Richtlijn. Het Peroperatieve Traject. Bijlagen

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Richtlijn. Het Peroperatieve Traject. Bijlagen"

Transcriptie

1 Richtlijn Het Peroperatieve Traject Bijlagen 1

2 INITIATIEF: Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA) Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) PARTICIPERENDE VERENIGINGEN / ORGANISATIES Landelijke Vereniging van Operatie-assistenten (LVO) Nationaal ICT Instituut in de Zorg (NICTIZ, advies) Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF) Nederlandse Sociëteit voor Extra Corporale Circulatie (NESECC, advies) Nederlandse Vereniging van Anesthesiemedewerkers (NVAM) Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers (NVZA) Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA) Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) Nederlandse Vereniging voor Klinische Fysica (NVKF) Nederlandse Vereniging voor Keel-Neus-Oorheelkunde en Heelkunde van het Hoofd-Halsgebied (NVKNO) Nederlandse Vereniging voor Medische Microbiologie (NVMM) Nederlandse Vereniging voor Neurochirurgie (NVVN) Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) Nederlandse Vereniging voor Plastische Chirurgie (NVPC) Nederlandse Vereniging voor Radiologie (NVvR) Nederlandse Vereniging voor Thoraxchirurgie (NVT) Nederlandse Vereniging voor Urologie (NVU) Nederlands Oogheelkundig Gezelschap (NOG) Stichting Kind en Ziekenhuis TNO (advies) Vereniging voor Hygiëne & Infectiepreventie in de Gezondheidszorg (VHIG) FINANCIERING: Deze richtlijn is tot stand gekomen met financiële steun van ZonMw in het kader van het programma 'Kennisbeleid Kwaliteit Curatieve Zorg (KKCZ)' Oktober

3 Colofon Richtlijn Het Peroperatieve Traject 2011 Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie Mercatorlaan 1200 Postbus LB Utrecht 2011 Nederlandse Vereniging voor Heelkunde Mercatorlaan 1200 Postbus LB Utrecht 3

4 Inhoud Bijlage 1 Voorbeelden informatiepakketten 5 Bijlage 2 Schema verantwoordelijkheden richtlijn Peroperatief Traject 12 Bijlage 3 Medicatie 14 Bijlage 4 Indicatoren 16 Bijlage 5 Implementatieplan 37 Bijlage 6 Zoekstrategie literatuur 40 Bijlage 7 Praktijkvoorbeelden 45 4

5 Bijlage 1 Voorbeelden informatiepakketten 5 Voorbereiding operatie 5.1 De patiënt wordt besteld De verpleegafdeling waar de patiënt verblijft wordt geïnformeerd dat de patiënt naar de operatieafdeling gebracht kan worden. Hierbij wordt vermeld: Naam Geboortedatum Soort operatie Welke operatiekamer en -complex Patiënt komt aan op het OK-complex De anesthesioloog (of gedelegeerde) neemt kennis van het preoperatieve dossier zoals is beschreven in de richtlijn Preoperatief proces. De chirurg is verantwoordelijk voor het aanleveren van deze informatie. Het uitvoeren van de informatie-overdracht (geven en ontvangen van informatie) vindt plaats door daartoe bekwame medewerkers aan de hand van een checklist. Informatie-overdracht: Dossier: juiste dossier compleet en beschikbaar Identiteit patiënt: naam, geboortedatum en patiëntnummer Er vindt een identificatie plaats aan de hand van drie onafhankelijke bronnen: - (wakkere) patiënt of wettelijk vertegenwoordiger, het EPD/de status en de identiteitsbandje(s); - brenger van de patiënt; - ontvanger van de patiënt Juiste ingreep Eventuele bijzonderheden temperatuur wel/niet nuchter infuus premedicatie ontvangen andere medicatie volgens afspraken (niet) gegeven, zoals antibiotica, antidiabetica, antistolling, vernevelen gebitsprothese verwijderd isolatiemaatregelen lab uitslagen Verpleegkundige en holdingmedewerker controleren of de operatieplaats gemarkeerd is. 5.2 Pre-time-out Deze vindt plaats wanneer er buiten de OK al invasieve handelingen moeten plaatsvinden (bijvoorbeeld locoregionale anesthesie en inbrengen van centraal veneuze lijn en arterielijn) Anesthesioloog controleert: dossier compleet en beschikbaar? Pre-time-out bespreking tussen anesthesioloog, assisterende en patiënt 5

6 Allen: Patiënt begroeten en naam/functie noemen Controle identiteit van de patiënt Controle juiste operatie Controle juiste zijde/locatie Bijzonderheden met betrekking tot de invasieve handeling Anesthesioloog: Premedicatie gegeven Controle tromboseprofylaxe/antistolling (+ potentiële interactie met regionale blokkade) Allergieën/comorbiditeit bekend en in dossier vermeld Benodigde apparatuur/materialen voor de handeling gecontroleerd STOPMOMENT IVa: pre time out op de holding (veiligheid): Wanneer buiten de operatiekamer invasieve voorbereidende handelingen moeten plaatsvinden, wordt een zogenaamde pre-time-out uitgevoerd. Hierbij wordt in aanwezigheid van de anesthesioloog en een assisterende, samen met de patiënt*, tenminste de identiteit van de patiënt, de plaats/zijde van operatie, de soort operatie, de stollingsstatus en de aanwezigheid van benodigde materialen gecontroleerd. Deze pre-time-out komt niet in plaats van de time-out maar is een extra veiligheidsmoment. De anesthesioloog is ervoor verantwoordelijk dat het stopmoment wordt uitgevoerd en wordt vastgelegd. * in het geval van een minderjarige of wilsonbekwame patiënt tevens indien mogelijk in aanwezigheid van een ouder/verzorger of vertegenwoordiger Overdracht van holding naar OK Voordat de patiënt naar de OK gaat wordt het effect van een eventuele regionale blokkade getest. Bij de overdracht van de holding naar de OK (kan zowel op de holding als op de OK plaatsvinden) wordt minimaal de volgende informatie gecontroleerd: - identificatie patiënt - welke operatie en zijde - welke operatiekamer Eindverantwoordelijk: anesthesioloog. Voordat de patiënt de operatiekamer op kan, wordt gecontroleerd of de kamer is vrijgegeven (anesthesietoestel, alle apparatuur, instrumentarium, materialen controleren). 6 Aankomst operatiekamer 6.1 Op operatiekamer voor de start van de anesthesie (of indien 5.2 van toepassing: voor de incisie): Voor de start van de ingreep vindt een finale controle plaats van apparatuur en instrumentarium, onder verantwoordelijkheid van operateur c.q. anesthesioloog. Operateur controleert: dossier compleet en beschikbaar? Wanneer dit volgens protocol geïndiceerd is, wordt antibioticaprofylaxe minuten voorafgaand aan de incisie (of bloedleegte) gegeven, en dit wordt in het dossier vastgelegd (naam antibioticum, dosering en tijdstip van toediening). Dit kan ook al op de afdeling gebeurd 6

7 zijn. Voor de gift (bij voorkeur op het moment van voorschrijven) wordt gecontroleerd op een eventuele allergie voor het betreffende antibioticum. Aanbeveling Wanneer dit volgens protocol geïndiceerd is, wordt antibioticaprofylaxe minuten voorafgaand aan de incisie gegeven. Het tijdstip wordt genoteerd in het dossier. De operateur en de anesthesioloog dragen zorg voor het communiceren en afstemmen van de handelingen en belangrijke informatie ter voorbereiding van de operatie, bijvoorbeeld te verwachten intubatieproblemen of bloedverlies. Time-out bespreking tussen operateur (c.q. arts-assistent, indien deze de operatie uitvoert), anesthesioloog (c.q. arts-assistent, indien deze de anesthesie verzorgt), anesthesiemedewerker, operatieassistent (in de aanwezigheid van de patiënt), vóór de inleiding van de anesthesie. Allen: De patiënt begroeten en naam/functie noemen Controle identiteit van de patiënt Controle juiste operatie en zijde/locatie Aanwezigheid voldoende bloedproducten Juiste preoperatieve antibiotica minuten vóór start van de ingreep gegeven Bed voor postoperatieve zorg beschikbaar (indien niet eerder gegarandeerd) Bijzonderheden (allen): inschatting van te verwachten logistieke en/of medische/ operatieve problemen Operateur: Beoogde positionering ten behoeve van de ingreep Implantaat/ prothese (in juiste maat) aanwezig Relevante medische gegevens en beeldmateriaal gezien Belangrijk beeldmateriaal zichtbaar Duur ingreep Zijn er specifieke problemen te verwachten? Verwacht bloedverlies Anesthesioloog: Anesthesie-apparatuur gecontroleerd (evt gedelegeerd aan anesthesiemedewerker) Premedicatie gegeven (evt gedelegeerd aan anesthesiemedewerker) Tromboseprofylaxe/antistollingsbeleid uitgevoerd* Allergieën/ comorbiditeit Zijn er specifieke problemen te verwachten (bijv. intubatieproblemen, aspiratie)? Positionering patiënt technisch mogelijk en veilig? Operatieassistent: Apparatuur/materiaal/instrumentarium aanwezig en onderhoudsstatus gecontroleerd Is instrumentarium steriel? Zijn er specifieke problemen te verwachten? Check beschikbaarheid evt. andere operateurs * lokaal dient schriftelijk afgesproken te zijn welke delen van het medicatiebeleid onder de verantwoordelijkheid van de operateur dan wel van de anesthesioloog vallen. 7

8 Indien het aanwezige personeel niet bevoegd en/of bekwaam is ten aanzien van de betreffende operatie of te gebruiken apparatuur, is het de verantwoordelijkheid van de operateur c.q. de anesthesioloog om te besluiten of de operatie plaats kan vinden. Aanbeveling STOPMOMENT IV: time-out (patiëntveiligheid) Voordat de patiënt daadwerkelijk geopereerd wordt, vindt een structureel overleg plaats tussen operateur, anesthesioloog* en OK-personeel. Besproken wordt tenminste: juiste patiënt, juiste operatie, zijde/locatie, stollingsstatus, antibioticabeleid, allergieën, comorbiditeit, positionering van de patiënt, aanwezigheid juiste personeel en juiste materialen en bijzonderheden. Dit overleg dient op de operatiekamer, vóór de start van de anesthesie, plaats te vinden in aanwezigheid van de patiënt**. De operateur is ervoor verantwoordelijk dat het stopmoment wordt uitgevoerd en wordt vastgelegd. Bepaalde technische aspecten van de operatie kunnen ook na de inleiding van de anesthesie besproken worden door het operatieteam. * In specifieke omstandigheden kan de aanwezigheid bij de time-out door de anesthesioloog gedelegeerd worden naar de anesthesiemedewerker (de eindverantwoordelijkheid blijft in dit geval bij de anesthesioloog): - er is sprake van een locoregionale techniek als solitaire anesthesievorm, én - er heeft een pre-time out plaatsgevonden door de anesthesioloog, én - deze werkwijze is vastgelegd in een lokaal protocol dat regelmatig wordt geëvalueerd. Aan alle drie de voorwaarden moet zijn voldaan. ** In het geval van een minderjarige of wilsonbekwame patiënt tevens indien mogelijk in aanwezigheid van een ouder/verzorger of vertegenwoordiger. Aanbeveling De positionering van de patiënt dient reeds bij de planning van de operatie bekend te zijn. Het OK-team controleert bij de time-out procedure of de afgesproken positionering correct is. Conclusie: OK start ja/nee 7 Operatie 7.1 Start anesthesie Bij de inleiding van de anesthesie is het stil op de OK. De patiënt wordt aangesloten op de monitoring/registratie (zie standpunten Anesthesiologische zorgverlening en Apparatuur, NVA). De operateur en de anesthesioloog dragen zorg voor het communiceren en afstemmen van de handelingen en belangrijke informatie ter voorbereiding van de operatie. Op de operatieafdeling moeten protocollen zijn voor het uitvoeren en controleren van de positionering van de patiënt. De operateur is eindverantwoordelijk voor de positionering ten behoeve van de ingreep, de anesthesioloog en operateur delen de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de positionering. 8

9 Aanbeveling Op de operatieafdeling zijn protocollen aanwezig voor het uitvoeren en controleren van de veiligheid van de patiënt bij de positionering. 7.2 Operatie Tijdens de operatie vindt communicatie plaats tussen operateur en anesthesioloog op tenminste de volgende momenten: - bij start en einde van de ingreep, - bij alle gebeurtenissen die raken aan de activiteiten van de ander, of die van belang zijn voor de conditie of veiligheid van de patiënt. Voorbeelden: start incisie, positieverandering patiënt, zetten vaatklemmen door operateur, verandering in de conditie van de patiënt (bv significante bloeddrukdaling), complicaties, peroperatieve beleidsverandering, etc. Het vastleggen van deze communicatie heeft tot doel real time verslagleggen van het medisch handelen en vergroten van de veiligheid van de patiënt. Operateur en anesthesioloog zijn beide verantwoordelijk voor deze communicatie. De communicatie tussen anesthesioloog en operateur wordt geregistreerd, in die zin dat zaken die essentieel zijn voor de veiligheid van de patiënt en de voortgang van de operatie later terug te vinden zijn. In het verslag moeten minimaal de hierboven genoemde momenten (inclusief complicaties) worden vastgelegd en de communicatie met betrekking tot deze momenten. Tijdens de operatie worden het aantal deurbewegingen en het aantal in- en uitlopende personen zoveel mogelijk beperkt. Het aflossen van instrumenterenden en anesthesiemedewerkers tijdens de ingreep dient zoveel mogelijk voorkomen te worden. Indien toch de verwachting is dat instrumenterenden of anesthesiemedewerkers worden afgelost tijdens de operatie wordt dat bij de time out gemeld. Bij aflossen dient de vertrekkende medewerker zorg te dragen voor correcte overdracht van belangrijke informatie aan de komende medewerker. Het aflossen gebeurt niet tijdens risicomomenten. Aanbeveling Tijdens de operatie vindt communicatie plaats tussen de operateur en de anesthesioloog* op tenminste de volgende momenten: - bij start en einde van de ingreep, - bij alle gebeurtenissen die raken aan de activiteit van de ander, of die van belang zijn voor de conditie of veiligheid van de patiënt. De hierboven genoemde momenten en de hieraan gerelateerde communicatie tussen operateur en anesthesioloog worden geregistreerd, zodat essentiële informatie later terug te vinden is. De werkgroep beveelt aan dat onderzoek wordt verricht naar de optimale manier om het verloop van de operatie en de hieraan gerelateerde communicatie te registreren. * deze taak kan door de anesthesioloog gedelegeerd worden naar de anesthesiemedewerker. De eindverantwoordelijkheid blijft bij de anesthesioloog. 9

10 Voorbeelden van gebeurtenissen waarbij communicatie plaats dient te vinden zijn: start incisie, positieverandering patiënt, zetten vaatklemmen door operateur, verandering in de conditie van de patiënt (bv significante bloeddrukdaling), complicaties, peroperatieve beleidsverandering, etc. 8 Sluiten wond en uitleiding De operateur geeft aan hoe ver de operatie gevorderd is en wanneer de wond gesloten wordt. Voordat de wond wordt gesloten vergewist de operateur zich ervan dat er geen materialen onbedoeld zijn achtergebleven in de patiënt. Nadat de wond gesloten is en in ieder geval voordat er iemand van het team of de patiënt de OK verlaat moet een sign out/debriefing plaatsvinden in aanwezigheid van het hele team. Hierbij wordt tenminste besproken en vastgelegd: Verrichte procedure is in decursus genoteerd Instructies t.a.v. maagsonde (uit, hevel, zuig) zijn gegeven Instructies t.a.v. drains, voedingsfistel zijn gegeven Instructies t.a.v. medicatie (voortzetting en/of wijzigingen) zijn gegeven Instructies t.a.v. bestrijding pijn en misselijkheid zijn gegeven Instructies t.a.v. bewaken vitale functies zijn gegeven Overige instructies (radiodiagnostiek, dieet, wondverzorging, mobiliseren/ belasten etc) zijn gegeven Postoperatieve instructies zijn afgestemd met anesthesioloog Opgetreden complicaties Materialen zijn geteld en telling klopt Overige bijzonderheden Postoperatieve orders worden afgestemd tussen operateur en anesthesioloog De operateur controleert met de operatieassistent de identificatie en markering van het patiëntmateriaal van de interventie (bijvoorbeeld biopten, kweekmateriaal of PA-preparaat), en de juistheid en compleetheid van de bijbehorende formulieren. Tevens wordt afgesproken wie de preparaten wegbrengt. Aanbeveling Stopmoment V: sign out voor verlaten operatiekamer Voordat de patiënt de operatiekamer verlaat, vindt een sign out plaats op de operatiekamer in aanwezigheid van het hele team*. Minimaal wordt besproken en vastgelegd: essentiële informatie over de verrichte procedure, telling materialen, afspraken met betrekking tot postoperatieve zorg. De operateur is ervoor (eind)verantwoordelijk dat het stopmoment wordt uitgevoerd en wordt vastgelegd. * Deze taak kan door de anesthesioloog gedelegeerd worden naar anesthesiemedewerker. De eindverantwoordelijkheid voor het anesthesiologisch deel blijft bij de anesthesioloog. 10

11 Het (voorlopige) operatie- en anesthesieverslag moet klaar zijn op het moment dat de patiënt het operatiecomplex verlaat. Aanbeveling Direct na de ingreep dient essentiële informatie (chirurgisch en anesthesiologisch) over de verrichte operatie vastgelegd te zijn en beschikbaar voor alle bij de postoperatieve zorg betrokken personen. Datapakket overdracht operatiekamer naar verkoeverkamer Identificatie patiënt Isolatiemaatregelen ja/nee Uitgevoerde operatie/behandeling Soort anesthesie Complicaties Bloedverlies, geantagoneerd ja/nee Telling materialen Afspraken chirurg voor verkoeverkamer hoe is operateur te bereiken familie ingelicht radiodiagnostiek maagsonde, drains houding/mobiliseren/belasten wondcontrole medicatie zoals antibiotica nuchter/dieet Afspraken anesthesioloog voor verkoeverkamer hoe is anesthesioloog te bereiken bewaking(s duur) : vitale functies, testen (uit)werking regionaal blok, lab controles, bladderscan, behandeling: O2, infuus, pijnmedicatie, anti-emetica, nabeademen, opwarmen, bloed(terug)geven, herstarten voeding Medicatieafspraken zoals pijnstilling, insuline, inotropie, antihypertensiva, stressschema`s, antiepileptica, diuretica, longmedicatie, antitrombose/stollingsfactoren, DDAVP Afspraken voor verpleegafdeling/ic na ontslag van verkoeverkamer moment van (her)starten antistolling eigen medicatie mobiliseren ontslag naar huis poliafspraak 11

12 Bijlage 2 Schema verantwoordelijkheden richtlijn Peroperatief Traject Dit schema beschrijft de afzonderlijke processtappen uit de richtlijn. Per processtap is er één eindverantwoordelijke. In sommige gevallen wordt lokaal afgesproken wie voor deze processtap eindverantwoordelijk is (bijvoorbeeld bij medicatiebeleid). Welke functionaris belast is met de uitvoering van de specifieke taken schrijft de richtlijn in de regel niet voor. Dit dient lokaal echter wel vastgelegd te worden. Onderstaand schema kan gebruikt worden als checklist of voor alle processtappen eindverantwoordelijken en uitvoerenden zijn benoemd. Dit schema kan voor verschillende patiëntenstromen verschillend worden ingevuld. Onderdeel Wat moet geregeld worden (i.v.t. = indien van toepassing) Fase of (stop)moment Uitvoerende Eindverantwoordelijke Algemeen Procesbewaking Hele traject Instelling 5.1 Bestellen patiënt Na stopmoment III Operateur 5.2 Dossier beschikbaar en compleet? Voorbereiding operatie Anesthesioloog 5.2 Start pre-time-out (i.v.t.) Voorbereiding operatie Anesthesioloog 5.2 Vastleggen pre-time-out Voorbereiding operatie Anesthesioloog 5 Akkoord anesthesioloog: voorbereidende handeling kan plaatsvinden Stopmoment IVa Anesthesioloog Anesthesioloog 6.1 Dossier beschikbaar en compleet? OK, voor inleiding Operateur 6.1 Controle anesthesieapparatuur OK, voor inleiding Anesthesioloog 6.1 Controle instrumentarium OK, voor inleiding Operateur 6.1 Toediening antibiotica (i.v.t.) OK, voor inleiding Operateur 6.1 Start time-out OK, voor inleiding Operateur 6.1 Vastleggen time-out OK, voor inleiding Operateur 6 Akkoord start operatie Stopmoment IV Operateur Operateur 7.1 Aansluiten monitoring/registratie Start anesthesie Anesthesioloog 12

13 Onderdeel Wat moet geregeld worden Fase of (stop)moment Uitvoerende Eindverantwoordelijke (i.v.t. = indien van toepassing) 7.1 Afstemmen belangrijke handelingen en Start anesthesie Operateur/anesthesioloog informatie 7.1 Positionering Start anesthesie Operateur/anesthesioloog 7.2 Bewaken hygiëne tijdens OK Operatie Operateur 7.2 Vastleggen communicatie tussen operateur en Operatie Operateur/anesthesioloog anesthesioloog 8 Aangeven einde operatie Sluiten wond en uitleiding Operateur 8 Vastleggen verrichte procedure Sluiten wond en uitleiding Operateur 8 Vastleggen postoperatieve instructies Sluiten wond en uitleiding Operateur/anesthesioloog 8 Vastleggen opgetreden complicaties Sluiten wond en uitleiding Operateur/anesthesioloog 8 Vastleggen overige bijzonderheden Sluiten wond en uitleiding Operateur/anesthesioloog 8 Tellen materialen Sluiten wond en uitleiding Operateur 8 Controleren patiëntenmaterialen Sluiten wond en uitleiding Operateur 8 Start sign-out Sluiten wond en uitleiding Operateur 8 Vastleggen sign-out Sluiten wond en uitleiding Operateur 8 Akkoord patiënt verlaat operatiekamer Stopmoment V Operateur Operateur 13

14 Bijlage 3 Medicatie Op lokaal niveau dient afgesproken en schriftelijk vastgelegd te worden wie (operateur of anesthesioloog) in de verschillende fasen van het traject verantwoordelijk is voor het beleid rondom medicatie. De volgende onderdelen kunnen hier onderscheiden worden (sluit aan bij richtlijn Preoperatief Traject): Voorbereiding operatie (5) - Controleren aanwezigheid voldoende bloedproducten; - Juiste preoperatieve antibiotica minuten voor de ingreep gegeven; - Controleren of premedicatie gegeven is; - Controleren of het tromboseprofylaxe/antistollingsbeleid is uitgevoerd (+ potentiële interactie met regionale blokkade); - Beleid overige medicatie. Op de operatiekamer, voor de start van de operatie (6): - Controleren aanwezigheid voldoende bloedproducten; - Juiste preoperatieve antibiotica minuten voor de ingreep gegeven; - Controleren of het tromboseprofylaxe/antistollingsbeleid is uitgevoerd; - Controleren of premedicatie gegeven is. Tijdens de operatie (7) - Toedienen van medicatie. Sluiten wond en uitleiding (8) - Instructies t.a.v. medicatie (voortzetting en/of wijzigingen). 14

15 Schema verantwoordelijkheden medicatiebeleid Onderdeel Wat moet geregeld worden (i.v.t. = indien van toepassing) Fase of (stop)moment Uitvoerende Eindverantwoordelijke 5.2 Controle antistolling (potentiële interactie Pre-time-out (i.v.t.) Anesthesioloog met regionale blokkade) 5.2 Controleren of premedicatie gegeven is Pre-time-out (i.v.t.) Anesthesioloog 5.2 Controleren aanwezigheid voldoende bloedproducten 5.2 Juiste preoperatieve antibiotica minuten voor de ingreep gegeven 5.2 Controleren of het tromboseprofylaxe/ antistollingsbeleid is uitgevoerd Pre-time-out (i.v.t.) Anesthesioloog Pre-time-out (i.v.t.) Operateur Pre-time-out (i.v.t.) Anesthesioloog 6.1 Controleren aanwezigheid voldoende bloedproducten 6.1 Juiste preoperatieve antibiotica minuten voor de ingreep gegeven 6.1 Controleren of het tromboseprofylaxe/ antistollingsbeleid is uitgevoerd Op de operatiekamer, voor de start van de operatie Op de operatiekamer, voor de start van de operatie Op de operatiekamer, voor de start van de operatie 6.1 Controleren of premedicatie gegeven is Op de operatiekamer, voor de start van de operatie Operateur Operateur Operateur Anesthesioloog 7.1 Toedienen medicatie i.v.m. anesthesie Start anesthesie Anesthesioloog 7.2 Toedienen medicatie tijdens operatie Operatie Anesthesioloog/operateur 8 Instructies medicatie postoperatief Sluiten wond en uitleiding Operateur/anesthesioloog 15

16 Bijlage 4 Indicatoren Inleiding In de richtlijn is beschreven wat de gewenste wijze van werken is om veilige zorg voor patiënten te realiseren. Indicatoren zijn bedoeld om te meten of de huidige manier van werken overeenkomt met de gewenste manier van werken en waar mogelijkheden liggen voor verbetering. Indicatoren zijn meetbare elementen van de zorgverlening waarvoor bewijs of waarover consensus bestaat dat ze een aanwijzing geven over de mate van de kwaliteit van de geleverde zorg. Indicatoren kunnen de structuur van zorg betreffen, de processen of de uitkomsten van zorg. Een indicator heeft een signaalfunctie: het is geen directe maat voor kwaliteit, maar wijst op een bepaald aspect van het functioneren en kan aanleiding zijn tot nader onderzoek. Indicatoren zijn van groot belang voor kwaliteitsverbetering en kwaliteitsborging. Het daadwerkelijk meten van aspecten die samenhangen met de kwaliteit van zorg en op grond van die meting het eventueel invoeren van verbeteringen, is de basis voor goede en veilige zorg. Interne of externe indicatoren Indicatoren kunnen zorgaanbieders inzicht geven in de resultaten van het eigen zorgproces en helpen bij interne sturing en verbetering ervan. Indicatoren met dit doel worden interne indicatoren genoemd. Indicatoren kunnen ook gebruikt worden om de prestaties van maatschappen onderling te vergelijken (benchmarken), en hierdoor een proces van voortdurende kwaliteitsverbetering te stimuleren. Indicatoren kunnen ook worden gebruikt voor externe verantwoording. De overheid, Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) en patiënten / consumenten willen beoordelen of zorgaanbieders voldoende kwaliteit leveren en streven daarvoor naar geschikte indicatoren. Indicatoren met dit doel worden ook wel externe indicatoren genoemd. De externe indicatoren kunnen bijvoorbeeld ook bij DBC-onderhandelingen worden gebruikt. De indicatoren die zijn ontwikkeld voor het pre- en peroperatief traject zijn primair bedoeld als interne indicatoren. Gebruik van indicatoren Op basis van de richtlijn zijn een aantal indicatoren ontwikkeld voor het pre- en peroperatief traject. Zorgaanbieders zijn niet verplicht om al deze indicatoren continu te registreren. Omdat de indicatoren bedoeld zijn om zorgaanbieders te helpen bij interne sturing en verbetering, dienen de aanbieders veelal zelf te bepalen welke indicatoren ze wanneer gebruiken. Ook kunnen deze indicatoren (of een subset daarvan) door wetenschappelijke verenigingen worden gebruikt bij hun kwaliteitsvisitatie. De indicatoren hebben betrekking op alle patiënten die een chirurgische procedure moeten ondergaan, behalve wanneer het spoedeisende karakter van de ingreep zodanig is dat het volgen van de richtlijn niet verantwoord is. De indicatoren zijn bedoeld voor alle zorgverleners die betrokken zijn bij een dergelijke ingreep. De implementatie van de richtlijn en het gebruik van de indicatoren is de gezamenlijke verantwoordelijkheid van de Raden van Bestuur van de ziekenhuizen en de zorgverleners. Indicatorset in ontwikkeling Op basis van de richtlijn Preoperatief en Peroperatief Traject zijn op een systematische manier indicatoren verzameld. Uit de literatuur is bekend dat indicatorsets die gebaseerd zijn op richtlijnen alleen proces- en structuurindicatoren bevatten (Hermens 2006, Ouwens 2007). Dit is ook hier het geval geweest. De werkgroep heeft daarom een aparte discussie gevoerd over 16

17 mogelijke uitkomstindicatoren. In deze discussie kwam naar voren dat het passender is om de discussie over uitkomstindicatoren grondig over te doen wanneer ook de aanbevelingen over het postoperatieve traject gereed zijn. Uitkomstindicatoren hebben vanzelfsprekend betrekking op de uitkomst van het hele proces (pre-, per- en postoperatief) en kunnen dus pas nadat de hele richtlijn compleet in de indicatorenset worden opgenomen. De afspraak is gemaakt om tijdens het ontwikkeltraject van de richtlijn Postoperatief Traject hier uitvoerig bij stil te staan. Ook de bij deze opgeleverde set indicatoren moet worden gezien als een set in ontwikkeling. De inzichten en aanbevelingen uit het traject postoperatief kunnen leiden tot bijstellingen ook van deze opgeleverde set. Methode Indicatoren hebben als doel inzicht te verschaffen waar de zorg afwijkt van de wenselijke zorg. Dit kan gaan over verschillende kwaliteitsdomeinen, zoals: effectiviteit, veiligheid, doelmatigheid of tijdigheid. Deze domeinen zijn afgeleid van de Institute of Medicine (IOM) criteria die het begrip kwaliteit definiëren (IOM, 2001; Koning, 2007). Tabel 1 geeft een overzicht van de zes IOM criteria. De belangrijkste focus voor de richtlijn Preoperatief Traject is veiligheid, en dat geldt daarmee ook voor de gekozen indicatoren. Tabel 1. Institute of Medicine (IOM) criteria voor kwaliteit van zorg Kwaliteitsdomeinen Definities Effectiviteit De mate waarin (vooraf) geformuleerde doelstellingen in de praktijk worden bereikt Tijdigheid Op het juiste tijdstip aanbieden van (preventieve) zorg en voorkomen van onnodige wachttijden na een positieve screeningsuitslag Efficiëntie Zorg die verspilling vermijdt Veiligheid Vermijden van schade bij interventies die bedoeld zijn voor het bevorderen van de gezondheid Toegankelijkheid Toegang tot (zorg)voorzieningen en interventies wordt niet belemmerd door persoonlijke kenmerken zoals geslacht of etniciteit Doelgroepgerichtheid Respecteren van voorkeuren, noden en waarden van doelgroepen en daarnaar handelen De indicatoren zijn ontwikkeld als deel van een indicatorenset die betrekking heeft op het hele perioperatieve traject (pre-, per-, en postoperatief). Voor de richtlijn Preoperatief Traject en de richtlijn die daarop aansluit, de richtlijn Peroperatief Traject zijn in één procedure conceptindicatoren ontwikkeld. De richtlijn Postoperatief Traject (met aparte indicatoren) zal aansluiten op deze eerste twee delen. Het proces dat gevolgd is voor de ontwikkeling van de huidige indicatorset wordt hieronder in stappen beschreven en gevisualiseerd in figuur 1. Stap 1. Aanbevelingen pre- en peroperatief traject Voor het pre- en peroperatief traject geldt dat de kerngroep is gestart met het in grote lijnen beschrijven van de processen die de patiënt hierin doorloopt. Als input zijn hierbij beschikbare literatuur en praktijkvoorbeelden gebruikt. Per stap in het proces is beschreven wat de minimale informatie is die moet worden vastgelegd, welke informatie moet worden overgedragen en waar de eindverantwoordelijkheden liggen. Op cruciale momenten in het traject zijn stopmomenten gedefinieerd, waarbij de patiënt pas verder kan in het traject als aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Op basis van deze procesbeschrijving zijn conceptaanbevelingen geformuleerd door de kerngroep. 17

18 Stap 2. Beoordeling aanbevelingen via Synmind en De conceptaanbevelingen zijn met behulp van Synmind (webbased discussieforum) of per mail voorgelegd aan de brede werkgroep met de vraag om de aanbevelingen op een negenpuntsschaal te beoordelen op relevantie voor de kwaliteit en veiligheid van de operatieve zorg. Tevens is er gevraagd naar een top-3 van meest relevante aanbevelingen voor indicatoren. De werkgroepleden konden ook verbeteringen in de formulering voorstellen. Omdat de richtlijn zich met name richt op het proces, heeft de beschreven procedure vooral proces- en structuur indicatoren opgeleverd (zie ook Indicatorset in ontwikkeling). Stap 3. Consensusbijeenkomst De individuele beoordelingen van de werkgroepleden zijn verwerkt en geanalyseerd. Dit is mede gedaan met behulp van de IQ-consensus-tool, waarbij de aanbevelingen gerangschikt zijn op basis van de volgende drie criteria (Campbell 2000, Hermens 2006, Mourad 2008): - mediane score van 8, - >70% van de scores liggen in één tertiel van de negenpuntsschaal (mate van consensus), - >20% gescoord in de top 3. De resultaten van de beoordelingsronde zijn besproken in een consensusbijeenkomst. Tijdens deze bijeenkomst zijn de potentiële indicatoren niet alleen beoordeeld op relevantie voor kwaliteit en veiligheid van het peri-operatieve proces, maar is ook gekeken naar de meetbaarheid. Stap 4. Test op meetbaarheid De vastgestelde conceptset indicatoren is in een tweetal ziekenhuizen getest op meetbaarheid door middel van interviews en observatie van systemen. Er is gekeken in hoeverre het mogelijk is de gegevens te achterhalen, die voor het meten van de voorgestelde indicatoren nodig zijn. Deze informatie is gebruikt voor het bijstellen van de indicatoren en het opstellen van de factsheets. Stap 5. Praktijktest Na verwerking van de resultaten van de test op meetbaarheid is een praktijktest verricht in drie ziekenhuizen. Hierbij is de dataverzameling in twee delen gesplitst; het eerste gedeelte bestond uit het meten van indicator 1: de STOP-bundel. Voor deze indicator is een checklist opgesteld, die bij een aantal patiënten is meegegaan tijdens het peri-operatieve traject. Er is voor gekozen om in elk ziekenhuis een ander specialisme te laten participeren, waarbij de ziekenhuizen vrij waren in hun keuze. Het tweede gedeelte betrof indicator 2 tot en met 8. Deze structuur- en uitkomstindicatoren zijn op ziekenhuisniveau uitgevraagd aan de contactpersonen en waar mogelijk zijn data verzameld. 18

19 Figuur 1: Stappen voor de indicatorontwikkeling 1. Aanbevelingen opgesteld voor pre- en peroperatief traject 2. Schriftelijke beoordeling van de aanbevelingen op relevantie voor kwaliteit en veiligheid 3. Consensusbijeenkomst: - Indicatoren uit richtlijn - Uitkomstindicatoren uit literatuur 4. Conceptset indicatoren getest op meetbaarheid 5. Praktijktest basisset indicatoren in vier ziekenhuizen Resultaten De groslijst met 86 aanbevelingen is individueel gescoord door de werkgroepleden. Op basis van de individuele beoordelingen, discussies tijdens de consensusbijeenkomst en resultaten van de test op meetbaarheid zijn uiteindelijk 8 indicatoren geselecteerd voor de praktijktest in drie ziekenhuizen. Een overzicht van de 8 indicatoren is terug te vinden in tabel 2. In de volgende pagina s is ook uitgebreidere informatie opgenomen over de uitgevoerde praktijktest. Tabel 2. Indicatorenset pre- en peroperatieve zorg Nr. Korte beschrijving van de indicator 1 STOP-bundel (als geheel en als afzonderlijke stopmomenten) 2 Geïntegreerd multidisciplinair perioperatief patiëntendossier 3 Lokaal protocol antibiotica en anticoagulantia 4 Taken en verantwoordelijkheden met betrekking tot medische apparatuur 5 Prospectieve risicoanalyses medische apparatuur 6 Lokaal OK-reglement hygiëne 7 Surveillancesysteem voor postoperatieve wondinfecties 8 Tijdige toediening antibioticaprofylaxe 19

20 Resultaten praktijktest indicatoren De formulering van indicator 1 tot en met 8 en de bijbehorende subvragen is waar nodig aangepast op basis van opmerkingen uit de praktijktest. Er zijn geen inhoudelijke aanpassingen gedaan naar aanleiding hiervan. Drie specialismen, in elk praktijkziekenhuis één, hebben in totaal voor 56 patiënten gegevens verzameld voor indicator 1: STOP-bundel. De participerende specialismen waren KNO, algemene chirurgie en neuro/plastische chirurgie. In tabel 3a is voor elk stopmoment apart aangegeven bij hoeveel patiënten het stopmoment is ingevuld en tabel 3b laat zien in hoeveel gevallen het stopmoment daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. De tabellen 3a en 3b geven weer dat in 2 van de 3 ziekenhuizen de stopmomenten allemaal ingevuld zijn (100% score in tabel 3a), maar dat dit niet direct resulteert in het daadwerkelijk plaatsvinden van de stopmomenten (<100% score in tabel 3b). De resultaten van de praktijktest maken niet inzichtelijk welke acties zijn ondernomen indien er onduidelijkheden waren tijdens het stopmoment, waardoor dit mogelijk niet (goed) uitgevoerd is. Tabel 3a. Procesindicator: stopmoment is ingevuld Stopmoment Ziekenhuis A (N=20) Ziekenhuis B (N=17) Ziekenhuis C (N=19) Totaal (N=56) I. Pre-operatief risicomanagement Niet gemeten 17 (100%) 19 (100%) 36 (100%) II. Planning Niet gemeten Niet gemeten Niet gemeten Niet gemeten III. Controle actuele situatie 20 (100%) 17 (100%) 7 (36.9%) 44 (78.6%) IVa. Pre-time-out 20 (100%) 17 (100%) 10 (52.7%) 47 (83.9%) IV. Time-out 20 (100%) 17 (100%) 12 (63.2%) 49 (87.5%) V. Sign-out 20 (100%) 17 (100%) 11 (57.9%) 48 (85.7%) Tabel 3b. Procesindicator: stopmoment heeft plaatsgevonden Stopmoment Ziekenhuis A (N=20) Ziekenhuis B (N=17) Ziekenhuis C (N=19) Totaal (N=56) I. Pre-operatief risicomanagement Niet gemeten 16 (94.1%) 19 (100%) 35 (97.2%) II. Planning Niet gemeten Niet gemeten Niet gemeten Niet gemeten III. Controle actuele situatie 13 (65%) 17 (100%) 6 (31.6%) 36 (64.3%) IVa. Pre-time-out 18 (90%) 17 (100%) 9 (47.4%) 44 (87.6%) IV. Time-out 19 (95%) 17 (100%) 12 (63.2%) 53 (94.6%) V. Sign-out 18 (90%) 17 (100%) 11 (57.9%) 46 (82.1%) De praktijktest werd door de praktijkziekenhuizen enthousiast ontvangen. Doordat iedereen goed geïnformeerd diende te worden over de opzet van de praktijktest, was het lastig de praktijktest niet te zien als implementatie van de stopmomenten. Om de praktijktest een test te laten blijven is ervoor gekozen de stopbundel op te knippen in twee delen. Er is voor gekozen om stopmoment I pre-operatieve poli anesthesiologie apart te meten van de andere stopmomenten, omdat tussen het polikliniek bezoek en de uiteindelijke opname behoorlijk wat tijd kan verstrijken. Stopmoment II planning is helemaal niet meegenomen in de praktijktest, omdat de werkgroep zich voornamelijk wilde richten op de stopmomenten waarbij de patiënt daadwerkelijk aanwezig dient te zijn. Op basis van de antwoorden op de structuurindicatoren (tabel 4) blijkt dat de praktijkziekenhuizen nog niet over een multidisciplinair digitaal systeem beschikken voor dataverzameling, dat er een lokaal protocol voor antibiotica en anticoagulantia aanwezig is en dat het ziekenhuismanagement processen rondom medische apparatuur heeft vastgelegd. In twee van de drie ziekenhuizen is de prospectieve risicoanalyse (indicator 5) een integraal 20

21 onderdeel in de selectie- en aanschafprocedure van medische apparatuur. Een lokaal OKreglement hygiëne (indicator 6) is bij alle ziekenhuizen aanwezig, maar protocollen betreffende gedrags- en disciplinemaatregelen en hygiëne checks zijn soms ergens anders vastgelegd. Tenslotte, is er bij de drie ziekenhuizen een surveillancesysteem voor POWI s aanwezig, maar dit is nog in ontwikkeling en geldt (nog) niet voor alle specialismen. Tabel 4. Structuurindicatoren: positief beantwoorde vragen Nr Korte beschrijving Aantal Aantal keer ja geantwoord vragen Ziekenhuis A Ziekenhuis B Ziekenhuis C 2 Geïntegreerd multidisciplinair perioperatief patiëntendossier 3 Lokaal protocol antibiotica en anticoagulantia 4 Taken en verantwoordelijkheden met betrekking tot medische apparatuur 5 Prospectieve risicoanalyses medische 6 n.b. * * apparatuur 6 Lokaal OK-reglement hygiëne Surveillancesysteem voor postoperatieve wondinfecties N.b. = niet beantwoord *De prospectieve risicoanalyse is een standaard onderdeel van de procedure voor nieuwe medische apparatuur Voor de uitkomstindicator 8 is gevraagd data betreft toediening van antibioticaprofylaxe te verzamelen. De indicator over toediening antibioticaprofylaxe sluit aan bij het VMS veiligheidsprogramma Voorkomen van wondinfecties na een operatie en de surveillance van ziekenhuisinfecties van het PREZIES-netwerk. Data voor deze programma s wordt voor 13 indicatoroperaties verzameld en niet alle ziekenhuizen in Nederland zijn bij dit netwerk aangesloten, waardoor ervoor is gekozen om deze data niet expliciet op te vragen voor de praktijktest. Uiteindelijk is gekeken naar de algemene beschikbaarheid van de data: in de praktijktest werd gezien dat data wel terug te vinden is, maar vaak via statusonderzoek moet worden verzameld. Er zijn wel al initiatieven in ontwikkeling om de data digitaal te gaan registreren. Het digitaal registreren van data brengt ook met zich mee dat de data op een meer betrouwbare manier kan worden verzameld. 21

22 Factsheets Interne indicatoren Toelichting In dit document worden aan de hand van factsheets alle 10 de indicatoren beschreven: De indicatoren zijn primair bedoeld als interne indicatoren. Dat betekent dat ze door zorgaanbieders gebruikt kunnen worden om inzicht krijgen in de resultaten van het eigen zorgproces en om te helpen bij interne sturing en verbetering van dit proces. Waar komen de interne indicatoren vandaan? Richtlijn -> indicator 1, 2, 3 en 8 Werkgroep apparatuur -> indicator 4 en 5 Werkgroep infectiepreventie en hygiëne -> indicator 6 en 7 22

23 Indicator 1: STOP-bundel Operationalisatie Teller Noemer In-/exclusie criteria Bron teller Bron noemer Type indicator Meetniveau Het percentage electieve operaties waarbij alle (benodigde) stopmomenten zijn uitgevoerd Aantal electieve operaties waarbij stopmomenten I, III, IV, én V (en indien nodig IVa) uit de STOP-bundel zijn uitgevoerd Het totaal aantal uitgevoerde, electieve operaties Inclusie: datum operatie binnen de meetperiode, ingreepspecifieke code om operaties te selecteren in registratie Exclusie: - Checklist stopmomenten OK Operatie registratiesysteem Procesindicator Patiëntniveau 23

24 Indicator 1A Stopmoment I: Pre-operatief risicomanagement Operationalisatie Teller Noemer In-/exclusie criteria Bron teller Bron noemer Type indicator Meetniveau Het aantal patiënten waarbij stopmoment I is uitgevoerd en vastgelegd Aantal patiënten waarbij stopmoment I is uitgevoerd en vastgelegd Totaal aantal patiënten dat gezien is op de preoperatieve poli anesthesiologie Inclusie: datum operatie binnen de meetperiode, ingreepspecifieke code om operaties te selecteren in registratie Exclusie: - Checklist stopmomenten OK Planning preoperatieve poli anesthesiologie Procesindicator Patiëntniveau Toelichting De vragen die de anesthesioloog na afloop van de preoperatieve screening moet kunnen beantwoorden zijn de volgende: a) Wat is de operatie-indicatie en wat is het perioperatieve risico? b) Achten patiënt, operateur en anesthesioloog het perioperatieve risico acceptabel? c) Zijn de juiste maatregelen getroffen om het perioperatieve risico zoveel mogelijk te beperken? d) Gaat de patiënt akkoord met de operatie, de anesthesiologische behandeling en de verwachte risico s? Bij het eerste stopmoment wordt door de anesthesioloog gecontroleerd of zowel de operateur als de anesthesioloog akkoord hebben gegeven voor de operatie. In de organisatie wordt geborgd dat een bespreking plaatsvindt van de patiënten bij wie de anesthesioloog na de preoperatieve screening (en eventueel nader onderzoek) geen groen licht kan geven voor de voorgestelde operatie. Er vindt dan overleg plaats tussen de anesthesioloog en de operateur (en eventuele andere betrokken behandelaars). Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject 24

25 Indicator 1B Stopmoment II: Planning Operationalisatie Teller Noemer In-/exclusie criteria Bron teller Bron noemer Type indicator Meetniveau Het percentage patiënten waarbij stopmoment II is uitgevoerd en vastgelegd Aantal patiënten waarbij stopmoment II is uitgevoerd en vastgelegd Totaal aantal patiënten dat gezien is op de pre-operatieve poli anesthesiologie, waarbij de besproken electieve operatie is goedgekeurd en ingepland Inclusie: datum operatie binnen de meetperiode, ingreepspecifieke code om operaties te selecteren in registratie Exclusie: - Checklist stopmomenten OK Operatieplanning Procesindicator Patiëntniveau Toelichting Voordat een definitieve operatiedatum wordt gepland wordt gecontroleerd of aan alle voorwaarden is voldaan: zijn alle gegevens bekend, zijn benodigde materialen aanwezig of besteld, is voldoende personeel beschikbaar enz., kortom kan de operatie doorgang vinden? Indien er gegevens of materialen ontbreken of er andere redenen zijn dat de patiënt niet ingepland kan worden, wordt nog geen operatiedatum vastgelegd. De planningsafdeling stelt degene die verantwoordelijk is voor het aanleveren van de ontbrekende gegevens of materialen op de hoogte dat de patiënt nog niet ingepland kan worden en wat de reden is, en legt dit vast in het dossier. Wanneer wel alle gegevens compleet zijn en materialen beschikbaar, wordt de operatiedatum vastgesteld en in het dossier vastgelegd. In sommige gevallen (bijvoorbeeld bij wachtlijstbemiddeling) wordt er al een operatiedatum met de patiënt afgesproken voordat de anesthesioloog groen licht geeft, dus ook voordat stopmoment 2 kan plaatsvinden. Degene die de datum met de patiënt afspreekt, moet dan aangeven dat het om een voorlopige datum gaat en dat deze pas na stopmoment 2 bevestigd kan worden. Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject 25

26 Indicator 1C Stopmoment III: Controle actuele situatie Operationalisatie Teller Noemer In-/exclusie criteria Bron teller Bron noemer Type indicator Meetniveau Het percentage patiënten waarbij een operatie gepland staat, waarbij stopmoment III is uitgevoerd en vastgelegd Aantal patiënten waarbij stopmoment III is uitgevoerd en vastgelegd Totaal aantal patiënten waarbij de besproken electieve operatie is goedgekeurd en ingepland Inclusie: datum operatie binnen de meetperiode, ingreepspecifieke code om operaties te selecteren in registratie Exclusie: - Checklist stopmomenten OK Operatieplanning Procesindicator Patiëntniveau Toelichting Nadat de patiënt is opgenomen (bij voorkeur op de afdeling maar in ieder geval vóór stopmoment 4(a)) wordt nogmaals gecontroleerd of er aan alle voorwaarden voor een veilige operatie is voldaan. Zo wordt gecontroleerd of alle afspraken op het gebied van voorbereiding, peroperatieve zorg en nazorg zijn uitgevoerd. Met name betreft dit medicatieveiligheid, bloedproducten, de actuele conditie van de patiënt, nuchterheid en eventuele bijzonderheden. Op lokaal niveau wordt vastgelegd wie deze controle uitvoert onder de eindverantwoordelijkheid van de in de richtlijn genoemde professionals. De uitvoering van dit controlemoment kan in de praktijk gerealiseerd worden door gebruik van het een veiligheids- en informatieoverdrachtsysteem zoals bijvoorbeeld het SURPASS-systeem waarin de basiselementen van de WHO-controlelijst (www.who.int/patientsafety/safesurgery) zijn verwerkt. Items uit de SURPASS-lijst zijn in deze richtlijn opgenomen. Als gegevens ontbreken, afspraken niet zijn uitgevoerd, de conditie van de patiënt belangrijk gewijzigd is of er andere redenen zijn waardoor de patiënt niet veilig geopereerd kan worden, worden acties ondernomen om de belemmeringen op te heffen. De operateur, de anesthesioloog, de verpleegafdeling, de OK-afdeling en eventuele andere betrokkenen worden hiervan op de hoogte gesteld. Indien aan alle voorwaarden is voldaan kan het finale akkoord gegeven worden en kan de patiënt naar de operatiekamer gebracht worden. De uitkomst van het stopmoment en eventuele maatregelen worden in het dossier vastgelegd door de operateur (of gedelegeerde). De operateur is eindverantwoordelijk voor het finale akkoord bij dit stopmoment. Dit is een procedurele verantwoordelijkheid. Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject 26

27 Indicator 1D Stopmoment IVa: Pre-time-out Operationalisatie Teller Noemer In-/exclusie criteria Bron teller Bron noemer Type indicator Meetniveau Het percentage patiënten waarbij een operatie gepland staat, waarbij stopmoment IVa is uitgevoerd en vastgelegd Aantal patiënten waarbij stopmoment IVa is uitgevoerd (incl. niet van toepassing) en vastgelegd Totaal aantal patiënten waarbij de besproken electieve operatie is goedgekeurd en ingepland Inclusie: datum operatie binnen de meetperiode, ingreepspecifieke code om operaties te selecteren in registratie Exclusie: - Checklist stopmomenten OK Operatieplanning Procesindicator Patiëntniveau Toelichting Wanneer buiten de operatiekamer invasieve voorbereidende handelingen moeten plaatsvinden, wordt een zogenaamde pre-time-out uitgevoerd op de holding. Hierbij worden in aanwezigheid van de anesthesioloog en een assisterende, samen met de patiënt*, tenminste de identiteit van de patiënt, de plaats/zijde van operatie, de soort operatie, de aanwezigheid van benodigde materialen en de stollingsstatus en eventuele allergieën gecontroleerd. Deze pre-time-out komt niet in plaats van de time-out maar is een extra veiligheidsmoment. De anesthesioloog is ervoor verantwoordelijk dat het stopmoment wordt uitgevoerd en wordt vastgelegd. * in het geval van een minderjarige of wilsonbekwame patiënt tevens indien mogelijk in aanwezigheid van een ouder/verzorger of vertegenwoordiger Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject, Richtlijn Peroperatief Traject 27

28 Indicator 1E Stopmoment IV: Time-out Operationalisatie Teller Noemer In-/exclusie criteria Bron teller Bron noemer Type indicator Meetniveau Het percentage patiënten waarbij een operatie gepland staat, waarbij stopmoment IV is uitgevoerd en vastgelegd Aantal patiënten waarbij stopmoment IV is uitgevoerd en vastgelegd Totaal aantal patiënten waarbij de besproken electieve operatie is goedgekeurd en ingepland Inclusie: datum operatie binnen de meetperiode, ingreepspecifieke code om operaties te selecteren in registratie Exclusie: - Checklist stopmomenten OK Operatieplanning Procesindicator Patiëntniveau Toelichting Voordat de patiënt daadwerkelijk geopereerd wordt, vindt een structureel overleg plaats tussen operateur, anesthesioloog en OK-personeel. Besproken wordt tenminste: juiste patiënt, juiste operatie, zijde/locatie, stollingsstatus, antibioticabeleid, allergieën, comorbiditeit, positionering van de patiënt, aanwezigheid bevoegd en bekwaam personeel en materialen en bijzonderheden. Dit overleg dient op de operatiekamer, vóór de start van de anesthesie, plaats te vinden in aanwezigheid van de patiënt*. De operateur is ervoor verantwoordelijk dat het stopmoment wordt uitgevoerd en wordt vastgelegd in het medisch dossier. Bepaalde technische aspecten van de operatie kunnen ook na de inleiding van de anesthesie besproken worden door het operatieteam. * in het geval van een minderjarige of wilsonbekwame patiënt tevens indien mogelijk in aanwezigheid van een ouder/verzorger of vertegenwoordiger. Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject, Richtlijn Peroperatief Traject 28

29 Indicator 1F Stopmoment V: Sign-out Operationalisatie Teller Noemer In-/exclusie criteria Bron teller Bron noemer Type indicator Meetniveau Het percentage patiënten waarbij een operatie uitgevoerd is, waarbij stopmoment V is uitgevoerd Aantal patiënten waarbij stopmoment V is uitgevoerd Totaal aantal patiënten waarbij de besproken electieve operatie is goedgekeurd, ingepland en uitgevoerd is Inclusie: datum operatie binnen de meetperiode, ingreepspecifieke code om operaties te selecteren in registratie Exclusie: - Checklist stopmomenten OK Operatie registratie systeem Procesindicator Patiëntniveau Toelichting Nadat de wond gesloten is en in ieder geval voordat er iemand van het team en de patiënt de OK verlaten moet een sign out/debriefing plaatsvinden in aanwezigheid van het hele team*. Hierbij wordt tenminste besproken en vastgelegd: essentiële informatie over de verrichte procedure (procedure, instructies, complicaties, bijzonderheden), telling materialen en afspraken en instructies met betrekking tot postoperatieve zorg. De operateur controleert met de operatieassistent de identificatie en markering van het patiëntmateriaal van de interventie (bijvoorbeeld biopten, kweekmateriaal of PA-preparaat), en de juistheid en compleetheid van de bijbehorende formulieren. De operateur is ervoor (eind)verantwoordelijk dat het stopmoment wordt uitgevoerd en vastgelegd. * Deze taak kan door de anesthesioloog worden gedelegeerd naar de anesthesiemedewerker. De eindverantwoordelijkheid voor het anesthesiologisch deel blijft bij de anesthesioloog. Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject, Richtlijn Peroperatief Traject 29

30 Indicator 2: Patiëntendossier Omschrijving Bron Type indicator Meetniveau a. Wordt er één geïntegreerd multidisciplinair peri-operatief patiëntendossier gebruikt? b. Zo ja, is dit een digitaal dossier? Professionals betrokken bij het peri-operatieve proces Structuurindicator Ziekenhuisniveau Toelichting Om het preoperatieve proces veilig te kunnen laten verlopen is het noodzakelijk dat er maar één multidisciplinair perioperatief patiëntendossier wordt gebruikt. Dit dossier bevat alle relevante, juiste en laatste informatie en is bij voorkeur digitaal. Alle partijen moeten op ieder moment over dezelfde actuele informatie kunnen beschikken. Dit voorkomt ook dat dezelfde gegevens op meerdere plaatsen worden verzameld en geregistreerd (met een grotere kans op fouten). Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject, Richtlijn Peroperatief Traject 30

31 Indicator 3: Lokaal protocol Omschrijving Bron Type indicator Meetniveau a. Is er een lokaal protocol waarin is aangegeven bij welke ingrepen antibiotica geïndiceerd zijn? b. Is dit opgesteld volgens de geldende richtlijnen? c. Is dit protocol geaccordeerd door alle betrokken specialismen? d. Is er een lokaal protocol waarin is aangegeven bij welke ingrepen anticoagulantia geïndiceerd zijn en wat het beleid is met betrekking tot het staken en overbruggen van anticoagulantia? e. Is dit opgesteld volgens de geldende richtlijnen? f. Is dit protocol geaccordeerd door alle betrokken specialismen? Centraal registratiesysteem protocollen Informeren op de lokale OK complexen Structuurindicator Ziekenhuisniveau Toelichting Het pre- en postoperatieve medicatiebeleid wordt in de betreffende richtlijnen behandeld. Ook voor de peroperatieve periode moeten de verantwoordelijkheden helder zijn. Op lokaal niveau dient afgesproken en schriftelijk vastgelegd te worden wie in welke fase van het perioperatieve traject verantwoordelijk is voor het vastleggen en voorschrijven van medicatie. In iedere fase van het traject wordt de medicatie op eenduidige en transparante wijze in het geïntegreerde dossier vastgelegd. Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject, Richtlijn Peroperatief Traject 31

32 Indicator 4: Ziekenhuis management Omschrijving Bron Type indicator Meetniveau Heeft het management de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden met betrekking tot het proces van aanschaf, introductie, onderhoud, beheer en gebruik van medische apparatuur expliciet vastgelegd? Centraal registratiesysteem protocollen Structuurindicator Ziekenhuisniveau Toelichting De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) heeft een tweetal praktijkgidsen ontwikkeld: Kwaliteitsborging medische systemen: een praktische gids (2004) en de Praktijkgids risicomanagement en medische technologie (2008). Deze praktijkgidsen geven praktische aanbevelingen hoe in ziekenhuizen de kwaliteitsborging en het risicomanagement geregeld zouden moeten worden en waar de verantwoordelijkheden zouden moeten liggen. Naar de mening van de NVZ is de Raad van Bestuur ervoor verantwoordelijk dat het ziekenhuis beschikt over een operationeel kwaliteitsbeleid met betrekking tot medische apparatuur. Een dergelijk kwaliteitsbeleid dient zich uit te strekken tot alle betrokken diensten en afdelingen (NVZ 2004). Het management van de ziekenhuizen dient de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de Instrumentele Dienst en andere afdelingen in het proces van aanschaf, introductie, onderhoud, beheer en gebruik van medische apparatuur expliciet vast te leggen. Hieronder valt ook de introductie van medische apparatuur bij gebruikers in het ziekenhuis (NVZ 2004). Bronnen Richtlijn Peroperatief Traject 32

33 Indicator 5: Prospectieve risicoanalyse a. Worden er prospectieve risicoanalyses uitgevoerd voor alle medische apparatuur? Omschrijving Bron Type indicator Meetniveau b. Worden in deze risicoanalyse de volgende aspecten beschreven? - Procesbeschrijvingen voor aanschaf, introductie, gebruik en beheer - Risicovolle momenten - Indeling in een risicoklasse - Tracering van werkzaamheden aan medische apparatuur voor risicoanalyses - Eisen t.a.v. aantoonbare competentie van gebruikers Centraal registratiesysteem protocollen Structuurindicator Ziekenhuisniveau Toelichting De Nederlandse Vereniging voor Klinische Fysica (NVKF) heeft in 2007 een set prestatieindicatoren voor de kwaliteitsborging van medische systemen ontwikkeld. De Orde heeft samen met de NVZ, de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA) en de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) de leidraad Verantwoordelijkheid medisch specialist bij onderhoud en beheer van medische apparatuur opgesteld (2008), waarin de verantwoordelijkheden van de medisch specialist zijn beschreven, met een specifieke paragraaf voor de operatiekamer. Zo wordt hierin gesteld dat voor alle medische apparatuur een prospectieve risicoanalyse moet worden uitgevoerd, waarin beschreven worden: procesbeschrijvingen voor aanschaf, introductie, gebruik en beheer; risicovolle momenten; indeling in een risicoklasse; tracering van werkzaamheden aan medische apparatuur voor risicoanalyses en eisen t.a.v. aantoonbare competentie van gebruikers (NVZ 2008). Bronnen Richtlijn Peroperatief Traject 33

34 Indicator 6: OK-reglement a. Is er een lokaal OK-reglement aanwezig, waarin de geldende regelgeving is verwerkt en dat geaccordeerd is door alle betrokken vakgroepen? Omschrijving Bron Type indicator Meetniveau b. Worden in dit reglement de volgende aspecten beschreven? - Gedrags- en disciplinemaatregelen - Hygiënemaatregelen (waaronder regelmatige hygiënechecks) - Belegging van verantwoordelijkheden c. Is dit reglement aangevuld met lokale afspraken waar nodig? Centraal registratiesysteem protocollen of Hygiëne Infectie Preventie systeem (HIP) Structuurindicator Ziekenhuisniveau Toelichting Gezien de veelheid aan regelgeving op dit gebied is het naar de mening van de werkgroep essentieel dat ieder ziekenhuis beschikt over een OK-reglement, waarin de geldende regelgeving is verwerkt en dat geaccordeerd is door alle betrokken vakgroepen. Op het gebied van infectiepreventie moet in dit reglement aan de orde komen: - Gedrags- en disciplinemaatregelen o beperken aantal deurbewegingen, o wisselingen en aflossen van leden van het OK-team (zo min mogelijk, na overleg met de operateur c.q. anesthesioloog, niet tijdens risicomomenten) - Hygiënemaatregelen (waaronder regelmatige hygiënechecks) Waar lokale afspraken afwijken van de bestaande richtlijnen, dient in dit reglement onderbouwing te worden opgenomen voor deze afwijkende afspraken. De operateur is eindverantwoordelijk voor de hygiëne tijdens de operatie. Bronnen Richtlijn Peroperatief Traject 34

35 Indicator 7: Surveillancesysteem POWI Omschrijving Bron Type indicator Meetniveau a. Is er een surveillancesysteem voor postoperatieve wondinfecties (POWI) aanwezig? b. Worden resultaten teruggekoppeld naar de volgende belanghebbenden? - De OK-medewerkers - De betrokken verpleegafdelingen Centraal registratiesysteem protocollen of Hygiëne Infectie Preventie systeem (HIP) Structuurindicator Ziekenhuisniveau Toelichting In 2006 is door de WIP de richtlijn Preventie van postoperatieve wondinfecties gepubliceerd. Deze richtlijn betreft de preventie van postoperatieve wondinfecties door het nemen van hygiënische maatregelen voorafgaande, tijdens en na de operatie. Om zicht te krijgen op het aantal postoperatieve wondinfecties in een ziekenhuis of bij een specialisme is het belangrijk dat de resultaten worden teruggekoppeld naar de belanghebbenden. Dit terugkoppelen wordt bij voorkeur gedaan op basis van een surveillancesysteem. Bronnen Richtlijn Peroperatief Traject WIP-richtlijn Preventie van postoperatieve wondinfecties, 2006 VMS Veiligheidsprogramma: voorkomen van wondinfecties na een operatie,

36 Indicator 8: Medicatieveiligheid antibiotica Operationalisatie Teller Noemer In-/exclusie criteria Het percentage operaties waarbij minuten voor de incisie (of bloedleegte) de voorgeschreven antibioticaprofylaxe is toegediend aan de patiënt Aantal electieve operaties waarbij minuten voor de incisie (of bloedleegte) de voorgeschreven antibioticaprofylaxe is toegediend aan de patiënt Het totaal aantal electieve operaties waarbij antibioticaprofylaxe geindiceerd was Inclusie: datum operatie binnen de meetperiode, ingreepspecifieke codes om operaties en indicatie voor antibioticataprofylaxe te selecteren in registratie Exclusie: - Bron teller Bron noemer Type indicator Meetniveau Operatie registratiesysteem, operatie volg dossier, infectiesurveillancesysteem (bijvoorbeeld PREZIES) Operatie registratiesysteem, infectiesurveillancesysteem (bijvoorbeeld PREZIES) Procesindicator Patiëntniveau Toelichting Binnen het VMS Veiligheidsprogramma is een praktijkgids Voorkomen van wondinfecties na een operatie (2009) ontwikkeld, waarin voor antibioticaprofylaxe staat beschreven. Wanneer dit volgens het protocol geïndiceerd is, wordt antibioticaprofylaxe minuten voorafgaand aan de incisie (of bloedleegte) gegeven. Het tijdstip wordt genoteerd. Bronnen Richtlijn Preoperatief Traject, Richtlijn Peroperatief Traject VMS Veiligheidsprogramma: voorkomen van wondinfecties na een operatie,

37 Bijlage 5 Implementatieplan Inleiding Innovaties of aanbevelingen waarvan is aangetoond dat deze leiden tot betere zorg worden niet automatisch opgevolgd in de praktijk (Grol, 2006(1)). Vanuit de literatuur zijn vier factoren te onderscheiden die het implementatieproces kunnen beïnvloeden (Grol, 2006(2)): - Individuele factoren: hulpverleners met hun kennis, vaardigheden, attitudes, normen, waarden, zelfvertrouwen, geloof in eigen kunnen, vaste routines en persoonlijkheid - Sociale factoren: patiënten (hun kennis, attitude, gedrag, compliance, verwachtingen, behoeften, ervaringen en prioriteiten), houding en gedrag van collega s de cultuur in het sociale netwerk, de mening van leiders en sleutelfiguren en de aanwezigheid van innovators - Organisatorische factoren: de wijze van organisatie van de zorg, de aanwezigheid van personeel, het gevoerde beleid, de taakverdeling tussen disciplines en logistieke processen - Maatschappelijk/economische factoren: regelgeving, honorering en contractering. Voor de richtlijnen Pre- en Peroperatief traject is gekeken naar belemmerende en bevorderende factoren en praktijkvoorbeelden, op basis waarvan een voorstel is gedaan voor implementatie van de richtlijnen. Methode In een vijftal ziekenhuizen waar een of meerdere stopmomenten al zijn ingevoerd, zijn interviews gehouden met beleidsmedewerkers kwaliteit en bij de implementatie betrokken specialisten en verpleegkundigen. Het doel hiervan was te weten komen wat belemmerende en bevorderende factoren zijn bij het naleven van de richtlijn en hoe de implementatie van de richtlijnen tot nu toe is aangepakt. Belemmerende en bevorderende factoren Om erachter te komen welke factoren van invloed kunnen zijn op de implementatie van de richtlijn en bijbehorende indicatoren is de volgende vraag gesteld: Wat waren belemmerende en bevorderende factoren die jullie tegen zijn gekomen bij de implementatie van de richtlijn(en)? De oorzaken van mogelijke belemmerende factoren kunnen liggen bij de zorgverleners die ermee moeten werken (individuele of sociale factoren), de organisatie (organisatorische factoren) of de omgeving (maatschappelijke factoren). Best practices De ziekenhuizen die al een start gemaakt hebben met het invoeren van een of meerdere stopmomenten is het volgende gevraagd: Wat is jullie strategie geweest voor het invoeren van de aanbevelingen uit de richtlijn c.q. stopmomenten? Welke suggesties hebben jullie voor anderen die met dit traject nog moeten beginnen? Op deze manier kunnen de ervaringen gedeeld worden en kan bekeken worden wat belangrijke punten zijn bij het implementeren van de richtlijn en bijbehorende stopmomenten. 37

38 Implementatieplan Er is een stappenplan gemaakt voor implementatie op basis van de analyse van belemmerende en bevorderende factoren en de door de ziekenhuizen gebruikte implementatiestrategieën. Dit plan bevat activiteiten die implementatie van de richtlijn c.q. indicatoren gericht ondersteunen zodat naleving op termijn gerealiseerd kan worden. Resultaten Belemmerende en bevorderende factoren In totaal zijn er 10 personen geïnterviewd om informatie te verkrijgen over factoren die het implementatie proces kunnen beïnvloeden. De belemmerende en bevorderende factoren die naar voren kwamen in de verschillende interviews zijn gebundeld en opgenomen in tabel 1a/b. De meest voorkomende belemmerende factoren die in de interviews werden genoemd waren de motivatie van de betrokkenen, het bij elkaar krijgen van het hele team op de OK en de afwezigheid van een geautomatiseerd EPD. Terugkerende bevorderende factoren waren de goede communicatie en de evaluatie en terugkoppeling van de implementatie. Opvallend is dat er geen maatschappelijke factoren, zoals financiële prikkels of wet- en regelgeving, in de interviews naar voren zijn gekomen die het implementatieproces zouden kunnen beïnvloeden. Tabel 1a. Belemmerende factoren voor implementatie van de richtlijn c.q. indicatoren Niveau Belemmerende factoren Individueel Motivatie specialisten is vaak laag Gevoel specialisten dat hun autonomie wordt aangetast Documentatie kost veel tijd, ten koste van verdiepen in patiënt/ingreep Slecht voorbeeldgedrag Gewenste antwoorden, incidenten worden niet voorkomen Sociaal Bij elkaar krijgen van het hele team op hetzelfde tijdstip is moeilijk Elk specialisme is weer net iets anders Knop omzetten naar nieuwe werkwijze is moeilijk Organisatie Ziekenhuisorganisaties niet ingericht op invoering stopmomenten Toename werkbelasting leidt tot toename wachttijden Afwezigheid geautomatiseerd EPD Tabel 1b. Bevorderende factoren voor implementatie van de richtlijn c.q. indicatoren Niveau Bevorderende factoren Individueel Aanwezigheid van gemotiveerde verpleegkundigen Duidelijkheid over wie verantwoordelijk is en wie aan te spreken Goed voorbeeldgedrag Jongere specialisten staan vaak meer open voor veranderingen Van incidenten leermomenten maken Sociaal Sociale druk Cultuur waarin men elkaar aan durft te spreken bij onduidelijkheden en fouten Goede communicatie door multidisciplinair overleg Organisatie Gebruik van flexibel systeem/checklist Betrokkenheid en ondersteuning staf, management en Raad van Bestuur Overvloedige uitleg implementatie (infoavonden, posters, werkgroepen) Evaluatie voortgang implementatie Terugkoppeling voorkomen incidenten (update resultaten) Ondersteuning door bijvoorbeeld een werkgroep kwaliteit Praktijkvoorbeelden Van een vijftal ziekenhuizen is weergegeven op welke manier zij, op basis van de TOP-rapporten van de IGZ, zijn begonnen met de implementatie van de stopmomenten. Daarbij zijn 38

39 opmerkingen en eigen ervaringen uit de ziekenhuizen ook meegenomen. Samen met concrete voorbeelden van de checklisten zijn deze praktijkvoorbeelden opgenomen in bijlage 7. Hierin zijn niet altijd de gehele checklisten opgenomen en soms alleen een overzicht van het traject waarvoor checklisten zijn ontwikkeld. Tevens moet er rekening mee worden gehouden dat de checklisten steeds verder ontwikkeld worden. Implementatieplan De aanpak van de verschillende praktijkvoorbeelden om de stopmomenten (deels) in te voeren is in grote lijnen met elkaar vergelijkbaar en op basis van deze informatie is onderstaand implementatieplan opgesteld (zie figuur). In dit plan is weergegeven wat logische stappen zijn voor de implementatie van de richtlijn c.q. stopmomenten en staan suggesties voor betrokkenen met betrekking tot te benaderen personen, uit te voeren activiteiten of algemene tips voor uitvoering van de stap. Figuur2 : Implementatieplan en ondersteunende activiteiten Legenda bij figuur: Uitvoerende stap Suggesties/tips 39

40 Bijlage 6 Zoekstrategie literatuur Strategie voor zoeken naar literatuur Algemeen: Er werd eerst oriënterend gezocht naar bestaande richtlijnen in de databases van het National Guideline Clearinghouse (http://www.guideline.gov/), NICE ( SIGN (http://www.sign.ac.uk/) en van het CBO (http://www.cbo.nl/thema/richtlijnen/). Tevens werd gezocht naar systematische reviews in de Cochrane Library. Vervolgens werd er voor de afzonderlijke onderwerpen aan de hand van specifieke zoektermen gezocht naar gepubliceerde wetenschappelijke studies in de elektronische databases Medline (OVID) (1950-) en Embase ( Tevens werd er aanvullend handmatig gezocht naar studies aan de hand van de literatuurlijsten van de opgevraagde artikelen. In eerste instantie werd gezocht naar (systematische reviews of meta-analyses van) gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken (RCTs). Voor het identificeren van mogelijke systematische reviews en randomized controlled trials werd gebruik gemaakt van de methodologische filters van het Scottish Intercollegiate Guidelines Network (http://www.sign.ac.uk/methodology/filters.html). In afwezigheid van RCTs werd verder gezocht naar prospectieve gecontroleerde onderzoeken, vergelijkende onderzoeken en prospectieve niet-vergelijkende onderzoeken. De searches werden verder ook gelimiteerd op literatuur in het Engels en in het Nederlands. Waar dat niet zo was is dat vermeld. De selectie van de literatuur werd gedaan door voorzitter en adviseur op basis van relevantie en onderzoeksdesign. Er is vooral gezocht naar literatuur over effecten van interventies. 40

41 Specifieke zoekstrategieën Onderwerp Database Zoektermen Aantal hits 1 Deurbewegingen Medline (OVID) augustus (surger$ or surgic$).af. 2. Surgery Department, Hospital/ 3. (an$esthet* or an$esthesia).ab,ti. 4. anesthesia.mp. or Anesthesia/ 6. "anesthesia and analgesia"/ or surgical procedures, operative/ 7. Anesthetics/ (door adj3 opening adj5 frequency).ab,ti. 10. "Colony Count, Microbial"/ 11. Operating Rooms/ 12. door$.ab,ti. 13. contamination.ab,ti. 14. traffic.ab,ti or and (13 or 10) or and and 11 and or limit 20 to (yr="2000 -Current" and (dutch or english)) 22. from 21 keep Geïntegreerd dossier Embase Medline (OVID) augustus 2008 'operating room'/exp OR 'operating room personnel'/exp AND (door*:ab,ti AND [ ]/py OR (traffic:ab,ti AND [ ]/py)) AND ('bacterial count'/exp OR (contamination:ab,ti AND [ ]/py)) OR ('peroperative complication'/exp OR 'risk factor'/exp OR 'safety'/exp OR 'risk management'/exp OR 'patient safety'/exp OR 'accident prevention'/exp OR patient NEAR/2 safety AND door* NEAR/3 opening AND [ ]/py AND ('perioperative period'/exp OR 'perioperative nursing'/exp OR perioperative OR 'per operative':ab,ti OR surger* OR surgic*:ab,ti OR 'anesthesia'/exp OR an$esthesia$:ab,ti OR 'surgery'/exp OR 'operating room'/exp OR 'operating room personnel'/exp)) 1. integrated health record$.ab,ti. 2. integrated patient record$.ab,ti. 3. integrated medical record$.ab,ti or 1 or 2 13 'perioperative period'/exp OR 'perioperative nursing'/exp OR perioperative OR 'per operative':ab,ti OR surger* OR surgic*:ab,ti OR 'anesthesia'/exp OR an$esthesia$:ab,ti OR 'surgery'/exp Embase AND ((integrated NEAR/1 health):ti AND record*:ti AND [ ]/py OR ((integrated NEAR/1 patient):ti AND record*:ti AND [ ]/py) OR ((integrated NEAR/1 patient):ab AND record*:ab AND [ ]/py) OR ((integrated NEAR/1 medical):ti AND record*:ti AND [ ]/py) OR ((integrated NEAR/1 health):ab AND record*:ab AND [ ]/py)) 1 Aantal hits is na ontdubbeling voor referenties gevonden via zowel Medline als Embase 41

42 Identificatie patiënt Medline (OVID) augustus Perioperative Care/ 2. exp Perioperative Care/ 3. exp Perioperative Nursing/ 4. (perioperative or peri-operative).ab,ti. 5. (surger$ or surgic$).af. 6. Surgery Department, Hospital/ 7. (an$esthet* or an$esthesia).ab,ti. 8. anesthesia.mp. or Anesthesia/ 9. "anesthesia and analgesia"/ or surgical procedures, operative/ 10. Anesthetics/ Patient Identification Systems/ or patient identification.mp. 13. (wristband identification or patient identification).af or and Safety Management/ or Medical Errors/ or patient safety.mp. or Quality Assurance, Health Care/ and (impact or evaluat* or effect* or safety).ti and 18 Embase augustus 2009 Patiënt handover Medline (OVID) augustus 2009 Embase augustus 2009 'perioperative period'/exp OR 'perioperative nursing'/exp OR perioperative OR 'per operative':ab,ti OR surger* OR surgic*:ab,ti OR 'anesthesia'/exp OR an$esthesia$:ab,ti OR 'surgery'/exp AND ('patient identification'/exp OR 'wristband identification':ab,ti OR 'wristband identification' OR 'wrong patient':ab,ti) AND ('patient safety'/exp OR safety:ab,ti OR 'medical error'/exp OR inciden$:ab,ti OR error$:ab,ti) AND ([dutch]/lim OR [english]/lim OR [german]/lim) AND [ ]/py 1-11 zie search patiëntidentificatie 12. Patient Transfer/ 13. handover$.af. 14. Safety Management/ or safety management.mp. 15. Medical Errors/pc [Prevention & Control] or care transitions.mp or 11 or and limit 19 to (english language and humans and yr=" Current") and 11 'perioperative period'/exp OR 'perioperative nursing'/exp OR perioperative OR 'per operative':ab,ti OR surger* OR surgic*:ab,ti OR 'anesthesia'/exp OR an$esthesia$:ab,ti OR 'surgery'/exp AND ('patient transport'/exp OR handover* OR care NEAR/1 transition*) AND ('peroperative complication'/exp OR 'risk factor'/exp OR 'safety'/exp OR 'risk management'/exp OR 'patient safety'/exp OR 'accident prevention'/exp OR 'medical error'/exp OR safety:ab,ti) AND handover:ab,ti AND [embase]/lim AND [ ]/py 24 Positie patiënt Medline (OVID) augustus zie search patiëntidentificatie 12. (patient adj3 positioning).ab,ti. 13. exp Posture/ or and exp Intraoperative Complications/ 40 42

43 17. Risk Factors/ 18. Safety Management/ or Risk Management/ or Accident Prevention/ or patient safety.mp or17 or and (patient adj3 position$).ti. 22. (body adj3 position$).ti. 23. (surgical adj3 position$).ti or 23 or and from 25 keep 1-38 Embase augustus 2009 (patient NEAR/2 position):ti OR (body NEAR/2 position):ti OR (patients NEAR/2 position):ti OR (surgical NEAR/2 position):ti AND ('perioperative period'/exp OR 'perioperative nursing'/exp OR perioperative OR 'per operative':ab,ti OR surger* OR surgic*:ab,ti OR 'anesthesia'/exp OR an$esthesia$:ab,ti OR 'surgery'/exp) AND ((patient NEAR/2 position):ti OR (body NEAR/2 position):ti OR (patients NEAR/2 position):ti OR (surgical NEAR/2 position):ti OR 'body position'/exp) AND ('peroperative complication'/exp OR 'risk factor'/exp OR 'safety'/exp OR 'risk management'/exp OR 'patient safety'/exp OR 'accident prevention'/exp OR patient NEAR/2 safety) AND [embase]/lim AND [ ]/py Time out, cultuur en samenwerking Medline (OVID) juni Perioperative Care/ (5502) 2 exp Perioperative Care/ (66829) 3 exp Perioperative Nursing/ (11791) 4 (perioperative or peri-operative).ab,ti. (40132) 5 or/1-4 (105571) 6 *Surgical Procedures, Operative/ (35111) 7 *perioperative nursing/ or *operating room nursing/ (8095) 8 6 or 7 (43010) 9 5 or 8 (138237) 10 (operating adj3 theat*).mp. [mp=title, original title, abstract, name of substance word, subject heading word, unique identifier] (2878) 11 (operating adj3 theat*).ti,ab. (2878) 12 (operating adj3 room*).ti,ab. (13507) 13 or/10-12 (16136) 14 9 or 13 (151505) 15 (time out* or timeout*).ti,ab. (1494) 16 (debrief* or briefing).ti,ab. (1800) 17 (handover or "hand over").ti,ab. (561) or 16 or 17 (3844) 19 Culture/ (22106) 21 Cooperative Behavior/ (17640) 22 teamwork.ti,ab. (3397) 23 Checklist/ or checklist.ti,ab. (11861) or 21 or 22 or 23 (54390) or 30 (58096) and 31 (616) 33 exp Accident Prevention/ (46145) 34 Medical Errors/ (9075) 35 exp Postoperative Complications/pc [Prevention & Control] (58039) 36 adverse effects.fs. ( ) 37 mortality.fs. (329878) 38 complications.fs. ( ) 39 (safe* or harm or error* or damage or hazard of unsafe* or mistake* or mishappen of injury).ti,ab. (772758) 40 or/33-39 ( ) 42 exp risk management/ or safety management/ (141288) or 42 ( ) and 43 (289) not 45 (227) 3 SR 146 divers 43

44 47 limit 46 to (english language and yr="2005 -Current") (149) 48 Systematische review (zoekfilter) > (3) not 48 > (146) 44

45 Bijlage 7 Praktijkvoorbeelden 1. Metrokaart Scheper Ziekenhuis, Emmen en Atrium Ziekenhuis, Heerlen De vertaalslag van tekstuele procedures naar de gebruiker is vaak moeilijk. Daarom is het volledige proces rond de OK visueel in kaart gebracht door middel van een procesbeschrijvingsposter. Deze poster geeft het gehele peri-operatieve proces weer met behulp van metrolijnen, zodat in één oogopslag gezien kan worden waar in het proces een patiënt zich bevindt. Per werkgebied is aangegeven op trajectkaarten wat de taken en verantwoordelijkheden zijn bij iedere stap. De volgende stappen zijn opgenomen op trajectkaarten: - Preoperatief management - Planningsoverleg - Verificatie - Sign In! - Time Out! - Sign Out! - Safe Out! - Check Out! Op het einde van elke stap wordt door de eindverantwoordelijke voor akkoord getekend dat de benodigde taken zijn uitgevoerd. Dit gebeurt op een korte overall checklist proces patiëntveiligheid. Het grote gevaar van checklisten is dat het aftekenen ervan een gewoonte gaat worden. De trajectkaart is bedoeld als geheugensteun en er is alleen een korte overall checklist aanwezig waar de eindverantwoordelijken voor akkoord tekenen. Per ziekenhuis kan de trajectkaart op kleine punten verschillen. 45

46 46

47 47

48 48

49 49

Voorbeelden informatiepakketten

Voorbeelden informatiepakketten Voorbeelden informatiepakketten 5 Voorbereiding operatie 5.1 De patiënt wordt besteld De verpleegafdeling waar de patiënt verblijft wordt geïnformeerd dat de patiënt naar de operatieafdeling gebracht kan

Nadere informatie

Toetsingskader Follow-up Toezicht operatief proces (FU TOP)

Toetsingskader Follow-up Toezicht operatief proces (FU TOP) Toetsingskader Follow-up Toezicht operatief proces (FU TOP) Communicatie en overdracht Preoperatieve voortgang Binnen het ziekenhuis moet een sluitend systeem aanwezig zijn dat te allen tijde inzichtelijk

Nadere informatie

Ontwerpers voor de zorg Hoe design geleidt naar veilig gedrag

Ontwerpers voor de zorg Hoe design geleidt naar veilig gedrag Hoe design geleidt naar veilig gedrag Kan design mensen helpen? Ontwerpers voor de zorg Natuurlijk gedrag Ontwerpers voor de zorg ? Panton: 100% gezondheidszorg, 100% design 12 creaheve ontwerpers

Nadere informatie

Voorbeelden informatiepakketten

Voorbeelden informatiepakketten Bijlage 1 Voorbeelden informatiepakketten 4.3 Overdracht OK-verkoeverafdeling Hieronder wordt de overdracht van de operatiekamer naar de verkoeverafdeling besproken. De overdracht van de operatiekamer

Nadere informatie

Patiënten Service Bureau Kwaliteit en veiligheid voor de patiënt in het BovenIJ ziekenhuis! Madeleine Vervenne Rigter

Patiënten Service Bureau Kwaliteit en veiligheid voor de patiënt in het BovenIJ ziekenhuis! Madeleine Vervenne Rigter Patiënten Service Bureau Kwaliteit en veiligheid voor de patiënt in het BovenIJ ziekenhuis! Madeleine Vervenne Rigter Schema PSB Check Check Check Check Check Intake Intake Intake Intake Gegevens Gegevens

Nadere informatie

Richtlijn. Het Peroperatieve Traject

Richtlijn. Het Peroperatieve Traject Richtlijn Het Peroperatieve Traject INITIATIEF: Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA) Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) PARTICIPERENDE VERENIGINGEN / ORGANISATIES Landelijke Vereniging

Nadere informatie

Bijlage 4 Indicatoren Inleiding Interne of externe indicatoren

Bijlage 4 Indicatoren Inleiding Interne of externe indicatoren Bijlage 4 Indicatoren Inleiding In de richtlijn is beschreven wat de gewenste wijze van werken is om veilige zorg voor patiënten te realiseren. Indicatoren zijn bedoeld om te meten of de huidige manier

Nadere informatie

HANDLEIDING INDICATORENONTWIKKELING

HANDLEIDING INDICATORENONTWIKKELING HANDLEIDING INDICATORENONTWIKKELING VERSIE VOOR WERKGROEPLEDEN Versie juni 2013 VERANTWOORDING De handleiding indicatorenontwikkeling voor werkgroepleden is gemaakt door medewerkers van het Kennisinstituut

Nadere informatie

Handreiking klaarmaken en toedienen van medicatie op het operatiekamercomplex (OKC)

Handreiking klaarmaken en toedienen van medicatie op het operatiekamercomplex (OKC) Handreiking klaarmaken en toedienen van medicatie op het operatiekamercomplex (OKC) Datum: 22-03-2016 Xander Zuidema, May Ronday en Peter Meijer namens de NVA Elsbeth Helfrich en Mirjam Crul namens de

Nadere informatie

Richtlijn Postoperatief traject

Richtlijn Postoperatief traject Richtlijn Postoperatief traject 5 INITIATIEF Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA) Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG)

Nadere informatie

Op elke plek een check. OK-project. Schadecategorieën en vangnetcriteria voor de operatieafdeling

Op elke plek een check. OK-project. Schadecategorieën en vangnetcriteria voor de operatieafdeling Op elke plek een check OK-project Schadecategorieën en vangnetcriteria voor de operatieafdeling Toelichting Op de operatieafdeling ontstaan, vergeleken met andere afdelingen, veel claims. Voor een deel

Nadere informatie

Samen werken is Samenwerken. Gerda Lelieveld en Peter van Diemen Deskundigen Infectiepreventie, Rijnland Zorggroep

Samen werken is Samenwerken. Gerda Lelieveld en Peter van Diemen Deskundigen Infectiepreventie, Rijnland Zorggroep Samen werken is Samenwerken Gerda Lelieveld en Peter van Diemen Deskundigen Infectiepreventie, Rijnland Zorggroep Aandachtsvelder/HKM er Afdelingsgebonden medewerker Onder leiding van teamleider Onder

Nadere informatie

Richtlijn. Het Preoperatieve Traject

Richtlijn. Het Preoperatieve Traject Richtlijn Het Preoperatieve Traject INITIATIEF: Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA) Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) MEDE INITIATIEF: Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ)

Nadere informatie

Bijlage 7 Praktijkvoorbeelden 1. Metrokaart Scheper Ziekenhuis, Emmen en Atrium Ziekenhuis, Heerlen

Bijlage 7 Praktijkvoorbeelden 1. Metrokaart Scheper Ziekenhuis, Emmen en Atrium Ziekenhuis, Heerlen Bijlage 7 Praktijkvoorbeelden 1. Metrokaart Scheper Ziekenhuis, Emmen en Atrium Ziekenhuis, Heerlen De vertaalslag van tekstuele procedures naar de gebruiker is vaak moeilijk. Daarom is het volledige proces

Nadere informatie

Vragenlijst SAFE SURGERY voor het uitvoeren van een zelfevaluatie in contractjaar 2013

Vragenlijst SAFE SURGERY voor het uitvoeren van een zelfevaluatie in contractjaar 2013 Vragenlijst SAFE SURGERY voor het uitvoeren van een zelfevaluatie in contractjaar 2013 De vragen zijn opgedeeld in verschillende rubrieken en betreffen het thema safe surgery. Het is de bedoeling dat de

Nadere informatie

Observatielijst Toezicht Operatief Proces deel 2, peroperatief. 1. Eénmaal te scoren criteria op OK-complex. Kledinggedrag op OK-complex.

Observatielijst Toezicht Operatief Proces deel 2, peroperatief. 1. Eénmaal te scoren criteria op OK-complex. Kledinggedrag op OK-complex. Observatielijst Toezicht Operatief Proces deel 2, peroperatief 1. Eénmaal te n criteria op OK-complex Kledinggedrag op OK-complex Observatiepunt 1 1. OK-kleding: Draagt iedereen binnen het OKcomplex OK-kleding

Nadere informatie

Het operatieve proces in de cardiothoracale chirurgie: veel aandacht voor de patiënt, elkaar aanspreken verbetert de uitvoering

Het operatieve proces in de cardiothoracale chirurgie: veel aandacht voor de patiënt, elkaar aanspreken verbetert de uitvoering Het operatieve proces in de cardiothoracale chirurgie: veel aandacht voor de patiënt, elkaar aanspreken verbetert de uitvoering Utrecht, juni 2016 Het operatieve proces in de cardiothoracale chirurgie:

Nadere informatie

Richtlijn. Het preoperatieve traject

Richtlijn. Het preoperatieve traject Richtlijn Het preoperatieve traject CBO, september 2009 Colofon Conceptrichtlijn Het Preoperatieve Traject 2009, Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie Mercatorlaan 1200 Postbus 20063 3502 LB Utrecht

Nadere informatie

Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA)

Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA) Dutch Upper GI Cancer Audit (DUCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De

Nadere informatie

STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER)

STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER) STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER) Juni 2004 INLEIDING Voor u ligt een stappenplan dat gebaseerd is op de CBO-richtlijn

Nadere informatie

Indicatoren. Richtlijn urine-incontinentie voor de tweede- en derdelijnszorg. Definitief mei 2013

Indicatoren. Richtlijn urine-incontinentie voor de tweede- en derdelijnszorg. Definitief mei 2013 Indicatoren Richtlijn urine-incontinentie voor de tweede- en derdelijnszorg Definitief mei 2013 Inhoud 1. Procesbeschrijving... 3 1.1. Indicatorenwerkgroep... 3 1.2. Achtergrond over interne indicatoren...

Nadere informatie

NVA BEROEPSNORMEN. Zorgprocessen

NVA BEROEPSNORMEN. Zorgprocessen NVA BEROEPSNORMEN De NVA beroepsnormen worden uitgedrukt in een minimumnorm en een tweetal streefnormen. De systematiek van de kwaliteitsvisitatie sluit hierbij aan: 1. Minimumnorm - Het inzicht, de maatregel

Nadere informatie

Factsheet Indicatoren Bariatrische chirurgie (DATO)

Factsheet Indicatoren Bariatrische chirurgie (DATO) Factsheet en Bariatrische chirurgie (DATO) DATO 2014 [2.0.; 10102014] Registratie gestart: 1 januari 2014 Type Uitvraag over Bron Nr. indicator (jaar) 1 Aantal primaire bariatrische ingrepen per ziekenhuislocatie.

Nadere informatie

Operatie aan de halsslagader Carotisdesobstructie

Operatie aan de halsslagader Carotisdesobstructie Operatie aan de halsslagader Carotisdesobstructie Ziekenhuis Gelderse Vallei U wordt binnenkort opgenomen wegens een operatie aan uw halsslagader. Deze folder is bedoeld als aanvulling op de mondelinge

Nadere informatie

Factsheet Indicatoren Lage Rug Hernia (DSSR) A. Beschrijving Indicator

Factsheet Indicatoren Lage Rug Hernia (DSSR) A. Beschrijving Indicator Factsheet en Lage Rug Hernia (DSSR) A. Beschrijving DSSR 2014 [2.5; 14-11- 2014] Registratie gestart: 01-01- 2014 Gestart met Spinaalchirurgie Lumbaal geïnstrumenteerd; Januari 2015 start met Lumbale hernia

Nadere informatie

INTERNE INDICATOREN BEHORENDE BIJ DE RICHTLIJN ASPECIFIEKE LAGE RUGKLACHTEN

INTERNE INDICATOREN BEHORENDE BIJ DE RICHTLIJN ASPECIFIEKE LAGE RUGKLACHTEN INTERNE INDICATOREN BEHORENDE BIJ DE RICHTLIJN ASPECIFIEKE LAGE RUGKLACHTEN Samenstelling subwerkgroep indicatoren richtlijn Aspecifieke lage rugklachten : - Dr. P.R. Algra, Nederlandse Vereniging voor

Nadere informatie

NABON Breast Cancer Audit (NBCA)

NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NABON Breast Cancer Audit (NBCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De ontsluiting

Nadere informatie

Het verwijderen van een nier

Het verwijderen van een nier Het verwijderen van een nier Albert Schweitzer ziekenhuis februari 2015 pavo 0127 Inleiding Binnenkort wordt u in het ziekenhuis opgenomen voor het verwijderen van een nier. In deze folder leest u over

Nadere informatie

Plastische Chirurgie. Hidradenitis Voorbereiding, nazorg en leefregels na het verwijderen van hidradenitis

Plastische Chirurgie. Hidradenitis Voorbereiding, nazorg en leefregels na het verwijderen van hidradenitis Plastische Chirurgie Hidradenitis Voorbereiding, nazorg en leefregels na het verwijderen van hidradenitis Algemeen Binnenkort wordt u opgenomen in het Diaconessenhuis, omdat u een operatie zal ondergaan,

Nadere informatie

Nr Naam Beschrijving Mogelijke waarden of verwijzingen 1 Patiëntidentificatie Een uniek patiëntidentificatienummer Vrije tekst

Nr Naam Beschrijving Mogelijke waarden of verwijzingen 1 Patiëntidentificatie Een uniek patiëntidentificatienummer Vrije tekst Toelichting op het registratieformulier oktober 2014 Optionele variabelen zijn in donkergrijs weergegeven op het registratieformulier en in deze toelichting. Nr Naam Beschrijving Mogelijke waarden of verwijzingen

Nadere informatie

Opheffen vernauwing plasbuis (Procedure Sachse of Otis)

Opheffen vernauwing plasbuis (Procedure Sachse of Otis) Opheffen vernauwing plasbuis (Procedure Sachse of Otis) In overleg met de behandelend arts heeft u besloten dat er een operatie aan uw plasbuis zal plaatsvinden. In deze folder leest u in grote lijnen

Nadere informatie

Deel 5. Operatie en ontslag

Deel 5. Operatie en ontslag . Operatie en ontslag Inhoud Voorbereiding op de operatie 1 Na de operatie 2 Terug naar de afdeling 3 Ontslag 5 De dag van ontslag 5 Vervolgafspraak 6 Ruimte voor vragen en aantekeningen 7 Patiënteninformatie

Nadere informatie

dagopname op de afdeling dagbehandeling

dagopname op de afdeling dagbehandeling patiënteninformatie dagopname op de afdeling dagbehandeling In overleg met uw arts heeft u besloten tot opname op de afdeling Dagbehandeling in het Onze lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG). Op de afdeling Dagbehandeling

Nadere informatie

Factsheet NABON Breast Cancer Audit (NBCA)

Factsheet NABON Breast Cancer Audit (NBCA) Factsheet NABON Breast Cancer Audit () [1.0.; 15-09-] Registratie gestart: 2011 Als algemene voorwaarde voor het meenemen van een patiënt in de berekening van de kwaliteitsindicatoren is gesteld dat ten

Nadere informatie

LEIDRAAD. Verantwoordelijkheid medisch specialist bij aanschaf, ingebruikname en gebruik van medische apparatuur

LEIDRAAD. Verantwoordelijkheid medisch specialist bij aanschaf, ingebruikname en gebruik van medische apparatuur LEIDRAAD Verantwoordelijkheid medisch specialist bij aanschaf, ingebruikname en gebruik van medische apparatuur 1 Januari 2014 1 INLEIDING Medisch specialisten zijn voor een goede en veilige uitoefening

Nadere informatie

Buikwandcorrectie Radboud universitair medisch centrum

Buikwandcorrectie Radboud universitair medisch centrum Buikwandcorrectie Door extreme vermagering, zwangerschappen, veroudering of operaties kan de buikwand zo ernstig verslappen dat een afhangende buik ontstaat. Een afhangende buik kan met behulp van plastisch

Nadere informatie

Verwijderen zaadbal (Orchidectomie)

Verwijderen zaadbal (Orchidectomie) Verwijderen zaadbal (Orchidectomie) In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten tot het laten verwijderen van een zaadbal, een zogeheten orchidectomie. In deze folder leest u meer over deze operatie

Nadere informatie

5. Standpunt van de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie ten aanzien van de Basisset Prestatieindicatoren

5. Standpunt van de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie ten aanzien van de Basisset Prestatieindicatoren 1. Pijnmetingen bij postoperatieve patiënten 2. Externe verantwoording In het kader van de Kwaliteitswet Zorginstellingen leggen zorginstellingen en zorgverleners verantwoording af over de geleverde kwaliteit.

Nadere informatie

Rapportage van het inspectiebezoek aan Eyescan Oogzorgkliniek op 3 juni 2013 te Emmen. Utrecht, augustus 2013

Rapportage van het inspectiebezoek aan Eyescan Oogzorgkliniek op 3 juni 2013 te Emmen. Utrecht, augustus 2013 Rapportage van het inspectiebezoek aan Eyescan Oogzorgkliniek op 3 juni 2013 te Emmen Utrecht, augustus 2013 Inhoudsopgave 1 Aanleiding inspectiebezoek...3 2 Conclusies en te nemen maatregelen...5 3 Resultaten

Nadere informatie

Rapportage van het inspectiebezoek aan Van Linschoten Specialisten op 18 juni 2013 te Hilversum

Rapportage van het inspectiebezoek aan Van Linschoten Specialisten op 18 juni 2013 te Hilversum Rapportage van het inspectiebezoek aan Van Linschoten Specialisten op 18 juni 2013 te Hilversum Juni 2013 Inhoudsopgave 1 Aanleiding inspectiebezoek 3 2 Conclusies en te nemen maatregelen 4 3. Resultaten

Nadere informatie

Belangen spreker. Kwaliteitsregistratie: het werkt! 1-11-2013. Marc van Tilburg chirurg 30 oktober 2013

Belangen spreker. Kwaliteitsregistratie: het werkt! 1-11-2013. Marc van Tilburg chirurg 30 oktober 2013 --23 Kwaliteitsregistratie: het werkt! Marc van Tilburg chirurg 3 oktober 23 Belangen spreker (potentiële) belangenverstrengeling Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Geen Voor bijeenkomst

Nadere informatie

Mohs Chirurgie en Reconstructie

Mohs Chirurgie en Reconstructie Kanker Instituut U heeft een afspraak op het gezamenlijke spreekuur van de afdelingen Dermatologie en Plastische Chirurgie. In deze folder vindt u informatie over het verwijderen van huidkanker door middel

Nadere informatie

EEN MEERJARIG BELEIDSPLAN MET SMART DOELSTELLINGEN

EEN MEERJARIG BELEIDSPLAN MET SMART DOELSTELLINGEN VOORBEELD VEILIGHEIDSPLAN EEN MEERJARIG BELEIDSPLAN MET SMART DOELSTELLINGEN Hieronder ziet u de hoofdstukken en paragrafen van het veiligheidsplan. Per paragraaf ziet u welke informatie u moet geven.

Nadere informatie

Datum 16 september 2013 Onderwerp V62008 Verslag inspectiebezoek Convenant Veilige toepassing van medische technologie in het ziekenhuis

Datum 16 september 2013 Onderwerp V62008 Verslag inspectiebezoek Convenant Veilige toepassing van medische technologie in het ziekenhuis > Retouradres Postbus 90700 2509 LS Den Haag Ziekenhuis St. Jansdal xxxx, Raad van Bestuur Postbus 138 3840 AC HARDERWIJK Werkgebied Zuidwest Wilh. van Pruisenweg 52 Den Haag Postbus 90700 2509 LS Den

Nadere informatie

Slijmbeursoperatie. Albert Schweitzer ziekenhuis Afdeling Chirurgie februari 2012 pavo 0335

Slijmbeursoperatie. Albert Schweitzer ziekenhuis Afdeling Chirurgie februari 2012 pavo 0335 Slijmbeursoperatie Albert Schweitzer ziekenhuis Afdeling Chirurgie februari 2012 pavo 0335 Inleiding De chirurg heeft met u besproken dat bij u een slijmbeursoperatie nodig is. In deze folder leest u meer

Nadere informatie

PLASTISCHE CHIRURGIE. Borstreconstructie BEHANDELING

PLASTISCHE CHIRURGIE. Borstreconstructie BEHANDELING PLASTISCHE CHIRURGIE Borstreconstructie BEHANDELING Borstreconstructie Deze folder is bedoeld voor vrouwen die in aanmerking komen voor een borstreconstructie. Van uw plastisch chirurg hebt u hierover

Nadere informatie

sedatie Franske Keuter Coördinerend specialistisch inspecteur IGZ Projectleider Sedatie Heerenveen 17 september 2013 Sedatie 14-11-2012

sedatie Franske Keuter Coördinerend specialistisch inspecteur IGZ Projectleider Sedatie Heerenveen 17 september 2013 Sedatie 14-11-2012 sedatie Franske Keuter Coördinerend specialistisch inspecteur IGZ Projectleider Sedatie Heerenveen 17 september 2013 2 Sedatie 14-11-2012 1 context Behoefte zal alleen maar toenemen: aantal ingrepen buiten

Nadere informatie

VMS veiligheidseisen voor het ZKN-Keurmerk Een vertaling van de NTA8009:2011 naar de situatie van de zelfstandige klinieken

VMS veiligheidseisen voor het ZKN-Keurmerk Een vertaling van de NTA8009:2011 naar de situatie van de zelfstandige klinieken VMS veiligheidseisen voor het ZKN-Keurmerk Een vertaling van de NTA8009:2011 naar de situatie van de zelfstandige klinieken Leiderschap 1. De directie heeft vastgelegd en is eindverantwoordelijk voor het

Nadere informatie

patiënteninformatie anesthesie www.sanavisie.nl

patiënteninformatie anesthesie www.sanavisie.nl patiënteninformatie anesthesie www.sanavisie.nl patiënteninformatie anesthesie De anesthesioloog Voorafgaand aan de operatie maakt u kennis met de anesthesioloog. Dit is een arts die gespecialiseerd is

Nadere informatie

PATIËNTEN INFORMATIE. Dogear correctie. Polikliniek Plastische Chirurgie

PATIËNTEN INFORMATIE. Dogear correctie. Polikliniek Plastische Chirurgie PATIËNTEN INFORMATIE Dogear correctie Polikliniek Plastische Chirurgie 2 PATIËNTENINFORMATIE Door middel van deze informatiefolder wil de polikliniek Plastische Chirurgie van het Maasstad Ziekenhuis u

Nadere informatie

Capgemini Nederland B.V. Aan: J.W. Kallewaard Afzender: Hermen Vermaat C.c.: NVA Ref.: Betreft: POS Datum: 18-december 2007

Capgemini Nederland B.V. Aan: J.W. Kallewaard Afzender: Hermen Vermaat C.c.: NVA Ref.: Betreft: POS Datum: 18-december 2007 Capgemini Nederland B.V. Aan: J.W. Kallewaard Afzender: Hermen Vermaat C.c.: NVA Ref.: Betreft: POS Datum: 18-december 2007 Advisering integratie POS in DBC systematiek Capgemini is gevraagd te adviseren

Nadere informatie

Verwijderen van de sternumdraden

Verwijderen van de sternumdraden Cardiothoracale chirurgie Verwijderen van de sternumdraden www.catharinaziekenhuis.nl Patiëntenvoorlichting: patienten.voorlichting@catharinaziekenhuis.nl CTC006 / Verwijderen van de sternumdraden / 10-10-2013

Nadere informatie

Voor je opleiding ben je van harte welkom in Laurentius. Operatieassistent & anesthesiemedewerker. Het leukste ziekenhuis van Limburg in Roermond!

Voor je opleiding ben je van harte welkom in Laurentius. Operatieassistent & anesthesiemedewerker. Het leukste ziekenhuis van Limburg in Roermond! Voor je opleiding ben je van harte welkom in Laurentius Operatieassistent & anesthesiemedewerker Het leukste ziekenhuis van Limburg in Roermond! Mensen opleiden vinden we belangrijk in Laurentius. Daarom

Nadere informatie

Indicatoren Zichtbare Mondzorg Tandprothetici. Inleiding. Terugkoppeling praktijkgegevens zorginhoudelijke indicatoren

Indicatoren Zichtbare Mondzorg Tandprothetici. Inleiding. Terugkoppeling praktijkgegevens zorginhoudelijke indicatoren Indicatoren Zichtbare Mondzorg Tandprothetici Terugkoppeling praktijkgegevens zorginhoudelijke indicatoren Inleiding Zichtbare Mondzorg In de mondzorg wordt hard gewerkt aan het inzichtelijk en transparant

Nadere informatie

Toetsingscriteria ZKN-Keurmerk

Toetsingscriteria ZKN-Keurmerk Toetsingscriteria ZKN-Keurmerk Toelichting opzet van het toetsingsmodel. Indien wordt verwezen naar het aanwezig zijn van een procedure, dan wordt deze geacht te zijn opgesteld, ingevoerd en intern getoetst.

Nadere informatie

Kwaliteit meetbaar maken en verantwoorden

Kwaliteit meetbaar maken en verantwoorden Kwaliteit meetbaar maken en verantwoorden Inspectie voor de Gezondheidszorg drs. Jenneke van Veen Algemene leden vergadering VGN 27 juni 2006 Hoofdinspecteur Verpleging en chronische zorg www.igz.nl WAT

Nadere informatie

Hersteloperatie na sterilisatie bij de man

Hersteloperatie na sterilisatie bij de man Hersteloperatie na sterilisatie bij de man Inleiding Binnenkort wordt u in het ziekenhuis opgenomen voor een hersteloperatie na een sterilisatie. In deze folder leest u meer over de voorbereidingen, de

Nadere informatie

http://www.health.fgov.be/pls/apex/f?p=225:1:1754521204855099.

http://www.health.fgov.be/pls/apex/f?p=225:1:1754521204855099. STILZWIJGENDE VERLENGING VAN HET CONTRACT COÖRDINATIE KWALITEIT EN PATIËNTVEILIGHEID Het contract coördinatie kwaliteit en patiëntveiligheid 2013 wordt stilzwijgend verlengd voor een periode van 12 maanden

Nadere informatie

Hydrocefalus bij volwassenen

Hydrocefalus bij volwassenen Hydrocefalus bij volwassenen Samen met uw behandelend arts heeft u besloten tot opname op de afdeling Neurochirurgie van het Radboudumc voor de behandeling van een hydrocefalus (waterhoofd). Om u daarop

Nadere informatie

Borstreconstructie. Afdeling Plastische Chirurgie

Borstreconstructie. Afdeling Plastische Chirurgie Borstreconstructie Afdeling Plastische Chirurgie Borstreconstructie Deze brochure is bedoeld voor vrouwen die in aanmerking komen voor een borstreconstructie. Van uw plastisch chirurg hebt u hierover informatie

Nadere informatie

De interventiebundels POWI en Lijnsepsis: toe aan verandering?

De interventiebundels POWI en Lijnsepsis: toe aan verandering? De interventiebundels POWI en Lijnsepsis: toe aan verandering? Jan Wille, coördinator infectiepreventie Titia Hopmans, senior adviseur PREZIES RIVM, Centrum voor Infectieziektebestrijding 1 Patiëntveiligheid

Nadere informatie

Factsheet Indicatoren NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NBCA 2015 [2015.3.ZIN besluit verwerkt; 05-11- 2015]

Factsheet Indicatoren NABON Breast Cancer Audit (NBCA) NBCA 2015 [2015.3.ZIN besluit verwerkt; 05-11- 2015] Factsheet en NABON Breast Cancer Audit () 2015 [2015.3.ZIN besluit verwerkt; 05112015] Inclusiecriteria Nabon Breast Cancer Audit Inclusie Alle primaire invasieve mammacarcinomen volgens de WHO classificatie

Nadere informatie

5.4 Gastro-intestinaal

5.4 Gastro-intestinaal 5.4 Gastro-intestinaal 5.4.1 Indicator: Deelname aan de Dutch UpperGI Cancer Audit (DUCA) De mortaliteit en morbiditeit van de chirurgische behandeling van slokdarmkanker heeft de laatste jaren veel aandacht

Nadere informatie

K lit wa it e i, servi ce en lh sne id e Zesti ti h en oven

K lit wa it e i, servi ce en lh sne id e Zesti ti h en oven Signature Kwaliteit, service en snelheid Zestienhoven Een versleten knie, wat nu? Orthopedisch team Kliniek Zestienhoven Rotterdam Verwijzing naar de orthopedisch chirurg Voorlichting over Knie vervangende

Nadere informatie

LEAN ontwerp hotfloorvan het Zaans Medisch Centrum Seminar Logistiek op de hotfloor 20 juni 2014

LEAN ontwerp hotfloorvan het Zaans Medisch Centrum Seminar Logistiek op de hotfloor 20 juni 2014 LEAN ontwerp hotfloorvan het Zaans Medisch Centrum Seminar Logistiek op de hotfloor 20 juni 2014 Jitske de Haan - Vitaal ZorgVast Jeannette Ronchetti - Zaans Medisch Centrum LEAN is samenwerken Jitske

Nadere informatie

Inleiding. Een navelbreuk

Inleiding. Een navelbreuk Navelbreukoperatie Inleiding U wordt in het Albert Schweitzer ziekenhuis opgenomen voor een navelbreukoperatie. In deze folder leest u meer over de opname, de operatie en de periode na de operatie. Een

Nadere informatie

Het verwijderen van schroeven, platen of pennen uit botten

Het verwijderen van schroeven, platen of pennen uit botten Het verwijderen van schroeven, platen of pennen uit botten Albert Schweitzer ziekenhuis februari 2013 pavo 0011 Inleiding De arts heeft bij een vorige operatie schroeven, platen of pennen in uw bot gezet.

Nadere informatie

Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA)

Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA) Dutch Surgical Colorectal Audit (DSCA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA.

Nadere informatie

Chirurgie. Informatie over de afdeling Heelkunde. Afdeling: Onderwerp:

Chirurgie. Informatie over de afdeling Heelkunde. Afdeling: Onderwerp: Afdeling: Onderwerp: Chirurgie Informatie over de afdeling Heelkunde Informatie over de afdeling Heelkunde Wie kunt u aan uw bed verwachten Inleiding Tijdens uw verblijf op de afdeling Heelkunde zult u

Nadere informatie

Liposuctie Behandeling door de plastisch chirurg

Liposuctie Behandeling door de plastisch chirurg Liposuctie Behandeling door de plastisch chirurg Albert Schweitzer ziekenhuis november 2013 pavo 0726 Inleiding De plastisch chirurg heeft met u besproken dat u een liposuctie zult krijgen. In deze folder

Nadere informatie

Prostaatoperatie via de buik

Prostaatoperatie via de buik Prostaatoperatie via de buik Albert Schweitzer ziekenhuis februari 2015 pavo 0138 Inleiding Binnenkort wordt u aan uw prostaat geopereerd. In deze folder leest u meer over de voorbereidingen op de operatie,

Nadere informatie

Documentenanalyse Veiligheidsvisitatiebezoek

Documentenanalyse Veiligheidsvisitatiebezoek Ingevuld door: Naam Instelling: Documentenanalyse Veiligheidsvisitatiebezoek In de documentenanalyse wordt gevraagd om verplichte documentatie en registraties vanuit de NTA 8009:2007 en HKZ certificatieschema

Nadere informatie

Verwijderen van een nier via een kijkoperatie. Laparoscopische operatie

Verwijderen van een nier via een kijkoperatie. Laparoscopische operatie Verwijderen van een nier via een kijkoperatie Laparoscopische operatie Inleiding Binnenkort wordt u in het ziekenhuis opgenomen voor het verwijderen van één van uw nieren. De uroloog heeft met u besproken

Nadere informatie

Operatief verwijderen van osteosynthese materiaal (plaat, pen of schroeven uit been, enkel of arm)

Operatief verwijderen van osteosynthese materiaal (plaat, pen of schroeven uit been, enkel of arm) Operatief verwijderen van osteosynthese materiaal (plaat, pen of schroeven uit been, enkel of arm) In overleg met de behandelend arts is besloten tot het operatief verwijderen van osteosynthese materiaal

Nadere informatie

Factsheet Indicatoren Bariatrische chirurgie (DATO) 2016

Factsheet Indicatoren Bariatrische chirurgie (DATO) 2016 Factsheet en Bariatrische chirurgie (DATO) 2016 Start registratie: 2014 Inclusiecriteria Inclusie De patiënten die geregistreerd dienen te worden zijn die patiënten die een chirurgische interventie ondergaan

Nadere informatie

Plastische chirurgie Borstreconstructie

Plastische chirurgie Borstreconstructie Plastische chirurgie Borstreconstructie Deze brochure is bedoeld voor vrouwen die in aanmerking komen voor een borstreconstructie. Van uw plastisch chirurg hebt u hierover informatie gekregen. In deze

Nadere informatie

Specifieke adviezen. Wondverzorging / hechting / pleister: Douche en bad beleid: Activiteiten: Eten: Diversen:

Specifieke adviezen. Wondverzorging / hechting / pleister: Douche en bad beleid: Activiteiten: Eten: Diversen: Ontslag wat nu? Uw kind gaat weer naar huis nadat het opgenomen is geweest op de kinderafdeling. Het is van belang dat u de eerste dagen thuis extra goed op uw kind let. Deze folder geeft u enkele adviezen.

Nadere informatie

Op weg naar perfectie: Hoe om te gaan met de informatie? Theo Wiggers Amsterdam, 25 juni 2013

Op weg naar perfectie: Hoe om te gaan met de informatie? Theo Wiggers Amsterdam, 25 juni 2013 Op weg naar perfectie: Hoe om te gaan met de informatie? Theo Wiggers Amsterdam, 25 juni 2013 Perfectie Verschil in kwaliteit onvoldoende klinische data voor vergelijken uitkomsten Perfectie = klassieke

Nadere informatie

Dagopname vanwege een chirurgische ingreep

Dagopname vanwege een chirurgische ingreep Wilhelmina Ziekenhuis Assen Vertrouwd en dichtbij Informatie voor patiënten Dagopname vanwege een chirurgische ingreep z Dagopname vanwege een chirurgische ingreep 1 Binnenkort komt u voor een dagopname

Nadere informatie

VOORBEREIDING OP UW OPERATIE

VOORBEREIDING OP UW OPERATIE VOORBEREIDING OP UW OPERATIE 637 Inleiding Binnenkort wordt u geopereerd. Daarom komt u op de polikliniek van de anesthesioloog. Hij/zij neemt in een gesprek met u door wat voor soort verdoving (anesthesie)

Nadere informatie

Bijlage II Voorbeeld van een Meetplan passend bij de voorbeeld doelen in bijlage I

Bijlage II Voorbeeld van een Meetplan passend bij de voorbeeld doelen in bijlage I Bijlage II Voorbeeld van een Meetplan passend bij de voorbeeld doelen in bijlage I In onderstaand voorbeeld meetplan (tabel I) zijn voor de voorbeelddoelstellingen de bijbehorende indicatoren geformuleerd.

Nadere informatie

Operatief verwijderen plaat, pen of schroef (Osteosynthese materiaal) Poli Orthopedie

Operatief verwijderen plaat, pen of schroef (Osteosynthese materiaal) Poli Orthopedie 00 Operatief verwijderen plaat, pen of schroef (Osteosynthese materiaal) Poli Orthopedie 1 Diagnose en onderzoek Door beoordeling van uw klachten en het maken van een röntgenfoto kan uw arts besluiten

Nadere informatie

Inwendig onderzoek onder narcose bij gynaecologische kanker

Inwendig onderzoek onder narcose bij gynaecologische kanker Gynaecologie Inwendig onderzoek onder narcose bij gynaecologische kanker www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud Voorbereiding... 3 Pre-operatieve screening en anesthesie... 3 Gesprek verpleegkundige gynaecologische

Nadere informatie

H.362201.0715. Anesthesie en opname bij kinderen

H.362201.0715. Anesthesie en opname bij kinderen H.362201.0715 Anesthesie en opname bij kinderen Inleiding U heeft met de behandelend arts afgesproken dat uw kind een behandeling onder narcose moet ondergaan. Dit kan voor u en uw kind een spannende en

Nadere informatie

H.327185.0416. Het verwijderen van uw borst (Borstamputatie)

H.327185.0416. Het verwijderen van uw borst (Borstamputatie) H.327185.0416 Het verwijderen van uw borst (Borstamputatie) Inleiding Uw specialist heeft u verteld dat u geopereerd moet worden aan een kwaadaardige tumor in uw borst. Meestal is een kwaadaardige tumor

Nadere informatie

12 Ziekenhuissterfte, dossieronderzoek en onverwacht lange opnameduur

12 Ziekenhuissterfte, dossieronderzoek en onverwacht lange opnameduur 12 Ziekenhuissterfte, dossieronderzoek en onverwacht lange opnameduur De Hospital Standardized Mortality Ratio (HSMR) is een deels gecorrigeerde maat voor ziekenhuissterfte bij 50 diagnosegroepen (de zogenoemde

Nadere informatie

SPELREGELS TOEWIJZINGSVOORSTEL 2016 VOOR DE ZORGOPLEIDINGEN DIE WORDEN BEKOSTIGD DOOR MIDDEL VAN EEN BESCHIKBAARHEIDBIJDRAGE (SPELREGELDOCUMENT 2016)

SPELREGELS TOEWIJZINGSVOORSTEL 2016 VOOR DE ZORGOPLEIDINGEN DIE WORDEN BEKOSTIGD DOOR MIDDEL VAN EEN BESCHIKBAARHEIDBIJDRAGE (SPELREGELDOCUMENT 2016) SPELREGELS TOEWIJZINGSVOORSTEL 2016 VOOR DE ZORGOPLEIDINGEN DIE WORDEN BEKOSTIGD DOOR MIDDEL VAN EEN BESCHIKBAARHEIDBIJDRAGE (SPELREGELDOCUMENT 2016) Januari 2015 1. Inleiding Dit document bevat de spelregels

Nadere informatie

Joint Care in ZGV. Zorgvernieuwingen. Ellen Oosting & Suzan Appelman oostinge@zgv.nl vriess@zgv.nl

Joint Care in ZGV. Zorgvernieuwingen. Ellen Oosting & Suzan Appelman oostinge@zgv.nl vriess@zgv.nl Joint Care in ZGV Zorgvernieuwingen Ellen Oosting & Suzan Appelman oostinge@zgv.nl vriess@zgv.nl Inhoud Project opzet Pre-operatieve screening Plan van aanpak Ervaringen met de screening & het proces Discussie

Nadere informatie

Zweetklieroperatie. Albert Schweitzer ziekenhuis Afdeling Chirurgie maart 2015 pavo 0315

Zweetklieroperatie. Albert Schweitzer ziekenhuis Afdeling Chirurgie maart 2015 pavo 0315 Zweetklieroperatie Albert Schweitzer ziekenhuis Afdeling Chirurgie maart 2015 pavo 0315 Inleiding U heeft een afspraak op de polikliniek Chirurgie omdat u een zweetklierontsteking heeft. In deze folder

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING In het eerste gedeelte van dit proefschrift worden verschillende coagulatie instrumenten tijdens laparoscopische ingrepen geëvalueerd ter voorkoming van bloedingen en gerelateerde

Nadere informatie

Handleiding Veiligheidsrondes

Handleiding Veiligheidsrondes Utrecht, maart 2006 Handleiding Veiligheidsrondes Project Veiligheidsmanagement Bouwen aan Veiligheid in de Zorg Auteurs: drs. I. van der Veeken, drs B. Heemskerk, E. Nap Inleiding Niet alleen de Raad

Nadere informatie

Verpleegafdeling Chirurgie, locatie Oost

Verpleegafdeling Chirurgie, locatie Oost Verpleegafdeling Chirurgie, locatie Oost Inhoud 1. Informatie over de opname en de operatie 3 1.1 Voorbereiding thuis. Wat verwachten wij van u? 3 1.2 Gesprekken voor uw operatie 4 1.3 Hoe geeft u veranderingen

Nadere informatie

Factsheet Indicatoren Lage Rug Hernia of Stenose Chirurgie (DSSR 2) 2016

Factsheet Indicatoren Lage Rug Hernia of Stenose Chirurgie (DSSR 2) 2016 Factsheet en Lage Rug Hernia of Stenose Chirurgie (DSSR 2) 2016 Registratie gestart: 2014 Inclusie en Exclusie criteria - Lage Rug Hernia of Stenose Chirurgie Inclusie: Alle patiënten met een lumbale wervelkolomaandoening

Nadere informatie

Factsheets indicatoren Voorkomen van nierinsufficiëntie bij intravasculair gebruik van jodiumhoudende contrastmiddelen.

Factsheets indicatoren Voorkomen van nierinsufficiëntie bij intravasculair gebruik van jodiumhoudende contrastmiddelen. aan Factsheets indicatoren Voorkomen van nierinsufficiëntie bij intravasculair gebruik van jodiumhoudende contrastmiddelen Publicatienummer: 2009.1901 Versiebeheer Wijzigingen 2009.1900 (okt 2009) Eerste

Nadere informatie

Disclosure slide. (potentiële) belangenverstrengeling

Disclosure slide. (potentiële) belangenverstrengeling Disclosure slide (potentiële) belangenverstrengeling Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Sponsoring of onderzoeksgeld Honorarium of andere (financiële) vergoeding Aandeelhouder Andere

Nadere informatie

Verwijderen van de lymfeklieren in het kleine bekken

Verwijderen van de lymfeklieren in het kleine bekken Patiënteninformatie Verwijderen van de lymfeklieren in het kleine bekken (Pelviene lymfeklierdissectie) Verwijderen van de lymfeklieren van de prostaat 1 Verwijderen van de lymfeklieren in het kleine

Nadere informatie

Opheffen van een darmstoma

Opheffen van een darmstoma Chirurgie Opheffen van een darmstoma www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud De behandeling... 3 Voorbereidingen... 3 Pre-operatieve screening en anesthesie... 3 Opnamedatum... 4 De opname... 4 Voorafgaande

Nadere informatie

Preoperatief spreekuur Volwassenen (inclusief vragenlijst)

Preoperatief spreekuur Volwassenen (inclusief vragenlijst) Preoperatief spreekuur Volwassenen (inclusief vragenlijst) Datum Wat? Pre-operatieve screening... Gesprek apotheek doktersassistent anesthesioloog Waar? Tijdstip Route 61. Opnamegesprek (omcirkelen wat

Nadere informatie