken vb. boon-boom, binnen één activiteit Nu je duidelijk hebt afgebakend welke woordenschat je kleuters zullen leren door dit boek, plan je hoe je hen daarin zult ondersteunen. Spreken en luisteren in de praktijk De eerste stap in het win-winmodel bestaat erin doelbewust te kiezen voor een geschikt prentenboek. Boeken kunnen verschillende doelen dienen, maar in deze context willen we 1 Meer info hierover in de Didactische reader bij de OVSG-toets 2009, Mondelinge taalvaardigheid. Kleuters leren al doende In de eerste plaats zorg je ervoor dat de nieuwe woorden worden aangeboden in een ervaringscontext. Kleuters moeten woorden ontmoeten in een voor hen betekenisvolle 8 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

6 kleuteronderwijs ontwikkelingsdienst basisonderwijs situatie. Creëer momenten waarop de nieuwe woorden aan bod komen, en zorg ervoor dat kleuters actief aan de slag kunnen met die woorden. Kleuters leren al doende, en ook voor het leren van woorden is dit niet anders. Woorden betekenis geven met een prentje of door uit te leggen is minder efficiënt dan iets met die woorden doen. In ons praktijkvoorbeeld op de vorming lieten we kleuters kennismaken met de woorden rennen, spatten, klimmen door hen dit ook te laten doen. In een volgende activiteit werkten we met foto s en prenten, waarbij we ook hier weer voor spelelementen zorgden zodat het niet bleef bij woordkaarten ophangen. Natuurlijk voorzagen we ook in een moment waarop de kleuters lekker kunnen spatten in de plassen, met hun eigen laarsjes aan. De nieuwe woorden zijn ondertussen verschillende keren aan bod gekomen, hebben op een actieve manier betekenis gekregen. Nu pas lees je het prentenboek voor. Omdat de woorden niet meer nieuw zijn, hoef je je verhaal niet telkens te onderbreken om een woord uit te leggen. Trap niet in de valkuil om je taalaanbod te verarmen door bij het voorlezen moeilijke woorden te vervangen door wat al gekend is of door te vertellen in plaats van voor te lezen. Het letterlijk voorlezen is een stap die hier zeker niet vergeten mag worden. Nadat de nieuwe woorden op deze manier hun plaats hebben gevonden in de context van het verhaal, komt de verwerkingsfase. Pas in deze fase spoor je je kleuters aan om de woorden zelf te gebruiken. De uitdaging is hier om activiteiten aan te bieden die verder gaan dan een leuke uitwerking van het prentenboek. De doelstelling is te werken aan woordenschat, dus kies je activiteiten waarbij je de nieuwe woorden bewust uitlokt. Een gulden regel is dat een woord 7 keer gebruikt moet worden, in verschillende contexten, voor het beklijft! Tot slot is het belangrijk om te controleren of je je doel bereikt hebt en de kleuters de nieuwe woordenschat ook echt verworven hebben. Hebben de meeste kleuters het doel bereikt? Voor welke kleuter is nog wat meer oefentijd nodig? Dit controleren gebeurt het best door observatie. Speel mee met je kleuters, doe een spelletje of ga een gesprekje aan waarin je aanstuurt op de nieuwe woordenschat. Reacties op de vorming Tijdens de workshops werkten de leerkrachten samen een prentenboek uit volgens dit win-winmodel. Dit liep niet altijd van een leien dakje! Leerkrachten Een gebrek aan woordenschat leidt bijna altijd tot slechte schoolresultaten. Anderson & Nagy, 1992, Biemiller, 2003 ontdekten dat heel wat prentenboeken veel moeilijke woorden bevatten en voor een deel van hun kleuters eigenlijk te moeilijk zijn. Over de keuze van belangrijke woorden werd ook heel wat gediscussieerd. Bij het ontwerpen van activiteiten bleek dan weer de eindeloze creativiteit van de kleuterleerkrachten. Toch was het even opletten geblazen om niet te blijven steken bij leuke, toffe, actieve of creatieve activiteiten, maar vooral het doel voor ogen te houden: werken aan het uitbreiden van de woordenschat. Heel wat leerkrachten keerden geïnspireerd terug naar hun klas, waar ze uitgebreid aan het experimenteren gingen met woordenschat. De enthousiaste reacties na de vormingen en de vele vragen hierover tonen aan dat hiermee een bewustwording op gang is gebracht dat woordenschat een zeer belangrijke schakel is in het taalverwervingsproces. pedagogisch medewerker basisonderwijs Tweedelijnsondersteuning kleuterparticipatie of 2KP Deze ondersteuning is tot stand gekomen in het kader van het Jaar van de kleuter Het is de bedoeling een intensieve begeleiding te bieden aan kleuteronderwijzers die met een grote concentratie aan doelgroepleerlingen worden geconfronteerd. Het gaat hier om scholen die gelegen zijn in LOP-gebieden met minimaal 25 % GOK-leerlingen. Sinds schooljaar is een team van 7,5 begeleiders bij OVSG aan de slag in het kader van dit project. Zij bereikten in de loop van scholen. Ook dit schooljaar wordt de tweedelijnsondersteuning voortgezet. Scholen die niet in een regio liggen waar het project loopt, kunnen contact opnemen met de dienst nascholing basisonderwijs. De begeleiders 2KP gingen nascholing geven Met nieuwe laarzen. Op de foto van links naar rechts: Danny Verneirt, Hilde Van Mileghem, Linda Van Keilegom, Bernadette Degeest, Benny Merken, Tanja De Greves, Anja Vanhove en Greta Bekaert. Kwaliteitszorg doet uw school groeien Kwaliteit en kwaliteitszorg staan in de belangstelling. Van scholen wordt verwacht dat ze kwaliteitsvol onderwijs bieden, dat ze dit onderwijs kwaliteitsvol ondersteunen, dat ze beschikken over voldoende beleidvoerend vermogen om zelfstandig een kwaliteitsbeleid te voeren, dat ze onderzoek doen naar hun eigen kwaliteit en dat ze continu bezig zijn om die te verbeteren. Hoe ze dat doen laat de overheid over aan de autonomie van de scholen. Diensthoofd Jan De Greef van de ontwikkelingsdienst in gesprek met pedagogisch adviseur Marc Hendrickx. Ook pedagogisch adviseurs Johan Bossuyt en Dirk Francken maken deel uit van de werkgroep kwaliteitszorg. Het kwaliteitsdecreet 1 omschrijft wat van scholen wordt verwacht. Ditzelfde decreet geeft de sdiensten de opdracht om de scholen te ondersteunen bij de realisatie van hun pedagogisch project, het beleidvoerend vermogen van de scholen te versterken en ze te ondersteunen bij hun integrale kwaliteitszorg. De overheid ten slotte bewaakt de onderwijskwaliteit door de gedifferentieerde doorlichting. Veranderen, verbeteren, vernieuwen Vaak wordt kwaliteitszorg eenzijdig bekeken vanuit een verantwoordingsperspectief en wordt het verengd tot meten is weten. Wanneer we kwaliteitszorg verengen tot het verzamelen en analyseren van (cijfermatige) outputgegevens of tot het uitvoeren van zelfevaluaties, zal dit meestal geen blijvende 1 Decreet van 8/5/2009 betreffende de kwaliteit van het onderwijs. meerwaarde betekenen voor de ontwikkeling van de school en het leren van de leerlingen. In het beste geval kan dit een intern proces van zelfreflectie op gang brengen. Scholen zijn er zich vaak onvoldoende van bewust dat ze met activiteiten bezig zijn die rechtstreeks of onrechtstreeks te maken hebben met kwaliteit en kwaliteitszorg. Dit zichtbaar maken is een belangrijk aspect van kwaliteitszorg omdat het een eerste aanzet vormt tot reflectie en verdere ontwikkeling. Kwaliteitszorg schept mogelijkheden om met en van elkaar te leren en daardoor continu te veranderen, te verbeteren, te vernieuwen, te groeien. De school, een lerende organisatie van professionals Streven naar kwaliteit en een effectieve kwaliteitszorg maken van een school een lerende organisatie van professionals. Kwaliteitszorg is de wijze waarop de school werk maakt van haar streven om kwaliteit te leveren en te waarborgen. Kwaliteitszorg heeft een integraal karakter: het heeft betrekking op alle aspecten van de schoolontwikkeling (personeelsbeleid, nascholingsbeleid, pedagogisch-didactische keuzes, zorgbeleid, aankoopbeleid, ). Kwaliteitszorg verloopt systematisch in een zich voortdurend herhalend proces. Effectieve kwaliteitszorg vraagt een beleid dat steunt op pijlers zoals doelgerichtheid, betrokkenheid en leiderschap, samenwerking, responsief vermogen, reflectie en zelfevaluatie, innovatief vermogen, empowerment en taakafbakening. Het thema kwaliteitszorg vormt de rode draad tijdens de ondersteuningsmomenten door de sdienst van OVSG. Vanuit praktijksituaties worden instrumenten, methodieken en een algemeen referentiekader aangereikt. Door het aanbieden van dit referentiekader kwaliteitszorg in functie van schoolontwikkeling wil OVSG deze processen voor scholen zichtbaar en beheersbaar maken. KWALITEITSZORG i.f.v. SCHOOLONTWIKKELING MISSIE VISIE verbeteren - veranderen - vernieuwen Kwaliteitsvolle SCHOOLPRAKTIJK 10 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

7 basisonderwijs ontwikkelingsdienst ontwikkelingsdienst basisonderwijs Definitie Om dit referentiekader op te bouwen vertrekken we van de volgende definitie van kwaliteitszorg: Kwaliteitszorg is het totaal van activiteiten en processen die tot doel hebben factoren die van invloed zijn op de kwaliteit van het onderwijs zodanig te integreren, richten en beheersen dat het onderwijs met vooraf bepaalde en beoogde kwaliteit wordt uitgevoerd. 2 Uit deze definitie leiden we af dat we ernaar streven om kwaliteitsvol onderwijs te realiseren. De leerlingen tot succesvolle lerenden te maken, nu en later, is daarvan de essentie. Kwaliteitszorg moet resulteren in een kwaliteitsvolle schoolpraktijk waarbij we ons afvragen welk effect die heeft op het leren van de leerlingen. Heel wat factoren hebben hierop een invloed. Ze manifesteren zich op leerling-, leraar- en schoolniveau: motivatie, betrokkenheid, welbevinden, zorg, didactische aanpak, klasmanagement, onderwijstijd, pedagogisch handelen, professionaliteit, evaluatie, rapporteren, ouderwerking, curriculum, collegialiteit, relatie met lokale gemeenschap In onze visie richten we ons in eerste instantie op de primaire processen, namelijk de processen die zich in de klas afspelen, die dus verband houden met het leren van de leerlingen en het onderwijzen door de leraar. In functie van schoolontwikkeling gaan we deze factoren integreren in en afstemmen op de dagelijkse werking van de school. Door middel van allerlei activiteiten (zelfevaluatie, tevredenheidsonderzoek, curriculumstudie, outputanalyse ) brengen we processen op gang die tot verbetering, verandering, vernieuwing leiden. Deze processen sturen en bewaken we vanuit een vooraf bepaalde en na te streven kwaliteit. In het pedagogisch project van de school is die kwaliteit beschreven in een missie en een visie. De missie (opdracht) geeft weer waar de school voor staat. Waartoe bestaat onze school? Wie zijn we? Wat doen we? Wat voor school willen we zijn? Wat is onze opdracht? Wat vinden wij goed onderwijs? Wat zijn onze waarden? Vanuit welke uitgangspunten handelen we? Bij het formuleren van haar missie richt de school zich op haar stakeholders : de leerlingen, de ouders, de leraren, de omgeving van de school, de samenleving Wie zijn onze doelgroepen? Welke behoeften en verwachtingen hebben ze? Aan welke behoeften en verwachtingen kunnen wij voldoen? In de visie wordt omschreven hoe de school de missie in praktijk zal realiseren. Ze formuleert expliciet de ambities en verwachtingen van het schoolteam over het toekomstige functioneren van de school. Bij het formuleren van deze visie wordt het hele schoolteam betrokken. Wat willen we bereiken met onze leerlingen? Hoe kunnen we dat realiseren? Waar zijn we goed in? Welke verbeteringen willen we aanbrengen? Hoe gaan we om met veranderingen en ontwikkelingen op onderwijskundig vlak, in de regelgeving, in de maatschappij Een gedragen en welomschreven visie (dit verstaan wij onder kwaliteit) is een voorwaarde om te kunnen werken aan kwaliteitszorg en kwaliteitsverbetering in een organisatie. De invulling van wat kwaliteitsvol onderwijs is, wordt niet alleen door de school bepaald. Ook ouders, leerlingen, schoolbestuur, overheid (departement, minister, inspectie ) en andere externen (bv. OVSG, vakbonden, hogescholen, universi- 2 Van Dam F. P., Kwaliteitszorg in de onderwijspraktijk, Kluwer, 2002, Alphen aan den Rijn, blz. 12 teiten) drukken hierop hun stempel. Eindtermen en ontwikkelingsdoelen, erkennings- en subsidiëringsvoorwaarden zijn voorbeelden van kwaliteitsnormen die aan scholen worden opgelegd. Methodieken Het in kaart brengen van de actuele kwaliteit kan op verschillende manieren: door een zelfevaluatie, een zelfanalyse, een bevraging, een tevredenheidsonderzoek, via toetsen of observaties. Kwaliteitszorg is een cyclisch proces van onderzoeken, verbeteren en vastleggen. Hiervoor bestaan verschillende methodieken. Bij de begeleiding van scholen zijn volgens ons de vijf kwaliteitszorgvragen (Q*-primair), de verbetercyclus of PDCA-cirkel (Deming) en het schema integrale kwaliteitszorg (OVSG) hanteerbare instrumenten. Vijf centrale kwaliteitszorgvragen (Q*-primair) Doet de school de goede dingen? Het antwoord op deze vraag heeft te maken met de missie, de visie en de daaraan verbonden doelen van de school. Naast de door de overheid voorgeschreven doelen, is de school vrij haar eigen schoolspecifieke doelen in dialoog met alle betrokkenen te formuleren. De kernactiviteit van een school kunnen we herleiden tot één doel: leerlingen tot permanent succesvolle lerenden maken. Als we het over kwaliteit en kwaliteitszorg op school hebben, dan hebben we het in hoofdzaak over de kwaliteit van leren, van onderwijzen en het klimaat waarin dit plaatsvindt. Doen we de goede dingen? Doen we de dingen goed? Hoe weten we dat? Vinden anderen dat ook? Wat doen we met die wetenschap? Doet de school de dingen goed? De school kan zorgvuldig gekozen doelen en gewenste opbrengsten hebben, maar als de manier waarop die nagestreefd worden niet tot tevredenheid leiden, is er een probleem. De school kan een antwoord zoeken op deze vraag door de werkwijzen en processen in de school te evalueren. Daarvoor zijn evaluatie-instrumenten nodig. Hoe weet de school dat? Om een antwoord op de vorige vraag te verkrijgen, moet de school onderzoek doen: de noodzakelijke gegevens systematisch verzamelen en adequaat interpreteren. Vinden anderen dat ook? Het gevaar dat schuilt in iedere zelfevaluatie is dat de resultaten ervan al snel te positief of te negatief worden geïnter- preteerd (Horsman & Langedijk 2003). Daarom worden de resultaten het best voorgelegd aan externe deskundigen. Wat doet de school met deze wetenschap? Kwaliteitszorg die niet leidt tot kwaliteitsverbetering gaat zijn doel voorbij. Het inventariseren van de bestaande kwaliteit in een school kost veel tijd en werk en moet dus iets opleveren. Het doel is tenslotte het verbeteren van het leerproces van de leerlingen (Horsman & Langedijk 2003). De verbetercyclus De PDCA-cyclus (Deming) is een universeel toepasbare methode voor voortdurende verbetering. De prioriteiten en de afgeleide acties worden op korte en middellange termijn gepland. De betrokkenen voeren de geplande acties uit. Na de uitvoering worden de resultaten geëvalueerd. Deze controle heeft betrekking op het product en het proces. Het resultaat wordt afgewogen tegenover het beoogde effect. Op basis van deze evaluatie kan men bannen, behouden of bepalen wat men nog wil bereiken. Het resultaat daarvan wordt geborgen in het schoolwerkplan. De cyclus start opnieuw. Borgen Act (schoolwerkplan) Plan Schema van kwaliteitszorg Het schema van kwaliteitszorg in functie van schoolontwikkeling (zie OVSG-brochure: Output meer dan verantwoording) geeft de dynamiek aan van de doelgerichte processen die zich afspelen in kwaliteitszorg. Do Check Als leerlingen niets voelen van het kwaliteitsbeleid, is de school niet zinvol bezig. Tot slot KWALITEITSZORG i.f.v. SCHOOLONTWIKKELING MISSIE VISIE Fase 1: verzamelen, registreren en analyseren Fase 2: interpreteren en communiceren Doelen PRIORITEITEN Doelen Doelen Doelen Fase 3: acties ACTIE ACTIE ACTIE ACTIE Om niet te vervallen in een bureaucratische kwaliteitszorg is het belangrijk dat de school zich concentreert op zijn kernactiviteit: leerlingen tot succesvolle lerenden maken. Als leerlingen niets ondervinden van het gevoerde kwaliteitsbeleid, is de school niet zinvol bezig. diensthoofd ontwikkelingsdienst basisonderwijs Bronnen Van Dam F. P., Kwaliteitszorg in de onderwijspraktijk, Kluwer, 2002, Alphen aan den Rijn. Theunis, P., Edux onderwijsadviseurs, Kwaliteit in kaart, Breda Vanhoof, J., Mahieu, P., Van Petegem, P., Geïnformeerde schoolontwikkeling, Universiteit Antwerpen. Arts, J., Kok, J., Sleegers, P., Verbiest, E., de Wit, C., Speelbal of Spelbepaler?, Q*-Primair, Werkmap kwaliteitszorg. OVSG, Kwaliteitsvol personeelsbeleid, Politeia, Brussel OVSG, Output meer dan verantwoording, Vanhoof, J., Van Petegem, P., Zelfevaluatie als innovatie: van een nood naar een behoefte, in Kwaliteitszorg in het onderwijs, Plantyn, jaargang 2007, afl. 16. Fase 4: evaluatie en terugkoppeling EVALUATIE Kwaliteitsvolle SCHOOLPRAKTIJK 12 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

8 basisonderwijs juridisch-administratief juridisch-administratief basisonderwijs Ingewikkeld personeelsstatuut doet veel vragen rijzen De schoolbesturen en de directeurs vonden ook tijdens het vorige schooljaar hun weg naar de juridisch-administratieve dienst basisonderwijs. Dagelijks maakten ze gebruik van de telefoonpermanentie en het mailverkeer. We deden een steekproef van 500 telefoongesprekken om te zien welke vragen het meest worden gesteld. Sommige vragen zijn te complex om via telefoon of mail te behandelen. Denken we bijvoorbeeld aan schoolbesturen die plannen hebben rond programmatie of herstructurering. Voor dergelijke vragen nodigen we schoolbesturen en directies uit op een gesprek. In onze juridischadministratieve dienstverlening beantwoorden we allerhande vragen over de onderwijsregelgeving. Ook over sociale voordelen, flankerend onderwijsbeleid, leerlingenvervoer en andere regelgeving die een invloed heeft op onderwijs (auteurs- en naburige rechten, preventie en veiligheid, gezondheid en welzijn op het werk, kinderrechten, milieureglementering of buitenschoolse kinderopvang) krijgen we vragen. De top vijf Om een idee te geven over de hot items die vorig schooljaar aan bod kwamen, namen we een steekproef van 500 telefoongesprekken. De meeste vragen 404 (81 %) waren te situeren op schoolniveau waarbij we 205 verschillende scholen of hun schoolbestuur verder hielpen. Toch noteerden we steeds meer vragen vanuit of over de scholengemeenschappen: zo n 96 (19 %), goed voor een ondersteuning van 40 verschillende scholengemeenschappen. Zowel scholen als scholengemeenschappen stellen vooral vragen over het personeelsbeleid (72 % van de 500 gesprekken). Als we de vragen analyseren komen we tot de volgende top 5 van meest gestelde vragen: op nummer 1: allerhande juridische vragen over personeel (15 % van de 500 vragen) Die gaan vooral over de functiebe- schrijvingen, de prestatieregeling, het statuut van een personeelslid dat in TAO (Tijdelijk Andere Opdracht) werkt of van een personeelslid dat via middelen beleidsondersteuning is aangesteld en ook over de mogelijkheden om een aanstelling te beëindigen. op nummer 2: over verloven en afwezigheden (13 %) Het gaat vooral over loopbaanonderbreking, verlof voor verminderde prestaties,tbs/pa (Terbeschikkingstelling voor Persoonlijke Aangelegenheden), vervanging korte afwezigheden, omstandigheidsverlof, TAO, het bevallingsverlof en algemene vragen over mogelijke verlofstelstels. op nummer 3: over tijdelijke aanstellingen (8 %) Vooral de regelgeving over de voorrang (TADD) en aanstelling via middelen beleidsondersteuning roepen vragen op. op nummer 4: over de vaste benoeming in wervingsambt (7 %) De vacantverklaring en de voorrangsregeling in het kader van de vaste benoeming een gedeelde vijfde plaats: vragen over het ambt van directeur (5 %) en het inschrijven van leerlingen (5 %) Ingewikkeld personeelsstatuut Dat er veel vragen komen over personeelsaangelegenheden heeft mogelijk alles te maken met het ingewikkelde personeelsstatuut. Daarom pleiten we voor een vereenvoudiging van de rechtspositieregeling met meer functiedifferentiatie en minder ambten waarbij gewerkt wordt vanuit globale enveloppes (pedagogisch, administratief en beleidskader) die aan het schoolbestuur worden toegekend en ingezet worden volgens de lokale noden. Een aanbod van ondersteuning Om scholen en besturen te ondersteunen, sturen we s, bieden we materiaal aan en geven we informatiesessies over actuele onderwijsproblemen. Daarvoor werken de juridisch-administratieve diensten regelmatig samen over de verschillende niveaus. Functioneringsgesprekken en evaluaties: een waaier van materialen op het OVSGextranet (o.a. een model van evaluatiereglement, een vademecum over het functioneren en evalueren van personeel, een model van een verslag van een evaluatiegesprek ). Ook voor het deeltijds kunstonderwijs, het secundair onderwijs, het volwassenenonderwijs en de CLB s is informatie beschikbaar. De vernieuwing van de schoolraden: voor het basisonderwijs en het secundair onderwijs. We ontwikkelden een brochure die te vinden is op het OVSG-extranet, met informatie en bruikbare modellen van brieven, kiesreglement Het installeren van een OCSG (lokaal comité op het niveau van de scholengemeenschap): een model van huishoudelijk reglement voor het OCSG is te vinden op het OVSG-extranet. Hiervoor werkten de diensten basisonderwijs samen met die van het secundair onderwijs. Nieuwe regelgeving in aanloop naar een nieuw schooljaar: aanpassen van bestaande documenten zoals bijvoorbeeld het schoolreglement. Alle informatie is te raadplegen op het OVSG-extranet. Analyse van 500 telefoongesprekken tussen 1 september 2008 en 31 augustus % 69% personeel 3% 4% 2% 0% 3% 1% 0% 10% leerling 4% 3% 3% 2% 1% 1% andere participatie Onderwerpen van de telefoongesprekken financiering organisatie kwaliteitsbewaking aanbod scholengemeenschap school Personeel: een analyse van de inhoud van de vragen aanstelling 1% adminstratieve documenten 5% bekwaamheidsbewijzen 2% 2% tucht en deontologie directie 7% 21% juridisch statuut personeel personeelsformatie 6% mentor 2% reaff/wts 3% 3% syndicaal statuut tijdelijke aanstelling 11% 2% 10% vaste benoeming directie vaste benoeming wervingsambt verlof en afwezigheid 18% Evalueren is het vervolg op het opstellen van geïndividualiseerde functiebeschrijvingen ziekte en ongeval 3% 2% Sinds september 2009 kunnen de evaluaties voor het personeel in het basisonderwijs van start gaan. In het Handboek gemeentelijk basisonderwijs (uitgeverij Politeia) vulden we ook het deel Personeel aan met de regelgeving over functionerings- en evaluatiegesprekken. Toch hadden we meer informatie en materiaal dat we niet echt een plaats konden geven in dit handboek. We voelden dat er vraag was naar deze informatie. Daarom ontstond het idee om een publicatie te ontwikkelen over kwaliteitsvol personeelsbeleid. terbeschikkingstelling Een handboek over kwaliteitsvol personeelsbeleid Het bundelen van de materialen over het evalueren van personeel in het basisonderwijs kreeg nog steeds de prioriteit in het gemeentelijk basisonderwijs Kwaliteitsvol Personeelsbeleid in de nieuwe regelgeving. Toch willen we het personeelsbeleid niet verengen tot het volgen van regels en afspraken. Het voeren van een goed personeelsbeleid gaat veel ruimer. Dat bracht ons op het idee om alles i.v.m. personeelsbeleid samen te brengen in een boek. Eerst ontwikkelden we een visie op kwaliteitsvol personeelbeleid: een kwaliteitsvol personeelsbeleid voeren houdt meer in dan personeel aanstellen, evalueren en akte nemen van hun pensioen. Het gaat ook over wat kwaliteitsvol onderwijs is en met welke personeelsleden we dit het best kunnen realiseren. Hoe gaan we die teamleden vormen, coachen, ondersteunen, laten samenwerken, laten vernieuwen...? Vandaag liggen de maatschappelijke verwachtingen ten aanzien van de school zeer hoog. De school moet uit het Kwaliteitsvol Personeelsbeleid in het gemeentelijk basisonderwijs enorme aanbod aan vragen, richtlijnen en informatie dat op haar afkomt, keuzes maken. Ze bakent daarom eerst zorgvuldig af waar ze voor staat en wat ze wil bereiken. De schoolvisie vormt de spil waarrond de school een gericht beleid gaat voeren. Daarbij moet de school kunnen beschikken over de professionaliteit die nodig is om gekozen actuele onderwijsontwikkelingen mee vorm te geven. Het kunnen voeren van een goed personeelsbeleid speelt hierbij dan ook meer en meer een cruciale rol. Het is belangrijk om de juiste mensen optimaal in te zetten voor de realisatie van de schoolvisie en het pedagogisch project. De directies en de schoolbesturen van een scholengemeenschap ervaren de noodzaak om een gezamenlijk personeelsbeleid te voeren. Het decreet rechtspositie kent immers aan het personeel rechten toe die in meer dan één school gelden. Meer en meer worden personeelsleden in verschillende scholen ingezet en nemen de contacten tussen personeelsleden van verschillende scholen toe. Zo is het makkelijker geworden om de arbeidsomstandigheden te vergelijken. Terwijl eerst vooral de meer technische aangelegenheden werden doorgeschoven naar de scholengemeenschap komen nu ook de inhoud en de visie over de ambten en de functies sterk op de voorgrond. Liesbeth Van den Broeck, stafmedewerker juridisch-administratieve ondersteuning basisonderwijs 14 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

9 basisonderwijs basisonderwijs Een gestructureerd zorgbeleid uitbouwen Basisscholen Alberreke en Lamolientje in Antwerpen lieten zich inspireren door de ideeën van Handelingsgericht Werken om een zorgvisie uit te bouwen voor de school. De pedagogische studiedagen en de begeleiding van OVSG hielpen het team op weg naar een gestructureerd zorgbeleid. V.l.n.r. An Budts, Liesbeth Gulders, Steven De Laet, Guy Van Deuren, Mireille Lauwyck en Jill Goetkint. De stedelijke basisscholen Alberreke en Lamolientje liggen in het centrum van Antwerpen; de vestigingsplaatsen vormen één school. Jarenlang bestond de populatie vooral uit Poolse kinderen, maar de diversiteit is toegenomen. De school heeft ook leerlingen van opvangcentra voor kinderzorg en gezinsondersteuning. Het publiek is grotendeels kansarm. Een rondetafelgesprek met directeur Mireille Lauwyck, leerkracht gelijke onderwijskansen (GOK) en anderstalige nieuwkomers Jill Goetkint, zorgcoördinator Guy Van Deuren, GOK-kleuterjuf Liesbeth Gulders, pedagogisch adviseur basisonderwijs Steven De Laet en pedagogisch medewerker An Budts. Jullie ontwikkelden recent een zorgvisie, geïnspireerd door Handelingsgericht Werken (HGW)*. Welke weg hebben jullie hierbij afgelegd? Mireille Lauwyck en Guy Van Deuren: In januari 2008 organiseerden we een pedagogische studiedag over het belang en de noodzaak van een zorgvisie: wat is belangrijk, waar zijn we sterk in, welke werkpunten zijn er? Het zorgteam maakt een sterke-zwakteanalyse van het toenmalige zorgbeleid en koppelde die terug naar het hele team. In november 2008 volgden we de eerste pedagogische studiedag over de uitgangspunten van handelingsgericht werken. Dat inspireerde ons om een stappenplan op te stellen over hoe we HGW konden introduceren in ons zorgbeleid. Na de tweede pedagogische studiedag met An over de vijf fasen van handelingsgericht werken, wisten we zeker dat we deze richting verder uit * Zie blz. 21 Handelingsgericht werken raakt verspreid. Het benutten van positieve kenmerken is belangrijk. wilden. Toch was het moeilijk voor ons om een visie te verwoorden en daarom vroegen we aan Steven om ons hierbij te begeleiden. Zo kwamen we stapsgewijs tot onze zorgvisie, gebaseerd op de uitgangspunten van HGW, waar we sinds begin dit schooljaar mee werken. In onze zorgwerking leggen we de nadruk op zes punten: welbevinden, diversiteit, geïntegreerde zorg op school, talenbeleid en werken met anderstalige nieuwkomers, ouderparticipatie en leerlingenparticipatie, differentiatie. Ten slotte: onze school legt de lat hoog, we willen met zo veel mogelijk kinderen de ontwikkelingsdoelen en de eindtermen bereiken. We nemen ook deel aan de eindtoets lager onderwijs van OVSG. Steven De Laet: Het stedelijk onderwijs Antwerpen is drie jaar geleden begonnen met de introductie van HGW zowel bij de zorgcoördinatoren van de scholen als bij de CLB-medewerkers. Deze school werkte al een tijd aan een nieuwe zorgvisie, maar het waren losse ideeën die samenhang misten. Door de pedagogische studiedagen en de begeleiding van OVSG vielen alle puzzelstukken in elkaar. Hoe definiëren jullie zorg op school? Mireille Lauwyck: Wij zien dit als een totaalpakket om tegemoet te komen aan de basiszorg en de extra noden die onze leerlingen, ouders en leerkrachten nodig hebben om elk kind optimaal te laten ontwikkelen. HGW is opgebouwd rond een aantal uitgangspunten. Welke sprongen er voor jullie het meest uit? M.L.: In de eerste plaats de constructieve samenwerking met alle betrokkenen in het belang van het kind. De leerkracht vervult zijn rol van onderwijsprofessional, de ouders zijn de ervaringsdeskundigen. Het zorgteam en het CLB zijn de onderzoekers en ondersteunende krachten. Ook de leerling zien we als een belangrijke partner: we betrekken de kinderen zelf bij het begrijpen van de situatie en het formuleren van de doelen. Zo krijgen ze perspectief en zien ze zelf ook mogelijkheden. Een tweede belangrijk uitgangspunt is het benutten van positieve kenmerken. Dat zien we in de breedste betekenis: elk kind kan wel iets goed. Aandacht voor het positieve geeft een tegengewicht aan een mogelijk te negatief beeld van leerling, leerkracht, ouders en school. Wat wel goed gaat, kan een aanknopingspunt zijn voor verdere acties. Wat veranderde HGW aan jullie zorgwerking? M.L.: We hebben de uitgangspunten gebruikt als leidraad en basis voor onze zorgvisie. In de loop van het proces zijn we ons nog bewuster geworden van het nut van basiszorg. De visie wordt gedragen door het hele schoolteam en elk teamlid kan zich erin vinden. Essentieel is dat we breder gaan kijken: niet alleen naar het kind, maar ook naar de thuissituatie en naar de klas en de leerkracht zelf. Zo kan het nodig zijn dat de ouders financiële ondersteuning krijgen of advies in opvoedingstechnieken. In de communicatie met ouders werken we samen met tolken en soms wijzen we die erop dat de moedertaal van de ouders zelf heel zwak is, wat dan weer aan de basis kan liggen van een taalprobleem bij het kind. Net zo goed kijken we kritisch naar onszelf als leerkrachten. Zo kan een kind bv. baat hebben bij een wissel van leerkracht als er parallelklassen zijn. We wenden de talenten van alle collega s aan en kunnen hierover open communiceren in het team. We kiezen altijd heel bewust wie welke boodschap aan de ouders communiceert: de ene keer is dat de klasleerkracht, soms de CLB-medewerker en de directeur, de zorgcoördinator Het belangrijkste dat HGW ons gegeven heeft, is structuur. Steven De Laet: We zien dat de empathie van het schoolteam groot is. De leerkrachten hebben zich aangepast aan het veranderende publiek. Het team is mee in het verhaal gestapt. Zo wordt een school echt een school voor de kinderen die er in de klas zitten. Liesbeth Gulders: Het belangrijkste dat HGW ons gegeven heeft, is structuur. Eigenlijk waren er veel dingen die we vroeger ook al deden, maar nu doen we ze bewuster en gestructureerder. Hoe hebben jullie de materie geïntroduceerd op school? M.L. In ons nascholingsbeleid hebben we consequent Handelingsgericht Werken centraal geplaatst. Op pedagogische vergaderingen, op het zorgoverleg en andere overlegmomenten maken we tijd voor zorg. Onze school is een echte zorgschool. Het zorgteam bestaat uit de zorgcoördinator, de GOK-leerkrachten, de leerkracht anderstalige nieuwkomers en ikzelf. Ons zorgteam komt wekelijks samen en plant de verschillende zorginitiatieven. Er is structureel overleg over de leerlingen. We organiseren vier keer een filteroverleg en drie keer een multidisciplinair overleg met het CLB. Alle leerkrachten kunnen altijd met hun vragen bij het zorgteam terecht. Onze school is een echte zorgschool. Wat zijn jullie ambities voor de toekomst? M.L. Ook achter het zevende uitgangspunt van handelingsgericht werken staan we volledig: de leerkracht maakt het verschil. We gaan hier al heel bewust mee om maar we willen er graag nog meer ondersteuning bij. Daarnaast is het voor ons een uitdaging om de ouders meer te betrekken bij wat op school gebeurt. Dat vereist een sfeer van respect en vertrouwen. We werken hier al aan maar door de diversiteit van het publiek moeten we inspanningen blijven doen. We starten in januari met een pictogrammenboekje en we denken aan een speel-otheek. Welke zijn voor jullie succesvolle manieren om ouders te bereiken? M.L. De ouders komen graag naar de feesten. En ondanks de feestelijke drukte, krijgen we dan toch ook de kans om met hen te spreken. Vorige week hebben we de eerste ouderbabbel georganiseerd en daar praat men eigenlijk als ouders onder elkaar. We voelden dat er geen behoefte was aan een echte oudervereniging maar de ouderbabbel slaat wel aan. Er komen o.a. vragen van ouders over meertalig opvoeden en over de werking van de school. Ook kwamen de ouders naar het infomoment over de overgang van de derde kleuterklas naar het eerste leerjaar. We namen ze mee naar een moment in de derde kleuterklas en vervolgens naar de eerste klas. Voor bepaalde ouders waren hierbij tolken aanwezig. Ook de belangstelling voor huiswerkklassen neemt toe. Liesbeth Gulders: Een succesvol project om de ouders te bereiken is de Boekenkaravaan. Studenten van Artesis Hogeschool komen bij de ouders thuis voorlezen en spelletjes spelen. We hadden hiervoor 35 inschrijvingen op school en dit omdat we de brieven hiervoor in alle thuistalen van de ouders vertaald hadden. Daarnaast deden we acties aan de schoolpoort om de ouders persoonlijk aan te spreken en dat heeft duidelijk respons opgeleverd. We maakten het heel visueel op de stoep voor onze school: leerkrachten gingen met kussens en boeken op de grond zitten en raakten zo in gesprek met de ouders. De studenten kwamen ongeveer zes keer thuis voorlezen en van de kinderen en de ouders kregen we hierop positieve reacties. communicatie 16 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

10 algemeen OVSG OVSG algemeen Stedelijk en gemeentelijk onderwijs, van Aalst tot Zwevegem 259 gemeentebesturen/stadsbesturen in Vlaanderen en Brussel organiseren onderwijs: basisonderwijs, secundair onderwijs, deeltijds kunstonderwijs, volwassenenonderwijs en/of centra voor leerlingenbegeleiding of combinaties hiervan. De gemeenten die op de kaart donker gekleurd zijn, zijn inrichter van onderwijs en lid van OVSG. Daarnaast heeft OVSG ook nog geaffilieerde leden. OVSG ondersteunt de gemeenten bij het organiseren van democratisch, kwaliteitsvol en zorgzaam onderwijs met respect voor diversiteit. OVSG is dé partner voor alles wat met stedelijk en gemeentelijk onderwijs te maken heeft. Zij kunnen bij OVSG terecht voor: belangenbehartiging juridisch-administratieve dienstverlening vorming en nascholing materiële en logistieke ondersteuning Kalmthout Wuustwezel Ravels Merksplas Rijkevorsel Stabroek Knokke-Heist Brecht Kapellen Turnhout Beerse Arendonk Brasschaat Vosselaar Oud- Blankenberge Malle Turnhout Hamont- De Haan St-Laureins Retie Beveren Antwerpen Schoten Zoersel Lille Achel Bredene Zuienkerke Damme Schilde Kasterlee Dessel Lommel Neerpelt Zwijndrecht Wijnegem Vorselaar Kaprijke Assenede St.-Gillis-Waas Oostende Brugge Stekene Wommelgem Zandhoven Mol Overpelt Maldegem Eeklo Zelzate Bocholt Oudenburg Jabbeke Moerbeke Borsbeek Ranst Mortsel Grobbendonk Middelkerke Wachtebeke Boechout Herentals Geel Kinrooi Waarschoot St.-Niklaas Kruibeke Gistel Edegem Hemiksem Hove Nijlen Balen Beernem Olen Hechtel-Eksel Bree Nieuwpoort Knesselare Evergem Aartselaar Herenthout Peer Zomergem Temse Schelle Lint Kontich Lier Koksijde Ichtegem Zedelgem Oostkamp Meerhout Lokeren Waasmunster Leopoldsburg Niel Berlaar Maaseik Lovendegem Lochristi Westerlo Bornem Ham Meeuwen- Boom Rumst Duffel De Panne Koekelare Aalter Hamme Heist-opden-Berg Hulshout Laakdal Gruitrode Torhout Zele Puurs Tessenderlo Beringen Houthalen- Opglabbeek Dilsen- St Amands Willebroek Veurne Nevele St Katelijne-Waver Diksmuide Wingene Ruislede Gent Destelbergen Laarne Berlare Putte Herselt Kortemark Lichtervelde Dendermonde Heusden- Helchteren Stokkem Mechelen St-Martens- Bonheiden Buggenhout Scherpenheuvel- Zolder As Kapelle-op-den-Bos Keerbergen Begijnendijk Hooglede Pittem Deinze Latem Londerzeel Tremelo Zichem Diest Lummen Zonhoven De Pinte Melle Wetteren Wichelen Lebbeke Alveringem Ardooie Boortmeerbeek Aarschot Genk Houthulst Zemst Maasmechelen Merelbeke Meise Lo-Reninge Staden Lede Meulebeke Dentergem Nazareth Opwijk Haacht Rotselaar Halen Herkde-Stad Zulte Oosterzele Aalst Merchtem Grimbergen Hasselt Zutendaal Vilvoorde Kampenhout Bekkevoort Langemark- Roeselare Izegem Oostrozebeke Gavere St.-Lievens- Tielt- Houtem Erpe- Holsbeek Diepenbeek Vleteren Poelkapelle Ingelmunster Wielsbeke Kruishoutem Zingem Wemmel Herent Winge Lanaken Mere Affligem Asse Steenokkerzeel Machelen Kortenaken Moorslede Lendelede Denderleeuw Geetbets Waregem Kortenberg Alken Bilzen Nieuwerkerken Liedekerke Ternat Leuven Lubbeek Ledegem Harelbeke Haaltert Oudenaarde Zwalm Herzele Zaventem Glabbeek Poperinge Bertem Kortessem Ieper Zonnebeke Kuurne Wortegem- Zottegem Dilbeek Wezembeek- Wellen Hoeselt Roosdaal Kraainem Bierbeek Boutersem Zoutleeuw Wevelgem Deerlijk AnzegemPetegem Horebeke Oppem Ninove Wervik Lennik Drogenbos Tervuren Oud-Heverlee Tienen Linter St.-Truiden Riemst Kortrijk Borgloon Zwevegem St.-Pieters- Linkebeek Kluisberge Maarkedal Lierde Brakel Huldenberg Heuvelland Menen Geraardsbergen Gooik Leeuw Overijse Hoegaarden Tongeren Mesen Avelgem Hoeilaart Landen Galmaarden St.-Genesius- Heers Ronse Pepingen Beersel Rode Gingelom Spiere-Helkijn Bever Herne Halle VGC Brussel Stad St.-Jans-Molenbeek Koekelberg St.-Agatha-Berchem Jette Evere St.-Pieters-Woluwe Vorst St.-Lambrechts-Woluwe St.-Joost-ten-Node Essen Hoogstraten Baarle-Hertog Voeren 18 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

11 CLB CLB Protocollering van diagnostiek Een goede zaak voor kinderen met specifieke onderwijsbehoeften Dagelijks worden we geconfronteerd met ADHD, autisme, dyscalculie, dyslexie, hoogbegaafdheid Hoe weten we nu precies dat een kind een bepaalde leerstoornis heeft? En hoe weten we welke onderwijsbehoeften het kind in kwestie heeft? En ten slotte: wat verandert een diagnose aan het handelen van de leraar in de klas? Scholen die de protocollen uitproberen in de klas vinden dat ze een meerwaarde bieden. Al lang bestond er behoefte aan een initiatief om in het onderwijs te komen tot kwaliteitsvolle diagnostiek voor kinderen met specifieke behoeften. Daarom hebben de sdiensten en de centra voor leerlingenbegeleiding over de verschillende netten de voorbije twee jaren samengewerkt met wetenschappelijke instellingen, hierbij ondersteund door het departement Onderwijs. Voor OVSG maken Bruno Sagaert en Stefan Potums van de en Yolande Schulpen en Edgard Cocquet van de begeleiding CLB deel uit van de werkgroep PRODIA. Dit netoverschrijdende project (PRODIA of Protocollering Diagnostiek) heeft tot doel diagnostische protocollen te ontwikkelen, af te toetsen en te verankeren. Met deze protocollen kunnen scholen en centra voor leerlingenbegeleiding de mogelijkheden en beperkingen van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften in beeld brengen en zinvolle adviezen geven zodat ze de zorg krijgen die ze nodig hebben. Ook in het debat over Leerzorg heeft OVSG altijd gesteld dat er nood is aan objectieve criteria om leerlingen in te schalen in een bepaald niveau. Handelingsgerichte visie Onderwijs en CLB werken samen De zorg op school en de uitgebreide zorg door o.a. het centrum voor leerlingenbegeleiding vormen één geheel. Dit zorgcontinuüm garandeert dat leerlingen in hun hele schoolloopbaan verzekerd zijn van goede preventieve basiszorg tot en met, als dat nodig is, een school op maat. Diagnostische protocollen moeten nauw aansluiten bij de schoolpraktijk. Precies daarom is een goede samenwerking tussen school en CLB een noodzakelijke voorwaarde bij de ontwikkeling en implementatie ervan. Dat betekent ook dat school en CLB een gezamenlijke visie en methodiek ontwikkelen om tot goede protocollering te komen. Handelingsgericht werken (HGW) en Handelingsgerichte diagnostiek (HGD) raken in de Vlaamse onderwijs- en CLBpraktijk meer en meer ingeburgerd. Ze bieden een gezamenlijk kader waarbinnen school en CLB als partners samen met ouders en kinderen passend onderwijs voor kinderen willen realiseren. Omdat deze aanpak waardevol blijkt, kozen de sdiensten en de CLB-sector ervoor om diagnostische protocollen te ontwikkelen vanuit een handelingsgerichte visie. Hoe komt nu zo n protocol tot stand? In het onderwijs en in de CLB s is al heel wat expertise aanwezig inzake diagnostische beeldvorming: gevoelig zijn voor de signalen die leerlingen met meer dan gewone zorgen geven, werken met leerlingvolgsystemen, handelingsgericht werken (HGW) en handelingsgerichte diagnostiek (HGD) De projectmedewerkers bundelen deze expertise, toetsen ze aan de beschreven kwaliteitscriteria, werken ze verder uit (geruggensteund door de wetenschap) en verspreiden ze daarna over het Vlaamse onderwijs. Elk protocol komt m.a.w. tot stand en wordt getoetst: aan wetenschappelijke inzichten; aan uitgangspunten van HGD en HGW, met aandacht voor de taakverdeling tussen leerlingenbegeleiding op school of door het CLB; aan principes van faire diagnostiek (specifieke aandacht voor kansarmen en allochtonen bij uitwerking van protocollen); aan toepasbaarheid in de praktijk; aan de relatie tussen diagnostische protocollen/besluitvorming en het wettelijk kader (klassenraden, gemotiveerd verslag, attesten, bijzonder didactisch paspoort ); aan de verwachtingen van de overheid. De protocollen worden vooraf uitgeprobeerd op kleine schaal. Tijdens een proefperiode worden ze voorgelegd aan gebruikersgroepen en op basis van hun reacties verder verfijnd. Proefdraaien in het gemeentelijk onderwijs Enkele gemeentelijke scholen basisonderwijs (uit Limburg, Brussel, Vlaams-Brabant, Oost-Vlaanderen en Antwerpen) werden bereid gevonden om ondersteund door de pedagogische begeleidingsdienst van OVSG met het eerste protocol Diagnostisch traject bij lees- en spellingsproblemen aan de slag te gaan. Ook scholen van de andere onderwijsnetten zullen proefdraaien met dit protocol. Bruno Sagaert: Uit de eerste reacties van scholen blijkt dat ze worden aangezet om te reflecteren over hun didactische aanpak. De didactische wenken uit het protocol worden als een meerwaarde ervaren om voor alle leerlingen beter in te spelen op hun onderwijsbehoeften. Deze praktijktoets is van essentieel belang. De ervaringen van schoolteams en CLB-teams zullen immers gebruikt worden om de implementatie in Vlaanderen in goede banen te leiden en zo te komen tot door het veld gedragen instrumenten. Handelingsgericht Werken (HGW) is een systematische manier van werken die de school kan helpen om haar interne werking te optimaliseren. HGW biedt een gezamenlijk kader voor wie betrokken is bij de zorg op school: de leden van het schoolteam (directie, leerkracht, zorgcoördinator, leerlingenbegeleider...) en de betrokken schoolexternen, in de eerste plaats het CLB. HGW bundelt de krachten van al deze actoren. Het beïnvloedt alle aspecten van het zorgbeleid en alle fases van de zorg. Deze zeven uitgangspunten vormen de essentie: - onderwijsbehoeften van leerlingen en ondersteuningsbehoeften van leraren; - doelgericht werken; - positieve kenmerken; - transactioneel referentiekader; - constructieve samenwerking; - systematiek en transparantie; - de leraar maakt het verschil. Deze uitgangspunten lopen als rode draad door de (zorg-) werking van de school. 1 Bruno Sagaert en Yolande Schulpen werken aan PRODIA. Een werk van lange adem De constructieve en vruchtbare samenwerking tussen de onderwijsnetten, de CLB-sector en het veld mag hopelijk de komende jaren blijven rekenen op de steun van de minister van Onderwijs zodat het werk kan worden voortgezet. Heel wat protocollen (diagnostische trajecten bij rekenproblemen, vermoeden van een stoornis in het autismespectrum, ADHD, zwakbegaafdheid of verstandelijke beperking, gedragsproblemen, emotionele problemen, hoogbegaafdheid ) moeten nog ontwikkeld worden en bovendien is er nog tijd nodig om ze te implementeren. Dat dit een arbeidsintensief en langdurig proces is, spreekt voor zich. De ultieme doelstelling bestaat erin om elk kind met specifieke behoeften waar dan ook in Vlaanderen goede zorg te bieden op school en dit in nauwe samenwerking met het CLB en de ouders. niveaucoördinator CLB Handelingsgericht werken raakt verspreid Wat is de aanpak van onze begeleiding en nascholing? Voor het gemeentelijk en stedelijk onderwijs is HGW een succesvol traject. De voorbije twee schooljaren werden hierover 141 nascholingssessies aangevraagd bij AVSG. Achter dit succes zit een verhaal. Vanaf het schooljaar werden in verschillende regio s in Vlaanderen trajecten opgezet voor zorgcoördinatoren en CLB-medewerkers. Op het einde van het vorige schooljaar was HGW in heel Vlaanderen en Brussel geïntroduceerd. Ook de schooldirecties kregen informatie over deze manier van denken over zorg. Zo beschikt iedereen in het veld over heldere, duidelijke en gelijkgerichte kaders over het thema. Als organisatie zijn we erg tevreden over de implementatie van dit gedachtegoed. De effecten van ons werk zijn breed in het veld merkbaar. pedagogisch adviseur basisonderwijs 1 Pameijer N., van Beukering T., Schulpen Y., Van de Veire H., Handelingsgericht werken op school, Acco, In mei 2010 verschijnt: Handelingsgericht werken: een handreiking voor het schoolteam. Samen met collega s, leerlingen en ouders aan de slag. 20 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

12 secundair onderwijs Een bedrijfsstage verrijkt de klaspraktijk Op bedrijfsstage, twee stagedagboeken Schildertechnieken secundair onderwijs Sinds kunnen leraren gebruikmaken van de mogelijkheid om hun dagelijkse praktijk te verrijken door op bedrijfsstage te gaan. Negentig procent keert zeer tevreden terug en past zijn lessen na het volgen van een bedrijfsstage effectief aan. Alle leerkrachten, zowel praktijkleerkrachten als leerkrachten algemene vakken, kunnen op stage gaan. Het feit dat leerkrachtenstages een wisselend succes kennen, heeft vooral te maken met de schoolorganisatie. Leerkrachten die een week niet op school zijn, moeten immers vervangen worden. Vorig schooljaar werden hiervoor enkele specifieke maatregelen uitgewerkt, maar we kunnen niet stellen dat hier massaal gebruik wordt van gemaakt. Bepaalde scholen gaan zeer creatief te werk omdat zij een meerwaarde ervaren aan de basis, namelijk bij de leerlingen in de klas. Deze scholen nemen dan meestal ook de bedrijfsstages voor leerkrachten op in hun nascholingsplan. De pedagogische begeleidingsdienst S.O. van OVSG sensibiliseert de scholen over de mogelijkheid van bedrijfsstages, geeft informatie door op bijeenkomsten van directeurs of technisch adviseurs en stelt documenten ter beschikking, zoals een model van stagecontract voor de leraar. De bedrijven staan vast en zeker open voor het initiatief. De meeste sectoren garanderen een stageplaats voor elke leraar die een bedrijfsstage wenst te lopen. Zij zijn immers vragende partij voor een hooggekwalificeerde uitstroom van leerlingen en ze zijn ervan overtuigd dit te kunnen bewerkstelligen door de professionalisering van leerkrachten via bedrijfsstages. Leraren kunnen daardoor, meer dan nu het geval is, kennismaken met de allernieuwste technieken in de bedrijven. Bovendien ervaren zij de bedrijfscultuur aan den Het Future painter project is een industriële opleiding waar nieuw aangeleerde technieken worden toegepast. lijve wat de begeleiding van leerlingen naar de arbeidsmarkt zeker ten goede komt. Twee leerkrachten van stedelijke secundaire scholen gingen vorig schooljaar op bedrijfsstage. Hun ervaringen tonen aan dat het als school de moeite waard is om ten minste eens erover na te denken om stages voor leerkrachten structureel op te nemen in het nascholingsplan. Op een platform dat we voor de Technisch Adviseurs en Technisch Adviseurs Coördinatoren organiseerden, lieten we hen aan het woord. Peter Marien geeft les aan het Stedelijk Instituut voor Sierkunsten en Ambachten in Antwerpen in de afdeling Schilderen en decoratie. Hij nam deel aan het Future painter project, dat door de sector georganiseerd werd i.s.m. de VDAB. In de strikte zin van het woord ging het hier niet om een bedrijfsstage, maar om een industriële opleiding waar de nieuw aangeleerde technieken op bedrijfsniveau werden toegepast. Peter Marien: Mijn hoofddoelstelling om aan deze stage deel te nemen was mij te professionaliseren in mijn beroepsvaardigheden waarin ik persoonlijk te kort kwam door een gebrek aan ervaring in de sector. Ik ben één week op bedrijfsstage geweest. Mijn vervanging in de school gebeurde door collega s van mijn eigen afdeling. Op de stage kregen we in de voormiddag presentaties en demonstraties die georganiseerd werden door de verschillende partners. Zij lieten ons kennismaken met de technische kant van de nieuwe technieken en de nieuwe producten op de markt. In de namiddag gingen we dan telkens zelf aan de slag en pasten we de nieuw aangeleerde technieken toe. Elke deelnemer kreeg hiervoor een eigen werkplek, in de vorm van een kamer. De laatste dag stelde elke deelnemer zijn kamer voor aan de anderen. Persoonlijk heb ik veel opgestoken van deze stage. De opleiding was inhoudelijk zeer interessant, vooral het kennismaken Boekhouden Ook Frederik Janssen van de Stedelijke Handelsschool in Turnhout is op bedrijfsstage geweest. Hij geeft les aan de handelsafdeling en doceert de vakken boekhouden en bedrijfsbeheer. Frederik liep zijn stage bij SCA (StudieCentrum voor Accountancy) in Turnhout. Frederik Janssen: Voor mezelf had ik Sinds deze stage werken alle leraren van onze vakgroep helemaal anders dan vroeger met de leerlingen. Ik kreeg ook een bevestiging van het feit dat wij op school niet slecht bezig zijn. vier doelstellingen bij mijn bedrijfsstage. Ik wilde meer informatie krijgen over de concretisering van bepaalde vakinhouden, aan den lijve ondervinden welke eisen een bedrijf stelt aan werknemers op het vlak van attitudes, nieuwe software ontdekken en ten slotte aan netwerking doen om achteraf o.a. leerlingenstages te organiseren. Organisatorisch worden bedrijfsstages in onze school erg gestimuleerd door de directie. Er is een aanbod van stageplaatsen voor leerkrachten. De vakgroepen en de werkgroep onderwijs-bedrijf willen op lange termijn zoveel mogelijk leerkrachten de kans geven een bedrijfsstage te lopen. De met een enorm groot gamma aan nieuwe technieken en producten op enkele dagen tijd heb ik gewaardeerd. Niet enkel de productkennis, maar vooral ook de creatieve toepassing ervan heeft me aangesproken. Daarnaast hebben we heel wat geleerd over de nieuwe milieuwetgeving die zijn impact zal hebben op de gebruikte technieken en producten in de toekomst. Een onmiskenbare evolutie in de schildertechnieken is dat steeds meer solvent gedragen lakken zullen verdwijnen ten voordele van de watergedragen lakken. De inrichting van een nieuwe praktijkruimte in onze school is geïnspireerd op het concept van de werkvloer bij de VDAB in Schoten, waar ik mijn stage gevolgd heb. Op het einde van de stage kregen we zeer veel brochures en testmateriaal mee naar school. Dit zorgde mee voor een goede verspreiding van deze vernieuwingen bij de collega s. Sinds deze stage werken alle leraren van onze vakgroep helemaal anders dan voorheen met onze leerlingen. Elke leerling decoreert en schildert nu een eigen kamer. Het werken met nieuwe schilder- en decoratietechnieken in een authentieke context is meer motiverend voor onze leerlingen. Bovendien komen onze leerlingen tot betere resultaten omdat ze nieuwe technieken en producten gebruiken. leerkrachten kunnen vrijstelling krijgen van wachtbeurten in de examenperiodes om op bedrijfsstage te gaan. Mijn stage was zowel een kijk- als een ervaringsstage. Ik heb er kennisgemaakt met de algemene werking van een boekhoudkantoor. De eerste dagen heb ik veel gekeken en geluisterd en voerde ik enkele vrij eenvoudige taken uit. Naarmate de week vorderde werden de administratieve taken die ik toevertrouwd kreeg steeds interessanter en kreeg ik meer verantwoordelijkheid. Tegen het einde van de stage kon ik meedraaien bij het voeren en verwerken van de boekhouding. Persoonlijk vind ik dat ik de doelstellingen die ik gesteld had, kon realiseren. Ik kreeg ook een bevestiging van het feit dat wij op school niet slecht bezig zijn. Ik heb een duidelijke zicht gekregen op de attitudes die men van jongeren verwacht in een concrete werkomgeving. Dat is zeker bruikbaar in mijn lessen. diensthoofd onderwijsbeleid S.O. pedagogisch adviseur S.O. Tijdens een stage maak je kennis met een groot gamma aan nieuwe technieken. 22 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

13 secundair onderwijs U wenst voor uw school sport- en openluchtklassen te organiseren? Doe dan een beroep op de gratis gespecialiseerde dienstverlening van SOK-GEPOS (Sport- en openluchtklassen voor het gemeentelijk en provinciaal onderwijs). SOK-GEPOS doet voor u al het administratieve werk: van het zoekwerk naar een geschikt centrum in een bepaalde periode tot de eindfacturatie. U kunt een keuze maken uit meer dan De dienst secundair onderwijs Het team van de en juridische ondersteuning S.O. bestaat uit 22 mensen onder leiding van niveaucoördinator Annemie De Smet. Diensthoofd Jean-Marie Neven voor onderwijsbeleid legt zich toe op de beleidsmatige dossiers en diensthoofd Frie Van Camp coördineert de pedagogische begeleiding. Net zoals voor de andere onderwijsniveaus is de begeleiding zowel schooloverstijgend als specifiek op één school gericht. Op vraag van een school kan bv. een bepaalde vorming of studiedag worden gegeven en kunnen we de school ondersteunen in haar beleidsvoerend vermogen. Ook bij de implementatie van de leerplannen wordt begeleiding gegeven. Een deel van de medewerkers concentreert zich op het gewoon onderwijs, andere collega s begeleiden scholen voor buitengewoon secundair onderwijs of centra voor deeltijds onderwijs. Een belangrijke opdracht is het werken aan leerplannen, raamplannen en opleidingsplannen. Nieuwe leerplannen voor de eerste graad werden afgestemd op de gewijzigde eindtermen die in september 2010 van kracht worden. Het team S.O. startte een werkgroep om te komen tot een nieuw concept van leerplan dat nog beter is afgestemd op de verwachtingen van de doelgroep. Vraaggestuurde begeleiding ging het voorbije schooljaar over taalbeleid, visie op vakgroepwerking, het ict-beleid, evaluatiebeleid, visie op kwaliteitszorg, het ondersteunen van de GOK-scholen en de proeftuinen. Ook het aanbieden van kwalitatieve stageplaatsen aan leerlingen (werkplekleren) en de overgang van school naar werk zijn aandachtspunten. In dat kader werden vorig schooljaar overeenkomsten gesloten met de bedrijfssectoren om stageplaatsen en beroepsmogelijkheden in kaart te brengen. Op sport- en openluchtklassen met uw school? Schakel SOK-GEPOS in! veertig centra en twintig verschillende thema s. Van een tweedaagse tot een midweekverblijf Alles is mogelijk! Deze dienstverlening kost de school niets. Zo krijgen leerkrachten en directie de mogelijkheid zich helemaal toe te leggen op de pedagogische planning van het verblijf. Contacteer tel of neem een kijkje op V.l.n.r en van boven naar onder: Jean-Marie Neven, Nathalie Ceulemans, Marc Smolenaers, Anne-Marie Defoer, Dirk Buelens, Patricia Maes, Paul Derkinderen, Annemie De Smet, Sandra De Nies, Kris Vermeylen, Thomas Lambrechts, Luc Segers, An Buckinx, Rozet Janssens, Frie Van Camp, Benny Van Roey, Els De Bruyne, Tom Verlent, Brigitte Lemmens. Ellen Van Den Block, Jan Verheyen, Sophie Triaen en José Van Belle staan niet op de foto. Om de netwerking tussen alle partijen, betrokken bij het secundair onderwijs, te stimuleren, bestaan er verschillende overlegstructuren en platforms. Zo komen de directeurs S.O. en BuSO samen in directeurenplatforms en is er een specifiek platform voor Technisch Adviseurs en Technisch Adviseurs Coördinatoren (TACTA). In de leerplancommissies zitten telkens vertegenwoordigers van de scholen zelf. In waren er specifieke projecten i.v.m. de begeleiding van leerlingen met AutismeSpectrumstoornissen (ASS), verkeersveiligheid en het voeren van een taalbeleid op school. Voor gespecialiseerd juridisch advies kunnen schoolbesturen terecht bij Ellen Van Den Block Sinds de introductie van het hoger beroepsonderwijs biedt het volwassenenonderwijs zowel HBO4- als HBO5-richtingen aan. De opleidingen voor autonome vakmensen zitten op niveau 4, de opleidingen voor vakmensen die een groep kunnen aansturen, op niveau 5. CVO Elishout biedt vier richtingen aan van HBO5: Hotel en Cateringmanagement, Openbare Besturen, Cosmetische Wetenschappen en Gids- Reisleider. Nog drie andere stedelijke centra (in Antwerpen) organiseren HBO5. Hoger Beroepsonderwijs volwassenenonderwijs Ondersteuning voor de directeur verlicht complexe opdracht De begeleidingsdienst voor het volwassenenonderwijs begeleidt de 15 stedelijke en gemeentelijke centra in hun werking. In het schooljaar was het hoger beroepsonderwijs een hot item voor meerdere centra. Daarnaast werken de begeleiders nauw samen met centra aan specifieke dossiers. Hoe heeft directeur Ingrid Van Cauter van CVO Elishout de samenwerking met OVSG vorig schooljaar ervaren? Directeur Ingrid Van Cauter in gesprek met pedagogisch adviseur Johan Vandenbranden. Cursisten fotografie op reportage. Ingrid Van Cauter: Eigenlijk is het decreet op het Hoger Beroepsonderwijs vrij snel ingevoerd. In september 2009 zijn we ermee van start gegaan. Het was de bedoeling van de minister om het niveau dat buiten de BachelorMasterstructuur viel, namelijk tussen secundair onderwijs en hoger onderwijs, beter te positioneren. Het HBO5 dat wij als centra aanbieden, behoort tot het hoger onderwijs. Zowel hogescholen als centra voor volwassenenonderwijs kunnen het organiseren. Het is dus belangrijk dat we goed samenwerken met het hoger onderwijs. De opleidingen HBO5 moeten afgestemd zijn op de arbeidsmarkt. Bovendien moeten ze beantwoorden aan de beroepscompetentieprofielen die de SERV zal opstellen. Dat ligt decretaal vast: als je een nieuwe opleiding programmeert, moet die beantwoorden aan een beroepscompetentieprofiel. Vorig schooljaar heeft de begeleidingsdienst van OVSG een werkgroep opgestart met alle aanbieders van HBO5 die op dat moment graduaten aanboden. In de werkgroep leerden we de NVAO (Nederlands- Vlaamse Accreditatie Organisatie) beter kennen. Voor het volwassenenonderwijs was deze organisatie totaal nieuw. We vroegen ons uiteraard af wat ons te wachten zou staan, welke toetsen we zouden moeten doorlopen om de nodige onderwijskwalificaties te verkrijgen. Dat alles vernamen we in de werkgroep waar de conceptkaders van de NVAO besproken werden. Oorspronkelijk wilde deze organisatie de conceptkaders voor het hoger onderwijs gewoon overplaatsen naar het volwassenenonderwijs. Nu is het zo dat de NVAO rekening zal houden met de feedback die wij geven vanuit onze ervaring. Zo wordt er beter rekening gehouden met de specifieke situatie van het volwassenenonderwijs. Bavo Van Soom: Bij de start van de nieuwe legislatuur en de daarbij behorende besparingen, is de opstartfase van het HBO-decreet vertraagd. De commissie voor de erkenning van de opleidingen HBO5 wordt pas in 2010 geïnstalleerd. Voorlopig blijft de timing van de implementatie wel behouden en daar stellen de centra die HBO5 aanbieden ernstige vragen bij Begeleiding op maat van het centrum Uw centrum heeft ook specifieke begeleiding aangevraagd voor de omvorming van de opleiding Toeristische Gids? Ingrid Van Cauter: Wij hadden een lineaire opleiding tot toeristische gids van 900 lestijden die we wilden omvormen 24 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Sport- en Openluchtklassen GEPOS vzw, Ravensteingalerij 3 bus Brussel Tel Fax

14 volwassenenonderwijs DKO CVO Elishout biedt heel wat opleidingen aan voor de sector van de voeding: van slagersgast over hulpkok tot chocolatier en grootkeukenverantwoordelijke. tot een modulaire opleiding. Maar ondertussen boden een aantal opleidingsverstrekkers een verkorte opleiding tot gids-reisleider aan. Daardoor zijn we er niet in geslaagd om een modulaire opleiding van langere duur te ontwikkelen. OVSG heeft ons wel enorm gesteund bij het inhoudelijk voorbereiden van het dossier voor een Vlor-advies. Op dit moment organiseren wij nu ook de verkorte opleiding die leidt naar een certificaat. In een langere opleiding (graduaat) kon je bv. ook talen aan bod laten komen en daar is nu geen tijd voor. Een 25-tal cursisten volgt dit jaar de opleiding gids-reisleider. Het is een succesverhaal, ook al omdat de cursisten in het tweede semester kunnen kiezen voor specialisatie Brussel en dat spreekt enorm aan. Bovendien zijn in Brussel altijd gidsen nodig. Een ander thema waarvoor jullie door OVSG begeleid werden, is evaluatie? Ingrid Van Cauter: Uit de sterkte-zwakteanalyse van ons centrum bleek dat ons evaluatiebeleid een aandachtspunt was. Enerzijds hadden we de laatste jaren een instroom van veel nieuwe leerkrachten, anderzijds is er ook heel wat veranderd op het vlak van evalueren. Cursisten komen soms ook van andere centra of ze hebben al beroepservaring. Bij deliberaties merkten we dat verschillende docenten verschillende criteria hanteerden. We vroegen aan de begeleidingsdienst van OVSG om ons evaluatiebeleid voor alle richtingen door te lichten. We hadden een aantal gesprekken met Bavo Van Soom van OVSG om uit te maken waar we naartoe wilden en hoe we dat konden aanpakken. We kozen ervoor om dit te organiseren op het niveau van onze vakcoördinatoren. Zij komen regelmatig samen, onder begeleiding van OVSG, en werken casestudies en oefeningen uit die in de groep besproken worden. Vanaf het tweede semester gaan we dit uitbreiden naar de hele leraarsgroep. Zo willen we komen tot een verbeterd evaluatiebeleid vanaf volgend schooljaar. Het gaat er onder andere over welke vorm van evaluatie je het best kunt gebruiken in welke richting: permanente evaluatie, procesevaluatie Als je competentiegericht werkt, wat we de laatste jaren gedaan hebben, verloopt de beoordeling ook helemaal anders. Johan Vandenbranden: Dit proces van begeleiding, samen met OVSG, loopt over verschillende maanden. We stellen een tijdspad op, we faseren en waken mee over de implementatie. Een ondertussen klassiek geworden vorm van nascholing voor de directies van het volwassenenonderwijs is de driedaagse. Alle directeurs en adjunct-directeurs van de centra gaan samen met de begeleidingsdienst op seminarie rond een bepaald thema. Vorig schooljaar gebeurde dit voor de achtste keer. Wat is uw ervaring hiermee? Johan Vandenbranden: We stellen telkens een lijst van mogelijke thema s voor aan de directeuren en ik herinner me dat stress- en timemanagement meteen positief onthaald werd. Ingrid Van Cauter: Zo n bijscholing specifiek op maat van de directies is heel welkom. Sinds we van een avondschool geëvolueerd zijn naar een centrum voor volwassenenonderwijs is onze taak veel complexer geworden. Daarbij komen dan nog alle uitdagingen en onderwijsvernieuwingen van de laatste jaren en dan is het echt wel interessant dat je technieken krijgt aangereikt voor stress- en timemanagement. De onderwerpen die we voor zo n driedaagse kiezen, met inspraak van alle collega s, zijn van die aard dat je er echt iets mee kunt doen in je centrum. De sprekers kunnen altijd goed de link leggen naar het onderwijs. Ook heel waardevol is het netwerken met collega s van andere centra. Voor mij zijn die andere directeuren eigenlijk vrienden geworden. Als directeur sta je alleen in je centrum, maar de directeuren onder elkaar zijn altijd bereid om informatie te delen met elkaar of om samen te werken. In het verleden hebben we zo al samengewerkt aan een model van centrumreglement, aan functiebeschrijvingen Bijna elke week bel ik met een collega. Er is geen concurrentie, we kunnen bij elkaar terecht. De driedaagse maakt die relaties nog intenser, naast de vergaderingen van het directeurenplatform volwassenenonderwijs. Johan Vandenbranden: Een andere vorm van nascholing die we bieden zijn de werkgroepen over bepaalde nieuwe thema s. Sinds het nieuwe decreet is gecombineerd leren mogelijk. Dat betekent dat de cursist een aantal contacturen heeft, en dat hij daarnaast de cursus thuis verder afwerkt via een webapplicatie. Daarover heeft OVSG een werkgroep opgestart. Een aantal centra werkt al op die manier, een aantal andere is geïnteresseerd om dit te doen. Ook in deze werkgroepen leren de centra van elkaar. Ingrid Van Cauter: Als we vragen hebben, worden we snel en goed geholpen door de sdienst. Wij worden prima begeleid in onze professionele ontwikkeling. pedagogisch adviseur volwassenenonderwijs niveaucoördinator volwassenenonderwijs communicatie CVO Elishout ligt op de campus COOVI-CERIA. Dat moet zowat de enige campus zijn die een eigen metrohalte heeft, en met zo n 6000 cursisten die naar de verschillende scholen op de campus komen, is dat geen overbodige luxe. Bovendien is het een tweetalige campus. Er is secundair en volwassenenonderwijs in het Nederlands en het Frans en hoger onderwijs in het Frans. Het aanbod van CVO Elishout is breed; de lerarenopleiding, de opleiding Openbare Besturen en de opleidingen in de voeding zijn het best gekend. De inrichtende macht van dit centrum voor volwassenenonderwijs is de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC). Diversiteit van doelgroepen in de academie Een uitdaging voor de toekomst De sdienst DKO heeft naast de opvolging van de tijdelijke projecten, ook bijkomend onderzoek verricht naar mogelijke opdrachten die in de toekomst door het deeltijds kunstonderwijs zouden kunnen worden uitgevoerd. Waar kan er samengewerkt worden en welke nieuwe doelgroepen kunnen we aanspreken? DKO en leerplichtonderwijs kunnen van elkaar leren. In het rapport Verdieping Verbreding, perspectieven voor inhoudelijke vernieuwing van het DKO wordt een dubbele maatschappelijke opdracht voor het DKO omschreven als: artistieke opleidingen organiseren - op het niveau van amateurs maar ook als voorbereiding op het hoger kunstonderwijs - en kunst- en cultuureducatie in het kleuter- en leerplichtonderwijs bevorderen. Deze opdracht wordt in de beleidsnota van minister van Onderwijs Pascal Smet herhaald. Voor het deeltijds kunstonderwijs zien we samenwerking mogelijk met: de culturele en amateurkunstensector in het kader van cultuureducatie; het hoger (kunst-)onderwijs in het kader van de lerarenopleiding; het volwassenenonderwijs in het kader van het tweedekansonderwijs; de sociale sector in het kader van kunsteducatie voor mensen met een beperking; de zelforganisaties en de organisaties die de belangen van etnisch-culturele minderheden en kansarme doelgroepen behartigen. Om dit te kunnen realiseren zal men evenwel een organiek kader met extra middelen moeten aanreiken waarop academies zich kunnen afstemmen. Het diversifiëren van doelgroepen en het al dan niet samenwerken met partners moet evenwel tot de autonomie van de lokale besturen behoren en niet van bovenuit worden opgelegd. Het bottom-up principe is een belangrijke factor voor het creëren van een draagvlak in de academie en het al dan niet welslagen van het project. Kunst- en cultuureducatie in kleuter- en leerplichtonderwijs Deze opdracht vindt zijn oorsprong in de tijdelijke projecten Muzische vorming die in een tiental academies met groeiend succes georganiseerd worden. Uit deze ervaringen kunnen we een aantal doelstellingen voor de toekomst distilleren: een intensieve en duurzame samenwerking tussen DKO en het kleuter- en leerplichtonderwijs verder uitbouwen; de lokale samenwerking tussen onderwijs en de culturele en amateurkunstensector bevorderen; artistieke en pedagogische/didactische competenties uitwisselen tussen leerkrachten uit het kleuteren leerplichtonderwijs en leerkrachten DKO; het aanbod aan kunst- en cultuureducatie voor alle leerlingen verrijken. Hierbij ziet OVSG kunst- en cultuureducatie als een essentieel onderdeel van de vorming en persoonlijkheidsontwikkeling van elk individu. Via kunst en cultuur worden kennis, vaardigheden en attitudes ontwikkeld die hun invloed hebben op de andere leergebieden. 26 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

15 DKO DKO Om kwalitatieve processen te kunnen verwezenlijken hebben leerkrachten uit het kleuter- en leerplichtonderwijs een rijk palet aan muzische competenties nodig. De leerkrachten uit het deeltijds kunstonderwijs beschikken over een specifieke kennis en vaardigheid in een bepaalde kunstdiscipline. Deze competenties kunnen verrijkend zijn voor de leerkrachten uit het leerplichtonderwijs. Omgekeerd kunnen leerkrachten uit het DKO op didactisch vlak leren van leerkrachten uit het leerplichtonderwijs, denken we aan omgaan met groepen of met leerlingen met speciale onderwijsbehoeften, diversiteit Hierdoor ontstaat een win-winsituatie die de basis vormt voor een goede samenwerking over de niveaus heen. Zo n wisselwerking is te verkiezen boven een vakspecifieke leraar muzische vorming. De lerarenopleiding Men kan zich de vraag stellen of het deeltijds kunstonderwijs geen ondersteunende rol kan spelen bij sommige opleidingscomponenten van de lerarenopleidingen. Bijvoorbeeld in het kader van de muzische vorming voor het basisonderwijs, maar ook voor de opleidingen Plastische en Muzikale Opvoeding in het secundair onderwijs en de kunstgerichte kunstopleidingen. Het DKO is vooral een belangrijke afnemer van de kunstgerichte lerarenopleiding. Zo stelt het DKO ongeveer 5500 leerkrachten tewerk. Vaak horen we echter dat sommige stagiairs of jonge leerkrachten onvoldoende voorbereid zijn op hun taak, dat ze de structuur van het kunstonderwijs en de leerplannen DKO onvoldoende kennen en dat ze ten slotte zelden weten hoe in de academies gewerkt wordt. Daarenboven merken we ook op dat de brede lesbevoegdheid soms problemen schept. Het DKO vraagt dan ook meer respect voor de authenticiteit en de vakdeskundigheid binnen onze sector. In het vooruitzicht van een nieuw decreet, zullen de lerarenopleidingen hun studenten moeten voorbereiden op de inhoudelijke vernieuwing van het DKO. Ook de nascholing van de huidige leerkrachten zal een belangrijke rol spelen bij het implementeren van een hervorming. De introductie van het vak Project Kunstvakken (PKV), dat mede op advies van OVSG werd geïntroduceerd in de lerarenopleiding van Bachelor in het Onderwijs, Secundair Onderwijs, kan ongetwijfeld als een meerwaarde van de opleiding worden beschouwd. PKV/Beeld- of Muziekeducatie wordt er als een uitdieping van de onderwijsvakken Plastische of Muzikale Opvoeding ingevuld. Inhoudelijk worden deze vakken, met het oog op een toekomstige tewerkstelling, volledig afgestemd op het studieaanbod van de lagere en middelbare graad van het DKO. Het tweedekansonderwijs Jongeren en volwassenen kunnen ook zonder les te volgen in het reguliere onderwijs, een diploma secundair onderwijs behalen. De mogelijkheden daartoe zijn de examencommissie van de Vlaamse Gemeenschap en het Tweedekansonderwijs (TKO), georganiseerd door de centra voor volwassenenonderwijs (CVO). In samenwerking met het volwassenenonderwijs zou het DKO een opleiding kunnen organiseren om een diploma kunstsecundair onderwijs (KSO) te behalen. Hierbij zou het volwassenenonderwijs kunnen instaan voor de algemene vorming en het DKO voor de artistieke vorming. In het kader van de opname van arbeidsmarktgerichte DKO-opleidingen in de Vlaamse Kwalificatiestructuur (VKS), het hoger beroepsonderwijs en het geïntegreerd EVC-beleid, kan een samenwerking met het volwassenenonderwijs worden overwogen en het steunpunt voor sociaal-cultureel volwassenenwerk (Socius) worden uitgebouwd. De sociale sector Academie Noord, Brasschaat Heel wat academies in Vlaanderen staan ervoor open om hun doelgroep te verbreden en om ook cursisten met specifieke onderwijsbehoeften in de academie een gepaste kunstopleiding aan te bieden. Sinds 2002 organiseren vier academies voor Muziek, Woordkunst en Dans en acht academies voor Beeldende Kunst tijdelijke projecten voor kinderen, jongeren en volwassenen met een mentale handicap of autisme, soms ook in combinatie met een fysieke beperking. In enkele projecten wordt intens samengewerkt met medisch pedagogische instituten (MPI s) of met het kinderziekenhuis van het UZ Gasthuisberg in Leuven. Naast deze door de Vlaamse overheid gesubsidieerde initiatieven zijn er tal van lokale besturen die hun verant- woordelijkheid voor deze leerlingen opnemen. Naast de hierboven vernoemde projecten zijn er nog zeven academies voor Muziek, Woordkunst en Dans en vier academies voor Beeldende Kunst die met lokale middelen specifieke initiatieven organiseren. Daarnaast zijn er een twintigtal academies voor Muziek, Woordkunst en Dans die via uren pedagogische coördinatie in omkadering voorzien voor leerlingen met leervertragingen en/of leerstoornissen binnen de studierichting muziek. Een structuur voor deze doelgroep aanbieden wordt dan ook één van de uitdagingen voor de toekomst. Kansarme doelgroepen bereiken Cultureel-artistieke participatie en -beleving (beeld, muziek, dans, theater ) zijn net zo goed belangrijk voor minderheidsgroepen. Het zijn vooral de zelforganisaties die hiervoor initiatieven nemen en een vrijetijdsaanbod voor hun doelgroepen ontwikkelen. In die organisaties is een grote en rijke verscheidenheid te vinden op het vlak van kunst- en cultuuraanbod (van amateurkunstbeoefening tot een quasi professionele aanpak). OVSG is van mening dat deze zelforganisaties voor het DKO een interessante partner kunnen zijn om samen te werken en vindt het belangrijk dat de betrokken partners hierbij de eigenheid en de dynamiek van hun cultuurbeleving kunnen behouden. Ook hier pleit OVSG voor samenwerkingsverbanden die vrijwillig, lokaal en contextgebonden tot stand kunnen komen. De samenwerking tussen DKO en de sociaalculturele organisaties moet vanuit een win-winmodel tot stand komen. Wat deelname aan het DKO betreft, moeten we een onderscheid maken tussen de culturele diversiteit en de problematiek van sociaal-economische kansarmoede en verschillen op het vlak van culturele startposities. Er zijn momenteel verschillende drempels die beletten dat alle groepen uit de samenleving evenredig deelnemen aan het DKO. Naast het CIJFERS IN HET DEELTIJDS KUNSTONDERWIJS XV Toestand op basis van de leerlingentelling van 1 februari 2009 probleem van de mobiliteit, bestaat er voor veel studierichtingen een financiële drempel. Het inschrijvingsgeld en de aankoop- of huurprijs van muziekinstrumenten maken het vandaag nog altijd niet evident om naar de academie te gaan. Voor mensen die in armoede leven, is deelname aan het DKO soms niet haalbaar omdat ze eenvoudigweg andere prioriteiten moeten stellen. niveaucoördinator deeltijds kunstonderwijs De gemeente maakt school De dienst deeltijds kunstonderwijs telt dertien medewerkers onder leiding van niveaucoördinator Philippe Vanderschaeghe. Naast de ondersteuning van de schoolbesturen staan zij voornamelijk in voor de pedagogische begeleiding en nascholing van de teams van de academies. Sommige medewerkers leggen zich specifiek toe op de studierichting muziek, woordkunst of dans, andere op de studierichting beeldende kunst. Ook de schoolsecretariaten kunnen op ondersteuning rekenen van Lief Van Asbroeck en twee medewerkers staan in voor het secretariaat van de dienst. Voor gespecialiseerd juridisch advies kunnen schoolbesturen terecht bij Kathleen Cherlet Op de foto v.l.n.r en van boven naar onder: Heidi Jacobs, Philippe Vanderschaeghe, Erwin Scheltjens, Miet Bogaert, Mia D Aubioul, Michel Wieczerniak, Kathleen Cherlet, Lief Van Asbroeck, Jo Degroote, Katrien Cornelis, Roos Lauwaert en Sonja Turf. Wim Smet en Hilde Quix ontbreken op de foto. 1 op 7 leerlingen naar de academie In het schooljaar volgden leerlingen/cursisten les aan een stedelijke/gemeentelijke academie. Daarvan volgden er Muziek, Woordkunst, Dans en Beeldende Kunst. Gemiddeld volgt 1 op 7 leerlingen van het leerplichtonderwijs een of andere studierichting van het DKO. Voor het lager onderwijs is dat bijna 1 op 5 (18,9 %) en voor het secundair onderwijs 1 op 10 (10,6 %). 28 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

16 P.B. Een uitgave van het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap vzw Ravensteingalerij 3 bus 7, 1000 Brussel Verschijnt vier keer per jaar (september januari april juni) P Afgiftekantoor Brussel X 1000 Brussel België - Belgique P.B Brussel X 1/1873 P.B. P.B. Een uitgave van het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap vzw Ravensteingalerij 3 bus 7, 1000 Brussel België - Belgique P.B Brussel X 1/1873 Verschijnt vier keer per jaar (september december maart juni) P Afgiftekantoor Brussel X 1000 Brussel koepelbeleid auteursrechten auteursrechten koepelbeleid Auteursrechten: een nooit eindigend verhaal Als vanouds kwamen in het schooljaar een aantal dossiers rond auteursrechten aan bod. Sommige thema s zijn immers nooit van de agenda. OVSG treedt in overleg met de verschillende vennootschappen die de auteursrechten beheren en communiceert hierover met de scholen, academies en besturen. Kroniek van een woelig jaar Semu In het begin van lanceerde Semu nieuwe licenties voor het basisen secundair onderwijs, waarover vooraf met de onderwijskoepels geen overeenstemming was bereikt. In navolging van het deeltijds kunstonderwijs vroeg Semu nu ook een vergoeding voor het kopiëren van partituren en liedjesteksten in het leerplichtonderwijs. Dat had heel wat heisa tot gevolg, in de scholen, in de pers Algemene teneur: moeten we nu ook al betalen voor Klein klein kleutertje in de klas? Uiteraard gaf OVSG een negatief advies, onder meer wegens de te hoge kostprijs. Het was slechts het begin van een soap Net voor het jaareinde toverde minister Van Quickenborne plots een wit konijn uit zijn hoed: een wetswijziging van de Auteurswet waardoor scholen partituren en liedjesteksten in hun geheel zouden mogen kopiëren voor onderwijsdoeleinden. Dat feestje werd echter verstoord door het Grondwettelijk Hof. Eerst kwam er op vraag van Semu en enkele uitgevers een schorsing van de wetswijziging (april 2009), enkele maanden later gevolgd door een definitieve vernietiging wegens schending van het gelijkheidsbeginsel (juli 2009). Terug naar af dus, en op het terrein wederom de grootste verwarring. Van het wit konijn is nadien niets meer vernomen. Wel kwamen er opnieuw gesprekken met Semu om tegen het schooljaar een betere regeling uit te werken. Begin juli 2009 dachten we namelijk toch een akkoord met Semu te hebben bereikt. Ook hier bleek er al snel een metersbrede kloof tussen wat de verschillende partijen eigenlijk bedoelden. Even leek de impasse totaal, maar uiteindelijk kon er toch een compromis worden gevonden. Dat dit in volle zomer- en vakantieperiode Moeten scholen betalen voor de liedjes die ze zingen? moest gebeuren, vergemakkelijkte de communicatie niet. Resultaat: nog voor we ons formeel akkoord hadden kunnen geven op een ultiem door Semu gewijzigd voorstel, lag het al op de bureaus van de scholen. Een voorbeeld van hoe het niet moet. Sabam Sabam van zijn kant kwam met een nieuw jaartarief (T125) in de plaats van de afzonderlijke aangiftes per activiteit waarvoor auteursrechten verschuldigd zijn (gebruik repertoire Sabam). OVSG en de andere koepels gingen hiermee akkoord, want we zijn voor administratieve vereenvoudiging. Als dit ook nog eens gepaard gaat met een lagere kostprijs zijn we helemaal tevreden. Maar al snel kwam aan de oppervlakte dat Sabam er een andere invulling van bepaalde begrippen op nahield met als gevolg onduidelijkheid op het terrein. In september 2008 was er eerst de discussie over de inning per Het Trappenhuis, Gent school of per vestigingsplaats. In de herfst volgde dan een interpretatieprobleem over de zogenaamde activiteiten buiten de onderwijsinstelling. In beide gevallen kwam er wel een oplossing uit de bus (toen het schooljaar al ver gevorderd was), maar het blijft een spijtige zaak dat dit allemaal gebeurt nadat er eerder een gentlemen s agreement was. Net voor het einde van het schooljaar zorgde Sabam dan nog voor een bom in het deeltijds kunstonderwijs. Na evaluatie van het jaarcontract kwam Sabam tot de vaststelling dat het lage tarief voor het DKO niet kon worden aangehouden, waarop men een substantiële verhoging voorstelde. OVSG wenste daar pas over te praten na een grondige evaluatie van het jaarcontract. Toen vond Sabam het nodig om de academies en hun inrichtende machten per brief in te lichten over de wijziging (contractueel verplicht vóór 1 juli) zonder OVSG hiervan vooraf op de hoogte te brengen. Uiteraard ging OVSG niet akkoord met deze handelwijze. Bovendien bleek dat een aantal academies volgens dit nieuwe tarief aanzienlijk meer zouden moeten betalen dan het geval was vóór T125 van kracht werd (m.a.w. op basis van het systeem met de afzonderlijke aangiftes per activiteit). Een ultiem gesprek volgde, maar Sabam kon of wou het nieuwe tarief niet meer intrekken. Een dergelijk hoog tarief konden we vanzelfsprekend niet aanbevelen aan onze academies, met massale opzeggingen tot gevolg. Tijdens het schooljaar zal de kwestie in ieder geval opnieuw worden bekeken. De minister bevoegd voor auteursrechten imago Tijdschrift voor het Gemeentelijk Onderwijs Een uitgave van het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap vzw Ravensteingalerij 3 bus 7, 1000 Brussel De gemeente maakt school Jaargang 7, nummer 4 juni 2008 Tien basisscholen zijn een millenniumschool Schoolkosten beheersen in het basisonderwijs Handel TSO, een richting met toekomst Verschijnt vijf keer per jaar (januari april juni september december) P Afgiftekantoor Brussel X 1000 Brussel België - Belgique 1000 Brussel X 1/1873 Tijdschrift voor het Gemeentelijk Onderwijs Tijdschrift voor het Gemeentelijk Onderwijs Een uitgave van het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap vzw Ravensteingalerij 3 bus 7, 1000 Brussel De gemeente maakt school Jaargang 8, nummer 1 september 2008 Een nieuwe trede op de onderwijsladder: het hoger beroepsonderwijs De academie, hart van het vrijetijdsaanbod Wat kosten auteursrechten aan het onderwijs De gemeente maakt school Jaargang 8, nummer 2 december, januari, februari P Afgiftekantoor Brussel X 1000 Brussel Verschijnt vier keer per jaar (september december maart juni) Uiteraard zaten OVSG en de andere onderwijskoepels niet stil: begin september vertrok er een gezamenlijke brief naar de minister van Ondernemen en Vereenvoudigen Vincent Van Quickenborne om de verzuchtingen van het onderwijs nog eens onder de aandacht te brengen. Kern van ons betoog was dat de auteursregelgeving te ingewikkeld is en dat er nood is aan vereenvoudiging van de procedures. Concreet: de creatie van één loket waar de school één factuur betaalt voor alle vergoedingen. In het septembernummer (2008) van Imago publiceerden we het artikel Auteursrechten in onderwijs, claim op de werkingsmiddelen? om een beeld te geven van de vergoedingen die een gemiddelde school moet betalen. Ook in de Kamer van Volksvertegenwoordigers kreeg de minister enkele vragen over het onderwerp. In juni 2009 heeft de federale regering een wetsontwerp tot wijziging van de Auteurswet ingediend om het statuut en de controle van de beheersvennootschappen te hervormen. Deze hervorming heeft onder meer tot doel om de rechthebbenden, de gebruikers en het publiek in het algemeen de waarborg te bieden dat de vennootschappen voor het beheer van de rechten wel degelijk over de nodige kwaliteiten beschikken voor de uitoefening van hun activiteiten. Een maand later is het ontwerp door de Kamer van Volksvertegenwoordigers aangenomen. Speciale editie OVSG JAARVERSLAG Vier keer per schooljaar verschijnt Imago. Het tijdschrift geeft commentaar bij en duiding over de onderwijsreglementering en over andere regelgeving die voor het onderwijs belangrijk is. Ook actuele onderwijstendensen en nieuws uit het gemeentelijke onderwijsveld komen aan bod. We laten de stemmen aan het woord van al wie professioneel bij het stedelijk en gemeentelijk onderwijs betrokken is. Daarbij komen alle onderwijsniveaus aan bod: basisonderwijs, secundair onderwijs, deeltijds kunstonderwijs, volwassenenonderwijs en centra voor leerlingenbegeleiding. Al de bij OVSG aangesloten leden (schoolbesturen, gemeentelijke onderwijsdiensten en directeuren van de verschillende niveaus) krijgen een gratis exemplaar toegestuurd. Vanaf januari 2010 kunt u ook extra abonnementen bestellen, bv. voor de gemeenteraadsleden, voor de andere leden van het schoolteam, voor de bibliotheek of gewoon uit interesse Een abonnement voor vier nummers (maart, juni, september en december 2010) kost 25 euro. U kunt on line bestellen via België - Belgique 1000 Brussel X 1/1873 Tijdschrift voor het Gemeentelijk Onderwijs Een uitgave van het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap vzw Ravensteingalerij 3 bus 7, 1000 Brussel België - Belgique 1000 Brussel X 1/1873 De gemeente maakt school Jaargang 8, nummer 3 maart, april, mei 09 Nieuwe aanpak van de inschrijvingen in Gent Het CLB-dossier: een open boek? Een technische proef in de eindtoets basisonderwijs Tijdschrift voor het Gemeentelijk Onderwijs Verschijnt vier keer per jaar (september december maart juni) P Afgiftekantoor Brussel X 1000 Brussel De gemeente maakt school Jaargang 9, nummer 1 sept-okt-nov 09 Een nieuw schooljaar, nieuwe regelgeving Ouders en school, partners in zorg Sociale voordelen, een lange geschiedenis hét tijdschrift voor stedelijk en gemeentelijk onderwijs Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap vzw, Ravensteingalerij 3 bus 7, B-1000 Brussel T I F I I GEWU In oktober lanceerden GEWU (Groep Educatieve en Wetenschappelijke Uitgevers) en de beheersvennootschap RUIT in de schoot van de Vlaamse Uitgeversvereniging VUV (ook bekend als boek.be) een campagne in het onderwijs: Het origineel is altijd beter dan de kopie, ook in het onderwijs, ondersteund met de website www. doedekopieertest.be. Om de campagne voor te bereiden, was er overleg met de onderwijskoepels. In het voorjaar volgde het resultaat: de kopieercampagne van boek.be kreeg in samenspraak met de onderwijskoepels een nieuwe impuls met een gloednieuwe website (www.doedekopieertest.be) en een interactieve, herwerkte quiz waarmee lesgevers hun kennis kunnen testen over wat mag en niet mag. OVSG ondersteunde de campagne o.a. met een bericht in Imago. Een mooi bewijs dat auteursverenigingen en onderwijs niet altijd met getrokken messen tegenover elkaar moeten staan, maar ook constructief kunnen samenwerken. Billijke vergoeding Wat de naburige rechten en de billijke vergoeding betreft (voor uitvoerende kunstenaars en producenten), werd in juni 2009 een werkgroep opgericht in de schoot van het departement Onderwijs, waarin vertegenwoordigers van de beheersvennootschappen en onderwijs informatie kunnen uitwisselen en knelpunten bespreken. Reprobel Alleen over de reprografieregeling bleef het al die tijd opvallend stil, maar de vraag waar het naartoe moet met het statuut van de printers zal binnenkort ongetwijfeld van onder het stof worden gehaald. Een gelijkschakeling met kopieerapparaten, zoals Reprobel wenst, behoort tot de mogelijkheden. stafmedewerker koepelbeleid 30 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

17 koepelbeleid belangenbehartiging belangenbehartiging koepelbeleid 32 Een nieuw decreet over de kwaliteit van onderwijs Na de invoering van de staatshervorming werden de kwaliteitsbevordering en -bewaking van het onderwijs vastgelegd in het decreet van 17 juli 1991 over de inspectie en sdiensten. De wereld bleef sindsdien niet stilstaan: de trend naar gerichter toezicht dat meer in de openbaarheid wordt uitgeoefend en waarbij onderwijsresultaten en effectiviteit steeds duidelijker uit de verf komen, beroerde ook het Vlaamse onderwijs. De overheid legde een nieuw kwaliteitsdecreet op de onderhandelingstafel dat aan deze ontwikkelingen kon tegemoetkomen en de ondersteuning van en het toezicht op de kwaliteit van scholen, instellingen, centra en CLB s actualiseerde. Het algemeen kader van dit decreet kan als volgt worden samengevat: de instellingen (onderwijsinstellingen en CLB) zijn verantwoordelijk voor de interne kwaliteitszorg. Ze kunnen hierbij rekenen op ondersteuning van de sdiensten en nascholingsorganisaties. De onderwijsinspectie houdt toezicht op de kwaliteitszorg en op de kwaliteit van het onderwijs in de scholen en van de leerlingenbegeleiding in de centra voor leerlingenbegeleiding. De diensten pedagogisch beleid en koepelbeleid van OVSG bestudeerden grondig de voorstellen en tekstversies. OVSG bereidde zich terdege voor op de komende besprekingen met de overheid over dit belangrijke onderwijsdecreet. Eind oktober 2008 startten intensieve formele onderhandelingen in het sectorcomité; ze werden afgesloten op het eind van januari 2009 met een protocol van akkoord van OVSG. Voor OVSG is respect voor de pedagogische vrijheid van scholen en hun bestuurlijke autonomie absoluut noodzakelijk; het is wezenlijk dat de inspectie hiervan vertrekt bij haar gedifferentieerde doorlichtingen. Vanuit dit standpunt kan het beleidsvoerend vermogen van de instellingen alleen in beschouwing genomen worden door de inspectie wanneer een ongunstig advies over de school wordt uitgesproken. De beoordeling van het beleidsvoerend vermogen van een school is van een andere orde dan het nagaan of de instelling de reglementering respecteert. We vonden het uiterst belangrijk dat de overheid deze visie deelde en de teksten in die zin aanpaste. Het nieuwe decreet vertrekt zeer expliciet van de school en het CLB als eerste verantwoordelijken voor kwaliteitsvol onderwijs en kwaliteitsvolle leerlingenbegeleiding. OVSG vond het belangrijk dat deze centrale rol van de instellingen in de zorg om kwaliteit decretaal verankerd werd vooraan in de tekst. Bij OVSG kenden we al langer een nauwe samenwerking tussen begeleiding en nascholing. In dit decreet worden nascholing en begeleiding nu ook effectief geïntegreerd Voor OVSG is respect voor de pedagogische vrijheid van scholen en hun bestuurlijke autonomie essentieel. onder de brede noemer van ondersteuning zodat ook de decretale grenzen tussen beide componenten verdwijnen. De doorlichtingen van de inspectie zullen in de toekomst meer gedifferentieerd worden aangepakt. Zo wordt de frequentie en intensiteit van de doorlichtingen o.a. gebaseerd op een aantal indicatoren en op vorige doorlichtingsverslagen. Deze nieuwe manier van werken van de inspectie heeft zowel implicaties voor onze instellingen en scholen als voor de werking van onze eigen begeleidingsdienst. Het decreet voorziet dan ook terecht in een formeel overleg tussen de inspectie en de begeleidingsdiensten. Dit overleg kan een bijdrage leveren tot de versterking van het kwaliteitssysteem. Tegelijk biedt het ook een forum om de implementatie van het nieuwe decreet voor alle actoren zo optimaal mogelijk te realiseren. directeur koepelbeleid De Wegwijzer, Wakken De school en het CLB zijn als eerste verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs. De dienst Koepelbeleid van OVSG Het beleid van OVSG wordt gevoerd door twee strategische afdelingen die nauw samenwerken: het koepelbeleid en het pedagogisch beleid (zie blz. 34). Het team van de dienst koepelbeleid wordt geleid door directeur koepelbeleid Lies Peeters. Hoofdopdracht is het behartigen van de belangen van het gemeentelijk onderwijs in onderhandelingen met de overheid en daarover informatie geven. Daarnaast staat de dienst in voor het beleidsdomein scholenbouw. Filip Smets en Armand Konings leggen zich hierop toe en ondersteunen de gemeenten die een bouwdossier voorbereiden of in behandeling hebben. Jurgen Bal beheert onder meer de dossiers gemeentereglementering en hij volgt de vzw-regelgeving op. Michel Vanden Broucke doet beleidsvoorbereidend werk voor het secundair onderwijs en volgt het dossier preventie en welzijn in onderwijs op. De dienst kan terugvallen op de ondersteuning van Wendy Stoops die het secretariaat voor haar rekening neemt. Van een algemene naar een gedifferentieerde doorlichting Het thema van de algemene vergadering van OVSG in juni 2009 was geïnspireerd door het kwaliteitsdecreet. Onder de titel Van een algemene naar een gedifferentieerde doorlichting organiseerden we een panelgesprek voor schepenen, gemeenteraadsleden en geïnteresseerde directeurs. Inspecteur-generaal Peter Michielsens stelde de nieuwe manier van doorlichten voor. Twee directeurs hadden al zo n doorlichting meegemaakt en getuigden over hun ervaring hiermee. Patriek Delbaere en Lies Peeters in gesprek met voorzitter Katrien Schryvers Op de foto v.l.n.r. Filip Smets, Wendy Stoops, Jurgen Bal, Armand Konings, Michel Vanden Broucke en Lies Peeters. Op de foto v.l.n.r. inspecteur-generaal Peter Michielsens, directeur Christian Potloot van Gemeentelijke Technische en Beroepsschool Merchtem, Anne Berckmoes en Bob Loisen van OVSG, directeur Freddy Vandenheede van gemeentelijke basisschool De Bosrank in Zingem. Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 OVSG algemeen 33

18 pedagogisch beleid OVSG OVSG pedagogisch beleid Diverse thema s, één pedagogische aanpak De dienst Pedagogisch Beleid behartigt de belangen van het stedelijk en gemeentelijk onderwijs in pedagogische dossiers. De medewerkers nemen deel aan het overleg in de Vlaamse Onderwijsraad en zorgen voor de opvolging en de verspreiding van de dossiers. Ze helpen het standpunt van OVSG mee bepalen en dragen dit uit op externe fora. Hoe is kosteloos basisonderwijs te interpreteren? In de eerste plaats wordt gewerkt aan niveauoverschrijdende dossiers en, waar nodig, wordt ook ondersteuning geboden bij belangrijke niveaugebonden pedagogische thema s. Ter illustratie van de werking geven we enkele voorbeelden van dossiers waaraan de dienst werkte in het schooljaar Flankerend onderwijsbeleid Zijn wij als gemeentebestuur correct bezig? Wat kan, mag, moet een gemeentebestuur voor het onderwijs op zijn grondgebied doen? Dit zijn vragen die heel wat gemeentebesturen zich stellen, nu zij geconfronteerd worden met het decreet betreffende het flankerend onderwijsbeleid op lokaal niveau. OVSG werkt nauw samen met de VVSG om de gemeentebesturen hierbij te ondersteunen. Zo ontwikkelden we een Draaiboek flankerend onderwijsbeleid. Dit draaiboek geeft de mandatarissen en ambtenaren de nodige juridische achtergrond bij het decreet en het bevat eveneens een leidraad en stappenplan om in de gemeente een flankerend onderwijsbeleid op te starten. Het kan opgezocht worden op het extranet van OVSG. In schooljaar hebben 30 gemeentebesturen een beroep gedaan op OVSG om hen ter plaatse de nodige ondersteuning te bieden bij de realisatie van een flankerend onderwijsbeleid waarbij alle partners binnen de gemeente een inbreng hebben en mee verantwoordelijkheid dragen. Onze dienst biedt de gemeentebesturen eveneens telefonische ondersteuning en ondersteuning via . Kosteloos basisonderwijs Om scholen en schoolbesturen te ondersteunen in het omgaan met de maximumfactuur en de werkingsmiddelen, hebben we het document Beheersing van de schoolkosten in het basisonderwijs gemaakt (ook op extranet.ovsg.be). We merkten immers dat de kosteloosheid in het veld verschillend geïnterpreteerd werd: van een strikte toepassing van de kosteloosheid tot een meer creatieve benadering, van een verrekening van de gemaakte kosten tot het hanteren van een forfaitaire facturatie. We namen ons voor om de kosteloosheid tijdens het schooljaar in onze scholen te evalueren om bij eventuele onderhandelingen met de Vlaamse overheid het systeem te helpen optimaliseren. Gezondheidsbevordering op school Tijdens het schooljaar uitte de minister van Onderwijs de wens dat alle scholen vanaf 1 september 2007 inspanningen zouden leveren om een gezondheidsbeleid te voeren. OVSG neemt al enkele jaren initiatieven om de scholen uit het gemeentelijk en stedelijk onderwijs hierin te ondersteunen. In het schooljaar voerde de interne werkgroep gezondheid een korte bevraging bij alle pedagogisch adviseurs, begeleiders en medewerkers om te weten wat OVSG nog kan doen voor scholen in het kader van het thema gezondheid(sbevordering). Zij wilden graag de stem horen van alle (ongeveer 75) medewerkers basis- en secundair onderwijs die via vorming, (traject-) begeleiding, projecten, infosessies, etc. in contact komen met scholen. Zo kunnen toekomstige initiatieven optimaal afgestemd worden op de noden en behoeften op het terrein. In hun antwoorden lieten de medewerkers weten dat gezondheid blijvend onder de aandacht moet worden gebracht. Zij willen vooral vastleggen wat er is aan materialen en mogelijkheden, en aandacht besteden aan de boodschap. Er komt immers veel af op scholen en het is de taak van de pedagogisch begeleidingdienst om het beheersbaar te houden voor de scholen en te zorgen dat de vraag naar een gezondheidsbeleid niet bedreigend overkomt. Voor medewerkers is het ook belangrijk om duidelijkheid te blijven scheppen in de verwachtingen. De leden van de werkgroep zullen op basis van de bevindingen van de enquête inspanningen leveren om het thema gezondheid verder blijvend aandacht te geven binnen OVSG. Dit zal onder andere gebeuren via het optimaliseren van de thematische netwerken. Verder zal het thema aandacht blijven krijgen in de scholen. Hiervoor zullen we ons richten tot de (nieuwe) directies via de vormingen voor directies, de directeurenplatformen, ontmoetingsdagen en terugkomdagen voor directies. De pedagogische medewerkers en adviseurs blijven scholen begeleiden in het opstellen van een beleid(splan) en het praktisch invullen ervan. Diversiteit als meerwaarde Om onze scholen en schoolbesturen te ondersteunen bij hun inschrijvingsbeleid en de werking in de lokale overlegplatforms (LOP s), neemt de dienst pedagogisch beleid de coördinatie op zich van de begeleiders diversiteit. De werking van deze ondersteuners ligt op Soetkin Bauwens en Bob Loisen diverse terreinen. In het schooljaar werd vooral gewerkt aan informatie en ondersteuning, vorming, de leerplannen en intern overleg. Informatie en ondersteuning Op vraag van de directies en de inrichtende machten werkten de begeleiders diversiteit, in nauwe samenwerking met de juridisch-administratieve dienstverlening van OVSG, modellen uit voor de scholen en schoolbesturen om de regelgeving op een professionele manier te verwerken in bv. de schoolreglementen en de informatiebrochures voor ouders. Vorming De begeleiders diversiteit organiseerden een vorming communicatie met kansarme ouders. De sessies werden voorbereid door de begeleiders diversiteit van OVSG en KOOGO (Koepel voor Ouderverenigingen van het Officieel Gesubsidieerd Onderwijs), bijgestaan door de begeleiders diversiteit van het Vlaams Netwerk van verenigingen waar armen het woord nemen en van het Vlaams Minderhedencentrum. De inhoud bestond onder meer uit bewustwordingsoefeningen, cijfermateriaal, inzicht in armoedecultuur, communicatiemoeilijkheden en -mogelijkheden. Leerplannen In de leerplancommissies basisonderwijs en secundair onderwijs wordt altijd voldoende rekening gehouden met de aanwezige diversiteit in de scholen. De begeleiders diversiteit nemen deel aan deze commissies om bij de uitwerking van de diverse leerplannen telkens te wijzen op de uitdagingen van de diversiteit van de leerlingenpopulatie. Op die manier worden diversiteit en gelijke onderwijskansen maximaal geïntegreerd in de leerplannen. Intern overleg De begeleiders diversiteit plannen hun werkzaamheden op de coördinatievergaderingen. Daarnaast wordt geregeld overleg gepleegd met de verschillende onderwijsniveaus over specifieke thematieken, zoals het plaatselijk overleg, bijzondere aandachtspunten zoals draagkracht, omgevingsanalyse, en dergelijke. Interne werkgroep leerplichtonderwijs - DKO Deze niveauoverschrijdende werkgroep heeft het voorbije schooljaar een visie ontwikkeld. Deze visie (zie ook blz. 28) focust onder meer op samenwerkingsmogelijkheden tussen basis- en secundaire scholen en academies van het deeltijds kunstonderwijs, op gelijke kansen, en geeft concrete voorstellen om te werken aan een brede school. directeur pedagogisch beleid stafmedewerker pedagogisch beleid (flankerend onderwijsbeleid, maximumfactuur ) stafmedewerker pedagogisch beleid (gezondheidsbeleid, diversiteit, educaties ) 34 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december 2009 Imago I Jaargang 9 - nummer 2 december

19 NIEUW! HANDBOEK KWALITEITSVOL PERSONEELSBELEID Actuele onderwijspublicaties: bevattelijke informatie op maat Handboek deeltijds kunstonderwijs In Vlaanderen zijn de gemeenten de grootste aanbieders van deeltijds kunstonderwijs. Bij de organisatie van dat deeltijds kunstonderwijs komt heel wat kijken. Daarom ontwikkelde OVSG een compleet naslagwerk en praktijkgericht handboek voor het DKO. U vindt hierin heldere en praktijkgerichte informatie over de weten regelgeving voor het deeltijds kunstonderwijs. Drie keer per jaar wordt het boek aangevuld, zodat u als abonnee steeds over de meest recente informatie beschikt. Bij het boek hoort een cd-rom waarop alle wetgevende teksten werden verzameld. Handboek gemeentelijk basisonderwijs Het Handboek gemeentelijk basisonderwijs van OVSG is een compleet naslagwerk en praktijkgericht handboek waarin u alle informatie vindt op het vlak van wet- en regelgeving voor het basisonderwijs, ingericht door uw gemeente of stad. Een team van specialisten binnen het OVSG bundelde zijn jarenlange ervaring in dienstverlening en vorming. U vindt er antwoorden op alle mogelijke vragen over schoolbestuur, leerlingen, erkenning en subsidiëring, personeel en nog veel meer. Drie keer per jaar wordt het boek aangevuld, zodat u als abonnee steeds over de meest recente informatie beschikt. Bij het boek hoort een cd-rom waarop alle wetgevende teksten werden verzameld. NIEUW! Kwaliteitsvol personeelsbeleid in stedelijk en gemeentelijk onderwijs Eind augustus verscheen het OVSG-handboek over kwaliteitsvol personeelsbeleid. Het boek belicht het personeelsbeleid in ruime zin. Het gaat om veel meer dan juridisch-administratieve en technische aangelegenheden. Wie in zijn school of scholengemeenschap een kwaliteitsvol personeelsbeleid voert, ondersteunt het individuele personeelslid in zijn professionele ontwikkeling en daardoor ook het hele personeelsteam. Een geslaagd personeelsbeleid leidt tot de realisatie van het schoolproject, en daar wordt iedereen beter van: de school als professionele leergemeenschap, elk teamlid en het lerende kind. In Kwaliteitsvol personeelsbeleid komen o.m. aan bod: visie op personeelsbeleid, middelen (waaronder het wervings- en selectiebeleid, functiebeschrijvingen, ), personeelsadministratie, personeelszorg, informatiedoorstroming, personeelsbeleid en -management. In de eerste editie van dit handboek zit een basispakket aan informatie dat later via de updates steeds uitgebreid en geactualiseerd wordt. Bestelkaart Politeia // Ravensteingalerij 28 // 1000 Brussel // Fax: // Tel: Of bestel via // Ja, ik bestel ex. van Handboek deeltijds kunstonderwijs (incl. cd-rom)** Prijs* OVSG-leden: 59, niet-leden: 69 ex. van Handboek gemeentelijk basisonderwijs (incl. cd-rom)** Prijs* OVSG-leden: 74, niet-leden: 84 ex. van Kwaliteitsvol personeelsbeleid ** Prijs* OVSG-leden: 42, niet-leden: 52 Naam:... Functie:... Organisatie/bestuur: Tel.:... Adres:... BTW:... Datum en handtekening * Prijzen inclusief btw, exclusief verzendingskosten, geldig tot 31/12/2009. Check voor exacte prijzen steeds onze website ** Het betreft hier een losbladig werk. De aanvullingen worden mij toegestuurd aan 0,46 euro/blz., de cd-updates aan 29 euro tot schriftelijke wederopzegging. Uw gegevens worden door ons in een bestand bijgehouden en niet aan derden doorgegeven. Overeenkomstig de wet op de privacy heeft u inzage- en correctierecht

Afspraken Begeleidings- en evaluatietraject Mentorenproject Traject functiebeschrijvingen. SG SN BaO loopbaanontwikkeling / loopbaanbegeleiding

Afspraken Begeleidings- en evaluatietraject Mentorenproject Traject functiebeschrijvingen. SG SN BaO loopbaanontwikkeling / loopbaanbegeleiding Loopbaanbegeleiding Loopbaanontwikkeling personeelsbeleid in de SG SN BaO Info 18 april 2008 Inhoud van de sessie Schets van het groeiproces Beleidsvoorbereidende jaren Consequenties voor de definitieve

Nadere informatie

Hoe kijkt de Vlaamse onderwijsinspectie naar evalueren in scholen?

Hoe kijkt de Vlaamse onderwijsinspectie naar evalueren in scholen? Hoe kijkt de Vlaamse onderwijsinspectie naar evalueren in scholen? Mechelen 25 september 2015 Angelsaksische landen Evaluation Assessment Nederlands Assessment als deel van evaluatie Alternatieve evaluatie

Nadere informatie

SCHOLENGEMEENSCHAP SAS BRUSSEL AFSPRAKEN ROND FUNCTIEBESCHRIJVING, FUNCTIONERINGSGESPREK, EVALUATIEGESPREK

SCHOLENGEMEENSCHAP SAS BRUSSEL AFSPRAKEN ROND FUNCTIEBESCHRIJVING, FUNCTIONERINGSGESPREK, EVALUATIEGESPREK 1 SCHOLENGEMEENSCHAP SAS BRUSSEL AFSPRAKEN ROND FUNCTIEBESCHRIJVING, FUNCTIONERINGSGESPREK, EVALUATIEGESPREK Inleiding Vanaf 1 september 2007 is het werken met individuele functiebeschrijvingen in het

Nadere informatie

Inleiding 1. 2. Visie op kwaliteitsvol personeelsbeleid. In een schema gegoten 1

Inleiding 1. 2. Visie op kwaliteitsvol personeelsbeleid. In een schema gegoten 1 INHOUD 1. Algemeen Inleiding 1 2. Visie op kwaliteitsvol personeelsbeleid In een schema gegoten 1 Kwaliteitsvol personeelsbeleid kort samengevat 1 Personeelsbeleid is een onderdeel van kwaliteitsvol beleid

Nadere informatie

FUNCTIEBESCHRIJVING MENTOR-COACH

FUNCTIEBESCHRIJVING MENTOR-COACH FUNCTIEBESCHRIJVING MENTOR-COACH SCHOOL: NAAM: De functiebeschrijving van 'mentor-coach' kadert in het individuele gedeelte (instellingsgebonden taken) van de functiebeschrijving van 'leraar'. Deze functiebeschrijving

Nadere informatie

Functiebeschrijving, functioneringsgesprek en evaluatie

Functiebeschrijving, functioneringsgesprek en evaluatie Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel DOCUMENT Datum: 2007-03-01 Functiebeschrijving, functioneringsgesprek en evaluatie 1 Functiebeschrijving 1.1 Tekst van

Nadere informatie

Werking kijkwijzer beleidsvoerend vermogen:

Werking kijkwijzer beleidsvoerend vermogen: Werking kijkwijzer beleidsvoerend vermogen: WAT? Voor u ligt een kijkwijzer om het beleidsvoerend vermogen van uw school in kaart te brengen. De kijkwijzer kan gebruikt worden om een algemeen beeld van

Nadere informatie

Taaltaken, verwerkingsniveaus, tekstsoorten, tekstkenmerken en strategieën

Taaltaken, verwerkingsniveaus, tekstsoorten, tekstkenmerken en strategieën 1 Bijlage 10. Eindtermen moderne vreemde talen: Frans of Engels van de derde graad bso (derde leerjaar) Taaltaken, verwerkingsniveaus, tekstsoorten, tekstkenmerken en strategieën LUISTEREN vrij concreet

Nadere informatie

WERKING KIJKWIJZER BELEIDSVOEREND VERMOGEN: TOEGEPAST OP LOOPBAANBEGELEIDING IN DE SCHOLENGEMEENSCHAP

WERKING KIJKWIJZER BELEIDSVOEREND VERMOGEN: TOEGEPAST OP LOOPBAANBEGELEIDING IN DE SCHOLENGEMEENSCHAP WERKING KIJKWIJZER BELEIDSVOEREND VERMOGEN: TOEGEPAST OP LOOPBAANBEGELEIDING IN DE SCHOLENGEMEENSCHAP WAT? Voor u ligt een kijkwijzer om het beleidsvoerend vermogen van uw school in kaart te brengen. De

Nadere informatie

FUNCTIEBESCHRIJVING VOOR HET AMBT VAN DIRECTEUR

FUNCTIEBESCHRIJVING VOOR HET AMBT VAN DIRECTEUR FUNCTIEBESCHRIJVING VOOR HET AMBT VAN DIRECTEUR Onderwijsinstelling :... Instellingsnummer :... Schoolbestuur :... Scholengemeenschap/consortium : SG BLOM Nummer scholengemeenschap : 121921 Het arbeidsreglement,

Nadere informatie

FRANS. Personeelsvergadering 31 mei 2011. mogen moeten. taalregeling. Talenbeleidsnota 3220 FRANS 1

FRANS. Personeelsvergadering 31 mei 2011. mogen moeten. taalregeling. Talenbeleidsnota 3220 FRANS 1 FRANS Personeelsvergadering 31 mei 2011 1 taalregeling 1963 LP 1972 LP 1998 LP 2004 2007 LP 2010 2008 2009 Talenbeleidsnota mogen moeten 3220 FRANS 1 De geschiedenis van het leerplan Frans 1963 : De taalgrens

Nadere informatie

ACT PLAN CHECK KWALITEITSONTWIKKELING BINNEN VISO. Algemeen. Organisatie

ACT PLAN CHECK KWALITEITSONTWIKKELING BINNEN VISO. Algemeen. Organisatie KWALITEITSONTWIKKELING BINNEN VISO Algemeen Binnen VISO streven we kwaliteitsvol onderwijs na. Dit wil twee dingen zeggen: we willen dat onze leerlingen de wettelijk bepaalde eindtermen en leerplandoelstellingen

Nadere informatie

Wij gaan met plezier naar school.

Wij gaan met plezier naar school. www.schoolbranst.be Wij gaan met plezier naar school. 3...onze visie Onze school is een landelijk gelegen dorpsschool, een groene school, waar we leven in verbondenheid met de natuur en met elkaar en handelen

Nadere informatie

Nieuwsbrief. Interactieve werkvormen in de klaspraktijk. Onderzoeksresultaten en tips voor de praktijk

Nieuwsbrief. Interactieve werkvormen in de klaspraktijk. Onderzoeksresultaten en tips voor de praktijk Interactieve werkvormen in de klaspraktijk Onderzoeksresultaten en tips voor de praktijk Lia Blaton, medewerker Onderzoek naar onderwijspraktijk In het kader van de opdracht van het Steunpunt Gelijke Onderwijskansen

Nadere informatie

VISIETEKST INTEGRALE KWALITEITSZORG (IKZ)

VISIETEKST INTEGRALE KWALITEITSZORG (IKZ) VISIETEKST INTEGRALE KWALITEITSZORG (IKZ) Binnen onze vzw Jeugdzorg Sint-Vincentius zien we kwaliteit als een dynamisch en evolutief gegeven (cfr. Prose-model). Wij willen in eerste instantie een kwaliteitsvolle

Nadere informatie

Geletterde peuters en kleuters spelen met taal!

Geletterde peuters en kleuters spelen met taal! Geletterde peuters en kleuters spelen met taal! 17 november 2009 Daniëlle DANIELS Geletterde peuters en kleuters? Positief, veilig klasklimaat Betekenisvolle taken Ondersteuning door interactie (andere

Nadere informatie

3. Regelgevingsagenda

3. Regelgevingsagenda V L A A M S P A R L E M E N T 3. Regelgevingsagenda Titel: Flankerend onderwijsbeleid Onderdeel Sociale en andere voordelen : maatschappelijk debat voorjaar 2011 Onderdeel regierol gemeenten : conceptnota

Nadere informatie

Taaltaken, verwerkingsniveaus, tekstsoorten, tekstkenmerken en strategieën

Taaltaken, verwerkingsniveaus, tekstsoorten, tekstkenmerken en strategieën 1 Bijlage 7. Eindtermen moderne vreemde talen: Frans of Engels van de derde graad bso (eerste en tweede leerjaar) Taaltaken, verwerkingsniveaus, tekstsoorten, tekstkenmerken en strategieën LUISTEREN vertrouwd

Nadere informatie

Kwaliteitskader KunstKeur Individuele aanbieders Kunsteductie

Kwaliteitskader KunstKeur Individuele aanbieders Kunsteductie Kwaliteitskader aanbieders Kunsteductie juni 2013 1 1. Toetsingskaders, toetsing en registratie Inleiding Kwaliteitsmanagement vloeit voort uit de overtuiging dat kwaliteit van producten en processen vrijwel

Nadere informatie

Pedagogisch Project van het Stedelijk Onderwijs

Pedagogisch Project van het Stedelijk Onderwijs Pedagogisch Project van het Stedelijk Onderwijs (1) Het Stedelijk Onderwijs is de dynamische ontmoetingsplaats van alle leernetwerken ingericht door de Stad Antwerpen. (2) Het Stedelijk Onderwijs voldoet

Nadere informatie

1. Kan de minister meedelen aan hoeveel ouders uit Brussel deze folder is uitgedeeld?

1. Kan de minister meedelen aan hoeveel ouders uit Brussel deze folder is uitgedeeld? Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.3 - December 2009-491- VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN PASCAL SMET VLAAMS MINISTER VAN ONDERWIJS, JEUGD, GELIJKE KANSEN EN BRUSSEL Vraag nr. 55 van 27

Nadere informatie

Engagementsnota Campus Don Bosco Groot-Bijgaarden/Dilbeek

Engagementsnota Campus Don Bosco Groot-Bijgaarden/Dilbeek Engagementsnota Campus Don Bosco Groot-Bijgaarden/Dilbeek 1. Situering De Vrije Kleuterschool Savio Dilbeek, de Vrije Basisschool Don Bosco Groot- Bijgaarden en Don Bosco Instituut Groot-Bijgaarden bundelen

Nadere informatie

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van De Sportschool te Gentbrugge

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van De Sportschool te Gentbrugge Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw Koning Albert II-laan 15 1210 BRUSSEL doorlichtingssecretariaat@ond.vlaanderen.be www.onderwijsinspectie.be Verslag

Nadere informatie

Evaluatie-instrument Omgaan met diversiteit (pijler intercultureel onderwijs)

Evaluatie-instrument Omgaan met diversiteit (pijler intercultureel onderwijs) Evaluatie-instrument Omgaan met diversiteit (pijler intercultureel onderwijs) 1 Evaluatie-instrument Omgaan met diversiteit (pijler intercultureel onderwijs) Doel: de mate waarin leerkrachten en school

Nadere informatie

Aan de slag met toetsgegevens: van valkuil naar stappenplan. Jan Vanhoof. SOK-studiedag 7 december 2012

Aan de slag met toetsgegevens: van valkuil naar stappenplan. Jan Vanhoof. SOK-studiedag 7 december 2012 Aan de slag met toetsgegevens: van valkuil naar stappenplan Jan Vanhoof SOK-studiedag 7 december 2012 0 Inhoud van deze lezing 1. Het concept geïnformeerde (school)ontwikkeling 2. Wat weten we hierover?

Nadere informatie

Luister- en kijkvaardigheid in de lessen Nederlands

Luister- en kijkvaardigheid in de lessen Nederlands Les Taalblad, Pendelaars Tekstsoort, publiek, niveau Informatieve en persuasieve tekst Onbekend publiek Structurerend niveau voor leesvaardigheid, beoordelend niveau voor luistervaardigheid Verwijzing

Nadere informatie

Kwaliteit en toezicht

Kwaliteit en toezicht Kwaliteit en toezicht H.ROBLES DE MEDINA. M S C N Kwaliteit van onderwijs Kwaliteitssysteem Interne controle Externe controle Het begrip kwaliteit van onderwijs Kwaliteit is het leveren van producten die

Nadere informatie

Opbrengstgericht besturen en leidinggeven is samen te vatten als: het stellen van doelen en het

Opbrengstgericht besturen en leidinggeven is samen te vatten als: het stellen van doelen en het De strategische beleidscyclus en beleidsagenda van De Veenplas Opbrengstgericht systeemleiderschap! Aanpak t.b.v. de jaren 2012 2016 Vastgesteld juli 2013 Inleiding De Veenplas ziet zichzelf als een lerende

Nadere informatie

2 Situering van beleidsvoerend vermogen binnen het referentiekader en instrumentarium van de doorlichting

2 Situering van beleidsvoerend vermogen binnen het referentiekader en instrumentarium van de doorlichting B ELEIDSVOEREND VERMOGEN ALS CRITERIUM BIJ EEN DOORLICHTING 1 Inleiding De beleidskracht van scholen en centra zal vanaf het schooljaar 2008-2009 een belangrijke rol spelen als criterium voor de kwaliteit

Nadere informatie

Aartsbisdom Mechelen-Brussel Vicariaat Onderwijs Diocesane Pedagogische Begeleiding Secundair Onderwijs

Aartsbisdom Mechelen-Brussel Vicariaat Onderwijs Diocesane Pedagogische Begeleiding Secundair Onderwijs Aartsbisdom Mechelen-Brussel Vicariaat Onderwijs Diocesane Pedagogische Begeleiding Secundair Onderwijs Vakdocumenten Frans (2004) Visie en accenten leerplan Frans BaO 1 De eerste stappen zetten - Basiswoordenschat

Nadere informatie

Concreet aan de slag: checklist strategisch vto-beleidsplan

Concreet aan de slag: checklist strategisch vto-beleidsplan Concreet aan de slag: checklist strategisch vto-beleidsplan De weg is belangrijker dan de wegwijzer Tussen de wil om het huidige vormingsbeleid meer af te stemmen op de uitdagingen inzake toenemende kwaliteitseisen

Nadere informatie

Taal, expressie en communicatie ondersteund met ICT-tools in de lerarenopleiding

Taal, expressie en communicatie ondersteund met ICT-tools in de lerarenopleiding Ronde 1 Geert Kraeye en Barbara Linsen Arteveldehogeschool, Gent Contact: geert.kraeye@arteveldehs.be barbara.linsen@arteveldehs.be Taal, expressie en communicatie ondersteund met ICT-tools in de lerarenopleiding

Nadere informatie

Box 1: Matrix Handelingsgericht werken Schoolwide Positive Behavior Support Oplossingsgericht werken

Box 1: Matrix Handelingsgericht werken Schoolwide Positive Behavior Support Oplossingsgericht werken Kees Dijkstra (Windesheim), Els de Jong (Hogeschool Utrecht) en Elle van Meurs (Fontys OSO). 31 mei 2012 Box 1: Matrix Handelingsgericht werken Schoolwide Positive Behavior Support Oplossingsgericht werken

Nadere informatie

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van GVB School met de Bijbel Den Akker te Lommel

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van GVB School met de Bijbel Den Akker te Lommel Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw Koning Albert II-laan 15 1210 BRUSSEL doorlichtingssecretariaat@ond.vlaanderen.be www.onderwijsinspectie.be Verslag

Nadere informatie

De competenties die prioritair aan bod komen tijdens dit opleidingsonderdeel zijn:

De competenties die prioritair aan bod komen tijdens dit opleidingsonderdeel zijn: Specifieke lerarenopleiding C ECTS-fiche opleidingsonderdeel vakdidactische oefeningen 2 Code: 10375 Academiejaar: 2015-2016 Aantal studiepunten: 6 Studietijd: 120 à 150 uur Deliberatie: mogelijk Vrijstelling:

Nadere informatie

Deze leidraad helpt om het gesprek in team aan te gaan rond kwaliteit, vooraleer je de sjablonen in de digitale leermodules invult.

Deze leidraad helpt om het gesprek in team aan te gaan rond kwaliteit, vooraleer je de sjablonen in de digitale leermodules invult. Deel 2 Kwaliteitsbeleid Deze leidraad is gebaseerd op de digitale leermodules van Kind & Gezin. Die modules zijn bedoeld om de verschillende onderdelen van het kwaliteitshandboek uit te werken. Die modules

Nadere informatie

Om dit te realiseren hebben we in het Strategisch Beleidsplan de volgende beleidsvoornemens geformuleerd:

Om dit te realiseren hebben we in het Strategisch Beleidsplan de volgende beleidsvoornemens geformuleerd: Beleidsplan opbrengstgericht werken aan Onderwijs en Kwaliteit Beleid en doelen voor het thema Onderwijs en Kwaliteit voor de jaren 2013 2016 Vastgesteld juli 2013 Inleiding Onderwijs is onze kerntaak.

Nadere informatie

Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA

Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA VOORWOORD In dit verslag van obs de Delta treft u op schoolniveau een verslag aan van de ontwikkelingen in het afgelopen schooljaar in het kader van de onderwijskundige ontwikkelingen,

Nadere informatie

FUNCTIEBESCHRIJVING. Directeur. Scholengroep FORUM

FUNCTIEBESCHRIJVING. Directeur. Scholengroep FORUM FUNCTIEBESCHRIJVING Directeur Scholengroep FORUM Instelling Adres Instellingsnummer FUNCTIEBESCHRIJVING: DIRECTEUR Naam en voornaam Stamboeknummer Eerste evaluator Tweede evaluator De Algemeen directeur

Nadere informatie

Ronde van Vlaanderen 2008. Omgaan met Diversiteit

Ronde van Vlaanderen 2008. Omgaan met Diversiteit Ronde van Vlaanderen 2008 Omgaan met Diversiteit Omgaan met diversiteit Diversiteitstest Referentiekader: omgaan met diversiteit Screeningsinstrument Doe de diversiteitstest! Vul de test individueel in.

Nadere informatie

Nieuws uit. JAARGANG 2 extra editie kwaliteitszorg

Nieuws uit. JAARGANG 2 extra editie kwaliteitszorg Nieuws uit. JAARGANG 2 extra editie kwaliteitszorg Wat is kwalitatief goed onderwijs? Een niet zo makkelijk te beantwoorden vraag. Het antwoord heeft waarschijnlijk wel te maken met het gegeven dat de

Nadere informatie

NT2-docent, man/vrouw met missie

NT2-docent, man/vrouw met missie NT2docent, man/vrouw met missie Resultaten van de bevraging bij NT2docenten Door Lies Houben, CTOmedewerker Brede evaluatie, differentiatie, behoeftegericht werken, De NT2docent wordt geconfronteerd met

Nadere informatie

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van Vrije Gemengde Lagere School College van Melle te Melle

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van Vrije Gemengde Lagere School College van Melle te Melle Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw Koning Albert II-laan 15 1210 BRUSSEL doorlichtingssecretariaat@ond.vlaanderen.be www.onderwijsinspectie.be Verslag

Nadere informatie

Fiche 4: Hoe verhoog je je interculturele competentie?

Fiche 4: Hoe verhoog je je interculturele competentie? Fiche 4: Hoe verhoog je je interculturele competentie? In deze fiche vind je instrumenten om de interculturele competenties van personeelsleden op te bouwen en te vergroten zodat het diversiteitsbeleid

Nadere informatie

Competentieprofiel. Maatschappelijk werker

Competentieprofiel. Maatschappelijk werker Competentieprofiel maatschappelijk werker OCMW 1. Functie Functienaam Afdeling Dienst Functionele loopbaan Maatschappelijk werker Sociale zaken Sociale dienst B1-B3 2. Context Het OCMW garandeert aan elke

Nadere informatie

Omgaan met diversiteit als sleutelcompetentie Omgaan met diversiteit als leerkrachtencompetentie Omgaan met diversiteit als doelstelling van een

Omgaan met diversiteit als sleutelcompetentie Omgaan met diversiteit als leerkrachtencompetentie Omgaan met diversiteit als doelstelling van een I II III Omgaan met diversiteit als sleutelcompetentie Omgaan met diversiteit als leerkrachtencompetentie Omgaan met diversiteit als doelstelling van een schoolbeleid I. Omgaan met diversiteit als sleutelcompetentie

Nadere informatie

Samen. stevige. ambities. werken aan. www.schoolaanzet.nl

Samen. stevige. ambities. werken aan. www.schoolaanzet.nl Samen werken aan stevige ambities www.schoolaanzet.nl School aan Zet biedt ons kennis en inspiratie > bestuurder primair onderwijs Maak kennis met School aan Zet School aan Zet is de verbinding tussen

Nadere informatie

Samenwerking. Betrokkenheid

Samenwerking. Betrokkenheid De Missie Het Spectrum is een openbare school met een onderwijsaanbod van hoge kwaliteit. We bieden het kind betekenisvol onderwijs in een veilige omgeving. In een samenwerking tussen kind, ouders en school

Nadere informatie

Mia Douterlungne administrateur-generaal

Mia Douterlungne administrateur-generaal Mia Douterlungne administrateur-generaal Terugblik op het voorbije werkjaar Vooruitblik op het nieuwe werkjaar Onderwijs en de arbeidsmarkt van morgen Startdag 2015 ALGEMEEN 2014-2015: advies over beleidsnota

Nadere informatie

Parallellen tussen de peilingtoetsen en de OVSG-toets. Walter Dons Pedagogisch adviseur

Parallellen tussen de peilingtoetsen en de OVSG-toets. Walter Dons Pedagogisch adviseur Parallellen tussen de peilingtoetsen en de OVSG-toets Walter Dons Pedagogisch adviseur inhoud De OVSG-toets -Wat? Waarom? Hoe? -Voor wie? -Evolutie in onze toets Parallellen met de peilingstoetsen OVSG-toets

Nadere informatie

2. Waar staat de school voor?

2. Waar staat de school voor? 2. Waar staat de school voor? Missie en Visie Het Rondeel gaat uit van de Wet op het Basisonderwijs. Het onderwijs omvat de kerndoelen en vakgebieden die daarin zijn voorgeschreven. Daarnaast zijn ook

Nadere informatie

Strategisch Opleidingsbeleid

Strategisch Opleidingsbeleid Strategisch Opleidingsbeleid Achtergrondinformatie en tips om zelf aan de slag te gaan In deze handreiking vindt u de volgende onderwerpen: Wat is strategisch opleidingsbeleid? Hoe komt u tot strategisch

Nadere informatie

woord vooraf 11 inleiding 13 Hoofdstuk 1 Personeelsevaluatiesysteem in het Vlaamse onderwijs 17

woord vooraf 11 inleiding 13 Hoofdstuk 1 Personeelsevaluatiesysteem in het Vlaamse onderwijs 17 Inhoud woord vooraf 11 inleiding 13 Hoofdstuk 1 Personeelsevaluatiesysteem in het Vlaamse onderwijs 17 1 Omschrijving en begrippenkader 19 1.1 Statuut en rechtspositie van het onderwijspersoneel 19 1.2

Nadere informatie

De manier waarop de informatie doorstroomt binnen onze school en naar de verschillende externe medewerkers is van essentieel belang voor de sfeer en

De manier waarop de informatie doorstroomt binnen onze school en naar de verschillende externe medewerkers is van essentieel belang voor de sfeer en De manier waarop de informatie doorstroomt binnen onze school en naar de verschillende externe medewerkers is van essentieel belang voor de sfeer en de professionele cultuur. We geven in dit onderdeel

Nadere informatie

Commissie Zorgvuldig Bestuur

Commissie Zorgvuldig Bestuur Commissie Zorgvuldig Bestuur CZB/V/KBO/2011/290 BETREFT: gratis typelessen tijdens de lesuren 1 PROCEDURE 1.1 Ontvangst: 4 juli 2011 1.2 Vraagsteller - [X], ouder van een leerling 1.3 CZB Op 4 juli 2011

Nadere informatie

Taalvaardigheid Preventie en remediëring. -betrokkenheid verhogende werkvormen creëren -een maximale -herformuleren de lln het probleem

Taalvaardigheid Preventie en remediëring. -betrokkenheid verhogende werkvormen creëren -een maximale -herformuleren de lln het probleem Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VOET LEREN LEREN EN GOK Voet@2010 leren leren en thema s gelijke onderwijskansen Socio-emotionele ontwikkeling (1ste graad)

Nadere informatie

Specifieke lerarenopleiding ECTS-fiches. ECTS-Fiche Vakdidactische oefeningen 1 Code: 10374 Academiejaar: 2015-2016 Aantal studiepunten: 6

Specifieke lerarenopleiding ECTS-fiches. ECTS-Fiche Vakdidactische oefeningen 1 Code: 10374 Academiejaar: 2015-2016 Aantal studiepunten: 6 Specifieke lerarenopleiding ECTS-fiches ECTS-Fiche Vakdidactische oefeningen 1 Code: 10374 Academiejaar: 2015-2016 Aantal studiepunten: 6 Studietijd: 120 à 150 uur Deliberatie: mogelijk Vrijstelling: niet

Nadere informatie

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van Basisschool Molenveld te Denderhoutem

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van Basisschool Molenveld te Denderhoutem Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw Koning Albert II-laan 15 1210 BRUSSEL doorlichtingssecretariaat@ond.vlaanderen.be www.onderwijsinspectie.be Verslag

Nadere informatie

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie.

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie. FUNCTIE: Directeur POC AFKORTING: DIR AFDELING: Management 1. DOELSTELLINGEN INSTELLING De doelstellingen staan omschreven in het beleidsplan POC. Vermits de directie de eindverantwoordelijkheid heeft

Nadere informatie

1 Doe jij ook mee?! Team in beweging - Nu beslissen Steunpunt Diversiteit & Leren

1 Doe jij ook mee?! Team in beweging - Nu beslissen Steunpunt Diversiteit & Leren Nu beslissen De motieven om te starten met leerlingenparticipatie kunnen zeer uiteenlopend zijn, alsook de wijze waarop je dit in de klas of de school invoert. Ondanks de bereidheid, de openheid en de

Nadere informatie

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van GO! basisschool Hofkouter Sint-Lievens-Houtem te Sint-Lievens-Houtem

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van GO! basisschool Hofkouter Sint-Lievens-Houtem te Sint-Lievens-Houtem Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw Koning Albert II-laan 15 1210 BRUSSEL doorlichtingssecretariaat@ond.vlaanderen.be www.onderwijsinspectie.be Verslag

Nadere informatie

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs 1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs Het Vlaams parlement legde de basiscompetenties die nagestreefd en gerealiseerd moeten worden tijdens de opleiding vast. Basiscompetenties zijn een

Nadere informatie

Actieonderzoek: wat?

Actieonderzoek: wat? PRAKTIJKVERHAAL OVER ACTIEONDERZOEK VOOR LERAREN Gilbert Deketelaere Sint-Godelievecollege Gistel-Eernegem Actieonderzoek: wat? Groot onderhoud van zelfevaluatie op microniveau Cyclisch proces Reflectie

Nadere informatie

SOK-studiedag Effectief onderwijs: de leraar doet er toe! 7 december 2012 Affligem, België

SOK-studiedag Effectief onderwijs: de leraar doet er toe! 7 december 2012 Affligem, België SOK-studiedag Effectief onderwijs: de leraar doet er toe! 7 december 2012 Affligem, België De principes van opbrengstgericht werken Linda Odenthal Opbrengstgericht werken is geen doel maar een middel!

Nadere informatie

Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen

Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen Conceptnota Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen 1. Situering Deze conceptnota heeft tot doel om, binnen de contouren van het Vlaams Regeerakkoord

Nadere informatie

Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept (stam + contexten)?

Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept (stam + contexten)? Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VOET EN STUDIEGEBIED ASO STUDIERICHTING : ECONOMIE Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept

Nadere informatie

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid, Departement Inburgering in het kader van Managers van diversiteit. Taalgericht naar werk Inhoud I

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid, Departement Inburgering in het kader van Managers van diversiteit. Taalgericht naar werk Inhoud I taalgericht naar werk Over het belang van geïntegreerd vakonder wijs voor beroepsgerichte opleidingen Publicatie ontwikkeld door Linguapolis, Instituut voor Taal en Communicatie Universiteit Antwerpen

Nadere informatie

Werkplekleren: leren doen doet leren 6 februari 2012

Werkplekleren: leren doen doet leren 6 februari 2012 Werkplekleren: leren doen doet leren 6 februari 2012 Workshop werkplekleren: opbouw Wat is werkplekleren? Uitgangspunt Waarom werkplekleren? Getuigenissen Wedstrijd Toekomst werkplekleren? Advies SERV

Nadere informatie

HANDELINGSGERICHT WERKEN BELEIDSVOEREND VERMOGEN BELEIDSVOEREND VERMOGEN. Onderwijsbehoeften van de leerling 11/09/2013

HANDELINGSGERICHT WERKEN BELEIDSVOEREND VERMOGEN BELEIDSVOEREND VERMOGEN. Onderwijsbehoeften van de leerling 11/09/2013 Gericht Werken als bril om naar het zorgbeleid te kijken zorg Handelings- Leerlingenbegeleiding fase 0 fase 1 HGW HGW Leren & studeren Studieloopbaanbegeleiding Socioemotioneel fase 2 fase 3 HGW HGW centrale

Nadere informatie

Onderwijskundig Jaarplan ( OKJP) OnderwijsKundig JaarVerslag ( OKJV)

Onderwijskundig Jaarplan ( OKJP) OnderwijsKundig JaarVerslag ( OKJV) Werken aan kwaliteit op De Schakel Hieronder leest u over hoe wij zorgen dat De Schakel een kwalitatief goede (excellente) school is en blijft. U kunt ook gegevens vinden over de recent afgenomen onderzoeken

Nadere informatie

Hoofdstuk 2. Project Leerzorg. Achtergrond

Hoofdstuk 2. Project Leerzorg. Achtergrond Hoofdstuk Project Leerzorg Achtergrond 3 . Project Leerzorg - Achtergrond ONTSTAAN Het Project Leerzorg werd ingediend in antwoord op de oproep tot voorstellen voor netoverschrijdende en multidisciplinaire

Nadere informatie

SCHOOLEIGEN VISIE OP KWALITEITSVOLLE VAKGROEPWERKING

SCHOOLEIGEN VISIE OP KWALITEITSVOLLE VAKGROEPWERKING SCHOOLEIGEN VISIE OP KWALITEITSVOLLE VAKGROEPWERKING SCHOOLJAAR 2015-2016 1. Visie op kwaliteitsvolle vakgroepwerking Een school beschikt over voldoende beleidsvoerend vermogen als ze in staat is om zelfstandig

Nadere informatie

Stappenplan voor Brede Schoolcoördinatoren Het proces van een Brede School: van evaluatie tot afsprakenkader & actieplan

Stappenplan voor Brede Schoolcoördinatoren Het proces van een Brede School: van evaluatie tot afsprakenkader & actieplan Stappenplan voor Brede Schoolcoördinatoren Het proces van een Brede School: van evaluatie tot afsprakenkader & actieplan Van evaluatie Evaluatie op actieniveau Wanneer? Heel het jaar door, op de momenten

Nadere informatie

Schoolbeleid en ontwikkeling

Schoolbeleid en ontwikkeling Schoolbeleid en ontwikkeling VI. De rol van de schoolleider in een integraal personeelsbeleid met evaluatie als centrale schakel De evaluatie van leerkrachten een belangrijk aandachtspunt geworden in het

Nadere informatie

VRAGENLIJST LEERKRACHT ONDERBOUW TUSSENDOELENMONITOR

VRAGENLIJST LEERKRACHT ONDERBOUW TUSSENDOELENMONITOR VRAGENLIJST LEERKRACHT ONDERBOUW TUSSENDOELENMONITOR INHOUDSOPGAVE Beginnende geletterdheid Doelen blz. 3 Activiteiten blz. 3 Evaluatie blz. 4 Speciale leerbehoeften blz. 4 Mondelinge communicatie Doelen

Nadere informatie

Op de agenda. VIVO vzw. Het persoonlijk ontwikkelingsplan: een instrument binnen een kwalitatief VTO -beleid

Op de agenda. VIVO vzw. Het persoonlijk ontwikkelingsplan: een instrument binnen een kwalitatief VTO -beleid Het persoonlijk ontwikkelingsplan: een instrument binnen een kwalitatief VTO -beleid Aline Schelfaut Miranda Vermeiren 22 mei 2013 Op de agenda Intro Kwalitatief leer- en opleidingsbeleid Het persoonlijk

Nadere informatie

TEVREDENHEIDSONDERZOEK ZAANLANDS LYCEUM 2014

TEVREDENHEIDSONDERZOEK ZAANLANDS LYCEUM 2014 TEVREDENHEIDSONDERZOEK ZAANLANDS LYCEUM 2014 Inleiding In maart van dit jaar heeft adviesbureau Van Beekveld en Terpstra in opdracht van het College van Bestuur van OVO Zaanstad op de scholen van OVO een

Nadere informatie

luisteren: ET 4, 6 spreken: ET 15, 18, 23 lezen: ET 10, 12 schrijven: ET 28, 30, 31, 34 mondelinge interactie: 24, 27

luisteren: ET 4, 6 spreken: ET 15, 18, 23 lezen: ET 10, 12 schrijven: ET 28, 30, 31, 34 mondelinge interactie: 24, 27 TABASCO Oriëntatie + voorbereiden Leercoach Leerlingen Iemand voorstellen (schriftelijk en mondeling) Leerplandoelstellingen kiezen functionele kennis: - woordvelden: 35.1.1 en 35.1.2 en 35.1.3 - grammatica:

Nadere informatie

DISCO : Algemene handleiding

DISCO : Algemene handleiding DISCO : Algemene handleiding DISCO het Screeningsinstrument Diversiteit en Onderwijs m.b.t. omgaan met diversiteit biedt enerzijds handvatten om maatregelen en acties die reeds genomen werden in kader

Nadere informatie

Functionerings- en evaluatiereglement in het kader van loopbaanbegeleiding Goedkeuring Schoolbestuur: 10/02/2010 Goedkeuring LOC: 10/02/2010

Functionerings- en evaluatiereglement in het kader van loopbaanbegeleiding Goedkeuring Schoolbestuur: 10/02/2010 Goedkeuring LOC: 10/02/2010 Breekiezel 27, 3670 Meeuwen-Gruitrode Functionerings- en evaluatiereglement in het kader van loopbaanbegeleiding Goedkeuring Schoolbestuur: 10/02/2010 Goedkeuring LOC: 10/02/2010 Artikel 1: Wettelijk kader

Nadere informatie

Scholingsplan 2012-2013. Samen in ontwikkeling

Scholingsplan 2012-2013. Samen in ontwikkeling Scholingsplan 2012-2013 Samen in ontwikkeling Inhoudsopgave Inleiding 3 Pijlers 4 Kader 5 Deskundigheidsbevordering 2012-2013 6 Beschrijvingen van de scholingen 7 Aanmelden voor externe scholingen 9 Inleiding

Nadere informatie

14. Over de evaluatie van de werking van de ouderenadviesraad

14. Over de evaluatie van de werking van de ouderenadviesraad 14. Over de evaluatie van de werking van de ouderenadviesraad Elke gezonde organisatie of structuur stelt op regelmatige basis zichzelf de vraag: Zijn wij in feite wel goed bezig? Ook voor ouderenadviesraden

Nadere informatie

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding Inleiding Het LEOZ (Landelijk Expertisecentrum Onderwijs en Zorg) is een samenwerkingsproject van: Fontys Hogescholen, Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg,

Nadere informatie

Voor alle leraren Nederlands. 'Vergelijkend schema', eindtermen vaardigheden van de 3 graden: tekstsoorten, procedures/strategieën en attitudes.

Voor alle leraren Nederlands. 'Vergelijkend schema', eindtermen vaardigheden van de 3 graden: tekstsoorten, procedures/strategieën en attitudes. Voor alle leraren Nederlands 'Vergelijkend schema', eindtermen vaardigheden van de 3 graden:, procedures/strategieën en attitudes. 1 Luisteren 1e graad 2e graad 3e graad uiteenzetting leerstofonderdeel

Nadere informatie

TUSSENRAPPORTAGE INTENSIVERINGSTRAJECT REKENONDERWIJS VO. mei 2015

TUSSENRAPPORTAGE INTENSIVERINGSTRAJECT REKENONDERWIJS VO. mei 2015 TUSSENRAPPORTAGE INTENSIVERINGSTRAJECT REKENONDERWIJS VO mei 2015 2 STAND VAN ZAKEN Deze tussenrapportage is een vervolg op de startrapportage van mei 2014 en de tussenrapportage van november 2014. De

Nadere informatie

De kwaliteitswijzer van de Vlaamse onderwijsinspectie

De kwaliteitswijzer van de Vlaamse onderwijsinspectie De kwaliteitswijzer van de Vlaamse onderwijsinspectie Focus op kwaliteitsbewaking 1 1. Kwaliteitsbewaking 2. Onderzoek en beoordeling van kwaliteitsbewaking door de onderwijsinspectie 3. Onderzoeksmethode

Nadere informatie

elk kind een plaats... 1

elk kind een plaats... 1 Elk kind een plaats in een brede inclusieve school Deelnemen aan het dagelijks maatschappelijk leven Herent, 17 maart 2014 1 Niet voor iedereen vanzelfsprekend 2 Maatschappelijke tendens tot inclusie Inclusie

Nadere informatie

- het CLB beschikt over een visie van zijn werking in een continuüm van zorg (samenwerking school-clb)

- het CLB beschikt over een visie van zijn werking in een continuüm van zorg (samenwerking school-clb) Sterkte zwakte analyse CLB GO! Gent Sterkte : Strategy System Structure - het CLB beschikt over een visie op leerlingenbegeleiding - het CLB beschikt over een visie van zijn werking in een continuüm van

Nadere informatie

Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren.

Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren. Basisschool De Buitenburcht Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren. Dit is de beknopte versie van het schoolplan 2015-2019 van PCB de Buitenburcht in Almere. In het schoolplan

Nadere informatie

Spilfiguur in dit schema is het schoolbestuur van de betrokken school.

Spilfiguur in dit schema is het schoolbestuur van de betrokken school. Vlaams Verbond van het Katholiek Buitengewoon Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 BRUSSEL MEDEDELING M06BA050 BRUSSEL, 2006-05-29 KLASSEMENT: BESTEMD VOOR: BuBaO CONTACT: Lode De Geyter TREFWOORDEN: 09 269

Nadere informatie

PROJECTPLAN REGISTRATIESYSTEEM PRIVATE VOORZIENINGEN BIJZONDERE JEUGDZORG

PROJECTPLAN REGISTRATIESYSTEEM PRIVATE VOORZIENINGEN BIJZONDERE JEUGDZORG PROJECTPLAN REGISTRATIESYSTEEM PRIVATE VOORZIENINGEN BIJZONDERE JEUGDZORG Stefaan VIAENE Johan PEETERS 30 maart 2007 1 A. CONTEXT VAN HET PROJECT - Doelstelling 32 van het Globaal Plan bepaalt: We geven

Nadere informatie

Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020. Godelindeschool Hilversum

Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020. Godelindeschool Hilversum Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020 Godelindeschool Hilversum 17 september 2015 Feedbackgesprek De inspectie voert aan het eind van het bezoek graag een gesprek over de kwaliteit van de

Nadere informatie

KWALITEITSCOÖRDINATOR

KWALITEITSCOÖRDINATOR 2007.03.31 A1 / administratief AWS1a/AWS1b/AWS2a KWALITEITSCOÖRDINATOR WERVING Bijdragen tot: Ontwikkelen en implementeren van een verbetermanagementsysteem waardoor het OCMW haar missie en visie, inclusief

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN THEMAONDERZOEK FRIES BIJ

RAPPORT VAN BEVINDINGEN THEMAONDERZOEK FRIES BIJ RAPPORT VAN BEVINDINGEN THEMAONDERZOEK FRIES BIJ O.B.S. "DE UTSKOAT" Plaats: Witmarsum BRIN-nummer: 08FI Onderzoeksnummer: 116890 Onderzoek uitgevoerd op: 22 en 23 juni 2009 Conceptrapport verzonden op:

Nadere informatie

OPVOEDINGSPROJECT DE LINDE

OPVOEDINGSPROJECT DE LINDE OPVOEDINGSPROJECT DE LINDE DOELSTELLING De Linde is een school voor buitengewoon lager onderwijs. Onze doelstelling kadert volledig binnen de algemene doelstelling van de Vlaamse Overheid met betrekking

Nadere informatie

Passend onderwijs en kwaliteitsbeleid

Passend onderwijs en kwaliteitsbeleid Passend onderwijs en kwaliteitsbeleid Lia van Meegen Kwaliteitsbeleid Wettelijk kader: inspectie Kwaliteitsbeleid op twee niveaus: Niveau van het swv Niveau afzonderlijke besturen en scholen Kwaliteitszorg

Nadere informatie

ProfS: doelenbevraging

ProfS: doelenbevraging ProfS: doelenbevraging Jaar: Diocees: We bevragen van elk van onderstaande deelgebieden telkens Heeft de ProfS opleiding jou ondersteund in het ontwikkelen van de nodige competenties om als directeur de

Nadere informatie